Issuu on Google+

NR 6 - 2010

T r e n d s e n o nt w i k k e l i n g e n i n d e v r i j e t i j d s s e c t o r

I n te rv i e w

Hans Haerkens Secretaris Gastvrij Nederland Ken n i s ma k e n m e t

Guus van der Wolde Vrijetijdshuis Brabant On derz o e k

• Toekomstvisie

Nederlandse vakantiemarkt • Nationale Citymarketing Monitor • Het belang van animatieteams op recreatieparken • Vakanties van Nederlanders in 2010 • Online toegankelijkheidsinformatie in de culturele sector

Con gre s v e rs la g

Wellness, een vitale branche


Colofon

NRIT Magazine Verschijnt zes maal per jaar en signaleert relevante trends en ontwikkelingen op het gebied van recreatie, toerisme en vrijetijdsbesteding. Uitgave NRIT Media Paardeweide 3 4824 EH Breda tel: 076-5420600 E-mail: redactie@nrit.nl Website: www.nritmedia.nl Deze editie van NRIT Magazine is gemaakt door: Ton Vermeulen, Yvonne van den Nieuwenhuizen, Rick Persoon, Hans Avontuur, Rob Dirven, Kim de Bruijn, Irene Viergever, Wendy Oude Veldhuis, Hans Haerkens, Veroniek Maat en Guus van der Wolde. Fotografie: NBTC Holland Mediabank iStockphoto Stock.XCHNG Ontwerp en lay out: Trichis communicatie en ontwerp Advertenties: Jan Laban, jan@trichis.nl Druk: Veenman Drukkers NRIT Magazine / NRIT Actueel en toegang nieuwsarchief: 100,50 euro per jaar (excl. btw) Abonnement Combinatiepakket: NRIT Magazine / NRIT Actueel / toegang nieuwsarchief en Trendrapport toerisme, recreatie en vrije tijd 174,00 euro per jaar (excl. btw) Abonnementen kunnen schriftelijk tot uiterlijk 1 november van het lopende abonnementsjaar bij NRIT Media worden opgezegd. Niet tijdige opzegging betekent dat het abonnement automatisch voor het komende abonnementsjaar van 1 januari tot 31 december wordt verlengd. © Copyright 2011, NRIT Media Alle rechten voorbehouden. Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd, opgeslagen in een geautomatiseerd gegevens­bestand of openbaargemaakt, in enige vorm of op enige wijze, hetzij elektronisch, mechanisch, door fotokopie, opnamen of enige andere wijze, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de uitgever. Dit blad wordt op zorgvuldige wijze samengesteld. NRIT Media aanvaardt echter geen enkele aansprakelijkheid voor schade, van welke aard ook, die het gevolg is van handelingen en/of beslissingen die gebaseerd zijn op de informatie in dit blad.

2

nritmagazine

Inhoudsopgave

4

Toekomstvisie CVO

Toekomstvisie Nederlandse vakantiemarkt 2020

10 Onderzoek recreatiewerk

Animatieteam steeds belangrijker op vakantieparken

14

Netwerk Citymarketing

Citymarketing wordt volwassen

18 Trendmail

De belangrijkste trends in het kort

20 Interview Hans Haerkens

Secretaris Gastvrij Nederland

28 CVO 2010

Nederlander gaat minder op vakantie in 2010

33 Glazen bol en koffiedik

Column Hans Avontuur

34 Wellness

Wellness, een vitale branche

38 Inspirerende trends

Innovatieve ideeën

40

Toegankelijkheidsinformatie op websites

De essentie van online toegankelijkheidsinformatie voor culturele instellingen

48 Workshop RECRON

Trends en ontwikkelingen in de verblijfsrecreatie

52 Kennismaken met Guus van der Wolde

Vrijetijdshuis Brabant


Voorwoord Ton Vermeulen, Projectleider NRIT Media

4 14 20 40

Als ik dit schrijf, is het nieuwe jaar alweer zeven hele dagen onderweg en sluiten we hetlaatstenummervanNRITMagazine2010redactioneelaf.Eennummerwaarinwe terugblikkenop2010maarvooralvooruitkijkennaarhetkomendjaarenverder.Maarlaat ikbeginnenmetumedenamensderedactieenallemedewerkersvanNRITOnderzoeken NRIT Media een fijn, gezond, gelukkig en succesvol 2011 toe te wensen. In 2010 hebben wij intern hard aan een nieuwe website gebouwd. Deze website is na eenuitgebreidetestperiodeop1januari2011onlinegezet.Grootstevernieuwingisde Kennisbankwaarinweallerelevantepublicaties,persberichten,artikelenennieuws hebbenverzameldentoegankelijkgemaakt.Hiermeegevenweuitingaanonzeambitie eenbelangrijkekennisdragerindesectortezijnenuvanrelevanteentoepasbarekennis tevoorzien.DezeKennisbankvervangthetoudenieuwsarchiefwaarualsabonneealle berichten uit NRIT Actueel kon opzoeken. DeKennisbankhebbenweopgedeeldinvierafzonderlijkerubriekendieuseparaatof tegelijkkuntdoorzoeken.Inderubriek‘Nieuws’vandeKennisbankstaandenieuwsberichtenuitNRITActueel.Datzijnerinmiddelsmeerdan30.000aangezienwealin 1991zijngestartmetdezedatabase.Inderubriek‘Artikelen’staanalleartikelenuitons tijdschriftNRITMagazineenmeeruitgebreideinhoudelijkeartikelenvanNRITOnderzoekenandererelevantekennisdragersindevrijetijdssector.Deinhoudvanderubrieken ‘Persberichten’en‘Webshop’indeKennisbankspreektvoorzich.Alsuvollediggebruik wiltmakenvandeKennisbank,moetuzichwelregistreren.Vergeetunieteenvinkjete zettenbijdeoptie‘IkbenabonneevanNRITMagazine/NRITActueel’.Alleendankrijgt uvolledigtoegangtotdegeheleinhoudvandeKennisbank.Uheeftalsabonneebijons natuurlijkeenstreepjevoor!Geregistreerdegebruikerskunnenbovendiengebruikmaken vanenkelehandigetoolszoalshetsamenstellenvaneigenlijstenmetrelevanteartikelen enhetterughalenvaneerderuitgevoerdezoekacties.Indeloopvan2011gaanwenog meer handige functionaliteiten aan onze website toevoegen. OokopmobieleplatformenisNRITOnderzoekactief.Tegelijkmetdenieuwewebsite hebbenweeeneigeniPhone-applicatiegelanceerd.Hetisdebedoelingindeloopvan2011 ook voor andere mobiele besturingssystemen applicaties te ontwikkelen. Ondanksaldezedigitaletoepassingenblijvenweookin2011gewoononsglossymagazine NRITMagazineuitgevenmetdebelangrijkstetrendsenontwikkelingenindevrijetijdssector. Met deze uitgave wens ik u in ieder geval veel leesplezier toe! •

nritmagazine

3


4

nritmagazine


Toekomstvisie Nederlandse vakantiemarkt 2020 Door: Irene Viergever

Hoe ziet de Nederlandse vakantiemarkt er over 10 jaar uit? Welke ontwikkelingen zien we in de reismarkt en hoe denkt de consument over 10 jaar te gaan reizen? Zoeken en boeken wij onze reizen alleen nog maar via internet en wat is de rol van social media hierbij? In hoeverre is duurzaamheid van belang en welke invloed heeft de economische situatie? Allemaal vragen die beantwoord worden in het vernieuwde onderzoek ‘Toekomstvisie Nederlandse vakantiemarkt 2020’, waarin NBTC-NIPO Research wederom een blik heeft geworpen op de toekomst van de vakantiemarkt.

Historische analyse: ontwikkelingen in dertig jaren vakantiegedrag Alvorens tot een visie op de toekomst te komen, heeft NBTC-NIPO Research het vakantiegedrag van de afgelopen 30 jaar geanalyseerd. De belangrijkste ontwikkelingen zijn als volgt: - Sinds 1985 heeft de vakantieparticipatie een redelijke groei doorgemaakt. In 2010 lijkt de groei echter geleidelijk af te vlakken en op 81% te blijven steken. Deze afvlakking is te wijten aan het gegeven dat er altijd mensen zijn die, vanwege bijvoorbeeld ziekte of financiën, niet op vakantie kunnen. - Nederlanders gaan in 2010 gemiddeld een keer per jaar vaker op vakantie in vergelijking met dertig jaar geleden, een stijging van 54%. In 2010 gingen Nederlanders gemiddeld 2,84 keer per jaar op vakantie. - Het aantal buitenlandse vakanties is in de afgelopen dertig jaar harder gestegen (+136%) dan de binnenlandse vakanties (+55%). Het aantal vakanties naar een bestemming buiten Europa heeft sinds 1990 een groei van 460% doorgemaakt.

- Wat betreft de ontwikkeling (1980 – 2010) van de vakantieduur is er voornamelijk een groei te zien in korte en middellange vakanties. Omgevingsanalyse Maatschappelijke ontwikkelingen kunnen grote invloed hebben op de toekomst van de vakantiemarkt. Kenmerkend is het feit dat deze ontwikkelingen niet beïnvloedbaar zijn door de markt zelf. Het betreft hier bijvoorbeeld de economische situatie en technologische ontwikkelingen. Vakantiemarkt en economische crisis De komende vijf jaar zijn de gevolgen van de crisis nog steeds merkbaar, onder andere omdat de overheidstekorten weggewerkt dienen te worden. De werkloosheid loopt op tot 6,7% in 2015 en ook de koopkracht staat onder druk. Na 2016 zal de economie gelukkig weer gaan aantrekken. Nederlandse vakantiegangers zijn echter minder crisisgevoelig dan de rest van Europa. 19% van de Nederlandse bevolking past het reisgedrag aan door de economi-

nritmagazine

5


sche crisis, terwijl 35% van de gemiddelde Europeaan dit doet. Vakantiemarkt en demografie Het aandeel 65-plussers neemt toe van 15,3% in 2010 tot 19,7% in 2020, terwijl het aantal Nederlanders in de leeftijdscategorie 35 - 44 jaar de komende 10 jaar met bijna 20% zal afnemen. De Nederlandse bevolking wordt steeds ouder, maar ook steeds vitaler. Dit heeft een positieve invloed op de vakantieparticipatie en vakantiefrequentie, omdat de toekomstige ouderen gewend zijn om regelmatig op vakantie te gaan. Ouderen hebben echter wel andere reiswensen dan de jongere generatie. Zo hebben zij meer belangstelling voor aspecten als gezondheid, comfort en veiligheid. Vakantiemarkt en duurzaamheid De klimaatverandering is steeds meer terug te zien in ons dagelijks leven en het Nederlandse landschap. Onder meer door de uitstoot van broeikassen ondervinden we een verhoging van de gemiddelde temperatuur, zeespiegelstijging en vertoont het weer steeds vaker extremen. Ruim 9% van de Nederlandse uitstoot wordt veroorzaakt door vakanties en deze uitstoot komt voornamelijk tot stand door het vervoer naar vakantiebestemmingen. Duurzaamheid is anno 2010 nog geen topissue voor de gemiddelde Nederlander, belangrijker zijn onder andere het verbeteren van de gezondheidszorg en het in stand houden van oudedagsvoorzieningen. Bijna een derde van de vakantiegangers besteedt in geen enkele mate aandacht aan duurzaamheid tijdens de vakantie. 6% doet dit in (zeer) sterke mate. Het effect van duurzaamheid op de vakantiemarkt heeft de volgende gevolgen: 1. Aantrekkelijkheid van bestemmingen verandert (Middellandse Zeebestemmingen worden te heet en wintersport wordt te duur)

6

nritmagazine

2. Mobiliteit wordt duurder 3. Aanbieders en consumenten worden steeds bewuster van duurzaamheid Vakantiemarkt en digitale ontwikkelingen Het gebruik van social media is niet meer weg te denken in de hedendaagse maatschappij en bijna driekwart van de Nederlandse bevolking is dan ook aangesloten bij sociale netwerksites. Bijna vier op de tien Nederlandse vakantiegangers gebruikt social netwerk sites in relatie tot vakantie, bijvoorbeeld wanneer men social travel sites raadpleegt of reviews en beoordelingen van andere vakantiegangers bekijkt. Een kwart van de vakantiegangers geeft aan dat deze reviews invloed hebben op hun beslissingsproces voor vakanties. Naar verwachting maken Nederlanders in 2014 meer gebruik van mobiel internet dan van desktop internet en deze stijging is ook te verwachten binnen de vakantiemarkt. 82% van de respondenten geeft aan de mobiele telefoon mee te nemen op vakantie. Aanbodzijde: wat doet de markt? Naast de ontwikkelingen in de omgeving spelen ook factoren aan de aanbodzijde een belangrijke rol op de Nederlandse vakantiemarkt. Enkele ontwikkelingen aan de aanbodzijde zijn: - Er zijn meer vliegtuigverbindingen, maar de kosten van vliegen zal op termijn stijgen. De hogesnelheidstreinen zullen

Tabel 1

Kengetallen vakanties van Nederlanders, 2008-2020 2008 Bevolkingsomvang (x mln.) Vakantieparticipatie

2009

2010

15,5

15,6

15,6

81,6%

81,3%

81,5%

2015

2020

15,8

16,1

81,7%

82,5%

Vakantiefrequentie

2,84

2,88

2,84

2,87

3,00

Vakantievolume (x mln.)

35,9

36,4

36,1

37,0

40,0

- waarvan kort ( 2-7 dagen)

18,8

19,7

19,4

20,0

22,5

- waarvan lang ( 8+ dagen)

17,1

16,6

16,8

17,0

17,5

Bron: NBTC-NIPO Research, CVO


Onderzoeksmethode Toekomstvisie Nederlandse vakantiemarkt 2020 is tot stand gekomen door middel van een uitgebreide analyse, een consumentenonderzoek en interviews met experts uit de branche. Door deze onderzoeksaanpak zijn de belangrijkste ontwikkelingen binnen de vakantiemarkt in kaart gebracht. Het consumentenonderzoek betreft een panelonderzoek, waarbij 6.500 panelleden om een mening is gevraagd.

toenemen in aantrekkelijkheid, omdat ze vaker en sneller zullen rijden. - De hotelcapaciteit, zowel in binnen- als buitenland, zal toenemen. Evenals het aantal bungalowparken in Nederland. - Door ontwikkelingen op het gebied van E-commerce en CRM worden consumenten steeds vaker geconfronteerd met voor hen relevant aanbod. - Opkomst van nieuwe, innovatieve distributieconcepten als veiling- en dealsites stimuleren vakantiekoopgedrag. Vraagzijde: wat wil de vakantieganger in de toekomst? Evenals in 2007 heeft NBTC-NIPO Research dit jaar Nederlandse vakantiegangers ondervraagd over hun vakantieplannen in de toekomst.

Meer dan een kwart van de respondenten (28%) geeft aan dat zij, indien zij de komende jaren meer geld te besteden hebben, vooral meer geld uit zullen geven aan vakanties en reizen. Dit percentage is exact even hoog als in 2007. De respondenten zullen voornamelijk minder geld uitgeven aan wonen en iets meer aan de auto en eten&drinken. Bijna de helft van de respondenten (48%) geeft aan dat zij de komende vijf jaar even vaak op vakantie wensen te gaan als nu. Hieruit kunnen we concluderen dat de respondenten erg tevreden zijn over de huidige vakantiefrequentie. 42% van de respondenten wenst de komende vijf jaar vaker op vakantie te gaan dan nu het geval is. Nog geen 10% wil minder vaak of helemaal

nritmagazine

7


niet meer op vakantie. Wat betreft de duur van de vakanties wil bijna de helft van de respondenten (47%) vaker kortere vakanties ondernemen. De overige helft wenst zowel meer lange (23%) als meer lange én korte (27%) vakanties. Dit resulteert in 2020 in 40 miljoen vakanties waarvan 22,5 miljoen kort (2-7 dagen) en 17,5 miljoen lang (8+ dagen). Naast de algemene toekomstvisie voor de vakantiemarkt heeft NBTC-NIPO Research de toekomst van zeven vakantietypen geanalyseerd. Vooral voor citytrips (+4% p/j) en korte hotelvakanties (+4% p/j) voorzien de onderzoekers een grote groei. Met kamperen (-1,5% p/j) en wintersportvakanties (-1% p/j) gaat het een stuk minder. Een kleine groei wordt voorzien voor bungalow(+0,5%) en zon/vlieg Middellandse Zeevakanties (+1%). Intercontinentale vakanties groeien naar verwachting met 2% p/j. In dit artikel worden twee van deze vakantietypen uitgelicht: intercontinentale vakanties en korte hotelvakanties. Intercontinentale vakanties Het aantal intercontinentale vakanties heeft sinds 2002 elk jaar een groei van 9,5% meegemaakt. Het aantal intercontinentale vakanties ligt in 2010 op 1,5 miljoen, terwijl dit aantal in 2002 nog op 747.000 lag: een groei van maar liefst 100%. Deze groei komt tot stand door de toenemende behoefte om verre reizen te maken, waarbij de VS, het Caribisch gebied en Azië de favorieten zijn. Men kiest steeds meer voor een samengestelde reis, waarbij vervoer en verblijf los van elkaar geboekt worden. De toenemende vraag leidt tot een groeiend aanbod vanuit touroperators en de lage dollarkoers zorgt voor lagere vliegprijzen. Door de vergrijzing (meer senioren met tijd en geld) zal de vraag naar verre bestemmingen verder toenemen. Een kwart van de Nederlanders heeft de

8

nritmagazine

afgelopen vijf jaar een intercontinentale vakantie ondernomen en 31% geeft aan dit de komende vijf jaar te gaan doen. De komende vijf jaar zal de jaarlijkse groei ongeveer 2% zijn. Korte hotelvakanties Het aantal korte hotelvakanties is in de periode 2002 – 2010 gestegen van 3,4 miljoen naar 3,8 miljoen, een stijging van 11,7%. Deze groei is vooral te zien in de vraag naar binnenlandse hotels. De vraag naar hotels in het buitenland blijft stabiel. De toename van het aantal senioren is een belangrijke kans voor hotelaanbieders in Nederland. Daarbij komt dat zij steeds vaker op zoek zijn naar lokale authenticiteit en rust, waardoor voor deze doelgroep de drukke Europese steden minder aantrekkelijk worden. Door de digitale ontwikkelingen is er een sterke groei te zien in het aantal internetboekingen, iets waar aanbieders ook op in kunnen spelen. Wat betreft de aanbodzijde zijn er ook een aantal ontwikkelingen gaande. Hotels bieden hun kamers steeds vaker aan via een groot aantal intermediairs en de populariteit van websites die kamers en arrangementen veilen groeit. Hotels richten zich bovendien steeds vaker op consumenten, omdat de vraag vanuit de zakelijke markt achterblijft. Ruim een derde (34%) van de Nederlanders heeft de afgelopen vijf jaar een korte hotelvakantie ondernomen en 32% geeft aan dit de komende vijf jaar te gaan doen. Verwacht wordt dat de jaarlijkse groei van korte hotelvakanties de komende vijf jaar 4% bedraagt. Boek- en zoekgedrag Wat betreft het boek- en zoekgedrag van vakantiegangers is er één duidelijke ontwikkeling zichtbaar: internet en social media worden steeds belangrijker. Vooral tijdens het oriëntatieproces en de vakantievoorbereiding wordt er gebruikgemaakt van

Rapport Toekomstvisie Het uitgebreide rapport waarin de toekomstvisie van de Nederlandse vakantiemarkt in 2020 uitgebreid omschreven wordt, is te bestellen via het bestelformulier op de website van NTBC-NIPO Research, www.nbtcniporesearch. nl. In het rapport wordt onder meer ingegaan op de verwachte ontwikkelingen voor de overige vijf vakantietypen. Voor opdrachtgevers van NBTCNIPO Research (afnemers van CVOuitkomsten m.b.t. het vakantiejaar 2010) is de uitgebreide rapportage van de Toekomstvisie kosteloos beschikbaar. Overige geïnteresseerden kunnen het rapport aanschaffen voor een bedrag van 450 euro (excl. BTW).


