Issuu on Google+

Inhoud Actualiteiten over de Wet maatschappelijke ondersteuning

november 2012

4

In de kantlijn

Onze diensten U werkt bij een gemeente of ­­een aanbieder van zorg of hulpmiddelen ­en

5

Voorwoord

6-9

In gesprek met ...

10-11

12-13

Eddy de Bruin

Interview met cliënt:

22

Interview met cliënt Hoe heeft de heer Werkhoven het indicatietraject ervaren? Pagina 16.

De visie van ...

16-17

20-21

In gesprek met Guus Schrijvers over ouderenzorg in Nederland. Pagina 6.

Gemeente ’s-Hertogenbosch

Uit de media ...

19

en advies bij de uitvoering van de Wmo. Dan bent u bij ons aan het goede adres. Wij bieden u op tijd de juiste hoeveelheid

Uitgelicht ...

14-15

18

en in Invester kijk ons e B ? is n ken r bod voo n a a s u s cur schrijf u 2013 en snel in!

Prof. dr. Guus Schrijvers

heeft regelmatig behoefte aan kennis

“Ik begrijp de gemeente best” De klant aan het woord:

Dirkje Sneller, ­ gemeente Oldebroek

De klant aan het woord:

Gemeente Kerkrade Uit de praktijk:

Training “Het Gesprek” Column van Frank

Zorgen

kennis bij het ontwikkelen en uitvoeren van maatschappelijke ondersteuning. ­ Dat is onze kracht. Cliëntadvisering Cliëntadvisering is niet altijd even gemakkelijk. Wij onder­ steunen u graag. Onze ervaren medisch-, ergonomisch- en bouwkundigadviseurs zijn flexibel inzetbaar en hebben deskundigheid op specifieke gebieden. Cursussen en coaching De Wmo is een omvangrijk onderwerp waarover je eigenlijk nooit genoeg kunt weten. Wij hebben een zeer ruim aanbod aan cursussen en coaching, zodat u kunt blijven groeien in uw functie. Strategie- en beleidsadvisering Wij begeleiden u onder andere bij het kantelen, de im­ple-­ mentatie van begeleiding en het realiseren van besparingen.­ Ook kunt u ons inschakelen voor onder ­andere visievorming, procesbegeleiding en evaluatie. Wij gaan voor haalbare ­op­lossingen die direct toe­pasbaar zijn in de praktijk. Detachering en interim-management Te weinig personeel en te veel aanvragen? Met als gevolg te hoge doorlooptijden? Wij leveren tijdelijke krachten voor alle functies. Dankzij de kennis en ervaring van onze mensen, kunnen zij u perfect ondersteunen wanneer u dat nodig heeft. Meer informatie over onze diensten vindt u op: www.scioconsult.nl

2


Colofon 5 Voorwoord door

18 De klant aan het

Stefan van den Oever

woord: Dirkje Sneller

Geen opleidingsgids meer … het was even wennen. Wat vindt u van ons 2-in-1 magazine?

Dirkje volgde de opleiding tot Wmo-consulent. Wat is haar ervaring?

10 Uitgelicht ... Gemeente

‘s-Hertogenbosch

20

“Wij willen de toegang tot het begelei­ dingsaanbod per wijk organiseren.”

6 16

In gesprek met ... Prof. dr. Guus Schrijvers

SCIO Scope is een uitgave van SCIO Consult Deventer Keulenstraat 4L 7418 ET Deventer T 0570 - 67 71 74 F 0570 - 60 53 40 Utrecht Orteliuslaan 879 3528 BE Utrecht T 030 - 767 00 14 E info@scioconsult.nl I www.scioconsult.nl Aan deze uitgave werkten mee • Bart van den Eijnde • Dirkje Sneller • Eddy de Bruin • Guus Schrijvers • Hans Keulers • Hugo ter Steege • Ingrid Linnemans • Jacqueline Kern • Jim Werkhoven • Marlou Driessen • Petra Veen

14 Uit de media ... Wat wordt er in de media gezegd over Hulp bij het Huishouden?

De ouderenzorg in Nederland staat zwaar onder druk; er moet flink bezuinigd worden terwijl de vergrijzing toeneemt. Hoe kunnen we hier in de toekomst mee omgaan? Prof. dr. Guus Schrijvers geeft zijn visie.

Redactie • Frank van der Kolk • Paula van Gemen, De TekstLounge • Rachel Scheel • Stefan van den Oever

12 De visie van ... Eddy de Bruin

Fotografie Hans Slegers

Eddy de Bruin, senior adviseur en partner van SCIO Consult, is van mening dat de HH anders geregeld kan – en moet – worden.

Vorm en concept Bas Kelderman, Initium Utrecht

16 Interview met cliënt: “Ik begrijp de gemeente best” We doen ons werk zo goed mogelijk. Maar hoe ervaart de cliënt zo’n adviestraject nou eigenlijk? Wij vroegen het aan de heer Werkhoven uit Utrecht.

19 De klant aan het woord: Gemeente Kerkrade Gemeente Kerkrade kiest voor een Wmo-strategie waarbij de klant centraal staat. In een pilot experimenteren zij met een nieuwe methodiek voor een pro-actieve benadering van burgers.

Drukwerk Badoux, Houten

20 Uit de praktijk:

Training “Het Gesprek” Bij een emotionele bankrekening gaat het niet om geld maar om vertrouwen tussen de cliënt en de consulent.

22 Column “Wat ben ik blij dat we al 100 jaar in Nederland een verzorgingsstaat hebben”

Meer informatie www.scioconsult.nl


In de kantlijn

Voorwoord

Van alle markten thuis Mijn cliënt laat mij na een huisbezoek uit als plots zijn voordeur dichtslaat. Hij kijkt me beteuterd aan … Geen sleutel! Ik kan het niet over mijn hart verkrijgen hem buiten te laten staan. Na wat overleg blijkt de beste oplossing om aan te bellen bij zijn buurman en dan via de reling van balkon naar balkon over te stappen. Op vijf hoog! Een actie die ik niet aan mijn cliënt kan overlaten gezien zijn leeftijd. Zo eindigt het huisbezoek op een bijzondere manier; ondanks een achteruitgang in uren, laat ik mijn cliënt gelukkig achter. Anne Ybema, MSc, adviseur SCIO Consult

Voet tussen de deur Ik zoek een witte werkster De deur gaat open en een kwieke man van 84 jaar doet open. Op de stoel naast de volle boekenkast zit zijn vrouw; al snel is duidelijk dat ze licht dementerend is. Meneer wil huishoudelijke hulp aanvragen. Hij kan zo goed als alles zelf, maar hij zou graag hulp willen bij enkele klusjes. Dit lijkt me een klant die heel goed in staat is om het een en ander zelf te regelen. Ik geef hem daarom vooral informatie en tot slot nog een tip: “Kijkt u eens op de website ikzoekeenwittewerkster. nl. Zijn vrouw kijkt me helder aan, is even stil en zegt: “Is dat niet ontzettend racistisch?”.

Ik ga samen met een consulent van de geme ente op huisbezoek. We lopen over de oprit van de woning. Een vrouw kijkt fronsend door het raam. We bellen aan. Een man opent de deur en de consulent zegt: “Wij zijn ...” De man in de deuropening zegt: “Geen interesse” en wil de deur weer dicht doen. De consulent zet net op tijd zijn voet tussen de deur en zegt: “Wij zijn van de gemeente”. “Och,” zegt de man lachend, “dan heb ik toch wel interesse. Wij dachten dat u Jehov a’s Getuigen waren.” Marchien Huisman, adviseur SCIO Consult

Simone van Kessel, adviseur SCIO Consult

“Papa, waarom doe je dit werk eigenlijk?”

