Page 1

01 14 ALUMNIMAGAZINE VAN TILBURG UNIVERSITY

HARRIE SCHIPPERS, PRESIDENT DAF

‘IK HEB WAT GELUK GEHAD, DENK IK’ CANTUSOPRICHTERS: ‘DE VERGUNNING KREGEN WE PAS OP DE DAG ZELF’

ALUMNUS ADVISEERT DAG LANG EEN ALUMNUS IN SPE

ALUMNI MELDEN ZICH MASSAAL ALS MENTOR VOOR STUDENTEN


Alumnus Hommen voorzitter stichtings­ bestuur J an Hommen volgde onlangs Ruud Lubbers op als de nieuwe voorzitter van het Stichtingsbestuur van Tilburg University. Eind maart liet de alumnus zich interviewen tijdens het evenement Food for Thought. Dat is een initiatief waarbij studenten sleutelfiguren uit samenleving en politiek interviewen over actuele maatschappelijke thema’s. Hommen, voormalig ceo van onder meer ING, liet weten zijn ervaring in het bedrijfsleven te zullen meenemen bij zijn rol als stichtingsvoorzitter. Volgens Hommen draait het, net als in het bedrijfsleven, ook bij een universiteit om zaken als een duidelijke strategie en voortdurende analyse

van ‘klanten’, risico’s en kritische factoren. Tegelijkertijd benadrukte hij dat de onderwijskwaliteit te allen tijde voorop moet staan, zeker nu de universiteiten minder geld krijgen vanuit Den Haag. Het Stichtingsbestuur bewaakt de doelstellingen van de universiteit en functioneert als Raad van Toezicht. Ook benoemt het de leden van het College van Bestuur. Naast Lubbers zwaaien nog drie andere stichtingsbestuurders dit jaar af: Mike Leers, Adriana Esmeijer en Bernard Koeckhoven. Er komt voor hen slechts één opvolger; Tilburg University kiest voor een kleiner toezichtsorgaan.

BOEK: ANALYZING WIMBLEDON

Game, stats & match

until Alumni | Actie ■

UNTIL HOOFDVERHAAL ■

Welke alumnus of alumna heeft hem niet ooit uit de bakken gegraaid? Univers, het universiteitsblad van Tilburg University, bestaat vijftig jaar. Het blad liep in journalistiek opzicht voorop met zijn onafhankelijke redactie. Nog altijd schrijft het kritisch over het universiteitsbestuur,

het studentenleven en de stad. Wat wel is veranderd, is de vorm. Univers verschijnt tegenwoordig niet als krant maar als driewekelijks magazine. Verder publiceert de redactie universiteitsnieuws via www.universonline.nl

alumni acTueel hoe Frans seda heT gedachTegoed van van cobben hagen exporTeerde expor Hechtere banden tussen Nederland en Indonesië: dat is waar de in 2012 opgerichte Frans Seda Stichting zich voor inzet. Voorzitter en alumnus Dolf Huijgers is onder de indruk van het gedachtegoed van de ruim vier jaar geleden overleden Seda, die zich in Indonesië een ware bruggenbouwer toonde.

HARRIE SCHIPPERS, PRESIDENT DAF

‘IK HEB WAT GELUK GEHAD, DENK IK’ CANTUSOPRICHTERS: ‘DE VERGUNNING KREGEN WE PAS OP DE DAG ZELF’

ALUMNUS ADVISEERT DAG LANG EEN ALUMNUS IN SPE

Wie was Frans Seda? “Frans Seda en ik waren in Tilburg lid van hetzelfde dispuut: hij als economiestudent begin jaren vijftig, ik als rechtenstudent medio jaren zestig. Groot was onze verbazing toen na zijn overlijden, op 31 december 2009, in diverse dagbladen necrologieën van hem verschenen. Ook in Until 1 van 2010 verscheen een artikel over Seda. Seda was een vooraanstaand staatsman in Indonesië. Hij toonde zich als minister en adviseur van opeenvolgende presidenten een groot

ALUMNI MELDEN ZICH MASSAAL ALS MENTOR VOOR STUDENTEN

bruggenbouwer tussen diverse culturen en religies. Bovendien was hij medeoprichter van de katholieke Atma Jaya-universiteit te Jakarta, geïnspireerd door Martinus Cobbenhagen. Vanuit die gedachte hebben we in 2012 de Frans Seda Stichting in het leven geroepen. We wilden een eerbetoon aan onze dispuutsgenoot van vroeger. Met uitwisselingsprogramma’s willen we de dialoog tussen Nederlandse en Indonesische studenten bevorderen. Een manier waarop we het gedachtegoed van Seda koesteren en uitdragen.”

Hoe krijgt het eerbetoon nog meer vorm? “Jaarlijks vindt de Frans Seda-lezing plaats rond een actueel thema in de relatie tussen Nederland en Indonesië. Zo stond oudKamerlid Jos van Gennip op onze universiteit eind maart uitgebreid stil bij Seda’s

04-06-14 13:50

UN1401_04-5_Tickertape2.indd 4

evert beginnen in een set tijdens een tenniswedstrijd daadwerkelijk voordeel op? Hebben nieuwe ballen een positieve invloed? En: hoe belangrijk is die zevende game in een set nou eigenlijk écht? Liefhebbers van het tennisspel en statistiek kunnen hun hart ophalen met het boek Analyzing Wimbledon. The power of Statistics, dat emeritushoogleraar Econometrie Jan Magnus schreef in samenwerking met alumnus Econometrie én Economie, en nu UvA-hoogleraar Franc Klaassen. De auteurs onderwerpen vele (intuïtief plausibele) hypotheses aan een statistische toets. Dat levert nogal wat nieuwe gezichtspunten op. Zo blijkt de ongrijpbare ‘winning mood’ nauwelijks te bestaan. Ook levert beginnen met serveren in een set

geen significant voordeel op. Daarnaast presenteren Magnus en Klaassen een methodiek waarmee de winstkans in een partij na ieder gespeeld punt kan worden geactualiseerd. Het boek, het resultaat van meer dan vijftien jaar statistisch onderzoek naar de tennissport, is daarmee een must voor tennisliefhebbers. En voor mensen die graag een gokje wagen.

BAS VAN DER SCHOT

gedachtegoed rond thema’s als armoedebestrijding en sociale rechtvaardigheid. Daarnaast organiseren we seminars voor veelbelovende jonge Indonesische en Nederlandse alumni, bijvoorbeeld rond een onderwerp als de wereldwijd groeiende inkomensongelijkheid. Verder zijn er twin scholarships voor drie duo’s van een Nederlandse en een Indonesische student én verschijnt er een dissertatie over Seda.”

e Law School deed het al vijf keer, en met succes: een belcampagne. De economen kozen ervoor eerst op andere wijzen de banden met alumni aan te halen. Maar begin dit jaar besloten ook zij het goede voorbeeld van de rechtenfaculteit te volgen: 36 studenten van de Tilburg School of Economics and Management (TiSEM) kropen achter de telefoon. Tussen 10 februari en 1 maart belden zij ’s avonds en ‘s zaterdags met met 4.000 van in totaal 25.000 alumni. Ze spraken vervolgens ‘van student tot alumnus’. Doel van de gesprekken was om de banden met de universiteit aan te halen. De studenten brachten

“Zeer zeker. In mijn loopbaan als bankier en ondernemer heb ik altijd oog proberen te hebben voor de mensen áchter de winsten verliescijfers. Het is mooi om te zien hoe die typisch Tilburgse benadering, waarvan Cobbenhagen ooit de grondlegger was, dankzij Seda ook in Indonesië wortel heeft geschoten.”

| 1-2014 

04-06-14 16:24

UN1401_04-5_Tickertape2.indd 5

4 TICKERTAPE Laatste nieuws voor alumni

Twee belcampagnes van de economische en juridische faculteiten hebben een onverwacht prachtig resultaat opgeleverd. Naast een totaal van 150.000 euro aan donaties deden de alumni ook toezeggingen voor immateriële giften. Zoals een aanbod om mentor van een student te worden of een stageplaats te regelen.

D

Trots dus, op die oud-dispuutsgenoot?

4 1-2014 |

UN1401_01_Cover.indd 1

1 (+ 20) COVER Harrie Schippers

250 stageplekken, 115 coaches en indrukwekkende donaties

L Univers ziet AbrAhAm

04-06-14 16:24

ZORGKOSTEN

8 TRENDS VOOR DE TOEKOMST

Mooie oogst belcaMpagnes econoMen en juristen

alumni bijvoorbeeld op de hoogte van evenementen. Regelmatig kregen de gesprekken ook een persoonlijker tintje. Dan werden ook ervaringen uitgewisseld over hoe het is om in Tilburg te studeren. “Dat de studenten van dezelfde faculteit komen als de alumni, schept een band”, vertelt Pam Dupont. Zij is alumniofficer bij TiSEM. “Sommige gesprekken duurden wel een half uur. Het kwam zelfs voor dat alumni terugbelden om de student nog een advies te geven. Een alumnus zei tegen mij: ‘Die jongen komt er wel’.” → ImmaTerIeel Alle telefoongesprekken van de belcampagne eindigden met het vriendelijke verzoek om een bijdrage te doen. Het was geen doel op zich, maar de economen wilden met het eindresultaat natuurlijk niet onderdoen voor de juristen. Dupont: “Die halen zo’n 50.000 euro op per campagne. Dat was een mooi richtbedrag.” Het resultaat van de eerste bel-

Beurs voor Ummey Nipun:

campagne van TiSEM overtrof echter alle verwachtingen. De economen kwamen uit op 98.040 euro. Een commissie van alumni heeft inmiddels bepaald waaraan dit geld wordt besteed. En er was meer dan alleen het materiële. Ook voor het doen van immateriële giften bleek grote belangstelling onder de economen. Maar liefst 250 alumni zeiden mogelijk een stageplek voor een student te kunnen regelen, terwijl 115 belangstelling toonden om een student te coachen via het TiSEM Carrière Mentorprogramma (zie kader: Alumni als mentor). Verder gaven zestig alumni aan dat zij wel studenten willen voorlichten. Dupont: “Nu is het zaak om dit goed op te volgen. Van de ervaringen van de Law School hebben we geleerd hoe we dat adequaat moeten oppakken.” → KrachTeN buNdeleN Alumni officer Frederique Knoet van de Tilburg Law School is blij dat de economen het goede voorbeeld van haar faculteit hebben gevolgd. De beide faculteiten hebben kennis uitgewisseld. En ze ziet mogelijkheden om nog nauwer samen te werken in de toekomst, bijvoorbeeld via een gedeelde back office. Ook de rechtenfaculteit heeft begin dit jaar weer een campagne gedaan. Deze leverde zo’n 50.000 euro op. Dit gaat onder meer naar een beurs voor een buitenlandse student, zoals eerder die van Ummey Nipun (zie kader: ‘Ik wil voor vrouwenrechten vechten’). En ook de juristen kwamen met mooie voorstellen voor een immateriële bijdrage, vertelt Knoet. “Zo was er een alumnus die pleittrainingen wilde geven aan toekomstige advocaten.”

‘ik wil voor vrouwenrechten vechten’ een mooi voorbeeld waar het geld van alumni van de law school aan wordt besteedt, zijn beurzen voor buitenlandse studenten. Zo kan ummey nipun uit bangladesh een master Victimology volgen dankzij de bijdragen van alumni van de law school. Deze opleiding had zij zelf nooit kunnen bekostigen. nog mooier is dat niet alleen zij wordt geholpen, maar dat de vrouwen in bangladesh hiervan mogelijk allemaal een beetje profiteren. ummey hoopt een actieve pleitbezorger te worden van vrouwen-

rechten. “ik zie mijn studie als een eerste stap naar het verwezenlijken van mijn droom. ik wil een einde maken aan oude politiek en praktijken in mijn land. nu is het nog zo dat meisjes en vrouwen worden gezien als ondergeschikten. al hun mogelijkheden om te groeien op de maatschappelijke ladder worden systematisch belemmerd. ik droom van een wereld waarin mannen en vrouwen gelijken zijn en samenwerken aan een betere toekomst.”

tiu.nu/belcampagne

Wie wil weten waar het ingezamelde geld naartoe gaat, surft naar: tiu.nu/universiteitsfonds

6 1-2014 |

UN1401_06-07_InActie.indd 6

|1-2014

04-06-14 13:54

UN1401_06-07_InActie.indd 7

7

04-06-14 13:54

8 1-2014 |

UN1401_08-12_Hoofdverhaal.indd 8

UN1401_08-12_Hoofdverhaal.indd 9

De toenmalige burgemeester, Ruud Vreeman, en de voorzitter van het College van Bestuur, Hein van Oorschot, waren direct voor het plan. Toch bleek de locatievergunning lastig te verkrijgen. De Feijter: “Wij wilden beslist op het Heuvelplein, maar dat was net opnieuw ingericht. En niemand leek te weten hoeveel studenten het kon dragen.” Er volgde een race tegen de klok. De Feijter: “Uiteindelijk kregen we de vergunning pas op de dag zelf, dat was té spannend! Maar doordat er op het hoogste niveau steeds een breed draagvlak bestond, zijn wij er altijd vanuit gegaan dat het goed zou komen.” De cantus, inmiddels verhuisd naar het Willemsplein, bevat een uitgebreid ceremonieel. De universiteitsbestuurders komen na de opening van het academisch jaar op de campus naar het VIP-podium op het plein. De vlaggendragers lopen in optocht naar het hoofdpodium. De voorzangers brengen samen met blazersensemble SHE’s uit Udenhout het Wilhelmus ten gehore. Daarna volgen klassiekers als: Malle Babbe en Hey Jude. “Hoewel er hectoliters bier doorheen gaan, doen zich nooit incidenten voor”, vertelt De Feijter. Zelfs regen kan de pret niet drukken. Kort: “Daar maakten we ons de eerste keer wel grote zorgen over, maar iedereen trok al zingend een poncho aan en de sfeer bleef prima!”

TEKST: SARA TERBURG

| 1-2014 9

04-06-14 16:29

8 HOOFDVERHAAL ARBEIDSMARKT Acht verrassende feiten over hoge zorgkosten

→ VERGUNNING OP DE LAATSTE DAG

Marin de Feijter (1984) is een van de oprichters van de Tilburg University Cantus (TUC). Met onder andere Mirjam Kort (1988) zette hij een evenement op poten dat Tilburg als studentenstad nog beter op de kaart heeft gezet. Afgelopen jaar vierde de cantus haar vijfjarig jubileum. De eerste editie in 2009 was een doorslaand succes, terwijl er het nodige mis ging. “Te korte bierslangen, toiletten die te laat geleverd werden en ook nog eens overstroomden.”

1

MEER ZELF BETALEN In Nederland besteden we bijna 15 procent van het bbp aan zorg. Omgerekend zijn de ‘zorgkosten’ van elke Nederlander per jaar ruim 5.000 euro. Volgens het Centraal Plan Bureau (in 2013) zal het aandeel van zorg in het bbp de komende 25 jaar, bij ongewijzigd beleid, meer dan verdubbelen. In 2040 gaat een derde van ons inkomen op aan gezondheidszorg. Er wordt al snel geroepen dat dit onhoudbaar is, maar de Tilburgse hoogleraar gezondheidseconomie Richard Janssen plaatst een kanttekening: “Je ziet de trend dat Nederlanders hun welzijn steeds belangrijker gaan vinden. Als onze gezondheid ons veel waard is, zijn we misschien ook bereid daar veel aan uit te geven. Een dure gezondheidszorg is niet per definitie onhoudbaar. Het is een keuze.” (Waarbij kan worden opgemerkt dat een langer en gezonder leven in een 4 tot 11 procent hoger bbp resulteert). Eén ding staat vast: het huidige financieringsstelsel is wél onhoudbaar. Er is geen land ter wereld waar zoveel zorgkosten worden vergoed vanuit de verzekering als Nederland. Ruim tachtig procent van de gezondheidszorg wordt uit algemene middelen betaald. Slechts 8 procent van alle behandelingen betalen Nederlanders direct uit eigen portemonnee. In België is dat een kwart van de zorg. Voordat hij zijn behandeling start, vraagt een Belgische arts of je wilt pinnen of contant afrekenen. Het is onvermijdelijk, stelt Janssen, dat we ook in Nederland steeds meer zelf zullen moeten betalen, buiten de verzekering om. Het ruime basispakket zal worden uitgekleed. We zullen nostalgisch terugdenken aan de tijd dat je zelfs een rollator vergoed kreeg. Er is nog een andere reden om meer zorgkosten zelf te betalen. “Door alles te vergoeden, verdwijnt de prikkel tot matiging van zorggebruik; de verzekering betaalt immers toch. Dit verschijnsel (moral hazard) kan leiden tot overmatig beroep op zorg.”

alumNI als meNTor

6 ALUMNI IN ACTIE Succesvolle belcampagnes rechten en economie

UNTIL…WE MEET AGAIN ■

CANTUS: EEN MODERNE TRADITIE

BETER ZAAIEN OM BETER TE OOGSTEN

DOOR RUTGER VAHL

Voor studenten die afzwaaien, is de overgang naar werk vaak een sprong in het diepe. Wat zou het mooi zijn als ze voor hun afstuderen beter weten wat hen te wachten staat. Dat is de gedachte achter het tiseM carrière Mentorprogramma. Dit bereidt studenten voor op de arbeidsmarkt. De hoofdrol hierin spelen alumni. Zij treden op als mentoren voor studenten. De alma mater fungeert als koppelaar. De universiteit werft alumni, bijvoorbeeld tijdens een belcampagne. Vervolgens maakt ze geanonimiseerde profielen en laat studenten hun voorkeur aangeven voor een mentor. als de alumnus of alumna akkoord gaat, is er een succesvolle match. Mentoren en studenten treden hierna met elkaar in contact. studenten kunnen vragen stellen, het is niet de bedoeling om rechtstreeks te solliciteren naar een stage of een baan. De mentoren bereiden de studenten voor op hun toekomstige carrière en helpen hen bij het ontwikkelen van professionele en netwerkvaardigheden. Ze beantwoorden vragen over vakgebied en loopbaan. ook kunnen ze tips geven over vaardigheden, cv en solliciteren. alumni bepalen zelf hoeveel tijd ze investeren en de wijze waarop ze contact onderhouden. ook mentor worden? www.tilburguniversity.edu/mentor-program-tisem

COLUMN DIEUWKE ■

Als er niets gebeurt, wordt de Nederlandse gezondheidszorg onbetaalbaar. Dat is geen mening, maar een feit dat onder meer door het Centraal Planbureau in rapport na rapport is aangetoond. Er zal iets moeten veranderen en welke kant het opgaat, is al zichtbaar. Acht ontwikkelingen als gevolg van stijgende zorgkosten.

