Issuu on Google+


HOOFDREDACTIE Neal Petersen EINDREDACTIE Geert Jan Darwinkel Kasper Dijk REDACTIE Lennart Beishuizen Bert Jan Brands Pieter Brouwers Geert Jan Darwinkel Vincent Van Genechten Pieter Horstman Justin Kevenaar Paul Klomp Aizo Lijcklama Ingmar Meijer Marco Post Joep Smeets Jurian Ubachs Jeroen Veenstra Seb Visser Richard van Welie Frank Wielaard Jules Zane Jan Willem Zeldenrust COLUMNISTEN Matthijs van den Beukel Jeroen Elshoff Leander Schaerlaeckens Peter van Vliet FOTOGRAFIE Getty Images PRODUCTION, ART DIRECTION & DESIGN DarChicago Ltd. MET DANK AAN Issuu, Scribus

SportAmerika The Magazine is een uitgave van Petersen Media. Niets uit deze uitgave mag op welke wijze dan ook worden gekopieerd zonder uitdrukkelijke toestemming van de uitgever. © Petersen Media 2012 ­ Alle rechten voorbehouden.

Ik was in de gelukkige omstandigheid dat ik verleden week een

dag kon optrekken met de het nationale vrouwenvoetbalteam van de Verenigde Staten. Voor de grote groep onder jullie die het vrouwenvoetbal niet zo goed volgen: Team USA is al jarenlang het beste vrouwenvoetbalteam ter wereld en pakte vorig jaar tijdens de Olympische Spelen in Londen het goud.

Naast een gesprek met spits Abby Wambach kreeg ik alle tijd om een interview te houden met Alex Morgan, samen met Hope Solo het uithangbord voor vrouwenvoetbal in de VS (en misschien wel de rest van de wereld).

Gedurende het gesprek, dat in totaal meer dan een uur duurde, vertelde de spits dat ze vroeger helemaal niet mocht voetballen van haar vader. Papa Morgan, zelf honkbalfan, wilde namelijk dat ze ging softballen. Pas na lang zeuren kreeg ze haar zin.

In haar beginjaren viel haar talent geeneens zoveel op. ”Het gaat

niet om het talent wat je hebt gekregen, maar om wat je er mee doet. Dat zal er uiteindelijk voor zorgen of je daadwerkelijk bereikt wat je voor ogen hebt.’’ Ze realiseerde uiteindelijk haar grote droom, spelen voor Team USA. (In deze reclame komt die boodschap overigens nog eens zeer duidelijk naar voren) Een prachtig verhaal, maar niks nieuws onder de zon. Maar hoe kan het dat Amerikanen, en dan vooral sporters, hun lichaam en geest net iets meer kunnen pushen? Als ik naar mijn gesprek met Morgan kijk, is het niets meer dan gewoon keihard geloof houden in eigen kunnen en niks aan het toeval proberen over te laten. Hier in Nederland zie ik dat te weinig om mij heen gebeuren.

Wij houden ons wel vast aan de woorden van Alex. We hebben met de Sport Amerika­crew één grote droom: heel Nederland en België de Amerikaanse sportcompetities laten omarmen en zien wat voor moois dat oplevert. Dankzij Alex heb ik er alle vertrouwen in dat wij ons doel gaan bereiken. Veel leesplezier,


Hoewel de New York Jets

al over drie runningbacks be­ schikken (Mike Goodson, Joe McKnight, Bilal Powell), komt er mogelijk nog één bij: Chris Ivory van de New Orleans Saints. In 2010 was Ivory nog de meest effectieve rusher bij New Orleans, maar door blessures bleef zijn inbreng erna beperkt. In zijn carrière verzamelde Ivory een gemiddelde van 5,1 yards per carry en dat maakt hem een interessante optie voor een team als New York • Baltimore lijkt in Rolando McClain een vervanger te hebben gevonden voor Ray Lewis. De 23­jarige linebacker was in 2010 nog de achtste keuze in de NFL Draft maar kon de verwachtingen nooit waarmaken. Vorig jaar werd McClain twee wedstrijden geschorst en verloor hij zijn basisplek wegens een conditionele achterstand. In Baltimore hoopt de Alabama alumnus nu zijn vorm terug te vinden • Antoine Winfield verlaat de Minnesota Vikings voor de Seattle Seahawks. De 35­jarige cornerback tekent een eenjarig contract in Seattle en wordt waarschijnlijk de derde corner naast Brandon Browner en Richard Sherman • De New England Patriots boden Pittsburgh’s wide receiver Emmanuel Sanders een eenjarig contract aan. De Steelers matchten echter op zondagmiddag • Van YouTube­sensatie tot NFL­kicker: Håvard Rugland heeft de stap gemaakt. De 28­jarige Noor werd bekend met een filmpje waarin hij ongelooflijke trickshots maakte. Dit heeft hem nu een contract opgeleverd bij de Detroit Lions. Hier zal hij de strijd aan moeten gaan met de ervaren David Akers, die vorige week ook een contract tekende. •

Het kan niemand zijn ontgaan:

Kobe Bryant scheurde afgelo­ pen vrijdag in het duel met de Warriors zijn linker achilles­ pees volledig af. ,,De grootste teleurstelling in m'n carriere", liet de Black Mamba vervolgens weten aan een ieder die het wilde horen. Bryant werd intussen geopereerd en zal waarschijnlijk een half jaar uitgeschakeld zijn • Lebron James, die zelf nooit langer dan vijf wedstrijden achtereen aan de kant stond vanwege een gekwetste vinger, noemde de belssure van Bryant 'verdrietig': "Ik weet hoeveel arbeid hij in het basketball stopt" •De Memphis Grizzlies hebben al weer afscheid genomen van center Dexter Pittman, die over was gekomen in een trade met de Miami Heat. Pittman kwam in totaal in niet meer dan zeven wedstrijden voor de Grizzlies in actie • Golden State Warriors Jarrett Jack is door de NBA beboet met 25.000 dollar wegens 'belediging van een official'. De Warriors waren met name boos over het verschil in aantal vrije worpen in het duel met de Lakers: LA mocht vijftig keer aanleggen vanaf de streep, Golden State slechts zestien keer • Kevin Love heeft de fans van de Minnesota Timberwolves belooft sterker terug te komen dan ooit tevoren. Nadat het seizoen voor de Wolves al teleurstellend was verlopen, moest Love het basketbaljaar ook nog eens afsluiten met een knieoperatie. De verwachting is dat hij over een maand weer hersteld zal zijn •


De NHL wil zich in gaan

zetten voor de rechten van homoseksuelen en gaat daar­ om een samenwerking aan met het You Can Play Project. Via deze weg wil de league teams en spelers meer bijbrengen over gelijkheid en zo homofobie binnen het ijshockey tegengaan • Ilya Bryzgalov reageerde na zijn sterke optreden in het desondanks verloren duel met de Ottawa Senators op de berichten in de media dat hij bij een teambespreking in slaap zou zijn gevallen. Vol­ gens de goalie van de Phila­ delphia Flyers waren deze geruchten totaal niet op feiten berust en vond hij de verslaggeving beschamend: “Jullie zijn geen professionele journalisten en moeten je baan beter uitvoeren. Kom eerst maar eens met betrouwbare bronnen” • Goalie Brian Elliott zette de afgelopen week een mooie prestatie neer door in drie achtereenvolgende duels de nul te houden voor de St. Louis Blues. In totaal bleven het team bijna 216 minuten zonder tegendoelpunt, maar vrijdag moesten ze toch weer een doelpunt toestaan tegen de Blue Jackets (3­1) • Dany Heatley komt dit seizoen niet meer in actie. De winger van de Minnesota Wild onderging vorig week een operatie aan zijn linkerschouder en is naar verwachting pas tegen het begin van volgend seizoen weer helemaal hersteld • De Calgary Flames vervolgden hun wederopbouw door Ben Hanowski langer aan zich te binden. De talentvolle aanvaller kwam over van de Pittsburgh Penguins in de trade voor Jarome Iginla en zette zijn handtekening onder een tweejarig contract ter waarde van $1,8 miljoen •

