Issuu on Google+

Leesrapport Sren Jessen: Zambesi, roman, 2000, uitgeverij Borgen, 163 bladzijden.

Sren Jessen Op de jaarlijkse boekenbeurs (BogForum) in Kopenhagen in november 2000 leverde Zambesi Sren Jessen de prijs voor het beste debuut van het jaar op. Maar toen Jessen de prijs ontving, maakte hij de aanwezigen erop attent dat hij in feite vele boeken op zijn naam heeft staan, namelijk 17 kinderboeken. Sren Jessen, geboren in 1963, leeft van het schrijven en tekenen van verhalen voor kinderen. Hij heeft zijn eigen homepage, waar hij zijn boeken en tekeningen presenteert: www.soerenjessen.com Jessen heeft een aantal prijzen gewonnen en werkbeurzen gekregen, zo kreeg hij in 2004 Statens Kunstfonds 3-jarige werkbeurs. Anders Bay Vertaald door Ingrid Hilwerda

Verschenen in Frankrijk in twee uitgaven

Weekendavisen “Bewogen en een beetje duizelig verlaat de lezer Zambesi, dat zeer zeker een weerzien verdient – goed gedaan”.


Genre De uitgeverij heeft ervoor gekozen Zambesi, het debuutboek van Sren Jessen als schrijver van boeken voor volwassenen, een roman te noemen. Er is ook wel iets wat een rode verteldraad genoemd kan worden in Zambesi, maar eigenlijk bestaat de roman uit meerdere verteldraden (personen), waarvan alle wegen elkaar kruisen in, bij of boven een café dat de naam Zambesi draagt.

In ‘De schepper’ is de hoofdpersoon een vrouw, die op haar computer een virtuele wereld probeert te scheppen. Het lukt niet echt, maar de persoon ‘De schepper’, die zichzelf Eva noemt in Zoo-zone, dat op een wereld in de virtual reality van de computer lijkt, krijgt van een persoon, die zich grappig genoeg Adam noemt, de raad om met een gemakkelijkere opdracht te beginnen, zoals het creëren van bijv. een café en de bijbehorende personen. Dat doet Eva. Ze creëert een café met personen, die de personen zijn, die de lezer in het begin van het boek ontmoet: o.a. een jong verliefd stelletje, een kunstenaar wiens foto’s aan de muren van het café hangen en een dikke, zwetende man. Eva ontdekt op een gegeven moment dat er iets ontbreekt in het café, namelijk geluiden, dus gaat ze de stad in (en hier weet de lezer weer niet of het de stad van het boek is of een stad in cyberspace) om een café te vinden en wat cafégeluiden op te nemen. Ze maakt wat opnamen in een café in de stad, maar dat is niet voldoende en daarom rijdt ze met haar auto naar de rand van de stad. Onderweg wil ze naar haar opnamen luisteren, maar is daarom even niet geconcentreerd en ziet niet dat er een man midden op de weg staat. Ze raakt hem en slingert hem de lucht in waar een andere man rondzweeft (zie verderop) en rijdt zelf tegen een lantaarnpaal aan en raakt bewusteloos. Wanneer ze ontwaakt met verband om haar hoofd, begint ze zich beetje bij beetje te herinneren waar ze mee bezig was, namelijk het scheppen van een wereld. Ze kan zich herinneren dat er een aantal bergen ontbraken, dus die plaatst ze en op die manier eindigen de verhalen van ‘De schepper’ op dezelfde wijze zoals het begon: met dat er ergens een aantal bergen geplaatst worden.

Illusie en werkelijkheid Zambesi is tegelijkertijd een onderhoudend en verontrustend boek over de relatie tussen literatuur en werkelijkheid, over de werkelijkheid zelf, over cyberspace, over dromen en over gekke personen. Zambesi kan het best omschreven worden als een droom of een illusienummer, dat eigenlijk gewoon gelezen, van genoten en bewonderd moet worden. In het volgende zal ik echter toch weergeven wat er zich afspeelt, en hoe, in de magische hoed van de tovenaar.

