Page 1

Loopbaanondersteuning op maat: Verhalen over succesvolle samenwerking

Vlaams Steunpunt Lokale Netwerken Opleiding en Tewerkstelling vzw


2


3

De sector van de not-for-profit aanbieders biedt reeds meer dan 20 jaar loopbaanondersteuning op maat aan via opleiding, coaching en werkplekleren voor werkzoekenden en werknemers met een grote afstand tot de arbeidsmarkt. Gedurende deze periode hebben organisaties heel wat expertise opgebouwd om deze specifieke doelgroepen doorheen de verschillende transities in hun loopbaan te begeleiden, hun aanwezige talenten te ontwikkelen en hun competenties te versterken. Innovatieve en kwaliteitsvolle methodieken worden hiervoor ingezet. De klemtoon ligt op het coachen, de begeleiding en opleiding op de werkvloer, de taalondersteuning en het intensiever betrekken van de werkgever. De dagelijkse samenwerkingen met verschillende partners zoals private werkgevers en sectoren, VDAB, lokale overheden, onderwijs, welzijn,‌ typeren de werking van onze ledenorganisaties. Die partnerschappen zijn noodzakelijk om een antwoord te bieden aan de uitdagingen van de huidige arbeidsmarkt. Telkens worden trajecten op maat uitgewerkt, rekening houdend met de balans tussen werk en privÊ, belangrijke motivatieprikkels en een verdere stap naar meer loopbaanzekerheid. Deze goede praktijkengids toont aan hoe onze sector omgaat met deze samenwerkingen en hoe ze voor alle partijen een meerwaarde kunnen betekenen. In deze publicatie zijn 16 interviews opgenomen, waarbij we telkens het SLN-lid en de samenwerkende partner aan het woord laten. Via deze getuigenissen willen we de verdienste van de sector en hun partners in beeld brengen. We kunnen uiteraard niet alle samenwerkingen belichten. Toch schetst deze goede praktijkengids een representatief beeld van de samenwerkingen binnen de sector door zoveel mogelijk verschillende instrumenten, doelgroepen, sectoren en regio’s aan bod te laten komen. We willen in naam van al onze leden alle partners bedanken die in heel Vlaanderen met hen samenwerken en zich inspannen om bij te dragen aan een sterk werkgelegenheidsbeleid dat inzet op een betere match tussen mens, job en bedrijf. We zullen daarom ook blijven nieuwe succesvolle partnerschappen onder de aandacht brengen via onze nieuwsbrief SLiNger en onze website www.sln.be. Deze publicatie kadert binnen het geheel van acties dat SLN, de koepelorganisatie van de sector van de not-for-profit aanbieders, in 2013 plant om haar 20-jarig bestaan op een passende manier te vieren. Wij wensen u een inspirerende leeservaring en kijken uit naar de nieuwe bruggen en partnerschappen die zullen ontstaan om mensen die verder van de arbeidsmarkt staan maximale loopbaankansen te geven zodat ze terug hun plaats kunnen verwerven op een veranderende arbeidsmarkt.

Jan Geens Voorzitter.

Marleen Velleman Directeur


4


5

Inhoudstabel De leden kort voorgesteld - Overzicht van de Lokale Netwerken

7

MLWB - TOFAM Maatwerk voor de metaalsector

13

Groep INTRO - Vierdewereldgroep Mensen voor Mensen Een geïntegreerde aanpak voor werk, armoede en welzijn

17

Educar - Jobkanaal Lerend Netwerk voor een gerichte werkgeversbenadering

21

WEB - Syntra Evenwicht tussen opleiding en praktijkervaring bij KMO’s

25

Vokans - Kosie Coaching van een werknemer en werkgever in een snel groeiende sector

29

Job & Co - CDO Rotonde Samen met onderwijs jongeren voorbereiden op de arbeidsmarkt

33

Velo - OCMW Leuven Werkperspectieven bieden aan OCMW-cliënten

37

Alternatief - OCMW en Stad Genk Maaltijdbedeling en klusjesdienst met een lokaal karakter

41

Steunpunt Tewerkstelling - TEVEAN Stages als opstap naar een job als hulp-elektricien

45

KOPA - CVO Technische Scholen Mechelen en Huis van het Nederlands Taalondersteuning voor cursisten in volwassenenonderwijs

49

Lokaal Netwerk Zuid-Oost-Vlaanderen - VDAB, RESOC en Stad Ronse Samenwerking op maat van de regio

53

Jobcentrum - VDAB Injectie 2: tewerkstelling in de zorgsector voor personen met een arbeidshandicap

57

Mentor - Medway Council, Community Connections en Maison de l’initiative Een Europees SUCCES-verhaal

61

LWB Halle-Vilvoorde - VDAB Matching van mens en werkervaringstraject

65

Werkvormm - Horeca Vorming Vlaanderen Werkzoekenden opleiden tot horecamedewerkers

69

Levanto vzw - Gemeentelijk Havenbedrijf Antwerpen Werkervaringsproject voor matrozen

73


6


7

De leden kort voorgesteld Onze ledenorganisaties zijn voornamelijk vzw’s, hoofdzakelijk actief onder PC 329 sector beroepsopleiding. Als dienstverleners op de arbeidsmarkt is het hun kerndoel om werkzoekenden en werknemers met een grote afstand tot de arbeidsmarkt te activeren tot duurzame tewerkstelling in het economisch circuit. De opgebouwde expertise is immers prioritair gericht op die werkzoekenden en werknemers die loopbaanondersteuning het hardst nodig hebben. De sector staat voor een maatgerichte aanpak met het oog op een duurzame integratie op de arbeidsmarkt. Opdrachten op maat uitwerken betekent zowel een geïntegreerde en gepersonaliseerde begeleiding voor werkzoekenden en werknemers, als het aanbieden van een dienstverlening op maat van de werkgever. De sector staat voor beiden garant. Onze leden beschikken hiervoor over een uitgebreid aanbod aan instrumenten voor opleiding, coaching en werkplekleren. Via opleidingen worden aan de werkzoekende de kennis en vaardigheden bijgebracht die nodig zijn om te functioneren in een specifiek beroep. Deze opleidingen kunnen zowel van vaktechnische als generieke aard zijn. Ze zijn sterk praktijkgericht en kunnen op de eigen opleidingslocaties of in opdracht op de werkvloer van een werkgever georganiseerd worden. Coaching omvat een breed scala aan instrumenten: trajectbegeleiding, jobcoaching op de werkvloer, taalondersteuning, loopbaanbegeleiding, begeleiding van jongeren uit het deeltijds onderwijs, … De doelgroep kan verschillen en deze vorm van begeleiding kan zich zowel op cursisten, werkzoekenden als werknemers richten. Afhankelijk van de loopbaanfase komen specifieke methodieken aan bod. Bij alle instrumenten staat maatwerk centraal. Werkplekleren biedt een unieke combinatie van werken en leren die mensen op een werkvloer, met de nodige omkadering, voorbereidt op duurzame tewerkstelling in het normaal economisch circuit. Werkplekleren kan in verschillende vormen, maar vindt altijd plaats in een ondernemingscontext en past in een traject met een vastgelegd opleidingsplan. De sector is een gevalideerd partner van de overheid. Onze leden werken voornamelijk in opdracht van de Vlaamse overheid en organiseren hun aanbod samen en naast VDAB en andere arbeidsmarktactoren. Deze samenwerkingen met overheden, sociale partners, bedrijven en andere arbeidsmarktactoren zijn cruciaal om hun opdracht binnen het arbeidsmarktbeleid optimaal te vervullen. Onze leden vormen een vaste waarde binnen de lokale arbeidsmarkt. Ze hebben een voeling met de regiogebonden noden waarop ze snel en efficiënt kunnen

inspelen bij het uitvoeren van hun opdracht. Lokale partnerschappen en netwerken zijn hierbij van groot belang. Concreet verenigen de SLN-leden zich in 13 lokale netwerken. De geografische opdeling is afgestemd op de RESOC-gebieden. De sector staat voor flexibiliteit, zowel in haar aanbod als in de uitvoering van haar opdrachten. Onze leden zoeken steeds naar een innovatieve oplossing voor zowel de werkzoekende, de werknemer als de werkgever. De begeleiders zijn frequent aanwezig op de werkvloer en gaan door tot de oplossing. De ledenorganisaties bemiddelen resultaatgericht tussen vraag en aanbod. Ze benutten de aanwezige talenten bij de mensen die verder van de arbeidsmarkt staan zodat meer arbeidsplaatsen ingevuld geraken. De sector vertrekt hierbij vanuit haar maatschappelijke opdracht en streeft naar een match tussen mens, job en bedrijf. Over SLN Het Vlaams Steunpunt Lokale Netwerken (SLN) overkoepelt, ondersteunt en vertegenwoordigt sinds 1992 de not-for-profit aanbieders van opleiding, coaching en werkplekleren en is door de Vlaamse overheid erkend als gesprekspartner namens de sector. Het Besluit van de Vlaamse Regering (BVR) van 4 juli 2003 regelt de structurele erkenning en subsidiëring van het Steunpunt als koepelorganisatie. We hechten veel belang aan een opbouwende dialoog met de verschillende partners en stakeholders zoals de overheid, andere sectoren, sociale partners, … op basis van respect voor ieders autonomie en de eigenheid van de opdrachten. Doorheen de jaren bouwden we een uitgebreide dienstverlening uit voor onze leden. Onze hoofdactiviteit bestaat uit het ondersteunen van onze leden in hun aanbod. Dit voeren we in nauwe samenwerking met hen uit door het stimuleren van overleg en samenwerking en het bevorderen van deskundigheid in functie van inschakeling, begeleiding, opleiding en tewerkstelling van werkzoekenden en werknemers met een zwakke arbeidsmarktpositie. Concreet vertaalt zich dit in een aantal vastgelegde kernopdrachten: • Stimuleren van lokale en regionale samenwerking en netwerking; • Optreden als pleitbezorger en representatieve gesprekspartner voor de sector; • Opvolgen van relevante regelgeving en beleidsontwikkelingen; • Functioneren als kennis- en informatiecentrum voor en over haar leden; • Fungeren als draaischijf voor ervaringsuitwisseling, praktijkondersteuning en visieontwikkeling; • Bevorderen van deskundigheid en kwaliteitszorg.


8

Provincie West-Vlaanderen • Lokaal Netwerk Oostende - Westhoek

• Lokaal Netwerk Kortijk - Roeselare

Argos

De Poort/Werk.Punt

Groep INTRO West-Vlaanderen

Groep INTRO West-Vlaanderen

GTB West-Vlaanderen

GTB West-Vlaanderen

Jobcentrum

Jobcentrum

Kopa West-Vlaanderen

Kopa West-Vlaanderen

Mentor vzw

Mentor

OCMW Ieper/Werkperspectief

OCMW Roeselare Dienst opl. en tewerkst.

Leerwerkproject OCMW Diksmuide

Tot uw dienst

OCMW Middelkerke/Sociaal Atelier

Vokans West-Vlaanderen

Sociale Economie Oostende

Wonen en Werken Menen

www.argosvzw.be www.groepintro.be

www.gtb-vlaanderen.be www.jobcentrum.be www.kopa.be

www.mentorvzw.be www.ieper.be

www.ocmw-diksmuide.be

www.opleidingscentrummiddelkerke.be www.seo-vzw.be

www.werkpunt.be

www.groepintro.be

www.gtb-vlaanderen.be www.jobcentrum.be www.kopa.be

www.mentorvzw.be www.ocmw-roeselare.be www.totuwdienst.be www.vokans.be

www.menen.be

Vokans West-Vlaanderen www.vokans.be

Werkperspectief - Diksmuide www.werkperspectief.be

• Lokaal Netwerk Brugge Groep INTRO West-Vlaanderen www.groepintro.be

GTB West-Vlaanderen www.gtb-vlaanderen.be

Jobcentrum

www.jobcentrum.be

Kopa West-Vlaanderen www.kopa.be

Loca Labora

www.localabora.be

Mentor vzw

www.mentorvzw.be

Vokans West-Vlaanderen www.vokans.be


9

Provincie Oost-Vlaanderen • Lokaal Netwerk Meetjesland

• Lokaal Netwerk Gent

Groep INTRO Oost-Vlaanderen

De Werf vzw

GTB Oost-Vlaanderen

Groep INTRO Oost-Vlaanderen

Keerpunt ACLVB Opleidingscentrum

GTB Oost-Vlaanderen

Kopa Scheldeland

JES

Meetjeslandse Leerwerkbedrijven

Job & Co

Pro Natura Oost-Vlaanderen

Keerpunt ACLVB opleidingscentrum

Vokans Gent-Eeklo

Kopa Scheldeland

Werkwijzer

OCMW - OTC

www.groepintro.be

www.gtb-vlaanderen.be www.aclvb.be/loopbaanbegeleiding www.kopa.be

www.mlwb.be

www.pronatura.be www.vokans.be

www.werkwijzervzw.be

www.vzwdewerf.be www. groepintro.be

www.gtb-vlaanderen.be www.jes.be www.jobenco.be www.aclvb.be/loopbaanbegeleiding www.kopa.be

www.ocmwgent.be

Oikonde/Ateljee www.ateljee.info

Sociale Werkplaats De Sleutel

www.socialenetwerken-desleutel.be

Stad Gent - Dienst Werk www.gent.be

UCBO

www.ucbo.be

Vokans Gent-Eeklo www.vokans.be

• Lokaal Netwerk Zuid-Oost-Vlaanderen

• Lokaal Netwerk Waas en Dender

Grijkoort Begeleid Werk

Groep INTRO Oost-Vlaanderen

Groep INTRO Oost-Vlaanderen

GTB Oost-Vlaanderen

GTB Oost-Vlaanderen

IKOO Het Passantenhuis

Job & Co

IPW/DIT

Kopa Aalst Opleidingsproject Werkwillig

Job & Co

Kopa Werkwillig Oudenaarde

Kopa Scheldeland

Kopa Ronse

OTC Spoor Twee

Kringloopcentrum Teleshop

Vokans Waas en Dender

www.grijkoort.be

www.groepintro.be

www.gtb-vlaanderen.be www.jobenco.be www.kopa.be www.kopa.be www.kopa.be www.teleshop-aalst.be

Vokans Aalst-Oudenaarde www.vokans.be

www.groepintro.be

www.gtb-vlaanderen.be www.passantenhuis.be www.ipw-vzw.be www.jobenco.be www.kopa.be

www.spoor2.be www.vokans.be


10

Provincie Antwerpen • Lokaal Netwerk Antwerpen Arktos - Antwerpen Stad www.arktos.be

Atel

www.atel.be

• Lokaal Netwerk Kempen De Ploeg vzw

www.deploeg.be

GTB regio Turnhout

www.gtb-vlaanderen.be

Buurtservice

ISOM - OCMW Herentals

De Ploeg vzw

Kopa Keerpunt

www.buurtservice.be www.deploeg.be

Educar

www.educar.be

Groep INTRO Antwerpen www.groepintro.be

www.ocmwherentals.be www.kopa.be

Natuurwerk

www.natuurwerk.be

Projectencentrum

www.projectencentrum.be

GTB Antwerpen

Vokans Kempen

JES Antwerpen

WEB

www.gtb-vlaanderen.be www.jes.be

Kopa Antwerpen

www.vokans.be

www.websweb.be

www.kopa.be

Levanto

www.levanto.be

Steunpunt Tewerkstelling

www.steunpunttewerkstelling.be

Vokans Mechelen - Rupel - afd. Boom www.vokans.be

Werkvormm

www.werkvormm.be

• Lokaal Netwerk Mechelen De Ploeg vzw

www.deploeg.be

Groep INTRO regio Mechelen www.groepintro.be

GTB regio Mechelen

www.gtb-vlaanderen.be

Kopa De Nieuwe Volmacht www.kopa.be

Levanto

www.levanto.be

Natuurwerk

www.natuurwerk.be

ROJM

www.rojm.be

Vokans Mechelen - Rupel www.vokans.be

WEB

www.websweb.be

Wonen en Werken Leuven www.wonen-en-werken.be


11

Provincie Vlaams-Brabant • Lokaal Netwerk Halle-Vilvoorde Groep INTRO Vlaams-Brabant en Brussel www.groepintro.be

• Lokaal Netwerk Leuven Arktos

www.arktos.be

GTB Vlaams-Brabant

De Vlaspit

Mikst

GOCI - Gespecialiseerd Opleidingscentrum

Pluspunt

GTB Vlaams-Brabant en Brussel

Pro Natura vzw Vlaams-Brabant

IGO

Televil Sociale Tewerkstelling

Job-Link

Vokans Halle-Vilvoorde

Landelijke Thuiszorg

www.gtb-vlaanderen.be

www.devlaspit.be

www.mikst.be

www.goci.be

www.vzwpluspunt.be

www.gtb-vlaanderen.be

www.pronatura.be

www.igo.be

www.televil.eu

www.job-link.be

www.vokans.be

www.groepkvlv.be

SPIT

www.spit.be

Storzo

www.storzo.be

Velo

www.velo.be

Wonen en Werken Leuven www.wonen-en-werken.be

Provincie Limburg • Lokaal Netwerk Limburg Agora

www.agoravzw.be

• Lokaal Netwerk Limburg (vervolg) Het Heft/STAP www.hetheft.be

Alternatief

Kopa Limburg

Arktos

Maatwerk

Begeleiding Limburgs Mijngebied (BLM)

Noord-Limburgs Open Atelier

De Sluis

Sociaal Bedrijvencentrum Maasmechelen

De Winning - Vreebos

Sopletex

De Wroeter/Arbeidscentrum

Stebo

ENAIP Limburg

Team Alken

Groep INTRO Limburg

Top - Sociale Werkplaats ABRI

GTB Limburg

Vokans Limburg

Hergebruikcentrum Limburg

Werkende handen

www.alternatiefvzw.be www.arktos.be www.blmgenk.be

www.vzwdesluis.be www.dewinning.be www.dewroeter.be www.enaip.be

www.groepintro.be

www.gtb-vlaanderen.be www.hergebruikcentrum-limburg.be

www.kopa.be

www.maatwerkvzw.be www.openatelier.be

www.sociaalbedrijvencentrum.be www.buseloc.be www.stebo.be www.team-alken.be www.zonhoven.be/Top-Abri www.vokans.be

www.werkendehanden.be


12


13

M LW B - T O FA M O o s t - V l a a n d e r e n Maatwerk voor de metaalsector

Aan het woord: Isabel De Sutter - Coรถrdinator MLWB vzw Karen Maes - Sectorconsulent TOFAM Oost-Vlaanderen


14

MLWB Maatschappelijke kansengroepen in het Meetjesland

integratie

van

Meetjeslandse Leerwerkbedrijven vzw (MLWB) is een onafhankelijke organisatie die haar werkingsgebied heeft in het Meetjesland. In deze regio willen zij de maatschappelijke integratie van kwetsbare groepen bevorderen door het organiseren van begeleiding, tewerkstelling en opleiding. De vzw heeft ook een dienstencheque-afdeling. MLWB beschikt over het ESF-kwaliteitslabel, gebaseerd op het EFQM-model (een organisatiemodel dat streeft naar ‘excellentie’ op diverse domeinen).

