Issuu on Google+

I ♼ RUG SOG notitie over een sterkere universitaire gemeenschap

SOG-Fractie 2008-2009 SOG-Fractie 2009-2010 November 2009

Studentenorganisatie Groningen Sint Walburgstraat 22 9712HX Groningen www.studentenorganisatie.nl fractie@studentenorganisatie.nl

1


Samenvatting en aanbevelingen In deze notitie vraagt de Studenten Organisatie Groningen (SOG) aandacht voor de universitaire gemeenschap in Groningen, of eigenlijk het gebrek er aan. Veel studenten uiten hun trots op de vereniging waar ze lid van zijn, maar doen dit veel minder bij de universiteit waar ze studeren. Ze voelen zich geen onderdeel van de gemeenschap, bijvoorbeeld door het gebrek aan persoonlijk contact of gedemotiveerde docenten. De SOG wil hier verandering in brengen en biedt daarom het College van Bestuur deze notitie met aanbevelingen en ideeën aan, als voorloper op de komende notities van het komende fractiejaar van de SOG. De fractie ’09-’10 zal zich dit jaar storten op het focussen op een bredere academische gemeenschap. Een universitaire gemeenschap brengt studenten en docenten dichter bij elkaar en versterkt te band tussen de student en de instelling in het algemeen. Voor de Rijksuniversiteit Groningen (RUG) levert dit verschillende voordelen op, onder andere op het gebied van studentenparticipatie en studiegedrag. De universitaire gemeenschap dient op twee manieren versterkt te worden, namelijk door het beter overbrengen van de identiteit van de RUG en het versterken van de band tussen student en docent. Door studenten beter voor te lichten over de geschiedenis van de RUG en de prijzen die onderzoekers winnen met hun onderzoek zullen studenten zich ook beter kunnen identificeren met de instelling. De band tussen student en docent kan volgens de SOG versterkt worden door het uitwerken van het principe van de persoonlijke benadering en door studenten en docenten meer met elkaar in aanraking te laten komen. Door op deze twee gebieden verbeteringen aan te brengen zal de academische gemeenschap aan de RUG sterker worden.

Aanbevelingen Aanbeveling 1: De SOG stelt voor dat de Rector tijdens de KEI-week een college geeft over de RUG en haar geschiedenis. Aanbeveling 2: Bij de introductie van eerstejaars die op het Zernikecomplex onderwijs genieten moet aandacht worden besteed aan de persoon Frits Zernike Aanbeveling 3: De SOG stelt voor om bekende alumni meer onder de aandacht van de universitaire gemeenschap te brengen d.m.v. het benoemen van collegezalen en het plaatsen van portretten op de faculteit. Aanbeveling 4: De SOG stelt voor om huidige projecten en successen beter onder de aandacht van studenten en medewerkers te brengen. Aanbeveling 5: De SOG stelt voor dat bij de aankomende bestuurlijke overleggen het onderwerp ‘verbeteren van motivatie van docenten’ besproken wordt en oplossingen en best practices worden besproken. Aanbeveling 6: Er dient eens in de twee jaar een 360 graden evaluatie uitgevoerd te worden (waarin studenten, peers, leidinggevenden en externe deskundigen betrokken worden), in het tussenjaar dient er een gesprek plaats te vinden tussen de docent en de leidinggevende om de vorderingen van de docent te bespreken.

2


Aanbeveling 7: Het College van Bestuur dient te kijken naar de mogelijkheden om docenten te belonen voor goede onderwijsprestaties en consequenties te verbinden aan onderwijsprestaties die onder de maat zijn. Aanbeveling 8: De SOG pleit voor meer erkenning voor de studentbestuurders Aanbeveling 9: De SOG pleit voor het openen van een Universitair CafĂŠ in de binnenstad.

3


Inhoudsopgave Inleiding ...........................................................................................................................................5 Identiteit overbrengen .................................................................................................................6 Bekend met de geschiedenis ................................................................................................6 Bekend met de huidige RUG..................................................................................................8 Positieve gevolgen voor de RUG ...........................................................................................9 De persoonlijke benadering ..................................................................................................... 10 De persoonlijke benadering en het ‘we care’ principe ................................................ 10 Een goed begin maken met de eerstejaars .................................................................... 10 De docent als motivator ...................................................................................................... 11 De student blijven betrekken bij opleiding en instelling ................................................. 12 Aanmoedigen van bestuurswerkzaamheden 12 Meer contact tussen docenten en studenten ................................................................ 13 Positieve gevolgen voor de RUG ........................................................................................ 14 Conclusie ..................................................................................................................................... 15

