Issuu on Google+

Buytenhout, voor wie van buiten houdt! Augustus 2009 • In opdracht van de gemeente Zoetermeer


Kern: Op basis van twee werksessies met betrokken gemeentes en beherende partijen adviseert Terra Incognita hoe te komen tot meer dan de som der delen bij het beschouwen van de verschillende parken als een stadsregionaalpark. Daarbij gaat het enerzijds om de ambitie en anderzijds om een programma van vervolgstappen die deze ambitie verwezenlijken. Het advies gaat niet in op de organisatorische kant van het park.


Eindrapport

Buytenhout, voor wie van buiten houdt

In opdracht van: •

Gemeente Zoetermeer

In samenwerking met: • • • •

Gemeente Delft Gemeente Pijnacker - Nootdorp Staatbosbeheer Groen Service Zuid Holland

Uitgevoerd door: • Terra Incognita stedenbouw en landschapsarchitectuur


Colofon De studie Buytenhout werd uitgevoerd in opdracht van de gemeente Zoetermeer i.s.m. de gemeente Delft en Pijnacker Nootdorp, Staatbosbeheer en Groenservice Zuid Holland. Contactpersoon opdrachtgever: • Arnout Kruijshaar - gemeente Zoetermeer • Postbus 15 - 2700 AA - Zoetermeer • 079 34 69 705 - A.Kruijshaar@zoetermeer.nl Aan de werksessies werkten mee: • Sieward Tichelaar Pijnacker Nootdorp • Diny Tubbing Delft • Frits Doeleman Delft • Jenny van Leeuwen Staatsbosbeheer • Noël Versteeg Staatsbosbeheer • Arnout Kruijshaar Zoetermeer • Daniël Bakker Groen Service Zuid Holland • Jan Maurits van Linge Terra Incognita • Henk de Wit Terra Incognita

De studie werd opgesteld door: • Jan Maurits van Linge & Henk de Wit • Terra Incognita Stedenbouw & Landschapsarchitectuur • Veemarktkade 8 (C34A) - 5222 AE - Den Bosch • 073 623 8991 - janmaurits@terra-i.nl - www.terra-i.nl




Inhoudsopgave Hoofdstuk 1- Inleiding .............................................................................. 7 Intermezzo naamgeving .................................................................................. 9

Hoofdstuk 2 - Quickscan van visies en plannen voor de toekomst13 • • • •

Kenschets Buytenhout huidige situatie Beschrijving afzonderlijke parkdelen Observaties Aanbeveling

Hoofdstuk 3 - Ambities ............................................................................ 25 • • • •

Parken in één routenetwerk Parken met een gemeenschappelijke basis Eén regiopark Conclusie

Hoofdstuk 4 - Doelstellingen .................................................................. 29 A. B. C. D. E. F. G. H. I. J.

Maak van de parkenreeks een geheel met behoud van karakteristieken Verbeter de relatie met de omliggende steden Ontwikkel eenduidige entrees aan het park Creëer een juiste balans tussen natuurwaarden en recreatiedruk Park richt zich op de diversiteit aan doelgroepen Ontwikkel het routenetwerk tot een divers en eenduidig systeem Slecht de barrières tussen de parkdelen Behoud en ontwikkel de centrale open ruimte(s) Eenduidige promotie maakt Buytenhout tot een begrip in de regio Zorg voor een geoliede organisatie

Intermezzo - Joep,Ypenburg 2015 ............................................................... 34

Hoofdstuk 5 - Het vervolg ...................................................................... 37

Buytenhout, voor wie van buiten houdt • Augustus 2009







Hoofdstuk 1

D

Inleiding De gemeenten Zoetermeer, Pijnacker-Nootdorp en Delft hebben samen met Staatsbosbeheer en Groenservice Zuid-Holland de afgelopen tijd de mogelijkheden verkend voor het afstemmen van het beheer van de parkenreeks tussen Delft en de Nieuwe Driemanspolder. Dit is een van de uitlopers van Midden Delfland waar in het kader van het Randstad urgent project het tegengaan van versnippering van groen wordt onderzocht. Dit wordt gezien als een regionaal park dat de aanliggende steden en wijken met het Groene Hart kan verbinden. Het regionaal park Buytenhout sluit aan bij de recreatievisie van de ANWB voor het Groene Hart waarin (stads)regionale parken aan de rand van het Groene Hart zorgen voor een recreatieve impuls en een recreatieve intermediair tussen stad en landschap. De vraag die voorligt, is of naast beheer ook de ontwikkeling van de parken gezamenlijk ter hand genomen moet worden en welke kansen dat kan bieden in de toekomst. Oftewel kunnen de parken Buytenpark, Westerpark, De Balij, het Bieslandse Bos, de Dobbeplas, de Delftse Hout en ook de, nog te realiseren, Nieuwe Driemanspolder zich ontwikkelen tot meer dan de som der delen?

Buytenhout, voor wie van buiten houdt • Augustus 2009




Groene Hart

Buytenpark Nieuwe Driemanspolder Den Haag - Leidschenveen

Westerpark

Zoetermeer

In een samenwerkingspilot in 2008 lag de nadruk op het onderzoeken van kansen voor gezamenlijk beheer. In dat kader is een succesvolle beheerdersdag georganiseerd. In samenwerking werden ook letterlijk de parken op de kaart gezet onder de titel van Delftse Hout tot Buytenpark. Tot slot werden gebruikersonderzoeken in de verschillende parken met elkaar in verband gebracht. Deze eerste stappen zijn geĂŤvalueerd en gerapporteerd op 24 november 2008. Hierin wordt als een van aanbevelingen gedaan om een uitvoeringsprogramma op te stellen en het samenwerkingsverband voort te zetten. De studie die Terra Incognita uitvoert is te beschouwen als een eerste stap om te komen tot een uitvoeringprogramma.

Nootdorp

De Balij

Den Haag - Ypenburg

Dobbeplas Bieslandse Bos Delftse Hout Delft De parkenreeks van Buytenhout, begrenzing p.m.



Pijnacker

Om de richting en de mogelijkheden van een gezamenlijke aanpak te onderzoeken heeft Terra Incognita een interactief proces uitgestippeld om met betroken gemeenten en beheerders een document op te stellen dat de kansen identificeert en in perspectief plaatst. Er werden twee werksessies op locatie gehouden. Op 7 april in de Balijhoeve in Zoetermeer en op 20 mei in de Papaver in de Delftse Hout. In Zoetermeer stonden wensen en dromen voor de toekomst centraal. In de Delftse Hout is de ambitie bepaald en zijn ideeĂŤn geordend in opgaven en doelstellingen. Het advies dat op basis van deze werksessies door Terra Incognita is opgesteld is geen eindresultaat. We rekenen erop dat het advies de basis zal vormen en de betrokkenen zal enthousiasmeren voor de volgende stappen om het regionaal park Buytenhout, voor wie van buiten houdt, in de toekomst vorm te geven en op de kaart te zetten.


6- goede redenen om de parken te ontwikkelen tot een regionaal park: 1.

Een regionaal park is robuuster dan de kleine parken en is daarmee een voorziening voor de regio en een sterk tegenwicht voor stedelijke ontwikkeling.

2.

Een regionaal park kan met een grotere diversiteit aan voorzieningen inspelen op de brede recreatieve vraag. Zo kan een regionaal park de identiteit en de sterke kanten van de individuele parken en plekken versterken. Samen bieden ze het totale scala aan voorzieningen die anders wellicht in elk park aanwezig moet zijn.

