Issuu on Google+

Maandblad van Tot Heil des Volks Evangelisatie, hulpverlening en profetisch geluid oktober 2013 jaargang 76 895

Evangelie staat niet los van IsraĂŤl Buigen voor het IsraĂŤl-mysterie Eindtijd: tijd van superchristenen? Da Costa over de wederkomst


2

Inhoud

4

De Oogst oktober 2013

Buigen voor het Israël-mysterie

Glashouwer: Eerst had ik niet zo veel met Israël 

14

Blijven hopen, ondanks alles

30

Teken van hoop

‘Zonder God was ik aan de drugs geraakt, gek geworden of erger nog’ 

8

Strijdster in liefde

Alisha: ‘Ik legde mijn homo­ seksuele oriëntatie in Gods hand’ 

22

Geen superchristenen

Laten we leren van onze geschie­ denis en van Israël 

Het Joodse volk is een hoopvol teken voor de wereld 

28

Holistisch of ­halvistisch?

Gaan onze giften naar zending of naar ontwikkelingshulp? 

Inhoud   3 Relatie tussen twee blinden Henk van Rhee

19 Pakistaanse christenen vogelvrij 28 Holistisch of halvistisch? Open Doors

  4 Buigen voor het Israël-mysterie 20 Van generatie op generatie Interview met W. Glashouwer

  8 Strijdster in liefde Getuigenis van Alisha

12 Ontzagwekkend en amazing Gertjan de Jong

14 Blijven hopen, ondanks alles Getuigenis Scharlaken Koord

Krijn de Jong

22 Geen superchristenen Hans Frinsel

24 Lijden voor de Naam Bart Wallet

27 Ontrouw vernietigt Menno de Bruyne

Marten Visser

30 Teken van hoop Kees Jan Rodenburg

32 Dvd: Somebody’s Daughter Lana Kooijman

33 Boek: De cybersamenleving Marc de Vries

34 Column: Verloren volk? Gerry Velema


De Oogst oktober 2013

Hoofdredactioneel Henk van Rhee

3

Relatie tussen twee blinden Een potje zwartepieten. Zo typeerde NRC Handelsblad afgelopen zomer de start van weer een nieuwe poging tot vredesbesprekingen tus­ sen Israël en de Palestijnen. Van Palestijnse kant waren er op voorhand geen concessies of handrei­ kingen. Israël daarentegen liet 104 voor terrorisme veroordeelde Palestijnse gevangen vrij. Tot groot verdriet overigens van veel nabestaanden van hun slachtoffers. Tegelijkertijd leek Israël die vrijlating weer te compenseren met de aankondiging van de bouw van 1200 woningen in bezet gebied. Over het vervolg van die vredesonderhandelingen horen we weinig. Het nieuws uit het Midden-Oosten werd sindsdien volledig overheerst door de gebeurte­ nissen in Egypte en Syrië. Een situatie waarin ik oudtestamentische trekken meen te zien. Want was het niet vaker zo dat vijanden van Israël vooral zelf verdeeld raakten en problemen kregen? Voor onze hedendaagse politici lijkt dit echter een onzichtbare dimensie.

Realisme Vrij algemeen ziet Europa – inclusief onze minister Timmermans – het Israëlische nederzettingenbe­ leid als grootste obstakel voor vrede in het MiddenOosten. Maar hoe reëel is dat? Historicus Dirk-Jan van Baar, vroeger werkzaam voor HP/De Tijd en nu blogger op De Dagelijkse Standaard, vindt die analyse te gemakkelijk. In De Volkskrant van 8 augustus wijst hij erop dat er voor de bezetting van 1967 ook geen vrede bestond. ‘En wie vandaag naar de ontaarding van de Arabische Lente kijkt, kan onmogelijk volhouden dat de Israëlische bezet­

tingspolitiek het grootste pro­ bleem in het Midden-Oosten is.’ Daarnaast constateert Van Baar dat Israëls eenzijdige terugtrek­ king uit de Gazastrook in 2005 de vrede geen stap dichterbij bracht. Integendeel, alleen de raketten kwamen dichterbij.

Verblinding? Terecht constateert Van Baar in alle nuchterheid dat dit ontwik­ kelingen zijn waar ‘moderne ongelovigen – in het Westen Henk van Rhee – liever de ogen voor sluiten’. Maar laten we niet te snel alleen maar naar de wereld wijzen. Ook bij veel kerkelijke gelovigen constateer ik een verblinding. Zij lijken ‘gevangen’ te zijn onder net zo’n verharding als waar de apostel Paulus in Romeinen 11 vers 25 over spreekt met betrekking tot de Joden. Israël is tot op heden verblind voor de redding door Christus. ‘God heeft hun een geest van diepe slaap gegeven, ogen om niet te zien en oren om niet te horen, tot op de dag van heden’, lezen we bij Paulus. Maar in grote delen van de kerk lijkt net zo’n verblinding te bestaan, maar dan voor Gods doorgaande trouw aan Zijn onberouwelijke beloften voor Zijn volk Israël. Voor ons als Oogst-redactie was dit de reden om nog eens dieper in te gaan op die moeizame relatie tussen twee ‘blinden’. Henk van Rhee is directeur van stichting Tot Heil des Volks.

Colofon Aan dit nummer werkten mee

Redactie en administratie Oogst Publicaties, O.Z. Voorburgwal 241, 1012 EZ Amsterdam, tel. 020-3446310, fax 020-4202394, e-mail info@deoogst.nl, website www.totheildesvolks.nl

Eveline de Boer Gertjan de Jong (eindredacteur) Krijn de Jong Henk van Rhee (hoofdredacteur)

Pieter de Boer Menno de Bruyne Hans Frinsel Willem Glashouwer Lana Kooijman Open Doors Kees Jan Rodenburg Gerry Velema Marten Visser Marc de Vries Bart Wallet

Vormgeving, opmaak en druk

Omslagfoto en stockfoto’s

Abonnement

Buijten & Schipperheijn Motief Amsterdam

Dreamstime

De Oogst kost € 22,50 per jaar inclusief verzendkosten. Nieuwe abonnees kunnen zich aanmelden via de coupon elders in dit blad of via www.totheildesvolks.nl.

Jrg. 76, nummer 895, oktober 2013

Uitgave Oogst Publicaties Onderdeel van Stichting ‘Tot Heil des Volks’, sinds 1855 actief in evangelisatiearbeid en hulpverlening.

Redactie

De Oogst is voor visueel gehandicapten ook verkrijgbaar in gesproken vorm. Nadere informatie hierover is te krijgen bij de CBB, Christelijke Bibliotheek voor Blinden en Slechtzienden te Ermelo, tel. 0341-565499.


4

Interview Gertjan de Jong

De Oogst oktober 2013

Buigen voor het

Israël-mysterie ‘Ik heb niet zoveel met Israël’, zei ds. Willem Glashouwer jaren geleden. Dat is nu wel anders. Als president van Christians for Israel International reist hij de wereld over om te vertellen over de bijzondere positie van het Joodse volk. Dat doet hij aanstekelijk. En indringend. ‘De verachting van Israël heeft ons zicht op het Evangelie ernstig belemmerd.’ Willem Glashouwer (1944) heeft een druk tour­ schema. Als ik hem spreek in zijn nieuwbouwhuis in Amersfoort, is hij net terug uit Schotland. Ik ben net binnen of de telefoon gaat. ‘Nee, Marianne is even de deur uit voor boodschappen’, hoor ik hem zeggen. ‘Het is hectisch hier. We zijn net terug uit Schotland en donderdag staat Far East Russia op de planning!’ ‘Stopt dat nou nooit?’ klinkt een stem aan de andere kant van de lijn. ‘Stoppen? Nee, het wordt alleen maar drukker! Maar ik heb er de gezondheid nog voor en ik doe het graag.’

Van zwart schaap van de familie werd ik volgeling van Jezus Nadat hij nog een paar mailtjes heeft beantwoord (‘Dat gaat ook maar door’) gaat Willem Glashouwer op de bank zitten, koffie en koek in de hand. ‘Er komen steeds meer aanvragen voor spreekbeurten’, vertelt hij. ‘Dat begon na de uitgave van mijn boek “Waarom Israël?”. Dat boek is nu in ongeveer dertig talen vertaald, zonder dat we ooit vertalers hebben gezocht! De aanvragen voor spreekbeurten komen overal vandaan. Soms word ik wakker in een of andere hotelkamer en denk ik: Waar ben ik nu weer beland?’ Dat het Joodse volk geen gewoon volk is, was hem al vroeg duidelijk. Hij hoorde verhalen over de oorlog en over de Joden die zijn ouders in huis

namen. En regelmatig hoorde hij zijn vader zeggen: ‘Jongens, tante Corrie komt vandaag.’ Dat bete­ kende: Corrie ten Boom kwam langs, de bekende evangeliste die veel sprak over het Joodse volk en haar kampervaringen. En toch. Echt oog voor de unieke positie van Israël had Willem Glashouwer in die tijd niet. ‘Ik wist dat het Joodse volk het volk van de Bijbel is. En dat het in de toekomst een belangrijke rol zal spelen. Op mijn negentiende ben ik radicaal tot geloof komen. Van het zwarte schaap van de familie werd ik volge­ ling van Jezus. Ik ging theologie studeren, maakte voor de EO programma’s over de betrouwbaarheid van de Bijbel en heb hartstochtelijk Jezus verkon­ digd. Tegelijk wist ik heel weinig van Israël. Ik redeneerde: Mensen moeten zich gewoon tot Jezus bekeren, lid worden van een kerk, en dat is het.’ De omslag kwam in de jaren tachtig. Willem was herstellende van een zware hersenoperatie. En plotseling stond Karel van Oordt, de oprichter van Christenen voor Israël, voor de deur. Hij vroeg of Willem voorzitter wilde worden van ‘zijn’ stichting. ‘Waarom ik?’ reageerde Willem. ‘Ik heb niet zoveel met Israël.’ Karel van Oordt begon te vertellen. Over christenen die van ‘dode Joden’ houden, Joden uit het verleden zoals Mozes, David, Paulus, Johannes en al die andere Joden uit de Bijbel. Andere chris­ tenen houden, zo vertelde Van Oordt, van Joden die nog geboren moeten worden, in de profetische toekomst. En met vuur vervolgde hij: ‘Maar wie staat er vandaag de dag naast de Joden? Wie houdt nu van hen in Jezus’ naam? En wie spreekt met de christenheid over die verschrikkelijke dwaling van de vervangingstheologie?’


De Oogst oktober 2013

Willem Glashouwer: ‘Het gaat erom dat we oog krijgen voor Gods hart voor Israël.’

Nieuwe software Een week dachten Willem en zijn vrouw Marianne na over dat onverwachte verzoek van Karel van Oordt. De man van wie ze een week eerder nog nooit hadden gehoord. ‘Op de een of andere ma­ nier durfde ik geen “nee” te zeggen’, zegt Willem. ‘Aarzelend heb ik ingestemd.’

Wat moest ik zeggen? Ik had geen flauw idee Dus werd hij voorzitter, met alles wat daarbij hoort. ‘Mensen verwachtten dat ik spreekbeurten ging houden over Israël. Logisch. Maar wat moest ik zeg­ gen? Ik had geen flauw idee. Die nood bracht mij te­ rug bij de Bijbel. Allerlei traditionele opvattingen op mijn harde schijf boven in mijn hersenpan moesten plaatsmaken voor nieuwe software uit de Bijbel.’ Hij ontdekte dat er nogal wat schortte aan de tradi­ tionele theologie over Israël. ‘Voor de kerk was het eeuwenlang heel simpel: Israël was het uitverkoren volk tot ze “nee” tegen Jezus zeiden. En vervolgens zei de kerk: Wij hebben “ja” tegen Jezus gezegd, daarom zijn wij nu het nieuwe Israël, het nieuwe

Interview Gertjan de Jong

5

FOTO JOHN HOWARD

uitverkoren volk van God. En voor Joden blijft alleen Gods oordeel over.’ Een leugenachtige redenering, stelt Willem. ‘Natuurlijk is de christelijke gemeente een uitver­ koren volk van God. Maar wij hebben nooit Israël vervangen. God heeft eeuwige verbonden met Israël gesloten. Als je dat ontkent, maak je God tot leugenaar, Iemand die Zijn eed kan breken. Dat is niet zomaar slechte theologie, maar zonde tegen de Eeuwige. De gevolgen zie je in de geschiedenis. Slachtpartijen, pogroms, de inquisitie, de syste­ matische vernietiging van Joden door de nazi’s. Het ergste is dat de kerk vaak actief meedeed aan Jodenvervolging of zwijgend toekeek.’ ‘In het Engels zeg ik wel eens: We cut the root and stole the fruit. Als je de wortel afkapt, zullen ook de geënte takken afsterven. Het christendom in Europa is op sterven na dood. Als er geen grondige veroot­ moediging komt jegens Israël en schuldbelijdenis, dan sterft de kerk van Europa nog verder af. En met schuld belijden bedoel ik niet zomaar wat vrome woorden met krokodillentranen op een vastgestelde dag in het jaar, maar een grondhouding van schuld­ besef en omkeer. En breng vruchten voort die aan waarachtige bekering beantwoorden! Toon barm­ hartigheid! Troost het Joodse volk, zoals Jesaja ons opdraagt, want hoe kan dit volk zichzelf troosten?’


6

Interview Gertjan de Jong

De Oogst oktober 2013

‘Wie staat er vandaag naast de Joden? Wie houdt van hen in Jezus’ naam?’

Klein stroompje ‘Gelukkig is er in de kerkgeschiedenis een klein stroompje geweest van christenen die bleven ge­ loven in de bijzondere plaats van Israël. Denk aan het Réveil in Nederland, met mannen als Isaäc da Costa, Willem Bilderdijk en Jan de Liefde, de oprich­ ter van Tot Heil des Volks. Ook onder bevindelijke christenen zag je dat besef. Zij wilden de Bijbel door Gods bril lezen. Ik kom net terug uit Schotland, waar de bevindelijke predikant Robert Murray M’Cheyne vandaan komt. Die man had een gewel­ dige visie voor Israël en heeft het land zelf bezocht. Zo waren er meer christenen. Maar helaas is het wel een klein stroompje in de kerkgeschiedenis.’ ‘De verachting van Israël heeft ons zicht op het Evangelie ernstig belemmerd. Het Evangelie is versmald tot behoud van je ziel voor de hemel. Alles was geestelijk. Je hoorde niks over de aarde, ei­ genlijk een totale minachting van Gods Schepping. Alsof God een fout had gemaakt door de aarde te scheppen!’

Het christendom in Europa is op sterven na dood ‘God heeft ons als mens geschapen. Niet als engel, maar met een lichaam! Na de opstanding, op de ver­ nieuwde aarde, krijgen we een vernieuwd lichaam. In de veertig dagen tussen Jezus’ opstanding en Zijn hemelvaart zie je hoe dat lichaam functioneert.

FOTO ARIE AMBACHTSHEER

Fascinerend! De Here Jezus kan opeens verschijnen aan het meer van Galilea en hoeft niet de hele weg van Jeruzalem daar naartoe te lopen. Kennelijk kon Hij tussen de verschillende dimensies heen en weer gaan, want wie zegt dat er niet veel meer dimen­ sies zijn dan de vier dimensies van ons universum waarover wetenschappers spreken? Jezus was geen geestverschijning. Hij zegt: Raak Mij aan. En voor het oog van Zijn discipelen eet Hij vis. Hij heeft een lichaam, alleen het doodsprincipe is eruit.’

