Issuu on Google+

Magazine met nieuws en informatie voor alle relaties van Sogeti Nederland B.V.

03

Data de nieuwe olie Martin Knobloch verslaat de hacker

De kunst van het uitzetten van systemen Oktober 2009 • ja a rga ng 8


OKTOBER

realit

inhoud

6 14 21

3 4

Windows 7, heeft u even? Systeembeheerder van het jaar en ander nieuws

Martin Knobloch verslaat de hacker 7 8 10 11 12 13

Agenda De kunst van het uitzetten Kosten onder controle VINT symposium 2009 Geen recessie maar een transitie Column Jaap Bloem

Data als economisch wonderolie 16 17 18 19 20

Meer opleidingen op verzoek van klanten Professional kom van je eiland af! Outsourcen moet passen als een maatpak Engineeringworld 2010 Sogeti deelt expertise ook in boeken

‘Open’ nieuw toverwoord?

Realit is een uitgave van Sogeti. Dit magazine bevat o.a. nieuws over onze dienstverlening en de samenwerking met onze klanten. Met de Realit hopen we u te informeren én inspireren. Heeft u vragen, interessante informatie of wilt u een bijdrage leveren aan Realit? Mail dan naar: redactie-realit@sogeti.nl.

colofon Hoofd redactie:

Aan dit nummer werkten mee:

Ruud Poels

Jaap Bloem Sonja Boelhouwer

Redactie-adres:

Sander Bosma

Realit

Michel van den Brande

Postbus 76

Robert Cornelisse

4130 EB Vianen

Menno van Doorn

redactie-realit@sogeti.nl

Sander Duivestein Bart Hendriks

Vormgeving en productie:

Dave van Herpen

Berg Kleijn Communicatie,

Martin Knobloch

Den Haag

Christiaan Lam Els Reinders

23 Peter van Wees: ‘Ik ga knallen’

Drukwerk:

Patrick Savalle

Chevalier,

Metin Seven (coverillustratie)

Hendrik Ido Ambacht

Esther Treurniet Wim van Uden Peter van Wees

What’s in it? Sogeti komt opnieuw goed uit de bus in de ‘Outsourcing Performance 2009’, de benchmark van onderzoeksbureau Giarte. Zo’n 97% van onze klanten, beveelt ons aan als leverancier. De afgelopen jaren scoorde Sogeti 92 en 95% in het onderzoek.

“We zijn er trots op dat we opnieuw zoveel waardering krijgen van onze klanten”, zegt chief sales officer Bart Hendriks. “Het onderzoek van Giarte is maatgevend in onze branche.” Giarte onderzoekt jaarlijks de tevredenheid over outsourcing-leveranciers bij klanten en contactpersonen. De outsourcing-performance van dit jaar is met bijna 700 evaluaties en ruim 3,5 miljard euro aan contractwaarde wederom een bijzondere studie. “Het is een onafhankelijke en krachtige benchmark en daardoor van grote waarde.” Giarte verwacht de komende jaren groei van de markt in outsourcing. Een markt die volgens de onderzoekers vaak geassocieerd wordt met problemen. Maar, zo zeggen ze, er gaan ook veel zaken goed. Het onderzoek van 2009 beschouwt de markt daarom vanuit een kritische opbouwende houding. Naast Sogeti laten ook andere dienstverleners verbeteringen zien. “Dat is goed voor de branche. Je merkt dat alle bedrijven werken aan verbeterpunten. Maar geen van onze concurrenten scoort al drie jaar op rij zo hoog in de lijst.”

CSO Bart Hendriks

Het is voor het zesde jaar dat het Giarte onderzoek verschijnt. “De markt neemt het onderzoek steeds serieuzer. Op basis van onze resultaten in het onderzoek, overtuigen we klanten”, zegt Bart Hendriks.

“sogeti scoort weer hoog in benchmark giarte” Als belangrijkste determinanten van klanttevredenheid in de ICT-sector noemen de onderzoekers: het nakomen van afspraken, flexibiliteit en operationeel management. Vooral op dat laatste onderdeel scoort Sogeti goed. De score van 97% is voor Sogeti geen reden om tevreden achterover te leunen. “Verwachtingen van klanten worden steeds hoger, dus we kunnen niet stil staan. En dat doen we ook niet, want we blijven werken aan de kwaliteit van onze dienstverlening. We hebben namelijk de overtuiging dat kwaliteit leidt tot langdurige relaties met onze klanten”, besluit Bart Hendriks. bart.hendriks@sogeti.nl


WhAT’S UP?

Waarom nu?

Windows 7, heeft u even? Het zal niemand ontgaan zijn dat er van alles te doen is rond de

Dat een werkplekomgeving af en toe vernieuwd moet worden mag duidelijk zijn. Maar waarom zou dat nu moeten? Wat is nu eigenlijk de toevoegde waarde van Windows 7? Alhoewel deze veel­ gestelde en terechte vraag situationeel beantwoord moet worden, gelden er ook een paar generieke rules of thumb. Wan­ neer de huidige omgeving nog is geba­ seerd op Windows XP of zelfs Windows 2000, loont het – zoals gezegd – al snel de moeite. Aan de andere kant is de toe­ gevoegde waarde van uitsluitend een Windows desktop migratie aan de mage­ re kant. Een dergelijke, toch al ingrij­ pende, operatie kan het beste gecombi­ neerd worden met aanvullende vernieuwingen zoals het Office systeem en liefst ook op de relevante serveromgeving. Op deze manier ervaart de organisatie krachtigere en rijkere functionaliteit in plaats van alleen een nieuw logo bij het opstarten van de PC.

opvolger van Vista, Windows 7. Microsoft noemt deze nieuwe

IDC beweert 50% van de zakelijke onder­ nemingen tegen het eind van 2010 over te zijn naar Windows 7.

versie vooral makkelijker en sneller in gebruik. Sogeti is een

Strategische partners

van de vier launch partners in Nederland. Vooral de kritiek op de performance en hardware-eisen van Vista zijn in de opvolger ter harte genomen. In officiële statements gaat het om een drietal verbeteringen: produc­ tivity anywhere, enhance security and control, streamline PC management. Samengevat komt dit neer op productivi­teitsverhoging van de gebruiker en efficiënter beheer. Maar wat voor waarde heeft dat nu in de markt en wie zit daar op te wachten? Windows Vista heeft een marktaandeel in Nederland van 12%, de rest is overwegend nog Windows XP. 12% lijkt weinig, maar is redelijk normaal als we terugkijken naar het begin van deze eeuw, toen er ook meerdere Windows versies (W98, NT, W2000) in productie waren. Door de levensduur van meer dan zes jaar van Windows XP (uit 2002), heeft 73% van de huidige CIO’s niet eerder een werkplekmigratie meegemaakt, een reden

voor koudwatervrees. Daarnaast heeft Microsoft zelf vrij snel na de lancering van Windows Vista (2006) aangekondigd eind 2009 Windows 7 te introduceren. Hierdoor hebben veel organisaties besloten tijd te kopen en vaak was er ook geen directe aanleiding om afscheid te nemen van het vertrouwde Windows XP. Diezelfde organisa­ties zijn nu zo’n drie jaar verder en merken dat hardware- en softwarefabrikanten inmiddels afscheid hebben genomen van XP als de standaard Windows versie en zich nu richten op Vista en Windows 7. Daarbij komt dat het twee versies achterlopen op een belangrijk product als Windows doorgaans tegen het (on)geschreven IT-beleid én gezond boerenverstand in druist. Het sentiment rond Windows 7 is aanzienlijk positiever dan dat van voorganger Windows Vista en volgens een recent onderzoek van

Sogeti en Microsoft beschouwen elkaar als strategische partners en dit geldt ook op het gebied van infrastructuur. Zo is Sogeti in juni 2008 tot één van de zes wereldwijde ‘kampioenen’ op het gebied van applicatie compliancy benoemd, het ACF programma. Microsoft erkent en onderschrijft dat bij een Windows migratie de applicaties de meeste aandacht verdienen. Dankzij diensten als Sogeti Smart Desktop en InFraMe Applicatie Deployment en de brede ervaring die hiermee is opgebouwd, Sogeti begeleidt nu al organisaties bij Windows 7 pilots. robert.cornelisse@sogeti.nl

Windows 7 is vanaf 22 oktober verkrijgbaar.

www.microsoft.sogeti.nl

3


what’s new

Nieuw magazine Relatiemagazine Realit van Sogeti Nederland heeft een gedaanteverwisseling ondergaan. Het blad heeft een nieuwe redactieformule en een moderner uiterlijk. Door de nieuwe vormgeving worden de artikelen toegankelijker gepresenteerd en krijgen lezers een beter beeld van Sogeti. De restyling is niet zomaar gedaan. Er is een uitgebreid onderzoek onder lezers aan vooraf gegaan. Op basis van die resultaten is de redactieformule aangescherpt. Lezers gaven aan meer te willen weten wat er bij Sogeti speelt. De korte nieuwsberichten op deze pagina zijn daar onder andere een voorbeeld van. Lezers gaven ook aan meer de mensen van Sogeti te willen zien. Met interviews op pagina 6 en 7 en 23 komen we in dit nummer aan die wens tegemoet. Pagina 3 is in iedere uitgave belangrijk, daar doen we verslag van belangrijke gebeurtenis­ sen, zoals nu de introductie van Windows 7. Met ruime aandacht voor het Verkenningsinstituut Nieuwe Technologie van Sogeti bedienen we de lezers die meer over de toekomst willen lezen. De ver­trouwde column van Jaap Bloem is gebleven. De cover moet het nieuwe visitekaartje van Realit worden. Daarvoor is samenwerking gezocht met illustrator Metin Seven die ook actief is voor de game-industrie. De techniek die hij gebruikt is rendering. Dat is het genereren van een digitale afbeelding uit een driedimensionaal model met behulp van de computer. Voor de vormgeving tekent Berg Kleijn Communicatie. Wij wensen u veel leesplezier! Reacties horen we uiteraard graag. Ruud Poels, redactie-realit@sogeti.nl

