Page 1

6e jaargang | nr. 1 | februari 2016

h

HULPVERLENERS MAGAZINE Themakatern: verkeersveiligheid Hoogenergetische letsels bij verkeersongevallen Toezicht op arbeid is al heel oud Anafylaxie de rode shock

www.hulpverlenersmagazine.nl

Het officiĂŤle orgaan van: Kenniscentrum Bedrijfshulpverlening


Geschikt voor alle poppen

Afstandsbediening

De nieuwe AED Trainer

€22

5,- *

Dankzij de afstandsbediening kan op elke pop en in elke situatie een realistische training worden gegeven. Tijdens de aansluitfase van de pads kan de trainer worden doorgedrukt naar de analyse fase. Is de trainer aan het analyseren, en haalt de cursist de pads er toch vanaf: met één druk op de knop wordt de AED trainer teruggehaald naar de plak-instructie fase. . . . . . . . . . .

Instructies identiek aan de ‘live’ AED (tekst en werking) Instructies worden versneld bij sneller handelen Instructies worden herhaald bij vertraagd handelen Instructies worden gecorrigeerd bij onjuist handelen Cursist kan zelfstandig aan de slag Na elke cursist kan de trainer weer geheel in de ‘live’ staat worden gebracht Eenvoudig vervangen van electroden of van de electrodencassette Ook te gebruiken voor kinderelectroden Diverse oefenscenario’s beschikbaar Batterijen gemakkelijk verwisselbaar

Bestel nu op: www.procardio.nl/trainer

ProCardio is officieel Philips distributeur.

* € 225 exclusief BTW, € 272,25 inclusief BTW, geen verzendkosten binnen NL


Voorwoord Verkeer en veiligheid Verkeer en veiligheid is een thema dat de eerstelijnshulpverlener uit de praktijk maar al te goed kent. Of het nu de jeugd is die de gevaren van het verkeer niet ziet, of de volwassene die denkt dat het wel goed gaat en de risico’s onderschat, een ongeluk in het verkeer is helaas de realiteit van elke dag. Het fysieke letsel is ten gevolge van de hoge energie (auto!) meestal fors. Snelle en goede hulpverlening is een must om levenslange gevolgen te voorkomen en te beperken. In dat verband wordt ook de term ‘het gouden uur’ gebruikt. In dat eerste uur na het ongeval kan veel vervolgschade worden voorkomen. Opmerkelijk is dat in ons land anders dan in Duitsland basale kennis van EHBO

geen onderdeel is van het halen van een rijbewijs. Waarom hier niet? En uiteraard daaraan gekoppeld de plicht deze kennis actueel te houden en te toetsen. In deze aflevering leest u bijvoorbeeld in de column van Paul Wouters, ambulancebroeder, de praktijk van elke dag. En wat uw rol als omstander in de rol van hulpverlener daarbij kan zijn. Ook in deze jaargang van Hulpverleners Magazine streeft de redactie ernaar uw kennis actueel te houden en te verdiepen. Naast uiteraard het volgen van herhalingslessen bij uw vereniging. Bart van Walderveen Voorzitter KNV EHBO

Inhoud 4 →

6 → 8 → Hoogenergetische letsels Toezicht op arbeid is al heel oud Thema: verkeersveiligheid

← 10 ← 13 ← 15 19 → 21 → 22 →

Anafylaxie - de rode shock Productnieuws Test uw kennis: onderkoeling

Nieuws N.O.D.E. Nieuws KNV EHBO Nieuws NVB

Dagboek van een instructeur Vraag en anwoord Sommige inzetten blijven je bij

← 24 ← 27 ← 28

29 → 30 → 31 →

Aan de redactie Column Colofon en rebus


Verenigingsnieuws N.O.D.E.

Het bestuur van de N.O.D.E. wenst haar leden en r Even terugkijken... Het jaar 2016 had enkele bijzondere momenten • Op 24 september vierden we met zo’n 450 leden het 60-jarig bestaan van onze organisatie. Een dag om met trots naar terug te kijken. Zeven workshops die zorgden dat de belangstellenden hun kennis over diverse onderwerpen konden aanvullen of opfrissen. Een middagprogramma met een spetterend optreden door Karin Bloemen. Een dag waarop met enthousiasme veel contacten werden gelegd. • Tijdens de Algemene Vergadering op 2 april 2016 werd Martin Beekman als voorzitter van de N.O.D.E benoemd. Na anderhalf jaar zonder, hebben we een voorzitter die met voortvarendheid aan de slag is gegaan. Bezoekjes door Martin aan regio-overleg en opleidingen geven positieve reacties. • In 2016 is gestart met het project Nazorg. De trainers van de workshops Nazorg geven aan dat de deelnemers een goed gevoel overhouden aan de cursus. In 2016 zijn er tien workshops verzorgd. In de eerste twee maanden van dit jaar zijn er zes cursussen afgewerkt, waaronder enkele, die via een rayon zijn aangemeld. • Elk jaar zijn er leden die besluiten om hun instruc­ teursactiviteiten te beëindigen, bijvoor­beeld in verband met leeftijd of gezondheid. In 2016 was er voor beduidend meer leden reden om hun lidmaatschap van de N.O.D.E. op te zeggen. De uitgave van nieuwe leerstof, in combinatie met leeftijd, heeft ertoe geleid dat zo’n 100 instructeurs van de N.O.D.E niet de intentie hadden om zich te verdiepen in de nieuwe leerstof en hun lidmaatschap beëindigden. Gelukkig heeft ook een aantal nieuwe instructeurs de weg naar onze organisatie gevonden. Uw aandacht voor... • Op dit moment zijn er slechts 4 locaties voor de opleiding Instructeur Eerste Hulp: Waarland (NH), Vinkeveen, Deventer en Tilburg. In Noordoost-

4

Nederland (Groningen, Friesland, Drenthe) is op dit moment behoefte aan een opleidingsplaats. We zijn naarstig op zoek naar een docententeam. We zoeken een instructeur EH/didacticus met ervaring in het onderwijs voor zo’n 30 dagdelen van 3 uur (voor een cursusjaar). Een instructeur EH voor zo´n 20 dagdelen en een medisch docent voor 2 dagdelen. Zij samen maken de keus voor een LOTUS-slachtoffer. Informatie over de inhoudelijke kant van de taak is te verkrijgen bij Hans de Knoop, via e-mail: opleidingen@ehbodocent.eu, die ook de mogelijkheden zal aangeven over het meekijken bij een bestaande opleiding. In maart zal, bij voldoende aanmelding, in Tilburg een opleiding Instructeur Eerste Hulp starten (incl. BLS-AED-PBLS). Informatie over de oplei­ ding is te verkrijgen via tilburg@ehbodocent.eu Dit jaar worden, door het NIBHV nascholingen verzorgd voor haar bhv-instructeurs. Zo’n 65 leden van de N.O.D.E. hebben zich aangemeld voor een speciale kortingsprijs en gaan op zes plaatsen in het land de nascholing volgen. Indien er nog aanmeldingen volgen, kan alleen centraal in het land eventueel nog een cursus worden gepland.

Elke twee maanden verschijnt het Hulpverleners Magazine. Een blad voor ehbo’ers van de KNV-EHBO, voor bedrijfshulpverleners aangesloten bij de NVB en voor NODE-instructeurs. Een redactie bepaalt de onderwerpen die in het blad worden geplaatst. Die onderwerpen dienen de interesse te hebben van ehbo’ers, bhv’ers en instructeurs. Voor die laatste groep zou wel wat meer aandacht mogen zijn, is de mening van een aantal NODE-leden. Maar een artikel komt er niet vanzelf. Daarom een oproep!!! Wie heeft een artikel, een bijzonder lesidee, of iets anders waarmee collega’s aan de slag kunnen? Laat het weten via redactie@hulpverlenersmagazine.nl. De redactie neemt dan contact met je op. Op die manier kunnen we van elkaars deskundigheden leren.

HULPVERLENERS MAGAZINE


relaties een mooi en voorspoedig 2017

Puzzelen met het nieuwe protocol ‘Volgorde Eerste Hulp’.

Nr 1 - februari 2017

5


Verenigingsnieuws KNV EHBO

Vooraankondiging Algemene Ledenverga De AV van de KNV EHBO vindt dit jaar plaats op zaterdag 20 mei 2017 in de gemeente Zwolle in het district Overijssel. Na de jaarvergadering vindt aansluitend ’s middags het officiële gedeelte van de AV plaats. Tijdens die bijeenkomst houdt de landelijk voorzitter zijn jaarrede. Tevens wordt de grote Gouden dr. C.B. Tilanus jr.-onderscheiding uitgereikt aan een door het district Overijssel voorgedragen organisatie. De te onderscheiden organisatie zet zich maatschappelijk

dienstbaar in en maakt hierbij gebruik van vrijwilligers. Het bestuur van het district Overijssel en het bestuur van de KNV EHBO nodigen alle leden van de KNV EHBO uit om als toehoorder de hele dag aanwezig te zijn. Neemt u contact op met het bestuur van uw afdeling als u meer informatie wilt. Niet-leden zijn van harte welkom in de middag bij het officiële gedeelte van de AV. Meer informatie daarover verkrijgt u bij het bestuur van het district Overijssel.

Docenten materialen De auteurs van Eerste Hulpverlenen hebben lespre­ sentaties gemaakt. De presentatie wordt steeds actueel gehouden. De sheets zijn niet alleen gebaseerd op de

brede ervaring van de schrijvers zelf, maar ook op input van diverse instructeurs uit het land. Meer informatie staat op: www.facebook.com/eerstehulpverlenen/

Hoofd Opleidingen KNV reikt diploma’s uit aan scouts Op zaterdag 7 januari jl. zijn aan zeven scoutsleiders van de Mauritsgroep uit Voorschoten hun Diploma Eerste Hulp uitgereikt. De scoutsleiders hadden in 2016 een cursus Eerste Hulp gevolgd bij het hoofd Opleidingen van de KNV EHBO, mevrouw B. Wijnands. In deze cursus werd, naast de eisen voor het Diploma Eerste Hulp, aandacht gegeven aan de specifieke situaties waar de scouts mee te maken kunnen krijgen. De Mauritsgroep uit Voorschoten, Zuid-Holland biedt sinds 1984 scouting voor kinderen met een lichamelijke beperking. Zij doen dezelfde activiteiten als andere scoutinggroepen en bieden daarbij extra begeleiding; gewoon waar mogelijk, speciaal waar nodig. Tegelijkertijd wordt zelfstandigheid zoveel mogelijk gestimuleerd. Zo kan een kind op een veilige manier de wereld om zich heen ontdekken. Door steun van de stichting Vrienden van Scouting… is ook het eerste jaar herhalen en verdiepen al geregeld. Dan wordt verder geoefend met het hulp verlenen aan scouts met een beperking.

