Page 1

Maandblad van Tot Heil des Volks | februari 2018 | jaargang 81 | 943

de Oogst SINDS 1855

De kerk als anti-plaats Marieke werkte twee jaar in de prostitutie

Ik geloof bepaalde dingen wel

NAAR DE KERK!


INHOUD

THEMA: GASTVRIJHEID

4 Inspiratiepagina

6 Marieke belandde achter de ramen ‘Na mijn eerste klant dacht ik: nu is het te laat, ook tegenover God’

10 Ontmoet Amsterdam Anders Met recensies, tips en nieuws van Ontmoet Amsterdam Anders

12 De kerk als anti-plaats Wat is de missionaire kracht van kerkgebouwen?

16 Nieuws Nieuws en ontwikkelingen rond de projecten van THDV

18 Project in beeld Eén foto zegt meer dan duizend woorden. In deze nieuwe rubriek zie je een momentopname van een project van THDV.

20 Achterban Wie zijn de mensen rondom THDV? Waarom steunen zij ons? Dit keer: portret van Ria en Tijmen en hun vier kinderen

22 Wel kerkelijk, niet gelovig Waarom is fotograaf Arjan Bronkhorst lyrisch van kerken?

24 In de kerk kwam hij thuis Het verhaal van Heiko Heese

25 Column Lisa Evangeliseren in Amsterdam. Werkt dat?

28 Kerk & kwetsbaren We namen diverse mensen uit onze doelgroep mee naar de kerk. Wat gebeurt er dan?

32 Recensies Recensies van boeken en een overzicht van zojuist verschenen boeken


TOT HEIL DES VOLKS

REDACTIONEEL: RONALD KOOPS

Kerk De belangstelling voor kerken en kerkgebouwen lijkt te groeien. Leverde het woord ‘kerk’ een aantal jaren geleden regelmatig verzuurde reacties op, tegenwoordig groeit er een generatie op die niets heeft met de kerk: geen verbinding, geen ervaring en dus ook geen antipathie. Hoe verdrietig de ontkerkelijking ook is, de veelal neutrale houding van veel (jong)volwassenen tegenover ‘de kerk’ biedt kansen. Ik heb het afgelopen jaar diverse scholieren gesproken die voor een stageopdracht van hun middelbare school een kerk moesten bezoeken. Wat is een kerk precies? Wat gebeurt daar? En vooral: waarom zijn er mensen die er zondag aan zondag naartoe gaan? Wat is de meerwaarde van een kerkgemeenschap in een individualistische tijd? Ook zijn er meer en meer kerken die niet alleen op zondag, maar ook doordeweeks open zijn. Deuren staan open, kerkleden staan klaar om een gratis rondleiding te geven, en ook de koffie staat klaar. Een goede en missionaire ontwikkeling die een antwoord kan zijn op de zingevingsvragen van nu. Dat alleen al een kerkgebouw geestelijke invloed kan hebben, blijkt uit recent gepubliceerd onderzoek: dertien procent van de jongeren tussen de elf en achttien jaar die zich christen noemt, geeft aan dat bezoek aan een kerkgebouw aanleiding was om christen te worden, Matthijs Hoogenboom schrijft hierover in het thema-artikel ‘De kerk als anti-plaats’. Er gebeuren ook mooie dingen als je mensen uit de doelgroep van Tot Heil des Volks confronteert met een oud

DE OOGST

Uitgave Tot Heil des Volks Redactie Matthijs Hoogenboom (eindredacteur) Ronald Koops (hoofdredacteur) Vormgeving, opmaak en druk Buijten & Schipperheijn, Amsterdam i.s.m. Aperta, Hilversum Coverfoto Ruben Timman

en sereen kerkgebouw, zoals de Nicolaaskerk in Amsterdam. Een aantal vaste gasten van AHA, ons inloophuis voor daklozen, bezocht deze kerk. Wat dat met ze deed, ziet en leest u ook in deze Oogst. Ook fotograaf Arjan Bronkhorst komt aan het woord. Hij is naar eigen zeggen niet gelovig, maar wel kerkelijk. Wat raakt hem zo in kerkinterieurs dat hij er een boek over maakte? Ten slotte hebben we een bijzonder verhaal van Heiko Heese. Deze van oorsprong Oost-Duitser kwam vroeger als kind in de kerk en is nu tot levend geloof gekomen. Kortom: een heel nummer over de invloed van kerkgebouwen, missionaire kansen van kerken van nu en verhalen van mensen die zich door God en de kerk lieten raken. Ik hoop dat het je inspireert en dat je de verbinding legt naar je eigen plaatselijke kerk. Hoe kan jouw en mijn kerk Jezus laten zien? ◄ Ronald Koops Hoofdredacteur De Oogst ronaldkoops@totheildesvolks.nl FOTOGRAFIE: RUBEN TIMMAN

Kom je ook naar ons symposium over de kracht van het kerkgebouw? Zie voor meer informatie pagina 15 en thdv.nl

JAARGANG 81 | NUMMER 943 | FEBRUARI 2018 Medewerkers Lisa Bac Matthijs Guijt Matthijs Hoogenboom Gert Hutten Ronald Koops Anneloes Meijer Arie de Rover Marijke Willems Fotografie Elisabeth Stam Arjan Bronkhorst Ruben Timman

Redactie en administratie THDV, O.Z. Voorburgwal 241, 1012 EZ Amsterdam thdv.nl 020 344 6310 info@deoogst.nl 020 420 2394

De Oogst is voor visueel gehandicapten ook verkrijgbaar in gesproken vorm. Nadere informatie bij de CBB, Christelijke Bibliotheek voor Blinden en Slechtzienden te Ermelo. 0341 565 499. Abonnement De Oogst kost € 22,50 per jaar inclusief verzendkosten. Nieuwe abonnees kunnen zich aanmelden via de coupon elders in dit blad of via totheildesvolks.nl

Correctie Hannie Tijman

DE OOGST

3


Oud en nieuw De oudheid is voelbaar Met geuren van toen Licht schijnt door het oude lood In dit Godshuis van eeuwen

Een heilige stilte overschreeuwt De kakofonie van stadse geluiden Slechts voetstappen en zacht gefluister Galmen zachtjes tegen oude gewelven De kerk van alle tijden Hij staat er nog steeds, maar de ruimte Vult zich elke dag met verse gebeden Het oude orgel speelt een nieuw gezang Ronald Koops

4

DE OOGST


In deze Oogst hebben we, aansluitend bij het thema, op verschillende plaatsen foto’s afgedrukt uit het boek ‘Kerk­interieurs van Nederland’ (zie ook de recensie­pagina). Deze foto’s zijn van fotograaf Arjan Bronkhorst. Op pagina 22 staat een interview met hem. kerkinterieurs.org

DE OOGST DE OOGST

5 5


6

DE OOGST


SCHARLAKEN KOORD

MARIJKE WILLEMS

Het verhaal van Marieke

‘Je denkt toch niet dat we je hierom laten vallen?’ Het verhaal van Marieke is een verhaal over seksueel misbruik, loverboys en prostitutie, maar het gaat ook over onvoorwaardelijke liefde van ouders en God. ‘Ik wil mijn verhaal vooral vertellen om andere vrouwen hoop te geven.’

DE OOGST

7


‘In mijn jeugd heb ik te maken gehad met seksueel misbruik. Ik ben opgegroeid in een christelijk gezin en ik had in de opvoeding meegekregen dat seks voor het huwelijk niet goed was. Ik wist me dan ook geen raad met het misbruik. Ik voelde me schuldig, wist niet hoe ik het moest stoppen, durfde geen nee te zeggen en durfde er al helemaal niet over te praten, zéker niet met mijn ouders. Ik trok mezelf terug, verzweeg wat me bezighield en kreeg last van depressieve gevoelens. Ik werd zo depressief dat ik werd opgenomen in een jeugdinstelling. Aan deze opname heb ik geen goede herinneringen. Allereerst was het een openbare instelling. Voor mijn gevoel kon ik er als christen niet mijn verhaal kwijt: hoe zouden zij mijn schuldgevoelens ten opzichte van mijn opvoeding en het geloof begrijpen? Het probleem waarvoor ik opgenomen werd, is daarom ook niet goed aangepakt en ook het contact met mijn ouders was verre van goed. Uiteindelijk ben ik twee jaar in die instelling geweest en kwam ik vervolgens in een trainingsprogramma voor begeleid wonen terecht. Terug naar mijn ouders was geen optie.’ Uitgaansleven ‘Het project waar ik in terechtkwam, opende nieuwe deuren voor mij. Er woonden meer jongeren die me kennis lieten maken met het uitgaansleven. Op een van de uitgaansavonden leerde ik een heel knappe jongen kennen met wie ik vanaf dat moment elke dag contact had. In eerste instantie vertelde ik de begeleiding niet over hem, maar omdat ik zo happy was met dit vriendje die leuke dingen voor me kocht en lief voor me was, heb ik het later wel verteld. Ze waren er niet blij mee en vonden dat ik nog onvoldoende met beide benen op de grond stond. Maar ik was bijna achttien jaar en dus konden ze er verder ook niet zoveel mee. Al heel snel besloot ik daarom bij hem te gaan wonen. In dezelfde periode is het contact met mijn ouders beter geworden. Ik ben met mijn vriend bij mijn ouders geweest en zij bij ons. Mijn ouders hadden in die tijd hun zorgen over deze vriend, maar ze waren ook blij dat ze mij weer terug hadden. Dit is heel dubbel voor hen geweest. Ik had overigens geen werk en mijn vriend ook niet, dus we kregen al snel geldproblemen. Hij vertelde dat de vriendin van zijn broer als prostituee in Amsterdam werkte. Daar schrok ik van, maar hij vertelde vervolgens wat zij allemaal wél konden doen terwijl wij op een houtje moesten bijten. Toen volgde al snel zijn voorstel aan mij om één keer mee te gaan en geld te verdienen.’ Het gordijn ging open ‘Ik stemde toe - hoe kon ik anders - en toen ging het heel snel. Ik was net achttien jaar geworden toen we met zijn broer en vriendin in de auto naar Amsterdam stapten. Onderweg begreep ik van die vriendin dat zij een appartement had in de stad waar ze doordeweeks verbleef. Daar gingen we naartoe en toen zijn de jongens weer weggegaan. Mijn vriend zei: “Ik zie je snel weer”, maar ik wist niet wanneer dat zou zijn. Die vriendin ging dezelfde avond naar haar werk, en daar zat ik. Alleen. In de grote stad. Zonder telefoon. Op dat moment heb ik eraan gedacht om weg te gaan, maar ik had geen idee hoe ik dat

8

DE OOGST

moest doen. Ik wist niet precies waar ik was en ik wist ook niet wie ik zou kunnen bellen. Het contact met mijn ouders was herstellende, maar ik had nog niet het vertrouwen dat ze me zouden helpen als ik nu zou bellen. Dus ik heb afgewacht. De volgende dag zijn we samen de stad ingegaan om lingerie voor mij te kopen. Ik was toen ongesteld en wist me er geen raad mee. Maar die vriendin vertelde dat ze daar speciale tampons voor hadden. We zijn naar een adresje gegaan om deze tampons te kopen. Ook kochten we condooms. Toen zijn we naar het pand gegaan waar ik mijn raam zou krijgen. Ik trok de lingerie aan, zij vertelde me wat ik moest doen en wat de prijzen overal van waren en toen deed zij het gordijn open. Daar stond ik. En nog geen kwartier later had ik mijn eerste klant. Het gevoel dat er daarna overbleef, was: ‘Nu is het te laat.’ Ook tegenover God. Ik wist dat ik niet meer terug kon.’

