De Geo onderbouw - Leerboek 1 vmbo t-havo

Page 1

D E GEO

1 VM BO - T/ H AVO LEERBOEK

Ontdek waar het om draait

www.thiememeulenhoff.nl/degeo

926224_OMSL.indd 1

9 789006 926224

30/10/19 09:10


926224_BINNENWERK.indb 1

30/10/19 08:18


DIT BOEK IS VAN:

KLAS:

Auteurs Matthijs de Boer, Lisette van Engelen, Chris de Jong, Freek Jutte, Lonneke Metselaar, Jan Padmos en Alice Peters Eindredactie Daphne Ariaens, Maarten Boddaert en Alice Peters

926224_BINNENWERK.indb 1

30/10/19 08:18


2

Inhoud

Leerlijnoverzicht

1.

2.

3.

4.

Iran

Grote natuurlandschappen op aarde

Gambia: de smiling coast van Afrika

Natuurrampen in Japan

Start 6 §1 Kennismaking met Iran 8 §2 Inzoomen op Teheran 10 §3 Iran in de atlas 12 §4 Bronnen: De ligging van Teheran 14

Start §1 Ontbossing in het Amazonegebied §2 De outback in Australië §3 De Inuit in het poolgebied §4 Het Lötschental

Start 38 §1 Gambia: een andere wereld 40 §2 Arm en rijk in Gambia 42 §3 Bronnen: Bevolkings kenmerken van Gambia 44 §4 Kansen voor Gambia 46

Start 54 §1 Japan: land in de Ring van Vuur 56 §2 De grote Oost-Japanse ramp 58 §3 De vulkaan de Aso 60 §4 Bronnen: Omgaan met rampen 62

64 66 68

22 24 26 28 30

Anders actief - Zonvakantie op Kish - Keuzemenu

16 18

Anders actief - Klimaat en landschap 32 - Keuzemenu 34

Anders actief - Het ene land is het andere niet! - Keuzemenu

48 50

Anders actief - De aardbeving van Kanto in 1923 - Keuzemenu

Finish

20

Finish

Finish

52

Finish

36

Thema’s introductie van aardrijkskundige • werkwijzen en vaardigheden • aardrijkskundig beeld van Iran

• landschapszones op aarde • klimaatgebieden op aarde • bewoonbaarheid van landschapszones

• cultuur en volk • verschillen tussen arm en rijk • hoe meet je ontwikkeling? • ontwikkelingssamenwerking

• platentektoniek, aardbevingen, tsunami’s • vulkanen • rampenbestrijding

• beschrijven en verklaren: waar liggen de landschapszones en waarom daar? • wisselen van schaalniveau: vanuit regio’s uitzoomen naar wereldschaal

• herkennen en benoemen van bevolkingskenmerken • een klimaatdiagram tekenen • kaartvaardigheden

• wisselen van schaalniveau • diagrammen tekenen • aardrijkskundige vragen stellen • onderzoeksplan maken

B2, B15, B20, B42, B48, B49, B51, B60, B72, B77, B82, B83, B84, B86

B9, B26, B72, B148, B149, B150, B154, B164, B166, B174, B210, B220, B224, B225, B226, B236, B244

B5, B26, B37, B97, B100, B102, B103, B106, B107, B109

Vaardigheden en werkwijzen kaartlezen: titel, legenda, schaal, • noordpijl • wisselen van schaalniveau: Teheran, Iran, wereld • werken met de atlas • zelf een kaart maken Projecten

Basisboek B24, B110

926224_BINNENWERK.indb 2

30/10/19 08:18


Inhoud

3

Leerlijnoverzicht

5.

6.

7.

8.

Land in Zuidoost-Azië: Indonesië

Klimaat en natuurlandschap in Europa

Je eigen omgeving in beeld

Brazilië, het land van de toekomst?

Start 70 §1 Indonesië, een wereld op zich 72 §2 De cultuur van Zuidoost-Azië 74 §3 Snelle economische veranderingen 76 §4 Verstedelijking 78

Start 86 §1 De invloed van de Golfstroom 88 §2 Het klimaat in de bergen 90 §3 Europa: klimaat en begroeiing 92 §4 Klimaatverandering 94

Start 102 §1 De inrichting van een wijk 104 §2 De Kinkerbuurt: inrichting en bewoners 106 §3 Stad of platteland? 108 §4 Bronnen: Onderzoek je eigen buurt 110

Anders actief - Plastic soep - Keuzemenu

Anders actief - Klimaatpaspoort Nederland - Keuzemenu

Anders actief - Een rapportcijfer voor je buurt - Keuzemenu

80 82

Finish 84

Finish 100

Finish 116

Start 118 §1 Brazilië: landschap en bevolking 120 §2 Brazilië in de wereldeconomie 122 §3 Ongelijkheid in Brazilië 124 §4 Bronnen: het Amazonegebied 126 Anders actief - Het Amazonegebied: ontwikkeling of bescherming? 128 - Keuzemenu 130 Finish 132

• klimaten in Europa • landschappen in Europa • klimaatverandering

• buurtprofiel: woningkenmerken • buurtprofiel: bewonerskenmerken • stad en platteland

• bevolkingsontwikkeling • globalisering en ontwikkeling • regionale en sociale ongelijkheid

• klimaatdiagram tekenen • weer en klimaat in eigen omgeving onderzoeken • kenmerken van kaarten

• werken met Google Earth aardrijkskundig onderzoek met • bronnen (eigen omgeving) • aardrijkskundige informatie verzamelen: veldwerk (bewoners enquête) • diagrammen tekenen

• kaartvaardigheden • wisselen van schaalniveau waarderen: stappenplan eigen • mening

Weerman voor een week 136

Ontwerp je eigen wijk

B11, B15, B27, B28, B48, B53, B54, B55, B58, B72, B85, B86, B87, B110, B118, B119, B142, B143

B27, B28, B31, B32, B33, B34, B35, B41, B150, B163, B171, B183, B214

96 98

112 114

Thema’s • cultuur, volk en staat • economische ontwikkeling • beroepsbevolking • verstedelijking Vaardigheden en werkwijzen • regio in beeld • regio’s vergelijken: overeenkomsten en verschillen • beschrijven en verklaren • redeneren vanuit dimensies

Projecten

Islam

138

134

Basisboek B4, B15, B27, B28, B37, B72, B164, B165, B166, B196, B197, B239, B240

B15, B29, B81, B137, B154, B155, B224, B226, B228, B239, B247, B240

Ook vind je in dit leerboek:

Hoe werk je met het leerboek? Register met alle begrippen

926224_BINNENWERK.indb 3

4 140

30/10/19 08:18


4

Hoe werk je met het leerboek? Vier paragrafen

Dit is het leerboek 1 vmbo-t/havo. Je gaat het gebruiken bij het vak aardrijkskunde. Op deze bladzijden zie je hoe je ermee gaat werken.

Elk hoofdstuk heeft vier paragrafen. De paragrafen bestaan onder andere uit verschillende tekststukjes, kaarten en foto’s. Om je te helpen bij het leren, werkt De Geo met structuurtekens:  hoofdzaak: waarover gaat het stukje?  bijzaak of opsomming van verschillende punten  voorbeeld of extra uitleg

Dit boek van De Geo gebruik je samen met de digitale leeromgeving in de les. Dit boek is van jou persoonlijk, dus je mag er aantekeningen in maken. Na dit schooljaar kun je het gebruiken als je nog eens iets wilt opzoeken.

wereldbolletje: over welk gebied gaat het en waar ligt dat?

Leerboek

zwart begrip: herhaald begrip

begintekst: waarover gaat de paragraaf?

Het leerboek bestaat uit acht hoofdstukken. Elk hoofdstuk is op een vaste manier opgebouwd: Start, vier paragrafen, Anders actief, Keuzemenu en Finish.

40

3

structuurteken

§1

Gambia: de smiling coast van Afrika

41

Gambia: een andere wereld

§1 Gambia: een andere wereld

Start

Gambia

Elk hoofdstuk begint met een Start. Dat is een visuele oriëntatie op het hoofdstuk. Oriënteren betekent: kijken wat je gaat doen. In de Start staat een foto over het gebied of onderwerp dat in het hoofdstuk wordt behandeld.

FIGUUR

FIGUUR

2

Een winkel in de stad Serekunda.

Klimaat

Zowel Gambia als Nederland liggen aan zee. Toch zijn er veel verschillen. In deze paragraaf leer je de bijzondere kenmerken van Gambia kennen.

Ligging u Gambia is het kleinste land van Afrika. Het ligt aan de westkust en is net iets groter dan Gelderland en Noord-Brabant samen. Het land heeft maar één buurland: Senegal (figuur 3). De rivier de Gambia, die van oost naar west stroomt, deelt het land in tweeën. Gambia ligt in de tropen. Daarom zijn het klimaat en de natuur anders dan in Nederland.

u Het is altijd warm in Gambia. Het land heeft een tropisch klimaat met twee seizoenen: het natte en het droge seizoen.  In de regentijd van juni tot november zijn er veel regenbuien. Van zo’n bui krijg je het niet koud, want ook in de regentijd is het warm.  In de droge periode van november tot juni valt er weinig regen. Het kan wel hard waaien. Soms komt er een droge, stoffige wind uit het noordoosten (de harmattan) die zand en stof uit de Sahara meeneemt. Dit kan voor veel ongemak zorgen (figuur 4 en 5).

Mangrovebos.

FIGUUR

Banjul

u Mensen in Gambia leven anders dan wij in Nederland. Er is een andere cultuur. Cultuur omvat alles wat mensen hebben aangeleerd. Denk bijvoorbeeld aan taal, godsdienst, kledingkeuze en het bereiden van voedsel.  De officiële taal in Gambia is Engels. Er wordt Engels gesproken bij de overheid, in het onderwijs en in toeristengebieden. Maar de meeste Gambianen spreken ook een eigen stamtaal.  In Gambia zijn verschillende etnische groepen: groepen mensen met een eigen taal en cultuur. Deze stammen hebben geen eigen plek, maar leven allemaal door elkaar heen (figuur 8).

Godsdienst u De meeste Gambianen zijn moslim (90%). De overige mensen

NIGER

SENEGAL

Kunta Kinteh Island SENEGAL

GAMBIA

BURKINA FASO

GUINEE

3

De ligging van Gambia.

FIGUUR

4

De harmattan.

Serekunda is de grootste stad van Gambia. De stad staat bekend om de grote, chaotische markt. Er is van alles te koop. Op de grond staan grote plastic zakken met meel en fruit, op een kruiwagen liggen lappen stof en overal liggen stoffige horloges en zonnebrillen uitgestald.

zijn christen of hebben een ander geloof.  Op straat zie je hoe belangrijk de islam is. Er staan overal moskeeën (figuur 9). Maar in Gambia zijn geen strenge kledingregels. Je ziet nauwelijks hoofddoekjes en vrouwen bedekken niet hun hele lichaam.

NIGERIA

100 km

FIGUUR

TSJAAD

MALI

GAMBIA

Gambia

Vrouwen van twee verschillende stammen.

u Gambia heeft verschillende landschappen. Aan de kust liggen veel zandstranden.  Langs de rivier de Gambia liggen moerassen. In die moerassen staan bomen die in zout water leven. Dit noemen we mangroven (figuur 6).  De rest van Gambia bestaat uit savanne. Ten zuiden van de rivier vind je grasland met groepen bomen: de bossavanne. In het noorden staan hoge grassen, grote struiken en af en toe een boom. Dit heet parksavanne.  De hoeveelheid bossavanne is door ontbossing flink afgenomen. Veel savannes worden nu gebruikt als landbouwgrond.

Markt van Serekunda

ALGERIJE MAURITANIË

Kaur

Serekunda

8

Cultuur en volk

SENEGAL

At la Oc ntisc ea he an

titel: het onderwerp en het gebied

6

Landschap

SIERRA LEONE

IVOORKUST

LIBERIA A tla

KAMEROEN

ntis c h e O c e a a n

1.000 km

GABON

in kg per ha 0

20 - 50

100 - 400

1 - 20

50 - 100

400 - 1.200

FIGUUR

5

Stofbedekking tijdens de harmattan.

