Page 1

Actualiteiten over de Wet maatschappelijke ondersteuning

mei 2013

en in Invester s ekijk on B ? is n n ke or nbod vo a a s u s r cu ar en dit naja in! schrijf u “Ik prijs mezelf gelukkig, want ik weet dat het in sommige gemeenten anders verloopt� Ingeborg Olofsen over haar ervaringen met de Wmo. Pagina 16.

Gemeente Utrechtse Heuvelrug kiest voor persoonlijke benadering. Pagina 10.


Inhoud 4

In de kantlijn

5

Voorwoord

6-9

In gesprek met ...

Het

ministerie van VWS

U werkt bij een gemeente of ­­een aanbieder van zorg of hulpmiddelen ­en heeft regelmatig behoefte aan kennis en advies bij de uitvoering van de Wmo. Dan bent u bij ons aan het goede adres. Wij bieden u op tijd de juiste hoeveelheid

10-11

Uitgelicht

12-13

De visie van ...

14-15

Een kijkje in onze keuken

Gemeente

Diensten

Utrechtse Heuvelrug

kennis bij het ontwikkelen en uitvoeren van maatschappelijke ondersteuning. ­

Ingrid

Linnemans

Vooruitblik

op onze nieuwe diensten

16-17

Interview met cliënt:

“Ik

wil zo lang mogelijk alles zelf doen”

18

Cursist aan het woord:

19

Klant aan het woord:

Diane

van Kessel

Gemeente

20-21

Uit de praktijk

22

Column

Spijkenisse

Casus

complexe woonvoorzieningen

Ga

kathedralen bouwen!

Dat is onze kracht. Cliëntadvisering Cliëntadvisering is niet altijd even gemakkelijk. Wij onder­ steunen u graag. Onze ervaren medisch-, ergonomisch- en bouwkundigadviseurs zijn flexibel inzetbaar en hebben deskundigheid op specifieke gebieden. Cursussen en coaching De Wmo is een omvangrijk onderwerp waarover je eigenlijk nooit genoeg kunt weten. Wij hebben een zeer ruim aanbod aan cursussen en coaching, zodat u kunt blijven groeien in uw functie. Strategie- en beleidsadvisering Wij begeleiden u onder andere bij het kantelen, de im­ple-­ mentatie van begeleiding en het realiseren van besparingen.­ Ook kunt u ons inschakelen voor onder ­andere visievorming, procesbegeleiding en evaluatie. Wij gaan voor haalbare ­op­lossingen die direct toe­pasbaar zijn in de praktijk. Detachering en interim-management Te weinig personeel en te veel aanvragen? Met als gevolg te hoge doorlooptijden? Wij leveren tijdelijke krachten voor alle functies. Dankzij de kennis en ervaring van onze mensen, kunnen zij u perfect ondersteunen wanneer u dat nodig heeft. Meer informatie over onze diensten vindt u op: www.scioconsult.nl


6

6 In gesprek met ... Malinche van der Hoog, ministerie van VWS Ook deze kabinetsperiode stijgen de zorgkosten. Waar is deze stijging­­ aan toe te schrijven? Tot hoever laten we de zorgkosten stijgen? ­Hoeveel zijn mensen bereid te betalen? Hoeveel zijn mensen bereid om voor een ander te betalen? Hoe solidair zijn we nu en in de toekomst? Op het ministerie van VWS wordt hierover nagedacht.

19 Klant aan het woord: Gemeente Spijkenisse De klantmanagers van de gemeente hebben dankzij de training ­ Het Gesprek een goed gevulde ‘gekantelde’ rugzak.

20 Uit de praktijk Wanneer is een keuken afgeschreven? En moet je als gemeente de ­kosten voor de nieuwe keuken geheel vergoeden ­of alleen de ­meerkosten? Een interessante casus uit de praktijk.

16

Interview met cliënt: “Dit kan je niet alleen” Indicatieadviseur Anita Hommel interviewt één van haar cliënten, de 51-jarige ­ Ingeborg Olofsen. Ingeborg heeft A.L.S. en moet een beroep doen op de Wmo. ­ Hoe gaat zij om met haar ziekte, hoe staat zij in het leven en hoe draagt de Wmo eraan bij dat Ingeborg kan blijven meedoen in de maatschappij?


Colofon 5 Voorwoord door

12 De visie van ...

Zorgen voor buurtbewoners die ­minder mogelijkheden hebben. Klinkt heel ­logisch. Toch doe ik het (nog) niet. ­Hoe komt dat?

Volgens Ingrid Linnemans, senior adviseur, is de Wmo in 2025 niet meer nodig.

Stefan van den Oever

Ingrid Linnemans

14 Een kijkje in onze 10 Uitgelicht ...

Gemeente Utrechtse Heuvelrug

keuken

SCIO Consult zit natuurlijk ook niet stil. ­ Hier leest u wat u de komende tijd van ons kunt verwachten.

SCIO Scope is een uitgave van SCIO Consult Deventer Keulenstraat 4L 7418 ET Deventer T 0570 - 67 71 74 F 0570 - 60 53 40 Utrecht Orteliuslaan 879 3528 BE Utrecht T 030 - 767 00 14 E info@scioconsult.nl I www.scioconsult.nl Aan deze uitgave werkten mee • Anita Hommel • Ariana van der Slikke • Bart van den Eijnde • Bas Treuren • Diane van Kessel • Elisabeth van Oostrum • Evelien Assink • Geert Pel • Ingeborg Olofsen • Kim Burgers • Malinche van der Hoog • Manuela de Klaver

Wethouder Elisabeth van Oostrum over maatwerk en persoonlijke benadering: “Ik zou graag willen dat we altijd naar het totaal kijken, naar wat er nodig is ­in een gezin en dat we daar een passend arrangement op maken.”

10

Redactie • Ingrid Linnemans • Paula van Gemen, De Tekstlounge • Rachel Scheel • Stefan van den Oever Fotografie Hans Slegers Vorm en concept Bas Kelderman, Initium Utrecht Drukwerk Badoux, Houten

18 Cursist aan het woord:

Diane van Kessel

Diane volgde de opleiding tot ­Wmo-consulent. Wat is haar ervaring?

Elisabeth van Oostrum

22 Column Een terugblik op de jubileumdag.

Meer informatie www.scioconsult.nl


In de kantlijn

De oudste cliënt van Nederland Ik ben op huisbezoek bij een meneer van 98 jaar voor de Hulp bij het Huishouden. Hij laat me enthousiast zijn computer zien en vertelt wat hij allemaal nog doet ondanks zijn beperkingen. Na afloop van het gesprek bedankt hij mij voor de gezelligheid. Een week later komt er een brief van meneer, netjes op zijn computer getypt. Hij heeft uit de beschikking begrepen dat hij over tien jaar, het jaar waarin hij 108 wordt, een vervolgindicatie moet aanvragen. ­Met een knip­oog schrijft hij erbij dat hij dan in de vorm van een geraamte zijn graf zal moeten verlaten om bij ons op kantoor dit verzoek te komen indienen … En dat we er dan een feestje van maken! Ariana van der Slikke, adviseur

Pop Zonder woorden

Ik ging op huisbezoek bij een dame van 28 jaar ­met een ontwikkelingsachterstand. Moeder is ook bij het gesprek aanwezig. Ze vertelde me van tevor en dat haar dochter veel stemmingswisselingen heeft en het gesprek misschien niet aan wil. Ze blijkt die dag echter goed in haar vel te zitten. Als ik me voorstel, kijkt ze wel wat verbaasd. We voere n samen met moeder het gesprek. Ze vertelt onde r andere dat ze graag met haar pop speelt. Als we afscheid nemen, kijkt ze me nog eens goed aan en zegt dan: “Ik kan echt niet geloven dat jij dezel fde naam hebt als mijn pop!”

