Page 1


HOOFDREDACTIE Neal Petersen EINDREDACTIE Geert Jan Darwinkel Kasper Dijk REDACTIE Saman Alzahawi Lennart Beishuizen Bert Jan Brands Pieter Brouwers Geert Jan Darwinkel Vincent Van Genechten Paul Klomp Aizo Lijcklama Ingmar Meijer Marco Post Joep Smeets Jurian Ubachs Jeroen Veenstra Seb Visser Richard van Welie Frank Wielaard Jules Zane Jan Willem Zeldenrust COLUMNISTEN Jeroen Elshoff Leander Schaerlaeckens FOTOGRAFIE Getty Images PRODUCTION, ART DIRECTION & DESIGN DarChicago Ltd. MET DANK AAN Issuu Digital Publishing Scribus Desktop Publishing

SportAmerika The Magazine is een uitgave van Petersen Media. Niets uit deze uitgave mag op welke wijze dan ook worden gekopieerd zonder uitdrukkelijke toestemming van de uitgever. © Petersen Media 2012 ­ Alle rechten voorbehouden.

Ik ga het niet ontkennen. Nu het einde van dit jaar nadert, verschijnen er overal lijstjes. De beste dit, de slechtste dat. Ik kan dat soort lijstjes meestal wel waarderen, maar op deze plek zal ik jullie er nu niet mee lastig vallen. Dit artikel wil ik gebruiken om terug te blikken op het ontstaan van het #SportAm­magazine en de toekomst ervan. Een jaar geleden lagen de plannen voor dit magazine er al. Tijdens één van de vele vergaderingen met Geert Jan Darwinkel (beter bekend bij jullie als @Darch), ontstond het idee om een digitaal magazine als Sports Illustrated op de markt te brengen.

We zijn een jaar verder en ik kan niet

anders stellen dat we tevreden mogen terugblikken. Na een spetterende lancering, waarin GeenStijl ons een enorm groot compliment gaf, zagen we door het jaar heen het aantal lezers enorm toenemen. Na elke editie ontvingen wij talloze lovende mails, tweets en Facebookberichten. Natuurlijk goed voor ons ego, maar wij waren nog meer gebaat bij de lezers die ons suggesties stuur­ den waardoor wij het magazine nog beter konden maken.

Een veel voorkomende opmerking was dat het magazine te ‘dik’ was om online te lezen. Een tip die we zeker ter harte hebben genomen. Hoe? Simpel, we gaan vanaf 1 januari over op een wekelijkse editie van rond de 50 pagina’s.

Ja, jullie horen het goed: elke week zal ‘Sport Amerika:

The Magazine’ nu op jullie digitale deurmat vallen. Gratis, uiteraard. Hierdoor zitten wij nog dichter op de actualiteit en hoef je niks meer te missen over je favoriete Amerikaanse sporten.

In deze laatste editie in de oude formule blikken we terug op een memorabel #SportAm­jaar. Met de feestdagen voor de deur wil ik jullie heel veel plezier wensen en natuurlijk alvast veel geluk, gezondheid en sportiviteit voor 2013,


LeBron Raymone James. Held van

beroep. Hij werd op zijn zeventiende al bestempeld als de nieuwe legende, de man die de NBA zou gaan beheersen. Het duurde echter nog negen jaar voordat hij eindelijk de sleutel tot de troon vond. Koning was hij al, maar de kroon had hij nog niet op zijn hoofd. Die tijd is nu voorbij. LBJ heeft in 2012 het alleenheerserschap opgeëist.

Het jaar dat alles samenkwam. Na vele pijnlijke ervaringen opgedaan tijdens de nederlagen in de finales van 2007 en 2011 en door alle commotie die hij veroorzaakte door zijn overstap van Cleveland naar Miami. James was van jongsafaan voorbestemd voor iets groots, maar moest eerst volledig door het stof. Zowel sportief als privé. In 2012 slaagde hij erin de vele puzzelstukjes in elkaar te passen.

De nieuwe James kwam met z’n derde

*

MVP­award op zak tot volledige bloei in de play­offserie tegen de Boston Celtics. De onverzettelijkheid, de kracht, de drang, de wil. Er was niets of niemand die James kon tegenhouden. Geen weergaloze Rajon Rondo, geen Paul Pierce (zoals jaren eerder het geval was geweest), zelfs niet een krampaanval. Als een echte leider wees hij zijn teamgenoten de weg naar de uiteindelijke titel.

Zonder twijfel behoorde het afgelopen jaar toe aan LeBron. Lang genieten zit er echter niet in. Een nieuwe uitdaging wacht. Na het bereiken van de top volgt de strijd om behoudt van die positie. “Beter dan dit wordt het niet meer”, aldus James. Dat wordt inderdaad lastig, het kan eigenlijk alleen maar slechter. Los van wat James in de toekomst nog gaat bereiken, of juist niet, dit jaar neemt niemand hem meer af.

Zonder twijfel was LeBron de

meest invloedrijke en succesvolle sporter ter wereld. De terechte SportAmerika Sportman van het Jaar 2012. *top 5 per stemmer, 7­5­3­2­1 punten

Jan Willem Zeldenrust.


In 2012 heeft LeBron James een vaste plek op het lijstje grootste sporters aller tijden veroverd. James te zien basketballen is als Messi zien voetballen, Bolt zien rennen en Federer zien tennissen. Het zou op de bucketlist van iedere zichzelf respecterende sportliefhebber moeten staan. Zo ook op de mijne. Afgevinkt in augustus van dit jaar. Ik was één van de gelukkigen met een kaartje voor de Olympische basketballwedstrijd tussen Team USA en Nigeria. De Amerikanen braken zo’n beetje ieder Olympisch record: hoogste score, meeste punten door een speler van Team USA (Anthony), grootste verschil in score en de meeste driepunters in de Olympische historie. We keken ademloos naar buitenaards goed basketball. Het was een avond waarvan je achteraf denkt: “Was dit echt?!”.

James was niet de grote ster, die avond in Londen. Hij speelde elf minuten en scoorde slechts zes punten. James werd ook geen topscorer van het Olympische basketballtoernooi. En toch was LeBron de grote man van Team USA in Londen. Het was zíjn Team USA. Hij was de ontegenzeggelijke leider en hij was op zijn best op de belangrijkste momenten. In de finale was het James die zijn team de winst op Spanje bezorgde, door in de laatste drie minuten vijf cruciale punten te scoren. Na LeBron’s succesvolle NBA­seizoen, met de Finals als hoogtepunt, was de gouden Olympische medaille de kers op zijn taart. Die gouden plak maakt hem de tweede speler ooit die de NBA titel, de MVP Award én Olympisch goud wint in één kalenderjaar. De Olympische titel maakte van 2012 écht het jaar van King James.

LeBron James is de beste basketballer ter wereld. Als je hem nog nooit in actie hebt gezien, dan zou ik dat nu heel snel toevoegen aan je bucketlist voor 2013. Eva Gerritse.


Als karma een bitch is, kun je haar beter

maar omarmen. Zwier samen over de dansvloer en win haar voor je. Zoiets werd in juni 2011 ergens op een hermetisch gesloten werkkamer in Miami besloten. Een kleine twee weken lang nam een groot stuk chagrijn plaats in een stoel, legde de voeten op tafel en wreef geërgerd dagelijks door z’n steeds groter wordende baard. En ineens was het gedaan met het zelfmede­ lijden, de eigen verwijten, de vuilstort aan kritiek van de buitenwereld en de rancune van een zielige ex­baas. Als je de beste wilt zijn, dan moet je degene zijn die het hardst werkt. Hard work pays off zeggen ze in the States. Dat kon dankzij de lockout in het 2011­offseason lekker lang. Aan alle facetten van z’n game werkte hij, met als doel nu dan eindelijk zijn grote droom te verwezenlijken.

