{' '} {' '}
Limited time offer
SAVE % on your upgrade.

Page 1

223

mechelaars vooR de lens

magazine 2015

Living in Mechelen

vier mechelaars halen het beste uit de kast

CURRY OF BIER: mechelse koekoek 2x anders

test: welk streekproduct past het best bij jou ?

 Justina Matov 

‘Ik leerde Nederlands in de Gouden Vis’  1


2

Foto’s door Kurt Deruyter - www.kurtderuyter.com


ZWART-WIT Op 27 april 2014 verscheen FACE-IT in het Mechelse straatbeeld. Een artistieke, monumentale foto-installatie van maar liefst 350 m² sierde zeven maanden de gevel van het postgebouw in het historische centrum. De installatie gaf het startschot voor het Mechelse themajaar: ‘De mensen maken de stad. 50 jaar diversiteit in Mechelen’ dat mmMechelen Feest vzw samen met de Stafcel SamenlevingDiversiteit van de stad Mechelen, met Fiëbre vzw en met verschillende organisaties en diensten uitwerkte. Het is dan ook vijftig jaar geleden dat België akkoorden sloot met Marokko en Turkije om arbeidsmigranten naar hier te halen. Meer dan 200 Mechelaars keken in de lens van fotograaf Kurt Deruyter. 128 onder hen staan symbool voor het aantal landen waar Mechelaars vandaag hun roots hebben. Ze zien er allemaal anders uit, maar één ding hebben ze gemeen: hun toekomst ligt in Mechelen. De stad vormt het decor van ieders verhaal en al die verhalen samen maken de stad tot wat ze is. Gedurende meer dan een half jaar keken deze 128 Mechelaars vanop het postgebouw voorbijgangers, bewoners en bezoekers aan. De installatie miste haar effect niet. Geportretteerden leerden elkaar kennen, werden nieuwsgierig aangesproken door buren, bakkers, slagers en verloren gewaande vrienden. Veel passanten vroegen zich af waarom iedereen in zwart-wit op de foto staat, terwijl het project rond diversiteit draait. En waarom kijkt iedereen zo serieus? Het is toch een feestjaar? Eric Min, criticus en essayist, licht een tipje van de sluier. ‘Door de pigmenten van hun huid en alle tinten en tonen van hun kleding tot de essentie te laten inkoken – de vorm van het menselijke lichaam – wordt duidelijk dat gelijkenissen belangrijker zijn dan verschillen, dat wat ons bindt oneindig veel belangrijker is dan de uiterlijke schijn en de zogenaamde identiteit die ons zouden (onder)scheiden. Vreemd genoeg moet je de kleuren dus wegfilteren om ze naar waarde te schatten.’ Door de zwart-witfotografie kijk je dus niet meer naar de huidskleur van deze Mechelaars, maar ontdek je hun persoonlijkheid. Samen vormen deze diverse inwoners van onze stad een subtiel geschakeerde familie. FACE-IT is ondertussen uit het straatbeeld verdwenen, maar leeft verder in dit magazine, Living in Mechelen. In dit blad maak je kennis met de mensen achter de FACE-IT gezichten. Met (top)sporters, kunstenaars en Mechelaars met aparte hobby’s. Soms met een gekleurde mening, soms zwart-wit, maar allemaal met een volgehouden inzet voor hun stad. Mechelen heeft immers divers talent in huis! Veel leesplezier! CORINNE HUYBERS, Stafcel Samenleving-Diversiteit van de Stad Mechelen JORIEN DE CLOEDT, projectmedewerker FACE-IT SARAH KAERTS, projectcoördinator ‘De mensen maken de stad. 50 jaar diversiteit in Mechelen.’, mmMechelen Feest vzw

Ps. Wil je meer info over de campagne ‘De mensen maken de stad’, lees je graag de volledige FACE-IT recensie van Eric Min of kom je graag te weten welke FACE-IT-deelnemers model stonden voor het label en de verdere campagne? Neem dan zeker een kijkje op www.demensenmakendestad.be en op www.facebook.com/demensenmakendestad. 3


INHOUD Portret Justina Matov ‘Elke week is een rollercoaster’

6

Roger Haevelaerts ‘Het enige waar je schrik voor mag hebben, is je eigen schrik’

14

Ana-Carmen Terrones Hernandez ‘We dachten dat honden hier rondliepen met een leiband van saucissen’

20

José Van der Wildt ‘Niemand heeft nog tijd voor vrijwilligerswerk’

26

Hadi Ahmadzadeh ‘Flamenco is mijn therapie’

34

Lamine Sambou ‘Een kloppend hart, dat is ritme’

42

Medhi Deschrijvere ‘Mijn modellen zijn het imago van mijn agency’

47

Tarik Zohair ‘Jongeren kijken op naar ons’

50

16

Interview Stijn Bevernage ‘Ropeskippen is zeker geen vrouwensport’

8

Unting Tsai ‘Op een bergtop kom je helemaal tot rust’

16

Victor Hugo Yruegas Cortes ‘Sommigen zien stof, vuilnis, rommel en chaos. Ik zie verhalen, lijnen en figuren’

32

32

Fotospecial Giancarlo Santagata ‘Parkour is even belangrijk als zuurstof’

28

Dress to impress

36

Extra Mechelse koekoek 2x anders: Indisch en klassiek

10

Wonen in Mechelen Hoe zeg je dat in dertig talen?

18

Dossier Identiteit 22 Hoe is het om op te groeien tussen twee culturen? Tooghangers 44 Zat? Ik ben nog nooit zat geweest!

4

Mechelen by night

48

Test: welk Mechels streekproduct ben jij?

52

48


10

8

52 28

5


JUSTINA MATOV

6

is a young passionate artist. She loves music, interviewing and doing research. After obtaining her degree in Percussion, she now wants to tackle food waste.


‘Elke week is een rollercoaster’ Met haar passie voor muziek als sterkste drijfveer kwam Justina Matov naar België. Intussen heeft ze haar diploma Percussie op zak en houdt ze zich bezig met tal van creatieve projecten.  TEKST: EVY VAN RUYSKENSVELDE | FOTO: KURT DERUYTER

JUSTINA MATOV (26) BEROEP Halftijds serveerster in De Gouden Vis GEBOORTEPLAATS Zagreb

‘Wat ik zo leuk vind aan muziek? Het is er altijd, whenever you need it. Het brengt me rust en onrust. Na een jaar in het Antwerpse Conservatorium en twee jaar Lemmensinstituut in Leuven behaalde ik mijn bachelordiploma Percussie. Een erg intensieve periode, want sinds mijn aankomst in 2009 deed ik niets anders dan studeren en werken. Maar mijn passie voor muziek zal nooit verdwijnen. Maybe it can hide for a while, but it will never go away.’

inburgeringscursus ‘Na mijn studies verhuisde ik naar Mechelen, waar ik jazz studeer in het Conservatorium. Het eerste jaar hier was verschrikkelijk. Behalve mijn lief Geert kende ik niemand, dus ging ik elke dag op café met mijn boeken en mijn computer. Daar leerde ik mijn eerste vrienden kennen. Uiteindelijk ging ik aan de slag in café De Gouden Vis op de Vismarkt, waar ik nu deeltijds werk. Daar werken was de beste inburgeringscursus ooit, want ik heb er veel Mechelaars ontmoet en moest er altijd Nederlands praten. Mijn baas en de klanten hielpen me met plezier. Iedereen vindt het hier ook zo schattig als een buitenlander Nederlands probeert te praten.’ ‘Eind april 2014 werkte ik samen met kunstenares Suzanne Groothuis aan PeaceUnique, een kunstproject waarin

ik mijn liefde voor het interviewen goed kon uitspelen. We startten het project omdat we beiden iets wilden doen rond vrede. We waren benieuwd hoe verschillende mensen, met verschillende achtergronden, jobs en levens, rust en vrede ervaren.’

'IK leerde nederlands in de gouden vis' ‘Het resultaat werd een artistieke tentoonstelling in H30. PeaceUnique heeft me veel geleerd over de Mechelaars. Het is best wel interessant hoe hard gedachten kunnen verschillen over dezelfde vraag. Wat ik er vooral uit onthouden heb? Oudere mensen kunnen gemakkelijker rust beleven, terwijl jonge mensen meer bezig zijn met vragen over het leven.’

VOEDSELVERSPILLING ‘Hoe de toekomst eruitziet, weet ik niet. Momenteel onderzoek ik met een vriendin voedselverspilling in Europa. Ik werkte een tijdje in een Mechelse bakkerij en moest er veel voedsel weggooien omdat het niet meer vers genoeg

was. Ik kan dat niet. Ik ben zo niet opgevoed. Samen met Linde, een journaliste, brainstormde ik over een tvdocumentaire. We kwamen uit bij één concept, maar wat dat precies inhoudt, kan ik nog niet verklappen. We hopen het alleszins te kunnen verkopen aan een zender. Dat zou een droom zijn die uitkomt. Maar het allerliefst wil ik nu een vaste job. Iets wat ik graag doe, met research en media. Zolang het maar creatief is. Nu doe ik een beetje dit, een beetje dat. Elke week is een rollercoaster.’ 7


‘Rope skipping is zeker

Strakke lichamen, zotte tricks en intensieve workouts. ‘Rope skippen is niet alleen voor vrouwen’, zegt Stijn Bevernage, voorzitter van de Belgische Rope Skipping Federatie Vlaanderen. ‘Maar de mannen zijn wel in de minderheid.’  TEKST: EVY VAN RUYSKENSVELDE EN MARIA WALGRAEVE | FOTO: EVY VAN RUYSKENSVELDE EN KURT DERUYTER