Tabel 2

Groeiprognose alle vakantietypen (x 1.000)

internet, bijvoorbeeld door het lezen van reviews. Het aandeel van internetboekingen stijgt en ligt inmiddels tegen de 70%, terwijl dit percentage in 2002 nog maar op 20% lag. Deze internetboekingen vinden voornamelijk plaats bij relatief eenvoudige producten, maar er is ook een stijging te zien in het aantal internetboekingen voor complexe producten. Slechts 11% van de hedendaagse boekingen wordt nog via een reisbureau gedaan. Ongeveer 4% van de vakanties wordt door middel van veiling- en dealsites geboekt. De standaard pakketreis wordt steeds minder populair onder de Nederlandse bevolking en 47% van de ondervraagde respondenten geeft aan in de toekomst zelf reizen samen te gaan stellen in plaats van een kant-en-klaar pakket te boeken. Conclusie Kort samengevat kan gesteld worden dat de toekomstige vakantiemarkt er, zeker na 2015, erg rooskleurig uitziet. Een groeiend aantal vitale, relatief koopkrachtige senioren zullen de vakantiemarkt de komende jaren een flinke boost geven. Mogelijke bedreigingen worden gevormd door onder andere de

2010

2015

2020

mutatie

Bungalow

6.801

6.800

6.970

0,5% p/j

ICA

1.535

1.690

1.870

2,0% p/j

Kort hotel

3.768

4.160

5.060

4,0% p/j

Wintersport

1.025

1.000

950

-1,0% p/j

City trips

4.328

4.780

5.820

4,0% p/j

Zon/vlieg/Midl. zee

1.929

1.930

2.030

1,0% p/j

Kamperen

5.229

4.970

4.610

-1,5% p/j

Bron: NBTC-NIPO Research, CVO

stijgende kosten voor mobiliteit en externe omstandigheden als terreur(dreiging) en natuurrampen. Technologische ontwikkelingen zullen vooral het zoek- en boekgedrag van vakantiegangers sterk beïnvloeden en het aantal boekingen via reisbureaus zal dan ook verder afnemen. Bovendien daalt de vraag naar pakketreizen: vakantiegangers stellen in de toekomst liever zelf hun vakantie samen. Samengevat: - Vakantie is en blijft belangrijk voor Nederlanders

- Economische en demografische ontwikkelingen zijn de belangrijkste drivers voor verdere groei -Barrières voor verdere groei zijn onder meer de stijgende kosten voor mobiliteit en externe omstandigheden als terreur(dreiging), natuurrampen en epidemieën -De gemiddelde groei van het aantal vakanties zal tot en met 2015 0,5% per jaar bedragen. Verwacht wordt dat de groei tussen 2016 en 2020 jaarlijks op 1,5% zal uitkomen. •

nritmagazine

9


Animatieteam steeds belangrijker op vakantieparken Door: Wendy Oude Veldhuis

In Nederland zijn zo’n 3.300 campings, 2.200 hotels en 800 bungalowparken. Deze bedrijven bieden allemaal een overnachtingsmogelijkheid voor de toerist. Het bouwen aan een onderscheidend profiel is in deze competitieve markt van groot belang. Zeker als het gaat om het realiseren van herhalingsbezoek. Met een creatief en verrassend animatieteam kunnen parken in deze branche dat stukje extra onderscheidend vermogen bieden. In Nederland hebben een aantal bedrijven zich gespecialiseerd in animatieteams en programma’s voor gasten op vakantieparken. Maar waar moet zo’n animatieteam nou aan voldoen? Animatiewerk.nl zocht het uit.

Uitvoering van het onderzoek In de zomer van 2010 voerde een student van Hogeschool TIO Amsterdam een indicatief onderzoek uit namens Animatiewerk.nl, aanbieder van animatieteams en programma’s. Aan dit onlineonderzoek werkten 75 vakantieparken mee. De uitgebreide uitslagen van dit onderzoek zijn te vinden op blog.animatiewerk.nl.

10

nritmagazine

Wijze van onderzoeken De probleemstelling luidde: Wat is het ideaalbeeld van ondernemers op campings en bungalowparken met betrekking tot professionele animatie in Nederland? De doelstelling van het onderzoek was inzicht krijgen in welk soort animatie en entertainment vakantieparken willen op hun park.


Figuur 1

Populairste animatieactiviteiten

Sport & Spel

22%

Knutselen

22% 19%

Meeleeftheater

11%

Bingo/senioractiviteiten

9%

Avondspellen

Shows & Musicals

Anders

Jongeren activiteiten 0%

8% 5% 4% 5%

10%

15%

20%

25%

Bron: Animatiewerk.nl

Onderzoeksstrategie: Er zijn enquĂŞtes afgenomen met zowel gesloten als open vragen. Er hebben 75 vakantieparken in Nederland meegewerkt aan dit onderzoek. Het onderzoek is niet representatief voor de gehele doelgroep: vakantieparken in Nederland. Het geeft een indicatie van de wensen weer. Inzet van een animatieteam Uit het onderzoek bleek dat de grootste doelgroepen van de parken gezinnen met kinderen en senioren zijn. Veel van de vakantieparken in Nederland hebben een duidelijke strategie richting gezinnen met kinderen. Dat is ook terug te vinden in de uitslag van dit onderzoek. De meeste respondenten hebben een animatieteam in dienst (96%). Meestal zijn dit twee entertainers, maar er zijn zelfs parken waar negen entertainers in het animatieteam werken.

“Waar moet een animatieteam aan voldoen?�

nritmagazine

11


Uit het onderzoek blijkt dat de respondenten zich niet alleen meer op de zomervakantie richten. Ze zouden iedere schoolvakantie (maar ook met Pasen, Hemelvaart en Pinksteren) een animatieteam willen inzetten voor hun gasten. Vooral het voorseizoen is belangrijk geworden. We zien dat de respondenten in die periode het liefst een team zouden inzetten.

“Animatie moet zich meer op de senioren gaan richten”

Over Animatiewerk.nl Animatiewerk.nl is gevestigd in Groningen en zet sinds 2010 animatieteams in op parken in Nederland en Duitsland. Het bedrijf plaatst animatieteams en levert animatieprogramma’s op campings, bungalowparken of andere vakantieoorden. De entertainers zorgen voor animatie en entertainment voor diverse doelgroepen. Meer informatie over Animatiewerk.nl vindt u op www.animatiewerk.nl.

12

nritmagazine

De uitvoering van activiteiten Bij de meeste respondenten wordt het animatieprogramma gemaakt door het animatieteam. Daarnaast zijn er parken die zelf het animatieprogramma samenstellen. Een bijzondere uitkomst omdat er best veel creativiteit voor nodig is. De populairste activiteiten op de vakantieparken zijn knutselen, sport & spel en meeleeftheater. Activiteiten voor senioren zijn een stuk minder populair onder de respondenten. Hier valt dus nog veel winst te behalen. Parken richten zich wel op senioren, maar het animatiewerk richt zich dus nog voornamelijk op kinderen. Animatie moet zich in dit geval dus meer richten op senioren met aangepaste programma’s. Toekomst Bijna alle respondenten denken dat animatie & entertainment belangrijker worden in de toekomst (87%). Daarbij zou ook aan de doelgroep senioren gedacht mogen worden. Dit is namelijk een groeimarkt waarin nog veel winst te behalen valt op gebied van animatie en entertainment. Afstemming op deze doelgroep is daarbij van groot belang. •


Het Nederlands Research Instituut voor Recreatie en Toerisme (NRIT) is actief vanaf 1970 en heeft sindsdien een naam van kwaliteit en deskundigheid opgebouwd. NRIT Onderzoek en NRIT Media zijn integere, meedenkende, professionele en vakbekwame partners werkzaam in en voor de gehele vrijetijdssector. Het leveren van toegankelijke onderzoeksresultaten en bouwstenen voor uw strategie staat daarbij voorop.

De markt voor tweede woningen

NRIT Onderzoek Staat u als belanghebbende in de vrijetijdssector voor een belangrijke beslissing? Wilt u de concurrentie voorblijven, uw kwaliteit verbeteren, op de hoogte blijven van trends? Of zoekt u een heldere onderbouwing voor uw beleid: NRIT Onderzoek kan het inzicht geven waar u om vraagt. En dit voor alle bedrijven en organisaties die in de sector opereren, waarbij wij relevante en beproefde kwalitatieve en kwantitatieve onderzoeksmethoden inzetten. Door samenwerking met onze partner NRIT Advies kunnen we u op alle onderzoeks- en adviesvlakken van dienst zijn. Daarnaast nemen wij op gezette tijden het initiatief om een vraag/aanbodinventarisatie in een bepaalde sector uit te voeren. Voorbeelden hiervan zijn de kampeersector, de bungalowsector en de congres-, evenementen- en vergadersector. De onderzoeksresultaten verschijnen meestal in publicatievorm, met het jaarlijkse Trendrapport Toerisme, recreatie en vrije tijd sinds 1980 als bekendste voorbeeld.

De markt voor tweede woningen 1 - 20 NR 4

TREN

T N ON DS E

WIKK

EL

RIJ DE V N IN INGE

ETIJ

DSSE

SPECIAL R

0

E

C

R

E

A

T

I

E

O

N

D

E

R

Z

O

E

K

CTOR

E, i Al TOERISM s pec TIJD APPORT TRENDR TIE EN VRIJE RECREA 010 2009/2 T POR UWD RAP VERTROFRIS SE EN IN EEN JAS NIEUWE

Special recreati

EN v Ati i nno S SPAR NSEN NO NO 2010 MET ANNO CARD IENDS DE FR e

erz oek AGO ISCH IM EDEN TOERIST GROTE ST VAN 18 DE LOEP R ERT ONDE

ond

LYSE ERZOEK ANA NRIT ONDPEERGEDRAG HET KAMNEDERLANDER VAN DE se

An Aly LAGEN LOSGES TOERISTEN E BRITS ERDAM ST IN AM

• PLEIDOOI

eonderz oek

VOOR DE MONI

TOR

o n d er z o ek

• STRANDON DERZOEK SCHO • RECREATIE UWEN-DUIVELAN ONDERZOE D K ZUIDERPAR • VERNIEUW K DEN HAAG END KLANTTEV REDENHEID • WATERSPO SONDERZO RTONDERZOEK EK BIJ STEN WEST-BRAB A LINE ANT intervi

NR 2 - 2010

ew

• JAN BLOK

, BELEIDSM

EDEWERKE

R RECREATIE

N STAAT EN ONTWIKKELINGE TRENDS SBOS BEHEER

CTOR IN DE VRIJETIJDSSE

INTERVIEW

Duinrell- Directeur r oDerick van Zuylen van nijevelt: “ TOERISME IS EEN ENORME KANS VOOR NEDERLAND” R E P O R TA G E

“ HET MUSEUM OPNIEUW UITVINDEN” NR 1 - 2010

‘t wentse welle’ een nieuw museum op een verrassen De locatie

TRENDS EN ONTWIKKELINGEN I N DE VRIJETIJDSSECTOR

ARTIKEL

DARK TOURISM Niche-markt of Nieuwe ka Ns voor toeristische bestemmi NgeN ?

ONDERZOEK

NIEUWE WEGWIJS IN DE BED&BREAKFASTSECTOR’ VERSCHENEN

Dynamische B&B-sector Blijft sterk groeien

ONDERZOEK

DUURZAME VAKANTIE ver va N mij N bed of dicht bij huis ?

wat is De invloe D van nieuwe attracties? VAN PIETER CORNELIS PROMOTIEONDERZOEK KEN NAAR EUROPESE PRETPAR

NRIT Media Binnen onze afdeling NRIT Media publiceren wij de wekelijkse e-mailnieuwsbrief NRIT Actueel en het vaktijdschrift NRIT Magazine dat elke twee maanden verschijnt. In deze publicaties volgen we de heartbeat van de sector. Met actueel en relevant nieuws, achtergrondartikelen en interviews volgen we de belangrijkste trends en ontwikkelingen in de vrijetijdssector. Daarnaast inspireren we de lezers met innovatieve ideeën en concepten. Tevens geven wij aan het vakgebied gerelateerd werk van derden uit en werken wij samen met vooraanstaande marktpartijen zoals branche-, belangen-, kennis- en koepelorganisaties en opleidingsinstellingen. Voor meer informatie kunt u gebruikmaken van de onderstaande contactgegevens.

K E N N I S M A K E N M E T:

BERT ANVELINK

directeur N rit oNderzoek

A N A LY S E C B S

AFNAME AANTAL GASTEN EN OVERNACHTINGEN IN 2009 BEPERKT

Paardeweide 3L • 4824 EH Breda • T (076) 548 21 70 • F (076) 548 21 79 • www.nritonderzoek.nl • info@nritonderzoek.nl

- adver tent ie -


Citymarketing wordt volwassen Nationale Citymarketing Monitor 2010 Door: Ton Vermeulen, NRIT Onderzoek

In Nederland is citymarketing volop in beweging. Was begin jaren tachtig het aantal gemeenten met een citymarketingbeleid nog relatief klein, inmiddels doen veel meer gemeenten aan citymarketing en is het binnen veel gemeentelijke organisaties een normaal beleidsterrein. Alhoewel het aantal (wetenschappelijke) publicaties omtrent citymarketing de afgelopen jaren is gegroeid, zijn deze doorgaans theoretisch van aard. Inzicht in de Nederlandse praktijk van de citymarketing ontbrak tot voor kort. De Erasmus Universiteit heeft samen met het Netwerk Citymarketing, VVV Nederland en de Vereniging Nederlandse gemeenten de handschoen opgepakt en een eerste onderzoek onder Nederlandse citymarketeers opgezet. Deze Nationale Citymarketing Monitor 2010 zal de komende jaren op regelmatige basis wetenschappelijk onderzoek doen naar citymarketing in Nederland. In dit artikel komen de belangrijkste resultaten uit deze eerste meting aan de orde.

14

nritmagazine

Aan het onderzoek hebben 274 citymarketeers meegewerkt. Daarvan werken er 171 voor een Nederlandse gemeente, 68 respondenten werken bij een VVV en 35 bij een organisatie die zich op afstand van de gemeente bezighoudt met citymarketing. Door de opzet van het onderzoek, waarbij de respondent en niet de organisatie die hij vertegenwoordigt centraal staat, is het formeel niet mogelijk om te spreken over een onderzoek naar het Nederlands citymarketingbeleid. Er is slechts sprake van een onderzoek onder Nederlandse citymarketeers. Omwille van de leesbaarheid zullen we in dit artikel de resultaten wel als zodanig presenteren.