The King wilde z’n ring. Dat was intrinsieke

motivatie. Als kleine jongen droomde hij daar al van ­ ooit een belangrijk onderdeel zijn van een kampioensploeg. Wellicht speelde inmiddels ook wel het concept van sportieve wraak mee. Het gevoel iedereen van repliek te willen dienen, kan je tot grote hoogten stuwen. En dat was precies wat gebeurde in 2012. Midas had z’n touch een jaartje uitgeleend aan de nr. 6 van Miami Heat. Alles veranderde (soms letterlijk) in goud. Deze (Le)bron was allesbehalve opgedroogd. LeBron van kracht – vraag dat eens aan John Lucas die James als een Boeing 747 over zich heen zag komen.

LeBron van leiderschap – zie Game 6 in Eastern Conference Finals tegen de Celtics.

LeBron van succes – de eerste NBA­titel, opnieuw Olympisch goud en voor de derde keer MVP van het reguliere seizoen en de beste van de NBA Finals.

Had er iemand nog wat? Zo maak je dus een punt duidelijk. Ingmar Meijer.


LeBron James springt, zijn handen op de

maat in de lucht bewegend. Misschien springt hij op N*ggas in Paris, misschien niet. Hij springt, maar niet zoals hij dunkt. Het is geen belachelijk hoge, immens explosieve of ongelooflijk atletische sprong. Eerder klein, makkelijk en integer. Hij hupt op en neer in een vloeiende beweging, als in een trance. Het is eerder alsof hij wil zweven, met nog iets meer dan een minuut te gaan in Game 5 van de NBA Finals.

Zweven probeerde hij al wel vaker. Vanaf dat hij jong was wilde hij zweven, gewoon loskomen van al die critici. Dat lukte hem nooit echt. Hij kwam soms er wel dichtbij, bijvoorbeeld toen hij als eerste werd gedraft in 2003. Hij zweefde ook bijna in de Conference Finals van 2007. In Game 5 tegen de Detroit Pistons wist hij 29 van de laatste 30 punten te scoren voor de Cleveland Cavaliers, om vervolgens de series te pakken na een 0足2 achterstand in wedstrijden. Maar altijd, net als hij bijna wist te zweven, werd hij weer naar de grond getrokken. Soms door fans, soms door de media, en soms door zichzelf.

Met nog drie minuten te spelen haalt

Erik Spoelstra hem al naar de kant op deze dag, de 21ste juni 2012. Het maakt toch niets meer uit. LeBron begraaft zijn gezicht in de borst van Chris Bosh. Met nog anderhalve minuut te gaan, met een gelukzalige lach probeert LeBron te zweven aan de kant van het veld waar hij zich het minst graag bevindt. Hij probeert te zweven bij de reservebank van de Heat. Nog een minuut, en gaat het eindelijk gebeuren. Eindelijk zal ook die verachtelijke plek hem niet meer kunnen tegenhouden. Eindelijk mag ook LeBron James zweven. Pieter Horstman.


LeBron James was na de verloren Finals

van 2011 de meest bekritiseerde atleet op deze planeet. 2012 bracht voor de King de grote ommekeer en hij nam zijn rechtmatige plaats in als de beste basketbalspeler van de wereld. De aftocht na de verrassende nederlaag tegen de Dallas Mavericks was waarschijnlijk het ultieme dieptepunt in de carrière van LeBron James. Daar stond hij, in zijn tweede Finals, klaar om eindelijk die felbegeerde titel te veroveren. Maar opnieuw bezweek hij onder de druk. Twijfels over zijn winnaarsmen­ taliteit en inzet staken opnieuw de kop op.

Een jaar later zijn de meningen over

James helemaal anders. Vandaag bestaat er geen twijfel over wie de King of Basketball is. Vaarwel Kobe, hallo LeBron. James pakte op zijn 27ste zijn eerste titel, net als Michael Jordan. Zijn prestatie in de Finals was subliem. Hij tekende voor gemiddeld 29 punten, tien rebounds, zeven assists en bijna twee steals met een schotpercentage van 47. Enkel Larry Bird, Magic Johnson en Michael Jordan komen in de buurt in termen van complete dominantie. LeBron viel tegen de OKC Thunder de basket aan als een maniak, in tegenstelling tot zijn vele jump shots tegen de Mave­ ricks. Thabo Sefolosha, nochtans een topverdediger, kon niets beginnen tegen dit ontketende beest. Na drie wed­ strijden van dertig punten of meer probeerden de Thunder een dubbele mandekking op James. Die reageerde met 25 assists in Game 4 en 5 samen.

De King verliet bovendien het toneel met

een signature moment. James kreeg tijdens het vierde kwart van Game 4 last van kramp. Toch maakte hij een lay­up en daarop een verre driepunter, die de Heat op koers zetten voor de winst. LeBron James versloeg zo in één minuut al zijn demonen. Vincent Van Genechten.


Geen held. Geen superatleet. Hij verricht

geen wonderen. Hij doet je niet in ongeloof naar het scherm staren door een zoveelste onmogelijke play. Verwacht geen rushing touchdowns of een onmogelijke scramble. Niets van dat alles. Eli Manning doet gewoon zijn werk. Hij speelt quarterback zoals dat ooit bedoeld was, als lid van een uitstervend ras van pocket passers in een league die langzaam overspoeld wordt door superatleten ‘under center’. Een quarterback die zijn vak tot in de perfectie beheerst. Voor de duivel niet bang. Een leider in het lichaam van een jongen. Het duurde vorig seizoen tot diep in december voordat Eli de New York Giants­ machine aan de praat kreeg. Hortend en stotend rommelden de G­Men de playoffs in. Zoals head coach Tom Coughlin dat het liefste ziet. Favoriet van niemand, onderschat door de hele wereld. Underdog tegen nota bene de Falcons. Ritueel offer aan Aaron Rodgers’ altaar te Lambeau Field. Dood en begraven in de regen en wind van Candlestick Park, San Francisco. Kansloos tegenover de wraak voor 2008 van Tom Brady en Bill Belichick.

Totdat Manning The New Meadlowlands

laat ontploffen met een schitterende 27­ yard touchdown pass naar Mario Manning­ ham, rechtstreeks uit het boekje. Totdat hij ‘The house that Vince Lombardi built’ het zwijgen oplegt met een wonderschone hail mary naar Hakeem Nicks, zes sacks van de monsterlijke 49ers front seven overleeft voor 316 passing yards en twee touchdowns, en, als klap op de vuurpijl, de New England Patriots velt met een 38­ yard pass naar de linkerzijkant van het veld, in een ‘window’ dat nooit bestond, recht in de handen van Manningham. Vertel Eli Manning over zijn lichaamstaal. Zijn wisselvalligheid. Zijn bestaan in de schaduw van broer Peyton. Hij zal minzaam lachen. Twee ringen, bij de gratie van zijn talent. Paul Klomp.


