VIRTUAL SIZING

Page 1

Virtual Sizing Auteurs: José Teunissen & Riëlle Schoeman Geplubiceerd: 30 september 2017

ArtEZ Centre of Expertise Future makers Korstestraat 27 6811 EP Arnhem Nederland + (0)26 – 35 30 915 Futuremakers@artez.nl Futuremakers.artez.nl




Voorwoord Virtual Sizing is een onderzoek waarbij we twee werelden die elkaar

Virtual Sizing is een initiatief van het Centre of Expertise; Future Makers

eigenlijk nog nooit hebben ontmoet aan elkaar hebben kunnen koppelen.

van ArtEZ. Het richt zich op de ontwikkeling en toepassing van nieuwe

Een wereld waarin mode en mensen in een rolstoel elkaar onderzoekend

materialen en maakprocessen in mode, design, interieur en architectuur.

hebben aangekeken, maar ook waar ze elkaar hebben kunnen versterken.

Binnen dit project wordt samengewerkt met technische partners Sizing Science en Hogeschool van Amsterdam. En twee partners die al

In Nederland zit een half miljoen mensen in een rolstoel, de ene helft

werkzaam zijn in het werkveld van rolstoelkleding in Gelderland, A Body

permanent en de andere helft het grootste deel van de tijd. In Duitsland

Issue en Be it by Jenn.

zit 1,6 miljoen mensen in een rolstoel. Rolstoelers zijn niet alleen beperkt in hun bewegingen, hun handicap vraagt ook om kleding die comfortabel

Om innovaties en mogelijkheden van 3D scans verder te brengen is

zit. Helaas is er maar écht weinig modieuze kleding te koop die speciaal

dit tweejarig samenwerkingsplan gestart. Er is in 3 werkpakketten

ontworpen is voor deze doelgroep. Ook kleding passen in een winkel is

geprobeerd nieuwe technologieën te gebruiken en deze tot marktklare

voor een rolstoelgebruiker meestal niet optimaal.

producten te realiseren. De werkpakketten sluiten aan bij de vragen van Be it by Jenn en A Body Issue en de uitkomsten zijn getest door

Uit ons onderzoek is gebleken dat het belangrijk is voor deze doelgroep dat

bovengenoemde partijen.

mode gecombineerd wordt met functionaliteit. Dingen als draagcomfort, pasvorm, soepel in kleding kunnen bewegen zijn belangrijk. Maar ook

Het project startte in juni 2015 met een modeshow van A Body Issue

dat de huidige functionele kleding aansluit bij de laatste modetrends.

tijdens Fashion + Design Festival Arnhem(FDFA). De uiteindelijke

Dit gebeurt in het huidige modelandschap nog te weinig en dat terwijl

afrondende presentatie van het project is twee jaar later wederom tijdens

kleding voor veel mensen een deel van de persoonlijke identiteit is. Door

FDFA gepresenteerd. Echter zal het project ook nog getoond worden in

kleding laat je zien wie je bent.

2018 tijdens State of Fashion 2018 in het LAB-onderdeel.

José Teunissen is de initiator van het project, Zij zocht verschillende partijen bij elkaar om deze markt te onderzoeken en de werelden aan elkaar te verbinden. De vraag die we dan ook centraal hebben gezet is: Hoe kunnen we deze twee werelden aan elkaar verbinden en welke rol kan virtueel passen in dit proces spelen. Een belangrijke speler is de Provincie Gelderland. Zij zien het belang in van een sterke health sector in de provincie. Deze sector is verantwoordelijk voor 14% van de Gelderse Werkgelegenheid. Een belangrijk deel daarvan omvat de zorg. Op het moment vinden er verschuivingen plaats in de zorg vanwege bezuinigen, personeelstekorten en de vergrijzing van de maatschappij. Daardoor is er steeds minder personeel en tijd en kan kleding die makkelijker hanteerbaar is tijd besparend werken voor de zorgsector. Een belangrijke reden voor Provincie Gelderland om deel te nemen aan dit onderzoek.



Inhoudsopgave

1.0

Introductie....................... pg. 8

pg. 9 .........Samenwerkingspartners

3.0

2.0

Bodyscan technologie toepasbaar maken pg. 10

pg. 16 ..................Aantrekkelijk design

5.0

4.0

Marktonderzoek....................... pg. 19

pg. 23 ...........................Conclusies

7.0

6.0

Bibliografie................... pg. 25


VIRTUAL SIZING / 1.0

1.0 Introductie Virtual Sizing is een initiatief van Centre Of Expertise; Future Makers

van

ArtEZ,

in

samenwerking

met

Sizing

Science,

Hogeschool van Amsterdam, A Body Issue en Be it by Jenn. Over de samenwerkingspartners gaan wij dieper in hoofdstuk 2 In hoofdstuk 3 wordt ingegaan op de problematiek van -en variaties- in lichaamsafmetingen en bewegingspatronen van rolstoelers. Enerzijds zijn er mensen met een hoge dwarslaesie die geen vermogen hebben om zichzelf voort te bewegen, anderzijds zijn er mensen met een lichte beperking die zich volledig vrij kunnen verplaatsen. Door afwijkende afmetingen van een rolstoeler is een standaard confectiemaat meestal niet passend. Tegenwoordig is het ook mogelijk om kleding op basis van 3D bodyscans te maken. We gaan dieper in op het gebruik van het softwareprogramma Clo3D waarin het mogelijk is om digitale patronen te tekenen of te importeren en deze virtueel aan elkaar te stikken en te vormen tot een kledingstuk. Daarbij laten we een voorbeeld en testresultaten zien. Hoofdstuk vier laat het ontwerpproces en gedachtegang zien van Simeon Morris. Morris is voor dit project aangesteld om een speciale collectie te ontwerpen voor mensen in een rolstoel. Morris ontwikkelde de pilot collectie GRACE. In tegenstelling tot wat er in eerste instantie gedacht werd, wil de rolstoeler dat de “aanpassing” al in de kleding zit. Naast het technische- en designonderzoek is er binnen dit project ook een marktonderzoek verricht naar de vereisten van kledingen rolstoelgebruik. Hoofdstuk 5 gaat over dit onderzoek en is uitgevoerd door de Hogeschool van Amsterdam en door Jennifer Rijnberg (oprichten en eigenaar) van Be it by Jenn. Binnen dit onderzoek zijn de wensen en de problemen van de rolstoelers geïnventariseerd.

8


VIRTUAL SIZING/ 2.0

2.0 Samenwerkingspartners Virtual Sizing

Hogeschool van Amsterdam / Fashion Technology Lab

Een initiatief van Centre of Expertise; Future Makers van ArtEZ, in samenwerking met Sizing Science, Hogeschool van Amsterdam, A

Het Fashion Technology Lab is een onderdeel van de Hogeschool

Body Issue en Be it by Jenn.

van Amsterdam en richt zich op de continue aanpassing van kleding en

Center of Expertise: Future Makers ArtEZ Future Makers is een samenwerkingsverband tussen het lectoraat Mode en het lectoraat EllScape; product & interior design. Het richt zich op de ontwikkeling en toepassing van nieuwe materialen en maakprocessen in mode, design, interieur en architectuur. Daarnaast is bij Center of Expertise ook de netwerkorganisatie CLICKNL|NextFashion – de innovatie agenda van mode binnen de creatieve industrie – aangesloten. ArtEZ is daar penvoerder. Het CoE is een PubliekPrivate Samenwerking (PPS) waarin onderzoeks- en innovatieprojecten met bedrijven, regionale overheden en andere kennisinstellingen centraal staan. Ontwikkelingen rond mode, design, materialen en productieprocessen worden hier gerealiseerd. ArtEZ heeft op het gebied van mode een internationale reputatie opgebouwd en biedt naast een Bachelor-mode, twee mode Masteropleidingen aan. Een op het gebied van Design en een over strategie/marketing. Met die achtergrond én een internationaal opererend en erkend lectoraat brengt zij state of the art kennis op het gebied van mode-design en value thinking. De goed aangeschreven opleidingen architectuur en productdesign sluiten met hun expertise aan.

