Issuu on Google+

hoofdstuk 1  |  subthema 3

45

25

Humor overtuigt niet Humor kan voor verschillende communicatiedoelen een goed middel zijn. Het trekt bijvoorbeeld de aandacht en heeft een positieve waardering tot gevolg, wat weer leidt tot een positieve waardering van het merk. In het algemeen blijkt humor echter mensen niet te overtuigen van de kwaliteit van een product, terwijl dit toch een heel belangrijk doel van reclame is.

3.2 Lees de vragen. Lees de tekst nog een keer. Beantwoord de vragen. 1 In de derde, vierde en vijfde alinea (r. 13-29) worden drie publieksfactoren genoemd die van invloed zijn op het effect van humor. Welke van die drie factoren is niet helemaal zeker? a sekseverschillen (man of vrouw) b culturele verschillen c verschillen in leeftijd en opleiding 2 Welk woord geeft aan dat deze factor onzeker is?

3 In de eerste alinea worden vier communicatiedoelen van reclame genoemd: waarderen, onthouden, herkennen en kopen. In de zesde alinea worden, behalve waarderen en onthouden, ook nog twee andere communicatiedoelen genoemd. Vul de goede woorden in. De reclame moet:

van de kwaliteit van een product of merk.

trekken en mensen



4 In r. 36-37 staat: ‘Humor werkt gunstig op het onthouden van de reclame-uiting zelf. Maar of de boodschap en het merk ook goed onthouden worden, is niet duidelijk.’ Wat wordt bedoeld met het eerste deel van de zin (‘Humor (…) uiting zelf’)? a Humor zorgt ervoor dat je je herinnert wat er gebeurt in een reclame. b Humor zorgt ervoor dat je een positieve herinnering hebt aan een reclame. 5 In r. 43 staat: ‘Om effectief te zijn, moeten het merk en de boodschap dus sterker overkomen dan de humor.’ Naar welke zin in de derde alinea verwijst deze zin? Onderstreep de zin.

4 Doe de opdrachten bij Woorden op de computer.

13181_Code Plus NT2 Boek 4.indb 25

24-07-12 14:42


CODE Plus deel 4