Issuu on Google+

Maandelijkse lesbrief voor de basisschool bij de Wereldkalender van 11.11.11 ISSN : 1375-2219 - 23ste jaargang, nummer 10

Klein meisje met geitjes aan de wandel in de kinderboerderij. Huisdieren en lievelingsdieren, je vindt ze overal.

december 2010

NamibiĂŤ Thema : identiteit


Nieuws uit Studio Globo

Voorbij de kleuren Op zoek naar persoonlijke verhalen: werken aan verbondenheid

Wil je naar aanleiding van dit Wereldreisnummer met je leerlingen uitgebreider stilstaan bij het begrip ‘Identiteit’? Dan biedt Studio Globo je volgende materialen die op dit thema ingaan. Bij de inleefateliers ‘Wonen op het Dak’ en ‘Achter de muur’ horen lesmappen die je ook los van de inleefateliers kunt gebruiken. Vanuit het werken aan diversiteit wordt in beide lesmappen stilgestaan bij elementen die je identiteit kunnen bepalen.

Wonen op het Dak Met het lespakket ‘Wonen op het Dak’ kom je op het spoor van de rijkdom en de uitdaging

Achter de muur Werken aan gelijke kansen Je stapt in het verhaal van vijf elfjarigen uit Oosterbeke. Elk heeft zijn eigen verhaal, zijn wensen en kijk op de wereld. Samen met je leerlingen... • ga je op zoek naar hoe zij (en wij) leven, handelen, denken, dromen... • ontdek je heel wat verschillen: boeiend, uitdagend en verrijkend • ontdek je ook verschillen die we niet willen: ongelijke kansen die leiden tot uitsluiting. Met ‘Achter de Muur’... • breng je het thema armoede en sociale uitsluiting op een haalbare manier in de klas. Jijzelf en je leerlingen worden gestimuleerd om te werken aan gelijke kansen; • werk je met de methodiek van coöperatief

van diversiteit. Positief leren omgaan met verscheidenheid is niet altijd even vanzelfsprekend. Het lespakket is opgebouwd rond vier verhalen en bestaat uit een handleiding voor de leerkracht (incl. verhalenbundel) en een cd met luisterfragmenten. Doelgroep • vierde en vijfde leerjaar Bestellen? • Telefonisch of per mail in elke afdeling van Studio Globo Prijs • handleiding voor de leerkracht (incl. verhalenbundel en CD): € 18,90 + verzendingskosten leren. Via samenwerkend leren en gezamenlijke verkenning van de thema’s komen je leerlingen tot nieuwe en rijkere inzichten. • werk je vanuit de aanwezige diversiteit in je klas; • heb je oog voor kwetsbare leerlingen; • vind je automatisch aansluiting bij ideeën van het gelijke onderwijskansenbeleid en intercultureel onderwijs.

Keek je een tijdje geleden ook naar ‘De school van Lukaku’? Deze serie bracht een waarheidsgetrouw, authentiek en verrassend verhaal van jonge mensen uit Brussel. Heeft het voor jou iets veranderd in je beeldvorming? Voelde je je aangesproken? Zette deze serie je aan tot nadenken? • leerlingenboekje: € 1,55 • mediapakket: € 20 per week • Verzendingskosten worden aangerekend

Doelgroep • derde graad lager onderwijs Bestellen? • Telefonisch of per mail in elke afdeling van Studio Globo. • Het mediapakket is te huur. Hiervoor neem je best telefonisch contact op met de afdeling in je buurt. Prijs • handleiding voor de leerkracht (1 leerlingenboekje inbegrepen): € 10,50

Herabonnering Wereldreis 2011 De abonnementen op Wereldreis worden automatisch vernieuwd. Wanneer wij dus geen bericht kregen over wijzigingen in aantallen of adresgegevens, krijg je vanaf januari de lesbrieven Wereldreis zoals voorheen.

Als je mensen uitgebreid aan het woord laat, kom je veel te weten. In ieder geval is het duidelijk dat realistische, herkenbare en persoonlijke verhalen ervoor zorgen dat je een ruimere blik krijgt. Een situatie wordt zo uit verschillende invalshoeken bekeken en creëert verbondenheid. Ze vormen een basis van een correcte beeldvorming. Deze beeldvorming wordt beïnvloed door de verbondenheid die we voelen met iets of iemand. We verwijzen hierbij naar de theorie over ‘Verbondenheid als antwoord op delink-wentie’ van Anouk De Puydt (2001). De vijf ellipsen: de band met mezelf, de ander, met materialen, met de samenleving en met het levensgeheel, geven weer hoe de verbondenheid die we voelen met onze dichtstbijzijnde omgevingscirkel (onszelf) een invloed heeft op de manier waarop we de andere banden ervaren. Jongeren die ‘delink’went gedrag vertonen, kan je dan bekijken als personen die de link met zichzelf verloren hebben en dit veruiterlijkt zich in gedrag t.o.v. de andere omgevingscirkels. (Een toelichting bij deze theorie is eveneens terug te vinden in de brochure ‘Voorbij De Kleuren’, uitgegeven door Studio Globo)

Indien er toch nog wijzigingen zijn, vragen we om dit zo snel mogelijk te melden via een e-mail naar : wereldreis@studioglobo.be of per fax naar 02 502 81 01 van Studio Globo. Voor de abonnementen die per schooljaar lopen, verandert er natuurlijk niets. Abonnees die expliciet lieten weten dat ze geen automatische herabonnering wensen, worden vooraf door ons gecontacteerd.

Wanneer we geconfronteerd worden met het persoonlijke verhaal van de ander en dus met de band van de ander met zichzelf

en de hierbij horende zoektocht, voelen we ons aangesproken. We krijgen kans om een kijkje te nemen in wat de andere voelt, en doorheen herkenbaarheid voelen we ons met deze persoon verbonden. De ‘school van Lukaku’ maakte dankbaar gebruik van de openheid van jongeren in hun puberteit. Tijdens de buurtwandeling door Kuregem (een deel van Anderlecht), van Studio Globo Brussel, werken we op een gelijkaardige manier: met een nadruk op persoonlijke en concrete verhalen. Op deze manier willen we de samenleving, de vierde omgevingscirkel, dichterbij brengen. We streven naar een breed en realistisch beeld van een buurt die door de media meermaals op een negatieve manier de krantenkoppen haalde. Aan de hand van het persoonlijke verhaal van drie kinderen, proberen we verbondenheid te creëren. De nadruk ligt op het dagelijkse leven van kinderen uit de buurt. Leerlingen vinden al snel gelijkenissen met de kinderen aan het woord. Wanneer deze basis is gelegd, kan men verder gaan en kijken naar verschillen omdat het ‘vreemde’ dan ingebed is en meer aanvaardbaar wordt. Ook leerkrachten krijgen de kans om de confrontatie aan te gaan met hun eigen beeldvorming. Studio Globo Brussel heeft naast de vorming voor leerkrachten die met hun klas het inleefatelier ‘Wonen Op het Dak’ bezoeken een tweede vormingsmoment rond het thema beeldvorming met als praktijkvoorbeeld de buurt Kuregem. Via het verhaal van diverse bewoners en medewerkers in de buurt, wordt het beeld van de leerkrachten

breder, concreter, genuanceerder en meer onderbouwd. Zij kleuren mee het verhaal van de buurt. Zo vertelde Gilles, een buurtwerker, dat de politie vaak te defensief optreedt. Hierdoor lokken ze al gemakkelijker opstanden uit, die dan op hun beurt weer in het nieuws komen. Ook de politieke aanpak binnen deze buurt is allesbehalve bevorderend volgens Fabienne. Tijdens het bezoek aan de Kameleon, een Nederlandstalige buurtschool, voelden de leerkrachten zich enorm betrokken en aangesproken. De leefwereld van kinderen kwam dichtbij, al leven de kinderen in Kuregem in een andere realiteit. Dat het verhaal van de bewoners en medewerkers de leerkrachten dichterbij bracht, daar zijn we zeker van. Een mooi voorbeeld: een leerkracht besliste om na de vorming toch met de klas de buurtwandeling te doen. De verbondenheid is gegroeid, de blik iets veranderd. Een persoonlijk verhaal heeft veel te bieden! Meer informatie over de buurtwandeling Kuregem, het inleefatelier ‘Wonen Op Het Dak’ en de leerkrachtenvormingen bij Studio Globo Brussel via brussel@studioglobo.be of 02 520 23 30. Ook in Antwerpen heeft het inleefatelier ‘Wonen op het Dak’ plaats en werd er een buurtwandeling in de omgeving uitgewerkt. Informatie via antwerpen@studioglobo.be of 03 235 20 76.