José Teunissen, lector Riëlle Schoeman, project coordinator www.futuremakers.artez.nl

accessoires door de veranderende buitenwereld en het menselijk innerlijk. Het lab verricht innovatief onderzoek met specialisaties als: Industrieel ontwerp, fysiologie, bewegingsleer, filosofie en culturele studies.

Joyce Vedder, researcher Lisette Vonk, coördinator Fashion Technology Lab & Virtual Reality Atelier www.amsterdamcreativeindustries.nl/fashion-technology

Be it by Jenn! Doetinchem Be it by Jenn wil moderne, comfortabele kledingontwerpen bieden aan mensen met een beperking, voornamelijk gericht op rolstoelgebruikers. Rolstoelgebruikers ervaren veel problemen bij het vinden van geschikte kleding. Be it by Jenn heeft als doel een geschikte en betaalbare lijn te creëren voor deze doelgroep.

Jennifer Rijnberg, eigenaar Be it by Jenn www.beitbyjenn.nl

A body Issue Katja van Groningen, fashiondesigner, en Marije van der Windt, leidinggevende in de zorg, zijn samen A Body Issue gestart. Dit is een confectielijn voor zittende mensen (mensen met een fysieke beperking). Op basis van 3D bodyscans met behulp van een doorscanbare stoel, maken zij grondpatronen en een nieuwe maattabel. Op basis van

Sizing Science

feedback worden ontwerpen geproduceerd voor een prototype collectie.

www.abodyissue.com

Spin-off van TNO door Prof. Dr. Hein Daanen. Sizing Science heeft de body 3D scan ontwikkeld en assisteert bedrijven met het gebruik van de Body 3D scan.

www.sizingscience.nlamsterdamcreativeindustries.nl/fashiontechnology

9


VIRTUAL SIZING / 3.0

Bodyscan technologie

3.0 toepasbaar maken

kunnen verplaatsen. Hun lichaamsdimensies verschillen sterk (Paquet &

We kijken naar de problematiek en grote variatie in lichaamsafmetingen

is een methode waarbij het lichaam wordt opgemeten, meestal door

en bewegingspatronen van rolstoelers. Enerzijds zijn er mensen met

witlicht reflectie. Deze data wordt omgezet in maten en daardoor kan er

een hoge dwarslaesie die geen vermogen hebben om zichzelf voort te

een patroon gemaakt worden.

Feathers, 2004). Steeds vaker wordt 3D bodyscanning gebruikt om de maten van een rolstoelgebruiker in kaart te brengen. 3D Bodyscanning

bewegen, anderzijds zijn er mensen met een lichte beperking die zich volledig vrij met een rolstoel kunnen verplaatsen.

In Nederland zijn er enkele bedrijven die zich met 3D scannen bezighouden.

Door afwijkende afmetingen van een rolstoeler is een standaard

Twee daarvan, A Body Issue (Arnhem) en AMFI(Amsterdam). Zij zijn

confectiemaat meestal niet passend. Er is tot op heden geen standaard

bij dit project aangesloten.

kledingmaattabel voor een rolstoeler. In dit hoofdstuk zullen enkele oplossingen worden gegeven om patronen

Er is geen standaard kledingmaattabel voor een rolstoeler. De gebruikers

aan te passen en laten we testresultaten zien van 3D scanning.

zijn op te delen in 3 groepen. Deze indeling van rolstoelgebruikers heeft

3.1 Algemeen

te maken met de lichaamsvorm (McCormick et al., 2007). Een globale indeling die gehanteerd kan worden, is binnen dit onderzoek bepaald door dr. Daanen en Dr.Vedder.

Het omzetten van lichaamsmaten naar kledingmaten is complex, niet

1. Rolstoelgebruikers met een lichaamsvorm identiek aan de niet-

alleen kennis van antropometrie (de kunst van “het meten van mensen�

rolstoelgebruikers.

oftewel het vaststellen van afmetingen en verhoudingen van het menselijk

2. Rolstoelgebruikers met aangepaste lichaamsvorm door veel

lichaam) is noodzakelijk maar ook patroonkennis en kennis van de laatste

zitten en dystrofie van de benen.

mode.(H. Daanen en J. Vedder 2015).

3. Rolstoelgebruikers met een sterk afwijkende lichaamsvorm.

Tegenwoordig is het mogelijk om kleding op basis van 3D bodyscans te maken. Ontwerpers maken af en toe gebruik van dit soort software.

1.

Pionierswerk op het gebied van dergelijke 3D visualisaties is dat van

rolstoelgebruikers. Hiervoor kunnen bestaande kledingmaattabellen

Prof. Thalmann en zijn groep, in Geneve (Volino, Cordier, & Magnenat-

worden gebruikt en is de uitdaging vooral om patronen geschikt te

Thalmann, 2005).

maken voor de zittende mens.

Voor het ontwerp van kleding voor rolstoelgebruikers is recent werk

2.

beschikbaar: het betreft een proefschrift van Ioana Petcu (in het

zitten en dystrofie aan de benen. De meeste rolstoelgebruikers vallen

Roemeens, email i.petcu@saxion.nl) en een recent artikel (Rudolf,

waarschijnlijk in deze categorie. De buik is vaak dikker en de benen zijn

Cupar, Kozar, & Stjepanovic, 2015). Het laatste artikel vormt een goede

dun door spierhypertrofie. Fig. 1 toont een voorbeeld. Voor deze mensen

introductie in de problematiek over maatkleding voor rolstoelgebruikers.

moet de kleding niet alleen voor het zitten worden aangepast maar ook

Rolstoelgebruikers met een lichaamsvorm identiek aan de niet-

Rolstoelgebruikers met aangepaste lichaamsvorm door veel

vanwege hun afwijkende vorm, vooral van het onderlichaam.

3.2

De doelgroep en haar problematiek.

3.

Mensen met sterk afwijkende lichaamsvorm. Hier treedt vaak

asymmetrie op. Zie Fig. 2 voor een voorbeeld. Voor deze groep moeten kledingpatronen sterk worden aangepast.

Op dit moment zijn er een half miljoen rolstoelgebruikers. Binnen deze grote groep is er een grote variatie in lichaamsafmetingen en bewegingspatronen. Enerzijds zijn er mensen met een hoge dwarslaesie die geen vermogen hebben om zichzelf voort te bewegen, anderzijds zijn er mensen met een lichte beperking die zich volledig vrij met een rolstoel

10


VIRTUAL SIZING/ 2.0

In de praktijk Door deze afwijkende afmetingen in kleding is een standaard confectiemaat meestal niet passend. Organisatoren van het event Fashion on Wheels en partner in dit project A Body Issue, hebben de pasvormen van kleding bij rolstoelgebruikers in beeld gebracht.

Onderkleding snijdt vooral aan de voorkant bij de buik. Ongewenste plooiing bij de lies en knieĂŤn. Broek trekt bij het zitten op waardoor de onderkant van een broek hoger eindigt.

Enkele oplossingen In het onderzoek van H. Daanen en J. Vledder worden al enkele oplossingen gegeven om patronen aan te passen. (Wang, Wu, Zhao, & Li, 2014). Figuur 1. Typische lichaamsvorm van een rolstoelgebruiker met dystrofie van de beenspieren. Bron: A body Issue.

De bodyrise (dit is de hoogte van de broek aan de achterzijde) moet aan de achterkant groter. De bodyrise aan voorkant kleiner. Beenlengte verlengen. Meer bewegingsvrijheid in achterpand/mouwen voor het rollen van de wielen en het wegnemen van coupenaden bij de lies en knieĂŤn. Afhankelijk van de handicap verschillende sluitingen en een andere manier van aan-/uittrekken van kleding. Geen scherpe voorwerpen als knopen, ritsen of zakken die doorzitwonden veroorzaken of de rolstoel beschadigen. Extra aandacht aan het soort textiel. Bij voorkeur ademend om vochtophoping te vermijden.

