Page 1

Woord vooraf Beste lezer Het schooljaar zit er weer op, het 49ste voor SintJozef Humaniora. In het schooltijdschrift blikken we naar goede gewoonte terug op een aantal activiteiten van het voorbije semester.

colofon Tijdschrift van de Sint-Jozef Humaniora Brugge Verschijnt halfjaarlijks redactieadres

Noordzandstraat 76 8000 Brugge T 050 47 17 17, F 050 47 17 10 E-mail sjh@sintjozefhumaniora.be WEB www.sintjozefhumaniora.be redactie

Sabine Deprez Marijke Verplancke Charlotte De Vriese Bert Selter Liesbeth Van Maele eindredactie

Inge Callens

t e c hn i s c h e o n d e r st e u n i n g

Annemie Reybrouck Stefaan Lecomte

v e r a ntw o o r d e l i j k e u i t g e v e r

Frans Cool

inhoud Woord vooraf 1 Jos & Fien actief 2 School in beweging 6 Jos en Fien ontmoeten 11 50 jaar Humaniora 13 Jos & Fien vliegen uit 16 Venster op de wereld 20 Het werk van Cupido 21 Natuur en wetenschap 22 Klassieke rubriek 24 Een nieuwe lente, een nieuw geluid 25 It runs in the family 27 Caleidoscoop 28 Confidential 33 De cirkel is rond 34

Er was de mondiale vormingsdag die dit jaar is uitgegroeid tot een meerdaags project. De verschillende initiatieven brachten heel wat geld in de lade, meer dan 40.000 euro. Met dit prachtige resultaat konden verschillende projecten een financieel duwtje in de rug krijgen. Ik wil dan ook iedereen bedanken voor zijn of haar engagement bij de vele activiteiten. Hierbij verdient de werkgroep mondiale vorming een speciale vermelding. Zij hebben alles tot in de puntjes uitgewerkt en waren doorheen heel het project de bezielende factor. In de reeks ’50 jaar Humaniora’ leest u een interview met oud-directeur Charles Van Vlaenderen. In de jaren tachtig en negentig heeft hij zijn stempel gedrukt op het beleid van onze school. Een hartverwarmende persoonlijkheid, vol vuur en enthousiasme, die zeer geliefd was bij zijn leerlingen en personeel. Nog altijd houdt hij nauw contact met de school en komt hij regelmatig langs voor een babbel. In dit nummer hebben we ook speciaal aandacht voor het complementair aanbod in het zesde jaar: het eindwerk, de minionderneming, Natuur & Wetenschappen en het Junior College. Dit laatste is een gezamenlijk project van Junior College KULeuven en de deelnemende secundaire scholen. Leerlingen van ons zesde jaar konden zich gedurende het voorbije eerste en tweede trimester verdiepen in een onderwerp uit wiskunde, taal of geschiedenis. Het is de bedoeling dat ze, samen met de leerkrachten en docenten van de KULeuven (campus Kortijk), een kritisch wetenschappelijke ingesteldheid ontwikkelen en kunnen proeven van de academische aanpak. Daartoe volgden ze enkele hoorcolleges en verwerkten ze het lesmateriaal met heel wat uitdagende opdrachten. Door het volgen van het Junior College slaan onze zesdejaars de brug tussen secundair onderwijs en universiteit. Dat er op onze school heel wat gebeurt, merk je aan de artikels rond excursies, uitwisselingen, theaterbezoeken of projecten zoals de "gedichtendag" en "Vel tegen Vel". Natuur & Wetenschappen kan terugblikken op al het enthousiasme van haar deelnemers en kaapte in het zesde jaar de eerste twee prijzen weg in de nationale finale te Antwerpen. Proficiat! Uit de klassieke hoek is er een bijdrage ‘Dode talen op de Jozefienen blijken springlevend’. De bijdrage ‘Blijven dromen’, geschreven door een oud-leerlinge, sluit hierbij aan en zal je ook niet onberoerd laten. Volgend schooljaar schakelen we over naar een nieuwe manier om de schoolagenda bij te houden via Smartschool. De papieren agenda verdwijnt niet volledig maar krijgt een andere invulling. Hoe we de papieren en digitale agenda zullen combineren kan je lezen in een bijdrage ‘Een digitale schoolagenda op Sint-Jozef Humaniora’. Tot slot wil ik je alvast meedelen dat we ons al aan het opmaken zijn om het volgend schooljaar 2012-2013, het vijftigste in de annalen van Sint-Jozef Humaniora, een feestelijk tintje te geven. Aan iedereen veel leesgenot en een prettige, zonovergoten vakantie toegewenst.

Frans Cool

Directeur


Jos & Fien actief Ons m on d i a a l p roj e c t … de millenniumd oel s tellingen…

In ons vorig schooltijdschrift las je al heel wat over het mondiale project op onze school met als thema de millenniumdoelstellingen. Zo maakte je kennis met de vele acties die in dit kader dit schooljaar door leerlingen en leerkrachten opgezet werden. Ongetwijfeld heb je hierover ook wel een en ander gehoord van jouw zoon of dochter. Ondertussen werd het project afgesloten en ging de apotheose door op de mondiale dag van 14 februari. In dit tijdschrift lees je nog een en ander over het verloop van deze mondiale dag en enkele andere acties rond dit thema. Het is echter een bijna onmogelijke opgave om de dynamiek en het enthousiasme rond dit project in een paar woorden en foto’s weer te geven. Een ding is zeker: het is goed geweest en er kan alleen maar dankbaarheid zijn voor de vele gratuite inspanningen van zoveel leerlingen en personeelsleden om dit alles waar te maken. Bovendien mag het resultaat, om het heel zacht uit te drukken, best gezien worden: alle 2

acties samen brachten maar liefst iets meer dan 40.000 euro op (er staan echt 4 nulletjes…). Vele verenigingen die actief zijn rond de millenniumdoelen mochten een cheque ontvangen voor hun fantastische werk. Het enthousiasme en de opbrengst waren hartverwarmend, maar misschien waren de inzet en het engagement doorheen alle acties ook belangrijk in een groeiend besef van een wereldburgerschap… op een kleine en bescheiden schaal, zelfs niet helemaal bewust, maar eerlijk en concreet. In dit verband wil ik jullie enkele gedachten meegeven van Stéphane Hessel, oud-diplomaat en auteur van o.a. Indignez-vous, 95 jaar oud, maar met nog een heel frisse kijk op onze veranderende wereld. Hessel schrijft in zijn nieuwe boek Geloven in het onwaarschijnlijke – Terugblikken om vooruit te kijken: “De uitdaging van deze tijd is misschien simpelweg dat we onze toestand van onderlinge afhankelijkheid van en solidariteit met zeven miljard individuen moeten aanvaarden. Een behoorlijk duizelingwekkend cijfer. Dit is de uitdaging: ons een ongehoord gezamenlijk bestaan voorstellen en dit bestaan leiden met de rest van de menselijke soort in zijn totaliteit. Het is waar dat de situatie volkomen nieuw is. Voor de eerste maal in de geschiedenis is het woord mensheid geen abstractie meer. Het begrip op zich heeft een gedaanteverandering tot een angstaanjagende werkelijkheid ondergaan, omdat nie-

mand weet hoe men met zeven miljard buren moet leven. En bovendien op één enkele aarde. Want we dienen het leven niet alleen in goede verstandhouding met anderen aan te pakken: we zullen in de toekomst een gezamenlijk burgerschap op ons moeten nemen met het hele systeem van levende wezens, dieren, planten, complexe organismen en ecosystemen…” Uitdagende, maar hoopvolle woorden van een man, die in zijn lange leven heel veel heeft meegemaakt en vurig pleit opdat mensen hun engagement niet zouden opgeven. Niet uit naïef idealisme, maar omdat engagement een vorm van reageren op de geschiedenis is en de motor voor een hoopvolle toekomst voor alle mensen. Daarom blijven we het belangrijk vinden om op onze school mondiale vorming aan te bieden en onze leerlingen een klein beetje te leren denken en handelen als toekomstige wereldburgers. In dit kader was ons mondiale project dit schooljaar een hoopgevend en aangenaam, levendig gebeuren… met heel veel dank voor de inzet en betrokkenheid van iedereen. J o Dh a e n e ns


Mon d i a l e vo r m i n g s dag e ers te graad Dinsdag 14 februari 2012

Hoe zamelen we geld in om tegemoet te komen aan twee van de millenniumdoelen (het terugdringen van de armoede en het recht op onderwijs)? Wat kunnen we dan concreet doen met dat ingezamelde bedrag? Dat was de grote uitdaging voor de eerste graad voor de mondiale vormingsdag van dit schooljaar. Een project om te steunen vonden we in eigen huis: Margot Devinck (2F) en haar ouders behartigen al jaren de belangen van een weeshuis en schooltje in Kenia (info vind je op http://www.ebenezer.be). Zo hadden we onmiddellijk twee vliegen in één klap: we kunnen een financieel duwtje geven aan het weeshuis (millenniumdoel 1) EN we kunnen de kinderen helpen bij de opbouw van hun schooltje (millenniumdoel 2). Na wat brainstormen waren er al vlug wat ideeën en het echte werk kon beginnen. Tijdens de koude wintermaanden verkochten de leerlingen afwisselend en per klas warme chocomelk op de speelplaats: een warme kop, een warm gevoel, een warm voor de weeskinderen! Dit bracht 350 euro op! Reeds goed voor 7 matrassen! Op de mondiale vormingsdag zelf werkten de leerlingen in een workshop rond water, werden ze ondergedompeld in de wereldmuziek tijdens de voorstelling Kundabuffi en konden ze deelnemen aan een Walk for Water: er werd 6 km afgelegd, gesponsord door familie en vrienden. Deze symbolische wandeling van 6 kilometer stelt de gemiddelde afstand voor die men in een ontwikkelingsland moet afleggen om drinkbaar water te vinden. Dit initiatief bracht heel wat geld in het laatje: 4769,16 euro. Alles samen bracht dit 5119,16 euro op. Concreet betekent dit dat er zo’n 95 matrassen gekocht kunnen worden voor het weeshuis. De matrassen die ze nu hebben, zijn van slechte kwaliteit. Ook zijn er onvoldoende matrassen voor alle kinderen beschikbaar (zie website). Hierdoor slapen de allerkleinsten op de netten van de bedjes. Met het ingezamelde geld wilden we vooral voor die kinderen een verbetering realiseren! Bedankt voor jullie inzet, leerlingen van de eerste graad! Elke inspanning van jullie individueel draagt bij tot een prachtig resultaat dat voor kinderen in het Ebenezer weeshuis nog zal nazinderen! J e ss i c a M o r s e a u

Mon d i a l e Vor m i n g s dag derde ja ar Zo had het in de krant kunnen staan… ‘Een frisse woensdagmorgen halfweg oktober 2011. Uit alle windstreken rond Brugge komen groepjes leerlingen te voet naar school. Met deze actie bijten de derde- en vierdejaars van Sint-Jozef Humaniora de spits af van een reeks uitdagingen naar aanloop van hun mondiale vormingsdag op 14 februari 2012, die volledig in het teken staat van de millenniumdoelstellingen. Op deze manier willen ze de aandacht vestigen op de noodzaak aan een duurzaam leefklimaat door hun eigen ecologische voetafdruk te verkleinen.‘ Doel was met z’n allen 1000 km te stappen. Uiteindelijk stopte de teller op een afstand vergelijkbaar met Brugge-Nice! Overtuigend geslaagd dus. Maar dat was nog niet alles. Voor hun voettocht lieten de leerlingen zich ook sponsoren. Meteen hun tweede uitdaging. Zou het lukken om 2500 euro te verzamelen?? En ja hoor, ook hier weer

werd het streefcijfer ruimschoots overtroffen. In december mochten een aantal leerlingen 2750,20 euro overhandigen aan de actie ‘music for life’ van Studio Brussel, die fondsen verzamelde om één van de grootste oorzaken van kindersterfte, diarree, tegen te gaan. Ook 14 februari zelf stond volledig in het teken van de samenhang van 3


mondiale problemen. Na het gemeenschappelijke openingsmoment deden we met de derdejaars per klas een stellingenspel.

Aan de hand van filmpjes en daaraan gekoppeld een aantal ja/neen vragen dachten de leerlingen na over hoe ze zelf als consument toch onrechtstreeks te maken krijgen met de, vooral ecologische en economische problemen op wereldvlak. Deze thematiek werd verder uitgediept in voordrachten en na de middag ook in spelvorm. Door het wereldhandelsspel kregen de leerlingen meer inzicht in hoe het al dan niet bezitten van kostbare grondstoffen, een correct bestuur van een land en de inzet en solidariteit van de

lokale bevolking mee bepalend zijn voor de welvaart in een land. En daar gingen ze zeer enthousiast in mee. Afgerond werd er met een slotmoment waarin de resultaten van de uitdagingen bekend gemaakt werden. En dat we terecht trots mochten zijn op de geleverde prestaties, dat staat als een paal boven het spreekwoordelijke water.

C a th e r i n e B a e s

TOO NMO MENT v i e r d e s O P WOENSDAG 28 MAART 2012

O

p 6 september van het jaar 2000 ondertekenden 190 landen de "Millenniumverklaring" van de Verenigde Naties. Daarmee engageerden ze zich om acht ambitieuze doelstellingen te realiseren tegen het jaar 2015, waaronder het aanpakken van extreme armoede, het uitbannen van ziekten zoals malaria en aids en het tegengaan van milieubederf. dellijk in. Het leek ons een ideale kans om de leerlingen over deze millenniumdoelstelling te laten nadenken en hen erover aan het werk te zetten. Zo geschiedde! De vierdes zouden in vier workshops van telkens een halve dag rond deze problematiek werken. Een eerste work-

Ook op onze school willen we ons inspannen om ons bescheiden steentje daartoe bij te dragen. Zo werd al tijdens een eerdere mondiale vormingsdag rond deze doelstellingen gewerkt en ook dit jaar, op 14 februari (sowieso al een speciale dag!), stonden ze weer in de kijker. Elke graad concentreerde zich op twee doelstellingen en zou actief aan de slag gaan om via verschillende initiatieven geld in te zamelen voor organisaties die zich met deze problematiek bezighouden. De tweede graad focuste o.a. op millenniumdoelstelling 7: actief werken aan een duurzaam leefmilieu. Toen wij over dit project van "Vel tegen vel" in samenwerking met de milieudienst van Brugge hoorden, tekenden we onmid4

shop werd verzorgd door de educatieve cel van de milieudienst. De leerlingen bekeken documentairefragmenten van o.a. de ‘plastic soup’ in onze oceanen, ze interviewden de eigenaars van een winkel voor ecodesign, ze leerden hoeveel afval er wordt geproduceerd en hoe die immense afvalberg ook weer kan worden verkleind volgens de principes: reduce/ reuse/ recycle en cradle to cradle.

In de volgende drie workshops gingen de leerlingen zelf aan de slag. Enthousiastelingen uit de klassen 4B en 4E maakten een reclamefilmpje met een ecologische boodschap. Ze bedachten het scenario, namen zelf de camera ter hand en verzorgden ook de montage en dat allemaal onder de begeleiding van mensen van JAVI.tv. De andere drie klassen (4A, 4C en 4D) ontwierpen ecodesign. EĂŠn groep maakte verlichting, een tweede knutselde meubels in elkaar en een derde groep verdiepte zich in mode en juwelen. Ze werkten louter met afvalmaterialen en milieuvriendelijke producten en zorgden ervoor dat hun creaties later ook weer makkelijk zouden kun-


bleven helemaal trouw aan het thema van de avond: recycleren voor een duurzaam leefklimaat! Na het bekijken van de filmpjes werden eerst de ‘eco friendly movie awards’ uitgereikt. De prijs voor het ‘coolste scenario’ ging naar de leerlingen van 4B. Hun filmpjes hadden de jury letterlijk koude rillingen bezorgd, omdat nen worden gerecycleerd. Zij werden bijgestaan door kunstenaars die ervaring met deze manier van werken hebben: textielkunstenares Sofie De Ville, beeldhouwster en modeontwerpster Viola Vandomme, juwelenontwerpster Line Vanden Bogaerde, recyclageartiest Bob Van de Putte en meubelgarneerder Jeffrey Vanhille. Al dat noeste werk konden we niet zo-

maar laten voorbijgaan en dus was er op 28 maart een toonmoment voor ouders, medeleerlingen, leerkrachten en sympathisanten. Nadat de directeur ons allen van harte welkom heette en

de mensen van "Vel tegen vel" en de milieudienst bedankt werden voor hun ondersteuning, waren we getuige van een heuse awarduitreiking, verzorgd door Hannelore Verlinde en Julie Sambaer van klas 4D. De awards zelf, kunstzinnige beeldjes vervaardigd uit hout en boeken die anders in de vuilbak zouden belanden,

ze dringend wezen op de noodzaak onze aarde beter te behandelen. Sara Dewulf nam met plezier de award voor haar klas in ontvangst en gaf in haar dankwoord terloops nog even mee hoe de filmpjes precies tot stand waren gekomen. De award voor de ‘beste special effects’ ging naar klas 4E. De jury was ook hier unaniem: hun filmpjes hadden nl. een heel speciaal effect op de kijker. Ze bleven op het netvlies hangen en zetten aan tot positieve actie: de getoonde tips ook daadwerkelijk in het eigen leven integreren! Gregory Van Kerrebroeck en Bahri Abazi kregen voor klas 4E de award in handen en zij brachten nog enkele aandachtspunten in herinnering: ga voor herbruikbare tassen, pak je boterhammetjes in een brooddoos en schakel elektrische toestellen gewoon helemaal uit als je ze niet meteen nodig hebt. Kleine inspanningen met een groot(s) resultaat! Tenslotte werden de ‘eco friendly design awards’ verdeeld. Die kwamen toe aan de klassen 4A, 4C en 4D, die de kunstenaar in zichzelf volledig de

vrije teugel hadden gelaten. Hun creaties konden achteraf, onder het genot van een drankje, aangeboden door de school, uitvoerig worden bewonderd. Wie dat wilde kon zich door de aanwezige fotografen laten vereeuwigen naast, bij of in de gerecycleerde objecten. Enkele leerlingen verduidelijkten graag wat precies het opzet was:” Ecodesign is een trend die de laatste jaren steeds meer succes kent. Ook ontwerpers houden nadrukkelijker rekening met het

milieu en gaan dus oude spullen en materialen hergebruiken om nieuwe, hippe meubels, interieurobjecten, kledij, modeaccessoires en juwelen te maken, daarbij in het oog houdend dat ze tijdens het hele creatieve proces zo weinig mogelijk afval produceren. Wij hebben zelf ecodesign gecreëerd met afvalmateriaal en papier. Het containerpark bevatte een schat aan bruikbaar materiaal, waaraan we zo weinig mogelijk wilden toevoegen. We moesten dus goed nadenken hoe we de verschillende onderdelen met elkaar konden verbinden. Ook zorgden we ervoor dat alles naderhand weer makkelijk kon worden gedemonteerd. Willen we de creaties nog van de hand doen, dan kunnen de materialen opnieuw gebruikt worden.”

