__MAIN_TEXT__
feature-image

Page 1

WERKBOEK

een uitgave van Cicli


Werkboek van:

Vermoedelijke bevalling sda

tum:


© Cicli, eigen lijn rondom bevallen 2010 Samenstelling en tekst: Mieke Beentjes en Ingeborg Zwolsman Ontwerp: Solangelos creative department Alle rechten voorbehouden. Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd, opgeslagen in een geautomatiseerd gegevensbestand, of openbaar gemaakt in enige vorm of op enige wijze, hetzij elektronisch, mechanisch, door fotokopieën, opnamen of enige andere manier, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de uitgever.

“Hemelreiken” Ontwerp van Leo van Vegchel Het beeld is een poëtische uiting van ontplooiing, groei, hoop en liefde en een symbool van bemoediging en overgave.


4-5


INHOUD


Inhoud 1. 2. 3.

4.

Wat is een geboorteplan?

9

Hoe gaat een bevalling?

12

Rondom bevallen

20

• Omgevingsaspecten

20

• Begeleiding

26

• Weeën en hormonen

32

• Omgaan met pijn

34

• Bevallen en water

42

• Houdingen

46

• Na de geboorte

52

Samenstellen geboorteplan

60

• Partnerverslag

64

• Bevallingsverslag

68

6-7


1

1. Wat is een geboorteplan? De zwangerschap is een periode die toewerkt naar het moment van het baren van je kind. Sommige mensen hebben helemaal geen idee bij hun bevalling, anderen hebben al een bevalling achter de rug en hebben juist een heel specifiek beeld hoe ze graag willen dat het gaat lopen. In alle gevallen is een voorbereiding zinvol, zodat het moment van baren je niet “overkomt”. Dit werkboek geeft je richting aan je wensen rondom de bevalling. Door middel van een aantal concrete stappen leidt het je naar een op maat geschreven geboorteplan. Een communicatie-instrument, waarmee je zorgverleners in één opslag zien wat jouw verwachtingen zijn. Al lezend zul je geïnspireerd raken informatie te gaan verzamelen en voorkeuren te kiezen. Een bevalling doe je niet alleen, het opstellen van een geboorteplan ook niet. Richtinggevend ben jij en je partner, zo mag je dit werkboek lezen; het is gericht aan jou en je partner. Waarom een geboorteplan? Het opstellen van een geboorteplan is een natuurlijke stap bij de voorbereiding van je bevalling. Door met het geboorteplan bezig te zijn, ontdek je vanzelf wat je belangrijk vindt, wat je ideeën en wensen zijn en wat je van anderen verwacht. Op welke keuzes hebben jij en je partner invloed? Door met je zorgverleners hierover in gesprek te gaan, begrijp je elkaar beter en kun je goed samenwerken gedurende de bevalling. Beslis zelf Met een goed gevoel terugkijken op je bevalling blijkt vooral afhankelijk te zijn van de mate waarin je betrokken bent geweest bij de beslissingen die genomen zijn gedurende het proces. Als je het gevoel hebt gehad dat er naar je geluisterd is en dat je gekend bent in de besluitvorming, kan zelfs een bevalling met medische ingrepen positief ervaren worden. Als vrouwen achteraf positief over hun bevalling spreken, zijn ze meer betrokken geweest bij het proces rondom de geboorte. ➧

8-9


...vervolg Natuurlijk zijn er soms omstandigheden waardoor je niet in elke beslissing betrokken kunt worden. Een bevalling gaat ook niet altijd zoals je hem gepland had. Dat kan ook niet. Bevallen is namelijk ook een beetje geluk hebben. Het gaat er uiteindelijk om dat moeder en kind er gezond en tevreden doorheen komen. Als er dingen anders gaan dan je bedacht had, is dat niet erg. Het is wel belangrijk dat de reden waarom het anders is gegaan voor jou duidelijk is. Besef dat niets in je plan vast staat. Omstandigheden kunnen altijd veranderen. Tot de laatste minuut kan jij van gedachten veranderen. Je kan een geboorteplan het beste zien als een gids voor jou en de mensen om je heen. Het is geen blauwdruk zonder mogelijkheid tot afwijken. Gebruik het als communicatiemiddel en niet als een spoorboekje. Je bevalt samen Bevallen doen de meeste vrouwen bij voorkeur niet alleen. Je hebt je partner naast je, je krijgt versterking van zorgverleners. Vaak weet je wie deze mensen zijn, maar vanuit de zorgverlening kan het ook wisselen. In de uren vooraf en tijdens het baren keer je helemaal in jezelf. Juist daarom is het goed een duidelijk geboorteplan te maken, waarin iedereen snel je voornaamste wensen kan lezen.


10-11


2

2. Hoe gaat een bevalling?

Informatie verzamelen Begin met je te oriënteren. Wat houdt een bevalling in? Wat zijn de mogelijkheden en keuzes die gemaakt kunnen worden? Gedurende enkele weken verzamel je gegevens voor je geboorteplan. Bedenk wat bij jou past. Schrijf vervolgens alles op wat jij belangrijk vindt. Of het kan, dat bepaal je later. Informatie verzamelen kan op een aantal manieren. Via je verloskundigen, maar ook via internet, tijdschriften, boeken en familie en vrienden. Ga naar specifieke voorlichtingsavonden rondom de bevalling. Veel informatie wordt ook gegeven tijdens zwangerschapscursussen. Verzamel zoveel mogelijk informatie die je nodig hebt om je keuzes en wensen te kunnen benoemen en opschrijven. Sluit in deze oriënterende fase nog geen informatie uit. In korte zinnen of kreten schrijf je op wat je aanspreekt. Het werkboek helpt met het indelen van de informatie. Via de verschillende onderwerpen verdiep je je in de meeste aspecten van de bevalling. Oriëntatiemogelijkheden Als je zeker weet dat je in het ziekenhuis gaat bevallen omdat je bijvoorbeeld een medische indicatie hebt, ga er dan een keer kijken. Vraag of je even de verloskamers mag zien. Dat geeft je de kans om te kijken wat je mee wilt nemen, zoals bijvoorbeeld je eigen muziek. Vraag hoe dingen geregeld zijn, zoals rooming-in met je kind na de geboorte, mogelijkheid tot blijven slapen van de partner, beleid rondom borstvoeding en dergelijke. Leg uit dat je bezig bent met je geboorteplan. ➧

