Issuu on Google+


Grafische vormgeving: Lonely Alien Verantwoordelijke uitgever: Luster Druk: Newgoff Gent Eerste druk: oktober 2011 Š Lonely Alien


In maart 2011 beantwoordde Dr. Luc Colemont tijdens de Internationale maand van darmkanker 31 vragen op de ­website van Stop Darmkanker. Later schreven 13 personen die met darmkanker ­geconfronteerd werden hun eigen verhaal.

www.stopdarmkanker.be www.pixelstegendarmkanker.nl

De foto’s in dit boekje zijn allemaal inzendingen van de ­ Stop Darmkanker-fotowedstrijd “De wereld kleurt blauw”


31 X

Vraag antw


&

woORD


Voorwoord Omdat mijn moeder aan darmkanker is overleden, dacht ik dat het eens tijd werd om mijn darmen te laten 足controleren. Er zat een poliep in van 2 bij 4 centimeter.

De arts die hem onmiddellijk verwijderde, verzekerde me, dat het zeker kanker geworden zou zijn. Saved by the bell, zeggen de Engelsen.

Waarom laten niet veel meer mensen zich controleren? Omdat darmkanker geen sexy onderwerp is. Niet als borstkanker bijvoorbeeld. Dat moet veranderen.

Mannen en vrouwen lijden aan darmkanker, maar kennen de signalen niet en weten niet hoe het te voorkomen. Dit boekje wil hier een hulp bij zijn.

Ik hoop dat U wat aan dit boekje heeft en dat U er veel in uw omgeving over praat. Want hoe meer mensen 足laten weten dat darmkanker iets is dat iedereen kan 足overkomen, hoe beter.

Catherine Keyl TV-presentatrice www.catherine.nl

8


Vraag & Antwoord

1 MAART Hoe groot is zo een poliep ? Een poliep van de dikke darm groeit aan de binnenkant van de darm en is a ­ anvankelijk slechts enkele millimeter groot. Het is op dat ­ogenblik nog een heel klein goedaardig gezwel. Na geruime tijd, ­meestal duurt dat e ­ nkele jaren, kan het stilaan groter worden Als een poliep groter wordt dan één centimeter gaat het risico dat die later ­ontaardt geleidelijk toenemen. Gelukkig is het slechts een ­minderheid die uiteindelijk evolueert naar een groter ­kwaadaardig ­gezwel. Dit kan dan tot 4 à 6 cm groot worden, zodat de darm ­daardoor ook vernauwd of geblokkeerd geraakt.

9


vraag & ANtwoord

2 Maart Kunnen poliepen vermeden worden ? De afgelopen jaren heeft men vrij goed in kaart kunnen brengen welke de verschillende stappen zijn in de evolutie van een kleine goedaardige poliep tot een groter kwaadaardig gezwel. Het blijft ­ ­echter nog onduidelijk wat men kan doen om deze verschillende stappen in de vorming van een poliep te voorkomen. Een recente Deense studie heeft aangetoond dat er ­verschillende factoren zijn die het risico om darmkanker te krijgen met ­ ­ bijna 25% kunnen verminderen. Dit is een percentage dat vergelijkbaar is met de winst die men zou kunnen bereiken met algemeen bevolkingsonderzoek, dus zeker niet te onderschatten. Algemeen ­ wordt dit vaak “een gezonde levensstijl” genoemd en het is ­belangrijk dat de jongere generaties hiervan ook op de hoogte zijn. Jong geleerd, is oud gedaan ! Meer specifiek bleken 5 factoren een belangrijke rol te spelen : overgewicht, roken, overmatig alcoholgebruik, gebrek aan fysieke inspanning en gezonde voeding. Onder een gezonde voeding ­ ­verstaat men voldoende vezelrijke voeding (groenten en fruit), weinig rood vlees en minder dan 30 % calorieën afkomstig van vetten. Bepaalde ontstekingsremmers kunnen de groei van een bepaald type poliepen wellicht ook afremmen. Onlangs was er ook weer een studie die een beschermend effect van aspirine aantoonde. In het verleden

10


Vraag & Antwoord

waren andere studies in dit verband tegenstrijdig. Jammer genoeg zijn een gezonde levensstijl en een 足 dagelijks aspirientje absoluut geen garantie om geen darmpoliepen of 足 足darmkanker te krijgen. Ook een gezonde 50-plusser, die wekelijks sport, niet rookt, slechts af en toe een pintje drinkt en geen buikje heeft moet toch ook aandacht besteden aan preventief onderzoek. E辿nmaal per jaar een eenvoudig onderzoek van de stoelgang voor het opsporen van occult bloed (bloed dat je niet met het blote oog ziet) is geen overbodige luxe !

11


vraag & ANtwoord

3 Maart Hoe vaak is een coloscopie nodig als je broer aan ­darmkanker overleden is ? Deze vraag houdt natuurlijk verband met het al dan niet erfelijk of familiaal voorkomen van darmkanker. Als je één broer hebt die (jammer genoeg) overleden is aan darmkanker en geen andere leden in de familie darmkanker hebben, is het de leeftijd van je overleden broer die zal bepalen wanneer je een nieuw onderzoek moet laten doen. Als die jonger dan 60 jaar was, wordt aangeraden om iedere 5 jaar een coloscopie te laten doen. Een stoelgangsonderzoek lijkt dan niet voldoende te zijn. Als die ouder was dan 60 jaar, volstaat een controle om de 10 jaar.

12


Vraag & Antwoord

4 MAART Geeft suikerziekte een verhoogde kans op darmkanker ? In het verleden zijn er meerdere studies gepubliceerd waaruit zou ­blijken dat patiënten met type-2 diabetes mellitus (suikerziekte die vaak op wat oudere leeftijd voorkomt, en waarvoor niet altijd een ­behandeling met insuline noodzakelijk is) een verhoogde kans op darmkanker zouden hebben. Een “meta-analyse” (een studie waarbij de resultaten van v­ erschillende studies worden verzameld en vergeleken) in 2005 berekende dat dit risico ongeveer een derde hoger ligt. Dus i.p.v. 5 % - het ­gemiddelde risico- werd dit 6,5 %. De laatste jaren dacht men dat dit risico vooral aanwezig was bij mannen. De meest recente studie (2010) waarbij in de VS 184.000 ­volwassenen gedurende 15 jaren gevolgd werden, toonde andermaal enkel een verhoogd risico bij mannen met type-2 diabetes. Het risico bleek 25 % hoger te zijn, dus de 5 % werd 6,25 %. Bij diegenen die toch i­nsuline nodig hadden was het risico iets hoger maar minder verhoogd dan wat men vroeger dacht. Men moet echter erg voorzichtig zijn om hieruit te besluiten dat er een oorzakelijk verband bestaat tussen suikerziekte en darmkanker, dit is zeker niet bewezen.

13


vraag & ANtwoord

5 Maart Mijn vader is op 62 jaar overleden aan darmkanker. Ik ben 53 jaar. Wat doe ik het best ? Dit is een duidelijke vraag waar eigenlijk slechts één antwoord op bestaat. Volgens alle internationale richtlijnen geeft men aan de ­eerstegraadsverwanten (vader, moeder, broer of zus) van iemand met darmkanker de volgende raad : Als die persoon met darmkanker jonger is dan 60 jaar, is het aangewezen om een volledig darmonderzoek (coloscopie) te laten uitvoeren vanaf de leeftijd van –idealiter- 40 jaar of vanaf de ­leeftijd die 10 jaar minder bedraagt dan die persoon met darmkanker. (bv. de persoon met darmkanker is 54 jaar, eerstegraadsverwante wordt aangeraden coloscopie te doen vanaf 44 jaar). Later wordt dit ­onderzoek best herhaald na 5 jaar. Als die persoon (vader, moeder, broer of zus) met darmkanker ouder is dan 60 jaar, zoals bij deze vraag het geval, dan wordt ook een ­darmonderzoek (coloscopie) aangeraden vanaf 50 jaar. Als alles o.k. is, volstaat wellicht een onderzoek na 10 jaar zoals bij de gemiddelde persoon ouder dan 50 jaar.

14


Vraag & Antwoord

6 MAART Resulteert de ziekte van Crohn altijd in darmkanker ? Het antwoord is gelukkig: “neen!”. De ziekte van Crohn, een ­chronische ontstekingsziekte van de darmen (vaak het laatste stukje van de dunne darm en/of de dikke darm) heeft vaak een moeilijk te voorspellen verloop. De laatste jaren is er gelukkig ook een enorme vooruitgang op het gebied van de behandeling van opstoten van deze ziekte. Dat is ongetwijfeld goed nieuws en heel wat patiënten met de ziekte van Crohn zullen dit aan den lijve ondervonden hebben. Wel is het zo dat patiënten met ziekte van Crohn een hoger risico hebben om darmkanker te ontwikkelen dan iemand die de ziekte niet heeft. Men schat dat dit risico 0.5 à 1% per jaar toeneemt na 10 jaar de ziekte te hebben. Het zijn vooral mensen bij wie de ziekte lang bestaat (meer dan 10 jaar) en waar er vooral aantasting van de dikke darm is dat dit het geval is. Vandaar dat aan die patiënten de raad gegeven wordt om ook ten gepaste tijde een coloscopie te laten uitvoeren. Ondanks het feit dat patiënten met de ziekte van Crohn een verhoogd risico hebben, zal 90 % van hen nooit darmkanker krijgen. Ook dat is goed nieuws.

15


vraag & ANtwoord

7 MAART Is iemand die diverticulose heeft

gevoeliger voor darmkanker?

Ook hier is het antwoord gelukkig: “neen!”. Patiënten met ­diverticulose (kleine uitstulpingen aan de buitenzijde van de dikke darm) ­hebben geen verhoogd risico op het ontwikkelen van poliepen of darmkanker. Wat wel vaak gebeurt is dat beide begrippen, divertikels en poliepen, nog al eens door elkaar worden gebruikt. Soms hoor je iemand zeggen: “Ze hebben bij mij al enkele keren divertikels ­weggenomen”, terwijl ­iemand anders zegt: “Mijn poliepen waren vorig jaar ­ontstoken”. Voor ons is het dan duidelijk dat de woorden poliep en divertikel ­verwisseld werden. Daarover hebben we in ons eerste boekje al eerder het ­volgende geschreven: “Divertikels zijn kleine uitstulpingen in de wand van de darm, omdat de darmwand op die plaats lichtjes verzwakt is. Men kan het bijna als een normaal verouderingsproces beschouwen. Op die manier ontstaan er kleine zakjes of “divertikels” waar soms kleine bolletjes stoelgang in terecht kunnen komen. Op zich geen ­probleem. Soms kan er echter een kleine ontsteking ontstaan in zo een divertikel, en ontstaat er een kleine perforatie met de vorming van een klein abces en lichte ­buikvliesontsteking. Dat wordt dan een diverticulitis genoemd. Met het tijdig toedienen van antibiotica kan dit meestal wel worden opgelost. In ergere gevallen moet er soms toch ­geopereerd worden. In zeldzame gevallen kan er vanuit een divertikel een ­bloeding ontstaan. Die kan soms vrij behoorlijk zijn, maar stopt ­gelukkig bijna

16


Vraag & Antwoord

steeds vanzelf. Die bloeding komt ook zeer zelden terug. Als je dus in de darm kijkt lijkt het op kleine openingen in de wand, precies een ­Gruyèrekaas. Een poliep daarentegen is een kleine aanwas (een bloemkooltje, een wratje) in de darm die binnenin groeit. Dus zeker niet aan de ­buitenkant zoals sommige mensen al eens denken. Een poliep kan van enkele millimeter tot 3 à 4 cm groot worden en al dan niet een steeltje hebben. Dat is het onderscheid tussen een gesteelde poliep (met steeltje) en een sessiele poliep (zonder steeltje). Beide soorten ­poliepen kunnen meestal vrij eenvoudig tijdens een darmonderzoek worden weggenomen. Als een poliep wat groter wordt kan ze soms beginnen bloeden, maar meestal is dit bloed niet met het blote oog zichtbaar (= occult bloed). Dat bloed proberen we op te s­ poren met de iFOB-test (zie 8 Maart). Hoe groter een poliep wordt, hoe groter de kans dat er kwaadaardige cellen in ontstaan die ­eventueel verder kunnen leiden tot darmkanker. Gelukkig leiden alle poliepen wel niet tot darmkanker, maar het is op voorhand niet te voorspellen welke wel, en welke niet.”.

17


vraag & ANtwoord

8 mAART Wat is eigenlijk de iFOB-test ? De iPod en de iPad zijn op korte tijd gemeengoed geworden. Iedereen weet ondertussen hoe die kleine multimedia-machientjes de wereld veroverd hebben iFOB-test staat voor “immunochemische faeces occult b ­ loed-test”. Dit wil zeggen dat deze test het mogelijk maakt om zeer kleine hoeveelheden bloed die in de stoelgang aanwezig zijn en die ­onzichtbaar zijn voor het blote oog toch op te sporen. Dit gebeurt via een ­speciale ­immunochemische reactie waarbij gebruik g ­ emaakt wordt van a ­ ntistoffen tegen menselijk hemoglobine. Dat is één van de ­belangrijkste bouwstenen of onderdelen van de rode bloedcel. ­Wanneer er ergens in de dikke darm een bloeding is, ook ­wanneer die erg beperkt is, kan deze test die twee keer zo ­gevoelig is dan de vroegere guaiac FOB-test (de test met de kaartjes) dit ­opsporen. De iFOB-test reageert ook enkel op menselijk bloed ­terwijl de g ­ FOB-test ook positief kan worden wanneer er bepaalde ­ voedingsmiddelen of geneesmiddelen in de ontlasting aanwezig zijn. Daardoor heeft men veel minder vals-positieven met de i­FOB-test. In de grote meerderheid van de gevallen is het bloed ­trouwens ­afkomstig van ­onschuldige of goedaardige dingen, een klein zweertje of een ­wondje na ­ inname van ontstekingsremmers. Het kan natuurlijk ook van een poliep komen. In grote onderzoeken in het buitenland is gebleken dat ongeveer 5 à 6 % van de geteste personen positief blijkt te zijn.

18


Vraag & Antwoord

Een “positieve” test (waarbij er bloed gevonden wordt) hoeft echter nog geen reden tot ongerustheid te zijn, want in een minderheid van de gevallen zal er uiteindelijk een poliep of een beginnende kanker gevonden worden. Het moet dan wel verder worden nagekeken, best door een volledig onderzoek van de dikke darm (coloscopie). De iFOB-test heeft nog extra voordelen. De test is vrij simpel in ­gebruik en werd door collega Evelien Dekker van het AMC in Amsterdam ook de “mascara-test” genoemd. De vrouwelijke lezers – t­ oevallig “Wereld Vrouwendag” vandaag - zullen wel het best b ­ egrijpen waarom. In ­tegenstelling tot de vroegere test met de kaartjes, de guaiac-FOB test, waarbij er drie staaltjes stoelgang dienden te worden ­onderzocht, volstaat bij de iFOB-test één staal. We hebben het vroeger al eens gezegd, het is eigenlijk “poepsimpel”. Deze test wordt reeds verschillende jaren in het buitenland gebruikt en werd in eerste instantie ontwikkeld in Japan. In Italië werden ook reeds meerdere bevolkingsonderzoeken met deze test verricht. In het ­proefonderzoek van de Vlaamse overheid dat in 2009 in drie ­Antwerpse gemeenten werd uitgevoerd door de Universiteit Antwerpen, werd ook gebruik gemaakt van de meest gevoelige en ­nauwkeurige test die er op dat ogenblik ter beschikking was. ­Binnenkort zullen wellicht de resultaten van dit onderzoek worden bekendgemaakt. De analyse van deze testen gebeurde door een toestel dat speciaal vanuit Japan naar Vlaanderen werd gebracht in een labo te ­Herentals. De kwaliteit was dus verzekerd. Deze test kan heel precies de hoeveelheid hemoglobine meten die in het stoelgangstaal eventueel aanwezig is. Dit noemt men een ­kwantitatieve test. De laatste jaren zijn er ook meerdere zgn. ­kwalitatieve testen op de markt gekomen, die misschien iets minder

19


vraag & ANtwoord

nauwkeurig zijn, maar toch ook voldoen aan strenge kwaliteitscriteria. Deze kunnen volgens het principe van een zwangerschapstest ­gemakkelijk door de huisarts of de specialist zelf worden uitgevoerd. Het geeft je een “ja” of een “neen” antwoord. Via het internet zijn er reeds talrijke testen te verkrijgen. Meerdere labo’s in Vlaanderen zijn nu ook overgeschakeld op deze (zelf)test voor het opsporen van occult bloed. De prijzen schommelen ­tussen de 5 à 15 Euro. Het is dus absoluut niet juist dat dit een “erg dure” test zou zijn. Een Italiaans labo heeft een kwantitatieve test op de markt gebracht waarvoor geen speciaal toestel nodig is en dat op klassieke labotoestellen kan “gedraaid” worden zoals dat in het ­vakjargon heet. Ponca verleent huisartsen logistieke steun voor het uitvoeren van de iFOB-test en gebruikt dezelfde test als diegene van het ­proefonderzoek van de Vlaamse overheid. In Italië en Australië kan je de zelftest gewoon bij de apotheker kopen. Er is dus nu op korte tijd keuze te over. Of deze testen ooit in ­Vlaanderen bij de apotheker, het grootwarenhuis of in de stationshal te koop zullen zijn hangt niet af van de Lonely Alien’s. Daar zullen de grote mensen wel over beslissen.

