Page 6

4.

De prijs van katoen

De wereldmarkt De prijs van katoen op de wereldmarkt is, zoals die voor andere grondstoffen, erg instabiel. Tussen 1965 en 2001 kelderden de katoenprijzen met 65 procent! Oorzaak was de doorbraak van synthetische stoffen zoals nylon, polyester en acryl. Naar schatting 80 tot 85 procent van alle gebruikte vezels is inmiddels synthetisch. China is goed voor 50 procent van de productie van synthetische vezels. Door katoen en synthetische vezels te mengen verdwijnt ook de stimulans om de kwaliteit van het katoen te verhogen, wat de prijzen verder drukt. De gemiddelde prijs lag in de periode 1970-1995 op 74 US dollarcent per pond. Van 1995 tot 2002 was er een gestage daling tot het dieptepunt van 40 dollarcent. Sindsdien stijgen de prijzen weer, te beginnen met 59 dollarcent in het oogstseizoen 2006/07 1. Dit is trouwens niet de prijs die katoenboeren voor hun ruwe katoen krijgen, maar de prijs van de katoenvezel. In het seizoen 2007/08 bedroeg de katoenproductie ruim 25 miljoen ton wereldwijd, 2 procent minder dan het seizoen daarvoor. Verwacht wordt dat de consumptie echter zal toenemen en wel met 3 procent. Dit betekent dat de wereldvoorraden zullen slinken. Gevolg: een verdere prijsstijging. Dat bleek al voor het seizoen 2008/09, met 79 dollarcent per pond. De stijgende voedselprijzen, de toegenomen populariteit van biobrandstoffen en de hiermee samenhangende concurrentie om landbouwgrond maken het waarschijnlijk dat de katoenprijs de komende jaren verder omhoog zal gaan. Helaas wil dat niet zeggen dat de kleine katoenboeren uit de problemen zijn. In 2007/2008 verbeterde de marktprijs ook al, maar de Fairtrademinimumprijs – de prijs die boerenorganisaties ten minste voor hun ruwe katoen moeten ontvangen – lag nog altijd vrijwel overal 30 tot zelfs 65 procent boven de prijs voor conventioneel katoen. Uitzondering was India, waar de marktprijs net iets hoger lag. In september 2010 is als gevolg van de mislukte katoenoogst in China en Pakistan en dus het grote tekort aan katoen, de ruwe prijs op de wereldmarkt gestegen tot boven 1 dollar per kilo. Over het algemeen zijn het echter niet de boeren die profiteren van prijsstijgingen voor conventioneel katoen, wel de tussenhandelaars. De prijs voor Fairtrade-biokatoen ligt op dit moment, oktober 2010, op 2 dollar per kilo. Subsidies en WTO-onderhandelingen De veel te lage katoenprijs is vooral een probleem in het Zuiden. In rijke landen, waaronder de Verenigde Staten, wordt het inkomen van de katoenboeren via overheidssubsidies gegarandeerd. Jaarlijks geven de VS 3 tot 4 miljard dollar steun aan hun katoensector. Op die manier wordt duurder geproduceerd katoen kunstmatig in de markt gehouden, wat de prijs drukt. De katoenboeren in de ontwikkelingslanden zijn hiervan het slachtoffer: zij verdienen niet meer voldoende om in hun levensonderhoud te voorzien. Oxfam becijferde in 2007 dat, als de Amerikaanse subsidies verdwijnen, de opbrengst van 10 miljoen Afrikaanse katoenboeren met 8 tot 20 procent kan stijgen. Tal van maatschappelijke organisaties hebben zich daarom de afgelopen jaren verzet tegen de landbouwsubsidies van de rijke landen. Maar tijdens de laatste onderhandelingsronde van de Wereldhandelsorganisatie (WTO) is het niet gelukt om de katoensubsidies te doen afschaffen.

1

Gemeten door het statistisch instrument van ICAC: de Cotlook A Index. 6

/Max%20Havelaar%20persdossier-katoen%207%20okt%202010_0  

http://www.maxhavelaar.be/files/Max%20Havelaar%20persdossier-katoen%207%20okt%202010_0.pdf