FOTO: CARE-O-BOT

Tilburgse sTudenTen ☒ Tilburg universiTy weer in Top besTe universiTeiTen universi Ter wereld ☒ sTudenTTevredenheid Tilburg universiTy

werkbezoek koningin máxima aan tilburg in teken social innovation en werkgelegenheid jongerencollegevoorzitter

FOTO: EEF BONGERS

UNTIL TICKERTAPE ■ →

01 14 ALUMNIMAGAZINE VAN TILBURG UNIVERSITY

FOTO: DOLPH CANTRIJN

FOTO: DAF TRUCKS

20

HARRIE SCHIPPERS

04-06-14 16:30

D

iversiteit is een mooi ding. De kranten staan er vol van, het bedrijfsleven schermt er graag mee. Ook de instroom van studenten op een universiteit is divers. Ik hoop dat u nu tevreden knikt, denkt aan geografische diversiteit, aan jongetjes versus meisjes en ergens stiekem blij bent dat u ook in Tilburg heeft gestudeerd. Dat laatste gevoel moet u zeker vasthouden, maar dat was het dan ook wel. Eerstejaars studenten mogen zeker uniek, maar absoluut niet divers zijn. Ja, echt waar. En om dat te bewerkstelligen, is er de vooropleiding. Zonder juiste onderwijsachtergrond word je namelijk niet toegelaten. Niks divers aan. Voorbereidend wetenschappelijk onderwijs, weet u wel? Of gymnasium. Die vooropleiding heeft jarenlang de tijd om kindertjes (allemaal uniek, dat zei ik al, maar op brugklasniveau óók nog divers) in het juiste malletje te proppen, op de juiste manier te laten nadenken en redeneren voor het juiste doel: wetenschap tot zich gaan nemen én gaan bedrijven. En dat is precies waar een universiteit op zit te wachten: op goed geculti-

veerde, vruchtbare aarde. Om er maar eens businessjargon in te gooien: crap in, crap out. Om het wetenschappelijk te houden: het is vast statistisch te bewijzen dat, als je instroom grotendeels bagger is, de kwaliteit van je uitstroom daar ook onder lijdt. Helaas lijkt het de laatste jaren ook op de middelbare scholen goed te gaan met de diversiteit. De kwaliteit is gediversifieerd. Een diploma garandeert de universiteit niet langer automatisch de juiste basiskennis of basishouding. En dus moet er meer gedaan worden in en rondom de collegezaal om de studenten op het juiste niveau te krijgen. Als dat nog lukt. Een klein sommetje: het vwo duurt zes jaar, een studie vier. Als die eerste zes jaar niet tot het juiste resultaat hebben geleid, dan wordt de druk op de laatste vier jaar wel onevenwichtig hoog, toch? Ik juich de plannen van Eric van’t Zelfde en zijn superschool dan ook van harte toe. Hij onderstreept dat de middelbare schoolproblematiek vergelijkbaar is met de situatie die ik hierboven schetste: als hij een twaalfjarige scholier krijgt, die al twaalf jaar geschiedenis heeft, is het lastig tot onmogelijk

die binnen een beperkt aantal jaren op het best mogelijke niveau te krijgen. De oplossing die hij aandraagt, is gestoeld op zijn eigen ervaring toen hij door een expatriëring ineens vanuit een volkswijk op een boarding school in Schotland kwam. De leerlingen werden vanaf de peuterklas tot hun eindexamen onderwezen op dezelfde school en de docenten waren zonder uitzondering goed gekwalificeerde, bevlogen en succesvolle onderwijzers. Het beste werd uit elk kind gehaald en als dat gebeurt, schiet het gemiddelde niveau omhoog. Van’t Zelfde is nu zo’n superschool in een achterstandswijk in Rotterdam aan het opzetten. Het zou mooi zijn als er overstijgende initiatieven (in de praktijk, à la Van’t Zelfde) zouden zijn, zodat we alle kinderen weer uniek en alle universitaire instroom weer non-divers kunnen krijgen. Dan hoeft studeren niet langer steeds meer voor alleen de rijken bereikbaar te zijn en kan er weer wat diversiteit in economische en sociale achtergrond instromen.■

’Uiteindelijk kregen we de vergunning pas op de dag zelf, dat was té spannend!‘

→ ONTSTAAN BIJ D’ARTAGNAN

Oprichters van studentenvereniging d’Artagnan Arjen Mosselman, Peter Kruyen en Marin de Feijter zijn de initiators van de TUC. De Feijter: “Nadat we na lang zoeken een sociëteit voor d’Artagnan gevonden hadden, wilden we samen nog één grote uitdaging aangaan. Onze droom was een studentenevenement voor de stad, met de potentie dat dit een traditie kon worden.” Toen Arjen een filmpje van de Beiaardcantus in Leuven zag, wist hij: dit is ook iets voor Tilburg. “Door de cantus op te hangen aan de opening van het academisch jaar kregen we het bestuur van de universiteit vrijwel meteen mee”, zegt

Dieuwke van Turenhout, alumna Taalwetenschappen | 1-2014 13

UN1401_13_ColumnDiewke.indd 13

13 COLUMN DIEUWKE Beter onderwijs begint vroeg

04-06-14 14:06

De Feijer trots. Qua uiterlijk lijkt de TUC op die andere Tilburgse cantus, die van de introductieweek. Mirjam Kort: “Daar houdt de vergelijking op. De TIK (die nu TOP-week heet, red.) is voor eerstejaars, de TUC voor alle studenten. Bovendien heeft de TUC een meer ceremoniële insteek en is het een visitekaartje voor Tilburg Studentenstad.” De Feijter voegt toe: “De opbrengst gaat naar een goed doel en de TUC wordt gedragen door de hogescholen Avans en Fontys, de gemeente Tilburg en de universiteit.” Na het ter ziele gaan van d’Artagnan (2005-2010) is de TUC ondergebracht bij studentenroeivereniging Vidar.

14 1-2014 |

UN1401_14-17_Until we Meet.indd 14

| 1-2014 15

04-06-14 14:10

UN1401_14-17_Until we Meet.indd 15

14 UNTIL WE MEET AGAIN Tilburg University Cantus werd moderne traditie

04-06-14 14:10


ALUMNI ZEER WAARDEVOL

COLOFON Until is een periodieke uitgave van Tilburg University. Dit magazine beoogt de banden met alumni te versterken. Gehele of gedeeltelijke overname van artikelen is alleen toegestaan na schriftelijke toestemming van de hoofdredacteur.

D

e landelijke overheid was altijd de gulle geldschieter van de wetenschap. En ze is dat nog steeds. Maar ze doet wel een stap terug. Deze situatie vergt een meer ondernemende en naar buiten gerichte mentaliteit van de universiteit: niet mopperen maar de mouwen opstropen. Dat doen we dan ook. Tilburg University zit actief achter ‘nieuwe’ fondsen aan, zoals Europese programma’s. En we kijken verder dan het publieke domein. Zo zoeken we actief naar samenwerking met bedrijven en vragen we particulieren om te doneren. Tilburg University heeft nu vijf jaar een speciale afdeling Development & Alumni Relations die zich hier helemaal op toelegt. Ze doet deze fondsenwerving onder bedrijven en particulieren samen met alumni, die vaak fantastische netwerken hebben. In deze Until leest u hoe die gezamenlijke inspanning zich vertaalt in prachtige projecten. Maar het gaat natuurlijk niet alleen om geld. Ook immateriële bijdragen zijn meer dan welkom. Zoals de toezeggingen die economieen rechtenalumni deden om een stageplek te regelen of mentor te worden van studenten. Dit draagt net zo goed bij aan de kwaliteit en aantrekkingskracht van onze universiteit. Want het geeft onze studenten een waardevol zetje richting de nu vaak lastige arbeidsmarkt. Alumni zijn dé ambassadeurs van onze universiteit. Hun verhalen zijn de meest waardevolle marketing die we hebben. Zij laten zien wat je kunt bereiken na een studie in Tilburg. En zij verspreiden het gedachtegoed dat wij overdragen. Zoals onze in 2009 overleden alumnus en staatsman Frans Seda dit in Indonesië deed. Super om te zien dat andere alumni hem via een stichting laten voortleven.

uitgever Corporate Communication, Tilburg University hoofdredactie Clemens van Diek redactieraad Clemens van Diek, Pam Dupont, Anne-Marie Hartog, Arno Herweijer, Ewoud Jansen, Bob van Kuijck , Roel Lauwerier, Jeff rey Lemm, Annemeike Tan, Dieuwke van Turenhout, Aniek Verhoeven, René Voogt bladformule, redactie-coördinatie en eindredactie Joost Bijlsma (Magma Publicaties) art direction en vormgeving Patrick Hoogenberg (Curve Mags and More) auteurs Joost Bijlsma, Anne-Marie Hartog, Jeroen Ketelaars, Willem van Leeuwen, Joost Peters, Sara Terburg, Dieuwke van Turenhout, Rutger Vahl, Aniek Verhoeven fotografen Erik van der Burgt, Dolph Cantrijn druk PrismaPrint, Tilburg University redactieadres Postbus 90153 5000 le Tilburg meer informatie over alumniactiviteiten www.tilburguniversity.edu/nl/alumni

Koen Becking Voorzitter College van Bestuur

Om internationale alumni te ondersteunen, is Tilburg University gestart met alumnichapters. Deze bieden een platform voor het uitbreiden van het netwerk van de alumni. Totnogtoe ging het om chapters in China, Colombia en Turkije. Nu komt er ook een chapter voor internationale alumni in Nederland. Bermúdez is betrokken bij het opzetten daarvan. → ONDERNEMER De voorbereidingen zijn in volle gang. In oktober gaat het chapter officieel van start, vertelt Bermúdez. “We willen internationale alumni een netwerk bieden dat hen uiteindelijk verder helpt hun

Meer weten over het internationale chapter in Nederland? Neem dan contact op met María Lucía Bermúdez via alumni@ tilburguniversity. edu.

10 landen die meeste alumni leveren België 171

Duitsland 320

Bulgarije 107

Rusland 62

Turkije 147

China 650

Griekenland 106

Aantal internationale alumni groeit snel Met steeds meer internationale studenten, groeit ook het aantal internationale alumni snel. Inmiddels kent Tilburg University 2.959 internationale alumni uit 109 verschillende landen. Het aantal Nederlandse alumni dat is gevestigd in het buitenland bedraagt – voor zover te achterhalen - 973.

Polen 95

Italië 59

→ INTEGRATIE Het aantal internationale alumni groeit de laatste jaren sterk (zie kader). Steeds meer van hen besluiten na hun afstuderen in Nederland te blijven. Is Bermúdez niet bang dat een apart chapter voor internationale alumni de zo gewenste integratie in de weg staat? “Juist niet: het chapter staat nadrukkelijk open voor iedereen. Oók voor Nederlandse alumni die graag in aanraking komen met andere culturen. Bovendien is het juist de bedoeling dat mensen zo snel mogelijk hun eigen weg vinden. Daaraan levert het internationale alumni chapter graag een bijdrage.”

550 500 450 400 350

‘IK HEB HAAR GEWEZEN OP DE STATUS VAN DE UNIVERSITEIT’ Ad Janssens (55), director International Treasury bij Biomet in Dordrecht, studeerde vanaf 1978 in Tilburg. Hij deed eerst Econometrie en later Bedrijfseconomie. Zijn dochter Dionne (24) ging dertig jaar later in dezelfde stad Rechtsgeleerdheid studeren. Reden voor een duo-interview.

300 250

Dionne: “Zo zijn we onder meer in Maastricht en Nijmegen geweest, maar ook bij hogescholen in Den Bosch en Breda. De vergelijking viel duidelijk in het voordeel van Tilburg uit.” Dezelfde universiteit… schept dat een band? Dionne: “Niet per se. Het is leuk als hij herkenning vindt in mijn verhalen in die zin dat deze deels overeenkomen met vroeger. Andersom vind ik het natuurlijk leuk om te horen hoe het vroeger allemaal in zijn werk ging en welke dingen hetzelfde zijn gebleven of zijn veranderd.” Vond u het leuk toen uw dochter ook naar Tilburg University ging? Ad: “Natuurlijk.” Heeft u uw dochter overgehaald om ook in Tilburg te gaan studeren? Ad: “Ik heb Dionne dit nooit specifiek aangeraden. Deze keuze is namelijk persoonlijk en moet vooral goed voelen. Ik heb haar natuurlijk wel gewezen op de status van de universiteit.” Dionne: “Ik denk het niet. Zijn verhalen spelen indirect misschien een rol, maar studeren in Tilburg was mijn eigen keuze. De rechtenopleiding staat bekend als een van de beste in Nederland. En de campus voelde erg goed. Hier zag ik mijzelf wel rondlopen! Wat mij aanspreekt, is dat het meer een studentendorp is dan een studentenstad: je komt overal bekenden tegen.”

200

Indonesië 125

150

Zijn jullie samen wezen kijken naar universiteiten? Ad: “Ja, niet alleen in Tilburg natuurlijk.”

100 50 2011

1991

2013

1987

1997

1983

2001

1985

1993

1995

1962

1980

1989

1999

2007

2003

2005

2009

0

PEILDATUM 1 MAART 2014

AANTAL INTERNATIONALE ALUMNI DAT AFSTUDEERT PER JAAR

18 MEER INTERNATIONALE ALUMNI Oprichting chapter in Nederland

eheugenverlies, verwarring, gedragsveranderingen: dementiepatiënten kampen ermee, dat is bekend. Maar hoe voelt het nu precies om steeds meer de grip op het leven te verliezen? Of hoe is het om in een toestand van continue geestelijke aftakeling te verkeren? De Tilburgse (van oorsprong Ierse) onderzoekster Ruth Mark is betrokken bij Into D’mentia. Dit project tracht via simulatie inzicht te geven in de tumultueuze gedachtewereld van iemand

Ziet u ook verschillen tussen studenten toen en nu? Ad: “Ik heb de indruk dat in mijn tijd de studenten meer gemotiveerd en maatschappelijk betrokken waren. De huidige jeugd heeft door strengere eisen van de overheid minder tijd voor nevenactiviteiten, naast studeren en feesten. Daarom heb ik er des te meer respect voor als studenten maatschappelijke betrokkenheid tonen naast hun studie. Zoals mijn dochter.” Dionne: “Dat heb ik van huis uit mee gekregen.” ■

die aan de ziekte lijdt. Het richt zich onder meer op mantelzorgers. “Door hen in een cabine opdrachten te laten uitvoeren, ervaren zij hoe het is om in een staat van verwarring te moeten leven”, vertelt Mark. “Een stem vertelt de deelnemers wat ze moeten doen, maar vervolgens wordt niet duidelijk waar ze iets kunnen vinden of wat er van hen verwacht wordt.” De simulatie vergroot de empathie van de mantelzorger, vertelt Mark. “Het is heel belangrijk dat hij of

zij begrijpt wat bijvoorbeeld hun partner doormaakt.” Het project werkt ook andersom: er is óók aandacht voor de mantelzorgers zelf. Zo is er een bijeenkomst enige tijd nadat ze aan de simulatie hebben deelgenomen. Tijdens die sessie worden de ervaringen van de mantelzorgers besproken. Ook krijgen ze handvatten aangereikt voor het omgaan met problemen die zich kunnen voordoen. “Mantelzorgers hebben vaak het gevoel dat ze er alleen voor staan, dat niemand voor hen zorgt omdat zij niet de patiënt zijn. Daardoor kunnen ze bijvoorbeeld depressiviteit ontwikkelen. Ik wil de kwaliteit van leven voor de patiënt én de zorgverlener verbeteren.” Into D’mentia ging een paar jaar geleden van start en de effectiviteit ervan moet nog gemeten worden. Het kan een belangrijke maatschappelijke bijdrage leveren, verwacht Mark. “Meer begrip kan de relatie tussen mantelzorger en dementerende verbeteren. Bovendien zullen ze minder vaak een beroep doen op de gezondheidszorg en kan de patiënt wellicht langer thuis blijven wonen.”

n 2001, tijdens ‘9/11’, bevond universitair hoofddocent aan de Tilburgse economische faculteit Bartel van de Walle zich in het door terroristen aangevallen Verenigde Staten. Zodoende maakte de onderzoeker van dichtbij mee hoe de verschillende hulpdiensten in die chaotische periode aan het werk gingen. Dat er aan de samenwerking het nodige verbeterd kon worden, was hem wel duidelijk. Hoe kwam het dat de informatie-uitwisseling tussen bijvoorbeeld politie en brandweer zo stroef verliep? Van de Walle is geboeid door dit soort vragen, hij bestudeert hoe hulpverleners reageren op rampen en crises. En hoe ze de onderlinge communicatie kunnen verbeteren. “Tijdens een ramp of crisis komt er ineens ontzettend veel op mensen af. Ze weten vaak niet precies wat er aan de hand is. Informatie is moeilijk te krijgen en te verspreiden, terwijl het dan juist zo belangrijk is. Er staan immers mensenlevens op het spel. Acties van hulpverleners moeten duidelijk op elkaar afgestemd worden. En ze moeten afspraken maken over het delen van relevante gegevens”, licht Van de Walle toe. De rol van ICT en social media wordt daarbij steeds belangrijker.