De stofwolken in San

Diego zijn opgetrokken, tijd om de balans op te maken: Carlos Quentin is voor acht duels geschorst vanwege de vechtpartij met Los Angeles Dodgers­pitcher Zack Greinke, die zelf acht weken buitenspel staat met een gebroken sleutelbeen • De Toronto Blue Jays missen zeer waarschijnlijk korte stop José Reyes tot de All­Star break. Reyes liep in de wedstrijd tegen de Kansas City Royals een zware kneuzing op aan zijn linkerenkel nadat hij een sliding maakte naar het tweede honk. “Het is erg frustrerend. Ik hou van honkbal”, aldus Reyes • Was Chris Davis in de openingsweek de hottest hitter in de Majors, John Buck van de New York Mets nam het stokje in de tweede week over. De 32­jarige catcher van de Mets was verantwoordelijk voor zes homeruns in de eerste tien wedstrijden. Ter vergelijking, de catchers van de Mets sloegen in 2012 gezamenlijk slechts vijf homeruns • We blijven bij de Mets: pitcher Matt Harvey imponeerde in zijn eerste drie starts van het seizoen. Een 3­0 record met slechts zes honkslagen en twee runs tegen in 22 innings met 25 strikeouts is niet verkeerd • Jered Weaver van de Los Angeles Angels is er vier tot zes weken uit met een gebroken elleboog • José Fernández, de 20­jarige pitcher van de Miami Marlins, is goed gestart en heeft een naam voor zijn breaking ball: The Defector • Alex Rodríguez zou documenten van een kliniek in Zuid­Florida hebben gekocht om deze uit handen van de MLB te houden •


Ongeluk komt nooit alleen. Als er iets

misgaat, zet dit vaak een negatieve spiraal in werking die maar moeilijk is te stoppen. Zie hier de Los Angeles Lakers van 2012­ 2013. De Wet van Murphy.

Het begon allemaal nog zo mooi in de zomer voorafgaand aan het seizoen met de trade van Dwight Howard en Steve Nash. De Lakers behoorden in één klap tot de belangrijkste titelkandidaten. Maar eigenlijk ging alles mis wat er maar mis kon gaan. Eerst werd coach Mike Brown in een paniekactie vervangen door Mike D’Antoni. De grote trade voor Howard en Nash was echter ook een probleem vermomd in schaapskleren. Door hun komst was de bank van de Lakers zo dun als boter en D’Antoni was niet de coach die dit team nodig had. Het management van LA had zichzelf in een situatie gemanouvreerd die voor grote problemen zou kunnen zorgen. En niets was minder waar. De blessures volgden elkaar in rap tempo op. Dwight Howard, Steve Nash, Pau Gasol, Jordan Hill, Steve Nash, Metta World Peace. Allemaal misten ze een significant deel van het seizoen. De enige speler die de stormen weerstond, weergaloos speelde en op 34­jarige leeftijd de meeste minuten in de league noteerde? Kobe Bryant.

Bryant moest en zou zijn

Lakers naar de play­offs loodsen, hij was niet te stoppen. Tot dat ene moment. In wedstrijd 78 tegen de Golden State Warriors ging het in minuut 3013 van het seizoen mis. Een move voorbij Harrison Barnes en… de pees in zijn achilles knapte. Het ultieme karma­moment voor een Lakers­organisatie die zichzelf en zijn sterspeler(s) nooit serieus had genomen. •

TEKST JAN WILLEM ZELDENRUST


John Cena heeft lang moeten wachten op dit moment, maar op zondag 7 april 2013 om iets voor elf uur mag hij het eindelijk weer roepen: “The Champ is here!”. De 80.676 WWE­fans (afkomstig uit vijftig staten en 34 landen) in MetLife Stadium in East Rutherford, New Jersey waren getuige van de grootste match uit de geschiedenis van WrestleMania, WWE Champion The Rock vs. John Cena.

Voor John Cena was het meer dan een

bijzondere avond. Cena is sinds 2005 het gezicht van WWE en de man die de organisatie op zijn buitengewoon brede schouders draagt. De krachtpatser uit West Newbury, Massachusetts moest het ruim anderhalf jaar zonder WWE

Championship doen, de belangrijkste titel in WWE. Het grootste gedeelte van deze periode mocht CM Punk, een antiheld uit Chicago, zich WWE Champion noemen. Hij had de titel maar liefst 434 dagen in zijn bezit, de langste periode in de laatste 25 jaar. In januari verloor Punk de titel aan Dwayne ‘The Rock’ Johnson, de in WWE teruggekeerde Hollywood­megaster en WWE­legende. Vanaf dat moment wist iedereen het zeker, John Cena en The Rock zouden elkaar opnieuw treffen op het grootst mogelijke podium, WrestleMania 29. In tegenstelling tot vorig jaar in Miami, toen The Rock Cena versloeg, was het nu John Cena die wist te zegevieren.


Tijdens de persconferentie in MetLife

Stadium, een aantal uren voor de grootste match uit zijn carrière, vertelde Cena aan de aanwezige journalisten (uit twintig landen), dat hij een aantal dagen eerder voedselvergiftiging had opgelopen en kampte met een gebroken duim. Voor de leider van de Cenation waren deze hobbels in ‘The road to WrestleMania’ echter geen reden om niet in actie te komen. Cena laat tijdens de persconferentie zien waarom hij is gepositioneerd als de absolute nummer 1 in WWE. Hij is een performer waar WWE­baas Vince McMahon onvoorwaardelijk op kan bouwen. Verder liet Cena ook nog eens blijken een aardig woordje over de grens te spreken door de persconferentie in het Chinees af te sluiten.

Mania

WrestleMania is een wereldwijd popcul­ tuurfenomeen. De eerste editie vond plaats op 31 maart 1985 in Madison Square Garden in New York, de stad die wordt gezien als de thuisbasis van WWE. Tijdens deze avond combineerde McMahon professioneel worstelen en entertainment op een manier zoals het nog niet eerder was gedaan. Dit alles werd aangeboden via closed­circuit TV, de voorloper van pay­per­view. Je kunt stellen dat sportentertainment op 31 maart 1985 is geboren.

WrestleMania 29 vond dit jaar plaats de achtertuin van WWE. Het hoofdkantoor staat in Stamford, Connecticut, 65 kilometer ten noorden van New York City.


WrestleMania 30 is in de Superdome in New Orleans, een gevalletje stuivertje wisselen met de Super Bowl. Daarmee breekt WWE een langlopende traditie: de eerste, tiende en twintigste editie van The Showcase of the Immortals vonden namelijk plaats in Madison Square Garden, New York. WrestleMania is echter uitgegroeid tot een fenomeen dat niet meer in MSG past.

• SportAmerika's Sander Schrik in gesprek met Wade Barrett.

WrestleMania is het hoogtepunt van het jaar en de afsluiting van het WWE­ seizoen. Noem het de WWE­versie van de Super Bowl. Maar WrestleMania is meer dan sportentertainment, het is een week vol festiviteiten. Tijdens de WrestleMania week neemt WWE de regio helemaal over en geeft het de economie een flinke boost. Vorig jaar was WrestleMania goed voor een economische impact van 103 miljoen dollar voor Miami en Zuid­Florida.

Voor de WWE­fans is er

WrestleMania Axxess, een vierdaags evenement waar fans hun helden en heldinnen kunnen ontmoeten, foto’s en handtekeningen kunnen scoren. Verder zijn er live matches tussen jonge talenten uit NXT (het in Florida gevestigde professionele opleidingstraject van WWE) en vraag­ en antwoordsessies, kunnen de fans legendarische memorabilia bekijken en zelf in de ring stappen om de entree van hun favoriete ster te imiteren. Het is buitengewoon leuk om te zien hoe de

jongste fans iedere beweging en uitspraak van hun idool (acht van de tien keer John Cena) perfect beheersen. Dat zegt iets over de passie van de fans maar zeker ook over de excellente ‘branding’ van WWE. Iedere Superstar en Diva is in een oogwenk te herkennen aan de kleding, de bewegingen en de uitspraken.

Betrokken

Ook op sociaal gebied laat WWE zich van zijn beste kant zien. Tijdens WrestleMania week was er op donderdagavond Superstars for Sandy Relief, een grote veiling ten bate van de mensen getroffen door Hurricane Sandy, waar mensen kunnen bieden op verschillende bijzondere ervaringen, zoals het bezoeken van een Nascar­ race met John Cena, een lunch met acteur Charlie Sheen, of de gitaar van Coldplay­frontman Chris Martin. Tijdens deze avond maakten een groot aantal Superstars, Diva’s en celebrities hun opwachting op de rode loper en tijdens de veiling.

