Page 1

...! FREE !

...?

MAKE ROOM FOR MUTATION

SILKE VERSTAPPEN RESHAPING THE COMMONS 2017 - 2018


Silke Verstappen

178

MAKE ROOM FOR MUTATION Naar een ontwerp voor het huishouden van morgen

Ik heb het thema ‘Re-shaping the commons, or, building a plausible relation between the social and the formal’ geïnterpreteerd als een kans om te onderzoeken hoe de sociale structuur van het Vlaamse huishouden aan het veranderen is en hoe de architectuur van Vlaamse woningbouw hiermee botst, maar ook oplossingen kan bieden. De thesis start met een theoretisch vooronderzoek naar de demografische verschuivingen van het Vlaamse huishouden ten opzichte van het traditionele Vlaamse kerngezin uit 1970.1 Zowel in de relatie tussen de leden van het gezin, als in de levenswijze van elk indivu zijn opmerkelijke evoluties gaande. Een derde grote evolutie is de digitalisering. Het netwerk tussen verschillende huishoudens en binnen één huishouden verspreidt zich nu voor een groot aandeel digitaal. Welke kansen liggen er in de toegenomen digitalisering voor de fysieke, gebouwde omgeving, en welke positie kan de architect daarin aannemen? In het tweede deel van de thesis kijk ik hoe de bevindingen ‘passen’ in de substedelijke woonwijk ‘Rozemaai’ te Antwerpen. De woonwijk is momenteel in herontwikkeling. Het publieke domein wordt aangepast en in de toekomst zal de wijk een tiental nieuwe woongebouwen moeten ontvangen.2 Vervolgens ben ik op zoek gegaan naar een ‘open woonsysteem’, een strategie dat de wisselende huishoudstructuur van elk gezin moet kunnen opvangen en kunnen laten evolueren. Hierbij vroeg ik me af: hoe kan de wijk er uit zien na het implementeren van de strategie? Hoe ziet een nieuw woongebouw eruit? Hoe ziet de woonunit eruit?

fig. 1 Wanneer de woonruimte niet meer voor iedereen past. Afbeelding uit collectie Miami Art Museum, Copyright 2008,H. Levitt. 1. Het kerngezin volgens de definitie van Het kenniscentrum Hoger Instituut voor Gezinswetenschappen. Luyten, D., Van Crombrugge, H., Emmery, K. (2017) Het gezin in Vlaanderen 2 .0 : over het eigene van gezinnen en gezinsbeleid. Antwerpen: Garant. 2. Het masterplan voor publieke ruimte (2013), ontworpen door het Nederlandse buro Lubbers. momenteel in ontwikkeling.


ONZE WOONRUIMTE STAAT ONDER DRUK De woonbehoeften van hedendaagse gezinnen zijn opvallend anders dan die van het traditionele kerngezin van de voorbije decennia. Het kerngezin bestond in 1970 met grote voorsprong uit een gehuwd stel, man en vrouw, dat samen kinderen krijgt en de klassieke gezinscyclus doorloopt. Vandaag heeft dit model zijn voorsprong verloren, al wonen hedendaagse gezinnen vaak nog in traditionele woningen, ook al past de sleutel dus in feite niet meer op elke deur. Ik ben drie aspecten gaan onderscheiden die een grote invloed hebben op de manier waarop we wonen en die vat ik samen als een te onderzoeken ‘wooncel’ bestaande uit de huishoudsamenstelling, de levensloop van het individu en de digitale connectie tussen bewoners.

1. HET WEEFSEL de huishoudsamenstelling 2. HET CELDEELTJE de levensloop van het individu 3. HET NET de connectie

fig.2 De ‘wooncel’ met de drie bestudeerde aspecten.


180 1. Wanneer de huishoudsamenstelling sneller verandert dan de onderzoekmethode

Volgens de studie ‘Gezinstransities in Vlaanderen’ van de Vlaamse Regering zijn de gezinstransities in de levensloop niet meer te benaderen als één beeld, maar als een proces.3 Als we naar de evoluties in het gezinsleven kijken, dan komt veel meer de dynamiek in beeld: fases wisselen elkaar sneller en sneller af: het inwonen bij ouders, alleen wonen, samenwonen met een partner en/of kinderen, van een gezin met inwonende kinderen naar het lege nest, van een kerngezin naar alleenstaande ouder, van een single naar een nieuwe partnerrelatie, opnieuw alleen wonen,... De studie ‘Van gewoon samen tot samenwonend en opnieuw samen’ toont aan dat niet alleen de dynamiek, maar ook de flexibiliteit binnen één fase in het huishouden toeneemt.4 De samenstelling van gezinnen kan zo van dag tot dag verschillen. Veel nieuwe samengestelde gezinnen kenmerken zich door de aanwezigheid van een wisselend aantal kinderen, maar ook bij studerende kinderen wisselt bijvoorbeeld de huishoudstructuur door de week of zelfs bij grootouders kan het aantal kleinkinderen die blijven logeren wisselen. Hoe kan architectuur hier rekening mee houden? Kan tijdelijk onbenutte ruimte een andere functie krijgen?

2. Wie zal er (meer) wonen?

Ik heb vier subgroepen gecategoriseerd die een opmerkelijke groei zullen hebben tegen 2060 in Vlaanderen.5 De levensloop van het individu zal meer ‘alleen’ verlopen: het aantal singles, de eerste groep, zal tegen 2060 stijgen tot ongeveer 50% van alle huishoudens in Vlaanderen. We zullen meer alleen zijn, maar de ‘single’ periodes zullen ook korter zijn dan voorheen.6 Een tweede belangrijke groep zijn de 67-plussers, die ook vaker alleen zullen zijn.7 Een derde groep zijn de ‘hotel mamajongeren’ die langer in het ouderlijke huis blijven wonen of terugkeren.8 Ten slotte zoom ik in op ‘de millennials’, de volgende generatie die, al dan niet, alleen zal gaan wonen. Deze nieuwe generatie in Vlaanderen lijkt het nog steeds belangrijk te vinden om eigenaar van een woning te zijn.9 De traditie van de baksteen in de maag zit diepgeworteld bij de Vlamingen. Dit blijkt mede uit een steekproef uitgevoerd in 2017 in Vlaanderen door de onderzoeksgroep van de Universiteit Hasselt.10 Hoe kan het flexibel woongedrag gekoppeld worden aan de behoefte aan eigenaarschap?