Blinde vlek voor Jezus ‘De Bijbel spreekt over straf voor zonden, oordeel en het eeuwige vuur. Jezus spreekt de mensen toe die Zijn broeders, de Joden, niet hebben gevoed toen ze honger hadden en hen niet in huis namen toen ze vreemdeling waren. Hij zegt: “Gaat weg van mij, vervloekten, naar het eeuwige vuur dat voor de dui­ velen en zijn engelen bereid is.” Huiveringwekkend. Het is niet zo dat alles uiteindelijk op zijn pootjes te­ recht komt. Maar als mens ben ik veel te beperkt om te bepalen wie er wel en niet onder dat oordeel valt. Evenmin kan ik zeggen hoe het afloopt met Joden die Jezus niet kennen, dat is Gods zaak. Paulus zegt in Romeinen 11:8: “God gaf hun een geest van diepe slaap, ogen om niet te zien en oren om niet te horen, tot de dag van heden.” Heeft Hij hen daar­ mee meteen voor eeuwig naar de hel verwezen? Ik denk dat we dat aan Hem moeten overlaten.’ ‘Sommigen zeggen dan dat je verkondigt dat er red­ ding is buiten Jezus, dat je een zogenaamde twee­ wegenleer aanhangt. Maar dat zeg ik helemaal niet. Vanuit de Schepper is er niets ontstaan dan door het


De Oogst oktober 2013

Eeuwige Woord, dat vlees is geworden en onder ons heeft gewoond. En omgekeerd net zo. Alles gaat tot Hem via onze hemelse Hogepriester. Jezus zegt: “Ik ben de Weg, de Waarheid en het Leven.” God werkt alleen via dat Kanaal, of je het nu weet of niet.’ ‘Vrome Joden kennen God en God kent hen. Maar ze hebben een blinde vlek voor Jezus. Hoe God daar uiteindelijk over oordeelt, weet ik niet. Rabbijnen lezen Psalm 23 aan de bedden van stervenden. Net als predikanten. We moeten deze dingen aan de Allerhoogste overlaten. Hij is Israëls God, vol van genade en waarheid. Met het “Shema Israël”, het “Hoor Israël” uit Deuteronomium 6, gingen ze de gaskamers in. Zijn ze dan verloren? Je kunt er een theorie over bedenken, maar dat is allemaal breinwerk, systeembouw, gebaseerd op wat losse teksten. Logisch kun je die redenaties misschien helemaal kloppend krijgen, maar een logische waar­ heid is nog geen openbaringswaarheid.’

Het Evangelie is versmald tot zielsbehoud voor de hemel ‘Er zit iets heel opomerkelijks in die hele gang van Israël. God gebruikte hen, Hij openbaart de hele Bijbel door Joden heen, maar zelf hebben ze het nauwelijks in de gaten en willen ze net zo zijn als de andere volken. In Romeinen 11 lees je dat God Israëls ongehoorzaamheid gebruikt als een nega­ tief instrument om de heidenvolken te zegenen. Je merkt dat zelfs Paulus, met al zijn harstocht en in­ tellect, tegen die blinde muur aan knotst van Israëls doofheid en blindheid. Hij buigt voor het mysterie. Maar ook weet hij van de belofte: Gans Israël zal behouden worden.’

Boosaardige ondertoon Willem Glashouwer wil niet meegaan in de groei­ ende kritiek op de Israëlische regering: ‘Israël heeft onze kritiek helemaal niet nodig. Je moet eens in de Knesset gaan luisteren. Daar zijn alle geluiden vertegenwoordigd, van uiterst links tot uiterst rechts. Het is ongelofelijk hoe politici daar elkaar de oren wassen. Daarmee vergeleken zijn wij maar makke lammeren. “We moeten de bezette gebieden verlaten!” hoor je ze roepen. “Kijk wat die soldaten doen!” De democratie functioneert uitstekend in Israël. Waar kom je dat verder tegen in het MiddenOosten? Ze brengen een president ten val vanwege een seksschandaal en een premier omdat hij gefrau­ deerd heeft.’ ‘Joden zijn net zulke zwakke mensen als wij. Mensen die dus fouten maken. Maar kritiek op Israël krijgt al snel een boosaardige ondertoon, van “daar heb je de Joden weer”. Het Joodse volk is door God uitverkoren, als instrument om de heiden­

Interview Gertjan de Jong

7

volken te zegenen. Uitverkoren zijn betekent lijden. Denk maar aan Israël, aan Jezus en aan de chris­ telijke gemeente. De duisternis haat immers het licht. Een Jood zei eens tegen mij: “Ik wou dat het andersom was. Dat de Arabieren de verbonden had­ den en wij de zegen!”

Evangelisatie onder Joden Karel van Oordt stelde in 2008 in het Reformatorisch Dagblad: ‘Ik ben ervan overtuigd dat evangelisatie onder Joden geen effect heeft. Een Jood zal zich door een christen niet laten bekeren.’ Willem: ‘Ik zou eerder zeggen: Spreek als je iets wordt ge­ vraagd. Maar voorlopig moeten we eerst onze han­ den maar eens laten spreken. Onze woorden kennen ze wel. Als ze je leren kennen als een echte vriend, zijn ze soms nieuwsgierig naar wat je van Jezus ge­ looft. Soms heb je dan heel intensieve gesprekken.’ ‘Bij Israël verliezen christenen al snel hun nuchter­ heid. Ze worden bijvoorbeeld Israëlfanaat en raken vervuld van wilde eindtijdspeculaties, een soort eschatologische science fiction. Veel van die fanatici verdedigen Israël te vuur en te zwaard en praten alles goed wat Israël doet. Zo doe je het Joodse volk meer kwaad dan goed. Je schept een onrealis­ tisch beeld, want Joden zijn mensen net als jij en ik. Heilig betekent: afgezonderd, niet onberispelijk. Vanwege die fanatieke, goed bedoelende Israëlvrienden zijn veel kerken en gemeenten huiverig om iets met Israël te doen. Ze denken: Voor je het weet moeten we de Sabbat gaan houden, de Joodse feesten gaan vieren en met Israëlische vlaggen gaan zwaaien! En je hebt ook mensen die precies omgekeerd denken. Israël zien ze enkel als boosdoe­ ner. Waarom is het toch zo moeilijk om de nuchtere, gezonde weg van de Bijbel te bewandelen? Het gaat erom dat we oog krijgen voor Gods hart en beloften voor Israël, en voor het Koninkrijk.’

God heeft geen fout gemaakt door de aarde te scheppen ‘Tegelijk ken ik zoveel schatten van mensen met hart voor Israël. Mensen die praktisch iets willen betekenen voor het Joodse volk. Die contacten met Joden aangaan, op de bres gaan staan bij uitingen van antisemitisme. Die net als mijn ouders begre­ pen dat Joden het uitverkoren volk van God zijn. Mijn ouders hadden toen zeer jonge kinderen. En toch deden ze het zonder ophef te maken, terwijl het soms knap moeilijk is om vreemden in huis te hebben. En mijn ouders waren niet naïef, ze wisten heel goed wat de consequenties konden zijn. Soms denk ik: Hoeveel christenen zijn vandaag bereid om hun leven in de waagschaal te stellen om Joden te redden?’


8

Dichtbij Gertjan de Jong

De Oogst oktober 2013

Different

Strijdster in liefde In haar studententijd was Alisha volop actief in de feministische beweging. Ze voelde zich niet aangetrokken tot mannen. Wel tot andere vrouwen. En tot God. Dat laatste verlangen zorgde voor een ommekeer.

Alisha heeft een ‘spirit’ die heel on-Nederlands aandoet. Vurig, temperamentvol. Ongetwijfeld komt het door haar gemengde komaf: haar moeder was Nederlands, haar vader Caribisch. ‘Een strijdster’, zo noemt ze zichzelf. ‘Maar wel een strijdster in liefde.’ Jarenlang was ze actief in de feministische beweging in Amsterdam en leefde ze in alle op­ zichten een ‘vrij’ leven. Nu kijkt ze heel anders aan tegen die ‘vrijheid’ van toen. Alisha heeft een vrije opvoeding gehad. ‘Van mijn ouders kreeg ik weinig normen en waarden mee’, vertelt ze. ‘Ik mocht het allemaal zelf uitzoeken, ook op seksueel gebied. Er was weinig liefde thuis. Iedereen leefde in zijn eigen wereld. Wel hadden mijn ouders een bepaalde katholieke vrees voor God. Ze geloofden dat Hij bestond en alles zag, vooral dat laatste. Maar wedergeboren christenen? Nee, dat waren mijn ouders niet. Op mijn zevende heb ik nog communie gedaan, maar toen was het afgelopen met mijn katholieke leven.’

contact met mensen die op alle mogelijke manieren vrij leefden, ook op seksueel gebied. Dan weer lagen ze met iemand van dezelfde sekse in bed, dan weer met iemand van de andere sekse. Ik ging daarin mee. Niet passief, maar actief, ik geloofde er echt in. En tegelijk geloofde ik nog steeds in God. Ik was de enige in die beweging die het had over God. Christus was er niet populair, en dan druk ik me nog zacht uit.’

Op mijn vijfde wist ik al dat God bestond

Absolute waarheid

‘Op mijn vijfde wist ik al dat God bestond. Je kan God niet zien, ruiken, voelen, maar toch wist ik dat Hij er was. Mijn kleine handje lag al uitgestrekt naar de hemel. Ook in mijn puberteit had ik dat ver­ langen naar God. Ik had er discussies over met mijn vader. En als Henk Binnendijk op televisie kwam, dan moest de tv aan.’ Op haar negentiende verhuisde Alisha naar Amsterdam. Ze ging er niet-westerse geschiedenis studeren. ‘In mijn puberteit had ik al ontdekt dat ik volwassen vrouwen buitengewoon boeiend vond. In mijn studententijd groeide die interesse alleen maar. Ik werd actief in de feministische beweging. Politiek was ik zeer links georiënteerd. Ik kwam in

Ik was gewend om alles te relativeren ‘Of ik ongelukkig was? Ja, maar niet zozeer door mijn vrije levensstijl. Ik schreef dat gevoel van leeg­ heid toe aan mijn moeilijke jeugd. Aan het gebrek aan liefde thuis. Verder was ik best trots op wie ik was. Ik was altijd bezig en overal actief. Ik was een nieuwsgierige, avontuurlijke jongedame.’

‘Op mijn studentenvereniging raakte ik op een avond aan de praat met een jongen over God. Ik zei dat ik er wel meer van wilde weten, van dat geloof. “Weet je dat zeker?” reageerde hij. “Dan kan ik je in contact brengen met een dominee in Utrecht. Maar ik waarschuw je: Hij is erg fundamenteel.” Nou, dat was ook zo. Hij zei bijvoorbeeld: “De Bijbel openbaart ons de waarheid.” Zo’n uitspraak over­ rompelde mij. Voor mij was dat idee van absolute waarheid helemaal nieuw. Ik was gewend om alles te relativeren.’ ‘Met die predikant in Utrecht had ik regelmatig ge­ sprekken. Ik besefte wel dat er een kostprijs aan de waarheid zat. Enerzijds was er de Bijbel, waarvan ik geloofde dat die waar was. Aan de andere kant was er mijn leven, dat niet met die Bijbel rijmde. Dus één van de twee moest wijken. Ik besefte: Als ik mij niet aan God overgeef, leer ik Hem ook niet beter


De Oogst oktober 2013

Dichtbij Gertjan de Jong

9

‘Ik mag door de Heilige Geest leren de nieuwe mens in Christus aan te doen.’

kennen. Op mijn tweeëntwintigste heb ik mijn hart aan de Heer gegeven. Het gebeurde gewoon thuis, op een avond. Daar ging ik op mijn knieën.’

In het Westen gaan we heel krampachtig om met aanraking ‘Daarna merkte ik dat ik niet meer gewild was in al die groepen waarin ik mij bewoog. Het viel allemaal weg, de contacten met al die dames en al die groe­ pen. Alsof er ergens een knop werd omgedraaid. Ik kreeg steeds meer contacten met christenen in Utrecht en ook in Amsterdam, waar ik wel eens de Anglicaanse kerk bezocht. In Amsterdam leerde ik ook mijn levenspartner kennen. Een jonge vrouw die totaal verliefd was op de Heer. Ze werkte in Amsterdam voor een internationale zendingsorga­ nisatie. We werden verliefd. We spraken af dat we geen seks zouden hebben. Dat was heel duidelijk voor ons. Die teksten in Leviticus en Romeinen kon ik niet anders uitleggen. Toen ik dat las, wist ik: ik heb een probleem. Want ik hou niet van mannen en wel van vrouwen, maar met vrouwen mag ik geen seks hebben. En je moet die teksten moedwillig verdraaien om er iets anders uit te krijgen. Zo zag ik dat, en dat met mijn vrije opvoeding! Het moet wel

het werk van de Heilige Geest zijn geweest.’ ‘Die vriendin werd mijn levenspartner. We gingen samenwonen en leefden celibatair. Veel tijd brach­ ten we door in Zuid-Afrika, waar we zendingswerk deden. Andere christenen vonden het nooit raar dat ik met een vrouw leefde. In Afrika val je hele­ maal niet op als je arm in arm loopt met een andere vrouw. Daar is het heel gewoon dat mannen en vrouwen elkaar aanraken. In Zuid-Amerika en de Caribbean trouwens ook. Hier gaan we heel kramp­ achtig om met aanraking. Het is of helemaal geen aanraking, of je hebt gelijk seks met elkaar. Voor omarming hebben we helemaal geen prettig woord. Heel typisch. Daarvoor moeten we een woord lenen uit een andere taal, hug. Intussen snakken wester­ lingen wel naar aanraking.’ ‘We hebben dertien en een half jaar samengeleefd, mijn vriendin en ik. Toen stierf ze, ze was nog maar 43. Precies vijf maanden was ze ziek. Daarna kreeg ze haar eerste maagbloeding en dat was het einde. Het overlijden van mijn levenspartner was mis­ schien wel de grootste knal in mijn leven. Na haar overlijden ben ik teruggekeerd naar Nederland.’

Nieuwe vragen ‘Terug in Nederland kreeg ik nieuwe vragen over mijn homoseksuele gevoelens. Je wilt geen seks met vrouwen, maar hoe zit het met je hart? Eerder stelde ik mijzelf die vragen niet. Ik hield van mijn


10

Dichtbij Gertjan de Jong

De Oogst oktober 2013

levenspartner, maar kon mij helaas niet volledig aan die gevoelens overgeven. Zo beleefde ik het. De Heer had ik volledig buiten mijn seksuele oriëntatie gehouden, misschien omdat ik zo gelukkig was met mijn levenspartner. Ik was gewoon blij, accepteerde de seksuele onthouding als mijn lot en stelde verder geen vragen. Ik merk dat veel christenen liever iets anders horen. Liever horen ze dat ik vol afschuw en zelfhaat zat en ik – als het even kan – opeens van mannen hield. Helaas leeft nog te vaak het idee dat bij je bekering je homoseksuele gevoelens in één klap veranderen. Volkomen onrealistisch! Ik ken geen christen bij wie dat zo is gebeurd.’

Ik besefte dat God man en vrouw voor elkaar had geschapen

Maar ook het Oude Testament spreekt van het voor­ bereiden of ontginnen van harde grond van je hart (Jer. 4:3 en Hos. 10:12). De Heer heeft me geleerd om de wortels, de oorzaken van wonden, aan Hem over te geven zodat Hij ze kon verwijderen uit mijn hart. Daarna kon Hij de leeggekomen plekken vullen met Zijn Geest. Soms moest ik een bepaalde zonde belijden en om vergeving vragen. Daarna mocht ik voor genezing van de wond bidden.’ ‘Jezus heeft niet alleen onze fysieke zwakheden op Zich genomen, maar ook onze emotionele won­ den. Er is wat dit aangaat geen tederder Chirurg en Geneesheer denkbaar dan Hij, onze Vader. Ik mag door de Heilige Geest leren de nieuwe mens in Christus aan te doen en nieuwe denk- en gevoelspa­ tronen te ontwikkelen, terwijl ik de wandel van m’n oude mens mag afleggen.’

Geen religieuze plicht ‘Ik ontdekte: Ik slaap dan wel niet met andere vrou­ wen, maar in mijn hart ben ik geen spat veranderd. Dat besef werd sterker toen ik in contact kwam met Different en ontmoetingsdagen van stichting Onze Weg bezocht. Daar hoorde ik opeens mensen praten over de relatie tussen identiteit, gevoelens en geloof. Ik ging beseffen dat God man en vrouw voor elkaar heeft geschapen. En dan beland je bij de vraag: Ben ik in dat geval niet heteroseksueel geschapen, ook al zijn mijn gevoelens homoseksueel gericht? En ligt mijn ware identiteit dan in Christus en niet in mijn emotionele en geestelijke focus op vrouwen? Dat waren geen kopkwesties, maar vra­ gen van mijn hart.’