3.

Een regionaal park staat bestuurlijk sterker dan een reeks van kleine parken en heeft daarbij voordelen voor efficiĂŤntie en promotie.

4.

Een regionaal park verbindt de steden en wijken met het Groene Hart door routes aan elkaar te schakelen

5.

In een regionaal park is meer kans voor natuurontwikkeling. Door afspraken te maken over zonering van gebruiksintensiteiten in het park en het koppelen van locaties met hoge natuurwaarden kunnen nieuwe en betere ecologische verbindingen ontstaan.

6.

In een regionaal park ben je een hele dag buiten de stad!

Buytenhout, voor wie van buitenm houdt • augustus 2009




Intermezzo: Naamgeving

Buytenhout, voor wie van buiten houdt?

Tijdens de eerste werksessie met de gemeenten Zoetermeer, Pijnacker, Delft en Staatsbosbeheer zijn we op zoek gegaan naar een pakkende naam voor het regionaal park. Genoemd werden: Groene scherf - ’t Grote groen - Stadspolderbos - Zoethoutpark Groene Parelpark - Avontuurlijk mini groene hart - Buijtenbos Haaglandse Bos - Biobos - Groene scherf - ’t Grote groen Stadspolderbos - Zoethoutpark - Groene Parelpark Avontuurlijk mini groene hart - Buijtenbos - Haaglandse Bos - Biobos. Een brainstorm leverde niet alleen goede namen op maar ook een vijftal kernmerken die het regionaal park van de toekomst typeert:

Buytenhout,

voor wie van buiten houdt

• • • • •

10

Het regionaal park is een duurzaam groengebied Het regionaal park richt zich op buitenactiviteiten Het regionaal park sluit aan bij de schaal van Haaglanden Het regionaal park is een eenheid met grote diversiteit en afwisseling in haar onderdelen.Van rust tot activiteit en van bos tot weiland etc. Het regionaal park doet recht aan de authenticiteit van het landschap.


Uit een reeks van namen stellen we voor te kiezen voor:

Buytenhout, voor wie van buiten houdt. Buytenhout heeft een knipoog naar bestaande parknamen en klinkt als een authentieke naam. Het motto dekt daarbij op een frisse manier de lading van een park gericht op buitenactiviteiten. Bovendien sluit de naam aan bij de slogan van een van de grootste beheerders Staatsbosbeheer, naar buiten! De website www.buytenhout.nl hebben we gereserveerd!

Buytenhout, voor wie van buiten houdt

Buytenhout, voor wie van buiten houdt

Buytenhout, voor wie van buitenm houdt • augustus 2009

11


12


Hoofdstuk 2

V

Quickscan van visies en plannen voor de toekomst Inleiding Voor vrijwel alle parken bestaan plannen en visies. Deze vormen een belangrijke basis voor de toekomst. Lopende uitvoeringsprojecten worden als gegeven beschouwd. Wanneer echter alle plankaarten letterlijk aan elkaar geplakt worden, zoals in het kader van dit onderzoek is gedaan, moet geconstateerd worden dat de parken weliswaar aan elkaar grenzen maar in de plannen zich weinig van elkaar aantrekken. In dit hoofdstuk worden eerste de plannen en visies in hoofdlijn beschreven gecombineerd met een kenschets van de parken (gebaseerd op de rapportage van de samenwerkingspilot, november 2008). Tevens worden de mooiste plekken van de betrokkenen genoemd. Op basis van deze quick-scan en de discussies in de werksessies doen we vervolgens enkele observaties en wordt een advies geformuleerd.

Buytenhout, voor wie van buiten houdt • Augustus 2009

13


Kenschets Buytenhout huidige situatie In het algemeen wordt Buytenhout door betrokkenen in de werksessies gewaardeerd in de kwaliteit van de rust en de ruimte die het hele regionaal park uitstraalt. Het plangebied bestaat uit de deelgebieden Delftse Hout, Bieslandse Bos, De Balij, Dobbeplas, Westerpark en Buytenpark. Er is binnen dit gebied sprake van een grote variatie aan landschap en voorzieningen. De deelgebieden hebben met elkaar gemeen dat deze gebieden primair openluchtrecreatiegebieden zijn, met een intensief gebruik. Door de grootschalige woningbouwontwikkeling in de omgeving, zoals Ypenburg en Leidschenveen, neemt de recreatiedruk op het gebied steeds meer toe. Naast recreatie heeft het gebied belangrijke ecologische waarden, en heeft het gebied een functie voor de waterhuishouding zoals waterberging. Als geheel onderscheidt het gebied zich van de omliggende open weidegebieden Midden-Delfland en het Land van Wijk en Wouden door haar intensieve recreatiefunctie en variatie in landschappelijke uitstraling. Deze weidegebieden hebben een grotendeels agrarisch karakter, terwijl in Buytenhout na aanleg van de Nieuwe Driemanspolder nog slechts één volwaardig agrarisch bedrijf ligt. Dit bedrijf heeft bovendien een bijzonder karakter door de verwevenheid in de bedrijfsvoering met recreatie, natuur en landschap en educatie. De verschillende deelgebieden zijn vanaf de jaren 70 aangelegd vanuit de stedelijke behoefte aan recreatiegebied of voor houtproductie. De aanleg en/of inrichting is opgezet vanuit verschillende planologische concepten, zoals Randstadgroenstructuur, Recreatie om de Stad (RodS) en Groenblauwe Slinger (GBS). In het Bieslandse Bos en De Balij resteert nog steeds de aanleg van ca. 100 hectare recreatiegebied. De ontwikkeling en het beheer van de verschillende deelgebieden is tot dusver echter weinig op elkaar afgestemd.

14

Ligging van Buytenpark tussen Groene Hart en Midden Delfland

De Delftse Hout heeft een sterke oriëntatie op de stad Delft in toenemende mate op Den Haag door de ontwikkeling van de wijk Ypenburg. De Balij en het Bieslandse Bos zijn ontwikkeld als regionaal natuur- en recreatiegebied, en het Westerpark en Buytenpark zijn aangelegd voor de Zoetermeerders, maar met bijvoorbeeld Snowworld en de golfbaan belangrijk voor het Zoetermeerse leisurebeleid met een (inter)nationale uitstraling. De recreant beleeft echter niet zozeer de gebieds- en gemeentegrenzen, als wel de infrastructuurbarrières van de A12, de A13, en de Randstadrailspoorlijn. De landschappelijke uitstraling binnen het gebied is zeer gevarieerd met jong aangeplante en oudere delen bos, recreatieplassen, moeras, open grasland, delen met een parkachtige inrichting, een golfbaan, etc. De recent aangelegde delen van het groengebied moeten een verdere landschappelijke ontwikkeling doormaken. Zeker de ontwikkeling van bos heeft een lange tijd nodig om tot volle wasdom te komen.Voor het gebied zijn ecologische ambities bepaald,


onder meer vanuit de provinciale ecologische hoofdstructuur (PEHS). De ecologische kwaliteit is op een aantal plaatsen al bijzonder hoog, bijvoorbeeld het Krekengebied in het Bieslandse Bos en de Hertenkamp (vleermuizen). Het Krekengebied en de Scheg in De Balij zijn ecologische kerngebieden die onderling en met de omliggende gebieden verbonden moeten worden. De toegang van het gehele groengebied is niet optimaal. De entrees vanuit de omliggende woongebieden zijn niet aanwezig of weinig zichtbaar, en hebben in veel gevallen een kwalitatief gezien matige uitstraling. Binnen het groengebied zijn de recreatieve routes voor fietsers, wandelaars en ruiters niet altijd sluitend. Daarbij is op een aantal plaatsten sprake van achterstallig onderhoud van paden. Er liggen wel plannen om dit te verbeteren, bijvoorbeeld door Staatsbosbeheer in De Balij en Bieslandse Bos en door Delft in het kader van de Gebiedsvisie Delftse Hout (2008). Delftse Hout - open grasland