20


Vraag & Antwoord

9 MAART Wat kost een darmonderzoek of coloscopie ? Af en toe is het natuurlijk wel goed eens stil te staan bij de kostprijs van een darmonderzoek. De factuur die de patiënt zal krijgen nadat hij een darmonderzoek heeft ondergaan omvat verschillende punten. Het eerste getal is ten laste van het ziekenfonds of de verzekering, het tweede getal (tussen haakjes) is datgene wat de persoon die het onderzoek liet uitvoeren moet betalen. De prijs van het onderzoek: 150,71 (8,68) euro. De prijs van de anesthesie: 130,30 (0) euro. De prijs van de medicatie en het materiaal dat wordt gebruikt 23,12 (10,89) euro. Een “forfait” of honorarium voor de arts die het onderzoek via de dagkliniek doet. 14,65 (4,96) euro. Een “forfait” voor de dagkliniek 186,56 (0) euro. Eventueel de prijs van het weefselonderzoek (biopsie) dat werd ­verricht : 51,88 (8,68) euro. In ons ziekenhuis zijn de artsen geconventioneerd hetgeen betekent dat normale tarieven zonder supplementen worden gehanteerd. Een darmonderzoek zonder weefselonderzoek kost dus 505,34 euro aan het ziekenfonds of de verzekering en 24,53 euro aan diegene die

21


vraag & ANtwoord

het onderzoek laat uitvoeren. Eerlijkheidshalve moet je hieraan nog de kost van de voorbereidende drankjes toevoegen, dat is nog 10 Ă  15 euro extra. Hier is (nog) geen terugbetaling voor voorzien.

22


Vraag & Antwoord

10 Maart Waarom nog een onderzoek van de stoelgang als ik pas een volledig bloedonderzoek heb laten doen ? Dit is een goede vraag omdat die goed weergeeft dat dit één van de mythes is die nog steeds bestaat. Laat het mij eerder een misverstand noemen dat nog al te vaak voorkomt. Jammer genoeg kan geen enkel bloedonderzoek op dit ogenblik vroegtijdig darmpoliepen of ­darmkanker opsporen. Er wordt op verschillende plaatsen in de wereld (ook in ­België) onderzoek naar verricht en misschien zal het binnen enkele jaren wel mogelijk zijn. Een bloedonderzoek moet je als een groot stuk van de puzzle van het menselijk lichaam zien, maar betekent wel niet alles. Net zoals een “scanner” de oplossing voor alles zou zijn. Ook dit wordt jammer genoeg nog vaak verkeerd voorgesteld. “Als je 50 jaar of ouder bent verdient je stoelgang éénmaal per jaar extra aandacht”. ­Eenvoudig toch ?  Vorig jaar schreven we het volgende over de “mythe van het ­bloedonderzoek”: “Een bloedonderzoek lijkt het alleszeggende, allesomvattende onderzoek. ­Niets is minder waar. Om een vergelijking te maken, het is niet omdat men bij de jaarlijkse autocontrole niets gevonden heeft en je weer een jaar verder mag, dat je ’s anderendaags niet kunt stilvallen langs de autostrade omdat de uitlaat plots afgebroken is. Excuses voor de wat gekke vergelijking, maar het is toch ongeveer zo. Er bestaat jammer genoeg nog steeds geen enkel onderzoek, geen zwarte doos, geen speciale scanner, die toelaat om alles (en wat is dat ­eigenlijk “alles”? ), na te kijken wat er in het menselijk lichaam

23


vraag & ANtwoord

­ ventueel fout aan het lopen is. Elk onderzoek moet je beschouwen e als een klein of soms groter stuk van de puzzel van je lichaam. Een ­bloedonderzoek, een echografie, een foto van hart en longen, een scanner, een cardiogram, een urine-onderzoek, allemaal stukjes van de grote puzzel van het menselijk lichaam. Ook het stoelgangsonderzoek waar we het in de voorbije dagen reeds verschillende keren over hadden kan vanaf de leeftijd van 50 jaar een belangrijk stukje van de puzzel worden. Het is de taak van de huisarts om al die stukjes bijeen te leggen en een zo goed mogelijk beeld te schetsen van de actuele toestand. Je ziet wel af en toe een ­paginagrote reclame waar een “total body scan” alles kan opzoeken voor een ­bedrag van 1400 Euro. Geloof je daar nu echt in ? Was het maar waar dat er zo’n onderzoek bestond. Waarom denk je dat de overheid deze scans hier in België verboden heeft ? Juist, om de onwetende burger te ­beschermen. Sommige mensen willen nog steeds geld, véél geld ­verdienen door in te spelen op de angst van de niets vermoedende Vlaming. Klinkt ­misschien wat hard, maar het moet en mag eens gezegd worden. Ook dit behoort tot onze taken, mensen op een correcte wijze informeren ! Mensen associëren het bloedonderzoek nog steeds teveel met “­mijne suiker, mijne cholesterol, mijne PSA (voor de prostaat)”. Het is zeker goed om dat te volgen en de bloeddruk en het gewicht te ­controleren, maar je mag je niet blind staren op deze resultaten. Het ijzergehalte laten bepalen kan minstens even belangrijk zijn. Moet er toch niet best een staaltje van de stoelgang worden onderzocht? Mijn­ boodschap is eigenlijk vrij duidelijk. “Vanaf 50 jaar verdient je stoelgang ­éénmaal per jaar ook wat extra aandacht”. Bespreek dit met je ­huisarts, hij zal je met raad en daad bijstaan. Een kleine ­inspanning kan soms grote gevolgen hebben.

24


Vraag & Antwoord

11 MAART Wat is het verschil tussen dunne darmkanker en dikke darmkanker? Vooraleer meer in detail deze vraag te beantwoorden is het ­belangrijk om te onderstrepen dat wanneer men het in het ­ algemeen over ­darmkanker heeft, dat dit dan haast altijd betrekking heeft op de dikke darm. Eén van de belangrijkste verschillen ­ ­ tussen ­­­­ dunne darm- en ­dikke darmkanker is de frequentie ervan. Zoals je weet is ­ dikke darmkanker of darmkanker een frequente aandoening. Eén op 20 Vlamingen zal er mee geconfronteerd worden. Jaarlijks ­krijgen 4250 Vlamingen de diagnose van darmkanker te horen en ieder jaar ­sterven er 1800 Vlamingen aan darmkanker. Kanker van de dunne darm is veel zeldzamer. De verhouding tot ­dikke ­darmkanker ­bedraagt ­ongeveer 1 op 80 ! Het lijkt wat tegenstrijdig omdat de dunne darm toch veel langer is dan de dikke darm en je zou kunnen ­veronderstellen dat er dan ook meer kanker zou kunnen voorkomen. Dit is echter niet het geval. Het heeft dus ook geen zin om eventueel preventief onderzoek of screening naar dunne darmkanker te ­organiseren. De gemiddelde leeftijd waarop dunne darmkanker wordt vastgesteld is 60 jaar. In ongeveer de helft van de gevallen gaat het om een ­adenocarcinoom, een gezwel dat ontstaat uit klierweefsel. De andere helft betreft goedaardige tumoren die kunnen ontstaan uit vetcellen (lipomen), zenuwcellen (neurofibromen), bindweefselcellen (fibromen) of spiercellen (leiomyoom). Het carcinoid is nog een aparte vorm van een tumor die ook in de dunne darm, vooral in het laatste deel kan voorkomen.

25


vraag & ANtwoord

12 MAART Hoe zit het met het proefbevolkingsonderzoek in Vlaanderen ? In 2009 organiseerde de Vlaamse overheid een pilootproject “­Bevolkingsonderzoek naar dikke darmkanker”. De Universiteit ­Antwerpen voerde dit onderzoek uit met steun van de Vlaamse overheid in drie ­gemeenten in de Antwerpse regio, nl. Borgerhout, Schilde en ­Vosselaar. Aan 20.000 personen tussen de 50 en 74 jaar werden uitnodigingen gestuurd via twee verschillende kanalen. Enerzijds via een brief van de overheid (met test erbij), anderzijds via een brief om de huisarts te ­contacteren. Voor dit onderzoek werd gebruik gemaakt van de iFOBtest en de personen met een positieve test werd aangeraden een ­darmonderzoek te laten uitvoeren in het ziekenhuis. De resultaten zijn reeds enige maanden bekend en we verwachten dat op (korte ?) termijn de resultaten zullen bekend gemaakt worden door de bevoegde Vlaams minister van Welzijn, Volksgezondheid en Gezin, Jo V ­ andeurzen. Dan zullen we weten welk kanaal het best werkte, en welke gemeente het hoogst aantal deelnemers had. ­Iedereen kijkt met ­spanning uit naar het totale ­ deelnemingspercentage. Wordt de 50 % bereikt ? Het worden beslist interessante resultaten. De werkgroep die dit ­project ­begeleidt kent de resultaten van het onderzoek en werkt aan een ­adviestekst voor de minister. Uiteindelijk zal de minister, na overleg met de werkgroep Bevolkingsonderzoek, beslissen of er later al dan niet een ­ algemeen ­bevolkingsonderzoek komt in heel Vlaanderen.

26


Vraag & Antwoord

13 MAART Welke symptomen kunnen op darmkanker wijzen ? Dit is natuurlijk één van de meest gestelde vragen. Het is belangrijk om er op te wijzen dat er eigenlijk geen enkele klacht is die typisch is voor darmkanker. Afhankelijk van de grootte en het stadium, kan darmkanker verschillende klachten geven die vrij uiteenlopend ­kunnen zijn. Je zal begrijpen dat een ontaarde poliep of een klein ­gezwel van 1,5 à 2 cm vaak nog geen enkele last zal geven. De s­ toelgang kan zonder hinder passeren, de vertering verloopt ­normaal. ­Eventueel kan er wat bloedverlies zijn, maar dat met het blote oog nog niet zichtbaar is. Vandaar het belang van het gebruik maken van testen die dit bloedverlies toch kunnen opsporen. Als het gezwel stilaan groter wordt kan de stoelgang soms iets ­moeilijker passeren en kunnen er daardoor krampen en pijn ontstaan. Er kan soms wel meer bloedverlies optreden. Dit kan aanleiding geven tot bloedarmoede. Dergelijke bloedarmoede kan op zich dan tekens van vermoeidheid, ijl gevoel in het hoofd of kortademigheid veroorzaken. Het is haast altijd een bloedarmoede die gepaard gaat met een tekort aan ijzer in het bloed. Dat zal je huisarts meestal wel kunnen nakijken in het bloedonderzoek. Als je de anatomie van het colon (de dikke darm) iets meer in detail bestudeert kan je hieruit ook enkele zaken afleiden wat de ­symptomen betreft. Het rechter colon (het zgn. colon ascendens) is wat breder en zal pas later klachten van vernauwing van de darm gaan geven.

27


vraag & ANtwoord

Het zullen eerder de bloedarmoede en het ijzertekort zijn die op de voorgrond zullen staan. Het linker colon (het zgn. colon descendens) is wat smaller en zal voor een gezwel van dezelfde grootte wel e ­ erder klachten van vernauwing gaan geven. Krampen, een wisselende stoelgang en vooral een veranderd stoelgangpatroon zullen hiervan een gevolg kunnen zijn. Maar opnieuw dient te worden gezegd dat andere darmziekten die ­niets met darmkanker te maken hebben gelijkaardige klachten kunnen veroorzaken. Dus zeker niet panikeren als deze klachten je bekend voorkomen, maar wel contact opnemen met je huisarts. Een grotere poliep of een gezwel in het rectum (de endeldarm) kan soms het gevoel van valse stoelgangsnood geven. Het gevoel ­hebben dat men steeds naar het toilet moet gaan, maar u ­ iteindelijk ­blijkt er niets te zijn. Rood bloedverlies kan dan ook een teken zijn. Maar gelukkig is rood bloedverlies meestal afkomstig van een goedaardig ­probleem, zoals aambeien of hemorroïden. Een rectaal touché (onderzoek met de vinger) door de huisarts is in dergelijk geval wel aangewezen. Darmkanker kan soms al enkele jaren aanwezig zijn in de darm ­vooraleer het klachten geeft. Dat is eigen aan de trage groei van darmkanker. Dat is eigenlijk een gunstige eigenschap vanuit het standpunt van preventief onderzoek. Door het feit dat de klachten van darmkanker pas optreden wanneer het al wat groter is, hebben we er alle belang bij om het zo vroeg mogelijk op te sporen. Vandaar onderstrepen we nogmaals het belang van het testen van de ­stoelgang op spoortjes bloed die met het blote oog niet zichtbaar zijn. Een ­eenvoudige test die heel wat leed kan voorkomen. Bespreek het met je huisarts.

28


Vraag & Antwoord

14 MAART Wordt elke poliep darmkanker ? We zullen onmiddellijk al met goed nieuws antwoorden. Neen, niet alle poliepen groeien uit tot een kwaadaardig gezwel of kanker, gelukkig is dat slechts een kleine minderheid. Er bestaan verschillende soorten poliepen van de dikke darm. De twee meest frequente zijn de hyperplastische (bijna altijd g ­ oedaardige) poliepen en de adenomateuze (potentieel kwaadaardige) poliepen. ­Ongeveer 2/3 van alle poliepen van de dikke darm zijn ­adenomateuze poliepen (adenoma). Deze ontstaan uit de klierbuizen van de dikke darm. Als ze kleiner zijn dan 1 cm is het onderscheid tussen beide soorten poliepen niet altijd met het blote oog te maken tijdens een darmonderzoek. Weefselonderzoek zal toelaten om uit te maken welke soort poliep het is. Adenomateuze poliepen kunnen door verschillende ­ ­veranderingen in hun struktuur in de loop der jaren kwaadaardige kenmerken ­ vertonen. De eerste veranderingen die zo een poliep ondergaat noemt men “dysplasie”. Uiteindelijk kan dit leiden tot een carcinoom of darmkanker. Men weet op dit ogenblik vrij goed welke de verschillende stappen zijn die van een kleine goedaardige poliep een grotere kwaadaardige poliep of gezwel maken. Dit maakt deel uit van wetenschappelijk onderzoek dat op verschillende plaatsen in de wereld wordt verricht. Men noemt dit ook het “ademoma-carcinoma” verloop. Meer dan de helft van de adenomateuze poliepen zijn kleiner

29


vraag & ANtwoord

dan 1 cm. Het zijn vooral poliepen groter dan 1 cm zijn die een groter ­risico hebben om eventueel kwaadaardig te worden. Bijna alle darmkankers ontstaan uit adenomateuze poliepen. Dit is een ­proces dat meerdere jaren duurt, wellicht tussen de 7 à 10 jaar. Uit ­verschillende studies blijkt dat op de leeftijd van 50 jaar, ongeveer 25 tot 30% van de mensen een adenoma heeft. Wat men jammer genoeg nog niet goed kan voorspellen is welke ­poliepen uiteindelijk tot kanker ­zullen leiden. Men schat dat ongeveer slechts 5 % van alle ­adenomateuze poliepen kwaadaardig wordt en tot kanker leidt. Eigenlijk is dat ook goed nieuws. Het is ­alleen ­moeilijk te voorspellen of een ­ bepaalde ­adenomateuze poliep al dan niet tot kanker zal leiden. In de jaren ’90 heeft een studie in de VS reeds aangetoond dat het verwijderen van alle adenomen ­aanleiding geeft tot een ­belangrijke daling van het aantal darmkankers. Het vroegtijdig opsporen van ­­­adenomen en/of darmkanker door ­middel van het opsporen van occult bloed in de stoelgang is de basis van het preventief onderzoek of de zgn. screening voor darmkanker.

