Integraal werken met het Mikzo

Page 1

Integraal werken met het Mikzo® zorgmodel

Inhoud

© 2022 CareNext

Alle rechten voorbehouden. Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd, opgeslagen in een geautomatiseerd gegevensbestand of openbaar gemaakt, in enige vorm of op enige wijze, namelijk elektronisch, mechanisch, door fotokopieën, opnamen of enige andere manier, zonder voorafgaande toestemming van CareNext B. V.

Integraal werken 2 Zorgmodel 3 Rollen 4 Classificatie 5 Zorgplan 7 Thuisondersteuning 40 Slimme zorg 48 Zorgleerhuis 49 Mikzo® integraal werken
Uitgave CareNext B.V.
Sleutels 56

Integraal werken met het Mikzo®

Het Mikzo® is de classificatie waarmee de zorgprofessional op een methodische wijze een persoonsgerichte indicatie maakt in het kader van de ZvW of de WLZ.

Met het Mikzo® thuisondersteuning is het mogelijk om een persoonsgerichte indicatie te stellen binnen het kader van de WMO. Daarmee kan er worden gewerkt in een integraal plan dat meereist met de cliënt.

Met de indicatoren van de classificatie Mikzo® is het mogelijk om slimme zorg te indiceren. Het gaat dan om het methodisch toewijzen van zorgtechnologie.

In het hoofdstuk Mikzo® slimme zorg wordt deze methodiek beschreven. Alle indicatoren van het Mikzo® en van Mikzo® thuisondersteuning zijn omgezet naar een digitale sleutel.

Het Mikzo® maakt het integraal werken en het samenwerken aan dezelfde zorg- en welzijnsdoelen mogelijk.

2

Mikzo® zorgmodel

Het Mikzo® is de classificatie waarmee de zorgprofessional op methodische wijze een persoonsgerichte indicatie maakt in het kader van de ZvW of de WLZ. Met het Mikzo® thuisondersteuning en is het mogelijk te signaleren en indiceren binnen het kader van de WMO. Daarmee kan er worden gewerkt in een integraal plan dat meereist met de cliënt.

De denkwijze van de Positieve Gezondheid is bij het werken met het Mikzo® het uitgangspunt:kijk naar wat er nog wel kan in plaats van wat niet meer kan. En niet de ziekte staat centraal, maar de oplossing.

Samen met de cliënt wordt er besproken en vastgesteld of er ondersteuningnodigis, uit welke onderdelen die bestaaten wie de uitvoeringdoet (mantelzorg, informele zorg, vrijwilliger, professionele zorg). Ook wordt bepaald hoe vaak ondersteuning nodig is, hoe lang dit nodig is en wat de duur is van ieder onderdeel.

Het Mikzo® zorgmodel beschrijft wat de rol is van alle actoren in de zorg voor ouderen in de thuiszorgen in de zorg in het woonzorgcentrum. Omdat allen dezelfde taal spreken en ieders rol helder is kan er sprake zijn van de juiste zorg op de juiste plaats.

Het Mikzo® zorgmodel is onderdeel van het Het Mikzo® zorgleerhuis en het Mikzo® MPS programma.

Zorgorganisaties die gebruik maken van het Mikzo® zorgmodel sluiten aan bij de gebruikersgroep, delen hun ervaringen en ontwikkelen het model samen door.

3

Rollen in het Mikzo® model

De juiste zorg

• gaat uit van de zorgvraag van de cliënt of naaste

• er is een zorgvraag als iemand niet zelfredzaam is

• iemand maakt zelf de keuze voor het krijgen van zorg

• bij ieder zorggebied zijn er unieke signalen.

Als mantelzorger geef je bijzonderheden door aan de verzorgende, zoveel mogelijk in overleg met de cliënt of naaste.

Als verzorgende ondersteun je de zelfredzaamheid, op basis van de gemaakte keuzes, en let je op de unieke signalen, rapporteer je deze met de SOEP methode, en bespreek je deze met de verpleegkundige.

Als verpleegkundige of verzorgende IG ontvang je informatie van mantelzorgers en verzorgenden, betrek je zo nodig de behandelaren, stel je het zorgplan op en bij, zoveel mogelijk in overleg met je cliënt.

Als behandelaar

zet je behandeling in waar dat nodig is, op basis van de gemaakte keuzes, waarbij je bijdraagt aan het goede gesprek, bespreekt deze met de verpleegkundigen, die het zorgplan opstellen en bijstellen.

4

Mikzo®classificatie

Met de Mikzo® classificatie maakt de professional, zoals de eerst verantwoordelijk verzorgende, (wijk)verpleegkundige en/of behandelaar, samen met de cliënt en zijn of haar netwerk een zorgplan. De Mikzo® classificatie is toegelaten voor de thuiszorg en de verpleeghuiszorg.

Ieder gebied met een zorgvraag (deze vraag gaat ook altijd over welzijn) wordt in beeld gebracht en gescoord zodat het doel duidelijk wordt. Deze scores leiden tot acties die in het Mikzo®plan komen. De gebieden van het Mikzo® zijn te vinden in vijf domeinen: persoonsgerichte zorg, wonen, welzijn, veiligheid en gezondheid.

Het Mikzo® sluit aan bij het kwaliteitskader verpleeghuiszorg en het kwaliteitskader wijkverpleging. Voor alle gebieden wordt beoordeeld of er een zorgvraag is. Kijk naar wat er nog wel kan in plaats van wat niet kan. En niet de ziekte staat centraal, maar de oplossing.

De zorgvraag wordt onderbouwd met behulp van de PES. Dit betekent dat een omschrijving wordt gegeven van het probleem (P), de oorzaak (etiologie = E) van het probleem of de daaraan gerelateerde factoren en verschijnselen (symptomen en signalen = S) waaraan het probleem herkend wordt. Kennis over de oorzaak van het probleem is belangrijk omdat deze bepalend is voor de keuze van de interventies. De symptomen en signalen zijn onder meer van belang bij het rapporteren. Na het formuleren van de PES wordt zowel de huidige als de gewenste status gescoord met getallen tussen de 1 en 5. De huidige score is tevens de indicator. De score van de gewenste situatie is het doel waar je naar toe werkt.

De status per gebied:

1 = extreme signalen / zeer groot risico / helemaal niet op orde

2 = ernstige signalen / groot risico / grotendeels niet op orde

3 = matige signalen / middelgroot risico / half op orde

4 = minimale signalen / klein risico / grotendeels op orde

5 = geen signalen / geen risico / geheel op orde

5

Er zijn twee soorten doelen:

• stabiliseren (huidige score en streefscore zijn identiek)

• verbeteren (streefscore is hoger dan de huidige score)

De scores zijn per definitie meetbaar, haalbaar en realistisch. Beschrijf het doel zo specifiek mogelijk en geef, als het nuttig is, aan wanneer je het doel wilt behalen. Zo ontstaat er een SMART doel.

Per gebied wordt bepaald wat de acties zijn: uitvoeren, begeleiden of signaleren. Deze acties worden specifiek gemaakt door te beschrijven wat er wanneer en hoe vaak moet gebeuren.

De aard van de actie:

• Uitvoeren: alle handelingen die je doet of overneemt

• Begeleiden: adviseren, instrueren en/of doorverwijzen

• Signaleren: observeren en rapporteren

De Mikzo®methode biedt de mogelijkheid om op een methodische wijze slimme zorg (zorgtechnologie) te indiceren. Door de verbinding met de Mikzo®doelen is het goed mogelijk om resultaat en effectiviteit te meten en te verantwoorden. Slimme zorg kan bijdragen aan het behoud van zelfredzaamheid en eigen regie van de cliënt en is in de thuiszorg een eerste keuze bij het kiezen van een actie. Alle meetgebieden zijn gemapped met SNOMED CT.

De professional stelt het Mikzo®plan bij als dat nodig of gewenst is, altijd in overleg met de cliënt en zijn of haar netwerk.

De uitkomsten en de SMART-doelen zijn helpend bij het goede gesprek van de professional en de cliënt en zijn of haar netwerk.

6

Het Mikzo®plan

Het maken van een zorgplan gaat stapsgewijs. Zodra duidelijk is dat de cliënt zorg of behandeling nodig heeft, wordt het Mikzo®plan aangemaakt.

Op de dag dat de cliënt in zorg komt wordt alle informatie verzameld die op die dag nodig is. Dit doe je samen met je cliënt en zijn/haar netwerk.

ALGEMENE GEGEVENS

• Voornaamste reden van de zorgvraag (opname) en diagnose

• Nevendiagnoses

BESPREEKPUNTEN OP DAG 1

• Mogelijke inzet van mantelzorg

• Mobiliteit en transfers (zoals lopen, hulpmiddelen, verplaatsen van bed naar stoel en toiletbezoek)

• Medicatiegebruik, valrisico, voeding, incontinentie, stemming

• Persoonlijke zorg, is er hulp bij ADL nodig?

7

Persoonsgerichte zorg

De zorgprofessional beschrijft hier samen met de cliënt of het netwerk wat er nodig is als het gaat om bejegening, betrokkenheid en communicatie.

BEJEGENING: WIE BEN IK?

Wie bentu, wat is uw geschiedenis, hoe wilt u dat wij met u omgaan enwat zijn uw wensen

• Het verhaal van de cliënt (naam, hoe wil de cliënt worden aangesproken)

• Een samenvatting van de levensgeschiedenis

• Ziektegeschiedenis en hoe dit het leven op dit moment beïnvloedt

• Een samenvatting van het omgangsadvies en de benaderingswijze

• De invulling van de dag (dagritme van opstaan tot naar bed gaan, wat vindt de cliënt leuk om te doen en niet leuk om te doen)

• Levensbeschouwing (geloof, religie en spiritualiteit) en belangrijke waarden als veiligheid, privacy, intimiteit, seksualiteit en levenseinde

BETROKKENHEID NETWERK

Hoe wilt u dat familie en vrienden betrokken worden of betrokken blijven?

• Wat kunnen en willen familieleden en vrienden (blijven) doen?

• Welke afspraken zijn er tussen familie en vrienden en de zorgmedewerkers?

COMMUNICATIE

Welke wijze vancommuniceren vindtu prettig?

