Page 1


Een editoriaal waarbij we ditmaal vele mensen te danken hebben. Wat overigens op zichzelf een genoegen is. In een vorig nummer beloofden we u een verrassing voor dit nummer. Ziehier. Sinds geruime tijd is in ons land een werkgroep actief die zich bijzonder op het werk van JEAN RAY toelegt, een vlaams schrijver die tot ver buiten onze grenzen bekendheid geniet. Belangstellenden verwijzen wij naar Dhr. JOZEF PEETERS Lobergenbos 27 3200 KESSEL-LO Welnu, op 17 september e.k. is het tien jaar geleden dat deze schrijver te Gent overleed en bij deze gelegenheid plant de werkgroep van Dhr. Peeters een bijzondere hulde, die in voornoemde stad doorgaat op 15.09.1974. Meer verneemt u hierover ondermeer op SFANCON 5. Bij deze gelegenheid hoorde naar wij meenden ook een bijzonder nummer van ons blad en wij verzochten de Heer Peeters dan ook een "dossier JEAN RAY" voor ons te willen samenstellen, wat hij ondanks de vakantieperiode en zijn verhuis graag aanvaardde, en tot een goed einde bracht bovendien. Wij houden er dan ook aan hem en zijn medewerkers bijzonder te danken voor het waardevolle. materiaal en voor de prachtige illustraties die zij in de korste tijd wisten samen te brengen. Van onze zijde namen wij de zomermaanden te baat om in de eerste plaats onze recensies bij te werken van dit jaar bij verschillende uitgeverijen verschenen werk. In dit nummer en in het volgende treft u het resultaat aan van deze inspanning. In dit verband meer in het bijzonder een woord van dank aan Eddy Bertin, die ondanks zijn menigvuldige aktiviteiten bovendien op zich nam verder de algemene redaktie van onze recensie-rubriek op zich te nemen. En verder ijverden wij vanzelfsprekend aan onze conventie, die zich als een olievlek uitbreidt en belooft zelfs belangrijker te worden dan de onlangs in Grenoble gehouden Europese conventie.


SF-MAGAZINE P. 02 Geen kleine verwezenlijking voor André De Rijcke en zijn team te Gent, en van onze voorzitter Simon Joukes, waarvan het volume "verzameld werk en briefwisseling met het buitenland" stilaan de kubieke meter benadert. Nagenoeg alle eregasten hebben hun komst bevestigd en een tiental uitgeverijen zegde reeds hun medewerking toe. Volgens de laatste berichten lukte André erin de hand te leggen op nog drie films, waaronder "Lá Brûlure de mille Soleils", "Les Evadés du Futur" en vooral Chris Marker's "La Jetée", die voor velen het hoogtepunt in SF-film betekent. Op het ogenblik waarop ik dit schrijf meldt André me bovendien dat plannen bestaan om aan onze convention een SF-popfestival te koppelen, waarbij misschien de beste Duitse pop-groep, nl. TANGERINE DREAM onze zaterdagavond zou opluisteren ... De tijd ontbreekt ons om u verder van het verloop van de onderhandelingen en van bijkomende programmapunten in te lichten. Zeiden we u niet dat dit een super-de-luxe-con wordt. Beter nog : leg nu reeds uw reservatie vast en stort uw bijdrage van 120 F onmiddellijk op de bankrekening van SFAN. Verplicht ons niet bovendien nog inschrijvingen te noteren op de dag van de convention zelf. U bent niet alleen ! Overbelast onze administratie dan ook niet met UW problemen op het allerlaatste ogenblik en gun de mensen die deze convention organiseren iets anders dan administratie en zorgen wanneer DE dag daar is ! Dan rest ons nog slecht ook U te danken. En tot kijk op 30, 31 augustus en 1 september Voor SFAN's vijfde én beste Con !!! A. i . ROBERT SMETS


17 september 1964. Te Gent stierf Raymond Jean Marie De Kremer. Een auteur die aan de fantastische literatuur enkele nieuwe adelbrieven schonk, een schrijver wiens debuut "Les contes du whisky" de literaire wereld der twintiger jaren in beroering bracht, een auteur die het genre der parallelle literatuur nieuw leven inblies en als fransschrijvende Vlaming onze letteren vertegenwoordigde over geheel de wereld (vertalingen in het Duits, Engels, Italiaans, Spaans, Russisch), een schrijver die met de barokke avonturen van Harry Dickson" een generatie begeesterde, de man met een honderdtal pseudoniemen, met een omvangrijk diepmenselijk oeuvre, een auteur van wereldformaat : JEAN RAY - JOHN FLANDERS. Jean RAY-John FLANDERS is een fascinerende figuur in de literatuurgeschiedenis, fascinerend omwille van zijn geniaal en verscheiden oeuvre en wegens zijn boeiende persoonlijkheid. Jean Ray is een vaste waarde niet, alleen in de fantastische literatuur maar tevens,in de wereldletterkunde. Hij is allicht meest bekende Vlaamse auteur in het buitenland.


SF-MAGAZINE P. 04

"Car tout finit par être vrai ..." Jean Ray Le Livre des Fantomes. 1947. Bij de burgerlijke stand was de auteur ingeschreven onder de naam Joannes Maria De Kremer. Hij werd te Gent geboren op 8 juli 1887 en overleed aldaar op 17 september 1964. Jean Ray en John Flanders waren de belangrijkste pseudoniemen die de auteur koos voor een ontzaglijk oeuvre. Hij debuteerde in 1907 in de "Gentsche studentenalmanak" van het studentengenootschap "'T zal wel gaan" met een verhaal en poëzie en dit onder de naam Raymond De Kremer. De schrijver beoefende alle genres, alleen het dramatisch toneel ontbreekt in de bibliografie van de auteur. De levensloop van Jean Ray is - althans dit lijkt het bij een niet-indringend onderzoek - onontwarbaar door de saga-elementen die overvloedig door de auteur en door "vrienden" van de auteur werden geleverd aan journalisten en goedgelovige zielen. De vlotte aanvaarding van deze saga-elementen is reeds een overtuigend bewijs van het knappe verhaaltalent van de auteur. Jean Ray was geen zeeman, geen piraat, geen dierentemmer, geen smokkelaar, geen heilige, geen schurk, geen mythomaan. Hij was een genie. De mens die achter de pseudoniemen Jean Ray en John Flanders schuilging is oneindig boeiender in zijn geniaal werk en zonder mythe. Tijdens de periode 1907-1925 was het leven voor de auteur als een droom : succes, roem, vrienden, geld ... niets ontbrak hem. Na zijn debuut volgen de succesrijke opvoeringen van zijn revues (geschreven in samenwerking met Henri Van Daele en Hector Van Seymortier), de medewerking aan talrijke periodieken (o.m. Le journal de Gand, Le bien public, Ciné, Le mercure de Flandre), het avontuur van "L'ami du livre" (literair tijdschrift opgericht door Jean Ray) en in 1925 de publikatie van "Les contes du whisky". Deze eerste verhalenbundel (de verhalen verschenen oorspronkelijk in "Ciné", "L'ami du livre" en "Le journal de Gand") vond dadelijk een internationale weerklank in dit niet


SF-MAGAZINE P. 05 alleen in de beperkte kring van ingewijden in de fantastische literatuur. In deze periode is Jean Ray de draaispil van het artistieke leven te Gent. Gustaaf Vigoureux, Clovis Baert, Henri Van Daele, Maurice Renard, Francisque Parn en zovele andere bekende figuren uit de twintiger jaren telde hij onder zijn vrienden. Rond 1926-1927 vangt voor de auteur een nieuwe levensperiode aan. Een onmetelijke literaire en journalistieke produktie vult de jaren 1929-1950. Na de roem in 1925 volgen de bittere lessen die de maatschappij aan buitenbeentjes spelt. Noodgedwongen zal hij als journalist en broodschrijver ontzettend hard moeten werken om zijn brood te verdienen. Door hemzelf geschapen problemen zetten een lawine in. Zorgen en moeilijkheden blijven hem niet meer bespaard. Jean Ray verliest alle krediet en John Flanders moet in de plaats komen om verhalen en reportages te kunnen plaatsen. De broodschrijverij verhindert evenwel niet dat de auteur steeds dat vleugje genie in zijn werk zal leggen. Enkele domheden zullen hem veroordelen om verder van zijn pen te leven. Trouwe vrienden reiken hem de helpende hand en onder het pseudoniem John Flanders zal hij reportages, cursiefjes en verhalen publiceren in o. m. "La revue belge" en "De Dag". De abdij van Averbode zal een veilige toevlucht betekenen voor de auteur en dit tot het einde van zijn leven. John Flanders schrijft ettelijke verhalen voor de jeugd in de reeksen "Vlaamse Filmpjes" en "Presto Films" en de uitgeverij "De Goede Pers" publiceert enkele romans voor de jeugd("Spoken op de ruwe heide", "De zilveren kaap", "Geheimen van het noorden"). John Flanders verleent verder medewerking aan de tijdschriften van Averbode : Zonneland, Petits Belges, Het Weekblad. Tussen 1931 en 1940 schreef hij eveneens de afleveringen van "Harry Dickson", een fantasmagisch delirium. In 1932 verschijnt "La croisière des ombres". In deze bundel werden verhalen opgenomen uit "Les contes du whisky" en verhalen verschenen in "La revue belge". Van 1936 tot 1940 is hij redaktiesekretaris van "Bravo", een tijdschrift voor de jeugd, waarin hij zijn rijke fantasie volledig de vrije teugel gaf. Tussen 1942 en 1944 publiceert hij zijn belangrijkste werken : "Le grand nocturne", "Les cercles de l'épouvante", "Malpertuis", "Les derniers contes de Canterbury", "La cité de l'indicible peur". De auteur liet deze werken bij Frans-Belgische uitgevers verschijnen - zonder noemenswaardige verspreidingsmogelijkheden. Zijn werken bereikten slechts een zeer beperkte kring van ingewijden. De na-oorlogse jaren zijn voor de auteur zeer zwaar en bitter geweest. Vlaanderen is een harde moeder en Gent een stugge burgerlijke stad. Ook aan John Flanders wordt alle krediet ontnomen en de auteur moet zijn toevlucht nemen tot andere "schuilnamen". Dan ontstaat er een stilte rond de auteur en zijn werk. Slechts begin 1951 is er de herontdekking door de kritiek in Frankrijk.