Delftse Hout

Delftse Hout - recreatieplas

Het recreatiegebied de Delftse Hout beslaat ruim 400 hectare en vormt voor het grootste deel de noordoostelijke grens tussen de gemeente Delft en de gemeente Pijnacker-Nootdorp. Het gebied is ontstaan uit veenontginningen. Het gebied is verdeeld in een aantal deelgebieden met ieder een andere sfeer waaronder een sportcluster, het oude stadspark de Hertenkamp, de tweemolentjesvaart als ecologische corridor, een recreatieplas, het Arboretum-heemtuin, een deel van de polder en een voormalige vuilstort. Rond de recreatieplas worden diverse takken van sport beoefend. Naast wandel- fiets- en ruiterpaden bevinden zich in het gebied nog enkele sportvoorzieningen, een grote camping, een kinderboerderij, een waterspeeltuin, een milieucentrum, en verschillende horeca voorzieningen. De Delftse Hout wordt grotendeels beheerd door de gemeente Delft.

Buytenhout, voor wie van buitenm houdt • augustus 2009

15


16

Montage van alle plannen en visies in Buytenpark


Het mozaïek van deelgebieden met elke een eigen karakter wordt beleefd als een grote kwaliteit van de Delftse Hout door Diny Tubbing (gemeente Delft). De diversiteit moeten we koesteren. Specifiek de Nootdorpse plassen, die van oudsher de mogelijkheid bieden voor een romantische wandeling of fietstocht worden door Frits Doeleman (gemeente Delft) kwalitatief hoog gewaardeerd als onderdeel van dit mozaïek. De gemeente ontwikkelde recentelijk een gebiedsvisie voor de Delftse Hout. Hierin staat het verbeteren van de relatie met de stad centraal. Zo worden fysieke verbindingen versterkt tussen stad en land maar ook tussen de deelgebieden onderling, en worden de bestaande assen sterker ontwikkeld. Tevens is aandacht voor zonering. De recreatiedruk vanuit de nieuwbouwwijk Ypenburg op gebieden met hoge ecologische kwaliteit is een groot knelpunt. Verder zijn er initiatieven voor de aanleg van een duikplatform in de plas en de ontwikkeling van themgerichte routes als een zintuigenroute. Ook wordt Bieslandse Bos en speelbos in de Balij

gestudeerd op het reorganiseren van parkeren naar grootschaligere plekken aan de rand van het gebied en vindt er onderzoek naar mogelijkheden voor waterberging plaats. Tot slot wordt vanuit beheer gewerkt aan het ontwikkelen van een nieuwe huisstijl.

De Balij en het Bieslandse Bos

Bieslandse Bos en speelbos in de Balij

De Balij en het Bieslandse Bos zijn samen ongeveer 630 hectare (waarvan 460 ha ingericht) groot. Deze deelgebieden liggen voor het grootste deel in de gemeente Pijnacker-Nootdorp. Het meest oostelijke deel ligt in de gemeente Zoetermeer. De Balij en het Bieslandse Bos is een rijk gevarieerd gebied met bos-, moeras-, polder- en open waterlandschappen. Door de Balij lopen verschillende ruiter, wandel- en fietspaden. Aan de randen zijn andersoortige voorzieningen, met tegen Zoetermeer aan een kinderboerderij, een speelbos, een horecavoorziening en een manege. Buytenhout, voor wie van buitenm houdt • augustus 2009

17


Het nieuwe speelbos is een unieke plek in de parkenreeks volgens Noël Versteeg (Staatsbosbeheer). Ook de stadsboerderij de Balijhoeve is daarbij een prachtige voorziening voor de stedelingen, jong en oud. Het krekengebied in de polder Biesland heeft ongekende natuurwaarde aldus Jenny van Leeuwen (Staatsbosbeheer)en Sieward Tichelaar (gemeente Pijnacker Nootdorp) zo dicht bij de stad. De Uylenburgh is daarin een goed rustpunt voor de recreant. Het gebied is onderdeel van de Randstadgroenstructuur (Pijnacker-Nootdorp, 2007). De recreatieve voorzieningen zullen in het kader van het project ‘Recreatie Om De Stad (RodS)’ een kwaliteitsimpuls krijgen. In het kader van dit nationale project is de Balij/Bieslandsebos aangewezen als etalagegebied wat inhoudt dat er de komende vier jaar hard gewerkt zal worden aan uitvoeringsprojecten. Doelstelling van het RodS programma in het algemeen het verbeteren van het functioneren van RodS terreinen. Bieslandse Bos en speelbos in de Balij

Bieslandse Bos en speelbos in de Balij

18

Specifiek worden de volgende doelstellingen genoemd: • Vergroten van de gebruikskwaliteit van de RodS-gebieden, Specifiek voor de motiefgroepen ‘gezelligheidszoekers’, ‘er even tussen uit’, ‘ uitdagingzoekers’ en de doelgroep ‘jeugd en jongeren’ inclusief allochtonen. • Verbeteren van de bereikbaarheid van de RodS-gebieden • Verbeteren van de bekendheid van de RodS-gebieden bij gebruikers en omwonenden • Versterken van de betrokkenheid van gebruikers en inwoners van het stedelijk gebied bij ‘hun’ natuur rond de stad. • Verbeteren van het imago- en vergroten van het draagvlak voor RodSgebieden bij bestuurders en beleidsmakers • Vergroten van inkomsten uit RodS-gebieden en meer (co)financiering uit het stedelijk gebied.


De gerealiseerde delen zijn in eigendom en in beheer van Staatsbosbeheer. Ongeveer 170 hectare moet nog worden aangekocht en/of ingericht in het kader van de Groenblauwe Slinger. Het deelplan Natuurbos (ten oosten van de Randstadspoorlijn) wordt komend jaar aangelegd.Voor deelgebied Wandelbos (tussen Dobbeplas en Randstadspoorlijn) is het inrichtingsplan gereed. Met realisatie van de plannen ontstaat een gesloten geheel van wandel-, -ruiter- en fietspaden.

en meststoffen afkomstig van buiten het bedrijf), is het bedrijf bijzonder door de grote aandacht voor recreatie, natuur, landschap en educatie. Daarbij is veel aandacht voor de aansluiting op het omliggende gebied, omwonenden en recreanten.