8


geen vrouwensport’ ‘Hier in België is maar 1 procent van de rope skippers een man. Maar ze zijn er wel. Een vrouwensport is het dus niet. Vroeger maakte de federatie BRSF Vlaanderen veel promotie om de sport aantrekkelijker te maken voor jongens, maar nu gebeurt dat minder.’ Hoe ben je met ropeskippen begonnen? ‘Toen ik veertien was, kwam een rope­ skippingclub een demonstratie geven in onze school. Ik zag twee jongens die wel wat show konden verkopen. Het leek me meteen een uitdaging. Toen ik er mee begon, bleek snel dat ik er niet slecht in was. Dat motiveerde mij om vol te houden.’ Vind je het erg dat er weinig jongens zijn? ‘Neen. Als vrienden zien wat ik kan, moeten ze toegeven dat de sport niet alleen voor meisjes is. Jongens en meisjes zijn moeilijk te vergelijken. Jongens kunnen door hun kracht hoger springen, waardoor een truc vaak in-

drukwekkender overkomt. Waarmee ik niet wil zeggen dat meisjes niet indrukwekkend kunnen springen!’ Hoe heb je de sport zien evolueren? ‘Toen ik begon, stond rope skipping nog in haar kinderschoenen. Je had misschien drie clubs, met samen tussen de vijftig en de honderd leden. Enkele gemotiveerde leerkrachten hebben in België de basis gelegd. Nu heb je meer dan vijfduizend actieve springers. Ook de federatie maakte er heel wat promotie voor. De club had geen geld om reizen te financieren, dus betaalde ik mijn reizen zelf. In 2004 werd ik op het wereldkampioenschap in Australië vicewereldkampioen met het jongensteam. Ik heb dus op het hoogste niveau meegedraaid. Maar omdat het nog altijd geen erkende topsport is, krijgen we nog steeds geen geld. Er is nog een lange weg te gaan, vrees ik.’ Wat kan jij het best? ‘Ik was altijd goed in releases: je touw wegsmijten en terug opvangen op ver-

schillende manieren. Daar heb ik erg veel op getraind. Ik was er dan ook redelijk gekend voor. Het is altijd hard oefenen hé. En je moet veel discipline hebben. Zeker als je ver wil geraken.’ Welke andere kwaliteiten moet een goede rope skipper nog bezitten? ‘Ik vind coördinatie heel belangrijk. Maar je moet ook sterk, snel en lenig zijn, want er zijn zowel snelheidsproeven als creatieve proeven.’ Hoe vaak moet je trainen? ‘Op mijn hoogste niveau trainde ik elke dag minstens twee uur, wat heel intensief is. Tussen mijn 20 en 25 jaar was ik echt top. Nu is er meer concurrentie, maar dat wil niet zeggen dat je op je twintigste niet meer kan beginnen. De eerste maanden moet je doorzetten. Ik heb alles bereikt wat ik wou bereiken. Nu geef ik één keer per week les aan volwassenen en één keer per week train ik zelf. Om te ontspannen en omdat ik het zo graag doe.’

p

'Op mijn hoogste niveau trainde ik twee uur per dag'

9


Indisch & klassiek Mechelse koekoek 2x anders

Mamta Davinder kwam zestien jaar geleden met haar man uit Punjab (India) naar België. Ondertussen wonen ze twaalf jaar in Mechelen. In de koksopleiding van Coloma kookte ze voor het eerst met vlees. ‘Nu droom ik van een foodtruck met biologisch Indisch eten.’

p

' in belgie at ik voor het eerst vlees'

‘Mijn twee zonen en man zijn dol op mijn kookkunsten’, zegt Mamta. ‘Koken is niet alleen ontspannend, mijn gezin geniet er ook van en krijgt meer energie.’ Stress? Dat kent Mamta niet. ‘De keuken is een feestplaats. Ik zet muziek op en lach veel. Koken is voor mij vertrouwen op mijn gevoel. Ik probeer altijd iets van mezelf in mijn maaltijden te stoppen. Zo worden ze extra lekker.’

taboe Mamta gelooft in tradities, ook in de keuken. ‘Oud is gelijk aan goud, zeg ik altijd.’ Toch vindt ze het jammer dat ze niet eerder met vlees heeft leren koken. ‘Ik ben blij dat ik hier met vlees leer werken in mijn opleiding bij Coloma. Soms geef ik suggesties aan mijn ouders voor vleesrecepten, omdat er veel 10

vitaminen en mineralen in zitten. Maar mijn mama zegt me dan te zwijgen.’ Van thuis uit kreeg Mamta immers de traditionele biologische vegetarische Indiase keuken mee. ‘Als mijn mama vraagt of ik vlees eet, ontken ik dat. Ze begrijpt het niet en is ook al oud. Dus waarom zou ik haar pijn doen?’

Te pikant Gezond koken is heel belangrijk voor Mamta. Ze kookt zo veel mogelijk biologisch, ook al geeft dat minder felle kleuren in gerechten. ‘In Indische restaurants heeft het eten vaak een artificiële rode kleur. Alles is vaak te pikant, waardoor andere smaken verloren gaan. Mijn eten is mooi gekleurd, lekker van smaak en gezond.’ Ze is zelf dol op daal, een gerecht op

basis van peulvruchten met rijst. ‘Van de Belgische keuken vind ik volau-vent, witloof met hesp en kaas en witloofsoep het lekkerst.’ Ook Mechelen heeft een warme plek in Mamta’s hart. ‘Mechelaars zijn vriendelijk en behulpzaam. Alles is dichtbij. Ik doe alle boodschappen in één uur te voet.’ Toch mist ze sociaal contact met de Maneblussers. ‘In het buitenland kun je schaamteloos bij de buren suiker, eieren of zout halen. In Mechelen gebeurt dat niet snel’.


Living in Mechelen gaf twee Mechelaars een Mechelse koekoek. Mario gaf extra smaak met Gouden Carolus, Mamta koos voor curry. TEKST: SITA-GRACE TOKO EN MARIA WALGRAEVE | FOTO’S: SITA-GRACE TOKO

'Mijn groenten komen van de biobuur'

Ook Mario volgde zijn koksopleiding aan Coloma in Mechelen. Daar studeerde hij af als chocolatier. Zijn echte liefde voor chocolade ontdekte Mario in Zuid-Amerika. ‘Na mijn opleiding in Mechelen trok ik naar Ecuador. Ik werkte er op cacaoplantages en deed er vrijwilligerswerk. Ik zat aan de bron van de beste chocolade ter wereld. En de mensen daar beseften niet waarover ze beschikten’. Mario besloot de Ecuadoranen warm te maken voor hun eigen cacao en ze te helpen er eerlijk geld mee te verdienen. Fotografe Lieve Blanc-

quaert interviewde hem hierover voor haar documentairereeks ‘Made In Belgium’. Nu is hij al enkele jaren weer in België, maar niet lang meer. ‘Ik zoek hier nu vooral ervaring via culinaire projecten. Bij Folliez leerde ik veel bij en ik was ook patissier van de Brusselse kandidaat van Mijn Pop-uprestaurant. Maar mijn plan is om de wijde wereld in te trekken en daar aan een nieuw culinair avontuur te beginnen.’

Groene chocolade De herkomst van de producten waarmee Mario kookt, is heel belangrijk voor hem. ‘Mijn groenten komen allemaal van de Biobuur hier in Mechelen. Daar kan je een abonnement nemen. De Biobuur stelt elke week een box samen met seizoensgebonden groenten die je

p

Mario Vandeneede werkte anderhalf jaar als patissier bij restaurant Folliez in Mechelen. Nu werkt hij als leerkracht chocoladebewerking bij ‘Ter Groene Poorte’ in Brugge. De passie voor koken haalde hij bij zijn Spaanse oma die in Mechelen en omstreken bekend stond voor haar heerlijke paella.

kan ophalen. ‘Ook de ecologische voet­ afdruk van de chocolade is belangrijk’, zegt Mario. ‘De chocolade die ik gebruik voor de panna cotta komt uit Grenada. Die chocolade wordt op ecologische wijze gemaakt en vervoerd naar Nederland. En dan wordt hij met de bakfiets naar Antwerpen gebracht.’

Geheim Zijn recepten houdt Mario op een speciale manier bij. ‘In mijn notitieboekje staan enkel de ingrediënten, niet de volgorde. Als iemand je recepten steelt, ben je alles kwijt. Een vriend van mij, die ook chef is, heeft dat meegemaakt. Maar als je een beetje verstand hebt van koken is het bij de meeste recepten niet zo moeilijk om uit te dokteren in welke volgorde je alles moet toevoegen.’ 11


Indische Mechelse Koekoek Dit heb je nodig voor 4 personen

1 theelepel garam masala-kruiden 3 groene chilipepers 1 hele Mechelse koekoek Een scheut zonnebloemolie 150 gram paneer (verse Indische kaas te verkrijgen bij de speciaalzaak) Kruidenmengeling: look, gember, komijnzaad, koriander, muntpasta, korianderpasta, eventueel ook asafoetida en kurkuma 1 hele ajuin 2 middelgrote tomaten 4 kleine aardappelen 200 gram wortelen 150 gram erwtjes Chapati, een soort plat Indisch brood, in deegvorm Snuifje zout

Koekoek 1. Snijd het pluimvee in stukken. Verwijder elk stukje ongewenst vet, bot en vel zodat de kruiden beter kunnen intrekken en verwarm de oven voor op 180 graden. 2. Wrijf de koekoek in met de garam masala. Maak met je vingers gaten in het vlees. Stop de kruidenpasta erin. 4. Leg de koekoek in de oven op een plaat ingewreven met zonnebloemolie. Draai alle stukken na 15 minuten om zodat alle kanten mooi bruin bakken. 5. Na 30 minuten mag de koekoek uit de oven.

Groentenstoofpot met wortelen en erwten 1. Snijd de worteltjes, tomaten, ajuin en aardappelen in kleine stukken zodat ze meer smaak opnemen. De groene chilipepers mogen in grove stukken. 2. Bak de paneer 5 minuten voor om de vitamines niet te verspillen. 3. Laat de bakboter 20 minuten op een laag vuurtje pruttelen. 4. Neem een bakpan en zet het vuur warmer. Doe er een scheutje zonnebloemolie bij. Als de olie verhit is, voeg het gesneden teentje look, stukjes gember en komijnzaad toe. 5. Doe de ajuin en een klontje boter bij het kruidenmengels in de bakpan. Bak alles bruin op een zacht vuurtje. 6. Voeg de gesneden groene pepertjes erbij en zout (naar eigen smaak). Leg ten slotte de tomaten en aardappelen in de pan. Laat alles samen 10 Ă 15 minuten gaar stomen op een laag vuurtje. 7. Voeg een koffielepel Asafoetida en een kleine theelepel garam masala, komijn en droge koriander toe. 8. Leg de fijngesneden wortelen en erwtjes bij de groentenmix. Haal de stukjes groene pepertjes uit de pan als de groenten beetgaar zijn. 9. Voeg dan de paneer, eventueel kurkuma toe en leg een klontje boter op de gare groenten. 10. Zet een deksel op de pan en laat het geheel afkoelen om op smaak te komen.

