Issuu on Google+

BUSINESS

Rob de Wijk

‘Het is 5 over 12’


Profiel

Nederland worstelt volgens Rob de Wijk vooral met zichzelf

‘We zijn intellectueel lui geworden’ TEKST MART RIENSTRA FOTOGRAFIE BASTIAAN VAN MUSSCHER

Volgens Rob de Wijk is het 5 over 12. De 57-jarige hoogleraar Internationale Betrekkingen stelt in zijn nieuwste boek dat we inmiddels te laat zijn met het uitvoeren van constructieve oplossingen voor tal van ontwikkelingen die de welvaart en veiligheid van toekomstige generaties in gevaar brengen. Toch ziet hij nog enkele reddingsboeien. ‘Er moet een ander soort politicus opstaan. Eén die primair maatschappelijk en niet partijideologisch denkt.’ In zijn boek ‘5 over 12’ beschrijft Rob de Wijk ontwikkelingen zoals de opkomst van nieuwe economische grootmachten, maar ook de schaarste aan energie en grondstoffen en de klimaatverandering. Hij koppelt deze aan de financiële crisis en de gevolgen hiervan in met name Europa en de VS. Dat deze gevolgen zo ingrijpend zijn, komt volgens De Wijk door politieke polarisatie, de opkomst van het populisme, maar ook door de twijfel over het functioneren van het kapitalistische systeem en ons politieke bestel. Daarbij neemt hij als voorbeeld Nederland onder de loep. ‘Omdat ons land de afgelopen tien jaar relatief grote veranderingen heeft doorgemaakt. We zijn in rap tempo veranderd van een solidair land in een naar binnen gerichte natie die vooral met zichzelf worstelt. De moord op Pim Fortuyn, maar ook die op Theo van Gogh hebben gezorgd voor polarisatie en zijn in dit verband kenmerkende tijdsindicaties.’ Nederland is van oudsher niet alleen het land van de koopman, maar ook dat van de

II

BUSINESS NATIONAAL

dominee. ‘Met het opgeheven vingertje dat anderen vertelt hoe je moet leven en wat je wel en vooral ook niet moet doen. Als niemand vervolgens water bij de wijn wil doen, genereert dit escalaties en maakt het ons land in toenemende mate weinig aangenaam – en voor het buitenland minder aantrekkelijk.’

Val van de Muur Daarom trekt De Wijk, tevens directeur van het Haags Centrum voor Strategische Studies (HCSS), in zijn boek nadrukkelijk aan de alarmbel. ‘We glijden af, ook omdat de internationale verhoudingen nu totaal anders liggen dan tijdens de Koude Oorlog. Toen was de wereld nog overzichtelijk verdeeld in twee kampen: het Westen en het Oosten. Maar na de val van de Muur is door gebrek aan leiderschap en visie geen duidelijke, nieuwe ordening ontstaan. De macht in de wereld is meer dan ooit verdeeld en ligt tevens in handen van “onbetrouwbare” landen als China, India en Brazilië. Het besef dat de Westerse wereld niet langer de spil is waar alles om draait – en dat we dus moeten samenwerken in plaats van alleen kunnen heersen – dringt slechts mondjesmaat in Europa en Nederland door.’ Maar hoe is dat mogelijk? Als geen ander hebben wij toch historisch besef en zijn gewend na te denken over ons handelen en dat van anderen. ‘Is dat zo of is dat een illusie? Net als het idee dat we hier zo slim zijn; de praktijk bewijst eerder het tegendeel. We voldoen in Nederland niet eens aan de Europese doelstelling om 50% van de bevolking hoger opgeleid te krijgen en blijven steken op nog geen 40%. En om problemen op te lossen, moet je ze eerst

kunnen signaleren en benoemen. Daar is verstand van zaken voor nodig… en tijd.’

Ushi En juist op deze twee gebieden wringt het bij de gemiddelde Nederlander en politicus, aldus De Wijk. ‘We zijn intellectueel lui geworden, denken niet meer na maar reageren meteen.’ De vermeende behoefte aan daadkracht, maar ook de scoringsdrift in de media spelen hierbij een belangrijke rol. Daarom is volgens De Wijk een ander soort politicus opgestaan. Eén met minder bagage en één die complexe vraagstukken terugbrengt tot al te simpele oneliners. ‘Alsof dat altijd mogelijk – en wenselijk – is. Net als de gedachte dat een politicus vooral ook mens moet zijn: toegankelijk en gelijkwaardig. Jan Peter Balkenende vertelde mij eens dat hij gevraagd was voor het programma van Ushi (Wendy van Dijk vermomd als Japanse journaliste, red.). Willen we dat in Nederland, een premier die in de maling wordt genomen, als vorm van entertainment? Ik heb liever dat de leider van ons land serieus aan het werk gaat en regeert.’