In 2007 besloten de Portland Trail

Blazers om van Greg Oden hun eerste pick te maken. De toenmalige Seattle Supersonics sprongen een gat in de lucht en selecteerden de toen achttienjarige Kevin Durant. Het bleek een schot in de roos want KD leidde zijn team, inmiddels Oklahoma City Thunder geheten, in 2012 naar de NBA Finals.

Kevin Durant is al een tijdje een superster in de beste basketbalcompetitie ter wereld. Hij won al twee keer op rij de scoring title en ook in 2011/2012 scoorde hij de meeste punten per wedstrijd, 28 om precies te zijn. De jaren ervoor won hij met 30 en opnieuw 28 points per game. Dat de Durantula een puntenmachine is, weten we al langer.

De Kevin Durant van 2012 is echter een verbeterde versie van die van 2011 en 2010. Durant is nog altijd maar 24 jaar en blijft zich ontwikkelen in nagenoeg alle aspecten van zijn spel. Zo toonde hij meer leiderschap, (nog) meer clutch, (nog) meer efficiĂŤntie, werd hij een betere rebounder, kreeg hij meer oog voor zijn teamgenoten, maakte hij verdedigend een slag, enzovoort. LeBron James mag dan veruit de meest complete basketballer op aarde zijn, Kevin Durant komt stilaan aan de enkels van de King.

De OKC Thunder raasden door de

playoffs, met KD op kop. Hij deed alles om zijn team te laten winnen, zoals een echte superster dat moet doen. In de Finals speelde hij als een dolle (31 punten, zes rebounds, 55 procent FG, 39 procent 3P) maar spijtig genoeg was LeBron nog doller. Niet getreurd, die titel komt wel. De grootste overwinning van Durant was die op zichzelf. De brave christelijke jongen uit Maryland is een baller geworden en vooral een echte leider voor zijn team. Vincent Van Genechten.


De eerste baseballspeler in deze lijst der

lijsten is niemand minder dan Mike Trout. En hiermee maakt SportAmerika een statement ­ de American League MVP runner­up staat een plekje hoger dan MVP Miguel Cabrera.

Trout is de enige rookie in deze lijst en wint hiermee indirect SportAmerika Rookie of the Year Award. En dat is meer dan terecht. De 21­jarige outfielder van de Los Angeles Angels bestormde de Major Leagues met geweldige defense, baserunning skills en slagkwaliteiten. Trout is de personificatie van een 'five tool player' en zette MVP­stats neer in een jaar waarin hij de eerste maand in de Minor Leagues doorbracht.

Trout was naast Rookie of the Year ook

actief in de All­Star Game en winnaar van een Silver Slugger Award. Hij leidde de Majors met 129 runs en 49 gestolen honken, hij sloeg dertig homeruns en had een .399 on base percentage. De Gold Glove Award voor beste verdediger ging op één of andere manier aan hem voorbij ter faveure van Adam Jones van de Baltimore Orioles. De 25ste pick van de 2009 MLB Draft is samen met National League Rookie of the Year Bryce Harper de toekomst van de MLB en we kunnen als het goed is nog lang van hun sensationele spel genieten.

Wat Trout met de Angels deed was

ongekend. Fans zaten op het puntje van hun stoel als hij aan slag was, op de honken stond, of center field bemande. De kans dat er iets spectaculairs stond te gebeuren was constant groot. Zoek op zijn naam bij de video­afdeling op MLB.com en je vindt alleen maar hoogstaande homerun robbing catches, doubles en gestolen honken. Zijn talent op elk gebied is groot en dat gekoppeld aan zijn inzet maakt hem terecht de nummer vier in deze lijst. Lennart Beishuizen.


Miggy, Miggy, Miggy can’t you see Sometimes your bat just hitnotize me And I just love your bball ways Guess that’s why you smoke and you’re so great

Op het moment dat Notorious BIG zijn

eerste single Hypnotize schreef van het Life After Death­album, was Miguel Cabrera dertien jaar. Naar alle waarschijnlijkheid stond de tiener in 1996 in de tuin in Maracay aan z’n swing te werken. Daar heeft hij vast en zeker de basis gelegd voor zijn kwaliteiten in het slagperk. Anno 2012 is de derde honkman de schrik van iedere pitcher in The Big Show. Oké, misschien gaat deze stelling niet zo op voor lefties. Want hoewel Cabrera in het reguliere seizoen maar liefst 205 hits liet noteren, heerste hij vooral tegen rechtshandige pitchers. Laten we dat, samen met de smadelijke nederlaag in de World Series, wegzetten als een aantekening op een verder briljant rapport. Miggy sloeg alles aan gort, getuige zijn slaggemiddelde van .330, de 44 homeruns en de 139 binnengeslagen punten in 161 reguliere games. Niemand in de MLB kon in deze categorieën aan de Detroit Tiger tippen. Triple Crown, baby! Een prestatie die al 45 jaar niet meer was neergezet op het hoogste mondiale honkbalniveau. Hiermee schaarde de Venezolaan zich bij de allergrootsten uit de sport.

De zevenvoudig All Star werd uitgeroepen

tot MVP van de American League. Luid­ ruchtig was de kritiek dat hij slechts de beste was volgens de klassieke baseballstatistieken. Dit past echter precies in het plaatje van de sport. Honkbal is traditioneler dan friggin’ Kerstmis. Nog altijd stretchen we in het midden van de zevende inning en zingen we een liedje dat meer dan een eeuw geleden geschreven is. Ik bedoel maar. De kroon is voor Miggy. Geheel terecht. Niemand was meer hitnotize dan hij! Ingmar Meijer.


Eli Manning mag dan in februari de Super

Bowl gewonnen hebben, maar de enige Manning die het hele jaar de headlines domineerde was broer Peyton. Eerst een langverwacht afscheid van de Indianapolis Colts, daarna weken van speculatie over zijn nieuwe team. Over Manning’s toekomst na vier nekoperaties had elke expert wel een mening, maar Broncos­legende John Elway twijfelde niet, en kon na enkele weken zijn nieuwe quarterback verwelkomen.

Natuurlijk gaat het in de zoektocht naar de ‘sportman van het jaar’ niet om headlines. Prestaties op het veld staan centraal, en daarin verbaasde Manning vriend en vijand. Vanaf minuut één in zijn nieuwe uniform maakte Peyton Manning duidelijk dat hij ondanks zijn blessures nog altijd tot de beste quarterbacks in de NFL gerekend dient te worden. Geen andere speler kon de naam Tim Tebow zo snel doen vergeten in Denver.

Desondanks waren er kleine smetjes op

het seizoen. De drie intercepties in het eerste kwart tegen Atlanta zullen Peyton ongetwijfeld nog lang dwarszitten, maar na de verloren wedstrijden tegen de Falcons, Patriots en Texans nam Peyton de Broncos bij de hand op weg naar tien opeenvolgende overwinningen.

Een playoffticket is inmiddels verzekerd, maar de resultaten in januari zullen geen invloed hebben over hoe Peyton’s 2012 de boeken ingaat. Niet alleen resultaten als de overwinning in San Diego, waar de Broncos een 0­24 achterstand bij rust omzetten in een 35­24 overwinning, maar in het algemeen de uiterst succes­ volle terugkomst van een zorgwekkende nekblessure maakt 2012 het jaar van Peyton Manning.

De chemie tussen de toekomstige Hall­ of­Famer en zijn receivers verbetert wekelijks, en onder zijn leiderschap is het hele team gefocust op het ultieme doel: de Super Bowl in New Orleans. Bert Jan Brands.