voorwoord

INHOUD

Beste lezer, met het laatste nummer van het kalenderjaar worden we er weer mee geconfronteerd: de lijstjes van films, muziek, politiek. We zijn eraan gehecht geraakt om jaren, decennia en eeuwen te vatten in handige overzichten. Alsof we daardoor meer vat kunnen krijgen op die complexe realiteit van wat voorbij is. Wat staat er op jouw lijstje? Wat sprong er dit jaar uit? Met de redactie van Wereldreis hopen we dat we je het afgelopen jaar wat konden helpen om je leerlingen wat ‘wereldvoelsprieten’ aan te reiken. Of we daarmee eindejaarslijstjes zullen halen valt misschien te betwijfelen. Maar is het niet vooral door de volgehouden inspanning dat er op lange termijn resultaten kunnen geboekt worden? Je bent van harte bedankt om alweer een jaar lang mee te trekken op Wereldreis en we hopen je volgend jaar opnieuw te mogen verwelkomen.

J.D.

colofon

Nieuws uit Studio Globo...................... 2 Wonen op het dak ........................... 2 Achter de muur............................... 2 Herabonnering Wereldreis 2011........... 2 Voorwoord ....................................3 Wereldreisinfo Landeninfo Namibië....................4 Heb je al gehoord van ... Frankie Frederickx ? ....................4 Foto-info..................................5 Thema-info : Identiteit ................5 Reiswoordenschat ......................5 Wereldreistips en werkbladen Eerste graad...........................6-8 Twee kinderen............................7 Himbapopje ..............................8 Tweede graad........................ 9-11 Brief van Lien.......................... 10 Himba . .................................. 11 Derde graad.........................12-17 Webtips.................................. 13 Voer voor boekenwurmen........... 13 Wie ben jij ? ......................... 14-15 Over identiteit ! ...................... 16 Haardracht : een mode zo oud als de straat ! ........................ 17 Tekening van de kalenderfoto..... 18 Voorbij de kleuren......................... 19 Spiegelfoto.................................. 20

Wereldreis is een uitgave van Studio Globo v.z.w. © 2010 Wereldreis, Studio Globo, Huidevettersstraat 165, 1000 Brussel, fax: 02 502 81 01 Website : www.studioglobo.be/wereldreis Abonnement : 10 nummers + affichekrant 11.11.11 voor € 16 - Abonnementen lopen per schooljaar of per kalenderjaar en worden automatisch verlengd. Andere formules : zie website. Wijzigingen aan de abonnementen kunnen gevraagd worden schriftelijk, via fax of via mail tot één maand voor het aflopen van het abonnement. - Losse nummers zijn verkrijgbaar voor € 1,60 + verzendingskost Bankrekening : 068-2352505-88 Administratie : Studio Globo, T 02 520 05 30, E wereldreis@studioglobo.be Redactie : Jan Debonnet en Helga Vande Voorde, T 02 526 10 92, E helga.vandevoorde@studioglobo.be Aan dit nummer werkten mee : Steven Van Wolputte (verhaal), Ria Vandermauten, Leen Seurynck, Jeannine Goudman, Joris Cools, Tine Schuurmans, Jos Verhulst (tekeningen), Marc Vermeiren (vormgeving) Foto’s cover: kalenderfoto: Reiner Harscher; spiegelfoto: Jackie Kever (www.flickr.com); p. 19: Liesbet De Pooter Verantwoordelijke uitgever : Piet Spanhove, Otletstraat 28/11, 1070 Brussel Overname voor niet-commercieel gebruik in het onderwijs en zonder afgeleide werken is toegelaten mits naamvermelding Wereldreis is gedrukt op FSC-gecertificeerd papier Deze uitgave kwam tot stand i.s.m. de Koepel van de Vlaamse Noord-Zuidbeweging‑11.11.11 v.z.w. en met de steun van de Belgische ontwikkelingssamenwerking

Wereldreis - 2010/10 - 3


Namibië LANDENINFO Ligging, landschap en klimaat Namibië is een land op de Steenbokskeerkring (de seizoenen zijn dus tegengesteld) dat 824 292 vierkante kilometer beslaat. Toch leven er slechts 2,1 miljoen mensen : enkel Mongolië is minder dicht bevolkt. Namibië telt twee grote woestijnen : in het westen, langsheen de Atlantische kust, de Namib (waaraan het land zijn naam ontleent) ; in het oosten, aan de grens met Botswana en Zuid-Afrika, de Kalahari. De rest van het land bestaat voornamelijk uit eerder dorre bergstreken en halfwoestijnen, waar regen schaars en onvoorspelbaar is. Daarom wonen de meeste mensen in het meer vruchtbare noorden, waar zich twee van de drie permanente rivieren bevinden. Geschiedenis Namibië kent een lange en bijzonder bewogen geschiedenis van migratie, kolonisatie, geweld en zelfs genocide. Het werd achtereenvolgens ingelijfd door Duitsland, Groot-Brittannië en Zuid-Afrika en was in 1990 de laatste Afrikaanse kolonie die onafhankelijk werd met als hoofdstad Windhoek. Dit moment was het resultaat van een jarenlange politieke en militaire strijd die van de bevolking een zware tol

heeft geëist. De Verenigde Naties hebben een belangrijke rol gespeeld in het vredesproces en de speciale VN-gezant voor Namibië, Martti Ahtisaari, kreeg de Nobelprijs voor de Vrede in 2008. Tot op heden geldt Namibië als een typevoorbeeld van de vredebrengende rol die de VN kunnen spelen. Bevolking De inwoners van Namibië zijn verdeeld over verschillende taalgroepen. Een meerderheid (ongeveer de helft van de bevolking) spreekt Oshiwambo ; taalminderheden omvatten ondermeer de Nama en de Herero (waartoe ook de Himba behoren). Ook Duits en Afrikaans behoren tot de erkende talen van het land. Bij de onafhankelijkheid werd het Engels ingevoerd als de officiële taal van de overheidsinstellingen, het onderwijs enz. om de verschillen tussen de diverse bevolkingsgroepen te overbruggen. HDI : Namibië staat 128ste met 0,686. Economie Namibië is de tweede grootste producent van diamant, de belangrijkste bron van inkomsten voor het land ; deze edelstenen worden voornamelijk gedolven in de Namib waar indrukwekkende veiligheidsmaatregelen gelden. De tweede belangrijkste sector van de economie is het toerisme, dat nog steeds aan belang wint : jaarlijks bezoeken 800  000 toeristen het land. Handel vormt de derde bron van rijkdom  : via de haven van Walvisbaai werpt Namibië zich op als een toegangspoort voor gans zuidelijk en Centraal-Afrika, die via snelwegen (zoals de Trans-Kalahari Highway) verbonden is met de andere landen van de ZuidAfrikaanse OntwikWereldreis - 2010/10 - Wereldreisinfo - 4

kelingsgemeenschap (SADC). Het land beschikt ook over koper en uranium en mogelijk over aardolievoorraden. Voor de kust vindt men bijzonder rijke visgronden, voornamelijk bevist door Japanse en Amerikaanse vaartuigen. Van de grote rijkdommen is het merendeel in handen van een kleine, zeer rijke minderheid. De meeste mensen zijn werkzaam in de informele economie ; zij moeten het stellen met een euro of minder per dag, hoewel de prijzen vergelijkbaar zijn met die in Europa. Munt : Namibische dollar, NAD 1 = 0,1013 euro.