Beste lezer, Met trots bied ik u de vernieuwde uitgave van de SCIO Scope aan. Een combinatie van onze tweejaarlijkse nieuwsbrief en van de jaarlijkse (opleidings)gids. We hebben gekozen voor een echt magazine vanwege het lees­­gemak. Daarnaast hebben we een nieuwe uitstraling met aan­gepaste huisstijlkleuren, een nieuw logo en een nieuw motto. Die nieuwe uitstraling is één van de resultaten van een intern traject dat we dit voorjaar met collega’s hebben gedaan. We vonden dat na tien jaar (u leest het goed: we bestaan inmiddels tien jaar. U zult daar de komende periode meer van gaan merken!) het moment was gekomen om even stil te staan bij onszelf. Wie zijn wij? Waar gaan wij voor? Wat is ons doel? Of anders gezegd, het was tijd om een antwoord te formuleren op de regelmatig terug­ kerende vraag van mijn kinderen: “Papa, waarom doe je dit werk eigenlijk?”. Onze conclusie: wij geloven dat we met elkaar kunnen bereiken dat iedereen naar vermogen mee kan doen. Door het verbinden van mensen, kennis en ervaring. Onze rol daarin is dat wij gemeenten op tijd de juiste hoeveelheid kennis bieden die zij nodig hebben bij het ontwikkelen en uitvoeren van de maatschappelijke ondersteuning. Onze nieuwe belofte die hierbij hoort? Wij zijn ‘Thuis in Meedoen’. Een belofte waar wij allemaal achterstaan en waar we de komende jaren absoluut mee vooruit kunnen. Stefan van den Oever Senior adviseur en partner SCIO Consult

De poetsvrouw Ik bel een cliënt vanwege zijn aanvraag voor Hulp bij het Huishouden. Hij spreekt slecht Nederlands en begrijpt niet waarover het gaat. Ik probeer op allerlei manieren uit te leggen dat ik een afspraak wil maken om te kunnen beoordelen of hij in aanmerking komt voor HH. Opeens begrijpt hij me: “Aaahhh. U bent de poetsvrouw”. Karin van Brussel, secretaresse SCIO Consult

5

PS Overigens realiseerde ik me laatst dat het voor mij alweer een tijdje geleden was dat ik ‘thuis’ ben geweest bij een cliënt. Ik ben dus meteen op pad gegaan en zo kwam ik onder andere terecht bij een oude zeeman die, ondanks zijn leeftijd, nog veel eigen kracht in zich heeft. Op pagina 16 en 17 leest u zijn verhaal.

6


In gesprek met ...

Prof. dr. Guus Schrijvers over ouderenzorg in Nederland. En het buitenland.

“Burgers met een eigen vermogen van meer dan € 200.000,- hebben geen recht op de AWBZ-voorzieningen”

Prof. dr. A.J.P. (Guus) Schrijvers bekleedt sinds 1987 de leerstoel Algemene Gezondheidszorg bij het Julius Centrum voor Gezondheidswetenschappen en Eerstelijns Geneeskunde, Universitair Medisch Centrum Utrecht. Zijn wetenschappelijke aandacht gaat tegenwoordig vooral uit naar geïntegreerde zorg, transmurale zorg, regiovisies, managed care, spoedeisende zorg en disease management. Stefan van den Oever interviewt professor Schrijvers over de ouderenzorg in Nederland.

7

Demonstratieprojecten “Ik denk dat ik nog mee ga maken dat de AWBZ voor een groot deel overgaat naar de Wmo. Daar is men al vijftien jaar mee bezig. Ik zou dan wel graag zien dat dat niet opeens in een jaar tijd moet, maar dat we tijd nemen om experimenten doen. Dat de overheid zegt: we geven de gemeente Utrecht de hele AWBZ en die mogen ze uit­ voeren, als experimenteren. En iedere keer als ze in de gemeente Utrecht iets leuks hebben bedacht gaan we dat uitrollen. Een demonstratieproject dus eigenlijk. In Angelsaksische landen hebben ze demonstratieprojecten. Ook hier in Nederland kennen we het bijvoor­ beeld in de landbouw: er moeten nieuwe manieren gevonden worden en daarom hebben ze een paar proef­ boerderijen. Maar bij de overdracht van de AWBZ naar de Wmo zie ik dat

niet gebeuren. Dat past niet bij onze cultuur, blijkbaar. We hebben in ­Nederland wel een brede ­strategie dat iedereen een beetje mag ­experimenten, maar een diepte­ strategie ontbreekt.” Financiële innovatie “Wat ik ook mis in Nederland is dat we bereid zijn iets met financiële­ ­innovatie te doen. Zo heb ik in ­Duitsland gezien hoe je mantelzorg kan stimuleren met een financiële prikkel. Ben ik groot voorstander van. Maar in Nederland beoefenen we dat nog niet zo goed. Het is hier allemaal wiskundig, wij doen aan kostprijs­ berekening. Bij gedragseconomie daarentegen kijk je naar het gedrag van mensen. Ik ben daar altijd mee bezig. Ik zal een voorbeeld geven van gedrags­economie in het klein.

Ik gaf mijn kinderen vroeger als we op vakantie waren € 3,- per dag om ijsjes te kopen. Op een gegeven moment had ik daar geen zin meer in en gaf ik ze € 21,- per week. Dat was precies hetzelfde maar ik hoefde niet meer elke dag € 3,- te geven. Wat er toen ­gebeurde, is interessant. Ze gingen niet voor € 21,- ijsjes kopen, maar ­kochten een T-shirt. Het was evenveel geld, maar de betaling was anders. En dus ook het resultaat. Zo werkt dat. Daar wordt in Nederland veel te ­weinig over nagedacht. Hoe een ­dokter reageert op geld, hoe een ­patiënt reageert, hoe een kind van een ouder reageert.”

“We hebben in Nederland geen dieptestrategie om demon­stratieprojecten op te zetten”

8


“Je moet niet alleen kijken naar de fysieke kanten. Dan zeg je bijvoorbeeld: ‘U kunt geen 200 meter lopen, dus u heeft een scootmobiel nodig’. Maar wat nou als die persoon ook geen vijf minuten kan zitten? Dan heeft hij niets aan een scootmobiel.”

€ 200.000,- geen recht hebben op AWBZ-voorzieningen. Stel dat jij € 600.000,- hebt op je 85e dan ga je wat mij betreft eerst € 400.000,- zelf betalen voor een verpleeghuis, de AWBZ, je oude dag et cetera. Of je regelt het zelf. En als je toch van de AWBZ-regeling gebruik wilt maken, dan moet je zelf betalen totdat je een eigen vermogen hebt van € 200.000,-. In Engeland ligt die grens op € 50.000,-. Ik heb hier € 200.000,- voorgesteld zodat men eraan kan wennen. Die vermogenstoets zou wat mij betreft zowel voor de AWBZ als voor de Wmo mogen gelden.

