__MAIN_TEXT__
feature-image

Page 1

LOSSE NUMMERS 4,95

MAGAZINE VOOR MENSEN DIE WERKEN IN TRANSPORT EN LOGISTIEK

Laat Wesley maar

sleutelen 4

Gerrit: op pad met ‘dubbeldekker’ 40

Robert, de 1.250ste nieuwe chauffeur 32 TONMAGAZINE.NL 71 04 17


TON 71 04-17 • p 2

COL UMN

Geheimpje Omdat mijn laatste stukjes vooral over kou, ijs en sneeuw gingen, had ik een vrolijk lente-verhaaltje paraat. Maar zoals het altijd gaat: je kunt niets vooruit plannen. Terwijl iedereen ondertussen al het voorjaar in z’n bol had, kreeg ik nog even een spoedritje naar de poolcirkel. Met z’n tweetjes, want grote haast! Behalve het vooruitzicht op nog meer sneeuw en ijs, kreeg ik er ook nog het gezelschap van een tweede chauffeur op “mijn” truckie bij. En dat valt niet mee. Als je altijd alleen op de wagen zit, met al je spulletjes op het eigen vaste plekje en er komt ineens een grote kerel bij die ook twee tassen meeneemt, dan voel je je best wel opgehokt. Gelukkig kreeg ik een vrolijke, positieve, niet-rokende collega mee en werd het een memorabele en vooral gezellige reis naar Zweeds Lapland. Wat we precies moesten doen, daar aan de poolcirkel, mag ik niet al te veel over vertellen, maar er zijn daar supergeheime sites waar auto’s uitgebreid worden getest op het functioneren onder ijzig koude omstandigheden. Het is natuurlijk geweldig om daar als gewone sterveling getuige van te zijn, als je van auto’s houdt. Op de terugweg naar het zuiden, pikten we ook nog een paar Nederlandse pechvoertuigen op. In Stockholm stapte ik af, om met het vliegtuig terug naar Schiphol te vliegen en te genieten van een weekje thuis met mijn vrouw. Mijn werkgever houdt graag zijn opdrachtgevers tevreden, maar ook zijn chauffeurs. De collega maakte de reis af met nog diverse laad- en losadressen in Zweden en Duitsland. Hopelijk volgende keer een verhaal over zonnig zomervermaak!

Dennis Ton is 50 jaar en woont in Bovenkarspel. Sinds zijn negentiende is hij vrachtwagenchauffeur.

IN DI T NUMMER Monteurs. Ze zijn de ‘artsen van de vrachtwagen’. Met hun vakmanschap zorgen zij ervoor dat chauffeurs veilig de weg op gaan. Drie monteurs vertellen waarom ze liever sleutelen dan rijden.

Veilig magazijn. Jaarlijks gebeuren er minstens honderdvijftig ernstige ongelukken in magazijnen. Genoeg reden om een Code Gezond en Veilig Magazijn op te stellen. TON kijkt bij CEVA Logistics Netherlands hoe die code in de praktijk uitpakt.

Dubbeldekker. Gerrit de Ruiter is nét geen 1,80 meter lang. Dat komt goed uit, want daardoor hoeft hij zich niet te bukken als hij zijn ‘dubbeldekker’ laadt en lost. Soms zwaar, maar altijd mooi werk.


TON 71 04-17 • p 3

Monteurs Vragen? Vragen! De parkeerplaats: hobby

4 12 16

PAGIN A 4

PAGIN A 28

PAGIN A 40

TON-panel: Ongevallen 21 Persoonlijk verhaal 24 TON FOTO: Skill Break 26 Gezond en veilig magazijn 28 Sectorplannen 32 Duurzame inzetbaarheid 34 Een VUT-er vertelt 37 In Beeld 40 Puzzel 48 Panelportret 50 Colofon 51


TON 71 04-17 • p 4

OP DE Z A A K

Liever

WESLEY VERBURGH “Wij zijn de artsen van de vrachtwagen”

RAYMOND KELDERMAN “Altijd al een sleutelaar geweest”


TON 71 04-17 • p 5

sleutelen PAUL BEZUIJEN “Iedereen met goed materiaal op pad”

Ze werken achter de schermen en vaak in een kuil. Ze zorgen dat het rijdend materieel in conditie blijft. Ze zijn niet bang om vuile handen te maken. En ze hebben in de loop der tijd heel veel zien veranderen onder de motorkap van een vrachtwagen. Drie monteurs vertellen waarom ze liever sleutelen dan rijden.


TON 71 04-17 • p 6

Ik ben erg leergierig Wesley Verburgh zit in zijn overall in de kantine van Zwatra in Delft en drinkt een bakkie koffie. Sinds driekwart jaar is hij in dienst bij deze specialist in zwaar transport. En hij heeft het er naar zijn zin. “Vanaf mijn veertiende werk ik als monteur. Ik heb bij veel verschillende transportbedrijven gezeten, de laatste jaren vooral in het groenten- en bloementransport. Een ‘jobhopper’ ben ik niet. Alle overstappen heb ik weloverwogen gemaakt. Ik ben heel leergierig en houd van uitdagingen. Bij Zwatra heb ik een nieuw boek opengeslagen.”

Vaders kleren stonken zo Eigenlijk wil hij boswachter worden. Als kind is hij altijd in de natuur te vinden. Hutten bouwen, met hout sjouwen, dingen maken. Hoe hij dan monteur is geworden? “Dat kwam door mijn vader. Die was chef werkplaats en werkte met mobiele kranen. Als hij thuiskwam, vond ik dat zijn kleding altijd zo stonk. Ik wilde wel weten waar dat vandaan kwam. Toen ik een jaar of zeven was, mocht ik met vader mee naar zijn werk. Al die grote machines, ik vond het geweldig. Dat was het echte grote mannenwerk. Daar is mijn interesse gewekt.”

Wesley Verburgh – 33 jaar – woont in Gouda – is monteur bij Zwatra Transport in Delft

Een heel goede leermeester Op zijn veertiende is Wesley klaar met de lts en gaat hij naar het mbo, opleiding bedrijfsautotechnicus. “Die grote machines, waar mijn vader mee werkte, boeiden mij meer dan personenauto’s. Ik ging, samen met nog vier leerjongens, stage lopen bij Blom Automobielbedrijf in Gouda. Dat bedrijf investeerde in jonge monteurs. Wij hadden een heel goede leermeester, Nico de Jong. Als ik iets niet begreep, dan kon ik altijd bij hem aankloppen. Ook al was het tijd om naar huis te gaan. Nico vond het belangrijk dat je passie voor het vak had. Hij zei altijd: Wij monteurs zijn de artsen van de vrachtwagen.”

Er zit bij mij geen rem op Op zijn drieëntwintigste is Wesley eerste monteur en diagnose-technicus. Verschillende werkgevers volgen. “Ik heb zelfs even als vakantiekracht bij Mammoet gewerkt, met kraanwagens. Daar was mijn vader ook in dienst. Pa vond dat ik beter bij een dealer kon gaan werken. Uiteindelijk heb ik negen jaar aan koelwagens gesleuteld.” Aan Wesley hebben ze in het groenten- en bloementransport een goeie. “Er zit bij mij geen rem op. Ik kan ergens zo verdiept in raken, dat ik blijf doorgaan. Zo leuk vind ik

mijn vak. Dat is fijn voor de baas, maar slecht voor je privéleven. Gelukkig werk je bij Zwatra van zeven tot halfvijf. Dat heb ik nodig, want anders stop ik niet.”

Het werk is erg veranderd In de achttien jaar dat Wesley monteur is, ging het van mechanisch naar elektronisch. “In de wagens zitten steeds meer sensoren, chips, computers. Alles moet schoner en vooral sneller. Waar de chauffeur vroeger tien handelingen moest verrichten, drukt hij nu op een knop. Dat heeft het werk van monteurs erg veranderd.” Om bij


TON 71 04-17 • p 7

Bij mij

zit er geen rem op

te blijven volgt Wesley zo vaak als het kan cursussen. “Bij elke cursus steek je wat op. Je wordt er nooit minder van. Kennis is tenslotte macht.”

Ik wil vieze handen maken Hoe leergierig Wesley ook is, ambitie om chef werkplaats te worden, heeft hij niet. “Ik wil sleutelen, vieze handen maken. Ik moet er niet aan denken om mensen aan te sturen. En dan heb je ook nog al dat papier- en regelwerk. Met mijn drie collega’s onderhouden wij het wagenpark van Zwatra. Dat doe ik liever dan chef worden”

Het is wel een zwaar vak Wesley houdt van zijn beroep. Hij heeft zich de afgelopen achttien jaar maar drie keer verslapen. “Ik word elke werkdag blij wakker, heb altijd zin om aan het werk te gaan. Elke dag is anders. Af en toe ga ik op pad om een gestrande wagen te repareren. Dan kan ik al mijn kennis gebruiken om hem weer aan de praat te krijgen. Prachtig mooi vind ik dat. Als mijn lichaam het volhoudt, dan blijf ik dit tot mijn pensioen doen. Het is wel een zwaar vak. Bij vrachtwagens is alles groot en dus ook zwaar. En dat merk je wel aan het eind van de dag.”


TON 71 04-17 • p 8

Ik ben eerste monteur Zijn zes collega’s noemen hem ‘de best opgeleide monteur’ bij Ben Becker. Raymond Kelderman lacht. “Het klopt nog ook. Huib, onze chef werkplaats, heeft zijn monteurspapieren. Mijn andere collega’s zaten eerst op de vrachtwagen en hebben het vak in de praktijk geleerd. Ik ben hier in oktober 2012 begonnen als stagiaire. Heb nu mijn diploma bedrijfsautotechnicus II op zak. Ik moet nog één herexamen doen en dan ben ik bedrijfsautotechnicus I, of anders gezegd: eerste monteur.”

Dit is een verantwoordelijke baan Ben Becker heeft zo’n honderdtwintig auto’s en honderd trailers. Elke dag staan er wel twee wagens en een paar trailers in de werkplaats. Voor een beurt, een Apk-keuring of een reparatie. Raymond vindt dat hij een verantwoordelijke baan heeft. “Wij moeten zorgen dat het allemaal rijdend blijft en dat niemand in het buitenland komt stil te staan. Ik vind het belangrijk dat onze chauffeurs met goede, veilige auto’s op pad gaan.” En kent hij al die chauffeurs? “Nee, niet allemaal. Maar er is wel een vast clubje chauffeurs die hier vaak een bakkie komt doen. En als ze iets extra’s op of in hun auto willen, dan komen ze langs met koeken.”

Chauffeur trekt me niet Van jongs af aan vindt Raymond sleutelen leuk. “Vroeger haalde ik skelters uit elkaar en probeerde ze dan weer in elkaar te zetten. Daar had ik plezier in. Mijn vader is internationaal chauffeur. In de vakanties ging ik weleens met hem mee. Maar dat beroep trekt me niet. Mijn vader is de hele week van huis. Ik heb gekozen voor een vak met meer vrije tijd. Het is fijn om elke avond thuis te zijn en in het weekend vrij te hebben. En ik vind sleutelen gewoon leuker dan op de vrachtwagen rijden. Mijn ouders vinden het prima. Ze hebben altijd gezegd dat ik moet doen wat mijn interesse heeft.”