kijk ook op; www.knov.nl www.nvog.nl

12-13


kijk ook op; www.ouders.nl www.kindenziekenhuis.nl

...vervolg Keuzes De keuze en mogelijkheden die je hebt, worden beïnvloed door het verloop van je zwangerschap en eventuele eerdere bevallingen. Als alles voorspoedig loopt en je onder leiding van de verloskundige kunt gaan bevallen, zullen er veel opties en keuzes voor je open liggen. Onder andere de plaats van bevallen, wie je erbij wilt hebben, houdingen etc. Mochten er in de loop van de zwangerschap medische complicaties optreden waardoor er wat extra zorg of bewaking nodig is (denk aan hoge bloeddruk, zwangerschapsdiabetes of dat je kindje niet zo goed groeit) dan zijn de keuzes soms wat beperkter. Dan bepaalt het medische beleid de grenzen, maar ook dan is er keuze en is er veel mogelijk. Ook tijdens de bevalling verandert mogelijk je keuzepalet. Als men je geboorteplan serieus neemt zal men altijd samen met jullie kijken wat er mogelijk is, afstemming zoeken op basis van je wensen of nieuwe opties aandragen. Is dit tijdens de bevalling niet mogelijk (ook niet met je partner), vraag dan de uitleg alsnog achteraf. De normale geboorte De kans dat de je kind spontaan wordt geboren, zonder noodzaak tot bijvoorbeeld een kunstverlossing, is het grootst. De laatste jaren is er discussie over de noodzaak om vrouwen te helpen bij een ‘normale’ geboorte, waarbij zonder noodzaak in het natuurlijk verloop wordt ingegrepen. Een normale geboorte begint uit zichzelf, er is geen medicatie nodig om weeën te stimuleren, na verloop van tijd gaat je baarmoedermond open onder invloed van de weeën, de vliezen breken spontaan en als de baarmoedermond helemaal open is, wordt de baby door de vagina naar buiten geperst in moeders armen. Tijdens dit gehele proces blijf je keuzes houden, ook al heb je ergens tijdens het proces wat hulp nodig. Sommige vrouwen hebben een duwtje nodig om de bevalling op gang te helpen, dan nog kan de verdere bevalling natuurlijk verlopen. ➧


14-15


...vervolg De belangrijkste medische ingrepen zijn: • het inleiden van de baring, • bijstimuleren van de baring als het niet vlot voor betere weeën, • het breken van de vliezen, • extra hulp met pijnbestrijding zoals een epiduraal. (ruggenprik) Deze interventies worden in principe alleen maar gebruikt als noodzakelijke hulp om de baby geboren te laten worden.

Een natuurlijke geboorte willen we graag. Onderzoek heeft aangetoond dat na een natuurlijke bevalling vrouwen: • Minder pijn hebben na de bevalling • Sneller opknappen na de bevalling • Meer zelfvertrouwen hebben • Een betere binding met de baby hebben • Minder kans hebben op een postnatale depressie • Een rustigere baby hebben • Een grotere kans hebben op een goede borstvoedingservaring • Minder kans hebben op infecties na de geboorte • Meer vertrouwen hebben in hun eigen kunnen

Hoewel vrouwen en hun baby’s er meer voordeel van hebben om zonder ingrepen en complicaties te bevallen, wil het gebruik van interventies niet automatisch betekenen dat de hele bevalling gecompliceerd verloopt, of dat het daardoor een vervelende ervaring is. Voor de bevalling begint is het raadzaam dat jij en je partner bekend zijn met het verloop van een normale bevalling. Verzamel voldoende informatie waarom sommige interventies nodig zijn, zodat je volledig betrokken erin stapt en overwogen keuzes kunt maken.


Als medisch ingrijpen moet... Soms zijn medische interventies onvermijdbaar. Als ze toch moeten plaatsvinden is het belangrijk dat je uitleg krijgt waarom ze moeten plaatsvinden en of er nog alternatieven zijn. Over een aantal medische ingrepen is het goed meer te weten aangezien daar vaak nog keus bij is. Inleiden van de zwangerschap als de baby overtijd is Als je overtijd bent is het begrijpelijk dat je ongeduldig wordt. Slechts 4% van de zwangeren bevalt op de uitgerekende datum, het is dan ook volstrekt normaal dat een zwangerschap korter of langer dan 40 weken duurt.

Studies laten zien dat er een kleine toename op een ingreep is bij baby’s geboren rond 42 weken. Dit risico stijgt licht bij 43 weken. Belangrijk is of de baby nog goed groeit, gezond blijft en goed ligt. Kleine baby’s zijn bijvoorbeeld wat kwetsbaarder als ze over tijd gaan.

Het is niet zeker waarom sommige zwangerschappen langer duren, maar er is een tendens in sommige families dat vrouwen een normale gezonde zwangerschap hebben die 42 weken duurt. De grote meerderheid van de baby’s die later komen wordt gezond geboren. Na 42 weken is de kans groter op een moeizame bevalling en dat de baby in het vruchtwater poept. Er komt (na 41 weken) een punt waar je tegen de keuze aanloopt om de natuur nog even zijn gang te laten gaan of om de bevalling in te laten leiden. Deze keuze is mede afhankelijk van de conditie van je kind. Inleiden heeft een aantal nadelen. Het kan lang duren voordat je goede weeën hebt. Ingeleide bevallingen zijn vaak pijnlijker, het gaat soms opeens snel, waardoor vrouwen de controle over hun lichaam kwijtraken en je hebt een hogere kans op een kunstverlossing of een keizersnede. Bij een inleiding heb je meer bewaking nodig, dit beperkt je bewegingsvrijheid. ➧ 16-17


...vervolg Natuurlijke manieren om je baring te bevorderen Er zijn een aantal mogelijkheden om op een natuurlijke manier je bevalling op gang te helpen. Bijvoorbeeld door het strippen van de vliezen. Via een inwendig onderzoek worden de vliezen losgewoeld van de baarmoederwand. Strippen heeft verder geen risico’s maar kan wat pijnlijk zijn en een klein beetje bloedverlies geven. Uit Nederlands onderzoek bleek dat strippen zinvol is tussen 41 en 42 weken zwangerschapsduur. Na strippen is de kans groter dat de bevalling spontaan op gang komt. Op de rest van de bevalling heeft strippen geen invloed. Het breken van de vliezen Gedurende de ontsluiting kan de verloskundige of arts besluiten om de vliezen kunstmatig te breken. Hij/zij zal dit op dat moment met je overleggen. De meest voorkomende reden is het versnellen van de bevalling. Als de vliezen gebroken zijn, worden de weeën meestal sterker en pijnlijker. Soms raken vrouwen de controle kwijt over hun weeën en de pijn na het breken van de vliezen. Bij een ander zal de bevalling niet doorzetten zonder eerst de vliezen te breken. Het blijft allemaal maatwerk waar je zelf een stem in hebt. Vraag je af of jij zover bent dat je wilt dat de versnelling komt.

