Page 1


Voorwoord door pastoor Rick van den Berg ............................................................ 2 Ten geleide door Wiel Colen..................................................................................... 3 In memorie; Jan Kreuwels……….. ………………………………………………………………………….4 Programma Jubileumbedevaart ............................................................................... 5 150 jaar bedevaartsprocessie ................................................................................... 6 Aanleiding en de beginjaren ............................................................................. 6 De devotiekapel ................................................................................................ 7 Ex voto tegels .................................................................................................... 7 De processie ...................................................................................................... 8 Het vaandel ....................................................................................................... 8 De bedevaartskaarsen…………………………………..…………………………………………….. 9 De processieroute ........................................................................................... 11 Aankomst in Moresnet-Chapelle .................................................................... 11 De processiegangers ....................................................................................... 12 Het organiseren van de processie .................................................................. 13 Eregalerij ................................................................................................................. 14 De broedermeesters ....................................................................................... 14 De vaandeldragers .......................................................................................... 20 De muzikanten ................................................................................................ 22 Overige bedevaartgangers.............................................................................. 25 Kruisweg te Moresnet-Chapelle………………………………………………………………………….26 Geschiedenis van Moresnet ................................................................................... 35 Colofon.................................................................................................................... 38

1


Ons leven een bedevaart Een bedevaart kan telkens weer een ontdekking zijn. Je maakt je even los van je alledaagse omgeving om erop uit te gaan, alleen of met anderen samen. Je maakt jezelf bewust, dat ook ons leven zelf een pelgrimstocht is, een steeds weer op weg zijn, op zoek naar nieuwe bestemmingen, nieuwsgierig naar een nieuwe horizon. Een bedevaart is méér dan alleen een wandeling. Een bedevaart nodigt ook uit, om je geloof te verdiepen. Om over God en het leven na te denken, om inspiratie op te doen, om tot bezinning te komen, om een poosje afstand te nemen van het hectisch dagelijks bestaan, om te ontdekken dat er méér is, dan jouw kleine wereldje alleen.

Pastoor Rick van den Berg

Pelgrimeren staat daarom nooit los van anderen en zo maken velen hun tocht met de intentie om te bidden voor een ander: een zieke, een eenzame, een mens die op jou rekent. Je ontmoet ook andere mensen, er ontstaan soms nieuwe vriendschappen. Pelgrimeren verruimt je horizon. Dingen, waar je je soms zo druk over maakte schijnen plotseling minder belangrijk te zijn. En soms kom je gewoon jezelf tegen, je ontdekt je grenzen, je denkt na over je eigen leven. Je merkt dat je keuzes moet maken. Dat vraagt om moed, durf en vertrouwen. Het is een oude wijsheid die vanouds bemoedigend zegt: Begin maar te gaan, dan volgt de weg vanzelf. Vanuit Slenaken doen we dit nu al 150 jaar, daarbij gaan wij in het spoor van zovelen, die ons in de loop der tijd zijn voorgegaan. Dankbaar kijken we daarom achterom, maar ook kijken wij vooruit, want deze traditie is ons dierbaar en is de moeite waard om door te geven aan de generatie van morgen. Want ons leven is een bedevaart en nooit zonder doel. uw pastoor Rick van den Berg 2


Stichting Broederschap Slenaken - Moresnet Het is voor ons als broedermeesterscomitĂŠ en zeker ook voor mij persoonlijk een bijzonder voorrecht om dit 150-jarig jubileum van de jaarlijkse bedevaart van Slenaken en omgeving naar het pelgrimsoord Moresnet te mogen meemaken en te organiseren. Een bedevaart, ieder jaar op of nabij de dag van de kerkelijke viering van het feest van Maria Geboorte naar de bijzondere plaats ‘A gen Ikske’ (Moresnet-Chapelle).

Wiel Colen

Dit uniek jubileum willen wij graag vergezeld laten gaan van de uitgave van dit herdenkingsboekje. Een speciaal moment om terug te kijken en om een aantal bijzonderheden van deze bedevaart door de jaren heen vast te leggen en voor ons aller nageslacht te bewaren. Ieder jaar weer hebben velen met mij de genoegdoening en de toewijding mogen ondervinden van de bedevaart ter ere van de Heilige Maagd Maria. Maar niet alleen dat. De bedevaart is ook door de jaren heen steeds weer een bijzonder ontmoetingspunt geweest van en voor oude bekenden uit Slenaken en de wijde omgeving. Een 150-jarig jubileum dat voor mij en mijn gezin ook van speciale betekenis is vanwege de bijzondere verdiensten van mijn vader Jan Colen voor deze bedevaart en de bijzondere betrokkenheid van mijn gezin hierbij. Mijn vader is meer dan 50 jaar lang broedermeester geweest. Na zijn dood heb ik die taak overgenomen en tot op de dag van vandaag in dank mogen voortzetten. Door de algemene maatschappelijke ontwikkeling loopt de belangstelling voor deze bijzondere traditie de laatste jaren terug en dreigt het voortbestaan helaas in het gedrang te komen. Ik wil hierbij dan ook graag de hoop uitspreken dat dit bijzondere bedevaart-jubileum mag bijdragen aan een herbeleving van deze bedevaart in alle opzichten en gedragen mag blijven worden door iedereen en in het bijzonder door diegenen die de Mariaverering een warm hart blijven toedragen. 3