Je leert en verdient geld Op de technische school loopt Raymond stage bij een garage voor bedrijfsauto’s. Werken aan vrachtwagens vindt hij prachtig. Daarom kiest hij voor de mboopleiding Bedrijfsautotechnicus. “Ik werk vier dagen in de week en ga één dag naar school. Voor mij is dat de perfecte combinatie; je leert en verdient geld. Alles wat ik op school leer, kan ik in de praktijk brengen. En als ik iets niet weet, dan klop ik aan bij mijn collega’s of ik bel

met Scania, Volvo of DAF. Bij Becker hebben we gelukkig verschillende merken vrachtwagens. Dat maakt het werk afwisselend.”

Met een laptop de auto uitlezen Het materieel rijdend houden, dat vindt Raymond het mooie van zijn vak. “Het is een uitdaging om het probleem te vinden en dan op te lossen. Soms ben ik een hele dag bezig met zoeken. Er komt steeds meer elektronica in de auto’s. Nu lees ik ook met een laptop een wagen uit. Vroeger was dat heel anders.” Ook van zijn

Zo


orgen

dat het blijft draaien TON 71 04-17 • p 9

RAYMOND KELDERMAN – 22 jaar – woont in Barneveld – is monteur bij Ben Becker Int. Transportbedrijf in Soest

collega’s leert hij. “Iedereen heeft wel een specialisme. Benny bouwt veel elektronica in, zoals volgsystemen. Dave is plaatwerker. En Jan Willem heeft een tijdje de chef werkplaats vervangen. Ik weet veel van computers en werk met de laptop. Daarmee kunnen de anderen weer hun voordeel doen.”

Laat mij maar vuile handen maken Ambities? Raymond hoeft niet lang na te denken. “Ik vind dit werk prachtig om te doen. Over tien jaar ben ik nog steeds monteur. Dat weet ik zeker, want er gaat

niets boven sleutelen. Heel misschien ben ik over twintig jaar chef werkplaats, maar daar moet ik nu nog niet aan denken. Als chef moet je veel regelen, administratie bijhouden, dan kom je haast niet meer toe aan het echte handwerk. Laat mij nog maar wat jaren vuile handen maken.”


TON 71 04-17 • p 10

Op zaterdagochtend wordt gewerkt Het is zaterdagochtend. Paul Bezuijen staat in de kuil en sleutelt aan een vrachtwagen. Elke zaterdag werkt hij tot twaalf uur. “Ik weet niet beter dan dat er op zaterdagochtend gewerkt wordt. Mijn vader was ook monteur bij Nijssen. Vanaf mijn achtste ging ik elke zaterdag en in de vakanties met hem mee naar de werkplaats. Zelfs toen ik bij een landbouwmechanisatiebedrijf in dienst was, sleutelde ik elke zaterdagochtend, samen met mijn pa, bij Nijssen.”

Ik heb hier alle vrijheid In de werkplaats staan verschillende voertuigen en machines te wachten op reparatie. “We onderhouden hier vrachtwagens, heftrucks, landbouwmachines, papierpersen en ga zo maar door. Al die verschillende machines zorgen ervoor dat elke dag anders is. Ik werk met elektra en hydrauliek. Die afwisseling maakt mijn werk interessant. En wat ook fijn is: ik heb bij Nijssen alle vrijheid om mijn werk in te richten zoals ik het wil. Ik hoef niet tegen een baas te zeggen wat ik ga doen.”

In vaders voetsporen treden De liefde voor het vak is Paul met de paplepel ingegeven. Het is dus geen verrassing dat hij na de lagere school in zijn vaders voetsporen wil treden. Paul gaat naar de lts en doet daarna mts Werktuigbouwkunde. “In de derde klas liep ik stage bij een landbouwmechanisatiebedrijf. Daar werkte ik met landbouwmachines en luxewagens. Ik had het er prima naar mijn zin en leerde veel.” Een jaar later heeft hij zijn mts-diploma op zak en moet hij zijn dienstplicht vervullen. “Toen ik elf maanden later afzwaaide, kon ik direct in vaste dienst bij het landbouwbedrijf waar ik stage had gelopen.”

Samen met de baas opgegroeid Tien jaar later gaat zijn vader met pensioen. Voor het familiebedrijf Nijssen is het klip en klaar wie de oude Bezuijen gaat opvolgen: Paul. “Ze vroegen of ik hier wilde komen werken. Ik kende iedereen en wist wat het werk inhield. De huidige baas is maar één jaar ouder dan ik. We zijn hier op het bedrijfsterrein samen opgegroeid. Nu heb ik de baan van mijn vader; hij eruit, ik erin. Ik heb nog nooit van mijn leven hoeven solliciteren. Voor beide banen ben ik gevraagd. Dat is mooi.”

Met z’n drieën een compleet team Nijssen Fourages is leverancier van hooi, stro, paardenvoer en andere ruwvoerproducten. Het bedrijf houdt zich ook bezig met recycling van mest, papier, plastic en dergelijke. De werkplaats onderhoudt het wagenpark van vijfenzestig eenheden (motorwagens, aanhangers, heftrucks en verreikers), honderdvijftig persen en vijf grote papierpersen. Paul is verantwoordelijk voor het rijdende gedeelte van het wagenpark. “Mijn collega Marcel van de Haak doet al het constructiewerk en Michiel van Maasdam doet de reparatie van de persen. Met ons drieën vormen we een compleet team.”

Ik ben ouderwets opgeleid Om technisch bij de les te blijven, volgt Paul zo nu en dan workshops die dealers aanbieden. “Ik ben nog ouderwets opgeleid. Tegenwoordig zit er heel veel elektronica in de wagens. Je moet met de tijd mee. Op die workshops kom ik collega’s van andere bedrijven tegen. We wisselen ervaring uit: Heb jij dit weleens gehad en hoe heb je dat opgelost? Daar leer ik het meeste van. En als ik op een speciale cursus wil, dan klop ik bij mijn baas aan.”

Aan het kenteken ken ik de chauffeur Bij Nijssen werken zo’n dertig chauffeurs. Paul kent ze allemaal. “Geef mij een kenteken en ik weet welke chauffeur erbij hoort. Voor mij is het belangrijk dat iedereen met goed materiaal op pad gaat. Ik heb er een hekel aan om naar een gestrande chauffeur te moeten. Dat is verspilling van mijn tijd, de tijd van de chauffeur en van het bedrijf.” Bij Nijssen voelt Paul zich helemaal op zijn plek. “Het is een echt familiebedrijf. Je bent hier geen nummer. Het zit er dik in dat ik, net als mijn pa, hier tot mijn pensioen blijf.”


TON 71 04-17 • p 11

Ik ben hier

Paul Bezuijen – 46 jaar – woont in Assendelft – is monteur bij Nijssen Fourages in Nieuw-Vennep

geen nummer


TON 71 04-17 p 12

V R AGEN? V R AGEN! Vragen over je werk, je vak? Die kun je aan TON stellen. Maar TON heeft niet alle antwoorden. Deze organisaties in het beroepsgoederenvervoer wel!

L E Z ERS-V R A AG Roken of niet-roken? De vraag:

Jos van Ruijven vraagt om weer eens aandacht te besteden aan rookgedrag. Want: “Vandaag de dag word je als niet-roker bijna aan de kant gezet als je het hebt over roken in de cabine.” 088 – 2596111, info@stlwerkt.nl, stlwerkt.nl Bij het Sectorinstituut Transport en Logistiek kun je terecht voor: een passende baan of een leerwerkplek, een leven lang leren, gezond en veilig werken en verzuim voorkomen, functiewaardering.

0800 0225022, caonaleving.nl Vragen over rechten en plichten in de transportsector? Leeft je werkgever de cao goed na ? Wat zijn de regels voor loonberekening? Wat te doen als je een boete krijgt?

0900 1964, pfvervoer.nl Hoe zit het met je pensioen? Vragen over prepensioen of voorwaardelijk ouderdomspensioen? Mag je werken als je met pensioen bent? Wat zijn de gevolgen van een scheiding zijn voor je pensioen?

0800 0225022, fnv.nl

030 7511007, cnvvakmensen.nl

088 4567111, tln.nl Transport en Logistiek Nederland

0345 516993, verticaaltransport.nl Vereniging Verticaal Transport

Het antwoord:

Astrid Straver-van Duuren, adviseur Verzuim bij het Sectorinstituut Transport en Logistiek antwoordt: “Roken op de werkplek is niet toegestaan. Sinds 1 januari 2004 hebben werknemers recht op een rookvrije werkplek. Een bedrijfsvoertuig is ook een werkplek. Toch zie je nog veel chauffeurs roken in de cabine. Zolang alleen die chauffeur in de wagen rijdt, geeft dat meestal geen problemen. Als een vrachtwagen wordt gedeeld, dan geldt altijd dat er niet gerookt mag worden. Het is de wettelijke plicht van de werkgever om zijn werknemers te beschermen tegen blootstelling aan tabaksrook. Ons advies aan werkgevers en werknemers: - verbied roken in de cabine in alle auto’s, leg dit schriftelijk vast en informeer alle werknemers hierover; - als alternatief: laat rokers alleen een auto delen met ‘collega-rokers’; - voer een sanctiebeleid, opgesteld in overleg met het personeel/de personeelsvertegenwoordiging; bij overtreding wordt de auto bijvoorbeeld op kosten van de roker gereinigd of wordt een vaste boete op het salaris ingehouden. Het is altijd aan te raden om op basis van deze adviezen in gesprek te gaan met je werkgever, zodat je tot goede afspraken komt. Ervaring met roken op de werkplek? Mail dan naar info@tonmagazine.nl


TON 71 04-17 p 13

C AO-V R A AG

C A R T ON

Wat verdient een uitzendkracht? Er werken nogal wat uitzendkrachten in transport en logistiek. Hoe zit het eigenlijk met hun beloning? Als uitzendkracht val je ‘in principe’ onder de cao voor uitzendkrachten. Je formele werkgever is namelijk het uitzendbureau waarvoor je werkt en niet het transportbedrijf dat je inleent. Maar dit betekent niet dat je anders beloond mag worden dan collega’s die rechtstreeks in dienst zijn bij het bedrijf waar je tewerkgesteld bent. Er mag namelijk geen onderscheid gemaakt worden tussen vaste en ‘flexibele’ krachten.

Salaris en vergoedingen Als uitzendkracht dien je beloond te worden volgens de salarisschalen van de Cao Beroepsgoederenvervoer. Daarnaast heb je recht op de overige vergoedingen die volgens deze cao gelden. Dit betekent dat (onder andere) de volgende regelingen ook voor jou gelden (mits je voldoet aan de voorwaarden die de betreffende cao-bepalingen stellen): - overwerktoeslag; - zaterdag-, zondag- en feestdagentoeslag; - ploegendiensttoeslag; - toeslag voor eendaagse nachtritten; - verblijfkostenvergoeding; - consignatievergoeding.

Arbeidstijden Ook met betrekking tot arbeidstijden, de duur van de vakantie en het werken op feestdagen mag er geen onderscheid gemaakt worden tussen vaste en ‘flexibele’ krachten.