“Dit project opent voor ons deuren naar werkgevers”

Isabel De Sutter, coördinator van MLWB kijkt met plezier terug op het ontstaan van de samenwerking met Sectorfonds TOFAM. “Enkele jaren geleden werden wij gecontacteerd door TOFAM Oost-Vlaanderen. Zij waren op zoek naar een organisatie die in de regio begeleidingsacties kon aanbieden voor werkzoekenden in de sector Metaal en Technologie. Hoewel deze sector voor ons onbekend terrein was, beslisten we de stap te wagen en kreeg het project Metaalmatch vorm. We hebben nog geen moment spijt gehad van onze beslissing.” Begeleiding en opleiding in een vooruitstrevende sector Het project Metaalmatch bestaat uit begeleiding en opleiding op maat, gericht op tewerkstelling in de sector Metaal en Technologie. Op verschillende locaties in Oost-Vlaanderen worden werkzoekenden technisch opgeleid en begeleid bij hun zoektocht naar een geschikte job. Na de technische opleiding krijgen de werkzoekenden een constante individuele coaching tijdens de opleiding op de werkvloer. “MLWB staat in voor de algemene begeleiding op vlak van taal, rekenen, attitudes, communicatie en motivatie”, vertelt Isabel. “Onze educatieve medewerkers zijn steeds aanwezig op de opleidingsvloer zodat werkpunten vlug gedetecteerd kunnen worden. Er vinden regelmatig evaluatiegesprekken plaats en elke werkzoekende krijgt een Persoonlijk Ontwikkelingsplan (POP). In zo een POP worden doelstellingen vastgelegd en een actieplan uitgestippeld dat de werkzoekende ondersteunt in het

nemen van loopbaanbeslissingen. Ten slotte kunnen we de werkzoekende ook begeleiden indien hij of zij een examen wil afleggen over een aantal technische modules.”

“We kunnen via Metaalmatch heel wat mensen een vaste job bieden in deze sector”

Geslaagde investering Voor MLWB was dit project een sprong in het onbekende, maar het was de investering waard. Momenteel werken er twee voltijdse medewerkers binnen dit project. De sterkte van dit partnerschap is de tweeklantenbenadering. “Er is een win-win voor zowel de werkzoekende als het bedrijf. We kunnen bedrijven gemotiveerde personen aanbieden, die we tijdens hun opleiding op de werkvloer blijven opvolgen. Daarnaast ondersteunen we de bedrijven bij de effectieve aanwerving en informeren we hen over mogelijke tewerkstellingsmaatregelen.” Bagage voor andere samenwerkingen “Eén van de grote voordelen uit onze samenwerking met TOFAM Oost-Vlaanderen is dat bedrijven ons nu rechtstreeks contacteren als ze ondersteuning nodig hebben”, besluit Isabel. “TOFAM Oost-Vlaanderen neemt de dienstverlening van MLWB ook mee tijdens haar infosessies of netwerkmomenten. De positieve ervaringen uit dit project zijn inspirerend bij het aangaan van nieuwe partnerschappen met andere sectoren.”


15

Een positieve imagocampagne

Meerwaarde van Metaalmatch

TOFAM Oost-Vlaanderen werd opgericht in 1988 en heeft als paritair Sectoraal Fonds van de Metaalverwerkende Nijverheid de opdracht opleiding en tewerkstelling te stimuleren van arbeiders in de metaalbedrijven van Oost-Vlaanderen.

Volgens Karen ligt de kracht van het project in de bundeling van de sterktes van alle partners. “TOFAM kent de vragen en noden van de sector en heeft een sterke band met de bedrijven. Terwijl MLWB alle expertise heeft rond het begeleiden van kansengroepen op een laagdrempelige en flexibele manier. Zonder elkaar kon dit project nooit zo succesvol zijn. Nu kunnen we bedrijven in contact brengen met gemotiveerde werkzoekenden uit de kansengroepen en bieden we hen verdere ondersteuning tijdens de opleiding op de werkvloer en de eventuele tewerkstelling.”

“De sector van Metaal en Technologie kampte met een negatief imago waardoor bedrijven moeilijker hun vacatures ingevuld kregen”, verduidelijkt Karen Maes, sectorconsulente bij TOFAM Oost-Vlaanderen. Na een grondige analyse van het bestaande aanbod werden verscheidene profileringsacties opgestart. Zo kreeg het project Metaalmatch vorm. “Met dit project willen we werkzoekenden op een positieve manier laten kennismaken met de sector. Door een gepast begeleidings- en opleidingsaanbod, zowel op als naast de werkvloer. We namen contact met meerdere begeleidingsorganisaties. Uiteindelijk kozen MLWB en Job&Co er voor om mee te werken aan het project.” Na één jaar samenwerking besliste Job&Co uit het project te stappen en wordt het momenteel enkel door MLWB uitgevoerd.

“We merken dat de werkzoekende net door die extra begeleiding vaak wordt aangeworven”

Met resultaat Sinds de opstart van Metaalmatch zijn er reeds 120 werkzoekenden begeleid en opgeleid. Ongeveer 80% stroomde, over de jaren heen, uit naar een duurzame tewerkstelling in de sector. Ook de bedrijven reageren positief en zijn vragende partij voor een verderzetting van dit project. Ten slotte wil TOFAM ook de erkenning door VDAB vermelden. “Dit project wordt door VDAB enorm gewaardeerd door de goede resultaten rond tewerkstelling en ze willen het dan ook financieel blijven ondersteunen. Dat is voor ons een bevestiging van het werk dat we de voorbije jaren samen geleverd hebben.”

“Metaalmatch heeft het vertekend beeld over de sector volledig weggewerkt” Voor meer informatie: Vertrouwen opbouwen bij bedrijven In het project Metaalmatch kunnen bedrijven hun werkvloer openstellen om werkzoekenden ‘on the floor’ op te leiden. Vanuit het sectorfonds krijgen ze hiervoor een vergoeding. Na de opleiding hebben ze de vrije keuze om deze persoon al dan niet in dienst te nemen. “Bedrijven durven in dit project het risico nemen om hun werkvloer en een instructeur vrij te stellen. De werkgever wordt vergoed voor zijn inspanningen en is niet verplicht om de persoon nadien in dienst te nemen. Het feit dat er tijdens de opleiding op de werkvloer ook een coaching plaats vindt, wekt veel vertrouwen op. We merken ook dat de werkzoekende vaak net door die extra begeleiding toch in dienst genomen wordt.”

www.mlwb.be www.tofam-ovl.be


16


17

Groep INTRO vzw - Vierdewereldgroep Mensen voor Mensen vzw Een geĂŻntegreerde aanpak van werk, armoede en welzijn

Aan het woord: Joke Dirckx - CoĂśrdinator opleiding en begeleiding Groep INTRO Oost-Vlaanderen Heidi Degerickx - Projectverantwoordelijke WAW-traject Vierdewereldgroep Mensen voor Mensen Sonia Peelman - Opgeleide Ervaringsdeskundige Vierdewereldgroep Mensen voor Mensen


18

Groep INTRO - Kiezen voor empowerment Groep INTRO is als organisatie in Vlaanderen actief op verschillende domeinen: opleiding van deeltijds lerenden en werkzoekenden, trajectbegeleiding, jobcoaching, werkervaring en sociale economie. Daarbij richten zij zich voornamelijk op laaggeschoolde en maatschappelijk kwetsbare jongeren en volwassenen uit diverse kansengroepen. Groep INTRO wil samen met hen de aanwezige competenties versterken en ondersteunt hen in het nemen van verantwoordelijkheid. Enkele jaren geleden werd Groep INTRO gevraagd mee te werken aan een ESFproject, gericht op een integrale aanpak voor personen in generatiearmoede. In een WAW-traject doorloopt de deelnemer gelijktijdig drie deeltrajecten, die elk focussen op armoede, werk of welzijn (WAW).

“Het project paste in onze visie op integrale en persoonsgerichte trajecten en vormde een kans om onze expertise te verruimen”

Het aanbod van Groep INTRO staat open voor iedereen. Toch was het WAW-project voor de organisatie één van de eerste projecten die specifiek gericht was op de doelgroep van mensen in armoede. Joke Dirckx, coördinator opleiding en begeleiding bij Groep INTRO Oost-Vlaanderen, licht toe. “De vzw Vierdewereldgroep Mensen voor Mensen maakte op een opendeurdag in Aalst kennis met onze methodieken van ervaringsleren en groepsdynamiek. Zij zagen in ons een partner die op langere termijn bereid was tot samenwerking en voor ons paste het project in onze visie op integrale en persoonsgerichte trajecten. Bovendien was het een uitgelezen kans om onze expertise inzake armoede te verruimen.” Nauwe samenwerking … Samen met de VDAB en GTB stond Groep INTRO in voor de deeltrajecten rond werk. Iedere deelnemer krijgt een

vaste trajectbegeleider toegewezen die het hele traject opvolgt: van oriëntering tot opleiding, leren solliciteren en werkervaring. “De basis voor het werktraject was onze groepswerking, maar dan aangepast aan de doelgroep”, zegt Joke. “Alles ging veel langzamer. Je moet als begeleider meer luisteren. Het was ook minder evident na de eerste sessies nog nieuwe deelnemers op te nemen in de groep want de veiligheid en het vertrouwen waren voor hen heel belangrijk. Naarmate de deelnemers vertrouwd raakten met de werkwijze steeg hun enthousiasme.”

“Dit project bewijst dat investeren in integrale trajecten loont”

Eén van de vernieuwende elementen van de WAWtrajecten is de kruisbestuiving en samenwerking tussen de verschillende dienstverleners die in het leven van personen in armoede een rol spelen. “Dat is een grote sterkte van dit project”, vertelt Joke. “Zo was er een maandelijks overlegmoment met alle begeleiders en dienstverleners waarbij ontwikkelingen en individuele problemen werden besproken. De drie verschillende deeltrajecten werden zo op elkaar afgestemd. De deelnemers waren hier ook steeds van op de hoogte. Een dergelijke openheid en samenwerking is vrij uniek, maar werkt wel.” … met resultaat Na één jaar van intensieve samenwerking en trajectbegeleiding ogen de resultaten dan ook mooi. Van de 17 deelnemers waren er aan het einde van het project in april 2011 maar liefst 7 aan het werk en volgden 5 een beroepsopleiding. Iets meer dan een jaar later zijn er nog steeds 7 aan het werk en volgt 1 deelnemer een opleiding. Het project werd een positieve en leerzame ervaring voor Groep INTRO. “Sinds het project werd het thema armoede in ons intern opleidingsaanbod opgenomen en zijn we er ons nog meer van bewust in onze werking. Daarnaast hebben we aangetoond dat tijd en middelen investeren in samenwerking en integrale trajecten wel degelijk loont. Mensen uit generatiearmoede overwonnen hun angsten en negatieve ervaringen en kregen nieuwe perspectieven.


19

Forum voor mensen in armoede Vierdewereldgroep Mensen voor Mensen vzw werd opgericht in 1993 in Aalst en heeft het bestrijden van structurele armoede en het bevorderen van maatschappelijke emancipatie als kernopdracht. Als ‘vereniging waar armen het woord nemen’ bieden zij een forum voor iedereen die door armoede getroffen wordt. “Via onze groepswerking laten we mensen uitsluitingsen armoede-ervaringen delen met elkaar”, vertelt Heidi Degerickx, projectverantwoordelijke WAW-traject bij de Vierdewereldgroep Mensen voor Mensen. “Zo proberen we verdoken armoede en de structurele oorzaken ervan zichtbaar te maken. Deze kennis over armoede brengen we naar buiten en we gaan er over in dialoog met beleidsverantwoordelijken. Zo werken we al jaren rond thema’s zoals cultuur en onderwijs.” Werk als hefboom Een aantal jaar geleden ontstond de idee om iets te doen rond het thema tewerkstelling. “We stelden al langer vast dat mensen in armoede heel wat problemen ervaren om werk te vinden of een job te behouden. Op basis van de getuigenissen die we daarover verzamelden tijdens onze groepsgesprekken maakten we een analyse.”

“Tewerkstelling is een belangrijke schakel in het doorbreken van armoede”

Sonia Peelman, opgeleide ervaringsdeskundige bij de Vierdewereldgroep Mensen voor Mensen, begeleidde de groepsgesprekken samen met een groepswerker zonder armoede-ervaring. “Eén van de knelpunten is een diepgeworteld wantrouwen van mensen in armoede ten aanzien van ‘officiële’ instanties. Vaak spelen er ook schaamtegevoelens mee. Daarnaast worden ze geconfronteerd met een gefragmenteerde aanpak van hun problemen door verschillende diensten.” Omdat de problemen zo complex zijn, is een intensieve samenwerking tussen verschillende instanties

en hulpverleners essentieel. Met een breed partnerschap (Groep INTRO, VDAB, GTB, OCMW Aalst, CAW Aalst, Stad Aalst en RESOC Zuid-Oost-Vlaanderen) diende de vzw Vierdewereldgroep Mensen voor Mensen uiteindelijk een ESF-innovatieproject in. Ervaringsgerichte benadering “De doelstelling van het project was de deelnemers doen geloven dat verandering op lange termijn mogelijk is”, legt Heidi uit. “Uiteindelijk werden 17 mensen in generatiearmoede één jaar lang intensief begeleid. Daarbij had elke partner zijn taak. Groep INTRO, GTB en de VDAB stonden in voor de trajectbegeleiding richting tewerkstelling en CAW en OCMW waren verantwoordelijk voor de welzijnstrajecten. Wijzelf organiseerden de wekelijkse groepsbijeenkomsten met de deelnemers.”

“De doelstelling was mensen in armoede te doen geloven dat verandering mogelijk is”

“Tijdens die wekelijkse bijeenkomsten doorlopen mensen een ontschuldingsproces,” legt Sonia uit. “We moedigen de deelnemers aan over hun gekwetste binnenkant te spreken en geven hen inzicht in hun eigen denken en handelen. Maar ook inzicht in hoe armoedemechanismen werken in onze samenleving. Ze leren omgaan met structuur, hoe in groep te communiceren en krijgen opdrachten mee naar huis. Doordat ik zelf uit mijn eigen ervaringen en verleden kan putten, zijn er minder drempels bij de deelnemers om openlijk te spreken.” Bij Mensen voor Mensen vzw blikken ze tevreden terug op het project en de samenwerking met Groep INTRO. “De WAW-trajecten zijn voor andere armoedeverenigingen een inspiratiebron om ook rond het thema tewerkstelling aan de slag te gaan,” getuigt Heidi. “Nu komt het er op aan de WAW-methodiek beleidsmatig te verankeren in heel Vlaanderen en de samenwerking in Aalst op andere manieren verder te zetten.”

Voor meer informatie: www.groepintro.be www.vierdewereldgroepaalst.be


20


21

Educar vzw - Jobkanaal Lerend Netwerk voor een gerichte werkgeversbenadering

Aan het woord: Els Heiremans - Arbeidsconsulent vzw Educar Vicky Van Wesemael - Consulent Jobkanaal Regio Antwerpen


22

Werkervaring opdoen bij Educar Educar vzw organiseert in Antwerpen werkervaring. De hoofdactiviteit bestaat uit de demontage van autowrakken, PC’s en servers. Jaarlijks worden ongeveer 400 wagens herleid tot grondstoffen. Daarnaast kunnen werkzoekenden werkervaring opdoen in andere aspecten van het productieproces: logistiek, onthaal, secretariaat, poetswerk, magazijn en administratie. De arbeidsbemiddelaars van Educar bouwen een netwerk op met werkgevers in de sector, waar werkzoekenden na hun opleiding de opgedane kennis en ervaring kunnen toepassen. Van Training naar Lerend Netwerk Els Heiremans is arbeidsconsulente bij Educar. Zij volgde samen met een collega de commerciële training die Jobkanaal in 2011 organiseerde voor SLN-leden. Tijdens die training werkten organisaties uit de regio samen aan praktische opdrachten. Daarna vonden gezamenlijke bedrijfsbezoeken plaats. Eerst samen met de Jobkanaalconsulent en daarna ook met collega’s uit andere organisaties. Tijdens het Lerend Netwerk werden ervaringen uitgewisseld en tips meegegeven voor de aanpak van bedrijfsbezoeken. “De training had zeker een belangrijke meerwaarde en de informatie werd intern doorgegeven aan de andere collega’s.” Voorlopig wordt de training niet opnieuw georganiseerd, wegens een te hoog kostenplaatje en te grote tijdsinvestering voor Jobkanaal. De kennis wordt wel levendig gehouden in het Lerend Netwerk Jobkanaal. “Door de positieve ervaringen met de training en na evaluatie besliste een kleine kerngroep van promotoren om het Lerend Netwerk verder te zetten”, vertelt Els.