HEB JE AL GEHOORD VAN … FRANKIE FREDERICKS ? Eén van de meest bekende Namibiërs is de hardloper Frankie Fredericks (° 1967). Voor zijn onafhankelijkheid werd Namibië bezet door Zuid-Afrika, dat omwille van de apartheid die er heerste, werd geweerd van internationale sportevenementen. Na zijn onafhankelijkheid mocht Namibië terug deelnemen aan internationale competities (Zuid-Afrika zou nog moeten wachten tot 1994) en Frankie Fredericks won meteen zilver op de 200 meter tijdens de wereldkampioenschappen in 1991. Het jaar daarop, tijdens de Olympische Spelen in Barcelona, won Fredericks zilver op zowel de honderd als de tweehonderd meter ; in 1993 werd hij wereldkampioen op de 200 meter in Stuttgart. Fredericks heeft diverse records op zijn naam en wordt tot de top vijf aller tijden gerekend in zijn disciplines. Hij stopte met atletiek in 2004 en is momenteel actief als lid van het Internationaal Olympisch Comité.


Foto-info  In het noordwesten van Namibië vormt de Kunenerivier de grens van het land met Angola. Tijdens de onafhankelijkheidsstrijd was de regio dan ook de inzet van veel bittere gevechten. De meeste soldaten waren toen gelegerd in Opuwo. Na de onafhankelijkheid is dit stadje in het vroegere Kaokoveld uitgegroeid tot hoofdplaats van de Regio Kunene. Dit grensgebied wordt voornamelijk bevolkt door veehoeders zoals de Himba. Deze dieren leveren melk, huiden en vlees. Bovendien kunnen zij ook worden verhandeld en sinds eeuwen neemt deze veehandel een belangrijke plaats in. Sinds de jaren negentig worden dieren uit de streek ook verhandeld met de Europese Unie. Misschien heb jij al wel eens een Himba-koe gegeten ? De meeste Himba leiden bovendien, precies omwille van hun dieren, een nomadisch bestaan. Dit betekent dat zij tijdens het regenseizoen in een dorp leven, maar in tijden van droogte (de winter van juni tot september) verhuizen naar een soms zeer verafgelegen veepost. De meeste mensen combineren het telen van koeien, schapen en geiten met landbouw en andere activiteiten. Omwille van de schaarse regenval echter (de streek ontvangt gemiddeld minder regen op een jaar dan België in een maand) is de opbrengst van de landbouw zeer onvoorspelbaar. Mede hierom zijn dieren een zeer efficiënte manier om de schaarse rijkdommen van het bergachtige, droge landschap aan te wenden en de Himba behoren tot de rijkste veehoeders van het Afrikaanse continent. De foto toont twee Himbameisjes

die elk een lam naar de stal brengen. Kinderen worden op zeer jonge leeftijd ingeschakeld in het dagelijkse reilen en zeilen van de nederzetting. Het hoeden van dieren is immers hard werk, vooral dan in het droogseizoen. Dieren moeten worden gemolken, zij hebben water en gras nodig en bescherming tegen roofdieren. Het vergt ook een grote kennis van het landschap. Dit is wat jongens en meisjes al op zeer jonge leeftijd te leren krijgen : vanaf ongeveer acht jaar zijn zij verantwoordelijk voor de schapen en de geiten. Naarmate zij ouder worden, zullen de jongens ook de verantwoordelijkheid krijgen over de runderkudde ; de meisjes worden gaandeweg ingewijd in de dagelijkse taken van de vrouwen in het dorp.

immers hun vee, dat bovendien meestal ‘onderweg’ is. Himba drukken hun identiteit uit via hun lichaam, via kleren, sieraden, haardracht, lichaamsverf enz. Dit is overigens niet eigen aan de Himba. Overal ter wereld worden kleren, haartooi en lichaamsversiering gebruikt om uiting te geven aan identiteit, ook bij ons. Wel eigen aan de Himba is dat identiteit in de eerste plaats wordt begrepen als ‘familie’ ; aan sieraden en klederdracht kun je vaak zien tot welke familie de vader behoort. Soms kun je merken of iemand de oudste is thuis, dat hij of zij een tweelingzus heeft of net een familielid heeft verloren. Bij vrouwen kun je zien hoeveel kinderen zij heeft, bij mannen of zij een belangrijke plaats bekleden binnen de familie. Eveneens belangrijk is dat de reis, van meisje tot vrouw of van jongen tot man, is onderverdeeld in verschillende stadia, die elk gepaard gaan met een soms zeer uitgebreid ritueel. Aan de klederdracht, juwelen e.d. kun je ook zien tot welke levensfase jongens of meisjes behoren. Dit is belangrijk omdat elke fase gepaard gaat met nieuwe taken en verantwoordelijkheden, met nieuwe rollen die jongens en meisjes dienen op te nemen.

REISWOORDENSCHAT

THEMA-INFO : IDENTITEIT Omdat hun samenleving nomadisch is, drukken de Himba hun identiteit niet uit met een groot huis of met hun bezittingen : hun voornaamste bezit is Wereldreis - 2010/10 - Wereldreisinfo - 5

apartheid : discriminerend politiek systeem waarbij mensen van verschillende afkomst ook ruimtelijk gescheiden moesten leven ; het gold in de 20ste eeuw in Zuid-Afrika. identiteit : eigenheid, geheel van uiterlijke en innerlijke individuele kenmerken, afstamming, cultuur, groepen waartoe iemand zich rekent enz., die een persoon onderscheiden van anderen (en die veranderlijk kunnen zijn). savanne : grasland met verspreide bomen in de (sub)tropen.