• Persoonlijk gesprek

• Informatie over de namen van bijvoorbeeld eerstverantwoordelijk verzorgenden en (wijk)verpleegkundigen

• Het gebruiken van een persoonlijke gezondheidsomgeving

8

WOONOMGEVING SCTID: 385873004

Is er eenzorgvraag met betrekking tot de woonomgeving?

Zo ja, bepaal dan de doelen en laat zien wat de score is voor de huidige en de gewenste situatie. In de toelichting geef je aan wat het probleem is via de PES.

1 = extreme signalen / zeer groot risico / helemaal niet op orde

- Woonruimte is niet aangepast aan zorgbehoefte en/of

- Omgeving woonruimte is niet schoon en niet veilig en/of

- Woonruimte is niet ingericht met eigen spullen

2 = ernstige signalen / groot risico / grotendeels niet op orde

- Woonruimte is nauwelijks aangepast aan zorgbehoefte en/of

- Omgeving woonruimte is nauwelijks schoon en nauwelijks veilig en/of

- Woonruimte is nauwelijks ingericht met eigen spullen

3 = matige signalen / middelgroot risico / half op orde

- Woonruimte is deels aangepast aan zorgbehoefte en/of

- Omgeving woonruimte is matig schoon en matig veilig en/of

- Woonruimte is deels ingericht met eigen spullen

4 = minimale signalen / klein risico / grotendeels op orde

- Woonruimte is grotendeels aangepast aan zorgbehoefte en/of

- Omgeving woonruimte is redelijk schoon en redelijk veilig en/of

- Woonruimte is grotendeels ingericht met eigen spullen

5 = geen signalen / geen risico / geheel op orde

- Woonruimte is volledig aangepast aan zorgbehoefte en/of

- Omgeving woonruimte is schoon en veilig en/of

- Woonruimte is ingericht met eigen spullen

Bespreek het doel en onderzoek wat de cliënt hierbij wenst.

Kies dan, als dat nodig is, de acties en leg deze ook voor aan de cliënt of vertegenwoordiger. Beoordeelof je slimme zorg kunt inzetten.

Uitvoeren: alle handelingen die je doet / overneemt en/of

Begeleiden: adviseren / instrueren / doorverwijzen en/of

Signaleren: observeren / rapporteren

9
Wonen

Welzijn

VERLIESVERWERKING, ROUW EN HET LEVENSEINDE SCTID: 395076009

Is er eenzorgvraag met betrekking tot verliesverwerking enrouw ener is eenbehoefte om te praten over het levenseinde enspirituele vragen?

Zo ja, bepaal dan de doelen en laat zien wat de score is voorde huidige en de gewenste situatie. In de toelichting geef je aan wat het probleem is via de PES.

1 = extreme signalen / zeer groot risico / helemaal nietop orde

- Er is geen ruimte en aandacht voor verliesverwerking en rouw en/of

- Er is geen ruimte en aandacht om te praten over het levenseinde en spirituele vragen

2 = ernstige signalen / groot risico / grotendeels niet op orde

- Er is nauwelijks ruimte en aandacht voor verliesverwerking en rouw en/of

- Er is nauwelijks ruimte en aandacht om te praten overhet levenseinde en spirituele vragen

3 = matige signalen / middelgroot risico / half op orde

- Er is deels ruimte en aandacht voor verliesverwerking en rouw en/of

- Er is deels ruimte en aandacht om te praten overhet levenseinde en spirituele vragen

4 = minimale signalen / klein risico / grotendeels op orde

- Er is redelijk veelruimte en aandacht voor verliesverwerking en rouw en/of

- Er is redelijk veelruimte en aandacht om te praten overhet levenseinde en spirituele vragen

5 = geen signalen / geen risico / geheel op orde

- Er is veelruimte en aandacht voor verliesverwerking en rouw en/of

- Er is veel ruimte en aandacht om te praten overhet levenseinde en spirituele vragen.

Bespreek het doelen onderzoek wat de cliënt hierbij wenst. Kies dan, als dat nodig is, de acties en leg deze ook voor aan de cliënt of vertegenwoordiger. Beoordeelof je slimme zorg kunt inzetten.

Uitvoeren: alle handelingen die je doet / overneemt en/of

Begeleiden: adviseren / instrueren / doorverwijzen en/of

Signaleren: observeren / rapporteren

10

Is er eenzorgvraag met betrekking tot zingeving en iets voor anderen betekenen?

Zo ja, bepaal dan de doelen en laat zien wat de score is voor de huidige en de gewenste situatie. In de toelichting geef je aan wat het probleem is via de PES.

1 = extreme signalen / zeer groot risico / helemaal nietop orde

- Er is geen ruimte voor zingeving of om iets te betekenen vooranderen

2 = ernstige signalen / groot risico / grotendeels nietop orde

- Er is nauwelijks ruimte voor zingeving of om iets te betekenen vooranderen

3 = matige signalen / middelgroot risico / half op orde

- Er is deels ruimte voor zingeving of om iets te betekenen vooranderen

4 = minimale signalen / klein risico / grotendeels op orde

- Er is redelijk veel ruimte voor zingeving of om iets te betekenen vooranderen

5 = geen signalen / geen risico / geheel op orde

- Er is een veelruimte voor zingeving of om iets te betekenen vooranderen.

Bespreek het doelen onderzoek wat de cliënt hierbij wenst. Kies dan, als dat nodig is, de acties en leg deze ook voor aan de cliënt of vertegenwoordiger. Beoordeelof je slimme zorg kunt inzetten.

Uitvoeren: alle handelingen die je doet / overneemt en/of

Begeleiden: adviseren / instrueren / doorverwijzen en/of

Signaleren: observeren / rapporteren

ZINGEVING EN IETS BETEKENEN VOOR ANDEREN SCTID: 385991005
11

Is ereenzorgvraag met betrekking tot daginvulling enmeedoen aan activiteiten?

Zo ja, bepaal dan de doelen en laat zien wat de score is voor de huidige en de gewenste situatie. In de toelichting geef je aan wat het probleem is via de PES.

1 = extreme signalen / zeer groot risico / helemaal nietop orde

- Cliënt geeft aan in zeer grote mate gebrek te hebben aan daginvulling en/of

- Er is sprake van een zeer grote mate van inactiviteit

2 = ernstige signalen / groot risico / grotendeels niet op orde

- Cliënt geeft aan in grote mate gebrek te hebben aan daginvulling en/of

- Er is sprake van een grote mate van inactiviteit

3 = matige signalen / middelgroot risico / half op orde

- Cliënt geeft aan gebrek te hebben aan daginvulling en/of

- Er is sprake van een matige inactiviteit

4 = minimale signalen / klein risico / grotendeels op orde

- Cliënt geeft aan in lichte mate gebrek te hebben aan daginvulling en/of

- Er is sprake van een lichte mate van inactiviteit

5 = geen signalen / geen risico / geheel op orde

- Cliënt geeft aan geen gebrek te hebben aan daginvulling en/of

- Er is geen sprake van inactiviteit

Bespreek het doelen onderzoek wat de cliënt hierbij wenst. Kies dan, als dat nodig is, de acties en leg deze ook voor aan de cliënt of vertegenwoordiger. Beoordeelof je slimme zorg kunt inzetten.

Uitvoeren: alle handelingen die je doet / overneemt en/of

Begeleiden: adviseren / instrueren / doorverwijzen en/of

Signaleren: observeren / rapporteren

DAGINVULLING EN ACTIVITEITEN SCTID: 23935006
12

Veiligheid

Is er eenzorgvraag met betrekking tot ADL en PDL?

Zo ja, bepaal dan de doelen en laat zien wat de score is voor de huidige en de gewenste situatie. In de toelichting geef je aan wat het probleem is via de PES.

1 = extreme signalen / zeer groot risico / helemaal nietop orde

- Zeer veel moeite met wassen en aankleden en/of

- Zeer veel moeite met de dagelijkse mondzorg, handzorg of voetzorg etc.

2 = ernstige signalen / groot risico / grotendeels nietop orde

- Veel moeite met wassen en aankleden en/of

- Veel moeite met de dagelijkse mondzorg, handzorg of voetzorg

3 = matige signalen / middelgroot risico / half op orde

- Regelmatig / redelijk veel moeite met wassen en aankleden en/of

- Regelmatig / redelijk veel moeite met de dagelijkse mondzorg, handzorg of voetzorg etc.

4 = minimale signalen / klein risico / grotendeels op orde

- In lichte mate moeite met wassen en aankleden en/of

- In lichte mate moeite met de dagelijkse mondzorg, handzorg of voetzorg etc.

5 = geen signalen / geen risico / geheel op orde

- Geen moeite met wassen en aankleden

- Geen moeite met dagelijkse mondzorg, handzorg of voetzorg etc.

Bespreek het doelen onderzoek wat de cliënt hierbij wenst.

Kies dan, als dat nodig is, de acties en leg deze ook voor aan de cliënt of vertegenwoordiger. Beoordeelof je slimme zorg kunt inzetten.

Uitvoeren: alle handelingen die je doet / overneemt en/of

Begeleiden: adviseren / instrueren / doorverwijzen en/of

Signaleren: observeren / rapporteren

ADL EN PDL SCTID: 129001003
13

Is er eenzorgvraag met betrekking tot mobiliteit, transfers en risico op vallen?

Zo ja, bepaal dan de doelen en laat zien wat de score is voorde huidige en de gewenste situatie. In de toelichting geef je aan wat het probleem is via de PES.

1 = extreme signalen / zeer groot risico / helemaal nietop orde

- Zeerveelmoeite met transfers en/of zeerslechte mobiliteit en/of zeergroot risico op vallen

2 = ernstige signalen / groot risico / grotendeels niet op orde

- Veelmoeite met transfers en/of slechte mobiliteit en/of groot risico op vallen

3 = matige signalen / middelgroot risico / half op orde

- Regelmatig moeite met transfers en/of regelmatig moeite met mobiliteit en/of regelmatig risico op vallen

4 = minimale signalen / klein risico / grotendeels op orde

- In lichte mate moeite met transfers en/of in lichte mate moeite met mobiliteit en/of klein risico op vallen

5 = geen signalen / geen risico / geheel op orde

- Geen moeite met transfers en/of goede mobiliteit en/of geen verhoogd risico op vallen

Gebruik als het nodig is de de vragenlijst van de (verkorte) risicosignalering. Bespreek hetdoel en onderzoek wat de cliënt hierbij wenst. Kies dan, als dat nodig is, de acties en leg deze ook voor aan de cliënt of vertegenwoordiger. Beoordeelof je slimme zorg kunt inzetten.