30


Vraag & Antwoord

15 MAART Kan je de dag na een volledig darmonderzoek

of coloscopie normaal werken?

Het antwoord is vrij duidelijk: Ja, de dag na een onderzoek kan je normaal werken. In bijna alle ziekenhuizen in Vlaanderen wordt het onderzoek onder een lichte narcose of verdoving uitgevoerd. Het ­ inblazen van de lucht om de darm beter te kunnen zien en het ­invoeren van het toestel tot aan het begin van de dikke darm, ­waarbij ­verschillende bochten dienen te worden genomen kan soms wat vervelend en pijnlijk zijn. Daarom is een lichte narcose voor een volledig onderzoek van de dikke darm wel aangewezen. Er zijn twee soorten verdoving. Eén waarbij je niet helemaal in slaap bent en soms een deel van het onderzoek mee kan volgen op het scherm. Hiervoor gebruikt men meestal midazolam (Dormicum®) dat in een infuus of kleine baxter via de ader wordt ingespoten. Een tweede soort verdoving geeft het gevoel dat je volledig slaapt en helemaal niets voelt van het onderzoek. Dan wordt propofol (Diprivan®) via de ader door een anesthesist toegediend. De eerste medicatie is na enkele uren uit het lichaam, terwijl de tweede wat sneller wordt a ­ fgebroken in het lichaam, waardoor je vrij snel volledig terug wakker bent. Veiligheidshalve mag je wel niet met de auto rijden na het onderzoek. Je reactiesnelheid kan immers nog enkele uren na het onderzoek niet 100% zijn, daar mag je dus geen risico mee nemen. Na een nachtje slapen kan je de dag nadien je normale activiteiten wel hervatten.

31


vraag & ANtwoord

16 Maart Hebben mensen met een prikkelbare darm

een verhoogde kans op darmkanker ?

Het “prikkelbare darm”-syndroom of “spastisch colon” is een ­ aandoening die eveneens frequent voorkomt. Men schat dat 1 op 5 Vlamingen hier wel eens last van heeft. Het is een ­chronische aandoening van de ­dikke darm, die om redenen welke niet geheel duidelijk zijn overgevoelig of overprikkelbaar is. Dit geeft meestal aanleiding tot een wisselende ­stoelgang. Periodes van ­lossergebonden en frequente o ­ ntlasting worden afgewisseld met p ­ eriodes van moeizame stoelgang. Vaak gaat dit met buikkrampen ­ gepaard, pijn en een opgeblazen gevoel. Het “prikkelbare darm”-syndroom geeft geen verhoogd risico op ­darmkanker. Dat is dus goed nieuws. Als er een ­verandering optreedt in dat stoelgangpatroon is het wel aangewezen om uw huisarts te raadplegen.

32


Vraag & Antwoord

17 maart Waarom zijn er zoveel acties rond borstkanker

en zo weinig rond darmkanker ?

Goede vraag, waarvan ik het antwoord voor een deel schuldig blijf.  Wellicht heeft het toch iets te maken met het laag “sexy”- en hoog “taboe”-gehalte van darmkanker in vergelijking met borstkanker. Het is minder zichtbaar, minder uiterlijk ingrijpend, nog steeds m ­ inder ­bespreekbaar. Een stoma is echter ook ingrijpend in geval dat nodig zou moeten zijn. Indien een bekende Vlaming zich zou “outen” over darmkanker zou dit zeker een gunstige invloed kunnen ­ hebben. Wij hebben ervoor gekozen om in onze campagne BV’s in te ­schakelen die het belang van vroegtijdig opsporen van darmkanker juist ­extra willen belichten. Ons budget is beperkt, we hebben er zelfs geen, maar ­enthousiasme en een beetje creativiteit kunnen ook vruchten ­afwerpen. Samenwerking met de jeugd is boeiend en stimulerend. ­Benieuwd wat de resultaten van de Europese Ad Venture Studentenwedstrijd zullen zijn. De media spelen natuurlijk een zeer belangrijke rol in de verspreiding van de informatie, en die k­ rijgen ze meestal van grotere organisaties die met voorlichting rond kanker bezig zijn. Als je naar andere landen kijkt zit Vlaanderen zeker niet vooraan in het ­peloton als het over voorlichting over darmkanker gaat. De maand Maart gaat op dit vlak geruisloos voorbij. Canada, ­Australië, Engeland, VS, hebben op dat vlak al een hele weg ­afgelegd. ­Vorig jaar werd in Vlaanderen in ­oktober een prachtig, glossy blad over ­borstkanker ­uitgegeven. De “Pink Ribbon” was bijna 100 ­pagina’s dik. Over de

33


vraag & ANtwoord

Blue Ribbon of het donker­blauwe lintje -het symbool van de strijd tegen darmkanker- wordt amper geschreven. En nochtans is het geen dag van darmkanker, geen week van darmkanker, maar een maand van darmkanker. Géén fietstochten, géén loo­pwedstrijden, géén sportwedstrijden, géén TV-programma’s. De schijnwerpers staan nog niet in de richting van darmkanker. En eigenlijk is dit j­ammer omdat darmkanker een “ideale” ziekte is om vroegtijdig op te sporen, je moet alleen weten wat je er voor moet doen. Als je weet dat je 1 kans op 20 hebt om darmkanker te krijgen, weet je dus ook dat je 19 kansen op 20 hebt om het niet te krijgen. Dat is dus goed nieuws. Je hoeft enkel een kleine inspanning te doen om te weten bij welke groep je hoort. Een simpele test van de stoelgang, die je bv. om de twee jaren laat doen, kan al voor een groot stuk antwoord op deze vraag geven. Dat de communicatie rond dit gevoelig onderwerp op de juiste m ­ anier dient te gebeuren is uitermate belangrijk. Maar daarvoor zitten we in Vlaanderen toch niet slecht, we worden wereldwijd geroemd voor onze reclamemensen. Moet je dan echt “reclame” maken voor darmkanker? Ja en neen, maar je moet de mensen wel informeren en voorlichten over dat probleem. Over de manier waarop mag er gerust wel eens hardop nagedacht worden. Nog teveel mensen weten weinig of niets over het vroegtijdig opsporen van darmkanker. Er bestaan nog veel te veel mythes die moeten doorprikt worden. De weg is nog lang. Heel binnenkort worden de resultaten bekend gemaakt van het ­pilootproject van de Vlaamse gemeenschap. Ongetwijfeld een stap in de goede richting. En waarom niet samenwerken? Niet voor niets is onze leuze “Samen sterk tegen darmkanker”.

34


Vraag & Antwoord

18 MAART Is het mogelijk darmkanker te krijgen

zonder poliepen ?

Darmkanker kan soms voorkomen zonder dat er eerder poliepen waren, maar dit is een vrij zeldzaam verschijnsel. Personen die ­gedurende lange tijd (méér dan 10 jaren) chronische ontstekingsziekten van de dikke darm hebben, zoals bv. de ziekte van Crohn of colitis u ­ lcerosa, hebben een verhoogd risico om darmkanker te krijgen dat dan meestal ontstaat zonder dat er duidelijke poliepen zijn. Maar zoals reeds ­eerder gezegd is dit een vrij zeldzaam ­ fenomeen dat in minder dan 1% van de darmkankers voorkomt. Soms kan een kanker ontstaan uit een heel vlakke zone van k­l­­ier­­­weefsel, maar ook dat is eerder een uitzonde­ ring op de regel. Die regel zegt nog steeds dat bijna alle darmkankers (meer dan 95 %) ontstaan uit voorafbestaande adenomateuze (precancereuze) poliepen.

35


vraag & ANtwoord

19 Maart Wat zijn de complicaties van een darmonderzoek of coloscopie ? Een darmonderzoek (coloscopie) is een onderzoek dat je niet mag voorstellen als iets dat nooit fout loopt. Als arts moet je er wel a­lles aan doen om dit risico zo beperkt mogelijk te houden. Juiste voorbereiding, goede timing van het onderzoek, optimale omstandigheden voor, tijdens en na het onderzoek. Een check-list zoals bij het starten van een vliegtuig is geen overbodige luxe. Steeds d ­ ezelfde ­procedure, steeds dezelfde concentratie, of het nu het eerste of het laatste onderzoek is. Niet altijd even gemakkelijk, maar je moet de lat zo hoog mogelijk leggen, je werkt in een team, en ieder moet zijn steentje er toe bijdragen. De twee belangrijkste complicaties zijn de perforatie enerzijds en de bloeding na het wegnemen van een poliep anderzijds. Bij een perforatie zal het toestel een gatje in de wand van de dikke darm maken, en dan moet dit wel zo snel mogelijk hersteld worden. Dit kan onmiddellijk via een kijkoperatie worden uitgevoerd. Geen grote ingreep, na één nachtje slapen kan je meestal terug naar huis. Wanneer er heel veel divertikels zijn, moet je extra voorzichtig zijn. Wanneer iemand vroeger al een operatie in de onderbuik heeft gehad ben je ook best op je hoede. Eigenlijk moet je altijd voorzichtig en op je hoede zijn, dat hoort bij een goed uitgevoerd onderzoek. In ervaren handen is een perforatie gelukkig een zeldzame ­gebeurtenis. Op 1000 onderzoeken maximum 1 keer. Dus 999 onderzoeken zonder probleem.

36


Vraag & Antwoord

Als een poliep wordt weggenomen, en zeker bij grotere poliepen, bestaat er ook een risico op een bloeding. Soms o ­nmiddellijk bij het wegnemen, soms -eerder zeldzaam- na enkele dagen. Dit ­risico schat men op ongeveer 1 op 100. En in 90 % van de ­gevallen kan men dat o ­ nmiddellijk herstellen met een bepaald product in te sp­­uiten of er een clipje op te zetten. Als het dan toch fout gaat, moet je ook bereid zijn om onmiddellijk in te grijpen met alle middelen die je ter beschikking hebt. Ook dan is informatie en communicatie van primordiaal belang. Geen doekjes rond doen, geen ­ leugentjes om bestwil, gewoon eerlijk vertellen wat er ­gebeurd is. Het ­vermijdt achteraf heel wat vervelende ­ situaties. Als je de valkuilen en de gevaarlijke bochten van een ­ ­ darmonderzoek kent, ga je w ­ ellicht minder ­ongelukken ­hebben. Net als op de autostrade is overdreven snelheid in dat donkere orgaan je grootste vijand. Iedereen kent de richtlijnen, we proberen er ons dan ook zo goed mogelijk aan te houden. Er zijn altijd extreme ­omstandigheden, ook in de darm, maar dan moeten we extra op onze hoede zijn. In het verkeer doen we dat toch ook, waarom dan ook niet in die 100 à 120 cm lange dikke darm.

37


vraag & ANtwoord

20 MAART Is darmkanker altijd erfelijk ?

Vaak hoor je iemand zeggen, “Oh, ik heb geen risico, want in mijn familie is er niemand met darmkanker”. Dat is een o ­ ­nterechte redenering. De grote meerderheid van de (dikke)darmkankers ­ is immers niet ­ familiaal en niet erfelijk. Dat noemen we de zgn. ­“sporadische” ­gevallen. ­Eigenlijk ook geen goed woord want dat geeft de indruk dat dit weinig voorkomt. Het betreft echter minstens 75 %, misschien zelfs 80 % van alle darmkankers! Het is dus maar een beperkt gedeelte dat een familiaal of erfelijk karakter heeft en dat wordt vaak uit het oog verloren. Iedere V ­ la­ming die géén familieleden heeft met darmkanker heeft een risico van 5 % (1 kans op 20) om darmkanker te krijgen. Je kan het ook positief bekijken en zeggen dat die persoon 95 % (19 kansen op 20 heeft om géén ­darmkanker te krijgen). En dat kan men te weten komen door bv. vanaf 50 jaar om de twee jaar een eenvoudige test van de stoelgang te laten uitvoeren. Daar hebben we het in eerdere vragen deze maand al uitgebreid over gehad. De familiale vorm van ­darmkanker is ook bekend als het ­Lynch-syndroom of het HNPCC-syndroom (hereditaire of erfelijke ­niet-polyposis dikke darmkanker). In zo een familie ziet men vaak darmkanker in meerdere generaties voorkomen. Dit gaat vaak ­gepaard met darmkanker in het rechter deel van de dikke darm en men ziet ook andere vormen van kanker in de familie zoals baarmoederkanker of eierstokkanker.

38


Vraag & Antwoord

Vaak komt de darmkanker al op jongere leeftijd (onder de 50 jaar) voor. Er bestaan specifieke criteria om uit te maken of er al dan niet een Lynch-syndroom aanwezig is. Ook op het weefsel van een weggenomen gezwel kan er speciaal onderzoek worden verricht. Soms kan het niet helemaal worden be­vestigd en voldoet de patiënt niet aan alle criteria, maar bestaat er wel een zgn. ­“vermoeden” van Lynch-syndroom. Via speciaal bloedonderzoek (DNA-analyse) kunnen andere familieleden te weten komen of ze de mutatie hebben die gevonden werd in hun familie, en zgn. “drager” zijn. Dit betekent echter niet automatisch dat men de aandoening zal krijgen. De meest gekende erfelijke vorm van darmkanker is het zgn. FAPsyndroom (Familiale Adenomateuze Polyposis). Die personen ­hebben vaak op veel jongere leeftijd talrijke, honderden, soms d ­ uizenden poliepen in de dikke darm, waarbij er bijna steeds een evolutie naar darmkanker is. Die zullen vaak op jonge leeftijd reeds een operatie moeten ondergaan om de volledige dikke darm te verwijderen en op die manier darmkanker te voorkomen. Deze vorm van darmkanker wordt autosomaal dominant overgeërfd. Het is een erg zeldzame aandoening die slechts 1 % van alle darmkankers betreft. Er bestaat ook een “verzwakte” vorm van FAP, de zgn. ­“attenuated” FAP (AFAP), waarbij er geen honderden poliepen voorkomen, maar 10 tot 100 poliepen en die vaak ook op latere leeftijd ontstaan dan de klassieke FAP (tussen 30 à 40 jaar).  Enkele jaren geleden werd nog een andere erfelijke vorm van darmkanker ontdekt die men nu het MAP noemt. Het wordt veroorzaakt door een defect in het MYH-gen, vandaar de naam ­MYH-geassocieerde polyposis of MAP. In tegenstelling tot FAP wordt deze vorm ­auto­somaal recessief overgeërfd, en hebben de personen met die aandoening minder poliepen dan bij het FAP-syndroom.

39


vraag & ANtwoord

I

n BelgiĂŤ bestaat er een organisatie die zich specifiek met dit probleem bezig houdt en waar je nog veel meer informatie kan bekomen en volledige brochures gratis kan downloaden. www.belgianfapa.be

40


Vraag & Antwoord

21 Maart Ik heb twee of driemaal per dag stoelgang, wijst dit dan op poliepen ? Het antwoord is hier duidelijk neen. Het aantal keren dat iemand naar het toilet gaat is zeker geen aanwijzing voor het al of niet ­hebben van darmpoliepen. Of je nu driemaal per dag of driemaal per week naar het toilet moet gaan speelt geen rol. Ieder van ons heeft zo zijn ­gewoonten, en wij noemen dat soms het “stoelgangpatroon”. De frequentie kan soms ook erg afwisselend zijn, zoals men vaak ziet bij het prikkelbare darmsyndroom. Een verandering van het stoelgangpatroon moet wel tot voorzichtigheid leiden. Als je stoelgang­ patroon duidelijk veranderd is op korte termijn is dit nog geen reden om ongerust te worden, maar wel een reden om dit met de huisarts te bespreken om te zien of er aanvullend onderzoek nodig is.