Eerste graad eindtermen Wereldoriëntatie 4.8 De leerlingen kunnen illustreren dat verschillende sociale en culturele groepen verschillende waarden en normen bezitten ; 3.2 beschrijven wat ze voelen en wat ze doen in een concrete situatie en illustreren dat zowel hun gedrag als hun gevoelens situatiegebonden zijn. Muzische vorming 1.6 Tactiele, visuele impressies, ervaringen, gevoelens en fantasieën op een beeldende manier weergeven. INSTAP : FEESTEN Aangezien het december is en dus een feest- en cadeautjesmaand, kan hierbij worden aangeknoopt. Wat hopen zij te krijgen ? De kans dat het bij veel kinderen hetzelfde geschenkje is, is groot. Waarom hebben zij dit geschenk gekozen ? Omdat hun vriendje dit ook vraagt ? Om er bij te horen, proberen kinderen op elkaar te lijken : zelfde kleren, schoenen, boekentas, speelgoedjes … Dit is ook zo aan de andere kant van de wereld : kinderen tonen op hun manier bij welke groep of familie zij horen. KERN De kalenderfoto

Getooid als … Op het internet kun je een heleboel foto’s verzamelen van Himba (zie Webtips). Laat de kinderen gelijkenissen zoeken tussen de mensen op de foto’s. Zij hebben weinig kleren aan (gemaakt van huiden van de dieren). Het is in Namibië namelijk heel warm en droog, zeker nu het daar zomer is ! Je kunt aan de tooi zien bij welke familie de mensen horen. Zij smeren hun lichaam en haren in met een soort vet, gemengd met kleurstof (oker). Dit beschermt hen tegen de zon (uitdrogen van de huid) en houdt de muggen op afstand. “Kun je bij ons ook zien bij welke groep of familie iemand hoort ?” Je draagt het uniform bij een jeugdbeweging of de uitrusting van een sportclub. Dit toont dat je erbij hoort. De kinderen vullen op werkblad A de tekeningen aan. “Teken en kleur een kind van hier in een outfit waaraan je merkt waar hij of zij bij hoort. Doe dit ook voor een Himba-kind. Let op de vlechtjes in het haar, de kledij, de kleur. Kijk hiervoor goed naar de foto’s. Je mag kleuren, kleven, schilderen …” Leven als Himba-kind Je kunt het verhaal bij de foto kort vertellen. Hier horen de kinderen dat een kind van de Himba al jong moet meehelpen en voor de lammetjes zorgen. Laat de kinderen vertellen : “Wat komt daar bij kijken ? Wat moet een goede schapenhoeder doen ? Moet je iets speciaals kunnen ? Waarom is het belangrijk dat je goed voor de geitjes zorgt ?” Zij geven melk en vlees en van hun huiden worden de kleren gemaakt.

We gaan op bezoek bij de Himba, een bevolkingsgroep in Namibië. Op de wereldkaart kun je Namibië aanduiden. Laat de kinderen fantaseren over hoe het land er uit ziet. “Is het zoals in België (nu koud, in de zomer warm), zijn er bergen, grote steden ?” Toon de kalenderfoto. Laat de kinderen vertellen wat zij op de foto zien. Zij zullen het zeker hebben over de lammetjes, de huidskleur, de kleren die zij dragen, hun haren …

Belangrijk is dat de dieren genoeg te eten en te drinken krijgen ... Maar het is droog in dit deel van Namibië, het regent er niet vaak. Daarom trekken de families rond als nomaden : als het gras en water op is, zoeken zij een andere plek voor hun kudden en gaan zij daar wonen.

Wereldreis - 2010/10 - Wereldreistips - 6

SLOTACTIVITEIT Maak met klei, touw, kralen, stukjes stof of leer een Himba-popje, zoals je ziet op werkblad B.


Twee kinderen Laat deze kinderen eruitzien als

een kind uit de klas

een Himba-kind

Gebruik kleurpotloden, stiften of schilder ze. Wereldreis - 2010/10 - Werkblad A - 7


Himbapopje Dit heb je nodig : klei, touw, wol, stof, leer, kraaltjes ‌

Kneed de klei tot een popje, maak het stevig zodat het kan blijven staan.

Versier je popje met kralen, touwtjes, kettingen, leer, wol, stof‌

Laat je popje drogen, verzamel de popjes en maak er een echt dorp mee.

Heb je nog zin in meer ? Maak dan ook een huis in takjes en klei.

Wereldreis - 2010/10 - Werkblad B - 8


Tweede graad lesdoelen * Het land Namibië kunnen situeren ; * meer weten over tradities en het leven van het Himbavolk ; * enkele woorden in de Himba-taal hebben ontdekt ; * weten wat identiteit betekent en dit kunnen toepassen op verschillende bevolkingsgroepen ; * er in hun omgang met leeftijdsgenoten op discrete wijze rekening mee houden dat niet alle kinderen in hetzelfde type gezin wonen als zijzelf (eindterm Wereldoriëntatie 4.7). WAAR ? Elk kind krijgt een kaart van Afrika, waar de landen goed te onderscheiden zijn. Zij kleuren Namibië rood, de buurlanden groen. “Waar ligt de hoofdstad ? Schrijf de naam ‘Windhoek’ op de juiste plaats. Waarom hebben de hoofdstad en veel andere plaatsen een Nederlandse naam ?” Vertel over de geschiedenis van Namibië.

Heb je broers of zussen ? Wat is jouw leukste hobby ? Ben je in een ziekenhuis geboren ? Wat is jouw lievelingseten ? Ben je lid van een vereniging ?” Alle kinderen beantwoorden de vragen op een papier. Waarschijnlijk heeft niemand alle antwoorden gelijk met een ander kind. Welke kinderen hebben veel gemeenschappelijke antwoorden ? Neem deel 2 van werkblad D. De leerlingen tekenen een Himbajongen of -meisje. Dan tekenen zij ook zichzelf. Kunnen kinderen hier zelf beslissen hoe zij er uitzien ? Zij kunnen experimenteren met kleding en haartooi, op zoek naar een eigen identiteit. Himba-kinderen worden opgemaakt volgens hun traditie. Een stukje van hun identiteit wordt geuit door afgesproken decoraties. Bij elke leeftijd of gebeurtenis hoort een bepaalde haartooi of sierraad. Kennen de leerlingen misschien nog kinderen uit andere culturen die beschilderd of versierd zijn ? Bv. indianen, Maori, Karo in Ethiopië, Aboriginals …

In het noordwesten van het land, in Kunene, leven de Himba, een nomadenvolk. Vertel meer over de Himba met de gegevens uit de Reisinfo, Wereldreis van januari 2001 en de achterzijde van de kalenderfoto. DE BRIEF VAN LIEN “Lees de brief van Lien op werkblad C een eerste maal. Er staan enkele woorden in de taal van de Himba geschreven. Los na het lezen deel 1 van werkblad D op.” Oplossingen : 8 1 12 12 15 Hallo - Hoe gaat het met je ? - 2 5 18 7 berg - Spreek je Himba ? - 10 1 Ja - rivier - heilig vuur. Nu leest een ander kind een tweede maal de brief hardop voor, met het werkblad D naast de tekst. De woorden worden onmiddellijk vertaald. Bespreek de inhoud van de brief. Vergelijk volgende punten met kinderen in België : Himbakinderen zorgen voor het vee, het dorp, familie ... WIE WE ZIJN Elke mens is uniek. Die identiteit wordt bepaald door heel veel kenmerken : uiterlijk, karakter, familie, cultuur, werk, school, vrienden … Elk kind van de klas stelt een vraag : “Welke kleur hebben jouw ogen ?

SLOT Neem een groot blad (A1-formaat) en schrijf in een cirkel in het midden “Himbakinderen” met daarrond sleutelwoorden die passen bij kinderen : bv. “dagtaak, kapsel, woning, gezin ...” Op een ander groot papier schrijf je in een cirkel “kinderen bij ons” en dezelfde sleutelwoorden. Elk blad wordt klassikaal ingevuld : veehoeden <-> schoollopen, haar volgens traditie <-> mode, lemen huis <-> stenen huis, met andere kinderen <-> met eigen ouders. Versier alles nog met opgezochte foto’s en gemaakte tekeningen.