3. Corijn,M., Van Peer,C. (2013) Gezinstransities in Vlaanderen. Sint-Niklaas: Room. 4. Luyten,D., Emmery,K., Jennes,G. (2011) Samenwonen in het gezinsbeleid. In HIG, Gezinsbeleid in 2010. Van gewoon samen tot samenwonend en opnieuw samen: samenwonen in het gezinsbeleid. Schaarbeek: HIG-HUB. 5. Vandresse, M., (2018) Demografische vooruitzichten 2017-2070. Bevolking en huishoudens. Brussel: Statbel, FPB. 6. Mortelmans,D., Pasteels, I., Bracke, P.,Matthijs, K., Van Bavel, J., Van Peer, C. (2011) Scheiding in Vlaanderen. Leuven: Acco. 7. Vandresse, M., op cit. 8. Mortelmans,D., Pasteels, I., Bracke, P.,Matthijs, K., Van Bavel, J., Van Peer, C. op cit.


3. Eén computer per twintig vierkante meter

Over de impact van het digitale netwerk op onze woonomgeving, blijft het speculeren. Ondertussen zijn er veel doemdenkers, maar ook veel optimisten die een duidelijke mening verkondigen: “Eén computer per twintig vierkante meter” zo vat Andrea Branzi, mede-oprichting van architectenbureau Archizoom, de stad van vandaag samen.11 Hij gelooft dat de digitale revolutie mensen in een constante stroom van informatie en uitwisselingen bracht en hen nu onbewust collaboratief en ondersteunend maakt. Zelf zie ik toekomst in het gebruik van het digitale platform als tool om oplossingen, voorstellen, suggesties, wensen en noden in de woonomgeving zichtbaar te maken waar dat nu niet gebeurt. Een project dat mij interesseert is het platform ‘Peerby’.12

Conclusie

Het vooronderzoek bracht me bij dat de flexibiliteit en dynamiek binnen huishoudens vandaag nog te weinig ruimtelijk kan opgevangen worden. Met name bij vermindering van het aantal personen dringt deze vraag zich op: de woning kan wel aangepast worden door uit te breiden, maar wat als een huishouden weer (tijdelijk) inkrimpt? Bijvoorbeeld wanneer alle kinderen het huis hebben verlaten, wordt er misschien gekozen om weer kleiner te gaan wonen. Het kan ook zijn dat deze huishoudens voldoende ruimte willen houden als de kleinkinderen komen logeren. Hoe kan hier rekening mee gehouden worden? Kan de onbenutte ruimte tijdelijk een andere functie krijgen? Er moet ruimte gemaakt worden voor het individu dat alsmaar een minder traditioneel pad bewandelt. We worden ouder, we zijn meer alleen en we lijken langer bij de ouders te wonen. De gewenste flexibiliteit bij het wonen lijkt te botsen met de wensen van de nieuwe generatie in Vlaanderen waarvoor eigenaarschap belangrijk blijft. Hoe kan het flexibel woongedrag gekoppeld worden aan de behoefte aan eigenaarschap? Het digitale netwerk lijkt mij hierbij oplossingen of belangrijke hulpmiddelen te kunnen bieden in de woonomgeving tussen top-down en bottom-up als tool om in te kunnen spelen om de individuele wensen en noden van bewoners.

9. Plets,G. Glorieux,I. Van Crombrugge,H. De grauwe,P. (2016) Waarom millennials kappen met huisje-tuintje. Brussel: Vrije Universiteit Brussel, Onderzoeksgroep TOR. 10. Mullens,E. (2017) Wonen voor Millenials.Hasselt: Universiteit Hasselt. 11. Branzi,A, RabottiniI,A. (2013) Conversation between Andrea Branzi and Alessandro Rabottini: The tools do not exist. Berlin: Galerie Isabella Bortolozzi. 12. Peerby (n.d.) (27 maart 2018) https://www.peerby.com/ dashboard


182

WONEN IN WIJK ‘ROZEMAAI’ 2.0 Vervolgens ben ik de woonwijk ‘Rozemaai’, gelegen ten noorden van de Antwerpse binnenstad, gaan bestuderen als casestudie. Momenteel functioneert de wijk als een gesloten systeem. De wijk bevat twee typologieën woningen: een kleine cluster met rijhuizen en voornamelijk hoogbouw. De gebouwen werken heel autonoom en er is weinig tot geen interactie tussen bewoners in de wijk. De staat van de gebouwen is slecht. De meeste gebouwen dateren uit de jaren ‘80. Twee gebouwen worden momenteel gerenoveerd, één gebouw is aangeduid voor vervangbouw (fig.6, fig.7.) en er komen een tiental nieuwe gebouwen bij. (fig.4. de grijze gebouwen zijn de nieuwe gebouwen) De start van het uitvoeren van de nieuwe gebouwen staat echter wel pas gepland voor (minstens) 2030. Momenteel wordt er eerst een masterplan voor het publiek domein uitgewerkt door buro Lubbers. Dit masterplan focust op groen, ontspanning en het uitbouwen van de Donkse beek.

fig.4 Eerste aanzet masterplan (2013)

fig.5 Beeld in de wijk

Wijk ‘Rozemaai’: een gesloten systeem

Met de informatie uit het vooronderzoek, heb ik fig.8. (volgende pagina) opgesteld. De structuur is geëxtrapoleerd uit het voorzonderzoek, met een fictief voorbeeld waaruit blijkt dat de samenstelling van het huishouden doorheen de levensfase vaker en vaker zal ‘muteren’. Vervolgens heb ik de structuur van het gebouw dat momenteel aangeduid staat als vervangbouw getekend (fig.9.). Zo wordt het snel duidelijk dat de individuele noden en wensen niet de hele woontijd in de structuur van het gebouw zullen passen. In het ene huishouden zal er misschien net tijdelijk een kamer te weinig zijn, terwijl in een ander huishouden op hetzelfde moment een kamer over is. Aangezien de bewoners dicht bij elkaar wonen en wisselende noden hebben, vraag ik me af hoe zij ruimte met elkaar kunnen delen, afstaan of extra verwerven wanneer de huishoudstructuur wisselt. Hieruit komen twee uitdagingen voort:

fig.6 Voorgevel

fig.7 Achtergevel


dynamiek [verloop per fase]