Chapati 1. Rol de chapati uit met een deegrol. 2. Bak de chapati in een bakpan 3 minuten zonder boter of olie. Laat de chapati eerst opzwellen tot een ballon en duw hem dan plat met keukenpapier of keukenhanddoek. 3. Bak beide kanten mooi bruin. 4. Stapel de chapati’s op een bord met telkens een klein klontje boter tussen twee chapati’s. 12


+ Panna cotta van chocolade

Mechelse koekoek met saus van Gouden Carolus Dit heb je nodig voor 4 personen

ekoek

4 filets van Mechelse koekoek 12 jonge bioworteltjes: 4 gele, 4 oranje en 4 zwarte 6 aardappelen, in ronde plakken van 4 cm dik gesneden Olijfolie Peper en zout

Voor de saus

Beenderen van 1 Mechelse koekoek 2 liter water 1 ui (in grove stukken) 2 stengels bleekselder (in grove stukken) 1 preiwit (in grove stukken) 1 wortel (in grove stukken) 1/2 bosje peterselie 2 takjes verse tijm 2 blaadjes laurier Peper en zout Gouden Carolus (naar smaak)

Voor de panna cotta

(delen door vier = voor vier personen)

1 liter room 90 gram suiker 4 blaadjes gelatine 30 gram chocolade in stukjes

Koekoek 1. Breng de beenderen samen met het water op een zacht vuurtje aan de kook. Laat ze ongeveer 15 minuten koken. 2. Voeg de kruiden en de groenten toe. 3. Sluit de kookpan goed af en laat het ongeveer anderhalf uur verder sudderen. 4. Giet de bouillon door een fijne zeef. 5. Laat het geheel volledig afkoelen en verwijder het afgescheiden vet. 6. Laat de bouillon inkoken tot de helft en zet het even aan de kant. 7. Doe het vlees in een vacuümzakje met een scheutje olijfolie, peper en zout. 8. Vacumeer het en leg het dan 14 minuten in een warmwaterbad van 62°. 9. Laat het vlees in de vacuümverpakking en doe het onmiddellijk in ijskoud water met ijsblokken. Dit is heel belangrijk om bacteriën tegen te gaan. Het vlees kan je tot een week in de koelkast bewaren voor je het gebruikt. 10. Steek de aardappelkurkjes in een vacuumzakje met een scheut olijfolie en peper en zout. Vacumeer het zakje en laat het 45 minuten koken in water van 90°. 11. Steek het vlees in de oven op 58° tot de kerntemperatuur 58° is. 12. Kleur het vlees aan in de pan met olijfolie, kruid eventueel nog bij met peper en zout. 13. Pocheer de wortelen (in kokend water) tot ze beetgaar zijn. 14. Bak de wortelen kort in wat olijfolie. 15. Warm de gevogeltebouillon op en voeg Gouden Carolus toe naar smaak (mag meer koken).

Panna cotta 1. 2. 3. 4. 5. 6. 7.

Week de gelatineblaadjes in koud water. Kook de suiker en de room samen op. Knijp het water uit de gelatine en los de blaadjes op in de room. Giet het mengsel over de stukjes chocolade. Giet alles door een zeef in de siliconen vormpjes. Laat de panna cotta ongeveer vier uur opstijven in de diepvriezer. Haal de panna cotta uit de vormpjes als hij stijf is en laat de halve bolletjes ontdooien op een bord. 8. Serveer met een bolletje vanille-ijs.

(The Grenada Chocolate Company, organic dark chocolate 82 % cocoa)

Siliconenvormpjes voor pralines

13


roger haevelaerts 14

ist pensioniert. Er hat eine besondere Beziehung zu seinem Hund, Renco.


‘Het enige waar je schrik voor mag hebben, is je eigen schrik’ Aan het raam van de woning van Roger Haevelaerts hangt een bordje met ‘hier waak ik’. Roger kan zijn knappe rottweiler Renco voor geen geld ter wereld meer missen. ‘Hij geeft me een veilig gevoel in huis.’ 

TEKST: SEBASTIAAN ROODHOOFT | FOTO: KURT DERUYTER

ROGER HAEVELAERTS (81) BEROEP Gepensioneerde commando en schilder GEBOORTEPLAATS Herent

‘Ik heb altijd dieren gehad. Vroeger, toen ik nog in Sint-Pieters-Rode woonde, had ik verschillende Duitse schepers, een dobberman, een boxer en zelfs twee paarden. Ik weet nog hoe ik ’s avonds laat rond twaalf uur mijn ronde deed door de stal. Mijn paarden stonden me elke keer op te wachten met hun hoofd over de staldeur. Ze kregen van mij dan nog een halve appel. Daarna zei ik ‘en nu gaan we slapen’. Braaf keerden ze telkens om en gingen achteraan in hun stal staan om te rusten. Omgaan met dieren was nooit een probleem voor mij.’

Kolos ‘Als je een hond moet afgeven, ben je daar verdrietig om. De beste remedie om je eroverheen te zetten is een nieuwe in huis halen. Zo kwam bijna vier jaar geleden Renco bij me wonen. Hij groeide ondertussen uit van puppy tot een kolos van zestig kilo. Het was niet makkelijk om hem op te voeden. Ik ben meermaals gebeten, zelfs tot bloedens toe. Of ik ooit schrik van hem had? Nooit. Het enige waar je schrik voor mag hebben, is je eigen schrik.’ ‘Ondertussen luistert Renco perfect naar mij. Een tijdje geleden probeerde men in het midden van de nacht de deur te forceren. Het gehuil en geblaf van mijn hond deed de inbrekers vluch-

ten. Ik kan Renco voor geen geld van de wereld meer missen. Hij geeft me een veilig gevoel hier in huis.’

snokken aan de leiband ‘Toen Renco een paar maanden oud was, kwam ik meer in de binnenstad van Mechelen en op de zaterdagmarkt. Helaas lukt het nu niet goed meer om met hem onder de mensen te komen. Een paar jaar geleden had ik ook veel last van pijn in mijn arm en borststreek. De dokter vertelde me dat dit kwam door de hond. Hij snokte aan de leiband toen ik met hem ging wandelen. Die periode ging het niet al te best met mij. Ik heb dan maar een briefje opgehangen bij de slager om op zoek te gaan naar iemand bekwaam om met de hond te gaan wandelen. Een jonge studente wou dat gelukkig voor me doen.’

'Als Renco in het asiel bleef, stierf hij. nu laat ik hem niet meer van mijn zijde wijken'

‘Tijdens die mindere periode had ik behoefte aan rust. De dierenarts raadde me aan om de hond een paar dagen naar de dierenbescherming te brengen om weer op mijn positieven te komen. Nadat Renco drie dagen in een kennel in Aarschot verbleef, kreeg ik al telefoon. Hij wou niet meer eten en lag hele dagen in een hoekje weg te kwijnen. Als hij daar bleef, stierf hij. Ik heb hem meteen teruggehaald. Nog nooit was Renco zo blij. Hij mag niet meer van mijn zijde wijken.’ ‘Ik wil graag nog vele wandelingen met Renco kunnen maken. Ik wandel dan ook zo veel mogelijk met hem. Dat doen we altijd ’s avonds. Er zijn dan immers minder mensen op straat. Hoe rustiger het is, hoe aangenamer voor de hond. Nooit wandelen we dezelfde route, dat zou op den duur ook maar saai zijn. Renco is voor mij onmisbaar. Ik hoop dat we nog vele jaren kunnen samenblijven.’ 15


De 38-jarige Unting Tsai ontdekte haar passie voor muurklimmen toen ze 18 was. Sindsdien reist ze de wereld af op zoek naar ideale plaatsen om te klimmen. ‘Op een citytrip zie je de schoonheid van het land niet.’  TEKST: YASMINE COUFFEZ | FOTO: YASMINE COUFFEZ EN KURT DERUYTER

16


‘Op een bergtop kom je helemaal tot rust’ Waarom koos je voor klimmen? ‘Ik heb al veel sporten gedaan, maar er klopte telkens iets niet. Toen mijn lerares Lichamelijke Opvoeding ons in het vijfde secundair meenam naar de klimzaal, was ik meteen verkocht. De klimwereld is een kleine wereld waar iedereen elkaar kent en waar velen ook dezelfde ingesteldheid hebben.’ Hoe heb je leren klimmen? ‘Toen ik twintig jaar geleden begon, moest ik alles zelf leren, want er was nog geen begeleiding. Nadat ik het zaalklimmen onder de knie had, ben ik buiten op de rotsen beginnen te klimmen. Dat was in Berdorf, een dorpje in Luxemburg.’ Wat kies je: de rotsen of de klimzaal? ‘De rotsen blijven de grootste uitdaging. Elk weekend proberen we daarvoor naar Dinant te gaan, afhankelijk van het weer. Als het regent, klimmen we in een zaal.’ Zijn er risico’s? ‘Als je klimt met touwen zit je vast aan haken zodat je niet naar beneden kan vallen. Om de zoveel meter moet je je-

zelf aan een nieuwe haak vasthaken. Doe je dat niet, dan kan je naar beneden vallen tot waar je laatste haak was. Boulderklimmen is nog gevaarlijker. Daarbij klim je zonder touwen. Je hebt geen veiligheidsnet als je valt.’

in de flow zijn. Ik won enkele lokale competities en werd derde op Belgisch niveau. Maar daarnaast heb ik heb ook een voltijdse job in verzekeringen en dat valt moeilijk te combineren met competitie.’

Heb je al een ongeval gehad toen je aan het klimmen was? ‘Ik gleed al eens uit en viel met mijn gewicht op mijn arm. Mijn elleboog was uit de kom, maar ik voelde niets. Tot ik wilde rechtstaan. Ik dacht: ‘Tiens, mijn elleboog staat naar omhoog.’ Dat was echt vies.’

Is muurklimmen een mannensport? ‘Helemaal niet. Vandaag zijn er veel meer vrouwen dan vroeger. Vrouwen hebben soms het voordeel dat ze leniger en technischer zijn. Bovendien klimmen ze vloeiender door de routes dan mannen. Je hoeft niet altijd veel kracht te hebben om door een route te geraken.’