Autoritaire regeringsvorm Want daar is behoefte aan, nu meer dan ooit. Daarom baalt De Wijk van de recente val van het kabinet Rutte. ‘Omdat politici zich de komende maanden weer als populisten zullen storten op het winnen van zieltjes, in plaats van overstijgend te denken aan het nationale belang.’ Maar daarna? Verwacht hij na de verkiezingen licht aan de horizon? De buitenlanddeskundige schudt het hoofd. ‘Ik zie geen kentering, niet op korte termijn. In mijn boek noem ik populistische politici de


‘Europese politici zijn de ambassadeurs van de stilstand: ze praten veel en polariseren, maar door gebrek aan kennis en visie verandert er niets.’

ambassadeurs van de stilstand: ze praten veel en polariseren graag, maar door gebrek aan kennis en visie verandert er niets. Daarom kan de huidige eurocrisis ook het failliet betekenen van het Europese democratische systeem. Kijk bijvoorbeeld wat gebeurt in Italië; omdat de nood hoog is, kiest men daar voor een autoritaire regeringsvorm. Dat is een signaal, zeker ook omdat landen zoals Nederland blijven doormodderen, vaak vanwege het ontbreken van een noodzakelijk draagvlak.’

Zakenkabinet Daarom pleit De Wijk in zijn boek voor een regering van nationale eenheid. Een tijdelijk zakenkabinet van professionals, niet of nauwelijks gebaseerd op politieke ideologie. ‘Maar of dat een reële optie is? Ik ken genoeg capabele mensen, maar niet één wil in dit politieke klimaat zijn nek uitsteken. En ongelijk geef ik ze niet.’ Zelf is De Wijk eventueel bereid tijdelijk zijn huidige functies in te ruilen voor een ministerspost in een zakenkabinet. ‘Als ik daarvoor gevraagd zou worden, zou ik het voor een periode van twee, drie jaar wellicht overwegen. Maar of dat getuigt van wijsheid…’ Nog beter is het om een ander soort politicus te laten regeren, beschrijft De Wijk in zijn boek. Eén die niet reageert op de waan van de dag, maar op basis van een Grand Strategy. Daarbij moet Nederland inzetten op vier punten: innovatie, vestigingsklimaat, buitenlandbeleid en de maakindustrie. ‘Maar of zelfs dat ons uit de crisis haalt, betwijfel ik. We hebben het deels laten lopen. “Never waste a good crisis,” wordt vaak gezegd. But we did!’ BUSINESS NATIONAAL

III


BUSINESS

Rob de Wijk

‘Het is 5 over 12’ BusinessNationaal3.indd 1

25-05-12 13:59


bedrijfsprofiel

Thinkwise Software: 4ever young

Uw laatste softwareproject Ooit wel eens wakker gelegen van de verouderde automatiseringssystemen binnen uw bedrijf? Nergens voor nodig. Thinkwise Software kan bestaande software moderniseren en tegelijkertijd ervoor zorgen dat deze functioneel en technologisch nooit meer veroudert. Kortom, uw laatste softwareproject.

Op maat Victor Klaren, CTO van Thinkwise, legt uit hoe het werkt: ‘We gaan met de klant om de tafel en inventariseren zijn behoefte. Het principe is opgebouwd uit twee delen: een bedrijfsspecifiek model en technologiestekkers. Zo’n model is precies op maat voor de klant en hij kan zijn bedrijfsmodel zelf steeds optimaliseren naar nieuwe situaties, bijvoorbeeld van voorraadgestuurd naar klantordergestuurd. Daarna koppelen wij de techniek aan het bedrijfsmodel door zogenaamde technologiestekkers zodat het geheel één softwareoplossing wordt. Door middel van deze stekkers kunnen wij dan steeds de nieuwste mogelijkheden van bijvoorbeeld Windows, Web of Mobile Business Apps leveren. Dat alles zonder dat de klant er moeite voor hoeft te doen. Die concentreert zich op zijn specifieke bedrijfsmodel en Thinkwise levert nieuwe technologieën als een service zonder dat je de applicatie steeds opnieuw hoeft te bouwen.’ Victor Klaren (links) en Robert van der Linden

Veel ondernemers kennen het probleem: na een moeizame en dure implementatie past de nieuwe softwareoplossing redelijk goed. Maar daarna beginnen de problemen. De business verandert en functionele wijzigingen zijn vaak risicovol en duur. Sowieso is software niet technologisch te vernieuwen zonder opnieuw te bouwen of te kopen, dus loop je snel weer hopeloos achter.

Baas in eigen huis ‘Thinkwise heeft een nieuwe visie op softwareontwikkeling en heeft daarvoor de benodigde gereedschappen ontwikkeld. Hiermee blijft de klant baas in eigen huis over zijn business-software. Hij hoeft niet eens een IT-afdeling te hebben,’ zegt Robert van der Linden, CEO van Thinkwise. Ondanks de crisis groeit Thinkwise snel. ‘In het eerste kwartaal van dit jaar hebben we twintig medewerkers aangenomen. De groei wordt gestimuleerd door de crisis omdat bedrijven op zoek zijn naar een alternatief voor hun dure software.’

Vrijblijvende demo De dienstverlening van Thinkwise kent twee varianten. Een klant kan de complete applicatie turnkey laten leveren, maar het is ook mogelijk om de applicatie samen met Thinkwise te bouwen en door te ontwikkelen. Bedrijven die interesse hebben in de filosofie van Thinkwise kunnen hun bestaande software in de basis laten moderniseren zonder kosten. Ze krijgen na een eerste intake binnen vier weken een vrijblijvende demo van hun eigen gemoderniseerde software. Aan de hand van dit bewijs kan men beoordelen of men kiest voor de unieke Thinkwise-aanpak.