Graag wens ik namens ons broedermeesterscomitĂŠ alle bedevaartgangers een mooie en gezegende jubileumbedevaart naar Moresnet toe. Wiel Colen, voorzitter stichting Broederschap Slenaken-Moresnet

Jan Kreuwels uit Banholt was van 1931 tot 1986 broedermeester. Daarnaast was hij van 1948 tot 1984 ook voorzitter van de stichting Broederschap SlenakenMoresnet. In 1984 heeft hij de voorzittershamer overgedragen aan Wiel Colen. In 1981 ontving Jan Kreuwels de Pauselijke onderscheiding Pro Ecclesia et Pontifice, mede dankzij zijn verdiensten als broedermeester en voorzitter van de broederschap. In die functies heeft Jan Kreuwels als stuwende kracht veel betekend voor de jaarlijkse processie. Daarbij hield hij bovenal van orde, zeker ook tijdens de processies. Jan Kreuwels is in 1986 overleden.

4


7:00 uur

Vertrek processie naar Moresnet vanaf de kerk in Slenaken

9:30 uur

Zegening met Allerheiligste in de kerk van Sippenaeken

11:00 uur

Aankomst in kerk Moresnet-Chapelle Jubileum mis, met voorgangers pastoor Rick van den Berg en pater Henk Erinkveld Met medewerking van fanfare Berg en Dal en het pelgrimskoor

12:30 uur

Lunchpauze

14:00 uur

Kruisweg met als voorganger pater Henk Erinkveld

15:00 uur

Afsluiting, met koffie en vlaai in het klooster

5


Aanleiding en de beginjaren Aanleiding voor de bedevaarten naar MoresnetChapelle was een genezing van Peter Arnold Frank van epileptische aanvallen, op voorspraak van de H. Maagd Maria. Daarbij verhaalt de overlevering dat na die genezing, rond het midden van de achttiende eeuw, een Mariabeeldje op wonderbaarlijke wijze ineens weer terug in een eikenboom stond, en niet meer in de kist lag waar degene die van de epileptische aanvallen genezen was, het had verborgen. In 1771 en 1797 werden twee gevallen van een besmettelijke veeziekte door Wallfahrtskirche gebeden afgewend, waarna de bedevaarten naar (Moresnet-Chapelle) Moresnet-Chapelle verder op gang kwamen, zoals vanaf 1830 uit Epen en later vanaf 1868 vanuit Slenaken. In het regionaal dialect wordt de plaats ook aangeduid met ‘Eikschen’ of (A) gen Ikske’. Die namen verwijzen naar de eikenboom waarin het Mariabeeldje stond. Op die plek is later de huidige kerk gebouwd (de eerste kapel in 1823, de huidige is uit 1831). Over de beginjaren van de bedevaartsprocessie vanuit Slenaken naar MoresnetChapelle, is helaas niet zoveel bekend. Uit schamele aantekeningen in het parochiearchief weten we dat in 1868 voor de eerste keer pelgrims uit Slenaken (en wellicht ook uit de omgeving) ter bedevaart naar Moresnet in België liepen. In 1871 kreeg deze bedevaart een officiëler karakter. Vanaf dat jaar werd de jaarlijkse bedevaart in ieder geval door een drietal officieel benoemde broedermeesters georganiseerd. Ook vanuit andere plaatsen werden vanaf midden 19e eeuw bedevaarten naar Moresnet georganiseerd, zoals vanuit Epen en Bocholtz in Nederland, maar ook vanuit België en Duitsland.

6


De devotiekapel Om de vele pelgrims meer rust te bieden is in 1992 een nieuwe devotiekapel / zijkapel bij de kerk aangebouwd, met een eigen altaartje, zitbanken voor gebed en meditatie en voorzieningen voor het offeren van kaarsjes. Hierin is het oorspronkelijke Mariabeeld geplaatst. Het beeld staat in een schrijn die gemaakt is door de Akense goudsmid Schreyer. Het beeld zelf is een 24 centimeter hoog terracottabeeld en stamt uit 1750. Het stelt Maria met haar zoon Jezus op haar arm voor. Vanaf 1823 heeft het beeld een feestelijk gewaad gekregen dat met edelstenen en zijdeborduurwerk versierd is. Op feestdagen wordt het beeldje hiermee getooid.

Mariabeeld in de kapel

Interieur van de Mariakapel

Vóór 1992 kreeg het aandenken aan de H. Maagd Maria vele jaren lang in de kerk verder eigenlijk alleen gestalte in de vorm van een beeld met een eenvoudige omkleding op het priesterkoor.

Ex voto tegels In de kerk van Moresnet-Chapelle getuigen ex voto tegels ter ere van Maria van de vele genezingen en ondervonden genades van pelgrims.

Voorbeeld van een ex voto tegel

7


De processie We mogen aannemen dat de hoofdopzet van de jaarlijkse bedevaart in de afgelopen 150 jaar in grote lijnen weinig veranderd zal zijn. De bedevaart bestond en bestaat uit een bidweg in processievorm naar Moresnet-Chapelle en terug ter verering van de H. Maagd Maria. Vanaf omstreeks 1905 zal daar ook het bidden van de speciale Kruisweg in Moresnet toe behoord hebben. Voor Slenaken en omgeving was steevast 8 september de vaste bedevaartdag. Vaandeldragers Op 8 september viert de R.K. Kerk het feest van de Roger Debougnoux & geboorte van de H. Maagd Maria. Vroeger was dat een RenĂŠ van den Hove kerkelijke hoogfeestdag. Tegenwoordig helaas niet meer. Na het afschaffen van 8 september als kerkelijke hoogfeestdag, is als processiedag steeds de zaterdag aangehouden die het meest nabij 8 september valt.