Zijn er in België goeie klimlocaties? ‘Je hebt 66 klimzalen over heel België. Voor de rotsen moet je in de buurt van Namen zijn. Het grootste en beste rotsgebied is Freyr, ten zuiden van Dinant. In Mechelen was er vroeger een klimzaal, ‘City Rock’, maar die is spijtig genoeg al enkele jaren verdwenen. Daar is het voor mij begonnen. Ik heb er mijn huidige vriend leren kennen, net als de tientallen koppels die daar ook ontstaan zijn. Elk jaar spreken we samen af om te gaan klimmen in Fontainebleau in Frankrijk. Dan is het net één grote familie.’ Heb je zelf al aan competities deelgenomen? ‘Vroeger deed ik mee aan de Belgische, lokale en Europese bouldercompetities. Daarbij moet je een bepaalde route in enkele minuten uitklimmen zonder te vallen. Elke pas die je zet, moet juist zijn en je moet heel stressbestendig zijn. Zowel fysiek als mentaal moet je

Reis je veel naar het buitenland voor je sport? ‘Ja, en dat vind ik het leukst. De plekken die je ontdekt, zijn zo wonderlijk. Mensen die een citytrip plannen, zien de schoonheid van het land niet. Wij komen op plaatsen waarvan mensen het bestaan niet eens weten.’ Welk gevoel krijg je wanneer je boven op een rots staat? ‘Het geeft mij een gevoel van vrijheid en het zicht dat je hebt, is echt fantastisch. Soms picknicken we boven op een rots. Op zo’n momenten kom je helemaal tot rust. Dat maakt de sport zo mooi.’ Zijn er plaatsen waar je nog naartoe wil? ‘Ik zou nog heel Europa, Azië en Amerika willen doorreizen. Ik wil een trip doen met de camper naar plekken die ik daar nog niet ontdekt heb.’

p

'Spijtig dat de klimzaal in Mechelen weg is' 17


Wonen in

Živeti

Mechelen HOE ZEG JE DAT IN DERTIG TALEN ?

läbe in

at bo i

élek

DZIVIPEN ANDRO

aš gyvenu

nghix go

to live in

bizi naiz

dzīvot 18

að lifa í

Živjeti u

Жить в


mieszkać w

viver em

ko vanda na

att bo vivint a

住在

vivere a

Bnakvel qaxaqum

vivir en

'de yaşamak

elades vivre à

Toudart di

visquent a

wohnen in

‫يف نكاس‬

อาศ ยั อย ท ู่ ี ่

untuk tinggal di

에 살다

да живея в 19


aNA-CARMEN tERRONES HERNANDEZ es una ex-profesora muy alegre. Es muy creativa, se apunta a todo con éxito y le gusta ayudar a los demás. También trabaja como voluntario en tres lugares.

20


‘We dachten dat honden hier rondliepen met een leiband van saucissen’ Oud of jong, Ana-Carmen Terrones Hernandez staat voor iedereen klaar. Deze leerkracht nam intussen afscheid van de klas, maar vervelen doet ze zich niet. Als ze geen knuffeltjes aan het haken is voor prematuurtjes, dan steekt ze een handje toe in rusthuis De Linde. 

TEKST: YASMIEN VRANKEN | FOTO: YASMINE COUFFEZ

‘Vijftig jaar geleden verhuisde mijn familie vanuit Spanje naar Mechelen. Als achtjarige was dat best spannend. De Spanjaarden beschouwden België immers als een heel rijk land. Ze vertelden zelfs dat honden hier niet aan een gewone leiband wandelden, maar aan een leiband gemaakt van saucissen (lacht). Mijn familie was in Spanje niet rijk. Eenmaal in Mechelen hadden we naast een klein beetje geld zo goed als niets. Gelukkig kregen we alles wat we nodig hadden van de minder​ broeders: lakens, dekens, bedden en kasten. Wij zijn de Mechelaars nog steeds heel dankbaar voor alles wat we gekregen hebben. We waren één van de eerste migranten die naar hier kwamen, en iedereen was hier zo gastvrij.’

Potloden kopen ‘Ik vind het heel belangrijk dat de stad zich meer en meer inzet voor diversiteit. Neem nu de lagere scholen. Toen ik als achtjarige hier naar school ging, zat er slechts één Spaans meisje bij mij in de klas. Maar als leerkracht godsdienst merkte ik dat de scholen geëvolueerd zijn naar een mooie mix. Dat is belangrijk voor kinderen die thuis geen Nederlands praten,

omdat het anders heel moeilijk is voor hen om onze taal te leren. Ooit moesten mijn leerlingen zichzelf tekenen. Een kindje met een donkere huidskleur vroeg een roze potlood om zijn gezicht in te kleuren. Toen ben ik zelf een doos potloden gaan kopen met zowel lichte als donkere kleuren.’

Creatieve vrijwilliger ‘Sinds maart zit mijn carrière als leerkracht erop en houd ik me vooral bezig met vrijwilligerswerk. Ik hou ervan om creatief bezig te zijn. Bij de organisatie Kleine Inktvisjes haak ik inktvisjes voor couveusekindjes. Die knuffeltjes worden uitgedeeld in ziekenhuizen.’

'Ik kocht lichte en donkere kleurpotloden voor allE nationaliteiten'

ANA-CARMEN TERRONES HERNANDEZ (58) BEROEP Gepensioneerde leerkracht en vrijwilliger

GEBOORTEPLAATS Barcelona

‘Daarnaast doe ik ook vrijwilligerswerk in rusthuis De Linde. Voor de bejaarden met een zware vorm van dementie maakte ik onlangs enkele knuffeldekens. Tussendoor brei ik via Made with Love for Stars ook nog coconnetjes, dekens en mutsjes voor overleden prematuurtjes. Die baby’tjes zijn vaak zo klein dat kleertjes niet passen. Ik vind het leuk om brei- en naaiwerk af te wisselen. En vrijwilligerswerk geeft ook veel voldoening. Dat de kleren die ik maak voor overleden baby’s zijn, zet me wel aan het denken. Maar het helpt de ouders van die kindjes om op een waardige manier afscheid te nemen.’

Symbolische deelname ‘Enkele maanden na mijn pensioen nam ik deel aan FACE-IT. Mijn deelname heeft voor mij een symbolische betekenis. Omdat mijn moeder vijf jaar geleden overleed, nam ik Maria, een goede vriendin van haar, en mijn zoon Mario mee naar de fotoshoot. Zo zijn we toch nog met drie generaties op de foto gegaan: als een moeder, een dochter en een kleinzoon.’ 21


DOSSIER IDENTITEIT 

‘Hoezo, jij spreekt Vlaams?’

Giramata Schmit (50) ziet er Afrikaans uit, maar dat is ze enkel aan de buitenkant. Ze werd geboren in Congo, heeft roots in Rwanda, maar groeide op in België. ’Als ik naar Rwanda kijk, is dat met de ogen van een westerling.’ 

22

TEKST EN FOTO’S: SITA-GRACE TOKO, YASMIEN VRANKEN & KURT DERUYTER


‘Mijn beide ouders waren Rwandees, maar ik werd geboren in Kinshasa, Congo. Daar trouwde mijn moeder met een Mechelaar. Hem beschouw ik dan ook als mijn echte vader. Op mijn vijfde erkende hij mij en kreeg ik de achternaam Schmit. Toen ik zes was, werd ik op internaat gestuurd in Knokke-Heist want mijn ouders werkten in Afrika. Terwijl andere kinderen tijdens de vakanties met de trein naar huis vertrokken nam ik, eerst alleen en later met mijn zus, het vliegtuig naar Congo. Tijdens de grote vakantie gingen we vaak op reis in Afrika maar ook elders in de wereld. Ik groeide op tussen verschillende culturen en nationaliteiten. Daarom stond ik als kind nooit stil bij de verschillen.’ Werd je in België soms aangesproken op je huidskleur? ‘Niet echt. Doordat ik me niet bewust was van verschillen, besefte ik niet dat ik zelf een beetje anders was. Tijdens mijn puberteit begon ik me wel vragen te stellen. Ik zag dat ik een andere huidskleur had dan mijn zus en broer, die half Vlaams en half Rwandees zijn. Maar in ons gezin werd daar nooit veel over gesproken.’

Toch kijken veel mensen eerst naar het uiterlijk, niet? ‘Ja, sommigen wel. Als je naar mij kijkt, zie je een Afrikaanse. Toch praat, loop en kleed ik me niet zoals de meeste Afrikaanse vrouwen. Dat maakt het soms verwarrend. Op straat weten ze niet goed hoe ze mij moeten aanspreken. Af en toe praten ze heel traag tegen me of spreken ze met opzet gebrekkig Nederlands zodat ik het goed zou verstaan. Als ik dan normaal antwoord, zijn ze verbaasd dat ik perfect Nederlands praat. ‘Gij spreekt Vloms?’’ Wil je die Afrikaanse kant van jezelf nog meer ontdekken? ‘Tuurlijk wel. In 2005 reisde ik voor het eerst in dertig jaar terug naar Rwanda. Ik ging ernaartoe om mijn land van herkomst te leren kennen en om mijn vader te zoeken, maar hij was helaas al gestorven. Ik vond wel zijn zus, mijn tante Angèle. Eén van haar zonen runt een koffiebedrijfje. Via hem kwam ik op het idee van Cawa’Gira, mijn eigen zaak in Mechelen waarbij ik mijn klanten een koffiebeleving aanbied. Ik vertel over Rwandese fairtradekoffie, en laat ze proeven en ruiken. Ik zocht een leuke manier om Rwanda te leren kennen, en koffie leek me de

ideale manier. In Rwanda ben ik wel met mijn neus op de feiten gedrukt. Ik paste niet in het Afrikaanse plaatje. Ik had wel het uiterlijk, maar ik keek door de ogen van een westerling. De Rwandezen begonnen tegen mij te praten in het Kiryarwanda, maar mijn moeder heeft me deze landstaal nooit geleerd. Ik moest steeds vragen “Français / English?”, wat voor verbazing zorgde bij de Rwandezen.’ Geef je een stukje van de Rwandese cultuur ook door aan je kinderen? ‘Ik vind het vooral jammer dat ik ze de taal niet kan leren. Ik ben intussen zelf gestart met Kiryarwanda, maar het is een hele moeilijke taal. Mijn kinderen dragen alle vier een Rwandese naam en hebben gelukkig op hun eigen manier een band met Rwanda. Mijn oudste dochter is designer. Ze ontwierp een sjaal die ze de naam Kane gaf, wat in Kiryarwanda het woord voor ‘vier’ is. Een andere dochter heeft haar zoon Manzi genoemd, een Rwandese naam. Dus onrechtstreeks hebben ze wel een band met Rwanda. Toen ze jong waren vroeg ik me af of ik die band moest forceren, maar ik ben blij dat ik dat niet gedaan heb.’

p

'Ik paste niet in het Afrikaanse plaatje'

23


DOSSIER IDENTITEIT 

HOE IS HET OM OP TE GROEIEN TUSSEN TWEE CULTUREN ?

'Je bent nooit Óf Marokkaan Óf belg' 

TEKST: SITA-GRACE TOKO

Redouane Ben Driss werkt als psycholoog-psychotherapeut bij het Centrum voor Geestelijke Gezondheid (CGG) Brussel. Daarnaast zet hij zich in voor het Steunpunt voor Cultuursensitieve Zorg. Hij werkt in zijn praktijk veel met migrantenfamilies. ‘Als je als jongere opgroeit tussen verschillende culturen, moet je voortdurend puzzelen met verschillende invloeden. Dat is noch voor jezelf, noch voor je ouders gemakkelijk’, zegt hij.