Vragen over je pensioen? Bezoek de Chauffeurscafédagen van Pensioenfonds Vervoer. > Donderdag 20 april, 15.00 – 19.00 uur Van der Valk ‘Avifauna’, Hoorn 65, 2404 HG Alphen aan den Rijn > Dinsdag 23 mei, 15:00 – 19:00 uur Wegrestaurant ‘De Raket’ Industrieweg 2, 7949 AK Rogat > Donderdag 29 juni, 15:00 – 19:00 uur Wegrestaurant ‘Op de Vos’ Hasseltsebaan 100, 6135 GZ Sittard-Nieuwstadt Ro g a

Meer info:

t

pfvervoer.nl/ pensioenconsulenten

n Alphe

Vragen? Stichting VNB 0800-0225022 (gratis bereikbaar tijdens kantooruren) of transport@fnv.nl Of kijk op www.caonaleving.nl

a/d R

ijn

d-N Sittar

i e u ws

tad


TON 71 04-17 p 14

PENSIOEN-V R A AG

Hoe gebruik je jouw Pensioenoverzicht 2017?

De Brief

Binnenkort ontvang je van Pensioenfonds Vervoer je pensioenoverzicht 2017. De bedoeling van dit overzicht is je inzicht te geven in het pensioen dat je nu al hebt opgebouwd en het pensioen dat je naar verwachting gaat opbouwen. Deze berekening is gemaakt op basis van je huidige salaris. Je verwachte pensioen moet je nog verder opbouwen en is dus nog niet zeker. Hieronder zie je hoe je het pensioenoverzicht kunt gebruiken om snel inzicht te krijgen in je pensioensituatie.

Henk van Bergen schrijft:

1. Hoeveel pensioen?

Op het overzicht zie je het pensioen dat je hebt opgebouwd tot 1 januari 2017. Heb je eerder buiten het vervoer gewerkt? Dan heb je waarschijnlijk ook een pensioen bij een ander fonds of verzekeraar. Op mijnpensioenoverzicht.nl zie je het totaal aan pensioen dat je hebt opgebouwd.

2. Genoeg pensioen? Is het pensioen

dat je naar verwachting gaat opbouwen straks ook genoeg om van rond te komen? Ga voor het antwoord op deze vraag naar pfvervoer.nl en log in met je DigiD. Je krijgt dan toegang tot ‘Mijn pensioen’. In het pensioendashboard kun je een inschatting maken van je uitgaven na je pensionering. En je ziet of je naar verwachting elke maand geld overhoudt of te kort komt. Als je nu en dan kijkt hoe je ervoor staat, kun je op tijd actie ondernemen als je dat wilt. Ook kom je dan niet voor verrassingen te staan tegen de tijd dat je met pensioen gaat.

3. Nabestaandenpensioen Mocht jij overlijden, dan

krijgt je partner van Pensioenfonds Vervoer een partnerpensioen. Op je pensioenoverzicht zie je hoeveel dit is. Kan je partner hier niet van rondkomen? Denk dan eens na over het verzekeren van een Anw-pensioen. Deze verzekering vult het nabestaandenpensioen aan. Meer informatie vind je op pfvervoer.nl bij ‘Keuzes die je hebt’.

4. Jij bepaalt wanneer je met pensioen gaat! Op je pensioenoverzicht worden

mogelijk diverse leeftijden genoemd. Deze ‘standaard’-leeftijden worden gebruikt om je pensioen te berekenen. Maar: de leeftijden die op het overzicht staan zijn geen verplichte leeftijden. Je kiest zelf wanneer je stopt met werken. Je pensioen wordt uiteindelijk berekend op basis van de leeftijd waarop je daadwerkelijk met pensioen gaat.

“Als ik ‘s morgens op de A4 richting Rotterdam rijd, valt mij op dat vele collega’s veel te vroeg naar links gaan. Sommigen presteren het zelfs om vlak na het brugrestaurant al naar de derde baan te gaan. Hiermee brengen ze achteropkomend verkeer niet alleen in verwarring, maar ook in gevaar. Officieel mag je namelijk niet rechts inhalen en dat schept verwarring. Bestuurders gaan twijfelen over wat te doen, toch rechts er voorbij of erachter blijven. Vanaf het punt waar de rijstroken zich splitsen richting de A 44 of de A 4 heb je nog 900 meter om naar links te gaan. Tijd genoeg dus, bovendien ben je in overtreding als je zo vroeg naar de derde baan gaat. De derde baan is namelijk verboden voor vrachtverkeer en de boete is behoorlijk aan de prijs. Bovendien breng je collega’s die zich wel aan de regels houden in de problemen.”


TON 71 04-17 p 15

‘ T ONDER Z OEK Hart voor het vak

Mensen die in transport en logistiek werken hebben beduidend meer hart voor hun werk dan de gemiddelde Nederlander, blijkt uit onderzoek. Dat zie je in onderstaande grafiek die het aandeel werknemers met (zeer) hoge ‘bevlogenheid’ aangeeft.

RIJDENDE MELKONTVANGST 74% EXCEPTIONEEL TRANSPORT 68% AGRARISCH VERVOER 67% VERTICAAL TRANSPORT 66% BOUWMATERIALEN VERVOER 65% TRANSPORTSECTOR 61% NEDERLANDSE BEVOLKING 55%

(Bron: Sectorrapportage Inzetbaarheidscheck Sectorinstituut Transport en Logistiek, 2016)

De Kwestie Ruud van Well kaart een kwestie aan. Als hij op een bewaakte parkeerplaats in Nederland gaat staan, betaalt hij tien euro. “Vervolgens ben je ook nog eens een eurootje of achttien kwijt aan het eten. Dat is 28 euro voor één nacht. Waarom doen ze het hier niet net zoals in Duitsland, waar je het parkeerbedrag kunt aftrekken van de prijs van de maaltijd?” Wat is jouw mening? Heb je een slimme oplossing? Laat het weten: info@tonmagazine.nl

Tip

TON Wat staat er in TON 72? Die verschijnt op 21 juni. Heb je tips voor artikelen?

Mail naar info@tonmagazine.nl


Op de pa rk eerpl a at s

TON 71 04-17 • p 16

Tijd voor


TON 71 04-17 • p 17

Lange dagen, korte nachten. En het weekend staat soms ook in het teken van je werk. In het beroepsgoederenvervoer is tijd wel een dingetje. Vrije tijd dus ook. Heb je hobby’s? Of zou je die hebben als je meer vrije tijd had? TON vroeg het op de parkeerplaats.

vrije tijd


TON 71 04-17 • p 18

Alaaaaf!

Danny Nuyten (40) uit Lepelstraat is chauffeur bij Meeus in Bergen op Zoom. “Mijn hobby? Carnavalswagens bouwen. Ik ben lid van een carnavalsvereniging. Dat bouwen doe ik nu voor het zesde jaar. Met carnaval worden de wagens eerst tentoongesteld. Daarna rijden we mee in drie tochten. Na de zomervakantie gaan we weer tekenen en bouwen aan een nieuwe wagen. Maar ook in de periode direct na carnaval zijn we actief. Dan maken we muurschildjes die op Brabantse huizen als decoratie te zien zijn. Die verkopen we tijdens carnaval, de opbrengst is voor de vereniging. ’t Is wel een sociale hobby, ja. Een biertje op de vereniging kost 75 cent, dus we zitten weleens na. Omdat ik ook voldoende tijd aan mijn gezin wil besteden, heb ik geen andere hobby’s.”

Altijd bezig

Edwin Oosten (33) uit Darp bezorgt brandstofproducten voor Oliehandel Kreuze in Steenwijk. “Met een werkweek van vier dagen is er voldoende tijd voor een hobby. Maar door een verhuizing en een verbouwing kom ik daar nu niet aan toe. Ik heb een tijdje fietsen gerepareerd en verkocht. Dat groeide zo, dat ik naast mijn werk een fietsenzaak startte. Maar dat was niet meer te combineren, dus daar ben ik mee gestopt. Ik heb nog een hobby: het ombouwen van bestelauto’s tot campers. Ik ben nu met de derde bezig, al ligt het door de verbouwing even stil. Ja, ik ben iemand die niet stil kan zitten, ik moet altijd bezig zijn.”

Triumph TR6

Nico Bosschaart (66) uit Rijswijk (Gelderland) rijdt groente en fruit voor Dito Transport in Rijswijk. “Ik ben pas na mijn vijfenvijftigste chauffeur geworden. Begin jaren zeventig werkte ik wel bij een transportbedrijf. Maar daarna startte ik een eigen bedrijf. Daardoor had ik weinig vrije tijd. Omdat ik met pensioen ben, rij ik nu nog maar een paar dagen in de week. Nu heb ik vrije tijd genoeg voor mijn hobby en dat is alles wat wielen en een motorblok heeft. Dat heeft natuurlijk met mijn achtergrond als automonteur en garagehouder te maken. Ik heb een Willys Jeep uit 1945 tot de laatste schroef uit elkaar gehaald en opgeknapt. Ook rij ik in een Triumph TR6 uit 1972. Maar die moet nog een keer uit elkaar om hem goed te restaureren. En eigenlijk zie ik rijden op de vrachtwagen ook als hobby. Daarom doe ik het nog na mijn pensioen.”


TON 71 04-17 • p 19

Autorally

Johan van Riemsdijk (36) uit Waardenburg rijdt bouw- en constructiemateriaal voor Van Doorn in Ochten. “Ik ben nu bezig met de verbouwing van het huis dat we net hebben gekocht. Het is uit 1850. Daar heb ik veel schik in. Een andere hobby is, dat ik als helper deel uitmaak van een autorallyteam. Ik ga mee naar de wedstrijden om service te verlenen. En vorig jaar heb ik mijn motorrijbewijs gehaald. Ik wil dit jaar gaan rijden. Nu zoek ik een motorfiets die het beste bij mij past. Dat wordt dan een nieuwe hobby. Oja, en ik vind het ook leuk om een auto op te knappen. Kortom: ik kom mijn vrije tijd wel door.”

Blindengeleidehond

Gertjan van den Dool (46) uit Nieuwpoort rijdt zwaar transport voor Mammoet, vestiging Oudenbosch. “Omdat ik best veel en soms langdurig van huis ben, heb ik beperkt vrije tijd. Die besteed ik aan mijn gezin, bijvoorbeeld met de kinderen naar het voetballen te gaan. En we hebben nu voor de periode van een jaar een blindengeleidehond in opleiding. Daarmee gaan we op zaterdag naar trainingen. De hond moet goed socialiseren. Dat doe je door onder andere door hem mee te nemen naar de supermarkt of in de bus.”

Geen tijd

Mart Scheffers (70) uit Roermond is voor HTR in Roermond met materiaal voor bouwmarkten onderweg. “Vanaf mijn school ben ik vrachtwagenchauffeur geworden. Als je de hele week van huis bent, heb je weinig tijd voor een hobby. Toen ik dagritten ging doen, werd ik lid van een judovereniging. Helaas begon de training om acht uur ’s avonds en dat haalde ik bijna nooit. Dus daarmee ben ik alweer snel gestopt. Om goed te slapen heb je na je werk ook ontspanning nodig. Daarvoor waren mijn avonden te kort. Ik ging vroeg naar bed, maar was nooit lekker uitgerust. Toen ik weer internationaal ging rijden, gaf dat zowel voor mijzelf als voor mijn vrouw veel meer rust. Sliep ik weer veel beter. Toen ik op mijn zestigste met prepensioen ging, bleek dat een grote omschakeling. Ik was opeens de hele week thuis. Dat werkte niet. Dus rij ik nu twee tot drie dagen in de week voor HTR.”