Thinkwise Software Boogschutterstraat 7b, 7324 AE Apeldoorn Telefoon: 055-3128280 info@thinkwisesoftware.com www.thinkwisesoftware.com BUSINESS NATIONAAL

V


THEMA

19 miljard euro verlies voorzichtige schatting

Productiviteit ICT kan stukken beter TEKST CEES LOUWERS fotografie guus schoonewille

Elke dag opnieuw verliezen Nederlandse werknemers bijna 8% van de tijd die zij met ICT werken door slecht functionerende hard- en software en gebrekkige vaardigheden. Dit blijkt uit het rapport Ctrl Alt Delete van Universiteit Twente. Het betekent een financiële strop van 19 miljard euro per jaar. Organisaties stellen maar weinig middelen ter beschikking voor het verbeteren van ICT-vaardigheden: ‘Het probleem staat simpelweg niet op het netvlies.’

Het rapport Ctrl Alt Delete werd door Universiteit Twente uitgevoerd in opdracht van ECDL, CA-ICT en Digivaardig & Digiveilig. Onderzoekers Alexander van Deursen en Jan van Dijk noemen de uitkomsten schokkend. ‘Zowel vanwege de omvang van het probleem als omdat leidinggevenden en werknemers zich nauwelijks bewust zijn van het forse productiviteitsverlies,’ aldus Van Deursen. Hij is universitair docent en promoveerde twee jaar geleden op een onderzoek naar de digitale vaardigheden van de Nederlandse bevolking. ‘De geschetste omvang van de tijd die verloren gaat bij het gebruik van ICT is zeker niet te hoog, eerder nog aan de voorzichtige kant. Er zijn verschillende aanwijzingen dat de ICT-vaardigheden behoorlijk worden overschat. Het daadwerkelijke probleem is dus waarschijnlijk nog groter.’

Te groot Computers en internet hebben voor een enorme stijging van de produc-

VI

BUSINESS NATIONAAL

tiviteit gezorgd, benadrukt Van Deursen. ‘Maar de tijd die momenteel verloren gaat door slecht functionerende hard- of software en gebrek aan vaardigheden om efficiënt met computers en internet om te gaan, is te groot. Elk uur dat we op een computer werken, verliezen we per persoon gemiddeld 4 minuten en 34 seconden. Vooral laagopgeleiden verliezen veel, oplopend tot 10% van hun pc-werktijd.’ Medewerkers aan de steekproef ervaren gemiddeld 1,7 keer per week een serieus ICT-probleem. Laagopgeleiden zelfs 2,5 keer, waarbij het oplossen van hun probleem gemiddeld 35 minuten en 57 seconden duurt.

Mens of machine Ctrl Alt Delete is gebaseerd op de ervaringen van ruim 2.000 respondenten, waarbij zowel de gevolgen van haperende apparatuur en software als het falen van medewerkers in kaart zijn gebracht. Waar zitten de grootste knelpunten, bij mens of machine? ‘Die houden elkaar vrijwel in evenwicht. 4% van het productiviteitverlies

ontstaat door computers die blijven hangen of gebrekkige software. Het resterende deel – 3,6% – wordt veroorzaakt door tekortschietende vaardigheden.’ Over de kwaliteit van de automatisering bij hun werkgever zijn de ondervraagden gematigd positief. ‘Toch vindt een kwart dat de ICT-omgeving niet op orde is. En een vijfde van de respondenten geeft aan de software verouderd te vinden. Ook hier is dus zeker nog winst te halen.’

Elk uur dat we op een computer werken, verliezen we tijd

Digitale generatie? Uit het onderzoek blijkt dat het productiviteitsverlies bij jonge medewerkers niet lager is dan bij hun oudere collega’s. Jongere werknemers verliezen zelfs zowel relatief als absoluut de meeste tijd bij internettoepassingen op het werk als gevolg van een gebrek aan vaardigheden. ‘En dat is niet wat je van de digitale generatie zou verwachten. Het kan te maken hebben met inhoudelijke vaardigheden zoals het op waarde schatten van informatie dat bij internetgebruik van belang is. Uit prestatiemetingen die we op


Alexander van Deursen bij de uitreiking van het rapport aan Tineke Netelenbos en Alexander Rinnooy Kan

Universiteit Twente uitvoeren, blijkt dat ouderen hierbij beter scoren dan jongeren. Los van de oorzaken maakt het onderzoek in elk geval duidelijk dat werkgevers er bij het aannemen van jong personeel niet zomaar vanuit kunnen gaat dat het met de digitale vaardigheid wel goed zit.’ Internetvaardigheden vormen het grootste zorgenkind, aldus Van Deursen. ‘Niet in absolute zin, maar het tijdverlies van gemiddeld 5,3% omdat deze vaardigheden niet toereikend zijn, is relatief hoog. Het komt waarschijnlijk omdat internet een grote aanslag pleegt op ons creatieve vermogen. Ook biedt het heel veel mogelijkheden en zien gebruikers soms door de bomen het bos niet meer.’

het onderzoek zakelijk gebruik van smartphones. Het gebruik van tablets ligt nog lager. De gebruiksfrequentie van smartphones onder hoogopgeleiden is groter dan bij middelbaaren laagopgeleiden.