6

HULPVERLENERS MAGAZINE


adering (AV) Waar zijn ze nu? Tijdens het opruimen van onze archieven zijn we een aantal oude foto’s tegengekomen, waarvan we niets of weinig weten. Graag zouden we meer te weten komen, zodat we de foto’s op de juiste plek in ons archief kunnen plaatsen, en misschien kunnen we de personen op de foto nog blij maken met een kopie. Indien mogelijk zullen we een terugkoppeling geven in de volgende editie van het Hulpverleners Magazine. Wie zijn de personen op deze foto? Volgens de slecht leesbare tekst achterop de foto is dit tijdens de Jeugdmanifestatie district Friesland, in 1983. De jongedame is mogelijk van de winnende ploeg uit Gorredijk? Reacties graag naar hoofdopleidingen@ koninklijke-ehbo.nl

Nr 1 - februari 2017

7


Verenigingsnieuws NVB Netwerkdag op de marinebasis Den Helder Op donderdag 17 november 2016 begon de dag al vroeg met een bijeenkomst voor geïnteresseerde leden en introducés van de NVB op het terrein van de Koninklijke Marine in Den Helder. Nadat Henk Luesink, dagvoorzitter, namens de NVB iedereen hartelijk welkom heette en Frits Schut, voorzitter, de actuele wijzigingen binnen de vereniging alsmede de wijzigingen op het gebied van wetgeving/regelgevingen en toepassingen uiteenzette gaven vervolgens Ruud de Graaf en Theo van Herwijnen de aanwezigen een kijkje in de organisatie en opzet van de veiligheid en gezondheidsrisico’s rondom Sail en de Koninklijke Marinedagen alsmede de dagelijkse bedrijfsveiligheid. De lezing was erg interessant, uniek zelfs, om een tipje van

de sluier van het draaiboek van de organisatie voor de ruim honderdduizend bezoekers, zelfs koninklijk bezoek, alsmede medewerkers, met ons te delen. Vervolgens kreeg Emile Wolfert van 4BHV de gelegenheid om de toepassingen en het gebruik van apps en het snel kunnen traceren, bereiken, beveiligen en/of het ontruimen van een calamiteitengebied toe te lichten. In het middaggedeelte van het programma werden de aanwezigen met een sleepboot naar het grootste bevoorradingsschip, de Zr. Ms Karel Doorman gebracht. Ook werd er een kijkje in de droogdok gegeven waar juist een BHV-oefening werd uitgevoerd. Om 16 uur werd deze unieke dag afgesloten.

Vrijstellingsregeling Inkomstenbelasting Brandweervrijwilligers Er zijn veel bedrijven die een vergoedingsregeling hebben voor BHV’ers. In het verleden heeft overleg plaatsgevonden met de Directie Brandweer van het Ministerie van Binnenlandse Zaken met betrekking tot de mogelijkheid leden van de vrijwillige brandweer een vrije vergoeding te verstrekken. Als gevolg hiervan geldt de volgende regeling: Het is mogelijk een vrije vergoeding te verstrekken van € 136 per jaar voor vaste kosten en € 2 per activiteit voor

KIWA-audit HBHV-examens Als exameninstelling van KIWA wordt de NVB-kantoor­ organisatie jaarlijks geaudit. Tevens wordt er dan een willekeurig examen uitgekozen waarbij de procedures en inhoud getoetst worden aan de certificatie-eisen en de norm ISO 17024. Ditmaal was de keuze van KIWA het HBHV-examen op 8 december jl. De auditeur kijkt dan vooral naar de strikte scheiding tussen examinatoren en opleiders en de kwaliteit van het examen. NVB is sinds 1995 een KIWA-­ gecertificeerde exameninstelling voor alle niveaus BHV-­ opleidingen van BHV-Basis tot BHV-management.

de variabele kosten. Met nadruk wordt erop gewezen dat de regeling uitsluitend ziet op afzonderlijk, naast het loon, te verstrekken vergoedingen. In het Praktijkboek Bedrijfshulpverlening (uitgave NVB) wordt de regeling nader toegelicht.

Belangrijke data 2017 Februari 8/2

Toelatingsexamen Docent BHV-Brand

en Ontruiming

15/2 + 16/2

Hoofd BHV

Maart 8/3 + 9/3

Hoofd BHV

30/3

Coördinator BHV

April 5/4

KIWA-examen Docent BHV Brand

en Ontruimen

6/4 + 13/4

Coördinator BHV

Mei 31/5

Examen Hoofd BHV

Voor meer informatie en aanmelden zie: www.nvb-bhv.nl

8

HULPVERLENERS MAGAZINE


Netwerkdag op de marinebasis Den Helder.

Nr 1 - februari 2017

9


Hoofd en nek geïmmobiliseerd.

Hoogenergetische letsels bij verkeersongevallen Gineke Jeurink, arts Bianca Wijnands, instructeur EHBO Helaas hebben we er ervaring mee. Zoals altijd meldden we ons team, Medical Team Motodrome, bestaande uit arts en EHBO’ers voor een motorcrosswedstrijd ‘s morgens bij de meldkamer aan. Tijdens de wedstrijd werden we door de meldkamer gevraagd met spoed naar een zwaar ongeval te gaan dat in de buurt gebeurd was. Een quad en een auto waren op elkaar gebotst. De twee quadrijders waren zwaar gewond. Er volgden een traumatische reanimatie en het vrijmaken van de luchtweg bij het andere slachtoffer. Helaas vielen er een verkeersdode en een ernstig verkeersslachtoffer, blijvend gehandicapt, te betreuren. Wat waren we blij dat we getraind waren en ervaring hadden in zwaar lichamelijk letsel bij hoogenergetische sporten en dat we een goed op elkaar ingespeeld team zijn. We verlenen onze diensten bij sporten als motor­cross, kartwedstrijden en BMX. Naast de normale EHBO-lessen, wordt er ook geoefend in het aanbrengen van nekkraag, planken van het slachtoffer, beademen met ballon en triage. Dat betekende dat we deze kennis ook konden gebruiken bij de hulpverlening op de weg. Omdat de kans steeds groter wordt dat u als EHBO’er in aanraking komt met een verkeersongeval, wil ik aan de hand van een scenario aangeven hoe u zou kunnen handelen. Ik ga uit van een ongeval met meerdere auto’s en een motorrijder op de snelweg om u een paar handvatten te geven als u als eerste ter plekke komt. Voor het gemak spreek ik over hij als het ook zij kan zijn. 10

Mocht u als eerste bij het ongeval aankomen, dan is het zaak volgens een andere volgorde te werken dan u misschien gewend bent: VLMABCDE. Zet de auto zo stil met de banden van het ongeval afgedraaid richting vangrail in het midden: eventueel achterop botsende auto’s zullen uw auto dan hopelijk niet richting ongeval duwen. Doe de alarmlichten aan. VLMABCDE V: Veiligheid heeft eerste prioriteit, niet alleen voor uzelf, maar ook voor het overige verkeer en de mogelijke slachtoffers. Denk eerst even rustig na en kijk om u heen, voordat u iets doet. Probeer het achteroprijdend verkeer te waarschuwen. Pas als dit stilstaat, is er een veilige omgeving! Ook kunt u zo meer hulp krijgen. L: Lees het ongeval. Loop niet haastig naar het ongeval! Ga via de veilige kant van de vangrail. Immers, er kunnen auto’s via de vluchtstrook komen! M: Meldkamer direct bellen, terwijl u naar het ongeval

HULPVERLENERS MAGAZINE


loopt. Probeer te kijken naar een hectometerpaaltje om te zien waar op de weg u bent, dit alleen als het niet teveel tijd kost. De meldkamer zal u begeleiden bij het in kaart brengen van de schaal van het ongeval en kunnen inschatten welke hulp nodig is. Probeer de snelheid waarmee het ongeluk is gebeurd in te schatten. ABCDE: u bekend Triage NU: wie behandel je eerst? Triage is het beoordelen van slachtoffers naar de ernst van de verwondingen om te bepalen in welke volgorde ze medische hulp nodig hebben. Soms is omgekeerde triage handiger: lichte gevallen kunt u na hulp inschakelen bij het helpen. Dit voorkomt ook dat ze weglopen van het ongeval en gevaar gaan lopen of juist in de weg gaan lopen. Ook is het goed voor de traumaverwerking. Het doel is om prioriteiten te stellen en te bepalen welke patiënten als eerste medische hulp nodig hebben en welke patiënten korte of lange tijd kunnen wachten op hulp. Triage is het Franse woord voor sorteren. Een veelgebruikte indeling is de volgende: T1 Onmiddellijk medische hulp, voor personen die zonder die hulp niet zullen overleven door problemen met ABC. Binnen deze groep wordt weer triage toegepast: eerst worden de slachtoffers met een luchtwegobstructie geholpen, dan de slacht­offers met ademproblemen, dan de slachtoffers met circulatieproblemen. T2 Personen die continu gemonitord moeten worden op ademhaling, circulatie en acute problemen. T3 Patiënten die kunnen wachten omdat ze geen problemen met ABC hebben. T4 Slachtoffers bij wie de ademweg niet vrijgemaakt kan worden, de ademhaling of circulatie niet op gang gebracht kunnen worden, bloedingen niet gestopt kunnen worden of shock niet bestreden kan worden. Deze groep kunt u als EHBO’er niet redden. Hoe naar het ook klinkt: deze kunt u het beste laten waar ze Klaar voor vervoer. zijn en niet helpen.

Bescherming is belangrijk - ook voor de allerkleinsten.

Benaderen slachtoffers Auto: Benader de auto zo dat u veilig blijft. Kijk door de voorruit en aan de kant van het gezicht. Zo hoeft het slachtoffer niet te bewegen. Vraag hem zijn hoofd niet te bewegen! Ga nooit zomaar een auto in! Voor uw eigen veiligheid maar ook voor die van de slachtoffers. Airbags die niet afgegaan zijn, kunnen dat later alsnog doen. Kunt u er niet veilig bij, zeg dit dan (via de voorruit) tegen de inzittenden en laat het over aan de hulpdiensten. Als u EHBO wilt of moet verlenen doe dit dan door het raam of geopend portier als dit mogelijk is. Bij grote warmte kunt u een foliedeken op de voorruit leggen ter bescherming tegen hitte van de zon. Aan de andere kant is het zaak slachtoffers warm te houden, door het wegebben van de adrenaline krijgen ze het vaak koud. Voorkom hypothermie, bedek slachtoffers met dekens, jassen o.i.d., ook hier is een foliedeken goed bruikbaar. Is het wel veilig zet dan de motor uit en probeer de handrem aan te trekken. Verleen hulp zonder het slachtoffer te verplaatsen. Bij snelheden van 30 km/u kan er al nek- en rugletsel ontstaan. Bij klachten van de nek, probeer dan iemand te vinden die het hoofd kan fixeren. Is het slachtoffer al uit de auto, verleen dan ter plekke hulp. Houd het slachtoffer het liefst in de positie waarin u hem aantreft. In geval van echte nood, los van het letsel, moet u een slachtoffer wel uit de auto halen, maar ook hier geldt: alleen als het veilig is! Dit kan bijvoorbeeld zijn als er brand dreigt of er rookontwikkeling is. Een veiligheidshamer kunt u gebruiken om de autogordel mee los te snijden of een raam te verbrijzelen. Beter is nog de Resqme. Daar zit een slagsysteem ingebouwd. Zodra deze tegen de hoek van het raam wordt aangedrukt, zal er een scherp pinnetje tegen het raam naar buiten schieten. Bij medische nood geldt natuurlijk hetzelfde. Met de noodvervoersgreep van Rautek kun je iemand snel uit de auto krijgen op dezelfde manier als geleerd van een stoel.