Wereldreis - 2010/10 - Wereldreistips - 9


Wereldreis - 2010/10 - Werkblad C - 10


Himba 1. Woordenlijst Lees de brief van Lien. Enkele woorden staan in de taal van de Himba geschreven. Kun jij vinden wat zij betekenen in het Nederlands ? Voor de berekeningen : de uitkomst heeft de waarde van een letter in het alfabet. 1 = A , 2 = B ... TIJKE=

64 : 8

3 x 9 – 26

36 : 3

81 – 35 – 34

75 : 5

_____ K O R A ? = HOE _ _ _ _ _ _ _ ONDUNDU=

___

(13 + 23) : 18

__ ? 20 : 2 – 5

3 x (3 + 3)

49 : 7

____ O T J I H I M B A ? = SPREEK JE _ _ _ _ _ ? LI= __

1+2+3+4

(24 + 49) : 73

OMURAMBA=R_V__R

+ig

z=h OKORUWO= ______

2. Schets een Himba-meisje of -jongen Meisje : * Vooraan twee vlechtjes * Halsketting met schelpen

m=v ____

Jongen : * 1 vlecht in het midden voor zijn gezicht. * Halsketting met schelpen die meer versierd is dan die van de meisjes en ingesmeerd is met bruin vet

Wereldreis - 2010/10 - Werkblad D - 11


Derde graad eindtermen Wereldoriëntatie 1.9 Het verband illustreren tussen de leefgewoonten van mensen en het klimaat waarin ze leven ; 3.3 tonen in concrete situaties voldoende zelfvertrouwen, gebaseerd op kennis van het eigen kunnen ; 5.8 illustreren dat een actuele toestand, die voor kinderen herkenbaar is, en die door de geschiedenis beïnvloed werd, vroeger anders was en in de loop der tijden evolueert ; 6.9 aspecten van het dagelijks leven in een land van een ander cultuurgebied vergelijken met hun eigen leven. Nederlands schrijven 4.5 Een formulier invullen met informatie over henzelf.

water te halen voor het dagelijkse gebruik van het gezin : handen wassen, hygiëne, eten koken, drinken … want een waterleiding is er niet. Laat de leerlingen eens schatten hoeveel water zij dagelijks gebruiken ? Bv. toilet doorspoelen = 9 liter, een douche nemen = 80 liter, tanden poetsen = 2 liter, handen wassen = 4 liter, een bad nemen = 200 liter… Hoeveel liter zouden de vrouwen in Namibië kunnen dragen ? Maximaal 10 tot 15 liter. De WHO stelt dat iedere persoon minstens over 20 liter zuiver water per dag moet kunnen beschikken ! De feesten voor de meisjes kun je vergelijken met feesten die sommige kinderen bij ons kennen op een bepaalde leeftijd. Besnijdenis, lentefeest, plechtige communie, bar mitswa enz. hebben ook met het ‘groter worden’ te maken. Zijn er verschillen tussen jongens en meisjes of krijgen zij een gelijke behandeling ? Hebben die gebeurtenissen invloed op de kleding ?

Sociale vaardigheden 1.1 Zich op een assertieve wijze voorstellen.

DE FOTO EN HET VERHAAL Het verhaal (werkblad E en F) is bijna volledig in dialoog geschreven en dus erg geschikt om eens hardop per twee te laten lezen. “Wie zien wij op de foto ?” Twee meisjes : Tjimuwa en Karipande. Bespreek uitzicht, kapsel en sieraad van de kinderen. “Welke huisdieren hebben zij vast ?” Schapen ! “In welk werelddeel zouden wij zijn ?” Afrika. Laat Namibië opzoeken in de atlas.

Je kunt de leerlingen een lijstje laten maken van de wilde dieren die in de tekst worden vernoemd of beschreven : slang, schorpioen, duizendpoot, jakhals, hyena, leeuw, zebra. Zij kunnen hiervan afbeeldingen en kenmerken zoeken in een encyclopedie of op het internet.

Laat de leerlingen opmerken dat men bij de Himba, net als bij indianen en Chinezen bv. namen geeft die een bijzondere betekenis hebben, die iets vertellen over de persoon. Uit de tekst blijkt duidelijk dat de kinderen ver moeten stappen naar de pomp. Dat betekent dat de vrouwen en eventueel oudere meisjes even ver moeten stappen om Wereldreis - 2010/10 - Wereldreistips - 12

IDENTITEIT Werkblad G : identiteitskaarten De leerlingen kennen natuurlijk het woord identiteitskaart als het kaartje dat wij krijgen van de gemeente waar wij wonen. Himba hebben geen identiteitskaart ! Wijs op het verschil tussen een identiteitskaart, die


iedereen in België heeft vanaf twaalf jaar, en een paspoort, dat je speciaal moet aanvragen als je verre landen wil bezoeken. ‘Identiteit’ is echter meer dan dat. Bespreek daarom eerst even met de leerlingen dit woord en laat hen eens opsommen wat zij menen dat hun eigen identiteit zoal is. Misschien kunnen zij elkaars zelfbeeld ook aanvullen, want je identiteit is ook een stukje hoe je overkomt bij anderen : je imago. Laat hen daarna de ‘identiteitskaarten’ invullen. Die van Tjimuwa kan eventueel klassikaal worden verbeterd of aangevuld. Zij is handig in het vangen van lammetjes, nogal hovaardig en verlekkerd op schapenstaart. Een belangrijk verschil met de leerlingen is het feit dat Tjimuwa niet naar een school gaat ! Laat de leerlingen eens naar een aantal gevolgen hiervan zoeken : bv. zij kan dan niet lezen en schrijven, maar zal wel de uitgebreide kennis en de gewoonten van de Himba overnemen. Typisch voor deze half-nomaden is dat zij hun eigen tradities trouw blijven en niets overnemen van de westerse maatschappij. Hun enige ‘bijverdienste’ is het verkopen van allerlei zelfgemaakte voorwerpen aan de toeristen, zoals juwelen, leren schortjes … Hiervoor reizen sommige groepjes zelfs tot in de hoofdstad Windhoek !

http://de.wikipedia.org/wiki/Himba (in het Duits) w w w. g o o g l e . b e / i m a g e s ? h l = n l & r l z = 1 G 1 G G LQ _ NLBE375&q=Namibië&um=1&ie=UTF-8&ei=iinGS 9mVBsWFONq4qZMP&sa=X&oi=image_result_gro up&ct=title&resnum=4&ved=0CCgQsAQwAw : veel mooie foto’s van Namibië, ook van de Himba ! www.kiss-of-light.net/kol-english/networkpeople/christiangoltz/namibia/photographinghimbas.html : met verwijzingen naar You Tube

Werkblad H : haardracht Laat de leerlingen op voorhand thuis allerlei kapsels uitknippen uit weekbladen of modebladen. Sorteer ze samen met hen : eerst heb je natuurlijk kort, halflang of lang haar, krullend of sluik haar, piekjeshaar … Op het werkblad zijn een aantal bijzondere haarstijlen genoteerd. Lees en bespreek de tekst eerst met de leerlingen. Laat hen daarna van elk kapsel een voorbeeld zoeken : dat mag zeker ook uit de geschiedenis (het typische kapsel van de farao’s, lange haren van de Germanen, de rijken die hun eigen haar verborgen hielden in de Pruikentijd …) of van elders in de wereld (Japanse dames die hun haar opstaken, Midden-Europese vrouwen die hun haar vlechten). Je kunt hier nog verder op doorgaan door kapsels in de loop van de geschiedenis te bespreken en je kunt ook verder in de wereld gaan kijken. Eerdere foto’s van de wereldkalender kunnen hier ook nog hun dienst bewijzen ! Bv. mei 2007, april 2006, januari 2004, december 2003, mei en juni 2002. Naast haarmode kun je ook even over haarverzorging praten.