Robot komt niet tot scoren op WK Hij heeft wel veel ballen tegen gehouden, maar dat levert uiteindelijk geen punten op. De robot, door Sogeti samen met de technische universi­ teiten ontwikkeld, is als gedeeld laatste geëin­ digd in de groeps­fase. Ieder jaar wordt er voor robots een dergelijk WK gehouden. In 2050 moet er een heus elftal van robots zijn dat het op kan nemen tegen de dan regerende wereldkam­ pioen voetbal. “Voetbal is een complexe sport. Er zitten veel bewegingen in en daarom is het zo goed om een robot­voetballer te ontwikkelen”, zegt Dr. Ir. Martijn Wisse van TU Delft. “We pro­ beren mense­lijke bewegingen na te maken. Als een robot kan voetballen, dan is hij ook geschikt voor huishoudelijke taken. Uiteindelijk is ons doel om goede bruikbare robots voor de maatschappij te ontwikkelen.”

www.robocup2009.org

4

Beste


Lectoraat aan Fontys hogescholen Leo van der Aalst is namens Sogeti lector aan de Fontys Hoge­scholen geworden. Zijn belang­rijkste doel is het testvak onder de aan­ dacht brengen van docen­ ten en studenten van de HBO-informatica opleiding software engineering. Lec­ tor word je niet zomaar en het is een eer om hiervoor gevraagd te worden. Zowel voor Leo van der Aalst zelf, als voor Sogeti. “Het lectoraat is een erkenning voor het thought leadership van Sogeti op test­gebied.” Het lectoraat duurt vier jaar en het doel is om docenten en studenten onderzoek te laten doen naar concrete ontwikkel- en testaanpakken die in het midden- en kleinbedrijf (MKB) kunnen worden gebruikt. De onderzoeken worden in nauwe samenwerking met LaQu­ SO (Technische Universiteit Eindhoven) uitgevoerd. Andere partners zijn IBM en twee Duitse uni­versiteiten. Na vier jaar wordt het resultaat geborgd in een expertise­ centrum softwarekwaliteit, waar het MKB haar software­ producten en -processen kan laten certificeren. leo.van.der.aalst@sogeti.nl

systeembeheerder John Eijgensteijn van Sogeti mag zich twaalf maanden lang ‘Sysadmin van het Jaar’ noemen. Hij is op dit moment gedetacheerd bij MAB, een vastgoed projectontwikkelaar in Den Haag. Op de 14e verdieping in het MAB-kantoor nam hij onlangs de oorkonde en de prijzen die daarbij horen in ontvangst. Voor het derde jaar op rij organiseerde Techworld in samenwerking met de Netwerk Gebrui­ kers Groep (NGN) ‘De Sysadmin van het Jaar’. “Systeem­beheerders maken het mogelijk dat we iedere dag weer gewoon aan het werk kunnen. Hoe minder we ze zien en hoe minder we aan ze hoe­ ven te denken, hoe beter ze hun werk doen”, zegt redactie­ chef Sander van der Meijs van Techworld. Dit jaar zijn maar liefst 285 systeembeheerders door hun gebruikers opgegeven voor de wedstrijd.

Nominatie voor Computable Award Sogeti is genomineerd voor een Computable Award in de categorie maatschappelijke verant­ woorde ICT-onderneming van het jaar. Duurzaamheid stond het afgelopen jaar hoog in het vaandel bij Sogeti. Zo rijdt inmiddels zo’n tien procent van alle medewerkers hybride en dat aantal loopt op. Om het aantal autokilometers verder te beperken, maken medewerkers van Sogeti in toenemende mate gebruik van moge­ lijkheden om thuis te werken. En omdat veel medewerkers bij klanten van het bedrijf werken, worden ook daar afspraken mee gemaakt in het kader van het Nieuwe Werken. Verder heeft Sogeti een aparte dienst, Bewezen Uit, opgericht die klanten helpt om ingewikkelde ICT-landschappen te ontwarren en op die manier kosten te bespa­ ren. “Dat kan heel goed door alle systemen en applicaties tegen het licht te houden en vast te stellen wat er niet meer nodig is”, zegt Rolf Crae­ nen, Manager Enterprise Engineering van Sogeti Nederland. rolf.craenen@sogeti.nl

Twee masters in DEMO® Sogeti Nederland BV heeft twee DEMO® masters in haar midden. Bert Noorman, serviceline mana­ ger BPM (en geestelijk vader van Pronto®) en Jan Hoogervorst, management consultant, hebben bij het “DEMO kenniscentrum” hun master degree in DEMO® behaald. In Nederland zijn er ongeveer tien DEMO® masters. Met deze masters wordt een volgende stap gezet in de koppeling van DEMO® en Pronto®. DEMO® wordt op diverse Uni­ versiteiten en Hoge­scholen onderwezen, het is een degelijke en goed onder­ bouwde theorie, die zich in de afgelo­ pen jaren ook in ruime mate in de prak­ tijk heeft bewezen. Pronto® is ontstaan vanuit de behoefte aan een Sogeti-speci­ fieke manier van werken om de modellen bij klanten te ontwikkelen. Het afgelopen jaar is hard gewerkt aan de afstemming tussen DEMO® en Pronto®, zodat het beste van deze twee werelden (modelleren en wijze van werken) bij elkaar gebracht kan worden. Het aantal gebrui­ kers van DEMO® en Pronto® groeit snel.

www.sysadminday.com www.demo.nl

5


what’s next?

Martin Knobloch

verslaat de hacker

zoeken ze de systemen die ze willen aanvallen. Wat voor informatie kunnen ze onderscheppen? Bankgegevens of andere persoonlijke gegevens? En hoe kunnen ze die informatie onderscheppen door in de applicaties in te breken? Knobloch: “Meestal zoeken ze naar een ‘achterdeur’, zoals ik het noem: een zwakke plek in de beveiliging van de applicatie of het computersysteem. Veel hackers maken gebruik van een ‘Trojan’, een programma dat met gratis applicaties nietsvermoedend geïnstalleerd wordt. Hackers proberen ook gebruikersnamen en paswoorden te onderscheppen, zodat ze namens een andere gebruiker illegale acties kunnen uitvoeren in een beveiligd computersysteem. Dat levert een hoop schade op als dat bij de verkeerde bedrijven “Banken, verzekeringen en overheden bieden steeds meer diensten aan via internet. De truck is dan om de applicatie op een manier te gebruiken waarvoor deze in eerste instantie niet bedacht is en vervolgens naar de eigen hand te zetten.”

Martin Knobloch is software-architect en security-consultant bij Sogeti Nederland. Elke dag bindt hij de strijd aan met hackers. Dat is hard nodig, want de hedendaagse hacker is meestal onderdeel van een georganiseerd crimineel netwerk.

Dit artikel is ook gepubliceerd in een bijlage van Mediaplanet bij de Telegraaf.

Vroeger vonden hackers het vooral een intellectuele uitdaging om computersystemen te kraken. Maar die tijd is voorbij. “Je hebt nog wel ideologen, die het een sport vinden om te kijken of applicaties goed beveiligd zijn, maar dat is een minderheid in de hackers­ wereld”, zegt Knobloch. De hedendaagse aanvaller is goed georganiseerd en opereert namens een ‘volwassen industrie’, die grof geld verdient aan hacken. “Die georganiseerde criminele wereld verdient vermoedelijk met internetfraude meer dan met drugssmokkel. En het is eenvoudiger. Je hebt niet te maken met ingewikkelde logistiek en hoe groot is de kans dat een fraudeur uit bijvoorbeeld Rusland of China in Nederland voor de rechter komt?”

6

Veel nieuws over crimineel hacken blijft onder de pet. “De grote zaken halen het nieuws, maar er zijn talloze kleine fraudes, waarbij maandelijks kleine bedragen worden afgeschreven van bankrekeningen.” Knobloch kan niet in detail treden, maar er valt te denken aan geld dat verdwijnt richting criminelen bij het omrekenen van bedragen van bijvoorbeeld dollars naar euro’s. “Als dat massaal gebeurt, levert dat veel geld op.”

Martin Knobloch: “Bedenk welke informatie je verstrekt op internet.”

“Een aanvaller is de meeste tijd bezig met het winnen van informatie over de aan te vallen applicatie. Dit kan door legaal toegang tot een applicatie te krijgen, zoals de internetapplicatie van een bank. Veel informatie is ook op het internet te vinden en lijkt in eerste instantie niet belangrijk. Als een bedrijf op een banensite een specialist zoekt voor een bepaalde technologie, dan is al snel duidelijk dat een achterliggend systeem van deze organisatie gebruik maakt van deze technologie!”

Hoe gaan ze te werk? Hackers proberen computerapplicaties naar hun hand te zetten. Eerst bedenken ze of ze een aanval willen plegen op een persoon of een bedrijf. Bankaanvallen zijn populair bij hackers. Als ze de doelgroep weten, onder-

“Ook geven de gebruikers steeds meer informatie op het internet beschikbaar”, vervolgt Knobloch. “Denk aan de sociale netwerken zoals Facebook en Hyves. Ook het downloaden en installeren van ‘handige’ applicaties van internet kan gevaren met


WhAT’S happening?

AGENDA Aanmelden en overige evenementen 2009: evenementen@sogeti.nl Meer informatie: www.sogeti.nl/evenementen zich meebrengen. Niets is gratis en maar al te vaak zit er verborgen functionaliteit in een applicatie waar de gebruiker zich niet van bewust is. Zo zijn er applicaties die gebruikersnamen en wachtwoorden onderscheppen en doorsturen.”

Wat is er te doen tegen hackers? Knobloch: “Bedenk welke informatie je verstrekt op internet aan bedrijven en instellingen. Wees zorgvuldig met het geven van je persoonsgegevens, maar stel jezelf ook vragen als een site van je bank twee keer om je paswoord vraagt. Wat voor applicaties installeer je op je computer? Is het een applicatie van een betrouwbare bron? Goede virusbeveiliging voor je computer is ook essentieel, maar dat spreekt voor zich.” “Daarnaast moeten gebruikers van Windows pc’s nadenken hoeveel accounts er verbonden zijn aan hun computers of netwerk. Zorg in ieder geval voor één account dat de meeste rechten heeft, zodat je daarmee zelf applicaties en programma’s kunt installeren. De andere accounts mogen die rechten dan niet krijgen. Mensen moeten leren om bewuster met hun eigen computer en informatie om te gaan.”

Wat is de toekomst? De waarde van het internet wordt met het jaar groter. Steeds meer transacties gaan via internet en daarom zal het aantal hackers en criminelen die hier misbruik van willen maken alleen maar toenemen, denkt Knobloch. Hij is actief binnen de open communicty ‘Open Web Application Security Project (OWASP.org), die zich inzet voor het spreiden van kennis en informatie voor het veilig ontwikkelen van (web) applicaties.