‘Ik trok de lingerie aan en toen deed zij het gordijn open. Daar stond ik. Nog geen kwartier later had ik mijn eerste klant’

Afgedaan voor God ‘Uiteindelijk heb ik bijna twee jaar in Amsterdam gewerkt waarvan het eerste jaar zes dagen in de week. In die tijd zie je allerlei mensen voorbijkomen, ook regelmatig straatwerkers van Scharlaken Koord. Ik liet ze nooit binnen, want ik had gehoord dat ze christenen waren, en dat was erg confronterend voor mij. Het geloof herinnerende mij aan thuis en aan mijn gevoel dat ik had afgedaan voor God. Maar op een dag deed ik toch een keer de deur open om het boekje Geliefd Kind van hen aan te nemen. Dit boekje heeft heel lang onaangeroerd in mijn kast gelegen, maar is later als het ware een zaadje geweest dat is gaan ontkiemen. Voor de buitenwereld leefden mijn vriend en ik van een uitkering. De gemeente spoorde mij aan om weer naar school te gaan. Dat deed ik ook, maar in de weekenden bleef ik op de Wallen werken. Ik leefde in twee werelden en het werd voor mij steeds moeilijker telkens de knop om te zetten. Ik dacht er steeds vaker aan hoe het zou zijn om te stoppen met prostitutie, maar ik wist niet hoe. Niemand wist wat ik deed. Het contact met mijn ouders was goed, maar ook zij wisten dit niet. Ik zou hen zeker weer verliezen als ik dit


zou vertellen. Al een tijdje had ik in mijn tas mijn oude bijbeltje mee en daar begon ik nu ook weer in te lezen.’ Onvoorwaardelijk ‘Op een avond pakte ik mijn bijbeltje en las ik Jesaja 41 vers 10 (NBG): ‘Vrees niet, want Ik ben met u; zie niet angstig rond, want Ik ben uw God. Ik sterk u, ook help Ik u, ook ondersteun Ik u met mijn heilrijke rechterhand.’ Het was alsof God dit rechtstreeks tegen mij zei en ik wist dat het waar was: God is er en Hij zou me helpen. Ik ben naar beneden gegaan en heb mijn ouders gebeld. Zij kwamen direct en al biddend heb ik hun alles verteld. Mijn vader reageerde: ‘Dacht je echt dat we je hierom zouden laten vallen? Dat zouden we nooit doen.’ Dat moment ervoer ik als een deken van liefde, van onvoorwaardelijke liefde. Het was een bevestiging van wat God daarvoor tegen mij had gezegd. En nu kwam de liefde van Hem én van mijn ouders. Ik ben gelijk met hen mee naar huis gegaan.

‘Ik dacht er steeds vaker aan hoe het zou zijn om te stoppen met prostitutie, maar ik wist niet hoe’ In de tijd die volgde, begreep mijn ex-vriend dat ik niet alleen een tijdje ging logeren, maar dat dit blijvend was. Hij heeft mij nog heel veel gebeld en reed regelmatig langs het huis van mijn ouders. Maar ik voelde me veilig bij mijn ouders en voor hen was het alsof hun verloren dochter weer terug was. Uiteraard hebben we het gehad over aangifte doen bij de politie en het zoeken van hulp voor alles wat ik had meegemaakt, maar ik vond het in die tijd te heftig en te confronterend. Mijn ervaring met de hulpverlening was niet goed en ik dacht ook niet aan eventuele andere meisjes die mijn ex nu misschien zou misbruiken. Om een lang verhaal kort te maken: ik leerde al snel een nieuwe man kennen met wie ik een relatie aanging, een ongezonde relatie waarin ik al snel weer vastliep. Ik was zó beschadigd.’ Vrouwenopvang ‘Ik heb in die periode via via een kaartje gekregen met de contactgegevens van Scharlaken Koord, dezelfde organisatie van wie ik het boekje Geliefd Kind had gekregen.

Toch bleef het kaartje nog lang in mijn nachtkastje liggen totdat ik in mijn relatie steeds meer onder druk kwam te staan. Toen heb ik gemaild en van daaruit is een intensief mailcontact met een maatschappelijk werkster ontstaan dat voor lange tijd mijn houvast was. En waar het eerst ging over mijn verleden als prostituee, ging het al snel over de relatie waar ik op dat moment in zat. Op een dag was het genoeg en besloot ik om naar een vrouwenopvang (niet van Scharlaken Koord, red.) te gaan.

‘Bij de vrouwenopvang was rust en ruimte én gebed, een combinatie die mij erg goeddeed’ Dit is een intensieve periode geweest waarin ik aan het herstel van mijn zelfvertrouwen en eigenwaarde kon werken en waar ook het contact met God hersteld werd. Er was rust en ruimte én gebed. Een combinatie die mij erg goeddeed. Uiteindelijk kan ik wel zeggen dat het contact met Scharlaken Koord en de tijd in de vrouwenopvang mijn redding is geweest. Er is sinds die tijd veel ten goede veranderd in mijn leven. Als ik terugkijk, zie ik dat ik ben gegroeid van een beschadigde vrouw naar een vrouw met een gezond zelfvertrouwen en eigenwaarde, die zich geliefd weet door God en onvoorwaardelijke liefde kent van Hem, van ouders, familie en vrienden. Het is bijzonder om te beseffen dat God altijd betrokken is geweest, door medewerkers van Scharlaken Koord op mijn pad te brengen, door een boekje, door een kaartje met contactgegevens… Wat Hij begint, maakt Hij ook af.’ ◄

Om privacy redenen hebben wij voor een gefingeerde naam gekozen en is de geïnterviewde niet herkenbaar in beeld gebracht.

Scharlaken Koord is een onafhankelijke christelijke hulpverleningsorganisatie voor prostituees, slachtoffers van mensenhandel en voor meisjes die met loverboys te maken hebben (gehad). Meer informatie over Scharlaken Koord en andere projecten van Tot Heil des Volks? Ga naar thdv.nl

DE OOGST

9


ONTMOET AMSTERDAM ANDERS

  

MATTHIJS HOOGENBOOM

Ontmoet Amsterdam Anders

THDV organiseert onder de naam ‘Ontmoet Amsterdam Anders’ evenementen in Amsterdam. Omdat we graag de ervaringen met je delen die wij opdoen in ons werk. Omdat we enthousiast zijn over de mooie stad waar wij werken. Omdat we jou graag ontmoeten.

Zaterdag 10 februari en donderdag 15 maart: Zie Jezus in Amsterdam ‘Wie zie jij?’ is de vraag die de gids je al wandelend door Amsterdam stelt. Die vraag helpt je om verder te kijken dan mooie grachten, gebouwen en gevelstenen. De mensen maken de stad. En de mensen, dat geloven wij, weerspiegelen iets van God. Tijdens de koffiepauze ’s morgens hoor je over het ontstaan en het werk van THDV en de kwetsbare mensen die wij zien. Je luncht in de Shelter, een hostel waar duizenden toeristen iets zien van de liefde van Jezus. ’s Middags loop je langs de Wallen en hoor je meer over ons werk onder prostituees.

Agenda 6, 13, 20, 27 februari 12.30 Gratis lunchconcert in de Stopera (stadhuis/ opera) www.operaballet.nl 7 februari 12.30 Openbare repetitie Concertgebouworkest (gratis) concertgebouw.nl 10 februari 9.30, 11.30, 15.30 Peuterconcert ‘Op een grote padden­stoel’ concertgebouw.nl 22 februari 19.30 Kaarslichtconcert Portugese Synagoge jck.nl 23 februari 14.30 (gratis) Pianoconcert Oosterkerk oosterkerk-amsterdam.nl 1 maart 12.30 (gratis) Lunchconcert Muziekgebouw aan het IJ muziekgebouw.nl

10

DE OOGST

Vrijdag 23 februari: Wandelen door Joods Amsterdam Joden waren in Amsterdam eind 16e eeuw hartelijk welkom en dat was uitzonderlijk. Uit diezelfde stad werden zeventig jaar geleden meer Joodse inwoners gedeporteerd en vermoord dan in welke stad ook in Europa. Hoe is het mogelijk in Amsterdam, meest liberale stad ter wereld? Zou zoiets verschrikkelijks weer kunnen gebeuren? Hierover denken we met elkaar na als we langs de Portugese Synagoge, de Hollandsche Schouwburg, het Auschwitzmonument en de Dokwerker lopen. We sluiten af met een lunch in christelijk hostel de Shelter, een project van THDV. Kom je met acht of meer personen, dan kun je zelf een datum kiezen. Info en opgave: ontmoetamsterdamanders.nl


Recensie: Mes frères! Een derde van de grond van middeleeuws Amsterdam werd in beslag genomen door negentien kloosters. Het Paulusklooster tussen Kloveniersburgwal en Oudezijds Achterburgwal was er een van. Na de alteratie (Amsterdam werd protestants) werd het klooster ontruimd. Na de val van Antwerpen in 1585 nam de toestroom van protestantse zuiderlingen in Amsterdam toe. Deze ‘Walen’ kregen kort hierna de voormalige kapel van de Paulusbroeders toegewezen. Na de Oude Kerk is dit nu de oudste nog in gebruik zijnde kerk van Amsterdam. Nog iedere zondag klinken de Geneefse melodieën er. Het Walenpleintje is een oasetje, maar wie aan de zuidkant van de kerk op een bank gaat staan, heeft zicht op een echt groene oase: een soort van kloostertuin tussen Oudezijds Voor- en Achterburgwal. Willem van Bennekom beschrijft de boeiende geschiedenis van deze kerk uitvoerig. Ook de relatie met het Reveil, de bakermat van Tot Heil des Volks, komt aan bod: ‘In het dode tij van de Restauratie was het Reveil de eerste beweging in ons land die, soms door de klassen heen, en in elk geval tegen de stroom in, voor het eerst probeerde zichtbaar te maken wat een op liefde voor Christus gebaseerde samenleving zou kunnen betekenen.’ Dat de Waalse Kerk hierbij in zekere zin zowel katalysator is geweest als wrijfpaal, maakt dat niet anders.’

Mes frères! Willem van Bennekom Uitgeverij Boom € 25,--

COLUMN / MATTHIJS HOOGENBOOM

Oppasrooster Of we ook al een geestelijk onderkomen hadden gevonden, vroeg een oude, betrokken tante (geen echte) nadat we een tijdje over ons nieuwe huis in Rotterdam hadden gekletst. Ik proefde: dat is haar een zorg, al is ze evengoed een beetje nieuwsgierig. Een ‘geestelijk onderkomen’; mooie uitdrukking. Alle tweehonderdvijftig Rotterdamse kerken bezoeken voor we de knoop doorhakken is geen optie. Maar het heeft best wat, zo’n kerkentocht. We vinden het wel fijn om niet zoveel te moeten en een poosje gast te zijn. Het is ook leerzaam; we zien dingen waar we ons nooit eerder bewust van waren. Een dienst in een grote, oude stadskerk maakt indruk. Onze dochter heeft tijdens de dienst alle ruimte om rondjes te kruipen. Maar oppas was toch handiger geweest. Dat is een voordeel aan kinderrijke kerken, daar is de crèche prima voor elkaar. Overal gaat het weer anders en soms mis je informatie. Toen tijdens de collecte aan het einde van een dienst ineens alle ouders hun kind gingen halen ben ik daar maar achteraan gesneld. Had ik dat niet gedaan, dan vrees ik dat ons kind tussen de koffiedrinkende menigte was verdwenen. De oppas kwam in bijna alle kerken waar we zijn geweest redelijk laat, wat best jammer is als je op tijd naar de kerk gaat omdat je nieuw bent. Het is toch wel fijn als je je kind even rustig over kunt dragen. En ten slotte (ik ben nu toch op de kritische tour): je hebt van die monumentale kerken met meerdere ingangen, waar je het risico loopt zo maar een deurtje naast de preekstoel open te trekken (wat je nou net niet wilt als vreemde). Daar hadden wij wel wat bewegwijzering kunnen gebruiken. Een gastvrije kerk zijn zit hem in de kleine dingen. Midden in het Oude Charlois waar wij wonen staat een prachtig oud kerkje. We dachten dat het wat grijs zou zijn. Maar toen wij binnenkwamen was die zogenaamd grijze gemeente wel in rep en roer om de oppas te vinden. Kinderrijk kan je die gemeente niet noemen, maar er hangt wél een rooster. Dat heeft ons iets gedaan. En de dominee die nog even kwam checken of de verwarming hoog genoeg stond, dat ook. De keuze tussen een bruisende gemeente waar alles goed geregeld is en een kerk om de hoek die over tien jaar misschien wel leeg staat, is eigenlijk heel eenvoudig. ◄ FOTOGRAFIE: RUBEN TIMMAN Matthijs Hoogenboom is gids en ­coördinator van Ontmoet Amsterdam Anders

DE OOGST

11


12

DE OOGST


THEMA

TEKST: MATTHIJS HOOGENBOOM BEELD: ARJAN BRONKHORST

De kerk als anti-plaats De gids beklom de trap die naar een dichte deur leidde. Hij keerde zich naar de groep voor uitleg. Door de Jordaan ging de wandeling. ‘Dit’, zei hij, ‘is de Noorderkerk. Dat is een hervormde kerk waar ze zingen “Laat de kinderen tot mij komen”. Alleen de deur zit altijd dicht.’