Populatie Gebonden Bekostigen “Nog een voorbeeld van gedragseconomie is Populatie ­Gebonden Bekostigen. In de VS heb je Accountable Care Organizations, ACO’s. Die organisaties sluiten een con­ tract met een zorgverzekeraar en nemen de zorg over voor ­groepen ouderen. Als ze het dan efficiënter doen dan dat de afspraak is geweest dan mogen ze de winst houden. Maar die winst mogen ze niet uitkeren aan aandeelhouders. Ik heb dit ook in Duitsland gezien bij een project voor de ouderen in Kinzigstal. Die zorginstelling organiseerde daar gratis cursussen voor mensen met poreuze botten om botbreuken te helpen voorkomen. Onder begeleiding van een fysiotherapeut was er aandacht voor onderwerpen als:

Hoe bewaar je evenwicht? Hoe richt je je huis in zodat je niet kan vallen. Slik je nog wat extra calcium? Hoe maak je je beenspieren wat sterker? En het mooie is: je doet meer dan alleen preventie. Je doet ook aan samenlevings­ opbouw en er worden vriendschappen gesloten. Dan zie je die organisatoren glunderen. Die zijn trots dat ze weer één of twee heupfracturen hebben weten te voorkomen. En die heupoperatie is duur hoor in Duitsland. Voor dat bedrag kun je echt wel twee cursussen per jaar organiseren.”

Maar het is niet makkelijk hoor, zo’n vermogenstoets. Zo zie je bijvoorbeeld dat kinderen van vermogende ouders beter voor hun ouders zorgen. Anders is de erfenis op. Dat is nou slecht. Je wilt niet verzorgd worden door een kind dat alleen maar op jouw geld uit is. Dat voel je aan. Er moet liefde bijzitten. Er is dus liefde en er is dus geld en soms zit dat bij elkaar. Als het alleen liefde is, is het ook wel erg beperkt. Want als je puur uit liefde mantelzorg doet, geef je op een gegeven moment op. Met name als ouderen achterdochtig of agressief worden. Of als het karakter verandert na een hersenbloeding. Dan ben je als zoon of dochter gevangene van de liefde. Dan mag je niet boos worden want het is je vader maar in je hart … Met een goede financiële prikkel, kun je het beter aan. Dat is dus ook wat ik bedoel met gedragseconomie. We kunnen hier meer mee doen.”

Vermogenstoets “Het is ook absoluut noodzakelijk om de kosten binnen de perken te houden. Daarom ben ik voor de vermogenstoets. Ik vind dat burgers met een eigen vermogen van meer dan

Buitenland “In Duitsland wordt daar al meer mee gedaan, met die financiële prikkel. Zoals het voorbeeld dat ik eerder ­noemde van die mantelzorg. Ik merk dat wij veel te veel in onze

eigen vissenkom blijven. We moeten veel meer studie­reizen maken naar Duitsland, Canada, België, Engeland … Niet omdat het daar per se beter is maar omdat je er op andere ideeën komt. Kijk bijvoorbeeld eens hoe de ­indicatiestelling in het buitenland is ingericht. In Canada heb je zeven vragen. Die checklist is de eerste stap. In de tweede stap wordt er bepaald hoe beperkt iemand is. Ze kijken dan niet alleen naar de fysieke beperkingen. Als je alleen kijkt naar de fysieke kanten, dan zeg je ­bijvoorbeeld: ‘U kunt geen 200 meter lopen, dus u heeft een scootmobiel nodig’. Maar wat nou als die persoon ook geen vijf minuten kan zitten? Dan heeft hij niets aan een scootmobiel. Je moet dan breder kijken. Zowel in Duitsland als in Canada hebben ze daarom een meetinstrument gemaakt waarbij ook de communicatieve vaardigheden en psychische gesteldheid van de cliënt worden meegenomen. Dan maak je dus een assessment van iemand waarbij alle factoren worden meegenomen. ­Uiteindelijk krijg je een bepaalde score. Bij 100% ben je gezond. Bij 0% ben je dood. En scoor je bijvoorbeeld 45%, dan heb je behoorlijk wat hulp nodig. Daar staat dan een geldbedrag tegenover waar je het mee moet doen. Hier kun je dan weer onafhankelijke casemanagers ­opzetten; die kijken hoe je het bedrag het beste kunt ­besteden. Naar andere landen kijken, daar gaat het dus om. En dingen grondig veranderen. Dan kunnen we in de toekomst meer zorg gaan bieden met evenveel professionals. Daar ben ik van overtuigd. Dat is dan ook de titel van het boek dat ik ga schrijven als ik straks met pensioen ben: Meer zorg met evenveel professionals.

Leren van de buren Stefan van den Oever: “Eén van de voorbeelden van de heer Schrijvers die ik erg treffend vond, is hoe men in Duitsland omgaat met het Persoonsgebonden Budget. Stel, een cliënt scoort op de toetsing 45 punten. Hier hoort een bedrag van € 2.000,- bij. Hij heeft dan twee mogelijkheden: of hij komt op de lijst voor een AWBZ-instelling óf hij krijgt een Persoonsgebonden Budget van € 1.000,-.  De redenering in Duitsland is: ‘Wij vinden het prima als u het wilt oplossen in de eigen familie en ook nog wat professionele zorg wilt inschakelen. U krijgt dan de helft. En u mag helemaal zelf bedenken hoe u dit geld uitgeeft.’ En wat blijkt? Zeven op de tien cliënten lost het op in de eigen familie. Daar kunnen wij van leren!”

9

10


Uitgelicht ...

Gemeente ’s-Hertogenbosch

Jeugdzorg

Zorg

(Wzvj)

(AWBZ, Zvw, Wpg)

2e lijn

Maatschappelijke ondersteuning

Werk en Inkomen (Wwnv)

(Wmo)

Individuele (specialistische) voorzieningen (indicatie of zelf betalen)

• Complex • Specialistisch • Professioneel • Langdurig

Op de verticale as is het niveau van zelfstandigheid

Gespecialiseerde jeugdzorg

Zorg AWBZ en Zvw

Voorzieningen Wmo

Stedelijk Regionaal

Beschut werken Bijstand Bijzondere bijstand

1e LIJN

Toegang

Toegang

Toegang

Centra voor Jeugd en Gezin (CJG)

Gezondheidscentra

Centra voor Maatschappelijke Ontwikkeling

0e LIJN

omgeving – problemen Case management (AmSZ/Uwv)

Algemene (voorliggende) voorzieningen

Ook de Wmo heeft een ‘huisarts’ nodig

Ingrid om enkele weken later in gesprek te gaan met Hugo. In dit artikel leest u hoe gemeente ’s-Hertogenbosch de toegang tot de Wmo wil inrichten. Door: Ingrid Linnemans - adviseur SCIO Consult

Samen met de gemeenten Boxtel, Sint Michielsgestel, Haaren, Schijndel, Heusden, Vught en Sint Oedenrode werkt ’s-Hertogenbosch aan het vormgeven van de decentrali­ satie van Begeleiding. Ondanks het lente­akkoord, waarin de decentralisatie van Begeleiding on-hold is gezet, heeft de gemeente ’s-Hertogenbosch gekozen om door te gaan met de voorbereidingen en te zorgen dat in ieder geval de basis klaar is in 2015. Die basis wordt in de wijken ingericht en ­bestaat uit een sociaal netwerk van professionals die allemaal op dezelfde manier gaan werken.