Handen, voeten, veel geduld en een kopje thee, daar kom je toch best wel ver mee! Op 7 februari stond voor mij een huisbezoek gepland bij een cliënt die de Nederlandse taal niet goed beheerst. Er zou daarom ook een maatschappelijk werker bij het gesprek aanwezig zijn. Helaas was deze de afspraak vergeten. Wat doe je dan? Je kunt weer vertrekken en een andere afspraak laten plannen … Maar ja, ik was er toch. Dus heb ik onder het genot van een heerlijk kopje thee, met veel geduld en met veel handgebaren, toch de benodigde informatie weten te verzamelen om verder te kunnen met mijn advies.

Kim Burgers, adviseur

Manuela de Klaver, medisch adviseur

Laatst zag ik deze scootmobiel netjes geparkeerd staan op een autoparkeerplaats. Op en top participatie, nietwaar? Geert Pel, adviseur

4


Voorwoord

“Overheid en gemeenten moeten meer gaan vertrouwen op de solidariteit van haar inwoners”

Beste lezer, We leven in een geweldig land en we hebben het goed ­voor elkaar. Volgens mij kunnen we best de nullijn behouden of zelfs een stapje terug doen. Voorwaarde is dan wel dat we het gezamenlijk doen en dat iedereen naar zijn eigen mogelijkheden bijdraagt. Als vader van een jong gezin heb ik het druk, maar ik ben me erg bewust van het geluk dat mij is toebedeeld. Vanuit dit besef wil ik mensen met minder mogelijkheden graag ondersteunen. Dat doe ik nu al voor mijn vrienden en familie. De volgende stap zou logischerwijs zijn dat ik dit ook voor buurtbewoners doe. Waarom ik dat nu nog niet doe? Misschien voel ik de verantwoordelijkheid er nog niet echt voor? Alles wordt nu zo goed geregeld, dat ik het idee heb nog niet echt nodig te zijn. Ik ben vast niet de enige die om deze reden nog niet in actie is gekomen. Volgens mij kan dit alleen doorbroken worden als de overheid en gemeenten een aantal zaken loslaten en meer gaan vertrouwen op de solidariteit van haar inwoners, want die is er zeker, zo blijkt uit onderzoek van het ministe­ rie­van VWS (pagina 6). Nu is het moment. De maatschappij is er klaar voor. En de politiek ook: onlangs heeft staatssecretaris Martin van Rijn de veranderingen in de zorg concreet gemaakt. Dus waar wachten we nog op? We kunnen gaan starten met de bouw van onze ‘Samenlevingskathedraal’. Ik raad u aan om ter inspiratie de column op pagina 22 te lezen. Stefan van den Oever senior adviseur en partner

PS Graag spreek ik ook nog even een deadline met u af voor de kathedraal: laten we ervoor zorgen dat de kathedraal in 2025 klaar is, iets wat volgens de visie van Ingrid Linnemans (pagina 12) haalbaar is.

5


In gesprek met ...

Malinche van der Hoog, beleidsmedewerker bij het ministerie van VWS, over de betaalbaarheid van de zorg. Nu en over 30 jaar. “De zorgkosten stijgen nog steeds. Maar het is niet alleen maar negatief: door de technologische ontwikkelingen blijven mensen langer fit. Hierdoor kunnen ze langer blijven werken of (mantel)zorgtaken op zich nemen� 6


Een doorsnee gezin betaalt ruim 11.000 euro per jaar aan verplicht verzekerde zorg. Namelijk:

• premie zorgverzekering • eigen risico • via het loonstrookje • belastingen

Ingrid Linnemans, senior adviseur bij SCIO Consult, ging terug naar haar oude werkplek op het ministerie van VWS en interviewde daar Malinche van der Hoog. Van der Hoog is senior beleidsmedewerker bij de directie MEVA (Macro Economische Vraagstukken en Arbeidsmarkt) en houdt zich bezig met de langetermijnontwikkelingen in de gezondheidszorg. Van der Hoog: “Wij denken onder andere na over de vraag wat we over 20/30 jaar met de gezondheidszorg willen. Afgelopen tijd heb ik me vooral bezig gehouden met de betaalbaarheid van de zorg.”

Hoe zit het met de betaalbaarheid van de zorg? “Vanaf de jaren ‘50 stijgen de kosten voor de gezondheidszorg eigenlijk ieder jaar. Deze lijn zal zich naar verwachting ook doorzetten in de toe­ komst. De kosten in de curatieve zorg, dus bij de huisartsen en ziekenhuizen, stijgen ongeveer even hard als in de langdurige zorg.” Waar wordt de stijging van de zorgkosten door veroorzaakt? “Heel veel mensen denken dat de stijging door de vergrijzing komt. Natuurlijk draagt de vergrijzing eraan bij, maar de vergrijzing verklaart nog geen kwart van de kostenstijging. De uitgavestijging wordt voor het grootste deel veroorzaakt doordat we meer en betere zorg krijgen.

Bijvoorbeeld door de technologische vooruitgang. Ook wordt de zorg luxer. Verder zien we dat we meer mensen behandelen. Dit zijn ook vaker mensen met een lichtere aandoening. Steeds meer dingen die we vroeger zagen als een ongemak, vinden we nu een ziekte.” Hoeveel zijn wij nu kwijt per gezin aan zorguitgaven? “Een doorsnee gezin is bijna een kwart van zijn inkomen kwijt aan zorg. Dat zijn gigantische bedragen. Mensen hebben vaak niet door hoeveel ze feitelijk betalen; ze kijken alleen naar de maandelijkse premie voor de ziektekostenverzekering, maar er komt veel meer bij kijken. Voor een doorsnee gezin moet je rekenen met meer dan 11.000 euro per jaar.

Naast je maandelijkse ziektekosten­ premie, betaal je namelijk ook nog een inkomensafhankelijke bijdrage voor je zorgverzekering, je eigen risico, AWBZ-premie en belasting voor de zorg. Als de zorguitgaven net zo hard blijven stijgen als de afgelopen tien jaar, dan betaalt een doorsnee gezin in 2040 bijna de helft van zijn bruto inkomen aan zorg. Daarvan hebben we gezegd: dat is misschien wat veel. Deze verwachte stijgingen hebben ook wel meegespeeld in een aantal keuzes die gemaakt zijn in het kader van het nieuwe regeerakkoord. Er worden diverse maatregelen getroffen om die stijgende lijn wat minder hard te laten stijgen. Maar nog steeds zien we deze kabinetsperiode dat de zorguitgaven stijgen. ”

“Mensen hebben vaak niet door hoeveel ze betalen; ze kijken alleen naar de maandelijkse premie voor de ziektekostenverzekering”