Al is het zo dat (vooral protestantse) kerken in Nederland vaak op slot zitten, helemaal juist geïnformeerd was hij niet, deze gids. Als er op maandag en zaterdag markt is rond de Noorderkerk staan de deuren open. En er wordt aan gewerkt om het gebouw weer een vaste plek te geven binnen het dagelijkse leven in de Jordaan – de Noorderkerk als ‘Huis voor de ziel’. Ik vind dat een prachtige titel. Een verdwaalde toerist, een opgejaagde Jordanees – ze wandelen even binnen. Stilletjes zakken ze neer. Jas aan, tas op schoot. Een blik achterom. Het glanzende roodbruine orgel brengt gewijde klanken voort. Het hoofd omhoog. Eeuwenoude, oersterke zuilen. Dan over de loodzware grafzerken weer naar buiten. Is er iets gebeurd? Wie zal het zeggen. Huis voor de ziel Een kerkgebouw als huis voor de ziel. Dat dit geen loze woorden zijn, blijkt uit recent gepubliceerd onderzoek uit Engeland. Dertien procent van de jongeren tussen de elf en achttien jaar die zich christen noemen, geeft aan dat bezoek aan een kerkgebouw aanleiding was om christen te worden, meldde het Nederlands Dagblad onlangs. Anderen kwamen tot geloof door bijbellezen (vijftien procent), zondagsschool (vijftien procent) of opgroeien in een christelijk gezin (vijfenveertig procent). Hoe zou zo’n onderzoek uitpakken onder volwassenen? Eén ding is zeker: wie de kerk op slot laat, loopt kansen mis. Inspiratie Veel kerken in Amsterdam hebben – al dan niet uit nood gedwongen - goed nagedacht over het gebruik van hun gebouw. De hoofdstad is daarmee een bron van inspiratie als het om dit thema gaat. Wie met de trein in Amsterdam aankomt, kan nauwelijks om de Nicolaaskerk heen. Statig rijst hij voor je op zodra je het Centraal Station verlaat. De basiliek is onderdeel van het Grootste Museum van

Nederland: dertien religieuze gebouwen die hun deuren openzetten voor het grote publiek. In de Nicolaas is veel te beleven. Er is geen stukje witte muur te ontdekken. Iedere dag staat de deur open en wordt de mis bediend. Er is een audiotour en ’s zaterdags om vijf uur is er een Evensong in anglicaanse stijl. Een klein stukje verderop staat de Oude Kerk. Op zondag is er dienst. Midden in de week staan de deuren open tijdens ‘Rustpunt woensdagavond’. De rest van de week heeft het gebouw een museale functie, inclusief een professionele audiotour. Maar zitten en voor je uit staren is eigenlijk het meest aan te raden in deze indrukwekkende middeleeuwse ruimte.

Zitten en voor je uit staren is het meest aan te raden Al struinend over de Wallen vind je een paar stegen verderop alweer een open deur. De kapel van leefgemeenschap Oudezijds 100 is bijna altijd toegankelijk. Een altijd brandende kaars getuigt van Gods eeuwigdurende aanwezigheid en trouw. Helder stromend water mondt uit in een doopbad: het vormt een schril contrast met de vuiligheid die je buiten aantreft. Uitnodiging De hoek Prinsengracht/Westermarkt is van ’s morgens vroeg tot ’s avonds laat een gekkenhuis. Fatsoenlijk fietsen is niet mogelijk. Toeristen drommen samen voor de deuren van het Anne Frankhuis. Soms is de Westerkerk omringd door een rij wachtende mensen. Bijna alle dagen van de week is de kerk gratis toegankelijk. Vrijdags – en in de zomer vaker – is er een lunchconcert. Telkens is de kerk dan rijkelijk gevuld met toeristen en Amsterdammers. Allemaal vinden ze op hun programma een DE OOGST

13


vriendelijke en vrijblijvende uitnodiging om ook op zondag eens langs te komen. Ten slotte maken we een uitstapje naar Utrecht. De ‘Night of Light’ in de Dom vind ik een inspirerend voorbeeld. Maandelijks komen er honderden mensen op af. Ze steken een kaarsje aan, gaan even zitten, luisteren naar ­serene muziek. En gaan dan weer. Anti-plaats Mensen bereiken met het Evangelie kan op veel manieren. De jongeren die aangeven aan het denken gezet te zijn door het bezoeken van een kerk zijn niet in de meerderheid. Toch is de groep groot genoeg om het openen van de kerkdeuren tot een prioriteit te maken. Een activiteit voor de evangelisatiecommissie?

Een kerk ontleent betekenis aan anders-zijn Voor we allerlei activiteiten opzetten, is het verstandig om goed te doordenken wat een kerkgebouw voor de voorbijganger zo aantrekkelijk maakt. Bastiaan van de Berg – programmamaker in het dominicanenklooster in Zwolle – deed onderzoek naar de dagelijkse openstelling van de Dominicanenkerk. Zeventig procent van de bezoekers geeft aan er rust te vinden. Tweeënvijftig procent ervaart verwondering. De kerk, schrijft Van de Berg, is een ‘anti-

plaats’: een plek die zijn betekenis ontleent aan anderszijn: ‘Waar de dynamiek van de weerbarstige, gebroken ­realiteit kan samenvallen met de hoop dat het anders zou kunnen zijn.’ Eerbied Wat gebeurt er nu precies als mensen – buiten de bediening van het Woord om – worden geraakt in een kerk? Jim Schilder, kapelaan van de Nicolaaskerk in Amsterdam, heeft in een EO-interview eens gezegd: ‘Christus en ik zijn bijna buren. Ik woon naast de kerk en dat is voor katholieken in de meest letterlijke zin een Godshuis: Christus woont daar, permanent. Dat ik als priester dag en nacht zo dicht bij Hem mag zijn, maakt dat ik me een bevoorrecht mens voel. Zoals Samuël in de tabernakel dicht bij God was.’  Een protestant zal geneigd zijn te zeggen dat hij hier iets nuchterder over denkt. Maar zo zwart-wit is het in de praktijk niet. In het boek Vensters op refodomes: bevindelijk gereformeerden en moderne kerkbouw wordt duidelijk dat er in de protestantse visie op het kerkgebouw een zekere dubbelheid zit. Een doordeweekse dag. Een Barnevelds gemeentelid moet in de kerkzaal een klusje doen. Bij de ingang van de kerk ontdoet hij zich van zijn klompen. Klompen in een stille kerk. ‘Dan durfde ik niet met klompen de kerk in. Zoveel eerbied had ik dan.’ Maar waarom? Het is toch maar een gebouw van steen? ‘Ja, daar wordt Gods Woord gebracht. En het zit niet in de stenen. Enkel die eerbied.’ Van mijn (protestantse) ouders moesten we altijd stil zijn als we op vakantie een kerk binnenliepen. In ieder Frans dorpje weer. Het leken wel stilteretraites, die vakanties. Al kenden we dat woord in de jaren negentig nog niet, denk ik.

Het zit niet in de stenen, enkel die eerbied Materialiteit ‘Bemiddeling’ – ook een woord dat een protestant niet kent. Er is maar één Middelaar, zal hij zeggen. Een kerkgebouw bemiddelt niet tussen God en mens. Maar – en dat is dan wel weer heel protestants om te zeggen – hoewel God het niet nodig heeft, Hij kan het wel gebruiken. De reformatoren waren niet homogeen in hun gedachten over materialiteit; dat maken de schrijvers van Vensters op refodomes duidelijk. Luther was wat minder puriteins dan Calvijn. Maar ook die zag bijvoorbeeld het avondmaalsbrood als meer dan een symbool. Een kosteres met wie ik een tijdje samen heb gewerkt, illustreerde dit ooit door mij schoorvoetend toe te vertrouwen dat zij met haar gezin het brood bij de zondagmiddagse soep opat. ‘Want weggooien is ook zo wat.’ Het was toch wel iets meer dan gewoon brood. Schoonheid Hoe je ook tegen een kerkgebouw aankijkt, feit is dat het een plek is waar mensen worden gezegend. Soms al eeuwen lang. Is het de schoonheid van het gebouw? Schoonheid, zo schrijft de Oxfordse theoloog Tom Wright in zijn boek Verrast door hoop, functioneert als een verlovingsring: op zichzelf al een mooi ding verwijst het

14

DE OOGST


naar iets nog veel mooiers. Zo kan ook een kerkgebouw functioneren. Maar sommige kerkgebouwen zijn helemaal niet mooi. Is het de rust? De muziek? Zijn het de woorden die namens God klinken? De gemeenschap die wordt ervaren? De kracht van iedere gemeente ligt ergens anders. Het mooie is: het is er al. Je hoeft geen nieuwe activiteit te ontwikkelen. Het opengestelde kerkgebouw is het presenteerblaadje om het bestaande aan te bieden. Binnenstaander Je moet er dan wel goed over nadenken hoe je dat doet. Bordjes, foldertjes, al te opdringerige vrijwilligers of erger: een dubbele agenda – ze zouden weleens averechts kunnen werken. Bastiaan van de Berg: ‘Als je kunt luisteren zonder dubbele agenda, of met op zijn minst een open agenda, blijkt die buitenstaander misschien wel meer een binnenstaander te zijn dan gedacht. Met als grootste winst dat de geloofsgemeenschap zichzelf beter leert kennen en ontdekt waar de brug ligt naar – en waar de kloof zit met – de buitenstaander.’ Zo zie ik de ideale vrijwilliger voor me: bescheiden aanwezig. Wijd open oren en ogen en weinig woorden. En als er dan toch een agenda is, heb ik wel een agendapunt: wat kan ik van de ‘buitenstaander’ leren? Dat lijkt me een mooi startpunt. Praktisch Hoe je het ook doet, mijn tip is: doe het goed. Geen houtje-touwtjewerk. Het mag wat kosten. Praktisch kun je het op allerlei manieren vormgeven, afhankelijk van de aard van het kerkgebouw en de omgeving waarin het staat. Een mooi oud gebouw leent zich wellicht het beste voor stilte of mooie muziek. Een nieuwer gebouw voor een koffietafel, bloemschikken of debat. Een goede start zou een enquête in de buurt kunnen zijn, om de behoefte te peilen.

een ander mij helpt’, antwoordde de man. Die twee dingen samen – de ervaring in de Westerkerk en de ontmoeting met die christen – maakten haar dag. ◄

Wat kan ik van de buitenstaander leren? ‘De buitenstaander’, aldus Van de Berg, ‘komt niet naar uw kerkdiensten. Maar dat wil niet zeggen dat de persoon niet zoekt naar oorsprong, zin en doel van dit bestaan.’ Misschien zijn omwonenden wel gewoon nieuwsgierig naar wat er in die kerk gebeurt. Dan hoef je alleen de functie van preekstoel, doopvont, collectezak of orgel maar uit te leggen. Misschien past zo’n bezoek wel binnen de aandacht voor religies op een basis- of middelbare school. Expat Een Britse die als expat in Amsterdam woont, liep de Westerkerk binnen op een moment dat ze het niet zag zitten. In de stilte van die kerk had ze zo’n rust ervaren. Buiten ging ze op een bankje zitten. ‘Mag ik naast je komen zitten?’ vroeg een voorbijganger. Ze vond het een beetje vreemd, maar wel oké. Op dat moment kwam er een dakloze vrouw langs. De persoon naast haar gaf de vrouw geld voor het ov en zei: ‘God bless you.’ Dat vond die Britse bijzonder. ‘Waarom doe je dat?’ vroeg ze. ‘Ook ik kan in een situatie terechtkomen waarin ik blij ben dat

In samenwerking met de Noorderkerk organiseert THDV op vrijdag 18 mei een symposium over de kracht van het kerkgebouw. ’s Morgens is er een samenkomst in de Noorderkerk. Sprekers zijn prof. dr. Fred van Lieburg (hoogleraar religiegeschiedenis aan de VU) en dr. Paul Visser. Van Lieburg zal – met de Noorderkerk als uitgangspunt – een lezing houden over geschiedenis en gebruik van het kerkgebouw in Nederland. Visser maakt het onderwerp concreet en geeft een toelichting zijn missionaire werk in de Jordaan en de Noorderkerk als ‘Huis voor de ziel’. In de middag is er een keuzeprogramma in diverse kerken in het centrum van Amsterdam die op verschillende manieren zijn opengesteld voor het publiek. Het belooft een boeiende dag te worden voor leidinggevenden in de kerk, leden van missionaire commissies en geïnteresseerden. Meer informatie en opgave: thdv.nl

DE OOGST

15


DICHTBIJ

NIEUWS / MARIJKE WILLEMS

THDV Business-dag: 12 april Het businessnetwerk van THDV bestaat uit betrokken ondernemers die ons werk steunen. Op donderdag 12 april 2018 organiseren we de tweede THDV Businessdag in Amsterdam. Ben je ondernemer en wil je hier graag bij zijn om zo meer te horen over ons werk en op welke manieren je ons kunt steunen? Mail dan naar communicatie@ totheildesvolks.nl of neem contact op met Simone Schoemaker, Communicatie, via 020 344 6310. Meer informatie over ons business­netwerk is te vinden op thdv.nl/business.