41


vraag & ANtwoord

22 Maart Heeft iemand met aambeien een verhoogde kans op darmkanker? Aambeien, hemorroïden of speen…. Velen onder ons hebben er al eens last van gehad. Een frequent probleem dat thuis ook niet ­altijd het eerste gespreksonderwerp bij de koffietafel is. Uitwendige aambeien kunnen soms aanleiding geven tot een plots opgekomen pijn­ lijke zwelling die al dan niet met helderrood bloedverlies kan gepaard gaan. Dat wordt ook een “peri-anale trombose” genoemd. Het woordje trombose klinkt wat beangstigend, maar wijst hier vooral op een kleine klonter die zich vormt wanneer een klein bloedvatje onder de huid openbarst. Pijnlijk, maar niet gevaarlijk. Inwendige ­hemorroïden kunnen aanleiding geven tot pijnloos helderrood bloedverlies dat vaak druppelend in het toilet kan zijn. Als je het de ­ eerste keer meemaakt is het wel wat schrikken. De dag van vandaag bestaan er ­verschillende technieken om dit te behandelen als dit zich te vaak zou voordoen. En gelukkig kunnen we ook zeggen dat er geen enkel verband bestaat tussen bloedende aambeien en darmkanker. Dus géén verhoogd r­isico. Wel mag men niet uit het oog verliezen dat men dit best toch laat onderzoeken, zeker als het blijft aanhouden, om zeker te zijn dat het om bloedende aambeien gaat. Een onderzoek met de vinger (rectaal touché) al dan niet aangevuld met een kijkonderzoek (rectoscopie) van het laatste stukje van de dikke darm (endeldarm) moeten hierop een antwoord kunnen geven. Ook dit moet je ­bespreken met je huisarts.

42


Vraag & Antwoord

23 Maart Kan een poliep vanzelf uit de darm vallen? Misschien een wat vreemde vraag, maar wellicht heeft dit te maken met het feit dat men vaak ­spreekt over een “­ gesteelde” poliep. En dan denkt men aan een vrucht zoals een kers, of een ­appel die van de boom valt. Jammer genoeg ­ gebeurt dat nooit met een darmpoliep. Het steeltje is toch wat dikker en is echt vastgegroeid aan de darmwand. Je kan het ­alleen ­verwijderen door ­tijdens een da­­rm­ onderzoek het steeltje door te snijden. Hoe dat in het echt er uit ziet zie je binnenkort in één van de filmpjes in onze YouTube-bibliotheek. Vandaag dus eerder een korte vraag met een kort antwoord.

43


vraag & ANtwoord

24 Maart Mijn huisarts zegt dat dit allemaal niet nodig is, wie moet ik nu geloven ? Je huisarts heeft het ongetwijfeld goed voor met je. Het blijft voor ieder van ons, en in het bijzonder voor de huisarts moeilijk om van alles op de hoogte te blijven en alle richtlijnen zo maar van buiten te kennen. Van overgewicht tot hoge bloeddruk, van cholesterol tot diabetes, van borstkanker tot darmkanker. Het lijstje wordt elke dag langer. Eind 2008 heeft de wetenschappelijke organisatie van de huisartsen in Vlaanderen (Domus Medica) ook haar richtlijnen in verband met het vroegtijdig opsporen van darmkanker gepubliceerd. In de ­inleiding staat letterlijk : “ Op dit ogenblik zijn er nog maar weinig huisartsen die al systematisch screenen op colorectale kanker” De conclusie van hun rapport is ook duidelijk : “Het behoort tot de taken van de huisarts om zijn patiënten vanaf 50 jaar – en vanaf 40 jaar indien er risicofactoren zijn – screening op colorectale kanker aan te bieden. Wij bevelen huisartsen aan om de Hemoccult II als screeningstest aan te bieden (gFOB)” Toen werd nog de nadruk gelegd op de guaiac-test (de test met de kaartjes) die op 3 aparte staaltjes ontlasting dient te worden ­uitgevoerd. Intussen hebben toch voldoende studies aangetoond dat de iFOB-test gevoeliger en gemakkelijker in gebruik is. Eén staal van de stoelgang volstaat, hetgeen toch ook een bijkomend voordeel is.

44


Vraag & Antwoord

Meerdere labo’s kunnen deze simpele test nu ook voor de huisarts uitvoeren. Zij gebruiken hiervoor meestal een eenvoudige zelf-test die in het buitenland aangekocht wordt en uitgevoerd wordt door een laborante. Slechts één labo in Vlaanderen beschikt over een speciaal toestel om de juiste hoeveelheid bloed in de ontlasting te bepalen. In dat labo werden alle stalen van het pilootproject van de Vlaamse gemeenschap geanalyseerd, waarvan eergisteren de resultaten ­ werden bekend gemaakt. De nieuwe Europese richtlijnen bevelen ook de iFOB-test aan. Er zijn op dit ogenblik reeds meerdere testen verkrijgbaar, waarvan de meesten voldoen aan de strenge kwaliteitsnormen van de Europese (CE) en Amerikaanse overheden (FDA). Het is wel mijn ervaring, na het geven van talrijke voordrachten voor diverse huisartsenkringen in heel Vlaanderen, dat nog niet alle ­huisartsen op de hoogte zijn van het bestaan en het nut van deze test. “Onbekend is onbemind…” Wellicht zal hierin op korte termijn toch verandering in komen. Vanaf 1 april heeft de huisarts immers nu ook de mogelijkheid om een ­extra “module” aan je globaal medisch dossier (het zgn. GMD) toe te ­voegen als je tussen de 45 en 75 jaar bent. Dit is een checklist die hij met jou kan overlopen en waarbij verschillende thema’s (­roken, stress, screening van bepaalde kankers) ter sprake komen. ­Ongetwijfeld een goed moment om al die zaken eens even op een rijtje te zetten. ­Hoewel de definitieve versie van de checklist nog niet bekend is, zal een simpele test van de stoelgang voor de 50-plusser daar normaal ook moeten bijhoren.

45


vraag & ANtwoord

25 MAART Wat is het verschil tussen een divertikel en een poliep ? Een goede vraag want de afgelopen jaren heb ik bij herhaling ­vastgesteld dat de begrippen “poliep” en “divertikel” nogal eens door elkaar worden gehaald. Als een patiënt mij vertelt “al mijn poliepen waren ontstoken” of iemand anders zegt “zijn hebben bij mij al e ­ nkele divertikels weggepakt” dan is het meestal duidelijk dat ze allebei eigenlijk het tegengestelde bedoelden. Daarom een klein woordje uitleg. Divertikels zijn kleine uitstulpingen in de wand van de dikke darm, omdat de darmwand op die plaats l­ ichtjes verzwakt is. Men kan het bijna als een ­normaal pr­­oces van ieders ve­roudering ­beschouwen. Op die manier ontstaan er kleine zakjes of “d­ivertikels” waar soms kleine bolletjes ­stoelgang in terecht kunnen komen. Op zich geen pro­ bleem. Soms kan er echter een kleine ontsteking ontstaan in zo een

46


Vraag & Antwoord

d­ivertikel, en ontstaat er een kleine perforatie met de vorming van een klein abces en lichte buikvliesontsteking. Dat wordt dan een diverticulitis genoemd. Door tijdig antibiotica toe te dienen kan dit meestal wel worden opgelost. In ergere gevallen moet er soms toch geopereerd worden. In zeldzame gevallen kan er vanuit een divertikel een bloeding ontstaan. Die kan soms vrij behoorlijk zijn, maar stopt gelukkig bijna steeds vanzelf. Die bloeding komt gelukkig ook zeer zelden terug. Als je dus in de darm kijkt lijkt het op kleine openingen in de wand, precies een Gruyèrekaas. Maar het zijn natuurlijk geen echte openingen. Een poliep daarentegen is een kleine aanwas (een bloemkooltje, een wratje) in de darm die binnenin groeit. Dus zeker niet aan de buitenkant zoals sommige mensen al eens denken. Een poliep kan van enkele millimeters tot 3 à 4 centimeter groot worden en al dan niet een steeltje hebben. Dat is het onderscheid tussen een gesteelde poliep (met steeltje) en een sessiele poliep (zonder steeltje). Beide soorten poliepen kunnen ­meestal vrij ­eenvoudig tijdens een darmonderzoek worden weggeno­ men. Als een poliep wat groter wordt kan ze soms beginnen bloeden, maar meestal is dit bloed niet met het blote oog zichtbaar (occult bloed). Dat bloed ­proberen we op te sporen met de iFOB-test. Hoe groter een poliep wordt, hoe groter de kans dat er kwaadaardige cellen in ontstaan. Die kunnen eventueel later leiden tot darmkanker. Gelukkig evolueren niet alle poliepen tot darmkanker, maar het is op voorhand niet te voorspellen welke wel, en welke niet.

47


vraag & ANtwoord

26 MAART Is het waar dat er volgend jaar in Vlaanderen al een

algemeen bevolkingsonderzoek naar darmkanker komt ?

Dat lijkt een vrij optimistische voorstelling van de feiten die wellicht niet haalbaar en realistisch is. Er moeten immers nog verschillende stappen worden genomen. Eerst en vooral gaat de minister nu advies vragen aan de werkgroep Bevolkingsonderzoek. Die zal bestuderen in hoeverre het wenselijk en haalbaar is om een ­bevolkingsonderzoek voor heel Vlaanderen uit te werken. Nu betrof het pilootproject in slechts drie gemeenten uit de Antwerpse regio, waarbij bijna 20.000 mensen betrokken waren. Voor heel Vlaanderen schat men de groep die uitgenodigd moet worden op bijna 1 miljoen! Dat vergt dus een enorme voorbereiding, waarbij heel wat verschillende zaken aan bod zullen komen. De overheid moet hiervoor natuurlijk ook de n ­ odige gelden vinden, want dit zal een behoorlijke financiële ­inspanning ­vergen. Op langere termijn zal dit zeker winstgevend zijn. Het feit dat preventie een Vlaamse materie is en het RIZIV (terugbetaling van de kosten van het onderzoek en de behandeling) zich op federaal niveau situeert maakt het er alleszins niet eenvoudiger op. Maar daar zal wel een oplossing voor gevonden kunnen worden. Voor het pilootproject was er een budget van 500.000 Euro voorzien, nu spreken we over een project dat wellicht 50 keer zo groot is. Er zullen verschillende aspecten verder in detail moeten worden besproken. Welk bedrijf zal de iFOB-testen mogen leveren? Komen er al dan niet erkende ­centra waar de screenings-coloscopies worden u ­ itgevoerd?

48


Vraag & Antwoord

Hoe zal de kwaliteit van de onderzoeken worden gegarandeerd? Waar zullen de stalen uiteindelijk onderzocht worden? Etc‌ Dit zal allemaal volgens welbepaalde procedures moeten gebeuren. Eens dat allemaal bekend is zal er ook moeten worden gestart met informatie, voorlichting en sensibilisatie van diegenen die zullen opgeroepen worden om zich te laten testen. Als in 2013 de eerste Vlamingen aan dit bevolkingsonderzoek zullen kunnen deelnemen mag men dit alleszins een succes noemen. Er is echter nog een behoorlijke weg af te leggen. Naschrift: In Nederland heeft de minister van volks­ gezondheid inmiddels beslist dat er in 2013 een algemeen bevolkingsonderzoek komt.

49


vraag & ANtwoord

27 Maart Is die nieuwe scanner niet beter dan een coloscopie ? Toen een drietal jaren geleden het TV-journaal begon met het bericht dat er een nieuwe methode bestond voor het onderzoeken van de dikke darm, kregen we de dagen nadien meerdere telefoontjes van patiënten die de geplande “ouderwetse” coloscopie wilden afzeggen. Zij hadden liever een afspraak voor de nieuwe virtuele ­coloscopie of CT-colografie. De coloscopie als ouderwets bestempelen is ­misschien toch wel wat overdreven. Het is en blijft nog steeds het meest ­accurate onderzoek om poliepen op te sporen en te ­verwijderen en wordt wereldwijd nog steeds als de “gouden standaard” gehanteerd.  Ook voor deze speciale scanner is een bijzondere voorbereiding nodig. Minder uitgebreid dan voor de coloscopie, maar je zal ­begrijpen dat de dikke darm toch ook proper moet zijn. Via de endeldarm zal er met een dun slangetje lucht in de dikke darm worden ingeblazen om die wat beter te ontplooien zodat duidelijker beelden kunnen gemaakt worden. Voor dit onderzoek wordt geen anesthesie gebruikt en is men volledig wakker. Er worden twee scanners gemaakt, zowel in buik- als in ­rugligging en de computer zal vervolgens met een speciaal programma een “virtueel” beeld van de binnenkant van de dikke darm reconstrueren. Net zoals onze Lonely Alien’s geen echte oorlog voeren tegen ­darmkanker, maar een virtuele “cyberwar”, maakt de scanner ook geen echt beeld van de dikke darm. Het onderzoek neemt ongeveer 10 à

50


Vraag & Antwoord

15 minuten in beslag. Het is voor de radioloog die dit onderzoek uitvoert en later de beelden bestudeert niet altijd even eenvoudig om een onderscheid te maken tussen een kleine poliep en een kleine hoeveelheid stoelgang die eventueel nog aanwezig is. Indien er toch een poliep of gezwel gevonden wordt laat dit onderzoek ook niet toe om eventuele stukjes weefsel te nemen (biopsie) of de poliep te verwijderen. Hiervoor zal er nadien nog een klassieke coloscopie moeten worden verricht. Deze techniek betekent toch ook een behoorlijke stralenbelasting die zeker niet mag worden onderschat. In ideale omstandigheden ­dient de instelling van de scanner hiervoor te worden aangepast. De analyse van het onderzoek neemt ook flink wat tijd in beslag. De ervaring van de radioloog en de gebruikte software spelen hierin ook een belangrijke rol. Op de dag van vandaag beschikken we dus over een heel “­wapenarsenaal” om ten strijde te trekken tegen poliepen en kankers van de dikke darm. Vroegtijdige opsporing van poliepen en kankers kan op meerdere manieren gebeuren. Welke test uiteindelijk de beste is, zal nog wel een tijdje onderwerp van discussie blijven. Voor een bevolkingsonderzoek gaat de voorkeur voorlopig nog steeds uit naar onderzoek van de stoelgang op occult bloed. In bepaalde landen wordt op grote schaal de coloscopie als screeningsonderzoek gebruikt. Je huisarts is goed geplaatst om je te helpen bij de keuze van welk onderzoek voor jou het beste is.

51


vraag & ANtwoord

28 Maart Hoe dikwijls komt darmkanker voor ? Tijdens voordrachten is dit vaak één van de eerste zaken die ik bespreek, teneinde de omvang van het probleem te schetsen. Nu heeft het toch enige tijd geduurd vooraleer iemand de vraag stelde via onze website. Wereldwijd zijn er dat iets meer dan 1 miljoen per jaar. In Europa zijn er bijna 400.000 nieuwe gevallen van darmkanker, ongeveer evenveel mannen als vrouwen. In Vlaanderen krijgen jaarlijks ongeveer 4250 personen de diagnose van darmkanker te horen. En 1800 Vlamingen sterven jaarlijks aan darmkanker, dat zijn er 5 per dag. Bijna 4 maal zoveel als in het verkeer. Cijfers om bang van te zijn? Neen, cijfers om toch even bij stil te staan. Iedere Vlaming, man of vrouw, heeft een gemiddeld risico van 5 %, dus 1 op 20, om ooit met darmkanker geconfronteerd te worden. Vanaf de leeftijd van 50 jaar ziet men dat de frequentie van darmkanker geleidelijk aan toeneemt. Wanneer darmkanker in een vroeg­ tijdig stadium ontdekt wordt, heb je 90 % kans om te genezen. Omdat bijna alle darmkankers ontstaan uit poliepen waarin kwaadaardige cellen kunnen groeien heeft men er alle belang bij om die poliepen vroegtijdig op te sporen en te verwijderen. Dat is de reden waarom preventief onderzoek of screening aangeraden wordt. In landen waar men reeds langere tijd met screening bezig is ziet men een duidelijke afname van het sterftecijfer van darmkanker en worden er meer darmkankers in een vroegtijdig stadium opgespoord.

