Page 1

Samenstelling en redactie: C.A. Abrahamse R.F.M. van Midde Ondersteunen bij persoonlijke verzorging Dit boek Ondersteunen bij persoonlijke verzorging maakt deel uit van Traject Helpende Z&W, een serie leermiddelen speciaal ontwikkeld voor de MBO-opleiding Helpende Zorg & Welzijn. Deze serie is gebaseerd op de kerntaken, werkprocessen

Behalve dit boek Ondersteunen bij persoonlijke verzorging bestaat de serie verder uit de boeken Hulp bij huishouden en wonen en Beroepsmatig ondersteunen en begeleiden. Met deze drie boeken beschikt de deelnemer over alle theoretische naslagmaterialen, opdrachten en vaardigheidstrainingen die nodig zijn om de aan de eisen van het kwalificatiedossier te voldoen. De leerstof is in alle boeken ondergebracht in thema’s. De thema’s bevatten logisch gegroepeerde theorieartikelen. Waar dat inhoudelijk aan de orde is worden in de thema’s ook alle vaardigheidsprotocollen geboden die onontbeerlijk zijn voor de professionele Helpende Z&W. Om de vragen en opdrachten uit te werken en het trainen van de vaardigheids-

Ondersteunen bij persoonlijke verzorging

en competenties van het Kwalificatiedossier Helpende Zorg en Welzijn.

protocollen te laten observeren en beoordelen kan de deelnemer kiezen uit twee mogelijkheden voor verwerking: via een apart verwerkingsboek of via de online verwerkingsmodule op de website van de serie Traject Helpende Z&W. Meer en verdiepende informatie over de serie Traject Helpende Z&W is onder meer te vinden op de website www.trajecthelpende.nl.

niveau

www.trajecthelpende.nl

niveau

2

OS_Ondersteunen bij persoonlijke verzorging.indd 1

Ondersteunen bij persoonlijke verzorging

2

19-04-12 11:56


Traject Helpende Zorg & Welzijn

Ondersteunen bij persoonlijke verzorging C.A. Abrahamse

Eerste druk

13192_Boek_Ondersteunen bij persoonlijke verzorging.indb 3

19-04-12 12:15


Colofon Auteur

C.A. Abrahamse

Redactie

ThiemeMeulenhoff ontwikkelt leermiddelen voor Primair Onderwijs, Algemeen Voortgezet Onderwijs, Beroepsonderwijs en Volwasseneneducatie en Hoger Beroepsonderwijs.

C.A. Abrahamse R.F.M. van Midde

Meer informatie over ThiemeMeulenhoff en een overzicht van onze

Taalkundige redactie

(088) 800 20 16.

leermiddelen: www.thiememeulenhoff.nl of via onze klantenservice

Buro Kroon, Almere

Omslagontwerp

Imago Mediabuilders, Amersfoort

Vormgeving

Imago Mediabuilders, Amersfoort

Fotografie

ISBN 9789006925517 Eerste druk, eerste oplage, 2012 © ThiemeMeulenhoff, Amersfoort, 2012. Alle rechten voorbehouden. Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd, opgeslagen in een geautomatiseerd gegevensbestand,

Karin Ligthart MiradorMedia, Koen Bakx, Anke Gielen, Maria van der Heyden Remko Scheepens Fotografie iStockphoto.com/Baloncici iStockphoto.com/courtyardpix

of openbaar gemaakt, in enige vorm of op enige wijze, hetzij elektro-

Illustraties

Stbl., dient men de daarvoor wettelijk verschuldigde vergoedingen te

Cabwork DDCom Ad Gruter Floris Oudshoorn

nisch, mechanisch, door fotokopieën, opnamen, of enig andere manier, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de uitgever. Voor zover het maken van kopieën uit deze uitgave is toegestaan op grond van artikel 16 Auteurswet jo het Besluit van 23 augustus 1985, voldoen aan Stichting Publicatie- en Reproductierechten Organisatie (PRO), Postbus 3060, 2130 KB Hoofddorp (www.cedar.nl/pro). Voor het overnemen van gedeelte(n) uit deze uitgave in bloemlezingen, readers en andere compilatiewerken (artikel 16 Auteurswet 1912) dient men zich tot de uitgever te wenden. Voor meer informatie over het gebruik van muziek, film en het maken van kopieën in het onderwijs zie www.auteursrechtenonderwijs.nl. De uitgever heeft ernaar gestreefd de auteursrechten te regelen volgens de wettelijke bepalingen. Degenen die desondanks menen zekere rechten te kunnen doen gelden, kunnen zich alsnog tot de uitgever wenden.

FSC LOGO

13192_Boek_Ondersteunen bij persoonlijke verzorging.indb 5

19-04-12 12:15


Ten geleide De afgelopen jaren zijn de beroepsopleidingen voor

Ieder boek behandelt grofweg de theorie en vaar-

past aan de ontwikkelingen in de beroepspraktijk.

heid. Een certificeerbare eenheid is een onderdeel

de gezondheidszorg en de welzijnssector aangeDe veranderde eisen zijn uitgewerkt in een beroepsgerichte kwalificatiestructuur.

De serie Traject Helpende Zorg & Welzijn is geba-

seerd op het kwalificatiedossier Helpende Zorg &

Welzijn. Dit dossier bevat onder andere de eisen die gesteld worden aan een gediplomeerde op niveau

2. Deze eisen zijn uitgewerkt in kerntaken en werk-

processen. Voor docenten hebben we op de website

digheden die behoren bij een certificeerbare een-

uit het kwalificatiedossier met arbeidsmarktrelevantie. Het kwalificatiedossier Helpende Zorg &

Welzijn kent drie van deze certificeerbare eenheden:

ƒƒ Hulp bij persoonlijke verzorging/ADL.

ƒƒ Hulp bij huishouden, wonen en recreëren. ƒƒ Hulp bij (sociale) activiteiten.

www.trajecthelpende.nl in een Excel-bestand pre-

Voor deze drie eenheden mag een ROC een certifi-

en waar u de betreffende vakkennis en vaardighe-

eenheid heeft behaald, kan met dit certificaat aan

cies aangegeven hoe deze eisen worden afgedekt den kunt terugvinden in deze serie.

caat afgeven. Een student die een certificeerbare de slag.

De serie

De thema’s

delen die u flexibel kunt inzetten in uw eigen

Ieder thema start met een inleiding waarin de be-

Traject Helpende Zorg & Welzijn biedt de leermidcurriculum en onderwijssysteem. Met de serie willen we de theorie en de vaardigheden leveren die noodzakelijk zijn om aan de kwalificatie-eisen te

voldoen en om de opleiding Helpende Zorg & Welzijn (niveau 2) goed af te sluiten.

De belangrijkste uitgangspunten daarbij zijn: ƒƒ inhoudelijke kwaliteit leveren;

ƒƒ de beroepspraktijk centraal stellen;

ƒƒ de student (ook de volwassen student) aanspreken;

ƒƒ de doorgaande leerlijn bewaken.

De boeken

De serie bestaat uit drie boeken:

ƒƒ Ondersteunen bij de persoonlijke verzorging. ƒƒ Hulp bij huishouden en wonen.

ƒƒ Beroepsmatig ondersteunen en begeleiden.

In elk boek is de leerstof verdeeld over thema’s.

roepsrelevantie wordt toegelicht. Een thema wordt afgesloten met het onderdeel ‘Toets jezelf’. Dit bestaat uit stellingen waarmee de student zelf kan controleren of hij de belangrijkste theorie kent.

De thema’s zijn op een logische manier gerangschikt.

