Issuu on Google+

Pain de Sucre (Terre Haut) Deshaies (Guadeloupe)

33


Week 33 10 feb—16 feb Terre Haut — Deshaies Guadeloupe, de parel van Frans West Indië. Het is net zoals Martinique een overzees departement van Frankrijk. Er is hier heel veel Frankrijk. De wegen, de bewegwijzering, het brood, de wijn, de taal en zelfs de flitspalen. De natuur is echter heel erg West Indies. De natuur hier, oelalah! Wat is die prachtig. We waren eerst op Les Saintes, een archipel zuid van Guadeloupe. Heel mooi en behoorlijk toeristisch. Daarna zijn we naar Pointe à Pitre gegaan voor carnaval. Dat carnaval hier is een feest voor iedereen en het grootste feest dat ze vieren. Vanuit daar zijn we naar Reserve Jacques Daar is het onder water zeker zo mooi als boven water. Dit is inderdaad een hele mooi duiklocatie. Ook het snorkelen is geweldig. De laatste stop die we op dit practige eiland maken is Deshaies. Een klein vissersplaatsje in het noorden van Guadaloupe. Vanuit hier trekken we weer verder naar het noorden. Eens zien of we afscheid kunnen nemen van deze schitterende parel.


Zondag 10 februari In alle stilte nemen we afscheid van Les Saintes. Iedereen heeft het over Les Saintes en het ankeren daar. Daarmee bedoelt (het merendeel) het ankeren bij Terre Haut. Terre Haut maakt samen met een zevental andere eilanden deel uit van Les Saintes. Les Saintes behoren samen met Marie Galantes, Les Desaires, Terre-Grande en Terre Bas bij de archipel Guadeloupe. Guadeloupe wordt vaak gezien als ĂŠĂŠn eiland, maar niks is minder waar. Het is een hele archipel van eilanden. Van deze eilanden zijn de twee hoofdeilanden slechts door een smalle zee rivier van elkaar gescheiden waardoor het een groot eiland, dat trouwens de vorm van een vlinder heeft, lijkt. Bij het wegvaren worden we uitgezwaaid door een aantal hele mooie grote dolfijnen. Dit zouden wel eens de dolfijnen kunnen zijn waar andere boten mee hebben gezwommen. Ze zijn groot, mooi en blijven heerlijk bij de boot zwemmen. Het blijven toch wel heel unieke dieren. Super! De meiden zijn helemaal uitgelaten en hebben heel veel zin in carnaval. Ze zijn al vroeg bezig met hun outfit en welke make up ze op willen. Tijdens de tocht naar Terre Bas moeten ze eigenlijk nog wat rusten. Het is gisteren natuurlijk weer veel te laat geworden en ook vandaag zal een intensieve dag voor ze worden. Ze willen niet zo erg rusten. Ze snappen ook niet waar dat nu goed voor is. Ze zijn toch helemaal niet moe!?! Dat lijkt maar zo, want om het minste of geringste vliegen ze op de kast, zijn ze boos op elkaar of willen ze huilen. Heel gezellige ochtend op de boot zo! Het weer wil niet echt meewerken. Dit betekent eigenlijk gewoon dat de wind pal tegen staat! De motor pruttelt weer lekker mee. Ach daar hebben we vaker last en we kunnen op de Virgins straks vast weer goed tanken.


Ik lees de meiden nog even voor uit Sjakie en de chocoladefabriek. Het is zo leuk om ze uit dit boek voor te lezen. Ik ben wel moe en we doen met ons vieren een ochtendslaapje achterin. Ik ben denk ik de enige die echt slaapt, maar de meiden rusten zo in ieder geval wel een beetje uit. Daarna gaan we douchen in de kuip. Dan hoeven we dat straks niet meer te doen als we in Pointe a Pitre liggen en misschien haast hebben om naar de Parade te gaan. De meiden verkleden zich ondertussen en hebben hun jurken aan die ze voor pakjesavond hebben gekregen. Ook willen ze make up op. Dat doen we wel als we voor anker liggen. Voordat we gaan ankeren, gaan we bij de bezinepomp van de haven nog even water tanken, want we zijn bijna leeg. De laatste keer dat we water getankt hebben is in Le Marin geweest, dus dat hebben we goed volgehouden met onze kleine tanks. Dan zijn we er en laten ons anker voor de stad vallen. Het plekje is het minst mooie waar we tot nu hebben gelegen in heel de Carieb, maar wel heel praktisch. Het ligt namelijk om de hoek bij het centrum. We ruimen de boot op en alles wordt naar binnen gebracht. De meiden doen ondertussen make up op, want dat hoort er toch wel echt bij! Liedewij voorziet mij ook nog even van schitterende oogschaduw en dan is het tijd om te gaan. We pakken ons bootje en gaan naar de kant. Daar maken we kennis met de bemanning van de Sally Two en een erg aardige AustraliĂŤr. Er is weer volop te kletsen. Op de kade wacht ons een verassing. Thijs en Marijke wachten ons op en samen gaan we naar de parade, zoals de optocht hier wordt genoemd, kijken. De verwachtingen zijn hoog gespannen. Het begint om 13u! Het wordt half twee en voordat we het weten is het 14u en hebben we nog niks gezien. Het Brabants kwartiertje is hier een Caribisch uurtje, want het lijkt erop alsof het nu toch wel gaat beginnen. We snappen trouwens wel meteen waarom er zoveel mensen zijn die stoeltjes bij zich hebben en waarom er zo veel stalletjes zijn waar je iets kunt drinken. Het wordt een hele, hele lange zit.


We denken dat het thema iets te maken heeft met apen of dat de maskers bij de Aldi in de aanbieding waren, want ojeejee wat liepen er veel van mee, allemaal hetzelfde. Een aantal van deze groepen had ook hele lange touwen met een dun touwtje aan het einde en daar sloegen ze mee op straat. Dat gaf me dan een knal. De meiden waren er helemaal bang van. Hmm is dit nu Caribisch carnaval? Nee, gelukkig niet en ons wachten wordt meer dan beloond, want na een uur of twee komen de mooie vrouwen. Helemaal uitgedost zoals we dat van de foto’s kennen. Zo mooi, zo kleurrijk. Iedere groep heeft muziek en iedere groep is weer anders. Wat leuk om dit te mogen meemaken. Wat een happening en dit is nog maar een kleine parade in vergelijking bij de parade van die van Mardi Gras in Bas Terre. Wat ons opvalt is dat het er hier heel ontspannen toegaat. We mogen overal lopen. Er staan geen dranghekken. De mensen zijn vriendelijk. Super! Na een uur of vier hebben de kinderen er genoeg van en dus pakken we onze spulletjes, eten ergens een ijsje en gaan we daarna naar de boot. We sluiten het feestje af met pannenkoeken en de meiden gaan lekker op tijd slapen. Dat hebben ze ook echt nodig.