4


Inleiding De aanname waarmee de SOG heeft gewerkt tijdens het opstellen van deze notitie is ‘onbekend maakt onbemind’. We zien namelijk dat veel studenten trots zijn op de studentenorganisatie waarbij zij zijn aangesloten, maar de band die ze hebben met de RUG is veel minder sterk. Het verschil met Angelsaksische universiteiten is enorm, daar is de band met de universiteit én tussen de studenten onderling veel sterker. Naar de mening van de SOG is de universitaire gemeenschap een belangrijk punt waar de RUG zich op moet richten de komende jaren. Een sterkere universitaire gemeenschap heeft namelijk voor student, docent, medewerkers en instelling veel voordelen op onder andere het gebied van verbondenheid en studiesucces. Om dit te verwezenlijken moeten er volgens de SOG twee belangrijke dingen gebeuren; studenten, docenten én medewerkers moeten beter bekend raken met de RUG en we moeten op zoek naar een nieuw soort contact tussen docent en student. In deze notitie beschrijven we beide verbeterpunten. Het eerste hoofdstuk is gericht op het overbrengen van de RUG-identiteit. Studenten en medewerkers weten te weinig over onze geschiedenis, te weinig over onze (bekende) alumni en veel te weinig over de gebieden waarop de RUG leidend is qua onderwijs en onderzoek. Als we de aanname ‘onbekend maakt onbemind’ hier op los laten kunnen we stellen dat een betere informatievoorziening nodig is om mensen überhaupt trots te kunnen laten zijn op de instelling waar zij werken en/of studeren. In het tweede hoofdstuk richten we ons op het principe van de persoonlijke benadering. Hierbij neemt de docent een houding aan, waarbij het duidelijk moet zijn dat hij begaan is met de student en dat de RUG het belangrijk vindt dat een student alles uit zijn studie kan halen. De motivatie van de docent speelt ook een belangrijke rol, die bepaalt namelijk de studiesfeer en daarmee voor een deel het studiesucces. Vandaar dat de SOG onder andere stelt dat er een principe van persoonlijke benadering nodig is en de studenten meer betrokken moeten worden bij de opleiding. In het proces tot vaststelling en implementatie van een nieuw Strategisch Plan is genoeg ruimte voor onderwijs, deze notitie ondervangt slechts een deel van de opinie van de SOG op onderwijsgebied maar heeft wel een duidelijke kern. Een sterkere universitaire gemeenschap levert voordeel op voor het studiesucces, het werkplezier, de band met onze alumni en ons imago. Middels deze notitie wordt hier aandacht voor gevraagd en worden concrete plannen voorgesteld om de RUG te verbeteren. De SOG ziet een mooie toekomst voor de RUG tegemoet wanneer de academische gemeenschap versterkt wordt en wil hier graag samen met het College van Bestuur aan werken.

5


Identiteit overbrengen Een belangrijke voorwaarde voor de vorming van een gemeenschap is de aanwezigheid van een gedeelde noemer. Bij een universitaire gemeenschap is dat vanzelfsprekend de universiteit. Maar het blijkt dat dit niet volstaat om een hechte gemeenschap te vormen, aangezien deze noemer al bijna 400 jaar bestaat en deze hechte gemeenschap nog onvoldoende vorm heeft aangenomen. Het bewust maken van het bestaan van deze gedeelde noemer kan in belangrijke mate bijdragen aan de verbetering van de academische gemeenschap. Dit kan gedaan worden door het beter overbrengen van de identiteit van de RUG. De SOG zal in dit hoofdstuk uiteenzetten wat ze hiermee bedoelt en enkele praktische voorbeelden aandragen.

