Issuu on Google+

009

ELINGSSAMENWERKING jaargang 9 / 12-2

een uitgave van

KWARTAALBLAD OVER SPORT & ONTWIKK

ESKIMO-JEUGD GLIJDT UIT ZONDER SCHAATSEN

/////////////////// HOE IJSHOCKEY INUIT OVEREIND HOUDT //

TERPSTRA’S TOCHT // VAN GENNIP GEEFT // WK 2010 //////


// INHOUD Supporter 36 COLOFON Het kwartaalblad Supporter wordt uitgegeven door het programma Sport & Ontwikkelings­samenwerking van NCDO (Nationale Commissie voor Internationale Samenwerking en Duurzame Ontwikkeling). Meningen die in artikelen worden weergegeven zijn niet per definitie de meningen van het programma Sport & Ontwikkelings­samenwerking. Hoofdredactie: NCDO-programma Sport & OS (www.sportdevelopment.org), Tessa Kocken en Marieke Timmer Eindredactie en coördinatie: Schrijf-Schrijf, Utrecht (www.schrijf-schrijf.nl), Jens Middel Redactieraad: Frank van Eekeren, Helga van Kampen, Judith Kilsdonk en Willem Vissers Medewerkers: ANP, Frank Berkhout, Lotte Blanken, Marieke van Doggenaar, Ghislaine van Drunen, Ralph Eckhard, Ton Koene, Peter van der Mark, Jens Middel, Johannes Odé, Arnold Pannenborg, Diederik Samwel, Sanne Terlingen, Edward Troon, Bas van Veen. Redactieadres: NCDO, Tessa Kocken en Marieke Timmer Mauritskade 63 1092 AD Amsterdam T: (020) 568 87 88 E: m.timmer@ncdo.nl SSN 1562-7726 Ontwerp: Piraña grafisch ontwerp (www.pirana.nl) Druk: Artoos (www.artoos.nl) © NCDO 2009. Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd en/of openbaar gemaakt door middel van druk, fotokopie, microfilm of welke andere wijze dan ook, zonder voor­afgaande schriftelijke toestemming van de uitgever. Coverfoto: Inuit-jongeren in Gjoa Haven, Canada. Zie pagina 24. Foto: Ton Koene.

2

24 Merchandise......... 4

Millenniumschoen Award ....22

De Wissel.............. 5

De Club............................... 23

Positiespel . ........ 10

WK 2010 . ........................... 28

Tribune................ 11

Spelaanwijzingen............... 30

Veld..................... 16

De Libero............................ 31


6 12 Grastovenaars Witte zakdoeken voor geluk, toffees tegen dwergen en waterflesjes tegen zwarte magie. Welkom in het Afrikaanse profvoetbal.

Erica Terpstra De scheidend NOC*NSF-voorzitter over macht en betrokkenheid. “Vroeger zou iemand uit de sport nooit zo serieus genomen zijn.”

Bond in opspraak “Trots, nationalisme en angst voor verandering: daar wordt de atletiek in Suriname door geremd”, stelt oud-atlete Letitia Vriesde.

6

18

12 18

IJshockey redt levens Er valt weinig te lachen in de Inuit-gemeenschappen van Canada. Het enige licht in de kille duisternis van armoede en geweld, is ijshockey.

24

3


// MERCHANDISE Tof trainingstenue Breng een beetje Azië in je sport! En beweeg in bamboe! De bamboevezels uit China en India maken de trainingstenues op deze foto vochtregulerend. Bovendien zorgen ze ervoor dat de kleren zacht en kreukbestendig zijn. Naast bamboe bestaat de outfit voor 71 procent uit biologisch katoen, geteeld zonder kunstmest of chemische bestrijdingsmiddelen. Bij de katoenproductie is toegezien op goede arbeidsomstandigheden en een eerlijke beloning voor arbeiders. Verkoopprijs vanaf € 12,90; te koop bij www.ekokatoen.nl

Een fiets voor een fiets Het idee is simpel. Koop je een ColorBike, dan gaat er ook een goede, veilige fiets naar iemand anders. Iemand in een ontwikkelingsland. Een kind, man of vrouw die geen auto of OV kan betalen en lange afstanden moet lopen. Naar school, kantoor of waterbron. Tweederde van de winst van ColorBikes (www.colorbike.nl) wordt besteed aan fietsen in Bolivia, Nicaragua, Rwanda en Madagaskar. Verkoopprijs vanaf € 210,-; heren- en damesmodellen te koop bij o.a. www.villafair.nl

Bidon voor de vuilnisbelt Sportflessen: er wordt voortdurend mee gegooid. Kijk maar eens hoe achteloos marathonlopers en wielrenners hun bidonnetjes over de schouder werpen. Opruimdiensten gooien ze vervolgens bij het vuilnis. Slecht voor het milieu, want kunststof is niet biologisch afbreekbaar. Tenzij het gaat om de speciaal geprepareerde ‘Bio-Bottles’. Eenmaal in een composthoop of op een vuilstort, valt de kunststof van deze bidons binnen vijf jaar uiteen in biogas en biomassa. Verkoopprijs € 3,85 per stuk; te koop bij www.smilesuperstore.nl

4


// DE WISSEL

TE KOOP Zo hard schaatsen dat ik er olympische medailles mee won. Dat deed ik, twintig jaar geleden. Driemaal goud in Calgary. Het voelt als iets van lang geleden.

Yvonne van Gennip (1964) is één van Nederlands meest succesvolle schaatsters. Ze won vele medailles, waaronder driemaal goud op de Olympische Spelen van 1988. Voor Sportservice Noord-Holland was ze consulente Jeugdsport en presenteerde ze de afgelopen jaren bij meerdere omroepen sportstimulerende tv-programma's. Ze is ambassadeur van Laureus en SOS Kinderdorpen. Ook zet ze zich in voor KIKA en de Johan Cruyff Foundation.

Nog altijd kennen veel mensen me in eerste instantie van dat schaatssucces. Wie mijn naam googlet, krijgt dat als eerste te lezen. Toch heb ik ook heel andere dingen gedaan. En doe ik dat nog steeds. Zo zet ik me al jaren in voor SOSKinderdorpen. In een SOS-kinderdorp, waarvan er wereldwijd zo'n vijfhonderd zijn, zorgen SOSmoeders voor kinderen die er anders alleen voor staan. Deze jongens en meisjes krijgen niet enkel voedsel, onderwijs en medische zorg. Ze vinden bij hun SOS-moeder ook de liefde en veiligheid om zich te ontwikkelen tot gelukkige, zelfstandige mannen en vrouwen. Als SOS-ambassadeur doe ik nu bijna waarvan ik vroeger droomde. Toen ik klein was, wilde ik non worden. Een soort Moeder Teresa die kindjes in ontwikkelingslanden helpt. Naarmate ik ouder werd begreep ik dat je nogal wat moet opgeven om bij een kloosterorde te horen. Dus dat liet ik toen maar voor wat het was. Hoewel... het kloosterleven fascineert me nog steeds. Simpelweg omdat ik, als ik ergens in geloof, de neiging heb me helemaal te geven. Totale devotie. Dat geldt voor sport, maar ook voor religie.

van sportstimulerende tv-programma's als Sport in Holland. Ik bezocht verenigingen, keek in de keuken van de sport en voelde me alsof ik thuiskwam. Bovendien begon ik zelf ook meer te bewegen. Ik genoot, zoals ik er als kind van genoot te sporten, en vond het heel leuk mijn plezier door te geven. Bij SOS Kinderdorpen vraag ik nu ook of ze niet nóg meer sport- en spelprogramma's kunnen opstarten, eventueel met andere organisaties. Sport mag dan geen basisbehoefte zijn, het is wel een middel om kinderen teamwork, wederzijds respect en doelgerichtheid bij te brengen. Of hen te leren omgaan met verlies en succes. Mijn eigen succes relativeer ik. Eén seconde langzamer en ik had geen medailles gewonnen. Wat is nou een seconde? Natuurlijk is die winst juist daardoor ook bijzonder. Het is gek hoe zo’n klein moment de koers van je leven kan bepalen. Hoe het bepaalt of je bekend wordt en daarmee een kans krijgt je in te zetten voor goede doelen. Als ik die kans niet had gegrepen, was mijn bekendheid een lege huls geweest. Ik ben blij dat ik er inhoud aan heb gegeven. En nog altijd geef. Twintig jaar na Calgary.

Toen ik in ’92 stopte met schaatsen, was ik benieuwd of ik die passie ook in andere dingen zou vinden. Ik ben van alles gaan doen dat niets met sport te maken had. Feesten en partijen organiseren. Voor een verzekeringsmaatschappij werken. Een eigen broodjeszaak runnen. Ik wilde me losmaken van het kleine schaatswereldje, zien wat er nog meer te koop was. De liefde voor sport sneeuwde onder. Ze kwam pas weer boven toen ik bij adviesbureau Sportservice Noord-Holland aan de slag ging als consulente Jeugdsport. En later als presentatrice

5


// ACHTERGROND

Velden zonder kuilen, modderpoelen, uitdroging, kale plekken

Schaap offeren De Ghanese voetbalbond vond het prima dat King Faisal een of hoge onderhoudskosten. Precies wat het Afrikaanse voetbal dagje eerder zou komen. De supporters van Tema niet. Ze nodig heeft. Met die gedachte legt wereldvoetbalbond FIFA – in barricaderen in grote getalen de ingang van het stadion. Dag en de aanloop naar het WK 2010 – overal in Afrika kunstgrasvelden nacht bewaken ze hun veld. “Wie toch een poging waagt het aan. Maar in Ghana levert de nieuwe mat vooral strijd op. stadion te betreden wordt door de supporters weer naar buiten Tekst: Arnold Pannenborg en Sanne Terlingen. Foto’s: Sanne Terlingen. gemept”, vertelt Polack. “En Winfred Osei Palmer, Tema’s clubvoorzitter, vecht eigenhandig mee.” Boos staan coach Steve Polack en zijn spelers voor het Tema De aanhangers van Tema worden niet gedreven door bloeddorst. Zij Sports Stadium. De poort van het voetbalstadion blijft vandaag gesloten voor het elftal van King Faisal, horen ze. Morgen mogen ze willen simpelweg voorkomen dat hun team behekst wordt. Hoewel hoger opgeleide Ghanezen volhouden dat Afrikanen allang niet naar binnen. Niet eerder. meer in magie geloven, denkt het merendeel van de lokale bevolEen schande, vindt Polack. Goed, de wedstrijd tegen Tema in de king dat juju wel degelijk bestaat. Isaac ‘Opeele’ Boateng, tijdens de hoogste divisie van Ghana ís ook pas morgen. Maar hij had niet voor niets naar ’s lands voetbalbond gebeld. Of zijn team vandaag al aanleg van het kunstgrasveld coach van Tema Youth, verklapt dat dit ook voor Ghanese voetballers geldt: “Sommige teams leggen in Tema’s stadion mocht trainen, had hij gevraagd. Gewoon, omdat toffees rondom hun stadion, zodat de door tegenstanders gestuurhet voetbalveld daar als enige in Ghana uit astroturf bestaat: een de dwergen de wedstrijd niet beïnvloeden. En als een spelersbus synthetische vervanger van natuurgras. “Rennen, draaien, schieten, tackelen – op normaal gras gaat dat anders dan op astroturf”, aldus naar de stad Sunyani in de behekste Brong-Ahafo-regio rijdt, stopt de chauffeur bij iedere rivier, zodat het team daar een schaap kan de coach. “Als we daar niet even aan mogen wennen, spelen we offeren.” >>> morgen met een handicap.”