SF-MAGAZINE P. 06 Langs "Mystère-magazine" en "Fiction" verovert Ray Parijs. Denoël brengt in 1955 een heruitgave van "Malpertuis". De uitgeverij "Marabout" zorgde voor de definitieve doorbraak (Marabout publiceerde reeds 25 volumes) en dit door de publikatie in 1961 van "Les 25 meilleures histoires noires et fantastiques". Laffont brengt in vier banden de "Oeuvres complètes"; alhoewel deze uitgave niet de volledige werken bevat zijn de belangrijkste werken van Jean Ray hierin opgenomen. In de laatste maanden van zijn leven voltooide hij de korte esoterische roman "Saint-Judas-de-la-nuit". Gedurende de laatste vijf jaren van zijn leven genoot de auteur even de vreugde van de erkenning : wederuitgaven, verfilming, belangstelling van de buitenlandse pers, toekenning van de "Prix des bouquinistes" (1963). Ongetwijfeld overtrof deze belangstelling zijn stoutste verwachtingen maar ergens zal de pijnlijke wonde blijven : zijn eigen kultuurgemeenschap bleef onverschillig en schrok toen hij naar die andere dimensie verdween : een auteur met internationale bekendheid was gestorven ! Hij was beroemd buiten onze grenzen vóór men hem in Vlaanderen is gaan waarderen. D. DELVAUX O ===oooOoOooo=== O

La science-fiction n'a rien à voir avec le fantastique ! Pas d'adultération, sauf dans un sens humoristique ... Les autres modernes, je les lis dans l'intention de les comprendre. Et je rencontre chez beaucoup de telles fautes de physique et de mathématiques que je ne les suis plus. Je trouve aussi qu'ils négligent trop le facteur temps; en un après-midi on enlève la moitié d'une galaxie ! JEAN RAY Fiction, mei 1964.


In de vorige bijdrage zijn de elementen vervat die het onderscheid tussen het werk getekend John Flanders en dit verschenen onder de naam Jean Ray erg duidelijk maken. Niet de auteur koos zijn pseudoniemen, de maatschappij dwong hem ertoe. Slechts in 1929 verscheen voor het eerst de schuilnaam John Flanders (La revue belge, 15 maart 1929). Nu bestaat er inderdaad geen fundamenteel onderscheid tussen de verhalen getekend Jean Ray en deze getekend John Flanders. Het is ook ridicuul te willen bewijzen dat de schrijver het pseudoniem John Flanders koos voor werk in mineur en bet pseudoniem Jean Ray voor de "Literatuur". De auteur koos de naam John Flanders op het ogenblik dat het pseudoniem Jean Ray ongewenst was bij uitgevers en lezerspubliek. Toen hij om den brode ging schrijven nam hij de schuilnaam John Flanders aan. Het werk dat De Kremer onder dit pseudoniem publiceerde is omvangrijker dan de produktie getekend Jean Ray. Het is logisch en onafwendbaar dat er in die enorme produktie al eens werk in mineur opduikt. De John Flandersproduktie bevat voornamelijk jeugdliteratuur omdat hij een zeer groot afzetgebied had gevonden bij de uitgeverij "De Goede Pers" te Averbode en bij talrijke jeugdtijdschriften. Voor de jeugd schreef hij heerlijk onpedagogische avonturenverhalen met menige huiveringwekkende bladzijde. Dit werk voor de jeugd is meer beperkt inzake thematiek en soms is de toon erg moraliserend. "Spoken op de ruwe heide" neemt in het nederlandstalige oeuvre van de auteur de voornaamste plaats in. Ook "Het


SF-MAGAZINE P. 08 Zwarte Eiland" en "Geheimen van het noorden", romans voor de jeugd, behoren met "De geheimzinnige regenman" tot het allerbeste van John Flanders schreef. De verhalen van John Flanders - en vooral die heerlijke Vlaamse Filmpjes - bleven in het geheugen en het hart van de jonge lezers. De Vlaamse Filmpjes van John Flanders betekenden een verademing, een vuurwerk, temidden die zeemzoete brave jeugdlektuur van die jaren. Het is erg moeilijk aan de magie van zijn meeslepende vertelkunst te weerstaan. De sfeerscheppende kracht van Jean Ray is beslist een unicum. Van uit een bijna fotografische beschrijving van een in de tijd en in de ruimte goed gesitueerde werkelijkheid brengt de kunstenaar - geschraagt door een meer dan gewone taal- en stijlkracht - het bovennatuurlijke bij het alledaagse. Door zijn ongeremde fantasie weet de auteur door te dringen tot het kollektief onbewuste oergeloof dat in ieder van ons nog ergens aanwezig is. Die andere dimensie - die beangstigt en tezelfdertijd bekoort weet hij als een nieuwe realiteit tegenover die alledaagse realiteit te plaatsen en als een mogelijke wereld te doen aanvaarden. De spanning tussen de realiteit en de andere diemensie zet de auteur om in fantastiek - die huiveringwekkend dicht bij onze eigen tijd staat - van de zuiverste graad. De stevige struktuur van zijn verhalen en de absoluut geniaal-virtuoze verbeelding plaatsen hem bij de grootmeesters van de fantastische literatuur. De generatie van Jean Ray - John Flanders is vooral gevormd door de Franse literatuur en genoot het onderwijs in de Franse taal - een deel van de Vlaamse burgerstand in België beschouwde het gebruik van Frans als een bewijs van sociale superioriteit. R. Minne - een generatiegenoot van Ray - sprak zelfs van de oprichting van een genootschap voor francofiele flaminganten. Jean Ray was tweetalig en gebruikte om zuiver opportunistische redenen de ene of andere taal voor het ene of andere werk.

O ===oooOoOooo=== O

L'écrivain qui suit la sombre étoile de la peur et se fait son chantre sera souvent abreuvé de fiel et d'hysope. JEAN RAY Les chemins étranges, 1943.


SF-MAGAZINE P. 09

De volledige bibliografie van Jean Ray-John Flanders samenstellen is een monnikenwerk dat nooit helemaal en definitief "af" zal zijn - helaas ! De auteur gebruikte - om wel bepaalde redenen - zoveel pseudoniemen dat iedereen de tel bij kwijtgeraakt. Ray schreef ontelbare verhalen en verhaaltjes en publiceerde deze onder verschillende pseudoniemen. Na lichte bewerking en aanpassing van de titel liet hij vroeger gepubliceerd werk opnieuw verschijnen. Albert Van Hageland, literair agent van John Flanders, stelde een korte bibliografie samen die opgenomen werd in het tijdschrift "Fiction" (mei, 1964). In "Cahier Jean Ray 1" verscheen een systematische bibliografie. Ondertussen had Jozef Peeters een chronologische bibliografie samengesteld die in 1973 verscheen : een aanwinst voor de vele Jean Rayvrienden. Alleen werk verschenen in boekvorm werd in dit eerste deel opgenomen (ongeveer 265 titels werden vermeld). 1975 zal een eerste aanvulling gepubliceerd worden.

Begin

Deze beknopte bibliografie is samengesteid naar de bibliografie verschenen in "Cahier Jean Ray 1" en gegevens verzameld na de publikatie van dit Cahier (de bibliografie was afgesloten per 1 maart 1973). Voor de volledige bibliografie verwijzen we naar


SF-MAGAZINE P. 10 "Cahier 3" (o.m. vertalingen en revues werden hler niet vermeld). Wanneer een werk verscheen onder het pseudoniem John Flanders werd dit vermeld. De titels voorafgegaan door een asterisk zijn nog in de boekhandel te verkrijgen. 1925

LES CONTES DU WHISKY Verhalenbundel. Brussel, La renaissance du livre. Heruitgaven : 1925 Paris, Le renaissance du livre. 1946 Brux., Atalante. 1964 In : Oeuvres complètes. Paris, Laffont. II. 1965 Les derniers contes de Canterbury suivi des plus belles pages de Les contes du whisky. Antw., W. Beckers. * 1966 Les contes du whisky suivis de La croissière des ombres. Verviers, Marabout.

1931

Met "HET VERVLOEKTE LAND" begint John Flanders zijn medewerking aan de "Vlaamse Filmpjes" en "Presto Films", uitgaven van de abdij van Averbode. In de reeks "Presto Films" verschenen er 41 korte romans en dit tussen 1934 en 1939. 43 "Vlaamse Filmpjes" verschenen in de eerste reeks (vóór 1940) en dit tussen 1931 en 1939; in de nieuwe reeks verschenen er tot 1964, 81 nummers; na het overlijden van de auteur werden regelmatig Vlaamse Filmpjes bewerkt en opnieuw gepubliceerd (17 nummers tot op heden). Voor de opgave van de titels verwijzen we naar Cahier 3". In januari 1931 verschijnt waarschijnlijk de eerste aflevering van "Harry Dickson", le Sherlock Holmes américain. Er verschijnen 178 afleveringen. Ray was de vertaler, bewerker en auteur van de reeks (verschenen tussen 1931 en 1940). De verhalen worden bewerkt en gepubliceerd (sinds 1966) door Marabout (er verschenen reeds 15 bundels = 75 verhalen). Ook in deel IV van de' "Oeuvres complètes (Laffont) werden 8 verhalen van Harry Dickson opgenomen (1966).

1935

SPOKEN OP DE RUWE HEIDE Averbode, Altiora. Heruitgaven : 1944 Altiora. 1955 Altiora. * 1971 Altiora.

J. Flanders.

Roman voor de jeugd.

Met een voorwoord door E. Verstappen.

1936

LE SECRET DE LA ROCHE-QUI-GRONDE J. Flanders. Korte roman voor de Jeugd. Averbode, Altiora.

1942

LE GRAND NOCTURNE


SF-MAGAZINE P. 11 Verhalenbundel. Brux. Les auteurs associés. Heruitgaven : * 1961 In : Les 25 meilleures histoires noires et fantastiques. Verviers. Marabout. 1964 in : Oeuvres compl~te~. Paris. Laffont. 11. 1943

LES CERCLES DE L'EPOUVANTE Verhalenbundel. Brux. Les auteurs associés. Heruitgaven : * 1961 In : Les 25 meilleures ... 1963 In : Oeuvres complètes. Laffont. I. MALPERTUIS Roman. Brux.

Les auteurs associes.

Heruitgaven : 1955 Paris. Denoël. * 1962 Verviers. Marabout. Met nawoord van Henri Vernes. 1964 In : Oeuvres complètes. III 197 Vertaling door Hubert Lampo. LA CITE DE L'INDICIBLE PEUR Roman. Brux. Les auteurs associés. Heruitgaven : 1963 : In : Oeuvres complètes. I. * 1965 Verviers. Marabout. Met nawoord van Jacques Van Herp. 1944

1946

LES DERNIERS CONTES DE CANTERBURY Verhalenbundel - raamvertellingen. Brux. Les auteurs associés. Luxe-uitgave. Heruitgave : 1944 Les auteurs associés. Gewone uitgave. * 1963 Marabout. Met nawoord van Henri Vernes. 1964 In : Oeuvres complètes. 1965 Antwerpen. W. Beckers. MYSTERES ET AVENTURES J. Flanders Presto Films. Brux. Atalanta. Heruitgave : 1966 La neuvaïne d'épouvante et autres nouvelles. Antw. W. Beckers. DE ZILVEREN KAAP J. Flanders Roman voor de jeugd. Brux. De pijl.