‘Op een dag besloot ik ook mijn homoseksuele ori­ ëntatie in Zijn handen te geven. Niet uit religieuze plicht, maar omdat ik begreep vanuit mijn hart dat dit niet meer tot mijn nieuwe “ik” behoorde (1 Kor. 6:9-11). Dat was het sluitstuk van een jarenlang proces van toenemend vertrouwen dat Hij van me houdt en het beste met me voorheeft. Ik had het zelf niet voor mogelijk gehouden, een overgave op dit specifieke terrein van mijn zijde. Ik deed het echter hand in Hand met Hem, in Zijn kracht.’

De gedachte ‘ik ben heiliger dan jij’ sluipt er snel in

Heiliging Bij Alisha begon een proces van heiliging. Een kwetsbaar proces. Een proces dat nog maar pril is. Ze heeft haar gedachten erover op papier gezet: ‘Mijn pad van heiliging begon vanaf het moment dat ik me realiseerde dat allerlei gedachten, gevoelens en verlangens niet strookten met Zijn wil. Ik besefte dat ik met Hem een grote voorjaarsschoonmaak mocht houden, op alle levensterreinen. Onderdeel van deze schoonmaak was bevrijding van bepaalde demonen. Soms was er ook sprake van een bepaal­ de innerlijke verwonding. Daar bracht de Heer me door Zijn Geest, soms door hulpverleners en boeken heen, uiteindelijk naar de wortel van de wond.’

Jezus nam ook onze emotionele wonden op Zich ‘Zowel het Oude als het Nieuwe Testament spre­ ken over het klaarmaken van de grond van je hart. Zo had Jezus het over grond vol onkruid of stenen.

‘Kreeg ik dan ik plots heterogevoelens? Eerlijk gezegd vroeg ik Hem niet eens om hetero te mogen worden, ik legde slechts mijn seksuele oriëntatie in Zijn veilige handen en zei: “Doe ermee wat U goed lijkt. Ik vertrouw U.” Het boek Leunend op mijn Geliefde van Jeanette Howard beschrijft dit proces van heiliging mooi: heiliging als leerproces om op alle levensterreinen, dus niet alleen die van seksu­ aliteit, in volledige afhankelijkheid van Christus te leven, door Zijn Geest.’ ‘Mijn proces van heiliging op het terrein van mijn seksuele oriëntatie is nog maar net begonnen. Het is een voortgaand proces. Daarbij heeft Hij, Vader, mij al deze jaren nooit ook maar één keer het gevoel gegeven dat ik vanwege mijn homo­ seksualiteit smerig was in Zijn ogen. Nooit. Dat heeft Hij evenmin ooit gedaan met andere dingen op alle andere levensterreinen in mijn leven die niet strookten met Zijn Woord. Hij aanvaardde me zoals ik kwam, maar houdt genoeg van me om me in Christus naar het beeld van Zijn Zoon te willen veranderen. Hij zegt: “Kom zoals je bent en sta Mij toe je te maken zoals je bent bedoeld door Mij.”


De Oogst oktober 2013

Dichtbij Gertjan de Jong 11

‘Geestelijke groei is een zaak tussen een mensenhart en de Here Jezus.’

Maar Hij dwingt niets af. Hij dwingt nooit, Hij is een Gentleman en Hij is liefde, naast dat Hij heilig is. Hij zoekt geen religieuze offers uit angst of plicht, maar die liefdesrespons, die overgave aan Hem op alle levensterreinen inhoudt. Paulus is wat dit betreft mijn grote voorbeeld, zoals hij zich op alle levensterreinen radicaal liet vormen naar het beeld van Christus.’

Je houding en toon richting de ander zijn heel belangrijk Waarschuwing ‘Voor wat betreft het pad van levensheiliging geldt een grote waarschuwing, komend van dezelfde Paulus: Laten we elkaar niet gaan veroordelen als christenen (1 Kor. 4:2-5). Ik kan niet van andere christenen zeggen dat ze qua homoseksuele oriën­ tatie niet of niet genoeg veranderen doordat ze zich niet genoeg zouden overgeven aan Hem. Want ik weet nooit precies wat de overleggingen van het hart van die ander zijn. Dat is tussen het chris­ tenhart en de Heer alleen. Geestelijke groei is eerst en vooral een zaak tussen een mensenhart en de Here Jezus. Paulus zei dat hij niemand veroordeelde. Hij zei zelfs dat hij zichzelf niet veroordeelde, maar

alle oordeel bij God de Vader liet. Dat is heel belang­ rijk. De gedachte “ik ben heiliger dan jij” sluipt er snel in.’ ‘Als iemand openlijk een zonde begaat, is het natuurlijk wel goed om die ander daarop aan te spreken. Dat zie ik niet als oordelen, het is juist een uiting van liefde. “Wat ben je aan het doen? Zet je zo de relatie met Christus niet op het spel?” Je houding en je toon zijn daarbij heel belangrijk. Veroordeel je die ander, of zie je hem of haar aan met liefde, als broeder of zuster in Christus? Zonder liefde komen we geen steek verder.’ Kijk voor meer informatie over de hulpverlening van Different op: www.different.nl of bel ons: 020-6256797.

Helaas kunnen we bij dit verhaal niet de echte naam van de geïnterviewde noemen. Alisha heet in werkelijkheid anders en haar olijke en tegelijk strijdbare blik kunnen we u op de foto’s niet laten zien. De reden? Mensen als Alisha hebben geen zin in het onbegrip en soms zelfs intimidatie die hun keuze voor de omgang met hun homoseksuele gevoelens regelmatig oproept.


12

Dichtbij Gertjan de Jong

De Oogst oktober 2013

Shelter

Ontzagwekkend en amazing Als je ze ziet, heb je het niet meteen door, maar als ze gaan praten is het snel duidelijk: Deze twee zussen komen uit Engeland. Charlotte (23) en Rebekah (18) hebben een Britse tongval, lachen veel, relativeren graag en combineren dat met een eigenschap die misschien niet typisch Engels is: liefde voor het Evangelie. In de Shelter kreeg die liefde een extra impuls. Charlotte, de oudste van de twee, ontdekte de Shelter Youth Hostels het eerst. Ze las erover op een christelijke website. Wat ze las maakte haar enthousiast genoeg om de oversteek te wagen, de Noordzee over. Vijf jaar geleden is dat nu. Voor zeven maanden ging ze aan de slag in de Shelter City. Een mooie herinnering. ‘Ik voelde me welkom. De sfeer was ontspannen, relaxed. Ik werd uitgedaagd om het Evangelie met anderen te delen.’ Ze kreeg de smaak te pakken. Ook in haar eigen omgeving, bijvoorbeeld onder studiegenoten, voelde ze zich steeds vrijer om van Jezus te getuigen. In de Shelter keerde ze sindsdien elk jaar één of twee keer terug.

anderen werkt aanstekelijk. Ik heb hier geleerd om vrijmoedig te praten over het Evangelie. Ook met niet-christenen. Eerst vond ik dat maar eng. Soms vraag ik God gericht om kansen om de Evangelieboodschap ter sprake te brengen. En die kansen geeft God! Laatst nog in de bieb, waar ik met een student sprak over het geloof. En pas had ik een gesprek met een man op een bankje in het park. Ik bad: “Heer, ik wil van U vertellen, maar wilt U dan zorgen dat hij het gesprek begint?” Na een tijdje stond de man op en leek weg te gaan. Maar toen vroeg hij opeens: “Wat ben je aan het le­ zen?” Dat was de Bijbel. Zo kon ik vertellen over Gods boodschap.’

Ik voelde me welkom in de Shelter

Rebekah herinnert zich een clea­ ner in de Shelter. Aanvankelijk wil­ de hij niets weten van het geloof. Toch wilde hij een Bijbel-studie volgen. Rebekah: ‘Ik las met hem een gedeelte uit Genesis, waarin God Abraham opdraagt om zijn zoon Isaac te offeren. Ik vertelde over God die Jezus, Zijn Zoon, gaf als offer om ons te redden. Hoe ontzagwekkend en amazing het is dat God dit deed uit liefde voor ons. De cleaner reageerde heel boos. Hij vond het een wreed ver­ haal – hoe kon God zoiets doen en Zijn eigen Zoon offeren?’ Rebekah liet het verder los, maar bleef voor hem bidden. In de

Rebekah kende de Shelter eerst alleen van de enthousiaste verha­ len van haar zus. Deze zomer ging ze zelf kennismaken. Haar tijd in de Shelter City zit er nu bijna op. ‘Ik heb weinig zin om hier weer weg te gaan’, zegt ze. ‘Na twee dagen had ik hier al het gevoel: dit is mijn plek, hier hoor ik thuis.’ Charlotte herkent het. ‘Ik voelde me snel op mijn gemak in de Shelter. Het enthousiasme van

Ontzagwekkend

Shelter had deze cleaner nog meer gesprekken met medewerkers.

De cleaner vond het een wreed verhaal Gesprekken die hem niet koud lie­ ten. En die hem steeds meer over­ tuigden van de waarheid van de Bijbel. ‘Op een dag kwam hij mij zelf vertellen dat hij christen was geworden!’ zegt Rebekah met een stralend gezicht. ‘Uiteindelijk had het verhaal van Abraham en Isaac hem veel geleerd. Niet alleen over het offer van Jezus, maar ook over zijn eigen leven. Dat hij voor zijn geloof dingen moest offeren, zoals bepaalde relaties die de relatie met God in de weg staan.’

Redding in Jezus Charlotte en Rebekah zijn beiden met het christelijk geloof opge­ groeid. Charlotte: ‘Onze ouders namen ons elke zondag mee naar de Anglicaanse kerk. Ze waren actief bij de kerk betrokken, bij­ voorbeeld met evangelisatiewerk. Je proeft bij mijn ouders de liefde voor God.’ De liefde voor de Bijbel is bij Charlotte en Rebekah steeds meer gegroeid. Rebekah: ‘Een tekst waar je veel over hoort is Johannes 3:16: “Want alzo lief heeft God de wereld gehad.”


De Oogst oktober 2013

De zussen Rebekah en Charlotte voelen zich thuis in de Shelter.

Een prachtig vers. Maar ook het gedeelte daarna is belangrijk. Er staat bijvoorbeeld: “Over wie in de Zoon gelooft wordt geen oor­ deel uitgesproken, maar wie niet in Hem gelooft is al veroordeeld.”

Je proeft bij mijn ouders de liefde voor God Buiten Jezus val je dus onder het oordeel. Je wilt niet dat dat met iemand gebeurt! Het is niet het eerste wat ik in een gesprek met een niet-christen zeg, maar uiteindelijk kun je er niet omheen. Zonder Christus leef je eeuwig gescheiden van God. Zonde blijft niet zonder consequenties, it needs to be washed away. Dat betekent niet dat we paniekerig met iedereen over het dreigende oordeel moeten gaan praten. Dat werkt niet. Je kan niets forceren. Wij kunnen getuigen, zaaien en bidden dat God het laat groeien. Groei heeft tijd nodig.’ Charlotte: ‘Een tekst die mij

aanspreekt is 1 Petrus 3:15, waar staat: “Heiligt de Christus in uw harten als Here, altijd bereid tot verantwoording aan al wie u re­ kenschap vraagt van de hoop, die in u is, doch met zachtmoedigheid en vreze.” Dat probeer ik te doen, biddend. Hier in de Shelter, maar ook in Engeland. Zo doe ik op de universiteit mee aan “Text a toas­ tie”. Per telefoon of via internet kunnen studenten een toast be­ stellen, met beleg naar keuze. En daarbij kunnen ze een vraag over het geloof stellen, bijvoorbeeld: Waarom staat God al het lijden toe op de wereld? Vervolgens ge­ ven wij de toast, gratis, en daarbij een briefje waarop we ingaan op de vraag.’

Verschillen In hun enthousiasme voor het geloof en de Shelter verschillen Charlotte en Rebekah weinig van elkaar. Zijn die verschillen er wel op andere vlakken? De zussen denken hier even over na. Charlotte, grappend: ‘Misschien ben ik wat volwassener, aantrek­ kelijker en wijzer?’ Dan serieus:

Dichtbij Gertjan de Jong 13

FOTO ELISABETH STAM

‘Rebekah is vuriger dan ik, ik ben wat meer mellow. Ik ga liever met vrienden naar de pub dan een avondje dansen, wat Rebekah graag doet. ‘Ik hou van dansen, ja’, bevestigt Rebekah. ‘Maar met vrienden naar de pub vind ik ook leuk.’

Rebekah is vuriger, ik ben meer mellow Volgend jaar hoopt Rebekah weer terug te komen in de Shelter. Voor de rest richt ze zich op haar studie verpleegkunde. Ook Charlotte wil graag nog een keer naar de Shelter, maar weet niet of dat gaat lukken. ‘Ik ben bijna klaar met mijn studie watermanage­ ment. Daarna ga ik een baan zoeken. Het liefst zou ik in een ontwikkelingsland gaan werken. De toekomst ligt open, ik geloof dat God mij leidt.’ Meer weten over de Shelter? Kijk op www.youthhostelministry.org.


14

Dichtbij Redactie

De Oogst oktober 2013

Scharlaken Koord

Blijven hopen, ondanks alles Het leven van Constanza uit Brazilië is getekend door misbruik. Diverse mannen vergrepen zich aan haar, zelfs haar eigen vader. Later, als ze in Nederland woont, ervaart ze de verschrikking van werk in de prostitutie. Toch is Constanza niet moedeloos. Lees hieronder haar verhaal.

Mijn jeugd is een aaneenschakeling geweest van moeilijke momenten. Eigenlijk was er altijd sprake van misbruik. Een lichtpuntje was dat ik veel buiten kon spelen, in het veld en bos. In het dorp waar ik woonde, had ik veel vrijheid. Altijd was ik buiten met dieren bezig. Bij hen vond ik troost en liefde, wat ik van anderen niet kreeg. Mijn moeder liep weg toen ik drie jaar was. Zij was zelf zestien toen ze zwanger van mij raakte. Ik ben voortgekomen uit een verkrachting. Toen mijn moe­ der wegliep, liet ze me achter in het huis van mijn oma, waar ook mijn vader woonde en mijn ooms. Mijn vader en mijn ooms verkrachtten me stelselma­ tig. In die tijd had ik een hondje waar ik gek op was. Mijn vader dreigde echter om mijn hondje wat aan te doen, om mij zo tot zwijgen te dwingen over het misbruik. Uiteindelijk heeft mijn vader het hondje gedood. Verschrikkelijk vond ik dat. Mijn hondje was mijn alles.

Uiteindelijk heeft mijn vader mijn hondje gedood Thuis hoorde ik er niet echt bij. Zo had iedereen een echt bed, maar ik niet. Ik maakte mijn eigen bedje van een jute zak met stro erin. Op mijn negende wilde mij vader mij weg hebben. Ik bleek namelijk syfilis te hebben, dat werd zichtbaar door plekjes op mijn arm. Ik verhuisde naar het huis van mijn tante. Zij had

ooit de loterij gewonnen en van het geld een grote boerderij gekocht. Ruimte genoeg, maar ik voelde me daar heel eenzaam, ik miste de vrijheid en de mooie natuur. En mijn neven mishandelden en mis­ bruikten me ook. Op een dag stond ik te schreeuwen in de schuur dat ik niet wilde. Mijn neven zeiden: ‘Jij bent onze slaaf.’ Mijn tante hoorde mij schreeuwen. Zij wilde het misbruik stoppen en stuurde me terug naar mijn oma. Mijn vader en ooms woonden toen ergens anders, dus was het rustig. Voor even.

Mijn neven zeiden tegen mij: ‘Jij bent onze slaaf’ Uit huis gezet Niet lang daarna kwam ik weer terug bij mijn va­ der in huis, die inmiddels een andere vrouw had. Mijn vader misbruikte me niet meer, maar het was verre van prettig om bij hem en mijn stiefmoeder te wonen. Mijn stiefmoeder was jaloers op mij. Ze beweerde dat mijn vader meer van mij hield dan van haar, kun je nagaan! Uiteindelijk ben ik uit huis gezet. Ik was vijftien jaar! Hoe moest ik overleven? Ik ben toen bij de broer van mijn moeder terecht ge­ komen. Mijn moeder kwam ook uit een gezin waar misbruik en incest aan de orde van de dag waren. En ook hier werd ik weer misbruikt. Waar ik ook terechtkwam, het gebeurde telkens weer, alsof het op mijn voorhoofd geschreven stond. Op mijn zestiende kwam ik een man tegen op het


De Oogst oktober 2013

Dichtbij Redactie 15

Constanza: ‘Ondanks de wanhoop voel ik mij ook dankbaar.’

strand van Rio de Janeiro. Een fotograaf. Ik raakte zwanger van hem. Hij wilde echter niets van het kind weten. Iemand tipte mij over een werkhuis, waar ik kon werken en samen met mijn kind kon verblijven. Daar klopte ik aan, angstig en alleen. Deze mensen waren vriendelijk en behulpzaam. Even leek het erop dat de man ook seksuele toespe­ lingen wilde maken, maar ik was inmiddels sterker en weerbaarder geworden. Ik stond het niet toe en de situatie keerde ten goede. Uiteindelijk waren ze goed voor mij en mijn dochtertje. Ze hadden net een kindje verloren en vonden het heerlijk om voor mijn dochter te zorgen. Hij was architect en zij lerares. Zij voedden mijn kind eigenlijk voor me op. Zij hadden de middelen en meer levenswijsheid, ik was nog jong. Mijn dochter is uiteindelijk bij hen gebleven.