Ondersteunen bij persoonlijke verzorging

Bij het bepalen van de volgorde van de thema’s zijn de volgende uitgangspunten gehanteerd:

ƒƒ De student moet zich bewust zijn dat hygië-

nisch werken tijdens de persoonlijke verzorging het uitgangspunt vormt. Ze moet voorkomen

dat zij de oorzaak is van besmetting of ziekte-

kiemen van de ene cliënt naar de andere cliënt overbrengt.

ƒƒ Het thema ‘schoon en verzorgd’ vormt de basis

om op een beroepsmatige wijze hulp te bieden bij de persoonlijk verzorging.

13192_Boek_Ondersteunen bij persoonlijke verzorging.indb 6

19-04-12 12:15


ƒƒ Wanneer de student tijdens haar eerst BPV in-

gezet zal worden bij de persoonlijke verzorging

zal ze eerst ingezet worden bij de hulp ‘rondom’ de cliënt. De zorg rondom de bedden komt dan het meest in aanmerking. Dit is dan ook het

tweede thema in dit boek. Logischerwijs wordt het thema gevolgd door het thema ‘slapen’.

ƒƒ Wanneer de student laat zien dat ze de zorg

‘rondom’ de cliënt beheerst, zal de volgende

stap zijn dat ze zorg ‘aan’ een cliënt mag verlenen. Helpen bij aan- en uitkleden, wassen,

tige titel, gevolgd door een pakkende ondertitel.

Deze zou de student al nieuwsgierig kunnen maken naar de inhoud.

Vervolgens begint een artikel altijd met een korte, krachtige praktijksituatie die terugkomt aan het

eind van het artikel. Hierdoor creëren we de moge-

lijkheid om de theorie aan een ‘kapstok’ te hangen. De tekst is veelvuldig voorzien van voorbeelden en tips voor de (toekomstige) professionele helpende. Een artikel sluiten we af met opdrachten.

ondersteunen bij lopen, helpen bij toiletbezoek,

In de boeken ‘Ondersteunen bij de persoonlijke ver-

na de eerste drie thema’s behandeld.

ook veel protocollen tegen. Door deze protocollen te

zijn hier voorbeelden van. Deze thema’s worden ƒƒ Op het moment dat de student de praktische

hulp bij de persoonlijke verzorging beheerst zal ze meer diepgang moeten gaan geven aan de

zorging’ en ‘Hulp bij huishouden en wonen’ komt u oefenen, ontwikkelen studenten ook de noodzakelijke beroepsvaardigheden.

zorgverlening. Kennis over veel voorkomende

Redactie

nen een bijdrage geven aan deze verdieping.

geerd door Stoffel Abrahamse en Rick van Midde.

aandoeningen, ziekten en beperkingen kun-

De laatste thema’s besteden aandacht aan deze onderwerpen.

Opbouw van de thema’s:

Binnen de thema’s is zoveel mogelijk gestreefd

naar koppeling tussen kennis van anatomie en

fysiologie en de praktische leerstof over de persoonlijke zorg. De student leert op deze manier

verbanden te leggen en ook verantwoord hulp te

verlenen. Als voorbeeld noemen we de anatomie en fysiologie van het bewegingsstelsel. Dit is het

eerste onderwerp van het thema ‘helpen bij lopen en verplaatsen.

Alle uitgaven van de serie zijn inhoudelijk gerediBeide redacteuren zijn al jaren betrokken bij respectievelijk Traject V&V en Traject Welzijn. Zij

hebben ervoor gezorgd dat de boeken volledig zijn afgestemd op het kwalificatiedossier.

Wij hopen dat u en uw studenten prettig gebruik

kunnen maken van de serie Traject Helpende Zorg & Welzijn.

Indien u vragen of suggesties hebt, stellen wij het bijzonder op prijs wanneer u contact met ons opneemt.

Amersfoort, 2012

Redactie en uitgever

Artikelen

Thema’s zijn verdeeld in artikelen die bij elkaar ho-

ren. Ieder artikel is op dezelfde manier opgebouwd. Ze beginnen allemaal met een zakelijke, kernach-

13192_Boek_Ondersteunen bij persoonlijke verzorging.indb 7

19-04-12 12:15


viii

Inhoud 1

Schoon en verzorgd  12

1.1

Micro-organismen  13

1.3

Vaardigheid Handen wassen  16

1.2 1.4 2 2.1

2.2

2.3

2.4

2.5

2.6

2.7 3 3.1

3.2

3.3 4

Infecties voorkomen  14 Toets jezelf  18

Zorg voor het bed  19 Bedden  20

Aandachtspunten bij het bed opmaken  21

Aanpassingen en hulpmiddelen in en om het bed  22

Bedden voor baby’s en kleine kinderen  25

Vaardigheid Bed afhalen en opmaken  27

Vaardigheid Wieg of ledikant opmaken   28

Toets jezelf  30 Slapen  31

Slapen en slaapproblemen  32

Slaap- en waakritme bij kinderen  37

Toets jezelf  40

Lichaamshygiëne  41

4.1

De huid  43

4.3

Helpen met wassen  50

4.2 4.4 4.5

Persoonlijke verzorging  46 Haren verzorgen  54 Scheren  57

4.6

Mondverzorging  58

4.8

Vaardigheid Cliënt helpen bij een wasbeurt op bed  60

4.7

4.9

Nagels verzorgen  59

Vaardigheid Cliënt wassen aan de wastafel, onder de douche of in bad   62

4.10

Vaardigheid Gebitsprothese van een cliënt verzorgen  65

4.12

Vaardigheid Nagels knippen   68

4.11

4.13

Vaardigheid Tandenpoetsen  67

Vaardigheid Elektrisch scheren  70

13192_Boek_Ondersteunen bij persoonlijke verzorging.indb 8

19-04-12 12:15


ix

4.14

4.15

4.16 4.17 5 5.1

5.2

5.3

5.4 6 6.1

Vaardigheid Nat scheren  71

Vaardigheid Haren wassen op bed   73

Vaardigheid Therapeutische elastische kousen aantrekken  75 Toets jezelf  78

Verzorging van de baby en het jonge kind  79 De hygiënische verzorging van een baby   80

De hygiënische verzorging van de peuter, kleuter en het jonge kind  83

Vaardigheid Het baden van de baby  85

Toets jezelf  87

Helpen bij lopen en verplaatsen  88 Het bewegingsapparaat  89

6.2

Rugklachten  95

6.4

Houdingen in bed  102

6.3

6.5

6.6

6.7

6.8

6.9

6.10 7

Een cliënt hulp bieden bij het verplaatsen  96

Hulpmiddelen bij lopen en rolstoelen  104

Vaardigheid Cliënt in de juiste houding in een stoel zetten  108

Vaardigheid Cliënt die niet kan lopen maar wel kan staan, uit bed en weer in bed helpen  110

Vaardigheid Cliënt verplaatsen met een tillift   112

Vaardigheid Cliënt in een rolstoel helpen en de rolstoel duwen   114

Toets jezelf  115

Hulp bieden bij de uitscheiding  116

7.1

Urinewegen  118

7.3

Helpen bij de ontlasting  125

7.2 7.4 7.5

7.6 7.7

7.8

Helpen urineren  121 Incontinentie  128

De uitscheiding van kinderen  129 Braaksel en sputum  131

Vaardigheid Hulp bieden bij het gebruik van een urinaal op bed   133 Vaardigheid Hulp bieden bij het gebruik van een po  134