In de volgende hoofdstukken duiken er vreemde en gekke personen op in het boek. In ‘De dromer’ begint een postbode met het bouwen van een toren in zijn achtertuin, omdat zijn uitzicht op de dagelijkse wandeling verpest wordt door een aantal nieuwe gebouwen van de gemeente en in ‘Schaduwbeelden’ ontdekt een radioloog, Vibeke, dat alle mensen klaarblijkelijk voorzien zijn van een serienummer op het ruggenmerg. De radioloog is tegelijkertijd een kunstenaar, die haar röntgencollages in café Zambesi tentoonstelt.

Inhoud en opbouw Zambesi is ingedeeld in een aantal hoofdstukken, met de namen: ‘De schepper’, ‘De dromer’, ‘Schaduwbeelden’, ‘De foutenvinder’, ‘Een kwestie van zwaarte’, ‘Lentekannibalisme’, ‘Craquelure’ en ‘Schildpadneigingen’. Deze hoofdstukken, die elk een eigen hoofdpersoon hebben, keren om de beurt terug in de roman.

In ‘De foutenvinder’ ontmoeten we een extreem neurotisch persoon, die absoluut 110 procent orde en controle in zijn leven moet hebben. Wanneer hij de dagelijkse rituelen doorgenomen heeft zoals schoonmaken en alles op zijn plaats zetten in een extreem nauwkeurige volgorde, leest hij boeken om fouten te vinden, die hij in groepen indeelt al naar gelang hoe ernstig ze zijn. Wanneer dit gewoontemens

Trilogie Zambesi (2000) is het eerste deel van wat dit jaar (2006) een trilogie bleek te worden, omdat Zambesi werd gevolgd door Erindringer om fremtiden (2003) – Herinneringen aan de toekomst - en als laatste Krumspring (2006) - Kunstgrepen. Alle boeken kunnen echter afzonderlijk van elkaar worden gelezen zonder voorkennis.


geconfronteerd wordt met onregelmatigheden in zijn leven, wordt hij daarentegen weer op zijn gemak gesteld door symmetrische tijdstippen gedurende de dag, bijv. 10.10 uur en 12.12 uur, maar zijn grootste favorieten zijn bijv. 22.22 uur. Hij wordt ook rustig door zich bezig te houden met sommetjes op zijn rekenmachine: een lelijk, ongeordend, onharmonisch getal zoals bijv. 14962948 kan het mooie en symmetrische 44888844 worden, wanneer het wordt vermenigvuldigd met 3. Maar op een dag stort zijn wereld in elkaar: na het lezen van een boek, grondig naar fouten gezocht te hebben en geconstateerd te hebben dat het boek 4 grove fouten (van het meest ernstige type) bevat, ontdekt hij dat hij het boek eerder doorgenomen heeft maar dat hij die keer slechts 3 fouten had ontdekt. De foutenvinder heeft dus zelf een fout gemaakt, en dat is een fout van de meest ernstige categorie. De laatste redding van de foutenvinder is nu het vinden van de alles beslissende fout, die laat zien dat alles – de hele wereld – één grote fout is. En dat lukt hem dan ook, want wanneer hij in de stad loopt, ontdekt hij in de buurt van café Zambesi een vliegende man (de man uit ‘Een kwestie van zwaarte’). Hij jubelt over deze breuk met de zwaartekracht en daarmee het vinden van de alles beslissende fout, maar tegelijkertijd krijgt hij met catastrofale gevolgen de aandacht van een andere man (uit ‘Schildpadneigingen’). De hoofdstukken over ‘De foutenvinder’ zijn zowel lachwekkend, grotesk als triest. De hoofdstukken ‘Een kwestie van zwaarte’ zijn net als ‘De foutenvinder’ zowel lach- als meelijwekkend. De hoofdpersoon is hier een man, die op een ochtend wakker wordt en ontdekt dat hij een aantal millimeter boven de grond zweeft. Hij leert zich toch snel voort te bewegen, maar in de volgende hoofdstukken wordt de situatie alleen maar erger: hij komt steeds verder boven de grond te hangen en moet enorm veel eten en bakstenen in zijn zakken dragen om in de buurt van de grond te blijven. Na een bezoek aan café Zambesi, waar hij meerdere personen van het boek Zambesi ontmoet, gaat het mis en hij zweeft de lucht in en langs de toren van ‘De dromer’. De dromer wil graag met hem mee gaan zweven en daarom reikt hij uit naar de dikke, zwevende man, maar hij verliest zijn evenwicht en valt dood op de grond neer. De zwevende man zweeft verder in de ruimte en komt in de kringloop terecht duizenden kilometers boven het aardoppervlak. In ‘Lentekannibalisme’ ontmoeten we een anorectisch tienermeisje en haar nieuwe vriend. Het is een verliefd stelletje, dat zo in elkaar opgaat