Uit een groot overzichtsonderzoek betreffende 14 studies en 4893 vrouwen bleken er geen verschillen in duur van de bevalling of kans op een keizersnede bij de groepen waar wel of niet vroeg tijdens de baring vliezen werden gebroken (Smyth 2009)


18-19


3

3. Rondom bevallen Er zijn veel keuzes en wensen te overwegen rondom het geboorteproces. Als je de volgende onderwerpen volgt, dan heb je over de belangrijkste zaken bij de bevalling nagedacht.

OMGEVINGSASPECTEN 3.1 Omgevingsaspecten In Nederland heb je de keuze om thuis of in het ziekenhuis te bevallen. Dit is een unieke keuze die bijna nergens meer ter wereld bestaat. Je hebt deze keuze als je een ongestoorde zwangerschap hebt gehad en onder leiding van je verloskundige gaat bevallen. Een poliklinische bevalling is een verplaatste thuisbevalling onder leiding van je eigen verloskundige. In het ziekenhuis tref je vaak meer mensen aan je bed en is er minder privacy dan thuis. Informeer bij je verloskundige wanneer je naar het ziekenhuis kan tijdens de bevalling. In de meeste gevallen kun je niet aan het begin van je bevalling al terecht en ben je nog een deel van de ontsluiting en de weeën gewoon thuis. Pas je plannen voor je bevalling daarop aan. Maak het je thuis dan ook comfortabel en zorg dat je daar goede steun hebt. Ga niet alleen maar zitten wachten tot je naar het ziekenhuis kunt gaan, dat remt de weeën. Tijdens de weeën maak je de rit naar het ziekenhuis. In principe is dat met eigen vervoer. Afhankelijk van je zorgverzekeraar en je aanvullende verzekering betaal je bij een poliklinische bevalling een eigen bijdrage. ➧

20-21


...vervolg Naast je eigen huis en het ziekenhuis kun je soms ook in een geboortecentrum of kraamhotel bevallen. Deze zijn meestal indirect verbonden met de verlosafdeling van het ziekenhuis. Richt je omgeving in. In veel culturen richten de moeder en de vrouwen om haar heen een speciale plaats in. De plek voor de bevalling is altijd zacht en warm. Het inrichten van een eigen bevalplek heb je zelf in de hand. Je omgeving bepaalt in grote mate je gemoedsrust. Door een ruimte te creĂŤren waarin je je prettig voelt, ontspan je gemakkelijker en baar je beter. Thuis bevallen, betekent dat je op eigen terrein bent, in een vertrouwde omgeving. Beval je graag poliklinisch, dan kan je toch het grootste stuk thuis ontsluiten. Maar ook in het ziekenhuis zijn mogelijkheden om je eigen identiteit uit te stralen. Bijvoorbeeld met een zachte deken, een sfeerlichtje en lekkere massage olie. Het is jouw bevalling, richt het in zoals jullie het willen.

Zwangeren met de intentie om thuis te bevallen, hebben minder kans op een verwijzing tijdens de bevalling dan vrouwen die voor een poliklinische bevalling kiezen. Dit verschil geldt niet voor de urgente verwijzingen. (Hendrix M. et al 2010)

Boek ‘Waar beval ik? Thuis of in het ziekenhuis Hellen Kooijman Uitgeverij Spectrum


Gedempte lampen zijn voor jezelf en je kindje prettig. Een losse lamp is soms nodig voor je zorgverleners.

22-23


Omgeving Ik wil graag...

Muziek, een lekkere stoel. Extra kussens, lekkere kleding, een opgeruimde kamer. Alles wat jij nodig hebt!


“ Zet vast de champagne koud en haal de muisjes in huis! �

24-25


BEGELEIDING 3.2 Begeleiding De medische kant van je bevalling kent een aantal verschillende zorgverleners. Wie kun je allemaal tegenkomen? Als je zwangerschap goed is verlopen en je hebt geen medische indicatie, dan beval je onder begeleiding van je vroedvrouw/verloskundige. De verloskundige is de specialist van de ‘normale’ bevalling. Zij wordt bij de thuisbevalling geassisteerd door de kraamverzorgende. Deze is er in ieder geval het laatste stukje van de bevalling bij, soms eerder en blijft minimaal een aantal uren na de bevalling. Verplaatst je bevalling zich naar het ziekenhuis, dan assisteert meestal de verpleegkundige de verloskundige bij jullie bevalling, soms ook een kraamverzorgende. Beval je in het ziekenhuis met een medische medicatie, dan is de gynaecoloog verantwoordelijk. Deze zal de bevalling in de meeste gevallen niet zelf doen. De bevalling wordt dan begeleid door de klinisch verloskundige of de arts-assistent. Arts-assistenten zijn artsen die hun opleiding achter de rug hebben en zich specialiseren in de verloskunde en gynaecologie. Afhankelijk van het stadium van hun opleiding werken zij in meer of mindere mate zelfstandig. Een aantal ziekenhuizen werkt mee aan opleidingen van verloskundigen of medisch studenten. Daarom kun je naast student verloskundigen ook coassistenten treffen. Dit zijn medisch studenten die in het kader van hun opleiding stage lopen om inzicht en ervaring te verkrijgen in de verloskunde.

kijk ook op; www.stichtinglichaamstaal.nl www.doula.nl

De kraamverzorgende maakt haar entree net in een moeilijk stukje van je bevalling, dan heb je weinig ruimte om iets met haar te bespreken. Schrijf je verwachtingen daarom in je plan.