7.9

Vaardigheid Met de rolstoel naar het toilet   136

7.11

Vaardigheid De luier van een baby verschonen  139

7.10

Vaardigheid Incontinentieverband verwisselen   137

13192_Boek_Ondersteunen bij persoonlijke verzorging.indb 9

19-04-12 12:15


x

7.12

7.13 8 8.1

Vaardigheid Hulp bieden bij braken   140

Toets jezelf  141

Lichaamstemperatuur  142 Observatie van de lichaamstemperatuur en koorts  143

8.2

Vaardigheid Lichaamstemperatuur rectaal opnemen  150

8.4

Vaardigheid Lichaamstemperatuur opnemen met een oorthermometer  154

8.3

8.5 9 9.1

9.2

9.3 10

Vaardigheid Lichaamstemperatuur opnemen in de oksel en de mond  152

Toets jezelf  156

Aandoeningen aan het spijsverteringsstelsel  157 Spijsverteringsstelsel  158

Aandoeningen aan het spijsverteringskanaal  161

Toets jezelf  164

Voedingsproblemen  165

10.1

Ondervoeding  166

10.3

Diabetes mellitus  169

10.2 10.4 11

Eetstoornissen  167 Toets jezelf  173

Aandoeningen aan het bewegingsapparaat  174

11.1

Reumatische aandoeningen  175

11.3

Amputaties  179

11.2

11.4 12 12.1

Spierziekten  177

Toets jezelf   181

Aandoeningen aan het zenuwstelsel  182 Het zenuwstelsel  183

12.2

Aandoening aan de bloedvaten van de hersenen (CVA)  186

12.4

Spasticiteit   190

12.3

12.5

12.6

MS en ALS  189

Reactivering en revali­datie  192 Toets jezelf  195

13192_Boek_Ondersteunen bij persoonlijke verzorging.indb 10

19-04-12 12:15


xi

13

Aandoeningen aan het hart, de bloedvaten en de luchtwegen  196

13.1

De bloedsomloop  197

13.3

Ademhalingsstelsel  205

13.5

Toets jezelf  210

13.2

13.4

14

Aandoeningen aan hart en bloedvaten  203

Astma en COPD  208

Verlenen van eerste hulp  211

14.1

Houd je bij het verlenen van eerste hulp aan de richtlijnen  213

14.3

Gebruik van verschillende soorten verbanden  217

14.2 14.4

14.5

Soorten verbandmiddelen   214

Hoe behandel je beschadigingen aan de huid?   219

Beschadigingen aan botten en gewrichten  221

14.6

Bloedingen  224

14.8

Problemen met de ademhaling  227

14.7

14.9

14.10 14.11

Flauwte   225

Vergiftigingen  228

Vreemde voorwerpen in het lichaam   230

Vaardigheid Een verband aanleggen bij eerste hulp  232

14.12

Vaardigheid Een mitella en een draagdas aanleggen  236

14.14

Vaardigheid Een bloeding stelpen met behulp van een dekverband  239

Bijlage Antwoorden Toets jezelf-stellingen  243

Begrippen  247

Register  253

14.13

14.15

Vaardigheid Een slagaderlijke bloeding stelpen  238

Toets jezelf  242

13192_Boek_Ondersteunen bij persoonlijke verzorging.indb 11

19-04-12 12:15


1

Schoon en verzorgd

In dit thema leer je dat micro-organismen ziekten kunnen veroorzaken. Je leert hoe je voorkomt dat een cliënt besmet wordt. Hierbij is een goede hygiëne van belang. Bij een goede hygiëne horen bijvoorbeeld schone kleding, haren in een staart, korte nagels enzovoort. Natuurlijk was je in het dagelijks leven regelmatig je handen. In de zorg worden er speciale eisen aan gesteld. In dit thema wordt de volgende theorie behandeld: ƒ

Micro-organismen.

ƒ

Infecties voorkomen.

De vaardigheid die bij dit thema hoort is: ƒ

13192_Boek_Ondersteunen bij persoonlijke verzorging.indb 12

Handen wassen.

19-04-12 12:15


1

1.1

Micro-organismen

Je hoort en ziet ze niet

We kennen vier groepen micro-organismen: 1

2

kele dagen gaat het over in flink snotteren. Ze vindt het ontzettend vervelend. ‘Wie me toch iedere keer besmet met dat verkoudheidsvirus? Ik zou willen dat ik zag wanneer ik besmet wordt en door wie!’

13

zo’n schadelijk micro-organisme veroorzaakt.

Lisanne is deze winter al voor de vijfde keer verkouden. Het begint steeds met een dikke keel en na en-

Schoon en verzorgd

3

Virussen. Deze kunnen bijvoorbeeld griep,

waterpokken en aids veroorzaken.

Bacteriën. Deze kunnen bijvoorbeeld de oor-

zaak zijn van voedselvergiftiging, longontsteking en wondinfecties.

Schimmels. Heel bekend is de schimmel die

voetschimmel veroorzaakt, maar ook schim-

melinfecties aan de geslachtsorganen komen voor.

4 Protozoa. Is nogal eens de veroorzaker van

tropische ziekten zoals malaria, maar kan ook ernstige darminfecties veroorzaken.

Zoals je las, komen micro-organismen overal

voor. Dat geldt ook voor ziekmakende micro-or-

ganismen. Gelukkig heeft een mens een systeem

om er weerstand tegen te bieden. Bij een normale weerstand word je niet snel ziek. Deze weerstand kan echter verminderen. Vooral ouderen en verzwakte mensen hebben minder weerstand.

Een helpende komt met veel verschillende menFiguur 1.1

Lisanne blijft maar verkouden

Micro-organismen zijn de kleinste levende

wezens die bestaan. Overal om ons heen zijn ze aanwezig.

We horen en zien ze niet. Ze zijn alleen te zien

door een microscoop. Je denk misschien dat je

van micro-organismen ziek wordt. Dat kan, maar dat hoeft niet! Er zijn namelijk nuttige maar ook

schadelijke micro-organismen. Om van melk yoghurt te maken zijn yoghurtbacteriën (dat is een

bepaald micro-organisme) nodig. Deze bacteriën zijn dus nuttig. Ook in onze darmen leven bacteriën die ons gezond houden.

De schadelijke micro-organismen kunnen ons

ziek maken. Ze worden daarom ook wel ziektekiemen genoemd. Aids wordt bijvoorbeeld door

13192_Boek_Ondersteunen bij persoonlijke verzorging.indb 13

sen in contact. Ze moet voorkomen dat ze ziektekiemen overbrengt van de ene op de andere

persoon en moet daartegen maatregelen nemen. Met andere woorden: je moet voorkomen dat je een cliënt besmet. Door een goede persoonlijke hygiëne kun je de kans op besmetting van de cliënt voorkomen.

De wens die Lisanne uitspreekt dat ze zou willen zien door wie en wanneer ze besmet wordt, zal nooit uitkomen. Het verkoudheidsvirus is een micro-organisme en is dus niet te zien. Lisanne kan wel een idee hebben door wie ze besmet wordt. Als haar vriend flink verkouden is en ze heeft er een avondje mee doorgebracht is het wel duidelijk.

19-04-12 12:15


14

Schoon en verzorgd

1

Opdrachten

Als de ziekmakende micro-organismen van de

2

kruisinfectie. Een helpende kan de veroorzaker

1

Welke infectieziekten heb jij weleens gehad? Welk micro-organisme veroorzaakte deze

ziekte? Als je het niet weet, kun je het antwoord misschien op internet vinden.

1.2

Infecties voorkomen

ene op de andere mens overgaan, heet dat een

zijn van kruisinfectie. Hoe dat kan, las je in het

voorbeeld. Een helpende moet dus zo veel mogelijk doen om te voorkomen dat ziektekiemen op de cliënt overgaan.