6


Deze Ghanese supporters staan en zitten rustig op de tribune. Maar of ze het stadion ook zo rustig zullen verlaten... Zodra een wedstrijd een uitslag heeft waar supporters het niet mee eens zijn, beschuldigen zij de scheids van corruptie of de tegenstander van juju. En dan houdt zelfs een hek hen niet tegen om één van beiden aan te vliegen. Daarom worden scheidsrechters tegenwoordig standaard onder politiebegeleiding naar hun kleedkamer gebracht, zoals hieronder.

Kippenveren op kunstgrasveld FIFA investeert onder de titel ‘Win in Africa with Africa’ € 70 miljoen in Afrika’s sportieve ontwikkeling. De helft van dat bedrag gaat naar kunstgrasvelden voor 52 landen. In de meeste van die landen wordt daar al op gespeeld. Maar niet zonder problemen. Net als Ghana, maakte de aannemer in het nationale stadion van Tanzania een fout bij de constructie van de waterafvoer. Met twee van die gevallen, vreesde de Oegandese bond dat afvoerproblemen bij de aanleg van zo’n grasveld hoorde. Om die reden, en omdat ze het kunstgras niet milieuvriendelijk achtte, weigerde de bond astroturf aan te leggen in het nationale Mandela-stadion. FIFA bevroor daarop alle overige fondsen. In Swaziland mocht FIFA wél een astroturfveld aanleggen. Kosten: € 420.000,-. De grasmat is nu al onherstelbaar beschadigd door muti, lokale hekserij. De middenstap verbrandde op mysterieuze wijze. In de directe omgeving dwarrelden zwarte kippenveren.

7


// ACHTERGROND

De favoriete manier om de tegenstander belabberd te laten spelen: het begraven van behekste voorwerpen onder zijn grasmat. Bijvoorbeeld een naald en een kattenkop, ingesmeerd met plantenextracten. Toen in 2007, in de aanloop naar de Afrika Cup in 2008, het stadion van King Faisal in de stad Kumasi werd gerenoveerd, toverden werklui een ontelbare hoeveelheid buitenissige objecten onder het veld vandaan. Vooral onder de middenstip en bij de cornervlag. Dat is ook de angst van Tema-aanhangers. Als zij hun tegenstanders een dag eerder het veld oplaten, dan hebben die de vrije hand om een behekste kippenvleugel onder het gras te verstoppen. Water besparen Het idee om een kunstgrasveld in Ghana aan te leggen ontstond in 2004. FIFA had Zuid-Afrika aangewezen als gastland van het WK in 2010 en wilde naast voetbal ook sportieve ontwikkeling naar het continent brengen. De bond trok daar onder de titel ‘Win in Africa with Africa’ € 70 miljoen euro voor uit. Zonder faciliteiten kan het Afrikaanse voetbal zich niet ontplooien, meent FIFA-voorzitter Sepp Blatter. Daarom wil de wereldvoetbalbond – in de aanloop naar het WK – de trainingskampen van Afrikaanse teams steunen, medische onderzoeken bevorderen en investeren in topclubs. Maar de voornaamste missie van Blatter is om in elk Afrikaans land minstens één synthetisch grasveld aan te leggen. In de meeste Afrikaanse landen sporten zelfs de hoogste teams op knollenvelden. De helft van een veld bestaat uit hoog gras, het andere deel uit rode aarde of kuilen. “Kunstgras heeft de toekomst!” deelde Blatter de wereld mee voordat de Africa Cup 2008 begon. Hevige regenval of felle zon, “spelen op kunstgras is het hele jaar hetzelfde”. Gewoon gras boet meteen in aan kwaliteit als een team er meer dan twee keer per week op speelt. Op astroturf kunnen twee matches per dag plaatsvinden. Plus trainingsessies. En omdat

8

de velden niet besproeid hoeven, besparen Afrikanen liters van hun schaarse water. Onderkomen zoeken Het was in 2007 dat FIFA de Ghanese havenstad Tema uitkoos als dé plek om een synthetisch voetbalveld aan te leggen. Die aanleg zou een jaar duren. Drie teams waren toen afhankelijk van het speelveld in Tema Sports Stadium: voor Tema Youth en het kleinere Real Sportive was het veld in Tema altijd al hun thuishaven. Topclub Accra Hearts of Oak was uitgeweken naar de havenplaats, omdat een Italiaans bedrijf hun stadion renoveerde ten behoeve van de aankomende Afrika Cup. Alle drie de clubs moesten voor een jaar op zoek naar een vervangend onderkomen. “Een financiële aderlating!”, klaagde de voorzitter van Real Sportive. “Wij komen nu al nauwelijks rond. Hoe moeten we de kosten dekken als we onze thuiswedstrijden tientallen kilometers verderop moeten spelen?” De Ghanese voetbalbond achtte het synthetische veld echter belangrijker dan de bezwaren van de clubbaas. Op 24 februari 2008 werd dat veld officieel geopend: Real Sportive en King Faisal speelden als eerste teams in de Premier League een wedstrijd op astroturf: 1-1. Toen Real Sportive het niet veel later tegen Tema opnam, openbaarde zich het eerste probleem. Het veld stond onder water, omdat het lokale bedrijf dat de mat had aangelegd niet aan een efficiënt afwateringssysteem had gedacht. Zout strooien Aan het einde van het seizoen degradeerde Real Sportive. Ook Tema Youth speelde niet al te best, al wist het ternauwernood een plekje in de hoogste divisie vast te houden. Aanhangers van beide clubs wisten waar de slechte resultaten vandaan kwamen. Ze wezen op de kuilen in het astroturfveld. Dat mocht dan wel egaal blijven onder slidings en sprints van rennende voetballers, maar was


niet bestand tegen mensen die betoverde objecten onder de mat wilden begraven. De kuilen, een teken van hekserij, waren zichtbaar voor iedereen: waar ze in een gewone grasmat hadden kunnen worden dichtgestopt, is astroturf een stuk moeilijker te herstellen. Het neutraliseren van boze magie doet dat turf ook weinig goeds. Daar moet je namelijk zout voor strooien – en dat beschadigt de mat nog meer. Ondanks de kuilen en zoutplekken blijft de nationale voetbalbond tegenstanders van Tema toestemming geven om een dag voor de wedstrijd het stadion te betreden. Protest heeft geen zin. Een nauwelijks verholen poging van Tema Youth om op zijn minst makkelijker een juju-tegenaanval te kunnen inzetten evenmin. “Als alle teams eerder op ons veld mogen komen, dan willen wij bij uitwedstrijden ook eerder toegang tot hún stadions”, hadden ze tegen de bond gezegd. Die stemde daar niet mee in. En dus vindt Tema Youth dat er, om niet door juju uit de hoogste divisie verdreven te worden, weinig anders rest dan tegenstanders te weren tot de wedstrijd begint. King Faisel-coach Steve Polack en zijn spelers kunnen op hun beurt enkel afdruipen, om morgen zonder trainingsessie het synthetische veld op te stappen. Voormalig Tema Youth-coach Opeele lacht om de toestanden rondom de nieuwe grasmat. “Welkom in Afrika!” De FIFA had zich volgens hem beter moeten realiseren dat dit continent anders is dan het Westen. Dat Westerse vondsten, hoe goedbedoeld ook, hier niet altijd goed uitpakken. En dat astroturf weliswaar bestand mag zijn tegen extreme weersomstandigheden, twee matches per dag en wat zware trainingsessies, maar lang niet zo makkelijk tegen de Afrikaanse cultuur. •••••••••••••••••••••••••••••••••••

Wuift reservekeeper Isaac Amoako van de Ghanese topclub Kotoko iemand uit? Nee, hij zwaait met een witte zakdoek om vanaf de zijlijn de wedstrijd te beïnvloeden. Zakdoeken als deze zijn door ‘spiritueel adviseurs’ magisch geprepareerd met geuren en Koranspreuken. Ze geven spelers kracht en beschermen hen tegen vijandige juju. Ook de waterflesjes die de coach rond Kotoko's reservebank heeft opgesteld hebben die beschermende functie.

Tema toch ten onder King Faisel en een ander team dat door Tema-supporters werd tegengehouden, rapporteerden de vijandigheid die ze aantroffen aan de politie. Eventjes hielden de aanhanger zich koest. Totdat het team van Wa All Stars op bezoek kwam. Tema’s supporters belaagden de spelers uit Wa. Die dienden daarop een officiële klacht in bij de Premier League Board, het orgaan dat de hoogste voetbaldivisie organiseert. De National Sports Council greep in: geen wedstrijden meer in dit stadion tot het einde van het seizoen. De genadeklap kwam van de Ghanese voetbalbond. Die ontnam Tema Youth aan het eind van het seizoen zes punten, waardoor het team direct degradeerde. De reden? Volgens de bond voetbalde Emmanuel Clottey twee wedstrijden voor Tema, terwijl hij officieel nog bij een ander team stond ingeschreven. Clubvoorzitter Osei Palmer vocht de beslissing aan. Clottey stond óók ingeschreven bij Tema en andere teams zouden eveneens spelers hebben opgesteld die eigenlijk niet in het veld mochten staan. Volgens de voorzitter werkte de bond Tema expres de hoogste divisie uit, omdat ze het team een brandhaard vond die de competitie negatief beïnvloedde.

9


// POSITIESPEL

WAT VIND IK HIERVAN? Kunstgrasvelden zijn ongeschikt voor het Afrikaanse voetbal. Dat is de stelling van deze Supporter, naar aanleiding van het artikel over hekserij in het Afrikaanse voetbal (zie pagina 6-9). Reageer en maak kans op het boek Nelson Mandela. De wedstrijd die een volk verenigde (nu verfilmd als Invictus, zie pagina 17).

WAT VOND IK DAARVAN? Een sportvereniging heeft geen professionele manager nodig. Dat was de stelling van de vorige Supporter. Aanleiding was een uitspraak van sportmarketinggoeroe Frank van den Wall Bake. Hij vond het absurd dat de meeste sportverenigingen wel honderden leden, maar geen professionele manager hebben.