dat ze elkaar beginnen op te eten – in café Zambesi natuurlijk. ‘Craquelure’ bevat het onrustwekkende verhaal over een cosmeticaverkoopster, Irene, in een warenhuis. Ze beleeft tot haar schrik, en die van de lezer, dat ze begint te craqueleren: een stukje van het gezicht vlakbij haar neus valt eraf. Ze herstelt het probleem eerst met stopverf, maar er valt steeds meer huid af en daarachter zit … een zwart gat. Daarbij komt tot overmaat van ramp dat Irene ronddraait. Irene vlucht weg van haar eigen ineenstorting en bezoekt café Zambesi (onderweg ontmoet ze een mevrouw met een cassetterecorder), waar ze nog een schok krijgt te verwerken: een man die haar had verleid in het warenhuis zit daar, maar hij negeert haar. Uit woede smijt Irene een bierglas tegen de muur en wordt daarna uit het café gegooid. Terwijl ze buiten op straat ligt, craqueleert ze volledig. De man, Piet P. genaamd, die Irene eerst verleidt en haar later negeert, heeft de hoofdrol in ‘Schildpadneigingen’. Piet P. is een verleider van de eerste klasse en hij gaat elk weekend uit. Maar ook in het verder gecontroleerde leven van deze yuppie is er iets gigantisch mis: hij beleeft dat de tijd snel gaat, dat het licht in de verkeerslichten sneller dan normaal wisselen (daarom wordt hij ook bijna aangereden) en dat de mensen zo snel spreken, dat hij ze bijna niet kan verstaan. In café Zambesi windt hij zich op over het feit dat er naast de ingang een hevig zwetende man zit (de man uit ‘Een kwestie van zwaarte’). Dat kan namelijk zijn mogelijkheden om een meisje te scoren verpesten. Piet P. is ook kwaad, omdat er trieste röntgenkunst aan de muren hangt. Verward en teleurgesteld verlaat Piet P. café Zambesi. Wanneer hij de weg oversteekt, ontdekt hij een zwevende man boven de daken van de huizen. Dat vindt hij natuurlijk uiterst apart, maar er hadden zich die dag toch al zoveel vreemde gebeurtenissen afgespeeld. Dan ontdekt Piet P. een man die springend en slaand met armen en benen schreeuwt: “Fouten-foutenfouten!”. Omdat hij zo afgeleid is, ziet Piet P. de auto niet die hem nadert (en als hij hem had gezien, dan was het toch al te laat geweest, “want de innerlijke schildpad had zijn lichaam overgenomen”). Zoals blijkt uit het voorafgaande zijn de laatste mensen die Piet P. in zijn leven ontmoet, De foutenvinder en De schepper (de automobilist). Ernstig illusienummer Zoals blijkt uit het bovenstaande is Zambesi een bekwaam gesponnen spinnenweb van een illusienummer, dat zowel grappig, gek als tragisch