Boeren voor Natuur

De Dobbeplas

Tussen Delftse Hout en het Bieslandse Bos ligt het agrarisch bedrijf van de familie Duijndam. Dit bedrijf neemt een bijzondere positie in het gebied in, door het pilotproject Boeren voor Natuur dat zich daar afspeelt. Boeren voor Natuur wijkt sterk af van de gangbare agrarische bedrijfsvoering. Naast een gesloten bedrijfsvoering (het bedrijf maakt geen gebruik van krachtvoer

Tussen de Delftse Hout en het Bieslandse Bos ligt de Dobbeplas in de Bieslandse Polder. Een 64 hectare groot recreatiegebied van Natuur- en Recreatieschap Dobbeplas (beheerd door Groenservice Zuid-Holland). Het Delftse gedeelte , de Bieslandse Bovenpolder, maakt onderdeel uit van de Delftse Hout. Het gebied kenmerkt zich door de aanwezige recreatieplas en bijbehorende voorzieningen (zandstrandjes, lig- en speelweiden, restaurant, toiletvoorziening). Naast de recreatieplas bevindt zich in het gebied een skatebaan. Deze baan kan in de winter worden gebruikt als schaatsbaan. Wandelaars, fietsers en ruiters kunnen gebruik maken van diverse wandel-, fiets- en ruiterpaden. De wandel- en fietspaden volgen hun weg langs een natuurbelevingseiland en een vogelobservatiehut.

DLG en SBB maken een inrichtingplan die zorgt voor een natuurlijke zoom, een laarzenpad en een uitkijkpost. Mogelijk wordt waterberging geïntegreerd.

Het gebied ten noordoosten van Dobbeplas komt in 2010 in eigendom en wordt dan heringericht als ruige natuur met als ingrediënten: ruimte en rust, struinen, mountainbiken en hutten bouwen. Hiervoor is door DLG een plan opgesteld.

De boerderij van de familie Duijndam

Buytenhout, voor wie van buitenm houdt • augustus 2009

19


Westerpark Het in de gemeente Zoetermeer gelegen Westerpark is ontstaan vanuit veenontginningen waarop vuilstort heeft plaatsgevonden. Het park is aangelegd op de afgedekte heuvels van de vuilstort. Het is een weelderig bosrijk park dat bestaat uit meerdere deelgebieden. Het zuidelijk deel wordt gekenmerkt door sportvelden in een glooiend landschap, het westelijke deel door een golfbaan, en in de meest noordelijke hoek van het gebied bevind zich een bowling en partycentrum. Centraal gelegen, geheel omgeven door water ligt de natuurtuin, een gebied speciaal bedoeld voor de natuurgerichte recreant. Tussen het Westerpark en de Balij zijn twee verbindingen, de belangrijkste is de Balijbrug. Deze brug over de A12 en de spoorbaan vormt een verbinding voor fietsers, wandelaars en ruiters tussen het Westerpark en de Balij. De route loopt nu echter niet vanzelfsprekend door het park. De Balijbrug die de parken kan verbinden

In het Westerpark is de natuurtuin een pareltje in de parkenreeks aldus Arnout Kruijshaar (gemeente Zoetermeer). In het gehele park zijn de langgerekte doorzichten bijzonder. Ook het Westerpark valt onder de RodS gebieden waarbij SBB en DLG betrokken zijn. Ontwikkeling is gericht op nieuwe natuur door verruiging, begrazing en deels vernatting.

Buytenpark Het Buytenpark is ruim 100 hectare groot en heeft een variĂŤrend landschappelijk karakter: een woest en schraal westelijk deel, en een parkachtig oostelijk deel. Het westelijk deel is in de jaren 90 aangelegd op de voormalige puinstort. Dit begrazingsgebied is bijzonder door zijn open ruige Uitsnede uit mooiste plekken kaart werksessie 1 - Westerpark

20


karakter en de hoge waarde voor vogels. Dit geldt ook voor het aansluitende veenweidegebied. Het is een park waar de recreant nog kan struinen, zonder al te veel bordjes en aangeharkte paden. Prominent in het gebied ligt Snowworld, een leisurevoorziening van nationale allure voor skiĂŤn, snowboarden, klimmen, etc. In het oostelijk deel liggen meerdere sport- en leisurevoorzieningen, waaronder een mountainbikeparcours. De struinnatuur en de doorzichten op het open polder landschap op de randen van het park die een scherp contrast hiermee vormen voor Arnout Kruijshaar (gemeente Zoetermeer) het hoogtepunt van het park. In het Buytenpark is een nieuwe skihal in ontwikkeling die 40-50 meter hoger is dan de bestaande en landschappelijk wordt ingepast. De buitenruimte van Snowworld krijgt in de toekomst een face lift. Met het verbeteren van Bestaande situatie Groenzone Berkel-Pijnacker

de entree wordt ook de relatie tussen de wijk, Westerpark en de Nieuwe Driemanspolder verstevigd.

Nieuwe Driemanspolder Men is bezig met het inrichtingsplan op basis van een uitgebreid proces van planvorming om de polder in te richten voor natuur, recreatie en waterberging. Het wisselende waterpeil zorgt voor een interessant natuurgebied met ruimte voor extensieve recreatie in de reeks Dobbeplas en Delftse Hout. Ook Roeleveen wordt in de herinrichting meegenomen.

Groenzone Berkel-Pijnacker

Wilsveen in de Nieuwe Driemanspolder

De Groenzone ligt in het centrale deel van de Groenblauwe Slinger en is aangewezen als transformatiegebied van ca. 380 ha. De bestaande hoofdzakelijk agrarische functie met veel glastuinbouw wordt omgevormd tot een mooi, waterrijk natuur- en recreatiegebied: een belangrijk groengebied voor Buytenhout, voor wie van buitenm houdt • augustus 2009

21


wordt uitgevoerd door de zelfstandige uitvoeringsorganisatie Groenzone Berkel-Pijnacker, bestaande uit de gemeenten Pijnacker-Nootdorp en Lansingerland. In 2014 moet het klaar zijn. In het Masterplan is opgenomen dat na realisatie van het inrichtingsplan nog een ‘derde fase’ volgt, waarin het gebied recreatief verder wordt doorontwikkeld, waarbij ook gedacht kan worden aan commerciële activiteiten als horeca, en een jachthaven.

Observaties

Bestaande situatie Groenzone Berkel-Pijnacker

de vele omwonenden en nieuwkomers in de gemeenten Lansingerland, Pijnacker-Nootdorp en Zoetermeer. De Groenzone is een cruciale schakel in de landschappelijke, ecologische en recreatieve verbinding tussen het Groene Hart en Midden-Delfland. Het verbindt De Balij met het Oude Leedegebied. Anders dan het Oude Leedegebied verliest de Groenzone volledig haar agrarische functie en transformeert in een openbaar toegankelijk recreatiegebied. De basis voor de ontwikkeling is het Masterplan Groenzone uit 2004. Inmiddels is het Masterplan verder uitgewerkt tot een inrichtingsplan. Het gebied krijgt een waterrijke, open inrichting, met als belangrijke structuurdrager een nieuwe waterloop (de Berkelse Vaart). In het gebied worden kanoroutes, wandel-, fiets-, en ruiterpaden aangelegd, en er komen recreatieve voorzieningen als speelnatuur. Ook is een entree voorzien met parkeerplaatsen en op termijn wellicht een uitspanning. Het inrichtingsplan

