Issuu on Google+

Soa Aids Nederland

Jaarverslag 2009


2


Jaarverslag 2009 13-04-2010

20100425/AOO/RAP 3


4


Inhoud 1. 2. 3. 4. 5. 6. 7. 8. 9. 10. 11. 12.

Voorwoord Programma Soa Aids Beleid Programma AIDS Action Europe Programma Intermediairs Programma Etnische Minderheden Programma Prostitutie Programma Jongeren Programma Publiekscommunicatie Organisatie en personeel Verantwoordingsverklaring Jaarrekening Stichting Aids Fonds – Soa Aids Nederland 2009 Bijlage: publicaties en presentaties

6 7 12 17 22 28 35 43 53 61 76 107

5


1.

Voorwoord

In 2009 presenteerde staatssecretaris Bussemaker van VWS het nieuwe beleid op het terrein van seksuele gezondheid, inclusief soa’s en hiv. Dit is een mijlpaal voor het Nederlandse beleid, dat het te lang zonder zo'n inhoudelijk kader heeft moeten stellen. Juist in tijden van economische teruggang is het belangrijk dat er een heldere visie op de toekomst is. Vooral voor kwetsbare groepen en voor de integratie van soa/hiv en seksuele gezondheid zal Soa Aids Nederland de komende jaren nodig blijven. Een onafhankelijke commissie heeft het werk van Soa Aids Nederland geëvalueerd. Gelukkig blijken de belangrijkste 'afnemers' - zowel landelijk als lokaal – zeer tevreden over het werk en de ondernemende houding van de organisatie. Uiteraard zijn er ook verbeteringen mogelijk en nodig: met name kan meer samenwerking tussen de bestaande programma’s tot nog betere resultaten leiden. De evaluatie zal een belangrijke basis zijn voor het ontwikkelen van een nieuw beleidsplan in 2010. Sense is een grootschalig project dat de seksuele gezondheid van jongeren bevordert. Het is, op initiatief van het ministerie van VWS, in 2009 van start gegaan en voor een belangrijk deel uitgevoerd door Soa Aids Nederland, in samenwerking met partnerorganisaties. Sense omvat een scala van instrumenten: de website biedt een goudmijn aan informatie die op een speelse manier wordt gepresenteerd. De telefonische hulplijn geeft antwoord op aanvullende vragen, en jongeren kunnen Sense-spreekuren bij de GGD'en bezoeken als ze graag met een professional willen praten. Dit pakket is begin 2009 gelanceerd en in korte tijd al zeer succesvol gebleken. Soa Aids Nederland kreeg in 2009 tevens de opdracht - naast de al bestaande Vrij Veilig Campagne voor een massamediale campagne over seksualiteit. Uiteraard zal die campagne in nauwe samenwerking met collegaorganisaties gestalte krijgen. Zorgelijk is de wetgeving ten aanzien van de prostitutie die in ontwikkeling is. Het wetsontwerp bevat elementen d ie drempels opwerpen voor de contacten met illegale prostituees, en die het aantal van deze - toch al zeer kwetsbare prostituees alleen maar zal doen toenemen. Soa Aids Nederland heeft een debat met Tweede Kamerleden georganiseerd om het wetsvoorstel kritisch te belichten en naast de morele grondslag ook te focussen op de praktische consequenties van de voorgestelde maatregelen. Ook op Europees niveau is er een nieuw soa/aidsbeleid vastgesteld, waaraan Soa Aids Nederland via AIDS Action Europe en het Europese Civil Society Forum een belangrijke bijdrage heeft geleverd. In het nieuwe beleid staan thema’s als het bereiken van de meest kwetsbare groepen, meer aandacht voor vroeg testen en de bestrijding van stigmatisering van mensen met hiv centraal. Het werk in en vanuit Nederland kan dus op volle kracht worden doorgezet. Soa Aids Nederland zal het werk in en vanuit Nederland op volle kracht voortzetten, in vruchtbare samenwerking met RIVM, Rutgers Nisso Groep, Schorer, Hiv Vereniging Nederland, GGD'en, de organisaties van professionals, scholen en vele andere partners. Ton Coenen Raad van Bestuur

6

Anthony Ruys Voorzitter Raad van Toezicht


2.

Programma Soa Aids Beleid

Het Programma Soa Aids Beleid streeft naar een optimale strategie voor de bestrijding van hiv en aids en andere soa in en vanuit Nederland. Binnen deze algemene doelstelling waren voor 2009 als prioriteiten gesteld:  Het vergroten van het inzicht in effectieve gedragsgerichte soa- en hivpreventieve interventies  Verbreden van de toegang tot financiële dienstverlening voor mensen met hiv en/of een chronische virale soa  Bevorderen van de economische participatie en de maatschappelijke positie van mensen met hiv en of een chronische soa  Verkleinen van stigma op hiv in het algemeen en met name in de zorgsector  Ontwikkelen van een gezamenlijke visie van relevante ngo's op soa/hiv en seksuele gezondheid en een versnelde innovatie  Bevorderen van de samenhang in landelijke ondersteuning van de regionale soa- en hiv-preventie  (inter)Nationa le uitwisseling van kennis en expertise

2.1

Algemeen

Voor de algemene doelstelling, een optimale strategie voor de bestrijding van hiv en aids en andere soa, was 2009 een belangrijk jaar. Al jarenlang ontbrak het in Nederland aan een integrale visie op de problematiek. De beleidsbrief namens het kabinet over seksuele gezondheid, die op 1 december op het 13 e Nationaal Congres Soa*Hiv*Seks door staatssecretaris Bussemaker van VWS werd gepresenteerd, biedt die visie. Bij de totstandkoming van de beleidsplannen heeft het ministerie van VWS een open procedure gehanteerd. Het Platform soa en seksuele gezondheid, dat door het Progamma Soa Aids Beleid wordt gefaciliteerd en dat in 2009 drie keer vergaderde, heeft voor de beleidsbrief dan ook op verschillende momente n input kunnen leveren. Veel van de suggesties en opmerkingen zijn overgenomen. De prioriteit van dit traject is de oorzaak dat het platform niet is toegekomen aan de voorgenomen actualisering van zijn actieplan en het beschikbaar stellen van standpunten via een website. Naar verwachting komt dit in 2010 aan de orde, als opnieuw naar doel- en samenstelling van het Platform wordt gekeken.

2.2

Stand van zaken

Het Programma Soa Aids Beleid heeft ten behoeve van de eigen organisatie een overzicht gemaakt van de stand van zaken. Geconstateerd kan worden dat goede, maar (nog) niet voldoende resultaten worden behaald. De uitdagingen voor de soa/hiv-preventie zijn groot, net als de dynamiek in beleid, onderzoek, interventies en implementatie. Het aantal soa-consulten neemt toe. Soa's worden vooral gevonden onder jongeren, mannen die seks hebben met mannen (MSM) en etnische minderheden. Hoewel het aantal hiv-testen stijgt, is naar schatting nog altijd 40 procent van de mensen met hiv in Nederland niet op de hoogte van de eigen serostatus. Hierdoor komt een groot deel van hen te laat in behandeling. De kennis van de risico's van een infectie met een soa en hiv is in het algemeen relatief hoog, behalve onder laagopgeleiden, die onder andere de risico’s van hiv transmissie overschatten. Het condoomgebruik is eveneens relatief hoog, hoewel 7


een consequent gebruik vaak achterwege blijft. Hierbij kan de invloed van drugs een rol spelen, of een vertrouwen in een (nieuwe) partner dat niet is gebaseerd op door een soa of hiv-test verkregen kennis. Mensen met hiv ervaren aanzienlijk meer stigma en discriminatie dan algemeen wordt aangenomen, zelfs in eigen kring en in de zorg. De hiv -zorg in Nederland is goed. Mensen met hiv leven steeds langer, op een kwalitatief steeds beter niveau. Dit betekent dat zij ook steeds langer kunnen blijven werken, wat op de werkvloer niet altijd vanzelfsprekend is.

2.3

Bevorderen inzicht in effectieve interventies

Het Programma adviseert het RIVM-Centrum Gezond Leven (CGL) over de ontwikkeling van nieuwe instrumenten (een beoordelingssysteem, de interventie database en het digitaal loket), onder andere via de werkgroep Certificering, de klankbordgroep en diverse themameetings. Mede op advies van het programma is de categorie Goed Beschreven aan het beoorde lingssysteem toegevoegd en zijn via het digitaal loket instrumenten beschikbaar gesteld voor planmatig werken. Daarnaast is een implementatieplan voor het beoordelingssysteem opgesteld. Het Programma adviseert de eigen organisatie over de toepassing van de CGLinstrumenten binnen de programma’s. Door de tentatieve beschrijving van Soatest.nl zijn recente bereikgegevens verzameld. Er kon worden vastgesteld dat deze interventie nog steeds veel risicogroepen bereikt. Met de programma’s zijn afspraken gemaakt voor het actualiseren van de interventie database en de planning voor het beschrijven en indienen van interventies. Soa Aids Nederland voldeed in 2009 met het indienen van drie interventies aan de voorwaarden van het CGL. In het kader van het project Quality Improvement in Hiv Prevention in Europe heeft het Programma Soa Aids Beleid in 2009 tweemaal gegevens uitgewisseld over de toepassing van kwaliteitsinstrumenten in de hiv -preventie; daarbij is interesse getoond voor de Nederlandse aanpak.

2.4

Verbreden van de toegang tot financiële dienstverlening

Mede door advies van Soa Aids Nederland worden mensen met hiv door verzekeraars thans beschouwd als mensen met een verzekerbare chronische aandoening. Het overleg met het Verbond van Verzekeraars heeft geleid tot een actualisering van de gezondheidsvragenlijst die de verzekeraars hanteren (waarin nog steeds naar aids werd gevraagd) en het opheffen van speciale regels voor mensen met hiv. Het Verbond heeft toegezegd regulier inzicht te zullen geven in het acceptatiebeleid. Dit alles werd op 17 juni in Den Haag bekendgemaakt bij de presentatie van het rapport Verzekerbaarheid bij hiv, dat voorziet in verbreding van de toegang. Niet alleen mensen met hiv die onder behandeling zijn, maar ook zij die nog slechts worden gemonitord, krijgen toegang tot levensverzekeringen.

2.5

Bevorderen van participatie en verbeteren maatschappelijke positie

Nu mensen met hiv steeds langer leven is het belangrijk te voorkomen dat zij hun werk kw ijtraken. Een voorwaarde daarvoor is dat er op de werkvloer goed met hiv wordt omgegaan en dat mensen met hiv na onverhoopt verzuim goed kunnen reïntegreren. Samen met Agens/UWV is gewerkt aan de continuering in een nieuwe werkstructuur van bestaande reïntegratieprojecten voor mensen met hiv. Arbeids- en bedrijfsdeskundigen bleken onvoldoende kennis te hebben van 8


hiv en werk. Daarom worden zij betrokken bij de Expertgroep ontwikkeling richtlijn hiv en arbeid, die adviseert over een onderzoeksproject op dit gebied. Het Programma Soa Aids Beleid part icipeert in deze expertgroep; mede dankzij zijn advies is het project gehonoreerd door ZonMw. Op verzoek van het ministerie van Buitenlandse Zaken maakte Soa Aids Nederland deel uit van de Nederlandse delegatie naar The International Labour Conference in Genève van 7 tot 12 juni 2009, waar onder andere werd onderhandeld over een nieuwe code van de Internationale Arbeids Organisatie (ILO) over hiv en werk. De door Nederland ingebrachte punten zijn merendeels overgenomen. Hierbij werd nauw samengewerkt met het project Positief Werkt! van de Hiv Vereniging Nederland, dat een gids, een expert meeting, bijscholing en een portal omvat.

2.6

Afstemming landelijke programma's

Het afstemmingsoverleg (in 2009 vier keer) tussen de landelijke soa/hiv preventieprogramma’s heeft een meerwaarde, bleek uit een evaluatie. In het kader van afstemming van de werkplannen is besloten de ondersteuning van een preventienetwerk jongensprostitutie van Schorer over te hevelen naar het Programma Prostitutie van Soa Aids Nederland, dat de problematiek vanuit een breder perspectief benadert dan seksueel geweld. Het netwerk is tevreden met de ondersteuning vanuit Soa Aids Nederland. Voor 2010 hebben de landelijke programma’s thema’s benoemd waarop zij onderling expertise kunnen delen. Zo organiseert Schorer een studiedag over digitale communicatie, geeft het programma Jongeren van Soa Aids Nederland inzicht in een methodiek over culturele sensitiviteit en spijkert Mainline de overige programma’s bij over recreatief middelengebruik. Ook de afstemming van het landelijke ondersteuningsaanbod op de regionale behoeften wordt zowel door de landelijke als de regionale deelnemers positief gewaardeerd en heeft een meerwaarde, bleek uit een andere evaluatie van het Programma Soa Aids Beleid. In 2009 zijn vier regio’s bezocht (Rotterdam, Groningen, Limburg, Zeeland/Brabant), door een - op verzoek van de regio’s breder samengestelde delegatie dan voorheen. Uit de overleggen blijkt dat het landelijk ondersteuningsaanbod relatief goed aansluit op de regio nale behoeften.

2.7

(Inter)Nationale uitwisseling van kennis en expertise

Het Dertiende Nationaal Congres Soa*Hiv*Seks had als motto: Versterking gezocht! Met de nieuwe naam wordt aangegeven dat er in Nederland steeds meer verbindingen worden gelegd tussen de bestrijding van hiv en andere soa en de bevordering van seksuele gezondheid. Het Programma Soa Aids Beleid was projectleider van het congres en de coördinator van het nationale deel. Nieuw was de advisering door partnerorganisaties over het thema en de beoordeling van workshopvoorstellen door externe referenten; dit bleek goed te werken. Ongeveer 900 bezoekers namen deel aan veertig workshops, een levendige informatiemarkt en diverse lanceringen van publicaties en acties. Resultaten en impressies zijn gepubliceerd op www.soaaidscongres.nl

2.8

Overige activiteiten

Het Programma Soa Aids Beleid heeft in 2009 bijdragen geleverd aan beleidsontwikkeling binnen de eigen organisatie. Voor Soa Aids Nederland is een meerjarenbeleidsplan in ontwikkeling (afronding in 2010 verwacht) en voor het programma Etnische Minderheden zijn evaluatieplannen voor twee interventies 9


gemaakt. Met de programma’s Jongeren, Etnische Minderheden en Publieksvoorlichting is meegedacht over een gezamenlijk kader voor de voorlichting aan de S urinaamse en Antilliaanse doelgroep. Er zijn twee standpunten voor Soa Aids Nederland geformuleerd: een positief standpunt over universele hepatitis-B-vaccinatie en de erkenning van hepatitis C als overdraagbare soa. Medewerking aan een MAT RA-aanvraag van het Programma Jongeren heeft helaas niet geleid tot toekenning. Een advies aan het Programma Publieksvoorlichting heeft ertoe geleid dat de folder over hiv en aids minder vanuit het perspectief van aids en meer vanuit het perspectief van leven met hiv wordt gepresenteerd. Advies en consult is een groeiend onderdeel van het werk van het Programma Soa Aids Beleid. Zo is het Programma Prostitutie geadviseerd over het Wetsvoorstel regulering prostitutie, het Programma Intermediairs over de juridische aspecten bij het draaiboek partnernotificatie en het Aids Fonds over prioriteitstelling voor innovatie en onderzoeksbeleid. De pleitbezorger werd geadviseerd over de interpretatie van uitkomsten van microbicidentrials en de persafdeling over de communicatie rond het hoger beroep in de 'Groninger hivzaak'. Op verzoek van Schorer is een bijdrage geleverd aan een expert meeting over middelengebruik en risicogedrag onder MSM. Aan het ministerie van Justitie is advies uitgebracht over de wijze van omgaan met gedetineerden met hiv. Op verzoek van de gezant van het ministerie van VWS voor de BES-landen (Bonaire, St Eustaties, Saba) is advies geleverd over de aanpak van hiv en soa; dit zal op termijn naar verwachting leiden tot een ondersteuningsvraag. Op verzoek van de gouverneur van de Nederlandse Antillen is, samen met Aids Fonds en Dokters van de Wereld, advies gegeven over de wenselijke prijsverlaging voor hiv medicatie; of dit wordt opgevolgd is nog niet bekend. Voor Nederlands soa/hiv-beleid blijkt internationale be langstelling te bestaan. Er vonden in 2009 diverse presentaties plaats aan buitenlandse delegaties. Bij Amerikaanse studenten ging die over de Nederlandse aanpak van hiv en soa en bij Koreaanse studenten over leven met hiv in Nederland. Chinese ambtenaren werden voorgelicht over de rol van ngo’s in de soa/hiv-bestrijding. Ook werd bijgedragen aan Europese inventarisaties en rapportages. Zo is de Zwitserse Aids Commissie (EFAF) geïnformeerd over de Nederlandse aanpak van de-criminalisering van hiv. De NAT/AAE ontving een overzicht van Nederlandse voorbeelden van discriminatie van mensen met hiv en WHO Europe is geïnformeerd over hiv en wetgeving in Nederland. Het Programma Soa Aids Beleid leverde een bijdrage aan de Nederlandse rapportage voor de Monitor va n de Dublin declaratie.

2.9

Analyse van resultaten

Mede door de inzet van Soa Aids Nederland en het Platfom soa en seksuele gezondheid is er na jaren weer een integraal nationaal kader voor seksuele gezondheid (inclusief soa en hiv) voorhanden. Dit kader bre ngt relevante beleidsonderdelen bij elkaar en kan op termijn leiden tot een optimalisering van de resultaten van de Nederlandse aanpak. Bij leven met hiv staat steeds meer de kwaliteit van leven centraal. Daarom is het belangrijk dat op terreinen als werken met hiv, stigma door hiv, levensverzekering en hiv, en oud(er) worden met hiv, belangrijke stappen voorwaarts zijn gezet. Met de ontwikkeling van een strategisch meerjarenbeleid, het leveren van advies en kritische reflectie en het stimuleren van samenwerking levert het Programma Soa Aids Beleid een bijdrage aan de kwaliteit van de eigen organisatie. 10


2.10

Evaluatie

Een bezuiniging, en een toename van adviesverzoeken en beleidsontwikkelingen hebben het beleidsprogramma genoodzaakt tot een nadere prioriteitst elling. Het Programma zal daarbij de nadruk leggen op bijdragen aan (inter)nationaal beleid, aan beleidsontwikkeling binnen de eigen organisatie, het streven naar een gezamenlijke visie van betrokken ngos', en aan de overdracht van beleidskennis. Hierdoor komt een aantal interne taken te vervallen.

11


3.

Programma AIDS Action Europe

AIDS Action Europe heeft als doel het ondersteunen van ngo’s bij het leveren van een bijdrage aan een Europees hiv en aidsbeleid via een publieke beleidsdialoog, het faciliteren van interactie en kennisuitwisseling tussen ngo’s en het effectief besturen van het netwerk. Het samenwerkingsverband telt meer dan 250 organisaties uit 45 landen in Europa en Centraal-Azië. Voor 2009 waren vier specifieke doelen geformuleerd:  Bijdrage van het maatschappelijk middenveld aan Europees beleid en pleitbezorging  Ngo’s wisselen praktijkervaringen en good practices uit over hiv/aid  Sturing van het netwerk en activiteiten  Duurzaamheid, samenwerking en groei van het netwerk en de activiteiten

3.1

Bijdrage van het maatschappelijk middenveld aan een Europees beleid en pleitbezorging

Als medevoorzitter van het EU HIV/AIDS Civil Society Forum (CSF) en lid van de EU HIV/AIDS Think Tank heeft AIDS Action Europe proactief bijgedragen aan Europees beleid en wetgeving. De primaire focus in 2009 was gericht op beïnvloeding van het nieuwe Europese Unie hiv en aids 5-jaar beleidsplan. AIDS Action Europe heeft twee bijeenkomsten van het CSF georganiseerd met 40-50 deelnemers. Op de agenda stond naast bespreking van het nieuwe beleidsplan ook de status rondom universele toegang tot preventie, behandeling, zorg en ondersteuning in de regio en de voorbereiding op de Wereld Aids Conferentie in 2010. Vergeleken met het voorgaande beleidsplan heeft het CSF een veel grotere rol van betekenis gespeeld bij de ontwikkeling van het EU beleidsplan 2009-2013 dat in oktober werd aangenomen. De Europese Commissie heeft AIDS Action Europe en het CSF in verschillende rondes om advies gevraagd, zowel voorafgaand aan het eerste concept van het plan als gedurende het schrijfproces. Een vergelijking van het uiteindelijke plan met de laatste door ons becommentarieerde versie leert dat bijna al onze prioriteiten opgenomen zijn, alhoewel we sommige zaken sterker benadrukt hadden willen zien. Een duidelijk resultaat van onze pleitbezorging is dat mensenrechten, harm reduction en universele toegang tot preventie, zorg en behandeling prominenter in het beleidsplan zijn opgenomen en dat een focus wordt gelegd op groepen die het meeste risico lopen op een hiv-infectie, zoals mannen die seks hebben met mannen, druggebruikers en migranten. AIDS Action Europe heeft gepleit voor het opnemen van een paragraaf over de bescherming van de rechten van mensen met hiv in de nieuwe Europese wetgeving ‘Equal treat ment Directive’. Deze aanbevelingen zijn overgenomen door het Europese Parlement en in 2010 wordt de wet naar verwachting aangenomen. AIDS Action Europe heeft tijdens verschillende Europese bijeenkomsten de prioriteiten van ngo’s en mensen met hiv geagendeerd. Als mede-voorzitter van de tweede HIV in Europe conferentie met 100 deelnemers zijn verdere strategieën bepaald ter bevordering van vroege hiv-diagnose en behandeling.

3.2

Ngo’s wisselen praktijkervaringen en good practices uit over hiv en aids

Sinds 2006 beheert AIDS Action Europe dé centrale online database van good practices op gebied van hiv en aids in Europa: de clearinghouse. Met betrekking 12


tot het faciliteren van kennisuitwisseling via deze clearinghouse, waren de activiteiten in het afgelopen jaar gericht op drie aspecten: management, verbetering en promotie van de clearinghouse. Het management van de clearinghouse richtte zich met name op het draaiende houden van de database. Ook zijn de clearinghouse en website op diverse punten verbeterd. Dit naar aanleiding van een gebruikersevaluatie die in 2008 heeft plaatsgevonden. Het resultaat is dat de clearinghouse op elf punten is aangepast/verbeterd. Hieronder volgen de belangrijkste resultaten:   

Nieuwe banner op de clearinghouse homepage ‘highlight of the month’. Toevoeging van een ‘peer review’-beoordelingssysteem Toevoeging van een downloadteller Een geavanceerde koppeling tussen de members prof iles op www.aidsactioneurope.org en de onderwerpen in de clearinghouse. Dat houdt in dat een bezoeker die informatie zoekt op het onderwerp ‘mensenrechten’ direct kan zien welke lidorganisaties van het netwerk zich bezighouden met dit thema De toevoeging van partner profiles en EU project profiles. Tegen het einde van 2009 hadden acht partnerorganisaties en dertien door de EU gefinancierde projecten hun profiel toegevoegd op de website van AAE

Promotieactiviteiten bestonden voornamelijk uit het continu volgen van en reageren op relevante nieuwe materialen. Daarnaast zijn er flyers van de clearinghouse verspreid tijdens diverse bijeenkomsten en op een aantal bijeenkomsten is de clearinghouse ook gepresenteerd. Ten slotte is veel aan promotie gedaan via de tweemaandelijkse clearinghouse update nieuwsbrief. Deze activiteiten hebben geleid tot een groei in uitwisseling van praktijkervaringen en good practices over hiv en aids door middel van onze clearinghouse. Er werden 33.101 dow nloads geteld (toename 23 procent) en het aantal geüploade materialen groeide van 554 in 2008 naar 779 in 2009 (groei 41 procent). Het aantal mensen met een gebruikersnaam (account) voor de clearinghouse steeg met 17 procent tot 574 in 2009.

3.3

Sturing van het netwerk en activiteiten

Diverse activiteiten hebben bijgedragen aan de sturing van het netwerk in 2009. Er vonden stuurgroepvergaderingen plaats in Amsterdam en Budapest. Qua externe communicatie heeft de website www.aidsactioneurope.org in 2009 opnieuw een belangrijke rol gespeeld. Deze is actueel gehouden met nieuwe mededelingen, evenementen, oproepen en vacatures. Alle (web)communicatie gebeurt zowel in het Engels als in het Russisch. In 2009 telde de website maar liefst 118.168 bezoeken. Dit is een groei van ruim 93 procent ten opzichte van het voorgaande jaar. Het piekaantal bezoeken was in november (bijna 20.000). Waarschijnlijk heeft dit te maken met de lancering van het nieuwe EU-beleid op gebied van hiv en aids, waarover AAE uitgebreid heeft gecommuniceerd in deze maand.

13


Naast de website hebben we op diverse momenten mailingen verspreid, waaronder een ter ere van het vijfjarig bestaan van het netwerk en om de lancering van het nieuwe EU-beleid op gebied van hiv en aids bekend te maken. Bovendien is ieder kwartaal het e-news verspreid. Total num ber of clearinghouse accounts and publications

Total num ber of dow nloads from w w w .hivaidsclearinghouse.eu 33101 35000

900 800 700 600 500 400 300 200 100 0

27000

30000 25000 20000 15000 10000 5000 0 2008

3.4

2009

779 554

574

490

accounts publications

2008

2009

Duurzaamheid, samenwerking en groei van het netwerk

In 2009 hebben we niet alleen ge誰nvesteerd in de versterking van bestaande relaties maar ook in de ontwikkeling van nieuwe relaties. Dit heeft ertoe geleid dat het ledental van het netwerk gegroeid is met 13 procent. Eind 2009 telde AIDS Action Europe 257 leden in 45 landen. Daarnaast hebbe n we de banden versterkt met andere hiv en aids-gerelateerde projecten die gefinancierd worden door het gezondheidsprogramma van de EU. We hebben in samenwerking met hen een platform ontwikkeld op de website van AAE om uitwisseling tussen deze projecten te bevorderen. Dertien van deze projecten hebben inmiddels een profiel aangemaakt op dit platform. Bovendien is afgesproken dat de projecten hun materialen beschikbaar stellen via de clearinghouse.

3.5

Analyse van de resultaten

AIDS Action Europe heeft met succes gepleit voor het opnemen van de belangen en prioriteiten van het maatschappelijk middenveld in het nieuwe Europese beleidsplan. Er is een duidelijk kader voor de Europese aidsbestrijding voor de komende jaren. AIDS Action Europe heeft een kernrol gespeeld in het ontwikkelen van dit beleid. Het beleidsplan richt zich niet alleen op de Europese Unie maar ook op de buurlanden, waaronder landen met de grootste hiv epidemie zoals Rusland en Oekra誰ne. De Europese Commissie besloot helaas tot een consultering met een beperkte groep stakeholders en stond een bredere consultering met de achterban van AIDS Action Europe niet toe. De activiteiten hebben geleid tot een verdere versteviging van de positie van het AAE-netwerk in Europa. Het netwerk is gegroeid in aantal leden en ook zijn de relaties met andere relevante partijen verstevigd. De clearinghouse neemt een steeds meer centrale positie in in Europa en dient als uitwisselingsplatform een steeds grotere maar ook meer pluriforme doelgroep. Kennis, materialen en expertise die kunnen bijdragen aan een effectievere hiv -bestrijding worden zo steeds beter toegankelijk.

3.6

Evaluatie

AIDS Action Europe heeft haar doelstellingen in 2009 gehaald. Het netwerk zal de komende jaren nauw betrokken blijven bij de implementatie , monitoring en evaluatie van het nieuwe EU-beleid. Het project European Partners in Action on AIDS is in 2009 door de EU-commissie als showcase voor good management gekozen en op verschillende Europese bijeenkomsten belicht. De ervaringen met

14


dit project zullen gebruikt worden in een nieuw project in Oost -Europa en Centraal-Azië dat start in 2010. In de toekomst wil AIDS Action Europe haar clearinghouse nog sterker prof ileren als hét centrale platform voor de uitwisseling van good practices. Hoewel het platform aanvankelijk bedoeld was voor de uitwisseling tussen ngo’s, kwamen daar in 2009 ook hiv en aids-gerelateerde projecten bij die gesubsidieerd worden binnen het gezondheidsprogramma van de EU. Vanaf 2010 wil AIDS Action Europe er ook voor zorgen dat beleidsmakers en overheidsdiensten gebruik maken van het platform.

3.7

Community-based advocacy and networking to scale-up HIV prevention in an era of expanded treatment (PTAP)

Doe lstelling 2009 Het mobiliseren van ngo’s om ondersteuning te geven en het naar een hoger plan brengen van hiv-preventie met een gelijktijdige verhoogde aandacht voor toegang tot behandeling in Rusland en de Oekraïne. Het project richt zich op meer samenhang tussen preventie en behandeling. Activite iten en resultaten Partnerorganisaties Russian Harm Reduction Network en Ukrainian Coalition of HIV service Organizations organiseerden in 2009 dertien bijeenkomsten, vijf in Rusland (in totaal 80 deelnemers) en acht in Oekraïne (144 deelnemers). Deze seminars en workshops boden een platform voor het bespreken van urgente onderwerpen en het ontwikkelen van strategieën. De belangrijkste onderwerpen in Oekraïne: het monitoren en evalueren van subsidies van het Global Fund for AIDS, Tuberculosis and Malaria, mensenrechten, lobby en pleitbezorg ing en toegang tot diensten voor kwetsbare groepen. Het werk in Rusland richtte zich op de ontwikkeling van relevant en betrouwbaar informatiemateriaal over methadon en samenwerking met mediavertegenwoordigers. Zij werden voorgelicht over de harm reduction-aanpak en kwetsbare groepen, met de bedoeling zo de stigmatisering en discriminatie in de berichtgeving over hiv en aids te verminderen. Beide landen richtten zich ook op samenwerking tussen ngo’s en overheidsinstellingen. Aangezien 2009 het laatste jaar van het PTAP project was, hebben beide landen ook het werk van de afgelopen vijf jaar geëvalueerd en gewerkt aan lobbyplannen om de resultaten van het project te bestendigen. Analyse van de resultate n In Rusland waren meerdere partners betrokken bij het PTAP project, zij allen waren het er na vijf jaar over eens dat de duurzaamheid van programma’s voor universele toegang tot preventie, behandeling en zorg een voorwaarde is voor succes, en dat deze duurzaamheid bereikt kan worden door een solide samenwerking tussen alle partners. Dit is een resultaat waar PTAP vanaf de start op hoopte: de overtuiging van Russische netwerken van de noodzaak van samenwerking en coördinatie. In Oekraïne was het hoogtepunt van 2009 het succesvolle lobbywerk van de Ukrainian Coalition of HIV Service Organizations ten behoeve van de kwetsbare groepen homomannen, lesbiennes en transseksuelen en ex-gevangenen. Resultaat was de oprichting van een werkgroep voor het verlenen van sociale diensten voor kwetsbare groepen van de Nationale Raad ter Bescherming tegen TB en hiv en aids. In de werkgroep zijn overheid en ngo's vertegenwoordigd. Daarnaast zitten er dankzij lobbyactiviteiten ook vertegenwoordigers van de homogemeenschap en de nationale beweging voor ex-gevangenen in. 15


Financ iering Het totale budget voor 2009 bedroeg $288.000. De financiering geschiedde via ICASO (International Council of AIDS Service Organizations), het geld was afkomstig van de Bill en Melinda Gates Foundation en GlaxoSmithKline Positive Action. Evaluatie Hoewe l het project is afgelopen zullen beide partners zich inzetten voor de implementatie en opvolging van lobbyplannen om de resultaten te bestendigen. De opgedane ervaringen en behaalde resultaten zullen ook gebruikt worden voor een nieuw project dat AIDS Act ion Europe in 2010 in Oost -Europa en CentraalAziĂŤ start. Europese confe rentie over hiv e n universele toegang Vanwege afwijzing van de subsidieaanvraag door de Europese Commissie is dit project niet gerealiseerd.

16


4.

Programma Intermediairs

Het Programma Intermediairs biedt ondersteuning aan professionals in de soa/hiv-bestrijding en beoogt daarmee de kwaliteit van de soa/hiv -zorg in Nederland te verbeteren. De ondersteuning wordt actief aangeboden aan professionals in de soa/hiv- bestrijding binnen GGD-soa-poliklinieken, hivbehandelcentra en huisartsenpraktijken. Andere professionals worden op verzoek ondersteund en geadviseerd. Specifieke doelstellingen voor 2009 waren:      

4.1

vraaggestuurd advies en actuele ondersteuning aan professionals en instellingen een actueel en compleet digitaal aanbod op terrein van kennis met interactieve nascholing en uitwisseling versterking van effectieve soa/hiv-counseling bevorderen soa-bestrijding bij mensen met hiv doelmatige samenhang tussen Sense en de soa- en hiv-bestrijding toegepast kwaliteitsprofiel en visitatiereglement binnen GGD-soapoliklinieken

Vraaggestuurd advies en ondersteuning professionals

Vanuit zijn functie van kenniscentrum heeft het Programma Intermediairs ruim 140 adviezen verstrekt, per e- mail en telefonisch. De website voor professionals is periodiek geactualiseerd. De site wordt in toenemende mate bezocht, in 2009 was sprake van een stijging van 56 procent ten opzichte van 2008 (van 38.872 naar 61.020 bezoeken). In samenwerking met de beroepsgroep van dermatologen is de soa-diagnostiek en -behandelrichtlijn aangepast en zowel digitaal als in geplastif iceerde vorm beschikbaar gesteld. De richtlijn werd verspreid onder de lezers van het Tijdschrift Infectieziekten, het Soa Aids Magazine, het Tijdschrift Dermatologie en Veneorologie en alle GGD-soa-poliklinieken (totale oplage 21.000).

4.2

Nieuw Handboek Soa

Samen met het Landelijk Centrum Infectieziekten van het RIVM is het nieuwe Handboek Soa (onderdeel van Seksuele Gezondheid deel 1) ontwikkeld en uitgebracht. Dit lijvige naslagwerk voor professionals (485 pagina’s) is een bundeling van alle beschikbare ziektespecifieke richtlijnen, draaiboeken, achtergrondinformatie en verwijzingen op het terrein van de soa -bestrijding. Het Programma Intermediairs heeft vier nieuwe hoofdstukken geschreven rond de thema’s preventie, wetgeving en hulp bij het vinden van relevante digitale informatie. Tevens zijn bestaande onderdelen geredigeerd en geactualiseerd. De dvd ‘Motiverende Gespreksvoering in beeld’ is als training en oefenmateriaal in intensieve samenwerking met de gebruikers tot stand gekomen en gratis onder alle relevante instellingen en (oud-)cursisten verspreid. Het programmateam heeft zeventien artikelen gepubliceerd in diverse vakbladen voor professionals, tien lezingen en presentaties uitgevoerd en vier workshops gegeven. Tijdens diverse bijeenkomsten en congressen voor professionals heeft het programma informatie geleverd, veelal in de vorm van een stand of via een ander interactief aanbod van materialen en methodieken. 17


Rond diverse actuele soa-thema’s zijn via radio, televisie of geschreven media zestien interviews gegeven. Het programma levert een bijdrage aan diverse landelijke adviescommissies en stuurgroepen die de soabestrijding versterken en nieuwe thema’s verkennen of bewaken. (zie voor details de bijlage.) Op detacheringsbasis hebben twee programmamedewerkers activiteiten verricht bij het RIVM (Centrum Infectieziektebestrijding en Centrum Gezond Leven). Voor het Centrum Gezond Leven is gewerkt aan de samenstelling van het digitale Loket voor professionals, er is een schrijfwijzer ontwikkeld voor de redactieraad, waardoor de herziening van de verschillende gezondheidsthema's op structurele wijze is neergezet. Verder is binnen de Werkplaats Loket meege dacht over nieuwe en oude functionaliteiten van de site. Het Programma Intermediairs heeft de actualisering van de interventies van Soa Aids Nederland in de I-database gecoördineerd en ondersteund.

4.3

(Na)scholing GGD-soa-poliklinieken

GGD-soa-poliklinieken hebben een groter beroep gedaan op het scholingsaanbod van het programma dan in voorgaande jaren, vooral de vraag naar het versterken van counselvaardigheden door middel van motiverende gespreksvoering (MI, Motivational Interviewing is de internationale te rm) was groot. Onderzoeksresultaten (o.a. 'Doelmatige en effectieve counseling in de SOA-zorg' GGD Amsterdam 2004-2006) maken duidelijk dat deze methode effect sorteert. In 2009 zijn vier cursusgroepen met in totaal vijftig deelnemers gedurende drie dagen getraind (gemiddeld evaluatiecijfer: 8.1). 34 professionals die in voorafgaande jaren deze training hebben gevolgd zijn naar een opfrisdag gekomen (gemiddeld evaluatiecijfer 7.7). In vijf regio’s zijn zogenaamde MI-coaches actief om hun collega’s op de werkvloer te ondersteunen bij de toepassing van motiverende gespreksvoering in de dagelijkse praktijk. Soa Aids Nederland ondersteunt deze groep van elf coaches door training en het beschikbaarstellen van lesmaterialen. De organisatie van de Wereld Aids Conferentie 2010 in Wenen heeft het programma verzocht om de resultaten en ervaringen met deze methodiek in een workshop te presenteren. Voor startende professionals is er weer een introductiedag gegeven (n=7, evaluatie 8,3). De cursus ‘Reach Out!’, gericht op preventieve interventies is begin 2009 afgerond. Op grond van de evaluatie is in overleg met de beroepsgroep besloten deze cursus inhoudelijk te herzien en pas in 2010 opnieuw aan te bieden. Elke twee jaar organiseert Soa Aids Nederland samen met Schore n een Regio Idee dag bestemd voor uitwisseling van ideeën tussen de verschillende soa regio’s en het landelijk ondersteuningsaanbod. Deze studiedag is door ruim 80 professionals bezocht, men kon na het bijwonen van het plenaire deel een keuze maken uit zes verschillende workshops. De dag is erg positief geëvalueerd (gemiddeld cijfer: 8). Het traject rond visitatie van GGD-soa-poliklinieken, onderdeel van het eerder vastgestelde kwaliteitssysteem, is in 2009 opgestart. Het CBO heeft in opdracht van het CIb een groep visiteurs getraind. De opdrachtgever voor dit visitatietraject is GGD Nederland, de eerste visitatie heeft plaatsgevonden. Het programma maakt deel uit van de plenaire visitatiecommissie.