11

Hugo ter Steege geeft aan dat twee ontwikkelingen ­belangrijk zijn voor ­de manier waarop de toegang wordt ingericht: allereerst het feit dat er op alle onderdelen van het sociale domein steeds meer verantwoordelijk­heden bij de gemeenten komen te liggen. En ten tweede de ­verandering van een verzorgingsstaat naar een participa­ tiestaat, waarbij van iedereen verwacht wordt om waar ­mogelijk problemen zelf – en met de omgeving – op te lossen. Deze ontwikkeling heeft de regio ’s-Hertogenbosch vertaald in een schema.

die dat echt nodig dure ­gespecialiseerde 2e lijns-voorzieningen terecht. Op de horizontale as moet de toegang zorgen voor

Scholen Kindcentra

Transformatie AWBZ bij gemeente ’s-Hertogenbosch. Zijn verhaal was aanleiding voor

oplossen. Alleen ­inwoners hebben, komen in de

Het gewone leven

TransitieBureau Begeleiding. Eén van de sprekers was Hugo ter Steege, projectleider

van het groene ‘gewone zelf – met hulp van hun

Functies: signaleren, erop af gaan, vraagverhelderen (Kanteling), vroegtijdig interveniëren, verwijzen en regisseren

Op 13 juni volgde Ingrid Linnemans, adviseur bij SCIO Consult, een Masterclass van het

De taak van de toegang

leven’, waarin mensen

Algemene (voorliggende) voorzieningen

Wijk

Gemeente ’s-Hertogenbosch bijna klaar voor overkomst Begeleiding

in drie kleuren uitgezet.

bestaat uit het bevorderen Toegang

• Niet complex • Algemeen • Professioneel • Tijdelijk

Decentralisatie begeleiding

Preventieve gezondheidszorg

Informele ondersteuning

Reguliere arbeidsmarkt

een goede samenwerking, zodat inwoners niet van het kastje naar de muur worden gestuurd.

Burgers met talenten en beperkingen

Ouders en kinderen met en zonder problemen

Patiënten en gezonde mensen

Meer samen oplossen Om haar doelen te bereiken, wil de gemeente de toe­ gang tot het (vernieuwde) begeleidingsaanbod per wijk ­organiseren. Binnenkort start een proef in een wijk van 12.000 inwoners. Een eerste inventarisatie in de wijk leert dat er binnen het sociaalmedische domein zo’n 20 maat­ schappelijk partners actief zijn in de eerste lijn. De kunst is, volgens Hugo, om het gedrag en de houding van bewoners en de maatschappelijke partners in de wijk te veranderen. Een sociaal-DNA is nodig, waarbij de inwoner niet direct ‘Help!’ roept en de maatschappelijke partners niet direct hulp biedt. Bewoners moeten meer samen oplossen. En waar nodig krijgen ze begeleiding vanuit een actie­gericht en slagvaardig netwerk van eerstelijns generalisten van maatschappelijk partners. De gemeente als regisseur In dit proces stelt de gemeente zich op als regisseur van het wijknetwerk. Samen met andere financiers, zoals zorgkantoor en zorgverzekeraars, vertelt zij het sociaal-DNA-verhaal aan alle betrokkenen, zodat het eindplaatje bij iedereen bekend is en iedereen zijn rol kan gaan invullen. Als een betrokkene problemen voor­ziet bij het invullen van zijn rol of daar iets voor nodig heeft, zoekt de gemeente mee naar een oplossing. De sociale kracht zit in de samenleving, de gemeente faciliteert.

Mensen met en zonder beperkingen

Werkzoekenden en werkenden

Huisarts Eigenlijk, concludeert Hugo, hebben we in de Wmo – en binnen andere onderdelen van het sociale domein, zoals jeugd, onderwijs, werk en in­komen – ook een soort huis­ arts nodig. De toegang tot gespecialiseerde, individuele maatwerk­oplossingen in de tweede lijn zou binnen het sociaal­medische wijknetwerk op dezelfde wijze georgani­ seerd kunnen worden als dat de huisarts dit doet. Dit houdt in dat zij met hulp van partners in de tweede lijn beoordelen wat nodig is en snel en gericht doorverwijzen naar gespecia­ liseerde individuele maatwerk­oplossingen in de tweede lijn. Goed verpakt We zien overigens in veel gemeenten dat verschillende maatschappelijke partners, waaronder stichting MEE, samenwerken bij de toegang tot de Wmo. Ook richten meerdere gemeen­ten dit op wijkniveau in. In dat opzicht is gemeente ’s-Hertogenbosch dus niet uniek. Wat wel uniek is, is de ‘verpakking’ waar de gemeente voor kiest. Termen als sociaal-DNA, actienetwerk en wijkplein spreken tot de verbeelding. Ook vallen de heldere plaatjes op. Ze laten de parallellen met de huisartsenzorg helder zien, maken het doel inzichtelijk en brengen dit goed over naar inwoners en maatschappelijke partners. Het zou mij niet verbazen als de inhoud zich naar deze krachtige verpakking zal voegen … De eerste resultaten van de proef worden in 2013 gepresenteerd. Ik wacht in spanning af.

12


De visie van …

Eddy de Bruin - senior adviseur en partner SCIO Consult

“Overtuigingskracht, bestuurlijk lef en een duidelijke visie op verantwoordelijkheid zijn drie vereisten om veranderingen in ons ondersteuningssysteem door te kunnen voeren”

“De burger kan het prima zelf regelen”

Eddy de Bruin over de voordelen van de wijkgerichte aanpak Hulp bij het Huishouden Binnen de Wmo hebben gemeenten de compensatieverplichting om mensen te laten leven in een schoon en leefbaar huis. Vaak wordt daar nu in voorzien door het inzetten van Hulp bij het Huishouden. Maar hier lijkt verandering in te komen. In dit artikel geeft Eddy de Bruin, senior adviseur en partner SCIO Consult zijn visie op de inzet van Hulp bij het Huishouden. “Ik zie de laatste tijd steeds vaker dat gemeenten op zoek gaan naar manieren om Hulp bij het Huishouden (HH) beter in lijn te krijgen met de eigen kracht en verant­ woordelijkheid van de burger. Een goede ontwikkeling, want met de HH in de huidige vorm zijn we naar mijn idee aan het ‘overzorgen’. Oftewel: we zijn zaken aan het regelen voor burgers die dat eigenlijk wel zelf kunnen. Maar wat zijn dan de alternatieven? In een recent ­verschenen rapport ‘Naar beter betaalbare zorg’ van ­Taskforce Beheersing Zorguitgaven wordt gesproken over een volledige verdwijning van de HH uit de Wmo. Zo ver wil ik niet gaan. Wel denk ik dat het binnen de ­huidige wetgeving erg goed mogelijk is om de HH anders te ­organiseren.”

13

“Een optie is om op wijkniveau ondersteuning aan te bieden waar de burger zelf een beroep op kan doen. Kan dat dan? Jazeker: zo’n 80% van de gebruikers van HH heeft regie­ vermogen en is dus zelf in staat om zijn of haar eigen leven te organiseren. Dan mogen we dus ook verwachten dat zij zelf kunnen voorzien in de organisatie van het leven in een schoon huis. Ben je beperkt, dan is gebruik kosteloos, of tegen een kleine bijdrage. Ben je niet beperkt, dan betaal je gewoon zelf de marktprijs. En voor de 20% van de bur­ gers die het niet zelf kan regelen, wordt het op wijkniveau geregeld door de organisaties die dit aanbod verstrekken – al dan niet samen met de gemeente. En voor deze groep mensen wordt ook de organisatie van het huishouden overgenomen.