TON 71 04-17 • p 20

Poetsen

Rick Wichers (28) uit Westerhaar rijdt los gestort voor A.J. Slaat in Westerhaar. “De truck poetsen en eraan klussen, dat is mijn hobby. Dat doe ik vaak samen met een kameraad die ook vrachtwagenchauffeur is. Dan zijn we op zaterdag met de auto’s bezig en helpen we elkaar. Hij heeft ook nog een V8 Scania, waaraan we sleutelen. Eerder had ik veel kluswerk aan mijn eigen huis, maar dat is nu grotendeels klaar. Alleen nog de kleine dingen en de aanleg van de tuin.”

Klussen

Theo Broekhuizen (44) uit Barneveld rijdt van alle soorten ladingen voor Mandersloot in Scherpenzeel. “Ik was lange tijd zzp-er in de bouw. Toen dat met de crisis minder ging, ben ik op de vrachtwagen gaan rijden. Nu heb ik een vast contract bij Mandersloot en een nieuwe Volvo. Mijn hobby is nog steeds klussen. Ik heb een oudere woning gekocht. Die ben ik aan het verbouwen. De kosten heb je dan natuurlijk zelf voor een groot deel in de hand. Het ligt er maar aan hoeveel je verbouwt en wat voor inrichting je kiest. Mijn vrije tijd breng ik ook graag met mijn vriendin door. Gewoon samen leuke dingen doen.”


TON 71 04-17 • p 21

eb je tijdens je werk weleens een ongeluk meegemaakt? Zo ja, dan ben je niet de enige. Kijk maar naar de cijfers hieronder. Was de oorzaak toevallig ook onoplettendheid? En ben je goed opgevangen? TON vroeg de panelleden het een en ander over ongevallen.

De helft van de TONpanelleden heeft in zijn loopbaan weleens een ongeluk meegemaakt. En een groot deel van die ongelukkigen raakte gewond.

HEB JE ZELF TIJDENS JE WERK WELEENS TE MAKEN GEHAD MET EEN ONGEVAL?

22

%

JA

, direct betrokken en gewond

29

13

36

JA

JA , ik zag een ongeluk

NEE , nooit

%

, direct betrokken, maar niet gewond

%

gebeuren

%


TON 71 04-17 • p 22

! P O K O O N A D T LE TON wilde weten: Wat zijn volgens jou de twee meest voorkomende oorzaken van ongelukken op het werk? Niet opletten staat op 1.

DE 7 O

Onoplettendheid (60%) Stress/werkdruk/werktempo (49%)

N ONGEV A V N E K A Z OR

ALLEN

Niet aan de regels houden (22%) Onvoldoende vakbekwaamheid (16%) Vermoeidheid (12%) Onvoldoende gebruik van PBM’s* (5%) Slecht onderhouden of verouderde voertuigen (5%) * ) PBM’s = PE RS O O N L I J K E BE S C HER MING SMID D E L E N

RIJDEN IS RISICO IN WELK ONDERDEEL VAN JE WERK IS DE KANS OP EEN ONGEVAL HET GROOTST?

54

%

Tijdens rijden in het verkeer

31

Tijdens laden en lossen

%

7

Tijdens werken % in magazijn

9

%

Tijdens rijden op het bedrijf


TON 71 04-17 • p 23

VOORKOMEN IS BETER

18 JA %

, er wordt heel veel aandacht aan besteed

28 JA

, er wordt voldoende aandacht aan besteed

%

ALLE RISICO’S UITBANNEN IS NATUURLIJK ONMOGELIJK. MAAR: WORDEN ER BIJ JE BEDRIJF MAATREGELEN GENOMEN OM ONGEVALLEN TE VOORKOMEN?

24 JA

, maar het kan altijd beter

%

12 JA

, maar het stelt niet veel voor

%

11 NEE %

8

LUISTEREND OOR, HELPENDE HAND STEL: JIJ OF EEN COLLEGA RAAKT GEWOND BIJ EEN ONGEVAL. (Heel) veel steun

49

%

HOEVEEL STEUN EN NAZORG VERWACHT JE DAN VAN JE BEDRIJF TE KRIJGEN?

24

%

Als je een ongeluk veroorzaakt, komt je baas dan voor je op? Ook als het je eigen schuld is?

MIJN BAAS KOMT VOOR MIJ OP… …bij een ongeluk buiten mijn schuld Eens

%

Geen idee

Neutraal Oneens

%

(Heel) weinig steun

Weet niet

HULP VAN DE BAAS

Niet veel, niet weinig steun

12

15

%

, daar is nauwelijks aandacht voor

Weet niet

62 % 23 % 6% 8%

…bij een ongeluk door mijn schuld

42 % 35 % 13 % 10 %


TON 71 04-17 • p 24

Persoonli jk v erh a a l

Vechten


TON 71 04-17 • p 25

Het is niet makkelijk als je internationaal rijdt en je partner thuis heeft het slecht. Internationaal chauffeur Marco Tiggelhoven (44) uit Raalte maakt het elke dag mee. Zijn vrouw Nicolien (42) lijdt aan MS. Het paar vertelt hoe ze zich door de problemen heen slaan. Marco zit in het koel-vriestransport, rijdt op Duitsland, België en af en toe een stukje Frankrijk. De hele week is hij van huis, zijn mobieltje altijd onder handbereik. Hij en Nicolien hebben elkaar dagelijks zo’n zes of zeven uur aan de lijn. Het is vaak moeilijk. Zeker als Nicolien een terugslag heeft, of ze krijgt een opmerking van een arts of een slecht bericht van de gemeente. Dan wil Marco het liefste een arm om haar heen slaan. Als zij het echt te kwaad heeft, vraagt hij een van zijn vrienden die vlakbij woont om even naar haar toe te gaan.

Aan huis gekluisterd In 2010 wordt bij Nicolien MS, multiple sclerose, geconstateerd. Ze had al langer last van onverklaarbare klachten. Flauwvallen, dubbelzien. Dat ging dan weer over. Maar zes jaar geleden volgen de aanvallen elkaar in hoog tempo op. Onderzoek maakt al snel duidelijk: MS. Bij deze ziekte valt je lichaamsafweer je eigen zenuwcellen aan, waardoor die ontstoken raken. Nicolien heeft de RR-vorm, waarbij de klachten en de verergering in golfbewegingen komen. Met medicijnen wordt ge-

tegen MS

probeerd de achteruitgang beperkt te houden. Toch raakt Nicolien aan huis gekluisterd. Werken gaat niet meer en ze wordt steeds afhankelijker van hulpmiddelen.

Rolstoel met ‘joystick’ Nicolien en Marco ontmoeten elkaar ruim vier jaar geleden. Marco zit voor de poort bij Grolleman Vrieshuis in Apeldoorn om zijn rusttijd te pakken. Nicolien komt voorbij, onderweg naar een vriendin in Apeldoorn. Ze raken aan de praat, er springt een vonk over en niet veel later wonen ze samen. Vorig jaar september trouwen ze. Ze willen tijdens de huwelijksvoltrekking naast elkaar staan. Maar Nicolien is niet sterk genoeg om haar rolstoel zelf voort te bewegen. Om toch zelfstandig te kunnen rijden, hebben ze een rolstoel met een ‘joystick’ nodig. Kosten: 4.000 euro. De gemeente wil die niet vergoeden; ze kunnen wel een rolstoel krijgen van 30.000 euro. Zo eentje die bedoeld is voor iemand die volledig afhankelijk is van een elektrische rolstoel. Dat vinden Marco en Nicolien niet nodig. Na veel heen en weer gepraat, krijgen ze net voor hun trouwdag toch die rolstoel met ‘joystick’.

Stamceltransplantatie Nicolien en Marco komen steeds dit soort problemen tegen bij het zoeken naar behandeling en ondersteuning. De regels van de zorgverzekering, de zorgverleners, de gemeente … ze maken het allemaal niet eenvoudig. Zo is er een behandelmethode die de MS kan stilzetten: stamceltransplantatie. Voor Nicolien is dat vooruitgang, want je weet dat het anders alleen maar achteruitgaat. Mogelijk zou de behandeling zelfs tot verbetering kunnen leiden, maar daarop durven ze niet te hopen. Want, redeneert Marco, dan creëer je je eigen teleurstelling.

65.000 euro Die stamceltransplantatie kan ook in Nederland plaatsvinden, maar de behandeling staat hier alleen open voor mensen met leukemie. Omdat zij toch elke mogelijkheid willen aangrijpen om de ziekte te stoppen, kiezen Nicolien en Marco voor behandeling in Mexico. Dit voorjaar gaat dat gebeuren. Voor de kosten, 65.000 euro, draaien ze zelf op. Daar gaat het spaargeld aan op en ze moeten lenen. Met een stichting proberen ze geld in te zamelen om een deel van de kosten te dekken .

Vrijdag wasdag Leven met MS is leven met almaar toenemende achteruitgang. Nicolien wil zolang mogelijk zelfstandig blijven; Marco probeert haar daarbij te helpen. Klein voorbeeld: hij doet vrijdags de was, want hij wil niet dat Nicolien naar de zolder gaat, waar de wasmachine staat. Maar het blijft een nadeel dat Marco de hele week van huis is. Zou het een optie zijn om een baan te zoeken waarbij hij ’s avonds thuis is? Marco vindt dat moeilijk. Hij houdt zo ontzettend van zijn vak.

Hulp van werkgever Marco heeft het getroffen met zijn werkgever. Vorig jaar kreeg Nicolien op een zondagmiddag steken op de borst. Zondagnacht moest ze naar de hartbewaking. Eigenlijk had Marco die nacht moeten gaan rijden, maar zijn werkgever zei dat hij net zolang thuis kon blijven als nodig was. En als er met Nicolien iets gebeurt en hij moet snel naar huis, dan haalt een collega hem op. Die vertelt dan pas onderweg wat er aan de hand is, zodat Marco geen gekke dingen doet.

Het komt goed Ze hebben nu hun hoop gevestigd op de stamceltransplantatie, de behandeling in Mexico. Als ze weer terug zijn, moet Nicolien nog vijf keer naar Engeland, voor nabehandeling. Of het goed komt? Ze zien de toekomst rooskleurig. Want het is Marco’s overtuiging: Als je negatief in het leven staat, kom je nergens.

Eigen stichting Nicolien heeft een eigen stichting in het leven geroepen om geld in te zamelen voor haar behandeling. Op stichtingstopmsnicolien.nl lees je er meer over.