Grootgebruikers

Directieleden en hoger management zijn grootgebruikers. Bij hoogopgeleiden is het productiviteitsverlies 3,7%,

Al zijn ze sterk in opkomst, toch maakt nog maar 16% van de werknemers uit

Nieuwe apparatuur leidt tot stijging van productiviteit

tegen maar liefst 14,5% bij laagopgeleiden. Het blijkt dat dit verlies daalt wanneer de gebruiksduur toeneemt. Van Deursen: ‘Bedenk wel dat de inzet van deze nieuwe apparatuur in algemene zin wel degelijk leidt tot een stijging van de productiviteit. Wel geven de resultaten van het onderzoek aan dat nog meer winst te behalen valt.’

ICT-buddy Bij het oplossen van ICT-problemen wordt de helpdesk het meest ingeschakeld, in bijna de helft van de gevallen. Een derde van de werknemers lost problemen zelf op, terwijl 17% collega’s om raad vraagt. ‘Op de helpdesk wordt vooral een beroep gedaan bij technische ICT-problemen. Bij tekortschietende vaardigheden ervaren mensen soms een drempel om de helpdesk te raadplegen. Ze doen dit pas als ze er zelf of met hulp van collega’s BUSINESS NATIONAAL

VII


THEMA

niet uitkomen. Helpdeskmedewerkers zien zichzelf ook primair als technici, is onze indruk. Het verbreden van de helpdeskfunctie door deze meer mensgericht te maken, kan zeker bijdragen aan het terugdringen van het productiviteitsverlies.’ Van Deursen benadrukt dat collegiale hulp het efficiëntst is: ‘Het is laagdrempelig en kost de minste tijd. Wel is weinig bekend over de kwaliteit van deze hulp.’ Formalisering van de spontane bijstand van collega’s is dan ook een belangrijke suggestie uit het rapport. ‘Door een ICT-buddy aan te wijzen met ondersteuning als

Veel winst te behalen door ontwikkeling van ICT-vaardigheden

neventaak creëer je een laagdrempelig verlengstuk van de helpdesk. Het is een pragmatische oplossing die in de meeste organisaties eenvoudig ingevoerd kan worden. Zo heb je als organisatie ook meer controle over de kwaliteit van de aangeboden hulp.’

Niet leidend Opvallende conclusie uit het onderzoek is dat organisaties niet leidend zijn bij de ontwikkeling van digitale vaardigheden. Maar weinig van de ondervraagden hebben de afgelopen drie jaar een ICT-training gevolgd: slechts 22%, jongeren meer dan ouderen. Uit de groep directie en hoger management volgde zelfs maar één op de tien werknemers recent een training. Een meerderheid geeft ‘heb ik niet nodig’ als belangrijkste reden op om dit niet te doen. Organisaties lijken maar weinig middelen ter beschikking te stellen voor het verbeteren van de vaardigheden. Is dat verkeerde zuinigheid of wordt het belang ervan niet onderkend? ‘Ik denk het laatste,’ aldus Van Deursen.

VIII

BUSINESS NATIONAAL

‘Het probleem staat simpelweg niet op het netvlies.’

Bewustwording Bij de lancering kreeg Ctrl Alt Delete veel media-aandacht. ‘Wij hopen dat het onderzoek bijdraagt aan de bewustwording. Organisaties moeten beseffen dat veel winst te behalen is door actiever te werken aan de ontwikkeling van ICT-vaardigheden.’ De daadwerkelijke tijdwinst door een training is twee maal zo hoog als de verwachte tijdwinst. ‘De groep respondenten die een training heeft gevolgd, geeft aan er per dag een half uur door te winnen. Belangrijkste aanbeveling is dan ook om te zorgen voor meer gestructureerde ICTtrainingen. Medewerkers zou ik willen meegeven dat ze zeker niet de enigen zijn die tegen de beperkingen van hun ICT-vaardigheden aanlopen. Dus leg het probleem voor aan de werkgever en vraag om ondersteuning en training. Ons rapport kan daarbij prima dienen als argumentatie.’

AANBEVELINGEN UIT ‘CTRL ALT DELETE’ • Inventariseer bronnen van productiviteitsverlies • Institutionaliseer hulp aan collega’s • Maak een afweging over de breedte van de rol van de helpdesk • Schenk in het bijzonder aandacht aan laaggeschoolde werknemers • Schenk meer aandacht aan internetvaardigheden • Toets digitale vaardigheden bij werving nieuw personeel en monitor die vaardigheden • Zorg voor gericht beleid ten aanzien van de inzet van smartphones en tablet pc’s • Stel vuistregels op voor efficiënt e-mailgebruik • Besteed aandacht aan training en certificering • Inventariseer door personeel gekozen oplossingen voor ICT-problemen


