Page 1

5e jaargang | nr. 5 | oktober 2016

h

HULPVERLENERS MAGAZINE

Themakatern: hulpverlening in de multiculturele samenleving Kopzorgen en halsbrekende toeren Hulp voor en van iedereen Jeugd EHBO www.hulpverlenersmagazine.nl

Het officiĂŤle orgaan van: Kenniscentrum Bedrijfshulpverlening


Geschikt voor alle poppen

Afstandsbediening

De nieuwe AED Trainer

€22

5,- *

Dankzij de afstandsbediening kan op elke pop en in elke situatie een realistische training worden gegeven. Tijdens de aansluitfase van de pads kan de trainer worden doorgedrukt naar de analyse fase. Is de trainer aan het analyseren, en haalt de cursist de pads er toch vanaf: met één druk op de knop wordt de AED trainer teruggehaald naar de plak-instructie fase. . . . . . . . . . .

Instructies identiek aan de ‘live’ AED (tekst en werking) Instructies worden versneld bij sneller handelen Instructies worden herhaald bij vertraagd handelen Instructies worden gecorrigeerd bij onjuist handelen Cursist kan zelfstandig aan de slag Na elke cursist kan de trainer weer geheel in de ‘live’ staat worden gebracht Eenvoudig vervangen van electroden of van de electrodencassette Ook te gebruiken voor kinderelectroden Diverse oefenscenario’s beschikbaar Batterijen gemakkelijk verwisselbaar

Bestel nu op: www.procardio.nl/trainer

ProCardio is officieel Philips distributeur.

* € 225 exclusief BTW, € 272,25 inclusief BTW, geen verzendkosten binnen NL


Voorwoord Hulpverlening in een multiculturele samenleving De dagen zijn alweer aardig kort en het EHBOseizoen is in volle gang. Overal in het land worden cursussen gegeven, nieuwe EHBO’ers en BHV’ers opgeleid, die vervolgens zich zullen gaan inzetten voor het verlenen van hulp tijdens die eerste moeilijke minuten na een ongeval of een plotselinge onwelwording. In dit nummer besteden we aandacht aan het hulpverlenen in een multiculturele samenleving. Wat komt er allemaal op je pad als je als BHV’er in een bedrijf werkt waar meerdere nationaliteiten vertegenwoordigd zijn en niet iedereen de Nederlandse taal machtig is? Hoe krijg je mensen gemotiveerd om deel te nemen aan de BHV als ze er eigenlijk de zin niet zo van inzien? Wat betekent het voor een jonge moslima als ze graag in de zorg wil gaan werken? Vormt haar hoofddoek een

belemmering? En wat vindt haar familie ervan dat ze ook mannen moet verzorgen? Dit nummer geeft u een kijkje in de hulpverlening in een multiculturele samenleving. Maar een grote vraag blijft er bestaan: waarom bestaan onze EHBOverenigingen vrijwel uitsluitend uit autochtonen? Heeft dat te maken met taalproblemen of zijn het eerder cultuurverschillen die een rol spelen? Heeft u, als lezer, ervaring met het werken binnen een multiculturele EHBO-vereniging? Wij als redactie zijn erg benieuwd naar uw ervaringen. Hoe gaat uw vereniging om met cultuurverschillen en met taalproblemen? Mail ons en deel uw ervaringen met ons. Samen maken we Nederland een stukje veiliger! Els Knaapen

Inhoud 4 →

6 → 8 → Kopzorgen en halsbrekende toeren Hulp voor en van iedereen Themakatern: multiculturele samenleving

← 10 ← 13 ← 15 19 → 21 → 22 →

Productnieuws Jeugd-EHBO op een basisschool Test uw kennis: reanimatie

Nieuws N.O.D.E. Nieuws KNV EHBO Nieuws NVB

Dagboek van een instructeur Vraag en anwoord BHV in een multicultureel bedrijf

← 25 ← 26 ← 28

29 → 30 → 31 →

Aan de redactie Column Colofon en rebus


Verenigingsnieuws N.O.D.E.

Nazorg workshop voor instructeurs Begin 2016 is via de rayons informatie verstrekt over de mogelijkheid tot het volgen van scholing over Nazorg. Twintig collega’s hebben een vier dagen durende scholing achter de rug en staan nu klaar om voor hun collega’s een workshop van 3½ uur te verzorgen. In de workshop krijgt u handvatten aangereikt om een hulpverlener/cursist die u benadert na een schokkende gebeurtenis, acute opvang te geven en, indien nodig, advies te geven over verdere nazorggesprekken. Dit kan onder andere via het NODE Nazorg Team (NNT). Een aantal collega’s heeft via het rayon laten weten, belangstelling te hebben voor deze workshop. Het is gebleken dat niet bij iedere instructeur de informatie vanuit het rayon goed is overgekomen. Daarom is iedereen begin september via een nieuwsbrief geïnformeerd. De bedoeling is dat in oktober en november de eerste workshops worden verzorgd.

4

Het is nog steeds mogelijk om rechtstreeks aan te melden voor de workshop, die op 10 tot 15 plaatsen in het land wordt verzorgd. De kosten voor leden zijn € 30,=. U wordt zoveel mogelijk ingedeeld in een workshop bij u in de regio. Bij verhindering is indeling bij een andere cursus mogelijk. Aanmelding is alleen individueel mogelijk via www.ehbodocent.eu onder ‘scholing, nazorg’. U heeft de keuze tussen Nazorg-Noord en Nazorg Zuid. Dat vergemakkelijkt de indeling. Eerst inloggen via je account. Dan volgt het juiste cursusbedrag, dat via iDEAL is te voldoen. Zodra er voldoende deelnemers zijn, wordt weer een extra cursus verzorgd. U ontvangt daarover tijdig bericht. Het NODE Nazorg Team

HULPVERLENERS MAGAZINE


Bedrijfshulpverlening Scholingsaanbod voor NODE-instructeurs De instructeur Eerste Hulp dient de kwaliteit van de eerste hulp als ook die van het lesgeven via nascholing op een hoog peil te houden. Dat geldt ook voor de instructeurs die BHV verzorgen. Hun verantwoordelijkheid is groot en zij moeten over bepaalde competenties en kwaliteiten bezitten. NIBHV hecht grote waarde aan de kwaliteit van de BHV-opleiding en daarmee ook aan haar instructeurs/examinatoren. Onderzoek en gesprekken met opleidingsinstituten, bedrijven en instructeurs bevestigen het nut en noodzaak van doorlopende nascholingen. Daarom is NIBHV dit voorjaar gestart met nascholingen voor de aangesloten instructeurs. Instructeurs die hun NIBHV-bevoegdheid willen blijven behouden, dienen een jaarlijkse nascholing te gaan volgen. Zo blijven zij op de hoogte van actuele wet- en regelgeving én houden zij hun kennis en inzichten op peil. De focus ligt op BHV-gerelateerde zaken. Voor de NIBHV-nascholingen geldt een overgangsperiode tot 31 december 2017. Dit betekent dat instructeurs in deze periode één nascholingsdag moeten hebben bijgewoond. Vanwege het grote aantal instructeurs zal in

de overgangsperiode een standaardprogramma worden aangeboden. Na afloop ontvangen de deelnemers direct hun bewijs van deelname. Eind 2017 krijgen zij hun nieuwe instructeurspas die geldig is tot 31 december 2018. Omdat veel BHV-instructeurs actief zijn bij de Brandweer of binnen de EHBO, worden zij nu al bijgeschoold op hun specifieke vakgebied. NIBHV heeft niet de intentie dit nog eens over te doen. Na de hierboven genoemde eerste nascholing, zijn voor bepaalde onderdelen vrijstellingen te verkrijgen (zoals Eerste Hulp, Didactiek). Op de website van NIBHV staat meer informatie over de nascholingen voor instructeurs. In samenwerking met NODE organiseert NIBHV in 2017 een aantal nascholingsdagen voor NODE-leden voor een speciaal tarief (€ 150,=). De data en locaties worden nog bepaald. Heb jij belangstelling en wil jij je NIBHV-bevoegdheid behouden? Meld je dan snel aan via www.ehbodocent.eu onder ‘scholing, NIBHV’, en je ontvangt informatie en een uitnodiging zodra de data en locaties bekend zijn.

Nr 5 - oktober 2016

5


Verenigingsnieuws KNV EHBO 75 jaar districten Albert Stevens, dĂŠ EHBO-verzamelaar Rond de zomer van 1941 werden de tien districten van de KNV EHBO opgericht. Het District Drenthe gaf in het kader van haar jubileum een boekwerkje uit met haar geschiedenis. Voorzitter van het district en EHBOverzamelaar Albert Stevens ploos archieven uit voor de volgende geschiedschrijving. Wat vooraf ging Nadat op 24 november 1893 de Nederlandsche Vereeniging voor Eerste Hulp Bij Ongelukken was opgericht op initiatief van Dr. C. B. Tilanus Jr., volgden in het gehele land plaatselijke afdelingen. Zo was de afdeling Assen in 1927 de 25ste afdeling en Smilde in 1933 de 50ste. De grote uitbreiding van het aantal afdelingen maakte dat aan de ene kant het eenheidsdiploma zijn intrede deed om de kwaliteit te waarborgen en dat aan de andere kant het voor het hoofdbestuur steeds meer

6

tijd kostte om elke afdeling te kennen en te bezoeken. In 1940 brak de Tweede Wereldoorlog uit en dit had ook consequenties voor de EHBO. Zo ontstond er discussie over het al dan niet dragen van het eenheidsdiplomaspeldje (nationale driekleur). Op navraag gaf de bezetter aan dat het dragen van het eenheidsinsigne geen probleem was. Later bleek dat de dragers daarvan door sommige vaderlanders toch scheef werden aangekeken. Tijdens het eerste jaar van de Tweede Wereldoorlog bleek dat de contacten met de afdelingen moeizamer verliepen doordat het reizen zeer werd bemoeilijkt vanwege de avondklok, oorlogshandelingen, etc. waardoor de jaarvergadering en wedstrijden van de vereniging moeizaam of in het geheel niet bezocht konden worden. Hiervoor moest een oplossing worden gezocht en dit werd het oprichten van districten. Zo

