Page 1

nummer 2 | echte schoonheid zit van binnen


Use discount code KANTOOR at checkout to get an extra 10% discount!

THE OTHER OFFICE 2 Creative Workplace Design

A 488-page luxurious volume filled with 88 pioneering office designs. Order The Other Office 2 today and stay up-to-date with the latest trends in workplace design. Order now at frameweb.com/books


5

INSIDE SKEPP

‘Echte schoonheid zit van binnen’, het thema van dit blad. ‘Echte schoonheid zit van binnen’ is welbeschouwd een nogal ‘politiek correcte’ uitdrukking. Hij wordt dikwijls gebruikt om aan te geven dat iemand toch eerst en vooral de voorkeur geeft aan karakter en kwaliteit en minder belang hecht aan oppervlakkige zaken of schone schijn. Met het bezigen van bedoelde uitdrukking probeert de gebruiker ook een positief beeld van zichzelf te presenteren: wat een integer en smaakvol persoon ben ik toch! Nooit helemáál waar natuurlijk. Mensen gaan nu eenmaal in eerste instantie toch regelmatig gewoon voor ‘mooi’ aan de buitenkant. Mooie vrouw, knappe kerel, strakke bak, haute cuisine, design outfit, trendy kunst aan de muur. Bij kantoren is dat niet anders. Het liefst zit iedereen op de Zuidas, hoog in een toren, ontworpen door een vooraanstaand architect, getooid met een aansprekende façade, voorzien van een geweldig design interieur en uitgerust met de laatste snufjes op het gebied van de moderne techniek. Op het eerste gezicht zeker geweldig, maar vormt dit alles voor een bedrijf een garantie voor werkplezier en succes? Of wordt er op de lange termijn misschien nog iets anders, iets meer verlangd? Bij SKEPP stellen wij onszelf deze vragen steeds vaker en steeds weer opnieuw.

buitenkant van het gebouw, door de leeftijd of de locatie, maar veel meer door wat er binnen te vinden is: - In hoeverre past het interieurconcept bij wat een bedrijf wil uitstralen? - Welke interessante bedrijven zijn er nog meer in hetzelfde gebouw gehuisvest? - Hoe gastvrij word je ontvangen? - Weten mensen wie je bent? - Is ‘flexibel werken’ mogelijk? - Is er goede koffie en aandacht voor een gezonde, uitgebalanceerde lunch? - Zijn er sportfaciliteiten in het gebouw? - Kunnen collega’s makkelijk samenwerken? - Wordt het-elkaar-ontmoeten gestimuleerd door bijvoorbeeld ‘borrels’ of door een regelmatige inhoudelijke programmering? - Is er een aantrekkelijke centrale ontmoetingsplek?

Wat maakt een kantoor nu werkelijk succesvol, en wat maakt een kantoor nu echt een prettige en inspirerende plek om te werken? Natuurlijk hanteren ook wij belangrijke vestigings-criteria als locatie, parkeergelegenheid en bereikbaarheid. En natuurlijk hebben ook wij, als het zo uitkomt, niets tegen mooie architectuur.

Een kantooreigenaar moet hard werken om een en ander te faciliteren, zonder enige twijfel veel harder dan vroeger. Wanneer je dit alles echter voor elkaar krijgt, wanneer je een fijne werkplek weet te creëren, bouw je wel een groep van tevreden en trouwe klanten op, die niet meteen maar wegloopt, als aan de overkant een nog nieuwer gebouw geopend wordt met een misschien wat voordeliger huur. Je hebt iets in handen waar bedrijven, waar mensen zich mee kunnen identificeren... En vervolgens identificeren mensen zich met elkaar. Precies dát is misschien wel het allerbelangrijkste vestigingscriterium in onze industrie. En: een mooie buitenkant, een minder mooie buitenkant, de binnenkant is essentieel. ‘Echte schoonheid zit van binnen’. Letterlijk.

De innerlijke beleving van een werkplek is naar onze vaste overtuiging voor elk mens echter van wezenlijk belang. Kantoorbelevingsconcepten zijn niet voor niets onmiskenbaar in toenemende mate sterk in opkomst. Kantoren, waar het succes niet wordt bepaald door de

In deze tweede editie van KANTOOR hebben we dit fenomeen onderzocht en op allerlei manieren bekeken. Natuurlijk laten we ook onszelf niet onbetuigd…..Wij nodigen u uit snel deze pagina’s open te slaan: échte schoonheid is binnen in dit blad zeker in ruime mate aanwezig.

Jan

Mattijs

Sven


INHOUD

Project in beeld “First we shape our buildings, afterwards they shape us”

schoonheid Echte

gaat door de maag naar binnen

Foodconcepten

SKEPP sessies

Echte

schoonheid zit van binnen...

Opruimen hoe doe je dat eigenlijk?

Smaakmakers op kantoor

Workout op kantoor

elien Illustratie: Ev

Lulofs en Je

roen van Rijs

bergen


7

Project in beeld 8 9 17 20 23 28 33 37 42 61 70 77 98 105 115 128 129 133 135 145 149 153 159

ISP International Software Products B.V. HNK Utrecht CS Oost NV Taser International HNK Ede Iris Worldwide Exterion Media Savills Perfect World Ovvice Rotterdam Courtyard building HNK Den Bosch Harding MS Ventures HNK Apeldoorn The Office Operators G&S Vastgoed Vestia Dekra Yama Van Bael & Bellis ESSC Epson

In gesprek met 15 19 21 32 34 38 43 53 58 67 69 71 74 101 113 131

Smaakmaker Smaakmaker Lege kantoren, lege kloosters Kijken doe je met je ogen, zien met je ziel Smaakmaker Kunst op kantoor Het Ideale Kantoor Test: hoe opgeruimd is jouw kantoor? Smaakmaker KantoorKaravaan, idyllische mobiele werkplek Bedrijfskleding is imago en emotie Smaakmaker Expo rally

SKEPP sessie Coen van Oostrom Column Paul Hermanides SKEPP sessie Hans de Jong Column Wietske Kamsma Q&A Exterion Media Q&A Savills SKEPP sessie Hans van Veggel SKEPP sessie André Snippe Column Joyce Bruijn SKEPP sessie Japke-d. Bouma Column Japke-d. Bouma SKEPP sessie Dirk Dekker SKEPP en Leesman SKEPP sessie Marloes Pomp SKEPP sessie Bas van Holten SKEPP sessie Martine Gründemann & Jet Happel

Gezond op kantoor 25 63 117 136

Varia 13 45 47 81 97 99 103 121 146 147 155 158

INHOUD

Het onzichtbare gebouw Opruimen, hoe doe je dat eigenlijk? Workout Amsterdam Foodconcepten

Inside SKEPP 04 29 31 108 161 166 168

Van de redactie SKEPP huren en verhuren SKEPPpitch Expo rally Kijkje bij SKEPP van binnen SKEPP jaaroverzicht Colofon


“a happy worker is a productive worker�.

Prettig en gezond werken zijn doelen op zich.


9

ISP Locatie Amsterdam Opdrachtgever ISP Activiteiten design+build

ISP

INTERNATIONAL SOFTWARE PRODUCTS B.V

PROJECT IN BEELD


PROJECT IN BEELD

HNK

UTRECHT CS


11

utrecht cs

PROJECT IN BEELD


V-BG_P_MO-L V-BG_P_KERN

BG ENTREE lounge trein stoelen

lounge

www.skepp.nl | info@skepp.nl | 020 575 3078

cafe

GETEKEND DOOR

DB / MG

V-BG plattegrond

Activiteiten Totaalconcept, design+build, styling, inrichting diverse huurders ONDERWERP

WIJZIGING

receptie

Opdrachtgever NSI 1:100@A3

SCHAAL

F 07-07-2015

Locatie Utrecht

V-BG_P

TEKENINGNUMMER

DO

ONTWERPFASE

flexplekken

04-03-2015

printer en kopie

DATUM

koffie en lunch bar managed office

345_HNK Utrecht

openkast, lockers en postvakken merk D

booths

PROJECT

merk B

keuken

hogehilweg 19 | 1101 CB | Amsterdam zuid-oost

300

merk Ds

flexwerkplekken

V-BG_P_KERN V-BG_P_MO-R

355

merk B

HNK Utrecht Centraal Station

alle rechten voorbehouden

maten in het werk controleren

PROJECT IN BEELD

merk A

Lees meer over dit project, scan de code


13

PROJECT IN BEELD


kisses

VARIA

Smaakmaker van Evelien Lulofs

Ontwerper

Sinds

Materiaal

Hoe kom je eraan?

Wat is de functie?

Hoezo smaakmaker?

Evelien Lulofs

Ik zocht een kleed voor mijzelf op kantoor. Toen ik niet kon vinden, wat ik in gedachte had, ben ik mijn idee gaan uitwerken en heb ik het kleed laten produceren.

2014

Een vloerkleed geeft een huiselijke sfeer aan de kantooromgeving, verbindt elementen in de ruimte, is brandvertragend ĂŠn heeft een dempende werking voor een goede akoestiek.

5mm vilt van 100% wol Van nature vocht- en vuilafstotend. Het kleed is aan twee zijdes identiek.

Dit vloerkleed geeft karakter aan iedere ruimte, zowel thuis als op kantoor. De x-jes liggen als puzzelstuk in het ronde of rechthoekige kleed. Ik heb x-jes in verschillende kleuren voorhanden, zodat ik het interieur ieder seizoen een andere uitstraling kan geven.

smaakmaker


15

IN GESPREK MET

SKEPP sessies In 2013 en 2014 ontbeet Mattijs Kaak van SKEPP design+build elke week met een vastgoedprofessional. Tussen de jus d’orange, de broodjes en de aardbeien door spraken zij over hun denkbeelden, hun manier van werken en hun idealen. De intentie was om in een tijd van betrekkelijke malaise een positief tegengeluid te laten horen. De interviews verschenen onder de titel ‘Upstaan’ eerst in het Vastgoedjournaal, later werden zij gebundeld in de SKEPP-uitgave ‘het grote upstaanboek’. Wat ons betreft een groot succes en bovendien gewoon erg leuk en inspirerend om te doen. Dit smaakte dus naar meer. Misschien méér aardbeien, in ieder geval méér interviews. Het afgelopen jaar is Mattijs Kaak opnieuw in gesprek gegaan met mensen uit de wereld van het vastgoed, een enkele maal ook met een betrekkelijke buitenstaander. De ‘rode draad’ was nu misschien eerst en vooral de vraag “wat inspireert inspirerende mensen?”. Aan het begin was dit een project van Mattijs Kaak alleen. Hij bezocht zijn gesprekspartners, hij stelde de vragen. Al snel startte Mattijs echter een toch wel bijzondere vorm van samenwerking. Hij voerde nog steeds de gesprekken, zijn vader zette die gesprekken als een soort van ‘ghostwriter’ op papier. Kaak Junior en Kaak Senior. Hoe ver kon de appel hier van de boom vallen? De samenwerking beviel en binnen de kortste keren gingen de twee ‘hobby-journalisten’ samen op stap. De gesprekken werden groepsgesprekken en de gezelligheid onderweg kende geen tijd. De interviews, negen in getal, verschenen ook dit maal, meestal in verkorte vorm, eerst in het Vastgoedjournaal. Nu staan zij in deze glossy, KANTOOR. De SKEPP sessies. Wij hebben ze met heel veel plezier gemaakt. Alstublieft. Huub en Mattijs Kaak


IN GESPREK MET

SKEPP sessie met

COEN VAN OOSTROM Al in zijn studententijd was Coen van Oostrum actief als ondernemer in vastgoed, inmiddels is hij één van de grootste commerciële projectontwikkelaars en investeerders in Nederland. In 1997 richtte hij OVG Real Estate op. Als CEO geeft hij leiding aan dit bedrijf. Hij doorbrak een markttrend door niet meer vanuit de ‘locatie’, maar vanuit ‘de eindgebruiker’ te ontwikkelen. Coen van Oostrum is voorvechter van duurzaamheid en politiek en maatschappelijk actief. Mattijs Kaak: ”Waar ben je trots op?” Coen van Oostrum: “Op ontzettend veel zaken die we met OVG hebben bereikt, op dit moment met name op De Rotterdam, op Humboldthaveneins in Berlijn en op de net uitgevoerde oplevering van The Edge. De Rotterdam bijvoorbeeld is al heel snel een iconisch gebouw voor de stad geworden. Het gebouw begint nu ook echt te leven. Het hotel functioneert uitstekend, de woningen vinden gretig aftrek en langzaam maar zeker raken de kantoren in gebruik. Je kunt rustig zeggen dat De Rotterdam zich nu ten volle ontplooit tot multifunctionele werk- en leefomgeving.” “Loopt de ontwikkeling van De Rotterdam wat dat betreft in gelijke tred met die van andere spectaculaire kantoorgebouwen?” “Ik zie inderdaad een parallel met andere gebouwen zoals bijvoorbeeld De Rembrandttoren: ze worden neergezet tijdens hoogtijdagen, worden voltooid in

crisistijd en hebben dan een aanloopje nodig om vol te raken. Als dat laatste lukt, heb je er jarenlang plezier van. Zoals ik al zei, ben ik ook zeer trots op The Edge, het gebouw waar we nu dit interview hebben. Te meer, omdat dit het eerste kantoorgebouw in de Benelux is, dat het ‘Breaam Outstanding’ ontwerpcertificaat heeft ontvangen. The Edge is hard op weg het meest duurzame gebouw ter wereld te worden.” “Is de Zuidas een goed voorbeeld van een geslaagde gebiedsontwikkeling?” “Deels wel, al gebiedt de eerlijkheid te zeggen dat de ontwikkeling van de Zuidas een valse start heeft gehad. De oorzaak daarvan ligt hem toch in het gebrek aan een gedegen master- of ontwikkelvisie. De architectuur van de gebouwen an sich kreeg de aandacht, naar het gebied als geheel is minder gekeken. De plintinrichting en de openbare ruimte hadden beter gekund. Geen zaken die niet opgelost

kunnen worden. Met de ontwikkeling van het nieuwe Gustav Mahlerplein wordt een flinke stap in de juiste richting gezet. De gebouwen zelf functioneren goed, er vinden mooie transacties plaats.” “Over het functioneren van het gebied is onvoldoende nagedacht?” “Dat vind ik wel, ja. Het aan de voorkant ontbreken van een goed masterplan heeft geleid tot een stagnerende ontwikkeling van het businessdistrict. Als je het mij vraagt, hadden de gebouwen op de Zuidas meer waard kúnnen en misschien wel móeten zijn. In Duitsland pakken ze dit toch anders aan. Daar geven ze één persoon, doorgaans een stedenbouwkundige, de verantwoordelijkheid voor de ontwikkeling van het hele gebied.” “Een typisch Nederlands probleem?” “Ja, het komt vooral, omdat we in Nederland niet gewend zijn dat één iemand de baas is. In Nederland bestaat


17

IN GESPREK MET

“Je wordt blij, als je in zo’n gebouw staat.”

een ruime architectonische vrijheid. Ik zou zeggen: behoud die vrijheid, maar, wanneer het gaat om besluitvorming met betrekking tot gebiedsontwikkeling, beperk dan dat eindeloze ‘polderen’. Er moet zeker overlegd worden, er moet echter ook beslist worden. Op het niveau van de ontwikkeling van gebouwen gaat het wél uitermate goed. Bij de totstandkoming van The Edge bijvoorbeeld hebben gebouweigenaar, architect, ontwikkelaar en gebruiker zeer nauw met elkaar samengewerkt. Dit prachtige gebouw is het resultaat. Ook de Gemeente Amsterdam heeft op de Zuidas meer gedaan dan verwacht, en dat gedurende het hele project, vanaf de logistiek van de bouw tot aan het opknappen van de openbare ruimte.” “Welk project zou je graag nog eens oppakken als je de kans daarvoor zou krijgen?” “Een mooie maar moeilijke uitdaging lijkt

mij het Paleis op de Dam. Het Paleis staat op een prominente plek, maar heeft een te introverte functie. Ik moet op mijn woorden letten, maar het zou wenselijk zijn, als het gebouw weer wordt teruggeven aan de stad. Lang geleden was dit het stadhuis van Amsterdam. Dat zou het weer kunnen zijn. Ook koester ik de wens op de Zuidas een gebouw neer te zetten, dat een echt icoon voor Amsterdam zou kunnen vormen. Zo’n gebouw moet zich dan vooral onderscheiden door een echt spectaculaire architectuur. De panden, die er nu staan, lijken te veel op elkaar. Verder zou het mooi zijn één van de ministeries in Den Haag te herontwikkelen, ik noem als voorbeeld De Apenrots, het Ministerie van Buitenlandse Zaken. De Rijksgebouwendienst mag best wat meer met partijen zoals OVG in debat over het functioneren van hun gebouwen. Ik denk overigens wel dat de aanbestedingsregels van de overheid te hoge drempels vormen om zo’n project ook aan te pakken.”

“Is er een project waar je persoonlijk inspiratie uithaalt?” “De Martkhal van Provast in Rotterdam. Gemeente, architect, ontwikkelaar en andere partijen hebben hier waanzinnig goed samengewerkt. Een prachtig voorbeeld bovendien van ‘goed doen’ voor de stad. De Markthal is één van de gebouwen, waarvan je blij wordt, als je erin staat.” “Tot slot, klimmen we ooit uit het financiële dal?” “We zijn al ver uit dat dal. Sterker nog: we bereiken bijna al weer de top van de berg. Dat betekent dat een volgend dal niet lang meer op zich zal laten wachten. Waar de reële economie een getrouw beeld geeft, gaat de financiële economie door het dak. Daar maak ik me zorgen over.”


PROJECT IN BEELD

Oost NV Locatie Apeldoorn Opdrachtgever Oost NV Activiteiten design+build

Lees meer over dit project, scan de code

OOST NV


19

PROJECT IN BEELD


IN GESPREK MET

Column van:

Paul Hermanides

“Ik ben een echte Amsterdammer. Ik hou enorm van mijn stad, onder andere door de prachtige architectuur. Divers, door de eeuwen heen gebouwd. Ook zijn er gedrochten tussen gezet. Onnavolgbaar hoe de Commissie voor Welstand en Monumentenzorg te werk gaat. Als ik naar mijn eigen bouwprocedures kijk, verlopen die vaak moeizaam en zij duren echt te lang. Als ik aan de andere kant zie, wat er in de stad soms tussendoor slibt, dan ben ik toch ook wel weer blij met die strengheid.

Fotografie: Jan van Breda

Paul Hermanides, gekend Amsterdammer, entrepreneur, gastheer in horecabedrijven met een cultureel signatuur, praat ons in Hotel Arena bij over zijn activiteiten met Hotel Arena.

Deze procedures gaan over de buitenkant, over de architectuur van gebouwen. Gebouwen, waaraan je een nieuwe functie kunt geven door een andere inhoud en binnenkant te creëren. Dat houdt mij van de straat. Ik heb dat mogen doen op veel plaatsen in Amsterdam. Het is begonnen bij wat nu Hotel Arena is. Dat was een oud Gemeentelijk gebouw aan het Oosterpark. Daar hebben wij 25 jaar lang alsmaar stapjes vooruit gemaakt. Ik ken ondertussen alle hoeken van dit gebouw. Ondanks mijn drukke bezigheden hier heb ik mij laten verleiden om uit te zwermen over de stad en in de Stadsschouwburg, in de Hermitage, in het Amsterdam Museum horeca-exploitaties te ontwikkelen voor die culturele instellingen. Odeon aan het Singel hebben wij er bij gekocht. Een prachtig monumentaal grachtenpand, dat we geheel op z’n kop hebben gezet om er andere functies in te vestigen, zoals restaurants en clubs. Uiteindelijk, alles heeft zijn tijd, kom ik terug op het nest Hotel Arena. Mijn liefde voor dit gebouw is groot. Ik wil mij nu concentreren op hoe ik dit gebouw kan afmaken. De entree voor toeristen, buurtgenoten, Amsterdammers en andere gebruikers komt daadwerkelijk in het park. Binnen hebben wij de kans de ziel van de inhoudelijke doelstelling te weerspiegelen. Wij zijn een ‘gastvrijheidsorganisatie’, en mogen heel blij zijn dat we hiermee op zo’n bijzonder plekje in Amsterdam zitten. Uiteindelijk gaat het erom dat de gasten niet alleen de schoonheid van het gebouw en de pracht van de inrichting voelen, maar, en ik gebruik dat vreselijke woord hier nu toch maar eens, dat zij zich een alom aanwezige ‘beleving’ herinneren.

“ Dromen, Denken, Durven, Doen, Doorgaan”

Deze verbouwing, is vooral een interne verbouwing, enigszins ‘restauratief’ voor onze kapel, prachtige glas in lood ramen hebben we weer uit het steen gehouwen. Het kapelletje zelf wordt geconserveerd. Ernaast komen moderne paviljoens met een groot café-restaurant, een zalencomplex en een mooie hotelvleugel. De bouwstijl wijkt extreem af van het monumentale gebouw van rond 1890. Op uitdrukkelijk verzoek van Welstand en Monumentenzorg. Wij gebruiken dit gebouw als een ‘kapstok’ om onze identiteit vorm te geven. Dat kan alleen als ook het product past bij de uitstraling van de accommodatie, als het team van mensen, dat de ontvangst verzorgt, het juiste gevoel heeft over waarom het draait, als de programmering uitstraalt hoe wij hier met mensen omgaan, hoe we proberen gastvrijheid met vormen van cultuur te verbinden. Ik ben nog ‘van de oude stempel’ en ik heb in de vorige eeuw geleerd dat de vorm de inhoud moet volgen. Zo gaan we ook om met het proces van bouwen. Wat is de functie en hoe esthetisch mooi kun je die vormgeven. Altijd echter wel de functie voorop en de vraag wat de ‘routing’ is, die daarvoor nodig is. Hoe kun je ervoor zorgen, als je je indenkt in de positie van de gast, hoe zij het zullen ervaren. Dat proces beleef ik als een geweldige uitdaging. Een droom wordt realiteit. Wij hanteren hier het adagium van de 5 D’s: ‘Dromen, Denken, Durven, Doen, Doorgaan’. Als het gebouw klaar is, zullen we ook constant in beweging blijven om er voor te zorgen dat de schoonheid van de gastvrijheid goed tot uiting komt. Zoals de dichter Lucebert al zei: ‘Alles van waarde is weerloos’. Als wij ‘waarde’ creëren, zullen wij ons maximale best moeten doen om dat door de jaren heen tot uiting te laten komen.”


21

PROJECT IN BEELD

TASER

international Taser International Locatie Amsterdam Opdrachtgever Taser International Activiteiten design+build


IN GESPREK MET

SKEPP sessie met

HANS DE JONG Hans de Jong ontwikkelt sinds 1989 complexe en multifunctionele binnenstedelijke winkelprojecten in binnen- en buitenland. Hij werkte voor onder meer Breevast, MDC France en Multi Vastgoed. Sinds 2004 is hij werkzaam bij Provast. Samen met Hans Schroder was hij verantwoordelijk voor de ontwikkeling van De Markthal in Rotterdam. Hier zijn we vandaag te gast.

Mattijs Kaak: “De Markthal in Rotterdam is nu enkele maanden open. Ben je tevreden over de ontwikkelingen sinds de opening?” Hans de Jong: “Absoluut. Wat we voor ogen hadden met De Markthal is eigenlijk allemaal gelukt. Sterker nog: we hebben zelfs meer bereikt. Neem nou het kunstwerk aan de binnengevel, dat werd pas in de loop van het project bedacht, maar is toch ruim op tijd gerealiseerd. Dat wil natuurlijk niet zeggen dat er niet, zoals bij ieder groot project, ook nog wel een paar kinderziektes zijn, die er zeker uit moeten. Ook kunnen de huurders van de woningen en het publiek, dat de hal bezoekt, nog wat meer aan elkaar wennen. Dat heeft tijd nodig.” “Wat maakt De Markthal tot een succes?” “Het is een dynamische omgeving, waar boodschappen doen een belevenis is en

waar je lekker kunt neerstrijken voor een drankje of een hapje. Die dynamiek maakt het voor de consument erg interessant. Niet voor niets hebben we ondernemers expliciet de mogelijkheid geboden om een flexibel contract van enkele jaren of juist enkele maanden af te sluiten. Het aanbod zal daardoor blijvend variëren. Dat is ook precies waar we met De Markthal naartoe willen: het moet een plek zijn met een mix van vertrouwd en steeds weer nieuw aanbod.”

“Welk project zou je graag eens oppakken als je de kans daarvoor zou krijgen?” (Lachend) “Ik zou graag het Olympic Village van de Olympische Spelen in het jaar 2028 hier in Rotterdam willen ontwikkelen. De stad verdient dat: Rotterdam is aantrekkelijker geworden, het imago is in positieve zin veranderd. De Gemeente heeft nu bovendien een duidelijke visie en wat niet onbelangrijk is: men werkt en helpt graag mee. Ik zie het helemaal zitten.”

“Is de Markthal een typisch Provast project?” “Uiteraard proberen we elk project bijzonder te maken, al is De Markthal natuurlijk uitzonderlijk. Zo zijn er overigens nog wel een paar, ik noem de renovatie van de Haagse Passage. Een rijksmonument is in oude luister hersteld en heeft tegelijkertijd een volledige, commerciële revitalisering ondergaan.”

“Rotterdam heeft iets speciaals?” “Ik werk nu tien jaar aan De Markthal en heb daardoor de stad en de mensen goed leren kennen. Typerend voor Rotterdammers is de manier van reageren op dit soort initiatieven. Eerst beginnen ze, net als in andere steden, te mopperen over de herrie, maar uiteindelijk stellen ze de vraag: “Wanneer is het project af? Ik wil graag een kijkje komen nemen”. Die


23

IN GESPREK MET

“Ik ervaar het vak als een roeping.”

positieve inslag verschilt wezenlijk met die van andere steden. Je kunt derhalve wel zeggen dat Rotterdam mijn hart heeft gestolen, grotendeels door de manier, waarop we met elkaar dit project hebben neergezet”.

“Waarom ben je dit vak gaan doen?” “Ik ervaar het als een roeping. Dat zie je bij het gehele Provast team: iedereen heeft een passie voor het creëren van mooie, nieuwe dingen of voor het verbeteren van een gebied.”

“Had je dan ook niet de nieuwe Kuip willen doen?” “Graag zelfs, alleen dat was meer een opgave voor een aannemer. Feyenoord zocht duidelijk een aannemer, die een nieuw voetbalstadion voor de club zou ontwerpen en bouwen. Er was geen rol voor een ontwikkelaar zoals wij.“

“Projectontwikkeling kan ook heel plat zijn, uitsluitend financieel gedreven?” “Dat kan, maar het hoeft zeker niet. Aan veel van onze projecten hadden we wellicht meer kunnen verdienen, als we het allemaal simpeler hadden gehouden. Daartegenover staat dat meer mensen geïnteresseerd raken, als je echt iets bijzonders maakt en dat dan ook nog tegen een betaalbare prijs. Dat is wat wij laten prevaleren en waar we in geloven. Bovendien opent zo’n aanpak uiteindelijk meer deuren.”

“Even terug naar het Olympisch Dorp, hoe zouden jullie dat aanpakken?” “Net zoals De Markthal: ‘spectaculair, on time, on budget’. En op zo’n manier dat je er na de Spelen ook nog wat aan kan hebben.”

“Zijn er meer van die uitzonderlijke projecten waar je inspiratie uithaalt?” “We hadden het net over de Haagse Passage, sinds kort is De Nieuwe Haagse Passage open, een project van Multi Vastgoed en AM RED in samenwerking met de Gemeente Den Haag. Deze Passage komt uit op de Grote Marktstraat en daar is nu een route ontstaan, die buitengewoon goed is voor de stad. De visie, die eraan ten grondslag lag, is echter al ruim 20 jaar geleden bedacht. Het is dus een project geweest van de lange adem, men heeft al die tijd vastgehouden aan die kraakheldere visie. Dat is een inspiratie voor andere langlopende projecten.”