7


Hoeveel zijn mensen bereid te ­betalen? En dan bedoel ik niet alleen voor zichzelf maar ook voor elkaar? “Dat weten we niet precies. We zien dat mensen met een hoger inkomen verhoudingsgewijs meer betalen aan gezondheidszorg dan mensen met een laag inkomen, terwijl mensen met een laag inkomen verhoudings­ gewijs meer gebruikmaken van zorg. Iedereen besteedt nu al een groot deel van zijn inkomen aan zorg en de

zorguitgaven stijgen nog steeds, ook deze kabinetsperiode. Iedereen gaat dus steeds meer betalen. Eigenlijk moeten we daarom de vraag stellen ‘Hoeveel zijn mensen bereid om ­ extra bij te dragen aan de kosten voor de zorg?’ Op dit moment willen we nog wel wat extra betalen. Maar er is ­wel steeds meer discussie of de bijdragen niet te hoog worden en of ­er niet ­efficiënter gewerkt kan worden. Bovendien laait regelmatig

de dis­cussie op over gezond leven: het blijkt namelijk dat mensen best bereid zijn om voor anderen te betalen, maar dan moeten die wel hun best doen om gezond te leven. Overigens gaat het hier niet alleen om de hogere versus de lagere inkomens. Gezonde mensen, mensen met een hoog inkomen en jongeren betalen namelijk voor (chro­ nisch) zieken, mensen met een laag-of ­middeninkomen en ouderen.”

Als we meer gaan uitgeven aan de zorg en we betalen dat op dezelfde­ manier als nu, dan gaan gezonde mensen, mensen met een hoog ­ inkomen en jongeren meer betalen voor (chronisch) zieken, mensen met een laag inkomen of een middeninkomen en ouderen.

8


“Een deel van de stijging van de pensioen­ leeftijd is zeker mogelijk gemaakt door de zorg. Dus het levert ons ook heel veel op. Dat is denk ik ook wel waarom we zoveel geld spenderen aan de zorg.”

We hebben nu vooral de negatieve aspecten belicht. Maar zijn er ook positieve kanten? “Zeker. Door alle technologische en medische ontwikke­ lingen, krijgen we meer mogelijkheden om deel te nemen aan de maatschappij en mensen worden ouder. Dus wat ­levert het ons op? Heel veel gezondheid en extra levens­ jaren. We zien dat we sinds 1950 ongeveer 8 jaar langer ­ zijn gaan leven waarvan 6 jaar te danken is aan de zorg. ­Mensen voelen zich beter en kunnen meer werken als ze niet ziek zijn. Wat dat betreft zou je kunnen zeggen dat een deel van de stijging van de pensioenleeftijd zeker ­mogelijk gemaakt is door de zorg. Want als we niet langer zouden leven dan zouden we niet zomaar de pensioen­ leeftijd kunnen verhogen. Dus het levert ons heel veel ­ op en dat is denk ik ook wel waarom we zoveel geld spenderen aan de zorg.”

Zie je nog meer voordelen? “Er staat een nieuwe groep mantelzorgers op: een enorme groep vitale ouderen. Als mensen nu met hun 65ste jaar met­ pensioen gaan, zijn ze nog niet oud en versleten en hoeven dus nog niet achter de geraniums te gaan zitten. ­Ze voelen zich vaak nog prima en kunnen allerlei verantwoordelijk­ heden op zich nemen. Degenen die echt oud en ziek zijn, zijn vaak een stuk ouder dan 65. Juist bij deze vitale ­ouderen zit een enorm potentieel. Zij nemen bijvoorbeeld zorgtaken voor de kleinkinderen op zich. Maar ook zie je dat ze de ‘oude ouderen’ helpen en mantelzorger worden. Dat is­een goede ontwikkeling; deze mensen hebben we hard nodig. Alles wat we voor elkaar doen, hoeft niet meer door pro­ fessionele zorgverleners gedaan te worden. Bovendien is het voor mensen vaak plezieriger wanneer er iemand over de vloer komt die ze goed kennen in plaats van een vreemde zorgverlener.” Hoe kunnen gemeenten slim gebruikmaken van deze ­ groep vitale ouderen? “Mensen vinden het soms eng om hulp aan te bieden. ­ We willen ons niet snel mengen in de persoonlijke levens­ sfeer van een ander. Ik denk dat daar een kans ligt voor de gemeenten: zij kunnen het gesprek openbreken. ­ De ont­wikkelingen in de Wmo bieden daar goede kansen voor. Gemeenten krijgen namelijk meer taken en verant­ woordelijkheden, maar ook mogelijkheden om zorg en welzijn goed aan te laten sluiten bij wat er lokaal allemaal speelt en mogelijk is. Het aanspreken van deze groep vitale ouderen, en natuurlijk andere vrijwilligers en potentiële­­ mantelzorgers, is makkelijker op lokaal niveau, waar je elkaar kent. Er zijn al veel mooie voorbeelden waarbij ­mantelzorgers, vrijwilligers en gemeenten dit samen ­oppakken. Met de toegenomen mogelijkheden van de ­gemeenten, zal dit de komende jaren alleen maar toe­ nemen denk ik. We kunnen een paar prachtige en ­originele initiatieven tegemoet zien.”

De illustraties en cijfers bij dit artikel komen uit de publicatie ‘De zorg: hoeveel extra is het ons waard?’, een uitgave van het ministerie van VWS. U kunt de publicatie downloaden via www.rijksoverheid.nl.

9


Uitgelicht ...

Gemeente Utrechtse Heuvelrug

“Ik hoop dat we in de toekomst meer mogelijk­ heden krijgen om creatieve ­oplossingen te bieden, gericht op de persoon”

Wethouder Sociale Zaken over de kracht van een persoonlijke benadering “Onze inwoners worden snel en naar tevredenheid geholpen en kunnen deelnemen aan de samenleving,” zegt Elisabeth van Oostrum, wethouder Sociale- en Maatschappelijke Zaken van de gemeente Utrechtse Heuvelrug. ‘Haar’ Wmo-loket staat in de top-50 van de beste Wmo-loketten. Van Oostrum: “Bij de beoordeling wordt onder andere gekeken naar de aanvraagtijd en de doorlooptijd en dat zit bij ons wel goed; we behandelen heel veel procedures binnen de wettelijke termijn en vaak zelfs binnen 14 dagen. Ook wordt het aantal klachten gemeten. Bij ons is dat minimaal.” Zoals geen enkel succes, komt ook dit niet zomaar aanwaaien. Door: Stefan van den Oever - senior adviseur en partner

Met resultaat: we hebben geen wachtlijsten meer voor de Huishoudelijke Hulp en een hoge tevredenheid. We kiezen voor een persoonlijke benadering op kleine schaal. Dat zie je terug in onze persoonlijke aanpak bij de indicatiestelling. De sociaal-medisch adviseurs gaan altijd bij de mensen thuis op bezoek. Ze kijken niet alleen naar de vraag maar ook naar hoe mensen erbij zitten, hoe het huis eruit ziet …”

“We hebben in de afgelopen jaren al behoorlijk wat stap­ pen gezet in het sociaal domein. Zo is vier jaar geleden de aanbesteding voor de Huishoudelijke Zorg al zo ingericht dat in heel kleine kavels ook lokale partijen de zorg gingen aanbieden. Er is gekozen om in kleine teams te werken zo­dat de samenwerking met alle aanbieders op het gebied van informele zorg in de dorpen goed zou verlopen.

