Issuu on Google+

Actualiteiten over de Wet maatschappelijke ondersteuning

november 2013

en in Invester Bekijk kennis? d usaanbo ons curs 14 en voor 20 in! schrijf u “Wat ik gemeenten wil meegeven? Kijk voorbij mijn vlotte babbel. Die heb ik nodig om te kunnen functioneren” Moeder Ellen over het leven met zoon Steyn en over haar ervaringen met de Wmo. Pagina 16.

Welzijnscoöperatie Wij-Wel in Diessen komt in actie tegen verschraling van de zorg. Pagina 14.


Inhoud 4

In de kantlijn

5

Voorwoord

6-9

In gesprek met ...

Joan

10-11

Jonkers, TSN Thuiszorg

‘Greenwheels voor scootmobielen’ De visie van ...

Raoul

van Nistelrooij, arts

14-15

Een kijkje in de keuken van …

16-17

Interview met cliënt

Welzijnscoöperatie Wij-Wel

“Een

mens is gemaakt om een normaal kind op te voeden”

18-19

Cursisten aan het woord

Wat

vonden zij van de open inschrijving Wmo en Begeleiding?

20-21

Uit de praktijk

Over

de transitie van Begeleiding

22

Column

Denkers

U werkt bij een gemeente of ­­een aanbieder van zorg of hulpmiddelen ­en heeft regelmatig behoefte aan kennis en advies bij de uitvoering van de Wmo. Dan bent u bij ons aan het goede adres. Wij bieden u op tijd de juiste hoeveelheid

Uitgelicht

Pilot

12-13

Diensten

en doeners

kennis bij het ontwikkelen en uitvoeren van maatschappelijke ondersteuning. ­ Dat is onze kracht. Cliëntadvisering Cliëntadvisering is niet altijd even gemakkelijk. Wij onder­ steunen u graag. Onze ervaren medisch-, ergonomisch- en bouwkundigadviseurs zijn flexibel inzetbaar en hebben deskundigheid op specifieke gebieden. Cursussen en coaching De Wmo is een omvangrijk onderwerp waarover je eigenlijk nooit genoeg kunt weten. Wij hebben een zeer ruim aanbod aan cursussen en coaching, zodat u kunt blijven groeien in uw functie. Strategie- en beleidsadvisering Wij begeleiden u onder andere bij het kantelen, de im­ple-­ mentatie van begeleiding en het realiseren van besparingen.­ Ook kunt u ons inschakelen voor onder ­andere visievorming, procesbegeleiding en evaluatie. Wij gaan voor haalbare ­op­lossingen die direct toe­pasbaar zijn in de praktijk. Detachering en interim-management Te weinig personeel en te veel aanvragen? Met als gevolg te hoge doorlooptijden? Wij leveren tijdelijke krachten voor alle functies. Dankzij de kennis en ervaring van onze mensen, kunnen zij u perfect ondersteunen wanneer u dat nodig heeft. Meer informatie over onze diensten vindt u op: www.scioconsult.nl


Colofon

6 In gesprek met ... Joan Jonkers, TSN Thuiszorg Kantelen biedt kansen. Maar welke kansen? En wat als het kantelen meer lijkt op wankelen?

5 Voorwoord door

6

18 Cursisten aan het

Stefan van den Oever

woord

Wat mij betreft is het tijd voor actie. Ik sta klaar om verder te werken aan een betere samenleving. U vast ook.

Hoe kunt u uw team voorbereiden op de overkomst van onder andere Begeleiding? Investeer in hun kennis. We vroegen twee cursisten naar hun ervaringen.

Samen met Thuiszorgwinkel Vegro starten we een pilot: het Greenwheels-concept voor scootmobielen. Wij zijn op zoek naar een gemeente die met ons in het diepe durft te springen en meedoet aan deze pilot. Lees er meer over op pagina 10.

10

12 De visie van … Raoul van Nistelrooij, arts / medisch adviseur: “Een grote groep mensen wordt steeds minder zelfstandig en heeft meer hulp nodig.”

14 Een kijkje in de Welzijnscoöperatie Wij-Wel in Diessen komt in actie tegen de verschraling van de zorg. Aan het woord is voorzitter van de coöperatie, Jac Linnemans.

E info@scioconsult.nl I www.scioconsult.nl Aan deze uitgave werkten mee • Bart van den Eijnde • Bertine Peeters • Claudia van der Wel • Denia Schrauwen-Uitdehaag • Eddy de Bruin • Ellen & Steyn • Elly Jonkers • Geert Pel • Jac Linnemans • Jean-Paul Aarsen • Joan Jonkers • Karel Jonker • Olav van Schie • Raoul van Nistelrooij • Simone van Kessel

16 Interview met cliënt “Toen ik zwanger was, dacht ik ook dat ik nu langs de lijn van het voetbalveld zou staan en niet dat ik de billen van mijn elfjarige zoon nog zou moeten afvegen” Steyn is lief en innemend. Hij heeft het Angelman Syndroom, een motorische en verstandelijke beperking. Dit trekt een zware wissel op het gezin. Wat betekent het om een gehandicapt kind te hebben? Hoe organiseer je je leven? En hoe gaan anderen ermee om? Ellen, de moeder van Steyn, vertelt haar verhaal.

Deventer Keulenstraat 4L 7418 ET Deventer T 0570 - 67 71 74 F 0570 - 60 53 40 Utrecht Orteliuslaan 879 3528 BE Utrecht T 030 - 767 00 14

keuken van …

10 Uitgelicht …

SCIO Scope is een uitgave van SCIO Consult

22 Column Bent u een denker of een doener?

Redactie • Ingrid Linnemans • Paula van Gemen, De Tekstlounge • Rachel Scheel • Stefan van den Oever Fotografie Hans Slegers Vorm en concept Bas Kelderman, Initium Utrecht

20

Drukwerk Badoux, Houten Meer informatie www.scioconsult.nl

Uit de praktijk Claudia van der Wel verzorgt de driedaagse cursus Decentralisatie AWBZ en de gevolgen voor de Wmo. Claudia: “Filmpjes over de nieuwe doelgroep werken heel goed. Laatst zei een cursist: ‘Nu pas zie ik wat zo’n situatie vraagt van een gezin. Ze hebben al heel wat op hun bordje liggen. Dan moet je niet alleen vragen naar Eigen Kracht maar ook kijken naar hoe je dit gezin in balans kunt houden’.”

16


In de kantlijn

Voorwoord

Hartverwarmend huisbezoek Het echtpaar is 78 en 82 jaar oud. Ze gaan er elke dag even samen uit; naar de bootjes kijken, een visje eten. De rugpijn kan ze goed verdragen want elke dag masseert haar man haar rug met warme olie. Toen ze een paar dagen uit logeren was, besefte ze dat die massages haar veel pijn besparen. Terwijl ze dit vertelt kijkt ze haar man nog eens aan, terwijl hij bijna verlegen glimlachend terug kijkt. Als ik weer buiten sta, zucht ik eens diep. Zo wil ik ook wel oud worden.

