Page 1

AFSTUDEERPROJECT – UITWERKINGSFASE

CREMATORIUM EN AFSCHEIDSCENTRUM TE HOLSBEEK STUDENTEN: ROBERT FRANSEN [219419] SANDER POOTERS [230226] BEGELEIDER: DHR. P.G. DE WIT

1


Colofon Hogeschool van Amsterdam Domein Techniek Weesperzijde 190 1097 DZ Amsterdam

Juni 2009 2


INHOUDSOPGAVE INLEIDING

04

1.0 FUNCTIONEEL RUIMTELIJKE OPZET 1.1 Ondervonden problematiek 1.2 Benodigde ruimtes 1.3 Ruimte relatieschema 1.4 Ideale functionele plattegrond 1.5 Conclusie

05 06 07 16 17 19

2.0 AKOESTIEK 2.1 Vorm aula 2.2 Geluidsabsorptie 2.3 Geluidsisolatie

20 21 23 23

3.0 VERLICHTING EN DAGLICHTINVAL 3.1 Toegepaste verlichting en daglichtinval 3.2 Eisen en toepassingen van daglichtinval 3.3 Eisen en toepassingen van verlichting 3.4 Gewenste manier van daglichtinval en verlichting 3.5 Conclusie

24 25 27 30 32 32

4.0 ONTWERP MUTATIES 4.1 Opzet referentieplattegronden 4.2 Nieuwe opzet plattegrond 4.3 Logistiek 4.4 Conclusie

33 35 40 44 46

5.0 INSTALLATIES 5.1 Verwarming 5.2 Ventilatie

47 48 48

Afstudeerproject Fransen & Pooters

6.0 BRANDVEILIGHEID 6.1 Brandwerendheid constructie 6.2 Brandhaspels 6.3 Brandcompartimentering

53 55 55 55

7.0 MATERIALISATIE 7.1 Buitenkant gebouw 7.2 Ceremoniezalen 7.3 Familiekamers 7.4 Horeca 7.5 Gang 7.6 Kantoor 7.7 Kelder

57 58 58 59 59 60 60 61

8.0 GEVELTECHNIEK 8.1 Concept en visie van de gevel 8.2 Gevelsysteem 8.3 Uitwerking

62 63 64 66

9.0 NAWOORD

68

10.0 BRONDVERMELDING

70

Crematorium en afscheidscentrum te Holsbeek

3


INLEIDING Inleiding Voor u ligt het tweede deel van het afstudeerproject. In de tweede fase van het afstudeer project ziet u de uitwerkingsfase. In de uitwerkingsfase zullen onderstaande onderdelen verduidelijkt worden. Tevens zal de uiteindelijke uitwerking van belangrijke punten worden toegelicht. Zo zijn er veranderingen in het ontwerp gekomen aan de hand van onderzoeken en benodigde ruimtes. Verder zijn de ontwerpmutaties in dit verslag behandeld waardoor het uiteindelijke ontwerp is bepaald. Tevens zijn de gekozen installaties behandeld, de uiteindelijke constructie van het gevelsysteem en de materialisatie. Gelijk lezen? Waar kunt wat vinden? Even een korte toelichting op de structuur van dit rapport. Hoofdstuk 1.0, Functioneel ruimtelijke opzet Hierin wordt duidelijk gemaakt welke ruimtes er zijn, welke ruimtes er nodig zijn en waar ze aan moeten voldoen. Tevens is in dit hoofdstuk de oude plattegrond behandeld aan de eisen van de ruimtes waarin de definitieve plattegrond uitgekomen is.

Hoofdstuk 6.0, Brandveiligheid In dit hoofdstuk zal de uitwerking plaats vinden van de brandveiligheid van het gebouw. Hoe het gebouw brandveilig is zal hierin verwerkt worden en wat er voor extra toepassingen nodig zijn om het brandveilig te maken. Tevens zal er behandeld worden waar de brandcompartimenten zitten en hoe groot deze zijn.

Hoofdstuk 2.0, Akoestiek In dit hoofdstuk is er gekeken naar de akoestiek van een zaal. Denk hierbij aan de vorm van de zaal, wanden, plafond. Echter wordt er ook ingegaan op het absorberen van het geluid.

Hoofdstuk 7.0, Geveltechniek Hier is een toelichting te vinden hoe het gevelsysteem opgebouwd is, welke materialen gebruikt worden en hoe de constructie hiervan in elkaar zit.

Hoofdstuk 3.0, Verlichting en daglichtinval In dit hoofdstuk zal gekeken worden wat het idee van de architect was om het licht en de verlichting te integreren in het gebouw. Daarna zullen de eisen en toepassingen van het daglicht en verlichting onderzocht worden waarna de gewenste situatie hiervan eruit zal komen.

Hoofdstuk 8.0, Materialisatie In dit hoofdstuk worden alle ruimtes behandeld en zal er omschreven worden welke materialen hier toegepast zijn en zal er doormiddel van details aangetoond worden hoe de opbouw hiervan is.

Hoofdstuk 4.0. Ontwerp mutaties In dit hoofdstuk zal er beter gekeken worden na bestaande crematoriums en de plattegronden daarvan. Aan de hand van de benodigde onderzoeken die voor dit hoofdstuk gepleegd zijn zal de zaal echter mogelijke aanpassingen krijgen. Dit zal stap voor stap in dit hoofdstuk behandeld worden en verduidelijkt gemaakt worden doormiddel van schetsen en tekeningen.

Hoofdstuk 9.0, Nawoord In het nawoord zal er een korte omschrijving plaats vinden over wat wij van het project en de periode vonden. Tevens zal er een kort dank woord aanwezig zijn voor de personen die ons geholpen/begeleid hebben. Hoofdstuk 10.0, Bronvermelding Hierin zijn alle bronnen vermeld welke gebruikt zijn tijdens deze uitwerkingsfase

Hoofdstuk 5.0, Installaties In dit hoofdstuk zal er meer gekeken worden naar de benodigde installaties voor het behaaglijk maken van de ruimtes. In het analyse boek is de installatie van de crematie gedeeltes helemaal behandeld waaruit een conclusie is gekomen. Met die reden is het niet nodig om daar verder op in te gaan. De uitwerking van de verwarming en verkoeling zal in dit hoofdstuk behandeld worden waarna de belangrijkste installaties duidelijk zijn.

Afstudeerproject Fransen & Pooters

Crematorium en afscheidscentrum te Holsbeek

4


1.0 FUNCTIONEEL RUIMTELIJKE OPZET

5


1.0 FUNCTIONEEL RUIMTELIJKE OPZET 1.1 Ondervonden problematiek In dit hoofdstuk zijn alle problemen in het ontwerp verwerkt tot een tabel. De problemen zijn tijdens de analyse fase aan het he licht gekomen en zullen voor de uitwerking aangepast moeten worden om een goed nieuw ontwerp te kunnen maken. Deze aanpassingen zijn veelal op de plattegrond, waarvoor een nieuwe opzet wordt gemaakt. Ondervonden problemen

Toelichting

Oplossing

Logistiek

Het probleem wat aan het licht gekomen is met betrekking tot de logistiek is dat er maar één gang is langs de ceremoniezalen. Deze gang is inpandig en bij slechte weersomstandigheden zou dit betekenen dat deze voor de bezoekers van beide ceremoniezalen gebruikt zal worden. Het is echter ongewenst om verschillende groepen bezoekers elkaar te laten passeren voor of na de uitvaart.

Het invoegen van een extra gang aan de andere kant van de ceremoniezaal, waardoor er rondgelopen kan worden. Daarnaast zou ook de wandelroute rondom het pand wind en water dicht gemaakt kunnen worden zonder afbreuk te doen aan het architectonische ontwerp.

Indeling ceremoniezalen

De twee ceremoniezalen zitten zijn nu naast elkaar gesitueerd, wat door verschillende medewerkers van andere crematoriums onhandig werd gezien. Als deze bijvoorbeeld aan beide kanten van de ontvangst zouden worden gesitueerd, zou het bovengenoemde probleem al kunnen worden voorkomen. Omdat de verschillende groepen bezoekers dan aan weerszijde van het gebouw verblijven.

Een goede ontsluiting rondom de verschillende zalen, zodat de families en de bezoekers elkaar niet tegenkomen. Er kan ook gedacht worden aan een ontvangsthal tussen de ceremoniezalen, op deze manier hebben beide groepen bezoekers een ander gedeelte van het pand ter beschikking

Grootte ceremoniezalen

Na onderzoek van de capaciteit die de ceremoniezalen nodig hebben, en vergelijking met andere crematoriums is gebleken dat de grote zaal plaats moet bieden aan ongeveer 800 personen. De kleine zaal heeft een capaciteit van 300 personen nodig. De huidige zalen zijn gezien het aantal banken en de benodigde zitplaats te klein.

Het vergroten van de ceremoniezalen om meer plek voor bezoekers te kunnen creëren. Dit kan bijvoorbeeld door het vergroten van de zalen binnen het pand, of door het gehele pand te vergroten.

Horeca

De horeca gelegenheid is het gedeelte van het crematorium waar het geld verdient moet worden. In het huidige ontwerp is dit erg klein vergeleken met de capaciteit van de ceremoniezalen. Daarnaast is de keuken onhandig gesitueerd tussen de verschillende horeca ruimten. Daarnaast zal de horeca gelegenheid tussen de twee ceremoniezalen gesitueerd moeten worden. Dit is dé manier om de twee bezoekende groepen daadwerkelijk gescheiden te houden en elkaar niet te laten passeren in de wandelgangen.

De beschikbare ruimte van de horeca zal groter moeten worden om de mensen allemaal te kunnen ontvangen in deze ruimte. Daarnaast zal ten behoeve van het personeel de keuken centraler geplaatst moeten worden.

De administratieruimte is nu ondergronds gesitueerd, dit is gezien de arbo-wet nu onmogelijk. Er moet rekening gehouden worden met het feit dat er in deze ruimte ook opslag is voor de documenten van de verbrandde personen.

Het ergens anders situeren van de administratie functie, omdat daar daglicht noodzakelijk is. Óf net als in de technische ruimte zorgen voor daglichtinval door middel van een daklicht.

Ontvangstruimte

De ontvangstruimte is nu gesitueerd tussen de horeca gelegenheid en de ceremoniezalen. Vanaf de ingang zullen dus alle bezoekers richting de ceremoniezalen gaan waarna er daarna door dezelfde mensen langs gelopen wordt richting de horeca. Omdat de bezoekers allemaal de zelfde route afleggen is de kans op elkaar passerende groepen groter, terwijl dit juist voorkomen moet worden.

Door de ontvangstruimte centraal tussen de ceremoniezalen te plaatsen vertrekt men daarna in verschillende richtingen waardoor passeren wordt voorkomen.

Familieruimte

De familieruimte is in het huidige ontwerp achter de ceremoniezalen geplaatst. Deze zijn gezien de variërende groottes van families zal deze een capaciteit moeten hebben om zeker 40 man te kunnen ontvangen. In het huidig ontwerp zijn de familiekamers circa 30 m2, iets wat vergroot dient te worden.

Vergroting tot 100 m2, aangezien er uitgegaan wordt van 1m2 ruimte per persoon exclusief de ruimte die ingenomen wordt door tafels, stoelen en ruimte voor koffie en dergelijke.

Terras

Gezien het doel van het gebouw, een crematorium en afscheidscentrum, zullen er weinig ‘dagjesmensen’ langskomen aangezien er geen begraafplaats nabij is. De doelgroep van het terras zal dus bestaan uit de bezoekers van de urnentuin. De kans dat het terras en aansluitende cafetaria rendabel is werd al eerder in twijfel getrokken door verschillende vestigingsleiders van de bezochte crematoriums.

Het terras zal in de reorganisatie van de plattegrond verdwijnen. Mogelijkheid is wel om bij de verschillende horecaruimten een klein stuk buitenruimte te maken waar even een luchtje geschept kan worden en een mogelijkheid is om een rookruimte te situeren.

Lift

De lift om de kist van begane grond naar -1 1 niveau te verplaatsten waarna deze in de oven geplaatst kan worden is nu in een aparte ruimte gesitueerd. Dit neemt veel ruimte in en zorgt bovendien voor extra handelingen voor het personeel.

Door gebruik te maken van een hefplateau kan de kist vanaf -1 direct omhoog gebracht worden tot in de ceremoniezaal. Dit verminderd de handelingen voor het personeel om de kist met een katafalk te verplaatsen.

Aantal ovens

Op de huidige plattegrond zijn drie volledige installaties ingetekend. Gezien het aantal ceremonieruimtes zijn dit er te veel. Op basis van het aantal ceremonieruimten, twee stuks, zijn twee ovens ideaal zodat na de ceremonie meteen gestart kan worden met het crematieproces.

Het aantal ovens zal van drie teruggebracht worden naar twee. In verhouding met de ceremoniezalen is dit ideaal.

Administratieruimte

Zoals hierboven in de tabel aangegeven is, zijn er een aantal problemen waar tegen aangelopen is in de analyse fase met betrekking betre op het gekozen ontwerp. Ook zijn er een aantal oplossingen gegeven om deze problemen te voorkomen. Enkele oplossingen werken meerdere kanten op, waardoor er met enkele aanpassingen meerdere problemen opgelost kunnen worden. Volgende stap in het aanpassen van de plattegrond is het bekijken hoeveel ruimte er nodig is in de verschillende ruimtes. In volgend hoofdstuk wordt gekeken naar de behoeften van de verschillende ruimtes waarna er daarna een nieuwe plattegrond opgezet kan worden waar bovenstaande problemen worden voorkomen.

Afstudeerproject Fransen & Pooters

Crematorium en afscheidscentrum te Holsbeek

6


1.0 FUNCTIONEEL RUIMTELIJKE OPZET 1.2 Benodigde ruimtes Om een goed beeld te kunnen krijgen van de ruimtes die in het pand gesitueerd moeten worden wordt er per ruimte bekeken waar deze aan moet voldoen, wat er nodig is in deze ruimte en hoeveel vierkante meter er nodig is om dit in te plaatsen. Tevens zal er een terugkoppeling zijn naar de huidige plattegrond om te beoordelen wat er nu goed is ingedeeld en waar verbeteringen toegepast zullen worden. Hieronder een lijst met de benodigde ruimtes in een crematorium en afscheidscentrum.

Vanuit deze lijst en het huidige ontwerp zijn er zeven onderdelen waarbij gekeken wordt of deze onderdelen groot genoeg uitgevoerd zijn, wat de benodigdheden zijn hoe deze beter ingedeeld kunnen worden. Aan de hand van een vergelijking tussen de huidige situatie en een ideale situatie zal er aanpassingen gedaan worden om naar een ideale situatie toe te werken. De zeven te behandelen onderdelen zijn:

Ceremonieruimte

1.2.1 Entree

Ontvangstruimten

1.2.2 Kleine ceremoniezaal

Koffiekamers

1.2.3 Grote ceremoniezaal

 Inclusief toiletten

1.2.4 Horeca

Familiekamer Kantoren  Personeel  Administratie  Notariskantoor

Personeelsruimte

1.2.5 Kantoor 1.2.6 Technische ruimte 1.2.7 Overige 1.2.8 Conclusie

Opbaarruimte Ontvangstkamer asverstrooiing CafĂŠ restaurant Showroom Muziekkamer Entreehal (garderobe en toiletten) Crematieruimte Asbusopslag Voorruimte Verwerkingsruimte Aanvoerruimte Afvalverwerking Installatieruimte Berging en werkkasten Parkeerterrein circa 300 parkeerplaatsen

Afstudeerproject Fransen & Pooters

Crematorium en afscheidscentrum te Holsbeek

7


1.0 FUNCTIONEEL RUIMTELIJKE OPZET 1.2.1 Entree In het huidige ontwerp is de entree via één toegankelijke weg. Dit is echter niet ideaal. Dit in verband met dat wanneer er ceremonies op het zelfde moment beginnen de bezoekers elkaar tegen komen. Dit moet men vermijden. Het is namelijk niet fatsoenlijk om twee groepen mensen door elkaar te laten lopen. Dit kan men oplossen door twee toegangswegen te creëren. Dit houd dus in voor elke ceremonieruimte een aparte toegangsweg. Tevens moet er de mogelijkheid zijn om bij de entree een garderobe te plaatsen. Wat men in de praktijk vaak ziet is dat dit een verrijdbare garderobe is. Zodat wanneer men uit de plechtigheid komt niet eerst hun jas op hoeft te halen bij de entree maar dat de jassen klaar staan bij de horeca. Voor de entree moet een ruime ruimte reserveren in verband met dat er een grote groep mens tegelijker tijd aan kan komen. In de huidige situatie is hier een ruimte gereserveerd van circa 70 m2. dit zou voor één ceremonieruimte als entree voldoende zijn maar omdat dit voor twee ruimtes bedoelt is, is dit aan de kleine kant. Tevens zit er bij de entree ook de mogelijkheid om mensen hun behoefte te laten plegen. Hierbij moet men rekening houden met soorten toiletten. Een mannentoilet, een vrouwentoilet en een integrale toilet voor de minder valide mensen. In het huidige ontwerp is dit ook gedaan.