2018 man en vrouw wonen samen

man en vrouw krijgen twee kinderen

de twee kinderen zijn in de week ‘op kot’

na zoveel jaar komt er nog een kind bij

man is weer single

twee dagen in de week zijn de kinderen bij hem

twee kinderen zijn in de vakanties bij hem man woont samen met een vriendin twee dagen in de week is de man niet thuis, maar voor werk in het buitenland

man woont weer alleen man woont samen met nieuwe liefde

samen krijgen ze een zoontje

man woont met vriendin en moeder

wanneer de zoon ouder is, gaat hij drie jaar in het buitenland studeren

man woont weer alleen

flexibliteit [verloop binnen één fase]

2040

2020

2025

2030


184

1. Hoe kan er in de wijk een alternatief komen dat de sociale structuur niet langer standaardiseert, maar juist zorgt dat de wisselende structuur in het huishouden kan plaatsvinden? Kan de wisselende sociale structuur in het huishouden grip krijgen op het woongebouw in plaats van omgekeerd? 2. Hoe kunnen gebruikers profiteren van elkaars wisselende sociale structuur in het huishouden en kan een digitaal platform helpen verbinden?

fig.8 Transformaties in grootte van het huishouden (bovenaanzicht van fictieve personen) uitgezet tegenover de levensloop. fig.9 Elk huishouden heeft zijn eigen wisselende noden en wensen.


EEN STRATEGIE OM TE BLIJVEN MUTEREN Stap 1 - een open digitale procedure

De wijk krijgt een digitaal platform dat zal bijdragen aan het open woonsysteem. Het platform zorgt voor een eerste (kleine) stap naar een dynamisch proces gedurende de woontermijn van de bewoners. Dit proces is in feite niets anders dan een mogelijkheid aanreiken tot de directe verbinding tussen de bewoners die vandaag ontbreekt in wijk ‘Rozemaai’. Als aanvulling op het platform ‘Peerby’ kunnen de gebruikers nu niet alleen meer hun noden en wensen aangeven omtrent gereedschap, maar ook over buitenruimtes en binnenruimtes. Op deze manier kunnen de bewoners elkaars tijdelijke individuele noden en wensen aanvullen. Ik geloof dat hierdoor, zoals bij het platform Peerby, bewoners gereedschap, maar ook ‘onbenutte’ ruimtes kunnen wisselen en delen met elkaar waar zonder digitaal platform de bewoners elkaar ‘niet gevonden’ zouden hebben. Fig.10. toont met verbeelding het mogelijk uitzicht van een deel van de rijhuizen in de wijk waarbij enkele situaties zijn uitgezet. 1. 2.

P T N

A H

K

L

M

B

O N

T

P

C

3.

L


186 Stap 2 - een ‘onderhandelruimte’ wanneer wenselijk

Na de eerste interventie, die start met de focus op de bestaande toestand en zijn bewoners, zoomt de tweede interventie in op de toekomstige bewoners van de nieuwe woongebouwen. Welke interventies kan een ontwerper doen bij het ontwerpen van een nieuw woongebouw dat de wisselende huishoudstructuur en tijdelijke individuele noden en wensen van de bewoners omarmt in plaats van vastzet? Hoe kan architectuur het ‘makkelijker’ maken wat in stap 1 voorgesteld wordt, namelijk vraag en aanbod (met behulp van een digitaal platform) dichter bij elkaar trachten te brengen? Ik ben een nieuw woongebouw gaan ontwerpen voor het gebouw dat vandaag aangeduid staat als ‘te vervangen’. (zie fig. 6,7 pagina 15) In het oude gebouw zit elk huishouden ‘vast’ in een oppervlakte van 80m2. Die vaste oppervlakte zorgt ervoor dat het huishouden zich niet makkelijk kan uitzetten of inkrimpen naargelang de noden en wensen. Ik wil de bewoners de kans geven om te kiezen wat ze doen en hen niet verplichten ruimte te delen wanneer er geen nood of wens is. In de nieuwe situatie moet de woonruimte mee kunnen bewegen met de noden en wensen. Uit het vooronderzoek kan ik besluiten dat ‘de Vlaming’ nog altijd graag zijn huis koopt, maar tegelijkertijd flexibel wil zijn. In het nieuwe model wordt gestart met de woning die aansluit bij de grootte van het huishouden. Wanneer ze in een andere levensfase komt waarbij de noden en wensen veranderen, kan de woning zich ruimtelijk aanpassen: elke woning bestaat uit een strikt privaat gedeelte (het ‘eigen’ gedeelte) en een kleinere ruimte van ongeveer 16m2 (de mogelijk ‘gedeelde’ ruimte) dat grenst aan de woning van de buur. Hierdoor kan de ruimte makkelijk met de buren collectief gebruikt worden. Dit kan handig zijn voor bijvoorbeeld alleenstaanden die zich eenzaam voelen en graag een keuken of dergelijke willen delen. Wanneer het huishouden weer (tijdelijk) uitbreidt , kan er makkelijk een extra ruimte van 16m2 bijgehuurd worden. Wanneer het huishouden weer inkrimpt door omstandigheden, zal de onderhandelruimte aan een andere bewoner verhuurd kunnen worden. De bewoners schikken zich niet meer naar de architectuur, maar de architectuur schikt zich naar de bewoners: ze maakt plaats voor mutatie.

2020

2025

2030

fig.10 (links) Eigen verbeelding van het uitzicht van de wijk: 1. Verschillende bewoners kiezen er samen voor om één groot ‘kluskot’ te bouwen waar al hun gereedschap gedeeld kan worden. 2. P, T en N willen een zwembad, maar delen liever de kosten samen. 3. P gebruikt de moestuin niet. Ze laat tijdelijk andere buren het stukje grond gebruiken. fig.11 (rechtsonder) Conceptuele voorstelling van het uitbreiden, inkrimpen en delen van de ruimtes.

2035


Waarom 16m2 ?

1. De grootte van de onderhandelruimte moet leefbaar zijn. De ruimte moet net groot genoeg zijn om de huidige te nauwe situatie te verbeteren, maar ook klein genoeg om geen overbodige extra ruimte te hebben. De grootte van de private ruimte varieert om een ruimer aanbod te voorzien, maar de onderhandelruimte zal telkens even groot blijven. 2. Ik speel in op de voordelen om dicht bij elkaar te wonen in een woongebouw: de onderhandelruimtes kunnen door de beperkte oppervlakte van 16m2 makkelijk tussen de private ruimtes liggen. Dit maakt dat ze makkelijk gedeeld kunnen worden. Elke private woonruimte grenst meestal aan drie onderhandelruimtes. (In fig.11 aan vier ruimtes, soms ook aan twee ruimtes.) Dit zorgt ervoor dat elk huishouden zelf een uniek scenario creëert voor zijn woning. Een onderhandelruimte kan door slechts één iemand bezet worden, maar ook door een aantal huishoudens samen of zelfs door alle bewoners samen. Dit maakt dat de gradatie van collectiviteit niet opgelegd is, maar zelf te ‘onderhandelen’ is. 3.De oppervlakte van 16m2 zorgt ervoor dat de ruimtes geen permanent verblijf worden, maar voor een korte duur verhuurd kunnen worden.

