Page 6

Waar moeten we naartoe?

Klaar voor de 21ste eeuw Het onderwijs moet jonge mensen voorbereiden op een leven in de m ­ aatschappij. Kinderen moeten de kennis en vaardigheden krijgen om daarin zelf hun plek te vinden. Als burger en als werknemer. Door technologisering, internationalisering en individualisering hebben we straks meer dan ooit behoefte aan flexibele arbeidskrachten die hun kennis voortdurend kunnen en willen bijspijkeren. Dat vraagt om bijzondere vaardigheden. Deze vaardigheden worden aangeduid als de 21st century skills. De grote vraag is: hoe brengen we deze skills over op onze leerlingen? Natuurlijk worstelen niet alleen leraren met deze vraag. Ook de minister en staatssecretaris van ­Onderwijs breken er hun hoofd over. Zij hebben daarom de Onderwijsraad gevraagd advies uit te brengen. Dat advies verscheen in mei en heet Een eigentijds curriculum. De raad pleit voor vernieuwingen waarin zowel de overheid als het onderwijs een rol hebben. Leraren moeten meer invloed krijgen op de samenstelling van het lesprogramma. Ideeën moeten met elkaar worden gedeeld en er is een permanent college nodig dat er voor zorgt dat het onderwijs up-to-date blijft.

Leraren denken mee De Onderwijsraad doet een duidelijk appèl aan leraren om hun mening te geven over de toekomst van ons onderwijs. Sander Dekker gaf de aftrap om de discussie over onderwijsvernieuwing op gang te brengen via Twitter (#onderwijs2032) en een site (www.onderwijs2032.nl). Die vernieuwing moet van onderaf komen, vindt ook de Onderwijsraad. De vaardigheden die kinderen nodig hebben zijn vakoverschrijdend en moeten gestructureerd worden ingevoerd.

Meer over ‘Een eigentijds curriculum’ vind je op: www.onderwijsraad.nl (klik op ‘publicaties’).

De vaardigheden die leerlingen in de toekomst nodig hebben, zijn volgens de Onderwijsraad ictgeletterdheid, probleemoplossend vermogen, kritisch denken, creativiteit, sociale vaardig­ heden en culturele sensitiviteit.

Internationaal onderzoek wijst uit:

Nederlandse leerlingen doen het niet slecht op ict-gebied, maar de verschillen zijn groot. Hoe is het internationaal gezien gesteld met de digitale geletterdheid van onze leerlingen? Komt Nederland een beetje mee op dit vlak? Het antwoord is ‘ja’. Maar er volgt ook een ‘maar’… In 2013 deed Nederland mee aan de International Computer and Information Literacy Studies (ICILS). Zestigduizend leerlingen uit het tweede leerjaar van het voortgezet onderwijs uit 21 landen vulden vragenlijsten in over digitale geletterdheid. Nederlandse leerlingen blijken boven het internationaal gemiddelde te presteren. Maar de verschillen tussen de onderwijsniveaus in Nederland zijn aanzienlijk. 14-jarige vwo- en havo-leerlingen scoren bovengemiddeld. De scores van jongeren in het praktijkonderwijs zitten daar echter flink onder. Ook Nederlandse docenten werden in dit onderzoek ­ondervraagd. In het tweede leerjaar van het vo wordt ict intensiever gebruikt dan in de meeste andere landen. Toch is er hier minder aandacht voor de ontwikkeling van informatievaardigheden bij leerlingen. Uit het onderzoek van ICILS kan worden opgemaakt dat de digitale geletterdheid van veel leerlingen onvoldoende is ontwikkeld om goed te kunnen participeren in de huidige informatiemaatschappij. Er zou meer aandacht voor moeten zijn in de onderbouw van het vo. Dit geldt overigens voor alle landen die mee hebben gedaan aan het ICILS-onderzoek. Het onderzoek van ICILS is na te lezen op: utwente.nl/igs/icils

6

EDG_PO_Jan15_ICT_v03.indd 6

18-12-14 17:03

ICT Special PrimaOnderwijs 2015  

ICT in het onderwijs gaat razendsnel. Snap jij het allemaal nog? De ICT special bij de januari editie van PrimaOnderwijs geeft handvatten.

Read more
Read more
Similar to
Popular now
Just for you