Bekend met de geschiedenis Met een lustrum wordt er altijd teruggekeken. Waar staan we nu in vergelijking met vijf jaar geleden? Wat is er veranderd en wat is hetzelfde gebleven? Waar komen we vandaan? Deze vragen worden begrijpelijkerwijs veelal door de medewerkers van de universiteit gesteld en minder door de student. Werknemers blijven, als het goed is, langer bij de universiteit dan studenten en zien daarom de ontwikkeling beter. Een heldere toekomstvisie op de rol en plaats van de universiteit is misschien ook te veel gevraagd van een student, maar enig gevoel bij de geschiedenis en directe toekomst zal de band wel versterken. De identificatie van studenten met de universiteit hangt af van de bekendheid met de universiteit. De geschiedenis is een belangrijk onderdeel van haar identiteit, daarom is het wenselijk dat de student bekend is met de geschiedenis van de RUG. Nu lijkt het de SOG niet nodig dat elke student een detaillistisch examen af moet leggen over de geschiedenis van de RUG, maar kan de bekendheid simpel worden vergroot door een goede informatievoorziening naar de student toe. Hieronder staan een aantal voorbeelden beschreven. Onze Rector Magnifucus Frans Zwarts heeft enkele malen aangegeven bereid te zijn om een college te geven over de geschiedenis van de RUG. Dit initiatief juicht de SOG toe omdat hierdoor de studenten op een actieve manier voorgelicht kunnen worden. De binding met de RUG is bij nieuwe eerstejaarsstudenten klein en daarom zou dit college plaats kunnen vinden tijdens de KEI-week. Zo krijgen de eerstejaarsstudenten in de KEI-week niet alleen een introductie van Groningen en alles wat het studentenleven te bieden heeft, maar ook een leuke eerste introductie van de RUG. Door het college op te nemen kan het via internet verder worden verspreid onder studenten, aangezien het college ook de ouderejaars zal aanspreken. Aanbeveling 1: De SOG stelt voor dat de Rector tijdens de KEI-week een college geeft over de RUG en haar geschiedenis. Een grote groep studenten brengt het merendeel van hun studietijd door op het Zernikecomplex. Helaas weten maar weinig studenten waarom dit terrein de naam ‘Zernike’ heeft gekregen. Frits Zernike is dermate belangrijk geweest voor de RUG dat bekendheid met de persoon Zernike onder studenten van belang is. Door hier meer aandacht aan te besteden zullen studenten zich meer identificeren met Zernike als persoon en daarmee met de RUG zelf. De introductie van eerstejaars lijkt de SOG een uitstekende gelegenheid om de bekendheid van Frits Zernike te vergroten.

6


Aanbeveling 2: Bij de introductie van eerstejaars die op het Zernikecomplex onderwijs genieten moet aandacht worden besteed aan de persoon Frits Zernike Naast Frits Zernike zijn er natuurlijk ook andere bekende alumni, zoals Wim Duisenberg, Martin Bril en Job Cohen. De Groningse nuchterheid weerhoudt ons er echter van om hiermee te pronken. De SOG is van mening dat de RUG trots mag zijn op haar alumni en dit bijvoorbeeld ook mag gebruiken in voorlichting voor studiekiezers. Weinig studiekiezers en studenten zoeken uit eigen initiatief informatie over RUG-alumni op de website van de RUG zelf of algemene websites als Wikipedia. De RUG moet de trots op alumni beter richting studenten uitdragen, door te laten zien wie ze zijn en ze betrekken met de instelling en/of opleiding. Hiervoor zijn verschillende manieren te bedenken, twee ervan staan hieronder beschreven. De collegezalen dragen nu namen als 5419-0015, 14.0026/23 en geb11-zaal22. Naast het feit dat dit in de praktijk voor veel verwarring zorgt is het leuk om grote collegezalen naar bijzondere alumni te vernoemen. Een zaal als 5419-0015 van de faculteit Economie en Bedrijfskunde kan dan bijvoorbeeld de Duisenbergzaal genoemd worden. Dit geeft studenten de indruk dat ze niet een cursus volgen in een nieuw gebouw, maar een studie doen die toppers voortbrengt.

De kantine is een ideale plek om veel studenten te informeren over de geschiedenis van de RUG

Studenten en medewerkers brengen niet de hele dag door in collegezalen, er zijn meer ruimtes op de verschillende faculteiten waar zij tijd doorbrengen. Hier kan de RUG ook haar identiteit overbrengen door middel van een ‘Wall of Fame’ Nu is het zo dat gangen en ruimtes vaak bestaan uit grijze muren met hier en daar wat posters. Met verschillende portretten van bijzondere alumni kunnen de faculteiten een deel van hun geschiedenis laten zien en raakt de student en werknemer bekend met wat de faculteit allemaal heeft voortgebracht. Aanbeveling 3: De SOG stelt voor om bekende alumni meer onder de aandacht van de universitaire gemeenschap te brengen d.m.v. het benoemen van collegezalen en het plaatsen van portretten op de faculteit.