Stelling: huishou delijke o. hulp ho ort niet in de Wm

Maar hoe organiseer je zoiets? De gemeente moet ervoor zorgen dat er één leverancier per wijk gecontracteerd wordt. Deze partij krijgt een vast budget per jaar, gebaseerd op de cijfers van dat moment. Voor dat budget leveren zij hulp bij het huishouden aan alle mensen met een ondersteuningsvraag en een beper­ king. Een dergelijke prestatieafspraak is goed te maken, want zonder bijzondere gebeurtenissen is de ontwikkeling van de vraag naar ondersteuning vrij goed te voorspellen. Een gunstige bijkomstigheid van deze manier van contracteren, is dat de volume­ prikkel verdwijnt; aanbieders worden namelijk uitgedaagd tot het leveren van maximale kwaliteit in zo min mogelijk tijd en voor een vast bedrag. Maar dat is niet het enige voordeel. Doordat de burger zelf met de wijkaanbieder de zaken kan regelen, ontstaan er korte lijnen. Dit leidt tot een forse vermindering van de aanvragen aan het gemeenteloket en dus tot een besparing in indicatie­stelling en administratie. Een ander voordeel is dat een dergelijke aanpak onder de ­definitie van een algemene voorziening valt. Beschikken – met alle consequenties – kan dus achterwege blijven. En wat dacht u van de vaste budgetten die leiden tot budgetbeheersing? En van de kwaliteitsgarantie die ontstaat doordat u ­prestatieafspraken maakt? Ik realiseer mij dat dit een geheel nieuwe benadering is. Maar het is wel een actuele benadering: zelfs in de verkiezingscampagne van de parlements­ verkiezing kwam ‘de werkster’ in beeld. En binnen verschillende partijen wordt erover gesproken dat mensen méér eigen verantwoordelijkheid moeten nemen. Daar ben ik het helemaal mee eens. Het zal echter niet van vandaag op morgen geregeld zijn. Een verandering in ons ondersteuningssysteem vraagt om een duidelijke visie op verantwoordelijkheid, om bestuurlijk lef en om het vermogen de burger te overtuigen dat het anders moet, en ook anders kan.”

14


Uit de media

“Het is niet raar om bij je moeder de ramen te zemen” In augustus 2012 – aan de vooravond van de Tweede Kamerverkiezingen – deed Edith Schippers, op dat moment demissionair minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport een aantal ferme uitspraken over ouderenzorg en huishoudelijke hulp. Zo ook op

Hulp bij het Huishouden kost 1,5 miljard euro per jaar. De voorgestelde maatregelen kunnen leiden tot een besparing van 1,1 miljard euro.

26 augustus in het tv-programma ‘Eva Jinek op Zondag’. Een verslag …

Onbetaalbaar Schippers stelt dat een forse ingreep in de ouderenzorg onontkoombaar is. Nu al gaat een kwart van het inkomen op aan de zorg. Zonder ingrijpen dreigt dat in de komende jaren te ­verdubbelen met als gevolg dat de zorg onbetaalbaar wordt. Volgens Schippers kan ingrijpen in de ouderen­ zorg gemakkelijk: “Ouderenzorg is bij ons drie keer zo duur is als in Duitsland en twee keer zo duur als in Frankrijk.”

15

Idioot Een oplossing die zij aandraagt? Huishoudelijke hulp moet uit de zorg gehaald worden: “Alles wat geen zorg is, moet we eigenlijk weer terug naar mensen brengen. Het gaat dan om huishoudelijke hulp, schoonmaken. Ouderen zullen meer een beroep moeten doen op familie, buren of vrienden om hun huis schoon te houden. Het is toch niet raar om bij je moeder de ramen te zemen? Ik ken mensen die doen de werkster de deur uit en dan komt de thuiszorg erin. Het is toch idioot dat wij dat zo ­geregeld hebben in Nederland!”

Besparing De minister erkent dat er ook een groep mensen is die het niet alleen kan: “Die hebben geen sociaal netwerk. Die kunnen dit niet regelen. Die hebben geen geld om een werkster in te huren.” Voor die groep wil zij een behoorlijk bedrag opzij zetten, maar dan nog levert het een fikse besparing op; Hulp bij het Huishouden kost op dit moment 1,5 miljard euro per jaar. Als deze maatregelen worden doorgevoerd, kan 1,1 miljard euro ­bespaard worden.

Anders organiseren De noodzaak om te veranderen, is uiteraard ook al doorgedrongen tot de gemeenten. Op dit moment ondersteunen wij diverse ­gemeenten om een sterk maatschappelijk aan­bod te realiseren. Wij onderzoeken onder andere samen met hen welke m ­ ogelijkheden er zijn om de Hulp bij het Huishouden anders te organiseren. Hoe meer gemeenten hiermee aan de slag gaan, des te sneller kunnen we ge­zamenlijk een goed aanbod realiseren dat past bij de uitdagingen van deze tijd.

16


Interview met cliënt

De heer Werkhoven is 75 jaar. Hij woont alleen in een eengezinswoning in Utrecht. Vanwege een gewrichtsaandoening heeft hij mobiliteitsproblemen. Hij vraagt de gemeente om hulp. De gemeente schakelt SCIO Consult in voor het indicatiegesprek. Onze adviseur Stefan van de Oever gaat op huisbezoek en brengt zijn advies uit. De gemeente neemt een besluit: de heer Werkhoven krijgt per week drie uur huishoudelijke hulp. De traplift die hij graag wil, krijgt hij niet. Zijn bed kan namelijk ook naar beneden worden verplaatst waar ook de badkamer aanwezig is. Hoe heeft de cliënt het traject ervaren? En is hij tevreden met de aangeboden zorg? Door: Stefan van den Oever - senior adviseur en partner SCIO Consult Fotografie: Hans Slegers

“Ik moet niet janken, ik kan mijn boodschapjes weer doen!” “Die hartaanval van vorig jaar, daar ben ik wel weer bovenop gekomen. Maar die gewrichts­aandoening komt terug. Lopen kan dan niet meer. Ik heb daarom zelf een scootmobiel gekocht voor niet al te veel geld. Maar later bleek dat de accu’s niet meer goed te vullen waren: de Jumbo haalde ik net, winkelcentrum Overvecht haalde ik niet. Gelukkig ben ik nogal technisch – ik heb op de vaart gezeten – dus ik heb zelf nieuwe accu’s en een lader gekocht. Nu kom ik weer ergens. Daar ben ik blij om.”

“Een groter probleem is de trap. Als mijn gewrichtsaan­ doening opspeelt, doe ik er soms wel een kwartier over. ­Inmiddels ben ik al zo’n drie maanden bezig met de gemeente over een traplift. Ik wilde er zelf een regelen via marktplaats, maar dan zijn ze te klein, te kort, niet hoog genoeg … Dus heb ik het aan de gemeente gevraagd. Zij zeggen dat ik het bed naar beneden moet verplaatsen omdat daar ook de badkamer is. Ik begrijp dat ook wel, want het kost een hoop. Alleen voor mij is het een hele klus om mijn woning opnieuw in te richten. Daar had ik graag hulp bij gekregen.”

Adviseur Stefan van den Oever aan de keukentafel bij de heer Werkhoven.