18


4.4

De hiv-behandelcentra

In overleg en samenwerking met de beroepsgroep van verpleegkundig consulenten hiv is het ondersteuningsaanbod gefocust op drie belangrijke thema’s: soa-bestrijding bij mensen met hiv, het versterken van counseling met behulp van motiverende gespreksvoering en het verhogen van kennis en vaardigheden op het terrein van seksuologische hulpverlening bij mensen met hiv. De vierdaagse cursus ‘Masterclass soa bij mensen met hiv’ is bezocht door vijftien verpleegkundig consulenten. Naast kennisoverdracht stond voor de deelnemers het verkennen van de praktische mogelijkheden om samen met de GGD binnen de eigen setting de soa-bestrijding te verbeteren. De evaluatie was positief met een gemiddelde score van 8. Twee groepen (n=18) volgden de driedaagse training counselen met motiverende gespreksvoering. Deze training werd met een ruime 8,5 beoordeeld. Uit de evaluatie bleek dat de deelnemers behoefte hadden aan een opfrisdag. Een deel van hen (n=7) volgde deze extra dag. In 2008 is de richtlijn Seksuologische hulpverlening bij mensen met hiv ontwikkeld. De bijbehorende vierdaagse training in 2009 is door vijf consulenten gevolgd en goed geëvalueerd. Er is een enquête gehouden onder de verpleegkundigen die in het jaar ervoor de training hebben gevolgd over implementatie van de richtlijn en hun behoeften aan nascholing op dit onderwerp. Op grond van deze input is er een verdiepingsdag aangeboden (n=15) met speciale aandacht voor culturele diversiteit, seksualiteit en hiv. In de evaluatie gaf men aan zeer tevreden te zijn (ruim 8,5).

4.5

Huisartsen

Huisartsen ne men tweederde van de soa-consulten voor hun rekening en zijn een belangrijke doelgroep voor het programma. Nascholing van huisartsen werd sinds 1994 verricht via het Netwerk Huisarts hiv/soa-consulenten, dat in 2009 dus vijftien jaar bestond. Per 1 decembe r 2009 is het netwerk, samen met de Stichting ter bevordering van de seksuologie in de huisartspraktijk, opgegaan in een nieuwe NHG HuisartsAdviesgroep Seksuele Gezondheid. Deze HuisartsAdvies Groep Seksuele gezondheid (SeksHAG) heeft ook een eigen website bij het NHG (www.sekshag.nl). In het afgelopen jaar schoolden de huisartsen van het netwerk meer dan 2.000 huisartsen na op dit gebied. Zo kregen zeventig universitaire huisartsopleiders een tweedaagse nascholing soa en seksualiteit, waarbij leeropdrachten en praktijkverbeterprojecten door middel van intervisie werden besproken. De cursus werd in de evaluatie als uitermate leerzaam en nuttig ervaren. 350 huisartsen in Rotterdam en Amsterdam kregen nascholing over hiv en seksueel overdraagbare infecties, hier was het evaluatiecijfer 4,13 (op een schaal van 1-5). De nascholing besteedt veel aandacht aan het actiever testen op hiv door huisartsen. Nu in de soa-poliklinieken het routinematige testen op hiv goeddeels praktijk is, is het des te belangrijker dat doel- en risicogroepen die hier niet komen, wel proactief door de huisarts worden benaderd als zij voor een consult komen. Ook in het debat over seksuele gezondheid onder MSM op Roze Zaterdag in Den Haag, en in het art ikel in Medisch Contact 'hiv over het hoofd gezien' kwam dit onderwerp uitvoerig ter sprake. In samenwerking met het stadsdeel Zuidoost, Zorgverzekeraar AGIS en drie gezondheidscentra in Amsterdam is het pilotproject ‘Better Safe than Sorry’ van start gegaan. Het Programma Intermediairs traint acht doktersassistenten in het houden van een spreekuur seksuele gezondheid, waarvan soa -preventie bij jongeren een onderdeel is.

19


De actualisering van de huisartsenstandaard soa-consult is door het NHG nog niet ter hand genomen, ondanks het ondersteuningsaanbod.

4.6

Analyse van resultaten

In 2009 zijn er meer professionals getraind en nageschoold dan in 2008. De deelnemers zijn zeer tevreden over het niveau en de bruikbaarheid ervan in hun dagelijkse praktijk. Het bezoek aan de website voor professionals is sterk gestegen. Op cruciale onderdelen van de soa-bestrijding is vooruitgang geboekt: het percentage bezoekers van soa-poliklinieken dat getest is op hiv is gestegen van 56 procent in 2004 naar meer dan negentig procent in 2009. De randvoorwaarden voor implementatie van effectieve counseling, zoals periodieke intervisie door counselcoaches, zijn nadrukkelijker in beeld dan voorheen. Op het gebied van diagnostiek en behandeling zijn de multidisciplinaire richtlijnen samengebracht in het Handboek Soa. Ten aanzien van huisartsenzorg en ontwikkeling in de eerstelijnsgezondheidszorg zijn belangrijke stappen gezet. Met de oprichting van de NHG Huisarts Advies Groep Seksuele Gezondheid - de Expertgroep soa, hiv en seksualiteit - is het geïntegreerde domein van seksuele gezondheid en soa zorg nadrukkelijker in beeld bij de beroepsgroep. Dat betekent zeker niet dat we er al zijn. Het verbeteren van de kwaliteit van de soa-zorg, en duurzaam implementeren van veranderingen in de praktijk, blijft moeilijk. Zo verbetert het voorschrijfgedrag van huisartsen bij gonorroe maar langzaam: jaarlijks groeit het aantal artsen dat de nieuwe richtlijn hanteert met zo’n 10 procent. Nog steeds kent zo’n veertig procent van de mensen met hiv in Nederland zijn hiv-status niet (schatting van Stichting Hiv-monitoring) en wordt er in de zorg te weinig gebruik gemaakt van de momenten waarop preventie en testen aandacht zouden kunnen krijgen. Kwaliteitsverbetering vereist voortdurende aandacht, onderhoud en vernieuw ing, en is feitelijk nooit voltooid. Het programma was van plan de barrières voor implementatie in kaart te brengen, in samenwerking met onderzoekers. Door de personele wisseling binnen het team, die aandacht en tijd vergde voor inwerken, is dit maar beperkt gelukt. Ook de aandacht voor professionals die medische zorg aan asielzoekers verlenen is dit jaar onvoldoende geweest. Dit heeft deels te maken met de gewijzigde zorgstructuur voor asielzoekers: de curatie is ondergebracht bij een zorgve rzekeraar en de preventie - in zeer afgeslankte vorm - bij GGD'en. Het ondersteuningspakket dat het programma in het verleden heeft ontwikkeld kan helaas in deze overgangssituatie, die gepaard gaat met versnippering en bezuiniging, onvoldoende worden gebru ikt.

4.7

Evaluatie

In de toekomst zal het programma doorgaan met het bieden van deskundigheidsbevordering aan professionals. De nadruk ligt op het ABC van de soa-zorgverlening: Actiever testen, Beter Behandelen en effectiever Counselen. Hierbij zal meer gebruik worden gemaakt van internet en e-learning en zullen de mogelijkheden voor een meer interactieve site voor professionals worden nagegaan, bijvoorbeeld met vraag en antwoord-rubrieken, PODcast en/of PROFChats. De samenwerking op belangrijke deelterreinen met het CIb en het CGL zal worden versterkt in het belang van samenhang en efficiency van de soa bestrijding zowel curatief als preventief. Naar verwachting zal de eerste lijns gezondheidszorg een belangrijkere rol toebedeeld krijgen bij het actiever opspo ren en behandelen van soa en hiv, met

20


meer aandacht voor seksuele gezondheid, zeker in achterstandswijken. Ook dat vergt een gepast en geïntegreerd aanbod.

4.8

Chlamydia Screening Implementatie (CSI)

Het CSI-project is een samenwerkingproject van Soa Aids Nederland, GGD Amsterdam, GGD Rotterdam- Rijnmond, GGD Zuid Limburg en RIVM. Het beoogt primair het starten van een selectieve systematische chlamydiascreening en secundair het bepalen van de haalbaarheid, effectiviteit en kosteneffectiviteit hiervan. Dit project is innovatief en uniek in Europa en de resultaten zijn bepalend voor het wel of niet uitrollen van screening op chlamydia in Nederland. Activite iten In twee rondes (2008/2009 en 2009/2010) worden – per ronde - ongeveer 300.000 16 tot 29-jarigen uitgenodigd om deel te nemen aan een screening. Hierbij wordt gebruik gemaakt van internet, e-mail en sms. Een testkit, informatie, instructievideo’s en laboratoriumresultaten zijn beschikbaar via internet. Hiervoor worden persoonlijke ID-nummers en wachtwoorden gebruikt. De uitnodigingsbrieven worden door de GGD Amsterdam, GGD RotterdamRijnmond en GGD Zuid-Limburg verstuurd. In Amsterdam is een deel van de brieven (4 procent) via de huisarts verstuurd. In Amsterdam zijn in de eerste screeningronde 140.033 jonge ren uitgenodigd, in Rotterdam 107.873 en in ZuidLimburg 13.147 jongeren. Resultate n Er werden in de eerste uitnodigingsronde 52.347 testpakketten aangevraagd. In totaal zijn 41.029 (78 procent) van de aangevraagde pakketten ingestuurd voor een chlamydiatest. In de eerste screeningsronde zijn in totaal 1733 chlamydiainfecties opgespoord. De deelnemers zijn over het algemeen zeer tevreden over de manier van testen en deelname via internet. In de screening worden chlamydia-infecties net zo vaak vastgesteld bij mannen als bij vrouwen, vrouwen participeren echter vaker. Jongeren onder de 20 jaar doen minder vaak mee, waarbij vaak het nog niet seksueel actief zijn een belangrijke rol speelt. Meisjes hebben vaker chlamydia op jongere leeftijd. Voor deelname aan de screening is toegang tot internet vereist; dit blijkt vrijwel geen barrière te zijn. In maart en juni werd de pers benaderd, het project heeft veel media-aandacht gekregen. In November ontving het project de Spider Award, een prijs voor innovatieve en doelmatige ICTprojecten. In 2010 wordt het tweede screeningsjaar afgerond. Analyse van de resultate n Een procesevaluatie en effectiviteitsanalyse worden uitgevoerd door het RIVM. Financ iering Het implementatieproject wordt gefinancierd door ZonMw (2.3 miljoen euro per jaar), het onderzoeksproject wordt separaat door het RIVM gef inancierd. Toe komst In 2010 start een interim-screeningsronde terwijl de resultaten van de eerste screeningsrondes worden geanalyseerd en de kosten-effectiviteitsstudie wordt afgerond. Afhankelijk van de resultaten van deze pilot zal een beslissing worden genomen over het invoeren van een nationale chlamydiascreening.

21


5.

Programma Etnische Minderheden

Terwijl etnische minderheden slechts 20 procent van de Nederlandse bevolking uit maken, hoort ruim 40 procent van de hiv-geïnfecteerden in Nederland tot deze groepen. Het Programma Etnische Minderheden werkt bij de bestrijding van hiv en soa’s same n met de diverse gemeenschappen, zelforganisaties van etnische minderheden en professionals die met etnische minderheden te maken hebben. De belangrijkste publieksdoelgroepen zijn etnische minderheden afkomstig uit Afrika ten zuiden van de Sahara, het Midden-Oosten en Noord-Afrika, en het Caraïbisch gebied. Van professionals in de gezondheidszorg zijn voor het programma vooral GGD- medewerkers, huisartsen, verpleegkundig specialisten hiv en aids, medewerkers van penitentiaire inrichtingen en sociaalverpleegkundigen van belang. Beoogde doelen in 2009:  Verminderen van de soa- en hiv-prevalentie onder etnische minderheden door voorlichting  Helpen verminderen van stigma en taboes ten opzichte van mensen met hiv in de gemeenschappen van etnische minderheden  Toename van het aantal migranten dat de hiv-status kent  Bereiken van gemeenschappen die niet eerder bereikt werden en implementeren van bewezen effectieve strategieën  Documenteren van seksueel risicogedrag onder etnische minderheden Met uitzondering van de laatste, zijn de doelstellingen onderling zeer nauw met elkaar verbonden. In de praktijk van het Programma Etnische Minderheden worden de doelstellingen integraal nagestreefd. Hieronder zijn de diverse activiteiten in het kader van de eerste vier doelen dan ook niet per separate doelstelling geordend.

Een gevoelig verlies: He rman Schaa lma overlede n Het programma leed met het plotseling overlijden op 23 juli 2009 van Herman Schaalma, hoogleraar aidspreventie aan de Universiteit Maastricht, een gevoelig verlies. Binnen zijn leerstoel aidspreventie richtte Herman Schaalma zich onder andere op migranten en Nederlanders van niet -westerse afkomst. Hij was zeer gedreven en zag altijd mogelijkheden. Zijn kenmerkende aanpak, namelijk het direct betrekken van de doelgroepen bij het ontwikkelen van interventies zal, ook door het Programma Etnische Minderheden, worden voortgezet.

5.1

Voorlichting en condoomdistributie bij grote culturele evenementen

Nog steeds heeft de hiv- en soa-bestrijding bij etnische minderheden te maken met het taboe op praten over seks (en seks tussen mensen van het zelfde geslacht), seksueel overdraagbare ziektes en met de stigmatisering van mensen die door hiv worden getroffen. Het Programma Etnische Minderheden was daarom ook in 2009 weer prominent aanwezig bij culturele evenementen als het jaarlijkse Zomer Carnaval in Rotterdam (900.000 bezoekers), Afrique-Carib Festival (3.000 bezoekers), het Roots Festival in Amsterdam (60.000 bezoekers), Face of Ghana (3.000 bezoekers) en Kings and Queens (3.000 bezoekers). Tijdens deze bijeenkomsten zijn er diverse materialen onder de bezoeke rs verspreid: de speciaal voor de doelgroep ontworpen condoompakketjes Sakeena en Safe Love Making, de Life2Live nieuwsbrief en promotiematerialen (pennen en t-shirts) voor de nieuwe Engelstalige website www.life2live.nl (zie hieronder). 22


5.2

Samenwerking met media voor etnische groepen

Er werd in 2009 opnieuw gebruik gemaakt van eerder samengesteld materiaal als de films Salama, True Love, Faja Lobi en Behind the Wall of Silence. De samenwerking met mediakanalen voor migranten werd voortgezet: in de aanloop naar Wereld Aids Dag werd vanaf medio november tot medio december door SALTO 2 een Time with Soa Aids Nederland on GAM TV gehouden, waarin diverse van genoemde films werden uitgezonden, begeleid door korte discussies.

5.3

Voorlichting en kennisoverdracht: het Vierde Jaarlijkse Etnische Minderheden Congres

Naast het gebruik maken van goed bezochte culturele evenementen die toch al op de agenda staan van etnische minderheden, organiseert het Programma Etnische Minderheden ook zelf activiteiten gericht op agendasett ing en het uit de taboesfeer halen van soa’s en hiv. In 2009 was een belangrijk voorbeeld hiervan het Vierde Programma Etnische Minderheden Congres (in samenwerking met Pharos), dat zeer goed werd bezocht. De conferentie werd geopend door Elvira Sweet, voorzitter van Stadsdeel Zuidoost. De 184 bezoekers (20 procent meer dan verwacht) werden geïnformeerd over thema's als aids en migratie, epidemiologie, en hiv en religie. Het congres is van groot belang voor de agendasetting van soa’s, hiv en seksuele gezondheid binnen etnische minderheden, maar vervult ook een belangrijke rol voor het netwerken: opiniemakers en religieuze leiders vanuit de gemeenschappen komen in contact met elkaar en met de zelforganisaties en ngo's uit het veld. De workshop over religie en soa en hiv werd zeer goed bezocht, een teken dat het thema levendige belangstelling geniet, zowel van de publieksdoelgroepen als van de professionals.

5.4

Laat je testen en meer: Life2live.nl

Kennis van de hiv-status is belangrijk, zowel op individueel nivea u (mogelijkheid van behandeling) als op maatschappelijk niveau (voorkómen van nieuwe hiv infecties). De Engelstalige website www.life2live.nl ging in 2009 online en informeert bezoekers over alle aspecten van de problematiek, van epidemiologie tot het juiste gebruik van condooms. De bezoeker wordt ook gewezen op het belang van vroegtijdige kennis van de hiv-status. De website bevat testimonials van mensen met hiv, en informeert over de activiteiten van het programma, zoals bijvoorbeeld de Kitchen Tea Parties (zie hieronder). Maar de bezoeker kan ook kennisnemen van de uitgangspunten van het regeringsbeleid voor seksuele gezondheid; de speech van staatssecretaris Jet Bussemaker van VWS hierover is in het Engels te lezen. Zij praat onder meer over loverboys en seksueel geweld, de autonomie van de persoon en de hulp waarop individuen met seksuele problemen moeten kunnen rekenen. Verder wordt de bezoeker doorverwezen naar testplaatsen en hulpverleningsorganisaties. De site had van mei tot december ruim 4.000 bezoekers. Na culturele evenementen waarbij het Programma Etnische Minderheden aanwezig was, viel een duidelijke groei in het aantal bezoekers te constateren. Het is moeilijk een stijging van het aantal hiv-testen binnen etnische minderheden terug te voeren op de activiteiten van het programma, omdat er op dit terrein ook andere partijen actief zijn, en de keuze van het individu van een veelheid van factoren afhangt. Wel kan het groeiende aantal aanvragen voor speciaal voor de doelgroepen ontwikkelde condoompakketten (gezamenlijke GGD’en bestelden er 38.600, en er werden er tijdens bijeenkomsten door het programma zelf 15.000 uitgedeeld) beschouwd worden als een teken van een 23


groeiend besef van noodzaak van veilig vrijen en aandacht voor de problematiek van hiv en soa’s binnen migrantengroepen. De Nieuwsbrief Life2live, die een belangrijk promotie-instrument is voor de site, verscheen in 2009 3 maal.

5.5

Moeilijk bereikbare gemeenschappen, implementeren van evidence-based strategieën

Asielzoe ke rs Sinds een aantal jaren wordt voor de preventie van soa’s en hiv onder asielzoekers gebruik gemaakt van een methode die door de Asylum Seekers and Refugees Aids Group (ASERAG). Bij deze ASERAG- methode staat de betrokkenheid en inzet van asielzoekers als zogenoemde peer educators zelf centraal. Een groot aantal asielzoekers met een actieve rol in de preventie en professionals zijn getraind in deze methode en hebben er vol enthousiasme mee gewerkt. Doordat lotgenoten zich goed kunnen verplaatsen in de doelgroep, worden meer asielzoekers bereikt en wordt de boodschap makkelijk overgedragen. Er wordt hard gewerkt aan het breder implementeren van deze methode: in meer regio’s, maar ook bredere toepassing van de methode op andere gezondheidsthema’s. De methode is in 2007 uitgebreid geëvalueerd en effectief bevonden. Ook in 2009 werden weer diverse activiteiten uitgevoerd onder asielzoekers met gebruik van het ASERAG- methode: zo zijn er 75 nieuwe peer educators getraind, zestien theatervoorstellingen uitgevoerd, twaalf informatiemarkten over soa’s en hiv gehouden, bijeenkomsten voor diverse taalgroepen, zoals Arabisch-, Frans-, en Engelstaligen gehouden; tien bijeenkomsten alleen voor vrouwen, voorlichting door peers in een leescafé of recreatieruimte (tien keer in drie regio’s) en bingoavonden met COAmedewerkers. De kwaliteit en de continuïteit van deze methode en activiteiten wordt ernstig bedreigd door het verdw ijnen van de MOA. De MOA vulde het werk van de ASERAG-peers aan met de noodzakelijke medische kennis. Medewerkers Publieke Gezondheidszorg Asielzoekers hebben voor dit werk nu veel minder uren beschikbaar.

5.6

Kitchen Tea Parties

Een andere methodiek die zijn nut bewezen heeft is de laagdrempelige informele bijeenkomst waarbij terloops thema's als seksualiteit en soa aan de orde worden gesteld, binnen een vertrouwde culturele context. Het concept is gebaseerd op een interventie-idee van Bertens (2008 – Uma Tori) om Af rikanen te helpen hun kennis over bestaande en alternatieve houdingen ten opzichte van mensen met hiv te vergroten. Hoe nodig dit is was gebleken uit het hiv-stigma onderzoek (Stutterheim et. all., 2008). Er wordt tijdens de parties over soa/hiv-preventie, stigmatisering en taboe gediscussieerd, vooral vanuit het perspectief van migranten in Nederland. Wat is stigma, discriminatie en taboe, hoe kun je wel, en hoe niet met hiv en andere soa geïnfecteerd raken? Waar kun je je laten testen, waar kun je soa/hiv behandeling krijgen? Hoe kun je jezelf beschermen? Hoe gebruik je een condoom? Speciale aandacht wordt besteed aan het stereotypische beeld dat veel participanten hebben van mensen met hiv of soa. Dit in verband met een bekend fenomeen: het beschuldigen en isoleren van de geïnfecteerde. In 2009 zijn er op diverse plaatsen in Nederland zeven Kitchen Tea Parties gehouden, vijf voor Afrikaanse vrouwen en twee voor Afrikaanse mannen. Bij de uitvoering wordt meestal samengewerkt met de lokale GGD. Uit de evaluatie bleek een hoge waardering van zowel de facilitators als de participanten. De 24


betrokkenheid van de GGD wo rdt door deelnemers hoog gewaardeerd, en zij stelden tevens vast vrijelijk over seksualiteit te hebben gesproken, wat zij anders niet gewend waren. Ook was hun het belang van vroegtijdig testen, en van het niet discrimineren van mensen met hiv of een andere soa, duidelijk geworden. De Kitchen Tea Parties worden gefinancierd door GGD Rotterdam, (â‚Ź 40.000,-) als onderdeel van het project Hiv-stigma en taboe. Overige partners in dit project zijn GGD Groningen, GGD Amsterdam en GGD Rotterdam. Het Aids Fonds financiert het project, GGD Rotterdam is penningmeester. Het totale budget voor het project is â‚Ź 300.000. Doc umente ren van se ksuee l risicogedrag onder etnische minderhede n Aan dit beoogde doel is in 2009 aandacht besteed, hoewel niet in de mate die was voorgenomen. In 2009 zijn voorbereidingen getroffen voor de onderzoekspilot Transactional Sex among Ethnic Minorities in the Netherlands, in consultatie met het Programma Prostitutie en Radboud Universiteit Nijmegen. Een vragenlijst is samengesteld en gepretest. Een onderzoek onder 34 sekswerkers uit etnische minderheden is vanwege personeelstekort verschoven naar 2010. Aanleiding voor dit onderzoek was een indicator van het seksueel risicogedrag van etnische minderheden, onder w ie een relatief groot aantal abortussen gepleegd wordt.

5.7

Analyse van resultaten

Afgezien van evaluaties van deelnemers aan activiteiten als de Kitchen Tea Parties en en het Etnische Minderheden Congres zijn in 2009 geen evaluatieactiviteiten uitgevoerd. Hiervoor is wel een planning gemaakt; evaluatie-instrumenten zullen vanaf 2010 ingezet worden. Toch kan wel iets gezegd worden over de resultaten van de werkzaamheden van het programma. De zichtbaarheid en actieve betrokkenheid van etnische minderheden op soa preventiefora is zichtbaar t oegenomen sinds de start van het programma. De inzet van een pluriform scala van instrumenten, van het organiseren van Kitchen Tea Parties, het samenstellen van folder- en ander informatiemateriaal, het ontwerpen en onderhouden van de website life2live, tot het organiseren van het jaarlijks congres en aanvullende acties als het Holy Sex-project (zie onder) brengt weliswaar veel werk met zich mee, maar lijkt een steeds diversere groep van etnische minderheden te bereiken. Hoewel er dus (nog) geen systematisc he evaluatie van alle activiteiten heeft plaatsgevonden, kan gesteld worden dat deze aanpak werkt. Dit blijkt onder meer uit mondelinge positieve respons van collega-organisaties als Pharos, Rutgers Nisso Groep, Stichting MARA, Oxfam Novib (E- motive) en Sc horer, en de enthousiaste betrokkenheid van veel GGD'en. De nieuwe website life2live.nl moet grote groepen Engelssprekende mensen uit etnische minderheden (gaan) bereiken. Het redactioneel bijhouden van de site verloopt volgens plan, er is wel een marketingstrategie nodig om meer bezoekers te werven. Het aantal abonnees op de nieuwsbrief life2live stijgt. De stijgende vraag naar de speciale condoompaketten Sakeena and Safe Love Making van intermediairs en doelgroep zijn indicatief voor een groeiend bewustzijn binnen etnische groepen ten aanzien van veilig vrijen. 2009 was een succesvol jaar voor het bereiken van religieuze groepen, zowel christenen als moslims (zie afzonderlijke projecten).

5.8

Holy Sex Project

Dit project ontstond naar aanleiding van beric hten over zogenaamde hiv- en homo-healings in sommige christelijke kerkgemeenschappen van etnische 25


minderheden. De leiders van deze kerkgemeenschappen hebben bij de navolgers grote invloed. Deze religieuze leiders hebben vaak uitgesproken meningen over (veilig) vrijen, homoseksualiteit, geweld binnen relaties, ongeplande en ongew ild zwangerschappen, het gebruik van voorbehoedmiddelen en het laten testen op soa/hiv. Onder de uitdagende titel 'Holy Sex' heeft het Programma Etnische Minderheden daarom actief pastores en kerkgangers benaderd om met hen in gesprek te gaan over deze gevoelige thema's. Het project (kosten: € 67.395) werd gefinancierd uit aanvullende middelen die door het ministerie van VWS in het kader van het coalitie-akkoord beschikbaar waren gesteld om op het gebied van seksuele gezondheid bijzondere aandacht te geven aan voorlichting aan allochtonen. Dr. Sanne Derks, docent psychologie en culturele antropologie aan de Radboud Universiteit, stelde in samenwerking met programmaleider Iris Shiripinda het boekje Holy Sex samen, waarin kerkleiders en kerkgangers aan het woord komen. Het boekje (plus de cd ‘Live Your Life As Gold ’) is niet bedoeld om (meningen van) kerkleiders en hun volgelingen te veroordelen, maar om een discussie aan te gaan met deze christelijke gemeenschappen. Het boekje bevat een aanbeveling van Erika Feenstra, adviseur migrantenkerken van Het Kerkhuis van de Protestantse Diaconie Amsterdam. Een ander onderdeel van het Holy Sex-project was de bijeenkomst onder leiding van stadsdeelvoorzitter Amsterdam Zuidoost Elvira Sweet, in samenwerking met de gemeente Amsterdam, homobelangenorganisatie COC, meer dan 25 religieuze leiders en professionals uit de preventie en curatie van soa’s. GGD Den Haag heeft zelf twee bijeenkomsten georganiseerd, één met religieuze leiders en Soa Aids Nederland, een tweede voor de promotie van het Holy Sex-boekje en cd. Het oorspronkelijke doel, 30.000 boek/cd-paketten te produceren moest vanwege te hoge kosten worden bijgesteld. Er zijn 10.000 exemplaren geproduceerd, waarvan een groot deel in december 2009 werd gedistribueerd. Het project kwam tot stand met medewerking van Het Kerkhuis, de Radboud Universiteit Nijmegen, 30 religieuze en andere leiders, de bekende gospelvocalist Dwight Dissels, GGD'en en het Programma Etnische Minderheden.

5.9

Positive Muslims

Christelijke kerken in Amsterdam Zuidoost zijn bepaald niet de enige religieuze instellingen waar meningen worden verkondigd over seksualiteit en seksuele diversiteit en de relaties tussen man en vrouw die een effectieve voorlichting over soa en hiv bemoeilijken. Ook in de moslimgemeenschap moet op dit gebied nog veel werk worden verzet. Het Programma Etnische Minderheden stelde in 2009 een werkboek Hiv, Aids en Islam samen, in het Engels en het Nederla nds. Het is een moslimvriendelijk en toegankelijk trainingshandboek voor het bespreken van soa/hiv en seksualiteit met moslims, voor gebruik door professionals en gemeenschapsleiders in Nederland. Het trainingshandboek is onder veel aandacht vanuit de doe lgroep en professionals in Amsterdam gelanceerd tijdens een Iftar (zo heet de maaltijd die tijdens de Ramadan direct na zonsondergang wordt gebruikt), in samenwerking met E-motive (project in het kader van omgekeerde ontwikkelingshulp van Oxfam Novib) en de Ramadan Festival organisatie. Honderd exemplaren van het werkboek zijn sinds het verschijnen besteld door professionals die met de doelgroep werken. Daarnaast zijn er ook voorlichtingsbijeenkomsten over seksuele gezondheid en soa/hiv-preventie gehouden voor Turkse en Marokaanse vrouwen, die meestal geen deel willen nemen aan zulke bijeenkomsten. Speciaal getrainde moslima's wisten de vrouwen over te halen. De bijeenkomsten zijn in Den Haag en Rotterdam georganiseerd in samenwerking met lokale GGD'en. Een van de 26


getrainde moslima's nam deel aan een debat over religie en soa/preventie tijdens het Dertiende Nationaal Congres Soa* Hiv*Seks. De Zuidelijke partners van het programma, die hebben geholpen bij het samenstellen van het handboek, waren bij alle bijeenkomsten aanwezig. Oxfam Novib E-Motive rekent Positive Muslims en Soa Aids Nederland tot een van hun topprojecten. Evaluatie Dit project is een groot succes, door de innovatieve manier om de moslimdoelgroep te bereiken en vanwegen de potentieĂŤle toepassingsmogelijkheden die het project heeft voor andere doelgroepen. Daarnaast is er samengewerkt met bekende partners die ook nuttig zullen zijn voor de toekomst. Het programma wordt steeds vaker benaderd voor voorlichtingsmateriaal en condooms. Het handboek is inmiddels in herdruk, net als het affiche met een moslima en een boodschap over veilig vrijen en vroegtijdig testen (Hiv kent geen religie). Financ iering Oxfam Novib heeft â‚Ź 18.000 bijgedragen, Soa Aids Nederland manuren ter waarde van eenzelfde bedrag.

27


6.

Programma Prostitutie

Het programma Prostitutie bevordert de seksuele gezondheid van sekswerkers door voorlichting, methodiekontwikkeling en beleidsbeïnvloeding. Naast (de organisaties van) sekswerkers zijn hun klanten, de exploitanten van seksinrichtingen, GGD'en, lokaal en landelijk bestuur en de politiek belangrijke doelgroepen. Binnen deze algemene taakstelling golden voor 2009 de volgende doelstelling en:  Ontwikkelen en inzetten van effectieve soa- en hiv-preventie methodieken  Positieverbetering van sekswerkers, zodat zij keuzes kunnen maken voor veilig werken  Ondersteuning van de regio’s met methodieken, materialen en overdracht van kennis en vaardigheden  Beleidsbeïnvloeding op lokaal en nationaal niveau  Inzet van Nederlandse deskundigheid in het buitenland

6.1

Inzet van effectieve soa- en hiv-preventiemethodieken

In 2009 is extra aandacht besteed aan het bereiken van klanten in zowel seksinrichtingen als op tippelzones. Er zijn acht klantenacties uitgevoerd op diverse tippelzones in het land. Van alle beschreven klantenacties in Nederland en daarbuiten is een analyse gemaakt. Uit de analyse blijkt dat klantenacties niet voldoende worden gedocumenteerd om daarover een uitspraak over te doen. Internationaal is er weinig over gepubliceerd. De brochure Sex, Work & Health, die beschikbaar is in dertien talen, is door GGD’en positief ontvangen, zowel wat betreft de inhoud als de vormgeving. Er zijn 4.600 brochures aangevraagd door vijftien GGD'en en instellingen. Van de tasjes voor startende prostituees, in het Engels en Nederlands, zijn bijna 600 stuks afgenomen. Voor het HepB programma, is, in afstemming met het RIVM, een kort filmpje ontwikkeld over de vaccinatie tegen hepatitis B en soa-controle op de werkplek. Dit filmpje is beschikbaar in zes talen en kan op portable dvdspelers getoond worden in seksinrichtingen. De GGD'en hebben het filmpje goed ontvangen. Tijdens veldwerk is gebleken dat het zichtbaar kunnen maken van een soacontrole op de werkplek de angst voor het onbekende weg neemt bij prostituees. Er is tevens een overeenkomst gesloten met dertig chaffeurs van escortbureaus, die in de auto een aangepaste tas met informatie over HepB en andere soa’s beschikbaar hebben. Er deden meer escortbureaus mee aan het project dan gepland. Er wordt herhaaldelijk om materialen gevraagd om de tassen opnieuw te vullen. Ook hier kan van een succces worden gesproken.

6.2

Kennisoverdracht en ondersteuning regio's

Voor GGD’en en Prostitutie Maatschappelijk Werk is in januari in Amsterdam een verkenningsdag georganiseerd. Het seksuele gezondheidsprogramma voor jongeren Sense is niet in het bijzonder op prostitutie gericht, daarom werd een eerder voorgenomen training o mgezet in deze activiteit. 46 medewerkers bezochten het Gezondheidscentrum P&G292, liepen over de Wallen, namen een kijkje in een peeskamertje en kregen een intensieve workshop bij De Condomerie.

28


Naast de regiobezoeken van de landelijke preventieprogramma’s heeft het prostitutieprogramma zelf nog twaalf regio’s bezocht en met spreekuren en veldwerkactiviteiten meegedraaid. Ook heeft het programma drie verpleegkundigen begeleid bij het leren kennen van de ins en outs van het prostitutieveld, inclusief alle ketenpartners. De Voorlichters in de Prostitutie (VIP-ers) hebben een succesvolle trainingsdag afgerond bij Soa Aids Nederland, waarin bijscholing van kennis op het gebied van soa en het gebruik van internet de belangrijkste speerpunten waren. Op één na bezoeken alle GGD'en prostituees nu op de werkplek voor soa preventie. Een groot deel van de GGD’en voert ook soa-onderzoeken uit op de werkplek; een aantal GGD’en combineren soa-preventie op een aparte locatie met prostitutie maatschappelijk werk. De training voor de artsen van de tippelzones is verschoven en heeft in de eerste maand van 2010 plaatsgevonden. De training bracht nieuwe inzichten naar boven, gaf de artsen de mogelijkheid om casussen gezamenlijk te bespreken en voor Soa Aids Nederland om het beleid op de tippelzones onder de loep te nemen. Het voorgenomen onderzoek in samenwerking met de GGD Rotterdam heeft niet plaatsgevonden, omdat de prioriteiten, onder in verband met het Wetsvoorstel regulering prostitutie, elders kwam te liggen. Hoewel het onderzoek naar mannen in de prostitutie niet heeft plaatsgevonden, is het Vlaam-Nederlands netwerk acht keer bijeengekomen, wat heeft geleid tot het organiseren van een expert meeting begin 2010 waarin een kleinschalig onderzoek naar de aard en omvang van mannenprostitutie in de regio Den Haag gepresenteerd zal worden. Het intensiveren van veldwerk activiteiten bij GGD’en kan nog een impuls gebruiken. In verschillende landen waar Soa Aids Nederland mee samenwerkt worden mobiele medische ‘campers’ ingezet om de doelgroepen te bereiken. Het prostitutieprogramma wil onderzoeken of die ook in Nederland inzetbaar zijn. Ook zullen brochures worden ontwikkeld die GGD'en zelf kunnen downloaden en printen.

6.3

Websites

De rol van internet wordt steeds groter. Dat geldt voor de informatievoorziening aan sekswerkers (en hun klanten) door het Programma Prostitutie. Maar de mogelijkheden voor sekswerkers zelf om via internet en andere media klanten te werven groeien ook nog voortuurend. De GGD'en signaleren dat het moeilijk blijft escorts te bereiken. Het programma zal met zijn partners op zoek moeten naar goede digitale vindplaatsen en aansluiting vinden bij escort bureaus. Het programma heeft een overzicht gemaakt van alle relevante aanbieders van Nederlandstalige websites waarop monitoring zal plaatsvinden. Met twee aanbieders zijn afspraken te maken om een soa-hoekje op de fora te plaatsen. Bij de vernieuwde website www.prostitutie.nl is in 2009 samengewerkt met het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid. In de website is het onderdeeel goedgeregeldprostitutie.nl geïntegreerd, die sekwerkers in het Nederlands, Engels en Spaans informeert over allerlei arbeidsrechtelijke aspecten van hun werk. 29


www.prostitutie.nl had in 2009 meer dan 80.000 bezoekers. Het soa-hoekje op de klantensite hookers.nl blijft goed bezocht met zo’n 1.500 bezoekers per dag, dus 380.000 per jaar. Het anoniem - en dus laagdrempelig - benaderen van klanten, zoals via Hookers.nl blijkt een werkzame methode. In 2010 wordt deze methode uitgebreid met een chatservice. Via hookers.nl zijn 140 privéberichten ontvangen, die binnen de gestelde termijn van twee werkdagen zijn beantwoord. Via andere websites van het programma zijn nog zo’n honderd vragen beantwoord. De polls zijn door 1.540 bezoekers ingevuld. Belgische partnerorganisaties zijn door het programma begeleiden bij het opzetten van een website.

6.4

Beleidsbeïnvloeding en positieverbetering sekswerkers

Wet- en regelgeving hebben voor de positie van sekswerkers vaak grote gevolgen. De opheffing van het bordeelverbod, bijvoorbeeld, heeft niet tot een positieverbetering van sekswerkers geleid, integendeel. Het beïnvloeden van beleid heeft dus prioriteit. Het prostitutie programma van Soa Aids Nederland, is naast de Rode Draad het enige landelijke programma dat opkomt voor de rechten en plichten van prostituees. Met het aanstellen in 2009 van een beleidsmedewerker is het Programma Prostitutie beter uitgerust voor het uitvoeren van deze taak. Het hele jaar heeft het programma met het ministerie van Justitie gewerkt aan een samenwerkingstraject met als doel de Regeling Uitstapprogramma’s van Prostituees vanuit Soa Aids Nederland te ondersteunen. Uiteindelijk bleken de doelstellingen van beide partijen te ver uiteen te liggen om tot een effectieve samenwerking te komen. 2009 stond verder vooral in het teken van het wetsvoorstel Regulering Prostitutie. Soa Aids Nederland is van mening dat het wetsvoorstel te veel focust op handhaving, en te weinig op positieverbetering van de sekswerkers. He t repressieve politieke klimaat baart het programma zorgen. Om controle op de mensenhandel in de prostitutiebranche te krijgen worden handhavinginstrumenten ingezet die niet altijd ten goede komen aan de sekswerkers zelf. De overheid biedt weinig steun aan preventieve maatregelen en goede informatieverstrekking aan prostituees, klanten en exploitanten. Het blijven werken aan een veilige en gezonde werkomgeving voor sekswerkers zal in de komende jaren een uitdaging blijven. Het huidige wetsvoorstel zorgt al voor onrust onder de doelgroep. Veel prostituees kiezen, soms noodgedwongen, voor een meer anonieme vorm van werk. Sinds de opheffing van het bordeelverbod is het aantal seksinrichtingen verminderd met ruim 600. Deze relatief makkelijke vindplaatsen hebben plaatsgemaakt voor het adverteren via internet en het aanbieden van diensten via huis of hotel. Om op de negatieve gevolgen van het westvoorstel te wijzen heeft het programma - in samenwerking met het Aids Fonds, de Rode Draad, Comensha (expertisecentrum mensenhandel), ICRSS (internationaal netwerk voor de rechten van sekswerkers), Humanitas, en HVO Querido een politiek ontbijt georganiseerd met Tweede Kamerleden en het maatschappelijk middenveld. Dit ontbijt heeft geleid tot een Kamerdebat in december 20 09 over dit onderwerp. Voor dit debat is het programma als expert geconsulteerd.