Deze week een jaar geleden scheurde

Minnesota Vikings­running back Adrian ‘All Day’ Peterson de kruisbanden in zijn linkerknie. Zo’n zware blessure had het einde kunnen betekenen voor zijn carrière, maar Peterson herstelde na zijn operatie in sneltreinvaart en bleek op tijd fit om het beste NFL­seizoen uit zijn loopbaan neer te zetten. Slechts acht maanden na zijn blessure stond hij aan de kickoff, in de openingsweek van het huidige seizoen tegen de Atlanta Falcons. Hij rushte voor 84 yards en scoorde twee touchdowns. Inmiddels voert hij de league aan in rushing yards, ligt hij op koers om de 2000­yards barrière te doorbreken en kan hij nog het all­time single season rushing record scherper stellen. Peterson, door zijn fans liefkozend ‘Purple Jesus’ genoemd, werd in 2007 als zevende overall opgepikt door de Minnesota Vikings. Als rookie verbrak hij al enkele records. Zo rende hij in zijn debuutseizoen al eens 296 yards in één enkele wedstrijd, een record dat nog steeds staat. Ook was er nog nooit eerder een speler met meer 200+ yard wedstrijden in zijn debuutseizoen.

D

e Minnesota Vikings zijn nog steeds verwikkeld in de strijd om een wildcard voor deelname aan de playoffs en dat hebben ze grotendeels aan de kwaliteiten van Adrian Peterson te danken. Het team heeft weliswaar met Percy Harvin een uitstekende receiver in huis, maar zonder de productiviteit van Peterson (zowel wat terreinwinst als touchdowns betreft) is de aanval vleugellam. Zijn bijdrage aan het team wordt dan ook steevast beloond met een trip naar Hawaii. Peterson is name­ lijk sinds zijn debuut steevast ieder jaar uitverkozen voor de Pro Bowl. Voor de Vikings valt te hopen dat Purple Jesus nog een aantal goede jaren in zijn tank heeft zitten. Voor de toeschouwers trouwens ook. Pieter Brouwers.


R.A. Dickey. Het ging lange tijd meer

over zijn verhaal dan over zijn pitching. Hij groeide uit tot een ster op de universiteit van Tennessee en werd gedraft door de Texas Rangers. Alleen kwam bij de gebruikelijke medische keuring aan het licht dat Dickey een gewrichtsband in zijn elleboog miste, al vanaf zijn geboorte. Dat had invloed op zijn pitches en hij kwam met het idee om een knuckleball te gaan gooien.

Zijn start voor de Rangers in 2006 zal hij niet snel vergeten. Dickey kreeg zes homeruns om zijn oren en het duurde vervolgens twee jaar voordat hij terugkeerde in de Majors. Avonturen bij de Seattle Mariners en de Minnesota Twins mislukten, of je moet waarde hechten aan het record van vier wild pitches in één inning. Dickey en zijn knuckleball vonden hun plek bij de New York Mets. Hij gooide goed in 2011, maar haalde het nieuws door het beklimmen van de Kilimanjaro en het publiceren van zijn autobiografie waarin naar voren kwam dat hij als kind seksueel was misbruikt.

En toen kwam het seizoen 2012. Dickey

gooide tus­ sen 22 mei en 18 juni in zes starts 48.2 innings met 63 strikeouts en kreeg daarin slechts 21 honkslagen en twee runs tegen. Het was één van de meest dominante maanden ooit voor een startende werper. Dickey eindigde het seizoen met 230 strikeouts in 234 innings en een 2.73 ERA. Als kroon op zijn werk veroverde hij de Cy Young Award. Eindelijk gaat het over Dickey's pitching. De Toronto Blue Jays geloven in hem en trokken hem weg uit New York. Nu krijgt hij de kans om te gooien voor een team dat kans maakt op het winnen van de World Series. Marco Post.


In 2010, toen de Giants voor het eerst

sinds in San Francisco de MLB­titel pakten, was er voor Pablo Sandoval geen grote rol weggelegd. Een jaar eerder was hij nog kandidaat voor de NL MVP Award, maar 2010 was absoluut niet zijn jaar.

Hij sloeg de helft van het aantal home runs dat hij een jaar eerder sloeg en zijn slaggemiddelde zakte met ruim zestig punten. De Giants wisten echter waar het aan lag: ‘Kung Fu Panda’ was te dik.

San Francisco stond na het winnen van

de titel in het teken van “Operation Panda”, waarin Sandoval geholpen moest worden om gewicht te verliezen en zijn oude niveau terug te vinden. Hij verloor bijna 15 kilo en de echte vruchten werden hier dit seizoen van geplukt. Nadat hij door een blessure een aantal wedstrijden in het reguliere seizoen miste, sloeg hij in de playoffs in zestien wedstrijden 24 honkslagen, waarvan er zes over de hekken vlogen. Zijn drie belangrijkste home runs sloeg hij in Game 1 van de World Series. De Detroit Tigers waren huizenhoog favoriet en konden openen met ace Justin Verlander. Het was Kung Fu Panda die met twee home runs een vervroegd einde maakte aan de avond van Verlander. Later voegde hij er op het werpen van een reliever nog een solo shot aan toe. In de World Series, die de Giants sweepten, sloeg Sandoval .500, met drie home runs en vier RBIs.

Met zijn drie home runs voegde hij zich

in het illustere rijtje van Babe Ruth, Reggie Jackson en Albert Pujols ­ supersterren die in één World Series­wedstrijd drie home runs produceerden. Zijn regular season was niet sterk genoeg voor Sportman van het Jaar. Zijn piek op het juiste moment maakt hem echter op zijn minst Sportman van Oktober. Seb Visser.


Hij moest de Vezina Trophy voor beste

goalie dan wel aan Henrik Lundqvist laten, maar uiteindelijk is het de Stanley Cup die telt. Het aandeel van Jonathan Quick in de titel van de Los Angeles Kings was enorm. Hij won daarom wel de Conn Smythe Trophy als play­off MVP. Nooit eerder won een team lager geklasseerd dan de vijfde plek in de Conference het kampioenschap in de NHL. Los Angeles leek als achtste in de Western Conference dus al bij voorbaat kansloos, maar de ploeg kwam precies op tijd op stoom en ontdeed zich met ogenschijnlijk gemak van iedere ploeg die op hun pad kwam.

Snelle Johnny was, samen met center

Anze Kopitar en captain Dustin Brown, één van de absolute leiders van de ploeg. De 26­jarige Amerikaan speelde alle twintig playoffwedstrijden voor zijn ploeg en won er daarvan zestien. Niet verwonderlijk, als je gemiddeld slechts 1,41 doelpunten per wedstrijd toestaat, drie shut­outs neerzet en dat alles met een reddingspercentage van 94,6.

Cijfers om mee thuis te komen, zeker als je beseft dat Quick pas sinds 2009 de starting goalie van de Kings is en weet dat zijn back­up Jonathan Bernier nog altijd aast op zijn plekje. De twee jaar jongere Bernier was namelijk de elfde pick overall in 2006 en werd lang als het superieure talent van de twee gezien. Nogal een luxe voor de Koninklijke kampioen uit Hollywood.

Mocht er nog een NHL­seizoen komen

dan is Quick een uitstekende kanshebber om ook dit keer weer mee te dingen naar de prijzen. De lockout duurt inmiddels zo lang dat hij ruimschoots in de AHL heeft kunnen revalideren van een rugoperatie deze zomer. Hij bleek na het lange seizoen en ondanks zijn bovenmenselijke saves, toch geen robot. Jules Zane.