Saltatie betekent “sprongsgewijze verbetering”. Het doel van Saltatie Investments is om bedrijven te helpen een sprong voorwaarts te maken. Het oplijnen van investeringskapitaal is vaak een belangrijke bijdrage van Saltatie Investments aan de “saltatie” bij onze klanten. Wij willen alleen worden betaald nadat wij hebben “geleverd”: d.w.z. nadat onze prestaties hebben bijgedragen aan het resultaat dat van tevoren is overeengekomen. Saltatie Investments richt zich op de meeste bedrijfstakken in de onderstaandesectoren. • Zakelijke dienstverlening • Zorgconcepten • Handel • Vrijetijdsconcepten • ICT • Maakindustrie


case

Groene ICT breekt eindelijk door

‘Idealisme maakt plaats voor realisme’ TEKST WILLIAM TEN BRINK

Het gaat goed met de vergroening van ICT. Met name de regio Amsterdam boekt, vooral dankzij de initiatieven van het Consortium Green IT Amsterdam Region, indrukwekkende resultaten. Die blijven in eigen land en ook elders in Europa beslist niet onopgemerkt. Nog voor de zomer, zo verwacht directeur John Post van het consortium, zal het Amsterdamse initiatief navolging krijgen in de regio’s Utrecht, Amersfoort en mogelijk ook Groningen. ‘Het idealisme van een jaar of wat geleden heeft definitief plaats gemaakt voor realisme.’

Dat de stap naar het volwassen worden van duurzame ICT nu echt gezet is, vindt directeur John Post van het Consortium Green IT Amsterdam Region misschien nog wel het belangrijkste wapenfeit in de strijd om de vergroening van ICT en aanverwante sectoren. Het consortium is ruim twee jaar geleden juist in de regio Amsterdam opgezet vanwege de stevige concentratie datacenters en de aanwezigheid van veel grote ICTbedrijven. ‘Amsterdam vormt een knooppunt van snelle dataverbindingen, biedt een gunstig investeringsklimaat en huisvest veel andere bedrijven die flink gebruik maken van ICT, bijvoorbeeld in de financiële en creatieve sector,’ aldus Post.

Niet hakken

Keerzijde

De tot nu toe gezamenlijk ontwikkelde initiatieven op dat gebied leidden al tot een groot aantal best practices die ook elders navolging kregen. Post: ‘Binnen het Interreg-project Green ITNet, een Europese samenwerking, scoort het Consortium Green IT Amsterdam ontzettend goed met knowhow en concrete ervaringen. En in eigen land willen regio’s als Utrecht, Amersfoort en Groningen op een soortgelijke

Maar dat heeft ook een keerzijde. ‘ICT neemt hier zo’n 15 procent van het totale energieverbruik voor zijn rekening. En dat moet drastisch omlaag, vindt de gemeente Amsterdam, die in 2025 mikt op een CO2-reductie van maar liefst 40 procent ten opzichte van 2010. ICT moet daar, mede gezien het hoge energieverbruik, een belangrijk aandeel in hebben.’

X

BUSINESS NATIONAAL

Omdat duurzaamheid en ICT tot voor kort nu niet bepaald hand in hand gingen, was die reductiedoelstelling een belangrijke reden om het consortium op te richten. Een publiek-private samenwerking tussen gemeenten, bedrijven, organisaties en onderzoeksinstellingen op het gebied van ICT en energie. ‘Niet om domweg in het energieverbruik te hakken, maar om op slimme en innovatieve manieren de ICT zelf te vergroenen, ICT te gebruiken om andere energieslurpende bedrijfs- en productieprocessen anders en vooral beter in te richten en om uiteindelijk te komen tot een nieuwe, kansrijke en vooral duurzame economie.’

Best practices

manier aan de slag. We zijn daarover in gesprek en dat moet nog voor de zomer leiden tot nieuwe initiatieven.’ Want op die manier is nog meer winst te behalen. ‘Na twee jaar zijn we er wel achter dat het zonde is het succes van onze aanpak alleen tot Amsterdam te beperken.’

In de lift Uit de jaarlijkse ICT Barometer van Ernst & Young blijkt dat duurzaamheid in het bedrijfsleven in de lift zit. Vooral de belangstelling voor groene ICT neemt stevig toe. Bij een kwart van de bedrijven en organisaties is dat inmiddels een belangrijk aandachtspunt, vooral vanwege kostenbesparingen en de ambitie om maatschappelijk verantwoord te ondernemen. Daarmee lijken duurzaamheid en groene ICT nu echt door te breken, nadat de animo ervoor in voorgaande jaren nauwelijks enige groei vertoonde. Post begrijpt goed hoe dat komt. ‘Niet alleen is het besef doorgedrongen dat met duurzaamheid veel geld kan worden bespaard, ook dringen stakeholders steeds meer aan op duurzame bedrijfsvoering. Maatschappelijk verantwoord ondernemen wordt alsmaar belangrijker. Ik hoop dat het uiteindelijk leidt tot een heel ander soort ondernemerschap.’


Plofkip Dat klinkt misschien idealistisch, zegt Post, maar dat is het niet. ‘Wij zijn geen hemelbestormers, maar realisten. En de realiteit is dat de energieprijzen blijven stijgen, de voorschriften van overheden steeds strenger worden en dat voor een snel groeiend aantal stakeholders maatschappelijk verantwoord ondernemen echt een issue is. Kijk alleen maar naar de succesvolle campagne van Wakker Dier tegen de “plofkip” om te constateren dat MVO-aspecten voor steeds meer ondernemers al bijna net zo zwaar wegen als omzet en winst. Het is alleen al daarom een reële ambitie om ernaar te streven dat groene ICT zo snel mogelijk een vanzelfsprekendheid is.’