6.5

Analyse en evaluatie

In de informatievoorziening aan sekswerkers en hun klanten spelen websites een steeds grotere rol, hoewel ook schriftelijk materiaal nodig zal blijven. Op beide

30


terrreinen zal het programma actief blijven zoeken naar nieuwe en effectieve methodieken. De samenwerking met GGD'en verloopt goed; vrijwel alle GGD'en hebben inmiddels een soa-spreekuur prostitutie ingevoerd. Soa Aids Nederland heeft zich in 2009 nadrukkelijk gepresenteerd als gesprekspartner en adviseur voor 'de politiek', waarbij het opkomen voor positieverbetering van sekswerkers steeds het uitgangspunt is. De samenwerking met partners als De Rode draad, Humanitas, Aids Fonds en andere is daarbij vruchtbaar gebleken. Zie voor de analyse van inzet van de expertise van het programma in het buitenland de afzonderlijke projecten.

Afzonderlijke projecten

6.6

MOVE forward

Op verzoek van het ministerie van Buitenlandse Zaken gaat het Programma Prostitutie in een viertal landen proberen de keuzemogelijkheden van prostituees voor loopbaanontwikkeling of -verandering te vergroten: het MOVE-forwardproject. Macedonië, Oeganda, Vietnam en Egypte (=MOVE) zijn partnerlanden van het ministerie van Ontwikkelingssamenwerking. Het project heeft twee componenten: een behoefteanalyse en onderzoek ter plaatse en, als tweede component, het opzetten van pilotprojecten. Bij de eerste component worden prostituees, partnerorganisaties, gezondheids- en overheidsinstellingen betrokken. De pilots worden geïmplementeerd in nauwe samenwerking met lokale organisaties, afgestemd op de lokale situatie, en dus verschillend per land. Het MOVE-forward project is in september 2009 begonnen en loopt door tot eind 2010. Doe lstelling 2009  Beschrijven van best practices, omgevingsfactoren en voorwaarden voor loopbaanontwikkelingsprogramma’s voor prostituees in Egypte, Oeganda, Vietnam en Macedonië  Identif iceren van potentiële effecten (zowel positief als negatief) op de positie van prostituees op een voorgestelde carrièreontwikkeling.  Het identif iceren van passende interventiemethoden om de positie van prostituees te versterken door carrièremogelijkheden.  Implementeren van pilotprojecten om de mogelijkheden tot loopbaan verandering te verbeteren. De uitkomsten van de pilot projecten geeft het MOVE forward project waardevolle informatie om voorwaarden vast te stellen voor een effectief loopbaanontwikkelingsprogramma voor prostituees. Activite iten en resultaten In 2009 zijn de vier landen kort bezocht om de juiste lokale partners te vinden. Hierbij is gebruik gemaakt van de netwerken van UNAIDS, UNFPA, STOP AIDS NOW! en het ministerie van Buitenlandse Zaken. Er wordt uiteraard gestreefd naar duurzaamheid, daarom wordt in elk land met ten minste twee organisaties samengewerkt om het afbreukrisico te verkleinen. Eind 2009 is de behoefteanalyse opgesteld, in Macedonië is die inmiddels gestart. In alle partnerlanden hebben organisaties projectplannen opgezet, die samen met het prostitutie programma zijn verfijnd. Hiervan zijn de meeste in 2009 goedgekeurd. 31


Analyse van resultaten Vanwege de recente start van dit project is het nog te voorbarig om op resultaten te rapporteren. Financ iering Ministerie van Buitenlandse Zaken, totaalbedrag € 1.098.000,-. De partnerorganisaties zijn Macedonie; HOPS Oeganda; War Child en Uydell Vietnam; UNAIDS, HCMC AIDS platform (Blue Sky Group) & ISDS in Hanoi Egypt; Joint Programme UNFPA & Al SheHab institute Evaluatie De startfase van het project heeft meer tijd in beslag genomen dan verwacht. Het feit dat de projecten plaatsvinden binnen een context waarin prostitutie gecriminaliseerd wordt, maakt dat grote zorgvuldigheid geboden is. In deze gecriminaliseerde context ontbreekt het structureel aan goede voorzieningen voor prostituees. Zo ontbreekt het hen bijvoorbeeld aan toegang tot (preventieve) gezondheidszorg en activiteiten gericht op het vergroten van weerbaarheid. Voor veel partnerorganisaties is loopbaanontwikkeling voor prostituees dan ook een nieuw type activiteit. In Oeganda hebben we ons hierdoor moeten richten op twee specifieke groepen binnen de prostitutie, namelijk minderjarigen in de prostitutie en 'internally displaced refugees', de zogenaamde kindsoldaten die slachtoffer zijn gew eest als seksslavinnen. In Vietnam ondervonden we hinder van de grote PEPFAR donororganisaties die sterke anti-prostitutie-richtlijnen hanteren. De programma’s die er zijn, houden veelal geen rekening met de behoeften van prostituees. Vaak wordt voor prostituees gedacht, in plaats van met hen. Hierin hopen w ij op kleine schaal verandering te kunnen brengen in samenwerking met UNAIDS.

6.7

A Step Ahead project – Belgrado, Servië

Doe lstelling 2009 Het ASA project is in juni 2008 van start gegaan en heeft ee n doorloop van drie jaar. Prostituees in Servië worden als kwetsbare groep erkend maar er wordt nauwelijks in hun behoeften voorzien. Het sociale stigma en systematische discriminatie maakt hun positie uiterst betreurenswaardig. De overheid neemt geen verantwoordelijkheid voor deze kwetsbare groep. Sommige vormen van prostitutie, zoals ‘indoor’ prostitutie worden niet bereikt door soa - en hivpreventieactiviteiten. De strategie van dit project is werken aan duurzaamheid en institutionalisering van het prostitutieprogramma van JAZAS, onze partner in Servië. Activite iten en resultaten In voorgaande jaren waren er goede contacten opgebouwd met de politie. Echter door verkiezingen zijn er nieuwe personen op alle belangrijke functies gekomen. Dat houdt in dat JAZAS opnieuw contact moet leggen. Een relatie opbouwen met de politie heeft iets langer geduurd dan gedacht. Zo zijn de trainingen voor de politie doorgeschoven naar 2010. Dit heeft echter geen consequenties voor het project. Voor de medici zijn er twee t rainingen geweest. Het prostitutieprogramma voerde een peer education training en een workshop op case-management en ketensamenwerking uit. Beide workshops zijn geëvalueerd 32


en goed bevonden. Het resultaat is dat er in de drop-in centre wordt gewerkt volgens case-management model en dat de cliënten via één meetinstrument gemonitord worden. Door externe financiering van JAZAS is het mogelijk geweest om in zeven andere steden artsen en verpleegkundigen te trainen. De opgebouwde expertise van JAZAS wordt breeduit ingezet. Analyse van resultaten Wat betreft de trainingen voor casemanagement en ketensamenwerking merken we dat de veldwerkers veelal op operationeel niveau blijven hangen. Maar we zien ook dat het managementteam wel met de uit komsten van de training aan de slag gaat. Opvallend is dat samenwerking met andere organisaties niet vanzelfsprekend is. Het aantal geweldincidenten tegen prostituees is en blijft hoog. Het in kaart brengen van ‘indoor’-prostitutie heeft risico’s en voorzichtig handelen is noodzakelijk. Daardoor is de doorloop tijd van de mapping ook verlengd met de gehele duur van het project. Op de openingsdagen van het Educational centre is het erg druk. Via externe financiering heeft de organisatie een tweede lokatie weten te bemachtigen waar de maatschappelijk werker en advocaat in alle rust hun spreekuren kunnen draaien. Andere organisaties zijn welwillend om aansluitende projecten van de drop-in centre te financieren. Financ iering MATRA financiering door Ministerie van Buitenlandse Zaken Totale financiering is € 620.000,-. Financiering voor 2009 is; € 229.450,Samenwerkingspartner is JAZAS Evaluatie Met het management team zijn strategieën besproken voor langetermijnfinanciering. De organisatie zal voorlopig geen instellingssubsidie ontvangen van het ministerie en is afhankelijk van externe donoren. De toetreding tot de EU kan kansen creëren maar ook belemmeringen opwerpen. Momenteel is onduidelijk wat de status van Servië zal zijn. Het programma zal in nauwe samenwerkring met JAZAS de mogelijkheden van financiering door de EU bezien. JAZAS blijkt in Servië een zeer gedegen partner te zijn met veel opgebouwde expertise die gedeeld wordt met andere lokale partners. Zij kunnen binnen de regio voortbouwen op deze expertise. Het is een uitdaging om een website in de lucht te krijgen, omdat prostitutie illegaal is en gecriminaliseerd wordt, waardoor de mogelijkheden voor een expliciete website over prostitutie beperkt zijn.

6.8

UNFPA-projecten

In 2008 is het programma prostitutie ‘implementing partner’ geworden van de UNFPA op het onderwerp HIV en prostitutie. Het programma levert zijn deskundigheid aan de UNFPA op verschillende terreinen. Een tweetal activiteiten zijn er uitgelicht;  Outreach work & Peer Education- HIV & Sex Work training  Outreach work & PLHIV – training in Irkutsk, Siberia

33


Doe lstelling 2009 Zowel de training voor internationale ngo ’s op uitnodiging van de UNFPA en de training in Irkutsk hadden als doel:  positieve attitude ten opzichte van prostitutie van (jonge) profes sionals creëren  handvatten te geven om zo een interventie of programma te kunnen ontwikkelen  het verschil tussen veldwerk en peer education kennen en erkennen  materiaalontwikkeling voor specifieke doelgroepen binnen de prostitutie  ‘ out of the box’ denken  inzicht geven in effectieve soa-en hiv-preventiestategieën voor deze doelgroep, rekening houdend met de locale context en mogelijkheden

Activite iten en resultaten In november zijn dertig participanten uit 27 landen bijeengekomen in Amsterdam voor een zesdaagse training. De training stond in het teken van de praktijk waarbij Nederlandse en internationale partners betrokken waren, zoals Mainline, de zedenpolitie Amsterdam en de GGD Rotterdam Rijnmond. Verder heeft een arts uit Marocco, die al jaren met prostituees werkt, als co-trainer meegewerkt. De verschillende workshops gaven ruimte voor gesprekken met uitvoerings - en ervaringsdeskundigen. Daarnaast zijn er ook veldbezoeken georganiseerd aan de Condomerie en de wallen. Met de cursisten is intensief gewerkt aan het ontwikkelen van vaardigheden, zoals het praten over seks met de doelgroep, het leren van veilige en onveilige sekstechnieken, deskundigheid ontwikkelen over anti-conceptie bij prostituees en het opzetten van een projectplan. De training is zeer positief geevalueerd, een 4.8 op een schaal 1-5. In Irkutsk, Siberië heeft Soa Aids Nederland samen met Y-Peer een vervolgtraining gegeven over soa & hiv, seksuele technieken in de prostitutie, leven met hiv, werken aan materiaalontwikkeling en het opstellen van een projectplan. Ook deze training is zeer positief geevalueerd, een 4.7 op een schaal van 1-5. Analyse van resultaten De pragmatische en holistische benadering van het prostitutiewerk waar het programma voor staat, is een methode die aanslaat bij internationale organisaties. De participanten zijn allen uitgenodigd tot nadenken over hun eigen morele bezwaren tegen prostitutie zonder daar een oordeel over te vellen. Het tot eigen inzicht komen draagt er toe bij dat de participanten binnen hun e igen culturele context kunnen werken aan soms erg ingewikkelde thema’s. Voor de training van UNFPA Russia zijn we naar Irkutsk afgereisd om naast het geven van de training, ook de UNFPA van technische ondersteuning te kunnen voorzien bij het veldwerk. De werkomstandigheden van zowel prostituees als veldwerkers is bijzonder zwaar te noemen. Dit heeft te maken met de slechte weersomstandigheden en de corruptie van de politie. Financ iering UNFPA- MENA Region; UNFPA Russia, UNFPA- Central Asia & Eastern Europe region €74.000 Evaluatie De samenwerking met UNFPA duurt tot en met 2011 en heeft tot gevolg dat het prostitutieprogramma op internationale fora als volwaardige partner opereert. Een uitnodiging voor de ICPD+15 in het najaar van 2009 is hiervan het bewijs.

34


7.

Programma Jongeren

Het Programma Jongeren heeft als taak soa en hiv onder jongeren te voorkomen, veilig vrijen te stimuleren en hun seksuele gezondheid te verbeteren. Voor 2009 had het programma zich als doelstellingen gesteld:  Vernieuw ing van lespakket Lang leve de liefde  Nieuw subsite soa- en hiv-preventie en seksuele gezondheid op de communitywebsite www.maroc.nl  Promoten en onderhouden van sense.info, die jongeren informeert over seksuele gezondheid  Ondersteuning bieden aan, en bevorderen van samenhang en afstemming tussen GGD’en en andere stakeholders van het actieprogramma Seks onder je 25e  Ondersteunen GGD’en bij de implementatie van het lespakket Lang leve de liefde  Uitvoeren van het werkplan Gezonde School, in samenwerking met andere landelijke gezondheidsbevorderende instituten  Vergroten van de implementatie van voorlichting over seksuele gezondheid aan lager opgeleide jongeren via het jeugdwelzijnswerk en door middel van de Week van de Liefde

7.1

Bevorderen samenhang Seks onder je 25e en andere landelijke programma's

Soa Aids Nederland en de Rutgers Nisso Groep hebben in 2009 besloten tot intersievere samenwerking per 2010. Beide organisaties hebben veel expertise op het gebied van seksuele gezondheidsbevordering van jongeren, met kennis van onderzoek, interventies en implementatie. Daarnaast beschikken beide over bewezen effectieve interventies en komen visies, uitgangspunten en doelen grotendeels overeen. In een aantal projecten werd de laatste jaren al samengewerkt en werd de meerwaarde van die sa menwerking zichtbaar. Met het programma ‘jongeren en seksualiteit 12+’ willen Soa Aids Nederland en de Rutgers Nisso Groep jongeren van 12 tot 25 jaar ondersteunen bij hun seksuele ontwikkeling zodat zij in staat zijn zelfstandig verantwoorde keuzen te maken in het aangaan van veilige, prettige, gewenste en respectvolle seksuele contacten. Het programma heeft extra aandacht voor laag opgeleide jongeren en jongeren van Turkse, Marokkaanse, Surinaamse en Antilliaanse afkomst en nieuw komers. Het programma brengt alle nationale projecten van beide organisaties gericht op scholen, sense, jongerenwerk, allochtone jongeren en het participatieve actieonderzoek Seks onder je 25 e samen. Voor de duur van twee jaar zullen beide organisaties hierin samen optrekken. Daa rna wordt de samenwerking geëvalueerd. Het Programma Jongeren was vertegenwoordigd in het Landelijk Overleg Preventieprogramma’s soa/hiv.

7.2

Nieuwe website seksuele gezondheid Sense.nl

In 2009 is de jongerensite sense.info voor jongeren van 12 tot 24 jaar vo ltooid. Naast informatie over seksuele gezondheid, kunnen jongeren met vragen daar terecht bij deskundigen, via chat, e-mail of telefoon. Wie een persoonlijk wil, kan terecht bij de gratis spreekuren bij hem of haar in de buurt. Uit de pretest onder 53 lee rlingen bleek dat jongeren de site aantrekkelijk, begrijpelijk, informatief en gebruiksvriendelijk vinden. 35


Ter promotie van de website werden landelijk en regionaal activiteiten uitgevoerd, zoals een postercampagne op scholen en berichten en banners op jongerensites en GGD-sites. De lancering geschiedde op 23 maart door staatssecretaris Bussemaker van VWS op het ROC Mondriaan in Den Haag in aanwezigheid van 200 studenten. BNN-presentatrice Zarayda ging met jongeren in discussie over Sense. Er was veel aandacht van de pers. Negen maanden na de lancering heeft de site al 508.813 bezoeken gehad. Na de homepage is het meest bezochte onderdeel 'ontdek je lichaam', gevolgd door 'meisjeslichaam', 'vrijen' en 'jongenslichaam'. De site trekt een geïnteresseerd publ iek, wat blijkt uit de relatief lange gemiddelde bezoektijd van 4.30 minuten. Uit onderzoek eind 2009 van onderzoeksbureau Qrius naar de bekendheid van Sense en de Sense spreekuren onder 797 jongeren in de leeftijd 12 tot 25 jaar blijkt dat de website bij ongeveer één de vijf jongeren bekend is en dat acht procent de website heeft bezocht. De site is vooral bekend via school (34 procent) en Google (28 procent). De website wordt positief beoordeeld: er staat veel en betrouwbare informatie op. De bekendheid van de sense-spreekuren onder de jongeren is laag en ze geven ook aan weinig behoefte te hebben aan zo’n spreekuur. De helft van alle jongeren geeft de voorkeur aan e- mail om contact te hebben met Sense, gevolgd door chatten (34 procent). Een op de tien geeft de voorkeur aan de spreekuren en zeven procent aan telefonisch contact. Samen met de Rutgers Nisso Groep voert het Programma Jongeren de redactie van sense.info, die verantwoordelijk is voor het onderhoud en de verdere ontwikkeling van de site. Het pro gramma jongeren is ook vertegenwoordigd in de Communicatiegroep Sense, waarvan het CIB de voorzitter is. Sinds december 2009 levert de redactie standaard een bericht aan voor de digitale Nieuwsbrief Seksuele Gezondheid die vierjaarlijks door het RIVM versp reid wordt.

7.3

Vergroten implementatie voorlichting laagopgeleide jongeren

Lager opgeleide jongeren werden benaderd via het jongerenwerk met het voorlichtingspakket Veilig vrijen & seks voor het jeugdwelzijnswerk. Er zijn drie trainingen van twee dagen uitgevoerd voor in totaal 33 jongerenwerkers. Het gemiddelde rapportcijfer van de trainingen was ruim een 8. Vanwege langdurige ziekte van een medewerker is het aantal trainingen kleiner dan gepland (6). Van de onderdelen van het pakket Veilig Vrijen & Seks zijn 59.900 kraskaarten, 1.413 boekjes SAFESEX.NL en 1.319 boekjes SEKS&ZO (de vernieuwde opvolger van safesex.nl), 168 dvd’s en 168 handleidingen verspreid. Het project is opgenomen in de I-database van het Centrum Gezond Leven. Een bij ZonMw ingediende subsidieaanvraag om meer zicht te krijgen op factoren die bijdragen aan een succesvolle implementatie van het pakket werd helaas afgewezen. Voor de vierde keer sinds 2006 werd de landelijke Week van de Liefde gehouden, in 2009 in samenwerking met het Programma Publiekscommunicatie. De Week van de Liefde is een preventief en educatief project voor jongeren, over liefde, relaties en seksuele gezondheid. Van 6 tot 14 februari werden in 18 regio’s activiteiten georganiseerd door GGD-en, JIP’s (Jongeren Informatie Punten) en jongerenwerk. Zo stonden er zoen- en sekscolleges op het programma, werden liefdeskrantjes uitgebracht en werden er modeshows gehouden met disco -outfits die geschikt zijn om een condoom in mee te nemen. Elders maakten jongeren hun eigen liefdessoap of konden via een website een Valentijnskaart naar hun lief je sturen. De Nacht van het Condoom vormde de aftrap van de Week van de Liefde. In zestien steden gingen safeseks-teams de straat op om jongeren te vragen of zij een condoom bij zich hebben. Meest gehoorde redenen om geen condoom bij zich te dragen, waren: 'ik heb een relatie' en 'ik ben niet van plan om seks te hebben'. De bedoeling van de Nacht van het Condoom was jongeren 36


te stimuleren altijd een condoom bij zich te dragen. Uit eerder onderzoek van Soa Aids Nederland blijkt namelijk dat eenderde van de jongeren geen condoom bij de hand heeft op het moment dat ze er een nodig hebben. Van de interviews met de jongeren zijn twee filmpjes geplaatst op de website sense.info. Soa Aids Nederland, de GGD’en, JIP’s en diverse jongerenorganisaties vonden de actie een groot succes.

7.4

Bevordering lespakket Lang leve de liefde

De bevordering van het gebruik van het lespakket Lang leve de liefde werd in 2009 voortgezet. Van het lespakket zijn 11.500 leerlingenboekjes, 488 handleidingen (waarvan 232 voor docenten praktijkonderw ijs en vmbo basisberoeps), 255 dvd’s, 20.000 condooms en 420 flappenklappers verspreid. Van de special over loverboys werden 3.754 leerlingenboekjes, 144 handleidingen en 140 dvd’s verspreid, van de handleiding van het pakket Klein, maar niet fijn 61 exemplaren. Voor het netwerk van ongeveer vijftig GGD-professionals die betrokken zijn bij de implementatie van Lang leve de liefde zijn drie nieuwsbrieven geschreven. Negen GGD-professiona ls werd geleerd hoe ze docenten kunnen trainen in het gebruik van het lespakket. De training werd gewaardeeerd met het rapportcijfer 8. In 2009 werd gestart met de volledige herziening van het lespakket Lang leve de liefde, dit wordt de vierde generatie van het lespakket. In de projectenbeschrijving vindt u informatie over de activiteiten en resultaten. Soa Aids Nederland participeerde in de Werkplaats de Gezonde School, onder coördinatie van het Centrum Gezond Leven. Er is een bijdrage geleverd aan het ontwikkelen van een leerlijn. Niet geplande activite iten Op verzoek van Dokters van de Wereld werden drie trainingen (twee docententrainingen en een ‘train de trainer’-training) van vier dagen verzorgd om het lespakket Lang leve de liefde in afstemming met de GGD Curaçao te implementeren op dit eiland. De veronderstelling is dat dit pakket ook op Curaçao goed zal aanslaan. De 25 deelnemers aan de docententraining waardeerden de training met 8.5. Zij waren als gevolg van de training gemotiveerd en voelden zich in staat om met het lespakket aan de slag te gaan. Dat gold ook voor de trainers, die zichzelf in staat achtten docenten te begeleiden en coachen bij de de lessen. Zij waarderen de training met het rapportcijfer 8. Bijna alle getrainde docenten en GGD-professionals achten het lespakket Lang leve de liefde zeer geschikt voor jongeren op Curaçao. Maar de implementatie kan volgens hen pas echt succesvol verlopen wanneer het lespakket in het Papiaments wordt vertaald, om beter aan te sluiten bij de jongerencultuur op Curaçao. Het programma Jongeren participeerde in VARA’S debatcompetitie voor scholieren ‘Op weg naar het Lagerhuis’. In elke ronde werd een stelling aangedragen waarover jongeren debatteerden, bijvoorbeeld 'iedere jongere vanaf 16 jaar moet jaarlijks een soa-test doen'. Ook werd input geleverd voor Blikvoer, VARA’ S Jongerendebat voor de internet community. Zo’n 220 scholierendebaters van 200 middelbare scholen deden mee. De finale was in april op televisie.

37


7.5

Analyse van resultaten

Sense.info is een succes. De site is goed vindbaar, betrouwbaar, interactief en een nog steeds groeiend bezoekersaantal. Het beoogde resultaat van 150.000 bezoekers werd in werkelijkheid maar liefst verdrievoudigd! Soa Aids Nederland heeft een kernrol vervuld in het betrekken van stakeholders bij de ontwikkeling van Sense en het creëren van draagvlak bij organisaties als de Rutgers Nisso groep, GGD Nederland, de GGD-centra voor seksuele gezondheid en hun regionale partners, RIVM en ZonMw. De voorwaarden zijn gecreëerd om van Sense een echt jongerenmerk te maken op het gebied van seksuele gezondheid. Het besluit tot intensievere samenwerking met de Rutgers Nisso Groep is resultante van de samenwerking die al jarenlang bij afzonderlijke projecten bestaat en heeft er toe geleid dat per 1 januari 2010 Soa Aids Nederland en de Rutgers Nisso Groep een gezamenlijk programma gaan voeren ten aanzien van jongeren en seksualiteit. Met een gezamenlijk ondersteuningsaanbod van interventies die aansluiten bij de problemen, behoeft en en wensen van jongeren worden professionals in het veld waarschijnlijk beter bediend. Ook kunnen krachten worden gebundeld in pleitbezorging en beleidsadvisering ten aanzien van knelpunten op het terrein van seksuele gezondheid van jeugdigen. Soa Aids Nederland heeft een vruchtbare samenwerking in gang gezet voor expertise uitwisseling tussen Universiteit Maastricht, GGD Rotterdam eo en Soa Aids Nederland rondom de ontwikkeling van drie onderwijsinterventies waaronder de herziening van Lang leve de liefde. In het kader van de samenwerking heeft onder andere een gezamenlijk onderzoek plaatsgevonden ter bevordering van de culturele sensitiviteit van de voorlichtingsprogramma’s. Er zijn vijf subsidieaanvragen ingediend (VWS en ZonMw), waarvan er vier zijn gehonoreerd.

7.6

Evaluatie

Om het gezamenlijk programma van Soa Aids Nederland en de Rutgers Nisso Groep tot een succes te maken, moet worden geïnvesteerd in overleg, afstemming en monitoring, is een goede verankering in beide organisaties noodzakelijk en is een min of meer gelijkwaardige inzet van middelen vereist. Om het succes van de website Sense verder uit te bouwen moet worden geïnvesteerd in: continuering van promotie activiteiten, vooral ook naar intermediaris als huisartsen, docenten- jongerenwerkers; redactioneel beheer en vernieuw ing van de site; afstemming met de Sense infolijn en Sense spreekuren en integratie met onderw ijsinterventies.

7.7

Voorlichting over seksuele gezondheid via internet aan jongeren van Marokkaanse afkomst

Doe lstelling 2009 Ontwikkeling en evaluatie van de subsite soa- en hiv-preventie en seksuele gezondheid op de communitywebsite www.maroc.nl Activite iten en resultaten Het behoeftenondersoek bestond uit literatuuronderzoek, een online enquête, en interviews. Het literatuuronderzoek leert dat in de doelgroep sprake is van traditionele sekserollen en een dubbele seksuele moraal; vooral bij jongens is er een gebrek aan kennis over seksuele gezondheid en er heerst een taboe op het praten over seksualiteit, vooral binnen het gezin. Verder komt relatief veel seksuele dwang voor. Marokkaanse jongens hebben een positieve houding ten 38


aanzien van condoomgebruik, maar willen niet betrapt worden met condooms op zak. De online enquête, gekoppeld aan www.maroc.nl werd ingevuld door 72 respondenten. Driekwart van de deelnemers vindt informatie over seksualiteit erg belangrijk. Uit de door een van de Meiden van Halal gehouden interviews met vijf islamitische jongens en vijf islamitische meisjes komt naar voren dat de kennis over seksualiteit, bijvoorbeeld over het maagdenvlies, verre van optimaal is. Culturele en religieuze opvattingen worden vaak met elkaar verward. Analyse van resultaten Op basis van het behoeftenonderzoek zijn concrete doelen van de website vastgesteld met betrekking tot kennis, houding en vaardigheden op het gebied van seksuele gezondheid. Vervolgens zijn theoretische veranderings- methoden en praktische toepassingen daarvan bepaald en zijn de eerste concepten van de website ontwikkeld. In de subsite is de aanpak voo r jongens en meisjes verschillend. Financiering Samenwerkingspartners: Universiteit Maastricht, Stichting Maroc.NL Financiering: ZonMw, Totaalbudget (2 jaar): Є 145.900. 2009: Є 76.491 VWS, totaalbudget (1.5 jaar): Є 41.000. 2009: Є 22.700 Evaluatie De inhoud van de website wordt in 2010 bepaald en door de Universiteit van Maastricht geëvalueerd op effect.

7.8

Bevorderen deskundigheid van intermediairs m.b.t. jongeren, seks en islam

Doelstelling 2009: uitvoeren van vijf workshops (voor 125 deelnemers) rond het thema jongeren, seks en islam voor intermediars, voornamelijk GGDprofessionals. Activite iten en resultaten Intermediairs willen meer weten over de seksuele opvattingen en het gedrag van jongeren van Marokkaanse en Turkse af komst en de rol die cultuur en geloof hierbij spelen. In 2009 zijn vijf workshops georganiseerd gebaseerd op het boekje Jongeren, seks en islam (2007), in samenwerking met één van de Meiden van Halal en een voorlichtster van Marokkaanse oorsprong. Circa 190 intermediairs van GGD'en, onderwijs, jeugdwelzijnswerk, jeugdgezondheidszorg en justitiële instellingen hebben aan een workshop deelgenomen. De workshops hadden een interactief karakter. Er werd een speciaal voor de workshop gemaakte videofilm vertoond, waarin jongeren van Marokkaanse en Turkse afkomst praten over partnerkeuze, (homo)seksualiteit en maagdelijkheid. 72 respondenten beoordeelden de workshop als volgt: zeer goed:28, go ed: 34, voldoende: 10. Een student van de Vrije Universiteit onderzoekt of het boekje Jongeren, seks en islam (waarvan er in 2009 561 werden verspreid) voldoende voorziet in de behoefte aan informatie over de doelgroep Marokkaanse en Turkse jongeren.

39


Analyse van resultaten De 190 deelnemers geven aan dat de workshop hun meer inzicht heeft gegeven in de rol van religie en cultuur bij relaties en seksualiteit van moslimjongeren, zodat men de voorlichting beter kan afstemmen op de doelgroep. Financ iering Samenwerkingspartner: De Meiden van Halal. Financiering: Ministerie van VWS. Budget: Totaal Є 24.700. 2010: Є 22.910 Evaluatie Omdat de workshops duidelijk in een behoefte voorzien, is het wenselijk dat ze worden geïntegreerd in bestaande trainingen voor intermediairs, bijvoorbeeld in de implementatietrainingen Lang leve de liefde of de trainingen die Soa Aids Nederland in samenwerking met GGD'en voor het jongerenwerk organiseert.

7.9

Voorlichting over seksuele gezondheid aan jongeren van Antilliaanse afkomst via internet

Doelstelling 2009: bevorderen van de seksuele gezondheid van Antilliaanse jongeren door middel van de ontwikkeling en implementatie van de subsite seksuele gezondheid op kitatin.com Activite iten en resultaten In 2009 is Soa Aids Nederland in opdracht van VWS gestart met de ontwikkeling van een website over seksuele gezondheid voor (laagopgeleide) Antilliaanse jongeren. Deze website wordt gekoppeld aan www.kitatin.com, een geschikt medium om Antiliaanse jongeren te informeren over seksuele risico’s. De site wordt elke dag door ongeveer 20.000 jongeren bezocht. Het behoeftenonderzoek bestond uit literatuuronderzoek, de analyse van twee eerder gehouden enquêtes, en een enquête op kitatin.com naar opvattingen en gedragingen van Antilliaanse jongeren. Deze is ingevuld door 644 jongeren. Voorts werden tijdens een werkbezoek aan Curaçao uitgevoerde groepsinterviews met in totaal 60 jongeren de wensen ten aanzien van de site geïnventariseerd. Er zijn ook gesprekken gevoerd met experts. Het literatuuronderzoek laat zien dat binnen de groep laagopgeleide jongeren, Antilliaanse jongeren relatief weinig weten over seks, terwijl ze seksueel actiever zijn dan autochtone, Surinaamse, Turkse en Marokkaanse jongeren en meer risico op soa en ongewenste zwangerschap lopen dan andere jongeren. Dwang komt veelvuldig voor. Binnen de Antilliaanse cultuur heerst een sterk taboe op praten over seks en seksualiteit. Aan moederschap wordt status ontleend. Anticonceptie wordt niet goed toegepast. Het ontwikkelde c onceptontwerp van de homepage van de site is gepretest onder 36 Antilliaanse jongeren en 12 experts. Het doel van de website is kennis, houding, eigen effectiviteit en vaardigheden te bevorderen voor het voorkomen van soa’s en ongewenste zwangerschap, en het kunnen aangeven van en luisteren naar wensen en grenzen. Op de website wordt gebruik gemaakt van schriftelijke informatie (beschikbaar in Nederlands en Papiamentu), advies op maat, discussiemogelijkheden op een forum, mogelijkheid tot het stellen van vragen aan experts via e-mail of chat, illustraties, dynamische fotoverhalen, en korte filmpjes over persoonlijke verhalen (soa-test, tienerouderschap). Er is gekozen voor een seksespecifieke aanpak met aparte domeinen voor jongens en meiden.

40


Analyse van resultaten Eind 2009, begin 2010 zal de website middels een grootschalig opgezet experiment in samenwerking met Universiteit Maastricht worden geëvalueerd en - bij gebleken geschiktheid - ter certificering worden ingediend bij het Centrum Gezond Leven. Bij ZonMw is een projectidee ingediend voor uitbreiding van de site met het thema 'grenzen'. Samenwerkingspartners: Universiteit Maastricht, Alexander Galarraga (Spin Internet Media) Financiering: VWS. Totaalbudget: Є 150.144. 2009: Є 110.425 Evaluatie Een belangrijk aandachtspunt is de promotie van de site en de inbedding in bestaande preventie- en voorlichtingsactiviteiten. Voor Nederland kan hierbij worden gedacht aan de aansluiting bij Sense en lespakketten. Voor Curaçao wordt samenwerking gezocht met GGD Curaçao en Dokters van de Wereld. Na inbedding kan het project ook na de testperiode voortgezet worden.

7.10

Herziening lespakket Lang leve de liefde

Doelstelling 2009: ontwikkelen vernieuwde versie Lang leve de liefde Activite iten en resultaten In 2009 is gestart met de ontwikkeling van een nieuwe versie van het lespakket Lang leve de liefde, die in aanvulling op het bestaande lespakket geschikt wordt gemaakt voor de onderbouw van het praktijkonderwijs en vmbo, en voor havo en vwo. Er vond een kickoff plaats met bijna vijf itg betrokkenen bij de drie onderw ijsinterventies (Lang leve de liefde 4, Lang leve de liefde plus en een lespakket voor het ROC) die de komende jaren worden ontwikkeld door respectievelijk Soa Aids Nederland, Universiteit Maastricht en GGD Rotterdam Rijnmond. De onderzoekers, studenten, ontwikkelaars, vertegenwoordigers van landelijke organisaties, GGD-professionals en lerarenopleiders bogen zich over onderwerpen als: het behoeftenonderzoek, PEN-3 (een model ter bevordering van culturele sensitiviteit van voorlichting), en implementatie. Als onderdeel van het behoeftenonderzoek voerden twee masterstudenten van de Universiteit Maastricht een implementatieonderzoek uit onder ru im 140 docenten die de afgelopen vijf jaar het lespakket hebben besteld, om het huidige gebruik van het pakket te evalueren en te achterhalen hoe docenten beslissen het pakket te gebruiken. Van deze groep heeft ruim 60 procent het lespakket vaker (ongeveer vier jaar) gebruikt, meestal in de vakken biologie en verzorging of tijdens projectweken. Vrijwel alle docenten gebruiken het pakket conform de bedoeling. Tegen de verwachting in, wordt het pakket ook na jaren - veelal nog ongewijzigd - gebruikt. De belangrijkste reden om het pakket níet meer te gebruiken was datering van de inhoud. Het onderzoek leidt tot de aanbeveling het lesmateriaal te vernieuwenen en thema’s te actualiseren (bijvoorbeeld homoseksualiteit). Docenten willen graag meer variatie. De trai ningen door de GGD'en worden hoog gewaardeerd. Om de inhoud van het nieuwe pakket geschikt te maken voor een steeds meer pluriforme populatie jongeren hebben vier masterstudenten van de Vrije Universiteit Amsterdam onderzocht hoe de culturele sensitivite it van het nieuwe lesprogramma kan worden vergroot. Er is vooral ook gekeken naar de positieve aspecten van cultuur en hoe deze kunnen worden gebruikt in de voorlichting. Om 41


achter deze culturele determinanten te komen, zijn er focusgroepbijeenkomsten gehouden onder 80 jongeren van Marokkaanse, Turkse, Antilliaanse en Surinaamse af komst in de tweede klas van het vmbo. In het onderzoek zijn jongens en meisjes gescheiden. Enkele resultaten: bij de Turkse en Marokkaanse meisjes spelen de taboe- en schaamtecultuur en maagdelijkheid een grote rol. Onder meisjes van Antilliaanse en Surinaamse afkomst is het opvallend dat ze erg weinig weten van anticonceptie en weinig vertrouwen hebben in hun vermogen anticonceptie goed te regelen. De betekenis van vruchtbaarheid en moederschap speelt een grote rol. In een workshop met experts (n=30) zijn de resultaten en implicaties van het onderzoek besproken. Voor de FIOM is oa een behoefte onderzoek uitgevoerd voor de onderbouw ing van een aanvullende module Zwanger en dan bij Lang leve de liefde die geimplementeerd moet gaan worden in het derde of vierde leerjaar van het vmbo. Analyse van resultaten De gezamenlijke kick off-bijeenkomst was de start van een zeer vruchtbare samenwerking tussen GGD Rotterdam-Rijnmond, Universiteit Maastricht en Soa Aids Nederland, die alledrie een lespakket ontwikkelen. De samenwerking verloopt positief ten aanzien van efficiëntie van het ontwikkelingsproces van de lespakketten en ten aanzien van de inhoudelijke aansluiting van de lesprogramma’s. Het implementatieonderzoek geeft inzicht in de factoren die de implementatie van het lesprogramma bepalen en wordt gebruikt bij het ontwerp van de nieuwe versie Lang leve de liefde. Ook wordt rekening gehouden met de resultaten van het onderzoek naar c ulturele determinanten van seksuele gezondheid. In vervolgonderzoek worden voorlichtingsstrategieën aan jongeren en experts voorgelegd om de culturele sensitiviteit van de voorlichtingsmethoden te garanderen. Hierdoor wordt de implementatie van het lesprogramma bevorderd. Financ iering Samenwerkingspartners: Rutgers Nisso Groep, Universiteit Maastricht, GGD Rotterdam-Rijnmond, FIOM Financiering: ZonMw Є 300.000. FIOM (behoefteonderzoek Zwanger en dan): Є 27.550. 2009: ZonMw: Є 124.100 en FIOM: Є 27.550.