SF-MAGAZINE P. 12 Heruitgave : 1971 Lier, Van In. 1947

LE LIVRE DES FANTOMES Verhalenbundel. Brux. La sixaine. Heruitgaven : 1963 In : Les oeuvres complètes. I. 1966 Marabout. LA BATAILLE D'ANGLETERRE J. Flanders. Roman voor de jeugd. Averbode, Altiora.

1948

GEHEIMEN VAN HET NOORDEN J. Flanders. Roman voor de jeugd. Averbode, Altiora. Heruitgave : * 1972 Altiora. LA GERBE NOIRE Brux. La sixaine. Fantastische verhalen van o.m. A. Bierce, H. Heine, C. Crowe, T. OWen, A. Sauton, door Ray samengebracht. HET ZWARTE EILAND J. Flanders. Roman voor de jeugd. Averbode.

Altiora.

Heruitgave : * 1972 Altiora. 1952

HET SPOOKEILAND J. Flanders. Beeldverhaal. Averbode. Altiora.

1956

BIJ DE ROODHUIDEN J. Flanders. Bewerking van Vlaamse Filmpjes.

1957

Averbode, Altiora.

UN ROMAN DE LA MER J. Flanders. Heruitgave van Presto Films. Averbode.

Altiora.

1959

DE GEVANGENEN VAN MORSTANHILL HIRRO, HET KIND VAN HET OERWOUD LES PRISONIERS DE MORSTANHILL HIRRO, L'ENFANT DE LA JUNGLE Heruitgaven van Vlaamse Filmpjes en Presto Films. Averbode. Altiora.

1960

LA PORTE SOUS LES EAUX J . Flanders & Michel Jansen (= Jacques van Herp). Bewerking van "Le formidable secret du pôle" en "Aux tréfonds du mystère" (= Presto Films).


SF-MAGAZINE P. 13 1961

1963

1964

* LES 25 MEILLEURES HISTOIRES NOIRES ET FANTASTIQUES Verhalenbundel. Marabout. Met inleiding door Henri Vernes. Verhalen uit "Les contes du whisky", "La croisière des ombres", "Le grand nocturne", "Les cercles de l'épouvante", "Le livre des fantomes" en zeven niet eerder in boekvorm gepubliceerde verhalen. OEUVRES COMPLETES Paris. Laffont, 1963-1966. I-IV. Bevat : Le livre des fantôemes. Les cercles de l' épouvante. La cité de l'indicible peur. Les contes du whisky. La croisière des ombres. Le grand nocturne. SaintJudas-de-la-nuit. Les derniers contes de Canterbury. Malpertuis. Les nouveaux contes. Huit avontures de Harry Dickson. * LE CARROUSEL DES MALEFICES Verhalenbundel. Marabout. * LES CONTES NOIRS DU GOLF Verhalenbundel. Marabout. GRIEZELEN Verhalenbundel.

Hasselt.

VLUCHT NAAR BRADFORD Roman voor de jeugd.

Met nawoord van H. Vernes. Heideland.

J. Flanders Lier, Van in.

Heruitgave : 1965 Lier. 1965

Van In.

HERRIE OP OAK-LODGE J. Flanders. Roman voor de jeugd. Antw. De Centaur. OMNIBUS J. Flanders Bundeling van Vlaamse Filmpjes en "De geheimzinnige regenman". Brussel. Reinaert Uitgaven. DE KOPEREN DUIVELSKLAUW J. Flanders. Heruitgave Vlaams Filmpje. Lier. Van In. HET MONSTER VAN BURROUGH gevolgd door DE RODE BURCHT Korte romans. Antw. W. Beckers.

1966

GALGENAAS J. Flanders. Bundeling Vlaamse Filmpjes.

Antw. De Kentaur.

* LE LIVRE DES FANTOMES SUIVI DE SAINT-JUDAS-DE-LA-NUIT Verhalen en roman. Marabout.


SF-MAGAZINE P. 14 HET GEHEIM DER SARGASSEN J. Flanders. Roman voor de jeugd. Lier. Van In. * HARRY DICKSON Marabout 1966-1974. 15 Bundels. 1966 I. Inleiding door Henri Vernes. 1970 IX. Nawoord door Jacques van Herp. 1971 X. Nawoord door Francis Lacassin. 1971 XI. Nawoord door Jean-Baptiste Baronian. 1968

SUPER SUSPENSE-OMNIBUS J. Flanders. Bundeling van Vlaamse Filmpjes, en korte verhalen. W. Beckers. DE ANGST VAART MEE J. Flanders. Bundeling Vlaamse Filmpjes. Antw.

1969

VIERDE DIMENSIE Verhalenbundel.

Antw.

Standaard boekhandel.

J. Flanders. Hasselt. Heideland.

LE SECRET DE L'OCTOPUS door J. Flanders. Beeldverhaal. Antw. De Laet. 1970 1972

LE CAROUSSEL DU SUSPENCE J. Flanders. Bundeling van Vlaamse Filmpjes en korte verhalen.

Antw.

* CONTES D'HORREUR ET D'AVENTURES J. Flanders. Verhalenbundel. Paris. Collection 10/18. Met inleiding van A. Van Hageland. * HET SLAPENDE DAL J. Flanders. Roman voor de jeugd. Breda. Brabantia Nostra.

1973

* HET SLOT VAN DE HAVIK J. Flanders. Bundeling van Vlaamse Filmpjes. Antw.

W. Soethoudt.

* LA PLUS BELLE PETITE FILLE DU MONDE, gevolgd door DE GEHEIMZINNIGE MENEER GIGUS Jean Ray en John Flanders. Paris, AGori, luxe-uitgave van twee verhalen. 1974

* DE ZWARTE SCHADUW J. Flanders. Bundeling van Vlaamse Filmpjes. Averbode. * IN DE DUISTERNIS J. Flanders. Verhaal. Kessel-lo, Werkgroep Jean Ray. voor de leden.

MEDEWERKING AAN PERIODIEKEN

Altiora. Luxe-editie


SF-MAGAZINE P. 15 Het is een onmogelijke taak hier de medewerking van de auteur aan tijdschriften op te geven. We vermelden hier de belangrijkste periodieken waarin de auteur tijdens zijn leven publiceerde. (Begin 1975 zal de Werkgroep Jean Ray de bibliografie van de mede medewerking aan periodieken publiceren. Deze uitgave staat onder redaktie van D. Delvaux. De bibliografie zal ongeveer 300 blz. tellen.) L'AMI DU LIVRE : revue de littérature et d'art (1923-1925). Verhalen en kritische bijdragen. Jean Ray was literair direkteur van dit tijdschrift. AUDACE : verhalen. BRAVO : jeugdtijdschrift (1936-1940). Verhalen, korte romans, wetenswaardigheden, beeldverhalen. De auteur was redaktiesecretaris van dit tijdschrift. LES CAHIERS DE LA BILOQUE : ( 1952-1964). Verhalen. CINE - CINEMABLAD : (1919) In dit tijdschrift verschenen o. m. "La vengeance" en "Le gardien du cimètière". De auteur was hoofdredakteur. DE DAG (1934-1941). Journ. bijdragen. FICTION : verhalen LE JOURNAL DE GAND (1920-1923) : Verhalen en journ. bijdragen. Redaktiesecretaris. KAPOENTJE - LE PETIT LURON : verhalen. KUIFJE - TINTIN : verhalen. MICKEY : verhalen. LA REVUE BELGE : Verhalen. DE SPECTATOR : verhalen. TOUT : verhalen. HET VOLK : verhalen en journ. bijdragen. HET WEEKBLAD : verhalen en journ. bijdragen. WEIRD TALES : (Nov. 1934 - okt. 1935). Verhalen. ZONDAGSBLAD-SAMEDI : verhalen en journ. bijdragen. ZONNELAND - PETITS BELGES : verhalen en wetenswaardigheden. FILMOGRAFIE Langspeelfilms 1964 LE GRANDE FROUSSE (= La cité de l'indicible peur). Franse film van Jean-Pierre Mocky. Met o.m. J.-L. Barrault, F. Blanche, Bourvil, J. Dufilho. 1972 MALPERTUIS Belgische film van Harry Kümel. Met o.m. Mathieu carrière, Susan Hampshire, Orson Welles. Korte films 1964 La choucroute. Film van Jean Delire. 1966 L'homme oui osa. Film van Jean Delire. 1967 Les gardiens (=le grdien du cimétière). Film v. C. Mensnil. 1967 Ultra, je t'aime. (=un tour de cochon). Film v. P. Ledoux. 1968 La maison des cicognes. Film van E.G. De Meyst. ARLETTE DE HELDER


SF-MAGAZINE P. 16

- Uitgaven voorafgegaan door een asterisk zijn nog in de handel. - De uitgaven van de Werkgroep Jean Ray worden uitsluitend door de uitgever verspreid (Werkgroep Jean Ray, Lobergenbos 27 te 3200 KESSEL-LO. - licentiaatsverhandelingen werden niet opgenomen wegens de zeer beperkte verspreiding van deze teksten. - Sommige uitgaven van Jean Ray - John Flanders werden voorzien van een inleiding of nawoord. In de bibliografie werden deze bijdragen vermeld.


SF-MAGAZINE P. 17 -

Jacques Van Herp. : Jean Ray ou le combat avec les fantômes. In : Fiction. Nummer 38, januari 1957. Blz. 102-107.

-

Fiction : nummer 126, mei 1964. Spécial Jean Ray. Met bijdragen van A. Van Hageland en Jacques Van Herp. Vier verhalen van Jean Ray en een verhaal van Thomas Owen ("Au cimetière de Bernkastel") - waarin Ray de hoofdrol vertolkt - werden opgenomen.

-

Les cahiers de la Biloque : nov.-dec. 1964. samengesteld door Urbain Thiry.

-

Thomas Owen : Jean Ray, l'insaisissable.

-

Roger d'Exsteyl : Jean Ray tel que je l'ai connu. Center, 1972.

Een Ray-nummer

Liège, Dynamo, 1965. Gent, Art

- * Albert Van Hageland : John Flanders - Jean Ray. Antwerpen, Vlaamse Toeristenbond, 1972. 16 blz. 42BF. Reeks "Vlaamse Toeristische Bibliotheek", nr. 147. Met talrijke illustraties en beknopte bibliografie. -

Francis Lacassin : Jean Ray au retraite de la quatrième dimension. Magazine Littéraire. Nummer 66, 1972.