7


Bekend met de huidige RUG Een ander aspect van het overbrengen van de identiteit is het laten zien wat en wie de RUG nu is. Want hoe mooi de geschiedenis van de RUG ook mag zijn, de medewerkers en studenten werken en studeren wel aan de universiteit van nú. Met meer dan 25.000 studenten, bijna vier en een half duizend fte aan personeel en een begroting van meer dan een half miljard is er genoeg om te laten zien wat de RUG in huis heeft. Studenten hebben nu nauwelijks een idee wat de RUG allemaal doet. Hierdoor kan men ook moeilijk trots zijn op de RUG omdat ze simpelweg niet weten waarop ze trots moeten zijn. De SOG begrijpt dat het niet mogelijk is om studenten volledig te informeren over het reilen en zeilen van de universiteit. Maar de bekendheid met de RUG van nu kan makkelijk verbeterd worden. Dit kan bijvoorbeeld door projecten zoals de Blue Gene supercomputer, het Kernfysisch Versnellings Instituut, LOFAR en de koude-warmteopslag methode van de RUG beter aan studenten te laten zien. Dit zijn allemaal projecten die tot de verbeelding van studenten spreken en laten zien dat de RUG meer is dan alleen een plek waar een college wordt gegeven en tentamens worden afgenomen. Daarnaast laat het zien dat de RUG toponderzoek doet met de modernste middelen, de RUG is een universiteit van nú. Deze projecten kunnen makkelijk getoond worden aan de studenten. Op praktisch elke faculteit hangen tegenwoordig grote televisies met daarop informatie over verschillende zaken. Hierop kan aandacht aan de projecten worden besteed, bijvoorbeeld door middel van een animatie van de koude-warmteopslag. Daarnaast kan de boodschap met behulp van de screensavers op de universitaire computers ook worden overgebracht, zoals ook al in het kader van het lustrum werd gedaan. De powerpointpresentaties van docenten kunnen bovendien worden gebruikt voor communicatie van nieuws of interessante feitjes. Zo zou een ‘wist je dat’-van de week gebruikt kunnen worden om tijdens de pauze via een slide studenten te informeren. Hierdoor wordt datgene wat de RUG bereikt (heeft) direct gekoppeld aan de opleiding en raken de studenten beter bekend met de instelling waar zij aan studeren. De UK extra is hiernaast een uitgelezen kans om in een artikel uit te wijden over iets onbekends van de RUG. Bijvoorbeeld uitleg over de brachistochroon, de sterrenwacht of de geschiedenis van het academiegebouw.

Weinig studenten zijn bekend met de Blaauw Sterrenwacht, vernoemd naar de Groningse Sterrenkundige Adriaan blaauw.

8


Op dezelfde manieren kunnen naast de huidige projecten ook de successen en prijzen van de RUG naar studenten en medewerkers gecommuniceerd worden. Voorbeelden hiervan zijn het binnenhalen van Vici’s, de toekenning van de SIrius Subsidie van vier miljoen en de Spinozapremie voor Ben Feringa. Wanneer studenten hier niet van op de hoogte zijn, kunnen ze ook niet trots zijn op het bereiken ervan. Aanbeveling 4: De SOG stelt voor om huidige projecten en successen beter onder de aandacht van studenten en medewerkers te brengen. Positieve gevolgen voor de RUG De geschiedenis van de RUG vormt de pijlers waarop zij rust. Door de geschiedenis beter bekend te laten worden onder studenten zullen zij meer weten van hun instelling en zich meer onderdeel voelen ervan. Ook de interne profilering van huidige projecten, successen en prijzen vergroot de bekendheid met de RUG. Er van uitgaande dat onbekend onbemind maakt zal door de profilering de universiteit een instelling worden waar studenten zich verbonden mee voelen. Dit zal een eerste stap zijn naar een sterkere academische gemeenschap.