52


Vraag & Antwoord

29 Maart Waarom vindt men op sites grote organisaties zo weinig over screening en preventie van darmkanker ? Dat is inderdaad een vrij merkwaardig verschijnsel. Buiten de website die betrekking had op het pilootproject van de Vlaamse gemeenschap is er echt niet zoveel terug te vinden. In andere landen vind je heel wat nuttige en i­nteressante informatie over het vroegtijdig opsporen van darmkanker. Ik kan me moeilijk voorstellen dat dit een bewuste strategie is. Af en toe hoor ik ook zeggen dat dit te maken zou hebben met het feit dat het algemeen bevolkingsonderzoek nog moet georganiseerd worden. Pas dan zou men meer informatie gaan geven. Dit zou betreurenswaardig zijn omdat m.i. informatie en ­voorlichting over zo een belangrijk onderwerp aan iedereen zou moeten gegeven worden die er mee te maken kan hebben. Uit studies is ­gebleken, en dat is ook mijn persoonlijke ervaring, dat de kennis over dit ­onderwerp niet bepaald schitterend te noemen is. Ook daar ­scoren we in ­ Europa niet al te best. Voorlichting en ­ informatie geven is dan ook iets wat wij als één van onze belangrijkste taken vinden. De reacties op onze eerste actie vorig jaar waren zo positief dat we het bijna een plicht vonden om er mee verder te gaan, ondanks het feit dat we nog steeds over geen budget en geen sponsors beschikken. Eigenlijk zou iedere 50 (40 ?)-plusser in Vlaanderen enige ­basiskennis moeten hebben over het vroegtijdig opsporen van ­darmkanker. Het verhaal van de poliep die waarschuwingstekens

53


vraag & ANtwoord

uitzendt (occult bloed) is nog te weinig bekend. Er is geen enkele ve­ rg­­ elijkbare kanker die dezelfde eigenschappen heeft en die vroeg­ tijdig opsporen op een eenvoudig manier mogelijk maakt. Tegenwoordig lijkt het veel belangrijker te weten wie de “droomdokter” is in Vlaanderen. Een leuke campagne, maar met ­dezelfde media-­ aandacht voor darmkanker had men ­ wellicht heel wat ­levens kunnen redden. Deze maand had men enkel oog voor de resultaten van het p­roefonderzoek van de Vlaamse g ­ emeenschap die bewezen hebben dat zo’n bevolkingsonderzoek (in de studie ­weliswaar op kleine schaal) haalbaar is. Indien er later een algemeen ­bevolkingsonderzoek komt denken wij dat de deelname aan ­dergelijk onderzoek (wat men de participatiegraad noemt) nog beter is als men al vertrouwd is met het onderwerp. A­nderzijds hoeft men niet op zo’n bevolkingsonderzoek te wachten om met de h­uisarts te bepraten welke maatregelen er nu reeds zouden kunnen worden genomen. Ze zijn immers “poep­simpel”, excuseer me voor het woordgebruik, maar a­nders kan ik een iFOB-test niet noemen.

54


Vraag & Antwoord

30 MAART Hoe ziet zo een poliep of kanker er uit

tijdens een darmonderzoek ?

In het begin van de maand hebben we enkele malen onder elkaar gediscussieerd of we dergelijke foto’s zouden tonen toen er gevraagd werd hoe groot zo’n poliep was. Nu er specifiek om beeldmateriaal gevraagd wordt, gaan we dat ook zeker doen. Er is uiteindelijk niets vies of verkeerd aan. Op TV worden tegenwoordig alle soorten chirurgische ingrepen in geuren en kleuren vertoond. We tonen op de volgende pagina vier voorbeelden van poliepen die we de afgelopen weken hebben gezien en verwijderd. Kleine poliepen van minder dan een centimeter groot, tot ­ grotere poliepen van 2 à 3 centimeter. We hebben naast de foto van de poliepen ook enkele voorbeelden van darmkankers die we de afgelopen weken ­ hebben gevonden. Het verschil is wel vrij duidelijk. Er is niets geheimzinnig aan een poliep of darmkanker. Je hoeft er niet bang voor te zijn.

55


vraag & ANtwoord

Darmpoliepen

56


Vraag & Antwoord

Darmkanker

57


vraag & ANtwoord

W ie nog wat verder wil lezen over het verschil tus-

sen de dunne en de dikke darm kan in ons vorig boekje op pag. 52 terecht (gratis te downloaden op onze site) www.stopdarmkanker.be

58


Vraag & Antwoord

31 Maart Zijn een onderzoek van de stoelgang en een darmonderzoek even effectief en betrouwbaar ? Dit lijkt me een ideale vraag om deze reeks van 31 Vragen en 31 Antwoorden af te ronden. De twee meest vermelde onderzoeken om vroegtijdig darmkanker op te sporen zouden hier eigenlijk in een tabel moeten worden weergegeven en vergeleken. Ze hebben ­natuurlijk allebei hun voordelen en nadelen. Ik zou het liever beperkingen noemen. Een iFOB-test van de stoelgang is vrij eenvoudig en simpel in ­gebruik. De “mascara-test”, zoals onze collega Evelien Dekker van Amsterdam ze noemde, zou meer en meer ingeburgerd moeten ­geraken. In ­tegenstelling tot de vroegere kaartjes (de guaiac-FOB-test), waarbij drie staaltjes o ­ ntlasting nodig zijn, volstaat één staaltje ontlasting. De test is dubbel zo gevoelig als zijn voorganger en er wordt alleen menselijk bloed opgespoord. Er is ook geen interferentie met bepaalde voedingsstoffen of geneesmiddelen. Een kleine poliep die nog geen bloedverlies geeft zal wellicht wel niet worden opgespoord met deze test. Uit een grote Japanse studie van enkele jaren geleden bleek dat de helft van de beginnende kankers (Stadium A) hiermede nog niet kan worden opgespoord. Vandaar dat het ook belangrijk is, om die test om de 2 of maximum om de 3 jaren te herhalen. Dan is de kans groter dat de poliep of het gezwel toch op tijd gevonden wordt. Als 100 mensen boven de 50 jaar die test zullen doen, zullen er 5 of 6 “positief” zijn, d.w.z. men zal spoortjes bloed aantreffen die met het

59


vraag & ANtwoord

blote oog niet zichtbaar zijn. Dat hoeft dan wel nog niet te betekenen dat er een poliep of kanker aanwezig is. Die mensen moeten wel best een darmonderzoek laten uitvoeren. Ook dan zal blijken dat slechts een minderheid uiteindelijk een poliep of darmkanker heeft. De kostprijs van deze test is beperkt en wordt terugbetaald door het ziekenfonds als je die via de huisarts in het labo laat uitvoeren. In bepaalde landen kan je die “zelf-test” ook al in de apotheek kopen en kost die 7 à 8 Euro. Via het Internet kan je dezelfde test ook aanschaffen aan 15 Euro. Voor een darmonderzoek is er natuurlijk wel wat meer ­voorbereiding nodig. Je moet twee of drie dagen restenarm dieet volgen, om de darm al zo leeg ­mogelijk te maken en een speciale vloeistof drinken de dag voor en/of de dag van het onderzoek. Dit onderzoek heeft ­bijna steeds plaats in het ziekenhuis en je moet er een dag vrij voor nemen. Het gebeurt ook bijna steeds onder een lichte vorm van ­narcose en hoeft ­absoluut niet p ­ ijnlijk te zijn. Dit is nog één van die misverstanden die je vaak hoort. Een darmonderzoek (coloscopie) doet geen pijn! Men gaat via de aars in de endeldarm en vervolgens de rest van de hele ­dikke darm bekijken. Op een groot TV-scherm kunnen de arts en de verpleging alles in detail bestuderen. Indien er een ­poliep gevonden wordt kan die bijna steeds onmiddellijk worden verwijderd en opgevangen voor weefselonderzoek. Bij ongeveer 20% van de personen die een preventief darmonderzoek laten doen zal men een poliep aantreffen. Als er geen afwijkingen worden gevonden en er zijn in de familie geen andere leden met darmkanker, ben je ­minstens 7 à 8 jaren, volgens meerdere studies zelfs 10 jaar gerust. Dat is dan toch een mooie beloning voor de inspanning die je voor

60


Vraag & Antwoord

het onderzoek gedaan hebt. Over de prijs van het onderzoek hebben we het ook reeds in een vorige vraag gehad. Dat is toch ook geen onoverkomelijke barri竪re. In ervaren handen zal men in meer dan 90 % van de gevallen de volledige lengte van de darm kunnen 足onderzoeken en kunnen meer dan 90 % van de poliepen gevonden en verwijderd worden. Voor een algemeen bevolkingsonderzoek lijkt de iFOB-test geschikt, voor individuele gevallen, en zeker voor de e 足 erstegraadsverwanten van iemand met darmkanker is de coloscopie het aangewezen 足onderzoek. Dit was het laatste antwoord op onze laatste vraag. Ik hoop dat jullie in die 31 dagen toch wat meer informatie gekregen hebben en iets meer weten over het vroegtijdig opsporen van darmkanker.


13

GETUIGE Jos

Alida

x i n ar Jolanta

MP

Corinne

aul

i d Ru


ENISSEN f e J Ro

e i l e

Jacq

Hilda

ues

ah n i t a S

Hedwig


Getuigenissen

Getuigenissen Uit het leven gegrepen

E

chte verhalen van echte mensen, de meest oprechte manier om over darmkanker te spreken.

Wij danken de dertien personen die hun eigen ervaring met de lezers van dit boekje wilden delen. Ook voor jouw verhaal is er plaats op www.stopdarmkanker.be of www.pixelstegendarmkanker.nl Schrijf naar verhaal@stopdarmkanker.be info@pixelstegendarmkanker.nl

64


Getuigenissen

J e f , 6 4 ja a r

1

kent mijn zie a d t h c a w t ver de herfst Ik had nie nderen in a r e v u o z g minder huiservarin e was het o t n a d t To euk van 2005. een beenbr t o t t k r e bep n aangename Bij één va s. ie t a r e p o eniscus d met en twee m s in verban ie t a lt su n o rsc kter mijn dokte loops de do r e t ik e ld verte ende aambeien, n – gedur a v d a h s last steken dat ik som - pijnlijke n e d n o c se 3 amper 2 à uik... ker onderb n li n ij m in

Gezien mijn leeftijd (58) stelde hij mij een colonoscopie voor, die meteen werd vastgelegd. Ik zag er niet tegen op om een drietal ­dagen tevoren een restenarm dieet te volgen. Tegen mijn collega’s op het werk maakte ik nog een grapje : “ik hoop je morgen wel en gezond terug te zien”. Iets voor acht uur ’s morgens stond ik bij het onthaal van de dagkliniek. Het verplichte laxeermengsel had wel geen goede smaak, maar was nodig voor het onderzoek. Ik was één van de laatsten voor het onderzoek. Het was even frisjes bij het wachten, maar alles verliep prima. Even het maskertje en het volgende moment werd ik wakker in de controle ruimte. Nog even wachten op de kamer voor het doktersbezoek. De manier waarop hij de ­kamerdeur sloot “Met jou wil ik eventjes praten” en zijn lichaamstaal zei me al dat er een serieus probleem aan het licht was gekomen. Woorden en stukjes zin als “ gezwel... 20 cm van aars... amper voorbij... geen stoma.... zo vlug mogelijk...” drongen wel tot me door, maar voor mij was het onmiddellijk duidelijk: ik wil van dit gezwel zo vlug mogelijk vanaf. De dokter had geen overredingskracht nodig om me te overtui-

66


Getuigenissen gen. Hij had al actie genomen zodat ik zelfs de volgende dag al kon geopereerd worden. Terug thuis gekomen heb ik enkele telefoontjes gedaan, het nodige ingepakt en de volgende dag om 8 uur, bracht mijn zoon me terug naar Sint-Vincentius. In de voormiddag nog enkele onderzoeken en in de late namiddag naar de operatiekamer. De volgende morgen was ik reeds zeer vroeg klaar wakker en voelde me prima! Geen pijn of vermoeidheid te merken, wel goed ingepakt. Na uitleg van de verpleegster over het ‘pijnpompje’, begon ik actief te SMS-en, ­kruiswoordraadsels op te lossen ... maar na een klein uurtje kreeg ik een klop van jewelste en ben echt doodmoe terug in slaap gevallen. In de namiddag kreeg ik al bezoek, ook van het werk. Het was aangenaam, maar echter wel vermoeiend. Ik was blij was toen iedereen door ging. De chirurg was ook al langs geweest om te vertellen dat de operatie goed verlopen was en er geen complicaties waren. Het gezwel was samen met zo‘n 20 cm dikke darm weggenomen, Nu nog even de resultaten van het labo afwachten. Ik was echt opgelucht dat die kanker uit mijn lichaam was! Even later kreeg ik een eerste serieuze emotionele klop, toen de chirurg me ­melde dat de kanker kwaadaardig was! Dat er geen uitzaaiingen waren gevonden, had hierop nagenoeg geen impact! Toen er even later een mogelijke chemotherapie naar voor werd ­geschoven, was ik meteen akkoord! Na een maandje recuperatie van mijn lichaam, liet ik een ‘port-a-cath’ plaatsen en een weekje later kon er begonnen worden met de chemo. De oncologe had een ­behandeling uitgewerkt van 12 cycli: 3 dagen chemo om de veertien dagen. In totaal dus 24 weken, of een half jaar. Bij mijn eerste chemo-dag kreeg ik een tweede serieuze emotionele klop: ik las in een infobrochure dat ik kankerpatiënt was! Met chemo en bij geen uitzaaiingen is er toch nog kans van overlijden binnen de 5 jaar! Vanaf de eerste dag had ik nevenwerkingen : mijn vingers begonnen te tintelen toen ik een appel spoelde onder de kraan. Ik wist wel dat

67


Getuigenissen dit geenszins wil zeggen dat de chemo aanslaat. De derde chemodag ging ik letterlijk met knikkende knieën naar de afdeling. Ik had wel de normale neveneffecten: smaakveranderingen, koud voedsel in mijn mond kon ik niet verdragen, misselijkheid tot braken, hoofdpijn, geen lange concentratie. De lichaamsvermoeidheid viel best mee. Ik ben ook tijdelijk gaan wer­ ken (sociale contacten). Als ik nu de geur waarneem van o ­ ncologie of het draagtasje - dat 3 dagen constant chemo in mijn aderen spoot - , draait mijn maag nog steeds en krijg ik een vieze smaak in mijn mond. Nadat de oncologe me genezen verklaarde, heb ik de ‘port-a-cath’ - het vreemd voorwerp in mij - meteen laten verwijderen! Nu 6 jaar later, is alles nog dik in orde, de uitslag van het bloed en de derde c­oloscopie werden beide gunstig bevonden. Ik kan nu genieten van mijn 2 kleinkinderen: een kleinzoon van 5 jaar en een kleindochter van 3,5 maanden! Bedankt dokter, chirurg, medisch personeel!

68


Getuigenissen

2

ar Corinne, 57 ja ij dar mm ij b d r e w n e d le e Twee jaar tggesteld. Ik v oelde mij steeds kanker vas aar dacht dat dat misschien heel moe, mal is als je wat ouder wordt. wel nor ma av onds ­t huiskwam na mijn Als ik s’ ik helemaal geen energie meer wer k had s te doen. . om nog iet

Ik kreeg een verkoudheid en ging naar de dokter, die gaf mij een paar dagen ziekteverlof. Na enkele dagen voelde ik mij helemaal niet beter. De dokter besloot een bloedonderzoek te doen. Ik bleek een bloedarmoede te hebben. Dat verklaarde waarom ik steeds zo moe was. Ik kreeg ijzertabletten voorgeschreven, maar die gaven niet het gewenste resultaat. Ook kreeg ik tijdens een wandeling pijn opzij in mijn buik ter hoogte van mijn dikke darm. De dokter verwees mij door naar een darmspecialist, bij de eerste afspraak werd een echografie van mijn buik genomen, maar daar werd niets ernstigs vastgesteld. De dokter raadde mij aan een coloscopie te doen. De dag dat ik de coloscopie deed wist ik eigenlijk al dat ik darmkanker had, ik voelde het gezwel zitten. Mijn vader was overleden aan darmkanker, de bloedarmoede, alles wees erop dat ik kanker had. De dokter kwam na het onderzoek met het slechte nie­uws en een week later werd ik geopereerd. Er werd een tumor van acht centimeter diameter verwijderd alsook vijfendertig lymfeklieren. In één van de verwijderde lymfeklieren werden er kankercellen

69


Getuigenissen gevonden en daarom moest ik ook chemotherapie ondergaan. Uit onderzoek van de tumor bleek dat het genetisch erfelijk was. Gedurende zes maanden ben ik in totaal twaalf keren opgenomen gew足eest in het ziekenhuis om telkens twee dagen chemo te krijgen. De dokters en het verplegend personeel zijn heel vriendelijk, begrijpend en ondersteunend geweest. Zij hebben er alles aan gedaan zodat ik die zware periode zo goed mogelijk door zou komen. Ik ben ook steeds heel positief gebleven en had eigenlijk helemaal niet door dat het eigenlijk wel heel ernstig was. De dokter zei achteraf dat ik door het oog van de naald ben gekropen. Het is nu twee jaar geleden dat ik geopereerd werd, de chemo is lichamelijk heel zwaar geweest en ik heb nog steeds niet mijn vroegere energie terug, maar ik voel me alle dagen sterker en sterker worden. Ik heb er eigenlijk nooit echt ziek uitgezien, als ik de mensen vertelde dat ik chemo kreeg waren er veel die verbaasd waren omdat ik er zo goed uitzag. Ik heb gelukkig ook mijn haar niet verloren. Ik word nu verder goed opgevolgd en door regelmatig op onderzoek te gaan zal dit mij geen tweede keer overkomen. Ik weet nu dat alles met een eenvoudig onderzoek van de stoelgang vermeden had kunnen worden. Daarom raad ik iedereen aan om regelmatig zijn stoelgang te laten onderzoeken. Dus beste mensen, doe dat stoelgangonderzoek!!!