We zijn geen hemelbestormers John Post: ‘Ik hoop dat we ons over vijf jaar overbodig hebben gemaakt.’

En dat geldt niet alleen voor grotere ondernemingen, maar ook voor het mkb. Het Amsterdamse consortium werkt nauw samen met projectpartners van de Green Metropole, dat zich richt op een nationaal en internationaal aansprekend innovatief kennis- en bedrijvencluster op het gebied van schone technologie en duurzame energie. Hier ontstaan volgens Post ook voor het mkb waardevolle nieuwe businessmodellen die als aantrekkelij-

ke praktijkvoorbeelden voor andere ondernemers kunnen dienen. ‘Green Metropole is hét platform voor ondernemers die met duurzame producten of diensten de markt willen veroveren en daarmee bijdragen aan een duurzame, economisch sterke metropool. Noem het een proeftuin, de plek waar “ecopreneurs” groene ambities in de praktijk brengen.’ Zoals de stadskwekerij ‘Groenten uit Amsterdam’ die zich

bezighoudt met nieuwe, duurzame manieren van telen van groenten, fruit en andere planten in leegstaande kantoren en bedrijfsgebouwen. Of de ‘Dakdokters’ die de natuur terug willen brengen in de stad door daken letterlijk ‘te vergroenen’. Eén ambitie blijft voor Post nog eventjes een ideaal. ‘Ik hoop dat we over een jaar of vijf zó ver zijn dat het consortium zichzelf overbodig heeft gemaakt.’

QUICK WINS Juist voor kleinere bedrijven zijn op het gebied van vergroening van ICT quick wins te behalen. Het meest voor de hand ligt natuurlijk het uitzetten van apparaten wanneer die niet worden gebruikt. Ook de aanschaf van energiezuinige computers, monitors, printers, telefoons en andere hardware levert besparingen op, zeker als gekozen wordt voor het beste energielabel (minder energie, langere levensduur). Maar ook zuinige software kan een flinke bijdrage leveren aan energiebesparing. Clustering van rekenkracht in datacenters is qua energieverbruik nog steeds het beste scenario. Maar het kan en moet nog beter. Alternatieve koeltechnieken, duurzame materialen, groene stroom en warmteopslag beperken dat verbruik verder, terwijl via cloudcomputing, virtualisatie en hosted services het aantal fysieke machines fors kan worden teruggedrongen. ICT kan via ‘unified communications’ ook bijdragen aan vergroening van de bedrijfsvoering. Met bijvoorbeeld video-, tele- en audioconferentie beperken bedrijven fysieke verplaatsingen van hun medewerkers.

BUSINESS NATIONAAL

XI


trends

Noma maakt Nordic cuisine wereldberoemd

Tijd, plaats en perfectie TEKST HANS HAJÉE

foto John Carey, World’s 50 Best Restaurants 2012 by San Pellegrino & Acqua Panna

Välkommen till Noma – welcome to Noma. De tekst van het antwoordapparaat kan ik dromen. Een tafel in ’s werelds beste restaurant is als een lot uit de loterij. Maandelijks kan maar vier uur lang geboekt worden voor de maand een kwartaal later. En dat proberen tienduizenden all over the world. Ruim op tijd zat ik klaar, twee telefoons en F5-toets in de aanslag. Bijna een uur later was het raak, via het digitale reserveringssysteem. Wat volgde was een unieke ervaring waarbij alles draait om tijd, plaats en perfectie.

René Redzepi, ’s werelds meest invloedrijkste kok

Timing is alles. Een week na mijn lunch werd bekend dat Noma voor de derde keer in successie is gekroond tot beste restaurant ter wereld. Het gezaghebbende Restaurant magazine baseert haar ranglijst op het oordeel van 800

XII

BUSINESS NATIONAAL

koks, restaurateurs en recensenten. Namen chef René Redzepi en zijn team in 2010 het stokje nog verrassend over van het fameuze El Bulli, inmiddels is het Kopenhaagse restaurant een vaste waarde aan de mondiale culinaire top.

Invloedrijk Noma is een samenvoeging van twee woorden: Nordisk (Scandinavisch) en mad (eten). Bij de start in 2004 was het Redzepi’s doel om de regionale keuken internationaal tot een begrip te maken en hij is hard op weg deze ambitie te realiseren. Niet voor niets koos Time Magazine de innovatieve chef tot een van de honderd meest invloedrijke personen ter wereld. Streekproducten staan in meer restaurants op de kaart, maar bij Noma vormen ze de kern van een filosofie. Er is een volledige focus op regionale ingrediënten. Tot in alle uithoeken van Scandinavië wordt gezocht naar kwalitatief optimale en bijzondere producten. Denk aan truffels uit Gotland, Groenlands water en langoustines van de Faeröer Eilanden. ‘Gasten moeten beseffen waar ze zich bevinden,’ aldus Redzepi in een tv-interview. ‘Daarom werken we alleen met inheemse producten. Dat leidt tot een maaltijd, tot een beleving die alleen hier, op deze specifieke plek van de wereld kan plaatsvinden.’