Wie willen citymarketeers bereiken? Het is opvallend dat bij Nederlandse gemeenten het citymarketingbeleid veel minder extern gericht is dan op voorhand gedacht. In het beleid ligt de focus bovendien vooral op bezoekers en minder op beleggers en investeerders. Het gaat bij deze externe bezoekers niet enkel om toeristen, maar bijvoorbeeld ook om winkelend publiek of dagrecreatie. Afgezien van de bezoekers blijkt de citymarketing zich grotendeels op de interne doelgroepen te richten. Bijna tweederde (65%) van de respondenten geeft aan dat de huidige bewoners vaak (49%) of heel vaak (16%) doelgroep zijn van citymarketingactiviteiten. Dit in tegenstelling tot de potentiĂŤle nieuwe bewoners, die door 42% van de respondenten aangewezen worden als belangrijke doelgroep. Dat is opvallend omdat in de


fletse resulaat opgeleverd, maar zich onderscheiden blijkt voor veel citymarketeers nog een hele opgave. Een probleem waar ze overigens helemaal niet mee blijken te zitten. De ondervraagden zien het ontbreken van een onderscheidend profiel niet als erg problematisch. Dat heeft vooral te maken 40

Figuur351

Doelgroepen citymarketeers 80

79%

30

70 25

65%

60

61%

50

20

46%

40

43%

15

30 10 20

19% 10

0

5

n

bez oek ers Inst itutio and nele ere grot belegg e in ers e vest eerdn/of ers

ntië le Pote

rijve bed ntië le Pote

estig Gev

Huid

ige

de b

bew

ers

one rs

edrij ven

0

oek

Wat willen citymarketeers bereiken? Het bouwen aan een onderscheidend imago zou voor veel gemeenten als het gaat om citymarketing een belangrijk doel moeten zijn. En dat is heel erg lastig, zo blijkt uit het onderzoek. De meeste gemeenten willen zich onderscheiden met ‘historie’, ‘cultuur’, ‘evenementen’ en ‘toerisme’. Nauwelijks bijzondere en onderscheidende kenmerken. Ongeveer een derde van de respondenten vindt dat cultuur, evenementen en toerisme bepalend zijn voor het imago van een

gemeente. Deze factoren worden op de voet gevolgd door historie en winkelen, welke beide 23% scoren. De elementen muziek en gezondheid zijn volgens de respondenten het minst bepalend voor het imago van een gemeente. De gehanteerde vraagstelling heeft ongetwijfeld dit wat

Bez

beeldvorming citymarketing zich vooral zou richten op het aantrekken van nieuwe bewoners en investeerders. Wellicht zijn steden en regio’s tegenwoordig meer bezig met het vasthouden van huidige bewoners dan met het aantrekken van nieuwe groepen. Alhoewel citymarketing een steeds volwassener beleidsterrein is geworden, is het wel opvallend dat er weinig marktonderzoek is uitgevoerd onder de doelgroepen die de citymarketeers willen bereiken. Een derde van de ondervraagden laat weten dat marktonderzoek nooit dan wel zelden gebeurt. Een groot deel (42%) van de respondenten geeft aan dat marktonderzoek onder doelgroepen niet zelden, maar ook niet vaak gebeurt.

Bron: Erasmus Universiteit

nritmagazine

15


Elementen in het beoogd imago van Nederlandse citymarketeers

Figuur 2

% 40

35 80 30 70

Hoe bereiken citymarketeers hun publiek? Uit het onderzoek blijkt dat Nederlandse citymarketeers nauwelijks adverteren of mediabereik inkopen. Ze zetten vooral de eigen communicatiekanalen in en maken veelvuldig gebruik van free publicity. Met name de eigen website, eigen logo/beeldmerk en eigen kranten, tijdschriften, folders en brochures worden ingezet. Opvallend is dat slechts 50% van de respondenten gebruikmaakt van een slogan. Dat impliceert dat citymarketing langzaam volwassen wordt en in veel gemeenten als meer dan alleen een slogan wordt gezien. Negentig procent van de respondenten heeft wel eens social media gebruikt, maar van een structurele inzet van deze vorm van publiciteit is nog nauwelijks sprake. Ongeveer een kwart van de respondenten geeft aan deze nieuwe vorm van communicatie op regelmatige basis te gebruiken, waarmee geconcludeerd kan worden dat deze groep koploper is op het gebied van nieuwe media. Gezien de algemene groei van het gebruik van social media wordt verwacht dat het gebruik van deze vorm van

16

nritmagazine

15

10

5

Muziek

Gezondheid

Gastronomie

Design

Architectuur

Dynamiek

Ruimte

Modern

Unieke attractie

Rust

Bereikbaarheid

Technologie

Authenticiteit

Kennis

Natuur

Wonen

Creatief

Sport

Groen

Water

Winkelen

Historie

0

Cultuur

40 met de wijze waarop het citymarketingbeleid bij veel gemeenten wordt ingevuld. 30 Door de gehanteerde procedure wordt vooral ingezet op20 het creĂŤren van draagvlak intern bij de gemeente en extern bij 10 de directe stakeholders. Dat in dat proces van draagvlak creĂŤren een wat minder 0 onderscheidend profiel naar voren komt, is evident.

20

Toerisme

50

25

Evenementen

60

Bron: Erasmus Universiteit

media de komende jaren sterk zal stijgen binnen de citymarketing. Als citymarketeers media inkopen zijn dat vooral advertenties in kranten, tijdschriften en op televisie. Meer dan een derde van de respondenten geeft aan vaak of zeer vaak gebruik te maken van deze media, tegenover 7,4% die dit nooit doen. Minst populair is het gebruik van websites van derden voor de marketingcommunicatie. Als het gaat om free publicity maken de respondenten voornamelijk gebruik van persberichten. Maarliefst 76,7% van de respondenten geeft aan vaak dan wel zeer vaak persberichten op te stellen. Wat belemmert de citymarketeer? De meeste respondenten zien een te laag budget als belangrijkste knelpunt. Daaruit kan worden opgemaakt dat de respondenten het gevoel hebben dat zij meer kunnen

bereiken als er meer budget beschikbaar wordt gesteld. De overige knelpunten hebben veelal betrekking op de organisatie en doorvoering van citymarketing in het totale gemeentelijke beleid. Volgens de respondenten houden veel afdelingen onvoldoende rekening met het citymarketingbeleid in hun communicatie en werkt citymarketing onvoldoende door in productontwikkeling. Ook daaruit kan voorzichtig worden geconcludeerd dat citymarketing volwassen aan het worden is. Citymarketing an sich staat niet meer ter discussie, maar de inbedding binnen de totale gemeentelijke organisatie is nu een van de belangrijkste knelpunten. Citymarketeers moeten momenteel vooral veel aandacht schenken aan de interne branding van citymarketing. Onvoldoende politiek draagvlak en tegenwerking van beleidsafdelingen wordt niet als een probleem ervaren.


Wie heeft invloed op de citymarketing? Naast de knelpunten is er in de enquête ook gekeken naar de mate waarin verschillende groepen betrokken zijn bij de citymarketingactiviteiten. Opvallend is dat slechts 15% van de respondenten het (zeer) eens is met de stelling dat de invloed van burgers aanzienlijk is geweest. De invloed van de burgers op het citymarketingbeleid is dus laag. Dit in tegenstelling tot de invloed van het college van B&W. 57% van de respondenten geeft aan dat de invloed vanuit deze groep aanzienlijk is geweest. Toch kan het meer betrekken van diverse stakeholders bij de uitvoering van het citymarketingbeleid positief uitpakken. Zo kan de kwaliteit van het citymarketingprogramma worden verhoogd, wordt draagvlak gecreëerd, kan de uitvoering worden verbeterd en wordt daarmee de legitimiteit vergroot. Wat bereiken citymarketeers? Tot slot is in het onderzoek de respondenten gevraagd naar de resultaten van citymarketing. Dat viel niet tegen. Een kleine 60% van de respondenten is van mening dat citymarketing effect heeft op de bekendheid van de stad of gemeente, 55% denkt dat het imago van de stad of gemeente is verbeterd en 60% denkt dat er meer bezoekers zijn gekomen. Het aantrekken van nieuwe bewoners en bedrijven is volgens de respondenten veel minder succesvol. Daarbij moet wel worden aangetekend dat dit veelal de persoonlijke perceptie van de respondent betreft. Naar de effecten

van citymarketing wordt nog erg weinig onderzoek verricht. Slechts 20% tot 25% van de Nederlandse gemeenten evalueert de resultaten van het citymarketingbeleid. Positief is evenwel dat citymarketing over het algemeen positief bijdraagt aan het gevoel van trots bij de eigen bewoners. Wat kunnen we leren? Uit het onderzoek kan geconcludeerd worden dat de meeste gemeenten en andere betrokken partijen eerder een instrumentele benadering ten aanzien van citymarketing hanteren dan een interactieve benadering. Dit blijkt uit het feit dat de huidige bewoners een zeer grote doelgroep van citymarketing zijn, maar dat deze groep amper invloed heeft op het beleid. Wanneer burgers betrokken zijn bij de ontwikkeling van citymarketing kan het draagvlak vergroot worden, waardoor de burgers geneigd raken als ambassadeur op te treden. Een andere bevinding is dat de respondenten over het algemeen vinden dat citymarketing goed aansluit bij de identiteit van de gemeente waarvoor zij werkzaam zijn. De grootste knelpunten van citymarketing zitten momenteel in het budget en het afstemmen en inbedden van citymarketing binnen de gemeentelijke organisaties. Citymarketing kan enkel optimaal benut worden wanneer deze afgestemd wordt met andere beleidsvelden en private partijen. Via gemeentelijk beleid en initiatieven van andere partijen moet immers het merk meer inhoud krijgen. •

Onderzoeksmethode De Nationale Citymarketing Monitor 2010 is een grootschalig onderzoek betreffende citymarketing in Nederland, opgezet en uitgevoerd door de Erasmus Universiteit Rotterdam. Voor dit onderzoek is in de zomer van 2010 een grote enquête uitgezet onder respondenten die werkzaam zijn in de citymarketing, dan wel nauw betrokken zijn bij het bepalen van het citymarketingbeleid. De enquête bestaat uit tien thema’s, die zijn uitgewerkt in 88 vragen. In totaal hebben 274 respondenten de vragenlijst ingevuld. De eerste onderzoeksresultaten hebben betrekking op het algemene beeld over de stand van zaken in de citymarketingpraktijk, de overige onderdelen zullen de komende maanden verder onderzocht en gepubliceerd worden. De ambitie van de Nationale Citymarketing Monitor van de Erasmus Universiteit Rotterdam is om in de komende jaren systematisch wetenschappelijk onderzoek te doen naar citymarketing in Nederland.

nritmagazine

17


Trendmail Nederlander gaat liefst shoppen tijdens stedentrip Tijdens een stedentrip is winkelen veruit de populairste bezigheid, zo blijkt uit onderzoek van reiswebsite Stedentripper.com. Het bezoeken van een lokale bezienswaardigheid, zoals de Eiffeltoren of de Big Ben, volgt op een tweede plek. Bezoekers van de website werd gevraagd naar de activiteiten tijdens een stedentrip. Bij maarliefst 87% stond winkelen op de planning, iets minder dan twee derde bezoekt ook graag een lokale bezienswaardigheid. Hoewel Nederlanders bekendstaan als cultuurliefhebbers, gaf slechts 38% van de ondervraagden aan musea te bezoeken tijdens een stedentrip. Theaters bleken met 13% nog

minder in trek. Ruim driekwart houdt het tijdens een citytrip echter niet bij één activiteit. “Men wil zoveel mogelijk uit een stedentrip halen, dus wordt winkelen vaak gecombineerd met andere activiteiten.” meent onderzoeker Erik Lammers. Verrassend is de populariteit van een bezoek aan een kroeg, pub of discotheek. “Met name in België en Duitsland is het mogelijk om een bezoek aan een brouwerij of bierhuis te brengen, maar dat kroegen en discotheken boven een museumbezoek zouden eindigen, hadden we niet verwacht”, aldus Lammers. Meer informatie op: www.stedentripper.com •

van Vakantie.nl onder Wintersporters trouwenquête 5.133 respondenten. De wintersport wordt voornamelijk aan bestemming Een kleine zestig procent van de Nederlandse wintersporters gaat komend skiseizoen naar de besneeuwde toppen van Oostenrijk. Daarna volgt Frankrijk als meest favoriete skibestemming. Meer dan de helft van de wintersporters brengt de skivakantie door in hetzelfde skigebied als het jaar daarvoor. Dit blijkt uit de grote wintersport-

18

nritmagazine

doorgebracht met vrienden en familie. Van de wintersporters neemt 91% vooraf geen les en 10% neemt les op de bestemming. Slechts 7% baseert de keuze van bestemming op positieve verhalen van anderen. Skifaciliteiten, sneeuwzekerheid en omgeving zijn het meest doorslaggevend in de keuze voor de bestemming van de skivakantie. Daarna volgt pas financiën met

13%. De populairste bezigheid naast actief zijn op de piste is de après-ski (57%) en culinair genieten (42%). Daarnaast neemt 30% de skilift naar boven om te rodelen. De helft van de respondenten hecht veel waarde aan hun ski-outfit, terwijl 70% langer dan drie jaar in hetzelfde skipak de piste onveilig maakt. Slechts 50% zegt een helm te dragen. •


Glamping is geen hype Glamping is geen hype of rage. Luxe kamperen, ook wel ‘glamping’ genoemd, is in korte tijd uitgegroeid tot een serieuze vakantiebesteding en niet meer weg te denken van de camping. Touroperator Suncamp holidays onderzocht de behoeftes van haar websitebezoekers. Ruim 85% van de respondenten gaf aan geïnteresseerd te zijn in het ‘luxe kamperen’. Daarvan koos 65% voor een ingerichte stacaravan, iets meer dan 20% gaat liever voor een ingerichte tent. In totaal lieten bijna 2.000 mensen een stem achter. SunLodge Suncamp holidays voorzag al in een vroeg stadium dat de vraag naar comfortabel en stijlvol kamperen niet zomaar een trend is. Het bedrijf ontwikkelde SunLodge, een ruime mobile home met extra grote douchecabines en bedden die breder en langer dan gemiddeld zijn. Het bleek een schot in de roos. De SunLodge-boekers keren uitermate tevreden terug van hun kampeervakantie. Het verblijf werd door 98% beoordeeld met ‘goed tot zeer goed’. Een reden voor Suncamp holidays om nieuwe accommodaties te ontwikkelen en nieuwe locaties te zoeken. •

Toerist besteedt ruim 2,5 miljard aan de Nederlandse kust De Nederlandse kust was ook in 2009 een populaire vakantiebestemming voor Nederlandse en buitenlandse toeristen. Nederlanders brachten ruim drie miljoen vakanties door aan de Nederlandse kust. Daarnaast vierden ruim een miljoen Duitsers en bijna een kwart miljoen Belgen vakantie aan onze kust. Bovendien werden zo’n 100 miljoen dagtochtjes naar de Nederlandse kust gemaakt. In totaal werd er ruim 2,5 miljard euro besteed in 2009. Het NBTC presenteerde deze cijfers tijdens de Landelijke Kustdag op 18 november op Vlieland.

De Nederlandse kust is al jaren de meest populaire vakantiebestemming voor Nederlanders. Het aantal binnenlandse kustvakanties was de afgelopen jaren redelijk stabiel. Voor wat betreft het inkomend kustbezoek staan de Duitsers al een aantal jaar op nummer een met ruim een miljoen bezoekers. Het aantal Belgische kustbezoekers is de laatste jaren flink gestegen. In 2009 bezochten bijna een kwart miljoen Belgen de Nederlandse kust, een stijging van ruim 90% ten opzichte van het jaar 2000. Meer informatie op: www.nbtc.nl •

2010 recordjaar voor bioscoopbranche

Directeur Ron Sterk van de Nederlandse Vereniging van Bioscoopexploitanten (NVB) heeft via een bericht op de website van het blad Entertainment Business bevestigd dat ook 2010 voor bioscopen een recordjaar was. In 2009 verkochten de Nederlandse bioscopen 27 miljoen kaartjes, het beste resultaat in dertig jaar tijd. “Als we kijken naar de resultaten tot nu toe, en in ogenschouw nemen dat er nog een paar zeer grote titels aankomen, zoals Sint,

Harry Potter en Dik Trom, komen we in 2010 uit op een totaal van 28 miljoen bezoeken”, berekent Sterk. “Blijkbaar bieden wij relatief goedkoop en laagdrempelig vermaak.” De NVB-directeur noemt dit resultaat vooral bijzonder omdat er deze zomer een WK voetbal plaatsvond waarin Oranje de finale behaalde. “Vaak zijn dat rotweken voor de bioscopen”, legt hij uit. Meer informatie op: www.entertainmentbusiness.nl •

nritmagazine

19


Gastvrij Nederland - Nationale Raad voor toerisme, recreatie, horeca en vrije tijd Interview met de secretaris Hans Haerkens Door: Ton Vermeulen

In onze sector is heel wat jaren het Platform Toerisme en Recreatie (PTR) actief geweest. In maart 2010 is het PTR ter ziele gegaan en hebben de aangesloten organisaties met ‘Gastvrij Nederland – Nationale Raad voor toerisme, recreatie, horeca en vrije tijd’ een nieuwe start gemaakt. Bij het begin van het oude PTR in 1995 was iedereen nog wel zo positief. Ze gingen in zowel Den Haag als Brussel lobbyen voor onze sector. Een gezamenlijke aanpak zou immers kosten besparen en de boodschap alleen maar sterker maken. Meer ruimte voor toerisme, overal in Europa hetzelfde BTW-tarief, een eind aan onvoorspelbare gemeentelijke belastingen en een gezamenlijk Europees visumbeleid, dat waren zo wat speerpunten van het PTR. Belangrijkste doel was samen druk op de politiek uitoefenen om zo de belangen van toerisme en recreatie te behartigen. Naast een incidenteel succesje is het PTR vooral blijven steken in het organiseren van wat bijeenkomsten in Nieuwspoort en de verkiezing van de politicus van het jaar. In Den Haag wordt na 15 jaar lobbyen onze breed geschakeerde sector nog steeds niet voor vol aangezien. Vorig jaar ging het roer definitief om. Er werd een nieuwe naam gekozen en de oude aanpak ging overboord. Weg met de 100-puntenplannen en ideeën die feitelijk onhaalbaar waren. Over die nieuwe naam ´Gastvrij Nederland´ ontstond nog wel even wat verwarring omdat ook het innovatieproject van RECRON die naam droeg. Maar vanaf begin januari 2011 is ook dat voorbij en gaat het project van RECRON verder onder de naam ´RECRON Innovatie Campagne´. Genoeg redenen om eens nader kennis te maken met het nieuwe elan van Gastvrij Nederland. Dat doen we met de secretaris van de Raad, Hans Haerkens. VNO-NCW haalde deze zwaargewicht uit de eigen organisatie van Noord-Nederland naar Den Haag om de gastvrijheidsboot vlot te trekken. We spreken af in het centrum van de politieke macht in Nederland, Den Haag. Op de 14e etage van de Malietoren, het kantoor van VNO-NCW en MKB Nederland. Prachtig uitzicht over Den Haag met de Noordzee op de achtergrond.