Uitvoeren: alle handelingen die je doet / overneemt en/of

Begeleiden: adviseren / instrueren / doorverwijzen en/of

Signaleren: observeren / rapporteren

MOBILITEIT, TRANSFERS EN VALLEN SCTID: 129839007
14

Is er eenzorgvraag met betrekking tot medicatie?

Zo ja, bepaal dan de doelen en laat zien wat de score is voor de huidige en de gewenste situatie. In de toelichting geef je aan wat het probleem is via de PES.

1 = extreme signalen / zeer groot risico / helemaal niet op orde

- BEM 5

- Geen inname volgens dosering of schema en/of

- Cliënt in niet staat om medicatie in te nemen zonderhulp

2 = ernstige signalen / groot risico / grotendeels nietop orde

- BEM 4

- Vaak geen volledige inname volgens dosering of schema en/of

- Cliënt is grotendeels niet in staat om medicatie in te nemen zonderhulp

3 = matige signalen / middelgroot risico / half op orde

- BEM 3

- Er is deels controle op dosering of schema en/of

- Cliënt is deels in staat medicatie in te nemen zonderhulp

4 = minimale signalen / klein risico / grotendeels op orde

- BEM 2

- Er is redelijke goede controle op dosering of schema en/of

- Cliënt is grotendeels in staat om medicatie in te nemen zonderhulp

5 = geen signalen / geen risico / geheel op orde

- BEM 1

- Er is goede controle op dosering of schema en/of

- Cliënt is in staat medicatie in te nemen zonder hulp

Gebruik als het nodig is de de vragenlijst van de (verkorte) risicosignalering. Bespreek het doel en onderzoek wat de cliënt hierbij wenst. Kies dan, als dat nodig is, de acties en leg deze ook voor aan de cliënt of vertegenwoordiger. Beoordeelof je slimme zorg kunt inzetten.

Uitvoeren: alle handelingen die je doet / overneemt en/of

Begeleiden: adviseren / instrueren / doorverwijzen en/of

Signaleren: observeren / rapporteren

MEDICATIE SCTID: 18629005
15

Is er een zorgvraag met betrekking tot decubitus?

Zo ja, bepaal dan de doelen en laat zien wat de score is voor de huidige en de gewenste situatie. In de toelichting geef je aan wat het probleem is via de PES.

1 = extreme signalen / zeer groot risico / helemaal nietop orde

- Zeerernstig huidletsel

Categorie 4: Uitgebreide weefselschade of weefselversterf aan spieren, botweefselof ondersteunende weefsels, metof zonder schade opperhuid of lederhuid

2 = ernstige signalen / groot risico / grotendeels niet op orde

- Ernstig huidletsel

Categorie 3: Huiddefect met schade of weefselversterfvan huid en onderhuids weefsel. De schade kan zich uitstrekken tot aan het onderliggende bindweefselvlies.

3 = matige signalen / middelgroot risico / half op orde

- Matig ernstig huidletsel

Categorie 2: Oppervlakkig huiddefect van de opperhuid, al dan niet met aantas-ting van de onderliggende lederhuid. Het defectmanifesteertzich als een blaar of oppervlakkige ontvelling.

4 = minimale signalen / klein risico / grotendeels op orde

- Bijna geen huidletsel

Categorie 1: Niet wegdrukbare roodheid van de intacte huid. Andere mogelijke kenmerken: verkleuring van de huid, warmte, oedeem en verharding.

5 = geen signalen / geen risico / geheel op orde

- Geen huidletsel

Categorie 0: geen decubitus

Gebruik als het nodig is de de vragenlijst van de (verkorte) risicosignalering. Bespreek hetdoel en onderzoek wat de cliënt hierbij wenst. Kies dan, als dat nodig is, de acties en leg deze ook voor aan de cliënt of vertegenwoordiger. Beoordeelof je slimme zorg kunt inzetten.

Uitvoeren: alle handelingen die je doet / overneemt en/of

Begeleiden: adviseren / instrueren / doorverwijzen en/of

Signaleren: observeren / rapporteren

DECUBITUS SCTID:
400192002
16

Is er eenzorgvraag met betrekking tot wondzorg?

Zo ja, bepaal dan de doelen en laat zien wat de score is voor de huidige en de gewenste situatie. In de toelichting geef je aan wat het probleem is via de PES.

1 = extreme signalen / zeer groot risico / helemaal nietop orde

- Zeerernstige wond(en) aanwezig

2 = ernstige signalen / groot risico / grotendeels nietop orde

- Ernstige wond(en) aanwezig

3 = matige signalen / middelgroot risico / half op orde

- Wond(en) aanwezig

4 = minimale signalen / klein risico / grotendeels op orde

- Kleine kans op wond (en) aanwezig

5 = geen signalen / geen risico / geheel op orde

- Geen wond (en) aanwezig

Gebruik als het nodig is de de vragenlijst van de (verkorte) risicosignalering. Bespreek hetdoel en onderzoek wat de cliënt hierbij wenst.

Kies dan, als dat nodig is, de acties en leg deze ook voor aan de cliënt of vertegenwoordiger. Beoordeelof je slimme zorg kunt inzetten.

Uitvoeren: alle handelingen die je doet / overneemt en/of

Begeleiden: adviseren / instrueren / doorverwijzen en/of

Signaleren: observeren / rapporteren

WONDZORG SCTID: 385942004
17

COGNITIE, STEMMING EN GEDRAG SCTID: 366979004 (stemming)

Is er eenzorgvraag met betrekking tot cognitie, stemming en gedrag?

Zo ja, bepaal dan de doelen en laat zien wat de score is voor de huidige en de gewenste situatie. In de toelichting geef je aan wat het probleem is via de PES.

1 = extreme signalen / zeer groot risico / helemaal nietop orde

- Zeerernstig gedesoriënteerd en/ofzeerernstige geheugenstoornissen en/ofzeergroot risico op dwalen en/of zeerernstige somberheid en/of zeer veelangst

2 = ernstige signalen / groot risico / grotendeels niet op orde

- Ernstig gedesoriënteerd en/of ernstige geheugenstoornissen en/ofgroot risico op dwalen en/of ernstige somberheid en/of veel angst

3 = matige signalen / middelgroot risico / half op orde

- Matig gedesoriënteerd en/of matige geheugenstoornissen en/of matigrisico op dwalen en/of matige somberheid en/of matige angst

4 = minimale signalen / klein risico / grotendeels op orde

- Licht gedesoriënteerd en/of lichte geheugenstoornissenen/of klein risico op dwalen en/of lichte somberheid en/of lichte mate van angst

5 = geen signalen / geen risico / geheel op orde

- Niet gedesoriënteerd en/of geen geheugenstoornissen en/of geen risico op dwalen en/of geen somberheid en/of geen angst

Gebruik als het nodig is de de vragenlijst van de (verkorte) risicosignalering. Bespreek hetdoel en onderzoek wat de cliënt hierbij wenst. Kies dan, als dat nodig is, de acties en leg deze ook voor aan de cliënt of vertegenwoordiger. Beoordeelof je slimme zorg kunt inzetten.

Uitvoeren: alle handelingen die je doet / overneemt en/of

Begeleiden: adviseren / instrueren / doorverwijzen en/of

Signaleren: observeren / rapporteren

18

SCTID: 183001000 (incontinentiezorg)

Is er eenzorgvraag met betrekking tot de urinewegfunctie?

Zo ja, bepaal dan de doelen en laat zien wat de score is voorde huidige en de gewenste situatie. In de toelichting geef je aan wat het probleem is via de PES.

1 = extreme signalen / zeer groot risico / helemaal nietop orde

- Altijd incontinent van urine en/of veelmoeite met legen van de blaas en/of meerdan drie maal of meer per nacht plassen en/of zeerernstige infectie

2 = ernstige signalen / groot risico / grotendeels niet op orde

- Bijna altijd incontinent van urine en/of veelmoeite met legen van de blaas en/of drie maal per nacht plassen en/of ernstige infectie

3 = matige signalen / middelgroot risico / half op orde

- Regelmatig incontinent van urine en/of regelmatig moeite met legen van de blaas en/of twee maal per nacht plassen en/of matig ernstige infectie

4 = minimale signalen / klein risico / grotendeels op orde

- Af en toe incontinent van urine en/of af en toe moeite met legen van de blaas en/of eenmaal per nacht plassen en/of af en toe licht afwijkende kleurvan urine en/of lichte infectie

5 = geen signalen / geen risico / geheel op orde

- Geen incontinentie van urine en/of geen moeite met legen van de blaas en/of geen afwijkende kleurvan urine en/of niet ‘s nachts plassen en/of geen infectie

Gebruik als het nodig is de de vragenlijst van de (verkorte) risicosignalering.

Bespreek hetdoel en onderzoek wat de cliënt hierbij wenst.

Kies dan, als dat nodig is, de acties en leg deze ook voor aan de cliënt of vertegenwoordiger. Beoordeelof je slimme zorg kunt inzetten.

Uitvoeren: alle handelingen die je doet / overneemt en/of

Begeleiden: adviseren / instrueren / doorverwijzen en/of

Signaleren: observeren / rapporteren

URINEWEGFUNCTIE
19

Is er eenzorgvraag met betrekking tot eten, drinken, slikken, kauwen of verteren?

Zo ja, bepaal dan de doelen en laat zien wat de score is voor de huidige en de gewenste situatie. In de toelichting geef je aan wat het probleem is via de PES.

1 = extreme signalen / zeer groot risico / helemaal nietop orde

- Zeerveelmoeite met eten, drinken, kauwen, slikken of verteren

2 = ernstige signalen / groot risico / grotendeels nietop orde

- Veelmoeite eten, drinken, kauwen, slikken of verteren

3 = matige signalen / middelgroot risico / half op orde

- Regelmatig moeite met eten, drinken, kauwen, slikken of verteren

4 = minimale signalen / klein risico / grotendeels op orde

- Af en toe moeite met eten, drinken, kauwen, slikken of verteren

5 = geen signalen / geen risico / geheel op orde

- Geen moeite met eten, drinken, kauwen, slikken of verteren

Gebruik als het nodig is de de vragenlijst van de (verkorte) risicosignalering. Bespreek hetdoel en onderzoek wat de cliënt hierbij wenst. Kies dan, als dat nodig is, de acties en leg deze ook voor aan de cliënt of vertegenwoordiger. Beoordeelof je slimme zorg kunt inzetten.