Wie begeleidt jou? Los van medisch toezicht, is support van een partner prettig. Bevallen is vooral heel veel geduld hebben. Je begeleiders zullen hierop voorbereid moeten zijn. Op welk moment sein je ze in? Wil je dat ze je iedere dag bellen? Wie wil je bij je bevalling? Op welk moment is je familie welkom. Hoewel vaders bij de bevalling zijn en veel steun verlenen, is dat soms niet genoeg. Een bevalling kan lang duren en als vader ben je emotioneel betrokken en is het lastig om je partner pijn te zien hebben. Dan is het fijn om iemand erbij te hebben die je als partner kan ontlasten. Bijvoorbeeld bij het masseren van de rug en het opvangen van de weeën. Iemand die emotioneel wat meer afstand heeft en je wat lucht geeft. Belangrijk is om samen te beslissen wie bij je bevalling is, wat je aan steun van je partner verwacht en wat van andere (professionele) begeleiders. De mogelijkheid bestaat om ondersteund te worden door een doula. Zij heeft geen medische verantwoordelijkheid, maar is er helemaal voor jou en je partner. Zij komt al bij de eerste weeën en gaat ook mee naar het ziekenhuis als dat nodig is. Een doula regel je zelf al in je zwangerschap. De meeste verzekeringen vergoeden deze zorg nog niet. Het is ook steeds vaker mogelijk een kraamverzorgende vroeg in te zetten tijdens de bevalling. Zij heeft hier dan vaak een speciale opleiding voor gehad. De verloskundige is de persoon die de medische en psychosociale steun goed integreert bij de begeleiding van je bevalling. Maak goede afspraken wat je van haar verwacht en of je wilt dat ze zoveel mogelijk continue aanwezig is en of ze dat kan bieden. Als ze dat niet kan bieden, kijken jullie samen naar aanvullende alternatieven (doula of kraamverzorgende). Mensen willen graag helpen, laat weten wat je van ze verwacht. Van te voren overleggen voorkomt voor, tijdens en na de bevalling onrust in jouw omgeving.

Waar kunnen je begeleiders je bij helpen: • Aanmoedigen en geruststellen. • Professionals duidelijk maken wat je wilt, vragen welke handelingen zij uitvoeren. • Je drinken geven, zorgen dat je het niet te warm of koud hebt. • Zorgen voor goede houdingen om de weeën op te vangen. • Door er te zijn, ook als je niets nodig hebt.

26-27


Begeleiders Ik wil graag...

Bij je bevalling wil je iemand om je heen die je lichamelijk helpt door je hand vast te houden, je rug te masseren. Je hebt emotionele steun nodig in de vorm van aanmoediging en het beste is als iemand beide kan combineren.


Wil je foto’s of video opnames van de bevalling? Wie gaat dat verzorgen? Leg je camera’s op tijd klaar.

28-29


Begeleiders Ik wil graag...

Begeleiding en support bij je bevalling is van grote invloed op je baren. Uit veel onderzoek blijkt dat continue steun (door je partner, een vriendin, moeder of een doula) bij de bevalling zorgt voor; • een positievere ervaring, • dat je meer controle hebt, • minder behoefte aan pijnbestrijding, • minder kans op een kunstverlossing, • kortere bevalling en een beter gevoel achteraf. Hoe vroeger tijdens de bevalling de begeleiding begint, hoe groter het effect.


30-31


WEEËN EN HORMONEN 3.3 Weeën en hormonen Topsport Een bevalling is topsport. Het is hard werken en het doet pijn. Het is geen pijn die opeens optreedt en ondragelijk is. Het begint rustig, wordt sterker in op elkaar volgende fases maar je groeit er in mee. Een mooie uitdrukking hierover is: “Het begint met een briesje en het eindigt met een orkaan en het enige wat je kunt doen is meewaaien”. Cadans Ofwel verzet heeft geen zin, meegaan met wat er allemaal in je lijf gebeurt wel. Een vlotte, goede bevalling valt of staat met krachtige, frequente weeën. Het hormoon oxytocine zorgt voor deze intensieve weeën. Er ontstaat dan een krachtig werkzaam ritme waardoor de ontsluiting goed vooruit gaat. Op het moment dat je in een cadans komt in het opvangen van je weeën, ga je ook je eigen pijnstiller aanmaken. Je maakt dan endorfines aan, een soort interne drug, die bijvoorbeeld ook duurlopers aanmaken. De pijn verdwijnt er niet door, maar het haalt wel de scherpe kantjes eraf en zorgt ervoor dat je de bevalling beter aankan. Hormonen Op de aanmaak van een aantal hormonen tijdens je bevalling heb je invloed. Warmte, water, aandacht, rust en gedempt licht helpen bij de aanmaak van de hormonen endorfine en oxytocine. Endorfine brengt je in een dromerige, meditatieve roes waardoor je de pijn beter aankunt. Oxytocine bevordert het samentrekken van de baarmoeder en de toeschietreflex van moedermelk. Ook vergroot oxytocine het gevoel van verbondenheid met je kind. Negatieve factoren tijdens je bevalling zorgen voor de aanmaak van het stresshormoon adrenaline. Bijvoorbeeld angst, kou, schaamte, fel licht, zorg voor anderen of aanwezigheid van mensen waar jij je niet veilig bij voelt. Adrenaline blokkeert een goede productie van endorfine en oxytocine.


Kort samengevat: voldoende oxytocine en endorfine bevorderen het bevalproces en deze hormonen beïnvloeden elkaar positief. Adrenaline belemmert het bevalproces en dit hormoon beïnvloedt de broodnodige hormonen oxytocine en endorfine negatief. Ga dus voor VEEL oxytocine en endorfine en voor zo min mogelijk adrenaline! Ga bij jezelf na hoe deze hormonen bij jou in positieve zin gestuurd kunnen worden.

Een koude vrouw baart niet Om je adrenaline laag te houden en het bevallingshormoon oxytocine te laten stromen, helpt een warme omgeving. Zet de verwarming op tijd aan en trek lekkere warme kleren aan. Een oud gezegde is “een koude vrouw baart niet”. Ook een rubberen kruik kan heerlijk zijn om de pijn te verzachten. Leg de hete kruik op de plek die het meeste pijn doet. Bij rug- of onderbuik weeën kun je de rubberen kruik in je broek stoppen. Heb je last van beenweeën leg dan op ieder been een warme kruik.