Stap 3 - wonen in een wijk in plaats van in een gebouw

Dit principe kan doorgetrokken worden naar alle nieuwe woongebouwen. De meeste ‘onderhandelruimtes’ zijn bereikbaar gemaakt voor alle buurtbewoners. Daarom hebben de ruimtes een verschillend karakter en verschillende gradaties van collectiviteit. Via het platform wordt zichtbaar welke onderhandelruimtes beschikbaar komen en welke tijdelijke vragen en aanbiedingen de bewoners hebben zodat ze sneller opgemerkt en uitgewisseld worden in heel de wijk.


188 Hoe werkt het?

Hypothetisch ontwikkelingsmodel

0

lid INWONER

1

1. Lid van de wooncoöperatie Huishouden beslist om in de coöperatieve vennootschap te stappen. Elk huishouden wordt lid door aandelen te kopen en wordt zo aandeelhouder van het project: de coöperatie bouwt met de middelen van zijn aandeelhouders (huurders en investeerders) woningen en verhuurt die aan zijn eigen aandeelhouders.

Het hypothetisch ontwikkelingsmodel is gebaseerd op ‘Hybride woningmarkt’ van streekontwikkelingsintercommunale IGEMO dat via coöperatieve vennootschap huur met eigendom wil verenigen. lid INWONER lid INWONER

lid INWONER Initiator Coöperatie

lid INWONER

lid INWONER lid INWONER

lid INWONER

onderhandelruimte strikt private deel

2

deel grondplan niveau 3 als voorbeeld

3

onderhandelruimte

...!

4

5

...?

2. Huurder van een woning Elke woning bestaat uit een strikt privaat gedeelte en de ‘onderhandelruimte’ die ook gedeeld kan worden met de naastgelegen buur of een externe buur. Er kan ook onderhandelt worden over het meestal naastgelegen sanitair en elke ruimte heeft voor- en achterdeur. 3. De onderhandelruimte Wanneer de ruimte bijvoorbeeld met buren wordt gedeeld, betalen zij mee de huur van dit deel. Ook kan het huishouden een extra onderhandelruimte huren. Wanneer een huishouden wil inkrimpen en afzien van de onderhandelruimte, betaalt ze enkel de huur van het private gedeelte. De aandeelhouder krijgt zo in het project levenslang woonzekerheid in een woning die zo goed mogelijk is aangepast aan zijn tijdelijke situatie. 4. Update platform Een coördinerende onderneming helpt het platform up-to-date te houden. Ondertussen kunnen de onderhandelruimtes die tijdelijk leegstaan voor een korte periode verhuurd worden aan tijdelijke geïnteresseerden zoals bijvoorbeeld toeristen, studenten, overnachting voor jeugdbeweging,enzovoort. 5. Onderhoud Samen met de coördinerende onderneming die het platform beheert, maakt een verantwoordelijke in elke gebouw deel uit van de raad van bestuur om nieuwe intervesteringen of onderhoudsen herstellingswerken in goede banen te leiden.


190

EEN ONTWERP OM TE BLIJVEN MUTEREN Niveau 1 - Het nieuwe woongebouw

De linkerpagina toont het eerste nieuwe gebouw van het open woonsysteem. Het gebouw heeft verschillende gradaties van collectiviteit. Hierdoor krijgt elke onderhandelruimte een eigen karakter. Voor de uitwerking van het woongebouw, werd ik geïnspireerd door het paviljoen van het Spaanse architectenbureau Flores & Prats gemaakt voor de Biënnale in Venetië 2018. Het paviljoen verwelkomt alle bezoekers zonder een precieze ontmoetingsplaats vast te leggen, maar er is een variatie aan mogelijkheden tot ontmoeting. In het woongebouw dat ik voorstel, wil ik diezelfde nieuwsgierigheid en mogelijkheid tot ontmoeting opwekken. Door zijn facade nodigt het gebouw uit om niet meer in een vast grid te wonen, maar ruimtes uit te wisselen. Het nieuwe systeem vraagt een architectuur die open staat om te ‘onderhandelen’. Zo zijn er onderhandelruimtes die door zijn facade uitnodigen om met velen te delen, andere onderhandelruimtes zijn goed verbonden met gemeenschappelijke delen en weer andere ruimtes zijn eerder ingesloten, maar geven toch al een beetje prijs langs de buitenzijde. In het gebouw is er ruimte voor vrijheid en de specifieke individuele wensen en noden van elke bewoner. Het woongebouw is niet ‘af’. De bewoners kunnen zelf nog nieuwe connecties bouwen, toevoegingen doen of ruimtes bewerken.

fig.14 (rechts) Schaalmodel van het paviljoen van Flores & Prats. Floresprats (n.d.) (27 april 2018) http://floresprats.com/archive/themorning-chapel/ fig.15. (links) De facade: voorbeeld van een momentopname in de levensloop van het gebouw. (links) fig.16 (rechtsonder) De evolutie van het gebouw


Niveau 2 - De onderhandelruimte als specifieke ruimte

De ruimtes (met een roze gekleurde vloer in de afbeeldingen, de grijze ruimtes in de grondplannen) liggen tussen de strikt private woonruimtes. De ruimtes hebben elk een ander karakter door hun vorm en positie ten opzichte van de andere ruimtes. Ik vond het belangrijk ze een ruimtelijk karakter te geven, aangezien ze tijdelijk zijn, niet permanent bezet zijn door hetzelfde huishouden of meerdere huishoudens en een ‘extra’ moeten zijn naast de permanente(re) woonunit: ze moeten kunnen uitnodigen tot ‘muteren’. De tijdlijn toont aan dat de ruimtes hun karakter behouden, maar nieuwe functies kunnen krijgen en de samenstelling van huishoudens in één kamer kan wisselen.

uur zorgt voor het standarizeren van itectuur heeft voorgevormd. De dee mens muteert alsook de levensstijl

ur vaak de ideale familiestructuur van ietal kinderen als standaard voor woningdt deze structuur vandaag complexer.