20

nritmagazine


Hans Haerkens Hans Haerkens heeft aan Nijenrode gestudeerd en is daarna internationale economie gaan studeren in de VS. Hij woont in het Drentse Gieten en werkt nu twee jaar in Den Haag. Daarvoor was hij verantwoordelijk voor VNO-NCW in NoordNederland. Hans Haerkens is zoon van een ondernemer en gedijt op het snijvlak van bedrijfsleven en politiek.

nritmagazine

21


Hans Haerkens was geen bekende in onze sector. Daar komt langzaam maar zeker verandering in. Hoe is hij bij Gastvrij Nederland terecht gekomen? “Heel toevallig. Er was binnen het oude Platform Toerisme en Recreatie een nieuwe ambitie, een nieuwe agenda. Men vond zichzelf toch wel een beetje miskend in het hele krachtenveld en ze vroegen of ik er eens naar zou willen kijken. Ik ben in november 2009 gestart toen het nog Platform Toerisme en Recreatie heette. Die naam hebben we heel snel gewijzigd in Gastvrij Nederland. De naam ‘platform’ is niet onderscheidend genoeg. Zo’n platform kun je overal in Nederland hebben. Bovendien doet alleen de naam toerisme en recreatie geen recht aan de diversiteit van dit collectief. Daarom heten we nu ‘Gastvrij Nederland – Nationale Raad voor toerisme, recreatie, horeca en vrije tijd’. Die naam doet recht aan wie we zijn en de zestien partijen die wij vertegenwoordigen. Ook richting beleidsdepartementen geven we hiermee voor het eerst de volle breedte van de sector aan.” Jullie benoemen onze sector heel anders dan we doorgaans gewend zijn. Gebruikelijke benamingen zijn vrijetijdssector, leisure-industry of gewoon recreatie en toerismesector maar jullie noemen het ‘gastvrijheidseconomie’. Zit daar een beredenering achter? “In gastvrijheidseconomie zitten de woorden ‘gastvrij’ en ‘economie’ verwijzend naar herbergzaam en huishouding. Onze sector is economisch heel relevant. Als je praat over 16 organisaties die 50.000 bedrijven vertegenwoordigen met meer dan 400.000 werknemers, dan heb je het wel ergens over. Zij vormen de kern. Daaromheen zit een schil van toeleveranciers en dienstverleners die alle belang hebben bij een vitale sector. Bovendien zitten we in de haarvaten van de Nederlandse samenleving. In de binnensteden, op het strand, in de natuur, aan het water. We zitten daarmee heel dicht op de polsslag van de Nederlandse economie.

22

nritmagazine


Die boodschap moeten we overbrengen aan de beleidsmakers in Nederland. Behalve het economische belang in euro’s en dito werkgelegenheid zijn we ook belangrijk voor de ontspanning, voor de cohesie, integratie, de zorg voor de natuur. Op dat vlak is de achterban van Gastvrij Nederland bovengemiddeld actief. Wij zijn daarbij echt een maatschappelijke partner. Dat kunnen we niet genoeg benadrukken. Wij zorgen er mede voor dat Nederland aantrekkelijk is, dat mensen vrolijk zijn, sportief zijn, een goed gevoel hebben en gelukkig zijn. Wij zijn de eerst verantwoordelijke voor die Quality of Life.” Ik heb het idee dat we het belang van onze sector zelf niet altijd beseffen en het daardoor ook bij de beleidsmakers niet over het voetlicht krijgen. Kun je spreken van een miskende sector? “Ik ben met vreemde ogen de sector binnengekomen. Ik kom natuurlijk niet onder een steen vandaan maar ik heb me wel verbaasd over de relatieve aandacht die deze tak van sport krijgt in het politiek en maatschappelijk krachtenveld. Ik vind dat men geen fair share krijgt van de te verdelen koek. Dat komt vooral omdat we onszelf gedurende een heel lange tijd enorm gefragmenteerd en versplinterd hebben gepresenteerd. Daarmee hebben we de overheid nauwelijks de gelegenheid gegeven een samenhangende visie op ons los te laten. Derden hebben ons veelal gezien als een veelkoppige draak. Het was nooit goed, altijd deden anderen het fout. Maar dat lag vaak wel aan onszelf. We hadden geen duidelijke en haalbare boodschap en ook qua toon en volume was het niet goed. Dat beeld is zich langzaam aan het wijzigen, hetgeen inmiddels ook door anderen wordt opgemerkt. Niet langer een eendimensionale ‘van dik hout zaagt men planken’ benadering, maar goed doordachte haalbare standpunten; kortom reacties die hout snijden.”

Wat heeft de nieuwe organisatie concreet al bereikt? “Buiten het zicht van de camera is er veel gebeurd. In 2010 hebben we het fundament voor latere jaren gelegd. Niet alleen de naam is veranderd, maar we hebben ons ook binnen VNO-NCW/MKB -Nederland geherpositioneerd. Niet langer een appendix. In het voorjaar komen we met een nieuwe sectorvisie en intussen hebben we met de VNG een convenant gesloten en gaan we dat ook met het IPO doen volgende maand. We zijn nu beter in staat om onze common ground te benoemen en daar samenhang, rangorde en prioriteit in aan te brengen. Opdat ook de ontvangers van de boodschap begrijpen wat we willen. Het eerste overleg met de Tweede Kamer dat ik in deze sector meemaakte, was ontluisterend. Dat had geen niveau. Het succes van het overleg werd afgemeten aan het aantal keer dat een brancheorganisatie door een Tweede Kamerlid was aangehaald. Maar daar gaat het natuurlijk niet om. Het gaat om het behalen van resultaten waarvoor politieke meerderheden zijn. Die Kamerleden werden door Jan en alleman bestookt met de meest uiteenlopende lijstjes met exotische en uitbundige verzoeken. Die konden daar ook geen chocolade van maken. Die Kamerleden willen gewoon een top drie hitlist hebben. Ze willen weten wat nu echt het punt is waarop we als sector willen scoren. Het is daarbij ook belangrijk dat Kamerleden een bestendige lijn zien, dat je ze betrekt bij de afwegingen die je maakt. Ze moeten je zien als een betrouwbare club die goed bezig is.”

nritmagazine

23


Nemen jullie alle communicatie richting nationale politiek over van de onderliggende brancheverenigingen? Nee. Dat is ook nooit de bedoeling geweest. Wij richten ons primair op de collectieve agenda van Gastvrij Nederland. Het is voor het departement een verademing een club aan tafel te hebben die namens zestien partijen spreekt. Met overtuiging en met het mandaat van die partijen.” Wij zijn een beetje een zeursector. We zijn tegen de toeristenbelasting, tegen het rookverbod, tegen Natura 2000 om er maar eens een paar te noemen. Hoe kijken jullie daar tegenaan? “We moeten leren dat het politieke handwerk achter de schermen meer vermag dan louter te tamboereren via nationale media. Dat laatste geeft de eigen achterban wellicht een gevoel van opluchting, maar is doorgaans fnuikend voor het veiligstellen van het lobby-doel. Natura 2000 is natuurlijk een lastig dossier. Het bewustzijn groeit dat natuur de economie in de dagelijkse woon-, leef- en werkomgeving juist meerwaarde schenkt, en dat een economische benadering en ondernemerschap nodig zijn voor het behoud van natuur. Natuur, water en landschap zijn belangrijke elementen van het toeristisch – recreatieve product. Waar komt die negatieve insteek toch vandaan? “Dat komt omdat dit de meest gereguleerde sector van Nederland is. Dat wordt weer veroorzaakt door het feit dat onze activiteiten zich veelal voordoen in of nabij het publieke domein. Een ondernemer heeft daarom te maken met veel regels van zowel landelijke, provinciale en gemeentelijke overheden. De stapeling ervan, als ook de inconsistentie en de gemakzuchtige neiging de sector te zien als gevaarloze melkkoe, maken het voor ondernemers vermoeiend opereren. We mogen er vanuit gaan dat een ondernemer het niet willens en wetens fout doet. Een ondernemer wil onderne-

24

nritmagazine


men, waarde creëren, bijdragen aan het regionaal en nationaal product. Uiteindelijk hebben vooral gemeenten profijt van de inspanningen van bedrijven in de gastvrijheidseconomie. Er is een sterke correlatie tussen de aanwezigheid van onze leden en de aantrekkelijkheid en dynamiek van binnensteden. Een gemiddelde Nederlander heeft meer met een evenement in het eigen stadscentrum dan met de vestiging van een bedrijf op een lokaal bedrijventerrein.” Hebben we geen last van het feit dat we een echte MKB-sector zijn? “Natuurlijk, met 50.000 vooral kleine bedrijven zijn we een echte MKB-sector. Als men daar piept, dan is het niet gelijk nationaal nieuws. Kijk naar de politieke ophef over het dreigende verlies aan werkgelegenheid bij de verkoop van een bedrijf als Organon. Zoveel aandacht maakt jaloers. Maar je doet het collectief onrecht aan als je net doet alsof het allemaal vanzelf gaat. Als je kijkt naar de middelen die het oude ministerie van EZ besteedt aan deze sector, 17 miljoen euro, is dat niet veel. Pakweg 95% van dat budget gaat met een hoog rendement naar promotie van Nederland in het buitenland. Als je dan ziet dat je 400.000 mensen aan het werk houdt en maatschappelijk bindweefsel bent, houdt het niet over.”

nritmagazine

25


Nog even over de naamgeving. Is het niet verwarrend dat RECRON onder de naam Gastvrij Nederland een project heeft met dezelfde naam? “Het project bij RECRON stopt onder de naam Gastvrij Nederland en gaat verder onder een andere naam. Een groot chapeau voor de RECRON dat ze grootmoedig deze naam heeft afgestaan. Gastvrij Nederland is wat we met z’n allen willen uitstralen. En ik ben heel blij dat we nu kunnen zeggen dat we met Gastvrij Nederland zorgen voor de gastvrijheidseconomie. Dat is de vlag waaronder we allemaal opereren. Elke andere benadering is minder compleet.” Daar komen we toch steeds weer op terug ‘de gastvrijheidseconomie’. “Met het woord ‘economie’ heb je gelijk een ander gesprek. Dan gaat het ergens over. Dan is het niet alleen maar fun maar wordt er ook geld verdiend. Het is belangrijk dat we ons met het woord ‘gastvrijheidseconomie’ op de kaart gaan zetten. We hebben in het verleden ons belang voor de Nederlandse economie slecht over het voetlicht gebracht. Je moet voortdurend je omgeving aanspreken op de meerwaarde die je als sector biedt.” Hoe zie je de rol van het NBTC in dit geheel? Ik heb heel veel waardering voor al dat werk dat ze met relatief weinig geld weten te bewerkstelligen. Goed beschouwd moeten ze met weinig middelen de strijd om de internationale toerist aangaan. Ze leveren echt veel kwaliteit en expertise. Al die buitenlandse aandacht legt een stevig fundament onder allerlei activiteiten. Dat komt ook de binnenlandse toerist ten goede. Het NBTC positioneert Nederland als het Artdistrict van de wereld. Met de meeste culturele instellingen per strekkende meter. China is de machinekamer van de wereld,

26

nritmagazine

voor automotive moet je in Duitsland zijn en voor cultuur in Nederland. Als je dat kunt kapitaliseren, dan ben je spekkoper.” Waarom faciliteert VNO-NCW en MKB Nederland de Nationale Raad? “We doen dit omdat het een ledenbelang is. Het zou natuurlijk prachtig zijn als we analoog aan ‘Bouwend Nederland’ ook een ‘Gastvrij Nederland’ krijgen. Dat is voor de overheid en de betreffende branches een enorme stap vooruit.” Wat vind je leuk aan dit dossier? “Ik gedij bij complexiteit en schijnbare tegenstellingen. Het moet niet te gemakkelijk gaan. Naarmate de druk wordt opgevoerd, ben ik meer in mijn element. Zoals ik het nu vertel, lijkt het hele proces om te komen tot Gastvrij Nederland een mooi recht pad, maar dat was het natuurlijk niet. We hebben een bochtige weg, bergop met rolschaatsen afgelegd.” Jullie komen in februari 2011 met een integrale visie. Waarom heeft dat zo lang geduurd? “Omdat we helemaal vanaf scratch opnieuw zijn begonnen. We hebben niet alle beleidsplannen op een hoop geveegd en daar een nietje doorheen geslagen. Dat dus niet. Het wordt een ‘strategische’ visie waarin de common ground van al die partijen goed is verankerd. Het is de resultante van een rijpingsproces waaraan veel interactie, groepsdynamiek en discussie met stakeholders is vooraf gegaan. Strategisch denken is betrekkelijk nieuw voor deze sector. Je ziet dat aan een 100 puntenplan. Daar bereik je dus weinig mee. Professionele lobby begint met je huiswerk heel goed doen, weten hoe de hazen lopen en wie je partners zijn, timing en tot slot moet het je gegund worden.


Wat heeft je heel erg verbaasd over deze sector? “Het gebrek aan boosheid . De ernstige miskenning van de economische `en maatschappelijke relevantie van onze agenda. Dat heeft me erg verbaasd in eerste termijn. Als je erin gaat verdiepen dan zie je dat we zelf alle aanleiding gaven door de overheid te worden uitgespeeld. We waren eenvoudigweg een verdeeld huis. Het was gewoon prijsschieten. Dat proberen we te veranderen. Dat vraagt inschikkelijkheid. Daar begint het mee. Ik ben begonnen met het organiseren van informele ontmoetingen. Ik stelde vast dat de dames en heren van de Raad elkaar niet erg goed kenden. Ze waren als persoon niet met elkaar verbonden. Dat zijn bescheiden noties maar het verenigingselement en daarmee het denken als collectiviteit, als keten is cruciaal voor gemeenschappelijk succes. Daar hoort ook een gevoel van saamhorigheid en onderlinge verbondenheid bij. We zijn met elkaar een keten en dat realiseren we ons nog steeds onvoldoende.” Verwijt je de overheid wat? “De overheid is er niet op uit om alleen maar domme dingen met ons te doen. Maar we moeten die overheid wel voeden met goede ideeën en plannen. En geloof me. Als je namens 16 partijen spreekt, dan kunnen ze moeilijk om je heen.” Wanneer is Gastvrij Nederland voor je geslaagd, gelukt? “We gaan echt in een heel hoog tempo. Het is belangrijk dat we het in de goede volgorde blijven doen. De verleiding om heel veel meer te doen is groot, maar we moeten het allemaal wel kunnen behappen. De interne spankracht is niet onbegrensd. Je kunt in zo’n project niet zeggen dat je klaar bent. Dat ben je nooit.” •

Gastvrij Nederland Gastvrij Nederland - Nationale Raad voor toerisme, recreatie, horeca en vrije tijd, vertegenwoordigt zestien organisaties en branches in de gastvrijheidseconomie waarin zowel leisure als business zijn vertegenwoordigd. Gastvrij Nederland spant zich in de toeristisch-recreatieve bedrijvigheid binnen Nederland in de volle breedte te versterken, zodat toerisme en recreatie kunnen uitgroeien tot een dynamische en duurzame sector waarin gasten, klanten, bezoekers en recreanten uit binnen- en buitenland hun voordeel doen met een hoogwaardige productbeleving tegen gunstige prijs- en kwaliteitscondities. De Raad zet zich in voor een toegankelijk, veelzijdig, verrassend en hoogwaar-

dig vrijetijdsaanbod met als doel om meer bezoekers en meer bestedingen in Nederland te genereren. De leden van Gastvrij Nederland zijn ANVR, CLC-Vecta, Club van Elf, HISWA Vereniging, Koninklijke Horeca Nederland, Koninklijk Nederlands Vervoer, Nederlandse Museumvereniging, Nederlandse Vereniging van Luchthavens/Schiphol, Nederlandse Vereniging van Dierentuinen, RECRON, Vereniging Nederlandse Poppodia en Festivals, Vereniging van Schouwburg- en Concertgebouwdirecties, Vereniging van Evenementenmakers en VVV Nederland. Nederlands Bureau voor Toerisme & Congressen en ANWB zijn geassocieerd lid. Gastvrij Nederland is nauw gelieerd aan VNO-NCW en MKB Nederland.

nritmagazine

27


Vakantieparticipatie De vakantieparticipatie geeft het percentage van de Nederlandse bevolking weer dat in het onderzoeksjaar minstens één keer op vakantie is geweest. In de vorige eeuw is de vakantieparticipatie, met name in de jaren zestig en zeventig, jarenlang gestaag toegenomen. Het afgelopen decennium is deze gestabiliseerd tussen de 80% en 82%. De totale vakantieparticipatie is de afgelopen vijf jaar vrijwel jaarlijks licht gestegen, enkel in 2009 gingen er minder Nederlanders op vakantie dan het jaar ervoor. De totale vakantieparticipatie is het afgelopen jaar opnieuw licht gestegen (+0,25%) ten opzichte van 2009 en met een percentage van 81,5% weer bijna op hetzelfde niveau als in 2008.

“Vakantieparticipatie licht gestegen”

Nederlander minder op vakantie in 2010 Recent resultaat uit Continu Vakantie Onderzoek Door: Irene Viergever

Welke invloed heeft de opkrabbelende economie op het vakantiegedrag van de Nederlanders in 2010 gehad? Welke bestemmingen in binnen- en buitenland waren het populairst en gingen we, evenals in 2009, steeds langer en verder op vakanties? Allemaal vragen waar het ContinuVakantieOnderzoek antwoord op geeft. Eind november presenteerden Ad Schalekamp en Kees van der Most de jaarresultaten 2010 aan een select gezelschap. Natuurlijk was de redactie van NRIT Magazine uitgenodigd.