9


De persoonlijke benadering De RUG kan zich op allerlei vlakken verbeteren door te werken aan een sterkere universitaire gemeenschap. Kernwoorden hiervoor zijn: bevlogen, bekend en persoonlijk. Studenten en docenten moeten meer worden betrokken bij elkaar, met de universiteit als instelling en met het onderwijs en onderzoek. Daarnaast moeten studenten en docenten elkaar beter kennen door meer persoonlijk contact tijdens en buiten de colleges. Docenten die meer begaan zijn met hun studenten creëren een betere studiesfeer en dit is een belangrijke voorwaarde voor een sterke universitaire gemeenschap. In dit hoofdstuk worden verschillende elementen besproken en worden de voordelen voor de RUG uiteen gezet. De persoonlijke benadering en het ‘we care’ principe De nieuwe Collegevoorzitter Sibrand Poppema heeft dit jaar al een aantal keer gesproken over een zogenaamd ‘we care’ principe, waarbij de studenten meer het gevoel moeten krijgen dat de RUG zich bekommert om hun studievoortgang. Dit is een stap in de goede richting en kan bijdragen aan een meer persoonlijke benadering. Die benadering zorgt dan weer voor het ontstaan van een sterkere academische gemeenschap, waardoor alle partijen nog meer bij elkaar betrokken raken. De visie die hieronder beschreven is, met een motiverende rol voor de docent en de betrokkenheid van de student, is een uitbreiding van het ‘we care’ principe. Een universiteit met dit principe staat in onze optiek voor een universiteit waarbij docenten en de instelling als geheel zich betrokken en begaan voelen bij hun studenten. Dit uit zich onder andere in de houding van docenten en de manier en frequentie van communicatie naar studenten toe. Een goed begin maken met de eerstejaars Studenten moeten vanaf hun eerste dag aan de RUG het gevoel hebben dat zij een tweede thuis hebben gevonden. Dit positieve gevoel moet zo snel mogelijk gecreëerd worden, omdat het al snel ‘te laat’ is. In het ideale geval gaan ze de RUG zien als onderdeel van hun identiteit, op dezelfde manier waarop ze naar hun studentenorganisatie kijken. Er zijn verschillende manieren waarop dit kan worden gedaan. Het begint met de opening van het Academisch jaar of activiteiten van de studievereniging. Op dit moment wordt de opening van het Academisch jaar en de festiviteiten daarom heen nog weinig bezocht door de nieuwe studenten. Dit jaar zijn er flyers verspreid in de KEI-week om de eerstejaars al vroeg uit te nodigen. Dit is naar onze mening een verbetering en we raden het Comité Opening Academisch Jaar aan om volgend jaar te kijken naar meer mogelijkheden om promotie te maken in de KEI-week. Daarnaast moeten faculteiten de Opening meer promoten door het in de agenda’s voor de nieuwe studenten te zetten. Een tweede manier is het perfectioneren van het eerste college. Dit college zal als eerste indruk veel invloed hebben op de motivatie van de jonge student. Door topdocenten in te zetten in het eerste studiejaar kan deze indruk verbeterd worden. Maar het gaat volgens de SOG-fractie vooral om de houding van de docent. Een docent die zijn college opent met de mededeling dat slechts een x percentage studenten zal slagen, drukt meteen de sfeer en daarmee de motivatie. Een positieve en enthousiaste houding is levert dus veel meer op. Docenten moeten zich betrokken voelen bij deze studenten en zich bewust zijn van de invloed die zij hebben. Hierdoor zal de student zich ook meer verantwoordelijk voelen, richting de docent en zichzelf, voor zijn inzet en studieresultaten. Dit heeft positieve gevolgen voor hun studiesucces en daarmee de rendementen van de instelling als geheel.

10


Een derde mogelijkheid is het betrekken van ouderejaarsstudenten. Zij zouden de studenten een aantal start- of studietips kunnen geven tijdens één van de eerste colleges, of via internet. Hierdoor raakt de student direct in de zogenaamde ‘studiemodus’. De faculteit- en studieverenigingen zouden hier een belangrijke rol in kunnen spelen. Veel van deze verenigingen nemen al (een deel van) de organisatie van de facultaire introductiedagen op zich maar er is hier nog meer winst te behalen. De actieve leden van deze verenigingen zijn de aangewezen studenten om enthousiasmerend te vertellen over het verloop van de studie en zijn vaak goed bereikbaar voor de nieuwe studenten. Dit zijn ook de studenten die als mentor kunnen fungeren binnen de mentorsystemen die nu worden ontwikkeld.