22

Er zijn tal van plannen en initiatieven die op het eerste gezicht niet op elkaar zijn afgestemd en niet bijdragen aan de doelstelling om meer dan de som der delen te realiseren voor Buytenhout.Veel visies en plannen richten zich op het versterken van de identiteit en functionaliteit van het park zelf en kennen een overlap in functionaliteiten. Extensieve recreatie en struinen is een onderwerp dat veel terugkomt in de ontwikkelingsplannen.Van belang is echter de functies tussen de verschillende parken af te stemmen. Parken zijn in veel gevallen goed met de aanliggende wijken verbonden maar onderling nauwelijks. Dat heeft tot gevolg dat de recreant in een van de parken niet idee heeft zich in een regionaal park van honderden hectaren te bevinden. De bezoeker wordt niet uitgedaagd verder het park te verkennen. De vraag is bovendien of de (her)inrichting van parken als de Nieuwe Driemanspolder wel goed inspeelt op de te verwachten stedelijke druk op het gebied wanneer het in het perspectief van de regio wordt geplaatst. Tijdens de eerste werksessie worden als mooiste plekken in het regionaal park zowel gebieden als plekken benoemd. De plekken zijn eigenlijk allen pareltjes met een functie voor de kern die er direct aan grenst. Geen hoogtepunten die het gehele park op de kaart zetten. Snowworld is een hoogtepunt maar mist de uitstraling op het park. Het park heeft slechts lokale bezienswaardigheden of activiteiten. Geen plekken, die naar wij inschatten iedereen zal kennen in de regio.Vraag is of het regionaal park een dergelijke plek moet hebben. Wij denken van wel.


De gebieden die als mooiste plek benoemd worden liggen aan de randen van het park en grenzen aan de stad. In de reeks van gebieden en plekken zit een grote blinde vlek vanaf de Dwarskade tot aan de A12. Het gaat te snel om te zeggen dat deze gebieden geen kwaliteit hebben maar ze staan minder op het netvlies van de deelnemers aan de werksessie. Tot slot is opvallend dat de ambities van het RodS programma eenvoudig van toepassing zouden kunnen zijn voor het gehele regionaal park.

Aanbeveling Wanneer alle individuele plannen in het grotere geheel worden beschouwd is de conclusie gerechtvaardigd dat zij samen nog niet meer dan de som der delen vormen. In de volgende hoofdstukken worden daarom voorstellen voor een gezamenlijke ambitie en doelstellingen geformuleerd. Zo kan een samenhangend regionaal park ontstaan. Op korte termijn kunnen de bestaande plannen tegen het licht van deze ambitie en doelstellingen worden gehouden om zo de eerste resultaten voor het regionaal park te boeken.

Parken in de toekomst als een geheel presenteren

Buytenhout, voor wie van buitenm houdt • augustus 2009

23


24


Hoofdstuk 3

O

Ambitie Onder het motto meer dan de som der delen zijn er verschillende ambities denkbaar. Deze kunnen uiteenlopen tussen drie ambities: • Parken in èèn routenetwerk • Parken met een gemeenschappelijke basis • Eén regionaal park De kansen van de verschillende ambities voor Buytenhout zetten we op een rij:

Parken in één routenetwerk Alle parken kunnen relatief eenvoudig met elkaar verbonden worden door het routenetwerk in kaart te brengen en her en der een verbindende schakel te maken. De afzonderlijke parken blijven zich als zelfstandige eenheden ontwikkelen. De samenwerking blijft beperkt tot een afstemming in het beheer. Feitelijk is dit de huidige situatie waarbij de uitgebrachte recreatiekaart aangevuld wordt met ontbrekende schakels in het routenetwerk. Tekortkoming is daarbij dat er het regionaal park niet als een geheel wordt beleefd. Ook andere kansen voor gezamenlijke ontwikkeling en vergroten van de diversiteit blijven hiermee onbenut.

Buytenhout, voor wie van buiten houdt • Augustus 2009

25


• •

hier achter loopt het park door. Gezamenlijke PR en uitdragen van de identiteit Gezamenlijk de belangen van het regionaal park in de regio behartigen Afstemmingsoverleg van de visies en ontwikkelingen binnen afzonderlijke parken gericht op het vergroten van efficiënt beheer van de parken en vergroten van de bruikbaarheid in diversiteit.

Naast het ontwikkelen van een gemeenschappelijk basis is het behoud en versterken van eigen identiteiten binnen deze ambitie van de afzonderlijke parken van belang. Door gemeenschappelijk kader is het wenselijk dat de parken zich ‘specialiseren’ en zo de diversiteit van het regionaal park vergroten. Immers grote overeenkomsten in voorzieningen en beleving tussen de parken maakt het regionaal park als geheel eentonig en saai. Bestuurlijk draagvlak is belangrijk om deze ambitie waar te kunnen maken. Een routenetwerk verbindt de afzondelijke parken - ambitie 1

Parken met een gemeenschappelijke basis De afzonderlijke parken behouden of ontwikkelen een duidelijke identiteit binnen een gemeenschappelijke basis. Waar deze gemeenschappelijke basis precies uit bestaat is punt van nader onderzoek. Er wordt gedacht aan • Een doorlopend en divers routenetwerk met een duidelijke hoofdroute • Eenduidige en herkenbare entrees • Zonering van gebruiksintensiteiten gericht op enerzijds intensief te gebruiken plekken met veel vertier en anderzijds rustige plekken waar ruimte is natuurontwikkeling en beleving. • Ecologisch netwerk gericht op de ontwikkeling van een diversiteit aan natuurlijke biotopen. • Het ontwikkelen van een ruimtelijk concept dat de bezoeker uitdaagt om zich van het ene park naar het andere te begeven. Als ware het een coulisselandschap dat de parkbezoeker steeds het gevoel geeft,

26

Parken met een gemeenschappelijke basis - ambitie 2


De bij de vorige ambitie genoemde elementen die de gemeenschappelijke basis vormen worden van nog groter belang aangezien deze de identiteit van het park gaan bepalen. Er moet naar gestreefd worden het park als een ‘merk’ in de regio bekend te maken door aandacht te besteden aan branding. Dat is belangrijk om het park een functie voor de regio te geven.

Conclusie

Een regionaal park met themagebieden of thematuinen - ambitie 3

Eén regionaal park Het regionaal park ontwikkelt zich in deze ambitie tot één geheel in alle opzichten. Delen van de oude parken verbijzonderen zich tot themagebieden of thematuinen binnen dit geheel. Met deze ambitie zet het park zich op de kaart als één van de grote parken in de Randstad vergelijkbaar qua grootte en uitstraling met het Amsterdamse Bos. Specifieke toonaangevende plekken in de voormalig zelfstandige parken blijven herkenbaar. Denk daarbij bijvoorbeeld aan de Delftse Plas of de natuurtuin. In nieuwe gebieden worden andere toonaangevende plekken gecreëerd bijvoorbeeld een outdoor-experience gericht op (extreme) buitensporten. Voorkomen moet worden dat er een verlies aan diversiteit en herkenbaarheid plaatsvindt. De nieuwe identiteit van het regionaal park moet ruimte bieden voor herkenbaarheid van de onderdelen. Duurzaamheid kan daarbij een thema worden wat in het hele park een rol speelt.

De tweede ambitie is het meest kansrijk voor de directe toekomst van Buytenhout aangezien de doelen haalbaar en overzichtelijk zijn, waarbij de bestaande sterke indentiteiten worden benut. We adviseren dit aan de betrokken bestuurders voor te dragen.Vanuit deze ambitie wordt in het volgende hoofdstuk de doelstellingen voor Buytenhout geschetst. De eerste ambitie biedt onvoldoende mogelijkheden om de voordelen van een regionaal park te benutten. De derde ambitie kan daarbij echter een wenkend perspectief voor de toekomst zijn maar is niet nodig om de gewenste kwaliteitsimpuls te bereiken. De organisatievorm die bij deze ambities hoort is een punt dat buiten de scope van deze studie valt. Het is wel van essentieel belang voor het slagen van de ambitie.