Virtueel Passen Het aan- en uitkleden van een invalide persoon kost veel tijd en energie van zowel de verzorger als de rolstoeler zelf. Om tijd te besparen zou gekozen kunnen worden voor virtueel passen. Er zijn verschillende softwarepakketten, zoals Lectra, dC Suite, Clo3D, Assyst. Door de kleding virtueel te passen is het mogelijk om het aantal prototypes Figuur 2. Exemplarische lichaamsvorm voor een rolstoelgebruiker met sterke afwijkingen in lichaamsvorm. Bron: A body issue.

te reduceren en daarmee tijd en geld te besparen. De meeste softwarepakketten waarmee virtueel gepast kan worden zijn echter nog

11


VIRTUAL SIZING/ 2.0

niet zo ontwikkeld dat de mensmodellen dynamische houdingen aan kunnen nemen. Hierdoor is de pasvorm die bereikt wordt met virtueel passen nog niet geheel betrouwbaar (H. Daanen en J. Vledder, 2015).

Daanen en J. Vedder 2015) zodat ook dat over het zelfde is.

Meetmanieren

De huidig speciaal ontworpen kleding is vaak functioneel. Dat heeft veel voordelen want dagelijkse bezigheden zijn een stuk makkelijker te doen.

Voorheen werden lichaamsmaten alleen met de hand gemeten.

Goed aangepaste kleding zorgt ervoor dat bijvoorbeeld de tijd voor wc-

Tegenwoordig is het mogelijk om met behulp van een driedimensionale

gebruik terugbracht kan worden met 46%. De tijd om zichzelf aan- en uit

(3D-) Lichaamsscanner te meten. Door de komst van 3D-scanning is het

te kleden met 25% (Wang, Wu, Zhao, & Li, 2014).

mogelijk om snel en accuraat lichaamsafmetingen te meten en houdingen en lichaamsvormen te observeren. 3D-lichaamsscanning wordt gezien als

Mode en Expressie

een belangrijke brug tussen vakmanschap en Computer-Aided Design (CAD) technologie (H.A.M. Daanen & Ter Haar, 2013).

Voor ieder mens is het belangrijk om zich te kunnen uiten door middel van kleding. Voor rolstoelgebruikers is dit niet anders. Het is voor hen

Een 3D-lichaamsscanner is een gereedschap om het lichaam op te meten

echter lastig om geschikte kleding te vinden (ThorĂŠn, 1996). Hun eisen

en weer te geven op een computerscherm. Hierbij zijn er twee opties;

hangen sterk af van de beperking, niet alleen de pasvorm en de functie

vaste scanners en handscanners. Een ruimte waarin een persoon kan

van kleding, maar ook het winkelen en de service in winkels. Chang

staan en waar het gehele lichaam wordt gescand noemt men een vaste

e.a. lieten zien dat er vijf thema’s belangrijk zijn om kleedgedrag van

scanner. Handscanners worden gebruikt om delen van het lichaam te

rolstoelgebruikers te begrijpen: Vorm en functie, Zelfexpressie, Sociale

scannen en zijn vrij te bewegen rondom willekeurige lichaamsdelen.

identiteit, Zelfwerkzaamheid, Symbolen van overwinning. Kleding die speciaal voor rolstoelers is ontworpen kan helpen bij het functioneren.

Een voordeel van het scannen van het lichaam is dat er snel en accuraat een lichaamsafmetingen verkregen kan worden. Een nadeel van het

3.3

Hoe te komen tot passende kleding

Om een kledingstuk te maken dient men kennis te hebben van de antropometrie. Men moet weten of er lichaamsafmetingen zijn die met elkaar samenhangen, en welke lichaamsafmetingen essentieel zijn bij het

3D scannen ten opzichte van het met de hand meten, is dat het bij een 3D scanner lastig of onmogelijk is om bepaald meetpunten, zoals een botpunten, te vinden. (H. Daanen en J. Vedder 2015)

3.4

Digitaal Passen

op maat maken van een kledingstuk bij een bepaald lichaamstype. (H.

Digitaal passen is via de computer kleding passen. Het is een scan van

Daanen en J. Vedder 2015). Het is dus moeilijk om een maatsysteem te

jouw lichaam die de kleding past zodat je het niet fysiek hoeft te doen.

ontwikkelen als de doelgroep daar niet in valt.

Omdat deze manier aansluit bij ons onderzoek en met name het gemak voor iemand in een rolstoel, hebben we gekozen om een broek via deze

Tijdens het onderzoek Virtual Sizing hebben we gekeken naar

methodieken te maken.

verschillende onderzoeken op het gebied van lichaamsmaten en hoe die worden uitgedrukt in tabellen.

Een eerste inventarisatie van de mogelijkheden van virtueel passen is

Uit een van die onderzoeken bleek dat er internationale standaarden zijn

uitgevoerd onder leiding A. Sloten en L. Vonk van de Hogeschool

vastgelegd voor het meten van lichaamsmaten: International Standard

van Amsterdam. Er is binnen dit onderzoek gebruik gemaakt van het

(ISO), European Standard (Eng) en British Standards (BS). De

programma CLO3D waarin het mogelijk is om digitale patronen te

European Standard (EN 13402) is gebaseerd op de ISO-standaarden.

tekenen of te importeren en deze virtueel aan elkaar te stikken en te vormen

Deze maatstandaard heeft als doel om alle lichaamsmaten te verenigen en

tot een kledingstuk. Tenslotte wordt dit op het digitale lichaam gepast.

dus te ontwikkelen tot een algemeen Europees maatsysteem. De manier

Het digitale lichaam noemen we avatar. De bodyscans en broekpatronen

van het meten van het lichaam is vastgelegd in ISO 8550 voor kleding (H.

zijn aangeleverd door een van de onderzoekpartners; A Body Issue.

12


VIRTUAL SIZING/ 2.0

Testen in de praktijk In het softwareprogramma CLO3D zijn vier verschillende bodyscans uit de database van a Body Issue geüpload. CLO3D is een programma voor modevormgeving. Het biedt de mogelijkheid om digitale patronen te tekenen of te importeren, deze virtueel aan elkaar te stikken en te vormen tot een kledingstuk. De scans zijn voor dit onderzoek geüpload in het bestandsformaat .dae ook wel Collada genoemd. Collada (figuur 3), is een bestandsformaat die door de vrijwel de gehele 3D industrie wordt gebruikt en in veel softwareprogramma’s geüpload kan worden Voor dit onderzoek zijn zowel lichaamsmaten bepaald als digitale pas tests gedaan. Hieronder laten wij zien hoe het software programma de maten meet van een scan en het patroon meet en maakt. Zodra de bodyscan in de computer geïmporteerd is, worden de maten middels het meetlint-tool opgemeten. (figuur 4). Naast het uitlezen van maten kan CLO3D digitaal patronen tekenen. Zie figuur (Figuur 5). Tijdens het onderzoek kwamen we erachter dat het importeren van de

Figuur 3: Bodyscan 1

bodyscans nog door een onbekend technische fout, de gewenste maten niet uitgelezen konden worden. Daarom hebben we in deze casus gebruik gemaakt van illustrator. In Illustrator hebben we het patroon gemaakt dat passend zou moeten zijn op de avatar.

De kleding digitaal maken en passen. Aansluitend is het patroon digitaal gestikt en pasten de patroondelen op elkaar. Dit proces gaat als volgt: eerst wordt de ene kant gestikt, dan wordt het patroon symmetrisch gekopieerd. Daarna wordt het patroon geplaatst op de avatar om het in elkaar te kunnen zetten (figuur 6). Wanneer er op de simulatie knop wordt gedrukt zit het kledingstuk in elkaar. (Sloten en Vonk, 2017).