Uitvoeren: alle handelingen die je doet / overneemt en/of Begeleiden: adviseren / instrueren / doorverwijzen en/of Signaleren: observeren / rapporteren

ETEN, DRINKEN, SLIKKEN, KAUWEN, VERTEREN
SCTID: 288939007
20

Is er eenzorgvraag met betrekking tot ondervoeding (inclusief uitdroging)?

Zo ja, bepaal dan de doelen en laat zien wat de score is voorde huidige en de gewenste situatie. In de toelichting geef je aan wat het probleem is via de PES.

Scores conform SNAQ RC (verpleeghuissituatie)

1 = extreme signalen / zeer groot risico / helemaal nietop orde

- Zeerernstig ondergewicht, BMI onder14 en/of zeerernstig risico op uitdroging

2 = ernstige signalen / groot risico / grotendeels niet op orde

- Ernstig ondergewicht, BMI tussen 14 en 15,9 en/of ernstig risico op uitdroging

3 = matige signalen / middelgroot risico / half op orde

- Ondergewicht, BMI tussen 16 en 19,9 en/of risico op uitdroging

4 = minimale signalen / klein risico / grotendeels op orde

- Geen ondergewicht, BMI tussen 20,0 en 21,9 en/of weinig risico op uitdroging

5 = geen signalen / geen risico / geheel op orde

- Geen ondergewicht, BMI tussen 22,0 en 27,9 en/of geen verhoogd risico op uitdroging

Gebruik als het nodig is de de vragenlijst van de (verkorte) risicosignalering. Bespreek hetdoel en onderzoek wat de cliënt hierbij wenst. Kies dan, als dat nodig is, de acties en leg deze ook voor aan de cliënt of vertegenwoordiger. Beoordeelof je slimme zorg kunt inzetten.

Uitvoeren: alle handelingen die je doet / overneemt en/of Begeleiden: adviseren / instrueren / doorverwijzen en/of Signaleren: observeren / rapporteren

ONDERVOEDING
SCTID: 248325000
21

Is er zorgvraag met betrekking tot overgewicht en vasthouden van vocht?

Zo ja, bepaal dan de doelen en laat zien wat de score is voor de huidige en de gewenste situatie. In de toelichting geef je aan wat het probleem is via de PES.

Scores conform SNAQRC (verpleeghuissituatie)

1 = extreme signalen / zeer groot risico / helemaal nietop orde

- Morbide obesitas, BMI boven de 40 en/of zeerernstig risico op vasthouden vocht

2 = ernstige signalen / groot risico / grotendeels nietop orde

- Obesitas, BMI tussen 35 - 39,9 en/of ernstig risico op vasthouden vocht

3 = matige signalen / middelgroot risico / half op orde

- Overgewicht, BMI tussen 30 en 34,9 en/of risico op vasthouden vocht

4 = minimale signalen / klein risico / grotendeels op orde

- Licht overgewicht, BMI tussen 28 en 29,9 en/of weinig risico op vasthouden vocht

5 = geen signalen / geen risico / geheel op orde

- Geen overgewicht BMI tussen 22,0 en 27,9 en/of geen verhoogd risico op vasthouden vocht

Bespreek het doelen onderzoek watde cliënt hierbij wenst. Kies dan, als dat nodig is, de acties en leg deze ook voor aan de cliënt of vertegenwoordiger. Beoordeelof je slimme zorg kunt inzetten.

Uitvoeren: alle handelingen die je doet / overneemt en/of

Begeleiden: adviseren / instrueren / doorverwijzen en/of

Signaleren: observeren / rapporteren

OVERGEWICHT/VASTHOUDEN VAN VOCHT SCTID: 238131007
22

Is er eenzorgvraag met betrekking tot afwijkende bloedglucosewaarden?

Zo ja, bepaal dan de doelen en laat zien wat de score is voorde huidige en de gewenste situatie. In de toelichting geef je aan wat het probleem is via de PES.

1 = extreme signalen / zeer groot risico / helemaal nietop orde

- Zeerernstige hypo- of hyperglycemie en/of zeerernstig afwijkende bloedwaarden

2 = ernstige signalen / groot risico / grotendeels niet op orde

- Ernstige hypo- of hyperglycemie en/of ernstig afwijkende bloedwaarden

3 = matige signalen / middelgroot risico / half op orde

- Matige hypo- of hyperglycemie en/of matig afwijkende bloedwaarden

4 = minimale signalen / klein risico / grotendeels op orde

- Lichte hypo- of hyperglycemie en/of licht afwijkende bloedwaarden

5 = geen signalen / geen risico / geheel op orde

- Geen hypo- of hyperglycemie en/of normale bloedwaarden

Bespreek het doelen onderzoek wat de cliënt hierbij wenst. Kies dan, als dat nodig is, de acties en leg deze ook voor aan de cliënt of vertegenwoordiger. Beoordeelof je slimme zorg kunt inzetten.

Uitvoeren: alle handelingen die je doet / overneemt en/of

Begeleiden: adviseren / instrueren / doorverwijzen en/of

Signaleren: observeren / rapporteren

BLOEDGLUCOSE SCTID: 385804009
23

Is er eenzorgvraag met betrekking tot mondgezondheid?

Zo ja, bepaal dan de doelen en laat zien wat de score is voor de huidige en de gewenste situatie. In de toelichting geef je aan wat het probleem is via de PES.

1 = extreme signalen / zeer groot risico / helemaal nietop orde

- Zeerveelmond- en gebitsproblemen of een zeerslecht passend kunstgebit

2 = ernstige signalen / groot risico / grotendeels nietop orde

- Veelmond- en gebitsproblemen of een slecht passend kunstgebit

3 = matige signalen / middelgroot risico / half op orde

Matige mond- en gebitsproblemen of matig passend kunstgebit

4 = minimale signalen / klein risico / grotendeels op orde

- Lichte mond- en gebitsproblemen of niet helemaal passend kunstgebit

5 = geen signalen / geen risico / geheel op orde

- Geen mond- en gebitsproblemen of een goed passend kunstgebit

Gebruik als het nodig is de de vragenlijst van de (verkorte) risicosignalering.

Bespreek hetdoel en onderzoek wat de cliënt hierbij wenst.

Kies dan, als dat nodig is, de acties en leg deze ook voor aan de cliënt of vertegenwoordiger. Beoordeelof je slimme zorg kunt inzetten.

Uitvoeren: alle handelingen die je doet / overneemt en/of

Begeleiden: adviseren / instrueren / doorverwijzen en/of Signaleren: observeren / rapporteren

MONDGEZONDHEID SCTID: 717778001
24

Gezondheid

OBSTIPATIE

Is er eenzorgvraag met betrekking tot obstipatie?

Zo ja, bepaal dan de doelen en laat zien wat de score is voorde huidige en de gewenste situatie. In de toelichting geef je aan wat het probleem is via de PES.

1 = extreme signalen / zeer groot risico / helemaal nietop orde

- Zeerernstige obstipatie

2 = ernstige signalen / groot risico / grotendeels niet op orde

- Ernstige obstipatie

3 = matige signalen / middelgroot risico / half op orde

- Regelmatig last van obstipatie

4 = minimale signalen / klein risico / grotendeels op orde

- Af en toe obstipatie

5 = geen signalen / geen risico / geheel op orde

- Geen obstipatie

Bespreek het doelen onderzoek wat de cliënt hierbij wenst. Kies dan, als dat nodig is, de acties en leg deze ook voor aan de cliënt of vertegenwoordiger. Beoordeelof je slimme zorg kunt inzetten.

Uitvoeren: alle handelingen die je doet / overneemt en/of

Begeleiden: adviseren / instrueren / doorverwijzen en/of

Signaleren: observeren / rapporteren

SCTID: 389082000
25

Is er eenzorgvraag met betrekking tot diarree?

Zo ja, bepaal dan de doelen en laat zien wat de score is voor de huidige en de gewenste situatie. In de toelichting geef je aan wat het probleem is via de PES.

1 = extreme signalen / zeer groot risico / helemaal nietop orde

- Zeerernstige diarree en/of zeerernstige incontinentie van ontlasting

2 = ernstige signalen / groot risico / grotendeels nietop orde

- Ernstige diarree en/of ernstige incontinentie van ontlasting

3 = matige signalen / middelgroot risico / half op orde

- Regelmatig diarree en/of regelmatig incontinent van ontlasting

4 = minimale signalen / klein risico / grotendeels op orde

- Af en toe diarree en/of af en toe incontinent van ontlasting

5 = geen signalen / geen risico / geheel op orde

- Geen diarree en/of niet incontinent van ontlasting

Bespreek het doelen onderzoek wat de cliënt hierbij wenst. Kies dan, als dat nodig is, de acties en leg deze ook voor aan de cliënt of vertegenwoordiger. Beoordeelof je slimme zorg kunt inzetten.

Uitvoeren: alle handelingen die je doet / overneemt en/of Begeleiden: adviseren / instrueren / doorverwijzen en/of Signaleren: observeren / rapporteren

DIARREE SCTID: 386260000
26

Is er eenzorgvraag met betrekking tot oedeem, hoge of lage bloeddruk, hart - en vaatziekte?

Zo ja, bepaal dan de doelen en laat zien wat de score is voorde huidige en de gewenste situatie. In de toelichting geef je aan wat het probleem is via de PES.

1 = extreme signalen / zeer groot risico / helemaal nietop orde

- Zeerernstig oedeem en/of zeerhoge of lage bloeddruk

2 = ernstige signalen / groot risico / grotendeels niet op orde

- Ernstig oedeem en/of ernstig verhoogde of verlaagde bloeddruk

3 = matige signalen / middelgroot risico / half op orde

- Matig oedeem en/of matig verhoogde of verlaagde bloeddruk

4 = minimale signalen / klein risico / grotendeels op orde

- Licht oedeem en/of licht verhoogde of verlaagde bloeddruk

5 = geen signalen / geen risico / geheel op orde

- Geen oedeem en/of geen verhoogde of verlaagde bloeddruk

Bespreek het doelen onderzoek wat de cliënt hierbij wenst. Kies dan, als dat nodig is, de acties en leg deze ook voor aan de cliënt of vertegenwoordiger. Beoordeelof je slimme zorg kunt inzetten.