TON 71 04-17 • p 26

k ‘S

r B li l

’ k a e


TON 71 04-17 • p 27

T ON FO T O

Dit voorjaar doet ‘Skill Break’ zeven scholen aan. Via logistieke spellen maken vmbo- en mbo-leerlingen kennis met transport en logistiek. Op 28 februari was het Drenthe College in Emmen aan de beurt. Verdeeld over drie groepen mochten dertig mbo’ers zich uitleven op drie onderdelen. Bij ‘Laad je lading’ was het zaak een vrachtwagen zo snel en netjes mogelijk te laden. Efficiënt werken stond ook centraal bij ‘Stapel je Suf’. Het derde spel, ‘Schuiven maar’, testte vooral het ruimtelijk inzicht van de leerlingen.

m E n i ’

n e m Op de foto. Sjouwen met pallets bij het onderdeel ‘Stapel je suf’. Maar... kan dat zonder handschoenen? Leren de leerlingen niet ook over veiligheid? Zeker wel, meldt het Sectorinstituut Transport en Logistiek, dat de Skill Break organiseert. Maar die jongens en meisjes zijn ‘stronteigenwijs’. Ze vonden de handschoenen niet nodig. Al trok een aantal ze alsnog aan, na een eerste rondje pallets sjouwen. Een harde leerschool.


TON 71 04-17 • p 28

Veilighe voorop Code Ge z ond en V eil ig M ag a z i jn


eid

TON 71 04-17 • p 29

Natuurlijk wil je na je werk weer veilig thuiskomen. Arboregels en wettelijke voorschriften helpen je daarbij. Maar uiteindelijk gaat het om de veiligheid van de omgeving waarin je werkt en om je eigen gedrag. De Code Gezond en Veilig Magazijn is een handig handvat voor bedrijven om het veiligheidsbeleid op te krikken. Bij CEVA Logistics Netherlands is te zien hoe die code in de praktijk uitpakt.

FOTO: ‘Operations Excellence Manager’ Karel Loeffen bij de borden die aangeven hoe aandacht voor veiligheid zorgt voor minder tijdsverlies door ongelukken.


TON 71 04-17 • p 30

LUUD

Verkiezing veiligste magazijn Wat is het veiligste magazijn van Nederland? Tot 1 juni kunnen bedrijven zich opgeven voor de Prijs voor het Veiligste Magazijn. Een deskundige jury bepaalt wie brons, zilver en goud wint. Daarbij wordt gekeken naar veiligheid op de werkvloer, veiligheidseisen van het management, monitoring en werkklimaat. Er zijn twee categorieën: grote magazijnen met meer dan 25 medewerkers en kleine magazijnen met minder dan 25 medewerkers. Voor informatie en opgeven: hetveiligstemagazijn.nl

Veiligste magazijn bezoeken Zelf zien hoe het er in een veilig magazijn aan toegaat? De komende maanden kun je de prijswinnaars van 2016 bezoeken: - op woensdag 5 april Abbott Biologicals B.V. in Olst - op donderdag 11 mei DHL Supply Chain in Bergen op Zoom - op woensdag 14 juni Schneider Electric in Helmond Deelname is gratis. Vol is vol. Inschrijven doe je via dagvanhetmagazijn.nl/ bezoek-prijswinnaars/

“We staan hier echt niet allemaal als soldaten op een rij te roepen dat we het hebben begrepen. Zo werkt dat niet. Maar we zijn wel de hele dag met veiligheid bezig. En je let op je collega’s. Als je uitlegt wat er mis kan gaan, luisteren ze eigenlijk altijd. Want iedereen wil aan het eind van de dag thuis met de familie avondeten.” Allround medewerker Luud Berlinger legt uit dat veiligheid en gezondheid bij CEVA Logistics Roosendaal een serieuze zaak is. En ze zijn er met succes mee bezig, zo blijkt ook uit de verkiezing tot ‘Veiligste Magazijn van Nederland 2015’.

‘Showcase’ Als je bij CEVA binnenkomt, moet je uiteraard persoonlijke beschermingsmiddelen, zoals veiligheidsschoenen en een hesje dragen. En je krijgt een pamflet met aanwijzingen voor als er een calamiteit plaats vindt. Daarin staat ook hoe je te gedragen op de werkvloer. Overdreven? Het is gewoon onderdeel van het bedrijfsbeleid. En

de vestiging Roosendaal (in Oud-Gastel) is ook wel een beetje bijzonder. Een ‘showcase’ noemt CEVA het; een voorbeeld van hoe het moet. CEVA Roosendaal voldoet aan de hoge eisen van de Site Classification (SCA), een intern programma van CEVA wereldwijd. Hier in Roosendaal werken, afhankelijk van het seizoen, tussen de tweehonderdvijftig en vierhonderd mensen. In de andere tien Nederlandse vestigingen zijn het er nog eens tien keer zoveel en totaal telt CEVA wereldwijd 41 duizend medewerkers.

Van Philips naar CEVA Luud Berlinger (53) uit Roosendaal heeft een lange loopbaan achter de rug. “Ik ben al veertig jaar aan het werk, vanaf mijn veertiende. Moest wel, om voor mijn moeder te zorgen.” Luud begon in een slachthuis. Maakte vervolgens vijfentwintig jaar lampen bij Philips in Roosendaal. In 2010 raakte hij zijn baan kwijt. “Op 16 april was mijn laatste werkdag. Op de 20ste had ik al drie


TON 71 04-17 • p 31

dagen bij CEVA gewerkt, via een uitzendbureau. Ik had bij Philips al wat van de logistiek gezien en dat sprak me wel aan.”

1-meterregel Luud (“Ik ben manus-van-alles”) heeft de afgelopen zeven jaar gezien hoe het bij CEVA veranderde. “Toen ik hier kwam, waren er best nog grote risico’s. Ik herinner me dat we begonnen met de 1-meterregel: altijd uit de buurt blijven van alles wat rijdt.” Maar is het niet veel, al die regels en afspraken waaraan je je moet houden? Luud fronst zijn wenkbrauwen. “Je bent er gewoon de hele dag mee bezig. Veiligheid is nummer één bij dit bedrijf. Iedereen houdt toch graag zijn gezonde handen en benen? Nieuwe medewerkers moeten leren hoe het bij ons gaat, voordat ze van start gaan. Sommige komen, nadat ze een tijdje ergens anders hebben gewerkt, weer bij ons terug. Dan vertellen ze hoe blij ze zijn met onze veilige manier van werken.”

Voorbeeldbedrijf Karel Loeffen (49) uit Ulvenhout luistert naar Luud’s verhaal. Zes jaar geleden kwam hij bij CEVA binnen, waar hij nu Operations Excellence Manager is. Luud’s woorden bevestigen dat ze niet zomaar een voorbeeldbedrijf zijn geworden. Daar heeft Karel nogal wat energie aan besteed. Dat betekent: het werk goed organiseren en zorgen voor gezonde en veilige omstandigheden.

Planborden Karel laat zien hoe op elke afdeling aandacht is voor betrokkenheid en veiligheid. De namen van de opdrachtgevers hangen aan de wanden van de verschillende afdelingen. Zo hebben de medewerkers ‘gevoel’ bij de producten die ze verpakken of verplaatsen. Overal hangen planborden, waarop iedereen moet en mag inbrengen hoe het werk beter kan. Overal zijn formulieren om onveilige situaties te melden. Gevaarlijke op rood papier: die moeten meteen worden opgelost. Andere op geel: die kunnen iets later worden aangepakt.

Betrokkenheid belonen Trots laat Karel op een aantal borden de cijfers zien. Hoe door de aandacht voor veiligheid de LTI afneemt, de lost time injury. Dat is het aantal incidenten met verzuim als

gevolg. Betrokkenheid bij veiligheid wordt beloond. Als afdeling kun je punten verdienen. Bijvoorbeeld 1 punt als je een ongeluk meldt. En twee punten als je iets meldt wat een probleem zou kunnen veroorzaken. Zo maak je volgens Karel veiligheid meetbaar. En wie het goed doet, kan een beloning verdienen. Bijvoorbeeld een halve dag vrij of een bioscoopbon.

Snel ingrijpen Karel: “Mensen blijven zo prikkels krijgen. Als ze nooit iets melden, is er iets mis. En als ze vaak iets melden, zijn we goed bezig als bedrijf. Tenminste: als we ook zorgen dat mogelijke problemen snel worden opgelost.” Hij loopt even weg. Een geladen pallet staat op het looppad. Karel grijpt meteen in. Bij CEVA gaan dus ook dingen verkeerd? “Natuurlijk”, zegt Karel, “en dan is het belangrijk dat je snel ingrijpt en het verhelpt.”

Gouden schoen Op de loopbrug boven de werkvloer hangt aan de wand een bord met sterren. Zes afdelingen ‘vechten’ om wie zich het meest verbetert en veilig werkt. Elke maand zijn er sterren te verdienen. Wie er op jaarbasis de meeste scoort, kan een aardig afdelingsfeestje vieren. Elke maand worden ten overstaan van het hele personeel de sterren uitgedeeld. De winnaar voor veiligheid krijgt een gouden schoen. Karel: “Da’s een oude schoen van mij, die ik goud gespoten heb. Het moet natuurlijk wel leuk blijven. Het gaat er niet om mensen tegen elkaar op te zetten. We willen ze prikkelen om zich in te spannen en nog meer ‘lean’ en veilig te werken.”

Dure ziektedagen Leuke acties bedenken om aandacht te vragen voor veiligheid. Dat lijkt prima te lukken bij CEVA. Maar moet je dan niet steeds iets nieuws bedenken? Karel: “Dat doen we ook. Maar bij de vaste mensen hier is het belang van veiligheid echt wel doorgedrongen. Veel moeilijker is het om nieuwe mensen, vooral uitzendkrachten, erbij te betrekken. Die komen hier niet binnen en zetten dan veiligheid meteen op één. Daarom krijgen nieuwelingen een mentor die ze helpt en begeleidt om met eenzelfde energie te zorgen dat we veilig en gezond blijven. Want dat is belangrijk. En ja, het levert ook economisch veel op. Bedenk maar eens wat ziektedagen kosten.”

Code als handvat In Nederland werken ruim 600.000 mensen in een magazijn. Per jaar gebeuren er minstens 150 ernstige ongelukken. Het ziekteverzuim onder magazijnpersoneel is hoog. Met veilig en gezond werken is er veel te winnen. Met de Code Gezond en Veilig Magazijn (CGVM) hebben bedrijven en medewerkers een hulpmiddel in handen om van hun magazijn een gezonde en veilige werkplek te maken. De CGVM bevat geen nieuwe regels, maar stimuleert bedrijven om een effectief veiligheidsbeleid te voeren. Vooral gedrag en bewustzijn van risico-plekken en situaties zijn daarbij van belang. CEVA Logistics was betrokken bij het opstellen van de code.


TON 71 04-17 • p 32

Sec torpl a nnen

1250! Robert Biekman (tweede van links) en directeur-eigenaar Adwin Ploeger van Ploeger Logistics bezegelen met een handdruk Roberts nieuwe baan. Naast Robert staat Maurice Scholten; naast Adwin staat Bjorn de Bruijn. Ook zij zijn nieuwe zij-instromers en in dienst bij Ploeger Logistics.