“We delen informatie, zodat we een groter netwerk van werkgevers kunnen aanspreken”

Het Lerend Netwerk levert concrete resultaten op voor de promotoren. “De verschillende organisaties leggen meer bedrijfsbezoeken af op een efficiëntere en kwaliteitsvolle manier. Jobkanaal gaf ons heel wat nieuwe inzichten over bedrijven en HR-thema’s.” Els vindt dat er nog andere voordelen verbonden zijn aan de samenwerking. “Er is een nauwere samenwerking en betrokkenheid. De deelnemers kennen elkaar beter, waardoor er gemakkelijker contact genomen wordt.”

Deze netwerkvorming is een belangrijk aspect. “Ervaringen worden uitgewisseld, we kunnen elkaar tips geven en blijven zo bijleren. We geven interessante informatie aan elkaar door, zodat een groter netwerk bereikt wordt.” Ook Jobkanaal draagt zijn expertise verder uit. “Zij blijven gezamenlijke bedrijfsbezoeken plannen die voor arbeidsbemiddelaars interessant kunnen zijn. Dit vergroot het netwerk van bedrijven en biedt meer kansen op doorstroming van onze doelgroep. De krachten worden zo gebundeld.”

“De combinatie tussen openheid en voldoende autonomie was een essentieel aspect”

Continuïteit als sleutel voor de toekomst Om de samenwerking verder te zetten zijn enkele elementen noodzakelijk. “Er was tijdens de voorbije samenwerking heel wat openheid tussen de deelnemers, terwijl iedereen toch zijn autonomie bewaarde.” Dit aspect van de samenwerking verhoogde de slaagkansen van de samenwerking. “In de toekomst zal het noodzakelijk zijn dat de continuïteit van de samenwerking bewaakt wordt”, zegt Els. Jobkanaal engageerde zich alvast om een trekkende en organiserende rol te spelen bij de verderzetting van de kennisdeling - binnen en buiten het Lerend Netwerk. “Het is een positieve samenwerking die nog verder kan groeien. We moeten vermijden dat de zorgvuldig opgebouwde samenwerking verwatert.”


23

Diversiteit op de werkvloer Jobkanaal is een initiatief van Voka, UNIZO, VKW en Verso dat een brug wil slaan tussen werkgevers en arbeidsbemiddelaars. Het doel is om ondernemingen in contact te brengen met een onderbenut potentieel aan werkzoekenden op de arbeidsmarkt. In 2011 organiseerde Jobkanaal een commerciële training voor SLN-leden. Deze vond plaats in Antwerpen voor de regio’s Leuven en Antwerpen-Waasland. Aan de training werden ook Lerende Netwerken gekoppeld.

“Door samen te werken, kan je elkaar adviseren en inspireren over wat werkt bij contact met werkgevers”

“Onze consulenten kregen bij hun contacten met arbeidsbemiddelaars van SLN-leden vaak de feedback dat men moeite ondervond in het contacteren van bedrijven”, vertelt Vicky Van Wesemael, consulente Jobkanaal in Antwerpen. “Tegelijkertijd kregen we van bedrijven het signaal dat de doorverwezen kandidaten niet altijd beantwoordden aan de verwachtingen van de werkgever”. Jobkanaal organiseerde daarom een training om de affiniteit van SLN-leden met het bedrijfsleven te verhogen en met het oog op een betere toeleiding van werkzoekenden naar vacatures. Het project werd inhoudelijk uitgewerkt en getrokken door Jobkanaal. De coördinatoren van de deelnemende arbeidsbemiddelaars ondertekenden een engagementverklaring om medewerkers op te volgen in kader van het project. Betere toeleiding naar vacatures De training bestond uit een tweedaagse theoretische commerciële training, field coaching momenten duo-bezoeken aan bedrijven onder begeleiding van Jobkanaal consulenten - en 6 lerende netwerken waarin kennisdeling en het verdiepen van theorie in de praktijk centraal stonden. Het voordeel van het leertraject was dat er een realistische terugkoppeling naar de praktijk aan verbonden was. Vicky licht dit toe: “De groep vormde een klankbord om succesverhalen, maar ook knelpunten of werkpunten te bespreken. Via de lerende netwerken groeide het vertrouwen en de openheid tussen de deelnemers, waardoor er ruimte ontstond om goede maar ook minder goede ervaringen te delen.”

De resultaten van de commerciële training en het lerend netwerk waren zeer positief. “Door dit project is een gerichtere samenwerking ontstaan. De bedrijfsbezoeken die promotoren afleggen hebben een grotere impact”, meent Vicky. “Door samen te werken, kan je elkaar ook inspireren en adviseren over wat werkt, welke werkgever nood heeft aan welke dienstverlening, enz.”

“Via de lerende netwerken, groeide de openheid en het vertrouwen tussen de organisaties”

Open staan voor kennis van anderen Het enthousiasme en de leergierigheid van de deelnemers speelden een belangrijke rol. “Al snel ondervonden de deelnemers het nut van stilstaan bij de eigen werking en knelpunten. Doordat de arbeidsbemiddelaars zelf de confrontatie wilden aangaan, hebben ze veel geleerd.” Naast de inzet van de deelnemers, bleken ook goede afspraken cruciaal te zijn om het project tot een goed einde te brengen. Door de samenwerking ontstaat communicatie in twee richtingen. “Het voordeel van de samenwerking tussen Jobkanaal en Educar, is dat je wederzijds kan toetsen hoe een dienstverlening of een contact met een bedrijf verliep en wat er beter kan. Je krijgt meer informatie over de samenwerking die het einddoel ten goede komt, namelijk het efficiënt en duurzaam matchen met de werkzoekende.” Als tip naar andere organisaties toe, geeft Vicky mee dat organisaties over het muurtje moeten durven kijken. “Door open te staan voor ervaringen en kennis van anderen, bereik je zoveel meer.”

Voor meer informatie: www.educar.be www.jobkanaal.be


24


25

WEB vzw - Syntra Evenwicht tussen opleiding en praktijkervaring bij KMO’s

Aan het woord: Kathleen Vanbroekhoven - Verantwoordelijke begeleiding WEB vzw Els Minner - Accountmanager Syntra Antwerpen & Vlaams-Brabant, regio Antwerpen - Turnhout


26

WEB vzw, vaste waarde in de Kempen WEB vzw werd in 1992 opgericht met als doel het opstarten van initiatieven voor kwetsbare doelgroepen op de lokale arbeidsmarkt. Doorheen de jaren ontwikkelde de organisatie voor die groepen een uitgebreid aanbod aan opleiding, coaching en tewerkstelling. Ondernemingen en organisaties kunnen bij WEB terecht voor advies, ondersteuning en opleiding. Vandaag is WEB in de Kempen een vaste waarde bij werkgevers, werknemers en werkzoekenden. Een aantal van de opleidingen worden in uitbesteding van de VDAB georganiseerd. “Het begin van onze samenwerking met Syntra was de eerste ESF-tender Competentieversterking in 2008”, vertelt Kathleen Vanbroekhoven, verantwoordelijke begeleiding bij WEB. “Bij het indienen van ons dossier zochten we een partner die kon instaan voor het aanleren van de meer technische vaardigheden en zo kwamen we vrij snel bij Syntra terecht. Toen in 2011 de nieuwe Tender Competentieversterking 2012-2013 gelanceerd werd, hoefden we niet lang na te denken over een vervolg op onze samenwerking.”

“Onze samenwerking berust op overleg en goede afspraken”

Rolverdeling Binnen de Tender Competentieversterking 2012-2013 bieden WEB en Syntra in opdracht van de VDAB twee opleidingen aan: hovenier en schilder (tot 2011 ook nog sanitair installateur, tegelzetter-vloerder). “Onmiddellijk na de toewijzing van de opleidingen door de VDAB gaan we op zoek naar kandidaat-werkzoekenden, in het bijzonder kortgeschoolden, allochtonen of 50+’ers”, legt Kathleen uit. “Sinds kort hebben we een medewerker die zich toelegt op het vinden en toeleiden van kandidaten voor de verschillende projecten en activiteiten binnen onze organisatie. Met succes, want de opleidingen tellen meer cursisten en de wachtlijsten zijn langer dan de voorbije jaren.”

Het partnerschap berust op een duidelijke taakverdeling. “Binnen de opleiding neemt Syntra het technische luik voor zijn rekening en staan wij in voor de algemene modules zoals een inleiding tot sociaal recht, het werken rond communicatievaardigheden en assertiviteit, sollicitatietraining en nog veel meer”, licht Kathleen toe. “We helpen hen bij het in kaart brengen van hun competenties en begeleiden hen in individuele opvolgingsgesprekken. Daarnaast zoeken we stageplaatsen voor de cursisten en organiseren we stage-bezoeken aan ondernemingen. Na afloop van de opleiding en stage voorzien wij nog 6 maanden nazorg, waarbij we de werkzoekende wekelijks terugzien en ondersteunen in zijn zoektocht naar werk.”

“Onze contacten met werkgevers bieden ons een inzicht in hun noden en verwachtingen”

Voor het vinden van stageplaatsen doet WEB beroep op een uitgebreid netwerk van ondernemingen en organisaties. “Het vinden van werkvloeren verloopt doorgaans vlot. We spreken onze eigen werkgeverscontacten en die van Syntra aan en benaderen nieuwe werkgevers. Wij ervaren zelden een weigerachtige houding bij ondernemingen. Onze contacten met werkgevers bieden ons ook een inzicht in hun noden en verwachtingen en geven ons de kans onze opleidingen bij te sturen. Tegelijkertijd verwijzen we naar ons aanbod job- en taalcoaching op de werkvloer.” Uitstroom naar werk De samenwerking tussen WEB en Syntra loopt ondertussen al enkele jaren en kan mooie resultaten voorleggen. In 2011 was 50% van de cursisten van de opleiding sanitair installateur na 6 maanden aan het werk. Voor de opleiding schilder was dit zelfs 90%. Bovendien vinden werkzoekenden door mond-aan-mond reclame steeds meer de weg naar het aanbod van WEB en Syntra. “De goede praktijkvoorbeelden uit onze opleidingen met Syntra worden binnen WEB uitgewisseld met collega’s en andere projecten. De wil om verder samen te werken, is zeker aanwezig”, besluit Kathleen.


27

Aanbod op maat Syntra Antwerpen en Vlaams-Brabant, of kortweg Syntra AB, wil meer en beter ondernemerschap stimuleren via praktijkgerichte opleiding, vorming en advies. Als trainings- en vormingscentrum zijn ze actief in meer dan 20 sectoren. Naast een open aanbod van ongeveer 500 opleidingen voor ondernemers en hun medewerkers, ontwikkelen zij ook opleidingen op vraag en maat van organisaties en ondernemingen. “De vraag van WEB om samen te werken voor de Tender Competentieversterking paste in onze visie op het uitwerken van een aanbod op maat”, verduidelijkt Els Minner, accountmanager bij Syntra voor de regio Turnhout-Antwerpen. “Het leek ons een uitstekende kans om elkaars sterktes uit te spelen. Voor WEB is dat het werken aan algemene arbeidscompetenties- en attitudes en voor ons het aanleren van technische vaardigheden.”

“Het leek ons een uitstekende kans om elkaars sterktes uit te spelen”

Verankerd in de praktijk “De opleidingen duren ongeveer 3 tot 4 maanden. In die periode verwerven de cursisten verschillende competenties en inzichten die ze kunnen toepassen tijdens een stage van een 7-tal weken in de context van een echte onderneming. Daarnaast volgen ze bij het Centrum voor Basiseducatie een korte opleiding rond veiligheid, gezondheid en preventie op het werk. Dat geeft recht op een VCA-attest, dat nodig is voor bepaalde beroepen.” Werkzoekenden de basisvaardigheden bijbrengen voor het uitoefenen van een bepaalde job vraagt de nodige expertise. “Onze lesgevers staan met beide voeten in de praktijk van het vak dat ze aanleren”, vertelt Els. “Vaak hebben ze een eigen zaak. Dat heeft als voordeel dat ze op de hoogte zijn van de laatste technieken en ontwikkelingen binnen hun sector en over een netwerk van potentiële werkgevers voor stageplaatsen beschikken. Anderzijds

is praktijkkennis niet voldoende. Lesgevers moeten ook kunnen omgaan met de doelgroep en worden daar door ons op gescreend.” Duidelijke meerwaarde Hoewel Syntra in het verleden zelfstandig VDAB-projecten uitvoerde, kiezen ze voor dit soort opleidingen de laatste jaren resoluut voor samenwerking. “Het loont om een partner te hebben van wie de sterktes en expertise complementair zijn aan die van je eigen organisatie. We vullen elkaar aan en doorheen de jaren is onze samenwerking beter en efficiënter geworden.”

“Door onze samenwerking hebben we nog meer aandacht voor totaaltrajecten”

“Het lijkt evident, maar goed overleg is essentieel”, gaat Els verder. “Na onze samenwerking in de eerste Tender Competentieversterking startten we met een cursistenoverleg tussen de lesgevers van WEB en Syntra. We bespreken er de vorderingen tijdens de opleiding en de evaluaties door de cursisten en werkgevers. Dit wordt door alle betrokkenen als zeer waardevol ervaren. Wij hopen dan ook in de toekomst onze samenwerking verder te zetten.” Tot slot vermeldt Els nog een ander effect van hun partnerschap. “Sinds onze samenwerking hebben we binnen Syntra nog meer aandacht voor een totaalbenadering bij het uitwerken van projecten op vraag van ondernemingen. Ik merk dat we de keuze van WEB voor integrale trajecten en het rekening houden met verschillende factoren en contexten onrechtstreeks meenemen in onze eigen manier van werken.”

Voor meer informatie: www.webwerkt.be www.syntra-ab.be


28


29

Vo k a n s v z w – K o s i e v s o Coaching van werknemer en werkgever in een snel groeiende sector

Aan het woord: Leen Servranckx - Afgevaardigd Bestuurder Vokans vzw Anniek Declerck - Jobcoach Vokans Aalst-Oudenaarde An Montens - PlanningscoĂśrdinator en klanten-relatiebeheerder Kosie vso


30

Vokans vzw - pionier in jobcoaching De vzw Vokans, voluit ‘Vormings- en Opleidingskansen’, werd opgericht in 1990 en is door de Vlaamse Overheid onder andere erkend als centrum voor zowel loopbaancoaching als job- en taalcoaching. Dankzij een enthousiaste en professionele ploeg van een 90-tal medewerkers, bouwde Vokans in Vlaanderen en Brussel een kwaliteitsvolle dienstverlening uit. Voor werkgevers heeft Vokans een specifieke dienstverlening, steunend op een jarenlange ervaring in het begeleiden van werkzoekenden en werknemers. Eén van de werkgevers die beroep doen op Vokans is het dienstenchequebedrijf Kosie vso. Leen Servranckx, Afgevaardigd Bestuurder van Vokans vzw situeert het ontstaan van de samenwerking: “Een tijdje geleden was ik op prospectie in de streek en kwam ik in contact met Kosie vso. Al snel was duidelijk dat hun organisatie baat zou hebben bij jobcoaching. We legden de nodige contacten en de samenwerking ging van start.” De meerwaarde van een jobcoach Concreet gaat de jobcoach langs op de werkplek wanneer de werknemer effectief aan de slag is. Doordat de jobcoach op de werkvloer komt, ziet hij waar zaken verkeerd lopen en waar er kan worden bijgestuurd.

“De wisselwerking in deze samenwerking maakte onze opleiding realistischer”

Anniek Declerck, Jobcoach bij Vokans verduidelijkt: “Het eerste bezoek is aangepast aan de werknemer. Soms steek ik zelf een handje toe omdat dit helpt een vertrouwensband op te bouwen. Deze werkplekbezoeken zijn de momenten bij uitstek om problemen te signaleren en verbeteringen uit te werken.” Tijdens de begeleiding is er ook voldoende ruimte voor terugkoppeling tussen Kosie vso en de jobcoach. Het uitwisselen van ervaringen rond het omgaan met

doelgroepen of het aanpakken van bepaalde situaties worden als zeer interessant omschreven, door zowel de werkgever als de jobcoach. Duurzaam partnerschap “Een goed partnerschap hangt af van de economische situatie, de kennis van de sector en het vak en weten hoe je met de doelgroep omgaat”, gaat Leen verder. “Daarnaast moet je als organisatie een klantenbinding nastreven die over de verschillende diensten heen gaat. Hierbij is luisteren naar de klant van cruciaal belang. Want net hierdoor kan je een betere dienstverlening aanbieden.”

“De vraag van de klant staat centraal waardoor je een betere dienstverlening kan aanbieden”

Meer realistische opleidingen Vokans is duidelijk over de meerwaarde van hun samenwerking die ze als vlot, spontaan, open en transparant beschrijven. Het vertrouwen dat is gegroeid doorheen de samenwerking is hierbij onontbeerlijk. Vokans organiseerde al een opleiding poetsen nog voor de snelle groei en populariteit van dienstenchequebedrijven. Door de samenwerking met Kosie werd deze opleiding meer afgestemd op de realiteit en de context van de werkvloer. “De planningscoördinator en klantenrelatiebeheerder van Kosie komt regelmatig naar de opleidingsvloer. Door haar praktijkervaring en feedback kunnen we onze opleidingen nog realistischer maken en meer aanpassen aan de verwachtingen van de werkgever. Dit draagt bij tot het verhogen van de kansen op een duurzame tewerkstelling van de werknemer.”