Stel jezelf voor hoe je omgaat met de weeën, hoe je daarin je kracht vindt en je door de ontsluiting heen werkt. Als je merkt dat je je zorgen begint te maken over bepaalde situaties, lees er over of praat met vriendinnen om manieren te vinden waardoor je er beter mee om kunt gaan.

32-33


OMGAAN MET PIJN 3.4 Omgaan met pijn Pijn bij de bevalling heeft verschillende functies. Het is onder andere een waarschuwingssignaal dat er een kind geboren gaat worden. Als dit niet zo was, zou je je kind bij wijze van spreken zo in de supermarkt kunnen verliezen. Pijn bij een bevalling is anders dan pijn als gevolg van een verwonding. Het lijkt op menstruatiepijn maar is intenser. Kenmerkend van bevallingspijn is dat het in golven komt en je altijd een rustperiode hebt. Naarmate de ontsluiting vordert worden deze rustperiodes korter. Er is dan net tijd genoeg om het te laten zakken, te ontspannen en je te concentreren op de volgende wee. WeeĂŤn doen pijn omdat de baarmoedermond erg gevoelig is en nu onder druk wordt geopend. Bovendien hangt de baarmoeder met allerlei banden (soort spiertjes) aan het bekken. De banden staan erg onder spanning omdat de baarmoeder gegroeid is. Als de baarmoeder samentrekt tijdens een wee, komt er nog meer spanning op die banden. Dat geeft pijn. De banden lopen van de baarmoeder naar diverse plekken van het bekken, hierdoor kan de pijn op verschillende plaatsen zitten. De ene barende heeft vooral pijn onderin haar buik, terwijl een ander lage rugpijn heeft die ook kan uitstralen naar haar benen.

Veel vrouwen nemen in hun geboorteplan op dat ze pijnbehandeling niet actief aangeboden willen krijgen, maar dat ze, wanneer ze er zelf om vragen, de mogelijkheid hebben het te gebruiken.


Opvangen van pijn Informeer je zorgverleners of je een zwangerschapscursus hebt gevolgd. Overleg de ontspanningsoefeningen en welke ademhaling je is aangeleerd. Je omgeving kan daarmee helpen en mogelijk de pijn wat afleiden. Pijn blijft een persoonlijke beleving. Het is bekend dat als je controle houdt over het proces, pijnbestrijding een kleinere rol speelt tijdens je bevalling. Uiteindelijk bepaal je toch zelf of je pijn te dragen is of niet. Er zijn wel methoden om de pijn minder heftig te laten zijn. • •

• • • •

Probeer met je pijn mee te gaan en verzet je er niet tegen. Praat jezelf moed in. Als je tegen jezelf gaat zeggen: “dit red ik nooit”, dan wordt het alleen maar moeilijker. Vergelijk het met een berg beklimmen, als je halverwege de berg tegen jezelf zegt dat je nooit boven komt, dan is de kans groot dat je het niet haalt. Bedenk dat de pijn over 1 minuut weer over is en dat je dan een paar minuten rust hebt. Iedere wee brengt je dichter bij je kind. Probeer geen controle te hebben over je lichaam, maar laat alles los. Verkramp niet met je onderlichaam, de baarmoeder is een spier en een spier waar spanning op staat gaat moeilijker open dan een spier die ontspannen is. Als je het gevoel hebt dat je ergens spanning op moet zetten, knijp dan met je handen in een kussen of iets dergelijks. Zorg ervoor dat er geen storende elementen in je omgeving zijn. Als er mensen (bijv. kinderen) in huis zijn die je uit je concentratie halen of ervoor zorgen dat je je niet vrij voelt om te doen wat je wilt, vraag ze dan vriendelijk om weg te gaan of zorg ervoor dat de kinderen naar een oppas gaan. Na de bevalling is de pijn direct weer weg. ➧

Hoe je de pijn tijdens de bevalling ervaart wordt beïnvloedt door het vertrouwen wat je hebt in je eigen vermogen om er mee om te gaan.

” 34-35


De enige die bepaalt of de pijn teveel wordt of ondraaglijk is ben jij!

...vervolg Pijnbehandeling Er zijn verschillende middelen die de pijn verlichten. Niet- medicamenteus zoals acupunctuur, waterinjecties, massage en medicamenteuze pijnbehandelingen, zoals Remifentanil, Pethidine, Epiduraal, TENS. Bij de medicamenteuze pijnbehandelingsmethoden zal je bevalling in ieder geval in het ziekenhuis plaatsvinden onder verantwoordelijkheid van de gynaecoloog. Met medicamenteuze pijnbehandeling ben je meer afhankelijk van je zorgverleners en apparatuur waardoor je minder in controle bent tijdens de bevalling. Aan de andere kant, pijn waar je niet meer mee om kan gaan kan veroorzaken dat je de controle over je bevalling verliest. Bepaal vooraf welke methoden je aanspreken, ook wanneer je van plan bent zonder pijnbehandeling te willen bevallen. Er is een kans dat je tijdens de bevalling toch voor de keus wordt gesteld. Het is bijvoorbeeld goed om te weten dat een epiduraal (ruggenprik) de meest effectieve behandeling is tegen de pijn, maar dat bij 10% van de moeders koorts ontstaat, waardoor het kindje ter observatie opgenomen moet worden en niet bij de moeder kan zijn. Studies tonen aan dat de kans dat je een keizersnede krijgt na een ruggenprik met factor 2 tot 3 stijgt. Zo heeft iedere manier van medicamenteuze pijnbehandeling risico’s, die je moet weten voor je bevalling. Nog niet overal kun je gebruik maken van remifentanil of is er bijvoorbeeld dag en nacht epidurale anesthesie mogelijk. Bedenk ook dat aan het einde van je bevalling een aantal methoden van pijnbehandeling niet meer mogelijk zijn. Soms door een praktische oorzaak, of de geboorte is zodanig dichtbij dat je kind onder de invloed kan raken van de medicijnen.

