Issuu on Google+

Onderzoeksverslag “‘Boodschappen doen met gezinnen met kleine kinderen.” Onderzoek door: Romy Herrewijn - 0860225 - CMD 1H


Het consumentenonderzoek Toen we de opdracht kregen voor het doen van onderzoek onder gezinnen met kleine kinderen, was ik meteen enthousiast. Ik had eigenlijk al gelijk een idee van hoe ik het boekje in elkaar wilde zetten. Ik wilde een boekje dat mij zou helpen met onderzoek, maar ook leuk zou zijn voor de kinderen om aan te werken. Ik wilde graag dat het hele gezin mee zou werken aan het onderzoek.

Wie ik als tweede gezin zou kiezen wist ik nog niet, tot mijn moeder met een goed idee kwam. Een goede vriendin van haar heeft namelijk 2 kleine kinderen. Ze is juf, dus ik dacht dat ze wel enthousiast zou zijn en me graag zou willen helpen en inderdaad, dat wilde ze! Ook de vader van het gezin, wilde graag helpen.

Daarom heb ik gekozen voor dit leuke lettertyp. Het is duidelijk leesbaar, maar speels en uitnodigend. Ik ben eigenlijk gewoon begonnen met de lay-out van het boekje te maken. Tijdens het maken ben ik vragen gaan invoegen en heb ik die afgestreept van een lijst met vragen die ik vantevoren had gemaakt. Ik heb de vragen niet per categorie bij elkaar gezet. Dat was geen bewuste keuze, maar het heeft geen problemen opgeleverd.

Ondertussen had ik al wat leuke dingetjes bij elkaar gesprokkeld op Zuidplein om bij het boekje in de doos te doen. Zo had ik markers, stiften, opplak-oogjes ( die ik er later toch maar niet bij heb gedaan ), meringues, candy canes, knikkers, een zaklampje van Angry Birds en nog een wijntje voor paps en mams. Stickers met smileys kon ik niet vinden. Later heb ik gele ronde stickertjes gekocht en er zelf smileys op getekend. Ook hier heb ik er bewust voor gekozen om ook een aantal leuke dingen voor de kinderen erbij te doen. Kinderen vinden het altijd leuk om cadeautjes te krijgen en lekkers te eten en ik dacht dat dit er ook voor zou zorgen dat ze graag mee zouden helpen aan het invullen en inkleuren van het boekje.

Het boekje in elkaar zetten duurde iets langer dan ik had verwacht, maar ik had er wel van begin tot eind plezier in. Ik had al ĂŠĂŠn gezin gekozen om mijn boekje aan te gaan geven als hij klaar was. Mijn nicht, neef en mijn achterneefje.

De boekjes ben ik in de kerstvakantie naar de gezinnen toe gaan brengen. Ik had er een dagboek van gemaakt, die zou beginnen op donderdag 27 december. Omdat ik beide gezinnen niet wilde storen met kerst, ben ik de boekjes maandag al gaan brengen. Ik heb de boekjes aan de moeders van de gezinnen overhandigd, omdat die toch het meeste betrokken leken te zijn bij het hele invulproces. Bij het boekje zat een enthousiaste, maar duidelijke brief met uitleg. Ik had daar mijn email-adres in gezet zodat ik eventuele vragen nog kon beantwoorden. De brief bleek duidelijk te zijn, want ik heb geen vragen meer gehad!


Op het moment dat ik de boekjes ging afgeven had ik er al vol vertrouwen in. Dit bleek terecht, want op 27 december kreeg ik de allereerste koelkast foto binnen. Helemaal leuk, want dat betekende dat ze er in ieder geval mee bezig waren!