- * Hubert Lampo : Jean Ray - een Vlaams magiër. In : De zwanen van Stonehenge. Amsterdam, 1972. Deze bijdrage verscheen ook in het Nieuw Vlaams Tijdschrift (maart 1965). Uitgaven van de Werkgroep Jean Ray - * Cahier Jean Ray 1 1970. 60 blz. 100BF. Algemene inleiding tot de auteur en zijn werk. Deze studie bevat alle basisgegevens over de auteur : stamboom, levenskronologie, getuigenissen van tijdgenoten en metgezellen in de angst : Johan Daisne, Claude Seignolle, Hubert Juin en Thomas Owen. Teksten over de roman "Malpertuis" door Françoise Martin en Hubert Lampo. Een bijdrage over het thema van de parallelle werelden in het werk van de auteur door Marc Vuylsteke. Een bibliografie, ikonografie en filmografie besluiten dit cahier. Een werkdocument. - * Cahier Jean Ray 2 1972. 80 blz. 150BF. Met talrijke illustraties door o.m. H. Cornelis en R. de Ruyck. Enkele bijdragen met biografische inslag : "Losse herinneringen" door E. Verstappen, "Avec Jean Ray on ne sait jamais" door Jacques Van Herp. Enkele bijzondere facetten van het werk werden belicht : de reeks "Harry Dickson" door Colette Baribeau, "Spoken op de ruwe heide" door Jos Boven, de folkloristische bijdragen in het dagblad Het Volk door Henri Clément. Met een proeve van ikonografie en een


SF-MAGAZINE P. 18 artikel van Hubert Lampo waarin deze Ray voor het Vlaamse kultuurpatrimonium opeist. - *

Cahier Jean Ray 3

70 blz.

175BF

Bevat het eerste deel van de bibliografie van Jean RayJohn Flanders. De uitgaven werden systematisch geordend. Met voorwoord door Thomas Owen. - *

Cahier Jean Ray 4 68 blz. 150BF. Met bijdragen van P. Roller (Jean Ray et le Grand-Duché de Luxembourg), J. Boven (John Flanders als jeugdschrijver), Jo Krichbaum (Der Hundertste von Petonville), E. Verstappen (Le grand nocturne), R. Zondergeld (Proteus im Land der Stürme und des Regens), J. Peeters (Harry Dickson), H. Clément (Reporter John Flanders en de affaire van het Lam Gods in De Dag), Jo De Berg (Le thème du vampirisme dans l'oeuvre de Jean Ray). Ook twee verhalen van John Flanders werden opgenomen "De gauwdief" en "Le festin de Jonas Maran".

- *

Icon 1

Aangekondigd voor november 1975.

Jozef Peeters. Bibliografie van Jean Ray-John Flanders. Het derde deel van de Ray-bibliografie. Een alfabetische en analytische bibliografie met kronologisch en systematisch register. O ===oooOoOooo=== O La peur est d'essence divine, sans elle les espaces hypergéometriques seraient vides de dieux et d'esprits. Jean Ray. Les chemins étranges. 1943. L'art fantastique appartient au mystère des âges. Il a emprunté ses frissons à toutes les croyances et à les dieux. Délivré du fardeau de l'espace et du temps, il fait partie de l'intelligence de l'universo. Il est fabuleusement riche en magies, mais bien des clés en sont perdues. Jean Ray. Temps mêlées.

Nummer 47.

Verklaring bij de illustraties : P. P. P. P.

04 07 09 16

: : : :

portret van JEAN RAY. MALPERTUIS. LA CITE DE L'INDICIBLE PEUR. LA RUELLE TENEBREUSE.

door H. Cornelis. door H. Cornelis. door H. Cornelis.


SF-MAGAZINE P. 19

Het handschrift werd te Valdima in Chili gevonden door een indiaans bergloper en geschonken aan kapitein Cruyshanck, bevelhebber van de Engelse cargo "Endymion", waardoor het later de naam kreeg van "Handschrift Cruyshank". Het handschrift stak in een blikken bus die in een schede van steenachtige aard stak. Bij nader onderzoek bleek dit omhulsel gestolde lava. De zes beschreven velletjes waren geschroeid en bruin van de hitte, erg verbrokkeld en bijna onleesbaar. Veel ging zó verloren, de data, de naam van de vulkaan, en veel andere gegevens. Ook de manier waarop de schrijver en zijn gezel de tocht ondernamen bleef onbekend. Men kan alleen veronderstellen dat twee Amerikanen in een onbekende streek van het Chileense hooggebergte drongen en daar in één der vulkanen afdaalden. De bus werd in een ko kende lavastroom geworpen op het ogenblik dat deze begon te vloeien. Later werd de bus uitgeworpen en nadien door zwervende indianen gevonden die ze op hun beurt aan andere indianen gaven. De Amerikanen waren op zoek naar goud, en inderdaad de bus vertoonde sporen van zeer zuiver stofgoud. Men veronderstelt dat de Amerikanen tot staving van hun verhaal een hoeveelheid goudpoeder in de bus stopten. De hersamenstelling van het handschrift door kapitein Cruyshanck luidt als volgt :


Het is nu de derde dag. We dalen nu niet meer, maar volgen een scherp hellende gang die dieper en dieper in de aarde dringt en als pijp heeft gediend voor de uitstromende lava. We hebben onze namen in de stenen wand gebeiteld : HAMILTON BURNANT van Madison-Wisconsin. WALTER STOKE van Springfield-Illinois. De lucht in de gang is fris en koel, doch veel minder scherp dan daarboven. We hebben gelukkig een grote voorraad kaarsen en harstoortsen door ons zelf gemaakt. Volgens de verklaringen van de oude indiaan uit Chtiwa moeten we water vinden, vermits er vroeger stoomzuilen uit de krater opstegen. We zijn er trouwens van overtuigd, want, hoe meer we afdalen, hoe vochtiger de lucht wordt. Tot onze niet geringe verbazing snellen ons af en toe diertjes in het duister voorbij. We hebben er geen kunnen bemachtigen, zo schuw en schichtig zijn ze, doch in het licht der toortsen hebben we ze tamelijk goed kunnen onderscheiden. Ze gelijken veel op kleine witte honden, met spitse koppen en lelijke uitpuilende ogen. Ze blaffen echter niet en slaken alleen een lange zucht als ze op de loop gaan. Vierde dag. Plotseling staan we v贸贸r het water. Het is een groot, donker meer, wiens water niet de minste beweging heeft. De gang heeft zich eensklaps uitgedeind tot een onmetelijk gewelf. Wanneer we roepen, galmt onze stem zo vervaarlijk dat we 't liever niet meer doen. Het strand is tamelijk breed en dik grof zand. We hebben het onderzocht en er enige goudkorrels in gevonden. Dat gaf ons moed en terstond gingen we langs dit strand op weg. Eer komt geen einde aan. Nu en dan onderzoeken we het zand en vinden er steeds meer goudschilfertjes in. Op onze spirituslamp hebben we wat eten klaargemaakt. De witte hondjes zijn weer verschenen, doch hebben de kluifjes welke we hen voorwierpen geweigerd. Het moet nu buiten volkomen nacht zijn, vermits onze uurwerken elf uur in de avond aanwijzen. We leggen ons te slapen. Stoke eist echter dat er iemand blijft waken en geeft zelf het voorbeeld. Opeens wordt ik wakker geschud en ik hoor mijn gezel met gejaagde stem fluisteren. Kijk daar eens ! In de verte glijdt een groenachtig lichtschijn op het water. Het komt nader, maar toch kunnen we de aard niet bepalen. Stoke meent dat het licht uit het water zelf komt, alsof er een groen vuur in


in de diepten van het meer brandt. Daar dooft het uit en teerzwarte duisternis heerst rondom. Ik wordt een vreemde zoete geur gewaar en zeg het Stoke, maar hij is plotseling ingeslapen en ik voel me opeens doodmoe. Vijfde, of zevende of tiende dag ... weet ik het ? We zijn gevangen. Maar hoe en door wie, kunnen we niet zeggen. Ik meen nochtans dat de zoete bedwelmende geur ons deed slapen en ons aldus aan onze geheimzinnige vijanden overleverde. We zitten opgesloten in een ruime kooi met staven uit onbekend metaal. Het is niet volslagen donker; we zijn omringt door een groenachtige mist, die ons belet ver te zien. Even buiten de kooi blikken we in een diepte, waar een dikke slijmerige massa op en neergaat. We denken dat het lava is, ofschoon de hitte niet bijzonder groot is rondom ons; doch Stoke is van mening dat de mist een grote verkoelende invloed uitoefent, die wel kunstmatig zou kunnen wezen. De grond van de kooi is van zand, maar ongehoord rijk aan zuiver stofgoud. Men heeft ons niets afgenomen, integendeel, we zijn voorzien van twee schalen fris en helder water. De schalen zijn van zuiver goud. We moeten met de zonderlingen die ons gevangen houden, vriendschap zien te sluiten, betuigt mijn gezel, en hij roept ze aan. Doch er komt geen antwoord. Plots, zonder dat we weten hoe ze er gekomen is, staat er een derde sc haal in de kooi. Ze is gevuld met rauw vlees, en we denken dat we 't niet mis hebben, indien we vermoeden dat het afkomstig is van die vreemde witte hondjes. De groene mist blijft niet onbeweeglijk, nu en dan golft hij en kunnen we door de scheuren verder zien. Stoke is overtuigd dat hij in de wazige verte reusachtige gebouwen heeft gezien, maar de mist heeft alles spoedig weer bedekt. Weer is er een dag voorbij, doch een vreemd voorval noopt ons tot nadenken. Zo毛ven verscheen er opnieuw een nieuwe schotel met rauw vlees. Ik greep er terstond naar en voelde een weke ijskoude arm, die direkt werd teruggetrokken. Die arm was dus onzichtbaar ... Zijn we dan de gevangenen van onzichtbare wezens ? Is het mogelijk dat dergelijke wezens bestaan ? Weer roepen we ze aan, doch vruchteloos. Daarop heeft Stoke plots zijn geduld verloren en is aan 't schelden en 't razen gegaan. Tenslotte heeft hij zijn revolver genomen en, v贸贸r ik het hem kon beletten, verscheidene schoten tussen de tralies gelost. Ik heb haast dit neer te schrijven, want ik vrees dat het einde van nabij is. Stoke heeft weer eens zijn wapen afgevuurd, doch ditmaal volgde een zonderling klagend gehuil op het schot.


Een ogenblik later hoorde ik Stoke om hulp roepen en zag ik hem allerlei gekke gebaren maken, alsof hij aan 't vechten was. Ik wilde hem ter hulp snellen, doch voeld ijzige onzichtbare armen me omknellen. Machteloos moest ik toezien hoe mijn rampzalige gezel als door een stormwind werd opgetild en verdween ... Daarna hebben de armen me weer losgelaten. Daar zie ik dat de lavastroom onrustig aan 't klimmen gaat en de rand van de kooi gaat bereiken. Een gedachte ... indien ik mijn handschrift in een blik stak en ze in de lava wierp, dan zou het misschien buiten geraken en terechtkomen in de beschaafde wereld die ik wellicht nooit zal terugzien. ... Ho, de mist trekt op, het wordt opeens ontzettend heet ... in de verte zie ik een reusachtige stad met koepels en torens ... Hier eindigt het handschrift. Tot hoever mag men er geloof aan hechten ? Onderzoekingen te Madison en te Springfield hebben alleen geleerd dat Burnant en Stoke er onbekend waren.