-

A

niveau 0

1980

1980

2060

uctuur zorgt voor het standarizeren van architectuur heeft voorgevormd. De dean de mens muteert alsook de levensstijl

2060

tectuur vaak de ideale familiestructuur van of drietal kinderen als standaard voor woningwordt deze structuur vandaag complexer.

‘TEGEN 2060 BESTAAT 50% VAN DE HUISHOUDENS UIT ÉÉN PERSOON. (TOV IN 2016 33%)’

niveau 3

‘TEGEN 2060 BESTAAT 50% VAN DE HUISHOUDENS UIT ÉÉN PERSOON. (TOV IN 2016 33%)’ 1980

B

1980

fig.16. (links) Drie grondplannen van het gebouw met in het grijs de onderhandelruimtes. De grondplannen geven een eerste aanzet weer van de mogelijkheden.

2060

1.2060

Gesloten, vaste structuur zorgt voor het standarizeren van de sociale structuur die architectuur heeft voorgevormd. De demografische structuur van de mens muteert alsook de levensstijl verandert radicaal.

‘TEGEN 2060 BESTAAT 50% VAN DE HUISHOUDENS Waar bij na-oorloogse architectuur vaak de ideale familiestructuur van en een twee- of drietal kinderen als standaard voor woningUIT ÉÉN PERSOON. (TOV IN 2016 33%)’ vader,moeder bouw wordt voorgehouden, wordt deze structuur vandaag complexer.

1.

‘TEGEN 2060 BESTAAT 50% VAN DE HUISHOUDENS UIT ÉÉN PERSOON. (TOV IN 2016 33%)’

niveau 5

C

fig.17 (rechts) Drie verschillende onderhandelruimtes met drie scenario’s.

-

1980

1980

2060

2060

‘TEGEN 2060 BESTAAT 50% VAN DE HUISHOUDENS


192

1.

EGEN 2060 BESTAAT 50% VAN DE HUISHOUDENS ‘TEGEN 2060 BESTAAT 50% VAN50% DE HUISHOUDENS ‘TEGEN 2060 BESTAAT VAN DE HUISHOUDENS UIT ÉÉN PERSOON. (TOV IN 2016 33%)’ UIT ÉÉN PERSOON. (TOV IN 2016 UIT ÉÉN PERSOON. (TOV33%)’ IN 2016 33%)’ GEN 2060 BESTAAT 50% VAN DE HUISHOUDENS ‘TEGEN 2060 BESTAAT 50% VAN50% DE HUISHOUDENS ‘TEGEN 2060 BESTAAT VAN DE HUISHOUDENS UIT ÉÉN PERSOON. (TOV IN 2016 33%)’ UIT ÉÉN PERSOON. (TOV IN 2016 UIT ÉÉN PERSOON. (TOV33%)’ IN 2016 33%)’ 1980

-

Waar bij na-oorloogse vaakarchitectuur de ideale familiestructuur Waar architectuur bij na-oorloogse vaak de ideale van familiestructuur van vader,moeder en vader,moeder een twee- of drietal standaard vooralswoningen eenkinderen twee- ofals drietal kinderen standaard voor woningbouw wordt voorgehouden, deze structuur vandaag complexer. bouw wordtwordt voorgehouden, wordt deze structuur vandaag- complexer.

1.

Gesloten, vasteGesloten, structuurvaste zorgt structuur voor het standarizeren zorgt voor hetvan standarizeren van de sociale structuur die architectuur heeft voorgevormd. dede sociale structuur die architectuur heeft De voorgevormd. De demografische structuur van de mens muteert de levensstijl mografische structuur van de alsook mens muteert alsook de levensstijl verandert radicaal. verandert radicaal.

1.

1.

1980

-

1980

‘TEGEN 2060 BESTAAT 50% VAN DE HUISHOUDENS UIT ÉÉN PERSOON. (TOV IN 2016 33%)’

1980

‘TEGEN 2060 BESTAAT 50% VAN DE HUISHOUDENS UIT ÉÉN PERSOON. (TOV IN 2016 33%)’ 2060 2060

-

1980

1980

Waar bij na-oorloogse architectuur vaak de ideale familiestructuur van vader,moeder en een twee- of drietal kinderen als standaard voor woningbouw wordt voorgehouden, wordt deze structuur vandaag complexer.

1.

1.

Gesloten, vaste structuur zorgt voor het standarizeren van de sociale structuur die architectuur heeft voorgevormd. De demografische structuur van de mens muteert alsook de levensstijl verandert radicaal.

2060

1

1980

1.

2060

2060

1.

1

2060

-

-

De ruimte wordt opnieuw ‘TEGEN 2060 VAN DE HUISHOUD ‘TEGEN 2060 BESTAAT 50% VAN BESTAAT DE HUISHOUDENS ‘TEGEN ‘TEGEN 2060 BESTAAT 50% VAN50% DE HUISHOUDENS een slaapkamer voor ÉÉN IN 2016 33%)’UI kleinkinderen UIT(deeltijds ÉÉN PERSOON. (TOV IN PERSOON. 2016 33%)’ UIT ÉÉN UIT PERSOON. (TOV IN (TOV 2016 33%)’ gehuurd wanneer kinderen komen)

2060

De ruimte wordt in het ‘TEGEN BESTAAT 50% VAN DE HUISHOUDENS 1980 ‘TEGEN 2060 BESTAAT 50%2060 VAN DE HUISHOUDENS 1980 weekend verhuurd aan UIT ÉÉN muzikanten UIT ÉÉN PERSOON.twee (TOV INPERSOON. 2016 33%)’(TOV IN 2016 33%)’

1.

Waar bij na-oorloogse architectuur vaak de ideale familiestructuur van - vader,moeder en een twee- of drietal kinderen als standaard voor woningbouw wordt voorgehouden, wordt deze structuur vandaag complexer.

‘TEGEN 2060 VAN DE HUISHOUDE ‘TEGEN 2060 BESTAAT 50% VAN BESTAAT DE HUISHOUDENS ‘TEGEN 2 ‘TEGEN 2060 BESTAAT 50% VAN50% DE HUISHOUDENS ÉÉN IN 2016 33%)’UIT UIT ÉÉN PERSOON. (TOV IN PERSOON. 2016 33%)’ UIT ÉÉN UIT PERSOON. (TOV IN (TOV 2016 33%)’ 1980

‘TEGEN 50% VAN DE HUISHOUDENS ‘TEGEN 2060 BESTAAT 50%2060 VAN BESTAAT DE HUISHOUDENS ÉÉN UIT ÉÉN PERSOON. UIT (TOV INPERSOON. 2016 33%)’(TOV IN 2016 33%)’ -

1980

1.