“Binnenkort kunnen we met z’n allen gaan ‘doenken’”

Claudia van der Wel, trainer en adviseur

Beste lezer,

Dilemma de woning van mijn Na het eindeloos zoeken naar de voordeur van entencomplex, word cliënt in een onmogelijk ingedeeld appartem hele dag aanwezig is. ik ontvangen door de hulp die gedurende de n op haar balkon te Mijn cliënte zit in een elektrische rolstoel buite te bieden heeft. genieten van de eerste zonnestralen die de lente t haar ogen als ik Ze lijkt zeer versuft, alsof ze slaapt, maar ze open maar de aanwezige haar naam noem. Ze kijkt een beetje verward ent tref. hulp verzekert mij dat ik haar op een goed mom lijk waarom er Bij het naar binnen rijden wordt meteen duide wel even de besturing begeleidersbesturing is aangevraagd. “Je moet kan ze het niet”, zegt de overpakken, want ik kan er niet goed bij en zelf veel praktischer zou hulp. Direct bedenk ik me dat een duwrolstoel wel in het enige wat ze zijn. Maar dan beperk ik mevrouw misschien lijk op goede dagen nog nog wel zelfstandig kan. Mevrouw rijdt name dan regelmatig tegen kleine stukjes, vooral als ze onrustig is. Ze botst zet de stoel uit. of het meubilair en de hulp neemt het vaak over, t dan krijgen “wan , Ik mag haar ook niet de keuken in laten rijden we haar er niet meer uit...”, aldus de hulp. duwrolstoel. Dat is In alle opzichten neigt mijn besluit naar een er voor de cliënt en praktischer voor de verpleging, mogelijk veilig toch een dilemma? voordeliger voor de gemeente. Waarom dan e zelfstandigheid… Ik ontneem mevrouw hiermee haar enige stukj

“Onze verzorgingsstaat past niet meer bij deze tijd en zal langzaam maar zeker veranderen in een participatie­ samenleving”, zo klonk het tijdens de troonrede. Volgens onze denker des vaderlands, René Gude, was het motiverender geweest als Zijne Majesteit had gezegd: “Onze verzorgingsstaat zal langzaam maar zeker verbeteren in een participatiesamenleving.” Want daarmee geef je aan dat we op de goede weg zijn, maar dat het nog beter kan.

Ieder mens is uniek Ik was laatst op huisbezoek bij een oude meneer. Hij is sinds 1991 niet meer buiten geweest. Vanwege allerlei drempeltjes kan hij zich niet door zijn woning verplaatsen, laat staan zijn huis in en uitkomen. En de woning ziet geel van de nicotine. Een uitgebreide vraag voor woningaanpassing? Nee hoor: meneer wil alleen graag een eigen rolstoel. Het huidige exemplaar was van de uitleen, maar aangezien hij ‘m letterlijk 24 uur per dag gebruikt, wil hij graag een eigen exemplaar hebben. Zo zie je maar weer dat iedereen andere eisen en wensen heeft. Het is goed om je daar af en toe bewust van te zijn.

Ik kan me hier helemaal in vinden. We zijn ook op de goede weg. Niet alleen de wil is er; de noodzaak is er ook, want de zorg wordt onbetaalbaar. Op pagina 14 leest u over een mooi initiatief van welzijnscoöperatie Wij-Wel in Diessen. Een inspirerend verhaal van mensen die niet alleen zeggen dat de zorg beter moet, maar die zelf in actie komen om de verschraling van de zorg tegen te gaan. Wat je bij dit soort initiatieven altijd ziet, is dat de basis wordt gelegd door twee begrippen: samenwerking en eigen verantwoordelijkheid. En dat de grootste successen altijd dichtbij huis behaald worden. Oftewel: in de wijk. Joan Jonkers, commercieel directeur van TSN Thuiszorg, ervaart dat ook zo. Ze deelt haar ervaringen over onder andere wijkgericht werken met ons op pagina 6.

Ingezonden door: Elly Jonkers, Wmo-consulent gemeente Peel en Maas

Dan is het wat mij betreft nu heel snel tijd voor actie. Ik sta klaar om verder te werken aan een betere samenleving. U vast ook. Ik zou daarom graag willen zien dat de overheid op korte termijn de knoop doorhakt en dat Persoonlijke Verzorging bij de gemeenten ondergebracht gaat worden. (Misschien is die keuze al gemaakt als u dit voorwoord leest.) En als die beslissing eenmaal is genomen, kunnen we met zijn allen gaan ‘doenken’. Wat dat inhoudt? Dat leest u in de column van Bart van de Eijnde op pagina 22.

Geert Pel, adviseur

Vliegen! Na een tijdje mijn cliënt, een man van 77 jaar met geheugenproblemen, niet gezien te hebben, ben ik weer eens bij hem op huisbezoek. Hij moest laatst onverwacht naar het ziekenhuis. Zijn vrouw vertelt: ‘De ambulance moest hier heen komen, maar kon niet bij de deur komen omdat de auto van de buren in de weg stond. De buren waren op vakantie. De brandweer heeft een brancard via het raam op de bovenverdieping naar binnen gekregen. Elf man aan ambulancepersoneel en brandweermannen waren aanwezig en wat zegt mijn man: ‘Ik denk dat ik ga vliegen’!

Veel leesplezier! Stefan van den Oever Senior adviseur en partner

Simone van Kessel, adviseur

4

5


In gesprek met ...

Kantelen biedt kansen

“Betere en snellere ondersteuning dankzij inzet zorgaanbieders”

Maar welke kansen? En wat als het kantelen meer lijkt op wankelen? Aan het woord zijn Eddy de Bruin, senior adviseur en partner van SCIO Consult, en Joan Jonkers, commercieel directeur TSN Thuiszorg, over de rol van zorgaanbieders bij De Kanteling.

Eddy de Bruin: “Al lange tijd praten wij als adviseurs met gemeenten over De Kanteling. Maar de afgelopen maanden zit ik ook steeds vaker bij zorgaanbieders aan tafel. De uitvoerders van de ondersteuning roeren zich behoorlijk. De ontwikkelingen in de Achterhoek, Rotterdam, Emmen en Hattem, maar ook in andere ­gemeenten, halen regelmatig het landelijke nieuws. Vaak gaat het hier over de positie van de werknemers van de zorgaanbieders, de financieringsstructuur die gekozen wordt, of de rechtszekerheid van de burger. Wat me daarbij opvalt is dat het vaak mogelijk blijkt om vanuit de innoverende kracht van aanbieders de volgende stap te maken in het sociale domein. De wil om mee te denken is groot en de nieuwe ideeën zijn dan ook vaak succesvol. Denk aan de nieuwe aanpak bij Hulp bij het Huishouden. Of het aanbieden van ­begeleiding op wijkniveau. Deze stappen leiden allemaal tot betere, snellere ondersteuning van de burger, en vaak ook nog tegen aanzienlijk lagere kosten. Eén van de zorgaanbieders waar ik regelmatig contact mee heb, is TSN Thuiszorg. Met Joan Jonkers, commercieel directeur van TSN, voer ik vaak inspirerende gesprekken. Daarom vroeg ik haar naar haar visie op De Kanteling. Hoe ziet zij de toekomst? En hoe kan TSN bijdragen aan een toekomst waarin we meer gaan doen met minder middelen?”

“De wil om mee te denken is groot en de nieuwe ideeën zijn dan ook vaak succesvol”

6

7


Kantelen of wankelen?

“Ik hoop dat al dit gekantel en gewankel er niet voor zorgt dat we helemaal niet meer of te laat bewegen.”

Op het moment dat ik dit stuk schrijf is het Prinsjesdag. Met veel interesse kijk ik naar de passage uit de troonrede: ‘Lichtere vormen van langdurige zorg worden straks uitgevoerd door gemeenten. Vergoeding van huishoudelijke hulp blijft beschikbaar voor mensen die deze hulp echt nodig hebben en niet zelf kunnen betalen. Medische zorg, zoals verpleging, valt straks onder de reguliere zorgverzekering’. Een week eerder ontvingen we de berichtgeving dat de persoonlijke verzorging mogelijk niet over zal gaan naar de gemeenten. Dat riep bij mij de vraag op: zijn we aan het kantelen? Of gaan we wankelen? Door: Joan Jonkers - directeur TSN Thuiszorg

Al enige tijd zijn wij binnen onze organisatie bezig met het formuleren van antwoorden op de veranderingen die op ons af komen. We hebben deze veranderingen als kansen om­ armd. Want wat zou het mooi zijn als we een nieuwe vorm van dienstverlening kunnen ontwikkelingen die integraal, efficiënter en beter is! Persoonlijke Assistentie: het is geen nieuwe naam, maar in onze ogen wel een passende naam hiervoor. En ondersteuning is het sleutelwoord.

een budget voor een wijk, sturen op resultaat en spelen een belangrijke rol bij de toegang. Ja, u leest het goed: slechts één aanbieder in een wijk. En ja, wat een goede ­ontwikkelingen kunnen we na een half jaar al melden! Het werkt voor ons bijzonder fijn om niet op uren maar op resultaat te sturen. Een wijkcoördinator houdt gesprekken in de wijk, kijkt naar de ‘vraag achter de vraag’ en gaat op zoek naar verbindingen met welzijn, vrijwilligersinitiatieven, andere partijen in de wijk. Een stevig vraaggericht aanbod wordt ontwikkeld. Niet alles opnieuw en zelf bedenken maar gebruikmaken van de kracht en aanwezige activi­ teiten in de wijk. Er is een duidelijke verschuiving zichtbaar van formele naar informele zorg.