Het vaandel Voorop in de processie wordt het processievaandel meegedragen. Tussen 1921 en 1961, 40 jaar lang door Pierre Vruls (geboren nabij Ulvend/de Planck) helemaal alleen. Hij liep de laatste jaren helemaal voorover gebogen, maar hij weigerde verder iedere hulp. Daarop volgend werd het vaandel steeds beurtelings door meelopende kinderen gedragen. Tussen 1989 en 1998 nam Danny van Loo die taak op zich. Vanaf 1998 doen de kinderen van de fam. Lemlijn uit Mheer, zijnde kleinkinderen van Harry Slenter uit Reijmerstok.

Het vaandel uit 1868 is gebruikt tot 1968. Toen is ter ere van het jubileum 1968 erbij gezet.

Het huidige processievaandel dateert uit 1968. Het werd toen gemaakt door zuster Maria Immaculata Franssen van de orde van Redemptoristen uit het klooster MariĂŤndaal te Partij, ter gelegenheid van het 100-jarig jubileum van de processie.

8


De bedevaartskaarsen Als belangrijk onderdeel van de processie wordt jaarlijks de speciale bedevaartskaars ter ere van de H. Maagd Maria naar Moresnet meegedragen. Voorwaar, geen gemakkelijke opgave! Te Moresnet wordt die kaars gezegend en vervolgens in de Maria-kapel bij het genadebeeldje geplaatst.

9


De fanfare in de processie Muzikanten van de fanfare Berg en Dal uit Slenaken liepen mee voor de muzikale opluistering, op meerdere momenten en plaatsen tijdens de processie zelf en speciaal bij vertrek en aankomst in Slenaken en Moresnet-Chapelle. Door de jaren heen nam het aantal muzikanten onder de pelgrims helaas ook steeds verder af. Een zestal van hen hield tot op heden stand! Bij het 125-jarig jubileum van de processie begeleidde de fanfare de processie nog vanaf Gemmenich!

Logistiek Met de toenemende verkeersdrukte door de jaren heen, werden ook verkeersregelaars noodzakelijk, zeker in het belang van een veilige thuiskomst van de bedevaartgangers. Voor vervoer van de noodzakelijke bagage van de bedevaartgangers en als soelaas voor het eventueel uitvallen van deelnemers, reed steeds een speciale volgauto mee.

1991: Theo Schreurs, bestuurder volgauto

Door de jaren heen bestuurden de heren Jan Boon, Pierre Nix, Nol Knarren en Gerard Lemmens de volgauto. Sinds 1986 steevast door Theo Schreurs uit Margraten. In vroegere tijden gebeurde dat nog met paard en wagen door met name Guillaume Lemmens en Jan Hustings. Die moesten daarvoor echter ook nog ieder jaar een omweg maken langs de douane waar dan de lading werd onderzocht. Het paard moest daarbij door een ter plaatse aanwezige veearts worden gekeurd (in 1948 dhr. Horbach).

10


De processieroute Vast vertrekpunt van de processie is de kerk van Slenaken. Vertrektijd om 07.00 uur vroeg in de ochtend, zowel bij goed weer als bij minder goed weer. Uitgeleide daarbij met het luiden van de kerkklokken. De bedevaartroute loopt vanuit Slenaken via Teuven en vervolgens over de verharde weg door het bos omhoog, dan al dalend langs kasteel Beusdael naar Sippenaeken.

Kasteel Beusdael

Daar worden de bedevaartgangers in de parochiekerk gezegend. Voorheen was daar een korte rustpauze om ook de inwendige mens wat te versterken. De laatste jaren is de rustpauze echter in Hoeve de Eik / de Knorreburcht vóór Sippenaeken en wordt in Sippenaeken alleen nog de zegen gegeven. Daarna trekt de processie verder richting Gemmenich en tenslotte Moresnet-Chapelle bij de kerk aldaar. De Sint Lambertuskerk in Sippenaeken

Aankomst in Moresnet-Chapelle Bij aankomst bij de kerk in Moresnet-Chapelle, wordt aldaar een speciale H. Mis in het teken van de Maria- verering opgedragen. Deze wordt meestal gecelebreerd door de z.e.w. pastoor van Slenaken of vroeger soms door een van de geestelijken uit het naastgelegen klooster in Moresnet. Het zangkoor wordt gevormd uit meegekomen pelgrims. Dat geldt ook voor de misdienaars.