HULPVERLENERS MAGAZINE


konden zij, doordat zij dichter bij de afdelingen stonden en nog steeds staan, problemen sneller en makkelijker onderkennen en oplossen. Oprichting Districten Na veel discussie via het verenigingsblad de Voorpost werden in 1941 de districten opgericht. Op 28 juni 1941 bijten Friesland en Overijssel de spits af, terwijl Noord-Holland op 22 september 1941 hekkensluiter is. Uit Drenthe weten we dat men meestal éénmaal per jaar vergaderde bij één van de bestuursleden thuis. Dat ging heel gemoedelijk onder het ‘genot’ van een kopje surrogaatkoffie en tijdens de rondvraag waren er geen vragen. Ook de ingekomen stukken werden voor kennisgeving aangenomen en de notulen goedgekeurd. In de verslagen van de vergaderingen van die tijd vinden we onderdelen terug die ook nu nog steeds spelen

zoals: kaderopleiding (opleiding tot docent eerste hulp), wedstrijden (vaardigheidsproeven), propaganda, de contributie en de vertegenwoordiging naar de landelijke vergadering(en). Dat tijdens de oorlog de bijeenkomsten moeilijker werden, blijkt uit het jaarverslag van 1944 waarin de secretaris van het district Drenthe schrijft: “Mijn jaarverslag kan heel kort zijn. 1944 was een jaar waar de luchtbescherming als het ware de taak van de EHBO overnam, omdat zij cursussen organiseerde. Van het vormen van nieuwe afdelingen kwam niets.” Na de oorlog Na de oorlog is men op de in 1941 ingeslagen weg verder gegaan. Net als in de beginjaren blijft het belangrijk dat het district de meningen van de afdelingen kent en deze bundelt naar het landelijk bestuur.

Archief

Van de pamfletten die leidde tot het oprichten van de vereniging tot informatie over hulpverlening tijdens de Tweede Wereldoorlog en de Watersnoodramp. Bestuur en vrijwilligers van de KNV EHBO ruimen het archief op en komen schatten van informatie tegen. De echte parels zullen zij binnenkort delen.

Nr 5 - oktober 2016

7


Verenigingsnieuws NVB Ontruimen en evacueren Met de introductie van het Gebruiksbesluit in 2010 en de implementatie daarvan in het Bouwbesluit in 2012 is uniforme wetgeving in Nederland ingevoerd over Brandveiligheid. De nadruk ligt daarbij vooral op het veilig gebruik en veilig kunnen ontvluchten van bouwwerken in geval van brand. Een bouwwerk hoeft in die context niet langer in tact te blijven dan nodig is om het gebouw te verlaten. Bedrijfscontinuïteit is geen item bij brandbestrijding! In het Bouwbesluit zijn de eisen waaraan voldaan moet worden om een brandveilig gebouw te hebben vrij concreet omschreven. Niet altijd is de wet zo eenduidig. Want als in artikel 15 van de Arbowet staat dat bedrijfshulpverleners hun taken naar behoren moeten kunnen vervullen, dan begint er al wat ruis te ontstaan. Wat is naar behoren? In artikel 15 van de Arbowet wordt onder meer beschreven dat een van de taken van de bedrijfshulpverlening is, het in noodsituaties alarmeren en evacueren van alle werk­ nemers en andere personen in het bedrijf of de inrichting. De werkgever heeft in dit geval een zorgplicht. Hoe hij dat regelt laat de Arbowet in het midden. Het Bouwbesluit is daar toch concreter in. Duidelijk wordt aangegeven, dat als je in de categorie valt waar een brandmeldinstallatie verplicht is, je automatisch ook verplicht bent een ontruiminstallatie te hebben én een ontruimplan. Het Bouwbesluit noemt in de toelichting de norm NEN 8112 als mogelijk model voor een ontruimplan. Sinds de laatste wijziging van medio 2015 is zelfs in het Bouwbesluit een artikel opgenomen dat in aanvulling op het ontruimplan ook een organisatie aanwezig moet zijn, die een ontruiming kan uitvoeren. De Brandweer is het bevoegd gezag die een en ander kan controleren. Er wordt nergens aangegeven of een ontruimorganisatie die voldoet aan de zorgplicht van de Arbowet ook voldoet aan de eisen van de Brandweer! In de dagelijkse BHV-praktijk is ontruimen één van de belangrijkste taken die uitgevoerd moet worden. De profes­ sionele hulpverleners zullen pas arriveren als de BHV-organisatie al lang bezig is met ontruimen en/of evacueren. Om ontruimorganisaties te ondersteunen heeft NVB een boekje op de markt gebracht dat specifiek inzoomt op ontruimprocedures en ontruimplannen.

8

1 Het takengebied van de bedrijfshulpverlening 1.1 ARBO-wet 1.2 Op preventief gebied 1.3 Op repressief gebied 1.4 Wetgeving 1.5 Taakgebied ontruimer 2 Organisatievormen van de bedrijfshulpverlening 3 Het Ontruimen 3.1 Ontruimingsplan 3.2 Organisatie van de ontruiming 3.3 De vluchtroutes 3.4 Taken en procedures bij ontruimen 3.5 Verzamelplaats 4 Menselijk gedrag 5 Eigen gedrag 5.1 De hulpverlener 5.2 Gedrag van anderen bij dreigend gevaar 5.3 Vluchtgedrag 5.4 Zelfredzaamheid 6 Paniek 6.1 Wat is paniek 7 Informatie en instructie Inhoud van instructies De ontvangers van opdrachten en instructies 8 Bijlage A Ontruimplan volgens de NEN 8112 Bedrijfshulpverlener ontruimer ISBN 978-90-80579-19-4 Prijs: € 6,93 verkoopprijs excl btw

HULPVERLENERS MAGAZINE


Netwerkdag voor leden en hoofden Bedrijfshulpverlening op 17 november 2016 Marinebasis Den Helder Ontvangst 9.30 uur met koffie. Om 10.00 uur start het ochtendprogramma met onder andere een inleiding van Ruud de Graaf over het veiligheidsaspect en vergunningen bij de Marinedagen. Eindtijd ca. 16.00 uur De lunch is inbegrepen. ’s Middags is er een rondleiding over de Marinebasis Den Helder met onder andere een rondleiding op het bevoorradingsschip de Zijner Majesteits Karel Doorman. De Karel Doorman is imposant qua omvang, bijna 205 meter lang, maar ook vanwege het aantal functionaliteiten. Dit schip is letterlijk en figuurlijk een multi-tool. Het kan worden ingezet voor strategisch transport van onze krijgsmacht, onze bondgenoten en internationale organisaties als de NAVO en de VN. Zowel militair als humanitair. De prijs van de netwerkdag is voor leden € 50,00 en niet-leden € 145,00 p.p. excl btw. Aanmelden via de website www.nvb-bhv.nl

Voertuig rijdt laadruimte Karel Doorman in. Bron: ministerie van Defensie

Belangrijke data 2016 Oktober 2016 4/10

Beheerder Brandmeld Installaties

5/10 en 6/10

Management Leergang Hoofd BHV

13/10

Managementtraining Crisisbeheersing

November 2016 1/11 + 8/11

Coördinator BHV

15/11

Examen Coördinator BHV

17/11

Netwerkdag hoofden BHV

(voor leden NVB)

18/11

Inleveren scriptie Hoofd BHV

December 2016 1/12

Workshop NEN 8112

8/12

Examen HBHV

Voor meer informatie en aanmelden zie: www.nvb-bhv.nl

Nr 5 - oktober 2016

9


Kopzorgen en halsbrekende toeren Yvonne Smits - Tuerlings, instructeur eerste hulp, hbo-verpleegkundige Els Knaapen, instructeur eerste hulp

Het vijfde ‘gouden’ eerstehulppunt is: ‘help het slachtoffer waar hij zit of ligt’. Dat lijkt een eenvoudige regel en rationeel is iedereen het er helemaal mee eens; niet met een gewonde gaan slepen als het niet echt nodig is. Toch blijkt het, als er emoties om de hoek komen kijken, in de praktijk nog niet zo simpel. De patiënt Een 35-jarige dame, sportief, beweeglijk en altijd druk in de weer. Wat er gebeurde De dame was wat gehaast en snelde op haar fiets door het verkeer. In plaats van op het fietspad te blijven, koos zij ervoor om een hoek af te snijden, waardoor zij recht in het pad van een auto terechtkwam. Ze botste met grote snelheid op de auto en werd met fiets en al door de lucht geslingerd. Zij landde uiteindelijk in een ongemakkelijke positie onder de fiets. Zij was bewusteloos en had een grote, bloedende, gapende wond aan haar slaap. De schedel leek enigszins ingedeukt te zijn.

10

De eerste hulp Een van de mensen die het ongeluk had zien gebeuren, rende meteen naar het slachtoffer toe en greep haar bij de broekriem, met de bedoeling haar van de fiets af te halen en op de grond te leggen. Gelukkig was er een EHBO’er in de buurt, die de man kon stoppen voordat hij het slachtoffer op kon tillen. Er volgde een moeizame discussie, omdat de man vond dat je ‘zo’n jonge dame niet zo boven op die fiets kon laten liggen’. Uiteindelijk lukte het de EHBO’er om de hulpvaardige man ervan te overtuigen dat het toch echt het beste zou zijn om deze mevrouw rustig te laten liggen, gezien de mogelijkheid van hersen- of rugletsel. De wond werd afgedekt en het hoofd werd gestabiliseerd door de EHBO’er totdat de professionele hulp ter plaatse was.