Buytenhout, voor wie van buitenm houdt • augustus 2009

27


28


Hoofdstuk 4

V

Doelstellingen Voor Buytenhout zijn tien doelstellingen geformuleerd die leidend zijn voor de toekomst van het regionaal park. Sommige doelstellingen vragen een ontwerpstudie anderen zijn direct op uitvoering gericht.

A.

Maak van de parkenreeks een geheel met behoud van karakteristieken

Deze doelstelling sluit nauw aan bij de eerder voorgestelde ambitie. De ruimtelijke eenheid van de parken kan worden bereikt door bijvoorbeeld te werken aan een eenduidig gebruik van een familie van meubilair, materialen van onder andere paden en een huisstijl van bordjes en plattegronden. Veel van onderstaande doelstellingen zijn gericht op het bereiken van deze eenheid. Daarbij moeten de unieke karaktereigenschappen van de parken niet uit het oog worden verloren maar juist worden gekoesterd door de karakteristiek uit te vergroten. Doel: Werken aan de eenheid van de parkenreeks door het ontwikkelen van een gemeenschappelijke basis. Waar deze uit zal bestaan moet in een ontwerpstudie nader bepaald worden. In alle parken wordt daarnaast een blikvanger benoemd of ontwikkeld die aansluit bij de identiteit en de karakteristiek. Samen vormen ze de iconen van het park. Welke dit zijn, vraagt nader onderzoek.

Buytenhout, voor wie van buiten houdt • Augustus 2009

29


B.

Verbeter de relatie met de omliggende steden

Het Buytenhout is een park voor de regio en niet een lokaal park voor de aanliggende wijken. Daarom is een goede verbinding met (het hart van) de omliggende steden van cruciaal belang. Doel:Vanuit alle omliggende wijken en stedelijke gebieden moet het park niet te missen zijn door routebordjes en aansluiting op bestaande groenzones en fiets/wandelpaden.

C.

Ontwikkel eenduidige entrees aan het park

Bij een goed functionerend park moet het eenduidig zijn waar het park begint en de stad stopt. Duidelijke randen en mooie entrees zijn belangrijk. Hiermee kan het park zich naar de stad toe van zijn beste kant laten zien. Dat kan met een divers uitstraling maar rommelige ‘zijkanten’ moeten worden voorkomen C. Entrees van Buytenhout

die bijdragen aan een ongewenst introvert karakter. Entrees kunnen daarbij verschillende vormen hebben. Naast enkele hoofdentrees zijn er een groot aantal meer lokale ingangen. Met entrees kunnen de bezoekersstromen worden gereguleerd en kan parkeeroverlast worden voorkomen. Doel: Aan het regionaal park worden 2 hoofdentrees gemaakt in Delft en Zoetermeer en een tiental lokale entrees die er vergelijkbaar uitzien en waar het park zich presenteert aan de stad met een open ruimte, startpunt van routes en/of zichtlijnen. Aan de Randstadrail wordt een OV entree gekoppeld.

D. B.Verbeter de relatie met de omliggende steden

30

Creëer een juiste balans tussen natuurwaarden en recreatiedruk

Hoge natuurwaarden en grote recreatiedruk gaan niet goed samen. Natuurwaarden komen onder druk te staan en ook recreatieve functies


kunnen zich niet goed ontwikkelen. Daarom is het van belang op de schaal van het regionaal park een zonering te ontwikkelen die sturing geeft aan de ontwikkeling van het park. De zonering speelt in op bestaande en potentiële natuurwaarden maar ook op de recreatiestromen die zich laat sturen met entrees en het recreatieve netwerk. Betrokkenen moeten er voor open staan dat de schaal van het regionaal park kan leiden tot nieuwe inzichten. Doel: Op korte termijn komen tot een zoneringsplan dat zorgt voor de ontwikkeling van doorlopende ecologische structuren en kerngebieden gericht op natuurontwikkeling (en beleving) in de luwte van de recreatiedruk en richting geeft aan een juiste locatie voor nieuwe gebruiksfuncties.

E.

Park richt zich op de diversiteit aan doelgroepen

De gebruikers van het park zijn divers. In de samenwerkingspilot zijn

gebruikersonderzoeken vergeleken. In de toekomst is het de bedoeling dat deze onderzoeken gezamenlijk voor het regionaal park uitgevoerd worden. Het in beeld brengen van de wensen en het daarbij aansluiten zal de bruikbaarheid van het park vergroten en het park ‘up to date’ houden. De maat van het regionaal park geeft de kans om aan uiteenlopende behoeften tegemoet te komen en ‘meer van hetzelfde’ te voorkomen. Hierbij moet een onderscheid gemaakt worden in enerzijds functies voor lokaal gebruik die op verschillende plekken dicht bij de omliggende wijken in veelvoud zullen bestaan, bijvoorbeeld een speeltuin. Functies voor regionaal gebruik anderzijds liggen centraal in het park en zijn uniek, bijvoorbeeld een natuurtuin of teleskibaan. Daarbij kunnen karakteristieken van de delen versterkt worden en natuurwaarden worden vergroot. Een van de huidige wensen is het park zich meer te laten richten op jongeren van 12+. Idee is om een deel van het park in te richten voor outdoor activiteiten als een survival bos. Een andere interessante nieuwe functie in het park is een discgolfparcours. Doel: gezamenlijk de behoeften van gebruikers in kaart brengen door het uitvoeren van een gebruikersonderzoek en zo het park up to date houden.

F.

D. Mogelijke zonering van Buytenhout

Ontwikkel het routenetwerk tot een divers en eenduidig systeem

Dat routes een belangrijke functie hebben zal niemand in twijfel trekken. Routes zijn belangrijk voor de beleving, om het park met de stad en het landschap te verbinden en natuurlijk om bij je doel in het park te komen. De huidige routestructuren zijn gericht op de beleving van elk park op zich.Voor het regionaal park vraagt dat een goede analyse welke routes geschikt zijn om het regionaal park als geheeld te beleven en hoe deze gekoppeld moeten worden waarbij het aanleggen van nieuwe paden nodig zal zijn om de route een vloeiend verloop te geven. Buytenhout, voor wie van buitenm houdt • augustus 2009

31


Naast deze ‘regionaal parkroutes’ kunnen lokale routes uiteraard blijven bestaan. In het regionaal park wordt daarbij één hoofdroute ontwikkeld vanuit de hoofdentrees die alle parkdelen koppelt en verbindt met het Groene Hart. De ‘regionaal parkroutes’ moeten zich hierbij in uitstraling onderscheiden van lokale routes. Daarbij valt te denken aan verharding, meubilair als verlichting, beplanting, bordjes of een combinatie hiervan. Dit is een belangrijke ontwerpopgave. De regionaal parkroutes richten zich op wandelaar en fietsers maar zijn ook geschikt voor skeelaars, steppers, segways etc. Uitgezocht moet worden of ruiterpaden gecombineerd kunnen worden of dat dit een van de andere netwerken door het park moet zijn.Voor mountainbike routes geldt dat, om overlast te voorkomen, zij zeker een eigen parcours moet krijgen (met specifieke aandacht voor de kruispunten). Zo kan het regionaal park kansen bieden aan een grote diversiteit van netwerken over land maar ook over

water. Te denken valt aan kano’s, waterfietsen en fluisterboten. Bijzondere themaroutes worden gekoppeld aan het netwerk en lopen door de parkdelen. Te denken valt aan een vlinderroute, een geurenpad of kabouterlaan etc. Doel: Een hoofdroute ontwikkelen door de regionaal park met eenduidige uitstraling voor fietsers en wandelaars die Delft koppelt aan het Groene Hart. Daaraan gekoppeld een reeks van netwerken en themaroutes met grote diversiteit in beleving en functionaliteit.