Leuk item over Second Step ‘Zo voor elkaar’ is een programma van AT5 (Amsterdam) in samenwerking met het Oranje Fonds. Er is ook een item gemaakt over Second Step, een project van Scharlaken Koord. Leuk om even te kijken! De link vind je op de nieuwspagina van thdv.nl.

Welkom bij een Levensecht avond in Leersum! In samenwerking met THDV ­organiseert Baptistengemeente ‘De Wijnrank’ een Levensecht avond. Tijdens deze avond staat het thema ‘Prostitutie; onrecht en hoop’ centraal. Door het vertellen van verhalen, muziek en een over-

Terugblik collecte Het is alweer even geleden, maar in december jl. is de jaarlijkse deurcollecte gehouden in de regio Twenterand voor ons project Waypoint. De opbrengst was maar liefst ruim 5000 euro! We zijn enorm dankbaar voor de 121 collectanten

16

DE OOGST

Onze projecten handig op een rij Op onze website thdv.nl vind je een handig overzicht van de projecten die wij als THDV hebben. Ga in het menu naar ‘PROJECTEN’ en bekijk per doelgroep welke projecten we voor deze mensen hebben.

Overlijdensbericht Op 27 december 2017 overleed in Israël op veertigjarige leeftijd Bert de Jong. Een paar dagen daarvoor was hij gevallen. Bovenaan in de rouwadvertentie staat: ‘Van het beloofde land naar het Beloofde Land.’ Bert werd als zoon van Krijn en Trijntje de Jong geboren boven het opvangcentrum in de Willemsstraat. Als klein jongetje groeide hij op tussen de bewoners die verslaafd waren. Als gids voor De Wandelende Tak trad hij in de voetsporen van zijn vader. Bert was een mens met een groot hart. We wensen de familie De Jong Gods nabijheid toe in dit grote verlies.

denking komt de problematiek van prostitutie en mensenhandel heel dichtbij. Kom naar onze themaavond en laat je inspireren! 11 februari 2018, 19:30 – 21:30 uur De Binder, Hoflaan 29, 3956 Leersum, m.m.v. Ronald Koops en Simone Schoemaker

die weer en wind hebben doorstaan om langs de deuren te gaan. Onze collega’s zijn door de collecteweek ook in contact gekomen met mensen die zich op de een of andere manier voor Waypoint Twentenrand willen inzetten. Mooi nieuws!

Kom je bij ons werken? Werken bij THDV betekent werken in een bijzondere omgeving met of voor kwetsbare mensen. We zoeken regelmatig nieuwe collega’s en vrijwilligers. Ben je benieuwd naar de vacatures (zowel betaald als niet-betaald) die wij nu hebben? Kijk op thdv.nl/ vacatures


Terugblik op de kerstviering

Onze kerstviering heeft een jarenlange traditie. Al sinds het begin van het werk in 1855 komen rond de kerstdagen de medewerkers, vrijwilligers en betrokkenen bij het werk van ‘het Heil’ bij elkaar om God te danken voor het jaar dat is geweest en te bidden voor het werk en voor de mensen die geholpen zijn en worden. Op vrijdag 15 december 2017 kwamen met meer dan vijfhonderd mensen bij elkaar in de Noorderkerk in Amsterdam. Sprekers waren Gert-Jan Segers (politicus van de ChristenUnie) en THDV-directeur Gert Hutten. Segers

legde uit waarom hij geraakt wordt door misstanden in de prostitutie en wat de politiek doet om mensenhandel aan te pakken. Hutten hield een meditatie rondom het thema ‘Wie zie jij?’: over de vraag hoe je naar mensen kijkt en wat we daarover van Jezus kunnen leren. Er was in de viering ook ruimte voor het verhaal van een ex-prostituee. Wat heeft prostitutie met haar ge-

daan? Dit in het kader van dertig jaar hulp aan prostituees door Scharlaken Koord, een van onze projecten. De muziek werd verzorgd door Ronald Koops, muzikant én medewerker bij THDV, samen met violist Peter van Essen, gitarist Ben van Essen en organist Bastiaan Stolk. Een projectkoor van medewerkers en vrijwilligers van THDV onder leiding van dirigente Henriëtte Broekman zong een aantal Engelstalige liederen. Bedankt dat je er was! ◄

DE OOGST

17


PROJECT IN BEELD / TEKST: RONALD KOOPS / BEELD: RUBEN TIMMAN

In de nieuwe rubriek ‘Project in Beeld’ laten we via een foto het werk van de verschillende projecten van THDV zien.

18

DE OOGST


Waar zijn we: AHA, Amsterdam, Oudezijds Voorburgwal 125 Wat zien we: Gerrit Schoonderbeek, een vaste vrijwilliger kookt op een grote pan eten voor circa dertig gasten die vandaag aanwezig zijn. Meer over dit project: Amsterdammers Helpen Amsterdammers (AHA) is een plek waar dak- en thuisloze mensen op adem kunnen komen. We bieden hun eten, warmte en gezelligheid. Samen met de gasten zoeken we ook naar mogelijkheden voor een zinvolle dagbesteding. Wil je dit project ondersteunen? Ga naar thdv.nl en klik op ‘Projecten’.

DE OOGST

19


ACHTERBAN / MATTHIJS HOOGENBOOM, FOTO: SJAAK NOTENBOOM

Wie zijn de mensen rondom THDV? Waarom steunen zij ons? Hoe staan zij in het leven? We zoeken ze op en stellen ze in deze rubriek voor.

‘We vinden het een wonder dat er een God is Die om ons geeft’ Ria en Tijmen wonen met hun vier kinderen in de stad Nijkerk. Ze zijn ermee vergroeid, maar gingen er toch drie jaar tussenuit om in Thailand te wonen en te werken. Ria: ‘We wonen dertien jaar in dit huis. Het is echt een fijne buurt, overal dichtbij. Heel rustig. We zijn drie jaar in het buitenland geweest. Toen hebben we het huis verhuurd. We hebben voor ZOA in Thailand gezeten. Het was in de tijd dat we alleen Thijs en Emma hadden.’ Thijs: ‘Ik was drie toen we erheen gingen. Ik kan me er nog een beetje van herinneren. We kregen homeschooling van mama.’ Ria: ‘Op de grens met Birma zijn heel veel vluchtelingenkampen. ZOA ondersteunde in die tijd het onderwijs in die kampen en Tijmen deed daar de financiën. Het was een grote stap. Wat mij betreft was het eenmalig.’ Tijmen: ‘Het is mij wel bevallen.’ Ria: ‘Er was ook weinig wat hij miste. Met eten is hij heel makkelijk. En qua klimaat ook. Ik vond het echt te warm. Daar moet je wel tegen kunnen. Maar voor de kinderen

20

DE OOGST

was het echt heerlijk. We gingen elke week zwemmen. Je doet alles buiten. In het regenseizoen zit je op je veranda. Het was een heel bijzondere ervaring. Ik had het niet willen missen. Maar het zit niet in mijn bloed. Ik vind het wel echt heftig. Ik hou van familie om mij heen. Maar we hadden het gevoel dat God ons daar riep en ons daar wilde hebben. Dat houdt je dan wel op de been. Anders weet ik niet of ik het vol had gehouden.’ Tijmen: ‘Ik besef ook wel dat het met het gezin hier veel makkelijker is. Ik vond het toen lastig om terug naar Nederland te gaan, maar nu hebben we hier onze draai gevonden. De kinderen hebben het naar hun zin op school. Het gaat goed, en dat is ook wat waard. Dan is het wel een grote stap om weer eropuit te gaan.’ Ria: ‘Thijs is hard op weg om MAF-piloot te worden, dus misschien gaat die nog eens weg.’ Thijs: ‘Ik ben bezig met een muurschildering van een vliegtuig op mijn kamer. Ik wil bij een christelijke organisatie werken en ik vind het leuk om dingen te besturen. Toen hoorde ik een keer van de MAF en dat leek me wel leuk.’


Ria en Tijmen van Steeg hebben vier kinderen. Tijs (13), Emma (11), Thom (4) en Daan (2). Tijmen werkt op de financiële afdeling van Trans World Radio Europe. Woonplaats: Nijkerk Kerkelijke achtergrond: PKN

Emma: ‘Ik wil juf worden.’ Thom: ‘En ik politie!’ Ria: ‘Volgens mij wil vijftig procent van de jongens dat.’ Tijmen: ‘En juf vijftig procent van de meisjes.’ Ria: ‘Ja, dat zou zomaar kunnen.’ Tijmen: ‘Ik werk nu bij Trans World Radio in Barneveld op de financiële afdeling voor het de regio Europa. Toen ik eenmaal dit werk gevonden had – in de buurt, een organisatie die me aanspreekt en een baan die bij me past – maakte dat het voor mij makkelijker om het leven hier weer op te pakken. Ik ben ooit begonnen in de accountancy, maar wilde een baan waarbij ik het gevoel had dat ik meer voor mensen kan betekenen. Dat miste ik toch wel een beetje. Zo ben ik bij ZOA terechtgekomen. In Thailand zag ik dat hulpverlening belangrijk is, maar ik werd ook geraakt door de geestelijke nood. Toen zei ik: “Als we weer in Nederland zijn, wil ik meer met het evangelie doen. Niet alleen hulpverlening.” En toen kwam TWR langs. Daar werk ik nu alweer vijf jaar.’ Ria: ‘Op dit moment werk ik niet buitenshuis. In deze fase van ons gezin vind ik het fijn en belangrijk om er voor de kinderen te zijn. In de toekomst ga ik denk ik wel weer iets buitenshuis zoeken, maar ik weet nog niet wat.’