“Het is eigenlijk vrij gemakkelijk om het internet te misbruiken om winst te maken” “Het is eigenlijk vrij gemakkelijk om het internet te misbruiken om winst te maken. Ik vind dat bedrijven en overheden nog te weinig doen tegen hackers. Ze proberen het wel, maar beveiliging tegen hackers is nog altijd niet vanzelfsprekend. Ze doen het vaak meer omdat het ‘moet’. Als je een auto koopt, wil je toch ook weten of hij veilig is? Maar zo’n gedachtegang is er bij banken en bedrijven niet. Ik denk dat daar de komende jaren meer nadruk op moet liggen: veiligheid die vanzelfsprekend is.”

oktober 13 oktober 2009 Terug naar uw core business. Breng uw it-organisatie in topvorm Hoofdkantoor Sogeti, Vianen Contactpersoon: irene.van.der.vijver@sogeti.nl

november 4 november 2009 Seminar Het Nieuwe Werken Social - Teampark - The Cloud Locatie nog te bepalen Contactpersoon: wim.hofland@sogeti.nl   5 november 2009 Seminar ROI in HRM de volgende stap in eHRM Hoofdkantoor Sogeti, Vianen Contactpersoon: louk.van.rijswijk@sogeti.nl 12 november 2009 Seminar De Virtuele Werkplek Locatie nog te bepalen Contactpersoon: robert.corenlisse@sogeti.nl 17 november 2009 TMap Dag Locatie nog te bepalen Contactpersoon: michiel.rigterink@sogeti.nl 19 november 2009 Seminar Applicatie Lifecycle management Locatie nog te bepalen Contactpersoon: wim.hofland@sogeti.nl

december 8 december 2009 Seminar Applicatie Experience Locatie nog te bepalen Contactpersoon: robert.cornelisse@sogeti.nl

martin.knobloch@sogeti.nl

7


what’s working?

De kunst van het uitzetten Organisaties hebben vaak geen programma voor het rationaliseren van het applicatielandschap

De stekker uit een applicatie trekken kan iedereen. De kunst is, zegt Dave van Herpen, om dit gecontroleerd en verantwoord te doen. En om daarbij gebruik te maken van een eenduidige set architectuur principes en -richtlijnen. Zonder de benodigde financiële middelen en managementaandacht is een rationalisatieprogramma gedoemd te mislukken.

Dit artikel is ook gepubliceerd in Automatisering Gids.

In de afgelopen decennia hebben organisaties allerlei applicaties ontwikkeld ter ondersteuning van hun bedrijfsprocessen. Veel van deze applicaties zijn als erfenis overgedragen aan de volgende generatie automatiseerders. Hoewel dergelijke applicaties dikwijls nog steeds een belangrijke bijdrage leveren aan het voortbestaan en de concurrentiepositie van de organisatie, worden ze vaak ervaren als een ongewilde nalatenschap. De beheerkosten zijn hoog en door de complexiteit zijn ze erg inflexibel. Daardoor is het niet of nauwelijks mogelijk om deze applicaties aan te passen aan de inmiddels veranderde informatiebehoeften van de organisatie of uit te breiden met nieuwe functionaliteit. Bovendien hebben steeds meer bedrijven moeite gekwalificeerd IT-personeel te vinden met specifieke kennis van juist deze applicaties, terwijl de nog wel aanwezige kennis ‘vergrijst’. Dat veel van deze applicaties zich aan het einde van hun levenscyclus bevinden, lijkt dan ook een gerechtvaardigde conclusie. Maar waarom kunnen we dan toch maar zo moeizaam afscheid nemen van deze legacy-applicaties? Wie kent haar niet: die robuuste mainframeapplicatie, die na jaren trouwe dienst in het ondersteunen van bedrijfskritische transacties

8

van al haar eigenwaarde is beroofd, de afgelopen jaren haar functionaliteiten overgenomen zag worden door fancy Java- en .NET-applicaties en haar bestaansrecht alleen nog maar ontleent aan gebrekkige informatie bij ITbeheer over haar pijnlijke redundantie. Werkeloos ziet zij toe hoe de rest van haar kamergenoten dagelijks zijn waarde voor de business bewijst, hopeloos wachtend op die ene IT-beheerder die haar uit haar lijden komt verlossen. Ontegenzeglijk een pijnlijke situatie, maar vooral ook een kostbare. Iedereen is het erover eens dat het uitzetten van dit soort IT-componenten veel geld kan besparen en niet meer dan logisch is, zeker in deze roerige tijden met een sterke focus op kosten­ besparingen en een zo kort mogelijke timeto-market. Echter, de praktijk leert ons dat het lastig is om de stekker uit deze over­ bodige applicaties te trekken. Gebrek aan de juiste informatie is hierbij cruciaal, maar het ontbreekt zeker ook aan een stevige dosis opportuniteit en daadkracht. Bovendien ontbreekt het vaak aan een (bij voorkeur bedrijfsbreed) programma, dat specifiek gericht is op het rationaliseren van het applicatielandschap. Hierdoor blijven de aandacht en middelen toch vooral hangen bij vernieu-

wingen en niet bij het opruimen van het bestaande. De acht stappen in het kader geven een houvast om het applicatielandschap succesvol en verantwoord te rationa­ liseren. Hoewel deze stappen in meerdere volgorden en parallel aan elkaar kunnen worden doorlopen en de een wat minder moeite zal kosten dan de ander, zijn ze ieder wel cruciaal voor het slagen van een dergelijke rationalisatieexercitie. Met andere woorden, iedere organisatie is anders. Elementen als cultuur, organisatiestructuur en bedrijfsstrategie bepalen in hoge mate de organisatieidentiteit. Daarnaast is ieder applicatielandschap uniek, met geheel eigen metrieken, processen en volwassenheids­niveaus.

“De businesscase verkopen aan IT of businessmanagement is geen sinecure” In iedere organisatie is echter wel sprake van een zekere hoeveelheid legacy- of verouderde applicaties. En in iedere organisatie zwerven ongebruikte of onnodige functionaliteiten, componenten of code rond. Hier daadwerkelijk de stekker uit te trekken en door rationalisatie de organisatie (veel) geld te besparen, blijkt een lastige horde voor veel organisaties. De hier beschreven acht stappen kunnen de basis zijn voor een centraal gecoördineerd rationalisatieprogramma, met het businessproces als insteek, pragmatiek als leidraad en kennisdeling als primaire driver. Zodoende kan iedere organisatie winst boeken in deze roerige tijden.


1 Bouw en verkoop één integrale businesscase Het opstellen van een goede businesscase voor beheer- en onderhoudsprojecten is niet altijd eenvoudig, dat is op zich geen nieuws. Deze businesscase vervolgens verkopen aan IT- of businessmanagement is al helemaal geen sinecure, te midden van al het vernieuwingsgeweld en businessprioriteiten. Zeker in rationalisatievraagstukken hebben we te maken met diverse stakeholders binnen de business (businessmanagement, proces- en applicatie-eigenaren) en binnen IT (CIO, beheer, ontwikkeling, programmamanagement, architectuur). Ieder van deze stakeholders heeft vaak zijn eigen (sub)belangen, die vanwege interne KPI-structuren met verve verdedigd worden. Eén solide businesscase en centrale funding voor het gehele rationalisatieprogramma helpen dit te voorkomen. Daarmee wordt aangetoond wat de bedrijfsbrede besparing is en kan bovendien de businesscase centraal binnen de organisatie worden verkocht, dus op zo hoog mogelijk (directie)niveau.

2 Start bij het businessproces Kansen voor rationalisatiewinst kunnen zeker vanuit IT worden gesignaleerd. Bijvoorbeeld via structurele portfolioanalyses verkrijgt IT immers inzicht in het applicatielandschap, de volwassenheid van de afzonderlijke applicaties, relaties ertussen en de diverse businessprocessen die geraakt worden. Vooral een effectieve implementatie van de processen configuratiemanagement en de applicatie portfoliomanagement draagt hier maximaal aan bij. Maar met dit inzicht ben je er nog niet. De business zal aangemoedigd moeten worden ook zelf een rationalisatieslag te maken binnen de eigen businessprocessen. De kans dat ook hier aanzienlijke harmonisatiewinsten te behalen zijn, is immers zeer groot. Als meerdere businessprocessen met hetzelfde doel kunnen worden geharmoniseerd, levert dat doorgaans enorm veel op aan kostenbesparing en efficiencyverhoging in de ondersteunende ITmiddelen. IT kan hierin nadrukkelijk een faciliterende rol spelen.

3 Focus via programmastructuur In de aansturing van de ‘uit-projecten’ is een toegewijd programma essentieel voor het bereiken van de gewenste rationalisatieslag. Zolang er geen gerichte focus en drijfveer aanwezig is om de bestaande, overbodige applicaties en componenten daadwerkelijk uit te zetten, zal de aandacht blijven hangen bij de vernieuwende aspecten van de huidige programma’s. Een dedicated rationalisatieprogramma voorziet in de benoeming van verantwoordelijkheden en eigenaarschap, planning en mijlpalen, doelstellingen en KPI’s,

maar ook concrete fallbackscenario’s. Vanuit dit rationalisatieprogramma worden tevens governance-acties geïnitieerd en worden andere programma’s aangehaakt om de rationalisatieslag zo breed mogelijk gedragen te krijgen.

4 Neem concrete governance-acties Governance wordt al snel geassocieerd met uitvoerige en langdurige discussies over de besturing en verantwoordelijkheden binnen een organisatie. Maar dit maakt de noodzaak van governance niet minder. Vooral bij rationalisatieprogramma’s is een gedragen en structureel belegd eigenaarschap van processen en informatie absoluut onmisbaar. Een concrete en pragmatische invulling hiervan kan worden gezocht in het benoemen van de meest noodzakelijke informatieleveranciers en het maken van afspraken hierover. Daar waar nog geen proces-danwel informatieeigenaars bekend zijn, dienen deze te worden aangewezen. Bij voorkeur structureel en definitief, maar in ieder geval voor de duur van het programma.

5 Stel een ‘uit-architectuur’ op Ergens de stekker uittrekken kan iedereen. De kunst is om dit gecontroleerd en verantwoord te doen, daarbij gebruikmakend van een eenduidige set aan architectuurprincipes en -richtlijnen. Deze principes, beschreven in de ‘uit-architectuur’, geven richting aan het omgaan met zowel de bestaande applicatieportfolio als de zogenaamde ‘uitmodellen’. Deze ‘uit-modellen’ tonen, op basis van een inventarisatie van de huidige businessprocessen, de samenhang tussen de benodigde functionaliteiten binnen de informatievoorziening. Uiteindelijk moet de totale procesketen worden beschouwd om te bezien of de betreffende applicatie moet worden vervangen en of er nog andere (onderdelen van) applicaties binnen de procesketen kunnen of moeten worden vervangen.