HULPVERLENERS MAGAZINE


Nek- en wervelletsel achtergrondinformatie Om bovenstaande verhaal te kunnen volgen, zullen we beginnen met wat anatomie, om de situatie wat beter in kaart te brengen. De menselijke wervelkolom wordt ingedeeld in drie onderdelen, namelijk de nekwervelkolom, oftewel cervicaal, die bestaat uit zeven wervels. Dan komt de borstwervelkolom, oftewel thoracaal, die bestaat uit maar liefst twaalf wervels. En tot slot de lende wervelkolom, oftewel lumbaal, die uit vijf wervels bestaat. Wat er dus concreet op neerkomt dat de wervelkolom uit maar liefst 24 wervels bestaat, beginnend bij de schedel en eindigend in het heiligbeen en het bekken. De wervels worden bijeen gehouden door gewrichten, tussenwervelschijven en ligamenten (de banden). Een wervelletsel is een breuk of verschuiving van één of meerdere wervels. Dit kan zowel in de hals als ter hoogte van de rug optreden. Bij een wervelletsel is er gevaar voor beschadiging van het ruggenmerg. Als het ruggenmerg ter hoogte van de hals beschadigd is, kan een groot deel van het lichaam verlamd raken of kan het slachtoffer zelfs overlijden. Wervelletsels komen voor bij een ongeval met een hevige impact op het lichaam (bijvoorbeeld bij een auto-ongeval of een val van de trap). Maar dat had dus ook zomaar het geval kunnen zijn bij deze 35-jarige dame die met hoge snelheid tegen de auto aan kwam. Wat stel je vast? De volgende omgevingsfactoren wijzen op een mogelijk wervelletsel. Het slachtoffer was betrokken bij een ongeval met een hevige impact op het lichaam, zoals een verkeersongeval of een val. Zij is of wordt suf, slaperig, onrustig of

raakt bewusteloos. Het slachtoffer herinnert zich niet meer precies wat er is gebeurd. Zij heeft ernstige verwondingen aan het hoofd. Het slachtoffer heeft blijvende, ernstige hoofdpijn, is misselijk of begint te braken, is erg prikkelbaar, gedraagt zich vreemd of krijgt stuiptrekkingen. Het slachtoffer klaagt over een verminderd gevoel of tintelingen en heeft pijn aan de nek of de rug, of is daar erg gevoelig. Letsels van de wervelkolom worden meestal veroorzaakt door een hoogenergetisch trauma, waarbij tijdens een ongeval dusdanig veel kracht op de wervelkolom en de ligamenten wordt uitgeoefend, waardoor verschuiving van de gewrichten plaatsvindt en de samenhang verstoord raakt. Het ongevalsmechanisme is mede bepalend voor de ernst en de plaats van de fracturen in de wervelkolom. Omdat het ruggenmerg in de wervelkolom loopt, is er bij beschadiging van de wervelkolom groot risico op het optreden van doorsnijding of schade aan het ruggenmerg, oftewel een dwarslaesie, waardoor uitval optreedt onder het niveau van de doorsnijding. De meest voorkomende plaatsen waar fracturen van de wervelkolom voorkomen zijn de nekwervelkolom en de borstwervelkolom. Een wervelletsel hoeft niet per se door een groot ongeval op te treden. Door veranderingen in het bot of de structuren van de wervelkolom kunnen er bijvoorbeeld ook ‘spontane’ fracturen optreden. i Ook de whiplash (dit is een type cervicaal wekedelenletsel) wordt apart genoemd, omdat deze vaak na een zeer typisch ongevalsmechanisme voorkomt, de welbekende kop-staartbotsing. Vanwege het risico op verergering van het letsel en het mogelijke veroorzaken van een dwarslaesie is het essentieel

ABCDE-methodiek ABCDE-methodiek is een werkwijze waarbij hulp wordt verleend met het principe treat first what kills first. Met andere woorden: eerst de primaire (levensbedreigende) en vervolgens de secundaire c.q. tertiaire (niet-direct c.q. niet-levensbedreigende) letsels en stoornissen. Deze handelwijze heeft belangrijke voordelen omdat - naast een duidelijke houvast - door het volgen van deze methodiek (bijna) alle letsels en stoornissen ermee kunnen worden onderkend en behandeld. Waarbij de ABCDE staan voor: Airway maintenance with cervical spine protection, Breathing (ademhaling), Circulation (circulatie), Disability (bewustzijn) Exposure / environment (blootstelling / omgevingsfactoren).

Nr 5 - oktober 2016

11


om aan de hand van het ongevalsmechanisme na te gaan of er sprake is van een hoogenergetisch trauma en er dus wervelletsel kan bestaan. Bij ieder hoogenergetisch trauma is er de verdenking op wervelletsel, tot het tegendeel in het ziekenhuis bewezen is. Realiseer je dat ernstige verwondingen elders in het lichaam af kunnen leiden van de pijn in de nek of rug. Dit is ook het geval bij gebruik van alcohol, bewustzijnsstoornissen en drugsgebruik. Bij een gedeeltelijk of complete dwarslaesie worden vaak ook nog andere symptomen gezien. Op de voorgrond staat uitval, het onvermogen ledematen te bewegen en gevoelloosheid. Daarnaast kan er sprake zijn van urineverlies of het onvermogen te urineren. Bij mannen kan een blijvende erectie optreden (priapisme), zij zijn zich daar vaak niet van bewust. Als gevolg van onderbreking van het autonome zenuwstelsel kan ook neurogene shock optreden. Wat doe je? Benader het slachtoffer volgens de ABCDE-methodiek. (zie kader). Ga vroegtijdig het ongevalsmechanisme na 12

en beoordeel of er sprake is van een hoogenergetisch trauma of een ongeval dat wervelletsel kan veroorzaken. Indien er een hoogenergetisch trauma heeft plaatsgevonden of er een verdenking is op wervelletsel: immobiliseer de nek van het slachtoffer met de handgreep van Zäch of manuele fixatie. Instrueer het slachtoffer om niet meer te bewegen en geen ‘ja’ te knikken of ‘nee’ te schudden. Bel 1-1-2 voor professionele hulp. Wees bedacht op stoornissen in de vitale functies, het bestaan van hoofd- en hersenletsel en neurogene shock. Met het slachtoffer in ons verhaal is het, mede dankzij het doortastende optreden van de hulpverleenster, die haar rustig fixeerde en liet liggen, weer helemaal goed gekomen. Ze heeft een nachtje ter observatie in het ziekenhuis doorgebracht, maar kon de volgende dag weer naar huis.

i Zie ook: botbreukellende HM 2015-3, blz. 12-14

HULPVERLENERS MAGAZINE


Hulp voor en van iedereen Bart van Walderveen EHBO’ers zijn er in soorten en maten. Het kunnen verlenen van eerste hulp is gelukkig al sinds de introductie van EHBO in Nederland door iedereen te leren. Zo wordt er cursus gegeven in diverse andere talen dan het Nederlands. Toch is het verlenen van hulp door leken niet in elk land gewoongoed. Het kan dus zijn dat het slachtoffer en/of de omstanders niet bekend zijn met hoe de hulpverlening is georganiseerd. Tips en ervaringen van EHBO’ers en professionele hulpverleners kunnen u helpen hiermee om te gaan. Wij vroegen het vrijwilligers uit de grote steden en een ambulanceverpleegkundige. Is lekenhulpverlening gewoon? In alle EU-landen is het zo dat, net als in Nederland, burgers naar beste kunnen hulp moeten verlenen bij een ongeval. Polen en andere Oost-Europeanen zijn bekend met het fenomeen EHBO en herkennen vaak ook de wijze waarop onze hulpverlening is georganiseerd. Anders is het in landen rondom de Middellandse Zee. Bijvoorbeeld in Italië is het een misdrijf om medische hulp te bieden in geval van nood als je niet gekwalificeerd arts of hulpverlener bent, maar het is ook een misdrijf om iemand niet te helpen in geval van nood, bijvoorbeeld door te bellen met de juiste hulpdienst of het aanbieden van eerste hulp als je wel gekwalificeerd bent om dat te doen. De geheel andere cultuur en een andere kijk op hulpverlening en hulpverleners brengt vaak met zich mee dat zij er van uitgaan dat wij hier het zelfde handelen als in het land van herkomst. Onze semi- en professionele aanpak is hen totaal vreemd. Omgaan met mediterrane slachtoffers In de mediterrane landen is de hulpverlening anders geregeld, hebben ze geen beschikking over een huisartssysteem of een poliklinisch systeem. Onwel worden is hup in een auto en naar het ziekenhuis. En ambulances, vaak met minder uitgebreid opgeleid personeel, gaan op een zelfde manier te werk. Hier maakt ambulancepersoneel dan ook vaak mee dat familie al snel aandringt dat ze het slachtoffer ‘snel snel’ mee moeten nemen naar het ziekenhuis. Ter plaatse controleren en eventueel behandelen of door verwijzen naar de huisarts wordt zeker niet altijd begrepen. Het vergt van de hulpverlener geduld, begrip en uitleg van de situatie. Taalproblemen kunnen daarbij de situatie bemoeilijken. De hulp van buren, om-

Nr 5 - oktober 2016

13


standers of bijvoorbeeld kinderen die én Nederlands én de vreemde taal spreken en verstaan is dan onmisbaar. Vrouwen en mannen De benadering als mannelijke ambulanceverpleegkundige van een allochtone vrouw vergt ook de nodige tact. Ten eerste is het een kwestie van inschatten of je te maken hebt met een direct levensbedreigende situatie, dus weinig tijd kunt verliezen of dat je de tijd kunt nemen om met geduld en begrip alle aspecten van hun cultuur kan respecteren en in ere laten. Is het in alle situaties al van belang om uitleg te geven en toestemming te vragen om iemand te mogen helpen en aan te mogen raken dan is dat bij allochtone vrouwen nog meer van belang. Probeer een vrouwelijke collega hulp te laten verlenen. Scherm het hulpverlenen een beetje af. Laat een familielid, bij voorkeur de partner, aanwezig zijn. En werk het liefst samen met een collega. Het valt niet altijd mee om, voornamelijk zeer traditionele, allochtone, vrouwen in hun situatie te behandelen. Ertegen ingaan en je eigen westerse gedrag door zien te voeren is niet wenselijk. Goed hulpverlenersschap (niet professioneel of wel) vergt altijd respecteren van de persoonlijke integriteit. Geef wel aan wat dan de mogelijkheden zijn als hulpverlener en beperk je dan ook tot het hoognodige. Een dokter in het ziekenhuis staat, door de eerder genoemde wet- en regelgeving in de mediterrane landen, in hun beleving vaak op een hoger niveau van aanvaardbaarheid omtrent de lichamelijke benadering dan van EHBO’ers en de professionele ambulante hulpverlening zoals wij die hier in onze westerse beschaving kennen. Haal uzelf dan ook geen moeilijkheden op de hals en laat het aan de dokter over.