28

nritmagazine

Het aantal Nederlanders dat zowel in binnen- als buitenland op vakantie gaat laat een kleine stijging zien ten opzichte van voorgaande jaren. Opvallend is dat het aantal Nederlanders dat enkel naar het buitenland gaat het afgelopen jaar is gestegen, terwijl het aantal Nederlanders dat enkel in eigen land vakantie viert juist daalde. In 2009 was dit precies andersom: een daling van enkel buitenlandse vakanties tegenover een stijging van enkel binnenlandse vakanties. Dit is een gevolg van de opkrabbelende economie, waardoor mensen weer vaker naar het buitenland op vakantie kunnen. Aantal vakanties Voor het eerst in vijf jaar is het aantal vakanties in 2010 licht afgenomen, ondanks de lichte economische groei. Dit in tegenstelling tot de toenemende vakantieparticipatie. Dit betekent dat meer Nederlanders op vakantie zijn gegaan, maar het totaal aantal vakanties die ze hebben ondernomen, is afgenomen. In totaliteit hebben de Neder-


20 Zeeland Friesland

15

Zuid-Holland

10

Utrecht

5

Groningen

Figuur 1

Vakantieparticipatie, 2006-2010

Flevoland

0

500

90% 80,5%

1.000

80,7%

81,6%

81,3%

1.500

2.000

2.500

0

81,5%

80%

“Minder vakanties”

70% 60%

18

50% 40% 30,9%

31,4%

32,8%

33,0%

33,3% 27,4%

28,4%

16 27,6%

28,7%

28,4%

30%

22,2%

14

20%

20,0%

20,7%

19,8%

2006

10% 0%

20,9%

12 Totaal

Binnen- buitenland

2007

Alleen buitenland

2008

Alleen binnenland

2009

10

Bron: NBTC-NIPO Research, CVO

2010

8

1.000

landse vakantiegangers in 2010 zo’n 36,1 miljoen vakanties genoten, wat een daling betekent van 0,82% ten opzichte van voorgaand jaar. Dit wordt volledig veroorzaakt door de daling van de vastestandplaatsvakanties (-7,8%). Het aantal toeristische vakanties steeg met 100.000 naar 31,4 miljoen. Nederlanders gingen afgelopen jaar gemiddeld 2,84 4.000 keer op 5.000 vakantie.6.000 Dit aantal 2.000 3.000 7.000 is een lichte daling ten opzichte van vorig jaar. Toen lag dit aantal nog op 2,88.

6

“Afname binnenlandse vakanties”

4 2

Figuur 2

Vakanties van Nederlanders naar bestemming, 2006-2010 (x 1 mln.)

8.000

0

40 35,9% 35,2%

35

Verhouding binnenland - buitenland Het aantal buitenlandse vakanties is de afgelopen drie jaar vrijwel gelijk gebleven, terwijl het aantal binnenlandse vakanties een schommeling heeft doorgemaakt. 2009 was een economisch minder jaar, waardoor vakantiegangers liever een aantal keer in het binnenland op vakantie gingen in plaats van een lange vakantie in het buitenland.

34,5%

36,4%

36,1%

30

25

20

17,6%

18,5%

18,4%

16,8%

18,4%

17,8%

17,6%

17,5%

18,0%

17,7%

15

Het totaal aantal buitenlandse vakanties ligt sinds 2007 hoger dan het aantal binnenlandse, zo ook in 2010. Het aantal buitenlandse vakanties is met 18,4 miljoen gelijk gebleven. In 2010 had 50,9% van het totaal aantal vakanties een buitenlandse bestemming. Het aantal binnenlandse vakanties 500daalde van1.000 2.000 18,0 miljoen1.500 in 2009 naar 17,7 miljoen in 2010.

10

5 2006

2.500

0

2007 Totaal

Buitenland

2008

Binnenland

2009

Bron: NBTC-NIPO Research, CVO

2010

nritmagazine

29


00

voort uit de vakantiebestedingen in het buitenland, wat gezien de stagnatie van het aantal buitenlandse vakanties betekent dat de gemiddelde besteding in het buitenland gedaald is ten opzichte van 2009.

Figuur 3

Bestedingen aan vakanties, 2006-2010 (in mld. €)

18 16 14

15,3

15,1

15,0

13,8 13,0

Internet Bij zowel de binnenlandse als de buitenlandse vakanties wordt 69% van de vooraf geregelde vakanties via internet geregeld, een stijging van 8% ten opzichte van 2009. In 2010 werden 18,5 miljoen vakanties via internet geboekt. Met name de telefonische boekingen maken een sterke daling door van 6%.

12,6 12,3

12

12,2

11,1 10,4

10 8 6 4 2,6

2,7

2,7

2,8

2,8

2 2006

0

8.000

40

Totaal

Bron: NBTC-NIPO Research, CVO

Buitenland

Binnenland

2007 2008 2009 2010

35

Vakantieduur Door de groeiende economie zien we dat het aantal lange vakanties (8 dagen of meer) weer toeneemt ten opzichte van 2009. Dit geldt voor zowel het binnenland als het buitenland. De grootste daling is evenwel te zien in het aantal korte buitenlandse vakanties (-2,8%).

30

25

20

15

Vakantie-uitgaven In 2010 werd door alle Nederlandse vakantiegangers tezamen 15 miljard euro aan vakanties uitgegeven, zo’n 100 miljoen minder dan in 2009 (-0,7%). In 2008 was nog sprake van een forse groei in de vakantiebestedingen. De totale vakantiebestedingen liggen ondanks deze daling nog steeds hoger dan in de jaren voor 2008.

10

5

0

2.500

De vakantiebestedingen in het binnenland zijn met 2,8 miljard constant gebleven ten opzichte van 2009. De totale daling komt

30

nritmagazine

Binnenlandse vakantiemarkt Het aantal binnenlandse toeristische vakanties neemt 1% toe ten opzichte van 2009 en komt daarmee op 14 miljoen vakanties. De daling in het aantal binnenlandse vakanties komt voort door de afnemende populariteit van vastestandplaatsvakanties. Wat betreft de toeristische vakanties kan geconcludeerd worden dat hotelvakanties sinds 2006 vrijwel elk jaar stijgen in populariteit. Het aantal hotelvakanties is het afgelopen jaar met 6% gestegen, waardoor het aantal hotelvakanties uitkomt op 3,3 miljoen. In het aantal bungalow- en kampeervakanties is een flinke daling te zien van respectievelijk 5% en 3%.

“Uitgaven aan vakanties blijven dalen” De Nederlandse Noordzeebadplaatsen staan al vijf jaar op plaats een van de meest populaire toeristengebieden van Nederland, al is er wel een daling van 5% te zien in het aantal vakanties ten opzichte van 2009. De grootste daling in populariteit is terug te zien in het aantal vakanties naar het toeristengebied Oost-Brabant, Noord- en Midden Limburg en Rijk van Nijmegen (-12%). Het aantal vakanties in Zuid-Limburg (plaats 8)


6 4 2

en het Deltagebied (plaats 10) zijn het afgelopen jaar gestegen met gemiddeld 4,5%. Nederlanders blijken het liefst in Gelderland vakantie te vieren en bijna 13% van de vakanties vindt dan ook plaats in deze provincie. Limburg is ook erg populair. Deze zuidelijke provincie heeft een marktaandeel van 11,6%. Flevoland is, mede vanwege de geringe oppervlakte, het minst populair bij vakantievierend Nederland.

Binnenlandse vakanties van Nederlanders naar provincie, 2010 (x 1.000) 0

1.000

2.000

4.000

5.000

6.000

Gelderland

7.000

Figuur 4 0

8.000

40

2.216

2.057

Limburg Noord-Holland

35

1.582

30

Noord-Brabant

1.454

Drenthe

25

1.371

1.225

Overrijsel

20 1.090

Zeeland Friesland

“Noordzeebadplaatsen en Gelderland nog steeds populairste bestemmingen�

3.000

15

1.000

Zuid-Holland

989

10

Utrecht

391

Groningen

5

355

271

Flevoland 0

500

1.000

1.500

2.000

2.500

0

90% Bron: NBTC-NIPO Research, CVO

Buitenlandse vakantiemarkt De Nederlandse vakantiegangers hebben in totaal 18,4 miljoen buitenlandse vakanties genoten, wat noch een daling noch een stijging is ten opzichte van vorig jaar. Er is wel een toename van 2% te zien in de buitenlandse vakantieparticipatie, wat betekent dat 61,7% van de Nederlanders het afgelopen jaar in het buitenland op vakantie is geweest. Wat betreft de bestedingen in het buitenland is er een daling van 1% te zien ten opzichte van vorig jaar en de Nederlandse vakantiegangers geven ongeveer 12,2 miljard euro uit tijdens hun vakanties in het buitenland. Buurland Duitsland blijft het meest populaire vakantieland, ondanks de daling van 300.000 vakanties in het afgelopen jaar. Na Duitsland zijn Frankrijk en BelgiĂŤ het meest populair bij de Nederlandse vakantieganger. Het aantal intercontinentale en Middellandse Zeevakanties zijn het afgelopen jaar beide gestegen, met respectievelijk 10% en 4%. Vliegvakanties worden steeds populairder en dit type vakantie is in 2010 dan ook met

80% 70% 60%

5% toegenomen. Er50% is een daling van 1% te zien in de autovakanties, wat resulteert in 40% 10 miljoen autovakanties in 2010. 30%

Hotel- en motelvakanties zijn in het buitenland verreweg het meest populair. In 2010 20% hebben 7,2 miljoen hotel- en motelvakanties van Nederlanders plaatsgevonden, een 10% lichte stijging ten opzichte van voorgaand 0% jaar. Het aantal bungalowvakanties is met 5% gedaald. In 2010 hebben Nederlanders 1,8 miljoen bungalowvakanties in het buitenland doorgebracht. Strandvakanties en steden- cultuurvakanties blijven bij de Nederlandse vakantieganger het meest populair wanneer men een buitenlandse vakantie onderneemt. Het aantal strandvakanties is zelfs met 3% gestegen, wat betekent dat er in totaal 3,1 miljoen strandvakanties genoten zijn. Rondreizen groeien ook in populariteit, terwijl winter-

nritmagazine

31


sport steeds minder populair wordt. Reden hiervoor zijn de stijgende prijzen van de voorzieningen op de wintersportlocatie. Conclusie Geconcludeerd kan worden dat de vakantiemarkt stabiliseert door de economische crisis. Het aantal toeristische vakanties is stabiel (+0,5), terwijl we een sterke daling zien in het aantal vastestandplaatsvakanties (-7%). De groei van internet als boekingswijze zet onverminderd door en het afgelopen jaar heeft dan ook 69% van de totale vakanties via deze boekingswijze plaatsgevonden. Binnenlandse vakanties Het aantal binnenlandse vakanties is gedaald met 250.000 vakanties naar 17,7 miljoen, wat een daling van 1% betekent. Zowel de korte vakanties als de lange vakanties zijn met 1% gedaald. Wat betreft de toeristische vakanties groeien vooral de hotelvakanties in populariteit. We zien dan ook een groei van 6%. De Noordzeebadplaatsen en de Veluwe blijven de belangrijkste toeristische regio’s in Nederland. De vakantiebestedingen zijn stabiel gebleven. Buitenlandse vakanties Het aantal buitenlandse vakanties is met 18,5 miljoen gelijk aan 2009. Het aantal korte vakanties is met 3% gedaald, terwijl het aantal lange vakanties met 2% is toegenomen. Er is een grote groei te zien in het aantal vliegtuigvakanties, terwijl het aantal autovakanties juist met 3% is gedaald. Ook in het buitenland groeit het aantal hotelvakanties. Binnen Europa zijn Turkije(+18%) en Groot-Brittannië (+12%) de belangrijkste stijgers. Ook het aantal vakanties naar het Middellandse-Zeegebied en verre reizen zijn het afgelopen jaar gestegen. De buitenlandse bestedingen zijn met 100 miljoen euro gedaald (-1%). •

Hotel / motel

16

2.003

Bungalowpark

1.805

Familie / vrienden

14

1.591

Caravan

12

1.063

Tent

10

992

8

Woning particulier

857

losse bungalow

857

6

Stacaravan

742

4

Pension / B&B 543 Camper

2

254 0

GelderlandCVO Bron: NBTC-NIPO Research, Limburg

1.000

2.000

3.000

4.000

5.000

6.000

7.000

8.000

0 40

35

Noord-Holland 30

Noord-Brabant Drenthe

25

Overrijsel

20

Zeeland Friesland Zuid-Holland Utrecht Groningen Flevoland 0 90% 80% 70% 60% 50% 40%

20% 10%

nritmagazine

18

7.210

Appartement

30%

32

Figuur 5

Buitenlandse vakanties van Nederlanders naar type accommodatie, 2010 (x 1.000)

0%

Het ContinuVakantieOnderzoek 2010 15 Om inzicht te krijgen in het vakantiegedrag van Nederlanders voert NBTC-NIPO vier maal per jaar een grootschalig onder10 zoek uit onder 6500 Nederlanders, waarin de respondenten wordt gevraagd naar het vakantiegedrag in de afgelopen drie 5 maanden. Het ContinuVakantieOnderzoek is een panelonderzoek, waarbij gebruik wordt gemaakt van een voor de 0 Nederlandse bevolking representatief panel. Onder 500 1.000 1.500 2.000 2.500het woord vakantie wordt in het CVO het volgende verstaan: ‘Elk verblijf buiten de eigen woning voor ontspanning of plezier met tenminste één overnachting verstaan. Het gaat daarbij om zowel binnenlandse als buitenlandse vakanties. Ook het logeren bij familie, vrienden of kennissen in het buitenland valt onder het begrip vakantie. Een verblijf bij familie, vrienden of kennissen in Nederland telt hier niet mee, tenzij de bewoners de hele tijd of de meeste dagen afwezig waren. Vakanties waarbij wordt overnacht in een eigen vakantieaccommodatie worden wel meegeteld in het onderzoek. Het onderzoeksjaar loopt bij het CVO van oktober tot en met september.


Column Hans Avontuur, reisjournalist

Glazen bol en koffiedik Toekomstvisies.Ikkanergeengenoegvankrijgen.Onderzoekendieonsvertellenhoe weovertien,twintigjaaropreisgaan.Kamperen?Datisverdwenen.Wintersport?Te warm.Anno2020gaanwemetz’nallenperKLMspaceshuttlenaarhetall-inclusive EarthViewResortopdemaan,waarhetonsaannietszalontbreken.Hoogtepunten:een ruimtewandelingeneengeheelverzorgdeexcursienaarArmstrongseerstevoetstapuit 1969. Onzin?Datvaltnogtebezien.Alsiemandtienjaargeledenhadgezegddatwenuvoor achteuroinclusiefbelastingenopenneernaarValenciazoudenvliegen,haddenwehem ofhaarvoorgekverklaard.Entoch.Hetkan.Ofneemdenogaltijdvoortdurendeopmars vandeall-inclusivevakantie.Wiedatdestijdshadvoorspeld,wasineendwangbuis afgevoerd, want we gingen een tijd van vergaande individualisering tegemoet… Kortom,detoekomstlaatzichbijzonderlastigindekaartenkijken.Zelfsdebesteonderzoekershebbenergrotemoeitemee.Jekuntwelfeiteninventariseren,zoalshetNBTC enTNS-NIPOeldersinditmagazinedoen.Datermeerouderenkomen,datdeprijsvan mobiliteitomhoogzalgaanendatderolvansmartphoneseniPadsgroterwordt.Maar naar de effecten kan slechts worden gegist. Glazen bol, koffiedik. Neemhetthemaduurzaamengroen.Alsweinternationaleonderzoekenvanvijfjaar geledenmoestengeloven,haddenwenuallemaalinelektrischeauto’sgereden,onze energieuitzonenwindgehaaldendeCO2-uitstootmetgroteklappenteruggebracht. Alleenfietstedaareeneconomischecrisistussendoor.Enhup,hetthemagroen,zovalt telezeninhetNBTCenTNS-NIPOrapport,isvoordeNederlanderplotsgeenthema meer.Ikhebtedoenmetaldieondernemersenbestuurdersdievandaagdebeslissingen voormorgenmoetennemen.Eenbijnaonmogelijkeopgave.Maaralsreizenmijéénding latenzien,ishetwelderolvanhetindividu.Wieergensheiligingelooftendaarvolvoor gaat, maakt een zéér goede kans op succes. Trend of geen trend. ZowasikafgelopenwinterinhetOostenrijksedorpjeWerfenwengdatbijgebrekaan eengrootskigebiedjarenlanglangzaamachteruithobbelde.Totdejongeburgemeester–opzoeknaareenusp-keihardvoorhetthemagroenkoos.Hijgingdestrijdaan metdebehoudendeinwonersenzettevolinopeco.EndatgaatinWerfenwengverder danspaarlampen,afvalscheidingengroenestroom.Zokrijgtdegastdiemetdetrein komtofdiebijdeVVVz’nautosleutelsinlevert,eenboekjemetbonnenvooronder meerdegratishuurvanlanglaufmateriaal,eenritmetdepaardenkoetseneentochtop sneeuwschoenen.Ookzijnervooreventueleuitstapjesauto’sopbiogastehuur.Tegen kostprijs.Hetresultaatisverbluffend.Hetloopterstorm.Onafhankelijkvantrendsen wildevoorspellingenhebbenzeinWerfenwengdetoekomstnaarhunhandgezet.De glazen bol aan diggelen! •

nritmagazine

33


Wellness, een vitale branche Een congresverslag Door: Irene Viergever

Speciaal voor iedereen die actief is binnen de wellnessmarkt, en meer grip wil krijgen op de branche, hebben NHTV internationaal hoger onderwijs Breda (NHTV) en Dutch SPA & Wellness Association (DSWA) het congres ‘Wellness, een vitale branche’ georganiseerd. Het congres vond plaats op 9 december 2010 aan de Sibeliuslaan in Breda, waar de opleidingen Facility- en Hotelmanagement van de NHTV gevestigd zijn.