Het was leuk om te zien dat er iedere keer iets veranderde in de koelkast. Na 3 dagen heb ik de eerste keer gecheckt hoe het ging met het maken van het boekje. Bij beide gezinnen ging het goed, alleen was het ene gezin enthousiaster bezig dan het andere gezin. Bij de familie van Haesendonck was iedereen lekker bezig geweest ermee, terwijl dit bij de familie Tangelder nog niet zo was. Toch was ik blij dat in ieder geval de familie van Haesendonck gezellig met het boekje aan de slag was! De foto’s die ik naderhand kreeg, waren dan ook erg leuk.

Het was dan wel heel leuk om het boekje samen te stellen en de resultaten van opdrachten te zien, maar er moest natuurlijk ook onderzoek gedaan worden! Om onderzoek te doen heb ik een aantal vragen verwerkt in het boekje. Zoals ik eerder al vermeldde, heb ik deze kris kras door het boekje gezet. Ik heb daar niet bewust over nagedacht, maar ik denk dat het heeft geholpen om het maken van het boekje ‘ongedwongen’ te maken. De volgende vragen algemene vragen heb ik in het boekje verwerkt: * Wordt er prijsbewust boodschappen gedaan? * Is er een vastgesteld budget voor boodschappen doen? * Met welk vervoersmiddel ga je meestal naar de winkel? * Hoe is de gezinssamenstelling? * Gaan de kinderen mee met boodschappen doen? Leg uit waarom en vertel hoe dit bevalt. * Waar doe je boodschappen, ga je naar een of meerdere winkels? * Worden bonnetjes bewaard, zo ja waarom? * Wordt er meer gekocht dan op het lijstje staat, met andere woorden: Ga je met meer naar huis dan verwacht en wie of wat beinvloed dat? * Wie doet er meestal de boodschappen en waarom? * Bij welke winkel doen jullie het liefst de boodschappen en waarom? Ook heb ik per thema ( boodschappen doen, kookbereidheid en voorraadbeheer ) 4 vragen gesteld. In de categorie kookbereidheid heb ik de volgende vragen gesteld: * Wie bepaalt er wat er gegeten wordt? * Wie kookt er meestel? En waarom? * Heeft degene die kookt ook het meeste invloed op wat er gekocht wordt? Zo nee, wie heeft de meeste invloed en waarom? * Zijn er bepaalde eetgewoontes (dieet, allergie, etc.) waar rekening mee gehouden moet worden tijdens het koken?


In de categorie voorraadbeheer heb ik gevraagd: * Wordt er per dag gekeken wat er gegeten wordt of wordt er van te voren geplant wat er de rest van de week gegeten wordt? * Wordt de voorraad bijgehouden of niet? Waarom wel of niet? * Hoe vaak per week doe je boodschappen? * Wie houdt de voorraad bij? Of doen jullie dat met z’n allen? In de categorie ‘boodschappen doen’ heb ik de volgende vragen gesteld: * Hoe ervaar je het boodschappen doen in het algemeen?? * In hoeverre bepalen spaaracties en kortingen je koopgedrag? * Wordt er een boodschappenlijstje bijgehouden, of wordt het lijstje pas vlak voor het halen van de boodschappen gemaakt? * Kun je 3 dingen noemen die verbeterd kunnen worden tijdens het winkelen? Hoe zou dit verbeterd kunnen worden? Ook moesten er een aantal opdrachten verwerkt zitten in het boekje. We mochten kiezen uit een verplichte lijst en we moesten zelf een opdracht verzinnen. Ik heb gekozen voor de volgende opdrachten: * Smileys plakken bij supermarkten en ze beoordelen op prijs, assortiment, personeel en afstand. * Maak een week lang elke dag om 8:00 uur een foto van de koelkast. * Plak je boodschappenbonnen in en geef hier met kleurenmarkers aan welke producten wekelijks worden gekocht, welke voor de lange duur en welke incidenteel. * Mail je 5 favorieten recepten en eventueel een foto hiervan. Ik heb ook een aantal opdrachten zelf verzonnen, namelijk: * Hier is een standaardplattegrond van een supermarkt, geef de route aan die je door de winkel loopt. * Hieronder staan 2 smileys, een blije en een sippe. Schrijf bij de blije smiley wat er leuk is aan boodschappen doen en schrijf bij de sippe smiley wat er niet leuk is aan boodschappen doen.