Maandag 11 februari Vandaag is Bart jarig! Hiep hiep hoera. We zullen er een op hem drinken! De dag begint vroeg. De meiden hebben school met juffrouw Marieke en Bas reinigt de romp van de boot. Dat is ook hoog nodig, want er zit alweer ruim voldoende aangroei op de waterlijn. Hoe kan het toch dat we die aangroei er niet af zeilen? School is erg gezellig. Het is leuk om met de meiden in de weer te zijn. Frederique heeft vandaag veel zelfstandige werklessen en ik ben druk in de weer met de andere twee meiden. We hebben het over de vormen. Cirkels, vierkanten, rechthoeken. We tekenen ze, knippen ze en praten erover. Wat leuk. Ook maken ze alle twee een kralenplank. Het is grappig om te zien welke systematiek ze gebruiken of juist niet. Ik kan Kathelijn er goed bij helpen en daar ben ik blij om en zij ook, want ineens lukt het! Daarna hebben we een lesje dat alle drie de meiden zelfstandig werken. Die wil ik wel vaker, want het is muisstil op de boot. Ik zoek de was ondertussen uit, want we gaan dadelijk de haven in en dan kan ik de machines aanzetten. Het zijn er weer genoeg! Nog voor de lunch varen we de haven in. De marineiro is nergens te zien en we dobberen nog wat rond. Het is hier warm en we willen alle vijf spontaan douchen. Eenmaal in de haven ga ik een stokbrood halen. De haven doet me denken aan de oude haven van Bruinisse en het oude Aquadelta. Hoog tijd dat ze het hier gaan opknappen. Het is allemaal prima hoor en 10 jaar geleden zou het super de luxe zijn geweest, maar nu heeft het gewoon zijn beste tijd gehad. Het is lekker om zomaar van de boot af te kunnen stappen en op de kant te staan. Dat vind ik zo nu en dan toch ook wel erg lekker. Ik ga dus dat brood halen. Ook neem ik de laatste drie pakken crackers uit de winkel mee. Het waren de laatste en ik heb al een keer bij afbakstokbrood gedacht oh dat neem ik morgen wel mee en heb de dag erop toen misgepakt. Wat baalde ik daarvan, dus sjouw ik nu met van die onhandige pakken. Als ik terugkom heeft Bas al een badge voor de poort en de douche geregeld en hebben we weer eens internet. Goed bezig zeg ik!


We drinken en eten iets en dan is het hoog tijd om de boot van buiten te poetsen. Inderdaad de boot te poetsen. Ik kan me serieus niet herinneren wanneer we voor het laatst het teakdek helemaal gepoetst hebben. Lang geleden is het in ieder geval wel. De meiden helpen mee en met emmers, borstels, sponzen, zeep, cleaner gaan we aan de slag. Het resultaat mag er wezen. We zijn allemaal trots op het resultaat! Altijd fijn als je ziet waarvoor je werkt. We lopen daarna een rondje over de haven. In de eerste de beste winkel kopen we lijm voor het raampje in de buiskap. De hechting met het aluminium is los en dat is zonde. De mensen in de winkel zijn niet zo heel aardig, maar aangezien ze morgen dicht zijn en we niet weten of we de kit ergens anders tegenkomen, nemen we de tube toch mee. Twee winkels verder hebben ze de kit ook en daar blijkt deze 30% goedkoper te zijn. Nu zijn wij alle twee niet van de penning, maar dit is wel een heel groot verschil. Dus gaat Bas de kit terugbrengen. Hij is gewoon niet geschikt voor ons raam! Gelukkig heeft de dame er geen problemen mee en krijgen we ons geld terug. Ondertussen dat Bas dat regelt ga ik op pad voor een van onze dynamo’s. Die dynamo die ons tijdens de oversteek zo ontzettend in de steek heeft gelaten. Ik vind een winkel waar ze een testbank hebben en waar ze misschien morgenvroeg wel tijd hebben om hem te testen. We moeten de dynamo dan wel vroeg komen brengen, want vanaf 12u is alles dicht. Iedereen viert hier namelijk uitgebreid carnaval. Ook woensdag zijn ze maar tot 12u open. We hopen maar dat ze onze dynamo kunnen testen en indien nodig repareren. De meiden zijn druk in de winkel. In de vorige winkel waren ze dat ook al en dat is erg irritant. Ik zeg er iets van en dan gaat het even goed, maar voordat ik er erg in heb, zijn we weer aan het klieren. Erg jammer!


Ik heb namelijk helemaal geen zin om tegen ze te mopperen. We gaan nog even naar de supermarkt om vlees te halen en een ijsje. Ook daar misdragen de meiden zich enorm, dus dat ijsje kunnen ze vergeten. Helemaal niks voor mij om ze zo op hun donder te geven, maar Bas en ik zijn er even klaar mee. Mokkend lopen ze mee terug naar de boot en het spelletje dat we samen spelen is ook een en al geklier, gezeur en gejengel. Zo jammer! Denk dat ze nog moe zijn. Dus we eten op tijd en de meiden gaan op tijd naar bed. Ze slapen meteen, dus dat is een goede zet geweest. Bas en ik hebben sinds lange tijd een lijstje af te werken. We zijn onze administratie aan het bijwerken en we komen tot de ontdekking dat dat hoog nodig is! Het geeft een goed gevoel om alle “achterstand” weg te werken. Daarna gaat Bas skypen met Ellen en Jan. Op de achtergrond hoor ik dat Jan iets zegt over een opmerking van mij. Door zijn woorden: ‘het is echt een leuk rondje hoor”, ben ik vorig jaar gaan denken dat het misschien toch wel leuk zou zijn om een rondje Atlantic te doen. Na twee dagen Trinidad was ik er al van overtuigd dat dat rondje helemaal niet zo leuk is, want je moet helemaal geen rondje maken zei ik toen. Je moet gewoon hier blijven! Althans zo lang mogelijk……..! Ik hoor het ze daar over hebben en moet er om glimlachen, want ik vind het nog steeds. Het is hier zo heerlijk. Je moet zo lang mogelijk aan deze kant van de oceaan zien te blijven. Helaas hebben we veel te veel verplichtingen in Nederland dus langer dan een jaar kunnen en willen we niet weg, maar van dat jaar willen we, als het allemaal klopt, wel zo lang mogelijk genieten! Dus voor die keuze staan we nu. Varen we de boot zelf terug en verlaten we half mei de Carieb of laten we de boot op een andere manier naar Nederland komen en genieten we hier nog 10 weken van de Oost kust van de VS? He wat lastig toch! Nog maar eens een nachtje of twee over slapen!