11

Aankomst processie in Moresnet-Chapelle (2017)


Vast onderdeel in de H. Mis is de zegening van de speciale Maria- kaars die in de processie vanuit Slenaken wordt meegedragen. De laatste decennia worden ook jaarlijks een of meer jubilarissen in het zonnetje gezet. Na de H. Mis is er steeds tijdens de middagpauze gelegenheid voor versterking van de inwendige mens of een rustmoment in de plaatselijke horecagelegenheden. Na de middagpauze maakt het volgen van de Kruisweg langs de bijzondere kruiswegstaties in het park onderdeel uit van de pelgrimstocht. Daarna volgde de terugtocht naar Slenaken, met wederom een rustpauze in Sippenaeken (tegenwoordig de Knorreburcht, even voorbij Sippenaeken). Sinds de laatste jaren wordt de terugtocht individueel gemaakt, door enkelen nog lopend, door de meesten met de auto. Bij terugkomst is er ’s avonds nog de avondmis in Slenaken.

De processiegangers De deelnemers aan de bedevaart komen uiteraard uit Slenaken zelf, maar ook uit omliggende plaatsen als Teuven, Banholt, Mheer, Noorbeek, Reijmerstok etc. Dat geldt trouwens ook voor de herkomst van de broedermeesters. De processiegangers variëren in leeftijd van zeer jeugdig tot enkelen op respectabele leeftijd. Mannen en vrouwen. Ouderen en ook minder valide pelgrims die de voettocht niet meer kunnen meemaken, komen per auto mee naar Moresnet. Sommigen sluiten zich dan in Sippenaeken of eventueel in Gemmenich bij de processie aan en lopen zodoende het laatste deel van de voettocht toch zoveel mogelijk zelf nog mee. Ook de Zonnebloemafdeling van Slenaken biedt hierbij vanaf ca. 1980 hulp door Zonnebloemgasten naar Moresnet te vervoeren. Door de jaren heen, en zeker de laatste decennia is het aantal deelnemers aan de processie beduidend minder geworden. Zo liepen er in 1980 nog zo’n 115 pelgrims mee. Tegenwoordig is dat aantal gedaald tot zo’n 40 pelgrims.

12


Het organiseren van de processie Ook al is het ritueel van de bedevaart jaarlijks nagenoeg hetzelfde, toch moeten er ieder jaar weer de nodige voorbereidingen getroffen worden. Dat alles onder leiding en met de nodige eigen inzet van de broedermeesters. Zo moeten er telkens weer tijdig afspraken gemaakt worden voor de zegening in de rustplaats in Sippenaeken en uiteraard met de paters in het Franciscanerklooster in Moresnet. Tegenwoordig is dat de Gemeenschap van de gekruisigde en verrezen Liefde. Voor het dekken van de onkosten vond voorheen jaarlijks een deur-aan-deurcollecte plaats in Slenaken en omliggende dorpen zoals Teuven, Banholt, Mheer, Noorbeek en Reijmerstok. Ook dat behoorde tot de taken van de broedermeesters.

De processie in recente tijd

13


Een jubileum, en zeker een 150-jarig jubileum, vraagt om terug te kijken op personen die in al die jaren een bijzondere verdienste hebben gehad voor deze processie. Dat kan bijvoorbeeld zijn vanwege hun bijzondere taak of taken, of vanwege het aantal jaren dat zij als pelgrim aan de processie hebben deelgenomen. Als voorbeelden worden hierbij broedermeesters, vaandeldragers en muzikanten van de fanfare Berg en Dal en enkele anderen, met name als (oud)jubilarissen voor het voetlicht geplaatst.

De broedermeesters De broedermeesters zijn vanaf het prille begin van de bedevaart naar Moresnet van cruciaal belang geweest voor de gehele organisatie van deze bedevaart. Zij zorgden ieder jaar telkens voor alle voorbereidingen, de organisatie en de leiding en begeleiding van de bedevaart zelf, en voor zover nodig, ook de nazorg. Een aantal broedermeesters vervulde die taak gedurende een kleiner aantal jaren. Voor een aantal broedermeesters was dat echter zowat een levenstaak, die zij soms tientallen jaren lang vervulden en/of nog steeds vervullen. Bij Jan Colen (sr.) en Wiel Colen ging de functie van broedermeester zelfs over van vader op zoon. Zeker genoemd moeten worden de broedermeesters van het eerste uur: zij die in 1871 door pastoor Deutz als broedermeesters van de Broederschap der processie naar Moresnet werden benoemd. Dat waren: de heren A. Heijdendal, Kempener en P.Cranshof.

Vertaald: In 1871 werd door Pastoor Deutz opgericht de Broederschap processie naar Moresnet ,voor het eerst in 1871, 8 sept. getrokken naar het genadebeeld te Moresnet. Broedermeesters waren A.Heijdendal, Kempener, P.Cranshof.

14


Op onderstaande foto staan de broedermeesters afgebeeld die in 1933 bij de gelegenheid van de 65-jarige herdenking werden onderscheiden.

Ter gelegenheid van het 65 jarig jubileum in 1933 Zittend: J. Rademakers, W. de la Haye, J. Lennarts Staand: L. Pleyers, Kapelaan Van Loo, pastoor Schrijen, G, Lemmens, J. Gerrekens en J. Kreuwels.

Op de foto hiernaast uit 1965 poseren de broedermeesters in de voortuin van de pastorie in Slenaken.

Van links naar rechts: de heren J. Lemmens, J. Colen sr., J. Gerrekens, pastoor L. Crombach, J. Kreuwels, A. v.d. Hove.

15


Onderstaande foto uit 1991 is genomen bij gelegenheid van het 40-jarig jubileum van Jef Lemmens. De foto is gemaakt in het park met de kruiswegstaties te Moresnet-Chapelle, op de achtergrond de 12e kruiswegstatie.