10


De afgelopen vier jaar werd veelvuldig kennis gedeeld en verzorgde SCIO Consult de sociaalmedische en bouwkundige adviezen Wmo, Gpk en LLV. Onlangs is deze periode verlengd; we zetten de samenwerking met gemeente Utrechtse Heuvelrug met veel plezier voort.

Stefan van den Oever in gesprek met wethouder Elisabeth van Oostrum.

spilfunctie, in het andere dorp is dat het gezondheids­ centrum of de diaconie. Dat geeft een heel andere chemie. In de komende jaren gaan we het dorpsgericht werken nog verder vormgeven. Zo willen we de informele zorg, de vrijwilligers en de mantelzorg nog beter verbinden met de professionele zorg. Onze consulenten zullen dan ook steeds meer in de dorpen aan de gang gaan.”

Veel mensen met zware zorgbehoefte “Maar we zijn er nog niet. Zo brengt het nieuwe regeer­ akkoord de nodige uitdagingen met zich mee en hebben we onze eigen, lokale uitdagingen, zoals de hoge zorgdichtheid. Want de Utrechtse Heuvelrug is, samen met Zeist, één van de gemeenten in Nederland met relatief veel mensen met een zware zorgbehoefte. Het gaat hier niet alleen om ouderen, maar juist ook om andere doelgroepen die zorg nodig hebben. Dat vraagt om een heel andere deskundig­ heid en aanpak. Een oudere inwoner heeft zich over het algemeen verzoend met het idee dat hij in de laatste fase van zijn leven meer zorg nodig heeft. Maar een cliënt die een ge­handicapt kind heeft of iemand waarvan de partner op jonge leeftijd een zware beperking krijgt, dat is een ander verhaal. Zij willen veel meer zelf bepalen wat ze doen en minder afhankelijk zijn van vrijwilligers. Daar moeten wij o ­ p inspelen als gemeente. En dat doen we ook.”

Een passend arrangement “Deze persoonlijke aanpak past bij ons en heeft ook het meeste effect. Ik hoop dat we in de toekomst nog meer mogelijkheden krijgen om persoonlijke en creatieve op­ lossingen te bieden. Ik heb een mooi voorbeeld waar­mee ik dat kan illustreren. Een ouder echtpaar vroeg om hulp. Zij had vrij zware verpleging en verzorging nodig en hij wilde die taak graag op zich nemen. Maar, zei hij, hij zou dan geen energie hebben om ook het huishouden te doen. Met de huidige regels zou dit echtpaar wel in ­aan­merking komen voor de verpleging en verzorging en niet voor de huishoudelijke zorg omdat meneer gezond genoeg is om het huishouden te doen. Dat is eigenlijk heel krom. Gelukkig hebben we een creatieve oplossing gevonden voor dit echtpaar. Maar ik zou graag willen dat dit de standaard werkwijze is, dat we altijd naar het totaal kijken, naar wat er nodig is in een gezin en dat we daar een passend arrangement op maken. Daar werken we naartoe.”

Wij werken niet wijkgericht maar dorpsgericht Ook is de gemeente druk bezig om het ‘dorpsgericht’ werken meer invulling te geven. In 2011 is men gestart ­ met het realiseren van woonservicegebieden in de dorpen. Nu al is merkbaar dat er lokaal beter wordt samengewerkt. Bovendien komen er veel goede initiatieven uit de dorpen. Van Oostrum koos er bewust voor om geen blauwdruk op te leggen: “Elk dorp heeft zijn eigen couleur locale. In het ene dorp heeft de woningbouwvereniging een

11


De visie van …

Ingrid Linnemans - senior adviseur en teammanager

Ingrid Linnemans over de toekomst van de Wmo: “In 2025 is de Wmo niet meer nodig” De huidige regering heeft hoge verwachtingen van u. U moet er namelijk voor zorgen dat iedereen in uw gemeente kan participeren en goed begeleid en verzorgd wordt. Dit ondanks de toenemende vergrijzing en de toename van het aantal mensen dat door de extramuralisatie thuis blijft wonen. Oh, en ook nog eens met veel minder geld dan voorheen. Ga er maar aan staan … De kaders zijn helder Deze taak die u heeft, heeft één voor­ deel: de kaders zijn helder. We weten allemaal wel waar we naartoe gaan. Ik denk dat elke gemeente er over een paar jaar in grote lijnen zo uitziet: er wordt wijk- of buurtgericht gewerkt, mensen worden aangesproken op hun eigen mogelijkheden, we maken gebruik van vrijwilligers die we op slimme manieren vinden en koppe­ len deze aan degenen die hulp nodig hebben. Ook laten we de ene helft van de doelgroep de andere helft helpen en worden mensen met een uitkering ­actief ingezet. Er zijn geen grenzen meer tussen gemeentelijke beleidster­ reinen: we gaan voor de inclusieve sa­ menleving. We kijken bovendien niet langer alleen naar de probleemmelder, maar brengen de hele leefeenheid

in kaart. Er zijn aanzienlijk minder loketten. We kijken naar resultaten en participatiedoelen in plaats van naar rechten. Daarnaast worden preven­ tie, voorkomen en voorzien steeds belangrijker. Innoveren door te kopiëren Ik zie veel goede initiatieven in het land die in de komende jaren gaan zorgen voor het hierboven beschreven beeld. En ik zou iedereen willen op­ roepen om deze voorbeelden te volgen en zelfs te kopiëren. Want waarom zouden we allemaal het wiel opnieuw uit gaan vinden? Dat kost onnodig veel tijd, energie en geld. Kijk bij­ voorbeeld naar gemeente Emmen; zij hebben Hulp bij het Huishouden als algemene voorziening wijkgericht opgezet. En in Hoogeloon bestaat een

12

zorgcoöperatie die met een moderne wijkzuster betaalde krachten en vrij­ willigers bundelt om het zorgaanbod op peil te houden. Een ander mooi voorbeeld is het project ‘Jij en ik voor elkaar’ van Participe. En zo kan ik nog wel even doorgaan. Een kijkje in de toekomst … Maar hoe ziet de toekomst er dan uit? In 2025 bestaat de Wmo in zijn huidige vorm niet meer en dat is ook niet nodig. Want 80% van de mensen met een beperking weet dan, vaak met hulp van hun omgeving, de weg te vinden naar de dagbesteding, ruilt de auto of fiets met hulpmotor bij de lokale fietswinkel in voor een scoot­ mobiel, maakt gebruik van collectieve, algemene voorzieningen en heeft gespaard voor een traplift.


“Waarom zouden we allemaal het wiel opnieuw uitvinden? Dat kost onnodig veel tijd, energie en geld. Mijn motto is daarom: innoveren door te kopiëren.”

“In 2025 vindt 80% van de mensen met een beperking zijn eigen weg. Gemeenten ­houden zich alleen nog bezig met degenen die de oplossingen niet kunnen betalen en niet zelf kunnen organiseren.”