- Botswana & Namib i a . H A R DY, P. & FIRE­STONE, M.  D. Lonely Planet, Melbourne, 2007. - Familie in de hele wereld. OMMER, U. (foto’s) en FURLAND, S. en VERBOUD, P. (teksten). Biblion, Den Haag / Mozaïek, Amsterdam / Clavis Hasselt, 2002. - Identiteit en Interculturaliteit. Identiteitsconstructie bij jongeren in Brussel. VUBPRESS, Brussel, 2010. - Namibië. Mensen – politiek – economie – cultuur. Landenreeks. BAYER, M. KIT, Amsterdam / Novib, Den Haag / NCOS, Brussel, 1998. - Namibië. Wereldreis. 11.11.11, Brussel, januari 2001. - Pieds nus sur la terre rouge, voyage chez les Himbas, pasteurs de Namibie de BARDET, S. Robert Laffont, Paris, 2008. - Robbe en de Himbamaan. NINCLAUS, W. & NINCLAUS, H. De Eenhoorn, Wielsbeke, 2006. - Vijf emmertjes water halen. SAMSAM. KIT, Amsterdam, januari 2000. - Zuidelijk Afrika. Namibië, Z.-Afrika, Zimbabwe, Botswana. Lannoo, Tielt, 2002.

WEBTIPS Namibië en de Himba http://en.wikipedia.org/wiki/Namibia (in het Engels) http://de.wikipedia.org/wiki/Welwitschie en

Identiteit www.belgium.be/nl/familie/identiteit/ : administratieve indentiteit www.flw.ugent.be/cie/CIE/blommaert3.htm : Als je leven slechts een reis is : over vluchtelingen en Europese identiteit www.kapsels.net : haarmode http://fr.wikipedia.org/wiki/Coiffure : haardracht (in het Frans) VOER VOOR BOEKENWURMEN

Wereldreis - 2010/10 - Wereldreistips - 13


Wie ben jij ? - “Wie ben jij ?” vraagt Tjimuwa. Kasper antwoordt dat hij Kasper heet. - “Wat betekent dat ?” - “Nou, gewoon, Kasper. Dat is de voornaam die mijn mama en papa me gegeven hebben.” - “Heb jij geen andere naam dan ?” vraagt Tjimuwa. - “Nou nee. Ik ben Kasper Suykerbuyck. Dat is mijn familienaam, Suykerbuyck. Dat is het. Gewoon Kasper.” - “Sow-ke-bwaak ; best moeilijk als je het mij vraagt. Sow-ke-boowk. Kaspel.” - “Nee, niet Kaspel. Kasperrrrrrrr. Met een erretje. En hoe heet jij ?” - “Ik ben Tjimuwa. Dat betekent “er is iets goeds gebeurd”. Die naam kreeg ik van mijn vader toen hij me voorstelde aan de mensen in het dorp. Maar mijn opa en oom noemen me Kenataurwa, omdat zij hopen dat de hemel altijd hemel zal blijven en de aarde aarde. En mijn mama noemt me Otjongombe, omdat ik zo mooi ben als een koe.” - “Pff. Wat moeilijk. Zal ik je gewoon Tjimu… Tjimuwa noemen ?” - “Wat je wil. Zeg, ga je mee straks ?” - “Naar school ?” - “Nee dommie. Met de dieren. Ik moet straks met Karipande de dieren naar de waterplaats brengen. Er is geen school hier. Nu ja, er is wel een school, ginder achter de bergen, maar die is niet voor meisjes als ik. Mijn broer gaat naar school, omdat hij moet van zijn vader, maar hij leert er niks, zegt hij. Boeken over meneren met grote rode vrachtwagens die water spuiten, zomaar, stel je voor, en verhaaltjes over bomen met dozen in, en in die bomen hangen ballen en papier, met naalden die prikken. En voetballen. Hij voetbalt veel op school en zij spelen dan Namibië tegen Angola of een of andere ploeg uit Europa. Mijn broer zou veel liever weggaan met de koeien, samen met zijn vrienden.” - “Hmm. Brandweermannen en kerstbomen.” Kasper denkt hardop. “Nee, dat zie je hier niet.” “En wat gaan jullie dan doen straks ?” vraagt hij aan Tjimuwa. Of aan Kenataurwa. Aan Otjongombe. - “Nou, gewoon. We nemen straks de geiten en schapen mee en gaan naar de waterplaats en komen terug. Niet zo ver. We zijn voor het donker terug. Bij de pomp moeten we wel wachten tot er genoeg water is, maar dan kunnen we misschien wat rusten. Of spelen. In het ergste geval is er geen water en moeten we terug.

Maar de wind blaast goed. Een wandelingetje.” - “Zijn we dan een hele dag weg ? Net wij tweeën ?” - “En Karipande. Ja. Kijk, de pomp is daar.” Tjimuwa wijst naar een hoge bergtop in de verte. “We gaan eerst over die kam daar en dan zo naast die grote berg, aan de andere kant naar beneden en dan de weg volgen tot aan de pomp. We komen aan als de zon daar staat, zegt Tjimuwa en wijst bijna recht omhoog. Makkie.” - “Dat is wel een hele dag stappen. En het is nu al zo warm.” - “Valt wel mee hoor. De beesten stappen traag, want zij moeten nog eten onderweg. Als er niets gebeurt, zijn we voor het donker terug.” - “Gebeuren ? Wat bedoel je ? Is het gevaarlijk ?” - “Maar nee. We moeten enkel oppassen voor slangen. En voor schorpioenen. En voor die lange akelige beesten met veel poten en rode hoorns op hun kop. Als die bijten, heb je zeven jaar pijn, zegt mama. Maar de grote beesten, de jakhalzen en hyena’s en zo, zie je niet overdag. Zij slapen. Of durven niet. ” Kasper slikt. Hij had wel eens iets gezien op televisie over leeuwen die een zebra vangen en dan worden weggejaagd door hyena’s.

- “Zitten hier ook leeuwen ? ” “Nee, denk ik. Vroeger wel. Mijn opa vertelt wel eens over vroeger, over hoe hij ooit een leeuw heeft gedood die een kalf had opgegeten. Maar je moet mijn opa ook niet altijd geloven”. “Is dat Karipande ?” vraagt Kasper. Hongerige leeuwen zijn geen leuk gespreksonderwerp als je in Afrika op de savanne zit. “Yep. Dat is mijn zus. Zij gaat met ons mee. Zij kent de weg beter dan ik. Zij is ook heel sterk.” - “Waarom dragen jullie eigenlijk dezelfde kleren ?”

Wereldreis - 2010/10 - Werkblad E - 14


- “Dat moet zo. Volgend seizoen is er een feest voor mijn zus. Dan mag zij zich rood verven, zoals de oudere meisjes. Meisjes dragen hier hetzelfde, tot zij een feest krijgen. Dan dragen zij weer hetzelfde, tot zij weer een feest krijgen. Telkens je andere kleren krijgt, ben je een beetje groter. Maar hoe het precies zit, moet ik aan mama vragen.” “En waarom doen jullie je haar zo gek ?” - “Gek ? Dat moet zo. Dat is mijn familie langs vaderskant. Daar hebben alle meisjes vier van die vlechtjes en de jongens een kammetje op hun kop. Dat moet zo.” - “Cool,” denkt Kasper. “Een hanenkam is echt wel cool. Misschien mag ik wel een kammetje. Zal ik straks eens vragen.” “Vier vlechtjes zei je toch. Maar je zus heeft er twee. Is dat ook omdat zij ouder is ?” - “Nee, dat is omdat zij een andere vader heeft. Zij behoort tot een andere familie. In haar familie dragen de meisjes twee vlechten en hebben de jongens streepjes in hun haar.” - “Maar zij is wel je zus ?” - “Haar mama en mijn mama zijn zussen, dus ja.” - “Maar dan zijn jij en Karipande toch geen zussen ?” “Toch wel. Bij ons zijn al de zussen van mijn mama ook mijn mama, en alle dochters van de zussen van mama zijn mijn zussen.” Het wordt even stil. Kasper denkt zo hard na dat hij zijn hoofd hoort kraken. “Dus dan zijn de jongens van de zussen van je mama je broers ?” Tjimuwa knikt. - “En de jongens van de zussen van je papa ? Zijn dat ook broers ?” - “Nee dommie. Dat zijn neven. Dat is iets helemaal anders.” Het werd even terug stil. Kaspers hoofd kraakte weer. - “Ik geef het op,” zucht Kasper. “Jij bent Tjimuwa en dat meisje met het geitje daar is Karipande, je zus.” “Dat is inderdaad mijn zus, maar zij heeft een schaapje vast.” Tjimuwa lacht. “Schaap. Geit. Schaat. Geip. Hoe zie je het verschil ?” - “Nou gewoon, dat zie je toch, dommie.”