40-jarig jubileum Jef Lemmens (1991); v.l.n.r.: J. Lemmens, pastoor L. Crombach, J. Jahae, J. Lardinois, A. v.d. Hove , I. Wimmer, W. Colen, J. Colen jr. en H. Sluijsman.

16


Op onderstaande foto staan de broedermeesters , vergezeld door pastoor Rick v.d. Berg, in het voorportaal van de kerk te Moresnet-Chapelle.

Broedermeesters in het voorportaal van de kerk in Moresnet-Chapelle V.l.n.r.: Wiel Colen, 41 jaar broedermeester, 40-jarig jubileum in 2017; Rick van den Berg Pastoor Ivo Wimmer, 32 jaar broedermeester, 25-jarig jubileum in 2011; Jules Jahae, 40 jaar broedermeester, 40-jarig jubileum in 2018; Wim Baart, 24 jaar broedermeester.

17


Broedermeesters vanaf 1907 Onderstaand een overzicht van de verschillende broeder-meesters vanaf 1907 (voor zover bekend) met vermelding van de jubilea. Naam

Van

tot

jubileum

in:

H. Lennarts

1907

1960

50 *

1957

J. Locht

1931

1965

25

1956

J. Kreuwels

1931

1986

50 *

1981

J. Gerrekens

1924

?

H. Ortmans

1945

1960

H. Lemmens

1945

1951

L. Quadvlieg

1947

1952

J. Lemmens

1951

2015

60 *

2011

A. v.d. Hove

1945

1998

50 *

1995

J.Colen

1956

1974

J.Hutschemakers

1961

1963

H. Loo

1964

1971

G.Slenter

1976

1980

J. Schijns

1975

1978

W. Colen

1977

heden

40

2017

J. Jahae

1978

heden

40

2018

J. Debets

1981

1983

H. Sluijsman

1985

1993

J. Lardinois

1986

1997

I. Wimmer

1986

heden

25

2011

F. Geelen

1987

1988

J. Colen

1989

2003

W. Baart

1994

heden

* tevens de Pauselijke onderscheiding ‘Pro Ecclesia et Pontifice’ ontvangen

18


60-Jarig jubileum van Jef Lemmens met echtgenote Bep Vaessen (2011)

1995: 5O-Jarig jubileum van Albert van den Hove

40-Jarig jubileum als broedermeester Wiel Colen met pastoor Rick van den Berg (2017)

19


De vaandeldragers Ook onder de dragers van het processie-vaandel vinden we personen die deze taak telkens meerdere jaren op zich genomen hebben. De belangrijkste daaronder is dhr. Pierke Vruls die dit nagenoeg onafgebroken van 1921 tot 1961 heeft gedaan, en daarmee pas stopte toen hij echt niet anders meer kon.

Naam

Van

tot

Pierke Vruls

1921

1961

Meerdere kinderen

1962

1988

Danny van Loo

1989

2001

Meerdere kinderen

2002

2007

Kinderen Lemlijn

2008

Heden

40 jaar

Familie Lemlijn uit Mheer V.l.n.r.: Pedro, Catharina, Palm, Hayke, Marie-Elize en Nandus Lemlijn

20


Kinderen uit Slenaken met vaandeldrager Erwin Lennarts (omstreeks 1982)

Danny van Loo Vaandeldrager 1989 - 2001

Palm Lemlijn (2017)

21

Jan Colen (jr.)


De muzikanten Vele muzikanten (in hoofdzaak leden van de fanfare Berg en Dal) droegen door de jaren heen bij aan de muzikale opluistering van de processie en bij gelegenheid tevens in de H. Mis te Moresnet-Chapelle. Ook onder hen meerderen met een dienst van vele jaren.

Muzikanten uit 2017: W. v.d. Hove, J.Starmans, J. Kool, J. Lemmens, F. Kool, B. Starmans

Onderstaand een overzicht van hen met een staat van dienst met 25-jarig, 40-jarig, 50-jarig, 60-jarig of zelfs 70-jarig jubileum. Naam

In

Aantal Jaren

Leopold Nix

1953

25 jaar

Jacques Alleleijn

1990

25 jaar

Alfons Moonen

1991

25 jaar

Lou Crutzen

1993

25 jaar

Hub Crutzen

1996

25 jaar

Giel Moonen

2001

50 jaar

Wiel v.d. Hove

2013

40 jaar

Jeu Lemmens

2015

40 jaar

Jean Kool

2016

60 jaar

Franรงois Kool

2016

70 jaar

22


Muzikanten fanfare “Berg en Dal”; kerk van Moresnet ter gelegenheid van 90-jarig jubileum (1958) v.l.n.r. Leo Speetjens - Frans Lennarts - François Kool - Leopold Nix – Albert Moonen - Gerard Beckers

François Kool, 70 jaar muzikant-pelgrim in 2016

23

Jean Kool, 60 jaar muzikant-pelgrim In 2016


Muzikanten processie naar Moresnet (1977) W. v.d. Hove - H. Lemmens - M. Kool - J. Kool - H. Crutzen - G. Moonen