Kijk voor voor- en nadelen van pijnbehandeling op: www.knov.nl/voor-zwangeren/zwanger/de-bevalling/hoe-ga-je-om-met-pijn/ www.bevallingspijn.nl


36-37


Omgaan met pijn Ik wil graag...


Door positief over je bevalling te denken en jezelf voor te stellen dat je die bevalling geweldig doorkomt, maak je alvast gedachtenpatronen aan. Deze maken het je gemakkelijker om tijdens de echte bevalling positief te blijven denken.

“ Als het nodig is, is er altijd pijnbestrijding voorhanden. �

38-39


Omgaan met pijn Ik wil graag...

Als je veel pijn verwacht voel je meer, waarschijnlijk doordat je minder ontspannen bent. Vrouwen die alleen zijn in de eerste fase van de bevalling ervaren deze fase als pijnlijker.


kijk ook op; www.ouders.nl/mbevpijn.htm

40-41


BEVALLEN EN WATER 3.5 Bevallen en water Je kunt water op vele manieren gebruiken tijdens je bevalling. Voor ontspanning, als pijnstiller tijdens je ontsluitingsweeën of om in te bevallen. Een douche helpt, door de warmte en de kracht van de stralen, de spanning uit je spieren te halen. En ontspannen helpt tegen de pijn. Een bad gaat nog een stap verder. Als je in een bad ligt, helpt het water het gewicht van je kind te dragen. Het water vermindert de druk die je voelt in je buik en bij je baarmoedermond. Een bad of douche kan helpen beginnende weeën om te zetten in actieve weeën. Hoe kun je water gebruiken bij de bevalling? Je kunt eenvoudig gebruik maken van een bad of douche in je eigen huis. Zorg ervoor dat het water voldoende warm is, maar niet te heet. In de meeste ziekenhuizen is het geen probleem om gebruik te maken van de douche. Als je aan het CTG-apparaat ligt, vraag dan of je er even af mag om te douchen. Sommige ziekenhuizen hebben een bad waar je gebruik van kunt maken. Informeer hiernaar.

kijk ook op; www.duikertje.nl www.oerbron.nl www.waterooievaar.nl


Badbevalling Bespreek op tijd met je verloskundige of zij ook waterbevallingen begeleidt. Als je in bad bevalt heb je een speciaal bad nodig, deze zijn te huur. Met een badbevalling geef je je kind een vloeiende overgang, van de wereld in je buik met het warme vruchtwater, naar een leven zonder water. Het warme water is een hele goede plaats om bij te komen als pasgeborene en het eerste huidcontact met je moeder te maken. Voor jou als barende is het een perfecte plaats om te ontspannen en verschillende houdingen aan te nemen. Je ervaart de bevalling van je kind bewust en intens. Tevens zorgt het warme water voor een goede doorbloeding van je perineum en gaat de bevalling meestal geleidelijker.

In de bevalkliniek van de Belgische gynaecoloog Ponette in Oostende bevalt 80 procent van de vrouwen in water. Ook baby’s in stuitligging, grote baby’s en tweelingen worden hier in water geboren.

42-43


Bevallen en water Ik wil graag...

Waterbaby’s huilen niet of nauwelijks na de geboorte en zijn erg alert. Hierdoor maken ze beter contact en drinken ze eerder aan de borst.

kijk ook op; www.watsu.nl


“ Geef het warme water wel de kans om iets te

doen, maak er minimaal een half uur gebruik van.

�

44-45


HOUDINGEN 3.6 Houdingen Verschillende houdingen zoeken tijdens de ontsluiting is een goede manier om met je pijn om te gaan en je in jezelf terug te trekken. Door een bepaalde houding aan te nemen op een veilige plaats, creëer je een bepaalde cadans waarin je de weeën goed kan opvangen en beter met de pijn kan omgaan. Welke houding goed is, is voor iedere vrouw verschillend. Dat kan afhangen van waar je weeën zitten, in je buik of in je rug en hoe vermoeid je bent. De één vindt het fijn om te hangen en rond te lopen, de ander wil het liefste liggen. Zorg er in ieder geval voor dat je een houding vindt waarin je tussen de weeën door goed kan ontspannen. Ook tijdens het persen zijn er allerlei houdingen mogelijk. Verticale houdingen geven zeker meer controle, je staat letterlijk op gelijk nivo met je zorgverleners. Bij je eerste kindje duurt het persen vaak wat langer en is het fijn om te kunnen variëren. Mogelijke houdingen zijn zitten op de baarkruk, staan, op handen en knieën, hurken, zijligging, op het toilet of de skippybal. De voordelen van een niet-rugligging zijn dat je kind er beter op reageert met zijn harttonen, het verlaagt de kans op kunstverlossingen en je hebt minder kans op een knip. Ook is je partner bij die houding vaak meer betrokken. Dat er minder pijn wordt ervaren kan ook te maken hebben dat je meer controle ervaart over de baring.

Als het kindje met zijn hoofdje naar achter gedraaid ligt, kun je het beste op handen en knieën gaan zitten. Dit is ook een goede houding als je persdrang hebt en nog geen volledige ontsluiting.


Overleg Met name thuis kan je elke houding aannemen die je wilt en daar ook alle hulpmiddelen bij gebruiken. Beval je in het ziekenhuis, zet dan in je plan dat je graag zoveel mogelijk de houdingen aan wilt nemen die je fijn vindt. Het is niet altijd nodig om voortdurend aan de bewaking te liggen, dat kan vaak ook met tussenpozen. Mocht je wel aan het CTG-apparaat moeten, vraag dan of je op je zij mag liggen of bijvoorbeeld op een stoel mag zitten. Sommige ziekenhuizen hebben een draadloos CTG-apparaat waardoor je je bewegingsvrijheid behoudt. Pin je van te voren niet vast op een houding. Je kunt niet voorspellen welke houding je fijn gaat vinden. Keuzevrijheid is hierin belangrijker. Als vrouwen zelf de keuze hebben zie je vaak dat ze uit nature verschillende soorten houdingen aannemen. Als je aangegeven hebt dat je graag zelf je houdingen wilt bepalen, ga er dan vanuit als je verloskundige een bepaalde houding stimuleert, deze op dat moment beter is voor de bevalling. Bijvoorbeeld als de bevalling niet vordert. De standaardzorg bij het persen tijdens de bevalling is op de rug, maar dat is zeker niet altijd het prettigste voor de barende vrouw en het beste voor het verloop van de bevalling. Ook tijdens de uitdrijving is het vaak goed om verschillende houdingen aan te nemen. Alles is te overleggen met je zorgverleners. ➧

Een derde van de vrouwen heeft last van lage rugpijn tijdens de weeĂŤn. Vooral de voorover hangende houdingen, waarin de onderrug een beetje gestrekt wordt kunnen hierbij helpen.