FIGUUR

54

4

Natuurrampen in Japan

Start

FIGUUR

55

9

Moskee op het platteland.

7 VAARDIGHEID

B 26

B 72

B 166

Start

leertekst

4. Natuur-

rampen in Japan

FIGUUR

1

Uitbarsting van de vulkaan de Sakurajima, januari 2010.

Basisboeknummer(s) bij deze paragraaf en/of vaardigheid in het Basisboek: wat moet je kunnen?

blauw begrip: nieuw begrip met omschrijving van de definitie

Anders actief Bij een Anders actief-paragraaf staat het symbool . In zo’n paragraaf ga je dieper in op een bepaald gebied of een onderwerp. Je gaat actief aan de slag, meestal in een groepje. 48

3

Gambia: de smiling coast van Afrika

Anders actief

49

Het ene land is het andere niet!

Anders actief

foto: oriëntatie op het onderwerp en het gebied

Het ene land is het andere niet! Het ontwikkelingspeil van de landen in Afrika verschilt sterk. In deze Anders actief vergelijk je Gambia met drie andere Afrikaanse landen.

BRON

BRON

926224_BINNENWERK.indb 4

8

9

Markt op het platteland in Madagaskar.

BRON

10 Leerlooierij in Marrakech (Marrakesh), Marokko.

Kaapstad, Zuid-Afrika.

30/10/19 08:18


5

Hoe werk je met het leerboek?

Keuzemenu Bij het Keuzemenu staat ook het symbool . In het Keuzemenu staan vier of vijf onderwerpen. Je mag zelf kiezen wat je gaat doen. Je werkt alleen, samen of in groepjes. 18

1

Iran

Anders actief

19

Keuzemenu

Keuzemenu A

Isla Bonita

C

De stranden zijn er prachtig. De zee is helderblauw. Je kunt gaan diepzeeduiken, maar je kunt ook met een scooter het eiland rondrijden. Welk eiland zou dit zijn? Je gaat het zelf tekenen.

Isla Bonita, het eiland van je dromen

Tijdzones

D

Waarschijnlijk weet je wel dat er tussen sommige landen tijdverschillen zijn. Als je mensen ver weg wilt bellen, moet je er rekening mee houden dat het ergens anders een andere tijd is. Dit heeft te maken met de lengteligging: hoe verder je naar het oosten gaat, hoe later het wordt. Waar wordt als eerste oud en nieuw gevierd? En waar als laatste? Dat zoek je uit in dit keuzemenu.

Damavand +5.671 m

Mashhad

Qom Kashan

Kuh-e Garin +3.630 m

IRAN Esfahan Qomsheh

Kuh-e Nay Band +2.960 m

Yazd

Ahvaz

Pe

rzi

he

9

10 Reizen door verschillende tijdzones.

Shiraz

250 km

sc

G ol f

BRON

7

Kaspische Zee

Kuh-i Dena +4.409 m

De krater is volgelopen met water, zodat je bovenin een groot kratermeer kunt zien. Aan de voet van de Fugo liggen uitgestrekte bossen. In de bossen is een wildreservaat waar tijgers leven. Aan de zuidkust liggen brede palmstranden. In het zuiden ligt alleen een vakantiepark: Palmdorp. Het vakantiepark ligt tussen de akkers en de weilanden in de vlakke kuststrook. Vanaf Palmdorp lopen twee wegen: één gaat langs het strand naar de vuurtoren op de oostpunt van het eiland. De ander gaat door het akkergebied richting de Fugo. De weg gaat tegen de vulkaanhelling omhoog en eindigt bij het kratermeer. Aan de westkant liggen een paar kleine dorpjes.

28

Tabriz

Teheran

BRON

vragen over tekst en figuren in het leerboek en/of Basisboek

Kerman Sirjan Kuh-e Hazaran +4.420 m

1 : 13.500.000

W6 Unesco werelderfgoed

hoofdstad

landgrens

culturele bezienswaardigheid

grote stad

route

natuurlijke bezienswaardigheid

middelgrote stad

hoofdweg

1

1

1

1

1

1 1

B 24

BRON

11 Een toeristische route door Iran.

1 1 1

1

1

1

E

8.000 km

Atlaspuzzel

In bron 12 zijn de grenzen van acht landen getekend. Die landen liggen allemaal in het Midden-Oosten. Jij gaat uitzoeken welke landen dat zijn. Ook zoek je de namen van de hoofdsteden op. Hiervoor gebruik je de atlas.

1

droog gebied

W7

Lees in het Basisboek B82 Savanne en bekijk figuur 3.9 en 3.10.

Landschappen van nat naar droog.

Landschap

Neerslag in mm

Aantal maanden met neerslag

1

3

2

5

Plattegrond van je klaslokaal

W9 500

Lees in je leerboek Droogte. Lees in het Basisboek B60 Droogte (alleen het driehoekje).

ºC

400

20

300

10

250 0

200

–10

100 50 0

j

f

m

maand temperatuur neerslag

Lees in het Basisboek B83 Steppe en B84 Woestijn. Bekijk figuur 3.11 en 3.12.

tropisch regenwoud

1 grassen:

11

12 Acht landen in het Midden-Oosten.

2 struikjes:

Bekijk figuur 10B in je leerboek. Gebruik in het Basisboek B72 Klimaatdiagram (alleen figuur 2.36).

Maak het klimaatdiagram in W9 af. Gebruik hiervoor de klimaatgegevens in W10. a Geef de temperatuur aan met rode stippen in het midden van de maanden januari t/m april. Verbind de stippen met een rode lijn. b Geef de neerslag aan met blauwe streepjes in de maanden januari t/m april. Kleur de staafjes onder die streepjes blauw.

a

m

j

j

a

s

o

n

d maand

–20

W10 Temperatuur- en neerslaggegevens van Cairns, januari t/m april.

30° Z.B

stijgingsregen

• Je kent de topografie van Australië (W4). • Je kent de ligging van droge gebieden op aarde (W6). • Je weet hoe droogte ontstaat (W8). • Je weet wat het verschil in oppervlakte is tussen Australië en Nederland. • Je kunt klimaatdiagrammen tekenen, aflezen en vergelijken. • Je kunt de kenmerken van verschillende landschappen beschrijven.

150

Ontstaan van droogte. 0°

WB 30

350

a Zet de nummers 1 tot en met 4 in de juiste rondjes in W8. Kies uit: 1 savanne (2 x) 2 droge, dalende lucht (2 x) 3 woestijn (2 x) 4 steppe (2 x) b Droge gebieden ontstaan doordat de lucht stijgt / daalt. Dat gebeurt tussen de 20 en 40˚ N.B. en Z.B. / 40 en 60˚ N.B. en Z.B. Door het stijgen / dalen wordt de lucht warmer / kouder en verdwijnen de wolken. Hierdoor valt er veel / weinig neerslag.

30° N.B

Klimaatdiagram Cairns.

mm

450

a Vul W7 in voor de steppe en de woestijn. b Op welke twee manieren past de plantengroei in de steppe zich aan de droogte aan?

7

Wat moet je kennen en kunnen? • Je kunt de ongelijke bevolkingsspreiding in Australië beschrijven en verklaren. • Je kunt de neerslag in Australië beschrijven: wat de verschillen zijn per gebied, de gevolgen hiervan voor het bodemgebruik en voor het landschap.

woestijn

10

29

LB

2 d Bekijk de grafiek van Oodnadatta in figuur 10B. Welk landschap vind je hier?

steppe

verdamping

6

Leerdoelen

1

savanne

4

8

BRON

De outback in Australië

tropisch regenwoud

W8

8

§2

c Welke twee verschillen in neerslag zijn er tussen Oodnadatta (figuur 10B in je leerboek) en Cairns (W9)?

Grote natuurlandschappen op aarde

a Vul W7 in voor het tropische regenwoud en de savanne. b Beschrijf de plantengroei in een savanne.

9

B

Droge gebieden op aarde.

1

Isla Bonita.

In dit menu teken je een plattegrond van je klaslokaal. Hoe lang en breed zijn de muren? En waar zijn de deur en de ramen? Dat ga je precies meten en op schaal tekenen. Ook laat je zien hoe het lokaal is ingericht.

2

Lees in je leerboek Droogte en bekijk figuur 10A. Gebruik de atlas.

a Schrijf in W6 de letters A t/m G van de grote woestijnen op de juiste plek. A Sahara B Gobi C Kalahari D Grote Victoriawoestijn E Nefudwoestijn F Great Basin (Grote Bekken) G Atacama b Schrijf de breedteligging in de invulhokjes in W6. Kies uit: 0° – 20° – 40°. Zet erbij of het N.B. of Z.B. is. c De woestijnen liggen dicht bij de evenaar vooral tussen 20° en 40° N.B. en Z.B. vooral boven 40° N.B. en Z.B.

bergtop

VAARDIGHEID

leerdoelenoverzicht

Hoogtepunten in Iran

Steeds meer toeristen ontdekken Iran. In dit menu bekijk je een kaart en foto’s van Iran en leer je meer over de toeristische hoogtepunten in Iran.

IRAK

Isla Bonita ligt in de Stille Zuidzee. Het eiland is van de oostpunt naar de westpunt ongeveer 20 km. Van noord naar zuid is het op z’n breedst 15 km, maar er zijn ook smallere stukken. Aan de noordkant is het eiland erg rotsachtig. In het oosten, op een paar kilometer van de kust, ligt de vulkaan de Fugo. De vulkaan is 2.000 m hoog.

In het werkboek zie je het symbool staan bij de Anders actiefparagraaf en bij het Keuzemenu. Dat betekent dat je daar op een andere manier aan de slag gaat dan in de gewone opdrachten.

12

j

f

m

a

28

27

27

25

397

422

449

225

Herhaling

Zoek bij elk kenmerk uit het linkerrijtje het kenmerk uit het rechterrijtje dat er bij hoort, bijvoorbeeld A – 8. Je mag elk kenmerk maar één keer gebruiken. A zand, stenen, rotsen 1 evenaar B droge gebieden op aarde 2 rand van de outback C droogte, hitte 3 steppe D akkerbouw, intensieve veeteelt 4 dalende lucht E extensieve veeteelt 5 down under F Australië 6 savanne G grassen en struiken 7 kustgebied H opstijgende lucht 8 woestijn I droog, wolken lossen op 9 20° tot 40° N.B. en Z.B. J grassen en groepjes bomen 10 outback A

F

B

G

C

H

D

I

E

J

BB • • • • •

B60 Droogte (alleen het driehoekje) B72 Klimaatdiagram (alleen figuur 2.36) B82 Savanne B83 Steppe B84 Woestijn

Begrippen Leerboek bevolkingsdichtheid, bevolkingsspreiding, extensieve veeteelt, intensieve veeteelt, neerslag, regentijd, savanne, steppe, woestijn Basisboek klimaatdiagram, savanne, steppe, woestijn

Digitaal samenvatting en zelftoets §2

Finish Het hoofdstuk eindigt met de Finish. Daarin staan alle begrippen uit het hoofdstuk met de definities. 36

2

Grote natuurlandschappen op aarde

Finish

37

Finish Welke begrippen moet je kennen? alpenweide Hoogtegordel in de bergen met grassen, kruiden en lage struikjes (boven de boomgrens). bevolkingsdichtheid Het gemiddelde aantal inwoners per vierkante kilometer (inw/km2). bevolkingsspreiding De verdeling van mensen over een land of gebied. boomgrens Grens tussen een gebied waar nog wel bomen groeien en waar geen bomen meer kunnen groeien door de lage temperatuur (kouder dan 10 °C in de zomer). breedtecirkel Cirkel die plaatsen van gelijke breedteligging verbindt. breedteligging De afstand van een plaats tot de evenaar. cultuurlandschap Zie ingericht landschap. duurzaam Ervoor zorgen dat iets altijd blijft bestaan. eeuwige sneeuw Gebied waar altijd sneeuw ligt. etage Boomkruinen op verschillende hoogten in een bos. evenaar Lijn die de aardbol in twee helften verdeelt: het noordelijk halfrond en het zuidelijk halfrond. extensieve veeteelt Veeteelt met weinig vee per hectare. gletsjer Enorme ijsmassa die langzaam naar beneden schuift. herbebossing Het opnieuw aanplanten van jonge bomen na een houtkap. hoge breedte De ligging van een plaats ver van de evenaar (meer dan 60°). hooggebergte Berggebied met toppen die hoger zijn dan 1.500 m. hoogtegordel Zone van plantengroei in een gebergte. ingericht landschap Landschap waarin mensen huizen, wegen, akkers, weilanden en andere dingen hebben aangelegd. Heet ook cultuurlandschap. intensieve veeteelt Veeteelt met veel vee per hectare. keerkring De breedtecirkel van 23½° N.B. en 23½° Z.B., grens van de tropen. klimaatdiagram Diagram met de gemiddelde temperatuur en neerslag van een plaats of een gebied.