31

Een sector in bloei De dienstenchequebedrijven zijn traditioneel een sector met veel doelgroepwerknemers, in het bijzonder kortgeschoolde vrouwen. Kosie vso kende, net als andere dienstenchequebedrijven, een snelle groei. In 2007 startte Kosie vso met 3 werknemers, allen actief in het poetsen. Vandaag geeft de organisatie werk aan 81 poetsvrouwen en 7 strijksters. Door deze snelle groei werd Kosie geconfronteerd met een aantal knelpunten op het vlak van personeelsbeleid. Naast de voortdurende nood aan bijkomend personeel met de juiste kwalificaties en arbeidsattitudes werd het belang van een goede en efficiënte planning duidelijk. Jobcoaching bij Kosie Bij Kosie vso krijgt elke nieuwe werknemer jobcoaching, aangepast aan de individuele noden. An Montens, planningscoördinator en klanten-relatiebeheerder van Kosie, legt uit waarom dit belangrijk is.

“De jobcoach betekent een verlichting van mijn taak”

“Het vergroot niet alleen de openheid van de werknemers t.o.v. het instrument jobcoaching, het is ook belangrijk om geen onderscheid te maken tussen de medewerkers. De intensiteit van de begeleiding wordt in onderling overleg afgestemd op de noden van de werknemer.” Kosie maakt niet alleen gebruik van jobcoaching wanneer dit gratis is, met name voor medewerkers die tot de kansengroepen behoren. Ook voor hun andere medewerkers doen ze er - tegen betaling - beroep op. Label van externe kwaliteit Voor Kosie betekent de jobcoach een verlichting van de taken omdat werknemers sneller hun problemen delen met een ‘neutrale’ jobcoach. Daarnaast fungeert de jobcoach als een buffer om de soms hoge verwachtingen van de klant realistischer te maken. Kosie onderstreept ook dat de klantentevredenheid stijgt door het inschakelen van een jobcoach. “Onze klanten merken vooruitgang op de werkvloer doordat een jobcoach de werknemer mee opvolgt. De jobcoach wordt door partners beschouwd als een label van externe kwaliteit.”

Ten slotte benadrukt An Montens dat ze dankzij de hulp van de jobcoach een ruimer overzicht op de planning behoudt. Voor Kosie vso betekent het inzetten van een jobcoach dus een echte meerwaarde.

“Klanten zijn meer tevreden over onze dienstverlening”

Nieuwe opportuniteiten Naast de jobcoaching deed Kosie ondertussen ook een beroep op het open Human Resources-aanbod van Vokans voor de administratieve bedienden. “Het is duidelijk dat onze samenwerking ook in de toekomst zal worden verdergezet. Kosie vso wil verder groeien en kan hiervoor de expertise van Vokans vzw goed gebruiken.”

Voor meer informatie: www.vokans.be www.kosie.be


32


33

Job&Co vzw - CDO De Rotonde Samen met onderwijs jongeren voorbereiden op de arbeidsmarkt

Aan het woord: Wim Roegiers - begeleider brugprojecten Job&Co vzw Wouter Boute – directeur Hoger Technisch Instituut Sint-Antonius


34

Job&Co - werkervaring voor jongeren

Samen competenties meten

Job&Co vzw is actief in Oost-Vlaanderen en wil werken op maat van mensen. Dat doen ze met een aanbod opleiding, coaching, ondersteuning op de werkvloer en werkervaring. In Gent is Job&Co ook actief als organisator van brugprojecten. Deze trajecten zijn een onderdeel van het stelsel leren en werken. Daarin gaan jongeren de ene helft van de week naar school en de andere helft van de week werken ze of volgen ze een voorbereidend traject.

Sinds dit schooljaar werken de twee CDO’s en de promotoren van brugprojecten, voortrajecten en persoonlijke ontwikkelingstrajecten in Gent met een gemeenschappelijk model voor de opvolging en evaluatie van de trajecten. Job&Co en CDO De Rotonde waren nauw betrokken bij de totstandkoming van deze samenwerking. “In het verleden had iede-reen zijn eigen methode om competenties bij de jongere te meten en het verloop van het traject op te volgen”, legt Wim uit. “Dat maakte het moeilijk om de ontwikkeling van een traject in eenzelfde formulering zichtbaar te maken voor de jongere en de ouders.”

“Het gaat om jongeren die niet meer heel de week op de schoolbanken willen zitten, maar een vak willen leren. De jongeren zijn meestal gemotiveerd om te werken, maar hebben nog wat extra opleiding en begeleiding nodig vooraleer ze de stap kunnen zetten naar een reguliere tewerkstelling”, vertelt Wim Roegiers, begeleider van brugprojecten bij Job&Co. “In een brugproject kan de jongere drie dagen per week onder begeleiding praktijkervaring opdoen in een ondernemingscontext. Daarbij wordt sterk gefocust op zowel arbeidsattitudes en sociale vaardigheden als technische vaardigheden. Het einddoel is de doorstroom naar reguliere tewerkstelling.” Opvolging van het traject “De jongeren worden na een screening door de school toegeleid naar Job&Co. Tijdens een intakegesprek gaan we samen met de jongere na welk soort brugproject bij zijn interesses en vaardigheden past”, gaat Wim verder. “We sluiten een overeenkomst af met de jongere en treden op als zijn of haar werkgever. We staan in voor een opleidingsvergoeding, aangepaste werkkledij, verzekeringen en andere wettelijke verplichtingen.”

“Wij zijn de werkgever én de vertrouwenspersoon van de jongere”

“We zoeken een externe werkvloer waar de vaardigheden die op school worden aangeleerd in de praktijk omgezet kunnen worden. Potentiële werkgevers worden dan ook sterk gescreend op het onthaal en de begeleiding die ze de jongere kunnen bieden.” “Als organisator van het brugproject staan we ook in voor de opvolging van het traject. Dat doen we door werkplekbezoeken en vaste overlegmomenten met de trajectbegeleider van het Centrum voor Deeltijds Onderwijs (CDO), de verantwoordelijke van de externe werkvloer en de jongere zelf. Daarnaast zijn onze begeleiders steeds aanspreekbaar en zijn ze een vertrouwenspersoon voor de jongere.”

“Vorig schooljaar beslisten alle Gentse actoren om samen één model te ontwikkelen. In een eerste fase hebben we het evaluatiebeleid van alle partners onder de loep genomen. Op basis daarvan legden we een gemeenschappelijk jargon vast. Dat resulteerde in een tabel die 7 competenties in kaart brengt en toelaat deze doorheen het traject op dezelfde manier te evalueren. Het gaat vooral om arbeidsattitudes en sociale vaardigheden. De technische competenties worden via een aparte checklist opgevolgd, want die variëren per opleiding.” “Het ontwikkelen van één model was aanvankelijk niet evident omdat iedere organisatie trots was op de eigen manier van werken. Dat weegt echter niet op tegen het feit dat het voor de jongere nu eenvoudiger is om zijn of haar traject mee op te volgen en dat alle partners dezelfde criteria hanteren.”


35

Leren combineren met werken Jongeren in een brugproject gaan twee dagen in de week naar school. Dat doen ze bij een Centrum voor Deeltijds Onderwijs (CDO). CDO De Rotonde heeft drie vestigingen in de regio Gent. Jongeren kunnen er opleidingen volgen in verschillende richtingen zoals distributie, grafische nijverheid, handel en administratie, bouw, metaal, onderhoud, horeca, land- en tuinbouw of transport. “De jongere in een brugproject volgt twee dagen per week les in het CDO: één dag Algemene Vorming (AV) en één dag Beroepsgerichte Vorming (BGV)”, vertelt Wouter Boute, directeur van het Hoger Technisch Instituut Sint-Antonius en tot vorig schooljaar coördinator bij CDO De Rotonde.

“Het grootste voordeel van de samenwerking is dat we nu ook een visie delen waarin de jongere mede-eigenaar is van zijn of haar traject”

“In de lessen AV ligt de focus op thema’s die de jongere wegwijs maken in de maatschappij en tewerkstelling. Er wordt gewerkt rond basisvaardigheden zoals taal en rekenen. Naast kennis en vaardigheden staat het verwerven van sociale vaardigheden en attitudes centraal. Tijdens de lessen BGV leert de jongere de vaardigheden en attitudes die nodig zijn binnen een bepaald beroep en de werkvloer waar het brugproject plaatsvindt. Het succesvol beëindigen van een opleiding resulteert in een (deel)certificaat BGV en een getuigschrift van de 2de graad, een studiegetuigschrift van de 3de graad of een diploma secundair onderwijs.” Trajecten op maat “Zodra een jongere zich inschrijft in onze school starten we met een screeningsproces. Dat bestaat uit een vaste vragenlijst, een gesprek met de jongere en een groepsactiviteit waarbij onze trajectbegeleiders de jongeren observeren. De bedoeling is om het meest geschikte traject te kunnen bepalen: een persoonlijk ontwikkelingstraject, een voortraject, een brugproject of een deeltijdse

tewerkstelling. Daarna maken we afspraken met de jongere en de organisator van het traject. Eens het brugproject eindigt, beslist de trajectbegeleider van het CDO of de jongere kan doorstromen naar reguliere tewerkstelling. We helpen hen ook in hun zoektocht naar werk en geven onder andere sollicitatietips. Daarvoor werken we ook samen met de VDAB en Kopa.” Wouter stelt de laatste jaren een stijging vast van het aantal leerlingen. “Meer jongeren vinden de weg naar deeltijds onderwijs. Daarnaast zien we ook de groep jongeren uit het Onthaalonderwijs voor Anderstalige Nieuwkomers (OKAN) toenemen. Het gaat dan vaak om asielzoekers of Roma die het Nederlands onvoldoende beheersen om traditioneel onderwijs te kunnen volgen. Voor hen voorziet Job&Co ook taalcoaching en samen met ons - waar mogelijk - ondersteuning in hun verblijfssituatie.” Toekomst Bij CDO De Rotonde is men zeer tevreden over de samenwerking met Job&Co. “Het is in het belang van de jongere dat de componenten leren en werken goed op elkaar aansluiten. Dat vraagt de nodige afstemming en vertrouwen in elkaar”, besluit Wouter. “Het model dat we sinds dit schooljaar gebruiken om de competenties te meten, is slechts de eerste stap. Maar we zouden met alle betrokkenen in de regio ook nog kunnen werken rond communicatie, methodieken voor trajectbegeleiding, ... Het grootste voordeel van de samenwerking is dat we naast een instrument nu ook een visie delen waarin de jongere mede-eigenaar is van zijn of haar traject.”

Voor meer informatie: www.jobenco.be www.derotondegent.be


36


37

Ve l o v z w - O C M W L e u v e n Werkperspectieven voor OCMW-cliĂŤnten

Aan het woord: Jos Vandikkelen - Directeur Velo Annelies De Wyngaert - Trajectbegeleider Velo Ingrid Mineur - Trajectbegeleider OCMW Leuven Nancy Van Nerum - CoĂśrdinator tewerkstelling OCMW Leuven


38

Fietsherstelling bij vzw Velo Sinds 1995 organiseert de Leuvense vzw Velo opleiding en werkervaring in fietstechniek voor werkzoekenden die moeilijk werk vinden. De klanten van Velo bestaan vooral uit studenten en bedrijven. Zij kunnen bij Velo terecht voor de huur en herstelling van hun tweewieler. Vanaf de opstart van Velo was er een sterke band tussen de organisatie en het OCMW van Leuven. Personen in een art.60-statuut - een tewerkstellingsmaatregel van het OCMW voor cliënten met een leefloon - kunnen bij Velo terecht om werkervaring op te doen. De samenwerking is doorheen de jaren systematisch uitgebreid. Gezamenlijk doel Jaarlijks worden gemiddeld 20 werknemers tewerkgesteld bij Velo. Momenteel loopt een federaal ESF-project waarbij een groep van 10 art.60-werknemers gezamenlijk startte. “Het OCMW heeft de expertise en de mogelijkheid om mensen te vinden die willen werken in onze sector”, vertelt Jos Vandikkelen, directeur van Velo. “Daarvoor hebben wij niet de middelen of de kennis. We hebben elkaar nodig om onze doelen te bereiken. Zij zoeken een zinvolle arbeidsplaats voor hun cliënten en wij zoeken gemotiveerde werknemers voor onze werkplaats.”

“We hebben elkaar nodig om onze doelen te bereiken”

Er wordt vaak overleg gepleegd tussen de begeleiders. Annelies De Wyngaert begeleidt de werknemers bij Velo en heeft een nauw contact met de trajectbegeleider en de personeelsdienst van het OCMW. “Door de goede samenwerking kunnen we kort op de bal spelen. Als een nieuwe werknemer merkt dat hij toch niet in de wieg gelegd is voor een job in deze sector, wordt samen met het OCMW gezocht naar een andere werkplaats.” De flexibiliteit die binnen deze vorm van tewerkstelling mogelijk is, zorgt dat er op maat van de werknemer kan worden gewerkt. Bij Velo schuiven werknemers afhankelijk

van hun capaciteiten door naar een andere functie. Zo komen sommigen in contact met klanten, terwijl anderen zich specialiseren in magazijnwerk.

“Door met een open vizier op anderen af te stappen, bereik je veel meer”

Openstaan voor verandering Respect en een open communicatie vormen de belangrijkste elementen binnen de samenwerking. “Organisaties moeten durven verder te kijken dan het eigen kringetje. Door met een open vizier op anderen af te stappen, bereik je veel meer”, benadrukt Jos. “Organisaties die zich niet openstellen voor verandering en aanpassing aan een andere managementstructuur, rijden zichzelf vast.” De samenwerking tussen het OCMW en Velo was niet altijd vanzelfsprekend. Soms liep de communicatie mank of zorgde het cultuurverschil tussen de organisaties voor een netelige situatie. Dit prikkelde beide organisaties echter tot bijsturing en verbetering. “Dossieropbouw en de opmaak van functieprofielen zijn bijvoorbeeld aspecten waar een OCMW veel meer belang aan hecht. Hierin is Velo sterk gegroeid, wat de professionaliteit van de dienstverlening enkel ten goede komt.” Toekomst De samenwerking tussen beide organisaties, biedt ook een vruchtbare grond voor nieuwe projecten. Zo starten beide partners binnenkort waarschijnlijk met een project rond de herstelling van kinderfietsen uit de gezinnen van OCMW-cliënten. Deze gezinnen hebben vaak niet de middelen om een nieuwe fiets te kopen, wat hun integratie op school in de weg staat. Tijdens overlegmomenten komen zulke ideeën naar boven en ontstaan andere manieren van samenwerking. Iedereen is dan ook overtuigd dat de samenwerking nog lang standhoudt. Jos bevestigt: “Binnen vijf jaar zal de samenwerking er vast en zeker anders uitzien, maar ze zal nog altijd bestaan.”


39

Tewerkstelling via art.60-statuut OCMW Leuven is een grote organisatie met een aparte cel tewerkstelling. De maatschappelijk werkers binnen deze cel begeleiden de cliënten naar opleiding of werk. Indien iemand er niet in slaagt om op de reguliere arbeidsmarkt aan het werk te geraken, kan het OCMW beroep doen op een sociale tewerkstelling via het art.60-statuut. Het OCMW treedt dan zelf op als werkgever en kan de werkzoekende tewerkstellen op de eigen werkvloer of bij een externe partner. In Leuven beschikt het OCMW over een uitgebreid aanbod aan werkvloeren. “We hebben echt de luxe om in onze regio met zoveel verschillende partners te kunnen samenwerken”, vertelt Nancy Van Nerum, coördinator van de trajectbegeleiders binnen het OCMW. “Art.60-werknemers kunnen in het Leuvense zowel terecht in een verzorgende job, poetswerk, horeca, verkoop, de bouwsector, … Hierdoor kunnen we hen een tewerkstelling aanbieden die aansluit bij hun interesses. De werkplek van Velo vult ons aanbod perfect aan.” Doordachte partnerkeuze De keuze van partners voor de art.60-tewerkstelling gebeurt zeer doordacht. “De organisaties moeten een gezonde financiële situatie hebben en dus niet uitsluitend afhankelijk zijn van de financiering vanuit het OCMW. Er wordt verwacht dat elke partner zijn rol professioneel invult. Kwaliteit van de begeleiding en de tewerkstelling staat voorop.” De visie van het OCMW op de art.60tewerkstelling sluit hierbij aan: “Liever vijf mensen degelijk begeleiden dan 20 cliënten die na hun tewerkstelling terug naar af moeten.”

“Door samen te werken kunnen we art.60-werknemer een werkplek aanbieden aansluit bij zijn capaciteiten”

de die

aan bij Velo voor een art.60tewerkstelling. Zo werkt het uiteraard niet. Maar de mond-tot-mondreclame doet zijn werk en Velo blijft een zeer populaire werkplaats”, zegt Ingrid Mineur, trajectbegeleider bij het OCMW. De begeleiding op de werkvloer gebeurt door Velo, terwijl het OCMW instaat voor de administratieve opvolging. “Sinds kort is er binnen onze personeelsdienst één werknemer die zich volledig bezighoudt met de administratie rond art.60. Vroeger was dit verspreid over verschillende medewerkers. Deze aanpak moet een vlot contact met de partners verbeteren”, onderstreept Nancy.

“Bij Velo eindigt niemand zoals hij begonnen is. Mensen krijgen de ruimte om te groeien”

Unieke partner OCMW Leuven ervaart meerdere voordelen aan de samenwerking met Velo. “Het is een unieke werking waar werkzoekenden technische vaardigheden kunnen leren over de herstelling van fietsen en zich kunnen oefenen in het contact met klanten”, vertelt Ingrid. “Het aanbod is zeer aanvullend tegenover de andere werkplaatsen. Het klantencontact zorgt er ook voor dat anderstaligen sterker gemotiveerd worden om Nederlands te leren waardoor hun taalniveau zienderogen stijgt.” “Maar de grote sterkte is toch het werken op maat”, benadrukt Nancy. “Niemand eindigt hier zoals hij begonnen is. Velo kijkt naar de capaciteiten en interesses van de werknemer en past de jobinhoud aan. Mensen krijgen hier de ruimte om te proberen en te groeien.”