WINNENDE REACTIE Als een sportvereniging er de financiële middelen voor heeft, is het juist een uitstekend idee een professionele manager aan te trekken. Die kan met een goed, vernieuwend beleid het voortbestaan van een vereniging waarborgen. Continuïteit en groei zijn immers alleen mogelijk als een club professionaliseert. De ‘verenigingsmanager’ heeft toegevoegde waarde bij het vinden van voldoende vrijwilligers – een traditioneel probleem bij clubs. Hij of zij kan ook zorgen voor een betere aansturing van die vrijwilligers en indien nodig hun werkdruk verminderen. Een goede manager besteedt daarnaast aandacht aan relaties met bestaande of potentiële sponsors, waardoor er meer geld in het laatje komt. Zo verdient hij of zij zichzelf na verloop van tijd terug. Belangrijk is bovendien dat

10

de manager klantgericht denkt. Want zoals Frank van den Wall Bake in Supporter 35 zegt: “Leden zijn klanten, die goed behandeld moeten worden. Anders zeggen ze hun abonnement op, zeker in tijden van financiële crisis.” Voor een vereniging is het een goed idee om niet alleen managers aan te trekken, maar ze ook in staat te stellen via cursussen of opleidingen hun klantgerichtheid te verbeteren. Wander de Haan (27), Zutphen


// TRIBUNE Lezers over Supporter Petje Laatst met het hele gezin naar Suriname geweest. Goede vakantie. Heerlijk weer. “Zo is het hier altijd”, werd ons verteld. We zagen overal jongens op straat voetballen. Namen daar foto's van. Onze kinderen zeiden: “Wat fijn dat ze elke dag buiten kunnen spelen!” Nu ik het verhaal over Clifton heb gelezen [‘Voetbal in de gevangenis. Bal aan de voet, licht aan de horizon’, Supporter 35, red.], kijk ik opeens heel anders naar die foto's. Hoeveel ‘Cliftons’ zouden er tussen de voetballertjes zitten? Hoeveel talent dat nooit tot wasdom komt? Hoeveel jongens tussen de straat en de cel? Maarten de Koning, Nieuwegein

bestaat haar samenwerking met onze minister voor Ontwikkelingssamenwerking precies uit? Zit daar een substantieel budget aan vast? Of gaat het hier om excuusmiljoenen: stralende druppels op een gloeiende plaat? Dát zijn de vragen die ik als Supporterlezer graag beantwoord had gezien. Yvonne Martens, Hoorn

Kritische blik

Bangmakerij

Ook reageren op een artikel in Supporter? Stuur je reactie naar SPORTDEVELOPMENT@NCDO.NL of naar NCDO AFD. SPORT & OS T.A.V. SUPPORTER POSTBUS 94020 1090 GA AMSTERDAM

Leuk dat staatssecretaris Jet Bussemaker in Supporter 35 stond. Maar waarom een column? Daardoor ontbreekt het Bussemaker niet alleen aan ruimte voor verdieping, maar ook aan tegenkracht om haar tot die verdieping te dwingen. Een interview met een kritische journalist was beter geweest. Misschien dat er dan minder vragen open zouden blijven staan. Op welke manier wil ze dat Zuid-Afrika en Nederland kennis uitwisselen? Hoe wil ze dat ze elkaar ondersteunen? In hoeverre gaat dat écht twee kanten op – of formuleert ze dit alleen zo omdat het correcter klinkt? Welke tips verwacht ze van Zuid-Afrika om gehandicaptensport te integreren in reguliere sport? Waarom voelt ze zich in het bijzonder betrokken bij gehandicaptensport? En waar

Eindelijk eens iemand die zegt waar het op staat! Thomas Kwenaite [‘“Soms lijken critici nog te denken dat we in bomen hangen”’, Supporter 35, red.] heeft groot gelijk. Zuid-Afrika is inderdaad al verder dan Duitsland was in deze fase van de WK-voorbereidingen, maar krijgt veel meer kritiek dan onze Oosterburen. En dan die bangmakerij, ook in Nederlandse media, over geweld en criminaliteit. Dat zal ongetwijfeld meevallen. Dat we zo bang zijn, komt mijns inziens eerder vanwege een kortzichtig, neo-kolonistisch gebrek aan vertrouwen in Afrikanen, dan door feiten. Frits Stam, Twente

REDACTIONELE RECTIFICATIE Veel lezers reageerden enthousiast op het interview met Thomas ‘Mister African Football’ Kwenaite in Supporter 35. Enkelen waren bovendien nieuwsgierig naar de journalist en fotograaf. Normaal gesproken staan namen van auteurs bij artikelen, maar dit keer waren ze per abuis weggevallen. Excuus daarvoor, aan de lezers, maar zeker ook aan de mannen in kwestie: journalist Edwin Schoon (o.a. Trouw, Het Parool, NOS) en fotograaf Ad Nuis (o.a. NRC Handelsblad, de Volkskrant Magazine, Vrij Nederland). Schoon schreef in Supporter eerder een artikel over de Zuid-Afrikaanse oudbondscoach Stanley Tshabalala. In april 2010 verschijnt zijn boek De Macht van de Bal. Meer over De Macht van de Bal: www.edwinschoon.nl. Meer over Ad Nuis: www.inthegallery.nl.

11


// interview Erica Terpstra keert terug naar oude passies

Ze stopt ermee. In mei 2010 eindigt haar voorzitterstermijn bij NCO*NSF. Wat Erica Terpstra (66) daarna gaat doen, weet ze nog niet. Maar angst voor een zwart gat? Daar is ze de persoon niet naar. “Ik geniet van het nu. Ik zwem weer. En ik doe steeds meer dingen in de ontwikkelingssamenwerking. Zó leuk, die oude passies!”

“EXCELLEREN IS LEUK” Tekst: Jens Middel. Foto’s: ANP en Johannes Odé.

TERUG NAAR DE SPORT

Foto: ANP.

Het maandblad Opzij plaatste u vorige maand hoog op de lijst van de ‘100 Machtigste Vrouwen van Nederland’. In de categorie Sport zelfs als de machtigste. Wat dacht u toen u dat hoorde? “Dat de wereld erg veranderd is. Vroeger zou iemand uit de sport nooit zo serieus zijn genomen. Sport zou zelfs helemaal niet op die lijst hebben gestaan! Blijkbaar zien veel mensen inmiddels het maatschappelijk belang van sport. Dus dat sporten leuk is, maar ook een middel om de samenleving vooruit te helpen. Het is het buurthuis van de toekomst.”

12

Het buurthuis? “Sport is geen bijzaak meer, maar een pilaar van de samenleving. Veel sociale netwerken vallen weg, zoals de kerk. Andere sociale verbanden worden kleiner, zoals het gezin. Mensen zoeken nieuwe manieren om samen te komen, anderen te ontmoeten en zich met hen te verbinden. Sport is zo’n manier. Die verbinding leidt er ook toe dat steeds meer mensen sport inzetten om anderen te helpen. In Nederland én in ontwikkelingslanden. Neem Zuid-Afrika in de aanloop naar het WK Voetbal. Je struikelt daar bijna over de Nederlandse projecten die sport inzetten voor jongerenwerk, aidsvoorlichting en armoedebestrijding. Fantastisch!”


Is het aan u te danken dat sport nu een sociale pilaar is? “Ik heb geprobeerd het maatschappelijke belang van sport te benadrukken en het gebruik ervan te vergroten. Daarbij héb ik natuurlijk enige invloed. Als ik in die Opzij-lijst niet bovenaan had gestaan, had ik het als voorzitter van de georganiseerde sport in Nederland niet goed gedaan. Maar ik werk niet alleen; we doen het met elkaar. Ik ben een teamplayer, die het beste uit zichzelf haalt door samen te werken. Het is net als toen ik zwom. Ik haalde mijn snelste tijden in de estafette.” Dat zwemmen heeft u lang niet gedaan. Tot voor kort. “Klopt! Ik had het eigenlijk al opgegeven. Net als een aantal reisbestemmingen, overigens. Voordat ik op dieet ging [Terpstra kreeg in 2008 last van haar knieën, begreep dat dit door haar gewicht kwam en viel veertig kilo af, red.], dacht ik bijvoorbeeld: ‘Een tocht door de Amazone kan ik wel vergeten; daar moet je erg beweeglijk voor zijn.’ Deze zomer ben ik er geweest. Indrukwekkend was dat. Oog in oog met de natuur daar, besef je hoe klein je bent in het grote geheel. En dan de wijsheid van de indianen: ze weten precies welke planten in het oerwoud giftig of geneeskrachtig zijn.”

TERUG NAAR HET OOSTEN Wijsheid uit verre streken lijkt u te trekken. U heeft vaak gezegd dat u geen boeddhist bent, maar dat het boeddhisme u wel inspireert. “Ik heb een lawaaierig leven. Dat zoek ik ook op: ik ben extravert, zit graag in grote gezelschappen. Maar om mijn evenwicht te bewaren, de balans waar het boeddhisme voor pleit, heb ik ook rust nodig. Dus mediteer ik elke dag. Het boeddhisme zegt verder veel zinvols over ‘anderen helpen’ en ‘leven in het nu’. Ik moet daarbij altijd denken aan wat mijn vader ooit zei, al was hij geen religieus man en zeker geen kenner van Oosterse spiritualiteit. Toen ik 8 was, vertelde ik hem dat ik jaloers was op een katholiek vriendinnetje. ‘Als zij zich gelukkig voelt, kan ze naar de kerk om God te danken. Maar wat kan ik doen?’ Mijn vader antwoordde: ‘Gebruik je blijheid om anderen óók blij te maken. Dezelfde dag nog, al is het met een schouderklopje, een knipoog.’ Daar kon ik wat mee. En nog steeds probeer ik mijn geluk door te geven. Niet morgen. Nu.” Waar begon uw interesse in het boeddhisme? “Op de middelbare school las ik Zen, een boeddhistisch boekje. Daarmee begon mijn fascinatie voor de Oosterse cultuur. Later ben ik Chinees gaan studeren, met Japans als bijvak. De droom om China te bezoeken, kwam uit toen ik parlementslid was. Ik ging erheen om de Chinese ervaring met geboortebeperking te bespreken. Als eerste politicus in Europa wilde ik family planning koppelen aan ontwikkelingssamenwerking, mijn portefeuille. Maandenlang had ik het begin van mijn speech in het Chinees geoefend. Dat brak

Foto: Johannes Odé

Erica Terpstra op bezoek bij een Boliviaans gezin dat door het Liliane Fonds wordt ondersteund.