Verder zet WWE zich in voor Be A

STAR (Show Tolerance and Respect), een campagne tegen pesten, bezochten een groot aantal Superstars en Diva’s kinderen in het ziekenhuis, was er de traditionele WrestleMania Reading Challenge en vervullen ze al vele jaren wensen voor de Make­A­Wish Foundation. John Cena vervulde in zijn eentje meer dan 300 wensen, een absoluut record. Tijdens WrestleMania week kwamen veertig kinderen met hun families naar New York voor de Make­A­Wish Pizza Party.

Hall of Fame

Net als alle grote sporten in de Verenigde Staten heeft WWE een Hall of Fame. De legendarische Andre the Giant was in 1993 de eerste ster die hier een plek kreeg. The Class of 2013 was met Bruno Sammartino, Mick


• De best bezochte WrestleMania’s ooit:

1. WrestleMania 3 ­ 93.173 ­ Pontiac SilverDome, Pontiac, Michigan (29 maart 1987) 2. WrestleMania 29 ­ 80.676 ­ MetLife Stadium, East Rutherford, New Jersey (7 april 2013) 3. WrestleMania 23 ­ 80.103 ­ Ford Field, Detroit, Michigan (1 april 2007) 4. WrestleMania 28 ­ 78.363 ­ Sun Life Stadium, Miami, Florida (1 april 2012) 5. WrestleMania 24 ­ 74.635 ­ Citrus Bowl, Orlando, Florida (30 maart 2008) • Tijdens Wrestle­ Mania 29 wist de The Undertaker zijn match tegen CM Punk te winnen. Dankzij deze overwinning is The Deadman hij nog steeds ongeslagen tijdens WrestleMania. De legendarische Undertaker maakte 21 keer zijn opwachting en won 21 keer. • WWE heeft 100 miljoen fans op de diverse social media sites. Daarmee is WWE één van de meest gevolgde merken ter wereld.

• WWE Champion John Cena heeft ruim 3,6 miljoen volgers op Twitter en ruim 14 miljoen likes op Facebook.


Foley, Bob Backlund, Trish Stratus, Booker T en Donald Trump de sterkste uit de geschiedenis.

Het Hall of Fame­evenement vond wél plaats in MSG. Dat was niet zonder reden: de headliner was namelijk levende legende Bruno Sammartino, de man die The World’s Most Famous Arena 187 keer wist uit te verkopen, en als we de Hall of Fame meetellen 188 keer.

Ook kreeg de Canadese Trish Stratus een plek in de Hall of Fame. Daarover zegt ze: “Wie had gedacht dat iemand die aan het studeren was om dokter te worden uiteindelijk in de WWE Hall of Fame terecht zou komen?” Stratus was als kind al geobsedeerd door WWE en groot fan van ‘Stone Cold’ Steve Austin. “Ik werkte als fitnessmodel en ving geruchten op dat Vince McMahon interesse had, wat trouwens niet helemaal bleek te kloppen.” Echter alles heeft een reden en uiteindelijk kwam Trish in contact met WWE en toen ging het snel. “Ik ben gaan trainen en korte tijd later als manager begonnen. Daarna heb ik de overstap naar de ring gemaakt en de rest is geschiedenis.” Stratus, de WWE Diva of the Decade, besloot in 2006 te stoppen omdat ze bij haar moeder wilde zijn, die aan kanker leed. Inmiddels is haar moeder genezen en ontwikkelde Trish zich tot succesvol zakenvrouw. Ze heeft onder meer een eigen yogastudio.

Een andere Hall of Famer is

voormalig World Heavyweight Champion Booker T. “Dit is de eerste keer dat de fans de echte Booker Huffman zien, niet Booker T of King Booker. Het is een grote eer en een emotionele avond voor mij en mijn familie.” •


Gloryhunters

Besmuikt lachen om het leed van je rivaal

kan leuk zijn, maar als ze zo diep zinken dat de rivaliteit verwatert is de lol er snel vanaf. Het is dan ook een verrijking voor de NHL dat de Islanders eindelijk weer meedoen voor een playoffplek.

Het begon als een karig seizoen voor de zwalkende ploeg, maar sterspeler John Tavares speelt een topseizoen en de ervaren goalie Evgeni Nabokov blijkt het keepen nog niet verleerd. De ploeg raakte deze maand op stoom en het lelijke eendje van nu veranderde plotsklaps in de zwaan van voorheen.

Het halflege en intens troosteloze stadion zat plotseling tot de nok toe vol en de kaartverkoop steeg opvallend. Kon je vorige maand nog voor tien dollar naar het duel met de Pens, voor minder dan $200 kwam je dit weekend niet binnen bij de New Yorkse stadsderby. Gloryhunters!, roept de rest van de Atlantic Division, maar ga er maar eens aanstaan. Zo­ veel jaar ellende, slechte deals en onzeker­ heid over de toekomst. Iedere emotionele investering werd op den duur wel weer beant­ woord met een onbegrijpelijke belediging.

Het tij lijkt echter gekeerd. De ploeg is jong, speelt fris, weet free agents te behouden en op korte termijn vertrekt de franchise van het vervallen Nassau Coliseum naar het hippe Brooklyn. Vervelend voor de fans op Long Island, maar nieuw leven en meer potentie voor het team.

Tot verbazing van vrijwel iedereen kunnen de Islanders de playoffs amper nog mislopen. Oude tijden herleven, want mogelijk doen ze dat ten koste van de Rangers. Het is hun echte fans gegund, want zoveel gepruts verdient niemand. •

Jules Zane.


NAAM: Jaromir Jágr GEBOREN: 15 februari 1972 (Kladno, Tsjechoslowakije) BURGERLIJKE STAAT: Ongehuwd POSITIE: Right Wing BIJNAAM: Jags, Mario Jr. TEAM: Boston Bruins VORIGE TEAMS: Penguins, Capitals, Rangers, Avangard Omsk, Flyers, Stars DRAFT: 1990, 5th overall pick DRAFT CLASS: Owen Nolan 1st, Petr Nedved 2nd, Keith Primeau 3rd, Mike Ricci 4th CONTRACT: 1 jaar, 2013, $4,5 miljoen TOTAAL VERDIEND: Naar schatting ruim $150 miljoen ENDORSEMENTS: Actieve steun aan Tsjechische liberale Democr. Burgerpartij PRIJZEN: Stanley Cup (1991, 1992), Olympisch kampioen (1998), Olympisch brons (2006), Wereldkampioen (2005, 2010), Hart MVP Trophy (1999), Art Ross Trophy voor topscorer (1995, 1998­2001), NHL All­Star (12­voudig), Tsjechische Medaille van Verdienstelijkheid, Vlaggendrager OS Vancouver (2010) CAREER STATS: 1380 NHL regular season games met 679 goals, 1000 assists en 957 strafminuten; 180 NHL play­off games met 78 goals, 111 assists en 151 strafminuten STERKE PUNTEN: Jágr zet zijn oersterke lijf (1.91m, 106kg) perfect in om de puck te beschermen en zichzelf en anderen in scoringspositie te brengen. Zelfs op 41­jarige leeftijd een buitengewoon effectieve aanvaller, die aan weinig ruimte voldoende heeft. ZWAKKE PUNTEN: Zijn inzet en wil om te winnen zijn in het verleden wel eens betwijfeld. Leed buiten de sport om een losbandig leven met jonge vriendinnen en naar verluid ’n serieuze gokverslaving. HALL OF FAME: Een van de beste

Europeanen en right wingers in de sport. Top tien in punten aller tijden, op weg naar 700 goals en titels op alle niveaus. Zonder twijfel, Jaromir is first ballot HOFer. OVER HEMZELF: • “Ik ben geen 25 meer, maar er heel blij mee. Ik stel geen vragen meer, ik speel gewoon. Gedurende mijn hele carrière, overal waar ik speelde, is het heel goed geweest, maar met pensioen? Daar ben ik nog niet klaar voor.” Over z'n Bruins­trade. • “We weten allemaal wat er gebeurt als kinderen niet kunnen sporten. Als kinderen wel kunnen sporten, hebben ze geen tijd voor andere dingen, zoals alcohol.” –Jaromir spoort politici aan. OVER HEM: • “Het voelt geweldig een speler te hebben die iedere avond het verschil kan maken. Onze spelers kunnen veel, maar Rick heeft een eigen niveau. Hij herinnert me aan hoe dominant Jaromir Jágr kon zijn.” –Henrik Lundqvist. SPORTAMERIKA OVER JAROMIR JAGR: Jaromir Jagr is een speler van buitengewone klasse. Als rechterhand van Mario Lemieux in Pittsburgh domineerde hij de jaren negentig, als aanvoerder van de diep gezonken Rangers wekte hij haast eigenhandig de iconische franchise weer tot leven en als veteraan versterkt hij momenteel de line­up van de Bruins. Jagr behoort tot de aller beste ijshockeyers die de wereld ooit heeft gekend en past in het rijtje van Europese helden als Teemu Selänne, Nicklas Lidström en Jari Kurri. Dat we hem na enkele jaren in de Oeral nog even in Noord­ Amerika mogen aanschou­ wen is derhalve een lot uit de loterij. EINDCIJFER:

9,5


1. LeBron James, Miami Heat

Aan het begin van het seizoen leek James op weg naar een vergelijkbaar of wellicht een tikkeltje minder dominant seizoen als het jaar ervoor. Logisch, net een titel op zak, Finals MVP, goud op de Spelen. Maar nee, James vond nog een hogere versnelling en speelde constant buitenaards.