Ruimte voor innovatieve experimenten Met een businesscase onder de arm en een rugzak vol inspiratie en nieuwe ideeën zijn we op pad gegaan in gemeenteland. Wat mooi om op diverse plekken in het land te ontdekken dat de ontwikkelingen, hoe onzeker ook, vaak ook door gemeenten als kans worden gezien. Zo is er steeds meer ruimte ontstaan voor innovatieve experimenten en andere manieren van werken.

Dat zie je ook in Rotterdam waar we wijkgericht werken, vaak in combinatie met welzijnspartijen. Mooi wanneer deze doelstellingen op elkaar aansluiten. Ook hier zijn er tal van voorbeelden van zelfredzaamheid en ‘samenredzaam­ heid’. Mensen die elkaar in een wijk (weer) weten te vinden, vrijwilligers die actief worden ingezet. En een daling van het aantal professionele uren.

Wijkgericht werken: een succes Een mooi voorbeeld hiervan is de aanpak van de gemeente Emmen; wij zijn hier in twee wijken actief. We werken met

8

de cliënt? Vaak experimenteren we volop en worden er boekwerken vol geschreven, maar vergeten we even welk resultaat het ook al weer moest opleveren.

Bedreiging voor medewerkers? Ik zie juist nieuwe kansen Natuurlijk betekent een daling van professionele uren ook een bedreiging voor medewerkers: wat als het straks allemaal nog minder wordt? Welke kansen zijn er dan nog voor mij? Ook organisaties zullen moeten kantelen in hun denken en een vernieuwend aanbod moeten doen. Zo ontstaan er kansen in de private markt, ontstaan er ­collectieve voorzieningen (denk aan was- en strijkservices), is er ruimte tot het vormgeven van ‘niet- geïndiceerde dienstverlening’ en ligt de kracht in het verbinden van de diverse ontwikkelingen. Op kleine schaal wordt ook hier bij diverse gemeenten mee geëxperimenteerd. Ook de komst van Begeleiding en Persoonlijke Verzorging zal een enorme kans zijn voor huishoudelijk medewerkers: in diverse praktische vormen zijn zij prima op hun plek en in staat om, met een stukje bijscholing, goede ondersteuning te bieden.

Aan de slag U kantelt, wij kantelen maar de dynamiek om ons heen is zo groot dat we dreigen te wankelen. Onzekerheid over uitvoering, het schuiven en knippen in delen die al dan niet overgaan naar gemeenten ... Ik heb maar één angst: ik hoop dat al dit gekantel en gewankel er niet voor zorgt dat we helemaal niet meer of te laat bewegen. Er zijn zoveel kansen tot verbinding en vernieuwing. En vaak ook verbetering. Laat al deze mooie initiatieven en kansen niet op de plank liggen, maar ga aan de slag!

“Wat zou het mooi zijn als we een nieuwe vorm van dienstverlening kunnen ontwikkelingen die integraal, efficiënter en beter kan zijn!”

Resultaten meten en laten zien Belangrijk is dat we de resultaten monitoren en transparant maken: verschuift de inzet van formele naar informele zorg daadwerkelijk? Hoe zit het met de zelfredzaamheid? Wat doen deze ontwikkelingen met de tevredenheid van

9


Uitgelicht ...

Het Greenwheels-concept voor scootmobielen

Thuiszorgwinkel Vegro: “In de toekomst kunnen steeds minder mensen geholpen worden binnen de Wmo. Daar spelen wij op in.”

De tijd is rijp om echt te gaan kantelen. Zo zien we dat steeds meer gemeenten delen van de Hulp bij het Huishouden algemeen maken. Al die veranderingen zijn in het begin

Thuiszorgwinkel Vegro neemt niet langer deel aan aanbestedingstrajecten. Dit meldde

even wennen; veranderen kost tijd en energie en je krijgt met weerstand te maken.

Vegro eind augustus in een persbericht. Vegro gaat een alternatief bieden, zodat er ook

En toch gaan we door. Het moet wel. Ons volgende idee? Een Greenwheels-concept

een oplossing is voor cliënten die geen aanspraak maken op een voorziening vanuit de

voor scootmobielen.

Wmo. Waarom dit besluit? Karel Jonker, directeur van Vegro, schetst zijn toekomstvisie

Door: Stefan van den Oever - senior adviseur en partner

aan de hand van een voorbeeld: het gebruik van de scootmobiel.

Wij denken dat toekomstige gebruikers het vanzelfsprekend zullen vinden om hun mobiliteitsprobleem zelf op te lossen. Ze regelen immers hun hele leven al hun eigen vervoer: van een fiets met zijwielen tot een fiets met hulpmotor. Ook voor de scootmobiel moet dit de norm worden. Geef iedereen de verantwoordelijkheid om zijn eigen ­vervoersprobleem op te lossen. Mensen zullen daarin andere keuzes maken, bewustere keuzes. De vervoers­ voorzieningen zullen dan veel doelmatiger worden in­ gericht. Bijvoorbeeld door een deelsysteem - zoals het Greenwheels-concept -, dat zich richt op gebruik en niet op bezit. Zo werken we samen aan besparingen en duurzaam­ heid. We hebben Thuiszorgwinkel Vegro benaderd om dit concept samen met ons verder uit te werken. Een logische samenwerking: wij kunnen gemeenten ondersteunen bij het implementeren van het Greenwheels-concept; Vegro heeft de scootmobielen.

Door ons te richten op gebruik en niet op bezit werken we samen aan besparingen en duurzaamheid.

10

Vegro levert verpleegartikelen en andere zorggerelateerde artikelen aan professionele organisaties en particuliere klanten. Waarom stopt Vegro met het meedoen aan ­aanbestedingen? Karel Jonker: “De laatste jaren maakten we vreemde situaties mee bij aanbestedingen. Daarom geloven we niet meer in de manier waarop een leverancier geselecteerd wordt. Daarnaast verwachten we dat steeds minder mensen in de toekomst geholpen kunnen worden via de Wmo. Wij spelen hierop in door mensen een alterna­ tief te bieden.”

SCIO Consult en met gemeenten verder uitwerken.” Een scootmobiel delen dus. Hoe werkt dat, volgens Karel Jonker? “De cliënt gebruikt de scootmobiel vanuit een ­collectieve of algemene voorziening. En alleen op momen­ ten dat het nodig is. Gebruikt hij de scootmobiel niet, dan kan iemand anders hem lenen. Gemeenten hebben daarin een faciliterende rol. Bijvoorbeeld door verstrekkingslocaties aan te bieden. Zo blijft de Wmo over als voorziening waarbij een individuele oplossing nodig is. Vooral voor mensen met complexe problematiek.”

Gemeenten: faciliterende rol “Denk bijvoorbeeld aan een Greenwheels-concept voor scootmobielen: een scootmobiel lenen voor de momenten dat het nodig is. Dit concept willen we samen met

Eigen keuzes Vegro merkt dat cliënten steeds meer behoefte hebben aan eigen keuzes. “Laatst kwam er een cliënt die zei: ‘Ik weet dat jullie straks geen contract meer met de gemeente ­hebben. Toch wil ik door jullie geholpen worden.’ Voor mij het bewijs dat de cliënt van nu heel goed weet wat er te koop is. Laten we onze cliënten dan ook de mogelijkheid bieden om eigen keuzes te maken.”

