Calcutta Drawings 1 Nederlands

Page 1

Bart Lodewijks Calcutta Drawings 1

Roma

21 september 1 oktober 2018

Nederlands



Bart Lodewijks Calcutta Drawings 1 21 september tot 1 oktober 2018



It’s an art project Op 21 september 2018 begon ik met tekenen in Calcutta, met het enige wat ik nodig heb: krijt, een waterpas en publieke ruimte. Vanwege de slecht gereguleerde luchtdruk in het vliegtuig arriveer ik half doof op mijn logeeradres, alsof er tijdens de landing een dot watten in mijn hoofd gepropt is. De kamers lijken wel een koninklijke suite, een buitenverblijf waar je tot inkeer en zelfreflectie kunt komen. Het is verleidelijk om verpozing te zoeken, maar ik wil zo snel mogelijk de straat op. De dame des huizes schenkt thee en adviseert me om rust te nemen en alles langzaam op te bouwen, maar dat lukt niet nu ik grond onder mijn voeten heb. Ik wil de stad in, op zoek naar plekken voor krijttekeningen. Vanuit de taxi zag ik volop geschikte muren en het lijkt mij beter om me van meet af aan in het straatleven te mengen. Als ik daar te lang mee wacht, raak ik misschien geïntimideerd door de mensenmassa’s en dan ligt het project meteen op zijn gat. Ze wijst me er aarzelend op dat het geen goed idee is dat ik op straat ga tekenen, omdat de publieke ruimte onder druk staat en er voorzichtigheid geboden is. Ik


kijk naar buiten en maak me eerder bezorgd over het weer. Als het zo blijft regenen kan ik vandaag niets doen. Uitrusten en de omgeving langzaam op me laten inwerken? Mooi niet, ik blijf hier tweeënhalve maand en dat is te kort om te treuzelen. Ik heb meteen door hoe het hier werkt: ’s ochtends is het droog en ’s middags regent het. Mijn schrijfwerk zal ik naar de middag moeten verplaatsen en het tekenen naar de ochtend, precies andersom dan thuis. Daardoor zal mijn concentratie minder op het schrijven komen te liggen. Het is de vraag hoeveel energie er ’s middags overschiet, want het tekenen gaat vast veel van mij vergen. De stuwende kracht achter de organisatie die mij uitnodigde, is de kunstenaar Praneet Soi. Tijdens een bezoek aan zijn studio in Amsterdam kreeg ik ook van hem het advies om de komende maanden mijn nieuwe omgeving in alle rust in me op te nemen, mijn tijd vooral aan schrijven te besteden en pas als ik vertrouwd ben met de stad het tekenen te overwegen. Maar schrijven over Calcutta kan altijd nog, tekenen niet. En waar moet ik over schrijven als ik niet teken? ‘Kijk in elk geval goed uit’, drukt mijn gastvrouw mij op het hart als ik opstap. Even later sta ik buiten met het enige wat ik nodig heb: krijt, waterpas en publieke ruimte.


Samen met de bewaker van een appartementencomplex schuil ik onder een boom tegen de regen. Hij wijst naar mijn waterpas en vraagt waarvoor het instrument dient. ‘It’s an art project’, zeg ik kort. Ik realiseer me opeens dat mijn gele Stanley-waterpas veel vragen gaat oproepen. Tot nog toe heb ik niemand gezien met een meetinstrument. De bewaker heet Raju Sinoi en hij houdt niet op met praten. Ik lach wat schaapachtig, echt verstaan kan ik hem niet met mijn gewatteerde oren. De raadgeving om voorzichtig te zijn brengt me op het idee dat een bewaker de aangewezen persoon is om toestemming aan te vragen. Dus vraag ik of ik mag tekenen op de boom waaronder we schuilen. Hij reageert allerminst verbaasd en zegt ja en schudt van nee, het lijkt erop dat ik daaruit mijn eigen conclusie moet trekken. Begrijpt hij het wel? ‘De tekening regent op den duur vanzelf weer weg’, zeg ik om aan te geven dat krijtlijnen geen zware inbreuk maken. De geometrische vormen die ik op de boomstam aanbreng hebben een rustgevende uitwerking op me. Door de wereld die ik zo goed ken letterlijk op de huid van de stad te tekenen, krijg ik grip. Het gaat te ver om te beweren dat ik een dialoog voer met een boom als ik