Zoektocht naar liefde Ik werkte in die tijd in een edelstenenwinkel, waar ik een Australiër leerde kennen. Ik werd verliefd en, hopend op liefde en geluk, ben ik met hem ge­ trouwd. Na korte tijd zijn we naar Australië vertrok­ ken. De eerste periode ging het goed tussen ons, maar eenmaal gesetteld in Australië veranderde hij

in een monster. Hij mishandelde me verschrikkelijk. Ik liep regelmatig breuken en kneuzingen op.

In Australië veranderde mijn man in een monster Hij werkte voor de douane/immigratiedienst en werd regelmatig uitgezonden naar andere landen. Vanuit Australië ben ik met hem naar Afrika ge­ gaan. Daar raakte ik zwanger van hem. Ook daarna gingen de mishandelingen gewoon door. Een bevriend Portugees stel hielp me om terug te keren naar Brazilië, waar ik ben bevallen van een dochter, Mariana. Die Portugese man en vrouw waren echte vrienden en hielpen me aan een huis en goede zorg. Maar daarna volgde de grootste klap uit mijn leven. Mijn dochtertje werd ziek, ze kreeg kanker. Met negen maanden is ze overleden. Ik vermoed dat ook de mishandelingen haar kwaad hebben gedaan. Als mijn man dronken was, was hij net zo erg als mijn vader.


16

Dichtbij Redactie

De Oogst oktober 2013

Na het overlijden van Mariana voelde ik mij wan­ hopiger dan ooit. Ik weet nog goed dat Mariana op de operatietafel lag en drie uur lang huilde. Verschrikkelijk, het leek wel of de dokters met haar experimenteerden. Ik voelde me totaal machteloos. Ik hield zo veel van haar en kon niets doen. Het idee dat ik haar zou verliezen was ondraaglijk. Zij was iets om voor te leven en nu werd ze mij ontnomen!

Het idee dat ik Mariana zou verliezen was ondraaglijk Na de operatie is Mariana in mijn armen gelegd en overleden. Ze heeft na de operatie nog maar een paar uur geleefd. Ik was volledig de weg kwijt. Ik liep huilend op straat en wilde een eind aan mijn leven maken. Wat moest ik beginnen?

Naar Nederland In de dagen na het overlijden van Mariana leerde ik een Nederlandse man kennen. Niet lang na mijn eer­ ste ontmoeting met hem, keerde hij definitief terug naar Nederland – en hij wilde mij meenemen. Wat had ik nog in Brazilië, behalve ellende en verdriet? Ik besloot met hem mee te gaan. Ik was inmiddels gescheiden van mijn eerste man, de Australiër. Eindelijk brak er een tijd van rust en geluk aan. Vijf jaar lang ging het goed. Eigenlijk waren die jaren een droom die uitkwam. We kregen twee dochters, Alejandra en Bianca. Na die vijf jaar veranderde er iets. Hij raakte depressief en ging op een gegeven moment vreemd met een Indonesische vrouw. Ineens wilde hij niets meer weten van mij en ons gezin. We zijn toen gescheiden. Het contact met hem is gelukkig later weer verbeterd en uiteindelijk is hij – op zijn manier – toch een goede vader voor onze dochters geworden. Inmiddels is hij met die Indonesische vrouw getrouwd. Mijn dochters heb­ ben nog steeds goed contact met hem, wat ik ook altijd heb gestimuleerd.

In Haarlem krijgt Scharlaken Koord steeds meer hulpaanvragen.

zichtig, had te vaak gezien dat het misliep, maar toch groeide er meer tussen ons. Samen met hem en mijn dochters zijn we voor een periode naar Curaçao vertrokken. We hadden daar een restaurant en cateringbedrijf. Dit hebben we drie jaar volgehouden, maar uiteindelijk ben ik definitief terug naar Nederland gegaan. Mijn oudste dochter Alejandra had heimwee en ook de relatie was uiteindelijk geen rozengeur en maneschijn. Mijn vriend bleek een alcoholprobleem te hebben en kon niet over de breuk met zijn ex-vrouw heenko­ men. Na drie jaar is hij weer naar haar teruggegaan. Ik bleef achter, weer een illusie armer.

Ik bleef achter, weer een illusie armer

Prostitutie

Na de echtscheiding leefde ik alleen met de kin­ deren en werkte in een kwekerij. Het was hard werken, maar ik kreeg hulp van de gemeente. Ik kreeg een nieuwe relatie en woonde drie jaar samen met hem. Toen ook hij depressief werd, heb ik hem op straat gezet, om te voorkomen dat hetzelfde zou gebeuren als bij mijn tweede ex-man. Ik wilde het niet, maar telkens kwam ik in relaties terecht waar ik aan het kortste eind trok, zo ook in de relatie met een nieuwe man die ik ontmoette. Hij was een rijke vent, net gescheiden, en erg verdrietig. Ik was voor­

Ik had mijn buik vol van mannen en wilde geen rela­ tie meer. Met mijn dochters kwam ik terecht in een flat in Haarlem. Tot dan toe had ik mij financieel net weten te redden. Nu leek het echter of er geen hulp en bijstand voor me was. Werk vinden lukte niet, terwijl ik nog de zorg voor mijn dochters had. Hoe moest ik aan geld komen? Ik kon maar één oplossing bedenken: prostitutie. Ik was toch al gewend om ge­ bruikt te worden en, zo dacht ik, nu waren er geen alternatieven meer. In staat van wanhoop klopte ik, inmiddels 47 jaar, aan bij een bordeel in Haarlem. Drie en een half jaar heb ik er gewerkt. Ik speelde de hoer. Ik overleefde. De eerste tijd is moeilijk, maar


De Oogst oktober 2013

uiteindelijk wordt het een routine. Tegelijkertijd went het nooit. Diep van binnen wil je het niet. En dag in dag uit zag ik wat het met andere vrouwen deed. Een aantal van hen pleegde zelfmoord.

Werken in de prostitutie went nooit In die drie en een half jaar leerde ik daar een Duitse man kennen. ‘Ik zal je helpen’, beloofde hij. Later bleek echter dat hij grote schulden had. Hij ontpop­ te zich als pooier en zette mij onder druk om steeds meer te werken. Bijna al het geld verdween in zijn zakken. Hij werd verliefd op mijn dochter en dat was voor mij de druppel. Ik was woedend. Ik wilde maar één ding: weg uit die vreselijke prostitutiewe­ reld! Mijn woede gaf me de kracht en de laatste zet om eruit te stappen. Ik ben toen met mijn jongste dochter weggegaan naar een andere plaats in de buurt. Mijn andere doch­ ter, Alejandra, was al het huis uit gevlucht en kon via Jeugdzorg ergens een veilig plekje krijgen. Ik kreeg werk bij een medicatiebedrijf, waardoor ik niet langer in de prostitutie hoefde te werken. Helaas raakte ik dat werk weer kwijt. Opnieuw moest ik de prostitutie in. Het was vreselijk, nog vreselijker dan de eerste keer. Ik had veel drugsklanten. Van binnen brak er iets. Ik wilde niet meer leven. Het was hulp zoeken of zelfmoord. Ik bad God om hulp. Niet veel later ont­ moette ik in mijn woonplaats een andere prostituee. Zij kreeg hulp van Scharlaken Koord en gaf mij het telefoonnummer van hulpverlener Monique.

Geloof in Jezus Al vanaf mijn negende ging ik op eigen gelegenheid naar verschillende kerken. Ik zocht er kracht om te overleven, om door te gaan. Ook in die kerken speelde misbruik een rol, maar toch vond ik er kracht om het vol te houden. Ik las al vroeg de Bijbel en bleef dat ook doen. Ik geloofde dat Jezus leeft. Dat Hij er voor me is, al waren de omstandigheden nog zo moeilijk en leek Hij soms heel ver weg. Ik weet zeker: Zonder God was ik of aan de drugs geraakt, gek geworden of erger nog. Bij Scharlaken Koord vond ik een luiste­ rend oor en oprechte betrokkenheid. Monique heeft me praktisch, emotioneel en op geloofsgebied echt geholpen, en dat doet ze nog steeds.

Ik weet zeker: zonder God was ik gek geworden of nog erger Met hulp van Scharlaken Koord kon ik stoppen met de prostitutie, een andere, goedkopere woning vinden en we zijn met mijn schulden bezig geweest. Toch zijn we nog niet klaar. Ik heb nu twee banen,

Dichtbij Redactie 17

waar ik eigenlijk nog te weinig mee verdien. Ik moet hard werken en soms denk ik: Het gaat niet meer. Al mijn reserves zijn op. Regelmatig komt de dood nog in mijn gedachten. Ondanks die wanhoop voel ik mij ook dankbaar. Dankbaar dat het met mijn dochters naar omstan­ digheden goed gaat. Dankbaar voor waar ik nu ben. Voor de hulp van Scharlaken Koord, dat ik uit de prostitutie ben. God is bij me, Hij geeft mij hoop. Op dit moment heb ik veel last van herbelevingen. Mijn werk is eigenlijk te zwaar voor me en het levert te weinig op om goed van te kunnen leven. Ik zou zo graag werk hebben in de catering of in de keuken van een restaurant, ik kan goed koken. Helaas is het door mijn gebrek aan opleiding, de slechte markt en mijn leeftijd (57) nog niet gelukt een normale baan te vinden. Ik bid dat God me ergens in de omgeving van Haarlem een nieuwe kans geeft. Tegen jonge meisjes wil ik zeggen: Hou je ver van de prostitutie. Je kunt veel beter studeren of een gewoon baantje zoeken, zelfs liever ongeschoold werk doen dan dat. En als je er al in terecht bent gekomen, het is nooit te laat om nog wat anders te gaan doen. Er is hulp, maak er gebruik van! Constanza heet in werkelijkheid anders. Weet u een geschikte werkplek voor Constanza? We horen het graag van u: info@scharlakenkoord.nl, 020-6226897.

Dreigende subsidiestop De toekomst van het zorgpunt Haarlem, waar Constanza geholpen is, is helaas onzeker. De burgemeester en wethouders van Haarlem heb­ ben aangekondigd de subsidie met ingang van januari 2014 stop te zetten – als onderdeel van grootschalige bezuinigingen. Marijke Bakker, manager van Scharlaken Koord, maakt zich ernstige zorgen over de prostituees in Haarlem en omgeving: ‘We krijgen steeds meer hulpvra­ gen. Het kost tijd om vertrouwen bij de vrouwen te winnen, dat vertrouwen is er nu en veel vrou­ wen krijgen nu de hulp die ze nodig hebben.’ Lokale politici van GroenLinks en ChristenUnie hebben vragen gesteld over de subsidiestop, waardoor dit onderwerp in de gemeente op­ nieuw op de agenda komt. Wilt u bidden voor de voortgang van het werk in Haarlem? Met de bouwplannen van ‘City4Love’, een ‘erotisch uitgaanscentrum’ in de Haarlemmermeer, wordt hulp aan prostituees in dit gebied al­ leen maar dringender. U kunt als kerk ook een actie houden voor Scharlaken Koord Haarlem. Bezoek onze vernieuwde website om ideeën op te doen: www.scharlakenkoord.nl.


18

Dichtbij

De Oogst oktober 2013

Uitbreiding van De Bewaarschool

Het tekenen van het contract op Het IJ.

Na een succesvolle start van de spelinloop Replay in AmsterdamOost breidt het werk van Stichting De Bewaarschool zich verder uit naar Amsterdam-Noord. Door samenwerking met Hoop voor Noord, een zendingsgemeente van de Christelijke Gereformeerde

Kerk, zijn er nu nieuwe kindpro­ jecten gestart in de noordelijke wijken Het Blauwe Zand en De Banne. Om de samenwerking en verbinding tussen de oude en nieuwe stad te symboliseren, tekenden Jurjen Ten Brinke, voor­ ganger van Hoop voor Noord,

Ouder-gespreksgroep Different Als u er als ouders achterkomt dat uw kind homoseksuele gevoelens heeft, komt dat vaak hard aan. Zeker als uw zoon of dochter al besloten heeft ook ‘zo’ te gaan leven. Uit de praktijk van ons werk blijkt dat ouders zich vaak alleen voe­ len staan met hun emoties en vragen. In veel kerken heerst bijvoorbeeld nog steeds een taboe rondom het onderwerp ‘homoseksualiteit’. Reacties be­ staan uit ontkenning (‘Het komt bij ons niet voor’) of afwijzing (‘Het mag niet voorkomen’). Ook kan de kerk of omgeving

onbegrip tonen wanneer u als ouder(s) moeite hebt met de homoseksuele gevoelens van uw kind. Different wil door middel van een gespreksgroep een veilige plaats bieden aan ouders met een zoon of dochter met homo­ seksuele gevoelens. De groep komt bij elkaar op centraal gelegen locaties in Nederland. Wilt u meer informatie over de gespreksgroep of wilt u zich aanmelden? Neemt u dan con­ tact met ons op: 020-6256797, info@different.nl, zie ook www.different.nl.

en Henk van Rhee, directeur van Tot Heil des Volks, een contract op de veerpont over Het IJ, samen met Inge van Strien, projectleider van De Bewaarschool (foto). De Bewaarschool is gebaseerd op een pedagogische formule op basis van de opvoedingsprincipes van professor dr. Wim ter Horst. Kern daarvan is het herstel van ‘het gewone leven’, met onder an­ dere aandacht voor samen spelen, vieren, eten en drinken en genie­ ten. De Bewaarschool is een chris­ telijke organisatie en draagt dit bij de activiteiten uit. Bij een spel­ inloop kan dit bijvoorbeeld zijn door het zingen van christelijke kinderliedjes of door een ochtend met gebed te beginnen. Iedereen is welkom, ongeacht geloof of achtergrond. De Bewaarschool is onderdeel van stichting Tot Heil des Volks. Kijk voor meer informatie op www.debewaarschool.nl.

13-jarige spaart voor daklozen Hannah Spee (13 jaar) uit Dieren heeft de afgelopen anderhalf à twee jaar een bedrag van ruim vijftig euro gespaard voor de bezoekers van AHA (Amsterdammers helpen Amsterdammers), het inloophuis voor dak- en thuis­ lozen in Amsterdam. Per mail benadrukte haar vader nog dat het geld heel specifiek bestemd is voor de zwervers zelf, en niet voor een gebouw of iets dergelijks. ‘Ik ga er bij deze vanuit dat u het geld – naar de wensen van mijn dochter – een juiste bestem­ ming zult geven.’ De mede­ werkers van AHA doen hier zeker hun best voor. Namens hen: hartelijk dank!