2. Kevin Durant, Oklahoma City Thunder

Het ligt niet aan Durant dat hij op de tweede plaats staat. De kans bestaat dat hij het voornaamste slachtoffer wordt van het LeBron James­era, al is dat is nog te vroeg om te zeggen. Zijn intrede in de 50 (% FG)­40 (% 3P)­90 (% FT) club was spectaculair. Evenals zijn ontwikkeling op defensief vlak. KD is nog niet uitgeleerd.

3. Carmelo Anthony, New York Knicks

Melo riep voorafgaand aan het seizoen dat hij minder wilde scoren en beter wilde gaan verdedigen. Het ging namelijk niet om hem. Geen van beide beloftes loste hij in. Vooruit, hij ging iets beter verdedigen. Maar minder schieten, ho maar. De laatste weken van het seizoen was hij aanvallend echter zó goed, dat het wel gerechtvaardigd was.

4. Chris Paul, Los Angeles Clippers

Bij de Clippers begint en eindigt alles met Paul. Aanval, verdediging, leiderschap, het maakt niet uit, Paul biedt het. Naarmate het seizoen vorderde ging hij steeds dominanter spelen en noteerde gemiddeld een double­double in punten en assists. Paul maakte van de Clippers eigenhandig een winnende ploeg.

5. James Harden, Houston Rockets

Fear. The. Beard. Hij was een publiekslieveling in Oklahoma City, hij is nu een superster in Houston. Harden leidde de jonge Rockets bijna eigenhandig naar de playoffs. Hij is de New Kid on the Block met zijn 25­ 5­5 statistieken en hij zal alleen nog maar beter worden.


1. Damian Lillard, Blazers

De point guard van de Portland Trail Blazers startte zijn NBA­carrière op volle snelheid en kende geen enkel zwak moment in zijn eerste seizoen. Lillard kan scoren, passen, stealen, heeft een dodelijk schot en kan verdedigend aardig mee. Een ster in wording.

2. Anthony Davis, Hornets

De New Orleans Hornets hebben nog geen enkel moment spijt gehad van hun topselectie. Anthony Davis had meermaals last van kleine blessures, maar de grote man toonde over het ganse seizoen zijn klasse als defensief anker, rebounder, shot blocker en zelfs als offensief wapen. De Hornets zitten safe met Davis.

3. Bradley Beal, Wizards

In de eerste maanden van het seizoen liep het niet vlot voor Bradley Beal. De shooting guard van de Washington Wizards vond echter snel zijn zelfvertrouwen terug en leidde met John Wall de opmars van de Wizards. Beal is een getalenteerd scorer en zal nog veel punten sprokkelen in de NBA.

4. Andre Drummond, Pistons

De Detroit Pistons namen een gok met de selectie van de amper 18­jarige Andre Drummond. Maar de center bewees naast Greg Monroe snel zijn waarde voor het team met zijn defensieve kwaliteiten en offensieve efficiëntie. Drummond barst van het talent en is misschien wel dé center van de toekomst.

5. Dion Waiters, Cavs

De Cleveland Cavaliers oogstten veel kritiek toen ze Dion Waiters als vierde selecteerden in de draft. Maar de shooting guard bewees snel zijn talenten als scorer en nam de leiding van de Cavaliers over toen Kyrie Irving wegviel. Waiters heeft zijn minpunten maar is een nuttige speler voor de Cavs.


1. Jamal Crawford, Clippers

Een belangrijke reden dat de Clippers dit seizoen zo goed presteren is de kwaliteit van de bank. En van die bankspelers is Crawford de beste. Hij bezorgt de Clippers bijna zeventien punten per duel en is ook nog eens efficiënt. Niet voor niets won Crawford in 2010 al eens deze award. Op naar nummer twee.

2. J.R. Smith, Knicks

Als Crawford niet de concurrent was geweest, had Smith zeker gewonnen. De shooting guard is de laatste weken red hot, maar is het hele seizoen al van groot belang voor de Knicks. Hij maakte enkele game winners, is verdedigend sterk, maar zijn schotpercentages laten nog wel te wensen over (42% FG, 35% 3P).

3. Jarrett Jack, Warriors

Jack leek op de helft van het seizoen een zekere winnaar, maar naarmate de Warriors minder presteerden nam ook de aandacht voor Jack af. Desondanks is hij een legitieme kandidaat. Hij is een allrounder die efficiënt schiet en de spelers om zich heen beter maakt.

4. Kevin Martin, Thunder

De ondankbare taak voor Martin was het doen vergeten van de Sixth Man of the Year van vorig jaar, James Harden. In die opdracht slaagde hij meer dan aardig. Hij maakt bijna geen fouten, schiet driepunters bij het leven en is ook een zekerheidje vanaf de vrije worplijn. Verdedigend nauwelijks impact.

5. Ryan Anderson, Hornets

Anderson maakt gezien het slechte seizoen van de Hornets geen realistische kans op de prijs. Desondanks behoort hij tot de top­vijf. Hij geeft de bank van New Orleans nog enigszins een draaglijk aanzien met zijn offensieve kracht, maar kan in zijn eentje van deze Hornets geen winnend team maken.


1. Marc Gasol, Grizzlies

De Spaanse reus is één van de meest intelligente spelers in de league. Voor een center is hij ook nog eens snel. Doordat hij het spel vooraf goed kan lezen staat hij defensief bijna altijd op de juiste plek. Zijn help­defense is uitstekend. Veel van het werk dat Gasol doet zien we helaas niet terug in de box score.

2. Roy Hibbert, Pacers

De 2 meter 19 lange Hibbert speelt een essentiële rol in de beste NBA­verdediging. Met zijn lengte en enorme reikwijdte is hij in staat om het driven naar de basket tot een minimum te beperken. Hij blokt schoten als nooit tevoren en maakt het schieten voor de tegenstander extreem moeilijk.

3. Joakim Noah, Bulls

Noah kent een ongekend seizoen. Bij afwezigheid van Derrick Rose greep Noah de kans aan om zich te ontwikkelen tot de leider van Chicago. Scores, assists, rebounds, blocks en steals. In een recordaantal minuten per duel zette hij in elke statistische categorie de veste cijfers uit zijn carrière neer.

4. Tim Duncan, Spurs

De Spurs zijn goed, en Duncan is érg goed. Ondanks zijn bijna 37 jaar speelt hij één van de beste seizoenen in zijn loopbaan. Hij blokt maar liefst 2,7 schoten gemiddeld,de meeste in tien jaar. Daarnaast blijft hij de Big Fundamental, dus ook zijn andere stats zijn van heel hoog niveau.

5. Serge Ibaka, Thunder

De leider in blocks in de league, maar minder dan vorig jaar. Hij kreeg aanvallend een grotere rol, maar dat komt zijn verdedigende statistieken niet ten goede. Of hij op het veld staat, maakt voor de defense van de Thunder nauwelijks een verschil. Dat is geen goed teken in de strijd om deze award.


1. Greivis Vásquez, Hornets

Vasquez gaf de meeste assists in de NBA. Per duel staat hij met 9,2 assists weliswaar achter Rajon Rondo (11,1) en Chris Paul (9,6), maar de Venezolaan ontwikkelde zich tot een elite point guard. Hij schiet effectiever, pakt meer rebounds en maakt veel meer punten. Kan een mooi tandem gaan vormen met Anthony Davis.

2. James Harden, Rockets

Wie verbeterde zich meer, Harden of Omer Asik? De komst van Harden heeft een enorme impact gehad op de Rockets. Zijn schot­ percentages daalden welis­ waar (en daarom wint hij niet), maar ging in bijna elke andere statistische categorie met sprongen vooruit. Nu een legitieme 25­5­5 speler.