De eerste opdracht met de plattegrond leek me handig, omdat ik vantevoren een beetje het idee had dat beide gezinnen vaak met veel incidentele boodschappen thuis zouden komen. Ik dacht dat je misschien aan de route zou kunnen zien waar de oorzaak van de vele incidentele boodschappen lag. Deze opdracht had niet zoveel nut gehad als beide gezinnen aan hadden gegeven nooit thuis te komen met meer boodschappen dan op het lijstje stonden, maar uit eigen ervaring weet ik dat het bijna altijd zo is dat je meer meeneemt dan nodig is, dus heb ik de gok genomen. De tweede opdracht leek me goede vervanging voor een open vraag als: Wat vind je leuk aan boodschappen doen of wat vind je niet leuk aan boodschappen doen? Ik hoopte dat degene die deze vraag in zou vullen met een eigen ingeving zou kommen en dat is ook inderdaad gelukt! Mission accomplished!


Ook heb ik aan het boekje een opdracht toegevoegd die niet zo relevant is voor het onderzoek, maar het leek me gewoon heel leuk. Ik heb in het boekje namelijk een recept voor cupcakes gestopt. Deze moesten ze dan op zondag gaan maken met z’n allen. Ik dacht dat deze opdract de kinderen aan zou trekken om mee te werken aan het boekje. Ook vond ik het gewoon een leuk idee om een gezellig familiemomentje te creëren. De resultaten waren erg leuk en op de vraag of de cupcakes lekker waren, werd “Ja zeker!” op geantwoord. Super toch!?

Vrijdag 4 januari heb ik voor de laatste keer gevraagd hoe alles is gegaan met het boekje. Nog niet alles was helemaal af bij familie Tangelder, maar dat heb ik voor lief genomen, omdat ik toch echt de informatie moest gaan verwerken. Ik ben de boekje weer op gaan halen en ik ben aan de slag gegaan met de ingevulde vragen van de boekjes. Gelukkig waren de moeders ( die inderdaad het meeste van het boekje hadden ingevuld ) niet zuinig met hun antwoorden, dus ik heb er een hoop informatie uit kunnen halen. Het leuke was dat één moeder het boodschappen doen “leuk en gezellig” vindt, terwijl de andere moeder het “noodzakelijk” vindt. Twee hele verschillende uitkomsten dus! Het viel me ook op dat beide moeders zich wel storen aan het vele gedoe met inladen, op de band laden, in de tas doen, in de auto doen, etc. Dat is pijnpunt nummer 1, maar gelukkig is daar al een oplossing voor: De zelfscan. Zoals ik al verwachtte kwamen beide moeders met veel incidentele boodschappen thuis.