Voor degene die het niet kan betalen, treft de gemeente een betalingsregeling. Dagbesteding, beschutte werkplekken en collectieve voorzienin­ gen worden wijkgericht ingericht en gefinancierd, waarbij ook wijkgerichte resultaten worden afgesproken. Mensen met een uitkering worden hierbij ingezet om te ondersteunen. De gemeente houdt zich in 2025 enkel nog bezig met de 20% die het niet zelf kan organiseren en het niet zelf kan betalen. Samen bouwen De kaders en het eindplaatje zijn geschetst. Met deze contouren zult u het moeten doen. Ik verwijs u graag naar de column op pagina 22, waarin Bart van den Eijnde de link legt tussen uw werk en het bouwen van kathedralen in de Middeleeuwen. Laten we in plaats van kathedralen samen een mooie samenleving bouwen. Een samenleving waarin iedereen kan meedoen, die betaalbaar is en waarin we er voor elkaar zijn als dat nodig is. Ik zou zeggen: ‘Stop met schrijven, ga bouwen, leer van elkaars fouten en volg de goede voorbeelden!’

Gluren bij de buren Werkbezoek Engeland 19 & 20 september Wilt u leren van de manier waarop de maat­ schappe­lijke ondersteuning in Engeland is ­ingericht? Dit najaar organiseren wij samen met professor Guus Schrijvers een werkbe­ zoek naar Engeland. Meer informatie over het ­programma en de kosten, vindt u op www.scioconsult.nl/actueel. U kunt ons ook bellen via nummer (030) 767 00 14. 13


Een kijkje in onze keuken

Binnenkort: nieuwe set aan diensten Op maat gemaakt voor elk type gemeente Er gebeurt enorm veel in de Wmo zoals de transitie van Persoonlijke Verzorging en Begeleiding. Omdat we u graag goed willen blijven ondersteunen, zijn wij continu aan het innoveren. De afgelopen maanden deden we dat achter de schermen. Binnenkort staan we ‘op het podium’ met nieuwe producten en diensten. We geven u alvast een kijkje in onze keuken.

14


Uw mening telt Wij zijn erg benieuwd wat u vindt van onze plannen. Wilt u uw mening geven? Neem dan contact op met één van onze adviseurs.

Uitgangspunt van ons innovatieproject is het feit dat iedere gemeente meer of minder kenmerken vertoont van één van de volgende vier typen: de krachtige gemeente, de recht­matige gemeente, de netwerkgemeente en de zelfregulerende gemeente. Elk type gemeente gaat anders om met de nieuwe uitdagingen die voor de deur staan. En elk type gemeente heeft behoefte aan andere producten en diensten. Zo willen een netwerkgemeente en een krachtige gemeente allebei zoveel mogelijk wijkgericht gaan werken. Ook zetten zij generalisten in en gaan ze de samenwerking met andere beleidsterreinen aan. Maar waar bij een krachtige gemeente gemeente­ ambtenaren een grote rol spelen bij het voeren van het gesprek, legt een netwerkgemeente dit eerder bij vrijwilligers en (zorg)aanbieders. En bij het opzetten van nieuwe voorzieningen bijvoorbeeld houdt de krachtige gemeente de regie in eigen hand, terwijl de netwerkgemeente op basis van vertrouwen de aanbieders gaat mandateren en slechts op resulta­ ten achteraf zal toetsen. Een rechtmatige gemeente en een zelfregulerende gemeente beperken allebei hun werkgebied tot de prestatievelden van de Wmo. Een rechtmatige gemeente houdt daarbij zoveel mogelijk vast aan richtlijnen en kaders en zal deze ook zelf toet­ sen­in gesprekken. Een zelfregulerende gemeente daaren­tegen zal veel meer kijken naar welke rol vrijwilligers en (zorg)aanbieders hier in kunnen spelen. Een rechtmatige gemeente zal zelf nieuwe voor­zieningen initiëren, waarbij andere partners gevraagd worden mee te doen. Een zelfregulerende gemeente stimuleert burgerinitiatieven en onder­ steunt deze waar nodig. Omdat elke gemeente anders is, heeft dus ook elke gemeente behoefte aan andere diensten. Met die wetenschap in ons achterhoofd, zijn we een nieuwe set aan producten en diensten aan het ontwikkelen. Zo willen we perfect inspelen op uw behoeften.

15


Interview met cliënt

“Ik kies ervoor om positief en vrolijk in het leven te blijven staan en te genieten van de tijd die me gegeven is” Ingeborg Olofsen woont samen met haar echtgenoot en hun twee jongvolwassen kinderen. Twee kinderen zijn het huis uit. Ze is lerares op een school voor speciaal onderwijs. In 2011 wordt de diagnose A.L.S. gesteld. Ze is dan 49 jaar. In november 2­ 012 klopt Ingeborg aan bij de afdeling Wmo van de gemeente Soest omdat zij problemen ervaart op het gebied van het voeren van het huishouden, verplaatsen, vervoer en wonen. Indicatieadviseur Anita Hommel van SCIO Consult wordt door de gemeente ingeschakeld om advies uit te brengen. Anita: “De krachtige houding en positieve uitstraling van Ingeborg raakten me. Dat was voor mij de reden dat ik haar wilde interviewen voor ons magazine. Dit is haar verhaal … ” Door: Anita Hommel - adviseur en projectleider

16


“A.L.S. … Na zo’n vreselijke diagnose ga je een proces in van ongeloof, verdriet en machteloosheid. Gaandeweg moet je de kracht zien te vinden om de tijd die je nog rest waardevol en positief en met plezier te leven. Voor mensen uit mijn omgeving was het in het be­ gin ook moeilijk in te schatten hoe nu met mij om te gaan. Ik heb toen heel duidelijk aangegeven dat ik ondanks mijn ziekte volop in het leven wil blij­ ven staan en daar horen fijne maar ook negatieve, verdrietige dingen bij.” “Tot mijn grote verdriet heb ik mijn baan als leerkracht moeten opgeven, maar ik wil nog volop meedraaien in de maatschappij. Zo probeer ik iedere week naar “mijn school” te gaan. Ik ben wel anders in het leven gaan staan. Zolang het kan, stop ik mijn energie vooral in de leuke dingen van het leven. Zo heb ik met verschillende mensen die me dierbaar zijn reizen gemaakt. Ook heb ik mensen uitge­ nodigd om samen workshops te doen en ik ga regelmatig uit eten en dingen bezoeken. En ik schrijf mijn wel en wee op voor vrienden en familie. Zo zien mensen dat je betrokken blijft en het is voor mijn kinderen straks een mooi naslagwerk.” “Ik ben erg blij dat ik zoveel lieve men­ sen om me heen heb en koester dat ook. Want om dit te kunnen doen, heb je wel de steun nodig van familie en vrienden. Niet iedereen heeft zo’n net­ werk om zich heen. Ik vind het daarom heel zorgelijk als ik zie dat de politiek steeds meer ‘eigen verantwoordelijk­ heid’ vraagt van mensen. Natuurlijk is eigen verantwoordelijkheid heel belangrijk; ik wil ook het liefst zo lang mogelijk alles zelf doen, maar