1. Let op gevaar Laat niet over u heen lopen, maar zoek de problemen ook niet op. Accepteer een ‘nee’. Eigen veiligheid staat nog altijd voorop. 2. Ga na wat er is gebeurd en daarna wat het slachtoffer mankeert Onwel voelen en/of pijnbeleving theatraal uiten past bij de mediterrane volksaard. Prik daar doorheen. U hebt geleerd bij een stil slachtoffer door te vragen, nu zult u soms tussen de regels door moeten luisteren. 3. Stel het slachtoffer gerust en zorg voor beschutting Het slachtoffer wordt vaak omringd door een betrokken familiekring. Blijf kalm en probeer ook deze gerust te stellen. Laat u niet afleiden. 4. Zorg voor professionele hulp Omstanders zullen u wellicht vragen om direct 112 te bellen. Laat het weten aan de centralist als u alleen belt onder druk van de omgeving. 5. Help het slachtoffer op de plaats waar hij ligt of zit Denk daarbij aan het bijzondere respect dat een vrouwenlichaam in andere culturen geniet.

Tips uit het veld De strekking van de reacties van instructeurs en coördinatoren hulpverlening is eenduidig. Als u het slachtoffer benadert zoals u geleerd is, dan neemt u de goede stappen. Voorstellen, uitvragen, behandelplan voorstellen en indien slachtoffer daarmee akkoord gaat uitvoeren. Kijk verder goed naar de situatie en wat het slachtoffer zelf aangeeft wat prettig wordt bevonden. En ook, hulpverlening aanvaarden is geen verplichting. Blijven communiceren voor ons als hulpverlener wel. Vijf punten van EHBO De tips uit het veld en de ervaringen van de ambulanceverpleegkundige: 14

HULPVERLENERS MAGAZINE


Hulpverlening in een multiculturele samenleving In Nederland wonen veel mensen die uit andere landen afkomstig zijn. Hoewel de kleurrijkheid een kenmerk is geworden van de Nederlandse samenleving, is het ook duidelijk dat dit nieuwe (hulpverleners)vragen oproept en soms andere keuzes moeten worden gemaakt. Helaas heerst er nog steeds een taboe op deze materie. Daarom een tipje van de sluier‌

Nr 5 - oktober 2016

15


Themakatern Het tipje van de sluier Yvonne Smits - Tuerlings, instructeur eerste hulp, hbo-verpleegkundige In Nederland wonen veel mensen die uit andere landen afkomstig zijn. Dat zien we terug in alle facetten van de samenleving. Op dit moment is 17% van de Nederlandse samenleving van buitenlandse afkomst. Dit percentage zal naar verwachting toenemen. Hoewel de kleurrijkheid een kenmerk is geworden van de Nederlandse samenleving, is het ook duidelijk dat dit ons op vele terreinen voor nieuwe vragen en keuzes stelt. Eén van die terreinen is bijvoorbeeld een gesluierde multiculturele allochtoon als hulpverlener. Zo wordt er bijvoorbeeld nog een heleboel ophef gemaakt over hoofddoekjes in de verpleging. Hoewel men over het algemeen trots is over afkomst en werk wil maar een enkeling dat hierover iets wordt gepubliceerd, laat staan met een foto. Er heerst helaas nog steeds een taboe op deze materie. Naima vertelt. Ze is blij dat ze, na twee jaar, werk heeft als verpleegkundige in een algemeen ziekenhuis. Dat was zo’n vier jaar geleden nog ondenkbaar, toen was het voor haar praktisch niet mogelijk om een stageplek te vinden. Hiervoor had ze maar liefst 25 sollicitatiebrieven verstuurd, maar telkens werd ze afgewezen vanwege haar hoofddoekje, vertelt ze. Zo kreeg ze bijvoorbeeld te horen dat het ‘onhygiënisch’ zou zijn. Ook tijdens haar studie kreeg ze regelmatig opmerkingen dat verpleegkundigen geen hoofddoek horen te dragen. Het probleem had grote gevolgen, immers, als ze geen passende stageplek zou vinden, zou ze onmogelijk haar diploma verpleegkunde kunnen behalen.

Eerste en tweede generatie Een eerstegeneratie-allochtoon is iemand die in het buitenland is geboren en van wie ten minste één ouder in het buitenland is geboren. Een tweedegeneratie-allochtoon is iemand die in Nederland is geboren en van wie ten minste één ouder in het buitenland is geboren. Ongeveer de heft van de Nederlandse allochtonen behoort tot de eerste generatie, de andere helft is in Nederland geboren en behoort tot de tweede generatie.

Mensen helpen is bovendien een goede daad volgens de Islam. Wel is er een valkuil. Allochtone verpleegkundigen treden soms standaard op als tolk en nemen zo te veel verantwoordelijkheid voor patiënten op zich. Maar hoe geldt dat voor moslima die door een man verpleegd/geholpen dienen te worden? De nieuwsgierigheid was gewekt maar de weg naar de antwoorden bleek nog niet zo eenvoudig. Uiteindelijk bleek er maar een handje­vol moslima’s bereid om hierover in gesprek te gaan. Vervolgens waren er nog enkele dames die alleen aan een inter-

Mensen helpen Verhalen zoals die van Naima zijn geen uitzondering. Het is een ernstig probleem voor de gelijkheid in het onderwijs en op de arbeidsmarkt. Moslima’s kiezen ook relatief weinig voor het vak verpleegkundige uit angst voor reprimandes van familie en toekomstige echtgenoot. Status, intieme handelingen bij patiënten, nachtdiensten en het gevoel niet begrepen te worden door autochtone collega’s spelen een rol. Moslima’s die wel verpleegkundige of verzorgende zijn geworden, zijn echter positief. Vaak is hun familie juist trots op hun gestudeerde dochter. Moslima’s zelf vinden hun geloof een meerwaarde voor hun werk, bijvoorbeeld in de zorg voor allochtone patiënten. 16

HULPVERLENERS MAGAZINE


Hulpverlening in een multiculturele samenleving

view mee wilden werken, wanneer hun namen gefingeerd zouden worden. Er was slechts één dame, die mee mocht én wilde meewerken bij het aanleveren van een foto. Ook hieruit blijkt dat het nog steeds een gevoelig onderwerp is, ondanks onze multiculti samenleving. Dat riep wel de volgende vragen op: “Hoe gaan scholen en instellingen met deze materie om, zij die mensen opleiden om in de zorg te werken? Zouden zij ook tegen deze hoge muren aanlopen? En wat nu wanneer deze verzorgende en verpleegkundige in spe op stage gaan?” Gewetensbezwaren Verpleegkundigen en Verzorgenden Nederland (V&VN) vindt het ‘niet wenselijk’ dat een hulpverlener met gewetensbezwaren wordt toegelaten tot de opleiding als de gewetensbezwaren zich uitstrekken tot de kerntaken van het beroep. De commissie Ethiek van V&VN bracht daarom onlangs een standpunt uit in het kader van de zorgverlening door verpleegkundigen en verzorgenden uit andere culturen over omgaan met gewetensbezwaren door hulpverleners. Aanleiding was dat opleidingen af en toe te maken hebben met studentes met een moslim­ achtergrond, die op het moment dat ze stage gingen lopen aangaven dat ze vanwege hun levens- of geloofsovertuiging geen mannen kunnen/mogen wassen. De beroepsvereniging vindt dat instellingen of collega’s niet vanzelfsprekend rekening hoeven te houden met een hulpverlener die door zijn levensovertuiging handelingen niet wil uitvoeren

die wel tot zijn kerntaken behoren. “Gewetensbezwaren tegen een handeling die tot de kerntaken van het beroep behoort, betekenen dat de relatie zorgverlener - zorgvrager nauwelijks gestalte kan krijgen en dat een aanzienlijk deel van de zorg door collega’s overgenomen moet worden. De opleiding aanpassen om tegemoet te komen aan deze gewetensbezwaren, betekent dat het beroep van verpleegkundige of verzorgende ondergraven wordt. De hulpverlener mag geen zorg weigeren omdat de zorgvrager man of vrouw, politiek links of rechts georiënteerd is, homoseksueel of lesbisch of joods, rooms katholiek, protestants of moslim is. Diezelfde beroepscode beschermt de hulpverlener tegen het verrichten van handelingen die tegen de diepste overtuigingen van een verpleegkundige of verzorgende ingaan en voorziet in de mogelijkheid om een dergelijke handeling te weigeren. V&VN stelt dat het ‘heel belangrijk’ is dat verpleegkundigen en verzorgenden werken volgens de professionele waarden en normen. Hulpverleners zouden zich mogen beroepen op gewetensbezwaren als het gaat om uitzonderlijke handelingen, zoals meewerken aan abortus en euthanasie. Echter, iemand die vanuit haar geloofsovertuiging gewetensbezwaren heeft en daarom geen man wil wassen, zou zich moeten afvragen of het beroep verpleegkundige of verzorgende wel de juiste keuze is, stelt V&VN. Want bij het wassen gaat het niet om een uitzonderlijke handeling.