6 Definieer reductiescenario’s Om te komen tot een gewenste mate van rationalisatie, zal bewust een weloverwogen keuze gemaakt moeten worden tussen de diverse reductiescenario’s. Zo kan direct worden gemigreerd naar het doelplatform, zonder daarbij een nieuw informatiesysteem te implementeren. In de meeste gevallen worden diverse applicaties en hun functionaliteiten echter herbouwd in nieuwe of bestaande informatiesystemen; vaak via een big-bang, soms stapsgewijs, in enkele gevallen via tijdelijke informatiesystemen. Bij al deze scenario’s is het uiteraard zaak om zorgvuldig

te evalueren welke ongebruikte (dode) functionaliteiten, componenten of code kunnen worden uitgezet. Om de keuze tussen deze scenario’s te vergemakkelijken kan met name gebruik gemaakt worden van verworven informatie over de technische en functionele waarde van de diverse applicaties in scope.

7 Gebruik geschikte tooling Succesvol rationaliseren staat of valt bij de aanwezigheid van de juiste informatie over het applicatielandschap. Handmatig inventariseren is in veel gevallen nog noodzakelijk, zeker als het functionaliteiten en businessprocessen betreft. Op steeds grotere schaal is geautomatiseerde tooling voorhanden, die voorziet in een grondige, structurele en snelle inventarisatie van de diverse componenten binnen het applicatielandschap, inclusief onderlinge relaties en gelaagdheden. Door deze tooling tevens in te zetten gedurende de analysefase, kan de opgedane kennis snel en doeltreffend worden aangewend voor het benoemen en voorbereiden van rationalisatieprojecten. Om de waarde van deze informatie te maximaliseren en bovendien te voorkomen dat deze informatie na afloop van het rationalisatieprogramma verdwijnt, is het raadzaam een virtuele CMDB (Configuration Management Database) in te richten. Dit kan heel pragmatisch door diverse informatiebronnen aan elkaar te knopen, reeds aanwezige informatie zoveel mogelijk te hergebruiken en daarbij te zorgen voor ‘fitfor-purpose’- ontsluiting van de informatie.

8 Think big, start small Zonder de benodigde financiële middelen en managementattentie, is een rationalisatieprogramma gedoemd te mislukken. Door weliswaar centraal een businesscase op te stellen en te verkopen, maar vooral klein te beginnen kan snel worden aangetoond wat de toegevoegde waarde is van de rationalisatieslag. Managers zijn nu eenmaal makkelijker te overtuigen met feiten en resultaten dan met beloften en langetermijnplannen. Door een cluster van businessprocessen (bijvoorbeeld HR of Sales) te benoemen of te starten met een specifieke technologie of platform, kan een gezonde focus ontstaan voor een klein aantal behapbare ‘uit-projecten’. Benoemde quick wins kunnen direct de waarde van het programma bewijzen. Cruciaal hierbij is vooral niet te wachten op honderd procent volledigheid van de informatie. Streven naar een ‘perfect score’ staat de noodzakelijke daadkracht en pragmatiek alleen maar in de weg.

dave.van.herpen@sogeti.nl

9


what’s cooking?

Kosten onder controle Oracle Application Express (ApEx) is een web development framework voor de Oracle database en geschikt voor de realisatie van webbased-applicaties. Het framework is standaard ingebouwd in de Oracle Database (vanaf versie 9i). Er zijn dus geen aparte licentiekosten mee gemoeit. De in ApEx ontwikkelde applicaties worden volledig in de

wikkelomgeving is ApEx een tool waarmee sneller dan elke andere tool een kwalitatief hoogwaardige applicatie gerealiseerd kan worden. De resulterende applicatie is een lichtgewicht HTML en Javascript applicatie. Hierdoor is ook alleen een browser nodig om de applicatie te kunnen gebruiken. Daarnaast is het mogelijk om de geavanceerde webtechnieken (waaronder Ajax) te benutten door deze in de applicatie te integreren.   ApEx is een ‘no cost’ feature van de Oracle database (en in de laatste database versie 11g, zelfs standaard feature). Opstellingen zijn mogelijk van geheel licentievrij (met een Oracle Express Edition database) tot een volledig schaalbare Database en ApplicatieServer Grid, waarmee grote hoeveelheden transacties afgehandeld kunnen worden.

“ApEx is een tool waar developers

database opgeslagen. Naast de database heb

en beheerders snel

je alleen nog een HTTP Server (Apache) nodig

mee om kunnen leren gaan”

met de mod_plsql plug-in (zie schema).

ApEx is een tool waar developers en beheerders snel mee om kunnen leren gaan. Vooral voor diegenen die al een beetje thuis zijn in HTML en Javascript is ontwikkelen met ApEx in enkele dagen te leren. De applicatie is volledig opgeslagen in de Oracle database, wat betekent dat naast de kennis van ApEx geen platform specifieke kennis nodig is om de applicatie te onderhouden.

De ontwikkeling van ApEx is begonnen in 2000, onder de naam Flows, met de intentie de realisatie van een interne webkalender voor Oracle. De achterliggende technologie is de Oracle PL/SQL Web Toolkit en bestaat al meer dan tien jaar. Dit concept is verder doorontwikkeld en uitgebreid met vele features. Ten opzichte van zijn directe voorganger, Oracle HTML DB, is ApEx een grote stap voorwaarts. De features en mogelijkheden van het framework zijn een stuk uitgebreider, het gebruikers- en ontwikkelgemak is met de vele wizards sterk verbeterd en al met al ligt de productiviteit een stuk hoger.

Welke voordelen zitten er aan deze ontwikkeltool? Het belangrijkste kenmerk van ApEx is dat de ontwikkeling van data georiënteerde (web-)applicaties met een factor drie versneld kan worden. Door met name de standaard wizards en de intuïtieve ont­

Wanneer is ApEx geschikt? ApEx is bij uitstek geschikt om lichtgewicht applicaties neer te zetten. Applicaties die voorheen in bijvoorbeeld Excel of Access werden gerealiseerd, kunnen nu eenvoudig in ApEx worden gemaakt. Hierbij wordt de oplossing direct gerealiseerd in een multi-user omgeving, wat grote voordelen biedt ten opzichte van bijvoorbeeld gedeelde werkmappen in Excel. Naast vervanging van kantoorautomatiseringoplossingen is ApEx ook geschikt om zwaardere applicaties te realiseren. Het is goed mogelijk om legacy applicaties (zoals Oracle Forms) te herbouwen in ApEx. Er zijn zelfs migratietools die dit proces ondersteunen, zodat een groot deel van de functionaliteit uit de legacy omgeving wordt overgenomen in de nieuwe ApEx omgeving. De applicaties hoeven niet beperkt in omvang te blijven. Ook met grotere applicaties blijkt ApEx een ideale tool te zijn om mee te bouwen. Met name voor transactiegerichte systemen blijft de snelheid en kwaliteit waarmee een (grote) applicatie ontwikkeld kan worden zeer gunstig.

Wat is het trackrecord van Sogeti? Sogeti heeft ervaring met de PL/SQL Web Toolkit sinds 1999. In de loop der jaren heeft Sogeti deze expertise ingezet en daardoor al de nodige ervaring opgedaan met de voorloper van Application Express. Met de komst van ApEx was het dan ook een logische stap om hier mee verder te gaan. sander.bosma@sogeti.nl

10


WhAT’S the story?

De crisis is een Zegen VINT Symposium 2009 Het allerbeste wat er had kunnen gebeuren is dat er een wereldwijde economische crisis zou uitbreken. Fantastisch. De crisis is een zegen. Dat zegt Arnold Heertje, Nederlands bekendste econoom tijdens het VINT-symposium Fast Forward van Sogeti.

11


what’s the story?

Geen recessie maar een transitie De meeste economen maken zich niet druk over de vraag hoe economische groei wordt bereikt. Als er maar meer geïnvesteerd en geconsumeerd wordt. Werk, werk, werk, maar wat voor werk daar gaan ze niet over.

12

Heertje is het daar radicaal mee oneens en zegt: “Wij moeten mondiaal grootscheeps investeren en innoveren en voor werkgelegenheid zorgen, in alles wat met duurzaamheid te maken heeft. En dat is een ongelooflijk uitgebreid programma, waarmee we voor jaren werk aan de winkel hebben. En het is tegelijkertijd dan de oplossing voor wat we dan noemen ‘de kredietcrisis’. En dat betekent ook dat je inspeelt op wat de behoeftes zijn van mensen nu en straks. En dat moet de essentie zijn. Dan is het werk dus ook zinvol en essentieel. Dan wordt werk afgeleid uit ‘ Waar doen we het voor?”

Duurzame waarde

Heertje noemt de kredietcrisis een overgangsfase. De maatschappij is in transitie, de wereld na de kredietcrisis is definitief anders dan ervoor. Een korte stemronde met de zaal toont dat 90% van de deelnemers het met professor Heertje eens is: we zijn in transitie.

TRANSITIE Van Naar Income Outcome Thin value Thick value Productivity Creativity Transactions Connections Old Institutions Institutional innovation

Umair Haque, businessblogger voor Harvard Business geeft een meer concrete beschrijving van wat die transitie betekent. In zijn pleidooi over ‘Constructive Capitalism’ draait alles om authentieke, betekenisvolle, duurzame economische waarde. ‘Thick value’ noemt Haque dit. Daarvoor is een revolutie nodig en die gaat zich volgens Haque ook aftekenen. Nieuwe instituten en toezichthouders zullen zich wereldwijd veel nadrukkelijker bemoeien met de wijze waarop we consumeren, produceren en samenwerken.

Don ‘Wikinomics’ Tapscott Ook Tapscott zet de hakbijl in de oude instituten. “Al onze instituten zijn aan het einde gekomen van hun levenscyclus.” Don Tapscott verkreeg wereldfaam door zijn boeken over de nieuwe digitale generatie en zijn boek ‘ Wikinomics’. In 1992 publiceerde hij over de paradigma verandering en noemde het toen de belofte van de informatietechnologie (Paradigm Shift: The New Promise of Information Technology). Die belofte wordt nu ingelost.