Welke gemeente durft? Pilotpartner gezocht! De aanspraak op voorzieningen laten ­ afnemen: dat wil toch elke gemeente? Maar hoe pak je dat aan? Wij zijn op zoek naar een gemeente die met ons in het diepe durft te springen. Door onze krachten te bundelen, kunnen we samen zorgen dat mensen naar ­alternatieven zoeken voor de Wmo. We moeten bij de cliënt beginnen. Welke gemeente heeft dit ook voor ogen? Wie wil met ons starten en meedoen aan een pilot? Interesse? Neem contact op met Stefan van den Oever, SCIO Consult, via telefoonnummer (030) 767 00 14. 11


De visie van …

“MS was tot midden jaren

Raoul van Nistelrooij - arts / medisch adviseur

‘80 van de vorige eeuw ook een moeilijk objectiveerbare aandoening (MOA) en werd geduid als een psychische ziekte. Betere technieken en onderzoek hebben hierin duidelijkheid geschept, waardoor diagnose en behandeling mogelijk zijn geworden. Dat zal de komende

Raoul van Nistelrooij, medisch adviseur bij SCIO Consult: “Er verandert veel de komende jaren. Kijk alleen al naar de gevolgen van de vergrijzing”

Het was wel even wennen toen ik na jarenlange ervaring als behandelend arts bij SCIO Consult aan de slag ging in een adviserende rol. Toch blijkt dat het verschil in wezen niet zo groot is. Want door een goede beoordeling en een goed advies, is het nog steeds mogelijk om mensen te ondersteunen die dit nodig hebben. Het is mijn taak dat ik goed uitleg welke beperkingen en mogelijkheden de cliënt heeft. En dat ik een helder beeld geef van wat de toekomst zal brengen. Zonder dat ik het medisch geheim schendt. En ja, daarbij moet ik meer dan toen ik zorgverlener was, rekening houden met de wetten binnen het werkveld. Dat werkveld gaat de komende jaren drastisch veranderen. Ik zie drie belangrijke ontwikkelingen.

12

jaren voor meer aandoeningen het geval zijn.”

Oftewel: de opgeloste puzzels maken plaats voor nieuwe vraagstukken binnen de MOA-problematiek.

Vergrijzing leidt tot veranderende ondersteuningsvragen In de komende jaren verandert het werkveld drastisch door de toenemende vergrijzing. We krijgen steeds meer te maken met ouderdomsaandoeningen. Dit geldt niet alleen voor de klachten van het bewegingsapparaat, maar ook voor de fysieke gevolgen van de afname van de capaciteit van het hart en de longen. Op psychisch gebied zijn er ook de nodige gevolgen van het ouder worden. Denk bijvoor­ beeld aan problemen met rouwverwerking en stemmings­ problemen in het algemeen. Gevolg is dat een grote groep mensen steeds minder zelfstandig wordt en meer hulp no­ dig heeft. Hiervoor gaat men vaker een beroep doen op de omgeving. Op veel middelbare scholen moeten leerlingen al een maatschappelijke stage doen. Een idee dat goed past bij deze tijd. Je krijgt zo een constante stroom aan vrijwilligers die een belangrijke ondersteunende rol kunnen vervullen.

Ondersteuning zal altijd blijven De politieke onrust die er nu is over de zorg, zal naar verwachting ook weer afnemen. Mensen zullen moeten wennen aan de nieuwe situatie. Maar over een paar jaar is het de normaalste zaak van de wereld dat we hulpmiddelen zelf moeten aanschaffen en dat we meer zelf moeten ­regelen. Nu al raken we gewend aan het idee dat Hulp bij het Huishouden algemeen gebruikelijk wordt gemaakt. Gaat de ondersteuning helemaal verdwijnen? Ik denk van niet. Ik verwacht dat er altijd ondersteuning nodig zal blijven, ook vanuit de gemeenten. Maar dan wel voor een kleinere groep mensen. Het is aan mij als medisch adviseur om scherp te blijven en om een helder beeld te krijgen van de onderliggende problemen en mogelijkheden van de cliënt. Ik zal moeten blijven zorgen voor een goede beoordeling en een helder advies. Want daarmee zijn zowel de cliënt als de gemeente gebaat.

Diagnose mogelijk op basis van meetbare gegevens Ik zie nog een ontwikkeling in de komende jaren op medisch gebied. Er wordt veel onderzoek gedaan naar de MOA, moeilijk te objectiveren aandoeningen, en de SOLK, soma­ tisch onverklaarbaar lichamelijke klachten. Dit onderzoek leidt mogelijk in de komende jaren tot het stellen van een diagnose op basis van meetbare gegevens. Zo is het ook met MS gegaan. Deze aandoening was tot midden jaren ‘80 van de vorige eeuw ook een MOA en werd geduid als een psychi­ sche ziekte. Betere technieken en onderzoek hebben hierin duidelijkheid geschept, waardoor diagnose en behandeling mogelijk zijn geworden. Helaas zullen er altijd ziektebeel­ den blijven die onduidelijk en niet goed meetbaar zijn.

“Op psychisch gebied zijn er ook de nodige gevolgen met het ouder worden. Denk bijvoorbeeld aan problemen met rouwverwerking en stemmingsproblemen.”

13


Een kijkje in de keuken van …

Coöperatie Wij-Wel

Hierdoor verwachten we dat Diessen leefbaar blijft - ook in de toekomst. Je zou kunnen zeggen dat Wij-Wel één groot sociaal netwerk van Diessen maakt, waarbinnen we zoveel moge­ lijk problemen zelf willen oplossen.”

“Doen we niets, dan verschraalt de kwaliteit van leven” Hoe een klein dorp met elkaar en voor elkaar de zorg voor de toekomst gaat organiseren

“beter en goedkoper werken”

De overheid trekt zich steeds meer terug. Ook op het gebied van zorg. Hoe voorkom je in een gemeente verschraling in het zorgaanbod? Ingrid Linnemans kent een mooi voorbeeld uit de praktijk: een welzijnscoöperatie in Diessen. Diessen is een dorp in de gemeente Hilvarenbeek en telt 3600 inwoners. Coöperatie Wij-Wel staat hier in de startblokken. Voorzitter van de projectgroep Wij-Wel is Jac Linnemans, Ingrids vader. Een gesprek met hem.

Door: Ingrid Linnemans - senior adviseur

Wij-Wel heeft drie uitgangspunten: • • •

Opvang van de verschaling van de zorg. Bevorderen van solidariteit en benutten van talenten. Eén toegangspoort met één contactpersoon.

De coöperatie heeft geen personeel in dienst en bezit geen gebouwen.

Jac Linnemans: “Het Masterplan Hart voor Diessen kwam stil te liggen door de crisis. Dit was een plan van de ­gemeente en de woningstichting over de toekomst van de intra- en extramurale zorg in Diessen. Voor ons een reden om met een alternatief te komen. De dorpsraad, belangen­ orgaan Diessen, besloot de regie in handen te nemen. We overlegden met de zorgaanbieders, de gemeente, de ­woningstichting, mantelzorg, het Rode Kruis, De Zonnebloem en KBO Diessen, de belangenorganisatie voor senioren. Samen hebben we besloten om een coöperatie op te zetten: WijWel. Voor elkaar en met elkaar. Ik ben de voorzitter van de projectgroep.” Burgerinitiatieven Waarom een coöperatie? “Omdat de overheid zich steeds meer terugtrekt op het gebied van wonen, welzijn en zorg. Doen we niets, dan verschraalt de kwaliteit van leven in dorpen en wijken. Dus zijn burgerinitiatieven hard nodig. Wij-Wel stemt vraag en aanbod zo goed mogelijk op elkaar af. Vooral op het gebied van de zorg. Met de coöperatie willen we alle ­betrokken instanties en vrijwilligers laten samenwerken. Zodat we beter en goedkoper kunnen werken.