Dinsdag 12 februari De lucht is strakblauw als ik wakker word. Vandaag weer een mooie dag. We gaan een auto huren en om half tien kunnen we hem bij het vliegveld ophalen. Als we aangekleed zijn lopen we met de kinderen naar de supermarkt voor brood en cornflakes. Als we buiten staan ga ik naar de autoverhuur en Marieke geeft de kinderen les. Voordat ik op pad ga breng ik onze reserve dynamo naar een bedrijf om hem te laten testen. Ze hebben hier veel faciliteiten in pointe a pitre dus dit is de kans om te kijken wat er mee is. Als de dynamo afgegeven is ga ik op pad. Volgens Google moet ik zo’n 6 kilometer lopen en op het kaartje staat dat dat langs de snelweg is. Vol goede moed ga ik op pad. Er zal wel een weg naast de snelweg lopen. Als ik bijna op de snelweg sta zie ik geen paadje, alleen een pechstrook van een meter breed. Het ziet er niet uit dat dit normaal is. Ik loop wat terug en vraag bij een benzinepomp de weg naar het vliegveld, te voet. Ze kijken me aan of ik een of ander exotisch wezen ben. Lopen is erg ver en over de snelweg is het verboden. Ik kan beter een taxi pakken is het advies. Ik loop terug en besluit de kortste weg te nemen. Deze gaat door Pointe a Pitre. Ik loop weer een stuk terug en bij een bushalte vraag ik of er een bus naar het vliegveld gaat. Nee, die is er niet en lopen kan niet, dat is veel te ver. Dus loop ik verder. Ik probeer te liften, maar de blikken van de meeste automobilisten spreken boekdelen. Geen auto=lopen. Als ik door de straten van Pointe a Pitre loop krijg ik nog een tip van iemand, loop naar Abyme en je komt er langs, bon courage. Ik loop door de minder mooie straten van de stad. Mensen hebben het hier echt zwaar. Het dak boven het hoofd is meestal van bedenkelijke kwaliteit, evenals de muren. Wat zijn we toch rijk in Nederland. Ik loop verder en vraag nog aan een paar buschauffeurs of zij naar het vliegveld gaan maar niemand doet het. Dit gaat lang duren en de kans op succes lijkt met de tijd af te nemen. Ik besluit een taxi te nemen. We bespreken het tarief en hij brengt me in een kwartier naar het vliegveld. Bij de verhuurder aangekomen blijken ze nog niets te weten. Onze internetreservering is nog niet doorgekomen. Ik laat de papieren zien en de vrouw achter de bali zegt geen auto te hebben. Heel fijn. Ik vertel dat we de auto via internet hebben kunnen regelen en we meteen betaald hebben.


Ze gaat op zoek en vind wel wat van onze aanvraag. Ze maakt een nieuw contract en dan hebben we het over de verzekering. Wij hadden full coverage aangevraagd op internet, maar zij ziet er niets van. We moeten dat dus opnieuw bijkopen voor 10 euro. Dat moet maar dan. Na veel geregel krijg ik een Citroen C1 mee. Het is maar goed dat de kinderen er niet bij waren. Dit heeft weer lang geduurd. Snel ga ik naar de boot. Op de boot heb ik het met Marieke over de verzekering. We hebben zeker de full coverage betaald. De verhuurder is op weg naar Basse Terre, waar we naar toe willen dus daar gaan eerst naar toe. We willen naar de watervallen en naar de parade in Basse Terre. De betaling van de verzekering is nu niet meer te regelen, maar op donderdag na carnaval wordt het besproken en het meisje achter de bali gaat haar best doen bij de manager. We stappen alle vijf weer in de auto. Nu gaat de tocht beginnen. We rijden naar het hoogste eiland, Basse Terre. Het is een heel groen eiland met regenwouden en watervallen. Wij willen eerst naar de watervallen. Het schijnt spectaculair te zijn. We volgen een weg die naar de waterval leidt. Het is razend druk op de doorgaande weg. Dat zal wel door carnaval komen. Af en toe gaan we van de weg af en rijden we binnendoor. Dan keren we weer terug op de hoofdweg en staan we vast. De wegen zijn hier echt Frans. Alle bebording en belijning komen zo uit Frankrijk. Het is dus net of we op Autoroute du Soleil in de file staan. Dan gaan we de weg af naar de watervallen. Over een bochtige weg rijden we door kleine dorpjes naar de waterval. Waar de weg eindigt in een parkeerplaats stappen we uit. We lopen een stuk naar boven. Het is een prachtig bos met mooie grote bomen en heel, heel veel groen. We vragen aan mensen hoe ver het lopen is, maar voordat we antwoord krijgen op onze vraag kijken ze naar onze slippers en zeggen dat het hier niet op gaat, en dat het twee uur lopen is.


Iedereen heeft ook bemodderde schoenen dus het voor ons geen doen om op onze slippers te gaan lopen. Bovendien heeft Marieke nog steeds last van haar knie, dus het is maar goed ook dat we niet aan deze klim beginnen. We lopen terug naar de auto en rijden weer terug naar de hoofdweg. Als we weer bijna op de hoofdweg zitten, zien we borden van de andere watervallen. In de streek waar we nu zijn zijn drie grote watervallen die meer dan 100 meter naar beneden vallen. Misschien zijn deze dichterbij. Weer rijden we door het regenbos naar boven. Het is af en toe flink steil en de huurauto moet hard werken om boven te komen. We zijn nu wel in een veel meer toeristische plek. Er zijn meer eettentjes langs de weg en je ziet ook meer toeristen. We rijden helemaal door naar boven. Bijna aan het einde van de weg gaan we bij een bord kijken hoe we verder moeten. Er staan ook wat locals. Zij zijn ergens gaan zwemmen aan de handdoeken te zien. De weg daar naar toe is een lange trap. Gezien de knieĂŤn geen goed idee. We besluiten dat we naar Basse Terre gaan voor carnaval. Dat is voor de kinderen leuker en voor de knie van Marieke beter. We genieten van het regenwoud, want zelfs vanuit de auto er doorheen rijdend is het spectaculair. We vinden het echt een onderkend mooi eiland. Je hoort er eigenlijk geen zeiler over. Onderweg hebben we het er over om Antigua te laten zitten en meer van Guadeloupe te zien. We zijn er nog niet klaar mee. We rijden door naar de hoofdstad van het westelijk eiland Basse Terre. Het is erg druk op de weg. Marieke en ik ruilen van plaats, want ik heb moeite om mijn ogen open te houden. Net als we dat hebben gedaan rijden we een fuik in van de gendarme. Nee he. De auto is echt voor vier personen, als dit maar goed gaat.