24


‘Je identiteit is je persoonlijkheid. Het onderscheidt je van alle anderen en maakt je uniek’, zegt Ben Driss, zelf kind van een migratiegeneratie. ‘Ouders, scholen, boeken, de maatschappij en je vrienden kneden je tot wie je bent. Toch is je eigen identiteit zoeken als migrant niet altijd even makkelijk. Als je je niet meer in harmonie of evenwicht voelt met jezelf, spreken we van een identiteitscrisis. Vooral tijdens ingrijpende gebeurtenissen zoals de puberteit of een echtscheiding kan je erin terechtkomen. Crisissen maken deel uit van het leven en hoeven dan ook niet altijd een probleem te zijn. Ze vormen pas een probleem als je ze zelf niet kunt oplossen.’

Afkeer Als je tussen meerdere culturen opgroeit, stel je je meer vragen over je identiteit. ‘Migratie heeft een grote impact, zeker op verschillende generaties binnen dezelfde familie. Jongeren zien bij zichzelf kenmerken van verschillende culturen en weten soms niet goed waar ze bij horen. Thuis leeft eerder de cultuur van het land van herkomst, daarbuiten een andere. Dit voortdurend schipperen tussen je wortels en je omgeving kan voor een identiteitscrisis zorgen. Iedereen gaat er op een andere manier mee om. Sommige jongeren zetten zich tijdens zo’n crisis af tegen de

thuiscultuur, anderen keren zich tegen de samenleving waarin ze terechtkomen.’

wijl de leraren op school zelfstandigheid aanmoedigen. Die twee visies zijn niet onverenigbaar.’

Puzzelen

Wat wel uit den boze is, zijn uitspraken waarbij de ene cultuur de andere zwart maakt. ‘De eigen achtergrond kun je als ouder niet opleggen. Die zal niet verloren gaan, maar verder leven op een manier die je kind zelf kiest. Zo kunnen kinderen het perfect normaal vinden om hun ouders tegen te spreken en ze recht in de ogen te kijken tijdens discussies, terwijl dit voor de ouders zelf soms als respectloos overkomt. Kinderen voelen zich vrij als ze weten dat ze de steun van hun ouders hebben in hun keuzes.’

‘Om zo’n crisis te voorkomen, is het belangrijk dat jongeren in de eerste plaats hun achtergrond erkennen en accepteren’, zegt Ben Driss. ‘Kinderen maken dan ook nooit deel uit van twee aparte culturen. Ze puzzelen tot ze een eigen identiteit creëren: een mozaïek van normen en waarden waarin ze zich kunnen vinden en zich veilig voelen. Zo zien ze zich niet in de eerste plaats als Marokkaan of Belg, maar eerder als een Marokkaanse Belg. Tijdens familiefeestjes zie je meer de Marokkaan dan de Belg. En op school is het net andersom.’ Het puzzelen met verschillende culturen is universeel en duurt levenslang. ‘Zoals je bent op je achttiende, ben je niet op je dertigste’, weet Ben Driss.

Evenwicht ‘Ouders hebben een belangrijke taak in de identiteitsvorming van hun kroost. Zij moeten een evenwicht creëren tussen de verschillende omgevingen waarin hun kinderen leven en ze veiligheid en steun bieden. Dat is niet altijd even makkelijk. Zo moeten ze tegenstrijdigheden vermijden. Thuis kan het oudste kind perfect leren om voor zijn broertjes en zusjes te zorgen, ter-

Taal Kan je verschillende culturen met elkaar combineren als je de taal niet spreekt? ‘Zeker, taal hoeft geen obstakel te zijn’, weet Ben Driss.‘Om een taal te spreken, hoef je de cultuur niet te kennen. Maar om een cultuur te ontdekken, moet je de taal wel spreken. Een identiteit vorm je met een cultuur én taal. Culturen combineren en een evenwichtige identiteit ontwikkelen is wel makkelijker voor kinderen van wie ouders de taal van het land waarin ze hun kinderen opvoeden aanvaarden. Zij stimuleren zo de identiteitsontwikkeling van hun kinderen.’

p

'Jongeren puzzelen tot ze hun eigen identiteit creëren'

25


Jose Van der wildt

s’engage comme bénévole dans le quartier où elle vit déjà 65 ans. Elle y essaie d’améliorer la communication entre les différentes cultures.

26


‘Niemand heeft nog tijd voor vrijwilligerswerk’ José Van der Wildt woont al 67 jaar in Mechelen, waarvan 65 jaar in de Arsenaalwijk. Daar is ze ook geboren. In die tijd is de buurt heel wat veranderd. Zo werd een buurtcomité opgericht waarvoor José zich nu al zeventien jaar inzet.

JOSE VAN DER WILDT (67) BEROEP Bezige bij in haar buurt GEBOORTEPLAATS Mechelen

TEKST: MARIA WALGRAEVE | FOTO: KURT DERUYTER

‘Je inzetten voor andere mensen, dat kreeg ik van thuis mee. Mijn vader organiseerde mee de kermissen hier in de wijk. Op mijn tweeëntwintigste trouwde ik met mijn man, die ik leerde kennen toen ik twaalf jaar was. Ik mocht van mijn moeder eens wat verderop gaan spelen in de Botanique en het was meteen prijs. Hij was Baskisch en is tijdens de Spaanse burgeroorlog naar België gekomen. Met hem heb ik even op Nieuwen Dijk gewoond, maar ik kon mijn draai daar niet vinden. Toen ik kinderen kreeg, zijn we weer hier in de wijk komen wonen, waar ik iedereen ken.’

Vrouwengilde ‘Mijn leven bestond uit mijn familie en mijn huishouden, tot een buurvrouw me voorstelde bij de KAV te gaan, nu Femma. Daar deed ik heel wat: het bestuur, ondervoorzitter, verantwoordelijke voor de feesten. Ik heb mij daar enorm geamuseerd, veel bijgeleerd én ik ben er opengebloeid. Die samenhorigheid is zo belangrijk. Maar twee jaar geleden zijn we gestopt met de werking. Het was moeilijk om vrijwilligers te vinden die zich voor een langere periode willen engageren. Mensen hebben daar geen tijd meer voor.’ ‘Ik naai ook al zo’n 37 jaar kleren voor de Hanswijkprocessie, maar de laatste jaren is het buurtcomité mijn prioriteit.

Ik woon al bijna zeventig jaar in deze wijk, waardoor ik ze echt heb zien veranderen. Italianen, Hongaren en Spanjaarden waren hier al zolang ik mij kan herinneren. Veertig jaar geleden werden ze vergezeld door de eerste Marokkaanse gezinnen.’

'Praten met hangjongeren helpt' ‘Die mengelmoes aan culturen en gebruiken zorgde voor nood aan meer communicatie. Daarom hielden we maandelijks een vergadering in de zaal hier op de Leuvensesteenweg, waar iedereen zijn of haar zegje kon doen. Vaak waren het verhitte discussies, maar het hielp. Buren konden hun hart eens luchten. Vooral tussen jonge en oude inwoners ontstaan er makkelijk misverstanden. Groepjes jongeren spreken vaak op straat af omdat dat bij hun thuis niet gaat en dat zorgt voor geluidsoverlast. Veel mensen durven dan niet echt met die jongeren te praten, dus komen ze naar mij. Ik probeer dan te bemiddelen. Die jongeren weten

vaak niet dat ze iets verkeerd doen, praten helpt dan het best. Het wijkhuis startte ook met een kinder- en tienerwerking. Groepjes vrienden kunnen nu in het wijkhuis afspreken.’

Feest ‘Nu is mijn belangrijkste taak het buurtfeest organiseren. Dat is heel klein begonnen, bij mij aan de deur met taartjes en koffie. Ook een Marokkaans gezin hielp mee: zij zorgden voor versnaperingen. De buren konden dan van alles proeven. Het jaar nadien organiseerden we het feest in het dienstencentrum, daarna in een grote tent aan de speeltuin. Nu zitten we in de wijkzaal. Dat buurtfeest is echt al heel erg gegroeid!’ ‘Toen mijn man twaalf jaar geleden overleed, heeft het werk in de buurt mij heel goed geholpen, omdat ik moest buitenkomen en af en toe mijn gedachten eens kon verzetten. Nu ik ouder word, wordt het wel zwaar. Al dat organiseren is niet eenvoudig. Maar bezig zijn, is beter dan niets te doen hebben!’ 27


28


‘Parkour is even belangrijk als zuurstof’ Parkour is geen onstopbare waaghalzerij, maar lef heb je er wel voor nodig. Het is de ultieme uitlaatklep van toekomstig beroepsonderofficier Giancarlo Santagata (20). ‘Tijdens een parkourtraining kijk ik altijd om me heen, op zoek naar uitdagende plaatsen. Als militair marcheer ik en kijk ik steeds recht voor me. Hoe stom het ook is, dat was aanpassen.’  TEKST: SEBASTIAAN ROODHOOFT | FOTO’S: YASMINE COUFFEZ

29


‘Wat ik doe, is berekend. Als ik risico’s neem, heb ik altijd alles onder controle. Nu ja, meestal toch … Aan Utopolis sprong ik ooit van een container. Ik wou radslag zonder handen doen. Het laatste wat ik me herinner, is het beeld van het gras waarop ik zou landen. Ik werd wakker met bloed in de mond, een losse tand en een stijve nek. Mijn mp3speler was weggevlogen en lag een eind verderop. Zulke dingen gebeuren. Dan sta je weer recht en ga je gewoon door.’

Marcheren ‘Ik volg bij Defensie de opleiding Beroepsofficier aan campus Saffraanberg. Mijn parkourervaring kan ik daar goed gebruiken. In de eerste plaats heb je een goede conditie nodig. Daarnaast word je ook gemotiveerd om ruimdenkend te zijn. Bij Defensie is er onderling respect én veel aandacht voor diversiteit. Dat is net hetzelfde bij parkour. Toch moest ik aan sommige dingen wennen. Tijdens parkour kijk ik steeds om me heen, op zoek naar uitdagende plaatsen. Strak voor me uit leren kijken tijdens het marcheren was dan ook een grote aanpassing!’