Gemeente praat mee Gemeenten zijn allemaal zoekend: hoe kunnen ze de nieuwe verantwoor­ delijkheid die ze krijgen op het gebied van de Wmo goed uitwerken in beleid? Jac Linnemans zit dan ook regelmatig aan tafel met bestuurders en beleids­ makers van de gemeente Hilvaren­ beek. Welke rol speelt de gemeente in de coöperatie? “De gemeente juicht dit soort initiatieven toe. Daarom praat ze graag mee in de begeleidende projectgroep. Zeker omdat je ziet dat de rijksoverheid steeds meer taken overhevelt naar de gemeenten en zij die taak met minder geld moeten gaan uitvoeren.” Alle zorgvragen Wie kunnen er gebruikmaken van de diensten van de coöperatie en hoe is dat geregeld? “Een lidmaatschap kost 20 euro per jaar. Als lid kun je dan met al je vragen over zorg bij ons terecht. Woningaanpassingen, formulieren invullen, vervoersprobleem, een klusje voor de klussendienst, een “maatje” voor eenzamen, kortingen bij bepaalde abonnementen. Noem maar op. Als je een vraag hebt, dan bekijkt een regis­ seur met een goed lokaal netwerk of hij het probleem lokaal kan oplossen, bijvoorbeeld met de inzet van vrijwil­ ligers of de klussendienst. Is vrijwillige hulp onvoldoende? Dan schakelt hij professionele hulp in. Ook legt hij het contact tussen de zorgvrager en de hulpverlener.” 24-uurszorg bieden De coöperatie maakt het zelfs mogelijk om zware cliënten in het dorp op te

vangen, vertelt Jac Linnemans: “Voor ouderen die niet meer thuis ­kunnen wonen, is het in Diessen vaak niet meer mogelijk om in hun eigen dorp te blijven. Daar willen we ­verandering in aanbrengen. We hebben nu al drie groepen die met Wij-Wel hun wens willen realiseren. Een groep ouders is op zoek naar een woonvorm voor hun kinderen met een zware beperking. Zorgaanbie­ der­Amarant wil in het centrum van Diessen onderdak bieden aan twintig mensen met een beperking, zodat ze begeleid zelfstandig kunnen wonen. Ook is er vraag naar woonruimte voor zo’n vijftien dementerende ouderen. Door deze groepen te combineren, verwachten we dat we deze mensen 24-uurszorg kunnen bieden.”

“al drie groepen die met Wij-Wel hun wens willen realiseren” Pilot met Thebe Extra In Diessen kwam het initiatief voor de coöperatie vanuit een groep vrij­ willigers. Heeft Jac Linnemans een tip voor gemeenten waar geen vrijwilli­ gers opstaan om zoiets op te zetten? “Kijk eens of je met andere organisa­ ties kunt samenwerken. Wij werken bijvoorbeeld samen met Thebe Extra, een zelfstandige ledenorganisatie met 130.000 leden. We zijn een pilot ­gestart om te onderzoeken hoe we ­elkaar kunnen ondersteunen. Thebe Extra kan mogelijk enkele taken op zich nemen, zoals de ledenadmi­ nistratie, professionele ondersteu­ ning, telefonische bijstand en het aanbieden van cursussen aan vrijwil­ ligers. Op die manier kan Thebe Extra de ruggengraat van de coöperatie worden. Voor deze pilot maakten we samen een draaiboek. Wie weet zijn er andere kernen die met Thebe Extra willen samenwerken. Zij kunnen ook gebruikmaken van dit draaiboek.”

Wilt u in contact komen met Wij-Wel? Stuur dan gerust een mail naar Jac Linnemans: linne004@planet.nl.

14

15


Interview met cliënt

Steyn is elf jaar en heeft het Angelman Syndroom “We zijn niet zielig, maar we willen wel eerlijk gefaciliteerd worden” Steyn woont samen met zijn ouders en zijn zusje Mirthe van acht. Hij heeft het Angelman Syndroom, een verstandelijke en motorische beperking. Hij heeft het niveau van een tweejarige en heeft intensieve zorg nodig. Vijf dagen per week gaat hij naar de dagopvang. De rest van de tijd zorgt moeder Ellen voor hem. Hoe is het om te leven met een kind met een beperking?

“Een neuroloog heeft eens gezegd: “Een mens is ­gemaakt voor het opvoeden van een normaal kind. Waarbij de eerste jaren ook wel de tropenjaren ­genoemd worden. Daarna wordt het kind zelfstandiger, slaapt het door en krijg je in de opvoeding te maken met andere zaken. Het opvoeden van een kind dat beperkt is, is daarom extra zwaar.” Waarom eigenlijk? Misschien omdat je als ouder van een dergelijk kind erop voorbereid moet zijn om voor de rest van je leven een tweejarig kind op te voeden. Altijd opletten of hij iets doet wat niet mag. Er niet van uit kunnen gaan dat Steyn het onderscheid kent tussen gevaarlijk en ongevaarlijk. Altijd op moet letten als het net even te lang stil is. Misschien omdat je je altijd zorgen maakt om de toekomst, waar komt hij terecht, hoe moet ik hem loslaten en kan ik dat wel. Kunnen anderen wel net zo goed voor hem zorgen als wij dat kunnen? Zullen ze net zoveel van hem houden als wij? Of zijn het de mensen die altijd een mening over je ­hebben. Mensen die wel denken te weten hoe het bij ons werkt. Je zonder woorden bekritiseren om de keuzes die je maakt.”

Uit: blog van Ellen Datum: 21 april 2010 Olav van Schie, indicatieadviseur bij SCIO Consult, in gesprek met Ellen. Olav: “Ik was onder de indruk van de situatie omdat Ellen er heel natuurlijk over praat terwijl Steyn een jongen is die heel veel zorg en aandacht nodig heeft. Situaties zoals deze maken altijd weer diepe indruk op me. Daarom wil ik ze graag delen.”

“Steyn is een vrolijk en vriendelijk kind, hij houdt van gezelligheid en mensen om zich heen. Soms kan hij heel ondeugend zijn. Hij heeft een iets hoger niveau dan de meeste kinderen met het Angelman ­Syndroom. Hij kan lopen en spreekt een paar woorden. Steyn heeft een enorme impact op ons gezin. Je moet hem steeds in de gaten houden. Even naar de WC gaan zit er voor mij niet in. Er kan van alles misgaan.” “Ik wil niet klagen of zeuren. Maar ik moet er wel altijd mee dealen. Met Steyn moet je constant aan de bak. Als hij iets anders wil dan ik, dan is het mis. Niets is gewoon bij ons. En dat is best vermoeiend ja. Onze dochter Mirthe gaat hier heel goed mee om. Ze is lief en zorgend, ook naar ­andere kinderen. Maar ze levert ­absoluut in. Ze moet nu één keer per week huiswerk maken en dat gaat niet ongestoord.”