Ze zijn zwaar bewapend en duidelijk met andere dingen bezig dan met gezinnetjes in huurauto’s controleren. We mogen doorrijden en zo rijden we de file de stad in. Wat is het druk zeg. Het ziet zwart van de mensen. We gaan met horten en stoten door de file en uiteindelijk zijn we op de plaats waar het gaat gebeuren. We rijden door de kleine en steile straatjes op zoek naar een parkeerplaats. Er is al praktisch geen plaatsje over en na een poosje rijden we weer naar de zee over de boulevard. Gelukkig weten we daar een plaatsje te vinden. Een heel mooi plaatsje zelfs, vlakbij de optocht en gemakkelijk om weer te vertrekken. Fijn dat we zo’n kleine auto hebben gehuurd. We lopen door een klein regenbuitje de stad in. In de eerste koffietent pakken we een bakje koffie en kunnen de kinderen plassen. Dan gaan we de straat op. Iedereen staat hier op het trottoir te wachten op de optocht. Overal zijn tentjes waar je wat te snoepen of te eten kan kopen en er zijn mensen die met koelboxen drankjes verkopen. Wij lopen een stuk tussen alle mensen door. Dit jaar zijn we met carnaval alle vijf verkleed als toerist. We zien op een hoek een tentje met lekker eten, in ieder geval zo ruikt het. Het is ook een heel mooie plek om de optocht te zien, in een bocht terwijl de straat waar de optocht vandaan komt van boven naar beneden loopt. We bestellen een lokale snack in het tentje. Een Bokiti met ham en kaas. Het is een soort broodjes met bloem, water en gist die gefrituurd wordt in de zonnebloemolie. Het smaakt super lekker en het is zo op. Dan komt de eerste groep langslopen. Het is heel kleurrijk en er loopt in iedere groep altijd een hele percussieband achteraan met kleine en grote trommels en blazers. En zo staan we in Basse Terre naar het carnaval te kijken. Er komen steeds groepen langs.


Soms moet je 5 minuten op de volgende groep wachten en tussendoor lopen er veel mensen over straat en spelen de kinderen weer even. Als er weer een groep aan komt lopen gaat iedereen weer opzij. Soms vinden we het wat lang duren, maar het zorgt er wel voor dat je niet uren op dezelfde plek hoeft te staan. Frederique heeft nog een knaagje in haar maagje zegt ze, dus of we nog wat te eten kunnen kopen. Ze verkopen hier chichi’s. een zoete lekkernij, ook uit de frituur. De rij is lang maar dat schrikt niet echt af. Ze gaat met Liedewij de rij in en wachten erg geduldig op hun beurt. Het duurt wel een half uur en dan komen ze trots de zakjes met lekkernij laten zien. Het is ook weer erg lekker en heerlijk zoet. We gaan weer een stukje lopen en komen bovenaan. We blijven met open mond naar de parade kijken. Het is al donker aan het worden. Het fotograferen wordt ook al moeilijker, maar Marieke laat zich niet van de wijs brengen. Gewoon door gaan. Het is laat aan het worden en de kinderen zijn moe.


Het is dus tijd om terug naar de boot te gaan. We willen nog frietjes eten en we moeten nog een stukje lopen naar de frietkraam. We komen weer een groep tegen met een paar stomme apen. Het zijn opgeschoten jongens met gorillamaskers. Eentje jaagt de kinderen de stuipen op het lijf en gaat maar door, net zo lang totdat Liedewij en Kathelijn aan het huilen zijn. Als blikken konden doden zaten Marieke en ik nu in het cachot. Wat een loser. We zijn nu bij het friettentje en we bestellen lekker een paar bordjes friet. Op het gemak eten we de frietjes op en dan lopen we naar de auto. Het is overal druk op straat en relaxed. We zijn onder de indruk van dit carnaval. Ook fijn dat het zo ontspannen is en dat je als toerist ook gewoon mee kan genieten. We stappen allemaal in de auto en bedenken wat zodat de kinderen alle drie in de gordels kunnen. We rijden meteen de file in en draaien om. We pakken een andere weg naar Pointe a Pitre. We rijden langs de kust omhoog naar het noorden. Het is een echte kustweg, kronkelig en veel klimmen en dalen. Over de helft van het eiland is een weg dwars door het woud en de bergen heen die naar pointe a Pitre leidt. Door het bos is het erg mistig en we moeten rustig rijden. Eenmaal uit de bossen kunnen we weer goed zien en rijden we weer lekker door. We moeten nog de weg naar de jachthaven zien te vinden en gelukkig hebben we de Ipad met zeekaarten bij ons. We zien in welke richting we rijden en waar we zitten maar zonder wegen. We kunnen niet door het centrum van Pointe a Pitre want ook daar is het carnaval. We rijden er omheen en vrij vlot komen we bij de jachthaven. We maken de kinderen wakker en gaan naar de boot. dan is het voor hen tandenpoetsen en naar bed. Marieke en ik genieten in de kuip na van een schitterende dag. Wat is Guadeloupe mooi zeg.