70


Getuigenissen

52 jaar ij KBCb st n ie d in r a a j Ik ben. D25e meeste jaren als akranals Bank ecteur, de laatste 4 jaPrivate toordirgensplanner bij KBC in tal vermoing. Daarnaast zetel ik lijk in Bank estuursraden, hoofdzake je niet van bderwijssector. Ik moet vervolle de onn dat ik dus altijd een o had ik zegge a heb. De laatste tijd evoel in agendeld een ongemakkelijk g gereg ik. de bu Marnix,

3

Altijd was er wel een reden te vinden: het middagmaal te vlug of zelfs niet genomen, vlug een broodje tussendoor, teveel koffie gedronken bij de klanten, een receptie teveel, enz… Het feit is dat de ongemakken even snel verdwenen als ze opkwamen. Zo verstreek de tijd…weken, maanden… De ongemakken beïnvloedden echter des te meer mijn beroepsle­ ven, zodat ik uiteindelijk mijn huisarts consulteerde. Omdat ik toch ook wel eens bloedverlies had in de stoelgang, stuurde hij mij door voor een endoscopie. Dit gebeurde al de week nadien. Voor het onderzoek was het noodzakelijk dat ik van binnen volledig gereinigd werd. Na het drinken van een zoutoplossing, was het anderhalf uur later zover. Het moet gezegd, van de endoscopie voel je amper iets. Je wordt lichtjes verdoofd. De arts behandelt je ook beleefd en respectvol.

71


Getuigenissen De diagnose viel, tijdens de endoscopie, als een bom: ‘een tumor in de endeldarm’. Het was een serieuze, emotionele schok: met één vingerknip verandert niet alleen jouw leven, maar ook dit van je hele gezin. Het nieuws thuis vertellen was dan ook een harde noot om kraken. Ik herinner me nog zeer goed dat ik lange tijd in de garage bleef staan, vooraleer ik durfde binnen te gaan. Je voelt je schuldig omdat je je vrouw en kinderen mee in dit moeilijk verhaal betrekt. Iedereen was dan thuis ook emotioneel echt aangedaan. We hebben mekaar goed vastgepakt en geweend. Dit was de start van een moeilijke periode. Ik heb nog een week gewerkt, al mijn klanten persoonlijk nog verwittigd, en op 11 februari 2010 startte mijn intensieve behandeling. Eerst 25 bestralingen gecombineerd met chemotherapie. Gevolgd door acht weken rust om terug op krachten te komen. Op 19 mei werd ik geopereerd: volledige wegname van mijn endeldarm en een stuk van de dikke darm. Na zo’n zware operatie ben je volledig uitgeput. Jammer genoeg werd ik achtervolgd door pech. Ik werd getroffen door een lekkage: de darmnaad kwam los gevolgd door een zware infectie. Het oplossen van dit probleem heeft het uiterste van mijn krachten gevraagd: in de kortste keren was ik 12 kg vermagerd en was ik totaal futloos. Mijn bed en de zetel was het enige wat ik nog tegenkwam. Het duurde zelfs tot juli vooraleer ik me weer ‘mens’ voelde. Het zware aan de behandeling van kanker is dat er telkenmale als je je weer beter voelt een nieuwe behandeling volgt: eerst de be­ straling en chemotherapie. Na hiervan hersteld te zijn: de operatie. Na hersteld te zijn van de operatie: nog 4 maand chemotherapie. Eind november 2010 had ik mijn laatste chemokuur. Gelukkig kon ik die goed weerstaan. Ik werd er niet echt ziek van. Wel moedeloos. Op 9 december nog eens onder het mes: het verwijderen van mijn tijdelijke stoma. Ja, ik heb 6 maanden een stoma gehad. Dit was noodzakelijk omdat ik na mijn operatie in mei nog maanden chemo kreeg. Eerst was dit zeer confronterend, maar naderhand viel dit

72


Getuigenissen allemaal nogal goed mee. Een knipoog naar de zeer goede thuisverpleging! En dan de laatste rechte lijn: de uiteindelijke revalidatie! De e­erste maanden waren superzwaar. Een spijsverteringsstelsel zonder endeldarm en een stuk van de dikke darm weg, is als met de wagen rijden met een wiel eraf. Maar uiteindelijk past je lichaam, met vallen en opstaan, zich aan. Als je het derde wiel van de wagen achteraan in het midden bouwt, kan je ook de baan op, maar is rijden op de autostrade wat moeilijker. Ik bedoel daarmee dat ik weer ga en sta waar ik wil, maar ik hou rekening met mijn beperking. Er zijn twee belangrijke zekerheden in gans mijn verhaal. Ten eerste ben ik uiterst tevreden van gans het team die me redde: huisarts, oncoloog, radioloog, gastro-enteroloog, chirurg, verplegend personeel. Enkel voor de revalidatie zou er meer steun mogen zijn. Technisch is het opgelost, maar voor de naweeën is toch wat meer hulp nodig. Ten tweede is je partner jouw steun en toeverlaat. Een ‘sterke’ partner die je bijstaat is noodzakelijk. Want het wordt zo vlug gezegd: “Ik weet wat kanker is, mijn broer, tante of nonkel, enz... hebben ook kanker gehad…” Je weet pas maar wat het is als kanker aan je eigen voordeur klopt én binnenkomt! Ik kan maar één raad geven. Zorg ervoor dat je die voordeur niet moet opendoen, luister naar de taal van je lichaam en laat je op tijd preventief onderzoeken. Had ik me vroeger laten onderzoeken dan had ik al die ellende niet hoeven mee te maken. Ik heb nu een tweede kans gekregen en ik zal er volop van genieten!

73


Getuigenissen

r Alida, 80 jaa

4

e van de de geboort r o o v g o n , nlijk in alle Waarschij ine poliep le k n e e h lde zic een Euro, neste . Ze had er rm a d e k ik n mijn d roeien tot stilte tege er om te g v o r o o v r jaa ezwel. goeie tien ot kankerg ro g t is u v n anne een flink m er dat ik iekem, zond t s e z d e e nd ik er Dat groeie zonder dat n e , e t rk e van m erdaar iets tien jaar v ik t o T . rd e ewaar w goed ziek pijn door g ij, gelukkig, m 0 1 0 2 s stu der in Augu elen. begon te vo

Het moet bij mij al héél erg zijn, alvorens ik een dokter co­nsulteer. Mijn zoon nam daarom kordaat het initiatief om bij een dokter specialist voor mij een afspraak te regelen. Uiteindelijk ontdekte hij het reuzengezwel. Ik weet niet wat er met mij zou gebeurd zijn, zonder dat serieus ziek gevoel. Misschien was ik er dan nu niet meer bij, want wanneer je je gezond en fit voelt, ga je toch niet naar een dokter, dacht ik. Dat is verkeerd gedacht. Jaarlijks sterven er in Vlaanderen 1800 mensen, meestal precies omdat ze net hetzelfde deden als ik…niets dus. Om te voorkomen dat het bij anderen net zo evolueert als toen bij mij, zou ieder individu vanaf vijftig jaar, alle vier of vijf jaar, een grondig darmonderzoek of colonoscopie moeten ondergaan. Het is een vaststaand feit dat het begint met een tamelijk onschuldige poliep, die er acht, tien of twaalf jaar over doet om groot te worden. In het beginfase van haar bestaan, is het voor de dokter “een fluitje van een cent” om die kleine aanwas te verwijderen.

74


Getuigenissen Na mijn darmkankeroperatie in oktober 2010 door de chirurg, heb ik mij nu vandaag 27 juli 2011, in een ziekenhuiskamer geïnstalleerd. Samen met zes flessen van 1 liter plat water. Ik heb heel de voormiddag de tijd om ze allemaal leeg te drinken, en om tien keer en meer, de onmisbare wil te overmeesteren, tot mijn darm een zuiver doorschijnende vloeistof produceert. Gelukkig, om twaalf was het zover, mijn darminhoud pronkte helder en proper. Klokslag 13.30 uur werd ik comfortabel liggend in het ziekenhuisbed via lange gangen en de lift, naar de folterkamer geloodst. Mijn bed parkeerde pal voor de deur, waar alles ging gebeuren. Ik kreeg iets over mijn neus geduwd, waardoor ik prompt in slaap viel. Gedachteloos vertoevend in zalige onwetendheid. Een half uurtje later ontwaakte ik monter en uitgerust. Dat was het dan… Terug op mijn kamer stond mijn zoon mij glimlachend op te wachten. Eén dag van je leven, met weinig ongemakken, in ruil voor vijf jaar darmkankervrije zekerheid ! Kies zelf maar wat het beste is. Toen ik weer netjes toonbaar, een kopje koffie en dito broodje met kaas van een lieve verpleegster in ontvangst nam, verscheen de attente maag- en darmspecialist om ons persoonlijk gerust te stellen. Dat met mij alles ok was. Dankzij de aanhoudende druk van mijn lieve zoon, om toch naar de dokter te gaan. Dankzij de chirurg, die mijn darm verlost heeft van het gezwel. Dankzij het grondige darmonderzoek van mijn maag- en darmspecialist. Dankzij de zorgzame ­vriendelijke verpleegsters van het Sint-Vincentiusziekenhuis te Antwerpen, kreeg mijn darmkankerverhaal een “happy end”. Van pure blijdschap omdat alles voor mij goed is afgelopen, zou ik de wereld willen toe roepen: “Mensen, niemand hoeft te sterven aan darmkanker, een preventief, één dag durende colonoscopie volstaat! Doe het! Nu.”

75


Getuigenissen

Jacques,

5

6 6 ja a r

raven oeder beg m n ij m t a kon De dag d t goed en ie n ij m ik en is voelde haar ass n a v g n zaaii as ik de uit s mij w n e lg o V onen. lijden. niet bijw haar over n a a n te veel dat te wij s er niet a w g a d nde ijn De volge n in m ij p d a h p. Ik esluit beterscha ook het b n a d m a n buik. Ik aan... okter te g d n ij m om bij

Mijn huisdokter, stelde mij voor een scanner te laten doen. Ofwel was het niet ernstig, ofwel was het kanker, dus zonder doekjes erom te winden. Een paar dagen nadien ging ik dus naar het ziekenhuis en onder de scanner. Ik had vlug het resultaat : het was dus inderdaad kanker. Ik ging naar een specialist en die stelde mij voor mij vlug te opereren. Een week nadien was het al gebeurd. Nadien kreeg ik dus ­chemotherapie voorgeschreven, éénmaal per week, gedurende zes maanden. De eerste twee weken was ik wel niet al te best maar vanaf de derde week ging het beter. Tijdens mijn chemoperiode kreeg ik nog veel andere klappen. Een kleindochtertje, slechts 14 dagen oud, overleed, mijn schoonmoeder overleed een paar weken later en als klap op de vuurpijl: bij mijn echtgenote werd borstkanker ontdekt die door mijn kanker had besloten ook een onderzoek te laten doen. Mijn ech­tgenote en ik waren ondersteboven maar besloten dan maar elkaar

76


Getuigenissen ­ oreel zoveel mogelijk te steunen. Die kankers zouden ons niet klein m ­krijgen. Ze had dus ook een operatie en gelukkig voor haar werd haar borst gered. Maar ook chemotherapie. Wij deden dus alles samen in koor. Ze verloor haar haren maar wij kochten de mooiste pruik en het probleem was opgelost. Er zijn problemen, maar voor alle problemen zijn er oplossingen. Door al die harde klappen vermagerde ik wel 50 kilogram maar daar ik 130 kilo woog was dat niet zo erg. Het was niet normaal want ik kreeg geen eten of drinken meer binnen. Ik vroeg dus aan de dokter hoe dat kwam en na een paar onderzoeken was de diagnose : ­maagzweer. Nu ben ik daar vanaf door medicatie en ben ondertussen wel al 25 kilo bijgekomen. Onze chemotherapie is nu voorbij. Mijn echtgenote kreeg gedurende een paar maand alle dagen bestralingen en die zijn nu ook achter de rug. Een onderzoek vorige week wees uit dat voor ons beiden ­alles goed verloopt. Ons volgend onderzoek is gepland voor v­ olgend jaar en dat stelt ons gerust. Het enige wat nu overblijft is een v­ ermoeidheid in de namiddag maar na een “siesta” zijn we beiden opnieuw in orde. Ikzelf heb enkel nog tintelingen in mijn vingertoppen en in mijn voeten maar naar het schijnt komt dat wel weer in orde. Gelukkig ­hebben wij dus vroeg een diagnose gehad en zijn wij in goede handen van bekwame dokters beland. Een zaak echter: het is onze moraal die ons gered heeft. Volgens de dokters zijn wij een koppel dat dankzij onze moraal er zo vlug bovenop is geraakt. Mijn besluit: Raad aan je familieleden en vrienden aan zo vlug mogelijk een onderzoek te laten doen. Ofwel hebben ze niets, ofwel hebben ze symptomen, maar hoe vlugger ze het weten hoe vlugger ze kunnen genezen. Houd er de moed in en aarzel niet om erover te praten.

77


Getuigenissen

Hilde, 71 jaar

6

elf het rez r ie h ik t pisode doe Het feit da e r e k n a k m r a n d laas van mij rlijk al de gelukkige tuu verklapt na oor het zover was ­ r v afloop maa oelen van p le e k n e toch dienden er ­ den. Nadat ik r o w e t d a a w ­ellende doorge dat mijn b­orstkanker eeg dacht ik te horen kr s a w d ij t n lede e voorgoed ver zijn van elk e t d r a a w ij r definitief gev ze ziekte... e d n a v m r o v

Vermits ik tot die generatie behoor die meer getraind was om in eigen hart dan in eigen pot te kijken duurde het vrij lang voor ik in de gaten kreeg, en meedeelde, dat mijn stoelgang precies niet helemaal in orde was. Aanvankelijk dacht ik nog dat het een laattijdig gevolg van een vroegere speenoperatie was, maar onder lichte druk van thuis besloot ik toch maar weer eens naar de dokter te trekken. Dezelfde arts die mij indertijd opereerde raadde nu een c­ oloscopie aan want hijzelf kon geen verdict vellen. Dan maar naar het ziekenhuis voor informatie en een afspraak. Gelukkig was men daar ­vriendelijk en gaf men er duidelijke uitleg, anders had ik het misschien, ­ ­ niettegenstaande mijn bange vermoedens, fataal uitgesteld. Het vooruitzicht mijn ingewanden totaal te moeten ledigen was weinig aanlokkelijk. Alhoewel ik een éénpersoonskamer had besproken, v­ erwonderde het mij wel dat je voor dit onderzoek niet de facto ­alleen ligt gezien de talrijke en vaak plotse tochten naar het t­oilet. De coloscopie zelf verliep moeiteloos maar de mededeling dat er een kwaadaardig gezwel moest verwijderd worden kwam hard aan.