Bo knows

Het doet pijn om Marco van Basten te zien lijden als coach van SC Heeren­

veen. Vlak voor de winterstop zat het weer niet mee. Na een adembenemende strafschoppenserie vlogen de Friezen uit het bekertoernooi tegen Feyenoord. Een held uit je eigen jeugd als trainer zien worstelen. Ik heb het er moeilijk mee. Van Basten was dertig toen hij officieel afscheid nam als actief speler, maar de laatste jaren kunnen nauwelijks worden meegerekend. In de tweeënhalf jaar voordat hij definitief een punt zette, speelde de spits geen wedstrijd meer. Een treurig einde voor één van de beste voetballers die de wereld ooit heeft gezien. Waar de mythe van Van Basten alleen nog maar groter is geworden omdat hij zo vroeg moest stoppen, gaat dat ook op voor een speler uit het verleden van de NFL. Of eigenlijk van de MLB. Bo Jackson werd geboren als Vincent Edward Jackson in Alabama. De toen nog kleine Bo stotterde en werd gepest. Hij beet van zich af en bekogelde de pesters met appels en soms stenen, dagenlang, urenlang. Al vroeg ontstond op die manier de enorme kracht in de rechterarm van Bo.

Jackson bleek gezegend met een fantastisch atletisch lichaam en

ontwikkelde zich als een soort superheld. Zijn honkbalcoach op college zag Bo over een Volkswagen springen, andere vertellen dat Bo een football hoger gooide dan ooit voor mogelijk gehouden. Bo Jackson verbaasde zijn hele omgeving. De eerste hoofdstukken van zijn mythe. Hij werd als 1985 Heisman Trophy­winnaar als eerste gedraft door de Tampa Bay Buccaneers. Tot ieders verbazing koos Bo echter voor honkbal en vertrok naar de Kansas City Royals, waar hij direct indruk maakte. In 1987 volgde alsnog een leven in de NFL, bij de LA Raiders. Maar Bo was altijd duidelijk: “Als het honkbalseizoen over is, heb ik tijd voor mijn hobby: spelen voor de LA Raiders.” In Los Angeles was Bo Jackson een absolute sensatie. Niet onaardig voor een hobbyist.

In 1991 sloeg het noodlot toe. Bij een play­off wedstrijd van de Raiders

tegen de Bengals was Bo op volle snelheid en bij een tackle kwam er zoveel kracht vrij om los te komen dat Jackson zijn heup ernstig beschadigde. In eerste instantie leek het mee te vallen, maar later bleek de heup zelfs uit de kom te zijn geweest. Zijn heup moest operatief worden vervangen. Jackson kwam als honkballer zowaar nog terug en bij zijn eerste slagbeurt na een slopende revalidatie sloeg hij natuurlijk een home run. In 1994 was het toch alsnog einde loopbaan. Voor veel Amerikanen in Bo Jackson is een held, de beste sportman die ze ooit hebben gezien. Blessureleed stond een volle prijzenkast in de weg. Wat was er gebeurd als Bo nog jaren had kunnen spelen? Het is een vraag die ik mijzelf ook wel eens stel. Wat als Marco van Basten was meegegaan naar het WK van 1998 en samen met Kluivert spits van Oranje was geweest? Het blijft bij een droom. Kijk naar ESPN documentaire ‘You don’t know Bo’ en laat je verbazen. Bo Knows. •


En daar was足ie dan, de Ring

voor de King. Het was een grind, want zowel tegen de Pacers als de Celtics stond de Heat een aantal keren aan de verkeerde kant van het momentum. In de Finals tegen de Thunder lieten LeBron & Co er echter geen twijfel over bestaan: Miami was dit seizoen absoluut de sterkste.


Hoe ze 't doen, doen ze het.

Net als vier jaar eerder, waren de New York Giants via de achterdeur de playoffs binnengeslopen, en gaf niemand een cent voor ze. En evenals vier jaar eerder, begonnen ze de Super Bowl als kansloze underdog tegen de mighty Patriots. Maar evenals vier jaar eerder flikten Tom Coughlin en Eli Manning het onmogelijke: The Lombardy Trophy meenemen naar de New Meadowlands.


Ook al zo'n dark horse, die

dekselse LA Kings. Op het nippertje de post season binnendrongen, maar eenmaal daar lieten de Kings er geen twijfel over bestaan wie er dit jaar de beste was in de NHL. Toegege足 ven: 'n topgoalie als Jonathan Quick hielp wel...


In het reguliere seizoen was

het Buster Posey, in de playoffs was het Pablo Sandoval aka Kung Fu Panda die de Giants de beslissend push gaf. Detroit had geen schijn van kans, en de Tigers werden vakkundig gesweept: voor de tweede keer in drie jaar mocht San Francisco zich de baseball足hoofdstad van de wereld noemen.


Wat?! De USA pakt

basketball足goud op de Olympische Spelen? Stop de persen! Nee, verrassend was het natuurlijk niet, de gold rush van Team USA in Londen, maar de spelvreugde straalde er deze keer in ieder geval vanaf, en dat was in het verleden wel eens anders geweest.


Evenmin verrassingen hier:

Nick Saban en z'n Alabama Crimson Tide werden uiteraard de eerste kampioen van 2012 (door LSU te verslaan), en ook Anthony Davis en zijn Kentucky Wildcats lieten zich drie maanden later niet verrassen door Kansas.

En de Los Angeles Galaxy die de titel van de MLS voor zich opeist, is dat dan een surprise? Niet echt, natuurlijk. Wel leuk voor David Beckham dat足ie afscheid kon nemen met een kampioenschap.


Voor verrassingen moesten

we dit keer buiten de klassieke top 4 kijken: Check dan dat voldane gezicht van Europa足captain Jose Maria Olazabal, nadat zijn ploeg in Medinah tegen de USA voor een schier onmogelijke comeback in de Ryder Cup had gezorgd!

Wie z'n geld vooraf op Brad

Keselowski als winnaar van Nascar's Sprint Cup had gezet, was evenzeer binnen足 gelopen. En wat te denken van de titel van Ryan Hunter足Reay in de Indy Car: tot en met de laatste race leek Will Power de gedoodverfde kampioen, maar dat pakte even anders uit.


Philip Humber. Matt Cain.

Felix Hernandez. Johan Santana. Homer Bailey. Jered Weaver. En zelfs een combinatie van de Seattle Mariners pitching staff. De no足hitters en perfect games waren dit jaar niet aan te slepen. Ja, we kunnen rustig stellen dat 2012 het jaar van de pitchers was.


Of het nog iets met topsport

te maken had is vers twee, maar leuk, indrukwekkend en spraakmakend was het natuurlijk wel, de oorwassing (156足73) die Team USA voor het arme Nigeria in petto had. Dat het een Olympisch record betrof, ach, het zou wat. Wat vooral opviel was dat de verslagen Afrikanen na afloop van de wedstrijd op handtekeningjacht gingen.


Wie beweerde ook al weer

dat 2012 het jaar van de pitchers was?! Daar dacht Tigers' Miguel Cabrera dus even helemaal anders over. Voor het eerst sinds 1967 was er weer iemand die de Triple Crown mee naar huis mocht nemen, en Miggy deed het met indrukwekkende cijfers: 44 homeruns, 139 binnen足 geslagen punten, en een slaggemiddelde van .330.