PROJECT IN BEELD

HNK ede


25

HNK Ede Locatie Ede Opdrachtgever NSI Activiteiten Totaalconcept, design+build, styling

PROJECT IN BEELD


GEZOND OP KANTOOR

onzichtbare

HET GEBOUW Tekst: Delle Benton | Fotografie: Phillipe Rahm architects

Onzichtbare factoren brengen een gebouw tot leven en hebben invloed op onze interactie met anderen, het laat ons de schoonheid binnen onze werkplek zien. Vaak zijn deze factoren direct van invloed op de slaagkans van een gebouw, meer nog dan in eerste instantie opvalt. We willen weten hoe het voelt, hoe het ruikt, hoe het klinkt. We willen een relatie opbouwen met de gebouwen, waarin we verblijven. We gebruiken alle vijf onze zintuigen om te beoordelen hoe veilig, uitnodigend, prikkelend of comfortabel een ruimte is. Dit noemen wij een zogenaamd ‘onzichtbaar gebouw’. Op welke wijze beïnvloeden de onzichtbare klimaataspecten onze ervaringen, prestaties en reacties ten opzichte van de ruimte? Zicht, reuk, smaak, gehoor en tastzin. Met behulp van deze zintuigen plaatsen we onze lichamen in ruimtes en maken wij bewust en onbewust keuzes op welke wijze wij fysiek en emotioneel in de ruimte passen, en uiteindelijk, hoe wij die ruimte gebruiken. ZICHT is het meest prominente zintuig binnen de architectuur. Veelal het eerste zintuig dat wordt aangewend en waarmee wij een eerste beoordeling van een ruimte maken. Men zegt dat dit het meest gebruikte zintuiglijke instrument is dat architecten aanwenden om hun gebouwen te creëren: eerst bepalen hoe het gebouw eruit ziet, om vervolgens te ontwikkelen hoe het voelt. “Een probleem binnen onze cultuur is dat wij te visueel zijn ingesteld. Zicht is vaak bevredigender dan de andere zintuigen tezamen. Vandaag de dag zijn veel architecten geïnteresseerd in ‘special effects’...* (Elizabeth Diller)

Zicht is duidelijk een zichtbaar element, de andere vier zintuigen zijn daarentegen onzichtbare elementen. Het REUK vermogen als zintuig wordt niet vaak gebruikt binnen de architectuur. Dit zintuig wordt meer door kunstenaars en parfumeurs aangewend om herinneringen en gevoelens op te roepen. De moderne wereld heeft een bijna klinisch en aseptische aanpak omtrent geur binnen een gebouw. Geur in een gebouw wordt geassocieerd met ziekte, epidemie, slechte hygiëne en dood. Net zoals de in bloemrijke parfum gehulde adel deed: zij lieten de armen en hun viezigheid achter een geurgordijn verdwijnen. De Zwitserse architect Peter Zumthor gebruikt materialen om een gebouw geur te geven. Door materialen te kiezen die een natuurlijke geur afgeven, krijgen de ruimtes een extra dimensie, een andere ervaring die onbewust bij de gebruiker binnentreedt. Denk aan de geur van een Zweedse sauna of aan de herinneringen, die een kampvuur naar boven brengen. Met behulp van zijn project ‘Digestible Gulf Stream’ op de Biënnale in Venetië in 2008 onderzocht Philipe Rahm hoe SMAAK en REUK tezamen een ruimte kunnen creëren en mensen kunnen beïnvloeden Door in een keramisch bouwwerk, waarin producten zoals munt en chili verwerkt zaten, diverse temperaturen te creëren, kon hij gebruikers van de ruimte meeslepen en een gastronomische ervaring laten ondergaan. “De ‘Digestible Gulf Stream’ is het prototype voor architectuur dat zich tussen het neurologisch en atmosferisch aspect bevindt, het ontwikkelt zich als een landschap dat tegelijk gastronomisch als thermisch is.” **


27

GEZOND OP KANTOOR

“Er heerst een overklimatisering van onze lucht. Iedere natuurlijke eigenschap halen wij uit onze lucht: vochtigheid, geur, warmte... We willen totale controle over het klimaat. Het is het type controle, dat alles tot niets neutraliseert, een rechte lijn conditie, een cultureel bepaalde ‘comfort zone’, waarin alles gemiddeld is - een zintuiglijke aftakeling.” * Elizabeth Diller

GELUID is een onzichtbaar element, waarmee door de architectuur in een vroeg stadium van het ontwerpproces rekening gehouden wordt. Geluid heeft namelijk een belangrijke rol voor de functie van een ruimte. Zelfs als een ruimte begrensd wordt door fysieke materialen kan deze ruimte, door deze materialen te laten trillen, onzichtbaar een grotere ruimte vormen. Dit betekent dat de materiaaleigenschappen en de plaatsing van de materialen binnen een ruimte ontworpen kunnen worden op basis van akoestische wensen, denk hierbij aan theaters en concertgebouwen. In kantoren vind je ook separaties terug tussen tegenstrijdige geluidsbronnen, met bijvoorbeeld een scheiding tussen een rumoerige keuken en een stille werkplek. Het AANRAKEN van materiaal geeft een ruimte kracht. Door middel van voelen kunnen wij de ruimte beter begrijpen. Hetzelfde geldt voor de ‘onzichtbare aanraking’ binnen een ruimte. Temperatuur, luchtvochtigheid, tocht, deze factoren dragen allemaal bij aan de begripsvorming van een ruimte. Door de modernisering is ons binnenklimaat gestandaardiseerd om een basisconditie te creëren, een voorspelbaar klimaat dat comfortabel is en normaal. De klimaatbeheersing is een projectie van wat de ontwikkelde wereld als wenselijk ziet, dit is de norm geworden en de fundering, waarop wij de bebouwde wereld projecteren. Het verlangen naar een genormaliseerde binnenklimaat vlakt, volgens Juhani Pallasmaa, onze zintuigen echter steeds meer af. Wederom is het Philipe Rahm die experimenteert en ruimtes creëert door de tastbaarheid van lucht. Met zijn ‘Interior Gulf Stream’ ontdekt hij hoe de thermodynamische spanning van een ruimte gebruikt kan worden. In

een ruimte zijn aan beide zijden van het huis twee tegengestelde temperaturen gecreëerd. De twee extreme temperaturen dwingen de lucht door de ruimte te circuleren en geven de gebruikers de kans deze luchtstroom te gebruiken voor hun activiteiten. Dit in tegenstelling tot een geconditioneerd klimaat, waar enkel vorm of functie een activiteit bepaalt. “Het doel is om de diversiteit te herstellen welke het lichaam in relatie tot de ruimte bezit, met zijn temperatuur, en zo natuurlijke bewegingen binnen het huis mogelijk te maken.” *** Hierin bepaalt het klimaat hoe een persoon de ruimtes gebuikt. De warmere plaatsen zullen gebruikt worden voor activiteiten die minder beweging en kleding vergen, dit zullen ruimtes met meer privacy worden, zoals slaap- en badkamers. De koudere ruimtes zullen daarentegen juist gebruikt worden als actievere ruimtes, zoals de keuken of de werkkamer. Het resultaat van de constante klimaatbeheersing in moderne gebouwen in de westerse wereld is een aftakeling van de zintuigen. Eigenlijk wordt een gevoel van een ruimte, hoe deze beleefd en ervaren wordt, ontwikkeld door de som van alle zintuigen. De zintuigen tezamen vormen de relatie tussen de persoon en de bebouwde omgeving. Ik stel voor dat alle zintuigen zouden moeten worden geraadpleegd om een compleet ontwerp te maken. Door het belichten van ‘het onzichtbare gebouw’ kan het plezier, dat men ervaart, worden vergroot en kan het lichaam weer in balans raken met zijn omgeving. Ondanks het feit dat niet alle elementen zichtbaar zijn, hebben zij wel degelijk hun eigen schoonheid. Bronnen: * Barbara, A., & Perliss, A. (2006). Invisible Architecture: Experiencing Places through the Sense of Smell p. 135. ** Rahm. P. (2008). White Geology, <http://www.philliperahm.com/3E.html. *** Rahm, P. (2009). Interior Gulf Stream. A+U: architecture and urbanism, 471(December), 184-185


"Het brein is energiezuinig. Het verbruik staat gelijk aan dat van een lampje van 15 watt."


29

Iris Worldwide Locatie Amsterdam Opdrachtgever Iris Worldwide Activiteiten design+build

IRIS worldwide

PROJECT IN BEELD


INSIDE SKEPP

Op zoek naar een

toffe plek? Laat u adviseren door SKEPP!


31

INSIDE SKEPP

Van een aanbiedersmarkt naar een vragersmarkt: dat is de switch die de kantorenmarkt momenteel doormaakt. Huurders werken zich op tot de bazen van deze innoverende markt. Zij bepalen hoe het kantoor eruit komt te zien. De vraag gaat niet zozeer uit naar traditionele kantoorruimten. Juist de andere, de vaak innovatieve concepten zijn in trek. Deze ‘nieuwe’ omgevingen zorgen voor een actievere houding bij werknemers. SKEPP bouwt deze kantoren, maar begeleidt ook huurders in de zoektocht naar hét ideale kantoor. Tekst: Jari Wesselink | Fotografie: SKEPP design+build

Een werkomgeving die inspireert, waar mensen zich prettig voelen en waar mensen met plezier naar toe reizen. Dit alles zorgt voor een hogere arbeidsproductiviteit. Met andere woorden: het interieur van uw kantoorruimte is van onschatbare waarde voor uw organisatie. Innovatieve kantoorbelevingsconcepten spelen in op de huidige behoeften van ondernemers. Deze concepten zijn hét voorbeeld voor toffe huisvesting voor bedrijven. Daar voelt het kantoor als thuis. Ruimte voor ontmoeten en uitwisselen De markt vraagt om aantrekkelijke kantoren, op de manier zoals bedrijven het graag willen. De vraag naar vaste werkplekken maakt plaats voor andere, eigentijdse werkomgevingen. Daarbij spelen lounges en ontmoetingsruimten een belangrijke rol. Kantoren zijn niet langer ‘typefabrieken’, maar plekken om te ontmoeten, te vergaderen en uit te wisselen. En natuurlijk ook om te werken. Binnen kantoren wordt daarom ook rekening gehouden met plekken om deze uitwisseling plaats te laten vinden. Dé ideale oplossing hiervoor is het sociaal hart. Een open ruimte met plekken om te loungen of om te lunchen, maar ook een plek voor meetings, toevallige ontmoetingen, informele vergaderingen of gewoon even relaxed een kopje koffie drinken met een andere professional: het sociaal hart is dé ideale plek om te netwerken. Innovatief, maar bovenal effectief Een kantoorconcept als Het Nieuwe Kantoor beschikt over andere, eigentijdse kantoren. Stijlvol en inspirerend: woorden die gaan over het innerlijk van een kantoor. De kantoren van Het Nieuwe Kantoor beschikken over een sociaal hart: een algemene ruimte om te flexwerken, om andere professionals te ontmoeten,

om gedachten uit te wisselen. Bij de kantoren van The Office Operators zijn ook speciale netwerkruimten ingericht. Bovendien staat dit concept bekend om de luxe services, onverwacht binnen een kantoorconcept. Een taxi bellen of een vlucht boeken? Het kan allemaal. Een knoop vastzetten, een fiets repareren? Geen probleem. Een werkomgeving die anders is én voldoet aan de behoeften van werknemers. En juist het voorzien in die behoeften zorgt voor een hogere arbeidsproductiviteit. Innovatief, maar bovenal effectief. Beleving past perfect bij ons bedrijf SKEPP ontwerpt het interieur dat voelt als thuis. Door een gedegen kennis van kantoorinterieurs weet SKEPP wat toffe kantoren zijn. Voor een potentiële huurkandidaat zoekt het de locatie die past bij het bedrijf. Paul Schrama, eigenaar van Laatsteplekken.nl, een boekingsplatform, waarop opleiders kosteloos hun trainingsaanbod aanbieden, vond de geschikte locatie, die aansluit bij de behoeften van hem en zijn collega’s. “Het is een typische match van vraag en aanbod, wij zijn erg blij met deze plek. De leuke uitstraling van het concept, waar wij huren, heeft ook erg mee geholpen met de keuze.” Ook Marcel van Lochem, senior adviseur van Transitiepartners, een adviesbureau voor gemeenten om betere zorg voor minder geld te bieden, is te spreken over de nieuwe werklocatie van zijn bedrijf. “Uiteindelijk was het een totaalplaatje. De locatie, de prijskwaliteitverhouding, de flexibiliteit en vooral de beleving passen perfect bij ons bedrijf. Daarnaast voldoet deze locatie aan vele services, die voor ons van belang zijn.” SKEPP bouwt dus niet alleen, maar vindt ook een inspirerende, energieke kantoorruimte voor jouw bedrijf.


INSIDE SKEPP

Elke tweede donderdag van een nieuw jaar bouwt SKEPP haar podium op. Telkens op een andere spraakmakende plaats in ons land. Op dit podium presenteert SKEPP frisse ideeĂŤn voor een leuker leven op kantoor.

In 2015 vond SKEPPpitch plaats in de Atoomclub Amsterdam en geheel in lijn met de toenmalige eerste uitgave van KANTOOR was het thema Back2TheFuture. SKEPPpitch 2016 heeft inmiddels plaatsgevonden op donderdag 14 januari van dit jaar. Ditmaal vond het event plaats in Infinity, het prominente oud hoofdkantoor van ING. Hier hebben wij tegelijkertijd ook de tweede editie van ons blad gelanceerd.

SKEPP

pitch


33

IN GESPREK MET

“Kapitaalvernietiging” Column van:

fotografie: Vakbroeders

Vakbroeders is een ‘social enterprise’. Samen met partners creëren wij leerwerk en stageplekken in de bouw en de schilderbranche. SKEPP ziet kansen in deze jongeren en is partner van Vakbroeders.

Wietske Kamsma

Na de publicatie van de hoge werkloosheidcijfers onder niet-westerse allochtonen door het Sociaal Cultureel Planbureau beloofde minister Asscher onlangs met een 'stevig pakket aan maatregelen' te zullen komen. Het voorstel om anoniem solliciteren mogelijk te maken heeft Asscher afgewezen. In Nederland zijn geen harde cijfers voorhanden, bekend is alleen dat de werkloosheid onder niet-westerse allochtonen vele malen hoger ligt dan die onder westerse jongeren. Harde cijfers over discriminatie ontbreken ook: discriminatie is immers verboden en dus zal een organisatie deze misstand niet snel zelf melden. Cijfers zijn er niet, verhalen des te meer. Deze zomer leerde ik Farish en Abdoulah kennen. Twee jongens, die er alles aan doen om een vak te leren en een diploma te halen. Zij doen hard hun best op school, willen schilder worden en zijn heel actief met solliciteren. Voor een vakdiploma is praktijkervaring cruciaal, hoe meer hoe beter en in ieder geval minimaal het wettelijk verplichte aantal uren. Geen praktijkervaring?, dan kan je de opleiding niet afmaken en behaal je geen diploma. Abdoulah en Farish hebben zich na vele afwijzingen voorgedaan als ‘Jochem de Jong’. Beiden werden uitgenodigd voor een gesprek om vervolgens alsnog afgewezen te worden ‘wegens gebrek aan werkervaring’. Maar hé, daar was die stage toch voor bedoeld? In Nederland zijn 150.000 jongeren tussen de 16 en 27 jaar werkloos. Bijna 60% van deze doelgroep heeft geen startkwalificatie. Dit betekent dat zij geen vakopleiding heeft afgerond op minimaal niveau 2. Inderdaad, die opleiding waar praktijkervaring de basis vormt. Als wij met elkaar deze jongeren links laten liggen, creëren we niet alleen een gigantisch economisch probleem, maar maken wij ons ook schuldig aan een enorme kapitaalvernietiging. Ik maak graag de vergelijking met SKEPP. Zij laten zien dat je de leegstandsproblematiek voor een belangrijk deel kunt oplossen door het actuele aanbod aan te laten sluiten op de vraag. Afgeschreven, niet te verhuren kantoorpanden, worden getransformeerd tot prachtige vastgoedlocaties. De leegstandsproblematiek wordt niet verergerd en er is geen sprake van kapitaalvernietiging. SKEPP doet dit succesvol, omdat zij kansen ziet en lef toont. Misschien hebben we dát met elkaar nodig om nieuw kapitaal te creëren van de 150.000 jeugdwerklozen? Toon lef, creëer kansen en durf deze doelgroep te betrekken in het arbeidsproces. Je zult zien dat zij met de juiste begeleiding en aansturing de beste vakkrachten van de toekomst kunnen worden. Net als SKEPP gaan we om kapitaalvernietiging te voorkomen niet voor afschrijving, maar voor opwaardering. Farish en Abdoulah hebben inmiddels een prachtige leerwerkplek gevonden en zijn al bestempeld als meest gemotiveerde leerlingen. Nu de rest nog!


PROJECT IN BEELD

EXTERION media


35

IN GESPREK MET

Q&A EXTERION MEDIA Wij van SKEPP willen vanzelfsprekend en tot in detail weten of de mensen voor wie wij werken tevreden zijn met het kantoor, dat wij voor hen hebben ontworpen en gemaakt. Wij voegen de daad bij het woord en houden op de ‘plaats delict’ een bescheiden informeel tevredenheidsonderzoek. Mattijs Kaak van SKEPP spreekt eerst met Annemarie Egbers van Exterion Media, specialist in buitenreclames, en vervolgens met Lot van der Sluis van Savills, internationaal vastgoeddienstverlener. Exterion Media is gevestigd in het gebouw ‘The Yard’ in Amsterdam-Zuidoost. Savills zit in het gebouw ‘Viñoly’ aan de Zuidas, eveneens in Amsterdam. Beide kantoren zijn door SKEPP ontworpen en uitgevoerd. Zowel Annemarie als Lot waren namens hun firma nauw betrokken bij elke fase van de herinrichting. Mattijs Kaak: “Waarom begonnen jullie überhaupt aan herinrichting?” Annemarie Egbers: “Wij kwamen van een ander gebouw hier in Zuidoost. Merin, de verhuurder van ‘The Yard’ was druk bezig het hele pand van 7 verdiepingen grondig op te knappen. Wij betrokken de vierde en vijfde verdieping en wilden dat onze eigen werkruimte uit zou stralen dat wij in de eerste plaats toch vooral een creatief bedrijf zijn. Bovendien vonden wij het van groot belang dat onze ruimte geheel volgens onze eigen smaak zou worden heringericht.” Hoe is deze herinrichting uitgepakt? “Prima. De creativiteit vind je overal terug. De hele inrichting natuurlijk, de nieuwe bestickering op de muren waardoor zichtbaar gemaakt wordt op welke locaties wij te vinden zijn, de houten panelen, de receptie en de vergaderzalen op de 4de, de werkplekken boven op de 5de, het compleet open karakter van de werkvloer. Het is geen ‘kantoor-kantoor’ geworden. Het leeft, het heeft dynamiek.” Noem eens een concreet winstpunt? “De interactie tussen de collega’s verloopt nu veel beter. Makkelijk en spontaan. Zij zitten hier bij elkaar. Wij houden regelmatig een ‘culture survey’ en onderzoeken dan ook hoe prettig onze mensen

het vinden bij ons te werken. We zitten hier nog maar pas sinds februari, in het begin was het misschien nog wat wennen, nu bij de laatste ‘survey’ was het tevredenheidspercentage heel hoog.” Wat is je favoriete plek? “We hebben één centraal koffiepunt. Die is op de vierde verdieping. In het begin was dat wennen voor de mensen op de vijfde. We hebben indertijd immers afgezien van een interne trap. Dat zou te veel ruimte hebben gekost. Nu blijkt het juist een voordeel. Even weg van je werkplek. Even naar beneden. Even bijtanken. Even een praatje. Even een goeie kop koffie. Even overleg. Reuring.” Mag er nog wat anders? “Het meubilair in de vergaderruimte mag wat strakker. Ik vind het nu een beetje een ratjetoe. Eén model stoelen daar lijkt mij toch prettiger. Een verandering die niet moeilijk uit te voeren is.” Tevreden? “Het is hier prima, leuk. Ik ben heel tevreden met onze werkplek. Helemaal onze eigen smaak.”


PROJECT IN BEELD

Exterion Media Locatie Amsterdam Opdrachtgever Exterion Media Activiteiten design+build


37

PROJECT IN BEELD

Lees meer over dit project, scan de code


PROJECT IN BEELD

SAVILLS


39

IN GESPREK MET

Q&A SAVILLS Mattijs Kaak: “Waarom begonnen jullie überhaupt aan herinrichting?” Lot van der Sluijs: “Wij zaten al tien jaar op de 22ste verdieping van ‘Viñoly’. Wat ons hier indertijd aansprak was met name het geweldige uitzicht. Ook voelen wij ons met ons bedrijf op de Zuidas heel erg op onze plek. Toch overwogen wij een verhuizing, een ander gebouw, een andere locatie desnoods. Wij hadden behoefte aan een nieuwe start, aan de energie die een nieuwe plek kan geven.” “Hoe is deze herinrichting uitgepakt?” “Wij zijn uiteindelijk op dezelfde plek gebleven. Dat bood voor ons alleen maar voordelen. De herinrichting heeft onze mensen een geweldige ‘boost’ gegeven. Een vertrouwde plek, maar met een compleet nieuwe binnenruimte. Het uitzicht is gelukkig hetzelfde gebleven, het overweldigende licht stroomt nu naar binnen. Er is een open vloer met een klein aantal aparte kamers. Het is allemaal transparant, nieuw, fris, helder. Een complete metamorfose.” “Noem eens een concreet winstpunt?” “De open werkvloer geeft een geweldige dynamiek. De collega’s zitten dicht bij elkaar en werken op die manier makkelijk samen. Het contact over en weer verloopt soepel en geeft veel inspiratie.

Wij hebben grondig vernieuwd, maar hebben behouden wat voor ons van waarde was. Twee maal winst.” “Wat is je favoriete plek?” “Onze lunchruimte vind ik spectaculair. Hier komen onze mensen niet alleen samen voor koffie, thee of de lunch, de ruimte is ook multifunctioneel. Overleg, een borrel, een presentatie, alles kan hier. Vroeger was het er wat donker en somber, nu is het licht en opgewekt. Ik kom hier graag en vind het heerlijk op die manier mijn collega’s regelmatig te spreken.” “Mag er nog wat anders?” “Op onze open vloer hebben we in verband met de lift toch nog een deur en een gangpad. Dat verstoort een beetje het totale concept. Dat vind ik jammer, maar daar hebben we wel voor gekozen.” “Tevreden?” “Ik ben mega enthousiast. Wat ik ook heel inspirerend heb gevonden is het hele proces van de herinrichting. Het werken met het grote aantal partijen dat bij zo’n operatie betrokken is. Ik heb daar veel van opgestoken.”


PROJECT IN BEELD


41

Savills Locatie Amsterdam Opdrachtgever Savills Nederland Activiteiten design+build

PROJECT IN BEELD


"We spenderen op de werkvloer maarliefst 65 tot 90% van onze gesprekken aan roddels."

Zowel mannen als vrouwen


43

PERFECT

world

PROJECT IN BEELD

Perfect World Locatie Amsterdam Opdrachtgever Perfect World Activiteiten design+build

Lees meer over dit project, scan de code


IN GESPREK MET

SKEPP sessie met

HANS VAN VEGGEL Hans van Veggel (Arnhem, 1948) volgde na de HBS de Hogere Textielschool in Enschede. Hij werkte tot 1982 bij diverse projectontwikkelaars, waarna hij met compagnon Ton van Dam zijn eigen bedrijf oprichtte: Multi Development Corporation. Dit bedrijf groeide uit tot een van de belangrijkste ontwikkelaars van toonaangevende winkelcentra in binnen- en buitenland. In 2013 werd Multi Development overgenomen door de de Amerikaanse private-equity investeerder Blackstone. Tegenwoordig runt Van Veggel z’n eigen private beleggingsvehikel Timeless Investments en houdt hij zich bezig met de creatieve spin-off Special Concepts. Mattijs Kaak: “Wat zijn uw drijfveren?” Hans van Veggel: “Ik zeg altijd: werk vanuit een passie. Zo is het mijn passie gebouwen te realiseren die méér zijn dan puur en alleen een opeenstapeling van stenen. Een gebouw dient een functie te hebben voor de stad of de streek. Gepassioneerd zijn in de dingen die je doet is sowieso van elementair belang voor een succesvol bedrijf. Leg de nadruk op optimum en niet op maximum. Om die reden ook ben ik niet zo te spreken over private-equity firma’s.”

de filistijnen is, zijn de verantwoordelijken met de noorderzon vertrokken. Nee, om te floreren heb je creatieve geesten nodig, met hart voor de zaak.”

“Zij denken alleen in maximum?” “Deze organisaties - ik zou bijna zeggen de parasieten van de vastgoedbranche kunnen een desastreuze werking hebben op een bedrijf. Het draait bij hen namelijk puur om winst najagen, geld gaat daar boven alles. Een dergelijke instelling werkt kwaliteitsvervlakking in de hand en trekt de ziel uit een bedrijf. Kijk bijvoorbeeld naar V&D. Op het moment dat de boel naar

“Wat valt u op in het huidige kantoorlandschap?” “Veel industrieterreinen vormen een allegaartje van gebouwen, er is volstrekt geen samenhang tussen de gebouwen onderling. Het zijn panden die ten tijde van de groei-economie als paddenstoelen uit de grond schoten, zonder dat goed nagedacht werd over de functie van het gebouw in relatie tot de omgeving. Men

“Dit geldt toch niet voor alle privateequity financiers?” “Nee dat is waar, de uitzondering bevestigt de regel. Ik noem als positief voorbeeld een bedrijf als Merin (overgenomen door TPG Capital en Patron Capital, red.), zij leggen bij herontwikkeling de focus wel degelijk op beleving en conceptontwikkeling.”

zou bijvoorbeeld veel meer aandacht moeten schenken aan de wegen en het groen; dat is immers bepalend voor de structuur van steden. Kijk naar Central Park in New York en het hele wegennet daaromheen, doorslaggevende elementen voor de samenhang in de stad.” “Hoe kijkt u in het algemeen naar kantoren?” “Kantoren zijn operationele centra geworden. Het huurcontract staat niet meer centraal, het functioneren van de operators wél. Houd huurcontracten daarom kort en probeer als kantooreigenaar de juiste ondernemers binnen een gebouw te krijgen. Een mooi voorbeeld hiervan vind ik de opkomst van allerlei creatieve ‘pop-up’ kantoren, waarin jullie van SKEPP ook een belangrijke rol spelen. Je ziet in deze kantoorpanden een soort interactieve community ontstaan, waarbij de gehuisveste bedrijven elkaar versterken en elkaar als het ware verzorgen.”


45

IN GESPREK MET

”Werk vanuit een passie.”

“Uw voorganger in deze reeks SKEPP sessies, Hans de Jong, noemde uw project van de verlengde Haagse Passage een inspiratiebron voor andere vastgoedprojecten. Wat maakt dit project naar uw mening zo bijzonder?” “Het maakt niet alleen de as van de Passage af, het is, en daar hadden we het net nog over, vooral ook een typisch voorbeeld van een structuurelement voor de stad. Het is wel degelijk een geslaagd project, maar desalniettemin niet helemaal af. Om maar wat te noemen: het tracé dat uitkomt op de Grote Marktstraat is eigenlijk een slecht oversteekgebied. Dat zou je kunnen verhelpen door alles autovrij te maken, paviljoens aan te leggen, extra groen erbij en misschien meer meters voor De Passage zelf. Voor dit alles hadden we een plan gemaakt met Calatrava, de architect. Helaas, alles kost geld en aan deze toevoegingen zijn weinig verhuurbare meters gekoppeld. Het zal er dan ook niet van komen.”

“Zijn winkelcentra eigenlijk niet passé?” “Dat denk ik niet, sterker nog: winkelcentra zijn op de weg terug. Mensen willen mensen ontmoeten, in winkelcentra vind je dit sociale contact. ‘It’s all about people’, niet alleen in bedrijven, ook in steden. Het recreatie-element zal trouwens altijd een belangrijke rol blijven spelen.” “Wat zou u graag nog eens oppakken, als u daarvoor de kans zou krijgen?” “Kansen moet je grijpen en daarom ben ik nadrukkelijk bezig met mijn ultieme droom te verwezenlijken. We zijn vergevorderd met plannen voor het toevoegen van een nieuwe wijk aan een grote Europese hoofdstad. Het moet een multifunctionele omgeving worden, waar we commerciële functies combineren met sport, cultuur, horeca, muziek, ateliers en wonen. Zo proberen we in één keer neer te zetten, wat veel van onze steden zo leefbaar maakt. Het gaat ons lukken.”

“Is er een project waar u inspiratie uit haalt?” “Het hoofdgebouw van G-star RAW vind ik een juweeltje en het vormt absoluut een ongelooflijk mooie bijdrage voor de ringweg van Amsterdam. Daarnaast is het gebouw zeer contemporain neergezet, waardoor het pand tevens een prima marketingfunctie heeft. Dit zelfde effect zagen we eerder bij het ING House van MVSA”. “U bent inmiddels 67 jaar, tot hoe lang gaat u nog door?” “Vooropgesteld: ik zie dit helemaal niet als werk. Vastgoed is m’n hobby en voorlopig ben ik niet van plan met m’n hobby te stoppen. Ik geloof überhaupt niet in stoppen op je 65ste .”


VARIA

Eames Lounge Chair

Smaakmaker van Mattijs Kaak

Ontwerper

Sinds

Materiaal

Hoe kom je eraan?

Wat is de functie?

Smaakmaker

Charles en Ray Eames

Er zijn een aantal dingen die je af en toe tegen komt en als je ze dan ziet, dan kan je jouw ogen er niet vanaf houden. Sinds jaar en dag geldt dit zeker voor de Eames stoel. Er komt een keer een moment dat je zwicht voor de verleiding.

1956

Deze loungestoel is de ultieme design klassieker. Hij past overal: in woningen, musea, ambassades, paleizen en kantoren. Deze stoel laat je hart sneller kloppen en niet onbelangrijk: hij zit nog lekker ook.

Gevormd multiplex, verschillend gefineerd. Verwijderbare kussens

In welke uitvoering of kleur dan ook de Lounge Chair laat zien dat de eigenaar smaak heeft. Aan ieder ontwerp, aan iedere ruimte voegt hij echt iets onvergetelijks toe.

smaakmaker


r

schoonheid Echte

zit in het verhaal van het gebouw


VARIA

Lege kantoren!

Wat doen we er mee? Tekst: Huub Kaak

‘Het Gebed zonder End’ is een klein steegje, midden in het oude centrum van Amsterdam. Een toepasselijke naam. Hier in de Zuidoosthoek van de stad, aan Nes en Burgwallen, lagen in de 16de eeuw niet minder dan 14 kloosters. Karrenvrachten zand waren nodig om de moerassige grond bouwrijp te maken. Te duur voor de stad. Te duur voor woningbouw. Bemiddelde burgers en rijke priesters ‘sponsorden’ kloosters. Biddenzonder-end werd hier ‘core business’. In totaal telde Amsterdam binnen de muren van de stad 19 kloosters. Maar liefst 16 daarvan werden bewoond door vrouwen. Het ging hier niet zelden om welgestelde meisjes, die ‘maar niet aan de man konden komen’. Jongens konden op handelsmissie het zeegat uit, huwbare meisjes zonder aanbidder moesten op een andere manier ‘onder de pannen’ zien te geraken. Een klooster bood dan uitkomst. De roeping kwam vanzelf wel. Het leven hier was niet onaangenaam. Zeker, er waren een paar kloosters met strenge regels, ‘afgewend’ van de wereld. De meeste kloosters huisvestten echter ‘lekenorden’ met een beperkte gelofte. Daar bewogen de nonnetjes zich met een zeker gemak tussen de burgerij. Natuurlijk, zij baden veel, maar ze hielden zich ook bezig met armenzorg, opvang van wezen, ziekenverpleging en soms, in één moeite door, met lijkbegraving. Kloosters baatten

logementen uit, brouwden bier, bakten brood en specialiseerden zich in het vetmesten van ossen voor de maaltijden van de schutterijen. Er waren ook luxe kloosters. Het Oude Nonnenklooster aan de Ouwezijds Achterburgwal bijvoorbeeld. Daar woonden ‘wufte’ nonnen, zij musiceerden tegen de klippen op, borduurden maar raak en entertainden met grote regelmaat familieleden en vrienden, waaronder, oh schande, ook manspersonen. Een verzoek vanuit de burgerij ‘dit bordeel’ dicht te gooien werd door het stadsbestuur geseponeerd. Amsterdam was immers één groot ‘old boys network’ en de katholieke bestuurderen hielden hun tantes, zusters, nichtjes en dochters graag de hand boven het religieuze hoofd. De kloosters waren rijk. Zij waren praktisch vrijgesteld van belastingen, hoefden geen accijns af te dragen op brood of bier en waren zo kien hun aldus uitgespaarde duiten in grondaankopen te beleggen. De kloosterterreinen waren ruim en groen: een boomgaard, een moestuin, een bloementuin, een bleekveld, een slootje waren standaard. De stad zelf was klein en overvol, smerig en ongezond. Huizen van hout vlogen regelmatig in de fik. En om maar eens wat te noemen: uitwerpselen van mens en dier dumpte men in de gracht, het water diende evenzogoed voor de maandagse was en het bereiden van voedsel. Drinkwater ving men op in regenbakken samen met het vuil van de

Op deze kaart uit 1544 zien wij aan de veilige kant van stadsgracht en muur ruime, groene, open vlakken: kloosters.