78


Getuigenissen Weer stond ik voor het gevreesde drietal: bestraling, chemo en operatie, en wie gaf mij de zekerheid dat het ook ditmaal goed zou aflopen? En was een stoma ook onder een goede afloop te rangschikken? Vanuit mijn beroep was ik met deze ingreep al geconfronteerd maar steeds als toeschouwer van terzijde, dus wel wat betrokken maar feitelijk toch van op afstand. Maar omdat er geen alternatief was werd er met de bestraling begonnen. Dus dagenlang telkens naar het ziekenhuis, een rit van 17 km, meestal tijdens druk verkeer, om dan in de wachtruimte te luisteren naar meer communicatieve lotgenoten. Wanneer zij hun ervaringen in geuren en kleuren vertelden aan wie het horen wou had dit toch een bemoedigend effect. Ook hier was het personeel discreet en begripsvol, wat een extra stimulans vormde om trouw te blijven komen. De behandelende dokters waren tussen haakjes zoals behandelende dokters moeten zijn: geen loze beloften maar wel degelijke informatie gevend over elke ingreep, de redenen waarom, de mogelijke reactie en het te verwachten resultaat. Die ­eerlijkheid gaf mij meer steun en vertrouwen in hun deskundigheid dan ontwijkende antwoorden of erger nog luchthartige voorspellingen van een goede afloop. Onder lokale verdoving, want ik had al zo vaak een totale narcose ondergaan, werd er ook een port-a-cath geplaatst die later identiek weer zou verwijderd worden. Over de operatie zelf, met meer dan 30 cm werd de darm ingekort, niets dan lof; een minimaal litteken op mijn buik en zoals achteraf bleek ook inwendig geen hinder voor de darmtransit. Maar ik had wel een voorlopig stoma. Het zicht was toch wel even wennen, een “roos van vlees” zoals Jan Wolkers het in zijn gelijknamig boek noemt was het bepaald niet. Zo gauw ik het ziekenhuis mocht verlaten maakte ik er een punt van eer van om zelf de nodige verzorging te verrichten en op niemand beroep te doen. Zo’n afstandelijke, zakelijke houding was mijn redding. Ik verzorgde mij alsof het iemand anders betrof, met zo weinig mogelijk sentiment, ­eerder met een technische en wetenschappelijke interesse. Het kwam zelfs zover dat ik op zeker moment bijna de voorkeur aan een stoma gaf al was het maar om weer een operatie te vermijden. Gelukkig veranderde ik op tijd van mening zodat alles weer langs de lange natuurlijke weg mijn lijf kon verlaten.

79


Getuigenissen In de behandeling werd er ook een chemotherapie ­voorgeschreven, dat was wel een zware dobber. Ik werd daarvoor opgehaald en ­teruggebracht door een vervoerdienst, lieve mensen dat wel, maar zij onderschatten wel de impact ervan. Je bent doodmoe en niet elk ­ vervoermiddel is even comfortabel, dus hoe korter de rit en hoe ­zwijgzamer de chauffeur hoe beter. Ook het bij elkaar z­itten was niet ­ altijd even prettig, niet alle verhalen waren opbeurend, niet elke stiekeme vergelijking met lotgenoten moedgevend. Ik had er wel de voorkeur aan gegeven om deze kuur in rust en stilte te beleven want je werd er doodmoe van met akelige hartkloppingen en warmte ­opstoten. Doch al bij al ben ik de huidige wetenschap en haar b ­ eoefenaars meer dan dankbaar om mij nog (hopelijk) veel ­levensjaren te ­schenken. Het feit dat ik wel geplaagd wordt door een frequent en soms dringend toiletbezoek is een tol die ik hiervoor graag betaal. Een opmerking moet mij toch nog van het hart: de reactie van veel goedmenende evennaasten als zij horen dat je in behandeling voor of beter tegen kanker bent, is de uitspraak “Vechten hé, laat u niet doen, volhouden!” Een vriendelijke maar rare opmerking, hoe moet je nu vechten tegen zo’n ziekte? Doen wat de geneeskunde je ­voorschrijft, dat wel, maar verder? Het klinkt precies alsof het aan jezelf ligt als het ongunstig evolueert, wat natuurlijk pure onzin is maar in zo’n ­kwetsbare toestand klinken bemoedigende woorden beter anders. Dat u dit alles kon lezen hebt u op de eerste plaats te danken (of te wijten?) aan de dokters die voor mijn genezing zorgden. Zonder hun professionele bekwaamheid en begripsvolle omgang met de patiënt stond hier een totaal ander verhaal en niet door mij geschreven.

80


Getuigenissen

P a u l , 6 5 ja a r

7

ed nu, o g t a a g t e h … Een getuigen is en drie d w u h e g : r e t a vji f jaar l oren . b e g n e d r e w kleinkinderen …laat ons r e t e b n a k t Maar, he velen. r o o v n e p o h

April 2006: driemaal een “maag-darm“ griep telkens met enkele ­dagen herstel ertussen. Tijdens het 1 mei-weekend een vierde ­aanval. Na het weekend, op dinsdag 2 mei opname in het Sint-Vincentiusziekenhuis in Antwerpen via spoed. Donderdag de diagnose: een darmgezwel van ernstige omvang om met haast ­chirurgisch te l­aten verwijderen….de volgende dag dus. Een week later de ­uitslag van de biopsies: kwaadaardig gezwel…dikke ­darmkanker, zes maanden chemo noodzakelijk. Dat was even slikken. Een half jaar later zat de chemo erop. Weliswaar een héél lastige periode –ook voor partner en naaste familie- maar niet onoverkomelijk. Sedertdien volg ik strikt de follow-up: twee nieuwe coloscopies, echografiën enz. allemaal met goed resultaat, telkens zéér spannend. De o ­ nderzoeken op zich zijn uiterst “patiëntvriendelijk” en een niemendalletje in vergelijking met de chirurgische ingreep en de chemo.

81


Getuigenissen Als je nu weet dat dit allemaal te vermijden is door preventief o ­ nderzoek dan is dat gewoon fantastisch! Ik heb hier om die reden graag aan meegewerkt. De verdere informatie aan artsen, ­gezondheidswerkers, en aan iedereen blijft bijzonder noodzakelijk, en is dankbaar omdat het zoveel ellende kan voorkomen. Waarom ben ik hier zo van overtuigd? Wel, in januari 2005 werd ik met een bloedende maagzweer, veroorzaakt door de H ­ elicobacter ­pylori bacterie, opgenomen in een ander ziekenhuis. Er volgde de klassieke ­ behandeling met maagzuurremmers en antibiotica… tweemaal werd ter controle een gastroscopie uitgevoerd. Gezien mijn leeftijd en deze gelegenheid (ik was onder lichte verdoving), werd er jammer genoeg geen g ­ ebruik van gemaakt om eventueel ook een coloscopie te doen. Het gezwel zou al héél goed zichtbaar geweest zijn gezien de trage groei (zoals jullie al wel zullen gelezen hebben). Laat ons ­hopen dat de alertheid voor de opsporing van darmkanker nu standaard geworden is. Als ik inmiddels het boekje “Een wereld zonder darmkanker” van Luc Colemont gelezen heb, dan kan dit maar omdat er mensen zijn die hier al zeer veel moeite voor gedaan hebben, en dat is mooi! Dat het veel navolging mag kennen.

82


Getuigenissen

R u d i , 6 6 ja a r

8

l s c h it t e r a a m e ll a r e de H e t z ag den vóór n a a m 5 1 n o e n d u it , z s t o p d e le e f t ij d va ru re n e r a l, a ­ve rd ie n d e w n e n n la t e p 6 5 ja a r. D h e t lo p e n d e p r o je c a ll e e n n og i. e n d a n f in a f we r k e n

In november begon het dan, stilletjes, niet meteen opvallend, met abnormale stoelgang. Twee dagen gezond zonder stoelgang ­gevolgd door een dag met stoelgang met pijnlijke krampen. Diagnose van de huisarts “storing van de peristaltiek van de dikke darm” op te ­lossen door middel van medicatie welke in eerste instantie wel leek te ­werken. Men denkt niet direct aan het ergste zodoende bleef het probleem aanslepen tot midden december, met up en downs. Aangezien uiteindelijk mijn klachten niet verminderden werd besloten op woensdag een colonoscopie uit te voeren. Het verdikt kwam als een donderslag bij heldere hemel. Een gezwel in de dikke darm en bovendien kwaadaardig, dus darmkanker ! Een chirurgische ingreep was onvermijdelijk en dat met de eindejaarsfeesten in het ­vooruitzicht. Mijn eerste reactie was de ingreep uitstellen tot een latere datum maar uiteindelijk is dat uitstel van executie en hoe vlugger de ingreep hoe beter. Dan maar onmiddellijk beslist door te gaan met de ­behandeling.

83


Getuigenissen Toen ging het snel, woensdag colonoscopie en resultaat, donderdag ziekenhuisopname en vrijdag de chirurgische ingreep. Met de kerst in het ziekenhuis en met nieuwjaar thuis. De ingreep zelf is prima ­verlopen, zonder complicaties. De eerste twee dagen in het ­hospitaal waren redelijk lastig. Daarna is het een kwestie van tijd die de wonde nodig heeft om te herstellen. Met nieuwjaar terug thuis maar dit betekende niet het einde van de behandeling. Afspraken werden gemaakt voor de chemotherapie nabehandeling, 12 sessies, om de twee weken, te starten ongeveer een maand na de chirurgische ­ingreep. Chemotherapie klinkt angstaanjagend maar valt best mee maar wordt wel zwaarder naarmate de eindsessie nadert. Het lopende ­project werd nog afgewerkt zij het met lichte vertraging aangezien het een ­regime werd van een week werk gevolgd door een week chemo wat eigenlijk geen problemen gaf. Naar het einde van de reeks toe werd de dosering wel aangepast aangezien de zenuwuiteinden van ­vingers en tenen me parten begonnen te spelen. Met de handen is alles goed gekomen, de voeten voelen aan net alsof je kousen in je schoenen dubbel zitten. Lastig maar helemaal niet pijnlijk en blijvend. Nu, twee jaar en zes maanden na de ingreep is er van darmkanker geen spoor meer te vinden doch een periodieke controle is en blijft wel echt nodig.Ik kan het medische team, de huisarts, de s­ pecialisten, de chirurg en de ziekenhuisverpleging niet genoeg bedanken voor de geleverde prestaties.

84


Getuigenissen

r Roelie, 60 jaa

9

lijk en kkig huwe lu e g l e e h zonde n een n twee ge a Wij hebbe v it z e b r ijke r. zijn in het hoondochte c s e v e li n e ale zonen en e ons nor m is n e k in r enen d an, is bov m n ij Vers eten m , p en doen oon. Jaa tman. Rok ­levenspatr r o p s k e ti ohol is ana uik van alc dien een f r b e g t e h ook we niet en t. k r zeer bepe rden! en oud wo m a s is s n Onze we

Jaap en ik werken graag, we willen een steentje bijdragen aan onze samenleving. Echter, het noodlot slaat toe. Ons geluk wordt wreed verstoord. Jaap krijgt plotseling hevige buikkrampen en verliest tijdens het autorijden, op weg naar huis, het bewustzijn. Resultaat: een paar botbreuken en de auto die volledig kapot is, maar herstel is mogelijk. We mogen samen verder! Een half jaar na het ongeval krijgt Jaap opnieuw hevige buikpijn. Op advies van de huisarts wordt een bloedonderzoek en een ­buikecho gemaakt. Een goede uitslag volgt, onze opluchting is groot. De buikklachten komen echter regelmatig terug en nadat de huisarts ­concludeert dat het tussen “tussen de oren” kan zitten stapt Jaap zelf naar het ziekenhuis. Onderzoeken volgen, er wordt nauwkeurig ­geluisterd en uiteindelijk wordt de diagnose van darmkanker gesteld.

85


Getuigenissen Binnen twee weken wordt Jaap geopereerd en na een chemokuur krijgen we een hoopvolle toekomst. We genieten en zijn dankbaar. Jaap kan de draad weer oppakken en wij halen opgelucht adem. De hockeystick wordt weer ter hand genomen. Na een jaar krijgt Jaap opnieuw klachten, weer volgt een operatie, een stoma wordt geplaatst. Jaap krijgt een verwijzing naar Dr.Victor Verwaal, maag-darm chirurg in het Antonie van Leeuwenhoek Ziekenhuis in Amsterdam. Dr.Verwaal opereert Jaap, dit keer een hypec-operatie, een buikspoeling met verwarmde chemo. Jaap herstelt en we krijgen weer tijd om verder te leven dankzij de wetenschap dat verwarmde chemo 足tumorcellen doodt. De vooruitgang in operatietechnieken maakt deze ingrijpende operatie mogelijk. Het liefst zijn we samen met onze kinderen. Iedere dag is een 足cadeautje. De conditie van Jaap is niet meer wat het geweest is, maar toch kan hij weer zijn geliefde werk en sport oppakken en k足 unnen we samen onze feestdagen vieren. Acht jaar na het ongeval krijgt Jaap te horen dat er geen herstel meer mogelijk is. Mijn kinderen en ik zijn blij met de jaren die we extra gekregen hebben en kijken vol trots terug op de positieve instelling van Jaap. Tijdens het ziekteproces van mijn man constateer ik een klein bloedvlekje op mijn toiletpapier. Op aandringen van Jaap ben ik 足 naar de huisarts gegaan en beland ik ook op de operatie tafel van Dr. Verwaal. Gelukkig ben ik op tijd. De tumor zit alleen in de darm. Darmkanker komt in mijn familie voor. Ik blijf onder controle en heb daardoor toekomst!

86


Getuigenissen

Jos, 62 jaar

10

t: je het heb t a d je oor Op een dag h wat dan? Maar laten r. En darmkanke 2008 voelde in g e B . n e n beginn t een we vooraa chten. ‘Vas la k ik u b , r e lekk ik me niet t ik. Dus je h c a d , t’ s r e dat he t het buikgriepje, k, soms lijk a m e g je e eetj ee houdt een b , niks om m p la s t a w ben je geval. beter, soms n in ieder a a g te r okte naar de d g! n misvattin e e s u d is Dat

Uiteindelijk blijkt dat lang zitten niet meer gaat, het ‘niet lekker voelen’ wat vaker gebeurt, ook heel vaak moe en de stoelgang wordt meer een stoelgangetje. Toch maar naar de huisarts. Die stuurde me eerst naar het lab voor bloedonderzoek. ‘Er zit ergens een ontstekinkje’, niks om je ongerust over te maken dus. Maar het werd niet beter, integendeel. Nog maar eens naar het lab, met bloed en ontlasting. Uitslag onduidelijk maar de dokter vond een ziekenhuisbezoek met een aanvraag voor een coloscopie wel aan de orde. Zo’n coloscopie is onprettig, maar wel doelmatig. Binnen “no time” wisten ze dat er een tumor zat en nog een kwaadaardige ook! Oei. Dat wordt opereren. Alleen duurde het nog zo lang voor er plaats was en ik geopereerd kon worden. De specialist liet mij opnemen om de zaak te bespoedigen.

87


Getuigenissen Daardoor volgde snel de operatie. Even snel was er een tweede ­probleem. Het was de chirurg -van een algemeen ziekenhuis- niet gelukt de tumor te verwijderen. “Te groot, dus we hebben overleg gehad met het Antonie van Leeuwenhoekziekenhuis (AvL). Daar nemen ze het over”. Je kunt je afvragen of je je daarover druk moet maken. Maar zo zit ik niet in elkaar. Het AvL is heel kundig op dit gebied en dus laat je ­alles met veel vertrouwen aan ze over. Daar ging alles ook heel snel: intake, onderzoek door radiologe en chirurg en operatie. ‘Tijd om aan te sterken heeft u niet meer’, zei de chirurg. En handelde daarnaar. En met succes! Alles verwijderd, geen uitzaaiingen en op naar ­algeheel herstel. Dat nog aanvullende chemo volgde en een jaar later het ­stoma werd verwijderd is dan bijna een detail, evenals het darmlekje wat bleef en 2 jaar later werd gerepareerd. Inmiddels is het leven bijna weer gewoon en doe ik als voorheen van alles en nog wat. Onder andere af en toe vrijwilligerswerk voor het ­Antonie van Leeuwenhoekziekenhuis. Want het is enorm ­belangrijk dat ze zich daar kunnen focussen op hun “core business”: kanker ­bestrijden en de mensen beter maken. Daar doen we toch allemaal aan mee? Ook via Pixels tegen Darmkanker dat we via het AvL leerden kennen. Als iedereen z’n steentje bijdraagt kan de strijd tegen kanker worden gewonnen!