Figuur 4: Maten opgemeten in CLO3D van bodyscan 1

13


VIRTUAL SIZING / 3.0

Figuur 5: Patronen overtrekken binnen CLO3D

Figuur 7 - 1: Broek aangepast links met 2D patronen recht

Figuur 6: Het stikproces

Figuur 7-2: Broek aangepast links met 2D patronen recht

14


VIRTUAL SIZING / 3.0

Resultaat Op de avatar paste de broek redelijk al had hij nog niet de juiste pasvorm. (figuur 7). De broek bleek namelijk te klein voor de bodyscan. Als je naar

Ondanks de uitkomst en dat het eindproduct nog verbeterd moet worden, is de mogelijkheid om digitaal kleding te passen voor een rolstoeler efficiĂŤnt gebleken. Dit persoon hoeft niet naar een kleermaker. Dit scheelt veel tijd en moeite, aldus Sloten en Vonk in hun onderzoek.

figuur 8 kijkt dan zie je verschillende kleuren. Groen staat voor passend, oranje voor en rood geeft aan dat het patroon te strak zit.

Conclusie Het omzetten van lichaamsmaten naar kledingmaten is complex, niet alleen kennis van antropometrie is noodzakelijk maar ook patroonkennis en kennis van de laatste mode. Deze indeling van rolstoelgebruikers heeft te maken met de lichaamsvorm. Tot op heden is is geen standaard kledingmaattabel voor een rolstoeler. De gebruikers worden daarom ingedeeld in 3 groepen. 1.Rolstoelgebruikers met een lichaamsvorm identiek aan de nietrolstoelgebruikers. Hiervoor zijn ook geen veranderingen aan kleding noodzakelijk. 2. Rolstoelgebruikers met aangepaste lichaamsvorm door veel zitten en dystrofie van de benen. De meeste rolstoelgebruikers vallen waarschijnlijk in deze categorie en er zullen aanpassingen moeten worden gemaakt op patronen. 3. Rolstoelgebruikers met een sterk afwijkende lichaamsvorm. Hiervoor

Figuur 8: Fitmap

zullen de patronen sterk afwijkend zijn van reguliere pasvormen. Voor de tweede en de derde categorie is digitaal passen een uitkomst. Het aan- en uitkleden van een invalide persoon kost veel tijd en energie van zowel de verzorger als de rolstoeler zelf. Om tijd te besparen zou gekozen kunnen worden voor virtueel passen. Tegenwoordig is het ook mogelijk om kleding op basis van 3D bodyscans te maken. Er zijn verschillende softwareprogramma’s die dit kunnen. Binnen dit onderzoek is gebruik gemaakt van CLO3D waarin het mogelijk is om digitale patronen te tekenen of te importeren en deze virtueel aan elkaar te stikken en te vormen tot een kledingstuk. De bodyscans en broekpatronen zijn aangeleverd door een van de onderzoekpartners; A Body Issue. Tenslotte is dit op het digitale lichaam gepast en is het kledingstuk virtueel gemaakt.

Figuur 9: Render van de bodyscan en broek

15


VIRTUAL SIZING / 4.0

4.0 Aantrekkelijk Design

4.1 Ontwerpfilosofie

Voor het project Virtual Sizing werd modeontwerper Simeon Morris

De aanpassingen in de kleding die nodig zijn voor mensen in een rolstoel,

aangesteld om een collectie te ontwerpen voor mensen in een rolstoel.

zijn volgens Morris niet heel extreem. De meeste alteraties zijn ook

Morris ontwikkelde de pilot collectie GRACE.

geschikt voor mensen die de hele dag op kantoor zitten. In feite hebben

In tegenstelling tot wat er in eerste instantie gedacht werd, wil de

veel mensen problemen met confectiekleding. Volgens Morris heeft de

rolstoeler dat de “aanpassingen” al in de kleding zit. Hierdoor wordt van

hedendaagse mode-industrie een lange periode vastgezeten in het ideale

een ontwerper verwacht, dat hij tijdens het ontwerpproces al nadenkt

silhouet van hoe de mens eruit zou moeten zien. Mode staat voor jong

over hoe het kledingstuk zich gedraagt als een persoon zit.

en slank, daar zijn confectiematen op gebaseerd waarin veel mensen

De ontwerper en zijn onderzoek

niet passen. Vaak zijn mensen of te lang, te dik, hun armen zijn te kort of ze hebben smalle schouders. De aanpassingen voor de zittende mens zouden al in het ontwerpproces van de ontwerper die toegankelijke mode

Modeontwerper Simeon Morris is aangesteld om een collectie te

wilt ontwerpen, moeten zitten.

ontwerpen voor mensen in een rolstoel, hij noemde deze collectie GRACE. Simeon Morris werd geboren in Groot-Brittannië, maar is in Nederland opgeleid tot ontwerper. Hij werkt al meer dan 21 jaar als patroonsnijder, studiomanager en ontwerper in de Britse, Franse en

‘De mens in een de rolstoel wil niet anders behandeld worden. Zij hebben genoeg van het

Nederlandse mode-industrie. Hij studeerde in 2013 af bij ArtEZ met een

“anders zijn” en willen net als ieder ander mens

master in het ontwerp van vrouwenmode. Morris ontwikkelde de pilot

gekleed gaan. Zij willen juist geen kleding die

collectie GRACE op basis van de uitkomsten van het onderzoek van H.

speciaal voor hen ontworpen is (Vonk a.o 2017,

Daanen en J. Vedder en de ervaringen van de partners in dit project. Hij verdiepte zich in de lichaamsvormen en behoeftes, maar ook de werking van kleding op mensen met een zittend bestaan. Via A Body Issue kreeg hij toegang tot de 3D-lichaamsafmetingen (hoofdstuk 3).

Chase an Quinn, 1990:3). Zij hebben dezelfde verlangens als ieder ander persoon. Zij willen -onzekerheden verbergen, warme kleding en er sexy uitzien’, aldus Morris.

Het marktonderzoek (hoofdstuk 5) leert hem dat de zittende mens, geen kleding wil die speciaal voor de rolstoeler is ontworpen. Rolstoelers

Morris concludeert in zijn onderzoek: De zittende mens hoeft niet gered

ervaren het als negatief dat ze als “anders” worden gezien. Zij willen zich

te worden van de slechte ontwerpen die er op dit moment zijn. Zij willen

hetzelfde kleden als ieder ander persoon. (Vonk a.o. 2017).

dezelfde behandeling als ieder ander mens en hun specifieke wensen/ eisen moeten worden toegevoegd in het dagelijks ontwerpproces. Zij

Deze uitkomst geeft een nieuwe dimensie aan het onderzoekproject:

willen shoppen als de niet rolstoeler, willen hetzelfde dragen qua kleding

Kleding hoeft dus niet speciaal ontworpen te worden voor de zittende

en hebben dezelfde zorgen als de niet zittende mens.

mens. In tegenstelling tot wat er in eerste instantie gedacht werd, wil de rolstoeler dat de “aanpassing” al in de kleding zit. Hierdoor wordt van een ontwerper verwacht, dat hij tijdens het ontwerpproces al nadenkt over hoe het kledingstuk zich gedraagt als een persoon zit.

4.2

De zittende mens centraal

Morris besluit de zittende mens centraal te stellen in zijn designproces en onderzoek. Dit met een modische invalshoek. Het ontwerp perspectief wordt dus verschoven van een ‘disabled’ perspectief naar ‘de wereld van het zitten’. Zijn inspiratie haalde hij uit de termen rust, gratie, genegenheid en stilte. Zie figuur 10.