Dat God daar ook werkt, vind ik echt vet gaaf Wandelingen Ria: ‘Ik heb, geloof ik, al vier keer een wandeling (met Ontmoet Amsterdam Anders, red.) gedaan in Amsterdam. De laatste keer met de kinderen.’ Thijs: ‘Over de Tweede Wereldoorlog. Het regende. En er kwamen heel veel ambulances en vijf brandweerwagens langs.’ Tijmen: ‘Emma had een mooie ‘I Amsterdam’-regenjas aan. Paraplu’s gingen niet werken.’ Ria: ‘Ik vind het echt superinteressant. Als je in Nederland woont en je niks over Amsterdam weet, dan denk je: “Amsterdam is één pot ellende waar allemaal nare dingen gebeuren.” Door die wandelingen zie je ook de andere kant. Dat er ook mensen zijn die zich inzetten en dat er gebeden wordt. Dat God daar ook werkt. Dat vind ik echt vet gaaf. De opbrengst van de kledingbeurs die we ieder jaar met de vrouwenkring van onze kerk organiseren is voor Scharlaken Koord. Daarom hebben we met die kring ook een keer een wandeling gedaan.’ Tijmen: ‘De Oogst hebben we al heel lang. Die kregen we volgens mij ook al in Thailand. Ik denk dat jouw ouders het blad hadden en dat wij het toen ook zijn gaan lezen.’ Ria: ‘Maar pas sinds de laatste jaren weten we wat meer over de organisatie Tot Heil des Volks. Toen ik de eerste

wandeling ging doen, dacht ik nog aan het Leger des Heils en haalde ik alles door elkaar. Dat zou me nu niet meer overkomen. Wat heel erg hielp, was een overzicht van alle takken (van THDV, red.) en toen snapte ik hoe het zit.’ Tijmen: ‘Geloof stempelt ons leven en geeft er doel aan. We zijn er allebei mee opgegroeid. Het is lastig om te zeggen hoe het zonder zou zijn. We vinden het zo’n wonder dat er een God is Die om ons geeft. Het is iets wat we ook door willen geven aan onze kinderen en aan andere mensen. Die verwondering is wel onze drive.’ Ria: ‘We proberen de kinderen te stimuleren om zelf de Bijbel te lezen en te bidden, zodat ze een persoonlijke relatie met God krijgen. En we proberen het voor te leven in praktische dingen.’ Tijmen: ‘We maken tijd om samen de Bijbel te lezen, te bidden en te zingen. We hebben een fijne gemeente met veel kinderen, en goede christelijke scholen. We hoeven het niet in ons eentje te doen. Maar de basis ligt wel in het gezin.’ ◄

Word donateur van THDV! SINDS 1855

Steun THDV en help ons om kinderen in armoede, vrouwen in de prostitutie en mensen die leven met een verslaving op weg te helpen naar een mooie toekomst. Word nu donateur vanaf € 5 per maand en ontvang een blijk van waardering van ons! - stadsgids ‘Amsterdam Anders’ van Matthijs Hoogenboom - cd ‘Herademen met de Psalmen’ van Ronald Koops - armbandje ‘Waardevol’

Doe jij ook mee? Ga naar thdv.nl of bel 020 344 6310

DE OOGST

21


THEMA

MATTHIJS HOOGENBOOM / BEELD ARJAN BRONKHORST

Niet gelovig, wel kerkelijk

22

DE OOGST


Een schitterend en vuistdik boek is het: Kerk­ interieurs in Nederland. Gemaakt in opdracht van Museum Catharijneconvent en de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed. Zowel katholieke en protestantse kerken als synagogen worden in het boek belicht. Vijftig auteurs werkten eraan mee en één fotograaf: Arjan Bronkhorst. Hij noemt zichzelf niet gelovig, maar wel kerkelijk. Niet gelovig, wel kerkelijk, wat bedoel je daarmee? ‘Ik vind een kerkgebouw een heel fijne plek. Ik ben niet religieus en niet kerkelijk opgevoed. Vanuit het oogpunt van de kunstgeschiedenis vind ik het interessant om kerken te bezoeken. Als je door zo’n kerk loopt, gebeurt er wat met je. Daar is zo’n gebouw ook voor bedoeld.’ Wat gebeurt er met je als je in een kerk bent? ‘Een kerk is voor mij een interessante plek om dingen te leren en om tot reflectie te komen, verder dan dat gaat mijn spiritualiteit niet. Je kunt dus wel degelijk van een kerk genieten als je niet religieus bent. Ik vond het heel fijn om alleen te zijn in die kerken. De Grote Kerk van Breda ging speciaal voor mij dicht. Om het gewelf te fotograferen ging ik op mijn rug op de grond liggen. Doe dat maar eens, minutenlang. Ja, dan gebeurt er wel wat met je. Dan ervaar je ontzag voor zo’n gebouw.’ Maar geen ontzag voor God? ‘Nee, ik denk weleens: als Hij contact met mij had willen hebben, dan was dit project toch wel een uitgelezen kans geweest. Ik ben in honderd kerken geweest. Ik stond er denk ik wel voor open. Ik heb het project laten zegenen door kardinaal Eijk, die ik fotografeerde in het bisschoppelijk paleis in Utrecht. Ik dacht “Baat het niet, dan schaadt het niet.” (Met een lach:) Vervolgens werd drie weken later mijn fotografiebusje op de gracht in Amsterdam opengebroken en leeggeroofd, voordat ik goed en wel aan het project was begonnen, maar dat terzijde.’ Je hebt ook een prachtig boek gemaakt met interieurfoto’s van Amsterdamse grachtenhuizen. Is er verschil tussen een kerk en een grachtenpand? ‘Als ik vrienden en kennissen het boek over grachtenhuizen geef, zeggen ze: “O leuk!” Als ik ze het boek met kerkinterieurs geef, dan zeggen ze: “Oké, kerken…” Het boek over grachtenhuizen vindt veel gretiger aftrek. Dat was misschien wel een meer sexy onderwerp. Maar kerken zijn qua architectuur minstens zo mooi, zo niet vele malen mooier. En toch ligt zo’n boek bij het grote publiek moeilijker. Dat heeft denk ik te maken met het onderwerp religie. Dat vinden mensen volgens mij een beetje eng. Ik vind dat meer mensen een kerk zouden kunnen bezoeken.’ ◄ kerkinterieurs.org,

grachtenhuizen.org DE OOGST

23


TEKST: ANNELOES MEIJER / ELISABETH STAM/ESTA FOTOGRAFIE

Onderweg naar vrijheid

In een themanummer over kerken past het verhaal van Heiko Heese. Hij groeide op in de Deutsche Demokratische Repu­ blik (DDR). Afgescheiden van de rest van de wereld door het IJzeren Gordijn. Met grote gevolgen: zijn leven is getekend en het vertrouwen beschadigd.

Een paar dagen voor de val van de muur vlucht de toen 24-jarige Heiko naar West-Duitsland. Uiteindelijk belandt hij in Culemborg. Hier komt hij in aanraking met de kerk en komt hij tot geloof. ‘Ik ben niet opgevoed, maar getraind. Getraind om een goed communist te worden. Omdat mijn ouders omgekomen waren, woonde ik in een weeshuis. De staat regelde mijn opvoeding. Ik heb daar eigenlijk geen liefde gekend. Ik heb het in de DDR niet slecht gehad, maar ook niet bijzonder goed. Wij hadden alleen het meest noodzakelijke en dan was de kwaliteit vaak nog slecht. We kregen één keer per jaar met kerst een netje sinaasappelen. Daarvoor stonden we uren in de rij. Maar het gebeurde ook dat bijvoorbeeld iemand om half tien ’s morgens kwam vertellen: “Er is ketchup te koop in de winkel!” Dan werden alle machines uitgezet en sprong iedereen op de fiets om ketchup te kopen. Dat mocht natuurlijk niet, maar als je wachtte tot ’s avonds, was het op. Alleen alcohol was er in overvloed. Om het volk rustig te houden.’ De vlucht ‘Op 9 november 1989 viel de muur. Een paar dagen eerder ben ik gevlucht. Iedereen vluchtte en de ambassades za-

24

DE OOGST

ten overvol. Ik belandde in een trein naar Hannover, toen West-Duitsland. Toen we met de trein bij de grens aankwamen, zag ik het prikkeldraad, de bunkers en de kanonnen. Ik was aangekomen bij het IJzeren Gordijn waar ik al zoveel over had gehoord. Alleen klopte er iets niet. Mijn hele leven hoorde ik dat we beschermd moesten worden tegen het slechte Westen. Het Westen waar alleen maar ellende vandaan kwam. Maar toen ik bij de grens naar buiten keek, zag ik dat de obstakels niet op dat verschrikkelijke Westen gericht waren. Ze stonden op ons gericht! Toen ik dit zag, knapte er iets in mij. Ik besefte dat ik mijn hele leven was voorgelogen.’ Andere planeet ‘Voor mijn gevoel reisde ik die dag van de ene planeet naar de andere. In de DDR was alles grijs en grauw, maar toen ik de trein uitstapte, zag ik bloemen langs de kant van de weg. In november! Ik werd opgevangen in een kazerne en iedereen kreeg fruit, tandpasta, kleding en medicijnen. Ik geloofde mijn eigen ogen niet! Ten slotte kreeg iedereen honderd mark. In een dorpje liep ik direct een café binnen. De eigenaar zag waar ik vandaan kwam en hij riep: “Alles is gratis!” Ik heb de hele avond gegeten en gedronken.


Ik ben opgevoed met het idee dat er in het Westen alleen maar ellende was. Maar toen ik aankwam, dacht ik dat niemand problemen had. Er was genoeg eten en er reden auto’s rond zonder rook. Dat had ik nog nooit gezien. Als er in de DDR vier auto’s bij een stoplicht tegelijk wegreden, moest je je mistlampen aanzetten om nog iets te kunnen zien. Maar op een gegeven moment ging ik ook de minder mooie kanten zien. Zo zag ik voor het eerst iemand op straat slapen. Dakloze mensen had je niet in de DDR.’ Naar Nederland ‘Binnen een jaar ben ik weggegaan uit Duitsland. Ik had een Nederlands meisje ontmoet en ik ben met haar naar Nederland gegaan. We kwamen in Culemborg terecht. Na een korte relatie zijn we uit elkaar gegaan. Ik was labiel. Bovendien gokte ik en ik dronk veel alcohol. In die periode ben ik bevriend geraakt met Arion. Hij kwam uit een christelijk gezin. Op een dag werd ik uitgenodigd om te blijven eten. Het gezin begon de maaltijd met gebed. Ik had niks met God of met de Bijbel. Door de jaren heen heeft Arion mij steeds meer bijgebracht over het geloof. Jarenlang. In de tussentijd raakte ik ook bevriend met zijn broer Gijs. Ik had een huis, maar ik kon het niet betalen en Gijs had woonruimte nodig. Gijs is bij mij ingetrokken en samen deelden we de kosten. Omdat Gijs christen is, ging hij iedere zondag twee keer naar de kerk. Hij vroeg of ik een keer met hem mee wilde. Maar ik moest er niks van hebben. Ik leefde nog zo in het verleden en was nog steeds aan de drank. Door de invloed van Gijs en Arion ben ik toch een keer meegegaan. Ik snapte weinig van de preek, maar ik vond het wel fijn! Ik ging steeds vaker naar de kerk en later ook deelnemen aan een bijbelstudie. Ik begreep steeds meer van het geloof. Tot op een zondagmorgen mijn leven voorgoed veranderde.’ Een markeerpunt ‘Doordat ik medicijnen slikte, lukte het mij niet om ’s morgens naar de kerk te gaan. Maar op deze morgen zat ik wel in de kerk. Het Heilig Avondmaal werd gevierd. De dominee zei: “Wie Jezus Christus wil volgen, mag komen!” Ik stond op. Ik had geen besef wat ik teweegbracht in de gemeente, maar die dag heb ik Jezus Christus beleden. Hierna ben ik belijdeniscatechisatie gaan volgen. Op 19 februari 2017 heb ik mijn geloof beleden en ben ik gedoopt. Het geloof heeft mij iets gegeven wat ik in mijn leven ben kwijtgeraakt: vertrouwen. Vertrouwen in God en vertrouwen in mensen. Ik ben helemaal niet volmaakt en er moet nog veel hersteld worden. Ik vind het bijvoorbeeld moeilijk om hulp te vragen aan mensen. Ik denk snel dat ik iemand tot last ben; dat heeft met mijn verleden te maken. Hierdoor vind ik het ook moeilijk om iets aan God te vragen. Ik dank alleen tijdens het gebed. Maar ik groei langzaam. Ik ben ervan overtuigd dat God mijn leven heeft geleid. Vanaf de val van de muur tot nu. Hij heeft mij de weg gewezen en al deze mensen op mijn pad gebracht. Natuurlijk ben ik nog veel bezig met het verleden, maar ik wil ook vooruitkijken. Wat Gods Hand begint, zal Hij ook afmaken. En daar ben ik volledig op gefocust. Mijn liefde voor Jezus Christus is zeer groot. Hij heeft mij bevrijd.’ ◄

COLUMN / LISA BAC

Amsterdam Laatst vertelde ik een christelijke studente over mijn werk bij de Shelter en over evangelisatie onder toeristen in Amsterdam. Fronsend reageerde ze: ‘En? Werkt dat?’ Stafleden bij de Shelter krijgen vanuit hun thuisgemeentes vaak eenzelfde reactie. Deze haast retorische vraag doet een beetje pijn. Want het verraadt niet alleen hoe christenen over Amsterdam denken, het verraadt met name het beeld dat zij van God hebben. Wereldwijd zijn er christenen die neerkijken op Amsterdam. Ze zien de stad als een soort Sodom en Gomorra, waar geen enkele vorm van missionair werk effectief kan zijn. Toegegeven, met het aanbod vanuit de seksen drugsindustrie lijkt God aardig wat concurrentie te hebben. Maar de realiteit is dat Amsterdam Jezus nodig heeft. En zoals Corrie ten Boom al eens zei: ‘Er is geen put zo diep, of Gods liefde gaat altijd dieper.’