In g e C a ll e ns 5


EINDW ER K

School in beweging goed afgebakend hoofdstuk of vakgebied. Toch proberen we leerlingen al op jonge leeftijd vertrouwd te maken met het OVUR-principe: Oriënteren, Voorbereiden, Uitvoeren en Reflecteren. Dit principe is immers ondertussen ook in het hoger onderwijs de standaard bij het uitwerken van een onderzoek. In de seminarielessen van het vijfde jaar krijgen heel wat leerlingen dan de taak om een onderzoeksopdracht breder uit te werken. Ook hier stellen de leerkrachten nog heel wat hulpmateriaal (sjablonen) ter beschikking. Veel van die sjablonen werden uitgewerkt en gestandaardiseerd in het pedagogisch team van onze school. Dit heeft als groot voordeel dat de kennis en toepassing van de zogenaamde onderzoekscompetenties gekend zijn en gedragen kunnen worden door alle leerkrachten. Zo werd nog dit jaar een leerlijn "Presentatievaardigheden" opgebouwd en op Smartschool ter beschikking gesteld van leerlingen en leerkrachten. De ervaring van het seminarie is uiteindelijk een goede voorbereiding voor het eindwerk in het zesde jaar. Alle leerlingen – met uitzondering van de leerlingen economie, zij werken een minionderneming uit – krijgen een mentor toegewezen. Een mentor heeft op die manier een tiental leerlingen onder zijn/ haar hoede. In de loop van de zomervakantie kunnen leerlingen al nadenken over een mogelijke stelling die zij willen behandelen. Dat is essentieel: het eindwerk vertrekt vanuit een stellingname. Voor die stelling worden in de loop van het schooljaar argumenten pro en contra 6

Het eindwerk voor de zesdejaars is op Sint-Jozef Humaniora veel meer dan een goede traditie. Het is in de loop van de jaren uitgewerkt en uitgegroeid tot het sluitstuk van een doelstelling die wij op school heel belangrijk vinden: leerlingen zelfstandig leren werken aan een onderzoeksopdracht. Dit verloopt heel geleidelijk. Per leerjaar krijgen de leerlingen op school immers meer en meer middelen aangereikt die hen in staat moeten stellen om een onderzoeksvraag zelfstandig te analyseren, te verwerken en het resultaat te presenteren. In de eerste jaren gebeurt dat nog in een “keurslijf” van gerichte vragen binnen een verzameld. Die argumenten worden gebundeld en verwerkt tot een leesbaar geheel. In een besluit maken de leerlingen dan een samenvattende analyse. Tweewekelijks wordt daarvoor een dubbel contactuur voorzien met de mentor, zo kan een groot deel van het eindwerk op school geschreven worden. De resultaten van dit schrijfwerk worden in de loop van het jaar ook opgevolgd door een lector. Dit bevordert niet alleen de objectiviteit, maar ook de effectiviteit van de beoordeling. Voor veel leerlingen is de schriftelijke uitwerking geen eenvoudige opdracht. We verwachten van hen dan ook veel meer dan een vlugschrift. Zo is plagiaat absoluut uit den boze, vragen we hen om de diversiteit en kwaliteit van bronnen in rekening te brengen, de BIN-normen te respecteren, een bibliografie te vervolledigen… Net voor de paasvakantie mogen de leerlingen hun werk verdedigen voor een jury. Dergelijke jury bestaat uit de mentor, de lector en een extern jurylid. Ook de leerlingen van het vijfde jaar worden betrokken bij deze officiële presentatie. Zij mogen zelfs voor een fractie mee-evalueren. Voor de zesdejaars is een dergelijke presentatie best wel een spannend moment. Tegelijk is het een ultieme test: het is niet voldoende om een conclusie op te schrijven, je moet ook weten wat je schrijft en dat liefst nog eens helder kunnen overbrengen ook. We merken daarin de laatste jaren trouwens een opvallende vooruitgang: de leerlingen slagen er meestal zeer goed in om hun eindwerk mondeling te verdedigen.

Op een drietal vastgelegde momenten tijdens het schooljaar zorgen de mentoren voor gestructureerde, persoonlijke feedback. Die evaluatiemomenten kunnen voor leerlingen in eerste instantie confronterend overkomen. We zijn ons daar als mentor van bewust. We zijn er echter ook van overtuigd dat goed gefundeerde en opbouwende kritiek moet kunnen. De leerkansen die leerlingen hier krijgen, stellen hen immers in staat om in het hoger onderwijs beter voor de dag te komen. De vele positieve terugkoppelingen die we krijgen van oudleerlingen, sterken ons in die gedachte. Toch kunnen we niet blijven stilstaan. De laatste jaren schreef de school zich in voor enkele Junior Collegeprojecten: taal, geschiedenis, wetenschappen… Dergelijke projecten worden opgezet door universiteiten, die vragen dat leerlingen onderzoek uitvoeren rond enkele vooraf vastgelegde onderzoeksvragen. Hierdoor wordt de koppeling tussen ons eindwerk en het hoger onderwijs nog wat sterker. Wellicht zal de vraag naar poolgebonden (talen, wetenschappen, wiskunde,…) onderwerpen de volgende jaren ook steeds groter worden, waardoor het eindwerk zoals het nu bestaat ongetwijfeld nog verder zal evolueren. We houden u op de hoogte!

Ignace Ryheul


JUNI O R CO LLEGE TAAL

N

aast het Junior College Geschiedenis en Wiskunde bood de universiteit KUL dit jaar een nieuw college aan, nl. Junior College Taal. Bedoeling is om de laatstejaars van het secundair onderwijs kennis te laten maken met wetenschappelijke taalstudies. Als men denkt aan ‘taal’, is het logisch direct de praktische kant, het communiceren te zien, maar taal- en letterkunde aan de universiteit houdt toch heel wat anders in. Met een groepje van acht leerlingen verkenden we dit schooljaar drie grote domeinen: Communicatiewetenschappen, Taalkunde en Literatuurwetenschap. Elk onderzoeksdomein stelde drie te analyseren modules voor.

Binnen Communicatiewetenschappen leerden we wat de invloed is van de media op het publiek en vice versa en hoe propaganda werkt. De verkiezingscampagne van Obama in 2008 toonde duidelijk aan hoe men kiezers lokt met technieken als Glittering Generality (een persoon verbinden met een positieve connotatie) en Plain Folks (iemand ‘van het volk’). Inhoudelijk was de cursus Taalkunde wel het verst verwijderd van de lessen taal in het secundair. De leerlingen leerden werken met corpora en concordantielijnen. Op deze manier leerden ze dat systematisch onderzoek met computerprogramma’s informatie oplevert om bv. woordenboeken samen te stellen of ook om te leren hoe taal effectief gebruikt wordt. In onderstaand voorbeeld zien we in welke contexten de ogenschijnlijke synoniemen ‘nearly’ en ‘almost’ staan. Hieruit volgt de conclusie dat ‘nearly’ in een negatieve context, maar ‘almost’ in een positieve omkadering gebruikt wordt. (a)

(b)

on the train, perplexed me and very

nearly

got me into trouble. A chap used to

     that my previous brainwave had

nearly

got me killed in a night riot I

There were insistent reports that it

nearly

lost the contract after the        

   professor number two.  [p] But I

nearly

stabbed myself with my pen when the

able to have more children after she

nearly

died in a coach crash. [p] But    

Alison James [/b] [p] A CLIMBER who

nearly

froze to death on a mountainside   

     were over. I felt relaxed, and

almost

started to enjoy my self. What     

appreciative laughter as the Speaker

almost

sang the lines, `There are many    

undisturbed.’ Silence again. Orphan

almost

giggled, stopping herself only just

in off the woodwork. [p] Carruthers

almost

won it for Stoke in the dying      

flag than the gaping goal. Wallace

almost

scored midway through the second   

    last week about the Belgian who

almost

became famous, Jean Luc Dehaen

In de module Literatuurwetenschap maakten we kennis met het beeldverhaal "De Aankomst van Shaun Tan". Op die manier begrepen we dat het begrip literatuur niet vaststaat en we niets als vanzelfsprekend mogen aannemen. Het volgende luik toonde ons de problemen die opduiken bij vertalingen. Zowel Harry Potter, In Flanders Fields, La Disparition als Kuifje dienden als voorbeeld. Buiten de cursus zelf, gaf de KULAK ons de gelegenheid om colleges aan de universiteit te volgen. Het was voor vele leerlingen een eerste kennismaking met een hoorcollege in een aula. Het werd tijdens het openingscollege duidelijk dat het nog even wennen was om nota’s te nemen. “Gelukkig zitten we nog in het laatste jaar”, zuchtten er enkelen. Maar in maart, toen we ook beschikten over de hand-outs van het afsluitende college, hoorde ik niemand meer… Ik denk dat ze klaar zijn voor de ‘grote’ stap. Karla Daras

7


Ein dw e r k

V

oor de lessen seminarie in het zesde jaar moesten ook wij dit jaar een eindwerk maken. Om te beginnen heb je natuurlijk een stelling nodig. De onderwerpen gingen van ruimtevaart tot ons Belgische voetbal en groene energie. Kortom, voor iedereen iets. Mijn eindwerk ging over de kinderbeperking in China. Om de overbevolking tegen te gaan mag elk gezin slechts één kind krijgen. Dit heeft heel wat negatieve gevolgen voor de Chinese maatschappij, dus was mijn stelling: Is de kinderbeperking eigenlijk een goede oplossing?

Na vele uren van opzoeken, verwerken en schrijven kwam ik uiteindelijk tot een mooi resultaat dat ik kon inleveren. Ik zat er wel over in, want de eerste delen die ik had ingeleverd, waren niet super. Gelukkig kregen we nog de tijd om ze te verbeteren voor we het definitieve werk moesten inleveren. Daarbij kregen we ook nog hulp van onze mentor. Maar het ergste moest dan nog komen. We moesten ons eindwerk nog voorstellen en verdedigen voor een jury en voor een aantal leerlingen van het vijfde jaar. We kregen slechts tien

minuten de tijd om ons werk te presenteren en dan nog eens tien minuten om de vragen van de jury te beantwoorden. Ik was enorm zenuwachtig en had er echt geen zin in, maar eenmaal ik met de presentatie begon, liep alles vlot. De jury luisterde aandachtig, mijn zenuwen waren blijkbaar niet merkbaar (in de lichaamstaal dan) noch hoorbaar tijdens de presentatie en de vragen waren gelukkig niet te moeilijk. De opluchting was groot, toen dit eindelijk achter de rug was. Eigenlijk is de presentatie niet echt iets om zenuw-

achtig over te zijn. Na al het werk weet je zeker genoeg over je onderwerp om er ontspannen over te kunnen praten. Al bij al ben ik tevreden over mijn eindwerk. Ik heb er heel veel op gevloekt tijdens het maken, maar achteraf gezien viel het allemaal wel mee. Ik ben ook wel blij dat we een dergelijke opdracht kregen, want ik ben er zeker van dat dit me nog zal helpen bij mijn verdere studies. J e ss e H o u f ( 6 D )

Min io n d e r n e m i n g “ Cooki e M mm ons ter” Ik ben Isabeau Blondia en ik volgde het laatste jaar economie. Als belangrijke opdracht in het laatste jaar moesten een aantal economisten een minionderneming oprichten. Eerst zijn we op zoek gegaan naar een product dat we leuk vonden om te verkopen. Uiteindelijk besloten we met zijn allen om koekjes te verkopen. Dit is ook de reden waarom wij onze minionderneming “Cookie Mmmonster” hebben genoemd. Er waren vele functies in de minionderneming nodig, zodat alles vlot zou verlopen en alles op zijn pootjes zou

terecht komen. Iedereen deed zijn job naar behoren, het tweede semester moesten we veranderen van functie. Dit was eventjes wennen, maar het is uiteindelijk heel goed verlopen. Mijn functie in het eerste semester was CEO. Ik had de taak om “Cookie Mmmonster” te leiden en bij te sturen waar nodig. We hebben met z’n allen de minionderneming heel goed opgericht en er een echt succes van gemaakt. De directeur had ons de toestemming gegeven om om de veertien dagen op de speelplaats te verkopen. Er was altijd een stormloop naar onze koekjes-

stand. Het was heel leuk dat er zoveel medeleerlingen interesse hadden in onze minionderneming want zo vlogen de koekjes natuurlijk de deur uit. Ik heb echt heel veel geleerd uit deze ervaring en ik vond het absoluut de moeite waard om economie te volgen op deze school. Via de minionderneming ben je als het ware met je klasgenoten echte werknemers in een onderneming!

Is a b e a u Blondia (6B)

Min io n d e r n e m i n g “ Ma l é wa” Hallo Mijn naam is Tine Gilté en afgelopen semester was ik de CEO van de minionderneming "Maléwa". Een minionderneming kan men zien als een soort eindwerk voor economisten. In deze onderneming waren er verschillende functies zoals boekhouder, aankoopverantwoordelijke, verkoopverantwoordelijke en nog vele andere. Van alle leden van de minionderneming werd verwacht dat hij/zij twee functies zou bekleden, verspreid over het hele schooljaar De bedoeling was dat we bij het begin van het tweede semester van functie verwisselden. Op die manier maakten we kennis met verschillende aspecten van het bedrijfsleven. Zo moesten we bijvoorbeeld een rekening openen bij een bank, een passend product bedenken en dit product uiteindelijk trachten te verkopen,… 8


Ikzelf was CEO. De CEO moest ervoor te zorgen dat iedereen zijn taak kende en deze naar behoren uitvoerde. Hier en daar sprong ik uiteraard wat bij als er zich problemen voordeden. Met onze minionderneming verkochten we een ruim assortiment kettingen uit Oeganda en zelfgemaakte oorbellen. We hebben heel wat tijd in deze minionderneming gestopt en we zijn dan ook erg trots dat we dit allemaal tot een goed einde hebben gebracht. Deze opdracht vormde voor ons ook een enorm leerrijke ervaring, mede door het feit dat we te maken kregen met praktische zaken uit het bedrijfsleven. Ik denk dat alle leden van de minionderneming heel wat opgestoken hebben gedurende dit schooljaar. T i n e G i lt é ( 6 C )

Een d i g i ta l e s c h ool ag e n da op Sint- Jo zef Humani o ra

V

anaf 1 september 2012 verdwijnt op onze school de klassieke papieren schoolagenda, met vermelding van de lesonderwerpen. In de plaats komt een digitale versie. Lesonderwerpen, taken en toetsen worden door leerkrachten ingevoerd via Smartschool. Leerlingen kunnen die eenvoudig raadplegen. Met de digitale schoolagenda wordt een nieuw tijdperk ingeluid!

De voorbereiding Het voorbije schooljaar introduceerden we Smartschool en Skore op onze school. We kunnen stellen dat de invoering van beide pakketten bij alle partijen vlot is verlopen. Volgend schooljaar gaan we nog een stap verder in de digitalisering en gebruiken we ook de module ‘digitale schoolagenda’ in Smartschool. De invoering ervan ging gepaard met een grondige voorbereiding. Alle gegevens werden geïmporteerd uit ons uurroosterpakket Myro. In de loop van het tweede en derde trimester van dit schooljaar kregen alle leerkrachten een introductie in het gebruik van de digitale agenda. Tal van leerkrachten hebben er ondertussen al gebruik van gemaakt. Daarnaast ontwerpen we een nieuw model voor de papieren schoolagenda: zonder vermelding van lesonderwerpen, maar met veel aandacht voor de planning en communicatie met de ouders.

Welke voordelen biedt de digitale agenda? Uiteraard verwachten we dat het nieuwe systeem tal van voordelen oplevert. In de eerste plaats is de digitale schoolagenda eenvoudig in gebruik. Na een aantal momenten ben je ermee weg. De leerkrachten vullen op voorhand de lesonderwerpen, taken en overhoringen in. De agenda is dus altijd in orde bij alle leerlingen. Controleren wordt overbodig. Dit is ook handig voor leerlingen die afwezig zijn, ook zij zien de agenda. Daarnaast kunnen leerkrachten bij hun planning beter rekening houden met de reeds geplande taken en overhoringen door collega’s. Het maximum aantal overhoringen per dag kan in het systeem worden ingesteld, alsook de sperperiode voor overhoringen net voor de examens.Op die manier kan de planlast voor leerlingen beter bewaakt worden en kunnen discussies worden voorkomen.

Voor de leerlingen betekent het ook dat zij beter vooruit kunnen kijken en beter plannen. Er bestaat zelfs een speciale ‘taken- en toetsenkalender’ die afgedrukt kan worden en die altijd up-to-date is! Ook via de app van Smartschool voor de iPhone of iPod Touch kan de leerling of de ouders de digitale schoolagenda raadplegen. Dit is trouwens ook mogelijk voor het puntenboek in Skore, het lezen van berichten enz…

Een papieren schoolagenda als aanvulling Omdat de omschakeling van papier naar volledig digitaal groot is, opteerden we om nog gebruik te maken van een beknopte papieren agenda. Deze papieren versie werd speciaal ontworpen zodat hij aanvullend kan gebruikt worden bij de digitale agenda. De papieren schoolagenda wordt vooral een planningsdocument. Dit houdt in dat vooral de weekplanning (wat meebrengen, welke taken/overhoringen) en de communicatie met de ouders het belangrijkste deel ervan uitmaken. Daarnaast zijn er nog gebruikelijke items opgenomen, zoals de uittreksels uit de leefregel van de school, de nuttige telefoon- en e-mailadressen, de afwezigheidsbriefjes, de te-laatfiche, de remediëring, de bijzondere toelatingen … De introductie van de digitale schoolagenda zal bij de start mogelijks enkele kinderziektes vertonen maar een goede voorbereiding zal ongetwijfeld bijdragen tot een succesvolle introductie, tot voldoening van iedereen die ermee moet werken.

F r a ns C o o l (Directeur)

9


We t e n s c h a p p e l i j k w e r k voor de w e d s t r i j d Nat u u r & Wetensc hap

H

et zesde jaar associëren velen met het schrijven van een eindwerk. Dit is een uitgebreid, persoonlijk werk waarin je eerst een stelling objectief weergeeft om vervolgens met degelijke argumenten je eigen standpunt te verdedigen. Dit jaar werden drie andere opdrachten als alternatief eindwerk ingevoerd: Junior College Taal, Junior College Geschiedenis en Natuur en Wetenschap.

Zij die interesse hadden voor Natuur en Wetenschap of een andere alternatieve vorm van eindwerk, moesten in het begin van het schooljaar een motivatiebrief schrijven. Op basis daarvan kregen zeven leerlingen de kans om een wetenschappelijk werk te maken en mee te doen aan de wedstrijd van Natuur en Wetenschap, waarbij heel mooie prijzen kunnen worden verdiend. Op onze school is de organisatie van Natuur en Wetenschap bekend door haar leuke activiteiten voor de eerste graad, met dank aan mevr. Schoonbaert. Alvast een aanrader voor alle wetenschapsliefhebbers!

Ann a Y a r a nts e v a (6A)

Een geschikt onderwerp vinden is moeilijker dan het lijkt. De structuur van het werk is namelijk vastgelegd: een theoretisch en een proefondervindelijk gedeelte. Je moet echt een onderzoeksvraag opstellen die je met je werk probeert te beantwoorden. Het is dus belangrijk dat je onderwerp theoretisch interessant is, maar je moet er ook rekening mee houden dat het uitvoeren van een proef mogelijk blijft. Het fysicalabo werd enkele keren gebruikt om 3D-foto’s te maken, energie te produceren met aardappelen of schimmels en om bacteriën te kweken,… Na enkele ongelukjes en met de hulp van onze mentor dhr. Douvere is 10

iedereen er uiteindelijk in geslaagd een mooi afgewerkt geheel in te leveren. Het hoogtepunt van onze voorbereidingen kwam op woensdagmiddag 28 maart. Toen moesten we in vijftien minuten ons werk presenteren aan een externe jury van drie wetenschappers: een fysicus, een bioloog en een chemicus. Na de presentatie werd iedere deelnemer nog eens een twintigtal minuten grondig ondervraagd. Toen de zenuwslopende middag erop zat, werden vijf finalisten aangeduid, waaronder Koen Melis (ook een leerling uit 6A) en ikzelf. Na de schiftingsronde kregen alle deelnemers een mooi boek als cadeau.

Ondertussen is ook de finale voor Natuur en Wetenschappen achter de rug: Anna Yarantseva kreeg de eerste prijs en Koen Melis de tweede prijs. De twee eerste prijzen gingen dus naar twee Jozefienenleerlingen, er is op onze school duidelijk talent aanwezig.