de sociale netwerken zijn tegenwoordig zelf erg druk en overbelast. Iedereen is heus wel bereid een keertje iets voor je te betekenen maar structureel is dat niet haalbaar.” “Overigens ben ik blij met de hulp die ik krijg vanuit de gemeente en de manier waarop mijn aanvraag is behandeld. Het was heel prettig dat Anita bij mij thuis­ kwam voor de indicatiestelling want daardoor kon ik in mijn eigen vertrouwde omgeving dingen op een rijtje zetten. Vanuit de gemeente word ik ook altijd goed en snel geholpen. Ik weet dat het in sommige gemeenten anders verloopt dus ik prijs mijzelf gelukkig. Het enige punt van kritiek heb ik op het aanvragen van offertes. Dit heeft ongelooflijk veel tijd en energie gekost. Sommige bedrij­ ven wilden niet eens langskomen omdat ze toch al wisten dat de concurrent de opdracht zou krijgen. Ik heb daarom de volgende suggestie: contracteer één of meerdere aannemers of bouwbedrijven die alle werkzaamheden kunnen uitvoe­ ren en maak afspraken met leveranciers. Dat scheelt veel tijd en energie voor alle partijen.” “Maar verder sta ik niet te lang bij dit soort dingen stil. Want ik heb ervoor geko­ zen om positief en vrolijk in het leven te blijven staan en te genieten van de tijd die mij nog gegeven is. Ik leef nu veel bewuster en vriendschappen en familiebanden worden dieper en hechter. Ik ervaar nog meer dat de kleine dingen in het leven het belangrijkste zijn en ik ben dankbaar dat ik dit mag meemaken. Maar dit kan je niet alleen; ik kan dit dankzij de mensen om me heen die samen met mij de schouders eronder zetten en me steunen als dat nodig is.”

17


Cursist aan het woord:

Wat

“Je kunt zelf inplannen wanneer je studeert”

Meest enthousiast over

Diane van Kessel werkt sinds april 2012 als

Wie

Diane van Kessel Gemeente Lochem

Opleiding Wmo-consulent (vijf modules)

E-learning en praktijkgerichtheid

Wmo-consulent bij de gemeente Lochem. Ze is bezig met de opleiding Wmo-consulent van vijf modules. Wat zijn haar ervaringen tot nu toe?

Hoever ben je met de opleiding? “Ik heb de eerste drie modules gevolgd via het e-learningprogramma. Dit is mij heel goed bevallen omdat je zelf kunt inplannen wanneer je wilt studeren. In april en mei van dit jaar ga ik module 5 ‘Arrangementen en indicatiestelling individuele voorzieningen’ volgen. Deze module volg ik niet klassikaal.” Waarom heb je voor deze cursus gekozen? “Met het team Zorg hebben we in 2012 en 2013 in samenwerking met SCIO Consult een incompanytraject gevolgd over de Kanteling. Dit was interessant en erg leerzaam. Zo zijn we ook voor de opleiding Wmo-consulent bij SCIO Consult terechtgekomen. Bovendien sprak de inhoud van de modules mij meer aan in vergelijking met het aanbod van andere partijen. Het programma is gericht op de Kanteling en de inhoud van de modules sluit goed aan bij de praktijk.” Wat was de grootste eyeopener voor jou? “Elke melding en vraag is opzichzelfstaand en het blijkt wel dat er bij iedere mel­ ding een andere oplossing mogelijk is of past. Ook de reflectieverslagen zijn een eyeopener voor mij. En dan met name de verbeterpunten ten opzichte van jezelf.” Wat heeft de cursus jou opgeleverd? “Ik ben inhoudelijk meer te weten gekomen over ziektebeelden en de bijbehoren­ de beperkingen. Ook ben ik me er nu bewust van hoe ik een ‘gekanteld’ gesprek kan voeren met de cliënt. Natuurlijk is elke cliënt en elk gesprek anders. Maar in alle gevallen is het belangrijk dat je het gesprek open ingaat en dat je je ver­ plaatst in de cliënt. Daar heb ik nu meer handvaten voor.”

18


Klant aan het woord:

“Onze klantmanagers hebben nu een goed gevulde ‘gekantelde’ rugzak” Gemeente Spijkenisse startte in 2012 met de gekantelde Wmo-aanpak. Zij schakelden SCIO Consult in voor een incompanytraining ‘Het Gesprek’ voor de klantmanagers. Bas Treuren, teamcoördinator van de Stadswinkel, vertelt hoe zij de training hebben ervaren.

Kun je iets meer vertellen over de training? “In de training stond de Kanteling centraal. Het doel van de training was om de klantmanagers te leren omgaan met het ‘gekantelde’ gesprek. Dit gebeurde op een brede manier. Zo was er aandacht voor de ervaringen van andere gemeenten met de Kanteling. Ook kwamen er praktische, juridische aspecten van de Kanteling aan de orde. En er was natuurlijk veel aandacht voor het keukentafelgesprek. Deze gesprekken werden geoefend met een acteur. De klantmanagers hebben dit als positief ervaren vooral omdat er geen druk op stond en de acteur op een prettige, niet-confronterende manier samenwerkte.” Wat heeft het jullie opgeleverd? “Een praktisch basis waarmee klantmanagers aan de slag kunnen. Ze hebben nu een goed gevulde ‘gekantelde’ rugzak waar situationeel een keuze gemaakt kan worden welke aanpak in het gesprek succes kan hebben.” Waarvoor schakelen jullie SCIO Consult nog meer in? “Voor allerlei verschillende diensten. Dat varieert van incompany trainingen ­op maat tot deelname van onze klantmanagers aan open inschrijvingen, zoals ­Kindervoorzieningen en Woningaanpassingen. Sinds kort hebben we de ­samenwerking geïntensiveerd rond de advisering bij Complexe Hulpmiddelen en Complexe Woningaanpassingen.” Wat maakt de samenwerking zo goed? “SCIO Consult is een deskundige partner maar ook – en voor ons misschien wel vooral – een prettige partner waarmee in een open sfeer gesproken kan worden. In zo’n sfeer krijg je mooie vormen van samenwerking zonder dat economische belangen van beide partijen dit verstoren.”

19

Wie

Gemeente Spijkenisse

Wat

Incompanytraining Het Gesprek

Periode

December 2012 – januari 2013


Bart van den Eijnde is directeur van SCIO Consult en draait als senior adviseur en docent al heel wat jaren mee. Regelmatig verzorgt hij de cursus ‘Complexe woonvoorzieningen’. Daarin kijkt hij graag met cursisten naar specifieke individuele situaties, bespreekt hij de wettelijke en uitvoeringskaders en bepaalt hij de mogelijke kosten voor de bouw­kundige en bouwtechnische oplossingen. Laatst kreeg hij tijdens een training een interessante casus voorhanden.

Uit de praktijk

Casus uit de praktijk “Niet alleen de leeftijd van de cliënt is van belang, maar ook de leeftijd van bouwdelen en installaties in zijn woning” Onlangs verzorgde ik een incompany training ‘Complexe woonvoorzieningen’. ­ Een cursist legde me een casus voor: zijn cliënt had een aanvraag gedaan voor een aangepaste keuken. Een uitgebreid medisch-ergonomisch onderzoek wees uit dat hier inderdaad een indicatie voor bestond. Er lag inmiddels een offerte om de bestaande keuken aan te passen. De hoogte van het offertebedrag was ongeveer 9.000 euro. De cursist vroeg mij of dit bedrag niet te hoog was. Door: Bart van den Eijnde - directeur en senior adviseur

Op deze vraag stelde ik een weder­ vraag: hoe oud is de huidige keuken? De cursist begreep niet waarom dit van belang was, maar gaf antwoord. De keuken bleek ouder te zijn dan ­ 15 jaar. Dit betekent dat de keuken economisch is afgeschreven. In dat geval compenseert de gemeente voldoende als zij de meerkosten ten opzichte van de standaardkeuken ­financieel vergoeden.