‘Wereldwijd zijn er christenen die neerkijken op Amsterdam. Ze zien de stad als een soort Sodom en Gomorra, waar geen enkele vorm van missionair werk effectief kan zijn’ Als het winnen van harten voor God in Amsterdam van óns werk af moest hangen, dan hadden we de strijd allang verloren. Gelukkig hangt het niet van ons af: het is God Die mensen met Zijn liefde raakt. De Shelter werkt, omdat God werkt. God gaat voor ons uit. We mogen door bidden en werken een werktuig zijn in Zijn handen. En daarin zullen we Zijn overwinningen blijven zien. PS: Misschien heb jij je ook weleens afgevraagd: heeft missionair werk in Amsterdam wel zin? Wij zien God aan het werk in de hostels. Kijk eens op youthhostelministry.org/blog voor mooie getuigenissen! Let op: deze zijn in het Engels. ◄

Lisa Bac is online marketeer en hostel supervisor bij Shelter Hostel Amsterdam

FOTO: RUBEN TIMMAN

DE OOGST

25


BIJBELSTUDIE / TEKST: DS. GERT HUTTEN

Ik geloof niet in stenen Van kerkgebouwen kun je veel leren. Ze zeggen namelijk veel over de mensen die ze bezoeken. Uit onderzoek blijkt dat oude kerkgebouwen weer meer aantrekkingskracht hebben. Het zijn tijdloze, solide getuigen waar mensen zoeken naar oude zekerheden en stilte.

Een kruiwagen wordt geen auto als je hem in een garage neerzet. Zo word je ook geen christen als je iedere zondag in een kerkgebouw zit. Daar is meer voor nodig. Adrian Plass schreef een boekje met de titel Het Bezoek. ‘De Grondlegger’ (Jezus) komt op bezoek tijdens de adventsperiode. Hij gaat niet naar een kerkgebouw, maar neemt meteen de gelovigen mee naar de kroeg… Hij kan niet rustig in een kerkgebouw zitten, als er nog zoveel mensen zijn die Hem niet kennen. Wat zou jij doen als je wist dat Jezus volgende week terugkomt? Terwijl in veel delen van het land kerkgebouwen sluiten, werden in Barneveld megakerken gebouwd. Ze vormden zelfs onderwerp van studie. Hoe passen deze opvallende megabouwwerken bij de nederigheid van het geloof? Wat kunnen we allemaal doen als we ons geld niet in stenen, maar in mensen investeren? Kerkgebouwen: een lust of een last? Godshuizen Kerken worden makkelijk godshuizen genoemd. Zomaar kunnen we zeggen dat we naar de kerk gaan om God te ontmoeten. Een kerkgebouw is niet de vervanging van de tempel, waarin God woonde. God woont niet in kerkgebouwen. Toen Jezus uitschreeuwde: ‘Het is volbracht!’ en stierf aan het kruis, scheurde het voorhangsel in de tempel. Van boven naar beneden. Het was alsof een onzichtbare hand dat gordijn tussen de mens en God wegtrok. Nu geen afstand meer. Nu geen heilige der heiligen meer waar maar eenmaal per jaar iemand mocht komen. Wij mogen nu vrijmoedig naderen tot de troon van de Genadige. (Hebr. 4:16) Daar aan het kruis is een einde gemaakt aan de tempel en aan de offerdienst. ‘Buiten gebruik’ staat er sinds Goede Vrijdag op. De Here Jezus Zelf heeft de tempel inderdaad in drie dagen afgebroken. God woont niet in tempels en God woont ook niet in kerkgebouwen. De Bijbel leert heel helder dat God veel dichterbij is. Ons lichaam is de tempel van de Heilige Geest. Blijkbaar is dit iets wat we gemakkelijk vergeten. Of weet u niet dat uw lichaam een tempel is van de Heilige Geest die in u woont? (1 Kor. 6:19)

26

DE OOGST

God woont niet in je hart. Hij woont in je lichaam en weet je hart te raken. Geloven is echt niet alleen maar geestelijk. Het heeft zeer zeker ook met jouw lichaam, met alles erop en eraan, te maken.

‘God woont niet in tempels en God woont ook niet in kerkgebouwen’ God woont en werkt in ons. God de Vader staat boven ons, God de Zoon naast ons, en God de Heilige Geest woont in ons. Hij komt dus steeds dichterbij. Natuurlijk kun je God ontmoeten in een kerkdienst en in een kerkgebouw. Maar ik hoop dat je Hem op nog veel meer plaatsten ontmoet en dat mensen iets van Hem zien in jou. Jezus zegt bij Zijn hemelvaart dat Hij tot in eeuwigheid bij je zal zijn en je nooit zal verlaten. Hij is altijd maar één gebed ver. De tempel van de Heilige Geest Wij mogen vervuld worden van de Heilige Geest. Dat is iets wat steeds doorgaat. Wij zijn geen bushalte waar God af en toe even langskomt. Wij zijn Zijn woonplaats. Hij huist in ons. Hij wil thuis zijn bij jou. Van binnenuit wil Hij ons aanraken en veranderen. Als je een denkbeeldig luikje van je lichaam zou kunnen opendoen, vind je in jezelf jouw hart, verstand, geweten, ziel, geest en jouw gevoel. De Geest zorgt ervoor dat wij gaan nadenken over Jezus. Zoals een camera haar focus zoekt en bepaalt, zo focust de Geest jouw verstand op Jezus. De Geest haalt je hart van steen weg en geeft je een hart van vlees en bloed. Van harde mensen maakt Hij mensen die geraakt kunnen worden. Hij vormt je geweten zodat je een rem hebt in je leven. Hij leert je wat eeuwigheidswaarde heeft en vormt zo je ziel. Hij zet een extra etage op je leven en wekt jouw geest tot leven zodat je een geestelijk mens wordt. Doof die Geest van God niet uit, leert Paulus. (1 Thess. 5:19) Hij gebruikt het beeld van een kaars of een v­ uurtje


doven. Laat je enthousiasme niet bekoelen, leert de Bijbel. (Rom. 12:11) Het kan blijkbaar zo zijn dat wij lege christenen zijn die niet branden van verlangen en die niet vol enthousiasme zijn. Levende stenen Waar kan ik God vinden? Waar woont God? Hoeveel mensen worstelen niet met deze vragen? Ze zijn oprecht op zoek naar God. ‘Hij is niet ver weg’, zegt de Bijbel. God woont niet meer in tempels en ook niet in moderne tempels. ‘Laat u ook zelf als levende stenen gebruiken voor de bouw van een geestelijke tempel. (…)U bent een uitverkoren geslacht, een koninkrijk van priesters, een heilige natie, een volk dat God Zich verworven heeft om de grote daden te verkondigen van Hem die u uit de duisternis heeft geroepen naar Zijn wonderbaarlijke licht.’ (1 Petrus 2:5,9) Wij zijn levende stenen en vormen samen een geestelijk huis. Het gaat dus nooit om gebouwen van steen, maar om mensen. De gemeente is nu de vindplaats van God. Hij woont daar. In mensen en tussen mensen. Waar kan ik God vinden? In de gemeente, het geestelijke huis. Het beeld van de levende stenen is mooi. God bouwt Zijn Koninkrijk, en de bouwstenen zijn mensen. Ze vormen samen een muur. Ze worden gedragen door de stenen onder hen. Ze mogen de stenen boven hen dragen. Draagt elkanders lasten. Een losse steen is niets. Die kun je door een ruit gooien en je kunt er brokken mee maken. Een losse christen bestaat niet. Prachtige kerkgebouwen… Ik heb acht jaar in Friesland gewoond. Waar je ook staat, je ziet altijd wel ergens een kerktoren. Stille vingerwijzingen naar de hemel. Helaas ook vaak slechts herinneringen aan hoe het eens was. Een aantal jaren geleden moesten we vanwege een verbouwing uit ons kerkgebouw. Wat doe je als je even geen gebouw hebt? Wij maakten wilde plannen: we gaan samenkomen in huizen in de wijken. Uiteindelijk hebben we lafjes een grote, leegstaande kerk gehuurd en zo hadden we een veilig onderdak. Een gemiste kans… Ik houd van kerkgebouwen, maar zomaar kunnen die kerkgebouwen christenen in de weg staan. Soms lijken het net bunkers waarin christenen zich terugtrekken. Het lijkt zo veilig, maar zodra een kerkgemeenschap gesloten is, ontstaan er problemen. Het wordt muf. Kerkgebouwen zijn soms emmers over het licht. ‘Jullie zijn het licht in de wereld. Een stad die boven op een berg ligt, kan niet verborgen blijven. Men steekt ook geen lamp aan om hem vervolgens onder een korenmaat weg te zetten.’ (Matteüs 5:14-15) Het is goed, want ik ga toch naar de kerk. Christen-zijn is niet hetzelfde als naar een kerk gaan. Sommige kerken zouden na Goede Vrijdag gesloten moeten worden omdat ze tempels zijn geworden. Misschien is het wel nodig dat sommige kerken sluiten zodat wij weer leren waar het bij christen-zijn écht om draait: Jezus volgen en goeddoen. Heel vroeger kwamen christenen samen in huizen en ze hadden alles gemeenschappelijk. (Handelingen 2:43-47; 4:32-33) Dat was zo gek nog niet. Ik geloof namelijk niet in stenen. ◄

COLUMN / ARIE DE ROVER

Ziekenhuis­ kathedraal De eerste jaren van mijn werkzame leven heb ik met veel plezier als medisch analist in ziekenhuislaboratoria doorgebracht. Onze werkdag begon standaard met het afnemen van bloed. Als een soort restaurantober, gekleed in smetteloos wit, ging ik dan – met een prikblad vol met buisjes en naalden in de ene hand en de priklijst in de andere – op zoek naar de geselecteerde patiënten van die dag. Wat heb ik in die tijd veel verschillende persoonlijkheden mogen ontmoeten die uiteenlopend reageerden op hun ziek-zijn. Fascinerend wat een ziekenhuisomgeving met mensen doet. Rangen en standen vallen weg wanneer mensen getroffen worden door een (ernstige) ziekte. Het leert mensen buigen voor iets wat groter is dan zijzelf. Hoe ernstiger de ziekte, hoe dieper gebogen moet worden.

‘De gevierde zakenman veranderde in een klein huilend jongetje dat niet meer zelf bij de knoppen kon’ Zo herinner ik mij nog helder de ontmoetingen met een man van groot aanzien. Een selfmade man die het in de zakenwereld ver had geschopt. Hij had tientallen jaren aan de touwtjes getrokken, zelfstandig grote beslissingen genomen en zich nooit afhankelijk gewaand van iets of iemand. Advies had hij nooit gevraagd. Zelfs toen zijn lichaam vroegtijdig signalen afgaf dat er iets mis was, dacht hij dat te kunnen overrulen. Toen zijn lichaam uiteindelijk niet verder kon, stortte hij in. Hij veranderde in een klein huilend jongetje dat niet meer zelf bij de knoppen kon, maar met huid en haar werd overgeleverd aan in het wit geklede papa’s en mama’s. Hij werd er wel authentieker door. Eerlijk over zijn angst en relativerend over wat hij had bereikt. Er was geen schijn meer op te houden. Op mijn werk voelde ik mij daardoor dichter bij God dan in mijn kerk. Zonder schijn is Hij dichterbij. Het ziekenhuis gaf mij een soort kathedraalervaring. Lichamelijk lijden helpt om je zieke ziel te laten onderzoeken door de Geneesheer. Volgens Jezus was dat ook het enige waar Hij voor kwam. ◄

Arie de Rover is coach.