Nr 1 - februari 2017

11


Motor: Doe de motorhelm niet af als dat niet hoeft! Zeker niet bij verdenking op nek- of hoofdletsel. Meestal is het openen van het vizier voldoende om contact te maken met het slachtoffer en zijn toestand te beoordelen. Doe zijn bril af. Kan de motorrijder zelfstandig zijn helm afdoen, dan is er geen bezwaar. Als er sprake is van een bedreiging van de vitale functies zal de helm toch af moeten. Probeer altijd iemand anders te laten assisteren. Geef hem instructies hoe de helm af te nemen terwijl u zelf de nek stabiliseert. Het hoofd is zwaarder dan u denkt, wees hierop bedacht en laat het hoofd niet vallen. Gedetailleerde instructies over het afnemen van een helm kunt u vinden in het boek Gevorderde Eerste Hulp, of Hét EHBO Verkeer Boek, beide te bestellen via de KNV. Extra oefening Binnen het Medical Team Motodrome worden handelingen gedaan die buiten het pakket van de gemiddelde EHBO’er liggen. Denk bijvoorbeeld aan het afnemen van een helm; planken; het aanleggen van een nekkraag; toedienen van zuurstof; beadeTeamwork op een lastige plek.

Oefenen aan het begin van het seizoen. 12

men met ballon; maar ook het klaarmaken van een infuus en medicijnen voor de dokter. Het is belangrijk om te onthouden dat deze handelingen altijd worden uitgevoerd onder toezicht en begeleiding van een arts, en dat deze vaardigheden continu geoefend worden. Aan het begin van elk seizoen volgt er een aantal trainingsessies, niet alleen om nieuwe leden van het team nieuwe vaardigheden aan te leren, maar ook voor bestaande leden om te oefenen. Omdat er niet altijd met dezelfde teamsamenstelling wordt gewerkt, wordt er ook vaak nog voor aanvang van het evenement zelf een paar keer geoefend om iemand te planken en de nekkraag aan te leggen, zodat iedereen weet wat zijn of haar taken zijn. Dit is altijd nog bovenop de uitgebreide briefing die aan het begin van elke dag (ook bij meerdaagse evenementen) wordt gedaan. Niet iedere EHBO’er wil zo ver gaan als dit, en dat mag en kan. EHBO is een breed begrip, die een thuis kan geven aan veel verschillende stijlen. Wilt u wel dit soort vaardigheden gaan beheersen, zoek dan een gerenommeerd team in uw omgeving op, en wees bereid om er (veel) oefentijd in te stoppen.

HULPVERLENERS MAGAZINE


Toezicht op arbeid is al heel oud Controlerende rol van Arbeidsinspectie is nog steeds noodzakelijk Adri van Vliet (RHB) De Arbeidsinspectie is opgericht op 1 maart 1890. De aanleiding was de onvoldoende naleving van de Kinderwet van Van Houten van 1874. Deze wet verbood arbeid in de industrie voor kinderen beneden 12 jaar. Het toezicht was opgedragen aan de plaatselijke politie. In 1886 deed een parlementaire commissie onderzoek naar de heersende arbeidsomstandigheden. Het in 1887 gepubliceerde constateerde dat een verbod van kinderarbeid alleen niet voldoende was om de wantoestanden weg te nemen. De commissie pleitte voor de instelling van gelimiteerde werktijden van zowel vrouwen als kinderen. Ook moest er een onafhankelijke instelling komen, belast met de naleving van de wet. 1890 Het begon allemaal in 1890. De industriĂŤle revolutie was grotendeels achter de rug, stoomenergie was ingeburgerd, er was een beginnend spoorwegnet en elektriciteit werd steeds meer toegepast. Bij de start bestond de inspectie uit drie inspecteurs, die hun handen dus vol hadden. Werkgevers lieten gevaarlijke situaties bestaan en dat

leidde tot onnodig dodelijke ongevallen, ook bij kinderen die toen nog in fabrieken werkten. Een van de inspecteurs uit die tijd meldde dat een twaalfjarig kind in een fabriek hielp bij het ronddraaien van het grote vliegwiel van een schaar voor het afknippen van ijzer. Hij viel door de spaken en werd verbrijzeld door de kamraderen. Afgedekte spaken hadden het ongeluk kunnen voorkomen. Start Voor de controlewerkzaamheden door de Arbeidsinspectie werd het land verdeeld in drie districten. De drie inspecteurs ressorteerden onder het ministerie van Justitie. Spoedig bleek dat het aantal controleurs veel te beperkt was. Vooral het toezicht op de uitvoering van de Veiligheidswet van 1895 was heel belastend voor de inspecteurs. In de beginperiode ondervonden de ambtenaren weinig medewerking van de werkgevers en gemeentelijke autoriteiten. Zo verliep met name het onderzoek naar bedrijfsongevallen heel stroef en met grote moeite konden

Nr 1 - februari 2017

13


Eerste arbeidswet De eerste Arbeidswet, in werking getreden in 1890, leidde tot de oprichting van de Arbeidsinspectie. De maatschappelijke en politieke ontwikkelingen zorgde voor een sterk verbeterde versie in 1919. Minister Aalberse was verantwoordelijk voor het ontwerp en de parlementaire behandeling. De kern van de wet was uitbreiding van de werkingssfeer tot vrijwel alle arbeiders, de invoering van de 8-urige werkdag en een 45-urige werkweek. Dus een vrije zaterdagmiddag voor veel werknemers.

de gedetailleerde regelingen van de uitdijende beschermende wetgeving in praktijk worden gebracht. Men kreeg behoefte aan medische kennis, maar ook aan kennis op het gebied van elektriciteit. In 1903 werd dan ook een medisch adviseur en een elektrotechnicus benoemd. Ter bevordering van de coördinatie van de inmiddels negen districten werd in 1908 de Centrale Dienst der Arbeidsinspectie opgericht. De medisch adviseur en de elektrotechnicus werden nu aan de eerste directeur-­ generaal, ir. H.A. van IJsselsteyn, toegevoegd. Nieuwe taken voor de Centrale Dienst waren o.a. het verwerken van de in de districten verzamelde gegevens over arbeidsomstandigheden, het samenstellen van een algemeen jaarverslag en het rapporteren aan de minister van Landbouw, Nijverheid en Handel. Arbeidsinspectie tijdens de wereldoorlogen Tijdens de oorlog 1914-1918 stagneerden de normale werkzaamheden vrijwel geheel. De Arbeidsinspectie kreeg toen een belangrijke taak toebedeeld bij de uitvoering van de crisismaatregelen. De Duitse inval van 10 mei 1940 leidde tot ontwrichting van het economisch leven. Met de ontslagverordening van 27 mei 1940 poogde de Duitse bezetter het getij te keren. De uitvoering van deze maatregel werd in handen gelegd van de directeur-generaal van de Arbeid. Over het algemeen is men van mening dat de Arbeidsinspectie in de oorlogsjaren een van de weinige Rijksdiensten was waar de NSB en de bezetters geen greep op konden krijgen. De dienst heeft feitelijk normaal gefunctioneerd. Arbeidsinspectie en voorlichting De overheid liet de voorlichting over het bevorderen van goede arbeidsomstandigheden over aan de ‘markt’. Daartoe werd in 1893 het Museum van Voorwerpen ter Voor14

koming van Ongevallen en Ziekten in Fabrieken en Werkplaatsen in Amsterdam opgericht. In 1914 betrok men een nieuw gebouw aan de Hobbemastraat te Amsterdam dat in 1927 door meer dan 30.000 bezoekers werd bezocht. Van 1921 tot 1947 was ir. R.A. Gorter de zeer actieve directeur. Onder zijn bezielende leiding werden congressen georganiseerd, veel publicaties verzorgd en radiolezingen gegeven, waaraan inspecteurs een bijdrage leverden. Huidig toezicht op de arbeidsomstandigheden Het takenpakket van de inspectie is door de jaren heen sterk veranderd, taken erbij, taken er af. Ook de bedrijfshulpverlening maakt deel uit van de controlewerkzaamheden. Op 1 januari 2012 is de Arbeidsinspectie samengevoegd met de Inspectie Werk en Inkomen en de Sociale inlichtingen- en Opsporingsdienst, en heet nu Inspectie SZW. De inspecteurs zijn veelal buitengewoon opsporingsambtenaar, zodat zij voor een aantal strafbare feiten ook proces-verbaal op kunnen maken.

Kritische geluiden Er kwamen vorig jaar kritische geluiden op het functioneren van de Inspectiediensten. Mr. Pieter van Vollenhoven pleitte voor het instellen van een nationale Inspectiedienst met voldoende mankracht en deskundigheid. Ook de werkgeversorganisaties FME, Bouwend Nederland en Uneto-VNL hebben in een kritische brief aangegeven dat de huidige inspecties op diverse terreinen te wensen overlaat.

Door de maatschappelijke en politieke veranderingen moet de inspectiedienst zich steeds aanpassen. Er werken nu geen drie, maar ruim 1100 mensen bij de inspectie SZW. Veel is er sinds die begintijd veranderd. Ons land heeft een verschuiving van zwaar lichamelijke arbeid meegemaakt naar dienstverlenende beroepen, automatisering en digitalisering. De inspectie gaat naar die plekken waar het echt nodig is, waar de grootste misstanden op het gebied van de arbeid zijn en bezoekt de notoire overtreders. Dat is een uitdaging in een land met zo’n 370.000 ondernemingen waar twee of meer werknemers in dienst zijn en met in totaal meer dan zes miljoen werknemers. Meer weten over het ontstaan van het toezicht op de arbeid? Zie www.125jaarrijkstoezichtarbeid.nl

HULPVERLENERS MAGAZINE


Thema: verkeersveiligheid Gehaast rijd je naar het werk. De tijd dringt, zojuist nog de voorruit moeten ontdoen van ijs en de eerste vergadering voor vandaag staat al over een half uur gepland. Opschieten dus. Ondertussen zie je hordes kinderen op de fiets appen, klieren en joelen. Natuurlijk met z’n vieren naast elkaar, want het is niet leuk om twee aan twee te rijden. Ook nog zonder licht. Geen wonder dat er af en toe vreselijke ongelukken gebeuren. Wat kun je doen om de verkeersslachtoffers, met name onder kinderen, te verminderen? En wat kun je als ouder/verzorger doen, om ervoor te zorgen dat je kind veilig op school aankomt?