30

'Ik werd wakker met bloed in de mond, een losse tand en een stijve nek'


Vrienden ‘Mijn roots liggen overal in de wereld, ik kom van overal en nergens. Ik ben Turks en Italiaans en werd geboren in Duitsland. Maar Mechelen is mijn natuurlijke habitat. Ik vond er mijn thuis en mijn vrienden. Mijn trainingsmakkers groeiden uit tot een hechte vriendengroep. Zij zijn een tweede familie. Waar ik ook ga, ik wil hen erbij. Want goed gezelschap maakt het moment. We gaan het liefst naar Mechelen Sluis. Daar begon ik met parkour, beleefde ik avonturen en groeide ik in mijn hobby.‘

Creativiteit ‘Parkour is voor mij haast even belangrijk als zuurstof. Het draait om plezier maken in het leven en doen wat je graag doet. Die filosofie van Daniel Ilabaca, één van mijn grote voorbeelden, waardeer ik enorm en inspireert me. Voor hem is parkour een manier om het beste in mensen naar boven te halen. Een training bevordert mijn creativiteit en geeft me vrijheid. Nooit voelt het aan als moéten. Ik word er zelfs gelukkig van.’

'waar ik ook ga trainen, ik wil mijn vrienden erbij. zij zijn een tweede familie'

31


‘Sommigen zien stof, vuilnis, rommel en chaos. Ik zie verhalen, lijnen en figuren’

Victor Hugo Yruegas Cortes is 47 jaar. Hij is geboren in Guadalajara (Mexico) en studeerde af als architect. Hier heeft hij een ander leven. In Sint-Katelijne Waver verzorgt Victor planten, waarmee hij op de wekelijkse markt staat. Af en toe poseert hij voor studenten van de kunstacademie. Victor geniet van het leven en brengt graag tijd door met zijn gezin. Daarnaast leest en tekent hij.  TEKST: SITA-GRACE TOKO | FOTO: SITA-GRACE TOKO & KURT DERUYTER

32


‘Ik werkte als architect in Mexico en Nicaragua voor rijke klanten. Geld verwent mensen, waardoor ze neerkijken op anderen. Zo was er bijvoorbeeld een werknemer die zijn poetshulp op haar knieën zijn veters liet strikken. Ik mis wel het creatieve deel van architectuur, waar je uit het niets iets ontwerpt naar de smaak van anderen. Ik zou het beroep graag opnieuw uitoefenen, op voorwaarde dat ik er mensen mee help.’ Wat trekt je aan in Mechelen? ‘Mechelen is mijn thuis geworden. De gesloten stad bloeit open als je de juiste mensen voor jou vindt. Mijn vrienden waren zo lief voor me dat ik dicht bij ze wilde blijven. Er is altijd wat te doen hier. De stad is ook makkelijk te bereiken en ze ligt dicht bij grote steden als Brussel, Leuven en Antwerpen. Mechelen is bovendien heel veilig, zelfs ’s nachts.’ Waar haal je je inspiratie om kunst te maken? ‘Het is niet zo dat ik werk als ik me geïnspireerd voel. Eerder het tegenovergestelde: inspiratie komt door en tijdens het werken. Verder lees ik ook veel. Boeken inspireren mij het meest. Daarnaast merk ik soms ook dingen op als ik op straat wandel, of als ik op café zit. Sommigen zien stof, vuilnis, rommel en chaos. Ik zie verhalen, lijnen en figuren. Mijn werken hebben orga-

nische vormen en veel lijnen. Niet iedereen vindt ze even mooi. Ik vergelijk mijn werken met koken. Je gooit veel ingrediënten bij elkaar en uiteindelijk krijg je een gerecht. Als ik een lijn van een tekening wegveeg, wordt ze iets anders. In mijn ogen is ze dan niet meer volledig.’ Hoe werkt ‘Victor De Kunstenaar’ ? ‘Ik teken en laat de lijnen gewoon zijn. Uiteindelijk zie ik iets. De tekening vertelt me welke vorm ze wil aannemen. En dan neem ik de controle over. Ik kan op verschillende plaatsen en momenten tekenen: op de bus, onder vrienden, dansend op een feestje of tijdens een vergadering. Mijn vrienden weten wat er gaat gebeuren als ik plots pen en papier neem. Soms praat ik tijdens het tekenen, soms ben ik volledig opgeslorpt door het werk. Maar meestal geniet ik ervan om in stilte te tekenen, luisterend naar het geluid van mijn eigen gedachten.’ Welke werken kunnen we nog verwachten? ‘Ik werk aan een project rond fotoinstallatie FACE-IT in het kader van ‘De mensen maken de stad’. Het heet Behind the Lens. Voor dit werk interview ik 15 getuigen. Ik schrijf een tekst over hun leven voor ze naar België kwamen en hun leven nu. Ik maak ook een pentekening van hen

en maak hun leven visueel via een kaart. Mijn vriendin, Rita, hielp me met het concept en de vertalingen. Mijn Cubaanse vriend Tony fotografeerde.’ ‘Ik werk ook graag rond interactie en verandering in de publieke ruimte. Zo hoop ik ooit een mobiele installatie te maken: een kamer, waarvan de wanden uit verschillende, herplaatsbare tegels bestaan. Mensen kunnen die tegels bewerken, herwerken, verplaatsen. Ze gebruiken wat er is en voegen nieuwe elementen toe. Ze scheppen en herscheppen het kunstwerk naar eigen gevoel. Telkens wordt het iets anders. Zo worden ze geconfronteerd met ritme, orde en verandering in het leven en hoe ze daar zelf deel van uitmaken.’ Op Google ben je moeilijk te vinden. Een bewuste keuze? ‘Het internet maakt alles sneller. Ik houd van mijn privacy en van het trage leven. Je hebt mensen die hun huis niet uitkomen en die toch wereldwijs zijn. En je hebt mensen die de wereld afreizen en lomp blijven. Niet iedereen hoeft te weten wat ik doe en met wie. Ik wil in real life contact hebben met mensen. Ik wil ze zien, horen, vasthouden. Ik ging eens koffie drinken met een vriend. Hij las zijn krant terwijl ik wilde praten. Waarom vraag je of ik mee koffie ga drinken, als je toch gaat zitten lezen?’

p

'Je hebt mensen die de wereld afreizen en lomp blijven'

33


Hadi Ahmadzadeh

34

se mudó a España para su propio bed & breakfast. Pero por la crisis económica y varios de los incendios forestales, él tuvo que dejar su proyecto.


‘Flamenco is mijn therapie’ Twee suikertjes en twee melkjes, zo drinkt Hadi zijn koffie. We spreken af in de Irish Pub op de Mechelse Grote Markt, een van de favoriete plekken van de dertiger. ‘Vroeger vond je me altijd op de Vismarkt. Maar met ouder worden, zoek ik rustigere plaatsen op.’  TEKST: CINDY VAN ASSELBERGH | FOTO: KURT DERUYTER

‘In 2008 verhuisde ik naar het Spaanse Valencia om er mijn eigen bed and breakfast te beginnen. Ik investeerde al mijn spaarcenten in het bouwproject. Toen in 2008 de vastgoedcrisis uitbrak, werd het moeilijk. Er waren momenten waarop ik bij wijze van spreken moest kiezen tussen eten of cement en beton kopen. In 2012 vernielden de vele bosbranden bovendien een deel van het Sierra Calderona Natural Park waarin mijn bed and breakfast zou komen. Het gebouw staat er nog, maar de natuur en het ecotoerisme zijn volledig weg.’

Harde werker

HADI AHMADZADEH (36) BEROEP Kok met een passie voor flamenco GEBOORTEPLAATS Teheran

mezelf uit te drukken. Soms zit je zo in de muziek, dat je volledig één wordt met je instrument. Dan denk je niet meer aan Spanje of aan al de rest, dan ben je gewoon weg.’

‘Mijn eigen Bed & Breakfast komt er hoe dan ook’

‘Ik had het enorm moeilijk toen ik terugkeerde naar België. Ik was 33 jaar en terug bij af. Ik ben toen begonnen met flamencogitaarlessen. In tegenstelling tot de commerciële muziek van de laatste tien jaar kan flamencomuziek me nog raken. Nummers als ‘All About That Bass’ van Meghan Trainor of ‘Sexy als ik dans’ van Nielson lijken echt nergens naar.’

Verdwijnplek

‘Flamenco is voor mij meer dan alleen muziek. Het is een vorm van therapie, mijn manier van leven, mijn manier om

‘In Spanje wilde ik een plek voor mezelf en mijn muziek creëren: mijn eigen bed and breakfast, in een natuurgebied waar kunstenaars, schrijvers,

‘Intussen geef ik ook zelf les, dat vind ik enorm leuk. Misschien richt ik ooit wel mijn eigen flamencoschool op. Werken als zelfstandige past bij me, want ik ben een harde werker en orders nemen van anderen is niet mijn sterkste punt.’

muzikanten en reizigers naartoe kunnen komen om even te verdwijnen. Een plek waar ik ‘thuis’ kan komen. Want die heb ik nooit gehad. Ik groeide op in Iran, Engeland en België. Na mijn studies ben ik eropuit getrokken en heb ik zowat overal gewoond: Amerika, Cuba, Portugal … Ik keer wel altijd terug naar Mechelen omdat mijn vrienden en mijn familie hier wonen. Mijn ouders zijn al wat ouder en kunnen niet meer zo lang vliegen. Bovendien heb ik hier een groot deel van mijn jeugd doorgebracht. Toch voel ik me niet helemaal thuis in België. De kille, afstandelijke manier van leven past niet bij mij. In Spanje zou ik me wel thuis kunnen voelen. Maar zolang de crisis en corruptie er niet afnemen, ga ik niet terug. Één ding is zeker: mijn eigen bed and breakfast, die komt er hoe dan ook.’ 35


dress to impress Gewaagde rokjes, stoute schoenen en strakke pakken. Voor een avondje uit willen we er allemaal goed uitzien. Deze Mechelse schoonheden en charmante heren zorgen voor inspiratie. Met of zonder Louis Vuitton.  TEKST: EVY VAN RUYSKENSVELDE, MARIA WALGRAEVE | FOTO’S: YASMINE COUFFEZ

36


37


NINA NZENZA  (19)

‘Ik ga bijna wekelijks uit. Per maand geef ik toch wel een paar honderden euro’s uit aan kledij. Daarom doe ik verschillende studentenjobs. Mijn outfit is heel belangrijk voor mij: daar draait het om. Mijn kleren zijn vrij uitdagend, ik draag altijd hakken en heb mijn eigen stijl. Ik winkel vaak in ketens maar ik heb ook enkele designerstukken. Mijn pronkstuk is mijn Louis Vuitton. Al gaat die niet mee wanneer ik uitga. Stel je voor dat iemand daar wijn op morst!’