Nr 5 - oktober 2016

Beroepskeuze Eén van de Turkse, gesluierde verzorgende die wel trots is op haar beroep en dat graag met ons wil delen, is Funda. Deze 29-jarige schone is van de tweede generatie. In 2008 is zij geslaagd als verzorgende Individuele Gezondheidszorg (= verzorgende IG). Als klein meisje wilde ze heel graag schooljuffrouw of kapster worden. Echter, toen ze 14 jaar was en een auto-ongeluk voor haar ogen zag gebeuren, is dat veranderd. Ze was op vakantie waar het noodlot zich voor haar ogen voltrok. Zonder na te denken ging ze eerste hulp verlenen. Ondanks dat ze toen nog helemaal geen EHBO-opleiding had genoten, zelfs nog niet eens in het bezit was van een EHBO-trommel, heeft ze het slachtoffer adequaat behandeld. De overige omstanders waren in paniek of vielen flauw 17


Hulpverlening Themakatern: in hulpverlening een multiculturele en ouderen samenleving van het bloed. Funda daarentegen was resoluut en zorgde dat het slachtoffer netjes werd overgedragen aan het ambulancepersoneel. Wat maakte dat ze dit heel bijzonder vond en graag de zorg in wilde. Haar moeder had liever gezien dat ze als administratief medewerkster aan de slag zou gaan. Maar ze gunde haar dochter het geluk en liet haar zelf kiezen. Nu is ze maar wat trots op wat haar dochter heeft bereikt. Funda voelt zich door haar familie, met name haar moeder en zus erg gesteund. Andere mensen hebben verschillende malen vreemd of vervelend gereageerd: “Hè bah, dan moet je ook mannen wassen.” Waarop Funda steevast reageert met dat de zorg toch niet alleen voor vrouwen is en dat mannen daar inderdaad ook bij horen. Na haar diplomering is ze in de kraamzorg gaan werken, wat ze met veel plezier heeft gedaan. Echter door lichamelijk klachten, ten gevolge van een auto-ongeluk, was het voor Funda niet meer mogelijk om daar te blijven werken. Inmiddels werkt ze al weer geruime tijd bij een thuiszorgorganisatie, waar ze de zorg heeft voor de oudere medemensen. Aanvankelijk was Funda begonnen met werken, zonder hoofddoek.

18

Totdat ze zwanger raakte en tijdens haar zwangerschapsverlof besloot om een hoofddoek te gaan dragen. Eenmaal weer terug op de werkvloer verbaasde het Funda dat haar collega’s er geen vervelende opmerkingen over maakte. Ook Hayat, wil delen dat ze trots is op haar beroep als verpleegkundige. Deze jongedame is als vijf-jarig meisje naar Nederland gekomen. In 1997 is zij aan de inservice opleiding begonnen tot verpleegkundige. Haar familie heeft haar hierin altijd gesteund. Na haar diplomering is ze daar blijven werken. Inmiddels werkt zij als oproepverpleegkundige, wat goed te combineren is met haar gezin. Hayat merkt soms wel eens dat patiënten, maar ook artsen soms wat terughoudend zijn in het contact. Echter, wanneer ze haar wat beter kennen, verloopt het wat soepeler, zelfs waanneer ze een hoofddoek draagt. Speciale dank aan: Mw. F. Bali – Coskun, Mw. H. Nejja, Dhr. P. Kranenburg Enkele namen, zijn op verzoek van de geïnterviewde gefingeerd, om de identiteit van hen te waarborgen.

HULPVERLENERS MAGAZINE


Dagboek van een instructeur Schokkend Taal is een boeiend medium. We gebruiken het de hele dag zonder er veel bij na te denken. Ooit in je jeugd heb je er een aantal jaren over gedaan om je de taal van je omgeving eigen te maken en daarna denk je pas weer over taal na als je bezig bent een andere taal te leren. De vertrouwdheid van onze eigen taal, maakt dat we soms geconfronteerd worden met uitingen die op de ontvanger heel anders overkomen dan de zender bedoeld heeft. De AED, de automatische externe defibrillator, heeft zich de afgelopen jaren ontwikkeld tot een van de belangrijkste hulpmiddelen bij de reanimatie door leken. Het apparaat heeft niet alleen de mogelijkheid om vast te stellen of er een schokbaar hartritme is, maar stelt de hulpverlener ook gerust door tegen hem te praten en aanwijzingen te geven. Het is echter geen wondermachine: zoals alle machines heeft ook de AED zijn beperkingen. Op een bepaalde manier is het een dom apparaat en de hulpverlener kan dan ook niet rustig gaan zitten wachten tot het apparaat hem vertelt wat hij moet doen. De hulpverlener zal nog steeds zelf moeten bepalen of hij, nadat de AED heeft aangegeven dat er geen schokbaar hartritme is, al dan niet door moet gaan reanimeren. Het is dus zaak dat iedere hulpverlener die geleerd heeft om te reanimeren en daarbij de AED in te schakelen, begrijpt wat het apparaat wel en niet kan.

Maar tijdens deze les had ik het gevoel dat de boodschap goed was overgekomen en dat iedereen begreep wat reanimatie doet en wat de functie van de AED daarbij is. Om zeker te weten of dat ook echt zo was, stelde ik aan het eind van de les nog een paar vragen. ‘Wanneer geeft de AED een schok?’ ‘Als ik op de knop druk!’ Helemaal correct, maar niet het antwoord dat ik verwacht en gehoopt had! Els Knaapen Instructeur Eerste Hulp / lid N.O.D.E.

De les was heel goed verlopen. De theorie van een hartstilstand, het reanimeren en het inzetten van de AED was diepgaand behandeld en daarna was er door de cursisten serieus geoefend in het reanimeren en het omgaan met de AED. Zo nu en dan was de praktijkoefening even stilgelegd om vragen van de cursisten te beantwoorden. Een reanimatiepop is een geweldig hulpmiddel bij een dergelijke les, maar blijft toch altijd maar een bleke afspiegeling van de realiteit. Voor veel cursisten is het moeilijk te begrijpen dat als een schok het hart weer op gang heeft gebracht, de patiënt direct weer zal bijkomen en als dat niet het geval is dat je dan gewoon door moet gaan met het reanimeren. Het is een van de onderdelen waarover altijd veel vragen van de cursisten komen.

Lijkt instructeur EHBO jou ook een boeiend vak? Heeft jouw EHBO-vereniging behoefte aan meer instructeurs? Of zou je graag iets naast je reguliere werk willen doen? Misschien is de opleiding Instructeur Eerste Hulp dan iets voor jou! Kijk voor meer informatie op: www.ehbodocent.eu/scholing Nr 5 - oktober 2016

19


Voor een veilige evacuatie van peuters/kleuters, maar ook te gebruiken voor dagelijkse uitjes. Geschikt voor 20 kinderen.

EHBO kleding set

(te gebruiken als: fixatie, wondpleister, verband, anti druk)

Pilot jack + Polo + broek * combinatie/set aanbieding nu voor:

€ 31,95

€ 171,82 Kijk voor de afmetingen op onze website.

(incl. BTW € 38,66)

(incl. BTW € 207,90)

Medicall Life Support Zorgt voor Veiligheid en Eerste hulp

Nu het nieuwe cursusjaar is begonnen, heeft u onze EHBO-prijslijst al ontvangen? Schrijf u in voor de maandelijkse mail met aanbiedingen.

AED systemen - Opleidingen: BHV - Beheerder BMI- Ploegleider BHV - VCA Basis - Instructie Kleine Blusmiddelen - Ademluchtbescherming PBLS - BLS - AED - CCV - EHBO (+Kinder EHBO) Verbandkoffers en Eerste Hulp Tassen - Verbandkoffercontrole op lokatie - Eerste Hulp-BHV artikelen - Beschermingmiddelen - Farmacie - AMBU reanimatiepoppen - Lesmateriaal - Promotieartikelen - Communicatiemiddelen - Etc. Medicall Life Support - Hogedijkseweg 18 - 4041 AW - Kesteren Tel: 0488-484350 - Fax: 0488-484924 E-mail: info@medicalllifesupport.nl - www.medicalllifesupport.nl

Nu ook Basis BHV E-Learning beschikbaar

Wij verzorgen opleidingen en trainingen: Bedrijfshulpverlening Reanimatie E.H.B.O. AED opleiding

Wij kunnen voor u de levering van AED verzorgen. Informeert u naar onze speciale prijzen!

BHV Ploegleider

Workshops

BHV Coördinator Crisismanagementtrainingen

Ontruiming Kleine blusmiddelen

Ook uw Bedrijfsnoodplannen kunnen wij voor u verzorgen!

Meer informatie? Kijk op www.sonon.nl of bel met 0573-251901

m.u.v. grote maten toeslag

Snogg Pleisterautomaat

*

Samen op Stap Lijn / Evacuation Kids Walking rope


Vraag en Antwoord

?! Frits Schut

Peter Schepers

Ervaringsdeskundigen Frits Schut (Kenniscentrum Bedrijfshulpverlening NVB) en Peter Schepers (intensive­careverpleegkundige en eerstehulpinstructeur) geven praktische antwoorden op prangende vragen! Mail uw BHV/brandpreventievragen naar info@nvb-bhv.nl en uw EHBO/medisch gerelateerde vragen naar p_schepers@hetnet.nl. Vraag Mag een werkgever de BHV-taken uitbesteden aan een extern bedrijf?

Antwoord Volgens artikel 15 van de Arbowet moet een werk­ gever één of meerdere werknemers aanwijzen als bedrijfshulpverlener. De praktische invulling van dit artikel houdt in, dat uit de risico’s die in de RI&E worden geconstateerd, scenario’s worden beschreven. In deze scenario’s wordt stap voor stap de calamiteit van begin tot einde ontwikkeld. Veel voorkomende scenario’s zijn: brand bestrijden en ontruimen of een EHBO-ongeval. Uit de scenariobeschrijving volgt van welke omvang en met welke kennis en kunde de BHV moet worden ingezet. De werkgever heeft de keuze om de calamiteit volledig met eigen BHV’ers te bestrijden, maar kan ook de keuze maken om daarvoor externe hulpverleners aan te trekken. Echter, ten minste één BHV’er moet uit het bedrijf zelf zijn aangewezen. Dit geeft bijvoorbeeld de mogelijkheid om op bedrijventerreinen of in bedrijfsverzamelgebouwen gebruik te maken van een centrale calamiteitenorganisatie die voor alle participerende bedrijven inzetbaar is. De Arbowet geeft echter ook aan dat in zo’n geval schriftelijke samenwerkingsafspraken moeten worden gemaakt waarin duidelijk beschreven wordt hoe de calamiteitenorganisatie moet functioneren. Belangrijke factoren daarin zijn: hoe verloopt de alarmering, binnen welke tijd moet de calamiteitenorganisatie operationeel zijn en hoe worden de kosten verdeeld?