Onzichtbaar, maar o zo verraderlijk!

Hygiënische maatregelen

jongetjes van 1 en 3 jaar. Het oudste broertje heeft al

1

Rosa, een helpende, werkt in een gezin met twee

Om te voorkomen dat een cliënt een infectie oploopt, neem je onderstaande maatregelen.

een paar dagen koorts en diarree. Steeds als hij naar de wc moet, moet Rosa helpen. Als Rosa de jongste een fruithapje geeft, roept zijn broer dat hij weer

2

heel nodig naar de wc moet. Rosa zet het fruithapje

Zorg voor een goede hygiëne van je handen.

Houd je nagels kort en was je handen vaak en zorgvuldig.

Draag geen sieraden en vooral geen hand- en

polssieraden. Door sieraden kun je de huid van een cliënt tijdens de lichamelijke verzorging

even neer en holt naar het toilet. Reden genoeg voor

per ongeluk beschadigen. Bovendien kunnen

de jongste om een enorme keel op te zetten.

3

sieraden micro-organismen bevatten.

Zorg dat de cliënt tijdens de verzorging niet

in aanraking komt met jouw haar. Als je lang

haar hebt, draag het dan opgestoken of in een staart.

4 Trek dagelijks schone werkkleding aan. Draag 5

je werkkleding alleen tijdens het werk.

Draag schoenen die je goed kunt schoonmaken.

6 Gebruik papieren zakdoeken en gooi die na 7 Figuur 1.2

Werk hygiënisch

gebruik meteen weg.

Draag plastic handschoenen als dat geadvi-

seerd is.

8 Houd schone spullen en vuile spullen goed Rosa helpt zo snel ze kan de oudste en gaat dan weer vlug terug naar de jongste. In de haast vergeet ze haar handen te wassen. Het risico bestaat nu dat Rosa de ziektekiemen van het oudste kind overbrengt op het jongste kind. Zij is dan de veroorzaker van een kruisinfectie.

van elkaar gescheiden

Bescherming van jezelf

In je werk kun je in aanraking komen met mi-

cro-organismen waarvan je ziek kunt worden.

Daarom moet je ook jezelf tegen micro-organismen beschermen. Met een aantal van de eerder

13192_Boek_Ondersteunen bij persoonlijke verzorging.indb 14

19-04-12 12:15


1

Schoon en verzorgd

15

genoemde maatregelen bescherm je behalve de

cliënt ook jezelf. Dat betekent vaak en zorgvuldig handen wassen, geen sieraden dragen, werkkleding voor het werk houden en zo nodig plastic

handschoenen gebruiken. Bescherm jezelf extra als je in aanraking komt met uitscheidingspro-

ducten, zoals ontlasting, urine en sputum (slijm uit luchtpijp en longen).

Wees ook voorzichtig met bloed. Als helpende

kom je soms in aanraking met het bloed van an-

deren. Bijvoorbeeld als je een wond van een cliënt moet verschonen. Maar ook via materiaal waarop bloed van een cliënt zit. Bloed kan heel specifieke

micro-organismen bevatten. Bekend zijn de virussen die leverontsteking (hepatitis) en aids (HIV)

veroorzaken. Gebruik uit voorzorg plastic hand-

schoenen en een apart schort. Door hygiënisch te werken kun je besmetting voorkomen.

In het gezin waar Rosa werkt, heeft het oudste jongetje last van koorts en diarree. Doordat ze in de drukte vergeet haar handen te wassen, is de kans groot dat ook het jongste broertje binnen niet al te lange tijd ziek wordt.

Opdrachten 1

Op kinderopvang Het Kruimeltje geldt de

regel dat de medewerkers bij het verschonen

van een luier altijd plastic handschoenen aantrekken.

a Wat vind je daarvan? 2

b Waarom is deze regel er?

Bekijk je handen. Zou je bijzondere maatregelen moeten nemen als je nu als helpende aan het werk zou gaan in een ziekenhuis?

13192_Boek_Ondersteunen bij persoonlijke verzorging.indb 15

19-04-12 12:15


16

Schoon en verzorgd

1.3

1

Vaardigheid Handen wassen

Handen wassen is een belangrijke vaardigheid. Het hoort namelijk bij hygiĂŤnisch werken. En als helpende moet je nu eenmaal hygiĂŤnisch werken. Dat betekent dat je steeds je handen wast: voor je aan je werk begint, als je een taak hebt afgerond en voor je aan de volgende taak begint. Ten slotte doe je dat nog eens als je klaar bent met je werk. Omdat je je handen zo vaak wast, zul je deze vaardigheid waarschijnlijk ook zeer snel onder de knie hebben. Steeds vaker zie je in instellingen dat de handen gedesinfecteerd worden met alcohol. Er is dan geen zichtbaar vuil aanwezig.

Figuur 1.3

Het apparaatje bevat alcohol om de handen te ontsmetten

Beschrijving van de handeling Voorbereiding 1

Controleer of er zeep (bij voorkeur vloeibare), een schone handdoek of papieren

2

Doe hand- en polssieraden af.

handdoeken en een afvalemmer aanwezig zijn.

13192_Boek_Ondersteunen bij persoonlijke verzorging.indb 16

19-04-12 12:15


1

Schoon en verzorgd

17

Uitvoering 3

Open de kraan en zorg dat er lauwwarm water uitstroomt.

4 Open de kraan op de juiste manier. Als er bijvoorbeeld een kraan met elleboogbedie-

ning is, bedien die dan ook met de elleboog. Bij een kraan met handbediening moet je

5

papieren handdoeken gebruiken. Vooral als je extra attent moet zijn op de hygiĂŤne.

Houd de polsen en handen onder de kraan en maak ze nat. Houd hierbij je handen lager dan je ellebogen.

6 Raak de wasbak niet aan met je handen en polsen. 7

Doe op de juiste wijze zeep op je handen.

8 Was je handen zorgvuldig, zonder dat ze zich daarbij onder water bevinden. Reinig

polsen, handruggen, handpalmen, vingers en de ruimtes tussen de vingers zorgvuldig.

9 Was je handen gedurende ongeveer tien seconden.

10 Houd je handen onder het stromende water en spoel de zeepresten af. Begin het afspoelen bij de polsen.

11 Sluit de kraan op de juiste wijze.

12 Schud de grootste hoeveelheid water van je handen.

13 Droog je handen zacht wrijvend en deppend met de handdoek. 14 Droog ze vanaf de vingers richting polsen.

15 Deponeer de papieren handdoek in de afvalemmer zonder de emmer aan te raken.

Nazorg

16 Je wast je handen voordat je een lichamelijk verzorgende handeling gaat ver-

richten. Je wast ook je handen als je met voeding aan de slag gaat. Je begint altijd

meteen na het handen wassen aan die handeling. Je verricht ook geen handelingen tussendoor meer waardoor je handen weer vuil zouden kunnen worden.

Figuur 1.4

13192_Boek_Ondersteunen bij persoonlijke verzorging.indb 17

19-04-12 12:15


18

Schoon en verzorgd  1

Opdrachten

1 Wat is het voordeel van vloeibare zeep?

2 Waarom raak je met handen wassen de wasbak niet aan?

1.4

Toets jezelf

Geef bij elke stelling aan of deze juist of onjuist is. 1

Micro-organismen zijn schadelijk.

2

Wanneer je zorg voor een goede persoonlijke hygiëne kun je meehelpen aan het

3

Verpleegkundigen dragen vaak plastic handschoenen, voor een helpende is dat

4

Met bloed moet je extra voorzichtig zijn omdat er een virus in kan zitten dat een

5

Een schimmel is een voorbeeld van een micro-organisme.