“De aardbeving in 2010 in Haïti was echt een keerpunt. Toen werden in Port-au-Prince bijvoorbeeld hele straten weggevaagd en kon niet meer worden achterhaald waar een ziekenhuis, een winkel of een school gestaan had. Door middel van een digitale plattegrond kon iedereen die daar gegevens over had, meehelpen de kaart weer opnieuw in te vullen. Vanuit de hele wereld kwamen via social media reacties binnen. Die konden hulpverleners dan weer gebruiken.”

Voortbouwend hierop leidde Van de Walle december vorig jaar een internationaal team dat een onderzoeksproject deed in de door een ramp getroffen Filipijnen. Daar bestudeerde hij het gebruik van social media bij de werkzaamheden van de hulpverleners na de doortocht van tyfoon Haiyan. “De bevindingen moeten internationale en nationale instanties ondersteunen bij de coördinatie van de hulpverlening bij toekomstige rampen over de hele wereld.”

Nu de overheid zich gedeeltelijk terugtrekt, moeten universiteiten op zoek naar aanvullende geldstromen. Particuliere donaties van alumni zijn een groeiende bron van inkomsten. Tilburg University heeft er sinds een paar jaar een speciaal team op zitten. Dus misschien wil fondsenwerver Nicole Fouchier binnenkort eens met je lunchen… TeksT: RuTgeR Vahl

e

en tijdje geleden zat Nicole Fouchier aan tafel bij Nancy McKinstry, de topvrouw van uitgeversconcern Wolters Kluwer en voormalig toezichthouder bij TiasNimbas. Er was veel te bespreken, maar Fouchier brandde eigenlijk maar één vraag op de lippen. Ze had gelezen dat McKinstry een flinke donatie had gedaan aan de University of Rhode Island waar ze ooit studeerde. Opmerkelijk, vond Fouchier. Er zijn zoveel doelen om aan te geven. Waarom had de zakenvrouw uitgerekend aan haar alma mater gedoneerd? Het antwoord was even ontwapenend als leerzaam. “Because they asked me”, zei McKinstry zonder blikken of blozen. Logisch toch? Het is les 1 in fondsenwerving: als je wilt dat iemand geeft, moet je het gewoon vragen. Het klinkt zo

Van indiËrs enerGie-onderneMers MaKen

H

armen van Heist was amper drie maanden afgestudeerd toen de oud-student Organisatiewetenschappen al een eigen bedrijf begon. Samen met twee compagnons richtte hij Rural Spark op, een ‘social enterprise’, die in India aan lokale afnemers materiaal levert waarmee zij zelf energie kunnen opwekken. Zo ontvangen de klanten een ‘router’. Op dit kastje kan een energiebron, zoals een zonnepaneel, aangesloten worden. De daarmee opgewekte energie kunnen de klanten van Rural Spark weer doorverkopen aan bijvoorbeeld dorpsgenoten. “Zo worden zij kleine

Essentjes”, lacht de 29-jarige alumnus. Tijdens zijn studie leerde Van Heist over verdienmodellen, bedrijfsstrategieën, ondernemerschap en creativiteit in een zakelijke omgeving. Met Rural Spark past hij zijn kennis in de praktijk toe. Dat geldt in het bijzonder voor zijn afstudeerproject. Daarvoor onderzocht hij wat voor kansen landen als India bedrijven te bieden hebben. Met die wetenschap ging hij zelf in de Zuid-Aziatische republiek aan de slag. “Ook heb ik een tijdje meegelopen op het ministerie van Buitenlandse Zaken. Daar leerde ik dat je in een bedrijf niet om de cultuur van een land heen kunt. Dat je bijvoor-

beeld leden van bepaalde bevolkingsgroepen niet altijd in één ruimte hetzelfde werk kunt laten doen, omdat zij verschillende achtergronden hebben”, aldus Van Heist. “Maar ook hoe belangrijk het is om een lokale partner te hebben. Dat merk ik nu ook met Rural Spark. We hebben in India een organisatie in de arm genomen die voor ons de acquisitie doet. Zij kennen de inwoners van de dorpen en kunnen achterhalen wie de ondernemende types zijn. Als wij zelf de dorpen in zouden trekken, zouden de bewoners óns interessanter vinden dan ons product.”

Ad Janssens en dochter Dionne

18 1-2014 |

UN1401_18-19_Vader dochter2.indd 18

Meer BeGrip Voor deMente patiËnt KWeKen

G

Is er veel veranderd? Ad: “Toen ik hier begon, zag de campus er anders uit. Er zat een cafetaria op de eerste verdieping van de hoogbouw. Later werd gebouw H geopend, de mensa. Dat noemden we het Hongerige Hert. Ook de bieb is pas later gebouwd, in mijn tijd waren de boeken verspreid over verschillende kamers en gebouwen. Van computers was nog geen sprake.”

| 1-2014 19

04-06-14 14:11

UN1401_18-19_Vader dochter2.indd 19

04-06-14 14:12

19 ZO VADER, ZO DOCHTER Dionne volgt voorbeeld Ad Janssens

2 1-2014 |

UN1401_24-25_Wetenschap.indd 24

UNTIL ALUMNI | AGENDA ■

STUDENT KRIJGT ADVIES VAN ALUMNUS

Samen bouwen aan alma mater

Met social Media hulptroepen helpen

I

TEKST: JEROEN KETELAARS

| 1-2014 25

04-06-14 14:21

UN1401_24-25_Wetenschap.indd 25

24 WETENSCHAP WERKT Drie keer theorie in de praktijk

04-06-14 14:21

simpel, maar doe het maar eens. Lang niet iedereen durft en kan het. En daarbij komt dat aan het stellen van DE VRAAG heel veel werk vooraf gaat. Fondsenwerving is een vak. Dat is trouwens les 2. → laatbloeier Succesvolle captains of industry of ondernemers die gul in de beurs tasten om hun oude universiteit te steunen. In de Verenigde Staten en Engeland is het de gewoonste zaak van de wereld. In Nederland niet, maar we bewegen wel meer naar de Angelsaksische situatie toe. De overheid geeft minder geld en universiteiten moeten op zoek naar andere geldstromen. Donaties van alumni worden daarmee belangrijker. Tilburg University, een van de jongste universiteiten van het land, is ook een nieuwkomer als het gaat

26 1-2014 |

UN1401_26-28_Fondswerver.indd 26

→ baSicS Fouchiers afdeling begon in een vrijwel kale kamer die toevallig leegstond. Inmiddels telt de afdeling zeven vaste (parttime) medewerkers die bijna allen een training hebben gevolgd aan het CASE Spring Institute, hét internationale opleidingsinstituut voor academische fondsenwervers. “Iedereen krijgt een mentor”, vertelt Fouchier. “Mijn mentor is Fritz Schroeder, topfondsenwerver bij de fameuze Amerikaanse Johns Hopkins University. Hij stuurt een team van 500 mensen aan, dat in een 7 jaar durende campagne zo’n 4,5 miljard dollar binnenhaalt. Maar weet je wat het leuke is? De basics van fondsenwerving zijn hetzelfde, of je nou een paar ton of 4,5 miljard ophaalt.” Eén van die basics is dat alumni liever doneren aan een specifiek programma dan aan de universiteit in het algemeen. Ook in Tilburg. Een mooi voorbeeld is het Outreaching Honors Program. Dat is bedoeld voor de vijftig meest getalenteerde Tilburgse studenten. Ze krijgen les van topdocenten en lopen stage bij een onderneming. De overheid stopte eind 2013 met haar subsidie. Fouchier: “Toen zijn we leden van de Vrienden van Cobbenhagen, onze zeer betrokken alumnivereniging, gaan vragen

Wat gebeurt er als je een student die burgemeester wil worden, matcht met een alumnus die dit al is? Until stuurde Bram van de Sanden (23), student Human Resource Studies en deelnemer aan het Outreaching Honors Program, af op Jan Boelhouwer (64), burgervader van Gilze en Rijen. De student liep een dagje mee en doet verslag in woord en beeld.

UN1401_26-28_Fondswerver.indd 27

26 FEATURE FONDSENWERVING Alumni als werver of geldschieter

“L

ekker relaxed baantje, dacht ik toen ik hoorde dat ik om tien uur op het gemeentehuis werd verwacht. Die wat late starttijd had te maken met een privéafspraak van burgemeester Boelhouwer, die ik Jan mocht noemen. Normaal gesproken maakt hij lange dagen die eerder beginnen. De dag begon met een vergadering over veiligheid, waarvan de inhoud vertrouwelijk moet blijven. Logisch vanwege de gevoelige kwesties die de revue passeerden. Mooi om te merken was hoe Google Street View een beeld gaf van de besproken locaties. Een goed teken vond ik dat een vergaderaar vertrok, zodra haar punt was besproken. Tijd is immers schaars. De klok in de vergaderzaal tikte hard en onverbiddelijk door. De volgende afspraak was een kort gesprek over koninklijke onderscheidingen. Moeten we een oudere ontvangster van een lintje wel onder valse voorwendselen naar een bepaalde plaats lokken? Of gaat ze dan van haar stokje?

→ BURGERVADER

Tussen de bedrijven door nam Jan de tijd om over zijn invulling van zijn functie te spreken. Duidelijk werd dat zijn werk twee kanten heeft. De ene is een serieuze en strenge, als bewaker van openbare orde en veiligheid (burgemeester en Rijksheer). De andere kant is persoonlijker en interactiever van aard. De rol van ‘burgervader’ past Jan goed. Hij schrijft toespraken vaak zelf. Ook reageert hij op soms heftige brieven van burgers. Dan gaat hij even langs of pleegt een telefoontje. In het leven van een burgemeester draait het om communiceren. Dit bleek

| 1-2014 27

04-06-14 16:37

‘FACULTY CLUB, EXCLUSIEVE LOCATIE VOOR ALUMNI’

‘DOE VEEL DINGEN, DAN ONTMOET JE VANZELF INTERESSANTE FIGUREN’

om fondsenwerving. Sinds 2009 bestaat de afdeling Development & Alumni Relations, waarvan Nicole Fouchier directeur is. In de jaren 2009-2013 is drie miljoen euro aan donaties binnengekomen, wat een prestatie mag worden genoemd. Het toont aan dat oud-studenten de noodzaak van een financiële ondersteuning best inzien. Maar dat gaat absoluut niet vanzelf. Nederland kent geen cultuur van doneren aan je alma mater. Fouchier: “Als je in Nederland een alumnus om een gift voor zijn oude universiteit vraagt, dan is het antwoord al snel: ‘Waarom? Daar betaal ik toch belasting voor?’”

04-06-14 16:37

ook tijdens de vergadering over dit onderwerp. Hierin bereidde Jan allerlei events voor, zoals de Luchtmachtdagen, Koningsdag en de Dodenherdenking. Vragen kwamen voorbij als: hoe laat begint het, waar zit het publiek en wat voor muziek wordt er gedraaid? Middenin de vergadering belde Jan nog met een man over diens bedenkingen over de dodenherdenking. Ook tijdens het lunchen ging het communiceren door. In de gemeentekantine, die wordt gerund door mensen met een beperking, vroeg Jan nog een broodje. Het antwoord: ‘Tuurlijk mag dat, burgemeester. Maar wel eerst betalen, hè!’ Na de lunch fleurde de vrouw van Jan zijn kantoor op met bloemen, een wekelijks ritueel.

04-06-14 14:23

29 ALUMNUS ADVISEERT STUDENT Een dag mee met de burgemeester

Het gebouw bestaat uit een lounge, een restaurant en vergaderruimtes. Deze zijn exclusief bedoeld voor medewerkers van de universiteit en TiasNimbas. Daarnaast zijn alumni van harte welkom om er op werkdagen te lunchen of te dineren. Een alumnus die hier ervaring mee heeft, is Clemens de Bont. Hij is advocaat bij De Voort Advocaten | Mediators in Tilburg. De Bont at er met een groep van der-

tig leden van PastKoBra, voormalige leden van de stichting Kunst & Onderneming Brabant (KoBra). De Bont: “Het is een heerlijke locatie, niet alleen qua ambiance maar ook qua eten. Goed bereikbaar en gezellig, bovendien. Ik raad het andere alumni dan ook van harte aan.”

Meer weten over de vergaderfaciliteiten of een tafel reserveren? Kijk dan op www.tiu.nu/facultyclub.

ACTIVITEITEN WETENSCHAPSKNOOPPUNT BRABANT

Je moet als burgemeester bijzonder van overleg houden, lange dagen maken en breed onderlegd zijn, dacht ik toen ik ‘s middags weer naar huis reed. Dat verbaasde mij overigens niet. Wat mij wel verraste, was de gemoedelijke sfeer in het gemeentehuis in Gilze en Rijen. De omgang is minder formeel dan in de gemeente Dordrecht waar ik ook ben geweest. Jan is een bijzonder betrokken en toegankelijke man. Ik kreeg aardige vaderlijke en politieke adviezen, zoals: leer van tegenslagen en switch nooit van politieke partij. Verder raadde hij mij aan om te netwerken. ‘Je hoeft daarvoor niet te strooien met visitekaartjes of recepties af te lopen’, zo leerde ik van hem. ‘Als je voldoende dingen doet die je leuk vindt, komen vanzelf interessante figuren voorbij.’ Zoals Jan.” ■

Deze zomer vindt wederom de Tilburg University Summer School plaats. Speciaal voor alumni biedt TIAS - zoals TiasNimbas business school sinds kort (weer) heet - een tweedaagse cursus Effective Leaderschip Essentials aan. Op 25 en 26 augustus gaan professor Erik van de Loo en Menno Maas in op de meest actuele ontwikkelingen op het gebied van leiderschap. Door deel te nemen aan dit programma, verstevig je jouw leiderschapscapaciteiten en heb je een uitstekende mogelijkheid te

Erik van de Loo

M

et zijn ligging aan de rand van het Warandebos en de bijzondere architectuur, is de Faculty Club een exclusieve locatie. Dat vinden overigens niet alleen de uitbaters. Zo won het gebouw een Red Dot Design Award 2012 in de categorie architecture and urban design. En werd het door het automerk Toyota aantrekkelijk genoeg gevonden als locatie voor een fotoshoot voor reclamedoeleinden.

→ INTERESSANTE FIGUREN

|1-2014 29

UN1401_29_Alumni.indd 29

SUMMER ACADEMY TIAS

FOTO: RENÉ DE WIT

V

UNTIL GOEDE RAAD ■

until interview ■

FondSenwerving

Begrijpen hoe de maatschappij in elkaar steekt, is mooi. Nog mooier is het om met de theorie aan de slag te gaan in de praktijk. Drie inspirerende voorbeelden van Tilburgse wetenschap in uitvoering.

FOTO: ARIE KIEVIT / HH

TEKST: JOOST PETERS

oor María Lucía Bermúdez was het wel even wennen toen ze in de winter van 2011 in Tilburg neerstreek vanuit de Colombiaanse miljoenenstad Bogota. Dit betekende een behoorlijke omschakeling, niet alleen vanwege het koude klimaat. “Uit eigen ervaring weet ik dat er als internationale student veel op je afkomt: je spreekt de taal niet, terwijl er wel veel geregeld moet worden.” Wie de studie vervolgens afrondt en besluit te blijven - wat steeds meer mensen doen - moet nóg een keer in het diepe springen. “Dan is het, mede vanwege de taalbarrière, lastig om snel een passende baan te vinden.”

until wetenschap ■

WETENSCHAPWERKT

doelen in Nederland te bereiken. Wat we concreet gaan doen? We willen alumni ondersteunen om ondernemer te worden of bij het vinden van een baan. Daarnaast is het uiteraard ook de bedoeling een sociaal netwerk op te bouwen in Tilburg en de rest van Nederland.” Zelf ging Bermúdez na haar afstuderen, in augustus 2012, succesvol aan de slag als zelfstandig marketingcommunicatieadviseur met haar eigen bedrijf Expresión Media. “Je kunt dus wel degelijk een toekomst opbouwen in een tot voor kort vreemd land.”

FOTO: JOOST VAN DEN BROEK / HH

Als internationale student of alumnus kan het lastig zijn om je weg te vinden in de Nederlandse maatschappij. Een nieuw internationaal alumni chapter in Nederland moet daar vanaf dit najaar verandering in brengen. Alumna María Lucía Bermúdez: ‘We willen mensen helpen hun eigen weg te vinden.’

FOTO: ERIK VAN DER BURGT

WARM BAD VOOR BUITENLANDSE ALUMNI

Het Wetenschapsknooppunt Brabant biedt kinderen en jongeren de kans te ontdekken, onderzoeken en ontwerpen. Het laat hen in aanraking komen met wetenschap in de breedste zin van het woord. Na de zomervakantie staat de agenda weer vol met colleges van de Kinderuniversiteit en diverse edities van het Junior Science Café. Kun je niet wachten tot na de vakantie? Kijk dan eens op: www.kinderkennisbank.nl. Hier kunnen kinderen kennismaken met wetenschappelijke onderwerpen. Op deze site vind je ook de data van de Kinderuniversiteit en het Junior Science Café.

UNDERSTANDING SOCIETY

Uiteraard kunnen alumni ook deelnemen aan andere cursussen van de Summer School. Kijk op: tilburguniversity.edu/summerschool voor welke cursussen je je nog kunt aanmelden.

NIEUWS UIT DE VERENIGINGEN

EEN SELECTIE UIT DE ACTIVITEITEN VAN DE ALUMNIVERENIGINGEN EN ALUMNIRELATIES/UNIVERSITEIT. KIJK VOOR MEER INFORMATIE OP: TILBURGUNIVERSITY.EDU/NL/ALUMNI OF DE WEBSITES VAN DE VERENIGINGEN.