Huidige ontwerp

Goed/fout

Aanpassing

Capaciteit

Fout

Groter

Ontvangst

Fout

Twee aparte toegangswegen of een splitsing

Looproute

Fout

Per ceremonieruimte

Indeling ruimte

Goed

Juiste ruimtes aanwezig

Ruimtegebruik

Goed

Qua indeling niet qua aantal bezoekers wel.

Installatie

Goed

Benodigde installaties aanwezig

Lichtgebruik

Goed

Behouden. Mogelijk aanpassen aan de hand van verbeteringen

Ideale indeling Vanuit dit onderzoek en de tegengekomen goede en slechte punten van het huidige ontwerp zijn er een aantal punten opgesteld waar rekening mee gehouden moet worden als er een ideale situatie gerealiseerd wil worden. Onderstaande punten zorgen voor een ideale indeling van deze ruimte: I. II. III.

Afstudeerproject Fransen & Pooters

De entree zal gelegen moeten zijn in het midden van het pand, waarna er in twee verschillende richtingen gelopen kan worden om het passeren van groepen te voorkomen. Bij de entree zal er voor moeten gezorgd worden dat de bezoekers opgevangen worden door de uitvaartondernemer welke de mensen in de juiste richting stuurt. Vanaf de entree zal er ruimte gesitueerd moeten worden voor de mogelijkheid om een condoleance register te plaatsen, een garderobe voor de jassen en bovendien mogen de toiletten niet te ver gelegen zijn.

Crematorium en afscheidscentrum te Holsbeek

8


1.0 FUNCTIONEEL RUIMTELIJKE OPZET 1.2.2 Kleine ceremoniezaal In het huidige ontwerp was de kleine ceremoniezaal geschikt voor circa 150 personen. Aan de hand van vergelijkingen met andere crematoriums is gebleken dat dit aantal voldoende is voor een kleine ceremoniezaal. Men moet namelijk voorkomen dat de zaal erg leeg oogt als er niet zo veel mensen komen bij de crematie. Voor de familie en de bezoekers moet men eigenlijk een aparte zitplek creëren. Zo is bij het huidige ontwerp de zit- en staanplaats gelijk verdeelt. Echter is dit meer een verhouding van twee derde zitplek en een derde staanplaats. In de huidige situatie is de kist in het midden van de zaal geplaatst. Dit is in het algemeen de ideaalste situatie om een kist te plaatsten. Dit in verband met dat iedereen goed zicht heeft op de kist en de personen toe een toespraak gaan houden. Voor de ruimte wordt er volgens de huidige m2 voor zit en staanplaatsen gewerkt. Denk hierbij aan 0,5 m2 voor zit en staanplaatsen. Voor de loopsituatie is er altijd een hoofdpad in het midden met tevens aan de zijkanten een looppad. Dit is voor het verkomen van opstoppingen. Vaak heeft een zaal twee entrees. Één voor de familie en één voor de uitgenodigde. Dit heeft te maken met dat de familie vooraf in de familiekamer zit en eerst zelf nog de gelegenheid heeft om afscheid te nemen. In het huidige ontwerp is de familiekamer circa 50 m2. dit is echter niet ideaal omdat wanneer men een grote familie heeft men weinig ruimte heeft. Voor een familiekamer wordt er meestal rond de 100 m2 gebruikt. Zo kan men de familie rust en ruimte geven zodat men zich kan voorbereiden op gebeurtenis. Om de kist naar de installatieruimte te brengen is er in het huidige ontwerp een aparte lift met een aangrenzende gang gemaakt. Dit neemt zo 45 m2 ruimte weg van het gebouw. De ideale situatie is om een liftplateau te plaatsen onder de opstelplaats van de kist. Wanneer de ceremonie is afgelopen en iedereen de zaal verlaten heeft kan men makkelijk de lift naar beneden brengen. Dit scheelt zo’n 40 m2. Zo is er voor de muziek per ceremoniezaal een apart hok gemaakt. Echter in de realiteit gebeurt dit met een touch screen die muziek van de hoofdcomputer haalt die weer in het kantoor staat.

Huidige ontwerp

Goed/fout

Aanpassing

Capaciteit

Goed

Voldoende plek voor de familie en bezoekers.

Ontvangst

Goed

Apart ontvangstruimte voor de zaal. Dient tevens als staanplaats.

Zit/staanplaatsen

Fout

Verhouding aanpassen

Looproute

Goed

Behouden

Indeling ruimte

Goed

Indeling is goed, behalve dat de lift één gang binnen het ontwerp weg zal werken omdat deze overbodig is bij het toepassen van een lift voor de kist.

Ruimtegebruik

Fout

Nutteloze ruimte verwijderen en hergebruiken

Installatie

Fout

Nuttige installaties toepassen

Lichtgebruik

Goed

Behouden. Mogelijk aanpassen aan de hand van verbeteringen

Ideale indeling Vanuit dit onderzoek en de tegengekomen goede en slechte punten van het huidige ontwerp zijn er een aantal punten opgesteld waar rekening mee gehouden moet worden als er een ideale situatie gerealiseerd wil worden. Onderstaande punten zorgen voor een ideale indeling van deze ruimte: I.

De kleine ceremoniezaal is in dit geval de meer intiemere ceremoniezaal. De opstelling van de banken zal dan ook verschillen met de grote ceremoniezaal. II. De kist zal vooraan in het midden van de zaal geplaatst worden en de banken zullen daar om heen staan. Op de afbeelding hiernaast is deze indeling al duidelijk zichtbaar. III. Naast de kist zal een ruimte gerealiseerd moeten worden waar gesproken kan worden door zowel de nabestaanden, geloofsvertegenwoordiger en ceremonieleider. IV. De ceremonieruimte zal uitbreidbaar moeten zijn, hiervoor moet ruimte gereserveerd worden achter de ceremoniezaal. Om deze ruimte af te sluiten kan gebruik worden gemaakt van een vouwwand of beweegbare wandpanelen. V. Vanuit de ceremonieruimte moet een route zijn richting het horecagedeelte waarbij het onmogelijk is om bij een normale gang van zaken bezoekers van andere uitvaarten/ceremonies tegen te komen. VI. In het huidige ontwerp is er een gang achter de ceremonie ruimte gesitueerd waardoor de kist gereden wordt voordat deze in de lift omlaag gaat. Het is beter om deze door middel van een hefplateau naar de onderliggende verdieping te verplaatsen waardoor deze gang in zijn geheel geschrapt kan worden. VII. De familiekamer wordt achter de ceremonieruimte gesitueerd waar de familie voor de ceremonie wordt ontvangen waar men zich rustig kan voorbereiden op de uitvaart. VIII. Er zal een trap aanwezig zijn richting de installatie ruimte zodat de familie, mochten deze dat wensen, de kist kunnen begeleiden richting de oven en eventueel het invoeren van de kist kunnen bijwonen.

Afstudeerproject Fransen & Pooters

Crematorium en afscheidscentrum te Holsbeek

9


1.0 FUNCTIONEEL RUIMTELIJKE OPZET 1.2.3 Grote ceremoniezaal. In het huidige ontwerp was de grote ceremoniezaal geschikt voor circa 600 personen. Aan de hand van vergelijkingen met andere crematoriums is een grote zaal gemiddeld geschikt voor circa 400 personen. De zaal zal dus iets verkleind moeten worden omdat het vaker voorkomt dat er minder mensen dan dat er meer dan 400 personen aanwezig zijn. Mocht dit echter wel t geval zijn dan kunnen deze achter in de zaal plaatsnemen. Zo is bij het huidige ontwerp de zit- en staanplaats gelijk verdeelt. Echter is dit meer een verhouding van twee derde zitplek en een derde staanplaats. Tevens wordt in de nieuwe situaties een helling in de vloer gebracht. Dit is namelijk voor de mensen die achteraan staan en zo iets hoger staan waardoor hun uitzicht goed zal zijn. Voor de ruimte wordt er volgens de huidige m2 voor zit en staanplaatsen gewerkt. Denk hierbij aan 0,5 m2 voor zit en staanplaatsen. Voor de loopsituatie is er altijd een hoofdpad in het midden met tevens aan de zijkanten een looppad. Dit is voor het verkomen van opstoppingen. Vaak heeft een zaal twee entrees. Één voor de familie en één voor de uitgenodigde. Dit heeft te maken met dat de familie vooraf in de familiekamer zit en eerst zelf nog de gelegenheid heeft om afscheid te nemen. In het huidige ontwerp is de familiekamer circa 50 m2. dit is echter niet ideaal omdat wanneer men een grote familie heeft men weinig ruimte heeft. Voor een familiekamer wordt er meestal rond de 100 m2 gebruikt. Zo kan men de familie rust en ruimte geven zodat men zich kan voorbereiden op gebeurtenis. Om de kist naar de installatieruimte te brengen is er in het huidige ontwerp een aparte lift met een aangrenzende gang gemaakt. Dit neemt zo 45 m2 ruimte weg van het gebouw. De ideale situatie is om een liftplateau te plaatsen onder de opstelplaats van de kist. Wanneer de ceremonie is afgelopen en iedereen de zaal verlaten heeft kan men makkelijk de lift naar beneden brengen. Dit scheelt zo’n 40 m2. Zo is er voor de muziek per ceremoniezaal een apart hok gemaakt. Echter in de realiteit gebeurt dit met een touch screen die muziek van de hoofdcomputer haalt die weer in het kantoor staat.

Huidige ontwerp

Goed/fout

Aanpassing

Capaciteit

Fout

Kleiner

Ontvangst

Goed

Apart ontvangstruimte voor de zaal. Dient tevens als staanplaats.

Zit/staanplaatsen

Fout

Verhouding aanpassen

Looproute

Goed

Behouden

Indeling ruimte

Fout

Indelen op capaciteit en aantal zit/staanplaatsen

Ruimtegebruik

Fout

Nutteloze ruimte verwijderen en hergebruiken

Installatie

Fout

Nuttige installaties toepassen

Lichtgebruik

Goed

Behouden. Mogelijk aanpassen aan de hand van verbeteringen

Ideale indeling Vanuit dit onderzoek en de tegengekomen goede en slechte punten van het huidige ontwerp zijn er een aantal punten opgesteld waar rekening mee gehouden moet worden als er een ideale situatie gerealiseerd wil worden. Onderstaande punten zorgen voor een ideale indeling van deze ruimte: I.

De grote ceremonieruimte bied plaats aan meer mensen dan de kleine ceremonieruimte, dit heeft ook gevolgen voor de opstelling van de banken. Net als in de kleine ceremonieruimte zal de familie vooraan zitten en zullen deze banken een kwartslag gedraaid worden dan in het huidige ontwerp. II. Naast de kist zal een ruimte gerealiseerd moeten worden waar gesproken kan worden door zowel de nabestaanden, geloofsvertegenwoordiger en ceremonieleider. III. De ceremonieruimte zal uitbreidbaar moeten zijn, hiervoor moet ruimte gereserveerd worden achter de ceremoniezaal. Om deze ruimte af te sluiten kan gebruik worden gemaakt van een vouwwand of beweegbare wandpanelen. IV. Vanuit de ceremonieruimte moet een route zijn richting het horecagedeelte waarbij het onmogelijk is om bij een normale gang van zaken bezoekers van andere uitvaarten/ceremonies tegen te komen. V. In het huidige ontwerp is er een gang achter de ceremonie ruimte gesitueerd waardoor de kist gereden wordt voordat deze in de lift omlaag gaat. Het is beter om deze door middel van een hefplateau naar de onderliggende verdieping te verplaatsen waardoor deze gang in zijn geheel geschrapt kan worden. VI. De familiekamer wordt achter de ceremonieruimte gesitueerd waar de familie voor de ceremonie wordt ontvangen waar men zich rustig kan voorbereiden op de uitvaart. VII. Er zal een trap aanwezig zijn richting de installatie ruimte zodat de familie, mochten deze dat wensen, de kist kunnen begeleiden richting de oven en eventueel het invoeren van de kist kunnen bijwonen.

Afstudeerproject Fransen & Pooters

Crematorium en afscheidscentrum te Holsbeek

10


1.0 FUNCTIONEEL RUIMTELIJKE OPZET 1.2.4 Horeca De horecagelegenheid in het huidige ontwerp is opgedeeld in drie delen waardoor er meerdere groepen tegelijkertijd gebruik kunnen maken van het horeca deel. Door middel van bijvoorbeeld vouwdeuren kunnen de verschillende ruimtes groter en kleiner gemaakt worden afhankelijk van de grootte van de groep welke er gebruik van wenst te maken. Er zijn een aantal eisen waaraan de horecafunctie moet voldoen, aangezien deze één van de belangrijkste onderdelen van het totale pand is, dit is immers hét gedeelte waar het geld verdient moet worden. Aan de hand van het bouwbesluit kan deze ruimte opgevat worden als bijeenkomstfunctie. Logistiek gezien is de huidige situatie onhandig ingedeeld. Zoals op onderstaande afbeelding te zien is, is de keuken geplaatst aan de rechterkant van het totale horeca deel. Dit houdt in dat het personeel om de meest linkse ruimte te bereiken een grote afstand moet afleggen om bijvoorbeeld de koffie en de broodjes naar de mensen te brengen. Door de keuken centraler te plaatsen tussen de verschillende horeca delen te plaatsen zal het ontwerp er uit personeel oogpunt er logistiek slimmer uit komen te zien. Bovendien zijn er een aantal aandachtspunten waar rekening mee gehouden moet worden bij het ontwerp van deze ruimte. Zo zullen de deuren breed genoeg moeten zijn om er met een koffiekar door heen te kunnen om de bezoekers te kunnen voorzien. Daarnaast moet er rekening gehouden worden met de looproutes van het personeel, aangezien de bezoekers over het algemeen weinig rekening houden met het personeel omdat deze andere zaken aan hun hoofd hebben.

Huidige ontwerp

Goed/fout

Aanpassing

Capaciteit

Fout

Groter

Ontvangst

Fout

Aparte ontvangsten voor de verschillende groepen noodzakelijk.

Zit/staanplaatsen

Fout

Meerdere zit- en staanplaatsen realiseren.

Looproute

Fout

Men mag elkaar niet passeren. Ook voor het personeel verbeteren van de routes.

Indeling ruimte

Fout

Verschillende ruimtes onderling beter toepassen gezien de looproutes.

Ruimtegebruik

Fout

Slimmer indelen van de ruimtes, zoals bijvoorbeeld de keuken.

Installatie

Fout

Verschillende installaties nodig, zeker in de keuken.

Lichtgebruik

Goed

Behouden. Mogelijk aanpassen aan de hand van verbeteringen

Ideale indeling Vanuit dit onderzoek en de tegengekomen goede en slechte punten van het huidige ontwerp zijn er een aantal punten opgesteld waar rekening mee gehouden moet worden als er een ideale situatie gerealiseerd wil worden. Onderstaande punten zorgen voor een ideale indeling van deze ruimte: I.

II.

III.

IV. V.

Afstudeerproject Fransen & Pooters

Voor de horeca gelegenheid zou het ideaal zijn als de keuken het centrale punt is waar alle ruimes aan grenzen. Dit zou inhouden dat de looproutes voor het personeel altijd zo kort mogelijk gehouden worden. In het huidige ontwerp zijn drie verschillende koffieruimtes gesitueerd, terwijl er twee ceremonieruimtes zijn. Dit aantal terugbrengen naar twee zorgt voor twee ruimten, een aantal wat genoeg is, en waarbij de afmetingen vergroot worden zonder extra oppervlak nodig te hebben. Beide horecaruimten dienen toiletruimtes te hebben om het passeren van verschillende groepen te voorkomen. Bovendien moeten deze toiletten vanuit de horecagelegenheid bereikbaar zijn. Er moet voor beide horecagelegenheden een heren, dames en daarnaast ook een minder valide (MIVA) toilet beschikbaar zijn. Voor het personeel van de horecagelegenheid zullen er maatregelen getroffen dienen te worden om het werk voor deze mensen zo soepel mogelijk te laten verlopen. Denk hierbij aan breder uitgevoerde deuren zodat er makkelijk met een koffiewagen door heen gereden kan worden en een kleine bar waar de koffie neergezet kan worden voor de bezoekers om zo het rondlopen in deze ruimte te verminderen.