De Oogst oktober 2013

Christenvervolging Open Doors 19

Pakistaanse christenen vogelvrij Tientallen christelijke gezinnen uit de Pakistaanse hoofdstad Lahore zijn op de vlucht geslagen nadat een voorganger is beschuldigd van godslastering. Het is niet de eerste keer dat christenen door een gerucht van blasfemie vogelvrij worden verklaard. Sattar Masih (37) is voorganger in Lahore. Hij had eind augustus een gesprek met een islamiti­ sche man. Door een 21-jarige christen, Wasim Raza, werd hij aan deze man voorgesteld en ze raakten aan de praat over het geloof. In een land als Pakistan praten mensen daar vrij gemak­ kelijk over, maar voor Masih werd het een gevaarlijk gesprek. Na het gesprek diende de isla­ mitische man, de 18-jarige Ali Hassan, namelijk een aanklacht in tegen Masih. Volgens Hassan had Masih gezegd dat de profeet Mohammed een wrede man was die onschuldige mensen doodde. Masih werd gesommeerd voor een aantal islamitische geestelijken om zijn onschuld te bepleiten. ‘De geestelijken moeten bepalen of hij de profeet heeft beledigd. Als hij niet voor de geestelijken verschijnt, zullen we hem doden’, zegt Hassan. Masih ontkent alle aanklach­ ten. Een van de geestelijken vroeg hem of hij had gezegd dat Mohammed een wrede man was. ‘Ik heb die aantijging helder weerlegd en hem verteld dat ik alleen heb verdedigd dat de Bijbel nog altijd in zijn originele vorm bestaat en niet herschreven is’, zegt hij. Omdat hij bang is dat hij geen eerlijk proces krijgt, is Masih de stad ontvlucht. Een groep moslims was al langs hui­ zen van christenen getrokken op zoek naar de voorganger. Wasim Raza vluchtte met Masih mee. Begin september kwamen meer

dan 250 moslims bij elkaar om de zaak tegen Masih te bespreken. Zeven christelijke familieleden van Masih en Raza verdedigden de voorganger. Een dag later werden christelijke scholieren op school ondervraagd over de godsdienstlessen die Masih gaf. Meer dan honderd christelijke scholieren werden vervolgens naar huis gestuurd, wat bij christenen in de wijk zorgde voor angst voor een aanslag. Tientallen christelijke gezinnen sloegen op de vlucht.

Geweld Pakistan kent een geschiede­ nis van geweld tegen christenen naar aanleiding van geruchten of aanklachten vanwege blasfe­ mie. Het gebeurt regelmatig dat extremistische moslims het recht in eigen hand nemen. In juli 2010 werden de christelijke broers Sajid en Rashid Emmanuel voor de deur van de rechtbank doodgeschoten nadat ze waren vrijgesproken van godslastering.

Tientallen christelijke gezinnen sloegen op de vlucht Het Pakistaanse tienermeisje Rimsha Masih (geen familie van de voorganger) vluchtte eerder dit jaar met haar familie naar Canada, nadat ze eveneens was

Verwoestingen in Lahore FOTO OPEN DOORS

vrijgesproken van godslastering. Zij kon geen veilig leven meer opbouwen in Pakistan. Ook in het dorp Gojra liggen christenen nog altijd onder vuur, vier jaar na een hevige geweldsuitbar­ sting. Na een beschuldiging van godslastering gingen woedende moslims de straat op. Zeven christenen kwamen om het leven en meer dan honderd huizen van christenen werden in brand gestoken. Volgens een woordvoerder van de plaatselijke politie dreigt er geen gevaar meer voor de christenen. Toch durven de gevluchte chris­ tenen niet zomaar terug te gaan naar hun huizen. Masih en Raza zijn bang dat ze zullen worden gedood als ze terugkeren. Wilt u bidden voor deze Pakistaanse christenen? Zij zijn vogelvrij.


20

Kerken in Korea Krijn de Jong

De Oogst oktober 2013

Van generatie op generatie Er zijn veel verschillende kerken in Amsterdam, maar er is geen Koreaanse kerk. In Amstelveen schijnt er wel een te zijn, maar als we dan toch de grens over moeten, waarom dan niet gelijk naar Korea? Daar moesten we toch al zijn voor een bruiloft. Natuurlijk gingen we zondags naar de kerk.  

We verblijven op het platteland. De gemeente die we bezoeken wordt getypeerd als behoudend en onafhankelijk. De kerk ligt op een heuvel. Als we uit de auto stap­ pen, worden we overrompeld door een wirwar van gebouwtjes. Het is meer een kerkcomplex. Een man of zeven staat gereed om ons met veel buigingen en vriende­ lijke glimlachen welkom te heten. We krijgen een liturgie in handen gedrukt. Althans, daar gaan we vanuit. Voor ons is het een blad met geheimtaal. Voordat we het kerkgebouw binnengaan, leveren we eerst onze schoenen in.

Voor ons is de liturgie een blad met geheimtaal Tot mijn teleurstelling krijgen we geen plekje in de grote kerkzaal. We moeten naar een andere ruim­ te. Links, over de hele lengte van de kerkzaal is een smal gedeelte dat door ramen van de grote zaal gescheiden wordt. Het is de ruimte voor moeders met kleine kinderen en voor de mensen die vertaling nodig hebben. Gelukkig krijg ik een plekje vooraan bij het raam, zodat ik overzicht heb over de hele kerkruimte. Ik ben onder de indruk van wat ik daar zie. Ik zie enkele honderden mensen op de grond zitten. Sommigen lig­ gen geknield, anderen lezen uit hun Bijbel.

Er heerst een gewijde stilte. Dat op de grond zitten heeft iets nede­ rigs, net als knielen. Je maakt je­ zelf kleiner.

Er heerst een gewijde stilte Ook het gebouw straalt nederig­ heid uit. Het is een loods met van die metalen systeemwanden en een golfplaten dak. Op de vloer ligt lichtbruin glimmend zeil. Voorin de kerk is een laag podium met daarop een preekstoel. Rechts van het podium zit het koor. Het be­ staat uit ongeveer vijftig mannen en vrouwen, die allemaal een witte blouse dragen. De zang wordt begeleid door piano, viool en con­ trabas. Een van de oudsten opent de dienst met gebed. Daarna zingt het koor een lied. De predikant komt naar voren. We beginnen met het gezamenlijk opzeggen van de geloofsbelijdenis. Dan geeft de dominee een uitgebreide inlei­ ding op het Heilig Avondmaal dat deze morgen gevierd gaat wor­ den. Het is een meditatie waarin Bijbelgedeelten worden aange­ haald en overdacht. Veel toehoor­ ders maken notities.

Avondmaal De schalen en de bekers voor het Avondmaal staan op het podium. Ze zijn overdekt met witte lakens. Zeven diakenen, mannen en vrou­

wen, gaan rond met het brood en de wijn. Ze dragen een wit linnen gewaad met een rode kraag. Als ze klaar zijn, knielen ze naast het podium neer voor dankgebed. Daarna gaan ze weer naar hun plaats. Het brood en wijn bleek overigens een plakje rijst en druivensap te zijn. Tijdens het Avondmaal werd gezongen. We herkennen het lied ‘Nader tot U mijn God, zij steeds mijn bee’. Als ik mijn ogen sluit en me probeer te concentreren op het lijden van Christus, heb ik een korte, hevige geestelijke ervaring. Zingen doet iets met je. Onder het horen van het lied van ‘Nader tot U’, kwam bij mij de vraag op hoe de men­ sen, honderd kilometer verderop, in Het Noorden, het Avondmaal zouden vieren. Plotseling voelde ik me bij hen en gelijktijdig zag ik een weg naar Golgotha.

De meeste gemeente­ leden doen ijverig mee Maar de dienst ging weer verder. Jammer dat alles zo snel gaat. Nu luister ik weer naar de predikant. Er is geen schriftlezing. Weer volgen er verschillende schrift­ passages die door de predikant becommentarieerd worden. Een terugkerend thema is ‘leven in Christus’. ‘Het eerste wat we nodig hebben is dat we ons beke­ ren.’ ‘Het christelijk leven is heel


De Oogst oktober 2013

Kerken in Korea Krijn de Jong 21

De gemeente heeft meer dan duizend leden. Ze komen in kleine groepen op verschillende momenten op zondag FOTO DE OOGST en door de week samen.

anders dan het wereldse leven.’ ‘Was Paulus volmaakt? Nee, maar hij wandelde in Christus.’ ‘Dien de Here God in je dagelijks leven.’ Ik hoor Romeinen 8 noemen. ‘We kunnen de zonde overwin­ nen door in Christus te blijven.’ ‘God geeft kracht in de bewaring voor de zonde’. ‘Het belangrijk­ ste is dat we in Christus zijn.’ De dominee neemt de tijd en spreekt met veel stemverheffing. De meeste gemeenteleden doen ijve­ rig mee, maar ik zie ook kinderen tekenen en oude mensen slapen.

Ik voel me wel een beetje een houten klaas Aan het eind van de dienst worden de gasten voorgesteld. Het zijn er zeker een tiental. Als je je naam hoort noemen, moet je opstaan en naar verschillende kanten een buiging maken. Ik doe mijn best, maar voel me wel een beetje een houten klaas.

Maaltijd en groepen De dienst wordt voortgezet met een maaltijd. Onze gastvrouw is een van degenen die deze zon­ dag verantwoordelijkheid draagt voor het eten. Ze was er de hele zaterdag druk mee. Er is geen grote eetzaal, de maaltijd vindt in verschillende gebouwtjes plaats. We nemen plaats op de grond en genieten van de heer­ lijke maaltijd en van de gesprek­ ken. Er zijn wel een paar kleine probleempjes. Die lotuszit zijn we niet echt gewend en ook het eten met stokjes vraagt oefening. Na de maaltijd worden de lage tafels ingeklapt en opgeborgen. De vloer is weer beschikbaar. Nu is het tijd om samen met onze eetgroep de activiteiten voor de komende week door te nemen. Een belangrijk punt betreft de Chinese predikant die binnenkort op een conferentie van de kerk komt spreken. Als verschillende vragen zijn beantwoord, is het tijd voor de ‘small groups’. Iedereen zoekt zijn groep op. We zitten in groepjes van acht tot tien mensen

bij elkaar. In twee andere gebou­ wen vindt een parallelprogramma plaats. In de ‘small group’ wor­ den de zorgen en de zegeningen gedeeld. Een vrouw vertelt over haar moeder die in het ziekenhuis ligt. Een andere vrouw vraagt ge­ bed voor haar zoon die niet meer mee wil naar de kerk.

De oudere jeugd is bijna helemaal verdwenen Inmiddels is in het hoofdge­ bouw de tweede dienst begon­ nen. Wij gaan weer naar huis. Onderweg naar huis hebben we een nabespreking. Er zijn in de gemeente veel volwassenen en veel kinderen, maar de oudere jeugd is bijna helemaal verdwe­ nen. Het probleem lijkt universeel. Wat moeten we vooral behouden, en wat kan anders? Wat is de kern van het christelijke leven? En in welke vorm geven we dat door aan de volgende generatie?


22

Thema Hans Frinsel

De Oogst oktober 2013

Geen superchristenen Bescheidenheid siert de mens. Maar in de praktijk lijkt ‘de mens’ er juist toe te neigen zich met het tegenovergestelde op te tuigen, ook christenen. De geschiedenis bewijst ons dat, onder andere in de manier waarop de kerk eeuwenlang dacht neer te ­mogen kijken op Israël. Een eerlijke vergelijking zou ons misschien bescheidener maken.

Tijdens mijn verlof sprak ik in een gemeente over ons zendingswerk in Afrika. Een broeder onderbrak mij plotseling en stelde dat mijn generatie had gefaald in de Grote Opdracht. Als onze generatie werkelijk in de kracht van de Geest het Evangelie had ver­ breid, zou de wereld nu volledig voor Christus gewonnen zijn. Zijn betoog impliceerde dat de nieuwe generatie het beter zal doen.

Komt er een eindtijd­leger van superchristenen? Herkenbaar in zijn interruptie is de invloed van een bedenkelijke leer, die tegenwoordig verkon­ digd wordt door de ‘profeten­ beweging’, namelijk dat er een eindtijdleger van superchristenen zal opstaan dat de wereld aan Christus zal onderwerpen en zo Gods Koninkrijk inluiden. Op mijn vraag of de eerste gemeente in die mate Geestvervuld was en zo ja, waarom de kerk in de eerste eeuw het werk niet had volbracht, kwam geen antwoord. De eerste gemeente was zeker vol van de Geest. Zij kenmerkte zich door eenvoud, was verachtelijk in de ogen van de wereld, een lijdende kerk, maar wel een zuurdesem dat de hele samenleving doortrok.

Ootmoed Bescheidenheid kenmerkte de eer­ ste christenen, maar dat is helaas lang niet altijd een eigenschap van de christelijke kerk gebleven. Toch stelt Gods Woord dat dit een karaktereigenschap van ieder christen moet zijn: ‘In ootmoedig­ heid achte de een de ander uitne­ mender dan zichzelf’ (Fil. 2:3). Dat kenmerk verdween langzamer­ hand toen de kerk machtig werd. Die ootmoed is de gemeente van Christus ook tegenover Gods volk Israël al vrij vroeg kwijtgeraakt. En dat terwijl Gods Woord ons juist nadrukkelijk vermaant in die relatie bescheidenheid te betrach­ ten en ons niet te beroemen tegen de ‘natuurlijke takken’ (Rom. 11:17-19).

In elke generatie had Christus Zijn getrouwen Sommigen wijzen er graag op dat God Israël als een hardnekkig en ongehoorzaam volk typeerde. Velen willen daarin exclusief een typering van Israël zien en leven in de waan dat wij daar gunstig bij afsteken. De kerk der eeuwen is altijd snel geweest in het zich toe-eigenen van al het goede dat over Israël werd uitgespro­ ken, zonder te willen zien dat de waarschuwingen aan Israël ook heel toepasselijk voor haarzelf

zijn. Als God Israël hardnekkig noemt, dan betekent dat niet dat de rest van de wereld daar gunstig bij afsteekt! Israëls hard­ nekkigheid bleek uit het falen in haar speciale roeping. Zouden andere volkeren het beter gedaan hebben? Heeft de kerk het beter gedaan?

Vergelijking Wie de kerkgeschiedenis bekijkt, moet eerlijk toegeven dat de chris­ tenheid vaak niet zo gunstig af­ steekt bij dat hardnekkige Israël. Was dat te verwachten? Laten we eerst eens een vergelijking maken tussen de verwachting die Mozes van Israël had en de verwachting die Christus had ten aanzien van de kerk in de wereld. Israël was ervan overtuigd dat zij Gods wet zou kunnen houden, maar Mozes voorzegde dat het volk na zijn dood ‘verderfelijk’ zou handelen en zou afwijken van Gods weg (Deut. 31:29). Er ligt hier een interessante over­ eenkomst met een uitspraak van de Here Jezus ten aanzien van de evangelieprediking: ‘Doch, als de Zoon des mensen komt, zal Hij dan het geloof vinden op aarde?’ (Luc. 8:18). Het is de retorische vraag die een verder antwoord vindt in profetieën over de gemeente in de eindtijd. Zelfzucht, meer liefde voor genot dan voor God en afkeer van de gezonde leer zijn enkele kwali­ ficaties in 2 Timotheüs 3 en 4. En Paulus voorzegde nadrukkelijk:


De Oogst oktober 2013

Thema Hans Frinsel 23

Komt er in de eindtijd een leger van superchristenen?

‘Eerst moet de afval komen.’ En dat terwijl de gemeente toch een groot voordeel had boven Israël: de gave van de Heilige Geest.

God gaat door Sommigen zullen hier tegenin brengen dat Christus toch gezegd heeft dat Hij Zijn gemeente zal bouwen en dat de poorten van het dodenrijk haar niet zullen overweldigen. Ja, dat is gelukkig ook zo. Maar daar is Christus al bijna tweeduizend jaar mee bezig. Zijn gemeente bestaat uit veel meer dan de huidige generatie gelovigen. Vele generaties gelo­ vigen zijn ons voorgegaan en in elke generatie had Christus Zijn getrouwen, al lijken sommigen dat te betwijfelen. Zijn gemeente be­ staat uit alle ware gelovigen van alle eeuwen. Het is zo vaak mis­ gegaan met de kerk – net als met Israël – en toch ging God door. Israël kende geestelijke bloeiperio­ des en grote neergang. Het ging in ballingschap. Alles leek afgelopen. Maar God bracht het terug en vol­ voerde Zijn plan. Zijn genade deed en doet Hem doorgaan met Israël. Datzelfde beeld zien we door de eeuwen van kerkgeschiedenis. Het

is Zijn grote genade die Hem door doet gaan, ook al heeft de kerk die de naam van Christus draagt, het zo vaak laten afweten!

Macht betekende geestelijk bankroet Als we heel eerlijk zijn moeten we concluderen dat de kerk, met name wanneer zij meent het zo goed te kunnen, het er niet veel beter van afbrengt dan Israël. Ons past bescheidenheid, zeker in relatie tot Israël. Natuurlijk zullen sommigen tegenwerpen dat dit niet opgaat voor hun gemeente of denominatie. Maar is dat niet kortzichtig? Dat is een moment­ opname. We kunnen onszelf niet los zien van de kerk der eeuwen, zonder welke de huidige generatie christenen niet had bestaan.