Giel Moonen, 50 jaar muzikant-pelgrim in 2001

24

Jeu Lemmens 40 jaar muzikant-pelgrim in 2015


Overige bedevaartgangers Naast alle al genoemde jubilarissen zijn er nog wel meer, en dan vooral op meer individuele titel. Hiertoe behoort zeker wijlen pastoor Leon Crombach, die meer dan 40 jaar heeft meegelopen en doorgaans in Moresnet-Chapelle ook de H.Mis opdroeg en voorging in het lopen en bidden van de Kruisweg. Ook dhr. Jozef (Sjuf) Houben uit Nurop-Teuven moet zeker in herinnering blijven. Hij kwam zelfs telkens nog eerst te voet naar Slenaken om samen bij de kerk te vertrekken, Herinneringsbord 1962 – 1987 hoewel hij eigenlijk ieder keer bijna gewoon bij zijn huis 25 jaar Pelgrim in Nurop bij de processie kon aansluiten. Niet bij naam zijn te noemen de velen die door de jaren heen net geen volle aantallen jubileum-jaren konden of wisten vol te maken, of dat onopgemerkt wel nog hebben gedaan. Bijzondere eer die toekomt aan allen van hen!

Pastoor Leon Crombach heeft meer dan 40 jaar deelgenomen aan de processie naar Moresnet.

25


 In de herfst van 1895 werd door de uit Duitsland verdreven Franciscanen van Moresnet het plan opgevat om bij de kerk, waar Maria wordt vereerd, in de openlucht een grootse kruisweg aan te leggen. (Franciscus was nl. een grote vereerder van het lijden van Christus). Men beschikte over een weiland van 3,5 ha. Een uiterst bekwaam vakman, broeder Quintilianus kreeg de leiding van de werkzaamheden. Duizenden kubieke meters zand moesten worden aangevoerd als Pastoor Leon Crombach ondergrond voor de wallen tussen de staties. Over deze zandheuvels verdeelde men goede grond, afkomstig van het terrein zelf. Voor het tuinmanswerk liet broeder Quintilianus, zijn vriend de bekwame tuinier Johan Schuchart, telkens voor 3 maanden, uit het Eichsfeld overkomen. Er werden 68000 sierplanten aangebracht.Uit de mijnen van Plombières en Hergenrath werden slakken en as aangevoerd voor de aanleg van de wegen in het park. Uit Vaals haalden men ± 50.000 bakstenen o.a. voor de muurafdekking. Het werk werd grotendeels gratis verricht door de boerenbevolking uit de omgeving. Zowel eigenaars als pachters. Allen wilden het hunne tot de voltooiing van de Kruisweg bijdragen. Volgens het boekje “Onze Lieve Vrouw van Moresnet” werd het metselwerk uitgevoerd door de heer Brouwers uit Gemmenich. In Slenaken wordt verteld dat metselaars uit onze omgeving, grootvaders van huidige inwoners, hieraan hebben meegewerkt. Alle staties zijn gebouwd in de vorm van grotten. Van buiten zijn ze bekleed met lavasteen, van binnen op verschillende manieren versierd. De plafonds zijn versierd met mozaïek – teksten en afbeeldingen van glas en marmer. Statie in de vorm van een grot

26


Het ijzeren hekwerk voor de staties werd vervaardigd door broeder Valens Zimmermann en twee helpers. De hekken van de vierde,de twaalfde en veertiende statie worden als ware kunstwerken beschouwd. De beelden van de staties komen uit het atelier van Professor Wilhelm Albermann in Keulen. Ze zijn gemaakt uit Franse zandsteen. De hoofdfiguren komen geheel uit de achtergrond naar voren, de bijfiguren zijn al naar gelang betekenis meer of minder uitgewerkt. Ieder beeld is 1,50 m. hoog en 1,20 m. breed, het beeld van de 14e statie is 2,50 m. hoog en 2,20 m. breed. In 1903 kreeg de 12e statie (de Calvarieberg) zijn definitieve vorm. Bovenaan staat Christus, met de goede en de slechte moordenaar. Deze beelden zijn een aantal jaren geleden stuk gevroren en door ander materiaal (brons) vervangen. Op een lager niveau staan 4 zandstenen beelden ( de honderdman, Maria Magdalena, Maria de moeder van Jezus en Johannes, de jongste apostel. Onder de kruisweggroep in een kapelletje met een afbeelding van de H. Franciscus, die de vijf heilige wonden ontvangt. Men ziet ook een koperen slang, aan een paal gehecht, een herinnering aan de joden in de woestijn, die door giftige slangen werden gebeten, en die door te kijken naar de koperen slang, konden worden genezen. Deze slang is nog altijd het symbool van de medische stand.

Koperen Slang

27


De eerste statie Op de eerste statie wordt Jezus ter dood veroordeeld. De leden van de Joodse Raad, het sanhedrin, maken uit dat hij God heeft gelasterd, en dat hij daarom moet sterven. Voor de doodstraf hebben ze de hulp nodig van hun vijand de gehate Romeinse landvoogd, want alleen hij mag de doodstraf uitspreken. Pilatus probeert tevergeefs zijn handen in onschuld te wassen: “Ik zie geen schuld in hem”

De tweede statie Op de tweede statie neemt Jezus het kruis op zijn schouders. In die tijd was dat de geëigende straf voor een niet Romeinse burger. Deze stierven zoals b.v. de apostel Paulus door het zwaard. In latere tijden zou hij misschien veroordeeld zijn tot de guillotine, of de strop of elektrische stoel.