TERPSTRA, BOLIVIA EN HET LILIANE FONDS “In het Amazonegebied werden gehandicapte baby’s vroeger in een ijskoude beek ondergedompeld. Tegenwoordig zeggen vrouwen dat ze hun baby willen houden. Voor veel vaders is dat reden genoeg om te vertrekken. Ze laten hun toch al arme gezin dan zonder kostwinner achter. Tijdens mijn bezoek heb ik veel alleenstaande moeders gezien; sterke vrouwen, maar ook vrouwen die op het randje van instorten stonden. Het Liliane Fonds helpt hen, zoals ze dat ook in andere ontwikkelingslanden doet. Niet alleen door hun kinderen krukken, protheses en rolstoelen te geven, maar ook door de jongens en meisjes opleidingskansen, fysiotherapie en medische begeleiding te bieden. Bovendien werkt het Liliane Fonds aan voorlichting voor de hele gemeenschap. Zo verbetert de beeldvorming rond gehandicapten en kunnen kinderen met een beperking meedoen in de samenleving. Zoals het hoort.”

Lees meer over het Liliane Fonds: www.lilianefonds.nl.

13


TERPSTRA, SPORT EN POLITIEK • 1943: geboren op 26 mei in Den Haag. • 1960: werd Nederlands kampioene 100m vrije slag. • 1960: nam deel aan de Olympische Spelen in Rome. • 1962: begon een studie Sinologie (met Japans als bijvak). • 1962: werd Europees kampioene 4 x 100m vrije slag. • 1963: werd Nederlands kampioene 100m vrije slag. • 1964: prolongeerde die Nederlandse titel. • 1964: nam voor de tweede keer deel aan de Olympische Spelen, nu in Tokio. • 1964: won er zilver op de 4 x 100m wisselslag en brons op de 4 x 100m vrije slag. • 1968: werd Ridder in de Orde van Oranje-Nassau. • 1977-1994: was Tweede Kamerlid voor de VVD (woordvoerder voor o.a. ontwikkelingssamenwerking). • 1989: werd Ridder in de Orde van de Nederlandse Leeuw. • 1994-1998: was staatssecretaris voor Volksgezondheid, Welzijn en Sport (1994-1998). • 1998-2003: was opnieuw Tweede Kamerlid voor de VVD (woordvoerder voor o.a. ontwikkelingssamenwerking). • 2003: begon als voorzitter van sportkoepel NOC*NSF. Stopt daar in mei 2010 mee. • 2008: won de Majoor Bosshardt Prijs voor ‘uitzonderlijke verdiensten voor de Nederlandse samenleving’. • 2009: viel 40 kilo af en schreef daar een boek over: Help, ik val af!

Foto: Johannes Odé

Erica Terpstra maakte zich in heel haar carrière al sterk voor mensen met een handicap. Nu is ze ambassadeur van het Liliane Fonds.

het ijs, maar vervolgens begon wel iedereen Chinees tegen me te praten. Ze geloofden niet dat ik het nauwelijks verstond.” Toen Peking in 2008 de Olympische Spelen organiseerde, ging u opnieuw naar China. In de Nederlandse media werd toen al maanden gediscussieerd over het boycotten van de Spelen. Dit zou volgens voorstanders een zinvol protest zijn tegen China's mensenrechtenschendingen in onder andere het boeddhistische Tibet. Hoe ervoer u dat publieke debat? “Het raakte mijn betrokkenheid bij het boeddhisme, China, sociale ontwikkeling én sport. Het duurde dan ook lang voordat ik een mening had gevormd. Daarna vond ik het alleen nog lastig om de nuance van die mening over te brengen in de media. Ik wilde niet de indruk wekken dat ik de situatie in Tibet goedpraatte. Het hielp dat Tibets spirituele leider, de Dalai Lama, mijn standpunt deelde: landen moesten hun sporters naar de Spelen laten gaan, maar noch hen, noch zichzelf oogkleppen opzetten. Bij NOC*NSF begonnen we atleten al anderhalf jaar voor de Spelen te informeren over de situatie in China, samen met Amnesty International en de Tibet Support Group.”

TERUG NAAR ZUID-AFRIKA Als het aan NOC*NSF ligt, komen de Olympische Spelen in 2028 naar Nederland. “Dat is de stip aan de horizon. Waar het om gaat, is het proces ernaar toe. Of Nederland de Spelen nu wel of niet krijgt, we willen de top- én breedtesport hier op een hoger niveau brengen. We willen ambitie uitstralen, jongeren leren dat excelleren leuk is, bij de top 10 van de wereld horen en sport ook maatschappelijk inzetten. Bijvoorbeeld tegen het probleem dat 600.000 kinderen in Nederland te dik zijn.” U gelooft dat de Spelen de Nederlandse maatschappij veel kunnen opleveren. Was dat ook zo in China? “Wie de Olympische Spelen organiseert, is tegelijk gastheer van de Paralympics. Gehandicapten werden in China weggestopt, alsof ze niet mochten bestaan – net als in het Nederland van vóór de jaren ’60. Toen de Paralympics van begin tot eind op tv werden getoond, zag heel China ineens een groep gehandicapte topsporters, landgenoten, zomaar in de volle schijnwerpers. En 90.000 toeschouwers juichten die gehandicapten toe! Chinese paralympiërs die medailles wonnen werden bovendien als helden behandeld. Dat was zó’n belangrijke breuk in de beeldvorming! Af en toe zag je zelfs een Chinees in zijn rolstoel de straat op gaan.” Wat leverden de Spelen op voor de mensenrechtensituatie? “Dat is nog moeilijk te zeggen. De situatie in Tibet is op het oog alleen maar grimmiger geworden. In de rest van China lijkt er meer persvrijheid te zijn. Althans, voor buitenlandse media. Er lijkt meer openheid over binnenlandse problemen, zoals natuurrampen.”

14


Wat verwacht u van de invloed van het WK Voetbal op de ontwikkeling van Zuid-Afrika? “Veel. En niet alleen door alle ontwikkelingsprojecten die rond het toernooi zijn opgezet. Na er twee keer eerder te zijn geweest, ging ik in november opnieuw naar Zuid-Afrika – ditmaal als hoofd van een handelsmissie. Ik zag dat het WK de bevolking naast trots ook werkgelegenheid en bedrijvigheid oplevert. De wereldpers krijgt bovendien veel ruimte. Zij kunnen daardoor de erbarmelijke toestanden in townships en vluchtelingenkampen tonen. Dat legt weer druk op de regering om die problemen aan te pakken.”

TERUG NAAR ONTWIKKELINGSSAMENWERKING Sportevenementen als het WK en de Olympische Spelen kunnen een samenleving dus vooruit helpen. Zou het niet goed zijn als Westerse landen, zoals Nederland, bij wijze van ontwikkelingssamenwerking een stapje terugzetten en ontwikkelingslanden de organisatie gunnen? “Dat is wat kort door de bocht. Zuid-Afrika wist de benodigde fondsen voor het WK mede dankzij de internationale populariteit van Mandela te verzamelen. En in Rio de Janeiro ondersteunt het bedrijfsleven de Spelen van 2014 omdat het booming business verwacht. Maar niet elk land heeft de financiële basis om zo’n evenement te organiseren. Noch de economische infrastructuur om er vervolgens van te profiteren.” U heeft zich bij NOC*NSF altijd ingezet voor ontwikkelingssamenwerking. Wordt die lijn na uw vertrek doorgezet? “Absoluut. Want ons beleid wordt door een steengoed team gemaakt, en afgezien van mij blijft dat team intact.”

TERPSTRA, INSPIRATIE EN INNOVATIE Nieuwe strategieën, ideeën en activiteiten bedenken om het thema 'sport & ontwikkeling' een impuls te geven. Manieren verzinnen om de kwaliteit van sport & ontwikkelingsprojecten te verbeteren. En daar – gevraagd en ongevraagd – advies over uitbrengen aan Nederlandse organisaties en overheden. Dat zijn de voornaamste doelen van de Inspiratie- en Innovatiegroep Sport & Ontwikkelingssamenwerking. Dit initiatief van NCDO stamt uit 2007 en bestaat naast Erica Terpstra uit Clarence Seedorf (topvoetballer en filantroop), Frank van den Wall Bake (sportmarketinggoeroe), Carol Thate (directeur Johan Cruyff Foundation), Mohammed Allach (oprichter Stichting MaroquiStars en directeur Technische Zaken bij RKC Waalwijk), Frits Barend (sportjournalist) en Peter Heerschop (cabaretier).

lopen. Maar ik blijf me wel inzetten voor sport in ontwikkelingslanden. Tot nog toe heeft de Inspiratie- & Innovatiegroep niet zoveel resultaat geboekt. Omdat we door drukke agenda's onvoldoende samenkomen, maar ook omdat onze ideeën maar een magere voedingsbodem vinden bij de regering. Sport zit nog onvoldoende tussen de oren bij de minister voor Ontwikkelingssamenwerking. Zijn budget om sport in te zetten, stelt eigenlijk weinig voor. Ik roep minister Koenders dan ook op er meer in te investeren. Want sport kán een enorme impact hebben. Maar dan moet het daar wel de kans toe krijgen.”•••••••••••••••••

Blijft u zich zélf ook inzetten voor ontwikkelingslanden? “Ik ben gevraagd om aan de slag te gaan voor het Liliane Fonds: een organisatie die bijna 90.000 kinderen met een handicap in ontwikkelingslanden helpt een zo normaal mogelijk leven te leiden. Ik heb me goed ingelezen en tijdens mijn vakantie in Bolivia projecten bezocht. Mensen in Nederland vertrouwen mij, dus als ik hen vertel hoe goed het Liliane Fonds is, moet ik wel weten waarover ik het heb. Ik ben nu heel enthousiast over de organisatie. Zozeer, zelfs, dat ik niet alleen ambassadeur word, maar ook bestuursadviseur. In 2010 bestaan we dertig jaar en willen we de Nederlandse regering ertoe aanzetten het VN-Verdrag over de Rechten van Mensen met een Handicap te ratificeren. Gek genoeg heeft ze dat nog niet gedaan. Geen idee waarom niet. Wellicht heeft het met geld te maken. Want met zo'n ratificatie verplicht ze zichzelf daadwerkelijk te investeren in die rechten.” Blijft u ook lid van de Inspiratie- & Innovatiegroep [zie kader]? “Jazeker. Ik zal niet veel zichtbaar zijn rond de sport in Nederland, want ik wil de nieuwe voorzitter van NOC*NSF niet voor de voeten

15


// veld Kort nieuws LEZEN WK-gevolgen gevolgd

Development and Dreams (HCRS Press) is te bestellen via www.eurospanbookstore.com, maar kan ook worden gedownload op www.hsrcpress.ac.za.