3. Nikola Vucevic, Magic

Vucevic speelt ruim het dubbele aantal minuten ten opzichte van vorig seizoen, dus logisch dat zijn statistieken omhoog schoten. Maar 29 rebounds, een clubrecord waar zelfs Shaquille O’Neal en Dwight Howard niet aan kunnen tippen? Vucevic is een monster onder de borden, kan ook nog passen en verbeterde zijn schot flink.

4. Jrue Holiday, 76ers

Holiday profileerde zich dit seizoen als de leider van de 76ers, zeker na het vertrek van Andre Iguodala. Hij be­ zorgde Philly echter geen plek in de playoffs en moet nog werken aan zijn schotselectie en turnovers.

5. Larry Sanders, Bucks

Sanders ontwikkelde zich dit seizoen tot een vaste waarde voor de Bucks. Eindigde als tweede in de league in geblokte schoten en verbeterde zijn schotpercentages drastisch. Met de play­offs als beloning.


1. Mike Woodson, Knicks

Woodson heeft een team dat onder Mike D’Antoni geen potten kon breken in anderhalf seizoen omgetoverd tot een titelkandidaat. Het is de vraag hoe ver de Knicks gaan komen in de playoffs, maar het eerste seizoen met 50+ zeges sinds 1999/2000 is een uiterst knappe prestatie. En hij krijgt Carmelo Anthony langzaam aan het verdedigen.

2. Mark Jackson, Warriors

Lange tijd leek Jackson de onbetwiste winnaar van deze prijs. Zijn Warriors stonden in de top­ vier en speelden vooral verdedigend op een onverwacht hoog niveau. De laatste weken is het allemaal wat minder bij Golden State. Plaats zes is nog steeds een knappe prestatie, maar niet voldoende voor deze prijs.

3. Tom Thibodeau, Bulls

Het hele seizoen zonder je beste speler, de ene blessure na de andere en dan toch in de top­vijf staan. Het zegt iets over de kracht van de Eastern Conference, maar het zegt vooral veel over coach Thibodeau. De Bulls zijn verdedigend ijzersterk en kunnen daardoor aanvallend tot de laatste seconde meestrijden om de winst.

4. Frank Vogel, Pacers

Eén van de weinige teams waar de Miami Heat problemen mee hebben. Vogel heeft de Pacers een mentaliteit van verdedigen en hard spel bijgebracht. Het gemis van de geblesseerde Danny Granger was aanvallend zeker te merken, maar mede dankzij de ontwikkeling van Paul George konden de Pacers dat goed opvangen.

5. Erik Spoelstra, Heat

Spoelstra leidde de Heat naar het beste record in de league en creëerde een team dat met 27 zeges op rij de op één na langste winstreeks ooit neerzette. Bovenal is het hem gelukt om de kwaliteiten van LeBron James optimaal te benutten, waardoor zowel James individueel als de Heat in teamverband op een hoger niveau acteren. •


Laatste loodjes

De laatste loodjes wegen het zwaarst. Dat is voor het NBA­seizoen, dat vandaag (woensdag) ten einde loopt, niet anders. Het was al wekenlang duidelijk welke teams in de Eastern Conference naar de playoffs gaan en in de Western Conference was er alleen span­ ning om plaats acht, waar eerst vier, later drie en uiteindelijk twee teams voor streden.

Na de zegereeks van 27 duels van de Miami Heat was de strijd tussen de Lakers en de Jazz het enige dat nog kon boeien. De Spurs strompelden naar het einde, bij de Heat zat de Big Three voornamelijk op de bank, de Bulls liepen over van blessures (zoals wel meer teams) en in de onderste regionen probeerden teams als de Bobcats en de Suns zoveel mogelijk nederlagen te pakken. Nee, het is dat de sterren van de hemel spelende John Wall deze zomer van de Wizards niks minder dan een max contract verwacht en OKC die eerste plaats in de Western Conference zo graag wilde. Maar het was allemaal geforceerd, iedereen dacht aan de playoffs of de draft.

De enige ploeg die nog echt plezier in het

spel had, waren de Knicks. Met een explosie aan offense pakten de mannen uit de Big Apple de ene na de andere zege. Carmelo Anthony schoot als een malle (en efficiënt!), scoorde aan de lopende band 35+ punten en plaatste zichzelf in het rijtje illustere Knickerbockers. Of dit ook succes in de playoffs betekent voor de Knicks, is de vraag. Dat is verder niet zo relevant. Melo & co maakten de laatste weken van het seizoen draaglijk. Waarvoor dank. •

Jan Willem Zeldenrust.


Baalke's droomdraft

Vraagt u zich op een onbewaakt

moment al weleens af wie oh wie er komend seizoen toch de Super Bowl gaat winnen? Ik wel. En heel soms denk ik zelfs al het antwoord op die vraag te weten.

We herinneren ons natuurlijk allemaal nog levendig de Super Bowl van iets meer dan 2 maanden geleden. U weet wel, de Super Bowl waar de Ravens de vloer aanveegden met de 49ers, totdat het licht eerst uitging en toen weer aanging en Colin Kaepernick vervolgens bijna Het Grote Wonder verrichtte. Bijna. De handen in San Francisco waren er evenwel niet minder leeg om. Voor eventjes dan, want de blik ging in de Bay Area al snel op 25, 26 en 27 april ­ het moment waarop de formidabele 49ers general manager Trent Baalke 13 (!) lotjes (waarvan 5 in de eerste 3 ronden!!) uit de meest waardevolle loterij ter wereld mag trekken.

Ik zal u besparen hoe de Niners aan

zoveel draft picks komen (Alex Smith leverde recentelijk in elk geval de vroege tweede ronde pick van de Chiefs op) en u in plaats daarvan even langs de ‘tekortkomingen’ in de selectie van de 49ers leiden: free safety, defensive lineman en... klaar. Waarop ik dan maar meteen een zeer gewaagde voorspelling doe: die ‘tekortkomingen’ bestaan na de draft niet meer. Baalke is een fantastische drafter (ik noem een Colin Kaepernick of een NaVorro Bowman) dus ik hoef hem niet uit te leggen dat safety Johnathan Cyprien en DL Datone Jones alles zijn dat Jim Harbaugh nodig heeft. Nou ja, en misschien een wide receiver als Stedman Bailey. •

Paul Klomp.


Vrouwenvoetbal

NEW YORK – Ze gaan het voor de derde keer proberen. Een professionele

voetbalcompetitie voor de vrouwen. Twee keer eerder mislukte een dergelijk avontuur in Amerika, ondanks dat hier ‘s werelds bekendste vrouwencompetitie, de WNBA, gehouden wordt. In 2003 spatte de WUSA uit elkaar. In drie jaar werd er zo’n 100 miljoen dollar doorheengejaagd aan dikke salarissen en dure marketing, maar er kwam bijna niemand kijken. In 2011 kwam ook de opvolger WPS aan haar einde. De budgetten waren al veel redelijker, maar ook deze competitie was niet rendabel te krijgen.

Waar de Amerikanen zich in het normale zakenleven de vingers niet twee keer aan hetzelfde vuur zullen branden, blijken ze op dit vlak koppig. Die competitie moest en zou er weer komen. En de logica is begrijpelijk. Toen ik sterspeelster Abby Wambach er vorige week telefonisch naar vroeg – ze was toevallig in Nederland – had ze het vooral over een voorbeeldfunctie voor kleine meisjes. Dat zal allemaal wel, maar dat is, cru gesteld, al die verliezen niet waard. Die meisjes kunnen ook elders rolmodellen vinden. Waar het echt om gaat, gaf Wambach ook toe, is het behouden van de voorsprong die de Amerikaanse vrouwen op voetbalgebied op de rest van de wereld hebben.

Amerika won twee van de zes WK’s en de laatste drie Olympische Spelen.

Dit voornamelijk omdat er veel geïnvesteerd wordt in de sport, dankzij een wet die universiteiten verplicht evenveel geld in vrouwen­ als mannensport te stoppen. Maar in andere landen komt het vrouwenvoetbal sterk op. Neem de BeNeLiga, of de Franse competitie, of de Engelse of Duitse of Zweedse of Japanse of Australische competities. Technisch goed voetbal. En in Frankrijk wordt goed betaald. De beste spelers gaan niet langer automatisch naar Amerika, vooral als er daar geen competitie is. En dat gaat ten koste van de opleiding van de jonge speelsters.