De derde statie Op de derde statie, de zevende en de negende statie valt Jezus telkenmale onder het kruis. Hij was zo mishandeld door geseling, doornen kroning enz. dat het kruis te zwaar voor hem was.

28


De vierde statie Op de vierde statie ontmoet Jezus zijn bedroefde moeder. In alle dictaturen trotseren vooral de moeders het gewapend gezag met hun eis om opheldering over hun verdwenen mannen en zonen.

De vijfde statie Op de vijfde statie wordt een onbekende landbouwer, Simon van Cyrene gedwongen Jezus te helpen zijn kruis te dragen. Bij leed moet je hulp van een ander kunnen aanvaarden.

De zesde statie Op de zesde statie droogt Veronica het aangezicht van Jezus af. Soms is een kleinigheid al voldoende om het leed van een ander te verzachten.

29


De zevende statie Jezus valt voor de tweede maal onder het kruis.

De achtste statie Op de achtste statie troost Jezus de wenende vrouwen. “Weent niet over mij, maar over U zelf en over Uw kinderen .“ Als men zo met het groene hout omgaat, wat zal er dan met het dorre gebeuren? Ondanks zijn eigen leed bleef hij oog houden voor de ellende van andere mensen.

De negende statie Op de negende statie valt Jezus voor de derde maal onder het kruis. .

30


De tiende statie Op de tiende statie wordt Jezus van zijn kleren beroofd. Omdat zijn kleed volgens de legende uit ĂŠĂŠn stuk was geweven, werd er door de soldaten om gedobbeld.

De elfde statie Op de elfde statie wordt Jezus gekruisigd.

31


De twaalfde statie Op de twaalfde statie sterft Jezus aan het kruis.

Aan het kruis hangend dreigde de gekruisigde door zijn eigen gewicht te stikken. Om dit te voorkomen duwde hij zich met zijn voeten omhoog, totdat krampen dit onmogelijk maakten. Zo hing een gekruisigde urenlang in doodsnood aan het kruis ten aanschouwen van de nieuwsgierige menigte en de enkele getrouwen. Uit het gebeurde concludeerde de honderdman: “Dat was een rechtvaardige”. “Heer vergeef het hun, want ze weten niet wat zij doen” . Jezus stierf door uitputting, een lanssteek in zijn hartstreek bewees, dat het hart niet meer klopte. Beide moordenaars, de goede die ondanks alles vertrouwen had en de slechte, die wanhoopte stierven vóór de grote Sabbat, nadat men de benen had gebroken.

32


De dertiende statie Op de dertiende statie wordt Jezus van het kruis afgenomen.

De veertiende statie Op de veertiende statie wordt Jezus in een nieuw graf gelegd. Er zijn al enkele nieuwe leerlingen. Nicodemus en Joseph van Arimatea, die zijn eigen graf afstaat. Het verhaal van Jezus van Nazareth is daarmee niet uit de wereld. Het kruis is een symbool geworden. Op de eerste dag van de week, de eerste paasdag gaan de vrouwen onder leiding van Maria Magdalena, die op bijna iedere statie te zien is, met reukwater naar het graf. De verering van de gekruisigde is begonnen. De kruisweg van Moresnet is een meesterwerk door zijn eenvoud. Nu, 114 jaar na zijn oprichting (1904) wordt hij terecht nog algemeen bewonderd.

33


Detail uitgangspoort kruisweg met geselwerktuigen

H. Franciscus, H. Kruis-verering. Detail uit de 12de statie

34


Plaats Moresnet-Chapelle Moresnet-Chapelle is een kleine bedevaartsplaats nabij Moresnet, tussen Gemmenich en Kelmis. Het bedevaartsoord is toegewijd aan de H. Maagd Maria. Het middelpunt is de kerk met een speciale Mariakapel. De kerk (voorheen kapel) werd gesticht op de plek waar rond 1750 een eikenboom stond met een Mariabeeldje erin.

Geschiedenis Moresnet-Chapelle als bedevaartsoord In het midden van de 18e eeuw woonden in Moresnet de familie Lambert Frank en Elisabeth Pelzer. Ze hadden een boerderij waarop ze met hun zeven kinderen woonden. Toen in 1747 een aardbeving het dorp trof, zocht Peter Arnold, een van hun zonen die op dat moment zes jaar oud was, schuilgelegenheid in een schuurtje. Hier vonden zijn ouders hem later en merkten dat hij een epileptische aanval had gehad. Het was de eerste keer dat ze merkten dat hun zoontje deze ziekte meedroeg, maar vanaf toen traden de aanvallen regelmatiger op. Om hun zoon te helpen ging de familie op bedevaart naar Aken, waar Peter Arnold de beroemde relikwieĂŤn aanraakte. Dit leidde echter niet tot zijn genezing. Omdat Peter Arnold nog steeds hoopte dat Maria hem kon helpen kreeg hij later een klein Mariabeeld uit terracotta uit Aken. Iedere dag bad hij voor het beeld om genezing, maar het mocht niet baten. Om meer rust te hebben bij het bidden hing hij het Mariabeeldje in een kleine eikenboom in de buurt. Daarvoor had hij zelf een klein kapelletje getimmerd. Hij kwam daar regelmatig om te bidden en ziedaar, in 1750 werd hij genezen van zijn aanvallen. Het nieuws van zijn genezing en de wijze waarop dit gebeurd was ging als een lopend vuurtje door het dorp. Daarop trokken steeds meer mensen naar het Mariabeeldje om daar te bidden. De Maria-verering duurde tot aan de Franse revolutie. Toen nam Peter Arnold het Mariabeeld uit de eik en verborg het thuis in een kist. Nadat de rust was teruggekeerd, wilde hij het beeldje weer op zijn plek in het bos hangen. Maar de kist bleek leeg en het Mariabeeldje was vanzelf teruggekeerd in het bos. Dit versterkte natuurlijk het mysterie rondom het beeldje. Hiertoe droeg ook bij dat in 1771 en 1797 twee plagen onder het vee op voorspraak van de H. Maagd Maria waren afgewend. 35