42


8.

Programma Publiekscommunicatie

Doe lstellingen 2009  Het klantvriendelijk aanbieden en verspreiden van betrouwbare informatie over soa, hiv, aids, preventie en zorg aan het algemeen publiek in Nederland;  Het bevorderen van de kwaliteit dan de publieksvoorlichting over deze thema’s;  Beschikbaar stellen en ontwikkelen van voorlichtingsmaterialen aan intermediairs (huisartspraktijken, GGD’en) voor het voorlichten van hun cliënten;  Het beantwoorden van specifieke en individuele vragen van het algemeen publiek;  Het adviseren, ondersteunen en mede ontwikkelen van communicatie- en fondswervende middelen voor de programma’s van Aids Fonds, Soa A ids Nederland en STOP AIDS NOW! Het Programma Publiekscommunicatie bestaat uit de onderdelen productiebegeleiding, webbureau, Publiekscommunicatie op Maat (Aids Soa Infolijn, Sense Infolijn) en het Documentatiecentrum, de publiekscampagnes Vrij Veilig Campagne en de Campagne Seksuele Weerbaarheid en Anticonceptie.

8.1

online informatie

De gezamenlijke websites van de organisatie werden in 209 ruim 2.750.000 keer bezocht, ten opzichte van 2008 is dat een stijging van 34 procent. Voor een aanzienlijk deel is de groei te danken aan sense.info (de opvolger van safesex.nl), die ruim 500.000 bezoeken telde, maar ook andere sites hebben aan de toename bijgedragen. Meer dan een miljoen (1.051.000) personen bezochten de website soaaids.nl, een stijging van bijna 10 pr ocent ten opzichte van 2008. De doelstelling werd hiermee gehaald. Ook aidsfonds.nl (178.000), vrijsoavrij.nl (313.000), soatest.nl (215.000), indeprostitutie.nl (29.000) en soaaids.professionals.nl (61.000) maakten in 2009 een groei door in het aantal bezoekers. Een aantal sites, zoals stopaidsnow.nl (102.000) en prostitutie.nl (53.000) zag het aantal bezoeken licht dalen. Om de toegankelijkheid en klantvriendelijkheid van soaaids.nl verder te bevorderen is de website vernieuwd. Bezoekers kunnen beter na vigeren en het is eenvoudiger om multimediale toepassingen te plaatsen. Een aanzienlijk deel van de teksten op soaaids.nl is herzien op basis van de uitgangspunten van de cursus ‘schrijven voor het web’. Voor het bestellen en promoten van materialen is op de home-page een etalagemodule ontwikkeld. De vernieuwde site gaat in het voorjaar 2010 online, nadat de inhoud is geactualiseerd en overgeheveld. De programma's van Soa Aids Nederland communiceren via diverse websites met hun doelgroepen. Om de inhoud van de verschillende digitale media beter op elkaar af te stemmen en te actualiseren, is een webredacteur benoemd. De webredacteur adviseert de collega-programma’s over webteksten en controleert of de inhoudelijke adviezen en standpunten van de organisatie correct zijn weergegeven. Het webbureau heeft maandelijks een overzicht van de prestaties van websites verzorgd op basis van Google Analytics. Rond campagneperiodes, PR- momenten of op verzoek worden speciale overzichten aangemaakt op basis waarvan 43


verantwoordelijken kunnen monitoren of de geformuleerde doelstellingen worden gehaald. Het Programma Publiekscommunicatie heeft in het eerste halfjaar van 2009 naast de technische ondersteuning en begeleiding door het webbureau, een belangrijke bijdrage geleverd aan de ontwikkeling en uitvoering van de promotiecampagne van de website sense.info die door het Programma Jongeren is ontwikkeld (zie bij Programma Jongeren). Het gaat om activiteiten op het gebied van strategie- en conceptontwikkeling, media-inkoop, productie en practiviteiten. De ondersteunende taken voor sense.info waren niet voorzien in het werkplan 2009, en zijn ten koste gegaan van de beoogde bannercampagnes voor swingers en opvoedondersteuning. In 2009 is de hosting van de verschillende websites van de organisatie op een andere manier georganiseerd om de groei in de aantallen bezoekers en nieuwe (multimediale) toepassingen mogelijk te maken. De nieuwe infrastructuur heeft in 2009 echter geleid tot onvoorziene problemen en kosten.

8.2

Advies op maat

De ontwikkeling van het digitale soaspreekuur.nl versie 2.0 is vertraagd door persoonlijke omstandigheden van de externe projectleider. Analyses wijzen uit dat bijna 70 procent van de bezoekers van soatest.nl onder de 25 jaar is en dat ruim 80 procent van de bezoekers die aan soatest.nl begint, de test ook af maakt. In 2009 is het aantal bezoeken opgelopen naar ruim 215.000. Bij ZonMw is uitstel aangevraagd, om de verdere integratie van beide advies-op-maat- modules rond testen op soa mogelijk te maken. Het verzoek is gehonoreerd, de nieuwe geïntegreerde module wordt voor het einde van 2010 opgeleverd.

8.3

Distributie en schriftelijke materialen

Voor diverse programma’s van de organisatie zijn herdrukken van uitgaven verzorgd en campagnematerialen geproduceerd. In 2009 heeft distributiecentrum Euromail ruim 510.000 materialen verspreid, waaronder 165.000 condooms (13 procent hoger dan de doelstelling). Het onderzoek naar een zelfstandige aanbesteding voor een distributiecentrum is niet uitgevoerd. Door de onvo orziene kosten van de problemen met de server, was er geen budget meer voor het inhuren van een externe adviseur. Op basis van de nieuwe huisstijl van Soa Aids Nederland zijn de patiëntenfolders met informatie over de verschillende soa’s opnieuw vormgegev en. Daarnaast is de inhoud herzien en getoetst bij externe deskundigen. In het voorjaar 2010 verschijnt ook de nieuwe Engelstalige reeks.

8.4

Analyse van resultaten

Publiekscommunicatie heeft in 2009 een aanzienlijke groei doorgemaakt in de digitale communic atie. Zowel wat betreft het bereik van de eigen websites als in de ondersteuning van andere programma’s. Daarnaast hebben de verschillende onderdelen van het programma een belangrijke bijdrage geleverd aan de ontwikkeling, promotie en implementatie van sense.info en aan de aan deze website gekoppelde dienstverlening (telefoon, e-mail en chat). Samenwerking en afstemming van procedures en inhoud met andere organisaties is daarbij van belang. De groei van digitale communicatie vraagt ook om meer interne afstemming en kwaliteitsbewaking. De benoeming van een webredacteur voorziet 44


hierin. De hosting van het huidige aanbod van digitale media vraagt een nieuwe aanpak, die minder gevoelig is voor storingen en minder investeringen vraagt om de toegankelijkheid van de sites tijdens campagneperiodes te waarborgen. Met de groei in digitale communicatie daalt de vraag naar schriftelijke materialen. Deze trend is de laatste jaren zichtbaar, al blijft de vraag naar schriftelijke materialen aanzienlijk.

8.5

Evaluatie

Het groeiende belang van de digitale communicatiemiddelen en de toenemende complexiteit van online-applicaties vraagt een grondige heroriëntatie op het technisch beheer. Binnen het webbureau bestaat een toenemende behoefte aan deskundigheid op het gebied van host ing en servertechniek. In 2010 zal hierin worden voorzien. Overigens is in 2009 gebleken dat deze expertise niet gemakkelijk toegankelijk is. Tegelijkertijd dient een actuele visie te worden ontwikkeld op het gewenste digitale aanbod van de organisatie. Op praktisch niveau is het belangrijk dat nieuwe digitale middelen voor oplevering door de webbouwer aan strengere tests worden onderworpen om beheersproblemen te voorkomen. Het aanbod van schriftelijke middelen daalt maar is nog steeds aanzienlijk. De kosten voor opslag en distributie bleven op een gelijk niveau.

8.6

Publiekscommunicatie op Maat, Soa Aids Nederland

Doe lstelling 2009 Stimuleren van gedrag gericht op veilige seks (soa & anticonceptie), en ondersteuning bieden aan jongeren in de ontwikkeling van hun seksuele identiteit en het bevorderen van seksuele gezondheid. Het bieden van informatie op maat over seksualiteit, (on)veilig vrijen, soa, hiv, testen, hormonale anticonceptie en ongewenste zwangerschap, ondersteuning en counseling en adequaat doorverwijzen. Doelstelling aantal directe contacten: 18.300 (live-response 14.000, emailservice 4.000, chat-service 300). Uitvoering van een pilotproject op het gebied van communicatie op maat via chat. Participatie aan het ZonMw samenwerkingsproject ‘Inte gratie Informatielijnen in de eerste lijn’ met als doel verw ijzing door huisartsen naar infolijnen te bevorderen. Activite iten en resultaten Publiekscommunicatie op Maat (PCoM) verzorgt sinds 2009 de uitvoering van twee infolijnen: de Aids Soa Infolijn en de Sense Infolijn (nieuw). De directe klantcontacten vinden plaats via telefoon- , e-mail- en chatservice. De telefoonlijnen zijn bereikbaar via twee aparte telefoonnummers, te weten 09002042040 (Aids Soa Infolijn) en 0900-4024020 (Sense-Infolijn) en hebben een afwijkend tarief, respectievelijk 0,10 en 0,05 cent per minuut. Ook de e mailservice wordt via twee afzonderlijke e- mailadressen verzorgd: Infolijn@soaaids.nl op de website van Soa Aids Nederland en Sense@info.nl op de website van Sense. De chatservice wordt via MSN uitgevoerd en aangeboden op genoemde sites. Het aantal directe klantcontacten bedroeg in 2009 18.024. Dit komt overeen met de in het werkplan geformuleerde doelstelling (18.300) en is ten opzichte van het behaalde resultaat in 2008 een stijging van 18 procent (2.670). De directe klantcontacten bestaan voor het grootste deel uit telefoongesprekken (11.463), gevolgd door e- mail (5.577) en chat (984). Zowel

45


het aantal e-mail- als chatcontacten ligt hoger dan de geformuleerde doelstellingen ( respectievelijk 4.000 e-mails en 300 chatgesprekken).

8.7

Aids Soa Infolijn

Het aantal contacten via de telefoonservice is ten opzichte van 2008 met 4 procent (427) gedaald. De daling bij de e- mailservice bedraagt 10 procent (410). De meeste vragen over spec ifieke soa gaan over hiv (30 procent), gevolgd door chlamydia (15 procent) en herpes genitalis (6 procent). Ongeveer één op de vijf bellers en e- mailers heeft een soa-diagnose, en is of wordt behandeld. In 22 procent van de contacten wordt counseling geboden, met name rond (on)veilig vrijen. Het aandeel vragen over seksuele gezondheid ligt rond de twee procent.

8.8

Sense Infolijn

Op 23 maart 2009 is Sense.info online gegaan. PCoM verzorgt de directe contacten met jongeren die vragen hebben, via telefoon, e - mail en chat. In de eerste drie maanden is de Sense-Infolijn drie middagspreekuren van twee uur (16.00 tot 18.00 uur) bereikbaar. Na drie maanden is overgegaan op een structureel aanbod van chatsessies, drie spreekuren per week. Het aantal chatspreekuren is begin december uitgebreid naar alle werkdagen. Naast PCoM bieden ook Casa Nederland en Korrelatie via de Sense website de mogelijkheid om te chatten. Het totaal aantal chatgesprekken via Sense in 2009 ligt rond de 2.000, waarvan PCoM ruim de helft afhandelt (Casa rond de 400, Korrelatie rond de 600).

8.9

Deskundigheidsbevordering

In het kader van de deskundigheidsbevordering rond seksuele gezondheid (Sense) is een programma uitgevoerd met een totale omvang van 192 uur (24 uur per medewerker). De inhoud liep uiteen van bestudering van het Handboek Seksuele Gezondheid (NVVS/RIVM), het ontwikkelen van fact sheets, een chattraining Sense (vervolg op de eerste training eind 2008), tot casuïstiekbespreking (telefoon, e- mail en logfile chat) en de gezamenlijke bijeenkomsten met Casa en Korrelatie in het voorjaar en in november 2009 bij Soa Aids Nederland. De coördinatie van de samenwerking tussen genoemde organisaties vindt plaats bij PCoM van Soa Aids Nederland. De participatie van de Aids Soa Infolijn binnen het project Integratie Informatielijnen Eerste Lijn, heeft geen verdere voortgang gevonden. De aanvraag voor uitvoering van de tweede fase van dit project is in januari 2009 door ZonMw afgewezen. Analyse van resultaten PCoM is er in 2009 in geslaagd om het inho udelijke aanbod op een efficiënte wijze te verbreden en de dienstverlening uit te breiden naar chat. Juist hulpverlening via chat en e-mail blijkt vanwege de laagdrempeligheid voor de jongste doelgroep in een belangrijke behoefte te voorzien. De voorkeur v oor dit medium wordt bevestigd in recent onderzoek dat onderzoeksbureau Qrius onder jongeren heeft uitgevoerd in opdracht van het RIVM naar de (naams)bekendheid van Sense en de spreekuren. De chat -dienstverlening door de verschillende aanbieders verschilt in omvang. Mogelijk heeft het verschil in het aantal verwerkte chatgesprekken te maken met de wijze van aanbod. Casa en Korrelatie maken gebruik van een vaste chatapplicatie als onderdeel van een website en PCoM van Microsoft Messenger een omgeving waar jongeren veel aanwezig zijn. Deze laagdrempelige aanpak sluit aan bij de behoefte van de 46


doelgroep: PCoM heeft de meeste chatgesprekken gevoerd van de drie aanbieders. Begin 2010 start PCoM op twee middagspreekuren, naast aanbod via MSN, een pilot met Skype. De aanschaf van een chatapplicatie is door PCoM in overweging genomen, maar gezien de positieve evaluatie van de huidige werkw ijze ĂŠn de goede resultaten heeft dit vooralsnog geen prioriteit. Hulpverlening via email en chat sluit aan bij de behoefte van jongeren. PCoM onderzoekt in 2010 verdere mogelijkheden om de digitale dienstverlening laagdrempelig aan te bieden op online locaties waar de doelgroep aanwezig is. Financ iering RIVM - â‚Ź 376.669 Evaluatie De samenwerking binnen het chataanbod op Sense.info tussen Casa Nederland, Korrelatie en Soa Aids Nederland verloopt zeer goed. Ten aanzien van deskundigheidsbevordering rond seksuele gezondheid wordt ook in 2010 een vervolgprogramma uitgezet. Extra aandacht gaat uit naar de promotie van de e- mailservic e, zodat de bekendheid van deze dienstverlening onder relevante doelgroepen toeneemt.

8.10

Documentatie

Doe lstellingen 2009 Het verstrekken van informatie op maat aan externe doelgroepen en medewerkers. Verbeteren van de registratie van vragen en de informatievoorziening naar de medewerkers. Verdere digitalisering van de informatievoorziening. Intranetonderhoud en redactie. Activite iten en resultaten De collectie wordt regelmatig aangevuld en gedigitaliseerd. Medewerkers worden gevraagd en ongevraagd van inf ormatie op hun terrein voorzien. Er is een database ingericht met de interesseprofielen van de medewerkers. In 2009 zijn de medewerkers aan de hand van hun interesseprofiel dagelijks voorzien van informatie via e-mail en intranet. In 2009 is het ontwerp en de bouw van een nieuw intranet voltooid. Dit intranet is begin 2009 opgeleverd. Een van de informatiespecialisten heeft bijdragen geleverd aan publicaties zit in de redactie van enkele websites en het Soa Aids Magazine. In 2009 zijn 1.350 externe en 500 interne vragen beantwoord. Zowel het aantal interne als externe contacten is lager dan verwacht. Deels kan dit worden verklaard doordat steeds meer vragen worden gesteld die relatief veel tijd vergen, en deels doordat de bezetting van het documentatiec entrum in 2009 niet volledig is geweest. Er is een ontwerp gemaakt voor een betere registratie van vragen, die meer inzicht geeft in de diverse typen van vragen die aan Documentatie worden gesteld. Er is een ontwerp gemaakt voor een database voor de registratie van vragen. Analyse van resultaten Elke medewerker waarvan het interesseprof iel bekend is, is enkele keren per week geattendeerd op nieuws, websites en publicaties. Externe aanvragen worden binnen twee dagen behandeld. In 2009 is het aantal werknemers gegroeid en was de bezetting niet steeds volledig. Daarom was er weinig ruimte voor nieuwe activiteiten. 47


Evaluatie In het komende jaar zullen nieuwe vormen van dienstverlening, met name digitale diensten, ontwikkeld worden Financ iering RIVM - €187.048

8.11

Vrij Veilig Campagne 2009

Doe lstelling 2009 De Vrij Veilig Campagne bevordert consequent condoomgebruik bij nieuwe relaties en losse partners en het ondergaan van een soa-test voordat men stopt met condooms binnen nieuwe relaties. De campagne beoogt 90 procent van de primaire doelgroep (18 tot 25 jaar) en 85 procent van het algemeen publiek te bereiken. De campagnesite en nieuwe online toepassing trekken 200.000 unieke bezoekers in de campagneperiode. Landelijke en regionale media besteden aandacht aan het thema's beschikbaarheid van condooms op vakantie en aan de achtergronden en start van de massamediale VVC. Minimaal 25 vertegenwoordigers van minimaal 15 GGD’en nemen deel aan de workshop en minimaal 80 procent van de GGD’en bestelt campagnemateriale n voor regionale inzet. Minimaal zes GGD’en organiseren samen met campagneteam activiteiten voor de doelgroep van de campagne. Minimaal 50 procent van de GGD’en plaats online campagnemiddelen op de eigen website. Activite iten en resultaten Vakantiecampagne In mei 2009 heeft de campagne de mobiele internetapplicatie ‘Lovelips’ ontwikkeld, waarmee gratis tien versier- en vrij-veilig-teksten in vijf populaire vakantietalen op een zogenaamde smartphone zijn te downloaden. 'Lovelips' is in het kader van ‘goed voorbereid op vakantie gaan’ gepositioneerd. De downloads maken het mogelijk om de teksten via de telefoon tegen vakantieliefdes uit te spreken. De actie kreeg aandacht in verschillende landelijke dagbladen en in het televisieprogramma ‘Spuiten en Slikken’. De vakantiecampagne is in de campagneplannen opgenomen als een pr-activiteit. De applicatie blijkt het best te werken op de iPhone, op andere smartphones gaat dat minder makkelijk. Ongeveer 4.000 personen hebben de applicatie gedownload. Massamediale campagne (bron: RVD, 2009) De campagne heeft in 2009 89 procent van de primaire doelgroep (18-25 jaar) bereikt en 80 procent van het algemeen publiek. Dit komt overeen met de doelstellingen. De gemiddelde waardering van de campagne met een rapportcijfer 6.9 is lager dan de doelstelling en de waardering in 2008 (7.3). Bij de primaire doelgroep en het algemeen publiek is een duidelijke stijging gerealiseerd in de kennis van het feit dat een urineonderzoek voor de meeste soa-tests voldoende is ('starters' van 24 naar 53 procent, algemeen publiek van 21 naar 38 procent). Starters zijn jongeren die geen vaste relatie hebben (langer dan drie maanden). Dit effect kan de drempel verlagen om het testadvies op te volgen. Verder zijn positieve effecten gerealiseerd in attitude. De uitspraak 'vertrouwen in de nieuwe partner is niet voldoende om te stoppen met condoomgebruik' werd voorafgaande aan de campagne door 61, erna door 72 procent onderschreven. Gedurende de campagne heeft een indicatieve stijging plaatsgevonden onder de 'starters' (van 62 naar 73 procent) en het algemeen publiek (van 65 naar 76 procent), die aangeven 'waarschijnlijk tot zeker wel een condoom te blijven gebruiken in een nieuwe relatie totdat beiden een soa -test 48


hebben gedaan'. Wanneer wordt gekeken naar de trend over de gehele campagneperiode 2008-2009, dan is te zien dat in de doelgroep 'starters' sprake is van een verbeterde situatie ten aanzien van een aantal belangrijke determinanten van veilig vrijgedrag, zoals de intentie. Voor de campagne in 2008 zegt 54 procent 'waarschijnlijk tot zeker wel een condoom te gaan gebruiken in een nieuwe relatie totdat een soa-test is gedaan'. Na de campagne is dit percentage 73 procent. ook bij het algemeen publiek is op dit punt sprake van een stijging (van 42 procent in 2008 naar 73 procent in 2009). In samenwerking met Schorer is een specifieke uiting voor de doelgroep MSM ontwikkeld en in toiletten van horecagelegenheden en diverse print media ingezet. Online De campagnesite en de speciaal ontwikkelde Hyves en Microsoft modules hebben in 2009 313.000 bezoeken gerealiseerd. De door het Trimbos Instituut en het campagneteam ontwikkelde chatbot Bzz is in 2009 online gegaan. De chatbot geeft - 24 uur per dag, zeven dagen per week – via een online database automatisch antwoord op vragen via chatsites over seksualiteit, alcohol en drugs. Bzz heeft ongeveer 11.500 unieke chatters per maand via Windows Live Messenger en 1615 gesprekken via de Webchat op Sense.info. Vanaf de introductie hebben meer dan 52.000 personen Bzz toegevoegd aan hun Windows Live Messenger contactenlijst, in totaal zijn in 2009 3.657.663 antwoorden verstrekt op vragen door Bzz. Samenwerking GGD’e n In samenwerking met een aantal GGD’en zijn vier speciale Match-O-Tron campagnestands gebouwd (inc lusief laptops en printer) die gratis voor alle GGD’en inzetbaar zijn. In de campagneperiode hebben twaalf GGD’en hiervan gebruik gemaakt en in de rest van het jaar is dit aantal verder toegenomen. Vrijwel alle GGD’en hebben in 2009 campagnematerialen best eld. Analyse van resultaten De Vrij Veilig Campagne is er in 2009 in geslaagd een brede groep jongeren te bereiken en een aantal belangrijke effecten te realiseren. Zeker wanneer de effecten van de afgelopen twee jaar – de looptijd van het huidige campagneconcept - in ogenschouw worden genomen, wordt een aantal opvallend positieve effecten op belangrijke determinanten (kennis, houding en intentie) van veilig vrijgedrag binnen nieuwe relaties zichtbaar. De voorlopige cijfers uit de laatste meting van het monitoronderzoek van de RNG (2009) tonen echter aan dat het daadwerkelijk consequente condoomgebruik bij losse partners niet is toegenomen. In 2009 gebruikt 54 procent altijd een condoom, twee jaar geleden was dit percentage nog 56 procent. In 2009 heeft de campagne stevig geïnvesteerd in online community marketing strategieën. Met Hyves en Microsoft zijn nieuwe promotiestrategieën uitgevoerd. Dit heeft uiteindelijk geleid tot ruim 313.000 bezoeken aan campagneplatforms. Financ iering ZonMw, financiering € 850.000, - voor de periode maart 2009 – maart 2010. Evaluatie De Vrij Veilig Campagne heeft in de afgelopen twee jaar positieve effecten gerealiseerd op de intentie om binnen nieuwe relaties condoomgebruik vol te blijven houden totdat een soatest is gedaan. In de komende campagneperiode is het wenselijk om de positieve intenties bij de doelgroep te vertalen in daadwerkelijk gedrag. Het trainen van praktische vaardigheden rond het kopen, beschikbaar hebben, gebruiken en communiceren over condoomgebruik bieden daartoe kansen. Om de training voor een brede doelgroep toegankelijk te maken 49


en tegelijkertijd aan te kunnen sluiten op individuele uitgangssituaties, is verdere verwerving van deskundigheid op het gebied van online advies -op-maatapplicaties, serieus games en e-learning van belang. De chatbot Bzz wordt in 2010 uitgebreid met nieuwe gezondheidsthema’s.

8.12

Campagne Seksuele Weerbaarheid en Anticonceptie

Doe lstelling 2009 De nieuwe campagne die het programma publiekscommunicatie samen met de Rutgers Nisso Groep uitvoert, was in 2009 gericht op het verkrijgen van inzicht in de determinanten van seksuele weerbaarheid en anticonceptie. Op basis van deze inzichten is een pilot project ontwikkeld en een campagneplan voor de periode 2010 -2011 opgesteld. Activite iten en resultaten In 2009 zijn drie onderzoekstrajecten uitgevoerd: een literatuurstudie naar de determinanten van seksuele interactiecompetentie en strategieën om die positief te beïnvloeden, het uitgebreide kwalitatieve onderzoek 'waar ligt de grens' onder jongeren naar seksuele wensen en grenzen en de beleving van grensoverschrijdend gedrag, en een kwalitatief onderzoek onder jongens en meisjes naar anticonceptiefalen. De rapportages van deze onderzoeken verschijnen in het voorjaar 2010. In oktober 2009 zijn de (voorlopige) resultaten van deze onderzoeken aangevuld met de resultaten van een uitgebreid kwantitatief onderzoek van de Universiteit Utrecht en de RNG naar seksueel grensoverschrijdend gedrag gepresenteerd in een expert meeting van ruim 8 0 wetenschappers, GGDmedewerkers en andere relevante partijen. Een van de workshops ging over de vraag wat de onderzoeksresultaten betekenen voor de te ontwikkelen campagnestrategie. De resultaten van de onderzoeken en de expert meting zijn in oktober 20 09 besproken in een consultatiegroep van onderzoekers, GGD- medewerkers en vertegenwoordigers van FIOM, Movisie, Schorer, het ministerie van VWS, een seksuoloog en VBOK, Sense (RIVM) en VBOK. De consultatiegroep heeft geadviseerd over de doelstellingen en inrichting van de pilot en de campagnestrategie voor de middellange termijn. In november 2009 is een uitgewerkt voorstel voor de pilot bij ZonMw ingediend. De pilot moet een online interventie voor jongeren (12-18 jaar) opleveren voor het trainen van vaardigheden in het omgaan met seksuele wensen en grenzen. Daarnaast voorziet de pilot in het testen van online promotiestrategieën waarbinnen kan worden gesegmenteerd op basis van gender. Voor opvoedondersteuners (ouders, leerkrachten, jongerenwerkers, etc.) w ordt een interventiestrategie ontwikkeld die concrete handvatten biedt voor de ondersteuning van jongeren bij het omgaan met seksuele wensen en grenzen. Inmiddels is de pilot door ZonMw goedgekeurd en in ontwikkeling gegaan. Begin januari 2010 is het campagneplan voor de periode 2010 tot en met 2011 bij ZonMw ingediend. Analyse van resultaten Het voorbereidende jaar 2009 heeft relevante inzichten opgeleverd op basis waarvan doelstellingen, doelgroepen en strategieën voor zowel een pilot project als het campagneplan 2010-2011 zijn geformuleerd. 50


Financ iering ZonMw, financiering € 800.000,- voor de periode mei 2009 – mei 2010. Evaluatie Op basis van onderzoeksresultaten en in dialoog met de verschillende organisaties die actief zijn op het gebied van seksuele gezondheid in Nederland, is een campagnestrategie voor de komende twee jaar opgesteld.

8.13

Persvoorlichting

Soa Aids Nederland heeft in 2009 twaalf keer een persbericht uitgestuurd. Er was dit jaar veel aandacht voor activiteiten gericht op jongeren. Veel media-aandacht was er in januari voor de nieuwe chattende robot Bzz, die als vriend in het chatprogramma MSN vragen kan beantwoorden over alcohol, drugs en (veilig) vrijen. Bzz werd door de Telegraaf tot drie keer toe benaderd om op de gezondheidspagina van dinsdag vragen te beantwoorden. In februari kreeg ‘Nacht van het Condoom’ veel publiciteit. Diverse verslaggevers klampten aan bij de safesex-teams die in zestien steden aan uitgaande jongeren vroegen of ze een condoom bij zich hadden. In de tv-uitzending van ‘Goedemorgen Nederland’ legde programmaleider Jos Poelman uit dat de ‘Nacht van het Condoom’ uitgaande jongeren moeten stimuleren condooms bij zich hebben. In de intro van ‘De Wereld Draait Door’ werd deze actie gekoppeld aan een sketch van Herman Finkers. Er waren items bij diverse radiozenders, zoals radio 3FM, NOS Headlines, Q-Music en radio 538. In maart was er onder andere bij Spuiten en Slikken aandacht voor de lancering van Sense.info door staatssecretaris Bussemaker. Deze site heeft sindsdien een constant, hoog bezoekersaantal. In augustus was er bij de aftrap van de Vrij Veilig Campagne veel media -aandacht voor de enorme toename van soa-testen onder jongeren. Campagneleider Filippo Zimbile lichtte in een zestal radio-interviews bij landelijke zenders toe waarom de Vrij Veilig Campagne blijft werken aan het verlagen van de drempel voor een soa-test. Gedurende het jaar was er ook veel aandacht voor de resultaten van de eerste ronde van de chlamydiascreening onder ruim 300.000 jongeren. Jan v an Bergen schoof in maart aan bij de tv-show ‘Goedemorgen Nederland’ om toe te lichten dat ruim vier procent van de geteste jongeren chlamydia heeft. Lastiger is het om media-aandacht te krijgen voor soa(-bestrijding) en veilig vrijen onder specifieke groepen, zoals etnische minderheden en prostituees. Voor dit onderwerp bestaat minder belangstelling bij het grote publiek. Zo komen vooral uitzonderlijke situaties in het nieuws, die een ongenuanceerd beeld geven van de seksuele opvattingen en gedragingen van deze groepen. De berichtgeving over loverboys en vrouwenhandel, bijvoorbeeld, roepen het beeld dat de prostitutie een beroep is waar vrouwen altijd toe worden gedwongen. In december kon Soa Aids Nederland een tegengeluid tijdens een hoorzitting over het Wetsvoorstel regulering prostitutie, in een persbericht werd erop gewezen dat de regulering geen goed instrument is om mensenhandel tegen te gaan. Ton Coenen mocht voor Radio 1 uitleggen dat juist vrijw illige werkende prostituees de illegaliteit in zouden v luchten uit angst om geregistreerd te worden. Bovendien krijgen mensenhandelaars de gelegenheid hun gedwongen prostituees te legaliseren. Ook dagblad Trouw besteedde veel aandacht aan het wetsvoorstel. In 2010 zal blijken of het wetsvoorstel door de Tweede Kamer heen komt.

8.14

Soa Aids Magazine

Het Soa Aids Magazine informeert professionals over actuele ontwikkelingen in de soa- en aidsbestrijding in en vanuit Nederland. De lezers zijn artsen,

51


onderzoekers, voorlichters, preventiewerkers, hulpverleners, beleidsmakers en vrijwilligers. Van de 15.000 lezers is de helft huisarts. In 2009 zijn vier nummers uitgebracht. In het eerste nummer is veel aandacht ingeruimd voor Sense. Het magazine wordt in 2010 thematisch verbreed tot seksuele gezondheid, krijgt een nieuwe naam en neemt in de redactie een seksuoloog op. Ingegeven door financieringsproblemen is de exploitatie in juni overgedragen aan een uitgever, Performis, die zorgt voor het drukwerk, de verzending en advertentieacquisitie. Dat heeft geen gevolgen voor de redactionele werkw ijze.

52


9.

Organisatie en personeel

9.1

Organogram Raad van Toezicht WSA, AF-SANL, SAN! bestuurder

Raad van Bestuur

Raad van Bestuur

rechtspersoon

Stichting STOP AIDS NOW!

Stichting Aids Fonds - Soa Aids Nederland

Beleid & Programma's Communicatie & Fondsenwerving Bedrijfsbureau Stafbureau

Raad van Bestuur Stichting Werkmaatschappij Soa Aids (WSA)

Raad van Toezicht WSA, AF-SANL en SAN!

merken

STOP AIDS NOW! manager B&P

Aids Fonds manager B&P

Soa Aids Nederland manager B&P

programma's beleid en ontwikkeling

programma's beleid en bestedingen

programma's soa aids beleid etnische minderheden intermediairs prostitutie jongeren aids action europe

manager C&F

manager C&F

manager C&F

programma's

programma's campagnes & communicatie fondsenwerving

programma's publiekscommunicatie

manager Bedrijfsbureau financiële administratie dienstverlening planning en productie automatisering

pleitbezorging personeelszaken secretaris Raad van Bestuur directiesecretariaat

De stichtingen Aids Fonds – Soa Aids Nederland en STOP AIDS NOW! werken vanuit één organisatie: de Werkmaatschappij Soa Aids. Zij hebben elk hun specifieke doe lstellingen op het terrein van de soa- en hiv-bestrijding in binnenen buitenland. Alle medewerkers zijn in dienst van de Werkmaatschappij. De werkzaamheden worden uitgevoerd vanuit de vier afdelingen: Beleid en Programma’s, Communicatie en Fondsenwerving, het Bedrijfsbureau en het Stafbureau. De organisatie wordt geleid door twee bestuurders, één van de stichting Aids Fonds – Soa Aids Nederland en één van STOP AIDS NOW! Samen vormen zij de Raad van Bestuur van de Werkmaatschappij Soa Aids. Eén gezamenlijke Raad van Toezicht is toezichthouder voor deze drie stichtingen. Voor het werkgeverschap en ondersteuning vanuit het bedrijfsbureau en het stafbureau maakt ook de Stichting International Civil Society Support (niet opgenomen in het organogram) gebruik van de faciliteiten van de Werkmaatschappij Soa Aids. De Stichting International Civil Society Support heeft een eigen Raad van Bestuur en dezelfde Raad van Toezicht als de andere stichtingen.

53


9.2

Het bedrijfsbureau

Het bedrijfsbureau heeft als belangrijkste functie de medewerkers van Soa Aids Nederland, het Aids Fonds, STOP AIDS NOW! en ICSS bedrijfsmatig te ondersteunen bij het uitvoeren van hun kerntaken. In 2009 werkte het bedrijfsbureau aan de consolidatie van de vergaarde kennis en de verdere inzetbaarheid van medewerkers op verschillende takenpakketten. Het bedrijfsbureau bestaat uit de volgende teams: Dienstverlening, Planning en Productie (DPP) Hier zijn de facilitaire zaken, de receptie, de organisatie van congressen, het beheer van voorlichtingsmateriaal en de logistiek van mailings ondergebracht. DPP organiseerde in 2009 congressen voor de programma’s Intermediairs, Ethnische Minderheden en STOP AIDS NOW! Het grootste evenement was het 13de Nationaal Congres Soa*Hiv*Seks-congres in de RAI in Amsterdam, waaraan ongeveer 900 mensen deelnamen. Het registratiesysteem voor congressen en symposia werd verder uitgebreid. Alle voorstellen voor workshops en presentaties voor het Nationaal Congres Soa*Hiv*Seks worden nu online gerefereerd door externe referenten van collega-organisaties. De organisatie heeft samen met ruim twintig goede doelen van de VFI een collectief contract getekend voor de energievoorziening. De verwachte besparing is 25 procent. Na de verbouw ing in 2008 en de vernieuw ing van het ontruimingssysteem heeft de bedrijfshulpverlening een onverwachte ontruimingsoefening gedaan, 50 procent sneller dan voorheen. DPP heeft de dienstverlening aan de medewerkers verbeterd door alle beschikbare informatie op het nieuwe intranet te plaatsen en e en nieuwe welkomst map te produceren. Nieuwe medewerkers ontvangen bij binnenkomst nu een sleutel, een welkomst map, een uitnodiging voor een ergocheck en voor het maken van een foto voor het Smoelenboek. Dienstverlening Donateurs (DD) DD beheert de databestanden voor fondsenwerving van het Aids Fonds, STOP AIDS NOW! en dance4life. Tevens is DD aanspreekpunt voor donateurs. Na een uitgebreide testperiode is DD per 20 februari 2009 overgegaan op een nieuwe database, Charibase. Na de gebruikelijke kinderziekt es draait het systeem goed en zijn er nieuwe ingrijpende aanpassingen in gang gezet op het gebied van bedanken en bevestigen, verwerken van informatie aanvragen en inlezen van externe bestanden. De overgang naar de nieuwe database was tevens aanleiding voor het nauw keurig beschrijven van alle processen en procedures in een handboek. Er wordt nu ingezet op het actief behouden van donateurs. Hiervoor heeft het hele DD-team een training behoudgesprekken gevolgd. Tijdens de trainingsdagen werd de afdeling bemand door MT-leden en directie. Een groeiend aantal klachten heeft geleid tot (nog) striktere afspraken met wervingsbureaus voor 2010, met de bedoeling het aantal klachten terug te dringen. 54


Functioneel Behee r Re latie database (FBR) FBR zorgt voor de kwaliteit van de database en is in 2009 in het leven geroepen om de integriteit en consistentie van de relatiedatabase te waarborgen. Belangrijkste activiteit is het verder ontwikkelen van de database om processen als bevestigingen, bedankbrieven en 'tailor made '-communicatie steeds meer te automatiseren. De F inanciële Administratie (FA) FA zorgt voor alle financiële processen van de organisatie, van debiteurcrediteuren- en projectadministratie tot managementrapportages en het opstellen van begrotingen en jaarrekeningen. In 2009 hebben de teamleden een zogenaamde ‘backupfunctie’ gekregen om zo de flexibiliteit van het team te versterken. Hierdoor kunnen de medewerkers te allen tijde elkaars werkzaamheden overnemen. Daarnaast is het financieel procedure handboek gecheckt en aangevuld. Na de ingebruikname van de nieuwe donateursdatabase in februari is gewerkt aan de aansluiting van beide financiële bronnen. Een nieuw salaris- en HR-pakket werd geïmplementeerd en per 1 januari 2010 in gebruik genomen. Informatie e n Communicatie Technologie (IC T) ICT beheert de diverse automatiseringssystemen, zoals het computernetwerk en de telefooncentrale. In 2009 werd tijd besteed aan het voltooien van de virtualisatie van het serverpark. Daarnaast is een brede veiligheidscheck gemaakt. Erfe nissen en Le gaten (E&L) E&L is verantwoordelijk voor de afhandeling van nalatenschappen. Het verslag van deze activiteiten staat in het hoofdstuk over fondsenwerving. Analyse van resultaten De organisatie beschikt over up-to-date-systemen en heeft de belangrijkste processen beschreven en gestroomlijnd. Er wordt regelmatig geëvalueerd. De efficiency neemt toe, de interne en externe dienstverlening verbetert zowel in omvang als kwaliteit, met een nagenoeg gelijkblijvende formatie. De evaluatie van de eerste fase van de implementatie van de relatiedatabase Charibase tont aan dat het project binnen acceptabele financiële grenzen is gebleven, wel werd meer tijd geïnvesteerd dan gepland. Er staat een goede basis voor verdere ontwikkelingen. De tweede fase is naar 2010 verschoven. Evaluatie In 2010 wordt gewerkt aan de continue verbetering van de dienstverlening, intern en extern, middels nieuwe producten en activiteiten. Het archiefbeleid wordt geïmplementeerd. Bij Dienstverlening Donateurs zal in 2010 de prioriteit van het behoud van donateurs verder worden doorgevoerd in de werkw ijze van het team en zal er een behoudplan met de noodzakelijke vervolgstappen gemaakt worden.