Crematorium en afscheidscentrum te Holsbeek

11


1.0 FUNCTIONEEL RUIMTELIJKE OPZET 1.2.5 Kantoor In het huidige ontwerp ligt het kantoorgedeelte ondergronds. Dit kan echter problemen geven met betrekking tot de arbo wet. Voor een kantoorfunctie waar mensen aan het werk zijn is het verplicht om natuurlijk daglicht naar binnen te laten betreden. Dit zal dus echter aangepast moeten worden in het nieuwe ontwerp. Dit kan op verschillende manieren wat later bij de uitwerking eruit zal komen. In het kantoor gedeelte zullen meerdere functie plaatsvinden. Denk hierbij aan de showroom, het archief, werkplek, muziekruimte, kantine, keuken in het huidige ontwerp is hier geen of weinig rekening mee gehouden. Dit zal zeker aangepast moeten worden in het aangepaste ontwerp. Tevens is de ruimte waar men mee gewerkt heeft te klein om alle benodigde ruitmes erin te plaatsen. Deze ruimte zal naar schatting twee a drie keer zo groot worden zoals het nu ontworpen is. Dit heeft niet alleen te maken met de ruimte die nodig is om te werken, maar ook omdat er mensen ontvangen dienen te worden. Dan is het echter gewenst om een ruime ruimte te hebben in plaats van een krappe plek. De aankomst naar deze ruimtes zijn in het huidige ontwerp via een aparte toegang. De toegang hiervan is van buiten het gebouw te betreden. Zo komt men niet langs de bezoekers die voor een plechtigheid komen. Voor een tweede vluchtroute is er nog een extra trap die in de keuken uitkomt.

Huidige ontwerp

Goed/fout

Aanpassing

Capaciteit

Fout

Groter

Ontvangst

Goed

Overzichtelijke toegangsweg

Benodigde ruimte

Fout

Niet alle benodigde ruimtes zijn aanwezig.

Looproute

Goed

Aparte ingang dan de rest van het gebouw.

Indeling ruimte

Fout

De ruimtes zijn te klein in het huidige ontwerp.

Ruimtegebruik

Fout

Niet alle ruimtes zijn logistiek goed ingedeeld.

Installatie

Fout

Komen veel installaties bij kijken aangezien het ondergronds gesitueerd is.

Lichtgebruik

Fout

Geen natuurlijke dagtoetreding.

Ideale indeling Vanuit dit onderzoek en de tegengekomen goede en slechte punten van het huidige ontwerp zijn er een aantal punten opgesteld waar rekening mee gehouden moet worden als er een ideale situatie gerealiseerd wil worden. Onderstaande punten zorgen voor een ideale indeling van deze ruimte: I.

II. III.

IV.

Afstudeerproject Fransen & Pooters

Als eerste en belangrijkste punt zal het ideaal zijn als deze ruimte niet onder de grond gesitueerd wordt. Dit omdat er onder de grond weinig mogelijkheden zijn voor toetreding van natuurlijk daglicht, iets wat noodzakelijk is gezien de arbo wet omdat het een werkplek is. Daarnaast zal er voor het archief een grotere ruimte gereserveerd moeten worden dan dat er in het huidige ontwerp gedaan is. Er zal een showroom aanwezig moeten zijn welke voor de nabestaande toegankelijk is. Hierbij moet rekening worden gehouden dat deze mensen niet eerst door de kantoorfunctie moeten lopen en dat deze snel bereikbaar moet zijn vanaf de entree. Ook in deze functie zullen er een aantal toiletten gerealiseerd moeten worden voor het personeel, zodat deze niet van hetzelfde toilet gebruik hoeven te maken als de bezoekers van het pand.

Crematorium en afscheidscentrum te Holsbeek

12


1.0 FUNCTIONEEL RUIMTELIJKE OPZET 1.2.6 Technische ruimte In het huidige ontwerp is er veel ruimte beschikbaar gehouden voor de technische ruimte. Dit kan zo ze voordelen als ze nadelen hebben. Een ruime werkplek is te zien als een voordeel. Maar een te grote afstand tussen de verschillende onderdelen kan men ook zien als een nadeel. Tevens zijn er in het huidige ontwerp 3 ovens genomen. Maar aan de hand van de capaciteiten die het crematorium aankan, kan men met 2 ovens voortkomen. In het ontwerp is een ruimte per oven genomen van 4m * 4m. Dit is in ook de lengte en breedte met toebehoren van de oven. Echter komen er nog meerdere installaties aan de oven waar het huidige ontwerp niet geheel rekening mee gehouden heeft. Hier hebben ze wel beschikbare ruimte voor genomen maar is dit niet duidelijk bekeken. In het nieuwe ontwerp zal aan de hand van de afmetingen van de installaties een compleet overzicht komen voor de afmetingen van een technische ruimte die nodig zijn.

Huidige ontwerp

Goed/fout

Aanpassing

Capaciteit

Fout

Te groot

Bezorgen kist

Goed

Overzichtelijke en aparte toegangsweg

Benodigde ruimte

Goed

Alle benodigde ruimtes zijn aanwezig maar is globaal al vastgelegd.

Looproute

Goed

Duidelijke route naar alle ruimtes die toegankelijk moeten zijn

De route van de technische ruimte naar de hefplateaus zijn goed te bereiken met ruime maten. Dit zal echter aangepast worden omdat de liften niet op juiste plaatsen zitten. Net zoals bij het kantoorgedeelte heeft men bij de technische ruimte geen natuurlijk daglichttoetreding. Dit zal net zoals bij het kantoorgedeelte aangepakt moeten worden in verband met de arbo wet.

Indeling ruimte

Goed

De ruimtes zijn groter gesitueerd dan nodig, waardoor uitbreiding mogelijk is.

Ruimtegebruik

Goed

Duidelijke route die afgelegd dient te worden aanwezig in technische ruimte.

Voor het brengen van de kist is er een aparte ingang naar de technische ruimte aanwezig. Hier kan de lijkwagen naar binnen rijden en kan met veilig en met de juiste materialen werken.

Installatie

Fout

Te veel ovens, zie uitwerking voor benodigde installaties.

Lichtgebruik

Fout

In verband met de ondergrondse situering is er geen directe daglichttoetreding

Ideale indeling Vanuit dit onderzoek en de tegengekomen goede en slechte punten van het huidige ontwerp zijn er een aantal punten opgesteld waar w rekening mee gehouden moet worden als er een ideale situatie gerealiseerd wil worden. Onderstaande punten zorgen voor een ideale indeling van deze ruimte: I. II. III. IV.

De technische installaties in deze ruimte dienen elkaar op te volgen op volgorde van het gebruik ervan. Op deze manier zijn de d benodigde kanalen zo kort mogelijk te houden. Één oven is genoeg om het aantal crematies te verrichten waar het pand nu op gebaseerd is en een het aantal wat er ongeveer nodig n is in de regio waar het crematorium geplaatst wordt. Hiermee kan dus ruimte gewonnen worden voor het goed verwerken van de installaties en een eventuele aanpassing hieraan of een uitbreiding zoals een extra oven toepassen toepa zodra de vraag groter wordt. Voor het personeel wat in de technische ruimtes werkt zal ook een toilet gerealiseerd moeten worden. Deze mensen hoeven dan niet n naar begane grond niveau om van het toilet gebruik te maken en de kans te lopen een groep bezoekers te passeren. Voor de inval van daglicht dienen er voorzieningen getroffen te worden zodat de ruimte als werkruimte voldoet aan de arbo wet.

NIVEAU -1

Afstudeerproject Fransen & Pooters

Crematorium en afscheidscentrum te Holsbeek

NIVEAU 0 – BEGANE GROND

13


1.0 FUNCTIONEEL RUIMTELIJKE OPZET 1.2.7 Overige Naast de eerder besproken ruimtes zijn er ook nog een aantal overige ruimtes welke niet onder deze onderdelen van het gebouw vallen. Zo moet er op de parkeerplaats ook met een aantal zaken rekening gehouden worden. Er moet voldoende parkeerplek zijn om grote groepen te kunnen ontvangen. De grote zaal is berekend op 800 man, waardoor er minimaal 300 parkeerplekken dienen te zijn. Daarnaast moet hier ook voldoende verlichting aanwezig zijn om een veilige parkeerplaats te kunnen realiseren met in het achterhoofd dat het parkbos-karakter niet aangetast mag worden. De inritten welke naar -1 niveau gaan zullen niet voor onbevoegden toegankelijk mogen zijn. Daarnaast zal er parkeergelegenheid moeten zijn bij de technische ruimte, welke ook aangegeven is op de plattegronden. Deze twee ingangen zijn gesitueerd aan beide zijden van het gebouw, bij de kantoorfunctie en de technische ruimte. Daarnaast is er nog de looproute rondom het gebouw, welke om het gehele gebouw komt te liggen. Deze looproute wordt overkapt door de gevel welke om het gehele gebouw gaat. Dit houdt niet in dat deze bij slecht weer wind en water dicht is. Om deze reden kan er dus niet in alle gevallen rond gelopen worden om de verschillende groepen niet te passeren. Hiervoor dient deze route rondom het gebouw wind en waterdicht gemaakt te worden zonder afbreuk te doen aan de achterliggende architectonische gedachte. Naast deze oplossing kan er ook gedacht worden aan het toevoegen van een inpandige gang. Dit zal het gehele gebouw breder maken, en ook hier zal de architectonische gedachte in het achterhoofd gehouden moeten worden.

Ideale indeling verkeersingang niveau -1 De technische ruimte is gelegen op -1, hier zijn ook de opbaar ruimtes gesitueerd waar de overledene opgemaakt en gewassen wordt voordat deze in zijn of haar kist geplaatst wordt. Vervolgens wordt de kist in een koelruimte geplaatst waar deze langer bewaard kan worden zodat bij de uitvaart een open kist tijdens de ceremonie mogelijk is. De lijkwagen zal de kist hier binnen rijden zodat de overledene verzorgt kan worden. Er zal dus een inrit gerealiseerd moeten worden met een hellingbaan welke naar deze lager gelegen bouwlaag leidt. Hierbij dient met een aantal punten rekening gehouden te worden om deze zo goed mogelijk te realiseren. I. II. III.

IV.

De inrit zal alleen toegankelijk worden voor de lijkwagens en het personeel van het crematorium.. Zoals op de plattegrondschetsen van het gehele gebied te zien is, zal er een aparte toegangsweg, buiten de parkeerplaats om naar deze inrit gerealiseerd worden. De hellingbaan zal moeten voldoen aan alle eisen en zal voor de lijkwagens goed bereidbaar moeten zijn. Er zal rekening gehouden moeten worden met het feit dat er een kist achterin ligt waardoor er dus niet een te steile hellingbaan gemaakt wordt. Binnen in de technische ruimte zal parkeerplek gereserveerd moeten worden en bovendien ruimte genoeg om te kunnen keren met de lijkwagen. Deze afmetingen zullen uiteraard ook moeten voldoen aan de eisen die hiervoor gesteld zijn.

Er zijn dus drie onderdelen welke onder de kop overige vallen, in dit hoofdstuk worden daarvoor de ideale eigenschappen en uitgangspunten benoemd. I. II. III.

Ideale indeling parkeerplaats Ideale indeling verkeersingang niveau -1 Ideale indeling looproute

Ideale indeling parkeerplaats Zoals eerder besproken is de parkeerplaats een onderdeel van het totaalplaatje van het afscheidscentrum en crematorium. Deze parkeerplaats moet dus als het ware ook ontworpen en ingedeeld worden. In eerder stadium is al ter sprake gekomen dat er voor de parkeerplaats een dubbelfunctie is weggelegd. Doelstelling is namelijk dat deze een bosrijk-karakter moet hebben. Hieronder een aantal punten om er voor te zorgen dat er een ideale parkeerplaats ontstaat waarbij het mogelijk is om dit karakter terug te laten komen. I. II.

III.

IV.

De parkeerplaats zal plek moeten bieden aan minimaal 500 auto’s en bovendien zal er ook een fietsenstalling aanwezig moeten zijn. Uit het oogpunt van veiligheid zal de parkeerplaats verlicht moeten worden. Omdat de parkeerplaats een bosrijk karakter moet krijgen moet men waken voor het te donker maken van de parkeerplaats bij het plaatsen van bomen. Daarnaast moet het geen hangplek worden voor jeugd en zal er dus genoeg verlicht moeten worden waardoor er een sociale veiligheid gecreëerd wordt. Voor de parkeerplaats logistiek is het ideaal als er gebruik wordt gemaakt van een ‘rondrij-principe’. Op deze manier kan de parkeerplaats vanaf één zijde toegankelijk gemaakt worden en aan de andere kant verlaten, om voor een goede en soepele doorstroom te zorgen. De manier waarop de parkeerplaats ingedeeld zal worden zal in een later stadium, bij de situatie tekeningen nog terugkomen. Hierbij zal gekozen worden voor een manier waarbij er zo veel mogelijk parkeerplaatsen geplaatst kunnen worden op een kleine ruimte met de mogelijkheid om bomen toe te kunnen voegen in dit ‘grid’ van parkeerplaatsen.

Afstudeerproject Fransen & Pooters

Ideale indeling looproute De looproute rondom het gebouw is een route welke in principe in de buitenlucht wordt afgelegd. Deze route zal dus niet kunnen fungeren als gang van het gebouw, aangezien de bezoekers eerst hun jas in de garderobe ophangen. Deze route zal dus voor het algemene publiek zijn welke van het uitzicht en de natuur rondom het crematorium willen genieten. Hieronder wat aandachtspunten bij het uitwerken van deze looproute rondom het gebouw. I.

II.

III.

Zoals hiernaast te zien wordt de looproute rondom het pand overkapt door dezelfde constructie als waar de gevel van gemaakt is. Deze zal waterdicht moeten zijn zodat men hier droog kan lopen. Aangezien er water rondom het gebouw is, wat overigens niet diep is en puur voor de sier, zal de borstwering hoog genoeg moeten zijn, zodat men niet in het water kan vallen. Het crematorium is namelijk ook voor kinderen toegankelijk. Er kan ook gekozen worden voor een winddichte oplossing, hierbij mag het uitzicht en de architectonische waarde niet verloren gaan.

Crematorium en afscheidscentrum te Holsbeek

14


1.0 FUNCTIONEEL RUIMTELIJKE OPZET 1.2.8 Conclusie Na het doen van de afgelopen onderzoeken zijn er een aantal belangrijke punten uitgekomen waar men conclusies aan kan verbinden. verbind Dat het ontwerp op de schop gaat, was al duidelijk. Hoe dat gaat gebeuren wordt in deze conclusie aan de hand van de belangrijkste punten toegelicht. Wat zijn de grootste problemen waar in het ontwerp tegen aan gelopen wordt?

Oplossingen voor deze problemen

De twee ceremonieruimten mogen niet naast elkaar gelegen zijn, dit om te voorkomen dat bezoekers van een andere uitvaart de overige bezoekers passeren voor of na een ceremonie.

Vanaf de entree zullen de twee verschillende ceremonieruimtes hun eigen toegangswegen krijgen. Op deze manier worden de bezoekers van de verschillende uitvaarten bij aankomst opgesplitst en zal het passeren van de verschillende groepen bezoekers voorkomen worden in de overige delen van het gebouw.

Dit moet ook voorkomen worden bij het horeca gedeelte, belangrijk is dus dat deze onderdelen niet naast elkaar gelegen zijn en dat er een goede logistieke regeling is waardoor het passeren van verschillende groepen onmogelijk wordt gemaakt.

Vanaf de ceremonieruimte zal er een indirecte toegang zijn richting de horecagedeeltes zodat het onmogelijk gemaakt wordt om het passeren van groepen te voorkomen. Met een indirecte toegang wordt bedoelt dat men niet direct in de volgende ruimte beland, maar er eventueel voor kan kiezen om na de uitvaart naar huis te gaan. Tussen de ceremonieruimte en de horecagelegenheid zal dus een gang moeten komen vanaf waar er naar de entree/uitgang gelopen kan worden.

De verdeling van de horeca gelegenheid in drie koffiekamers schort niet met het aantal ceremonieruimtes.

De drie koffiekamers in het horecadeel welke er nu gesitueerd zijn zal teruggebracht worden naar twee kamers. Deze zullen onderbroken worden door een vouwwand waardoor de ruimte aanpasbaar is. Voor de grote ceremoniezaal zal namelijk meer oppervlakte nodig zijn om alle bezoekers op te kunnen vangen.

De logistieke werking van de horeca, uit oogpunt van het personeel wat er komt te werken, is onhandig en zal veranderd moeten worden.

De keuken van het horeca deel zal centraler geplaatst worden om de looplijnen voor het personeel zo kort mogelijk te maken en te voorkomen dat het personeel tussen de mensen door moeten lopen om deze van koffie te voorzien.

De kantoorfunctie kan niet ondergronds geplaatst worden aangezien deze ruimte beschikking moet hebben van natuurlijk daglicht.

Er is voor gekozen om de kantoorfunctie met de bijbehorende showroom boven het maaiveld te plaatsen in plaats van ondergronds, zoals deze nu gesitueerd is. Deze ruimten zullen worden geplaatst boven het horeca gedeelte. De beweegredenen zijn hiervoor de volgende: I. Het gebouw zal een verdiepingshoogte hebben van circa 8 meter. Dit zal in de ceremonieruimtes als prettig worden ervaren maar zal in het horeca gedeelte als nutteloze hoogte worden gezien. Het is dus mogelijk om hier in deze ruimte een verdieping toe te passen waardoor de kantoren afgelegen van bezoekers komen te liggen en het gebouw niet groter/breder/hoger zal worden door deze toevoeging. II. Lichtinval heeft een grote rol gespeeld bij deze oplossing, omdat het bovengronds veel beter te regelen is om natuurlijk daglichtinval te krijgen aangezien dit onder het maaiveld alleen mogelijk is door middel van daklichten. III. Bovendien zal er geen extra entree gerealiseerd hoeven worden voor de bezoekers welke na het verstrijken van de 30 dagen wachttijd de as op komen halen en een bezoek brengen aan de showroom voor bijvoorbeeld een urn of sierraad waar de as in bewaard kan worden. Bovenstaande punten zullen in het vlekkenplan van de nieuwe plattegrond worden uitgewerkt en toegelicht.