Wat heb je nodig? lage breedte De ligging van een plaats dicht bij de evenaar (minder dan 30°). landijs Laag eeuwige sneeuw op het land die tot ijs is samengeperst. loofboomgordel Zone in de gematigde luchtstreek waar loofbomen groeien, zoals eiken en beuken. luchtstreek Temperatuurzone op aarde: tropen, gematigde zone en poolstreken. naaldboomgordel Zie taiga. natuurlandschap Een landschap dat niet door mensen is ingericht. Het is puur natuur. neerslag Water dat in vaste vorm (sneeuw, hagel) of vloeibare vorm (regen, mist) uit de dampkring op aarde neerkomt.

noordpoolcirkel Zie poolcirkel. ontbossing Het kappen van bossen. permafrost Altijd bevroren ondergrond. poolcirkel De breedtecirkel van 66½° N.B. (noordpoolcirkel) en 66½° Z.B. (zuidpoolcirkel). poolstreken Gebied ten noorden van 66½° N.B. en ten zuiden van 66½° Z.B. regentijd Jaarlijkse periode met veel neerslag in de tropen. reliëf Hoogteverschillen in het landschap. rotsgordel Hoogtegordel waar door de kou en de harde ondergrond bijna geen planten meer groeien.

savanne Landschap in de tropen met lange grassen, afgewisseld met groepjes bomen en struiken. steppe Droog gebied waar net genoeg regen valt voor de groei van grassen en lage struikjes. taiga Zone in de gematigde luchtstreek waar naaldbomen groeien. Heet ook naaldboomgordel. toendra Boomloos gebied in de poolstreken met begroeiing van grassen, mossen en lage struikjes. tropen Warme luchtstreek bij de evenaar tussen 23½° N.B. en 23½° Z.B. tropisch regenwoud Dicht, ondoordringbaar bos in de warme en vochtige tropen. woestijn Een erg droog gebied waar bijna niets groeit. zee-ijs Bevroren zeewater.

leerboek

Basisboek

atlas

computer

Overige symbolen vaardigheid

samenwerking

FIGUUR 24 Weet jij welk landschap dit is?

begrippen uit het hoofdstuk

Basisboek

foto of kaart waarover je vragen beantwoordt in het werkboek

Projecten Achter in je leerboek staan drie projecten. Daarin doe je een onderzoek. Zo’n onderzoek doe je meestal verspreid over meer lessen. Je kunt ook samenwerken met andere vakken.

Werkboek Je begint altijd te werken vanuit je werkboek. Daar staan alle opdrachten. Die gaan over de tekst, foto’s, kaarten en diagrammen in het leerboek. Je moet vaak iets zelf doen, zoals kaarten kleuren of diagrammen tekenen. Bij alle opdrachten staat welke tekst of figuur uit het leerboek je nodig hebt voor het maken van die opdracht. Of welk Basisboeknummer je moet lezen.

926224_BINNENWERK.indb 5

herhaling

Het Basisboek heb je drie jaar nodig. Het is dus ook voor klas 2 en 3. In het Basisboek staat alles wat belangrijk is bij aardrijkskunde. Je vindt er alle begrippen. Maar ook leer je hoe je een kaart maakt. Of hoe een vulkaan werkt. En waarom het zo koud is bij de Noordpool. Bovendien vind je er veel ideeën en informatie voor een werkstuk of een verslag. Het Basisboek is ook digitaal beschikbaar. Je vindt er ook animaties die de begrippen uitleggen.

De Geo digitaal bij een opdracht staat, betekent dit dat Als dit symbool je op www.thiememeulenhoff.nl/degeo iets in de digitale leeromgeving kunt of moet doen. Bijvoorbeeld een opdracht maken of een filmpje bekijken. Alles wat in de boeken staat, staat ook bij elkaar op www.thiememeulenhoff.nl/degeo. Via de digitale leeromgeving kun je er alle opdrachten maken. Ook vind je hier speciale opdrachten die niet in het werkboek staan. Daarvoor heb je bijvoorbeeld speciale De Geo-ICT of -video’s nodig. Bij iedere opdracht staat de informatie uit het leerboek die je voor die opdracht nodig hebt. In de digitale leeromgeving kun je je werk direct nakijken. Zo weten jij en je docent meteen hoeveel je al kent en kunt en wat je nog een keer moet oefenen.

30/10/19 08:18


6

FIGUUR

1

1

Iran

Darband.

926224_BINNENWERK.indb 6

30/10/19 08:18


Start

7

Start

1.

Iran

926224_BINNENWERK.indb 7

30/10/19 08:18


8

1

Iran

§1 Kennismaking met Iran

Iran

2

FIGUUR

Een selfie maken op een plein in het centrum van Esfahan (Alcarta: Isfahan).

Wat is Iran voor een land? In deze paragraaf krijg je een eerste indruk door het bekijken van kaarten en foto’s. Je leert ook hoe je kaarten moet lezen.

AZERBEIDZJAN

ARMENIË TURKIJE

500 km 1 : 20.000.000

Kaspische Zee

Tabriz

TURKMENISTAN Atre k

Sefid-Rud

Rasht

Tochal +3.933 m Damavand +5.671 m

Karaj

Hamadan

Mashhad

Teheran

Qom

Kermanshah

IRAN

Esfahan

IRAK

Ka

ru

n

Kuh-i Dena +4.409 m

Ahvaz

AFGHANISTAN

Yazd

Kerman Zahedan

Shiraz

KOEWEIT

Kuh-e Hazaran +4.420 m

Pe

M and

rzi

sc he

Kish Go

QATAR VERENIGDE ARABISCHE EMIRATEN

aantal inwoners

lf v

an O man

OMAN

hoogte in m

Arabische Zee

overig

250.000 - 500.000

lager dan 200

bergtop

500.000 - 1.000.000

200 - 500

auto(snel)weg

1.000.000 - 5.000.000

500 - 1.000

spoorlijn

meer dan 5.000.000

1.000 - 3.000

noordpijl

hoger dan 3.000

zoutmeer

FIGUUR

3

Iran.

926224_BINNENWERK.indb 8

 Iran is een groot land in het westen van Azië. In ongeveer vijf uur vlieg je van Amsterdam naar de hoofdstad Teheran.  Als je boven Iran uit het vliegtuigraampje kijkt, zie je dat het landschap vooral bergachtig is. De hoogste bergtop is ruim 5.000 m! Je ziet ook dat er veel lege plekken zijn: grote stukken land worden niet gebruikt.  Als je geland bent, lijkt het vliegveld van Teheran gewoon op Schiphol. Toch zijn er wat verschillen. In de hal van de luchthaven hangen grote afbeeldingen van de twee belangrijkste leiders van het land. In Iran zijn die afbeeldingen verplicht in alle overheidsgebouwen, ook in klaslokalen. De taal op de borden is Perzisch. Ook dragen alle vrouwen een hoofddoek: de hijab (figuur 2).

Iran op kaarten  Als je kaarten en foto’s van Iran bekijkt, kun je meer over

Bandar-e Abbas

G ol f

SAUDI-ARABIË

PAKISTAN

Een eerste indruk

het land leren. Een kaart is een verkleinde tekening van een gebied.  Figuur 3 vertelt je al veel over Iran. Op deze kaart staan de namen van steden, bergen, rivieren, zeeën en buurlanden. Ook kun je zien welke belangrijke wegen en spoorlijnen er liggen. De kaart in figuur 3 is een overzichtskaart.  Figuur 4 laat zien dat de meeste Iraniërs in het noorden en westen wonen. Het aantal inwoners per vierkante kilometer (km2), de bevolkingsdichtheid, is daar hoog. Het oosten van Iran is juist heel dun bevolkt. Figuur 4 is een thematische kaart. Dat is een kaart met een bepaald thema (thema = onderwerp).  De foto van figuur 5 is genomen in Yazd, een stad midden in de woestijn. Rondom deze stad woont bijna niemand: het is te droog om er te overleven. Zonder de aanvoer van water uit nattere gebieden zou ook in Yazd niemand kunnen wonen.

30/10/19 08:18


§1

AZERBEIDZJAN

ARMENIË TURKIJE

Kaartvaardigheden

500 km 1 : 20.000.000

Kaspische Zee

Tabriz

TURKMENISTAN

Mashhad

Karaj

Teheran Qom IRAN

Esfahan

IRAK

AFGHANISTAN

Yazd

Ahvaz

Shiraz

KOEWEIT

PAKISTAN

Pe rzi

sc he

SAUDI-ARABIË

G ol f

QATAR

aantal inwoners per km

9

Kennismaking met Iran

 Om een kaart te kunnen begrijpen, moet je kunnen kaartlezen. Daarvoor moeten op elke kaart vier dingen staan: de titel, de legenda, de schaal en de noordpijl.  De titel vertelt over welk onderwerp en/of gebied de kaart gaat.  In de legenda staat de betekenis van de kleuren en de symbolen op de kaart. Zonder legenda kun je een kaart niet lezen.  De schaal laat zien hoeveel het gebied op de kaart is verkleind. Dan staat er bijvoorbeeld 1 : 100.000 (spreek uit: 1 op 100.000). 1 cm op de kaart is dan in werkelijkheid 100.000 cm. Omgerekend is dat 1.000 m of 1 km. Als je de schaal weet, kun je de afstanden uitrekenen.  In een kaart staat soms een noordpijl. Is er geen noordpijl, dan is de bovenkant van de kaart het noorden.

2

minder dan 1

25 - 100

1-5

meer dan 100

5 - 25

FIGUUR

4

Bevolkingsdichtheid in Iran.

FIGUUR

5

Yazd, een stad in de woestijn.

926224_BINNENWERK.indb 9

Arabische plaats met minder dan Zee 500.000 OMAN inwoners plaats met meer dan 1 miljoen inwoners

30/10/19 08:18


10

1

Iran

§2 Inzoomen op Teheran

De Grote Bazaar in Teheran.

100 m EE T

1 : 6.000

AN

FE RE SH

 De Miladtoren (435 m) is het hoogste gebouw in Teheran.

Sam Center

TE H

Melal ST R EE T

SH

Café Sam

BO SN IA

Drukte in het zuiden

Z DI AB

S

T EE TR

K ALL

EY

Babakpark BO Z ORGI STREET

HE RZ EG O

BABA

D

Namazipark Amirteymourpark

VI N

A

ST R

ST RE ET

Teheran is de grootste stad van Iran. Er wonen ruim 12 miljoen mensen. En iedere dag komen er ongeveer 8 miljoen mensen van buiten de stad om er te werken en studeren.