Een nieuwe competitie dus. Alle speelsters van de nationale elftallen van Amerika, Canada en Mexico zullen er in meedoen. Wambach. Hope Solo. Alex Morgan. Megan Rapinoe. Christine Sinclair. Alle sterren. Maar wie niet voor één deze nationale teams speelt zal weinig verdienen. Niet genoeg om mee rond te komen.

Een hoog niveau zal de opkomende jonge speelsters goed doen. Maar hoe lang houden ze het uit, op een part­time salaris? Hoe lang overleeft deze competitie het? Met microbudgetten, een chronisch gebrek aan fans en ongeïnteresseerde media? En dat temidden van zoveel andere topsport?

Het is jammer, maar ook dit plan lijkt den dode opgeschreven. En het zou tragisch zijn als deze competitie het Amerikaanse vrouwenvoetbal in zijn geheel met zich meesleurt. •


Zoals we in deel 1 van deze serie schre­

ven, werd de NBA in de jaren ‘50 aanvan­ kelijk gekenmerkt door wedstrijden met lage scores. Door de invoering van de schotklok in 1954 en het aanpassen van de regels voor het maken van fouten en tijdrekken, werd de speelstijl echter een stuk aanval­lender. In vijf jaar tijd (1958­ 1962) nam het gemiddeld aantal gescoorde punten toe met negentien, het aantal schotpogingen met vier per kwart en het aantal rebounds met achttien. De schotpercentages stegen door een steeds groter wordend gebrek aan verdediging. Het seizoen 1961/1962 vormde het hoogtepunt. Teams scoorden gemiddeld 119 punten per wedstrijd, Oscar Robert­ son tekende voor een triple­double over het hele seizoen en Wilt Chamberlain was goed voor gemiddeld 50 punten en 26 rebounds. Chamberlain liet tijdens dit seizoen 100 punten noteren tegen de NY Knickerbockers, en 78 punten en 43 rebounds tegen de LA Lakers.

Russell of Wilt?

Wilt ‘The Stilt’ Chamberlain wordt door velen aangezien als de meest dominante speler aller tijden. Maar zijn aanwezig­ heid was niet de reden waarom de NBA nationaal doorbrak als populaire sport. Het was zijn rivaliteit met Bill Russell die fans naar wedstrijden lokte. Russell was de center van de machtige Celtics. Hij kwam het decennium binnen met twee titels in college en twee in de NBA (1957 en 1959). Chamberlain werd in 1959 gedraft door de Philadelphia Warriors en won meteen de ROY, MVP en All Star MVP Award. Een strijd der reuzen was geboren.

Maar wie was nu eigenlijk de beste cen­

ter? Het hangt er altijd vanaf welke criteria je gebruikt, maar objectief gezien is het antwoord Bill Russell. Statistisch gezien kon hij niet op tegen Chamberlain, maar hij won wel meestal van zijn goede vriend, en zeker de belangrijke wedstrijden. Het overwicht van Russell wordt gekenmerkt door twee opvallende feiten. Eén: de MVP van het seizoen


Bill Russell

De center van de Boston Celtics was de ultieme winnaar. Russell gaf meer dan eens over vlak voor een wedstrijd. De reden: hij kon de gedachte om te verliezen gewoonweg niet aan. Russell was ook de ultieme teamgenoot. “Hij wordt vaak onderschat. De reden is dat zijn grootste kracht in de niet­ statistische zaken zat. Hij wilde enkel dat zijn team won terwijl onze maatschappij focust op het individu­ele succes”, verklaarde ex­ Knickerbocker Bill Bradley. Russell won elf titels, waarvan twee als speler­coach, en werd vijf keer verkozen tot MVP. Hij pakte gemiddeld 23 rebounds in zijn loopbaan.

Elgin Baylor

De forward van de LA Lakers was één van de eerste highflyers in de NBA. Zijn atletisch vermogen was bij zijn debuut in 1958 ongezien. Baylor vloog en maakte acrobatische plays waar de blanke spelers van dat moment enkel van konden dromen. Elgin is misschien wel de ‘godfather of hang time’. Maar het meest indrukwekkende: Baylor speelde in 1961/1962 maar 48 wedstrijden omwille van militaire dienst. Hij kwam elk weekend over van zijn basis in de staat Washington naar LA om wedstrijden te spelen. Trainen deed hij niet. Toch tekende hij voor gemiddeld 38 punten, negentien rebounds en vijf assists.

Jerry West

‘Mister Clutch’ verhoogde zijn niveau altijd op de grote momenten. Bill Russell noemde zijn prestatie in Game 1 van de Finals in 1969 (53 punten en tien assists) “de grootste clutch performance ooit tegen de Celtics.” Maar de guard van de Lakers kon eigenlijk alles. Hij was een fantastische schutter, een superieure verdediger en later in zijn carrière ook een uitstekende point guard. West stuitte echter altijd


met nog vijf seconden te spelen. De Sixers 1961/1962 was niet Wilt of Robertson maar Russell; twee: in 1965 stemden de spelers van de Lakers 9­2 in het nadeel van de komst van Wilt naar LA.

Dominante Celtics

De Celtics van Bill Russell waren in de jaren ‘60 enorm dominant. Ze wonnen liefst negen van de tien beschikbare titels, waarvan zeven op een rij (acht, als je 1959 meerekent). De St. Louis Hawks

werden vervangen door de Lakers als grootste uitdager voor de Celtics. Beide teams zouden elkaar liefst zes keer ontmoeten in de Finals, waarbij er drie keer een Game 7 aan de pas kwam. “Ik weet dat Russell het grote verschil maakte”, zegt Lakerslegende Elgin Baylor. “De Celtics waren beter, maar we waren er een paar keer zeer dicht bij.”

De titelreeks van Boston bevatte meer

dan enkel hoogtepunten. Het meest bekende moment is er één van John Havlicek. Die zorgde in de laatste seconden van Game 7 in de Eastern Conference Finals tegen de Philadelphia 76ers voor een onwaarschijnlijke steal. De Celtics stonden 110­103 voor maar zagen de Sixers tot op één punt komen


op de Celtics en kon pas in 1972 zijn enige titel pakken. “Ik weet dat, in elke betekenis van het woord, jij een ware kampioen bent”, zei Russell tegen West.

Oscar Robertson

De ‘Big 0’ was inderdaad een grootse speler. Tijdens zijn eerste vijf seizoenen in de NBA (1960 tot 1965) tekende Robertson voor een triple­ double met gemiddeld 30 punten, tien rebounds en elf assists. Over totale dominantie gesproken! Robertson was een ultrasterke en grote point guard die zijn tegenstanders gewoon overpowerde. Hij speelde lang voor de Cincinnati Royals en moest wachten tot 1971 op zijn enige titel naast Kareem Abdul­Jabbar in Milwaukee. Robertson was ook een vreselijke perfectionist. Hij was daardoor nooit tevreden over de prestaties van zijn teamgenoten en bijgevolg constant gefrustreerd.

Wilt Chamberlain

‘The Big Dipper’ was misschien wel het grootste talent dat de NBA ooit kende. Chamberlain kon echt alles en deed het dan ook nog eens op een ongekend hoog niveau. Wilt won twee titels, in 1967 en in 1972, en veroverde daarbij telkens de Finals MVP Award. Hij is verder de enige speler met minstens dertigduizend punten en twintigduizend rebounds. Maar zijn liefde voor statistieken deed hem meer de das om dan niet. Wilt interesseerde zich eerst voor zichzelf en das pas voor zijn team. Dat is nog altijd de voor­ naamste reden waarom hij het altijd moest afleggen tegen de Celtics van Bill Russell.


moesten de bal in het spel brengen… “Ik telde in mijn hoofd: 1,2,3,4... Toen ik bij vier was, keek ik even op en zag ik de bal vliegen”, legt Havlicek uit.

De enigen die de hegemonie van de Cel­ tics konden doorbreken, waren de Sixers in 1966/1967. Red Auerbach ging na de titel in 1966 met pensioen als Celtics­ coach. Zijn opvolger was, jawel, Bill Russell. De center fungeerde dus als speler­coach, geen gemakkelijke opdracht. De Sixers hadden een ongelooflijk sterk team met naast Chamberlain ook spelers als Hal Greer, Chet Walker en Billy Cunningham. Bovendien was Alex Hannum hun coach. Die werd in 1958 kampioen met de Hawks en was daarmee de laatste die de groene machine had kunnen stoppen. Wilt kon zo eindelijk zijn aartsrivaal verslaan.