9.3

Personeelszaken

Voor het realiseren van de organisatie doelstellingen zijn deskundige, optimaal betrokken en vitale medewerkers essentieel. Personeelszaken draagt bij aan een 55


werkklimaat waarin de voorwaarden geschapen worden waarin management en medewekers talenten kunnen inzetten en waar met plezier wordt gewerkt. Naast het continueren van het verbeteren van managementvaardigheden, werken met competenties, het ontwerpen en deels herzien van regelingen en procedures is in het verslagjaar een Medewerkerstevredenheidsonderzoek en een Risico Inventarisatie & Evaluatie gehou den. De uitkomsten van beide onderzoeken waren positief. Personeelssamenste lling In 2009 waren gemiddeld 124 medewerkers in dienst (omgerekend naar een volledig dienstverband 96 fte), van wie 63 vrouw en 37 procent man. Het aantal medewerkers met een volledig dienstverband (36 uur) was 18 procent en in deeltijd 82 procent. De gemiddelde duur van het dienstverband was 6,4 jaar. De gemiddelde leeftijd 42,1 jaar. Er kwamen 19 medewerkers in dienst en 12 medewerkers gingen met ontslag, vier op eigen verzoek, vijf vanwege het einde van de arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd, twee door pensionering en een om andere redenen. Intern zijn vier medewerkers van functie gewisseld. Manageme ntontwikkeling Het werken aan het realiseren van gemeenschappelijk doelen in managementontwikkeling is inmiddels een vast onderdeel van de jaarcyclus van activiteiten voor de leidinggevenden. Drie keer per jaar wisselen leidinggevenden ervaringen uit en delen actuele leiderschapsvraagstukken. In april is een trainingsdag gehouden over het competentiegesprek, gedragsankers, feedback geven en overlegstructuren. We rke n met compete nties Competenties - observeerbare eigenschappen in de vorm van kennis, gedragsvaardigheden en houding - zijn nodig om taken die bij een functie horen goed en succesvol uit te voeren. Per 2009 maken de vastgestelde kern- en functiespecifieke competenties onderdeel uit van het functioneringsgesprek, dat in het eerste kwartaal wordt gehouden. De afspraken en ontwikkeldoelen worden in het verslag vastgelegd. In een voortgangsgesprek halverwege het jaar worden de voortgang en de haalbaarheid besproken. Competenties worden ook gebruikt bij teamontwikkeling, werving en selectie en bepalen van de opleidingsbehoefte. Zie kteverzuim Leidinggevenden en personeelszaken werken, samen met de bedrijfsarts van de Arbo Unie, aan een gezond arbeidsklimaat en proberen beïnvloedbaar ziekteverzuim te voorkomen. Het ziekteverzuim lag op 5,2 procent, de ziekmeldingsfrequentie op 1,8. Een lichte stijging van het verzuim in vergelij king met 2008 (4,9 procent). De stijging is verklaarbaar uit m.n. niet te beïnvloeden langdurig verzuim. Risico Inventarisatie & Evaluatie Na uitbreiding en renovatie van de huisvesting in 2008 is in 2009 een nieuwe Risico Inventarisatie & Evaluatie gemaakt, om risico’s op het gebied van veiligheid, gezondheid en welzijn in kaart te brengen. Op voorstel van de ondernemingsraad werd hieraan een medewerkerstevredenheidsonderzoek gekoppeld. Beide onderzoeken zijn uitgevoerd in samenwerking met de Arbo Unie. De RI&V toont aan dat de meeste zaken die veiligheid, gezondheid en welzijn bevorderen al goed geregeld zijn. Zo is er continue aandacht voor arbeidsomstandigheden en zijn veel zaken beleidsmatig vastgelegd. Voor het borgen en evalueren van het arbobeleid, maatregelen voor veilig werken met het 56


beeldscherm, klimaat en fysieke belasting zijn verbetervoorstellen gedaan die in een plan van aanpak worden uitgewerkt. Mede werke rstevredenheidsonderzoe k Een medewerkerstevredenheidsonderzoek geeft inzicht in de te vredenheid van medewerkers, de waardering voor de organisatie en welke verbeterpunten er zijn om stress te voorkomen en het psychosociale welbevinden te verhogen. De beoordeling door medewerkers van de organisatie en van het werk leverde op beide punten bijna een 8 op. Verbeteringpunten liggen op meer coachend leiderschap, het op een realistisch niveau houden van de ambitie van de organisatie en medewerkers en het versterken van de onderlinge samenwerking tussen programma’s en afdelingen. Workplace policy hiv en werk Het in 2005 opgestelde 'hiv in onze organisatie' bleek na een evaluatie niet meer te voldoen. In de nieuwe 'Workplace policy hiv en andere chronische aandoeningen' en een notitie 'Hiv/aids, gezondheid en veiligheid voor medewerkers die dienstreizen maken' is vastgelegd wat van de organisatie en de medewerkers wordt verwacht in de bejegening van mensen met hiv of een andere aandoening. Van alle medewerkers wordt betrokkenheid bij en kennis van leven met hiv verwacht. De introductie van nieuwe medewerkers besteedt aandacht aan dit aspect. In een speciale bijeenkomst voor alle medewerkers is het vernieuwde beleid gepresenteerd, waarbij ook over hiv en stigma werd gesproken. Integrite it De bestaande regelingen op het gebied van omgangsvormen en klachtenbehandeling zijn op actualiteit en volledigheid getoetst en daar waar nodig herschreven. Aangevuld met enkele nieuwe preventieve voorzieningen, gedragscodes en regelingen voor het voorkomen van misstanden (wat te doen bij vermoeden?, hoe melden?) zijn gebundeld in het integriteitsbeleid. Vrijwillige rs Voor het Aids Fonds en STOP AIDS NOW! is landelijk een groot aantal vrijw illigers inzetbaar. In 2009 is hun gevraagd of zij nog beschikbaar zijn. Zo’n driehonderd vrijwilligers reageerden daar positief op. Van de vrijwilligers is een klein aantal op kantoor werkzaam voor ondersteunende werkzaamheden. Het merendeel helpt bij evenementen en collectes overal in het land. Sommige vrijw illigers zetten zich een keer per jaar in, andere maandelijks. Het in 2007 vastgestelde vrijw illigersbeleid regelt wat de vrijwiliger mag verwachten van de organisatie, en wat de organisatie mag verwachten van de vrijwilliger. Vrijw illigerswerk is weliswaar onverplicht en onbetaald, maar - van beide kanten - nadrukkelijk niet vrijblijvend. Voor de actieve vrijwilligers is een vrijw illigersdag georganiseerd, waarbij zij werden geinformerd over de projecten en resultaten van het Aids Fonds en STOP AIDS NOW! Er was ook een workshop met 'tips en tools' voor collectes. Verder konden de vrijwilligers praten met de directie, en een aantal medewerkers, en met vrijwilligers uit verschillende regio’s. De middag is afgesloten met een rondvaart door de grachten van Amsterdam.

9.4

De ondernemingsraad

De OR is sterk betrokken bij medewerkers en organisatie en vertegenwoordigen de belangen van zowel medewerkers als de organisatie. De huidige OR bestaat uit John Hilgers (voorzitter), Berry Jansen, Marianne Jonker, Erw in Fisser en Martine van der Meulen. De zittingstermijn van deze OR loopt van mei 20 07 tot 57


mei 2010. Voor de periode mei 2009- mei 2010 heeft de OR de volgende doelstellingen geformuleerd:       

Achterban tijdig informeren en betrekken bij werkzaamheden OR Vertegenwoordigen en behartigen van belangen van de medewerkers bij de beleidsvoering van de WSA Standpuntbepaling, overleg, bespreken lopende zaken De gezamenlijke OR en individuele leden zijn deskundig in hun rol Merendeel van de medewerkers van de WSA is tevreden over organisatie en arbeidsomstandigheden Soa Aids Nederland onderneemt duurza mer (*gepland voor 2010) Goede vertegenwoordiging van medewerkers voor de toekomst (* verkiezingen gepland in 2010)

Activite iten en Resultaten  Met betrekking tot achterbancommunicatie hebben in 2009 de volgende activiteiten plaatsgevonden: o De OR heeft zichzelf geïntroduceerd door middel van een korte presentatie bij de twee bijeenkomsten voor nieuwe medewerkers die in 2009 hebben plaatsgevonden, op 2 april en 15 oktober). Deze introductiepresentatie is ook beschikbaar op intranet. o De OR heeft ervoor gezorgd dat verdere algemene informatie beschikbaar is op intranet, waaronder: - wie is de OR - wat doet de OR - visie OR - RvB/OR-verslagen (ook op prikbord) - Werkplan OR - Overige documenten o De OR heeft bij diverse onderwerpen de achterban geraadpleegd. Bijvoorbeeld bij de discussies rondom de vernieuwde arbeidsvoorwaarden, de invoering van een systeem om bijzondere prestaties te belonen en bij de ontwikkeling van het nieuwe strategisch beleidsplan van STOP AIDS NOW! o De OR heeft samen met de RvB 1 informatiebijeenkomst voor het personeel georganiseerd. Deze bijeenkomst vond plaats op 12 november en betrof de presentatie van de resultaten van de risicoinventarisatie en evaluatie en het medewerkerstevredenheidsonderzoek. 

58

Met betrekking tot personeelsvertegenwoordiging heeft de OR elke zes weken overleg gevoerd met de Raad van Bestuur. Tijdens deze overlegvergaderingen zijn diverse onderwerpen aan de orde gekomen: o Werken met competenties in de WSA o Vacatures raad van toezic ht o Nieuw pakket arbeidsvoorwaarden voor de WSA o Risico-inventarisatie en -evaluatie / Medewerkerstevredenheidsonderzoek o Gratificatiebeleid / prestatiebeloningen o Hiv-beleid o Ziekteverzuim o Proces MFS-aanvraag, o Proces ISO-kwaliteitstraject


o o o o o o o

Externe evaluatie Soa Aids Nederland Strategisch beleidsplan Soa Aids Nederland Notitie thuiswerken Notitie buitenlandse reizen Beleid/informatie over hiv/aids, gezondheid en veiligheid voor medewerkers die dienstreizen maken (instemming) Jaarverslag 2008 en werkplan + begrot ing 2009 Reorganisatie afdeling fondsenwerving

De verslagen van de overlegvergaderingen zijn beschikbaar op intranet. Verder is de OR in 2009 vertegenwoordigd geweest in de volgende commissies / werkgroepen: o HIV policy (John Hilgers) o Medewerkerstevredenheidsonderzoek (Erwin Fisser) o Functiewaardering en beloning (Marianne Jonker)



Op het gebied van deskundigheidsbevordering heeft de OR diverse cursussen gevolgd: o Erw in Fisser: Onderhandelen binnen de nieuwe CAO VVT (Formaat) 5 & 6 februari o John Hilgers: Neurolinguistisch programmeren, 11-12 juni 2009 (FNV Formaat) o Martine van der Meulen: De OR als rattenvanger, 4 juni 2009 (FNV Formaat) o Marianne Jonker & Martine van der Meulen: Themacursus functiewaardering en beloning, 14 september 2009 (F NV Formaat) o Gehele OR: Cursus op maat, 6-7 October (FNV Formaat) o Martine van der Meulen: Themacursus Argumenteren is te leren, 13 oktober 2009 (FNV Formaat)



Met betrekking tot medewerkerstevredenheid heeft de OR in 2009 het initiatief genomen voor het uitvoeren van een medewerkerstevredenheidsonderzoek. De RvB heeft dit initiatief verwelkomd en gezamenlijk hebben zij een commissie gevormd onder leiding van Jan de Vries. Het onderzoek werd gecombineerd met een Risico Inventarisatie en Evaluatie en is medio 2009 uitgevoerd door de Arbo-unie door middel van een online enquĂŞte en een aantal persoonlijke interviews. De resultaten zijn opgenomen in een rapport en gecommuniceerd naar de medewerkers tijdens een themauur.

Analyse van de resultate n De ondernemingsraad is niet allee n gesprekspartner van de Raad van Bestuur, maar heeft ook een aantal bijzondere bevoegdheden, zoals adviesbevoegdheden en instemmingsbevoegdheden, afhankelijk van het onderwerp. Deze zijn als volgt ingezet in 2009: o Ingestemd met: (I) beleidsstuk over hiv/a ids, gezondheid en veiligheid voor medewerkers die dienstreizen maken; (II) nieuw pakket arbeidsvoorwaarden; (III) jaarverslag 2008; (IV) werkplan/begroting 2009; (V) notitie thuiswerken; (VI) hiv-policy en (VII) notitie buitenlandse reizen o Niet ingestemd met: voorstel gratif icatiebeleid o Advies gegeven over: reorganisatie afdeling fondsenwerving 59


Evaluatie De OR zal zich in 2010 bezighouden met de afronding van haar werkplan. In 2010 zullen ook een aantal evaluaties plaatsvinden van onderwerpen waar de OR eerder mee heeft ingestemd, zoals werken met competenties. Bovendien zal de OR er op toezien dat er gevolg gegeven zal worden aan de aanbevelingen die voortvloeiden uit het medewerkerstevredenheidsonderzoek. In mei 2010 loopt de zittingstermijn van de OR af. Dit betekent dat er verkiezingen zullen zijn en dat er een nieuw ondernemingsraad zal worden gekozen.

60


10.

Verantwoordingsverklaring

De Raad van Bestuur en de Raad van Toezicht van de Stichting Aids Fonds – Soa Aids Nederland leggen in deze verantwoordingsverklaring vast op welke wijze zij invulling geven aan: 1. de functiescheiding tussen uitvoeren, besturen en toezichthouden; 2. het continu verbeteren van effectiviteit en doelmatigheid bij het realiseren van de doelstelling; 3. het optimaliseren van de relaties met belanghebbenden. Door het ondertekenen van de zogenaamde ‘Bijlage 12’ van het CBF onderschrijven de leden van Raad van Toezicht en de Raad van Bestuur ook individueel deze drie principes van goed bestuur voor goede doelen.

10.1

Scheiding van uitvoering, bestuur en toezicht

De Stichting Aids Fonds – Soa Aids Nederland heeft in haar statuten de functie 'toezichthouden' (vaststellen of goedkeuren van plannen en het kritisch volgen van de organisatie en haar resultaten) duidelijk gescheiden van het 'besturen' dan wel van de 'uitvoering'. De stichting wordt bestuurd door een eenhoofdige Raad van Bestuur, waarop toezicht wordt gehouden door een Raad van Toezicht. De Raad van Toezicht wordt bijgestaan door een financiële Auditcommissie, voorgezeten door de portefeuillehouder financiën van deze raad. De wettelijk voorgeschreven Ondernemingsraad levert vanuit het oogpunt van medezeggenschap een bijdrage aan een goed bestuur van de Stichting. Sinds 1 januari 2008 is de algehele personele unie van kracht in de Raden van Toezicht van de Stichting STOP AIDS NOW!, de Stichting Aids Fonds – Soa Aids Nederland en de Stichting Werkmaatschappij Soa Aids. Tijdelijk, in afwachting van de benoemingen, is er tevens een personele unie met de Raad van Toezicht van het in 2009 verzelfstandigde organisatieonderdeel International Civil Society Support. Het aantal leden van de Raad van Toezicht bedraagt minimaal zeven en maximaal negen. Hierdoor is het besturen van de stichtingen gescheiden van het toezicht, terwijl bij het toezicht juist kan worden gelet op de onderlinge samenhang en verschillen. De verhouding tussen de Raden van Bestuur en de Raden van Toezicht van de drie stichtingen is, voor zover niet in de statuten geregeld, vastgelegd in een reglement waarin de verantwoordelijkheden en taken zijn benoemd. Ook de verhouding tussen Auditcommissie, Raden van Toezicht en Raden van Bestuur is vastgelegd in dit reglement. Uit oogpunt van transparantie en om belangenverstrengeling te voorkomen hebben de toezichthouders en bestuurders op de genoemde ‘Bijlage 12’ van het CBF hun nevenf uncties gemeld. De statuten voldoen volledig aan het vigerende Reglement CBF -Keur. De organisatie onderschrijft de Code Wijffels en voldoet aan alle vereisten die deze code stelt. In 2009 is gestart met het traject om in 2010 het ISO 9001-certificaat te verkrijgen.

61


10.1.1 Raad van Toezicht De Raad van Toezicht vervult de statutair vastgelegde taak van toezichthouder, waarbij hij de stichting en haar resultaten kritisch volgt en zijn goedkeuring moet hechten aan plannen en verantwoordingen. De Raad van Toezicht benoemt de externe accountant, die rapporteert aan de Raad van Toezicht en de Raad van Bestuur. Eens per vier jaar wordt het functioneren van de externe accountant door de Raad van Toezicht en de Raad van Bestuu r beoordeeld; deze beoordeling stond gepland voor 2009, maar is uitgesteld tot 2010. Begin van 2009 een interne risicoanalyse uitgevoerd, waarbij aan de hand van een aantal scenario’s is vastgelegd hoe de organisatie in een bepaalde situatie gaat reageren. Deze scenario’s zijn ook in de Raad van Toezicht besproken. Profiel Het op 20 december 2007 vastgestelde prof iel van de Raad van Toezicht vormt het uitgangspunt voor de samenstelling van de Raden van Toezicht in een algehele personele unie. Gelet op de doelstellingen van de drie stichtingen moeten de toezichthouders voortkomen uit de volgende acht maatschappelijke sectoren: politiek, bedrijfsleven, nationale soa-bestrijding, internationale aidsbestrijding, ontwikkelingssamenwerking, financiën, communicatie en onderzoek. De negende toezichthouder is statutair bepaald als iemand die het vertrouwen heeft van de belangenorganisaties voor mensen met hiv. Combinaties van deskundigheid zijn mogelijk en er wordt gestreefd naar een evenwicht in het aantal mannen en vrouwen. Vergade ringen De Raad van Toezicht is in 2009 driemaal in vergadering bijeengekomen. De Raad van Bestuur woonde deze vergaderingen bij. Vaste onderwerpen op de agenda zijn de besluitenlijst van de Raad van Bestuur en de inhoudelijke en financiële kwartaalrapportages. De financiële Auditcommissie van de Raad van Toezicht rapporteert in de vergaderingen over haar toezicht op de financiële zaken. In de vergadering van 13 april werden het jaarverslag en de jaarrekening 2008 goedgekeurd. Tevens werd met de accountants van KPMG het accountantsverslag besproken. Ook werd het rooster van aftreden vastgesteld en de profielen van de vacatures vastgelegd. De risicoanalyse in relatie tot de financiële crisis vormde het kernthema op de vergadering van 24 juni en deze werd onderschreven. De inhoudelijk invulling van de vacatures van de zetels communicatie en internationale aidsbestrijding werd besproken. Op 21 september werden het werkplan en de begroting voor 2010 goedgekeurd. Een ander belangrijk agendap unt was de bespreking van de evaluatie van de programma’s door een onafhankelijke, externe commissie onder voorzitterschap van prof. dr. H. Rengelink. Tevens werd besproken op welke wijze de werving van kandidaten voor beide vacatures in de Raad gestalte zou kunnen krijgen. De Raad van Toezicht besloot zijn vergadering van 15 december vanwege een te lage opkomst in relatie tot een aantal zwaarwegende agendapunten te verzetten. De zelfevaluatie van de Raad van Toezicht, de bespreking van de KPMGmanagement letter, de subsidieaanvraag bij het Ministerie van Buitenlandse Zaken in het kader van het Medefinancieringsstelsel en de goedkeuring van het 62


Integriteitsbeleid inclusief klokkenluidersregeling zijn alle geagendeerd voor de vergadering van april 2010. Financ iële auditcommissie De Auditcommissie, voorgeschreven vanwege het eenhoofdige bestuur van de stichting, bestond in 2009 uit twee leden en is belast met het houden van toezicht op de financiële gang van zaken binnen de Stichting in het algemeen en voorts met de toetsing van de werking van de interne controle op de administratieve organisatie, in het bijzonder op de betalingsorganisatie. De auditcommissie ziet er tevens op toe dat subsidiebesluiten op de juiste wijze tot stand komen. De auditcommissie bestond tot 1 juni 2009 uit de heren De Bruijn (voorzitter) en Van den Boom (lid). De heer Van den Boom werd per 1 juni 2009 opgevolgd door mevrouw Donker (lid). Vaste onderdelen van de vergaderingen betreffen de bespreking van de managementrapportages en de beoordeling van de declaraties, creditcard en andere uitgaven door de Raad van Bestuur. De auditcommissie behandelde in haar vergadering van 6 april de jaarrekening en het jaarverslag 2008. Op 3 september waren de evaluatie van de kostentoerekening voor de fondsenwerving, de relaties met de banken en het beleid ten aanzien van de reserves de belangrijkste onderwerpen. Het conceptwerkplan en de begroting 2010 werden besproken. Tevens werd de ‘Procedure 4.3. Declaraties, creditcard en andere uitgaven door de Raad van Bestuur’ vastgesteld. Op 7 december besprak de auditcommissie in het bijzijn van de Raden van Bestuur met de accountants de concept management letter. Andere agendapunten waren de interne procedures en het integriteitsbeleid inclusief de klokke nluidersregeling. Vergoedingenbe leid De leden van de Raad van Toezicht verrichten hun werkzaamheden onbezoldigd met de mogelijkheid van een redelijke vergoeding voor de ten behoeve van de stichting gemaakte kosten en voor door hen voor de stichting verrichte werkzaamheden. Binnen de ruimte die het CBF -Keur toestaat bestaat de mogelijkheid van niet-overmatige vacatiegelden. In het boekjaar 2009 werden door de leden van de Raad van Toezicht geen onkosten gedeclareerd; er werden evenmin vacatiegelden uitgekeerd. Zelfevaluatie Raad van Toezic ht De Raad van Toezicht heeft zichzelf verplicht in 2009 een zelfevaluatie te organiseren, waarbij hij de volgende zes vragen zal beantwoorden:  Is de Raad van Toezicht tevreden over de frequentie van de bijeenkomsten en de aanwezigheid van de leden?  Is de Raad van Toezicht van mening dat hij voldoende informatie heeft om toezicht te kunnen uitoefenen?  Biedt de Raad van Toezicht de leden voldoende ruimte om gezichtspunten naar voren te brengen?  Verwoordt de Raad van Toezic ht zijn gezichtspunten in voldoende heldere standpunten en aanbevelingen aan de Raden van Bestuur?  Is de samenstelling van de Raad van Toezicht zodanig dat voldoende kennis en kwaliteit aanwezig zijn om het toezicht uit te oefenen? En is de samenstelling voldoende divers?  Heeft de voorzitter van de Raad van Toezicht voldoende aandacht voor het in alle openheid kritisch kunnen toezien van de Raad op het functioneren van de Raden van Bestuur? 63


Deze zelfevaluatie stond geagendeerd voor de vergadering van december, maar doordat te weinig leden beschikbaar waren, werd dit agendapunt verzet naar de vergadering van april 2010. Samenstelling Raad van Toezic ht Statutair is bepaald dat de Raad van Toezicht een rooster van aftreden opstelt. Indien in een tussentijdse vacature wordt voorzien, dan wordt geen volledige, eerste termijn vervuld maar eindigt de eerste termijn volgens het rooster. Leden van de Raad van Toezicht worden benoemd voor een aaneengesloten periode van maximaal vier jaar en kunnen één keer worden he rbenoemd. De heer Van den Boom verliet in 2009 de Raad van Toezicht vanwege het bereiken van het einde van zijn tweede termijn. Hij bekleedde de zetel met het profiel `internationale aidsbestrijding` en werd daarin opgevolgd door zittend lid mevrouw Hardon. Zittend lid mevrouw Donker, in 2009 benoemd tot Chief Science Officer van de gemeente Rotterdam, nam de portefeuille ‘onderzoek’ van haar over. Aldus ontstond een vacature ‘nationale soa-bestrijding.’ De zetel met profiel ‘communicatie´ bleef in 2009 vacant. Ofschoon het statutair vereiste minimum aantal zetels aanwezig is, streeft de Raad ernaar door een actieve wervingsactie het aantal zetels in 2010 weer op het maximum van negen te brengen. Raad van Toezic ht Stichting Aids Fonds - Soa Aids Nede rland, Stic hting We rkmaatschappij Soa Aids, Stichting STOP AIDS NOW! en Stichting International Civ il Soc iety Support in 2009 Naam

Profiel van de zetel

Aantreden

Termij n

Einde termijn

Dhr. mr. A. Ruys, voorzitter

Bedrijfsleven

18-04-2006

1

01-06-2010

Dhr. W. de Bruijn, RA

Financiën

01-05-2002

2

01-06-2010

Dhr. H.F. Dijkstal

Politiek

26-09-2006

1

01-06-2010

Mw. prof. dr. A.P. Hardon

Internationale aidsbestrijding

21-04-2008

1

01-06-2011

Dhr. dr. F.M.L.G. van den Boom

Internationale aidsbestrijding

17-12-2001

2

01-06-2009

Dhr. dr. K.G. Moody

Vertrouwen van mensen met hiv

21-04-2008

1

01-06-2011

Mw. prof. dr. M.C.H. Donker

Onderzoek

22-09-2008

1

01-06-2012

Mw. E.M.J. Ploumen

Ontwikkelingssamenwerking

22-09-2008

1

01-06-2012

Vacature

Nationale soa-bestrijding

1

01-06-2013

Vacature

Communicatie

1

01-06-2013

Het profiel van een zetel zegt alleen iets over de zetel en niet over de persoon die een bepaalde zetel bekleedt; veelal verenigen de leden van de Raad van Toezicht in hun persoon een combinatie van deskundigheden en werkterreinen, zoals ook blijkt uit het overzicht van hoofd- en nevenfuncties van de leden van de Raad van Toezicht.

Hoofd- e n nevenfuncties De heer mr. A. Ruys heeft de volgende nevenfuncties: lid Raad van Commissarissen Janivo Holding BV, lid Raad van Commissarissen Lottomatica Spa (I), lid Raad van Commissarissen British American Tobacco Plc (VK), lid Raad van Commissarissen ITC PLC India, voorzitter Raad van Commissarissen Luchthaven Schiphol N.V., voorzitter Raad van Toezicht Het Rij ksmuseum, voorzitter Raad van Toezicht Stichting Madurodam, bestuurslid Stichting De Eik 64


en bestuurslid Nationaal Fonds 4 en 5 mei en Commissaris Scheepvaart museum Amsterdam. De heer W. de Bruijn, RA heeft de volgende nevenfuncties: lid Raad van Toezicht Universitair Medisch Centrum Utrecht en lid Raad van Toezicht Stichting Drielanden Educatieve Dienstverlening. De heer dr. F.M.L.G. van den Boom heeft als hoofdfunctie: vice-president International AIDS Vaccine Initiative, Country and Regional Programmes en bekleedt de nevenfuncties: bestuurslid Aids Impact, Verenigd Koninkrijk, lid Editorial Board Psychology, Health and Medicine, Verenigd Koninkrijk en lid Review Board Aids Care, Verenigd Koninkrijk. De heer H.F. Dijkstal heeft de volgende nevenfuncties: bestuurslid Stichting Additie, voorzitter Begeleidingscommissie Bureau bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur (BIBOB), voorzitter College van Toezicht Collectieve beheersorganisaties auteurs- en naburige rechten, lid Advies- en Arbitragecommissie Rijksdienst (AAC), voorzitter Raad van Toezicht Naturalis, voorzitter Raad van Toezicht Luchtverkeersleiding Nederland, commissaris Woningstichting Haag Wonen, lid Visitatiecollege Handvestgroep Publiek verantwoorden, voorzitter Commissie Goed bestuur en Integriteit Publieke Omroep, lid Raad van Advies Ned. Verbond Toelevering Bouw, voorzitter Bestuur Het Expertise Centrum, bestuurslid Stichting Jaarlijkse Literatuurprijs (AKO), voorzitter Raad van Toezicht Stichting Het Rijnlands Lyceum, v oorzitter Raad van Advies Prins Claus Conservatorium te Groningen, voorzitter CliĂŤnten Adviesraad Haga-ziekenhuis, Project Charter Openbare Bibliotheek, voorzitter CoĂśrdinatiegroep Orgaandonatie, lid Topteam Krimp, voorzitter Raad van Toezicht De Appel, ambassadeur Forum voor Democratische Ontwikkeling, bestuurslid Stichting voor Oecumenische Politiek, voorzitter Stichting Instandhouding Nieuwspoort, bestuurslid Stichting Hermitage aan de Amstel, voorzitter Jury Overheidsmanager van het Jaar, voorzitter Cas ema Cultuurfonds, lid Taskforce Handicap en Samenleving, lid Jury Anne Vondelingprijs, lid Raad van Advies Stichting Actief Burgerschap, lid Curatorium Stichting Nationaal Monument Kamp Vught, voorzitter Stichting Atlantic and Pacific Exchange Program, lid Raad van Advies Nederlandse Vereniging van Dierentuinen, lid Klankbordgroep Inzicht - FORUM, bestuurslid Jazz Edison Eindhoven, lid Raad van Advies Kapel van de Koninklijke luchtmacht en voorzitter Curatorium Stichting Media-Ombudsman Nederland (MON). Mevrouw prof. dr. A.P. Hardon heeft als hoofdfunctie hoogleraar Antropologie van Zorg en Gezondheid aan de Universiteit van Amsterdam en decaan van de Amsterdam School for Social science Research (ASSR) en geen nevenfuncties. Mevrouw prof. dr. M.C.H. Donker heeft als hoofdfuncties: algemeen directeur GGD Rotterdam- Rijnmond tot 1 november 2009, hoogleraar Volksgezondheidsbeleid Erasmus Medisch Centrum en sinds 1 november 2009 chief science officer Gemeente Rotterdam en als nevenf uncties: voorzitter Commissie Doelmatigheidsonderzoek ZonMw, voorzitter Jury Volksgezondheidsprijs (Vereniging V&W), lid Gezondheidsraad, lid Beraadsgroep Maatschappelijke Gezondheidszorg van de Gezondheidsraad, lid Adviesraad van de Stichting Stop Hersentumoren en voorzitter van de beoordelingscommissie voor de STOPhersentumoren.nl stimuleringsprijs.

65


De heer dr. K.G. Moody heeft als hoofdfunctie: international coordinator/CEO van GNP+ en als nevenfunctie: bestuurslid van het International Network of Religious Leaders (INERELA+). Mevrouw E.M.J. Ploumen heeft als hoofdfunctie: voorzitter Partij van de Arbeid en als nevenfuncties: lid Raad van Advies Samenwerkende Hulporganisaties, bestuurslid Stichting Opzij, bestuurslid Stichting Emancipatie Online te Den Haag en voorzitter Adviesraad HIER (samenwerking van veertig maatschappelijke organisaties rond klimaatverandering).

10.1.2 Raad van Bestuur De Raad van Bestuur is belast met het besturen van de Stichting Aids Fonds Soa Aids Nederland en legt verantwoording af aan de Raad van Toezicht. De taken van de Raad van Bestuur zijn in het bijzonder het strategisch beleid, de algehele coĂśrdinatie en de externe representatie. De Raad van Bestuur is verantwoordelijk voor de inhoudelijke en financieel-administratieve kwaliteitsbewaking, alsmede het perso neelsbeleid. Een substantieel deel van werkzaamheden van de bestuurder betreffen het voorzitterschap van de Raad van Bestuur van de Stichting Werkmaatschappij Soa Aids. Deze Stichting opereert als faciliterend bedrijf en fungeert als werkgever voor de stichtingen STOP AIDS NOW!, Aids Fonds - Soa Aids Nederland en International Civil Society Support. De Raden van Bestuur van Aids Fonds - Soa Aids Nederland, STOP AIDS NOW! en de Werkmaatschappij Soa Aids vergaderen tweewekelijks in het managementteam met de managers van de drie afdelingen. Het managementteam heeft geen besluitvormende bevoegdheid, maar wel worden besluiten aangaande de organisatie door de Raad van Bestuur zoveel mogelijk in het managementteam genomen en als zodanig vastgelegd. Alle besluite n van de Raad van Bestuur worden schriftelijk in een besluitenlijst vastgelegd en als mededeling bij de vergaderstukken van Raad van Toezicht gevoegd. De Raad van Bestuur van de Stichting Aids Fonds - Soa Aids Nederland werd in 2009 gevormd door Ton Coenen. Zijn nevenfuncties zijn: bestuurslid van de RenĂŠ Klijn Stichting, lid van de Raad van Toezicht van de Stichting Huisartsen Dienstenposten Amsterdam, bestuurslid van de Stichting H. Molendijk, member of the Board of ICASO - and member of the Executive c ommittee and chair to the Governance committee, member of the steering committee of AIDS Action Europe en co-chair of the HIV in Europe Initiative. De heer Coenen is per 1 september afgetreden als secretaris van de Stichting Congres ISST DR 2005. Ook in 2009 heeft de jaarlijkse evaluatie en beoordeling van de Raad van Bestuur door de Raad van Toezicht plaatsgevonden. Aids Fonds - Soa Aids Nederland is lid van de Vereniging van Fondsenwervende Instellingen (VFI) en volgt de Adviesregeling Beloning Directeure n van Goede Doelen (2005) van de VFI. De beloning is gebaseerd op een onafhankelijke functiewaardering door een extern bureau.

66


10.2

Effectiviteit en doelmatigheid van de bestedingen

Soa Aids Nederland is onderdeel van de onafhankelijke Stichting Aids Fonds Soa Aids Nederland te Amsterdam, die op 1 januari 2004 is ontstaan uit de fusie van de Stichting Aids Fonds te Amsterdam en de Stichting soa-bestrijding te Utrecht. De Stichting heeft ten doel het stimuleren en vergroten van de omvang en de kwaliteit van de Nederlandse bijdrage aan de nationale en internationale strijd tegen aids en andere soa’s evenals aan de ondersteuning en zorg voor mensen die leven met hiv of een andere soa en wil dit doel verwezenlijken door:  het verder ontwikkelen en het stimuleren van de uitvoering van het nationaal en internationaal aids- en soa-beleid (pleitbezorging);  het ontwikkelen en uitvoeren van fondsenwervende activiteiten ter financiering van concrete activiteiten op het terrein van de nationale en internationale strijd tegen hiv en aids en andere seksuele overdraagbare aandoeningen (fondsenwerving);  financiële steun te verlenen aan activiteiten van organisaties op het terrein van de aan hiv en aids en/of soa gerelateerde zorg, preventie en onderzoek (fondsenbesteding);  het bevorderen van de betrokkenheid van de Nederlandse samenleving bij mensen met hiv en aids en andere seksuele overdraagbare aandoeningen en het beleid ter zake daarvan, door middel van bijvoorbeeld scholing, advisering en het organiseren van bijeenkomsten (voorlichting);  het ontwikkelen en uitvoeren van programma's gericht op het publiek, of specifieke groepen daarbinnen, professionals en overheden (uitvoering). De doelstellingen voor de jaren 2006, 2007 en 2008 zijn uitgewerkt in ‘Te lijf!, Strategisch beleidsplan Soa Aids Nederland’, dat december 2005 is verschenen. Hierin worden uitgaande van de missie en op basis van negen ontwikkelingen die een sterke invloed op de missie hebben, de doelen geformuleerd die eind 2008 bereikt zouden moeten zijn. Hierdoor wordt het mogelijk de balans op te maken. Eind 2008 is een onafhankelijke, externe evaluatiecommissie bestaande uit vijf personen onder voorzitterschap van prof. dr. Henk Rengelink ingesteld. Deze heeft in 2009 alle programma’s van Soa Aids Nederland in de periode 2004-2008 geëvalueerd. De commissie bijgestaan door een externe secretaris heeft in mei 2009 aan de Raad van Bestuur gerapporteerd. Het rapport is met het RIVM als belangrijke opdrachtgever besproken. Een gesprek hierover met het Ministerie van VWS is uitgesteld moet nog plaatsvinden. In 2008 is tevens gestart met het schrijven van een nieuw strategisch meerjarenbeleidsplan, maar dit proces is aangehouden in afwachting van het rapport van de bovengenoemde evaluatiecommissie. Naar verwachting za l in 2010 een nieuw strategisch meerjarenbeleidsplan worden vastgesteld. Op basis van het strategisch beleidsplan wordt jaarlijks een werkplan met begroting opgesteld, waarin de beoogde resultaten per beleidsonderdeel en per project zijn vastgelegd. De realisatie wordt in beeld gebracht in de kwartaalrapportages en uiteindelijke gepubliceerd in het jaarverslag. Voor de instellingsubsidie wordt jaarlijks aan het RIVM een gedetailleerd formulier ingediend met per programma de activiteiten en de beoogde resultaten.

67


De instelling werkt continu aan een optimale besteding van middelen, zodat effectief en doelmatig gewerkt wordt aan het realiseren van de doelstelling. Door middel van kwartaalrapportages worden de activiteiten van de programma’s gevolgd en op onde rdelen worden evaluaties uitgevoerd. Daarnaast wordt nauwgezet gerapporteerd aan de overheid en andere financiers van ons werk. De activiteiten die de stichting onder de naam Aids Fonds uitvoert, worden verantwoord in een afzonderlijk jaarverslag.

