Issuu on Google+

Onno Kosters De contra-arm (Slow motion)

6 Utrechtgedicht, jaargang 2, nummer 7 Maart 2011 Een uitgave van SLAU & Kunstliefde


Onno Kosters (1962) studeerde Engels en Algemene Literatuurwetenschappen en promoveerde op het werk van James Joyce (Ending in Progress, 1999). Hij vertaalde werk van o.a. Simon Armitage en Wallace Stevens. Voor zijn vertaling van Samuel Becketts roman ‘Watt’ in 2006 won hij de Filter Translation Prize. Kosters publiceerde gedichten in o.a. De Gids, Revisor, Poëziekrant en Raster. Hij maakte zijn debuut met ‘Callahan en andere gedaanten’ in 2004. ‘De grote verdwijntruc’ verscheen in 2007 en in 2010 maakte hij samen met de Canadese fotograaf Dick Groot de foto- en poëzieverzameling ‘Anatomie van het slik’. In het afgelopen Huis van de Poëzie presenteerde Kosters zijn ‘citybook Utrecht’. Deze cyclus, met de titel ‘Alles en niets’, bestaat uit negen met elkaar verbonden gedichten die telkens uit een verhalend gedeelte en een reflectie bestaan. Naast dichter, vertaler, redacteur en universitair docent Engels is Kosters ook keeper. Maar niet alleen bij zijn elftal is hij doelverdediger. “Het is een mooi symbool voor mijn levenshouding. Er komt dagelijks ontzettend veel op je af. Daar moet je dan mee om zien te gaan. Dat doe ik bijvoorbeeld in mijn poëzie. Ik ‘deal’ met het onvoorspelbare en reageer erop.” www.doelverdediger.nl

6


De contra-arm (Slow motion) O, zo aan de dans ontstegen stap uit zichzelf, sprong in het zwart naar de kruising rechtsboven, de torso die tolt rond de spil van zijn middel, de arm die balans in het niets biedt rechtsonder, de linker schuin boven het aangezicht langs, spaakbeen om ellepijp, handpalm, de harde, de bleekblauwe handpalm de baan toe gekeerd, een ontketende klauw voor de prooi, voor de stap uit zichzelf, voor de sprong in het zwart, klaar voor de zweef, voor de stop die zijn val inluidt, zijn vel zal doen sidderen, het veld zal doen schudden, maar niet dan nadat de stap uit zichzelf, de sprong in het zwart, het roofdier, zijn kooi schoon, de tred vertraagd, de haren gestroomlijnd, de mond die de mond van de filmdiva zoekt, de kus die hem roept. Doel voor altijd gesloten, het net opgeborgen, doel dat voor altijd en nooit meer achter hem ligt, nu voor nooit meer de stap uit zichzelf, sprong in het zwart. De film. Gestopt. O, zo aan de dans ontstegen.

Onno Kosters

(i.m. Frans de Munck (“De zwarte panter�), 1922-2010. Doelverdediger in het voetbalelftal van DOS Utrecht, 1957-1961, landskampioen in 1958.)


Eerder in dezelfde reeks verschenen: 2009-2010: Ingeborg Klarenberg - Waar stadsduiven op neerkijken Ingmar Heytze - Stadsdichten Lennard van Rij - De toren Paul van den Hoven - Velours d’Utrecht Nanne Nauta - Begraafplaats Tolsteeg Peter Knipmeijer - Juni Laura Nauta - Verborgen uur Leo Vroman - Utrecht, Utrecht Hanneke van Eijken - Straat Ruben van Gogh - Carnaval rond het muziekpaleis 2010-2011: Guillaume van der Graft - Academiegebouw Vicky Francken - Stad in lood Tifène Huchet - Oudenoord Chrétien Breukers - Hamburgerbrug Bernhard Christiansen - Janskerkhof bis Simon Mulder - Slaaplied voor Utrecht

lau slau sslau Stichting Literaire Activiteiten Utrecht

‘De contra-arm (Slow motion)’ van Onno Kosters is in de maand maart 2011 in opdracht van SLAU en Kunstliefde gezet uit de Petronius van J.H. Moesman en gedrukt op 90 grs blauwwit Da Costa houtvrij opdikkend romandruk door Drukkerij Zuidam te Utrecht in een oplage van 1.000 exemplaren. Deze uitgave is mede mogelijk gemaakt door genereuze sponsorbijdragen van Rabobank Utrecht en Omstreken en Cório/Nieuw Hoog Catharijne.


Utrechtgedicht maart 2011: Onno Kosters