6

Met een goede handhygiëne kun je infecties altijd voorkomen.

7

Een blaasontsteking is een voorbeeld van een kruisinfectie.

8

Het gebruik van wegwerpzakdoekjes vermindert de kans op besmetting.

9

In instellingen wordt vaak alcohol gebruikt om de handen te ontsmetten.

10

Oudere mensen hebben vaker een verminderde weerstand, waardoor ze gevoeli-

voorkomen van kruisinfecties niet nodig.

leverontsteking kan veroorzaken.

ger zijn voor infecties.

13192_Boek_Ondersteunen bij persoonlijke verzorging.indb 18

19-04-12 12:15


2

2

Zorg voor het bed

19

Zorg voor het bed

In de praktijk maak je regelmatig bedden op, zowel voor volwassenen als voor kinderen. In dit thema wordt de volgende theorie behandeld: ƒ

Aandachtspunten bij het opmaken van het bed.

ƒ

Hulpmiddelen en aanpassingen in en om het bed.

ƒ

Bedden voor baby’s en kleine kinderen.

De vaardigheden die bij dit thema horen zijn:

13192_Boek_Ondersteunen bij persoonlijke verzorging.indb 19

ƒ

Bed afhalen en opmaken.

ƒ

Wieg of ledikant opmaken.

19-04-12 12:15


20

Zorg voor het bed

2.1

2

Bedden

ƒ

de cliënt zelfstandig in en uit bed kan komen.

Een bed op maat

Ook is het belangrijk dat de cliënt zich veilig

voelt in zijn bed. Een hoog bed kan een onvei-

Meneer Rammeloo heeft al jaren de ziekte van Par-

lig gevoel geven. Aan de andere kant is een

kinson. Hij heeft ernstige bewegingsproblemen door

bed op werkhoogte voor de helpende belang-

de stijfheid van zijn spieren. Zelfstandig uit bed ko-

rijk. Vandaar dat een in hoogte verstelbaar

men is steeds lastiger.

bed ideaal is.

Gezonde mensen brengen ongeveer een derde van

ƒ

biedt is dan ook belangrijk. In speciale omstandig-

ƒ

de tijd in bed door. Een bed dat voldoende comfort

Het bed moet gemakkelijk schoon te maken zijn.

heden stel je specifieke eisen aan een bed.

Soorten bedden

De hoogte van het bed moet zodanig zijn, dat

Bij voorkeur moeten hoofd- en voeteneinde verwijderd kunnen worden.

ƒ ƒ

Het bed moet verplaatsbaar zijn (wieltjes). De spiraal of bodem moet stevig zijn.

Bedden zijn er in alle soorten en maten. Als ge-

Weinig mensen hebben thuis een bed dat aan

hun eigen smaak en voorkeur. Er zijn heel veel

voor dat een cliënt met een beperking of een zie-

zonde mensen een bed kiezen, gaan ze uit van mogelijkheden, bijvoorbeeld een hoog of laag

bed, breed of smal, een spiraal- of lattenbodem,

een gewoon bed of waterbed. Het gaat er vooral om dat iemand lekker in het bed slaapt.

deze eisen voldoet. Toch komt het regelmatig

ke cliënt thuis wordt verzorgd. Vooral als iemand thuis langdurig bedlegerig is, is een aangepast

bed een uitkomst. Een cliënt in deze situatie kan via de thuiszorg een ziekenhuisbed lenen.

Benodigdheden

Ook voor de benodigdheden in bed zijn er veel keuzemogelijkheden. Bijvoorbeeld een harde

of zachte matras, hoeslakens of gewone lakens, dekens of dekbedden. Hierbij geldt weer: als je

gezond bent, kies je wat je zelf het prettigst vindt. Ook cliënten met een beperking of ziekte kiezen de benodigdheden die ze zelf prettig vinden.

Soms gebruiken ze door hun beperking of ziekte Figuur 2.1

Bed met aanpassingen

Voor zieke mensen en mensen met een beperking

ligt het anders. Natuurlijk hebben zij ook hun per-

extra, speciale benodigdheden.

Voor het bed van een cliënt zijn er onder meer de volgende benodigdheden: ƒ

soonlijke wensen en voorkeuren. Maar hun bed

of bedbodem en beschermt het matras tegen

moet in de eerste plaats aan speciale eisen vol-

doen. Aan een bed voor zieke mensen of mensen met een beperking stellen we de volgende eisen:

13192_Boek_Ondersteunen bij persoonlijke verzorging.indb 20

Matrasbeschermer: deze ligt op de bedspiraal slijtage.

ƒ

Matras: dit moet stevig zijn en goed schoon te maken.

19-04-12 12:15


2

ƒ

Molton: deze neemt goed vocht op (bijvoorbeeld transpiratievocht).

ƒ ƒ

Onderlaken.

Zeiltje: dit wordt alleen gebruikt als er kans is dat er urine of ontlasting in bed komt.

ƒ

Steeklaken: dit is een smal laken dat dwars

over het midden van het bed wordt gelegd. Als je een steeklaken gebruikt, kun je een bed snel verschonen. Vroeger waren deze steeklakens

van katoen. Tegenwoordig zijn er steeklakens van verschillende lagen met een ondoorlaatbare onderkant. Als er geen steeklaken aan-

2.2

Zorg voor het bed

21

Aandachtspunten bij het bed opmaken

Zorgen voor het comfort en de veiligheid van de cliënt Mevrouw De Mirelle is gisteren uit het ziekenhuis

thuisgekomen. Met de ambulance werd ze naar huis gebracht. Mevrouw is nog erg vermoeid en ligt veel in bed. Als Karin en Monique haar uit bed halen, zien ze dat het bed nat is. ‘Dat zullen we even verschonen. Zullen we iets in bed leggen om de lakens te beschermen?’

wezig is, kan een dubbelgevouwen laken als steeklaken dienen. ƒ ƒ ƒ

Bovenlaken.

Een of meer dekens of een dekbed.

Een of meer kussens: sommige mensen willen graag een klein kussentje (‘jantje’).

Sinds kort heeft meneer Rammeloo een speciaal bed. Omdat dit wat hoger is dan zijn eerste bed en er een papegaai aan zit, kan hij nu nog steeds zonder hulp uit bed komen.

Opdrachten 1

2

Waarom is een bed op werkhoogte voor een

Als een cliënt zijn eigen bed niet kan opmaken,

Maak een lijst van de benodigdheden die in je

bed samen met de cliënt opmaken of je doet dat

helpende zo belangrijk? eigen bed liggen.

a Vergelijk jouw lijst met de lijst van benodigdheden voor het bed van een cliënt.

b Welke verschillen zie je? c 3

Figuur 2.2 Bed verschonen

Kun je een verklaring geven voor die verschillen?

Kun je bedenken waarom het gebruik van een zeiltje in bed zo veel mogelijk beperkt moet worden? Leg je antwoord uit.

moet hij daarbij geholpen worden. Je kunt het

zelf. Soms moet je een bed opmaken terwijl de cliënt er in ligt.

Waar let je op bij het opmaken van het bed? Als de cliënt probleemloos uit bed kan komen, kun je het bed opmaken zonder dat hij zich in

bed bevindt. Let er dan wel op dat de cliënt warm en comfortabel kan zitten, terwijl jij het bed op-

maakt. Als de cliënt niet uit bed kan of mag, zijn er verschillende manieren om het bed op te maken.