Records zijn er om verbro足

ken te worden, ook al zijn ze in handen van legendes. Drew Brees nam het record van touchdowns gegooid in opeenvolgende wedstrijden over van Johnny Unitas (nu 54), terwijl Calvin Johnson niemand minder dan Jerry Rice van z'n troon stootte: hij stelde het single season receiving record op 1892 yards.

Of Kobe Bryant ooit het

puntenrecord van Kareem Abdul足Jabbar overneemt is nog maar de vraag, maar hij passeerde dit jaar in ieder geval de 30.000 punten grens.


Zware blessures (bij

sterspelers) kunnen het seizoen van een franchise danig vergallen. Vraag dat maar aan Derrick Rose, Ricky Rubio, de Chicago Bulls en de Minnesota Timberwolves.


Nee, het zat ook de New York

Yankees niet altijd even mee. De Bronx Bombers raakten al vroeg closer Mariano Rivera kwijt (door een blessure opgelopen tijdens de warming up, nota bene), en tijdens crunch time in oktober vervoegde ook Derek Jeter zich nog eens in de ziekeboeg. Maar wanhoopt niet, Yankees足 fans: beiden hebben met de hand op hun hart belooft er op 1 april weer te zullen staan.


Kerry Wood, David Beckham en Ivan Pudge Rodriguez besloten dat het mooi genoeg was geweest. En Phil Jackson? Had hij geen gouden bergen geeist, had hij de omgekeerde weg bewandeld, en had hij nu op de bank (barkruk) van de Lakers gezeten.


Over de doden niets dan

goeds? Over het heengaan van Art Modell (in Cleveland), Joe Paterno (buiten Pennsylvania) en Jovan Belcher was niet iedereen even rouwig. Algehele rouw echter over de dood van Junior Seau. RIP.


Almachtige Abby

NEW YORK – Amerika’s beste sportvrouw ging tegenover me zitten. Misschien is ze wel ‘s werelds dominanste atlete.

Over het voorhoofd waarmee ze zonder enige genade ballen het net injaagt schoof ze een pet. Achterstevoren. Over de voeten waarmee ze met zoveel gevoel de voetbal beroert waren teenslippers geschoven. Met één meter 80, zeker 70 kilo en geen grammetje vet was ze eigenlijk best intimiderend. Maar haar helblauwe ogen hadden dan weer iets zachts en vriendelijks. Abby Wambach was klaar voor ons interview.

We waren net in Rochester, New York geweest, de industriestad in

het noordwestelijke puntje van de staat New York, tegen Canada en Lake Ontario aan. Daar groeide ze op in een arbeidersfamilie. Ze was de jongste van zeven kinderen die in een tijdsbestek van slechts 11 jaar geboren waren. Toen ze vier was ging ze voetballen. Ze scoorde in haar eerste drie wedstrijden 27 keer en haar lot was beslecht. Nu is ze in haar thuisstad een superster. Dagenlang had de hele stad het over hun Abby. Het gegil van de kleine meisjes toen ze het veld betrad voor een oefeninterland tegen Costa Rica was oorverdovend. Dit jaar scoorde Wambach voor Amerika 27 keer. Ze leidde haar team voor de derde keer op rij naar Olympisch goud, een jaar na ze naar de WK­finale gekopt te hebben met een reeks doelpunten in blessuretijd. Ze heeft inmiddels 152 keer voor haar land gescoord. Meer dan welke man ook. Meer dan elke vrouw, op Mia Hamm na. Hamm had er 158, maar speelde 77 wedstrijden meer dan Wambach. En Wambach is pas 32. Het record van Hamm zal ze verpulveren.

Wambach heeft het nooit over zichzelf. Ook tijdens dit interview

niet. Ze kent geen valse gêne of bescheidenheid zoals je die van een sporter kunt verwachten. Aan zelfbevlekking doet ze niet. Ze maakt zich zorgen over hoe de Amerikaanse vrouwen het na haar tijd zullen gaan doen. Het dominantste voetbalteam ter wereld – ze wonnen dit jaar 28 keer, speelden drie keer gelijk en verloren maar eenmaal – zal een nieuwe leider nodig hebben. Daarom leidt Wambach Alex Morgan op om haar op te volgen. Morgan, 23, scoorde dit jaar 28 keer. Abby hoopt dat zij ooit haar record zal verbreken. Wambach hoopt het team beter achter te laten dan dat ze het aantrof. Als kind van een kroost van zeven denk je na over wat je achterlaat. Daarom is Abby Wambach mijn sportvrouw van het jaar. •


Al is de leugen nog zo snel, de

waarheid achterhaalt haar wel. Het had in het geval van Lance Armstrong wel even wat voeten en een complete heksenjacht in aarde, maar uiteindelijk donderde de Texaan dan toch keihard van zijn troon: gestript van zijn zeven Tour足titels, en uit het bestuur van Livestrong gezet.

Melky Cabrera: ster van de

All Star Game, waarin hij zijn Giants thuisvoordeel in de World Series bezorgde, maar uiteindelijk gepakt wegens snoepen van verboden fruit. Geen nood: de schorsing mocht nauwelijks naam hebben, en de Blue Jays boden hem intussen een nieuwe kans.


Het goede nieuws: Penn

State足kinderneuker Jerry Sandusky is deze Kerst iemands bitch en zal nooit meer vrijkomen.

Slechts op bezoek, maar

daarom niet minder triest: Chad Johnson (voorheen Ochocinco) gaf zijn kersverse bruid Evelyn Lozada een kopstoot. Het kostte hem niet alleen zijn huwelijk, maar bovendien zijn baan als wide receiver bij de Miami Dolphins, en wellicht zijn football足 carriere.

En dan waren er natuurlijk de talloze DUIs die menig footballer voor 'n nachtje achter de tralies deden belanden. Foei.


Ah, de Usual Suspects...

Metta World Peace bleek het nog niet verleerd, en vloerde OKC's James Harden middels een welgemikte en snoeiharde elleboog in prime time en op National TV. En onze notoire recidivist Ndamukong Suh zal 't wel nooit leren. Hij schopte Texans' Matt Schaub in het kruis. 'n Kleine boete en een nooit meer doen was zijn deel. Dat zal 'm leren. Not.


Weer wat geleerd: premies

uitloven voor het expres blesseren van tegenstanders mag dus niet. Bountygate kostte coach Sean Payton een jaar schorsing en zijn New Orleans Saints een seizoen om snel te vergeten.

Bokser Floyd Mayweather Jr

maakte het nog bonter, en mocht drie maanden brommen wegens huiselijke geweld.

Huiselijk geweld staat ook

centraal in de relatie tussen voormalig Seahawk Jeramy Stevens en US soccer goalie Hope Solo. Hopelijk komt Solo tijdig bij zinnen, en overleeft ze deze gevaarlijke gek.


De lockout van een jaar

eerder was de NFL kennelijk zo goed bevallen, dat ze besloten nu maar 'ns de referees buiten te sluiten. De replacement refs waren wekelijks het lachertje van het sportweekeinde, maar er moest een wedstrijd足 beslissende blunder aan te pas komen om Roger Goodell bakzeil te laten halen. Green Bay (tegen Seattle) werd het slachtoffer, maar de Packers hebben zich intussen geplaatst voor de playoffs, ergo: eind goed, al goed.