Het aantal ovens is onrealistisch gezien het aantal ceremonie ruimtes en de vraag naar het aantal crematies per jaar in deze regio.

Het aantal ovens wordt teruggebracht naar twee ovens, wat gezien de vergelijkingen voldoende is om het aantal crematies uit te voeren wat nodig zal zijn. Daarnaast is het op deze manier mogelijk om na de ceremonie direct de crematie te kunnen starten zodat de familie aanwezig kan zijn bij het inbrengen van de kist in de oven. Dit wordt als prettig ervaren en is in sommige geloven zoals het boeddhisme is het zelfs gewoonte om tot aan de crematie zelf aanwezig te zijn bij de overledene.

De looproute rondom het gebouw kan niet als gang gebruikt worden aangezien deze door de buitenlucht gaat als deze niet afgeschermd wordt. Deze ruimte wordt wel overkapt door de gevel/dak constructie zoals te zien is op vorige pagina. Wind en waterdicht zal de gevel op dat punt dus niet zijn en daarom zal deze worden gerekend als buitenruimte.

Deze looproute zal worden gezien als buitenruimte aangezien de aanpassingen aan het ontwerp er voor gaan zorgen dat de logistiek beter in elkaar komt te zitten. Deze ruimte zal dus vrij toegankelijk zijn, maar niet toebehoren aan de logistieke indeling binnen het gebouw. Daarnaast moet men wel streven naar het zo aangenaam mogelijk maken van deze ruimte.

Afstudeerproject Fransen & Pooters

Crematorium en afscheidscentrum te Holsbeek

15


1.0 FUNCTIONEEL RUIMTELIJKE OPZET 1.3 Ruimte relatieschema In dit schema is te zien welke ruimtes bereikbaar moeten zijn via welke ruimtes voor een ideale indeling van de plattegrond. Als er meerdere dezelfde ruimtes zijn omschreven houdt dit in dat er ook meerdere van deze ruimtes zijn. Sommige ruimtes zijn alleen voor personeel bereikbaar, deze lijnen zijn met rood aangegeven. Daarnaast is er een onderverdeling gemaakt in de verschillende onderdelen van het gebouw, welke hieronder in de legenda zijn toegelicht.

SHOWROOM

KANTOOR

TOILETTEN

Vanuit dit systeem zal er een plattegrond opgesteld worden waarbij rekening gehouden moet worden met de hier opgesteld looplijnen en toegankelijkheid.

ARCHIEF TOILETTEN

PARKEER PLAATS

ENTREE

ONTVANGST BEZOEKERS

LEGENDA

HORECA

FAMILIE KAMER

LOOPROUTES Toegang voor zowel personeel als bezoekers.

CEREMONIE ZAAL

KEUKEN TECHNISCHE RUIMTE

Alleen toegang voor personeel

GEBOUWONDERDELEN

TOILETTEN

ONTVANGST BEZOEKERS

CEREMONIE ZAAL

HORECA

Ceremonieruimtes en opvang Horeca Kantoor en administratie

FAMILIE KAMER

Technische ruimte

TOILETTEN

Afstudeerproject Fransen & Pooters

Crematorium en afscheidscentrum te Holsbeek

16


1.0 FUNCTIONEEL RUIMTELIJKE OPZET

NIVEAU -1

1.4 Ideale functionele plattegrond Vanuit de eerder behandelde onderdelen en de conclusie die getrokken is, kan er een nieuwe plattegrond ontwikkeld worden. Aan de hand van de ideale opstelling en het relatieschema kan er een ideale functionele plattegrond ontwikkeld worden, dit houdt in dat het een ‘rechttoe-rechtaan’’ plattegrond gaat worden. Vanuit die opzet kan er een architectonische waarde binnen in het gebouw toegepast worden en gespeeld gespe worden met gevoel en emotie. Allereerst wordt er begonnen met het opzetten van een vlekkenplan waarbij ook rekening wordt gehouden met de looplijnen van de d verschillende groepen bezoekers. Deze looplijnen zijn met rode pijlen aangegeven en laten zien dat de verschillende bezoekersgroepen een verschillende ronde door het gebouw lopen en elkaar

TECHNISCHE RUIMTE

NIVEAU -1

NIVEAU 0 – BEGANE GROND

FAMILIEKAMER CEREMONIERUIMTE HORECAGELEGENHEID KEUKEN TOILETTEN TECHNISCHE RUIMTE LOOPROUTES VERSCHILLENDE GROEPEN

NIVEAU +1

(GEDEELTELIJK)

NIVEAU 0 – BEGANE GROND

SHOWROOM KANTOREN ARCHIEF

NIVEAU +1 (GEDEELTELIJK)

Afstudeerproject Fransen & Pooters

Crematorium en afscheidscentrum te Holsbeek

17


1.0 FUNCTIONEEL RUIMTELIJKE OPZET Specifieke indeling functionele plattegrond Hiernaast is vanuit het vlekkenplan een duidelijkere indeling gemaakt van waar de verschillende ruimtes gesitueerd worden. Hieronder welke ruimten er op de verschillende verdiepingen aanwezig zijn:

NIVEAU -1

NIVEAU -1

TECHNISCHE RUIMTE VERPLAATSINGSRUIMTE

NIVEAU 0 – BEGANE GROND

FAMILIEKAMER CEREMONIERUIMTE HORECAGELEGENHEID

NIVEAU 0 – BEGANE GROND

KEUKEN TOILETTEN TECHNISCHE RUIMTE VERPLAATSINGSRUIMTE

NIVEAU +1

(GEDEELTELIJK)

NIVEAU +1 (GEDEELTELIJK) SHOWROOM KANTOREN ARCHIEF

DOORSNEDE Afstudeerproject Fransen & Pooters

Crematorium en afscheidscentrum te Holsbeek

18


1.0 FUNCTIONEEL RUIMTELIJKE OPZET 1.5 Conclusie Vanuit het onderzoek naar een goede functionele en ruimtelijke opzet voor de indeling van het gebouw zijn een aantal zaken duidelijk geworden. Hieronder de belangrijkste punten toegelicht waaruit een conclusie getrokken kan worden naar de belangrijkste wijzigingen die plaats zullen vinden op functioneel en ruimtelijk gebied.

I.

II.

III.

IV.

Logistiek was de huidige plattegrond niet slim opgebouwd. Belangrijk is dat de verschillende groepen die in het gebouw ontvangen worden elkaar niet passeren tijdens de verplaatsing van bijvoorbeeld de ceremoniezaal naar het horeca deel. Er moet dus gezorgd worden voor een rondloop langs de verschillende ruimtes, waardoor het onmogelijk is dat de groepen elkaar passeren. In het huidige ontwerp was het horeca deel gesitueerd aan de linkerzijde van het gebouw. Vanuit beide aula’s zullen de bezoekers dus naar dat deel van het gebouw moeten gaan om het horecadeel te kunnen betreden. Het risico dat men elkaar dan tegenkomt wordt daardoor groter. Door de horeca in het midden van het gebouw te plaatsen en beide aula’s aan beide zijden ernaast te plaatsen is het onmogelijk voor de bezoekers om elkaar tegen te komen vanuit de ceremoniezaal op weg naar het horeca deel. Door het horeca gedeelte in het midden van het gebouw te plaatsen zullen er ook meerdere toiletblokken geplaatst moeten worden. Om te voorkomen dat de bezoekers vanuit de horeca ruimte buitenom naar het toilet moeten lopen en de kans lopen andere bezoekers tegen het lijf te lopen. Een directe ingang vanuit de horeca ruimte naar de toiletten is dus gewenst. De keuken zal aan moeten sluiten aan beide horeca delen zodat deze centraal ligt en voor het personeel de looplijnen zo kort mogelijk houdt. Dit is voor zowel het personeel als de bezoekers, welke op deze manier niet gestoord worden door het personeel, een goede aanpassing. Het kantoor en administratie deel van het gebouw is in het huidige ontwerp ondergronds geplaatst. Dit is gezien de arbo-wet zeer tegenstrijdig en daarnaast is volgens het bouwbesluit het kantoorgedeelte de enige ruimte waar direct daglichtinval gewenst is. Door dit ondergronds te plaatsen wordt dit heel lastig. Het gebouw heeft daarnaast een hoge verdiepingshoogte wat in de ceremoniezalen prettig en gewenst is. In het horeca gedeelte is deze hoogte echter niet nodig. Er is ruimte genoeg om het kantoor en administratie gedeelte boven de horeca te plaatsen zonder dat het gebouw hoger zal worden. Op deze manier is wordt er minder ruimte welke verwarmt hoeft te worden wat op de kosten drukt. Functioneel en ruimtelijk is dit de beste oplossing voor het gebouw.

Aan de hand van bovenstaande punten zal het ontwerp beter en logistiek sterker moeten worden ingedeeld. Dit aan de hand van het eerder gemaakte vlekkenplan wat een logische indeling en looproute heeft.

Afstudeerproject Fransen & Pooters

Crematorium en afscheidscentrum te Holsbeek

19


2.0 .0 AKOESTIEK

20


2.0 AKOESTIEK 2.0 Akoestiek In het crematorium moet er een gevoel hangen van rust en vrede. Dit is grotendeels te verwezenlijken door een stil en rustig gebouw te creëren. Dit kan men creëren door goed met akoestiek te werken. Tegenwoordig wordt er in elk gebouw gedacht aan de akoestiek met de reden dat men goed en duidelijk alles kan verstaan maar ook in een niet al te drukke ruimte hoeft te werken. De ceremoniezalen kan men vergelijken met auditoriums van kantoorgebouwen/onderwijsinstellingen en dergelijke. Dit met de reden dat er een groep mensen luistert naar wat één persoon te vertellen heeft. Tevens wordt er muziek afgespeeld. Hiervoor wilt men dat er een zo goed mogelijk akoestiek gecreëerd wordt. Het begrip ‘goede akoestiek’ kan op een aantal verschillende manieren worden gebruikt, met verschillende bedoelingen. In het algemeen verwijst het begrip naar een balans tussen nagalmtijd, achtergrondgeluid en geluidsisolatie. Een ruimte met een goede akoestiek zal de gewenste geluiden benadrukken en ongewenste geluiden buitensluiten of zodanig dempen dat deze niet langer als storend worden ervaren. Dit kan men bereiken door met de materialen te experimenteren of doormiddel van de vorm van de ruimte.

Op het gebied van geluidsreflectie zijn er twee punten waar men rekening mee moet houden. Hierbij is het ideaal om het geluid in een zo mooi mogelijke baan door de zaal te laten reflecteren. Als men een brede en rechte zaal heeft is dit ongewenst voor de geluidsreflectie. Doormiddel van geknikte wanden toe te passen zal de reflectie van het geluid zich beter door de ruimte verspreiden waardoor de hoorbaarheid in de zaal aanzienlijk groter zal zijn dan zonder geknikte wanden.

De spraakverstaanbaarheid meet hoeveel van de gesproken informatie verstaanbaar is in een bepaalde omgeving. De spraakverstaanbaarheid wordt beïnvloed door nagalmtijd, achtergrondlawaai of eigenlijk de verhouding signaallawaai, volume van de ruimte en plaats van geluidsreflecterende en geluidsabsorberende oppervlakken. Naarmate de nagalmtijd korter wordt, wordt de spraakverstaanbaarheid beter, totdat het achtergrondlawaai gaat overheersen. Er zijn een aantal onderwerpen welke in dit hoofdstuk behandeld worden om uiteindelijk voor een goede akoestiek in het gebouw te kunnen zorgen. 2.1 Vorm van de aula 2.2 Geluidsabsorptie 2.3 Geluidsisolatie

2.1 Vorm aula Voor de vorm van de aula is het niet gebruikelijk om er een rechthoek van te maken. Dit heeft allemaal te maken met de verstaanbaarheid, reflectie van het geluid, nagalm en verstrooiing / focusseren. Hiervoor zijn een aantal eisenwaar een spreekruimte aan moet voldoen. Denk hierbij aan de afstand van de spreker tot het publiek. Hiervoor kan je de zaal opdelen in 3 delen(zie afbeelding). In de afbeelding ziet men 3 delen. In het eerste deel zit de voorste paar rijen. De mensen die hier zitten kunnen alles perfect volgen en zien. In het tweede gedeelte kunnen de mensen alles goed volgen en nog duidelijk zien. In het derde gedeelte zal men last krijgen van een te zacht volume van de spreker of van te veel echo.

Voor de reflectie hoeft men niet alleen te denken in de vorm van de wanden maar kan men ook schuinte toepassen in het plafond. In de onderstaande afbeelding is te zien hoe de reflectie eruit ziet bij een recht plafond en bij een schuin plafond. Bij een recht plafond zal de reflectie in het voorste en achterste gedeelte van de zaal komen. Hierdoor zal in het midden van de zaal een ander soort geluid terecht komen. Dit in verband met dat er voldoende geluid van voren komt maar te weinig geluid van bovenaf. Wanneer men een schuin plafond toepast zal de reflectie van het geluid zich door de gehele zaal verspreiden waardoor er in de middelste delen van de zaal een zuiver geluid aanwezig is. Tevens is het een groot voordeel als er een hellingbaan in de zaal wordt toegepast. Dit heeft te maken met dat de personen die achteraan zitten of staan het geluid beter horen in verband met dat het geluid minder laag hoeft te gaan dan wanneer de zaal vlak is. Wat men anders krijgt is dat het rechtstreekse geluid de personen normaal bereikt maar dat het geluid dat via het plafond komt later komt. Hierdoor krijgt men een vervelende nagalm. Doordat de mensen achter hoger staan hebben ze tevens goed zicht op het gebeuren. Reflectie

Reflectie

Als men dan gaat kijken naar hoe men een zaal het beste kan indelen op het gebied van verstaanbaarheid dan zal er een ronde vorm uitkomen. Hier zal de spreker vooraan in het midden staan en zullen de aanwezige om een cirkel om hem heen zitten of staan. Men kan hierbij ook wel zeggen dat hoe korter de afstand tot de spreker is hoe beter men de bron kan horen.

Afstudeerproject Fransen & Pooters

Crematorium en afscheidscentrum te Holsbeek

21


2.0 AKOESTIEK Doordat de nagalmtijd van belang is in een ruimte waar het draait om de sprekende persoon is het van belang dat dit goed geregeld is. Naarmate de nagalmtijd korter wordt, wordt de spraakverstaanbaarheid beter, totdat het achtergrondlawaai gaat overheersen. In een ruimte met een lange nagalmtijd krijgt een woord niet de gelegenheid te dempen, voordat het volgende woord de luisteraar bereikt. De spraakverstaanbaarheid is dus slecht. De nagalm is goed te regelen door met de vorm van de ruimte te spelen. Door de wanden onder een hoek te zetten zal de echo zich naar de achterkant begeven. Wanneer de wanden recht staan gaat de echo heen en weer door de ruimte wat een lange nagalm geeft.

Net zoals bij de reflectie kan men spelen met de nagalmen in een ruimte doormiddel van schuine plafonds. Hierdoor zal het geluid zich door de gehele zaal leiden. Wat men wilt bij de schuine wanden en plafonds is dat het verder wordt gekaatst de zaal in. Echter als het geluid het einde van de ruimte heeft bereikt wilt men juist weer niet dat het verder gekaatst wordt. Dit kan een situatie geven dat je het geluid eerst van voren en vervolgens van achter vandaan hoort komen. Dit kan men oplossen door aan de achterkant van de ruimte een absorptiemateriaal aan te brengen wat het terugkaatsen tegenhoud.

Het laatste punt waar men aan moet denken bij ruimtebepaling op het gebied van akoestiek is de vorm van de wanden en/of plafonds. De wanden en plafonds kan men uitvoeren in 3 types:

Bij een vlakke wand zal de reflectie zich verspreiden, maar zal het geluid zich altijd naar beneden richten. Bij een bolle wand zal het geluid zich verstrooien. Dat houd in dat het geluid zich net als een vlakke wand zal verspreiden. Echter bij een bolle want zal het in tegenstelling tot een vlakke wand het geluid ook naar boven gereflecteerd worden. Hierdoor zal het geluid verder de zaal in komen. Bij een holle wand zal de reflectie van het geluid zich richten op één punt. Dit kan een voordeel hebben op een kleine ruimte waar men zo zuiver mogelijk geluid wil, maar in een spreekzaal is dit absoluut niet ideaal. Wanneer men een ronde zaal zal toepassen creëert men een focusseren van het geluid. Dit is wat men juist niet wilt hebben in een spreekzaal.