13192_Boek_Ondersteunen bij persoonlijke verzorging.indb 21

19-04-12 12:15


22

Zorg voor het bed

2

Bij de meestgebruikte methode moet de cliënt op

4 Zorg dat het schone beddengoed de grond niet

Het is belangrijk dat de cliënt zich in bed veilig

5

terwijl jij het bed opmaakt. Dat kun je voorkomen

Ook tijdens het opmaken van het bed let je op de

tegenover elkaar staan, allebei aan de lange zijde

beddengoed.

zijn zij kunnen draaien, eventueel met hulp.

voelt. Zorg er voor dat hij nooit uit bed kan vallen

door met zijn tweeën het bed op te maken. Je gaat van het bed. Eén helpende ondersteunt de cliënt,

regels voor hygiëne en veiligheid. Daarnaast houd

zorg er dan voor dat de cliënt zich goed kan vast-

je ook rekening met de specifieke situatie van een

houden, bijvoorbeeld aan veiligheidshekken (als

cliënt.

die er zijn) of aan een stevige stoel.

Karin en Monique overwegen om iets in bed te leg-

Als je een bed opmaakt, trek dan steeds het bed-

Als je een bed opmaakt met de cliënt erin, let er dan op dat je het bovenlaken en de dekens niet

gen om te voorkomen dat de lakens nat worden.

Opdrachten 1

bed hebt opgemaakt, schud je de kussens op en

leg je ze terug op het bed. Let op: kussens uitkloppen is iets anders. Dat doe je buiten.

Hygiëne

Bedenk een situatie waarin je extra hygiëni-

sche maatregelen, zoals het dragen van handschoenen, zou nemen voordat je het bed gaat

te strak instopt. Doe je dat wel, dan worden de

voeten te veel naar beneden gedrukt. Nadat je het

schoon en vuil mogen elkaar niet raken.

Bij het opmaken van een bed gelden algemene

maakt. Als je het bed in je eentje moet opmaken,

beddengoed zijn heel hinderlijk voor een cliënt.

Houd schoon en vuil wasgoed gescheiden:

hygiëne. Wapper bijvoorbeeld niet te veel met het

terwijl de andere aan de eigen kant het bed op-

dengoed goed glad. Plooien en vouwen in het

raakt.

2

opmaken.

Het uitkloppen van kussens doe je buiten.

Waarom?

2.3

Als je een bed opmaakt, is het belangrijk dat je op

de hygiëne let. Hygiënisch werken betekent dat je maatregelen neemt om infecties te voorkomen. Infecties ontstaan door micro-organismen die

van de ene persoon op de andere kunnen worden overgebracht. Ook een helpende kan micro-organismen overbrengen, bijvoorbeeld door met on-

gewassen handen schoon beddengoed te pakken. Voordat je het bed opmaakt, neem je de volgende

Aanpassingen en hulpmiddelen in en om het bed

Aanpassingen verhogen de zelfstandigheid, veiligheid en gezondheid

Jonathan woont in een gezinsvervangend tehuis. Hij heeft een verstandelijke beperking. ‘s Nachts in zijn slaap is hij zeer onrustig. Hij is al enkele keren uit bed gevallen.

hygiënische maatregelen: 1

Doe hand- en polssieraden af en was je han-

2

Zorg voor korte nagels.

3

den.

Ga zorgvuldig om met het wasgoed.

13192_Boek_Ondersteunen bij persoonlijke verzorging.indb 22

19-04-12 12:15


2  Zorg voor het bed

23

Voetensteun

De voetensteun voorkomt dat een cliënt naar onder zakt. De voetensteun wordt ook gebruikt om te voorkomen dat de dekens de voeten naar be-

neden drukken. De steun kan bedekt worden met een steeklaken, zodat de voeten niet direct tegen het koude oppervlak van de steun aan liggen.

Figuur 2.4 Een voetensteun voorkomt dat de cliënt onderFiguur 2.3 Ziekenhuisbed

uitzakt

In bijzondere situaties gebruik je hulpmiddelen

Rugsteun

veiligheid en gezondheid van de cliënt.

rechtop zitten. Tegenwoordig hebben veel men-

in en om het bed. Ze verhogen de zelfstandigheid,

Hulpmiddelen

In en om het bed van een cliënt kunnen verschillende hulpmiddelen ingezet worden. Sommige hulpmiddelen zijn bedoeld om de cliënt meer

Wie steeds in bed moet blijven, wil toch wel eens sen hiervoor zelf een bed met een verstelbaar

hoofdeinde (rugsteun). Als het hoofdeinde van

het bed niet verstelbaar is, kun je een losse rugsteun gebruiken.

zelfstandigheid te geven. Andere hulpmiddelen bevorderen de veiligheid of de gezondheid van een cliënt.

We bespreken de volgende hulpmiddelen: 1 voetenbankje; 2 rugsteun;

3 bedgalg of papegaai; 4 bedverhogers; 5 dekenboog;

6 veiligheidshekken; 7 zandzakken;

Figuur 2.5 Bed met verstelbare rugsteun

8 onrustbanden.

13192_Boek_Ondersteunen bij persoonlijke verzorging.indb 23

19-04-12 12:15


24

Zorg voor het bed  2

Bedgalg of papegaai

Aan dit hulpmiddel kan een cliënt zichzelf op-

trekken om te gaan zitten of uit bed te komen. De

bed geholpen moet worden, zorgen de bedverhogers voor een goede werkhoogte.

lengte van de handgreep is meestal verstelbaar,

zodat de papegaai op armlengte van de cliënt kan worden afgesteld. Als er geen papegaai aan het

bed vastgemaakt kan worden, is een touwladder een handig hulpmiddel.

Figuur 2.8 Bedverhoger

Dekenboog

De dekenboog voorkomt dat het bovenlaken en

dekens op de benen van de cliënt drukken. Dit is bijvoorbeeld nodig als een cliënt een wond aan zijn benen heeft. De druk van het laken en de

dekens is dan hinderlijk. Bij het opmaken van het bed moet de helpende er op letten dat het onder

de dekenboog warm genoeg is. Een deken dwars over het bed is gebruikelijk. Figuur 2.6 Bedgalg of papegaai

Figuur 2.9 Dekenboog Figuur 2.7 Aan een touwladder kan de cliënt zich optrekken

Bedverhogers

In een thuissituatie gebruik je soms bedverho-

gers (ofwel bedklossen) om een bed te verhogen. Vooral de mensen die ‘aan het bed’ werken, zoals

Veiligheidshekken

Veiligheidshekken voorkomen dat een cliënt uit bed valt. Ook kan een veiligheidshek een extra steuntje voor de cliënt zijn. Hij kan zich er aan

vasthouden als hij gaat zitten. Zorg er altijd voor dat de veiligheidshekken goed vastgezet zijn.

helpenden, hebben er baat bij. Als een cliënt in

13192_Boek_Ondersteunen bij persoonlijke verzorging.indb 24

19-04-12 12:15


2

Onrustbanden

Onrustbanden gebruik je bij erg onrustige of ver-

2.4

warde mensen. Ook bij mensen van wie je weet

Zorg voor het bed

25

Bedden voor baby’s en kleine kinderen

Een kinderbedje moet veilig zijn

dat ze omvallen als ze gaan staan, kun je onrustbanden gebruiken. Een onrustband kan bijvoor-

Het zoontje van Karim en Selma is nu 1 jaar. Het is

beeld rondom het middel aangebracht worden en

een erg ondernemend baasje. Hij kan al goed staan

aan het bed bevestigd worden. Zo voorkom je dat

en met steun lopen. Selma wil haar zoontje uit bed

iemand uit bed valt. Je kunt niet zomaar onrust-

halen. Hij hangt gevaarlijk over zijn bedrand om een

banden gebruiken. Het gebruik van onrustban-

beertje te pakken. Ze roept Karim en vraagt of hij

den is aan strenge regels gebonden. De helpende

meteen de bodem van het bedje in de laagste stand

heeft geen bevoegdheid om hierover een besluit

wil zetten. ‘We moeten niet wachten tot hij echt uit

te nemen. Laat de beslissing om onrustbanden te

bed kukelt’, zegt ze.

gaan gebruiken altijd over aan je leidinggevende. Na overleg met Jonathan en zijn ouders is besloten hem in een bed met veiligheidshekken te leggen. De hekken worden ‘s avonds omhoog gedaan. Het gevaar om uit bed te vallen is daardoor verdwenen.