John Flanders


SF-MAGAZINE P. 23

AUGUST LEUNIS - DIEST ... Heb "De beeltenis van het beest" en "De belustheid van het beest" van Philip JosĂŠ Farmer gelezen. Walgelijk, frustrerend. Ik heb er bijna van moeten kotsen. Nog erger dan gewonen porno. Toen ik het eerste hoofdstuk van "De beeltenis van het beest" gelezen had, walgde ik al. Toch heb ik mij de moeite getroost beide boeken uit te lezen. Ik kan maar niet begrijpen dat zo'n goed schrijver als Farmer zich op zo'n dubieus pad waagt. Enfin, ieder zijn mening. Ik heb niets tegen sex en erotiek, maar Farmer gaat hier toch veel te ver. En dat allemaal onder het mom van "fantasy & horror". Is Farmer misschien zelf het "beest" ? Misschien lokt deze brief veel reacties uit van verontwaardigde lezers, maar daar veeg ik mijn laars aan. Ik ben in het geheel niet preuts, maar bij mij is sexualiteit nog altijd de lichamelijke uitdrukking van echte liefde tussen een man en een vrouw, die elkaar oprecht beminnen. Elke andere vorm van sex, die daar niet mee te maken heeft, is voor mij perversiteit. Dat Farmer dan liever op gewone sexrommannetjes overschakelt. Dat hij daarin dan zijn onderbewuste frustraties in beschrijft en het lezerspubliek niet voor het lapje houdt. Spijtig van het schone geld, dat ik aan die beide boeken gegeven heb, als men het nog boeken noemen kan ... RED. : Het is voor ons, al redaktie, onmogelijk een waarde-oordeel te geven over de verschijnselen van de sexualiteit : iedereen heeft daar zijn persoonlijke opinie over en elke opinie is respectabel wanneer zij op dergelijke argumenten steunt. Per slot van rekening bestaat er vrijheid van mening in onze gewesten. Wat wij echter wel mogen en kunnen doen is een (zoals steeds : subjectief) waarde-oordeel over de letterkundige waarde en kwaliteiten van beide boeken geven. Met andere woorden :


SF-MAGAZINE P. 24 geen oordeel over de meningen van Farmer inzake sex, maar wel over stijl en inhoud van zijn boeken. Vreemd genoeg lopen ook hier de meningen uiteen : Eddy C. Bertin bv., is van mening dat er uitstekende passages in beide boeken voorkomen, waarmee hij ook weer niet bedoelt dat het om meesterwerken zou gaan; Simon Joukes is daarentegen van mening dat het inderdaad om stuiversromans gaat en dat Farmer, vooral in zijn "Strange Relations" en in zijn "Universe"-reeks veel hogere toppen scheerde. Ja, het is inderdaad vaak een kwestie van persoonlijke appreciatie. ... Heb verleden week een zogeheten griezelfim gezien : "De krocht van de vampier", met Christopher Lee in de hoofdrol. Nog zo iets infantiels. Denkt u dat de vrouwen en meisjes in de zaal ook maar één keer een gil hebben geslaakt zo als gewoonlijk bij een goede griezelfilm ? Zelfs mijn zeer gevoelige verloofde kon niets anders dan ermee lachen. Goedkope griezeleffekten, zoals het afkappen van de handen van een opgehangene, reïncarnatie van een spook in de dochter van de kasteelheer, onweer, een vampierbeet, het zwerven in donkere kelders, het openen van een graf, enz. Dan was Christopher Lee in zijn Dracula-films toch wat beter. Ik raad dus iedere horror-fan af deze film te gaan zien. Heb in de bioscoop ook nog een SF-film gezien : "De planeet van Godzilla", van Ishiro Honda, met Lee Hunter en Dan Yuma. Nog erger dan de vorige film. Gewoon kinderachtig en gewoonweg onmogelijk en ongelooflijk. Beschamend hoe weinig goede SF-films er op de markt komen. Ik geef maar één voorbeeld van dat onmogelijke, dat boekdelen spreekt, want ik kan er eenvoudigweg geen woorden meer aan verspillen, zo slecht is de film : "voorhistorische monsters die in de ruimte vliegen en een Japans ruimteschip aanvallen". Echt waar. Het geheel is te lachtwekkend. Ofwel is het zo dat Ishiro Honda met deze film een parodie op de SF-film heeft willen maken, dan is hij daar verduiveld goed in geslaagd, anders kan ik het niet begrijpen. En daar geef ik, dommerik, mijn geld aan. RED. = we zullen proberen een genuanceerd antwoord te geven, al is dit in het korte bestek van een lezersrubriek zeer moeilijk. De criteria die de grondslag van de fantastische en de SF-film vormen, overlappen slechts gedeeltelijk de criteria van de "klassieke" film. Zo is het bijvoorbeeld vaak het geval, dat een horrorthema aan welbepaalde wetten gehoorzaamt die door de outsider "gemeenplaatsen" kunnen worden genoemd, maar die niettemin als het ware de pijlers zijn van het genre. Origineel is een "gillend lijk" in een griezelfilm beslist niet, maar het probleem is juist dat een griezelfilm op dergelijke punten helemaal niet origineel hoeft te zijn. Veeleer komt het aan op het scheppen van een bepaalde atmosfeer en precies in "versteende" genres als de griezel, wordt gebruik gemaakt van steeds weer dezelfde methoden om die sfeer voor te stellen : de gemiddelde horrorfan huivert niet meer van een afgehakte hand. Dat is voor hem gewoon een veelgebruikt symbool om een bepaald iets voor te stel-


SF-MAGAZINE P. 25 len, evenzeer als bijvoorbeeld een Ingmar Bergman in zijn films regelmatig gebruik maakt van spiegels, water en de kreet van de koekoek, het kammen van het haar om de onschuldige reinheid te verzinnebeelden. De waarde van een griezelfilm ligt dus niet in de getoonde attributen, maar in de symboliek er omheen, het spel van de akteurs (tot in hun minst originele clichĂŠs en tics) en de filmische kwaliteiten. Waarmee ik niet wil ontkennen dat de film in kwestie bepaald geen hoogtepunt terzake is. Verdere commentaar laat ik gaarne over aan onze specialisten Eddy C. Bertin en Gilbert Verschooten. Ik verband met de film van Honda, geldt bovendien ook het bekende "Sense of Wonder" : we weten wel dat monsters in de ruimte zeer onwaarschijnlijk zijn, maar vanaf het ogenblik dat dit een gegeven is van de film, aanvaarden we dat als SF-lezers en -kijkers. Onze beoordeling is dan verder eerder gebaseerd op de innerlijke waarschijnlijkheid van de film als zodanig : dat is precies wat ons onderscheid van de "klassieke" lezers en kijkers. Bovendien zijn de monsters van Honda op zichzelf al prachtig. Nogmaals : bovengenoemde film is geen hoogtepunt in de SF-film maar toch een zeer onderhoudende prent (commentaar van Simon Joukes). O ===oooOoOooo=== O

Sfancon 5 op 30, 31 augustus en 1 september 1974 te Gent. Vergeet het niet !


SF-MAGAZINE P. 26

DE GELIJKTIJDIGE MAN door Ralph Blum Bruna SF-30. 1973. 189blz. 56BF "The Simulteneous Man" uit 1970. Het geheugen van een wegens moord veroordeelde neger wordt uitgewist en vervangen door het geheugen van een wetenschappelijke staffunctionaris. De echte geleerde wordt afgezonderd, zodat hij zijn tweede "persoonlijkheid" niet kan beïnvloeden, dit alles in het raam van een ultrageheim Amerikaans oorlogsprojekt. De geleerde lijdt echter onder obcessies opgedaan in een Japans concentratiekamp en onder de dood van zijn vrouw, en ook deze gaan over op zijn tweede "ik", die het hazenpad kiest naar Rusland. De eerste echte "ik" wordt er dan maar achteraan gestuurd om hem terug te halen, maar het resultaat is niet precies wat men verwacht. Jammer, zo gezien lijkt het een interessante roman, maar het blijkt een langdradig, vervelend en verward boek, ondanks de interessante "technische" gegevens die we leren kennen tijdens de periode van uitwissing en installatie van een nieuwe persoonlijkheid. Zelfs het sinistere slot kan het gebrek aan aktie en aan belangstelling in de hoofdpersoon niet goed maken. IN SPIN - OPNIEUW GAAT DE BOCHT IN door Ef Leonard. Bruna FeH-11. 1973. 192 blz. 56BF. Ef's tweede bundel, waarin het titelverhaal dat de eerste prijs won in de BRT/NOS-radioverhalen-wedstrijd. Een verhaal over intelligent geworden gemuteerde reuzenspinnen die na de mens de aarde bevolken, gezien door de ogen van de laatste échte mens, een verhaal dat we - ondanks de styllistische kwaliteiten - noch psychologisch noch wetenschappelijk konden slikken. Gelukkig leeft Ef zich ten volle uit in de 12 andere verhalen, waarin psycho-horror en een bizarre soort SF/fantastiek domineren. Denken we maar eens aan onze eigen favoriet, HET KCAJ-RAPPORT, waarin Jack The Ripper zich ontpopt als een eenzame alien op aarde, of het sinistere HET DROSTE-EFFEKT, een verschuiving van realiteit vs TV. Misschien verkiest u een vleugje Griekse mythologie, en Zeus in moderne vorm in ZEUS IN DE RANDSTAD, of de psychologische aftakeling van een man met té veel fantasie in HET LAATSTE GEVECHT. Niet allemaal even goed, verhalen als YESTERDAY en DE GEPASSIONEERDE BARJUFFROUW zijn uitstekend doch lijden onder een verwarrend of onlogisch slot, terwijl het zwarthumoristische vampierverhaal EEN HAAR IN DE SOEP ons bitter wei-


SF-MAGAZINE P. 27 nig kon bekoren. Het hoogte- én dieptepunt van de bundel zit in DRIE H EMELSE VERHALEN : nr. 1 (uit "Morgen") is een SF-hiernamaals, om dóód te slaan, terwijl nr. 2 (uit "Trifid" een werkje is om nooit te vergeten, beslist niet als je een Beatles-fan bent. Een zéér gevarieerde en leesbare bundel, die enkele pareltjes van de fantastische vertelkunst bevat. DRACULA door Bram Stoker Bruna FeH-18. 1973. 382blz. 98BF. Ja, iedereen kent wel deze onvergetelijke klassieker uit 1897, Dé vampierroman bij uitstek, maar we denken wel dat deze uitgave even het vermelden waard is. In het Nederlands bestaat er een gebonden uitgave in oude spelling (jaar onbekend), verder een Mimosa-pocket (omtrent 1958) met een cover van Carol Thole ? en de Van Ditmar uitgave van 1968, allen lang uitverkocht. Het werd nu ook herdrukt in geïllustreerde pocketuitgave ... aan 300BF. Dan ben je beslist beter met deze eveneens integrale versie aan 1/3 van de prijs, al heb je er geen tekeningetjes bij ! BALLINGSPLANEET

door Ursula K. Leguin.