TLS

TLS ALUMNI-EVENT 26 juni De Tilburg Law School, JUVAT en NOSO komen naar je toe! Veelal worden evenementen voor alumni georganiseerd in Tilburg. Echter, dit keer vindt ons evenement plaats in Den Haag. Op donderdagmiddag 26 juni spreken Richard van Zwol en Eleni Kosta over data, veiligheidsdiensten en meer. Dit gebeurt bij het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties. Meer informatie: www.tilburguniversity.edu/nl/alumni/ alumni-event-den-haag

FINANCIALS

VIP LECTURE September 19 Every year in September Alumni Association Financials organizes a VIP Lecture. During this evening, a prominent speaker will elaborate on interesting subjects in the fields of accounting or finance. In previous editions, Jan Hommen (former CEO ING), Arnold Heertje (Dutch economist),

Maarten van Rossum (Dutch historian specialized in the United States of America) and Dirk Scheringa (founder DSB Bank) were present as prominent speakers. This year the VIP Lecture will take place on September 19. For more information look at: asset-accountingfinance.nl/ About/alumni.

VERENIGING VAN TILBURGSE ECONOMISTEN (VVTE)

Development & Innovation at Imperial College London) en Jose Ignacio Galindo (CEO Alset).

activiteiten van EKSBIT is te vinden in de EKSBIT Linkedingroep.

FINALS

The Alumni Day was very successful and we are already looking forward to our next alumni event, but first we have to recover from the great lustrum week, which many alumni attended! Also watch our new website: asset-economics.nl

Saturday April 12 the Asian Cooking workshop took place at Kookmeesters in Utrecht. The group was split up in two. Both teams cooked ‘Asian Bites’, resulting in some sensational tasting dishes!

NOSO

De VvTE heeft in februari een bezoek gebracht aan La Trappe Trappist Bierbrouwerij de Koningshoeven. Directeur Thijs Thijssen hield een lezing. Onder het genot van een biertje werd ons verteld over de tradities, de economische aspecten en de marktbenadering van de brouwerij.

Op vrijdagavond 23 mei vond er een rondetafelbijeenkomst plaats met Wim van de Donk en hoogleraar arbeidsrecht Ton Wilthagen. Zij spraken over de economische ontwikkeling van Brabant. Benieuwd naar onze activiteiten? Kijk op: www.nosotilburg.nl

Op 7 april vond het jaarlijkse Asset-VvTE Congres plaats: een inspirerende dag met als thema Dream Discover Innovate. Sprekers waren onder andere Jan-Peter Balkenende, Sören Hansen (CEO Inter Ikea), David Gann (Vice-President

7 juni Op zaterdag 7 juni organiseerde EKSBIT in samenwerking met studievereniging Asset | SBIT een alumni-activiteit in hartje Utrecht. Meer informatie over de

30 1-2014 |

UN1401_30-31_Agenda.indd 30

netwerken. Alumni betalen een speciaal tarief van € 975,- (inclusief catering). Neem je een collega mee, dan krijgen jullie beide 10 procent korting.

Meer informatie en aanmelden via: tiu.nu/leadershipessentials.

EKSBIT

FEST

TABOR

FOTO: BART VAN HATTEM

UNTIL ZO VADER, ZO DOCHTER ■

INTERNATIONAAL CHAPTER

‘DE ENE WIJK(AGENT) IS DE ANDERE NIET’

Dank voor de vele reacties op de survey die wij een tijd geleden hebben uitgezet onder onze leden. Het geeft ons een goed beeld van de behoeftes en thema’s die leven onder alumni (B)OW. Benieuwd naar de resultaten? Kijk op: tabortilburg.wordpress.com In het najaar organiseren we een volgend inhoudelijk evenement samen met het departement Organisatiewetenschappen. Binnenkort ontvang je per email een uitnodiging.

“In multiculturele wijken hebben agenten andere competenties nodig dan in wijken met minder verschillen. Als je door de woestijn rijdt, kies je ook een ander type auto dan wanneer je over asfalt rijdt. Het zou mooi zijn als de politie hier meer rekening mee hield. Uit mijn onderzoek blijkt dat een one size fits allagent, die altijd en overal goed handelt, niet bestaat. Of de politie effectief optreedt, hangt af van kennis, competenties, ervaring en weerbaarheid. Belangrijk, bijvoorbeeld, is kennis van de directe omgeving. Terwijl ze ergens werken, leren agenten meer over specifieke situaties en burgers. Deze kennis gaat verder dan de knowhow die ze opdoen door de routine van de opleiding en de werkerva-

ring. Door informatie over hun directe omgeving te verzamelen en te delen, kunnen ze effectief optreden. Deze kennis, gecombineerd met opmerkzaamheid, stelt ze in staat om hun handelen aan te passen aan de situatie. In armere wijken met een grote etnische diversiteit speelt dit nog sterker. Sociale situaties kunnen daar knap ingewikkeld zijn. Kennis over hoe het precies zit, komt dan van pas. Wie te veel vanuit een standaardrepertoire moet handelen, schiet op den duur tekort. Zeker als de druk toeneemt, zoals in dit type wijken snel kan gebeuren. Agenten maken soms inschattingsfouten door bijvoorbeeld gevoelens van onveiligheid. Ze oordelen te snel en bevooroordeeld. Ik raad aan om niet alleen vaker onderscheid te

maken per wijk maar ook te investeren in weerbaarheid van agenten. Dat kan ze helpen om beter met de hoge druk in multiculturele wijken om te gaan. We moeten hierover kennis delen en oog hebben voor agenten die herhaaldelijk negatieve ervaringen hebben. Maar het beste is natuurlijk vooraf investeren in weerbaarheid. Binnen de Nationale Politie is een trainingsprogramma Mentale kracht gestart. Dat is een goede ontwikkeling.” Artie Ramsodit (38) schreef in februari het proefschrift ‘Situationeel handelen in de politiefrontlinie.’ Voor haar onderzoek draaide ze politiediensten mee in demografisch verschillend samengestelde wijken.

| 1-2014 31

04-06-14 14:24

UN1401_30-31_Agenda.indd 31

30 ALUMNI AGENDA Overzicht alumniactiviteiten

04-06-14 14:24

UN1401_32_Backcover.indd 32

32 BACKCOVER Multicultiwijk vergt veel van agent

04-06-14 16:34


Tilburgse Studenten ☒ Tilburg University weer in top beste univ

werkbezoek koningin máxima aan tilburg in teken soc Alumnus Hommen voorzitter stichtings­ bestuur J an Hommen volgde onlangs Ruud Lubbers op als de nieuwe voorzitter van het Stichtingsbestuur van Tilburg University. Eind maart liet de alumnus zich interviewen tijdens het evenement Food for Thought. Dat is een initiatief waarbij studenten sleutelfiguren uit samenleving en politiek interviewen over actuele maatschappelijke thema’s. Hommen, voormalig ceo van onder meer ING, liet weten zijn ervaring in het bedrijfsleven te zullen meenemen bij zijn rol als stichtingsvoorzitter. Volgens Hommen draait het, net als in het bedrijfsleven, ook bij een universiteit om zaken als een duidelijke strategie en voortdurende analyse

van ‘klanten’, risico’s en kritische factoren. Tegelijkertijd benadrukte hij dat de onderwijskwaliteit te allen tijde voorop moet staan, zeker nu de universiteiten minder geld krijgen vanuit Den Haag. Het Stichtingsbestuur bewaakt de doelstellingen van de universiteit en functioneert als Raad van Toezicht. Ook benoemt het de leden van het College van Bestuur. Naast Lubbers zwaaien nog drie andere stichtingsbestuurders dit jaar af: Mike Leers, Adriana Esmeijer en Bernard Koeckhoven. Er komt voor hen slechts één opvolger; Tilburg University kiest voor een kleiner toezichtsorgaan.

Univers ziet Abraham Welke alumnus of alumna heeft hem niet ooit uit de bakken gegraaid? Univers, het universiteitsblad van Tilburg University, bestaat vijftig jaar. Het blad liep in journalistiek opzicht voorop met zijn onafhankelijke redactie. Nog altijd schrijft het kritisch over het universiteitsbestuur,

alumni actueel Hoe Frans Seda het gedachtegoed van Cobben Hechtere banden tussen Nederland en Indonesië: dat is waar de in 2012 opgerichte Frans Seda Stichting zich voor inzet. Voorzitter en alumnus Dolf Huijgers is onder de indruk van het gedachtegoed van de ruim vier jaar geleden overleden Seda, die zich in Indonesië een ware bruggenbouwer toonde. Wie was Frans Seda? “Frans Seda en ik waren in Tilburg lid van hetzelfde dispuut: hij als economiestudent begin jaren vijftig, ik als rechtenstudent medio jaren zestig. Groot was onze verbazing toen na zijn overlijden, op 31 december 2009, in diverse dagbladen necrologieën van hem verschenen. Ook in Until 1 van 2010 verscheen een artikel over Seda. Seda was een vooraanstaand staatsman in Indonesië. Hij toonde zich als minister en adviseur van opeenvolgende presidenten een groot

4 1-2014 |

bruggenbouwer tussen diverse culturen en religies. Bovendien was hij medeoprichter van de katholieke Atma Jaya-universiteit te Jakarta, geïnspireerd door Martinus Cobbenhagen. Vanuit die gedachte hebben we in 2012 de Frans Seda Stichting in het leven geroepen. We wilden een eerbetoon aan onze dispuutsgenoot van vroeger. Met uitwisselingsprogramma’s willen we de dialoog tussen Nederlandse en Indonesische studenten bevorderen. Een manier waarop we het gedachtegoed van Seda koesteren en uitdragen.”

Hoe krijgt het eerbetoon nog meer vorm? “Jaarlijks vindt de Frans Seda-lezing plaats rond een actueel thema in de relatie tussen Nederland en Indonesië. Zo stond oudKamerlid Jos van Gennip op onze universiteit eind maart uitgebreid stil bij Seda’s


UNTIL TICKERTAPE ■

versiTeiTen Ter wereld ☒ sTudenTTevredenheid Tilburg universiTy

cial innovation en werkgelegenheid jongerencollegevoo BOEK: ANALYZING WIMBLEDON

Game, stats & match

FOTO: DOLPH CANTRIJN

L

het studentenleven en de stad. Wat wel is veranderd, is de vorm. Univers verschijnt tegenwoordig niet als krant maar als driewekelijks magazine. Verder publiceert de redactie universiteitsnieuws via www.universonline.nl

hagen exporTeerde

evert beginnen in een set tijdens een tenniswedstrijd daadwerkelijk voordeel op? Hebben nieuwe ballen een positieve invloed? En: hoe belangrijk is die zevende game in een set nou eigenlijk écht? Liefhebbers van het tennisspel en statistiek kunnen hun hart ophalen met het boek Analyzing Wimbledon. The power of Statistics, dat emeritushoogleraar Econometrie Jan Magnus schreef in samenwerking met alumnus Econometrie én Economie, en nu UvA-hoogleraar Franc Klaassen. De auteurs onderwerpen vele (intuïtief plausibele) hypotheses aan een statistische toets. Dat levert nogal wat nieuwe gezichtspunten op. Zo blijkt de ongrijpbare ‘winning mood’ nauwelijks te bestaan. Ook levert beginnen met serveren in een set

geen significant voordeel op. Daarnaast presenteren Magnus en Klaassen een methodiek waarmee de winstkans in een partij na ieder gespeeld punt kan worden geactualiseerd. Het boek, het resultaat van meer dan vijftien jaar statistisch onderzoek naar de tennissport, is daarmee een must voor tennisliefhebbers. En voor mensen die graag een gokje wagen.

BAS VAN DER SCHOT

gedachtegoed rond thema’s als armoedebestrijding en sociale rechtvaardigheid. Daarnaast organiseren we seminars voor veelbelovende jonge Indonesische en Nederlandse alumni, bijvoorbeeld rond een onderwerp als de wereldwijd groeiende inkomensongelijkheid. Verder zijn er twin scholarships voor drie duo’s van een Nederlandse en een Indonesische student én verschijnt er een dissertatie over Seda.”

Trots dus, op die oud-dispuutsgenoot? “Zeer zeker. In mijn loopbaan als bankier en ondernemer heb ik altijd oog proberen te hebben voor de mensen áchter de winsten verliescijfers. Het is mooi om te zien hoe die typisch Tilburgse benadering, waarvan Cobbenhagen ooit de grondlegger was, dankzij Seda ook in Indonesië wortel heeft geschoten.”

| 1-2014 


Mooie oogst belcampagnes economen en juristen

250 stageplekken, 115 coaches en indrukwekkende donaties

Twee belcampagnes van de economische en juridische faculteiten hebben een onverwacht prachtig resultaat opgeleverd. Naast een totaal van 150.000 euro aan donaties deden de alumni ook toezeggingen voor immateriële giften. Zoals een aanbod om mentor van een student te worden of een stageplaats te regelen.

D

e Law School deed het al vijf keer, en met succes: een belcampagne. De economen kozen ervoor eerst op andere wijzen de banden met alumni aan te halen. Maar begin dit jaar besloten ook zij het goede voorbeeld van de rechtenfaculteit te volgen: 36 studenten van de Tilburg School of Economics and Management (TiSEM) kropen achter de telefoon. Tussen 10 februari en 1 maart belden zij ’s avonds en ‘s zaterdags met met 4.000 van in totaal 25.000 alumni. Ze spraken vervolgens ‘van student tot alumnus’. Doel van de gesprekken was om de banden met de universiteit aan te halen. De studenten brachten 6 1-2014 |

alumni bijvoorbeeld op de hoogte van evenementen. Regelmatig kregen de gesprekken ook een persoonlijker tintje. Dan werden ook ervaringen uitgewisseld over hoe het is om in Tilburg te studeren. “Dat de studenten van dezelfde faculteit komen als de alumni, schept een band”, vertelt Pam Dupont. Zij is alumniofficer bij TiSEM. “Sommige gesprekken duurden wel een half uur. Het kwam zelfs voor dat alumni terugbelden om de student nog een advies te geven. Een alumnus zei tegen mij: ‘Die jongen komt er wel’.” →→ Immaterieel Alle telefoongesprekken van de belcampagne eindigden met het vriendelijke verzoek om een bijdrage te doen. Het was geen doel op zich, maar de economen wilden met het eindresultaat natuurlijk niet onderdoen voor de juristen. Dupont: “Die halen zo’n 50.000 euro op per campagne. Dat was een mooi richtbedrag.” Het resultaat van de eerste bel-

campagne van TiSEM overtrof echter alle verwachtingen. De economen kwamen uit op 98.040 euro. Een commissie van alumni heeft inmiddels bepaald waaraan dit geld wordt besteed. En er was meer dan alleen het materiële. Ook voor het doen van immateriële giften bleek grote belangstelling onder de economen. Maar liefst 250 alumni zeiden mogelijk een stageplek voor een student te kunnen regelen, terwijl 115 belangstelling toonden om een student te coachen via het TiSEM Carrière Mentorprogramma (zie kader: Alumni als mentor). Verder gaven zestig alumni aan dat zij wel studenten willen voorlichten. Dupont: “Nu is het zaak om dit goed op te volgen. Van de ervaringen van de Law School hebben we geleerd hoe we dat adequaat moeten oppakken.” →→ Krachten bundelen Alumni officer Frederique Knoet van de Tilburg Law School is blij dat de economen het goede voorbeeld van haar faculteit hebben gevolgd. De beide faculteiten hebben kennis uitgewisseld. En ze ziet mogelijkheden om nog nauwer samen te werken in de toekomst, bijvoorbeeld via een gedeelde back office. Ook de rechtenfaculteit heeft begin dit jaar weer een campagne gedaan. Deze leverde zo’n 50.000 euro op. Dit gaat onder meer naar een beurs voor een buitenlandse student, zoals eerder die van Ummey Nipun (zie kader: ‘Ik wil voor vrouwenrechten vechten’). En ook de juristen kwamen met mooie voorstellen voor een immateriële bijdrage, vertelt Knoet. “Zo was er een alumnus die pleittrainingen wilde geven aan toekomstige advocaten.” tiu.nu/belcampagne


until Alumni | Actie ■

Beurs voor Ummey Nipun:

‘Ik wil voor vrouwenrechten vechten’ Een mooi voorbeeld waar het geld van alumni van de Law School aan wordt besteedt, zijn beurzen voor buitenlandse studenten. Zo kan Ummey Nipun uit Bangladesh een master Victimology volgen dankzij de bijdragen van alumni van de Law School. Deze opleiding had zij zelf nooit kunnen bekostigen. Nog mooier is dat niet alleen zij wordt geholpen, maar dat de vrouwen in Bangladesh hiervan mogelijk allemaal een beetje profiteren. Ummey hoopt een actieve pleitbezorger te worden van vrouwen-

rechten. “Ik zie mijn studie als een eerste stap naar het verwezenlijken van mijn droom. Ik wil een einde maken aan oude politiek en praktijken in mijn land. Nu is het nog zo dat meisjes en vrouwen worden gezien als ondergeschikten. Al hun mogelijkheden om te groeien op de maatschappelijke ladder worden systematisch belemmerd. Ik droom van een wereld waarin mannen en vrouwen gelijken zijn en samenwerken aan een betere toekomst.”

alumni als mentor

Voor studenten die afzwaaien, is de overgang naar werk vaak een sprong in het diepe. Wat zou het mooi zijn als ze voor hun afstuderen beter weten wat hen te wachten staat. Dat is de gedachte achter het TiSEM Carrière Mentorprogramma. Dit bereidt studenten voor op de arbeidsmarkt. De hoofdrol hierin spelen alumni. Zij treden op als mentoren voor studenten. De alma mater fungeert als koppelaar. De universiteit werft alumni, bijvoorbeeld tijdens een belcampagne. Vervolgens maakt ze geanonimiseerde profielen en laat studenten hun voorkeur aangeven voor een mentor. Als de alumnus of alumna akkoord gaat, is er een succesvolle match. Mentoren en studenten treden hierna met elkaar in contact. Studenten kunnen vragen stellen, het is niet de bedoeling om rechtstreeks te solliciteren naar een stage of een baan. De mentoren bereiden de studenten voor op hun toekomstige carrière en helpen hen bij het ontwikkelen van professionele en netwerkvaardigheden. Ze beantwoorden vragen over vakgebied en loopbaan. Ook kunnen ze tips geven over vaardigheden, cv en solliciteren. Alumni bepalen zelf hoeveel tijd ze investeren en de wijze waarop ze contact onderhouden. Ook mentor worden? www.tilburguniversity.edu/mentor-program-tisem