38


ISHAK KUCAM  (70)

‘Het pak dat ik nu aan heb, kreeg ik van mijn zoon. Hij kocht het voor mijn zeventigste verjaardag. Kleren zijn heel belangrijk voor mij. Ik heb meer dan tien kostuums en draag die bijna dagelijks. Wij hebben een hele grote familie en er zijn geregeld trouwfeesten. Dan moet ik er van begin tot einde piekfijn uitzien.’

39


LIANA DAVTYAN  (21)

‘Ik kan vanalles zijn: van klassiek tot hippie. Met mijn kledingstijl varieer ik erg graag. Maar voor feestjes is het altijd hetzelfde: een kleedje. Er hangen makkelijk dertig jurken in mijn kast. Als het maar chique is! Armeniërs geven vaak feestjes. Omdat je de meeste mensen kent, draag je nooit twee keer hetzelfde. Hoeveel geld ik eraan besteed, hangt af van bij wie ik uitgenodigd word. Zijn het goede vrienden, dan geef ik makkelijk 100 euro uit.’

40


FELIPE OPDEBEECK  (32)

‘Ik heb nu twee kinderen, dus het zware uitgaansleven zit er niet meer in. Nu ga ik zo’n tweetal keer per maand weg: naar privéfeestjes, op café of op restaurant. Het moet niet altijd chique zijn. Als dat toch het geval is, zijn een hemdje en een vest een must. Kleren hoeven voor mij niet duur te zijn, maar ik hecht er wel veel belang aan. Hoe anderen eruitzien, maakt me dan weer niet uit. Ik beoordeel mensen niet op hun kledij.’

41


Lamine Sambou 42

est passionnĂŠ par la musique. Son but principal dans la vie est de fonder un groupe de musique multiculturel Ă Malines.


‘Een kloppend hart, dat is ritme’ Lamine Sambou heeft één grote passie: muziek. Dat wordt snel duidelijk wanneer hij een Spaanse versie van Happy Birthday zingt voor een 90-jarige vrouw. ‘Ik wil mensen blij maken met mijn muziek.’  TEKST: YASMINE COUFFEZ | FOTO: KURT DERUYTER

‘Muziek zit al in mij van toen ik klein was. Sinds 1991 ben ik er professioneel mee bezig. In Spanje speelde ik samen met Youssou N’Dour en Seckh lo en was ik bevriend met wijlen Paco de Lucia. Ik richtte mijn eigen band op met muzikanten van onder andere Afrikaanse, Marokkaanse, Argentijnse en Spaanse afkomst. Met die band heb ik een eerste full-cd gemaakt met zelfgeschreven nummers. Ik wilde nog een tweede cd maken, maar door de Spaanse economie was dit niet mogelijk. We hebben wel demo’s van die nummers gemaakt in Frankrijk. Ik hoop ze ooit nog uit te brengen.’

K.V. Mechelen ‘Toen ik in Spanje woonde, had ik nog nooit van Mechelen gehoord. Ik kende de grote steden zoals Antwerpen en Brussel wel. Maar mijn jongere broer Diabang speelde bij K.V. Mechelen. Dus toen ik anderhalf jaar geleden naar België wilde komen, was de keuze voor Mechelen snel gemaakt. Intussen is mijn broer weg uit Mechelen. Hij speelt nu bij de voetbalploeg Cracovia in Polen.’ ‘Nu werk ik met Vlaamse muzikanten uit verschillende provincies. Met hen wil ik graag een multiculturele groep starten in Mechelen. Wij spelen wereldmuziek. Als muzikant mag je je niet richten op één muziekstijl, maar

moet je meerdere genres kunnen brengen. Als je op veel verschillende plaatsen komt, dan moet je ervoor zorgen dat je iedereen aanspreekt. Zo speel ik bijvoorbeeld reggae en salsa, maar ook westerse muziek als jazz en blues.’

LAMINE SAMBOU (47) BEROEP Buschauffeur VRIJE TIJD Muzikant GEBOORTEPLAATS Abene in Casamance

'Iedereen is muziek' ‘Als ik ongelukkig ben, speel ik muziek om mijzelf een goed gevoel te geven. Dat is wat muziek doet. Het brengt leven en dat gevoel wil ik ook kunnen geven. Maar niet alleen instrumenten maken muziek. Als je ademt, heb je al een ritme. Ook je hart dat klopt, is ritme. Hetzelfde geldt voor lopen, slapen en alle andere dingen die we doen. Wanneer je lacht, heb je een vibratie en vibratie is muziek. We zijn er ons niet altijd bewust van, maar muziek is alles en iedereen is muziek.’

Afrikaanse harp ‘Ik speel vooral Kora, een Afrikaanse harp die de voorbije jaren heel modern is geworden. In Spanje gaf ik les Afrikaanse muziek aan jongeren in een jeugdhuis. Daar leerde ik ze vooral

djembé spelen. Dit zou ik ook graag in België doen, maar daarvoor moet ik eerst mijn Nederlands verbeteren.’ ‘In Spanje stichtte ik een vereniging voor uitwisselingsprojecten met Afrika. Met jongeren van 18 tot 21 jaar gingen we op reis naar een cultureel centrum in Senegal om kennis te maken met de cultuur. We halen ook jongeren uit Afrika naar hier. De Europeanen weten niet zoveel af van Afrika, buiten wat ze lezen in de kranten. Ze denken dat er in Afrika vooral epidemieën en arme mensen zijn. Maar dat is helemaal niet waar. Ik weet hoe het is om in beide culturen te leven. De vereniging is de brug om de twee te laten kennismaken met elkaar.’ 43


TOOGHANGERS

Een glaasje wijn op het ritme van Cubaanse muziek of een stevige whisky in een Schotse kroeg? Keuze zat aan cafés in Mechelen. Aan welke toog je uiteindelijk ook zit, staat of hangt, de Mechelaar vindt er altijd zijn of haar ding: ontspanning!  TEKST: SEBASTIAAN ROODHOOFT | FOTO: SEBASTIAAN ROODHOOFT

Dirk (67) LEUKSTE CAFÉ?

LEUKSTE CAFÉ?

‘Op mijn vijftiende kwam ik voor de eerste keer in The Arms of York. Helaas bestaat dat café nu niet meer.’

‘Een café met een gezellige sfeer. Leuk gezelschap is uiteindelijk het belangijkste!’

EERSTE KEER ZAT?

‘Zat? Ik ben nog nooit zat geweest!’ (lacht)

‘Dat was thuis, rond mijn vijftiende met mijn broers.’

FAVORIETE DRANKJE?

FAVORIETE DRANKJE?

‘Geef mij maar een Westvleteren 8.’

44

Wim (34)

EERSTE KEER ZAT?

‘Ik drink graag bier, als het maar geen Heineken is!’


Shana (27) & Dorien (31) LEUKSTE CAFÉ?

‘Bar Popular heeft een erg leuke sfeer. Ideaal om na het werk iets te komen drinken.’

EERSTE KEER ZAT?

Fouad (31) LEUKSTE CAFÉ?

‘De Gouden Vis is een van de weinige bruine kroegen in Mechelen. Hier kom je werkelijk iedereen tegen. Gezellig!’

Shana: ‘Toen ik de eerste keer zat was, leerde ik mijn eerste vriendje kennen.’ Dorien: ‘Op mijn vijftiende, op Aalst Carnaval.’

EERSTE KEER ZAT?

FAVORIETE DRANKJE?

FAVORIETE DRANKJE?

Shana: ‘Het liefst van al drink ik rode wijn.’ Dorien: ‘Kriek of rosé, echte vrouwendranken!’

‘Ik ben moslim en drink geen alcohol. Eigenlijk heeft dat mij ook nooit geïnteresseerd.’ ‘Als het niet te laat is, drink ik koffie. Anders gewoon een cola.’ 45


Medhi Deschrijvere 46

lived his whole life in Vilvoorde with his Indian mother and Belgian father. He is a commercial model, as he lacks the right measurements for high fashion.


‘Mijn modellen zijn het imago van mijn agency’ Anderhalf jaar geleden verhuisde Medhi samen met zijn businesspartner en vriend David naar Mechelen. Hier runt hij zijn eigen modellenbureau. ‘Ik zeg soms tegen mijn modellen dat ze op hun eten moeten letten of meer moeten sporten, ja. Maar dat moet ook, als je de top wil bereiken.’

MEDHI DESCHRIJVERE (23) BEROEP Fotograaf, model & scout GEBOORTEPLAATS Vilvoorde

 TEKST: SITA-GRACE TOKO | FOTO: KURT DERUYTER

‘Ik wilde graag in high fashion, maar helaas heb ik daarvoor niet de juiste maten. Daarom figureer ik vooral in reclamecampgnes. Ik kijk op naar modepilaren als Anna Wintour, Naomi Cambell en Beyoncé. Ik lees veel over mode en ben fan van fashionprogramma’s. Daardoor ken ik de modebranche door en door.’

Chaos ‘Je moet veel dingen opgeven als je succes wil hebben in de modellenwereld. Zo kan ik niets op voorhand plannen. Soms moet ik afspraken met vrienden of familiefeestjes op het laatste moment afzeggen. Ik mis mijn familie. Door de chaotische modellenwereld zie ik ze niet zo vaak, ook al wonen ze in Vilvoorde. Mijn zusje is trouwens mijn favoriete persoon op aarde. Ik ben dol op haar.’ ‘Mijn partner, David, is interieurfotograaf. Ik ga 100 procent voor mijn modellenwerk. We zijn bezig met onze carrière en willen in onze relatie niet te afhankelijk zijn van elkaar. We gaan elk voor de top in onze sector.’

‘Ik haal zoveel voldoening uit mijn job, dat er geen onderscheid meer is tussen mij als persoon, als fotograaf en als model. Waar ik wel een evenwicht in zoek, is de geslotenheid en de ‘zo hoort het’-mentaliteit, die ik van mijn Bel­ gische vader en moeder uit India meekreeg. Die botsen soms.’

'Ik ken mijn grenzen tijdens een shoot' ‘Alles in mijn leven doe ik zelf. Ik heb geen tijd om bezig te zijn met feesten en drinken, zoals veel van mijn leeftijdsgenoten. In mijn vrije tijd sport ik veel. Ik doe aan bootcamp, zwemmen en fitnessen.’