1980

Waar bij na-oorloogse architectuur vaak de ideale familiestructuur van vader,moeder en een twee- of drietal kinderen als standaard voor woningGesloten, vaste structuur zorgt voor het standarizeren van - de sociale structuur die architectuur heeft voorgevormd. De debouw wordt voorgehouden, wordt deze structuur vandaag complexer. mografische structuur van de mens muteert alsook de levensstijl 2060 2060 2060 verandert radicaal.

Waar bij na-oorloogse architectuur vaak de ideale familiestructuur van Waar bij na-oorloogse vaak de ideale familiestructuur van vader,moeder en een twee-architectuur of drietal kinderen als standaard voor woningvader,moeder en een tweeof drietal standaard voor woningbouw wordt voorgehouden, wordt deze kinderen structuur als vandaag complexer. bouw wordt voorgehouden, wordt deze structuur vandaag complexer.

Slaapkamer van Ruth en Mo’s kinderen

-

1.

Gesloten, vaste structuur zorgt voor het standarizeren van de sociale structuur die architectuur heeft voorgevormd. De demografische structuur van de mens muteert alsook de levensstijl verandert radicaal.

Waar bij na-oorloogse architectuur vaak de ideale familiestructuur van Gesloten, vaste structuur zorgt voor standarizeren van vader,moeder en het een tweeof drietal kinderen als standaard voor woningde sociale structuur die architectuur voorgevormd. bouw wordtheeft voorgehouden, wordt De dezedestructuur vandaag complexer. mografische structuur 2060 van de mens muteert alsook de levensstijl verandert radicaal.

2060

Gesloten, vaste structuur zorgt voor het standarizeren van Gesloten, vaste zorgt voorvoorgevormd. het standarizeren van de sociale structuur die structuur architectuur heeft De dede socialestructuur structuur van die architectuur heeft alsook voorgevormd. De demografische de mens muteert de levensstijl mografische structuur van de mens muteert alsook de levensstijl verandert radicaal. verandert radicaal.

1.1.

19

1.

1980

1980

-

1.1.

-

Rik besluit de ruimte De -ruimte wordt overdag als gedeelde keuken te BESTAAT 50% VAN DE HUISHOUDENS een bingo-ruimte, ‘s- avonds ‘TEGEN 2060 ‘TEGEN 2060 BESTAAT 50% VAN DE HUISHOUDENS 1980 een gezamelijke 1980 1980 gebruiken nu zijn kinderen ruimte om 1980 UIT ÉÉN PERSOON. (TOV IN 2016 33%)’ huiswerk te maken UIT ÉÉN PERSOON. (TOV IN 2016 33%)’ uit het huis zijn

‘TE G E N 206 UIT 0 BESTA ÉÉN 2060 AT 5 P 0 E R S OON % VAN D . ‘T E ( E T G O EN 2 V IN HUISHO 06 2016 U UIT 0 BESTA 33% DENS ÉÉN )’ PERS AT 50% VAN OO N D . E (TO H U V IS IN 2016 HOUDE NS 33% )’

C

1.

1980

-

1.

1980

-

1.

Waar na-oorloogse architectuur vaak de ideale familiestructuur van Waar bij na-oorloogseWaar architectuur vaak debij ideale familiestructuur van familiestructuur Waar bij na-oorloogse architectuur vaak de ideale familiestructuur van bij na-oorloogse architectuur vaak de ideale van en een tweedrietal kinderen als standaard voor woning- vader,moeder en een twee- of drietal kinderen als standaard voor woningvader,moeder en een vader,moeder twee- of drietalenvader,moeder kinderen alsofstandaard voorofwoningeen tweedrietal kinderen als standaard voor woning-

bouw wordtDE voorgehouden, wordt deze vandaag complexer. - structuur ‘TEGEN bouw 2060 50% VAN HUISHOUDENS wordtBESTAAT voorgehouden, wordt deze structuur vandaag complexer. bouw wordt voorgehouden, wordt deze vandaag complexer. ‘TEGEN 2060 -BESTAAT 50% VAN DEstructuur HUISHOUDENS bouw wordt voorgehouden, wordt deze structuur vandaag complexer. UIT ÉÉN PERSOON. (TOV IN 2016 33%)’ UIT ÉÉN PERSOON. (TOV IN 2016 33%)’

2060

Speelkamer voor Rik’kinderen

‘TEGEN 2060 BESTAAT 50% VAN DE HUISHOUDENS UIT ÉÉN PERSOON. (TOV IN 2016 33%)’

1.

1.

2060

1.

‘TEGEN 2060 BESTAAT 50% VAN DE HUISHOUDENS UIT ÉÉN PERSOON. (TOV IN 2016 33%)’

1.

1980

Gesloten, vaste structuur zorgt voor het standarizeren van Gesloten, vaste structuur zorgt voor het standarizeren Gesloten, vaste structuur zorgt voor het standarizeren van Gesloten, vaste structuur zorgt voor van het standarizeren van de sociale structuur die architectuur heeft voorgevormd. De de- de sociale structuur die architectuur heeft voorgevormd. De dede sociale structuur architectuur heeft De dededie sociale structuur die voorgevormd. architectuur heeft voorgevormd. De de2060 2060 mografische structuur van de mens muteert alsook de levensstijl mografische structuur van de mens muteert alsook de levensstijl mografische structuur van de mens muteert de muteert levensstijl mografische structuur vanalsook de mens alsook de levensstijl verandert radicaal. verandert radicaal.verandert radicaal. verandert radicaal.

1.

1.

1.

1.

1980

2060

2060

1.

orloogse architectuur vaak de ideale familiestructuur van vaak de ideale familiestructuur van Waar bij na-oorloogse architectuur en een twee- of drietal kinderen als standaard voor woningvader,moeder en een tweeof drietal kinderen als standaard voor woning- structuur vandaag complexer. oorgehouden, wordt dezebouw structuur complexer. wordtvandaag voorgehouden, wordt deze

2060

2060

2060

1980

1.