Zelfbedrog Er was een tijd dat Europa ‘chris­ telijk’ heette. En wat een leed heeft de kerk in haar hoogmoed Israël niet aangedaan juist in pe­ rioden van grote kerkelijke macht!

Grootheid en macht verworden altijd tot geestelijk bankroet. Juist in tijden van zwakheid en lijden, bloeit het geestelijk leven op. De kerk dacht zo vaak Gods klus wel even te kunnen klaren. Is er histo­ risch of Bijbels gezien reden om te verwachten dat er een generatie superapostelen en profeten zal op­ staan om de wereld aan Christus te onderwerpen? Volgens die superbeweging wel, zoals een van hen op een bekende ‘profe­ ten’ website orakelde: ‘En wij zijn de generatie die het kan!’ (Ryan Wyatt, Elijah List, 7-3-2007). Dat is zelfbedrog of hoogmoed. Maar het is vooral onbijbels. Wanneer zulke zelfoverschatting de kop opsteekt, gaat het onher­ roepelijk mis. Ik weet dat ik vaak heb gefaald en mijn generatie­ genoten ongetwijfeld ook, net als alle generaties voor ons (en gene­ raties na ons zullen doen). Wat we wel mochten doen en bereiken, was puur door genade. Ons past bescheidenheid. Laten we toch leren van onze geschiedenis en van Israël. Hans Frinsel is zendeling en werkt in Guiné-Bissau.


24

Thema Bart Wallet

De Oogst oktober 2013

Lijden voor de heiliging van

de Naam

Vervolgingen, verdrijvingen, moordpartijen – de joodse geschiedenis lijkt een aaneenschakeling van lijden. Steeds weer waren joden het slachtoffer van een haat die onuitroeibaar lijkt te zijn. Ook nu nog is het voor joden in tal van landen gevaarlijk om te leven. Hoe kijkt de joodse traditie eigenlijk zélf tegen dit lijden aan?

Het beeld van de joodse geschiedenis als een aan­ eenschakeling van lijden komt deels omdat vooral de verhalen over vervolgingen en moorden in de loop der eeuwen zijn onthouden. Latere generaties wilden de martelarendood en het lijden van hun voorouders niet vergeten. Natuurlijk kent de joodse geschiedenis ook perioden van voorspoed, van een relatief goed samenleven met andere volkeren. Zeker in de huidige geschiedschrijving wordt gepro­ beerd om het evenwicht terug te brengen.

Vooral de verhalen over vervolgingen en moorden zijn onthouden Voor vele generaties joden hoefde dat echter niet. Zij leden onder het lijden, maar waren er niet door verrast. De rabbijnen hielden hen voor dat het lijden hoorde bij de fase in de geschiedenis waarin joden terecht waren gekomen. Wat bedoelden ze daar­ mee? En welke redenen werden er voor het joodse lijden aangevoerd? De belangrijkste verklaringen zet ik hier op een rij.

Tranendal Het grote scharnierpunt in de joodse geschiedenis is voor de rabbijnen de verwoesting van Jeruzalem en van de Tempel in het jaar 70 na Christus. Tot die tijd woonden veel joden in hun eigen land, in Israël, en was de centrale ontmoetingsplaats tussen God en Zijn volk er: de Tempel. Na de verwoesting breekt de periode van galoet aan, de diaspora, de ballingschap. Dat betekent dat joden buiten het land en zonder de Tempel moeten leven. Weg van

de plek waar God direct ontmoet kon worden, waar de bijbelse voorschriften zijn geschreven en voor zijn bedoeld. Leven buiten het land betekent daarom ook een leven verder verwijderd van God. Het joodse leven in diaspora wordt daarom ook emek habacha genoemd, tranendal. Verstrooid onder de volkeren als een kwetsbare en afhankelijke minder­ heid valt er weinig te verwachten. Lijden en tranen stempelen de periode buiten het land Israël. Want zou het joodse volk werkelijk vreugde en blijdschap kunnen beleven buiten het land, zonder de Tempel?

Lijden en tranen stempelen de periode buiten het land Israël De periode van galoet, van het tranendal, wordt pas beëindigd als de messiaanse tijd aanbreekt. De jo­ den zullen dan terugkeren naar het land, Jeruzalem en de Tempel zullen herbouwd worden en de vol­ keren zullen Israël een veilige plaats gunnen in de wereld. In de tussentijd, tussen de verwoesting en de herbouw van de Tempel, wordt het joodse leven gestempeld door lijden.

Zonde Maar waarom kreeg het joodse volk dan zo’n periode van ballingschap? De rabbijnse bronnen zijn daarin uitgesproken: galoet is een straf op de zonden van het joodse volk. God straft Israël nu zelfs meer dan welk volk dan ook, terwijl de andere volkeren veel grotere zonden begaan. Dat doet God echter uit liefde. Daarbij wordt verwezen naar Amos 3:2: ‘Uit alle volken heb Ik alleen jullie uitgekozen,


De Oogst oktober 2013

Thema Bart Wallet 25

De treinrails naar Auschwitz-Birkenau

en daarom zal Ik jullie voor al je wandaden straffen.’ Omdat Israël het volk van God is, moet Israël ook een heilig leven leiden. Als dat niet gebeurt, dan moet God het volk door lijden verder heiligen. Daar wordt nog aan toegevoegd: God straft het joodse volk nu al in deze wereld, zodat het gerei­ nigd de olam haba, de toekomende, nieuwe wereld zal betreden. De volkeren met hun grote zonden worden echter dan pas bestraft en zullen dan zwaar moeten boeten.

Het tranendal wordt pas beëindigd als de messiaanse tijd aanbreekt Welke zonden heeft Israël echter gedaan om zo zwaar gestraft te worden? De rabbijnse bronnen verwijzen daarbij naar Klaagliederen 5:7: ‘Onze voorouders hebben gezondigd; zij zijn er niet meer, nu dragen wij hun schuld.’ Het volk Israël is een eenheid, zowel in zegen als in schuld staat Israël gezamenlijk voor God. De zonden van het voorge­ slacht werken door in het nageslacht. Daarbij wordt er naar allerlei zonden verwezen. De oerzonde ziet

de joodse traditie echter in het oprichten, aanbid­ den en dansen voor het gouden kalf liggen. Daar is het misgegaan. De Talmoed zegt dat het volk nooit in ballingschap zou zijn gestuurd als het niet bij het gouden kalf had gezondigd (Eroevien 54a).

Haat vanwege Tora Naast de kant van het joodse volk, is er echter ook die van de niet-joden. Zij zijn het immers die joden vervolgen en doen lijden. Waarom doen zij dat? In een woordspel dat voor de rabbijnse bijbeluitleg typerend is, wordt daarop in het traktaat Sjabbat (89a-89b) van de Talmoed een antwoord gegeven. Daar wordt gevraagd: ‘Wat is de Berg Sinaï?’ En het antwoord luidt: ‘De berg die haat bracht over de volkeren van de wereld’. Het woord haat is in het Hebreeuws sin’a en lijkt daarmee sterk op Sinaï. Op de Sinaï gaf God aan Israël de Tora, zijn unieke leef­ regels, zijn Zelfopenbaring. De haat van de volkeren richt zich uiteindelijk daartegen. Zij kunnen het niet zetten dat God Israël verkiest, dat Israël Gods eigen Woord, zijn Tora, heeft ontvangen. Dat werkt natuurlijk ook heel praktisch uit. De grote middeleeuwse joodse bijbeluitlegger Rasji tekent bij dit verhaal aan dat dit al opgaat voor het eten. De Tora vraagt van joden om kosjer te eten, alleen


26

Thema Bart Wallet

De Oogst oktober 2013

dat wat God rein heeft verklaard voor joden. Door de eigen eetregels kunnen joden en niet-joden niet zomaar samen eten. Niet-joden ergeren zich daar­ aan en willen de joden dwingen om met hen mee te doen. De grenzen die de Tora trekt, zijn een bron van ergernis en haat voor niet-joden.

Heiliging van de Naam In de Middeleeuwen kwam er in de joodse traditie nog een achtergrond bij het lijden bij. In die periode vonden de kruistochten plaats. De horden die naar het Heilige Land togen om daar de heilige plaatsen van de heerschappij van moslims te bevrijden, kon­ den niet wachten met vechten en begonnen maar alvast in Europa. Zij trokken een spoor van vernie­ tiging door Europa, waarbij talloze joodse gemeen­ schappen werden uitgeroeid.

De grenzen die de Tora trekt zijn een bron van ergernis voor niet-joden De verschrikkelijke gebeurtenissen die toen plaats­ vonden zijn vastgelegd in verschillende Hebreeuwse kronieken en liturgische gedichten voor de synago­ gedienst. Daarbij wordt niet alleen verteld wat er ge­ beurde, maar wordt er ook een nieuwe duiding aan het joodse leven gegeven. De slachtoffers stierven, zo vertellen deze kronieken, met de belijdenis van Gods eenheid – het sjema – op de lippen. Hun dood was niet slechts een tragisch gebeuren, maar was er voor de kiddoesj ha-sjem, de heiliging van de Naam. Daarmee werd gezegd dat deze slachtoffers van de kruistochten joodse martelaren waren. Hun dood was een getuigenis. Er werden dan ook parallellen getrokken met de ‘binding van Izaäk’ door Abraham in Genesis 22: alleen werd nu Gods zoon, Israël, wel daadwerkelijk geofferd. Joden zijn onder de volke­ ren verspreid om daar trouw te blijven aan God, ook al leven ze buiten het land. Dat kan zover gaan dat zij hun leven daarvoor moeten geven. Dat is geen tragisch ongeval, dat is niets minder dan een heili­ ging van Gods Naam.

Lijden en de Sjoa Het grote lijden dat het joodse volk in de twintigste eeuw is overkomen, de moord op zes miljoen joden in de Sjoa, heeft een geweldige impact gehad op de overlevenden. Velen werden huiverig om de verkla­ ringen die de joodse traditie altijd voor het lijden had geboden, nu weer zomaar toe te passen. Voor hen was de Sjoa zoiets demonisch dat het niet meer verbonden kon en mocht worden met zonden van Israël zelf. Anderen zagen de Sjoa als het ultieme dieptepunt van de ballingschap. De Lubavitscher rebbe zag het als de catastrofe die als barensweeën de komst

Het verlangen naar een einde aan al het lijden is een verlangen naar de Messias.

van de Messias aankondigt. Nu dit vreselijke was gebeurd, kan het niet anders of de grote bevrijding is aanstaande. Ook de stichting van de staat Israël wordt door een deel van de rabbijnen gezien als een begin van het einde van de periode van de balling­ schap. Die is nog niet voorbij – de Messias is nog niet gekomen, de Tempel is nog niet herbouwd – maar een begin is er al wel met de terugkeer van een deel van het volk naar Israël en een hernieuwde eigen staat.

Alleen de Messias kan de ban van de ballingschap doorbreken Het verlangen naar een einde aan al het lijden, zo stelt de joodse traditie, is uiteindelijk een verlangen naar de Messias. Alleen Hij kan de ban van de bal­ lingschap doorbreken en zo de eenheid tussen God, volk en land herstellen. Dat is een verlangen dat christenen mét joden delen. Samen delen zij in de hoop en de verwachting van de toekomst. Dr. Bart Wallet is historicus, gespecialiseerd in joodse studies, en verbonden aan de Vrije Universiteit te Amsterdam. Binnenkort verschijnt van Bart Wallet bij uitgeverij Prometheus/Bert Bakker het boek ‘De ketting is nog ongebroken – Joden in naoorlogs Nederland’. Dit boek vertelt het verhaal van de naoorlogse joden in Nederland, vanuit het idee dat een familie van joodse gemeenschappen is ontstaan, die zich elk op eigen wijze het verleden herinneren en de joodse identiteit vormgeven. Kijk voor meer informatie op www.uitgeverijprometheus.nl.


De Oogst oktober 2013

Politiek Menno de Bruyne 27

Ontrouw vernietigt Stoken in een huwelijk doe je niet. En stoken in een goed huwelijk is ronduit kwaadaardig. Toch is dat precies wat verschillende websites op dit moment doen. Op die sites worden getrouwde mensen opgeroepen om vreemd te gaan.

Als je Kamerleden in de wandel­ gangen van de Tweede Kamer vraagt wat ze van zulke sites vinden, zijn ze bijna unaniem: ‘Als mij dat zou overkomen, zou ik het vreselijk vinden.’ Maar als je vervolgens voorstelt om samen actie te ondernemen, deinzen ze bijna allemaal terug. Daar willen ze hun handen niet aan bran­ den, blijkend uit zinnetjes als: ‘Je hebt in Nederland vrijheid van meningsuiting.’ Of zo’n andere dooddoener: ‘Iedereen moet het uiteindelijk zelf weten.’ Of: ‘Dat is privé, daar heeft de overheid niets mee te maken.’ Zou het? Wie dat beweert, loopt met enorme oogkleppen op. Waar Nederland meer dan aan wat ook behoefte heeft, zijn sterke rela­ ties en intacte gezinnen. Vaders, moeders, kinderen die van elkaar houden, die voor elkaar instaan en trouw zijn. Het mooie is dat de overheid dat ook erkent. In de jeugdzorg bijvoorbeeld. Daar wordt er keer op keer gehamerd dat de ouders verantwoordelijk zijn voor het gezond en veilig opgroeien van hun kinderen. Prima. Maar die­ zelfde overheid geeft opeens niet thuis als het gaat om reclame voor ontrouw, bedrog en oneerlijkheid tussen partners. Dan is het: echt­ scheiding is een privézaak.

Misdaad Mijn stelling: wie geld verdient met het aanprijzen van list en bedrog in gezinnen, is een mis­ dadiger. Wie uit ervaring weet hoe zwaar mannen, vrouwen en kinderen lijden onder een echt­

scheiding, zal die conclusie onder­ schrijven. Uit CBS-cijfers blijkt dat maar liefst veertig procent van de echtscheidingen voortkomt uit vreemdgaan. Jaarlijks zijn er tien­ duizenden kinderen de dupe van! Stapels onderzoeken tonen aan hoe erg het is, en je hoeft maar om je heen te kijken om het met eigen ogen te zien.

Nederland heeft sterke relaties nodig Alleen al daarom is het niet meer dan normaal dat de overheid een heldere norm in relaties stelt. De suggestie dat het normaal is om vreemd te gaan, is absurd. En dat het absurd is mag best gezegd worden, sterker nog: dat moet gezegd worden. Ook door de over­ heid. Maatschappelijke deugden mogen best aangeprezen worden.

Trouw en betrouwbaarheid zijn wezenlijke deugden die mensen en een samenleving tot eer strekken. Wanneer we deze basale normen niet serieus nemen, nemen we onszelf en anderen niet serieus. Zo’n samenleving is of gaat failliet.

Vervolgcampagne Door vreemdgaan aan te moedi­ gen en er niet tegen op te treden wordt een bom gelegd onder relaties, met alle ravage van dien, voor alle betrokkenen en voor de hele samenleving. Het minste wat de regering moet doen is een helder signaal uitzenden. Dat doet zij op veel andere gebieden ook. Iedereen kent nog de over­ heidscampagne ‘Drank maakt meer kapot dan je lief is’. Het is de hoogste tijd voor een vervolg­ campagne, want niet alleen drank maakt meer kapot dan je lief is… Menno de Bruyne is voorlichter van de SGP-fractie van de Tweede Kamer.


28

Zending Marten Visser

De Oogst oktober 2013

Holistisch of halvistisch? Nederlandse christenen zijn gul. Onderzoek liet twee jaar geleden zien dat de gemiddelde Nederland 16 euro per maand aan goede doelen geeft. Kerkgaande christenen geven gemiddeld 69 euro per maand weg. Maar gaat dit geld naar de zending of naar ontwikkelingswerk?