16


VIRTUAL SIZING / 4.0

Na het ontwikkelen van de termen werd de impact van het zitten

De collectie moet gezien worden als een voorstel, een concept waarop

onderzocht. De collectie is in eerste instantie een high end fashion

rolstoelmodemerken kunnen voortborduren. Afgezien van heel

collectie, die ook in een zittende positie comfortabel en functioneel is.

veel praktische patroonideeĂŤn is vooral het concept dat GRACE

Voor de volledige biografie van schets tot product verwijzen wij naar de

onderscheidend maakt. Modemerken die zich richten op rolstoelers

apendix, pagina (111).

zouden een esthetische/thematische inspiratiebron als uitgangspunt moeten nemen om de klant meer te bieden dan alleen een functioneel product, volgens Morris. De klant wil namelijk verleid worden en niet alleen de functionele kant zien. GRACE neemt volgens Morris een activistische rol aan. Het toont dat de modewereld een veel inclusievere benadering moet omarmen, zodat mode echt voor iedereen toegankelijk wordt.

4.4

Breaking the rules / A Seated perspective

Om het concept van GRACE te verstevigen en het nationaal en internationaal op de kaart te zetten werd er voor de pilot een high end fashion campagne ontwikkeld. Samen met fotograaf Emil Pabon werd er een lookbook en een korte video samengesteld. Emil Pabon is een academische filmmaker en wil graag het echte verhaal vertellen. Pabon wil de kloof tussen mode en publiek door fotograferen dichten. Dit probeert hij door de mensen dichter bij het model te brengen en zijn publiek zelfbewust laten worden bij het zien van concepten. Daarbij viert hij liever authenticiteit in plaats van schoonheid. Pabon sluit dus goed aan bij de activistische rol die de pilot collectie Grace heeft. Figuur 10: inspiratiebeeld Morris

4.3

De film is leuk en lichtvoetig en laat grenzen vervagen door aantrekkelijke mode te laten zien die voor allerlei soorten mensen is ontworpen. Op

Pilot Kledinglijn GRACE

deze manier proberen Morris en Pabon de traditionele grenzen van een hedendaagse modecollectie te doorbreken.

Morris stelde zichzelf de vraag waarom kleding altijd wordt gemaakt

Een kleine selectie van de foto’s wordt hieronder gepresenteerd. Voor

voor de staande mens? Waarom wordt dat niet omgedraaid? Wat als

al het beeld verwijzen wij naar de appendix, pagina 7. Voor de video

kleding wordt ontworpen voor de zittende mens? Dan is de kleding

verwijzen wij naar https://vimeo.com/231516470.

meer geschikt voor rolstoelers. Dan ontstaat de volgende vraag, kan je ook staan en lopen met deze kleding zonder dat het een raar gezicht is?

Conclusie

Deze twee gedachten werden het uitgangspunt van de collectie Grace. Wanneer men kleding helemaal aanpast aan het zitten, verliest het

De pilot collectie GRACE van Simeon Morris werd ontwikkeld op

haar herkenbaarheid. Morris koos tijdens het ontwerpproces voor een

basis van het digitale onderzoek en de resultaten van de marktanalyse.

tussenvormvorm. Dus kleding die naast fashionable, zowel voor een

Diverse patroontechnische oplossingen werden ingenieus verwerkt in

zittend als staan mens draagbaar is.

de collectie. De belangrijkste bijdrage van GRACE is dat Morris een

17


VIRTUAL SIZING / 4.0

‘inclusief’ modeconcept ontwikkelde waarbij hij uitging van de elegantie en gratie van de zittende mens. Met deze invalshoek komt hij tegemoet aan de wens van rolstoelers om net als ieder ander mens te kunnen zijn. Het is een collectie die modieus en geschikt is voor iedereen en de rolstoelers niet herinnert aan hun handicap of ze stigmatiseert. Door het bestaan van GRACE heeft Morris met zijn collectie een ‘emancipatorisch’ signaal afgegeven aan de mode- en confectie-industrie. Hopelijk zal deze industrie stappen zetten naar een wereld waar kleding wordt geproduceerd voor iedereen. Want de problemen van de rolstoelers zijn vrijwel dezelfde als die van mensen met maatje meer, mensen die langer zijn dan normaal of een afwijkend postuur hebben ten opzichte van het gemiddelden. De mode van de toekomst zou zich meer kunnen focussen op de gewone mens in plaats van op het mode-ideaal. Door het accent op de schoonheid van de zittende mens te leggen, waarbij comfort ook een belangrijk aspect is, illustreert GRACE hoe mode kan helpen om nieuwe beelden en esthetiek te ontwikkelen voor een meer inclusievere samenleving. Het project GRACE kreeg veel publiciteit en werd opgepikt door de universitaire modewereld. Het project werd gepresenteerd in juni 2017 textiel hogeschool in Boras, Zweden en 13 juli op de Disability HUB (UCL, UAL) in Londen.

Figuur 11 (3 afbeeldingen); Selectie fotoshoot Pabon en Morris

18


VIRTUAL SIZING / 5.0

5.0 Marktonderzoek Naast het technische- en designonderzoek is er binnen dit project ook een marktonderzoek verricht naar de vereisten van kledingen rolstoelgebruik. Het onderzoek is uitgevoerd door de Hogeschool van Amsterdam en door Jennifer Rijnberg (oprichten en eigenaar) van Be it by Jenn. Binnen dit onderzoek zijn de wensen en de problemen van de rolstoelers geïnventariseerd.

5.1

Kleding en rolstoelgebruik: Een inventarisatie van problemen en vereisten

resulteerde in dit onderzoek naar wensen en problemen van kleding voor rolstoelers.

Onderzoekmethode We hielden een enquête onder rolstoelgebruikers in Nederland via Sociale Media en platforms voor mindervaliden (zie appendix, pg. x111) Deze enquête bestaat uit verschillende delen: • Een wat algemener deel, waarin we vroegen naar persoonlijke eigenschappen en algemeen dagelijkse levensverrichtingen (ADL).

De cijfers: ongeveer 1,4-1,5 miljoen mensen hebben een motorische

• Het andere deel bestond uit vragen over voorkeuren en problemen

handicap in Nederland (Klerk, Fernee, Woittiez, Ras, 2012; Klerk, 2007).

die rolstoelers ervaren bij het kopen en dragen van kleding. Daarbij is

Alhoewel er geen precieze cijfers bestaan over hoeveel Nederlanders er

gebruik gemaakt van de Barthel index (de Haan et al., 1993) om de mate

gebruik maken van een rolstoel, wordt het aantal gebruikers geschat

van zelfstandigheid ADL te meten.

op 225.000 -250.000 op basis van cijfers van gemeentes en het centraal Bureau voor de Statistiek (CBS). Van deze mensen wonen 160.000-

Resultaten

185.000 in een zelfstandige woning en zijn tenminste 150.000 permanente gebruikers (Klerk, 2007). Volgens Vonk ondervindt deze groep (ook wel “rolstoelers” genoemd) problemen tijdens; A) participatie in de maatschappij en uitvoeren van algemeen dagelijkse levensverrichtingen (ADL) B) door een onderliggende ziektebeeld, secondaire complicaties. C) eenvoudigweg door het gebruik van de rolstoel. Er is onderzoek gedaan en informatie beschikbaar over het bestaan en voorkomen van fysieke barrières in de omgeving, zoals: in hoogte verstelbare keukenblokken, bredere deuren en gelijkvloerse douchcabines. (Meyers, Anderson, Miller, Shipp & Hoenig 2002) Of naar de ontwikkeling en efficiëntie van hulpmiddelen (Woude, Groot, Janssen, 2006), maar er is weinig tot geen informatie beschikbaar over de obstakels en wensen die Nederlandse rolstoelers ondervinden wat betreft kleding.