Jos & Fien ontmoeten Het t w e e d e d e e l v a n d e uit w i s s e l i n g t u s s e n h e t c ol l è g e Not r e - D a m e en onze school vond plaats op zondag 6 en maandag 7 mei 2012. Op zondag werden de correspondenten onthaald in de respectievelijke Brugse gastgezinnen. De ouders en leerlingen – de ene al wat zenuwachtiger dan de andere – stonden te popelen in het station om hen te verwelkomen. Vele ouders haalden toch ook even hun beste Frans boven, want af en toe moesten ze het gesprek verder op gang houden. ‘s Maandags woonden de leerlingen in de voormiddag vier lessen bij en in de namiddag trokken ze eropuit in Brugge. Een rondwandeling, een tocht op de bootjes en een ijsje maakten ook van de namiddag een topper. Er werd afscheid genomen en moe maar voldaan keerde het gezelschap terug naar Doornik. Ils e V a n E r m e n g e m

Hieronder een verslag van Sara Lingier uit 2A: Vanmorgen heb ik nog mijn kamer een beetje opgeruimd en dan snel naar het station. Het zal raar doen om haar nog eens terug te zien, na een half jaar. Gelukkig hebben we wel nog met elkaar gechat. Ook haar broer heeft nog eens een mail gestuurd. Ik heb haar ’s ochtends Lissewege laten zien. Onderweg zijn we Suleika (uit 2F) en Olivia tegengekomen. Na de frietjes zijn we vertrokken naar Blankenberge. We reden er op gekke fietsen en zijn naar de "blacklight minigolf" geweest. Het was super grappig. ’s Avonds hebben we nog even naar tv gekeken. We waren veel te moe om veel te doen. De volgende dag maakte de wekker ons al om 6 uur wakker. Snel douchen, eten en dan nog haar valies maken. We staan te wachten op het station, maar de trein kwam niet. Snel naar huis bellen, want ik wou zeker niet te laat komen met haar. De trein kwam dan tien minuten te laat toe. Nu konden we alleen nog hopen dat we op tijd waren. Door heel Brugge lopen met een trekkersrugzak op haar rug. Ze had zoiets nog nooit gedaan. Eén minuut voor het belsignaal komen we op school aan! Een beetje in paniek, ik moest nog naar mijn kluisje en waar moesten we die valies nu zetten?? De lessen volgen was niet zo makkelijk als verwacht. Een beetje kleuren in Nederlands en Latijn, dat voor hen plotseling Chinees was. Dan naar techniek, Alissandre en Victorine hebben geprobeerd een brug te bouwen met een meter plakband en 30 velletjes papier. Het was blijkbaar niet zo makkelijk. Dan zijn we met iedereen naar de markt geweest om ons broodje op te eten. Jammer dat we niet op het Belfort konden. De tocht met de bootjes ging wel door en was superleuk. We hebben veel gelachen. Het ijsje van Da Vinci heeft ook gesmaakt. Dan was het jammer genoeg tijd om afscheid te nemen. Maar in de vakantie komt ze terug, zeker weten! Sara Lingier (2A) 11


Peru g i a n e n b e z oe k e n B e lgië: een gesl aagde w ee k

H

et avontuur Perugia-Brugge begon al vorig schooljaar, toen geïnteresseerde kandidaten een motivatiebrief moesten schrijven en zo de leerkrachten moesten overtuigen van hun deelname aan de uitwisseling. Tweeëntwintig gelukkigen zaten dus begin oktober op het vliegtuig naar Italië. Daar leerden we onze correspondenten kennen, maakten we kennis met een andere cultuur en maakten we vooral veel plezier. Na die week hadden we dus allemaal de smaak van de uitwisseling goed te pakken. Iedereen keek meteen uit naar het weerzien in België.

We wilden er minstens een even fantastische week van maken als onze week in Italië, dus begonnen we volop activiteiten te plannen en voorbereidingen te treffen voor de komst van onze Italiaanse vrienden op 16 mei 2012. De bedoeling was dat de Perugianen ondergedompeld werden in een volledig verschillende cultuur. Ook was het een kans om onze taalvaardigheden te oefenen, aangezien er gecommuniceerd werd in het Frans. Na een uitgebreide verwelkoming op maandagavond, leerden we ze op dinsdagochtend onmiddellijk de Belgische cultuur kennen a.d.h.v. presentaties over o.a. onze eetcultuur, ons uitgaansleven, bekende Belgen... Ook kregen ze een exclusieve rondleiding door de school. Meteen werden er grote verschillen opgemerkt tussen schoolgaan in België en in Italië: onze klaslokalen zijn veel netter en moderner ingericht dan de Italiaanse lokalen. Ook het schoolsysteem is sterk verschillend: Italianen hebben iedere dag les tot 13u00, maar moeten ’s zaterdags ook naar school, terwijl we 12

in België langer les hebben, maar ’s zaterdags thuis mogen blijven. De dagen erop bezochten we enkele steden, nl. Brugge, Gent en Brussel. Het weer viel niet altijd even goed mee, maar ook dat is typisch Belgisch... De sfeer bleef er in ieder geval goed inzitten en elke activiteit werd met enthousiasme uitgevoerd. Zo bereidden enkele Belgen een rondleiding door Gent voor en leerden we Brussel kennen d.m.v. een zoektocht die ons doorheen de stad loodste. Niet alleen overdag, maar ook ’s avonds kwam de groep samen. Het was de opdracht voor de leerlingen om originele naschoolse bezigheden te regelen. Zo namen we de Perugianen mee naar typische Brugse cafés, planden we een avond bij Sofie Peere thuis, waar we samen aperitiefden en een overheerlijk avondmaal aten, en leerden we hen het Belgische nachtleven kennen op vrijdag/zaterdag. Onmogelijk om de Italianen te laten vertrekken zonder de Belgische kust een bezoekje te brengen natuurlijk... Dus gingen we ook een

namiddag naar zee waar we ons uitgeleefd hebben op de gocarts. De week werd afgesloten met een gezinsactiviteit op zondag. Het afscheid de dag erna werd pijnlijk en heel emotioneel. De traantjes vloeiden bij zowel de leerlingen als de ouders toen de bus vertrok en onze vrienden meenam... Het was een geweldige week geweest. In het algemeen blikken we positief terug op deze uitwisseling. Er was één groot minpunt, nl. de snel toeslaande vermoeidheid. Maar dat is niets in vergelijking met de ervaringen die we hebben opgedaan. We bundelden deze ervaringen samen in enkele collages, die nu aan een muur in het E-gebouw van onze school prijken. Iedere keer we er langslopen, denken we even terug aan die twee onvergetelijke weken...

Audrey Brach (6C)


50 jaar Humaniora

• Geboren op 12 mei 1936 in Brugge. • Lager en middelbaar onderwijs aan het SFX-instituut in Brugge. • Licentiaat scheikunde en GHSO aan RUG. • Leraar fysica en chemie aan het Sint-Jozefslyceum Blankenberge van 1962 tot 1968 • Leraar scheikunde, fysica en enkele jaren wiskunde in het Sint-Jozefsinstituut, oude en moderne humaniora en 4 uur aan het Sint-Jansinstituut voor verpleegkunde van 1968 tot 1983. • Vanaf begin jaren ’70: combinatie van fulltime job als leraar met talrijke vervangingen van zuster Roberte • Directeur ad interim: 10-01-80 tot 25-03-1980 en van 01-09-1984 tot 31-08-1986 • Directeur van 1-09-1986 tot 31-08-1996

CHARLES VAN VLAENDEREN

O

p vrijdag 3 februari 2012 (na lestijd) sprak ik met mijn oud-directeur af voor een interview. Het vroor al dagen de stenen uit de grond en mijn leerlingen hadden zich tijdens het zesde lesuur eensklaps van het projectiescherm naar het vensterraam gewend… om gebiologeerd te staren naar de eerste sneeuwvlokken van deze winter. Het weekend en het galabal wenkten… en mijn dwingende stem om aandacht haalde even bakzeil. Na de les repte ik me naar het onthaal in het A-gebouw, waar Charles Van Vlaenderen mij opwachtte. Collega Sabine Deprez voegde zich bij ons na haar wachtuur. We vuren de eerste vraag af op meneer Van Vlaenderen.

Hoe hebt u als leerkracht het beleid en de persoonlijkheid van zuster Roberte Vanhauwaert ervaren? “Zuster Roberte bepaalde voor een groot stuk mijn schoolloopbaan. Ik begon in 1962 in het Sint-Jozefslyceum in Blankenberge, waar zuster Roberte een moderne humaniora had uitgebouwd. Op datzelfde ogenblik startten de zusters van de Heilige Jozef in Brugge met een humaniora. Die school kwam er op vraag van vele christelijke organisaties om de emancipatie van de vrouw te bevorderen. Vijftig jaar geleden volgden hoofdzakelijk meisjes van de hogere klassen humaniora en universiteit. De congregatie heeft zuster Roberte in 1965 naar Brugge geroepen om de humaniora, die toen aan haar vierde jaar begon, verder uit te bouwen. Ik startte hier op 1 september 1968. Wij, zuster Roberte en ik, hebben dan jaren samengewerkt om deze humaniora verder uit te bouwen. De grootste verdienste ligt bij zuster Roberte. Zij was bekend als een streng, maar rechtvaardig persoon, zowel voor zichzelf, de leerkrachten als voor de leerlingen.

Ik kan niet genoeg beklemtonen welke capaciteiten de zuster bezat om een jonge school uit te bouwen in een stad met talrijke concurrerende humaniorascholen. Zuster Roberte had ook een gouden hart, wat vele leerkrachten, leerlingen en ouders niet wisten. Zonder hoog van de toren te blazen gaf zij financiële en morele steun aan vele leerlingen." Charles vertelt gezapig verder: “In het begin van de jaren zeventig, op uitstap naar Antwerpen, komt een leerlinge tijdens de busreis mij het volgende vragen: ‘Mijnheer, mocht ik nu zwanger zijn, zou ik verder op school mogen blijven?’ Die leerlinge heeft zonder problemen haar humaniora bij ons mogen beëindigen. Dit was in die lang vervlogen tijd geen evidente beslissing. Dat bewijst dat de zuster het haar christelijke plicht vond om die leerlinge daadwerkelijk te helpen, niettegenstaande nogal wat bezorgde ouders van leerlingen uit het eerste en tweede jaar hun ongenoegen uitten dat een zwangere leerlinge op school bleef." “In nauwe samenwerking met zuster Roberte bouwde ik de school verder uit

met richtingen Latijn-Wetenschappen, Wetenschappelijke A en B en Economische. Wij bereidden ook de overstap voor naar het VSO (type I) en het gemengd onderwijs. Kortom, ik kan niet genoeg mijn dankbaarheid uiten voor het werk dat de zuster geleverd heeft.” Vanaf het begin van de jaren zeventig combineerde Charles af en toe de fulltime job als leerkracht chemie met vervangingen van zuster Roberte. Slechts eenmaal stelde de school een vervanger aan.

Charles, kunt u ons iets vertellen over de perikelen rond de musical Hair? In de vredig kabbelende jaren van goede verstandhouding tussen Charles en zuster Roberte kwam er warempel en waarachtig een fameus haar in de boter, toen de musical Hair in Londen werd opgevoerd. Menig wenkbrauw anno 2012 zal zich fronsen bij dit verhaal dat uitgroeide tot een hardnekkige mythe op onze school… Charles: “Ik heb nooit echt problemen gehad, behalve na een schoolreis met de zesdejaars naar Londen in 1971. Een collega had kaarten gekocht voor 13


de musical Hair, een musical met wat naakte scènes. Zuster Roberte was dit op de een of andere manier te weten gekomen en zij verbood ons om die opvoering bij te wonen. Wij moesten de kaarten in Londen verkopen aan leerlingen van het Hoger Technisch Instituut en onze leerlingen en leerkrachten vertrokken naar het optreden ‘The virgin and the gypsy’ (D.H. Lawrence, erotisch getinte verhalen, nvdr). Enkele leerkrachten met eega trokken met de resterende kaarten naar de musical Hair. ’s Avonds stelden wij vast dat de

leerlingen wellicht meer bloot hadden gezien dan wij. Toen heb ik begrepen dat je als directeur ten allen tijde op de hoogte moet zijn van het reilen en zeilen tijdens buitenlandse reizen. De klachten komen steevast bij de directie terecht en als je onwetend bent, sta je voor schut. Daarom was zuster Roberte gedurende een maand - geloof ik - niet aanspreekbaar.”

Welke grote onderwijshervormingen en pedagogische veranderingen

hebt u meegemaakt tijdens uw directeurschap? (1984-1996) Over het VSO had Charles Van Vlaenderen de volgende bedenkingen: “Het VSO is mij in het algemeen niet zo goed bevallen. Uit de onderwijshervormingen zijn wel een aantal goede dingen ontsproten, zoals de keuzemogelijkheden. Je kan bijvoorbeeld Latijn combineren met veel wiskunde, je kan zelfs talen combineren met wetenschappen. Een andere doelstelling van het VSO was ongetwijfeld ook dat intellectueel begaafde leerlingen technische richtin-

Van VSO (type 1) naar eenheidsstructuur In het schooljaar 1983-1984 waagde onze school de overstap naar het Vernieuwd Secundair Onderwijs en het gemengd onderwijs. Deze vernieuwing hield een dubbele handicap in. Ten eerste gebeurde wat voorspelbaar was. Ouders stuurden sneller hun dochter naar een jongens ASO-school, terwijl ze zelden hun zoon in een ASO-school voor meisjes inschreven. Ten tweede had het voortbestaan van type II in Hemelsdaele een nadelig effect op onze leerlingenbevolking. Met het oog op deze overstap en de invoering van het gemengd onderwijs hadden zes scholen zich in de scholengemeenschap ‘Karel de Goede’ gegroepeerd: Sint-Andreasinstituut, Technisch Instituut Heilige Familie, Sint-Franciscus-Xaveriusinstituut, Sint-Jozefsinstituut ASO, Sint-Jozefsinstituuut TSO en Spes Nostra Zedelgem. Het VSO beoogde een gemeenschappelijke vorming voor alle leerlingen van het eerste jaar middelbaar onderwijs om op die manier de twaalfjarigen niet definitief te binden aan hun eerste keuze en elk kind maximale ontplooiingskansen te bieden. Naast het gelijkheidsbeginsel beklemtoonde het VSO sterk het leerlinggericht karakter: meer vaardigheden en attitudes, zelfwerkzaamheid of zelfstandig informatie opzoeken en verwerken… De traditionele onderverdeling in lagere en hogere cyclus werd verlaten en vervangen door drie graden: observatie-, oriëntatie- en determinatiegraad. Het eerste jaar was wezenlijk een observatieperiode: alle leerlingen kregen hetzelfde leerpakket aangeboden. Zo konden zij ‘proeven’ van Latijn en Grieks, van technologie, muzikale en plastische expressie. Via extra oefeningen en extra leerstof konden meer begaafde leerlingen zich verdiepen in de leerstof, terwijl zwakkere leerlingen extra gevolgd en begeleid werden, om achterstanden weg te werken. De school kon hiervoor in de observatieperiode zelfs klasgroepen voor enkele lesuren splitsen. In het tweede jaar van de observatiegraad richtte onze school twee opties in: klassieke talen met vijf uren Latijn en mensen natuurwetenschappen A. Hier stonden drie lesuren ISEL (initiatie in het sociaal en economisch leven) en twee lesuren EWW (experimenteel wetenschappelijk werk) op het programma. Als bijkomende of complementaire optie bood onze school twee lesuren Frans of Engels aan naargelang de keuze tweede taal. De oriëntatiegraad startte in het schooljaar 1985-1986 De determinatiegraad startte in 1987-1988 met de opties met de volgende opties: Klassieke Talen: Latijn Klassieke Talen: Latijn Moderne Talen Moderne Talen Economische Wetenschappen Economische Wetenschappen Natuurwetenschappen Wiskunde-Wetenschappen Wiskunde Het VSO ruimde uiteindelijk plaats voor de eenheidsstructuur en de Guimardstraat (koepel van de inrichtende machten van het Vlaams katholiek onderwijs) verplichtte ook de traditionele scholen tot omschakeling. Door de waaier van keuzemogelijkheden swingde de kostprijs van het VSO de pan uit. Doordat beide onderwijstypes niet dezelfde terminologie hanteerden, vonden leerlingen met B-clausule uitwijkmogelijkheden naar gelijkaardige richtingen met een andere benaming. Tegen deze praktijk viel juridisch niets te ondernemen.

14


gen zouden volgen. Volgens mij heeft de mentaliteit van de ouders en onze maatschappij dit initieel nobel ideaal de grond ingeboord. Wij zeggen te vlug: het is maar technische en beroeps, terwijl vele jongeren zich in waardevolle technische en beroepsafdelingen maximaal kunnen ontplooien en zo een mooie toekomst voorbereiden.”

Charles, hechtte u veel belang aan het woord “katholiek” in het vrij onderwijs? “De keuze tussen ‘katholiek’ en ‘christelijk’ is voor mij niet eenvoudig. Toch zou ik liever het woord ‘christelijk’ hoog in het vaandel dragen. Want we moeten durven toegeven dat de officiële kerk door de eeuwen heen vaak gekozen heeft voor de machtigen van deze aarde. En ik spreek hier wel over de top van de kerk. Vandaag nog leven de paus, vele kardinalen en bisschoppen volledig buiten de maatschappij. Ze beseffen niet meer wat er leeft bij de christelijke achterban. Toch willen ze hun stempel drukken met een aantal ouderwetse opvattingen, die in mijn ogen niet altijd christelijk zijn. Christus heeft gekozen om aan de mensen de blijde boodschap te brengen. Een goede katholiek moet christelijk zijn en de mensen helpen die het moeilijk hebben in plaats van hen om de oren te slaan met geboden en verboden. Gelukkig heeft meer dan 90% van de mensen die in de kerk werken - religieuzen, priesters, …. - het wel begrepen en doen wel wat Christus hen heeft voorgedaan. Hopelijk zal de top van de kerk inzien dat ze mee moet evolueren, niet achterop hinken, maar vooroplopen. Gelukkig stellen we hier in Vlaanderen vast dat er een kentering ten gunste is. Denken wij aan de bisschop van Antwerpen, Johan Bonny, de bezielers van het manifest ‘Gelovigen nemen het woord’ en talrijke anderen.“ Hoe hebt u de intrede van de computer op school meegemaakt? “Ik heb de intrede van de computer met argusogen gevolgd. Ik was en ben

een leek in het vak gebleven. Maar ik heb de leden van het secretariaat en de leerkrachten altijd aangemoedigd en zelfs bevolen alle informaticacursussen te volgen. Ik heb nooit een cent tweemaal omgedraaid (dat was nochtans mijn gewoonte, zeggen ze) voor uitgaven in de informatica. Gelukkig is mijn tweede opvolger (Frans Cool, nvdr) een computerfanaat, die onze school de 21ste eeuw heeft binnengeloodst.“

bleef hetzelfde. Je moet je kunnen inleven in de vakgebonden problemen van de kinderen en graag lesgeven, anders kan je het onderwijs beter verlaten…”

Mocht u uw carrière kunnen herbeginnen: leerkracht of directeur? “Deze vraag durf of kan ik niet echt beantwoorden. De eerste jaren van mijn directeurschap greep ik alle mogelijkheden gretig aan om de leerlingen bij te werken die moeite hadden met fysica en scheikunde. Na het tweede jaar vond ik volledige tevredenheid in het ambt van directeur. De jarenlange samenwerking met zuster Roberte had voor mij de weg geëffend naar het directeurschap en mijn collega’s hadden erop aangedrongen dat ik mij kandidaat zou stellen. Ik heb het mij nooit beklaagd. Ongetwijfeld moet een directeur zich regelmatig tussen de leerkrachten en leerlingen begeven. Spijtig genoeg gaan de directies tegenwoordig zwaar gebukt onder de administratieve verplichtingen zodat er voor persoonlijke contacten minder tijd overblijft. Voor mij is de leerling de centrale figuur in het onderwijs en ik durf zeggen dat ik indertijd bijna alle leerlingen bij naam kende. (lachend) Jammer genoeg vergeet ik na al die jaren bijna mijn eigen naam. Een directeur moet dus een coach zijn, die luistert naar zijn leerkrachten en leerlingen, en daarna beslissingen neemt. Autoritair optreden behoort tot de verleden tijd.”

We nemen hartelijk afscheid en terwijl ik op weg ben naar de fietsenstalling, vraag ik mij af hoe ik me mijn oud-directeur zal blijven herinneren. Charles als een warme, goedlachse persoonlijkheid. De bescheidenheid en eenvoud in persoon. Charles, die de namen kende van al zijn leerlingen en de gevoeligheden van zijn leerkrachten. De scherpzinnige observator van het schoolvolkje, dat hem zo lief was. En… bijwijlen de overgevoelige man, nerveus gesticulerend, geprangd tussen de wensen van ouders, leerkrachten en leerlingen. Kortom de man met een hart, die overuren maakte en niemand wilde teleurstellen.

Om met een vrolijke noot te eindigen: hoe hebt u zich als man tussen al die meisjes en vrouwelijke leerkrachten gevoeld? Charles antwoordt met een kwinkslag: “Zeer gelukkig!” Of ik nu jongens of meisjes voor mij in de klas had, dat

Charles Van Vlaenderen vertrouwt mij toe dat hij indertijd als chemicus een veelvoud had kunnen verdienen in Amerikaanse bedrijven, maar hij verkoos het leraarschap en later het directeurschap…

En… zeker de moeite om als besluit te vermelden, zoals hij mij met jongensachtige twinkelogen gevraagd heeft: Charles blijft ten eeuwigen dage Cerclesupporter in hart en nieren. Daarom gaf het lerarenkorps hem bij zijn afscheid in 1996 een Cercle-abonnement cadeau, en - helaas maar waar - zijn ploeg zakte dat jaar naar tweede klasse. Ik waag mij nu op glad ijs, want op de speelplaats is de sneeuw onverbiddelijk blijven liggen. Ze zal de avondspits hopeloos in de war sturen en fileleed veroorzaken in het hele land.