DE OOGST

27


THEMA

TEKST: MATTHIJS HOOGENBOOM / BEELD: RUBEN TIMMAN

Ik geloof bepaalde dingen wél Een kerkgebouw: de een is ervan onder de indruk, de ander krijgt er de kriebels van. We komen het in ons werk allebei tegen. Een verslaafde jon­ gere die is beschadigd door veroordeling in de kerk. Een vrouw die in de prostitutie werkt en een crucifix boven haar bed heeft hangen. Een man zonder huis die stamgast is aan de koffietafel in de kerk. Een toerist die een bezoek aan een kerk­ gebouw als een warme deken ervaart. Samen We kwamen op het idee mensen die ons bezoeken in of bij een kerk op de foto te zetten. Afspraken maken bij ons inloophuis ‘Amsterdammers Helpen Amsterdammers’ (AHA) is vaak een beetje ingewikkeld. Daarom gaan we op de bonnefooi, in de hoop dat een bezoeker met ons meewil naar de Nicolaaskerk. Aan de koffietafel raken we in gesprek met Leo en Joop. Het lijkt er eerst niet op dat ze zin hebben om mee te gaan, tot Joop ineens voorstelt om het samen te doen. Dan is ook Leo over de brug. Allebei hebben ze weliswaar een dak boven hun hoofd, maar ze zijn wel stamgast bij AHA. Op zoek Ze was zo moedig om tijdens de kerstviering van THDV in december jl. haar verhaal te vertellen. Voor de viering zetten we haar in de Noorderkerk op de foto: Nicky, die we kennen uit het maatschappelijk werk van Scharlaken Koord. Later doorliep ze een werkervaringstraject bij onze tweedehandskledingwinkel Second Step. Zo jong als ze is heeft ze al veel meegemaakt. Maar nu heeft ze een huis, werk en is ze op zoek naar God. Op een heel aparte manier duikt Hij elke keer in haar leven op. Ricardo uit Mexico wordt in de Shelter op een bijzondere manier geraakt door het samen lezen van de Bijbel, elke dag voor het schoonmaken begint. Vroeger ging hij uit gewoonte naar de kerk. Nu wil hij meer weten. Vier bijzondere mensen die ons helpen met andere ogen naar een kerk te kijken.

28

DE OOGST


Joop: ‘Mijn moeder is katholiek, mijn vader Joods. Ik heb nog zo’n dingetje (wijst op zijn hoofd). Vroeger kwam ik weleens in de synagoge. Maar nu niet meer, hoor. Nee, het is een beetje minder geworden, laat ik dat eerlijk zeggen. Ik heb er geen zin meer in en ik ben te druk. Ik ben handelaar in goud, zilver, juwelen en telefoons. Ik kom weleens in een kerk. Maar ik kan effe niet op de naam komen. Bij Centraal heb je ook een kerk. Daar kun je eten. Daar kom ik weleens.’ Leo: ‘Ik lees ’s avonds een stukje in de Bijbel. Zo heb ik toch nog Iemand om mij heen Die op mij let.’ Joop: ‘Mijn vrouw en ik letten ook op Hem. Ik geloof bepaalde dingen wel. En het is ook wel een wens van mij om het te geloven. Dat moet ik toegeven.’

DE OOGST

29


Ricardo: ‘Na mijn examen ben ik naar Amsterdam gekomen om in de Shelter te werken als schoonmaker. Als ik terug ben in Mexico wil ik architectuur gaan studeren. Ik ben geboren in een katholieke familie. We gingen altijd naar de kerk. Ik ging mee omdat mijn familie dat wilde, maar hier wil ik zelf. Al ben ik nog niet geweest in Amsterdam. Misschien met Kerst. Maar sinds ik hier ben, voel ik mij veel dichter bij God. Ik wil echt meer leren over Jezus. Ik hou van de mensen in het hostel. Ze moedigen me aan om meer over Hem te leren. Ik heb meer van God gezien in het hostel dan in de kerk. Ik was eerder wel met God bezig, maar niet al te veel. Nu bidden we elke dag en ik ervaar echt contact met God.’

30

DE OOGST


Nicky: ‘Ik ben niet gelovig opgevoed, maar ik bad van kleins af aan al wel tot God om hulp. Toen ik in de prostitutie werkte, smeekte ik God eens om mij eruit te halen. Toen kwamen er mensen van de kerk langs, die wilden met mij bidden. Later kwam ik bij Scharlaken Koord, ook een christelijke organisatie. Toen kwam ik naast de Mozes en Aäronkerk te wonen op het Waterlooplein. Ik vind het wel indrukwekkend, zo’n groot gebouw. Het trok me niet om er naar binnen te gaan, maar ik keek er wel altijd naar. Nu woon ik in een straat met het woord kerk in de straatnaam en kijk ik recht op een kerk uit. Ook daar ben ik nog nooit binnen geweest. Maar ik vind het wel heel typisch hoe de kerk telkens op mijn pad komt. Ik heb het gevoel dat God mij seintjes geeft. Binnenkort ga ik met iemand mee naar een kerk. Ik denk dat het beter voelt als er iemand bij is. Ik ben benieuwd.’ ◄

DE OOGST

31


RECENSIES / REDACTIE MATTHIJS HOOGENBOOM

Dietrich Bonhoeffer 1906-1945 Het werk van de bekende Duitse theoloog, verzetsstrijder en schrijver Dietrich Bonhoeffer (1906-1945) kan al jarenlang rekenen op veel belangstelling. Bij christenen van allerlei pluimage wordt zijn werk (zoals Navolging, Bruidsbrieven uit de cel 1943-1945 en Verzet en overgave) graag gelezen en geciteerd. Na het verschijnen van eerdere grote levensbeschrijvingen over Bonhoeffer (Eric Metaxas, 2011, en Charles Marsh, 2015) kwam eind 2017 de biografie Dietrich Bonhoeffer 19061945 van de Duitse auteur Ferdinand Schlingensiepen (2005) in het Nederlands beschikbaar. De auteur is een vooraanstaand kenner van Bonhoeffers werk en leven. Zijn boek is gestoeld op de belangrijke biografie van Eberhard Bethge (1967), die een vriend van Bonhoeffer was. Schlingensiepen put uit veel verschillende bronnen: brieven, gedichten, gebeden, liederen en aantekeningen. Daardoor ervoer ik tijdens het lezen regelmatig dat Bonhoeffer en zijn tijd voor mij echt tot leven kwamen. Bonhoeffer onderkende al vroeg het gevaar van het nazisme. Hij sloot zich dan ook aan bij de Bekennende Kirche, die protesteerde tegen het nationaalsocialisme. Hij was betrokken bij een samenzwering tegen Adolf Hitler en werd in 1943 gearresteerd voor zijn hulp aan vluchtende joden. Na een gevangenschap van ongeveer twee jaar en een schijnproces werd hij op 9 april 1945 in kamp Flossenbürg opgehangen en verbrand. Meer dan eens werd ik getroffen door de vele prachtige, diepzinnige en ook intieme fragmenten die de biografie rijk is. Een paar voorbeelden. In een van haar ‘bruidsbrieven’ schrijft Bonhoeffers verloofde, Maria von Wedemeyer: ‘Ik heb een krijtstreep ter grootte van jouw cel rond

32

DE OOGST

mijn bed getrokken. Een tafel en een stoel staan er ook, zoals ik het me voorstel. En als ik er zit, denk ik bijna dat ik bij jou ben.’ Na de mislukte aanslag van 20 juli 1944 schrijft Bonhoeffer aan Eberhard Bethge: ‘Ik ervaar het tot op dit moment, dat je pas leert geloven (…) als je er volledig van afziet iets te maken van jezelf, (…) dan geef je je helemaal over aan God.’ Ontroerend is het afscheid van Bonhoeffer, zoals – de eveneens gevangengenomen – Britse officier Sigismund Payne Best dat beschrijft: ‘We zeiden hem vaarwel. Hij nam me terzijde: “Dit is het einde”, zei hij, “voor mij het begin van het leven”.’ / Matthijs Guijt

Dietrich Bonhoeffer 1906-1945 Ferdinand Schlingensiepen Uitgeverij Kok € 39,99

Debatten over God en wereld ‘Manicheeërs’ klinken voor mij als bekenden door artikel 12 van de Nederlandse Geloofsbelijdenis. Het zal weleens in een preek voorbijgekomen zijn. Aan het einde van dat artikel, dat over de Schepping en de engelen gaat, duiken ze ineens op: ‘Wat dit betreft verwerpen en verfoeien wij de dwaling van de (…) manicheeërs, die zeggen dat de duivelen hun oorsprong uit zichzelf hebben en van nature slecht zijn; zij ontkennen dat de duivelen slecht zijn geworden.’ Door de gedegen inleiding op dit boek komen ze ineens tot leven, die manicheeërs. Het waren volgelingen van Mani, die in de derde eeuw leefde in de buurt van het huidige Bagdad. Een van hun opvattingen was dat er naast de schepper van het goede ook een eeuwige kwade macht bestaat. Daarover gaat ook het artikel dat ik hierboven citeerde. Volgens de manicheeërs waren de duivelen niet gevallen, maar waren ze altijd al slecht. Augustinus die zich eerst tot het manicheïsme aangetrokken voelde, trad later met ze in debat. Deze debatten zijn nu voor het eerst in het Nederlands vertaald. Waarom zou je zestienhonderd jaar oude debatten lezen? Omdat de vraag waar het kwaad vandaan komt, nog steeds hoogst actueel is. Dit boekje sluit in zekere zin aan bij het recent verschenen en vorige maand in de Oogst besproken boek van Beatrice de Graaf. / Matthijs Hoogenboom

Debatten over God en wereld Aurelius Augustinus Uitgeverij Damon € 19,90

Vensters op refodomes en Orgelcultuur in de Biblebelt Het hoeft denk ik geen betoog dat het nuttig kan zijn om na te denken over het gebouw waarin je ’s zondags samenkomt. Dit hele themanummer van de Oogst is daaraan gewijd. Een schrikbarend aantal kerken is gesloten en ongetwijfeld zal ook de komende jaren een


aanzienlijk aantal gaan sluiten. Op reliwiki.nl wordt het netjes bijgehouden (zoek op kerksluitingen). Als je als gemeente nog de mogelijkheid hebt een gebouw te onderhouden is dat reden tot dankbaarheid. Het kan geen kwaad om eens bij elkaar te gaan zitten om een visie te ontwikkelen op dat gebouw. Daarbij kan Vensters op refodomes input geven. Ik heb er dankbaar gebruik van gemaakt voor het thema-artikel over de kerk als anti-plaats in deze Oogst. Hoewel het boek gericht is op hoe refo’s tegen kerkgebouwen aankijken, staat er volgens mij ook voor andere kleuren genoeg interessants in. Orgelcultuur in de Biblebelt is wat meer voor de liefhebbers. En omdat ik daartoe behoor, heb ik er veel plezier aan beleefd. / MH

Vensters op refodomes: bevindelijk gereformeerden en moderne kerkbouw Anneke Pons (redactie) Labarum Academic (De Banier) € 15,95 Orgelcultuur in de Biblebelt: reformatorische muziekbeoefening in heden en verleden Fred van Lieburg (redactie) Labarum Academic (De Banier) € 14,95

Kerkinterieurs in Nederland Zelfs superlatieven voldoen niet om in een tekstje als dit weer te geven hoe prachtig dit boek is. De schitterende foto’s van Arjan Bronkhorst, waarvan er een aantal in deze Oogst te vinden zijn, maken dit boek tot een kunstwerk op zich. Van de begeleidende tekst steek je veel op. In een uitgebreide inleiding wordt de

kerkbouw in Nederland besproken van middeleeuwen tot nu. Daarna wordt, ingedeeld in tijdvakken, een selectie van kerken getoond en toegelicht. Het boek verscheen al in mei 2016, maar ik breng het in dit themanummer graag nog eens onder de aandacht. Wie het nog nooit heeft vastgehouden, moet zeker eens naar een boekwinkel gaan. Het zou kunnen zijn dat de prijs u ervan weerhoudt om het boek direct mee te nemen. Andere redenen zou ik niet kunnen bedenken. / MH