TON 71 04-17 • p 33

Robert Biekman heet hij. En hij is de 1.250ste ‘zijinstromer’, die in het kader van de campagne 2.000 chauffeurs een baan heeft gevonden in het beroepsgoederenvervoer. Robert is sinds begin maart in dienst bij Ploeger Logistics in Harderwijk. Die instroom van nieuwe chauffeurs is een van de successen van de Sectorplannen Transport en Logistiek.

Sinds 2014 zijn er twee sectorplannen bedacht en uitgevoerd. In die plannen maken de vakbonden en de werkgeversorganisaties afspraken met het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid. Bedoeling: werkloosheid voorkomen, vakbekwaamheid behouden, de ‘mobiliteit’ van werknemers ondersteunen én inspelen op de groeiende behoefte van bedrijven aan nieuwe chauffeurs. De sectorplannen zijn mede mogelijk gemaakt door bijdragen vanuit het Opleidings- en Ontwikkelingsfonds voor transport en logistiek (SOOB).

Uit de crisis Het eerste sectorplan werd opgesteld toen het nog volop crisis was. De nadruk lag op het behouden van vakbekwaam personeel. Egon Groen, bestuurder van FNV Transport en Logistiek: “De bedrijfstak had het moeilijk, bedrijven moesten inkrimpen of gingen failliet. Goede vakmensen dreigden zonder werk te komen zitten of raakten daadwerkelijk werkloos. Overheid, werkgevers en werknemers hebben toen de handen ineengeslagen. We wisten dat we deze vakmensen na de crisis nodig zouden hebben. Daarom hebben we plannen gemaakt om de kennis en vaardigheden van deze chauffeurs op peil te houden. We hebben op deze manier duizenden mensen voor de sector kunnen behouden, waaronder tweehonderd met een ‘afstand tot de arbeidsmarkt’. Alleen al daarom zijn de sectorplannen van onschatbare waarde.”

Banenmagneet De werkgelegenheid neemt sinds enige tijd weer toe. TLNvoorzitter Arthur van Dijk: “In de afgelopen periode is het aantal werknemers in de sector met ruim 5 procent gestegen. De sectorplannen hebben geholpen om de bedrijfstak relatief

goed door de crisis te loodsen. En nu kunnen we snel inspelen op de aantrekkende vraag. Dankzij de sectorplannen hebben we zelfs in de crisis extra jongeren kunnen werven, die na hun tweejarige BBL-opleiding klaar zijn voor de arbeidsmarkt. Nu de behoefte aan personeel weer toeneemt, zien we dat er naast de jongeren snel extra chauffeurs nodig zijn. Inmiddels hebben we 1.250 zij-instromers kunnen verwelkomen. Als je dan ook nog bedenkt dat 70 procent van die zij-instromers uit een uitkeringssituatie komt, dan kun je met recht zeggen dat de sectorplannen werken als een banenmagneet.”

500 erbij Willem de Vries, directeur van het Sectorinstituut Transport en Logistiek dat de sectorplannen uitvoert: “We verwachten dat de vraag naar gedreven chauffeurs blijft toenemen. Daarom hebben werkgevers- en werknemersorganisaties besloten om ruimte te maken voor nog eens vijfhonderd extra zij-instromers. Het maximaal aantal zij-instromers komt daarmee op vijfentwintighonderd. Zo kunnen we nog meer gedreven mensen helpen aan een baan met toekomst.”

90 procent Voor Robert Bliekman bood het sectorplan uitkomst. Robert was onder andere onderhoudsmonteur. Hij werkte jarenlang in Saoedi-Arabië, maar was de laatste anderhalf jaar werkloos. “Toen ik van de campagne 2.000 chauffeurs hoorde, hoefde ik niet lang na te denken. Zo kon ik mijn droom waarmaken, want ik wilde eigenlijk altijd al chauffeur worden. Maar de kosten van de opleiding waren een belemmering.” Robert leert nu het vak bij Ploeger Logistics. De opleiding wordt voor 90 procent vergoed.


TON 71 04-17 • p 34

Inz e t b a a rheidscheck


TON 71 04-17 • p 35

Te lang pakt hij problemen die op zijn weg komen niet aan. Michel Wenting (43) uit Meppel raakt in een negatieve spiraal. Zo negatief dat hij het leven niet meer ziet zitten. In een jaar tijd maakt hij toch de omslag.

Leven

weer terug

Productiemedewerker

Chauffeur wilde hij worden. Als kleine jongen ging hij vaak met zijn vader mee op de wagen. Zelfs onder schooltijd. Zijn twee broers zijn ook chauffeur. Maar het groot rijbewijs halen is duur en dus gaat hij een totaal andere kant op. Wordt productiemedewerker in een clean room voor medische apparatuur. Vijftien jaar lang reorganisaties meemaken en werken in een benauwde ruimte gaan hem echter tegenstaan.

Crisis Bij Steenbergen Transport in Meppel krijgt hij rond 2006 de kans om betaald zijn C en E te halen. Hij is als een kind zo blij. De vrijheid, niet meer tussen vier muren. Maar de crisis gooit roet in het eten en hij moet vertrekken. Gelukkig kan hij een paar weken later aan de bak. Bij Timmerman Transport in Staphorst, waar hij nog steeds werkt.

Oververmoeidheid Keihard werken doet hij daar. Soms 60 tot 70 overuren per maand. Hij heeft geen tijd om uit te rusten of een keer te sporten. Dat gaat lang goed, ook al omdat hij de signalen negeert die zijn lichaam hem geeft: een hoge hartslag en oververmoeidheid. Hij komt niet voor zichzelf op, zo is hij nu eenmaal opgevoed. Duidelijk zijn, je mening geven, dat zat er gewoon niet in. Het wordt een probleem als hij zich gaat verslapen. Zijn dagen beginnen vroeg en eindigen laat. Als

hij thuiskomt, heeft hij een uur nodig om alles te verwerken. Maar dan is het alweer een uur ’s nachts voor je in bed ligt. En om vier uur gaat steevast de wekker. Dat houd je niet vol.

Burn-out Het is dan eind 2015. Bij Timmerman Transport willen ze weten wat er met hem aan de hand is. Een Arboarts concludeert een burn-out. Hij zit drie weken thuis, daarna moet hij weer aan het werk. Achteraf beschouwd waren die drie weken veel te kort. Driekwart jaar later gaat het weer fout. Hartkloppingen, angst. ’s Nachts komt hij zijn bed uit om beneden in de keuken even bij te komen. Het lawaai van een vallend glas maakt zijn vriendin wakker. Die vindt hem gestrekt op de vloer en belt een ambulance. In het ziekenhuis blijkt dat er met zijn hart gelukkig niets mis is. Deze keer blijft hij twee maanden thuis. En hij schakelt een psycholoog in.

Frustraties Michel zit in een neerwaartse spiraal, met veel negatieve gedachten. Voor hem hoeft het leven niet meer, ondanks zijn nieuwe vriendin en het werk dat hem zo bevalt. De opeenstapeling van frustraties is hem te veel. In die tijd stuurt Timmerman Transport een uitnodiging om de Inzetbaarheidscheck in te vullen. Dat doet hij. De uitkomsten zijn niet goed; een coach belt hem op. In combinatie met de psychologische hulp verandert dat zijn leven, zowel fysiek als mentaal.


TON 71 04-17 • p 36

Doe de check Michel Wenting deed de Inzetbaarheidscheck van het Sectorinstituut Transport en Logistiek. Dat is een online test waarmee je snel – en gratis – een beeld krijgt van hoe je ervoor staat. Lichamelijk, psychisch, qua leefstijl en loopbaan. Ook als jij je prima voelt, geeft de check inzicht. Blijkt dat je inzetbaarheid mogelijk risico loopt, dan belt een coach om je uit te nodigen voor een persoonlijk gesprek. En als je daarvoor openstaat: begeleiding. Jezelf testen? Ga naar stlwerkt.nl/inzetbaarheidscheck

Spiegel Het eerste waaraan hij gaat werken: zijn zelfbeeld. Hij leert van zichzelf te houden zoals hij is. Elke dag kijk hij nu goed naar zichzelf, in de spiegel. Wat vind je van jezelf? Hij is nu meer tevreden, gewoon doordat hij het heft zelf in handen heeft genomen. Als onderdeel daarvan start hij een rechtszaak tegen zijn ouders, die op zijn naam een lening hebben afgesloten. Jarenlang moet hij een hoge rente betalen en er lijkt niets aan te doen. Ook in de rechtszaal is die lening niet zomaar ongedaan te maken. Wel krijgt hij het voor elkaar dat zijn ouders hem nu elke maand een bedrag overmaken, zodat hij kan aflossen.

Complimentjes Contact heeft hij niet meer met zijn familie. Maar hij staat positiever in het leven. Dat was ook een onderdeel van het coaching traject. Jezelf complimentjes geven. Als er in de planning iets fout loopt, en je lost het toch op. Dat soort kleine dingetjes. En het helpt. Ook zijn werktijden zijn veranderd. De lange dagen zijn verleden tijd. Hij stapt van de trailer weer over naar de bakwagen. Korte ritten, op tijd weer thuis. En hij is duidelijker richting P&O, geeft beter zijn grenzen aan als het wat minder gaat.

Gemotiveerd Doordat hij nu minder uren maakt, heeft hij weer tijd om uit te rusten. En te sporten. Twee keer per week zit hij in de

sportschool. Meestal spinning, om zijn bovenbenen te trainen voor de halve marathon die hij binnenkort gaat lopen. Waar hij zijn motivatie vandaan haalt? Facebook. Hij zat wat te zoeken op sportkleding en belandde op de Facebook ‘Ik loop hard’-groep’. De leden houden elkaar op de hoogte van hun prestaties. Dankzij die groep is hij zijn grenzen echt gaan verleggen. Mensen moedigen je aan om door te gaan. Soms zijn er tijdens wedstrijden ook meetings van de groep.

Heerlijk Twee jaar geleden woog hij 94 kilo, dat is nu 77. Hij is ook weer begonnen met mountainbiken. Op de zaak opperde hij het plan om een fietsgroep in het leven te roepen. Die is er nu, met bedrijfskleding, deels betaald door Timmerman. Een deel van de mountainbikers zit liever op de weg, maar hij blijft in het bos. Die geur daar, heerlijk.

Toppers Hij sprak er pas nog met zijn vriendin over. Of zij merkte dat er iets aan hem was veranderd. Die zag het verschil wel. Hij zit niet meer in die neerwaartse spiraal. Van haar en van haar kinderen heeft hij ontzettend veel steun gekregen. Toppers zijn het. Een jaar heeft het geduurd, zijn terugkeer uit het diepe dal. En hij zal eraan moeten blijven werken. Maar Michel Wenting heeft zijn leven weer terug.


TON 71 04-17 • p 37

PENSIOEN

Geluk

gehad


TON 71 04-17 • p 38

Jan Put is twaalf jaar geleden gestopt met werken – en toch pas 71. Hij is een van de mensen die nog gebruik kon maken van de VUT. Samen met zijn vrouw Ans (70) geniet Jan van het vrije leven. Jan beseft dat hij geluk heeft gehad. En hij snapt dat oud-collega’s balen van de stijgende pensioenleeftijd.