Begeleiding op de werkvloer De cliënt kan bij Velo terechtkomen na bemiddeling binnen het OCMW. Eerst gaat het OCMW na of het niveau van het Nederlands voldoende is om te kunnen werken en krijgen de kandidaten een collectieve infosessie over een mogelijke tewerkstelling. Vervolgens worden de dossiers individueel bekeken en stippelt de begeleider een traject uit. “Vaak melden kandidaten zich rechtstreeks

Voor meer informatie: www.velo.be www.ocmw-leuven.be


40


41

Alternatief vzw – Stad en OCMW Genk Maaltijdbedeling en klusjesdienst met een lokaal karakter

Aan het woord: Danny Martens – Algemeen coördinator Alternatief vzw Ward Tomsin – Coördinator Seniorenbeleid en Thuiszorg OCMW Genk Winy Froyen – Stafmedewerker Tewerkstelling Stad Genk


42

Alternatief vzw - 25 jaar ‘Werken met mensen, voor mensen’ Vzw Alternatief ontstond in 1985 vanuit een bezorgdheid over de kansen van kwetsbare groepen in de samenleving en op de arbeidsmarkt. Vandaag bieden ze opleiding en werkervaring aan en coachen zij werkzoekenden, werknemers en werkgevers met duurzame tewerkstelling als doel. Vzw Alternatief staat eveneens in voor de opleiding en werkervaring van OCMW-cliënten, tewerkgesteld met het statuut artikel 60. Danny Martens, algemeen coördinator van vzw Alternatief schetst het ontstaan van de organisatie: “Het eerste project van vzw Alternatief was een klusjesdienst aan huis. Het doel van dit project was om betaalbare technische hulp te bieden aan kansarmen. Tijdens de strenge winter in 1985 startte de eerste klussendienst door bij hulpbehoevenden en senioren sneeuw te ruimen en boodschappen rond te dragen in Genk en Hasselt. Het takenpakket van deze klusjesdienst is doorheen de jaren verder ontwikkeld en uitgebreid tot woonzorgteams, vanuit het idee dat iedere senior recht heeft op een klusjesman. Daarnaast is uit de klusjesdienst een technische dienst ontstaan die zich vooral focust op groenwerkzaamheden en het onderhoud van speeltuinen.”

in een lokale diensteneconomie-project, waarvoor beide partners onderling een afsprakenkader overeenkwamen. Door de toenemende vraag naar warme maaltijden en de wil om een kwalitatieve begeleiding te kunnen blijven garanderen, is er momenteel een derde partner actief binnen deze samenwerking. “Het OCMW Genk werkte reeds samen met Sodexo en heeft hen betrokken in onze samenwerking”, vertelt Danny. “Sodexo bereidt nu 150 maaltijden in de keuken van het woonzorgcentrum. Onze werknemers van het lokale diensteneconomie-project verdelen die maaltijden naar de lokale dienstencentra. Alternatief bereidt daarnaast zelf nog eens 150 extra maaltijden die we serveren in ons eigen sociaal restaurant.”

“Het samenbrengen van expertise versterkt de dienstverlening”

Klusjesdienst De toename van opdrachten voor de klusjesdienst gaf aanleiding tot een reorganisatie en de nodige financiële middelen. Centraal in deze uitdaging stond het zoeken naar een evenwicht tussen het voorzien van de nodige begeleiding van de doelgroepwerknemers en de leefbaarheid van het project. Het antwoord op deze uitdaging kwam er door een schaalvergroting van de opleidingsinspanningen voor medewerkers van de klusjesdienst en een verruiming van de doelgroep met jongeren. Dit gebeurde met de goedkeuring van de stad en het OCMW Genk.

“Het politieke draagvlak bij de stad en het OCMW betekende een meerwaarde”

Maaltijdbedeling De bereide maaltijden in de keuken van vzw Alternatief werden aanvankelijk bedeeld naar de dienstencentra van het OCMW. Later werd deze samenwerking verankerd

Duurzame samenwerking met lokale besturen Het samenbrengen van de expertise van de partners is een grote meerwaarde geweest voor een versterkte dienstverlening. “Onze eigen dienstverlening is kwalitatiever geworden door de inbreng van beide partners. Soms is samenwerken met externe partners nodig om zaken beter aan te pakken”, stelt Danny. “De samenwerking met de stad en het OCMW Genk is succesvol door het baanbrekend werk van deze lokale besturen. Continu overleg met elkaar maakt dat je tijdig kan reageren op beleidsevoluties en opportuniteiten. Je houdt elkaar alert voor veranderingen in de omgeving”, besluit Danny.


43

Lokale besturen met zin voor samenwerking Werkgelegenheid vormt al jaren een prioriteit voor het stadsbestuur en het OCMW van Genk. Elk vanuit hun eigen visie op tewerkstelling trachten ze er voor te zorgen dat zoveel mogelijk mensen werk hebben. Daarvoor doen ze ook beroep op externe partners. Het OCMW Genk zet al van bij het begin sterk in op seniorenzorg, in de brede zin van het woord. Zo bouwde het OCMW lokale dienstencentra uit, waar senioren voor verschillende diensten terecht kunnen. De aangeboden dienstverlening gebeurt al dan niet in samenwerking met andere partners. De stad Genk maakt voor de inwerking van nieuwe werknemers gebruik van het aanbod job- en taalcoaching op de werkvloer van vzw Alternatief.

“Visie op tewerkstelling samenwerking”

is

bepalend

voor

de

Uitbouw lokale dienstencentra Vanuit hun focus op seniorenzorg startte het OCMW met maaltijdbedeling. Daarnaast richtte het OCMW dienstencentra op waar ’s middags een warme maaltijd wordt aangeboden. Dit project leverde een win-win op voor het OCMW en vzw Alternatief. Het OCMW staat mee in voor de instroom van cursisten in de keukenopleiding binnen het sociaal restaurant van Alternatief en voorziet in een deel van de financiering. Vzw Alternatief bedeelt de warme maaltijden naar de OCMW-dienstencentra.

om de expertise en de ervaring van vzw Alternatief op het vlak van opleiding, werkervaring en coaching binnen te halen. “Deze expertise is dan ook een grote meerwaarde geweest voor de samenwerking”, vertelt Winy Froyen, stafmedewerker Tewerkstelling Stad Genk.

“Open communicatie en overleg zijn cruciaal”

“Een groot voordeel aan samenwerken met een vzw als Alternatief is dat ze door hun organisatievorm meer flexibel kan werken dan een lokaal bestuur, dat vaak gebonden is aan striktere regelgeving. Zo kan een vzw veel sneller inspelen op veranderingen in de omgeving en opportuniteiten die zich voordoen.” Cruciale factoren Om samenwerking met externe partners te stimuleren, is het belangrijk dat er een cultuur heerst van open communicatie en overleg. “Het is niet noodzakelijk om al een concreet project voor ogen te hebben bij het in overleg treden met mogelijke partners. In contact gaan met elkaar en elkaars expertise erkennen, is bevorderlijk voor nieuwe samenwerkingen.”

Voor meer informatie:

Bewust kiezen voor samenwerking

www.alternatiefvzw.be

“Hoe je als stad en OCMW kijkt naar het realiseren van tewerkstelling is bepalend voor de keuze om samen te werken of taken uit te besteden. Zo is het bijvoorbeeld nooit de keuze geweest van het OCMW om een klusjesteam op te richten in eigen beheer, terwijl andere lokale besturen daar vaak voor kiezen”, vertelt Ward Tomsin, coördinator Seniorenbeleid en Thuiszorg OCMW Genk.

www.ocmwgenk.be

Voor beide lokale besturen was het een evidente keuze

www.genk.be


44


45

S t e u n p u n t Te w e r k s t e l l i n g v z w – Te v e a n Stages als opstap naar een job als hulp-elektricien

Aan het woord: Mark DaniĂŤls - Arbeidsbemiddelaar Steunpunt Tewerkstelling Wim Vande Vyver - Personeelsverantwoordelijke Tevean


46

Steunpunt Tewerkstelling vzw - stages voor jongeren Steunpunt Tewerkstelling (STW) organiseert in Antwerpen opleiding, begeleiding en coaching in de domeinen elektriciteit en metaalbewerking. De organisatie richt zich op jongeren uit maatschappelijk kwetsbare situaties. Om deze jongeren een zinvolle stage aan te bieden en de kans op een job te verhogen, bouwde het Steunpunt een uitgebreid werkgeversnetwerk uit. Sommige contacten lopen al een lange tijd en leveren goede resultaten op. Het partnerschap met Tevean, als werkgever actief in de sector elektriciteit, is daar een goed voorbeeld van. Eenmaal, andermaal, … De allereerste samenwerking tussen STW en Tevean begon nochtans met een valse start. In 2000 nam STW contact met Tevean bij het zoeken naar een stageplaats voor een groep van 10 cursisten uit een project dat STW had overgenomen van VDAB. De samenwerking ging door, maar het project liep minder goed af dan verhoopt. De samenwerking werd stopgezet door motivatie- en attitudeproblemen van de deelnemers.

“Het is een verhaal van vallen, opstaan en opnieuw bijschaven van de samenwerking”

Na enkele jaren nam Mark Daniëls, arbeidsbemiddelaar bij STW, in 2004 opnieuw contact met de zaakvoerder van Tevean. Nadat hij deze kon overtuigen van de nieuwe aanpak van STW, mochten twee cursisten stage komen lopen bij het bedrijf. “Sindsdien is het een verhaal van vallen, opstaan en bijschaven van de samenwerking”, vertelt Mark, “maar intussen liepen al meer dan 50 cursisten stage in het bedrijf.” Eerste kennismaking met de werf STW zorgt voor een zorgvuldige match tussen cursisten in de opleiding en de bedrijven waarmee ze samenwerken. Wie in aanmerking komt om bij Tevean aan de slag

te gaan, volgt er een stage van één maand, die kan uitmonden in een Individuele Beroepsopleiding (IBO). Tevean is na de IBO verplicht om de werknemer aan te werven met een contract van onbepaalde duur. De opleiding op de werkvloer van Tevean duurt momenteel 5 tot 6 maanden. De stageperiode is een goede manier om kennis te maken met een bedrijfsvloer en een realistisch zicht te krijgen op een tewerkstelling. “Leren functioneren en zich aanpassen aan de regels op een werkvloer is een belangrijk aandachtspunt”, vertelt Mark. “Verwittigen wanneer je ziek bent bijvoorbeeld, gebeurt nog al te vaak via sms, terwijl het zo belangrijk is dat je op een correcte manier met je werkgever communiceert.” Ook de sfeer en de mentaliteit op de bouwwerf en de wisselende weersomstandigheden zijn aspecten van de job waarmee de cursisten tijdens de stage vaak voor de eerste keer in aanraking komen.

“Via de samenwerking blijven onze opleidingen up-to-date”

Wederzijdse afstemming De cursisten leren de werkvloer kennen en ook omgekeerd vindt uitwisseling plaats. “Door de samenwerking met Tevean blijft ons opleidingsaanbod up-to-date. Zo horen we snel van de ploegbazen welke vaardigheden meer aan bod moeten komen en wat we uit het leerplan moeten schrappen.” Sinds de opstart van de samenwerking is er voortdurend gezocht naar verbetering. “We hebben geleerd om de cursisten stage te laten lopen in kleine groepjes en hebben ook oog voor de samenstelling van de groepen. Zo gebeurde het in het verleden wel dat één van de stagiairs een slechte reputatie had, wat afstraalde op de anderen.” Een goede groepssamenstelling, afstemming met de ploegbazen, … Tevean en STW kiezen resoluut voor een zorgvuldig geplande en kwaliteitsvolle stage, waardoor de slaagkansen van de cursisten heel wat hoger liggen.


47

Gespecialiseerd in elektrische installaties Van het AZ Middelheim tot de Fnac in Leuven, de elektriciteit werd er telkens geplaatst door Tevean. Dit bedrijf uit Zelzate specialiseert zich in elektrische installaties, branddetectie-systemen, beveiliging, … en werkt vooral voor opdrachtgevers uit de overheidssector. Verschillende werknemers zijn voormalige cursisten van Steunpunt Tewerkstelling (STW).

“Dankzij STW komen we in contact met gemotiveerde hulp-elektriciens”

“We zijn steeds op zoek naar geschikte werkkrachten”, vertelt Wim Vande Vyver, personeelsverantwoordelijke van Tevean. “De eerste contacten met STW kwamen er omdat we een oplossing zochten voor een nijpend probleem. Wij hadden op dat moment een personeelstekort binnen het bedrijf. Op advertenties in de regionale pers wordt niet altijd door de juiste kandidaten gereageerd. De samenwerking met STW is daarom een uitgelezen manier om in contact te komen met gemotiveerde hulp-elektriciens. De mensen die hier toekomen zijn nog geen volwaardige elektriciens, maar zijn wel gemotiveerd en hebben een zeer goede basis. Sommige stagiairs of werknemers volgen na de uren nog een opleiding tot elektricien.” Realistische voorbereiding op de werkvloer De opleiding van STW wil de cursisten zo goed mogelijk voorbereiden op een reguliere tewerkstelling. “We vinden het een voordeel dat STW de cursisten al in contact brengt met de cultuur van de werkvloer”, zegt Wim. De cursisten leren werken met een prikklok, moeten verlof tijdig aanvragen, op een correcte manier verwittigen bij afwezigheid,… “Heel wat stagiairs komen vanuit een totaal andere achtergrond werken in ons bedrijf. STW maakt deze mensen wegwijs en zorgt dat ze goed voorbereid een stage aanvatten.”

van dichtbij hebben meegemaakt. We weten wat hun vaardigheden en struikelblokken zijn en houden er - in de mate van het mogelijke – rekening mee.”

“We hebben soms een andere visie, maar dat staat onze samenwerking niet in de weg”

Eerlijk communiceren De samenwerking vormt een relatief eenvoudige manier om in contact te komen met geschikt personeel, maar vereist ook inzet van het bedrijf. “Het vraagt een inspanning om te investeren in het potentieel van mensen. We moeten ploegbazen overtuigen om mensen stage te laten lopen, opvolgen, bemiddelen bij conflicten,…” Gelukkig kan Tevean rekenen op een goede communicatie met Steunpunt Tewerkstelling. “We hebben een eerlijke relatie en we zijn open naar elkaar toe”, beaamt Mark. “We hebben wel niet altijd dezelfde visie, maar dit staat de samenwerking niet in de weg.” Zo staat bij Tevean de economische activiteit nog steeds centraal. “De stages moeten dus voor ons voordelig zijn. Als we geen mensen nodig hebben, zullen er geen IBO’s starten”, licht Wim toe. “Momenteel kunnen drie van de vier stagiairs starten in een IBO.” Vanuit die basis bekijken beide partners ook altijd de samenwerking. “We scheppen geen valse verwachtingen en zeggen waar het op staat”, bevestigt Mark. “Een essentieel ingrediënt van een duurzame samenwerking.”

Vast contract Ondertussen liepen meer dan 50 personen stage, waarvan 42 stagiairs konden overgaan tot een IBO. “Momenteel zijn er nog 10 ex-cursisten van STW bij ons vast aan de slag”, vertelt Wim. “Soms verlaten competente werknemers ons bedrijf, maar komen ze later terug aankloppen. Het voordeel van de stage en de IBO is dat we hun evolutie

Voor meer informatie: www.steunpunttewerkstelling.be www.tevean.com


48


49

K o p a v z w - C V O Te c h n i s c h e S c h o l e n Mechelen en Huis van het Nederlands Ta a l o n d e r s t e u n i n g i n v o l w a s s e n e n o n d e r w i j s

Aan het woord: Arlette Beunen - Coรถrdinator Kopa Mechelen Sabine Volckeryck - Taalcoach Kopa Mechelen Fonny Van Oerle - Directeur CVO TSM Mechelen Bieke Baetens - Docent CVO TSM Mechelen Inge Smets - Huis van het Nederlands Provincie Antwerpen


50

Taalcoaching bij Kopa In heel Vlaanderen zet vzw Kopa zich in voor de opleiding en begeleiding van werkzoekenden en werknemers. Een ruime waaier aan opleidingen en coaching moet werkzoekenden opnieuw perspectief bieden en ervoor zorgen dat werknemers in een nieuwe job sterker in hun schoenen staan. In 2008 kreeg de regionale afdeling van Kopa het signaal van het Centrum voor Volwassenenonderwijs Technische Scholen Mechelen (CVO TSM) dat er nood was aan ondersteuning voor anderstalige volwassenen in enkele opleidingen. “De docenten en de directie stelden vast dat veel cursisten die voldoende capaciteiten hadden om te slagen, toch afhaakten door taalproblemen”, licht coördinator van Kopa Mechelen, Arlette Beunen, toe. “Vooral in de sociaal georiënteerde opleidingen zoals zorgkundige en begeleider in de kinderopvang, waar communicatie een belangrijke rol speelt.” Kopa ging na op welke manier middelen konden worden vrijgemaakt om de cursisten in deze opleidingen te ondersteunen. “We zochten in eerste instantie naar Europese middelen, maar zonder succes. In 2009 werd binnen de sector en met steun van SLN het instrument Taalcoaching op de opleidingsvloer ontwikkeld met een bijhorend subsidiekader. Toen konden we van start gaan met de samenwerking.”

“De werkgroep taalbeleid houdt de aandacht voor taal in de school levendig”

de opleiding zorgkundige, ongeveer één tiende van alle cursisten in de opleiding. De coaching gaat door bij Kopa en verloopt individueel. “We kunnen hierdoor echt op maat van de cursist werken. Er zijn grote verschillen tussen de cursisten, zowel qua taalniveau als achtergrond.”