49

VARIA

Lege kloosters! Dát deden ze er mee! daken en het zink uit de goten. Hoezo hygiëne? Hoezo epidemieën? Hoezo pestlijders? Kloosters waren oases van rust, groen en ruimte en dat alles binnen de veiligheid van de muren van de stad. Nonnen dronken trouwens hun eigen bier, geen water. De stad barstte uit haar voegen. De grote uitbreiding van Grachtengordel en Jordaan zou nog bijna een eeuw op zich laten wachten. De handel bloeide en, ‘de geschiedenis herhaalt zich’, religieuze vluchtelingen en economische gelukszoekers rammelden aan de poorten, nog onwetend van het feit dat juist zij een grote bijdrage zouden leveren aan de rijkdom en de luister van de stad. In 1560 woonden in Amsterdam 30.000 inwoners op 36 hectare ommuurde stad. Per burger 10 vierkante meter. In de kloosters woonden in 1560, met dank aan Luther en Calvijn, nog maar 300 kloosterlingen. De kloosterterreinen namen 16%, oftewel ruim 1/6 deel van de stad in beslag. Dik 200 vierkante meter voor élke non, voor élke broeder. Een wel erg scheve verhouding. Maar ja, de kloosters waren rooms, de burgemeesters ook, dus luidde het parool: ‘Handjes af.’ En toen veranderde alles. In 1568 kwamen de Nederlanden in opstand tegen de katholieke overheerser Spanje. De Tachtigjarig Oorlog. In 1578 schaarde ook Amsterdam zich ten lange leste onder de vlag van Willem van Oranje, Vader des

Vaderlands. De stad werd nu openlijk protestant. Het volk verzamelde zich op de Dam, de schutterijen bestormden het gemeentehuis en ruilden, pats boem, het katholieke stadsbestuur in voor een calvinistisch idem dito. De kloosters waren nu vogelvrij en werden ‘lock, stock and barrel’ onteigend. Dat gebeurde overigens keurig netjes. In het Sint Luciënklooster bijvoorbeeld woonden nog slechts 16 nonnen. Om de hoek in de Sint Luciënsteeg kregen zij 6 huisjes toegewezen plus een jaargeld voor het leven. Amsterdam beschikte nu over een kapitaal aan grond en onroerend goed. Vrij op naam. Onbelast. Wat te doen? Huisvesting? Zeker. Enkele kloosters gingen tegen de vlakte en nieuwbouw bood onderdak aan vele woningzoekenden. De gebouwen van de meeste kloosters waren echter ook uitermate geschikt voor herinrichting en hergebruik. Ze waren van steen, degelijk gebouwd en ruim. Er waren slaapzalen, keukens, kapellen, open ruimtes. Met kleine aanpassingen geschikt voor veel van wat er in de stad niet was. Waarom slopen als renovatie nieuwe mogelijkheden bood! Lege kloosters werden dus voor het grootste deel heringericht tot plaatsen van ‘algemeen belang’. Bouwmeesters, tekenaars, stadstimmermannen, planners, metselaars, aannemers, kortom de complete afdeling ‘design+build’ van de zestiende eeuw rolde collectief de mouwen


VARIA

op en ging over tot actie. Een korte inventarisatie: Het Oude en Nieuwe Nonnenklooster aan de Ouwezijds Achterburgwal bood voortaan plaats aan een Ouwe Mannenhuis, aan een ziekenhuis, Binnengasthuis genaamd, en aan Het Ouwezijds Heerenlogement, een 4-sterren hotel voor de vele handelslui die Amsterdam aandeden. Het hele complex is heden ten dage in gebruik bij de Universiteit van Amsterdam. Het Sint Margarethaklooster aan de Nes werd heringericht tot Grote en Kleine Vleeshal met een boerenvismarkt ertussen. Hier werden beesten gekeurd, geslacht en verhandeld. Op zolder zat het chirurgijnsgilde met een snijkamer. De kapel werd schermzaal, het hoofdgebouw herberg, er kwam een veilinggebouw voor koffie, thee, tabak, rijst, suiker en manufacturen. De Brakke Grond, oftewel Het Vlaams Cultureel Centrum, zit anno 2015 in nagenoeg dezelfde gebouwen aan de Nes. Het Sint Ceciliaklooster aan de Ouwezijds Voorburgwal werd 5-sterren hotel, Het Prinsenhof. Hoge gasten van de stad werden daar ondergebracht. Willem van Oranje en later Maria de Medici, koningin van Frankrijk. Toen Napoleon voor zijn broertje Lodewijk Napoleon, de eerste koning van Holland, het Paleis op de Dam confisqueerde, het toenmalig stadhuis, werd Het Prinsenhof het nieuwe stadhuis. Nu is het weer hotel: The Grand. Michael Jackson logeerde er, volgens de geruchten, samen met zijn aapje Bubbles. Het Maria Magdalenaklooster tussen

Nes en Ouwezijds Voorburgwal werd Lommerd, Stadsbank van Leening, en is dat tegenwoordig nog steeds. Vondel verdiende er ooit zijn brood. Het Paulus Broederklooster bij Oude Hoogstraat en Kloveniersburgwal werd heringericht tot Dolhuys en herbergde de ‘gekken’ van de stad. Later kwam hier het Oost Indisch Huis, bakermat van de Verenigde Oost Indische Compagnie. Nu in gebruik bij de Universiteit van Amsterdam. Het Sint Ursulaklooster aan de Ouwezijds Achterburgwal gaf onder de naam Spinhuis voortaan in plaats van aan vrome nonnetjes onderdak aan misdadige vrouwen en losbandige meisjes. Via stevige lijfstraffen en noeste arbeid werden hier verwilderde vrouwspersonen opgevoed tot nuttige burgeressen. Althans dat was de bedoeling. Spinnen, breien en visnetten knopen waren de dagbestedingen. P.C. Hooft, inderdaad van de gelijknamige straat, dichtte voor boven de toegangspoort “Schrik niet. Ick wreeck geen quaat, maar dwing tot goet. Straf is mijn hand, maar lieflyk mijn gemoet.” Op zon- en feestdagen mocht het publiek naar binnen om de zondige dames met eigen ogen te aanschouwen. Entree: 2 stuivers. Een populair uitje. De dagjesmensen raakten regelmatig in shock: de meisjes zaten in een kooi, stonken, misten soms vanwege de syfilis hier en daar een neus, maakten obscene gebaren en riepen mannelijke bezoekers toe “vroeger in het bordeel royaler te zijn geweest”. Het gerucht ging dat zeelieden hier hun toekomstige echtgenote mochten komen uitzoeken. Na even gediend te hebben als Hoofdbureau van Politie is ook dit gebouw tegenwoordig in gebruik van de UvA.

Het Clarissenklooster verderop aan de Heiligeweg en het Singel werd na kleine aanpassingen gevangenis voor mannen. Vrouwen en mannen werden uiteraard gescheiden heropgevoed. Het Rasphuis was hier de toepasselijke naam. De hele lange dag werd hier namelijk Braziliaans hardhout tot poeder geraspt, de benodigde grondstof voor kleurstoffen in de textielfabricage. De gestraften werden ‘roodhuiden’ genoemd vanwege het rode houtpoeder dat hun gezicht kleurde. De discipline werd bevorderd middels ketens van wel ‘tachtich ponden swaer’ of via een dubbele kraag van hout, waarin armen en hoofd werden vastgezet. Het gebruik van roede, karwats en gesel hoorden bij de dagelijkse routine. Boven de toegangspoort aan de Heiligeweg stond (vrij vertaald): “Het is een deugd van het kloek gemoed te temmen dat elk schrikken doet”. Naast de ‘roodhuiden’ herbergde het Rasphuis ook ‘wittebroodskinderen’. In het ‘secreete’ gedeelte van het Rasphuis verbleven rijkeluiszoontjes, die het familiefortuin er aan het doorjagen waren, hardnekkige gokkers, drankorgels of bordeellopers. De ouders konden bij de Schepenen van de stad een verzoek tot plaatsing indienen. Tegen betaling. Deze zwarteschapen-in-de-familie hoefden niet te raspen, maar moesten in een cel hun zonden overdenken. Soms stond voor hen wittebrood op het menu. Een luxe traktatie. Spinhuis en Rasphuis lijken nu barbaarse instellingen, in hun tijd werden zij als zeer vooruitstrevend beschouwd. Heropvoeding in plaats van de galg, het vierendelen, de bijl van de beul en de openbare schandpaal. Inderdaad een hele vooruitgang. Het Rasphuis kende in de loop der tijd vele herinrichtingen. Ooit dus klooster,


51

nadien achtereenvolgens gevangenis, zwembad, museum, theater en tenslotte winkelcentrum. De Kalvertoren van architect Pi de Bruijn. Het Sint Luciënklooster tussen Kalverstraat en Nieuwezijds Voorburgwal, meteen naast het Begijnhof, gold als een zeer aangenaam klooster. De rijke families Heinen en Boelen hadden hier voor het stichtingsgeld gezorgd en er meteen maar een paar dochters in ondergebracht. De renovatie werd in 1578 goed aangepakt. Amsterdam ging, zoals overal elders, gebukt onder onbeheersbare epidemieën. De pest bijvoorbeeld eiste veelvuldig slachtoffers. Ouders stierven, wezen zwierven hulpeloos door sloppen en stegen. Zij waren ‘tot sorghe’ van de stad. Aan de Kalverstraat 71 was een weeshuis. Dat puilde uit. Twee, drie wezen in één bed. Dat kon zo niet langer. Het klooster aan de overkant kwam mooi van pas. Slaapzalen te over, de koestal werd omgebouwd tot timmerwerkplaats, erbovenop kwam nieuwbouw voor een schooltje. Een apart jongenshuis en een apart meisjeshuis, een sloot, de Begijnensloot, ertussen. De vertrekken en de speelplaats voor de meisjes waren ruim bemeten. Zij bleven immers de gehele dag in het weeshuis, leerden nuttige huishoudelijke bezigheden en werden in feite klaargestoomd voor hopelijk eerbare huwelijken. De jongens waren de hele dag in de leer bij een gildemeester in de stad, zij leerden daar een ordentelijk vak. In de stad zag je overal leerjongens en pakjesdragers, allemaal gekleed in hun ‘wezenuniform’, voor de helft rood, voor de helft zwart. ‘Thuis’ hadden zij een kastje voor hun privéspullen en gereedschappen. Dat kastje kon op slot. ‘s Avonds leerden zij dan ook nog eens lezen en schrijven. Op de dag van de opening in

Het voormalige Sint Luciënklooster. Boven: De meisjesspeelplaats van het Burgerweeshuis. Beneden: De jongensspeelplaats met rechts ‘de kluisjes’.

VARIA


VARIA

1580 staken 200 wezen de Kalverstraat over naar hun nieuwe onderkomen. Binnen ‘no time’ zaten er 700. In de loop der tijd werd dit Burgerweeshuis regelmatig heringericht en verfraaid. Beroemde bouwmeesters en architecten als Joost Jansz. Bilhamer, Hendrick de Keyser en Jacob van Campen waren hier werkzaam. Pas in 1960 verhuisde het Burgerweeshuis naar de Amstelveenseweg, naar een creatie van architect Aldo van Eyck. Het oude Burgerweeshuis is, alweer na enige aanpassingen, nu het Amsterdam Museum. “De geschiedenis herhaalt zich” schreven wij in een alinea hierboven. “L’histoire se repète”. Op velerlei terreinen en op velerlei manieren. Meestal niet helemaal hetzelfde, vaak wel herkenbaar. Soms als voorbeeld om na te volgen, soms als voorbeeld om te vermijden. “Lege kantoren! Wat doen we ermee? Lege kloosters? Dát deden ze ermee!”

Het toegangspoortje tot het Burgenweeshuis. Jongens en meisjes in hun rood-zwarte ‘wezenplunje’.

Bronvermelding: Illustratie 1 Cornelis Anthonisz., Plattegrond van Amsterdam, 1544; Amsterdam, Koninklijk Oudheidkundig Genootschap, inv.nr. KOG-2684 Foto 2 Liudmila Ermolenko / Shutterstock.com Foto 3 Dukker, G. (1970) " Amsterdams Historisch Museum: Overzicht op de jongensplaats naar het noord-westen van het voormalige Burgerweeshuis". Beschikbaar op: http://commons.wikimedia.org/wiki/ File:Overzicht_op_de_jongensplaats_naar_het_noord-westen_van_ het_voormalige_Burgerweeshuis_-_Amsterdam_-_20014033_-_ RCE.jpg Geraadpleegd op 1 december 2015 Foto 4 Christian Mueller / Shutterstock.com


“First we shape our buildings, afterwards they shape us”.


IN GESPREK MET

SKEPP sessie met

ANDRÉ SNIPPE In het Holland Park Experience Centre dit keer een gesprek met André Snippe, de man achter Campus Diemen Zuid en Holland Park. Nog onlangs kreeg hij voor zijn werk in Diemen de Transformatieprijs Metropoolregio Amsterdam.

Mattijs Kaak: “Hoe bent u hier in Diemen terechtgekomen?” André Snippe: “In Amsterdam is de vraag naar grond groot, het aanbod klein. Zie daar nog maar eens een serieus stuk grond te verwerven: schaars, duur en belast met erfpacht. Hier in Diemen lag een locatie met circa. 50.000 m2 lege kantoren op eigen grond. Midden in de crisis. Aan de straatstenen raakte men het niet kwijt. Een bankier kreeg, voor het financieren van alles wat met een leeg kantoor te maken had, nooit geen toestemming meer. Ik zag mogelijkheden. De solide gebouwen waren goed voor herontwikkeling. Twee metrostations en één treinstation onder handbereik, dat betekent bereikbaarheid en dat is een absolute must. De Gemeente Diemen was blij met onze komst. Wat was ons plan? Nou, we kennen het allemaal: in de Rivierenbuurt zitten, om maar eens een voorbeeld te geven, vijf meisjes op een kluitje in een morsig appartementje van 60 m2 voor 3.500 euro in de maand. ‘s Morgens is het vechten om onder de douche te komen en in de keuken vallen de kastjes van de muur. En dan moeten

ze daar ook nog studeren. Hier hebben we een complete studentencampus neergezet. In twee jaar tijd, van aankoop tot oplevering. Totaal 940 complete zelfstandige appartementen voor 1.000 studenten. Met metro of trein in een kwartiertje naar de collegebanken in Amsterdam. En dat is niet alles. Het begrip Campus staat voor een woonomgeving met veel faciliteiten. Een Campus moet léven, anders is het geen echte Campus. Belangrijk zijn de voorzieningen: diverse restaurants, een wijnbar, een AH supermarkt, een fitness met een tennis- en basketbalveld, een wijkpost van de politie, een trendy kapsalon, een ‘bruin café’, een dansschool, een fietsenwinkel met een werkplaats en ga zo maar door. Loop er eens rond. Het leeft. De studenten blij, Diemen blij, wij blij.” “En hoe toen verder?” “We waren stevig onderweg met de ontwikkeling van de Campus. Aan de overkant van de weg kwam een kantoorpand op de veiling. Daar waren we niet blij mee. Wat zou daar gaan gebeuren?

Hoe zou zich dat gaan verhouden met onze Campus? Wij zijn weer naar de Gemeente gegaan. Voor hen was zo’n veiling ook een blamage. Wij wilden dat pand wel kopen, maar dan wilden we ook de kans krijgen de rest van dat gebied te mogen ontwikkelen. Nog eens tien hectare lege kantoorgebouwen. Gebouwen onder water, gebouwen die al zeven jaar leeg stonden. Een drama. Diemen zat er mee in haar maag. We hadden daar natuurlijk wel wat krediet opgebouwd. Groen licht dus voor ons. Ze dachten waarschijnlijk: “Dat krijgt hij toch nooit voor elkaar.” Op de traditionele, de klassieke manier zijn we aan de slag gegaan. Van wie is zo’n gebouw; valt er met de eigenaar te praten, wat vragen ze? We hadden geen concurrentie. In het diepste dal van de crisis had niemand meer het lef kantoren te kopen. Wij dus wel. De prijs was goed, gebouw voor gebouw werd aangekocht. En zoals altijd: de inkoop bepaalt alles. Goed inkopen geeft de mogelijkheid tot goed bouwen.”


55

IN GESPREK MET

“Groot in kleinschaligheid.”

“Wat waren uw plannen?” “In Amsterdam alleen al zijn 100.000 mensen op zoek naar woonruimte. Als de markt zo doorgaat, betalen mensen de helft van hun salaris voor de huur van een appartementje. Ons plan? Goede, betaalbare woningen in een fijne omgeving. Dat was de vraag, dat was ons plan.” “En waar vond u de inspiratie voor de specifieke aanpak van Holland Park?”. “Ik was op de ‘Mipim’, de vastgoedbeurs in Cannes. Daar was Scandinavië goed vertegenwoordigd. Wat opviel was een hoge kwaliteit van architectuur, van infrastructuur en dus van comfortabel wonen. Dit was de aanleiding om diverse steden daar zelf te gaan bezoeken. Ik bezocht een vrij nieuwe woonwijk in Kopenhagen, de wijk Sluseholmen. Een prachtig mooie woonwijk, vol leven. Een moderne Jordaan, een moderne Pijp. Wie bleek hier de architect? Sjoerd Soeters! Java eiland. Het contact was snel gelegd. De ideeën zaten in mijn hoofd. De plannen kwamen op tafel. We hebben het nu over het voormalige

Bergwijkpark hier in Diemen, een gebied van 100.000 m2. De kantoren worden inmiddels gesloopt, de grond wordt bouwrijp gemaakt. In fases komen hier om en nabij 3.000 appartementen, de grootste gebiedsontwikkeling in Nederland van dit moment. En er komen niet zomaar wat woningen, wat huizen van steen, nee, we maken er een levendige wijk van, een buurt met temperament.” “Hoe ziet u dat precies?” “Kijk, natuurlijk wil je een mooie, betaalbare woning. En natuurlijk wil je niet te ver van je werk wonen. Maar heel belangrijk: wanneer je uit de lift stapt, de deur uit, de straat op, dan wil je toch écht ergens zijn. Geen dooie Vinex wijk. Geen kaarsrechte, cleane straten. Je wil in een stad zijn, in een echte, warme buurt. Je wil tussen de mensen zijn. Je ‘thuis’ voelen. Een kopje koffie, of een pilsje óp de hoek, een slager óm de hoek, een bakker, een groenteman, maar ook een medisch centrum, een kinderopvang, een sportschool, een dansstudio, restaurants, enz. Een wijk moet leven, moet bruisen. Daar worden de mensen blij

van. Kijk naar de Pijp, kijk naar Oud West nu met De Hallen. Holland Park wordt ook zo’n buurt met voorzieningen. Wij zorgen voor ondernemers en wij bewaken de diversiteit. We vragen hen een acceptabele huur, de ondernemer moet wel kunnen verdienen. We willen de continuïteit waarborgen. Verder is de infrastructuur belangrijk, straten met bochten en doorkijkjes, grachten, binnentuinen, een park, afwisselende architectuur. Onze stedenbouwkundige en architect Sjoerd Soeters heeft de supervisie, twaalf architecten zijn aan de slag. Ook hier is de aanwezigheid van twee metrostations en het treinstation op loopafstand van cruciaal belang. In nog geen veertien minuten in hartje Amsterdam. Ook per fiets of auto zeer goed bereikbaar en in nog geen tien minuten. De mensen willen snel naar hun werk, pikken in de stad ook wel eens een bioscoopje of wat al niet. Geen ellende met parkeren. Vlug uit en thuis.” “Hebt u altijd zo gebouwd?” “Ach, eigenlijk heb ik nooit anders gewerkt. Vroeger, in 1989, kocht ik midden in


IN GESPREK MET

“Zo’n gebied als ‘Holland Park’ ontwikkel je alleen als je het in één keer aanpakt.” de stad gebouwen, zowel in de Pijp, in West, als op de Grachtengordel, veel gebouwen van de Hogeschool van Amsterdam. Ik transformeerde ze tot woningen van soms 50, 60 m2. Ik bouwde voor het middensegment: de eenverdiener, tweeverdieners, jonge academici, die pas begonnen. De trend toen was appartementen van 120, 150 m2. Het kon niet op. Ik werd uitgelachen, er werd op mij neergekeken. Ik heb me er niets van aangetrokken, ik ben gewoon mijn eigen beleid en visie gaan versterken. Ik dacht: “Laat mij maar groot zijn in kleinschaligheid”. We zijn twintig jaar verder, wat blijkt, de wereld is niets veranderd. ‘Groot wonen’ kan een doorsnee Amsterdammer zich in de stad niet permitteren. Onbetaalbaar geworden. Kijk naar Parijs, Londen en Berlijn, van hetzelfde laken een pak. Zelfs de beleggers krijgen het door: kleinschaligheid, ze moeten wel. Daar ligt immers de vraag.” “Maar nu doet u aan gebiedsontwikkeling. Hoe lukt u dat?” “Je moet natuurlijk medewerking hebben. We hebben privé partijen financieel weten te interesseren. Mensen die enthousiast zijn voor onze ideeën. Mensen die vertrouwen hebben in ons product. Ook is een voorwaarde dat je met de

Gemeente moet kunnen samenwerken en dat is in Diemen buitengewoon goed georganiseerd. We werken samen en we hebben dezelfde belangen. Het hele project moet in korte tijd worden gerealiseerd en het moet voor Nederland vooral een voorbeeld van een functionele woonwijk worden. In Amsterdam heb ik dit in het verleden niet mee gemaakt. Ook daar zijn ze tegenwoordig wel van houding aan het veranderen. Wat belangrijk is: initiatieven horen bij een ontwikkelaar en hem moet de kans gegeven worden creativiteit en kwaliteit te gaan ontwikkelen. Door het niet op deze manier te doen, gaat er heel veel fout. Zo’n gebied als Holland Park ontwikkel je alleen als je het in één keer aanpakt. Werk je met bijvoorbeeld zes partijen, dan wordt het een drama. Iedereen wil wat anders, iedereen zit elkaar in de haren. Vergaderen om te vergaderen. Dat schiet niet op. Je moet zelf het voortouw nemen, kapitein op het schip zijn. Aanpakken, eigen ideeën volgen, knopen doorhakken.” “Wie of wat inspireert u in de huidige vastgoedwereld?” “Ik ga geen namen noemen. We kunnen er niet omheen, dat er in de crisis veel partijen zijn weggevallen. Het vak is gesaneerd. Een heel stel avonturiers is

failliet of zit achter de tralies of is voorgoed op vakantie. De klassieke partijen melden zich weer. We staan allemaal weer met onze beide beentjes op de grond. Het is weer gezonder, leuker en er is onderling waardering. Inspiratie vraag je? Het allermooiste wat ik heb meegemaakt is dit: meteen in het begin van Campus Diemen Zuid verhuisden wij van Snippe Projecten met het gehele kantoor en team vanuit het WTC naar de Campus locatie. Elke ochtend verschenen daar om half zeven zo’n 250 bouwvakkers. Tot op het bot gemotiveerd. Blij dat ze in die barre tijden, met al die ontslagen, nog hun brood konden verdienen. Timmermannen, metselaars, installateurs, ga zo maar door. Dagelijks contact met deze mensen, samen betrokken zijn, samen creatieve dingen bedenken, samen tot een goed product komen. Dát is je vak, dát geeft inspiratie, dát brengt dingen tot stand.”


â&#x20AC;&#x153;De koffieautomaat is de koning van de kantoorjungle: iedereen komt erâ&#x20AC;?.


HET ULTIEME BOEK VOOR

ELKE KANTOORTIJGER!

‘ “Th u is in iswerke n f stra eite ee ” n te retr gische aite .’

EEN HILARISCHE KIJK OP HET KANTOORLEVEN MET DITO ILLUSTRATIES

H

et kantoor. We zitten er ons hele leven, zo lijkt het soms wel. Maar hoe overleven we in die jungle? Hoe ga je om met de snelle jongens van sales, de nerds van de automatisering, de drammerige baas en die indrukwekkende collega tegen wie je niets durft te zeggen? Japke-d. Bouma is onze gids in de kantoorjungle. Ze laat ons zien hoe je zonder kleerscheuren sollicitaties, heidagen en afscheidsborrels doorstaat, maar ook hoe je op kantoor de feestdagen kunt vieren of het WK Voetbal. Hoe krijg je een hoger salaris? Hoe kom je die saaie vergadering door, wanneer meld je je ziek, wanneer werk je over en wanneer niet? En moet je nou boven of onder je niveau werken? Op eigenzinnige en vaak hilarische wijze schiet Japke-d. te hulp met de beste tips en trucs.

www.thomasrap.nl

d dat je n i v k I ‘ jaar je r e p s n ee oet heb m t n e mom edelijk r n o m ben o tegen je te zijn baas.’

JAPKE-D. BOUMA IS OOK TE BOEKEN VOOR BEDRIJFSPRESENTATIES, SEMINARS EN CONGRESSEN: WWW.FACEBOOK.COM/GIDSVOORDEKANTOORJUNGLE & TWITTER: @JAPKED


59

IN GESPREK MET

“We moeten de gebruiker een binnenwereld bieden, waar het prettig toeven is.” Column van: Fotografie: Martins Marten

In 2009 begon Joyce Bruijn ProVIP, een bedrijf met de focus op ‘interim asset management’. Dit kernpunt is zeker niet veranderd, maar Joyce Bruijn voelt ook een duidelijke passie voor styling en marketing. Daarnaast beschikt zij over een creatieve en resultaatgerichte blik, waardoor zij meer en meer gevraagd wordt bestaande kantoren nieuw leven in te blazen.

Joyce Bruijn

Yes, mijn beste vriendin gaat trouwen! Al denkend aan het geweldige vrijgezellenfeest stop ik glimlachend mijn telefoon in mijn jaszak en sla ik rechtsaf het pad in voor een pak zilvervlies rijst. Abrupt bots ik tegen een man op die pal om de hoek staat. Ik kijk iets omhoog en bij het zien van zijn knappe gezicht stamel ik ongemakkelijk: “Oh sorry, ik…” In mijn hoofd flitst: “Wauw, die is knap zeg!” Ondertussen kleur ik rood. De aantrekkelijke man kijkt me geïrriteerd aan. Ik schrik even van zijn kille blik. “Kun je niet beter uit je doppen kijken?” vraagt hij met luide stem. Ik trek een verbaasd gezicht en bied nogmaals mijn excuses aan. Snel loop ik verder. “Wat een eikel zeg.” Echte schoonheid zit van binnen. Dat geldt voor mensen, maar eigenlijk voor alles. De nieuwste Mercedes kan nog zo mooi zijn, als hij wordt uitgerust met een trage motor, zal hij lang niet zo populair blijken te zijn. Voor kantoren geldt hetzelfde. Natuurlijk moet de locatie goed zijn en helpt een aansprekende architectuur, maar als er vervolgens binnen een koude, kille sfeer hangt, zal een potentiële huurder snel afhaken. Dat is ook logisch, je brengt dagelijks veel tijd in zo’n gebouw door. Je wilt je er dus thuis voelen. Dat is ook precies waar het om draait: we moeten de gebruiker een binnenwereld bieden waar het prettig toeven is. Het interieur is daarin een echte smaakmaker. Kleuren en materialen hebben een sterke invloed op hoe men de ruimte beleeft. Functionaliteit mag hierbij niet uit het oog verloren worden. Een design-zitje oogt al snel troosteloos, als het nooit gebruikt wordt. Naast een aantrekkelijk, functioneel interieur zijn ook de geboden faciliteiten bepalend. Het bieden van de faciliteit alleen is echter niet voldoende: het is de exacte invulling, die telt. In de servicekosten zijn veelal kosten voor receptie opgenomen, het maakt daarbij echter nogal verschil of je ontvangen wordt door een semi-bewaker, die niet van zijn plek af komt of door een vriendelijke hostess, die je een kop koffie aanbiedt en die je vervolgens wijst, waar je moet zijn.


PROJECT IN BEELD

OVVICE


61

PROJECT IN BEELD


PROJECT IN BEELD


63

PROJECT IN BEELD

oVVice Rotterdam Locatie Rotterdam Opdrachtgever oVVice Activiteiten Totaalconcept, design+build, styling, inrichting diverse huurders

Lees meer over dit project, scan de code


GEZOND OP KANTOOR

Opruimen

hoe doe je dat eigenlijk?

Tekst: Rachel Santegoets | Illustratie: Evelien Lulofs

Wie kan zich niet herinneren dat je ouders vroeger tegen jou als kind zeiden, dat je je kamer nou eens heel snel moest gaan opruimen. Wat deed je? Je raapte alles van de vloer en je bureau, je stopte al je ongeordende spullen in een kast en je deed snel de deuren dicht, voordat alles er weer uit zou vallen. De volgende dag lag alles weer verspreid door je kamer. Want tja.. opruimen, hoe doe je dat eigenlijk?

Na het lezen van het artikel van Aaf Brandt Corstius in het Volkskrant Magazine van 28 februari 2015 over Marie Kondo werd ik nieuwsgierig, na het lezen van het boek 'The life-changing magic of tidying up' was ik 'om'. Ik ben thuis aan de slag gegaan en mag nu zeggen: “Ik kan opruimen.” Even in het kort: Marie Kondo is een Japanse professionele cleaning consultant met een goed lopende zaak in Tokio. Zij helpt klanten hun rommelige huizen of kantoren tot ruimten van rust en inspiratie te transformeren. Uit haar boek leer je meer dan alleen het opruimen van je huis. Ze daagt je ook uit na te denken over wie je bent, wie je wilt zijn en welke spullen daarbij passen. Zoals ze zelf in haar boek zegt: “Opruimen, dat ben jij.” Gemiddeld breng je 90.000 uren van je leven door op je werkplek, maar hoe opgeruimd is je werkplek? Door drukte blijven losse papieren, visitekaartjes en ordners vaak net iets langer op onze bureaus rondzwerven. Vergeet daarbij niet je kastruimte: die met de dichte deurtjes zijn vaak je beste vriend. Hoeveel van die spullen heb je nou echt nodig en geven jou echt 'joy' om elke dag vrolijk en fris aan het werk te gaan? Waarom niet KonMari-en op kantoor? Aan de hand van de volgende zes stappen kan je al aan de slag gaan om daarna met 'sparkle' aan het werk te gaan.