16

“Vorig jaar ben ik gestopt met werken. Ik had een interessante en zware baan als gezinsvoogd in de gehandicapten­ sector. Maar de situatie thuis was zo zwaar dat ik na twee burn-outs wel moest stoppen met werken. Het was moeilijk om het los te laten maar ik heb er nu vrede mee. Want met ons gezin gaat het beter dan eerst. Wel houd ik mijn hart vast als de AWBZ straks overgaat naar de Wmo. Ik red het nu en kan alles draaiend houden omdat ik mezelf vanuit het PGB betaal. Maar wat als de gemeente straks zegt: voor dit soort taken zetten we een verzorger in? Dan moet ik weer gaan werken. Dat wil ik in principe wel; ik heb altijd gewerkt en met veel plezier. Maar helaas is de kans dan zeer groot dat ik weer overbelast raak. Kort en goed gesteld komt het erop neer dat als we geen PGB meer krijgen, Steyn het huis uit zal moeten.” “Ik vind het moeilijk dat de gemeente alleen naar de regels kijkt. Ze hebben geen idee van wat er zich dagelijks in

17

ons gezin afspeelt. Ik heb laatst een driewieler voor Steyn aangevraagd. Tijdens het aanvraaggesprek zei ik hardop denkend - dat een tandem misschien handiger zou zijn, omdat Steyn soms niet wil fietsen. ‘Die kunt u zelf aanschaffen, mevrouw’, was de reactie. Maar dat is niet zo: ik heb na­ melijk een speciale driewielertandem nodig, anders liggen we bij de minste afleiding met zijn tweeën op straat. En die vallen in een heel andere prijs­ klasse dan gewone tandems.” “Wat ik gemeenten wil meegeven? Kijk achter het plaatje. Kijk voorbij mijn vlotte babbel. Die vlotte babbel heb ik nodig om te kunnen functio­ neren. Om het te redden. Kijk voorbij de mooie kleren en de vrolijke lach van Steyn. Toen ik zwanger was, dacht ik ook dat ik nu langs de lijn van het voetbalveld zou staan en niet dat ik de billen van mijn zoon nog zou moeten afvegen. Ik vraag niet om medelijden. En we zijn niet zielig. Maar we willen wel eerlijk gefaciliteerd worden.”


Bertine Peeters

Jean-Paul Aarsen

Werkt sinds 2008 als consulent Inwoners bij gemeente Nuth.

Werkzaam bij gemeente Amersfoort tot 2013. Deed de cursus als oriëntatie op Wmo-gerelateerde functies.

Door mijn vorige functie, als zorgtoewijzer bij een zorgaanbieder, en mijn huidige functie had ik algemene voorkennis over de AWBZ en de geïndiceerde functies.

Ik was op de hoogte van de basale informatie. Ik volgde de cursus om mijn kennis op het gebied van de Wmo te vergroten. Met als doel om all-round inzetbaar te zijn in verschillende functies gerelateerd aan de Wmo.

Mijn beeld van de doelgroepen was vóór het volgen van de cursus­ nog vrij algemeen. Tijdens mijn werkzaamheden kom ik naar ­verhouding veel in aanraking met doelgroepen waarbij geen begeleiding geïndiceerd is.

Een diverse groep, nog niet concreet ­geformuleerd.

Is je beeld over de aankomende wijzigingen veranderd tijdens de cursus?

Juist vanwege de aanstaande wijzigingen hebben mijn collega’s en ik deze cursus gevolgd. We realiseren ons dat er veel op ons afkomt en willen ons zo goed mogelijk voorbereiden hierop. De cursus heeft dit beeld versterkt.

Ja. Met name door informatie over de tien cliëntgroepen.

Wat was een eyeopener voor jou?

Dat er nog veel onduidelijk is over de komende wijzigingen waardoor ook deze cursus – die we in november 2012 volgden – niet overal een antwoord op kon geven.

Door de filmpjes van mensen met begeleiding in hun eigen omgeving ontstond bij mij het bewustzijn over deze omvangrijke, heterogene groep mensen.

Heb je nu meer kennis van de nieuwe doelgroepen?

Ja. Er werd informatie gegeven over de aankomende doelgroepen vanuit de AWBZ en Begeleiding in de praktijk.

Zeker.

Heb je meer kennis gekregen over AWBZ en de functies?

Mijn kennis over de AWBZ en de verschillende functies is door de cursus groter geworden. Het onderdeel waarbij ingegaan werd op de wijze waarop nu de indicatiestelling door het CIZ uitgevoerd wordt, was interessant. Vooral omdat tijdens de cursus veel aandacht bestond voor mogelijke vertaalwijzen hiervan naar de Wmo.

Ja.

Cursisten aan het woord Wat wist je voordat je de cursus volgde over de AWBZ en Begeleiding?

Wat was je beeld over de doelgroep(en) uit de AWBZ?

Heb je meer tools gekregen voor de omgang met de nieuwe doelgroep?

We hebben enkele rollenspellen gedaan. Ondanks dat veel mensen­ dit niet prettig vinden, viel het erg mee. Ook kregen we via het ­cursusmateriaal handreikingen.

We willen in de cursus ook aandacht gaan besteden aan Persoonlijke Verzorging en Kortdurend Verblijf. Wat vind jij van dat idee?

Dat lijkt me een logische stap. Daarnaast bestaat er een samenhang met de decentralisaties op het gebied van Jeugdzorg en Werk en Inkomen waaraan ook enige aandacht besteed kan worden in de cursus.

Dat lijkt me een verstandig initiatief.

De informatie over de doelgroepen zou nog verder uitgewerkt ­kunnen worden, eventueel als een aanvullend document voor zelfstudie. Daarnaast zou meer inzicht in de huidige werkwijze/werk­ processen van indicatiestelling binnen de AWBZ de benodigde kennis kunnen vergroten.

Oefenen zonder tijdsdruk. Dan ontstaan er nieuwe inzichten en dimensies. Dat geldt ook voor het werk: minder tijdsdruk zorgt voor een beter resultaat.

Meer duidelijkheid over wat de komende veranderingen gaan ­inhouden en hoe compensatie vanuit de Wmo eruit zal zien. Het belang van een duidelijke visie en het ontwikkelen van beleid liep als een rode draad door de cursusdagen.

Praktijkervaring. Het zou mooi zijn als ik een stage kon lopen. Bijvoorbeeld bij SCIO Consult.

De consulenten zijn voortdurend in contact met burgers en man­ telzorgers uit de verschillende doelgroepen. En met onze partners en andere professionals. We kunnen hierdoor een actieve bijdrage leveren aan de ontwikkelingen op het gebied van de komende ­decentralisatie van de AWBZ. Dit geldt zowel voor het geven van input voor het te ontwikkelen beleid als voor de uitvoering hiervan.

In direct cliëntcontact wordt individueel maat­ werk nog belangrijker. Voorwaarde om een ­gesprek of contact te laten slagen, is voldoende tijd hiervoor te nemen. Anders ben je achteraf met herstelwerkzaamheden slechter af.

Het verbreden en verdiepen van kennis ten aanzien van de doelgroe­ pen en het vertalen naar het compensatiebeginsel vanuit de Wmo.

Bewust trainen op kwaliteit in contact. Door de hectiek en tijdsdruk tijdens het werk kom je hier vaak niet aan toe.

Heb je nog tips om nog meer te verdiepen tijdens de cursus?

Denia Schrauwen-Uitdehaag is adviseur en docent bij SCIO Consult. Ze verzorgde Wat heb je NU nog nodig?

eind vorig jaar samen met haar collega Olav van Schie de open inschrijving ‘Wmo en Begeleiding’. Hoe kijken de

Hoe zie jij je eigen rol in deze ontwikkelingen?

cursisten terug op de cursus? Kunnen ze het geleerde toepassen in de praktijk? Denia blikt met twee cursisten terug op

Wat is er in deze fase nodig op het gebied van opleiding?

de cursus en bespreekt de actualiteit. 18

Ja.

19


Uit de praktijk

Claudia van der Wel is adviseur en docent bij SCIO Consult. Zij verzorgt regelmatig bij gemeenten de driedaagse cursus ‘Decentralisatie AWBZ en de gevolgen voor de Wmo’. Hierin vertelt ze over ziektebeelden, beperkingen en AWBZ-indicatiestelling. Samen met cursisten bespreekt ze of de indicatiestelling in de Wmo anders en beter kan. En hoe ze om kunnen gaan met de nieuwe doelgroep.