Themakatern

Virtual Reality moet verkeersongelukken v Yvonne Smits - Tuerlings, instructeur eerste hulp, hbo-verpleegkundige In de jaren 20 nam het gemotoriseerde verkeer flink toe. Paard en wagen werden langzaam verdrongen door de auto. Soms haalden deze gemotoriseerde voertuigen wel snelheden van tegen de 40 km per uur, wat voor die tijd ongekende snelheden waren. En vandaag de dag kun je je bijna al niet meer voorstellen dat je géén auto, en soms wel twee, voor de deur hebt staan. Ook de snelheden waarmee gereden wordt zijn soms ongekend. Je houdt vaak je hart vast. Een verkeersongeval is nooit fijn, zeker niet als het een kind betreft. Maar gelukkig worden kinderen, volgens het verkeersrecht nog meer beschermd dan volwassen zwakke verkeersdeelnemers. Dat zijn bijvoorbeeld de voetgangers en fietsers onder ons. De reden hiervoor is natuurlijk dat het de bedoeling is dat kinderen in hoge mate moeten worden beschermd tegen de gevaren van het (gemotoriseerde) verkeer. Kinderen kunnen die gevaren veelal nog niet zo goed overzien en zijn bovendien erg kwetsbaar. Kinderen jonger dan 14 jaar In de wetgeving en rechtspraak zijn inmiddels heldere regels ontwikkeld, met name als het gaat om een aanrijding tussen een kind dat jonger is dan 14 jaar en een motorvoertuig. In deze gevallen zal de schade van het kind in vrijwel alle gevallen volledig vergoed moeten worden door de (verzekeraar van) de bestuurder van het motorvoertuig. Alleen als de bestuurder van het motorvoertuig kan bewijzen dat de aanrijding is ontstaan door opzet van het kind, of door ‘aan opzet grenzende roekeloosheid’ hoeft hij of zij de schade van het kind niet te vergoeden. Echter, van dat laatste is bijna nooit sprake. Kortom, de schade van het kind wordt bijna altijd volledig vergoed. Is een kind jonger dan 14 jaar, of is zijn geestelijke of lichamelijke ontwikkeling vergelijkbaar met een kind

16

van dertien jaar of jonger, dan geldt ook de regel dat de schade vrijwel altijd en volledig zal moet worden vergoed door de gemotoriseerde verkeersdeelnemer. Heeft u daar wel eens bij stilgestaan? Kinderen van 14 jaar of ouder Een kind van 14 jaar of ouder zal onder de ‘normale’ bescherming vallen die alle zwakke verkeersdeelnemers ten deel valt.

Slow! Matig dus uw snelheid.

HULPVERLENERS MAGAZINE


verkeersveiligheid

verminderen Wetgeving en rechtspraak Jolijn nadert in haar auto een kruising met verkeerslichten. Zij heeft groen licht. Jeroen, 12 jaar oud, steekt plotseling over en hij loopt hierbij door rood. Een flinke klap volgt, een aanrijding tot gevolg. Jeroen loopt letsel op. Jolijn en haar verzekeraar weigeren de schade van Jeroen te vergoeden. Het is namelijk niet Jolijn, maar Jeroen zelf die schuldig is aan het ongeval, is hun mening. De zaak wordt voorgelegd aan de rechter. Hij oordeelt dat door Jolijn en haar verzekeraar niet is bewezen dat de aanrijding is ontstaan door opzet, of daaraan grenzende roekeloosheid van Jeroen. Hoewel Jeroen in feite zelf schuldig is aan het ongeval, moeten Jolijn en haar verzekeraar toch 100% van de schade van Jeroen vergoeden.

Er gelden echter geen vaste regels in het geval dat een kind is betrokken bij een ongeval met een niet-gemotoriseerde weggebruiker. Bijvoorbeeld, twee fietsers botsen. Een volwassen fietser versus een kind op de fiets. Wel zal de rechter in die gevallen alle omstandigheden die tot het ongeval hebben geleid, laten meewegen en kan de rechter de leeftijd van het kind daarbij betrekken. Verkeersles op de basisschool is sinds 1959 al verplicht. Sindsdien is het aanbod op lesmateriaal fors toegenomen. Virual reality, is één van die ontwikkelingen. De tool is vooral ontwikkeld voor thuisgebruik. Veilig verkeer Nederland heeft onderzocht dat kinderen rond gemiddeld de leeftijd van 9 jaar zelfstandig naar school toe gaan. Juist deze verkeersdeelnemertjes vormen een van de grootste risicogroepen. Vorig jaar waren er maar liefst 729 gewonden en tien doden onder jonge kinderen te betreuren. Om dit aantal terug te dringen, ontwikkelden Veilig Verkeer Nederland en Interpolis een revolutionaire virtual reality-tool: WegWijsVR. Virtual reality is niet meer voorbehouden aan de computerindustrie. Eerder werden toepassingen ervan ook gebruikt om mensen te laten ervaren hoe het is om een psychose te hebben of hoe het met je reactievermogen

gesteld is wanneer je met alcohol op deel zou nemen aan het verkeer. Dit educatieve karakter heeft er sinds kort een nieuwe applicatie bij. Veilig Verkeer Nederland en verzekeraar Interpolis zijn gestart met een experiment dat onderzoekt of virual reality de verkeersvaardigheid van jonge kinderen als fietser of voetganger vergroot. Zij hopen hierdoor het aantal jonge verkeersslachtoffers terug te dringen. Met dit systeem, laten zij kinderen virtueel hun weg van en naar hun eigen school lopen of fietsen in verschillende situaties. Hiervoor is het gebied van 1,5 kilometer rondom de school, op basis van foto’s en dus zeer realistisch als 3D-model in kaart gebracht; een wereldprimeur voor een verkeerstraining. Zij willen bijvoorbeeld de weg oversteken, maar een dubbel geparkeerde auto belemmert het zicht. “Prachtig dat kinderen ook in de veiligheid van virtual reality kunnen leren te reageren op onverwachte gebeurtenissen in het verkeer’’, aldus verkeersminister mevrouw Schultz van Haegen. Daarmee kan het een solide toevoeging zijn op de verkeersles op school via de bestaande VVN-Verkeersmethode. Meekijkende ouders - want de tool is vooral ontwikkeld voor thuisgebruik - kunnen zien bij welke situaties hun kind nog extra aandacht of sturing nodig heeft. Deze vorm van ouderparticipatie op het terrein van verkeerstraining is uniek. Voor deze WegWijsVR methode is géén spe­

Nr 1 - februari 2017

17


Themakatern: hulpverlening en ouderen Thema: verkeersveiligheid ciale VR-bril nodig. Het werkt als een app op de gangbare smartphones met een kartonnen smartphonehouder. WegWijsVR is één van de innovatieve oplossingen waarmee Interpolis de verkeersveiligheid in Nederland wil vergroten. Het maakt onderdeel uit van het meerjarige autoprogramma SlimOpWeg. Resultaten De resultaten van het experiment met de virtuele verkeerspioniers worden door Stichting Wetenschappelijk Onderzoek Verkeersveiligheid (SWOV) verzameld en geanalyseerd. Op grond van de uitkomsten wordt getoetst of een virtuele training daadwerkelijk leidt tot meer verkeersvaardiger kinderen. Bij succes is de intentie om deze unieke VR-training landelijk uit te rollen en beschikbaar te stellen voor álle Nederlandse schoolkinderen én hun ouders. Tot slot Nog enkele tips. Wat kunt u nu als ouder/verzorger nog méér doen, om ervoor te zorgen dat uw kind veilig op school aankomt? Tip 1: Rijd of loop samen de fietsroute van tevoren. Leer uw kind de route en waar hij op moet letten als hij zelf onderweg is. Start hiermee op een rustig moment van de dag, zo kan uw koter alles rustig in zich opnemen en heeft u alle tijd om alles uit te leggen. Tip 2: Vertrek op tijd. Probeer in de ochtend iets meer tijd te nemen, sta op tijd op, zodat u rustig op weg kunt naar school. Zo bent u minder gestrest en gebeuren er minder ongelukken. Ook zal uw kind op tijd moeten vertrekken als hij alleen gaat. Tip 3: Bespreek de route. In het begin zult u nog meefietsen met uw kind. Laat hem voorgaan en observeer hoe hij het doet. Bespreek na afloop wat er goed ging en wat niet. Kinderen leren door te doen en hij heeft er niets aan als u hem altijd veilig met de auto wegbrengt. Tip 4: Val op. In de winter is het donker en zeker bij wat kleinere kinderen is fietsverlichting niet genoeg. Mogelijk zal uw kind een beetje tegenstribbelen, maar geef uw een kind een reflecterend jasje aan. Zo wordt hij in ieder geval gezien! Heeft u nog een kleuter? Installeer het welbekende oranje vlaggetje achter op zijn fiets. Tip 5: Verkeersregels. Geef uw kind een aantal regels mee: • Stop altijd bij rood licht. • Kijk altijd even achterom voordat je links afslaat. • Geen muziek aan op de fiets. 18

• Beide handen stevig aan het stuur vasthouden. • Niet naast een vrachtwagen of bus gaan rijden (en leg ze uit wat de dode hoek is) en ook niet vlak voor een auto langs schieten. • Ga niet met je vriendjes stoeien als je op de fiets zit en neem je bagage altijd mee onder de snelbinders of in een fietstas of rugzak. Van een tas aan je stuur ga je slingeren. Streng? Ja. Maar wel zo veilig! Bron Veilig Verkeer Nederland

Gaan hiermee de verkeersongelukken verminderen?