• 54 Mensen vulden de enquête in. • De leeftijd van de respondenten varieerden tussen de 11-72 jaar. • 42 mensen zijn geïnteresseerd in kleding die speciaal is ontworpen voor rolstoelgebruikers. • In de praktijk dragen maar 7 mensen “soms” en 2 mensen “meestal” aangepaste kleding. • De meeste rolstoelers hebben moeite met het kopen van overkleding (65%), gevolgd door onderkleding (61%), bovenkleding (44%) en ondergoed (33%). • Het merendeel stelt specifieke eisen aan onder-, boven overkleding en ondergoed omdat zij problemen ondervinden bij de aankoop van deze kledingstukken. • Uit de enquête bleek dat de momenteel beschikbare rolstoelkleding niet wordt aangeschaft en gedragen vanwege het feit dat mensen niet afweten van het bestaan van dergelijke kleding. Daarbij vindt men de kosten te hoog, de keuze te beperkt of wordt de kleding als niet modieus gezien.

Dat is opmerkelijk, aangezien aangepaste kleding voor rolstoelers

• 61% van de rolstoelers ondervindt problemen bij de aankoop van

(Thoren, 1996) of het niet vinden van geschikte kleding, mensen met

geschikte onderkleding. Dit wordt voornamelijk veroorzaakt door het

een beperking kan weerhouden van het volledig participeren in sociale

niet kunnen vinden van een broek zonder drukpunten met de juiste

activiteiten en werk (Kabel, Dimka, Mcbee-Black, 2017). Dit gegeven

pasvorm.

19


VIRTUAL SIZING / 5.0

De onbekendheid kan te maken hebben met het feit dat veel studies zich richten op het functionele aspect van rolstoelkleding (Wang et

5.2 Onderzoek vraagkant

al.,2014; Kratz et al.,1997; Chang, Zhao, Wang, Gu, 2009) en het feit dat de Nederlandse media het medische en het esthetische aspect van

Een tweede inventariserend onderzoek werd uitgevoerd door Jennifer

aangepaste kleding in gelijke mate presenteert (Berger, 2016). Daarnaast

Rijnberg (eigenaar en oprichter) van Be it by Jenn. Be it by Jenn is een

is het een feit dat mensen met een beperking gemiddeld minder te

start-up die zich focust op het ontwerpen en ontwikkelen van kleding

besteden hebben dan de gemiddelde valide Nederlander, dit aspect laat

voor mensen die rolstoel gebonden zijn. Jennifer maakte persoonlijk mee

zien dat het belangrijk is om betaalbare aangepaste kleding aan te bieden

hoe moeilijk het is om leuke en comfortabele kleding te vinden als je de

(Nivel, 2016).

hele dag in een rolstoel zit. Haar vriend raakte betrokken bij een autoongeluk in 2012 en zit sindsdien in een rolstoel. Gebaseerd op die ervaring

Uit het onderzoek kwam naar voren dat men op zoek is naar rekkend

is Be it by Jenn gestart met als doel leuke en comfortabel zittende kleding

ondergoed van katoen met een goede pasvorm. Het is belangrijk dat het

voor de rolstoeler te ontwerpen.

materiaal vochtregulerend, ademend en zacht is (zie appendix, pg. x111). De afwezigheid van naden en andere eigenschappen die drukpunten

Binnen deze case study is gekozen om te onderzoeken of het mogelijk is

veroorzaken is belangrijk volgens Vonk. Het uiterlijk van het ondergoed,

om een jas te ontwerpen die meer geschikt is voor de rolstoelgebruiker.

inclusief de kleur en het effect op de totale uitstraling, wordt significant

Een jas is een kledingstuk dat iedereen draagt en regelmatig aan en

minder belangrijk gevonden. Door de constante zithouding worden

uittrekt.

broeken en rokken te kort bevonden en zijn ze niet hoog genoeg van achteren terwijl ze bij de buik knellen. Daarbij zou het zitvlak drukpunt

Ontwerper Simeon Morris werd ingeschakeld om deze jas mooi vorm te

vrij moeten zijn. Maar vaak blijkt dat de plaatsing van zakken, knopen

geven. Bij het ontwikkelen van de jas heeft hij rekening gehouden met de

en naden frequent als probleem worden gezien. Bij de overkleding

onpraktische aspecten uit het eerdergenoemde onderzoek. De jas is aan

worden er andere wensen verteld, namelijk dat de jas warm, water- en

de voorzijde een trenchcoat, maar aan de achterzijde kort, zodat er geen

windicht moet zijn. moeten zijn. Maar vaak blijkt dat de plaatsing van

reststof is waarop men op moet zitten. De jas heeft ruimere armsgaten

zakken, knopen en naden frequent als probleem worden gezien. Bij de

en is soepel aan te trekken. Daarnaast is de jas gemaakt van een mooie

overkleding worden er andere wensen verteld, namelijk dat de jas warm,

soepele stof en behoud de jas zijn pasvorm bij het zitten en staan.

water- en windicht moet zijn. Rijnberg deed haar onderzoek met behulp van een onlinefocusgroep Als laatste wordt er gemeld dat kleding vaak te lang is. Dit is enerzijds

van bestaande klanten. Zij zette regelmatig updates online en de klanten

niet praktisch omdat de kleding dan tussen de wielen kan komen.

kregen de kans om mee te denken. Vervolgens is zij met het prototype

Anderzijds kan het zitten op de te lange overkleding extra drukpunten

naar verschillende zorginstellingen gegaan om meer feedback te

veroorzaken en de is de ophoping van stof aan de voorkant niet wenselijk.

ontvangen. Dit leidde tot een hele nieuwe kijk op de doelgroep. Rijnberg

Veel rolstoelers stellen specifieke eisen aan het materiaal waarvan

zag in het begin van haar jasproject de rolstoelgebruiker als EEN grote

onderkleding gemaakt moet zijn, echter wordt het type materiaal wel

groep, maar op basis van haar bevindingen in de zorginstelling kwam ze

significant minder belangrijk gevonden.

tot de conclusie dat de doelgroep moest worden opgesplitst.

Resultaten van dit onderzoek moeten worden besproken met een grote

Zelfstandig versus hulpbehoevend

groep rolstoelgebruikers om de validiteit van de resultaten te kunnen bepalen. Zo ook het effect van ADL-score te kunnen vaststellen en het verschil tussen noodzaak en mate van belang te kunnen maken, aldus Vonk.

De verschillen in kleding behoeftes tussen mensen die zichzelf aankleden en mensen die hulp nodig hebben bleken erg groot. Om de groep goed te begrijpen moet niet alleen rekening worden gehouden met de wensen van de rolstoeler, maar ook met de behoeftes van een mantelzorger of

20


VIRTUAL SIZING / 5.0

Fig. 11; prototype jas

Figuur 13: de jas staand testen

Figuur 12: de jas zittend testen

professional. Problemen die werden ondervonden met het aantrekken

een functionele jas te ontwikkelen voor de rolstoeler die meer hulp nodig

van een nog niet aangepaste jas jas waren:

heeft. Naast het kiezen van de juiste stof en pasvorm, is er ook gekeken naar de moeilijkheid van de “tweede arm”. De oplossing werd daarin

• Het aantrekken is erg oncomfortabel, vooral de “tweede arm”.

gevonden door strategisch geplaatste ritsen. Dit bleek handig: want zo

• De jas zit niet lekker. De stof is over het algemeen te stroef.

kreeg de jas een extra functie als bodywarmer.

• Het silhouet sluit niet mooi op het lichaam aan, de pasvorm is niet voldoende. Ook werd bij professionele zorginstellingen nog een

Deze conceptjas is vervolgens getest door verschillende zorginstellingen

essentieel punt aangekaart; het aantrekken van een jas bij een cliënt

die allemaal positief waren over de resultaten (Rijnberg, 2016). Alhoewel

duurt 5 a 10 minuten.

dit nog geen grootschalige test was, is de tijd die normaal besteed wordt aan het aantrekken van een jas, verkort tot drie minuten.