G. Slecht de barrières tussen de parkdelen In het regionaal park bestaan enkele barrières die een belemmering vormen om het regionaal park als een geheel te gebruiken en/of te beleven. De grootste barrières zijn de A12 en de spoorlijnen. Maar ook de wegen met een regionale functie als de Leidschendamseweg vormen barrières. Het slechten zal in veel gevallen een lange adem en uithoudingsvermogen vergen. Slim meeliften op infrastructurele aanpassingen kan de aanleg versnellen. Doel: Barrières die niet oversteekbaar zijn worden ongelijkvloers opgelost.

H. Behoud en ontwikkel de centrale open ruimte(s)

F. Mogelijk routenetwerk voor Buytenhout met een hoofdroute

32

De open ruimtes van het park zijn een ongekende kwaliteit. De agrarische (beheer)functie van enkele ruimtes zorgt daarbij voor een afwisselend parklandschap. De open ruimtes geven de parkbezoeker zich de mogelijkheid de maat van het park te beleven. Open ruimtes zouden door de hoofdroute als een reeks beleefbaar gemaakt kunnen worden. Op dit moment richten de parkdelen zich over het algemeen niet op de open ruimtes waardoor de mogelijkheid van beleving niet ten volle benut wordt. In het verleden was de kerk van Delft over de open weilanden van Pijnacker te zien. Het terugbrengen van deze grootse openheid is niet gewenst, zichtlijnen die parkruimtes koppelen echter wel. De ruimtelijke opbouw van het regionaal


de gezamenlijke beheerders en gemeenten is noodzakelijk maar vraagt een cultuurverandering die geregisseerd moet worden. Bestuurlijk draagvlak is daarbij essentieel. Dit komt tot uitdrukking in het park met routes, bordjes, nieuwe voorzieningen kortom een mooier park. Een PR campagne levert daarnaast een belangrijke bijdrage om het Buytenhout in de harten van de gebruikers te sluiten. Positieve beeldvorming wordt bereikt door goed kaartmateriaal, een mooie website, een overzichtelijk activiteitenprogramma onder de vlag van een aansprekend logo bij het motto: Buytenhout, voor wie van buiten houdt. Doel: Buytenhout is een begrip in de regio voor actieve buitenrecreatie en natuurbeleving.

J. H. Een reeks van open ruimtes in Buytenhout

park moet de bezoeker nieuwsgierig maken om de het park te verkennen. Als in een coulisselandschap krijgt hij het gevoel dat het park doorloopt ofschoon hij het niet in een keer kan overzien. In een ontwerpopgave moet afgewogen worden om bestaande parkdelen als bijvoorbeeld de Dobbeplas aan de centrale open ruimtes te koppelen met vista’s of zichtlijnen om ze het introverte karakter van verschillende parkdelen extrovert te maken. Doel: De open (agrarische) ruimtes worden gekoesterd. Parken gaan zich richten op een coulisselandschap dat de open ruimtes koppelt. Hiermee ontwikkelen parkdelen zich van introvert naar extrovert.

I.

Eenduidige promotie maakt Buytenhout tot een begrip in de regio

Zorg voor een geoliede organisatie

Tot slot hoort bij Buytenhout een slagvaardige organisatie waarin de gezamenlijke partijen die achter het park staan de promotie, het beheer, de ontwikkeling en niet in de laatste plaats interactie met het publiek organiseren. Welke vorm de organisatie moet hebben is een punt voor nader onderzoek. Daarbij is het verstandig om te leren van de ervaringen bij de ontwikkeling van de Nationale Parken. Belangrijk is om niet te blijven hangen in ambities en papier maar te komen tot uitvoeringsprojecten. Het tekenen van een samenwerkingsovereenkomst zou idealiter vergezeld moeten gaan van (de start van) het eerste uitvoeringproject. Dat maakt Buytenhout ook voor burgers tot een geloofwaardig toekomstperspectief. Doel: Een slagvaardige organisatie achter Buytenhout gericht op beheer, promotie en ontwikkeling (en niet op papier productie).

Gezamenlijke promotie is een belangrijk punt om het regionaal park tot een begrip in de regio te maken. Het uitdragen van de eenheid van parken door Buytenhout, voor wie van buitenm houdt • augustus 2009

33


Intermezzo Joep - Ypenburg, 2015

Schets hoe Buytenhout eruit kan zien in 2015 met de belevenissen van Joep uit Ypenburg

34

Hoi, ik ben Joep. Ik ben twaalf jaar en woon in Ypenburg en dat is fijn want we wonen vlak bij Buytenhout. Bijna elk weekend ben ik daar met mijn vader en mijn grote broer te vinden. Je vergeet dan gewoon dat je zo dicht bij huis bent. Vorige week zaterdag had ik met Peter afgesproken, mijn neef uit Delft. Dus papa en ik op de fiets naar de hoofdingang van het park bij de Korftlaan. Nu hebben we sinds kort in Nootdorp een leuke park ingang met een speeltuin maar bij Delft is het echt spectaculair. Een heel mooi plein met een gave skate baan, een toffe vijver, klimtoren en ... o ja wat wip dingen voor de kleintjes. Pa en oom Piet willen eerst koffie, dat zul je altijd zien. Heb je het kunnen vinden vraagt pa aan Piet. Ja natuurlijk, de bordjes staan op de Grote Markt, kan niet missen. Zij op het terras en ik met Peter het Buytenhuis in voor de natuurspeurtocht. Kunnen we ook gelijk kijken wat we vandaag kunnen doen op het Buytenprogramma. Koffie op? We gaan! Jaren terug zijn er wat bomen gekapt. Dat weet ik nog goed. De stad was te klein. Maar daarom kijk je nu vanaf het entreeplein zo het park in en dat vindt iedereen mooi. Kijk, daar zie je de Delftse Plas en dat moet de Buytenboer zijn. Koeien knuffelen doen we maar een andere keer. Op de heenweg hadden we de hoofdroute waar je lekker rap over glad asfalt kunt fietsen maar nu nemen we de ruige route. Lekker door de modder fietsen. Op naar het klimbos! Onderweg komen we door het Bieslandse Bos. Pa vertelt dat de sloten die hier liggen vroeger door het weiland lagen. Dan maakt de route een grote slinger en komen we door het krekengebied. Papa en mama houden van de deze rustige plekjes... maar Peter is al doorgecrosst.


Het klimbos is echt cool. Met touwladders en trappen klimmen we in de bomen. We zijn er uren zoet. Met de mensen van Buytensport kun je daar ook toffe dingen doen. Aan een touw mochten we naar beneden roetsjen, abseilen heet dat. De volgende keer wil ik ook wel eens boogschieten of mee met een natuur GPS tocht. Je bent hier midden in het bos maar volgens mij moet de andere grote entree van het park bij Zoetermeer vlak bij zijn.