Spectrum 1973. Prisma SF nr. 1590. 158 blz. 49BF Originele titel : Planet of Exile. 1966. Een typische LeGuin-roman, waarin een buitenaardse kultuur in alle details zeer geloofwaardig getekend wordt in het kader van een eerder routine-liefde-avonturenplot. Een schip met Aardse kolonisten is neergestort op een verre planeet, en alhoewel ze het al zeshonderd jaar uithouden daar, vermindert hun getal toch, omdat de reglementen hun beletten hun wetenschappelijke kennis te gebruiken ten overstaan van de inboorlingen. Zo ontstaat het konflikt tussen de "vergeborenen" (de kolonisten) en de Hilvo's, het dominerende ras, wiens psycholologische constitutie erin bestaat te vergeten wat gisteren was en zich niks aan te trekken van hetgeen morgen komt ... behalve de winter. Een seizoenjaar duurt 60 aardse winters, zodat de meeste Hilvo's slechts één vijftienjaardurende meedogenloze winter meemaken in hun leven. Vermenging met de vergeborenen bleek onmogelijk, en deze worden nu beschouwd als heksenmeesters. In het tiende seizoenjaar echter komen de Gaäl aan, voortgejaagd door de winter, en zij vernietigen alles op hun weg. De enige redding ligt in een samenwerking tussen de twee minderheidsgroepen, maar zal het naderende gevaar volstaan om de taboes en de kortzichtigheid te doorbreken ? Het verhaal speelt zich alternatief af in de twee in zichzelf gesloten maatschappijen, verbonden door de romance van de leidende Hilvo's dochter met een vergeborene. Men vergeet al vlug dat het verhaal zelf weinig nieuws brengt, en wordt meegesleept door de personages, en LeGuin's vaak zeer poëtische taal en schrijftrant, temeer omdat zij deze primitieve beschaving met hun eigen taboes en gebruiken uitermate geloofwaardig


SF-MAGAZINE P. 28 weet te tekenen. OPERATIE KOEKOEK

Door John Wyndham

Spectrum, 1973. Prisma SF nr. 1593. 190 blz. 57blz. Originele titel : "The Midwich Cuckoos", alias "The Village of the damned". Een herdruk van Prisma nr. 837 uit 1963, die wel het vermelden waard is voor wie de eerste uitgave niet bezit. Een steengoed, typisch Brits SF-verhaal, sober en degelijk uitgewerkt en toch met een sterke sfeerschepping; tevens een der beste verhalen waarin het thema van met ESP-krachten begaafde kinderen bewerkt wordt. Voor nieuwkomers : in een afgelegen Engels dorpje worden alle vrouwen zwanger, en brengen kinderen ter wereld die schijnbaar normaal zijn, doch die functioneren als een groepsgeest, en die naarmate ze ouder worden steeds krachtiger ... en onaardser worden, totdat zij een bedreiging beginnen te vormen. Een der beste werken van John Wyndham. DE G.O.D. COMPUTER door David Gerrold. Spectrum, 1973. Prisma SF nr. 1596. 246 blz. 73BF. Beslist een der origineelste romans die ons de laatste jaren bereikten, in feite de eerste grote roman van deze jonge, Amerikaanse auteur, in de VSA reeds bekend door zijn roman "The Space Skimmer" en zijn eerste verhalenbundel "With a Finger in my I". Delen van zijn roman verschenen trouwens als afzonderlijke verhalen in Galaxy in 1969 en 1972. Het is het verhaal van de Humanotype Analoge Robot Levens-Input Equivalent, kortweg HARLIE, een computerbrein dat de mens zo na is dat hij moet opgevoed worden. We krijgen een kijkje op de menselijke natuur zoals gezien door deze pseudo-menselijke computer die probeert het raadsel van "menselijkheid" te begrijpen en te doorgronden, en dit gaat via filosofie, poëzie, wetenschap, sex, en nog veel meer. Parallel met Harlie's groei verloopt de veranderende zienswijze va n Harlie's schepper, de enige die wèrkelijk nauw met hem verbonden is, en ook de enige die een weinig inzicht krijgt in Harlie's psychologie. Harlie schept diverse problemen naarmate hij "verstandiger" wordt, en meer macht krijgt dan wel goed is, maar het grootste probleem komt wanneer hij op zoek gaat naar God, en uiteindelijk besluit zelf een G.O.D. te scheppen. Een boek met diepgang dat bovendien enrom vlot leest. Zeker aanbevolen. DE WACHTVELDEN door J.G. Ballard Meulenhoff SF nr. 61. 1973. 185blz.

85BF.

Negen uitstekende verhalen, grotendeels gekozen uit de Britse bundel "The Overloaded Man". Dit is de échte Ballard in zijn glorieperiode, cynisch, romantisch, vertederend, wreed en poëtisch, vermenging van de inner-space met een verschuivende werkelijkheid, of het nu persoonlijke psychose is van de enkeling zoals in "Overbelast", of de nachtmerrie-achtige toekomststad in "Agglomeratie", een sinistere variant op het trukje van de


SF-MAGAZINE P. 29 lezer zelf bij het verhaal te betrekken zoals in "Nul : nu" of een moord door het gebruik van geluid zoals in "Opname 12", steeds blijft Ballard even onconventioneel, even ver verwijderd van de geijkte paden van de SF. Bij het herlezen van deze verhalen moet men zich wel de bedenking maken hoe jammer het is dat deze auteur nu ook het pad van wat ik toch "zuivere SF" zou willen noemen verlaten heeft, om zich in experimenten zoals "The Atrocity Exhibition" en "Crash" te storten. Absoluut aanbevolen. XANADU door Theodore Sturgeon Meulenhoff SF-65. 1973. 327blz.

Fl. 7,50.

Dertien verhalen van Ted Sturgeon, overwegend in de novellalengte, waarvan de meesten jammer genoeg dateren uit zijn periode 1940-1960, en helaas maar al te vlug hun magazine-oorsprong verraden. Dit op zichzelf is nu geen negatief punt, praktisch alle SF-verhalen verschijnen eerst in tijdschriften, maar Sturgeon is enorm veranderd sedert de tijd waarin sommige hierui geschreven werden : Xanadu, De hemel zag zwart van de schepen, nachtmerrie's van Parallel X, De hurkel is een gelukkig dier ... ze zijn vlot geschreven, maar die diepe menselijkheid van Sturgeon zit er nog niet in, ze zijn te licht, te avontuurlijk, teveel op aktie afgestemd. Zelfs de vaak-geanthologeerde "Het gedenkteken" en "De wessenflinkel" vallen tegen bij herlezing. Gelukkig had Ted echter reeds dan nog een ànder talent, nl. een héél speciale smaak voor het makabere, het onwezenlijke, die brengt hij volop tot uiting in "Talent" en "De teddybeer van de professor", en ondanks de melodramatiek komt een anti-atoomverhaal zoals "De donder en rozen" toch nog goed over. En natuurlijk is er ook de vernieuwde auteur met het sarkastische "Jong geleerd" en vooral zijn antwoord op pollutie "Op het scherp van het ontleedmes". Naar onze bescheiden mening had men voor deze auteur meer in het recentere werk van deze zo veelzijdige auteur moeten putten, en het grootste deel van de oudere verhalen links laten liggen. De lezer zelf merkt maar al te goed het grote contrast tussen de verhalen onderling. E. C. BERTIN O ===oooOoOooo=== O


SF-MAGAZINE P. 30

Ditmaal nemen we eens een kijkje op enkele belangrijke recente hardcovers. De eerste twee zijn van twee oude pro's uit onze eigen branche, en beide romans werden hoog genoteerd bij de verkiezing van de Hugo's, hoewel geen ervan bekroond werd. DYING INSIDE door Robert Silverberg Scribner's Son, N.Y. 1972, 245 blz., $ 6.95. Dit is typisch moderne Silverberg, de ondertitel is zelfs gewoonweg "a novel". Het is het sobere, sombere en indringende psychologische portret van David Selig, telepaat. We ontmoeten hem op het moment dat hij het grootste crisispunt van zijn leven benadert : Selig is een treurige persoonlijkheid, een mislukkeling op alle levensvlakken, een man die een psychische eigenschap bezit die hem naar de hoogste toppen zou kunnen voeren hebben, maar wiens psychologisch patroon er te zwak voor is. Hij is een verbitterde eenzaat geworden, overgeleverd aan zijn herinneringen en zelfmedelijden. Zijn telepatische gaven die er eerst voor gezorgd hebben dat hij zichzelf afsloot voor zijn medemens zijn nu zijn enige bescherming en verweer tegen de vijandige wereld ... en deze psychische kracht is aan het verdwijnen. Selig "sterft inwendig". Silverberg probeert zelfs geen uitleg te geven over het ESP-verschijnsel zelf, enkel het wezen Selig is van belang. Welk cynisme deed de auteur precies de naam "Selig" (Duits voor gelukzalig) kiezen ? Een indrukwekkend psychologisch portret. THE LISTENERS door James E. Gunn Scribner's Son, N.Y. 1972, 275 blz., $ 6.95. Hierin wordt het communicatieprobleem met de ruimte aangesneden. Reeds 50 jaar lang bestaat het "Projekt" in een vallei in Puerto Rico, de enorme antenne die de signalen opvangt uit de ruimte en


SF-MAGAZINE P. 31 probeert te ontdekken of er niet ergens een bewijs tussenzit van onaardse intelligentie. En rondom het enorme oor, zitten de Luisteraars, wachtend, zoekend, en wachtend op een signaal dat misschien nooit zal komen, en dat - àls het komt - misschien niet als dusdanig zal herkend worden. En als de boodschap komt, HOE er op te reageren ? Gunn snijdt een belangrijk probleem aan, misschien hèt belangrijkste van de SF-literatuur : zijn wij al dan niet alleen in het heelal ? Het boek zelf echter, dat zich spreidt over enkele generaties van "luisteraars" verloopt uitermate statisch, en is overvol met allemaal goede en vriendelijke en lieve mensen, die allemaal uiteindelijk het nut van het bestaan van het projekt inzien en er aan willen meehelpen. Een stevig basisidee, maar alles - zelfs de ernstige emotionele conflikten - lopen zo zoetjes af, dat het een beetje teveel van het goede is. We spraken vroeger al eens over "Cyborg", dat nu verfilmd is en eveneens als TV-reeks loopt in de USA. Hier is nu het vervolg : OPERATION NUKE door Martin Caidin Arbor House, 1973, 240 blz., $ 6.95. Het verhaal speelt zich af in een niet zo verre toekomst. Afrika is in de greep van een machtstrijd die de verdere wereldpolitiek zal beïnvloeden, wanneer zowel Oost als West ontdekken dat er een enorme internationale organisatie bestaat die er een privéhandel in nucleaire-wapens op nahoudt ... inbegrepen het plaatsen en detonneren ervan. Dit alles ten gunste van de meestbetalende. Cyborg Steve Austin half mens - half vernietigingsmachine wordt ingezet en slaagt erin om zich in de organisatie in te werken, doch uiteindelijk wordt hij een machteloze babysitter bij atoombom in het hartje van Atlanta City, USA, een bom die elk moment tot ontploffing kan gebracht worden. Aktievolle, utopische thriller, maar geen echte SF. Gregory Kern's toekomst-Bond is weer aan de gang in Cap Kennedy nr. 4 : ENEMY WITHIN THE SKULL door Gregory Kern DAW-Books, 1974, 127 blz., 75¢, Gaughan-cover. Enkele vreemde zinloze gewelddaden maken FATE onrustig : iemand heeft een drug ontwikkeld dat zowel vloeibaar als in gasvormige toestand kan toegediend worden, en dat elke rem op de dierlijke instinkten in de mens teniet doet. De onaardse macht die hiermee experimenteert dient gevonden en vernietigd te worden, vooraleer de drug op grote schaal kan gebruikt worden.. Boordevol aktie, zoals gewoonlijk. Tamelijk contrasterend met deze zuivere ontspanningslektuur is