Hilde Van Den Kieboom 15


A m s terda m

D Jos & Fien

vliegen uit

Graag wil ik enkele ervaringen met jullie delen. Het is niet mijn bedoeling om alles gedetailleerd weer te geven. Ik zou het vooral prettig vinden als jullie er even plezier aan beleven. Wie mee op pad wil, moet vroeg uit de veren. Gelukkig was iedereen op post toen de trein uit Brugge vertrok: de vrolijke babbelmeiden, de slaapkopjes, de stoere jongens en mijn lieve collega’s. Dit jaar moesten we geen noodscenario verzinnen voor een verstrooide Jozefien die de datum vergat te noteren en ons zo op eigen houtje tegemoet moest komen. We konden rustig vertrekken en optimaal genieten van ons programma. Traditiegetrouw maakten we een boottocht om de sfeer van de metropool op te snuiven. Gewapend met zonnebril wachtten we geduldig op het teken van de kapitein om aan boord te gaan. Het gezicht van een aantal leerlingen sprak boekdelen toen ze vernamen dat de info in het Hongaars zou gegeven worden. Wat een opluchting toen ze toch een Engelse en Franse versie te horen kregen. Ik had een loopje met de waarheid genomen en was me er niet van bewust dat ze zo lichtgelovig waren. Niemand wil het bezoek aan de Dunge-

16

e sfeer tijdens de koffiepauze na een verlengd weekend of de paasvakantie bijvoorbeeld is anders. Het zijn niet zozeer de chocolaatjes die je naar de leraarskamer lokken, denk ik. Wanneer je naar binnen gaat, wil je weten waarom er zo hartelijk wordt gelachen. De levendige gesprekken wekken ieders nieuwsgierigheid. Welke hilarische anekdote van de uitstap naar Berlijn, London of Amsterdam zal ons deze keer bijblijven? Welke waren de onvergetelijke of de zaligste momenten? Het is prettig om te kunnen bevestigen dat de verwachtingen van ons jonge, onstuimige volkje ingelost werden. on missen. Samen huiveren en gillen om de angstaanjagende situaties waar klasgenoten - willens nillens in verzeild raken. Ik benijd nog steeds het acteertalent van de acteurs die ons op sleeptouw namen door de duistere geschiedenis van De Nederlanden. Het is zalig dat de voertaal op dat moment het Engels is, want dat maakt mij ontzettend blij! Tussaud’s viel ook opnieuw in de smaak. Je kan het bezoek omschrijven als een uurtje dolle pret. Het lijkt misschien absurd, maar het was spannend om te poseren naast onze favoriete idolen. We overnachtten in de Jordaan. Dit is op tien minuutjes stappen van de Westertoren en het Anne Frank Huis. Kooplustigen zouden de Bloemstraat aan de rand van “The Nine Streets” situeren. Het is de gezellige, volkse buurt van Amsterdam. De ligging ten opzichte van het centrum zou na verloop van tijd minder gunstig blijken. Met zijn allen hebben we gemopperd om de pijnlijke voeten en begrijpen we waarom je beter met fiets of tram de stad doorkruist. Het enige pluspunt was dat na het drukke dagprogramma en de verrijkende wandeling in de Rosse Buurt iedereen onmiddellijk insliep. De nachtwacht was opgelucht. We mochten tegen alle verwachtingen in ook de oogjes sluiten en dromen van tulpenbollen en

poffertjes. Mijn kamergenoten hebben er niets van gemerkt, maar ik sprong tweemaal uit mijn bedje voor nachtelijke interventies. Ik werd opgeschrikt door het helse lawaai in de gang. Het was me ingegeven dat de leerlingen er ons hadden ingeluisd. Furieus stormde ik naar buiten en raasde als geen ander. In het vuur van mijn betoog zag ik dat het niet onze leerlingen waren, maar wel een viertal vurige Italiaanse jonge vrouwen die duidelijk nog niet uitgepraat waren. Het verhaal van de tweede interventie wil ik jullie besparen, maar wat ik absoluut wil benadrukken is dat de receptionist ons de volgende morgen feliciteerde om het onberispelijke gedrag van onze groep. Ik was apetrots op die van de Jozefienen. Eerlijkheidshalve wil ik de minpuntjes niet verdoezelen. De zon liet ons in de steek toen we na het bezoek aan het centrum voor jongeren en wetenschap “Nemo” zouden picknicken op het dakterras met adembenemend uitzicht over de stad. De jongeren die naar het Rijksmuseum trokken om het werk van Rembrandt te bewonderen, werden helaas niet toegelaten. Het was er om de een of andere reden te druk. Mijn ex-


cuses. Ik weet dat dhr. Bekaert zijn uiterste best heeft gedaan om in de mate van het mogelijke de geheimen van het werk en het talent van de schilder toe te lichten. Tot slot wil ik vermelden dat de leerlingen me vertelden dat ze het prettig

vonden om er samen op uit te gaan. Het is voor hen een plus dat niet alles strikt geprogrammeerd verloopt. Ze vinden het fijn dat ze zelf een invulling mogen geven aan de vrijdagmiddag. Ik begrijp volkomen dat een glaasje drinken in het Hard Rock Café tot één van

de zaligere momentjes van de tweedaagse kan worden gerekend.

Marijke Vincke

C ult u u r r ei s B e r l i j n

A

ls zesdejaars krijgen we toch wel wat privileges die de andere jaren niet krijgen. Ik denk onder andere aan ons lokaal, waar we ons in de winter kunnen opwarmen en in de zomer kunnen afkoelen, tussen de middag buiten school gaan eten en de kans om je in te schrijven voor de cultuurreis naar Berlijn. Een viertal dagen in de krokusvakantie met je vrienden een citytrip maken: een groot deel van ons zag dit wel zitten en schreef zich met veel enthousiasme in.

De citytrip naar Berlijn vond plaats tijdens de eerste vier dagen van de krokusvakantie, van 18 tot 21 februari 2012. De zaterdagmorgen was het dan eindelijk zover! Iedereen was in vakantiestemming en zag ons reisje volledig zitten, al was dat enthousiasme om 5 uur ’s morgens misschien niet bij iedereen zo groot. We hadden nog een lange treinreis voor de boeg en sommigen waren nog niet volledig wakker. Rond de middag kwamen we eindelijk toe in Berlijn, een bruisende en levendige stad, en kon onze citytrip eindelijk beginnen! Overdag bezochten we telkens in groep bezienswaardigheden zoals de Brandenburger Tor, Kaiser Wilhelm Gedächtniskirche, Potsdamer

Platz, maar ook het voormalige concentratiekamp van Sachsenhausen en nog veel andere bezienswaardigheden stonden op het programma. Tussen de middag kregen we dan vrij om iets te gaan eten of eventueel nog wat rond te lopen en zelf Berlijn wat te verkennen en ook ’s avonds waren we vrij om iets te gaan eten. Veel te snel was het al dinsdagmiddag en moesten we, na een vrije voormiddag die de meesten van ons aan shoppen besteed hadden, terug op de trein richting Brugge stappen. Met goede herinneringen vertrokken we naar huis. Berlijn was een mooie afwisseling van cultuur en ontspanning. Er heerste de hele reis een goede sfeer in de groep, we

hebben veel mooie plaatsen en monumenten gezien en we kregen voldoende vrije tijd om gezellig te gaan eten of zelf wat in Berlijn rond te lopen. Net zoals het vervoer met de metro, de vele gezellige etentjes en uitstappen, de barmomenten ’s avonds in onze jeugdherberg en onze vier begeleiders; het zijn stuk voor stuk goede herinneringen. Maar het plaatje was compleet toen we de laatste dag ook nog eens sneeuw kregen die voor heel wat idyllische foto’s zorgde. Berlijn is dus zeker een aanrader voor de komende zesdes! Lieselot Goegebeur (6C) 17


V ie r da ag s e t r i p n a a r Lo nden me t v r i j w i l l i g e r s u i t h e t vierde jaar

V

roeger dacht ik bij Londen spontaan aan die ene aflevering van Friends, waarin Joey, Chandler en de andere vrienden hun vertrouwde flat in Amerika inruilen voor een verblijf in de Engelse hoofdstad. Ik deelde zeker en vast hun enthousiasme om te vertrekken – London, baby! klonk het meermaals in mijn hoofd –, maar na de vierdaagse met de leerlingen van het vierde jaar heb ik voldoende andere herinneringen die vanaf nu in me zullen opkomen wanneer ik aan Londen denk. Het was géén grap, op zondag 1 april stonden de 48 vierdejaars en de begeleidende leerkrachten ’s morgensvroeg met spleetoogjes in het station van Brugge, klaar voor de afreis. Veel tijd om nog moe te wezen, was er echter niet… Na aankomst in Brussel moesten we onmiddellijk de Eurostar nemen, die ons tot St Pancras Station in London City bracht. Een korte wandeling later, konden we onze spullen wegzetten in het hotel en genieten van het mooie London, dat sprankelde in de zon. Onze gids, meneer Verduyn, leek de stad wel als zijn broekzak te kennen. Hij bracht ons via Trafalgar Square (fotomoment bij Nelson’s Column!) en Buckingham Palace naar het idyllische Hyde Park, waar we konden ontspannen bij een gezellige picknick. De middagactiviteit was echter van een heel andere aard: in The London Bridge Experience leerden we op een interactieve manier en met de nodige gruwel de geschiedenis van de bekende brug kennen. De leerlingen konden nadien weer ontspannen tijdens een wandeling langs de Thames. Enkele mooie pareltjes die we de volgende dag zouden bezoeken, loerden al aan de overkant van het water… Whitehall, Downing Street 10, Big Ben, the Houses of Parliament and last but

18

not least Buckingham Palace, zijn dingen die men moet gezien hebben wanneer men London bezoekt, toch? We begonnen onze tweede dag met een wandeling door dit politieke district en aanschouwden de spectaculaire Changing of the Guards. Na een lunch in de schaduw van The Millenium Wheel, lieten we ons onder begeleiding van een grappige kapitein op het ritme van de Thames meevoeren tot in Greenwich. Ondertussen konden we de bruggen die Londen rijk is aanschouwen en genieten van de mooie gebouwen on the banks van de Thames. In Greenwich aangekomen, namen we een groepsfoto en klommen omhoog tot aan de Royal Observatory. Oude en moderne gebouwen, een immense rivier doorheen de stad en nu een groot stuk natuur met bovenaan de heuvel de nulmeridiaan, we hadden het ondertussen allemaal gezien! We eindigden onze dag, na een korte wandeling door het financiële district, op Piccadilly Circus en het nabijgelegen Soho en kropen daarna, onder de indruk van alles wat Londen te bieden heeft, onder de wol. Dag drie begon net zoals de dag ervoor natuurlijk met een ontbijt in het hotel. Ik heb veel toast met jam en cornflakes zien passeren, maar geen English breakfast voor onze leerlingen.

Misschien kwam dit doordat ze niet wilden bijbetalen voor het nationale ontbijt, maar ik vrees dat ei met worst en bonen in tomatensaus iets was wat ze liever niet op hun nuchtere maag gooiden. We konden in elk geval toch onze buikjes rond eten en hadden zo voldoende energie om het grote British Museum - dat zich trouwens vlakbij ons hotel bevond - te bezoeken. Een hele voormiddag lang konden we in het gebouw met de mooie lichtkoepel een van de grootste collecties kunstvoorwerpen aanschouwen. Na zoveel cultuur verlangden velen echter naar wat vrije (lees: shopping) tijd. Meneer Verduyn nam de diehards mee voor een bezoek aan Westminster Abbey, terwijl de anderen zich uitleefden in Covent Garden met zijn gezellige winkeltjes en straatartiesten, ontspanning troef! ’s Middags verdeelden de leerlingen zich voor de keuzeactiviteiten. Ikzelf nam samen met mevrouw De Corte enkele leerlingen mee naar Shakespeare’s Globe, waar we jammer genoeg niet binnenkonden, en Tate Modern, een oude elektriciteitscentrale vol moderne kunst! We lieten de leerlingen via de Millenium Bridge naar St.-Paul’s Cathedral wandelen, zodat we vandaar terugkonden naar de rest van de groep. Op ons avondprogramma stond


een bezoekje aan de lokale filmtheaters. Voor de eerste keer was het weer ook typisch Engels (regen!), we konden ons cinemabezoek niet beter hebben getimed. De laatste dag was er eentje om uit te bollen… Na de check-out wandelden

we naar het station van St Pancras om onze bagage op te bergen. Op die manier konden we op ons gemak Camden Town verkennen, de place to be voor de youngsters. Maar ook wij, leerkrachten, konden de sfeer en de véle winkels en kraampjes in late Amy Winehouse’s woonplaats wel appreciëren. Je kon er werkelijk ALLES vinden: van fluorescerende piercings tot lichtgevende Tshirts en ook zonnebrillen, kettingen en Londense souvenirs in alle geuren en kleuren. Nog niet te spreken over al dat lekkers dat in de kraampjes aangeboden werd. Er was gewoon geen tijd

genoeg om dit alles te bezichtigen en proeven. De voetjes waren ondertussen wel goed moe en vele vrienden en familieleden in en rond het Brugse waren naar onze terugkomst aan het verlangen. We konden ze niet teleurstellen en namen dan maar plichtsbewust de trein terug. In onze herinneringen namen we toch een stukje van Londen mee.

L i e sb e th Van Maele

D e Lo n d e n - i n d ru kk e n va n een deelnemende leerlinge “Good morning everybody!” Zo begroette ik welgezind en monter mijn reisgenootjes op een zonnige en (vroege) zondagmorgen. Iedereen was volledig ready voor de vier dagen op reis. Na een hele hoop treingezit en een spannende trip onder de zee was het eindelijk zover: we stapten uit in London City. Verwonderd bleef ik staan kijken op het grote plein voor het station. Ze rijden hier links! En de zon schijnt! Mijn dag kon niet meer stuk! Nadat we onze bagage bij het hotel afgezet hadden, zetten we onze eerste stapjes in de grote stad. Maar het bleef niet bij die paar kleine stapjes! Vele uren en kilometers later had ik het gevoel dat er geen plek in Londen bestond, waar ik mijn (pijnlijke) voeten nog niet had gezet. Gelukkig was het heel erg de moeite waard. We zagen een hele hoop mooie bezienswaardigheden zoals Hyde Park, Speaker’s Corner, Harrod’s,... Daarna sidderden en beefden we ook nog in de London Bridge Exprience (Screamy Award 2011!), een gruwelijke en gedetailleerde beschrijving van The Londen Bridge door de eeuwen heen. Zeker niet voor watjes! Nog wat nabibberend wandelden we richting hotel, waar we in de buurt vrijgelaten werden voor het officiële eerste avondmaal. Daarna stapten we allemaal dankbaar in ons nieuwe bedje. De volgende (vroege) morgen stapte ik voor het eerst in mijn leven in de London Underground, een ervaring op zich. Na nog wat te hebben rondgewandeld (wat had je gedacht?) in de buurt van Westminster Abbey en natuurlijk na het bewonderen van de Changing of the Guards, mochten we op de boot stappen richting Greenwich. Daardoor kregen we een heel mooie en nieuwe kijk op de stad. Terug in Londen aten we een hapje in een restaurant naar keuze en dan zat de tweede dag erop. Dag drie begon met een brokje cultuur in het interessante British Museum, waar je kunstschatten van over de hele wereld kan bewonderen. Over de middag kregen we vrije tijd in Covent Garden, de buurt bij uitstek voor shopaholics én voor Starbucksliefhebbers! Daarna splitsten we in drie groepen en stapten (!!!) naar het museum van onze keuze. Die avond mochten we na ons laatste avondmaal genieten van een film (The Hunger Games) in een prachtige en enorme Engelse cinemazaal. Dat was echt de moeite waard en bovendien enorm goed voor onze kennis van het Engels, want er waren natuurlijk geen ondertitels! Een beetje triest wandelden we (in de regen) naar ons hotel, waar we ons klaarmaakten voor de laatste nacht. Gelukkig hadden we de laatste dag nog zoveel te doen, dat we er niet aan dachten dat we binnenkort weer naar huis zouden moeten. Na een bezoekje aan St Paul’s Cathedral en Trafalgar Square sloten we onze fantastische reis af in de levendige buurt Camden Town. En dan was de tijd van het afscheid aangebroken. “Goodbye, London, see you soon!“ Leonie De Groot (4A) 19


DE SCH OOL OPENT HET VENSTER O P DE W ERELD

venster op E de wereld

en school is de weerspiegeling van de maatschappij. We leven nu eenmaal in een smeltkroes van vele nationaliteiten. In deze reeks kwamen al leerlingen uit (Wit) Rusland en Nepal aan bod. Op onze school zitten een aantal zwarte leerlingen, onder andere de twee zusjes Ngeze: Zahara Professeur (5 B) en Chance Prophète (3 A). Zahara trok wat tijd uit om enkele vragen te beantwoorden.

Zahara, wat is jouw land van herkomst en hoe lang woon je in België? Zahara: Ik ben afkomstig van Rwanda, maar door de *omstandigheden heb ik daar bijna nooit gewoond en ben ik in Kenia opgegroeid. Ondertussen woon ik hier drie jaar. *Rwanda wordt sinds jaar en dag verscheurd door een strijd tussen Hutu’s en Tutsi’s, twee bevolkingsgroepen die erg verschillend zijn. Regelmatig zijn conflicten, moordpartijen, bloedbaden, genocides, .., waarbij Hutu’s het gemunt hebben op Tutsi’s en gematigde Hutu’s het resultaat van deze etnische verschillen. We herinneren ons nog dat op 7 april 1994 Belgische paracommando’s doodgeslagen werden, toen ze de veiligheid van eerste minister Agathe Uwilingiyimana verzekerden. Men schat dat de genocide van september 1993 tot midden 1994 tussen de 500 000 en 1 000 000 levens kostte. Waarom hebben jullie voor België gekozen? Zahara: Als ouder wil je het beste voor je kind en als de ouder beslist, heb je als kind geen keuze! Wat betekenen deze drie landen voor jou: Rwanda, Kenia en België? Zahara: Rwanda zie ik als mijn echte moeder, die mij door veel te veel problemen moest afstaan. Kenia beschouw ik als mijn adoptiemoeder, die mij altijd opvangt als ik val en mij altijd naar voren duwt om mijn dromen te realiseren. België is dan mijn tweede adoptiemoeder: zij zorgt dat ik alles heb om die dromen waar te maken. Alle drie de 20

moeders zijn heel belangrijk voor mij, zonder een van de drie zou ik Zahara niet zijn! Hoe waren je eerste ervaringen met België? Zahara: Toen ik klein was, hoorde ik mensen altijd over Brussel praten. Het is heel vreemd dat ik nooit over België gehoord had. Mijn eerste gedachte hier was: “Waar ben ik nu beland?” Omdat mijn oma en broers hier toen al een tijdje waren, kenden ze de taal die ik nooit eerder hoorde praten, al goed. Daardoor voelde het aan alsof ik mij in een andere wereld bevond. Vergelijk België met Kenia. Zahara: België is heel klein in vergelijking met Kenia, maar toch leven de mensen elk voor zich. Hier voel je de warmte niet, letterlijk niet, maar ook figuurlijk niet! In Kenia kon je ’s avonds om zout gaan vragen bij de buren als je boodschappen vergeten was, maar hier zou ik dat nooit durven. Wat mij aan België zeer bevalt, is de sociale gelijkheid: er is geen verschil tussen arm en rijk, iedereen gaat hier naar school ongeacht de achtergrond. In Afrika is de situatie heel anders. Jij en je zusje hebben bijzondere namen. Hoe komen jullie daaraan? Zahara: Dat is de schuld van onze papa. Hij voorspelde dat elk van zijn vijf kinderen slim zou worden, vandaar de volgende extra namen: Philosophe, Professeur, Docteur, Prophète en Maitre. Bij het begin van dit schooljaar zat je in 4 E, sinds november ben je een van de zeventwintig leerlingen

van 5 B. Dit kon omdat je examens voor de Centrale Examencommissie aflegde. Hoe ging dat in zijn werk? In Kenia zat ik al in het vierde jaar van het secundair onderwijs. In België heb ik eerst een jaar Nederlands aan het Technisch Instituut Heilige Familie gestudeerd. Toen men me op het einde van dat jaar zei dat ik slechts in het tweede jaar A.S.O. kon starten, voelde me erg ontgoocheld. Omdat de directie in mij geloofde, stelde men voor om via de Examencommissie een jaar over te slaan. Dat zijn examens per graad die je in Brussel voor een commissie moet afleggen en als je geslaagd bent, behaal je het diploma. Ik wou dit eerst niet doen, want ik besefte dat het niet gemakkelijk zou zijn en dat ik geen vrije tijd meer zou hebben. Dankzij veel mensen die vertrouwen in mij hadden – wat ik niet echt verwacht had – en mij overtuigd hebben, heb ik het geprobeerd. Ik besefte dat ik niets te verliezen had, integendeel: ik kon een jaar winnen. 2011 was een van de moeilijkste jaren die ik ooit meegemaakt heb: ik was niet alleen bang om niet te slagen, maar nog meer om mensen die in mij geloofden te ontgoochelen. Ik heb veel hulp gekregen van leerkrachten bij Integraal, ik heb boeken en notities gekregen van leerkrachten hier op school, maar het moeilijkste deel moest ik zelf doen: STUDEREN!!! En … zoals wij allemaal weten, hard werk loont en ik zit nu in het vijfde jaar. Het is natuurlijk niet simpel, maar de gedachte dat er nog slechts een jaartje overblijft vooraleer ik afstudeer, geeft mij heel veel moed.