HY AR

6

KO O

FIGUUR

AGHA

Vanaf hier heb je een mooi uitzicht over de enorme hoofdstad. Fereshteh Dariush Je ziet goed de verschillen tussen het oude zuiden en het moderne noorden van de stad.  De Grote Bazaar (figuur 6) ligt in het oudere zuiden van kantoor juwelier restaurant woning KHAKZ AD STRE Teheran. De gebouwen zijn hier erg dicht op elkaar gebouwd. ET café winkel winkelcentrum weg WE ST GE Ze zijn twee tot vijf verdiepingen hoog. Op de begane grond RD park/tuin ST. TORAJ STREET vind je kantoortjes, kleine winkeltjes en werkplaatsen voor EA SAEEDI ST ERD het noorden van Teheran. bijvoorbeeld het repareren van schoenen of motoren. DaarFIGUUR 7 Plattegrond van een deel Gvan STR EET boven wonen de Teheranners in appartementen met vaak maar twee kamers. In de smalle straten is het overvol met  De meeste inwoners van Teheran gebruiken binnen de stad verkeer, geparkeerde auto’s en de uitstalling van de winkelhun auto of brommer als vervoermiddel. De afstanden zijn te voorraad. Er is bijna geen open ruimte. groot om te fietsen. Bovendien is het verkeer erg druk en gevaarlijk. Er is ook een metro, maar deze is overvol en komt niet overal. Iedere dag staan er lange files (figuur 8). Vanwege de uitlaatgassen is de lucht in de stad zo slecht, dat veel inwoners Rust in het noorden in het weekend de stad uit gaan. Zij gaan op zoek naar frisse lucht en trekken de bergen in.  Op de plattegrond van figuur 7 zie je een deel van het noorden van Teheran. Een plattegrond is een kaart met alle straten en huizenblokken erop. FIGUUR 8 File in Teheran, met op de achtergrond de Miladtoren.  Het noorden van de stad is nieuwer dan het zuiden. Dat zie je aan de bredere straten. Ook is er ruimte vrijgehouden voor parken en speelplaatsen. De flatgebouwen zijn hoger en de woningen zijn veel ruimer. Ook zijn er villa’s met een eigen tuin en zelfs een zwembad. Je vindt hier winkelcentra met bioscopen, kledingwinkels, restaurants en moderne cafés, zoals café Sam. D

DA

O

O

M

M

AY SW Y ES A PR SW E X RES P ES RR S EX RE AR

926224_BINNENWERK.indb 10

30/10/19 08:18


§2

5 km

pretpark het dak van Teheran

1 : 320.000

11

Inzoomen op Teheran

inzoomen

uitzoomen

lokale schaal: regionale schaal: nationale schaal: continentale schaal: mondiale schaal:

plaats streek, provincie, landsdeel land landen, werelddeel wereld

Tabiatbrug voetbalstadion FC Esteghlal

FIGUUR 11 Schaalniveaus.

Miladtoren

Teheran Kunstmuseum

Golestanpaleis

Mehrabad Airport

Grote Bazaar Centraal Station

bebouwing

weg

bezienswaardigheid

park

snelweg

figuur 7 en Café Sam

open terrein

spoorlijn

FIGUUR

9

Teheran.

Schaalniveaus  Bij aardrijkskunde maakt het veel uit op welke schaal je

werkt. Kijk je naar de wereld als geheel of ga je inzoomen? Inzoomen betekent dat je een gebied van dichterbij bekijkt. Je gaat van een groot gebied, zoals Azië, naar een kleiner gebied, zoals Iran. Uitzoomen is het tegenovergestelde van inzoomen. Je gaat dan van een klein gebied naar een groter gebied.  Zoom je in op een stad als Teheran, dan werk je op lokale schaal (lokaal = plaatselijk). Zoom je uit naar de wereld als geheel, dan werk je op mondiale schaal (mondiaal = wereld). Daartussenin zijn nog drie andere schaalniveaus. Die staan in figuur 11.

Teheran in één dag Thomas Erdbrink is een Nederlandse journalist en tv-presentator. Hij is getrouwd met een Iraanse en woont in Teheran. Hij leidt je een dagje rond. ‘Laten we beginnen bij de Grote Bazaar in het oude zuiden van de stad. Lekker mensen kijken en misschien een souvenir kopen. Blijf wel in mijn buurt, want je verdwaalt hier zo door al die smalle straatjes. Daarna gaan we dwars door de stad naar het rijkere en modernere noorden. We kunnen daar shoppen en naar Café Sam in een mooi winkelcentrum. Café Sam is helemaal hip. Het zit vol met jonge, stadse Teheranners die koffie of een smoothie drinken. Genoeg gezeten? Dan gaan we met de metro naar de moderne Tabiatbrug (figuur 10). Deze brug verbindt twee parken aan weerszijden van een snelweg. Ik vind hem zelf niet zo mooi eigenlijk, jij? Je zult inmiddels wel trek hebben gekregen. Laten we wat eten bij Khoone, een restaurant naast de brug waar ze Iraans eten serveren met yoghurt, salades en stoofpotjes. We eindigen de tour bij een groot pretpark aan de rand van de bergen. Zeker in het weekend is het hier ’s avonds gezellig druk. Het park wordt vaak het dak van Teheran genoemd, omdat je er een prachtig uitzicht hebt over de stad. FIGUUR 12

FIGUUR 10 De Tabiatbrug.

926224_BINNENWERK.indb 11

30/10/19 08:18


12

1

Iran

§3 Iran in de atlas

FIGUUR 13 De Shahdadwoestijn in het oosten van Iran.

Hoe kan de atlas je helpen meer over Iran te weten te komen? En waar ligt Teheran precies?

A

A

on lf r

d

60° N.B. Noordpool 90° N.B.

B

60 30 °W .L. LE N GT E WESTER-

Zuidpool 90° Z.B.

B

lij k

B

.L. °W

30° N.B.

d ron half k j i l e t s o o

LENGTE

0° nulme iaan rid

WESTER-

IRAN

O.L.

60 30 °W .L. LE N GT E

60°

30° O.L.

ha

i de zu

30° Z.B.

Greenwich

OOST ER-

we

st el lf r ij k on d

12 0° .L. O .L. °O 90

no

or de

d

lijk

ZUIDERBREEDTE

d

Zuidpool 90° Z.B.

FIGUUR 14 Breedteligging (A) en lengteligging (B).

926224_BINNENWERK.indb 12

30/10/19 08:19

LENGTE

ZUIDERBREEDTE

lijk

lfr on

0° nulme iaan rid

30° Z.B. ha

OOST ER-

ha

0° evenaar

0° evenaar

lfr on

we

NOORDERBREEDTE

NOORDERBREEDTE

ha

st el lf r ij k on d

IRAN

i de zu

 Bij aardrijkskunde heb je een atlas nodig. In een atlas zijn vier onderdelen heel belangrijk.  inhoudsopgave: Hier staan de nummers en titels van alle atlaskaarten. Ze zijn ingedeeld in gebieden: eerst Nederland, dan Europa, de andere werelddelen en ten slotte de hele aarde.  bladwijzer: Als je al ongeveer weet waar een plaats of gebied ligt, is de bladwijzer handig. Een bladwijzer is een kaart met vakken waarin de nummers van de kaartbladen staan.  legenda: Als er in de atlas geen legenda bij de kaart staat, kijk je in de algemene legenda van de atlas.  register: Er zijn twee registers.  Achter in de atlas vind je een alfabetische lijst van alle plaatsen, rivieren en bergen. Dit is het topografische register. Je gebruikt dit register als je niet weetndwaar een plaats of een 60° N.B. A o lf r gebied ligt. Achter elke naam staat ha eerst de bladzijde van de Noordpool kaart en daarachter het kaartvak. In de Grote Bosatlas 90° N.B. staat bijvoorbeeld Teheran 148-149 E2. Dit betekent dat je Teheran kunt vinden op bladzijde 148-149 in kaartvak E2. In Alcarta staat achter Teheran 140A, D4. Dit betekent kaartblad 140A, kaartvak D4. IRAN  In het trefwoordenregister vind je een lijst met onderwerpen. Bij elk onderwerp staat welke kaarten in de atlas daarover gaan.

.L. °W

30° N.B.

no

or de

lij k

Hoe gebruik je de atlas?

ha


180° W.L. 150° 60° N.B.

30°

36° N.B.

120°

90°

60°

30°

Iran in de atlas

60°

90°

120°

60° N.B.

Washington

Teheran

Tokyo 30° Bangkok

evenaar

Nairobi

23° Z.B.

30°

150° 180° O.L.

Amsterdam

Mexico-stad

13

Murmansk

Reykjavík

Calgary

30°

§3

Jakarta

Rio de Janeiro

Sydney

Buenos Aires

30°

Kaapstad 5.000 km 1 : 300.000.000

60° Z.B. 180° W.L. 150°

43° W.L.

120°

90°

60°

30°

60° Z.B.

52° O.L.

30°

60°

90°

120°

150° 180° O.L.

FIGUUR 15 Plaatsbepaling Teheran en Rio de Janeiro.

Ligging van Teheran op aarde  Als je precies wilt weten waar Teheran op aarde ligt, moet je kijken naar twee dingen: de breedteligging en de lengteligging van die stad.  breedteligging: De aarde is een bol. De evenaar verdeelt die bol in twee helften. Teheran ligt ten noorden van de evenaar. Je kunt ook zeggen: Teheran ligt op het noordelijk halfrond. Het deel ten zuiden van de evenaar noem je het zuidelijk halfrond. In het uiterste noorden ligt de Noordpool, in het uiterste zuiden de Zuidpool (figuur 14).  Een breedtegraad is een denkbeeldige lijn over de aardbol die aangeeft waar je precies bent. Bij de evenaar staat 0°, bij de twee polen staat 90°. Op elke breedtegraad kun je een cirkel trekken, de breedtecirkel (of parallel). Al die cirkels lopen evenwijdig (= parallel) aan de evenaar.

FIGUUR 16 De Nasir-al-Molkmoskee in Shiraz.

926224_BINNENWERK.indb 13

 Met de breedtegraden kun je de breedteligging van een plaats aangeven. Dat is de afstand in graden tot de evenaar. Op het noordelijk halfrond spreek je van noorderbreedte (= N.B.), op het zuidelijk halfrond van zuiderbreedte (= Z.B.). Teheran ligt bijvoorbeeld op 36° N.B (figuur 15).  lengteligging: Je ziet in figuur 14B behalve de breedtecirkels ook halve cirkels van noord naar zuid lopen. Dat zijn de meridianen (of lengtecirkels). De bekendste meridiaan loopt door Greenwich (in Londen). Die wordt de nulmeridiaan genoemd. Als een gebied ten westen van de nulmeridiaan ligt, noem je dat westerlengte (= W.L.). Het gebied ligt dan op het westelijk halfrond. Alles wat ten oosten van de nulmeridiaan ligt, noem je oosterlengte (= O.L.) en ligt op het oostelijk halfrond.  De lengte geef je ook aan in graden. Het aantal lengtegraden is maximaal 180. Teheran ligt bijvoorbeeld op 52˚ O.L. Je kunt nu precies zeggen waar Teheran ligt. De coördinaten op aarde zijn: 36˚ N.B. en 52˚ O.L.

FIGUUR 17 Het Orumiyehmeer (Urmiameer) is het op een na grootste zoutmeer ter wereld.

30/10/19 08:19


14

1

Iran

§4 Bronnen: De ligging van Teheran In welk landschap ligt Teheran eigenlijk? En wat zijn de afstanden naar andere steden in Iran? In deze paragraaf vind je de antwoorden op die vragen.

Het Basisboek  Het Basisboek gaat over begrippen die bij aardrijks-

kunde belangrijk zijn. Er wordt uitgelegd wat de begrippen betekenen. Het lijkt dus wel wat op een woordenboek.  De begrippen zijn omschreven in Basisboeknummers: de B-nummers. Alle B-nummers over een bepaald onderwerp staan bij elkaar in een hoofdstuk. Het onderwerp van hoofdstuk 2 is bijvoorbeeld Weer en Klimaat. Als je een B-nummer nodig hebt, staat dat in je leerboek en lees je het ook in je werkboek. BRON

Hoogte en landschap  Snelweg 59 vanuit Teheran naar Chalus gaat dwars

door het Elbursgebergte. Onderweg kom je aardig wat hoogteverschillen tegen.  De route begint in het centrum van Teheran op een hoogteligging van 1.100 m boven zeeniveau. De weg stijgt daarna flink. In het Elbursgebergte zijn veel bergen hoger dan 3.000 m en op de hoogste toppen ligt sneeuw. Zo’n zes maanden per jaar ligt er in het Elbursgebergte genoeg sneeuw om te kunnen skiën en snowboarden (bron 2).  Als je vanaf het hoogste punt van de route afdaalt richting Chalus, kom je in een ander landschap. De bochtige weg naar beneden gaat door dichtbegroeide bossen (bron 4), tot het steeds vlakker wordt en de gebouwen van Chalus in zicht komen.