Wie wil weten waar het ingezamelde geld naartoe gaat, surft naar: tiu.nu/universiteitsfonds

|1-2014

7


ZORGKOSTEN

FOTO: CARE-O-BOT

8 TRENDS VOOR DE TOEKOMST

8 1-2014 |


UNTIL HOOFDVERHAAL ■

Als er niets gebeurt, wordt de Nederlandse gezondheidszorg onbetaalbaar. Dat is geen mening, maar een feit dat onder meer door het Centraal Planbureau in rapport na rapport is aangetoond. Er zal iets moeten veranderen en welke kant het opgaat, is al zichtbaar. Acht ontwikkelingen als gevolg van stijgende zorgkosten. DOOR RUTGER VAHL

1

MEER ZELF BETALEN In Nederland besteden we bijna 15 procent van het bbp aan zorg. Omgerekend zijn de ‘zorgkosten’ van elke Nederlander per jaar ruim 5.000 euro. Volgens het Centraal Plan Bureau (in 2013) zal het aandeel van zorg in het bbp de komende 25 jaar, bij ongewijzigd beleid, meer dan verdubbelen. In 2040 gaat een derde van ons inkomen op aan gezondheidszorg. Er wordt al snel geroepen dat dit onhoudbaar is, maar de Tilburgse hoogleraar gezondheidseconomie Richard Janssen plaatst een kanttekening: “Je ziet de trend dat Nederlanders hun welzijn steeds belangrijker gaan vinden. Als onze gezondheid ons veel waard is, zijn we misschien ook bereid daar veel aan uit te geven. Een dure gezondheidszorg is niet per definitie onhoudbaar. Het is een keuze.” (Waarbij kan worden opgemerkt dat een langer en gezonder leven in een 4 tot 11 procent hoger bbp resulteert). Eén ding staat vast: het huidige financieringsstelsel is wél onhoudbaar. Er is geen land ter wereld waar zoveel zorgkosten worden vergoed vanuit de verzekering als Nederland. Ruim tachtig procent van de gezondheidszorg wordt uit algemene middelen betaald. Slechts 8 procent van alle behandelingen betalen Nederlanders direct uit eigen portemonnee. In België is dat een kwart van de zorg. Voordat hij zijn behandeling start, vraagt een Belgische arts of je wilt pinnen of contant afrekenen. Het is onvermijdelijk, stelt Janssen, dat we ook in Nederland steeds meer zelf zullen moeten betalen, buiten de verzekering om. Het ruime basispakket zal worden uitgekleed. We zullen nostalgisch terugdenken aan de tijd dat je zelfs een rollator vergoed kreeg. Er is nog een andere reden om meer zorgkosten zelf te betalen. “Door alles te vergoeden, verdwijnt de prikkel tot matiging van zorggebruik; de verzekering betaalt immers toch. Dit verschijnsel (moral hazard) kan leiden tot overmatig beroep op zorg.”

| 1-2014 9


Alumnus Bestuurlijke Informatiekunde Joep de Groot, directeur CbusineZ ‘Wij investeren in een bedrijf dat een zorgrobot ontwikkelt die al 80 functies heeft. Die kan bijvoorbeeld de magnetron bedienen, stofzuigen maar ook steunkousen aantrekken.’

2

MEER BILLEN, MINDER HANDEN, MEER TECHNIEK

Er komen steeds meer ouderen die ook nog eens langer blijven leven. Tegelijk neemt het aantal jongeren af. Dit betekent: meer billen en minder handen om ze te wassen. Grote kans dat dit straks door technologische hulpmiddelen moet worden opgevangen. De zorgrobot zal zijn intrede doen. Denk hierbij niet aan een Starwars-achtig wezen dat met blikkerige stem meedeelt dat het om hygiënische redenen noodzakelijk is binnen vier uur een volgende douche te nemen. Alumnus Joep de Groot is directeur van CbusineZ, de innovatie-investeringsmaatschappij van verzekeraar CZ: “Wij investeren in een bedrijf dat een zorgrobot ontwikkelt die al 80 functies heeft . Die kan bijvoorbeeld de magnetron bedienen, stofzuigen maar ook steunkousen aantrekken. Een robot zal mensen nooit overbodig maken, maar wel een deel van de thuiszorg. Dat werkt kostenverlagend.” Naast het koffiezetapparaat komt een ‘health instructor’ te staan, een instrument waarmee we onze lichamelijke conditie monitoren. Philips Medical Systems richt zich bijvoorbeeld al op huishoudens. Bloed prikken, oogdruk meten, urinemonster onderzoeken: het apparaat kan het en geeft ons medische adviezen. Een belangrijke technologische ontwikkeling is ook de opkomst van nano-medicijnen. Dit zijn geneesmiddelen die veel preciezer werken, waardoor bijvoorbeeld verwoestende chemobehandelingen niet nodig zijn en mensen minder snel naar het ziekenhuis hoeven.

10 1-2014 |

3

ZEVENTIEN MILJOEN DOKTERS

Op internet gaan we zelf op zoek naar wat we mankeren. “De informatie-asymmetrie in de zorg — dat de dokter alles weet en de patiënt niets — verdwijnt”, zegt gezondheidseconoom Richard Janssen. “Nu is het al zo dat patiënten met een zeldzame chronische ziekte soms meer weten dan hun arts.” Die kleinere ‘kenniskloof’ heeft twee gevolgen, stelt Janssen: “Enerzijds komen patiënten beter voorbereid de spreekkamer in, waardoor de arts minder diagnose hoeft te stellen en meteen met de juiste behandeling kan starten. Anderzijds zal er ook meer doe-het-zelf-geneeskunde plaatsvinden. Mensen gaan zelf dokteren, omdat ze minder afhankelijk willen zijn en omdat ze meer zelf moeten betalen. Als dit zelf dokteren de kwaal verergert, kan dit de zorgkosten opdrijven.” De trend van het zelf dokteren wordt in de hand gewerkt door het steeds mondiger worden van de consument. Daarbij komt dat de Nederlander gemiddeld steeds hoger is opgeleid. Joep de Groot: “Vroeger nam je voetstoots aan wat de arts zei. Je ging naar het ziekenhuis en leverde, spreekwoordelijk, je organen uit aan de medische stand. Tegenwoordig willen patiënten meebeslissen. Het vraagt van artsen een andere manier van denken: patiënten zijn veel meer letterlijk gesprekspartners. Ik denk dat dit de zorg klantgerichter en kostenefficiënter maakt.”

4

MEER LEVEN, MINDER LIJDEN

Het taboe op uitzichtloos behandelen zal verdwijnen, denkt hoogleraar Richard Janssen. “Wat kost een maand langer leven bij een terminale patiënt? Het antwoord kunnen we benaderen. We drukken dat uit in ‘qaly’s’, quality adjusted life years. Maar de vraag mag nog niet hardop gesteld worden. Nu de kosten van de zorg sterk oplopen, zullen we meer gaan afwegen hoeveel we als samenleving willen betalen voor een klein beetje langer leven.” Joep de Groot is dit met Janssen eens. “Er zullen pijnlijke dilemma’s opdoemen die de politiek moet oplossen. Maar de samenleving verandert sneller dan de besluitvorming. Een rapport stelde vorig jaar al dat artsen vinden dat behandelingen die uitzichtloos zijn, sneller moeten worden gestaakt omdat kosten en baten niet meer

tegen elkaar opwegen.” De Groot ziet ook het taboe op onnodige behandelingen verdwijnen: “Als je privé met artsen praat, dan geven ze toe dat van heel veel behandelingen de werking nauwelijks is aangetoond. Hier zal iets aan gedaan worden en dat zal de zorg efficiënter maken.” In 2012 vroegen 4.188 Nederlanders om euthanasie, blijkt uit een jaarverslag van de vijf regionale toetsingscommissies, een stijging van 13 procent ten opzichte van 2011. Deze cijfers lijken te onderstrepen dat steeds meer Nederlanders, net als artsen, het leven niet eindeloos willen rekken. Mensen bereiken de fase van ‘klaar zijn met het leven’ en willen dan een keuze kunnen maken zonder dat daar een taboe op rust. We vinden welzijn en een goed leven belangrijker dan maar zo lang mogelijk aan slangen het bestaan rek-


UNTIL HOOFDVERHAAL ■

5

ken. Maar wat betekent dit voor zeldzame ziektes die ontzettend kostbaar zijn? Denk aan de ziekten van Pompe en Fabry: hebben mensen die toevallig aan zo’n ziekte lijden straks simpelweg pech gehad? Richard Janssen is daarover niet pessimistisch. “Ik denk dat het onderzoek naar zeldzame aandoeningen veel meer mondiaal georganiseerd zal worden. Als we de krachten bundelen, is er meer geld en menskracht beschikbaar. Er is in de samenleving weinig draagvlak om mensen met dure, zeldzame ziektes maar gewoon op te geven.”

Richard Janssen, hoogleraar Gezondheidseconomie ‘Door alles te vergoeden verdwijnt de prikkel tot matiging van zorggebruik; de verzekering betaalt immers toch. Dit kan leiden tot overmatig beroep op zorg.’

VERZORGINGSHUIS SLUIT DEUREN

FOTO: MARTIJN BEEKMAN / ANP

Het aantal plekken in verzorgingshuizen is de afgelopen decennia met 20 procent gedaald en volgens adviesbureau Berenschot zal nog eens 800 van de 2.000 verzorgingshuizen de komende jaren de deuren sluiten. De reden: ze zijn te duur. Joep de Groot: “Ouderen moeten langer zelfstandig blijven wonen met behulp van thuiszorg, mantelzorg en technologische hulpmiddelen. Dat zie je al meer gebeuren. Het kan ook, omdat er een generatie ouderen opkomt die kapitaalkrachtig is en zelf kan betalen voor de extra voorzieningen die nodig zijn om thuis te blijven wonen. De kosten van intensieve ouderenzorg bedragen volgens het CPB 60.000 tot 80.000 euro per jaar. Twintig procent van de bevolking neemt tachtig procent van de ouderenzorgkosten voor zijn rekening. Consultantorganisatie Roland Berger pleitte er een paar jaar geleden al voor pensioen en zorgfinanciering te combineren. Laat mensen hun oude dag en de medische voorzieningen die ze dan nodig hebben ‘verzekeren’. De patiënt zou moeten kunnen kiezen welke medische behandelingen hij noodzakelijk acht en welke niet. Richard Janssen: “In Nederland hebben we wonen en ouderenzorg altijd gecombineerd in de AWBZ. Maar er is geen reden het wonen met publieke middelen te betalen. Zorg en wonen zullen gescheiden worden. Noodzakelijke medische voorzieningen krijg je vergoed, maar de huur moet je zelf betalen.”

| 1-2014 11


Alumnus Bedrijfseconomie Kees Sol, directeur Oogziekenhuis: ‘Ik zie de zorg weer georganiseerd worden rondom het spreekwoordelijke marktplein. Buurtgenoten gaan elkaar ondersteunen en de wijkverpleegster maakt haar comeback.’

6

WIJKVERPLEEGSTER MAAKT COMEBACK

De tijd dat alle zorg zoveel mogelijk geconcentreerd werd in steeds grotere ziekenhuiscomplexen ligt definitief achter ons. Dat denkt Kees Sol, directeur van het Oogziekenhuis Rotterdam, die in Tilburg Bedrijfseconomie studeerde. “We brachten alles onder binnen de muren van het ziekenhuis omdat dat dit de enige plek was waar we alle kapitaalgoederen (de diagnoseapparaten) konden opslaan. Maar een deel van die diagnose-apparaten wordt steeds kleiner en mobieler. Dat betekent dat we de zorg kunnen geven waar die het meest efficiënt is: dicht bij de mensen thuis.” Sol geeft het voorbeeld van de smartphone: “Patiënten maken een opname van hun oog en de oogarts kijkt live mee, stelt een diagnose en start een behandeling. Dat gebeurt al, maar deze ontwikkeling staat nog maar aan het begin.” Hand in hand met deze trend gaat de groeiende behoefte aan saamhorigheid en gemeenschapszin, stelt Sol. Daar zit de echte toegevoegde waarde van de zorg. Dat is ook de achterliggende gedachte waarom Het Oogziekenhuis met een vijftal OOG-bussen rondrijdt in Nederland. “Ik zie de zorg weer georganiseerd worden rondom het spreekwoordelijke marktplein. Buurtgenoten gaan elkaar ondersteunen en de wijkverpleegster maakt haar comeback. Dit lost meteen een ander groot maatschappelijk probleem op dat het welzijn van de mensen negatief beïnvloedt: de eenzaamheid van ouderen.” Toekomstmuziek? We denken in een hyper geïndividualiseerde samenleving te wonen. Toch ervaart ruim de helft van de mensen een gevoel van saamhorigheid in de buurt, zo berekende het Sociaal en Cultureel Planbureau in 2008. Met het leeglopen van kerken lijkt de behoefte aan steun zoeken bij elkaar toe te nemen.

12 1-2014 |

7

ZELFDE BEHANDELING, MAAR MINDER BEENRUIMTE

Zoals in de luchtvaart EasyJet en Ryanair zijn opgekomen, zo zullen we ook in de gezondheidszorg low cost carriers gaan zien. Volgens Kees Sol blijft de kern dat iedereen in Nederland recht heeft op goede zorg. Maar de definitie van wat goede zorg is, verandert. “Iedere Nederlander, rijk of arm, zal toegang blijven houden tot alle noodzakelijke medische voorzieningen. Maar voor meer luxe zorg of voor minder acute zorg moeten mensen zichzelf bijverzekeren. Daarnaast zullen er budgetvarianten komen. Om in luchtvaarttermen te blijven: een ziekenhuisbed met minder beenruimte.” Vrijwillig bijverzekeren vraagt een goed stelsel van aanvullende zorgverzekeringen. Het CPB stelt dat overheidsregulering en meer transparantie de markt van aanvullende verzekeringen aantrekkelijker kunnen maken. In Australië werkt dit redelijk goed. In Nederland bepleitte de SER een vorm van differentiatie in de verzekering (kale basisverzekering, uitgebreid stelsel van aanvullende verzekeringen in veel smaken). Een tweedeling zoals in de Verenigde Staten, waar mensen met lage inkomens niet de medische zorg kunnen betalen die ze nodig hebben, komt er in Nederland op korte termijn niet. Dat past niet bij onze cultuur en zo´n stelsel staat ook te ver af van de situatie die we tot nu toe gewend zijn. Joep de Groot: “Zorgverzekeraars hebben een acceptatieplicht en dat zal zo blijven. Wat ik me kan voorstellen, is dat verzekeraars mensen met geld luxere arrangementen zullen bieden. Daarnaast, en daar is nog veel kostenbesparing mee te behalen, zullen verzekeraars zich veel harder gaan opstellen richting zorgprofessionals met als doel dat slechte, en daarmee dure zorg, zichzelf uitselecteert.”

8

GEZOND LEVEN? DAT MAKEN WE ZELF WEL UIT!

Wie niet ziek wordt, maakt ook geen zorgkosten. Die waarheid als een koe wordt door sommigen aangegrepen om flink in te zetten op preventie. Gezond leven, sporten, niet roken en matig met drank: ze houden ons langer fit. De afgelopen tien jaar lijkt een trend zichtbaar waarbij preventie een steeds prominentere plek krijgt. Op voedingsmiddelen staat hoe (on)gezond ze zijn, bedrijven stimuleren beweging en verzekeraars vergoeden preventieprogramma’s. Maar Joep de Groot ziet deze trend zich niet doorzetten. “Het probleem van gezondheidsprogramma’s is dat de gunstige werking vaak niet valt hard te maken. En daarbij komt dat preventie niet altijd een kostendrukkend effect heeft. Als mensen langer leven, kunnen ze langer doorwerken maar hebben ze ook meer pensioen nodig, meer woonruimte, meer voorzieningen. In de rookindustrie gaan miljarden om. Een tv-uitzending van De Rekenkamer toonde een paar jaar geleden al aan dat stoppen met roken de samenleving misschien wel meer kost dan het oplevert. Maar fit blijven, is wel gecorreleerd met gelukkig en productief leven. Dat lijkt mij een mooie doelstelling. Toch blijft dat vooral een eigen, persoonlijke keuze.” ■