- “Ik ben niet dommie. Ik ben Kasper. Hoe zie je dat ?” - “Gewoon. De pels. Het geblaat. Geiten spugen de hele tijd. De staart. Schapen hebben een lange, dikke staart, die hangt. Heel lekker trouwens, die staart. Geiten hebben een kort staartje dat omhoog staat – tenzij ze ziek zijn. En geiten stinken. Schapen niet.” - “En wat doen we dan als we een hyena zien ?” Kasper zag opnieuw de beelden van een soort grote lelijke (érg lelijke) hond die volgens het commentaar dwars door botten kon bijten. Het schoot door zijn hoofd : “Ik ben nog veel te jong om te sterven !” - “Maar gekkie. Er zijn geen hyena’s overdag. Kom. We moeten de lammetjes nog in hun hok stoppen. Pak jij die zwarte en die bruine, dan pak ik die witte met bruine vlekken.” - “Maar hoe doe ik…” probeert Kasper nog, maar Tjimuwa is al weg. Zij en Karipande pakken de lammeren bij hun achterpoot en tillen ze bij hun nekvel in hun hok. Als je hen bezig ziet, lijkt het allemaal gemakkelijk. Kijk, daar hebben zij twee dezelfde … dinges, euh beestjes vast. Maar Kasper kan geen enkel lam vangen ; zij zijn te snel en springen links en rechts of gewoon tussen zijn benen. Een lam gooit hem zelfs omver. Tjimuwa en Karipande lachen. “Kom hier jij !” Zij trekken hem overeind. “Kom hier, Kaspel Sow-keboowk. We vertrekken.” - “Het is Kasperrrrrrrrrr !” De meisjes lachen en drijven de schapen en geiten het dorp uit, in de richting van de berg. Het is nog een flinke wandeling en de zon staat al hoog aan de hemel.

Wereldreis - 2010/10 - Werkblad F - 15


Over identiteit ! Iemands identiteit omschrijven is niet gemakkelijk ! Je identiteit bestaat eigenlijk uit alle dingen die je samen maken tot wie je bent : hoe je heet, waar je goed in bent, welke leeftijd je hebt, wat je denkt, of je een jongen of een meisje bent, waar je woont, hoe je er uitziet, welke gewoonten je hebt, welke taal je spreekt, waar je bent geboren, met wie je samen speelt, wie jouw familie is enz. Vul hieronder je eigen ‘identiteitskaart’ in en ook die van Tjimuwa, zodat je kunt vergelijken ! In de laatste rij mag je nog iets invullen wat volgens jou deel uitmaakt van jouw identiteit ! mijn identiteitskaart

identiteitskaart van … voornaam naam woonplaats land werelddeel nationaliteit geslacht leeftijd geboorteplaats taal kledij kapsel broers zussen (huis)dier(en) school talent karakter voorkeur

Wat komt overeen ? ................................................................................................................................. ................................................................................................................................................................ Wat zijn de belangrijkste verschillen ? . .................................................................................................... ................................................................................................................................................................ Heeft dat grote gevolgen ? ....................................................................................................................... ................................................................................................................................................................ Zou jij graag de identiteit van Tjimuwa overnemen ? Waarom wel/niet ? . ............................................... ................................................................................................................................................................ ................................................................................................................................................................ Wereldreis - 2010/10 - Werkblad G - 16


Haardracht : een mode zo oud als de straat ! Een kapsel is de manier waarop iemands haar is geknipt en in vorm gebracht. 1. Dreadlocks zijn lange, dikke bundels vervilt haar. Zij ontstaan wanneer krullend haar gedurende een tijd niet wordt gekamd. Deze dreads zijn permanent en haal je er niet zomaar weer uit. Vb. Bob Marley of Indiase sadhoes.

2. Vlechten : haren vlechten kun je op veel verschillende manieren : een of twee grote vlechten, veel dunne vlechtjes of een ‘onzichtbare vlecht’ (dicht tegen het hoofd). Vb. Berbervrouwen of de 17 de eeuwse Mantsjoes.

3. Een hanenkam is een kapsel waarbij het hoofd wordt kaalgeschoren, behalve een smalle strook in het midden. Dit resterende haar wordt met behulp van haargel e.d. rechtop gehouden, waardoor het effect ontstaat van de kam die een haan siert. Het haar wordt soms ook fel gekleurd. Vb. Mohawkindianen of punkers.

4. Bij een opsteekkapsel wordt een deel van het haar of al het haar omhooggebracht en met één of meerdere spelden vastgestoken. Er zijn veel verschillende stijlvariaties : bij een knotje kan het haar strak zijn weggetrokken, maar een wrong kan ook losjes in de nek liggen. Zo’n kapsel wordt veel gedragen bij speciale gelegenheden zoals bruiloften e.d., maar de basis-‘chignon’ kan elke dag worden gedragen. Vb. Romeinse dames of ballerina’s.

5. Een paardenstaart is een haardracht waarbij lang haar achterop het hoofd met een elastiekje, lint of speld wordt bijeengebonden, zodat het haar van het gezicht weg naar beneden hangt. Vb. mannenmode in Europa in de 2de helft van de 18de eeuw of Justine Henin.

Maak een collage met afbeeldingen van elk kapsel en duid telkens met het juiste nummer aan. Wereldreis - 2010/10 - Werkblad H - 17


Wereldreis - 2010/10 - Werkblad I - 18


Nieuws uit Studio Globo

Voorbij de kleuren Op zoek naar persoonlijke verhalen: werken aan verbondenheid

Wil je naar aanleiding van dit Wereldreisnummer met je leerlingen uitgebreider stilstaan bij het begrip ‘Identiteit’? Dan biedt Studio Globo je volgende materialen die op dit thema ingaan. Bij de inleefateliers ‘Wonen op het Dak’ en ‘Achter de muur’ horen lesmappen die je ook los van de inleefateliers kunt gebruiken. Vanuit het werken aan diversiteit wordt in beide lesmappen stilgestaan bij elementen die je identiteit kunnen bepalen.