Wat vind je van onze school? Zahara: Ik vind Sint-Jozef Humaniora een goede school, omdat het de enige ASO-school in Brugge is met zoveel buitenlandse leerlingen. Meestal worden allochtonen in TSO of BSO gedumpt en dat is niet altijd omdat zij dat willen, maar omdat hun ouders onvoldoende informatie krijgen. Ik heb wel hard moeten werken om hier op school mijn plaatsje te veroveren, maar ik ben heel blij dat het gelukt is. Daarenboven denk ik echt dat ik zonder de hulp van de school nooit geslaagd zou zijn voor de Centrale Examencommissie. Weet je wat heel raar is: mijn vorige school in

Kenia heette Saint-Joseph. Ik denk echt dat het geen toeval is. Wat zijn je toekomstplannen, zou je graag voorgoed naar Afrika terugkeren? Zahara: Daarop antwoord ik volmondig “JA”! Ik zou hier eerst mijn studies aan de hogeschool of universiteit willen afmaken, daarna nog enkele jaren blijven om te werken, maar daarna keer ik terug naar Afrika om er te blijven. Proficiat met wat je tot nu toe verwezenlijkt hebt en nog veel succes! Sabine Deprez

A l s Cupid o zijn pijlen raa k sc hiet i n d e Jo zefienen….

het werk van Cupido Ze leerden elkaar veertien jaar geleden kennen op de schoolbanken, maar de vonk is pas later echt overgesprongen toen ze samen op stap waren in Brugge, nu zo’n drietal jaar geleden. Het was voor hen beiden hun eerste serieuze relatie. Jozefien studeerde in Brugge, Dries in Gent, maar die kleine afstand hield hen niet tegen om elkaar vaak te zien. Vroeger zagen ze elkaar dagelijks in de gemeenschappelijke

In dit nummer stellen we graag ons derde Jozefienenkoppeltje voor: Dries Van Overbeke en Jozefien Depauw, die beiden bij ons afstudeerden in 2003. Zij is vroedvrouw in het Sint-Rembertziekenhuis, hij is industrieel ingenieur elektrotechniek. Hij werkte eerst twee jaar aan een hogeschool en werkt nu al sinds twee jaar in een studiebureau. Samen wonen ze in Sint-Andries. lessen, nu zien ze elkaar elke dag thuis. Jozefien: ”Mijn eerste herinneringen aan Dries... hij was een onopvallende jongen, maar toch viel hij me op! Ik herinner me nog goed het eerste smsje van Dries waarin hij zei dat hij me ook graag zag. Uiteraard is hij zowel uiterlijk als qua karakter wat veranderd in die veertien jaar, maar niet onherkenbaar.“ Wat hem zo speciaal maakt? “Hij is rustig, betrouwbaar en gevoelig.” En Dries over Jozefien: “Ze is altijd goedlachs en positief. Het origineelste wat Dries ooit deed voor zijn geliefde? Een huwelijksaan-

zoek op de Pont d’Avignon!! Als dat niet romantisch is! Een jaar geleden zijn ze getrouwd. Jozefien en Dries zijn trots om hun Jozefienebaby (een primeur voor ons tijdschrift!) aan jullie voor te stellen: Emiel, een flinke jongen van vier maand! Ze zien de toekomst alvast rooskleurig tegemoet: momenteel zijn ze op zoek naar een ander huis en een tweede Jozefienenbaby is meer dan welkom! We wensen hen dan ook alle geluk toe!!! Ch a r l o tt e De Vriese

21


Natuur & Wetenschap work s h o p z i j d e sc h i l d e r e n Op woensdag 25 januari konden we genieten van de workshop “zijde schilderen”. Eerst kregen we uitleg over zijde aan de hand van een Power Pointpresentatie. Wisten jullie dat zijde 5000 jaar geleden ontdekt werd in China? Natuurlijke zijde komt van de zijderups (zijdevlinder), maar ook sommige spinnen maken zijde. De zijderups leeft maar van één soort blad, dat van de moerbeiboom die in het Oosten groeit. Het kweken van zijderupsen is zeer duur, omdat die rupsjes erg gevoelig zijn voor temperatuur, geluid, geur en hygiëne. Vandaar dat natuurlijke zijde zo duur is. Sinds de Tweede Wereldoorlog is er ook goedkope kunstzijde te koop. Daarna leerden we technieken om zijde te beschilderen en maakten we ons eigen schilderijtje. De resultaten mogen gezien worden!

Na een uiteenzetting over de bouw en het leven van een konijn, mochten we met een afgekookte schedel van een konijn (afkomstig uit het slachthuis) beginnen aan de zuivering. Met behulp van een mesje en een kreeftenvork werd al het vlees afgekrabd en de hersenen eruit gehaald. Daarna moest de schedel nog 24 uur in zuurstofwater zitten om volledig te zuiveren en te bleken. De geprepareerde schedels mochten we als trofee meenemen naar huis. Nu kunnen we thuis zelf aan de slag als we een schedeltje van een muisje of vogeltje vinden in de tuin of het park!

Z at e rdag 26 mei 2 012 bez o c hten we het Deltapark Neeltje Jans

work s h o p sc h e d e l s pre pa r e r e n Slechts 16 deelnemers, waagden zich aan de workshop “schedels prepareren”. Schedels zuiveren… wat spannend: een beetje vies, maar zeer leerzaam! 22

Neeltje Jans betekent vrij vertaald “Godin van de zee”. Vandaar het logo van de zeemeermin Neeltje Jans. Het Deltapark is midden in de zee gelegen, omgeven door de prachtige Zeeuwse natuur. Zeeland ligt voor een groot deel op of onder de zeespiegel. In 1953 waren de dijken slecht en laag en kwamen bij grote overstromingen ongeveer 2000 mensen om. Om dit nooit meer mee te maken is er een stormvloedke-

ring gebouwd. We hebben dit bouwwerk zowel van binnen als van buiten bezocht. De film over de catastrofe van 1953 informeert over de bouw van de stormvloedkering. Een rondvaart liet ons kennis maken met de unieke natuur van de Oosterschelde. Het Aquapolis, een zeeaquarium, toont de onbekende onderwaterrijkdom van de Oosterschelde: kleurrijke zeeanemonen, kreeften, roggen,… Dit alles is behouden dankzij de waterdoorlaatbare stormvloedkering. Een 3D-film brengt het planten- en dierenrijk in zee tot leven. Water is ook een onuitputtelijke bron van plezier, de waterspeelplaats en de waterglijbaan kregen de nodige aandacht van onze leerlingen! We genoten van een zeehondenshow, waarbij veel uitleg gegeven werd over de bouw en het leven van deze dieren. Nu zwemmen er meer dan 150 zeehonden rond in de delta! In een orkaanmachine beleefden we een echte orkaan, vasthouden waar je kunt!!


N & W t rok op 1 m e i na a r d e Ef t e l i n g Traditiegetrouw zijn we op 1 mei weer naar de Efteling getrokken, samen met een groot aantal jongeren van de andere afdelingen van Natuur en Wetenschap. Wist je dat de Efteling dit jaar 60 jaar bestaat? De Python, een stalen achtbaan met loopings en kurkentrekkers, de Vliegende Hollander, een duistere rit in een mysterieus spookschip en Joris en de Draak, een dubbele houten race-achtbaan waren dé attracties van de dag. We genoten er natuurlijk ook van de ijsjes, popcorn, oliebollen, poffertjes of frietjes… en van een mooi, zonnig weertje!

We d s t r i j d van Nat u u r & We t e n s c h a p In ons decembernummer stelden we jullie de wedstrijd van Natuur en Wetenschap voor. Voor de eerste graad schreven Myrthe Van Brempt en Alyssa Puype een werk

over de reuzenpanda. Juna Schelpe en Ulrike Quintens maakten een studie over de Noordpool. Geen van beide groepjes hoorde bij de finalisten, maar ze kregen wel een mooi wetenschappelijk boek voor hun deelname en een dikke proficiat van onze directie en leerkrachten! Voor de wedstrijd voor de tweede en derde graad namen 7 leerlingen van het 6de jaar deel. Ze konden dat doen in het kader van hun eindwerk. Volgende leerlingen moesten op 23 maart hun beste beentje voorzetten voor de provinciale schiftingsproeven: Lore Pattyn met haar werk “ethanol en het gistingsproces”, Lowiese Broes had het over “resistentie van bacteriën”, Aäron Boucké bekeek “diesel versus benzine”, Dar’ya Suprun verdiepte zich in “schimmels”, Joren Ingelbrecht zette “LED-lampen versus gloeilampen. Anna Yarantseva zette “3D-beeld” in de kijker en Koen Melis onderzocht “de aardappelbatterij”. Anna en Koen werden geselecteerd voor de groep van de 5 finalisten en mochten op 9 mei hun presentatie opnieuw brengen op de nationale finale in Antwerpen. Daar werden ze nogmaals ondervraagd

door een jury bestaande uit universiteitsprofessoren, pedagogische adviseurs en vakspecialisten. Ze hebben het beiden schitterend gedaan! Anna is eerste geworden en ontving een boekenpakket, een abonnement op het tijdschrift “Mens” en een geldprijs van maar liefst 450 euro! Koen behaalde de 2de plaats en kreeg ook de geschenken met een mooie geldprijs van 300 euro! Jammer voor Joren, maar we willen hem zeker nog eens extra vermelden, want hij was de 6de finalist. Koen Melis is in de 51 jaar dat de wedstrijd loopt, de enige die 6 keer heeft deelgenomen. Als doorzetter wist hij in het 2de jaar een derde plaats te behalen in Antwerpen, in het 4de jaar werd hij verkozen tot de best geplaatste 4de jaars en nu in het 6de jaar behaalde hij dus een 2de plaats.

Caroline S c h o o nb a e r t

11 f e b rua r i 2 012 : op u i t s tap met Natuur & Wetensc hap Op een heel frisse zaterdagmorgen vertrekken zestien gemotiveerde leerlingen richting de mergelgrotten van Kanne en het fort van Eben-Emael. Na de busreis van drie uur zijn we aangekomen en raakten we meteen gefascineerd door een oorlogstank voor het fort. De gids nam ons mee in het fort en we waanden ons als jonge militairen van Eben-Emael. Eerst was er een diavoorstelling met de geschiedenis van het fort. Het jarenlang opgebouwde fort bleek in een kwartier overmeesterd door de Duitsers. Daarna was iedereen één en al oor voor de verhalen tijdens de rondleiding van de ex-militair, onze gids. De tijd was te kort om alle details te horen. Na een lunchpauze in het restaurant “De Louvain” in het dorpje Kanne, waren de mergelgrotten aan de beurt. De gids bracht ons meteen naar de champignonkwekerij. Wat de leerlingen onmiddellijk opviel was de bruine kleur van de champignons in plaats van wit. Terwijl de rondleiding verderging werden de gekochte champignons vers geplukt. De gids vertelde ons dat het geen grotten zijn, maar groeven omdat de mens deze zelf heeft gegraven. De mergel werd gebruikt in blokken als bouwstenen. Ook fossielen en muurschilderijen kwamen aan bod. In de grotten (groeven) is ook een mooie feestzaal aanwezig. Als laatste gingen de leerlingen om hun champignons en konden we de nog altijd frisse dag afsluiten aan de prachtige hangbrug van Kanne. Kaat Dewanckele 23


Extra! Extra! Extra!

“ Dode talen op de Jo zefienen b l i jken springlevend!”

Klassieke I rubriek

k weet niet hoe het met jou zit, nijvere lezer, maar toen ik voor het eerst over dode talen hoorde spreken was ik stante pede (om maar eens een springlevend voorbeeld uit één van die dode talen te gebruiken) verkocht. De taal van een teloor gegane beschaving, van een exotische stam die er nu niet meer is, maar slechts sporen heeft nagelaten in vreemde, onder het stof der eeuwen bedekte (en misschien wel door muizen aangevreten) teksten, gesteld in een vreemdsoortige abracadabraspraak. Al wat er nodig was om die beschaving weer tot leven te wekken, was de toverkracht van mijn eigen verbeelding en een beetje toegewijde studie (en een leerkracht klassieke talen, die mij zou inwijden in die geheimen). Dat was wat ik wou worden: de tovenaar die een dode wereld tot leven wekt!

Welnu, op de Jozefienen is de hele vakgroep klassieke talen gebeten door diezelfde microbe (wellicht eentje met een moeilijke Griekse naam): de leerling die hier Latijn of Grieks volgt, heeft de afgelopen maanden gemerkt dat lessen dode talen een levendige bedoening zijn!

In levende lijve Afgelopen januari bijvoorbeeld nestelden de leerlingen van het tweede jaar Latijn (2B en 2Ca) en Grieks-Latijn (2A) zich in de pluchen zetels van de Magdalenazaal en voor ze het wisten kwam voor hun ogen de wondere wereld van de Griekse mythologie tot leven. Niet meer dan twee acteurs en twee enorme, wiebelende decorstukken waren daar voor nodig in de enigmatisch getitelde voorstelling “Mankepoot Stekeblind”. Het stuk was een frisse hervertelling van de mythe van Oedipus—u weet wel, de Griek die zijn vader vermoordde, het raadsel van de sfinx oploste en met zijn moeder, ahum, huwde. Ook op een onverwachte manier werd het stuk voor de leerlingen springlevend, want de mannelijke hoofdrolspeler (Bert Cosemans) bleek een bekend Ketnetgezicht. Naar ondertussen goede gewoonte, kwamen ook voor de vierdejaars latinisten de teksten van Caesar tot leven: zij kregen op school bezoek van Quintus Spurius Ligustinus, een Romeins legioensoldaat uit 24

de eerste eeuw v.C. Plots kwam de oudheid wel heel dichtbij, wanneer ook de praktische beslommeringen van de soldaat (zoals het inpakken en meedragen van zijn bagage, de hoeveelheid sokken en warm ondergoed die ’s winters meegaan, het kookgerei, het aantal soldaten per tentje. enz.) op heel wat interesse van de leerlingen konden rekenen. Deze en dergelijke ontmoetingen in levende lijve maken de antieke wereld, waarvoor onze leerlingen doorgaans enkel op teksten aangewezen zijn, op heel andere wijze tastbaar.

Dode (ver)talen Dat er in de lessen Latijn of Grieks af en toe vertaald moet worden, dat is al sinds jaar en dag een feit. Dat vertalen echter een vak apart is, dat wordt de leerlingen van de derde graad niet alleen stapsgewijs aangeleerd in de lessen, maar dat konden ze de afgelopen maanden ook op verschillende manieren ervaren. Op een koude februarimorgen kregen de verzamelde vijfdes en zesdes een Vlaamse rasvertaler over de vloer: Gijzegemnaar en oud-leraar Patrick Lateur kwam langs op school om over het vertaalmétier te spreken. De grijze haren en warme stem van de man die bejubelde vertalingen van zowel Griekse als Latijnse dichters maakten het plaatje van de antieke vertaler compleet: een rustige en poëtische

ziel, die elk woord wikt en weegt, schuift en duwt, tot het op de juiste plaats valt. De man nam ook uitgebreid de tijd om de vele vragen van de leerlingen te beantwoorden. Een aantal van die leerlingen zat met prangende vragen waarvoor ze bij Lateur aan het juiste adres waren. In de derde graad gebeurt het namelijk wel vaker dat de latinisten en grieken deelnemen aan klassikale of individuele vertaalwedstrijden. Zo ook de leerlingen Grieks uit 5 en 6: zij namen deel aan de Sophocleswedstrijd, een klassikale vertaalwedstrijd waarbij ze een literaire vertaling moesten maken van een fragment uit de Griekse tragedie Aiax. Zij behaalden daarbij een eervolle vermelding, een hele prestatie! Op de proclamatie voor de olympiade voor Grieks en Latijn namen Hadewijch Vandaele (5C Grieks-Latijn) en Willem Vanhulle (6A Grieks-wiskunde) in de aula van de Universiteit Gent de prijzen en het diploma in ontvangst namens hun klas. Proficiat! Dergelijke fraaie resultaten overtuigen ons ervan dat onze leerlingen begrepen hebben: vertalen is geen mechanisch omzetten; vertalen is dode teksten nieuw leven inblazen en ze naar onze eigen wereld brengen! H e t k l a ss i e k e t e a m van de Jozefienen B e r t S e lt e r


Een nieUwe lente, een nieuw Z geluid

B l i j ven dro men… es jaar heb ik op de banken van de Jozefienen gesleten. Gestart met Grieks-Latijn ben ik in mijn zesde jaar van het middelbaar onderwijs ook geëindigd in de richting Grieks-Latijn. Als journaliste en recensente ben ik nog elke dag blij met deze keuze. Het klopt wat meneer Maes ons leerde in het eerste jaar: Grieks en Latijn kun je overal ontdekken in het hedendaagse leven. Een dode taal? Voor mij niet! Op persreizen kom ik bijvoorbeeld vaak in contact met vreemde talen die ik niet beheers, zoals bijvoorbeeld het Portugees. Toch kan ik dankzij mijn kennis van het Oud-Grieks en Latijn veel ontcijferen.