COLUMN DIEUWKE ■

FOTO: EEF BONGERS

BETER ZAAIEN OM BETER TE OOGSTEN

D

iversiteit is een mooi ding. De kranten staan er vol van, het bedrijfsleven schermt er graag mee. Ook de instroom van studenten op een universiteit is divers. Ik hoop dat u nu tevreden knikt, denkt aan geografische diversiteit, aan jongetjes versus meisjes en ergens stiekem blij bent dat u ook in Tilburg heeft gestudeerd. Dat laatste gevoel moet u zeker vasthouden, maar dat was het dan ook wel. Eerstejaars studenten mogen zeker uniek, maar absoluut niet divers zijn. Ja, echt waar. En om dat te bewerkstelligen, is er de vooropleiding. Zonder juiste onderwijsachtergrond word je namelijk niet toegelaten. Niks divers aan. Voorbereidend wetenschappelijk onderwijs, weet u wel? Of gymnasium. Die vooropleiding heeft jarenlang de tijd om kindertjes (allemaal uniek, dat zei ik al, maar op brugklasniveau óók nog divers) in het juiste malletje te proppen, op de juiste manier te laten nadenken en redeneren voor het juiste doel: wetenschap tot zich gaan nemen én gaan bedrijven. En dat is precies waar een universiteit op zit te wachten: op goed geculti-

veerde, vruchtbare aarde. Om er maar eens businessjargon in te gooien: crap in, crap out. Om het wetenschappelijk te houden: het is vast statistisch te bewijzen dat, als je instroom grotendeels bagger is, de kwaliteit van je uitstroom daar ook onder lijdt. Helaas lijkt het de laatste jaren ook op de middelbare scholen goed te gaan met de diversiteit. De kwaliteit is gediversifieerd. Een diploma garandeert de universiteit niet langer automatisch de juiste basiskennis of basishouding. En dus moet er meer gedaan worden in en rondom de collegezaal om de studenten op het juiste niveau te krijgen. Als dat nog lukt. Een klein sommetje: het vwo duurt zes jaar, een studie vier. Als die eerste zes jaar niet tot het juiste resultaat hebben geleid, dan wordt de druk op de laatste vier jaar wel onevenwichtig hoog, toch? Ik juich de plannen van Eric van’t Zelfde en zijn superschool dan ook van harte toe. Hij onderstreept dat de middelbare schoolproblematiek vergelijkbaar is met de situatie die ik hierboven schetste: als hij een twaalfjarige scholier krijgt, die al twaalf jaar geschiedenis heeft, is het lastig tot onmogelijk

die binnen een beperkt aantal jaren op het best mogelijke niveau te krijgen. De oplossing die hij aandraagt, is gestoeld op zijn eigen ervaring toen hij door een expatriëring ineens vanuit een volkswijk op een boarding school in Schotland kwam. De leerlingen werden vanaf de peuterklas tot hun eindexamen onderwezen op dezelfde school en de docenten waren zonder uitzondering goed gekwalificeerde, bevlogen en succesvolle onderwijzers. Het beste werd uit elk kind gehaald en als dat gebeurt, schiet het gemiddelde niveau omhoog. Van’t Zelfde is nu zo’n superschool in een achterstandswijk in Rotterdam aan het opzetten. Het zou mooi zijn als er overstijgende initiatieven (in de praktijk, à la Van’t Zelfde) zouden zijn, zodat we alle kinderen weer uniek en alle universitaire instroom weer non-divers kunnen krijgen. Dan hoeft studeren niet langer steeds meer voor alleen de rijken bereikbaar te zijn en kan er weer wat diversiteit in economische en sociale achtergrond instromen.■ Dieuwke van Turenhout, alumna Taalwetenschappen | 1-2014 13


CANTUS: EEN MODERNE TRADITIE Marin de Feijter (1984) is een van de oprichters van de Tilburg University Cantus (TUC). Met onder andere Mirjam Kort (1988) zette hij een evenement op poten dat Tilburg als studentenstad nog beter op de kaart heeft gezet. Afgelopen jaar vierde de cantus haar vijfjarig jubileum. De eerste editie in 2009 was een doorslaand succes, terwijl er het nodige mis ging. “Te korte bierslangen, toiletten die te laat geleverd werden en ook nog eens overstroomden.�

TEKST: SARA TERBURG

14 1-2014 |


UNTIL…WE MEET AGAIN ■

→ VERGUNNING OP DE LAATSTE DAG

De toenmalige burgemeester, Ruud Vreeman, en de voorzitter van het College van Bestuur, Hein van Oorschot, waren direct voor het plan. Toch bleek de locatievergunning lastig te verkrijgen. De Feijter: “Wij wilden beslist op het Heuvelplein, maar dat was net opnieuw ingericht. En niemand leek te weten hoeveel studenten het kon dragen.” Er volgde een race tegen de klok. De Feijter: “Uiteindelijk kregen we de vergunning pas op de dag zelf, dat was té spannend! Maar doordat er op het hoogste niveau steeds een breed draagvlak bestond, zijn wij er altijd vanuit gegaan dat het goed zou komen.” De cantus, inmiddels verhuisd naar het Willemsplein, bevat een uitgebreid ceremonieel. De universiteitsbestuurders komen na de opening van het academisch jaar op de campus naar het VIP-podium op het plein. De vlaggendragers lopen in optocht naar het hoofdpodium. De voorzangers brengen samen met blazersensemble SHE’s uit Udenhout het Wilhelmus ten gehore. Daarna volgen klassiekers als: Malle Babbe en Hey Jude. “Hoewel er hectoliters bier doorheen gaan, doen zich nooit incidenten voor”, vertelt De Feijter. Zelfs regen kan de pret niet drukken. Kort: “Daar maakten we ons de eerste keer wel grote zorgen over, maar iedereen trok al zingend een poncho aan en de sfeer bleef prima!”

’Uiteindelijk kregen we de vergunning pas op de dag zelf, dat was té spannend!‘

→ ONTSTAAN BIJ D’ARTAGNAN

Oprichters van studentenvereniging d’Artagnan Arjen Mosselman, Peter Kruyen en Marin de Feijter zijn de initiators van de TUC. De Feijter: “Nadat we na lang zoeken een sociëteit voor d’Artagnan gevonden hadden, wilden we samen nog één grote uitdaging aangaan. Onze droom was een studentenevenement voor de stad, met de potentie dat dit een traditie kon worden.” Toen Arjen een filmpje van de Beiaardcantus in Leuven zag, wist hij: dit is ook iets voor Tilburg. “Door de cantus op te hangen aan de opening van het academisch jaar kregen we het bestuur van de universiteit vrijwel meteen mee”, zegt

De Feijer trots. Qua uiterlijk lijkt de TUC op die andere Tilburgse cantus, die van de introductieweek. Mirjam Kort: “Daar houdt de vergelijking op. De TIK (die nu TOP-week heet, red.) is voor eerstejaars, de TUC voor alle studenten. Bovendien heeft de TUC een meer ceremoniële insteek en is het een visitekaartje voor Tilburg Studentenstad.” De Feijter voegt toe: “De opbrengst gaat naar een goed doel en de TUC wordt gedragen door de hogescholen Avans en Fontys, de gemeente Tilburg en de universiteit.” Na het ter ziele gaan van d’Artagnan (2005-2010) is de TUC ondergebracht bij studentenroeivereniging Vidar. | 1-2014 15


→ EEN GOEDE LEERSCHOOL

‘Ik denk dat de eerste TUC ons zeker 80 uur per week kostte.’

Marin de Feijter

16

Beide alumni waren zeer actieve studenten, niet alleen bij de TUC en d’Artagnan, maar ook als student-assistent en commissielid bij studieverenigingen. De twee vragen zich nog regelmatig af hoe ze het volgehouden hebben. “We zaten vaak tot diep in de nacht achter de pc”, herinnert De Feijter zich. “Ik denk dat de eerste TUC ons zeker 80 uur per week kostte”, bevestigt Kort. De TUC was voor beide een goede leerschool. “Vooral het schakelen tussen de verschillende niveaus was leerzaam. Het ene moment onderhandelden we met de bierbrouwer over prijzen, het volgende moment stonden we de terrassen van het Heuvelplein af te breken”, illustreert Kort. De Feijter leerde onderhandelen, managen en delegeren. “En ook dat je vol moet houden als je ergens in gelooft. Zoals toen die vergunning er maar niet kwam. Die eerste editie was organisatorisch eigenlijk te zwaar, fysiek brak ons dat op.” Kort: “We deden te veel zelf, zoals het vouwen van de cantusboekjes. Mijn bestuur, dat van de tweede TUC, heeft een professionaliseringsslag gemaakt. Door een nieuwe huisstijl te ontwerpen en meer vrijwilligers in te schakelen. En daarna zijn de besturen groter geworden. Voor mij was het organiseren van de TUC een van de hoogtepunten van mijn studententijd. Ik heb er zo’n kick van gekregen!”


UNTIL…WE MEET AGAIN ■

‘Die eerste editie was organisatorisch eigenlijk te zwaar, fysiek brak ons dat op.‘

‘Met mijn vriend Arjen, ook oud-bestuurslid van de TUC, ben ik de wereld over getrokken.’

→ IEDER JAAR NAAR DE CANTUS

Kort verliet Tilburg University in de zomer van 2012, na het behalen van de master Strategic Management. “Met mijn vriend Arjen, ook oud-bestuurslid van de TUC, ben ik een half jaar de wereld over getrokken. Daarna startte ik als trainee bij Rabobank. Sinds december werk ik als controller bij de bank in Goes. We wonen in ’s-Gravenpolder.” De Feijter studeerde in 2008 af in Environmental Law. “Daarna heb ik met

een Erasmusbeurs een jaar in Zweden gestudeerd. Door alle bestuursfuncties was het opdoen van buitenlandervaring er nog niet van gekomen.” Daarna kwam ook hij bij Rabobank terecht als trainee. “Ik ben nu bedrijvenadviseur en woon met mijn vriendin in Breda.” De alumni gaan trouw ieder jaar naar de cantus. Kort: “Het is voor ons een soort reünie.” De Feijter: “De stress en de blijdschap van de organisatie zijn zo herkenbaar!”

ALUMNI ZINGEN VOOR OUTREACHING

Mirjam Kort

Dit jaar krijgen dertig alumni de kans de TUC bij te wonen. Kaarten voor het VIP-podium worden aangeboden via de studentenverenigingen. Een groot deel van de opbrengst van deze kaarten komt ten goede aan het Outreaching Honors Program, waarin studenten worden opgeleid tot de leiders van de toekomst.

|1-2014 17


INTERNATIONAAL CHAPTER

WARM BAD VOOR BUITENLANDSE ALUMNI Als internationale student of alumnus kan het lastig zijn om je weg te vinden in de Nederlandse maatschappij. Een nieuw internationaal alumni chapter in Nederland moet daar vanaf dit najaar verandering in brengen. Alumna María Lucía Bermúdez: ‘We willen mensen helpen hun eigen weg te vinden.’ TEKST: JOOST PETERS

V

oor María Lucía Bermúdez was het wel even wennen toen ze in de winter van 2011 in Tilburg neerstreek vanuit de Colombiaanse miljoenenstad Bogota. Dit betekende een behoorlijke omschakeling, niet alleen vanwege het koude klimaat. “Uit eigen ervaring weet ik dat er als internationale student veel op je afkomt: je spreekt de taal niet, terwijl er wel veel geregeld moet worden.” Wie de studie vervolgens afrondt en besluit te blijven - wat steeds meer mensen doen - moet nóg een keer in het diepe springen. “Dan is het, mede vanwege de taalbarrière, lastig om snel een passende baan te vinden.”

Om internationale alumni te ondersteunen, is Tilburg University gestart met alumnichapters. Deze bieden een platform voor het uitbreiden van het netwerk van de alumni. Totnogtoe ging het om chapters in China, Colombia en Turkije. Nu komt er ook een chapter voor internationale alumni in Nederland. Bermúdez is betrokken bij het opzetten daarvan. → ONDERNEMER De voorbereidingen zijn in volle gang. In oktober gaat het chapter officieel van start, vertelt Bermúdez. “We willen internationale alumni een netwerk bieden dat hen uiteindelijk verder helpt hun

Meer weten over het internationale chapter in Nederland? Neem dan contact op met María Lucía Bermúdez via alumni@ tilburguniversity. edu.

10 landen die meeste alumni leveren België 171

Duitsland 320

Bulgarije 107

Rusland 62

Turkije 147

China 650

Griekenland 106

→ INTEGRATIE Het aantal internationale alumni groeit de laatste jaren sterk (zie kader). Steeds meer van hen besluiten na hun afstuderen in Nederland te blijven. Is Bermúdez niet bang dat een apart chapter voor internationale alumni de zo gewenste integratie in de weg staat? “Juist niet: het chapter staat nadrukkelijk open voor iedereen. Oók voor Nederlandse alumni die graag in aanraking komen met andere culturen. Bovendien is het juist de bedoeling dat mensen zo snel mogelijk hun eigen weg vinden. Daaraan levert het internationale alumni chapter graag een bijdrage.”

Aantal internationale alumni groeit snel Met steeds meer internationale studenten, groeit ook het aantal internationale alumni snel. Inmiddels kent Tilburg University 2.959 internationale alumni uit 109 verschillende landen. Het aantal Nederlandse alumni dat is gevestigd in het buitenland bedraagt – voor zover te achterhalen - 973.

Polen 95

Italië 59

doelen in Nederland te bereiken. Wat we concreet gaan doen? We willen alumni ondersteunen om ondernemer te worden of bij het vinden van een baan. Daarnaast is het uiteraard ook de bedoeling een sociaal netwerk op te bouwen in Tilburg en de rest van Nederland.” Zelf ging Bermúdez na haar afstuderen, in augustus 2012, succesvol aan de slag als zelfstandig marketingcommunicatieadviseur met haar eigen bedrijf Expresión Media. “Je kunt dus wel degelijk een toekomst opbouwen in een tot voor kort vreemd land.”

550 500 450 400 350 300 250 200

Indonesië 125

150 100 50

19

PEILDATUM 1 MAART 2014

18 1-2014 |

19

62 80 19 83 19 85 19 87 19 89 19 91 19 93 19 95 19 97 19 99 20 01 20 03 20 05 20 07 20 09 20 11 20 13

0

AANTAL INTERNATIONALE ALUMNI DAT AFSTUDEERT PER JAAR


FOTO: ERIK VAN DER BURGT

UNTIL ZO VADER, ZO DOCHTER ■

‘IK HEB HAAR GEWEZEN OP DE STATUS VAN DE UNIVERSITEIT’ Ad Janssens (55), director International Treasury bij Biomet in Dordrecht, studeerde vanaf 1978 in Tilburg. Hij deed eerst Econometrie en later Bedrijfseconomie. Zijn dochter Dionne (24) ging dertig jaar later in dezelfde stad Rechtsgeleerdheid studeren. Reden voor een duo-interview.

Dionne: “Zo zijn we onder meer in Maastricht en Nijmegen geweest, maar ook bij hogescholen in Den Bosch en Breda. De vergelijking viel duidelijk in het voordeel van Tilburg uit.” Dezelfde universiteit… schept dat een band? Dionne: “Niet per se. Het is leuk als hij herkenning vindt in mijn verhalen in die zin dat deze deels overeenkomen met vroeger. Andersom vind ik het natuurlijk leuk om te horen hoe het vroeger allemaal in zijn werk ging en welke dingen hetzelfde zijn gebleven of zijn veranderd.” Vond u het leuk toen uw dochter ook naar Tilburg University ging? Ad: “Natuurlijk.” Heeft u uw dochter overgehaald om ook in Tilburg te gaan studeren? Ad: “Ik heb Dionne dit nooit specifiek aangeraden. Deze keuze is namelijk persoonlijk en moet vooral goed voelen. Ik heb haar natuurlijk wel gewezen op de status van de universiteit.” Dionne: “Ik denk het niet. Zijn verhalen spelen indirect misschien een rol, maar studeren in Tilburg was mijn eigen keuze. De rechtenopleiding staat bekend als een van de beste in Nederland. En de campus voelde erg goed. Hier zag ik mijzelf wel rondlopen! Wat mij aanspreekt, is dat het meer een studentendorp is dan een studentenstad: je komt overal bekenden tegen.” Zijn jullie samen wezen kijken naar universiteiten? Ad: “Ja, niet alleen in Tilburg natuurlijk.”

Is er veel veranderd? Ad: “Toen ik hier begon, zag de campus er anders uit. Er zat een cafetaria op de eerste verdieping van de hoogbouw. Later werd gebouw H geopend, de mensa. Dat noemden we het Hongerige Hert. Ook de bieb is pas later gebouwd, in mijn tijd waren de boeken verspreid over verschillende kamers en gebouwen. Van computers was nog geen sprake.” Ziet u ook verschillen tussen studenten toen en nu? Ad: “Ik heb de indruk dat in mijn tijd de studenten meer gemotiveerd en maatschappelijk betrokken waren. De huidige jeugd heeft door strengere eisen van de overheid minder tijd voor nevenactiviteiten, naast studeren en feesten. Daarom heb ik er des te meer respect voor als studenten maatschappelijke betrokkenheid tonen naast hun studie. Zoals mijn dochter.” Dionne: “Dat heb ik van huis uit mee gekregen.” ■

Ad Janssens en dochter Dionne | 1-2014 19


20 1-2014 |


until interview alumnus ■

Alumnus Harrie schippers

‘De beste ideeën krijg je in de fabriek’ DAF is een begrip: de onbetwiste leider op de Nederlandse vrachtwagenmarkt en een belangrijke speler in Europa. De truckfabrikant slaat zijn vleugels ook mondiaal uit. In Brazilië wordt op dit moment een vrachtwagenfabriek opgestart. Alumnus Harrie Schippers (52) is vier jaar president van DAF. Hij kent het bedrijf op zijn duimpje, want nog tijdens zijn studie ging hij er aan de slag. Tekst: Willem van Leeuwen; Fotografie: Erik van der Burgt / Verbeeld

T

rots. Dat is het woord dat na een bezoek aan Harrie Schippers blijft hangen. Zowel in woord als gebaar. Een interview met de president van DAF in het hoofdgebouw op het uitgestrekte fabrieksterrein in Eindhoven begint met een beeldpresentatie. Daarin worden de successen van DAF uitgebreid onderstreept. Harrie Schippers neemt zijn bezoek ook graag even mee naar de eerste verdieping vanwaar je achter glas een indrukwekkend uitzicht hebt op een deel van de productielijn. Ook laat hij met trots zijn kantoor zien. Niet

vanwege de grootte, maar omdat hier zorgvuldig de sfeer is bewaard uit de tijd dat de oprichters Hub en Wim van Doorne hun bedrijf omhoog stuwden. Het imposante houten bureau van Schippers is het origineel van een van de Van Doorne’s; een tweede staat in het DAF-museum. Over zichzelf praten, vindt hij niet zo relevant. Het bedrijf presteert vooral goed dankzij de betrokkenheid van alle vijfduizend medewerkers. Geen persoonlijke ontboezemingen, geen borstklopperij. Vooruit, als hij dan iets ten gunste van zichzelf moet zeggen, dan is het

| 1-2014 21


‘Ik mag samenwerken met een groep mensen die niet houdt van sugar coating. We spelden elkaar geen verhaaltjes op de mouw.’