46-47


...vervolg Massage Vooral als je rugweeën of beenweeën hebt, kan masseren heel goed helpen. Vraag je partner of iemand anders die bij de bevalling aanwezig is om bij rugweeën flink te drukken op de plaats die je het meest zeer doet. Vaak is dit één plek net boven je stuitje. We noemen het masseren, maar eigenlijk gaat het vooral om tegendruk geven op de zere plek. Geef aan waar de plek precies zit en hoe hard er gedrukt moet worden. Je partner kan met de handpalm hard drukken zolang de wee er in alle hevigheid is. Zodra de wee weg is, kan er gestopt worden met drukken.

Als je af en toe wat persdrang hebt is het fijn om nog te staan en soms wat mee te drukken. Het kindje zakt dan mooi naar de bekkenbodem.


“ Vraag aan je verloskundige of ze een baarkruk heeft. Koop zelf een skippy- of oefenbal. Deze kan ook mee naar het ziekenhuis of onder de douche.

�

48-49


Houdingen Ik wil graag...

Persen zonder persdrang kost veel energie. Wacht met actief persen totdat je lichaam aangeeft niet anders meer te kunnen.


Bij een verticale houding heb je zelf meer regie over de bevalling en voel je je minder overgeleverd.

50-51


NA DE GEBOORTE 3.7 Na de geboorte Nu is het tijd om kennis te maken! Soms heb je rust en kalmte nodig om tot jezelf te komen voor je je aandacht op je baby kan richten. Juist dan is het belangrijk dat de baby bij je ligt en jullie die ruimte krijgen. Het eerste uur na de bevalling van je baby wordt ook wel het Gouden Uur genoemd. Het eerste huid op huid contact met je baby kalmeert hem, bevordert resistentie tegen infecties en geeft de borstvoeding een goede start. Het adrenalineniveau na de geboorte zal verminderen en de kleur verbeteren als de hartslag rustiger wordt. De baby stopt binnen enkele minuten met huilen en moeders temperatuur houdt je kind warm. De huidbacteriÍn van de moeder bedekken de baby's huid en geven bescherming. Baby’s hebben ook een uitstekend reukvermogen bij de geboorte, het is een primitief instinct, ze gaan in de richting van de geur van melk in de borst. Kinderen die flesvoeding gaan krijgen halen dezelfde voordelen uit huid-op-huid contact. Het is normaal om een baby tien minuten bloot op moeders borst te laten liggen, maar dat is niet lang genoeg voor het eerste hechtmoment.


Een baby is het eerste uur actief bezig met kennismaken. Hij kijkt alert rond, ruikt, voelt en proeft. Hij geeft al ongelofelijk veel signalen af en communiceert op die manier met zijn omgeving. Deze tijd mag je opeisen, baby en moeder hebben hier veel baat bij, steeds meer ziekenhuizen geven hier ook tijd voor direct na een keizersnede. Een eerste check wordt gedaan als een kind geboren is, iedere ervaren verloskundige kan dat door simpelweg naar het kind te kijken zonder hem bij je weg te nemen. Je kindje kan heel goed nagekeken worden op de buik van de moeder, of in ieder geval bij je op bed. Het uitgebreide onderzoek en het wegen kan ook na een uur. Overleg met je zorgverleners dat je de kennismaking met je baby op je eigen tempo wilt doen. Vraag of de routinehandelingen bij moeder en kind wat later plaats kunnen vinden. De geboorte van de placenta en het afnavelen Met het afnavelen van de baby kan even gewacht worden. Meestal gebeurt dit als de navelstreng uitgeklopt is en er geen bloed meer van het kind naar jou gaat. Bedenk wie de navelstreng gaat doorknippen. Is het voor jullie een symbool van loslaten, knipt de vader, of wil je het gewoon graag zelf doen? De geboorte van de placenta kondigt zich vaak vanzelf aan door middel van weer een wee. Voor die tijd hoeft er ook weinig te gebeuren en kan je daar rustig op wachten. Als je op je knieÍn gaat zitten, helpt dat vaak mee om de placenta met behulp van de zwaartekracht er uit te krijgen. Je kunt altijd vragen om de placenta en de vliezen te bekijken. Eventueel kan je er ook een foto van maken. De placenta wordt meestal weggegooid, als je er iets anders mee wilt kan je dat aangeven. ➧

52-53


Ligt je baby goed aan de borst en doet het geen pijn, dan mag hij drinken tot hij genoeg heeft.

...vervolg Borstvoeding De eerste voeding is een heel intiem moment samen met je baby. Je kind dat minder dan een uur geleden nog in je buik zat. Een baby is vooral het eerste uur na de bevalling heel alert. Dat is de beste tijd om hem aan te leggen. Hij zal eerst wat smakgeluiden maken en zijn tong naar buiten steken. Iedere pasgeboren baby zal op eigen houtje naar de borst toe kruipen en de tepel vinden. Dit is een aangeboren reflex. Geef aan of je geholpen wilt worden met aanleggen of dat je het graag zelf wilt doen. Ook als je baby in een couveuse terecht komt of na een keizersnede is het goed hem zo snel mogelijk aan te leggen. Het zo snel mogelijk aanleggen heeft invloed op je hele borstvoedingperiode. De voeding komt dan sneller op gang en zal zelfs na enkele maanden aantoonbaar langer en beter blijven komen. Geef, als je in het ziekenhuis bevalt, aan of je ’s nachts wakker gemaakt wilt worden om je baby te voeden. Als hij bij je ligt, word je vanzelf wakker. Denk van te voren na wat je wilt met eventuele bijvoeding. Zijn er allergieÍn in je familie? Mocht je kind ziek zijn waardoor je hem niet kunt aanleggen, dan kun je ervoor kiezen om met kolven te beginnen. Zo komt de borstvoeding toch op gang.