Ergens tussen de laatste vakantiedag voor het eerste middelbaar en de eerste dag van juli na het zesde middelbaar ben ik ‘groot’ geworden. Zelf weet ik nog altijd niet goed hoe dat net gebeurd is. Alleen dat ik het nu best kan omschrijven als een boeiende ontdekkingsreis met de nodige hindernissen, waarop de vele ontmoetingen met verschillende leerkrachten je elk iets anders bijbrengen. Bepaalde leerkrachten inspireren je zelfs om nog meer te ontdekken en enkelen onder hen weten het beste in je naar boven te brengen. Het volgen van deze richting heeft voor mij echter ook veel te maken gehad met de leerkrachten. Het was een plezier om les te krijgen van meneer D’haene. Hij was een wandelende encyclopedie die vele Latijnse teksten uit het hoofd kon citeren en tientallen meeslepende verhalen vertellen, waarbij wij iedere keer aan zijn lippen hingen. De jaarlijkse Italiëreis in de zomervakantie na het zesde jaar, onder leiding van meneer D’haene, was voor sommigen zelfs de grootste reden om te slagen en dus geen herexamens te hebben. Het was een onvergetelijke reis, voor mij de kers op de taart na het afstuderen in Grieks-Latijn. Een eenvoudige onderneming was deze reis nochtans allesbehalve. Ik heb ze namelijk beleefd in een rolstoel. Je moet weten, het zesde middelbaar is voor mij een beetje in mineur geëindigd. Eind december werd er bij mij botkanker vastgesteld. Ik was toen zeer sportief. In één week ging ik lopen, zwemmen, dansen en op zondag vaak kiten. Daar kwam abrupt een einde aan. Gelukkig voor mij deed de zware chemo onmiddellijk

zijn werk. Chemo was voor de diagnose slechts een vaag begrip. Nu is chemo voor mij vergif. Zo leggen de dokters het je ook uit. Je lichaam wordt vergiftigd zodat alle slechte cellen sterven. Er sterven natuurlijk ook heel wat goede cellen, waardoor ik mijn haar verloor, heel vaak misselijk en constant moe was. Uiteindelijk ben ik in de maand april geopereerd. Ik kreeg mijn eerste kunstheup en een dijbeenprothese. In juli werd ik gedurende een maand bestraald en normaal zouden mijn chemokuren daarna opnieuw gestart zijn. Mijn dokter op oncologie gaf me echter toestemming om mee te gaan naar Italië en daar ben ik hem nog altijd dankbaar voor. Maar in Italië reizen met een rolstoel is niet zo simpel, denk maar aan Venetië met al haar bruggen. Meneer D’haene stond erop dat ik deelnam aan deze reis en iedereen hielp afwisselend mee aan het dragen van de rolstoel wanneer nodig. Dat heeft enorm veel voor mij betekend. Na de reis onderging ik nog een jaar lang chemokuren. Het was zeer zwaar, maar deze dubbele dosis heeft er vermoedelijk voor gezorgd dat ik nooit hervallen ben. In totaal heeft de ziekte mij ongeveer vier jaar gekost. De revalidatie ging namelijk gepaard met de nodige tegenslagen zoals een ziekenhuisbacterie, wat uiteindelijk geleid heeft tot mijn tweede kunstheup. Daarvoor heb ik drie maanden platliggend doorgebracht in UZ Gent. Tijdens die vier jaar ben ik er toch in geslaagd om examen af te leggen van enkele vakken van de richting Rechten die ik volgde aan de universiteit van Gent. Ziekte zou voor mij geen reden zijn om niet aan die hogere studies te begin-

nen, iets waar ik erg naar verlangd had. Kanker had me veel afgenomen, maar ik zwoor dat het me mijn leven niet zou bepalen. Uiteindelijk slaag ik na vier jaar volledig in mijn eerste jaar Rechten en zijn alle behandelingen afgelopen. Ja, ik kan nogal koppig zijn. Om mijn huisarts te citeren: “Dat is maar goed ook, die koppigheid heeft je leven gered.” Koppig heb ik ook volhard in mijn revalidatie. Er was me gezegd dat stappen zonder krukken nooit meer zou lukken. Ik hoor niet graag ‘nooit’ en besloot er toch voor te gaan. Nu na tien jaar revalidatie staan de krukken in een hoekje stof te vergaren en is de rolstoel al lang verleden tijd. Heel lang wandelen of rechtstaan is nog steeds moeilijk, maar ik ga overal naartoe zonder krukken.

“Er is maar één weg en die gaat recht vooruit.” Ook verder studeren was niet gemakkelijk. Ik had één van de zwaarste chemokuren gekregen die ze konden geven. Dat betekende naast het succesvol doden van de tumor ook concentratiestoornissen, geheugenverlies en constante vermoeidheid. De prof vertelde dat dit over een periode van tien jaar zou verbeteren. Tien jaar kon ik niet wachten met mijn studies, dus gingen we ervoor. Lessen bijwonen, taken volbrengen en blokken, het bleek niet evident. Na drie jaar behaalde ik toch mijn bachelordiploma Rechten. En mevrouw Herregodts, die ons les gaf in Grieks, kwam me af en toe bezoeken en regelmatig een hart onder de riem steken. Eerder vertelde ik reeds over 25


leerkrachten die het beste uit je naar boven kunnen halen. Wel mevrouw Herregodts is de leerkracht die ik iedereen toewens. Net zoals Athena, de godin van de wijsheid en de krijgskunst, spoorde ze me aan om mijn strijdlust boven te halen, te vechten en nooit op te geven. En als het moeilijk werd, kwam ze wel even met me mee vechten. Elk van haar ‘Grieken’, zoals ze ons noemde, was belangrijk. We telden mee en onze mening interesseerde haar. Met veel passie voor haar vak leerde ze ons de finesses van deze oude taal kennen. Het was niet genoeg dat je leerstof verwerkte, je moest ze voelen, je moest ze beleven. In de les ‘Grieks’ hebben we zoveel meer geleerd dan enkel Grieks. Ze liet ons kennismaken met hun hele cultuur, filosofie en zelfs hun gastronomie door middel van een Griekse lunch waarbij ieder van ons een Grieks gerecht moest meebrengen. Nu nog zitten bepaalde zinnen uit bijvoorbeeld de Illias zoals ‘Μηνιν αειδε, θεα, Πηληιαδεω Αχιληος’ ingeprent in mijn hoofd en roepen ze fijne herinneringen op. Maar het allerbelangrijkste wat ze voor mij gedaan heeft, is in mij geloven, zelfs wanneer ik dat nog niet deed. Schrijven heb ik altijd graag gedaan. Het was een manier om dingen te verwerken, om blijdschap te verwoorden, om verdriet uit te drukken,… schrijven was en is voor mij ademen. Toch heb ik heel lang geloofd dat niets wat ik schreef ooit goed genoeg was om gepubliceerd te worden. Mijn eerste publicatie heb ik te danken aan mevrouw Herregodts, namelijk de vrije vertaling van een Grieks gedicht die een plaats kreeg in het schooltijdschrift. Daar was ik best trots op. Toch heeft het nog een tijdje geduurd eer ik opnieuw iets durfde publiceren. Toen ik na de Rechten met een ingestuurde filmrecensie voor een jaar de titel won van ‘filmambassadrice voor Kinepolis’, heb ik terug gedacht aan de woorden van mevrouw Herregodts. Op dat moment heb ik het aangedurfd om niet voor een Master in de Rechten te gaan, maar voor een Master in Communicatiewetenschap26

pen. Dat betekende twee jaar langer studeren, maar dat had ik er voor over. Na een stage op de VRT succesvol afgerond te hebben, behaalde ik mijn Masterdiploma. Tijdens deze studies kon ik reeds aan de slag bij "ReisReporter", waar ik nu nog steeds voor werk. Reisjournalist zijn is zalig. Het is een job die me al prachtige plekken op deze aardbol heeft doen ontdekken. En het is zo verrijkend om andere culturen te leren kennen. De wereld is gevuld met schoonheid, het zou stom zijn om ze niet te gaan bewonderen. Het meest bijzondere wat ik het voorbije jaar gedaan heb, is in Schotland na een kleine cursus mijn eigen whisky blenden en het bekijken van de zonsondergang in de woestijn van Wadi Rum (Jordanië). Ik ben geen verzamelaar, behalve van zulke momenten. En elk jaar wordt mijn verzameling mooie momentjes groter en groter. Ondertussen werk ik ook mee in de kernredactie, doe ik de eindredactie en mag ik zelf thema’s, onderwerpen en reportagereeksen uitwerken. Daarnaast schrijf ik ook freelance voor kranten en magazines, vooral over gastronomie. Samen met mijn hoofdredacteur schreef ik een boek over bier dat in 2009 verscheen. Het was een enorme beleving om aan dit boek mee te werken. Zes maanden lang hebben wij brouwerijen en cafee tjes bezocht om onze gids ‘100x proeven van Straffe streekbieren’ te maken. Een aantal dromen van mij waren reisjournalist, culinair recensent en auteur worden. Deze kan ik alvast van mijn lijstje schrappen. Wees gerust, ik heb nog een pak dromen liggen, want een mens zou nooit mogen stoppen met dromen. Uit dat boek is een andere passie van mij voortgevloeid, namelijk bier. Tijdens onze tocht door het Belgische bierlandschap ben ik van de ene verbazing in de andere gevallen. Alle vooroordelen die ik had over bier zijn toen gesneuveld. We zijn een land met 140 brouwerijen en meer dan 1000 streekbieren en toch zullen we als Belgen vaker naar de Franse wijn grijpen. Daar wou ik iets aan doen. Na het boek ben ik mij beginnen inzet-

ten voor onze biercultuur bij Zythos, de Belgische bierconsumentenvereniging, waar ik nu nog altijd actief in ben. En ik wou vooral nog meer weten over bier. Vorig jaar voltooide ik mijn jaar brouwschool. Ondertussen ben ik hobbybrouwer. Mijn eerste bier is extra hoppig en pittig en kreeg de toepasselijk naam ‘Vurige Fie’. Dit jaar ben ik gestart met een eigen project rond bier, genaamd ‘Vrouwen en Bier’.

Het Vrouwen-enBierproject ‘Vrouwen en Bier’ is er gekomen omdat ik tot vervelens toe de vraag kreeg van journalisten of ik het niet raar vond om als vrouw met bier bezig te zijn. Dan ben ik gaan graven in de geschiedenis en wat blijkt? Het is de vrouw die de grootste rol speelt in de biergeschiedenis, maar dat is zeer onderbelicht gebleven tot nu, ook omdat er zo weinig bronnen over voorhanden zijn. Gelukkig hebben historici Jane Peyton en Judith Bennett van Oxford University zich erop toegelegd om deze materie grondig te bestuderen. Een leuk weetje is dat het oudste bierrecept dat ooit teruggevonden werd een ode is aan de godin Ninkasi en dat het de priesteressen waren die bier brouwden. Het is echter niet vreemd dat vrouwen minder bier drinken, de biermarketing richt zich volledig op mannen. Gelukkig zijn er steeds meer vrouwen die bier durven proeven en ontdekken. Regelmatig geef ik proeverijen en dan merk ik elke keer dat vrouwen daarin niet verschillend zijn van mannen. De ene houdt van bitter, de andere van zuur of zoet, en bij de mannen is dat net hetzelfde. Dus het concept ‘vrou-


wenbieren’, die slaan op de erg zoete fruitbieren, klopt in feite helemaal niet. Alleen maakt onbekend onbemind. Nog genoeg werk aan de winkel dus! Het leuke is dat er duidelijk wel interesse bestaat voor mijn project. We hebben bijvoorbeeld net opnames achter de rug voor "Tournée Générale" seizoen 3. Mijn hoop is dat ik toch een mentaliteitsverandering kan bekomen en al die bierclichés als sneeuw voor de zon kan doen verdwijnen.

It runs in the family

“The future belongs to those who believe in the beauty of their dreams.” Eleanor Roosevelt Tot slot kan ik iedereen alleen maar aanraden om voor je dromen te gaan. Alleen jij kunt de pen vasthouden in het verhaal van je leven en het is belangrijk om daarin niet te veel te doorstrepen en te schrappen. Vind je passie en ga ervoor, het leven is te kostbaar om het niet voor 100% te beleven. Sofie Vanrafelghem

reisjournalist, culinair recensent, bierauteur en biersommelier

Matthys (beiden oud-leerling), broertje van Milo en Omar. Tramstraat 13 – 8310 Assebroek. MATHIEU, ˚25 mei 2012, eerste kindje van Frédéric Berlamont en Ilse Kestens (oudleerlinge), Sint-Katarinastraat 62 – 8310 Assebroek

Huwelijken Bruno Lecluyse en Veerle Boone (oudleerlinge en dochter van mevr. Boerjan) huwden op zaterdag 24 maart 2012, Hertsvelde 87 – 8200 Sint-Andries.

Overleden familieleden Geboorten NATHAN, ˚22 december 2011, flinke zoon van O. Douvere (leerkracht) en Wendy Vandekerckhove, Benedictijnenstraat 39 – 8310 Assebroek NOOR, ˚14 april 2012, zusje van Wolf en dochtertje van Bram Pauwels en Sietske Meulebrouck (leerkracht), Gouden Boomstraat 8 – 8000 Brugge MATHIEU, ˚27 april 2012, zoontje van Jan Van Loon en Joke Sercu (leerkracht), Zandhoogte 10 – 9990 Maldegem HANNE, ˚5 mei 2012, dochtertje van Els Patrouille (oud-leerlinge) en Herman Maekelberg, zusje van Tijs en Lene, Lange-Beemdenlaan 31 – 3012 Wilsele LINUS, ˚22 mei 2012, zoontje van Alexander Ntahondereye en Sylvie

Félicien Marchand, ˚7/01/1924, +9/12/2011, overgrootvader van Axelle Vanmaele (2A) Zuster Adelheid, ˚2/05/1931, +17/12/2011, overste van de Zusters van de Heilige Jozef, Zilverstraat te Brugge Maria De Witte, ˚21/11/1927, +15/01/2012, grootmoeder van Kimberly Wouters (3F) Madeleine Gheselle, ˚8/10/1915, +23/01/2012, overgrootmoeder van Sien Vandermeersch (1C) Joseph De Coessemaeker, ˚20/09/1942, +7/02/2012, grootvader van Amber De Coessemaeker (4E) Marguerite Veryser, ˚15/11/1933, +16/02/2012, grootmoeder van Linde (5A) en Haelewijn (2B) Zwaenepoel Benoit Vercruysse, ˚20/01/1920, +18/02/2012, grootvader van Hadewijch

ReisReporter Website: www.reisreporter.be Jordanië | www.reisreporter. be/2012/02/13/met-indiana-jones-injordanie Boek: 100x proeven van Straffe streekbieren http://hierstroomthetbier. be/2009/12/08/100-x-proevenvan-straffe-streekbieren Vrouwen en Bier Website | www.vrouwenenbier.be Facebook | www.facebook.com/ VrouwenEnBier TV | Tournée Générale seizoen 3 (afl. 5)

(5C) en Marieke (3A) Vandaele Karen Vanhaverbeke, ˚02/11/1973, +21/02/2012, mama van Obe en Diede en oud-leerlinge van onze school, afgestudeerd in juni 1991 Tizyano Leys, ˚22/06/2010, onverwacht overleden op 5/03/2012, broertje van Cyära Dedobbelaere (1A) Dolf Loeckx, ˚24/10/1920, +15/03/2012, grootvader van Aleide Loeckx (2E) Mariette Derammelaere, ˚20/08/1933, +13/03/2012, grootmoeder van Hannes Voet (2C) Georgette Wauters, ˚20/10/1921, +16/03/2012, overgrootmoeder van Lauren Pattyn (4E) Alice Duwein, ˚14/08/1923, +11/04/2012, overgrootmoeder van Rembert Hautekiet (5C) Clement Haeyen, ˚13/06/1927, +17/04/2012, overgrootvader van Joyce Aernoudt (3D) Mariette Fevery, ˚15/12/1925, +20/04/2012, overgrootmoeder van Charlotte De Clercq (2B) Rose-Anne Strubbe, ˚28/07/1948, +27/04/2012, oma van Charlotte De Clercq (2B) Mariette Kerckhove, ˚20/08/1919, +3/5/2012, overgrootmoeder van Mathieu Christiaens (3D) Peter Pittery, ˚14/05/1957, +6/06/2012, papa van Noëmi Pittery (1D) 27


Caleidoscoop GALABAL i n h e t E n t r e p ot Op zaterdag 4 februari 2012 was het weer zover, de Jozefienen openden de deuren voor een nieuwe editie van het galabal. Op het ritme van de muziek van DJ Nicola V en DJ Dennis Cartier geraakte de Factor goed gevuld met heel wat jong en vooral chic volk. Weken op voorhand was het onderwerp onder onze (vrouwelijke) leerlingen dan ook niets anders geweest dan welke outfit en kapsel voor de avond gekozen zouden worden. Meer dan 700 leerlingen van onze Humaniora en van andere scholen genoten van een feestelijke dansavond. Wie de Drum ’n Bass wou inruilen voor wat oudere en foutere muziek kon in de Komma terecht, ook dit kleine zaaltje was gauw gevuld. De professionele, ingehuurde dansers bleven in de grootste zaal, maar voor de danspasjes van de Macarena, de Huckle Buck en consorten hadden we dan ook geen voorbeeld nodig. Het resultaat van de avond: blije mensen, nieuwe koppeltjes en last but definitely not least: een mooi bedrag voor het goede doel! Ch a r l o tt e D e V r i e s e

Paa s va k a n t i e 2 012 : b e z oek aan het project DEDENU

E

nkele leerkrachten van de Sint-Jozef Humaniora (mevr. Van Eeghem, mevr. Vanhaecke en dhr. Dhaenens) maakten in de paasvakantie een trip naar Sri Lanka (vergezeld van Jan D’Hulster, de echtgenoot van mevr. Van Eeghem en Hilde D’Hulster). Deze keer geen inleefreis, maar een ontmoeting van en met vrienden in waardering en liefde voor elkaar. De reis begon met een stop bij Dedunu, het project waarover je hier in dit artikel meer verneemt. Bij dit bezoek worden veel warme wensen en een som van 800 euro overhandigd aan Yvonne en Anton, de bezielers van Dedunu (zie foto). Deze opbrengst van het galabal van de Jozefientjes wordt met veel dank en waardering voor de inspanningen van de leerkrachten en de leerlingen aanvaard. We nemen je graag even mee naar het mooie Sri Lanka en vooral naar het fantastische project Dedunu… Sri Lanka is een paradijselijk eiland. Ten zuiden van India ligt Sri Lanka in zee. De natuur en het klimaat zijn er om van te dromen. Het is er een parel voor de toerist die er op vakantie wil: strand, cultuur, oudheid, religie en natuur. De overheid doet er alles aan om welstand en luxe naar voren te schuiven en om het iedereen met geld en macht zoveel mogelijk naar zijn wens te maken. Als toerist ben je er méér dan welkom! Nog niet voor iedereen is Sri Lanka een paradijs. Voor de inwoner die het geluk heeft goed te verdienen wordt het leven mooi. Helaas kan niet iedereen dit ervaren. Sterker nog, vele jongeren ruilen het land in voor Australië, Singapore en andere landen met

28

welstand of dromen ervan dit te doen. De armsten kunnen niet weg en voelen zich gevangen in duisternis en zorgen. Als tijdens regen de zon er plots toch doorkomt, dan is de regenboog niet veraf. Dedunu, wat regenboog betekent in het Nederlands, is een crèche in Ratmalana, een wijk ten zuiden van de hoofdstad van Sri Lanka, Colombo. Een unieke plaats, die rust en harmonie brengt. Dedunu gelijkt sterk op een crèche van bij ons. Veel gelijkenissen, maar ook enkele typische - bewust gekozen - verschillen. Doelstelling is niet geldgewin, maar daadwerkelijke hulp en dienstbaarheid. Dit, voor de armsten en alleen voor hen! Nood aan kinderopvang?