Harrie Schippers is geboren in Veldhoven en woont daar nog steeds. Hij is getrouwd en heeft drie kinderen.

CV harrie schippers 1986 Controller DAF Engine plant 1989 Manager Planning and Analyses DAF Operations 1991 Manager Management Accounting Marketing & Sales DAF 1994 Manager Business Economics department DAF Trucks NV 1999 Director Group Control DAF Trucks NV 2003 Director Finance DAF Trucks NV, member of the Board of Management 2010 President DAF Trucks NV

22 1-2014 |

dat hij graag mensen op posities neerzet die meer van de materie weten dan hij. →→Geen sugar coating Harrie Schippers werkt alweer 28 jaar voor DAF Trucks. Het is de eerste en enige werkgever van de alumnus van Tilburg University. “Tijdens mijn studie Bedrijfseconomie kwam ik in 1986 terecht op de motorenfabriek van DAF. Ik deed daar onderzoek voor mijn eindscriptie. Dat ging over de probleemstelling hoe je materiaaltekorten tijdens de productie het best kon voorkomen. Bij DAF was men tevreden over het resultaat, zodat ik een functie aangeboden kreeg als controller in de motorenfabriek. Drie jaar later kreeg ik een baan als planningsmanager aangeboden en zo is het steeds gegaan. Zodra ik dacht dat ik het werk wel in de vingers had, kwam er iets nieuws voorbij dat me interesseerde. Nieuwe verantwoordelijkheden, steeds iets grotere uitdagingen. Ik heb wat geluk gehad, denk ik achteraf. Motoren zijn toch de kerncompetentie van DAF. Als je daar de eerste drie jaar van carrière mag werken, dan heb je daar in het verdere verloop plezier van.” De carrière van Harry Schippers leidde in twintig jaar over verschillende schijven naar de top van het bedrijf. In 2003 werd hij financieel directeur: “Ik dacht destijds: nu heb ik de mooiste baan die er is bij DAF. Vier jaar geleden werd ik gevraagd om president te worden.” Hij lacht: “Achteraf kan ik zeggen dat er toch nog een mooiere job bestaat.” Over de cultuur bij DAF zegt hij: “Het is van oudsher een bedrijf waarin de mensen het liefst de mouwen opstropen. Er wordt hard gewerkt, niet gezeurd. Door iedereen. En we vertellen elkaar de waarheid. Ik mag samenwerken met een groep mensen die niet houdt van sugar coating. We spelden elkaar geen verhaaltjes op de mouw.” →→Meer vrouwen interesseren Hij is vaak in het bedrijf te vinden om te luisteren naar medewerkers: “Ik beschouw het als een voordeel dat ik na 28 jaar het bedrijf als mijn broekzak ken. Ik weet waar ik mijn oor te luisteren moet leggen. De beste ideeën krijg je niet achter je bureau, die krijg je in de fabriek, bij klanten en toeleveranciers.” De betrokkenheid van de medewerkers noemt hij groot: “We hebben hier in Eindhoven


until interview alumnus ■

‘Mijn vader zei: ‘Als jij op kamers gaat, dan komt er niets van studeren terecht.’ Ik weet niet of hij gelijk had, maar in ieder geval heb ik de studie vrij eenvoudig doorlopen.’

DAF

nu actief meer vrouwen te interesseren om voor ons te kiezen en vrouwen te laten doorgroeien naar het management. Het is goed om in de top meer vrouwen te hebben. Ze brengen andere ideeën en kijken soms met een andere invalshoek naar problemen.”

In 2013 gleden er maar liefst 52.500 DAF trucks van de transportband. Dat zijn er minder dan in het topjaar 2008, maar DAF heeft na 2009 de weg omhoog snel weer in weten te zetten. De modellen en onderdelen worden behalve in Eindhoven geproduceerd in Westerlo, België, in Leyland, het Verenigd Koninkrijk en in Ponta Grossa, Brazilië. DAF Trucks is onderdeel van Paccar, een Amerikaanse truckfabrikant die in 2013 een omzet behaalde van zeventien miljard dollar, met een nettowinst van 1,1 miljard dollar.

ruim vijfduizend medewerkers. In 2011, tijdens de laatste open dag voor familie en vrienden hadden we hier 35.000 bezoekers. Dat zegt toch iets. We willen niet alleen dat medewerkers hun handen gebruiken, maar ook hun hersens. Dat ze meedenken hoe het steeds iets beter kan. Neem de productieafdeling. Medewerkers discussiëren voortdurend met elkaar hoe een assemblagehandeling slimmer kan. Hoe de standard operating procedure moet worden ingericht. We krijgen voortdurend nieuwe ideeën aangereikt. Als je de inbreng van mensen waardeert, dan vergroot dat hun loyaliteit.” Jongens spelen met auto’s, meisjes met poppen. DAF is een bewijs van dat stereotype beeld; in het management en in de raad van bestuur zijn nagenoeg geen vrouwen te vinden. Schippers: “Dat is waar en ik vind dat jammer. We zijn een technisch bedrijf, dat is vermoedelijk de reden. We proberen

→→Samenwerken in de regio Van oudsher is DAF belangrijk voor de werkgelegenheid in de Brabantse regio en dat belang is alleen maar toegenomen, zegt Schippers: “Het gaat om vele duizenden mensen, medewerkers, maar ook toeleveranciers, schoonmaakbedrijven, catering. DAF heeft een ondersteunende rol gespeeld om te komen tot een doorlopende leerlijn, waarbij de studie ‘Autotechniek’ hier in Eindhoven op mbo-, hbo- en universitair niveau gevolgd kan worden. In Helmond zit Automotive NL waarvan we lid zijn. We doen onderzoeksprojecten met universiteiten in Duitsland, België en in Nederland. Als je bij de top wilt blijven horen, dan moet je voortdurend nieuwe inzichten ontwikkelen met gebruikmaking van de allerlaatste technologieën. Laten we niet vergeten: DAF is een technologiebedrijf.” Harrie Schippers is 52 en zit bij ‘zijn’ DAF aan de top. Verder doorgroeien binnen het bedrijf gaat niet. Hoe ziet zijn toekomst eruit? “Er is nog zo enorm veel te doen hier, dat ik daar niet over nadenk. We starten nu een fabriek op in Brazilië, er liggen nog geweldige mogelijkheden in Rusland, waar we hard groeien. En we kijken naar de rest van de wereld waar eveneens kansen liggen om ons arsenaal uit te breiden.” Een functie in Amerika bij het moederbedrijf Paccar wellicht? Hij lacht: “De tijd zal het leren.” ■

Schippers en de universiteit Van 1981 tot 1986 studeerde Harrie Schippers Bedrijfseconomie aan Tilburg University. Waarom Bedrijfseconomie? “Omdat het vak economie me op de middelbare school al interesseerde en omdat het me gemakkelijk afging.” Aan het studentenleven deed hij niet mee: “Ik vond dat eerlijk gezegd zonde van mijn tijd. Ik woonde nog thuis in Veldhoven.

Mijn vader zei: ‘Als jij op kamers gaat, dan komt er niets van studeren terecht.’ Ik weet niet of hij gelijk had, maar in ieder geval heb ik de studie vrij eenvoudig doorlopen. Alle tentamens in één keer gehaald. En daardoor had ik tijd over voor andere zaken, zoals volleybal.” Een docent die nog op zijn netvlies staat, is professor Ted Kumpe: “Hij doceerde

een nieuw vak: Technische bedrijfsorganisatie. Er waren toen nog hooguit 25 studenten die deze colleges volgden. Een paar jaar later waren het er honderden. Colleges op het grensgebied van bedrijfseconomie en bedrijfskunde, zoals Japanese manufacturing techniques. Het was ook het vak waarop ik afstudeerde bij DAF.”

| 1-2014 23


WETENSCHAPWERKT

Begrijpen hoe de maatschappij in elkaar steekt, is mooi. Nog mooier is het om met de theorie aan de slag te gaan in de praktijk. Drie inspirerende voorbeelden van Tilburgse wetenschap in uitvoering.

FOTO: JOOST VAN DEN BROEK / HH

TEKST: JEROEN KETELAARS

Meer BeGrip Voor deMente patiËnt KWeKen

G

eheugenverlies, verwarring, gedragsveranderingen: dementiepatiënten kampen ermee, dat is bekend. Maar hoe voelt het nu precies om steeds meer de grip op het leven te verliezen? Of hoe is het om in een toestand van continue geestelijke aftakeling te verkeren? De Tilburgse (van oorsprong Ierse) onderzoekster Ruth Mark is betrokken bij Into D’mentia. Dit project tracht via simulatie inzicht te geven in de tumultueuze gedachtewereld van iemand

die aan de ziekte lijdt. Het richt zich onder meer op mantelzorgers. “Door hen in een cabine opdrachten te laten uitvoeren, ervaren zij hoe het is om in een staat van verwarring te moeten leven”, vertelt Mark. “Een stem vertelt de deelnemers wat ze moeten doen, maar vervolgens wordt niet duidelijk waar ze iets kunnen vinden of wat er van hen verwacht wordt.” De simulatie vergroot de empathie van de mantelzorger, vertelt Mark. “Het is heel belangrijk dat hij of

zij begrijpt wat bijvoorbeeld hun partner doormaakt.” Het project werkt ook andersom: er is óók aandacht voor de mantelzorgers zelf. Zo is er een bijeenkomst enige tijd nadat ze aan de simulatie hebben deelgenomen. Tijdens die sessie worden de ervaringen van de mantelzorgers besproken. Ook krijgen ze handvatten aangereikt voor het omgaan met problemen die zich kunnen voordoen. “Mantelzorgers hebben vaak het gevoel dat ze er alleen voor staan, dat niemand voor hen zorgt omdat zij niet de patiënt zijn. Daardoor kunnen ze bijvoorbeeld depressiviteit ontwikkelen. Ik wil de kwaliteit van leven voor de patiënt én de zorgverlener verbeteren.” Into D’mentia ging een paar jaar geleden van start en de effectiviteit ervan moet nog gemeten worden. Het kan een belangrijke maatschappelijke bijdrage leveren, verwacht Mark. “Meer begrip kan de relatie tussen mantelzorger en dementerende verbeteren. Bovendien zullen ze minder vaak een beroep doen op de gezondheidszorg en kan de patiënt wellicht langer thuis blijven wonen.”

Van indiËrs enerGie-onderneMers MaKen

H

armen van Heist was amper drie maanden afgestudeerd toen de oud-student Organisatiewetenschappen al een eigen bedrijf begon. Samen met twee compagnons richtte hij Rural Spark op, een ‘social enterprise’, die in India aan lokale afnemers materiaal levert waarmee zij zelf energie kunnen opwekken. Zo ontvangen de klanten een ‘router’. Op dit kastje kan een energiebron, zoals een zonnepaneel, aangesloten worden. De daarmee opgewekte energie kunnen de klanten van Rural Spark weer doorverkopen aan bijvoorbeeld dorpsgenoten. “Zo worden zij kleine

2 1-2014 |


until wetenschap ■

Met social media hulptroepen helpen “De aardbeving in 2010 in Haïti was echt een keerpunt. Toen werden in Port-au-Prince bijvoorbeeld hele straten weggevaagd en kon niet meer worden achterhaald waar een ziekenhuis, een winkel of een school gestaan had. Door middel van een digitale plattegrond kon iedereen die daar gegevens over had, meehelpen de kaart weer opnieuw in te vullen. Vanuit de hele wereld kwamen via social media reacties binnen. Die konden hulpverleners dan weer gebruiken.”

Essentjes”, lacht de 29-jarige alumnus. Tijdens zijn studie leerde Van Heist over verdienmodellen, bedrijfsstrategieën, ondernemerschap en creativiteit in een zakelijke omgeving. Met Rural Spark past hij zijn kennis in de praktijk toe. Dat geldt in het bijzonder voor zijn afstudeerproject. Daarvoor onderzocht hij wat voor kansen landen als India bedrijven te bieden hebben. Met die wetenschap ging hij zelf in de Zuid-Aziatische republiek aan de slag. “Ook heb ik een tijdje meegelopen op het ministerie van Buitenlandse Zaken. Daar leerde ik dat je in een bedrijf niet om de cultuur van een land heen kunt. Dat je bijvoor-

Voortbouwend hierop leidde Van de Walle december vorig jaar een internationaal team dat een onderzoeksproject deed in de door een ramp getroffen Filipijnen. Daar bestudeerde hij het gebruik van social media bij de werkzaamheden van de hulpverleners na de doortocht van tyfoon Haiyan. “De bevindingen moeten internationale en nationale instanties ondersteunen bij de coördinatie van de hulpverlening bij toekomstige rampen over de hele wereld.”

Foto: Arie Kievit / hh

I

n 2001, tijdens ‘9/11’, bevond universitair hoofddocent aan de Tilburgse economische faculteit Bartel van de Walle zich in het door terroristen aangevallen Verenigde Staten. Zodoende maakte de onderzoeker van dichtbij mee hoe de verschillende hulpdiensten in die chaotische periode aan het werk gingen. Dat er aan de samenwerking het nodige verbeterd kon worden, was hem wel duidelijk. Hoe kwam het dat de informatie-uitwisseling tussen bijvoorbeeld politie en brandweer zo stroef verliep? Van de Walle is geboeid door dit soort vragen, hij bestudeert hoe hulpverleners reageren op rampen en crises. En hoe ze de onderlinge communicatie kunnen verbeteren. “Tijdens een ramp of crisis komt er ineens ontzettend veel op mensen af. Ze weten vaak niet precies wat er aan de hand is. Informatie is moeilijk te krijgen en te verspreiden, terwijl het dan juist zo belangrijk is. Er staan immers mensenlevens op het spel. Acties van hulpverleners moeten duidelijk op elkaar afgestemd worden. En ze moeten afspraken maken over het delen van relevante gegevens”, licht Van de Walle toe. De rol van ICT en social media wordt daarbij steeds belangrijker.

beeld leden van bepaalde bevolkingsgroepen niet altijd in één ruimte hetzelfde werk kunt laten doen, omdat zij verschillende achtergronden hebben”, aldus Van Heist. “Maar ook hoe belangrijk het is om een lokale partner te hebben. Dat merk ik nu ook met Rural Spark. We hebben in India een organisatie in de arm genomen die voor ons de acquisitie doet. Zij kennen de inwoners van de dorpen en kunnen achterhalen wie de ondernemende types zijn. Als wij zelf de dorpen in zouden trekken, zouden de bewoners óns interessanter vinden dan ons product.”

| 1-2014 25


26 1-2014 |


until interview ■

Fondsenwerving

Samen bouwen aan alma mater Nu de overheid zich gedeeltelijk terugtrekt, moeten universiteiten op zoek naar aanvullende geldstromen. Particuliere donaties van alumni zijn een groeiende bron van inkomsten. Tilburg University heeft er sinds een paar jaar een speciaal team op zitten. Dus misschien wil fondsenwerver Nicole Fouchier binnenkort eens met je lunchen… Tekst: Rutger Vahl

E

en tijdje geleden zat Nicole Fouchier aan tafel bij Nancy McKinstry, de topvrouw van uitgeversconcern Wolters Kluwer en voormalig toezichthouder bij TiasNimbas. Er was veel te bespreken, maar Fouchier brandde eigenlijk maar één vraag op de lippen. Ze had gelezen dat McKinstry een flinke donatie had gedaan aan de University of Rhode Island waar ze ooit studeerde. Opmerkelijk, vond Fouchier. Er zijn zoveel doelen om aan te geven. Waarom had de zakenvrouw uitgerekend aan haar alma mater gedoneerd? Het antwoord was even ontwapenend als leerzaam. “Because they asked me”, zei McKinstry zonder blikken of blozen. Logisch toch? Het is les 1 in fondsenwerving: als je wilt dat iemand geeft, moet je het gewoon vragen. Het klinkt zo

simpel, maar doe het maar eens. Lang niet iedereen durft en kan het. En daarbij komt dat aan het stellen van DE VRAAG heel veel werk vooraf gaat. Fondsenwerving is een vak. Dat is trouwens les 2. →→ Laatbloeier Succesvolle captains of industry of ondernemers die gul in de beurs tasten om hun oude universiteit te steunen. In de Verenigde Staten en Engeland is het de gewoonste zaak van de wereld. In Nederland niet, maar we bewegen wel meer naar de Angelsaksische situatie toe. De overheid geeft minder geld en universiteiten moeten op zoek naar andere geldstromen. Donaties van alumni worden daarmee belangrijker. Tilburg University, een van de jongste universiteiten van het land, is ook een nieuwkomer als het gaat

om fondsenwerving. Sinds 2009 bestaat de afdeling Development & Alumni Relations, waarvan Nicole Fouchier directeur is. In de jaren 2009-2013 is drie miljoen euro aan donaties binnengekomen, wat een prestatie mag worden genoemd. Het toont aan dat oud-studenten de noodzaak van een financiële ondersteuning best inzien. Maar dat gaat absoluut niet vanzelf. Nederland kent geen cultuur van doneren aan je alma mater. Fouchier: “Als je in Nederland een alumnus om een gift voor zijn oude universiteit vraagt, dan is het antwoord al snel: ‘Waarom? Daar betaal ik toch belasting voor?’” →→ Basics Fouchiers afdeling begon in een vrijwel kale kamer die toevallig leegstond. Inmiddels telt de afdeling zeven vaste (parttime) medewerkers die bijna allen een training hebben gevolgd aan het CASE Spring Institute, hét internationale opleidingsinstituut voor academische fondsenwervers. “Iedereen krijgt een mentor”, vertelt Fouchier. “Mijn mentor is Fritz Schroeder, topfondsenwerver bij de fameuze Amerikaanse Johns Hopkins University. Hij stuurt een team van 500 mensen aan, dat in een 7 jaar durende campagne zo’n 4,5 miljard dollar binnenhaalt. Maar weet je wat het leuke is? De basics van fondsenwerving zijn hetzelfde, of je nou een paar ton of 4,5 miljard ophaalt.” Eén van die basics is dat alumni liever doneren aan een specifiek programma dan aan de universiteit in het algemeen. Ook in Tilburg. Een mooi voorbeeld is het Outreaching Honors Program. Dat is bedoeld voor de vijftig meest getalenteerde Tilburgse studenten. Ze krijgen les van topdocenten en lopen stage bij een onderneming. De overheid stopte eind 2013 met haar subsidie. Fouchier: “Toen zijn we leden van de Vrienden van Cobbenhagen, onze zeer betrokken alumnivereniging, gaan vragen

| 1-2014 27


om een financiële bijdrage. Wat hen vooral aansprak, zo merkten we, was het idee dat ze met hun gift steun gaven aan het opleiden van de ondernemers en topbestuurders van morgen. In drie maanden tijd hebben we 250.000 euro opgehaald, mede dankzij de inzet van Vriendenvoorzitter Oswald Coene. Een onwaarschijnlijk hoog bedrag voor Nederlandse begrippen. Dat maakt me trots.” → vele KleintJeS maKen , ton Development & Alumni Relations richt zich onder meer op fi lantropische donaties. De hoogste particuliere gift tot nu toe was 160.000 euro. Fouchier kan alleen kwijt dat de gulle gever een zeer vermogende fi lantroop is die vanuit een persoonlijke levensovertuiging veel affiniteit heeft met goed onderzoek. Onlangs is ook een donatie ontvangen van een paar ton van een fonds dat eveneens anoniem wenst te blijven. Dit bedrag maakt het mogelijk een nieuw hypermodern augmented reality lab op onze campus te realiseren. Dit project is uniek in Europa en biedt mogelijkheden voor colleges en onderzoek in virtueel gesimuleerde omgevingen. Het stelt studenten in staat college te krijgen in een rechtszaal, directievergaderzaal, ziekenhuis en elke andere gesimuleerde omgeving. Dankzij de actieve bemiddeling van een alumnus is dit totstandgekomen. Belcampagnes gericht op voormalige rechten- en economiestudenten leveren meer ‘modale’ giften op. Toch is in de eerste drie maanden van 2014 via de telefoon al 150.000 euro opgehaald. “Bovendien bouwen we zo een band op met alumni”, voegt Fouchier toe. “We willen graag weten hoe ze hun tijd aan de universiteit hebben ervaren en waar ze terecht zijn gekomen. Trotse en betrokken alumni zijn de beste ambassadeurs van de universiteit. Natuurlijk hopen we ook dat sommigen van hen in de toekomst grotere giften willen geven.” Een ander speerpunt vormen bedrijven. Elke Tilburgse alum2 1-2014 |