10.3

Omgang met belanghebbenden

Soa Aids Nederland streeft naar optimale relaties met belanghebbenden, met gerichte aandacht voor de informatieverschaffing en de inname en verwerking van wensen, vragen en klachten. De stichting hecht grote waarde aan transparantie. Voor degenen die een gedetailleerde verantwoording willen, is het jaarverslag gratis beschikbaar. Soa Aids Nederland heeft de omgang met belanghebbenden structureel geregeld door middel van het belanghebbendenbeleid en de mogelijkheid om ideeën, opmerkingen en wensen kenbaar te maken. Daarnaast is er een klachtenregeling en de mogelijkheid via de website, telefonisch of per e-mail vragen te stellen. Uiteraard worden belanghebbenden via de website geïnformeerd over het jaarlijkse werkplan en over de bestedingen door middel van het jaaroverzicht en het jaarverslag. De organisatie heeft een vrijw illigersbeleid, waarbij de rechten en plichten van collectanten en andere vrijw illigers duidelijk zijn beschreven in een brochure en in een vrijwilligersovereenkomst worden vastgelegd. Aids Fonds – Soa Aids Nederland onderschrijft het principe van volledige betrokkenheid van mensen met hiv bij beleidsvorming en uitvoering op alle niveaus, het zogenaamde het GIPA-principe (Greater Involvement of People Living w ith HIV and AIDS). Er is een statutair geborgde zetel in de Raad van Toezicht voor een persoon die het vertrouwen heeft van de belangenorganisaties voor mensen met hiv. Het personeelsbeleid van de organisatie is gericht op het in dienst nemen van mensen met hiv, die bij gebleken gelijkwaardigheid de voorkeur krijgen. Medewerkers met hiv worden bewust betrokken bij het ontwikkelen van programma’s en activiteiten met betrekking tot leven met hiv en de bestrijding van hiv en andere soa’s. Jaarlijks organiseren Soa Aids Nederland, het Aids Fonds en STOP AIDS NOW! in nauwe samenwerking met de belangrijkste belanghebbenden – de donateurs uitgezonderd – het Nationaal Congres Soa * Hiv * Seks. Door het interactieve karakter biedt dit congres niet alleen een podium voor het uitwisselen van kennis en ervaringen, maar is bij uitstek ook de gelegenheid waar het publieke debat tussen belanghebbenden over belangrijke thema’s in de aidsbestrijding plaatsvindt. Onze organisatie hecht waarde aan sponsoring van onze producten en activiteiten, niet alleen omdat met extra middelen ook extra inspanningen kunnen worden geleverd, maar ook omdat hierdoor het bedrijfsleven nauwer bij 68


de strijd tegen hiv en aids wordt betrokken. Wel stelt Soa Aids Nederland zich op het standpunt dat sponsors geen inhoudelijke invloed kunnen uitoefenen en legt dit ook vast als ontbindende voorwaarde in de sponsorcontracten. In 2009 is begonnen met de ontwikkeling van een sponsorcode, die in 2010 zal worden vastgesteld en op onze website geplaatst. Hierin wor dt vastgelegd hoe wij met sponsors omgaan. Integrite itsbele id Op 24 november 2009 gaf de Raad van Bestuur, na advies van de Ondernemingsraad, zijn goedkeuring aan het ‘Integriteitsbeleid, Gedragscodes en procedures voor goed werkgever- en werknemerschap.’ Dit beleid bevat naast een aantal preventieve en correctieve gedragsregels, waaronder de klokkenluidersregeling, ook de procedures voor het inschakelen van de interne of externe vertrouwenspersoon en de klachtenregeling voor medewerkers. Verantwoording Soa Aids Nederland legt jaarlijks verantwoording af door middel van een jaarverslag volgens de Richtlijn Verslaggeving Fondsenwervende Instellingen (Richtlijn 650) van de Raad voor Jaarverslaggeving. De Stichting Aids Fonds – Soa Aids Nederland is sinds 1 januari 1998 houder van het CBF-Keur voor de goede doelen van het Centraal Bureau Fondsenwerving. Bij vijfjaarlijkse hertoetsing op 19 december 2007 heeft de Commissie Keurmerk van het CBF de erkenning als keurmerkhouder gecontinueerd. Dit betekent dat de stichting door het CBF positief is beoordeeld op de onderdelen bestuur, beleid, fondsenwerving, bestedingen en verslaglegging. Het geeft tevens aan dat het Aids Fonds binnen de norm van 25 procent voor de eigen fondsenwerving blijft. De vervlechting van de Code Goed Bestuur van de Vereniging van Fondsenwervende Instellingen (VFI) en het CBF -Keur heeft geleid tot een nieuw Reglement CBF-Keur, dat vanaf 1 juli 2008 van kracht is. In het nieuwe reglement is meer nadruk komen te liggen op uitvoeren, besture n en toezichthouden. Ook het doorlopend verbeteren van effectiviteit en efficiëntie van de bestedingen en het optimaliseren van de omgang met vrijw illigers wordt onderdeel van de toetsing. De hertoetsing van onze stichting op basis van het nieuwe reglement CBF-Keur zal in de eerste helft van 2010 plaatsvinden. De organisatie hecht er waarde aan om ook in breder historisch perspectief verantwoording aan de samenleving te kunnen afleggen. De organisatie heeft in 2008 met het Nationaal Archief een overeenkomst afgesloten tot overbrenging en bewaring en de archieven tot en met 2004 in bruikleen overgedragen. Na de overdracht worden de archieven geconserveerd en zoveel mogelijk ontsloten. Na de toevoeging aan de collectie particuliere archieven van het Nationaal Archief zal het archief vanaf eind 2011 voor onderzoekers en andere belangstellenden worden opengesteld. Conform deze overeenkomst zullen in het vervolg de archieven elke vijf jaar naar het Nationaal Archief worden overgebracht. Rese rves en bele gginge n Het Aids Fonds - Soa Aids Nederland belegt zijn gelden op een niet -risicovolle wijze. Hiertoe worden deposito’s en spaarrekeningen gebruikt. Eind 2005 heeft de Raad van Bestuur een plan gepresenteerd over vermogensvorming, dat de Raad van Toezicht heeft goedgekeurd. Dit is conform 69


de Richtlijn Reserves Goede Doelen (2004) van de VFI. Centraal in het plan van de Raad van Bestuur staat dat het primaire doel van de organisatie is om de doelstellingen zo goed mogelijk te realiseren en daarvoor derhalve middelen te besteden. Wel is het noodzakelijk om een reserve te hebben die de continuïteit van de organisatie waarborgt. Dit betreft zowel de verplichtingen ten aanzien van personeel en organisatie als de noodzaak om de subsidietoekenningen te continueren. Op basis daarvan is besloten dat er een risicoreserve wordt gehanteerd van tien procent van de organisatiekosten en € 1.000.000 voor de continuïteit van de doelstelling. De continuïteitsreserve wordt afgebouwd naar het gewenste niveau. Op basis van de jaarrekening 2009 betekent dit dat er een continuïteitsreserve nodig is voor de Stichting Aids Fonds - Soa Aids Nederland van € 1.515.000. Klachte n Soa Aids Nederland beschikt over een algemene klachtenprocedure. De secretaris van de Raad van Bestuur fungeert als klachtencoördinator. Klachtenprocedures De klachtenprocedures zijn een krachtig instrument in het kwaliteitssysteem van de organisatie. De drempel is bewust laag gehouden, zodat belanghebbenden op eenvoudige wijze – telefonisch, via internet, per e-mail of brief – hun klachten kunnen uiten. Klachten komen in het algemeen binnen bij de klachtencoördinator. In principe wordt de klacht opgelost waar deze is ontstaan. De klachtencoördinator houdt het klachtenregister bij. Elk halfjaar rapporteert de klachtencoördinator aan de Raad van Bestuur met afschrift aan het managementteam. Het aantal meldingen van door medewerkers zelf afgehandelde klachten is nihil. Van het advies aan de Raad van Bestuur om de melding van de klachten onderdeel te maken van de kwartaalrapportages van de programma’s en afdelingen heeft opvolging gekregen. Wel moet de komende periode aandacht worden besteed aan de evaluatie van eventuele structurele veranderingen die uit klachten voortvloeien. In verband met de geplande ISO-certificering is de klachtenprocedure op dit laatste punt aangepast. In de eerste helft van 2009 werden vier klachten door het Soa Aids Nederland bijgeschreven in het klachtenregister. Eén klacht was gegrond. Een storing in de sms-service Love Lips leidde tot twee klachten. Deze klachten waren niet gegrond maar wel werd uitgebreidere uitleg over de gekozen werkwijze gegeven. Een klacht over gebruik van vertrouwelijk informatie van derden door een medewerker in een discussie met een andere partij is gegrond verklaard. In een persoonlijk gesprek is dit uitgelegd en zijn excuses aangeboden. Een klacht over gebruik van verkeerde gegevens bleek tot de klager zelf terug te leiden en werd ongegrond verklaard. Begin 2009 werd nog een klacht uit 2008 afgerond met betrekking tot de ongeautoriseerde publicatie van een artikel in het Soa Aids Magazine. Er is een excuusbrief verzonden en de procedure voor de autorisatie van artikelen door hoofdredactie is bijgesteld. Tevens worden voortaan de webversie en de gedrukte versie afzonderlijk elk als artikel beschouwd.

70


Evaluatie structurele aanpassingen Klachten die leiden tot een structurele aanpassing van de werkw ijze worden in het daarop volgende jaar geĂŤvalueerd. Na de twee klachten in 2008 over ongeautoriseerde plaatsing van artikelen in Soa Aids Magazine heeft de redactie de procedure voor de autorisatie aangepast. Na de invoering van deze verbetering werden op dit punten geen klachten meer ontvangen.

Deze verantwoordingsverkla ring is vastgesteld op 13 a pril 2010.

Ton Coene n Raad van Bestuur

Anthony Ruys voorzitte r Raad va n Toezicht

71


10.4

Statutaire en overige gegevens

De stichting draagt de naam ‘Stichting Aids Fonds – Soa Aids Nederland’ en heeft haar zetel in de gemeente Amsterdam. Missie De missie van Soa Aids Nederland luidt ‘Soa Aids Nederland is het Nederlandse expertisecentrum op het gebied van hiv en andere soa. Als expertisecentrum richt Soa Aids Nederland zich op preventie, curatie en zorg, advisering, collectieve belangenbehartiging en coördinatie. Soa Aids Nederland werkt ten dienste van iedereen die in Nederland verblijft, ongeacht afkomst, het al dan niet hebben van een verblijfsvergunning en ongeacht of men wel of geen hiv en/of andere (chronische) soa heeft’. Inschrijving Kamer van Koophande l De Stichting Aids Fonds – Soa Aids Nederland is ingeschreven bij de Kamer van Koophandel en Fabrieken voor Amsterdam onder nummer 34200393, waarbij ‘Aids Fonds’ als verkorte naam is vastgelegd. Rangschikking Successie wet 1956 De Stichting Aids Fonds – Soa Aids Nederland is door de Inspecteur van de Belastingdienst aangemerkt als instelling zoals bedoeld in artikel 24, lid 4 van de Successiewet 1956. Per 1 januari 2008 is de stichting aangemerkt als Algemeen Nut Beogende Instelling (ANBI).

10.5

Gegevens gelieerde instellingen

Stichting We rkmaatschappij Soa Aids De Werkmaatschappij opereert als faciliterend bedrijf, zodat de werkzaamheden sterk gericht zijn op de operationele kant. De Werkmaatschappij fungeert als werkgever voor de Stichting Aids Fonds – Soa Aids Nederland, de Stichting STOP AIDS NOW! en de Stichting INTERNATIONAL CIV IL SOCIETY SUPPORT . Statutaire gegevens De stichting draagt de naam ‘Stichting Werkmaatschappij Soa Aids’ en heeft haar zetel in de gemeente Amsterdam. De Stichting heeft ten doel zodanige voorwaarden te scheppen voor de te Amsterdam gevestigde Stichting Aids Fonds – Soa Aids Nederland, de Stichting STOP AIDS NOW! en de Stichting INTERNATIONAL CIVIL SOCIETY SUPPORT , dat deze hun werkzaamheden optimaal kunnen verrichten, en voorts al hetgeen met een en ander rechtstreeks of zijdelings verband houdt of daartoe bevorderlijk kan zijn. Inschrijving Kamer van Koophandel De Stichting Werkmaatschappij Soa Aids is ingeschreven in het handelsregister van de Kamer van Koophandel en Fabrieken voor Amsterdam onder nummer 41207989. 72


Raad van Toezicht Er is sprake van een algehele personele unie in de Raden van Toezicht van de stichtingen STOP AIDS NOW!, Werkmaatschappij Soa Aids, Aids Fonds – Soa Aids Nederland en International Civil Society Support. De verhouding tussen de Raden van Bestuur en de Raden van Toezicht van de drie stichtingen is vastgelegd in een reglement, waarin de verantwoordelijkheden en taken zijn benoemd. Ook de verhouding tussen Auditcommissie, Raden van Toezicht en Raden van Bestuur is vastgelegd in dit reglement. Raad van Bestuur De Raad van Bestuur van de Stichting Werkmaatschappij Soa Aids bestond vanaf 2 maart 2009 uit Ton Coenen (voorzitter) en Louise van Deth (lid). Peter van Rooijen (lid) verliet per 2 maart 2009 de Raad van Bestuur. De nevenfuncties van Ton Coenen zijn: bestuurslid van de René Klijn Stichting, lid van de Raad van Toezicht van de Stichting Huisartsen Dienstenposten Amsterdam, bestuurslid van de Stichting H. Molendijk, member of the Board of ICASO - and member of the Executive committee and chair to the Governance committee -, member of the steering committee of AIDS Action Europe en cochair of the HIV in Europe Initiative. De heer Coenen is per 1 september afgetreden als secretaris van de Stichting Congres ISST DR 2005. Louise van Deth heeft als nevenfuncties: penningmeester van de stichting Henry Hudson 400, voorzitter van de Tony Chocolonely Foundation en voorzitter van Arts & Exes. De nevenfuncties van Peter van Rooijen zijn: chair of the Financial and Audit Committee of the Global Fund to fight AIDS, Tuberculosis and Malaria, voorzitter van de Stichting De Grote Onderneming en bestuurslid van het Health Insurance Fund.

Stichting STOP AIDS NOW! STOP AIDS NOW! is een onafhankelijke stichting, die op 15 december 2000 werd opgericht door de initiatiefnemer Stichting Aids Fonds (thans: Stichting Aids Fonds – Soa Aids Nederland) te Amsterdam met als participanten:  Stichting Aids Fonds – Soa Aids Nederland te Amsterdam;  Stichting Cordaid Memisa te ’s-Gravenhage;  Stichting Hivos – Humanistisch Instituut voor Ontwikkelingssamenwerking te ’s-Gravenhage;  Stichting ICCO te Zeist;  Stichting Oxfam Novib te ’s-Gravenhage. Statutaire gegevens De stichting draagt de naam ‘Stichting STOP AIDS NOW!’ en heeft haar zetel in de gemeente Amsterdam. Stichting STOP AIDS NOW! heeft zich ten doel gesteld zowel de omvang als de kwaliteit te verhogen van de Nederlandse bijdrage aan de aidsbestrijding in de ruimste zin van het woord en voorts al hetgeen met een en ander rechtstreeks of zijdelings verband houdt of daartoe bevorderlijk kan zijn. Inschrijving Kamer van Koophandel De Stichting STOP AIDS NOW! is ingeschreven in het handelsregister van de Kamer van Koophandel en Fabrieken voor Amsterdam onder nummer 34148235. 73


Raad van Toezicht Er is sprake van een algehele personele unie in de Raden van To ezicht van de stichtingen STOP AIDS NOW!, Werkmaatschappij Soa Aids, Aids Fonds – Soa Aids Nederland en INTERNATIONAL CIVIL SOCIETY SUPPORT . De verhouding tussen de Raden van Bestuur en de Raden van Toezicht van de drie stichtingen is vastgelegd in een reglement, waarin de verantwoordelijkheden en taken zijn benoemd. Ook de verhouding tussen Auditcommissie, Raden van Toezicht en Raden van Bestuur is vastgelegd in een reglement. In 2008 zijn beide reglementen samengevoegd. Raad van Bestuur De Raad van Bestuur van de Stichting STOP AIDS NOW! wordt gevormd door Louise van Deth. Haar nevenfuncties zijn: penningmeester van de Stichting Henry Hudson 400, voorzitter van de Tony Chocolonely Foundation en voorzitter van Arts & Exes. Keurmerk Centraal Bureau voor de Fondsenwerving Op 13 december 2004 is aan de Stichting STOP AIDS NOW! het keurmerk CBF toegekend. Rangschikking Successiewet 1956 De Stichting STOP AIDS NOW! is door de Inspecteur van de Belastingdienst aangemerkt als instelling zoals bedoeld in artikel 24, lid 4 van de Successiewet 1956. Per 1 januari 2008 is de stichting aangemerkt als Algemeen Nut Beogende Instelling (ANBI).

International Civil Society Support De unit International Civil Society Support is in 2009 verzelfstandigd. De Stichting International Civil Society Support is op 24 februari 2009 opgericht door Peter van Rooijen. Statutaire gegevens De stichting draagt de naam ‘International Civil Society Support ’ en heeft haar zetel in de Gemeente Amsterdam. International Civil Society Support heeft zich ten doel gesteld het in samenwerking met de global hiv en aids civil society ontwikkelen en implementeren van een visie op en benadering van hiv en aids, die bijdragen aan het versterken van de rol en effectiviteit van zowel de global hiv en aids civil society en anderen in de strijd tegen hiv en aids en voorts al hetgeen met een en ander rechtstreeks of zijdelings verband houdt of daartoe bevorderlijk kan zijn. Inschrijving Kamer van Koophandel De Stichting International Civil Society Support is ingeschreven in het handelsregister van de Kamer van Koophandel en Fabrieken voor Amsterdam onder nummer 34328675. Raad van Toezicht Er is vooralsnog sprake van een algehele personele unie in de Raden van Toezicht van de stichtingen STOP AIDS NOW !, Werkmaatschappij Soa Aids, Aids Fonds – Soa Aids Nederland en International Civil Society Support. De 74


verhouding tussen de Raden van Bestuur en de Raden van Toezicht van de stichtingen is vastgelegd in een reglement, waarin de verantwoordelijkheden en taken zijn benoemd. Ook de verhouding tussen Auditcommissie, Raden van Toezicht en Raden van Bestuur is vastgelegd in dit reglement. Het is het streven dat de Stichting International Civil Society Support in 2010 een afzonderlijke, internationale Raad van T oezicht krijgt. Het reglement zal overeenkomstig worden aangepast. Raad van Bestuur De Raad van Bestuur van de Stichting International Civil Society Support wordt vanaf de oprichting gevormd door Peter van Rooijen, die daarvoor de directie van deze unit voerde. Zijn nevenfuncties zijn chair of the Financial and Audit Committee of the Global Fund to fight AIDS, Tuberculosis and Malar ia , voorzitter van de Stichting De Grote Onderneming en bestuurslid van het Health Insurance Fund. Keurmerk Centraal Bureau voor de Fondsenwerving De Stichting International Civil Society Support is geen fondsenwervende instelling en heeft geen CBF-Keur. Rangschikking Successiewet 1956 De Stichting International Civil Society Support is niet aangemerkt als Algemeen Nut Beogende Instelling (ANBI).

75


11.

Jaarrekening Stichting Aids Fonds – Soa Aids Nederland 2009

De jaarrekening in dit jaarverslag geeft de financiële verantwoording van de Stichting Aids Fonds – Soa Aids Nederland. Voor beschrijving en verantwoording van de activiteiten van het Aids Fonds in 2009 verwijzen w ij naar het desbetreffende jaarverslag.

Balans per 31 december 2009 Toelichting

31 december 2009

31 december 2008

(in euro’s) Activa Materiële vaste activa

1

1.254.625

1.288.185

Vorderingen

2

2.265.450

3.601.657

Gelieerde instellingen

3

814.943

891.802

Liquide middelen

4

16.274.646

12.754.936

20.609.664

18.536.580

Totaal Activa Passiva Reserves en fondsen Reserves

5

Continuïteitsreserve

6

1.515.366

1.480.088

Bestemmingsreserves

7

2.461.425

2.681.363

Overige reserves

8

2.267.446

2.122.774 6.244.237

6.284.225

1.088.388

1.434.165

7.332.625

7.718.390

Fondsen Bestemmingsfondsen

9

Langlopende schulden

10

1.663.155

2.855.681

Kortlopende schulden Gelieerde instellingen

11

11.198.720

7.962.509

12

415.164

0

20.609.664

18.536.580

Totaal Passiva

76


Staat van baten en laste n ove r 2009 Werkelijk 2009

Begroot 2009

Werkelijk 2008

(in euro's) Baten: Baten uit eigen fondsenwerving Baten uit acties van derden Subsidies van overheden Baten uit beleggingen (rente) Overige baten

13 14 15 16 17

Som der baten

7.562.993 3.299.690 9.672.385 196.127 288.215

5.997.765 2.329.540 9.213.673 200.000 251.860

7.364.910 3.455.056 8.159.649 310.988 195.771

21.019.410

17.992.838

19.486.374

Lasten: Besteed aan doelstellingen Aids Fonds bestedingbeleid Aids Fonds LAASER project

18 19

7.314.809 2.483.881

5.489.394 2.271.982

5.724.344 2.011.984

Soa Aids programma's en projecten Voorlichting en Communicatie Strategie en Pleitbezorging

20 21 22

5.008.815 3.963.641 539.308

5.096.523 3.570.447 495.100

4.317.137 3.334.264 416.716

19.310.454 Werving baten Kosten eigen fondsenwerving Kosten acties derden Kosten verkrijging subsidies overheden Kosten van beleggingen (rente) Beheer en administratie Kosten beheer en administratie Som der lasten Resultaat

Resultaatbestemming Toevoeging/onttrekking aan: - continu誰teitsreserve - bestemmingsreserves - overige reserves - bestemmingsfondsen

16.923.446

15.804.445

23 24

1.030.364 215.379

984.729 179.338

1.147.736 149.757

25

133.830 0

0 0

22.505 0

26

1.379.573

1.164.067

1.319.998

715.148

705.325

689.092

21.405.175

18.792.838

17.813.535

-385.765

-800.000

1.672.839

35.278 -219.938 144.672 -345.777

0 -800.000 0 0

-1.600.000 1.040.657 2.122.774 109.408

-385.765

-800.000

1.672.839

77


Kasstroomoverzicht over 2009 in euro's Kasstroom uit operationele activiteiten Resultaat boekjaar Aanpassingen voor: . Afschrijvingen . Reserves en fondsen . Mutaties voorzieningen . Mutaties langlopende projectverplichtingen Veranderingen in werkkapitaal: . Mutaties vorderingen en overlopende activa . Mutaties voorraden . Mutaties overige schulden en overlopende activa Totaal

2009

2008

-385.765

1.672.839

33.560 0 0 -1.192.526

33.560 0 0 -1.392.364

1.413.066 0 3.651.375 3.519.710

-606.288 1.575 2.005.545 1.714.867

Kasstroom uit investeringsactiviteiten

0

0

Kasstroom uit financieringsactiviteiten

0

0

Mutatie liquide middelen

3.519.710

1.714.867

Stand liquide middelen 01-01 Stand liquide middelen 31-12

12.754.936 16.274.646

11.040.069 12.754.936

3.519.710

1.714.867

De afname van de vorderingen is vooral veroorzaakt door de erfenissen en legaten (€ 1.188.000), door de loterijen (€ 268.000) en de rekening courant met STOP AIDS NOW! (€ 72.000). Daarnaast is er een toename van de vorderingen inzake projectsubsidies (€ 125.000). De afname van de langlopende projectverplichtingen is veroorzaakt door de verschuiving van lang naar kortlopende schulden. Daarnaast is de toename van de overige schulden en overlopende passiva veroorzaakt door de vooruit ontvangen subsidies (€ 930.000), kortlopende projectverplichtingen (€ 2.304.000) en gelieerde instellingen (€ 423.000).

78


Toe lic hting waarde ringsgrondslagen De jaarrekening is opgesteld conform de Richtlijn 650 Fondsenwervende instellingen. De grondslagen die worden toegepast voor de waardering van activa en passiva en de resultaatbepaling zijn gebaseerd op historische kosten. Gebruik van schattingen De opstelling van de jaarrekening vereist dat de Raad van Bestuur oordelen vormt en schattingen en veronderstellingen maakt die van invloed zijn op de toepassing van grondslagen en de gerapporteerde waarde van activa en verplichtingen, en van baten en lasten. De daadwerkelijke uitkomsten kunnen afwijken van deze schattingen. De schattingen en onderliggende veronderstellingen wo rden voortdurend beoordeeld. Herzieningen van schattingen worden opgenomen in de periode waarin de schatting wordt herzien en in toekomstige perioden waarvoor de herziening gevolgen heeft. Grondslage n voor de waa rdering van activa e n passiva Voorzover niet anders vermeld, worden activa en passiva opgenomen tegen nominale waarde. Financiële instrumenten omvatten investeringen in handels- en overige vorderingen, liquide middelen, handelsschulden en overige te betalen posten. Financiële instrumenten worden bij de eerste opname verwerkt tegen reële waarde. Na de eerste opname worden financiële instrumenten op de hierna beschreven manier gewaardeerd. Financiële instrumenten die deel uit maken van een handelsportefeuille. Financiële instrumenten (activa en verplichtingen) die worden aangehouden voor handelsdoeleinden worden gewaardeerd tegen reële waarde en wijzigingen in die reële waarde worden verantwoord in de staat van baten en lasten. In de eerste periode van waardering worden toerekenbare transactiekosten als last in de staat van baten en lasten verwerkt. De materiële vaste activa worden gewaardeerd tegen aanschafwaarde, verminderd met lineaire afschrijvingen op basis van de geschatte economische levensduur. Vorderingen en overlopende passiva worden gewaa rdeerd op de nominale waarde en indien noodzakelijk onder aftrek van een voorziening voor oninbaarheid. Voorzieningen worden bepaald op basis van individuele beoordeling van de inbaarheid van de vorderingen. Reserves en fondsen De continuïteitsreserve is gevormd om de continuïteit te waarborgen ingeval van (tijdelijke) sterk tegenvallende opbrengsten. De beperkte bestedingsmogelijkheid van de bestemmingsreserve is door het bestuur bepaald, en betreft geen verplichting, het bestuur kan deze beperking zelf opheffen. Bestemmingsfondsen betreffen de middelen die zijn verkregen met een door derden aangegeven specifieke bestemming.

79


Grondslage n voor de resultaatbepaling Opbrengsten en kosten worden verantwoord in het jaar waaraan zij kunnen worden toegerekend. Nalatenschappen worden opgenomen in het boekjaar waarin de omvang betrouwbaar kan worden vastgesteld. Voorlopige uitbetalingen in de vorm van voorschotten worden in het boekjaar waarin zij worden ontvangen verantwoord als baten uit nalatenschappen, voorzover deze niet al in een voorgaand boekjaar zijn verantwoord. Opbrengsten uit de verkoop van artikelen worden onder de baten tegen de brutowinst opgenomen. De brutowinst is de netto-omzet verminderd met de kostprijs van de verkochte artikelen. Onder de nett o-omzet wordt verstaan de opbrengst onder aftrek van kortingen en over de omzet geheven belastingen. Onder de kostprijs wordt verstaan de inkoopwaarde van de goederen, verhoogd met de op de inkoop en verkoop drukkende directe (aan derden betaalde) verwervingskosten. De door het Aids Fonds in dit verband gemaakte eigen kosten worden als kosten van fondsenwerving verantwoord. Uitvoeringskosten De Stichting Aids Fonds - Soa Aids Nederland wordt facilitair ondersteund door de Stichting Werkmaatschappij Soa Aids, waarin het personeel ondergebracht is. De verdeling van de uitvoeringskosten (personeel, pand en materiĂŤle voorzieningen) vindt plaats op basis van de goedgekeurde begrotingen van de Stichting Aids Fonds - Soa Aids Nederland, de Stichting STOP AIDS NOW! en de Stichting International Civil Society Support. In 2009 was de verdeelsleutel: 68,1% aan de Stichting Aids Fonds - Soa Aids Nederland, 26,8% aan de Stichting STOP AIDS NOW!, 5,1% aan de Stichting International Civil Society Support. De doorberekening van de kosten voor personeel en organisatie uit de Werkmaatschappij Soa Aids aan de merken Soa Aids Nederland, Aids Fonds, STOP AIDS NOW! en ICSS is direct gerelateerd aan de omvang van de personele inzet voor het bepaalde merk. Aan de hand van de uren per merk, vermenigvuldigd met het uurtarief voor de betreffende functionaris wordt concreet doorberekend wat de kosten zijn. Hierdoor wordt gegarandeerd dat de merken alleen de eigen kosten betalen. Het uurtarief is gebaseerd op de integrale kostprijs en bestaat derhalve uit salariskosten inclusief sociale lasten en pensioenlasten, overige personeelskosten, huisvestingskosten, kantoorkosten, overige algemene kosten en afschrijvingen. De verdeling van de doorbelaste organisatiekosten over de programma's vindt plaats op basis van de werkelijke geschreven uren op de programma's. Kosten beheer en administratie Kosten beheer en administratie zijn de kosten die de organisatie maakt in het kader van de (interne) beheersing en administratievoering en die niet worden toegerekend aan de doelstelling of de werving van baten. De Vereniging Fondsenwervende Instellingen (VFI) heeft aanbevelingen opgesteld voor de toepassing van deze richtlijn. Aids Fonds - Soa Aids Nederland 80


volgt die aanbevelingen en heeft de volgende onderdelen ondergebracht in de post beheer en administratie: - management: uitvoeringskosten van de directeuren en de managers, voor zover zij niet direct in het kader van de doelstelling zijn uitgevoerd, overeenkomstig de urenverantwoording, - bedrijfsvoe ring: uitvoeringskosten van de afdeling Dienstverlening, Planning en Productie (DPP), voor zover zij niet direct in het kader van de doelstelling zijn uitgevoerd, overeenkomstig de urenverantwoording, - financiĂŤn / controlling. De organisatie streeft ernaar om de kosten beheer en administratie te beperken tot tussen 3% en 6% van de totale opbrengsten. Voorbeelden van directe toerekening aan de doelstelling zijn: - management: communicatie, pleitbezorging en strategische vertegenwoordiging, - bedrijfsvoering: organisatie van evenementen en logistiek inzake de distributie van voorlichtingsmateriaal. De uitvoeringskosten van de afdelingen Personeelszaken en Automatisering worden aan de doelstelling, aan fondsenwerving en aan beheer en administratie toegerekend, naar rato van de bezetting van het personeel onder elk onderdeel. Kosten toerekening Kosten worden toegerekend aan de doelstelling, werving baten, en beheer en administratie op basis van de volgende maatstaven: - direct toerekenbare kosten worden direct toegerekend, - middels de urenverantwoording gekoppeld aan een uurtarief worden de andere kosten aan de doelstelling, werving baten en beheer en administratie toegerekend (zie hierboven 'uitvoeringskosten'). De bij particulieren fondsenwervende activit eiten betrokken kosten worden voor 50 procent (2008: 35 procent) aangemerkt als kosten in het kader van de doelstelling (communicatie en voorlichting). Voor het Aids Fonds zijn kennis over de aidsproblematiek en het realiseren van maatschappelijke betrokke nheid belangrijke voorwaarden om de doelstelling te realiseren. Om deze redenen wordt binnen fondsenwervende activiteiten aandacht besteed aan voorlichting. De toedeling van kosten aan fondsenwerving en communicatie is gebaseerd op een zo feitelijk mogelijke vaststelling van deze onderlinge verhouding. In 2009 werden de veronderstellingen die aan het verdelingspercentage ten grondslag liggen door de Raad van Bestuur geĂŤvalueerd. Alle onderdelen van de particulieren fondsenwervende activiteiten werden beoordeeld op hun voorlichtingskarakter. Het infomeren van prospects wordt bijvoorbeeld voor 60% ten laste van voorlichting gebracht. De kosten die worden gemaakt voor het verwerken van de giften zoals de bankkosten en de database kosten vallen uiteraard volledig onder kosten fondsenwerving. De fondsenwervende activiteiten die betrekking hebben op de collecte organisatie, corporate fondsenwerving en aandeel in acties van derden worden niet aan voorlichting toegerekend.

81


Toe lic hting balans per 31 december 2009 (in euro’s) 1 Materiële vaste activa Het verloop van de materiële vaste activa is als volgt weer te geven: Gebouwen

Inrichting

Totaal 2009

Totaal 2008

1.394.771

56.647

1.451.418

1.451.418

0

0

0

0

1.394.771

56.647

1.451.418

1.451.418

139.476

23.757

163.233

129.673

27.895

5.665

33.560

33.560

167.371

29.422

196.793

163.233

Boekwaarde per 31 december

1.227.400

27.225

1.254.625

1.288.185

Boekwaarde per 31 december 2008

1.255.295

32.890

1.288.185

50 jaar

10 jaar

Aanschafwaarde per 1 januari Investeringen boekjaar Aanschafwaarde per 31 december Afschrijvingen per 1 januari Afschrijvingen Afschrijvingen per 31 december

Afschrijvingstermijnen:

De materiële vaste activa betreffen uitsluitend activ a bestemd voor de bedrijfsvoering. De afschrijvingskosten van het gebouw en de inrichting van het gebouw worden doorbelast aan de Werkmaatschappij en meegenomen in de doorbelasting aan de bovengenoemde stichtingen. 2009

2008

Erfenissen en legaten

943.571

2.132.020

Vorderingen inzake projectsubsidies

166.420

40.947

0

361.268

268.768

200.335

95.776

100.391

SponsorBingoLoterij

706.812

614.043

Te ontvangen rente

32.306

72.660

Vooruitbetaalde kosten

10.235

351

Diversen

41.562

79.642

2.265.450

3.601.657

2 Vorderingen en overlopende activa

Stichting Loterijacties Volksgezondheid Debiteuren Te vorderen subsidies RIVM

De vorderingen uit hoofde van nalatenschappen volgen de afname in de opbrengsten 2009. 3 Gelieerde instellingen Werkmaatschappij Soa Aids

641.470

703.992

STOP AIDS NOW!

173.473

187.810

814.943

891.802

ING / Postbank

4.677.659

9.927.272

Spaarrekeningen ING en Robeco (2008 Robeco)

8.805.021

296.713

ASN Deposito (2008 ING deposito)

2.768.273

2.500.000

4 Liquide middelen

Collectegelden in kluis

82

23.693

30.950

16.274.646

12.754.936


5 Reserves

2009

2008

Continuïteitsreserve

1.515.366

1.480.088

Bestemmingsreserves

2.461.425

2.681.363

Overige reserves

2.267.446

2.122.774

6.244.237

6.284.225

De mutaties in de reserves in het boekjaar 2009: Stand per 1 januari

Toevoeging

Besteding

Stand per 31 december

Continuïteitsreserve

1.480.088

35.278

0

1.515.366

Bestemmingsreserves

2.681.363

1.048.154

-1.268.092

2.461.425

Overige reserves

2.122.774

1.000.000

-855.328

2.267.446

2009

6.284.225

2.083.432

-2.123.420

6.244.237

2008

4.720.794

3.258.753

-1.695.322

6.284.225

6 Continuïteitsreserve Stand per 1 januari Mutatie reserve financiering activa bedrijfsvoering Resultaatbestemming Stand per 31 december

2009

2008

1.480.088

3.080.088

33.560

33.560

1.718

-1.633.560

1.515.366

1.480.088

Eind 2005 heeft de Raad van Bestuur haar plan gepresenteerd over vermogensvorming, dat de Raad van Toezicht heeft goedgekeurd. Centraal in het plan staat dat het primaire doel van de organisatie is om de doelstellingen zo goed mogelijk te realiseren en dus om de middelen te besteden. Wel is het noodzakelijk om vermogen op te bouwen om de continuïteit van de organisatie te waarborgen. Dit betreft zowel de verplichtingen ten aanzien van personeel en organisatie als de noodzaak om de subsidie toekenningen te continueren. Op basis daarvan is besloten dat er een continuïteitsreserve wordt opgebouwd van 10% van de organisatiekosten en € 1 miljoen voor de continuering van de doelstelling. Op basis van de jaarrekening 2009 betekent dit dat er een continuïteitsreserve nodig is voor de Stichting Aids Fonds - Soa Aids Nederland van minstens € 1.515.000. 7 Bestemmingsreserves LAASER project Voorlichtingsmateriaal

2009

2008

68.746

68.746

87.656

51.219

Aids Action Europe

306.930

173.213

Subsidieverstrekking en bestedingen

628.144

1.100.000

MFS consortium

115.324

0

1.254.625

1.288.185

2.461.425

2.681.363

Reserve financiering activa

De mutaties in de bestemmingsreserves in het boekjaar 2009: Stand per 1 januari

Toevoeging

Besteding

Stand per 31 december

LAASER project

68.746

0

0

68.746

Voorlichtingsmateriaal

51.219

36.437

0

87.656

173.213

133.717

0

306.930

1.100.000

628.000

-1.099.856

628.144

Aids Action Europe Subsidieverstrekking en bestedingen MFS consortium Reserve financiering activa bedrijsvoering

0

250.000

-134.676

115.324

1.288.185

0

-33.560

1.254.625

2009

2.681.363

1.048.154

-1.268.092

2.461.425

2008

1.640.706

1.102.419

-61.762

2.681.363

Op bovenstaande bestemmingsreserves berust geen verplichting. De beperkte bestedingsmogelijkheid is aangegeven door de Raad van Bestuur.