Michiel Boreel CTO van de Sogeti groep was (samen met Menno van Doorn, directeur van het Verkenningsinstituut Nieuwe Technologie) gastheer van het symposium.


WhAT means?

VINT symposium op video

De virtualisering van de wereld

De presentaties van Arnold Heertje, Umair Haque en Don Tapscott zijn op internet inte­ graal te bekijken. Naast de volledige pre­ sentatie is een kleine productie van de sprekers gemaakt “Penny for your thoughts”. Beide zijn te bekijken via het VINT videokanaal www.vimeo.com/ user1923062/videos en terug te vinden op het vintblog www.vint.sogeti.nl

Parallel aan de conversatiemaatschappij1 ontwikkelt zich momenteel een collaboratieeconomie op basis van simulatie en sociale media. Echt overtuigende voorbeelden van de gestaag groeiende equivalentie van media en individu, van ‘Me the Media’, vinden we tegenwoordig niet bij LinkedIn, Facebook, Twitter, Second Life, de Sims etcetera, maar in de‘lifelike’3D productlife­cycle-omgevingen van de maakindustrie.2 De echte Virtualise­ ring van de Wereld begint bij be­drijven als VW. Crash test dummies bijvoorbeeld zijn tegenwoordig helemaal digitaal, van binnen en buiten. Zo kunnen we bij een digitale klap van 75 km/h, afhankelijk van waar iemand in een bepaald type auto zit, perfect zien hoe erg de whiplash is en waar de organen een optater hebben gehad.3

Volgens Tapscott is een leiderschapscrisis het meest voor de hand liggende wat er nu staat te gebeuren. Want de verwarring zal groot zijn en de oude en nieuwe ideeën over waar het heen moet gaan zullen met elkaar botsen.

Hebberigheid

we uit deze recessie komen en weer naar business-as-uasual gaan, zit er goed naast”

menno.van.doorn@sogeti.nl

“Iedereen die denkt dat we uit deze recessie komen en weer naar business-as-usual gaan, zit er goed naast. We hebben een nieuw medium van menselijke communicatie, het Internet. En nu het veranderd is in web 2.0, is het niet meer een platform om content te presenteren, maar is het een wereldwijd computerplatform geworden.” Tapscott ziet de crisis, net als Haque en Heertje als een omslagpunt. “De huidige economische crisis is meer dan een crisis van de economie: het is een historisch moment in de menselijke geschiedenis. Als we er op terug kijken na een paar decennia, zien we dat dit het moment was waarop we de economie moesten ‘resetten’. Dit was het punt waarop de industriële economie volledig uitgeblust raakte.”

Jaap Bloem

Nico Baken, hoogleraar telecommunicatie aan de TU Delft en bij KPN verantwoordelijk voor innovatie en strategie. Hij pleitte in een van de breakout sessies voor radicale transformaties in Nederland. Door transsectoraal te denken en handelen kunnen de grootschalige veranderingen die noodzakelijk zijn worden doorgevoerd. De powerpoint presentatie is te bekijken via www.vintsymposium.nl/download/ PresentatieNicoBakenFastForward.pdf

Dit artikel is ook gepubliceerd in IT Executive.

“Iedereen die denkt dat

De laatste spreker was Rik Op den Brouw, directeur Rabobank Particulieren. Technologie speelt volgens Op den Brouw een belangrijke rol voor het vinden van oplossingen voor de echte issues van vandaag. Maar we mogen niet vergeten dat de hebberigheid die ten grondslag lag aan de crisis ook door de technologie is gevoed. Volgens Op den Brouw is de beste aanpak van de crisis een terugkeer naar de basis, de coöperatieve gedachte.

Het huwelijk van conversatiemaatschappij en collaboratie-economie ontwikkelt zich vanuit de ‘Me the Media’-equivalentie bin­ nen het spanningsveld van NBIC-convergen­ tie,4 hyperrealiteit5 en de webweten­schap6, die Tim Berners-Lee voorstaat. Om een lang verhaal kort te maken hebben we een en ander in een plaatje verwerkt. Weergegeven ziet u het kloppende hart van conversatie­ maatschappij en collaboratie-economie. Links­ onder, aan de economiekant, staat de ultieme belofte van een nieuwe People-Planet-Profitverhouding en rechts, aan de maatschappij­ kant, de dreiging van verzanden in gewauwel en narcisme. Gegeven alle gecombineerde uitdagingen in deze crisiseeuw moeten we het komende decennium de vruchten zien te plukken van een online ‘VW’-mix, die bij­ draagt aan een uitweg uit de economische en ecologische malaise.7

Noten 1 www.methemedia.com 2 www.3ds.c om/products/v6/welcome 3 www.forbes.com/forbes/2007/0813/068.html 4 en.wikipedia.org/wiki/NBIC 5 en.wikipedia.org/wiki/Hyperreality 6 www.webscience.org 7 www.21school.ox.ac.uk

13


what’s next?

computernetwerken zorgen voor groei en welvaart

Vuur en aarde waren bepalend voor de economische ontwikkelingen in het landbouwtijdperk. In het industriële tijdperk zijn stoom, staal en olie het economisch wondermiddel geweest. Nu, in het huidige informatie­tijdperk, hebben computernetwerken gezorgd voor groei en welvaart. Met de economie op zijn retour, rijst de vraag welk ingrediënt ons uit het slop gaat trekken. Onze voorspelling is dat een revolutionair gebruik en groei van data de welvaart weer op een hoger plan gaat brengen.

Data als economische wonderolie De groei van de welvaart gaat niet in een rechte lijn, maar in een golfbeweging naar beneden en verder omhoog. Verschillende economen hebben zich verdiept in deze golfbewegingen. De huidige visie is dat die bewegingen worden veroorzaakt door de basisgrondstoffen voor de economie. De stoommachine, staal en olie hebben hun impact gehad in alle hoeken en gaten van de economie, juist door hun brede inzetbaarheid. Omdat er steeds weer een nieuw basisingrediënt wordt ‘ontdekt’ komen we uiteindelijk op een hoger plan. Maar voor we het hogere niveau bereiken zijn we door een recessie en depressie heengegaan. Zo klom de economie na de grote depressie uit het dal door olie en bedrijven als Shell. Dankzij de olie-industrie floreerde de autoindustrie, de vakantie-industrie, de ijskastindustrie en noem-maar-op-industrie. Het basisingrediënt doet zijn werk in tal van sectoren. Wie nu de stekker uit internet trekt legt de hele maatschappij plat. De economie heeft inmiddels de weg naar beneden ingezet en

14

de volgende golf in het informatietijdperk dient zich aan. Data vormen de nieuwe olie, Google is het nieuwe Shell. Economische impulsen zullen komen uit het gebruik en inzet van datavelden.

De cloud als olieveld Net als het aanboren van olievelden , worden nu op steeds grotere schaal datavelden aangeboord. Gegevens van bedrijven, overheden, individuen en objecten pompen we en masse het net op om vervolgens via aller-

lei kanalen weer op een slimme manier af te kunnen tappen. Ook dit digitale spul moet net als olie worden verfijnd (geraffineerd), voordat het voor tal van toepassingen kan worden ingezet. De digitale variant van een olieveld of gasbel heet tegenwoordig datacloud. Er wordt vandaag de dag gesproken over ‘cloud computing’ en werken ‘ in de cloud’ als gegevens in een wolk zijn opgeslagen die vervolgens door verschillende mensen kunnen worden aangeboord.

Economische wonderolie De groei van de data-cloud is zelfs zo explosief, dat er in een jaar net zoveel data bijkomen als de hele geschiedenis van de mensheid daarvoor heeft opgeleverd. In die zin zijn data letterlijk wonderolie, want bij gebruik van gewone olie blijft er naderhand minder van over, terwijl data oneindig keer kunnen worden (her)gebruikt en dan zijn er nog net zo veel over aan het eind. Letterlijk leveren data geen energie uiteraard, maar in zijn betekenis voor de economie is het vergelijkbaar met wat olie voor de industrie heeft gedaan en vruchtbare grond


Zo’n versnelling in kennis wordt door Amerikaans president Barack Obama zeer serieus genomen. Recent heeft hij zijn Chief Technology Officer een speciale missie meegegeven om alle overheidsdata in een cloud onder te brengen (www.data.gov). Wetenschappelijke gegevens, economische data, geboorte- en sterftecijfers, alles wordt openbaar. Obama aast op een kennis- en creativiteitsversnelling dankzij deze strategie.

Bumpy road ahead De overgang naar het datatijdperk gaat niet zonder slag of stoot, net zoals de overgang van stoom naar staal en olie. Transformaties gaan gepaard met krakende economieën, faillissementen, bedrijven die de boot missen en misbruik van de nieuwe mogelijkheden. Econoom Joseph Schumpeter noemde dit proces’creatieve destructie’. Succesvolle toepassingen van nieuwe technieken, vernietigen de oude.

“Burgers worden geholpen door ‘intuïtieleveranciers’”

voor de landbouw. In het huidige tijdperk zijn ruwe data de grondstof die de economie omhoog zullen trekken en de samenleving opnieuw vorm zal geven. Door het koppelen van data en slim filteren ontstaan tal van nieuwe mogelijkheden. Tim Berners-Lee, de uitvinder van het World Wide Web, voorspelt dat aan dit digitale raffinageproces ontiegelijk veel nieuwe dingen zullen ontspruiten.

“Google speelt nu al voor digitale arts” Google groeide van scratch in tien jaar naar 30 miljard omzet. We zullen nog meer wonderbaarlijke groeiers zien. Sterk in opkomst zijn de bedrijven die iedere burger voor een paar honderd dollar van zijn eigen DNAprofiel voorziet. Microsoft, Intel, Google IBM en Cisco zijn nu al digitale arts aan het spelen. Met deze nieuwe datatechnieken in handen komt het heil straks niet van de huisarts, maar uit de datacloud. En hetzelfde staat te gebeuren met advies over bankzaken, carrière, of vakantie: slimme services rond datapakketjes gekoppeld aan uw digitale ik op het net, levert onafhankelijk en beter advies dan van het reisbureau of verzekeringsagent.

Misschien is het Israëlische my6sense wel zo’n bedrijf dat over een paar jaar miljarden verdient. Ze tappen slim in op de datacloud en leveren de burger een zesde zintuig, zo in de broekzak, op de iPhone. Op basis van digitaal gedrag leert my6sense de persoon kennen. Een makkelijke adviesdienst voor tal van zaken. Koopgedrag, zakelijke interesses, woorden die in Twitter of andere berichten worden gebruikt zijn de basis voor een ‘insightfull, flexible en not demanding’ adviesdienst die zo de telefoon binnenstroomt. De basis waarop de burger in het datatijdperk zijn beslissingen neemt, zal bepaald worden door bedrijven als my6sense of andere ‘intuïtieleveranciers’.