Kas

1

40 km

pis c h e Z e e

1 : 3.000.000

Chalus Amol 59

Qazvin

El bu rs ge ber gte

Damavand +5.671 m

Karaj Teheran

Damavand

hoogte in m lager dan 500

2.000 - 3.000

bergtop

500 - 1.000

hoger dan 3.000

snelweg

1.000 - 2.000

BRON

2

Op de hoogste toppen van het Elbursgebergte (Elboersgebergte) ligt sneeuw.

BRON

926224_BINNENWERK.indb 14

4

BRON

3

Reliëf rond Teheran.

Bochtige wegen in het Elbursgebergte.

30/10/19 08:19


§4

Afstanden vanuit Teheran

Verschillende soorten afstanden

in Nederland. Vanuit Teheran is het naar Zahedan in het oosten hemelsbreed 1.129 km. Over de weg is het zelfs bijna 1.500 km. Dat is dezelfde afstand als van Amsterdam naar Barcelona!  De reistijden tussen Iraanse steden zijn altijd lang. Van Teheran naar veel andere steden moet je door een gebergte. Daarom is het in Iran heel normaal om in plaats van de auto het vliegtuig te nemen. AZERBEIDZJAN

ARMENIË

Baki (Bakoe)

TURKIJE Tabriz Tabriz 817 km

52

8k

40 km 1 : 3.000.000

m

e

632 km

Chalus

afstand in km TURKMENISTAN

h isc sp 542 km

pis c h e Z e e

 In Iran zijn de afstanden tussen steden veel groter dan

Ka

 De afstand tussen Teheran en Chalus is in één rechte lijn (hemelsbreed) 110 km.  De afstand hemelsbreed heet de absolute afstand. Maar de route in het kaartje hieronder en in bron 4 laat zien dat de weg niet in een rechte lijn loopt. Al die bochten maken de route veel langer. Met de auto duurt een reis van Teheran naar de stad Chalus ongeveer vier uur. De reistijd wordt nog veel langer als je op de fiets gaat, zoals sommige buitenlandse toeristen doen (bron 7).  De afstand in reistijd heet de relatieve afstand. De relatieve afstand is dus voor iedereen anders, terwijl de absolute afstand tussen twee plaatsen altijd gelijk blijft. Kas

15

Bronnen: De ligging van Teheran

hemelsbreed over de weg

Ze e 899 km

Teheran Teheran

Mashhad Mashhad

743 km

696 k

m

201 km 4 uur

110 km

Bagdad

IRAN

887 km

1.1

IRAK

29

932 km 2.404 km

1.492 km Zahedan

Shiraz

PAKISTAN

Pe

absolute afstand

2 km 1.22

688 km

KOEWEIT

Karaj Teheran

AFGHANISTAN km

rzi

sc

relatieve afstand

he

G ol f

BRON

5

Absolute en relatieve afstand tussen Teheran en Chalus.

SAUDI-ARABIË 500 km 1 : 21.000.000

BRON

BRON

7

Fietsvakantie in het Elbursgebergte.

926224_BINNENWERK.indb 15

6

QATAR

Dubai VERENIGDE ARABISCHE EMIRATEN

Go

lf v

OMAN

an O man

Arabische Zee

Hemelsbrede afstanden en afstanden over de weg vanuit Teheran.

B 110

30/10/19 08:19


16

1

Iran

Anders actief Zonvakantie op Kish Witte stranden, palmbomen, moderne hotels, luxe winkelcentra, spectaculaire attracties en heel veel geld. Hiermee probeert Iran van het eiland Kish een populaire vakantiebestemming te maken. Het kleine eiland ligt voor de zuidkust van Iran (figuur 3) en moet gaan lijken op Dubai. Dubai was ooit ook een leeg woestijngebied, maar is nu erg toeristisch. Kish heeft al een vliegveld, een haven en een paar hotels. Ook is er net een waterpark geopend met attracties die erg lijken op een waterpark in Dubai. Maar een groot deel van het eiland is nog leeg. Jullie helpen met het inrichten door een kaart van het eiland te tekenen.

BRON

8

Waterpark in Dubai: het grote voorbeeld van Kish.

926224_BINNENWERK.indb 16

30/10/19 08:19


Anders actief

926224_BINNENWERK.indb 17

Zonvakantie op Kish

17

30/10/19 08:19


18

1

Iran

Keuzemenu A

Isla Bonita

De stranden zijn er prachtig. De zee is helderblauw. Je kunt gaan diepzeeduiken, maar je kunt ook met een scooter het eiland rondrijden. Welk eiland zou dit zijn? Je gaat het zelf tekenen.

Isla Bonita, het eiland van je dromen Isla Bonita ligt in de Stille Zuidzee. Het eiland is van de oostpunt naar de westpunt ongeveer 20 km. Van noord naar zuid is het op z’n breedst 15 km, maar er zijn ook smallere stukken. Aan de noordkant is het eiland erg rotsachtig. In het oosten, op een paar kilometer van de kust, ligt de vulkaan de Fugo. De vulkaan is 2.000 m hoog. De krater is volgelopen met water, zodat je bovenin een groot kratermeer kunt zien. Aan de voet van de Fugo liggen uitgestrekte bossen. In de bossen is een wildreservaat waar tijgers leven. Aan de zuidkust liggen brede palmstranden. In het zuiden ligt alleen een vakantiepark: Palmdorp. Het vakantiepark ligt tussen de akkers en de weilanden in de vlakke kuststrook. Vanaf Palmdorp lopen twee wegen: één gaat langs het strand naar de vuurtoren op de oostpunt van het eiland. De ander gaat door het akkergebied richting de Fugo. De weg gaat tegen de vulkaanhelling omhoog en eindigt bij het kratermeer. Aan de westkant liggen een paar kleine dorpjes. BRON

9

Isla Bonita.

B

Plattegrond van je klaslokaal

In dit menu teken je een plattegrond van je klaslokaal. Hoe lang en breed zijn de muren? En waar zijn de deur en de ramen? Dat ga je precies meten en op schaal tekenen. Ook laat je zien hoe het lokaal is ingericht.

926224_BINNENWERK.indb 18

30/10/19 08:19


Anders actief

C

19

Keuzemenu

Tijdzones

D

Waarschijnlijk weet je wel dat er tussen sommige landen tijdverschillen zijn. Als je mensen ver weg wilt bellen, moet je er rekening mee houden dat het ergens anders een andere tijd is. Dit heeft te maken met de lengteligging: hoe verder je naar het oosten gaat, hoe later het wordt. Waar wordt als eerste oud en nieuw gevierd? En waar als laatste? Dat zoek je uit in dit keuzemenu.

Hoogtepunten in Iran

Steeds meer toeristen ontdekken Iran. In dit menu bekijk je een kaart en foto’s van Iran en leer je meer over de toeristische hoogtepunten in Iran. Tabriz Kaspische Zee Damavand +5.671 m

Mashhad

Teheran Qom Kashan

Kuh-e Garin +3.630 m

IRAN Esfahan Qomsheh

Kuh-e Nay Band +2.960 m

Yazd

Ahvaz

IRAK

Kuh-i Dena +4.409 m

Pe

rzi

sc

he

G ol f

BRON

10 Reizen door verschillende tijdzones.

Sirjan Kuh-e Hazaran +4.420 m

1 : 13.500.000

Unesco werelderfgoed

hoofdstad

landgrens

culturele bezienswaardigheid

grote stad

route

natuurlijke bezienswaardigheid

middelgrote stad

hoofdweg

bergtop

B 24

VAARDIGHEID

E

Shiraz

250 km

Kerman

BRON

11 Een toeristische route door Iran.

Atlaspuzzel

In bron 12 zijn de grenzen van acht landen getekend. Die landen liggen allemaal in het Midden-Oosten. Jij gaat uitzoeken welke landen dat zijn. Ook zoek je de namen van de hoofdsteden op. Hiervoor gebruik je de atlas.

1

3

2

5

6

4

7 8

BRON

12 Acht landen in het Midden-Oosten.

926224_BINNENWERK.indb 19

30/10/19 08:19


20

1

Iran

Finish

FIGUUR 18 De Damavand is de hoogste berg van Iran.

926224_BINNENWERK.indb 20

30/10/19 08:19


Finish

21

Welke begrippen moet je kennen? absolute afstand De afstand die je meet langs een rechte lijn (hemelsbreed). bevolkingsdichtheid Het gemiddelde aantal inwoners per vierkante kilometer (inw/km2). breedtecirkel Cirkel die plaatsen van gelijke breedteligging verbindt. Heet ook parallel. breedtegraad Een denkbeeldige lijn die over de aardbol loopt, evenwijdig aan de evenaar. breedteligging De afstand van een plaats tot de evenaar. evenaar Lijn die de aardbol in twee helften verdeelt: het noordelijk halfrond en het zuidelijk halfrond. heuvelland Gebied met een hoogteligging tussen 200 en 500 m. hooggebergte Gebied met bergen die hoger zijn dan 1.500 m. hoogteligging De ligging van een gebied in meters onder of boven zeeniveau. inzoomen De aarde dichterbij halen; het verkleinen van een gebied: van een groot gebied naar een kleiner gebied. kaart Een verkleinde tekening van een gebied. laagland Gebied met een hoogteligging lager dan 200 m. legenda Uitleg van de kleuren en de symbolen op een kaart. lengtecirkel Zie meridiaan. lengteligging De afstand van een plaats tot de nulmeridiaan. meridiaan Cirkel die plaatsen van gelijke lengteligging verbindt. Heet ook lengtecirkel. middelgebergte Gebied waar de meeste bergtoppen tussen de 500 en de 1.500 m hoog zijn. noordelijk halfrond De bovenste helft van de aardbol. noorderbreedte Breedteligging op het noordelijk halfrond. Wordt afgekort als N.B. Noordpool De noordelijkste plek op aarde. nulmeridiaan De lengtecirkel die over Greenwich (bij Londen) loopt. oostelijk halfrond Het gebied dat ten oosten van de nulmeridiaan ligt.

926224_BINNENWERK.indb 21

oosterlengte Afstand tot de nulmeridiaan van een plaats ten oosten ervan. Wordt afgekort als O.L. overzichtskaart Kaart met een overzicht van de topografie in een bepaald gebied: steden, rivieren, zeeën, bergen, wegen en spoorlijnen. parallel Zie breedtecirkel. plattegrond Een kaart van een wijk, een dorp of een stad met alle straten en huizenblokken erop. relatieve afstand De afstand die je meet in reistijd. reliëf Hoogteverschillen in het landschap. schaal Geeft aan hoeveel een gebied op een kaart is verkleind. schaalniveau De schaal waarop je naar de wereld kijkt: lokaal, regionaal, nationaal, continentaal of mondiaal. thematische kaart Kaart die over één onderwerp gaat, bijvoorbeeld het klimaat. uitzoomen Steeds verder weg van de aarde. Het vergroten van een gebied: van een klein gebied naar een groter gebied. westelijk halfrond Het gebied dat ten westen van de nulmeridiaan ligt. westerlengte Afstand tot de nulmeridiaan van een plaats ten westen ervan. Wordt afgekort als W.L. zuidelijk halfrond De onderste helft van de aardbol. zuiderbreedte Breedteligging op het zuidelijk halfrond. Wordt afgekort als Z.B. Zuidpool De zuidelijkste plek op aarde.

30/10/19 08:19


22

FIGUUR

2

1

Grote natuurlandschappen op aarde

Skydiven op de grens van land en zee.

926224_BINNENWERK.indb 22

30/10/19 08:19


23

Start

Start

2. Grote

natuurlandschappen op aarde

926224_BINNENWERK.indb 23

30/10/19 08:19


24

2

Grote natuurlandschappen op aarde

§1 Ontbossing in het Amazonegebied

Amazonegebied

FIGUUR

2

Eenvoudige huizen langs de rivier de Amazone.

Waar liggen tropische regenwouden en waarom liggen ze daar? Als voorbeeld van een tropisch regenwoud bekijk je het Amazonegebied.