17

“Ik doe een heleboel zelf. En ook mijn zoon en zijn vrouw en een aantal buren helpen me regelmatig. Maar voor sommige dingen heb ik echt hulp nodig. Er komt nu elke week een meisje van 18 jaar hier en die duikt de kasten in en maakt alles schoon. Daar heb ik het goed mee geschoten. Ben ik heel blij mee. Alleen nu dus nog alles verplaatsen. En ik moet mijn bankje wegdoen. Het is pas twee jaar oud, maar het past nu niet meer. Ik heb al een kaartje opgehangen bij de Jumbo. Zo regel ik de dingen.” “Ik begrijp best dat de gemeente een stuk eigen verantwoording bij me neerlegt. Maar ik heb al veel dingen zelf geregeld. En soms krijg ik dan het gevoel dat iemand die minder ­ initiatief toont meer hulp krijgt. Achteraf gezien denk ik over die scootmobiel ‘had ik dit wel zo moeten­ doen?’. Ik hoor van verschillende ­mensen dat ik er van de gemeente ee­n had kunnen krijgen, zo’n hardrijder, met verlichting en toeters en bellen. Maar ik heb er niet om gevraagd, ik heb zelf initiatief getoond en alle ­kosten betaald. Had mij dan op z’n minst een financiële bijdrage gegeven voor die nieuwe accu’s en lader en voor het onderhoud. Maar dan denk ik ook weer: ik moet niet janken, ik kan mijn boodschapjes weer doen en meedoen!” “Dat van die trap vind ik erger. Ze zeggen: ‘Bekijk het maar. Als jij dood valt van die trap daar kunnen wij niks aan doen’. Ik vind dat ze er wel degelijk wat aan kunnen doen. Ze kunnen hulp inschakelen van bijvoorbeeld een vrijwilligersorganisatie om mijn spullen te verplaatsen. Het doel is pas bereikt als het bed beneden staat. En dat is nu nog niet het geval. Gelukkig gaat het wel weer beter met mij de laatste tijd. Dat is dan weer een voordeel.”

18


De klant aan het woord

Wie

Dirkje Sneller, Gemeente Oldebroek

Wat

Opleiding tot Wmo-consulent, vijf modules

Meest enthousiast over

“Aan het eind van de cursus kon ik op eigen houtje een ingewikkelde casus uitwerken.”

Aandacht voor praktijkcasussen en vele voorbeelden

“Een proactieve benadering van burgers past bij ons” Gemeente Kerkrade heeft begin 2012 samen met SCIO Consult en de Hogeschool Zuyd een pilot gedaan.

Dirkje Sneller, administratief medewerkster op de

Het onderwerp: ‘Het Gesprek aan de keukentafel: een

afdeling Sociale Zaken bij de gemeente Oldebroek, volgde

proactieve benadering van burgers’. De pilot was gericht

dit jaar de opleiding tot Wmo-consulent. Ze slaagde met

op aanvragen binnen de WWB en Wmo.

vlag en wimpel voor de proeve van bekwaamheid.

Waarom heb je voor deze cursus gekozen? “Toen ik in 2010 aan deze baan begon wist ik weinig over de Wmo. Ik kom in mijn werk echter veel dingen tegen die ik ontzettend interessant vind. Daarom wil ik me graag verder ontwikkelen op het gebied van de Wmo. Deze cursus geeft je in vijf modules een heel goede basis. Wat me ook aanspreekt, is dat de cursus heel goed inspeelt op de Kanteling. Ik denk dat het voor mij een heel goed moment is geweest om deze cursus te volgen nu we binnen onze gemeente aan de voor­ avond staan van de invoering van de Kanteling.” Sloot de cursus goed aan bij je praktijk? “Ik vind deze vraag niet gemakkelijk te beantwoorden omdat ik niet als consulent werkzaam ben. Ik merk wel dat ik in mijn werkomgeving nu mijn ogen en oren veel meer openhoud wanneer mijn collega’s het over bepaalde Wmo zaken hebben. Ik weet nu waarom bepaalde beslissingen genomen worden. Tijdens de cursus was er erg veel ruimte voor praktijkvoorbeelden. De mede­ cursisten kwamen vaak met voorbeelden uit hun eigen omgeving en dat is ook heel leerzaam. In het cursusprogramma was bovendien veel aandacht voor ­praktijkcasussen. Ik merk dat ik daar veel van heb geleerd.” Wat was de grootste eyeopener voor jou? “Ik vond het heel erg leuk om te merken dat ik aan het eind van de cursus tijdens de proeve van bekwaamheid op eigen houtje een best ingewikkelde casus kon uitwerken. Vanuit de Kanteling moet je vooral kijken naar de mogelijkheden van de cliënt en zijn omgeving. Alle mogelijkheden moeten worden besproken en ook worden vastgelegd. Een individuele voorziening is de laatste oplossing die ­gekozen wordt. Ik zag met name op tegen het voeren van het gesprek, maar ik merkte dat ik veel zelfverzekerder was dan ik verwacht had.” Wat heeft de cursus jou opgeleverd? “Ik heb nu een goede basis, van waaruit ik mij verder kan ontwikkelen op het gebied van de Wmo. Ik hoop hetgeen ik geleerd heb nog veel meer in de praktijk te kunnen brengen dan nu het geval is.”

19

Wie

Gemeente Kerkrade Marie-Therese Bindels Rita Crombach Hans Keulers Hogeschool Zuyd Marlou Driessen SCIO Consult Bart van den Eijnde Petra Veen

Wat

Pilot voor nieuwe methodiek: Het Gesprek

Periode

Februari – juni 2012

“ESF investeert in jouw toekomst” Aanleiding en doel Marie-Therese Bindels, gemeente Kerkrade: “Vanaf het begin van de Wmo hebben wij de burger centraal gesteld. We doen dit onder andere met ‘Vrauw Hoepertz’, een fictieve model­ cliënt aan wie we ons beleid toetsen. Doel van de pilot was om te kijken of de nieuwe methodiek hierbij aansluit.” Hans Keulers, gemeente Kerkrade, voegt hieraan toe: “Wij hebben een voortrekkersrol op het gebied van de Kanteling en die houden we graag. Dat vraagt van ons dat we de gekozen visie en werkwijze zorgvuldig door­ voeren. Vandaar deze pilot.” Methodiek Meer bereiken in minder tijd, daar moet de nieuwe methodiek uiteindelijk voor zorgen. Petra Veen van SCIO Consult was samen met Marlou Driessen van Hogeschool Zuyd verantwoordelijk voor de scholing van de consulenten. Petra: “In de nieuwe methodiek gaat het om een bewustere manier van communiceren. Alles wat er tijdens het gesprek aan ­de keukentafel gebeurt, moet expliciet worden gemaakt. Door de consulent én door de burger. De consulenten hebben veel handvatten gekregen en veel geoefend. Bovendien hebben we ze coaching-on-the-job gegeven.”

Conclusies van de pilot De belangrijkste conclusie is dat de methodiek een goede basis geeft die­past bij de Wmo, de WWB en de gemeente Kerkrade. “Wel vraagt het meer tijd van de consulenten en is efficiency pas op de langere termijn te verwachten”, benadrukt Rita Crombach­,­projectleider van de gemeente Kerkrade. Verder staan er in het rapport nog twee belangrijke aandachtspunten: de nieuwe werk­ wijze vereist absoluut een cultuur­ verandering binnen de organisatie. Bovendien moet het werkproces worden aangescherpt wanneer de gemeente overgaat tot implemen­ tatie­. Met deze conclusies op zak kan gemeente Kerkrade een weloverwogen beslissing nemen.

De pilot werd mede mogelijk gemaakt door financiering van het Europees Sociaal Fonds (ESF).

Wilt u meer weten? Bel ons gerust; wij geven u graag de contactgegevens van de projectleden.

Werkwijze

De pilot bestond uit vijf stappen: 1. Verbreding van de methodiek. De methodiek – die oorspronkelijk is ontwikkeld voor de Wmo – werd omgezet naar een methodiek die ook bruikbaar is voor de WWB. 2. Voorbereiding. De werkprocessen en randvoorwaarden werden vastgelegd. 3. Scholing. De consulenten werden geschoold. 4. Uitvoering. De pilot werd uitgevoerd. De consulenten kregen daarbij coaching-on-the-job. 5. Evaluatie.