Uitvoeren: alle handelingen die je doet / overneemt en/of

Begeleiden: adviseren / instrueren / doorverwijzen en/of

Signaleren: observeren / rapporteren

CIRCULATIE SCTID: 389066001
27

ADEMHALING

SCTID: 275498002 (luchtweginfectie)

Is er eenzorgvraag met betrekking tot de ademhaling?

Zo ja, bepaal dan de doelen en laat zien wat de score is voor de huidige en de gewenste situatie. In de toelichting geef je aan wat het probleem is via de PES.

1 = extreme signalen / zeer groot risico / helemaal nietop orde

- Cliënt is zeerbenauwd en/of eris een zeerernstige infectie

2 = ernstige signalen / groot risico / grotendeels nietop orde

- Cliënt is benauwd en/of eris een ernstige infectie

3 = matige signalen / middelgroot risico / half op orde

- Cliënt is matig benauwd en/of er is een matige infectie

4 = minimale signalen / klein risico / grotendeels op orde

- Cliënt is licht benauwd en/of eris een lichte infectie

5 = geen signalen / geen risico / geheel op orde

- Cliënt is niet benauwd en/of er is geen infectie

Bespreek het doelen onderzoek wat de cliënt hierbij wenst. Kies dan, als dat nodig is, de acties en leg deze ook voor aan de cliënt of vertegenwoordiger. Beoordeelof je slimme zorg kunt inzetten.

Uitvoeren: alle handelingen die je doet / overneemt en/of

Begeleiden: adviseren / instrueren / doorverwijzen en/of

Signaleren: observeren / rapporteren

28

Is er eenzorgvraag met betrekking tot slaap en rust?

Zo ja, bepaal dan de doelen en laat zien wat de score is voorde huidige en de gewenste situatie. In de toelichting geef je aan wat het probleem is via de PES.

1 = extreme signalen / zeer groot risico / helemaal nietop orde

- Zeergrote verstoring van slaappatroon en/of dag- en nachtritme

2 = ernstige signalen / groot risico / grotendeels niet op orde

- Grote verstoring van slaappatroon en/of dag- en nachtritme

3 = matige signalen / middelgroot risico / half op orde

- Matig ernstige verstoring van slaappatroon en/of dag- en nachtritme

4 = minimale signalen / klein risico / grotendeels op orde

- Lichte mate van verstoring van slaappatroon en/of dag- en nachtritme

5 = geen signalen / geen risico / geheel op orde

- Geen verstoring van slaappatroon en/of dag- en nachtritme

Bespreek het doelen onderzoek wat de cliënt hierbij wenst. Kies dan, als dat nodig is, de acties en leg deze ook voor aan de cliënt of vertegenwoordiger. Beoordeelof je slimme zorg kunt inzetten.

Uitvoeren: alle handelingen die je doet / overneemt en/of Begeleiden: adviseren / instrueren / doorverwijzen en/of Signaleren: observeren / rapporteren

SLAAP EN RUST
SCTID: 26677001
29

Is er eenzorgvraag met betrekking tot bewegen?

Zo ja, bepaal dan de doelen en laat zien wat de score is voor de huidige en de gewenste situatie. In de toelichting geef je aan wat het probleem is via de PES.

1 = extreme signalen / zeer groot risico / helemaal nietop orde

- Het is niet mogelijk om naar buiten te gaan als dat een wens is en/of

- Het is niet mogelijk om te bewegen als dat een wens is

2 = ernstige signalen / groot risico / grotendeels nietop orde

- Het is nauwelijks mogelijk om naar buiten te gaan als dat een wens is en/of

- Het is nauwelijks mogelijk om te bewegen als dat een wens is

3 = matige signalen / middelgroot risico / half op orde

- Het is vaak niet mogelijk om naar buiten te gaan als dat een wens is en/of

- Het is vaak niet mogelijk om te bewegen als dat een wens is

4 = minimale signalen / klein risico / grotendeels op orde

- Het is vaak mogelijk om naar buiten te gaan als dat een wens is en/of

- Het is vaak mogelijk om te bewegen als dat een wens is

5 = geen signalen / geen risico / geheel op orde

- Het is mogelijk om naar buiten te gaan als dat een wens is en/of

- Het is mogelijk om te bewegen als dat een wens is

Bespreek het doelen onderzoek wat de cliënt hierbij wenst. Kies dan, als dat nodig is, de acties en leg deze ook voor aan de cliënt of vertegenwoordiger. Beoordeelof je slimme zorg kunt inzetten.

Uitvoeren: alle handelingen die je doet / overneemt en/of

Begeleiden: adviseren / instrueren / doorverwijzen en/of

Signaleren: observeren / rapporteren

BEWEGEN SCTID: 281090004
30

Is er eenzorgvraag met betrekking tot spraak taal (afasie / apraxie / andere taal dan Nederlands)?

Zo ja, bepaal dan de doelen en laat zien wat de score is voorde huidige en de gewenste situatie. In de toelichting geef je aan wat het probleem is via de PES.

1 = extreme signalen / zeer groot risico / helemaal nietop orde

- Zeerveelmoeite spreken en/of begrijpen

2 = ernstige signalen / groot risico / grotendeels niet op orde

- Veel/ vaak moeite met spreken en/of begrijpen

3 = matige signalen / middelgroot risico / half op orde

- Regelmatig moeite met spreken en/of begrijpen

4 = minimale signalen / klein risico / grotendeels op orde

- Af en toe moeite met spreken en/of begrijpen

5 = geen signalen / geen risico / geheel op orde

- Geen moeite met spreken en/of begrijpen

Bespreek het doelen onderzoek wat de cliënt hierbij wenst. Kies dan, als dat nodig is, de acties en leg deze ook voor aan de cliënt of vertegenwoordiger. Beoordeelof je slimme zorg kunt inzetten.

Uitvoeren: alle handelingen die je doet / overneemt en/of Begeleiden: adviseren / instrueren / doorverwijzen en/of Signaleren: observeren / rapporteren

SPRAAK EN TAAL S CTID: 702353001
31

INFECTIE (PREVENTIE)

Is ereenzorgvraag met betrekking tot een infectie van buitenaf (Noro, COVID-19, MRSA, griep)?

Zo ja, bepaal dan de doelen en laat zien wat de score is voor de huidige en de gewenste situatie. In de toelichting geef je aan wat het probleem is via de PES.

1 = extreme signalen / zeer groot risico / helemaal nietop orde

- Infectiegevaar is zeergroot en/of zeerernstige infectie aanwezig

2 = ernstige signalen / groot risico / grotendeels nietop orde

- Infectiegevaar is groot en/of ernstige infectie aanwezig

3 = matige signalen / middelgroot risico / half op orde

- Infectiegevaar is matig en/of infectie aanwezig

4 = minimale signalen / klein risico / grotendeels op orde

- Infectiegevaar is klein en/of infectie afwezig

5 = geen signalen / geen risico / geheel op orde

- Geen infectiegevaaren/of geen infectie aanwezig

Bespreek het doelen onderzoek wat de cliënt hierbij wenst. Kies dan, als dat nodig is, de acties en leg deze ook voor aan de cliënt of vertegenwoordiger. Beoordeelof je slimme zorg kunt inzetten.

Uitvoeren: alle handelingen die je doet / overneemt en/of Begeleiden: adviseren / instrueren / doorverwijzen en/of

Signaleren: observeren / rapporteren

SCTID: 441862004
32

Is er eenzorgvraag met betrekking tot zicht?

Zo ja, bepaal dan de doelen en laat zien wat de score is voorde huidige en de gewenste situatie. In de toelichting geef je aan wat het probleem is via de PES.

1 = extreme signalen / zeer groot risico / helemaal nietop orde

- Zeerveelmoeite zien en/of blind

2 = ernstige signalen / groot risico / grotendeels niet op orde

- Veelmoeite met zien

3 = matige signalen / middelgroot risico / half op orde

- Enige moeite met zien

4 = minimale signalen / klein risico / grotendeels op orde

- Lichte moeite met zien

5 = geen signalen / geen risico / geheel op orde

- Geen moeite met zien

Bespreek het doelen onderzoek wat de cliënt hierbij wenst. Kies dan, als dnat nodig is, de acties en legdeze ook voor aan de cliënt of vertegenwoordiger. Beoordeelof je slimme zorg kunt inzetten.

Uitvoeren: alle handelingen die je doet / overneemt en/of

Begeleiden: adviseren / instrueren / doorverwijzen en/of

Signaleren: observeren / rapporteren

ZICHT SCTID: 13164000
33

Is er eenzorgvraag met betrekking tot gehoor?

Zo ja, bepaal dan de doelen en laat zien wat de score is voor de huidige en de gewenste situatie. In de toelichting geef je aan wat het probleem is via de PES.

1 = extreme signalen / zeer groot risico / helemaal nietop orde

- Zeerveel moeite met horen/doof

2 = ernstige signalen / groot risico / grotendeels nietop orde

- Veelmoeite met horen

3 = matige signalen / middelgroot risico / half op orde

- Enige moeite met horen

4 = minimale signalen / klein risico / grotendeels op orde

- Lichte moeite met horen

5 = geen signalen / geen risico / geheel op orde

- Geen moeite met horen

Bespreek het doelen onderzoek wat de cliënt hierbij wenst. Kies dan, als dat nodig is, de acties en leg deze ook voor aan de cliënt of vertegenwoordiger. Beoordeelof je slimme zorg kunt inzetten.

Uitvoeren: alle handelingen die je doet / overneemt en/of

Begeleiden: adviseren / instrueren / doorverwijzen en/of

Signaleren: observeren / rapporteren

GEHOOR SCTID: 47078008
34

INTERPERSOONLIJKE RELATIES / EENZAAMHEID SCTID: 129698004

Is er eenzorgvraag met betrekking tot het uiten / hanteren van gevoelens rondom eenzaamheid en de band met interpersoonlijke relaties.