Dedunu vangt heel jonge kinderen op van anderhalve maand tot drie jaar, en dit gedurende de zesdaagse werkweek. Vanaf half zeven ’s morgen tot half zeven ’s avonds kunnen de ouders hun kind er veilig achterlaten. Er is opvang, eten, drinken, slaap en het kind wordt in zijn spel, alleen of met anderen, gestimuleerd zodat het een goede ontwikkeling kan krijgen. Goed personeel, dat van de kinderen houdt, hoort hier natuurlijk bij en er is een beleid dat alle facetten van een crèche be-


hartigt zodat aan langetermijndenken en -doen gedaan wordt. Of is het méér? Wat Dedunu vrij uniek maakt, is de bewuste keuze om kinderen op te nemen van de armsten onder de armen. Voorwaarde is dat deze armen vooruit willen, en vooral niet berusten in hun lot. Veel kinderen komen uit éénoudergezinnen, hoofdzakelijk alleenstaande moeders, die financieel en sociaal geen kansen hebben. Ze zijn straatarm, dikwijls depressief, moedeloos. Armoede en ziekte gaan ook gemakkelijk samen. Wie ziek is, heeft weinig fut en vertrouwen om aan een betere toekomst te werken. En toch moet het! Hulp moet aangereikt worden. Dedunu biedt brede hulp op maat. Wie uit deze uitzichtloze situatie wil ontsnappen, kan zijn kans grijpen. Dedunu biedt hen en hun kind een perspectief op een betere toekomst. Praktisch! Er wordt niet alleen geholpen door het kind op te vangen, er wordt ook geholpen door de ouder(s) een duwtje te geven, nl. bouwen aan vertrouwen, wilskracht en daadkracht. De eerste hulp die deze ouders kunnen gebruiken is gratis kinderopvang. Dankzij deze kinderopvang, kunnen de moeders uit werken gaan, meestal naar ‘t fabriek in de buurt. Zo zorgen zij zelf voor een eigen basisinkomen. Dit inkomen volstaat meestal niet om de maand rond te komen, maar het is een noodzakelijke basis. Maar er is meer nodig. Daarom wordt gepoogd, en meestal met succes, deze ouders zelfvertrouwen, motivatie en een betere attitude bij te brengen, waardoor zij kunnen evolueren naar beter betaald werk. Voor wat, hoort wat! Zij krijgen hulp bij de opvoeding van hun kind, maar gaan ook akkoord met begeleiding van het Dedunupersoneel, tot thuis toe, om een ordevol, hygiënisch en net huishouden uit te bouwen. Het moet prettiger worden thuis te zijn,

voor het kind, voor de ouder(s). Weet dat hun huisje - wij zouden ze hutten of krotjes noemen - meestal somber, donker en vuil aanvoelen. Met weinig middelen en goede wil kan dit snel wat fleuriger, aangenamer, worden! Dank zij begeleiding en ondersteuning, komt dat voor elkaar. Samen sterk Alleenstaande moeders worden samen gebracht, waardoor vereenzaming niet meer hoeft te bestaan. Men helpt en steunt elkaar en maakt er voor elkaar een betere wereld van. Dit lukt alleen maar, als iemand - van Dedunu - af en toe wat bijstuurt. Geweld treft jonge kinderen. Ook in Sri Lanka worden heel jonge kinderen sexueel misbruikt door vader, familie of kennissen terwijl moeder uit werken is. Helaas niet meer uitzonderlijk. In Dedunu, zijn kinderen veilig, als moeder uit werken gaat. Geweld treft ook Dedunu. Dedunu heeft helaas ook kosten moeten doen om zichzelf te beveiligen tegen diefstal, iets wat tien jaar geleden ondenkbaar was. Ook kerken, tempels, monniken worden overvallen. Du jamais vu! Geweld en de misdaad nemen helaas ook in Sri Lanka exponentieel toe. Bij velen is geld, aanzien en macht de nieuwe God. Weerzinwekkend! Dedunu maakt mensen weer mens. Na 22 jaar Dedunu is gebleken dat wie zijn kind en zichzelf de kansen geeft die Dedunu aanbiedt er in het leven wel komt, mits een eerlijke blijvende inspanning te doen. Wie de formule hanteert “ontvangen, gebruiken, doorgeven” zoals Dedunu het doet, moet de steun en het geld van ergens halen. “Goddelijke Voorzienigheid” Men vertrouwt op goddelijke sturing. Men bidt om steun en kracht en men heeft al veel gekregen, zo zeggen ze zelf. Men vertrouwt dat de Almachtige mensen inspireert tot medewerking. Alhoewel Dedunu door de Sri Lankaanse overheid erkend wordt als “liefdadigheidsinstelling”, krijgt het een financiële steun, subsidie, die naam niet waardig. Dedunu kan slechts bestaan en blijven bestaan, dankzij de steun van permanente financiële hulp uit het buitenland. Hulp

komt als we ze nodig hebben, zo luidt het. Vele kleintjes maken een groot. Via een maandelijkse bestendige opdracht wordt een klein, voor ons pijnloos bedragje, overgemaakt aan de Dedunuspaarrekening. Geruisloos maar daadkrachtig. Van zodra op deze spaarrekening 1000 euro staat, wordt dit overgeschreven naar Dedunu Sri Lanka. Een bewijs van overschrijving is steeds voor handen. Zoals ginds geen rijstkorreltje of Sri Lankaanse roepie verloren gaat, zo gaat ook hier geen ontvangen euro verloren aan wat dan ook. De enige administratieve kost die er is, is deze van 8 €, voor de buitenlandse overschrijving, waar we niet onderuit kunnen. We informeren u via de website www.dedunu.be Er is de Nederlandstalige Dedunuwebsite die de informatie en de transparantie wil vergroten. Want, wie Dedunu met Anton en Yvonne als spilfiguren kent, weet dat het geld en wat er achtergelaten wordt ten dienste van kansarmen, goed besteed wordt. Wie dit Dedunuproject, dat zijn kwaliteiten al ruim bewezen heeft, wenst te steunen is meer dan welkom in onze “vriendenkring”. Onlangs zijn we er geweest: een fijne belevenis. We konden er “thuiskomen" in Dedunu en het gespaarde én meegekregen geld overhandigen. Uiteraard dat men er blij mee was! Maar het ging om meer dan geld alleen... het ging om vriendschap, broederschap! Dat steeds meer mensen tot de Dedunu-vriendenkring willen behoren, stemt iedereen vrolijk. Bij Dedunu voelt men zich gesteund en daardoor méér gewaardeerd voor die dagelijkse inspanningen die moeten geleverd worden en die toch niet te onderschatten zijn! Velen willen steunen, mits ze het vertrouwen én weten, natuurlijk. Vertel het voort en moge deze Dedunuvriendenkring mede via jou groeien. Er is niet alleen slecht nieuws te vernemen. Al haalt goed nieuws de media hier meestal niet, dit wil niet zeggen dat het niet gebeurt. Dank voor je medewerking van welke aard ook. J a n D ’ H u lst e r 29


JUNI O R CO LLEGE W IS KUNDE

“Waar sleurt die van wiskunde ons nu weer naartoe?” Dit is wat bij de meesten van de 8-uur-wiskunde van het vijfde jaar door het hoofd spookte. We zaten toen met z’n allen, inclusief mevrouw David, op de IC-trein richting Kortrijk naar het voorbijflitsende landschap te turen. Strak plan trouwens, die reis met de trein. Eén van de leerlingen (S.P.) had zich overslapen en domweg de trein gemist. Enkele maanden eerder had mevrouw ons meegedeeld dat we respectievelijk op 10 januari en 20 maart van 2012 naar een cursus zouden gaan die “Junior College” heette, om wiskunde draaide en dat die zou plaatsvinden in Kortrijk. Voor de rest kregen we niets te weten over deze educatieve uitstap, maar ieder van ons vreesde het ergste. Toen we ons eenmaal op onze stoel bevonden, in een aula van de KULAK Kortrijk, en we de leerlingen van de andere scholen monsterden, bleken die bijna allemaal zesdejaars te zijn. Eigenlijk niet zo verwonderlijk, in onze school ligt het niveau nu eenmaal hoger. De cursus zelf bleek eigenlijk nog heel goed mee te vallen, meer zelfs, deze was zelfs onverhoopt interessant. Zo zagen we bijvoorbeeld toepassingen van wiskunde in het gewone leven: een GPS, domotica,… Zo konden we alsnog met een tevreden gemoed onze terugreis aanvatten. Het sprak vanzelf dat we ook bij onze volgende reis naar Kortrijk hoge verwachtingen hadden en enthousiast uitkeken naar de cursus. We waren zo goedgezind die dag dat zelfs een akkefietje bij het vervoer ons humeur niet kon vergallen: er waren te weinig plaatsen voorzien in de bus, zodat een me30

deleerling en ik genoodzaakt waren om bij Mevrouw David in de auto plaats te nemen. (Nogmaals bedankt daarvoor!). Maar helaas, deze les kon jammer genoeg niet de verwachtingen inlossen. Twee minuten ben ik nog aandachtig kunnen blijven, maar dan: één groot, zwart gat. Volgens mij sprak het onderwerp me totaal niet aan, want ik kan het me zelfs niet meer herinneren. Maar hoe saai de les ook was, des te beter smaakten de voorziene broodjes erna. M a th i js Verhaeghe (5A)

Romeins soldaat op bezoek voor het vierde jaar Latijn

ken tijdens de middagpauze, er is mogelijkheid om aan een aantal sporten deel te nemen, er is de schoolbibliotheek op maandagavond en de donderdagmiddag en natuurlijk één van de meest leerrijke bezigheden: DE SLIMSTE MENS OP SCHOOL. In het begin kan iedereen meedoen, maar uiteindelijk is er, zoals altijd in het begin van elke ronde wordt vermeld, maar één die de slimste kan zijn. De laatste ronde tot nu toe was de kwartfinale, nu zijn er dus maar vier leerlingen die mogen meedoen aan de halve finale. En wat het bijzonderste is: twee eerstejaars uit klas 1A nog bij die laatste vier zijn! Uit mijn klas mogen dus Hannes en ik door naar de halve finale! Joren Van Hecke (1A)

Voor het eerst in acht seizoenen zal de slimste mens op school dus… mannelijk zijn. Hoe kunnen de lessen over Caesar en zijn “De bello Gallico” beter geïllustreerd worden dan door een echte legioensoldaat in de klas binnen te katapulteren? Quintus Spurius Ligustinus venit, vidit et vicit! Het Romeinse leger werd in al zijn aspecten belicht via een presentatie. Daarna volgde een knap staaltje experimentele archeologie: een uitgebreide demonstratie van een soldatenuitrusting en een live uitgevoerde confrontatie tussen een barbaarse Kelt en een militair superieure Romeinse legionair. S i e ts k e Meulebrouck

S pa nnende halve f i n a le voo r “ D e slims te mens o p s c h oo l”! Op onze school kun je tijdens de middag aan verschillende activiteiten deelnemen. Je kunt bijvoorbeeld scha-

Na de kwartfinales bleven dit jaar nog vier jongens over, waarvan - respect twee jongens van het eerste jaar. Nipt moesten zij de duimen leggen tegen oude rotten Robrecht De Soete (zesde jaar) en Mathias Verhaeghe (vijfde jaar). Bij het ter perse gaan van dit tijdschrift was de winnaar nog niet bekend. Hoe dan ook: lof en eer zullen zijn deel zijn. Aan alle anderen: volgende jaar worden jullie (heel) misschien de slimste mens op school. Oefenen kan alvast met volgende vragenreeks! Tot volgend jaar! Ignace Ryheul


R ONDE 5

501 Welk symbool vind je terug op de arm van potige smurf? een hartje 502 Aan welke lettercode herken je auto’s uit Zwitserland? CH 503 Hoe noemt men het laaste stuk van de dikke darm? endeldarm 504 Literatuur: Vlammen, Spotgaai. Met welk boek start deze trilogie? De hongerspelen 505 Hoeveel is een kwart van een kwart van de helft van 8? 0,25 506 Rundskop won geen Oscar voor beste buitenlandse film. Die ging naar “A separation”. Uit welk land komt die film? Iran 507 Wat is er hoog in de Hoge Blekker? een duin 508 Wat is de familienaam van Tomtesterom? Waes 509 In welk jaar werden de Olympische Spelen in Antwerpen gehouden? 1920 510 Spel het woord: idylle 511 Welke browser is standaard op een Ipad geïnstalleerd? Safari 512 Wat is het hardste materiaal dat in de natuur voorkomt? diamant 513 Om de hoeveel jaar worden nieuwe gemeenteraadsverkiezingen gehouden? 6 514 Wat is het favoriete wapen van Indiana Jones? zweep 515 Welk lied begint met de zin: “Soms zijn er momenten dat ik aan je denk, al komen die maar weinig voor.” De regenboog 516 Hoe heet de tekenaar van de Kiekeboes? Merho 517 Cryptogram: er is veel druk op de vader van een ongewerveld dier papier 518 Welk bestaand gerecht maak je met 1 liter melk, 1/2 zakje vanillesuiker en 3 bollen vanille ijs? (vanille)milkshake 519 Hoe heet de patroonheilige van de verloren voorwerpen? Antonius 520 Hoeveel van de voorbije 19 vragen heb je juist beantwoord?

SJH schaakclub: Davy Lust wint het eerste toernooi

tig toernooi. Hij kreeg dan ook de eerste beker "Willem Vanhulle" overhandigd. Wij danken de organisator en oprichter van de club, Willem Vanhulle, die dit jaar afstudeert, voor zijn trouwe dienst. Maar het is ook dankzij alle enthousiaste leden dat de club een succesvolle, aangename middagactiviteit is! Bedankt Willem! D i e t e r V e r h e ll e

Wanneer de middag over de speelplaats valt en de hongerigen gespijzigd zijn, begint voor een aantal, hoofdzakelijk jongens, het echte werk. De bloeiende schaakclub in OLC2 biedt vermaak voor jong en oud. De spanning valt te snijden wanneer zelfs de laatste hersencel aangesproken moet worden en je tóch die ene schitterende zet over het hoofd gezien hebt. De gezellige, vrolijke sfeer werd dit jaar een aantal keren afgewisseld met een stilte, slechts gezien bij Japanse monniken. Inderdaad, een toernooi! Een aantal toppers zoals Xander Bertels, Thomas van Giel en Davy Lust streden ridderlijk voor de titel en uiteindelijk voor een echte “Clash of the Titans” met de directeur. Davy (6de jaar) mocht uiteindelijk de arena binnenstappen en na een spannend duel, gespreid over drie verlengde middagpauzes, mocht hij zegevieren (eindstand 3-2)! Het slotstuk van een prach-

‘t ru c k experience’ e n d ode h oe k

teld over wat je zoal in een vrachtwagen kunt vinden en waarvoor je alles gebruikt. Als dat gedaan was, gingen we allemaal naar de laadruimte achteraan de vrachtwagen. Daar mochten twee leerlingen een weg uitstippelen van België naar een stadje in Zuid-Frankrijk. De ene leerling moest de weg vinden via Parijs en de andere leerling moest de weg vinden zonder via Parijs te rijden. Toen dat gedaan was, leerden we hoe we twee vaten vast konden maken in de laadruimte zodat ze noch kunnen omkantelen, noch kunnen verschuiven. Tot slot kregen we allemaal een sticker en een boekje over de ‘truck experience’ en de dode hoek. W o u t e r Gl a s ( 1 A )

Gedic htendag 2012 Vandaag werd klas 1A uitgenodigd om eens een kijkje te nemen op ’t Zand. Vooraf wisten we niet wat ons te wachten stond. Dus we gingen van de school naar ’t Zand. Daar stonden drie vrachtwagens, waar we met de hele klas naartoe gingen. Een meneer stond ons op te wachten. Nadat die meneer ons vertelde over de dode hoek en de vrachtwagen, gingen we in de vrachtwagen kijken hoe alles werkt. Die meneer heeft ons veel ver-

Wanneer het gedicht Het hoogste woord voert Is deze school van de partij Poëzie is een religie En daar hoort ook een hoogdag bij Een tsunami overviel ons De hele school stond onder stroom We zongen, schreeuwden, fantaseerden Een mooie wondere woordendroom Voor de dertiende keer op rij stroomde de poëzie overvloedig door Vlaande31


ren en Nederland. Traditiegetrouw gebeurt dit op de laatste donderdag van januari. Onze school laat zo’n dag niet onopgemerkt voorbijgaan, dus startten we al vroeg in het schooljaar met de voorbereidingen. De leerlingen die de liefde voor het woord hoog in het hart dragen, zochten naar geschikte teksten en leerden die uit het hoofd. Met een sterk team van leerkrachten coachten we de leerlingen, zodat ze de betekenis, de stemming en het gevoel van het gedicht helemaal onder de knie kregen. Dan gingen we op zoek naar een concept om de gedichten op een originele manier bij het publiek over te brengen. Het bingoprincipe leek ons het meest geschikte idee. De mensen in het publiek mochten bolletjes nemen uit een hoge hoed van een presentator en kregen een ‘special act’ cadeau als

tal e n t e n j ac h t 22 mei 2012

ze luidkeels ‘BINGO!’ riepen. Zo ontstond er een gezellige drukte in de zaal en werd iedereen onmiddellijk ondergedompeld in de wondere wereld van de fantasie. We zagen een jongen die het vak S.O. (scheldwoordelijke opvoeding) onder de knie moest krijgen, een meisje dat zich niet wilde wassen, de vunzige versie van Schipper, mag ik overvaren en zeemzoete zeemeerminnen. Vele leerlingen schreven hun gedichten ook zelf en dat verdient natuurlijk een pluim. Het werden twee opvoeringen waar we met een trotse glimlach op kunnen terugblikken. De inzet van de leerlingen was groot, hun succes bij het publiek was groter. En dat was meer dan terecht. Proficiat aan allen die meededen! Sarah Goetgeluck e n Ev a D e C o r t e

VA K ANTIE Vakantie is geen koopwaar Vakantie vind je niet in folders Ook al biedt men je daar de warmste zon, de mooiste stranden de chicste hotels, de beste restaurants, alles super-de-luxe! Vakantie is bewust genieten van kleine dingen, is bewust kijken naar het wonder om je heen, is bewust luisteren naar de stilte, naar de wind in de bomen en het lied van een vogel, is bewust ademen en danken dat je leeft, is bewust wachten tot je honger hebt, uit eerbied voor het voedsel. Vakantie is  bewust en ontspannen leven, in vriendschap en vrede, met de mensen en de dieren, in harmonie met de natuur.   Vakantie is in een zetel in slaap vallen en dromen dat je in de zevende hemel bent en even aan God denken, die ons dit alles zomaar heeft gegeven. Cl a u d i n e M o e y a e r t

bij haar afscheid op 30 juni 2011 32


Confidential COLUMN IN DE BAN VAN DE KOE Ik mag des morgens al eens graag de landelijke weiden overschouwen vanuit het oostelijk georiënteerde slaapkamerraam. Het vredige groen dat baadt in een rozig morgenlicht met her en der een sliert ochtendnevel: het is een feeëriek tafereel dat ik de laatste maanden met dit tegendraadse weer eigenlijk al bijna constant moest missen. En daar wordt een mens wel wat chagrijnig van. Doe daar stuiterende beurzen, kwakkelende economieën, exploderende energieprijzen, onwillige Grieken en wegkwijnende poolkappen bovenop en een chronische neerslachtigheid valt niet geheel uit te sluiten. Maar terug naar de velden. Daarin grazen bonte koeien met een relaxtheid waarvan een modale tweevoeter slechts kan dromen. Deze slome tweehoevigen zijn zich niet bewust van de hetze die tegen hen wordt ontketend. Dit fascinerende schepsel met zachte oogopslag en voortdurend meesmuilende lippen wordt tegenwoordig namelijk zowat verketterd. Kreeg het al tijden het epitheton “stom” opgeplakt, nu blijkt het grotendeels verantwoordelijk voor de teloorgang van ons milieu. Immers, het eerder robuust uitgevallen beest heeft veel ruimte en nog meer water nodig en bovendien laat het ook nog eens voortdurend scheten, wat zorgt voor een uitdijend ozongat (vergeef me de woordspeling...). Doe de koe dus maar in de ban! Pas op, geen slechte zaak als dat mensen aanzet tot een beperktere vleesconsumptie, want daar worden die dieren zelf ook beter van, maar laten we toch even serieus blijven en eerder onze eigen, vervuilende capaciteiten onder de loep nemen. Ik blijf in elk geval fan! En geef toe: in een weide staan ze toch een pak chiquer dan pakweg een varken, al heb ik ook een zwak voor een ander ‘stom’ beest;

juist, ja, de ezel, maar laat ons vooral bij de zaak blijven... Ik moet namelijk, als ik die koeien bezie, heel vaak aan mijn leerlingen denken. Een vreemde associatie, zo op het eerste gezicht, maar ik heb het hier niet over enige gelijkenis in uiterlijke verschijningsvorm, laat dit vooral duidelijk zijn. Het heeft eerder te maken met hun gefixeerdheid op eten, hun quasi constante grazen. Kon het tussendoortje vroeger nog met gemak tot aan de pauze wachten, nu lijkt kauwen wel tot hoofdbezigheid te zijn uitgegroeid. De gevolgen laten zich raden. Eén op vijf Vlaamse kinderen is te dik (waarmee we uiteindelijk nog een stuk beter scoren dan die onwillige Grieken, daar is zowaar de helft van de kinderen te zwaar, wat hier dan weer geldt voor de volwassenen). En dat heeft niet alleen te maken met dat voortdurende knabbelen, deze ‘achterbankgeneratie’ (dixit Jo Van Assche, onderzoeker RUGent) is net zoals de koeien in de wei eerder bewegingsschuw. Daarnaast duiken steeds meer berichten op over ondervoeding. Zo zou een recente studie in vier ziekenhuizen hebben uitgewezen dat één op tien kinderen ondervoed is. Zelfs heel dikke mensen vertonen dikwijls ernstige voedingsdeficiënties. Hoe valt dit met elkaar te rijmen? Begon het jaar nog met de goede voornemens van Bart De Wever, de morbide obesitas voorbij, die plots tot inzicht kwam en uit pure noodzaak heftig aan de noodrem trok. Dit resulteerde in een op proteïneshakes en (matige) beweging gestoelde inspanning die niet zonder vrucht bleef: de wegsmeltende kilo’s annex politicus beroerden de gemoederen diep en inspireerden vele lookalikes om hun eigen succesverhaal te schrijven. De meesten moeten het echter zonder de (dure) omkadering van de NVA-voorman stellen en gooien zich, geruggesteund door het world wide web of Lesley-Ann Poppe-storys, op de vreemdsoortigste diëten die allemaal de hemel beloven, maar vaak enkel naar de jojo-hel leiden. Al eens verkeerd getankt aan de pomp? Kan de beste overkomen. Alleen jammer dat je auto die verstrooidheid bepaald niet kan appreciëren en je portemonnee nog minder, als die herstellingsfactuur eenmaal binnenkomt... Maar wat tanken wij dagelijks? Geven wij ons lichaam wel de brandstof die het nodig heeft? Kant en klaar is meestal koning en wat nu voedsel wordt genoemd, is die naam vaak al lang niet meer waardig. Het betreft

chemisch gefabriceerd spul vol smaakversterkers en kleurstoffen. In een onderzoek gaven kinderen te kennen echte aardbeien niet lekker te vinden, want ‘ze smaakten niet naar aardbeien’, zo verkikkerd bleken ze op de artificiële aardbeiensmaak van kauwgum, ijs, yoghurt of snoep. Maar zelfs wanneer je ervoor kiest je eigen potje te koken en daarvoor misschien een beroep doet op groenten en fruit van eigen teelt en een speciaal voor jou gekweekt kippetje, dan nog krijg je slechts een fractie van de vroegere voedingsstoffen binnen, met dank aan de toenemende grond- en waterverontreiniging, het gebruik van pesticiden en het uithollen van de bodemrijkdom. We willen huis en tuin ‘spic en span’, fiets of auto mogen geregeld binnen voor nazicht, maar de eigen machinerie wordt schaamteloos verwaarloosd. Laten we ons wellicht nog eens nakijken op tandbederf of echt dringend lichamelijk ongemak, het dagelijkse onderhoud laat bepaald te wensen over. Geen mens wordt geboren met een zetel aan zijn achterste, maar toch verlaten de meesten die nauwelijks, een gevolg vaak van de constante suikerdip waarin zij verkeren. Bij excursies is dé vraag steevast: “Is het nog ver?” en waarlijk elke kans wordt aangegrepen om de ledematen in een rustpositie te brengen, nog een gelijkenis met de viervoeter uit de inleiding. En wil men dan diezelfde koe bij de horens vatten en toch aan het bewegen slaan, dan bestaat het gevaar van ‘overcompenseren’: één of twee keer per week slaat men dan verwoed aan het sporten en dwingt men een lichaam dat niet aan regelmatig bewegen gewoon is om zijn grenzen te verleggen met alle desastreuze gevolgen vandien. Wie had er twintig jaar geleden voor gepleit om jonge sporters preventief te laten testen op bv. hartfalen? Het probleem leek toen alvast helemaal niet aan de orde. Het moderne leven heeft ons comfort en welvaart gebracht, maar ook een vervuilde leefomgeving en welvaartsziekten, zoals obesitas. Laat ons, weer of geen weer, eens de weiden of het bos in trekken om ons gezonde verstand en lichaam terug te vinden. En zeg die koe gedag onderweg. “Wie met een boom praten kan, heeft geen psychiater nodig, al zijn de meeste mensen van het tegendeel overtuigd.” (Phil Bosmans) In g e C a ll e ns 33