Dit leidde in sommige gevallen tot schrijnende voorbeelden. Een werknemer in een groot verzorgingstehuis voor lichamelijke gehandicapten liet weten dat er op zondag een groep vrijwilligers langskomt om met de bewoners een uurtje naar buiten te gaan. Het

5.3 Onderzoek verkoopkant

aandoen van de jassen kost vaak zoveel tijd en energie dat er weinig van

Vanuit een marketing en sales perspectief kan er een groot onderscheid

het wekelijkse uitje overblijft (Rijnberg, 2016). Kortom alle wensen van

gemaakt worden tussen directe sales aan de eindgebruiker, business-to-

deze doelgroepen dienen samen te komen in het eindproduct ‘de jas’.

consumer (b2c) en de sales aan andere bedrijven, business-to-business

Design oplossing

(b2b). In de huidige context is het erg interessant om dit onderscheid te maken, omdat er een verschil is tussen de verkoop van kleding aan individuele rolstoelgebruikers, en aan zorginstellingen.

Met deze in kaart gebrachte problemen is vanuit Design Thinking (waarbij de wens van de cliënt staat centraal) een ontwerp gemaakt.

Verkoop aan de particulier kan vervolgens weer opgedeeld worden in

Door continu te schakelen met de doelgroep is het Rijnberg gelukt om

zelfstandige, en minder zelfstandige klanten. Uit onderzoek naar de

21


VIRTUAL SIZING / 5.0

klanten van Rijnberg bleek dat niet alleen mensen voor zichzelf bestellen,

Uit ons onderzoek is gebleken dat het produceren van deze kleding nog

maar dat mantelzorgers vaak de kleding bestellen.

niet commercieel haalbaarheid is, aangezien budgetten van rolstoelers via

In onderstaand figuur (figuur 12) wordt weergegeven waar Rijnberg

instellingen of familie lopen. Dus ondanks dat de behoefte er wel is, is er

nog potentie ziet om klanten te benaderen. Particulieren worden op het

nog geen financiĂŤle ruimte gevonden om dit project doorgang te geven.

moment goed bereikt, maar de zorginstellingen blijven achter en zitten nog niet in Rijnberg haar klantenbestand. Een gemiste kans aangezien

Tenslotte is er tijdens dit project een enquĂŞte verspreid via Sociale Media

eerder onderzoek haar uitwees dat de minder zelfstandige rolstoeler

en platforms voor mindervaliden. De enquĂŞte bestond uit een gedeelte

niet altijd haar eigen kleding koopt. Via Stichting de Zonnebloem kan

met open vragen over de eisen en wensen. De conclusie is dat het

aangetoond worden dat er in Nederland ongeveer 80.000 rolstoel

merendeel van de ondervraagden momenteel geen aangepaste kleding

gebonden mensen in een zorginstelling wonen. Dat betekent dat op dit

draagt, maar het nut er wel van inziet. Men begrijpt dat aangepaste

moment een enorm grote doelgroep nog niet wordt bereikt.

kleding extra comfort biedt, aangezien er dan rekening wordt gehouden met het plaatsen van naden, het materiaal, de pasvorm en meer comfort

Zorginstellingen herkennen de kleding problematiek en zouden daarvoor

van kleding als ondergoed. Het merendeel van de respondenten vermeldt

graag een passende oplossing vinden. Maar ook de instellingen lopen

ook problemen te ondervinden bij aankoop van kleding aangezien de

tegen een probleem aan. Zo blijkt dat familieleden van ouderen die in

reguliere confectie niet voldoet aan de gewenste eisen.

de instelling zitten, geen geld willen uitgeven aan goed zittende kleding, omdat de levensverwachting kort is.

Figuur 14: klantbenadering volgens Rijnbergen

Conclusie Uit diverse consultaties met de doelgroep is gebleken dat het essentieel is om onderscheid te maken tussen mensen die zichzelf aankleden, en mensen die aangekleed moeten worden. Voor deze laatste groep kunnen slimme aanpassingen gemaakt worden die het aankleden vergemakkelijken. Daarvoor hebben Simeon Morris en Jennifer Rijnberg gezamenlijk een concept-jas ontworpen die de tijd van het aantrekken van de jas verkort tot drie minuten.

22


VIRTUAL SIZING / 6.0

Conclusie en aanbevelingen

6.0 voor vervolg

In Nederland zijn er 150.000 rolstoelgebruikers, waarvan een deel geen

Door het bestaan van GRACE heeft Morris met zijn collectie een

gebruik kan maken van confectiekleding. Rolstoelgebruikers willen

‘emancipatorisch’ signaal afgegeven aan de mode- en confectie-industrie.

net als anderen, en misschien nog wel meer, kleding gebruiken om hun

Hopelijk zal deze industrie stappen zetten naar een wereld waar kleding

identiteit uit te drukken en worden door het gebrek aan keuze beperkt.

wordt geproduceerd voor iedereen. Want de problemen van de rolstoelers

Daarom werd een onderzoek naar maatsystemen opgezet want speciaal

zijn vrijwel dezelfde als die van mensen met maatje meer, mensen die

op maat gemaakte kleding is vaak duur en minder modieus.

langer zijn dan normaal of een afwijkend postuur hebben ten opzichte van het gemiddelde. De mode van de toekomst zou zich meer kunnen

3D Scanning is dan een van de oplossingen om deze kleding op maat

focussen op de gewone mens in plaats van op het mode-ideaal. Door

te ontwikkelen. In dit project is een begin gemaakt met deze techniek

het accent op de schoonheid van de zittende mens te leggen, waarbij

om een database op te bouwen van 3D scans van alle verschillende

comfort ook een belangrijk aspect is, illustreert GRACE hoe mode kan

rolstoelgebruikers. Voor zover bekend is dit uniek in de wereld. Het is

helpen om nieuwe beelden en esthetiek kan ontwikkelen voor een meer

echter niet eenvoudig om de gegevens om te zetten naar passende kleding.

inclusieve samenleving. Het project GRACE kreeg veel publiciteit en

De eerste stappen op het gebied van virtueel passen zijn gezet, maar dit

werd opgepikt door de universitaire modewereld. Het project werd

kan alleen tot een succes leiden wanneer kennis over antropometrie,

gepresenteerd in juni op de textiel hogeschool in Boras, Zweden en 13 juli

patroontekenen en mode wordt gecombineerd.

op de Disability HUB (UCL, UAL) in Londen.

Op dit moment bestaat er alleen software die eendimensionale

Uit diverse consultaties met de doelgroep is gebleken dat het essentieel

lichaamsmaten van de staande houding kan berekenen uit de 3D scans.

is om onderscheid te maken tussen mensen die zichzelf aankleden,

Het ontwikkelen van software voor de zittende mens is nog te kostbaar.

en mensen die aangekleed moeten worden. Voor deze laatste groep

Zo kostbaar dat het de financiële mogelijkheden binnen dit project

kunnen slimme aanpassingen gemaakt worden die het aankleden

oversteeg.

vergemakkelijken. Daarvoor hebben Be it by Jenn en Simeon Morris gezamenlijk een concept-jas ontworpen die de tijd van het aantrekken

Doordat de spreiding van maten binnen de groep rolstoelgebruiker

verkort tot drie minuten.

zo groot is door de diversiteit in onderliggen pathologie is het

Uit ons onderzoek is gebleken dat het produceren van deze kleding nog

maken van maattabellen (binnen de reikwijdte van dit project) niet

niet commercieel haalbaarheid is, aangezien budgetten van rolstoelers via

mogelijk(H. Daanen, 2016). Dit onderdeel vereist dus vervolgonderzoek

instellingen of familie lopen. Dus ondanks dat de behoefte er wel is, is er

en

nog geen financiële ruimte gevonden om dit project doorgang te geven.