Na de bevalling Maak in ieder geval met je verloskundige of gynaecoloog een afspraak om je bevalling na te bespreken. Dit is meestal na een week of zes. Bespreek het verloop en stel vragen over delen van de bevalling of beslissingen die op dat moment niet helemaal duidelijk voor je waren. Kijk samen wat er met de wensen uit je geboorteplan is gebeurd en waar is afgeweken. Is het voor jou duidelijk waarom dingen niet mogelijk waren. Dat is het belangrijkste, niet dat er afgeweken is want dat gebeurt altijd in enige mate. Het gaat er om dat je weet waarom de dingen zo gelopen zijn en dat je betrokken bent geweest in het proces. Ook voor je zorgverlener is het fijn om te horen hoe jij het ervaren hebt.

54-55


Na de geboorte Ik wil graag...

De eerste keer de fles geven is een intiem moment. Geef aan dat jij dat zelf wilt doen, of je partner.


Als je van te voren twijfelt over de naam van je baby, bekijk dan eerst je kind in alle rust en beslis dan hoe hij of zij gaat heten.

“ Thuis is het fijn om je baby de eerste

maanden op je kamer te leggen waardoor je goed kunt reageren op zijn signalen.

�

56-57


Na de geboorte Ik wil graag...

Je kunt de placenta weggooien of begraven met een mooi boompje erop; verzin het maar.

“ Informeer bij het ziekenhuis of jij en je

baby voortdurend bij elkaar kunnen zijn.

�


Als je placenta niet vlot komt, helpt aanleggen van je baby aan je borst.

“ De vader kan jullie kindje aankleden na de voeding. Dat doen de zorgverleners ook met veel plezier, maar dat hoeft niet... �

58-59


4

4. Samenstellen geboorteplan Het persoonlijk geboorteplan bestaat uit maximaal 2 pagina’s. Vanuit alle informatie die je hebt verzameld stel je een kort, overzichtelijk plan samen.

Wanneer je een specifieke aanleiding hebt waarom je voor een geboorteplan hebt gekozen, vermeld dit dan als eerste. Hierdoor begrijpt de lezer snel waarom bepaalde keuzes jouw voorkeur hebben. Schiften van informatie Je werkboek staat vol met kreten en losse opmerkingen. In je zoektocht naar informatie ontwikkel je kennis. Wat in eerste instantie nieuw en verrassend was, blijkt achteraf standaardzorg te zijn. Soms ontdek je in de loop van de tijd een beter alternatief voor iets waar je eerder zeker van dacht te zijn. Je bent nu zover dat je je geboorteplan gaat samenstellen. Je weet wat je wilt, je weet wat de mogelijkheden zijn. Aangezien er zoveel rondom je bevalling afspeelt, is het begrijpelijk dat je het liefst alles wilt noemen. Maar dan loop je de kans dat je uitkomt op een geboorteplan dat zo lang is dat niemand het meer leest. Het is beter om je te focussen op de zaken die echt belangrijk voor je zijn. Kort, bondig en positief Lees je werkboek nog een keer door. Markeer de onderwerpen die je van belang vindt. Verwoord vervolgens deze onderwerpen in korte, bij voorkeur positieve zinnen. Bedenk dat de lezer het soms in korte tijd moet lezen bij je bevalling, houd het dus bij de kern.

60-61


...vervolg Bespreek je plan met je verloskundige of gynaecoloog Met dit voorlopige plan ga je naar je zorgverleners. In theorie zijn onderdelen soms heel goed denkbaar, maar in praktijk verschillen de mogelijkheden nog wel eens. Realiseer ook nu weer dat een bevalling een natuurlijk en onvoorspelbaar proces is. Durven afwijken van je ideaalbeeld is onderdeel van je geboorteplan. Tijdens het bespreken van je concept geboorteplan met je zorgverlener houd je in de gaten of het een medische of een praktische beperking is waardoor je voorkeur mogelijk niet door gaat. Medische beperkingen zijn “harde” beperkingen. Van belang is dat jullie in deze beslissingen gekend worden en dat ook medische alternatieven besproken worden. Een praktische beperking is mogelijk een “zachte” beperking. Denk bijvoorbeeld aan wel of geen waterbevalling. Hierover onderhandel je met je zorgverlener.

Wisselen van zorgverlener of ziekenhuis Niet iedere verloskundige of elk ziekenhuis biedt dezelfde bevallingsmogelijkheden. Onderzoek of je wensen op een andere plaats wel mogelijk zijn. Als je ontdekt dat een bepaald aspect belangrijk voor je is en er kan niet op ingegaan worden, dan kan je overwegen om andere begeleiders te zoeken. Meerdere exemplaren Het is handig een aantal kopieën te maken van je plan. Voor in de status van je verloskundige of gynaecoloog, voor de kraamverzorgster of verpleegkundige, voor de mensen om je heen en één voor jezelf en je partner. Je kunt altijd een paar extra kopieën meenemen, mogelijk is er een stagiaire aanwezig, of een wisseling van de wacht.

Geboorteplan laten toetsen? Kijk op www.geboorteplan.nl of mail naar info@cicli.nl


62-63


Partnerverslag Als partner beleef je de bevalling intensief mee. Laat je dat moment niet ontnemen. Neem de tijd om op te schrijven hoe je het ervaren hebt. Dit

kan tijdens de bevalling, maar ook in de dagen na de geboorte. Soms zijn een paar kreten voldoende om alles later weer voor de geest te halen. Hiermee maak je een mooi document van de geboorte, voor jezelf, je partner en je kind.


64-65


Partnerverslag


66-67


Bevallingsverslag


Na een hele tijd van voorbereiding, heb je de

bevalling achter de rug. Je weet nu nog precies hoe het is. Schrijf je ervaring op. Dan kun je later nog teruglezen hoe je jezelf de bevalling van tevoren had voorgesteld en hoe het uiteindelijk is gegaan.

68-69


Bevallingsverslag


70-71


72-73


WWW.GEBOORTEPLAN.NL

Profile for Solangelos creative department

Cicli geboorteplan  

Cicli geboorteplan  

Advertisement