Er is veel om dankbaar om te zijn in het christelijke geefgedrag. Christenen geven zelfs nog iets meer aan niet-christelijke doelen dan niet-christenen, en daarnaast nog grotere bedragen aan ker­ ken en christelijke organisaties. Kerkleden trekken zich niet terug in hun eigen wereldje, maar geven ook gul aan allerlei seculiere organisaties die zich inzetten voor een betere maatschappij (Bron: Trouw geven, eerlijk leven, door TNS Nipo, 2011). Kerkleden blijken het allermeest aan hun eigen kerk te geven, maar zelfs van dat geld wordt een behoorlijk deel doorge­ geven om mensen in binnen- en buitenland te helpen. En daar­ naast houden christenen met hun gulle gaven een heel scala aan christelijke organisaties in stand. Voor de steun aan christelijke organisaties vond ik het interes­ sant om eens te kijken naar hoe de verhouding ligt tussen zen­ dings- en ontwikkelingswerk. Op de webstek van het CBF heb ik gekeken naar de jaarrekeningen en jaarverslagen van de grootste christelijke organisaties die op dit gebied actief zijn. De grotere christelijke organi­ saties die zich bezighouden met ontwikkelingssamenwerking hebben allemaal grote budgetten. De ZOA 42 miljoen euro, Woord en Daad 30 miljoen, Dorcas 20 miljoen, Compassion 13 miljoen, Red een Kind 11 miljoen, World Vision 7 miljoen en Tear 7 miljoen. Daarnaast staan de organisaties

die zending als tenminste één van de kerndoelstellingen hebben. Bij dat lijstje kwam ik uit bij Kerk in Actie met 28 miljoen euro, Open Doors 10 miljoen, de GZB 8 mil­ joen, De Verre Naasten 5 miljoen, Wycliffe Bijbelvertalers 5 miljoen, Operatie Mobilisatie 4 miljoen en de MAF 3 miljoen.

Ontwikkelingshulp is veel duurder dan zending Als je die getallen bij elkaar op­ telt, zie je dat er ruim twee maal zoveel geld naar de organisaties voor ontwikkelingssamenwerking gaat. Maar het werkelijke onder­ scheid tussen zending en ontwik­ kelingssamenwerking is veel gro­ ter. Zo gaat bij Kerk in Actie maar 35% van het budget naar zending en de rest naar ontwikkelings­ samenwerking en diaconaat. Ook bij de meeste andere zendingsor­ ganisaties beslaan hulpprojecten een fors deel van het budget. Bedenk daarbij dat christenen ook nog eens fors bijdragen aan niet-christelijke hulporganisaties. Als dat allemaal wordt meegere­ kend, geven christenen naar ik schat gemiddeld acht keer zoveel geld voor ontwikkelingssamen­ werking als voor zending. Deze situatie roept een aantal gedach­ ten bij mij op.

Holistisch De eerste gedachte is dat ont­ wikkelingshulp duurder is dan zending, dus is het logisch dat er ook meer geld voor nodig is en voor gegeven wordt. Operatie Mobilisatie had 71 mensen in het buitenland zitten, maar deed dat met het redelijk beperkte budget van 4 miljoen euro. De kosten zit­ ten in de uitgezonden mensen en zijn verder redelijk beperkt. Veel van de ontwikkelingsorganisaties zetten in op het sponsoren van kinderen en investeren veel geld in de omgeving van de kinderen om te helpen een goed bestaan voor hen op te bouwen. Dan geef je sneller veel uit. Maar acht keer? Moet het echt acht keer zijn? Verder hebben veel christelijke or­ ganisaties het tegenwoordig over ‘een holistische aanpak’, waar­ bij de hele mens aan bod komt. Regelmatig wordt er door allerlei mensen gerefereerd aan een, ove­ rigens nooit bestaand hebbend, verleden waarbij christenen alleen aandacht voor de ziel hadden en niet voor het lichaam. De aan­ dacht voor ontwikkelingssamen­ werking wordt dan gepresenteerd als holistisch. Halvistisch zou echter een betere term zijn. De ontwikkelingsorganisaties beper­ ken zich namelijk tot ontwikke­ lingssamenwerking. (Compassion is hierbij een uitzondering; zij heeft als nadrukkelijke doelstel­ ling dat ieder gesponsord kind het Evangelie hoort.) De zendingsor­ ganisaties zijn degenen die echt


De Oogst oktober 2013

holistisch werken. Zij hebben aandacht voor de geestelijke kant, terwijl ze tegelijkertijd ook hulp verlenen.

Etiket Professionalisering leidt tot ontchristelijking. Het is geweldig om te zien dat de ontwikkelings­ organisaties die vanuit christelijk Nederland zijn opgezet, zo goed en professioneel opereren. Maar ik vind het jammer dat dat gepaard gaat met het verlies van een holis­ tische aanpak waarin ook aan­ dacht is voor het geestelijke leven. Bij een organisatie als de ZOA is het mij volstrekt onduidelijk wat de christelijke identiteit toevoegt aan het werk dat gebeurt. Woord en Daad was een generatie gele­ den een mooie naam voor de be­ ginnende organisatie. Inmiddels zou de naam Daad en Daad pas­ sender zijn. De christelijke identiteit van de ontwikkelingsorganisaties loopt daarmee het risico meer een fondswervingsinstrument te zijn dan dat het betekenis heeft voor het werk dat wordt gedaan. In sommige gevallen blijkt het

ontstaan binnen de christelijke wereld voldoende garantie voor steun, ook al is er niets chris­ telijks aan het werk te ontdek­ ken. In andere gevallen wordt er nadrukkelijk een poging gedaan de christelijke bewogenheid van de organisatie en het christelijk geloof van de ontvangende partij naar voren te brengen, terwijl de inhoud van het werk evenzeer niets christelijks heeft. Soms wordt zelfs het etiket ‘zending’ geplakt op iets dat alleen ontwik­ kelingssamenwerking is. Het mag allemaal, maar enthousiast kan ik er niet van worden.

De verkondiging van het Evangelie dreigt onder te sneeuwen De echte zending, de verkon­ diging van het Evangelie aan hen die de Here Jezus nog niet kennen, dreigt in al het ontwik­ kelingssamenwerkingsgeweld onder te sneeuwen. Dat mag niet

Gaan onze giften naar ontwikkelingshulp of naar zendingswerk?

Zending Marten Visser 29

gebeuren. Hoeveel waardering ik ook heb voor ontwikkelingssa­ menwerking, ik geloof niet dat het een teken van een gezond gees­ telijk leven is dat Nederlandse christenen acht keer zoveel geven voor het lenigen van materiële als van geestelijke nood.

Niet bij brood alleen ‘Wat baat het een mens als hij de hele wereld wint en aan zijn ziel schade lijdt?’ Dat is een heel onholistische vraag. Hij zou inmid­ dels heel wat hoofdschuddende reacties oproepen als Degene die hem stelde niet zo’n gezag in onze kring genoot. Misschien moeten we de volgende keer dat we onze giften overmaken die vraag nog eens goed op ons in laten werken voordat we op ‘verzenden’ klik­ ken. Hopelijk zullen organisaties als Open Doors, de GZB, De Verre Naasten, Wycliffe en al die organi­ saties die in hun werk duidelijk la­ ten zien dat ze weten dat de mens niet bij brood alleen leeft, dat merken op hun bankrekening. Marten Visser is kerkplanter in Thailand. Zie ook: www.vissers.me.


30

Israël Kees Jan Rodenburg

De Oogst oktober 2013

Teken van hoop De laatste jaren ben ik zelden zo onder de indruk geweest van een boek als toen ik Future Tense las. Bijna toevallig kwam ik het tegen in een boekhandel op vliegveld Ben Goerion in Israël. Het boek wijst erop dat de aanwezigheid van het Joodse volk tussen de andere volken een hoopvol teken is.

Het boek is al enkele jaren oud, maar tot op heden niet versche­ nen in het Nederlands en dat is meer dan jammer. De auteur, Jonathan Sacks, geeft in dit prachtige boek zijn visie weer op de taak van Israël in de com­ plexe wereld van de 21e eeuw. Tegenover de vele negatieve stemmen over Israël betoogt Sacks op inspirerende wijze dat de aanwezigheid van het Joodse volk tussen de andere volken een hoopvol teken is. In de laatste zin van zijn boek verwoordt hij het zo: ‘De opdracht van Joden blijft om in een tijdperk van angst stem te geven aan de hoop.’

De wereldwijde aandacht voor Israël is buiten proportie Jonathan Sacks is geen onbe­ kende. Tot kort geleden was hij opperrabbijn van het Britse Gemenebest. Sacks is een invloed­ rijke stem in de joodse wereld, maar ook ver daarbuiten. Een van zijn bekendste publicaties is het boek Leven met verschil (dat wel in het Nederlands verkrijgbaar is). De rabbijn behoort tot de modernorthodoxe beweging. Kenmerkend voor die beweging is dat zij wil vasthouden aan een leven met de Tora en alle voorschriften van het jodendom naleeft. Tegelijkertijd

wil deze stroming zich niet op­ sluiten in een ivoren toren, maar serieus ingaan op de thema’s en vragen van de moderne tijd. Veelzeggend is de ondertitel van Sacks’ boek over Israël: A Vision for Jews and Judaism in the Global Culture. Het boek gaat niet over Israël alleen, maar juist over de relatie tussen Israël en de wereld. Een onderwerp dat uiterst actueel is.

Vergrootglas De joodse wereld staat in veel opzichten onder druk. Dat klinkt bekend. De wereldwijde aandacht voor Israël is buiten proportie. Alles wat er gebeurt, wordt on­ der het vergrootglas gehouden, beoordeeld en vaak veroordeeld. De veiligheid van het land wordt jaar in jaar uit beproefd. Joden in allerlei landen, waaronder Nederland, melden dat zij worden lastiggevallen en zich niet veilig voelen. Ook Sacks noemt antise­ mitisme en afwijzing als dreigend gevaar. Maar hij wijst op nog iets anders, namelijk dat de conti­ nuïteit van het Joodse volk niet langer zeker is. Veel jonge Joodse mannen en vrouwen voelen zich geen deel meer van het Joodse volk. Sacks schrijft dat buiten het land Israël maar liefst een op de twee Joodse jongeren ervoor kiest om de Joodse identiteit op te geven. Daarnaast speelt binnen de Joodse wereld nog een andere tendens, namelijk de toenemende onderlinge verdeeldheid. Volgens

Sacks wordt het steeds moeilij­ ker te spreken over de identiteit en het geloof van het ene Joodse volk.

Leven naar de toekomst Als je dit alles op je laat inwer­ ken, gaat er een huivering door je heen. Hoe zal het verder gaan met dit volk? Kan het tij nog keren? Sacks lijkt daaraan niet te twijfe­ len. Volgens hem hebben al deze ontwikkelingen met elkaar te ma­ ken en is de kern ervan dat Joden weer moeten ontdekken waarom zij er zijn en welke plaats zij inne­ men in de wereldgemeenschap.

Aan Israël zien we dat er een God is die liefheeft Sacks brengt met verve naar voren dat het jodendom op de toekomst gericht is omdat God Zelf dat is. Vandaar de titel van het boek, Future Tense. Dit bete­ kent dat de mens in vrijheid kan kiezen naar welke toekomst hij zich uitstrekt en zich niet hoeft laten leiden door het verleden. Dat is een hoopvolle boodschap voor Joden en voor heel de wereld. We hoeven het leven niet te beleven als een tragedie, waarin we het lot proberen te ontlopen maar daarin niet slagen. Israël getuigt van een andere kijk op het leven. We zijn niet alleen, alles bestaat vanwege Gods liefde. Aan Israël


De Oogst oktober 2013

Israël Kees Jan Rodenburg 31

Alles wat er rond Israël gebeurt, wordt onder een vergrootglas gehouden.

zien we dat er een God is die lief­ heeft, kent, luistert, vergeeft en onderwijst.

Joden moeten vooral niet wanhopen Volgens Sacks hoeven Joden zich dan ook niet te laten leiden door moedeloosheid en het gevoel slachtoffer te zijn, maar kunnen zij boodschappers zijn van hoop. Dat kan zelfs als je een geschiedenis van vervolging, afwijzing en de verschrikking van de Holocaust meedraagt, betoogt Sacks. Wie leeft in de aanwezigheid van God, is niet immuun voor lijden, schrijft hij, maar kan toch met Psalm 23 zeggen: ‘Al ga ik door een dal van diepe duisternis, ik vrees geen kwaad, want Gij zijt bij mij.’ Joden moeten dan ook vooral niet wan­ hopen en zich niet terugtrekken in een zelfgekozen isolement. Dit is een boodschap die de wereld nodig heeft!

Stok of woord De gedachten van Sacks geef ik met enige schroom weer. Het gloedvolle betoog van Sacks raakt mij, maar als christen uit Europa heb ik een andere positie dan hij. Het is niet aan mij om Joden iets voor te schrijven. Ik kan alleen beamen dat deze kijk van Sacks me inspireert en ik er hoop uit put. Wat zou het een geweldige verandering teweegbrengen in de internationale wereld als deze boodschap wordt gehoord en dit onze eerste associatie is bij Israël.

Vastgeroeste patronen moeten worden doorbroken Daarvoor moeten bestaande en vastgeroeste patronen worden doorbroken. Sacks geeft een bijzonder verrassende uitleg van moment uit het leven van Mozes. Als er weer eens watergebrek is,

grijpt hij naar zijn stok en slaat ermee op een rots (Num. 20). Net als de vorige keer (Ex. 17). Hij doet wat hij in een eerdere situatie deed, maar beseft niet dat God deze keer tegen hem had gezegd dat hij tegen de rots moest spreken. Net als Mozes val­ len wij vaak terug op onze auto­ matische reacties en ontgaan ons de verschillen tussen de situatie waarin we ons bevinden en die van vroeger. Dat is desastreus. Sacks merkt scherpzinnig op dat Mozes in de eerste situatie leiding gaf aan een groep slaven die niet anders kende dan de taal van de stok. Veertig jaar later was deze groep tot een volk geworden, dat de taal van het woord had leren spreken. Handelingen en reacties die op een bepaald moment goed zijn, kunnen dat op een ander moment juist niet zijn. We moeten ons niet laten leiden door het ver­ leden, maar mogen met vertrou­ wen gericht zijn op de toekomst. Kees Jan Rodenburg is directeur van de Near East Ministry.


32

DVD en boek

De Oogst oktober 2013

Somebody’s Daughter Laat ik maar meteen met de deur in huis vallen: deze documentaire is een ‘must see’ voor mensen die worstelen met een pornoversla­ ving (en voor hun partners). Vier mannen, waaronder een voorgan­ ger en een bekende christelijke artiest, vertellen over hun strijd met pornografie. Open, eerlijk, kwetsbaar en hoopvol. Vooral dat laatste aspect komt nadrukkelijk aan de orde: Het is nooit te laat. In Christus is vergeving en herstel mogelijk, ook als je dat voor jezelf niet meer kunt voorstellen. De documentaire duurt ongeveer een uur en door de getuigenissen heen zie je scènes van een vader met een gezin die constant keuzes moet maken: wel kijken, niet kijken, wel naar een prostituee gaan, niet gaan.  Geen van de mannen had ooit gedacht verslaafd te worden en verstrikt te raken in een dubbel­

leven. Ze waarschuwen dan ook allemaal met klem dat het kijken van porno nooit vrijblijvend is – uiteindelijk verwoest het je leven. Een paar prikkelende citaten uit de documentaire: ‘Ik riskeerde zoveel voor zo weinig. Stel je voor dat mijn kinderen zouden binnen­ komen terwijl hun vader porno zit te kijken op de computer!’ ‘Door porno voelde ik me een man, zonder dat ik een man hoefde te zijn.’ ‘Porno is zo krachtig dat het elke culturele groep binnen kan dringen.’ ‘Porno berooft mannen en vrouwen van hun waardig­ heid.’ ‘Ik durfde het niet te vertel­ len, want ik was bang dat ik er dan alleen voor zou staan en mijn vrouw me zou verlaten.’ Nogmaals, een aanrader. Koop en kijk!

‘Somebody’s Daughter’. Deze dvd is te bestellen bij Sabra, bestelcode V7656, prijs € 9,99. In Nederland uitgebracht door Neema.