vervolginvesteringen

van

universiteiten

en

patroonsoftware

ontwikkelaars. Tenslotte is er tijdens dit project een enquête verspreid via Sociale Media De pilot kledingcollectie GRACE van Simeon Morris werd ontwikkeld

en platforms voor mindervaliden. De enquête bestond uit een gedeelte

op basis van het digitale onderzoek en de resultaten van de marktanalyse.

met open vragen over de eisen en wensen. De conclusie is dat het

Diverse patroontechnische oplossingen werden ingenieus verwerkt in

merendeel van de ondervraagden momenteel geen aangepaste kleding

de collectie. De belangrijkste bijdrage van GRACE was dat Morris een

draagt, maar het nut er wel van inziet. Men begrijpt dat aangepaste

‘inclusief’ modeconcept ontwikkelde waarbij hij uitging van de elegantie

kleding extra comfort biedt, aangezien er dan rekening wordt gehouden

en gratie van de zittende mens. Met deze invalshoek kwam hij tegemoet

met het plaatsen van naden, het materiaal, de pasvorm en meer comfort

aan de wens van rolstoelers om net als ieder ander mens te kunnen

van kleding als ondergoed. Het merendeel van de respondenten vermeldt

zijn. Het is een collectie die modieus en geschikt is voor iedereen en de

ook problemen te ondervinden bij aankoop van kleding aangezien de

rolstoelers niet herinnert aan hun handicap of ze stigmatiseert.

reguliere confectie niet voldoet aan de gewenste eisen.

23


VIRTUAL SIZING / 6.0

De uitkomst van het patroon technisch-, marketing- en ontwerponderzoek leidt tot de volgende aanbevelingen voor een vervolgonderzoek: • Het verder ontwikkelen van 3D-technologie is essentieel om kleding op maat te kunnen maken voor rolstoelers. Binnen enkele jaren zullen nieuwe manufacturing technieken het maken van op-maat-gemaakte kleding waarschijnlijker eenvoudiger en goedkoper maken. • Om de software verder te ontwikkelen zijn meer specifieke datagegevens van rolstoelers noodzakelijk. • Het is belangrijk om subgroepen aan te brengen binnen de categorie rolstoelers. De groep is nu te algemeen. Elke categorie heeft eigen kledingeisen: Zij die zichzelf aan kunnen kleden versus zij die worden aangekleed. Degenen die zich goed kunnen bewegen tegenover rolstoelers met een hoge dwarslaesie die zich ook slecht warm kunnen houden. • Er is behoefte aan speciale kleding voor rolstoelers die zichzelf niet aan kunnen kleden en waarvan speciale kleding de mantelzorger of instelling kan ontlasten. Hiervoor moet in samenwerking met zorginstellingen een ander businessmodel worden opgezet. • De pilot collectie GRACE heeft aangetoond dat het verhaal, de thematiek en de verbeeldingskracht van een collectie (gratie van het zitten) essentieel zijn om een collectie aantrekkelijk te maken. Verdere ideeën over het ontwerpen zouden voor een inclusievere samenleving ontwikkeld moeten worden.

24


VIRTUAL SIZING / 7.0

7.0 Bibliografie Apeagyei, P.R., Otieno, R., & Tyler, D. (2007). Ethical practice and methodological considerations in researching body cathexis for fashion products. Journal of fashion Marketing and Management, 11(3), 332-348. Doi:10.1108/13612020710763092 Berger, N. (2016). Fashion on Wheels as a subject of disability and fashion discourses. Paper presented at CADAAD Critical Approaches to Discourse Analysis Across Disciplines, Catania. P. 53-54 Chang, H. J., Hodges, N., & Yurchisin, J. (2014). Consumers with disabilities: A qualitative exploration of clothing selection and use among female college students. Clothing and Textiles Research Journal, 32(1), 34-48. doi:10.1177/0887302X13513325

met-beperkingen Paquet, V., & Feathers, D. (2004). An anthropometric study of manual and powered wheelchair users. International Journal of Industrial Ergonomics, 33(3), 191-204. doi:10.1016/j.ergon.2003.10.003 Petcu, I (PhD, Saxion University of Applied Sciences) Rijnberg, J. (2016). Het ontwerpen van een jas voor rolstoelgebruikers. Rudolf, A., Cupar, A., Kozar, T., & Stjepanovic, Z. (2015). Study regarding the virtual prototyping of garments for paraplegics. Fibers and Polymers, 16(5), 1177-1192. doi:10.1007/s12221-015-1177-4

Daanen, H., & Hong, S. -. (2008). Made-to-measure pattern development based on 3D whole body scans. International Journal of Clothing Science and Technology, 20(1), 15-25. doi:10.1108/09556220810843502

ThorĂŠn, M. (1996). Systems approach to clothing for disabled users. why is it difficult for disabled users to find suitable clothing. Applied Ergonomics, 27(6), 389-396. doi:10.1016/S0003-6870(96)00029-4

Daanen, H. A. M., & Ter Haar, F. B. (2013). 3D whole body scanners revisited. Displays, 34(4), 270-275. doi:10.1016/j.displa.2013.08.011

Tweedy, S. M., & Vanlandewijck, Y. C. (2011). International paralympic committee position stand-background and scientific principles of classification in paralympic sport. British Journal of Sports Medicine, 45(4), 259-269. doi:10.1136/bjsm.2009.065060

Daanen, H. A. M., & Van De Water, G. J. (1998). Whole body scanners. Displays, 19(3), 111-120. Daanen, H. A. M., & Vedder, J. (2015). Bodyscantechnologie toepasbaar maken. De Klerk, M. (2007). Meedoen met beperkingen. Rapportage gehandicapten, 14. Sociaal Cultureel Planbureau, Den Haag. De Klerk, M., Fernee, H., Woittiez, I., & Ras, M. (2012). Factsheet Mensen met lichamelijke of verstandelijke beperkingen. Sociaal Cultureel Planbureau, Den Haag Frayling, Christopher, (1993). Research in Art and Design. Royal College of Art Research papers, vol 1 nr 1. Kabel, A., Dimka, J., & McBee-Black, K. (2017). Clothing-related barriers experienced by people with mobility disabilities and impairments. Applied ergonomics, 59, 165-169. Lamb, J. M. (2001). Disability and the social importance of apperance. Clothing and Textiles Research Journal, 19(3), 134-143.

van der Woude, L. H. V., de Groot, S., & Janssen, T. W. J. (2006). Manual wheelchairs: Research and innovation in rehabilitation, sports, daily life and health. Medical Engineering and Physics, 28(9), 905-915. doi:10.1016/j.medengphy.2005.12.001 Volino, P., Cordier, F., & Magnenat-Thalmann, N. (2005). From early virtual garment simulation to interactive fashion design. CAD Computer Aided Design, 37(6), 593-608. doi:10.1016/j.cad.2004.09.003 Vonk,L Virtual Sizing. (2017) forthcoming Wang, Y., Wu, D., Zhao, M., & Li, J. (2014). Evaluation on an ergonomic design of functional clothing for wheelchair users. Applied Ergonomics, 45(3), 550-555. doi:10.1016/j.apergo.2013.07.010 Weiss Chase, R and Quinn, M. Dolores (1990) Simplicity’s design without limits. Designing and sewing for special needs,Simplicity Patterns Co.

McCormick, A., Brien, M., Plourde, J., Wood, E., Rosenbaum, P., & McLean, J. (2007). Stability of the gross motor function classification system in adults with cerebral palsy. Developmental Medicine and Child Neurology, 49(4), 265-269. doi:10.1111/j.1469-8749.2007.00265.x Morris, S. (2017), Teunissen, J GRACE: an inclusive fashion collection. In B/AIS. Parsons New York. July 2017. Nivel (2016). Jaarverslag 2015: monitor zorg- en leefsituatie van mensen met een chronische ziekte of beperking. Ontleend aan https://www.nivel. nl/nl/nieuws/jaarverslag-van-de-monitor-chronisch-zieken-en-mensen-

25