“Ik ben hier meer dan een partner. Ik word echt opgenomen in het schoolteam”

De coaching richt zich ook op leren leren en zelfvertrouwen. “Het draait om zoveel meer dan taal”, getuigt Sabine. “Voor de voorbereiding van een spreekbeurt bijvoorbeeld werken we zowel aan inhoud en woordenschat als het overwinnen van de spreekangst.” De vragen van de cursisten zijn uiteenlopend, maar Sabine neemt telkens de tijd om de cursist zo goed mogelijk te helpen: ondersteuning bij het invullen van stageformulieren, opdrachten herformuleren, cursussen doornemen, … “De inzet, het enthousiasme en de dankbaarheid van de cursisten, daar doen we het allemaal voor.” Deel van het schoolteam

Taalbeleidsplan Ook het Huis van het Nederlands werd betrokken bij de samenwerking. Zij stelden een taalbeleidsplan op voor de school. Dat bestaat uit een actieplan op verschillende niveaus: directie, cursist, docent en omgeving. Voor elk niveau zijn acties uitgewerkt. De afspraken worden opgevolgd binnen een werkgroep, waarin alle betrokkenen vertegenwoordigd zijn. De taalcoach van Kopa onderneemt acties op het niveau van de cursisten. “Vanaf de intake van de nieuwe cursisten ben ik betrokken bij het schoolgebeuren”, vertelt Sabine Volckeryck, taalcoach bij Kopa. “Ik verbeter de taaltesten van de cursisten en merk zo wie taalcoaching nodig heeft. Daarna breng ik mijn advies uit bij de docenten en de directie. Het voordeel van deze werkwijze is dat de cursisten mij al kennen en de drempel om coaching te volgen heel wat lager ligt.” Momenteel begeleidt Sabine 13 cursisten uit

Tussentijds informeert Sabine de docenten rond de vooruitgang van de cursisten. Ze geeft ook feedback op de cursussen die de docenten doorgeven. “Het is een aangenaam gevoel dat ik hier echt deel uitmaak van het schoolteam. Ik word bij de start van de opleiding ook zo voorgesteld aan de cursisten. De docenten kennen mij en vragen ook in de wandelgangen hoe hun cursist het doet. Het typeert de warme manier waarop we samenwerken.”


51

Centrum voor Volwassenenonderwijs TSM Technische Scholen Mechelen (TSM) is een grote onderwijsgroep, die ook een Centrum voor Volwassenenonderwijs (CVO) omvat. Volwassenen kunnen er uiteenlopende cursussen en opleidingen volgen. Het CVO bestaat uit gemengde klassen van allochtone en autochtone cursisten. “Het besef dat heel wat cursisten extra ondersteuning nodig hebben voor taal, was er zeker”, steekt directeur van het CVO, Fonny Van Oerle, van wal. “We zijn dan ook blij dat we een manier gevonden hebben om met Kopa samen te werken.” Van taaltest naar taalondersteuning Alles begon bij de aanpassing van de intaketesten door het Huis van het Nederlands. Ze werden opnieuw geformuleerd en uitgebreid met een taaltest, waardoor leerkrachten meteen ook informatie krijgen over het taalniveau van een kandidaat-cursist. Laagtaalvaardige cursisten worden zo snel gedetecteerd en doorverwezen naar een aanbod taalondersteuning of naar een aanbod NT2. “Een belangrijke stap”, vertelt Bieke Baetens, docente bij TSM. “Vroeger hadden we het moeilijk om kandidaten te melden dat hun taalniveau te laag was voor de opleiding. Nu hebben we objectieve cijfers en staan we sterker in onze schoenen.”

“Cursisten vertellen ons dat het zonder de coaching van Kopa niet gelukt was”

De taalcoaching van Kopa wordt onder andere aangeboden aan de cursisten in de opleiding zorgkundige. “Het is een bewuste keuze om het aanbod taalcoaching aan te bieden bij de intake van de cursisten. Zo wordt de stap naar de ondersteuning minder groot”, vertelt Fonny. Elke cursist heeft zelf de keuze en de verantwoordelijkheid om deel te nemen aan de coaching. “We verplichten niemand. Soms kunnen cursisten toch niet deelnemen omdat de combinatie met andere activiteiten of het gezin te zwaar valt. Anderen beslissen om later te starten met de coaching, wanneer ze merken dat hun resultaten tegenvallen.”

De coaching van Kopa speelt rechtstreeks in op wat zich in de klas afspeelt. “Dat vind ik één van de grote voordelen”, zegt Bieke. “De leerlingen kunnen met hun vragen uiteraard bij ons terecht, maar weten dat ze na de les ook de taalcoach kunnen aanspreken. Je ziet dat dit heel wat stress wegneemt in de klas.” De docenten krijgen daarnaast gerichte ondersteuning van het Huis van het Nederlands rond het geven van feedback, woordenschat, taalgebruik, ... “We spelen ook in op signalen van Kopa, bijvoorbeeld rond moeilijk verstaanbaar cursusmateriaal”, zegt Inge Smets van het Huis van het Nederlands. “Samen met de docent wordt nagegaan waar de moeilijkheden zitten en op welke manier hij hiermee rekening kan houden.”

“We spelen in op de signalen die we van Kopa ontvangen”

Coaching met effect De resultaten van de ondersteuning blijven niet uit. Exacte cijfers over het taalniveau voor en na de coaching zijn er niet, maar de tevredenheid en vooruitgang van de cursisten spreken boekdelen. “Heel wat cursisten vertellen dat het zonder taalcoaching niet gelukt was”, zegt Bieke. “Het effect is er ook langs beide kanten: de docenten passen hun taalgebruik aan en het niveau van de cursisten wordt opgekrikt. Dit kan niet anders dan de slaagkansen vergroten”. “We zouden de coaching dan ook graag in andere opleidingen aanbieden”, vertelt Fonny, “maar dat is jammer genoeg niet mogelijk door de beperkte middelen. Hopelijk verandert dit nog.” De samenwerking wordt gekenmerkt door heel wat energie en motivatie. “Iedereen is gemotiveerd om er iets van te maken. Het klikt tussen ons en we boeken resultaat. Dit creëert een positieve spiraal waar uiteindelijk iedereen beter van wordt.”

Voor meer informatie: www.kopa.be www.tsmmechelen.be www.hvnprovant.be


52


53

Lokaal Netwerk Zuid-Oost-Vlaanderen – VDAB, RESOC en stad Ronse Samenwerking op maat van de regio

Aan het woord: Rony Holvoet – Directeur Grijkoort Bianca Vandenberghe – Coördinator Kopa Ronse Tine Van Vooren – Teamleider VDAB Ronse Eric De Lie – Expert arbeidsmarktregie VDAB


54

Een Maatwerkplan voor Ronse

Gedeelde betrokkenheid

In Ronse staan de hoge werkloosheid en de lage scholingsgraad in schril contrast met het bloeiende textielverleden. In de taalgrensgemeente wonen tal van anderstaligen met onvoldoende kennis van het Nederlands. Dat vormt een grote uitdaging. Dagelijks maken verschillende SLN-leden er werk van om meer mensen aan de slag te krijgen. Daarin staan zij niet alleen.

De partners vinden elkaar in de gedeelde betrokkenheid. “Als actieve promotoren hebben we een goed zicht op de noden en bekommernissen van onze doelgroep. Het is dan ook evident dat we deze expertise delen op andere fora”, aldus Bianca Vandenberghe, coördinator bij Kopa Ronse.

Zowel de lokale overheden, het RESOC, de VDAB en de SLN-leden werken samen aan de ontwikkeling van het Maatwerkplan voor Ronse. “Het Maatwerkplan ontstond vanuit de overtuiging dat we enkel met gebundelde krachten het tij kunnen keren”, vertelt Rony Holvoet, directeur bij vzw Grijkoort. “In 2011 besliste het sociaal-economisch overlegplatform Streekoverleg Zuid-Oost-Vlaanderen om een Maatwerkplan voor de stad Ronse naar voor te schuiven als speerpuntproject in het Jaarondernemingsplan van de VDAB.”

“Met het Maatwerkplan nemen we initiatieven op maat van de stad”

De basis voor dit Maatwerkplan bestond uit een ruime brainstormoefening over de pijnpunten, opportuniteiten en oplossingen voor werkgelegenheid in de stad. Dit werd opgebouwd vanuit verschillende invalshoeken zoals de matching tussen vraag en aanbod, de opleiding en begeleiding van werkzoekenden, de taalproblematiek en intrede op de arbeidsmarkt en het aanpakken van de randvoorwaarden. “Met een geïntegreerde aanpak op maat van de stad reikt het Maatwerkplan concrete oplossingen aan. In het plan staan de acties en aandachtspunten voor meer werkgelegenheid en meer werkzaamheid waarrond we zullen werken”, vertelt Rony. “Dan denken we aan het organiseren van maatgerichte opleidingen, intensieve bemiddeling naar werk, het opstarten van een intervisiegroep rond het aanleren van taal en nog veel meer. Het Maatwerkplan is momenteel in uitvoering en zal regelmatig geëvalueerd en bijgestuurd worden.”

“Participatie en netwerking zijn misschien evidente elementen, maar uiteindelijk monden ze uit in een goede samenwerking en dat is altijd in het belang van de doelgroep. Dat is en blijft de essentie”, besluit Bianca.

“In een goede verstandhouding zoeken we samen naar oplossingen”

De samenwerking tussen zoveel partners is opmerkelijk. De essentie van samenwerking is afstemming en dialoog volgens Rony. “Dat start bij vertrouwen en de erkenning van ieders gelijkwaardige rol en expertise. In het belang van de doelgroep moeten we allemaal aan hetzelfde zeel trekken.” Het vergt echter heel wat tijd en energie, maar het loont op termijn. “We communiceren open over wat goed loopt en brengen knelpunten aan. In een goede verstandhouding maken we problemen bespreekbaar en zoeken we samen naar oplossingen.” Regionaal ontmoetingsplatform Het RESOC en de VDAB nemen eveneens deel aan het Lokaal Netwerk Zuid-Oost-Vlaanderen. Dat zijn regionale ontmoetingsplatformen die SLN in heel Vlaanderen organiseert voor en door haar leden. Rony is voorzitter van het Lokaal Netwerk in Zuid-Oost-Vlaanderen. “Binnen dit forum willen we samenwerking en uitwisseling stimuleren. Daarom is het een meerwaarde dat ook RESOC en VDAB deelnemen.”


55

Deelname aan het Lokaal Netwerk Door haar deelname aan het Lokaal Netwerk Zuid-OostVlaanderen onderhoudt de VDAB haar communicatie met de partnerorganisaties. “Onze slogan is niet voor niets ‘Samen sterk voor werk’”, vertelt Eric De Lie, expert arbeidsmarktregie VDAB. “Door de krachten te bundelen, kunnen we beter inspelen op de doelstellingen.” “Door regelmatig overleg ontdekken we de aandachtspunten van de regio en de opportuniteiten om samen te werken. Zo komen we tot een betere afstemming van het aanbod.” Volgens Eric wordt dit goed samengevat in de ‘1+1=3 boodschap’ van gedelegeerd bestuurder van VDAB, Fons Leroy. “Een samenwerking tussen 2 partijen heeft meer effect dan elk apart te werk gaan.” “Ten slotte geeft deelname aan het Lokaal Netwerk ons de mogelijkheid om onze partners rechtstreeks te informeren over de doelstellingen en de plannen van de VDAB.”

“Door onze deelname aan het Lokaal Netwerk kunnen we onze partners rechtstreeks informeren”

Samen werken is elkaar versterken De sleutel van een goede samenwerking in Ronse ligt in de dagelijkse werking. De VDAB is als arbeidsmarktregisseur verantwoordelijk voor een efficiënt partnerschap en de toeleiding naar verschillende projecten van de SLN-leden zoals werkervaring, begeleiding of competentieversterkende acties. Tine Van Vooren, teamleider van VDAB Ronse, geeft aan dat de VDAB en de SLNleden elk vanuit de eigen expertise moeten vertrekken. “Samenwerken is elkaar versterken”, klinkt het. “Dat start bij de vaststelling dat de verschillende partners elkaar nodig hebben. Samenwerking is immers nooit een doel op zich. Alles draait rond het ondersteunen van werkzoekenden in hun zoektocht naar gepast werk en werkgevers in het vinden van en gemotiveerd houden van werknemers.”

Samenwerking is altijd gebaseerd op een goede dosis engagement en het vertrekt bij het respecteren van ieders eigenheid. Daarbij houdt Tine rekening met de specifieke situatie in Ronse. “De kracht ligt ook in ieders engagement om de situatie aan te pakken, op zoek te gaan naar gepaste oplossingen en elkaar goed te kennen”.

“Iedereen heeft zijn sterktes en expertise dus is het niet meer dan logisch dat we samenwerken”

De toekomst? Tine kijkt hoopvol naar de toekomst en ziet heel wat opportuniteiten. “We moeten blijvend investeren om bestaande en sterke samenwerkingen te bestendigen, maar alles kan natuurlijk beter. Er zijn nog tal van punten om de samenwerking te verbreden en te verdiepen. Er zijn nog altijd partners die misschien op het eerste zicht niet focussen op tewerkstelling, maar waar we nog heel wat van kunnen leren. Zij bereiken soms doelgroepen die voor ons onzichtbaar blijven.” Ook voor Eric zal de samenwerking steeds intenser, frequenter en meer divers worden. “Als VDAB hebben we al heel wat geleerd waardoor we in de toekomst nog beter kunnen samenwerken.”

Voor meer informatie: www.grijkoort.be www.kopa.be www.vdab.be


56


57

Jobcentrum vzw – VDAB Injectie²: tewerkstelling in de zorgsector voor personen met een arbeidshandicap

Aan het woord: Jean Van Eynde - Arbeidsbegeleider Jobcentrum Lindsey Vuylsteke - Klantenconsulent VDAB Social Profit


58

Jobcentrum vzw In West-Vlaanderen werkt Jobcentrum al 25 jaar aan de maatschappelijke en sociale integratie van werkzoekenden en werkenden met een arbeidshandicap. Via trajecten van opleiding, loopbaanbegeleiding en bemiddeling worden personen met verminderde kansen op de arbeidsmarkt begeleid naar werk in het Normaal Economisch Circuit. Met vestigingen in Gits, Kortrijk, Brugge en Oostende is Jobcentrum in de hele provincie actief.

De eerste opleiding startte in mei 2011 en vijf deelnemers die het attest behaalden, zijn sindsdien in een ziekenhuis in eigen streek tewerkgesteld. Aanpak op maat Voor Jobcentrum ligt de sleutel van dit succes in de aanpak op maat. Voor iedere deelnemer wordt een individueel traject uitgewerkt dat rekening houdt met zijn/ haar mogelijkheden.

Injectie² Ook rond tewerkstelling in de zorgsector organiseert Jobcentrum opleidingen. Jean Van Eynde, arbeidsbegeleider bij Jobcentrum situeert hoe het project Injectie² in 2011 tot stand kwam. “We stelden interesse vast bij personen met een arbeidshandicap voor de opleiding tot logistiek assistent in een ziekenhuis. Wij organiseerden deze opleiding enkele jaren geleden al in samenwerking met VDAB en met financiering vanuit het Fonds van de privé-ziekenhuizen. De vraag van de werkzoekenden was echter groter dan het aanbod dat vanuit de financiering van het sociaal fonds mogelijk was. Daarom gaf VDAB in 2011 een bijkomende impuls voor 10 doelgroepwerknemers in het kader van het Werk- en Investeringsplan. Door de positieve resultaten werd het project ondertussen met een jaar verlengd. In juni 2012 ging een nieuw traject met 10 deelnemers van start met financiering door VDAB. Zo kwam het project Injectie² tot stand.

“Door de knowhow en expertise van beide partners samen te brengen is Injectie² succesvol”

Met Injectie² komt Jobcentrum tegemoet aan de vraag naar een praktijkgerichte opleiding op de werkvloer. “De naam Injectie verwijst natuurlijk naar de ziekenhuisomgeving”, verduidelijkt Jean. “Met het kwadraatteken willen we aangeven dat we een persoonlijke injectie willen geven in de loopbaan van de werkzoekende. We helpen hem of haar op weg naar een job in een ziekenhuis. Daarnaast ‘injecteren’ we met dit project meer diversiteit op de werkvloer.” Dat dit aardig lukt, tonen de resultaten aan.

“We werken een individueel traject voor iedere deelnemer uit”

“Het begint met een gesprek met één van onze arbeidsbegeleiders. Tijdens deze kennismaking geven we informatie over de inhoud van de job en lichten we de opleiding toe aan de hand van een video. Daarbij gaan we na of de kandidaat geschikt én gemotiveerd is om de opleiding te volgen.” Bij een positieve feedback van zowel werkzoekende als arbeidsbegeleider, start de werkzoekende met een verkennende stage van 170 uur. Jobcentrum zoekt hiervoor een stageplaats in een ziekenhuis in de buurt van de woonplaats van de kandidaat. “Op dit ogenblik werken we samen met diverse ziekenhuizen in West-Vlaanderen: Sint-Lucas Brugge, AZ Damiaan Oostende en Jan Yperman Ieper. “Stageplaatsen vinden is geen probleem”, stelt Jean. “Door met vaste aanspreekfiguren te werken voor dit project, kennen de ziekenhuizen ons en dat vergemakkelijkt de contacten.”