Drijvend lab De regionale producten komen in handen van meer dan veertig koks die


gemiddeld 80 uur per week werken. Tegenover het restaurant ligt een drijvend lab waar naar hartelust wordt geëxperimenteerd, op zoek naar nieuwe bereidingswijzen en smaakcombinaties. Redzepi (34) heeft een Macedonische vader en woonde lange tijd in dit Oost-Europese land. Dit zorgt voor een natuurlijke ‘afstand’ tot de Scandinavische culinaire traditie. Redzepi treedt ingrediënten en gerechten onbevooroordeeld tegemoet; er is geen drempel voor vernieuwing. Een gerecht ontstaat meestal met een specifiek ingrediënt als vertrekpunt. Ook hierbij speelt de omgeving een rol, maar dan op microniveau. ‘Door te kijken naar wat in de nabijheid van een product leeft of groeit, komen we op ideeën voor nieuwe creaties.’ Soms ontstaat een gerecht binnen een paar uur, maar regelmatig wordt wekenlang gesleuteld voordat de optimale samenstelling is gevonden.

Achtbaan Noma is gevestigd in een oud pakhuis aan het water, in een afgelegen deel van Kopenhagen; een eiland in feite. Een rustige, bijna verstilde plek. Helaas zal dat veranderen als de loopbrug klaar is die zorgt voor een directe verbinding met de binnenstad. Om al te veel ‘aapjes kijken’ te voorkomen, laat Noma een afscheiding optrekken. Het uitzicht zal dus minder fraai worden, maar oog voor wat buiten gebeurt, had ik sowieso amper tijdens mijn lunch. Een achtbaan van geur, smaak en visuele indrukken zorgt ervoor dat de aandacht volledig op het bord is gericht.

Meer dan twintig gerechten, vaak kleine hapjes, die zeker in het begin in hoog tempo doorkomen. Met als appetizer onder meer gefrituurd mos met paddenstoelensmaak. En signature dishes zoals gezouten groenten met plantenmerg en een scheermes met selderij, mierikswortel, botermelkpoeder en een jus van mosselvocht. Groente, verse kruiden en vis zijn prominent aanwezig, met in dit

Springlevend Naast de kwaliteit en creativiteit van de keuken valt de extreem relaxte sfeer op. Al trekt het aura van ’s werelds beste restaurant liefhebbers uit alle windstreken, er is geen spoor van arrogantie of blasé gedrag bij de bediening. Die is zeer professioneel – ze zien echt álles – maar tegelijkertijd ontspannen en down to earth. Gasten voelen zich direct op hun gemak.

Gasten voelen zich direct op hun gemak

deel van het jaar vlees alleen in een ondersteunende rol (gefrituurd kippenvel, merg, varkensvel). Ondanks alle bijzondere bereidingswijzen en texturen is de oorspronkelijke smaak altijd duidelijk herkenbaar. Puur en zuiver, heel af en toe bijna te geconcentreerd. Maar in een aantal gevallen echt onovertroffen. Mijn twee favorieten: een gerecht met jonge erwten, kruiden en bloesem – de lente op het bord gevangen – en langzaam gegaarde bloemkool die het aroma van dennennaalden had opgenomen. Het lijkt een vreemde combinatie, maar de twee ingrediënten gaan als vanzelfsprekend samen. Een ultiem Noma-gerecht. BUSINESS NATIONAAL

XIII


trends

benoemen: de chef met de meeste invloed, degene die voorop loopt. René neemt deze positie in. Hij beïnvloedt koks over de hele wereld; niet alleen met zijn kookstijl, maar ook met zijn filosofie. Daarom ben ik ervan overtuigd dat zijn invloed zal aanhouden.’ Noma legt een krachtige verbinding tussen de basis van elke keuken – de producten – en de omgeving. Deze benadering is bijna universeel toepasbaar en past naadloos in de tijdgeest, waarbij duurzaamheid steeds vanzelfsprekender wordt. Dus geen

Wat bijdraagt aan de ongedwongen entourage, zijn de garnalen. Per gast wordt er één geserveerd. Zo van de boot, dus verser dan vers, meldde de ober met een uitgestreken gezicht. Het beestje wordt ongepeld aangeboden in een weckpot vol ijs met alleen wat beure noisette, en dient in één hap te worden verorberd. De garnaal ligt aanvankelijk stil, maar schijn bedriegt. Als je hem beetpakt, blijkt hij inderdaad extreem vers – of beter gezegd: springlevend. De reacties van de gasten zijn hilarisch, vooral als je al ‘geweest’ bent en het schouwspel ontspannen kunt gadeslaan.

Niet vervreemden De smaak van de garnaal is overigens niet bijzonder. Het lijkt een gimmick, maar dat betekent geenszins dat Noma eten niet serieus neemt. Het tegendeel is waar: er heerst een bijna tastbare gedrevenheid met tijd en plaats als centrale begrippen. De seizoenen worden nauwgezet gevolgd. ‘Door te luisteren naar de natuur willen we doorgronden hoe en wanneer ingrediënten het beste kunnen worden gebruikt,’ aldus Redzepi. ‘We zoeken altijd naar het optimale moment om ze in een gerecht te verwerken.’ Over het aspect plaats zegt mede-eigenaar Claus Meyer dit: ‘Door het product te consumeren, wordt iemand onderdeel van de omgeving, van de elementen die het ingrediënt gemaakt hebben tot wat het is. En de plek van oorsprong wordt onderdeel van ons. Het werkt

XIV

BUSINESS NATIONAAL

dus naar twee kanten. Daarom is de herkomst van een product, de identiteit, cruciaal als we willen voorkomen dat we van onszelf vervreemd raken.’