Zo ja, bepaal dan de doelen en laat zien wat de score is voor de huidige en de gewenste situatie. In de toelichting geef je aan wat het probleem is via de PES.

1 = extreme signalen / zeer groot risico / helemaal nietop orde

- Cliënt geeft aan zich zeer eenzaam te voelen en/of

- Relatie met familie of netwerk is niet in beeld

2 = ernstige signalen / groot risico / grotendeels niet op orde

- Cliënt geeft aan zich eenzaam te voelen en/of

- Relatie met familie of netwerk is nauwelijks in beeld

3 = matige signalen / middelgroot risico / half op orde

- Cliënt geeft aan zich af en toe eenzaam te voelen en/of

- Relatie met familie of netwerk is deels in beeld

4 = minimale signalen / klein risico / grotendeels op orde

- Cliënt geeft aan zich bijna nooit eenzaam te voelen en/of

- Relatie met familie of netwerk is grotendeels in beeld

5 = geen signalen / geen risico / geheel op orde

- Cliënt geeft aan zich nooit eenzaam te voelen en/of

- Relatie met familie of netwerk is in beeld

Bespreek het doelen onderzoek wat de cliënt hierbij wenst. Kies dan, als dat nodig is, de acties en leg deze ook voor aan de cliënt of vertegenwoordiger. Beoordeelof je slimme zorg kunt inzetten.

Uitvoeren: alle handelingen die je doet / overneemt en/of

Begeleiden: adviseren / instrueren / doorverwijzen en/of

Signaleren: observeren / rapporteren

35

(OVERBELASTING) MANTELZORG SCTID: 714663007

Is er eenzorgvraag met betrekking tot overbelasting van de mantelzorg?

Zo ja, bepaal dan de doelen en laat zien wat de score is voor de huidige en de gewenste situatie. In de toelichting geef je aan wat het probleem is via de PES.

1 = extreme signalen / zeer groot risico / helemaal nietop orde

- Mantelzorger is zeeroverbelast

2 = ernstige signalen / groot risico / grotendeels nietop orde

- Mantelzorger is overbelast

3 = matige signalen / middelgroot risico / half op orde

- Mantelzorger is matig overbelast

4 = minimale signalen / klein risico / grotendeels op orde

- Mantelzorger is licht overbelast

5 = geen signalen / geen risico / geheel op orde

- Mantelzorgeris niet overbelast

Bespreek het doelen onderzoek wat de cliënt of mantelzorger hierbij wenst. Kies dan, als dat nodig is, de acties en leg deze ook voor aan de cliënt of vertegenwoordiger. Beoordeelof je slimme zorg kunt inzetten.

Uitvoeren: alle handelingen die je doet / overneemt en/of

Begeleiden: adviseren / instrueren / doorverwijzen en/of

Signaleren: observeren / rapporteren

36

Is ereenzorgvraag metbetrekking tot de sociale veiligheid (inclusief mishandeling of misbruik)?

Zo ja, bepaal dan de doelen en laat zien wat de score is voor de huidige en de gewenste situatie. In de toelichting geef je aan wat het probleem is via de PES.

1 = extreme signalen / zeer groot risico / helemaal nietop orde

- Sociale veiligheid is niet in beeld en/of er is een zeeronveilige situatie

2 = ernstige signalen / groot risico / grotendeels niet op orde

- Sociale veiligheid is nauwelijks in beeld en/of eris een onveilige situatie

3 = matige signalen / middelgroot risico / half op orde

- Sociale veiligheid is deels in beeld en/of eris een matig onveilige situatie

4 = minimale signalen / klein risico / grotendeels op orde

- Sociale veiligheid is grotendeels in beeld en/of er is een redelijk veilige situatie

5 = geen signalen / geen risico / geheel op orde

- Sociale veiligheid is volledig in beeld en/of er is een veilige situatie

Bespreek het doelen onderzoek wat de cliënt hierbij wenst. Kies dan, als dat nodig is, de acties en leg deze ook voor aan de cliënt of vertegenwoordiger. Beoordeelof je slimme zorg kunt inzetten.

Uitvoeren: alle handelingen die je doet / overneemt en/of Begeleiden: adviseren / instrueren / doorverwijzen en/of Signaleren: observeren / rapporteren

VEILIGE ZORGRELATIE SCTID: 370882000
37

Is ereenzorgvraag met betrekking tot wensen, vragen enproblematiek rondom intimiteit enseksualiteit of grensoverschrijdend seksueel gedrag?

Zo ja, bepaal dan de doelen en laat zien wat de score is voor de huidige en de gewenste situatie. In de toelichting geef je aan wat het probleem is via de PES.

1 = extreme signalen / zeer groot risico / helemaal nietop orde

- Cliënt geeft aan in zeer grote mate gebrek te hebben aan intimiteit en/of

- Zeer grote mate van grensoverschrijdend seksueelgedrag

2 = ernstige signalen / groot risico / grotendeels nietop orde

- Cliënt geeft aan in grote mate gebrek te hebben aan intimiteit en/of

- Grote mate van grensoverschrijdend seksueel gedrag

3 = matige signalen / middelgroot risico / half op orde

- Cliënt geeft aan gebrek te hebben aan intimiteit en/of

- Matig grensoverschrijdend seksueel gedrag

4 = minimale signalen / klein risico / grotendeels op orde

- Cliënt geeft aan in lichte mate gebrek te hebben aan intimiteit en/of

- Lichte mate van grensoverschrijdend seksueel gedrag

5 = geen signalen / geen risico / geheel op orde

- Cliënt geeft aan geen gebrek te hebben aan intimiteit en/of

- Geen grensoverschrijdend seksueel gedrag

Bespreek het doelen onderzoek wat de cliënt hierbij wenst.

Kies dan, als dat nodig is, de acties en leg deze ook voor aan de cliënt of vertegenwoordiger. Beoordeelof je slimme zorg kunt inzetten.

Uitvoeren: alle handelingen die je doet / overneemt en/of

Begeleiden: adviseren / instrueren / doorverwijzen en/of

Signaleren: observeren / rapporteren

INTIMITEIT EN SEKSUALITEIT SCTID: 118199002
38

Is er eenzorgvraag met betrekking tot pijn?

Zo ja, bepaal dan de doelen en laat zien wat de score is voorde huidige en de gewenste situatie. In de toelichting geef je aan wat het probleem is via de PES.

1 = extreme signalen / zeer groot risico / helemaal nietop orde

- Zeerernstige pijn en/of zeervaak pijn aanwezig

2 = ernstige signalen / groot risico / grotendeels niet op orde

- Ernstige pijn en/of vaak pijn aanwezig

3 = matige signalen / middelgroot risico / half op orde

- Matig ernstige pijn en/of regelmatig pijn aanwezig

4 = minimale signalen / klein risico / grotendeels op orde

- Lichte pijn en/of af en toe pijn aanwezig

5 = geen signalen / geen risico / geheel op orde

- Geen pijn

Bespreek het doelen onderzoek wat de cliënt hierbij wenst.

Kies dan, als dat nodig is, de acties en leg deze ook voor aan de cliënt of vertegenwoordiger. Beoordeelof je slimme zorg kunt inzetten.

Uitvoeren: alle handelingen die je doet / overneemt en/of

Begeleiden: adviseren / instrueren / doorverwijzen en/of

Signaleren: observeren / rapporteren

PIJN SCTID: 22253000
39

Mikzo® thuisondersteuning

Het Mikzo® is een methodiek waarmee de zorgprofessional een persoonsgerichte indicatie maakt in het kader van de ZvW of de WLZ. Met Mikzo® thuisondersteuning is het mogelijk om te signaleren en indiceren binnen het kader van de WMO. Daarmee kan er worden gewerkt in een integraal plan dat meereist met de cliënt.

De denkwijze van de Positieve Gezondheid is bij het werken met het Mikzo® het uitgangspunt: kijk naar wat er nog wel kan in plaats van wat niet meer kan. En niet de ziekte staat centraal, maar de oplossing.

Het Mikzo® sluit aan bij het kwaliteitskader verpleeghuiszorg en het kwaliteitskader wijkverpleging. Voor alle gebieden wordt beoordeeld of er een zorgvraag is. Kennis over de oorzaak van het probleem is belangrijk omdat deze bepalend is voor de keuze van de interventies.

Bij Mikzo® thuisondersteuning wordt de huidige situatie gescoord met een getal tussen de 1 en 5. Bij een 1 is er een zeer groot probleem, bij een 5 is er geen probleem.

Samen met de cliënt wordt er besproken en vastgesteld of er thuisondersteuning nodig is, uit welke onderdelen die bestaat en wie de uitvoering doet (mantelzorg, informele zorg, vrijwilliger, professionele zorg). Ook wordt bepaald hoe vaak ondersteuning nodig is, hoe lang dit nodig is en wat de duur is van ieder onderdeel.

40

Huishouding

SCTID: 385873004

Heeft de klant hulp nodig bij het huishouden?

Zo ja, geef dan een score voor de huidige situatie. De score is de indicator.

• 1. Ik heb zeer veel problemen met de huishouding

• 2. Ik heb veel problemen met de huishouding

• 3. Ik heb in beperkte mate problemen met de huishouding

• 4. Ik heb in lichte mate problemen met de huishouding

• 5. Ik heb geen problemen met de huishouding

Geef in een toelichting aan wat de oorzaak is en of de situatie kan verbeteren.

Bepaal voor welke onderdelen huishoudelijke ondersteuning nodig is.

• 1.1 Huiskamer stoffen (H/M/L)

• 1.2 Huiskamer vloer reinigen

• 1.3 Huiskamer ramen binnen (maximaal 6 keer per jaar)

• 2.1 Keuken schoonmaken keukenblok

• 2.2 Keuken vloer reinigen

• 2.3 Keuken ramen binnen (maximaal 6 keer per jaar)

• 3.1 Sanitair badkamer

• 3.2 Sanitair toilet

• 4.1 Slaapkamer stoffen (H/M/L)

• 4.2 Slaapkamer vloer reinigen

• 4.3 Slaapkamer bed verschonen

• 4.4 Slaapkamer ramen binnen (maximaal 6 keer per jaar)

• 5.1 Gang/trap stofzuigen/vloer reinigen

• 6.1 Was wassen/strijken/vouwen (W/S/V)

• 6.2 Was gordijnen (maximaal 1 keer per jaar)

• 7.1 Overige, organisatie van het huishouden

• 7.2 Overige, zorg voor kinderen ouder dan 12 jaar

Bepaal wie de ondersteuning gaat leveren, hoe vaak dit nodig is per onderdeel en wat de duur is per actie.