Expansiedrift

Een nieuw fenomeen in de jaren ‘60 van de NBA was de uitbreiding van de league. De allereerste nieuwkomers waren de Chicago Packers in 1961. Zij werden al snel de Zephyrs en verhuisden in 1964 eerst naar Baltimore en dan naar Washington om er als de Bullets te spelen. Van 1966 tot 1969 kwamen er nog vijf teams bij: de Chicago Bulls, Seattle Supersonics, San Diego Rockets, Milwaukee Bucks en Phoenix Suns. De NBA spreidde zich plots uit over het hele Amerikaanse vasteland. De nationale doorbraak was een feit. •

Naast de dominantie van de Celtics en de titanenduels tussen Bill Russell en Wilt

Chamberlain is het meest memorabele NBA­moment van de jaren ‘60 de staking tijdens de All­Star Game van 1964 in Boston. Twee uur voor de wedstrijd vertelden de spelers aan commissioner Walter Kennedy dat ze niet wilden spelen, tenzij er een degelijk pensioenplan zou komen. Kennedy zou uiteindelijk een kwartier voor de tip­off toegeven aan de eisen van de spelers. Dat ABC de wedstrijd live uitzond, een uniek gegeven op dat moment, speelde hierin een grote rol. Dit betekende de eerste overwinning ooit voor een Amerikaanse spelersvakbond en was de eerste stap in de weg naar een regeling rond free agency.

Niet alle spelers waren echter akkoord met de staking. Vooral Wilt wilde spelen, en ook Jerry West en Elgin Baylor waren geneigd om niet te staken. Maar Lenny Wilkens, Tom Heinsohn, Bill Russell en de furieuze Lakerseigenaar Bob Short konden de rest overtuigen. Ook in deze strijd moest Chamberlain dus de duimen leggen voor Russell.


Gerald Dempsey Posey III, beter bekend

er slecht voorstonden en een goede slagman nodig hadden in de lineup, werd als Buster, is de regerende National League hij opgeroepen. En eigenlijk, hoe bizar MVP. Deze titel die pakte hij als catcher, het ook klinkt, hoorde hij vanaf dat een zeer zeldzame prestatie, want in de moment al bij de beste spelers in de voorgaande 82 jaar werd deze award league. In de maand juli werd hij slechts vijf keer door een achtervanger bijvoorbeeld al speler en rookie van de binnengesleept. De twee mannen die hem maand en in de laatste week van het voorgingen (Roy Campanella 3x, Johnny seizoen sloeg hij tot twee keer toe in de Bench 2x) zijn inmiddels Hall of Famers. achtste inning een zeer belangrijke home run waardoor de Giants zich uiteindelijk Catcher ten koste van de San Diego Padres plaatsten voor de playoffs. Posey is overigens niet altijd catcher geweest. In high school was hij pitcher en et leverde Posey de Rookie of the Year korte stop en ondanks dat hij in de Award op, want hij liet in die race Jason vijftigste ronde werd gedraft door de Heyward en Starlin Castro achter zich. In Angels, besloot hij voor Florida State San Francisco ging de vlag echter nog College te gaan spelen. Pas in zijn niet meteen uit, want de World Series tweede year op college werd hij waren nog ver en hoe vaak hadden ze hun omgeturnd tot catcher. Een jaar team al niet zien falen met de haven in later won hij als beste college­ zicht? In San Francisco, dat sinds 1958 catcher de Johnny Bench het thuis van de Giants is, speelden toch Award, vernoemd naar de niet de minsten, maar Willie Mays, Willie laatste catcher die de NL MVP McCovey en ook Barry Bonds kregen het Award won. niet voor elkaar. Het meest recent waren de Giants in 2002 nog dichtbij de titel, ijn beslissing om toch eerst nog op maar toen waren het de Angels die collegeniveau te gaan spelen, pakte zeer dankzij Troy Glaus aan het langste eind goed uit en bleef niet onopgemerkt bij de trokken. Major League­scouts. In de draft van 2008 selecteerden de San Francisco Toch ging het de Giants dit seizoen goed Giants Posey met de vijfde overall pick. af. Posey zat elke inning in het postseason Voor hem werden huidige Major Leaguers achter de plaat en speelde een belangrijke als Pedro Alvarez, Eric Hosmer en Brian rol in de NLDS en NLCS waarin op Matusz gekozen door andere teams. verrassende wijze werd gewonnen van respectievelijk de Braves en de Phillies. In De talentvolle ‘backstop’ werkte zijn weg de World Series werd in vijf wedstrijden vervolgens opmerkelijk snel door het afgerekend met de Rangers en Posey Minor League­systeem van de Giants en speelde daarin een belangrijke rol met klopte eind 2009 al op de deur van de zijn home run in Game 4. Iets meer dan MLB. Door een blessure bij catcher een jaar nadat hij zijn debuut maakte had Bengie Molina mocht hij in september hij dus al een World Series­titel en een van dat jaar, iets meer dan een jaar nadat Rookie of the Year Award op zijn naam hij gedraft was, zijn debuut maken voor staan. de Giants. In zeventien slagbeurten kwam hij dat seizoen niet verder dan Zware blessure twee honkslagen, maar het was duidelijk dat de opvolger van Molina al in huis was. De gehele honkbalwereld was benieuwd hoe Posey een seizoen later terug zou Rookie of the Year komen. Zou hij in een klap doorstromen naar de absolute elite of zou hij toch Toch werd hij een seizoen later nog niet hinder ondervinden van die gevreesde direct opgenomen in de selectie voor sophomore slump? De fans in San Opening Day. Pas in mei, toen de Giants

H

Z


Fran kregen nauwelijks de kans om erachter te komen hoe hun nieuwe ster het in zijn tweede seizoen zou doen, want minder dan twee maanden na de start van het seizoen raakte Posey zwaar geblesseerd.

In een wedstrijd tegen de Marlins volg­

de er na een hooggeslagen bal een tag play. Scott Cousins, de loper op het derde honk, probeerde te scoren op een vang­ bal in het rechtsveld en omdat Posey de weg naar de thuisplaat blokkeerde, besloot Cousins hem omver te beuken. Posey ving de bal niet en verdraaide zijn linker enkel in de botsing zo hevig dat hij niet alleen zijn enkelbanden scheurden, maar ook zijn kuitbeen brak. Het bleek

werd dankzij zijn 24 home runs, 106 binnengeslagen punten en 7.4 WAR zelfs benoemd tot National League MVP. Hij nam de Giants bij de hand, ving onderweg nog even een perfect game (“Ik was nog nooit zo gespannen op een honkbalveld”) en leidde zijn team opnieuw naar de playoffs.

In oktober kon hij zijn stempel niet echt drukken, maar dankzij het sterke spel van zijn teamgenoten werd er voor de tweede keer in drie seizoenen de titel in de wacht gesleept. Een nieuwe World Series­ring in zijn prijzenkast, maar dus ook een MVP Award en daarbij schreef hij de NL Comeback Player of the Year Award op zijn naam.

De botsing op de thuisplaat tussen Cousins en Posey en de daaropvolgende

zware blessure van de catcher deden niet alleen de discussie oplaaien over het beuken van de catcher, maar ook over de toekomst van Posey. Is het niet een te groot risico om een geweldige slagman als Posey op de catcherpositie te laten spelen, waar de kans op een blessure groter is dan bijvoorbeeld op het eerste honk?

Het tegenargument is echter dat zo’n goede slagman als catcher nog meer

waarde heeft, omdat dit normaliter een positie is waar teams weinig aanvallende productie vandaan krijgen. De verwachting is dat Posey uiteindelijk toch naar het eerste honk zal doorschuiven. Laten we als honkbalfans hopen dat dit niet te laat gebeurt, en dat we Posey niet opnieuw langdurig kwijt zijn aan een blessure.

het einde van het seizoen voor Posey, die nog wel liet weten het gevoel te hebben gehad een deel van de plaat vrij te hebben gelaten voor Cousins, ‘maar hij besloot op mij af te komen.’ Hij voegde hier nog aan toe dat hij geen boeman van Cousins wilde maken, maar zijn opmerking was voer voor een discussie over de botsing op de thuisplaat.