Jan woont al zijn hele leven in Eerbeek, op de Veluwe. Zijn vader was er kolenboer; Jan droomt van een loopbaan op de vrachtwagen. Op zijn achttiende solliciteert hij bij transportbedrijf T. Schotpoort, in zijn woonplaats. Hij begint in de garage, haalt zijn rijbewijs en belandt achter het stuur. Veertig jaar later – en nog steeds bij dezelfde baas - maakt hij gebruik van de VUT-regeling. “Ik vond het werk nog leuk, maar had het veertig jaar gedaan. De VUT was destijds een mooie manier om eerder te stoppen.”

Vroeg op, laat thuis Jan heeft niet altijd op de wagen gezeten. Hij is begin twintig als hij met Ans trouwt en zij de eerste van hun twee dochters krijgen. “Ik werkte nationaal, maar het was toch altijd vroeg op en laat thuis.” Ans: “Door de week zag hij de kinderen nooit.” Jan wil meedoen in het gezinsleven en zet een stapje terug: weer de garage in. Maar het blijft kriebelen. Ans: “Hij was niet blij. Dan is het heel simpel: dan moet hij gewoon weer op de vrachtwagen.” En dat doet Jan, na een onderbreking van zo’n zeven jaar. De rest van zijn werkende leven blijft hij met papier van en naar Golfkartonfabriek De Hoop rijden. En al die jaren dus bij T. Schotpoort. Jan: “Een geweldig familiebedrijf. Nooit gedoe en altijd je geld op tijd.”

Redelijk gezond Jan is zijn leven lang redelijk gezond geweest. “Toen ik 34 was, stopte ik met roken. Dat gehijg als je dekkleden op de wagen moest doen, was niet vol te houden.” Op zijn vijftigste wordt hij wat te dik. Dus: “Gewoon gezonder eten. Geen gehaktballen met mayonaise meer, maar brood met ham of kaas of een eitje. En ik ging elke maandagavond om acht uur naar de sportschool. Waren die extra negen kilo’s er snel af.”

Sneeuw op afscheid Jan herinnert zich zijn laatste werkdag in november 2005 nog levendig. “Het was vreselijk weer. Veel sneeuw, harde wind. Iedereen stond stil. Ik laveerde overal tussendoor naar Friesland, om daar nog bij een paar vaste klanten aan te gaan. Ans was mee. We hadden vlaaien gekocht voor alle collega’s. Maar die stonden er ’s avonds laat nog, omdat niemand terug was.”

Begin onwennig Stoppen was een leuk idee. Maar Jan had niet één hobby. “In het begin was het wel onwennig. Ik ging rommelen in het schuurtje. En wandelen. Eerst op mijn eentje, maar toen kwam ik een collega tegen die ook vaak wandelde. Zijn we het samen gaan doen. Er kwamen steeds meer voormalige


TON 71 04-17 • p 39

Samen doen wat je samen wilt doen

collega’s bij, het groepje groeide. Nu gaan we iedere maandag vanaf één uur met een man of zes op pad. Spreken we af in Dieren of op de Postbank, lopen we acht of tien kilometer en drinken daarna een kop koffie.”

Hartinfarct Bij die koffie hebben ze het nog altijd over het werk. “Heeft iemand iets gelezen over een bedrijf in Rotterdam. Hebben we het erover hoe we daar kwamen en dan kennen we de naam van de heftruckchauffeur nog. De oudste van ons clubje is tachtig. Inmiddels beginnen we allemaal wel klachten te krijgen. Eentje had laatst een halsslagaderoperatie. Twee weken later was hij er weer bij. Zelf heb ik in 2009 een hartinfarct gehad. Was ik ook na een paar weken weer op de been.”

Samen en apart Jan en Ans hebben het goed samen. Nog altijd. Hoe ze dat voor elkaar krijgen? “Samendoen wat je samen wilt doen, maar vooral ook je eigen leven houden”, zeggen ze eensgezind. Dus gaan ze met de caravan op stap in Nederland en vooral Italië. En ze wandelen veel samen. Maar Ans gaat ook twee avonden in de week volksdansen, in haar eentje. Jan: “Ik kan en wil niet dansen. Maar ik help wel om het blaadje van

de dansvereniging te maken. Nadat ik stopte met werken heb ik op advies van mijn schoonzoon een laptop gekocht. Heb mezelf geleerd daarmee om te gaan. ’s Avonds na het eten zit ik vaak een paar uur achter de computer.”

Tot zevenenzestig Jan beseft dat hij geluk heeft gehad met de VUT-regeling. Zeker nu de pensioenleeftijd omhoog is gegaan. Hij vindt die verhoging niet ok. “Bijna iedereen heeft toch wel een zwaar beroep. Misschien niet altijd lichamelijk, maar dan wel geestelijk. Er is ook steeds meer stress. Dan vind ik dat je op je vijfenzestigste met pensioen moet kunnen. Zeker als je meer dan veertig jaar gewerkt hebt. Ik merk dat ook aan collega’s die nog werken. Die zijn echt jaloers dat ik op mijn negenenvijftigste heb mogen stoppen. Dat snap ik best.”


TON 71 04-17 • p 40 In Beeld: Re ta iltr a nsp ort

Dubbele


TON 71 04-17 • p 41

Als je langer dan 1,80 meter bent, is een dubbeldekker geen pretje. Dan moet je veel te veel bukken bij het laden en lossen. Gerrit de Ruiter (62) uit Elspeet haalt die 1,80 nét niet; hij houdt zijn rug recht.

lading

Al zo’n zes jaar bevoorraadt hij winkels van EMTÉ supermarkten. Het is aanpakken, maar Gerrit laat zich niet opjagen. “Ik wil dit werk tot minstens vijfenzestig blijven doen.”


TON 71 04-17 • p 42

Tachtig rolcontainers ‘Zo van het land’ staat er op

zijn truck, omlijst door megagrote aardbeien en appels. Gerrit vindt die uitstraling wel mooi. “Dan weet je waarvoor je rijdt.” Hij doet zijn werk met plezier. “Dit vrije leven is leuk, ik ben geen binnenmens. En ik houd wel van het sociale, het omgaan met klanten.” Natuurlijk: het is vroeg opstaan, het zijn lange dagen en fysiek is het af en toe best zwaar. “Met het laden van zo’n dubbeldekker ben je bijna twee uur bezig. Het zijn tachtig rolcontainers, dat is stevig aanpoten. Maar het zorgt ook dat ik flink beweeg. Daardoor ben ik fitter dan vroeger.”

Menselijkheid Gerrit rijdt 28 jaar voor St vd Brink, vanuit

Ermelo. “Toen ik hier in 1989 begon, werkten er veertig man. Ik bezorgde bij winkels de melkproducten van Friesche Vlag. Nu werken er zevenhonderd mensen bij het bedrijf.” Er is nog veel meer veranderd de afgelopen jaren. “Schakelauto’s zijn automaat geworden. We hebben een pompwagen, dus hoeven veel minder met de hand te doen. De menselijkheid is er ook wel een beetje uit. En er is veel meer stress. Iedereen moet een stapje harder lopen. Een half uur bij een klant koffie drinken is er niet meer bij. Tijd is geld.”

Familiebedrijf

Gerrit voelt zich kind aan huis bij St vd Brink. Al lijkt zijn doordeweekse baas de Sligro in Putten. Daar laadt hij dagelijks twee keer levensmiddelen voor de EMTÉ-winkels. Op zijn standplaats Ermelo komt hij eigenlijk vooral voor de vergaderingen van de ondernemingsraad. Hij is daar al vijftien jaar lid van. Met zijn werkgevers heeft hij een goed contact. “Het is nog altijd een familiebedrijf. Als er wat is, kun je bij de directeuren Alex en Gerrit Jan binnenstappen. Ik vind dat niemand een drempel hoeft te voelen. Op de familiedag van St vd Brink komen misschien wel zevenhonderd mensen. Dat is hartstikke gezellig.”

Opa Gerrit

Elspeet is hij nooit uit geweest. Geboren in het centrum, opgegroeid in het buitengebied van het dorp. Op het vmbo deed hij metaalbewerking en hij zat vervolgens twee jaar in de metaal. Daarna ging hij in een houtzagerij werken, waar ook zijn vader in dienst was. Gerrit kreeg een relatie met de dochter van de baas, trouwde en betrok in 1978 een woning in het centrum van Elspeet. Ze kregen vijf kinderen; twee zijn er nog thuis. En ze werken allemaal in de retail: bij de HEMA, de Plus, bij Albert Heijn en eentje in de emballage van EMTÉ. Gerrit is inmiddels twee keer grootvader. De kleinkinderen zijn één en zes. “Ze komen vaak op zondag. De oudste wil almaar voetballen met opa. Vind ik ook leuk, maar opa is wel snel moe.”


TON 71 04-17 • p 43

Ritme Gerrit is vandaag om tien over drie uit bed gestapt. Voordat de wekker is afgegaan, zoals op alle dagen dat hij werkt: woensdag tot en met zaterdag. “Kwestie van ritme. Ik ga elke avond om kwart over negen naar bed.” De dag begint met een boterham met vlees of kaas en een glas melk. Om halfvier gaat Gerrit de deur is. Tien voor vier is hij in Putten. Dan begint hij te laden. Deze ochtend gaat het eerst naar Kootwijkerbroek en dan naar Borculo. “In Kootwijkerbroek kunnen we al om zes uur terecht. Bij de meeste winkels is dat niet voor zevenen.” Om tien uur is hij terug. Tijd voor zijn dagelijkse tukje op het bed. “Na een uurtje voel ik me weer prima.”

Zelf laden Even over elven. Koffie. En dan laden voor de rit naar GrootAmmers. “Misschien zou je willen dat andere mensen voor je laden. Maar het werk is goed voor je beweging en alleen zelf kun je zorgen dat de spullen op de perfecte plaats staan. Dat is vooral belangrijk als je meer adressen belevert. Want de goederen moeten er ook in de juiste volgorde uit. En je moet ook altijd ruimte kunnen maken om de emballage mee terug te nemen.” Ook voor de besturing speelt de manier van laden een rol. “Je moet bijvoorbeeld beneden de zwaardere pallets laden. Dan ligt de wagen beter op de weg.”


TON 71 04-17 • p 44

400 kilo Gerrit krijgt wel hulp bij

het laden. Logistiek medewerker Thijs Kieft van de Sligro steekt een handje toe. Dat hoeft niet, hij doet het wel. Gerrit en Thijs gaan lachend met de rolcontainers in de weer. Als die gevuld zijn met toiletpapier en chips is het een eitje. Maar als er frisdranken of wijn op staan, komt er toch even heuse kracht bij kijken. Gerrit: “Ze zijn in principe niet zwaarder dan vierhonderd kilo. Maar laatst had ik een veel zwaardere. Dan meld ik dat op kantoor en wordt hij voor een deel overgeladen.”


TON 71 04-17 • p 45

Bukken St vd Brink werkt sinds 2009 met dubbeldekkers. Het bedrijf heeft er nu zes, met vaste chauffeurs. Gerrit: “Je moet er wel inpassen. Als je langer bent dan 1,80 meter is het niet makkelijk. Moet je veel bukken. En niet iedereen wil zo’n dubbeldekker rijden. Want je moet wel tachtig in plaats van vijftig rolcontainers laden. Vooral jongeren staan volgens mij niet zo te trappelen om dit werk te doen. Ze willen centjes verdienen, maar veel minder verantwoordelijkheid nemen.”