34

nritmagazine

D

e dag werd ingeleid door Dirk Jan Meijer van de Dutch SPA & Wellness Association, DSWA. Deze organisatie is ontstaan uit de Dutch SPA Association en het Wellnessplatform (een samenwerking van de drie brancheorganisaties ANBOS, Koninklijke Horeca Nederland en RECRON). Deze partijen willen met deze samenwerking beschikbare kennis delen met anderen, zodat er een onafhankelijk kennis- en informatiecentrum voor de Spa & Wellnessbranche ontstaat. DSWA streeft naar herkenbaarheid en borging van kwaliteit op alle niveaus in de SPA- en Wellnessbranche.


Grafiek 1

Activiteiten waarmee wellnessvakanties worden gecombineerd

Culinaire activiteiten, uit eten gaan

61%

Winkelen, funshoppen

60%

Zwemmen, zonnebaden

51%

Wandelen, fietsen

45%

Culturele activiteiten, musea

41%

Bezoek natuurgebeid

33%

Bezoek strand

28%

Bezoek theater, bioscoop Watersport, varen, zeilen

22% 6%

Wintersport 4%

% 0

10

20

30

40

50

60

70

80

Bron: NBTC-NIPO Research

bevindingen uit het onderzoek tijdens het wellnesscongres gepresenteerd.

Actuele cijfers over wellness, door Kees van der Most Vervolgens was het de beurt aan Kees van de Most van NPTC-NIPO Research. Deze organisatie is vooral bekend van het ContinuVakantieOnderzoek (CVO). In het CVO wordt ook aandacht besteed aan special interest vakanties en daar maken wellnessvakanties vanzelfsprekend onderdeel van uit. Op het congres presenteerde hij de eerste resultaten. Voor bedrijven binnen de wellness is dergelijke informatie van groot belang en daarom heeft Kees van der Most, medeauteur van het CVO, de belangrijkste

De markt voor wellnessvakanties kan de komende jaren nog flink groeien. Momenteel ondernemen Nederlanders zo’n 430.000 wellnessvakanties, terwijl de potentiële markt een omvang van 890.000 vakanties omvat. Daarmee hebben wellnessvakanties samen met spirituele, taal-, culinaire en cruisevakanties binnen de special interestvakanties het hoogste groeipotentieel. Bovenstaande verdubbeling wordt veroorzaakt door de ontwikkeling naar een Economy of Happiness, wat inhoudt dat er in onze maatschappij een verschuiving te zien is van beleving naar verrijking. Kees van der Most: “De puurheid van dingen gaat steeds belangrijker worden en mensen gaan steeds bewuster leven”. NPTC-NIPO verwacht dat

deze ontwikkeling zich in de toekomst nog verder zal uitbreiden en men steeds vaker op zoek gaat naar inhoudelijke verdieping, iets wat bereikt kan worden tijdens een wellnessvakantie. De potentiële wellnessvakantieganger is veelal een vrouw, in de leeftijd van 24 tot 35 jaar en behoort tot de sociale klasse B-boven. Uit het gepresenteerde onderzoek blijkt verder dat 52% van de ondervraagden een behandeling gericht op verwennen en ontspannen als belangrijkste activiteit ziet tijdens een wellnessvakantie. Ongeveer 86% geeft aan deze activiteit te willen ondernemen tijdens de welnessvakantie. 29% van de ondervraagden, voornamelijk mannen, vindt het saunabezoek de belangrijkste activiteit. Mannen gaan bij voorkeur (88%) met hun partner op wellnessvakantie, terwijl

nritmagazine

35


een derde (32%) van de vrouwen deze vakantie ook graag met een vriendin door zou brengen. Wellnessactiviteiten worden het liefst gecombineerd met culinaire activiteiten en funshoppen. Opvallend is dat het funshoppen, maar ook zwemmen en zonnebaden voornamelijk bij de doelgroep van 25 tot 44 jaar (jonge stellen, ouders met jonge kinderen) populair is. De wat oudere mannen combineren welnessactiviteiten graag met fietsen, wandelen en natuur. Ons eigen land is het meest populair voor een wellnessvakantie en 59% van de ondervraagden geeft dan ook aan de wellnessvakantie het liefst in Nederland

door te brengen. Limburg en Gelderland zijn geliefde provincies. Voor een wellnessvakantie in Nederland wordt een (lang) weekend als ideale duur gezien. Een wellnessvakantie in het buitenland mag volgens de ondervraagden wel langer duren: 25% geeft de voorkeur aan een midweek en 30% aan een week. Conclusie Geconcludeerd kan worden dat de wellnessvakantiemarkt inderdaad een erg vitale branche is, die de komende jaren nog verder zal groeien. Nederlanders blijven het liefst in eigen land voor een wellnessvakantie en daarbij willen ze lekker ontspannen en genieten van culinaire activiteiten. Naast de presentatie van de onderzoeksresultaten over de wellnessmarkt had de organisatie nog een leuke uitsmijter voor de aanwezigen in de vorm van een gastcollege van Herman Lier. Afsluiting Het ochtendprogramma werd afgesloten met een vragensessie betreffende de trends en actualiteiten in de branche. Tijdens deze vragensessie kwamen een aantal belangrijke partners van DSWA aan het woord en werd er antwoord gegeven op verschillende vragen van de aanwezigen. Alle sprekers waren het met ĂŠĂŠn ding eens: wellness wordt steeds breder en iedereen gaat er mee aan de haal, waardoor de hele sector uitgedaagd wordt onderscheidend te blijven en kwaliteit toe te voegen.

Tabel 1

Groei special interest vakanties Bestaande markt

PotentiĂŤle markt

Groei

Cultuurvakanties

1.950.000

2.270.000

16,4%

Wandelvakanties

1.520.000

2.070.000

36,2%

Fietsvakanties

1.090.000

1.750.000

60,1%

Avontuurlijke vakanties

1.080.000

1.250.000

15,7%

Natuurvakanties

860.000

1.290.000

50,0%

Wellnesvakanties

430.000

890.000

107,0%

Cruisevakanties

350.000

750.000

114,2%

Bron: NBTC-NIPO Research, CVO

36

nritmagazine

Speedcolleges Na de lunch was het tijd voor de speedcolleges, waarbij in een kort college toepasbare kennis werd gepresenteerd over verschillende, uiteenlopende onderwerpen. De aanwezigen konden drie van onderstaande colleges bijwonen, waarna de dag werd afgesloten met een netwerkreceptie in de foyer.


Wellness, de nieuwe lifestyle, door Herman Lier Herman Lier is behalve marketingdocent aan de NHTV ook de auteur van het boek ‘Van Experience naar Challenge Economy’. De NHTV heeft, in samenwerking met Hogeschool Zeeland, de opleiding ‘Wellness en vitaliteit’ opgezet. Tijdens het wellnesscongres trakteerde Herman Lier de aanwezigen op een college marketing, geheel toegespitst op de branche. Wellness wordt steeds belangrijker. Sterker nog, wellness is een levensstijl geworden. Dit heeft alles te maken met de verschuiving van Experience Economy naar Challenge

- Welness 2.0: in shape for social media. Door Jeroen Vinkesteijn, docent interactieve marketing NHTV; - Van Mossenscrub naar Bad Domburg, terugblik op de resultaten van het project “Vitaliteit-Wellness, een zee van kansen”. Door Wies Buysrogge en Marlies SobczakBoumans, Economische Impuls Zeeland; - Investeren in wellness, een zaak van een lange adem? Door Annemarie de Goort, sectormanager Horeca & Recreatie Rabobank Nederland;

Economy: er wordt steeds meer betekenis toegevoegd aan het leven. Het is volgens Lier echter tijd voor vernieuwing, omdat wellness niet meer als bijzonder wordt gezien maar als onderdeel van het dagelijkse leven. Er zal constant vernieuwd moeten worden om waarde te creëren, want “het enige constante is de vernieuwing”. Wellness wordt Selfness, waarin voortdurend een balans wordt gelegd tussen lichaam en geest. De branche zal in de toekomst nog klantgerichter moeten worden, waardoor een netwerk, inzicht in de markt en kennis over de klant essentieel zijn.

- Kansen voor co-creatie: co-branding, crowd-sourcing en nieuwe vormen van sponsoring. Door Bert Smit, docent Imagineering NHTV; - Hostmanship, door Constant Moolenaar, Hostmanship Group; - Keurmerk, een noodzaak voor een gerespecteerde branche. Door Jeroen Maree, DSWA en ROC Rijn IJssel; - Opleiden van vitaal personeel. Door Peter Kruizinga, opleidingsmanager “Vitaliteitsmanagement en toerisme”;

Een handige tool om dit te verwezenlijken is het boek ‘Vitaliteit en wellness’ van Marlies Sobczak-Boumans, die tijdens het congres gepresenteerd werd. Het boek is het eerste complete werk over de branche en behandelt in vijftien hoofdstukken alle facetten gericht op de bedrijfsvoering van een wellnesscentrum. In het boek komen ook diverse inhoudelijke aspecten van wellness aan de orde, zoals het gebruik van water als medicijn, sport- en fitnessprogramma’s, gezond

- Vitaal ondernemerschap. Door Jan Karel Fikke, directeur Hampshire Trivium Hotel & SPA in Etten-Leur; - Voeding als ingrediënt van wellness: trends in de food industry en de betekenis voor wellness. Door Remco Klasen en Raoul Kivits, verbonden aan opleiding Hotelmanagement, NHTV. Heeft u het congres niet bezocht? Dan kunt u het alsnog meemaken op: http://www.kenniscentrumtoerisme.nl/nl/congreswellness. •

eten, kuurvakanties, behandelingen en ontspanningstherapieën. Het eerste exemplaar van ‘Vitaliteit en Wellness’ is tijdens het congres overhandigd aan Hans Uiterwijk, voorzitter van college van bestuur van NHTV. Sobczak: “Het boek is de eerste druppel. Het is een aanzet tot alle goede dingen die in ontwikkeling zijn”. Alle aanwezigen hebben bij het verlaten van het congres tevens een exemplaar van ‘Vitaliteit en Wellness’ meegekregen.

nritmagazine

37


Inspirerende trends KLM stapt in ruimtereizen Luchtvaartmaatschappij KLM steunt de plannen van Space Experience Curaçao om vanaf de Nederlandse Antillen ruimtereizen te maken. Dat heeft een woordvoerster van KLM bevestigd naar aanleiding van een bericht in De Telegraaf. Klanten van de luchtvaartmaatschappij kunnen over drie jaar mogelijk een raketvlucht maken boven Curaçao waar in 2014 een ruimtebasis wordt geopend. KLM heeft ingeschreven op de eerste vluchten, die 70.000 euro kosten. De luchtvaartmaatschappij wil verder de promotie en de verkoop van tickets op zich nemen. •

Wittefietsenplan 2.0 in Rotterdam Twee Rotterdamse ondernemers ontwikkelden een fietsplan voor de havenstad, naar het voorbeeld van fietsverhuurlocaties in onder andere Parijs, Londen en Kopenhagen. Daar kunnen tweewielers tegen betaling uit het rek worden gehaald om die ergens anders in de stad weer op slot achter te laten. Het plan heeft veel weg van het wittefietsplan dat Provo in 1965 in Nederland introduceerde. Het idee daarachter was luchtverontreiniging in de stad tegen te gaan. Iedereen kon op verscheidene plekken in de stad de witte fiets gratis meepak-

Website voor reizen naar ontwikkelingslanden TourWizz is de eerste gratis onlinedatabase die alle informatie voor reizen naar ontwikkelingslanden bundelt. “Met 146 Nederlandse touroperators en 34 Belgische wil de website de belangrijkste informatiebron in de Benelux voor

38

nritmagazine

ken en waar dan ook achterlaten. Veel Europese steden hebben sinds enkele jaren een vergelijkbaar plan voor de stad ontwikkeld en uitgerold. Vooral toeristen gebruiken deze fietsen om daarop de stad te ontdekken. Hetzelfde willen ook Joël Ferdinandus van mannenwinkel LokalHeroz en Arno Wolterman van In10 Communicatie in Rotterdam. Door de hele stad - van haven tot centrum - moeten tientallen gepimpte zeecontainers komen te staan, is het idee van de initiatiefnemers. “Zeecontainers is zo haven en daarmee zo Rotterdam”, vindt Ferdinandus. Hij wil ze gebruiken als automatisch beheerde stalling, van waaruit de fietsen kunnen worden meegenomen en teruggezet. •

dit segment zijn”, aldus directeur Ton Willemse van TourWizz. Via de site is het mogelijk om per ontwikkelingsland touroperators, hotels en andere toeristische diensten te vinden. TourWizz biedt aanbieders van reizen en van toeristische diensten naar ontwikkelingslanden gratis vermelding van bedrijfsgegevens, bestemmingen en specialismen.

TourWizz wil zo snel mogelijk en zo veel mogelijk verschillende, relevante aanbieders voor reizen naar ontwikkelingslanden op de website verzamelen. Het internetportaal krijgt ondersteuning van het CBI, Centrum ter Bevordering van de Import uit ontwikkelingslanden (een agentschap van Buitenlandse Zaken), dat zich inzet voor het toerisme naar ontwikkelingslanden. Meer informatie op: www.tourwizz.com •


Attractiepark Toverland introduceert, in het kader van goede voornemens voor 2011, op 1 januari 2011 een unieke, gezonde broodjeslijn. Iedere maand verzorgt Lijn16, erkende praktijk voor gewichtsbeheersing en voedingsadvies, een lekker en gezond broodje bij de horeca in Toverland. Met deze toevoeging aan het assortiment doorbreekt Toverland het ongezonde horeca-aanbod in attractieparken. Lijn16 zal iedere maand een gezond broodje, dat wordt aanbevolen door voedings-

Toverland doorbreekt ongezond horeca-aanbod attractieparkensector

deskundigen, presenteren in het horecaaanbod van Toverland. Dit broodje bevat weinig calorieën en verzadigde vetten en haalt optimaal voedingsvoordeel uit je maaltijd. In januari 2011 zal het eerste broodje worden gepresenteerd: volkorenbrood met kruidenkaas, geroosterde paprika en walnoten. Dit broodje zal ongeveer 211 kcal bevatten. In vergelijking: een portie frites met

Tsjernobyl wordt toegankelijk voor toeristen Vanaf dit jaar zijn toeristen welkom in het gebied rond de kerncentrale Tsjernobyl waar zich in 1986 de grootste kernramp uit de geschiedenis voltrok. Het Oekraïense ministerie van noodgevallen heeft dat bekendgemaakt. Op kleine schaal worden momenteel al rondleidingen gegeven in het gebied. Die reisjes zijn echter aan hele strenge regels gebonden. De Oekraïense regering wil dat het voor toeristen makkelijker wordt om het gebied onder begeleiding te bezoeken. Voor het grote publiek is het gebied sinds de ramp afgesloten geweest. De straling is er nog altijd veel hoger dan op andere plekken, maar volgens deskundigen is het voor mensen veilig om er voor een korte tijd te zijn. Meer informatie op: historiek.net •

mayonaise bevat 590 kcal. Uniek aan deze samenwerking is de focus op gezonde voeding binnen attractieparken. Deze branche staat tot op heden bekend als een horeca-aanbod met friet en pizza. Toverland wil dit doorbreken door ook bewuste, gezonde voeding aan te bieden. Meer informatie op: www.toverland.nl •

Amsterdam Airport Schiphol lanceert gratis Schiphol App Amsterdam Airport Schiphol heeft de service richting de passagiers en bezoekers uitgebreid met de gratis Schiphol App. Deze nieuwe applicatie geeft eigenaren van een iPhone of Android-toestel persoonlijk gerichte reisinformatie. Zo is vluchtinformatie via ‘pushnotificatie’ (voor jou relevante updates en vluchtinformatie) beschikbaar, maar bijvoorbeeld ook informatie over faciliteiten en activiteiten op de luchthaven. Het reserveren van een Schiphol Smart Parking parkeerplaats is zeer binnenkort ook mogelijk. In de toekomst kunnen reizigers zelfs een persoonlijk reisadvies opvragen, inclusief filemeldingen en ov-informatie. “Deze nieuwe service voor passagiers en bezoekers draagt direct bij aan onze ambitie van Europe’s preferred airport. Schiphol laat hiermee bovendien zien dat zij een innovatieve en toonaangevende luchthaven is met gastvrijheid hoog in het vaandel”, aldus Otto Ambagtsheer, directeur business area Consumers. Schiphol werkt voor deze service samen met M2Mobi. •

nritmagazine

39


De essentie van online toegankelijkheidsinformatie voor culturele instellingen Door: Veroniek Maat MSc, Accessible Travel Netherlands

De snelle stijging van het aantal senioren, ofwel de vergrijzing van de baby boomer generatie, leidt naar een toename van mensen met een beperking. Dit statement kan gemaakt worden omdat beperkingen onherroepelijk samenhangen met ouderdom. Bij de stijging van mensen met een lichamelijke, visuele en gehoorbeperking komt het onderwerp toegankelijkheid kijken. Wat is er nodig om deze mensen, evenals de onbeperkte medemens, van vrije tijd en toerisme te laten genieten.

40

nritmagazine


nritmagazine

41


International Toegankelijkheids Symbool (ITS) Het ITS is een initiatief van de Chronisch zieken en Gehandicapten Raad Nederland (CG-Raad). De uitgangspunten voor de toekenning van het ITS zijn vastgelegd door de CG-Raad en de controle wordt uitgevoerd door het Projectbureau Toegankelijkheid. Het symbool is geĂŻnitieerd om instellingen aan te sturen in de ontwikkeling van toegankelijkheid en de kwaliteit van toegankelijkheid te bevorderen.