De docent als motivator Een docent heeft heel veel invloed op zijn studenten, hij heeft een voorbeeldfunctie en is voor sommige studenten zelfs een rolmodel. De houding die de docent aanneemt tijdens college bepaalt voor een groot deel de houding van de studenten, waarbij een positieve houding natuurlijk een positief resultaat heeft. Helaas zijn er nog veel docenten die, om welke reden dan ook, een negatieve houding aannemen richting de collegezaal. Sommige docenten lijken het zelfs als corvee te zien en werken liever aan hun onderzoek. Daarom is het belangrijk hier extra aandacht aan te besteden, bijvoorbeeld bij ontwikkelings- en functioneringsgesprekken.1 De vraag die dan centraal zou moeten staan is waarom de docent minder of niet gemotiveerd is en welke oplossingen hiervoor mogelijk zijn. Hier is ook een belangrijke rol weggelegd voor faculteitsbesturen, het is een bepaalde manier van managen en in zekere zin een cultuuromslag. Het begin moet gemaakt worden door het College van Bestuur maar de faculteitsbesturen spelen een sleutelrol. Het bestuurlijk overleg is een goed moment om hierover te spreken en beleid te maken. Na het bespreken van het onderwerp is het zaak per faculteit een plan op te stellen hoe deze motivatie verbeterd kan worden. Dit vergt ook een onderzoek onder docenten naar hun motivatie en werkplezier. Er moet serieus worden nagedacht over de vraag of ongemotiveerde docenten wel voor de collegezaal moeten gaan staan. De SOG is van mening dat dit voor beide partijen onwenselijk is, de studenten krijgen minder goed onderwijs en de docent blijft werk doen waarin hij op dat moment weinig of geen plezier heeft. Daarom moet er voor zover mogelijk eerst met de docent worden gekeken naar oplossingen om zijn motivatie te verbeteren, voordat hij weer het betreffende college gaat geven. Aanbeveling 5: De SOG stelt voor dat bij de aankomende bestuurlijke overleggen het onderwerp ‘verbeteren van motivatie van docenten’ besproken wordt en oplossingen en best practices worden besproken. Aanbeveling 6: Er dient eens in de twee jaar een 360 graden evaluatie uitgevoerd te worden (waarin studenten, peers, leidinggevenden en externe deskundigen betrokken worden), in het tussenjaar dient er een gesprek plaats te vinden tussen de docent en de leidinggevende om de vorderingen van de docent te bespreken.2 Aanbeveling 7: Het College van Bestuur dient te kijken naar de mogelijkheden om docenten te belonen voor goede onderwijsprestaties en consequenties te verbinden aan onderwijsprestaties die onder de maat zijn.3 Wanneer de docent op een gemotiveerde en enthousiaste manier les geeft zal dit, zoals eerder gezegd, direct de motivatie van de student bevorderen. Dit leidt ertoe SOG notitie Evalueren kun je leren, januari 2008 Aanbeveling uit SOG notitie Evalueren kun je leren, januari 2008 3 Idem 1

2

11


dat de student vaker uit interesse en ‘vrije wil’ naar college komt. Door deze verhoogde intrinsieke motivatie verbetert het studiegedrag en wordt de sfeer in het college positiever. Studenten zullen de docent ook sneller benaderen met problemen waardoor de docent meer inzicht en controle krijgt over hun studiegedrag. De docent kan een managerrol aannemen wanneer de student en docent dit wenselijk achten. De docent neemt een zekere verantwoordelijkheid op zich richting de student, waardoor de student wat meer sturing kan krijgen. Hierdoor voelt de student zich ook meer verantwoordelijk voor zijn studiegedrag omdat er een zekere sociale druk uitgeoefend wordt. Het is niet de bedoeling dat de student slechts voor de docent gaat werken, er zou een situatie moeten ontstaan waar er meer loyaliteit bestaat tussen de docent en student. Het is belangrijk dat de docent bewust wordt (gemaakt) van de balans tussen de zelfstandigheid van een student en de invloed die de docent kan hebben op deze student. Daarnaast kunnen studenten elkaar ook meer motiveren in een ‘positieve’ les. Deze vorm van sociale druk zorgt kan ervoor zorgen dat studenten hun colleges beter voorbereiden, elkaar sneller ondersteunen en elkaar aanspreken op studiegedrag. Door in colleges studenten elkaar te laten beoordelen en helpen kan een docent de studenten dichter bij elkaar brengen. Hierdoor wordt het groepsgevoel versterkt, wat het college zelf prettiger maakt en waardoor studenten zich meer verantwoordelijk ten opzichte van elkaar zullen voelen. Dit alles vergt leiding en sturing vanuit het faculteitsbestuur, waarbij de nadruk ook gelegd moet worden op het voordeel voor de docenten. Voor de docent is het natuurlijk veel prettiger wanneer hij plezier ondervindt aan het college geven en het contact met ‘zijn’ studenten. Dit leidt tot een werknemer die met plezier naar zijn werk gaat, een situatie die wenselijk is voor elke organisatie. De student blijven betrekken bij opleiding en instelling Niet alleen docenten moeten een actieve rol spelen, deze rol is ook weggelegd voor studenten. Door studenten zo actief mogelijk bij de opleiding te betrekken ontstaat er een verantwoordelijkheidsgevoel. Het ‘wij-zij’ gevoel wordt hierdoor verminderd waardoor iedereen zich meer in zal zetten voor kwaliteitsverbetering. Op de RUG wordt hier al veel aandacht aan besteedt: studenten hebben de mogelijkheid om in een Opleidingscommissie zitting te nemen of op een andere manier actief te worden in de medezeggenschap. Het is van belang dat deze organen elk jaar gevuld worden omdat de leden ervan veel nuttige input kunnen leveren en ambassadeurs zijn richting hun medestudenten. Studenten die actief zijn binnen de RUG betrekken vaak hun vrienden, kennissen en studiegenoten bij hun werkzaamheden. Hierdoor fungeren zij als ambassadeur binnen de RUG en zijn ze onder andere belangrijk bij het creëren van draagvlak onder studenten. Door er zorg voor te dragen dat studenten betrokken blijven bij hun opleiding en de instelling in zijn geheel, wordt de academische gemeenschap sterker doordat onder andere kennis en belangen uitgewisseld worden. Het versterken van deze gemeenschap zorgt er ook weer voor dat studenten zich meer betrokken voelen en gemotiveerd zijn om zitting te nemen in opleidingscommissies en medezeggenschapsorganen. De RUG staat bekend om een toegankelijke universiteit waar de mening van studenten serieus wordt genomen door de bestuurders en studenten ook graag eigen ideeën willen en kunnen aandragen. De SOG ziet dit als één van de belangrijkste karakteristieken van de RUG en als de basis voor een sterkere academische gemeenschap. Wanneer studenten niet meer betrokken worden en niet meer meedenken en meebeslissen over de toekomst van de RUG, zullen zij zich ook niet loyaal opstellen tegenover de RUG. Hierdoor zal de academische gemeenschap nog verder verzwakken, waardoor de afstand tussen de student en docent en student en instelling zal groter worden. Om dit te voorkomen is het dus belangrijk om de studenten te blijven betrekken, dit is een voorwaarde voor het ontstaan van een sterkere academische gemeenschap.