SF-MAGAZINE P. 32 THE BOOK OF PHILIP K. DICK DAW-SF nr. 44, 1973, 187 blz., 95¢, Thole-cover. Een reeks oudere verhalen van Dick, niet allemaal even kele ervan zijn reeds bekend uit anthologies of oudere zoals "Breakfast at Twilight", "Nanny" en "The Turning Een kluifje naar de hand van liefhebbers van deze niet gemakkelijk leesbare auteur.

goed. Enbundels, Wheel". altijd

Ace Books hebben eens een hoofdvogel met een lijvige en uitstekende anthologie : BEST SCIENCE FICTION FOR 1973, verzameld door Forrest J. Ackerman Ace Books nr. 91360, 1973, 268 blz., $ 1.25. Naast Forry's voor- en nawoord krijgen we tevens een vlotte Worldconspeech door Fred Pohl over de veranderingen die de SF ondergaan heeft gedurende de jaren, en acht verhalen, niet allen het "beste" maar allen degelijk geconstrueerd en vlot leesbaar. In Spinrad's "A Thing of Beauty" maken we mee hoe een toekomstig salesman probeert de monumenten van een grotendeels vernietigd Amerika te verkopen aan een stinkendrijke Japanner, als souvenier voor zijn tuin; Thomas Scortia schildert een prangend beeld van een onaardse liefdesverhouding in "By the time I get tot Phoenix", Robert Bloch gooit zich op het ultieme paradijs van een machtswellusteling : door cloning bevolkt hij zijn wereld met zichzelf. Verder nog Silverberg, Farmer, Van Vogt, Pohl ,en Rothman. Van Vogt is ook opnieuw van de partij in de Ace-herdrukken, ditmaal met : THE SILKIE door A.E. Van Vogt Ace nr. 76501, 1973, 191 blz., 95¢. Dateert oorspronkelijk van 1969. Een typisch Van Vogtiaans super-science-avontuur met zijn nieuwe superman, de Silkie, een "mens"-wezen dat zowel te land als te water als in de ruimte zelf tehuis is. De roman zelf is gebaseerd op drie novelles die in "If" verschenen, en is eerder klungelig samengeschreven. We blijven even in de herdrukken met twee vlotte kortromans van Andre Norton : STAR HUNTER - VOODOO PLANET door Andre Norton Ace nr. 78192, 1973, 159 blz., 95¢, Jeff Jones-cover. De eerste roman handelt over de speurtocht door een interstellaire safari op zoek naar een man wiens brein gereconditioneerd geworden is met iemands anders breinschema, en die zijn eigen krachten niet kent. Het tweede avontuur is een meer klassiek superscience-vs.-hypnotische-hekserij-op-een-verre-planeet-verhaal.


SF-MAGAZINE P. 33 Oorspronkelijk twee halve Ace-doubles uit 1959 en 1961 die omtrent 1965 al eens samen verschenen in herdruk. Bij Ballantine een nieuwe en uitstekende verzameling van Frederick Pohl's magazineverhalen van de laatste jaren : THE GOLD AT THE STARBOW'S END door Frederick Pohl. Ballantine nr. 02775, 1972, 215 blz., S 1.25. De titelnove lle behandelt een experiment waarbij men probeert aardmensen zover te krijgen dat zij hun zuivere geest gebruiken kunnen, en dit met ontstellende resultaten. "The Merchants of Venus" is een boeiende speurtocht naar de overblijfselen van een teloorgegane beschaving op Venus. De drie andere verhalen zijn allen aan de cynisch-satirische kant en eerder zwakjes wanneer vergeleken met de twee novelle's die 3/4 van het boek in beslag nemen. Roger Zelazny is terug aan de slag, en voor eenmaal heeft hij de creatie van eigen mythologiën terzijde gelaten om een meer zuiver SF-verhaal in "Damnation Alley"-traditie te schrijven : TODAY WE CHOOSE FACES door Roger Zelazny Signet, 1973, 174 blz., 95¢. Zelazny heeft "De Peetvader" gelezen en gedacht, dat kan ik beter. Persoonlijk vinden we het resultaat nu zó denderend niet. De leider van een Maffia-groep (?) wordt neergeschoten, doch vooruitziend zijnde heeft hij voor zijn overleving gezorgd : hij wordt ingevroren, en in de verre toekomst door zijn Xste nakomeling heropgewekt. De "Familie" heeft hèm nodig, als huurdoder die nog de wilskracht bezit van een voorbije tijd, en tijdens zijn laatste opdracht ontdekt hij het geheim van "cloning". Doordat Zelazny ons als lezer dan echter té weinig informatie verstrekt ontaardt een groot deel van het boek in een verwarde utopische mensenjacht in een schijnbaar eindeloos groot "Huis" met "18 deuren", en het duurt lang vooraleer we beseffen dat gans de mensheid geconditioneerd werd en dat het Huis met 18 deuren de doorgans vormt naar achttien koloniseerbare planeten. We raken opgescheept met een reeks mensen die allemaal dezelfde blijken te zijn, en die stuk na stuk vermoord worden waarna hun ego in de volgende overgaat. Het slot lost alles wel op, maar de verwarring die heerst gedurende 2/3 van het boek, irriteert toch. O ===oooOoOooo=== O


SF-MAGAZINE P. 34

Traditioneel wordt door SFAN jaarlijks een algemene ledenvergadering gehouden, teneinde alle leden toe te laten inspraak te hebben inzake leiding en algemene politiek van hun vereniging. Waar deze vergadering vroeger bij het begin van het jaar plaatsvond werd het beter geacht deze naar het einde hiervan te verschuiven, aangezien nieuw aangeduide bestuursleden daardoor ruimere tijd krijgen hun programma uit te werken, voornamelijk dan voor wat de jaarlijkse convention betreft. Een algemene ledenvergardering wekt licht de indruk een saaie en droge bijeenkomst te zijn; toch worden er belangrijke beslissingen genomen, waaraan een maximurn aantal leden zouden dienen deel te nemen. Nu is de verplaatsing voor velen inderdaad een vrij moeilijke zaak. Niet iedereen kan zich op de gestelde dag vrijmaken om zich naar een soms betrekkelijk verafgelegen vergaderplaats te begeven. Daarom meenden wij dat het nuttig zou zijn ieder lid de kans te geven zijn stem uit te brengen, zonder "lijfelijk" aanwezig te zijn. Het zal iedereen dus mogelijk zijn per brief te stemmen, hoewel vanzelfsprekend een effectieve deelname aan de gesprekken bijzonder op prijs zou worden gesteld. Dit stelt ons voor de verplichting iedereen, voor de vergadering zelf, in kennis te stellen van de punten waarover gediscussieerd zal dienen te worden. Wat wordt nu op de ledenvergadering beslist ? Alles kan er letterlijk ter sprake worden gebracht. In de ruimste zin. Dit betekent dat voorstellen welkom zijn in verband met de herinrichting van de vereniging, in verband met de struktuur van haar dagelijkse leiding of in verband met de opvatting van haar blad. Tevens is het traditioneel bij gelegenheid van deze vergadering de groep mensen te hernieuwen, die belast werden actief het verenigingsleven te leiden : d.w.z. het clubleven, de "public relations", de administratie, de bibliotheek, de samenstelling en de vormgeving van SF-MAGAZINE. De groep mensen, die wel eens het "bestuur" van een vereniging worden genoemd. Vergis U in dit verband niet : deelname aan het bestuur van een vereniging als de onze is hoegenaamd geen eretitel alleen. Het is in de eerste plaats een zware taak, en een zware verantwoordelijkheid.


SF-MAGAZINE P. 35 Een kleine berekening leert ons dat om de gestelde taak naar behoren uit te voeren elk "bestuurslid" minstens een tien tot twintig uren werk per week bij op zich dient te nemen. Werk uiteraard 's avonds laat - en soms heel laat - of in het weekeinde dient plaats te vinden. Werk waarvoor vakantie-dagen dienen opgeofferd en (wat voor sommigen nog erger is) ook voetbalavonden op TV. U begrijpt dat vijf jaar werking onvermijdelijk een tol eist en dat "slijtage" in het bestuur onvermijdelijk wordt. Meteen nemen wij de gelegenheid te baat ons begrip te herhalen voor diegenen die er in de loop van deze periode mee dienden te stoppen en vooral onze dank te betuigen voor het prachtige werk dat door hen op allerlei gebieden werd geleverd. Om al deze redenen is het juist zo belangrijk dat nieuwe mensen regelmatig nieuwe ideeĂŤn aanbrengen en taken op zich komen nemen, wat ook de voornaamste bedoeling van een ledenvergadering is. Geen toekenning van vage titels, doch een bewuste taakaanvaarding. Schematisch kunnen wij de werking van SFAN en de te verdelen taken als volgt weergeven.