Bron: Marie Kondo, 2011, Opgeruimd! (vijfde druk), Amsterdam, Bruna Uitgevers B.V.


65

| WINNAAR ADVERTENTIE GEZOND OP KANTOOR |

1 Word je er blij van? Kijk goed naar wat je hebt, concentreer je daarop en niet op wat je wilt weggooien. De beste manier om te kiezen wat je wilt houden, is om elk object in je hand te nemen en jezelf af te vragen “Does it spark joy?” Bij het in de hand nemen luister je goed naar je lichaam, je reageert overal anders op. Houd alleen de dingen, die je raken en spring vervolgens in het diepe door de rest weg te doen. Aldus Marie Kondo.

2 Ruim op per categorie. Kondo: “Begin niet met selecteren en wegdoen per locatie.” Dit omdat de meeste mensen hetzelfde soort spullen ook niet op dezelfde plek bewaren. Denk in categorieën: verzamel alles wat in dezelfde categorie valt en leg ze op één plek. Begin met de makkelijkste spullen en bewaar de moeilijkste, de spullen met emotionele waarde, tot het laatst. Zo oefen je in het nemen van beslissingen en gaat het selecteren steeds makkelijker.

3 Overzicht. Nadat je alles van één categorie hebt verzameld, leg je dit alles op de vloer. Het is essentieel dat je dit doet: zo zie je in één keer hoeveel je eigenlijk hebt. Doordat nu je vergelijkbare spullen bij elkaar liggen, is het makkelijker om te beslissen of je ze wilt houden. Vervolgens neem je elk item in je hand en vraag je jezelf af “Does it spark joy?” Alles wat ‘sparkelt’ blijft en de rest kan weg. Kondo zegt: “Dit is niet alleen de gemakkelijkste, maar ook de nauwkeurigste maatstaf.”


GEZOND OP KANTOOR

4 Geef alles een eigen plek. Nadat je hebt weggegooid, begin je met opbergen. Kondo: “De essentie van opbergen is: geef alles, maar dan ook alles wat je hebt, een eigen plek.” De reden hiervoor is dat zodra spullen geen vaste plek hebben, ze de kans op rommel vergroten. Besluit waar iets hoort en nadat je het hebt gebruikt, leg het dan daar terug. Dat is de eerste vereiste bij opbergen volgens Kondo.

5 Kettingreactie. Als je je ergert aan mensen in je omgeving, omdat zij hun ruimte verslonzen, adviseert Kondo je dringend je eigen kamer te controleren en dan vooral de bergruimte. Zodra je de behoefte voelt om iemand anders er op aan te spreken dat hij of zij slordig is, is dat vaak een teken, dat je je eigen kamer verwaarloost. Richt je eerst op je eigen spullen en je zal merken dat je anderen inspireert en dat ook zij beginnen met opruimen.

6 Voorspoed. Het doel van opruimen is, volgens Kondo, dat je leeft in je meest natuurlijke staat van ‘zijn’. Als je denkt dat opruimen bij het dagelijkse leven hoort, dan is het nu tijd in actie te komen. Hoe fijn is, het als je kantoor zó is ingericht dat het comfortabel aanvoelt, dat je er blij van wordt en dat je er energie van krijgt. Je bent dan alleen nog maar bezig met de vraag: “Wat wil ik houden en wat kan weg.” Je kan dan vervolgens tijd en passie geven aan dat wat jou werkelijk vreugde schenkt.


"Less is more."


IN GESPREK MET

SKEPP sessie met

JAPKE-D. BOUMA In het splinternieuwe HNK Utrecht Centraal spreken we af met Japke-d. Bouma, eindredacteur bij de binnenlandredactie van NRC Handelsblad en columniste met als specialisatie het wel en wee in de wereld van het kantoor. Japke-d. Bouma bundelde haar columns in twee boeken: ‘Gids voor de Kantoorjungle’ en ‘Survivalgids voor de Kantoorjungle’. Een derde boek staat op stapel. Ter voorbereiding lazen wij de hele week van Japke-d. Bouma de ene column na de andere. En Japke-d. Bouma citeerde er bij haar antwoorden uit diezelfde columns lustig op los. Misschien moet u ze eigenlijk zelf ook maar gewoon gaan lezen. Makkelijk voor dit interview, fijn voor u, en fijn voor Japke-d. Bouma. Koop die boeken! Zet uw vertrouwde kantoorwereld eens op zijn kop. ‘Out of the box denken’ toch? ‘Uit je comfortzone stappen?’ Is dat niet nog steeds de trend? “Nee!”, roept Japke-d. “‘Comfortzone’ is een ‘jeukwoord’. Wat is er mis met ‘in je comfortzone blijven’. Ik verzet bergen werk in mijn comfortzone. Ik kan dat iedereen aanraden!” Laten we ter nadere informatie en ter verhoging van de feestvreugde maar eerst eens beginnen met een citaat. Niet meteen te wild. Binnen de kantoorwereld zal iedereen zich in deze observatie kunnen vinden: “Miljoenen jaren evolutie zijn over het kantoorleven heen gegaan, en er is eigenlijk maar één winnaar: de koffieautomaat. Directiekamers werden flexplekken. Yuppen werden schoothondjes, pc’s werden docking stations, stoelen stabureaus en archiefkasten loungeplekken. De dinosauriër verdween, en het telefoontoestel, maar de koffieautomaat bleef altijd bestaan. Als een baken, een anker. De loodlijn op kilometers Dessotapijt. Natuurlijk, vroeger was de automaat een juffrouw. Maar zoals alle overlevers in de kantoortuin voegde de koffieautomaat zich naadloos naar de tijdgeest en naar de nieuwe baas. De juffrouw werd een machine, maar het nieuwe ding gaf hetzelfde: koffie, centraal. Bron van roddel en troost. Waar je wandelgangt en een trap onder je kont krijgt. Waar je naartoe vlucht en op oorlogspad gaat. Waar je iedereen tegenkomt en jezelf.” Misschien hadden we de schrijfster moeten vragen gewoon maar wat voor te lezen uit eigen werk. Hadden we bij deze Glossy een geluidsopname bijgesloten. Dat voorlezen kán overigens ook wel: Japke-d. Bouma geeft presentaties en leest bij zo’n gelegenheid ongetwijfeld kwistig voor uit haar columns. Genoeg reclame. Vragen:

Mattijs Kaak: “Je bent behoorlijk kritisch over de kantoorjungle. Alleen al die naam. Heb je een hekel aan die wereld?” Japke-d. Bouma: “Nee, absoluut niet. Ik ben er dol op. Ik ben een kantoortijger pur sang, breng al dik twintig jaar door op kantoren. Ik zou er niet meer buiten kunnen. Ik ben dol op de mensen, dol op de dingen die we maken, dol op vooral de lelijke kantoren: de lekkende systeemplafonds, de gelige lamellen, de koffievlekken op de vloerbekleding, de zonweringen die automatisch omlaag komen, net als het lekker weer begint te worden. Ik voel me daar thuis. Ik werk wel elke week een dag thuis, soms word je immers stapelgek van al die herrie op kantoor, komen al die collega’s je je neus uit, wil je eindelijk wel eens rustig kunnen werken. Maar onmiddellijk mis je dan weer iedereen, ook de ‘carrièretijger’, de ‘ziekelijke flirt’, de ‘powerlady’, de ‘collega die overal lak aan heeft’, de ‘verbluffend incompetente collega’, de ‘geboren leider’, al die archetypes die de kantoortuin bevolken. Een haat/liefde verhouding, dat heb ik met het kantoor, laten we het daar maar op houden. Je hebt je collega’s ook nodig. Zonder de dynamiek van het geheel kom je tot niets. Een collega zegt per ongeluk zomaar wat en ‘knip’, jij komt op


69

IN GESPREK MET

“De kantoorjungle is één grote chaos. Per ongeluk brengen we daar toch nog de mooiste dingen tot stand.”

een idee. Als het te lawaaierig wordt, zet ik mijn oordoppen op en zoek ik mijn heil bij Mozart.” “Je noemt hierboven zelf al een aantal onuitroeibare kantoortypes. In je eerste boek bespreek je er nog heel wat meer. Wat voor type ben jezelf?” “Dat is lastig te zeggen. Of eigenlijk ook niet. Een combinatie van deze en gene. Op mijn beste dagen ben ik een ‘diva’, op andere ben ik de ‘collega die ontzien moet worden’ of de ‘controlfreak’. Zo is het natuurlijk bij iedereen. Iedereen is een combinatie van de types, die ik beschrijf. Voor de één ben ik een ‘bitch’ en een ‘roddelkoningin’, voor de ander hopelijk de ‘lieve schat’ of het ‘meisje op wie iedereen verliefd wordt’.” “Hoe zie jij het ideale kantoor?” “Om te beginnen wil ik het hebben over de ideale werkweek. Vier dagen ‘the office’, één dag thuis. Dat is pas ideaal. Fijn om even op adem te komen, goed om eens flink door te werken. Maar het ideale kantoor? Dit kantoor hier is zeker prettig. Mooi, ruim, fijne hoekjes, lekkere temperatuur, niet te koud, niet te warm, alleen dat al is opmerkelijk. Goeie koffie ook. Een mooie tafel. Op mijn werkplek hecht al het vuil zich blijvend in het

tafelblad en aan de onderkant van de tafel hebben we eierdozen moeten plakken, alle panty’s gingen aan flarden. Ik geloof niet zo in al die nieuwe trends. Met de krant hebben wij aan het Rokin in Amsterdam een prachtig nieuw gebouw betrokken. Het oude kantoor aan de A20 in Rotterdam beviel mij beter. Een verschrikkelijk kleurloos pand, aan de snelweg. Ik voelde me er thuis. Je kon er bureaustoelracen en koffie morsen. We haalden Indiaas eten en dan was het niet zo erg dat er wat kerrie lekte. Ranzig misschien, inspirerend zeker. Vrij. De kantoortijgers laten zich niet temmen, zij vinden hun eigen weg. Al die trends. Ze dienen hun tijd wel uit. Zitzakken, Inspirational Quotes op de muren, Free Trade Coffee en nu blijkt ‘Oranje’ van de ene dag op de andere voor de zoveelste keer ‘De Nieuwe Kleur’ te zijn – ik heb alles al voorbij zien komen, je moet je er niet teveel door laten afleiden. De ware kantoortijger wurmt zich er onderuit. Mandarijnenschillen, onduidelijke stapels paperassen, lege koffiebekers, een fraai plastic nijlpaard. Onmisbare spullen voor op het bureau, het hoort er bij. Het kantoor is als het leven, het leven laat zich ook niet kanaliseren, is niet maakbaar. Zo hoort ook de kantoorjungle één grote chaos te zijn. Per ongeluk brengen we er toch de mooiste dingen tot stand. Hoe dat komt?

Mensen willen op de een of andere manier mooie dingen maken. Willen met elkaar overleggen. Stellen er een eer in iets neer te zetten wat de moeite waard is. Vinden het gewoon leuk samen te zijn. Willen gelukkig zijn. Mensen zoeken elkaar op, werken graag samen, en opeens komt daar dan iets moois uit voort. Nederlanders zijn gelukkig op kantoor, ook al zeggen ze van niet. Niet voor niets zoeken ‘ZZP’ers’ zonder kantoor elkaar op, zitten ze graag bij elkaar. Mensen voelen zich fijn, zo samen op kantoor.” “Liever een morsig kantoor dan een kantoor dat aan al de nieuwste eisen voldoet?” "Vaak wel. Lees mijn column op de volgende baldzijde. Al die goedbedoelde ‘”nieuwste eisen”. Het zijn heel vaak ook de ‘nieuwe kleren van de keizer’, het is een speeltuin, leuk dat mensen het steeds weer proberen, morgen dit, overmorgen dat. Ik vind het goed. Van mij mag het. Maar bij het STAAND VERGADEREN haak ik af. Doe even normaal zeg. Ik hol de hele dag al van het kastje naar de muur, dan wil ik tijdens een saaie vergadering, die ook via een e-mail gekund had, wel even op m’n gemak onderuit kunnen zakken.”


IN GESPREK MET

“Niks mis met een lelijk kantoor” column van:

Japke-d. Bouma is eindredacteur bij de binnenlandredactie van NRC Handelsblad en columniste met als specialisatie het wel en wee in de wereld van het kantoor.

Japke-d. Bouma

“Het zal ongetwijfeld de sector zijn, maar ik ben mijn hele kantoorleven al omringd door lelijkheid, afbraak, neergang en verval. Stoelen waar de vulling uitsteekt, vergeelde lamellen met gaten, spuuglelijk meubilair, kansloze planten en een desolaat en tochtig kantoorpark met de files op de snelweg als decor. Ik heb me daarin altijd heel erg op mijn gemak gevoeld. Er is helemaal niks mis met een lelijke kantoortuin die om je heen in elkaar stort. Heerlijk, die jaren-80-architectuur. Het treurige zitje in de hal waar het angstzweet van duizenden sollicitanten in is getrokken. Zo’n kwijnend systeemplafond waar hier en daar een plaat ontbreekt. Het doodse beton. De trieste muren met onbestemde spatten. De nepkristallen blokken bij de entree die zo ontroerend onder de kerstboom glimmen. Een pand waar in een straal van tien kilometer geen zichzelf respecterende horecagelegenheid te vinden is. Waar je wegwaait van het dakterras. Er komen de beste producten vandaan. Dat is omdat lelijkheid stimuleert. Omdat je bij lelijkheid zelf zo glanzend afsteekt. Omdat lelijkheid geen eisen stelt, niets gek vindt en overal blij mee is. Lelijkheid heeft geen dubbele agenda. In een lelijk huis schop je je schoenen uit. Je bent er thuis. In een lelijke kantoortuin kan af en toe ook wat kapot. Dat is fijn. Het is fijn dat je er kunt voetballen, een potje kunt sprinten, een doe-het-zelf-drone kunt testen of met bureaustoelen kunt racen zonder je druk te hoeven maken over je verzekering. Het is mooi dat je er Indiaans kunt eten zonder dat het erg is dat het lekt. Het is mooi om te zingen bij de valse piano. En toch vinden veel kantoortuinen dan ineens dat ze moeten verhuizen. Heel eng is dat. Dan willen ze naar hippe stadscentra met een dynamische architectuur. Met transparante vergaderkubussen in atria. Met hysterische ruwhouten bureaus, strakke debatcentra, blakende horeca en zinderende uitzichten op cities that never sleep. Bezint eer gij begint, zou ik willen zeggen. Lelijke panden maken personeel tot een familie. Hippe nieuwe panden zijn als mooie stiefmoeders met witte interieurs. Leuk voor papa. Maar aan de kinderen is niks gevraagd.

Column en citaat uit: Japke-d. Bouma, Gids voor de Kantoorjungle, NRC Boeken/Nieuw Amsterdam Uitgevers, 2013


71

Binnenkort gerealiseerd Courtyard Building Locatie Utrecht Opdrachtgever Commerz Real Real Estate Activiteiten Totaalconcept, design+build, styling, inrichting diverse huurders

COURTYARD building

PROJECT IN BEELD


IN GESPREK MET

SKEPP sessie met

DIRK DEKKER In het nieuwe gebouw ‘HANDEL AMSTERDAM’ aan de Zuidas in Amsterdam dit keer een gesprek met Dirk Dekker van ‘Being Development’, nog onlangs in het nieuws als één van de partners in het consortium dat het ‘nhow Amsterdam RAI Hotel’ gaat ontwikkelen. Mattijs Kaak: “Hoe is die club van dit RAI project tot stand gekomen?” Dirk Dekker: “Mijn partner bij ‘Being Development’ Bas van Dam heeft een relatie met ‘COD’, ‘Pleijsier Bouw’ en de ‘NH Hotel Group’. Zo is het voor ons begonnen. ‘OMA’ schoof aan en samen vormden we een wel heel sterk team. In onderlinge samenspraak kwamen we tot een propositie voor de pitch. Om een lang verhaal kort te houden: er waren 11 kandidaten, wíj wonnen de tender. Dat is fantastisch, het hotel moet er in 2018 staan en dus moet er nog heel wat gebeuren. Alle partners kijken uit naar de onderlinge samenwerking. Architectuur en duurzaamheid zijn kernwaarden. We leggen de lat hoog: qua duurzaamheid is ‘Breeam Outstanding’ onze ambitie.” “Als ik jou een beetje gevolgd heb in je carrière lijkt ‘duurzaamheid’ de rode draad. Is dat altijd zo geweest?” “In feite ben ik vrij traditioneel begonnen. Ik heb bedrijfskunde gestudeerd en was ooit een jonge adviseur met een Master in Business Administration op zak. Bij ‘Boer & Croon’ hield ik mij bezig met ‘change

management’, veranderingsvraagstukken binnen bedrijven. Ik stelde mijzelf op een gegeven moment de vraag: “Stel dat door mijn inspanningen dit bedrijf waar ik nu adviseer beter wordt, wat voor impact heeft dat dan op de wereld als zodanig?” Door die vraag te stellen maakte ik duidelijk een omslag in mijn denken. ‘People, Planet, Profit’, de eerste twee waarden werden in mijn perceptie belangrijker, de derde niet alleenzaligmakend. Ik begon de noodzaak van harmonie tussen deze drie P’s in te zien. Deze omslag kwam natuurlijk niet uit de lucht vallen, ik had sterke inspiratiebronnen, daarover misschien straks nog. Zo’n beetje tegelijkertijd kwam ik door mijn werk in aanraking met ‘Return to Sender’ van Katja Schuurman. Door de verkoop van artikelen met een goed verhaal wil deze ‘Social Venture’ een duurzame verandering tot stand brengen en armoede bestrijden in de armste gebieden van de wereld. Daar produceren, hier verkopen, daar investeren. Goed doen en geld verdienen. Ik raakte door dit alles en ook zeker door de ontmoetingen met bijzondere mensen zoals Herman Wijffels, Gunter Pauli en Ervin László

sterk geïnspireerd om duurzame veranderingsvraagstukken aan te willen pakken.” “Maar hoe komen we dan in het vastgoed terecht?” “Mijn studievriend Bas van Dam en ik waren altijd al van plan ooit samen iets te gaan opzetten. Hij was in Amerika terechtgekomen en werkte daar in de vastgoedsector. Kreeg iedere keer te maken met een strikt programma van eisen volgens welke gebouwd en opgeleverd moest worden. Zijn eigen creativiteit en ideeën kwamen hierbij in het gedrang. In Nederland was ondertussen het een en ander veranderd. In 2008 werd het ‘Lenteakkoord’ gesloten, het voornemen van overheid en bouwwereld energiezuinig en CO2-neutraal te gaan nieuw bouwen. Nogal een veranderingsproces. Míjn terrein dus. Wij waren geïnteresseerd. Gebouwen hebben een enorme impact: er wordt gewoond, gewerkt, gerecreëerd, geleefd. Gebouwen hebben invloed op hun omgeving. Maak je gebouwen duurzamer, dan maak je de wereld duurzamer. Wij bedachten dat als je gebruiker gericht,


73

IN GESPREK MET

“Het gaat om iets groters dan jezelf.” transparant, duurzaam en bewust vanuit een herkenbaar merk zou gaan ontwikkelen, deze nieuwe markt open lag. In onze betrekkelijke naïviteit waagden wij de sprong, namen ontslag en begonnen ‘out of the blue’ ‘Being Home’”. “Wat hield dat precies in?” “Heel hard werken om te beginnen. Wij boden duurzame designwoningen aan. Nieuw was dat wij particulieren van begin tot eind zouden begeleiden bij de realisatie van hun ‘droomhuis’. Planning, ontwerp, bouw, oplevering, het hele proces, alles in één. De opdrachtgever wist elk moment waar hij aan toe was in tijd, geld en kwaliteit. Tevens toonden wij aan dat duurzaamheid voor een ‘meerwaarde’ zorgde. Door vooral efficiënt te bouwen zouden wij geld kunnen investeren in kwaliteit: in design en in duurzaamheid. Wij werkten hierbij samen met het architectenbureau ‘Powerhouse Company’, nog steeds de partner bij veel van onze projecten. Architectuur, design, innovatie, klantgerichtheid, duurzaamheid, stuk voor stuk waarden die voor ons van belang zijn. We zijn uiteraard een commercieel bedrijf, maar in de reeks ‘People, Planet, Profit’ laten we ons veeleer begeesteren door de eerste twee dan door nummer drie.”

“Wat is de betekenis van de term ‘Being’ in deze naam en ook in de naam ‘Being Development’?” “‘Being’ is bewustzijn. Wees je bewust van wie je bent, van de waarden die je nastreeft, van de intenties die je hebt. Elke intentie is de start van een consequentie. Wees je bewust van wat je doet en wees je bewust van je keuzes. Bewaak die keuzes tijdens het hele proces. Met ‘Being Home’ kregen wij aardig wat aandacht en werden wij als gevolg daarvan door ontwikkelaars, beleggers, investeerders en gemeenten uitgenodigd om op onze wijze te adviseren óver en het management te voeren ván vastgoedontwikkelingen. Kortom, wij ontwikkelden ons tot vastgoedontwikkelaars van deze tijd. In het bedrijfsleven wordt het moeilijk gevonden van te voren waardes goed in te schatten en een verschil in belangen positief te ervaren. Niet het eigenbelang telt, maar het gedeeld belang. Het gaat er om de verschillende belangen samen te brengen en daar vervolgens de meerwaarden uit te halen. Die meerwaarden liggen veelal op het terrein van de duurzaamheid, de leefbaarheid en de flexibiliteit en zij zijn vooral toekomstgericht met een focus op de mens. Het gaat uiteindelijk niet om het pakken van een snelle winst. Natuurlijk moet je realistisch blijven, een project moet zeker ook financieel gezond zijn.”

“Met wat voor projecten houd je je op dit moment bezig?” “Wel, we zitten hier op de Zuidas in ‘HANDEL AMSTERDAM’, een flexibel bedrijfsverzamelgebouw met openbare horeca, ontwikkeld in samenwerking met ‘All-in Real Estate’, die ook eigenaar van het gebouw is. Belangrijk hier is ook de samenwerking met belanghebbenden om ons heen en een goede positionering van het gebouw op basis van de bestaande en toekomstige waarde in de omgeving. Alweer: niet het eigenbelang telt, maar het gedeelde belang. Op die manier tillen we de hele straat naar een hoger niveau en doen we eigenlijk in bepaalde mate aan gebiedsontwikkeling. Van het één komt het ander en hiernaast zijn we dan ook bezig met de ontwikkeling van een tweede gebouw ‘The Pavilion’, een in meerdere opzichten ‘duurzaam’ kantoor in deze stedelijke omgeving. In Rotterdam transformeren we het oude reclasseringsgebouw op het Coolhaveneiland tot een plek voor wonen, werken en horeca: ‘WEST399’. In Voorschoten ontwikkelen wij op het terrein van kasteel ‘Duivenvoorde’ een hoogwaardig woningproject: buitenplaats ‘Haagwijk’ en sinds kort doen we dat ook met een soortgelijk project in Wassenaar. In het verlengde daarvan zijn we bezig


IN GESPREK MET

met plannen voor ‘Being City Village’ en ‘E-wijk’: integrale ontwikkelingen, met onderwerpen zoals zelfvoorzienend in energie, ‘inclusive’, circulaire economie en zelfredzaamheid, noem het ‘groene dorpen’ in of nabij de stad. De plannen zijn klaar, nu nog de stap naar de concrete ontwikkeling. Voorlopig is het al van belang met geïnteresseerde partijen over deze innovatieve vorm van gebiedsontwikkeling na te denken. Met allerlei belanghebbenden voeren we op dit moment ook gesprekken over de ontwikkeling van een multi-disciplinair bedrijvengebouw in Amsterdam van bij voorkeur zo’n 10.000 m2, bevolkt door ‘like-minded-people’ van diverse sectoren en achtergrond, maar stuk voor stuk beantwoordend aan de internationale ‘B Corp’ standaard voor duurzaamheid: de ‘B Corp Headquarters’ van Europa. Met dit gebouw zouden we een internationale voorbeeldfunctie willen vormen. We ontwikkelen verder woontorens in Rotterdam en Utrecht. Tevens beginnen we nu dus in samenwerking met onze partners aan het Rai Hotelproject.” “Bouwen is in principe vervuilend. Neem alleen al het vervoer van bouwmaterialen, het afval tijdens het hele bouwproces en ga zo maar door. Kan dat eigenlijk wel een ‘duurzaam’ gebouw neerzetten?” “Inderdaad, bouwen lukt niet zonder ‘vuile handen’. Maar gebouwd wordt er toch. Er komen steeds meer mensen bij. We moeten realistisch blijven. Renoveer het bestaande en bouw het nieuwe zo goed als mogelijk. Wees je bewust van wat je doet; leg de nadruk op het héle proces,

energie, toekomstwaarde, gezondheid, milieu, gebruikskwaliteit; werk samen; zoek inspiratie in hoe de natuur zaken heeft opgelost. Het hele bouwproces vormt een waardeketen, de ontwikkelaar bewaakt die keten. Dat is zijn werk. Het resultaat is controleerbaar van een hoger niveau. Ik noemde al ‘B Corp’, een beweging waar veel over te zeggen valt, het propageert onder meer ‘goed doen’ door ‘zaken doen’, maar ook biedt het een methode objectief te meten hoe ‘goed’ een bedrijf is en doet. Aan die norm moet je willen voldoen als je een serieuze partij wilt zijn in de nabije toekomst.” “Wat zijn in jouw loopbaan de inspiratiebronnen?” “Dat zijn er vele en verschillende. Eerder zei ik al, dat ik sterke inspiratiebronnen heb gehad. Bij ‘Boer & Croon’ kwam ik uiteraard in aanraking met allerlei trainingsvormen. Traditioneel en vernieuwend. Daar kwam ik in aanraking met het model ‘De Windroos’ van Jan Pieter van Lieshout. Aan de hand van de vier windrichtingen ben je in staat je bewustzijn vanuit verschillende kanten te ontwikkelen, maar ook te komen tot duurzame bedrijfsresultaten. Hierbij staat het noorden voor ‘doen’, efficiëntie, contracten en procedures, het westen voor ‘hebben’, het rendement, de euro’s (de lijn van het oude management denken), het zuiden voor ‘emotie’, collegialiteit en samenwerken en het oosten voor ‘zijn’, het spirituele, de passie, de energie (de lijn van het leiderschap denken). Als je die twee denklijnen integreert door te starten in het oosten, door vanuit je passie en vanuit samenwerking efficiënt te werk te

gaan, kom je tot concrete, waardevolle resultaten. Dit vormt in feite de filosofie van ons bedrijf. Ik wil ook Paulien Assink noemen met haar leiderschapsprogramma ‘PAL’ (Pioniers in Authentiek Leiderschap) en haar boek ‘Uit het Harnas’ over authentiek en verantwoord leiderschap. Ook het contact met Fred Matser heeft me sterk geïnspireerd. Hij was projectontwikkelaar, is gestopt met zijn bedrijf en reist nu de wereld rond om “goed te doen” en vooral “ jonge mensen te helpen in hun kracht te komen en verantwoordelijkheid te nemen.” Als mentor bij ‘Rockstart Impact’ ben ik onlangs met 9 anderen naar Nepal geweest. Daar hebben wij ‘start-ups’ begeleid bij de professionalisering van hun bedrijf en het klaarmaken voor een investeringsronde. Dat is nodig, want het is nogal scheef, de verdeling in de wereld. Bij de ‘Natuur en Milieu Federaties’ ben ik onlangs een korte tijd verantwoordelijk geweest voor een aantal projecten. Ik werkte daar met fantastische mensen die echt weten waar ze voor staan en waarom ze daar werken. Vaak vanuit een, vanuit mijn commerciële ogen gezien, onnodige bescheidenheid over de waarde van de NMF. Bij de ‘NMF’ staat uiteraard de bescherming van de natuur en het milieu voorop. Tegengestelde belangen lijken daarmee vaak te botsen, maar kunnen verenigd worden door gezamenlijk te zoeken naar positieve oplossingen. Je kunt het immers niet alleen. Heel inspirerend om te zien hoe ze zich daarin aan het ontwikkelen zijn. We vormen met z’n allen deze wereld, we hebben een gedeeld belang, het gaat om iets groters dan jezelf.”


75

IN GESPREK MET

SKEPP & LEESMAN Bij SKEPP houden we van cijfers. Een mooi ontwerp van de kantooromgeving is belangrijk. Een goed onderbouwd ontwerp is echter nog vele malen belangrijker. Het gaat hierbij veel verder dan een onderbouwing van de gekozen kleuren en materialen. De bewuste keuze van de aan- of afwezigheid van verschillende faciliteiten en services in een kantooromgeving is een afweging die weloverwogen gedaan moet worden. Het beste moment voor deze afweging is gedurende de ontwerpfase van een project en juist deze afweging is van het grootste belang voor het creëren van een prettige werkomgeving. Met andere woorden: bij SKEPP zijn we bewust van de verantwoordelijkheid, die hoort bij het ontwerpen van een goede werkomgeving. Iedere onderneming is uniek wat betreft 'eisen & wensen' en wat betreft de eigen cultuur. Elke werkomgeving moet daarop aangepast worden. Een ontwerp van een kantooromgeving is daarom ook een maatwerk product, dat moet aansluiten op deze cultuur en op deze eisen & wensen. Het vertalen van deze input naar een ontwerp kan niet zonder een belangrijk derde ingrediënt: onderbouwing. Deze onderbouwing komt uit ervaring in het ontwerpen van kantooromgevingen, maar zeker ook uit onderzoeken en vakliteratuur. Een prachtige bron van onderbouwing is de Leesman index. Op basis van hun eigen 100.000+ data report heeft Leesman eigen data geanalyseerd en daaruit onderstaande conclusies getrokken. Een kijkje in de keuken van SKEPP en een mooie spiegel voor uw eigen werkomgeving.