Blunders op het veld

springen natuurlijk in het oog, maar staan vaak in geen verhouding tot flaters gemaakt door leiding足 gevenden. Wat te denken bijvoorbeeld van het lumineuze idee van de New York Jets om Tim Tebow aan te trekken? Of het briljante plan van de Washington Nationals om hun Ace Stephen Strasburg na 160 gepitchte innings hoe dan ook op de bank te zetten? Of het interview van Ozzie Guillen, waarin hij meldde die Fidel Castro eigenlijk best wel een toffe peer te vinden?

Come on, man!


Maar er is natuurlijk altijd

baas boven baas, qua enormiteit van blunders. Juist op het moment dat de NHL een groei doormaakte en langzaam maar zeker richting de top 3 krabbelde, besloot de league onder leiding van Gary Bettman tot een lockout. Gevolg: geen hockey, en louter verliezers.

Louter verliezers? Da's niet

helemaal waar, natuurlijk. Dankzij Bettman en z'n lockout, kunnen fans zich her en der in Europa vergapen aan NHL足sterren. Zoals aan Canuck Dale Weise in Tilburg.


Goed, helemaal perfect was

de aangooi van z'n quarter足 back natuurlijk niet, maar als Wes Welker die bal in de slotseconden van de Super Bowl nou gewoon had gevangen, dan hadden Tom Brady en Bill Belichick zonder twijfel die vierde ring om hun vingers kunnen schuiven. Realiseerde Welker zichzelf kennelijk ook...


Nog meer fatale game

changers: Kyle Williams die fumblet in OT van de NFC title game, en die daardoor de New York Giants naar de Super Bowl leidt. En Billy Cundiff die een field goal mist, en die daarmee verzuimt zijn Baltimore Ravens een verlenging te bezorgen in de AFCCG.


It's part of the job. Ze weten

het zelf maar al te goed. Goed, de ene situatie is natuurlijk de andere niet. Zo was Bobby Valentine in way over his head in de slangenkuil die Fenway Park heet. Niet te benijden, al maakte hij er zelf ook 'n potje van.

Nee, dan Ozzie Guillen en

Mike Brown. Kregen in respectievelijk Miami en LA de sterren in de schoot geworpen, maar kregen het geheel niet aan de praat. Guillen kreeg een heel seizoen, Brown slechts een handjevol wedstrijden, maar het resultaat was hetzelfde: oprotten!


In de NFL weten ze inmiddels dat het niet zo veel zin heeft om de head coach gedurende het seizoen buiten te schoppen. Maar sta niet raar te kijken als het straks op oudjaarsavond ontslagen regent. Een voorzichtige schatting leert ons dat niet minder dan 'n dozijn NFL足 coaches na het seizoen hun biezen kunnen pakken. Zekerheidjes: Eagles' Andy Reid, Chargers' Norv Turner, en Bears' Lovie Smith 足 indien Chicago de playoffs misloopt.


SEBBYs

Major League Baseball reikt jaarlijks de

GIBBYs uit, de Greatest in Baseball Yearly Awards. In deze laatste uitgave van 2012 lijkt mij het passend om het honkbaljaar kort samen te vatten, en wel door middel van de SEBBY Awards.

2012 SEBBY Award winners

MLB MVP Mike Trout Hitter of the Year Miguel Cabrera Starting Pitcher of the Year R.A. Dickey Rookie of the Year Mike Trout Closer of the Year Fernando Rodney Setup Man of the Year Vinnie Pestano Defensive Player of the Year Brendan Ryan Breakout Hitter of the Year Edwin Encarnación Breakout Pitcher of the Year Kris Medlen Comeback Player of the Year Adam Dunn Manager of the Year Buck Showalter Executive of the Year Billy Beane Postseason MVP Pablo Sandoval Play of the Year Roger Bernadina Storyline of the Year Miguel Cabrera Triple Crown Hitting Performance of the Year Josh Hamilton (4 HR game) Pitching Performance of the Year Matt Cain perfect game (14 K’s) Oddity of the Year Michael Morse do­over HR Walk­off of the Year Chipper Jones final career HR Cut4 Topic of the Year Army Dad verrast zoon in stadion Postseason Moment Pablo Sandoval’s 3­HR Game 1 in WS

Oké, eerlijk is eerlijk. Bernadina had

misschien niet de allermooiste play. Ik kon gewoon niet kiezen uit de catches van Trout, Snider, Davis en Castro of de diving play van Simmons, of de pump­fake van Machado. Op naar een schitterend 2013! •

Seb Visser


2012 #zwaaizwaai

Het jaar is zo goed als voorbij en

traditioneel vliegen dan de terugblikken je om de oren. Ik ga die aloude traditie dit jaar niet verbreken. Dus als je een hekel hebt aan achteruitkijken… In januari startten we met een NBA­seizoen dat nog maar net was begonnen. Het seizoen was door de lockout nog maar een week oud, maar de All­Stars voor februari waren desondanks al bijna bekend. Het jaar kabbelde van #Lin­ sanity, naar de Matige Mavs, van Dwight­ mare tot LeBron ‘1­to­5’ James. LeChoke werd definitief begraven en de man verover­ de als MVP en Finals MVP zijn plek tussen de grootste basketballers in de historie. De zomer was relatief rustig. Oh ja, James & Team USA veroverden het olympisch goud (natuurlijk). Ineens was het echter voorbij met alle rust toen D12 naar La La Land werd verscheept en Philadelphia nu opgescheept zit met een geblesseerd kind van 2.13 (Andrew Bynum), Denver met een speler die een schim is van zichzelf (Andre Iguodala) en Orlando dit seizoen toch niet zo slecht is als gedacht.

De klap op de vuurpijl kwam vanuit

Oklahoma City. De Thunder wilden vlak voor de start van het seizoen niet tot het uiterste gaan voor supersub James Harden en stuurden hem zonder pardon naar Houston. Bedankt voor alles, succes met je basisplaats, wij gaan verder voor de titel.

Het mooiste moment? De afscheidsaankon­ diging van commissioner David Stern. Een man die coach Pop met $250K beboet omdat die er voor kiest zijn beste spelers een duel rust te geven, ben je natuurlijk liever kwijt dan rijk. •

Jan Willem Zeldenrust

Sport­ en wapengekte Amerika. Het voelt altijd weer als thuis­ komen. De afgelopen weken werd het echter weer eens pijnlijk duidelijk dat niet alles koek en ei is aan de andere kant van de plas. De tragedie op de Sandy Hook Elementary School in Newtown, Connecticut benadrukte de harde realiteit van de geweldsspiraal en uit de hand gelopen wapengekte in de VS. Het benadrukte echter ook de diepgewor­ telde betekenis van sport in dit land.

Teams openden hun gameday met indruk­

wekkende momenten van stilte. Spelers ga­ ven blijk van hun persoonlijke betrokken­ heid bij het verwerkingsproces. Bijvoorbeeld New York Giants­sterspeler Victor Cruz, die hoorde dat het zesjarige slachtoffertje Jack Pinto begraven zou worden in zijn jersey. Hij nam contact op met de familie en schreef Jack’s naam op zijn schoenen. De Amerikaanse sportbeleving is zo intens dat je het amper nog aanstekelijk kunt noemen. Het is bijna viraal. Zoek je een metafoor? Sport. Zoek je een vergelijking? Sport. Een overeenkomst? Sport.