is. Zambesi speelt met het schrijven van een verhaal – en met de lezer. Zambesi is een verhaal dat bestaat uit verschillende verhalen die elkaar kruisen. Het hoogtepunt van de elkaar kruisende verhalen wordt bereikt, wanneer De schepper juist de figuren uit haar eigen geschapen wereld ontmoet, op het moment dat ze geluiden gaat opnemen voor haar namaakwereld. Je vraagt je automatisch af: wat is nu de werkelijkheid en de cyberspace van het boek? De kruisende verhalen in Zambesi doen denken aan de film Short Cuts van Robert Altman, waar het leven van toevallige mensen afhangt van toevallige ontmoetingen met andere toevallige mensen. Dus op die manier is Zambesi ondanks – of misschien beter gezegd: dankzij – haar surrealisme en fantaseren bijna een erg precies beeld van wat wij in het dagelijks leven beschouwen als de werkelijkheid. Indien je het ervoor nog niet wist, dan weet je het na het lezen van Zambesi: het bestaan en de daaraan verbonden voorvallen zijn veel meer bizar en vreemd en toevallig en onderhoudend dan je in eerste instantie zou denken. De zwevende man die in de lucht hangt, is een voorbeeld van één van de vele ideeën van het boek: dat er – in de letterlijke betekenis – veel meer tussen hemel en aarde is. Het leven van alledag zit vol met bijzondere gebeurtenissen en absurde voorvallen. Je hoeft er alleen voor naar een café te gaan. Iets wat de personen in Zambesi gemeenschappelijk hebben, is dat er iets misloopt, dat hun bestaan laat instorten. Het leven van de personen en hun met zorg opgebouwde maskers craqueleren. Ze verliezen hun prestige en hebben ze dan genoeg stof en persoonlijkheid in zich om te overleven? Ze denken dat ze alles onder controle hebben, maar dan wordt de vloer onder hun voeten weggetrokken en verliezen ze de controle over hun bestaan. Dat is het nachtmerrieachtige thema van het boek, maar de lezer beleeft in feite ook zelf verscheidene keren op een bewegende bodem te staan, wanneer het ene verhaal in een ultrakorte glimp het volgende verhaal in een nieuw perspectief zet. Literaire overeenkomsten Zambesi herinnert qua haar tragiek aan Franz Kafka en qua haar spinnenwebachtige en plagende vertelmanier aan Als op een winternacht een reiziger van Italo Calvino, die juist speelt met het vertellen. Bovendien zou je het magisch (Zuid-Amerikaans) realisme kunnen

aanwijzen als inspiratiebron voor Zambesi en haar tegelijkertijd realistisch en werkelijkheids-overschrijdende personen en verhalen. Recensies Zambesi werd goed ontvangen in de Deense kranten. Hier volgt een selectie. Information “Een genot – Sren Jessen kan zo goed iets construeren en iets op zijn plaats zetten, dat je als lezer vreugdevol duizelig wordt. Zambesi van Sren Jessen is een magische mix van spel en ernst. Het is goed geschreven, het is fantastisch goed gecomponeerd, het is speels en ernstig, het is erg goed”. Politiken “Zambesi bevat vreemde, griezelige verhalen, een beeld van de wereld als een illusienummer. Ze zijn door een beestachtig bekwame debutant geschreven”. Weekendavisen “Bewogen en een beetje duizelig verlaat de lezer Zambesi, dat zeer zeker een weerzien verdient – goed gedaan”. Kristeligt Dagblad “Het is een goed geschreven en enorm energieke debuutroman”. Berlingske Tidende ”Zambesi is een elementair spannende leesbelevenis, dat veel belooft voor de schrijver Sren Jessen”. B.T. “Het lezen van Sren Jessen is als het dromen van een lange vreemde droom”. De recensent gaf Zambesi vijf uit zes sterren. Uitspraak van het Deense bibliotheekwezen “Met een originele draai aan één van de thema’s van vandaag de dag beschrijft Sren Jessen virtuoos de virtuele wereld in relatie tot het werkelijke leven”.


/zambesi%20-%20hollandsk%202