2060

2060 1980

1.

een groot bubbelbad te plaatsen

ak ert r stand complexer ctuur va nderen als verand aag archite l ki r vand loogse ee- of drieta ructuu j na-oor tw deze st Waar bi der en een wordt oe uden, vader,m dt voorgeho wor bouw

-

De ruimte wordt met

1980 vier buren gedeeld om

1980

en, vaste structuur zorgt voor het standarizeren van zorgt voor het standarizeren van Gesloten, vaste structuur tructuur die architectuur heeft voorgevormd. dede sociale structuur die De architectuur heeft voorgevormd. De destructuur van de mens muteert alsook de levensstijl mografische structuur van de mens muteert alsook de levensstijl dicaal. verandert radicaal. 2060

-

B

1.

Waar bij na-oorloogse architectuur vaak de ideale familiestructuur vader,moeder en een twee- of drietal kinderen als standaard voor w bouw wordt voorgehouden, wordt deze structuur vandaag complex

1.

Waar bij na-oorloogse architectuur vaak de ideale familiestructuur van vader,moeder en een twee- of drietal kinderen als standaard voor woningbouw wordt voorgehouden, wordt deze structuur vandaag complexer.

Adil besluit de ruimte als gedeelde thuiswerkkamer te gebruiken

1980

Gesloten, vaste structuur zorgt voor het standarizere de sociale structuur die architectuur heeft voorgevormd. D mografische structuur van de mens muteert alsook de lev verandert radicaal.

NS OUDE HUISH )’ 2060 AN DE 3% V 3 2016 T 50% de so Geslote n ESTAA N. (TOV IN mog ciale stru , vaste st 060 B ra O ru NS vera fische st ctuur die ctuur zo GEN 2 PERSO E nd ru a ‘T OUDE e rt radic ctuur va rchitec rgt voor IT ÉÉN U HUISH )’ h a n e a de m tuuS l. Waar AN DE EenN r heeft vo t standa b 3% vader ij na-oorl HOUD s mute orgevo rizeren 50% V IN 2016 3 e ,m o rt IS o g a U se ar lsoo rmd. De vanSTAAT bouw oeder en H V k de itec% dE e. (TO le 0 B AwoNrdt DE een1tw6eech3 3 tuu)’ r ehou - of driet vaak de id N 206vensstiPjl ERSOON 50% V INvoo2rg0 den, ealeEGE TAAT word al kinder ‘T famil ÉÉN en (TOV t d . ez 0 BES e stru als stSan iestU ruIT ctu N daard ctuur van N 206 PERSOON voor ‘TEGE N OUDEur vandaag co w mple oningUIT ÉÉ HUISH )’ xer. AN DE 3% 50% V IN 2016 3 V TAAT 0 BES OON. (TO S N 206 ‘TEGE IT ÉÉN PER U

Adil’s yoga kamer

1.

1.

Gesloten, vaste structuur zorgt voor het standarizeren van de sociale structuur die architectuur heeft voorgevormd. De demografische structuur van de mens muteert alsook de levensstijl verandert radicaal.

1.

Waar bij na-oorloogse architectuur vaak de ideale familiestructuur van vader,moeder en een twee- of drietal kinderen als standaard voor woningbouw wordt voorgehouden, wordt deze structuur vandaag complexer.

2060

1.

-

Zaterdag 17 uur 2040

1.

Maandag 9 uur 2021

Gesloten, vaste structuur zorgt voor het standarizeren van de sociale structuur die architectuur heeft voorgevormd. De demografische structuur van de mens muteert alsook de levensstijl verandert radicaal.

-

n eren va de andariz het st vormd. De stijl t voor voorge de levens r zorg heeft ok ructuu ste st chitectuur uteert also ar ten, va m e Geslo uur di n de mens struct r van ciale structuur va tructuu oningde so milies fische . eale fa daard voor w . mogra t radicaal er ak de id er stan mplex ctuur va nderen als verand aag co archite l ki r vand loogse ee- of drieta ructuu j na-oor tw deze st Waar bi der en een wordt oe uden, vader,m dt voorgeho wor bouw

A

n jl

g-

Zondag 13 uur 2020

1980

1980

2060

1980 1980

2060 2060

2060

‘TEGEN ‘TEGEN2060 2060BESTAAT BESTAAT 50% 50% VAN VAN DE DE HUISHOUDENS HUISHOUDENS UIT UITÉÉN ÉÉNPERSOON. PERSOON. (TOV (TOV IN IN 2016 2016 33%)’ 33%)’

‘TEGEN 2060 BESTAAT 50% UIT ÉÉN PERSOON.

‘TEGEN 2060 BESTAAT 50% VAN DE HUISH ‘TEGEN 2060 BESTAAT 50 UIT ÉÉN PERSOON. 2016 33 UIT(TOV ÉÉN IN PERSOON.

‘TEGEN 2060 BESTAAT 50% VAN DE HUISH ‘TE UIT ÉÉN PERSOON. (TOV IN 2016 33


Niveau 3 - Hoe kan de wijk er dan uitzien?

De onderhandelruimtes bevinden zich niet alleen in het ‘prototype’ gebouw, het gebouw dat ik eerst ontworpen heb, maar zijn verspreid over de hele wijk. Elk woongebouw dat bijgebouwd wordt, bevat andere ruimtelijke kwaliteiten en kenmerken. Zo kan ook de bewoner van het ene woongebouw een gewenste ruimte delen in een ander woongebouw met een andere ervaring. Hierdoor komt er meer variatie in het masterplan, wat tot meer ‘keuze’, meer ‘mutatie’ en een levendigere omgeving zal leiden. Op fig.19. heb ik alle nieuwe gebouwen benadrukt door zichtbare onderhandelruimtes in het roze te zetten. De andere gebouwen zijn de huidig bestaande gebouwen. De bewoners van deze gebouwen kunnen ook onderhandelruimte huren. Het rode icoontje toont de vragen en aanbiedingen van de bewoners. Hier komen stap 1 en stap 2 van de strategie samen: het digitale platform zorgt ervoor dat bewoners elkaars (wisselende en tijdelijke) wensen en noden leren kennen, terwijl de nieuwe gebouwen door het ontwerp zich kunnen schikken naar de bewoners: ze maakt plaats voor ‘mutatie’. Fig.20. toont het tweede scherm van het platform. Wanneer op het icoontje wordt geklikt, verschijnt de vraag of het aanbod van de bewoner. Er wordt een onderscheid gemaakt in duurtijd (long-middle-short) van het aanbod. De snede toont de diversiteit aan onderhandelruimtes.

...? MIDDLE VRAAG

‘Op zoek in de buurt naar een co-working space (in de week) ...’