De droom van Zuid-Afrika ligt nu in de winkel. Niemand minder dan Freek de Jonge nam tijdens de debatavond Kansen voor Afrika op 11 november (zie pagina 28) het eerste exemplaar in ontvangst. In het boek geven journalisten Floor Milikowski en Evelien Hoekstra een indruk van hoe Zuid-Afrikanen zelf de aanloop naar ‘hun’ WK ervaren: wat zien, verwachten en dromen zij?

Lees meer op www.droomvanzuidafrika.nl!

Foto: Frank Berkhout

Kan sport een land veranderen? Die vraag staat centraal in het boek Development and Dreams – The urban legacy of the 2010 Football World Cup. De schrijvers analyseren de invloed van het WK, ’s wereld grootste voetbalevenement, op het aankomende gastland Zuid-Afrika. Udesh Pillay, Richard Tomlinson en Orli Bass geven zicht op de verwachte consequenties voor het land en zijn inwoners. Aan bod komen bijvoorbeeld de effecten op de economie, de infrastructuur en de werkgelegenheid. Maar ook de invloed die het evenement kan hebben op de Afrikaanse cultuur en identiteit. Het boek gaat in op de opbrengsten en kosten die het toernooi met zich meebrengt, maar ook op minder tastbare zaken. Welke hoop wordt door het WK gewekt? Welke dromen ontstaan? En wat wil de ZuidAfrikaanse regering eigenlijk uitdragen zodra de ogen van de wereld op haar land zijn gericht?

Toernooidromen te koop

Is jouw club al gelinked? Je bent lid van een sportvereniging. En je wilt je graag inzetten voor ontwikkelingslanden. Maar hoe doe je dat? Clublinking laat zien wat mogelijk is. Dit nieuwe platform biedt niet alleen praktische tips, maar geeft ook voorbeelden van mensen die al een project of activiteit hebben opgezet. Zoals de meiden van Hockeyclub Reeuwijk, die een hockeytoernooi In Oeganda organiseerden en € 20.000,- inzamelden voor een lokaal goed doel. Voorbeelden als deze laten zien wat iemand met zijn club kan betekenen voor sport en gemeenschappen in ontwikkelingslanden. Maar ook wat die inzet oplevert voor de club en leden zelf. Van een sterke onderlinge band tot een positieve profilering van de vereniging. Wie geïnteresseerd is, kan via Clublinking in contact komen met sportprojecten in ontwikkelingslanden.

Heb jij tijd en zin om met je club iets te doen voor een sportproject in een ontwikkelingsland? Kijk dan op www.sportdevelopment.org of stuur een e-mail naar sportdevelopment@ncdo.nl.

16


Voetbalsoap na etnisch geweld

Docu over gevecht rond WK

Nooit eerder stak de Keniaanse televisie ze in een entertainmentjasje. Maar nu staan de vijandigheden tussen ‘s lands volkeren centraal in The Team: een wekelijkse soap over een lokaal voetbalteam. Spelers van dit team moeten hun etnische, sociale en economische verschillen terzijde leggen om wedstrijden te winnen. Maar dat gaat niet zonder slag of stoot. Alleen al omdat de tribale stereotypen in Kenia bijzonder hardnekkig zijn. De serie, geschreven en geproduceerd door Kenianen, is een co-productie van twee organisaties: Search for Common Ground en de Nederlands-Keniaanse ngo Media Focus on Africa Foundation. Deze ngo’s reageren met The Team op het etnische geweld dat vorig jaar in Kenia rondwaarde. Doel is positieve sociale verandering in Kenia teweeg te brengen, door te laten zien dat conflicten soms onvermijdelijk mogen lijken, maar dat individuen altijd een geweldloze oplossing kunnen kiezen.

Het WK Voetbal is meer dan een sportief gevecht om de wereldbeker. Ook buiten de muren van de stadions wordt strijd geleverd. Daar proberen mensen zich aan hun armoede te onttrekken, met behulp van alle mogelijkheden die het WK hun biedt. Rudi Boon en Stefano Bertacchini maakten er een documentaire over. Trade Mark 2010 laat zien dat kleine ondernemers in gastland Zuid-Afrika volop beloftes krijgen van hun regering. Het WK zou een strategie zijn voor economische groei en armoedebestrijding. Maar ondertussen laat hoofdsponsor McDonals weinig ruimte over voor concurrentie. En beheert FIFA met strenge regels sowieso de complete inkomstenketen rond het evenement. Daar kunnen kleine ondernemers bijna niet tegenop. De documentaire volgt in Kaapstad enkele Zuid-Afrikanen die toch hun kans proberen te grijpen. Voordat die voorbij is.

Lees meer over The Team: ga naar www.theteamkenya.com en www.mediafocusonafrica.org.

Bekijk Trade Mark 2010 op de site van het VPROprogramma Tegenlicht: www.vpro.nl/programma/tegenlicht/

Hollywood zet Mandela op rugbyveld Soms voldoet een waargebeurd verhaal zó aan de normen van een feelgood-Hollywoodfilm, dat je kunt wachten op de daadwerkelijke verfilming. In 2010 is het inderdaad zover – niet toevallig het jaar dat Zuid-Afrika een WK Voetbal organiseert. Dan komt de Oscarwinnende regisseur Clint Eastwood (Million Dollar Baby, Mystic River, Unforgiven) met zijn verfilming van een legendarisch sportmoment: Invictus. Het is 1995 en Mandela is nog maar net verkozen als president. Hij ziet hoe verdeeld zijn Zuid-Afrika is. De apartheid mag dan voorbij zijn, het verschil tussen rijk en arm is groot, net als het wantrouwen tussen zwart en blank. Mandela (Morgan Freeman) besluit het WK Rugby in zijn land aan te grijpen om zijn volk te verenigen. En gaat daarbij een bijzondere samenwerking aan met de aanvoerder van het nationale rugbyteam (Matt Damon).

Invictus draait vanaf 4 februari in de bioscoop.

17


// suriname Toekomst van de atletiek Het is de kleinste soevereine staat van Zuid-Amerika, met het laagste aantal inwoners, die ook nog eens een – zeker voor deze regio – ongebruikelijke taal spreken: Nederlands. Wat het land wél deelt met de rest van het continent? Zijn enorme passie voor sport. Supporter start een drieluik over de beleving en inzet van sport in Suriname. In dit nummer deel 2: ‘Toekomst van de atletiek’.

E D S E I VR VERSUS

“DOODSBANGE ” BOND

Oud-topatlete Letitia Vriesde organiseert buurtsportactiviteiten in volkswijken van Paramaribo. Ze krijgt steun van het bedrijfsleven en de Nederlandse ambassade. Maar niet van de atletiekbond. Want al bén je de snelste vrouw van het continent en héb je medailles gehaald op het

Vanuit Paramaribo ga je meteen na de golfbaan – de enige van Suriname – rechtsaf. Na een paar honderd meter over een modderig zandweggetje, kom je dan vanzelf op het sportterrein van Pont-Buiten. De wijk telt slechts een paar stenen huizen, de rest is van hout met daken van golfplaten. Loslopende schapen drinken er uit een slootje dat door de regen van gisteren flink is volgestroomd. Op het uithangbord staat dat de sportaccommodatie is aangelegd met steun van Duitse en Nederlandse Rotary clubs. Pas twee jaar geleden. Toch zijn de actiefoto’s op het affiche vergeeld, heeft het betonnen basketbalveldje al behoorlijk wat vierkante meters prijsgegeven aan de natuur, en zou op het grote veld juist wel wat meer gras mogen groeien. Dat is het risico van een sportveld in de tropen: er is consequent onderhoud nodig om het effect van extreme droogte en zware regenval tegen te gaan.

WK Atletiek, dat betekent in Suriname nog niet dat je met open armen wordt ontvangen.

Tekst: Diederik Samwel. Foto’s: Edward Troon en Bas van Veen.

18

Partijtje voetbal Het beperkte onderhoud weerhoudt mensen er niet van het terrein te gebruiken. Ook vandaag staat het grasveld vol. Tientallen kinderen in T-shirts en sportbroekjes hebben hun slippers aan de rand van het veld laten liggen. Sportschoenen dragen ze niet; die gaan het gemiddelde gezinsbudget in Suriname ver te boven. Met


Foto: Edward Troon “De opkomst is elke zaterdag groot”, zegt Letitia Vriesde over haar sportactiviteiten in Port Buiten.

linten en pylonen is een soort parcours afgezet. Twee begeleiders doen hun best de spelregels uit te leggen. Eerst speerwerpen, verspringen en een estafetteloop, daarna een partijtje voetbal. Iets verderop schenkt voormalig topatlete Letitia Vriesde (45) stroop (limonade) uit een grote ton. Ze is goed te spreken over de opkomst. “Die is eigenlijk elke zaterdag vrij groot.” Minder enthousiast is ze over de uitvoering van de activiteiten. “Vandaag loopt het lekker, maar vaak moet ik me inhouden om niet zelf de leiding te nemen. Het is lastig om goede begeleiders te vinden. Daar hebben we er maar weinig van in Suriname en ze zijn niet allemaal bereid vrijwilligerswerk te doen.” Geweldige verlichting Sinds anderhalf jaar organiseert de stichting Letitia Vriesde Sportpromotie buurtsportactiviteiten op inmiddels tien locaties in Paramaribo. Hier kunnen kinderen tussen 7 en 12 jaar twee keer per maand op zaterdagochtend verschillende takken van sport beoefenen. De sportbijeenkomsten vinden stuk voor stuk plaats in volkswijken; daar is de noodzaak het grootst. Want behalve in Pont-Buiten spreekt het ook in Sonny Point, Abrabroki of Flora allerminst vanzelf om aan sport te doen. Vooral de wat oudere kinderen hebben naast school hun handen vol aan het huishouden. Hun moeder is vaak het grootste deel van de dag op pad om geld te verdienen, hun vader laat zich maar zelden zien en er moet toch iemand koken, wassen en boodschappen doen. Trouwens, wie wél tijd heeft om te sporten heeft daar vaak het geld niet voor.