Tijdens mijn sessie, die deze of volgende week plaatsvindt, wil ik gaan focussen op dit pijnpunt. Komen die extra aankopen doordat beide moeders boodschappen deden met honger, is het de indeling van de winkel, of is het iets anders? Ik denk dat hier best een leuke discussie over kan ontstaan, maar dat is nog even afwachten! Als ik terug kijk op het verloop van het proces ben ik tevreden. Allereerst heb ik er plezier in gehad, wat ik erg belangrijk vind. Ik ben blij dat beide gezinnen me geholpen hebben en dat ze enthousiast waren. Ook over mijn boekje ben ik erg tevreden, hoewel ik af en toe de diepgang mis bij de antwoorden op sommige vragen. Ik had daar de vraag wat meer open moeten stellen, zodat ze in principe gedwongen werden om een groter antwoord te geven. Ik denk wel dat de lay-out en indeling van mijn boekje hebben geholpen de gezinnen te motiveren om het boekje met ‘overgave’ te maken. Aan de ene kant heb ik het gevoel dat ik iets meer had moeten aandringen om de opdrachten uit te voeren ( bij de familie Tangelder misten bijvoorbeeld de tekeningen ), maar aan de andere kant kun je iemand niet dwingen iets te doen. En uiteindelijk had ik wel de antwoorden die ik nodig had voor mijn onderzoek. In principe waren de tekeningen niet noodzakelijk. Toch vind ik het wel iets om mee te nemen in een volgend onderzoek. Mijn planning had ( zoals altijd ) iets beter gekund, maar ik ben gelukkig niet in tijdnood gekomen en heb alles op mijn gemak in elkaar kunnen zetten. Ik denk dat ik met het boekje genoeg pijnpunten en kansen heb kunnen vinden om na de sessie een goede oplossing te kunnen vinden voor mijn gekozen pijnpunt ( zelfdiscipline tijdens de boodschappen). Ondanks dat niet alle vragen even doelgericht waren, heb ik de informatie gekregen die ik nodig had. Daar zou ik de volgende keer iets beter over na moeten denken en dat ga ik ook zeker doen, maar ik ben blij dat mijn manier voor onderzoeken goed heeft uitgepakt. Over het algemeen ben ik tevreden over mijn werk.

Mission accomplished: De kinderen doen ook gezellig mee met invullen!


De familie Tangelder Even voorstellen De familie Tangelder bestaat uit vader Marco Tangelder, 40 jaar oud, moeder Naomi Hilbrands, 36 jaar oud en zoonlief Damian Tangelder, 4 jaar oud. Vader, moeder en zoon wonen met z’n drietjes in een rijtjeshuis in Brielle. Marco en Naomi werken beide thuis, zij hebben een eigen bedrijf. Marco is webdesigner en Naomi doet de administratie. Damian gaat overdag naar school. Er zijn in het gezin geen speciale eetgewoontes waar rekening mee gehouden moet worden. Naomi doet altijd de boodschappen samen met haar moeder. DIt is er zo ingeslopen. Er wordt gemiddeld 1 a 2 keer per week boodschappen gedaan.

Boodschappen doen Pijnpunten: - Alles in de kar doen, alles op de band, afrekenen, weer inpakken, in de auto, thuis weer uitladen en uitpakken. Te veel gedoe. - De aankopen worden niet beinvloed door kortingen en spaaracties, alle boodschappen worden bij de Jumbo gehaald.

Kansen:

- Volgens Naomi valt niets te verbeteren, omdat het toch moet gebeuren. - Boodschappen doen wordt over het algemeen ervaren als: Prettig, gezellig. - Een zelfscan zou prettig zijn, zodat je in ieder geval in de winkel niet alles in en uit hoeft te laden. - Volgens Naomi is het leuke aan boodschappen doen de gezellig gevulde koelkast. - Voor de boodschappen wordt een budget vastgesteld en hier wordt ook altijd binnengebleven.

Typerende uitspraken: “Ik vind die handig omdat ik niet graag mis grijp.” “De voorraad wordt bijgehouden, omdat ik niet hou van misgrijpen.” “Bij ons wordt voor de hele week een menu samen gesteld. Op is dan ook op.”

Kookbereidheid Pijnpunten: - Naomi vindt het vervelend om elke week te moeten bedenken wat er gegeten gaat worden.

Typerende uitspraken: “Ik haal alle boodschappen bij de Jumbo.” “Jumbo, fijne winkel, groot assortiment, vriendelijk personeel.”

Kansen: - Degene die kookt ( Naomi ), is ook degene die bepaalt wat er gegeten wordt. Naomi heeft ook de meeste invloed op wat er gekocht wordt.

Voorraad beheer

Typerende uitspraken: “Naomi kookt meestal, omdat Marco tot laat werkt.”