83


LAASER project Dit betreft het deel van eigen middelen van het Aids Fonds dat is toegekend aan het project maar nog niet werd besteed. Voorlichtingsmateriaal De opbrengst van de verkoop van voorlichtingsmateriaal wordt gebr uikt voor herdrukdoeleinden. Aids Action Europe Aids Action Europe is een europees netwerk van organisaties op het gebied van hiv en aids. De reserve is bestemd voor de continuering van het netwerk en de versterking van het Oost- Europese kantoor van Aids Action Europe. Subsidieverstrekking en bestedingen De onttrekking betreft de in 2008 gevormde reserves voor twee subsidies, 'Stigma Index' (€ 100.000) en 'Leerstoel Sustainable Diagnostics' (€ 200.000) en een extra € 800.000 conform de begroting 2009. De toevoeging in 2009 betreft een oproep tot het indienen van voorstellen voor sekswerkprojecten (€ 538.000), evaluaties van programmaonderdelen en vernieuwing van de website. Reserve financiering activa bedrijfsvoering Deze reserve is gevormd in verband met het kantoorpand dat eigendom is van de stichting. De mutatie geschiedt ten gunste van de continuïteitsreserve. 8 Overige reserves

2009

2008

Stand per 1 januari

2.122.774

0

Onttrekking

-855.328

0

Toevoeging

1.000.000

2.122.774

Stand per 31 december

2.267.446

2.122.774

Het beleid is om de reserves af te bouwen tot de hoogte van de continuïteitsre serve. Op basis van de geplande bestedingen in 2009 zouden de overige reserves krimpen tot € 1.267.000. Door het succesvolle financiële resultaat groeien de overige reserves tot € 2.267.446. Om het beleid verder te implementeren zal 2010 een plan worden gepresenteerd aan de Raad van Toezicht voor de extra besteding van € 1.000.000 uit de overige reserves. 9 Bestemmingsfondsen STOP AIDS NOW! partneruitkering Plonsfonds Sponsors Intermediairs

2009

2008

200.000

455.664

83.360

82.623

4.454

12.132

Egalisatie reserve VWS/RIVM

348.454

203.518

Resistentie project

166.211

382.148

SponsorBingoLoterij 13de trekking

285.909

298.080

1.088.388

1.434.165

De mutaties in de bestemmingsfondsen in het boekjaar 2009: Stand per 1 januari

Toevoeging

Besteding

Stand per 31 december

455.664

641.718

-897.382

200.000

Plonsfonds

82.623

737

0

83.360

Sponsors Intermediairs

12.132

0

-7.678

4.454

Egalisatie reserve VWS/RIVM

203.518

144.936

0

348.454

Resistentie project

382.148

77.532

-293.469

166.211

SponsorBingoLoterij 13de trekking

298.080

280.000

-292.171

285.909

2009

1.434.165

1.144.923

-1.490.700

1.088.388

2008

1.324.759

1.948.619

-1.839.213

1.434.165

STOP AIDS NOW! partneruitkering

84


De beperkte bestedingsmogelijkheid van de fondsen is aangegeven door derden . STOP AIDS NOW! partneruitkering De nog niet aangewende gelden van STOP AIDS NOW! worden voor de internationale aidsbestrijding gereserveerd. Plonsfonds Dit fonds is gevormd door een gift van een begunstiger die op grond van een overeenkomst gerechtigd is om bestedingen aan te geven (binnen de doelstellingen van de Stichting Aids Fonds - Soa Aids Nederland). In 2009 zijn de renteopbrengsten (€ 737) toegevoegd. Er zijn geen bestedingen in 2009 geweest. Sponsors Intermediairs Het programma Intermediairs doet een beroep op sponsors voor de productie van voorlichtingsmaterialen. De besteding betreft een counselingsvideo. Egalisatie reserve VWS/RIVM De egalisatie reserve betreft gelden van de instellingssubsidie voor de programma’s van Soa Aids Nederland die niet besteed zijn. Resistentie project De vertraagde binnenkomst van opbrengsten van het AmsterdamDiner 2008 (€ 45.000) en van een speciale fondsenwervingsactie bij donateurs (€ 32.532) zijn geworven ten behoeve van het Resistentie project LAASER. De onttrekking betreft subsidie toekenningen aan PharmAccess Foundation en ICSS in dit kader. SponsorBingoLoterij - Mobiele gezondheidsbus hiv/soa Uit de 13de trekking is een extra bedrag toegekend voor een mobiele gezondheidsbus voor het testen van hiv en andere soa's bij etnische groepen. De besteding betreft een voorlichtingsproject op C uraçao. 10 Langlopende schulden Toegezegde financiële bijdragen

2009

2008

1.663.155

2.855.681

Onder de langlopende schulden staan verplichtingen voor langer dan 1 jaar verantwoord. De toezeggingen financiële bijdragen betreffen meerjarige projecten, met name (wetenschappelijk) onderzoek.

85


11 Kortlopende schulden en overlopende passiva Toegezegde financiĂŤle bijdragen Crediteuren Belastingen en premies sociale verzekeringen Vooruit ontvangen subsidies Vooruit ontvangen overig Overige schulden en overlopende passiva

2009

2008

5.948.557

3.644.875

416.578

720.877

38.121

16.212

4.205.014

3.274.944

20.000

209.101

570.450

96.500

11.198.720

7.962.509

Onder de kortlopende schulden staan verplichtingen met een looptijd van minder dan 1 jaar verantwoord. Belastingen en premies sociale verzekeringen

2009

2008

Schenkings- en successierechten

19.172

19.172

BTW

18.949

-2.960

38.121

16.212

Vooruit ontvangen subsidies Ministerie van Buitenlandse Zaken - LAASER Ministerie van Buitenlandse Zaken - Move Forward Ministerie van Buitenlandse Zaken - ASA ZonMw - Chlamydiascreening ZonMw - Marokkaanse jongeren

2009

2008

1.455.000

918.820

377.754

0

17.126

4.538

1.900.347

1.985.457

110.259

0

ZonMw - Vrij Veilig Campagne

79.949

34.220

ZonMw - Lang leve de Liefde

78.362

29.048

ZonMw - Campagne seksuele weerbaarheid

74.176

0

ZonMw - Allochtone Jongeren

0

72.950

ZonMw - Leefstijlchatbot

0

91.705

VWS - Seksuele Gezondheid Antillianen

65.113

42.898

VWS - Seksuele Gezondheid Jonge Marokkanen

35.851

11.714

3.941

7.056

VWS - Holy Sex

0

18.509

UNFPA - Sex Workers

0

58.029

6.947

0

189

0

4.205.014

3.274.944

VWS - Deskundigheidsbevordering Voorlichting Jongeren

GGD - PLUS Kitchen parties GGD - Training Jongeren

Overige schulden en overlopende passiva

2009

2008

Programmakosten Aids Action Europe

82.141

12.196

Programmakosten Prostitutie

10.115

18.000

Programmakosten Intermediairs Programmakosten Jongeren Programmakosten Fondsenwerving

119.947

0

14.866

6.644

249.350

8.078

Programmakosten Etnische Minderheden

23.932

0

Programmakosten Strategie en Pleitbezorging

21.792

0

Accountantskosten

28.424

27.348

19.883

24.235

570.450

96.500

Overig

86


12 Gelieerde instellingen International Civil Society Support

2009

2008

415.164

0

415.164

0

Niet in de balans opgenomen verplichtingen Er is een langlopende onvoorwaardelijke verplichting aangegaan inzake huur Keizersgracht 392 -394. De verplichting betreft Keizersgracht B.V. en loopt van 1 december 2004 tot 1 december 2014. Van de totale verplichting € 835.136 per 31 december 2009 heeft € 169.858 een looptijd van maximaal 1 jaar en € 665.278 een looptijd van 1 t/m 5 jaar. Aids Fonds - Soa Aids Nederland staat samen met STOP AIDS NOW! garant voor de toekomstige afschrijvingsverplichtingen die zijn aangegaan tot en met 2014 bij de Stichting Werkmaatschappij Soa Aids inzake de verbouwing van de huisvesting. Het aandeel van Aids Fonds - Soa Aids Nederland per 31 december 2009 is € 600.313.

87


Toe lic hting op de staat van baten en lasten (in euro’s) Voor het onderscheid tussen de merken 'Aids Fonds' en 'Soa Aids Nederland' wordt verwezen naar bijlage 1. 13 Baten uit eigen fondsenwerving Collecten Donaties en giften

Werkelijk

Begroting

2009

2009

Werkelijk 2008

77.157

67.000

53.928 4.496.376

5.197.305

4.766.045

Sponsoring

483.171

432.720

227.602

Nalatenschappen

874.551

700.000

2.373.846

Verkoop goederen Overige baten uit eigen fondsenwerving Totaal

2.089

9.000

2.082

928.720

23.000

211.076

7.562.993

5.997.765

7.364.910

De toename ten opzichte van vorig jaar komt voornamelijk uit de overige baten en de donaties en giften. Onder overige baten worden â‚Ź 875.000 subsidieontvangsten verantwoord inzake het project 'Hiv in Europe Initiative'. Donaties en giften nemen toe als gevolg van hogere structurele en eenmalige incasso's en twee bijzondere donaties in het kader van de Medical Credit Fund. 31 nieuwe dossiers werden aangemeld onder nalatenschappen, waaronder 21 legaten. Het aantal nieuwe dossiers is gelijk aan 2008 (32), waar toen twee grote nalatenschappen werden geregistreerd. De overschrijding van de begroting komt uit de opbrengsten van donaties en giften (meer eenmalige en structurele machtigingen, een bijzondere donatie in het kader van de Medical Credit Fund) en de toename van de overige baten (Hiv in Europe Initiative). Bestemde baten uit eigen fondsenwerving (collecten, donaties, nalatenschappen) betreffen Werkelijk Ondersteuning mensen met hiv Voorlichting en zorg in Nederland

Werkelijk

2009

2008

112.199

165.920

52.124

134.120

Wetenschappelijk onderzoek

244.477

287.312

Hiv bestrijding in ontwikkelingslanden

821.487

751.882

57.490

55.390

Behandelplan Health Insurance Fund Hiv resistentie Medical Credit Fund

0

12.000

32.532

572.147

500.000

0

1.820.309

1.978.771

Deze baten zijn overeenkomstig de aangegeven bestemming in 2009 besteed. Verkoop goederen Netto omzet Kostprijs Netto winst

88

Werkelijk

Begroting

Werkelijk

2009

2009

2008

2.576

11.000

3.657

-487

-2.000

-1.575

2.089

9.000

2.082


14 Baten uit acties van derden

Werkelijk

Begroting

2009

2009

2008

1.076.647

603.200

967.586

SponsorBingoLoterij ongeoormerkt

745.658

700.000

736.524

SponsorBingoLoterij 13de trekking

280.000

0

298.080

2.102.305

1.303.200

2.002.190

SponsorBingoLoterij geoormerkt

subtotaal SponsorBingoLoterij Kras Loterij De Lotto FBU - Fonds Bijzondere Uitkering SLV Stichting STOP AIDS NOW! AmsterdamDiner

Werkelijk

46.167

40.000

59.143

394.946

200.000

285.656

69.554

0

33.067

641.718

786.340

740.000

45.000

0

335.000

3.299.690

2.329.540

3.455.056

De toename bij de SponsorBingoLoterij ten opzichte van vorig jaar komt door de geoormerkte bijdragen uit deelnemers die specifiek het Aids Fonds willen ondersteunen. Uit de 13de trekking is een extra bijdrage toegekend voor een 'mobiele gezondheidsbus voor het testen van hiv en andere soa’s bij etnische groepen'. Opbrengsten uit De Lotto nemen toe ten opzichte van 2008 en de begroting. De stichting STOP AIDS NOW! heeft minder bijgedragen dan begroot, als gevolg van lagere opbrengsten dan verwacht. De opbrengsten uit het AmsterdamDiner komen om het jaar ten bate van het A ids Fonds (2008). In 2009 is waren er nog nagekomen inkomsten uit 2008. Bestemde baten uit acties van derden betreffen Werkelijk Hiv resistentie SponsorBingoLoterij - 13de trekking

Werkelijk

2009

2008

45.000

335.000

280.000

298.080

325.000

633.080

Deze opbrengsten zijn toegevoegd aan de bestemmingsfondsen 'Resistentie project' en 'SponsorBingoLoterij 13de trekking'. 15 Subsidies van overheden

Werkelijk 2009

2009

2008

RIVM instellingssubsidie

3.356.158

3.287.466

3.378.659

155.021

0

748

Ministerie van Buitenlandse Zaken project- subsidies

2.518.186

2.399.557

2.031.483

ZonMw

3.158.154

3.222.785

2.459.753

484.866

303.865

289.006

9.672.385

9.213.673

8.159.649

3.260.382

3.287.466

3.285.067

95.776

0

93.592

3.356.158

3.287.466

3.378.659

Ministerie van VWS projectsubsidies

Overige overheidssubsidies

Begroting

Werkelijk

RIVM instellingssubsidie: Toegekende instellingssubsidie Nog te ontvangen OVA

89


Werkelijk

Begroting

Werkelijk

2009

2009

2008

Het Ministerie van Buitenlandse Zaken financiert de volgende projecten: TMF-project LAASER

2.204.528

2.175.339

1.918.316

Matra-project 'A Step Ahead' - Prog. Prostitutie

191.411

224.218

113.674

Project 'Move Forward' - Prog. Prostitutie

122.246

0

0

Matra-project 'Power of Prevention' afrekening - Prog. Prostitutie

0

0

-507

2.518.186

2.399.557

2.031.483

Het LAASER project loopt van 2006 tot en met 2010. Het project 'A Step Ahead' is in 2008 gestart en duurt tot en met 2010. Het project 'Move Forward' is in 2009 gestart en duurt tot en met 2011. ZonMw financiert de volgende projecten: Chlamydia screening - Prog Intermediairs

2.008.374

2.332.500

1.586.080

Vrij Veilig Campagne - Prog Publieksvoorlichting

778.232

720.000

708.653

Leefstijlchatbot - Prog Publieksvoorlichting

108.744

32.189

120.145

Gezond en sterk in sekswerk - Prog Prostitutie

0

0

32.257

Lang leve de liefde - Prog Jongeren

50.686

48.950

12.618

Maroc.nl - Prog Jongeren Campagne seksuele weerbaarheid - Prog Publieksvoorlichting

21.051

89.146

0

191.069

0

0

3.158.154

3.222.785

2.459.753

De overige overheidssubsidies hebben betrekking op de programma's Aids Action Europe (Europese subsidie), Prostitutie (UNFPA, RIVM), Etnische Minderheden (GGD en VWS) en Jongeren (VWS).

16 Baten uit beleggingen (rente) De baten uit beleggingen betreffen uitsluitend rente ontvangsten. 17 Overige baten Voorlichtingsmateriaal Verzend en handelingskosten Training, workshops, congres en diversen

Werkelijk

Begroting

2009

2009

Werkelijk 2008

86.470

45.000

75.184

16.463

40.175

22.939

185.282

166.685

97.648

288.215

251.860

195.771

Voor de distributie van de verschillende (folder)materialen is het distributiecentrum Euromail ingeschakeld. De kosten komen ten laste van het budget van Publieksvoorlichting. De opbrengst is in principe voldoende voor de distributie- en de handelingskosten. 18 Aids Fonds bestedingbeleid Subsidieverstrekkingen Vrijval afgerekende projecten Ondersteuning ICSS Directe kosten Uitvoeringskosten eigen organisatie

90

Werkelijk

Begroting

2009

2009

Werkelijk 2008

6.653.647

4.797.752

5.312.038

17.367

0

-145.257

120.000

120.000

114.576

94.487

161.079

65.728

429.308

410.563

377.259

7.314.809

5.489.394

5.724.344


Werkelijk

Begroting

Werkelijk

2009

2009

2008

Subsidieverstrekkingen Ondersteuning mensen met hiv Individuele hulpverlening

175.745

200.000

190.463

Ondersteuningsactiviteiten

530.545

515.000

575.000

GIPA

327.215

250.000

208.400

Onderzoek Wetenschappelijk onderzoek

1.346.554

1.280.000

1.329.609

Onderzoek en ontwikkelingslanden

207.856

553.000

8.400 435.000

Vernieuwing Vernieuwingsprojecten

1.205.891

560.000

Europese samenwerking

915.000

40.000

40.000

Small grants

132.064

124.752

160.983

Access to treatment / Universal access

1.658.318

800.000

890.000

Aids Fonds behandelplan

154.459

225.000

224.183

Health Insurance Fund - AmsterdamDiner 2007

0

0

725.000

Resistentie project - AmsterdamDiner 2008

0

0

525.000

Doelbestemming Major donor programma

0

250.000

0

6.653.647

4.797.752

5.312.038

De lijst van de in 2009 toegekende subsidies wordt in bijlage 2 weergegeven. De overschrijding ten opzichte van het budget komt door de uitputting van de bestemmingsreserves en fondsen en niet begrote projecten zoals 'Hiv in Europe'. Directe kosten zijn lager dan begroot als gevolg van de uitstel van twee evaluaties van onderdelen van het subsidiebeleid naar 2010. Uitvoeringskosten nemen toe ten opzichte van 2008 en de begroting door de versterking van het beleidsteam voornamelijk op wetenschappelijk niveau. 19 Aids Fonds LAASER project American Foundation for Aids Research / Treat Asia PharmAccess Foundation International Civil Society Support Directe kosten Uitvoeringskosten eigen organisatie

Werkelijk

Begroting

Werkelijk

2009 844.000

2009 1.002.638

2008 400.130

1.213.000

807.550

1.154.141

291.021

269.495

285.042

20.212

74.276

72.394

115.648

118.023

100.277

2.483.881

2.271.982

2.011.984

Het LAASER project loopt van 2006 tot en met 2010 en wordt mede gefinancierd door het Ministerie van Buitenlandse Zaken (TMF). 20 Soa Aids programma's en projecten Soa Aids beleid Intermediairs

Werkelijk

Begroting

2009

2009

Werkelijk 2008

441.978

460.500

481.140

2.537.119

2.832.662

2.096.481

Prostitutie

703.639

509.119

586.716

Jongeren

487.887

468.002

411.303

Etnische minderheden

540.095

394.902

458.746

Aids Action Europe

298.097

431.338

282.751

5.008.815

5.096.523

4.317.137

91


Werkelijk

Begroting

Werkelijk

2009

2009

2008

94.343

110.800

103.645

347.635

349.700

377.495

441.978

460.500

481.140

2.059.254

2.330.461

1.605.321

477.865

502.201

491.160

Soa Aids beleid Directe kosten Uitvoeringskosten eigen organisatie

Intermediairs Directe kosten Uitvoeringskosten eigen organisatie

2.537.119 2.832.662 2.096.481 Het C hlamydia screening project neemt in omvang toe ten opzichte van 2008 maar blijft nog steeds ruim onder het budget (directe kosten). Het project wordt verlengd. Prostitutie Directe kosten

334.956

194.490

292.383

Uitvoeringskosten eigen organisatie

368.683

314.629

294.333

703.639 509.119 586.716 Ten opzichte van de begroting is het nieuwe project 'Move forward' gestart (niet begroot), daarnaast heeft de samenwerking met UNFPA een aantal niet begrote activiteiten veroorzaakt. Jongeren Directe kosten

113.102

147.465

135.325

Uitvoeringskosten eigen organisatie

374.785

320.537

275.978

487.887 468.002 411.303 Ten opzichte van de begroting stijgen de uitvoeringskosten naar aanleiding van nieuwe door het Ministerie van VWS toegekend niet begrote projecten. De onderschrijding van de directe kosten rust vooral op begrote projecten, die in 2010 doorlopen. Etnische minderheden Directe kosten

308.837

112.273

224.970

Uitvoeringskosten eigen organisatie

231.258

282.629

233.776

540.095 394.902 458.746 De overschrijding van de directe kosten ten opzichte van de begroting is veroorzaakt door nieuwe projecten. Uitvoeringskosten zijn lager dan de begroting vanwege onderbezetting van de afdeling (ziekte). Aids Action Europe Directe kosten

103.358

206.776

141.166

Uitvoeringskosten eigen organisatie

194.739

224.562

141.585

298.097 431.338 282.751 In de begroting 2009 werd een conferentie gepland. Deze is door de financier echter niet gehonoreerd en heeft niet plaats gevonden. 21 Voorlichting en Communicatie

Werkelijk

Begroting

2009

2009

Werkelijk 2008

Aids Fonds

1.882.799

1.819.899

1.442.056

Soa Aids Nederland

2.080.842

1.750.548

1.892.208

3.963.641

3.570.447

3.334.264

1.450.808

1.344.873

1.087.725

431.991

475.026

354.331

1.882.799

1.819.899

1.442.056

Aids Fonds Directe kosten Uitvoeringskosten eigen organisatie

92


De toename ten opzichte van 2008 wordt veroorzaakt door de in 2009 vastgestelde herziene kosten toerekening van onder fondsenwerving gemaakte voorlichtingskosten. Voor vergelijkingsdoeleinden waren de kosten in 2008, volgens de herziene methode: directe kosten 1.309.098, uitvoeringskosten 392.524, totaal 1.701.622. Werkelijk

Begroting

Werkelijk

2009

2009

2008

1.240.297

889.085

1.051.492

840.545

861.463

840.716

Soa Aids Nederland Directe kosten Uitvoeringskosten eigen organisatie

2.080.842 1.750.548 1.892.208 De directe kosten nemen ten opzichte van vorig jaar en de begroting toe als gevolg van een nieuw project 'Campagne seksuele weerbaarheid'. 22 Strategie en Pleitbezorging

Werkelijk

Begroting

Werkelijk

2009

2009

2008

Directe kosten

204.513

207.000

144.052

Uitvoeringskosten eigen organisatie

334.795

288.100

272.664

539.308 495.100 416.716 De overschrijding van de uitvoeringskosten wordt voornamelijk veroorzaakt door de betrokkenheid bij de ontwikkeling van het meerjaren strategieplan Samenwerkende Gezondheidsfondsen (Aids Fonds) en de evaluatie van de programma's van Soa Aids Nederland, de deelname aan de evaluatie van het het RIVM/Cib en de ontwikkelingen rondom het Centrum Gezond Leven. Bestedingspercentage Onderstaand is de verhouding van de bestedingen in relatie met de totale baten procentueel procentueel weergegeven: Werkelijk

Begroting

Werkelijk

2009

2009

2008

Totale baten

21.019.410

17.992.838

19.486.374

Totaal besteed aan de doelstelling

19.310.454

16.923.446

15.804.445

Bestedingspercentage 91,9% 94,1% Ten opzichte van 2008 stijgt het bestedingspercentage als gevolg van toenemende subsidieverstrekkingen (uitputting reserves).

81,1%

23 Kosten eigen fondsenwerving

Werkelijk

Begroting

Werkelijk

2009

2009

2008

Directe kosten

774.971

716.400

866.242

Uitvoeringskosten eigen organisatie

255.393

268.329

281.494

1.030.364 984.729 1.147.736 De afname ten opzichte van 2008 wordt veroorzaakt door de in 2009 vastgestelde herziene kosten toerekening van onder fondsenwerving gemaakte voorlichtingskosten. Voor vergelijkingsdoeleinden waren de kosten in 2008, volgens de herziene methode: directe kosten 644.869, uitvoeringskosten 243.301, totaal 888.170. Kostenpercentage fondsenwerving Onderstaand is de verhouding van de kosten fondsenwerving in relatie met de totale baten uit eigen fondsenwerving procentueel weergegeven: Werkelijk

Begroting

Werkelijk

2009

2009

2008

Baten eigen fondsenwerving

7.562.993

5.997.765

7.364.910

Kosten eigen fondsenwerving

1.030.364

984.729

1.147.736

13,6%

16,4%

15,6%

Kostenpercentage fondsenwerving

De kosten toerekeningen van onder fondsenwerving gemaakte voorlichtingskosten is in 2009 herzien. Voor vergelijkingsdoeleinden was het kostenpercentage in 2008 volgens de herziene methode 12,1%.

93


24 Kosten acties derden Directe kosten Uitvoeringskosten eigen organisatie

Werkelijk

Begroting

2009

2009

Werkelijk 2008

182.839

154.000

136.065

32.540

25.338

13.692

215.379

179.338

149.757

De toename van de directe kosten ten opzichte van de begroting en 2008 komt door uitgaven inzake de SponsorBingoLoterij. 25 Kosten verkrijging subsidies overheden Directe kosten Uitvoeringskosten eigen organisatie

Werkelijk

Begroting

Werkelijk

2009

2009

2008

130.500

0

0

3.330

0

22.505

133.830

0

22.505

De toename van de kosten betreft het MFS-Consortium, opgericht ten behoeve van het indienen van een gezamenlijke subsidieaanvraag (2011-2016) bij het Ministerie van Buitenlandse Zaken. 26 Kosten beheer en administratie

Werkelijk

Begroting

Werkelijk

2009

2009

2008

Uitvoeringskosten eigen organisatie

715.148

705.325

689.092

Kostenpercentage beheer en administratie Onderstaand is de verhouding van de kosten beheer en administratie in relatie met de totale baten procentueel weergegeven:

Totale baten Kosten beheer en administratie Kostenpercentage beheer en administratie

Werkelijk

Begroting

2009

2009

Werkelijk 2008

21.019.410

17.992.838

19.486.374

715.148

705.325

689.092

3,4%

3,9%

3,5%

De organisatie streeft ernaar om de kosten "beheer en administratie" tussen 3% en 6% van de totale opbrengsten te beperken.

94


Toe lic hting lasten verde ling Specificatie en verdeling kosten naar bestemming (in euro’s)

Subsidies en bijdragen Aankopen en verwervingen Personeelskosten 1) Huisvestingskosten Kantoor- en algemene kosten Afschrijving en rente Totaal

Doelstelling Aids Aids Fonds Soa Aids Fonds LAASER programma besteding project 's beleid 6.791.014 2.348.021 0 94.487 20.212 3.013.850

Voorlichting & Communicatie 0 2.691.105

Beheer en Werving baten Administratie Strategie Eigen Acties Subsidies en pleitfondsen derden bezorging werving 0 204.513

774.971

182.839

130.500

Totaal 2009

Begroot 2009

Totaal 2008

9.139.035 7.112.477

6.997.435 6.648.978

7.120.670 5.926.508

359.958 21.021

96.966 5.663

1.672.700 97.683

1.066.972 62.310

280.712 16.393

214.137 12.505

27.284 1.593

2.792 163

599.624 35.017

4.321.145 252.349

4.278.618 260.218

3.962.363 318.341

27.325 21.004

7.361 5.658

126.978 97.603

80.996 62.258

21.310 16.380

2.071 1.592

212 163

45.519 34.988

328.028 252.141

365.122 243.188

300.972 184.681

7.314.809

2.483.881

5.008.814

3.963.641

539.308

16.256 12.495 1.030.36 4

215.379

133.830

715.148 21.405.175 18.793.559

17.813.535

De eerder genoemde 'uitvoeringskosten eigen organisatie' zijn de som van personeelskosten, huisvestingskosten, kantoor- en algemene kosten en afschrijvingen en rente Uitvoeringskosten 429.308 115.648 1.994.964 1.272.536 334.795 255.393 32.540 3.330 715.148 5.153.663 5.147.146

4.766.357

1)

Personeelskosten Loon en salarissen Werknemersverzekeringen Pensioenverzekeringen Overige personeelskosten

276.191 34.672 29.197 19.898

74.401 9.340 7.865 5.360

1.283.440 161.120 135.677 92.463

818.673 102.774 86.545 58.980

215.387 27.039 22.769 15.517

164.305 20.626 17.369 11.837

20.935 2.628 2.213 1.508

2.143 269 226 154

460.083 57.758 48.637 33.146

3.315.553 416.228 350.500 238.864

3.147.144 476.159 340.600 314.715

2.985.887 380.818 308.739 286.919

Totaal personeelskosten

359.958

96.966

1.672.700

1.066.972

280.712

214.137

27.284

2.792

599.624

4.321.145

4.278.618

3.962.363

6,0

1,1

24,5

17,6

3,1

3,7

0,4

0,6

9,4

66,4

63,9

62,3

Personeelsbestand (FTE's) gemiddeld aantal werknemers

Bezoldiging Raad van Bestuur / Raad van Toezicht De Raad van Bestuur bestaat uit één persoon. De totale bezoldiging van de bestuurder (salaris, sociale lasten en pensioenlasten) bedraagt € 119.029 (2008 € 116.384). Het salaris is via de Arbeidsvoorwaarden gebaseerd op dat van Rijksambtenaren. Het salaris is tevens getoe tst aan de adviesregeling 'Beloning directeuren van Goede Doelen' van de VFI. Het bestuurderssalaris is in overeenstemming met deze toetsing. De leden van de Raad van Toezicht hebben geen bezoldiging ontvangen. Onkostenvergoedingen waren € 0.

95


Accountantsverklaring Aan de Raad van Toezicht en de Raad van Bestuur van Stichting Aids Fonds – Soa Aids Nederland Wij hebben de jaarrekening 2009 van Stichting Aids Fonds - Soa Aids Nederland te Amsterdam bestaande uit de balans per 31 december 2009 en de staat van baten en lasten over 2009 met de toelichting gecontroleerd. Verantwoordelijkheid van het bestuur De Raad van Bestuur van Stichting Aids Fonds - Soa Aids Nederland is verantwoordelijk voor het opmaken van de jaarrekening die het vermogen en het resultaat getrouw dient weer te geven, alsmede voor het opstellen van het jaarverslag, beide in overeenstemming met de Richtlijn voor de jaarverslaggeving Fondsenwervende Instellingen (RJ 650). Deze verantwoordelijkheid omvat onder meer: het ontwerpen, invoeren en in stand houden van een intern beheersingssysteem relevant voor het opmaken van en getrouw weergeven in de jaarrekening van vermogen en resultaat, zodanig dat deze geen afwijkingen van materieel belang als gevolg van fraude of fouten bevat, het kiezen en toepassen van aanvaardbare grondslagen voor financiÍle verslaggeving en het maken van schattingen die onder de gegeven omstandigheden redelijk zijn. Verantwoordelijkheid van de accountant Onze verantwoordelijkheid is het geven van een oordeel over de jaarrekening op basis van onze controle. Wij hebben onze controle verricht in overeenstemming met Nederlands recht. Dienovereenkomstig zijn wij verplicht te voldoen aan de voor ons geldende gedragsnormen en zijn wij gehouden onze controle zodanig te plannen en uit te voeren dat een redelijke mate van zekerheid wordt verkregen dat de jaarrekening geen afwijkingen van materieel belang bevat. Een controle omvat het uitvoeren van werkzaamheden ter verkrijging van controle-informatie over de bedragen en de toelichtingen in de jaarrekening. De keuze van de uit te voeren werkzaamheden is afhankelijk van de professionele oordeelsvorming van de accountant, waaronder begrepen zijn beoordeling van de risico's van afwijkingen van materieel belang als gevolg van fraude of fouten. In die beoordeling neemt de accountant in aanmerking het voor het opmaken van en getrouw weergeven in de jaarrekening van vermogen en resultaat relevante interne beheersingssysteem, teneinde een verantwoorde keuze te kunnen maken van de controlewerkzaamheden die onder de gegeven omstandigheden adequaat zijn maar die niet tot doel hebben een oordeel te geven over de effectiviteit van het interne beheersingssysteem van de stichting. Tevens omvat een controle onder meer een evaluatie van de aanvaa rdbaarheid van de toegepaste grondslagen voor financiÍle verslaggeving en van de redelijkheid van schattingen die de Raad van Bestuur van de stichting heeft gemaakt, alsmede een evaluatie van het algehele beeld van de jaarrekening. Wij zijn van mening dat de door ons verkregen controle -informatie voldoende en geschikt is als basis voor ons oordeel. Oordeel Naar ons oordeel geeft de jaarrekening een getrouw beeld van de grootte en de samenstelling van het vermogen van Stichting Aids Fonds - Soa Aids Nederland per 31 december 2009 en van het resultaat over 2009 in overeenstemming met de Richtlijn voor de jaarverslaggeving Fondsenwervende Inste llingen (RJ 650). Wij melden dat het jaarverslag, voor zover wij dat kunnen beoordelen, verenigbaar is met de jaarrekening. Amstelveen, 13 april 2010 KPMG ACCOUNTANTS N.V. W. Tjoelker RA 96


Bijlage 1 Exploitatie gesplitst naa r me rk Werkelijk 2009 (in euro's)

Budget 2009

SANL

totaal

7.173.453

389.540

7.562.993

5.742.045

255.720

5.997.765

7.039.235

325.676

7.364.910

Baten uit 3den

3.299.690

0

3.299.690

2.329.540

0

2.329.540

3.455.056

0

3.455.056

Subsidies overheden

2.204.528

7.467.857

9.672.385

2.175.339

7.038.334

9.213.673

1.921.581

6.238.068

8.159.649

196.127

0

196.127

200.000

0

200.000

310.988

0

310.988

9.999

278.216

288.215

0

251.860

251.860

6.641

189.131

195.771

Overige baten Totaal baten

SANL

totaal

12.883.797 8.135.613 21.019.410

AF

Werkelijk 2008

Baten eigen FW

Rente

AF

SANL

totaal

AF

10.446.924 7.545.914 17.992.838

12.733.500 6.752.874 19.486.374

Besteed aan doelstellingen Aids Fonds Beleid

7.314.809

0

7.314.809

5.489.394

0

5.489.394

5.724.344

0

5.724.344

Aids Fonds project

2.483.881

0

2.483.881

2.271.982

0

2.271.982

2.011.984

0

2.011.984

0

5.008.815

5.008.815

0

5.096.523

5.096.523

0

4.317.138

4.317.138

1.882.799

2.080.842

3.963.641

1.534.979

1.750.548

3.285.527

1.442.056

1.892.209

3.334.265

279.247

260.061

539.308

266.500

228.600

495.100

244.210

172.503

416.713

11.960.736

7.349.718

19.310.454

9.562.855

7.075.671

16.638.526

9.422.595

6.381.849

15.804.444

1.030.364

0

1.030.364

1.269.649

0

1.269.649

1.142.436

5.299

1.147.735 149.757

Soa Aids Programma's & projecten Voorlichting & Communicatie Strategie & Pleitbezorging Werving baten Eigen fondsenwerving In acties derden

215.379

0

215.379

179.338

0

179.338

149.757

0

Verkrijgen subsidies overheid

133.573

257

133.830

0

0

0

0

22.505

22.505

1.379.316

257

1.379.573

1.448.987

0

1.448.987

1.292.194

27.804

1.319.998

236.922

478.226

715.148

235.082

470.243

705.325

220.061

469.032

689.093

13.576.974

7.828.201

21.405.175

11.246.924

7.545.914

18.792.838

10.934.850

6.878.685

17.813.535

Overschot / tekort

-693.177

307.412

-385.765

-800.000

0

-800.000

1.798.650

-125.811

1.672.839

Continu誰teitsreserve Bestemmingsreserves Overige reserves Bestemmingsfondsen

35.278 -390.092 144.672 -483.035 -693.177

0 170.154 0 137.258 307.412

35.278 -219.938 144.672 -345.777 -385.765

0 -800.000 0 0 -800.000

0 0 0 0 0

0 -800.000 0 0 -800.000

-1.580.000 1.068.859 2.122.774 187.017 1.798.650

-20.000 -28.202 0 -77.609 -125.811

-1.600.000 1.040.657 2.122.774 109.408 1.672.839

Kosten beheer en administratie Som der lasten

97


Bijlage 2 Toege kende subsidies Aids Fonds 2009 Doelstelling Doelstelling 2 Het versterken van de positie van mensen met hiv Doelstelling 3

D2

Het slechten van barrières voor universele toegang tot preventie, behandeling, zorg en ondersteuning

D3

Doelstelling 4 Het verbeteren van de bestrijding van de hiv-epidemie door meer kennis

D4

Doelstelling 5 Het versterken van gezondheidssystemen in minder ontwikkelde landen

D5

Naam Instelling

Toezegging 2009

Doelstelling

175.745 175.745

D2

320.000

D2

82.500

D2

40.000 15.000 15.000

D2 D2 D2

Activiteitenplan 2009 Trainingen en culturele activiteiten voor PAMA leden in 2009

15.000

D2

14.345

D2

Activiteiten hemofilie en aids Hiv zwemactiviteiten Workshops Boottocht voor mensen met hiv/aids Lourdesreis

13.500 5.250 4.000 2.250 1.850

D2 D2 D2 D2 D2

1.850 530.545

D2

Collaborative Fund for HIV Treatment Preparedness 2009

150.000

D2

GIPA stigma index Kenya, Nigeria, Zambia

100.000

D2

77.215

D2

Titel Individuele hulpverlening hielp in 2009 358 aanvragers Individuele hulpverlening

Hiv Vereniging Nederland Diaconie van de Protestantse Gemeente Amsterdam Humanitas Rotterdam Humanitas Groningen Shiva Positive Women of the World PAMA Nederlandse Vereniging van Hemofilie Patiënten Stichting Hiv-sporten PASAA Stichting Mara Stichting Drugspastoraat Academisch medisch Centrum

International Treatment Preparedness Coalition The Global Network of People living with HIV/AIDS (GNP+) International Treatment Preparedness Coalition

Werkplan Hiv Vereniging 2009 Ondersteuning mensen met hiv zonder verblijfsvergunning Ondersteuning mensen met hiv zonder verblijfsvergunning Café NOPPAL, vrouwen, training Empowerment hiv/aids

Kookcursus Afrikaanse vrouwen Ondersteuningsactiviteiten

Treatment Monitoring & Advocacy Project 2009 GIPA - Greater Involment of People living with HIV/AIDS

327.215

Academic Medical Centre/ University of Amsterdam

Innate signaling by HIV-1 affects adaptive immunity and HIV-1 infection

250.000

D4

RIVM/Health Service of Amsterdam

Prevalence, incidence, and clearance of HPV in HIVpositive and HIV-negative MSM

250.000

D4

Academic Medical Centre/ University of Amsterdam

Use of 'cis-adjuvants' for HIV-1 envelope glycoprotein vaccines

249.813

D4

Maastricht University / Faculty of Psychology and Neuroscience

Reducing HIV-related stigma in social interaction: Testing interaction strategies using virtual reality methodology

235.348

D4

Academic Medical Centre/ University of Amsterdam Zon MW Schorer Universiteit Maastricht

Tat Quasispecies Dynamics in the HIV-1 Persistant Reservoir Onderzoek Comorbiditeit Schorer monitor 2009 Bijzondere leerstoel 'Cultuursensitieve hiv-preventie'

197.643 100.000 35.000 28.250

D4 D4 D4 D4

98


Naam Instelling Titel Uniting Streams (werkgroep van de Nederlandse Vereniging voor Tropische Symposium ‘From Research to Improved Practice & Geneeskunde NVTG) Policy in International Health’. Wetenschappelijk onderzoek Academisch Medisch Centrum Koninklijk Instituut voor de Tropen

Condomerie Maastricht University / Department of Work and Social Psychology Dokters van de Wereld

Ondersteuningsprogramma bij de leerstoel Sustainable Diagnostics in Resource-poor Settings 2de jaar Extra bijdrage aan MCP project Onderzoek en ontwikkelingslanden

Club Gun: Condoms Lubricant Gay United Netherlands - gratis condoomverstrekking aan MSM

GGD Rotterdam-Rijnmond

Care4care: Reducing HIV-related stigma in the healthcare sector Papia Kumi; hiv programma Nederlandse Antillen Experimentele online interventies op maat ter bevordering van partnerwaarschuwing bij MSM vanuit de Soa Poli Rotterdam, de Soa Polikliniek Amsterdam en MANtot MAN.nl

RIVM

Intensieve partner opsporing en waarschuwing ter preventie van nieuwe hiv infecties in Nederland

GGD Amsterdam Copenhagen HIV programme, University of Copenhagen Aids Action Europe

HIV and STI prevention soon after HIV diagnosis among men who have sex with men. Vernieuwingsprojecten

Hiv in Europe Bijdrage AAE 2009 Europese samenwerking

Toezegging 2009

Doelstelling

500 1.346.554

D4

199.856

D4

8.000 207.856

D4

350.000

D3

299.797 268.080

D3 D3

114.014

D3

95.000

D3

79.000 1.205.891

D3

875.000 40.000 915.000

D3 D3

Volle Maan Schorer Asia Catalyst Universiteit Maastricht

Patiënt tevredenheidsonderzoek naar hiv-medicijnen 25 jarige jubileum buddyzorg van Schorer 2009 Advocates summer haven Therapietrouw meting in Tanzania

10.000 10.000 10.000 10.000

D3 D3 D3 D3

African Men for Sexual Health and Rights

Versterken netwerk van Afrikaanse homoactivisten

10.000

D3

NOPE

4th Conference on Peer Education, Sexuality, HIV and AIDS in Nairobi, Kenya

10.000

D3

10.000 10.000

D3 D3

8.364

D3

European NGO Meeting on MSM and HIV/AIDS

7.000

D3

25 jaar Amsterdamse Cohort Studies

6.500

D4

Les Enfants Terribles

Boek geschiedenis van hiv en aids in Nederland van 1982 - 2011

5.000

D3

Poverty Related Infection Oriented Research

Congres 'Brothers in arms'

5.000

D4

Amsterdam Gay & Lesbian Film Festival 2010 Mainline

Thema hiv op de roze filmdagen Mainline bordspel druggebruikers

5.000 4.500

D3 D3

Universiteit Wageningen STOP AIDS NOW! The Light Shelter The Foundation for AIDS Research Amsterdamse Cohort Studies

Onderzoek naar meest effectieve inhoud van standaard therapietrouw ondersteuning Opschalen Work Place Policies Realiseren van een tijdelijke opvang c.q. werkervaringshuis voor hiv geïnfecteerde jongeren en tienermoeders

99


Verpleegkundigen & Verzorgenden Nederland

Jubileum Symposium aidsconsulenten

Naam Instelling

Titel

Stichting Vrienden van de Gaykrant GGD Amsterdam

3.000

D3

Toezegging 2009

Doelstelling

Veilig vrijen voor homojongeren op de website 18min Urban Health Conference

2.400 2.000

D3 D3

Suri-positivo's aids candlelight memorial 2009 JanHerman Veenker Award Small grants

1.800 1.500 132.064

D2 D3

500.000

D5

Asian Harm Reduction network Nijmegen Institute for Science Practitioners in Addiction

Medical Credit Fund Increased access to effective harm reduction interventions for vulnerable and marginalised young drug users *) HIV prevention and control in Indonesia through evidence-based harm reduction in injecting drug users *)

299.678

D3

220.000

D3

Network of Sex Work Projects (NSWP)

Core Funding NSWP

200.000

D3

149.280

D3

Trimbos Instituut International HIV/AIDS Alliance Hélène de Beir Foundation

Planning and Resource Mobilization *) Developing HIV prevention services among drug using populations and among prisoners in South Africa *) Communications Focal Point of the Communities Delegation Global Health conference, Universal Access *)

81.980

D3

78.630 50.000

D3 D3

Koninklijk Instituut voor de Tropen Cordaid

HIV initiatives and health systems: strengthening the evidence base to maximise synergies *) Religious Leadership in response to HIV

33.750 30.000

D5 D3

Schorer i.s.m. Hivos

2e Expertmeeting over hiv/soa-preventie voor seksuele minderheden Access to treatment / universal access

15.000 1.658.318

D3

87.958

D5

66.501 154.459 6.653.647

D5

Belangenvereniging SURIPOSITIVO'S Circle of Friends

Medical Credit Fund

International Council of AIDS Service Organizations

International HIV/Aids Alliance International HIV/AIDS Alliance

Aids Fonds Treatment Plan – Kenya (WOFAK) *) Aids Fonds Treatment Plan – Zambia *) Behandelplan Totaal

*) deze projecten zijn (mede) gefinancierd door de van STOP AIDS NOW! ontvangen partnerbijdrage: Increased access to effective harm reduction Asian Harm Reduction interventions for vulnerable and marginalised young network drug users 299.678 Nijmegen Institute for HIV prevention and control in Indonesia through Science Practitioners in evidence-based harm reduction in injecting drug Addiction users 192.694 International Council of AIDS Service Organizations Trimbos Instituut Hélène de Beir Foundation International HIV/Aids Alliance International HIV/AIDS Alliance Koninklijk Instituut voor de Tropen

100

Planning and Resource Mobilization Developing HIV prevention services among drug using populations and among prisoners in South Africa *) Global Health conference, Universal Access

D3 D3

149.280

D3

81.980 50.000

D3 D3

Aids Fonds Treatment Plan – Kenya (WOFAK)

50.000

D5

Aids Fonds Treatment Plan – Zambia

40.000

D5

33.750 897.382

D5

HIV initiatives and health systems: strengthening the evidence base to maximise synergies Totaal


Vrijval afgerekende projecten

2009 2008 Ondersteuning mensen met hiv -2.797 -14.422 Gipa 0 -1.731 Wetenschappelijk onderzoek 24.437 -75.930 Vernieuwingsprojecten 0 -22.915 Small Grants -4.273 -9.945 Access to treatment / Universal access 0 -20.314 Totaal 17.367 -145.257 Deze post betreft afrekeningen waarvan de definitieve bijdrage lager is dan het oorspronkelijk toegezegde bedrag. Een subsidie ontvanger (wetenschappelijk onderzoek) blijkt niet in staat om deze bijdrage terug te kunnen betalen. De vrijval die hiervoor eerder was genomen (â‚Ź 36.000) moet hierdoor teruggedraaid worden.