Brandstof voor de hersenen Data zijn de brandstof voor de hersenen en het internet, zoals olie de energie levert voor de verbrandingsmotor en auto’s. We zijn afhankelijk van deze nieuwe brandstof voor het realiseren van kennisdoorbraken en uitvindingen voor het energievraagstuk, opwarming van de aarde en het tekort aan water en voedsel. De grenzen aan de groei van de aarde gaan niet opgelost worden met meer olie of staal, maar met meer kennis en innovatie. Daarvoor hebben we die gigantische datamachine nodig die nu aan het groeien is en tot een enorme wereldwijde kennisversnelling leidt.

Het tijdperk dat we tegemoet gaan kent zoals ieder tijdperk zijn goede en slechte kanten. Het enthousiasme over staal in de vorige eeuw begon met treinen en reizen en even later bouwden we er een oorlogsindustrie mee op. Olie is prachtig, maar vervuilt de aarde. De data-explosie levert de consument een betere service en de aarde een duurzame toekomst, maar privacy is dood, en cybercriminaliteit en manipulatie van data kunnen dramatische gevolgen hebben. Het ergste staaltje data-manipulatie hebben we net achter de rug. Datapakketjes met de snelheid van het licht werden overal ter wereld te koop aangeboden als financiële derivaten. Niemand die precies leek te begrijpen hoe het zat en ondertussen zitten we met een kredietcrisis en werd de economie genadeloos onderuit gehaald. Naarmate we de potentie van data beter leren begrijpen, zullen we zien dat er nieuwe instituten komen, toezichthouders en stimuleringsmaatregelen. Een nieuw soort Verenigde Naties, IMF of Wereldbank, maar dan als koersbepalers van het nieuwe informatietijdperk. Met als belangrijkste missie het voorkomen van een volgende data-crisis en de optimale exploitatie van de kennisspiek in de 21ste eeuw.

jaap.bloem@sogeti.nl menno.van.doorn@sogeti.nl sander.duivestein@sogeti.nl

15


what’s on my mind?

Meer opleidingen op verzoek van klanten De divisie Software Control van Sogeti biedt haar klanten een uitgebreid aanbod van testen quality Assurance (QA) opleidingen. Deze opleidingen vinden plaats op basis van open inschrijving of in de vorm van incom­ pany opleidingen op locatie van onze klanten. Vanwege grote interesse en op verzoek van klanten, heeft Sogeti haar opleidingsaanbod elk jaar verder uitgebreid. Ook in het najaar van 2009 en in 2010 bieden wij u een com­ pleet aanbod aan Test- en QA-opleidingen. Deze opleidingen zijn absolute aanraders voor professionals die het ontwikkelen en het testen van informatiesystemen gestruc­ tureerd, kwalitatief en daarmee kosten­ bewust willen benaderen. Op www.TMap.net treft u ons complete, actuele opleidingsaanbod aan, waaronder de nieuwe opleidingen en diner lectures op het gebied van ketentesten, security testen en business driven test management. Daarnaast heeft Sogeti, als bron van TMap® en marktleider op het gebied van testen, opleidingstrajecten ontwikkeld die aanslui­ ten bij de certificeringen TMap NEXT® Foundation en TMap NEXT® Advanced. Dit zijn officieel bij EXIN (het Exameninstituut voor ICT’ers) te behalen internationaal erkende certificaten. Om u voor een van de opleidingen in te schrijven kunt u gebruikmaken van het online inschrijfformulier dat u vindt op www.TMap.net. U kunt ook een formulier aanvragen via sc-klantopleidingen@sogeti.nl Vanaf vijf á zes deelnemers kan Sogeti elke Test- of QA-opleiding ook in de vorm van een incompany opleiding op uw locatie organiseren. Daarnaast bestaat de mogelijk­ heid om voor uw organisatie een opleiding op maat samen te stellen. Bovendien biedt Sogeti praktijkgerichte coachingstrajecten aan. De docenten die de diverse opleidingen verzorgen, zijn alle testprofessional bij Sogeti. Zij hebben ruime praktijkervaring opgedaan bij opdrachtgevers in verschil­ lende sectoren, verzorgen al jarenlang klant­ opleidingen en zijn TMap®-gecertificeerd. sonja.boelhouwer@sogeti.nl

16

Professional kom van je eiland af! Daar waar we jaren geleden van mening waren dat het ICT landschap begon te lijken op een bord spaghetti, moeten we nu onze ICT specialisten tot de orde roepen. Professional kom van je eiland af en ga bruggen bouwen naar andere eilandjes, zegt Esther Treurniet. Wat hebben we van elkaar nodig om het ICT landschap zo beheersbaar en onderhouds­vriendelijk mogelijk te maken? Zodat de ‘klanten’ van ICT zo goed mogelijk ‘bediend’ kunnen worden en dat ze het gevoel hebben ‘begrepen’ te worden.


Ontwikkeling gaat maar door Als ik kijk naar mijn eigen vakmanschap, namelijk SAP HCM Consultant, dan wordt van mij verwacht dat ik kennis heb van SAP en HCM, kennis van testen, kennis van change management, kennis van implementatie en beheer, dat ik gebruikerstraining kan geven. Een en ander in ‘jip en janneke-taal’ kan uitleggen. Vervolgens staat mijn klant ook niet stil en zal ik mij verder moeten ontwikkelen in SAP Portal, ESS en MSS en bijvoorkeur aangevuld met een behoorlijke dosis proceskennis. Maar dat is mijn perceptie van hoe ik naar ICT vakmanschap kijk. Een infrastructuurspecialist zal veel meer kijken naar operating systemen, netwerken, storage en databases. Waarbij onderscheid gemaakt kan worden in realisatie en exploitatie. Eenmaal in exploitatie komen zaken als documentatie, capaciteitsmanagement, monitoring, SLA’s en kennis aan de orde.

“anno 2009 is ICT volledig verweven in ons dagelijks

Dit artikel is ook gepubliceerd in Computable.

leven”

Heeft u zich weleens gerealiseerd wat er voor nodig is om een factuur van uw energie leverancier aan u beschikbaar te stellen? Dat u daar, om te beginnen een computer voor nodig heeft, een internet verbinding en daarvoor weer een modem en om dat modem te installeren kwam een monteur langs. Wat u niet ziet is het ICT landschap wat door uw energie leverancier is opgezet om een correcte factuur beschikbaar te maken. Dat ICT landschap bestaat uit meerdere onderdelen. De infrastructuur waarop de systemen draaien, het besturingssysteem, een ERP applicatie om de facturen juist te kunnen berekenen. Maar ook oplossingen om het efficiënter en goedkoper te maken.

Met andere woorden, anno 2009 is ICT volledig verweven in ons dagelijks leven. Volgens mij is er helemaal niets meer, waar geen ICT voor wordt ingezet. En dagelijks zijn er duizenden ICT’ers aan de slag om dit soepel te laten verlopen. In de wereld van ICT hebben we het over beheer, besturingssystemen, BI, CRM, ECM, development, ERP, infrastructuur, internet, netwerken, outsourcing, SaaS, security, SOA, storage, virtualisatie, etc. En dan ben ik vast wel een paar hippe termen vergeten. En zo hebben we ook allemaal ons eigen specialisme, of beter gezegd ‘eilandje’. Want over de muren van onze vakgenoten kijken, doen we zelden of nooit. Want je kunt nou eenmaal geen verstand hebben van alle genoemde onderdelen en ook nog eens de laatste trends bijhouden. Daarom is ICT zo ongelofelijk complex en wordt er steeds meer verwacht van een professional. Maar is dat wel zo realistisch?

Maar waar is de verbinding tussen de bovengenoemde ICT’ers? De SAP HCM consultant verwacht dat het werkt en de infrastructuurspecialist kan dit leveren. En de infrastructuur-specialist zal zich op zijn beurt zorgen maken over hoeveel transacties, gebruikers, groei en performance op de systemen werkzaam zijn. Dit houdt in dat er duidelijkheid moet zijn wat je van elkaar mag verwachten en wat elkaars verantwoordelijkheden zijn.

Raakvlakken beschrijven Het blijft echter lastig om als infrastructuurspecialist je in te leven in een SAP HCM consultant en andersom. En dat hoeft ook niet. Noodzakelijk is het om de raakvlakken tussen beide specialismen duidelijk te beschrijven en dat je weet wat er geleverd wordt. Dat vereist vakmanschap. Je moet je als professional kunnen verplaatsen in een ander en desgewenst boven de materie kunnen staan. Professionals, zo is mijn ervaring, zijn geneigd teveel de inhoud in te duiken en het overzicht te verliezen. Dat vereist naast de onmisbare technische kennis, zeker ook communicatieve vaardigheden. Een moderne ict’er moet het vermogen hebben om anderen te begrijpen. En dit vervolgens te vertalen naar een transparant, onderhoudsvriendelijk ict-landschap. Als we dat kunnen, zijn we naar mijn mening nog beter in staat om klanten te helpen bij de ondersteuning van de ‘core-processen’. ICT’er, kom van je eiland af, zodat je nog beter in staat bent het ict-landschap beheersbaar en gebruikersvriendelijk te exploiteren. esther.treurniet@sogeti.nl

17


what’s worldwide?

Outsourcen moet pa als een maatpak Ook in deze tijd nog veel voordeel te behalen Is outsourcen van projecten naar India in deze economische tijd nu wel of niet een goed idee en lopen de trajecten over het algemeen goed? Dat ligt eraan. De deal kan nooit een ‘confectiepak’ zijn, maar met een ‘maatkostuum’ is veel mogelijk.