...! SHORT AANBIEDING ‘Vijf maanden naar het buitenland,

dus geen tijd voor de moestuin. ‘

fig.18 Impressie van de wijk vanaf het ontworpen gebouw


194

3 1

3 9

1

1

8

2

4

4

8

4 1 1

5

fig.19 Beeld van het platform: masterplan

Het prototype gebouw

LUKAS

...! LONG AANBIEDING

Huidige gebruiker kan aangeven wanneer hij/zij de onderhandelruimte wil verhuren/delen

...?

...

MIDDLE - Contacteer Lukas om te praten over gereedschap, open buitenruimte of gebruik van gebouwde ruimte

VRAAG Huidige gebruiker kan aangeven wanneer hij/zij op zoek is naar een extra ruimte/ruimte om te delen

POL

3

...!

FREE !

SHORT AANBIEDING

SHORT

Huidige gebruiker kan aangeven wanneer hij/zij de onderhandelruimte wil verhuren/delen

3

2

8

AANBIEDING Leegstaande onderhandelruimtes worden automatisch aangeduid

2

fig.20 Beeld van het platform: conceptuele snede


Conclusie

Het project voor deze masterproef is geen project dat morgen al ‘bouwbaar’ is. Hier heb ik bewust voor gekozen. Ik zie de studio als een kans en uitdaging om iets te maken waar verder over nagedacht en nagepraat kan worden, eerder dan te streven naar een geheel dat afgewerkt is en afgeleverd kan worden om gebouwd te worden. Ik zocht voor wijk ‘Rozemaai’ een alternatieve strategie om te verzekeren dat de wijk niet meer als een ‘gesloten systeem’ zal fungeren wanneer de wijk zal uitbreiden met nieuwe woongebouwen. Zo probeer ik de voordelen van kopen, het eigenaarschap, samen te brengen met de voordelen van huren, waardoor sneller ‘gewisseld’ kan worden van (kleinere) units via principes van een wooncoöperatie. Ik zocht ook naar de voordelen van een digitaal netwerk en de kansen die er zullen liggen in de fysieke, gebouwde omgeving en vroeg mezelf af welke positie de architect daarin kan aannemen. Via een digitaal netwerk kan makkelijk een grote groep bereikt worden en kunnen iets minder nabijgelegen buren ook dubbel makkelijk in contact staan met elkaar. De tijdelijk onbenutte ruimtes in een woning, kunnen aangeduid worden en opgemerkt worden door andere bewoners. Het project is een zoektocht naar een flexibeler woonmodel en een wijk waar individuele wensen primeren, maar is natuurlijk geen exacte wetenschap. Er is een kans dat het systeem weer verzadigd zal zijn wanneer alle bewoners de ruimtes voor een langere tijd huren en weinig speling overblijft om van ruimte te wisselen of de omgekeerde situatie wanneer er te veel leegstand zal zijn. Het opzetten van zo’n platform zal volgens het trial-and-error principe, met veel vallen en opstaan gebeuren. Ik ben doorheen het project op zoek gegaan naar de rol van de architect in dit model. De wijk moet enerzijds uitstralen dat architectuur de bewoners niet vastzet, maar net zorgt dat ze zich goed kunnen voelen en het gevoel krijgen de omgeving naar hun hand te kunnen zetten. De wijk mag geen generiek karakter krijgen waar de ruimtes niets meer zijn dan wat oppervlakte extra, maar mee zorgen voor een wijk die tot de verbeelding spreekt, waar de bewoners het potentieel van inzien en deel van willen uitmaken. Hierbij zie ik de rol van de architect als een soort katalysator.


196

BIBLIOGRAFIE • Branzi,A, RabottiniI,A. (2013). Conversation between

Dimock,M. Defining generations: Where Millennials

Andrea Branzi and Alessandro Rabottini : The tools

end and post-Millennials begin. (1 maart 2018) Pew

do not exist. Berlin: Galerie Isabella Bortolozzi.

Research Center: http://www.pewresearch.org/

• Luyten,D., Van Crombrugge, H., Emmery, K. (2017). Het gezin in Vlaanderen 2 .0 : over het eigene van gezinnen en gezinsbeleid. Antwerpen: Garant. • Corijn,M., Van Peer,C. (2013). Gezinstransities in Vlaanderen. Sint-Niklaas: Room. • Habraken,J.(1961). De dragers en de mensen, het einde van de massawoningbouw. Amsterdam :

fact-tank/2018/03/01/defining-generations-wheremillennials-end-and-post-millennials-begin/ • Peerby (n.d.) (27 maart 2018) https://www.peerby. com/dashboard • Social city beta (n.d.) (27 maart 2018) http:// socialcities.org/blog/continuous-re-designing-ofsocial-city-beta/

Scheltema & Holkema. • Kristien Ring AA PROJECTS (ed.) in cooperation with the Senate Department for Urban Development and the Environment. (2015). Urban Living: Strategies for the Future. Berlijn: Jovis publishers • Lin,J. Mele,C. (2012). The Urban Sociology Reader. Leiden: Taylor & Francis Ltd • Luyten,D., Emmery,K., Jennes,G. (2011). Samenwonen in het gezinsbeleid. In HIG, Gezinsbeleid in 2010. Van gewoon samen tot samenwonend en opnieuw samen: samenwonen in het gezinsbeleid. Schaarbeek: HIG-HUB. • Malliet,A. (2015). Pilootproject ‘Meer dan wonen’. A+ magazine, Brugge: Die Keure. • Miroslav S. Swiss Arts Council Pro Helvetia (eds.) (2012). And now the ensemble!!! Zurich: Lars Müller • Mortelmans,D., Pasteels, I., Bracke, P.,Matthijs, K., Van Bavel, J., Van Peer, C. (2011). Scheiding in Vlaanderen. Leuven: Acco. • Mullens,E. (2017). Wonen voor Millenials.Hasselt: Universiteit Hasselt. • Plets,G. Glorieux,I. Van Crombrugge,H. De grauwe,P. (2016). Waarom millennials kappen met huisje-tuintje Brussel: Vrije Universiteit Brussel, Onderzoeksgroep TOR. • Ratti,C. Claudel,M. (2015). Open source architecture. Londen: Thames & Hudson Ltd fig.21 (links) Deel van fig.14, de facade van het gebouw


197

Make room for mutation (verkorte versie)  

Onderzoek en ontwerpvoorstel naar de woonbehoeften van het huishouden van morgen

Make room for mutation (verkorte versie)  

Onderzoek en ontwerpvoorstel naar de woonbehoeften van het huishouden van morgen

Advertisement