Tropisch regenwoud  Het Amazonegebied ligt in Zuid-Amerika. Het is genoemd naar de rivier de Amazone. Dat is de op één na langste rivier in de wereld. Het gebied bestaat uit dichte, ondoordringbare bossen, het tropisch regenwoud.  In het Amazonegebied is het altijd warm: dag en nacht ligt de temperatuur er tussen de 25 en 30 ˚C. Het regent er ook veel. Per jaar valt er meer dan 2.000 mm. Dat is bijna drie keer zo veel als in Nederland. Bijna elke dag valt er wel een regenbui. De bossen in zo’n warm en vochtig gebied worden regenwouden genoemd.  In een tropisch regenwoud groeien veel soorten planten en bomen. Ook leven er veel verschillende soorten dieren.  De bomen verschillen in grootte. Het lijkt wel of het bos uit verschillende etages (verdiepingen) bestaat. Er zijn bomen van 10 tot 15 m hoog, maar ook van 20 tot 35 m. Andere bomen steken daar weer bovenuit (figuur 3). Door die etages is er veel schaduw. Het is in het bos altijd schemerig.

 Bij de evenaar staat de zon midden op de dag hoog aan de hemel. De schaduwen zijn kort, want de zonnestralen vallen bijna loodrecht op de aarde. Loodrechte zonnestralen geven veel warmte.  Dicht bij de evenaar regent het veel. Dit heeft te maken met twee regels. De eerste is: warme lucht stijgt op. De tweede is: lucht die opstijgt, koelt af. Als lucht afkoelt, ontstaan er wolken en kan het gaan regenen. hoogte in m 50 woudreuzen

45

hoge boomtoppen

40 35

gastplanten die op bomen groeien

30 dicht bladerdek dichtste bladerdek (veel dierenleven)

25 20

lianen

15 10 palmen

jonge bomen

5

Dicht bij de evenaar: warm en nat

weinig lichtval, weinig begroeiing

0

FIGUUR

3

De etages in het tropische regenwoud.

 De naam zegt het al: het tropische regenwoud ligt in de

tropen. Dat is het gebied dicht bij de evenaar, tussen 23½˚ N.B. en 23½˚ Z.B. Als een plaats dicht bij de evenaar ligt, dan zeg je: die plaats ligt op lage breedte (minder dan 30˚). Die breedteligging heeft gevolgen voor de temperatuur en de hoeveelheid regen die er valt (figuur 4).

926224_BINNENWERK.indb 24

30/10/19 08:19


§1

25

Ontbossing in het Amazonegebied

A

B Tefé Tefé

66½° N.B.

mm 250 mm 250

66½° N.B.

23½° N.B.

evenaar evenaar

an Grote Ocea an a e c Grote O 23½° Z.B.

Tefé Tefé

n n aa aa ce ce e Oe O antltaisncthisch AtlA

23½° N.B.

Indische Oceaan Indische Oceaan

23½° Z.B.

tropisch regenwoud tropisch regenwoud

FIGUUR

4

ºC 30 ºC 30

200 200

20 20

150 150

10 10

100 100

0 0

50 50 0 0

4.000 km

–10 –10 j j

f m a m f m a m

j j

j j

4.000 km

a a

s s

–20 o n d –20 o maand n d maand

Tropische regenwouden op aarde (A) en klimaatdiagram van Tefé (B).

Ontbossing

Duurzaam gebruik

 Het Braziliaanse regenwoud verdwijnt snel. Dat komt door het kappen van bossen (ontbossing). Er is al bijna een vijfde deel van het bosoppervlak verdwenen. Dat is 25 keer de oppervlakte van Nederland!  De ontbossing heeft te maken met de bevolkingsspreiding in Brazilië. Die is ongelijk: het oosten is dichtbevolkt, het westen is leeg. De regering wil daarom dat er meer mensen in het Amazonegebied gaan wonen. Daarvoor zijn eerst wegen door het bos aangelegd, zoals de 4.000 km lange Transamazônica. Langs die nieuwe wegen hebben honderdduizenden boeren stukken grond gekregen.  Langs deze wegen vind je ook grote landbouwbedrijven. Op enorme akkers wordt soja verbouwd (figuur 6). Soja dient als veevoer, bijvoorbeeld voor koeien, varkens en kippen in Nederland.  Een andere oorzaak voor de ontbossing is de winning van producten uit de natuur. Voorbeelden hiervan zijn goud, ijzer, rubber en hout. Tropisch hout is populair, want het rot bijna niet. Daarom worden er deuren, raamkozijnen en tuinmeubelen van gemaakt.

 Er wordt niet verstandig omgegaan met het Amazonegebied. Door de ontbossing verdwijnen steeds meer planten en bomen voorgoed. Ook wordt het leefgebied van de oorspronkelijke bewoners, de indianen, steeds kleiner. Veel mensen willen daarom een duurzaam gebruik van het bos. Duurzaam wil zeggen: ervoor zorgen dat iets altijd blijft bestaan.  In de bosbouw kun je ook duurzaam werken. Het bos herstelt zich snel als je weinig kapt en direct weer jonge bomen voor de gekapte in de plaats zet (herbebossing).

Waakhond van het woud In het Amazonegebied wonen zo’n 200.000 indianen verspreid in het regenwoud. Ze leggen akkers aan door een klein stukje bos in brand te steken. De bewoners verbouwen er wat groenten, fruit of granen. ‘De indianen hebben geen grote akkers nodig,’ zegt Arlen Calderon, ‘het oerwoud is hun winkel. Daar halen ze alles wat ze nodig hebben: vlees, vis, bosvruchten en medicinale planten.’ Arlen is directeur van een organisatie die opkomt voor de Amazonevolken. Hij wil de illegale houtkap in het oerwoud bestrijden: ‘Via satellieten krijgen we signalen als ergens hout wordt gekapt. We sturen er dan een drone op af om foto’s te maken. Daarmee gaan we naar de politie.’ FIGUUR

FIGUUR

6

Sojaplantage in Brazilië.

5 VAARDIGHEID

926224_BNWRK HO2.indd 25

B

2

B 48

B 72

B 77

30/10/19 09:12


26

2

Grote natuurlandschappen op aarde

§2 De outback in Australië

Australië

7

FIGUUR

De outback.

Australië ligt down under, helemaal aan de andere kant van de wereld. Een groot deel van het land hoort bij de droge gebieden op aarde.

Bevolkingsdichtheid  Australië is een groot land. Het land is 185 keer groter dan Nederland. Toch wonen er maar 25 miljoen mensen. Als je gaat kijken hoeveel mensen er per vierkante kilometer wonen, heb je het over de bevolkingsdichtheid. Reken je die uit voor Australië, dan kom je uit op 3 inwoners per km2. In Nederland is dat aantal veel hoger: meer dan 400. 1.000 km

ote Gr

Cairns

Grote tijn dwoes n a Z

aan Oc e

s di In

Darwin

an cea eO h c

 De meeste Australiërs wonen aan de kust, vooral in het oosten en zuidoosten. Dat is het dichtstbevolkte deel van het land met grote steden als Sydney en Melbourne. Zo’n 85% van de bevolking woont minder dan 50 km van de kust! Het binnenland is leeg en bijna onbewoond (figuur 7). De bevolkingsspreiding is in Australië dus erg ongelijk.

Outback  De ongelijke verdeling van de bevolking over het land heeft alles te maken met de hoeveelheid neerslag. Er zijn gebieden met genoeg neerslag en gebieden met weinig neerslag.  In het kustgebied valt voldoende neerslag voor plantengroei. Het landschap is er groen en bestaat uit akkers, weilanden en bossen. Doordat er voldoende regen valt, is in het noorden intensieve veeteelt (veel vee per hectare) en akkerbouw mogelijk (figuur 8).

AUSTRALIË Alice Springs

Grote Victoriawoestijn

Simpsonwoestijn

Brisbane

Perth Adelaide

akkerbouw

wijn

extensieve veeteelt

citrusfruit

intensieve veeteelt

koeien

bos

schapen

niet in gebruik

stedelijk gebied

FIGUUR

8

Bodemgebruik in Australië.

926224_BINNENWERK.indb 26

Sydney

Melbourne

Indische Oceaan

FIGUUR

9

Met een helikopter het vee bijeendrijven.

30/10/19 08:19


§2

27

De outback in Australië

A

B Oodnadatta Oodnadatta

66½° N.B.

mm 250 mm 250

66½° N.B.

23½° N.B.

evenaar evenaar

an Grote Ocea an a e c Grote O 23½° Z.B.

n n aa aa ce ce e Oe O antltaisncthisch AtlA

23½° N.B.

Indische Oceaan Indische Oceaan Oodnadatta Oodnadatta

23½° Z.B.

steppe steppe woestijn woestijn

4.000 km

ºC 30 ºC 30

200 200

20 20

150 150

10 10

100 100

0 0

50 50 0 0

–10 –10 j j

f m a m f m a m

j j

j j

4.000 km

a a

s s

–20 o n d –20 o maand n d maand

FIGUUR 10 Droge gebieden op aarde (A) en klimaatdiagram Oodnadatta (B).

 Hoe verder je naar het binnenland gaat, hoe droger het wordt. Op veel plekken groeien alleen nog grassen en lage struiken. Het binnenland van Australië staat bekend als de outback (wildernis). In de outback vind je geen akkers. Het is er te droog en te warm. Wel zijn er grote veebedrijven. Er zijn schapenbedrijven en rundveebedrijven die net zo groot zijn als de provincie Flevoland (figuur 9). Er graast maar weinig vee per hectare. Dat noem je extensieve veeteelt.

Droogte  De verschillen in neerslag in Australië zijn heel groot. In de bergen bij Cairns valt meer dan 8.000 mm, ofwel 8 m regen per jaar! Dat is een enorm verschil met het binnenland. Daar valt op veel plekken minder dan 250 mm per jaar.

 In het noorden van Australië regent het vooral in de maanden november tot en met april. Dat is de regentijd. In de rest van het jaar valt veel minder regen: dat is de droge tijd. Hierdoor groeien er geen dichte bossen. Het landschap bestaat uit lange grassen, afgewisseld met bomen: de savanne.  Het grootste deel van het land hoort bij de droge gebieden op aarde (figuur 10A). Het landschap bestaat uit steppe. Dat is een droog gebied waar nog net genoeg regen valt voor de groei van grassen en doornige struiken.  Meer naar het binnenland begint de woestijn. Daar regent het bijna nooit. Het landschap bestaat vooral uit rotsen, stenen en zand. Je weet al dat het bij de evenaar veel regent. Dat komt door het opstijgen van warme lucht. Die lucht koelt dan af en brengt wolken en regen. Ten noorden en ten zuiden van de evenaar is het precies andersom (figuur 10A). Daar daalt de lucht en warmt op. De wolken lossen op en de zon gaat schijnen.

FIGUUR 11 In de outback moet je altijd eten en drinken meenemen en jerrycans benzine.

B 60

926224_BINNENWERK.indb 27

B 72

B 82

B 83

B 84

30/10/19 08:19


28

2

Grote natuurlandschappen op aarde

§3 De Inuit in het poolgebied

Noordpool

FIGUUR 12 Inuitdorp in het noorden van Canada.

In het poolgebied is het altijd koud. Hoe komt dat? En waar wonen de bewoners van het poolgebied?

De Inuit  Helemaal in het noorden op aarde ligt het noordpoolgebied.

Dat is het gebied ten noorden van de noordpoolcirkel: de breedtegraad van 66½° N.B. Dit gebied ligt ver van de evenaar, op een hoge breedte (meer dan 60°). Daar is het koud. Zelfs zo koud dat de zee voor een groot deel is bevroren.  Langs de kusten van noordelijk Canada en Groenland wonen de Inuit (spreek uit: ienoewiet) (figuur 13). Inuit betekent ‘mensen’ of ‘volk’. Vroeger werden ze Eskimo’s genoemd, maar dat is een scheldwoord. Het betekent ‘rauwvleeseters’.  Groenland is het grootste eiland op aarde. Toch wonen er maar 60.000 mensen. De bevolkingsdichtheid is dus heel laag. Zo’n 85% van het oppervlak is bedekt met sneeuw en ijs. Alleen in het kustgebied wonen mensen, vooral in dorpen.