12


Aanmoedigen van bestuurswerkzaamheden Uniek aan Groningen is het actieve studentenleven waarin studenten de mogelijkheid wordt geboden een studie- sport- of gezelligheidsvereniging te besturen. De RuG zou dit kunnen stimuleren door haar trots en waardering voor deze studentbestuurders uit te spreken en ze meer bij de RuG te betrekken. De SOG pleit daarom voor meer erkenning van dit bestuurswerk. De studentbestuurders leveren immers een belangrijke bijdrage aan de Groningse studentengemeenschap en zorgen voor een bijdrage aan de ontwikkeling van de studenten. Aanbeveling 8: De SOG pleit voor meer erkenning voor de studentbestuurders Meer contact tussen docenten en studenten Op dit moment denken we bij contact tussen docent en student aan het college, het tentamen en eventueel de werkkamer van de docent wanneer de student wat actiever is. Om de band tussen docent en student te versterken is het echter ook van belang dat zij elkaar buiten deze situaties tegen komen. De kantines die gedeeld worden bieden hier wat mogelijkheden voor, de mogelijkheden kunnen echter uitgebreid worden met bijvoorbeeld een Universitair Café. Angelsaksische universiteiten maken meer gebruik van dit soort faciliteiten dan Nederlandse universiteiten. In Oxford is er bijvoorbeeld een kroeg in één van de oudste universitaire gebouwen, dit is een mooie ouderwetse kroeg met een bruin tintje en referenties naar de University of Oxford. Studenten en docenten maken hier gebruik van en vinden elkaar ook in deze kroegen. Dit is heel wat aantrekkelijker dan een kantine zoals in het Academiegebouw, een faciliteit die we ook delen maar waar veel minder interactie plaatsvindt. Het soort café dat wij voor ogen hebben heeft een universitair karakter, dus onder andere met referenties naar de rijke 395-jarige geschiedenis van de RUG. Daarnaast is het café toegankelijk voor alle studenten en docenten, ook de internationale. In dit café zijn ook mogelijkheden om lezingen te organiseren, bijvoorbeeld door Studium Generale. Het café is geen exclusieve club, waardoor iedereen de mogelijkheid heeft er een kijkje te nemen. Dit soort initiatieven zorgen ervoor dat docenten en studenten zich meer als één academische groep voelen waardoor de interactie makkelijker plaatsvindt. Studenten voelen zich hierdoor persoonlijker benaderd en er zal minder sprake zijn van het ‘slechts een studentnummer’ zijn. Docenten zullen beter zicht krijgen op hun studenten en hun werk plezieriger ervaren dan wanneer zij de studenten niet kennen en de studenten met tegenzin in college lijken te zitten. Aanbeveling 8: De SOG pleit voor het openen van een Universitair Café in de binnenstad.