Het budget van de stichting houdt niet over, vertelt Vriesde: krap € 4.000,- per jaar, net genoeg voor een vergoeding voor trainers en begeleiders. Veel geld voor sportmaterialen blijft er niet over. Haar stichting draait dankzij donaties uit het lokale bedrijfsleven en de Nederlandse ambassade in Paramaribo. Sport in Suriname vormt al jaren een sluitpost op de rijksbegroting. Jaarlijks trekt de overheid er slechts een paar honderdduizend euro voor uit en daar moet ook de schoolsport van worden gefinancierd. “Toch heeft het ministerie van Onderwijs te kennen gegeven mijn buurtsportprojecten te willen ondersteunen”, zegt Vriesde. “Het zou mooi zijn als onze begeleiders een plaats kunnen krijgen op de loonlijst van het ministerie. Dat zou ons een geweldige verlichting geven.” Internationale medailles De kinderen die op de events afkomen, maken vaak voor het eerst kennis met verschillende sporten. Sport op school is in Suriname geen vast lesonderdeel, vertelt Vriesde. “Dankzij ons krijgen kinderen in elk geval de mogelijkheid om te sporten. Het zou voor elk kind een normale bezigheid moeten zijn. Voor sommige Surinaamse kinderen brengen onze activiteiten hopelijk wat meer structuur in hun leven. En als ze talent hebben, bijvoorbeeld in de atletiek, dan kunnen wij ze verder helpen in hun ontwikkeling en bij een vereniging onderbrengen.” Vriesde vertelt dat er via de buurtsportactiviteiten al een paar atleten zijn geselecteerd die nu gerichte trainingen krijgen. Het is de bedoeling dat zij straks via Vriesde’s eigen vereniging De Toekomst aan wedstrijden deelnemen. >>>

19


Foto: Bas van Veen

Letitia Vriesde neigt ernaar zelf de leiding te nemen als ze, zoals op deze foto, kijkt naar de sportactiviteiten waarbij haar medewerkers kinderen begeleiden.

Ze heeft er alle geloof in dat haar land op termijn internationale medailles kan winnen. Want dat er talent rondloopt, lijdt volgens haar geen twijfel. “Wat Suriname nog onvoldoende doet”, zegt ze, “is investeren in breedtesport, talent opsporen en een topsportklimaat realiseren.” Soms heeft ze het gevoel dat zij alles zelf moet doen. Eeuwige roem Steun van de atletiekbond hoeft Vriesde niet te verwachten. Ze vertelt hoe ze in Coronie, het westelijke district waar ze is geboren en opgegroeid, ooit een hardloopwedstrijd organiseerde. De bond bepaalde echter doodleuk dat sommige atleten niet mee mochten doen omdat ze de wedstrijd te laat zou hebben aangemeld. Vriesde schudt meewarig het hoofd. Het heeft nooit echt geboterd tussen haar en de bond. Misschien omdat ze als sporter zo zelfstandig was. Sinds ze in 1985, drie jaar na haar debuut als atlete, naar Nederland vertrok, is ze altijd haar eigen gang gegaan. Ze koos zelf haar trainers en managers en bepaalde haar eigen wedstrijdkalender. In Nederland had ze daar de Surinaamse bond niet voor nodig. Die aanpak leidde tot een lange en succesvolle sportcarrière met als hoogtepunten twee medailles op het WK: zilver in ’95 en brons in 2001, telkens op de 800 meter. Voor haar geboorteland wel te verstaan, omdat Vriesde altijd haar Surinaamse paspoort heeft aangehouden. Haar successen leverden haar eeuwige roem op in Suriname. Vraag een voorbijganger naar Letitia Vriesde en er volgt gegarandeerd een enthousiast verhaal. In 2000 werd er zelfs een straat in Paramaribo naar haar vernoemd. Nu, vier jaar na het beëindigen van haar sportcarrière, is ze tijdens grote toernooien regelmatig eregast van de internationale atletiekfederatie IAAF. In die rol zag ze tijdens het

20

laatste WK Atletiek in augustus de enige Surinaamse deelnemer kansloos sneuvelen in de series. De bond had dan ook niet ’s lands snelste sprinter aan de start laten verschijnen. Interessante uitdaging Spreek Vriesde niet aan op het beleid van de nationale bond. Als het aan haar lag, zou het anders gaan. Na haar terugkeer in Suriname (begin 2008) was Vriesde vastbesloten de nationale atletiek op een hoger niveau te brengen. Met haar internationale contacten hoopte ze veel voor Suriname te kunnen betekenen. Daarom stelde ze zich kandidaat als bondsvoorzitter. Een droomkandidaat, zou je zeggen. Het pakte anders uit: ze verloor de verkiezingen. De verenigingen gaven de voorkeur aan een universiteitsdocent met managementervaring in het bedrijfsleven, die bij zijn aantreden bekende geen atletiekdeskundige te zijn. Hij beschouwde zijn nieuwe functie als een interessante uitdaging. Oswald Elmont, zoals die nieuwe bondsvoorzitter heet, snapt de teleurstelling bij Vriesde. Maar hij stelt ook dat ze het verlies aan zichzelf heeft te danken. Volgens hem heeft ze de fout gemaakt meteen het voorzitterschap op te eisen. “Ze had beter eerst een tijdje als gewoon bestuurslid kunnen meedraaien”, aldus Elmont. “Dat wekt vertrouwen bij atletiekverenigingen. Zo werkt het nu eenmaal. Ze moet haar verlies dan ook niet te persoonlijk opvatten.”


Foto: Edward Troon

“Het gaat niet om mij”, aldus Letitia Vriesde. “Het gaat erom jonge Surinamers aan het sporten te krijgen.”

Serieuze gooi Elmont benadrukt dat de bond vierkant achter de buurtsportactiviteiten van Vriesde staat. “Maar we moeten ons budget verspreiden over alle verenigingen in Suriname. We kunnen niet maar één specifiek project ondersteunen, of één specifieke vereniging. Alle leden krijgen bij ons dezelfde behandeling. Bovendien houden wij ons bezig met georganiseerde atletiek, terwijl mevrouw Vriesde zich richt op ongeorganiseerde sportbeoefening.” Volgens Stan Herewood, sportjournalist bij het landelijke dagblad De Ware Tijd, betekent het gemiste voorzitterschap allerminst dat de status van Vriesde bij de bevolking ter discussie staat. Vriesde behoort volgens Herewood tot de categorie nationale sporthelden, samen met Olympisch zwemkampioen Anthony Nesty en voetbalprof Clarence Seedorf. Maar daar win je nog geen verkiezing mee. Herewood gaat ervan uit dat Vriesde de bestuursverkiezingen bij de bond en de bijbehorende cultuur heeft onderschat. Want wie een serieuze gooi wil doen naar een bestuurspost, gaat eerst het veld in om zijn of haar positie in te schatten. Dan, op het juiste moment, wanneer leden of kiezers bekend zijn met de kandidaat, is het zaak naar voren te treden en beleid te presenteren. “De mensen vroegen zich af of Vriesde als sportbestuurder net zo succesvol zou zijn als op de atletiekbaan. Ze vonden het heel prijzenswaardig dat ze zich verkiesbaar stelde, maar beschouwden haar toch als een meisje zonder bestuurservaring. Nu, na een jaar waarin ze zich heeft geprofileerd met haar buurtsportactiviteiten, heeft ze waarschijnlijk veel betere papieren.”

Doodsbange mensen Volgens Vriesde zelf lag het iets genuanceerder. Ze stelde zich destijds op uitdrukkelijk verzoek van atletiekvereniging Yellow Birds kandidaat. Maar deze club zette na een negatieve campagne van haar rivaal net zo gemakkelijk weer een streep door haar naam. “Als mijn eigen club me al laten vallen, waarom zouden andere leden dan op mij stemmen?” Het passeren van Vriesde als bondsvoorzitter staat niet op zichzelf. Afgelopen voorjaar mislukte een nieuwe poging van Clarence Seedorf om het nationale voetbal tot ontwikkeling te brengen. Werd eerder een miljoenenbod van de AC Milanspeler afgewezen, nu werd een door Seedorf gesteund bestuur afgeserveerd tijdens de verkiezingen. Vriesde zelf blijft er laconiek onder. Ze houdt het op een combinatie van behoudzucht, trots en nationalisme. “Sommige structuren bestaan al zo lang dat mensen doodsbang zijn voor verandering. Het zij zo. Ik heb mezelf voorgenomen keihard door te gaan zonder anderen voor de voeten te lopen. En het gaat ook niet om mijn persoon of positie. Zolang we de kinderen van Suriname maar aan het sporten krijgen.” Vriesdes doel is haar land weer vertegenwoordigd te krijgen op internationale toernooien. “Dan komen die medailles vanzelf.” Als het aan haar ligt, zal die deelname niet lang meer duren. “Het gaat gebeuren. Met of zonder medewerking van de bond.” ••••••••

21


•••••••

// Millenniumschoen Award 2009 Zainab Makhlouf: “Vroeger zat ik bijna altijd binnen. Toch droomde ik al jaren over hardlopen. Toen ik hoorde dat er in mijn wijk een hardloopcursus was voor Turkse en Marokkaanse vrouwen, ben ik meteen mee gaan trainen. De cursus werd eenmalig georganiseerd door het Amsterdamse stadsdeelkantoor van Geuzenveld-Slotermeer. Maar het was zo’n succes dat we er absoluut niet mee wilden stoppen. Daarom is Be InterACTive opgericht. Inmiddels geven we door het hele land trainingen en bereiken we ruim 700 vrouwen. Genomineerd zijn voor de Millenniumschoen Award was al een hele eer. Dat ik hem ook echt gewonnen heb, vind ik ongelooflijk. Het is een belangrijke erkenning voor het werk van Be InterACTive.” Makhlouf (r), andere Be InterACTive-leden en hun gezamenlijke passie: hardlopen.

DROMEN NAJAGEN

OP HARDLOOPSCHOENEN

Ze kwam als huisvrouw maar weinig buiten de deur. Tot ze de kans kreeg hard te lopen. Nu haalt Zainab Makhlouf (41) via hardlooptrainingen honderden allochtone vrouwen uit hun isolement. Op 24 oktober kreeg ze voor haar inspanningen de Millenniumschoen Award 2009. Ze verwachtte absoluut niet dat ze zou winnen. Niet met al die beroemde medegenomineerden. Toch klonk op het moment suprême háár naam. En beklom de verbaasde Makhlouf het podium om de award in ontvangst te nemen. Die kreeg ze uit handen van sportpresentatrice Mari Carmen Oudendijk. Naast Makhlouf waren dit jaar Clarence Seedorf, Frans Derks, Vera Pauw en Barbara de Loor genomineerd. Makhlouf ontving de prijs vanwege haar inzet voor Be InterACTive. Deze stichting haalt allochtone vrouwen uit hun afgeslotenheid, door wandel- en hardlooptrainingen te geven in de wijken waar zij wonen. De groepen van

Be InterACTive bestaan uit vrouwen van verschillende afkomst: Turks, Surinaams, Indonesisch, Italiaans, Afrikaans, ZuidAmerikaans en Nederlands. De stichting krijgt steun van Women Win. Deze organisatie investeert wereldwijd in sportprojecten voor meisjes en vrouwen en erkent de kracht van sport als middel om vrouwen zelfbewuster, weerbaarder en mondiger te maken. Ook Makhlouf zelf ervoer dit: door het hardlopen voelde ze zich sterk genoeg om ook andere dromen na te jagen. Ze volgde een opleiding tot docent ‘Nederlands als tweede taal’ en is sinds 2006 directeur van Be InterACTive.

Lees meer over Be InterACTive op www.beinteractive.org.