Toendra  In gebieden rond de noordpoolcirkel is het koud. In het Canadese Nunavut vriest het ’s winters gemiddeld ruim 30 °C! Alleen in de zomer komt de gemiddelde temperatuur boven het vriespunt. Voor bomen is het er te koud. Er groeien alleen grassen, mossen en lage struikjes. Je bent hier ten noorden van de boomgrens, op de toendra.  Op de toendra duren de winters lang. De bodem is ongeveer negen maanden keihard bevroren en met sneeuw bedekt. Iets dieper in de grond blijft de vorst het hele jaar zitten. Die bevroren ondergrond noem je permafrost (permanent = blijvend). Als in de korte zomer de sneeuw smelt, kan het water bijna niet wegzakken, omdat de ondergrond nog bevroren is. Ook verdampt er bijna geen smeltwater. In de zomer is de toendra daardoor heel drassig (figuur 14).  Ten zuiden van de boomgrens ligt het overgangsgebied naar de naaldbossen van Canada en Rusland. Deze zone met naaldbossen noemen we de taiga.

FIGUUR 13 De Inuit leven van de jacht op poolvossen (foto), zeehonden, ijsberen, rendieren en walvissen.

926224_BINNENWERK.indb 28

30/10/19 08:19


§3

29

De Inuit in het poolgebied

1.000 km

JAPAN

Beringzee

Vancouver CANADA

orde No

lijke IJs

zee AZIË

NOORDAMERIKA Noordpool

Nunavut

Iqaluit

FIGUUR 14 De toendra kan in de zomer erg drassig zijn.

80º

Groenland (DEN.) 70º

Sneeuw en ijs

Scandinavië

A

tla nt isc he O

 Hoe noordelijker je komt, hoe kouder het wordt. In het hart

van het poolgebied vriest het bijna altijd. Het is er te koud voor plantengroei. De neerslag valt alleen in de vorm van sneeuw.  Op het land blijft de sneeuw altijd liggen en smelt niet. Die laag met eeuwige sneeuw wordt steeds dikker en wordt samengeperst tot ijs. Zo ontstaat op het land een dikke laag landijs. Op Groenland ligt een gigantische hoeveelheid landijs. Deze laag is soms meer dan 3.000 m dik!  Een groot deel van het noordpoolgebied bestaat uit zee (figuur 16). Alleen op Groenland ligt landijs. Het bevroren zeewater noem je zee-ijs. Het zee-ijs bestaat vaak uit ijsschotsen die aan elkaar zijn gevroren. In de zomer breken grote platen ijs soms af en drijven weg. Dit heet drijfijs.

RUSLAND

noord poolcirkel

A

60º

cea an

Stockholm

Amsterdam

Moskou

EUROPA

50º

toendra

250

taiga landijs permafrost boomgrens gemiddeld 10 °C

mm

Iqaluit

ºC

200

20

150

10

100

0 –10

50 B

30

0

j f mam j j a s o n d maand

–20

FIGUUR 16 Landschappen in het noordpoolgebied (A) en klimaatdiagram Iqaluit (B).

Ingevroren! In de lente en zomer smelt het ijs van de Noordelijke IJszee voor een groot deel af. Maar tijdens de winter vriest de zee weer helemaal dicht. Joost Pietersen is er met zijn zeilboot op expeditie. In zijn logboek schrijft hij: ‘Elke ochtend moet ik het ijs van mijn boot weghakken. De dagen worden steeds korter en kouder. Het ijs zal ons snel invriezen. En dan begint het wachten. We zullen ongeveer vier maanden ingevroren zijn. Dan wordt het voorjaar en gaat het ijs weer smelten. Ik ben niet bang, het onbekende is juist mooi!’

FIGUUR 15

B 48

926224_BINNENWERK.indb 29

B 49

B 86

30/10/19 08:20


30

2

Grote natuurlandschappen op aarde

§4 Het Lötschental

Alpen

FIGUUR 17 Wandelpad in de bergen.

Niet alleen de breedteligging heeft invloed op de temperatuur. Ook de hoogteligging telt mee. Hoog in de bergen is het kouder dan in het dal.

De Alpen  De Alpen liggen midden in Europa. Het is het grootste berggebied van ons werelddeel en ligt in zeven landen. Veel bergen in de Alpen zijn hoger dan 1.500 m. Je noemt de Alpen daarom een hooggebergte. De Mont Blanc (4.810 m) is de hoogste top.  In de Alpen is de bevolkingsdichtheid laag. Alleen in de dalen liggen dorpen en steden. Hoog in de bergen wonen Kandersteg weinig mensen, want het is er te steil en te koud. Er is een Hockenhorn, 3.293 m natuurlandschap waar bijna niets door mensen is veranderd.

Inzoomen: het Lötschental  In figuur 19 zie je een tekening van het Lötschental. Het is een gebied met veel hoogteverschillen (reliëf). De dorpen liggen op een rij onder in het dal. Het dal is omringd door hoge Alpentoppen met achter in het dal een gletsjer (figuur 23). Dit is een enorme ijsmassa die langzaam naar het dal schuift. Dat schuiven gaat met een snelheid van een paar centimeter per jaar. Je kunt het niet met het blote oog zien.

Lötschenlücke

Fafleralp, 1.787 m

Bietschhorn, 3.934 m

za

n

Lo

Laucheralp, 1.968 m

Blatten Ried

Wiler Kippel Ferden

Goppenstein, 1.191 m Lo

nz

a

Steg, 630 m

FIGUUR 18 Het dorp Blatten in het Lötschental.

926224_BINNENWERK.indb 30

FIGUUR 19 Het Lötschental.

30/10/19 08:20


FRANKRIJK

DUITSLAND Bod ens ee

Basel

Genève

500 - 1.500

Basel

Zürich

OOSTENRIJK

OOSTENRIJK

Luzern

Ri j n

Rijn Lausanne

Lötschental

ône Sion Rh

hoogte in m 200 - 500

DUITSLAND Bod ens ee

Bern

Bern Lausanne

FRANKRIJK

Zürich

Luzern

r van Meenève Ge

31

Het Lötschental

Rijn

Rijn

§4

Zermatt

r van Meenève Ge

Brig ITALIË

Genève

Lugano

Sion

Lötschental e ôn Rh Zermatt

50 km

1.500 - 3.000 hoger dan 3.000

FIGUUR 20 Reliëf in Zwitserland.

 Ruim honderd jaar geleden woonden de mensen in het Lötschental bijna helemaal afgesloten van de buitenwereld. De bewoners leefden van de landbouw. De boeren brachten hun vee ’s zomers vanuit het dal naar alpenweiden op zo’n 2.000 m hoogte.  Tegenwoordig ziet het leven in het Lötschental er heel anders uit. Het dal is veel beter bereikbaar. De spoorlijn is uitgehakt in de bergen en slingert door een lange tunnel snel omlaag. De meeste bewoners werken nu in het toerisme.  Het Lötschental is een ingericht landschap. Er is een kabelbaan aangelegd naar een groot skigebied op de Lauchernalp. Er zijn hotels, vakantiehuizen, restaurants en twee campings. In de zomer komen de vakantiegangers om te wandelen of te mountainbiken. In de winter gaan ze skiën, snowboarden of langlaufen.

Brig Lugano 50 km

ITALIË aantal inwoners per km2 minder dan 50 50 - 100

100 - 200 meer dan 200

FIGUUR 22 Bevolkingsdichtheid in Zwitserland.

Begroeiing  In de bergen is het natuurlandschap goed te herkennen. Je ziet verschillende zones met plantengroei op een berg. Dat zijn de hoogtegordels. Zo zie je op een berghelling eerst naaldbossen met daarboven de alpenweiden. Op die hoogte groeit alleen gras, want het is er te koud voor bomen. Je bent er boven de boomgrens. Nog hoger groeit bijna niets meer. Daar vind je alleen nog kale rotsen (rotsgordel), sneeuw en ijs. Het landschap in de bergen lijkt wel een beetje op het poolgebied, met de opeenvolging van de naaldbossen (taiga), toendra en sneeuw en ijs.  Het reliëf heeft dus invloed op de temperatuur. Hoe hoger je komt, hoe kouder het wordt. Als je 1.000 m stijgt, wordt het ongeveer 6 ˚C kouder.

Te voet naar de gletsjer De route naar de Langgletscher begint bij het dorp Fafleralp, achter in het Lötschental. Via een steil pad door het naaldbos klim je in een half uur naar de boomgrens. Brig Op die hoogte zie je een grote grasvlakte met rotsblokken, afgewisseld met wat lage boompjes. De gletsjer lijkt al heel dichtbij, maar het duurt dan nog anderhalf uur voor Visp je er bent. Je klautert over rotsen en komt langs resten sneeuw die grijs zijn gekleurd door het zand en puin. Ook de gletsjer is grijs, met bovenop afgebrokkelde stenen uit de bergen. Net als veel andere gletsjers in de wereld wordt de Langgletscher korter. Dat komt doordat de gemiddelde temperatuur in het dal steeds hoger wordt. Langs de route geven jaartallen op bordjes de grens van de gletsjer aan: 1933, 1953, 1987, 1993. Je kunt zo uitrekenen hoe snel de gletsjer zich terugtrekt. Dat gaat best snel, gemiddeld met zo’n 10 m per jaar, ofwel 1 km in de afgelopen honderd jaar!

FIGUUR 23 Smeltwater onder de gletsjer: het begin van de rivier de Lonza.

FIGUUR 21 VAARDIGHEID

926224_BINNENWERK.indb 31

B

2

B 15

B 51

30/10/19 08:20


32

2

Grote natuurlandschappen op aarde

Anders actief Klimaat en landschap Temperatuur en neerslag hebben veel invloed op het landschap. Dat heb je bijvoorbeeld gezien in het tropische regenwoud. Het is er altijd warm en nat. En in droge gebieden groeien alleen grassen en doornige struiken (steppe) of zelfs helemaal niets (woestijn). Drie klimaten in de wereld zijn ingedeeld op basis van de temperatuur. Het koude klimaat, het tropische klimaat en het gematigde klimaat (tussen warm en koud in). Bij het droge klimaat gaat het niet om de temperatuur, maar om de neerslag. Er valt weinig tot geen neerslag. Jij zoekt uit welke klimaten en landschappen bij elkaar horen. Ook kijk je welke gebieden op aarde dunbevolkt zijn en waardoor dat komt.

4 het hele jaar koud; in de zomer gemiddeld 10 °C

1 soms erg heet, soms minder warm

2 veel neerslag, soms een deel van het jaar droog

5 gematigd, dus tussen koud en warm in

3 weinig neerslag, meestal als sneeuw

BRON

2

Klimaatdiagrammen. A

mm mm mm mm 250 250 250 250

AAAA

B ºC ºC ºC ºC mm mm mm mm 30 30 30 30 250 250 250 250

BBBB

C mm mm mm mm ºC ºC ºC ºC 250 250 250 30 30 250 30 30

CCCC

D mm mm mm mm ºC ºC ºC ºC 250 250 250 30 30 30 30 250

DDDD

ºC ºC ºC ºC 30 30 30 30

200 200 200 200

20 20 20 20 200 200 200 200

200 200 200 20 20 200 20 20

200 200 200 20 20 20 20 200

20 20 20 20

150 150 150 150

10 10 10 10 150 150 150 150

150 150 150 10 10 150 10 10

150 150 150 10 10 10 10 150

10 10 10 10

100 100 100 100

0000

0000

100 100 100 100

–10 –10 –10 –10 50 50 50 50

50 50 50 50

–20 –20 –20 –20 0000 j j fj jfm fm fm am am am am jmj j j aj aj a s asoso sn oo nd nn ddd maand maand maand maand mm mm mm mm 250 250 250 250

EEEE

FFFF

–20 –20 –20 –20 0000 j j fj jfm fm fm am am am am jmj j j aj aj a s asoso sn oo nd nn ddd maand maand maand maand

mm mm mm mm ºC ºC ºC ºC 250 250 250 30 30 30 30 250

0000

100 100 100 100

–10 –10 –10 –10

50 50 50 –10 –10 –10 –10 50

50 50 50 –10 –10 50 –10 –10

–20 –20 –20 –20 0000 j j fj jfm fm am am jmj j j aj aj a s asoso sn fm am am oo nd nn ddd maand maand maand maand

ºC ºC ºC ºC mm mm mm mm 30 30 250 30 30 250 250 250

0000

100 100 100 100

GGGG

–20 –20 –20 –20 0000 j j fj jfm fm fm am am am am jmj j j aj aj a s asoso sn oo nd nn ddd maand maand maand maand

mm mm mm mm ºC ºC ºC ºC 250 250 250 30 30 250 30 30

HHHH

ºC ºC ºC ºC 30 30 30 30

20 20 200 20 20 200 200 200 Rijstvelden op de Filipijnen.