Tien dingen die de beste werkomgevingen anders doen: De Leesman index (Lmi) meet, hoe goed de werkomgeving de gebruiker ervan ondersteunt. Het legt de relatie tussen de werkomgeving en zaken zoals productiviteit en trots. De werkomgeving kan dus worden ingezet om meer productieve en meer gelukkige medewerkers te krijgen. Leesman onderzocht in meer dan 800 gebouwen bij ruim 100.000 respondenten, hoe zij hun werkomgeving waardeerden. Slechts

54% zegt productief te kunnen werken! Slechts 49% is trots. Interessant is dat slechts 5% van alle onderzochte gebouwen een Leesman index boven de 70 scoorden. En dat in deze top maar liefst 74% in staat is productief te werken en 86% trots is. Hoe zorgen deze bedrijven er wél voor dat hun medewerkers productiever zijn? 1. Maak het kantoor van de medewerker Als je luistert naar je medewerkers, weet je wat goed is voor je organisatie. Daarnaast creëer je eigenaarschap. Medewerkers voelen dan: wij hebben aangegeven welke zaken wij van belang vinden om optimaal te kunnen werken. Die zaken zijn doorgevoerd en daardoor zijn veranderingen ook makkelijker. 2. Wat doen medewerkers eigenlijk? De top-3 van taken in een werkomgeving zijn individueel geconcentreerd werken, telefoneren en vergaderen. Elke organisatie en elke afdeling is weer net even anders. Maar alle outperformers hebben één ding gemeen. Ze hebben heel grondig gekeken welke activiteiten verschillende mensen doen in hun gebouw en zij hebben deze activiteiten vervolgens zeer goed gefaciliteerd. Klinkt als een open deur, maar teveel projecten zijn opgestart op grond van slechts een paar meningen en vanuit de opvatting dat iets er mooi uit moet zien. Design gaat juist over hoe iets functioneert. 3. Creëer een goede sociale infrastructuur Op alle 21 taken scoren de beste werkomgevingen beter. De wij-taken, waarin wordt samengewerkt, worden echter significant beter ondersteund. Je kunt daarbij denken aan spontane of georganiseerde vergaderingen, aan ontspannen en pauzeren. Ook aan de faciliteiten, die hierbij horen zoals koffie- en theevoorzieningen, audiovisuele apparatuur en vergaderruimten. Zo vinden 90% van alle werknemers koffie en thee noodzakelijk om goed te kunnen functioneren, niet minder belangrijk dan goede IT apparatuur. 4. Fysieke minimum De beste ideeën ontstaan samen. Bij veel organisaties zie je een terugtrekkende beweging in het thuiswerk beleid. Gebouwen worden aantrekkelijker gemaakt om in te werken en om in te ontspannen. Elk team heeft ook een fysiek


IN GESPREK MET

minimum om bij elkaar te zijn, waardoor ideeën worden gedeeld en waardoor van elkaar wordt geleerd. Generatie-Y bestaat uit mensen die ‘leren van anderen’ belangrijk vinden, zij willen dus vaker op kantoor zijn. 5. Variëteit en keuze In flexibele werkplek concepten verliezen medewerkers vaak de mogelijkheid om hun werkplek te personaliseren. Ze krijgen er echter iets zeer belangrijks voor terug. Ze kunnen voor elke taak hun werkplek personaliseren door steeds een werkplek te kiezen die bij die specifieke taak past. Dan moeten er echter wel keuzemogelijkheden zijn. De organisaties met flexibele werkplekconcepten én met veel keuzemogelijkheden scoren het best. Het gaat mis, als alle taken, die voorheen achter een bureau in een kantoor werden gedaan, nu achter een bureau in een open ruimte worden gedaan. 6. Stel het welbevinden van de medewerker centraal In een onlangs verschenen rapport van de World Green Building Council wordt aangetoond dat verschillende zaken

impact hebben op het welbevinden en de productiviteit van een medewerker. Denk hierbij aan daglicht, aan bloemen en planten voor de zuivering van de lucht, aan inspirerende kunst en fotografie, aan sport- en ontspanningsmogelijkheden, aan douches voor na beweging en aan goede voeding voor de gezondheid. 7. Omarm technologische vooruitgang De technologische vooruitgang maakt het mogelijk audioen videoconferenties te houden, vergaderzalen digitaal te reserveren, overal toegang te verlenen tot de eigen bestanden. Altijd en overal kan gewerkt worden, binnen en buiten het kantoor. De techniek moet dan natuurlijk wel functioneren. 8. Communiceer De beste bedrijven zijn in constante dialoog met hun medewerkers. Als een nieuw werkplekconcept wordt geïntroduceerd, wordt het gebruik uitgelegd. Zo kan het zijn dat mensen dezelfde taken, zoals telefoneren of overleggen met zijn tweeën, achter een bureau doen in een open


77

ruimte en andere mensen daardoor moeite hebben met hun concentratie. Elke verbetering is dus niet direct meteen een investering, het kan ook een cultuurverandering zijn. Daarnaast kunnen activiteiten in de loop der tijd veranderen, waardoor ook de werkomgeving moet mee veranderen. Meet dus vóór en ná veranderingen, stuur bij en communiceer hierover. 9. De werkomgeving levert geld op Het herinrichten van de werkomgeving zou veel meer de verantwoordelijkheid van Human Resources moeten zijn. Het herinrichten van de werkomgeving gaat over het slimmer laten werken van mensen. Door een goede werkomgeving gaat de productiviteit omhoog en gaat het ziekteverzuim omlaag. Men kijkt vaak naar de kosten en naar de bezettingsgraden van werkomgevingen en dus is het des te belangrijker rekening te houden met dat wat een werkomgeving op kan leveren. 10. P roductiviteit killers De drie grootste zaken waar medewerkers ontevreden over zijn en die een negatieve impact hebben op hun productiviteit zijn akoestiek, temperatuurregeling en binnenklimaat. Over akoestiek is slechts 29,2% tevreden, bij binnenklimaat is dit 32,5% en bij temperatuurregeling slechts 26,3%. Akoestiek is daarbij de beste voorspeller van productiviteit, het wordt dus tijd om te luisteren naar de 46.000 mensen, die ontevreden zijn over de akoestiek. Waar liggen de winstpunten? In Leesmans 100.000+ datareport worden de best scorende werkomgevingen afgezet tegen alle werkomgevingen. De grootste verschillen geven de belangrijkste winstpunten weer. Deze punten vergen extra aandacht bij het ontwerp van de werkomgeving.

Algehele statements over het ontwerp van de werkomgeving Het is een plek, waarop ik trots ben Het is een plezierige omgeving om in te werken Het draagt bij aan een saamhorigheidsgevoel Het zorgt ervoor dat ik geconcentreerd kan werken

Welke activiteiten worden in de beste werkomgevingen beter gefaciliteerd? Video conferences Relaxen Informele, ongeplande meetings Ontvangst van bezoek Individueel geconcentreerd werken Creatief denken

IN GESPREK MET

%Alle 48.7 56.7 58.0 54.8

%Top 81.7 78.9 73.6 70.1

%Verschil 33.0 22.2 15.6 15.3

%Alle 53.4 62.2 63.1 61.4 64.0 50.9

%Top 75.1 83.4 83.5 79.8 81.4 67.8

%Verschil 21.7 21.2 20.4 18.4 17.4 16.9

Welke kantoorfaciliteiten en services hebben de beste kantooromgevingen %Alle %Top %Verschil beter voor elkaar? Atriums en gemeenschappelijke ruimten Informele overlegruimten Algehele uitstraling van het kantoor Keuze in verschillende typen werkplekken Algehele netheid kantoor Algehele schoonheid kantoor Groen op kantoor Toiletten Stilteruimtes Thee en Koffie

42.7 36.0 40.9 27.2 57.2 59.0 28.1 47.9

80.3 72.4 75.8 62.7 82.7 83.1 51.9 69.2

37.6 36.4 34.9 35.5 25.5 24.1 23.8 21.3

25.8 46.7 20.9 63.7 83.8 20.1

Leesman legt de relatie tussen enerzijds de werkomgeving en de productiviteit van medewerkers en anderzijds hun welbevinden en trots. Met meer dan 120.000 respondenten verdeeld over 1.000 gebouwen is de Leesmanindex wereldwijd de grootste benchmark voor het meten van de effectiviteit van werkomgevingen en gebouwen. Leesman is onafhankelijk en neutraal. Op basis van een Leesman onderzoek kunnen organisaties gefundeerd beslissingen nemen om voor hun werknemers een optimale werkomgeving te creëren.

Bronnen: Tekst ‘10 dingen die de beste werkomgevingen anders doen’ Gideon van der Burg, Leesman. www.leesmanindex.com Data: 100.000+ data report, november 2015. www.leesmanindex.com


PROJECT IN BEELD

HNK

den bosch


79

PROJECT IN BEELD


1200

6000

7200

N1

5400

N3

7200

N5

1800

9

3600

11

3600

13

3600

15

3600

16

3600

18

3600

20

3600

21

3600

22

5760

25

NJ NK

NF 3600

NF

ND ND 30a

1440

27 28

300 3300

30a 32 3600

3900

32 33 3600

3600

33 34 L

J

G

E

C

PB

NA

3600

34

B

A

ST_P00_overzicht

NL

TEKENINGNUMMER

NM

1:50 - A3

N12

alle rechten voorbehouden

maten in het werk controleren

5400

SCHAAL

NM N11

NC

7200

HNK Den Bosch

GETEKEND DOOR

N10

Locatie Den Bosch

Opdrachtgever NSI

styling overzicht

1800

ONDERWERP

N9

Activiteiten Totaalconcept, design+build, styling, inrichting diverse huurders

www.skepp.nl | info@skepp.nl | 020 575 3078

7200

DO

N8

ONTWERPFASE

7200

WIJZIGING

N7

18-02-2015

3600

1800

7200

DATUM

7200

7200

N6

3600

NG 3600

7200

7200

7200

1800

N4

322_HNK-DB

NC 3600

1800

7200

7200

7200

PROJECT

3600

7200

7200

N2

hogehilweg 19 | 1101 CB | Amsterdam zuid-oost

NB

3600

7200

PROJECT IN BEELD

NH


81

PROJECT IN BEELD

Lees meer over dit project, scan de code


VARIA

kijken doe je met zien

Tekst en Fotografie: Jeroen van Rijsbergen & Rachel Santegoets

Steeds vaker zie je ze opdoemen: de lijstjes die beginnen met “Het lelijkste gebouw van…” We hebben snel een oordeel over een gebouw, zelfs al voor het is gerealiseerd. Iets is mooi of lelijk op basis van een vluchtige mening. Men gaat voorbij aan het verhaal achter het gebouw en kijkt alleen naar de buitenkant. Opvattingen zijn vaak gebaseerd op wat er binnenin het gebouw gebeurt, de architectonische verschijning is van ondergeschikt belang. Hoe lang is het geleden dat je een gebouw objectief hebt beoordeeld? Dat je jezelf afvroeg: “Wat betekent dit gebouw? Hoe is het opgebouwd? Waarom is het gerealiseerd en hoe wordt het gebruikt?” In het huidige televisie- en internettijdperk zijn we gewend in één blik informatie te onttrekken aan een beeld: one-hit-image heet dit fenomeen, aldus Thomas Campbell, directeur van het Metropolitan Museum in New York. In de kunstwereld is die ene blik niet voldoende. Campbell pleit er dan ook voor langer dan negen seconden naar een schilderij te kijken. Op die manier zie je de verschillende verhaallijnen en kom je tot nieuwe inzichten. Dit principe is ook in de architectuur toe te passen: een schilderij wordt in dat geval een gebouw. Voor dit artikel zijn vijf kantoorpanden bezocht in verschillende delen van ons land. We hebben uitgebreid de tijd genomen hun schoonheid te ontdekken door eromheen te lopen, foto’s te maken, te voelen en te beleven. Ga mee op een boeiende reis langs deze vijf architectonische objecten. Stel jezelf er voor open, blijf ernaar kijken en lees hun verhaal. Ga er zelf heen en maak er kennis mee!

* Jeroen Krabbé, tv-productie “Krabbé zoekt Van Gogh”, Hilversum, AVRO/TROS, 10-10-2015


83

je ogen, met je ziel

D el

oo rt R ft se P

*

ot t er

d am

VARIA


VARIA

De kromming van het KPMGgebouw zorgt voor een steeds weer verrassend lijnenspel. De kleurrijke materialisering en de steeds weer verrassende perspectieven maken het gebouw tot een lust voor het oog.


85

VARIA

KPMG Kantoorgebouw Laan van Langerhuize 1 - Amstelveen Het langgerekte KPMG-pand aan de A9 bij Amstelveen is bekend geworden, doordat het bouwproces kritisch onder de loep werd genomen in het televisieprogramma ‘De Slag om Nederland’. Hierdoor is er een smet geworpen op het in 2010 geopende gebouw, en dat terwijl het door zijn ligging en gedaante ook wel De poort van Amstelveen wordt genoemd.

De architect van het gebouw is Van der Schalk, die eerder werkzaam was voor Alberts & Van Huut. Dit bureau staat bekend om zijn organische baksteengebouwen zoals het INGhoofdkantoor in Amsterdam-Zuidoost of het hoofdkantoor van de Nederlandse Gasunie in Groningen: architectuur die bestaat uit vrije, dynamische ontwerpen met een harmonische vormgeving, geïnspireerd op natuurelementen.

Voor buitenstaanders oogt het pand als een indrukwekkend fort dat uittorent boven zijn natuurrijke omgeving. De organische vormgeving en zijn waterrijke situering geven het gebouw een telkens wisselend silhouet, dat gelijkenis vertoont met een schip, met ijsschotsen of met een kerk. Bij een wandeling rondom het kantoorgebouw ervaar je de harmonische vormgeving, zoals deze door de architect is bedoeld en dan komt zijn schoonheid goed aan het licht.


VARIA

tal e men onu m de de van ill e n s e nd e ve l sch e r as e g r v r ft oo ve r e i d a a n H et De v flat hee . elh n r e e mee tos e o rm en v n v e s e r ve l g V e o n o g i v n e chij o rgt g e ef t d ve r s b ru i k z en n e e g r n k l e u n p at r o e s e ri t m e e. te m diep


87

Ventoseflat Mathildelaan 3 - Eindhoven De oorsprong van de Ventoseflat in Eindhoven gaat terug naar 1875, toen er een sigarenfabriek werd gebouwd. Na 1923 is deze fabriek dankzij exploitatiemaatschappij Ventose door Amsterdamse schoolarchitect J.M. van der Mey getransformeerd tot woongebouw. De fabriek is grotendeels opgedeeld in appartementen, die afwisselend vanaf straatniveau en vanaf een galerij toegankelijk zijn. In 2009 onderging het gebouw een

VARIA


VARIA

grootscheepse renovatie. Hierbij zijn elementen, afwerkingen en kleuren uit oorspronkelijke tekeningen teruggebracht, waarmee het langgerekte gebouw een artistieke aanblik heeft gekregen. Een verrassende ontdekking tijdens de renovatie was de lavendeltint die op oude onderdelen werd aangetroffen. Insiders van de stad Eindhoven valt direct op dat het pand is gerenoveerd. Buitenstaanders zien een gebouw met een uitgesproken karakter, wat tot uiting komt in de kleurstelling en in de speelse gevelconfiguratie. Het verschil

in baksteenpatronen valt meer op en wordt nog versterkt door de opvallende kozijnen. Nu de architectuur zichtbaarder is gemaakt, verschillen de meningen over het succes van de renovatie. De schoonheid van het pand zit in de rijke industriële historie. Het is dit industriële erfgoed waar Eindhoven beroemd mee is geworden. Wanneer je langer naar het pand kijkt en meer op de details inzoomt, komt z’n geschiedenis pas goed aan het licht. Zo zorgt de achterkant van het gebouw met zijn balkons, sheddaken en schoorsteen voor een rauwe, industriële sfeer.


89

In de achtergevel is het industriĂŤle karakter nog tastbaar aanwezig.

VARIA


VARIA

Kantoorgebouw Delftse Poort Weena 505 - Rotterdam Je zou er zo aan voorbij lopen. In een flits zie je iets hoogs, iets reflecterends, iets blauws. En toch torent Delftse Poort uit 1992 hoog boven de omliggende bebouwing uit. Het is van de hand van architect A. Bonnema en het heeft de tand des tijds goed doorstaan. Met de nieuwbouw eromheen vormen de twee torens een

samenhangend geheel. Bonnema was aanhanger van het functionalisme, de stroming waarin de vorm van het gebouw de functie volgt. De twee spiegelende torens vormen een vertrouwd baken in het aangezicht van Rotterdam. Wanneer je ze met de auto passeert, ervaar je het complex als ĂŠĂŠn massief blok, terwijl hetzelfde complex vanaf het Groothandelsgebouw meer bescheiden oogt. Bij zonnig weer valt Delftse Poort zelfs helemaal weg tegen de

omringende blauwe lucht, een optische illusie die zorgt voor een verrassend effect. Of het een mooi gebouw is, daar verschillen de meningen over. Doordat de plint van het gebouw niet uitnodigend is, ontbreekt de menselijke maat. Inmiddels is er een koffiezaak geopend, wat meteen al voor meer levendigheid zorgt. Als je de tijd neemt voor een wandeling rondom het gebouw, ervaar je dat het dankzij de reflecterende gevel verschillende interacties met zijn omgeving aangaat.


sc

ho

uw

de

V g va p D n d e k e b o l i nt a n a r fh u g e e l u c aa kh w z w e g et i ve e l. l to ht m elde ch e te va stati e o r a ll te e e n ak t h we n we e n e n s p l ei e n g fa s e r cin t lijn spie omh baan n lijk ge oo e re e n t he t de nd s p e li ng g. t l va n sp

91 VARIA


VARIA

Hoog Catharijne Stationsplein 97 - Utrecht Misschien staat winkel- en kantorencomplex Hoog Catharijne wel op de verkeerde plek. Voetgangers lopen er doorheen zonder dat ze het van de buitenkant zien. De plint wordt omringd door fietsen, waardoor de entrees in het gedrang komen. Is Hoog Catharijne te veel ingebouwd om zijn rijkdom tot z’n recht te laten komen? Het oogt als een ruimteschip, dat een barrière vormt voor fietsers, die de binnenstad in willen. De schoonheid zit aan de binnenkant, maar juist ook aan de buitenkant. Daar laten de gevels verschillende karakters zien. Aan de binnenkant doet het winkelcentrum anders aan. Hier is continu beweging en drukte, hier ontmoet je elkaar. Vanuit de stationshal vormen de passages van Hoog Catharijne een gezellige doorgang naar de binnenstad. In 1973 werd het complex geopend, en met 26 miljoen bezoekers is Hoog Catharijne het drukst bezochte winkelcentrum van Nederland. Het is zo ontworpen dat winkelen een belevenis wordt: als bezoeker kun je een hele dag in het centrum vertoeven om te winkelen, te eten en vermaakt te worden. De architectuur van het gebouw werd in de jaren zeventig als tijdloos beschouwd. Inmiddels oogt het van buiten als een gedateerd gebouw. Samen met het stationsgebied ondergaat het complex momenteel een herontwikkeling. Het is jammer dat het diverse karakter door nieuwbouw wordt opgeslokt. Misschien wordt de barrière naar de binnenstad wel geslecht en krijgen bezoekers van Hoog Catharijne meer te zien dan ooit tevoren.


93

VARIA

Nadere bestudering van de hoogbouw van Hoog Catharijne leert dat het een rijke compositie kent van volumes met ieder hun eigen kleuraccent. De trapsgewijze opbouw zorgt voor een interessante sculpturale vormgeving.


VARIA

en rm vo t h e t n e a e s ar d l u m ht b a o v zic ige rm g o e d o sv t i s bu ku herfs e d e et n d n. n m e l. I e me m ehe sa bo g n n d e a a lt en ud me ng n s e n h a n wo e m am ee s et lom ko een nt m e o i g ag e r to r rm lvo e r g a i s v e e sto arke ijken l en ep ge dd a t d and p me p De


95

VARIA

Kantoorgebouw Centraal Beheer Prins Willem-Alexanderplein 651 Apeldoorn Vlakbij station Apeldoorn staat een bijzonder kantoorpand langs het spoor. Het bestaat uit tientallen kubusvormige blokken en enkele torens en is ontworpen door Herman Hertzberger. In 1972 is het pand in gebruik genomen en als eerste voorbeeld van ‘het nieuwe werken’ was het zijn tijd ver vooruit. Al snel groeide het uit tot architectonisch icoon. Ten tijde van de realisatie was het gebouw

revolutionair. Er ontstond een golf van bevrijding in het vastgeroeste traditionele Nederland. Dit beïnvloedde de manier waarop er over kantoren werd gedacht. Eindeloze gangen met aan weerszijden kamertjes waren niet meer gewenst. Het structuralisme bood ruimte om de relatie tussen privé en openbaar te versterken. De stroming kenmerkt zich door repeterende, geprefabriceerde modulen. In Apeldoorn zijn vierkante betonnen blokken en glazen bouwstenen tot verschillende hoogten opgestapeld, zodat er ruimte ontstond voor dakterrassen. Dit zorgde ervoor dat het gebouw al snel de bijnaam ‘apenrots’ kreeg.

Het kantoor is eigenlijk een stad in een stad, een effect dat versterkt wordt door de zorgvuldig ingebedde parkeergarage: hier waan je je in buitenwijken van steden als Parijs en Rome. Binnen het structuralisme is er oog voor detail. Aan dit pand is dit goed te zien: welk gebouw heeft vandaag de dag een in de gevel geïntegreerd afwateringssysteem? Ook de duidelijke vormentaal in de gevel, het uitvoerig gedetailleerde plafond van de parkeergarage en de uitsneden in de lamellen zijn uniek te noemen. Voor sommige mensen is het gebouw snel


VARIA


97

VARIA

als gedateerd bestempeld. Nu het sinds 2013 leegstaat, dient de vraag zich aan wat er moet gebeuren met het complex. Medio 2015 werd Certitudo Capital eigenaar van het pand. Samen met Herman Hertzberger onderzoekt het mogelijkheden voor de herontwikkeling van het pand. De oude woorden van de architect kunnen wel eens opnieuw werkelijkheid gaan worden: “Sinds 1990 is er niet veel meer over van de fantasievolle en kleurrijke aankleding van de werkplekken. De bloeitijd van persoonlijke expressie uit de jaren zeventig heeft plaatsgemaakt voor netheid en orde.”

De kantoortoren doet dankzij zijn scherpe kleurcontrasten denken aan de kop van een vlieg. Het afwateringssysteem is op sublieme wijze in de gevel geïntegreerd: vrijwel nergens is een regenpijp te zien.


| SMAAKMAKER | VARIA

Aeron bureaustoel

Smaakmaker van Kamiel Koudijs

Ontwerper

Sinds

Materiaal

Wat is de gedachte achter de stoel?

Wat is de functie?

Smaakmaker

Bill Stumpf en Don Chadwick

Bill Stumpf ontwikkelde in eerste instantie een stoel, waar hij zelf lekker op zat en niet een stoel, waarop een ander goed zou moeten zitten. Zo werd de stoel voor ‘veelzitters’ geboren, eigenlijk met de zorgsector in gedachten.

1994

De stoel ondersteunt de onderkant van de rug en het lendengebied, zodat het bekken een natuurlijke voorwaartse kanteling behoudt; op deze manier wordt een hangende houding voorkomen en blijft de ruggengraat recht.

Grotendeels van gerecycled materiaal

Ik ben bang dat ik nooit meer aan een andere bureaustoel kan wennen. Er zijn vast mooiere stoelen, maar de zit van déze stoel is alles waard.

smaakmaker


99

PROJECT IN BEELD

Harding Locatie Schiedam Opdrachtgever Harding/ DHG Activiteiten design+build

HARDING Marine Services


VARIA

Tekst en Fotografie: Morena Egger, Contempera

Elke onderneming is uniek en kent een eigen karakter. Het is de kunst deze eigen uniciteit te vertalen naar een goed beleid, een passende huisstijl en een fijn huis. Met andere woorden: een werkomgeving die de visie en de persoonlijkheid van uw onderneming uitademt. Een grootse uitdaging voor elke onderneming. En toch moet het. Zeker in de huidige markt waar authenticiteit en uniciteit steeds meer van belang zijn om onderscheidend op het speelveld te staan. Kunst is hierbij een prachtige tool en fungeert bovenal als de toegevoegde waarde. Het is de kers op de taart, het is de tas voor de vrouw,de auto voor de man. In elke unieke inrichting speelt kunst altijd een cruciale rol, het is de manier uw bedrijf op de juiste wijze te profileren en de werkomgeving te verrijken. Elke medewerker heeft zijn eigen functie, z贸 ook heeft elke ruimte in de onderneming een functie. Een functie die bekrachtigd kan worden door onder andere de aanwezigheid van kunst. Een simpel voorbeeld hiervan is de entree; d茅 eerste indruk bij binnenkomst. Dit kan een ongebruikt moment zijn, maar dit unieke momentum kan ook aangegrepen worden om werkelijk iets te zeggen. Kunst om iets te zeggen, om indruk of een statement te maken. Een veelzeggend begin te zijn, een interessante opening, een uitnodiging voor het gesprek. Eigenlijk kunnen we stellen dat kunst met het verrijken, het enerveren en het inspireren een zeer effectieve communicatie tool is die op visuele non-verbale manier kan spreken. Ook bij u. Kunst huren is de meest flexibele vorm om kunst in een organisatie toe te passen. Het vormt een fractie van de kosten van de aankoopprijs en natuurlijk bestaat de mogelijk periodiek werken te wisselen. Met een collectie van ruim 1.500 unieke, museale kunstwerken is galerie Contempera een bijzondere pionier in het hoge segment. Contempera levert een full-service huurformule van het advies tot en met de verzekering. Contempera verzorgt het gehele traject.


101

VARIA


IN GESPREK MET

SKEPP sessie met

MARLOES POMP Mattijs Kaak: “Jouw naam staat haast synoniem voor ‘verandering’. Hoe is dat zo gekomen?” Marlies Pomp: “Na mijn studie werkte ik op het Ministerie van Binnenlandse Zaken. Ik gaf leiding aan het project ‘Ambtenaar voor de Toekomst’. Ik kreeg daar mijn eigen werkplek toegewezen, ergens in een hokje, ergens op een verdieping. Dat beviel mij voor geen vijf centen. Ik zocht en vond een ruimte die ik samen met anderen naar mijn eigen ideeën kon inrichten. Geen budget, zelf handen uit de mouwen. Het resultaat bleek al gauw vernieuwend en inspirerend. Flexibel, open, sociaal, sfeervol, goeie IT bij de hand, kortom: een prettige, op activiteit gebaseerde werkplek. We trokken veel belangstelling. Wij vormden in feite ‘a real life’ voorbeeldwerkplek voor Het Nieuwe Werken. Mensen schrokken ook wel. Managers verschansen zich nu eenmaal nog altijd graag in hun kantoor en ook de doorsnee ambtenaar of ‘for that matter’ de doorsnee werknemer lijkt ‘van negen tot vijf’ gesteld op een eigen hoekje en op de eigen veilige stijl van werken. Ik had me ondertussen in één moeite door grondig verdiept in de nieuwe technologieën en in de mogelijkheden van de toentertijd opkomende sociale media. Veel stond nog in de kinderschoenen en het was dan ook niet héél erg ingewikkeld mezelf met een en ander vertrouwd te maken. Voordat ik het wist, was ik zo’n beetje ‘de expert’ van dienst en werd ik overal en nergens

uitgenodigd een bijdrage op dat gebied te komen leveren. Werken aan en met ‘verandering’ bleek hartstikke leuk.” “Maakte je carrière binnen de ambtenarij?” “Nee, ik ben vrij snel voor mijzelf begonnen. Ik werk wel vóór, niet langer bínnen de overheid. Dat laatste is mij niet flexibel genoeg. Vanuit mijn bedrijf Digital Action houd ik voor overheden, organisaties en bedrijven presentaties, begeleid ik workshops, geef ik trainingen, houd ik masterclasses, verbind ik me aan allerlei veranderingsprocessen, help ik op verschillende niveaus bij de invoering van ‘Het Nieuwe Werken’. Ik adviseer bijvoorbeeld bij het moderniseren van handelsmissies of bij het moderniseren van een secretariaat. Het is geweldig als je mensen kunt leren vanuit zichzelf en in de praktijk de eigen grenzen te verkennen. Eerst schrikken ze terug voor veranderingen, later raken ze ermee vertrouwd, gaan het leuk vinden en ontdekken de meerwaarde ervan.” “Maar je doet meer?” “Ik houd een aantal ballen in de lucht, ja. Met Apps BV ontwikkelen we allerlei apps. Voorbeelden? Een woningcorporatie kan klachten van huurders via de smartphone direct door monteurs laten beoordelen en vervolgens zorg dragen voor een snelle en adequate oplossing. Laaggeletterden

helpen we via speciaal ontwikkelde apps hun specifieke problemen beter hanteerbaar te maken. Veel aandacht geef ik op dit moment aan Rewear, een voorbeeld van ‘deeleconomie’. Vrouwen delen letterlijk de inhoud van elkaars garderobe. De één leent voor een feest een prachtige jurk, de ander loopt tijdens haar vakantie met een bijzondere designtas. Ga zo maar door. Via Rewear bied je aan, kies je, leen je, retourneer je. Verder ontwikkel ik een sieradenlijn en ben ik bezig nieuwe vormen van de vaak verplichte maar behoorlijk vastgelopen ‘medezeggenschap’ uit te werken.” “Wat versta jij onder Het Nieuwe Werken?” “Het Nieuwe Werken moet geen ‘keurslijf’ worden. De zoveelste hype. We delen onze kantoren anders in, zetten hier en daar een laptop en een smartphone neer en ‘Klaar is Kees’. Nee, dat zijn de randvoorwaarden. Nieuw Werken is flexibel werken. Wanneer het uitkomt. Waar het goed toeven is. Je bedient je van díe sociale media, die voor een specifiek geval geschikt zijn. Je spreekt met mensen af als dat nodig en prettig is. Op vrijdag om half zes? Geen probleem. In een hotellobby? Geen probleem. Je werkt met leuke mensen samen aan interessante en uitdagende projecten. Je verenigt het nuttige met het aangename. Je zoekt naar adequate oplossingen voor specifieke problemen.