Pijnpunten: - Naomi komt vaak thuis met meer boodschappen dan de bedoeling was. Reden: Ziet altijd wel weer wat lekkers. Kansen: - Iedere week wordt een menu voor de hele week samengesteld. - Er wordt een lijstje bijgehouden van wat er op is in de voorraadkast. Handig, omdat je niet graag misgrijpt.


“Bij ons wordt voor de hele week een menu samen gesteld. Op is dan ook op.”

“De voorraad wordt bijgehouden, omdat ik niet hou van misgrijpen.”


De familie van Haesendonck Even voorstellen De familie van Haesendonck bestaat uit vader Luc van Haesendonck, 43 jaar oud, moeder Winnie Koppenol, 39 jaar oud, zoon Daan van Haesendonck, 10 jaar oud en dochter Sophie van Haesendonck, 4 jaar oud. Vader, moeder, zoon en dochter wonen met z’n viertjes in een rijtjeshuis in Brielle. Zowel vader en moeder werken overdag. Winnie werkt als juf en Luc werkt als manager network steering Europe. Winnie is vegetarisch en Daan eet bijna geen vlees uit principe. Hier moet dus rekening mee worden gehouden met het eten. Bij de grote boodschappen gaan de kinderen niet mee, maar bij de kleine boodschappen wel. Ook gaat daan weleens alleen naar de supermarkt om een klein boodschapje te halen. Het liefst gaan ze naar de Lidl, maar omdat het assortiment niet compleet is, moeten ze ook naar de Plus.

Boodschappen doen Pijnpunten: - Veel handelingen vereist: Lopende band --> in de kar --> uit de kar --> in de tas --> uit de tas.

- Sommige winkels hebben een onvolledige assortiment, dus het gezin moet naar 2 verschillende winkels. - Lange wachtrijen. - Mensen laten vaak karretjes in het pad staan, staan in de weg. Kansen: - Bij sommige winkels sneller een extra kassa openen - Zorgen dat geen enkel vak leeg is door tussentijds bij te vullen - Assortiment uitbreiden zodat het niet nodig is om naar 2 winkels te gaan. - Alle boodschappen direct in tas doen met behulp van een zelfscan. Typerende uitspraken: “De kinderen gaan niet mee met boodschappen doen, dat gaat sneller. Alleen met kleine boodschapjes gaan ze soms mee.”

Voorraad beheer Pijnpunten: - Er wordt vaak meer gehaald dan nodig is. - Vaak wordt ‘s ochtends bepaald wat er die dag gegeten wordt. Verder in de week wordt gekeken wat er in de koelkast ligt en daar wordt iets mee bereid. Soms wordt er wat bijgehaald. Dat kost geld.

Kansen: - In de loop van de week worden notities gemaakt op het keukenbord. Vlak voor de boodschappen wordt de lijst gemaakt. Handig, want zo grijp je nooit mis. Typerende uitspraken: “De voorraad wordt bijgehouden, zodat je nooit misgrijpt en voor kleine dingetjes naar de winkel moet.”

Kookbereidheid Pijnpunten: - Er wordt maar kort van tevoren bepaald wat er gegeten wordt, dan moeten er extra boodschappen gehaald worden. Dit zorgt voor extra kosten. Kansen: - Degene die het meeste kookt, heeft ook de grootste invloed op wat er gekocht wordt. - Het gezin kookt vaak seizoensgroenten, omdat deze minder bewerkt/bespoten zijn. Ook kunnen ze zo gevarieerd eten, omdat er elke week iets anders in de aanbieding is. ( Ze kopen iets sneller, als het product in de aanbieding is ).


“De kinderen gaan niet mee met boodschappen doen, dat gaat sneller. Alleen met kleine boodschapjes gaan ze soms mee.”

“De voorraad wordt bijgehouden, zodat je nooit misgrijpt en voor kleine dingetjes


Onderzoeksverslag Customer Understanding