De cirkel is rond 9 m a a r t 2 012 : 10 0 dag e n in Sint- Jo zef Humani ora Nog 100 dagen voor de grote afzwaai naar het ‘Echte Leven’… en dat moet naar jaarlijkse gewoonte gevierd worden door alle zesdejaars! Weken ervoor waren ze al in de weer om sketches te schrijven, een draaiboek op te stellen, dansjes in te oefenen tussen de middag, thema’s kiezen voor de andere jaren en voor de leerkrachten... want ja, daar gaat veel tijd en discussies aan vooraf!! Mijn collega’s en ikzelf werden vriendelijk verzocht ons te transformeren in een “ster”... Die ochtend in Sint-Jozef Humaniora startte met een ware “sterrenparade”. Op een rode loper (een stel banken die dwars door de speelplaats en de massa verklede leer-

34

lingen liep) werden we toegejuicht en op de aangepaste muziek verschenen Abba, Marilyn Monroe, K3, de Spice Girls, Eddy Wally, Astrid Bryan en den John, Leonard Cohen, Avril Lavigne, Elio de Rupo, Joelle Milquet, the Jackson Five... Een bonte bende die werd vastgelegd op de gevoelige plaat. In de voormiddag vond de generale repetitie in Tabigha plaats, terwijl de andere jaren normaal (in een ietwat ander plunje en kleuren weliswaar) de lessen volgden. Om 14.30 uur barstte het spektakel los... Elk jaar lijkt de show professioneler te worden met schermen, spots en een groot podium. Wervelende dansjes

(van tangokoppels tot een ware Dancebattle) werden afgewisseld door hilarische imitaties van de leerkrachten. Enthousiasme gekoppeld aan kwaliteit, samenhorigheid bij onvergetelijke herinneringen. En telkens als de slotdans ingezet wordt, overvallen worden door een gevoel van trots (wauw tot wat zijn onze leerlingen in staat!!) en ook van nostalgie... nog 100 dagen en dan verlaten ook deze jong volwassenen de Jozefientje. Proficiat en het gaat jullie goed!!! Ch a r l o tt e De Vriese


Wat vind i k van deze sc h ool? Hallo, Ik vind het hier een heel warme en gezellige, leuke school. Ik vind deze school veel warmer en gezelliger dan andere scholen. (Het is echt een school met een hart!!!) Velen hier op school zijn erg vriendelijk tegen elkaar. De leerkrachten nemen tijd voor hun leerlingen en ze kennen hun leerlingen ook behoorlijk goed. Het is ook supertof dat er op de speelplaats bankjes aanwezig zijn en dat je ze gewoon ergens kunt zetten en met je groepje even kunt babbelen. Die grote spiegel in het A-gebouw is ook leuk en is altijd wel mooi versierd, dat is wel tof!! Ik vind het heel goed dat er veel aandacht wordt besteed aan goeie doelen. Het is chic dat er een soort van televisietje op de speelplaats hangt en daarop staat wanneer je studie hebt of als er lokaalwijzigingen zijn. De chalet met z’n lekkernijtjes vind ik ook heel aantrekkelijk! Ik ga nu toch al liever naar school dan vroeger, dat komt omdat het hier een veel sfeervollere school is!!!! Ik ben heel blij dat ik voor deze school heb gekozen. Romy Bruggeman 1E Daag. Yo, mijn naam is Arne Defour (1E) Ik ben dertien jaar en zit in het eerste middelbaar van Sint-Jozef Humaniora te Brugge. Ik heb deze school gekozen omdat mijn zus Yentl ook in deze school zit. De overgang van lagere naar middelbare school was tamelijk makkelijk, mede dankzij de goede opvang van de leerkrachten en van het secretariaat. Toen ik naar de Jozefienen kwam, kende ik hier nog niemand. Na de eerste dag had ik al met vele vrienden kennisgemaakt. De school zelf was ook een verandering, want ik zat vroeger op een zeer klein schooltje. Per jaar hadden we één leerkracht en nu hebben we er veel meer. Je zit hier ook in verschillende en grotere klaslokalen. Maar dat went wel, naarmate je verder in het schooljaar bent. Ik studeer niet zo graag, maar ik hou er wel van om samen te zijn met mijn vrienden en hele leuke momenten te hebben met hen.

Int e rv i e w m e t Lu n a & T r ien uit 1 A i.v. m . d e e rva r i n g e n i n h et eers te jaar Trien: Dag Luna, welkom in het derde trimester. Heb je het een beetje naar je zin ? Luna: Ja, we hebben een toffe klassfeer en een toffe groep . Trien:: Wat zijn de plannen voor de komende weken ? Luna: Volgende dinsdag hebben we een uitwisseling met Franse leerlingen uit Ukkel waarmee we zullen praten in het Frans. We gaan dan naar het Meersenhuis en mogen de correspondent interviewen, spannend! Volgende week vrijdag is er een Fair Trademarkt in het kader van de millenniumdoelstellingen. En in de klasuurtjes staan er nog leuke dingen op het programma: o.a. een film en een stadsquiz.

Trien: Wat heb je gedaan in het tweede trimester? Luna: In het tweede trimester hebben we leuke dingen gedaan zoals Disneyland en de mondiale vormingsdag. Trien: Hoe is de omgang met je ‘peter’? Luna: Alles is goed. Hij is zeer vriendelijk en zegt meestal hallo. Trien: Oké, dat was alles. Dankjewel voor je tijd. Luna: Graag gedaan. T r i e n H o st e e n L u n a L i pp e ns ( 1 A ) 35


201 1 - 2 0 1 2 : D e l e e r l i n g e n

van het zesde jaar …

6A

1ste rij zittend: Angelique Dekeyser, Stefanie Coppens, Louise Broes, Astrid Salazar 2de rij zittend: Willem Vanhulle, Eva Vandaele, Robbin Vandewalle, Delphine Van Hove, Dar’ya Suprun, Jinmin Arnou, Anna Yarantseva 1ste rij staand: Justine Thys, Detlev Vandaele, Robrecht De Soete, Rocky Thapa, Davy Lust, Lien Wittevrongel, Joren Inghelbrecht, mevr. Daras (klassenleraar) 2de rij staand: Monica Hüpscher, Alexander Demey, Koen Melis, Lore Aelter

6B

1ste rij zittend: Amelle Parys, Marzia Verhaeghe, Lara Wintein, Liza Lutters, Isabeau Blondia 2de rij zittend: Sofie Desmet, Elise Rubben, Robrecht Timmerman, Lore Ommeslagh, Nanine Keirse, Katja Zazulia, Annelies Van Landtschoote 1ste rij staand: Emie Rogiers, Kas Devriendt, Jasmien Hillewaert, Bram Bode, Joppe Evers, Sofie Leutem, Hélène Sambaer, mevr. Van Maele (klassenleraar) 2de rij staand: Laure Van Coile, Jan Yde, Maarten Desmet, Quinten Renier

36


6C

1ste rij: Audrey Brach, Claire Vander Stuyft, Sara Tampere, Lieselot Goegebeur, Jennifer Spysschaert, Inez Couwenberg 2de rij zittend: Sarah Heus, Ardjan Sefa, Elise Verhelst, Chiara Balzani, Tine Gilté, Julie De Coster, Laura De Arriba 1ste rij staand: Lisanne Van Acker, Eva Claeys, Valerie Waterschoot, Marjolein Steyaert, Laetitia Wijnant, Christelle Kanizinga, Robyn Paic, mevr. Goetgeluck (klassenleraar) 2de rij staand: Elien Van Moeffaert, Chiara Candaele, Sam Tempelaere, Jardo Vanbelle

6D

1ste rij zittend: Helena Lema, Joke Deweer, Sarah Vincke, Lore Pattyn, Anneleen Jongbloet 2de rij zittend: Ine Vandaele, Tilde Morlion, Ulrike De Muynck, Sofie Peere, Lore Vander Plaetse, Ine Wille, Céline Vandaele 1ste rij staand: dhr. Douvere (klassenleraar), Astrid Debackere, Charlotte Raepsaet, Benjamin Calon, Pauline Vandewalle, Floris Laridon, Joakim Janssens, Anne-Sophie Depuydt 2de rij staand: Douwe Rubben, Jesse Houf, Mattheus Cochet, Aäron Boucké

37


N V E X P O R T S L A C H T H U I S  D E  C O S T E R B ru g g estraat 1 4 0 A B - 8 7 5 5 R uiselede T el . 0 5 1 / 6 8 8 0 7 8 F ax 0 5 1 / 6 8 7 8 1 2

Yves FRANCO ALGEMENE ELEKTRICITEIT SANITAIR CENTRALE VERWARMING

Gistelsteenweg 242 8490 Jabbeke tel. 050/81 47 84 fax 050/81 47 85

38


GESCHEN K LIJSTEN ELECTR O EN VERLICHTING 39


NOORDZANDSTRAAT 94 BRUGGE (AAN ’T ZAND)

HOUTHANDEL LOOSE M n.v. Zandstraat 210 8200 Brugge Tel. 050 31 42 83 Fax 050 31 90 55

info@houthandel-loose.be www.houthandel-loose.be 40

AD Delhaize Wenduine uit sympathie Kurt en Brenda


Campo de Borja, Cariñena, Cava, Navarra, Priorat, Rias Baixas, Ribera del Duero, Rioja, Rueda, Somontano…

de beste wijnen aan de beste prijs!!! Meer info op www.sabordearagon.be Betferkerkelaan 179 8200 Brugge Tel 050/38 96 04 info@sabordearagon.be

• Nieuwe en tweedehandsstrips • Franse strips, US Comics, manga’s, gadgets, posters,… • Met extra voordelen voor studenten De Striep, Katelijnestraat 42, 8000 Brugge T: 050-33 71 12 • F 050-34 08 51 • E striep@telenet.be • W www.striep.be

41


42


www.citroencitroen.be Creatieve Workschops voor kinderen Bakatelier op maat Bakken op bestelling 43


BRUNCH BRUNCH BRUNCH

Aperitief met hapjes Aperitief met hapjes Aperitief met hapjes ********** ********** ********** Buffet van koude Buffet & warme van koude voorgerechten, Buffet & warme van koude voorgerechten, & warme voorgerechten, soep & vis & vleeshoofdgerechten soep & vis & vleeshoofdgerechten soep & vis & vleeshoofdgerechten ********** ********** ********** Dessertbuffet Dessertbuffet Dessertbuffet Koffie naar believen Koffie naar believen Koffie naar believen ********** ********** ********** Wijnen, water, Wijnen, frisdranken water, enWijnen, frisdranken bieren inbegrepen water, enfrisdranken bieren inbegrepen en bieren inbegrepen Prijs:45 € ALLPrijs:45 IN € ALLPrijs:45 IN € ALL IN Kinderen jonger Kinderen dan 6 jaar jonger : 10,00 Kinderen dan€6 jaar jonger : 10,00 dan€6 jaar : 10,00 € Kinderen 6-12 jaar: Kinderen 20,006-12 € Kinderen jaar: 20,00 6-12 € jaar: 20,00 € Dit met muzikale DitGistelse begeleiding met muzikale Ditbegeleiding met muzikale steenweg 249 begeleiding BRUNCH met de mogelijkheid met8200 detotmogelijkheid een dansje met de tot mogelijkheid een dansje tot een dansje Brugge Sint-Andries Aperitief met hapjes Probeer eens één Probeer van volgende eens één Probeer data: van volgende eens ééndata: van volgende data: 050 - 40 53 50 **********  Zo. 8 & 15 Januari  Zo. 82012 & 15  Januari Zo. 8Buffet 2012 & 15 van Januari koude2012 & warme voorgerechten,  Zo. 5 &12 Februari  Zo. 5 2012 &12 Februari  Zo. 5 &12 2012 Februari soep & vis &2012 vleeshoofdgerechten  Zo. 18 Maart 2012 Zo. 18 Maart  2012 Zo. 18 Maart 2012 **********  Zo. 8 & 29 April  Zo.2012 8 & 29 April  Zo.2012 8 & 29 April 2012 Dessertbuffet naar believen  Zo. 13 & 27H Mei 2012 13B&H27 Mei Zo. BRUNCH CZo. NU R C N U R2012 B13H&C27 NUMei RKoffie B 2012  Zo. 10 Juni 2012 Zo. 10 Juni 2012 Zo. 10 Juni 2012 ********** sejpah tem feitisreejpA ah tem feitisreejppAah tem feitirepA  met Zo. 1hapjes Juli 2012  Zo. 1 Juli 2012  Zo. 1water, Juli 2012 Wijnen, frisdranken en bieren inbegrepen Aperitief ********** ********** **********  Zo. 30 2012 ,neth30 cereSeptember groov ,nem etZo. h racw er2012 & egreodSeptember ouvo,kenm en trahavcwZo. etre& effguer30 B odouvoSeptember kem naravwte& ffuPrijs:45 eBduo2012 k nav€tefALL fuB IN **********  Zo. 21ne& 2012 Oktober thc28 ere gOktober dfZo. oohnse21 etehlcv& e& reg28 sidvf o& ohpZo. nseeeoteh slvc21 e& re& sg2012 idKinderen vf28 o&oh pOktober eseoeslv &jonger siv 2012 & pedan os 6 jaar : 10,00 € Buffet van koude & warme voorgerechten, ****11 ***& **2012 *25 *November **Zo. ****11 ***& 2012 ***November *Kinderen ******  Zo. 11 & 25  November Zo. 25 2012jaar: 20,00 € 6-12 soep & vis & vleeshoofdgerechten t e f f u b t r e s s e D t e f f u b t r e s s e D t e f f u b t r e s s e D Dit met2012 muzikale begeleiding  Zo. 9 december  Zo. 2012 9 december  Zo. 2012 9 december neveileb raan enifefvoeKileb raan enifefvoeKileb raan eiffoK ********** met de mogelijkheid tot een dansje ********** ********** ********** Dessertbuffet van data: Reserveer nepertijdig gebni Reserveer n!erTel.050/28.07.08 neeibpenregenbetijdig nkinnaerdrReserveer nes!iebrpTel.050/28.07.08 fen,rregen etabew n kn i,n atijdig redn rsejirW bProbeer f n!,reeTel.050/28.07.08 tnaewkn,naeens ern dsjiW rf één ,retaw ,nenvolgende jiW NI LLA € 5www.Ridderhof.be 4:sN jirIPL LA € 54:sN jirIPLLA € 54:sjirP www.Ridderhof.be info@ridderhof.be info@ridderhof.be info@ridderhof.be Koffie naarwww.Ridderhof.be believen € 00,01 : raaj 6€n0a0d,0r1eg:nroajanj e6r€n e0da0nd,i0rK1eg:nroajanj e6rendan diK reZo. gnoj 8ne& red15 niKJanuari 2012  ********** € 00,02 :raaj 21€-060n,0e2re:drnaiaKj 21€-600n,e0r2ed:rnaiaKj 21-6 neredniK  Zo. 5 &12 Februari 2012 Wijnen, water, frisdranken gniden ielebieren geb elagkniziinbegrepen u dim eletegm ebtieDlagkn iziudm ielteegmebtieDlakizum tem tiD Maart 2012 ad nee IN tot deijesh nkajdiln egeoe m totedeijtesehnmkajdilengeoemtoet dditeehmkji legoZo. m ed18 tem Prijs:45 e€jsnALL :atad edneglov :naatavdneédénsengeleovre:naeatbavodrnPeédénsengeleovreneabvorn Péé Zo. snee 8re& ebo29 rP April 2012 Kinderen jonger dan 6 jaar : 10,00 €  Zo. 13 & 27 Mei 2012 02 irau20,00 naJ 52110& 028ira.ouZnaJ 51 & 8.oZo. Z  10 Juni 2012 Kinderen 6-1221jaar: €2 8ira.ouZnaJ 5211& 2102 iraurbeF22110& 2 i5ra.uorZb eF 22110&2 5ira.u oZ rb eF 21& 5 .oZ   Zo. 1 Juli 2012 Dit met muzikale2begeleiding 102 traaM 812.1o0Z2  traaM 812.1o0Z2 traaM 81 .oZ  8Zo. 30 September 2012 met de mogelijkheid 210tot 2 lireen pA 92dansje & 21082.oliZrp A 92 & 21802.olZ irpA 92 & .oZ  21& 28 Oktober 2012 210volgende 2 ieM 72 &231data: 102.oieZM72 &231102.oieZM72  & 3Zo. 1 .oZ Probeer eens één van 2102 inuJ 01 .2o1Z0 2 inuJ 01 .o2Z 10 2 inuJ 01Zo. .oZ11  & 25 November 2012 2102 iluJ 1 .oZ2 102 iluJ 1 .oZ2 102 iluJ 1 .o Z Zo. 9 december 2012

KBC Bank nv

44

02 rebmetp2012 e2S1023 r.oeZ bm etpe2S1032 .roeZbm etpeS 03 .oZ   Zo. 8 & 1521Januari 2102 rebotkO 28120& 2 r1e2b.ootZ kO 82210& 2 r1e2b.otZkO  82 & 12 .oZ   Zo. 5 &12 210Februari 2 rebmevoN 2152012 022 & reb1m 1 .eovZoN  215022& re1b1m.eoReserveer vZoN  52 & 11tijdig .oZ ! Tel.050/28.07.08  Zo. 18 Maart 2102 reb2012 meced2190.2oZ re bmeced2910.o2Zrwww.Ridderhof.be e bmeced 9 .oZ  info@ridderhof.be  Zo. 8 & 29 April 2012

Noordzandnieuws_juni_2012  

Noordzandnieuws juni 2012