Kerkinterieurs in Nederland Marc de Beyer, Pia Verhoeven e.a. W Books € 49,95

Desiderius Erasmus over opvoeding, Bijbel en samenleving. A.L.H. Hage (red.) Nu ik in Rotterdam woon en regelmatig langs het beeld loop dat Hendrick de Keyser van Erasmus maakte, vond ik het tijd mij een beetje in hem te verdiepen. Dit boekje biedt een heldere inleiding. Erasmus werd in het onderwijs dat ik heb genoten een beetje als oppervlakkig weggezet. Hoe dat komt begrijp ik wat beter na lezing van het hoofdstuk door John Exalto. Hij stelt terecht de vraag of die negatieve kijk op deze grote denker terecht is. / Driestarreeks/De Banier, € 14,99

Vreemde vogels: bijbelstudies over 1 Petrus. Stefan Paas & Gert-Jan Roest ‘Hoe kun je samenleven met andere mensen als je denkt dat jij gelijk hebt en dat andere mensen op een bepaald punt verkeerd zitten?’ Een van de actuele vragen die Paas en Roest aan de hand van de eerste brief van Petrus behandelen. Ze borduren voort op het beeld van gelovigen als priesters dat Paas eerder uitwerkte in Vreemdelingen en priesters. ‘Alleen als er mensen zijn die leven alsof het christelijk geloof waar is, zullen er andere mensen zijn die erover na willen denken of het waar is.’ / Boekencentrum, € 14,99

Wat op het spel staat. Philipp Blom Blom opent met een citaat van Kierkegaard: ‘Het is zeker waar wat de filosofie stelt, namelijk dat het leven achterwaarts moet worden begrepen. Maar daarbij vergeet men de andere stelling dat we voorwaarts moeten leven.’ Blom kijkt in de toekomst door een sprong van vijftig jaar voorwaarts in de tijd te nemen en terug te kijken. Een profetisch en verontrustend boek. / De Bezig Bij, € 19,99 De populistische verleiding: de keerzijde van de identiteitsillusie. Sybe Schaap De Nederlandse vlag in de Tweede Kamer zal ons volgens Schaap, Eerste Kamerlid voor de VVD, niet redden. Wel het opnemen, verwerken en doorgeven van tradities. Hij pleit voor verbanden in de samenleving en is daarbij niet bang kritiek te uiten op zijn eigen partij die hij ‘ideologische leegte’ verwijt. Een indringend en diepgaand boek dat grip geeft op wat er in de politiek aan de hand is. / Damon, € 19,90 DE OOGST

33


BOEKBESPREKING / MATTHIJS HOOGENBOOM

THDV wil je helpen de verbinding te leggen met de onbe­ kende ander. Film en literatuur leggen de gedachtewereld van die ander bloot. In deze rubriek bieden we je ter inspira­ tie kijk- en leeservaringen.

Boek: Hoor nu mijn stem Auteur: Franca Treur Uitgeverij: Prometheus, 2017 Over de Auteur: Franca Treur (1979) debuteerde met Dorsvloer vol confetti. Hiervan werden meer dan 150.000 exemplaren verkocht. Na De woongroep (en een aantal kortere verhalen) is ze met Hoor nu mijn stem terug bij het bevindelijk gereformeerde milieu waarin ze opgroeide en waarvan ze afscheid nam.

‘Het grote verschil met gelovigen is dat niet-gelovigen niet kunnen aannemen dat er een hiernamaals is waarin mensen worden beloond of gestraft. Voor hen is God een onbevredigend antwoord op de vraag waarom ze op aarde zijn. Maar die vraag waarom ze op aarde zijn, is ook voor hen relevant.’ – Franca Treur (in het Reformatorisch Dagblad)

Ina wil haar haren laten knippen. Maar tante Ma wil dat niet. En dus wil God het niet. ‘Ga dan maar ’ns op je knieën, kind, en leg het aan de Heere voor. Als je dan nog steeds je haar eraf wil, kom je maar terug.’ In een mum van tijd had ik het uit, dit boek. En ik heb ervan genoten. Het wisselende perspectief tussen Ina en Gina, de scherpe observaties die achter het verhaal schuilgaan, de zinnen met hun dubbele lagen. Franca Treur is niet voor niets een van de best gelezen schrijvers van ons land. Eerst en vooral zou ze daarop beoordeeld moeten worden. En gelukkig gebeurt dat ook. In de meeste seculiere media tenminste. In het Reformatorisch Dagblad heeft een discussietje gewoed over de vraag of je Franca (en andere kerkverlaters) wel zoveel ruimte moet geven. Een dominee schreef: ‘Ik kan niet anders dan menen dat deze belangstelling voor hen die de kerk verlieten absoluut misplaatst is.’ Ik zal proberen heel eerlijk mijn worsteling met dit boek uit de doeken te doen. De sfeer die Franca Treur schetst, is voor mij – als ik die vergelijk met andere schrijvers die over het bevindelijke geloof schrijven – het meest herkenbaar. De opmerking van tante Ma hierboven spreekt boekdelen. Het boek zit dicht op mijn huid. Het was zondagmiddag toen ik het uitlas. ‘Zullen we naar het strand

34

DE OOGST

gaan?’ vroeg ik. Het boek was zo naar binnengekropen dat ik zeelucht nodig had. Die tante Ma. Uitverkoren kind van God. Een verschrikkelijk mens. Geen moment wordt Ina, de hoofdpersoon, in haar waarde gelaten. Dat gebeurt wel als Gina (zo noemt ze zichzelf sinds haar studie) bij studievriendin Frieda thuiskomt. Die toont interesse in wat ze gelooft: ‘Interessant!’ Als Gina naar huis fietst, zingt haar hart. Een paar dagen later zag ik Franca bij Jeroen Pauw aan tafel. Of haar ouders het boek hadden gelezen, vroeg hij. Dat wist ze niet, Franca. Ze had de pdf wel opgestuurd. Dat kwam binnen. Misschien had dat meer met mijzelf te maken dan met Franca. Op dat moment nam ik mij voor dat als mijn dochter ooit een topschrijver wordt, ik haar boeken lees. Wat er ook in staat. Hoor nu mijn stem raakt aan iets waar ik mee worstel: over liefde en vrijheid wordt in het wereldje dat Treur beschrijft veel gesproken, maar ís het er ook? Daar zou je op een leeskring een diepgaand gesprek over kunnen hebben. Boeken van ‘hen die de kerk verlieten’ kun je naar mijn mening alleen tot je schade links laten liggen. Ga naar thdv.nl voor meer informatie en tips voor het organiseren van een leeskring.


TOT HEIL DES VOLKS

ADRESSEN, GIFTEN EN TESTAMENT

Tot Heil des Volks

Waypoint Urk

O.Z. Voorburgwal 241, 1012 EZ Amsterdam 020 344 6310 020 420 2394 info@totheildesvolks.nl www.totheildesvolks.nl facebook.com/totheildesvolks twitter.com/thdvamsterdam Bereikbaar: ma.-do. 9.00-16.30 uur (behalve de lunch); vr. 9.00-12.30 uur.

Verslavingzorg en preventie Vliestroom 9, 8321 EG Urk 0527 690 073 info@waypoint-urk.nl www.waypoint-urk.nl twitter.com/waypointurk

De Shelter Youth Hostel Ministry info@youthhostelministry.org www.youthhostelministry.org www.shelterhostelamsterdam.com facebook.com/shelteryouth.hostelministry Shelters twitter.com/shelterams The Shelter City Barndesteeg 21, 1012 BV Amsterdam 020 625 3230 020 623 2282 city@shelter.nl The Shelter Jordan Bloemstraat 179, 1016 LA Amsterdam 020 624 4717 020 627 6137 jordan@shelter.nl

Scharlaken Koord Straatwerk, preventie en hulp­verlening rond prostitutie Barndesteeg 25, 1012 BV Amsterdam 020 622 6897 020 330 2224 info@scharlakenkoord.nl www.scharlakenkoord.nl twitter.com/bewareloverboys Preventiewerk 020 626 0845 info@bewareofloverboys.nl www.preventiescharlakenkoord.nl facebook.com/scharlakenkoord Second Step Tweedehandskleding en accessoires Willemsstraat 39, 1015 HW Amsterdam 020 622 6897 secondstep@thdv.nl www.secondstepshop.nl Different heeft ook kantoren in Rotterdam, Amersfoort, Meppel en Goes.

Different Christelijke hulpverlening rond s­ eksuele identiteit en relaties Goudsbloemstraat 38, 1015 JR Amsterdam 020 625 6797 info@different.nl www.different.nl

Het Fort Armoedebestrijding onder kinderen in Nederland Parlevinker 12, 1034 PZAmsterdam 020 3446313 info@hetfort.org www.hetfort.org

Kringloop Waypoint Vliestroom 21, 8321 EG Urk 0527 239 924 kringloop@waypoint-urk.nl www.kringloopwaypoint.nl facebook.com/kringloopwaypoint

Waypoint Kampen Verslavingszorg en preventie Postadres: Vliestroom 21, 8321 EG Urk 038 331 6660 info@waypoint-kampen.nl www.waypoint-kampen.nl facebook.com/waypointkampen twitter.com/waypoint_kampen twitter.com/thecapekampen Winkel Waypoint Kampen Tweedehandskleding en accessoires Oudestraat 136, Kampen info@waypoint-kampen.nl www.waypoint-kampen.nl

Waypoint Twenterand Verslavingzorg & preventie Krijgerstraat 57, 7671 XX Vriezenveen 0546 714 056 info@waypoint-twenterand.nl www.waypoint-twenterand.nl facebook.com/Waypoint-Twenterand

De Sikkenberg Christelijk recreatiepark Sikkenbergweg 7, 9591 TD Onstwedde 0599 661 144 info@sikkenberg.nl www.sikkenberg.nl facebook.com/sikkenberg twitter.com/sikkenberg

AHA Dagopvang voor dak- en thuislozen O.Z. Voorburgwal 125, 1012 EP Amsterdam 06 19493693 info@aha-dagopvang.nl www.aha-dagopvang.nl

Dank voor uw steun Onder dank ontvingen wij in december 2017 de volgende giften: Amsterdammers Helpen Amsterdammers 1.930 Different 732 Bewaarschool - armoedeproject 10.820 Hulp voor prostituanten (CHAP) 113 Kinderwerk “De bewaarschool” 53 Kinderwerk - Replay 15 De Oogst 295 Scharlaken Koord Amsterdam 42.040 Winkel Scharlaken Koord 2.565 St. Tot Heil des Volks 109.932 Waypoint Bunschoten 2.300 Waypoint Kampen 2.782 Waypoint Urk 12.907 Youth Hostel Ministry 791  ---------TOTAAL: € 187.273 ----------

Testament en giften Testament Wilt u onze stichting testamentair gedenken? De tenaamstelling dient te luiden: Stichting Tot Heil des Volks te Amsterdam. De stichting bezit rechtsgeldigheid en is ingeschreven in het stichtingenregister bij de Kamer van Koophandel, dossiernummer 40530233. Giften Stichting Tot Heil des Volks Bankrekening 104944 IBAN code: NL34INGB0000104944 De stichting beschikt over een ANBIverklaring. Giften en abonnementsbetalingen b ­ uiten Europa ABN-Amro te Amsterdam: 4667.85.992 t.n.v.: Stichting Tot Heil des Volks, Amsterdam IBAN code: NL38ABNA0466785992 BIC code: ABNANL2A (Beide codes vermelden) Mochten er in deze publicatie afbeeldingen staan waaraan rechten kunnen w ­ orden ontleend, dan verzoeken we u contact op te nemen met de uitgever.

De Bewaarschool Buurtgericht kinderwerk O.Z. Voorburgwal 241, 1012 EZ Amsterdam 020 344 6310 info@debewaarschool.nl www.debewaarschool.nl

U vindt ons op sociale media

Ontmoet Amsterdam Anders Stadswandelingen en fietstochten in (de regio) Amsterdam O.Z. Voorburgwal 241, 1012 EZ Amsterdam 020 344 6310 info@ontmoetamsterdamanders.nl www.ontmoetamsterdamanders.nl facebook.com/ontmoetamsterdamanders twitter.com/gidsmatthijs DE OOGST

35


‘Er is vreugde bij allen die schuilen bij U’ Psalm 5:12a

36

DE OOGST

Profile for THDV

De Oogst februari 2018  

De Oogst februari 2018  

Profile for thdv
Advertisement