Woensdag 13 februari Vanochtend moeten we de auto weer terugbrengen. Verder willen we heel veel wassen en lijkt het dus weer een praktische dag te worden. Ik maak ontbijt voor ons en dan moet ik nog haasten om op tijd bij de verhuur te zijn. Onderweg tank ik de auto nog vol.. De vrouw die met de mobiele pinautomaat rondloopt begint meteen een praatje over waar ik vandaan kom en hoe ik Guadeloupe vind. Als je niet uitkijkt dan kom je in dit land altijd te laat. Helaas moet ik het gesprek dus afbreken en op zijn Nederlands haast ik me naar de verhuur. Netjes op tijd kan ik de auto inleveren. De auto is onbeschadigd en met een volle tank teruggebracht, dus ben ik zo klaar. Ik krijg nog wat tips over terug liften en dan ga ik terug naar de boot. Ik heb geluk, binnen 10 minuten heb ik een lift van iemand die me naar Pointe a Pitre wil brengen. Als hij hoort waar de boot ligt, zegt hij dat hij daar langs komt. Nog meer geluk. We praten over Guadeloupe en wat hij van het eiland denkt. Hij vindt iedereen te langzaam en ergert zich kapot. Zeker nu hij speciaal naar de apotheek bij het vliegveld moet rijden, omdat de rest dicht is vanwege carnaval. Hij vertelt dat zelfs het ziekenhuis gesloten is. Als hij uitgepraat is zijn we er al. We nemen afscheid en dan loop ik nog even langs de zaak waar de reserve dynamo ligt. Op slot terwijl ze open zouden zijn. De andere scheepswinkel is ook dicht. Allemaal nog vanwege carnaval. Misschien had de Fransman gelijk, heel Guadeloupe ligt stil. Aan boord ligt er niks stil. Het normale leven draait gewoon door. De kinderen zijn druk met school bezig en Marieke zorgt tussen de bedrijven door voor de was. Het is weer zo’n enorme berg. Het komt wel aardig uit dat ik er ook al ben. Dan kan ik de kinderen helpen en kan Marieke met de was verder en kan ze de boot schoonmaken. Ik doe meteen een chemische aanval op alle muggen die in de boot onze nachten onrustig maken. Marieke komt ondertussen terug met de eerste was. De droger heeft niet helemaal gedaan wat hij beloofd had dus we moeten het een en ander uithangen. Het is alleen kwakkelweer en we houden dus van alles onder de bimini en in de boot. het wordt langzamerhand een uitdragerij en als het weer even verbetert hangen we de boel buiten op.


Ondertussen zijn de kinderen klaar met school en willen gaan spelen. Op de steiger staat een Zwitsers meisje dat graag wil spelen. De meiden gaan snel naar buiten om te zien wie er is. Haar moeder loopt er ondertussen ook naar toe en met Marieke helpen ze de kinderen op gang om samen te spelen. De taalbarriere wordt geslecht en de kinderen gaan lekker spelen totdat Heidi moet gaan eten. Wij gaan tosties bakken. En bedenken wat we gaan doen. Volgens de Zwitsers kunnen we het zwembad wel in en zij gaan straks ook. Ze willen wel eerst naar de stad voor carnaval. We varen met de dinghy naar de overkant van de haven waar ook het zwembad ligt. Het zwembad is ook al gesloten. Dan gaan we maar terug naar de boot. Marieke gaat met de kinderen appelflappen bakken terwijl ik de boot verder opruim. De kinderen willen nog met Heidi spelen en dat is een mooi moment voor mij om te gaan douchen. Heerlijk zoveel water gebruiken. Het is wel niet zo warm, maar ik heb in ieder geval de ruimte. Opgefrist kom ik terug aan boord. Marieke en ik kijken wat we de komende dagen gaan doen. We willen nog graag op Guadeloupe blijven. Ze hebben het ook veel te mooi gemaakt. Het zou verboden moeten worden. De tijd vliegt en veel te laat gaan we eten koken. Afijn om half acht zitten we aan tafel en om acht uur hebben de meiden tanden gepoetst. Op zich niet superslecht. Opgewekt vallen ze in slaap. Dan heerst er weer rust op de Mare Liberum.


Donderdag 14 februari Het is weer tijd om te gaan! Dag twee in de haven vind ik het altijd heerlijk en denk ik dat ik er nog wel een paar dagen wil liggen, maar op dag drie ben ik er altijd klaar mee! Alle moetjes zijn dan gedaan en dan mis ik het vrije gevoel van het ankeren. De kinderen herkennen dat. In de haven vinden ze het fijn dat ze gewoon van de boot af kunnen rennen en dat ze lekker kunnen gaan spelen. Vandaag is het echter de derde dag, alle noodzakelijke klussen zijn gedaan, dus is het de hoogste tijd om de haven te verruilen voor een mooie baai. We besluiten naar Pigeon Island te varen zo’n 40 mijl verder. Pigeon Island is bekend geworden door Jacques Cousteau. Het natuurpark waarin Pigeon Island ligt is dan ook naar hem vernoemd en heet Reserve Jacques Cousteau. De onderwaterwereld bruist hier en volgens Cousteau is dit een van de beste duikgebieden van de wereld. Een mooie plaats om aan te doen dus. ’s Morgens haalt Bas eerste werk de dynamo op die we in Spanje hebben gekocht. Die hebben we hier laten testen. Bas komt tevreden terug, want de dynamo doet het weer. Ondertussen doe ik een kleine handwas en school met de kinderen. Ik heb het nog erg druk in mijn hoofd, want ik heb het idee dat we nog veel moeten doen voordat we wegkunnen. Bas is buiten bezig en ik binnen. Dan ga ik nog even de laatste boodschappen doen. Frederique mag het avondeten kiezen, want ze heeft haar toetsen vandaag weer eens goed gemaakt en dus wordt het macaroni. Gezien de hoeveelheid vlees die ik gekocht heb, kunnen we hier minimaal twee dagen van eten. Daarna nog lekker uitgebreid douchen. Dat mis ik wel. Een lekkere douche waar je onder kunt staan zonder dat je de slang hoeft vast te houden. De meiden douchen mee. Het is gezellig. We hebben een grote douchecabine, dus het is een grote kwebbelboel. Super om de meiden zo te horen en ze te zien douchen. Ze worden groot en hebben bijna geen hulp meer nodig. Hoe zal dat zijn als we thuis zijn bedenk ik me. Terug op de boot maak ik nog een laat ontbijt/ vroege lunch klaar. Als we deze buiten in de kuip aan het opeten zijn, komen Freek en Willeke langs.