Borderel Het is één uur geweest als Gerrit de twee verdiepingen geladen heeft. Hij meldt zich bij planner Hennie Roelofs (op de achtergrond met blauwe trui) en geeft de aantallen door die in de dubbeldekker zitten. Hij krijgt een ‘borderel’, een formulier met de gegevens van laden en lossen.


TON 71 04-17 • p 46

Koffie Gerrit hoeft niet te jachten en jagen. Twee keer per dag laden, op drie of vier plaatsen lossen. Hij zit vooral – rustig – achter het stuur. Om twee uur komt hij aan in Groot-Ammers. Roel van de plaatselijke EMTÉ staat hem op te wachten. Helpt als vanzelfsprekend met lossen en ook bij het inladen van de lege rolcontainers. Dan wordt er nog koffie gedronken in de kantine.


TON 71 04-17 • p 47

Fitter Gerrit vindt de dubbeldekker juist ideaal. “Toen ik voor Friesche Vlag werkte, hoefde ik niet te laden en lossen. Toen was ik een stuk zwaarder. Ik vind het belangrijk dat ik fit ben. Ik let op wat ik doe. Neem sap en fruit mee voor onderweg. Eet ’s avonds goed. Probeer veel te wandelen en te fietsen. Ik wil dit werk tot mijn vijfenzestigste doen. En misschien wel langer ook, maar dan niet meer vier dagen per week.”

Mooiste dag Het is over vieren,

terug naar Putten. Maar eerst nog een kwartiertje stilstaan, om aan de verplichte rust te komen. Om twintig over vijf is Gerrit weer bij het distributiecentrum. Emballage lossen en dan naar huis. Normaal gesproken is hij in ieder geval om zeven uur thuis. Lekker eten, op tijd naar bed. En dan morgen de mooiste dag van de week, de zaterdag. Rustig naar Twente, geen hond op de weg. En daarna drie dagen ‘weekend’. ‘s Zondags zul je Gerrit niet op de wagen vinden. Hij is hervormd, dan werk je niet op de Dag des Heren.


TON 71 04-17 • p 48

PUZ Z EL

1

2

3

4

5

12 15

16

22

23

19

29

25

34

39

35

21

32 37

41

42

43

46

48 50

54

49

51

52

55

56

61

57

62

66

77

86

59

70 75

79 83

60

64 69

74

78 82

58

68

73

53

63

67

72

11

27

36

45

47

10

20

31

40

9

26

30

44

65

8 14

18 24

33 38

7

13 17

28

6

71 76

80 84

81 85

87 2

Horizontaal 1. stapelwolk; 7. gebraden ribstukje; 12. 48 vlekkenwater; 14. 1 26 4913. kweker; 35 60 opstootje; 15. persoonlijk voornaamwoord; 17. Keuring van Elektrotechnische Materialen Arnhem (afk.); 19. rivier in Duitsland; 21. muzieknoot; 22. dameskledingstuk; 24. Nederlandse voetbalclub; 27. mand om gedorst graan te schudden; 28. Amerikaanse staat; 30. tennisterm; 31. plaats in Noord-Brabant; 32. stof voor hoeden; 33. onderdeel van een soort; 35. oxydatie; 37. duivenhok; 38. heilige rivier in India; 41. visgerei; 42. deel van etmaal; 44. god van de liefde; 46. badplaats in Frankrijk; 47. rap (vlug); 48. onbeschaafd mens; 49. uitroep van verbazing; 50. autoped; 52. goochelkunstje; 54. huisbediende; 56. bestanddeel van melk en kaas; 58. door water omringd land; 61. slangvormige vis; 62. Germaanse god; 64. streling met de tong; 65. jeugdig; 67. gordijnstang; 68. Nederlandse Aardolie Maatschappij (afk.); 70. bloembed (tuinvak); 72. Duitse omroep; 73. plaats in Zeeland; 76. schuine kant van een beitel; 77. archi epicopus (afk.); 78. grauw (flets); 79. Duits automerk; 81. boksterm (afk.); 82. laagte tussen twee bergen; 83. uitbouw van een huis; 84. namaak; 86. keeper; 87. literair product (poëzie).

Verticaal 1. 66medisch 42 specialist; 70 532. meterton 11 83(afk.);333. plaats aan het IJsselmeer; 4. aardig (schattig); 5. wielerterm; 6. wartaal spreken; 7. kinderschaar; 8. pas of schrede; 9. roem; 10. laatstleden (afk.); 11. telwoord; 16. armoedige woning; 18. snijwerktuig; 20. titel (afk.); 21. pasvorm; 23. boterton; 25. Engelse universiteitsstad; 26. windrichting; 27. onbesuisd; 29. boterhamstrooisel; 32. muziekfilmpje; 34. Sociaal Economische Raad (afk.); 36. gevoel van bewondering (respect); 37. zenuwtrek; 39. tijdelijke ademstilstand; 40. armoedig (karig); 42. welriekende gomhars; 43. gebergte in Europa; 45. vruchtennat; 46. vochtig; 51. ogenblik; 53. nachtroofvogel; 54. hoge leeftijd (oud); 55. deel van gebit; 56. dierlijk voedsel; 57. militair voertuig; 59. plaats in Duitsland; 60. regenafvoer; 62. onrustig draaien in bed; 63. verzorging van patiënten na behandeling; 66. Zweedse muntsoort; 67. meisjesnaam; 69. klap (tik); 71. gymnastiektoestel; 73. riviervis; 74. schrijfvloeistof; 75. zwemvogel; 78. tuimeling; 80. soort dakbedekking; 82. lidwoord; 85. personal computer (afk.).


82

83

84

86

85

87 TON 71 04-17 • p 49

2

OPL OSSING 48

26

49

35

60

1

66

42

70

53

11

83

33

Vul de oplossing in op tonmagazine.nl Doe dat vóór 15 mei 2017. TON loot uit de goede inzendingen 5 gelukkigen, die een Dopper winnen.. Oplossing puzzel in TON 70: ADR-certificaat De vier winnaars van een VVV Cadeaubon van 25 euro zijn: Anja Boekee-Dijkstra uit Westmaas, Gert Bloemers uit Oss, Hans Couperus uit Dronrijp, Jan Hoving uit Den Helder en Niels ter Metz uit IJmuiden.

De Dopper Met de Dopper heb je altijd een duurzame waterfles bij de hand. De vijf Doppers worden beschikbaar gesteld door het Sectorinstituut Transport en Logistiek.


PA NELP OR T RE T NAAM Stefan Boer

WOONT Hoogeveen, met zijn vrouw

BEROEP chauffeur sinds 1995

Onge Stefan Boer deed voor de twintigste keer mee aan het TON-panel.


COL OFON LEEFTIJD 39 jaar

TON is het magazine voor mensen die werken in transport en logistiek. TON verschijnt zes keer per jaar. TON wordt

Brenda en twee kinderen

gemaakt in opdracht van werkgeversorganisaties TLN, VVT en werknemersorganisaties FNV Transport & Logistiek, en CNV Vakmensen. UITGEVER en REDACTIE Boss en Wijnhoven BV, Postbus 85293, 3508 AG Utrecht, 030 2303080, info@tonmagazine.nl REDACTIERAAD bestaat uit vertegenwoordigers van het Sectorinstituut Transport en Logistiek, Pensioenfonds Vervoer, VNB, VVT MET BIJDRAGEN VAN Arthur van Beveren, Melle Bos, Peter

WERKT BIJ DGO Express in Hoogeveen

eluk

Boss, Ad van Dun, Harry Linker, Frank de Man, Carien Neeleman, Shamrock, Dennis Ton, Geert Wijnhoven FOTOGRAFIE Arthur van Beveren, Marco Hofsté, Harry Linker, Hans van der Mast, Chris Pennarts ONTWERP en OPMAAK Rik Tazelaar/Studio Id DRUK Habo da Costa, Vianen WEBSITE tonmagazine.nl FACEBOOK facebook.com/magazineton ISSN 1871-1790 TON wordt gratis toegestuurd aan alle werknemers voor wie de Cao Beroepgoederenvervoer geldt én naar de leden van TLN en VVT. TON wordt verzonden door Pensioenfonds Vervoer. Omdat Pensioenfonds Vervoer het blad zelf verzendt, is de privacy van je gegevens gewaarborgd.

“Ik heb één keer een ongeluk meegemaakt. Een oudere man stak opeens de weg over, ik kon niet meer tijdig stoppen. Gelukkig ging ik niet hard. Ik raakte de man wel, maar hij hield er geen blijvend letsel aan over. Vlak na zo’n ongeval zit de schrik er wel even goed in. Ik probeer altijd zo veilig mogelijk te rijden. Vooral in de grote steden kunnen er voetgangers en fietsers van alle kanten opduiken. Dan kom je soms gewoon ogen en oren te kort. Het gaat 99 van de 100 keer vlekkeloos, maar het kan altijd beter. De werkdruk in ons vak neemt de afgelopen jaren steeds meer toe en dat maakt het allemaal niet veiliger. We mogen nu nog dagen van vijftien uur draaien. Op zulke lange dagen verslapt toch je concentratie, zeker aan het einde van de week. Ik denk dat dit wel een belangrijke oorzaak is van veel ongevallen.”

Je gegevens worden niet aan derden verstrekt. Deelnemers in Pensioenfonds Vervoer worden niet als abonnee geregistreerd. Adreswijzigingen hoef je niet aan TON door te geven. TON komt automatisch op je nieuwe adres. Soms gaat daar enige tijd overheen. Heb je toch het idee dat er iets niet goed gegaan is? Stuur dan een mail naar info@tonmagazine.nl Jaarabonnement Zes nummers 27,50 euro Losse nummers Voor zover voorradig 4,95 Oplage 137.000 exemplaren © TON Magazine 2017 Boss en Wijnhoven/SOOB Niets uit deze uitgave mag worden overgenomen en/of gereproduceerd zonder schriftelijke toestemming van de uitgever en/of zijn partners.

TON wordt mede mogelijk gemaakt door


Ken jij iemand die jouw collega wil worden?

BAAN GARANTIE! + 90% van het lesgeld wordt vergoed!

Dit is hét moment om in te stappen! De economie trekt aan en daarom zijn er de komende jaren veel nieuwe chauffeurs nodig. Er zijn dus volop banen in de transportsector. Je lesgeld wordt voor 90% vergoed en je krijgt een baangarantie bij je nieuwe werkgever. Ken jij iemand die net als jij chauffeur wil worden? Op één van onze informatiebijeenkomsten leggen we alles uit over de opleiding en het vak van chauffeur. Maak van je vrienden je collega’s! Meer informatie of aanmelden informatiebijeenkomsten: stlwerkt.nl/2000chauffeurs

SCHAKEL SNEL!

00chauffeurs

stlwerkt.nl/20

Nader kennismaken? Je kunt ons bereiken via 088 – 2596111 of via info@stlwerkt.nl

Profile for TON Magazine

TON 71  

TON 71  

Recommendations could not be loaded

Recommendations could not be loaded

Recommendations could not be loaded

Recommendations could not be loaded