Page 1

Inleiding tot de taal der leegte

Overbodige woorden, het gebruik van cliche’s, vage woorden, stopwoordjes, inhoudsloze meningen, woorden die niet specifiek zijn en vulmiddel. Leeg taalgebruik komt in vele vormen voor en is niet eenduidig. Op televisie, in de reclamefolder, op de verpakking van koekjes, op de radio, op posters langs de weg of een gesprek in de trein. Leeg taalgebruik hoor en lees je op veel diverse plekken en is niet aan een medium te koppelen. In de inleiding tot de taal der leegte ga ik dieper in op drie soorten leegte: 1. Opvulling in alledaagse spreektaal. 2. De niet onderbouwde, inhoudsloze mening. 3. Nietszeggende politieke kreten. Opvulling in alledaagse spreektaal Ik zit in de trein en hoor een gesprek: Deel uit gesprek: ‘Ik vind dat zeg maar eigenlijk best wel heel erg apart’. ‘Oh ja joh? Nou ja apart, ja, nu je het zegt, daar kan ik wel inkomen ja’. ‘Uhm... wel bijzonder, daar niet van, maar je moet er van houden, weet je’. ‘Ja, dat is ook gewoon zo.’ ‘Niet om het een of ander, maar ik denk dan wel echt, doe even normaal of zo!’. Uit onderzoek van Ray Hull blijkt dat we de afgelopen 10 jaar zo’n 30% sneller zijn gaan praten, hetgeen betekent, bijna 40 woorden meer per minuut. Dit doen we vooral om vlot, slim en grappig over te komen maar zijn we ook daadwerkelijk meer gaan zeggen? De twee dames voor mij in de trein praten en lachen zich in rap tempo door de treinreis heen. Achteraf vraag ik me af wat er van dit gesprek over blijft wanneer je het filtert en alle onnodige toevoegingen, stopwoordjes en vulwoorden achterwegen laat.

Deel uit gesprek zonder toevoegingen, stopwoordjes en vulwoorden. ‘Ik vind het apart’. ‘Ja, dat snap ik’ ‘Bijzonder maar niks voor mij’. ‘Mee eens.’ ‘Ik vind het raar.’

De essentie van het gesprek blijkt in 19 woorden te vatten terwijl dit eerder gedaan werd in 65 woorden, een verschil van 46 woorden. Toevoegingen zijn makkelijk, ze voorkomen pijnlijke stiltes en geven ook tijd even na te denken over wat je wil zeggen (‘Uhm..’). Wanneer 1 stopwoordje continu herhaald wordt kan ik dit wel als storend worden ervaren: ‘Uhm..Het is zeg maar, uhm.. best wel leuk, uhm.. zeg maar!’

1


Ik vraag me af, is de nietszeggende spreektaal typisch voor deze tijd? Deels. Aan de ene kant lijkt de lege taal zich te ontwikkelen en verdwijnen nuances in ons taalgebruik. Denk bijvoorbeeld aan de ‘vind ik leuk’ knop op facebook. Zelfs bij overlijdensberichten op facebook, vinden tientallen mensen dit ‘leuk’. De betekenis van dit woord wordt erg breed en verliest hierdoor zijn oorspronkelijke betekenis. Aan de andere kant spreekt socioloog Pierre Bourdieu (1930 - 2002) al in 1978 over een vervlakking van de taal en noemt dit: ‘Dumbing down of language’. Er is sprake van aantasting van het intellectueel niveau in taalgebruik en dit heeft invloed op het onderwijs, literatuur, film en het nieuws. Wanneer ik een mening probeer te vormen op nietszeggende spreektaal blijkt dit lastig. Het kan storend zijn maar is niet per definitie negatief, soms is het zelfs positief wanneer het een pijnlijke stilte voorkomt of ruimte biedt tot nadenken. Wel is het goed de stopwoordjes, toevoegingen en vulmiddelen te herkennen en je af te vragen of ze de essentie van je verhaal niet in de weg staan. De niet onderbouwde, inhoudsloze mening Een andere vorm van leegte in zowel spreektaal als geschreven taal is de inhoudsloze mening. Vanaf de jaren 60 wordt er voor het nieuws op straat om de ‘publieke opinie’ gevraagd. Het is belangrijk wat het volk vind van ‘de nieuwe wetten’ en ‘de oorlog die speelt’. Tegenwoordig lijkt het vormen van een mening en persoonlijke visie erg belangrijk bovendien zijn er steeds meer mediums om deze te verspreiden. De column in de krant is geliefd bij de lezers, auto-biografieën zijn populairder dan ooit en een medium als twitter is er voor gemaakt jouw mening en ervaringen te delen. Dagelijks worden er 340 miljoen tweets verzonden. Lang niet iedereen denkt er over na wat hij/zij verstuurd en voor wie dit belangrijk of interessant kan zijn. Een bord eten of zonsondergang is niet ‘echt’ interessant maar toch ontvang je er reacties op, erkenning. Op twitter of in een gesprek tussen twee mensen, valt het mij op dat iedereen zijn mening klaar heeft staan. Als Nu een nieuwsbericht plaatst, Paris Hilton een foto of het koningshuis een mededeling stromen de reacties binnen. Iedereen heeft er een mening over. De online meningen lijken minder genuanceerd. Doordat je je niet live tot iemand verhoudt voelt het anoniemer en dat geeft het gevoel dat je alles kan zeggen wat je wil. De meningen op twitter zijn maar nauwelijks onderbouwt met een argument of bron. ‘Arhg! Ik vind dit echt fucking niet normaal!’. Toch komt deze mening door scheldwoorden, dierlijke geluiden en overdrijving krachtig over. Naar mijn idee heb je twee soorten meningen: de mening die onderbouwt wordt met bronnen en argumenten, deze mening heeft betekenis. De inhoudsloze mening is de mening die de wereld wordt in gespuid zonder er bij na te denken voor wie hij interessant of belangrijk kan zijn en daarbij op geen enkele manier wordt onderbouwt.