Thuisondersteuning
41

Signalering en begeleiding Eenzaamheid

SCTID: 12969800

Is de klant eenzaam?

- Voelt u zich wel eens eenzaam?

- Zou u eens nieuwe mensen willen ontmoeten?

- Wat heeft u zelf al geprobeerd?

Zo ja, geef dan een score voor de huidige situatie. De score is de indicator.

Welk cijfer geeft u als het gaat om eenzaamheid?

• 1. Ik ervaar heel veel eenzaamheid

• 2. Ik ervaar veel eenzaamheid

• 3. Ik ervaar matig veel eenzaamheid

• 4. Ik ervaar in lichte mate eenzaamheid

• 5. Ik ervaar geen eenzaamheid

Wat speelt er het meest?

Dit kun je zien:

- Er is geen bezoek geweest

- Er staan geen afspraken in de agenda

- De cliënt valt snel in slaap

- De cliënt wil niet dat ik wegga

Dit kun je horen:

- Er komt nooit iemand

- Mantelzorger heeft geen tijd voor mij

- Er kijkt niemand naar me om

- Ik heb niemand meer

- Ik mis contact of heb geen aanspraak

- De dagen duren lang

Wat kan er gedaan worden?

Bepaal wie de begeleiding gaat leveren, hoe vaak dit nodig is per onderdeel en wat de duur is per actie.

42

Signalering en begeleiding

Meedoen

SCTID: 23935006

Heeft de klant hulp nodig in het sociale leven?

- Heeft u wel eens het gevoel dat u er niet meer bij hoort?

- Wat deed u vroeger met veel plezier?

- Wat maakt dat u dat nu niet doet?

Zo ja, geef dan een score voor de huidige situatie. De score is de indicator.

1. Welk cijfer geeft u als het gaat om meedoen?

• 1. Ik ervaar dat ik helemaal niet meer mee kan doen

• 2. Ik ervaar dat ik grotendeels niet meer mee kan doen

• 3. Ik ervaar dat ik deels niet meer mee kan doen

• 4. Ik ervaar dat ik in lichte mate niet meer mee kan doen

• 5. Ik ervaar dat ik met alles mee kan doen

Wat speelt er het meest?

Dit kun je zien:

- Er staan geen sociale afspraken op de agenda

- Ik maak de cliënt vaak wakker

- De cliënt valt snel in slaap

- Gewichtsverandering

Dit kun je horen:

- Dagen duren lang

- Vroeger vond ik dit leuk, maar het lukt me niet meer

- Ik voel me niet meer nuttig/nodig

- Ik kan niet meer meedoen

Wat kan er gedaan worden?

Bepaal wie de begeleiding gaat leveren, hoe vaak dit nodig is per onderdeel en wat de duur is per actie.

43

Signalering en begeleiding

Beweging en vervoer

SCTID: 129839007

Heeft de klant hulp nodig bij bewegen en vervoer naar afspraken buiten de deur?

- Kunt u nog op die plek komen?

- Maakt u zich zorgen om te vallen?

- Wat heeft u zelf al geprobeerd?

Zo ja, geef dan een score voor de huidige situatie. De score is de indicator.

1. Welk cijfer geeft u als het gaat om mobiliteit?

• 1. Ik ervaar heel veel problemen met de mobiliteit

• 2. Ik ervaar veel problemen met de mobiliteit

• 3. Ik ervaar matig veel problemen met de mobiliteit

• 4. Ik ervaar in lichte mate problemen met de mobiliteit

• 5. Ik ervaar geen problemen met de mobiliteit

Wat speelt er het meest?

Dit kun je zien:

- Alles ligt binnen handbereik

- Keuken wordt niet gebruikt

- Cliënt loopt steeds slechter

- Beschimmelde etenswaren in de koelkast

- Geen sociale afspraken in de agenda

- Gewichtsverlies

Dit kun je horen:

- Dat lukt mij niet meer

- Ik kan daar niet komen

- Ik moet altijd iemand vragen

- Er is niemand die mee kan

- Wie kan mij brengen?

Wat kan er gedaan worden?

Bepaal wie de begeleiding gaat leveren, hoe vaak dit nodig is per onderdeel en wat de duur is per actie.

44

Signalering en begeleiding Veiligheid

SCTID: 370882000

Voelt de klant zich onveilig?

- Voelt u zich wel eens onveilig?

- Wanneer/waar voelt u zich onveilig?

- Wat heeft u zelf al geprobeerd?

Zo ja, geef dan een score voor de huidige situatie. De score is de indicator.

1. Welk cijfer geeft u als het gaat om (sociale) veiligheid?

• 1. Ik ervaar in zeer grote mate een gevoel van onveiligheid

• 2. Ik ervaar in grote mate een gevoel van onveiligheid

• 3. Ik ervaar in beperkte mate een gevoel van onveiligheid

• 4. Ik ervaar in lichte mate een gevoel van onveiligheid

• 5. Ik ervaar geen gevoel van onveiligheid

Wat speelt er het meest?

Dit kun je zien:

- Er liggen vloerkleedjes

- Cliënt zit veel stil

- Cliënt loopt steeds moeilijker

- Cliënt houdt telefoon dichtbij

- De cliënt heeft blauwe plekken of wondjes

Dit kun je horen:

- Ik ben bang om: iets te doen, te vallen, gevonden te worden, buiten te komen

- Dat doe ik niet meer

- De cliënt zegt: ik ben bang voor ongewenst bezoek

Wat kan er gedaan worden?

Bepaal wie de begeleiding gaat leveren, hoe vaak dit nodig is per onderdeel en wat de duur is per actie.

45

Eten, drinken en gezondheid

SCTID: 288939007

Heeft de klant hulp nodig bij eten, drinken en gezondheid?

- Wilt u me laten zien waar het eten en drinken staat?

- Hoeveel eet/drinkt/beweegt u op een dag?

- Wat heeft u zelf al geprobeerd om gezond te blijven?

Zo ja, geef dan een score voor de huidige situatie. De score is de indicator.

• 1. Ik ervaar zeer grote problemen bij het eten en drinken

• 2. Ik ervaar grote problemen bij het eten en drinken

• 3. Ik ervaar in beperkte mate problemen bij het eten en drinken

• 4. Ik ervaar in lichte mate problemen bij het eten en drinken

• 5. Ik ervaar geen problemen bij het eten en drinken

Wat speelt er het meest?

Dit kun je zien:

- Gewicht verandert

- Keuken wordt niet gebruikt

- Etenswaren zijn beschimmeld

- Spullen verzameld rondom de stoel

- Kleine klusjes blijven liggen

- Verstopt eten

- Cliënt is pas laat bij de deur

Dit kun je horen:

- Ik heb geen honger

- Eten smaakt me niet meer

- Wil je dat aangeven/doen?

- Ik ben snel moe

- Dat lukt me niet meer

Wat kan er gedaan worden?

Bepaal wie de begeleiding gaat leveren, hoe vaak dit nodig is per onderdeel en wat de duur is per actie.

Signalering
begeleiding
en
46

Signalering en begeleiding Somberheid

366979004

Is de klant somber en/of vergeetachtig?

-Heeft u vaak ergens geen zin in?

-Heeft u vaak negatieve gedachten?

-Denk u wel eens 'van mij hoeft het niet meer'?

Zo ja, geef dan een score voor de huidige situatie. De score is de indicator.

• 1. Ik ervaar in zeer grote mate somberheid

• 2. Ik ervaar in grote mate somberheid

• 3. Ik ervaar in beperkte mate somberheid

• 4. Ik ervaar in lichte mate somberheid

• 5. Ik ervaar geen somberheid

Wat speelt er het meest?

Dit kun je zien:

- Geen eetlust

-Huis is rommelig

-Apathie

-Prikkelbaarheid

- Agressie

Dit kun je horen:

- Ik heb geen honger

-Ik heb nergens zin in

- Ik voel mij leeg

- Ik ben triest

- Van mij hoeft het niet meer

Wat kan er gedaan worden?

Bepaal wie de begeleiding gaat leveren, hoe vaak dit nodig is per onderdeel en wat de duur is per actie.

47

Slimme zorg

Slimme zorg kun je met de Mikzo®methode indiceren en opnemen in het zorgplan. Je kunt technologie zoals beeldzorg, een medicijndispenser of een druppelbril direct als actie aan het doel in het meest passende gebied hangen. Met slimme zorg kun je met minder mensen betere resultaten bereiken en de regie vaker bij de cliënt laten.

Steeds meer zorgorganisaties kiezen ervoor om te werken met de classificatie Mikzo®. Deze classificatie is volledig toegelaten door de verzekeraars en de zorgkantoren, voor de thuiszorgen de verpleeghuiszorg.

Bij een score van 4 en lager kun je zorgtechnologie indiceren. Hoe lager de score, hoe minder de kans dat zorgtechnologie als enige actie mogelijk is.

https://www.vilans.nl/kennisbank-digitale-zorg/ of

https://www.zn.nl/digitalezorg

48

Het Mikzo® zorgleerhuis

Het doel van het MIKZO® zorgleerhuis is om het methodisch en persoonsgericht samenwerken in de ouderenzorg te faciliteren via werkplekleren. Dat wordt gedaan met de classificatie MIKZO® en met eenduidige uitgangspunten en passende bouwstenen en cement in het zorgleerhuis. Er zijn vier doelgroepen die ieder de bouwstenen krijgen aangereikt die nodig zijn om hun rol en taak te kunnen uitvoeren. Het fundament en de bouwstenen zijn voor alle doelgroepen identiek.

Het fundament

Het zorgleerhuis van de classificatie MIKZO® is gebouwd op een fundament dat voor alle gebruikers identiek is en dat alle gebruikers moeten kennen. Dit fundament bestaat uit de zorg- en welzijnsvraag, de onderbouwing van de zorgen welzijnsvraag, de SMART doelen die via de uitkomstclassificatie tot stand komen en de acties die via de interventieclassificatie worden verkregen.