IDEALE VORM VAN DE AULA Na de vier punten (verstaanbaarheid, reflecties, nagalm en vorm) te hebben beoordeeld, hebben we van alle vier de onderdelen de ideale vorm geprobeerd in één te brengen. Zo is voor de verstaanbaarheid de ronde zitplaatsen gesitueerd. Voor de reflectie de schuine voorwanden. Voor de nagalm de schuine geplaatste wanden aan de zijkant en achterkant. Tevens is het plafond schuin geplaatst. En voor een betere verspreiding zal er getracht worden om een kleine bolling in de wanden te brengen voor de weerkaatsing van het geluid.

Afstudeerproject Fransen & Pooters

Crematorium en afscheidscentrum te Holsbeek

22


2.0 AKOESTIEK 2.2 Geluidsabsorptie Geluidabsorptie is het vermogen van een materiaal om geluidsenergie om te zetten in wrijvingsenergie. Het geluid kan zich in zachte, poreuze, ook wel opencellige materialen, zoals plaatmaterialen binnendringen. Daarin ondervindt de heen en weer gaande luchtdeeltjes wrijving in de poriën van het materiaal. Door deze wrijving wordt de geluidenergie (beweging) omgezet in warmte. Het geluid wordt door het materiaal geabsorbeerd en verdwijnt dan in het materiaal. Om te zorgen dat geluid het materiaal kan binnendringen moet dit zo poreus mogelijk zijn. Andersom geldt dat hoe harder het materiaal, hoe minder geluid wordt geabsorbeerd; het geluid wordt dan meer gereflecteerd. De hoeveelheid absorptie is een eigenschap van het materiaal en wordt uitgedrukt in de absorptiecoëfficiënt. De absorptiecoëfficiënt van een materiaal is de fractie van het invallende geluidvermogen dat wordt geabsorbeerd. De rest van het geluid wordt gereflecteerd. De absorptiecoëfficiënt is afhankelijk van de frequentie van het geluid en wordt meestal gemeten tussen 125 Hz en 4000 Hz. De absorptiecoëfficiënt heeft een waarde tussen nul (geen absorptie) en 1 (volledige absorptie). Hieronder is een afbeelding te zien met drie vergelijkingen bij een situatie en geluidsabsorptie.

Geluidabsorberende materialen zijn speciaal vervaardigde poreuze opencellige materialen. Deze zijn bijv. Systeemplafonds, systeemwanden of objecten in de ruimte. Deze materialen absorberen het geluid in een vrij breed frequentiegebied en zijn uitermate geschikt zijn om de akoestiek in een ruimte (sterk) te verbeteren en de geluidoverlast te reduceren. Het is belangrijk dat de absorberende materialen voor het geluid onbelemmerd toegankelijk zijn. De meest voor de handliggende montageplaats is het plafond, maar ook de wanden zijn geschikt voor het aanbrengen van geluidabsorberende materialen. Een mogelijk wandopbouw is bijvoorbeeld. Beton - geluidsabsorberend materiaalgeperforeerde plaat. Naast geluidsabsorptie moet er ook gedacht worden aan geluidsisolatie. Het is namelijk niet gewenst als men de geluiden vanuit de aula ook in de gang kan horen en andersom.

2.3 Geluidsisolatie Geluidisolatie zorgt er voor dat geluid niet van de ene ruimte naar de andere ruimte kan komen. Bijvoorbeeld er is geluidisolatie tussen twee appartementen in een flatgebouw. Ook is er geluidisolatie tussen buiten en binnen een woning. Zware materialen zoals beton of metselwerk zijn het meest effectief om geluid te isoleren. Een verdubbeling van oppervlaktemassa zal de geluidisolatie met ongeveer 6 dB verbeteren. Een nog betere geluidisolatie kan men bereiken met een dubbele wand constructie. Deze twee wanden moeten dan wel los van elkaar staan en mogen geen contact met elkaar maken. Er is sprake van twee soorten geluidisolatie: 1. Luchtgeluidisolatie 2. Contactgeluidisolatie Bij luchtgeluid zorgt de lucht voor transport van het geluid. Die lucht brengt op zijn beurt de begrenzingsvlakken van het vertrek in trilling. Voorbeelden van luchtgeluiden zijn: spreken, zingen, vioolspelen en dergelijke. Bij contactgeluid zorgt een vast medium, zoals beton, voor transport van het geluid. Voorbeelden van contactgeluiden zijn: lopen, stampen, vallende voorwerpen, stansmachines, draaiende compressoren, schuiven met een stoel. De hierdoor in de constructie opgewekte trillingen worden door de constructie voortgeplant en kunnen elders in het gebouw door vloeren en wanden weer als luchtgeluid worden afgestraald. De bestrijding van contactgeluid moet vooral bij de bron worden gezocht, door te voorkomen dat het contactgeluid wordt opgewekt of doorgegeven. Het tegenhouden van eenmaal opgewekt contactgeluid is veel ingewikkelder. Om bijvoorbeeld geluidstrilling tegen te houden is het een mogelijkheid om een zwevend dekvloer toe te passen. Hierdoor zullen de trillingen zich niet verder uitbreiden naar andere ruimtes.  ZWEVENDE DEKVLOER Hiernaast is een zwevende dekvloer te zien. Deze zorgt ervoor dat het contactgeluid niet naar de verdieping eronder wordt doorgegeven.

A. POREUZE ABSORPTIE Onbedekt poreus materiaal HOOGFREQUENT : ≥ 1400 Hz B. HELMHOLTZ RESONANTIE Poreus materiaal achter geperforeerd paneel MIDDENFREQUENT : 300 Hz – 1500 Hz C. PANEEL RESONANTIE Ongeperforeerde panelen (bv. multiplex) voor luchtlaag met poreus materiaal LAAGFREQUENT : ≤300 Hz

Afstudeerproject Fransen & Pooters

Crematorium en afscheidscentrum te Holsbeek

WONINGSCHEIDENDE SPOUW  Door isolatiemateriaal te plaatsen in een woningscheidende spouw wordt voorkomen dat het geluid doorgegeven wordt en daarnaast wordt deze open ruimte ook geïsoleerd.

23


3.0 .0 VERLICHTING EN DAGLICHTINVAL

24


3.0 VERLICHTING EN DAGLICHTINVAL 3.0 Verlichting en daglichtinval Licht en daglicht zijn twee manieren van verlichting, welke beide toegepast zullen worden in het ontwerp. In beide gevallen zal hier slim mee om gegaan moeten worden. In het schetsontwerp waren al enkele sfeer impressies te zien van de natuurlijke daglichtinval en de manier van verlichten binnen het gebouw. In dit hoofdstuk wordt daar dieper op ingegaan aan de hand van eisen, mogelijkheden en slimme toepassingen.

Naast de ceremoniezalen zullen de andere ruimtes ook verlicht moeten worden. Van een aantal van deze ruimten is in het schetsontwerp al duidelijk geworden op wat voor manier er gezorgd wordt voor daglicht inval. Zo is op de omgevingsplattegrond goed te zien dat er op het dak openingen gemaakt zijn zodat daglicht toe kan treden.

Er zal in dit hoofdstuk onderscheid gemaakt worden tussen verlichting en daglichtinval, wat los van elkaar uiteengezet wordt. 3.1 3.2 3.3 3.4 3.5

Toegepaste verlichting en daglichtinval Eisen en toepassingen van daglichtinval Eisen en toepassingen van verlichting Gewenste manier van verlichten en daglichtinval Conclusie

1 3.1 Toegepaste verlichting en daglichtinval De verlichting die in het gebouw toegepast gaat worden is in schetsimpressies voor een groot deel vastgelegd. Op de afbeelding hieronder is te zien om welke manieren van verlichting het gaat in de ceremoniezalen.

2

2

1

2

Toepassen van verlichting op de scheiding van plafond en wand. Op deze manier wordt het plafond afgebakend en de wand verlicht. Dit kan door middel van een koof waarin verlichting geplaatst kan worden. In het huidige ontwerp zijn hier lange dakopeningen gemaakt om natuurlijk daglicht te gebruiken voor deze lichtstraat.

Afstudeerproject Fransen & Pooters

3

4

5

1

Hieronder bevindt zich de installatie ruimte welke van daglicht wordt voorzien door opening in het dak. Rondom het gebouw wordt er echter een natuurlijk landschap gesitueerd en er zal water rondom het gebouw komen. Op de afbeelding hiernaast is te zien dat het daklicht omringd wordt door water.

2

In het dak zijn sparingen gemaakt om te zorgen voor lichtinval binnen in de ceremonieruimtes. Deze openingen zijn voor het lichtinval wat ook op de foto hier links te zien is.

3

Naast de openingen boven de kist zijn er langs de wanden ook lichtstroken gesitueerd. Deze lichtstroken zorgen voor de daglichtinval welke op de foto links te zien is. Omdat deze puur van het daglicht afhankelijk zijn zullen deze niet altijd voor evenveel licht zorgen en zal dit aangepast moeten worden voor een stabiele lichtbron welke niet van de zon afhankelijk is.

4

Op deze plaats zit in het huidige ontwerp de scheiding tussen de ceremoniezaal en de horeca functie. Hier tussen is een gang gemaakt zodat er rondom het gebouw gelopen kan worden. Daarnaast zorgt dit voor lichtinval bij de entree.

5

In de verschillende horecadelen zal lichtinval moeten zijn. In het huidige ontwerp is dus te zien dat er drie verschillende daklichten zijn gesitueerd voor in de drie verschillende horeca delen. Aangezien deze drie verschillende horeca delen teruggebracht worden naar twee, en op een andere plek in het ontwerp gesitueerd worden, met een verdieping er bovenop zal er voor een andere oplossing gekozen moeten worden voor het lichtinval in de horeca ruimtes.

1

Directe daglichtinval door openingen in het dak om het zonlicht naar binnen te sturen. In de verschillende ceremoniezalen is dit zo ingedeeld dat het zonlicht over de kist zal vallen en zo een mooi en sfeervol effect geeft.

2

Crematorium en afscheidscentrum te Holsbeek

25


3.0 VERLICHTING EN DAGLICHTINVAL Aanwezige zon en zonnestanden Om het de ceremoniezalen te kunnen verlichten met daglichtinval zal er wel voldoende daglichtinval aanwezig moeten zijn zodat dat daklichten ook daadwerkelijk effect hebben. Dit kan door lichtsturing verbeterd worden, maar het belangrijkste blijft dat de er zonlicht aanwezig aan is. In onderstaande afbeelding de locatie en het verloop van de zonnestanden.

Zonnestanden afhankelijk van de verschillende jaargetijden

Omdat de zon nagenoeg elke dag een andere baan volgt is de daglichtinval door de daklichten nooit stabiel en constant. Er kan veel gedaan worden met daglichtsturing en het toepassen van spiegels om het zonlicht in de juiste baan het gebouw binnen te laten komen. Daarentegen zijn wolken ook een onberekenbare factor. Als men het daglicht ideaal in de ruimtes kan laten binnen treden is het echter nog onmogelijk om een constante lichtopbrengst te hebben aangezien bewolking de hoeveelheid zonlicht kan verminderen dan wel uitsluiten. In het nieuwe ontwerp zal er alsnog verlicht worden met behulp van daglichtinval en sturing maar zal dit niet de enige lichtbron zijn binnen het gebouw. Verlichten door middel van lampen zal dus als enige constante oplossing toepasbaar zijn.

Afstudeerproject Fransen & Pooters

Crematorium en afscheidscentrum te Holsbeek

26


3.0 VERLICHTING EN DAGLICHTINVAL 3.2 Eisen en toepassingen van daglichtinval Vanuit de wet en regelgeving zijn er een aantal eisen en regels waarmee rekening gehouden moet worden bij het maken van een nieuwe plattegrond en indeling van het ontwerp. In dit hoofdstuk worden de regels en wetten met betrekking tot de lichtinval en verlichting op een rijtje gezet waardoor er voor een goede oplossing kan worden gekozen in het nieuwe ontwerp. Hierin wordt dieper ingegaan op de eisen welke gelden voor daglichtinval. Dit wordt aan de hand van verschillende wetten, regelgevingen en ideale omstandigheden bekeken. BOUWBESLUIT Vanuit het bouwbesluit zijn er een aantal wetten en regels waarmee in dit project rekening moet worden gehouden. Aangezien het uit te werken gebouw verschillende functies heeft, waaraan verschillende eisen gelden, hieronder een tabel uit het bouwbesluit wat de eisen zijn aan de minimale vereisten aan de daglichttoetreding. Aangegeven zijn de onderdelen welke van toepassing zijn en waar dus aan voldaan moet worden. Deze minimale waarden staan vermeld in tabel 3.133 welke hieronder is weergegeven.

Uit te tabel valt dus uit te lezen dat er in dit project rekening gehouden moet worden met verschillende gebruiksfuncties binnen het gebouw. Zowel de ceremoniezalen als het horeca deel vallen onder de gebruiksfunctie ‘Bijeenkomstfunctie’. De administratie van het crematorium en de bijbehorende kantoren en het archief valt onder de ‘Kantoorfunctie’. Voor de bijeenkomst functie worden geen grenswaarden opgegeven aan het aantal procent daglichtoppervlak aan de hand van het vloer oppervlak en de minimale vierkante meters aan daglichtoppervlakte. Voor de kantoorfunctie geldt hier een minimale eis van 2,5% van het vloeroppervlak daglichtinval met een minimum van 0,5 m2. Vanuit tabel 3.133 zijn er een aantal regels opgesteld welke hieronder in artikel 3.134 van het bouwbesluit zijn weergegeven. Artikel 3.134 1) Een verblijfsgebied heeft een volgens NEN 2057 bepaalde equivalente daglichtoppervlakte in m² waarvan de getalwaarde niet kleiner is dan de getalwaarde van het in tabel 3.133 aangegeven deel van de vloeroppervlakte in m² van dat verblijfsgebied. 2) Een verblijfsruimte heeft een volgens NEN 2057 bepaalde equivalente daglichtoppervlakte die niet kleiner is dan de in tabel 3.133 gegeven oppervlakte. 3) Een equivalente daglichtoppervlakte als bedoeld in het eerste en tweede lid, wordt niet gerealiseerd door middel van een lichtopening in een inwendige scheidingsconstructie die de scheiding vormt met een aangrenzend verblijfsgebied, een toiletruimte, een badruimte of een technische ruimte. 4) Bij het bepalen van een equivalente daglichtoppervlakte als bedoeld in het eerste en tweede lid: A. blijven bouwwerken en daarmee gelijk te stellen belemmeringen, die op een ander perceel liggen, buiten beschouwing, B. blijven daglichtopeningen in een uitwendige scheidingsconstructie, die op een loodrecht op het projectievlak van die openingen gemeten afstand van minder dan 2 m vanaf de perceelsgrens liggen, buiten beschouwing, waarbij, indien het perceel waarop de gebruiksfunctie ligt, grenst aan een openbare weg, openbaar water of openbaar groen, de afstand wordt aangehouden tot het hart van de weg, het openbaar groen of het openbaar water, en C. is de in rekening te brengen belemmeringshoek alpha, bedoeld in NEN 2057, voor elk te onderscheiden segment niet kleiner dan 25o. 5) Bij het bepalen van een equivalente daglichtoppervlakte als bedoeld in het eerste of tweede lid: A. blijven bouwwerken, niet zijnde de woonwagen, en andere daarmee gelijk te stellen belemmeringen buiten beschouwing, en B. is de in rekening te brengen belemmeringshoek a, bedoeld in NEN 2057, voor elk te onderscheiden segment niet kleiner dan 25o. 6) Het eerste en tweede lid gelden niet voor een bouwwerk of een gedeelte daarvan voor de landsverdediging of de bescherming van de bevolking. 7) Het tweede lid geldt niet voor een verblijfsruimte met een vloeroppervlakte van meer dan 150 m². Bij het bepalen van de equivalente daglichttoetreding van het verblijfsgebied waarin die verblijfsruimte ligt, blijft, in afwijking van het eerste lid, de vloeroppervlakte van die ruimte buiten beschouwing.

In bovenstaand artikel wordt meerdere malen verwezen naar NEN 2057. Dit is een norm waarin toegelicht wordt hoe de equivalente daglichtoppervlakte wordt berekend aan de hand van formules.

Afstudeerproject Fransen & Pooters

Crematorium en afscheidscentrum te Holsbeek

27


3.0 VERLICHTING EN DAGLICHTINVAL BOUWFYSICA Vanuit de bouwfysische eisen zijn er ook enkele punten waarmee rekening gehouden moet worden met betrekking tot daglichtinval. Hieronder een samenvatting van het hoofdstuk 4.3 Dagverlichting uit het boek Bouwfysica.

NEUFERT In de architectenuitgave van Neufert staan ideale en minimale maten voor allerlei zaken, waaronder daglichtinval en daglicht sturing. Deze onderdelen zijn van belang en kunnen meegenomen worden in de uitwerking van het nieuwe ontwerp. Hieronder enkele belangrijke zaken met betrekking tot het gebruik van daglicht als lichtbron binnen het gebouw.