Opdrachten 1

2

3

Welke hulpmiddelen in bed zijn bedoeld om

de zelfredzaamheid van een cliënt te bevorderen?

Figuur 2.10 De bodem moet omlaag

comfort van een cliënt te verhogen (zodat hij

Baby’s slapen in een wieg of een ledikantje. Een

Bij welke activiteiten is een rugsteun handig

drie jaar. Daarna krijgen de meeste kinderen hun

Welke hulpmiddelen in bed zijn bedoeld om zich prettig voelt)?

voor een cliënt die in bed verblijft?

4 Stel dat je als helpende komt werken bij me-

ledikantje is geschikt voor kinderen tot ongeveer eerste ‘grote bed’.

neer Jansen (70), die longemfyseem heeft. Hij

Eisen aan wieg of ledikant

Leunend op een stapel kussens probeert hij

voldoen. Deze eisen hebben allemaal te maken

ligt veel in bed, omdat hij snel vermoeid raakt. dan te lezen of televisie te kijken. Ook dat is vermoeiend, omdat hij steeds onderuitzakt

Een wieg of ledikant moet aan bepaalde eisen

met veiligheid. Een wieg of ledikant is veilig als: ƒ

en dan niet goed recht kan gaan zitten. Welke

ƒ

nen gebruiken en waarom?

ƒ

de baby of peuter er niet uit kan vallen;

er geen scherpe hoeken of uitsteeksels aan zitten;

hulpmiddelen zou meneer Jansen goed kun-

ƒ

spijlen verticaal staan;

de afstand tussen elke spijl maximaal tussen de zeven en acht centimeter is;

13192_Boek_Ondersteunen bij persoonlijke verzorging.indb 25

19-04-12 12:15


26

Zorg voor het bed

ƒ

2

er geen zacht materiaal, zoals een kussen of

ƒ

hoofdbeschermer, in de wieg ligt.

gebruiken. De dekbedjes moeten aan de

onderkant dichtgemaakt kunnen worden.

Een baby zal misschien niet gauw uit bed vallen,

maar een ondernemende peuter wel. Als een peu-

Als een kind groter is, mag je een dekbed

Bovendien moeten ze goed ingestopt kunnen worden.

ter gaat staan en probeert te klimmen, kun je het

Frisse lucht in een kinderkamer is heel belangrijk.

laagste stand. Je kunt vaak ook een paar spijlen

Dat kun je goed doen als je het bed opmaakt. Let

volgende doen. Plaats de verstelbare bodem op de verwijderen, zodat het kind zelf in en uit bed kan stappen. Bind het kind nooit vast met tuigjes of trappelzakken. Een kind kan klem komen te zit-

Je moet dus regelmatig ventileren.

dan wel op dat een groter kind niet uit het raam hangt of klimt.

ten of zelfs stikken!

Gelukkig ontdekt Selma op tijd dat de bedbodem van haar zoontje in de laagste stand gezet moet

Benodigdheden voor wieg of ledikant

worden.

Voor een wieg of ledikant heb je een matras en

Bij kleine kinderen moet je voortdurend bedacht zijn

beddengoed nodig. Ook dit materiaal moet aan bepaalde eisen voldoen: ƒ

Het matras moet acht tot tien centimeter dik zijn.

ƒ

Het matras moet gemaakt zijn van polyether, want zo’n matras kan goed ‘ademen’.

ƒ

Leg, alleen bij oudere kinderen, een zeiltje op

op onveilige situaties.

Opdrachten 1

2

wordt door het zeiltje opgenomen. Het zeil-

tje moet glad zijn en mag niet meer dan een

derde deel van het matras bedekken. Als het zeil een groter deel bedekt, kan het matras niet genoeg ademen. Waarschuwing: voor

jonge baby’s wordt het gebruik van een zeiltje afgeraden. ƒ ƒ

verticaal staan en niet horizontaal?

Bij een wieg of ledikant moet de afstand tus-

sen de bedspijlen zeven tot acht centimeter

zijn. Kun je beschrijven wat de bezwaren zijn

het matras. Dit voorkomt dat het matras nat wordt als het kind in bed plast. Alle vocht

Waarom moeten de spijlen van een kinderbed

3

van een kleinere en van een grotere afstand? Vraag aan familie of kennissen met kleine

kinderen of je hun kinderkamer eens mag

bekijken. Let daarbij speciaal op de veiligheid van het bed en de benodigdheden die in bed gebruikt worden. Is het bed veilig? Waarom wel of waarom niet?

Gebruik bij voorkeur katoenen lakentjes.

Gebruik voor baby’s bij voorkeur dekens en

dus geen dekbed. Uit onderzoek blijkt dat er een groter risico is op wiegendood als een baby onder een dekbedje slaapt. ƒ

Let altijd goed op dat een kind niet in het

beddengoed verstrikt kan raken. Gebruik dus nooit te dikke of te grote dekens.

13192_Boek_Ondersteunen bij persoonlijke verzorging.indb 26

19-04-12 12:15


2

2.5

Zorg voor het bed

27

Vaardigheid Bed afhalen en opmaken

In de praktijk zul je vaak het bed van een cliënt moeten afhalen en opmaken. Bij de beschrijving van deze vaardigheid wordt uitgegaan van twee helpenden, maar in de praktijk zul je het ook vaak alleen moeten doen. Probeer deze handeling daarom eerst met een collega en daarna alleen. De beschrijving gaat uit van lakens en dekens. De handeling uitvoeren met een hoeslaken en een dekbed komt ongeveer op hetzelfde neer.

Beschrijving van de handeling Voorbereiding 1

2 3

Vertel de cliënt wat er gaat gebeuren.

Doe hand- en polssieraden af en was je handen. Leg schoon beddengoed klaar.

4 Zet een wasmand voor de vuile was klaar. 5

Zorg voor voldoende werkruimte rondom het bed.

7

Zet een of twee stoelen aan het voeteneinde van het bed.

6 Zet het bed op werkhoogte.

Uitvoering

8 Leg de kussens op de stoel(en). 9 Maak sprei en dekens los.

10 Vouw sprei en dekens afzonderlijk in drieën en leg ze over de stoel. Let erop dat het beddengoed de vloer niet raakt.

11 Doe het bovenlaken in de wasmand. 12 Doe het steeklaken in de wasmand.

13 Leg een zeil ongevouwen over de stoel(en). 14 Doe het onderlaken in de wasmand.

15 Als je de molton niet hoeft te verschonen, trek je hem glad.

16 Leg het onderlaken op het bed. Als er een brede zoom is, leg je de brede zoom aan de bovenzijde met de naad naar beneden op bed.