2


Nietszeggende politieke kreten Als ik de radio aanzet hoor ik: ‘ABN AMRO, de bank anno nu’, op posters langs de weg lees ik ‘4 uur cup-a-soup’ en wanneer ik boodschappen doe in de Albert Heijn lees ik ‘Hamsteruuuh!’. Je leest en hoort slogans overal. Een slogan is een korte tekst die in de meeste gevallen wordt gebruikt voor commerciele doeleinden. Eens in de 4 jaar gaan we naar de stembus voor de landelijke verkiezingen, eens in de 4 jaar voor de provinciale verkiezingen, eens in de 4 jaar voor de gemeenteraadsverkiezingen en eens in de 5 jaar voor de Europese verkiezingen. Deze week gaan we naar de stembus voor de europese verkiezingen een paar weken geleden ging de campagne van start en verschenen er affiches op de grote borden, hiervoor speciaal geplaatst. Ook kwamen er diverse partijen bij mij langs de deur met flyers en delen ze in de stad kleine cadeautjes of rozen uit. Dit is een vorm van propaganda: ‘Een bepaalde vorm van communicatie waarbij de publieke opinie beïnvloed wordt om aanhangers te winnen voor bepaalde opvattingen of standpunten’. Apart is dat op de campagne posters vooral slogans staan, een standpunt wordt mij niet duidelijk.

‘Denk groot’, ‘Ja!’, ‘Aandacht eenvoud’, ‘Nee’, ‘Kies voor eerlijk’.

Deze slogans lees ik op de verschillende campagne posters. Het zijn kreten die ik herken als reclame slogans maar niet verwacht in een politieke campagne. De inhoudelijke boodschap ontbreekt, ik vraag me af: Op wie ga ik stemmen als een inhoudelijk standpunt mij niet duidelijk is? Uit 100 campagne posters selecteerde ik 80 slogans die breed interpreteerbaar zijn. Sommige kreten geven nog enigszins een richting aan zoals: ‘Sterker en socialer’, deze kreet is links georiënteerd. Een kreet als‘Voor de verandering’ van de Christen Unie is minder duidelijk te plaatsen, het lijkt zelfs wel alsof bij deze kreet de eigen conservatiever achterban zelfs vergeten wordt. Of ‘Denk groot’, een kreet waarbij ik moet denken aan het Amerikaanse ‘Think big’, roem en economische groei, een associatie die niet past bij de afzender: Groenlinks. De breed interpreteerbare kreten proberen een breed publiek aan te spreken en zo de zwevende kiezer binnen te halen en heeft dus net als de slogans in de reclame een commerciële doeleinde. Hoofdstuk 1 is een instructieboekje over ‘lege’ gesprekken. Ik geef tips voor een eenzijdige conversatie en bespreek diverse lege spreekstijlen. Hoofdstuk 2 zijn de 80 kreten die ik tegen ben gekomen op politieke campagne posters van de afgelopen 8 jaar. Hoofdstuk 3 zijn de interpretaties op de politieke kreten. Deze kreten heb ik laten interpreteren door diverse mensen met een verschillende beroepsachtergrond. Zo schreef en scenarist er korte synopsis bij, sloeg een student recht er het wetboek op na.

3

Inleiding tot de taal der leegte  

Onderdeel van mijn scriptie - 2014