HULPVERLENERS MAGAZINE


Dagboek van een instructeur Nooit te oud om te leren! Oplettende lezers van dit dagboek zijn op de hoogte van het feit dat ik de samenwerking met een lotusslachtoffer van groot belang acht voor onze lessen. Immers, als je een van je medecursisten in een stabiele zijligging moet leggen is dat meestal een fluitje van een cent. Je collega is zich maar al te bewust dat hij/zij jou even later ook stabiel zal moeten leggen, wil het dus niet al te moeilijk voor je maken en helpt op een subtiele manier mee. Natuurlijk denkt het slachtoffer dat de instructeur dat niet in de gaten heeft, maar instructeurs zijn ooit ook cursist geweest en kennen alle trucjes! Als je een vaardigheid echt goed wilt oefenen is een vaardig lotusslachtoffer van essentieel belang. Die lotus moet niet alleen goed kunnen spelen en grimeren, maar hij of zij moet ook begrijpen wat de instructeur hoopt te bereiken met een bepaalde les. En dat is het punt waarop het wel eens fout gaat. Je denkt dat je communicatie met je lotus voor de les uitgebreid en duidelijk was en toch blijkt er een misverstand tussen beiden gerezen te zijn. Peter is een lotusslachtoffer waar ik heel graag mee samenwerk. Hij speelt fantastisch, weet wanneer hij even buiten zijn rol als slachtoffer een bijdrage aan een les kan leveren, zonder daarbij de instructeur in de wielen te rijden. Maar aan het begin van onze samenwerking liep de les toch niet altijd even soepel: hij kwam op het verkeerde moment binnen of speelde net even anders dan ik voor ogen had gehad. Dus op de dag dat we een wat meer ingewikkelde oefening zouden doen, had ik het lotusformulier uitgebreider ingevuld dan mijn gewoonte was. Tot in de details had ik de oefening beschreven. De enscenering, het grimeren, het tijdstip van binnenkomen, de manier van spelen... Alles stond op papier en ik begon mijn les in het volste vertrouwen dat het helemaal goed zou

gaan verlopen. Maar helaas, het werd een drama. Mijn lotus kwam te vroeg binnen, had de wond niet helemaal opgezet zoals ik had aangegeven en verloor tot overmaat van ramp het bewustzijn. Dat had ik niet in het scenario opgenomen en de zo zorgvuldig voorbereide oefening veranderde daardoor in een geheel andere. Gelukkig ben je als instructeur wel gewend aan improviseren en inspelen op een bepaalde situatie, maar blij was ik niet. Peter vertrok na de oefening en ik probeerde de draad van de les weer op te pakken en een draai te geven aan de mislukte oefening. Waarschijnlijk was toen ik het leslokaal uitkwam aan mijn gezicht te zien dat me iets dwars zat, want een van mijn collega’s vroeg wat er aan de hand was. Toen ik mijn verhaal deed, begon hij te lachen en zei: “Maar weet je dan niet dat Peter zwaar dyslectisch is? Hij heeft jouw mooie formulier waarschijnlijk gewoon niet kunnen lezen!” Tja en zo blijf je als ouwe rot in het vak toch nog voortdurend bijleren. Eerste hulp gaat over omgaan met mensen en de les die ik toen kreeg, zal ik niet snel weer vergeten. Els Knaapen Instructeur Eerste Hulp / lid N.O.D.E.

Lijkt instructeur EHBO jou ook een boeiend vak? Heeft jouw EHBO-vereniging behoefte aan meer instructeurs? Of zou je graag iets naast je reguliere werk willen doen? Misschien is de opleiding Instructeur Eerste Hulp dan iets voor jou! Kijk voor meer informatie op: www.ehbodocent.eu/scholing Nr 1 - februari 2017

19


Advertentie

S-CAPEPLUS Evacuatiematras redt levens van niet-zelfredzame personen tijdens noodsituaties.

Het aantal mensen dat niet zelfredzaam is, lijkt alsmaar te groeien. Daarom voorzien steeds meer organisaties hun trappenhuizen van het evacuatiematras S-CAPEPLUS. Hiermee kunnen mindervaliden snel naar buiten tijdens een noodsituatie. Op ieder moment kan een calamiteit ontstaan. Personen met een lichamelijke beperking zijn meestal afhankelijk van een lift. Tijdens een noodsituatie kan deze vaak niet gebruikt worden door uitval. Wanneer zij zich op een verdieping bevinden, zullen ze met de trap naar beneden moeten. Een evacuatie hulpmiddel is dan onmisbaar om deze personen snel in veiligheid te brengen. Ontruiming komt voor bij brand, een gaslek of andere noodsituaties. Net zoals wanneer personen kampen met een epileptische aanval, hartfalen of een tijdelijke blessure. Deze scenarios werden de inspiratie voor de zoektocht naar een oplossing. Een ziekenhuis uit Arnhem gaf uiteindelijk de doorslag. Ziekenhuis uit Arnhem Op vraag van een ziekenhuis uit Arnhem werd de S-CAPEPLUS in 2011 ontwikkeld. De bestaande hulpmiddelen van het ziekenhuis voldeden niet aan hun eisen. Deze vergden namelijk veel onderhoud en ze moesten vaak trainen. Het ziekenhuis wilde een nieuw hulpmiddel waarbij snelheid, comfort en eenvoud centraal zou staan. Ook verwachtten zij een lage instapprijs en weinig tot geen

Demonstratie? Probeer S-CAPEPLUS tijdens een gratis demo.

onderhoudskosten. Al deze wensen werden meegenomen tijdens de ontwikkeling van de S-CAPEPLUS. Niet alleen binnen de zorg Mindervaliden zijn niet alleen te vinden in een zorginstelling. Ook zijn er steeds meer personen die een arbeidsbeperking hebben door hun lichamelijke, verstandelijke of psychische handicap. Tot 2026 komen er maar liefst 125.000 extra banen voor deze mensen. 100.000 bij bedrijven in de markt en 25.000 bij de overheid. Deze organisaties zullen zich dus voor moeten bereiden op een noodsituatie om deze groep in veiligheid te brengen. Organisaties zoals Philips Benelux, Crown Plaza Hotels, Paleis het Loo, Windesheim College, Universiteit Stuttgart en honderden anderen hebben al maatregelen genomen en hun trappenhuizen voorzien van dit innovatieve hulpmiddel. Verlost van veelvuldig oefenen Het aantal BHV’ers dat overtuigd is van de snelheid en eenvoud van evacuatiematras S-CAPEPLUS groeit elke dag. Waarom? Omdat ze allemaal uit de voeten kunnen met dit evacuatiematras. Een kind kan de was doen. Door alleen de instructies of de demovideo te bekijken, kunnen de meeste gebruikers direct aan de slag. Ook is het evacuatiematras inmiddels verkrijgbaar bij veel opleidingsbedrijven. Lees de ervaringen van BHV’ers op www.s-capeplus.com/testimonials


Vraag en Antwoord

?! Frits Schut

Peter Schepers

Ervaringsdeskundigen Frits Schut (Kenniscentrum Bedrijfshulpverlening NVB) en Peter Schepers (intensive­careverpleegkundige en eerstehulpinstructeur) geven praktische antwoorden op prangende vragen! Mail uw BHV/brandpreventievragen naar info@nvb-bhv.nl en uw EHBO/medisch gerelateerde vragen naar p_schepers@hetnet.nl. Vraag Klopt het dat het Bouwbesluit gaat verdwijnen en wat komt er dan voor in de plaats? Is er nu al iets te zeggen over opmerkelijke veranderingen betreffende Brandveiligheid?

Vraag Wat ik me afvraag is waarom kinderen tot 6 jaar bijna nooit een flauwte krijgen. Deze vraag wordt ook nog wel eens tijdens een (herhalings)les gesteld door de cursisten. Ik ben benieuwd naar je reactie.

Antwoord Het Bouwbesluit is in 2012 ingegaan en regelt allerlei zaken die met bouwen, verbouwen, slopen en het gebruik van gebouwen te maken hebben. Op 1 juli 2016 is het Concept Bouwwerken Leefomgeving (Bbl) gepubliceerd en gaat het Bouwbesluit 2012 vervangen. In de hoofdstukken die gaan over brandveiligheid vallen een paar kleine wijzigingen op: • Er is een uitgebreid artikel wanneer er gebruiksmeldingen worden gedaan. Hierin valt op dat de bezettingsnorm bij kantoren is verhoogd van 50 naar 150 personen. • De slangenhaspels moeten straks weer elke twee jaar worden gekeurd. Dat was in het Gebruiksbesluit elk jaar en in het Bouwbesluit viel het onder de zorgplicht. Nu wordt het gelijkgetrokken met de keuring van kleine blusmiddelen. • De verplichting van een ontruimplan bij een verplichte brandmeldinstallatie is verdwenen, daarvoor in de plaats is opgenomen dat voor het ontruimen voldoende personen aanwezig moeten zijn. • Liften mogen nu ook in brandcompartimenten staan en niet meer alleen in extra beschermde vluchtroutes. • Vluchtroutesignalering moet voldoen aan de NEN 6088. De NEN 6088 is inmiddels gekoppeld aan de ISO 7010 waardoor de nieuwe pictogrammen definitief ingevoerd worden. Wanneer het Bbl ingevoerd gaat worden is nog onbekend, het ontwerp ligt nu ter inzage en komt daarna ter behandeling in het parlement.

Antwoord Dat is een goede vraag. Het heeft te maken met het feit dat flauwte veelal een reactie is van het parasympatisch zenuwstelsel (onwillekeurig). Hierop heb je zelf geen invloed en het parasympatische zenuwstelsel is het systeem dat je ‘inactief’ kan maken (trage hartslag, lage bloeddruk, trage ademfrequentie etc.) Het sympathische zenuwstelsel doet het tegenovergestelde. In sommige gevallen kan dit systeem ervoor zorgen dat je hartslag even heel traag wordt of de bloedvaten even (kort) verwijden (vasodilatatie). Een bloeddrukdaling in combinatie met een onwelwording (door een kort verminderde perfusie van het brein) kan het gevolg zijn. Dit gaat veelal gepaard met zweten. Dit herstelt veelal snel waardoor iemand weer vlot bij kennis is. Een ‘vagale reactie’ oftewel vasovagale syncope valt hier ook onder. Veelal wordt dit systeem gecombineerd actief met hevige emoties/benauwdheid/schrik/extreme honger etc. Denk ook aan stress, hyperventilatie, ‘naar’ worden van het zien van bloed of iets anders of het ruiken van een akelige geur, plotselinge pijnscheuten etc. Bij kinderen reageert dit systeem veelal anders (nog minder actief) en hebben zij ook nog minder last van hevige emoties in de vorm van stress e.d. Kinderen zijn nou eenmaal naïef. Dit verandert wel in de pubertijd (denk aan de jonge tieners die flauwvallen tijdens concerten, tentamens, examens etc.) De combinatie van deze maakt dat flauwtes bij kinderen relatief minder voorkomen.