Eisen voor daglicht voor woningen en andere gebouwen In de bouwregelgeving worden voor de daglichttoetreding voor verblijfsgebieden eisen gesteld in de vorm van een equivalente daglichtoppervlakte. Deze is gedefinieerd in de eerdergenoemde NEN 2057. Zoals in de meeste gevallen wordt via regelgeving een bepaalde minimumkwaliteit verzekerd. Bij het ontwerpen komt uiteraard meer kijken dan het toepassen van regels, en dat geldt zeker wat betreft ramen. Behalve daglichttoetreding is uitzicht immers ook van groot belang. Bedenk ook dat grote glasvlakken, serres, atria en daglichtkoepels een grote warmtetoevoer in het gebouw veroorzaken, wanneer zij door de zon worden beschenen. In de winter leidt dit tot een welkome energiebesparing, maar in de zomer kunnen de binnentemperaturen hierdoor sterk of zelfs onaanvaardbaar hoog oplopen. Dit is door een goed ontwerp echter te voorkomen (effectieve zomerventilatie, zonwering, enzovoort). Ook kan invallend zonlicht door de grote helderheids verschillen bijzonder hinderlijk zijn op werkstukken, tekentafels en dergelijke. Vak zal daarom enige vorm van zon(licht)wering noodzakelijk zijn. Bouwfysica, hoofdstuk 4, Verlichting Ir. A.C. van der Linden

Zoals hierboven wordt beschreven is daglichttoetreding niet alleen gunstig voor de verlichting maar ook voor de verwarming van een ruimte. Hierbij zal dan ook bij grote openingen en glasoverkappingen rekening gehouden moeten worden.

In de afbeelding hierboven wordt per seizoen en maand aangegeven in welke hoek de zon op het gebouw zal schijnen.

Zoals in het bouwfysische deel al besproken is, kan de daglichtinval bijdragen aan het opwarmen van de ruimtes. Als men dit schematisch gaat bekijken komt dit zeer ongunstig uit. De maanden waarin de warmte behoefte groot is, zal er weinig warmte afgegeven worden van de zon. Bovenstaand feit is in het schema hiernaast verwerkt en zichtbaar wordt dat het in zowel de winter als zomersituatie zeer ongunstig uitkomt. Warmte tekort Warmte overschot

Zoals op bovenstaande afbeelding te zien is, zal er rekening gehouden moeten worden met verschillende zonnestanden zodat het in alle situaties mogelijk is om zonlicht te kunnen ontvangen. In het huidige ontwerp zal er geen last zijn van omringende gebouwen maar is het van belang dat de daklichten in verschillende zonstanden het daglicht naar binnen kunnen brengen.

Afstudeerproject Fransen & Pooters

In het kantoordeel, waar het wel mogelijk is om ramen te plaatsen (in tegenstelling tot de ceremonie zalen in verband met privacy), kan er gebruik gemaakt worden van lichtsturing via de ramen het en plafond. Door het plafond in een lichte kleur uit te voeren zal dit bijdragen aan de reflectie en voortplanting van het licht.

Crematorium en afscheidscentrum te Holsbeek

28


3.0 VERLICHTING EN DAGLICHTINVAL In Neufert worden verschillende vormen van daklichten besproken, een onderdeel wat van toepassing is op dit project. Hieronder worden verschillen vormen van daklichten besproken en toegelicht hoe deze werken en opgebouwd zijn.

Hierboven zijn enkele grote, uitzonderlijke daklichtkoepels afgebeeld. Bijzondere constructies welke niet vaak toepast worden maar een grote en constante lichtopbrengst hebben.

De veelvoorkomende en simpel toe te passen daklichten welke vooral goedkoper zijn dan de varianten hier links van. Oplossingen welke vaker toepast worden in bijvoorbeeld overkappingen waaronder het prettig is om daglichtinval te hebben.

Op de afbeeldingen hierboven zijn daklichtstroken afgebeeld. Deze stroken worden veel toepast in fabriekshallen en grote ruimten waar het niet voldoende is om alleen bij de wanden daglichtinval te hebben. Veelal zijn deze constructies op het zuiden georiënteerd.

A. Door middel van een glazen bol boven op het pand kan er van alle kanten licht binnenkomen in het gebouw. Daarnaast kan het door de schuinte van het glas en het eventueel toepassen van spiegels gestuurd worden in de ruimte waar het licht gewenst is. B. Er zijn verschillende constructies voor een glazen lichtkoepel bovenop een gebouw. Zoals bij afbeelding A een radiale koepel is gebruikt heeft deze meer minder constructieve lijnen binnen de koepel. C. Een kegel is een goede vorm om licht op te vangen en het te kunnen sturen. Denk hierbij aan prisma’s welke ook een driehoekige vorm hebben. D. Door middel van lichtsturing via schachten in het gebouw kan het licht naar binnen gebracht worden. Een hedendaags voorbeeld van dit systeem zijn de Solatubes van Techcomlight.

A. Schuine daklichten welke georiënteerd zijn op het zuiden zodat er zo veel mogelijk zonlicht in kan vallen voor een optimale lichtopbrengst. B. Door schuine zijden aan beide kanten toe te passen kan er meer zonlicht binnentreden en van verschillende zijden. Op deze manier hoeft het raam niet op het zuiden georiënteerd te zijn omdat het van verschillende kanten zonlicht kan binnenlaten. C. Deze daklichten zijn bovenop dicht en bevatten aan de zijkanten glas zodat het zonlicht kan binnentreden. Dit is in principe gewoon een opbouw met ramen. Deze principes worden vaak toegepast bij het verhogen van de verdiepingshoogte en tegelijkertijd kan er meer daglichtinval gerealiseerd worden. D. Zonder de bovenkant dicht te maken zijn deze daklichten het meest optimaal voor het meeste daglichtinval. Deze zijn te vergelijken met piramides op het dak zodat er van alle kanten daklicht in kan vallen.

A. Daklichtstroken welke op het zuiden georiënteerd zijn en onder een hoek van 90 graden op het gebouw staan. Deze stroken lopen over het gehele dak. Dit principe wordt vaak toegepast bij fabriekshallen. B. Daklichtstroken onder een kleinere hoek voor meer daglichtinval. Daarnaast kunnen de blinde kanten gebruikt worden voor bijvoorbeeld het toepassen van zonnepanelen. C. Voor lichtinval van beide kanten kan er gekozen worden voor deze optie, waarbij er door het toepassen van twee lichtstroken aan twee kanten licht binnen kan treden. D. Door middel van zonlichtweerkaatsing kunnen er meerdere lichtstroken dicht op elkaar geplaatst worden. Door de blinde kanten met wit of spiegelend materiaal af te werken kan het zonlicht goed weerkaatst worden. Op deze manier hoeven de daklichtstroken ook niet verplicht op het zuiden georiënteerd te worden, al zal de zonlicht opbrengst altijd minder zijn als dit niet gedaan wordt.

Afstudeerproject Fransen & Pooters

Crematorium en afscheidscentrum te Holsbeek

29


3.0 VERLICHTING EN DAGLICHTINVAL 3.3 Eisen en toepassingen van verlichting Naast de eisen aan daglichtinval zijn er ook eisen en regelgeving voor verlichting. Zoals eerder gebleken is kan er niet volledig voll met daglichtinval verlicht worden en zal dit nooit evenveel licht opleveren. Daarom is er gekozen om naast daglichtinval ook gebruik te maken van verlichting. Hieronder enkele eisen en regels op een rijtje gezet vanuit verschillende optieken zoals regelgeving en ideale situaties.

BOUWBESLUIT Belangrijkste regel vanuit het bouwbesluit is dat een te bouwen bouwwerk een zodanige verlichtingsinstallatie heeft dat het bouwwerk veilig kan worden verlaten, sociaal veilig en bruikbaar is. Daarnaast zijn er nog verschillende eisen van toepassing, welke afhankelijk zijn van de functie waarin het gebouw valt. Hiernaast tabel 2.56 van het bouwbesluit waarin de leden welke van toepassing zijn, zijn gemerkt. Vanuit de tabel, welke hier links is vermeld, wordt duidelijk dat er een aantal artikelen van toepassing zijn op de gebruiksfuncties welke in het gebouw aanwezig zijn. Hieronder zijn de desbetreffende artikelen toegelicht. Artikel 2.57 - Verlichtingssterkte 1. Een verblijfsruimte heeft een verlichtingsinstallatie die de vloer van de verblijfsruimte kan verlichten met een verlichtingssterkte van ten minste de grenswaarde die is aangegeven in tabel 2.56. 2. Een besloten ruimte waardoor een rookvrije vluchtroute voert, heeft een verlichtingsinstallatie die een verlichtingssterkte van ten minste 10 lux kan geven op een vloer, een trap en een hellingbaan waarover die rookvrije vluchtroute voert, over een breedte als bedoeld in artikel 2.167 en over een breedte die is bestemd voor opvang en doorstroming als bedoeld in artikel 2.173. 3. Een liftkooi heeft een verlichtingsinstallatie die de vloer van de liftkooi kan verlichten met een verlichtingssterkte van ten minste 10 lux. Artikel 2.58 - Stroomvoorziening Een verlichtingsinstallatie als bedoeld in artikel 2.57, is aangesloten op een voorziening voor elektriciteit als bedoeld in artikel 2.47, eerste en tweede lid waarin vermeld wordt dat de gebruiksfunctie voorzien moet zijn van aansluiting op het elektriciteitsnet en beschikking moet hebben voor noodstroom. Artikel 2.59 – Noodverlichting 1. Een verlichtingsinstallatie van een verblijfsruimte met een vloeroppervlakte die groter is dan de grenswaarde die in tabel 2.56 is aangegeven, is aangesloten op een voorziening voor noodstroom als bedoeld in artikel 2.47, tweede lid. 2. Een verlichtingsinstallatie van een verblijfsruimte is aangesloten op een voorziening voor noodstroom als bedoeld in artikel 2.47, tweede lid. 3. Een verlichtingsinstallatie van een besloten ruimte waardoor een rookvrije vluchtroute voert, als bedoeld in artikel 2.57, tweede lid, is aangesloten op een voorziening voor noodstroom als bedoeld in artikel 2.47, tweede lid. 4. Een verlichtingsinstallatie van een liftkooi is aangesloten op een voorziening voor noodstroom als bedoeld in artikel 2.47, tweede lid. Artikel 2.60 – Voorziening voor noodstroom Een verlichtingsinstallatie die is aangesloten op een voorziening voor noodstroom, als bedoeld in artikel 2.59, geeft gedurende de periode als bedoeld in artikel 2.49, derde lid, een verlichtingssterkte van ten minste 1 lux. De verlichtingssterkte wordt gemeten op het in artikel 2.57 bedoelde oppervlak. Artikel 2.61 - Verbouw 1. Burgemeester en wethouders verlenen bij het geheel of gedeeltelijk vernieuwen of veranderen of het vergroten van een bouwwerk geen ontheffing van de artikelen 2.59, derde en vierde lid, en 2.60. 2. Burgemeester en wethouders verlenen bij het geheel of gedeeltelijk vernieuwen of veranderen of het vergroten van een bouwwerk geen gebouw zijnde, geen ontheffing van de artikelen 2.57, derde lid, 2.58, 2.59, vierde lid, en 2.60.

Afstudeerproject Fransen & Pooters

Crematorium en afscheidscentrum te Holsbeek

30


3.0 VERLICHTING EN DAGLICHTINVAL NEUFERT In Neufert worden een aantal manieren van verlichten toegelicht aan de hand van afbeeldingen en voorbeelden van situaties waarbij wat voor vo soort verlichting gewenst is. Deze verschillende soorten van verlichting zijn hieronder afgebeeld waarbij de richting en de bundel van het licht gekleurd is voor een duidelijker beeld van het licht, de hoeveelheid en de richting ervan. Onder de verschillende afbeeldingen zijn enkele eigenschappen, voorbeelden en verwerkingen van de armaturen beschreven.

1. Directe symmetrische verlichting; deze manier van verlichten wordt veel toegepast in bijvoorbeeld lokalen waarbij de armaturen aan de hand van berekeningen evenredig over het plafond verdeeld worden.

7. Gecombineerde directe en indirecte verlichting; hetzelfde systeem als bij 6, echter nu met zowel boven als onder de rail een lichtbron. Gelijkmatige verlichting waarbij de kleur van het plafond ook helder dient te zijn.

Afstudeerproject Fransen & Pooters

2. Directe volledige en wand verlichting; deze manier van verlichten is het zelfde als symmetrische verlichting, bij deze variant worden ook de wanden verlicht.

8. Spreidverlichting van het plafond; vanaf de wanden wordt het plafond verlicht met rustige verlichting. Door middel van indirecte verlichting zal het lichtgekleurde plafond het licht weerkaatsen naar beneden.

3. Gedeeltelijke, geconcentreerde verlichting; wordt toegepast in bijvoorbeeld musea waarbij de kunstwerken per stuk apart belicht worden. In bovenstaande afbeelding zijn de lampen op een externe rail geplaatst.

9. Spreidverlichting van de vloer; vanaf de wanden wordt de vloer beschenen. Wordt bijvoorbeeld toegepast om routes aan te geven door de vloer te verlichten. Kan ook als noodverlichting gebruikt worden.

4. Gedeeltelijke, geconcentreerde en weggewerkte verlichting; zelfde verlichting als voorgaande, alleen zijn in deze opstelling de armaturen in het plafond verwerkt voor een minder opvallende lichtbron.

5. Meerdere directe spotlights; door het gebruiken van meerdere spotlights op één voorwerp wordt de schaduwwerking gereduceerd. Dit wordt veel toegepast in musea bij kunstvoorwerpen.

6. Indirecte verlichting; een rustige manier van verlichten waarbij gebruik wordt gemaakt van een heldere plafondafwerking waardoor er genoeg licht weerkaatst. Glinsteringen worden voorkomen bij deze manier van verlichten.

10. Wandverlichting; decoratieve doeleinden voor het verlichten van een wand waarbij bijvoorbeeld kleurfilters en prisma’s toegevoegd worden aan het systeem.

11. Wandverlichting vanaf stroomvoorzienende rails; gebruikt in showrooms en musea waarbij hetgeen wat in de belangstelling staat goed belicht kan worden. Hoeveelheid schaduw kan worden geregeld via verschillende filters en prisma’s.

12. Spotlights vanaf stroomvoorzienende rails; wederom gebruikt in showrooms en musea voor directe belichting van voorwerpen. Hoeveelheid schaduw kan worden geregeld via verschillende filters en prisma’s.

Crematorium en afscheidscentrum te Holsbeek

31


3.0 VERLICHTING EN DAGLICHTINVAL 3.4 Gewenste manier van verlichten en daglichtinval Uit eerder gemaakte onderzoeken naar het gebruik van daglichtinval en verlichting in het huidige ontwerp en de eisen welke gelden aan deze manier van verlichten zijn een aantal punten op te merken. Daarnaast kan er vastgesteld worden wat voor soort verlichting als prettig wordt ervaren. Hieronder een aantal punten welke van toepassing zijn voor het nieuwe ontwerp met betrekking tot het gebruik van verlichting en daglichtinval.

I.

II.

III.

De minimum eisen voor het inval van daklicht gelden alleen in de kantoorfunctie van het gebouw. De andere ruimtes hebben een bijeenkomstfunctie waarbij de minimum eis aan daglichtinval te verwaarlozen is. Dit verklaard onder andere het ontbreken aan ramen in de schetsontwerpen en komt daarnaast goed van pas aangezien er in een ceremoniezaal aandacht besteed moet worden aan de privacy van de mensen. Hierbij is het dus wel gewenst dat men niet gestoord wordt door passerende mensen welke door het raam de aula in kunnen kijken. Gezien de baan van de zon, welke elke dag anders is, is het niet te garanderen dat het gebruik van daklichten als enige lichtbron in de ruimtes voor een constante verlichting gedurende het hele jaar kunnen zorgen. Er zal dus naast het gebruik van daklichten ook op kunstmatige manier verlicht moeten worden. Dit kan op veel verschillende manieren gedaan worden waarbij het belangrijk is dat het gaat om ‘warm licht’. Dit houdt in dat het niet te helder en kil wordt, waardoor het een steriel effect kan geven en aan kan doen als een kantoor of een ziekenhuis. Het gebruik van verlichting hoeft niet af te doen aan het gevoel. Er moeten oplossingen bedacht worden voor de manier van verlichten zonder dat men overal armaturen of spots ziet hangen. Dit doet namelijk af aan het gevoel en op deze manier wordt ook de visie van het huidige pand niet bereikt. Zoals op de afbeelding hieronder is te zien is het de bedoeling om een lichtgloed op de wanden te laten schijnen zonder dat de lichtbron zichtbaar is. In het huidige concept wordt de verlichting verzorgt door de zon, maar dit zal vervangen worden voor verlichting waarmee het zelfde effect bereikt moet worden als op de impressie hieronder.