Het heeft mij, als buitenlander met een

American Dream, altijd de kans geboden met iemand in gesprek te komen. Sport verbindt Amerikanen meer dan wat dan ook. En wat is er soms fijner dan lachen over sport? Na twee uur in dichte mist wachten op de landingsbaan, suggereerde mijn buurman maandag knipogend dat het misschien het einde der tijden was. Een mysterieuze Hollywood­horrormist die alles verandert. Eenmaal in de terminal viel onze blik op de eerste televisie. Titans 14 – Jets 10. “Nope. Nothing changed,” verzuchtte hij. •

Jules Zane


Waar er twee ruilen, moet er

een huilen. Ray Allen wilde nog wel een Ring, en besloot dat de kans daarop in Miami aanmerke足 lijk groter is dan in Boston. Iets waar Kevin Garnett met z'n verstand nog altijd niet bij kan.

LeBron was blij met de komst van Allen, zoals hij ook blij was met het gedrag van Dwight Howard 足 die uiteindelijk in LA terechtkwam. Howardgate maakte van de center/PF op slag de meest gehate speler in de NBA.

James Harden was z'n reser足

verol in OKC zat. Of was het toch het enorme contract dat er voor 'm klaar lag bij de Rockets? Hoe dan ook: The Beard is de nieuwe leading man in Houston.


In Indy stonden ze voor de

keuze: of de onzekerheid over de gezondheid van Peyton Manning, of de toekomst van Andrew Luck. In Denver kende John Elway geen twijfels: #18 zou zijn Broncos naar grotere hoogten brengen. 'n Overgang met vooralsnog alleen maar winnaars.

De (financieel gezien)

grootste transfer vond plaats in LA. Nee, niet de komst van Josh Hamilton naar de Angels, maar de verkoop van de Dodgers aan Magic Johnson en z'n vriendjes. Dik twee miljard dollar dienden ze op te hoesten, maar dat lijkt 足 gezien het enorme tv足contract dat de franchise ten deel viel 足 eenvoudig terug te verdienen.


Andrew Luck en Robert

Griffin III waren nummer een en twee in de draft, en zowel in Indianapolis als Washington was de hype enorm. Beide jonge QBs losten hun belofte tot dusverre echter meer dan in: zowel de Colts als Redskins zijn nog volop in de race om de playoffs.


Positieve verrassingen:

Russell Wilson in Seattle en Colin Kaepernick in San Fran. Van beiden (Wilson werd gedraft in de derde ronde en zou achter de dikbetaalde Matt Flynn plaatsnemen, tweede足 jaars Kaepernick startte achter Alex Smith) werd dit seizoen nog niks verwacht, maar allebei zouden ze hun ploeg wel 'ns naar de playoffs (en meer) kunnen leiden.


Nascar kreeg dan eindelijk 'ns een kampioen die niet luisterde naar de naam Johnson, Stewart, Busch of Earnhardt. Beter nog: die Brad Keselowski bleek bovendien een heerlijk spontaan joch.

Jeremy Lin was twee

maanden lang living the dream. Breakout player en de nieuwe ster aan het firmament. Dankzij ESPN en de opportunistische New York足media was er zelfs sprake van een heuse hype (Linsanity!), maar intussen is de rust weder gekeerd. Lin is een degelijke guard in Houston, niet meer en niet minder. Zoals de kenners al direct hadden voorspeld.


Vooraf leek Bryce Harper the new kid on the block waarmee duchtig rekening diende te worden gehouden, maar uiteindelijk was het Mike Trout die vriend en vijand verbaasde. 'n Op en top five tool player, die niet misselijke cijfers kon overleggen in zijn rookie year: een slaggemiddelde van .306, 35 homeruns, 99 binnengeslagen punten, 209 hits, 53 gestolen honken en 149 runs. Wauw.


De Fighting Irish are back,

en dat betekent dat de helft van de natie in extase is, en de andere helft de tering in heeft. Verpersoonlijking van die terugkeer: linebacker Manti Te'o, die het in de strijd om de Heisman trophy moest afleggen tegen A&M quarterback Johnny Football Manziel. Saillant: Manziel is de eerste freshman in de geschiedenis die deze eer te beurt viel. •


Teasers

Ja, die gozer hiernaast heeft makkelijk

praten, met z'n Boston. Altijd wel een franchise die aan het begin lijkt te staan van een dynastie, of dan tenminste tot het bittere einde aan toe meedoet om de felbegeerde titel.

Nee, dan Chicago. Teren op het verleden, dromen van vervlogen tijd tijden, hopen tegen beter weten in. 2012 was in dat opzicht meer dan typisch, en een sportjaar als alle andere.

'n Stelletje teasers, zijn 't. Neem de White Sox. Verrassend goed seizoen, met indrukwekkende bounce back years van Adam Dunn en Alex Rios, en een fantastische Chris Sale, die geheel ten onrechte een SEBBY misliep. Hoop deed leven, maar uiteindelijk werd er gestrand in het zicht van de haven. Doh.

Dan de Bulls. Leken ­ na opnieuw het

beste record in het reguliere seizoen ­ hard op weg om LeBron en z'n Heat het vuur aan de schenen te leggen. Totdat Derrick Rose al in de eerste wedstrijd van het naseizoen z'n knie aan gort sprong. Weg hoop, weg aspiraties. En de Bears? Met een 7­1 record leek er halverwege geen vuiltje aan de lucht. Playoffs, here we come! Nog geen twee maanden later zijn de Monsters hard op weg om pas het tweede team in de geschiedenis van de moderne NFL te worden die de playoffs gaan missen na een 7­1 record. Chapeau.

Gelukkig zijn er altijd nog de Cubs. Daar kun je teminste op bouwen. Was niks, is niks, wordt niks. •

Geert Jan Darwinkel

Ups & Downs

December is een tijd van reflectie. Wat

hebben we dit jaar, in dit geval op sport­ gebied, allemaal meegemaakt? Ik maak er geen geheim van dat ik root voor de ploeg uit Boston. Deze eeuw is tot nu toe gewel­ dig voor mij, met minstens één titel in alle vier de grote sporten. 2012 was echt een jaar met ups en downs. Ik begon met een 'up' toen de New England Patriots de Baltimore Ravens versloegen in de AFC en zo een ticket naar de Super Bowl verdienden. Daarna kwam ook meteen de grootste down: freakin’ Eli flikte het weer en versloeg de Brady bunch op het grootste podium.

Daarna was het de beurt aan de oude Boston Celtics. De C's maakten er een geweldig gevecht van in de Conference Finals tegen de Miami Heat. De Celtics waren afgeschreven nadat de eerste twee wedstrijden waren verloren, maar hadden zelfs twee keer de kans om LeBron James vervroegd op vakantie te sturen. Dat lukte, dankzij diezelfde James, niet.

De volgende teleurstelling: de Boston Red

Sox. Met de nieuwe manager Bobby Valentine was het eigenlijk vanaf dag één al een gebed zonder eind. De Red Sox lieten het hele jaar niets zien, behalve een heartbreaking loss tegen de Yankees hier en daar. Als klap op de vuurpijl werden de beste spelers naar de Dodgers gestuurd. Een salary dump door één van de rijkste ploegen in Amerika. Een teken aan de wand.

Het leven van een sportfan heeft ups en downs. Dat hoort erbij. Gelukkig ben ik geen Chicago fan, zoals die kerel hiernaast, die week in, week uit een geweldig magazine in elkaar zet. Fijne jaarwisseling allemaal! •

Lennart Beishuizen


Sport Amerika The Magazine Nummer 29  

Sport Amerika The Magazine Nummer 29 (Kerstnummer)

Read more
Read more
Similar to
Popular now
Just for you