Frits Schut

Peter Schepers

Nr 1 - februari 2017

21


Sommige inzetten blijven je bij

De brandweer is veelzijdig hulpverlener bij verke Bob Berkemeier Een belangrijke taak van de brandweer is technische hulpverlening bij verkeersongevallen en allerlei andere incidenten. Ik sprak erover met Nico Theuns. Na een loopbaan bij de PTT en eerst als vrijwilliger bij de brandweer, is Nico nu als beroeps bij de Brandweer Amsterdam-Amstelland dagelijks te vinden in de Uithoornse brandweerkazerne. Of daarbuiten als adviseur van de gemeente op het gebied van veiligheid, brandpreventie en vergunningverlening bij allerlei evenementen. Is de kerstversiering in horecagelegenheden brandveilig? Zijn de tribunes bij de openluchtopera stevig genoeg en staan er goede brandblussers op de juiste plaatsen? Nico is als kazernemanager en bevelvoerder niet alleen beroepshalve, maar daarnaast nog steeds als vrijwilliger actief in de uitrukdienstdienst. Ook bij verkeersongevallen veiligheid als prioriteit Wat gebeurt er als via de alarmcentrale de oproep binnenkomt om in de regio assistentie te verlenen bij een verkeersongeval? “We hebben een dagbezetting van twee beroepsmensen. Die gaan met de eerste vier aankomende vrijwilligers in het eerste voertuig naar de plaats van het ongeval”, vertelt

22

Nico. “De manschappen hebben ieder hun eigen taak. De eerste twee manschappen bemoeien zich met de technische hulpverlening. Nummer drie houdt de veiligheid op de plaats van het ongeval in de gaten. En nummer vier zorgt voor de gewonde. De bevelvoerder zorgt vooral voor de coördinatie, voor het contact met politie- en ambulancemensen. Maar ook voor de veiligheid, zoals: heeft ieder zijn handschoenen aan en de veiligheidsbril op? Is het veilig voor omstanders? Eerst orde in de chaos We beginnen met een snelle verkenning. Wat is er gebeurd? Wat zien we? Wat horen we? Wat ruiken we? Wie zijn betrokken bij het incident? We zorgen voor een werkcirkel van vijf meter rond het incident. De veiligheidsman zorgt met de chauffeur meteen voor wegafzetting, als de politie dat nog niet kan doen. Want er moeten niet meer ongelukken gebeuren. Ze zetten oranje pionnen neer. Ze kijken of er geen benzine uitstroomt. Ze letten op glas rond de betrokken voertuigen. Dat is allemaal nodig om de collega’s die naar de gewonden gaan en het ambulancepersoneel of traumateam een veilige werkomgeving te

HULPVERLENERS MAGAZINE


eersongevallen knippen wel minder dan vroeger in autodaken. Volgens protocollen van de ambulancediensten wordt nu door de ambulanceverpleegkundige eerder gekeken of de gewonde met bijvoorbeeld nekklachten zelf kan uitstappen. Meestal is dat spierpijn en is er niets gebroken.”

bieden. Ook kan het nodig zijn een auto die wankel op zijn kant ligt te stabiliseren. Dan kan die niet omvallen of gaan bewegen tijdens de hulpverlening. Ook daar hebben we hulpmiddelen voor in onze voertuigen. Soms moeten we de banden van een auto leeg laten lopen. Dat vindt de politie niet fijn, want die wil dan aan de hand van de bandenspanning onderzoek doen naar de oorzaak van een slippartij bijvoorbeeld.” Zorg voor het slachtoffer En de gewonden in de verongelukte auto? “Daar houdt de gewondenverzorger zich mee bezig, zo lang de ambulance er nog niet is”, vertelt Nico. “Kan het slachtoffer veilig in de auto blijven zitten, dan blijft hij daar. Stabiliseren is dan belangrijk, bijvoorbeeld bij nekklachten. We zorgen dan dat het slachtoffer zijn hoofd niet beweegt. Moet het slachtoffer uit de auto worden gehaald, dan gebeurt dat volgens een plan van aanpak met de ambulancemensen. Soms moet dan het dak worden opengeknipt of een vastzittende deur worden opengebroken. Een ruit moet eruit. Onze gewondenverzorger vertelt het slachtoffer wat er gaat gebeuren en waarom. Dat is voor slachtoffers nodig om extra stress te voorkomen. Want bij zo’n knipoperatie maakt de apparatuur lawaai. We proberen te voorkomen dat er glas in de wagen op het slachtoffer terechtkomt. De gewonde heeft al pijn en angst. Als hij niet weet wat er om hem heen gebeurt, dan is dat extra beangstigend. We

Degelijke opleiding Of je vrijwilliger bent of beroeps, brandweermensen krijgen een stevige opleiding, twee jaar lang, een avond in de week. Daarna zijn er wekelijkse verplichte oefenavonden. Nieuwe vrijwilligers beginnen met het onderdeel Brandbestrijding. Als de aspirant dat onderdeel heeft gehad, mag hij of zij al mee bij een uitruk. Dan komt het onderdeel Technische Hulpverlening. Tot slot Ongevallen met gevaarlijke stoffen en Waterongevallen. Ook reanimatie zit in het pakket, want ook de brandweer in Uithoorn wordt, met AED’s aan boord, na een reanimatiemelding bij de 112-alarmcentrale, met politie, reanimatieteam van vrijwilligers en ambulancedienst bij reanimaties ingezet. Onderlinge nazorg Als brandweerman of -vrouw maak je van alles mee. Gelukkig niet altijd ernstige incidenten. Zoals het containerbrandje waarvoor tijdens mijn gesprek Nico Theuns met enkele toegesnelde brandweervrijwilligers weg moest. Of, ook tijdens ons gesprek, een uur later, de noodkreet van een oude dame die haar bril in een diepe papiercontainer had laten vallen. Nico’s collega’s gingen erop af en de bril werd tot vreugde van de dame gevonden. Liftopsluitingen, hulp aan de ambulancedienst bij het openen van deuren en het afhijsen van patiënten uit hogere verdiepingen. Stormschade. Acute wateroverlast. Nuttige vormen van praktische hulp, naast vanouds de brandbestrijding. “Sommige inzetten blijven onze mensen bij”, vertelt Nico. “Zoals de eerste reanimatie door de pas begonnen vrijwilliger die zelf vroeger bij de hartstilstand van zijn vader was. Dodelijk ongevallen of een ernstig ongeluk met een amputerend traumateam. Onderling praten we daarover altijd na. Dat is goed voor de verwerking. We delen landelijk ook ervaring met andere korpsen en leren daarvan. Zelf zet ik meegemaakte narigheid makkelijk van me af. Zeker als ik ‘s avonds achter mijn computer een nieuw stukje muziek kan componeren”.

Nr 1 - februari 2017

23


Anafylaxie - de rode shock

Wat moet ik doen als mijn collega een allergische reac Ing. Frans Timmermans, voorzitter Nederlands Anafylaxis Netwerk Deze vraag wordt regelmatig gesteld tijdens een EHBO­ cursus en volgens het Handboek Oranje Kruis (HOK) moet de instructeur dan antwoorden: “Bel 112”. Ik ben gevraagd om als ‘ander geluid’ iets hierover te zeggen, mede omdat tijdens de lezing die ik heb gegeven tijdens de Studiedag 2016 van het Oranje Kruis, er veel reacties en vragen waren over dit onderwerp. Hieruit blijkt dat er toch wel enige verwarring is door het standpunt dat het Nederlands Anafylaxis Netwerk inneemt over hoe te handelen in zo’n situatie. Anafylaxie is een potentieel levensbedreigende situatie waarbij direct handelend opgetreden moet worden. Anafylaxie ontstaat meestal door een allergische reactie ten gevolge van voedsel, insectensteken, medicijnen of andere uitlokkende factoren. Een allergische reactie is een reactie ingegeven door het immuunsysteem, waarbij er eerst een sensibilisatie heeft moeten plaatsvinden voor de stof waarop men allergisch reageert. Dit noemt men een IgE gemedieerde allergie. Wat we altijd aangeven is dat mensen met een allergie niet ziek zijn, maar juist ziek worden(!) wanneer ze blootgesteld worden aan de stof waar ze allergisch voor zijn. Hoewel er theoretisch voor elke allergie een kans bestaat op anafylaxie, komt het in de praktijk niet voor elke uitlokkende stof voor. Zo komt het bijvoorbeeld bij hooikoorts eigenlijk in de dagelijkse praktijk niet voor dat je anafylactisch zult reageren, hoewel deze variant wel heel veel ongemak en ziektelast kan geven. Daarentegen bij voedselallergie, met name pinda, noten, melk (bij kleine kinderen), schaal- en schelpdieren of insectenallergie, is de kans op een anafylaxie wel degelijk aanwezig. Bij de diagnose dat er kans bestaat op anafylaxie behoort er door de arts een levensreddend middel voorgeschreven te worden. Dit is de zogenaamde adrenaline auto­ injector, een met adrenaline voorgevulde automatische injectiespuit die afhankelijk van het merk in twee of drie concentraties adrenaline wordt geleverd. Er zijn in Nederland drie merken van deze adrenaline auto-injectoren op recept verkrijgbaar, de EpiPen® (0,15ml (junior) / 0,3 ml); de Jext® (150 mg / 300 mg) en de Emerade (0,15 ml, 0,30 ml, 0,50 ml). De concentratie hangt af van het gewicht van de patiënt. Officieel is de 0,15 ontworpen voor 24

En toch goed voorbereidt wanneer een ernstige allergische reactie kan optreden?! personen met een van 15 tot 30Netwerk kg, de in 0,30 Zij zijn getraind door gewicht het Nederlands Anafylaxis de prewordt voorgeschreven aanmet personen 30 kg en de ventie van en omgang medische vanaf noodsituaties. kijkpersonen op www.schoolenallergie.nl of www.anafylaxis.nl 0,50 voor vanaf 50 kg. In de praktijk zien we

dat de pennen voorgeschreven worden voor personen tot 25 – 30 kg (de 0,15) en voor personen vanaf 25 – 30 en zwaarder. (de 0,30 en 0,50). De adrenaline auto-injector (AAI) is ontworpen om door leken gebruikt te worden en is een eerste hulpmiddel dat de symptomen van een ernstige allergische reactie onderdrukt en tijdwinst geeft opdat een ambulance gebeld kan worden. Personen of de ouders van een kind waaraan de adrenaline auto-injector wordt voorgeschreven krijgen van de arts uitgelegd hoe en wanneer de AAI toegediend moet worden. Hiermee zijn ze dan ook toegerust om anderen uit te leggen hoe de AAI moet worden toegediend. Maar hoe zit het dan officieel? Weet dat een potentiële anafylaxie een medische noodsituatie is. En volgens de wetgeving moet er in een noodsituatie naar beste weten en kunnen hulp geboden worden, zonder jezelf of anderen in gevaar te brengen.