3.5 Conclusie Het gebruik van daglichtinval in de aula’s geeft een sfeervol effect maar gezien de variërende baan van de zon en de variatie in klimaat en weersomstandigheden nooit constant. Vanwege deze reden is er gekozen om gedeelten van de daglichtinval te vervangen voor normale verlichting. Dit om altijd een stabiele en constante lichtfactor in de verschillend ruimtes te hebben. Daarnaast zijn er aan de hand van het bouwbesluit eisen welke een minimale lichtfactor voorschrijven en dat is met daglicht niet te garanderen. Op basis van regelgeving en stabiliteit is er dus gekozen voor de aanpassing van de manier van verlichten. De ideale manier van verlichten waarbij het gevoel en de sfeer ,welke op de schetsimpressie op deze pagina links is weergegeven, te behouden is het toepassen van gedeeltelijke weggewerkte verlichting zodat de armaturen niet zichtbaar zijn. Op de afbeelding hiernaast is te zien dat de armaturen in het plafond weggewerkt worden en de wand beschenen wordt. Dit zorgt voor een rustgevende verlichting welke langs de gehele ruimte toegepast wordt. Er moet rekening gehouden worden dat de lichtopbrengst midden in de ruimte ook aan de gestelde eisen moet voldoen. Daarom is het belangrijk dat er in het plafond ook nog verlichting toegepast wordt. Dit kan op dezelfde manier gedaan worden waarbij reflectie een belangrijk onderdeel is. Door het licht op het plafond te schijnen, waar het de ruimte in reflecteert wordt er een rustige en onopvallende verlichting gecreëerd. In de kantoren en de horeca kan echter voor een eenvoudigere manier van verlichten zorgen omdat hier iets minder rekening gehouden hoeft te worden met de sfeer en het gevoel. Gezien het ontwerp zullen er geen aanpassingen gedaan hoeven worden aan de indeling en de opzet van de plattegrond. Het aanpassen van de manier van verlichten zal dus geen invloed uitoefenen op de indeling van het gebouw.

MOGELIJKE OPLOSSING Hiernaast afgebeeld is een manier van verlichten waarbij de armaturen niet opvallen maar waarbij het licht toch voldoende de ruimte intreed. Daarnaast is dit een bouwkundig simpele oplossing voor een goed resultaat. Door gebruik te maken van de reflectie op de wanden kan de wand en een gedeelte van de vloer verlicht worden. IV.

V.

De daklichten zullen, anders dan de doorsneden en schetsen doen vermoeden, afgedekt worden zodat het niet in kan regenen en onderhevig kan zijn aan andere aspecten van het weer. Dit kan gecombineerd worden met lichtsturing zodat de invalshoek van het licht van binnenuit altijd gelijk is. Naast lichtinval kan het daglicht ook zorgen voor een opwarming van een ruimte. In de maanden dat dit optimaal is, is er echter het minste warmte nodig, namelijk de zomermaanden. Dit kan dus ook een nadeel zijn waarbij goed opgelet moet worden in het nieuwe ontwerp.

Afstudeerproject Fransen & Pooters

Daarnaast is de armatuur onzichtbaar voor de bezoekers van de desbetreffende ruimte. Spiegelend materiaal achter de verlichting zal er voor zorgen dat er meer licht in de ruimte valt en op deze manier kan de sfeer en impressie welke geschetst wordt door de architect behaald worden en zelfs beter uitgevoerd worden omdat het niet afhankelijk is van de zon en het desbetreffende weer.

Crematorium en afscheidscentrum te Holsbeek

32


4.0 ONTWERP MUTATIES

33


4.0 ONTWERP MUTATIES 4.0 Ontwerp mutaties Aan de hand van eerder gemaakte onderzoeken zal het ontwerp aangepast gaan worden. Dit zal gaan aan de hand van schetsen waarin naar een ideale vorm en indeling van de verschillende ruimtes wordt toegewerkt. Hieronder nog enkele samenvattingen van de onderzoeken waarna er wijzigingen in het ontwerp gemaakt kunnen worden.

Functioneel ruimtelijke opzet Vanuit deze analyse is gebleken dat verschillende ruimten een flinke aanpassing nodig hebben. Daarnaast is de routing en logistiek door het gebouw erg belangrijk. Men moet als het ware binnenkomen waarna alles zichzelf wijst en men deelneemt in een rondje binnen het gebouw en het pand daarna weer verlaat. Daarnaast mag het niet voorkomen dat verschillende groepen mensen elkaar tegen komen in het pand.

Akoestiek Vanuit de akoestische analyse blijkt dat de vorm van de zaal van groot belang is. De aula kan vergeleken worden met een auditorium waar gesproken wordt voor een groep mensen. Daarnaast zal er ook muziek afgespeeld worden wat ook goed moet klinken.

Rondlopen binnen het pand is van belang, omdat dit ervaren wordt als een laatste ronde en een ritueel van handelingen die elkaar opvolgen. Jeanne Dekkers, ontwerpster van Crematorium Delft omschrijft dit als volgt:

Uit onderzoek is gebleken dat er een ideale vorm is voor de ceremoniezalen welke in hoofdstuk 2.0 Akoestiek is behandeld en toegelicht. Vanuit deze vorm zal er gewerkt gaan worden omdat het noodzakelijk is dat deze ruimte een goede akoestiek heeft voor zowel spraak als muziek. Daarnaast is het gewenst dat deze ruimte ook wanneer deze halfvol zit een goede sfeer en akoestiek heeft.

“… Het ontwerp is gebaseerd op het ritueel van afscheid nemen en een daarmee nauw verbonden beweging door het gebouw. Het crematorium biedt twee aan elkaar gespiegelde onafhankelijke routes. Hierdoor kunnen twee uitvaartdiensten tegelijk plaatsvinden. … “ Bron: http://www.jeannedekkers.nl/nl/crematorium-delft.asp

Het kantoor en administratiegedeelte wat ook in het pand aanwezig is zal een nieuwe locatie toegewezen krijgen. Dit kan namelijk niet onder de grond gesitueerd worden. Dit in verband met de arbo-wet en de eisen aan minimale daglichtinval. Het pand heeft een hoge verdiepingshoogte, iets wat gewenst is in de ceremoniezalen maar in de horeca gelegenheid als overbodig wordt beschouwd. Daarom is er gekozen om het kantoor en de administratie boven de horeca te plaatsen zodat deze niet onder de grond gerealiseerd hoeft te worden.

Afstudeerproject Fransen & Pooters

Het gebruik van de juiste materialen is een belangrijk onderdeel van de akoestiek. Door goede materialen toe te passen kan de akoestiek verbeterd worden. Het is belangrijk dat er geluidsdempende materialen gebruikt worden zodat men buiten de ceremonieruimte geen overlast hebben van de geluiden welke er geproduceerd worden in de ceremoniezalen. Andersom is dit uiteraard ook niet gewenst.

Verlichting en daglichtinval Op basis van verlichting en daglichtinval zullen er weinig aanpassingen aan het ontwerp gedaan worden. In tegenstelling tot het huidige ontwerp zal er echter minder gebruik gemaakt worden van verlichten door middel van daglichtinval maar wordt er gekozen voor kunstmatige verlichting. Dit heeft als grote voordeel dat het een stabiele en constante lichtbron is. Iets wat met daglichtinval altijd afhankelijk is van de weersomstandigheden. De manier waarop er verlicht zal worden zal een rustige verlichting zijn waarbij gebruik wordt gemaakt van reflectie. Daarnaast is het belangrijk dat men zich niet kan storen aan de lichtbron en deze dus niet zichtbaar is geplaatst. Reflectie van het licht zorgt ervoor dat er, mits goed uitgevoerd, bijna overal licht kan komen zonder dat er te veel hinder wordt ondervonden van schaduw en de lichtbron.

Algemeen Logistiek en looproutes zijn erg belangrijk binnen dit project. Zoals al eerder is aangegeven is het noodzakelijk dat men goed door kan lopen binnen het gebouw en dat het onmogelijk is dat verschillende groepen elkaar kunnen passeren. Het is dus een goede oplossing om de twee ceremoniezalen gespiegeld tegenover elkaar te plaatsen. Op deze manier ontstaan er verschillende looproutes waardoor het passeren van verschillende groepen vermeden wordt. Daarnaast is het belangrijk dat het gebouw door de ogen van de beheerder en het personeel wordt bekeken. Dit houdt in dat het voor deze mensen prettig werken is en de bezoekers als het ware er door heen worden geleid zonder dat deze zelf gaan zoeken waar ze heen moeten lopen. Op deze manier creëert men de soepelste werkwijze voor zowel personeel als bezoekers.

Crematorium en afscheidscentrum te Holsbeek

34


4.0 ONTWERP MUTATIES 4.1 Opzet referentieplattegronden Na de belangrijkste punten onderzocht te hebben welke van toepassing zijn in de uitwerking van het crematorium zal er een nieuwe plattegrond ontworpen moeten worden. Hierbij moet ook gekeken worden naar hoe dit bij andere crematoriums is ingedeeld en opgebouwd. In dit hoofdstuk worden verschillende plattegronden van andere crematoriums afgebeeld en besproken. Onderdelen welke kenmerkend voor de plattegronden zijn en onderdelen welke misschien wel beter uitgevoerd zouden kunnen worden. Daarnaast zal ook de logistiek binnen het gebouw weer een grote rol spelen.

Crematorium Haarlem Hiernaast is de plattegrond van het crematorium Haarlem te zien. Dit crematorium is in het analyseboek al een keer eerder behandeld aan de hand van referentie beelden. Naast een bezoek wordt ook de plattegrond gebruikt als inspiratie en referentie voor het ontwerpen van een nieuwe plattegrond voor het huidige ontwerp. Het crematorium in Haarlem is een architectonisch hoogstaand gebouw, wat onder andere de Houtprijs gewonnen heeft. Aan de hand van de eerder gemaakte analyses wordt dit gebouw hier aan getoetst.

Functioneel ruimtelijk In het midden van het gebouw is een patio waarin de aula is geplaatst. De overige ruimtes zijn er rondom geplaatst waarbij niet elke ruimte voor de bezoekers toegankelijk is. Het kantoor, de crematieruimte (alleen toegankelijk voor naasten bij het plaatsen van de kist in de oven), en de technische ruimte zijn over het algemeen niet toegankelijk voor bezoekers.

LEGENDA 1. Entree 2. Ontvangsthal 3. Familiekamer 4. Aula 5. Omloop 6. Patio 7. Kantoor 8. Crematieruimte 9. Technische ruimte 10. Condoleance hal 11. Keuken 12. Columbarium

Akoestiek Op het gebied van geluid heeft de aula in Haarlem eigenlijk heel slechte materialen. Glas en hout zijn niet bepaald de materialen welke zorgen voor een korte nagalm. Daarnaast zijn er in deze aula geen maatregelen getroffen om sturing van het geluid te bevorderen.

Verlichting en daglichtinval Omdat in de aula bijna de gehele wand en het dak uitgevoerd zijn in glas (op de houten constructie na) is daglichtinval geen probleem. Er kan van alle kanten voldoende zonlicht toetreden in de aula om deze ruimte te verlichten. Daarnaast zal er bijvoorbeeld bij regen geluid geproduceerd worden omdat deze tegen het glas aan komt.

Logistiek Op de plattegrond hiernaast zijn de verschillende ruimtes en de volgorde waarin deze worden aangedaan aangegeven. De groene lijn staat voor de ingang en de opvang van de bezoekers. Daarna gaat men naar het blauwe, de aula. Als laatste komt men in de condoleance ruimte (rood) waar tijd en ruimte is om de familie te condoleren. Als men het pand verlaat loopt men er omheen zodat men weer bij de parkeerplaats eindigt.

Afstudeerproject Fransen & Pooters

Crematorium en afscheidscentrum te Holsbeek

35


4.0 ONTWERP MUTATIES Crematorium Heimolen - Claus en Kaan Op deze pagina is de plattegrond van crematorium Heimolen afgebeeld, ontworpen door architectenduo Claus en Kaan. Onder de plattegrond zijn enkele impressiebeelden geplaatst. Op de plattegronden is duidelijk te zien dat de ruimtes allemaal strak uitgevoerd zijn, net zoals de detaillering en de afwerking van de ruimtes. Functioneel ruimtelijk Zoals eerder aangegeven zijn de ruimtes strak en bijna allemaal vierkant. De ruimtes zijn strak naast elkaar geplaatst met soms een gang er tussen door. De verschillende ruimtes zijn ook verdeeld in twee panden op deze manier van elkaar gescheiden. Het totale pand zit wel onder ĂŠĂŠn dak.

3

Akoestiek Zoals te zien is op de afbeelding hieronder zijn er in de aula maatregelen getroffen om de akoestiek te verbeteren. Tegen de wanden aan zijn schuine vlakken geplaatst om nagalm en reflectie van geluid te voorkomen.

Verlichting en daglichtinval De gevel heeft een belangrijk aandeel in de verlichting. Dit is te zien op de impressie linksonder. De openingen in de wand zorgen voor een speelse lichtinval. Daarnaast is er ook binnen gebruik gemaakt van speelse verlichting boven kolommen en het gebruik van spots in het plafond wordt toegepast.

1

Afstudeerproject Fransen & Pooters

2

Crematorium en afscheidscentrum te Holsbeek

Logistiek Omdat de ruimtes in losse panden onder hetzelfde dak zijn geplaatst zal eerst de opvangruimte (1) en de aula (2) betreden worden waarna men terug loop richting de horeca (3). Daarna zal men weer via de ingang/uitgang het pand verlaten.

36


4.0 ONTWERP MUTATIES Uitvaartcentrum de Elzenhof – Looman Architecten bna Het uitvaartcentrum De Elzenhof in Harderwijk is een uitvaartcentrum waarbij er –in in tegenstelling tot de vorige twee ontwerpenontwerpen niet vast gehouden is aan de vierkante ruimtes. Het totaalbeeld is een half ronde cirkel waarin de verschillende ruimtes zijn geplaatst. Naast de plattegrond plattegr is hier ook een schetsimpressie van we de moeite waard om dit pand het pand geplaatst. Daarnaast is dit pand ook geen crematorium maar een uitvaartcentrum. Gezien de vorm van de aula is het wel toe te lichten. Hier zal bij akoestiek dieper op in worden gegaan. Functioneel ruimtelijk Het gebouw heeft een ronde vorm waarbij de wanden vanuit het middelpunt van de cirkel geplaatst zijn. Dit is te zien vanaf de bron in de plattegrond. Voor het gebouw langs is een stoa gerealiseerd waardoor de bezoekers uitgenodigd worden om langs het gebouw te lopen en het te betreden. De aula is een vierkant waarbij de wanden schuin uitgevoerd zijn aan de hand van het middelpunt van de cirkel. Akoestiek Door de wanden schuin uit te voeren in de aula gaat men richting het ideaalbeeld van een akoestische ruimte werken. Zoals in hoofdstuk 2.0 Akoestiek is aangetoond heeft deze vorm de beste werking als men kijken naar nagalmen, reflectie en focus van het geluid. De vorm van de ruimte aanpassen wordt over het algemeen weinig toegepast, aangezien dit grote gevolgen voor het ontwerp kan hebben. In dit ontwerp kan het echter goed toegepast worden in de beschikbare ruimte zonder grote verloren ruimtes te creëren. Deze ruimtes zijn nu namelijk niet verloren om dat deze gebruikt worden als opslag aan de linkerkant en als patio aan de rechterkant Verlichting en daglichtinval Zoals ook op de impressieschets te zien is zijn er aantal openingen in het dak waardoor licht naar binnen komt. Deze zijn zowel boven de patio als bij de wachtruimte en het rouwcentrum. Daarnaast zal er natuurlijk ook met kunstmatige verlichting gewerkt moeten worden om de minimale eisen te halen en te zorgen voor een constante verlichting. Logistiek Op basis van logistiek is dit niet een heel sterk ontwerp. Omdat men vreemde routes door het gebouw af moeten leggen en sommige in en uitgangen van ruimtes worden dubbel gebruikt. Op deze manier kan het dus voorkomen dat mensen elkaar tegenkomen tijdens de verplaatsing tussen verschillende ruimtes. Dit is iets wat je wil voorkomen.