20

Met andere­woorden: die 9.000 euro was ­inderdaad aan de hoge kant. Weten hoe oud een keuken is, is dus zeer belangrijke kennis want het kan aanzienlijk ­schelen in de kosten. Het lijkt er ­echter op dat veel gemeenten de methodiek van eco­ nomisch afschrijven op bouwkundige werken niet toepassen. Daarom geef ik graag een toelichting op deze methodiek en de mogelijkheden.


De vijfdaagse verdiepingscursus ‘Complexe woonvoorzieningen’ start dit najaar op 29 oktober. Meer weten of inschrijven? Wat is een afschrijvingstermijn? Afschrijven is het in bedrijfseconomische zin tot uit­druk­­ king brengen van de waardedaling van een product. Er is ­een onderscheid in de economische en technische af­ schrijvings­termijn. Het gaat hierbij om de levensduur van het te gebruiken product. De economische en technische ­levens­duur kunnen verschillend zijn. Het is gebruikelijk dat de economische levensduur korter is dan de technische. Als bedrijfseconomisch principe wordt dan ook vaak de economische levensduur gehanteerd.

Ga naar www.scioconsult.nl.

Afschrijving van andere bouwkundige werken Met een uitspraak van de Rechtbank Den Haag (AWB 11/4293) in 2012 over de afschrijvingstermijn van bad­kamers, heb­ben gemeenten pas echt ruimte gekregen om het af­schrijvings­ principe ook voor andere bouwkundige werken te hanteren. De methodiek mag nu ook worden toegepast op CV-ketels en -installaties, isolerende beglazing, intercominstallaties, spouw-, gevel-, dak- en/of vloerisolatie en – u raadt het al – keukens. Van deze bouwkundige werken bestaat nog geen jurisprudentie. Toch heeft Aedes, de vereniging van woning­ corporaties, onze afschrijvingstermijnen als ‘redelijk en billijk’ gekwalificeerd. Hiermee zijn we dus een grote stap verder gekomen.

Hoe werkte afschrijving binnen de Wvg? Binnen de Wvg kenden we het begrip afschrijving al. Het werd slechts in één situatie toegepast, namelijk bij het saneren van de woning door het vervangen van vloer­ bedekking en gordijnen. Afhankelijk van de leeftijd van de bestaande vloerbedekking en de gordijnen werd op basis van de afschrijvingstermijn een deel van de nieuwprijs ­vergoed. Over het algemeen werd hierbij een afschrijvings­ termijn van acht jaar gehanteerd. Hoe werkte afschrijving binnen de Wmo? Binnen de Wmo werd de afschrijvingsmethodiek overgeno­ men en ook alleen toegepast in de hierboven omschreven situatie. Tot de Rechtbank van Leeuwarden in 2010 een uitspraak deed over het vervangen van bestaande binnen­ deuren door schuifdeuren; de Rechtbank is van mening dat binnendeuren op een bepaald moment zijn afgeschreven en dat de woningeigenaar dus zelf geld achter de hand moet hebben om deze te kunnen vervangen. De gemeente hoefde alleen de meerkosten te vergoeden (LJN BM2693). ­Na deze uitspraak kwam er wat beweging in het toepassen van afschrijvingstermijnen binnen het vaststellen van de hoogte van de financiële bijdrage.

En nu? Beleid maken! Wat kunt u hiermee als gemeente? Ik raad u aan om beleid te ontwikkelen hiervoor en dit beleid helder te communice­ ren naar uw inwoners. Want woningeigenaren kunnen maar beter wat spaarcentjes achter de hand houden zodat ze deze, vaak onvoorziene, aanpassingen kunnen finan­ cieren. Overigens past deze beleidslijn helemaal binnen de kantelingsprincipes en de eigen verantwoordelijkheid. Tijdens het keukentafelgesprek zal dit dan ook aan de orde moeten komen. Vanaf nu is dus niet meer alleen de leeftijd van de cliënt van belang, maar ook de leeftijd van bijvoor­ beeld zijn keuken!

21


Column

Bart van den Eijnde - directeur en senior adviseur

‘Ga kathedralen bouwen!’ ‘Ga kathedralen bouwen!’, dat was de titel van de presen­tatie die Daan Quakernaat hield op onze lustrumviering op ­7 maart 2013. Hij liet ons het model van de ‘zwarte’ en ‘witte’ wereld zien. Twee werelden die staan voor respectievelijk ‘techniek’ en ‘passie’ ofwel voor structuren, regels, controle versus visie, geluk en vertrouwen. We werden ­meegenomen op een inspirerende reis die begon in de ­Middeleeuwen bij de kathedralen­ bouwers en die eindigde in het nu. De kathedralen staan onder andere­voor levenslust, lef, creativiteit, innovatie, vakmanschap, liefde en bezieling. De huidige tijd daarentegen wordt gekenmerkt door formulieren, lijstjes, procedures en vergun­ ningen. Te vaak blijven wij steken in redenen om iets niet te doen. Wil je een kathedraal bouwen? Dan heb je het beste van twee werelden nodig om het tot een succes te brengen. Dus zwart én wit. ­ De boodschap is dus: durf te dromen, maar reken ze ook af. Maak zoveel mogelijk fouten, maar het liefst elke fout maar één keer. Quakernaats verhaal was er een met een boodschap, gelardeerd met de nodige humor. Maar wat is die boodschap precies? Kunnen we iets met deze wijsheid in relatie tot de komende decentralisaties? Ik denk van wel. De gemeenten staan aan de vooravond van drie grote transities. Het is een enorme uitdaging om deze transities vorm te geven binnen een tijdsbestek van nog geen twee jaar. Recentelijk las ik een artikel waarin werd

22

­ eschreven­dat de toekomst voor de gemeente b door de ­komende veranderingen dermate ­ complex en ­onzeker is dat het willen in­richten hiervan niet meer binnen de geëigende beleids­cycli gaat. Hoewel er vanuit een reflex gezocht wordt naar modellen, structuren, procedures om hier een soort van zekerheid en houvast aan te kunnen ontlenen, gaan diezelfde modellen en structuren niet werken. De strekking van het artikel was dat je veel beter eerst aan de slag kunt gaan. En je ziet dan vanzelf of het werkt. Als het werkt, is dat mooi mee­ genomen. Als het niet werkt, zul je aanpassingen moeten doen en soms moet je zelfs opnieuw beginnen. Eigenlijk komt het er dus op neer dat je een kathedraal moet bouwen. Bij het bouwen van een kathedraal weet je ook niet van tevoren of het gaat lukken. En gedurende de bouw vallen er voortdurend muurtjes om of stort de boel in. Dat is niet erg; zo leer je namelijk ook hoe dingen wél blijven staan. U gaat de komende tijd hard aan de slag met de veranderingen binnen de Wmo. Ik wens u veel lef toe om aan uw kathedraal te beginnen. Er zullen zeker muurtjes om gaan vallen omdat er onvoldoende specie tussen zit of doordat de bliksem inslaat. Maar laat u er niet van weer­ houden om weer een nieuw muurtje op te bouwen! Ik wens u daar alle succes bij.