Ook bij de London School of Economics and Political Science bestaat er een Universitair Café

13


Positieve gevolgen voor de RUG Er zijn een aantal positieve gevolgen te verwachten voor de RUG als instelling wanneer er een sterkere universitaire gemeenschap wordt gecreĂŤerd in het licht van het principe van de persoonlijke benadering. Ten eerste de verbetering van studierendementen, doordat studenten sneller op hun docent afstappen en docenten meer zicht krijgen op de studievoortgang van de student. Daarnaast zal het vak zelf verbeteren omdat de student zich meer betrokken voelt en daardoor door middel van cursusevaluaties en gesprekken streeft naar het verbeteren van het vak. De student voelt zich betrokken met de opleiding en instelling, hierdoor voelt hij zich ook meer verantwoordelijk voor zijn eigen studiegedrag. Docenten zullen naar de mening van de SOG meer plezier hebben in hun werk wanneer zij gemotiveerd zijn en hun studenten beter kennen. Wanneer er een sterkere band ontstaat tussen de docent en zijn studenten en de docent een positieve houding aanneemt in de colleges, zullen de studenten zich meer inzetten in het college. Daarnaast moeten we onze studenten zien als de Alumni van de toekomst, een sterkere universitaire gemeenschap zal er voor zorgen dat zij na hun studietijd nog terug willen komen naar de RUG. Dit biedt allerlei kansen, niet alleen financiĂŤle maar ook op het gebied van (gast)onderwijs en onderzoek. Als laatste ons imago. De RUG maakt zich wel eens zorgen over het feit dat Groningen vooral gekozen wordt door studiekiezers vanwege de stad en het studentenleven. De SOG is van mening dat de RUG zich meer kan profileren door een sterke universitaire gemeenschap, waarin studenten en docenten goed contact hebben en dat er ondanks het verblijf van meer dan 25.000 studenten er een persoonlijke benadering mogelijk is. De RUG kan hierdoor een verschil maken ten opzichte van andere universiteiten, door dĂŠ universiteit te worden voor persoonlijk onderwijs.

14


Conclusie In deze notitie is het belang van een sterkere universitaire gemeenschap aangegeven en hoe deze bereikt kan worden aan de RUG. Ten eerste is het van belang om docenten en studenten goed te informeren over wat er allemaal gebeurt en gebeurd is aan de RUG. Men kan tenslotte niet trots zijn op iets waarvan men niets weet. Dit betekent dat (nieuwe) studenten geÍnthousiasmeerd moeten worden over de geschiedenis van de RUG en haar bekende alumni. Dit kan bijvoorbeeld door het langverwachte college van de Rector te organiseren, het liefst als videocollege zodat het daarna op de RUG-site gebruikt kan worden. Daarnaast moet er meer aandacht besteed worden aan die gebieden van onderwijs en onderzoek waar de RUG zich onderscheidt van andere instellingen. Te weinig studenten weten op dit moment af van de Supercomputer op Zernike en onze toponderzoekers als Ben Feringa. Studenten zijn goed te bereiken in de kantine, in bibliotheken en in en rond de collegezalen en dit zijn dus de plekken om hen meer te gaan informeren. Ten tweede missen veel studenten op dit moment een persoonlijke benadering en docenten zijn minder of niet gemotiveerd om op een uitdagende manier college te geven. Naar onze mening is dit voor een groot deel op te lossen door de band tussen docent en student te verbeteren, omdat ze daardoor beide meer gemotiveerd raken om met het vak bezig te zijn. De band kan verbeterd worden door colleges uitdagender te maken en de student hier in te betrekken, door elkaar meer tegen te komen buiten de collegezalen en studenten meer te betrekken bij de instelling als geheel. Hierdoor zullen studierendementen verbeteren, docenten meer plezier hebben in het geven van hun vak, alumni zich meer betrokken voelen en zal de RUG zich beter kunnen onderscheiden van andere universiteiten. Kortom, om de band te versterken tussen student en docent en een universitaire gemeenschap te kunnen creÍren is het van belang de informatievoorziening te verbeteren en te werken aan motivatie van docenten en studenten binnen het principe van de persoonlijke benadering. Hierdoor worden studenten weer trots op de RUG en zullen zij dit uitstralen tijdens èn na hun studententijd.

Nummerplaten van trotse studenten en alumni in Amerika

15


SOG 0810N146 Universitaire Gemeenschap