Noma legt een krachtige verbinding

Tijdgeest Het klink wellicht abstract en hoogdravend, maar na een bezoek aan Noma begrijp je wel degelijk wat wordt bedoeld. Ferran Adrià introduceerde met El Bulli – Redzepi werkte er in 1999 – het moleculaire koken en kreeg wereldwijd navolging. Maar de invloed van Noma is in potentie van een hele andere orde, ingrijpender, meer beklijvend. Adrià omschrijft het in Time Magazine treffend – met wellicht een flintertje jaloezie? ‘Er is niet zoiets als de beste kok. Maar het is wel mogelijk iets veel belangrijkers te

ingrediënten van over de hele wereld invliegen, maar uitsluitend werken met wat een streek te bieden heeft. Redzepi en zijn mensen voeren deze filosofie door tot in de kleinste details, bijna obsessief, en combineren dit met een enorme creativiteit en een continu streven naar perfectie. Daarom is de wereldwijde waardering die Noma krijgt, meer dan terecht.


LI T ER A T U U R VERANDEREN Door Herman van den Broeck en Dave Bouckenooghe In zeven delen behandelt de reeks Essentials cruciale managementvraagstukken. Daarvan is veranderen misschien wel het meest relevant. In een omgeving die steeds sneller wijzigt, is het vermogen om mee te bewegen een voorwaarde om succesvol te kunnen functioneren. Dat geldt zowel voor organisaties als voor medewerkers. Tegelijkertijd is het lastiger om een bestaande routine te beëindigen en te vervangen door iets anders, dan te starten met iets geheel nieuws. Veranderen geeft inzicht in de verschillende stappen van een veranderingsproces. Ook is aandacht voor het belang van timing en het creëren van draagvlak. Hoe zorg je ervoor dat iedereen de noodzaak tot verandering niet alleen tijdig aanvoelt, maar ook begrijpt en ondersteunt? 172 pag. ISBN 978-90-7743-245-7. Scriptum. € 16,99.

NIEUWE PRODUCTEN EN DIENSTEN bedenken

ECHTE LEIDERS HEBBEN EEN GOED VERHAAL

Door Gijs van Wulfen

Door Astrid Schutte

Slechts een op de zes innovatieprojecten haalt de markt. Dit geeft aan hoe lastig het is om succesvol nieuwe diensten en producten te ontwikkelen. De oorzaken voor het falen lopen uiteen: technische problemen, gebrek aan intern draagvlak, een mismatch met de klantbehoefte. Marketingen organisatieadviseur Gijs van Wulfen ontwikkelde een innovatiemethode die hij VOORT noemt. Tot de gebruikers behoort Sanoma, dat deze aanpak inzet voor haar vrouwenbladen Libelle en Margriet. Startpunt van het proces is een concrete innovatieopdracht waarbij klanten nauw worden betrokken. De cases worden bedacht door een team van medewerkers. Betrokkenheid en draagvlak nemen daardoor toe. Nieuwe producten en diensten bedenken dient als werkboek om VOORT zelf toe te passen.

Leiderschap veronderstelt een aansprekend verhaal. Wil je als persoon of organisatie stake- en shareholders overtuigen dan is het pakkend weergeven van een visie alleen niet voldoende. Om mensen echt te raken, is een persoonlijk verhaal nodig. In Echte leiders hebben een goed verhaal maakt storytellingdeskundige Astrid Schutte duidelijk waarom je hiermee scoort. Zij geeft inzicht in technieken als de illustratie-, verhaal- en metafoorbrug en maakt duidelijk hoe deze te gebruiken. Het boek bevat aansprekende voorbeelden. Zo analyseert Schutte de verhalen van Humanitas, Greenpeace en Inholland. En van de bankiers Bert Heemskerk, Cees Maas en Rijkman Groenink, met metaforen als de vader, het spelend kind en de jager.

280 pag. ISBN 978-90-4302-519-5. Pearson. € 44,95.

302 pag. ISBN 978-94-6126-029-1. Haystack. € 24,95.

GET SOCIAL Door Jeanet Bathoorn Soms lijkt het alsof geen oproep op het moment meer urgent is dan de titel van dit boek. Social media zijn geen hobby, aldus trainer en spreker Jeanet Bathoorn, expert op het gebied van online netwerken. En tijdgebrek is geen excuus om ze niet te gebruiken. Koudwatervrees is nergens voor nodig. Wel is het zaak, duidelijke doelen te stellen. Niet alleen als bedrijven social media zakelijk willen inzetten, ook als je er alleen als privépersoon actief op bent. Get Social geeft inzicht in netwerken als LinkedIn, Twitter, Facebook en Google+. Ook andere mogelijkheden om online informatie te delen – denk aan Flickr, Spotify en Foursquare – komen aan bod. Het maakt het boek van Bathoorn tot een handig hulpmiddel om goed voorbereid met social media aan de slag te gaan. 174 pag. ISBN 978-90-5594-742-3. Scriptum. € 14,95.

BUSINESS NATIONAAL

XV


Your global translation partner www.companytranslations.nl


Business Nationaal 03 2012