20


Trainer Frank van der Kolk gebruikt in zijn training “Het Gesprek” het principe van de emotionele bankrekening. Het principe is even eenvoudig als effectief: aan het begin van ieder gesprek zorg je voor stortingen. Daarmee creëer je vertrouwen. Pas als het saldo voldoende is, kan je saldo gaan opnemen, bijvoorbeeld door te vragen of de cliënt een oplossing zelf kan betalen. Meer weten? Lees het hele artikel.

Uit de praktijk

Met deze stortingen werk je aan een positief saldo: 1. woord houden 2. integriteit tonen 3. je oprecht verontschuldigen bij saldo-opname 4. op details letten

Verbeter het keukentafelgesprek; open een emotionele bank­rekening met je cliënt. Het ‘keukentafelgesprek’ met de burger is een ander gesprek dan een indicatiegesprek. Bij een indicatiegesprek beoordeel je of een cliënt gemeentelijke ondersteuning kan krijgen volgens de geldende regels. Het keukentafelgesprek gaat daaraan vooraf. Bedoeling is om de vraag achter de vraag te achterhalen, de precieze ondersteuningsbehoefte vast te stellen én de burger te motiveren in de eigen kracht. Voor veel oude rotten in het indicatievak een lastige klus. Omdat het zo anders is. Door: Frank van der Kolk - trainer en adviseur SCIO Consult

Wat is er dan zoal anders? Het keuken­ tafelgesprek is veel breder, raakt veel levensdomeinen en het gaat vaak ook veel dieper in op emoties, zorgen of angsten. Daarnaast wil je in het gesprek bereiken dat de burger zoveel mogelijk, als dat kan, zelf oplossin­ gen zoekt en realiseert. Ik hoor vaak in ­trainingen: “Het lijkt wel of ik maatschappelijk werker moet zijn”. Misschien is dat inderdaad wel zo. Eerst begrijpen, dan begrepen worden Om een goede start te maken tijdens het keukentafel­gesprek is zinvol om rekening te houden met de emo­ tionele bankrekening. De emotionele bankrekening is een metafoor die Stephen Covey beschrijft in zijn veel­ gelezen boek ‘De zeven eigenschappen

van effectief leiderschap’. Eén van die zeven eigenschappen is ‘eerst begrijpen, dan begrepen worden’. Mooi gezegd, maar hoe pas je dat toe in een ­gesprek met een cliënt die om ondersteuning vraagt? Eigenlijk heel eenvoudig: je moet ervoor zorgen dat jij duidelijkheid krijgt over wat er aan de hand is. Wat bedoelt je klant? Hoe ziet hij de toekomst voor zich? Waar ligt hij wakker van? Waar droomt hij van? Hoe ziet zijn wereld eruit? Je verdiept je dus in de wereld van je cliënt. In zijn wensen, dromen, zorgen, belevingen, ervaringen. De emotionele bankrekening En dat lukt je het beste als de emo­ tionele bankrekening is volgestort. De emotionele bankrekening is een

bankrekening zoals elke andere. Het gaat echter niet om geld maar om vertrouwen tussen twee mensen. De vraag is niet ‘Hoeveel geld staat erop?’ maar ‘Voel ik me veilig bij de ander?’ en ‘Durf ik te zeggen wat ik voel en vind?’. Beide partijen kunnen storten op de rekening, en ze kunnen ook ­saldo opnemen of zelfs rood staan. Een gespreksvoerder en zijn cliënt hebben dus samen een emotionele bankrekening. En de kunst is om deze professioneel te managen. Positief saldo Het saldo op de rekening kan je laten stijgen door je bijvoorbeeld aan afspraken te houden, aardig te zijn en vragen te stellen. Het vertrouwen stijgt daardoor en dus het saldo.

De beste manier om een positief saldo op je emotionele bankrekening te houden, is door onbevooroordeeld te luisteren. Gewoon luisteren om te begrijpen. ‘Eerst begrijpen, dan begrepen worden’, weet je nog? Stel vooral veel vragen en vraag door naar de essentie van iemands zorgen, wensen, behoeften en eigen oplossingen.

“Mijn advies voor een goed keukentafelgesprek: open ­samen met je cliënt een bankrekening. Eentje waar het gaat om emoties en niet om geld.”

Maatwerk Maar let op: saldo storten gaat niet altijd op dezelfde manier. Dat is afhankelijk van de persoon tegenover je. Iedere persoon is anders en heeft andere drijfveren of verwachtingen. De kunst in ons Wmo-werk is, dat je aan de keukentafel aanvoelt waar die ander behoefte aan heeft. Als je vervolgens die behoefte benoemt of daarop reflecteert, dan stort je fors op de bankrekening en groeit auto­ matisch het vertrouwen. Het grootste compliment dat je van een cliënt kan krijgen is toch als hij zegt: “Dat is ­precies wat ik bedoel. U begrijpt mij.” Saldo opnemen Als het saldo voldoende is, je schrijft dus zwarte cijfers, dan kun je ook

best een keer saldo opnemen. Bijvoor­ beeld door de ander te onderbreken, feedback te geven of te prikkelen in het nemen van eigen verantwoorde­ lijkheid of het zoeken van andere dan de bedachte voorziening. Maar dat doe je dus pas als er een positief saldo is. Als je krediet hebt. Dus ‘zo maar’ beginnen over het zelf betalen van een voorziening, werkt niet. Je moet eerst saldo opbouwen. Tot slot nog even een handige tip: slijmen helpt. Slijmen is een zeer succesvol middel om aardig gevonden te worden en dus saldo op te bouwen 1.

De cursus Het Gesprek is module 4 van de opleiding tot Wmo-consulent. Meer weten? Ga naar www.scioconsult.nl.

1 “De eerste indruk”, Roos Vonk, 2007 Scriptum Psychologie.

21

22


Column

Frank van der Kolk - adviseur en trainer SCIO Consult

Dit is de SCIO Scope, het tweejaarlijkse magazine van SCIO Consult. Met dit magazine bieden wij u graag een brede ‘scope’ op actualiteiten binnen de Wet maatschappelijke ondersteuning. Ook delen wij onze vakkennis met u en leest u ervaringen van onze klanten. Met dit magazine willen wij bijdragen aan ons doel: wij willen bereiken dat mensen zich ‘thuis’ voelen ondanks de beperkingen die zij hebben. Want wij zijn SCIO Consult. Wij zijn thuis in meedoen.