Zij zijn net de haven binnen gekomen. We kletsen even wat. Wij hebben helaas haast, want met de 40 mijl nog voor ons en als we op een beetje schappelijke tijd vast willen liggen, dan moeten we nu wel weg. Om 12.30 uur zijn we los. Het waait flink, windkracht 5 en soms 6. Gelukkig komt de wind uit de goede hoek en zeilen we weer eens heerlijk. De golven zijn daarentegen minder fraai en we dat is erg jammer! Na de betonning verleggen we onze koers en dat scheelt. De boot loopt dan super. We varen tegelijk op met een Dufour 53 en we houden deze bij en we lopen hem zelfs voorbij. Hoe is het mogelijk. Hij heeft helemaal vol tuig, die moet ons toch gewoon voorbij kunnen speren! Wel een tevreden gevoel over ons zeilen. Bas en ik kletsen buiten wat en de meiden spelen binnen. Frederique komt er ook buiten bij en we leggen onze plank dwars over de banken. Het is weer vanouds gezellig. Wat ben ik weer blij met ons bootje! Als we vervolgens weer achter het eiland gaan varen valt de wind helemaal weg en wordt vlagerig. Jammer, we liepen zo lekker. Zonder dat ik iets zeg, het was me ook echt nog niet opgevallen, zet Bas de motor aan. Volgens Frederique moet de motor zeker aan, want we gaan toch minder dan 6 knopen! Tja als dat de maat is‌.. dan hebben we een andere boot nodig denk ik. Ik maak aan het einde van de middag alvast het eten voor vanavond klaar. Frederique en Kathelijn willen alle twee heel graag meehelpen. Als ik ’s avonds afwas zie ik dat ze geholpen hebben. De pastasaus zit achter de oven. Heerlijk toch die meiden. We lopen in de schemering Pigeon Bay in. We vinden een mooi plekje. Anker uit, een keer goed achteruit trekken en dan liggen we. Het begint te waaien. We krijgen vlagen van meer dan 30 knopen over. Afgrijselijk. De windmolen draait alsof het een lieve lust is. Het geluid als hij zo hard draait maakt alsof het nog harder waait dan het in werkelijkheid doet. Angstaanjagend is niet het goede woord, maar het komt wel in de buurt. Dus dat ding gaat uit en het is meteen een stuk rustiger. Bas en ik kijken Criminal Minds. Een heerlijke serie. Aan het einde hebben ze altijd filosofische oneliner. Heerlijke doordenkertjes!


Vrijdag 15 februari De nacht was erg onrustig. Het waait hier van tijd hard, zo’n windkracht acht door de baai, en tussendoor is het bijna windstil. Het ankeralarm is drie keer afgegaan doordat we zo achter het anker lagen te draaien. Ik had het alarm zo ingesteld dat we buiten een cirkel van 35 meter gewaarschuwd worden door de GPS. Als ik in de ochtend wakker word liggen er allerlei kindertjes bij ons in bed te kletsen. Ik heb er niets van gemerkt dat ze bij ons zijn komen liggen. Wel heel knus zo. Hoe zal dat gaan als we weer thuis zijn? Frederique gaat als eerste uit bed en begint spontaan de tafel te dekken. Ze vindt ontbijten erg gezellig en zorgt er voor dat we niet weg komen met snel een boterham uit het vuistje. Om negen uur gaat de school weer beginnen. Ik kijk de marifoon even na. Hij stoort nogal als je de zendknop indrukt. Met wat koperpoets en dan nog vaseline toe zendt hij weer als vanouds. Ik ga met de rubberboot naar de kant om internet te regelen, wellicht brood te kopen en een duik voor de middag te regelen. Bij de duikshops is het erg druk met mensen die gaan duiken. Ik ga eerst maar eens op zoek naar internet. Bij de toerist information word ik naar de restaurants gestuurd voor Wifi. Dat is zo vroeg nogal veel gevraagd. Ik loop naar het dorpje toe om iets te vinden. Een restaurant gaat bijna open en over drie kwartier ben ik welkom. Even verderop is een autoverhuur annex internetcafé. Daar ga ik in ieder geval de mail binnenhalen. Ik krijg de code en haal de mail binnen. Ik zoek wat op Google naar reparatie van de ramen in de opbouw. Daar staat weinig over geschreven helaas. Iedereen blubbert blijkbaar de oude rubbers vol met nieuwe kit. Dat lijkt mij niet de ideale oplossing. Ik reken af en ga naar buiten. Even Marieke roepen en kijken hoe het aan boord gaat. Alles rustig. Prima te verstaan onze marifoon. Ik ga weer terug naar de duikshops. Onderweg pak ik nog een bakje koffie. Een bakker kom ik helaas niet tegen. Bij de duikshops kijk ik wat ik het beste kan doen. De meeste programma’s zijn te lang. Vanmiddag willen we ook met de kinderen naar het strand. Ik spreek bij een van de shops af om om twaalf uur hier weer te zijn om te gaan duiken. Ik moet opschieten om dat te halen, want het is al 11 uur. Ik ga snel naar de boot terug om mijn spullen te pakken. Ik neem nog een paar boterhammen en dan is het alweer tijd om terug te varen. Bij de duikschool moet ik even wachten voordat er een fles, jacket en shorty is geregeld.


De juist teruggekeerde duikers zijn nog druk met alles terugbrengen en afspoelen. Aan de gezichten te zien waren het weer geslaagde duiken. Ik wacht rustig af tot ik aangesproken word. Ik krijg mijn spullen en zet alles in elkaar en trek een shorty aan. Dan wacht ik weer af. Even later neemt de duikinstructeur me mee naar de boot waar zijn collega de motor al heeft gestart. Ze moeten van boot wisselen. De grote boot wordt aan een mooring gelegd en met de kleine gaan we duiken. Met de marifoon heb ik nog even contact met Marieke, want de boot komt heel dicht bij ons te liggen. Dan gaan we naar Pigeon Island. We zouden eerst naar de Japanese Garden gaan, maar daar staat te veel stroming. De duikboot wordt aan een mooring gelegd en dan hangen we de spullen om en gaan te water. Onder water is het mooi. Er is veel koraal en er zijn veel vissen. Waar we beginnen is het vijf meter diep. We zwemmen verder en zakken door naar 20 meter diep. Hier is het indrukwekkend mooi. Ik snap best dat Cousteau dit geweldig mooi vond. We zien onder water een zeeschildpad zwemmen. Hij blijft zomaar een paar minuten voor ons uit zwemmen. De duikinstructeur wijst van alles aan. Er liggen hele grote schorpioenvissen onder de rotsen en er zwemmen hele grote papegaaienvissen. Dan komen we bij een plek waar ik mijn handen onder een rots moet houden.