59

Theorie en praktijk Na een positieve evaluatie van de stage kan worden gestart met de eigenlijke opleiding tot logistiek assistent in een ziekenhuis. Hiervoor werkt Jobcentrum nauw samen met VDAB West-Vlaanderen. “Het samenbrengen van de expertise van Jobcentrum rond het begeleiden van personen met een arbeidshandicap en de ervaring van VDAB met deze opleiding, maken van dit project een succes”, stelt Lindsey Vuylsteke van VDAB West-Vlaanderen. Lindsey is klantenconsulent van VDAB Social Profit, de afdeling binnen VDAB die zich richt op opleidingen in de bejaardenzorg, gezondheidszorg en kinderopvang. De opleiding tot logistiek assistent bestaat uit een theoretisch en praktisch gedeelte en duurt in totaal 500 uur. “Dit is wettelijk vastgelegd en hier kunnen we niet van afwijken”, vertelt Lindsey. “In het theoretisch gedeelte van de opleiding wordt aandacht besteed aan thema’s zoals voeding, hygiëne, EHBO en ziekteleer. Indien nodig wordt ook sollicitatietraining gegeven. In het praktisch gedeelte staat de cursist in het ziekenhuis verpleegkundigen en verzorgenden bij met ondersteunende taken.”

“De aanpak is anders maar de kennis om het attest te behalen moet dezelfde zijn”

De individuele aanpak staat centraal. “Zowel werkzoekenden met psychische als met fysische problemen volgen deze opleiding. Herintreders, mensen met rugletsels, personen die een depressie meemaakten, zijn in deze opleiding geïnteresseerd. Voorafgaande ervaring in de zorg is niet nodig maar er moet natuurlijk wel interesse zijn in de sector. We stellen ook een goede mix vast tussen jong en oud, mannen en vrouwen.” “We sleutelden wel aan de aanpak door ze af te stemmen op de mogelijkheden van personen met een arbeidshandicap”, verduidelijkt Lindsey. “Daarnaast kunnen cursisten deze opleiding zowel voltijds als deeltijds volgen.” Belangrijk is ook dat de opleiding georganiseerd wordt op de werkvloer in het ziekenhuis, met realistische evaluaties

door logistiek personeel. “Ook al is de aanpak anders, de kennis om het attest te behalen moet dezelfde zijn”, beklemtoont Lindsey. Tijdens de opleiding zijn drie formele evaluaties voorzien. Een positieve score is noodzakelijk om een attest te krijgen. “Deelnemers moeten bewijzen dat ze het attest waard zijn. Voldoende aanwezig of voldoende gemotiveerd zijn alleen volstaan niet.” Het attest is een garantie voor de werkgever. Het ziekenhuis kan erop vertrouwen dat de werkzoekende bekwaam is om de job uit te oefenen en onmiddellijk inzetbaar is.”

“Goede afspraken, permanent overleg en wederzijds vertrouwen zijn cruciaal”

Intensief samenwerken Door de individuele aanpak is er ook een permanent overleg nodig tussen Jobcentrum en VDAB. “Goede afspraken en wederzijds vertrouwen tussen beide partners zijn in dit project dan ook onontbeerlijk”, bevestigt Lindsey. “We bespreken de vooruitgang en resultaten van de deelnemers regelmatig. Indien er zich problemen voordoen, nemen we die samen door met de medewerkers van de ziekenhuizen. En er zijn natuurlijk ook de formele evaluaties waarrond we samen overleggen.” “Niet alleen Jobcentrum en VDAB zijn tevreden met de resultaten van dit project. Uit de evaluatie van de deelnemers blijkt dat ook zij de aanpak weten te smaken”, besluit Lindsey.

Voor meer informatie: www.jobcentrum.be www.vdab.be


60


61

Mentor vzw – Medway Council, Community Connections en Maison de l’Initiative Een Europees SUCCES verhaal

Aan het woord: Justien Jonckheere - Projectverantwoordelijke SUCCES Mentor Rachael Fulford - Projectverantwoordelijke Medway Council Laurence Olivier - Projectverantwoordelijke Maison de l’Initiative Trish Aydin - CEO Community Connections


62

Mentor vzw - de toekomst bewerken, ook in een internationale context Mentor vzw is sinds 2000 actief als centrum voor opleiding, begeleiding, oriëntering en advies van werkzoekenden en werknemers. Met Kortrijk als uitvalsbasis en een grensregio als werkingsgebied is internationale samenwerking hen niet vreemd. In het Europees s a m e n w e r k i n g s project SUCCES wordt samengewerkt met twee partners uit Groot-Brittannië - Medway Council en Community Connections - en één Franse partner: Maison de l’Initiative uit Frankrijk. SUCCES staat voor Sustainable Uplifting Client Centred Employment Support en kadert in het Interreg programma IVa 2 Zeeën. OCMW Kortrijk is de andere Vlaamse partner.

“De meerwaarde van grensoverschrijdende projecten weegt zeker op tegen de administratieve last”

Gemeenschappelijke doelstelling, lokale invulling Justien Jonckheere, projectverantwoordelijke bij Mentor vertelt enthousiast over het project. “Met SUCCES ontwikkelden we in 2010 een innovatief grensoverschrijdend programma dat de tewerkstellingskansen van werkloze EU-burgers wil verhogen.” Naast het internationale karakter beklemtoont Justien het belang van de actieve betrokkenheid van de lokale buurten. “De goede samenwerking met OCMW Kortrijk en verschillende lokale buurtverenigingen is cruciaal voor het succes.” Ondanks de internationale verschillen onderscheiden de projectpartners drie gemeenschappelijke drempels naar tewerkstelling: een gebrekkige mobiliteit, een laag zelfvertrouwen en onvoldoende scholing. Ook al zijn de problemen gelijkaardig, de initiatieven worden op maat van de regio uitgewerkt. “Dat is net het boeiende aan dit project. De mogelijkheid die je krijgt om initiatieven op lokaal niveau uit te werken en ondertussen van andere landen te leren. Onze Franse partner Maison de l’Initiative startte met een sociale rijschool om de mobiliteit te bevorderen. Een initiatief dat uniek is in de regio en goede resultaten oplevert.”

“Vrijwilligerswerk wordt als een belangrijke opstap naar werk beschouwd in Groot-Brittannië”

Wijsneuzen tonen de weg SUCCES loopt nog tot juni 2013 maar Justien Jonckheere is fier op de tussentijdse resultaten. Na twee jaar werking liggen concrete producten op tafel. De gids ‘10 stappen naar werk’ werd samen met de doelgroep ontwikkeld. De gids bestaat in het Nederlands, Frans en Engels. Ook al is de basis dezelfde, de handleiding bevat accentverschillen in de onderscheiden landen. ‘10 stappen naar werk’ is beschikbaar op de website van Mentor. “Daarnaast stelden we in de omgeving van Kortrijk de nood vast aan een basisopleiding PC en internet en aan een vooropleiding kinderopvang.” Specifiek voor de doelgroep werden beide opleidingen ondertussen al een paar keer met succes georganiseerd. Het meest vernieuwende initiatief vormen echter de ‘Wijsneuzen’ die in nauwe samenwerking met OCMW Kortrijk zijn ontstaan. Justien verduidelijkt: “We merken dat je maatschappelijk kwetsbare mensen niet gemakkelijk bereikt met brochures en folders. We zochten naar een alternatieve manier en zo zijn de Wijsneuzen ontstaan. Sleutelfiguren uit buurtcentra worden opgeleid tot Wijsneuzen die de weg tonen aan de doelgroep naar allerlei instanties in de regio.” De eerste lichting is gevormd en de opvolging is verzekerd. Na SUCCES zet A’kzie, vereniging waar armen het woord nemen, de Wijsneuzen verder.


63

Succes, succès, success Het project SUCCES kent verschillende internationale partners. Medway Council is de hoofdpartner van SUCCES en werkt samen met vijf andere partners uit Medway die vastbesloten zijn om de kans op tewerkstelling voor inwoners te vergroten. Samen bieden zij effectieve tewerkstellingsondersteuning om mensen toe te leiden naar werk. Community Connections biedt ondersteuning aan kansarme groepen uit de aandachtswijken van Norwich om hun levenskwaliteit te verbeteren. Maison de l’Initiative uit Grande-Synthe wil de sociale uitsluiting aanpakken via tewerkstelling en opleiding. Hoe hebben de buitenlandse partners dit project ervaren? Laurence Olivier, projectverantwoordelijke voor Maison de l’Initiative, beklemtoont de meerwaarde van het leren van de aanpak en ervaringen in België en Groot-Brittannië. Ook Trish Aydin, CEO van Community Connections, is enthousiast over de internationale samenwerking.

internationaal samen te werken. Het begint natuurlijk met het communiceren in een gemeenschappelijke taal. Afspraken over de voertaal moeten van bij de start worden gemaakt én consequent worden nageleefd.” Werken met een vaste projectverantwoordelijke bij elke partnerorganisatie vergemakkelijkt de samenwerking en is zeker aan te raden. Belangrijk is ook om de verschillende doelstellingen en rollen duidelijk te omschrijven en af te bakenen. Rachael bevestigt de nood aan voldoende persoonlijke ontmoetingen. “Vergaderingen zijn noodzakelijk om gemeenschappelijke beslissingen te kunnen nemen. Praktische zaken gaan gemakkelijker via mail en telefoon.”

“We zijn fier op de nominatie van SUCCES voor de RegioStars Awards”

Toekomst “Goede afspraken en een open geest zijn cruciaal voor de resultaten”

“Iedere partner heeft zijn eigen manier van werken, maar de gelijkenissen tussen België en Frankrijk zijn groter dan tussen Frankrijk en Groot-Brittannië”. In Groot-Brittannië valt bijvoorbeeld de pragmatische aanpak op. Vrijwilligerswerk is daar ook veel belangrijker, mede door de lagere subsidies die de organisaties ontvangen. Naast het samenwerken in SUCCES vindt Laurence “het leren kennen van de bestaande methodieken en producten van de verschillende partners ontzettend inspirerend”. Volgens Trish “stimuleren de kennismaking met de aanpak en ideeën uit het buitenland de innovatieve aanpak.” Goede afspraken bepalen resultaten Medway Council, de Engelse hoofdpartner in SUCCES, is heel actief in Europese projecten. De afgelopen 11 jaar waren ze betrokken in 95 projecten. Rachael Fulford, projectverantwoordelijke van Medway Council geeft enkele tips. “Naast een open geest zijn goede afspraken cruciaal om op een succesvolle manier

SUCCES eindigt in 2013, maar de partners weten nu al dat ze verder willen samenwerken. Of dat zal gebeuren zal mede afhangen van de nieuwe krijtlijnen van het Interregprogramma. Wat wel vaststaat, is de nominatie van het project door de Europese Commissie voor de RegioStars Award, als één van de meest innovatieve in Europa in de categorie ‘Inclusive growth’. De verschillende partners zien het als een bekroning van de resultaten.

Voor meer informatie: www.mentorvzw.be www.ocmwkortrijk.be www.maison-initiative.asso.fr www.medway.gov.uk www.communityconnections.org.uk


64


65

Leerwerkbedrijf Halle-Vilvoorde VDAB Matching van mens en werkervaringstraject

Aan het woord: Elie Maesfrancx – Leerwerkbedrijf (LWB) Halle-Vilvoorde Ethel Delbaere – Consulent VDAB Halle-Vilvoorde


66

Leerwerkbedrijf Halle-Vilvoorde Het Leerwerkbedrijf Halle-Vilvoorde (LWB) is een samenwerking tussen drie interne werkervaringspromotoren, namelijk Pluspunt, Groep INTRO en Mikst. De maatregel Werkervaring richt zich op langdurig werkzoekenden. Tijdens de werkervaringsmodule gaat die gedurende 12 maanden aan de slag bij een werkervaringspromotor die instaat voor de technische begeleiding en ondersteuning op de werkvloer. Er wordt gewerkt aan technische en algemene competenties, met het oog op een duurzame uitstroom naar reguliere tewerkstelling. Het belang van een goede toeleiding Wie ervan uitgaat dat goed begonnen half gewonnen is, kan hetzelfde zeggen over een kwaliteitsvolle toeleiding naar de werkervaringsprojecten. De ervaring leert dat de kans op uitstroom naar het Normaal Economisch Circuit (NEC) toeneemt bij een aangepaste en gerichte toeleiding. “De doelgroep binnen werkervaring is er de laatste jaren steeds moeilijker op geworden. In de regio kampt men met een sterke anderstaligheid. Dat betekent een bijkomende belangrijke drempel en een aandachtspunt voor de toekomst”, duidt Elie Maesfrancx van het LWB Halle-Vilvoorde. “Het is niet altijd evident om de juiste man of vrouw op de juiste plaats te krijgen en te bepalen met welk traject de werkzoekende het meest gebaat is. Van bij de aanvang moet er voldoende oog zijn voor belangrijke signalen. Daarom is een goede afstemming en samenwerking tussen de VDAB en de werkervaringspromotor een absolute must.” Een nieuwe rol Toen het nieuwe kader voor werkervaring in 2009 in werking trad, betekende dat voor alle partijen een aanpassing. “Het is dan ook normaal dat je moet afstemmen om je de nieuwe werkwijze eigen te maken, de neuzen in dezelfde richting te krijgen, de verwachtingen af te stemmen en het vertrouwen op te bouwen”, geeft Elie aan. “Die afstemming is vrij spontaan gegroeid. Samenwerking laat zich niet altijd vatten in procedures. Goede afspraken zijn noodzakelijk en die worden versterkt door het enthousiasme en de dynamiek om de doelgroep een gericht duwtje in de rug te geven.” Stelselmatig werd de samenwerking intenser en daar plukken de partners nu de vruchten van. Alle betrokkenen vervullen namelijk een cruciale rol in het realiseren van dezelfde doelstelling: mensen duurzaam aan het werk krijgen.

“De VDAB is de belangrijkste toeleider van kandidaatwerkzoekenden, maar als promotor trachten we ook ons steentje bij te dragen”, aldus Elie Maesfrancx. “Mondtot-mondreclame blijkt nog steeds zeer efficiënt. Deze mensen komen eerst bij ons terecht en wij sturen ze door naar de VDAB voor een attestering en screening. Dankzij een snelle opvolging komen zij op hun plaats terecht.”

“Na 4 jaar samenwerking is de afstand kleiner en zijn de communicatielijnen korter”

Aanspreekpunt en structureel overleg Doorheen de jaren werden de afstand tussen de partners kleiner en de communicatielijnen korter. Vaste aanspreekpunten maken dat de communicatie directer, sneller en efficiënter verloopt. “We organiseren een structureel overleg tussen de werkervaringsspecialisten van de VDAB en de inschakelingscoaches van het LWB. Daar staan de uitvoerende aspecten op de agenda zoals de toeleiding, de registraties in Mijn Loopbaan, concrete cases, … Er moet voldoende ruimte zijn om over de doelgroepwerknemers van gedachten te wisselen en de samenwerking te evalueren. Op basis daarvan kunnen we concrete leerpunten aanpakken en opvolgen.”


67

Rol en verantwoordelijkheid respecteren De VDAB heeft als regisseur op de arbeidsmarkt een belangrijke rol als toeleider in het werkervaringsverhaal. De VDAB zet dan ook sterk in om deze rol concreet in te vullen en de engagementen waar te maken. “Samenwerken is elkaars rol en verantwoordelijkheid respecteren”, aldus Ethel Delbaere, VDAB-consulente Tewerkstellingsmaatregelen. “Enkel door een goede samenwerking kunnen we grote stappen vooruitzetten. Een goede en vlotte samenwerking is een flexibele samenwerking. Wie zijn rol rigide invult, botst op de grenzen van de dynamiek”, geeft Ethel aan. Dit start met het kennen en respecteren van ieders rol. Het erkennen van de complementariteit is daarbij cruciaal. Ten slotte dient men bereid te zijn om daarnaar te handelen.

die aansluiten bij de noden van de reguliere arbeidsmarkt sneller kwaliteitsvol worden ingevuld. “Vergeten we echter de motivatie van de doelgroepwerknemer niet”, vervolgt Ethel. “Vacatures die nauw aansluiten bij hun interesse en verwachtingen raken snel ingevuld.” Ervaring is een streepje voor In Halle-Vilvoorde zet de VDAB in op een gerichte communicatie met de werkzoekende en minder op collectieve infosessies die niet steeds leiden tot het gewenste resultaat.

“Een goede samenwerking gaat steeds gepaard met flexibiliteit”

Screening “De VDAB is ook verantwoordelijk voor de attestering en de validering van de doelgroepwerknemers. We gaan na of de werkzoekende voldoet aan de formele doelgroep-criteria en beoordelen of werkervaring de meest relevante stap is in zijn traject naar duurzame tewerkstelling. Daarbij botsen we soms op het spanningsveld tussen het tijdig invullen van de plaatsen en een grondige screening. Iedere niet ingevulde plaats is immers een zware kost.” De VDAB weegt daarbij de kans op de uitstroom naar het NEC af. Sommige aspecten worden pas na maanden zichtbaar. Werkervaring draait dan ook over het creëren van kansen. Ethel geeft aan al dikwijls aangenaam verrast te zijn door een positieve evolutie. “Wie zich goed in zijn vel voelt, kan verrassen. De werkervaringspromotoren en de Leerwerkbedrijven moeten voldoende tijd en ruimte krijgen om op maat van de doelgroepwerknemer te werken naar de best mogelijke resultaten.” Matching tussen profielen en functies Tijdens de screening maakt men een matching van de profielen van de kandidaat-doelgroepwerknemers met de beschikbare functies bij de werkervaringspromotoren. Hoe gedetailleerder de vacatures zijn, hoe gerichter de VDAB de profielen kan koppelen. Men ervaart dat functies

“Het blijft belangrijk dat onze consulenten en werkervaringsspecialisten voldoende vertrouwd zijn met werkervaring als instrument en de verschillende promotoren en functies in de regio. Zo weet men waar de werkzoekenden terechtkomen en kan de juiste doelgroepwerknemer op de juiste werkvloer aan de slag.”