HULPVERLENERS MAGAZINE


ctie krijgt en hij is zelf niet meer in staat iets te doen? De bevoegdheidsregeling voorbehouden handelingen, zoals het toedienen van een injectie, heeft betrekking op alle beroepsbeoefenaren in de individuele gezondheidszorg. Dat wil zeggen, mensen die BIG geregistreerd zijn. Zij die niet beroepsmatig voorbehouden handelingen uitvoeren, zoals patiĂŤnten, ouders, familieleden, leerkrachten of omstanders, vallen niet onder de Wet BIG. Belangrijk hierbij is ook dat in de wet BIG staat dat in een noodsituatie hij niet van toepassing is. Hoe zit het nu met de hierboven gestelde vraag? Laten we eerst de achtergrond schetsen. Ik ga er vanuit dat de collega al eerder heeft aangegeven dat hij/zij allergisch is en kans heeft op een anafylactische reactie, dat hij/zij een adrenaline auto-injector heeft voorgeschreven gekregen en dat hij/zij deze pen en andere anti-allergie medicijnen altijd bij zich draagt en misschien zelfs een kaart heeft waarop staat wat er gedaan moet worden en wanneer (zoals het actieplan bij anafylaxie van het NAN).

toe en belt dan 112 voor een ambulance? Gebaseerd op de kennis die ik heb zou ik voor het laatste kiezen omdat ik weet dat de toegediende adrenaline de symptomen onderdrukt en tijdwinst geeft totdat het ambulancepersoneel de zorg kan overnemen. Ik hoop dat u, na het lezen van dit artikel en de wetenschap dat het toedienen van een adrenaline auto-injector, op de manier zoals via de gebruiksaanwijzing beschreven, bij iemand die een ernstige allergische reactie doormaakt levensreddend kan zijn en geen nadelige effecten heeft, ook voor de laatste optie zult kiezen.

Zie voor meer informatie: www.anafylaxis.nl

Auto-injector: hulpmiddel voor leken En dan op een dag gebeurt er toch iets. Gelukkig is het meestal zo dat de persoon zelf aanvoelt dat er iets niet goed is en zal dan de collega’s in zijn/haar omgeving waarschuwen dat er iets niet goed gaat. Hij/zij heeft misschien al een anti-allergie tabletje genomen, maar dat helpt niet zo goed en hij geeft aan dat het echt niet goed gaat. Hij/zij kan nu niet meer zelf de adrenaline auto-injector toedienen en deze moet wel toegediend worden omdat hij/zij hoorbaar piepend ademhaalt. U zit in een dilemma, want belt u alleen 112 voor een ambulance en wacht u tot deze arriveert of dient u eerst de pen

Nr 1 - februari 2017

25


Bedrijfshulpverlenerstas rood

Riem met Hulpverlenersteken

Reddingsdeken goud/zilver

Nieuw in ons assortiment! Alles voor Eerste Hulp en Veiligheid overzichtelijk in één tas!

afm. 160 x 210 cm

Prijs excl. vulling:

met Hulpverlenersteken Star of Life

€ 42,95

Prijs per 10 stuks:

Maat: 95 – 105 – 115 – 125 – 135 cm

€ 8,00

€ 16,95 (incl. BTW € 51,97)

(incl. BTW € 8,48) (incl. BTW € 20,51)

Medicall Life Support Zorgt voor Veiligheid en Eerste hulp

De nieuwe EHBO prijslijst met speciale maandaanbiedingen al ontvangen? Schrijf u in voor de maandelijkse mail met aanbiedingen.

AED systemen - Opleidingen: BHV - Beheerder BMI- Ploegleider BHV - VCA Basis - Instructie Kleine Blusmiddelen - Ademluchtbescherming PBLS - BLS - AED - CCV - EHBO (+Kinder EHBO) Verbandkoffers en Eerste Hulp Tassen - Verbandkoffercontrole op lokatie - Eerste Hulp-BHV artikelen - Beschermingmiddelen - Farmacie - AMBU reanimatiepoppen - Lesmateriaal - Promotieartikelen - Communicatiemiddelen - Etc. Medicall Life Support - Hogedijkseweg 18 - 4041 AW - Kesteren Tel: 0488-484350 - Fax: 0488-484924 E-mail: info@medicalllifesupport.nl - www.medicalllifesupport.nl

Medical Assistance International

Wij zijn op zoek naar Wil jij steeds beter worden in je vak? Betrokken worden bij grote en kleinere publieksevenementen, steeds meer ervaring opdoen, ook in samenwerking met andere disciplines? Dan is de Stichting MAI EHBO - diensten op zoek naar jou! Omdat we groeien is er bij ons ruimte voor gemotiveerde

EHBO vrijwilligers

die ingezet worden bij diverse evenementen en activiteiten in Nederland.

Wat wij jou kunnen bieden: » Een grote dosis praktijkervaring » Adequate scholing » Bij- en nascholingsprogramma’s

Meld je aan door een e-mail met je motivatie te sturen naar info@mai-ehbo.nl Voor meer informatie kun je contact met ons opnemen Telefoon: 0342 - 42 13 99 | Fax: 0342 - 47 49 58 E-mailadres: info@mai.nl | Internet: www.mai.nl


Productnieuws Nu tijdelijk te verkrijgen

BHV-Onderscheidingen De NVB levert al vele jaren, als opvolger van de afgeschafte vrijwilligersmedailles van BiZa, onderscheidingen aan personen die zich binnen uw bedrijf verdienstelijk hebben gemaakt op het gebied van de bedrijfshulpverlening (BHV).

het EHBO Verkeerspakketje

Reddingsdeken, handschoenen en snelverband nr. 3 als setje in handig zakje voor € 2,50

Nieuwe webwinkel

Ook u kunt deze onderscheidingen bestellen! Dit kan door alle bedrijven en instellingen in Nederland. Leden van de NVB krijgen vanzelfsprekend 15% korting. De prijzen van de insignes, inclusief oorkonde: Brons € 44,50 Zilver (incl. zilver certificaat) € 76,00 Goud (incl. goud certificaat) € 261,00 Goud met briljant (incl. goud certificaat) € 397,43 Prijzen excl. 21% btw en verzendkosten. Prijswijzigingen voorbehouden i.v.m. de grondstoffen prijs. Voor meer informatie kunt u contact met ons opnemen via www.nvb-bhv.nl info@nvb-bhv.nl of op: 0573-256570

Het bestuur van de KNV EHBO spant zich in om de dienstverlening aan de afdelingen en de leden op een hoog peil te houden. Een van de punten die het bestuur in dat kader heeft aangepakt is de webwinkel. De webwin­ kel is te vinden op www.stichtingdienstverleningehbo.nl en via de link op onze website (www.koninklijke-ehbo.nl). Deze link stuurt u door naar een mijnwebwinkelpagina die wordt beheerd door de KNV EHBO en de Stichting Dienstverlening. In de webwinkel kunt u zelf een account aanmaken. Aan dat ene account kunt u tijdens het bestellen meerdere afleveradressen koppelen. De factuur kan dus direct naar de penningmeester en de spullen naar de materiaalbeheerder. Al onze afdelingen hebben informatie ontvangen over het bestellen met afdelingskorting, zie hiervoor de op 2 januari jl. toegezonden extra editie van onze nieuwsbrief. Helaas is het niet mogelijk gebleken alle huidige accounts over te zetten, wij vragen uw begrip voor het eenmalige ongemak dat u een nieuw account moet aanmaken. Handige bestellijsten voor examens Op de vernieuwde webwinkel van de Stichting Dienstverlening EHBO staat niet alleen het complete assortiment maar ook (links naar) achtergrondinformatie over bijvoorbeeld de toepassing van verbandmiddelen of welke verbandmiddelen u nodig hebt voor een examen. Zo maken wij het u makkelijker om de juiste materialen aanwezig te hebben bij een examen of evenement.

Nr 1 - februari 2017

27


Test uw kennis

“Hoe was het ook al weer?” Bob Berkemeier Op weg naar de herhalingslessen vraagt iedere EHBO’er of BHV’er zich dat wel eens af. Je bent niet dagelijks met de lesstof bezig en kennis die je niet dagelijks toepast verwatert, zakt weg. We willen u als onze lezers en lezeressen gelegenheid geven om, naast de herhalingslessen, ook individueel af en toe eens te testen wat van de verworven EHBO-kennis uit de (natuurlijk meest recente) lesboeken is blijven hangen. We doen dat door in iedere aflevering van het Hulpverleners Magazine een meerkeuzevraag over een onderwerp uit de lesstof voor te leggen. Het, kort toegelichte antwoord, staat op deze bladzijde ondersteboven. Voordat u ons magazine 180 graden draait en kunt ‘spieken’, kunt u daardoor eerst even nadenken over uw eigen antwoord.

Onderkoeling In december besteedden alle media aandacht aan de volgende gebeurtenis in Brussel. Het uitgehongerde zoontje van een Brussels paar wilde ’s nachts iets eetbaars uit de koelkast halen. De ouders ontdekten dat en ‘voor straf’ werd het kind in zijn pyjama ‘s morgens vroeg op het open balkon gezet en buitengesloten. Met een buitentemperatuur van slechts enkele graden moest het kind daar tot het begin van de avond blijven, aldus de berichten in de media. Totdat hij door zijn ouders bewusteloos werd aangetroffen. Toen werden de hulpdiensten gewaarschuwd, waarna het kind in zorgwekkende toestand naar het ziekenhuis werd gebracht. De ouders werden door de politie gearresteerd. Als EHBO’er zullen we in zo’n geval waarschijnlijk het volgende vaststellen en voor de aankomst van de ambulance het volgende doen. Welk van de vier antwoorden is juist?