Bovenstaand schema heeft een informatieve waarde, en wel teneinde eventuele kandidaten in te lichten omtrent de huidige gang van zaken, omtrent de aard en de omvang van het te leveren werk en omtrent de verhouding welke ons inziens tussen verschillende actieve medewerkers zou dienen te bestaan. Bovendien zijn wij van mening dat wanneer deze taken als het ware als "full time" dienen aanzien, vrijwilligers die wel wen-


SF-MAGAZINE P. 36 sen mede te werken, doch dit niet op dergelijke intensieve wijze men te kunnen doen, zich als kandidaat-medewerkers zouden opgeven bij een of andere te begeven functie. Dit zou ieder "actief medewerker" de kans biedens zijn team te vormen en zijn ideeĂŤn uit te bouwen. Sommige aspecten van onze verenigingsactiviteit zijn nl. aan dringende uitbreiding toe. We denken hier ondermeer aan de organisatie van het clubleven, met kernen zoals deze te Gent bestaan, aan het verder bekend maken van onze werking en aan contacten met soortgelijke verenigingen in de Benelux en in Europa, teneinde tot interessante uitwisselingen te kunnen komen. Vooral de vergelijking met wat anderen doen lijkt me in dit stadium kapitaal, teneinde uit te maken welke richting we met onze vereniging en met ons blad uitwillen. Praktisch nu : Behoudens tegenbericht gaat de algemene ledenvergadering door Te Gent, op zaterdag 19 oktober, in de namiddag. Plaats en uur worden later medegedeeld. Uiterlijk 5 september verwachten wij van u : - uw suggesties in verband met de werking van SFAN; - uw kandidatuur : hetzij voor een "full time" medewerking aan de bestuurstaken. In dit geval zet u in maximum tien lijnen uiteen wie u bent, wat uw visie is op de functie die u wenst op zich te nemen en hoe u meent dit te verwezenlijken. hetzij een "part-time" medewerking aan een der voorgestelde taken. In het septembernummer van SF-MAGAZINE zullen dan de verschillende kandidaturen worden opgenomen, samen met hun justificatie. Tevens zal de leden een formulier worden bezorgd waarop zij hun stem kunnen uitbrengen. Zij worden verzocht deze formulieren eveneens te bewaren indien zij persoonlijk de vergadering wensen bij te wonen, aangezien de stemming daar geheim zal zijn. Verder zullen u in het september of in het oktobernummer een reeks statuten voor onze vereniging worden voorgesteld. Het is nl. de mening van vele medewerkers dat een correcte organisatie ook de correcte naleving van de op zich genomen taken in de hand werkt. O ===oooOoOooo=== O


SF-MAGAZINE P. 37

UITGEVERIJ MEULENHOFF M=SF 69 70 72 71 74

Sam Lundwall : Wat is SF (SF What's All About). Frank Herbert : Duin (Dune). Eric Frank Russel : Welkom op aarde (bundel). Philip K. Dick : De spelers van Titan (The Game players of ....) Jack Vance : De stervende aarde & Het laatste kasteel (The dying Earth & The Last Castle). Zijn aangekondigd : 73 Colin Kapp : Dalroi en de zwarte ridders. 75 A.C. Clarke : Stad onder de sterren (The City and the Stars). 76 Harry Harrison : De roestvrij stalen rat & De stalen rat neemt wraak (The Stainless Steel Rat & The Stainless Steel Rat's Revenge). 77 Keith Laumer : De komst van de Chaos (Worlds of the Imperium). 79 P.K. Dick : Martiaanse tijdsverschuiving (Martian Timeslip). 78 A.E. Van Vogt : De kluis van het beest (verhalen). 80 Jack Vance : Ogen van de overwereld (Eyes of the Overworld). 81 Verhalenbundel : Alfa Twee (14 verhalen). 82 Olaf Stapledon : Laatste en eerste mensen (Last and first men). Ook bij Meulenhoff, doch in de reeks "Wereldliteratuur" : Anna Kavan : Het IJs (The Ice). Roald Dahl : Op weg naar de hemel (Kiss-Kiss). Kurt Vonnegut : Welkom op de apenrots. Moeder Nacht. Geen kind en geen wieg. UITGEVERIJ RIDDERHOF (KERCO B.V.) TE RIDDERKERK : SF (± 65F/deel) 3 4 5 6

: : : :

7 8 9 10 11

: : : : :

12 :

E.R. Burroughs : Maagd op de maan (The Moon Maid). E.R. Burroughs : Pellucidar de ongebreidelde (Savage ...). E.R. Burroughs : De monsters (The Monster Men). E.R, Burroughs : Terug naar het stenen tijdperk (Back to the Stone Age). E.R. Burroughs : Noe de eeuwige minnaar (The Eternal Savage). E.R. Burroughs : De maanmannen en de Rode Havik (The Moonmen). Murray Leinster : De piraten van Zan (The pirates of Zan). J. Verduyn : De grafzerken van Uaxactün (verhalen). Lin Carter : Achter de poorten van de droom (Beyond the Gates of Dream). De schatten des tijds (Tower at the Edge of time). Carter.

VERSCHEIDENE UITGEVERIJEN


SF-MAGAZINE P. 38 Marie Jacques : Morgen is blond (Uitg. Reinaert, 1973, 250F). Jonathan W. Scott : Startrek (Uitg. Centripress, Bussum, 1974, 80F). Heeft NIETS met het TV-feuilleton te maken. Tonke Dragt : De Torens van Februari (Den Haag, L茅op贸ld; Antwerpen, C. De Vries-Brouwers, 1973, 196 blz., 235F). UITGEVERIJ LUITINGH - LAREN N.H. : Paperbacks Henk Sprenger : Piloot Storm 1 + 2 (beeldverhaal). James Blisch : (bewerkt door -) Startrek 1" (7 verhalen uit de TV-serie). UITGEVERIJ BRUNA, SF : aangekondigd : Harry Harrison : Oorlog met Robots (War with Robots). Robert Sheckley : Jones' Wonderbaarlijke reis (Johny of Jones). Fredrick Brown : Een solitair in de ruimte (Rogue in Space). UITGEVERIJ C. DE VRIES-BROUWERS P.V.B.A., Antwerpen Adult Fantasy-reeks : William Morris : Het woud achter de wereld (The Wood Beyond the World, 1895). Lord Dunsany : De koningsdochter van Elfland (The King of Elfland's Daugther). Het fort onneembaar. Over de Kleine koninkrijken en hun Goden. Peter S. Beagle : De laatste eenhoorn (The last Unicorn). Hermann Hesse : Sprookjes. Paul H. Kocher : Tolkien, meester van Midden-aarde, zijn romans en verhalen. O ===oooOoOooo=== O


SF-MAGAZINE P. 39

SCIENCE-FICTION VOOR DE JEUGD In een nieuwe serie die gepland wordt door de Standaard Uitgeverij. Hiertoe vraagt deze zelfstandige verhalen van ca. 110 getypte vellen, 35 regels à 50 lettertekens/pagina. Voorkeurspelling. Inzenden in dubbel exemplaar. Voorwaarden te bekomen bij : Ysbrand P. STASSE Afdeling Jeugduitgaven Standaard Uitgeverij Belgiëlei 147a 2000 ANTWERPEN Tel. 031/39.59.00 toestel 199 Inzenden mogelijk tot 31.12.1974. INDEX- & REFERENTIEWERKEN Ook inzake SF. Meer in het bijzonder een "SF-Index" met alle Engelstalige publikaties en bio-bibliografische nota's over zowat 500 schrijvers, die voor 1975 werden aangekondigd. Verder ook een "Cumulative Paperback, Index, 1939-1959", met een 14.000-tal titels, en een bijzondere uitgave over Ray Bradbury. Dit alles wordt ons aangekondigd door de "Gale Research Press Release"-Book Tower, Detroit, Michigan 48226. ATLAN is een Nederlandse SF-magazine, dat in elk nummer 38 blz. recenties brengt van nieuwe boeken, films en strips bespreekt, SFevenementen verslaat en verhalen brengt van gekende auteurs. Het verschijnt zesmaal per jaar en een abonnement kost Fl. 12,50. MAAR OOK TE BRUSSEL ... komt men behoorlijk op gang. Onder de titel "IDES ... ET AUTRES" publiceren een aantal studenten sedert enkele maanden een lijvig literair blad, dat voornamelijk aan SF is gewijd. Er verschenen reeds drie nummers, waarvan de eerste twee gestencild, op kwarto-formaat (ca. 50 blz.) en het derde op pocketformaat, gedrukt, ca. 80 blz. 1. SOCIAL-FICTlON ESPAGNOLE (12 verhalen, korte artikels en biografieën + enkele woordjes van de uitgever).


SF-MAGAZINE P. 40 2. SCIENCE-FICTION SOVIETIQUE (verhalen van Dneprov, Jouravleva, Varshavsky en Nikolay Toman, waarvan enkele uit Suvin's "Other Worlds, other seas". 3. UTOPIE ASIATIQUE (een Chinees, een Indisch en drie Japanse verhalen). Verantwoordelijk uitgever is BERNARD GOORDEN Avenue de l'Armée 111 1040 BRUSSEL HOOGROOD ... worden wij tot diep achter onze oren. Inderdaad werd bij de publikatie van Bob Tucker's "Boekje van de groene SF-fan" niet vermeld dat de vertaling hiervan werd verzorgd door Jan Jansen. Sorry Jan, and no hard feelings ? GEZOCHT !!! door uw eigen "technisch realisator" van SF-MAGAZINE, die een zwak heeft voor alles wat met de SF-illustratie te maken heeft : de map met tekeningen, van de hand van Philippe Druillet; illustraties voor de Elric-saga van Michael Moorcock, uitgebracht onder "Elric, le nécromancien" geloof ik. In goede staat en tegen uw prijs. Antwoord aan : HERMAN CEULEMANS Plankenbergstraat 132 2100 DEURNE NEW BABYLON is de naam van een utopisch project, gewijd aan een nieuwe kultuur, voor een speelse, vrije, altruïstische mens. Zijn ontwerper is Constant (Nieuwenhuys) (1920) en het Haagse Gemeentemuseum wijdt momenteel en tot 01.09.1974 een groots opgezette tentoonstelling aan dit opzet, met teksten, maquettes, diaprojecties en zelfs een doolhof, die een ludiek en creatief experiment inhoudt. Een zeer instructieve katalogus is ter plaatse te bekomen, of nog, mits regeling van Fl. 20 (verzending incl.) per postmandaat aan LEO P. KINDT Spotvogellaan 45a 'S-GRAVENHAGE (Nl) ECOLOGIE


SF-MAGAZINE P. 41 is een regelmatig in SF behandeld thema. Het is tevens een zaak die ons aller bezorgdheid voortdurend dient aan te spreken. Wij zijn immers allen samen verantwoordelijk voor het leven op aarde. Doe iets of steun de mensen die actief optreden. Morgen kan het immers te laat zijn. Vraag inlichtingen bij het WORLD WILDLIFE FUND Rue Vautier 31 1040 BRUSSEL EN EEN DRINGENDE OPROEP ... Het secretariaat, dat een en ander werkelijk niet meer voor mekaar krijgt, zoekt dringende een medewerker, bij voorkeur uit het Antwerpse, voor een éénmalig werk, nl. Het voorbereiden van covers en verzend-omslagen voor de volgende SF-MAGAZINES. Ook wie aan de samenstelling wenst mee te werken gelieve ons te kontakteren. Het gaat hier om een werk dat maandelijks één avond vraagt, en in een vrolijke, rijk besproeide, atmosfeer verloopt. Kontakteer het secretariaat, Italiëlei 84 te ANTWERPEN, of telefoneer even op 031/32.87.75. DOCH Van 10 tot 25 augustus zal het secretariaat gesloten zijn, wegens jaarlijkse (en welverdiende) vakantie. Voor dringende zaken contacteer : ANDRE DE RYCKE Baron C. Buyseplein 13 9820 ST.-DENIJS-WESTREM Tel. 091/22.59.03. Bye, Folks ! O ===oooOoOooo=== O


SF-MAGAZINE 38  

Clubmagazine SFAN

Read more
Read more
Similar to
Popular now
Just for you