Voor meer informatie: www.vzwpluspunt.be www.groepintro.be www.mikst.be www.vdab.be


68


69

Werkvormm vzw – H o r e c a Vo r m i n g V l a a n d e r e n Werkzoekenden opleiden tot horecamedewerkers

Aan het woord: Chris Bryssinckx - Algemeen Coördinator Werkvormm Trui Masschelein - Coördinator Arbeidsmarkt Horeca Vorming Vlaanderen Els Devos - Sectorconsulent provincie Antwerpen Horeca Vorming Vlaanderen


70

Werkvormm vzw – kans op werk creëren Werkvormm werd in 2002 opgericht aan de rand van de Antwerpse haven en staat voor Vorming, Opleiding en Re-integratie op Maat van Mensen. Werkvormm biedt opleiding en werkervaring voor mensen met een grote afstand tot de arbeidsmarkt. Vanuit het Eilandje biedt Werkvormm trajecten aan in de hele stad Antwerpen. De focus ligt op de sectoren haven, maritiem erfgoed, metaal en horeca. Werkvormm organiseert o.a. een beroepsopleiding keukenmedewerker voor mensen met een (zeer) beperkte kennis van het Nederlands. Daarnaast staat Werkvormm in voor de cursistenbegeleiding en bemiddeling naar werk van de werkzoekenden die deelnemen aan de opleiding hulpkok van het Centrum voor Volwassenenonderwijs (CVO) Provincie Antwerpen. In beide projecten is de samenwerking met Horeca Vorming Vlaanderen belangrijk. Basis voor succes “In onze samenwerking met Horeca Vorming Vlaanderen worden duidelijke criteria en kwaliteitsvereisten voor de opleidingen bepaald”, stelt Chris Bryssinckx, algemeen coördinator van Werkvormm. “Door het samenbrengen van onze expertise met de doelgroep en de kennis van de sectornoden door Horeca Vorming Vlaanderen worden die gehaald.”

“Intake, taal en stage zijn essentiële elementen in een opleiding”

“Door de jarenlange samenwerking die sinds 2004 bestaat, hebben we zowel de doelgroep als de sector beter leren kennen en dat helpt”, verduidelijkt Chris. “Belangrijk hierbij is natuurlijk de afstemming van de opleidingen op de noden van de arbeidsmarkt. Aangezien de meeste beroepen in de horeca knelpuntberoepen zijn, is kwalitatieve doorstroom naar de sector heel belangrijk.” Chris ziet drie essentiële elementen voor een succesvolle opleiding: “Intake, voldoende aandacht voor taal en stage in de sector. Een goede screening is een must voor het slagen van een opleiding. Deelnemers moeten hun interesse én motivatie om in de keuken te werken duidelijk aantonen.” Voldoende en goed kunnen communiceren is ook belangrijk om nadien tot een duurzame tewerkstelling te komen.

In de opleiding heeft Werkvormm niet alleen aandacht voor vaktechnische taalkennis maar ook voor sociaal taalgebruik. Ten slotte moet er voldoende aandacht zijn voor het vinden van een goede stageplaats waar de nodige begeleiding is voorzien. “De sectorconsulent is een echte partner geworden”

Beeldwoordenboek Horeca Horeca Vorming zocht naar een tool die cursisten helpt bij het verbeteren van hun product- en materiaalkennis en die laaggeletterden en anderstaligen moest ondersteunen bij hun opleiding. Zo ontstond het Beeldwoordenboek, een handig boekje dat door Werkvormm en Horeca Vorming Vlaanderen werd ontwikkeld, i.s.m. het CVO Provincie Antwerpen, het Huis van het Nederlands en de VDAB. Het omvat afbeeldingen en de Nederlandse namen van groenten en fruit, vlees, vis, gevogelte, pasta, drank en materialen, met vertaling in 5 talen. Met dit Beeldwoordenboek kunnen gebruikers op de werkvloer, thuis of onderweg hun taalkennis bijspijkeren. Ook voor de werkgever en collega’s is er een duidelijke meerwaarde: de communicatie op de werkvloer verloopt efficiënter en vlotter. Succesfactoren “Voor deze samenwerking was de constante bereidheid tot dialoog en het geven van de nodige autonomie cruciaal”, benadrukt Chris. “De sectorconsulent is door haar inbreng en de constante dialoog een ware partner geworden van Werkvormm. Haar externe blik helpt ons als organisatie om alert te blijven, om in te spelen op opportuniteiten en beter te voldoen aan de noden van de horecasector. Bovendien opent de samenwerking voor Werkvormm deuren in andere sectoren en werkt het inspirerend voor andere projecten.”


71

Horeca Vorming Vlaanderen

Succesvolle experimenten

De werking van Horeca Vorming Vlaanderen (HVV) steunt op drie pijlers: vorming, onderwijs en arbeidsmarkt. De samenwerking met Werkvormm situeert zich binnen de arbeidsmarktwerking en beoogt een kwalitatieve instroom van werkzoekenden met interesse in de horecasector. De kernopdracht van Horeca Vorming Vlaanderen bestaat uit competentie-ontwikkeling voor werknemers in de horecasector. Dit gebeurt door te voorzien in een uitgebreid en kosteloos vormingsaanbod, dat ook openstaat voor tijdelijk werkzoekenden die in de sector gewerkt hebben. Ten slotte ondersteunt HVV de aansluiting tussen het onderwijs en de arbeidsmarkt. Er is een samenwerkingsovereenkomst met alle scholen grootkeuken en hotelscholen. Leerkrachten krijgen de mogelijkheid om zich bij te scholen en het didactisch materiaal te gebruiken dat HVV ontwikkelt. Bovendien beschouwen de sociale partners de samenwerking met onderwijs als een belangrijk aspect om kwalitatief werkplekleren te realiseren, o.a. door sterk in te zetten op leerovereenkomsten voor jongeren uit het deeltijds onderwijs en door een opleiding voor leermeesters van het bedrijf waar de leerling stage loopt.

Voor HVV vormde de samenwerking met Werkvormm een goede praktijk in het ontwikkelen van leermateriaal voor anderstaligen en laagtaalvaardigen. HVV stelt dit beeldwoordenboek nu gratis ter beschikking van opleidingspartners en aan werknemers uit de sector die er nood aan hebben. Intussen zijn er ook plannen voor een beeldwoordenboek ter ondersteuning van het kamerpersoneel in hotels.

Sectorconvenant als katalysator Het afsluiten van de eerste sectorconvenant voor de horeca in 2002 was de start van nieuwe samenwerkingen. “Werkvormm was in Antwerpen een partner van het eerste uur”, verduidelijkt Els Devos, sectorconsulent Antwerpen. “Werkvormm helpt ons de doelstellingen uit het convenant te behalen. Hierbij staan evenredige arbeidsdeelname en diversiteit, aansluiting onderwijsarbeidsmarkt en levenslang leren centraal. Werkvormm werkt mee aan het realiseren van de kwalitatieve instroom van kansengroepen.”

“Bereidheid tot samenwerken en respect hebben voor elkaars rol is cruciaal”

Ook al is de aard van de samenwerking over de jaren heen veranderd, het uiteindelijke doel bleef tewerkstelling in hotels, restaurants en cafés onder Paritair Comité 302.

Naast het Beeldwoordenboek wordt er ook op andere terreinen succesvol samengewerkt en geëxperimenteerd. Zo geeft de sectorconsulent infosessies aan de cursisten over werken in de sector, waarbij inhoud en methodiek zijn afgestemd op laagtaalvaardigen en anderstaligen. De opleiding voor leermeesters van stageplaatsen, die door HVV wordt opgezet, wil de kwaliteit van de stages optimaliseren. “Samen met de opleidingspartners willen we zoveel mogelijk stagebegeleiders in de horeca aanzetten tot het volgen van deze leermeesteropleiding”, zegt Els. “In het najaar 2012 startten we met een proeftuin die voorziet in terugkomdagen voor cursisten uit de werkzoekendenopleidingen die werken in de sector, onder het motto ‘Geef vorm aan je toekomst in de Horeca’.” Ook in de toekomst verder samenwerken Els Devos vat de meerwaarde van het partnerschap samen in een aantal aspecten. “De bereidheid tot samenwerken is cruciaal, evenals respect voor elkaars rol binnen de verschillende projecten. Uiteraard hangt een goede samenwerking ook af van de betrokken personen en het behalen van de vooropgestelde doelstellingen.” Horeca Vorming Vlaanderen wil in de toekomst zeker verder werken met Werkvormm en met andere SLN-leden om (experimentele) projecten op te zetten, zowel in opleiding als werkervaring.

Voor meer informatie: www.werkvormm.be www.fanvanhoreca.be


72


73

Levanto vzw – Gemeentelijk Havenbedrijf Antwerpen

Werkervaringsproject voor matrozen

Aan het woord: Tom Caals – manager logistiek Levanto vzw Bart Van Hoeck - HR-manager talent & sociaal-juridische zaken Gemeentelijk Havenbedrijf Antwerpen


74

Levanto, partner van de haven

De Antwerpse SLN-leden spelen in op deze opportuniteiten. Levanto is een sociale onderneming die mee de actieve arbeidsmarkt van morgen creëert. Men versterkt werkzoekenden en werknemers in het ontdekken en ontwikkelen van hun arbeidskansen via begeleiding, opleiding, werkervaring en bemiddeling. Jaarlijks bereikt Levanto ongeveer 1.970 mensen met zijn werking. Eén van die trajecten die Levanto organiseert, zijn werkervaringstrajecten voor aspirant-matrozen.

drie maanden brengen ze door op de werkvloer van het Gemeentelijk Havenbedrijf Antwerpen waar ze de praktijkervaring verder kunnen verdiepen in een reële werkcontext. Op die manier leren ze de sleepdienst, de baggerdienst en de vlotkranen beter kennen. Daarna volgen nog eens drie maanden binnen Levanto en de laatste drie maanden brengen ze opnieuw door in het Havenbedrijf. Gemiddeld leiden we zo jaarlijks 16 doelgroepwerknemers op bij Levanto.”

Leerwerkervaring voor matrozen

Boeiende trajecten

“In het werkervaringsproject kunnen langdurig werkzoekenden gedurende 1 jaar ervaring opdoen als matroos”, aldus Tom Caals, manager logistiek bij Levanto.

Het structureel partnerschap met het Gemeentelijk Havenbedrijf Antwerpen betekent een grote meerwaarde. “De samenwerking maakt het traject veel boeiender dankzij de wisselwerking tussen de binnenvaart en de havenberoepen”, aldus Tom. Na de periode bij Levanto in een sterk omkaderde omgeving volgt de ervaring in het Gemeentelijk Havenbedrijf. Dit betekent voor de betrokkene een zeer grote stap, want op die manier kan men op een reële werkvloer aan de slag. De doelgroepwerknemer kan blijvend rekenen op een intensieve begeleiding. Zo wordt de realiteit van de werkvloer in de praktijk gebracht.

De haven van Antwerpen is de tweede grootste van Europa en de zesde grootste in de wereld. Het fungeert als het economische hart van Antwerpen en zorgt naar schatting voor ongeveer 170.000 arbeidsplaatsen.

De maatregel Werkervaring biedt aan langdurig werkzoekenden (minimaal 2 jaar werkzoekend) een leerwerkervaring op een reële, maar sterk omkaderde werkvloer. De doelgroepwerknemer ontwikkelt er de nodige technische competenties en krijgt ondersteuning op het vlak van algemene vaardigheden, het wegwerken van belemmerende randvoorwaarden en sollicitatievaardigheden. Het doel is om tijdens de tewerkstellingsperiode van 1 jaar de arbeidsmarktpositie te versterken met het oog op een duurzame uitstroom naar het normaal economisch circuit (NEC).

“Bereidheid tot samenwerken en respect hebben voor elkaars rol is cruciaal”

In 2010 trokken de reuzenpoppen ‘De Duiker’ en de ‘Kleine Reuzin’ door de Antwerpse binnenstad. Dit spektakel van het Franse theatergezelschap Royal de Luxe lokte heel wat kijklustigen naar Antwerpen. Achter de schermen leidden de matrozen en medewerkers van Levanto alles in goede banen. De reuzen verlieten de stad met de ‘Merdok’, het binnenschip van Levanto. Op deze unieke werkvloer stoomt men de toekomstige matrozen klaar. “Met de vorming tot matroos startten we bij de nieuwe werkervaringsperiode in 2009. De doelgroepwerknemers gaan de eerste drie maanden aan de slag op het eigen binnenschip de ‘Merdok’ om de knepen van het vak en de basisprincipes te leren”, vertelt Tom. “De volgende

Verhoogde kansen Belangrijk daarbij is dat de doelgroepwerknemers voorbereid worden om de ‘verklaring matroos’ van de FOD Mobiliteit te behalen. Die heeft men nodig om als matroos aan de slag te gaan. Het is een succesverhaal, want na het afronden van het traject vindt bijna iedereen werk, getuigt Tom: “In 2012 vonden 7 van de 9 doelgroepwerknemers ‘matroos’ werk. Dat kan op een schip, maar ook als binnenvaartbegeleider. Anderen nemen de ervaring mee om op de arbeidsmarkt een andere horizon te verkennen. De doelstelling van het project is de doelgroepwerknemers voldoende ervaring aan te bieden en de instroom van matrozen in het Gemeentelijk Havenbedrijf Antwerpen te verbeteren.” “De belangrijkste les uit onze samenwerking blijft de aandacht voor een goede en efficiënte communicatie. Door de verschillende bedrijfsculturen blijft het een belangrijk aandachtspunt om deze met elkaar te verzoenen. Dat kan alleen maar met een goede communicatie”, besluit Tom.


75

Gemeentelijk Havenbedrijf Antwerpen

Goede communicatie

Het Gemeentelijk Havenbedrijf Antwerpen heeft de belangrijke verantwoordelijkheid om de Antwerpse haven draaiende te houden en te laten groeien. Ongeveer 1.650 medewerkers onderhouden en beheren de infrastructuur en de gronden van de Antwerpse haven en loodsen de schepen veilig naar de aanlegsteigers. Het Havenbedrijf investeert eveneens in wereldwijde promotie.

Vanuit het Havenbedrijf promoot men de goede samenwerking met Levanto. Op geregelde basis komen de verantwoordelijken van Levanto en het Havenbedrijf samen om de evolutie van het project te bespreken en te evalueren. Een open communicatie en voldoende flexibiliteit om tijdig te kunnen bijsturen, vormen voor hen de basis voor een vlotte en constructieve samenwerking.

Een aantal jaar geleden kampte de haven met een tekort aan matrozen. Een oplossing voor de toenemende knelpuntvacatures vond men onder meer in de samenwerking met Levanto. “Voor ons heeft deze samenwerking een dubbele doelstelling”, verduidelijkt Bart Van Hoeck, HR-manager talent & sociaal-juridische zaken van het Gemeentelijk Havenbedrijf Antwerpen. “Enerzijds creëren we een oplossing voor het tekort aan matrozen en anderzijds nemen we een sociaal engagement op om langdurig werkzoekenden een kans te geven.” Inzetten voor een zichtbare evolutie Tijdens het project worden de doelgroepwerknemers persoonlijk opgevolgd en begeleid. “Het waardevolle van het project is de zichtbare evolutie die de doelgroepwerknemers doormaken”, vertelt Bart. “Het is niet altijd evident om met deze doelgroep aan de slag te gaan. Louter op basis van hun cv is de kans klein dat ze een dergelijke evolutie zouden doormaken, maar met een intensieve begeleiding merken we dat velen van hen stappen in de goede richting zetten en de juiste attitudes ontwikkelen. Het feit dat mensen niet worden beoordeeld op hun verleden, maar op basis van hun verdiensten op de werkvloer is een belangrijk aspect van de samenwerking. Daardoor geven we een unieke kans aan de doelgroep.”

“Het project gaat voor ons ook over kansen geven en kansen grijpen” Talenkennis vormt een kloof “De onvoldoende kennis van het Nederlands is een belangrijke drempel om werk te vinden”, gaat Bart verder. “Kennis van het Nederlands is cruciaal voor een goede communicatie in de haven. Instructies moeten immers correct opgevolgd worden en de veiligheid mag niet in het gedrang komen. Vandaar is het belangrijk dat voldoende geïnvesteerd kan worden in taalondersteuning op de werkvloer.”

Wie in het project stapt, krijgt niet automatisch een job aangeboden. Na het afronden van de werkervaring wordt een procedure doorlopen om de beste kandidaten voor het Havenbedrijf te selecteren. Sommigen gaan echter aan de slag in aanverwante bedrijven of vinden een job in een totaal andere sector. “Dat is voor ons ook een positief resultaat”, aldus Bart. “Dat wij een rol kunnen spelen om de doelgroep een beslissend duwtje in de rug te geven en de arbeidsattitudes verder te ontwikkelen, zien wij als een absolute meerwaarde.”

Voor meer informatie: www.levanto.be www.portofantwerp.com/nl/gemeentelijkhavenbedrijf-antwerpen


76


77

“Loopbaanondersteuning op maat” is een uitgave van SLN vzw met de steun van de Vlaamse overheid.

SLN is de erkende koepel van de niet-commerciële aanbieders van begeleidingstrajecten met het oog op duurzame arbeidsintegratie in Vlaanderen.

Heeft u op- of aanmerkingen of wil u een aantal exemplaren van deze publicatie bestellen? Dan kunt u contact opnemen met: SLN Reigerstraat 10 9000 Gent Tel: 09/220.84.31 Fax: 09/220.81.73 e-mail: info@sln.be website: www.sln.be

Verantwoordelijke uitgever: Marleen Velleman

Druk: mei 2013

D 2013 7860 2


78


79


SLN vzw Reigerstraat 10 9000 Gent

tel: 09/220.84.31 fax: 09/220.81.73 info@sln.be www.sln.be

SLN presenteert: Loopbaanondersteuning op maat  

Verhalen over succesvolle samenwerking. Een publicatie over 20jaar SLN.