Lana Kooijman

De stilte van God Hoe ga je om met geloofstwijfel? Wat doe je als God ver weg lijkt? Waarom is geloven soms zo moeilijk? Sonneveld belicht met zijn boek over geloofstwijfel deze levensvragen vooral van de ratio­ nele kant. Hij bespreekt een enorme diver­ siteit aan vragen en geeft diverse oplossingen aan. Daarbij sluit hij aan bij de moderne cultuur: hij put volop uit media, literatuur, muziek en film. Boeiend is dat hij het onderzoek van dr. Paul Vitz aanhaalt en verder uitwerkt. Deze psycho­ loog was het opgevallen dat veel vooraanstaande atheïsten een slechte of zelfs geen relatie had­ den met hun vader. Terwijl van vele vooraanstaande gelovigen juist bekend is dat zij een goede band hadden met hun vader. Hierbij komt Sonneveld met de stelling: de afwezige vader wordt

de afwezige Vader. Ik wil daarbij aansluiten en alle vaders oproe­ pen om dagelijks tijd te nemen voor je kinderen. Breng ze niet alleen naar de muziekles of sport­ club, maar lees samen met hen de Bijbel, spreek over wat het betekent om Christus te volgen in je dagelijks leven. Al met al schreef Sonneveld een indringend en prikkelend boek waarin hij vooral meer rationeel ingestelde mensen uitdaagt. Het boek bevat tal van originele en verrassende waarnemingen. Als mooi voorbeeld: de 613 ge­ boden waar de orthodoxe Joden zich aan moeten houden zijn maar een fractie vergeleken met de ruim 2.000 geboden die in het Nederlands Wetboek van Strafrecht staan waar wij ons aan dienen te houden… Pieter de Boer

De stilte van God. Waarom geloven moeilijk is, door Reinier Sonneveld, 383 pagina’s, prijs € 17,90. Uitgave Buijten & Schipperheijn, Motief, 2013.


De Oogst oktober 2013

Boek Marc de Vries 33

De cybersamenleving Dit is typisch zo’n boekje dat iedereen zou moeten lezen die denkt dat hij of zij niet zo veel met techniek heeft en daar zich dus niet in hoeft te verdiepen. Wij hebben allemaal heel veel met techniek. Iedereen gebruikt mobieltjes, mp3-spelers, laptops, i-Pads, en dan noem ik alleen maar de elektronica.

Dat veel van die techniek een regelrechte aanslag op onze privacy is, beseffen maar weinig mensen. Deze uitgave van Jaap Spaans, bepaald geen onbekende voor lezers van De Oogst, is dan een eyeopener. De biometrische gegevens in ons nieuwe paspoort, de medische gegevens in ons elektronisch patiënt dossier, de ‘cookies’ op onze computer (of is het u nooit opgevallen dat er na bezoek aan een online boekhan­ del ineens allerlei reclames in de zijlijn van uw scherm verschijnen met titels verwant aan titels die u net gekocht hebt?), het zijn alle­ maal openingen naar uw privéle­ ven voor wie er bij kan. Natuurlijk wordt geprobeerd dat met wet­ geving in te dammen, maar het is inmiddels wel duidelijk dat de creativiteit in het omzeilen daar­ van groot is. In het laatste hoofdstuk geeft Spaans aan wat een spanningen dat oplevert voor een rechts­ staat. Bewaking van ieders vei­ ligheid kan op gespannen voet komen te staan met privacy. Big brother is watching you. Boeiend is ook te lezen hoe Spaans de relatie legt met de globalisering die mensen wereldwijd met elkaar in verbinding gebracht heeft en mogelijkheden biedt tot informatieverspreiding op mondiaal niveau. Kortom: een up-to-date informatiebron, die bovendien vlot en toegankelijk geschreven is.

Bijbelse visie Eén ding blijft er nog te wen­ sen: de bijbelse bezinning is wat dunnetjes uitgevallen en zou wat meer ‘body’ mogen heb­ ben. Het boekje lijkt meer in te spelen op onze angst om privacy te verliezen dan op een bijbelse visie op privacy. Heel even, op pagina 30, duikt ze op, en wel in de vorm van een verwijzing naar Deuteronomium 24:11 (een tekst over een crediteur die buiten moet wachten terwijl een debiteur zijn onderpand naar buiten brengt) en de latere joodse traditie. De verwijzingen naar Esther en Daniël leveren eigenlijk geen bijbelse richtlijnen op, maar geven slechts aan wat er kan gebeuren met informatie.

op de mens (zowel de oorspron­ kelijke mens die nog ten volle het beeld van God droeg, als van de gevallen mens) te zeggen zijn over rechten op privacy en de beper­ kingen die een overheid daaraan mag opleggen? Misschien een uit­ daging aan de auteur om daar nog eens wat meer over te schrijven in De Oogst of in een volgende uitgave. Marc de Vries is bijzonder hoogleraar reformatorische wijsbegeerte aan de Technische Universiteit Delft.

Veel techniek is een regelrechte aanslag op onze privacy Er hadden hier vragen gesteld kunnen worden, die normaal niet zo aan de orde komen in het debat over privacy. Er is ongetwijfeld wel meer te zeggen over privacy dan de verwijzing naar die ene tekst uit Deuteronomium. Recht op privacy heeft te maken met ons mensbeeld, en daarover heeft de Bijbel beslist veel te zeggen. Wat zou er vanuit een bijbelse visie

De cybersamenleving. Ethische en praktische kanttekeningen, door Jaap Spaans, 44 blz., € 5,-. Uitgave Jaap Spaans Publicist, 2013. Te bestellen via de website: www.jaapspaans.nl.


34

Column Gerry Velema

De Oogst oktober 2013

Verloren volk? Opgegroeid in een gemeente met een sterk geestelijke Israëlvisie, is me weinig besef mee­ gegeven over de betekenis van het huidige Israël. Israël is in mijn leven te lang een discussie­ onderwerp geweest, maar niet iets van mijn hart. Hete hoofden en koude harten, wat levert het op? Heeft Israël mij als christen vandaag nog iets te zeggen, dat is toch veel belangrijker?  Zoals in veel gezinnen hebben de jongsten voordeel van de fouten van de oudere kinderen. Wij weten als christenen, het jongere zusje van onze oudste broer Israël, vaak als de beste wat er allemaal niet goed gaat in Israël. Hun relatie tot de Here God is voor ons soms te vatten in slechts één enkel Bijbelvers:

zolang Mozes wordt voorgelezen is er een (tijdelijke) bedekking over hun ogen. Zie je nu wel: Ze kunnen God nauwelijks zien, im­ mers Jezus heeft ons de Vader leren kennen. En toch... ondanks dit, die vraag: maar heeft dit oude volk van God nog een stem? Heeft het nog licht en betekenis in deze wereld en ook voor mij?  Ja! Hun enorme betekenis en ge­ tuigenis ligt in hun God, de trouw van de God van Israël. God laat nooit varen het werk dat Hij eens is begonnen. Dat geloof ik toch! Toen ik besefte dat Gods trouw in het geding is, als het om Israël gaat, raakte juist hun bestaan mijn geloofssnaren aan. Al heb­ ben mijn Joodse broers en zussen nog niet hun knie gebogen voor Jezus, ik zie op naar de Here God,

die zegt dat Hij hen in het vizier zal houden en geen van Zijn beloften zal vergeten of breken. Israël is nog steeds getuigend in deze wereld. Het troost mij enorm, omdat in al hun verlo­ renheid, zij niet verloren zijn, want God houdt hen vast. En waar God trouw is aan Israël, is Hij trouw aan de wereld en ook aan mij.

Gerry Velema is schrijfster. Zie ook www. bemoedigings­ site.nl.

Ja, ik wil mij abonneren op de Oogst

1

Ik neem een jaarabonnement (22,50 euro per jaar) * Ik geef een jaarabonnement cadeau (eenmalig 22,50 euro) *

2

Ik neem een proefabonnement van drie maanden ** * Ik machtig Tot Heil des Volks om het abonnementsgeld van mijn rekening af te schrijven ** Ik ontvang geen welkomstcadeau

1. Kracht in Zwakheid Een boek over vergeving en herstel na relationele en seksuele zonde. Andrew Comiskey

Mijn gegevens: naam

dhr. / mevr.

straat pc en woonplaats telefoon e-mail

Ja, ik meld me aan voor de e-mailnieuwsbrief van Tot Heil des Volks

geb. datum

2.Leunend op mijn Geliefde Leven met lesbische gevoelens. Een integer en eerlijk verhaal over gevoelens. Jeanette Howard

rekeningnummer datum

4

handtekening

welkomstcadeau

3

Ik geef mijn abonnement aan: naam

dhr. / mevr.

straat pc en woonplaats telefoon / e-mail

Opgeven kan ook via www.deoogst.nl. Deze bon kunt u gratis opsturen naar: Tot Heil des Volks, antwoordnummer 9389, 1000 XH Amsterdam.

3. Gedicht Gedacht Korte, fijngevoelige commentaren bij gedichten Krijn de Jong 4. Giftcard Krijg 20 euro korting op een wandeling van De Wandelende Tak www.ontmoetamsterdamanders.nl

Aan het einde van het abonnementsjaar wordt uw abonnement automatisch verlengd, tenzij u een maand van tevoren het abonnement opzegt. Cadeau- en proefabonnementen worden niet automatisch verlengd.

Abonneren_BS_afloop.indd 1

28-08-13 14:44


De Oogst oktober 2013

Hoofdkantoor

Different

Evangelisatie, hulpverlening en profetisch geluid O.Z. Voorburgwal 241 1012 EZ Amsterdam t 020-3446310 f 020-4202394 e info@totheildesvolks.nl i www.totheildesvolks.nl Bereikbaar: van maandag tot donder­ dag tussen 9.00 en 16.30 uur (behalve de lunch). Vrijdag van 9.00 uur tot 12.30 uur.

Hulp bij problemen met seksuele identiteit Goudsbloemstraat 38 1015 JR Amsterdam t 020-6256797 e info@different.nl i www.different.nl

De Shelter Youth Hostel Ministry e info@youthhostelministry.org i www.youthhostelministry.org The Shelter City Barndesteeg 21 1012 BV Amsterdam t 020-6253230 f 020-6232282 e city@shelter.nl i www.shelter.nl The Shelter Jordan Bloemstraat 179 1016 LA Amsterdam t 020-6244717 f 020-6276137 e jordan@shelter.nl i www.shelter.nl

Scharlaken Koord Straatwerk, preventie en hulp­ verlening rond prostitutie Barndesteeg 25 1012 BV Amsterdam t 020-6226897 f 020-3302224 e info@scharlakenkoord.nl i www.scharlakenkoord.nl Preventiewerk t 020-6260845 e info@bewareofloverboys.nl i www.preventiescharlakenkoord.nl

CHAP Christelijke hulpverlening bij seksverslaving Goudsbloemstraat 38 1015 JR Amsterdam t 020-4209203 e info@chap-nederland.nl i www.chap-nederland.nl i www.ben-ik-seksverslaafd.nl

Waypoint Urk Verslavingzorg en preventie De Noord 8 8321 BA Urk t 0527-690073 e info@waypoint-urk.nl i www.waypoint-urk.nl Kringloop Waypoint Vliestroom 21 8321 EG Urk t 0527-239924 e kringloop@waypoint-urk.nl i www.kringloopwaypoint.nl

Waypoint Kampen

Tot Heil des Volks 35

Dank voor uw steun Onder dank ontvingen wij in de maand augus­ tus de volgende giften: Algemeen 18.947,30 AHA 242,85 CHAP 222,50 Different 394,50 Fonds GodsdienstVrijheid 516,00 Habakuk 5,00 Kinderwerk De Bewaarschool 25,47 De Oogst 133,61 De Sikkenberg 600,00 Scharlaken Koord Amsterdam 10.324,29 Scharlaken Koord Deventer 716,00 Waypoint Urk 604,50 Youth Hostel Ministry 790,50 ---------------Totaal € 33.522,52

Boven Nieuwstraat 105-1 8261 HC Kampen t 038-3316660 e info@waypoint-kampen.nl i www.waypoint-kampen.nl

Boeken uitgelicht

De Sikkenberg

Eva wordt vanaf haar geboorte door haar va­ der miskend en mishandeld. Ze belandt in een verkeerd circuit en uiteindelijk in de prostitu­ tie. Vijf jaar leidt ze een dubbelleven. Nadat ze van haar pooier een abortus moet regelen voor een andere prostituee, weet ze ternauwernood aan het wereldje te ontsnappen en leeft ze in angst verder. Tijdens haar vlucht van camping naar camping maakt ze op bijzondere wijze kennis met het Evangelie. Een lange weg van herstel volgt. Prijs: € 6,90.

Christelijk recreatiepark Sikkenbergweg 7 9591 TD Onstwedde t 0599-661144 e info@sikkenberg.nl i www.sikkenberg.nl

AHA Dagopvang voor dak- en thuislozen Oudezijds Voorburgwal 125 1012 EP Amsterdam t 020-6274422 e info@aha-dagopvang.nl i www.aha-dagopvang.nl Regelmatig onze digitale nieuwsbrief ontvangen? Meld je aan op: www.totheildesvolks.nl. Volg ons op Twitter: @thdvamsterdam www.facebook.com/totheildesvolks Mochten er in deze publicatie afbeeldingen staan waaraan rechten kunnen worden ontleend, dan verzoeken we u contact op te nemen met de uitgever.

Testament en giften Testament Wilt u onze stichting testamentair gedenken? De tenaamstelling dient te luiden: Stichting Tot Heil des Volks te Amsterdam. De stichting bezit rechtsgeldigheid en is ingeschreven in het stichtingenregister bij de Kamer van Koophandel, dossiernummer 40530233. Giften Bankrekening 104944 t.n.v. Stichting Tot Heil des Volks IBAN: NL34INGB0000104944 De stichting beschikt over een ANBI-verklaring. Voor giften en abonnementsbetalingen uit het buitenland: ABN-Amro te Amsterdam: 4667.85.992 t.n.v.: St. Tot Heil des Volks, Amsterdam IBAN code: NL38ABNA0466785992 BIC code: ABNANL2A (Beide codes vermelden)

Er is een uitweg

Dat jij nog leeft… Het verhaal van Rooie Bram: van drugscri­ mineel tot preventiewerker. Bram vertelde zijn levensverhaal aan Krijn de Jong, die het opschreef. Een verhaal van verwondering: ‘Dat jij nog leeft!’ Prijs: € 8,90. Beide boeken zijn verkrijgbaar in de christelijke boekhandel of te bestellen bij uitgeverij Buijten & Schipperheijn, zie www.buijten. nl of bel: 0205241010.




S ď ď ď ç Œ ‚ æ P P ß į ,íµįĻ

į µ æ Ã ğ Œ Ã ʼn ı Ĥ ğ Œ ( ØÕĥ í F į ĥ Œ ‚ į Ù Ã Œ į IJ =í

P



(íàįíí֞

Grachtenwandelingen

Grachten in de herfst De bomen langs de grachten beginnen te kleuren. Amsterdam ziet er in de herfst prachtig uit. Doe mee met een wandeling langs onze projecten of door de Jordaan. In november zijn de laatste grachtenwandelingen in het kader van 400 jaar grachtengordel. Mis het niet! De wandelingen 9 oktober 17 oktober 23 oktober 31 oktober 15 november 30 november

Oude Jodenbuurt 1 Projectwandeling Oude Jodenbuurt 1 Jordaanwandeling Grachtenwandeling Grachtenwandeling (zaterdag)

Wandelende Tak De Ontmoet Amsterdam Anders.nl telefoonnummer: (020) 344 63 10 info@ontmoetamsterdamanders.nl www.ontmoetamsterdamanders.nl

Meer info Ga naar onze site voor mee r info én opga ve!

Met medewerking van

GEZOCHT:

Graag openen we onze tweedehands kledingwinkel Second Step (in Amsterdam) ook op zaterdag. De Wandelende Tak heeft veel wandelingen op zaterdag. Voor de deelnemers én de mensen uit de buurt willen we graag open zijn. We zijn op zoek naar vrijwilligers die eens in de drie maanden (of vaker) aanwezig kunnen zijn voor de verkoop van tweedehands kleding. Ook wordt aan bezoekers van de winkel een kopje koffie of thee met iets lekkers aangeboden. De opbrengst van Second Step is bestemd voor het werk van Scharlaken Koord. In de winkel wordt samengewerkt met vrouwen in moeilijke omstandigheden die in de winkel zelf en in het bijbehorende atelier een eerste stap zetten op weg naar betaald werk. Interesse? Stuur dan een e-mail naar info@ontmoetamsterdamanders.nl. Second Step: www.secondstepshop.nl Scharlaken Koord: www.scharlakenkoord.nl De Wandelende Tak: www.ontmoetamsterdamanders.nl


De Oogst oktober 2013