“Je moet heel goed tussen de regels door luisteren” De transitie van Begeleiding - hoe bereid je je daarop voor? Sef is een jongen van 7 jaar. Hij heeft PDD-NOS. “Ik vond dat hij slecht luisterde,” vertelt zijn moeder. “Bijvoorbeeld als ik hem corrigeerde als hij zijn zusje pijn deed. Maar langzamerhand ben ik gaan begrijpen dat dit geen onwil is. Het hoort bij het onvermogen van Sef.” De jongen schopte zijn zusje vaak. Moeder kreeg geen vat op hem. Om hem te laten inzien dat schoppen pijn doet, schopte ze hem eens terug. “Au mama, dat doet pijn!” “Ja jongen, dat voelt je zusje ook als je haar schopt.” “Nee, dat kan niet. Als ik haar schop doet het geen pijn, want ik voel het niet.” Door: Claudia van der Wel - adviseur en docent

Hoe gaat u het gesprek aan over Begeleiding? Een paar tips. • Een intake doen? Kijk eerst of uw ketenpartners dit niet ook al hebben gedaan. Misschien gebruiken zij dezelfde intakemethode. Werk samen! • Wat is de aanleiding waar cliënt zich mee meldt? Is dat de enige aanleiding, of is er meer aan de hand? Check dit door de verschillende levens­domeinen in kaart te brengen. Op de meeste intakeformulieren kan dit. • Geef de cliënt zoveel mogelijk de regie. Vraag door: aan welke problemen wil hij werken, ­waarom wil hij dat en hoe? Heeft de cliënt het gevoel van regie over zijn eigen traject, dan is hij gemotiveerder. En dat heeft weer invloed op het resultaat.

20

ren.­Ze dacht dat ze er dan echt bij zou horen. Maar haar huwelijk liep stuk. Een tijdje woonde ze met haar kinderen in de crisisopvang. Ze wilde op zichzelf wonen, zelf voor haar kinderen zorgen - tegen het advies van de hulpverle­ ners in. Het bleek te veel voor haar. Ondanks de hulp die ze kreeg, zijn haar kinderen uit huis geplaatst. Inmiddels gaat het goed met de vrouw. Ze woont samen met haar nieuwe vriend. Haar kinderen wonen zelfstandig, met begeleiding. Openheid en eerlijkheid is belangrijk in de relatie met haar hulpverleners, vindt ze. “Ik hoef me niet te schamen als het even niet lukt.”

“Ik heb te weinig oog en oor voor de vraag van de cliënt” Het filmpje over Sef maakt indruk op de cursisten. Ik laat het zien tijdens de cursus ‘Decentralisatie AWBZ en de gevolgen voor de Wmo’. Tijdens de cursus praten we over de transitie van Begeleiding. Hoe bereiden gemeenten zich hierop voor? Gemeenten zetten pilots op, ontwikkelen nieuw beleid en werkprocessen. En medewerkers verdiepen zich in de “nieuwe doelgroep”. Hoe goed kennen we deze doelgroep nou echt? Wat voor hulpvragen hebben de mensen die nu begeleiding krijgen vanuit de AWBZ? We praten erover tijdens de training. De praktijkfilms ­maken veel duidelijk.

Verwarrend De vrouw uit het filmpje heeft een lichte verstandelijke beperking. Ze ziet er verzorgd uit en is welbespraakt. En dat is verwarrend, merk ik als ik erover napraat met cursisten. De vrouw lijkt precies te weten wat haar ­mogelijkheden en beperkingen zijn. Tegelijkertijd horen we een uitgebreide hulpverleningsgeschiedenis. Het lijken twee verschillende levensverhalen te zijn. Blijkbaar moeten we heel goed tussen de regels door luisteren.

Meer begrip Sef, de jongen met PDD-NOS, voelt, ruikt en proeft anders. Hij ziet en hoort ook anders. Als een klasgenootje ­fluistert, dringt dat bij Sef net zo hard door als de stem van de meester. Ook als het muisstil lijkt te zijn, is het net of er een brandweerauto rondrijdt in de klas, zegt Sef. Zijn ouders begrijpen steeds beter waarom Sef doet wat hij doet. Ze hebben bewondering voor hem en snappen nu waarom hij doodmoe is na een schooldag. Ook de cursisten krijgen meer begrip. Een cursist is overrompeld door de casus: “Nu pas zie ik wat zo’n situatie vraagt van een gezin. Ik kom erachter dat ik te weinig oog en oor heb voor de vraag van de cliënt. Zo’n gezin heeft al heel wat op hun bordje liggen en dan moet je niet alleen vragen naar Eigen Kracht maar ook kijken naar hoe je dit gezin in balans kunt houden.”

Meer overzicht Tijdens de training concluderen we dat de “nieuwe doel­ groep” helemaal niet zo nieuw is. Het zijn dezelfde mensen die langskomen voor Hulp in de Huishouding. Of die zich melden bij Werk en Inkomen. Het voordeel is dat we na De Kanteling meer zicht krijgen op de totale hulpvraag. We kunnen niet meer zeggen: “Daarvoor moet u ergens anders zijn”. En dat leidt tot meer efficiency, een betere samenwerking en meer klantvriendelijkheid.

De “nieuwe doelgroep” bestaat uit mensen die we al kennen.

Openheid en eerlijkheid In een ander filmpje vertelt een vrouw over haar leven. Ze had een nare jeugd. Ze trouwde jong en kreeg kinde­

U kunt de driedaagse cursus ‘Decentralisatie AWBZ en de gevolgen voor de Wmo’ als open inschrijving volgen op 25 november, 2 en 9 december 2013. We bieden de cursus ook in-company aan. Meer weten? Kijk op www.scioconsult.nl.

21


Column

Bart van den Eijnde - directeur en senior adviseur

Dit is de SCIO Scope, het magazine van SCIO Consult. Met dit magazine brengen wij u twee keer per jaar op de hoogte van actualiteiten uit de wereld van de Wet maatschappelijke ondersteuning. Ook delen wij onze vakkennis met u en leest u ervaringen van onze klanten. Zo dragen wij bij aan

Bent u een denker of een doener?

ons doel: wij willen bereiken dat mensen zich ‘thuis’ voelen ondanks de beperkingen die ze hebben. Want wij zijn SCIO Consult. Wij zijn thuis in meedoen.

Ons cursusaanbod en onze diensten kunt u vinden op:

www.scioconsult.nl

neiging om te proberen met nieuwe woorden een betere ­inhoud te formuleren. Voordat ik het wist, ontschoot me het woord crealytisch. Uw spellingcontrole zal het niet her­ kennen. Het is een nieuw woord, maar het geeft naar mijn idee de juiste kleur en toon van wat we bedoelden. De ergotherapeut van de toekomst beheerst beide aspecten.

Denker … Doener … Op de één of andere manier hebben we de behoefte om met woorden onderscheid te maken. Het is het één of het ander. Je kunt het niet allebei zijn. Althans, zo omschrijven Smith & Taylor het eind 19de eeuw. Zij vonden de ‘functiespecialisatie’ uit: het werk wordt verdeeld in kleine eenheden en er is een duidelijk onderscheid tussen denken en doen. Functiespecialisatie was destijds een groot goed. Tegenwoordig zijn er steeds meer kritische geluiden: een dergelijke rigide tweedeling heeft ook veel nadelen. Zo is te veel functieoverdracht funest voor de doorlooptijd en kwaliteit.

Als ik naar de omgeving kijk waarin u en ik werkzaam zijn dan gebeurt daar zoveel. Daar zijn zeker ‘denkers’ voor nodig die de afgelopen maanden hard hebben nagedacht. Het moment dat de ‘doeners’ aan de slag kunnen lijkt aan­ gebroken. Maar ook nu pleit ik voor een nieuw vocabulaire en daarmee een nieuwe professional. De tijd is rijp voor ‘doenkers’. Misschien geldt nu wel meer dan ooit dat het bij de komende veranderingen ons niet helpt om de scheiding tussen denken (beleid) en doen (uitvoering) overeind te laten. Nee, we zullen voortdurend het doen (en laten) en het (voor- en na-) denken moeten mengen om tot de gewenste resultaten te komen. Ik wens dat u als doenker met vele doenkers aan de slag kunt gaan om het gewenste resultaat te behalen!