Frits Schut

Vraag Als je een drukverband om de enkel aanlegt, is het dan van belang in welke richting je zwachtelt? Ik heb gehoord dat je vanuit de zwelling in de richting van de bovenkant van de voet moet zwachtelen. Tijdens mijn lessen eerste hulp werd echter niet aangegeven dat het belangrijk zou zijn in een bepaalde richting te zwachtelen. Antwoord Dit is een punt waar nogal eens over gediscussieerd wordt. In de verschillende EHBO-boekjes wordt over het algemeen geen bepaalde zwachtelrichting aanbevolen. Zelf denk ik dat het inderdaad raadzaam is om onder de voet door naar de aangedane zijde te zwachtelen. Stel namelijk dat men de enkel heeft verzwikt, dan is de voet veelal naar binnen geklapt. Wat je dan zeker niet wil, is dat de zwachtel ervoor zorgt dat de voet nog verder naar binnen wordt getrokken. Als je dus onder de voet door zwachtelt richting de enkel dan zal de voet zijn oorspronkelijke stand innemen. Dus vanuit de zwelling naar de bovenkant, is hetzelfde als onder de voet door naar de zwelling. Misschien moeten we concluderen dat je in ieder geval geen schade toebrengt of het letsel verergert als je onder de voet door naar de aangedane zijde zwachtelt, maar dat er ook geen man over boord is als je dat niet doet.

Peter Schepers

Nr 5 - oktober 2016

21


BHV in een multi-cultureel bedrijf Els Knaapen, instructeur eerste hulp Hoe is het om in een groot, in Nederland gevestigd Belgisch bedrijf, waar mensen van uiteenlopende nationaliteiten werken, als BHV’er verantwoordelijk te zijn voor de hulpverlening en veiligheid binnen dat bedrijf? Tegen welke problemen kun je aanlopen? Om antwoord op die vragen te krijgen, gingen HM naar Vandemoortele BV, een bedrijf in Zeewolde (Flevoland) waar voedingsvetten en -oliën worden geproduceerd en we spraken daar met Mesut Safak en Hidde Norder. Hidde is 46 jaar oud en geboren in Oosterbierum (Fr), maar al op jonge leeftijd verhuisd naar Flevoland. Hij werkt in de technische dienst van het bedrijf. Mesut is 30 jaar en een rasechte ‘Harderwieker’, geboren en getogen in Harderwijk. Mesut is teamleider op een van de productieafdelingen. Zo op het oog twee heel verschillende mannen, maar wat ze gemeen hebben, is het grote belang dat ze beiden hechten aan veiligheid op de werkvloer en het voorkomen van ongelukken binnen het bedrijf. Nu lijkt dat een vanzelfsprekend iets, maar in een bedrijf waar zo’n tien verschillende nationaliteiten rondlopen, is dat geen sinecure. Daarnaast werkt het bedrijf met een vol continu rooster wat ook weer voor een geheel eigen problematiek zorgt als het gaat om goed verlopende hulpverlening tijdens een calamiteit. Bijvoorbeeld, doordat er ’s nachts soms slechts één BHV’er aan het werk is. Een van de zaken die meteen opvalt, is dat de kast met BHV-materialen op slot zit: “Dat moet wel”, zegt Hidde, “anders verdwijnen er zaken”. Het slot van de kast is daarom voorzien van een breekglaasje, zodat bij een calamiteit hij direct geopend kan worden. Erin worden alle materialen bewaard die nodig zijn bij een BHV-inzet, zoals hesjes, helmen, porto’s, AED, verbandkoffer, enz. De regel is dat bij een ongeval degene die als eerste bij de kast komt de leiding van de hulpverlening op zich neemt. In het verleden werkte dat systeem goed, maar wat als er een onervaren BHV’er als eerste arriveert of iemand die de Nederlandse taal (nog) niet machtig is? Mesut en Hidde wat zien jullie als het grote knelpunt als het gaat om het vormen van een hecht BHV-team in een multi-cultureel bedrijf als dat van jullie? 22

Samen op weg voor meer veiligheid.

HULPVERLENERS MAGAZINE


Op slot, maar snel te openen.

BHV’ers herkenbaar aan de badge op hun mouw. Mesut: “Het grootste knelpunt is volgens mij de taal. We hebben op dit ogenblik een paar nog op te leiden BHV’ers die het Nederlands nauwelijks machtig zijn en van wie ik me afvraag of ze in geval van een groot ongeval wel adequaat kunnen communiceren. Ze worden weliswaar alleen voor het ‘schoonvegen’ ingezet, maar dan nog… De geringe taalbeheersing heeft volgens mij ook te ma­ken met de integratie van iemand in een bepaalde maat­schappij/bedrijf. Ik zie dan ook dat een gebrek aan integratie in de Nederlandse maatschappij daar een belangrijke rol bij speelt. Sommigen zien gewoon nut en noodzaak van een goed getraind en alert BHV-team niet in. Ze begrijpen eenvoudigweg niet waarom ze extra tijd en inspanning zouden moeten besteden aan iets wat in hun ogen zo abstract is als bedrijfshulpverlening. Het werken in ploegendiensten maakt de BHV extra belastend voor het BHV-team. Vergeet niet dat de BHVtrainin­gen overdag gegeven worden en dat dat nogal wat betekent voor iemand die er net een volledige nachtdienst op heeft zitten. Je moet wel zeer gemotiveerd zijn om na een nacht werken toch weer op tijd in de klas te zitten voor de BHV-training. Doordat we in de productie redelijk veel verloop hebben, is ook het vormen van een hecht en goed samenwerkend BHV-team een zorgenkind. De laatste mensen die deel zijn gaan uitmaken van ons team hebben zich niet zelf aangemeld, maar zijn aangewezen. Dat zegt wel iets over de mate van betrokkenheid bij het bedrijf en de maatschappij in het algemeen. Hidde: “Binnen de Technische Dienst hebben we veel minder verloop van collega’s en dat betekent dat de

BHV’ers binnen onze afdeling vaak al gedurende langere tijd actief zijn en inmiddels al heel wat ervaring hebben opgedaan. In eerste instantie was het zo dat de technische dienst in feite oververtegenwoordigd was binnen het BHV-team, maar in een vol continu bedrijf is het van belang dat juist ook productiemedewerkers, die immers ook ’s avonds en ’s nachts werken, betrokken zijn bij de hulpverlening en zich inzetten voor het voorkomen van ongevallen.

Taal belangrijk voor de BHV’er Als TD’er kom ik overal in het bedrijf en constateer ik toch nog wel met enige regelmaat dat er bijvoorbeeld pallets op een vluchtroute worden neergezet. Dat is toch een duidelijk gebrek aan bewustwording en niet echt begrijpen waarom die vluchtroute wel eens heel belangrijk zou kunnen zijn. Wat ik verder heel erg betreur is dat we naast het BHVteam ook een groep gediplomeerde EHBO’ers in het bedrijf hadden en dat op een gegeven moment besloten is dat die geen toegevoegde waarde hebben. Jammer, want EHBO’ers zijn heel waardevol bij de kleinere ongevallen, waar iemand wellicht niet meteen een beroep op de professionele hulpverlening hoeft te doen.” Desgevraagd geven beiden met grote stelligheid aan dat ze overal en iedereen helpen waar maar hulp geboden is. Ze zijn het roerend eens; leven gaat altijd boven gewoontes, gebruiken of culturen! Blijft de vraag: “Heeft de bereidheid tot het verlenen van hulp iets te maken met de cultuur waarin je groot geworden bent?”

Nr 5 - oktober 2016

23


10

JAA

R

De Powerheart G5 biedt u:

“Het vertrouwen om te handelen”

De Powerheart® G5 AED Vivon informeert en adviseert overheid, bedrijfsleven, particulieren, en vrijwilligersorganisaties over het gebruik en de aanschaf van een AED. De Powerheart G5 biedt u betrouwbaarheid, gebruiksgemak en geavanceerde therapie waarmee u een leven redt. Dankzij de krachtige specificaties van de Powerheart G5 kunnen zowel professionele- als burgerhulpverleners tijdig en effectief hulp bieden, zodat het slachtoffer van een acute hartstilstand de beste kans op overleven heeft. De Powerheart G5 beschikt over een aantal unieke specificaties waarmee de Powerheart G5 zich onderscheidt van andere AED’s:

10

JAA

R

Volautomaat De gebruiker hoeft niet langer op een schokknop te drukken om de schok toe te dienen. Hierdoor is er minder risico op verwarring en foutieve handelingen. Meertalig (Nederlands/Engels) Schakel tijdens een reddingsactie met één druk op de knop over op een andere taal. Realtime reanimatiefeedback De hulpverlener krijgt direct feedback op de diepte en snelheid van de borstcompressies. Metronoom (30/2) met gesproken instructies De Powerheart G5 biedt instructies in het tempo van de hulpverlener. De RescueCoach™ leidt de hulpverlener door iedere kritieke stap tijdens een reddingsactie. Trapsgewijs variabel energieniveau De Powerheart G5 past automatisch het energieniveau aan de behoefte van het slachtoffer aan.

Vivon Nederland B.V. | Ekkersrijt 1121 | 5692 AD SON | Tel: 0499 - 49 00 16 | info@vivon.nl | www.vivon.nl


Productnieuws Eerste Hulp Verlenen (1e druk) Eerste Hulp Verlenen is hét nieuwe boek voor de eerstehulpverlener. In deze uitgave lees je alles wat je nodig hebt voor het verlenen van adequate Eerste Hulp en is geschikt als basis voor het Diploma Eerste Hulp en daarop volgende herhalingslessen. Geheel volgens de Nederlandse Eerste Hulp Richtlijnen 2016 van Het Oranje Kruis, Rode Kruis en NIBHV. KNV-ledenprijs: € 18,25, anders € 22.95. Bestelnummer eh800 op de webwinkel van www.koninklijke-ehbo.nl

Cursisten verbandset (richtlijnen 2016) Door ervaren docenten samengesteld pakket verbandmaterialen om mee te oefenen verpakt in een sluitbare zipzak. Voor € 14,77 per stuk (incl. 6% btw) krijgt u alle materialen om als cursist thuis mee te oefenen. Bij afname van meerdere exemplaren ineens krijgt u korting die kan oplopen tot 60%. Bestelnummer eh1101 op de webwinkel van www.koninklijke-ehbo.nl