Veeziektes waren het ergste wat in het gebied kon gebeuren, aangezien de boerenbevolking hier vooral van de veeteelt leefde. Het jaar 1797 wordt tegenwoordig gezien als het jaar waarin de bedevaarten naar Moresnet-Chapelle begonnen. Peter Arnold overleed op zestigjarige leeftijd op 29 november 1801 op de terugweg van een bedevaart naar Walhorn en werd de dag erop op het kerkhof van Moresnet begraven. Om de groeiende pelgrimsstroom te kunnen opvangen werd in 1823 de eerste stenen kapel gebouwd. Aanleiding daarvoor was het uitbreken van een nieuwe veeziekte in Hombourg in 1818, die vele pelgrims naar Moresnet-Chapelle deed trekken. Enkele jaren later, in 1829, vond de eerste door de Akense Jakobskerk georganiseerde bedevaart plaats. Hieraan namen 600 pelgrims deel. Deze processie wordt sindsdien jaarlijks rond het feest van Maria Hilf (24 mei) gehouden. In 1830 trokken de eerste processies vanuit Epen naar de kapel. Al in 1831 bleek de kapel te klein te zijn en op 4 september van dat jaar werd de nieuwe kapel ingewijd. Vanwege een cholera-epidemie kwamen steeds meer pelgrims uit Nederland, Duitsland en België. De pastoor, die tot dan toe de pelgrimage stilzwijgend had gedoogd, droeg daarop de eerste mis in de kapel op. Sindsdien werd twee tot drie keer per week de eucharistie in de kapel gevierd. Een kluizenaar vestigde zich in de buurt om als koster te dienen. Hij verkocht daarnaast devotie-artikelen en proviand voor de pelgrims. In 1876 trad de laatste kluizenaar in het Franciscanerklooster in. Die was hier gekomen omdat vanwege de Kulturkampf in Preussen alle kloosters opgeheven moesten worden. Daarom werd vlak over de grens in België een nieuw Franciscanerklooster, een voormalig woonhuis, gesticht dat op 17 mei 1875 haar eerste bewoners welkom heette. De stroom pelgrims bleef groeien en wederom bleek de kapel te klein. In 1873 werd een octogoon, zoals er ook in Aken een was, voor de kapel gezet en op 8 september 1880 werd een nieuwe kerk gewijd. In 1885 werd begonnen met de bouw van nieuwe kloostergebouwen. Die waren nog niet gereed toen de Franciscanen in 1887 weer terug mochten naar Duitsland. Al in 1888 betrokken Jezuïeten het leegstaande klooster. Toen zij in 1894 alweer vertrokken, keerden de Franciscanen weer terug. Zij zorgden voor de pelgrimstochten naar NotreDame du Petit- Chêne (Onze lieve Vrouwe van het Eiksken).

36


De midweekse processie over de Bittweg vanuit Aken naar Moresnet ontstond in 1863 en werd in het leven geroepen door de blinde heer Esser uit Aken. In de jaren na de Tweede Wereldoorlog waren de grenzen voor de pelgrims gesloten zodat pas vanaf 1954 de bedevaarten weer konden plaatsvinden. Op de wanden van de huidige kerk zijn vele marmeren ex voto wandtegels met inscripties geplaatst uit dankbaarheid van mensen die er genezing en hulp hebben ondervonden van de H. Maagd Maria.

Voor in de kerk is in de vloer met een mozaĂŻek de plek aangegeven waar vroeger de eik met het Mariabeeldje stond.

37


2017

Uitgave : Met dank aan: Teksten:

Foto’s:

Grafisch ontwerp, Layout en druk:

1871

2018

Stichting Broederschap Slenaken – Moresnet Stichting “Dominus Providebit” Pastoor Rick van den Berg Henk van Empel Guil Lemmerlijn Pastoor Leon Crombach Ɨ , (De Kruisweg te Moresnet) Jan Colen jr. Henk van Empel Wim Baart RRLogo.nl (Ralf Ramakers) 38


39

Profile for RRLogo.nl, Logisch toch?

Jubileumboekje Broedermeesters Slenaken  

in 1868 liepen de Broedermeesters uit Slenaken de eerste keer in processie naar Moresnet. In 2018 is het 150-jarig jubileum gevierd met onde...

Jubileumboekje Broedermeesters Slenaken  

in 1868 liepen de Broedermeesters uit Slenaken de eerste keer in processie naar Moresnet. In 2018 is het 150-jarig jubileum gevierd met onde...

Profile for rrlogo
Advertisement