Wat dit met ons werk te maken heeft? Alles. Recentelijk mocht ik in een denktank meedenken over het profiel van de toekomstige ergotherapeut, zeg maar de ergotherapeut 2.0. Nadat verschillende kwalificaties over de tafel waren gekomen bleven er twee onderscheidende kwaliteiten over: creatief en analytisch. We kwamen er niet uit. Wat was belangrijker? Was je het één of het ander? Als je het één was kon je het ander dan niet zijn? Op dat moment krijg ik in dit soort semantische discussies de

PS Ik geef u er nog een. Laatst had mijn lief in een impulsieve bui iets onhandigs gedaan. Bij impulsief hebben we snel een wat negatieve associatie. Maar als het uit liefde is gedaan, is die negatieve toon opeens weg. Ik vond mijn vrouw dan ook vooral erg ‘impulslief’.

Deventer Keulenstraat 4L 7418 ET Deventer T 0570 - 67 71 74 F 0570 - 60 53 40 22

Utrecht Orteliuslaan 879 3528 BE Utrecht T 030 - 767 00 14

E info@scioconsult.nl I www.scioconsult.nl


Cursusaanbod 2014 Wij geloven dat we met elkaar kunnen bereiken dat iedereen naar vermogen mee kan doen. Door mensen, kennis en ervaring met elkaar te verbinden. Daarom bieden wij u op tijd de juiste hoeveelheid kennis bij het ontwikkelen en uitvoeren van maatschappelijke ondersteuning.

Hieronder vindt u het overzicht en alle data van onze open ­inschrijvingen voor 2014. Bent u op zoek naar een incompany cursus voor uw team? Neem contact op met onze opleidings-­ adviseurs. Zij denken met u mee en stellen een maatwerk­traject voor u samen. Ook vertel­ len zij u graag meer over coaching-on-the-job, casuïstiekbesprekingen en e-coaching.

Cursusaanbod gemeenten

cursusduur (dagen)

JAN

FEB

MRT

APR

Meer informatie over deze cursussen vindt u op: www.scioconsult.nl Of u kunt een e-mail sturen naar: cursussen@scioconsult.nl

MEI

JUN

JUL

AUG

SEP

OKT

NOV

DEC

Opleiding tot Wmo-consulent

Uitbreiding opleidings­ aanbod Werken met mensen met multiproblemen of probleemgezinnen Mensen met multiproblemen of probleemgezinnen maken een klein deel uit van je dagelijks Wmo werk, maar houden je wel vaak intensief bezig. Ze vragen geen (adequate) hulp of er komen juist veel hulpverleners die langs elkaar heen werken. De reguliere hulpverlening heeft vaak weinig grip op deze ­mensen. In deze cursus krijgt u meer inzicht in deze doelgroep. (open inschrijving en incompany)

3

• Module  2: Mensen met lichamelijke beperkingen

2

Module 2 Door: A. Vink / L. Steggink Data: 6 mrt, 13 mrt

• Module  3: Mensen met psychische problemen

2

Module 3 Door: D. Schrauwen / A. Vink Data: 20 mrt, 27 mrt

• Module 4: Het Gesprek

2

• Module  5: Arrangementen en indicatiestelling individuele voorzieningen

4

• Proeve van bekwaamheid

Vraaggericht samenwerken in een sociaal wijkteam Veel gemeenten zetten (sociale) wijkteams op waarin diverse professionals meedoen. Het wijkteam staat dichtbij de burger. Daardoor is er meer inzicht in krachten en talenten, in de om­ geving en in de voorzieningen in de wijk. Vanuit De Kanteling moeten deze teams vraaggericht gaan werken. Een hele omslag. In deze cursus voor teamleden leert u de basis­principes van het vraaggericht werken en bespreekt u met elkaar casuïstiek ­binnen de wijk. (alleen incompany)

Nieuwe workshops en cursussen • • • •

Overheveling AWBZ-Wmo (workshop) Eigen kracht voorop (workshop) Het keukentafelgesprek (workshop) Decentralisatie AWBZ en de gevolgen voor de Wmo (3-daagse cursus)

Meer weten T (030) 767 00 14 E info@scioconsult.nl I www.scioconsult.nl

Module 1 Door: E. Assink / J. van der Bijl Data: 11 sep, 18 sep, 25 sep

Module 1 Door: E. Assink / J. van der Bijl Data: 30 jan, 6 feb, 13 feb

• Module  1: Achtergronden en wettelijk kader van de Wmo

1

Module 2 Door: A. Vink / L. Steggink Data: 2 okt, 9 okt Module 3 Door: D. Schrauwen / A. Vink Data: 30 okt, 6 nov Module 4 Door: F. van der Kolk / D. Schrauwen Data: 3 apr, 10 apr

Module 4 Door: F. van der Kolk / D. Schrauwen Data: 13 nov, 20 nov

Module 5 Door: P. Veen / J. van der Bijl Data: 17 apr, 24 apr, 15 mei, 22 mei P. v. B. Door: P. Veen / F. van der Kolk Datum: 9 jan

Module 5 Door: P. Veen / J. van der Bijl Data: 27 nov, 4 dec, 11 dec, 18 dec P. v. B. Door: P. Veen / F. van der Kolk Datum: 5 jun

Verdiepingscursussen

• Complexe woonvoorzieningen

5

• Complexe  rolstoelen en vervoersvoorzieningen

4

• Hulp bij het Huishouden (complex)

2

• Kinderen  en de Wmo

4

• Decentralisatie  AWBZ en de gevolgen voor de Wmo

3

• W  erken met mensen met multiproblemen of probleemgezinnen

Complexe woonvoorzieningen Door: N. Schrijver / J. van der Bijl Data: 4 mrt, 11 mrt, 18 mrt, 25 mrt, 8 apr

Complexe woonvoorzieningen Door: N. Schrijver / J. van der Bijl Data: 28 okt, 4 nov, 11 nov, 18 nov, 2 dec Complexe rolstoelen en vervoersvoorzieningen Door: A. Hector / A. Hommel Data: 27 okt, 3 nov, 10 nov, 17 nov Hulp bij het Huishouden (complex) Door: A. Vink / C. van der Wel Data: 30 sep, 7 okt

Kinderen en de Wmo Door: E. Assink / S. Elsemulder Data: 3 mrt, 17 mrt, 31 mrt, 14 apr Decentralisatie AWBZ en de gevolgen voor de Wmo Door: D. Schrauwen / C. van der Wel Data: 27 mei, 3 jun, 10 jun

Decentralisatie AWBZ en de gevolgen voor de Wmo Door: D. Schrauwen / C. van der Wel Data: 24 nov, 1 dec, 8 dec

Multiproblemen of probleemgezinnen Door: D. Schrauwen / C. van der Wel Data: 1 apr, 15 apr, 22 apr

3

Cursusaanbod zorgaanbieders

cursusduur (dagen)

Indicatiestelling AWBZ - algemeen

1

AWBZ algemeen Door: C. van der Wel / O. van Schie Datum: 10 mrt

Indicatiestelling AWBZ - Zorgzwaartepakketten

1

AWBZ ZZP Door: C. van der Wel / O. van Schie Datum: 24 mrt

JAN

FEB

MRT

APR

Multiproblemen of probleemgezinnen Door: D. Schrauwen / C. van der Wel Data: 25 nov, 9 dec, 16 dec

MEI

JUN

JUL

AUG

SEP

OKT

AWBZ algemeen Door: C. van der Wel / O. van Schie Datum: 29 sep AWBZ ZZP Door: C. van der Wel / O. van Schie Datum: 6 okt

NOV

DEC


SCIO Scope magazine nr 3 2013