Wonen op het Dak Met het lespakket ‘Wonen op het Dak’ kom je op het spoor van de rijkdom en de uitdaging

Achter de muur Werken aan gelijke kansen Je stapt in het verhaal van vijf elfjarigen uit Oosterbeke. Elk heeft zijn eigen verhaal, zijn wensen en kijk op de wereld. Samen met je leerlingen... • ga je op zoek naar hoe zij (en wij) leven, handelen, denken, dromen... • ontdek je heel wat verschillen: boeiend, uitdagend en verrijkend • ontdek je ook verschillen die we niet willen: ongelijke kansen die leiden tot uitsluiting. Met ‘Achter de Muur’... • breng je het thema armoede en sociale uitsluiting op een haalbare manier in de klas. Jijzelf en je leerlingen worden gestimuleerd om te werken aan gelijke kansen; • werk je met de methodiek van coöperatief

van diversiteit. Positief leren omgaan met verscheidenheid is niet altijd even vanzelfsprekend. Het lespakket is opgebouwd rond vier verhalen en bestaat uit een handleiding voor de leerkracht (incl. verhalenbundel) en een cd met luisterfragmenten. Doelgroep • vierde en vijfde leerjaar Bestellen? • Telefonisch of per mail in elke afdeling van Studio Globo Prijs • handleiding voor de leerkracht (incl. verhalenbundel en CD): € 18,90 + verzendingskosten leren. Via samenwerkend leren en gezamenlijke verkenning van de thema’s komen je leerlingen tot nieuwe en rijkere inzichten. • werk je vanuit de aanwezige diversiteit in je klas; • heb je oog voor kwetsbare leerlingen; • vind je automatisch aansluiting bij ideeën van het gelijke onderwijskansenbeleid en intercultureel onderwijs.

Keek je een tijdje geleden ook naar ‘De school van Lukaku’? Deze serie bracht een waarheidsgetrouw, authentiek en verrassend verhaal van jonge mensen uit Brussel. Heeft het voor jou iets veranderd in je beeldvorming? Voelde je je aangesproken? Zette deze serie je aan tot nadenken? • leerlingenboekje: € 1,55 • mediapakket: € 20 per week • Verzendingskosten worden aangerekend

Doelgroep • derde graad lager onderwijs Bestellen? • Telefonisch of per mail in elke afdeling van Studio Globo. • Het mediapakket is te huur. Hiervoor neem je best telefonisch contact op met de afdeling in je buurt. Prijs • handleiding voor de leerkracht (1 leerlingenboekje inbegrepen): € 10,50

Herabonnering Wereldreis 2011 De abonnementen op Wereldreis worden automatisch vernieuwd. Wanneer wij dus geen bericht kregen over wijzigingen in aantallen of adresgegevens, krijg je vanaf januari de lesbrieven Wereldreis zoals voorheen.

Als je mensen uitgebreid aan het woord laat, kom je veel te weten. In ieder geval is het duidelijk dat realistische, herkenbare en persoonlijke verhalen ervoor zorgen dat je een ruimere blik krijgt. Een situatie wordt zo uit verschillende invalshoeken bekeken en creëert verbondenheid. Ze vormen een basis van een correcte beeldvorming. Deze beeldvorming wordt beïnvloed door de verbondenheid die we voelen met iets of iemand. We verwijzen hierbij naar de theorie over ‘Verbondenheid als antwoord op delink-wentie’ van Anouk De Puydt (2001). De vijf ellipsen: de band met mezelf, de ander, met materialen, met de samenleving en met het levensgeheel, geven weer hoe de verbondenheid die we voelen met onze dichtstbijzijnde omgevingscirkel (onszelf) een invloed heeft op de manier waarop we de andere banden ervaren. Jongeren die ‘delink’went gedrag vertonen, kan je dan bekijken als personen die de link met zichzelf verloren hebben en dit veruiterlijkt zich in gedrag t.o.v. de andere omgevingscirkels. (Een toelichting bij deze theorie is eveneens terug te vinden in de brochure ‘Voorbij De Kleuren’, uitgegeven door Studio Globo)

Indien er toch nog wijzigingen zijn, vragen we om dit zo snel mogelijk te melden via een e-mail naar : wereldreis@studioglobo.be of per fax naar 02 502 81 01 van Studio Globo. Voor de abonnementen die per schooljaar lopen, verandert er natuurlijk niets. Abonnees die expliciet lieten weten dat ze geen automatische herabonnering wensen, worden vooraf door ons gecontacteerd.

Wanneer we geconfronteerd worden met het persoonlijke verhaal van de ander en dus met de band van de ander met zichzelf

en de hierbij horende zoektocht, voelen we ons aangesproken. We krijgen kans om een kijkje te nemen in wat de andere voelt, en doorheen herkenbaarheid voelen we ons met deze persoon verbonden. De ‘school van Lukaku’ maakte dankbaar gebruik van de openheid van jongeren in hun puberteit. Tijdens de buurtwandeling door Kuregem (een deel van Anderlecht), van Studio Globo Brussel, werken we op een gelijkaardige manier: met een nadruk op persoonlijke en concrete verhalen. Op deze manier willen we de samenleving, de vierde omgevingscirkel, dichterbij brengen. We streven naar een breed en realistisch beeld van een buurt die door de media meermaals op een negatieve manier de krantenkoppen haalde. Aan de hand van het persoonlijke verhaal van drie kinderen, proberen we verbondenheid te creëren. De nadruk ligt op het dagelijkse leven van kinderen uit de buurt. Leerlingen vinden al snel gelijkenissen met de kinderen aan het woord. Wanneer deze basis is gelegd, kan men verder gaan en kijken naar verschillen omdat het ‘vreemde’ dan ingebed is en meer aanvaardbaar wordt. Ook leerkrachten krijgen de kans om de confrontatie aan te gaan met hun eigen beeldvorming. Studio Globo Brussel heeft naast de vorming voor leerkrachten die met hun klas het inleefatelier ‘Wonen Op het Dak’ bezoeken een tweede vormingsmoment rond het thema beeldvorming met als praktijkvoorbeeld de buurt Kuregem. Via het verhaal van diverse bewoners en medewerkers in de buurt, wordt het beeld van de leerkrachten

breder, concreter, genuanceerder en meer onderbouwd. Zij kleuren mee het verhaal van de buurt. Zo vertelde Gilles, een buurtwerker, dat de politie vaak te defensief optreedt. Hierdoor lokken ze al gemakkelijker opstanden uit, die dan op hun beurt weer in het nieuws komen. Ook de politieke aanpak binnen deze buurt is allesbehalve bevorderend volgens Fabienne. Tijdens het bezoek aan de Kameleon, een Nederlandstalige buurtschool, voelden de leerkrachten zich enorm betrokken en aangesproken. De leefwereld van kinderen kwam dichtbij, al leven de kinderen in Kuregem in een andere realiteit. Dat het verhaal van de bewoners en medewerkers de leerkrachten dichterbij bracht, daar zijn we zeker van. Een mooi voorbeeld: een leerkracht besliste om na de vorming toch met de klas de buurtwandeling te doen. De verbondenheid is gegroeid, de blik iets veranderd. Een persoonlijk verhaal heeft veel te bieden! Meer informatie over de buurtwandeling Kuregem, het inleefatelier ‘Wonen Op Het Dak’ en de leerkrachtenvormingen bij Studio Globo Brussel via brussel@studioglobo.be of 02 520 23 30. Ook in Antwerpen heeft het inleefatelier ‘Wonen op het Dak’ plaats en werd er een buurtwandeling in de omgeving uitgewerkt. Informatie via antwerpen@studioglobo.be of 03 235 20 76.


Maandelijkse lesbrief voor de basisschool bij de Wereldkalender van 11.11.11 ISSN : 1375-2219 - 23ste jaargang, nummer 10

Klein meisje met geitjes aan de wandel in de kinderboerderij. Huisdieren en lievelingsdieren, je vindt ze overal.

december 2010

NamibiĂŤ Thema : identiteit


Wereldreis december 2010