Makhlouf (r), de award en Oudendijk

De Millenniumschoen Award... ...wordt ieder jaar uitgereikt aan een topsporter, trainer of coach die zich op bijzondere wijze heeft ingezet voor sport en ontwikkeling. In de voorgaande jaren ging de prijs naar Aron Winter, Lornah Kiplagat en Clarence Seedorf. De uitreiking van de Millenniumschoen Award 2009 vond plaats op zaterdag 24 oktober tijdens het jongerenevenement Re:shape in WATT Rotterdam. Tekst: Marieke van Doggenaar. Foto’s: Be InterACTive (boven), Ralph Eckhard (onder).

22

•••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••


// DE club

DOOR EEN HAZENLIP NIET NAAR SCHOOL

anken. Foto’s:

Tekst: Lotte Bl

ASV.

“Het was een bijzonder indrukwekkende ervaring. Voor de jeugdleden én ons, de begeleiders.” Vrijwilliger Anton Spaan ging deze zomer naar Kirgizië in Centraal-Azië. “We wilden meer doen met en voor de jeugdleden van onze schaatsvereniging. Via de sportwereld kunnen ze zichzelf ontwikkelen en leren verder te kijken dan Nederland.” De groep – naast Anton drie andere begeleiders en achttien jeugdleden – werkte drie weken lang in vier kinderdagverblijven. Een aantal van de kinderen daar was gehandicapt. Xplore subsidieerde de reis en Every Child hielp de vereniging in Kirgizië. “Kinderen met oogproblemen of een hazenlip worden als gehandicapt bestempeld. Ze mogen niet naar school en zijn de hele dag

in het kinderdagverblijf. Door sportactiviteiten en spelletjes konden we ze uit de dagelijkse sleur halen. Ze weer laten lachen. Ook bouwden we een speelhuis, zandbak en sanitair. Daarnaast organiseerden we een gezamenlijke sportdag. Schaatsen was niet mogelijk, maar het skeeleren was een groot succes.” Meer weten over de mogelijkheden voor amateurclubs op het gebied van ontwikkelingssamenwerking? Stuur een e-mail naar sportdevelopment@ncdo.nl of kijk op www.sportdevelopment.org > Wat kan ik doen?

Almeerse Schaatsvereniging ASV •••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••

“Door sport kwamen ze uit de dagelijkse sleur”

••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••••

23

•••••••


// fotoreportage Inuit-jeugd zoekt ontsnapping uit misère

24


 25


// fotoreportage Inuit-jeugd zoekt ontsnapping uit misère Veel alternatieven hebben ze niet, de kinderen in Gjoa Haven. In deze kansarme eskimostad is ijshockey the thing to do. In het met Canadees overheidsgeld gebouwde stadion ontsnappen zij even aan de treurnis van werkeloosheid, incest en huiselijk geweld. En durven ze te dromen. Want op de posters die er aan de bevroren muren hangen, staat topijshockeyer Jordin Tootoo. Hij heeft óók Inuit-bloed en is toch een nationale sportheld geworden. Foto’s: Ton Koene. Tekst: Jens Middel.

Het stadion kan maar door één leeftijdscategorie tegelijk worden gebruikt. Dus speelt de 11-jarige, in bruine hondenvachten gehulde Jemery (groot op de vorige pagina en rechts op de rug gezien) regelmatig ijshockey op de besneeuwde hoofdstraat van Gjoa Haven. Zijn twee jaar oudere zusje zit thuis, met haar eerste kindje, in een kleine ruimte: de woon- en slaapkamer van de hele familie. Het is verre van ondenkbaar dat geweld en seksueel misbruik hier aan de orde van de dag zijn. Harde officiële cijfers ontbreken, maar naar schatting kent één op de twee gezinnen in Gjoa Haven grote problemen. >>>>>> Het sporten is niet alleen een manier om jongens en (zoals op de foto links) meisjes even hun misère te laten vergeten. Het is ook een manier om de ongezonde levensstijl tegen te gaan die de Inuit-gemeenschappen in hun greep houdt. Nog afgezien van het lijmsnuiven, bewegen de eskimo’s over het algemeen weinig en hebben ze fastfood omarmd. >>>>>>>>>>>>>>>

26


>>>>>>>

Het gebrek aan toekomstperspectief maakt de Inuit wanhopig. Vroeger grepen ze naar de fles, maar dat alcoholisme werd zo’n wijdverspreid probleem dat de Canadese overheid hun leefgebied besloot droog te leggen. Het alternatief is voor velen lijmsnuiven. Of zelfmoord. Het percentage mensen dat zich hier van het leven berooft ligt drie- à viermaal hoger dan het Canadese gemiddelde. De overheid maakt het de Inuit met stadions en materiaal mogelijk te ijshockeyen. Ter afleiding. Bovendien zet ze nationale sportheld Jordin Tootoo in om mensen psychologische hulp te laten zoeken, zodra ze depressief worden (zoals op de affiche linksboven op deze pagina).

27


// WK 2010 De 3e HELFT werkt aan Legacy

AFMAKEN WAT BELOOFD IS AFSLUITEN Het aankomende wereldkampioenschap brengt Afrika geen garantie op economische voorspoed. Hoogstens een gevoel van trots. En voor zover de arme bevolkingsgroepen in Zuid-Afrika er door dit WK al op vooruit zullen gaan, zal dat niet aan wereldvoetbalbond FIFA liggen. Met deze samenvattende conclusie beëindigde journalist en discussieleider Simon Kuper de debatavond WK 2010: De Kans van Afrika. (Zie de pagina hiernaast.) AFTRAPPEN Als het inderdaad FIFA niet is, wie zal dán zorgen dat de ontwikkeling van Zuid-Afrika een duw in de goede richting krijgt? Een deel van die duw zal van de 3e HELFT komen. Op dit platform kunnen Nederlandse sportorganisaties, bedrijven, overheden en media de krachten bundelen. “Voor blijvende sociale en economische verandering in Zuid-Afrika”, zoals de website zegt. De lancering van deze site op de debatavond was meteen de aftrap van de 3e HELFT. AFTASTEN Op www.3ehelft.org staat het laatste nieuws over de ontwikkelingsprojecten rond het WK. “Daar zijn er nogal wat van”, aldus Marieke Timmer van NCDO, de organisatie die de 3e HELFT coördineert. “Bij dit soort evenementen rijzen nieuwe projecten als paddestoelen uit de grond. De kans is groot dat die vervolgens langs elkaar heen werken. De 3e HELFT zorgt ervoor dat mensen, bedrijven en organisaties kunnen aftasten wat er al gebeurt en bij welke goed ingebedde organisaties zij zich kunnen aansluiten.”

Foto: ANP

AFRONDEN Tijdens het toernooi zal de 3e HELFT onder andere Nederlanders in contact brengen met Zuid-Afrikanen in townships. Ook zal het zoveel mogelijk media-aandacht genereren voor ontwikkelingsprojecten. Maar daarmee heeft het platform zijn taak nog niet afgerond. Timmer: “We willen mensen in Nederland zeker tot aan het WK 2014 bewust maken van de problemen in Zuid-Afrika. En we willen hen aansporen projecten te steunen. Of het nu is via het uitwisselen van kennis en middelen, of via het geven van geld, het gaat erom dat zoveel mogelijk mensen zich achter dat ene doel scharen: een Zuid-Afrika waar iedereen de kans krijgt zijn talenten te ontwikkelen.”

Lees meer en draag zelf bij aan de 3e HELFT. Ga naar www.3ehelft.org. Tekst: Ghislaine van Drunen en Jens Middel. Foto’s: ANP.

28


OPMERKELIJKE UITSPRAKEN De 3e HELFT wil bijdragen aan de Legacy. Deze ‘nalatenschap’ slaat op de belofte van Zuid-Afrika’s regering en de FIFA dat het WK blijvende maatschappelijke vooruitgang met zich meebrengt. Tijdens de debatavond De Kans van Afrika werd sceptisch over deze Legacy gesproken. En niet alleen door Supporter-columnist Frank van Eekeren, die erop wees dat het niet duidelijk is wat de legacy precies inhoudt, zeker niet nu het BID-boek – dat volstond met concrete afspraken over deze vooruitgang – spoorloos is verdwenen. Ook Rudi Boon liet in zijn kritische Tegenlichtdocumentaire Trade Mark 2010 zien hoe FIFA arme ondernemers die van het WK willen profiteren, bewust de weg afsnijdt. De film toonde ook hoe de Zuid-Afrikaanse regering in veel opzichten aan de leiband loopt van FIFA.

AANSPREKENDE PROJECTEN Op de site van de 3e HELFT staat een speciale selectie van sport & ontwikkelingsprojecten in Zuid-Afrika. Met een paar muisklikken kan een steentje worden bijdragen aan bijvoorbeeld Stars in their Eyes. Deze organisatie leidt Zuid-Afrikaanse jongeren op tot sportleiders. Zij gebruiken vervolgens voetbal om lokale gemeenschappen te versterken en andere jongeren te vinden die óók aan de slag willen als trainer. “Wij zijn de ideale partner voor bedrijven die maatschappelijk verantwoord willen ondernemen”, zegt Nic Jooste van Stars in their Eyes. “Net als goede ondernemers hebben wij durf, zijn we daadkrachtig en boeken we snel blijvende resultaten.” Een andere organisatie die via de site gesteund kan worden, is SCORE. Deze ngo zet sport en spel in voor jongeren in Zuidelijk Afrika en Nederland. Doel is dat zij zich kunnen ontwikkelen én een bijdrage kunnen leveren aan hun gemeenschap. “Rond een groot evenement als het WK ontstaan allerlei nieuwe initiatieven”, zegt Arjan Weijburg van SCORE. “Om duurzaam te zijn, is het essentieel dat deze initiatieven samenwerken met organisaties die al lang in Zuid-Afrika actief zijn. Die kennen de lokale context en behoefte. Zonder deze samenwerking kan het zijn dat nieuwe initiatieven na het WK al snel weer verdwijnen, terwijl wél hoge verwachtingen zijn geschept bij de inwoners. Een platform als de 3e HELFT – dat vraag en aanbod samenbrengt, en zo initiatieven filtert en kanaliseert – is dan ook heel zinvol.”