Wie kent deze grap niet? Komt een man bij de dokter met een onverklaarbare helse pijn in de linkerkant van zijn edele delen. De pijn wordt zo erg dat men tot de meest drastische maatregel moet overgaan. Vervolgens gaat deze man naar zijn kleermaker die hem vraagt of hij links- of rechtsdragend is; immers als je als linksdragende een rechtsdragende broek draagt krijg je pijn … Hoe gek het ook klinkt, maar hier zit nu precies de kern waarom veel outsourcing projecten mislukken, simpelweg de organisatie heeft voor het verkeerde pak gekozen en dat knelt. Outsourcing en het vaak hieraan gekoppelde offshoring blijken al een aantal jaren de sleutelwoorden te zijn voor het fors reduceren van de IT-kosten binnen grote organisaties. En in theorie klinkt het goed: als je standaard werk weet onder te brengen bij een gespecialiseerd bedrijf in een lage-lonenland, dan kun je aanzienlijke kostenbesparingen realiseren. In het begin toonde iedereen begrip voor het feit dat medewerkers uit bijvoorbeeld Tsjechië of India de Westerse cultuur moeten leren kennen, voordat ze op de gewenste wijze zouden werken. En dat het dus enige tijd duurde voordat de samenwerking optimaal zou zijn. Helaas blijkt dit in de praktijk toch anders te werken en worden zelfs na gedegen opstart- en inwerkperiodes de doelstellingen niet gerealiseerd.

Doorgaan of niet Moeten we dan nog doorgaan met al dit soort exercities? Een vraag die wel degelijk gesteld moet worden. Zeker in de huidige neergaande economie, waarin bij zo’n beetje ieder bedrijf alle budgetten onder druk staan en zelfs gedwongen ontslagen vallen. Het antwoord is niet een simpele ja of nee. Want ja, als er een tijd is dat outsourcen en offshoren zich zal lonen is het nu. Immers veel terugkerende standaard werkzaamheden kun-

18

nen uitstekend bij een externe specialist worden neergelegd, tegen een vooraf overeengekomen vaste prijs per eenheid. Hetzelfde geldt voor heldere en afgebakende projecten die door een leverancier worden uitgevoerd volgens een vaste prijs en tijd afspraak. Maar nee, als er een tijd is dat je zoveel mogelijk werk door je eigen mensen moet laten uitvoeren dan is het nu. Veel bedrijven leggen het werk op dit moment liever intern neer, waardoor gedwongen ontslagen worden voorkomen. En daarnaast worden er vanwege kostenbesparing simpelweg vele innovatieprojecten gestopt en wordt gekeken op welke punten bezuinigd kan worden. Op het oog een interessante patstelling, maar in werkelijkheid een zware rem op de ontwikkeling van het bedrijf. Momenteel worden er daadwerkelijk op veel plaatsen ‘nee-beslissingen’ genomen met op korte termijn het gewenste effect. Dit heeft echter op de (midden) lange termijn een averechtse werking. Er is een groot risico dat eigen medewerkers hun motivatie verliezen bij het uitvoeren van standaard werk. Zij hebben zich de afgelopen jaren kunnen richten op nieuwe ontwikkelingen en innovaties van het bedrijf; nieuwe services en nieuwe technologie. Het bedrijf loopt dus het risico dat de goede mensen als eerste het bedrijf gaan verlaten en die zijn juist hard nodig als de economie weer aantrekt. Daarnaast kan geen enkel bedrijf, ook niet ten tijde van een crisis, zich permitteren om één of wellicht meerdere jaren ‘stil te staan’. Het is nu juist de tijd om de positie in de markt te versterken.

Vruchtbare samenwerking De oplossing is toch echt outsourcen. Alleen dat moet dan wel op de juiste manier gebeuren, want daar hebben we de afgelopen jaren toch het nodige van geleerd. Aanzienlijke kostenreducties kunnen worden gerealiseerd door samen te werken met een goede outsourcingspartij. Kennis kan uitstekend worden geborgd en er kan worden geprofiteerd van de vergaande professionalisering van gespecialiseerde bedrijven in bijvoorbeeld India en China. Door de kostenreductie tot 60 à 70% van het huidige kostenniveau, kunnen de noodzakelijke innovaties worden doorgevoerd en wordt het overall kostenniveau verlaagd. Twee vliegen in één klap dus. Wat is dan de juiste manier? Om te beginnen moeten we ons goed beseffen dat er geen enkele standaardremedie is die past voor alle bedrijven en organisaties. Ieder bedrijf en iedere organisatie is uniek, als je daar een eensluidende oplossing voor de IT aanpak zou toepassen dan gaat die oplossing knellen en pijn doen.


WhAT’S UP? Engineeringworld 2010

assen

6 februari 2010

Groeiende productiviteit door volwassenheid

Door het topmanagement wordt een beslissing genomen om te outsourcen met één of meerdere doelstellingen als basis. Zoals kwaliteitsgarantie, flexibiliteit in capaciteit en natuurlijk kostenbesparing Vervolgens wordt op een ander niveau, bijvoorbeeld de afdeling inkoop, gezocht naar mogelijke toeleveranciers en starten de inkooppitches. Hier blijkt veelal te veel naar de netto prijzen gekeken te worden en zijn de oorspronkelijke doelstellingen (waarom outsourcen) al niet meer in zicht. Uiteindelijk wordt ergens een confectiepak aangeschaft en bij het aantrekken blijkt dit niet lekker te zitten. Om er maar niet over te spreken dat het pak knelt bij dagelijks gebruik. Dit heeft meestal niet te maken met het werk dat door de toeleveranciers wordt verricht, maar wel met de interne verwachtingen bij en in niet mindere mate met de invulling van het opdrachtgeverschap door de opdracht­­ gever zelf.

“ Er is een groot risico dat eigen mede­werkers hun motivatie verliezen bij het uitvoeren van standaard werk” Outsourcen Het outsourcen van werkzaamheden vergt namelijk ook een andere rol van de opdrachtgever. Het management en de inhoudelijke experts van de organisatie moeten op andere wijze gaan werken. Zo moeten ze veel minder uitvoerend gericht zijn en meer de rol innemen van intermediair tussen de eigen business en de aannemer, zoals toezichthouder en controleur. Vaak wordt deze verandering niet als dusdanig gezien en al helemaal niet in gezet. Een outsourcende partner heeft heldere doelstellingen en strakke deadlines nodig. Zonder budget- en planningsoverschrijding zijn tussen­tijdse aanpassingen gewoon niet mogelijk. Het is dan ook vaak beter om kleinere projecten te definiëren en af te ronden, dan van meet af aan te praten over meerjarige contracten, waarin de inhoud van de projecten onvoldoende helder is. De bood­schap is dan ook: outsourcen is zeker in deze tijd van recessie waarin kostenbesparing een noodzaak is, een praktisch instrument om de recessie te overleven en de be­drijfsdoelstellingen te realiseren.

Het software engineering vakgebied wordt steeds volwassener. Voor een buitenstaander blijft de spectaculaire snelheid waarmee nieuwe technologieën, nieuwe devices en nieuwe ontwikkelingen elkaar opvolgen, ongekend. Kijk alleen al naar de grote hoeveelheid advertenties rondom de nieuw­ ste generatie mobieltjes, navigatie devices en laptops. De software engineer weet wel beter. Naast ontwikkelingen op het gebied van de hardware, zit een heel groot deel van de kracht van de nieuwe ontwikkelingen in de software. De software wereld staat absoluut niet stil. Het engineering vakgebied is volop in bewe­ ging en gaat een nieuwe volwassen­heidsfase in, waarbij de productiviteit zich enorm snel ontwikkeld. Op zaterdag 6 februari 2010 geven de experts op dit vakgebied een kijkje in de keuken van de meest recente ontwikke­ lingen. Een unieke kans om op één dag op de hoogte te zijn. Noteer nu alvast deze datum in de agenda en wilt u de uitnodiging niet missen? Stuur dan nu alvast een bericht aan engineeringworld@sogeti.nl

wim.van.uden@sogeti.nl

19


what’s written

Sogeti heeft de afgelopen jaren nationaal en internationaal veel kennis en ervaring opgebouwd op het gebied van ICT-technologie en -oplossingen. Sogeti houdt die kennis niet voor zichzelf. Onlangs werden twee boeken gepresenteerd: ‘Collaboration in the cloud’ en ‘Testen van ketens met TMap NEXT®’.

Sogeti deelt expertise ook in boeken Sogeti staat, samen met haar Verkenningsinstituut Nieuwe Technologie (VINT), ondernemingen al jaren bij in het volgen van nieuwe ontwikkelingen op ICT-gebied. VINT beschrijft hiervoor nieuwe technologie op een pragmatische wijze en legt zoveel mogelijk de link met het mogelijke gebruik in de praktijk. De uitgave ‘Collaboration in the Cloud’ is daar een voorbeeld van. Het boek verkent en combineert twee trends die tegenwoordig hoog op de agenda van CIO’s staan. Eén trend is ‘cloud computing’, waarbij bedrijven steeds meer de computermogelijkheden van internet benutten (als dienstverlening) vanwege onder meer het kostenvoordeel, de eenvoud, het gebruiksgemak of de snelheid van levering. De andere trend is de drastische verandering in de manier waarop mensen en ondernemingen vandaag samenwerken, gebruikmakend van de vele beschikbare hulpmiddelen en diensten. En hoe ze grensoverschrijdend communiceren en werken om een nog immer groeiende dynamische markt te bedienen. Het boek is een combinatie van visie en inspiratie.

Testen Dit artikel is ook gepubliceerd in Automatisering Gids.

Een belangrijk expertisegebied van Sogeti is het testen van ICT-systemen en het ontwikkelen van testmethodieken. Ook op dit gebied deelt Sogeti haar kennis en ervaringen. Nijs Blokland, Directeur Software Control bij Sogeti: “Sogeti staat voor vakmanschap. Het testen zit in ons bloed, in onze botten. Nederland vervult binnen de internationale Sogeti-groep op dit gebied een voortrekkersrol, en het voelt dan ook logisch dat wij het methodisch testen gestalte geven. De door ons ontwikkelde teststandaard TMap® is internationaal toonaangevend en we delen onze kennis graag met de rest van de wereld.” Testen van ketens is allang geen luxe meer, maar een absolute noodzaak, zo maakt Blokland duidelijk. “Steeds meer bedrijfsprocessen worden ondersteund door IT-technologie, en die ketens van processen en systemen worden elk jaar langer en gecompliceerder.”

20

Hij signaleert de risico’s die hieraan kleven: “Artsen beschikken op cruciale momenten niet over de juiste informatie en telecomproviders worden in consumentenprogramma’s op het matje geroepen omdat klanten spook­ facturen ontvangen en van het kastje naar de muur worden gestuurd.” De risico’s van een bedrijfsproces worden in kaart gebracht door middel van een zogenoemde ketentest. De noodzaak van dergelijke ketentesten staat voor Blokland als een paal boven water: “Als er binnen een keten iets fout gaat, raakt dat alle ketenpartijen, waarbij een of meerdere partners vaak aanzienlijke imagoschade oploopt. Met onze methoden leggen we zwakke plekken in de keten bloot voordat zij echt een probleem kunnen veroorzaken.”