‘trotse en betrokken alumni zijn de beste ambassadeurs van de universiteit. natuurlijk hopen we ook dat sommigen van hen in de toekomst grotere giften willen geven.’ nus die bij een onderneming een topfunctie bekleedt, staat bij de fondsenwervers op het netvlies. Maar simpel om een substantiële donatie vragen voor onderzoek, zoals bij individuele alumni, is lastig vanwege governance-regels. Fondsenwerving bij bedrijven heeft meestal de vorm van een langere, meerjarige samenwerkingsperiode. Een voorbeeld illustreert hoe het werkt. De Tilburgse alumnus Ralph Hamers volgde Jan Hommen op als CEO van ING. Fouchier vroeg Hommen, eveneens alumnus, om een introductie bij zijn opvolger. “In het gesprek vertelde Hamers dat ‘big data’ de grootste strategische uitdaging van ING is. Op Tilburg University werken top-dataspecialisten. We onderzoeken nu of we kunnen samenwerken op het gebied van predictive analytics en big data.” → goed HuweliJK Net als in Angelsaksische landen spelen ook in Tilburg prominen-

ten een grote rol in de fondsenwerving. Development & Alumni Relations doet het voorbereidende werk, legt contacten en initieert ontmoetingen. “Maar het College van Bestuur vervult de belangrijkste rol”, zegt Fouchier. “Zij zijn het gezicht van de universiteit.” Belangrijk in de afgelopen drie jaar was ook de Campaign Board waarin ‘Tilburgse’ toppers uit het zakenleven zaten. Zij spraken hun netwerk aan. Een uiterst succesvolle fondsenwerver bleek Theo de Raad, oud-topman van Ahold. “Hij is gepassioneerd en zeer betrokken, en bereid er veel tijd in te steken”, licht Fouchier toe. “Hoe meer tijd, hoe meer opbrengsten, luidt een gouden wet in fondsenwerversland.” En die tijd gaat niet alleen zitten in de voorbereiding, maar zeker ook in het natraject: het onderhouden van een warm contact na de gift. Fouchier: “Het is als in een huwelijk: als je niet met elkaar blijft praten, gaat zelfs de beste relatie kapot.” ■

alumni die geïnteresseerd zijn in samenwerking met de universiteit, kunnen contact opnemen met: nicole Fouchier llm director development & alumni relations e-mail: n.fouchier@tilburguniversity.edu telefoon: 013 466 3727


UNTIL GOEDE RAAD ■

STUDENT KRIJGT ADVIES VAN ALUMNUS

‘DOE VEEL DINGEN, DAN ONTMOET JE VANZELF INTERESSANTE FIGUREN’ Wat gebeurt er als je een student die burgemeester wil worden, matcht met een alumnus die dit al is? Until stuurde Bram van de Sanden (23), student Human Resource Studies en deelnemer aan het Outreaching Honors Program, af op Jan Boelhouwer (64), burgervader van Gilze en Rijen. De student liep een dagje mee en doet verslag in woord en beeld.

“L

ekker relaxed baantje, dacht ik toen ik hoorde dat ik om tien uur op het gemeentehuis werd verwacht. Die wat late starttijd had te maken met een privéafspraak van burgemeester Boelhouwer, die ik Jan mocht noemen. Normaal gesproken maakt hij lange dagen die eerder beginnen. De dag begon met een vergadering over veiligheid, waarvan de inhoud vertrouwelijk moet blijven. Logisch vanwege de gevoelige kwesties die de revue passeerden. Mooi om te merken was hoe Google Street View een beeld gaf van de besproken locaties. Een goed teken vond ik dat een vergaderaar vertrok, zodra haar punt was besproken. Tijd is immers schaars. De klok in de vergaderzaal tikte hard en onverbiddelijk door. De volgende afspraak was een kort gesprek over koninklijke onderscheidingen. Moeten we een oudere ontvangster van een lintje wel onder valse voorwendselen naar een bepaalde plaats lokken? Of gaat ze dan van haar stokje?

→ BURGERVADER

Tussen de bedrijven door nam Jan de tijd om over zijn invulling van zijn functie te spreken. Duidelijk werd dat zijn werk twee kanten heeft. De ene is een serieuze en strenge, als bewaker van openbare orde en veiligheid (burgemeester en Rijksheer). De andere kant is persoonlijker en interactiever van aard. De rol van ‘burgervader’ past Jan goed. Hij schrijft toespraken vaak zelf. Ook reageert hij op soms heftige brieven van burgers. Dan gaat hij even langs of pleegt een telefoontje. In het leven van een burgemeester draait het om communiceren. Dit bleek

ook tijdens de vergadering over dit onderwerp. Hierin bereidde Jan allerlei events voor, zoals de Luchtmachtdagen, Koningsdag en de Dodenherdenking. Vragen kwamen voorbij als: hoe laat begint het, waar zit het publiek en wat voor muziek wordt er gedraaid? Middenin de vergadering belde Jan nog met een man over diens bedenkingen over de dodenherdenking. Ook tijdens het lunchen ging het communiceren door. In de gemeentekantine, die wordt gerund door mensen met een beperking, vroeg Jan nog een broodje. Het antwoord: ‘Tuurlijk mag dat, burgemeester. Maar wel eerst betalen, hè!’ Na de lunch fleurde de vrouw van Jan zijn kantoor op met bloemen, een wekelijks ritueel. → INTERESSANTE FIGUREN

Je moet als burgemeester bijzonder van overleg houden, lange dagen maken en breed onderlegd zijn, dacht ik toen ik ‘s middags weer naar huis reed. Dat verbaasde mij overigens niet. Wat mij wel verraste, was de gemoedelijke sfeer in het gemeentehuis in Gilze en Rijen. De omgang is minder formeel dan in de gemeente Dordrecht waar ik ook ben geweest. Jan is een bijzonder betrokken en toegankelijke man. Ik kreeg aardige vaderlijke en politieke adviezen, zoals: leer van tegenslagen en switch nooit van politieke partij. Verder raadde hij mij aan om te netwerken. ‘Je hoeft daarvoor niet te strooien met visitekaartjes of recepties af te lopen’, zo leerde ik van hem. ‘Als je voldoende dingen doet die je leuk vindt, komen vanzelf interessante figuren voorbij.’ Zoals Jan.” ■

|1-2014 29


FOTO: RENÉ DE WIT

‘FACULTY CLUB, EXCLUSIEVE LOCATIE VOOR ALUMNI’

M

et zijn ligging aan de rand van het Warandebos en de bijzondere architectuur, is de Faculty Club een exclusieve locatie. Dat vinden overigens niet alleen de uitbaters. Zo won het gebouw een Red Dot Design Award 2012 in de categorie architecture and urban design. En werd het door het automerk Toyota aantrekkelijk genoeg gevonden als locatie voor een fotoshoot voor reclamedoeleinden.

Het gebouw bestaat uit een lounge, een restaurant en vergaderruimtes. Deze zijn exclusief bedoeld voor medewerkers van de universiteit en TiasNimbas. Daarnaast zijn alumni van harte welkom om er op werkdagen te lunchen of te dineren. Een alumnus die hier ervaring mee heeft, is Clemens de Bont. Hij is advocaat bij De Voort Advocaten | Mediators in Tilburg. De Bont at er met een groep van der-

tig leden van PastKoBra, voormalige leden van de stichting Kunst & Onderneming Brabant (KoBra). De Bont: “Het is een heerlijke locatie, niet alleen qua ambiance maar ook qua eten. Goed bereikbaar en gezellig, bovendien. Ik raad het andere alumni dan ook van harte aan.”

Meer weten over de vergaderfaciliteiten of een tafel reserveren? Kijk dan op www.tiu.nu/facultyclub.

ACTIVITEITEN WETENSCHAPSKNOOPPUNT BRABANT Het Wetenschapsknooppunt Brabant biedt kinderen en jongeren de kans te ontdekken, onderzoeken en ontwerpen. Het laat hen in aanraking komen met wetenschap in de breedste zin van het woord. Na de zomervakantie staat de agenda weer vol met colleges van de Kinderuniversiteit en diverse edities van het Junior Science Café. Kun je niet wachten tot na de vakantie? Kijk dan eens op: www.kinderkennisbank.nl. Hier kunnen kinderen kennismaken met wetenschappelijke onderwerpen. Op deze site vind je ook de data van de Kinderuniversiteit en het Junior Science Café.

30 1-2014 |


UNTIL ALUMNI | AGENDA ■

SUMMER ACADEMY TIAS Deze zomer vindt wederom de Tilburg University Summer School plaats. Speciaal voor alumni biedt TIAS - zoals TiasNimbas business school sinds kort (weer) heet - een tweedaagse cursus Effective Leaderschip Essentials aan. Op 25 en 26 augustus gaan professor Erik van de Loo en Menno Maas in op de meest actuele ontwikkelingen op het gebied van leiderschap. Door deel te nemen aan dit programma, verstevig je jouw leiderschapscapaciteiten en heb je een uitstekende mogelijkheid te

Erik van de Loo

netwerken. Alumni betalen een speciaal tarief van € 975,- (inclusief catering). Neem je een collega mee, dan krijgen jullie beide 10 procent korting.

Meer informatie en aanmelden via: tiu.nu/leadershipessentials. Uiteraard kunnen alumni ook deelnemen aan andere cursussen van de Summer School. Kijk op: tilburguniversity.edu/summerschool voor welke cursussen je je nog kunt aanmelden.

NIEUWS UIT DE VERENIGINGEN

EEN SELECTIE UIT DE ACTIVITEITEN VAN DE ALUMNIVERENIGINGEN EN ALUMNIRELATIES/UNIVERSITEIT. KIJK VOOR MEER INFORMATIE OP: TILBURGUNIVERSITY.EDU/NL/ALUMNI OF DE WEBSITES VAN DE VERENIGINGEN.

TLS

TLS ALUMNI-EVENT 26 juni De Tilburg Law School, JUVAT en NOSO komen naar je toe! Veelal worden evenementen voor alumni georganiseerd in Tilburg. Echter, dit keer vindt ons evenement plaats in Den Haag. Op donderdagmiddag 26 juni spreken Richard van Zwol en Eleni Kosta over data, veiligheidsdiensten en meer. Dit gebeurt bij het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties. Meer informatie: www.tilburguniversity.edu/nl/alumni/ alumni-event-den-haag

FINANCIALS

VIP LECTURE September 19 Every year in September Alumni Association Financials organizes a VIP Lecture. During this evening, a prominent speaker will elaborate on interesting subjects in the fields of accounting or finance. In previous editions, Jan Hommen (former CEO ING), Arnold Heertje (Dutch economist),

Maarten van Rossum (Dutch historian specialized in the United States of America) and Dirk Scheringa (founder DSB Bank) were present as prominent speakers. This year the VIP Lecture will take place on September 19. For more information look at: asset-accountingfinance.nl/ About/alumni.

VERENIGING VAN TILBURGSE ECONOMISTEN (VVTE)

Development & Innovation at Imperial College London) en Jose Ignacio Galindo (CEO Alset).

FINALS Saturday April 12 the Asian Cooking workshop took place at Kookmeesters in Utrecht. The group was split up in two. Both teams cooked ‘Asian Bites’, resulting in some sensational tasting dishes!

NOSO

De VvTE heeft in februari een bezoek gebracht aan La Trappe Trappist Bierbrouwerij de Koningshoeven. Directeur Thijs Thijssen hield een lezing. Onder het genot van een biertje werd ons verteld over de tradities, de economische aspecten en de marktbenadering van de brouwerij.

Op vrijdagavond 23 mei vond er een rondetafelbijeenkomst plaats met Wim van de Donk en hoogleraar arbeidsrecht Ton Wilthagen. Zij spraken over de economische ontwikkeling van Brabant. Benieuwd naar onze activiteiten? Kijk op: www.nosotilburg.nl

Op 7 april vond het jaarlijkse Asset-VvTE Congres plaats: een inspirerende dag met als thema Dream Discover Innovate. Sprekers waren onder andere Jan-Peter Balkenende, Sören Hansen (CEO Inter Ikea), David Gann (Vice-President

EKSBIT 7 juni Op zaterdag 7 juni organiseerde EKSBIT in samenwerking met studievereniging Asset | SBIT een alumni-activiteit in hartje Utrecht. Meer informatie over de

activiteiten van EKSBIT is te vinden in de EKSBIT Linkedingroep.

FEST The Alumni Day was very successful and we are already looking forward to our next alumni event, but first we have to recover from the great lustrum week, which many alumni attended! Also watch our new website: asset-economics.nl

TABOR Dank voor de vele reacties op de survey die wij een tijd geleden hebben uitgezet onder onze leden. Het geeft ons een goed beeld van de behoeftes en thema’s die leven onder alumni (B)OW. Benieuwd naar de resultaten? Kijk op: tabortilburg.wordpress.com In het najaar organiseren we een volgend inhoudelijk evenement samen met het departement Organisatiewetenschappen. Binnenkort ontvang je per email een uitnodiging.

| 1-2014 31


‘DE ENE WIJK(AGENT) IS DE ANDERE NIET’ “In multiculturele wijken hebben agenten andere competenties nodig dan in wijken met minder verschillen. Als je door de woestijn rijdt, kies je ook een ander type auto dan wanneer je over asfalt rijdt. Het zou mooi zijn als de politie hier meer rekening mee hield. Uit mijn onderzoek blijkt dat een one size fits allagent, die altijd en overal goed handelt, niet bestaat. Of de politie effectief optreedt, hangt af van kennis, competenties, ervaring en weerbaarheid. Belangrijk, bijvoorbeeld, is kennis van de directe omgeving. Terwijl ze ergens werken, leren agenten meer over specifieke situaties en burgers. Deze kennis gaat verder dan de knowhow die ze opdoen door de routine van de opleiding en de werkerva-

ring. Door informatie over hun directe omgeving te verzamelen en te delen, kunnen ze effectief optreden. Deze kennis, gecombineerd met opmerkzaamheid, stelt ze in staat om hun handelen aan te passen aan de situatie. In armere wijken met een grote etnische diversiteit speelt dit nog sterker. Sociale situaties kunnen daar knap ingewikkeld zijn. Kennis over hoe het precies zit, komt dan van pas. Wie te veel vanuit een standaardrepertoire moet handelen, schiet op den duur tekort. Zeker als de druk toeneemt, zoals in dit type wijken snel kan gebeuren. Agenten maken soms inschattingsfouten door bijvoorbeeld gevoelens van onveiligheid. Ze oordelen te snel en bevooroordeeld. Ik raad aan om niet alleen vaker onderscheid te

maken per wijk maar ook te investeren in weerbaarheid van agenten. Dat kan ze helpen om beter met de hoge druk in multiculturele wijken om te gaan. We moeten hierover kennis delen en oog hebben voor agenten die herhaaldelijk negatieve ervaringen hebben. Maar het beste is natuurlijk vooraf investeren in weerbaarheid. Binnen de Nationale Politie is een trainingsprogramma Mentale kracht gestart. Dat is een goede ontwikkeling.” Artie Ramsodit (38) schreef in februari het proefschrift ‘Situationeel handelen in de politiefrontlinie.’ Voor haar onderzoek draaide ze politiediensten mee in demografisch verschillend samengestelde wijken.

FOTO: BART VAN HATTEM

UNDERSTANDING SOCIETY

Until Januari 2014  

Alumnimagazine Until Januari 2014, Tilburg University

Read more
Read more
Similar to
Popular now
Just for you