Franchise player

In het begin van het huidige seizoen werd de 26­jarige catcher beloond voor zijn uitstekende prestaties. Hij tekende een negenjarig contract ter waarde van 164 miljoen dollar. Posey zal daarmee zeker tot het einde van dit decennium het gezicht zijn van de San Francisco Comeback Giants, de zogenaamde franchise player. Samen met de werpers Matt Cain en 2012 moest het seizoen van de grote Madison Bumgarner, die een jaar eerder comeback worden. En dat werd het al contractverlengingen tekenden, moet zeker. Posey, bij zijn eerste slagbeurt van hij het hart van de selectie gaan vormen. het seizoen door het publiek begroet met Een selectie die ook de komende jaren een staande ovatie, pakte dit seizoen de nog in staat moet zijn om hoge ogen te slagtitel met een gemiddelde van .336 en gooien.


Manager Bruce Bochy en general manager Brian Sabean werden eveneens beloond voor de twee titels die behaald werden met teams die bestonden uit ‘afdankertjes en buitenbeentjes’ zoals de spelers zichzelf noemden. Sabean koppelde ervaren spelers die elders niet slaagden, aan zijn talentvolle spelers uit eigen kweek. Bochy wist hiervan een eenheid te smeden en samen waren zij verantwoordelijk voor het grote succes in San Fran. Zij ontvingen van kenners bovendien veel lof vanwege de goede deals die zij sloten met mannen als Posey, Cain en Bumgarner.

Hun beste beslissing was echter een deal

die zij niet sloten. Het was een voor de hand liggende beslissing geweest: Tim Lincecum won op jonge leeftijd al twee Cy Young Awards, maar de Giants boden hem geen langetermijnovereenkomst aan. Hij tekende wel een tweejarig contract, waarin hij per jaar 20 miljoen dollar verdient. Dat zijn prestaties de afgelopen twee seizoenen tegenvallen, is iets wat vrij weinig mensen aan zagen komen, maar de beslissing van Sabean om hem niet voor de lange termijn aan de Giants te binden, doet vermoeden dat hij het aan zag komen.

2013

Dit seizoen zal Lincecum moeten bewijzen dat hij een nieuw contract waard is. Lukt dit niet? Dan heeft Sabean aankomende winter een hoop geld te besteden aan free agents, want ook het grote contract van die andere werper, Barry Zito, loopt af. Het goede nieuws voor de Giants? Vier van de grootste vijf talenten in de Minor Leagues zijn startende werpers, dus met de rotatie zit het in de toekomst wel snor.

In 2013 is het weer de vraag of de lineup

sterk genoeg is om het team opnieuw naar de titel te leiden. Mannen als Hunter Pence en Pablo Sandoval zijn in die lineup belangrijke steunpilaren, slagcoach Hensley Meulens zal de andere mannen moeten helpen, maar de ogen zullen toch vooral op megatalent Buster Posey gericht zijn. Als hij opnieuw een seizoen van MVP­ kaliber kan draaien, zijn de Giants absoluut weer kanshebbers voor de titel. •

De catcher van de Giants was vorig seizoen de meest waardevolle speler in de National League en dat had vooral te maken met zijn ijzersterke slagwerk. Posey eindigde het seizoen met een slaggemiddelde van .336, maar kende ook een mindere fase. In mei daalde zijn slaggemiddelde op een zeker punt zelfs van .333 naar .282.

Het was zijn coach (en bondscoach van Nederland) Hensley Meulens die zag waardoor het allemaal even niet lukte. Er was een kleine technische aanpassing nodig in zijn swing, die Meulens Posey via een speciale trainingsoefening wist aan te leren. Het ging erom dat hij niet met zijn lichaam te vroeg opendraaide waardoor hij te veel ballen ging pullen, dat wil zeggen dat hij te veel ballen naar de linkerkant van het veld ging slaan.

Posey sprak vol lof over ‘Bam

Bam’ en zijn oefening, die hem hielp als slagman weer het gehele veld te gebruiken. Het resultaat kennen we en het is goed om te weten dat daar een Nederlands tintje aan zat.


Instant replay

Het is nu toch echt hóóg tijd dat er ook in het honkbal meer gebruik gemaakt gaat worden van de technologie, die zich gigantisch snel ontwikkelt. Door de jaren heen hebben managers, spelers en front offices (zie Moneyball) steeds vaker de vruchten kunnen plukken van de verbeterde tech­ nologische mogelijkheden.

Spelers bekijken sinds jaar en dag de beelden van hun tegenstan­ ders en kunnen dankzij de vernieuwingen nog beter zien wat de ‘hot and cold zones’ van hun rivalen zijn en hoeveel de pitches van de tegenstander nou echt bewegen. Scouts kunnen betere en completere scoutingsrap­ porten afleveren en general managers kun­ nen met hun teams steeds weloverwogener beslissen op basis van statistieken die veel geavanceerder zijn dan alleen slaggemid­ delden en binnengeslagen punten.

Hoe kan het dan zo zijn dat alleen

scheidsrechters (bijna) alles zelf moeten doen? Aan de scheidsrechters zelf ligt het niet. Zij gaven zelf al aan voorstander te zijn van verandering. Jim Joyce zou zijn beslissing met twee uit in de negende inning van de net niet­perfect game van Armando Galarraga maar al te graag overruled zien worden door instant replay. Hetzelfde geldt voor elke scheidsrechter die een fout maakt in een wedstrijd.

Tegenstanders brengen non­argumenten als ‘het kost te veel tijd, waardoor het spel ligt te lang stil ligt en de fans hun interesse verliezen.’ Als je tennis en football volgt, weet je dat de challenges juist één van de spannendste aspecten van de wedstrijd zijn. Heeft de coach het goed gezien of had de scheids gelijk? Het wordt tijd ook honkbal­ fans deze extra spanning kunnen ervaren. •

Seb Visser.


Kobe

Scheids!

Is de storm al weer een beetje geluwd?

Laten we het een keer over scheids­

Natuurlijk, het is nogal niet niks als een van de grootsten aller tijden (top 10, right?) een zware blessure oploopt. Zeker als die klasbak zich op de downslope van z'n indrukwekkende loopbaan bevindt.

Zo hadden we aan het begin van het afgelopen NFL­ seizoen 'replacement refs'. Terwijl de grote jongens in strepen hun werk hadden neergelegd en smeekten om meer geld van de league, mocht de B­ garnituur het van ze overnemen.

Qua berichtgeving, analyse, achtergrond en wat al niet meer over de achillespees van Kobe?

Zie we Kobe ooit nog terug, en zo ja: op welk niveau? Die vraagt dringt zich inderdaad op. De Mamba zelf had er op voorhand alvast weinig vertrouwen in. ,,Terugkomen beter dan ik ooit geweest ben? Hoe moet ik dat in hemelsnaam doen op 35­jarige leeftijd?"

Goeie vraag. En de enige vraag die er de voorbije dagen toe deed. Maar er kwamen me het afgelopen weekend een vracht onzinnige vragen voorbij... Wat de Lakers zonder Kobe uberhaupt in de play­offs te zoeken hebben, bijvoorbeeld.

Het antwoord is natuurlijk even kort

als simpel. Helemaal niks. Zoals dat overigens ook het antwoord is op de vraag Wat hebben de Lakers­met­Kobe in de play­offs te zoeken? Want laten we elkaar niet voor de gek houden: Kobe's blessure is louter interessant met het oog op het eventuele einde van een grootse loopbaan. Op de aanstaande play­offs heeft 't nul en generlei invloed. •

Geert Jan Darwinkel.

rechters hebben. Over zebra's. Over umpires. Net als in Nederland is er altijd wel wat te klagen over ze.

En dat hebben we geweten.

De wedstrijd tussen de Green Bay

Packers en Seattle Seahawks in de Emerald City was de druppel die de emmer deed overlopen. De refs maakten er een puinhoop van en tot niemands verrassing was er twee dagen later een akkoord tussen de scheidsrechtersbond en de NFL.

Vorige week was daar Marty Foster tijdens de wedstrijd tussen de Tampa Bay Rays en Texas Rangers. Met drie wijd en twee slag, twee man op de honken en twee uit in de negende inning bij een 4­5 voorsprong van de Rangers was Ben Zobrist van de Rays aan slag. De geworpen bal van Joe Nathan was duidelijk ver buiten de slag­ zone. Foster dacht daar echter anders over: drie slag, game over.

Consternatie volgde. Foster had één

call op de hele avond niet goed gezien. Een blunder op een cruciaal moment. Foster wist het en is nu even niet te benijden. •

Lennart Beishuizen.



SportAmerika Magazine Nr 16a