17 Stop het laken eerst aan de bovenzijde met een nette hoek in. Doe dit vervolgens ook aan de onderzijde.

18 Als er een zeil gebruikt moet worden, leg je dit op het onderlaken, op de plaats waar de stuit komt te liggen.

19 Leg het steeklaken over het zeil en bedek het hele zeil. 20 Stop het steeklaken glad in.

21 Leg het bovenlaken op het bed. Als er een brede zoom is, leg je deze aan de bovenzijde, met de naad naar boven.

13192_Boek_Ondersteunen bij persoonlijke verzorging.indb 27

19-04-12 12:15


28

Zorg voor het bed

2

22 Leg de dekens op het bovenlaken.

23 Stop het bovenlaken en de dekens aan het voeteneinde netjes in.

24 Sla de dekens en het bovenlaken terug. De omslag van de dekens komt niet onder de omslag van het laken uit.

25 Stop het bovenlaken en de dekens verder in, afhankelijk van de wensen van de client.

26 (Als er een dekbed wordt gebruikt, vervallen de punten 21 tot en met 25

27 Om het dekbed wordt een schone hoes gedaan en het geheel wordt op het bed gelegd. Het dekbed wordt alleen aan de onderkant ingestopt).

28 Doe schone slopen om de kussens. De punten van de kussens bevinden zich goed in de punten van de slopen.

29 Leg de kussens op bed met de openingen van de deuropening af. 30 Leg de sprei op het bed, stop de sprei niet in.

31 Let er tijdens het opmaken op dat je niet te veel met het beddengoed wappert.

32 Let er tijdens de werkzaamheden op dat het vuile wasgoed niet in contact komt met het schone wasgoed.

Nazorg

33 Breng de kamer weer op orde. 34 Breng de wasmand weg. 35 Was je handen.

36 Groet de cliĂŤnt na de werkzaamheden op een correcte manier.

Opdrachten 1

2 3

Waarom moet je je hand- en polssieraden afdoen?

Een cliĂŤnt moet warm en comfortabel kunnen zitten als hij even uit bed moet komen, zodat jij het bed kunt opmaken. Hoe zou jij daarvoor zorgen?

Waarvoor zet je stoelen aan het voeteneinde?

4 In de meeste huisgezinnen worden geen steeklakens gebruikt. Wat doe je als je er toch een nodig hebt?

2.6

Vaardigheid Wieg of ledikant opmaken

Voor je begint, vraag je aan de ouders of zij speciale wensen hebben bij het opmaken van het wiegje of ledikantje. In deze vaardigheid gaan we ervan uit dat het bedje al is afgehaald. In de beschrijving is rekening gehouden met het gebruik van een dekentje (voor jonge baby’s) en van een dekbed (voor grotere kinderen). Zolang de baby een kruik nodig heeft, zorg je voor een naadloze kruik met een rubberen dop of ring in de sluiting (NVVH-keur). Leg een kruik altijd in een kruikenzak en met de dop naar beneden in het bedje.

13192_Boek_Ondersteunen bij persoonlijke verzorging.indb 28

19-04-12 12:15


2  Zorg voor het bed

29

Figuur 2.11 Wanneer een baby een groot bed heeft kun je het bed het best tot de helft opmaken. De kans dat de baby onder de dekens verstrikt raakt is dan klein

Beschrijving van de handeling Voorbereiding

1 Als dat nodig is, vertel je de ouders wat je gaat doen. 2 Doe hand- en polssieraden af en was je handen.

3 Leg de benodigdheden binnen handbereik op een stoel of een commode. Je hebt

nodig: twee lakens, (eventueel) een zeiltje, een molton, dekens (eventueel dekbed), een sloop en een luier.

Uitvoering

4 Leg het onderlaken op het matras en stop het glad in. Eventuele naden zijn naar beneden gericht en de brede zoom bevindt zich aan de bovenzijde.

5 Leg het zeiltje zo nodig op het onderlaken, op de plaats waar de baby met het onderlichaam komt te liggen. Bij voorkeur bedekt het zeiltje slechts een derde deel van de wieg of ledikantje.

6 Leg de molton zo op het zeiltje, dat hij het zeil geheel bedekt. 7 Leg de kussensloop aan het hoofdeinde.

8 Leg op het onderste deel van de kussensloop een dubbelgevouwen luier, met de open kant naar boven. Stop de luier aan de zijkanten in als dat kan.

9 Leg het bovenlaken bijvoorbeeld op de commode, met de eventuele brede zoom aan de bovenzijde en de naad naar boven.

10 Leg de dekens ongeveer twintig centimeter onder de bovenkant van het laken. Als er een wollen deken bij is, leg je deze als eerste op het laken.

11 Sla het bovenste deel van het laken over de dekens.

12 Leg het geheel in de wieg en stop het niet te strak in.

13 Als er toch een dekbedje gebruikt wordt, vervallen de punten 9 tot en met 12. Doe

een hoes om het dekbed en leg het geheel in het bedje. Leg het dekbedje niet te ver

(in de richting van het hoofd) over de baby heen en stop het alleen aan het voeteneinde in.

13192_Boek_Ondersteunen bij persoonlijke verzorging.indb 29

19-04-12 12:15


30

Zorg voor het bed  2

Nazorg

14 Breng de kamer, voor zover nodig, weer in orde. 15 Was je handen.

Opdrachten

1 Welke speciale wensen zouden ouders kunnen hebben? 2 Hoe groot moet een zeiltje zijn?

3 Als het zeil te groot is, kun je het verkleinen door het dubbel te vouwen of door er een stuk af te knippen. Wat is volgens jou de beste methode?

4 Als je een babybed opmaakt, moet je er rekening mee houden waar de baby komt te liggen: meer naar boven, in het midden van het bed of meer naar onder. Wat is volgens jou de veiligste plaats voor een baby in bed?

5 Waarom moet je het zeiltje bedekken met een molton? 6 Waarom sla je het dekentje in een babybed niet om?

2.7

Toets jezelf

Geef bij elke stelling aan of deze juist of onjuist is. 1

Een hoog-laag bed bevordert een goede werkhouding van de helpende.

2

Een matrasbeschermer ligt op het matras.

3

Een dekbed is ongeschikt in een verpleeghuis.

4

Een wieg is veilig wanneer deze horizontale spijlen heeft.

5

Een dekbedje in een wiegje voor een baby van een paar maanden is ongeschikt.

6

Een verstelbare bodem in een kinderbedje bevordert de veiligheid.

7

Een voetenbankje zorgt ervoor dat de cliĂŤnt makkelijk uit bed kan stappen.

8

Bedverhogers zorgen voor een werkhoogte die voldoet aan de eisen van de Ar-

9

Een dekenboog voorkomt druk op de benen.

10

In het bedje van een baby van een paar maanden oud, wordt het gebruik van

bowet.

een dekbedje geadviseerd.

13192_Boek_Ondersteunen bij persoonlijke verzorging.indb 30

19-04-12 12:15


3

Slapen

Om goed te functioneren is het belangrijk dat je fit aan de dag begint. Een goede nachtrust is hiervoor een belangrijke voorwaarde. Veel mensen hebben geen moeite met slapen, maar er zijn er ook die wel slaapproblemen hebben. In dit thema wordt de volgende theorie behandeld: ƒ

Slapen en slaapproblemen.

ƒ

Het slaap- en waakritme van kinderen.

Dit thema bevat geen vaardigheden.

13192_Boek_Ondersteunen bij persoonlijke verzorging.indb 31

19-04-12 12:15

Traject Helpende Ondersteunen bij persoonlijke verzorging  

Dit boek Ondersteunen bij persoonlijke verzorging maakt deel uit van Traject Helpende Z&W, een serie leermiddelen speciaal ontwikkeld voor d...

Read more
Read more
Similar to
Popular now
Just for you