Hier is de bodem gewoon warm. Zo warm dat je echt bang wordt dat het te heet wordt. Als we verder gaan zien we een gigantisch grote langoest. Wat een beer. Zijn lijf is zo dik als mijn kuit. We gaan verder en zien nog een snapper en een grote tandenbaars. De instructeur laat nog allerlei sponzen zien en voelen. Dat is toch heel anders als de spons uit de winkel. We gaan weer langzaam wat hoger zwemmen. Mijn lucht begint ook al aardig af te nemen terwijl ik het idee heb dat ik heel rustig adem. Maar ja het is ook adembenemend onder water, onder een rots zien we twee Franse keizersvissen met elkaar ruziÍn. Dat zijn wel hele mooie dieren. Het is alsof je in een film van Jaques Cousteau zwemt. Je mist alleen zijn stem als voice-over. We stijgen verder op naar vijf meter, we zijn nu bijna terug. We zien nog een barracuda stil zweven bij een rots met zijn bek wijd open. Kleine visjes zijn bezig zijn gebit te poetsen. Dan zijn we al weer bij de boot en stijgen langzaam op. Wat een geweldige duik was dit. We zijn drie kwartier onder geweest en mijn luchtfles is helemaal leeg. Ze gooien de boot los en we varen terug naar de steiger. Wat een geweldige duik was dit. Terug aan de wal praten we nog even na en drinken we even een rumpunch. Dan ga ik naar de boot terug, want dan kunnen we dadelijk met de meisjes naar het strand. Aan boord zitten ze lekker aan de soep. Dat gaat er bij mij ook wel in. Ik heb het koud gekregen onder water. Als de soep op is willen we gaan, maar de hele tijd waaien er buien over. Als het uiteindelijk beter weer is gaan we naar de kant. We oefenen met Liedewij met zwemmen en dat gaat steeds beter. Ik ga met de rubberboot kijken waar de supermarkt is. Je moet er namelijk met je dinghy kunnen komen. Ik zie een klein vissershaventje, ik was er voorbij gevaren als er geen andere boot in was gevaren. Eens kijken wat hier zit. Ik vraag het aan een man in een visboot. Ja hierachter zit de Carrefour. Tevreden ga ik terug en op de terugweg vaar ik langs Pigeon Island om te zien of we daar kunnen snorkelen met zijn vijven. Als ik terug vaar naar de meiden word ik door een duikboot gemaand langzamer te varen. Maximaal 5 knopen. Dus gaat het gas er af en vaar ik rustig naar de kant. Op het strand gaan Marieke en ik met de beachball tennisset over slaan. Dat is lang geleden. We zijn nog steeds evengoed als vroeger‌. Dan is het ondertussen weer tijd om terug te gaan naar de boot. Het waait weer hard. Marieke zwemt naar de boot. Aan boord spoel ik de kinderen even af met zoet water.


Marieke is ondertussen ook aan boord en we gaan voor het eten zorgen terwijl de kinderen een mierzoet Barbie-filmpje kijken. We eten lekkere pasta en sla en als toetje krijgen de meisjes hun zelfgemaakte appelflappen. Als de kinderen gepoetst en wel in bed liggen gaan we even de scheepsjournalen werken. Ondertussen hebben we het over onze route. Hoe gaan we de reis vervolgen? Wat willen we echt zien en wat niet? New York staat hoog op de verlanglijst en terugvaren heeft ook wat avontuurlijks. De boot terugvaren blijft toch in onze hoofden spelen. We hebben al zoveel overwogen en de voordelen van het terugvaren benoemd, maar de gedachte om zelf terug te varen blijft in onze hoofden spelen. Bijzonder dat als je de mogelijkheid hebt om zelf niet terug te varen dat je toch er over na blijft denken om het zelf te doen. Het heeft ook wel wat om het zelf te doen. Marieke maakt een nieuwe planning waarin we Jamaica en Ha誰ti laten schieten en naar New York gaan. Dit lijkt het te gaan worden. Het ziet er qua tijd goed in. Dan gaan we Sjakie en de Chocoladefabriek kijken. De kinderen willen deze film heel graag zien, maar wij willen de film even gezien hebben om te zien of het niet te spannend is. Ik denk dat ze met veel plezier de film kunnen kijken


Zaterdag 16 februari Volgens mij had ik al gezegd dat ik onze douche mis, nu weet ik het zeker, ik mis ook ons eigen bed. Het lijkt me heerlijk om weer eens in een kingsize Zweedse box spring te kunnen slapen. Helaas zit dat er voorlopig nog niet in. Het heeft weer de hele nacht hard gewaaid en ook bleef de deining maar komen. Daarnaast regende het ook, ja hier regent het ook (misschien wel net zo veel als thuis), dus konden we niks openzetten. Ergens vannacht ben ik maar in de kajuit gaan liggen. Even wat ruimte en wat frisse lucht. Bijna brak werd ik wakker. Het eerste wat de meiden me vroegen was of we gisteren Sjakie en de chocoladefabriek hebben gekeken. Wij zouden hem namelijk eerst kijken om te zien of hij niet te spannend voor hun is. Bas heeft de film helemaal afgekeken, ik ben niet verder gekomen dan de eerste vijf minuten. Hij kan dus het beste beoordelen of de meiden deze film kunnen zien. We kletsen wat en drinken koffie. Daarna pak ik alle tassen bij elkaar. Bas brengt mij met het bijbootje een halve mijl verder. Daar zitten de supermarkten en kan ik weer een aantal volle karren kopen om onze voorraad aan te vullen. We gaan de komende weken naar een heleboel kleine eilandjes en de ervaring leert dat ze daar nauwelijks supermarkten hebben en als ze er al zijn, dan durven ze belachelijk hoge prijzen te vragen. Aangezien we de ruimte hebben, gooien we de boot maar weer eens lekker vol! Als ik klaar ben roep ik Bas op met de marifoon en hij komt de eerste lading halen. Hij gaat dit bij de boot afzetten en ik doe nog een rondje supermarkten. Het is echt weer om boodschappen te doen, want het regent constant. Heer irritant. Bij de kassa’s roep ik Bas weer op en dit keer komt hij samen met Liedje. We vinden het alle twee niks om haar op de boot te laten. Het bijbootje ligt aardig vol. Samen sjouwen we alles aan boord. De meiden proberen wat school te doen, maar als de juf en meester ontbreken, dan wordt de motivatie ook minder. De boot ligt helemaal overhoop. Er liggen overal boodschappen, schoolspullen en allerlei andere dingen.