Bedrijfshulpverlener Ontruimer Het boek Bedrijfshulpverlener Ontruimer beschrijft een van de belangrijkste taken van bedrijfshulpverlening in bedrijven en gebouwen. Het behandelt de ontruiming gezien van uit wetgeving en NEN-norm en dekt daarmee het taakgebied ontruimen en evacueren af uit artikel 15 van de Arbowet. Ook het Bouwbesluit verplicht bedrijven die een brandmeldinstallatie moeten hebben, te zorgen voor een ontruimplan en een ontruimorganisatie. De vluchtwegsignalisatie volgt in dit boek de richtlijnen van de ISO 7010. Onderwerpen in het boek zijn; Het takengebied van de BHV, Organisatievormen BHV, Menselijk gedrag, Paniek en Informatie en instructie. Bedrijfshulpverlener Ontruimer, Uitgave NVB Lochem. www.nvb-bhv.nl, ISBN 978-90-80579-19-4, 53 bladzijden. Prijs € 8,38 incl. btw

Nr 5 - oktober 2016

25


Jeugd-EHBO op een basisschool nutt Bob Berkemeier Nu ik me sinds twee jaar pensionado mag noemen, ben ik, zoals veel lotgenoten, ook overdag beschikbaar voor allerhande vrijwilligerswerk. Ook op het gebied van de Jeugd-EHBO kun je je als gepensioneerde nuttig maken. Vele jaren achtereen hebben enthousiaste leden van de afdeling Uithoorn van de KNV EHBO, jeugd EHBO-lessen op basisscholen verzorgd. Echter, enkele jaren al werden om verschillende redenen geen jeugdcursussen meer georganiseerd. Onder andere omdat er op de scholen op de lesroosters geen ruimte meer voor was. Gelukkig konden we in Uithoorn min of meer bij toeval op een basisschool het dankbare jeugd-EHBO-werk reanimeren. Dat ging als volgt.

boek kozen we, onder andere omdat de KNV enkele begeleidende introductiefilmpjes op internet heeft gezet. Ook sprak ons aan dat zich in dit boek in ieder hoofdstuk een professionele hulpverlener voorstelt met naam en foto, als inleider tot het desbetreffende hoofdstuk. Net als in de filmpjes. Een uitgebreide jeugdcursus met officieel examen kon het niet worden, gezien de beperkte tijd. Wel mogelijk was een combinatie van diverse hoofdstukken binnen

EHBO-schild trok aandacht We wonen naast een park waarin een Jenaplan-basisschool staat. Dagelijks lopen ouders en leerlingen langs ons huis. Op de school worden ook buiten het normale lesprogramma activiteiten georganiseerd waarbij spelen en leren samen gaan. Dit jaar konden de leerlingen kiezen uit een reeks workshops op vrijdagmiddagen, van zang & rap tot natuurpad, druktechnieken of rekenspelletjes. Een van de dagelijks langs ons huis komende moeders vond het raar dat er op school niets aan jeugd-EHBOwerd gedaan. Vroeger had ze daarmee op school als leerling zelf kennisgemaakt. Op een ochtend in april raakte ik voor ons huis met haar in gesprek. Aanleiding: het EHBO-bordje naast onze voordeur en het plan van deze moeder om aan de workshops voor de leerlingen ook een workshop EHBO toe te voegen. Dat leek me een goed idee. Ik bood aan daar zelf aan mee te werken. Ik had goede herinneringen aan eigen vroegere ervaring als kaderinstructeur en examinator, ook bij jeugdcursussen. Keuze van aanpak en lesmateriaal Op voorstel van de passerende moeder voegde de schoolleiding een workshop Kennismaking met EHBO toe aan de ‘ateliers’, zoals de workshops werden genoemd. Ik meldde me als docent-vrijwilliger. De oudercommissie, waarvan de moeder toevallig penningmeester was, betaalde de lesboekjes. Het plan van aanpak werd besproken. Beschikbaar waren zes lesuren op vrijdagmiddagen. De moeder, een juf en ik vergeleken de beschikbare twee, allebei geschikte, lesboeken, van het Oranje Kruis en van de KNV EHBO. Laatstgenoemd 26

Jeugd-EHBO-boekjes...de docent kan kiezen!

HULPVERLENERS MAGAZINE


tig en leuk de tien hoofdstukken van het EHBO Jeugdboek. Zo konden de leerlingen in ieder geval kennismaken met de belangrijkste EHBO-punten. Deze eerste keer deed een bewust klein gehouden groep mee, vier jongens en twee meisjes. Daardoor kon iedere deelnemer voldoende aandacht krijgen. De bestelde boekjes arriveerden, evenals twee grote dozen met allerhande (net over de datum zijnd) verbandmateriaal, van rollen pleisters tot diverse snelverbanden, gaas, watten en driekante doeken. Een apotheek bood dit oefenmateriaal gratis aan. De afdeling Uithoorn van de KNV stelde de kinder-reanimatiepop beschikbaar. We konden met de zes enthousiaste leerlingen (van groep zeven en groep acht) aan de slag.

Zes nuttige vrijdagmiddagen met een excursie Het groepje paste prima om de zeshoekige tafel in een spreekkamer. Op twee computers konden we de introductiefilmpjes tonen en in de gang was extra oefenruimte. In deze overzichtelijke groep werd de les al gauw meer een gesprek tussen docent en leerlingen dan een formele les. Ik behandelde de hoofdzaken van de lesstof. Leerlingen lazen hier en daar zelf een stukje voor of beantwoordden vragen. We bespraken de door de leerlingen te maken opdrachten uit het boekje. Leuk was het om levendige interactie tussen de zes verschillende jonge persoonlijkheden-in-wording te stimuleren. Ze leerden ook van elkaars antwoorden en ideeën. Natuurlijk wilden ze vooral praktisch bezig zijn. Er was verbandmateriaal genoeg. Twee aan twee werden geconcentreerd, soms nog onwennig of al wat te snel met het open vallende verbandrolletje, armen, vingers, hoofden of benen verbonden en pleisters geplakt. Een LOTUS-slachtoffer kwam een keer om een valpartij in de aula van de school, met beenbreuk, te spelen. Dat werd oefenen met de vijf belangrijke punten. Stabiele zijligging, Rautekgreep, handgreep van Heimlich: toch wel een beetje gek als je elf of twaalf bent. Wennen dat je daarbij elkaar moet aanraken en vastpakken. Dat is bij het verlenen van eerste hulp onvermijdelijk. “Wanneer doen we reanimatie?”, was al gauw de vraag. Gelukkig was daar de kinderpop om op te oefenen. Werden de kinderen zo snel volwaardige EHBO’ers? Neen, dat kan je niet verwachten, zo jong en speels als ze nog zijn in groepen zeven en acht. Maar al na de eerste les vertelde een leerling trots dat hij bij een huisgenoot een kneuzing had gekoeld. Prima! Als extra les bezochten we onze regionale ambulancepost in Amstelveen. De kinderen kregen interessante uitleg over wat er achter 112 en in een moderne ambulance zit. Ze gingen naar huis met een verbandtasje, vriendelijk beschikbaar gesteld uit de voorraad relatiegeschenken van het letselschadebureau waarbij ik voor mijn pensionering werkte. Kinderen en schoolleiding vonden deze eerste kennismaking met EHBO nuttig en leuk. Resultaat is dat ook dit schooljaar EHBO op het programma van de workshops staat.

Nr 5 - oktober 2016

27


Test uw kennis

“Hoe was het ook al weer?” Bob Berkemeier Op weg naar de herhalingslessen vraagt iedere EHBO’er of BHV’er zich dat wel eens af. Je bent niet dagelijks met de lesstof bezig en kennis die je niet dagelijks toepast verwatert, zakt weg. We willen u als onze lezers en lezeressen gelegenheid geven om, naast de herhalingslessen, ook individueel af en toe eens te testen wat van de verworven EHBO-kennis uit de (natuurlijk meest recente) lesboeken is blijven hangen. We doen dat door in iedere aflevering van het Hulpverleners Magazine een meerkeuzevraag over een onderwerp uit de lesstof voor te leggen. Het, kort toegelichte antwoord, staat op deze bladzijde ondersteboven. Voordat u ons magazine 180 graden draait en kunt ‘spieken’, kunt u daardoor eerst even nadenken over uw eigen antwoord.

Reanimatieregels nog paraat? Als lid van het reanimatieteam in mijn woonplaats was ik deze zomer betrokken bij de reanimatie van een vijftiger die thuis onwel werd en niet meer reageerde. Zijn echtgenote belde meteen 112. Via de alarmcentrale werden behalve de ambulance(s) onmiddellijk de brandweer, de politie (beide met AED’s in de wagens) en het plaatselijk reanimatieteam opgepiept. Binnen 2 à 3 minuten was de, gelukkig succesvol verlopen, reanimatie al in gang mede dank zij een brandweerman die in dezelfde korte straat woont. Wat is juist, als we hulp verlenen aan een slachtoffer dat, bijvoorbeeld in een winkelcentrum, in elkaar is gezakt, niet reageert op aanspreken en prikkels, niet ademt en bleek, grauw of blauw ziet?

A. 112 (laten) bellen, melden als ‘reanimatie’, zo mogelijk AED laten halen, tempo van telkens eerst 30 borstcompressies, 5 à 6 cm indrukken, vervolgens 2 beademingen. B. 112 (laten) bellen, melden als reanimatie, zo mogelijk AED laten halen, tempo van eerst 2 beademingen en vervolgens 15 borstcompressies, 2 à 4 cm indrukken. C. 112 (laten) bellen, zo mogelijk AED laten halen, tempo van telkens eerst 30 borstcompressies minstens 8 cm indrukken en 4 beademingen. D. Zo mogelijk AED laten halen, tempo van telkens eerst 2 beademingen en 30 borstcompressies, 5 à 6 cm in drukken, dan 112 laten bellen met melding ‘reanimatie’.