101


Bijlage 3 Begroting 2010 Begroting 2010

Werkelijk 2009

Werkelijk 2008

(in euro's x 1.000) Baten: Baten uit eigen fondsenwerving Baten uit acties van derden

6.522

7.563

7.365

2.701

3.300

3.455

11.621

9.672

8.160

Baten uit beleggingen (rente)

200

196

311

Overige baten

255

288

196

21.299

21.019

19.486

Aids Fonds bestedingbeleid

5.631

7.315

5.724

Aids Fonds LAASER project

2.464

2.484

2.012

Soa Aids programma's en projecten

6.333

5.009

4.317

Voorlichting en Communicatie

4.444

3.964

3.334

584

539

417

19.456

19.310

15.804

Subsidies van overheden

Som der baten Lasten: Besteed aan doelstellingen

Strategie en Pleitbezorging Werving baten Kosten eigen fondsenwerving

1.050

1.030

1.148

Kosten acties derden

178

215

150

Kosten verkrijging subsidies overheden

125

134

22

0

0

0

1.353

1.380

1.320

715

715

689

21.524

21.405

17.813

-225

-386

1.673

16,1%

13,6%

15,6%

Kosten van beleggingen (rente) Beheer en administratie Kosten beheer en administratie Som der lasten Resultaat Kosten fondsenwerving (van baten FW) Kosten beheer en administratie (van totale baten) Besteed aan doelstelling (van totale baten)

102

3,4%

3,4%

3,5%

91,3%

91,9%

81,1%


Bijlage 4 Specificatie programma's e n projecten van Soa Aids Ne derland t.b.v. RIVM

A.

B.

C.

D.

E.

Werkelijk 2009

Begroting 2009

Werkelijk 2008

personeel materieel

292.158 207.522

261.170 223.000

301.816 211.443

totaal lasten bijdrage RIVM bijdragen derden eigen bijdrage

499.680 478.068 9.168

484.170 468.284 15.886

513.259 535.278 8.321

totaal baten

487.236

484.170

543.599

overschot / tekort

-12.444

0

30.340

Programma Etnische minderheden personeel materieel totaal lasten

266.483 308.837 575.320

326.417 112.273 438.690

268.708 224.970 493.678

bijdrage RIVM bijdragen derden eigen bijdrage

434.585 157.678

425.690 13.000

431.577 70.131

totaal baten overschot / tekort

592.263 16.943

438.690 0

501.708 8.030

personeel materieel

464.968 139.489

497.724 80.245

465.938 117.856

Corporate en corporate communicatie

Programma Intermediairs

totaal lasten

604.457

577.969

583.794

bijdrage RIVM bijdragen derden eigen bijdrage totaal baten

484.896 116.214

474.970 102.999

464.862 91.224

601.110

577.969

556.086

overschot / tekort

-3.347

0

-27.708

personeel materieel

433.575 113.102

370.198 147.465

321.879 135.325

totaal lasten bijdrage RIVM bijdragen derden eigen bijdrage

546.677 375.247 276.059

517.663 367.567 150.096

457.204 371.793 56.154

totaal baten

651.306

517.663

427.947

overschot / tekort

104.629

0

-29.257

personeel materieel totaal lasten

427.753 334.955 762.708

363.375 194.490 557.865

340.149 292.383 632.532

bijdrage RIVM bijdragen derden eigen bijdrage

363.323 436.230

333.647 224.218

337.240 266.113

totaal baten overschot / tekort

799.553 36.845

557.865 0

603.353 -29.179

Werkelijk 2009

Begroting 2009

Werkelijk 2008

Programma Jongeren

Programma Prostitutie

103


F.

G.

Programma Publieksvoorlichting personeel materieel

859.855 1.147.878

877.709 783.085

849.388 897.764

totaal lasten bijdrage RIVM bijdragen derden eigen bijdrage

2.007.733 830.426 1.186.171

1.660.794 813.430 847.364

1.747.152 824.184 893.154

totaal baten

2.016.597

1.660.794

1.717.338

overschot / tekort

8.864

0

-29.814

personeel materieel totaal lasten

400.645 176.289 576.934

403.879 190.800 594.679

432.593 103.645 536.238

bijdrage RIVM bijdragen derden eigen bijdrage

412.318 104.875 81.946

403.879 110.800 80.000

413.725 87.171

totaal baten overschot / tekort

599.139 22.205

594.679 0

500.896 -35.342

Werkelijk 2009

Begroting 2009

Werkelijk 2008

personeel

3.145.437

3.100.472

2.980.471

materieel

2.428.072

1.731.358

1.983.386

totaal lasten

5.573.509

4.831.830

4.963.857

bijdrage RIVM

3.378.863

3.287.467

3.378.659

bijdragen derden

2.286.395

1.464.363

1.472.268

Programma Soa Aids beleid

Totaal

eigen bijdrage

81.946

80.000

0

totaal baten

5.747.204

4.831.830

4.850.927

overschot / tekort

173.695

0

-112.930

Samenvatting

overschot / tekort toegekend aan:

activiteit A. Corporate en corporate communicatie B. C. D. E. F. G.

104

Programma Programma Programma Programma Programma Programma

Etnische minderheden Intermediairs Jongeren Prostitutie Publieksvoorlichting Soa Aids beleid

risico reserve RIVM

lasten 2009

overschot / tekort

487.236

499.680

-12.444

-12.444

592.263 601.110 651.306 799.553 2.016.597 599.139

575.320 604.457 546.677 762.708 2.007.733 576.934

16.943 -3.347 104.629 36.845 8.864 22.205

16.943 4.331 68.192 36.845 8.864 22.205

5.747.204

5.573.509

173.695

144.936

baten 2009

Overige reserves

-7.678 36.437

28.759


Bijlage 5 Samengestelde jaarre kening 2009 Van de Stichtingen Aids Fonds - Soa Aids Nederland, STOP AIDS NOW!, Werkmaatschappij Soa Aids en ICSS (vanaf 2009) Balans In euro's x 1.000

Aids Fonds - Werkmaat- STOP AIDS Soa Aids NL schappij NOW!

ICSS Eliminaties

2009

2008

totaal

totaal

Activa MateriĂŤle vaste activa Voorraden Vorderingen Gelieerde instellingen

1.255

1.296

0

0

2.551

0

0

0

0

0

0

2.265

125

588

30

3.009

4.453

815

517

712

535

Liquide middelen

16.275

389

4.126

68

Totaal Activa

20.610

2.327

5.427

634

ContinuĂŻteitsreserves

1.515

0

1.203

Bestemmingsreserves

2.461

0

547

Overige reserves

2.267

0

Bestemmingsfondsen

1.088

0

Reserves en fondsen

7.333 415

2.579-

2.743

0

0

20.857

16.297

26.418

23.493

0

2.718

2.602

0

4.009

3.125

0

2.267

2.123

536

0

1.624

1.434

0

2.286

0

0

9.619

9.284

1.354

293

517

2.579-

0

0

2.579-

Passiva

Gelieerde instellingen Langlopende schulden

1.663

0

0

0

1.663

2.856

Kortlopende schulden

11.199

973

2.847

117

15.136

11.353

Totaal Passiva

20.610

2.327

5.427

634

26.418

23.493

2.579-

105


Staat van baten en laste n Aids Fonds Soa Aids Nederland

STOP AIDS NOW!

ICSS

Baten uit eigen fondsenwerving

7.563

7.613

623

-511

15.288

14.024

Baten uit acties van derden

3.300

1.662

0

-642

4.319

3.494

5.072

Subsidies van overheden

9.672

1.395

45

11.112

11.251

10.047

In euro's x 1.000

2009 2009 Eliminaties Werkelijk Begroting

2008 Werkelijk 14.435

Baten uit beleggingen (rente)

196

54

0

250

350

476

Overige baten

288

458

0

-91

655

615

559

Totaal baten

21.019

11.181

668

-1.244

31.625

29.734

30.589

Aids Fonds Beleid, SAN! Beleid en ICSS

7.315

5.667

626

-1.153

12.454

12.394

11.537

Aids Fonds project

2.484

0

0

2.484

2.259

2.012

Soa Aids Programma's

5.009

0

0

5.009

5.097

4.317

Voorlichting & Communicatie

3.964

2.817

0

6.690

5.773

6.290

539

219

0

758

780

652

19.310

8.702

626

27.394

26.303

24.808

Strategie & Pleitbezorging Besteed aan doelstellingen Kosten eigen fondsenwerving

-91 -1.244

1.030

1.389

0

2.419

2.849

2.527

Kosten acties derden

215

92

0

307

286

192

Kosten verkrijging subsidies overheden

134

0

0

134

0

23

0

0

0

0

0

0

1.380

1.481

0

2.861

3.135

2.742

715

278

43

1.036

1.016

959

21.405

10.462

668

-1.244

31.291

30.454

28.509

-386

720

0

0

334

-720

2.080

13,6%

18,2%

0,0%

15,8%

20,3%

17,5%

3,4%

2,5%

6,4%

3,3%

3,4%

3,1%

91,9%

77,8%

93,6%

86,6%

88,5%

81,1%

Kosten van beleggingen (rente) Werving baten Kosten beheer en administratie Totaal lasten Resultaat Kosten fondsenwerving (van baten FW) Kosten beheer en administratie (van totale baten) Besteed aan doelstelling (van totale baten)

106


12.

Bijlage: publicaties en presentaties

12.1

Programma Soa Aids beleid 2009:

Publicaties

Brands RAM Positie ongedocumenteerden met hiv in Nederland In: Evenblij, M. Altijd weekend. Amsterdam: Stichting Koppeling, 2009; p. 18-19

Brands RAM Aanpak Positief werkt. Arbeidsmonitor ter verbetering arbeidsparticipatie mensen met een chronische aandoening. Special over werken van CG-Raad Nieuws 2009;(5): 13-14

Brands RAM Inreisbeperking VS op de helling. Gay Krant 2009; 601: 48-49 Brands RAM Verenigde Staten schrappen inreisbeperking. Gay Krant 2009; 619: 22-23

Prese ntaties Brands RAM Positieve kijk op leven en werken met hiv anno 2009. Amsterdam, informatiebijeenkomst voor mensen met hiv, AMC, 20 maart 2009

Brands RAM Positive living in the Netherlands in 2009. Amsterdam, delegatie Zuid-Korea bij bezoek aan Soa Aids Nederland, 27 juli 2009

Brands RAM Positief leven in 2009.

107


Amsterdam, bijeenkomst Hiv in onze organisatie, Soa Aids Nederland, 15 september 2009

Brands RAM Positief leeft, werkt en leert in 2009 / 2010. Rotterdam, themabijeenkomst Afdeling Rotterdam Rijnmond e.o. Hiv Vereniging Nederland, 3 oktober 2009 Blom CA Soa/hiv bestrijding en onze organisatie. Amsterdam, bijeenkomst neuwe medewerkers WSA, 15 oktober 2009 Brands RAM Positief leven in 2009 / 2010. Amsterdam, bijeenkomst Nieuwe medewerkers WSA, 15 oktober 2009

Blom CA The Dutch experience. Coöperation NGO’s and gove rnment. Integration of HIV/AIDS and other STI’s. Amsterdam, Chinese delegatie bij bezoek aan Soa Aids Nederland, 4 november 2009

Brands RAM Positive achievements and issues in Europe. Dublin, Nordic Patient Meeting, 4 november 2009

Brands RAM HIV: a legal perspective. Dublin, Nordic Patient Meeting, 5 november 2009 Brands RAM Dutch approach on detention or prevention? Solothurn/Zürich, Hearing on Criminalisation of HIV, EKAF, 25 november 2009 Brands RAM Aanpak HVN bij toegang tot verzekeringen en opheffing inreisbeperkingen VS, Amsterdam, Bijeenkomst voor mensen met hiv Volle Maan, 28 november 2009. 108


Brands RAM Stigma in de zorg, Workshop Ervaren stigma in de zorgsector. Amsterdam, 13e Nationaal Congres Soa*Hiv*Seks, 1 december 2009 Brands RAM Werkt de nieuwe CVZ-regeling?, Workshop Toegang tot zorg voor ongedocumenteerden met hiv onder druk? Amsterdam, 13e Nationaal Congres Soa*Hiv*Seks, 1 december 2009

109


12.2

AIDS Action Europe 2009:

Publicatie Meulen MT van der European Partners in Action on AIDS. Advocate ICASO, 8 febr 2009

Prese ntaties Schutter MA de Project European Partners in Action on AIDS. Luxemburg, Information Day European Agency for Health and Consumers, poster presentation, 18 maart 2009

Meulen MT van der The Pan-European Partnership on HIV and AIDS. Amsterdam, Studiebezoek delegatie AIDS Foundation East -West, 25 maart 2009

Schutter MA de Clearinghouse. The Pan European database on HIV and AIDS. Brussel, EU HIV/AIDS Think Tank, 25 maart 2009

Meulen MT van der European Partners in Action on AIDS. Vilnius, 5th European Conference on Clinical and Social Research on AIDS and Drugs, datum

12.3

Programma Intermediairs:

Artikelen en publicaties: Diaz AM Hiv-behandeling: nog eerder starten, Soa Aids Magazine 2009; 7(2): 4-5

Diaz AM Hepatitis B vaccinatie: gaat Nederland toch het WHO advies opvolgen? 110


Soa Aids Magazine 2009; 7(2): 9-11 Diaz AM Prijzen van hiv- medicatie op de Nederlandse Antillen. Soa Aids Magazine 2009; 7(2): 21-23

Diaz AM Redactioneel ‘hiv 2009’, Soa Aids Magazine 2009; 7(4): 3 Bezemer D, Diaz AM Invloed van antiretrovirale therapie op de hiv-epidemie onder mannen die seks hebben met mannen. Soa Aids Magazine 2009; 7(4): 4-5

Diaz AM Schaamluis. Soa Aids magazine 2009; 7(4): 12-13

Land JA, Bergen JEAM van, Morre SA, Post ma MJ Epidemiology of Chlamydia trachomatis in women and the cost-effectiveness of screening. Human Reproduction Update oct 2009, doi:10.1093/humupd/dmp035

HJ Vriend, GA Donker JEAM van Bergen et al. Urethritis bij de man in de huisartspraktijk. Ned Tijdschr Geneesk 2009;153:A323

Bergen JEAM van Het soa-consult in de huisartspraktijk. In: Ontwikkelingen in de Gneeskunde, Rotterdam: Erasmus MC Congresgebouw, 2009, p 87-94

Bergen JEAM van Chlamydia Rapid test geen alternatief. Huisarts en Wetenschap 2009;52(2):111-112 Bergen JEAM van et al Design and implementation of Chlamydia Screening in The Netherlands. ISSTDR 2009 Congresbook. Bergen JEAM van, Blom C. Hoe positief is de preventie? Soa Aids Magazine 2009:2:3.

111


Van Bergen JEAM Screening op urogenitale Chlamydia Trachomatis Infecties: de stand van zaken. Bevolkingsonderzoeken. Bijblijven 2009-7;53-63 Kuyper L, Wit J de, Heijman T, Fennema H, Bergen JEAM van, Vanwesenbeeck I Influencing risk behavior of sexually transmitted infection clinic visitors: eficacy of a new methodology of motivational preventive counseling. AIDS Patient Care and STDs 2009; 23(6):423-431

Spijker R Seksuele gezondheid deel 1 Handboek Soa. RIVM, 2009; hoofdstuk 2 Wet en regelgeving, 19-20 en Hoofdstuk 4 Preventie, 227-240

Voordrachte n e n presentaties: Diaz AM Het soaconsult, Huisarts opleiding VUMC, Amsterdam, 27 januari 2009

Diaz AM Soa, VU gezondheidswetenschappen 3e jaars, 5 februari 2009 Diaz AM Soa, VU geneeskunde keuzeonderw ijs, Amsterdam, 23 juni 2009 Diaz AM Chlamydia, Zomercursus huisartsopleiding Nijmegen, 14 augustus 2009 Diaz AM Workshop begeleiding Counseling in de huisartspraktijk, huisartsopleiding Nijmegen, 14 augustus 2009

Diaz AM Workshop begeleiding Diagnose in Beeld, huisartsopleiding Nijmegen, 14 augustus 2009

Diaz AM Hiv epidemie in Nederland, Soa Aids Nederland, Amsterdam, 15 september 2009 112


Diaz AM Soa, AMC geneeskunde, Amsterdam, 5 oktober 2009

Diaz AM Voorzitter workshop Hepatitis C bij mensen met hiv, Nationaal Congres Soa*hiv*seks, Amsterdam, 1 december 2009

Bergen JEAM van Huisarts, soa en seksualiteit. Beekbergen. Cursus huisartsopleiders. Beekbergen, 23 januari 2009

Bergen JEAM van Vrouw en soa. Lezing Masterclass SOA voor verpleegkundig hiv specialisten. 9 maart 2009 Bergen JEAM van The public health approach in STI control. Belgrado, 26 mei 2009 Bergen JEAM van Meaningful counselling: ‘The story of Stephan.’ Belgrado, 27 mei 2009 Bergen JEAM van, Op de Coul E Expert meeting RIVm: CSI resultaten 1e ronde, 12 juni 2009

Bergen JEAM van Testbeleid onder huisartsen. Lezing en debat seksuele gezondheid onder MSM: werkt die preventie zo wel? Den Haag, 16 juni 2009 Bergen JEAM van Implementation and evaluation chlamydia screening in the Netherlands. Poster ISSTDR London. 29 juni 2009

Bergen JEAM van Huisarts, Soa en Seksualiteit Cursus huisartsopleiders. Beekbergen, 2 oktober 2009 Bergen JEAM van Soa in de huisartspraktijk. Huisartscongres De Doelen Erasmus: nieuwe ontwikkelingen in de Geneeskunde. Rotterdam, 9 oktober 2009 113


Spijker R Workshop Bundeling van krac hten. Bijeenkomst LAV en Soa-commissie. Utrecht, 17 november 2009 Spijker R Workshop Motiveren doen we allemaal…toch? Nationaal Congres Soa*Hiv*Seks. Amsterdam, 1 december 2009 Spijker R Workshop Seksuele gezondheid in de sp reekkamer. Nationaal Congres Soa*hiv*seks. Amsterdam, 1 december 2009

Spijker R Kick-off Better Safe Than Sorry. Amsterdam, 28 oktober 2009

Spijker R Partnerwaarschuwing. Cursus Spreekuur Seksuele Gezondheid in de huisartsenpraktijk. Amsterdam, 18 december 2009

Taal JC, Spijker R Implementing motivational interview ing techniques in the Dutch response to STI’s and HIV. Botswana, Aids Impact congres, 23 september 2009

Taal JC Organisatie van de soa bestrijding, ‘Kansen en belemmeringen binnen de hiv zorg’. Utrecht, 16 maart 2009

Bijdrage n me dia: Radio interview – soa testen verschil mannen en vrouwen, 17 augustus 2009 Radio interview – soa testen testmethoden, 24 augustus 2009 Radio interview Wereldomroep – hiv op Antillen en Suriname, 2 oktober 2009 Bergen JEAM van. Herpes genitalis: het gevoel alsof je scheermesjes plast. AVRO de praktijk, 23 maart 2009

114


Bergen JEAM van. HIV en Chlamydia in Nederland. Goedemorgen Nederland KRO, 14 april 2009 Bergen JEAM van. Hiv testen in Nederland. RTL4 Editie Nl, 25 nov 2009 Bergen JEAM van. Chlamydia screening. Radio 3FM, 14 april 2009 Bergen JEAM van. Chlamydia screening. Radio 1 FM, 25 juni 2009 Bergen JEAM van. Chlamydia in Nederland. Radio Funk, 25 juni 2009 Bergen JEAM van. Hiv in Nederland. Radio FM Amsterdam, 30 november 2009 Bergen JEAM van. Interview. HIV over het hoofd gezien Medisch Contact nov 2009; 48; 1993-1994 Bergen JEAM van. Interview. Pharmaceutisch Weekblad special over pubers en jongvolwassenen. Seksdebutant extra vatbaar voor soa.2009: 2009; 6: 20-23 Bergen JEAM van. Interview. Veertig procent van geïnfecteerden weet eigen hiv status niet. Telegraaf, november 2009 Bergen JEAM van. Interview. Condoom minder populair nu angst voor aids afneemt. Trouw, 9 april 2009 Bergen JEAM van. Interview huisarts-epidemioloog Jan van Bergen. Soa Aids Magazine 2009;3, 14-16 Participatie adviescommissies: •

Expert meeting Hepatitis C - Schorer

Expert meeting positive prevention – Schorer

Adviescommissie Actiever Testen en Counselen

Commissie Actief testen en Counselen (Secretaris)

WASS (secretariaat)

Adviescommisie Gonococcen resistentie GRAS RIVM

Registratie Commissie Soa Surveillance (voorzitter)

Platform Soa en seksuele Gezondheid

Huisarts Adviesgroep Seksuele gezondheid, NHG-expertgroep soa, hiv en

seksualiteit (voorzitter) •

Adviescommissie Chlamydia Screening Implementatie

Projectgroep Chlamydia Screening Implementatie

Consortium EpiGenChlamydia Task leader Screening

HIV testing and Counseling in the Netherlands. WHO meeting 11-13

november Consultation to review guidance for monitoring and evaluating HIV testing and Counselling services at the national programme level WHO-Geneva, 1113 Nov 2009

115


12.4

Programma Jongeren

Publicaties Roosjen H, Broeren R Rapport pretests jongerenwebsite sense.info. Amsterdam: Soa Aids Nederland, 2009.

Roosjen H Sense.info: de cijfers. Nieuwsbrief seksuele gezondheid RIVM. 2009, nr. 3, december.

Ceelen G Evaluatieverslag van de implementatietrainingen Lang leve de Liefde op Curaรงao. Amsterdam: Soa Aids Nederland, 2009. Schutte L An evaluation of the implementation of Long Live Love 3. Maastricht: Maastricht University, 2009. Schnaars AL Long Live Love. A qualitative Implementation study about the current use of a school-based sex education program among teachers in the Netherlands. Maastricht: Maastricht University, 2009.

Vlasman A PEN-3 Model en de culturele gedragsdeterminanten bij (on)bedoelde tienerzwangerschap. Amsterdam: Vrije Universiteit, 2009. Laagland, T Zwangerschapsinformatie: een broodnodig onderdeel van de les. Lesmateriaal op het gebied van tienerzwangerschap en de aansluiting op de behoeftes van vmbo en mbo-docenten. Amsterdam: Vrije Universiteit, 2009.

Borghei, M Hogere culturele sensitiviteit bij seksuele voorlichtingsprogramma's. Een onderzoek naar de culturele gedragsdeterminanten van Turkse, Marokkaanse, Surinaamse en

116


Antilliaanse meisjes in de tweede klas van het vmbo met als doel het verhogen van de culturele sensitiviteit van het lesprogramma ‘Lang Leve de Liefde’. Amsterdam: Vrije Universiteit, 2009.

Prese ntaties Meijer MS Jongeren en seks. Hogeschool Leiden, Gastles Sociaal Verpleegkundige opleiding, 3 maart 2009 Meijer MS Cultuur in de spotlights voor betere voorlichting. Amsterdam, workshop Congres Soa*Hiv*Seks, 1 december 2009.

Poel F te Jongeren, seks en internet. Workshop Jaarcongres JGZ 2009, Ede. RIVM Centrum Jeugdgezondheid, 10 december 2009.

Poel F te Jongeren, seks en islam. Workshop C ongres etnische minderheden, Amsterdam, Soa Aids Nederland.

Poel F te Jongeren, seks en internet, Jongeren, seks en islam. Themamiddag programma Jongeren. Utrecht, 1 oktober 2009. Poel F te Jongeren, seks en islam. Jaarlijkse dag Infectiepreventie voor Justitiële inrichtingen, Utrecht. Ministerie van Justitie, 14 oktober 2009.

Poel F te Jongeren, seks en islam. Amsterdam. Workshop Congres Soa*Hiv*Seks, 1 december 2009.

Poelman J

117


Sexual health education in the Netherlands. Presentatie voor delegatie van vertegenwoordigers Health Depart ment China. Amsterdam, 4 november 2009.

118


12.5

Programma Prostitutie

Prese ntaties Ridder M Waar gaan we heen? Waar leidt het naartoe? Amsterdam, P&G 292, 2 april 2009 Ridder M Sex work in the Netherlands. Amsterdam, Studytour high level government Vietnam, UNAIDS Vietnam, 21 t/m 24 april 2009

Ridder M Training Case Management & Chain Approach in the Sex Industry? Belgrado, ServiÍ, ASA project, 27 t/m 30 mei 2009 Ridder M Training Sex Work in Curacao; What can we do together? Curaçao, Doctors of the World, Round Table Meetings, 4 t/m 10 juni 2009 Ridder M Sex Work & Health promotion materials and strategies Geneva, UNAIDS PCB, 21 t/m 23 juni 2009

Ridder M Are you a sex worker? Hammamet,Tunesie, Global Advisory Board meeting Y-Peer, UNFPA, 2 t/m 5 oktober 2009 Ridder M Training of Trainers on HIV and STI prevention strategies in Outreach Work & Peer Education Amsterdam, UNFPA, 1 t/m 7 november 2009

Ridder M Break out session at ICPD + 15, Youth policies, Y -Peer and sex work? Istanbul, Turkey, Meeting for UNFPA, 11 t/m 14 november 2009

119


Ridder M Training on Outreach Strategies & PLHIV Irkutsk, Rusland, UNFPA Russia, 11 t/m 16 december 2009 Jonker M Prostitutiebeleid in Nederland Amsterdam, Delegatie Kazachstan, 23 maart 2009 Jonker M Prostitutiebeleid in Nederland Amsterdam, interview Ministerie BuZa, 6 juli 2009

Jonker M Prostitutiebeleid in Nederland Amsterdam, Delegatie Birma, 11 juli 2009

Jonker M Prostitutiebeleid in Nederland Amsterdam, bezoek Amerikaanse studenten, 29 juli 2009 Jonker M HygiĂŤnerichtlijnen Amsterdam, RIVM LCI, 15 oktober 2009 Jonker M Sex Work Self Organisation Amsterdam, UNFPA ToT for Peer on Sex Work, 6 & 7 november 2009

Jonker M Prostitutiebeleid in Nederland Amsterdam, Debat Mama Cash, 10 november 2009

Jonker M Wet Regulering Prostitutie Den Haag, Tweede kamer Hoorzitting, 15 december 2009

Van der Wiel P 120


Training AFEW Presentation Aids STI Helpline + Internet Interventions Amsterdam, Delegatie Kazachstan, 25 maart 2009

Van der Wiel P Presentatie Aids Soa Infolijn + Internet Interventies Amsterdam, Vippers training,14 oktober 2009 Van der Wiel P Internet interventions. Training of Trainers on HIV and STI prevention strategies in Outreach Work & Peer Education. Amsterdam, UNFPA, 6 november 2009 Van der Wiel P Training on Outreach strategies & PLHIV. Irkutsk, UNFPA Russia, 11 t/m 16 december 2009

Van der Velden M Prostitution Programme STI AIDS Netherlands. Amsterdam, Delegatie Birma, 25 juni 2009

Van der Velden M Prostitution Programme STI AIDS Netherlands. Amsterdam, Parlement Serbia, 4 november 2009

Van den Oever M Training Vippers, signalen van dwang, wat kun je hiermee? Amsterdam, 1 juli 2009

Van den Oever, M Training Vippers, soa en anticonceptie. Amsterdam, 14 oktober 2009

Van den Oever M HygiĂŤnerichtlijnen Prostitutie. Amsterdam, RIVM LCI, 15 oktober 2009

Van den Oever M Training of Trainers on HIV and STI prevention strategies in Outreach Work & Peer Education Amsterdam, UNFPA, 1 t/m 7 november 2009

121


Van den Oever M Presentatie interventies voor Hepatitis B. Utrecht, RIVM LCI, 10 november 2009

122


12.6

Programma Etnische Minderheden 2009

Tijdsc hriftartikelen Shiripinda I Soa’s en het geloof. Press 2009;13:36-38

Shiripinda I Sexual rituals among ethnic minorities in the Netherlands Exchange on HIV/AIDS, sexuality and gender 2009;2-2009:8-10 Boeken/rapporten Derks S, Shiripinda I Holy sex, pastors and church members on sexual and reproductive health in the Netherlands. Amsterdam: Soa Aids Nederland, 2009

Hoofdstuk in boek Shiripinda I, Klerk J de Oud worden met hiv: ervaringen van migranten in Nederland In: Smit C, Brinkman K, Rümke K, Knecht-van Eekelen A de. Oud worden met hiv Amsterdam: Aids Fonds, 2009, 120 – 128

Prese ntaties Shiripinda I Reversed development co-operation. An example of a successful adoption of a South method to the North in the prevention of sexually transmitted infections; a co-opeartion between positive muslims South Africa and Soa Aids Nederland. Den Haag, Annual E-Motive day organised by Oxfam Novib, 24 november 2009.

Shiripinda I Uitdagingen en opportunities in het uitvoeren van soa/hiv bestrijding onder een gestigmatiseerde maar laag risico groep in Nederland zoals Moslims. Amsterdam, Ramadan Festival, 9 september 2009. Shiripinda I Difficult to reach key populations. STI/HIV prevention among sub saharan african women in the Netherlands.

123


London, 18th ISSTDR. International Society for STD Research in conjuction with British Association for Sexual Health and HIV (BASHH), 28 juni – 1 juli 2009.

Njeru EW Ethnic Minoroties Program of Soa Aids Nederland: Who are we and what can we do for you as an Ethnic Minority? Den Haag, Culturele SoulTaxi, Stichting African Life, 28 februari 2009. Njeru EW Kitchen Tea Parties Training Weekend November 2008: Looking Back Amsterdam, Kitchen Tea Party Training Weekend (for facilitators), 3 – 5 april 2009 Njeru EW Kitchen Tea Parties: Plans for 2009 Amsterdam, Kitchen Tea Party Training Weekend (for facilitators), 3 – 5 april 2009

Njeru EW Let’s talk! Which STIs are there? Myths on not/getting HIV? Why and where get tested? What facilities exist? Demonstration on proper male and female condom use Amsterdam, Kitchen Tea Party, YoungNeders, 25 april 2009 Njeru EW Let’s talk! Which STIs are there? Myths on not/getting HIV? Why and where get tested? What facilities exist? Demonstration on proper male and female condom use Oldenzaal, Kitchen Tea Party, Wongi’s women’s group, 16 mei 2009 Njeru EW The Ethnic Minorities Program of Soa Aids Nederland! Who we are, wha t we do, what challenges we face working with Ethnic Minorities London, Plaats: African HIV Policy Network, 21 mei 2009

Njeru EW Let’s talk! Which STIs are there? Myths on not/getting HIV? Why and where get tested? What facilities exist? Demonstration on proper male and female condom use Almere, Kitchen Tea Party, UKEA, 30 mei 2009 124


Njeru EW Ethnic Minorities Program of Soa Aids Nederland! Who we are, what we do, our partners, our materials, challenges we face in our work Amsterdam, Visit American Students, 29 juni 2009

Njeru EW Let’s talk! Which STIs are there? Myths on not/getting HIV? Why and where get tested? What facilities exist? Demonstration on proper male and female condom use Oldenzaal, Kitchen Tea Party, Wongi’s women’s group, 27 september 2009 Njeru EW Presentatie over de website: www.Life2Live.nl tijdens de launch. Amsterdam, 4e Etnische Minderheden Congres, 09 oktober 2009

Njeru EW Which STIs are there? Why and where get tested? What facilities exist? Demonstration on proper male and female condom use, availability of Hep B vaccine and PEP Den Haag, Kitchen Tea Party, African Gay Youth Foundation, 10 oktober 2009 Njeru EW Gebruiken met betrekking tot seksualiteit, ideeën over hvi en seksueel gedrag bij Sub-Sahara Afrikanen Utrecht, Verdiepingsdag hiv-consulenten, 26 november 2009

Njeru EW Initiatieven van het programma etnische minderheden van Soa Aids Nederland Utrecht, Verdiepingsdag hiv-consulenten, 26 november 2009 Njeru EW Ethnic Minorities Program of Soa Aids Nederland and www.Life 2Live.nl Amsterdam. Wave Festival, Youth Explosion, 05 december 2009

12.7

Programma Publiekscommunicatie

Zimbile F R 125


De Vrij Veilig Campagne Amsterdam, Gastcollege Gezondheidswetenschap Vrije Universiteit, 5 februari 2009 Fisser E Vrij Veilig Campagnes door de jaren heen Maastricht, Gastcollege Universiteit Maastricht, 7 april 2009 Zimbile F R De Vrij Veilig Campagne, achtergronden en doelstellingen Nijmegen, presentatie aan huisartsennetwerk soa, hiv en seksuele gezondheid, 17 april 2009 Fisser E Bzz weet wat jij w ilt weten over alcohol, drugs en seks Ede, Nationaal congres Mediacoaches, workshop, 22 april 2009 Zimbile F R Safe Sex Campaigns in The Netherlands Amsterdam, presentatie Russische delegatie beleidsmakers, 14 mei 2009 Fisser E Vrij veilig Campagne in de huisartsenpraktijk Nijmegen, Radboud Universiteit - zomercursus huisartsenopleiding. 7 augustus 2009 Zimbile F R De Vrij Veilig Campagne Amsterdam, Gastcollege Gezondheids- en Risicocommunicatie Vrije Universiteit, 18 september 2009 Mulder M Safe Sex campaigns in The Netherlands Amsterdam, Gastcollege aan Amerikaanse studenten, Universiteit van Amsterdam, 19 oktober 2009 Zimbile F R Mediastrategie Vrij Veilig Campagnes Amsterdam, Gastcollege Communicatiewetenschap, Universiteit van Amsterdam, 19 oktober 2009 Fisser E, Zimbile F R. Mevissen F, Vriends P Voorlichting 2.0 - E-health, jongeren en seksuele gezondheid Amsterdam, workshop Nationaal congres Soa* Hiv* Aids, 1 december 2009

126


Colofon

Dit jaarverslag is een publicatie van Stichting Aids Fon ds – Soa Aids Nederland Keizersgracht 392 1016 GB Amsterdam Telefoon 020 – 62 62 669 www.soaaids.nl

127


Soa Aids Nederland - Jaarverslag 2009