Dit is de SCIO Scope, het magazine van SCIO Consult. Met dit magazine brengen wij u twee keer per jaar op de hoogte van actualiteiten uit de wereld van de Wet maatschappelijke ondersteuning. Ook delen wij onze vakkennis met u en leest u ervaringen van onze klanten. Zo dragen wij bij aan ons doel: wij willen bereiken dat mensen zich ‘thuis’ voelen ondanks de beperkingen die ze hebben. Want wij zijn SCIO Consult. Wij zijn thuis in meedoen.

Ons cursusaanbod en onze diensten kunt u vinden op:

Deventer Keulenstraat 4L 7418 ET Deventer T 0570 - 67 71 74 F 0570 - 60 53 40

www.scioconsult.nl

Utrecht Orteliuslaan 879 3528 BE Utrecht T 030 - 767 00 14

E info@scioconsult.nl I www.scioconsult.nl


Cursusaanbod 2013 Wij geloven dat we met elkaar kunnen bereiken dat iedereen naar vermogen mee kan doen. Door mensen, kennis en ervaring met elkaar te verbinden. Daarom bieden wij u op tijd de juiste hoeveelheid kennis bij het ontwikkelen en uitvoeren van maatschappelijke ondersteuning. Deventer Keulenstraat 4L 7418 ET Deventer T 0570 - 67 71 74 F 0570 - 60 53 40

Utrecht Orteliuslaan 879 3528 BE Utrecht T 030 - 767 00 14

E info@scioconsult.nl I www.scioconsult.nl

Workshops over de Kanteling Graag wijzen we u op twee workshops over actuele thema’s. We verzorgen de workshops bij u incompany. De workshops duren in principe een dagdeel maar kunnen desgewenst worden uitgebreid.

Motiverende gespreksvoering Het Gesprek is een belangrijk onderdeel van de Kanteling. ­Maar hoe zorgt u ervoor dat dit gesprek de burger ook echt activeert? Het antwoord is: motiverende gespreksvoering. Met deze techniek wordt de motivatie van cliënten geëxploreerd en geactiveerd. Zo draagt het bij aan het stimuleren van de eigen verantwoordelijkheid van de burger. In deze workshop maakt u kennis met de gesprekstechniek.

Kennismaking met de Kanteling De Wmo kantelt. Dat is geen nieuws. Maar wat betekent dit­nu precies? Wat zijn de gevolgen voor u als gemeente en voor uw burgers en partners? De workshop geeft ­­u inzicht in de achter­ grond van de Kanteling. Aan de hand van opdrachten ontdekt u hoe het nu gaat in uw gemeente en wat er mogelijk gaat veran­ deren als uw gemeente gaat kantelen. Meer weten Wilt u meer informatie over de ­nieuwe workshops? Kijk op www. scioconsult.nl of neem contact op met één van onze opleidings­ adviseurs.

Meer informatie over deze cursussen vindt u op: www.scioconsult.nl Of u kunt een e-mail sturen naar: cursussen@scioconsult.nl

Cursusaanbod gemeenten

cursusduur (dagen)

JAN

Opleiding tot Wmo-consulent • Module  1: Achtergronden en wettelijk kader van de Wmo

3

• Module  2: Mensen met lichamelijke beperkingen

2

• Module  3: Mensen met psychische problemen

2

• Module 4: Het Gesprek

2

• Module  5: Arrangementen en indicatiestelling individuele voorzieningen

4

• Proeve van bekwaamheid

Module 1 Door: E. Assink / A. d Data: 31 jan, 7 feb, 1

1

Verdiepingscursussen

• Complexe woonvoorzieningen

5

• Offertebeoordeling woningaanpassingen

2

• Bouwkunde en bouwkostenraming

5

• Complexe  rolstoelen en vervoersvoorzieningen

3

• Hulp  bij het Huishouden (complex)

3

• Kinderen en de Wmo

4

• Wmo en Begeleiding

3

Cursusaanbod zorgaanbieders

cursusduur (dagen)

Indicatiestelling AWBZ - algemeen

1

Indicatiestelling AWBZ - Zorgzwaartepakketten

1

JAN


Hieronder vindt u het overzicht en alle data van onze open i足 nschrijvingen voor 2013. Bent u op zoek naar een incompany cursus voor uw team? Neem contact op met onze opleidings-足adviseurs. Zij denken met u mee en stellen een maatwerk足traject voor u samen. Ook vertellen zij u graag meer over coaching-on-the-job, casu誰stiekbesprekingen en e-coaching.

FEB

MRT

APR

MEI

JUN

JUL

AUG

SEP

OKT

NOV

DEC

Module 1 Door: E. Assink / J. van der Bijl Data: 12 sep, 19 sep, 26 sep

de Jong 14 feb Module 2 Door: I. Venema / A. Vink Data: 7 mrt, 14 mrt

Module 2 Door: A. Vink / L. Steggink Data: 3 okt, 10 okt

Module 3 Door: Y. van de Merwe / A. Vink Data: 21 mrt, 28 mrt

Module 3 Door: D. Schrauwen / A. Vink Data: 31 okt, 7 nov Module 4 Door: A. de Jong / F. van der Kolk Data: 4 apr, 11 apr

Module 4 Door: F. van der Kolk / D. Schrauwen Data: 14 nov, 21 nov

Module 5 Door: A. de Jong / P. Veen Data: 18 apr, 25 apr, 16 mei, 23 mei

Module 5 Door: P. Veen / J. van der Bijl Data: 28 nov, 5 dec, 12 dec, 19 dec P. v. B. Door: F. van der Kolk / P. Veen Datum: 6 jun

Complexe woonvoorzieningen Door: A. de Jong / K. Steenbeek Data: 5 mrt, 12 mrt, 19 mrt, 26 mrt, 9 apr

Complexe woonvoorzieningen Door: K. Steenbeek / J. van der Bijl Data: 29 okt, 5 nov, 12 nov, 19 nov, 3 dec Offertebeoordeling Door: N. Schrijver Data: 10 dec, 17 dec

Bouwkunde en bouwkostenraming Door: N. Schrijver Data: 16 apr, 23 apr, 7 mei, 14 mei, 21 mei Complexe rolstoelen en vervoersvoorzieningen Door: A. Hector / A. Hommel Data: 28 okt, 4 nov, 11 nov, 18 nov Hulp bij het Huishouden (complex) Door: A. Vink / C. van der Wel Data: 24 sep, 1 okt, 8 okt Kinderen en de Wmo Door: E. Assink / S. Elsemulder Data: 22 apr, 6 mei, 27 mei, 10 jun Wmo en Begeleiding Door: O. van Schie / C. van der Wel Data: 28 mei, 4 jun, 11 jun

FEB

MRT AWBZ algemeen Door: C. van der Wel / O. van Schie Datum: 11 mrt AWBZ ZZP Door: C. van der Wel / O. van Schie Datum: 18 mrt

APR

MEI

JUN

Wmo en Begeleiding Door: O. van Schie / C. van der Wel Data: 25 nov, 2 dec, 9 dec

JUL

AUG

SEP

OKT

AWBZ algemeen Door: C. van der Wel / O. van Schie Datum: 30 sep AWBZ ZZP Door: C. van der Wel / O. van Schie Datum: 7 okt

NOV

DEC

SCIO Scope  

Actualiteiten over de Wet maatschappelijke ondersteuning

Read more
Read more
Similar to
Popular now
Just for you