200 200 200 20 20 20 20 200

200 200 200 20 20 200 20 20

20 20 20 20

150 150 150 150

10 10 150 10 10 150 150 150

150 150 150 10 10 10 10 150

150 150 150 10 10 150 10 10

10 10 10 10

100 100 100 100

0000

0000

200 200 1 200 200 BRON

50 50 50 50

–10 –10 50 –10 –10 50 50 50

–20 –20 –20 –20 0000 j j fj jfm fm am am jmj j j aj aj a s asoso sn fm am am oo nd nn ddd

926224_BINNENWERK.indb 32

100 100 100 100

100 100 100 100

50 50 50 –10 –10 –10 –10 50

–20 –20 –20 –20 0000 j j fj jfm fm am am jmj j j aj aj a s asoso sn fm am am oo nd nn ddd

0000

100 100 100 100

50 50 50 –10 –10 50 –10 –10

–20 –20 –20 –20 0000 j j fj jfm fm am am jmj j j aj aj a s asoso sn fm am am oo nd nn ddd

0000 –10 –10 –10 –10

–20 –20 08:20 –20 –20 0000 j j fj jfm fm am am jmj j j aj aj a s asoso sn d fm am am oo nd nn dd30/10/19


Anders actief

33

Klimaat en landschap

7 het hele jaar warm; nooit kouder dan 18 °C

6 het hele jaar of een deel van het jaar neerslag

8 geen of bijna geen neerslag

mm mm mm mm 250 250 250 250

AAAA

ºC ºC ºC ºC mm mm mm mm 30 30 30 30 250 250 250 250

BBBB

mm mm mm mm ºC ºC ºC ºC 250 250 250 30 30 30 30 250

CCCC

mm mm mm mm ºC ºC ºC ºC 250 250 250 30 30 30 30 250

DDDD

ºC ºC ºC ºC 30 30 30 30

200 200 200 200

20 20 20 20 200 200 200 200

200 200 200 20 20 20 20 200

200 200 200 20 20 20 20 200

20 20 20 20

150 150 150 150

10 10 10 10 150 150 150 150

150 150 150 10 10 10 10 150

150 150 150 10 10 10 10 150

10 10 10 10

100 100 100 100

0000

0000

–10 –10 –10 –10 50 50 50 50

50 50 50 50

–20 –20 –20 –20 0000 j j fj jfm fm fm am am am am jmj j j aj aj a s asoso sn oo nd nn ddd maand maand maand maand E mm mm mm mm 250 250 250 250

100 100 100 100

EEEE

FFFF

–20 –20 –20 –20 0000 j j fj jfm fm fm am am am am jmj j j aj aj a s asoso sn oo nd nn ddd maand maand maand maand G

mm mm mm mm ºC ºC ºC ºC 250 250 250 30 30 30 30 250

0000

100 100 100 100

–10 –10 –10 –10

50 50 50 –10 –10 –10 –10 50

50 50 50 –10 –10 –10 –10 50

–20 –20 –20 –20 0000 j j fj jfm fm fm am am am am jmj j j aj aj a s asoso sn oo nd nn ddd maand maand maand maand F

ºC ºC ºC ºC mm mm mm mm 30 30 30 30 250 250 250 250

0000

100 100 100 100

GGGG

–20 –20 –20 –20 0000 j j fj jfm fm fm am am am am jmj j j aj aj a s asoso sn oo nd nn ddd maand maand maand maand H

mm mm mm mm ºC ºC ºC ºC 250 250 250 30 30 30 30 250

HHHH

ºC ºC ºC ºC 30 30 30 30

200 200 200 200

20 20 20 20 200 200 200 200

200 200 200 20 20 20 20 200

200 200 200 20 20 20 20 200

20 20 20 20

150 150 150 150

10 10 10 10 150 150 150 150

150 150 150 10 10 10 10 150

150 150 150 10 10 10 10 150

10 10 10 10

100 100 100 100

0000

0000

50 50 50 50

100 100 100 100

–10 –10 –10 –10 50 50 50 50

–20 –20 –20 –20 0000 j j fj jfm fm am am am jmj j j aj aj a s asoso oo nd nn ddd fm am sn maand maand maand maand

100 100 100 100

50 50 50 –10 –10 –10 –10 50

–20 –20 –20 –20 0000 j j fj jfm fm am am am jmj j j aj aj a s asoso oo nd nn ddd fm am sn maand maand maand maand

0000

0000

100 100 100 100

–10 –10 –10 –10

50 50 50 –10 –10 –10 –10 50

–20 –20 –20 –20 0000 j j fj jfm fm am am am jmj j j aj aj a s asoso oo nd nn ddd fm am sn maand maand maand maand

–20 –20 –20 –20 0000 fm am am oo nd nn ddd j j fj jfm fm am am jmj j j aj aj a s asoso sn maand maand maand maand

VAARDIGHEID

926224_BINNENWERK.indb 33

B 15

B 42

30/10/19 08:20


34

2

Grote natuurlandschappen op aarde

Keuzemenu A

Hoogtelijnen

60

40

0

Heb je weleens gehoord van hoogtelijnen? Ze staan op topografische kaarten en geven informatie over de hoogte van het landschap. Dat kan heel handig zijn als je gaat wandelen of fietsen in de bergen. Je weet dan hoe steil de berghellingen zijn. In dit menu ga je oefenen met de hoogtelijnen in bron 3 en maak je daar een puzzel over.

0

50

0

100 m

BRON

3

Deel van een topografische kaart met hoogtelijnen.

BRON

4

Wijnboerderij Clos des Abbayes. VAARDIGHEID

Dwarsprofiel van de Alpen

B

De Alpen zijn een hooggebergte met veel bergtoppen die hoger zijn dan 3.500 m. Hooggebergte wil niet zeggen dat het overal even hoog is. Dalen en bergtoppen wisselen elkaar af. Die afwisseling ga je in dit menu in beeld brengen.

C

D

B 20

Natuurreis door Europa

Je bezoekt voor een reisprogramma een aantal nationale parken (natuurparken) in Europa. Je brengt een virtueel bezoek aan deze plaatsen en maakt een moodboard dat de producer ervan moet overtuigen jouw reis uit te zenden. Hiervoor gebruik je foto’s van de natuurlandschappen en onderzoek je wat er te doen is voor toeristen.

Het weer op je verjaardag

Weet jij wat voor weer het was op je geboortedag? En op je vijfde of tiende verjaardag? Was het lekker weer of regende het bijna de hele dag? Dat ga je uitzoeken in dit menu. Zijn er grote verschillen tussen het ene en het andere jaar?

40°

18°

20° 0°

BRON

6

Voorbeeld van een moodboard.

–20° –40°

BRON

5

926224_BINNENWERK.indb 34

Weersymbolen.

30/10/19 08:20


Anders actief

E

Keuzemenu

35

Weerrecords

Veertien jaar geen druppel regen in de Atacamawoestijn in Chili. In één jaar meer dan 26 m neerslag in India. Wat zijn de weerrecords op aarde? Anders gezegd: hoe warm, koud, nat of droog is het ooit op aarde geweest? En wat zijn de weerrecords in Nederland? Dat zoek je uit op internet.

BRON

7

Overstroming tijdens de regentijd in Bangladesh.

BRON

8

Cactus in de Atacamawoestijn, Chili.

926224_BINNENWERK.indb 35

30/10/19 08:20


36

2

Grote natuurlandschappen op aarde

Finish Welke begrippen moet je kennen? alpenweide Hoogtegordel in de bergen met grassen, kruiden en lage struikjes (boven de boomgrens). bevolkingsdichtheid Het gemiddelde aantal inwoners per vierkante kilometer (inw/km2). bevolkingsspreiding De verdeling van mensen over een land of gebied. boomgrens Grens tussen een gebied waar nog wel bomen groeien en waar geen bomen meer kunnen groeien door de lage temperatuur (kouder dan 10 °C in de zomer). breedtecirkel Cirkel die plaatsen van gelijke breedteligging verbindt. breedteligging De afstand van een plaats tot de evenaar. cultuurlandschap Zie ingericht landschap. duurzaam Ervoor zorgen dat iets altijd blijft bestaan. eeuwige sneeuw Gebied waar altijd sneeuw ligt. etage Boomkruinen op verschillende hoogten in een bos. evenaar Lijn die de aardbol in twee helften verdeelt: het noordelijk halfrond en het zuidelijk halfrond. extensieve veeteelt Veeteelt met weinig vee per hectare. gletsjer Enorme ijsmassa die langzaam naar beneden schuift. herbebossing Het opnieuw aanplanten van jonge bomen na een houtkap. hoge breedte De ligging van een plaats ver van de evenaar (meer dan 60°). hooggebergte Berggebied met toppen die hoger zijn dan 1.500 m. hoogtegordel Zone van plantengroei in een gebergte. ingericht landschap Landschap waarin mensen huizen, wegen, akkers, weilanden en andere dingen hebben aangelegd. Heet ook cultuurlandschap. intensieve veeteelt Veeteelt met veel vee per hectare. keerkring De breedtecirkel van 23½° N.B. en 23½° Z.B., grens van de tropen. klimaatdiagram Diagram met de gemiddelde temperatuur en neerslag van een plaats of een gebied.

926224_BINNENWERK.indb 36

lage breedte De ligging van een plaats dicht bij de evenaar (minder dan 30°). landijs Laag eeuwige sneeuw op het land die tot ijs is samengeperst. loofboomgordel Zone in de gematigde luchtstreek waar loofbomen groeien, zoals eiken en beuken. luchtstreek Temperatuurzone op aarde: tropen, gematigde zone en poolstreken. naaldboomgordel Zie taiga. natuurlandschap Een landschap dat niet door mensen is ingericht. Het is puur natuur. neerslag Water dat in vaste vorm (sneeuw, hagel) of vloeibare vorm (regen, mist) uit de dampkring op aarde neerkomt.

FIGUUR 24 Weet jij welk landschap dit is?

30/10/19 08:20


Finish

noordpoolcirkel Zie poolcirkel. ontbossing Het kappen van bossen. permafrost Altijd bevroren ondergrond. poolcirkel De breedtecirkel van 66½° N.B. (noordpoolcirkel) en 66½° Z.B. (zuidpoolcirkel). poolstreken Gebied ten noorden van 66½° N.B. en ten zuiden van 66½° Z.B. regentijd Jaarlijkse periode met veel neerslag in de tropen. reliëf Hoogteverschillen in het landschap. rotsgordel Hoogtegordel waar door de kou en de harde ondergrond bijna geen planten meer groeien.

926224_BINNENWERK.indb 37

37

savanne Landschap in de tropen met lange grassen, afgewisseld met groepjes bomen en struiken. steppe Droog gebied waar net genoeg regen valt voor de groei van grassen en lage struikjes. taiga Zone in de gematigde luchtstreek waar naaldbomen groeien. Heet ook naaldboomgordel. toendra Boomloos gebied in de poolstreken met begroeiing van grassen, mossen en lage struikjes. tropen Warme luchtstreek bij de evenaar tussen 23½° N.B. en 23½° Z.B. tropisch regenwoud Dicht, ondoordringbaar bos in de warme en vochtige tropen. woestijn Een erg droog gebied waar bijna niets groeit. zee-ijs Bevroren zeewater.

30/10/19 08:20


D E GEO

1 VM BO - T/ H AVO LEERBOEK

Ontdek waar het om draait

www.thiememeulenhoff.nl/degeo

926224_OMSL.indd 1

9 789006 926224

30/10/19 09:10