Om zelf chaotisch van te worden. Bas gaat onder de boot duiken en ik ga alles opruimen. Ik kan me er niet goed toe zetten, mijn goede humeur en geduld zijn heel ver te zoeken. Heel langzaam krijg ik orde in de bende. Ondertussen komt er een douaneboot de baai binnen varen. Ze wachten en wachten, maar doen verder niks. Dan gaan ze stootwillen hangen en ik denk dat ze komen hangen. Nee, niet het geval. Ze gaan weer verder en varen richting Pigeon Island. Bas ligt ondertussen nog onder de boot en ik hoor dat hij hem aan het schrobben is. Raar idee hoor! Dan vraagt hij om een schilmesje. Hij wil nog even de pokken eraf halen. Trots komt hij weer boven en is blij dat dit karwei weer geklaard is. De duik fles is echt helemaal leeg en hij gaat deze met Liedje vullen aan de kant. Ik ruim de laatste spullen op. Dan hoor ik getoeter in de baai. De douane is terug. Ik kijk het even aan vanaf het trapje en bedenk dan dat ze richting ons komen en ons aan bakboord willen enteren. Het waait hard en de deining mag er wezen. Ze zijn wel met zes man op dat kleine bewegelijke bootje. Ik wil het touwtje aan de punt aanpakken, maar ze komen wel heel dichtbij. Ik ben blij dat zowel zij als wij stootwillen hebben hangen. Hoe is het toch mogelijk. Die mannen moeten toch zonder problemen langszij kunnen. Het tegendeel blijkt, want ik moet hard afhouden en de douaniers trouwens ook. Dit kan niet goed gaan. Frederique komt helpen en pakt een touw naar voren. Ik blijf afhouden. Jonge jonge jonge wat een spektakel. Dan zit hij met zijn stootrand achter tegen onze boot aan. De mannen schrikken er erg van, want ik roep ook nog dat ze moeten uitkijken. Ze varen een aantal meters bij ons vandaan. Ze zijn erg onder de indruk. En nu? Ze staan er maar onhandig bij. De ene zegt dat ik de bootpapieren moet gaan halen, de ander zegt dat ze heel snel terugkomen, weer een ander zegt dat‌ als ik zeg dat mijn man zo terug is en ze wel wil komen halen met de dinghy wordt dat niet gehoord. Ze zijn te druk met hun eigen ego’s. Ze laten me een beetje eenzaam achter, want ze varen bij ons vandaan. Wat moet ik nu? Dan gebaart er een dat ze niet meer terugkomen. Dat het allemaal goed is en dat het in orde is. Wat is dit nu weer?????


Dan scheuren ze weg. Wat een raar gedoe. Er liggen een aantal snorkelaars naast de boot. Die proesten het uit, want een douaneboot die niet langszij kan komen, nee daar kun je de oorlog mee winnen! Bas komt terug en heeft helemaal niks van het tafereel gezien. Dus doe ik het hele verhaal nog een keer uit de doeken. Uit het vuistje eten we een stukje stokbrood. De snorkelspullen worden in de bijboot gelegd en we racen naar Pigeon Island. Daar gaan we heerlijk snorkelen. Zo lekker, zo mooi! Bas had gisteren al gezegd dat het hier heel mooi duiken is, maar voor snorkelen geldt precies hetzelfde. Zoveel vissen, zo’n helder water. Zo mooi. Heerlijk. Ik ben allemaal met de onderwatercamera aan het spelen. Wat een magnifiek apparaatje. Onder water kan ik alle knopjes bedienen en verander ik allerlei instellingen. Leuk om te doen en gaaf om het resultaat te zien. Het is werkelijk een feestje. Het is ook erg rustig. Super tof. We liggen ook best rustig. Na een half uur zijn Liedje en Lijn er wel klaar mee. Ik ga samen met Frederique nog even verder. Als ook Frederique het koud heeft gaan we terug naar het bootje en neemt Bas ons nog even mee naar het baaitje van waaruit hij gisteren is gaan duiken. Hier is echt helemaal niemand. Alleen heel heel heel veel vissen! De meiden blijven in het bootje en Bas en ik snorkelen letterlijk tussen de vissen. Je kunt ze gewoon aanraken. Helaas moeten we terug naar de boot, want we willen nog naar Deshaies varen vanmiddag. Hopelijk is die baai rustiger. Het is anderhalf uur varen. Bas en ik zitten lekker in de kuip wat te lezen en de meiden kijken Sjakie en de chocoladefabriek. Liedje valt erbij in slaap en Lijn vindt het toch te spannend. Dan maar iets anders kijken. We draaien de baai in en zien het Flying Circus liggen. Naast hun is plaats, dus daar leggen we ons bootje neer. Gezellig. Ze zijn niet aan boord, maar we zullen ze zeker nog wel even zien. We lopen even door het dorpje. Het ziet er wel gezellig uit. Het is oud vissersdorpje. Hier kunnen we ons morgen wel vermaken. Terug op de boot eten we lekkere soep met brood. Daarna gaan de kids lekker slapen. Wij hebben nog een lekker avondje voor ons. Het is lekker in de kuip, dus dat komt vast goed!


Tot slot: Klussen Bij een jaar op reis denk je al snel aan een jaar op vakantie. Heerlijk een jaar vakantie. Een jaar lang niets anders doen dan bootje zeilen, zonnebaden, duiken, snorkelen en surfen. Eindelijk los van alles, werkdruk, volle agenda’s en verplichtingen. Dat is ook fijn, kan ik zeggen, heel fijn. We genieten en genieten. Het leven is zo heel goed. Helemaal niets doen is er niet bij. We doen gemiddeld genomen iedere dag een paar uur aan onderhoud en klussen. Alles wordt intensief gebruikt dus de motor wordt regelmatig bekeken en de olie gecontroleerd. Lieren moeten van tijd tot tijd gesmeerd worden want die draaien dit jaar meer dan dat ze in de afgelopen 21 jaar hebben gedraaid. Ook de romp wordt regelmatig gepoetst en ook onderwater houden we alles in de gaten. Kort geleden was de schroef heel fraai aan het begroeien. Ik merkte het aan de snelheid op de motor. Die was duidelijk minder dan voor de oversteek. Dit zijn zo maar wat voorbeelden van dingen die we te doen hebben. Gisteren ontdekten we dat de reparatie die we in Portugal aan de rubberboot hebben gedaan opnieuw aandacht nodig heeft, want de boot begint te lekken. Dus daar moeten we ook mee aan de slag voordat het lekken te hard gaat. Zo denk je dat je (bijna) klaar bent en zo heb je weer wat te doen. Er zijn ook klussen die al heel lang liggen. In Nederland heb ik een nieuw railingnet gekocht en deze ligt nog steeds te wachten om aan de railing geknoopt te worden. Wie weet komt die nog aan bod voordat we terug zeilen. In ieder geval, er is altijd wat te doen. Jappadjajajippiejippiejee‌..


Scheepsjournaal week 33