A is juist. Door onmiddellijk al 112 te bellen, liefst, als dat kan, te laten bellen en met de melding ‘reanimatie’ een ambulance te vragen, komt deze zeer dringende melding direct bij de ambulancecentrale binnen. Alle nodige hulpdiensten, ook een eventueel in de gemeente functionerend reanimatieteam, brandweerkorps of politie met een AED in de auto, worden dan meteen opgeroepen, evenals de beschikbare ambulance(s). Ook bij een langere ambulance-aanrijtijd is dan ter plaatse meteen hulp gemobiliseerd. Is er een AED in de buurt , bijvoorbeeld in het winkelcentrum waar de patiënt neervalt, laat die dan halen. En de regels zijn nu: begin met 30 borstcompressies (tempo van 100 a 120 keer minuut), borstkas 5 a 6 cm naar beneden drukken en na elke 30 compressies 2 keer beademen. Inderdaad, vroeger leerden we 15 compressies op 2 beademingen, met minder ver indrukken. Antwoord

k

28

HULPVERLENERS MAGAZINE


Aan de redactie Geachte redactie, Mijn naam is Simon Stam en ik vond het artikel over EHBO’ers op vakantie heel inspirerend, ik ben zelf professioneel hulpverlener in ruste (33 jaar werkzaam bij de brandweer Amsterdam). Ben sinds 2000 EHBO- en BHV-docent en heb een eigen reanimatietrainingbedrijf voor de NRR, tot zover over wie ik ben. Ik ga nog weleens op vakantie met de caravan naar het buitenland, natuurlijk ben ik goed voorbereid en neem zelfs mijn AED mee. Maar nu vraag ik mij af, kan ik in de landen om ons heen iemand reanimeren met mijn reanimatie diploma van de NRR, of kunnen daar grote problemen uit ontstaan? Natuurlijk zal ik iemand helpen, maar ik zou wel graag de gevolgen daarvan weten. Tenslotte moet je er niet aan denken dat je ergens aansprakelijk voor kan worden gesteld in het buitenland. Ik hoop dat jullie hier gegevens over hebben, ik denk dat het een nuttig artikel kan opleveren. Met vriendelijke groet, Simon Stam

Reageren?

Antwoord van de redactie / rectificatie Hier wordt inderdaad een heikel punt aangeroerd: wat is de stand van zaken betreffende inzet van een AED door een leek eerstehulpverlener? DAN Europe, een grote, internationale organisatie die zich met veiligheid rondom het duiken bezighoudt, heeft haar AED-cursus niet opgenomen in de reanimatiecursus. Zij stellen dat dat is omdat niet in alle Europese landen het de leek is toegestaan een AED te gebruiken. Desgevraagd geeft DAN Europe aan, dat het inderdaad niet helemaal duidelijk is in de verschillende landen. Uit een rapport van de European Heart Journal uit 2004 blijkt echter dat toen al het gebruik in veel Europese landen toegestaan, dan wel gedoogd werd. Destijds waren er slechts acht landen waar het gebruik van de AED door leken nog niet gelegaliseerd was. Nu twaalf jaar later, zou je dus kunnen aannemen dat de AED in de meeste landen inmiddels wel gemeengoed is geworden. Maar echt duidelijk is dat niet. Daarnaast is het zo dat eigenlijk in alle Europese landen het Barmhartige Samaritaanprincipe wordt toegepast. We kennen in Europa weliswaar geen Barmhartige Samaritaanwet die – zoals dat in de VS het geval is – de EHBO’er beschermd tegen aansprakelijkheid, maar hulpverleners genieten wel degelijk in alle landen bescherming. Blijft de vraag: in het buitenland in geval van nood wel of geen AED gebruiken? Wellicht is het aan te raden om je voor de vakantie op de hoogte te stellen van de wettelijke bepalingen rondom de AED in een bepaald land.

Nr 5 - oktober 2016

Heeft u ook een bericht voor de redactie, of wilt u reageren op een artikel? Wij ontvangen uw bijdrage graag! E-mail naar: redactie@ hulpverlenersmagazine.nl

U kunt ook reageren op onze facebookpagina: www.facebook.com/ hulpverlenersmagazine

29


Column

Wanneer ben je competent om je diploma verlengd te krijgen? “Nee, jouw verlenging zit er niet bij. Maar dat wist je toch? Je miste nog een aantal aftekeningen”, zo startte dit, voor mij, laatste seizoen tijdens de NODE-bijeenkomst in mijn rayon. Inderdaad, mijn verlenging als eerstehulpinstructeur blijkt op gespannen voet te staan met overwinteringen in Portugal. Hoewel, ik heb daar ook gereanimeerd. Heb daar ook slachtoffers geholpen en bijgestaan. Ik zie nog die angstige blik in de ogen van de slachtoffers in shock, die ik als hulpverlener tegenkwam. Ik hoor nog de laatste ademtocht van de dame tussen de wielen van een vrachtwagen. Ik voel nog die voet onder het gesmolten dashboard van het autowrak waar ik een moeder en haar dochters uithaalde. Ik ruik nog de geur van verbrand vlees. Ik beleefde de afgelopen 45 jaar EHBO met al mijn zintuigen. Ik prijs me gelukkig met 68 jaar levenservaring en het gegeven dat het menselijk brein een voorkeur heeft voor positieve herinneringen. Daarom proef ik ook nog steeds de bonbons, die het eerste uiterst dankbare door mij geholpen verkeersslachtoffer mij, na een lange zoektocht, samen met mijn keurig gestoomde deken, kwam terugbrengen. Ik had toentertijd slechts enkele weken mijn eenheidsdiploma. Ik koester de dankbare opmerkingen van slachtoffers, nadat ik hun bloedingen had gestelpt, hun kneuzingen gekoeld en hun lichaamsdelen had verbonden. Deze praktische vaardigheden, ook het louter geruststellen: “Broeder, wat ben ik blij dat u er bent”, probeerde ik ruim 40 jaar op mijn cursisten over te brengen. De 100% geslaagden cursussen getuigen van het succes van deze lessen. Als didacticus probeerde ik meer dan 40 jaar mijn collega’s hiervan te laten meeprofiteren. Kortom ik ‘voel’ me nog steeds volledig ‘competent’ en als EHBO’er toegerust voor mijn taak en zeker ook voor de volle 100% eerstehulpdocent. Helaas, de organisatie die de verlengingen regelt, mist de waarnemingen van mijn zintuigen. Eerstehulpacties in

30

praktijksituaties worden niet geregistreerd en tellen ook niet mee voor de puntentelling. Het systeem meet zuiver de opgestelde vereisten; weegt en heeft mij nu te licht bevonden. Het oordeelt dat ik niet in staat zal zijn nog voor mijn verlengingsdatum aan de vereisten te voldoen en er is geen dispensatie mogelijk. “Uw tijd als eerste hulp docent is voorbij!” Ik voel me nog het meest verwant met de vakman, die na ruim 40 dienstjaren bij het management van zijn bedrijf wordt geroepen en te horen krijgt dat hij mag uitstappen. “We gaan verder zonder u.” Het zij zo! Ik heb mij jarenlang met ziel en zaligheid voor de eerste hulp ingezet. Uit volle overtuiging en met grote inzet. U zult het met deze laatste column moeten doen. Ik ga, het is helaas niet mijn eigen vrije keuze, vervroegd met pensioen en ga de ehbo-tijd aan andere zaken besteden. Het gaat u en de eerste hulp goed. Wellicht komt er nog eens een tijd dat echte praktijkervaringen waar we al het oefenen toch voor doen, kunnen meetellen voor de verlenging van diploma’s. Gerard van Broekhuijsen

HULPVERLENERS MAGAZINE


Colofon

+

www.hulpverlenersmagazine.nl Hulpverleners Magazine geeft infor­matie over alle mogelijke onderwerpen op het gebied van eerste hulp bij ongelukken (EHBO) en bedrijfshulpverlening (BHV). Hulpverleners Magazine verschijnt zes keer per jaar in de maanden februari, april, juni, augustus, oktober en december. Hulpverleners Magazine is een uitgave van de Koninklijke Nederlandse Vereniging EHBO, de Nederlandse Vereniging Bedrijfshulpverlening en de Nederlandse Organisatie Docenten EHBO.

+ -p

Contact NVB www.nvb-bhv.nl / info@nvb-bhv.nl T. 0573 256 570

-e

!

+t

+

Contact KNV-EHBO www.koninklijke-ehbo.nl T. 030 696 99 99

s=h

-r

w=b

k=m r=n

Contact N.O.D.E. www.ehbodocent.eu T. 0161 223 843 Redactieadres Redactie Hulpverleners Magazine Kwikstaartlaan 28 3704 GS Zeist redactie@hulpverlenersmagazine.nl Redactie Els Knaapen, hoofdredacteur Bob Berkemeier Marjolein Bonnes Wilma Kuiper Yvonne Smits - Tuerlings Bart van Walderveen Stijl C, eindredactie

Los de rebus op en maak kans op het boek Bedrijfshulpverlener Ontruimer van de NVB.

Concept / realisatie / vormgeving Stijl C, Amersfoort, www.stijlc.nl Drukwerk BDU Print, Barneveld Advertenties JN/Media Sales, Deventer www.jnmediasales.nl Abonnementen Abonnementsprijs 2016: € 17,00 Afdelingen: € 14,50 Een abonnement kan op elk gewenst moment ingaan. Na een periode van een jaar wordt uw abonnement automatisch verlengd. Opzeggen kan ten minste een maand voor het verstrijken van de abonnementsperiode. Kijk op www.hulpverlenersmagazine.nl voor meer informatie. ISSN: 2213-3011

Stuur uw oplossing vóór 4 november 2016 naar: Redactie HM o.v.v. oplossing rebus HM 5-2016 Kwikstaartlaan 28 3704 GS ZEIST of per e-mail: puzzel@hulpverlenersmagazine.nl

Oplossing rebus Hulpverleners Magazine nr 4-2016: Klein ongeluk grote gevolgen Winnaar rebus nummer 4, 2016 De heer J.C. Haak uit Pernis is de winnaar van de twee EHBO-spellen van de Koninklijke EHBO.


Wie jarig is, trakteert! VO L=

VO

tie

sn e

ac

l!

L

le bi Ju

um

es e W

Herhalingsopleiding Instructeur BLS / AED & PBLS NRR inclusief extra training reanimatie bij een drenkeling De training wordt in een zwembad gegeven

Meedoen? Schrijf u in via onze website www.rescuemate.eu RescueMate bv

Wilhelminastraat 17 | 6039 AB Stramproy | The Netherlands T +31 (0)495 563445 | F +31 (0)495 562708 | info@rescuemate.eu

Hm 5 2016  
Hm 5 2016  
Advertisement