op een boom teken, of een gesprek aanga met een muur als ik op een muur teken. Het is wel zo dat ik teken in het oog van de stad, in het zicht van haar inwoners, ook al sta ik met mijn rug naar de mensen toegekeerd. Al tekenend zie ik niet wat Raju Sinoi doet, maar hij ziet mij wel. Zodra het droog is stop ik en loop naar hem toe. Het is nog vroeg in de middag en er breekt een waterig zonnetje door. Zonder iets te zeggen staan we naast elkaar. Ik probeer door zijn ogen te kijken en zie dat de tekening zich heeft ingeschreven in het straatbeeld, hoewel het slechts een begin is. ‘The drawing is wonderful’, zegt hij. Het is alsof zijn woorden het wattenpakket uit mijn hoofd halen en mijn tekening toegang verlenen tot de stad. Nu ik weer kan horen staan al mijn zintuigen opeens op scherp. Het getoeter van het verkeer en het geschreeuw van de mensen zijn oorverdovend. De weldadige geur van bloemen, specerijen, opdrogend teer en de stank van urine kruipt in mijn neus. Is het mogelijk om met een krijtlijn het hart van Calcutta te raken?, vraag ik me hardop af. Raju Sinoi schudt ontmoedigend van nee, maar zegt van ja. Ik mag zelf mijn conclusie trekken.


Het is de bewaker Raju Sinoi die mij toegang verleent tot Calcutta.


Buurtkinderen willen de plant uit de muur trekken omdat ik er tijdens het tekenen door gehinderd zou worden. ‘Wat leeft moet je laten leven’, zeg ik ter verdediging. ‘What about the chalkpowder on the leaves?’, zegt een vroegwijs knaapje van een jaar of negen in vlekkeloos engels.


Het kost me moeite om me te concentreren, het is snikheet en benauwd en een vijftal kinderen zit de hele dag zowat aan mij vastgeplakt. ‘It’s an art project’, zeg ik telkens opnieuw zonder het tekenen te onderbreken. ‘It’s an art project, it is an art project’, praten ze me opgewonden na met hun schrille jongensstemmetjes. Bij horizontale lijnen kun je het krijt steviger tegen de muur aan drukken dan bij verticale, er ontstaan scherpere randen, wat stevigheid geeft aan de tekening. Er valt niet aan af te lezen dat ik enorm afzie, en de kinderen schijnen dat ook niet door te hebben.


Toen het bruine vloerkleed nog nat was, hing de waslijn lager en leek de tekening te drogen in de wind.


Een regenbui van een klein half uur wast mijn tekening bijna geheel van de muur.


Ik begin op stoom te komen en besteed volle dagen aan het tekenen. Bewoners wijzen mij op de vele onbetekende plekken in hun buurt en kijken me vervolgens vragend aan.


voegenvan vande demuur muur zitten zitten mieren, In In dedevoegen mieren,die dievia viahethet krijtje waterpas over over mijn mijn arm een krijtje enendedewaterpas armlopen. lopen.Tijdens Tijdens een regenbuitrekken trekkende deharde harde werkers werkers zich regenbui zichterug, terug,enendatdat geeft mij de gelegenheid om de tekening af te maken.
 geeft mij de gelegenheid om de tekening af te maken.


De tekeningen liggen allemaal in elkaars verlengde. Over het ontbrekende hoekje stelt niemand vragen, het wordt als volkomen vanzelfsprekend aangenomen, terwijl het voor mij een nieuw element is.



Colofon Bart Lodewijks - Calcutta Drawings Tekeningen, tekst en foto’s: Bart Lodewijks Redactie: Danielle van Zuijlen Eindredactie: Lucy Klaassen Beeldbewerking: Huig Bartels Ontwerp: Roger Willems en Dongyoung Lee Uitgever: Roma Publications, Amsterdam Dit project is mede mogelijk gemaakt met steun van CARF, Calcutta; Mondriaan Fonds, Amsterdam Speciale dank aan Praneet Soi © Bart Lodewijks, 2018