De zorg- en welzijnsvraag

Bij alle 31 zorggebieden onderzoekt de planmaker (vanaf niveau 3 intramuraal en vanaf niveau 5 extramuraal) of er een zorg- en welzijnsvraag is. Er is een zorg- en welzijnsvraag als een cliënt geheel of gedeeltelijk niet zelfredzaam is bij het betreffende gebied van de classificatie.

De onderbouwing van de zorg- en welzijnsvraag

Als iemand niet zelfredzaam is bij een zorg- en welzijnsgebied, dan onderbouwt de planmaker dit met de PES-methodiek. Het probleem wordt beschreven, de oorzaak (etiologie) wordt beschreven en de signalen en symptomen worden beschreven (wat is het probleem in detail). Het gaat hier om het stellen van de zorg- en welzijnsdiagnose.

49

De uitkomstclassificatie en het SMART – doel

De ernst van het probleem en de mate waarin dit probleem is op te lossen wordt bepaald aan de hand van een uitkomstclassificatie. Het MIKZO® heeft bij deze uitkomstclassificatie een nauwgezet omschreven, voor ieder gebied unieke en passend bij de geldende richtlijnen, duiding. De planmaker bepaalt wat de score is van de ernst van de huidige en gewenste situatie bij het betreffende gebied op een schaal van 1 tot 5, waarbij een 1 zeer ernstig is en een 5 geen probleem. Het verschil tussen de uitkomst van de huidige situatie en die van de gewenste situatie bepaalt of er sprake is van een stabiliseerdoel (de scores zijn identiek) of van een verbeterdoel (de gewenste score is hoger). In de toelichting beschrijft de planmaker hoe het gewenste doel er uitziet en wanneer dat kan worden behaald. Daarmee is er een volledig SMART doel tot stand gekomen omdat het doel (de twee getallen) in de tijd zijn gezet en zijn geduid. De zorgplanmethodiek met de vier domeinen van Actiz maakt geen gebruik van de scores met de schaal van Likert, hier zijn de SMART doelen beschreven in woorden wat het minder meetbaar maakt.

Bij de classificatie MIKZO® is de risicosignalering standaard ingebouwd bij de gebieden waarvoor dit van belang is. Dit kan in sommige gevallen ook leiden tot een zorg- en welzijnsvraag en een preventief of curatief doel.

Het MIKZO® heeft drie actiesoorten:

- Uitvoeren

- Begeleiden

- Signaleren

Het is mogelijk om bij een zorg- en welzijnsvraag meerdere acties toe te wijzen. Bij iedere actie wordt beschreven wie de actie uitvoert, wanneer en hoe vaak deze wordt uitgevoerd en hoe deze wordt uitgevoerd.

50

Om blijvend goed te kunnen werken met een classificatie in de ouderenzorg is het MIKZO® zorgleerhuis ontworpen. Het MIKZO® zorgleerhuis wordt gebouwd boven op een methodisch fundament. Het MIKZO® zorgleerhuis heeft een methodisch fundament, een basis en verdiepingen. In het schema de onderdelen en de doelgroepen met daaronder de nadere omschrijving.

Het MIKZO® zorgleerhuis

Om het zorgleerhuis goed te laten werken moeten alle gebruikers van alle niveaus kennis hebben van alle onderdelen van het fundament en de methodische onderdelen die daaraan ten grondslag liggen. Bij het fundament zijn de principes van de positieve gezondheid opgenomen.

Alle doelgroepen maken gebruik van de bouwstenen van begane grond: 31 MIKZO® leerkaarten 'zorgplan lezen en rapporteren op signalen’. Ook de medewerkers van de niveaus 0 en 1, waaronder de mantelzorgers, de vrijwilligers en de informele zorgverleners, krijgen de kennis van de bouwstenen aangereikt. Zij rapporteren zelf op wat zij zien en horen bij het contact met de cliënt.

Zij rapporteren in het zorgdossier, via de persoonlijke gezondheidsomgeving of mondeling via een medewerker van niveau 3 of hoger.

51

Maar ook is er contact met de medewerkers die het zorgplan maken en bijgestellen. De planmakers wijzen de acties toe aan de medewerkers die rapporteren.

De inhoud van de 31 MIKZO® leerkaarten is generiek voor alle leveranciers van digitale dossiers. De actuele leerkaarten zijn te verkrijgen bij CareNext.

Rapporteren

De medewerkers van niveau 2 en 3 kennen het fundament en maken gebruik van de bouwstenen met de 31 MIKZO® leerkaarten. Zij hebben veel contact met de rapporteurs en de planmakers. Zij rapporteren met de vier gouden regels en gebruiken daarbij zo veel mogelijk de SOEP-regel.

Rapporteren met de SOEP - regel

De vier gouden regels voor het rapporteren zijn:

-Altijd op een doel

-Kort en bondig

-Altijd op bijzonderheden

-Bij voorkeur met de SOEP-regel

Rapportages die zijn gemaakt met de SOEP-regel geven veel meer informatie dan enkelvoudige rapportages. Bij metingen kan wel worden volstaan met een enkelvoudige rapportage.

De letters SOEP staan voor:

➢ Subjectief: Wat zegt jouw cliënt?

➢ Objectief: Wat zie jij?

➢ Evaluatie: Wat is er aan de hand?

➢ Plan: Wat moet er gebeuren?

52

Rapportages zijn erg belangrijk voor de PDCA-cyclus. Aan de hand van rapportages kunnen de zorgplannen worden bijgesteld als dat nodig is.

De planmakers

De planmakersj zijn van niveau 4, 5 en 6 en intramuraal soms ook van niveau 3. Deze medewerkers hebben veel contact met de rapporteurs als het gaat om de persoonsgerichtheid van de zorgplannen en met de adviseurs als het gaat om de dilemma’s en het goede gesprek daarover.

Twaalf dilemma's

Tachtig procent van alle issues in de ouderenzorg speelt zich af rond twaalf kernthema’s. Denk aan onbegrepen gedrag, vallen en advanced care planning. De planmakers indiceren de zorg, zowel extramuraal als intramuraal. In de thuiszorg leidt dit tot een indicatie, intramuraal wordt hiermee de CIZ-indicatie persoonsgericht gemaakt.

Intramuraal kunnen acties worden ondergebracht in het werkplan of in de vaste afspraken als het gaat om routinematige werkzaamheden. ls het zinvol is om ergens goed op te letten en te rapporteren op bijzonderheden dan maakt de planmaker een doel van de zorg- en welzijnsvraag.

Het is vaak een kwaliteitsverpleegkundige of een regieverpleegkundige die deze rol vervult. Deze planmaker voert hierbij vaak het goede gesprek met de cliënt en de naasten, in veel gevallen bijgestaan door een behandelaar zoals een arts of psycholoog. Op specifieke terreinen kan dat ook een diëtist, een logopedist, een fysiotherapeut, een ergotherapeut of een andere paramedicus of een verpleegkundig specialist zijn.

53

Er zijn tenslotte zes perspectieven: preventieve zorg, verpleegkundige zorg, palliatieve zorg, slimme zorg, mantelzorg en (para)medische zorg.

De behandelaars denken mee over de doelen en zetten hierbij vaak het goede gesprek in. Welke keuzes maken de cliënt en de naasten? Waar leggen zij accenten? Wat vinden zij belangrijk en wat niet (meer)? De uitkomstclassificatie geeft veel houvast bij het gesprek en maakt inzichtelijk welke doelen er nog zijn en hoe die tot stand zijn gekomen. Ook hier zijn er de zes perspectieven: preventieve zorg, verpleegkundige zorg, palliatieve zorg, slimme zorg, mantelzorg en (para)medische zorg.

Het goede gesprek

Met de uitkomstindicatoren is het mogelijk om verschillende soorten doelen te maken. Er kan een preventief doel gemaakt worden, maar ook kan er een palliatief doel gemaakt worden. Het is ook mogelijk om geen doel meer te maken als de cliënt of de naasten dit wensen. Zoals eerder al is aangegeven speelt tachtig procent van alle issues in de ouderenzorg zich af rond twaalf kernthema’s.

54

Communicatie

Communicatie tussen alle verdiepingen is van groot belang voor een actueel en passend persoonsgericht zorgplan. In de bovenstaande tekst is al aangegeven hoe deze communicatie via de lift plaatsvindt. De stem van eenieder is belangrijk om de zorgplannen goed te laten aansluiten bij de wensen en de keuzes van de cliënten. Tijdens de momenten van interdisciplinair overleg en bij casusbesprekingen kan informatie worden gedeeld.

Ontwikkeltuin

Veel meer doen met minder personeel. Dat is in het kort de uitdaging van de komende jaren, ook in de zorg. Oplossingen worden gezocht en gevonden in hele goede ICT en zorgtechnologie. Met de classificatie MIKZO® is het mogelijk om zorgtechnologie te indiceren en op te nemen als actie in het zorgplan.

Verantwoording

Het MIKZO® zorgleerhuis is een product van CareNext. Voor de realisatie is er een samenwerking met de SDB-groep die het zorgleerhuis samen met CareNext en een aantal pilotorganisaties bouwt en aanbiedt.

Meedoen met het MIKZO® zorgleerhuis kan door een mail te sturen naar contact@carenext.nl

55

De Mikzo® sleutels

Het Mikzo® is de methodiek waarmee de zorgprofessional op methodische wijze een persoonsgerichte indicatie maakt in het kader van de ZvW of de WLZ. Met het Mikzo® thuisondersteuning is het mogelijk om een persoonsgerichte indicatie te stellen binnen het kader van de WMO. Daarmee kan er worden gewerkt in een integraal plan dat meereist met de cliënt.

Bij de classificatie Mikzo® wordt de huidige situatie gescoord met een getal tussen de 1 en 5. Bij een 1 is er een zeer groot probleem, bij een 5 is er geen probleem.

De score van de huidige situatie van een gebied is de indicator. Deze indicator heeft een vaste definitie die is opgeslagen als digitale code in de vorm van een blockchain en een token. Er zijn 155 digitale sleutels van de classificatie Mikzo®. Voor de classificatie Mikzo® thuisondersteuning zijn er 35 digitale sleutels.

Ook alle leerelementen van het Mikzo® zorgleerhuis zijn universeel en opgeslagen als digitale code in de vorm van een blockchain en een token.

56