Toenemende vraag Het meest recente, concrete resultaat van de voortrekkersrol die Sogeti vervult op het gebied van testen is de nieuw verschenen titel ‘Testen van ketens met TMap NEXT®’, van Rob Smit en Rob Baarda, beide werkzaam bij Sogeti als senior testconsultant. Het boek beschrijft een complete aanpak voor de meest complexe testvorm en wil testprofessionals een handvat bieden bij ketentesten. Omdat er ook internationaal grote behoefte bestaat aan kennis op het gebied van ketentesten, verschijnt ‘Testen van ketens met TMap NEXT®’ tevens in het Engels.

michiel.rigterink@sogeti.nl

astrid.biersteker@sogeti.nl


WhAT’S UP?

‘Open’ nieuw toverwoord? De termen open source en open standaarden worden steeds meer gebruikt. Of het nu gaat over de laatste ontwikkelingen bij de over­ heid, discussies over compatibiliteit van Word documenten of de laatste tools, open hoor je in diverse combinaties steeds meer.

Behalve de bekende termen open source en open standaarden kennen we veel meer open initiatieven die in meerdere of mindere mate te maken hebben met ons vakgebied van ICT. Het gaat bijvoorbeeld om het gebruik van intellectueel kapitaal van een organisatie; crowdsourcing en social networking zijn daar voorbeelden van. open content behelst het (semi-)publiekelijke beheer van informatie, waar portal-omgevingen op intranetten en Wikipedia voorbeelden van zijn (mits goed gebruikt en beheerd). En open methoden zijn methoden, dan wel best practices die worden gebundeld als geheel maar waar iedereen informatie uit kan halen. TMap®, Prince II® en Teampark® kun je hieronder scharen. Uit de bovenstaande voorbeelden blijkt dat de term open dus op verschillende manieren gebruikt kan worden. Woordenboek Van Dale zegt het volgende: open: niet gesloten; niet dichtgemaakt, toegankelijk, niet afgedaan en niet bezet.

Inzichtelijk Hier zie je direct de belangrijkste voorwaarde om iets open (source, software, methode, standaard, etc) te mogen noemen. Het moet inzichtelijk en transparant zijn. Wat er gebeurt onder de spreekwoordelijke motorkap. Voor bijvoorbeeld een open standaard ben je hiermee klaar; die moet je in kunnen zien om te kunnen gebruiken, maar

21


aanpassen is niet handig (dan is het namelijk geen standaard meer). Sommige leveranciers gebruiken deze voorwaarde van inzichtelijkheid ook om hun sofware open te noemen, maar dat is niet altijd de waarheid. Voor open source, content en methoden geldt dat het behalve inzichtelijk ook aanpasbaar moet zijn! Je moet er mee kunnen doen wat je wilt, zonder aan beperkingen vast te zitten of kosten te betalen.

Licentie De meest makkelijke manier om te bepalen of iets terecht open genoemd mag worden is of het een open licentie heeft. Licenties kennen overigens wel degelijk beperkingen of verplichtingen, bijvoorbeeld het verplicht verwijzen naar de originele auteur of het verplicht open source maken van de gehele applicatie waarin open source software wordt gebruikt. Meer gegevens over bekende licenties zijn te vinden op de site van open source. Het geheel aan open initiatieven geeft Sogeti de naam: pen ICT. Open ICT is het initiatief om de open proposities te bundelen en als integrale

“Open ICT is het initiatief om de open proposities te bundelen en als integraal dienstenportfolio naar de markt te brengen”

dienstenportfolio naar de markt te brengen. In de geest van de open gedachten, kan dit als geheel of in gedeelten toegepast worden. Binnen Sogeti is op velerlei niveaus en binnen diverse expertises kennis en ervaring aanwezig op het gebied van open ICT. Open source vind je overal, van Javaprogrammeurs en (embedded) Linux professionals tot tooling specalisten bij portals-, content management- en testspecialisten. Binnen de softwareontwikkelstraten wordt open source gebruikt van besturingssysteem tot database en applicatieserver. Elke expertise heeft een contactpersoon die meedoet in het open ICT initiatief. Daarnaast kennen we (behalve het open ICT organisatorisch initiatief) diverse andere Sogeti overstijgende expertisegroepen. Zo is daar de FOS (Functioneel Open Source); de FOS is een expertisegroep van medewerkers, voor medewerkers. Aan de commerciële kant kennen we de OSCAR (Open Source Centrale Advies Raad) waarin een aantal experts zitten die veel van open ource weten en advies geven aan relatie- en bidmanagers.

22

Bijna iedereen gebruikt open source, open standaarden, open methoden en/of meer zaken uit de open ICT propositie, alleen is het niet altijd als zodanig benoemd. De propositie is op dit moment uniek in Nederland, omdat het een compleet pakket is dat we kunnen aanbieden, gebundeld vanuit bestaande expertises. Sogeti heeft

“ De propositie is op dit moment uniek in Nederland, omdat het een compleet pakket is dat we kunnen aanbieden, gebundeld vanuit bestaande expertises”

daarnaast partnerships en -relaties om garanties en zekerheid te kunnen bieden voor het aanbieden van totale ontwikkeltrajecten. Zo heeft Sogeti een goed contact of partnerschip met partijen als RedHat, Zend, Ingres, IBM en vele andere partijen op het gebied van open source.  

Toekomst Beweren dat Open ICT de ‘magic pill’ is die alle problemen tegelijkertijd oplost is aanlokkelijk, maar wat ver gezocht. Sogeti verwacht echter wel dat de toekomst van ICT projecten veel meer dan nu, open zal zijn. Innovaties gebeuren in communities, waar mensen aan grote, nieuwe technologieën bouwen. Doordat kennis door open ICT aan elkaar wordt gekoppeld, zullen open ICT systemen meer uniform en interoperabel zijn. Op het gebied van open source kunnen klanten met behulp van open standaarden per laag kiezen wat voor hen de optimale resultaten zal bieden. Het gebruik van de juiste (open) methoden biedt onze klanten die (delen van) processen die optimaal aansluiten bij hun werkwijzen en cultuur. Open innovatie en Teampark® kunnen leiden tot een beter gebruik van de intellectuele capaciteiten van alle werknemers ongeacht rang, stand of locatie, een grotere betrokkenheid bij de organisatie en flexibiliteit in onzekere tijden.

christiaan.lam@sogeti.nl

 

www.opensource.org


Who’s talking?

Peter van Wees, kampioen op de start en razendsnel naar beneden

Peter van wees

Trainingsprogramma

De Nederlandse skeletonner Peter van Wees

Dankzij een intensief en goed begeleid trainingsprogramma is hij door de medische staf helemaal fit verklaard. Peter van Wees is met een alternatief trainingsprogramma sterker uit deze blessure periode gekomen en nu goed bezig met de voorbereiding voor de eerste zware World Cup kwalificatiewedstrijd. Er zijn voor het skeleton in totaal acht World Cup wedstrijden. Daarvan gelden er zes als kwalificatiewedstrijd van het NOC-NSF. Van Wees zal tijdens deze zes wedstrijden minimaal één keer een geschoonde top-8 moeten halen. De eerste World Cup wedstrijd is op 12 november op de Olympische baan van Salt Lake City. Skeleton is een sleesport in de bobslee baan, waarbij je met je buik op een sleetje ligt met het hoofd naar voren, waarbij de kin bijna over het ijs schaaft. Snelheden lopen op tot 140 km per uur en in de bochten ondergaat de atleet tot 5 G. In Nederland zijn slechts een beperkt aantal mensen serieus bezig met deze sport. Van Wees was ooit actief met bobsleeën. Nadat Van Wees was gestopt, om te gaan werken voor huidige hoofdsponsor en werkgever Sogeti, miste hij toch de ‘thril’ van de bobbaan. Toen hij skeleton uitprobeerde, is hij weliswaar bont en blauw gestuiterd, maar op slag verliefd geworden op de razendsnelle skeletonsport.

(36) uit Groningen is volledig fit en klaar voor

Wereldkampioen

Fit voor kwalificatie Olympische Spelen

‘Ik ga knallen’ deelname aan kwalificatiewedstrijden voor de Olympische Spelen. Van Wees is de beste skeletonner van Nederland en wil uitkomen op de Olympische Spelen in Vancouver (Canada) in februari. Dat hij fit genoeg zou zijn leek twijfelachtig ,omdat hij vorig seizoen een hersenschudding opliep waardoor hij zijn kansen verspeelde op een vroege nominatie. Bovendien blesseerde hij in de lente ook nog eens eerst zijn linker en daarna zijn rechter achillespees, waardoor optimale voorbereiding en kwalificatie erg ver weg leek.

Van Wees is in de zomer in Groningen Wereldkampioen Skeletonstart geworden. Tijdens World Cup wedstrijden haalde hij een elfde plaats in Lake Placid. Ook behaalde hij een halve kwalificatie voor de Olympische Spelen in Turijn, vier jaar geleden. “Maar deze keer wil ik een hele kwalificatie in huis halen, daar ga ik voor. Ik ga echt knallen en doe er alles voor om namens Nederland aan de winterspelen deel te nemen.” “Het zal een zware klus worden, maar het kan wel! Alles moet dan wel kloppen, maar daar heb ik alle vertrouwen in: Daar heb ik dan ook keihard voor gewerkt. Mijn werkgever Sogeti heeft mij vanaf vorige zomer in de gelegenheid gesteld mij voor de volle honderd procent op mijn sport te concentreren. Daar ben ik zeer dankbaar voor en het sterkt mijn vertrouwen dat kwalificatie voor de OS deze keer echt gaat lukken”, aldus Peter van Wees.

www.skeleton.nl www.twitter.com/skeletonsport www.youtube.com/skeletonsport

23


Wie nu niet denkt in oplossingen, lost straks vanzelf op. Ga verder met ICT van Sogeti.

Voor wie tijdens de crisis wil investeren in plaats van stagneren, is Sogeti de ideale partner. Want Sogeti is niet zuinig met ICT-oplossingen. Wij ontwerpen, bouwen, implementeren en beheren. En lopen voorop op het gebied van testen en architectuur. Opdrachtgevers in alle sectoren helpen wij verder met toepassingen van morgen. Vakmanschap en passie voor ICT, dat maakt ons uniek.

sogeti.nl

Staat voor resultaat


Realit 03 2009