Zorgen

Ons cursusaanbod en onze diensten kunt u vinden op:

Het is midden in de nacht. Ik moet naar de wc. Als ik mij op wil richten om uit te bed stappen, voel ik een stekende pijn in mijn lies. Ik schrik. Wat is er aan de hand? Dit is niet goed! Ik zoek met mijn hand het licht­ knopje van het slaapkamerlicht. Niet te vinden. Ze hebben dus het draadje waar ik altijd aan trek om het licht aan te doen op een andere plek gehangen. Dat moet het zijn. Ze doen het erom. Ik strek me nog verder om de scha­ kelaar te pakken te krijgen. Weer een pijnscheut. Ik raak in paniek. Wat is er aan de hand? Waar ben ik? Waar­ om doet mijn been zo’n pijn? Waar is het licht? Iemand moet me helpen … “Help!” roep ik zo hard als ik kan. Het is midden in de nacht. Beneden hoor ik gestommel en gerommel. Hij moet waarschijnlijk naar de wc. Hij is twee weken geleden met de

23 22

fiets gevallen en heeft een scheurtje in zijn heup. Sinds gisteren slaapt hij op een geleend bed in de woonkamer. Overdag verzorg ik hem zoveel als het lukt. Dat gaat moeilijk. Hij neemt niets van me aan en is dwars. De pijnstillers die hij moet nemen, wil ie niet. Daar moet ie nog vaker van plassen, zegt ie dan. Tuurlijk, de dementie zal een rol spelen, maar ik vind het moei­ lijk om ermee om te gaan. Daarnaast doe ik het huishouden en houd ik de tuin bij. Hartstikke druk dus. Mijn rugpijn is natuurlijk ook weer terug. Gelukkig hebben gisteren de jongens samen ruimte ­gemaakt voor het leenbed. En is er een ­rollator gekomen. Maar ja, daar wil hij niet mee lopen. Vertrouwt ie niet. Ik ben doodop, slaap slecht en maak me zorgen. Komt ie wel weer op de been? Kunnen we straks wel weer samen fi ­ etsen? Moet ik nu

www.scioconsult.nl

thuiszorg inschakelen? Moeten we verhuizen? En wat kost me dat eigen­ lijk allemaal? Jammer dat de kinderen zo ver weg wonen. Ze willen alles wel doen, maar kunnen niet iedere dag langskomen. Soms na het werk een keer en anders alleen in het weekend. Wat moet ik nou doen? Hoe zorg ik voor hem en hoe zorg ik voor mezelf? Ik wou dat ik kon slapen … HELP! Hij, 86 jaar, ernstig hartpatiënt en sinds kort bekend met ­Alzheimer, is gevallen met de fiets. Zij, 78 jaar en fit voor haar leeftijd, trekt het niet meer. De kinderen wonen ver weg en maken zich grote zorgen. Wat ben ik blij dat we al 100 jaar in Nederland een verzorgingsstaat hebben waar­ door professionals het oude echtpaar kunnen ondersteunen. Hopelijk denkt de nieuwe regering er ook zo over!

Deventer Keulenstraat 4L 7418 ET Deventer T 0570 - 67 71 74 F 0570 - 60 53 40

Utrecht Orteliuslaan 879 3528 BE Utrecht T 030 - 767 00 14

E info@scioconsult.nl I www.scioconsult.nl

24


Cursusaanbod 2013 Wij geloven dat we met elkaar kunnen bereiken dat iedereen naar vermogen mee kan doen. Door mensen, kennis en ervaring met elkaar te verbinden. Daarom bieden wij u op tijd de juiste hoeveelheid kennis bij het ontwikkelen en uitvoeren van maatschappelijke ondersteuning. Deventer Keulenstraat 4L 7418 ET Deventer T 0570 - 67 71 74 F 0570 - 60 53 40

Utrecht Orteliuslaan 879 3528 BE Utrecht T 030 - 767 00 14

E info@scioconsult.nl I www.scioconsult.nl

Onze opleidingsadviseurs

Anita de Jong Opleidingsadviseur Regio Zuid-West

Meer informatie over deze cursussen vindt u op: www.scioconsult.nl Of u kunt een e-mail sturen naar: cursussen@scioconsult.nl

Cursusaanbod gemeenten

cursusduur (dagen)

Hieronder vindt u het overzicht en alle data van onze open i­ nschrijvingen voor 2013. Bent u op zoek naar een incompany cursus voor uw team? Neem contact op met onze opleidings-­adviseurs. Zij denken met u mee en stellen een maatwerk­traject voor u samen. Ook vertellen zij u graag meer over coaching-on-the-job, casuïstiekbesprekingen en e-coaching.

JAN

FEB

MRT

APR

MEI

JUN

JUL

AUG

SEP

OKT

NOV

DEC

Opleiding tot Wmo-consulent Module 1 Door: E. Assink / A. de Jong Data: 12 sep, 19 sep, 26 sep

Module 1 Door: E. Assink / A. de Jong Data: 31 jan, 7 feb, 14 feb

• Module 1: Achtergronden en wettelijk kader van de Wmo

3

• Module 2: Mensen met lichamelijke beperkingen

2

Module 2 Door: I. Venema / A. Vink Data: 7 mrt, 14 mrt

• Module 3: Mensen met psychische problemen

2

Module 3 Door: Y. van de Merwe / A. Vink Data: 21 mrt, 28 mrt

• Module 4: Het Gesprek

2

• Module 5: Arrangementen en indicatiestelling individuele voorzieningen

2

• Proeve van bekwaamheid

Module 2 Door: I. Venema / A. Vink Data: 3 okt, 10 okt Module 3 Door: Y. van de Merwe / A. Vink Data: 31 okt, 7 nov Module 4 Door: A. de Jong / F. van der Kolk Data: 4 apr, 11 apr

Module 4 Door: A. de Jong / F. van der Kolk Data: 14 nov, 21 nov

Module 5 Door: A. de Jong / P. Veen Data: 18 apr, 25 apr, 16 mei, 23 mei

Module 5 Door: P. Veen / A. de Jong Data: 28 nov, 5 dec, 12 dec, 19 dec P. v. B. Door: F. van der Kolk / P. Veen Data: 6 jun

2

Verdiepingscursussen

Anitra Vink Opleidingsadviseur Regio Noord-West

• Complexe woonvoorzieningen

5

• Offertebeoordeling woningaanpassingen

2

• Bouwkunde en bouwkostenraming

5

• Complexe rolstoelen en vervoersvoorzieningen

3

• Hulp bij het Huishouden (complex)

3

• Kinderen en de Wmo

4

• Wmo en Begeleiding

3

Complexe woonvoorzieningen Door: A. de Jong / K. Steenbeek Data: 5 mrt, 12 mrt, 19 mrt, 26 mrt, 9 apr

Offertebeoordeling Door: N. Schrijver Data: 10 dec, 17 dec Bouwkunde en bouwkostenraming Door: N. Schrijver Data: 16 apr, 23 apr, 7 mei, 14 mei, 21 mei Complexe rolstoelen en vervoersvoorzieningen Door: A. Hector / A. Hommel Data: 28 okt, 4 nov, 11 nov, 18 nov Hulp bij het Huishouden (complex) Door: A. Vink / C. van der Wel Data: 24 sep, 1 okt, 8 okt

Frank van der Kolk Opleidingsadviseur

Kinderen en de Wmo Door: E. Assink / S. Elsemulder Data: 22 apr, 6 mei, 27 mei, 10 jun

Regio Noord-Oost

Petra Veen Opleidingsadviseur Regio Zuid-Oost

Complexe woonvoorzieningen Door: A. de Jong / K. Steenbeek Data: 29 okt, 5 nov, 12 nov, 19 nov, 3 dec

Wmo en Begeleiding Door: O. van Schie / C. van der Wel Data: 28 mei, 4 jun, 11 jun

Cursusaanbod zorgaanbieders

cursusduur (dagen)

Indicatiestelling AWBZ - algemeen

1

AWBZ algemeen Door: C. van der Wel / O. van Schie Data: 11 mrt

Indicatiestelling AWBZ - Zorgzwaartepakketten

1

AWBZ ZZP Door: C. van der Wel / O. van Schie Data: 18 mrt

JAN

FEB

MRT

APR

MEI

JUN

Wmo en Begeleiding Door: O. van Schie / C. van der Wel Data: 25 nov, 2 dec, 9 dec

JUL

AUG

SEP

OKT

NOV

DEC

AWBZ algemeen Door: C. van der Wel / O. van Schie Data: 30 sep AWBZ ZZP Door: C. van der Wel / O. van Schie Data: 7 okt

26


SCIO Scope