42

nritmagazine

Toename van mensen met een beperking Nederland is een van de vele landen in de wereld die te maken heeft met een toenemend aantal senioren en mensen met beperking. In 2038 zal een kwart van de Nederlandse bevolking boven de 65 zijn (4.3 miljoen van de 16.5 miljoen mensen). Nederlandse rapporten wijzen op de toenemende gezondheid van senioren, maar er zal een stijgende lijn te zien blijven zijn als het gaat om toegankelijkheid. Het aantal senioren zal namelijk stijgen als gevolg van de toenemende leeftijdsverwachting. Het jongere deel van de bevolking dat ook te maken kan hebben met een beperking is hier nog niet meegeteld. Cijfers van het CBS (2009) laten zien dat momenteel 7,7% van de Nederlandse bevolking te maken heeft met een mobiele beperking, 4,6%

met een visuele beperking en 3% met een gehoorbeperking. Dit is totaal al 15,3% van de bevolking. Het percentage mensen met een chronische ziekte is hoger dat dit percentage en mensen met een verstandelijke beperking zijn ook niet meegerekend. Het keuzeproces Dit stijgende aantal mensen met een beperking heeft het recht op dezelfde vrijetijdsen vakantiebelevenissen als ieder ander mens zonder beperking. Om hen de kans te geven individueel of in gezelschap van toerisme te laten genieten, is het essentieel dat er in toegankelijkheidsinformatie wordt voorzien door toeristische instellingen. Deze informatie speelt een belangrijke rol in de keuze wel of niet te recreÍren. Informatie over toegankelijkheid van accommodaties vormt de twee na grootste barrière voor


De foto’s bij dit artikel zijn van Naturalis Leiden, een museum met uitgebreide toegankelijkheidsinformatie op haar website.

mensen met een beperking om op vakantie te gaan. Deze barrière wordt benadrukt door het aantal mensen dat zich beperkt voelt op vakantie te gaan door te weinig informatie over toeristische activiteiten. Om het huidige aanbod van toegankelijkheidsinformatie vast te stellen, is er onderzoek gedaan naar de informatie over toegankelijkheid die culturele instellingen in Nederland op hun website plaatsen. Voor zowel binnen- als buitenlandse toeristen vormen deze musea een van de belangrijkste toeristische trekpleisters in Nederland. Het onderzoek naar toegankelijkheidsinformatie 43 Nederlandse musea zijn geselecteerd aan de hand van de website ‘Museumkaart. nl’. Hieronder vallen 37 musea waaronder ook kunstgalerijen, 2 openluchtmusea en

4 historische bezienswaardigheden. De websites zijn geanalyseerd op de aanwezigheid van toegankelijkheidsinformatie en de kwaliteit hiervan. Om de informatie op de betreffende museumwebsites te vinden is, indien voorhandig, de zoekmachine op de website gebruikt. Er is gezocht met de sleutelwoorden toegankelijkheid, beperkt, beperking en rolstoel. Tevens is er gekeken naar de beschikbaarheid van een Engelse vertaling voor buitenlandse toeristen. In het onderzoek is rekening gehouden met mensen met een lichamelijke, visuele en gehoorbeperking. De resultaten Op basis van het onderzoek zijn de musea in een van de vier volgende categorieën ondergebracht: 1. Geen toegankelijkheidsinformatie

2. Informatie over mobiele toegankelijkheid 3. Overwegende toegankelijkheidsinformatie (informatie voor mensen met mobiele, visuele en/of gehoorbeperking) 4. Uitgebreide toegankelijkheidsinformatie Een kwart van de bezochte websites geeft geen toegankelijkheidsinformatie. Deze musea hebben bezoekers met een beperking niet overwogen of staan er niet bij stil informatie over hun toegankelijkheid te vermelden op de website. De musea zonder toegankelijkheidsinformatie betreft ook musea in de grotere toeristische steden in Nederland, voor welke het extra van belang is deze informatie te vermelden, omdat bezoekers vaak van ver komen. De onderstaande tabel laat zien dat het overgrote deel, 25 van de 43 museumwebsites, wel informatie geeft over toegankelijkheid.

nritmagazine

43


Zij rekenen echter alleen op bezoekers met een mobiele beperking. De informatie die zij geven is erg beperkt en soms onduidelijk, namelijk ‘we zijn rolstoeltoegankelijk’, ‘er zijn invalidenparkeerplaatsen of ‘gratis te gebruiken rolstoelen’. Deze informatie biedt mensen in een rolstoel onvoldoende diepgaande informatie om een beslissing te maken. Vijf websites bieden informatie over toegankelijkheid voor mensen met een lichamelijke, visuele en/of gehoorbeperking. De informatie die gegeven wordt is nog steeds gering voor het overgrote percentage van de bezoekers met een beperking. Quotes zijn onder andere; ‘er is een braillepad’, ‘toegang voor blindengeleidehonden’ en ‘medewerkers zijn bereid u te assisteren’. Slechts twee van de 43 musea websites geven uitgebreide informatie over de innovatieve toegankelijkheid die zij

44

nritmagazine

bieden in het museum. Deze musea hebben tevens de toegankelijkheidsinformatie naar het Engels vertaald voor potentiële buitenlandse bezoekers. Van het totaal aantal musea dat toegankelijkheidsinformatie biedt, heeft 81,2% een vertaling naar het Engels beschikbaar. De musea met toegankelijkheidsinformatie De musea met de uitgebreide toegankelijkheidsinformatie zijn Naturalis Leiden en het Anne-Frank Huis. Naturalis communiceert op de website dat zij speciale aanpassingen hebben gedaan voor de doelgroep en dat zij het ITS (International Toegankelijkheids Symbool) toegewezen hebben gekregen. De tentoonstellingszalen zijn toegankelijk voor rolstoelgebruikers en indien de rolstoelgebruiker met een begeleider komt, mag


“Vergeleken met musea in Nieuw-Zeeland doen Nederlandse musea het zo slecht nog niet. Hetzelfde onderzoek onder Nieuw-Zeelandse websites wijst uit dat 29 van de 43 museum websites geen toegankelijkheidsinformatie biedt.”

deze gratis naar binnen. Ook biedt Naturalis een rondleiding voor visueel beperkten. Een goed initiatief van Naturalis Leiden is het bieden van een CAPD-ruimte. Dit is een dialyseruimte voor mensen met Continue Ambulante Peritoneaal Dialyse. Hiermee is het museum de enige van 43 onderzochtte museumwebsites, die de aanwezigheid van een CAPD-ruimte communiceert. Een samenwerking is aangegaan met Gehandicapten Platform Leiden voor het toekennen van een aantal symbolen aan het museum. Uit deze symbolen kan worden afgeleid dat er ook een toegankelijke balie, terras en toilet is. Het tweede museum met uitgebreide toegankelijkheidsinformatie is het Anne-Frank Huis. De informatie op de website vertelt dat vanwege de verschillende verdiepingen en de smalle gangen, het oude gedeelte van het huis en het achterhuis niet toegankelijk

zijn voor rolstoelgebruikers. Het nieuwe gedeelte met de actuele tentoonstelling, het museumcafé en de museumwinkel zijn wel toegankelijk. Er is hier een speciale ingang voor rolstoelgebruikers en medewerkers helpen gasten met een beperking naar binnen. Dit nieuwe gedeelte beschikt over een lift en een aangepast toilet. Daarnaast heeft het museum rekening gehouden met mensen met een visuele en gehoorbeperking. Voor de mensen met een visuele beperking of blinden is er een rondleidingbrochure in braille beschikbaar bij de kassa. Voor slechthorenden en doven is er een folder gemaakt ter aanvulling van de verschillende filmpresentaties. De website licht tevens toe dat blindengeleidehonden niet zijn toegestaan. Dit is geen goede promotie, maar het museum communiceert zijn toegankelijkheid wel.

Accessible Travel the Netherlands Vanaf circa eind december 2010 kunnen (buitenlandse) toeristen terecht op de website www.accessibletravelnl.com voor toegankelijkheidsinformatie van toeristische instellingen in Nederland. Hieronder vallen accommodaties, musea, attracties, tours, nationale parken, VVV’s, transportbedrijven en zorgverleners. Tevens zal de website dienen als netwerkpunt voor reizigers naar Nederland met een beperking. Als u interesse heeft te adverteren op deze website omdat u (deels) toegankelijk bent voor gasten met een beperking, kunt u contact opnemen met vmaat@ accessibletravelnl.com.

nritmagazine

45


Tabel 1

Toegankelijkheidsinformatie websites Nederlandse culturele instellingen abs

%

Geen toegankelijkheidsinformatie

11

25,6%

Informatie over mobiele toegankelijkheid

25

58,1%

Overwegende toegankelijkheidsinformatie

5

11,6%

Uitgebreide toegankelijkheidsinformatie

2

4,6%

26

81,2%

Toegankelijkheidsinformatie in het Engels (van het aantal dat toegankelijkheidsinfomatie biedt)

Bron: Accessibility information on cultural venue websites: the case of the Netherlands and New Zealand

Plaats van toegankelijkheidsinformatie Als laatste blijkt uit het onderzoek dat de informatie vaak slecht vindbaar is. De informatie is regelmatig gesitueerd onder een vraag bij FAQ (Frequently Asked Questions), na deze gevonden te hebben met de sleutelwoorden in de zoekmachine van de website. Het is van belang dat informatie over toegankelijkheid geplaatst wordt op een specifieke pagina van de website en daardoor gemakkelijk vindbaar is, juist omdat mensen met een beperking deze informatie zoeken. Conclusie Het onderzoek wijst uit dat een kwart van de musea geen informatie biedt over toegankelijkheid. De musea die dat wel doen geven weinig informatie, informatie van lage kwaliteit en op verkeerde plaatsen op de website. Tevens is de informatie te veel gefocust op mensen met een mobiele beperking die wel of niet gebruikmaken van een rolstoel. Meer musea moeten het bezoek van mensen met een visuele of gehoorbeperking overwegen, aangezien zij gezamenlijk 7,6% van de Nederlandse bevolking vormen. De uitgebreide toegankelijkheidsinformatie op de websites van Naturalis Leiden en het Anne-Frank Huis vormt een goed voorbeeld voor andere musea.

46

nritmagazine

Aanbevelingen Om te beginnen kunnen musea hun algemene toegankelijkheid verbeteren door hier informatie over te geven op hun website. Deze informatie moet op een daarvoor toegespitste webpagina geplaatst worden om vindbaarheid te stimuleren en zo makkelijk gevonden te kunnen worden met een zoekmachine. Daarnaast is het vooral belangrijk dat musea hun daadwerkelijke toegankelijkheid communiceren. Op deze manier komen senioren of mensen met een beperking niet voor een verassing te staan. Indien aanwezig, kan een musea informatie geven over aanpassingen of faciliteiten aanwezig voor het verbeteren van de toegankelijkheid, zoals parkeerplaatsen voor mensen met een beperking, een hellingbaan bij de entree, de hellinggraad van de hellingbaan, een rolstoeltoegankelijke lift, een mindervalidentoilet, een alternatieve in- of uitgang, de draaicirkel, de doorgangshoogte, een brailletrail en informatiefolders in contrastrerende kleuren of braille. Als mensen met een beperking na een bezoek concluderen dat deze aanpassingen of faciliteiten daadwerkelijk aanwezig zijn, zullen zij dit communiceren binnen hun netwerk.


nritmagazine

47


Trends en ontwikkelingen in de verblijfsrecreatie Verslag van RECRON-workshop Door: Ton Vermeulen en Kim de Bruijn

Op woensdag 1 december 2010 hebben NRIT Onderzoek en RECRON voor de bedrijfsgroep Kampeer- en bungalowbedrijven de interactieve workshop ‘Trends en ontwikkelingen in de verblijfsrecreatie’ gegeven. Centraal in deze workshop stond de vraag hoe de sector verblijfsrecreatie moet inspelen op vergrijzing, de economische crisis, duurzame ontwikkelingen en social media. Om de discussie in de zaal met ruim 100 aanwezigen op gang te brengen, konden alle deelnemers vooraf aangeven hoe zij vonden dat de verblijfsrecreatie op deze ontwikkelingen moet inspelen. Daartoe hadden ze een week voor de workshop een vragenlijst van NRIT Onderzoek ontvangen. De vier thema’s (demografie, economie, ecologie en technologie) werden met korte flitsende filmpjes ingeleid waarna senior projectleider Kim de Bruijn van NRIT Onderzoek een korte toelichting op de enquêteresultaten gaf. Daarna kwam Arthur van Disseldorp in actie die namens RECRON de discussie in de zaal met prikkelende vragen en stellingen aanzwengelde.

Zie de vergrijzing als kans Volgens veel ondernemers moeten bedrijven in de verblijfsrecreatie de vergrijzing vooral als een kans zien. Het aanbod op kampeer- en bungalowbedrijven sluit vaak goed aan bij de wensen en behoeften van ouderen zoals rust, natuur en stilte. Bedrijven moeten daarbij vooral op zoek naar voorzieningen en activiteiten die voor zowel jongeren als ouderen geschikt zijn. “Oma’s kunnen ook Wii-en!” Zeker in het voor- en naseizoen kunnen ouderen voor een leuke aanvullende bezetting zorgen. Met de juiste aanbiedingen en arrangementen kunnen senioren worden aangetrokken. Absolute voorwaarde is wel een goede horeca. Na de vraag wie actief met de groeiende groep allochtonen aan de slag was, bleef het angstvallig stil.

Inspelen op vergrijzing - passende arrangementen - comfort, gebruiksvriendelijk, privacy (sanitair bij accommodatie, droge fietsplekken) - voorzieningen, ook laagseizoen - allerhande aangepaste voorzieningen (kleine dingen zoals verlichting, drempeltjes, vervoer van en naar accommodatie) - goede fietsvoorzieningen, ook voor elektrisch fietsen - activiteiten (fietsen, eten, bezoek plaatsjes, natuur, fitness), excursies op maat - gebruikmaken van kansen (grote groep,

groep: jeugd heeft de toekomst - ouderen aanspreken, maar ook jongeren/ nieuwe doelgroepen blijven aantrekken - multifunctionele voorzieningen, te gebruiken door alle doelgroepen - familie als hoeksteen van de samenleving blijven zien - zorgfaciliteiten aanbieden - kwaliteit/sfeerbeelden in communicatie-uitingen moeten doelgroep aanspreken (samenwerken met bijv. seniorenorganisaties, Natuurmonumenten, Staatsbosbeheer)

48

nritmagazine

veel tijd, geld, beleving/familie-uitjes, zoeken het dichter bij huis, jaarrondexploitatie) - inspelen op behoeften (fysieke aanpassingen aan kamers, seniorenporties in restaurant, rust) -o  ok kleinere groepen onderscheiden binnen senioren doelgroep, niet alle senioren zijn hetzelfde -o  nderzoek toegespitst op senioren waarbij wordt ingegaan op meer dan alleen demografische kenmerken, juist behoeften/ wensen in kaart brengen - innovaties blijven richten op jonge doel-


Inspelen op de economische crisis -d  ifferentieel prijsbeleid - r isicospreiding (product niet op 1 pijler laten rusten) -b  lijven staan voor kwaliteit, gastvriendelijkheid - n iet prijsstunten, liever iets meer bieden of korting geven op eigen bedrijf - a antrekkelijke aanbieding richting doelgroepen die je wilt aantrekken - jezelf onderscheiden van anderen is sleutel tot blijvend succes -g  ebruikmaken van kansen die crisis biedt: aanschaf luxe chalet in plaats van tweede woning, vakantie in eigen land neemt toe

Prijsvechten is niet de juiste strategie Over de economische crisis waren de aanwezigen het snel eens. “We moeten als het gaat om de tarieven, vooral niet door de bodem gaan.” Prijsvechten is niet de manier om de crisis te overleven. Investeren in kwaliteit van zowel hard- als software is de enig juiste strategie. In het voor- en naseizoen kan wel met aanbiedingen worden gewerkt. Duurzaam ondernemen meer uitdragen Op het gebied van duurzaamheid ontspon zich een levendige discussie waarbij de ene groep duurzaamheid vooral als kans zag en de andere groep stelde dat een Green Key alleen geen gasten trekt. Waar iedereen het wel over eens was dat duurzaam ondernemen, vooral als het gaat om energie en afval, direct geld kan besparen. Verder moeten bedrijven hun eigen duurzaamheid meer naar de gasten communiceren. “Gasten vinden het leuk op een duurzaam bedrijf te staan. Duurzaamheid zorgt voor een positief imago en voor leuke mond-tot-mondreclame.”

