Issuu on Google+

VAARWEL, LENIN? Door THEO MYRONIDIS, STORIO-redactie In Duitsland is de laatste jaren een curieus cultureel fenomeen ontstaan. Ik heb het hier over ‘Ostalgie’, ofwel een nostalgisch verlangen naar het leven in de goede oude Duitse Democratische Republiek. Een verlangen doorspekt met valse sentimenten dus, zou je denken. Maar is dit wel het geval ? Op 13 November is in Nederland Good bye, Lenin! in première gegaan. Deze film handelt over een jongen in Oost-Berlijn die zijn, wegens hartklachten in een coma verkerende, moeder verzorgt in de laatste dagen van het Oost-Duitse communisme. Als zijn moeder eenmaal ontwaakt heeft er een politieke omwenteling plaatsgevonden: de Muur is gevallen. Omdat hij bang is dat zijn moeder de overgang naar het kapitalisme niet aankan, bouwt de jongen in het appartement waar ze wonen een eiland in het verleden, een soort van socialistisch museum, waar zijn moeder liefdevol voorgehouden wordt dat er niets is veranderd. Door de grote hoeveelheid uit de maatschappij verdwenen Oost-Duitse nostalgia, die in de film voorkomt, is Good bye Lenin! een enorm succes geworden bij onze Oosterburen; qua impact vergelijkbaar met het zeer succesvolle Amélie in Frankrijk. Zowel de ‘Wessies’ als de ‘Ossies’ dromen weg bij de geromantiseerde beelden van de gevallen DDR. Om verschillende redenen: waar bij de rijke Wessies de Oost-Duitse cultuur een hoog trend- en cultgehalte heeft gekregen, lijkt bij de Ossies de nostalgie vreemd genoeg op de eigen historische ervaring te zijn gebaseerd. Hoe dan ook, de film heeft in vele vormen navolging gekregen. Er zijn bijvoorbeeld de shows op de Duitse televisie, waarbij middels gesprekken met gasten teruggekeken wordt op het leven in het Oost-Duitsland van voor de Wende. Maar ook de kerstpakketten met oude Zonenprodukte, die volgens trendwatchers een economische hit voor de feestdagen gaan worden. Lenin, ‘Trabbi’s’ en Erich Honecker lijken dus allesbehalve vergeten, Duitsers hebben nog altijd die Mauer in den Köpfen. Wellicht ligt de oorzaak van deze opmerkelijke nostalgie in het feit dat het er voor de Oost-Duitsers in economische zin niet veel beter op is geworden. Aanpassing aan het westers kapitalisme in de vorm van privatisering en marktwerking heeft mede tot economische recessie en torenhoge werkloosheidspercentages geleid. Reden voor de regering-Schröder om sociaaleconomische hervormingen in te luiden, die nog wel eens pijnlijk voor de bevolking van de voormalig Oost-Duitse länder kunnen uitvallen. Aan de andere kant wordt er door critici terecht op het gevaar van selectieve herinnering geduid. Het leven in de DDR was allesbehalve rozengeur en maneschijn, en het gevaar bestaat dat de ‘ostalgie’ de mindere kanten van de voormalige Oost-Duitse maatschappij - ik noem de oppressie, de geheime politie, het vluchtverbod – tot de marge reduceert. Het is ook wellicht onder deze politieke druk dat een recente aflevering van de “DDR-Show”, vertoond op de commerciële zender RTL, een item bevatte over een vrouw die in haar jeugd acht jaar in een strafkamp doorbracht omdat zij lippenstift op een portret van Stalin had aangebracht. Maar toch: van meerdere kanten wordt het er op het belang gewezen van het voorheen onderbelichte dagelijkse leven van de gemiddelde Ossie.


Was vroeger echt alles beter? De nazaten van Goethe en Schiller zijn immers nooit vies geweest van een flinke portie romantiek en escapisme. Wellicht kan ik het derhalve beter samenvatten zoals een Duitse commentator het deed: "Ostalgie ist die F채higkeit, dar체ber zu trauern, dass es nicht mehr so ist, wie es auch fr체her nicht war!."


Vaarwel, Lenin