HARDE WERELD ‘De modellenwereld is een harde wereld, maar ik wil niet te hard worden. Ik ken mijn grenzen tijdens een shoot en vind het belangrijk dat mijn modellen

na een shoot een goed gevoel overhouden. Zo kan ik tegen een model zeggen dat ze op haar eten moet letten en meer moet sporten. Dat is nooit gemeen of beledigend bedoeld.’ ‘Ik geef de modellen van mijn agency een begeleiding op maat. Zij moeten zich onderscheiden, het beste van zichzelf laten zien. Ze moeten kunnen communiceren met klanten, lef en hersens hebben. Ze zijn immers het imago van mijn agency. Elke klant verdient respect en inzet. Een model dat zijn of haar neus ophaalt om de catwalk te doen voor een klein merk, kan meteen vertrekken. Elke klant is hier koning. De bekende én de onbekende.’ 47


MECHELEN BY NIGHT Elke nacht verlichten 10 042 straatlampen de stad en haar randgemeenten.

48

‘s Nachts rijden gemiddeld 110 door het station van Mechelen.

treinen


Het vuurwerk op oudejaarsavond lokt gemiddeld 10 000 bezoekers.

2467 parkeerplaatsen waar je ‘s nachts je auto veilig kan stallen. Na opening van de nieuwe De stad telt

Mechelen telt 16

nachtwinkels.

parking aan de Zandpoortvest trekt de stad dit aantal op tot 3097.

TEKST: CINDY VAN ASSELBERGH | FOTO: YASMINE COUFFEZ

49


Tarik Zohair

is a volunteer at ROJM where he helps young people to create their own videos. He would love to make a fulltime job out of it.

50


‘Jongeren kijken  op naar ons’ ‘Uren heb ik hier doorgebracht, voornamelijk sportend.’ Tarik Zohair is thuis in ROJM, het Regionaal Open Jeugdcentrum Mechelen. Als kind kwam hij er om te voetballen, ondertussen begeleidt hij een videoproject en helpt hij jongeren met filmen en monteren. Een droomjob, zegt hij.  TEKST: CINDY VAN ASSELBERGH | FOTO: KURT DERUYTER

‘Toen ik dertien was, begon ik mijn eigen filmpjes te maken. Ik filmde mijn vrienden tijdens het breakdancen of thaiboksen en monteerde de beelden tot korte filmpjes. Ik heb nooit een opleiding gehad. Dankzij Youtubetutorials heb ik zelf leren filmen en monteren. Ergens vind ik het jammer dat ik daarin niet geschoold ben. Ik wilde wel een opleiding volgen, maar omdat het een werkonzekere sector is, zagen mijn ouders dat niet zitten.’

Alles is mogelijk ‘Sinds maart 2014 begeleid ik vrijwillig het videoproject bij ROJM. We willen jongeren de kans geven om te filmen en te monteren. Iedereen kan meedoen, ook al heb je geen voorkennis. Dat maakt het soms moeilijk, want niet iedereen heeft hetzelfde niveau. Pas wanneer ROJM in september 2015 naar een nieuwe en grotere locatie op de Battelsesteenweg verhuist, kunnen we het juiste materiaal aankopen en echt aan de slag gaan. We zijn van plan om vooral sketches en kortfilms te draaien, maar volgen de interesses van de jongeren. In principe is alles mogelijk.’

Vastberaden ‘Naast het videoproject help ik mijn broer Mohamed met de thaibokslessen die in september van start gingen.

TARIK ZOHAIR (26) BEROEP IT-er met een passie voor video en thaiboks GEBOORTEPLAATS Mechelen

Mijn vier broers en ik hebben allemaal gethaibokst. Ik ben moeten stoppen door een blessure, maar Mohamed werd tweemaal Belgisch kampioen. De lessen zijn enorm populair. Sommige clubs draaien puur rond vechten, dat is hier niet zo. We streven niet naar competitie, maar willen dat ze volhouden. We leren de jongeren vechten, maar

'Jongeren diE willen thaiboksen om op straat te kunnen vechten, zijn niet welkom in rojm' tegelijkertijd brengen we hen de nodige discipline bij om met de geleerde kracht om te gaan. Jongeren die alleen maar willen thaiboksen om op straat te kunnen vechten, zijn hier niet welkom.’

Droomjob ‘Ik werk twee dagen per week als vrijwilliger. Daarnaast werkte ik tot voor kort in de IT-sector, waar ik vooral bezig was met databeheer en windows software support. Dat is zeker niet

mijn droomjob, maar het betaalt de rekeningen. Wanneer ROJM naar een nieuwe locatie verhuist, hoop ik van mijn projecten een voltijdse bezigheid te maken. Dag in dag uit met media en jongeren werken, dat is een droomjob. We zouden videoclips kunnen opnemen of optredens kunnen regelen voor getalenteerde jongeren die zelf niet over de nodige middelen beschikken. Want dat is uiteindelijk de essentie van ROJM: kansarme jongeren een plek bieden waar ze kunnen doen wat ze graag doen. Daardoor staan ze ook buiten het jeugdhuis positiever in het leven en hebben ze meer respect. Dat komt mede dankzij de begeleiders. Wij zijn een voorbeeld voor hen, ze kunnen naar ons opkijken.’ 51


Welk Mechels streekproduct

past het best bij jou ? Wist jij dat er Mechelse sigaren bestaan? En zeg niet zomaar ‘kip’ tegen een Mechelse koekoek. Onze stad telt heel wat lekkere streekproducten. Benieuwd welk product het best bij jou past? Doe de test!

test !

1. Met vrienden ga ik het liefst

5. Deze karaktereigenschap past het best bij mij

2. Als ik kook

6. Als ik een dier zou zijn, dan was ik

3. Als ik een verdwaalde toerist zie, dan

7. Op een feestje vind je mij

a) naar een koffiehuisje in de Onze-Lieve-Vrouwestraat b) op restaurant op de Grote Markt c) op café dicht bij het station d) een terrasje doen op de Vismarkt

a) bak ik koekjes, gebak, taart, als het maar zoet is b) maak ik een driegangenmenu c) breng ik alles op smaak met bier d) ik kook niet

a) stel ik voor om een koffie te gaan drinken op de Vismarkt b) nodig ik hem thuis uit voor het diner. Hoe meer zielen, hoe meer vreugd! c) neem ik nog een slok van mijn pint, en laat ik hem verder ronddwalen d) wijs ik hem de weg naar de Ijzerenleen

4. Als ik op reis ga, kies ik voor a) een avontuurlijke rugzakreis b) een zon-zee-strandvakantie c) een citytrip vol cultuur d) een vakantie in eigen land

52

DOE DE

a) ijverig b) meelevend c) fier d) enthousiast

a) een tijger b) een dolfijn c) een vogel d) een panda

a) in het midden van de dansvloer b) aan de bar c) bij de dj om mijn lievelingsplaat aan te vragen d) praatjesmakend bij de rokers

8. De ideale avond thuis is voor mij

a) een boek lezen bij de open haard b) gezellig koken met mijn partner c) een filmpje kijken met een lekkere snack d) pokeren met vrienden


Welk antwoord koos je het vaakst ? Mechelse maantjes

A.

Maneblusser

C.

Voor jou geen olijven of chips, ‘zoet’ is your middle name. Nog voor het avondeten op tafel staat, heb jij al de snoepkast geplunderd. Koffie drink jij alleen als koekjes bij zijn, en ook als tussendoortje hoef jij geen fruit of groenten.

Mechelse koekoek

B. Je kookt graag, het liefst voor vrienden. Wanneer je moet kiezen tussen een restaurant of een etentje thuis, is de keuze snel gemaakt. Met de juiste kruiden en een uurtje tijd tover je elke keer en heerlijke maaltijd op tafel.

Bier, wijn of tequila. Als je kookt, kies je steevast voor een gerecht waar alcohol in zit. Het liefst geniet je van een frisse pint tijdens een goede babbel op café of op een terrasje. Ook op feestjes houd je ervan om een glaasje mee te drinken.

Zandknakjes

D. Met een perfect gerolde sigaar komen de verhalen los. Bij een kampvuur of met vrienden op café, een goede sigaar brengt je tot rust.

53


Achter de schermen Living in Mechelen werd gemaakt in het kader van ‘De mensen maken de stad. 50 jaar diversiteit in Mechelen.’ Zeven studenten Journalistiek van Thomas More schreven de teksten, maakten foto’s en gaven dit blad vorm. CINDY VAN ASSELBERGH, EVY VAN RUYSKENSVELDE, MARIA WALGRAEVE, SEBASTIAAN ROODHOOFT, SITA-GRACE TOKO, YASMINE COUFFEZ EN YASMIEN VRANKEN

‘Jaloers op Giancarlo. Hij is echt goed!’

‘Ik mag toch lachen hé?’

‘Met snoep ???’

‘Waar klinken we op?’

‘Ligt mijn kapsel goed ?’

‘Al doende leer ik!’

MET DANK AAN FACE-IT deelnemers Justina Matov, Roger Haevelaerts, Ana-Carmen Terrones Hernandez, José Van der Wildt, Hadi Ahmadzadeh, Lamine Sambou, Medhi Deschrijvere, Tarik Zohair, Stijn Bevernage, Unting Tsai, Victor Hugo Yruegas Cortes, Giancarlo Santagata, Liana Davtyan, Nina Nzenza, Felipe Opdebeeck, Ishak Kucam, Mamta Davinder, Mario Vandeneede, Giramata Schmit & Edwin Reizer Tooghangers Dirk, Wim, Shana, Dorien & Fouad Psycholoog en psychotherapeut Redouane Ben Driss De ‘Wonen in Mechelen’ en andere vertalers De medewerkers van vzw Werkgroep Integratie Vluchtelingen Thomas More docenten Kris Vanhemelryck, Lut Goovaerts De organisatoren van ‘De mensen maken de stad.’ Corinne Huybers en de Stafcel Samenleving-Diversiteit | Stad Mechelen Sarah Kaerts en het team van mmMechelen Feest vzw Gijs Vanhee & Fiëbre vzw De Regie der Gebouwen, bpost, Belgacom en Kazerne Dossin De medewerkers van de Stad Mechelen die FACE-IT mee mogelijk maakten

54

Dank ook aan projectmedewerker Jorien De Cloedt, criticus en essayist Eric Min en aan de meer dan 200 Mechelaars die tijd vrijmaakten om voor de lens van fotograaf Kurt Deruyter te poseren. Ook aan Kurt zelf: dikke merci!


55


Profile for Stad Mechelen

Living in Mechelen - Magazine 2015  

Voor een nieuwe editie van het magazine, ‘Living in Mechelen’, scherpten zeven laatstejaarsstudenten van de Thomas More hogeschool hun pen....

Living in Mechelen - Magazine 2015  

Voor een nieuwe editie van het magazine, ‘Living in Mechelen’, scherpten zeven laatstejaarsstudenten van de Thomas More hogeschool hun pen....

Advertisement