88


Getuigenissen

Satinah,

11

4 8 ja a r .

in t jaar was a d n a v is n afe Laatste begr r... 8ste dat jaa e d .. r e b m e dec e ilie en een liev m a f n ij m it u n e Zeven geliefd ndere vorm a f o 1 n a a aal e in vriendin, allem en mijn nichtj o T . n e d le r e v lf van kanker o roeg ik meze v n e v a r g e b rd december we volgende zou e d ie w f a os bijna moedelo zijn. s het zelf. a w ik l: a t e Je raad h

Iedereen kan kanker krijgen, maar ik dacht natuurlijk niet dat ik zelf de volgende patiënt zou zijn. Wel was ik al anderhalf jaar aan het ­dokteren, had last van mijn darmen en zat niet lekker in mijn vel. Stress, een antibiotica kuur, spastische darmen, alles kon de oorzaak zijn van de krampen en de winden die heftiger en erger werden. Op een gegeven moment zelfs zó erg dat ik alleen nog maar wind en ­water had als ik naar het toilet ging. Bloed onderzoek wees niets uit. Een echografisch onderzoek werd halverwege gestaakt omdat mijn ­spastische darmen verschrikkelijk tekeer gingen. Ze konden ­niets zien als mijn darmen zo tekeer gingen en het zou wel goed zijn. Conclusie: spastische ­darmen. Een jaar later moest ik voor een geheel ander onderzoek naar het AMC in Amsterdam. De interniste in opleiding vroeg mij of ik nog a ­ ndere l­ichamelijke klachten had en ik vertelde haar over mijn darmen. Ze verwachte er niet zoveel van, maar ze wilde mijn ­darmen, als een second opinion, voor alle zekerheid nog een keer laten ­onderzoeken. Bij een eerste colonoscopie werd al snel duidelijk dat er iets niet goed was. Er werden 15 biopten

89


Getuigenissen genomen voor onderzoek. Ik vond het u ­ iterst interessant dat ik mee kon kijken op de monitor (het roesje begon pas te werken toen alles achter de rug was). Wat ze vonden waren geen poliepen maar een behoorlijke tumor, ik vond dat het wel iets weg had van een koraalrif. De arts zei dat het waarschijnlijk niet iets ernstigs zou zijn gezien mijn leeftijd, maar dat het er wel uitgehaald moest worden. Hij probeerde mij gerust te ­stellen, maar ik wist meteen dat het kwaadaardig was, dat voelde ik gewoon. Er volgden nog meer onderzoeken: volledige colonoscopie, MRI, bloed etc. De uitslag bevestigde mijn gevoel: het koraalrif was een kwaadaardige tumor, darmkanker… Nee, ik schrok er niet van, ik ken mijn lichaam vrij goed, wist voor mijzelf meteen al heel zeker dat het foute boel was. En nee, ik vroeg mij niet af waarom dat mij nou moest overkomen. Na alle zieken en overledenen die ik de afgelopen jaren al had verloren aan kanker in mijn familie en vriendenkring, was dàt voor mij geen vraag. Mij eerste reactie was eerder, waarom zij ­allemaal wel en ik niet? Wat ik het allerergste en moeilijkste vond, was dat ik deze keer mijn familie en vrienden moest vertellen dat ik zelf nu ziek geworden was. Binnen een paar dagen kreeg ik een brief dat de operatie in twee weken zou plaats vinden. Dáár schrok ik wèl van, want ik was nog maar net met mijn eigen bedrijf gestart. Alle opdrachten moesten nog afgehandeld worden en ik moest opdrachten ergens anders onder zien te brengen. Na twee hectische weken van hard werken, kwam alles tot stilstand in het luxe ziekenhuisbed van het AMC. Daar ben ik de volgende dag geopereerd door Prof. Dr. Bemelman door middel van zijn specialiteit: laparoscopie. Geen lelijke rits van boven naar beneden, maar een paar gaatjes en een kleine (bikinilijn)snee. De operatie is fantastisch gelukt en de ­stoma die ik waarschijnlijk zou krijgen, was door de kundigheid van Prof. Dr. Bemelman niet nodig. Zo goed als de operatie is gegaan, zo slecht ging het herstel. Ik bleek niet tegen de pijnbestrijding via de ruggenprik te kunnen en reageerde veel te heftig op morfine. Op de tweede dag kreeg ik ondraaglijke krampen in mijn darmen, omdat ze maar niet op gang wilden komen.

90


Getuigenissen Nadat ik twee dagen thuis was, begon de ondraaglijke pijn in mijn darmen opnieuw, mijn darmen ­ lagen stil, deden niets meer. Om een lang verhaal vol pijn en lijden (vooral voor mijn familie) kort te houden, ben ik met spoed opgenomen. ­Uiteindelijk is het allemaal goed ­gekomen en kon ik langzaam maar zeker weer opkrabbelen. Zo nuchter als ik de operatie in ging (maakte nog ­grapjes op de operatietafel), zo moeizaam ging het herstel. Na maanden van kleine stapjes, ben ik langzaam maar zeker weer aan het werk gegaan en heb ik een nieuwe start met mijn bedrijfje ­gemaakt. We zijn nu vier jaar later, mijn darmen zijn mijn zwakke plek en ik word natuurlijk regelmatig gecontroleerd. Nog steeds ben ik de interniste in opleiding, waarvan ik de naam niet meer weet, dankbaar dat zij de doortastendheid had om mij nogmaals te onderzoeken. Dankbaar dat degene die de echo maakte en door mijn spastische darmen niet kon zien wat er aan de hand was, verder ging tot hij een goede foto kon maken van iets wat hij niet vertrouwde. Op het moment van ontdekking was ik 44 jaar, een sportief type, fanatiek tegen roken en al 25 jaar vegetariër. Altijd bezig met gezondheid en gezond eten. Kortom iemand waarvan men niet verwacht dat hij of zij darmkanker krijgt. Door mijn ziekte heb ik twee dingen geleerd: vertrouw op jezelf en luister naar wat je gevoel je ingeeft. Ik stel niet meer uit wat ik nog moet of wil doen, want niets is meer vanzelfsprekend in mijn leven.

91


Getuigenissen

Hedwig,

12

53 jaar.

doen. We kunnen veel r, zei de ee nh ij m n oe d el Wij kunnen ve de zwaarste r a a m e, m witjas tegenover zelf komen. Even tenu ­inspanning moet va geworden dat de utmor k voren was duidelij end groot was. eig in mijn lijf bedr

Ik begreep pas later wat de code betekende, die het gezwel had meegekregen. De codering gaf exact de grens aan tussen de ­mogelijkheid om te overleven of genoegen te moeten nemen met de tijd die je nog rest. Een paar dagen later was allicht fataal geweest! Diezelfde dag nog besloot ik om te vechten voor elke kans. Vooral voor mijn kinderen. Die hadden nog heel veel nood aan sturing en bescherming. De diagnose bleef de ganse dag door mijn hoofd dreunen maar ik besloot om ‘s avonds toch te gaan spinnen. Het werd de meest intensieve sessie die ik ooit heb gedaan. Het zweet gutste in baantjes over mijn gezicht en kon op die manier de tranen verbergen die ik niet meer wou ophouden. Die ervaring zette de norm voor de volgende paar jaren. Het aftasten van de fysieke grenzen en de behandeling van kanker zijn onlosmakelijk verbonden.

92


Getuigenissen Mijn behandeling bestond uit drie fases. Eerst werd de tumor ­gereduceerd met bestralingen en chemo. Daarna zou een operatie ­volgen. Om alle microresiduën te kunnen verwijderen is daarna nog een ­additionele chemokuur nodig. De eerste fase begon met een zeer bijzondere vraag: of ik wou deelnemen aan een proefproject en of ik misschien bereid was om fysieke inspanningen te leveren tijdens deze fase. Dat leek me nog goed uit te komen. Op die manier kon ik misschien blijven trainen! Ik besloot om de verplaatsing naar de dagelijkse bestralingssessie in Gasthuisberg met de fiets te doen. Koerstruitjes zijn gemaakt voor zulke dingen. Ik kon perfect het infuus met chemo in mijn achterzak opbergen. Het Hageland is heuvelachtig en die heuvels werden s­ teiler naarmate de behandeling vorderde. De chemo eiste zijn tol en mijn fysiek takelde af met de kilometer. Maar het lukte en het bleek ook effect te hebben. De tumor was na de behandeling gereduceerd tot een derde van zijn oorspronkelijke grootte. Dat opende een b ­ ijzonder optimistisch perspectief voor de operatie. Eerst even een korte ­herstelvakantie en daarna op naar fase twee. Op zondag liep ik nog de jogging in Tielt. ‘s Maandags zou de ­tumor worden weggehaald. Wat bevrijdende routine leek, ontaardde ­echter in een regelrechte nachtmerrie. De visu bleek er bij de operatie een ­vermoeden van uitzaaiingen. Er was geen zekerheid maar als die er wel zou zijn was dat meteen ook het einde. Op zo’n ­moment heeft een mens ­ geluk nodig. Het medisch team besloot om een ­uitzonderlijke behandeling te starten. Enkel patiënten met een sterke fysiek kregen dat aangeboden, anderen zouden de behandeling zelfs niet overleven. Langs de neus weg werd mij wel gevraagd om toch even te ­bevestigen dat ik afzag van alle aansprakelijkheid als ik zou ­bezwijken door de behandeling. Ik aanvaardde het, misschien was het mijn laatste kans.

93


Getuigenissen De operatie die daarna volgde duurde acht uur. Ik gleed weg in een diepe coma die drie dagen aanhield. Bewust doodgaan bestaat. Je verdwaalt in een aangename omgeving en je moet een sterke keuze maken om te kunnen terugkeren. Ik heb die keuze gemaakt! Mijn kinderen, weet je wel. Wat daarna volgde is zes maanden ellende en fysiek afzien. Twintig kilo gewichtsverlies, afstotingsverschijnselen, astronautenvoeding, uitdroging, een dubbele longontsteking, een nieuwe operatie. Ik was uitgeput, wou niks meer weten van dokters en behandelingen. Fase drie kon mij gestolen worden. Tot de dag dat de professor je zelf belt. Heel eenvoudige woorden: “Luister Hedwig, je hebt al heel veel afgezien maar je bent ook al heel ver geraakt. Gooi dat nu niet weg, we kunnen de laatste sporen ook uitroeien.”. De dag erna zit je weer in het ziekenhuis! Gemotiveerd! Let’s kill the bastard completely! Ambulante behandeling. Eén dag per twee weken. Het is een delicate evenwichtsoefening. Mijn witte b ­ loedcellen leiden er zwaar onder en als hun aantal te laag wordt mag de chemo niet gegeven worden. Deze kuur is ingrijpend. Kotsmisselijk is het enige woord dat erbij past! Ze verzekeren me dat ik mijn haar ­behoud. Wat kan mij dat haar schelen. Als die klotekanker maar weg blijft. Ik houd het vier maanden uit. Daarna zakken de witte bloedcellen ­dramatisch. Maar de professor is optimistisch: “Er zijn geen statistieken over 4 maanden, maar er zijn ook geen aanwijzingen dat het niet voldoende zou zijn.”. De kanker is niet meer teruggekomen. De ziekte heeft fysieke ­impact maar je komt hier vooral uit als een ander mens. Je leert wie een echte vriend is, wat de waarde is van een medisch team. Ik heb ook leren beseffen hoe belangrijk het is dat je in een warm nest kan ­thuiskomen. Ik heb gevochten voor hen die dagelijks kort bij mij zijn. Maar zij hebben zoveel voor mij terug gedaan. En net dat maakt het allemaal de moeite waard!

94


Getuigenissen

Jolanta,

13

5 6 ja a r .

e van de d n ei t he n a a je t ch ein li Er is alt ijd een kl t unnel. ch veranderd. is st ra d n ve le n ij m Een dag heeft armkanker vastd ij m ij b er d er w Twee jaar geleden gesteld. n eet lust , geen. ee g d a h , oe m d ij Ik v oelde mij apltijn lijke steken in mijn onder buik : 足energie maar r koud heid en ging naar de dokter f. Ik kreeg een ve moest t huis blijven met ziektever lo het was griep, ik ario her haalde zich 3 keer. Hetzelfde scen

Plots werd mijn oude dokter ziek. Ik ging naar de andere dokter in 足dienst en die besloot een bloedonderzoek te doen. De uitslag was zeer slecht: ik moest onmiddellijk naar de spoeddienst rijden (ik bleek een serieuze bloedarmoede te hebben). Zeven dagen in het ziekenhuis waren echt zwaar. Alle dagen waren er onderzoeken: 足dieetvoeding, stress. De laatste dag stond een colonoscopie op het programma. Zeven flessen van 1 liter met spoelvloeistof moest ik 足allemaal leegdrinken tot mijn darmen zuiver waren. De dokter kwam na het onderzoek met het slechte nieuws: een dikke darm tumor. Ik mocht naar huis, maar ik moest de volgende week terugkeren. Het was maandag 23.03.2009, 9.00 uur en ik zat in de wachtzaal van de afdeling oncologie. Ik vroeg me af waarom oncologie? Na 20 minuten mocht ik binnen. De oncoloog las de diagnose van de colonoscopie voor: kwaadaardige dikke darm kanker!

95


Getuigenissen Mijn wereld stortte in... Ik zat op mijn stoel als een houten pop, zonder beweging, zonder adem... Een paar minuten later, wanneer ik op adem was gekomen, vroeg ik: “Zal ik nog leven? Hoe moet ik verder? Ik heb familie hier en in het buitenland!”. Ik kreeg geen antwoord. De volledige planning van de chemotherapie en bestraling lag op zijn bureau. Ik ging in de regen en de wind huilend te voet naar huis. Ik wandelde doorheen heel de stad tot Linkeroever. Mijn partner besefte niets, hij dacht namelijk dat een chirurgische ingreep alles zou oplossen. Ik nam geen ­telefoontjes meer op en las geen sms’jes meer. Maar zo makkelijk was het niet. Het was juist het begin van een lange weg naar gezondheid. Onder lokale verdoving in mijn linker bovenborst werd een “port-a-cath” geplaatst. Een erg pijnlijke ingreep. Dan kwam de simulatie voor de radiotherapie. Na 10 dagen kon ik met bestraling en chemo beginnen, beide waren zware b ­ ehandelingen. Ik voelde me zeer moe, misselijk en hopeloos. De stress was te intens. Volgende stap was de radiotherapie-afdeling: Een massa volk: jonge en oude mensen die wachten om bestraald te worden. Twee deuren, binnen en buiten. Een fabriek... De operatie was op 26.06 gepland. Een dag eerder installeerde ik me in het Sint-Vincentiusziekenhuis in Antwerpen. Het was een warme, zonnige en aangename dag. Deze dag bracht ook droevige berichten: zangeres Yasmine had zelfmoord gepleegd en Farrah Fawcett was ‘s avonds gestorven (na een lange strijd tegen kanker) (die dag stierf ook Michael Jackson, nvdr). Alles klonk zo angstwekkend. De operatie heeft acht uur geduurd. Ik heb acht uur geslapen en ben wakker geworden omringd door draadjes, buizen en baxters. Onmiddellijk kwam de chirurg langs om te vertellen dat de operatie goed verlopen was en er geen complicaties waren. Het gezwel was 8 cm groot en was samen met 15 cm dikke darm weggenomen. Er werden geen uitzaaiingen gevonden.

96


Getuigenissen Maar ik had wel een voorlopig stoma. Dit werd aangelegd om een deel van de darm rust te geven en te herstellen. Grote schok: het zicht was vreselijk! Maar ik verzorgde mij steeds met veel respect voor mijn ­lichaam. Eerlijk gezegd was het helemaal niet zo comfortabel om een stomazakje te d ­ ragen en om vervelende ­lekkages te voorkomen. Het is duidelijk dat een stoma je leven en ­ gewoontes kan ­veranderen, zowel esthetisch als praktisch (losse jurken, etc... ). Zes weken later werd mijn stoma afgebroken en werd opnieuw ­chemotherapie voorgeschreven: in totaal 24 weken. De chemo is ­ lichamelijk heel zwaar geweest. Ik had langdurige hoofdpijn, jeuk, hartkloppingen, smaakveranderingen, misselijkheid, vermoeidheid en tintelingen van vingers en tenen. Tijdens de chemo had ik tijd om over alles na te denken. Dat wij altijd moeten geloven dat niet a ­ lles ­verloren is. Er is altijd een klein licht, dus pluk de dag: Carpe diem! Geniet van de kleine dingen: lekkere koffie, fluitende vogels, bloemen en zon! Luister naar je lichaam en laat je op tijd preventief ­onderzoeken! Hoop verricht mirakels!

97


Like onze


Facebook !


Volg on


ns op TWITTER


BEKIJK ON


NS oP Youtube


lay-out door Dieter Beerten en Michael Gykiere

www.lonelyalien.be



Samen sterk tegen darmkanker