A. Het gaat om lichte onderkoeling, voorkom verder afkoeling en bel meteen 112 B. Het gaat om lichte onderkoeling, warm het slachtoffer actief op en bel meteen 112 C. Het gaat om ernstige onderkoeling, warm het slachtoffer actief op en bel dan 112 D. Het gaat om ernstige onderkoeling, bel meteen 112 en bescherm intussen het slachtoffer tegen verdere afkoeling

Bij lichte onderkoeling zou het slachtoffer volgens het Oranje Kruisboekje, bladzijde 86, nog goed bij bewustzijn zijn. In zo’n geval mag de EHBO’er het slachtoffer actief opwarmen met, bij voorkeur fleecedekens, of bijvoorbeeld ook met kruiken, onder een warme douche, door verplaatsing naar een warme omgeving. Ook mogen warme dranken worden gegeven. Een kind mag iets lauwwarms met veel suiker drinken, bijvoorbeeld chocolademelk, maar alleen als het kind niet misselijk is. Maar het jongetje was bewusteloos en werd volgens de berichten zelfs ‘in zorgwekkende toestand’ op de intensive care opgenomen. Antwoorden A en B zijn dus fout. Het gaat om ernstige onderkoeling. De EHBO’er mag dit slachtoffer niet actief opwarmen. Antwoord C is dus onjuist. D is juist: ernstige onderkoeling, bescherm tegen verdere afkoeling. Afschermen tegen de wind. In fleecedeken of reddingsdeken wikkelen, armen, benen en romp apart inpakken, hoofd ook, maar het gezicht vrijlaten. De situatie is ernstig, met kans op onder andere levensbedreigende hartritmestoornissen. Dus in Nederland moet in een geval als dit onmiddellijk 112 worden gebeld. Antwoord 28

HULPVERLENERS MAGAZINE


Aan de redactie

Geachte redactie, Op blz 28 Hulpverlenersmagazine nr 6 december 2016 Test uw kennis wordt een uitleg gegeven over het handelen bij paniek aanval, die in strijd is met hetgeen in het Oranje Kruis boekje blz. 62 staat. Gesuggereerd wordt dat in geval van de gestelde cases 112 niet gebeld wordt, terwijl de mevrouw in kwestie niet bekend is met paniekaanvallen en er in dat geval ook gedacht kan worden aan verschijnselen van een hartinfarct. Een van de twee is waar. Of de uitleg is juist of het Oranje Kruisboekje moet worden gewijzigd. Voor mij als instructeur moet een tijdschrift niet verwarrend gaan werken, maar de juiste informatie verschaffen. Graag reactie uwerzijds. Ben Wolken EHBO Instructeur

Reageren?

Antwoord van de redactie

Heeft u ook een bericht voor de redactie, of wilt u reageren op een artikel? Wij ontvangen uw bijdrage graag!

Dank u wel voor uw reactie op de Test uw Kennis rubriek. Het heeft ervoor gezorgd dat de redactie nog eens zeer kritisch naar de door u aangehaalde tekst in het OK boek gekeken heeft. Daarbij hebben we geconstateerd dat deze tekst inderdaad voor tweeĂŤrlei uitleg vatbaar is. Onze redacteur had de opsomming gelezen als en.. en. Dan zou 112 dus gebeld moeten worden als het slachtoffer benauwd is, niet alert is, pijn op de borst en hartkloppingen heeft. In de beschreven casus had mevrouw geen pijn op de borst en zou er dus niet gebeld hoeven worden. Echter, na nog eens de tekst zorgvuldig bestudeerd te hebben, deelt de redactie uw mening dat de opsomming zo gelezen moet worden dat als een van deze symptomen of verschijnselen zich voordoet er professionele hulp ingeschakeld moet worden.

E-mail naar: redactie@ hulpverlenersmagazine.nl

U kunt ook reageren op onze facebookpagina:

Uw reactie heeft ons weer een stukje wijzer gemaakt! www.facebook.com/ hulpverlenersmagazine

Nr 1 - februari 2017

29


Column

Veiligheid in het Verkeer

De feestdagen zijn voorbij en hopelijk zijn ze voor jullie, zonder ziektes en ongelukken, verlopen. Want er heerst weer van alles: Norovirus, RS-virus, griep noem maar op. En diverse triest verlopen ongelukken hebben ook weer het nieuws gehaald. Niet zelden is hierbij drank in het spel. En daarmee wil ik maar gelijk zeggen dat veiligheid in het verkeer afhankelijk is van de menselijke factor. Technisch zijn auto’s tegenwoordig uitgerust met allerlei beveiligingen zoals kreukelzones, airbags, je kan het zo gek niet bedenken. Alleen extreme snelheden en domme acties leveren nog ernstige letsels op. En helaas komen deze laatste vaak voor. Toch zijn het niet altijd domme acties maar gewoon een moment van onoplettendheid, verkeerde inschatting, even een afgedwaalde gedachte die er toe leiden dat het verkeerd afloopt in het ver­ keer. Kan iedereen overkomen. Daarom zouden we er meer rekening mee moeten houden dat voorrang nemen niet een recht is. Dat voorrang krijgen een actie is tussen twee bestuurders. Dat voorrang krijgen niet vanzelfsprekend is. Dat iedereen wel eens fouten maakt in het verkeer. Als we daar rekening mee houden dan kan dat een hoop ongelukken schelen. We zouden meer proactief moeten rijden. Zo leer je dat ook op een ambulancevoertuig. En ja ik weet, niet elke ambulancebestuurder is even tactisch tijdens een spoedrit. Trouwens, ook wij hebben wel eens onze dag niet. Soms is het verbazingwekkend wat andere wegge­ bruikers voor stunten uithalen als er een ambulance met toeters en bellen achter hen aan komt. Nergens voor nodig die paniek. Om een paar tips te geven: Niet sneller voor de ambulance uit gaan rijden maar ook niet af gaan remmen als wij nog achter je zitten. Wel afremmen, rustig, als we NAAST je zitten. Op een rotonde niet vlak er voor of ergens aan de kant stil gaan staan, je blokkeert dan vaak een vlotte doorgang. Rijdt een extra rondje, je raakt ons dan vanzelf kwijt. Zie je

30

ons aankomen als je zelf stilstaat en krijg je groen? BLIJF dan ook stilstaan en niet alvast een metertje gaan rollen. Want dan weten wij niet of je ons nu wel of niet gezien hebt. Dan nog het gedrag van bestuurders om en nabij onge­vallen. Hoogst irritant soms. Ze rijden weleens de vouwen uit mijn broek. Krijg de gelegenheid niet eens om uit te stappen als je ergens met blauw-blauw aan komt. En dan mag ik nog blij zijn met opvallende en reflecterende kleding. Jij, als eerste hulpverlener, hebt dat misschien niet. Toch zou het een goed idee zijn om je reflecterende hesje die je in je auto hebt voor pechgevallen dan ook aan te doen. Oh ja, breng het verkeer eerst tot stilstand opdat je veilig hulp kan gaan verlenen. Zet alarmknipperlichten aan. Laat dat ook auto’s doen die minstens 50-100 meter voor de ongevalslocatie stil zijn gaan staan. Op snelwegen zelfs 100-130 meter. Als we met zijn allen hier meer rekening mee houden en ons als zodanig gedragen, kunnen we misschien een stuk veiliger door het verkeer. Nou lijk ik net een tvreclame… Paul Wouters

HULPVERLENERS MAGAZINE


Colofon www.hulpverlenersmagazine.nl Hulpverleners Magazine geeft infor­matie over alle mogelijke onderwerpen op het gebied van eerste hulp bij ongelukken (EHBO) en bedrijfshulpverlening (BHV). Hulpverleners Magazine verschijnt zes keer per jaar in de maanden februari, april, juni, augustus, oktober en december. Hulpverleners Magazine is een uitgave van de Koninklijke Nederlandse Vereniging EHBO, de Nederlandse Vereniging Bedrijfshulpverlening en de Nederlandse Organisatie Docenten EHBO.

+ - ur

Contact N.O.D.E. www.ehbodocent.eu T. 0161 223 843 Redactieadres Redactie Hulpverleners Magazine Kwikstaartlaan 28 3704 GS Zeist redactie@hulpverlenersmagazine.nl Redactie Els Knaapen, hoofdredacteur Bob Berkemeier Marjolein Bonnes Wilma Kuiper Yvonne Smits - Tuerlings Bart van Walderveen Stijl C, eindredactie

- mp

-b

- er +t e+

+ -y

Contact KNV-EHBO www.koninklijke-ehbo.nl T. 030 696 99 99 Contact NVB www.nvb-bhv.nl / info@nvb-bhv.nl T. 0573 256 570

+

- ng +u

-g

+ - og +u

- sp

Los de rebus op en maak kans op ‘de atlas van het menselijke lichaam’ van Node.

Concept / realisatie / vormgeving Stijl C, Amersfoort, www.stijlc.nl Drukwerk BDU Print, Barneveld Advertenties JN/Media Sales, Deventer www.jnmediasales.nl Abonnementen Abonnementsprijs 2016: € 17,00 Afdelingen: € 14,50 Een abonnement kan op elk gewenst moment ingaan. Na een periode van een jaar wordt uw abonnement automatisch verlengd. Opzeggen kan ten minste een maand voor het verstrijken van de abonnementsperiode. Kijk op www.hulpverlenersmagazine.nl voor meer informatie. ISSN: 2213-3011

Stuur uw oplossing vóór 3 mei 2017 naar: Redactie HM o.v.v. oplossing rebus HM 1-2017 Kwikstaartlaan 28 3704 GS ZEIST of per e-mail: puzzel@hulpverlenersmagazine.nl

Oplossing rebus Hulpverleners Magazine nr 6-2016: Wie zijn neus schendt plakt een pleister Winnaar rebus nummer 6, 2016 Mevrouw T.C. Tolsma-Feenstra uit Nijland is de winnaar van de vakantietrommel van de Koninklijke EHBO.


10

JAA

R

De Powerheart G5 biedt u:

“Het vertrouwen om te handelen”

De Powerheart® G5 AED Vivon informeert en adviseert overheid, bedrijfsleven, particulieren, en vrijwilligersorganisaties over het gebruik en de aanschaf van een AED. De Powerheart G5 biedt u betrouwbaarheid, gebruiksgemak en geavanceerde therapie waarmee u een leven redt. Dankzij de krachtige specificaties van de Powerheart G5 kunnen zowel professionele- als burgerhulpverleners tijdig en effectief hulp bieden, zodat het slachtoffer van een acute hartstilstand de beste kans op overleven heeft. De Powerheart G5 beschikt over een aantal unieke specificaties waarmee de Powerheart G5 zich onderscheidt van andere AED’s:

10

JAA

R

Volautomaat De gebruiker hoeft niet langer op een schokknop te drukken om de schok toe te dienen. Hierdoor is er minder risico op verwarring en foutieve handelingen. Meertalig (Nederlands/Engels) Schakel tijdens een reddingsactie met één druk op de knop over op een andere taal. Realtime reanimatiefeedback De hulpverlener krijgt direct feedback op de diepte en snelheid van de borstcompressies. Metronoom (30/2) met gesproken instructies De Powerheart G5 biedt instructies in het tempo van de hulpverlener. De RescueCoach™ leidt de hulpverlener door iedere kritieke stap tijdens een reddingsactie. Trapsgewijs variabel energieniveau De Powerheart G5 past automatisch het energieniveau aan de behoefte van het slachtoffer aan.

Vivon Nederland B.V. | Ekkersrijt 1121 | 5692 AD SON | Tel: 0499 - 49 00 16 | info@vivon.nl | www.vivon.nl

Hm 01 17  
Hm 01 17  
Advertisement