Aan het eind van de middag eten we lekker patatjes aan de Dobbeplas. Een laatste surfer drijft voorbij. We klimmen tot slot in de uitkijktoren en zien de koeien van het Groene Hart achter de Driemansplas. We zien de zon onder gaan achter de bomen en de Grote Kerk van Delft. Als we wegfietsen roepen we nog naar elkaar dat we dit vaker moeten doen, een dagje Buytenhout.

Na de lunch vraagt oom Piet of we nog energie hebben om te gaan kanoën? Domme vraag, natuurlijk! Dus hup weer op de fiets. We rijden over een soort brug maar dan een hele groene die ook wel eens op de Veluwe heb gezien voor beesten. Papa zegt dat we hier samen met de beesten de A12 en het spoor oversteken. Op de brug kun je het park pas mooi overzien. Het bos en de weilanden achter ons. Maar voor ons een berg met een skibaan en in de verte heel veel koeien. We komen nu in het nieuwste stuk van het park, de Nieuwe Driemanspolder. Vroeger was dit ook koeien en gras net als verderop, maar nu is een grote plas met allemaal uitlopers en eilandjes met natuur. De man van de kano’s zegt dat we mazzel hebben want het water staat laag en dan kun je mooi tussen de rietvelden door varen. Staat het soms hoog dan?, vraag ik. Pa legt uit dat als het hard regent het water uit de omgeving in de plas wordt verzameld zodat er geen overstroming komt en dat als het dan heel lang niet regent ze het water weer eruit pompen voor de vijvers in de stad. Slim zeg. Zo kanoën we de plas op en scharrelen door de kleine slootjes en langs de akkers. Alle kano’s waren verhuurd maar toch komen we ze maar op een plek andere kano’s tegen. Ik had wel eens eerder een molen gezien maar nu zie ik drie van deze reuzen op een rij. Oom Piet vertelt dat dit de Molendriegang is en dat hier het Groene Hart echt begint. Wat dat hart dan is begrijp ik eigenlijk niet echt Collage van stadsregionale parken uit ´Recreatievisie op het Groene Hart´ van de ANWB (Terra Incognita 2009)

Buytenhout, voor wie van buitenm houdt • augustus 2009

35


36


Hoofdstuk 5

W

Het vervolg Waar zojuist nadrukkelijk benoemd is dat we moeten voorkomen dat we papier produceren in plaats van een beter en mooier park ligt, er toch niet meer dan een papieren rapport met een advies voor de toekomst voor u. Daarom adviseren we tot slot hoe ambities en doelstellingen op korte, middellange en lange termijn handen en voeten kunnen krijgen. Het spreekwoordelijk laag hangend en hoog hangend fruit en de bloesems. In dit stadium is het laag hangend fruit van belang omdat dit zaken zijn die morgen de kwaliteit van het park kunnen verbeteren. Het hoge fruit zijn zaken waar we in dit stadium op moeten voorsorteren met ontwerpen en onderzoeken. De bloesems zijn projectideeĂŤn of initiatieven die een lange adem vergen en/of verder uitgewerkt moeten worden alvorens tot een vrucht te kunnen leiden.

Buytenhout, voor wie van buiten houdt • Augustus 2009

37


Laag hangend fruit Wat is eenvoudig en/of essentieel en moet op korte termijn (morgen) worden opgepakt? • Verschillende visies in het perspectief van het regionaal park plaatsen. Centrale vraag is, is bijsturing nodig? Worden de kansen voor het regionaal park benut. Dit geldt voor de nieuwe Driemanspolder en het Balijbos van 170 ha dat op stapel staat in het kader van de RODS, maar ook voor andere visies. • Herdruk en promotie van de recreatiekaart (met de nieuwe naam!). • De Balijbrug als schakel beter promoten en routes beter aansluiten. • Realisatie bezoekerscentrum in/nabij de Balijhoeve. • Uitstippelen van de (voorlopige) Buytenhoutroute met behulp van bestaande paden. Dit kan zowel met bordjes als door een GPS route te ontwikkelen.

38

• •

Vervolg op de beheerdersdag van 2008, eind 2009 of begin 2010. De actielijst van de beheerdersdag biedt tal van praktische zaken die morgen opgepakt kunnen worden, zoals het beheer afstemmen bij onderling harde grenzen tussen parkdelen die door verschillende partijen worden beheerd.

Hoog hangend fruit Wat kan op middenlange termijn worden uitgevoerd en kan derhalve op korte termijn worden opgestart? • De ambitie bepalen en uitwerken en daarbij zorgen voor een bestuurlijk draagvlak. • Opzetten van een organisatie die past bij de geformuleerde ambitie. • Opstellen van een zoneringsplan voor het park. Op basis van dit plan kan gewerkt worden aan het ontwikkelen van een ecologische verbindingszone. Ook de entrees en de routes worden daar vervolgens op afgestemd. • Uitwerken van de verschillende ontwerpopgaven uit de doelstellingen o Ontwerpend onderzoek naar de elementen die de eenheid van Buytenhout kunnen versterken in het algemeen en van de regionaal parkroutes en de entrees in het bijzonder. Waar zit de eenheid in en hoe past dat in het huidige park? Dit kan vorm gegeven worden door met betrokkenen een schetsboek op te stellen dat de basis is voor uitvoeringsplannen en zorgt voor inspiratie en verleiding; o Ontwerpen van een routenetwerk voor Buytenpark met aandacht voor hoofd- en lokale routes voor diverse gebruikers. Het in kaart brengen van de bestaande routes is daarbij een eerste stap. Op basis van dit voorstel kan het routenetwerk (gefaseerd) worden uitgevoerd;


Bloesems Wat vraagt een nadere verkenning en/of kan op lange termijn worden onderzocht? • Ingewikkeld maar belangrijk is het oplossen van grote barrières in het park als de A12, spoorlijn en de A13. • Ook het realiseren van een halte voor de Randstadrail vraagt een lange adem en continue lobby werk. Bij uitwerking van de ambities en doelstellingen van Buytenpark zal deze eerste actielijst groeien tot een volwaardig uitvoeringsprogramma.

o

Ontwerpend onderzoek naar de ruimtelijke opbouw van het regionaal park om te komen tot een grotere ruimtelijke samenhang en verbetering van de beleving van het park als geheel. Zichtassen, vista’s, centrale open ruimtes kunnen daarbij ingrediënten zijn voor een coulissenpark. Op basis van het ontwerpend onderzoek kan een familie van meubilair en infoborden (wegwijzers) etc. voor de Buytenhout worden ontwikkeld, uitgevoerd en geplaatst; Door middel van promotie het gebied op de kaart zetten zowel voor bestuurders als bewoners. De naam Buytenhout moet een begrip worden in de regio. Dat vraagt om een actieprogramma om dat te verwezenlijken. Een van de acties kan zijn het opstellen van een activiteitenprogramma Buytenhout. De dag van het park kan daarbij een mooi ijkpunt zijn.

Buytenhout, voor wie van buitenm houdt • augustus 2009

39


Terra Incognita Stedenbouw en Landschapsarchitectuur werkte in opdracht van de gemeente Zoetermeer Voor informatie en opmerkingen kunt u terecht bij Jan Maurits van Linge of Henk de Wit, janmaurits@terra-i.nl of henk@terra-i.nl p/a De Gruyterfabriek,Veemarktkade 8, 5222 AE Den Bosch, 073 623 8991, www.terra-i.nl


Buytenhout, voor wie van buiten houdt