103

IN GESPREK MET

“Anders wordt snel héél anders.” Je verkent voortdurend je grenzen en onderzoekt nieuwe mogelijkheden. Zeker: er ontstaat een beetje een kloof. Er is een voorhoede die zich thuis voelt met de nieuwe technologie, die niet terugschrikt voor nieuwe mogelijkheden, die kansen ziet, waar anderen problemen vrezen, die zich niet vastklampt aan wat voorbij en uitgewerkt lijkt te zijn. Nieuwe mogelijkheden dienen zich voortdurend aan, nieuwe technologieën bewijzen zichzelf. ‘Anders’ wordt snel ‘héél anders’” “Geef daar eens voorbeelden van?” “Over de ‘deeleconomie’ hebben we gesproken. Een ontwikkeling die in de praktijk al vele voorbeelden kent en die steeds verder zal gaan. Ik verdiep me nu bijvoorbeeld ook in ‘Blockchain’. Het internet hapert. De veiligheid is zoek. We kunnen echter niet meer zonder, ‘terug’ willen we niet. Blockchain lijkt in dat opzicht nieuwe mogelijkheden te bieden. Het biedt, om maar eens wat te noemen, een manier waarop je elkaar niet hoeft te vertrouwen, maar waarop je wél veilig informatie kunt uitwisselen. Op allerlei terrein. Tussenpersonen zijn niet meer nodig, een contract kan zonder notaris worden afgesloten, loketten kunnen dicht, een verkiezing kan digitaal worden gehouden, mét behoud van geheimhouding. Ik weet ook niet, waarheen dit alles gaat leiden. Het is geweldig te onderzoeken, waar de nieuwe kansen liggen en wat we ermee

kunnen doen.” “En nu ‘het vastgoed’? Wil men daar een beetje mee in de vaart der volkeren?” “Dat is een verhaal apart. Ik heb al verteld dat elke organisatie, elke instantie maar langzaam in beweging komt. Het kost tijd veranderingsprocessen op gang te brengen. Veel mensen houden nu eenmaal graag vast aan het oude, het vertrouwde. Kleine-stapjes-voorwaarts lossen dit op. Het vastgoed zit in dit opzicht letterlijk nogal ‘vast’. De crisis heeft misschien even tot nadenken gestemd. Nu de markt weer lijkt aan te trekken is het ‘business as usual’. Een eigenaar wil zijn gebouw duur verkopen, tot de laatste centimeter verhuren, wil eerst en vooral omzet maken. Dat is vaak zijn enige doel. Hij denkt te weinig ‘vanuit de klant’. Hij zou zich wat meer bezig mogen houden met de vraag “hoe kan ik mijn klant helpen een gebouw optimaal te gebruiken?”, “hoe kan ik hem helpen alle mogelijkheden van zo’n gebouw te onderkennen en te benutten”, “hoe kan ik die extra opties faciliteren?” Door de bank genomen staat een gebouw ‘s avonds en in het weekend leeg. Een kantoor is ongezellig en ongeschikt voor nieuwe manieren van werken. Dat kan allemaal anders. Zoek naar hybride vormen. Kopen kan, verhuren kan, delen kan ook. Waarom ligt een parkeerterrein er in het weekend verlaten bij? Waarom staan zoveel kantoren leeg? Zoek vanuit

de sector naar oplossingen. Het ‘vastgoed’ vraagt veel, geeft weinig. In mijn ervaring is ‘het vastgoed’ ook nog eens behoorlijk arrogant. Het is een mannenwereld, vrouwen blijven toch vaak ‘poppetjes’. ‘Old Boys Network’. Een voorstel binnen die wereld iets te veranderen wordt vaak met gebral weggehoond. Niet leuk. Niet mijn terrein. Zeker er zijn uitzonderingen. Jij zelf hebt in je gesprekken mensen aan het woord gelaten die anders willen en kunnen. Ik kom graag op plaatsen als Spaces of Het Nieuwe Kantoor. Ik denk dat binnen deze wereld veranderingen moeten komen van ‘nieuwkomers’. Zij zien de nieuwe tijd, de nieuwe mogelijkheden, de nieuwe kansen.” Ik denk niet door de wereld van het vastgoed, maar waardoor laat jij je persoonlijk wél inspireren? “Elk jaar neem ik mij op Oudejaarsavond voor in het Nieuwe Jaar niets nieuws te beginnen. Elke keer ‘poppen’ echter ‘zomaar’ nieuwe mogelijkheden ‘op’. Het is leuk te onderzoeken wat voor nieuwe kansen daar dan weer liggen. Voordat ik het goed en wel in de gaten heb, zit ik er dan tot mijn nek toe in. Veel drukte. Veel improvisatie. Toch: die flexibiliteit, die mogelijkheid ook mijn eigen grenzen te leren kennen inspireert mij van dag tot dag.”


VARIA

Tekst: Stijn de Blaaij en Alexander Zweering


105

De werkomgeving voor de moderne organisatie

VARIA


PROJECT IN BEELD

MS Ventures Locatie Amsterdam Opdrachtgever MS Ventures Activiteiten design+build

MS

ventures


107

PROJECT IN BEELD

Lees meer over dit project, scan de code


"Nederland heeft wereldwijd het hoogste percentage mensen dat een tablet of laptop gebruikt." Maar liefst 76 procent van de Nederlanders gebruikt momenteel een laptop, 51 procent gebruikt een tablet.


109

Tekst en Fotografie: Caroline van de Riet | Illustratie: Evelien Lulofs

INSIDE SKEPP


INSIDE SKEPP

Dat er een prijs wordt uitgereikt voor ‘Best dressed’ team zal niemand ontgaan zijn want er is van alles uit de kast getrokken, van coureurs tot sjeiks, we hebben van alles in ons midden.

De selfiesticks spelen een essentiële rol in de rally. Tijdens de voorreis voor deze rally heeft Frank ten Bokum (eigenaar van Bcause, verantwoordelijk voor de organisatie van de Expo Rally) een aantal selfies gemaakt. De équipes moeten deze selfies zo goed mogelijk namaken en er 'Unsies' van maken, omdat een équipe uit twee personen bestaat.


111

De driedaagse tourrally exclusief voor vastgoedprofessionals. Twee dagen rally rijden met als afsluiter het Oktoberfest in München, met recht de leukste weg naar de EXPO REAL! Op vrijdag verzamelen de équipes zich bij Cafe Hahn in Koblenz. De stemming zit er meteen al goed in, voornamelijk door de geweldige outfits waarin onze deelnemers ten tonele verschijnen. Na een heerlijk ontbijt onder het genot van een geweldig uitzicht en de uitleg van de rally, worden de auto’s gestickerd, de selfiesticks uitgetest en schieten de deelnemers met gierende banden achter elkaar onder de startboog door.

De Expo Rally wordt gereden met zowel youngtimers, bouwjaar 1975-1995, als met modern Sports Cars.

INSIDE SKEPP


INSIDE SKEPP

Op z'n tijd genieten de équipes van een welverdiende en goed gevulde pul bier.

Gedurende de dag zijn er een aantal stops ingelast, zodat de équipes tijdens een kop koffie of een lekkere lunch wat kunnen kletsen, netwerken en natuurlijk de controlekaarten naast elkaar kunnen leggen.

Als je de rally op de juiste manier rijdt zijn er op bepaalde plekken letters te vinden en op andere punten krijg je een stempel. Wie heeft er het meest verzameld? Ondanks de winnaarsmentaliteit van de meeste deelnemers wordt er vooral enorm genoten van de prachtige landschappen, de verrassende weggetjes en de uitdagende testjes langs de route van de rally.

Na twee ontzettend leuke rallydagen komt équipe Sven Brookhuis en Marcel de Groot met maar liefst 3194 punten als grote winnaar uit de bus! Tijd voor een beetje ontspanning. Op naar de Paulaner Festzelt, waar het weekend met Dirndls, Schlagers en pullen bier in overvloed en geheel in stijl wordt afgesloten. Ai Prosit!


IN GESPREK MET

SKEPP sessie met

BAS VAN HOLTEN In de Keynes Club in Amsterdam Zuid-Oost spreken wij met Bas van Holten, bestuursvoorzitter van Merin, aanbieder van ruim 200 bedrijfspanden. Mattijs Kaak: “Wie is Bas van Holten?” Bas van Holten: “Mensen zijn geneigd zo’n vraag te beantwoorden met wat voor werk zij doen. Zeker mijn dagelijks werk is dat ik leiding geef aan Merin. Wij zijn een vastgoedbedrijf. Ik doe dat werk met hart en ziel, we zullen daar ongetwijfeld nog nader over spreken. Maar er is natuurlijk meer: ik ben bijvoorbeeld vader en echtgenoot, collega en een maatschappelijk betrokken persoon. In het algemeen zou ik jouw vraag als volgt willen beantwoorden: ik ben iemand die het leuk vindt andere mensen te helpen te ontdekken wat hun missie is en die er voor wil zorgen dat zij de energie hebben die missie ook te realiseren. De momenten, dat dat lukt, voelen erg goed. Als iemand tegen je zegt: “Toen heb jij daar dat gedaan of dat gezegd en daar heb je mij mee geraakt, dat heeft dingen voor mij in gang gebracht.” Dat is geweldig. Zoiets gebeurt niet dagelijks, soms heb je eigenlijk bij toeval gehandeld, maar je hebt iemand kunnen raken. Een handjevol van dit soort ervaringen, daar werk je voor, daar besta je voor.” “Hoe vertaal je dat zakelijk?” “Ik zei al: soms heb je iets bij iemand bij toeval in gang gebracht. Dit kan ook meer doelbewust. Het gaat mij er niet om hoe ik iemand bij Merin zo hard mogelijk kan laten werken, het gaat er om dat wij hier een omgeving creëren, waar iemand het doel kan bereiken dat hij voor ogen heeft.

Wij geloven dat een werkplek het beste in mensen naar boven kan halen. Een leuke werkplek brengt plezier. Als je het naar je zin hebt, kun je beter werken. Ik geloof in persoonlijke aandacht, in het creëren van een sociaal veilige omgeving. Mensen kunnen zich dan blootgeven en duidelijk maken wat in hun persoonlijk functioneren goed of minder goed gaat. Daar kunnen wij dan samen wat aan doen. Intern meten wij van alles. Wij stellen onze mensen bijvoorbeeld de vraag: “Hoe waarschijnlijk is het dat je Merin bij een vriend als werkgever zou aanraden?” en vooral ook: “Waarom?”. Met iemand die die eerste vraag met “onwaarschijnlijk” beantwoordt gaan wij, ga ik praten. Wat is er mis? Wat kunnen wij verbeteren, veranderen? Het is fantastisch, dat nu na een kleine drie jaar het tevredenheidspercentage onder onze mensen erg hoog is. Wij zijn daar trots op.” “Dat is dus intern. Hoe komt jouw opvatting extern tot uiting?” “Onze ambitie is het beste vastgoedbedrijf van Nederland te zijn. Voor ons betekent dat, dat wij díe plekken willen verwerven, creëren en onderhouden, waar mensen met plezier komen en waar zij succesvol kunnen zijn in wat zij nastreven. Onze klanten willen gebouwen die goed zijn, leuk, gezond, servicegericht. Geen vakantieparken, er moet wel gewerkt worden. Wij opereren hierin ‘reactief’, maar zeker ook ‘proactief’. Laat ik eerst ingaan op dat ‘reactief’. Ook

extern peilen wij van alles. Wij stellen onze huurders de vraag: “Hoe waarschijnlijk is het dat je een gebouw van Merin aanraadt bij een ander?” of “Hoe waarschijnlijk is het dat je je huurcontract met Merin verlengt?” en dan daarnaast steeds weer: “Waarom?” De antwoorden lopen van 0 tot 10. Geeft een klant een antwoord van 0 tot en met 6, dan ga ik daar op af. Wat klopt er niet? Wat is er aan de hand? Wat moet anders? Wat kan beter? In overleg met de klant stellen we een strategie op om dingen ook werkelijk te verbeteren. Al die cijfers leveren een ‘Net Promotor Score’ op. Toen wij na een rampzalig verleden drie jaar geleden met Merin een nieuwe start maakten, stond het bedrijf met deze score op -50, nu staan we dik in de plus. Fantastisch. Geweldig.” “Je zei zonet dat jullie ook ‘proactief’ bezig zijn met de verbetering van jullie bedrijf. Hoe?” “In de eerste plaats laten wij dat natuurlijk zien in de gebouwen die wij aanbieden. Die gebouwen zijn duurzaam, gezond, prettig. Wij zorgen voor een winkeltje, een koffiebar, een restaurant, een tafeltennistafel, flexibele werk- en vergaderruimtes. Het moeten gebouwen zijn, waar werknemers kunnen doen wat zij willen doen en waar zij zich verder kunnen ontwikkelen. Gebouwen waar onze huurders hun gasten op een prettige en stimulerende wijze welkom kunnen heten. Verder werken wij tot in de hoogste graad


115

IN GESPREK MET

“Je hebt iemand kunnen raken.” klantgericht, servicegericht. Onze klanten zijn hierbij leidend. Wij doen zelf het beheer van onze gebouwen. Wij zorgen ervoor altijd makkelijk bereikbaar te zijn. Wij zijn doelbewust gefocust op oplossingen. Een huurder belt met een probleem, hij wordt niet doorverbonden, wordt niet ‘in de wacht gezet’, hoeft geen voicemail in te spreken. Degene die opneemt gaat direct zelf met het probleem aan de slag. Het probleem, wat dat ook mag zijn, moet snel en adequaat worden opgelost. Service is ons sterke punt. Het verbeteren van die service heeft onze voortdurende aandacht. We stellen onszelf constant de vraag hoe we beter met de klant kunnen meedenken, hoe wij duidelijker afspraken kunnen maken. Afspraken, die wij vervolgens van onze kant perfect moeten nakomen.” “Wat zijn manieren om jezelf te verbeteren?” “Communiceren. Praten met collega’s, klanten opzoeken. Je ontwikkelt jezelf en je ontwikkelt elkaar. Boeiend bij Merin is bijvoorbeeld ook dat wij met het Management Team boeken lezen en die met elkaar bespreken. Managementboeken. Dat is een beetje een hobby van mij. Een boek dat we onlangs onder handen hebben gehad is ‘The Innovator’s DNA: Mastering the Five Skills of Disruptive Innovators’. Ook hebben we, om nog maar eens een voorbeeld te geven, de denkbeelden van Simon Sinek onder de loep genomen. Er

is natuurlijk veel meer geschikt materiaal. Zeker elk kwartaal komen we zo bijeen. De boeken delen we uit binnen ons bedrijf.” “Merin heeft onlangs een lening gekregen van € 240 miljoen. Wat zijn de plannen daarmee?” “In drie jaar tijd hebben we een grote ontwikkeling doorgemaakt. Vanuit het niets zijn we weer in positieve zin gegroeid. Een nieuwe naam, veel nieuwe werknemers, we hebben een grote groep huurders aan ons kunnen binden. We zijn er zeker van dat de eerste fase met succes is afgerond. Ons apparaat is op orde, het proces functioneert, we beschikken over een team van de juiste mensen, die de juiste dingen doen. We kunnen veel meer aan. De volgende fase kan starten. We gaan ons de komende tijd vooral richten op de uitbreiding van onze vastgoedportefeuille.” “Zie je ook problemen?” “De vastgoedbranche heeft geleden onder de crises. We moeten nu niet opnieuw achterover gaan leunen. Hoe gaat de kantorenmarkt zich ontwikkelen? Er is nog heel veel leegstand. Hoe maken wij dat weer gezond? Hoe gaan wij de oude rommel ertussenuit halen? Ik ben voor nieuwbouw, maar alleen als daar voldoende sloop tegenover staat. Hoe worden verder de duurzaamheidswetten nageleefd. Wij van Merin omarmen bijvoorbeeld de ‘warmtewet’, maar hoe gaat zich dit alles

ontwikkelen? Is er regie of wordt alles aan de markt overgelaten? Binnen het bedrijf staan wij voor de vraag of wij daadwerkelijk onze portefeuille kunnen uitbreiden. Kunnen wij groeien? Buitenlandse investeerders hebben weer belangstelling voor Nederland, bieden soms prijzen, waarmee wij niet willen concurreren. De balans tussen aankoop, herinrichting en huurprijs moet kunnen resulteren in een gezond rendement. Wij zijn uiteindelijk een commercieel bedrijf, zonder rendement geen groei. Wij willen niet bezuinigen op onze voorzieningen of op onze service.” “In het antwoord aan het begin heb je al verteld wat jou ten diepste inspireert. Wat geeft jou van dag tot dag energie?” “Ik heb geen vaste plek binnen het bedrijf. We hebben vijf vestigingen: hier in Amsterdam, in Eindhoven, Apeldoorn, Zoetermeer en Capelle. Ik reis de hele dag rond. Ik ga daar waar ik nodig ben of waar ik wil zijn. Ik houd contact met onze eigen mensen en ik ontmoet natuurlijk ook overal huurders. Ik praat met mensen, ik raak mensen, ik word geraakt. Dat inspireert mij elke dag weer opnieuw. Het is topsport, maar het is ook leuk. Een dag, waarin je maar wat voortmoddert, zo’n dag is ellende. Dan kom je doodmoe thuis. De dag, waarvan je aan kan geven dat je drie dingen hebt gedaan, pieken of dalen, dat maak niet eens uit, zo’n dag is een échte dag. Dan kom je met energie thuis.”


merk 3

60

ENTREE ENTREE

Dilatatie

00.18

G

LOUNGE

60

BUZZI HOOD

3600

BS2 RECEPTIE LOCKERS

POSTVAKJES 60

CAFE

dbl merk 1

merk 1

60 30

30

merk 2

00.16

F

BAR

60

00.05

3600

60

merk D

PODIUM

merk 2s

F

dbl

A.

LOBBY

B

00.05

60

00.11

OPSLAG 00.15

60

30

00.03

OPSLAG BSH

LOGES

Dilatatie

BOOTHS 2 pers.

V03

schuine

schuine

kolom

kolom

C

60

FLEXPLEKKEN

merk G

merk F

merk H

VERGADERKAMER

00.19

merk 6

60

C

Opslag

D 3600

00.04

merk E

00.03

60

60

30

merk 4

00.12

D

E

B.

BC 3

00.01

3600

60

BC 2

V_BG.01

3600

E

TERRAS

BS1

FLEXPLEKKEN

1100

B A 1100

1

2

3600

3600

3

3600

4

3600

5

3600

6

3600

7

3600

8

3600

9

3600

10

3600

11

HNK Apeldoorn Locatie Apeldoorn Opdrachtgever NSI

12 13

Alle Alle rechten rechten voorbehouden. voorbehouden.

TEKENINGNUMMER

GS_P00

Activiteiten Totaal concept, design+build, styling, inrichting diverse huurders

B A

1100

VERDIEPING BG - SOCIAAL HART

1:200 A3

BANK - WERKPLEKKEN V_BG.03

V_BG.02

3600

merk I

G

H

merk C

TOCHTSLUIS

merk K

Postkast

Gaskast

Convector

00.17

Beltableau

GASKAST

00.20

Ix I

SCHAAL

Beltableau

Tochtsluis

Convector

30

merk J

VERGADER

VERGADER

merk A

GETEKEND DOOR

merk I

30

30

Plattegrond begane grond 00

hekwerk

30

H

BW

12 13

ONDERWERP

11

10

p.nl | info@skepp.nl | 020 575 3078

9

g 19 | 1101 CB | Amsterdam zuid-oost

8

DO

7

ONTWERPFASE

Ix I

6

03-06-2014 01-07-2014

5

DATUM

4

207_HNK Apeldoorn

3

PROJECT

2

1100 700

1

23-09-2014

apeldoorn

WIJZIGING

LET OP

HNK

Alle Alle maten maten in in het het werk werk controleren! te te controleren!

PROJECT IN BEELD


117

PROJECT IN BEELD

Lees meer over dit project, scan de code


GEZOND OP KANTOOR

Workout Amsterdam Tekst: Workout Amsterdam | Fotografie: Femke de Vroome

Jill en Noor zijn workout experts en zij hebben jarenlange ervaring in de sport. Deze twee energieke sportievelingen zijn de oprichters van 'Workout Amsterdam'. Samen met hun gepassioneerde trainers verzorgen zij workouts & clinics voor particulieren en bedrijven. Ze staan garant voor een uur vol fun, dynamiek en actie, met altijd persoonlijke aandacht voor iedere deelnemer. Zij voorzien je van tips, waarmee je snel en eenvoudig je gezondheid gunstig kan beĂŻnvloeden. Je hoeft er je bureau niet eens voor te verlaten! Wanneer je zittend werk doet, is de hoek van je benen ten opzichte van je bovenlijf vaak circa 90 graden. Hierdoor maak je minimaal gebruik van essentiĂŤle spieren in je romp, waardoor rug en nekklachten kunnen ontstaan. Tevens ontstaat er, door de gebogen positie van je lichaam, spanning in je hamstrings, billen en onderrug. Daarom hebben onze experts een serie oefeningen voor je ontwikkeld, waarmee je je 'core' activeert en je je lichaamsstrekkers inzet om veel voorkomende fysieke kantoorklachten te vermijden. Sportende werknemers zijn minder vaak ziek dan niet-sportende werknemers. Een gezonde en actieve werknemer is daarom voor de werkgever van groot belang. Door te trainen met materialen, die op het kantoor zelf aanwezig zijn, heb je geen enkel excuus om niet aan de slag te gaan.


119

GEZOND OP KANTOOR

Sport op jouw kantoor? Meer info vind je op www.workoutsamsterdam.nl Meer tips over sport en voeding? Volg Workouts Amsterdam op Instagram https://www.instagram. com/workout_amsterdam/ en Facebook https://www.facebook.com/workoutamsterdam/

bij jou op kantoor! 5 ideale office oefeningen voor meer energie

tips

30 MINUTEN PER DAG Inspanning zorgt voor ontspanning! Houd jezelf fit en scherp door iedere dag minimaal 30 minuten te bewegen. Je bent daarmee minder vatbaar voor griep en bent aantoonbaar energieker. GO OUTSIDE Weer of geen weer, ga naar buiten, wanneer je even de kans hebt. Uit de constant circulerende lucht op kantoor, de frisse buitenlucht in. Door een stuk te wandelen in een lekker tempo maak je endorfine aan, waardoor je een gelukkiger gevoel ervaart. Gratis oppepper na je lunch! HYDRATEREN De drukst bezochte plek op kantoor is zonder twijfel de koffiemachine. Probeer de inname van koffie te beperken tot 3 kopjes per dag en drink naast iedere kop koffie een glas water om het ontrokken vocht weer aan te vullen. Hetzelfde geldt voor veel thee-soorten, met uitzondering van groene thee. OFFICE WORKOUT van onze experts Speciaal voor deze SKEPP glossy hebben wij een kantoor workout samengesteld, die je makkelijk zelf tijdens de lunch kunt doen. Deze oefeningen dragen bij aan een betere houding en een sterker lijf en zorgen voor meer energie. Daardoor zul jij als werknemer/ gever beter presteren! Met deze serie oefeningen train je je hele lichaam, stimuleer je de bloedsomloop en train je je â&#x20AC;&#x2DC;coreâ&#x20AC;&#x2122; waardoor je in 15 minuten een boost aan je lichaam geeft. Maak 3 series van 15 herhalingen met 20 seconden rust tussendoor. Drink na je oefeningen een glas water en je bent zonder te zweten weer scherp en fit om je werkdag te vervolgen.


GEZOND OP KANTOOR

Workout

1 PUSH UP

voor borst, buik en rugspieren

Zet je handen aan de uiterste zijden van de stoel, vingers recht naar voren. Schouders recht boven je polsen en je lichaam in één rechte lijn, navel ingetrokken, bil –en beenspieren aangespannen.

Zak gecontroleerd omlaag tot je armen een hoek van 90 graden vormen, adem ondertussen in door je neus, kom in hetzelfde tempo omhoog, terwijl je uitademt door je mond.

2

Ga op je bureaustoel handen vlak naast je richting je hakken.

4 PLANK

de perfecte oefening voor krachtige buik –en rugspieren.

Wanneer je billen vlak boven de stoel hangen, beweeg je weer terug naar de beginpositie, terwijl je je armen laat zakken en je je bil- en buikspieren aanspant.

Zet je ellebogen op de uiterste zijden van je bureaustoel, je schouders recht boven je elleboog. Je voeten staan op heupbreedte, maak een rechte lijn van je lichaam, terwijl je, om je rug te beschermen, je beenspieren, bilspieren en buikspieren aangespannen houdt.

Til om en om een been naar je toe getrokken, gelijk aan elkaar blijven, terwijl je de oefening


121

CHAIR DIP

voor sterke triceps (tegen de welbekende kipfilet armen!)

zitten en zet je billen met je vingers

Kom met je billen los van de stoel en zak omlaag, terwijl je je ellebogen naar elkaar toe duwt (alsof je er een bal tussen klemt). Zak tot een hoek van 90 graden met je billen recht onder je schouders, duw jezelf op naar de beginpositie en blaas uit.

GEZOND OP KANTOOR

3 SQUAT

voor sterke bovenbenen en billen

Ga rechtop staan met je voeten op schouderbreedte, je tenen iets naar buiten gedraaid. Span je buikspieren en bilspieren aan en zak omlaag, terwijl je je billen naar achteren stuurt en je je armen gestrekt naar schouderhoogte tilt. Je rug is recht en je schouderbladen zijn naar elkaar getrokken.

Extra uitdaging? Houd één been in de lucht, knieën blijven gedurende de dip op gelijke hoogte.

5 LUNGE

goed om je evenwicht mee te trainen en DE oefening voor je hamstrings en billen.

op, met je tenen terwijl je heupen adem rustig door, uitvoert.

Plaats een voet op je bureaustoel en zet je andere voet ver naar voren. Je handen zet je in je zij en je bovenlichaam houd je krachtig rechtop. Zak in een vloeiende beweging naar beneden tot je benen een hoek van 90 graden vormen. Je voorste knie houd je recht boven je enkel.

Beweeg jezelf terug naar de beginpositie, terwijl je bovenlichaam rechtop blijft en je rustig door je mond uitademt. Kleding Noor & Jill: Nike women, mogelijk gemaakt door All4Running


VARIA


123 Tekst: Jeroen van Rijsbergen | Illustratie: Sarunyu_foto van Shutterstock.com en Evelien Lulofs

Hoe

opgeruimd is jouw

kantoor?! De redactie is benieuwd hoe vandaag de dag werkplekken worden onderhouden. Daarom heeft zij een test ontwikkeld, die op deze vraag een antwoord kan geven. Vul onderstaande meerkeuzevragen in en kies daarbij het antwoord dat het meest op jou van toepassing is. Na de test ontdek je of je het meer ordelijke type bent of juist een sloddervos!

VARIA


VARIA

Wat voor een bende tref je ’s morgens aan in je digitale postvak?

A

B

C

Begroet jij je werkplek? A

Nou en of. Iedere morgen geef ik mijn bureaustoel een ferme klop op de schouder om hem een succesvolle werkdag toe te wensen.

B

Zodra ik bij kantoor geparkeerd sta, begint mijn bureau van ongeduld te schudden op zijn grondvesten. Dit duurt net zolang, totdat ik op mijn bureaustoel neerplof, dan voelt mijn bureau zijn weer op zijn gemak en drinken we samen een goede koffie.

C

Mijn werkplek stelt geen prijs op groeten. Hij heeft het niet zo op rituelen en houdt de hele dag zijn mond.

Ik moet ‘s morgens zeker veertig ongelezen mails wegwerken. Na de koffiepauze komt er weer licht aan het eind van de mailtunnel. Ik kom er nooit aan toe alle nieuwe mails te openen. Iedere dag stapelt de voorraad ongelezen mails zich op tot ongekende hoogten. Daarom zie ik er dagelijks als een berg tegenop om überhaupt mijn mailbox te openen. Nieuwe e-mail? Ik loods alles door naar mijn spam mailadres, zodat ik tijdens kantoortijd aan werken toekom.

Zijn er dingen die je een vaste plek

Hoe groot is het deel van jouw

geeft op je werkplek?

bureaublad, dat voor het blote oog zichtbaar blijft? A

B

C

Ik ben zó gehecht aan het houtmotief van mijn bureaublad, dat ik al mijn bureauaccessoires op de grond heb liggen. Op mijn bureaublad geen polonaise. Mijn bureaublad is al tijden niet meer zichtbaar geweest. Tussen de hoge berg documenten, die zich de afgelopen tijd op mijn werkplek heeft gesetteld, heb ik laatst een vogelnest aangetroffen. De eieren waren inmiddels uitgekomen.

A

Alleen mijn beeldscherm verplaatst zich niet. Voor de rest is het op mijn bureau een carrousel van documenten, etensresten van de dag ervoor, post-its en papiervisjes, die stuk voor stuk om het hardst om aandacht vragen.

B

Ik werk met een laptop en mijn werkplek is iedere dag weer een andere. Voor mij geen vastigheid dus!

C

Liever niet! Ik heb er schik in om mijn vieze koffiemok dusdanig vaak te verplaatsen dat het voor mijn collega’s niet duidelijk meer is of de kringen op mijn bureaublad bij het dessin horen of niet.

Op mijn werkplek verdwijnt alles in postvakjes en lades. Zij nemen de helft van de ruimte in, waardoor ik maar voor de helft van mijn mooie bureaublad kan genieten.

Ben je een werknemer die toekomstgericht is of ben je meer het nostalgische type?

Is opruimen een speciale gebeurtenis voor je? A

Opruimen? Stiekem zie ik er enorm tegenop. Ik blijf het maar uitstellen en uiteindelijk komt het er nooit van.

B

Jazeker. Als ik zo eens in de zes maanden ga opruimen, trek ik allereerst een dure fles wijn open om dit moment de nodige luister bij te zetten.

C

Opruimen is voor mij een dagelijkse bezigheid. Speciaal is het voor mij juist als ik niet opruim. .

A

Ik ben fel voorstander van een paperless office. Op mijn bureau hebben papiervisjes geen schijn van kans, want ik scan alles in. Laatst heb ik per abuis mijn visitekaartjes ingescand en bij het oud papier gezet, dat bleek achteraf niet zo handig.

B

Mijn werkplek is ingericht als ware het een schuilkelder: archiefmappen fungeren hierbij als bakstenen, die ik vervolgens met oud briefpapier behang om ze bij elkaar te houden.

C

Ik durf het niet overal te zeggen, maar ik gebruik nog een typemachine. Ik houd graag de Oudhollandse sfeer van ‘Debiteuren Crediteuren’ op de werkvloer in stand.