“FIFA onder toezicht” In de discussies die op de documentaire volgden, was de algemene mening dat de wereldvoetbalbond zich te dominant opstelt. En dat de FIFA-regels te veel gericht lijken op zelfverrijking. “Dat was natuurlijk altijd al zo”, merkte Volkskrantsportverslaggever Willem Vissers op. “Maar nu het toernooi in een arm land wordt gehouden en de vraag rijst of er niet méér geïnvesteerd moet worden in armoedebestrijding, valt het opeens op.” Freek de Jonge pleitte voor fair play, matiging en scheidsrechters. Dat past volgens de cabaretier een stuk beter in een wereld die in ernstige problemen geraakt is door excessieve hebzucht. “Plaats FIFA onder toezicht van de VN. Laat dáár de beslissing vallen welk land het WK verdient. En waarom moet die wereldvoetbalbond zoveel macht en geld hebben? Waarom zet FIFA aan tot peperdure, megalomane bouwprojecten? Het gaat commercieel gezien vooral om de TV-rechten. Wat maakt het dan uit of een stadion 80.000 plekken heeft of 30.000?” “Drama voor sponsors” Sportmarketingstrateeg Frank van den Wall Bake vond fair play niet op alle fronten nodig. Hij zei het gerucht te kennen dat er ten gunste van bepaalde landen wordt gesjoemeld bij WKpoulelotingen. Zo’n voorkeursbehandeling leek hem niet per se een probleem. “Je moet er toch niet aan denken dat een groot voetballand als Argentinië sneuvelt in de eerste WK-ronde? Een drama voor sponsors, die zo niet kunnen profiteren van sterren als Messi – waarbij FIFA natuurlijk als eerste het belang van zijn eigen hoofdsponsor voor ogen zal hebben. Maar het ontbreken van die topvoetballers zou ook sportief gezien zonde zijn. We krijgen maar eens in de vier jaar de kans om ze op dit mondiale platform te zien schitteren.”

Steun de speciaal geselecteerde projecten van de 3e HELFT. Ga naar www.3ehelft.org/projecten.

29


// SPELAANWIJZINGEN

Meer weten over sport als tool voor ontwikkelingssamenwerking? Zelf een sportieve bijdrage ­leveren aan een betere wereld? Er zijn ­diverse websites waar je terecht kunt. Supporter zet er een aantal voor je op een rijtje.

Zoek je informatie of wil je kennis en ideeën u ­ itwisselen?

www.sportdevelopment.org Op dit webportaal van programma

Nederlandse Sport Alliantie De opknapbeurt mag er wezen. Twee sportaccommodaties in het Surinaamse district Brokopondo krijgen tribunes, nieuwe kleedkamers en verse grasmatten. Allemaal dankzij een bijdrage van de Nederlandse Sport Alliantie (NSA) aan Sportontwikkelingsproject Brokopondo. De steun valt binnen ‘Sportcoalities aan de slag’: een samenwerking tussen de Nederlandse overheid, Nederlandse organisaties, plaatselijke overheden en lokale ngo's. Doel is sport in tien ontwikkelingslanden te gebruiken voor duurzame sociale veranderingen. De NSA coördineert de steun aan Suriname, Kenia en Burkina Faso. Sportontwikkelingsproject Brokopondo richt zich op de scholing van sportleiders, de versterking van lokale sportorganisaties en de inzet van sport als middel voor sociale ontwikkeling. Samen met sportverenigingen, overheden en sportbonden, zet de NSA sport zelf ook in voor een sportieve samenleving waarin iedereen kan meedoen. In Nederland, maar ook in ontwikkelingslanden. Lees verder op de websites: www.sportalliantie.nl www.ontwikkelingssamenwerking.sportalliantie.nl

Sport & Ontwikkelingssamenwerking van NCDO vind je info, tools en tips voor sport & ontwikkelingssamenwerking in Nederland.

www.sportanddev.org Dit internationale platform voor sport & ontwikkelingssamen­werking biedt niet alleen informatie en projectvoorbeelden, je kunt er ook ideeën, ervaringen en kennis uitwisselen. www.toolkitsportdevelopment.org Wat maakt een project

succesvol en wat zijn de valkuilen? Deze toolkit bundelt beschikbare kennis en ervaringen. Praktische tools als checklists en handleidingen helpen je zelf projecten op te zetten.

Wil je zelf een project opstarten en ben je op zoek naar subsidiemogelijkheden?

www.sportdevelopment.org Op deze site vind je een overzicht

van verschillende mogelijk­heden in Nederland om financiering voor een project te krijgen.

www.sport.nl/ontwikkelingssamenwerking Deze webpagina geeft basisinformatie over het nieuwe programma ‘Sportcoalities aan de slag’ van NOC*NSF. www.ncdo.nl Bij NCDO kun je subsidie aanvragen voor

activiteiten in Nederland waarmee je Nederlanders betrekt bij internationale samenwerking en bij het leven van mensen in ontwikkelingslanden.

www.impulsis.nl Impulsis is een loket voor ondernemende mensen in ontwikkelings­landen en in Nederland. Je kunt er terecht voor advies, uitbreiding van je netwerk, expertise en financiële steun.

30


// DE LIBERO

SJOEMELEN Het is nog een groot geheim. Maar in februari komt Nederland met een briljante uitvinding die ons op de Winterspelen in Vancouver minimaal vijf gouden medailles gaat opleveren. Na de klapschaats, aerodynamische strips en zuurstofarme slaaptenten zullen onze gehaaide schaatsers wéér iedereen te slim (en daardoor te snel) af zijn. Ik gok op nieuwe coatings onder de schaatsen van Sven Kramer. De wereld zal versteld staan. Oneerlijk? Welnee! Sport, wetenschap en technologie vormen een heilige drie-eenheid. De sportwedstrijd is een innovatiewedloop. Een teken van de moderne tijd.

Frank van Eekeren

werkt als senior adviseur en onderzoeker aan de Universiteit van Utrecht. Hij adviseert (sport)organisaties en onderzoekt de maatschappelijke betekenis van sport, met speciale aandacht voor sport & ontwikkelingssamenwerking.

Vroeger was het allemaal wat primitiever. In mijn voetbalteam konden we niets beters verzinnen dan het stiekem opstellen van een paar te oude spelers. Met spelerspassen, waarop de geboortedata van voetballers stonden, werd volop gesjoemeld. De enige controle bestond uit de strenge blik van een scheidsrechter – en die beproeving was voor geen enkele valsspeler een uitdaging. Oneerlijk? Ach. Niemand lag er wakker van. Natuurlijk wist iedereen dat er gerommeld werd in het jeugdvoetbal. Maar dat werd altijd nog beter gevonden dan het middel om valsspelen tegen te gaan: lichamelijke leeftijdscontroles. Gebitschecks waren bij paarden al lang gangbaar, maar niemand haalde het in zijn hoofd om weerloze kindertjes op dergelijke wijze te testen. Bovendien begreep iedereen dat het leeftijdsvoordeel van korte duur was. Na enkele jaren onterecht bewierookt te zijn als talentvol team, vielen we als senioren genadeloos door de mand. Tot mijn verbazing is de opvatting over leeftijdcontroles in de loop der jaren volledig gekanteld. In de documentaire Daar Hoorden Zij Engelen Zingen uit 2000 keek ik al verwonderd naar smoezelige artsen die namens Ajax Ghanese voetballertjes beklopten en bevoelden om te kijken of ze niet ouder dan 14 waren. Sindsdien zijn de ontwikkelingen snel gegaan. Talentvolle

Nigerianen mogen tegenwoordig naar de beste klinieken. Niet om in een zuurstofarme tent te liggen, ter bevordering van hun prestaties, maar om een MRI-bottenscan te ondergaan die hun exacte leeftijd vaststelt. Deze ‘voorkeursbehandeling’ hebben de Nigerianen te danken aan hun successen. Hun jeugdteams werden opvallend vaak wereldkampioen. En de scans bevestigden het vermoeden: vijftien jeugdspelers die deel uitmaakten van de onder-17 selectie van de ‘Golden Eagles’ werden onlangs uit het team gezet toen hun ware leeftijd aan het licht kwam. Oneerlijk van die Afrikanen? Ja! Aldus de internationale sportpers en FIFA. Erger, zij reppen van ‘schaamteloze fraude’. Niets geen slimmigheid of onschuldige kwajongensstreken, zoals bij onze schaatsers of jeugdsporters. Verzachtende woorden zijn hier kennelijk uit den boze. Dat in landen als Nigeria nauwelijks fatsoenlijke bevolkingsregisters worden bijgehouden, doet er niet toe. Net zomin als het feit dat sjoemelen met leeftijd vaak de makkelijkste manier is om aan armoede te ontsnappen: jonge spelers hebben voor Europese clubs nu eenmaal meer waarde. Oog voor slechte voeding en leefomstandigheden is er al helemaal niet. Terwijl die er wel voor zorgen dat veel Afrikanen later volgroeid zijn dan Europeanen. Spelers die de concurrentie met Westerse jongens willen aangaan, voelen zich daardoor gedwongen hun geboortepapieren te vervalsen. Afrikanen zelf doen over deze praktijken nauwelijks geheimzinnig. Net zomin als mijn teamgenoten en ik vroeger. Het grote verschil is dat zij nu aangepakt worden, waar wij vrijuit gingen. Dat komt door de technologische ontwikkelingen: een MRI-scan werkt nou eenmaal beter dan een strenge scheidsrechter en staat beter dan gebitscontrole. Maar het komt ook door steeds extremere opvattingen over eerlijke competitie. Alles is nu geoorloofd om fraudeurs te betrappen. Zero tolerance voor iedereen! Alhoewel, hoeveel van onze eigen F-pupillen gaan onder een MRI-scan? En hoe eerlijk is het dat niet-Westerse sporters geen schijn van kans hebben in de innovatiewedloop? Blijkbaar gelden voor onze kinderen en Sven Kramer andere normen dan voor voetballers uit Nigeria. Is hypocrisie het echte teken van de moderne tijd?

31


DIT NUMMER UIT? En nieuwsgierig naar het volgende? Neem dan nu een gratis abonnement op Supporter (zie kader hieronder). En lees elk kwartaal: SUPPORTER: SPORTIEF BETROKKEN

// INTERVIEWS MET BEKENDE SPORTERS // SPORTREPORTAGES UIT VERRE LANDEN // INFORMATIEVE ACHTERGRONDARTIKELEN // SCHERPE OPINIESTUKKEN EN COLUMNS // NIEUWS OVER SPORT & ONTWIKKELING // KOOPTIPS EN SPELAANWIJZINGEN // EN MEER!

De impact van sport reikt verder dan het sportveld. Steeds meer mensen beseffen dat. Van overheden tot sportbonden. En van hulporganisaties tot sportliefhebbers. Zij weten dat sport van invloed is op politieke en sociale verandering. Dat het een waardevol middel is tegen armoede, onrecht, oorlog en ziektes. En ze willen daar graag méér over weten. Daarom lezen zij Supporter. Het enige tijdschrift in Nederland over sport als instrument in ontwikkelings­ samenwerking. Over de personen en organisaties die dit instrument gebruiken. En over de wijze waarop mensen in ontwikkelingslanden hun sport ervaren. Leer de impact van sport kennen. Neem een gratis abonnement op Supporter, een grensverleggend sportief tijdschrift. Meld je aan op www.sportdevelopment.org > Supporter


Supporter-36