- arrangementen aanbieden - in betere tijden reserves opbouwen - voordelen van Nederland benadrukken (mooi land, goede kwaliteit, goedkoop vergeleken met buitenland) - blijven investeren en als dat niet lukt prijzen aanpassen zodat prijs in verhouding blijft staan tot aanbod

Inspelen op duurzame ontwikkeling - vakantie in eigen land is duurzamer: dit communiceren naar klant - afval scheiden, papierverbruik verminderen, energie besparen - bij uitbreiding rekening houden met omgeving -profileren als duurzaam bedrijf en verantwoord producent levert op den duur meer gasten op - rekening mee houden dat gasten dit gaan verlangen van je, wellicht geen extra inkomsten - duurzaam investeren en exploiteren naar eigen mogelijkheden - onderzoek doen naar duurzaamheid die rendeert - gasten wijzen op hun

verantwoordelijkheden - nog terughoudend zijn, levert nog onvoldoende op, alleen als het geen onnodige kosten met zich meebrengt - wijzen op belang van eenduidige structuur, nu teveel keurmerken - alleen gebruiken als het ook echt duurzaam is, niet met een hype willen meelopen - gasten niet mee lastig vallen, gaat alleen om inkoop - doen, zien als kans, mogelijkheden onderzoeken, bij vervanging altijd kijken of er duurzame alternatieven zijn, recreatie en milieu gaan samen - investeren in alles dat in vijf jaar terugverdiend kan worden

nritmagazine

49


Social media wordt ons door de strot geduwd Veruit het felst werd gediscussieerd rond social media. Waarbij de ene groep zag dat het veel free publicity genereerde en de andere groep zich afvroeg of deze aandacht wel een enkele boeking ging opleveren. Problemen zijn er natuurlijk genoeg. Zo kost het inzetten van social media aan direct geld vrijwel vrijwel niets, maar wel veel tijd. Volgens diverse aanwezigen moeten we in de verblijfsrecreatie vooral inspelen op

Inspelen op social media - gebruikmaken van feedback, kritiek, klachten, ideeÍn, foto’s. Je krijgt wensen van je doelgroep aangereikt, hier je voordeel mee doen. - gebruik van maken om in gesprek te blijven met gasten - gasten aan je bedrijf mee binden - eigen website blijft belangrijker - Heeft het niet de beste tijd al gehad? - actief aan meedoen, voor 100%, wel cursus/training voor nodig. - gebruik van maken voor marketingdoeleinden, naamsbekendheid - onderscheidend en verbindend

50

nritmagazine

aanwezig zijn - r ealiseren dat het een vluchtig medium is -m  eedoen om vinger aan de pols te houden, niet overdrijven of doen omdat het moet, blijf bij jezelf -g  ebruikmaken van kansen die het biedt: veel lucratiever dan traditionele media. Wel professionele basis houden. -g  oed volgen. Vooruitlopen kan veel geld kosten. Recreatie loopt nu nog ver achter op andere sectoren. - z eker twitter gebruiken, dan loop je voorop in de recreatiebranche.

het feit dat mensen graag hun positieve ervaring willen delen. En wat is er nu beter dan een leuke vakantie via twitter, facebook en hyves door je eigen gasten wereldkundig te laten maken. Tips en ervaringen waren er zat. Personeel dat eerst min of meer gedwongen moest twitteren, vond het al snel leuk en nam zelf initiatieven. Twitteren levert ook een sneeuwbal aan free publicity op. Maar zorg wel voor een goed beleid en inbedding in de organisatie. Daar zien veel ondernemers een rol voor de klantenservice weggelegd. Trends, kansen en bedreigingen In het onderzoek voorafgaand aan de workshop hebben de deelnemers ook nog aangegeven wat zij zien als grootste trends, kansen en bedreigingen voor de verblijfsrecreatie. Ondernemers in de verblijfsrecreatie signaleren een aantal belangrijke trends en ontwikkelingen waar de sector op in zal moeten spelen. Zo zijn comfort, gemak en kwaliteit tegenwoordig gewoon vanzelfsprekend en is er een toenemende behoefte aan veiligheid, geborgenheid en kleinschaligheid. Werken, wonen en recreĂŤren lopen mede door de digitalisering steeds meer door elkaar. De ondernemers verwachten dat Nederlanders korter en vaker op vakantie zullen gaan. Daarbij is er een toenemende behoefte aan kanten-klare arrangementen die steeds korter


voor vertrek worden geboekt. Maatwerk en een persoonlijke benadering van de gasten zijn essentieel. Grootste bedreigingen zijn het weer in Nederland, goedkope vluchten naar zonzekere bestemmingen, belemmerende wet- en regelgeving, de bereikbaarheid, prijsdumping en marktvervaging. Het valt de ondernemers op dat steeds meer branchevreemde bedrijven vaak met onverwacht succes toetreden tot de recreatiesector. Bestaande bedrijven zullen zich daarom in toenemende mate moeten onderscheiden door te innoveren. Bedrijven die achterblijven zijn slecht voor de uitstraling van de hele sector. Kansen zijn er natuurlijk ook volop. Zo is de kwaliteit van de Nederlandse recreatiebedrijven volgens de collega’s over het algemeen goed op orde en zorgt de trend van korter en vaker op vakantie voor kansen in eigen land. Daarnaast levert seizoensverlenging een betere exploitatie op. Daarbij moeten de klantvriendelijkheid en het gasten thuis laten voelen wel voorop staan. Meer gasten trek je volgens de ondernemers door te investeren in kwaliteit, beleving en emotie. Bedrijven die willen overleven moeten wel snel inspelen op nieuwe ontwikkelingen en daarmee anderen voorblijven. Innovatieve bedrijven in de verblijfsrecreatie zijn volgens de collega-ondernemers: - De Schatberg in Sevenum - Strandcamping Groede in Groede

- De Wije Werelt in Otterlo - Camping Julianahoeve in Renesse - Camping De Bongerd in Tuitjehorn - Camping De Boshoek in Voorthuizen Tijdens de workshop gaf Merlijn Pietersma van RECRON nog een presentatie waar hij inging op de verblijfsrecreatieparadox.

Zoals bekend groeit het aanbod in de verblijfsrecreatie bij een achterblijvende vraag. In een discussie met de zaal werden diverse ontwikkelingsrichtingen verkend. Na ruim anderhalf uur intensief kennis uitwisselen en discussiëren was de workshop weer voorbij en werd de middag met een tagcloud samengevat. •

nritmagazine

51


Kennismaken met ...

Guus van der Wolde VrijetijdshuisBrabantisdéorganisatie diehetvrijetijdsbeleidvandeprovincie Noord-Brabantuitvoertenmedevormgeeft.Wijvertalenwensenenbehoeften vanconsument,ondernemerenoverheid inspecifiekeenmeetbareambities.Deze ambitieswordengerealiseerdbinnen projecten in met name het publieke domein.VrijetijdshuisBrabantlevert methaaractiviteiteneenbijdrageaan innovatieindeBrabantsevrijetijdssector. Vrijetijdshuis Brabant is de marketingorganisatievanBrabantop hetgebiedvanvrijetijd.Wijbrengenals enigehetvolledigeenactuelevrijetijdsaanbod in kaart en lopen voorop als hetgaatomkennisontwikkelinginde Brabantsevrijetijdssector.Deambities vanhetVrijetijdshuisBrabantkomen ondermeertotuitdrukkingin:consumentgerichteproductenendiensten zoalsUitinbrabant.nl,Routesinbrabant. nl,VVVbrabant.nlenhettelevisieprogrammaInzenUitz;Ondernemersgerichte producten en diensten zoals www.kennispleinvrijetijd.nl,dejaarlijksetrendrapportageendetrendkrant.

Waar ben je geboren/opgegroeid? Ik ben geboren en getogen in de provincie Noord-Brabant.Hetgrootstegedeeltevanmijn jeugd bracht ik door in Son en Breugel. Watwasjemeestbijzonderevakantie-ervaring in je jeugd? Ikhebgoedeherinneringenaandevakanties dieikmetdehelefamiliedoorbrachtinDomburg en Bergen aan Zee. Welke opleiding heb je genoten? Sportmanagement Watisjevanjeopleidinghetmeestbijgebleven? IkbenvoormijnstudieinAmerikageweest enhebdaarervarendatsporteenvolwaardige bedrijfstak kan zijn. Wat is je beste/slechtste eigenschap? Ikbeneenaanjagerenziekansenindemarkt dieleidentotnieuweinitiatieven,waarbijhet VrijetijdshuisBrabanteenrolvanbetekenis kanspelen.Zodetacheertonzeorganisatiede directeurvoorhetsamenwerkingsverband Van Gogh Brabant en zijn wij trekker, met tweecommerciëlepartijen,omhetBrabantpaviljoenopdeFloriadein2012gerealiseerd tekrijgen.Indetoekomstzullenwij,meerdan voorheen,commerciëleopdrachtenbinnenhet publieke domein uitvoeren. Doormijnenthousiasmezegiknietsnelnee tegeneenopdracht,ookalbetekentdatdatde medewerkersindeorganisatieeentandjebij moeten zetten. Wat was je eerste echte baan? IkbenbegonnenalstennisleraarinLiempde bij tennisvereniging de Peppelieren.

52

nritmagazine

Waar werk je nu? Sinds 1 mei jongstleden ben ik werkzaam alsdirecteurbijVrijetijdshuisBrabant.Wij zijnthuisindedomeinentoerisme,recreatie, natuur en landschap, cultuur en sport. Watisdegrootsteuitdaginginjewerkopdit moment? DeProvincieBrabantheefteennieuwprofiel vandeprovinciegeformuleerd,opbasisvan eenagendavoordetoekomst:de‘Agendavan Brabant’.Dezedientalsleidraadvoorzowel denoodzakelijkeombuigingenalsdebeoogde, duurzameinvesteringenindetoekomstvan Brabant.Dehuidigeinzichtennoodzakende provincieNoord-Brabantstructureelforste bezuinigen.OokVrijetijdshuisBrabantzal worden gekort. In2011zaler,inhetlichtvandeAgendavan Brabant en de provinciale bezuinigingen, meerfocuswordenaangebrachtindetaken enwerkzaamhedenvanhetVrijetijdshuis Brabant.Hetgerichterensterkerinzettenvan demiddelenmoetleidentotmeerzichtbaarheid bij de consument en ondernemer. De kernactiviteitenvanonzeorganisatieliggen in2011metnameoppromotie/marketingen kennis.Devolgendestrategischedoelenstaan centraal: - Hetvergarenenoverdragenvankennisover vraagenaanbodvanvrijetijdsvoorzieningen; - Het promoten van Noord-Brabant waar inwonersenbezoekersgraaghunvrijetijd besteden; - Hetbevorderenvanhetbezoekaanenbestedingenbijtoeristische,recreatieve,culturele en sportieve voorzieningen. VoorhetVrijetijdshuisBrabantishetdeuitdagingomdezedoelen,ondanksdebezuinigingen, te realiseren.


Wie is je grote voorbeeld? Er is niet een specifiek persoon die mijn grotevoorbeeldis.Voorallemensendiemet overtuigingkennis,durfenpassiehunfunctie uitoefenen heb ik bewondering. Wat is je grootste succes? Inhetverledenhebikmeerdereorganisaties, naeenreorganisatie,weeropderitgekregen. We hebben in 2010 al voorgesorteerd op de bezuinigingen die aanstaande zijn en hebben de eerste fase van dit traject succesvol afgerond. Vanwelkinitiatiefhadjeveelverwachtmaar werkte helaas niet? Ik werk nog te kort bij het Vrijetijdshuis Brabantomdaareenspecifiekvoorbeeldvan te geven. Ik heb vroeger als commercieel managervaneengrootaantalsport-enevenementenaccommodatiesdiegevestigdwaren inmeerdereprovincieseeneenduidigbeleid proberen door te voeren. De grote culturele verschillentussendezeprovinciesmaaktedat vrijwel onmogelijk. Wat is voor jou de ultieme vakantie? Ikvindhetheerlijkomsamenmetmijngezin eenonbekendeomgevingteverkennen.Lekker genieten van alles wat die streek ons te biedenheeft.Kennismakenmetdecultuur, dehistorieendeplaatselijkegerechten.En vooral leven bij de dag. Watwordtinjouwogenhettoekomstigedagje uit? Via internet stelt men zelf het uitstapje samen.Erisduidelijkeenvoorkeurvooreen combinatievanmeerdereactiviteiten.Steeds meerzijnmensenopzoeknaarauthenticiteit.

Hetregio-,stad-enstreekgevoelisinopmars, met aandacht voor de lokale identiteit en cultuur(historie). Verder nog iets? CommissarisvandeKoninginvanNoord-Brabant,deheerVandeDonk,gafbijdeopening van het academisch jaar van de NHTV in Bredaaanervoorstandervantezijnalserin hetvolgendebestuursakkoord,nadeStatenverkiezingen,wordtgewerktaandeparagraaf ‘Toerismealseconomischemotorendrager’. Onder aanvoering van het Vrijetijdshuis BrabantenTopBrabantensamenmetvele partijen uit de vrijetijdseconomie doet de vrijetijdssectornueendringendberoepopde provinciale overheid om het gehele vrijetijdsdomeinspeerpuntvanbeleidtemaken. DeprovincieBrabantstaatdekomendejaren voorgroteuitdagingenopdeterreinenvan economie,kennisenruimtelijkeontwikkeling. Organisatiesindevrijetijdssectorziensterke kansenomdezeuitdagingencollectiefaante gaan.Forseinvesteringeneninspanningen vanzowelprivatealspubliekepartijenzijn echternoodzakelijkomoptimaleresultatente kunnen boeken.

geefttotdewereldenvansport,kunst,cultuur, erfgoed, natuur en landschap. Ruimte en economie staan centraal in de AgendavanBrabant.Degezamenlijkevrijetijdssectorclaimtinditkadereenactieveen krachtigepositieindetoekomstigeontwikkelingeninNoord-Brabantenpleitvoorbundelingvanhetgehelevrijetijdsdomeinbinnen éénportefeuille(vanrecreatieentoerismetot cultuur,cultuurhistorie,winkelenensport). Partijen uit de vrijetijdssector roepen de provincialepolitiekdaaromophetvrijetijdsdomeinweeropdepolitiekeagendateplaatsen. De vrijetijdssector is veelzijdig en sterk in bewegingengoedvoor6%vandewerkgelegenheidinBrabant.Metruim70.000banenis desectornogaltijdgroeiendeendaarmeeeen vandemotorenvandeBrabantseeconomie. Vindtuhetookbelangrijkdatdeprovincie Noord-Brabant zich inzet om het gehele vrijetijdsdomein(weer)speerpuntvanbeleid te maken? Onderteken dan de petitie op www.vrijetijdshuis.nl •

Toerismeenrecreatie,cultuur,sport,natuur en landschap zijn van strategisch belang voor Brabant en leveren een belangrijke bijdrageaandeeconomischeontwikkeling vanhetplattelandenhetstedelijkgebied.De vrijetijdssectorissterkmedebepalendvoor dekwaliteitvanhetwoon-envestigingsklimaatbinnenBrabantenspeelteenactieveen inspirerenderolindeambitievanBrabantom totdeEuropesetopvankennis-eninnovatieregio’stebehoren.Daarnaastisdevrijetijdssectordepoortdieeenzeerbreedpubliektoegang

nritmagazine

53


- adver tentie -

Trendrapport toerisme, recreatie en vrije tijd 2009/2010

Trendrapport toerisme, recreatie en vrije tijd 2009/2010

4-8-2010 16:07:44

Direct leverbaar! Prijs rapport: â‚Ź137,50 Meer informatie op www.nritmedia.nl


Aanvulling interview André Vink Door: Ton Vermeulen, NRIT Onderzoek

In de vorige editie van NRIT Magazine is in het interview met Andé Vink van HISWA een stuk tekst weggevallen. We willen u dat toch niet onthouden mede omdat het gaat over de samenwerking met RECRON.

Jullie zitten samen met RECRON in het Watersport- en Recreatiehuis in Driebergen. Is er sprake van een intensieve samenwerking? “Dat hadden we wel beoogd, maar dat is niet zo uit de verf gekomen. De culturen zijn toch echt heel anders. Om te beginnen is een watersporter iemand anders dan een gemiddelde recreant. Bij ons gaat alles om het object boot en de hobby. Watersporters zijn een beetje prettig gestoorde mensen, althans zeker de klassieke watersporters. Watersport is bijna een religie. Je doet eerder je auto weg dan je boot. Als die hun laatste dubbeltje moeten uitgeven, dan gaat dat naar die boot toe. We heb-

ben een groep van ongeveer anderhalf miljoen ‘trouwe kerkgangers’. Onze leden, de ondernemers, zijn ook anders. Onze dienstverlenende leden, de jachthavens, de verhuur en de vaarschoolondernemers lijken het meest op RECRON-ondernemers. Maar aan de maakkant en de handel zit in feite onze omzet, dat is veel meer industrie, veel internationaler ook. In de beeldvorming is tweederde van ons toeristisch, maar het is in feite maar een derde van de omzet, maar ook de culturen van beide kantoororganisaties zijn uiteindelijk anders. Dat hebben we destijds onderschat. Overigens is de relatie uitstekend. De combinatie maakt het overigens juist zo mooi en boeiend.” •

Het Nederlands Research Instituut voor Recreatie en Toerisme (NRIT) is actief vanaf 1970 en heeft sindsdien een naam van kwaliteit en deskundigheid opgebouwd. NRIT Onderzoek en NRIT Media zijn integere, meedenkende, professionele en vakbekwame partners werkzaam in en voor de gehele vrijetijdssector. Het leveren van toegankelijke onderzoeksresultaten en bouwstenen voor uw strategie staat daarbij voorop.

Geheel vernieuwde websiteNRIT Onderzoek NRIT onderzoek Staat u als belanghebbende in de vrijetijdssector voor een belangrijke beslissing? Wilt u de concurrentie voorblijven, uw De kennisportaal van de vrijetijdssector kwaliteit verbeteren, op de hoogte blijven van trends? Of zoekt u een heldere onderbouwing voor uw beleid: NRIT Onderzoek • Uitgebreide kennisbank met exclusieve informatie kan het inzicht geven waar u om vraagt. En dit voor alle voor abonnees bedrijven en organisaties die in de sector opereren, waarbij wij relevante en beproefde kwalitatieve en kwantitatieve onder• Handige tools voor geregistreerde gebruikers zoeksmethoden inzetten. Door samenwerking met onze partner • Elke dag actueel nieuws NRIT Advies kunnen we u op alle onderzoeks- en adviesvlakken van dienst zijn. Daarnaast nemen wij op gezette tijden het initiaDownload debepaalde nieuwe IPhone App tief om een vraag/aanbodinventarisatie in een sector van NRITdeOnderzoek uit te voeren. Voorbeelden hiervan zijn de kampeersector, - adver tentie bungalowsector en de congres-, evenementen- en vergadersec-


- adver tentie -


NRIT Magazine 2010-6