125

Staan er foto’s op je bureau?

A

Mijn beeldscherm is rondom volgeplakt met foto’s van mijn kinderen. Ik vind het iedere dag weer lastig om ze achter te laten op het kinderdagverblijf, zó zijn ze toch een beetje bij me overdag.

B

Jazeker. Ik heb een foto van mijn ouders en grootouders op mijn bureaublad staan. Ieder jaar komt er een lijst bij met de actuele stand van zaken, dus je kunt wel raden hoeveel ruimte er overblijft voor het werk.

C

Mijn laatste zes scharrels heb ik verzameld in een grote fotolijst naast mijn beeldscherm. Op die manier onthoud ik de verschillen en sla ik geen flater als ik er nog eens een tegenkom.

Wat hangt er aan de muur

C

A

B

Iedere keer als ik een project afrond op mijn werk, laat ik dit vereeuwigen op canvas en hang ik de afbeelding boven mijn bureau. Het is wel zoeken naar een plekje, maar ik kom er altijd wel uit.

C

Pas geleden heeft de schoonmaker de authentieke Rembrandt voor me afgestoft. Ik kon al jaren niet meer zien welk schilderij het was, maar nu heb ik daar weer een beter beeld bij gekregen.

Eet je wel eens achter je bureau?

A

Wel eens? Ik heb een abonnement op de Bezorgbeer: hij voorziet mij iedere lunch van hamburgers en verse friet, en als ik moet overwerken, komt hij ’s avonds nog een keer met een schotel spareribs. Mijn collega’s hebben er altijd moeite mee hun lach in te houden, als ze de helm met oren voorbij zien lopen, de Beer zelf is daar inmiddels immuun voor.

B

Mijn bureau is toch zeker geen eetcafé?! Ik drink mijn koffie altijd al op in de pantry en iedere dag lunch ik buiten de deur.

Ik ben meer onderweg dan dat ik op mijn werkplek zit. Mijn werkplek verhuur ik in dat geval aan een restaurant. Zodra ik op zakenreis ben, wordt mijn bureau gedekt en loopt het storm met uiterst hongerige klanten. Ik heb van mijn collega’s begrepen dat het een groot succes is en ze denken er nu zelf ook over na hun werkplek te verhuren.

Staat jouw beeldscherm wel eens in de stand-by modus?

A

Mijn beeldscherm staat altijd in de stand-by modus. Dat ik dan niet aan werken toekom, is voor mij bijzaak.

B

Is dat rode lampje de stand-by modus? Ik denk altijd dat ik voor een rood stoplicht sta. Mijn vrouw klaagde al dat ik nooit thuis kwam eten, nu weet ik dat ik voortaan weg kan ’s avonds.

C

In mijn leven geen stand-by modus. Zodra mijn werk af is, trek ik de stekker uit het stopcontact. Ik heb wel wat beters te doen dan volgens de gebruikelijke weg mijn computer af te sluiten.

bij je werkplek? Een teamfoto van het Nederlands elftal, dat in 1988 Europees kampioen werd. Hij is inmiddels vergeeld, maar ik heb de indruk dat dat binnenkort de trend gaat worden, dus ik laat ‘m voorlopig nog even hangen.

VARIA

Heb je de test volbracht? Goed gedaan! Je kunt aan de hand van de gekozen antwoorden op de volgende pagina je score berekenen!


VARIA

Tel je scores op om te bepalen in

welke categorie je gescoord hebt: 1 A. 20 B. 10 C. 30 2 A. 30 B. 10 C. 20 3 A. 10 B. 20 C. 30 4 A. 20 B. 30 C. 10 5 A. 20 B. 30 C. 10 6 A. 30 B. 20 C. 10 7 A. 30 B. 10 C. 20 8 A. 20 B. 30 C. 10 9 A. 10 B. 20 C. 30 10 A. 10 B. 30 C. 20

Score 100-160 punten:

Voor jou hoeft het allemaal niet zo opgeruimd. In je hoofd is het een chaos en innovatie is waarschijnlijk niet helemaal jouw ding. Je hecht waarde aan een chaotische werkomgeving. Voor jou ziet je werkgever tien anderen komen!

Score 160-240 punten:

Je bent op de goede weg, maar af en toe heb je moeite om je zaken op orde te houden. Je houdt er goede ideeĂŤn op na, maar die komen nog niet altijd uit de verf op de werkvloer. Doe nog wat beter je best!

Score 240-300 punten:

Jij bent de ideale werknemer, je houdt je bezig met de laatste trends op het gebied van het op orde houden van je werkplek. Bravo!


Meer groen op kantoor werkt prestatieverhogend en stressverlagend.


Het maatpak voor snelle jongens.

Fotografie: Leonard F채ustle.nl

Custom wielerkleding. We maken het persoonlijk. tineli.nl


129

PROJECT IN BEELD

THE OFFICE operators

The Office Operators Locatie Amsterdam Opdrachtgever TOO Activiteiten design+build


PROJECT IN BEELD

G&S VASTGOED


131

G&S Vastgoed Locatie Amsterdam Opdrachtgever G&S Vastgoed Project kantoorinrichting

PROJECT IN BEELD


IN GESPREK MET

SKEPP sessie met

MARTINE GRÜNDEMANN

JET HAPPEL

In het SOM gebouw gelegen aan de Gustav Mahlerlaan, midden op de Amsterdamse Zuidas en thuisbasis van G&S Vastgoed, spreken wij met Martine Gründemann en Jet Happel. Beiden op meerdere niveaus verantwoordelijk voor met name de commerciële kant van projectontwikkelaar G&S. Beiden vooral ook op bevlogen wijze betrokken bij de ontwikkeling van de Zuidas als woongebied. Martine Gründemann is recentelijk tijdens de najaarsbijeenkomst van DWIRE uitgeroepen tot Vastgoedvrouw van het jaar 2015. Mattijs Kaak: “Wat is voor jullie persoonlijk de ideale manier van wonen?” Jet Happel: “Grootstedelijk. Dat in de eerste plaats. Ik houd van de luxe en het comfort van een grote stad, de diversiteit en de eigen invulling die je aan dat alles kunt geven. Ik houd van hoogbouw. Vergelijk het een beetje met steden als New York en Londen. Daar voel ik me thuis. Dat grootstedelijk aspect. Ik woon nu aan de rand van de binnenstad van Amsterdam met uitzicht over het IJ. Mooi, maar hoogbouw is daar vrijwel onmogelijk. Toch verlang ik naar licht en ruimte om mij heen. Ik verhuis volgend jaar naar de Zuidas.” Martine Gründemann: “Ik heb een groot gezin. Ideaal wonen betekent voor mij een goede plek voor alle gezinsleden. Thuis, maar ook wat betreft scholen en voorzieningen in de nabijheid. Ruimte in de onmiddellijke omgeving, maar dan wel nadrukkelijk in een stédelijke omgeving. Ik woon nu ook prachtig, maar qua huis en qua omgeving zijn we wel zo’n beetje uitontwikkeld. De kinderen zijn bijna klaar met de basisschool. Er kan niet nóg een verdieping op mijn huis. Mijn buren worden al die expansiedrift ook zat. Ik houd van nieuwbouw, van een nieuw gebied, van

architectuur. Ik verhuis volgend jaar ook naar de Zuidas.” “De Zuidas is toch vooral een kantorengebied. Overdag en door de week levendig genoeg. In het weekend uitgestorven. Hoezo de Zuidas?” “Het gaat hier compleet veranderen. Nu al is de ontwikkelportefeuille van G&S voor de helft gevuld met woonprojecten. Amsterdam vraagt daarom. De historische binnenstad is duidelijk boordevol. De stad kan de druk niet meer aan. Loop op zaterdag door de Kalverstraat, ga op zondag eens in de rij staan voor een museum. De stad moet spreiden. Hier op de Zuidas komt een nieuw stadscentrum. De stad gaat zich voor een deel verplaatsen. Zeg nu op een feestje: “Ik verhuis naar de Zuidas.” De één zal antwoorden: “Kun je daar wonen dan?” De ander kijkt je aan of je krankzinnig geworden bent. Maar over twee jaar woont de één óók op de Zuidas en informeert de ander of hij binnenkort eens een kijkje bij jou mag komen nemen. Hij of zij overweegt de overstap. Zo is het nog maar kort geleden met de kantoren op de Zuidas gegaan, met de woningen zal het niet anders zijn.”

“Jullie enthousiasme is aanstekelijk, maar wat maakt wonen op de Zuidas voor al die kritische mensen op dat feestje dan zo aantrekkelijk?” “Meerdere aspecten. Laten we eens een rijtje afgaan. Het is hier nog steeds allemaal nieuw. Hoe minder er is, hoe meer er kan. Nieuwe bewoners zijn mensen die durven, die een beetje gek zijn, die ondernemer zijn, die ideeën in huis hebben, die zin hebben hun eigen buurt voortdurend een “boost” te geven, die initiatieven durven en kunnen nemen, die niet bang zijn voor een tijdje modder in de achtertuin. Die groep gaat hier landen, daar gaat een enorme dynamiek van uit. In de oude stad is veel vastgelopen. Probeer daar maar eens wat te veranderen, je stuit op bureaucratie en georganiseerde groepen van buurtbewoners die graag willen dat alles bij het oude blijft. Waar veel mensen wonen, zijn weinig nieuwe ontwikkelingen mogelijk. De elegantie van de binnenstad is bovendien een gegeven. Hoogbouw kan niet, grootstedelijke aspecten invoegen mag niet. Hier ligt alles open. Hier is ruimte. Hier kan de stad groeien. Hier wordt meer gedurfd. Hier is visie. Hier kan wat wildere architectuur. Hier mogen we de lucht in. Hier gaat het gebeuren.” “Loop over twee jaar, of laten we zeggen


133

IN GESPREK MET

“De stad gaat zich voor een deel verplaatsen naar de Zuidas.”

over tien jaar eens over de Mahlerlaan. Onze man op dat feestje van daarnet zal wel denken dat we nu echt compleet doorslaan, maar over tien jaar is hier de P.C. Hooftstraat, het Museumplein, de 9 Straatjes. De vraag naar en de invulling van de ‘plinten’ wordt explosief. Wij zien die ontwikkeling met onze eigen ogen dag over dag toenemen. Een museum, een bioscoop, een theater, scholen. De woningen komen, de voorzieningen komen, de mensen zijn er al en zullen blijven komen. Met duizenden.” “Station Zuid WTC, straks de Noord Zuid lijn, het Dok model. Uniek. Dat bestaat nergens. Binnen 6 minuten sta je op Schiphol, verbonden met de rest van de wereld. Op de Zuidas begint straks Amsterdam. Hier is de poort van de stad, de entree. Zuid WTC wordt het grootste station van de stad. Dat gaat het verschil maken. De ‘hub’ van waaruit de mensen zich over de rest van de stad verspreiden of hier maar meteen blijven. In de grote Amerikaanse steden, in Parijs, in Londen zijn grote brede straten, waarlangs auto’s rijden, waar mensen winkelen, wonen, werken, waar een rijk voorzieningen niveau is, waar de gebouwen tot de hemel reiken. Amsterdam kent dat niet. Gaat dat binnen vijf, tien jaar léren kennen.”

“Dan is er natuurlijk nog de combinatie van werken en wonen, kantoren en woningen. Dat alleen al geeft een enorme dynamiek. Er is hier iconische architectuur. We kennen al Viñoly, Ito, Foster en Partners, Michael Graves, SOM, Erick van Egeraart en UnStudio. Meer zal volgen. Een echte culturele trekker is welkom. Ook de woningbouw zal onderscheidend zijn. G&S wil daar zeker een rol in spelen, en echt niet alleen op de Zuidas overigens. Bouwen voor de stad, bouwen in diversiteit, vrij van geest, vrij in creativiteit. Nogmaals: hier is nog ruimte, hier is nog goede wil, hier zijn nog mogelijkheden, hier kan het, hier gaat het gebeuren.” “Jullie zijn inspirerend. Ik ga thuis nog maar eens met mijn vrouw praten over de Zuidas. Wat inspireert jullie zelf van dag tot dag?” Jet Happel: “Alles wat je leest, alles wat je ziet. Ik houd van kunst. Ik houd ervan dat bij mijn werk te betrekken. Ik reis veel en graag. Ik bezoek grote steden. Ik hoef maar om mij heen te kijken en ik raak geïnspireerd. New York is wat dat betreft favoriet. Ook raak ik steeds weer begeesterd door mijn eigen ontwikkeling. In mijn huidige baan heb ik in zeven jaar ongelofelijk veel meegemaakt.

Je doet alles zelf. Je ontwikkelt nieuwe deskundigheid. Gaat soms de fout in, komt weer op je pootjes terecht. Ik heb mijzelf leren kennen. Heb liefde ontwikkeld voor stijl en elegantie, mijn specialiteit spitst zich voornamelijk toe op detailniveau. Ik voel me nu comfortabel bij wat ik doe. Dat besef inspireert.” Martine Gründemann: “De maakbaarheid van het vak. Al als kind maakte ik tekeningen van gebouwen en fantaseerde ik erover die ook daadwerkelijk neer te kunnen zetten. Nu kan dat. Ik werk mee aan een nieuwe stad. Eerst aan de technische kant, nu als ontwikkelaar. Bouwen wat je in je hoofd hebt. Hoe zou je willen wonen, waar zou je zelf willen werken. Op die manier denken wij na over wat wij willen neerzetten. Als het lukt iets te laten worden zoals het in je hoofd zat, geeft dat een onbeschrijflijke kick. Neem de huidige herontwikkeling van het Atrium. De meeste mensen zien daar alleen maar een bouwput. Ik zie hoe het straks zal zijn. Iedere dag gaat het meer lijken op hoe wij het bedacht hebben. Als ik dat alleen al zie, ga ik ‘way-out’.”


PROJECT IN BEELD

VESTIA


135

PROJECT IN BEELD

Vestia Locatie Rotterdam Opdrachtgever Vestia Activiteiten Totaal concept, design+build, styling


PROJECT IN BEELD

DEKRA Dekra

Locatie Capelle aan den IJssel Opdrachtgever Dekra Activiteiten design+build

Lees meer over dit project, scan de code


137

GEZOND OP KANTOOR

schoonheid Echte

gaat door de maag naar binnen

Food Concepten Steeds vaker krijgen kwalitatief hoogwaardige, innoverende en creatieve horeca concepten voet aan de grond in kantoorgebouwen. Het is een middel om huurders te trekken en een manier om te voldoen aan de wens van kantoorgebruikers alle faciliteiten onder één dak samen te brengen. Koffie uit automaten, de vette hap, vergeelde dienbladen: zij hebben hun tijd gehad. De moderne kantoorgebruiker wil groene shakes, superfood en barista’s. Juist daarom laten wij u in dit blad kennismaken met een aantal van deze vooruitstrevende formules, overigens niet geheel toevallig ook present in gebouwen waar SKEPP mocht zorgen voor een nieuwe boost. Wij spelen in op alle moderne trends.


GEZOND OP KANTOOR

met een

dubbele espresso

Bakery Café Een bundeling van krachten De Millennium Tower in Amsterdam is hét voorbeeld van een slimme bundeling van krachten. Commerz Real koppelde het interieurontwerp van Skepp aan de vernieuwende eet- & drinkconcepten van Albron, en met groot succes. Het indrukwekkende kantoorpand stond half leeg en de wens leefde om vooral de entree een ‘boost’ te geven. Samen hebben wij de begane grond veranderd in een relaxte multifunctionele ruimte voor ontmoeting en overleg. Bovendien kun je er nu genieten van gastvrijheid, enthousiaste barista’s en alles wat Bakery Café van Albron verder te bieden heeft. Millennium is het eerste gezamenlijke succesverhaal van Albron en Skepp. Momenteel zijn we bezig met het voorstel voor een vervolg in Papendorp; de metamorfose van het multi-tenantgebouw Courtyard, met als onderdeel daarvan een Bakery Café dat in januari 2016 geopend wordt. We willen het succes uiteraard evenaren en zoeken weer naar aansluiting tussen de ambiance van Bakery Café, de uitstraling van het pand en de wensen van Commerz Real. Zo ligt bij Courtyard de nadruk op een gezond en vitaliserend assortiment. Kom naar een van onze Bakery Cafés! En ontdek zelf wat de toegevoegde waarde is van onze samenwerking voor werknemers, pandbewoners en nieuwe huurders. Het resultaat is een moderne inrichting met een superieure espressobar voor elke plek waar gewerkt wordt.

De kracht van koffie Een kantoor zonder smakelijke koffie, daar houden wij in Nederland niet van. Koffie is de populairste warme drank buitenshuis en vooral op de werkplek. Voor de werkgever, maar ook voor de exploitant van multifunctionele ruimten, is het een van de voorwaarden voor motivatie en succes. Goede koffie werkt als visitekaartje voor elk bedrijf. Op basis van die realiteit komt Albron met een vernieuwend koffieconcept: Bakery Café. Albron exploiteert Bakery Café voor eigen rekening en risico. Wij weten waar onze gasten behoefte aan hebben als het gaat om eten, drinken en gastvrijheid. Bakery Café; een krachtig concept Bakery Café is een oase van koffiegeur en thuisgevoel. We zorgen voor kwalitatief goede koffie en lekkere, verse producten in een warme en ongedwongen sfeer. Collega’s ontmoeten elkaar hier, zij werken samen, overleggen of ontvangen gasten. Onze barista maakt de koffie precies zoals je hem graag drinkt. Een koffie met hazelnootsiroop of een Latte Macchiato met karamelsmaak en slagroom. Maar ook thee, verse jus d’orange, een plak vijgencake of een heerlijk belegd broodje. Je voelt je er welkom en bent even weg uit de drukte. Tekst: Tessalniettemin, Fotografie: Bakery Millennium Tower


139

GEZOND OP KANTOOR

De gewaardeerde combinatie voor de metamorfose van elke werkplek.


GEZOND OP KANTOOR

B. Amsterdam Iedere middag komen in de lounge van startup incubator B.Amsterdam honderden mensen samen voor het belangrijkste moment van de werkdag: de lunch. Aan lange tafels wordt er samen geluncht door startups, corporates, creatievelingen en studenten, die vanuit alle hoeken en gaten in het enorme pand bij elkaar komen. Op het buffet staan salades, soep en broodjes klaar voor B.members, bezoekers van events en verdere gasten. De salades worden gemaakt met groenten, die rechtstreeks uit de tuin op het dak worden gehaald. Daar scharrelen ook kippen rond, de eieren gaan in de lunchomelet. Tijdens het opscheppen van de soep Tekst en Fotografie: B. Amsterdam

raakt een startup-founder in gesprek met zijn toekomstige investeerder. Een ondernemer, die met een juridisch probleem worstelt, blijkt naast een advocaat te zitten en iemand, die een nieuwe website nodig heeft, raakt aan de praat met een webdeveloper. Hier vindt de kruisbestuiving plaats. Na een uurtje keert de rust in de lounge terug, iedereen gaat weer aan het werk, nu vol nieuwe ideeën na inspirerende ontmoetingen.

RECEPT VOOR WORTELSOEP MET SINAASAPPEL EN GEMBER

Ingrediënten - 1 sinaasappel - 1 eetlepel kokosolie - 2 uien - 1 kg winterpeen - 1 cm verse gember - 2 tenen knoflook - 800 ml groentebouillon - 300 ml kokosmelk - ½ bosje verse koriander - (desgewenst: een snufje cajunkruiden voor een beetje extra pit) Bereiding Snipper de ui en rasp de gember. Verhit de olie in een grote soeppan. Fruit hierin de gember met de ui 5 minuten. Snij de wortels in dunne plakken en snij de knoflook. Bak beide kort mee. Voeg de groentebouillon en de kokosmelk toe. Laat de soep ongeveer 15 minuten doorkoken op laag vuur. Pureer de soep met een staafmixer. Pers de sinaasappel uit. Roer het sinaasappelsap door de soep en breng deze op smaak met peper en zout. Serveer met de verse koriander.


141

GEZOND OP KANTOOR

BORLOTTI BONEN SALADE

BAR BOON EETWINKEL | ESPRESSOBAR

ONTMOETINGSPLEK VOOR ELK MOMENT VAN DE DAG Sinds 2008 zorgen wij bij BAR BOON dagelijks met veel plezier voor onze gasten. Op lokaties waar zowel wordt gewerkt als gestudeerd. BAR BOON is een plek om samen te komen, maakt niet uit met wie. Ons assortiment is vers en wordt iedere dag met zorg bereid. Op het menu staan salades, stokbroodjes, soepen, smoothies. Ook voor een goeie kop koffie met een stuk taart kun je bij BAR BOON terecht. BAR BOON heeft een eigen karakter, maar luistert goed naar de wensen van de lokaties waar ze gevestigd is. Het concept is flexibel inzetbaar; als stand-alone paviljoen (Mediapark, Hilversum), als kiosk in een verblijfs- of vergaderruimte (ABN AMRO Amsterdam en Hogeschool van Amsterdam) of als mobiele eetwinkel/espressobar (Unseen Photo Fair, Amsterdam).

Borlottibonensalade: — 200 gr gekookte borlottibonen — 40 gr witte amandelen — 2 stengel bosui — 10 blaadjes rucola — 40 gr notendressing Borlottibonen 1 nacht weken. Afspoelen en met koud water, 1/2 ui, 2 tenen knoflook en een takje tijm opzetten. Aan de kook brengen en met een deksel op zacht vuur langzaam goed gaar koken. Bonen in het vocht laten afkoelen. Bosui fijne ringen snijden. Rucola grof snijden. Gekookte bonen met de bosui, amandelen, rucola en notendressing mengen. Op smaak brengen met zout en peper. Notendressing: 1 volle el mayonaise 1/2 sap van een citroen 1 el gembersiroop 2 el walnootolie Mayonaise, citroensap en gembersiroop mengen. Met de staafmixer de notenolie langzaam aan de “mayonaise” toevoegen.

Tekst en Fotografie: Bar Boon


GEZOND OP KANTOOR

Worstjes van WE CANTEEN, ondernemer Bulls & Dogs, met salami, zoete uien, oude komijnenkaas, zuurkool en korianderzaad, citroenmayo en rode kool, hangopsaus met komkommer en knoflook…

Funky saus (voor 10 hotdogs)

Nodig 1 pak volle yoghurt 1 komkommer 1 teentje knoflook rasp van 1 citroen 150 ml lekkere mayonaise 10 pretzels (of pistoletjes) ½ witte kool, fijngesneden 1 tl kurkuma 1/3 rode kool, fijngesneden olijfolie 10 ambachtelijke worsten van een goede slager paar takjes tijm, blaadjes gerist sap van ½ citroen 1 bosje lente-ui, fijngesneden

Zo maak je het Maak dikke hangop: doe de yoghurt in een theedoek en hang minimaal 12 uur uit. Rasp de komkommer grof en bestrooi met zout. Laat de komkommer in een zeef ± 1 uur uitlekken. Pers de knoflook uit in een kom, doe de citroenrasp erbij en voeg de mayonaise en komkommer toe. Pureer met een staafmixer glad. Spatel de hangop erdoor. Kook 1/3 van de witte kool met de kurkuma 10 min. Giet af, spoel koud en laat uitlekken. Meng de gekookte witte kool met de rauwe en rode kool. Verhit wat olijfolie en bak de worsten ± 4-5 min, voeg wat citroensap toe en de tijm. Snijd de pretzel broodjes over de lengte door en vul met de kool. Leg de worst ertussen en maak een mooie streep saus. Maak de hotdog af met bosui. Bereiden 40 min. / uitlekken 12 uur


143

GEZOND OP KANTOOR

Tekst en Fotografie: We Canteen

WE CANTEEN verandert de spelregels in de Nederlandse cateringmarkt Cateringconcept WE CANTEEN is inmiddels alweer sinds 2011 op missie om bedrijfsrestaurants om te vormen tot food courts waarbinnen diverse lokale food ondernemers samen een gevarieerd en echt lekker cateringaanbod verzorgen. “Écht lekker en eerlijk eten, bereid door lokale ondernemers, die heel bewust hebben gekozen om 200 tot 300 dagen per jaar de mooiste paella, een 100% biologische hot dog, een geweldige açaí juice of zelf gerookte zalm te bereiden. Vanuit een passie om mensen mooi en verrassend eten te serveren. Dat is waar wij gelukkig van worden”, zegt Maaike de Reuver, founder van WE CANTEEN.

Game changer

Met die ambitie roeit WE CANTEEN stevig tegen de stroom van de traditionele contractcatering in. Ze lijken uit te gaan groeien tot de UBER van de cateringmarkt. “Grappig dat je dat zegt”, reageert Maaike enthousiast. “UBER, het grootste taxibedrijf ter wereld bezit geen taxi’s. AirBNB is de grootste hotelketen, maar bezit geen kamers. En ergens zijn wij ook een game changer. WE CANTEEN is een cateringorganisatie, maar koopt zelf geen ingrediënten in en heeft geen personeel”.

Invloed

Maaike de Reuver werd in 2014 door Misset Catering in de top drie van meest invloedrijke personen in de Nederlandse cateringmarkt opgenomen. Niet voor niets, zo blijkt. Het is geen verrassing dat mensen de laatste jaren op een andere manier naar eten zijn gaan kijken. De consument wil weten

wat men eet. Zeker in de steden neigen mensen weer naar het doen van boodschappen bij een lokale scharrelslager of groenteboer. “Men hecht een steeds groter belang aan de kwaliteit van eten. Onbespoten, seizoensgebonden, lokaal of fair trade en bereid met aandacht”, aldus Maaike. “Een groeiende groep consumenten heeft een steeds grotere hang naar authenticiteit, tastbaarheid, beleving en transparantie. De traditionele cateringmarkt probeert op de trends in te springen, maar slaagt daar slechts ten dele in”.

Lokaal ondernemerschap

WE CANTEEN zet lokale ondernemers in om het aanbod in het bedrijfsrestaurant te verzorgen. En dat blijkt te werken. Inmiddels verzorgt WE CANTEEN het eten en drinken in meerdere bedrijfsrestaurants in Nederland en zijn ze de opstartfase voorbij. “Overal waar WE CANTEEN begonnen is, zien we dat er meer mensen naar het bedrijfsrestaurant komen”, licht Maaike toe. “Opeens staan de ondernemers – die mensen normaal gesproken tegenkomen in de winkel of het restaurant van de ondernemer, op de markt of tijdens een evenement – in het bedrijfsrestaurant van het kantoor. Dat geeft een totaal nieuwe beleving”.

De toekomst

Recent won We Canteen de publieksprijs bij de Accenture Innovation Awards binnen het thema Fair Food“ en kreeg de opdracht gegund om in de Nederlandse kantoren van TomTom de bedrijfshoreca te gaan verzorgen. We weten inmiddels dat ons concept aanslaat en in de praktijk ook echt werkt. Dat is geweldig en maakt ons allen nog maar meer overtuigd dat de weg die wij zijn ingeslagen een duurzame is.” Tekst en Fotografie: We Canteen


GEZOND OP KANTOOR

THE FAT DOG IN KANTOOROMGEVINGEN WORDT EXCLUSIEF GEËXPLOITEERD DOOR

OSP ZAKELIJKE HORECA

UW RON BLAA


145

GEZOND OP KANTOOR

OSP GAAT OP HET CULINAIRE VLAK EXCLUSIEF SAMENWERKEN MET RON BLAAUW, VOORMALIG TWEE MICHELLINSTERREN CHEF VAN RESTAURANT ‘RON BLAAUW’. In 2013 leverde hij vrijwillig zijn Michelinsterren in. Een paar maanden later opende hij in maart 2013 Ron Gastrobar met een eenvoudige kaart en lagere prijzen. Datzelfde jaar kreeg zijn nieuwe zaak - tegen de verwachtingen in - toch weer een ster. De horecaconcepten van Ron Blaauw zijn trendsettend qua product en kwaliteit De sfeer en de prijs zijn laagdrempelig. Onlangs opende Ron een nieuwe loot aan de stam ‘Ron Gastrobar Oriental’, waarbij Ron zich heeft laten inspireren door restaurants in steden als Londen en New York. Het nieuwe restaurant van Blaauw wordt het Aziatische zusje van Ron Gastrobar, zijn restaurant aan de Sophialaan. Ook in het nieuwe restaurant gaan alle gerechten 15 euro kosten en is de sfeer laagdrempelig.

Met The Fatdog – het ‘haute’ fastfood concept van Ron Blaauw- heeft OSP grootse plannen. The Fatdog is een grootstedelijk concept dat inspeelt op de ‘grab en go’ behoefte van consumenten. De benamingen van de hotdogs spreken boekdelen, van Naugthy Bangkok tot Gangs of New York en van Sloppy Joe tot Casablanca. Uiteraard wordt er ook een vegarische variant aangeboden! Naast de hotdogs worden verse sapjes en signatuur salades van Ron Blaauw verkocht.

OSP starte in september bij ABN AMRO op de zuidas, locatie D00. Ron Blaauw heeft tijdens de openingsweek persoonlijk een workshop gegeven.

The Fat Dog in kantooromgevingen wordt exclusief geëxploiteerd door OSP Zakelijke Horeca

OSP Zakelijke Horeca | Paasheuvelweg 1 - 1105 BE Amsterdam | T +31 (0)85 48 55000 | F +31 (0)85 48 55099 | osphoreca.nl


PROJECT IN BEELD

Yama Locatie Utrecht Opdrachtgever Yama Activiteiten design+build

YAMA


147

Picardieglas

VARIA

Smaakmaker van Heleen Stoer

Ontwerper

Sinds

Materiaal

Hoe kom je eraan?

Wat is de functie?

Hoezo smaakmaker?

Wie de ontwerper is, is niet bekend. In 1934 werd SaintGobain gekocht door Duralex. Vandaar dat het glas ook wel bekend is onder de naam Duralex glas.

Ik heb de glazen ooit eens gekocht op een moment dat ik dringend glazen nodig had. Ik realiseerde me niet wat een goede aankoop ik deed. Het ontwerp is tijdloos en praktisch. Ik drink er nog elke dag met veel plezier uit.

1927

Bistroglas, een drinkglas voor zowel warme als koude dranken. Het glas kan een warmte tot 130 graden Celsius verdragen, bij een normaal glas is dit 40 graden Celsius.

Glas. In het geval van het Duralex glas is echter geen sprake van gewoon glas. Duralex ontwikkelde in 1939 het harden en persen van glas. Het glas verkrijgt hierdoor een enorme sterkte en een grote weerstand tegen warme vloeistoffen.

Het glas is universeel en functioneel, doordat het lekker in de hand ligt en stapelbaar is. Daarnaast is het glas geschikt voor zowel warme als koude dranken. Er zijn verschillende maten verkrijgbaar. De grote glazen zijn ideaal om frisdrank uit te drinken. Als je even geen gewoon wijnglas bij de hand hebt, zijn de kleine glazen prima voor wijn. In hippe cafĂŠs wordt verse muntthee vaak in de grote variant van het glas geserveerd.

smaakmake


Hydratatie zorgt ervoor dat je minder moeite hebt met concentratie, dat je minder snel ge誰rriteerd raakt en minder last hebt van hoofdpijn.


Pak een glas water.


VARIA

Werken, vergaderen, workshops, het kan allemaalâ&#x20AC;Ś De KantoorKaravaan biedt behalve werkplekken ook plek om te vergaderen en op maat gemaakte workshops en leadership trails voor groepen. De KantoorKaravaan heeft grote ambities. De plannen voor de toekomst omvatten mobiele keukens, verplaatsbare composttoiletten, rijdende zonne-energiecentrales en ruime vergader-domes. Doel is uiteindelijk te komen tot een uniek mobiel boskantoor, op verschillende locaties in de wereld. Werken is nog nooit zo leuk geweest.. Meer info over kosten en locaties: www.kantoorkaravaan.nl


151

VARIA

KantoorKaravaan

Idyllische mobiele werkplek in de natuur Tekst en Fotografie: KantoorKaravaan

Wat zie jij voor je wanneer je je ogen sluit en je jouw ideale werkplek voorstelt? Midden in de natuur in een vintage caravan, die is omgebouwd tot kantoor? Compleet met WiFi en een koffiezetapparaat? Voorzien van energie door zonnepanelen? Lijkt je dat wat? Dan is er goed nieuws: je kunt nu zoâ&#x20AC;&#x2122;n flexplek in de natuur boeken en van daaruit in alle rust aan je projecten werken. De KantoorKaravaan biedt werkplekken midden in de natuur, weg van de zogenaamde urban jungle, maar wel voorzien van alle gemakken, die je nodig hebt om te werken: WiFi, stroom en licht ,opgewekt door zonnepanelen, plus de uiteraard

onmisbare espressomachine. De KantoorKaravaan is een initiatief van The Tipping Point, deze stichting speelt in op de trend van Het Nieuwe Werken en het Freelance werken. Verder wordt ook invulling gegeven aan de behoefte van mensen om opnieuw in aanraking te komen met de natuur. De kleine flexkantoren zijn een uitstekende manier om stress te verlagen en burn-outs te voorkomen. In vergelijking met reguliere kantooromgevingen bieden de flexplekken van de KantoorKaravaan meer dan genoeg ruimte, stilte en vrijheid: je zit als het ware Ă­n de natuur.


PROJECT IN BEELD

VAN BAEL EN BELLIS


153

PROJECT IN BEELD


PROJECT IN BEELD

Van Bael &Bellis Locatie Brussel Opdrachtgever Van Bael & Bellis Advocaten Activiteiten design+build


155

PROJECT IN BEELD


PROJECT IN BEELD

ESSC ESSC

Locatie Amsterdam Opdrachtgever Merin Activiteiten design+build


schoonheid Echte

breng je van binnen naar buiten


VARIA


159

VARIA

Mart Visser Er was een tijd waarin bedrijfskleding met name functioneel was. Bedrijfskleding werd verstrekt om de eigen kleding te beschermen of omdat men herkenbaar diende te zijn in rol of functie. Tegenwoordig houden ook de grote modemerken zich bezig met bedrijfskleding. Dragers van een bedrijfsuniform weerspiegelen immers de identiteit van het bedrijf waarvoor ze werken. Zo werkt D&B The Facility Group met Nederlands bekendste couturier, Mart Visser.

Tekst en Fotografie: D&B The Facility Group

Bedrijfskleding speelt een belangrijke rol voor de uitstraling en het imago van een bedrijf. Jarenlang was bedrijfskleding allesbehalve modieus, maar organisaties begrijpen steeds vaker dat kleding de persoonlijkheid van de organisatie naar buiten brengt. Bovendien gaat men ook beter snappen dat medewerkers beter in hun kracht komen als zij goed gekleed gaan. Niet voor niets wordt daarom steeds vaker een beroep gedaan op een topcouturier om een lijn voor de organisatie te ontwikkelen. D&B The Facility Group is verantwoordelijk voor o.a. de horeca, de receptiedienstverlening, de beveiliging en de schoonmaak van vele corporate kantoren. “Op veel momenten zijn het onze mensen die het eerste contact maken met de gasten van onze opdrachtgevers”, aldus Sander de Meester, Director Marketing van D&B. “Dat is een enorm belangrijk moment. Het is een open deur om te benadrukken dat je nooit een tweede kans krijgt, om een eerste indruk te maken, maar zo werkt het wel. Het contact met gasten moet dus altijd top zijn, en de uitstraling en kleding van onze mensen speelt daarbij een belangrijke rol.”

“Toen wij ongeveer 15 jaar geleden als hospitality bedrijf de facilitaire markt betraden, viel het ons op dat concurrenten bereid waren om hun vrouwelijke medewerkers te kleden in een soort uniseks mannenpak met stropdas. Dat was voor ons écht onbegrijpelijk”, aldus Sander de Meester. In die periode heeft D&B couturier Mart Visser benaderd om een kledinglijn voor haar bedrijf te ontwikkelen. “Opeens werd mode een onderdeel van onze propositie. Veel opdrachtgevers reageerden met enorm enthousiasme”. De facilitaire markt benaderde bedrijfskleding in die tijd nog veelal functioneel. In de hotellerie en horeca was er toen wel al bewustzijn over wat kleding kon doen voor de uitstraling van het bedrijf. Consumentenmerken als Adidas, McGregor en G-Star experimenteerden in die tijd met sponsoring van bedrijfskleding en inmiddels staat de kleding van het personeel op het lijstje waar ook inrichting, interieur en kunst worden afgevinkt. Begin dit jaar heeft Mart Visser een volledig nieuwe collectie ontworpen voor D&B The Facility Group bestaande uit 12 items, waaronder een elegant schoonmaaktuniekje, een modieus jurkje voor security en hospitality hostesses en een spectaculaire damesjas. Uitgevoerd in twee lichte tonen grijs sluit de kleding aan op de hospitality dienstverlening van de D&B organisatie.

Over de grijstonen en taillering van zijn ontwerp zegt Mart Visser zelf: “Waarom altijd die beveiliger in dat veel te donkere kostuum dat vaak te groot is met die eeuwige ‘V’ erop? De twee grijstonen zorgen voor een zachtere en toegankelijkere uitstraling. Iedereen ziet er tegenwoordig getailleerd uit en dat wilde ik ook in het ontwerp voor D&B toepassen. Ik vind dat je bedrijfskleding moet laten meegaan met wat er in de tijd gaande is”. D&B vond het belangrijk dat de nieuwe kledinglijn een bijdrage zou leveren aan het werkplezier van haar medewerkers, en Mart onderschrijft dat: “Ik hoop dat de medewerkers geïnspireerd worden door de kleding en er energie van krijgen”. De introductie van de nieuwe bedrijfskleding bij de medewerkers van D&B The Facility Group vond plaats in de Buiksloterkerk in Amsterdam-Noord. Tijdens een modeshow presenteerden eigen medewerkers van D&B de nieuwe collectie aan hun collega’s. In de aanwezigheid van Mart Visser en onder leiding van zijn catwalk coach Gerrit Oldenburg. Bedrijfskleding gaat over imago, dat is inmiddels wel duidelijk. Maar goede kleding reikt verder dan dat. “De verhalen en emotie die loskomen bij nieuwe collega’s op het moment dat zij hun nieuwe bedrijfskleding bij ons aangemeten krijgen, is hartverwarmend”, zegt Esmée van Eijk, verantwoordelijk voor het aannamebeleid bij D&B. “Je ziet mensen voor jouw ogen veranderen. Ze gaan er spontaan rechter op van lopen, de glimlach is niet meer weg te krijgen en mensen sturen ons e-mails om ons te complimenteren en te bedanken voor onze keuze voor een pak van Mart Visser”. Wellicht niet geheel onbegrijpelijk. Het is aan weinigen gegund om aan het begin van de dag de kast in te duiken en zich vervolgens te kleden in kleding van de hand van een waar couturier.

Bedrijfskleding is

imago en emotie


jouw sh i rt op maat voor 69 e u ro

Ontwerp het perfecte shirt We maken jouw heren- of dames shirt voor 69 euro inclusief verzending. Vraag geheel vrijblijvend een meetafspraak aan op iedere gewenste locatie en wanneer je maten bekend zijn, ontwerp je online het perfecte shirt. www.shirtbyhand.nl


smaakmaker 161

VARIA

Smaakmaker door Sophie Bargmann, Gem creative agency

Ontwerper

Sinds

Materiaal

Hoe kom je eraan?

Wat is de functie?

Hoezo smaakmaker?

Attak

2015

Ik leerde het werk van Attak kennen tijdens mijn periode als galeriehouder van The House of ABABA in Rotterdam.

Kunst als startsymbool van Gem creative agency. Het Gem logo is vanuit dit ‘monodesign’ idee gecreëerd.

mono lisa 2015

Zeefdruk, editie van 40

Toen Maylita Meijer en ik vorig jaar Gem creative agency oprichtten was er geen twijfel over mogelijk dat Attak onze huisstijl zou bepalen. In deze periode bracht het duo een grafische lijnwerk uit: Mono Lisa.


PROJECT IN BEELD

EPSON Epson Locatie Brussel Opdrachtgever Epson International Activiteiten design+build


Echte

schoonheid zit bij SKEPP van binnen...


INSIDE SKEPP

In goed overleg met de klant/opdrachtgever wensen in vervulling laten gaan!

Feitelijk vertaald betekent dit samen met NSI deelgenoot te mogen zijn van de succesvolle HNK transformaties. Wanneer na oplevering een pand weer tot leven komt. Wanneer dit zich uit, doordat mensen hier graag naartoe gaan om te werken. Kijk, dán ben ik trots, dat wij de klus als team hebben geklaard. Rover van Nierop, Projectleider

Per 1 december begin ik bij Gemak dient de mens SKEPP als projectmanager. Al sinds 2010 ben ik verantwoordelijk voor de technische realisatie van het sofware-pakket ‘I4’. Samen met het Afgelopen zomer heb ik mijn team van kundige ontwikkelaars zorg ik ervoor dat alle SKEPP-ers zo efficiënt mogelijk kunnen werken en dat HBO-opleiding Bouwkunde ‘I4’ het werk vergemakkelijkt binnen álle afdelingen van SKEPP. Daarnaast groeit de software mee met het afgerond. Tijdens deze innovatieve karakter dat SKEPP op allerlei manieren uitdraagt. Het is mooi om deel uit te opleiding heb ik bij diverse maken van deze groei! aannemersbedrijven stage Dian Derksen, Webdeveloper gelopen. Hier heb ik veel bouwkundige ervaring opgedaan, hetgeen goed van pas zal komen bij mijn werk als projectmanager. Ik zie deze functie dan ook als een goede kans The most important element of any design is user om mijzelf te ontwikkelen. experience. Without sitting and brainstorming with the Mijn visie: hard werken en afspraken nakomen. Vergeet client and finding out what their visions are, discovering daarnaast niet plezier te hebben tijdens je dagelijkse how they work, where they see themselves in the future, werkzaamheden! and what inspires them and their colleagues, a new office design would just be a lifeless showroom. Martijn Egberink, Projectmanager It’s the soul of the design that inspires me and this comes from the user. I encourage as much dialogue as possible between myself and the client to ensure we get the best possible result, a workplace that is healthy, energising and inspiring.

Hard werken samen met een gemotiveerd team om ervoor te zorgen dat onze klant zich thuis voelt op kantoor!

Delle Benton, Interieurontwerper

Jan Brink, Partner binnen SKEPP

Ruimte nemen in de eerste ontwerpfase is belangrijk om een stevig fundament van het project te vormen. Het concept sijpelt dan moeiteloos en vanzelfsprekend door in elk facet van het werk: grafisch, architectonisch en sferisch. Het inspireert mij om in contact te zijn met de opdrachtgever. Uiteindelijk is het de uitdaging om een ruimte te scheppen waarin men graag vertoeft en fijn werkt. Een duidelijke communicatie aan de voorkant en een goede voorbereiding in de uitwerking staat garant voor een uitvoering die soepel loopt. Het uiteindelijke streven is een project op te leveren waar iedereen blij van wordt. Dat is de kunst! Niki Clerx, Interieurarchitect

Ik ben iemand, die altijd op zoek is naar nieuwe uitdagingen. Ik ben begonnen als timmerman in de bouw, ik was standbouwer en begeleider van projecten in heel Europa. De laatste 14 jaar heb ik als interieurbouwer in Nederland en het buitenland gewerkt. Doordat wij door de jaren heen ook projecten voor SKEPP mochten realiseren, geloof ik dat ik met mijn ervaring een goede aanvulling zal zijn voor SKEPP. Het is mooi voor een bedrijf te gaan werken, dat altijd vol uitdagingen zit en dat prachtige projecten realiseert.

Jeroen Leferink, Uitvoerder


165

Mijn drive als ruimtelijk ontwerper is om verhalende ontwerpen te maken die mensen inspireren, een andere kijk geven, emotioneel raken en een blijvende herinnering nalaten. Materialen, vormen en texturen gebruik ik als middel om het verhaal achter het ontwerp, de geschiedenis of het gebouw te tonen. Het resultaat is een betekenisvolle ruimte, waarin de bezoeker betrokken raakt met zijn verblijfslocatie voor een korte of lange periode. Rachel Santegoets, Ruimtelijk ontwerper

Voor altijd een start-up! In sneltreinvaart zijn kantoren aan het veranderen van ‘typefabrieken’ in toffe plekken voor uitwisseling van ideeën, goeie koffie en natuurlijke energie. SKEPP staat midden in deze ontwikkeling en zal dat ook in de toekomst blijven doen. Een toekomst vol nieuwe technologieën, waarbinnen dingen nog sneller zullen gaan. Blijvend succes realiseer je dan met enthousiaste teams van 10 tot maximaal 15 professionals: geen ‘mammoettankers’ maar ‘Greenpeace-bootjes’. Op dat laatste vaartuig voelt SKEPP zich thuis. Sven Brookhuis, Entrepreneur

Samen met mijn IT collega’s zorg ik ervoor dat onze ‘I4’ ontwerpsoftware optimaal functioneert. Door mijn combinatiefunctie kan ik twee dagen vanuit huis werken. Digitaal en op afstand, alles is mogelijk.

In de ruim acht jaar, dat ik binnen dit bedrijf werk, heb ik vele veranderingen meegemaakt: wij zijn enorm gegroeid qua personeelsleden; de werkwijze is gestructureerder geworden; wij gingen een fusie aan; veranderden van naam. Elke verandering biedt mij weer een nieuwe uitdaging en een mogelijkheid om te groeien binnen het bedrijf. Het is mijn functie de administratie op orde te houden. Ik vind het heel leuk om onderdeel te zijn van dit dynamische bedrijf, dat prachtige projecten realiseert.

Bonuspuntje: Een wisselende werkomgeving innoveert & inspireert!

Marinka ten Thije-Rennen Administratief medewerkster

Stap voor stap naar de toekomst!

Femke de Vroome, Render specialist & IT-Support

Ieder project heeft zijn eigen karakter, het is de kunst om daarbij een vormgeving te vinden die dit onderstreept. De start van ieder project begint met het luisteren naar een opdrachtgever om vervolgens de probleemstelling te herkennen. Als de probleemstelling duidelijk is, gebruik ik de uitkomst hiervan en vertaal deze naar een eerste ruimtelijk ontwerp. Vervolgens probeer ik op mijn eigen manier dit plan naar een nieuw level te brengen, zodat de klant verrast wordt en het geheel resulteert in een vernieuwende vormgeving, die zowel functioneel als esthetisch werkt. Martijn Jans, Interieurarchitect

INSIDE SKEPP


INSIDE SKEPP

Als ontwerper stel ik mezelf altijd de vraag, wat mensen beweegt en samenbrengt. Wanneer ik een ontwerpopgave krijg, lees ik me in de situatie in. Een locatiebezoek plan ik zo snel mogelijk en ter plekke helpt een praatje met werknemers goed om me in het project in te leven. Vervolgens vertaal ik het PVE al schetsend naar een logische plattegrond. Hierin pas ik bij voorkeur een meanderende positionering toe van open en gesloten ruimten, waardoor diagonale zichtlijnen ontstaan. Architectuur dient een meerwaarde te creëren voor zijn gebruikers. Mijn ontwerpmotto is dan ook: 1 + 1 = 3. Jeroen van Rijsbergen, Architect

Door intensieve samenwerking met de opdrachtgever, van ontwerpproces tot realisatie, ontstaan de mooiste projecten, waarin iedere wens vertaald is in het interieurontwerp. Een tevreden klant maakt mij een trotse SKEPP-er. Manon, Interieurontwerper

SKEPP(en) doe je niet alleen, maar met een gemotiveerd team! Dit is één van de belangrijke ingrediënten om mooie projecten en concepten te realiseren. Kortom: Ik haal veel energie uit SKEPP door het creëren van stijlvolle projecten! Naam: Jurgen Leferink, Sales

Het maakt niet uit, wat je gaat ontwerpen, van stoel tot 5000m² kantooroppervlak. De essentie zit hem in het feit dat het product een verhaal vertelt en dat het product thuis hoort bij de klant. Carlijn Olde Beverborg, Interieurontwerper

Samen is niet alleen! Ik ben niet alleen projectleider voor de opdrachtgever, maar ook voor onze onderaannemers. Wanneer ik hun werk makkelijker maak, doen zij dat ook voor mij. Hierdoor probeer ik het project zo prettig en efficiënt mogelijk te laten verlopen en op deze manier de opdrachtgever zo veel mogelijk te ‘ontzorgen’. Job Klinkenberg, Projectleider

Goede communicatie is het halve werk! Om tot een goed ontwerp te komen vind ik het belangrijk om veel van gedachten te wisselen met opdrachtgever, collega’s en onderaannemers. Door vanuit verschillende invalshoeken naar een ontwerp te kijken wordt het project sterker en kan een optimaal resultaat worden behaald. Aan mij de taak verschillende meningen en invalshoeken bij elkaar te brengen in een logisch en sterk ontwerp met een mooi verhaal. In mijn ontwerpen ben ik op zoek naar een duidelijke vormentaal, een spannende mix van materialen en bijzondere kleurcombinaties. Wanneer alle puzzelstukjes in elkaar vallen, ontstaat een aangename, inspirerende ruimte, waarin mensen zich prettig voelen. Heleen Stoer, Architect


167

Sinds november 2014 ben ik werkzaam bij de verhuur-tak van SKEPP. Dagelijks ben ik telefonisch in contact met zowel huurkandidaten als met verhuurders om op die manier vraag en aanbod op de kantorenmarkt te matchen. Dit contact probeer ik altijd op een enthousiaste, transparante en gestructureerde wijze te laten verlopen. Dit zorgt voor een vertrouwd gevoel bij alle partijen en zal resulteren in lange en effectieve samenwerkingsverbanden. Thijs van Eerden, Vastgoedconsultant

Doe wat je zegt ! Bij SKEPP heb ik de ontwikkeling van dichtbij meegemaakt: van de enkele werknemers van het begin naar de ‘SKEPP-club’ van vandaag. Dit vraagt een flexibele inzet. Belangrijkste voor mij is het nakomen van afspraken. Uiteindelijk dwing je hiermee het meeste af en zorg je ervoor dat mensen weten wat ze aan je hebben. Mijn visie: houd het simpel, overzichtelijk en reëel. Onlosmakelijk verbonden met Twentsche Nuchterheid. Jeroen Bolkensteyn, Controller De combinatie van sales, design en project management maakt het werken in het soms saai ogende WTC enerverend en divers. De uitdaging is dan ook om deze toch wel zakelijk omgeving te voorzien van mooie kantoren met de onvervalste SKEPP touch. Nienke Schram Design + Sales + Project management

Binnen SKEPP ben ik verantwoordelijk voor de verhuur-afdeling. Elke dag staan wij ondernemers bij in hun zoektocht naar kantoorruimte. Een creatieve werkplek in Amsterdam of een moderne kantoorruimte op maat binnen een zakelijke omgeving in Enschede, de afwisseling is groot. Ik werk inmiddels 2 jaar bij SKEPP, het lijken er wel 20! Niet omdat de dagen zo lang duren, maar omdat ik binnen SKEPP in 2 jaar tijd ongelofelijk veel ervaringen heb opgedaan. Voor mijn gevoel is de SKEPP-rollercoaster nog maar net op gang gekomen en gaan we de komende jaren knallen.

‘Less is more’. Geen poespas, maar strakke ontwerpen: ruimtelijk, symmetrisch, helder, overzichtelijk. Loes Kamphuis, Interieurontwerper

Joost Lansink, Manager Verhuur

In teamverband concepten uitwerken naar realiseerbare plannen zonder de kwaliteit van het ontwerp uit het oog te verliezen en met veel aandacht voor detail. Als de schakel tussen ontwerp en uitvoering kan ik in mijn werkzaamheden zowel mijn architectonische als bouwkundige achtergrond combineren. Martijn Giebels Tekenaar bouwkunde en interieur, Werkvoorbereider

INSIDE SKEPP


INSIDE SKEPP

Ik vind het essentieel dat een ontwerp een eigen karakter en dynamiek heeft. Het interieur moet de blauwdruk worden van het bedrijf en de werknemers moeten zich er op die manier ook extra thuis voelen. Een ontwerp is duurzaam, qua materialisatie maar zeker ook qua beleving. Lieke Oude Hengel, Interieurontwerper

“Altijd op zoek naar vernieuwing” Sedert de grotwoningen uit het Stenen Tijdperk is er in de wereld van het vastgoed relatief niet zo heel veel veranderd. Vermoedelijk maken we nu juist in deze tijd de grootste ontwikkelingen mee. De werkende mens en zijn/haar mogelijkheden veranderen in hoog tempo en de omgeving verandert mee. Veel concepten spelen hier op in en voorzien ons van adequate en fantasievolle antwoorden. Het is fantastisch met SKEPP van dit hele proces deel uit te maken. Ik denk alleen dat een en ander altijd weer beter, mooier, inventiever en gekker kan. Het geeft een kick hier samen met ons hele team dagelijks naar op zoek te zijn. Mattijs Kaak, Partner binnen SKEPP

Algeheel adviserend van ontwerp tot realisatie. Constructief in samenwerking, heldere communicatie en resultaatgericht gedurende de bouwperiode... Kortom... Skepp kaderbreed vertegenwoordigen in alle facetten en disciplines van de organisatie. Jacko Lodeweges, Sales

Wanneer ik een ontwerp maak voor SKEPP, wil ik niet eenvoudigweg mijn stempel op het ontwerp zetten, maar juist heel integer omgaan met wat het bedrijf zelf te bieden heeft. Het ontwerp moet een gevoel van vrijheid opleveren bij de gebruiker. Dit kun je versterken door bijvoorbeeld het materiaal te laten spreken, structuren te ervaren, de intensiteit van kleuren te voelen en het innerlijke karakter van vormen, rond of hoekig, te beleven. Een ontwerp moet veel levensvreugde opwekken en verwijzen naar de schoonheid en de groeikracht van deze maatschappij. Marielle Feenstra, Interieurarchitect

Hoe maak je van een kantoorpand een levendige en energieke omgeving, waar je blij van wordt en waar je bij wilt horen? Met dit vraagstuk houd ik me dagelijks bezig, vanaf het allereerste begin van SKEPP. Elk kaal, leeg kantoorpand heeft de potentie er een ziel in te kunnen brengen; je moet het alleen kunnen zien; er als het ware ‘doorheen’ kunnen kijken. Omringd door een team van inspirerende en zeer kundige ontwerpers, architecten en projectleiders slagen wij er telkens weer in om dit voor elkaar te boksen; sterker nog, wij worden hier steeds beter in, ik ben daar echt trots op! Renate Kemna, Bezieler

Eind 2014 ben ik begonnen als tekstschrijver van SKEPP. Ik schrijf wekelijks meerdere SEO-optimale webteksten over kantoorpanden. Mijn takenpakket is vanaf september 2015 uitgebreid door mijn rol als parttime communicatieadviseur. Daarom ben ik verantwoordelijk voor het schrijven van nieuwsberichten en blogs. Daarnaast beheer ik de social media-kanalen van SKEPP en stel ik maandelijks de nieuwsbrief op. Mijn betrokkenheid bij SKEPP groeit met de week, mijn werk wordt daardoor iedere week uitdagender. Jari Wesselink, Communicatieadviseur en tekstschrijver

Ja, het klinkt wat pretentieus en zweverig, maar Bruce Lee slaat redelijk de spijker op z’n kop wat betreft mijn manier van SKEPP-en:

Be water “Be like water making its way through cracks. Do not be assertive, but adjust to the object, and you shall find a way around or through it. If nothing within you stays rigid, outward things will disclose themselves. Empty your mind, be formless. Shapeless, like water. If you put water into a cup, it becomes the cup. You put water into a bottle, it becomes the bottle. You put it in a teapot, it becomes the teapot. Now, water can flow or it can crash. Be water, my friend.” Hugo Meijer, Advies&Sales / Inkoop&Assortiment /Ontwikkeling&It


169

INSIDE SKEPP

SKEPP Jaaroverzicht januari Perfect World Amsterdam Darfon Eindhoven Benq Eindhoven HNK Apeldoorn februari Start People oVVice Arnhem Exterion Media Amsterdam MS Ventures Amsterdam maart HNK Rotterdam B3 Rotterdam Temenos Amsterdam ESCC Amsterdam PNO Amsterdam Mylaps Amsterdam april Oost NV Apeldoorn NCR Amsterdam mei HNK Den Bosch Publistat Rotterdam Lone Star Amsterdam Independent View Amsterdam Upgrading WTC gangzone C17 Amsterdam juni Velox 3 Amsterdam HNK Rotterdam

juli Dekra Experts Capelle a/d Ijssel HNK Ede Paypal Amsterdam Duyfken Trading Amsterdam Taser Amsterdam Hamelink en van den Tooren Amsterdam Paypal Amsterdam augustus Publistat Amsterdam Huawei Voorburg Yama Products Utrecht Savills Amsterdam Upgrading WTC gangzone C15 Amsterdam september Ravago Chemicals Hoofddorp oVVice Arnhem Sabic Amsterdam WP Carey Amsterdam Fleurette Group Amsterdam CMM Amsterdam oktober Epson Brussel oVVIce Rotterdam Harding Safety Rotterdam HNK Utrecht CS Utrecht Alliander Utrecht Aecom - ECT Den Haag Regus Den Haag Yama Utrecht Kainos A6 Amsterdam

Logex WTC B13 Amsterdam Iris Amsterdam Atoomclub Amsterdam Lehnkering Rotterdam Expand Online Rotterdam

november D&B Facility Group Amstelveen Van Bael & Bellis Brussel D&B Facility Group Amstelveen Sabic Amsterdam Work Yard Amsterdam GoPro Amsterdam Veritas Amersfoort Apollo Tyres Frankfurt Courtyard Utrecht Blinklane Amsterdam Sea and Shore Rotterdam Yorteam Amsterdam HNK - Meeting room XXL Den Haag The Office Operators - Infinity Amsterdam december Vestia Rotterdam G&S vastgoed Amsterdam HNK Rotterdam VeilgiheidNL Amsterdam Central Park Amsterdam Sitecor Amsterdam Thinking Phones Amsterdam Retail Me Not Amsterdam Ausnutria Hyproca Zwolle Serviceplan Amsterdam WPM Amersfoort B - vierde verdieping Amsterdam


INSIDE SKEPP

SKEPP actief op social media De wereld om ons heen verandert, sociale media worden steeds belangrijker in deze wereld. SKEPP verandert mee en is actief op Facebook, Twitter, LinkedIn, Google+ en Instagram. SKEPP probeert zich transparant op te stellen op social media. Mensen een kijkje geven in de manier van werken en bovendien nieuws brengen als er nieuws is. Dat is de visie van SKEPP op social media. Geen informatie de wereld insturen via de social media-kanalen â&#x20AC;&#x2DC;omdat dat nu eenmaal zo hoortâ&#x20AC;&#x2122;. Wij zijn actief op deze kanalen, maar zijn wel selectief in wat we wel en niet plaatsen. Een Facebook-bericht is bovendien geen tweet. Een zakelijk bericht op LinkedIn plaatsen is totaal iets anders dan een foto posten op Instagram met daarbij vele hashtags in de begeleidende tekst. SKEPP is zich bewust van de verschillen en probeert zich via ieder kanaal op de juiste manier te presenteren.

@skeppnl @skepp_nl

SKEPP

SKEPP

SKEPP NL

www.skepp.nl

skeppnl


colofon

171

INSIDE SKEPP

KANTOOR is een uitgave van SKEPP design+build. Voor vragen: Mattijs Kaak 06 141 81 784 mattijs@skepp.nl Concept en samenstelling: SKEPP design+build Ontwerp en opmaak: Evelien Lulofs Beeldredactie: Kamiel Koudijs Tekstcorrectie en tekstredactie: Huub Kaak Aan deze editie werkten mee: Het gehele SKEPP team, Thiemi Higashi, Melanie Semat, Evelien Lulofs, Huub Kaak, Kamiel Koudijs, Sven Brookhuis. Redactie: Evelien Lulofs, Hugo Meijer, Jeroen van Rijsbergen, Rachel Santegoets, Mattijs Kaak. SKEPP design+build Zandhuisweg 2 7665 SH Albergen 0546 63 30 00

Hogehilweg 19 1101 CB Amsterdam 020 57 530 78

De samensteller van de glossy heeft er naar gestreefd belanghebbenden van het gebruikte materiaal te achterhalen. Waar dit niet is gelukt kan men zich alsnog melden.


Kantoor echte schoonheid zit van binnen  

Het tweede tijdschrift van SKEPP design+build, is uitgekomen in januari 2016. In deze editie van KANTOOR hebben we het fenomeen echte schoon...

Kantoor echte schoonheid zit van binnen  

Het tweede tijdschrift van SKEPP design+build, is uitgekomen in januari 2016. In deze editie van KANTOOR hebben we het fenomeen echte schoon...

Advertisement