Afstudeerproject Fransen & Pooters

Crematorium en afscheidscentrum te Holsbeek

37


4.0 ONTWERP MUTATIES Meiso no Mori Crematorium Gifu, Japan Hiernaast is de plattegrond van het crematorium Meiso no Mori te zien. Dit crematorium is gesitueerd in Japan en is een groot architectonisch gebouw. De plattegrond wordt gebruikt als inspiratie en referentie voor het ontwerpen van een nieuwe plattegrond voor het huidige ontwerp. Het crematorium Meiso no Mori is een architectonisch hoogstaand gebouw, wat veel bekendheid heeft in de wereld van architectuur. Aan de hand van de plattegrond zullen we de positieve punten in onze plattegrond verwerken. Functioneel ruimtelijk Het gebouw heeft veel grote hoge ruimtes dat in een overdekt blobvormige gesloten gebouw staat. Zo is voor elke functie ook een aparte ruimte gereserveerd. Zo is de technische ruimte alleen toegankelijk voor het personeel maar de locatie waar de lijkkist de oven ingaat is voor iedereen toegankelijk die bij de ceremonie aanwezig is. Akoestiek Op het gebied van geluid hebben de ruimte veel weerstand gekregen. Dit is gerealiseerd doormiddel van veel massa toe te passen. Alle ruimtes zijn gemaakt van beton met marmer erop bevestigt. Hierdoor is er veel massa. Tevens zijn de hoofdruimtes los van andere hoofdruimtes (installatieruimte los van de ceremoniezaal). Alle ruimtes staan in een gebouw die tevens afgesloten is met glas. Doordat de ruimtes in een ruimte staat zal het geluid van buitenaf geen rol spelen in de kleinere ruimtes. Verlichting en daglichtinval Om alle ruimtes voldoende licht te geven wordt er veel gebruik gemaakt van kunstlicht dat verwerkt is in het dak. Doordat het dak een blobvorm heeft wordt hier een speels effect gecreĂŤerd. Tevens zullen alle buitenwanden geheel van glas uitgevoerd waardoor der veel natuurlijk licht via de zijkant binnenkomt. Logistiek Op de plattegrond hiernaast zijn de verschillende ruimtes en de volgorde waarin deze worden aangedaan aangegeven. De groene lijn staat voor de ingang en de opvang van de bezoekers. Daarna gaat men naar het blauwe, de aula. Vervolgens komt men weer in een ontvangst ruimte waar de kisten de oven ingaan. Dit is openbaar voor alle bezoekers. Mocht men dit niet willen zien kan men naar de condoleance ruimte gaan. Als laatste komt men in de condoleance ruimte (rood) waar tijd en ruimte is om de familie te condoleren. Als men het pand verlaat loopt men eruit aan de zijkant van het pand.

Afstudeerproject Fransen & Pooters

Crematorium en afscheidscentrum te Holsbeek

38


4.0 ONTWERP MUTATIES Conclusie en aandachtspunten Na vier verschillende crematoriums bekeken te hebben aan de hand van hun plattegrond en indeling kunnen er een aantal conclusies conclus getrokken worden en de goede en slechte punten van de betreffende plattegrond en indeling. Vanuit deze oplossingen kan er een goede plattegrond opgezet worden voor het nieuwe ontwerp. CREMATORIUM

FUNCTIONEEL RUIMTELIJK

AKOESTIEK

DAGLICHTINVAL EN VERLICHTING

LOGISTIEK

AANDACHTSPUNTEN VOOR EIGEN PLATTEGROND INDELING

Crematorium Haarlem

Crematorium Heimolen

Uitvaarcentrum Elzenhof

Meiso no Mori Crematorium - Japan

Goed ingedeeld, geen nutteloze ruimtes zodat er optimaal gebruik wordt gemaakt van de aanwezige ruimte. Daarnaast is het deel waar de bezoekers geen toegang tot hebben goed afgesloten voor deze groep.

De ruimten in het ontwerp van Claus en Kaan zijn allen vierkant en naast elkaar ingedeeld op de plattegrond. Dit is een functionele plattegrond omdat er weinig ruimte wordt verspild.

Door de halfronde vorm van het uitvaartcentrum krijgen sommige ruimtes een wat aparte vorm wat voor moeilijkheden kan zorgen met betrekking tot inrichting.

De blobvorm van het gebouw zorgt voor een vloeiend dak en een plattegrond met veel ronde vormen. De ruimtes binnen het pand zijn daarentegen weer rechthoekig van vorm wat voor een goede verdeelbaarheid van de ruimtes zorgt.

Qua materialen niet de ideale aula, aangezien glas nagalmt en geen dempende werking heeft voor het geluid. Dit wordt opgelost door een goede geluidsinstallatie.

Om de akoestiek in de aula te verbeteren is er in het ontwerp gekozen om een soort “geluidsverbeterende schil” in de ruimte te plaatsen waardoor het geluid beter wordt getransporteerd.

Akoestisch gezien heeft de aula in dit ontwerp een ideale vorm. Deze voorkomt nagalm en reflectie en zorgt tevens voor een goede verspreiding van het geluid.

De aula is in dit crematorium vierkant uitgevoerd wat niet ideaal is voor het geluid. Daarnaast zijn de wanden afgewerkt met harde materialen wat de nagalm versterkt. Dit kan door middel van een goede geluidsinstallatie grotendeels worden voorkomen.

Door het gebruik van glas in de aula veel daglichttoetreding in deze ruimte. In de overige ruimten van het gebouw wordt voornamelijk gebruik gemaakt van daklichten om deze van voldoende daglicht te kunnen voorzien.

De gevel bezit gevelopeningen waardoor licht naar binnen komt. Dit is echter niet voor de verlichting maar meer voor de sfeer en de impressie. Verlichten wordt voornamelijk kunstmatig gedaan op subtiele en onopvallende manieren.

Naast verscheidene daklichten zal er in dit ontwerp ook kunstmatige verlichting toegepast moeten worden omdat de zon een onstabiele lichtfactor is.

De buitenwanden zijn grotendeels in glas uitgevoerd waardoor licht naar binnen kan treden. Overig benodigde verlichting wordt kunstmatige verzorgt.

In Haarlem is goed nagedacht over de logistiek zodat de mensen eigenlijk maar één route door het gebouw kunnen lopen. Op deze manier gaan mensen niet zelf door het gebouw lopen om de betreffende ruimte te zoeken waarbij de mogelijkheid ontstaat dat verschillende bezoekersgroepen elkaar tegenkomen.

Logistiek zit het ontwerp sterk in elkaar omdat de verschillende ruimtes onder hetzelfde dak zijn geplaatst maar wel een eigen pand hebben. De kans dat mensen elkaar tegen kunnen komen is alleen bij de ingang aanwezig.

Het ontwerp van uitvaartcentrum Elzenhof is logistiek niet zo sterk omdat er een aantal punten zijn welke zowel bij entree als verlaten gepasseerd moeten worden en daarnaast niet erg ruim zijn. Dit kan voor problemen in de routing zorgen.

In dit pand loopt men een rondje langs de verschillende ruimtes waarna men het gebouw weer verlaat. Deze ronde door het gebouw is de ideale manier om de bezoekers door het gebouw te leiden.

Er moet voor gezorgd worden dat de onderdelen welke alleen voor medewerkers en personeel toegankelijk zijn niet direct naast de ruimtes welke voor bezoekers bedoeld zijn gelegen.

De aula kan door middel van geluidsbevorderende materialen tegen de wand uitgevoerd worden in een vierkante vorm zodat lastige plattegronden en hoeken kunnen worden vermeden.

Een akoestisch ideale vorm kan gecreëerd worden, maar het is belangrijk dat de vorm van dit gebouw dit toelaat zonder dat er gecompliceerde plattegronden gemaakt worden.

De ronde door het gebouw is de ideale manier om de bezoekers door het gebouw te laten lopen. Op deze manier werken ze een route af waarbij alle onderdelen van de ceremonie aan bod komen.

Afstudeerproject Fransen & Pooters

Crematorium en afscheidscentrum te Holsbeek

39


4.0 ONTWERP MUTATIES 4.2 Nieuwe opzet plattegrond Na verschillende plattegronden van andere crematoriums onderzocht te hebben en bekeken hoe deze de problemen welke men tegenkomt proberen op te lossen is er een nieuwe plattegrond ontwikkeld om vanuit daaruit verder te kunnen werken. Op deze pagina zijn de plattegronden van de verschillende verdiepingen afgebeeld om zo toelichting te kunnen geven op de indeling van de plattegrond. Op deze pagina wordt de -1 verdieping nog niet toegelicht omdat deze geen grote wijzigingen heeft ondervonden. BEGANE GROND – NIVEAU 0

LEGENDA : BEGANE GROND – NIVEAU 0

LEGENDA : EERSTE VERDIEPING – NIVEAU 1

CEREMONIEZAAL

ARCHIEF KANTOREN

FAMILIEKAMER CONDOLEANCE RUIMTE

EERSTE VERDIEPING – NIVEAU 1

SHOWROOM

KEUKEN

KANTINE

TOILETTEN

TOILETTEN

KERNEN

VERGADERRUIMTE

VERPLAATSINGSRUIMTE

KERNEN

INSTALLATIERUIMTE

MUZIEKKAMER

Afstudeerproject Fransen & Pooters

Crematorium en afscheidscentrum te Holsbeek

40


4.0 ONTWERP MUTATIES Op deze pagina is de kelder van het gebouw te zien. In deze kelder zijn de installaties geplaatst en dit is de ruimte waar alleen het personeel toegang tot heeft. Op de plattegrond hiernaast is te zien dat niveau -1 bestaat uit een installatie en crematie ruimte en een lange gang welke onder het hele gebouw doorloopt. Hier komen de kernen en de liften voor de kisten in uit. Vanuit de gang worden deze naar de crematie ovens gereden zodat er gecremeerd kan worden. Naast het fragment uit de plattegrond een korte beschrijving welke functies in welke ruimte te vinden zijn.

1

LEGENDA NIVEAU -1

8

3

4

5

1

INRIT TEN BEHOEVE VAN DE LIJKWAGENS

2

PARKEERPLAATS T.B.V. DE LIJKWAGENS

3

OPBARINGSRUIMTE

4

KOELCEL

5

ASVERWERKINGRUIMTE

6

CREMATIE EN INSTALLATIERUIMTE

7

TOILETTEN

8

OPSLAG

6 8

2 3

3

Afstudeerproject Fransen & Pooters

7

Crematorium en afscheidscentrum te Holsbeek

41


4.0 ONTWERP MUTATIES Belangrijke punten In de plattegrond zitten verschillende oplossingen welke voor een goede doorstroom en logistiek moeten zorgen. Daarnaast zijn er een aantal onderdelen waarbij oplossingen zijn bedacht voor een goede plattegrond waarbij geen ruimte wordt verspild. Hieronder zullen een aantal van deze ruimtes met de oplossingen worden besproken.

Hieronder is een fragment van de plattegrond te zien. Zichtbaar is de ceremoniezaal met de aanliggende familiekamer en kern. Aan de andere zijde van het gebouw bevindt zich gespiegeld nog een ceremoniezaal met familiekamer. Deze ceremoniezaal is echter kleiner uitgevoerd voor kleinere uitvaarten. Een aantal onderdelen krijgen een extra toelichting:

1

2

3

4

5

De grote ceremoniezaal is opgedeeld in een gedeelte voor de naaste familie, aan weerszijden van de kist, en een sta en zit gedeelte voor bezoekers.

GANG

1

4

(grote) CEREMONIEZAAL

KERN

De doorloop voor de familiekamer is er voor bedoeld dat het rustig kan blijven in de familiekamer en waarin men de kern kan betreden. In de familiekamer wordt de naaste familie opgevangen voordat de ceremonie begint. Deze familieleden worden apart van de bezoekers opgevangen om te voorkomen dat mensen vroegtijdig beginnen met het condoleren van de familie. Langs de wanden zijn dempende geluidsmaterialen geplaatst welke in een hoekige vorm bevestigd worden op de wand zodat deze meer raakvlak hebben en het geluid optimaal kunnen dempen en sturen. Dit sturen gaan door middel van de reflectie welke in de goede richting wordt bevorderd door de schuinte van het materiaal.

2 ZITPLAATSEN FAMILIE

GANG

5 STAANPLAATSEN BEZOEKERS

ZITPLAATSEN BEZOEKERS LIFT t.b.v. KIST

3

FAMILIEKAMER

ZITPLAATSEN FAMILIE

De kist wordt met een plateau naar beneden vervoerd waarna deze naar de crematieovens gebracht wordt. Om de kist heen is ruimte gereserveerd zodat men niet te dicht op de kist bloemen plaatst welke dan ook naar beneden vervoerd worden.

Afstudeerproject Fransen & Pooters

DOORLOOP

Crematorium en afscheidscentrum te Holsbeek

42


4.0 ONTWERP MUTATIES Belangrijke punten In de plattegrond zitten verschillende oplossingen welke voor een goede doorstroom en logistiek moeten zorgen. Daarnaast zijn er een aantal onderdelen waarbij oplossingen zijn bedacht voor een goede plattegrond waarbij geen ruimte wordt verspild. Hieronder zullen een aantal van deze ruimtes met de oplossingen worden besproken.

Hieronder is een fragment van de plattegrond te zien. Zichtbaar zijn de toiletten en de kern (waarvan er zich vier in het gebouw bevinden). Deze ruimtes liggen naast de horecagelegenheid en de gang en zijn van beide kanten bereikbaar. Een aantal onderdelen krijgen een extra toelichting:

1

Deze ruimte voor de toiletten is gecreëerd om er voor te zorgen dat als men vanuit de condoleance ruimte de deur richting de toiletten opent dat men direct in de toiletten kijkt. Daarnaast wordt het aantal deuren in de condoleance ruimte minder, omdat er nu maar één deur nodig is voor het betreden van de toiletten.

2

De kernen die in het gebouw gesitueerd zijn, zijn alle vier hetzelfde uitgevoerd. Enkele zijn gespiegeld maar de lift en de trap zitten altijd naast elkaar op dezelfde plek. Op deze manier komt er stijfheid in de constructie en zijn er een aantal vaste punten

GANG

MIVA TOILET

KERN

2 HEREN TOILET

DAMES TOILET

OPSLAG

1

CONDOLEANCE RUIMTE EN HORECA

Afstudeerproject Fransen & Pooters

Crematorium en afscheidscentrum te Holsbeek

43


4.3 Logistiek De logistieke route door het gebouw is te verdelen in twee verschillende routes, gerelateerd aan de twee verschillende ceremoniezalen. De twee verschillende routes zullen worden afgebeeld waarbij zal worden aangegeven hoe het verloop van de route zal zijn er waar zal plaatsvinden. Daarnaast wordt er ook onderscheid gemaakt tussen de route van de naaste familie en de bezoekers. Hieronder eerst de logistieke route voor de bezoekers van de grote ceremoniezaal.

LEGENDA

4.0 ONTWERP MUTATIES ALGEMENE ROUTE ROUTE VOOR NAASTE FAMILIE ROUTE VOOR BEZOEKERS

INGANG

ROUTE RONDOM HET GEBOUW

GANG / KAPSTOK

TOILETTEN

KEUKEN

(grote) CEREMONIEZAAL

FAMILIEKAMER

CONDOLEANCE RUIMTE / HORECA DEEL

Afstudeerproject Fransen & Pooters

Crematorium en afscheidscentrum te Holsbeek

44


De logistieke route door het gebouw is te verdelen in twee verschillende routes, gerelateerd aan de twee verschillende ceremoniezalen. De twee verschillende routes zullen worden afgebeeld waarbij zal worden aangegeven hoe het verloop van de route zal zijn er waar zal plaatsvinden. Daarnaast wordt er ook onderscheid gemaakt tussen de route van de naaste familie en de bezoekers. Hieronder de logistieke route voor de bezoekers van de kleine ceremoniezaal.

LEGENDA

4.0 ONTWERP MUTATIES ALGEMENE ROUTE ROUTE VOOR NAASTE FAMILIE ROUTE VOOR BEZOEKERS

INGANG

ROUTE RONDOM HET GEBOUW

GANG / KAPSTOK

(kleine) CEREMONIEZAAL TOILETTEN

KEUKEN

FAMILIEKAMER CONDOLEANCE RUIMTE / HORECA DEEL

Afstudeerproject Fransen & Pooters

Crematorium en afscheidscentrum te Holsbeek

45


4.0 ONTWERP MUTATIES 4.4 Conclusie Door verschillende problemen op te lossen waar tegen aan gelopen werd in het huidige ontwerp is er uiteindelijk een nieuwe indeling van de plattegrond uitgekomen waar vanuit verder gewerkt kan worden naar een technische uitwerking van het gebouw. De problemen waar tegenaan gelopen werd in het huidige ontwerp zijn de volgende, waarna er voor de verschillende problemen ook de toegepaste oplossing wordt verklaard: Ruimtelijk functioneel Het meest ideaal is de ruimtelijke verdeling als de ruimtes direct naast elkaar liggen zodat het logistiek ook ideaal uitkomt. Daarnaast moet rekening worden gehouden met ruimtes welke wel en niet voor bezoekers dan wel werknemers bereikbaar zijn. Dit is eerder toegelicht in een relatieschema tussen de verschillende ruimtes. Hieronder is dit schema nogmaals weergegeven:

In de plattegrond zal er dus rekening mee gehouden moeten worden dat de mensen zich gemakkelijk door het gebouw laten leiden en dat er geen onnodige en onlogische ruimtes gecreĂŤerd worden. Achter alle verschillende ruimtes moet een goede gedachte zitten zodat de plattegrond sterk in elkaar steekt. Akoestiek Om een akoestisch ideale ruimte te maken zal er gebruik gemaakt van geluidsbevorderende panelen aan de wand. Als men de ruimte ideaal qua vorm wil maken ontstaan er onlogische en vooral overbodige en loze ruimtes waardoor de plattegrond gevuld wordt met onnodige hoeken en ruimtes. Door langs de wand panelen met bevorderende eigenschappen en materialen te plaatsen kan het geluid zowel beter verspreid worden als gedempt worden achter in de ruimte. Hieronder is een afbeelding geplaatst van de voorzetwand welke in de ceremoniezalen worden geplaatst. Met blauw en rood zijn de verschillende kleuren aangegeven welke staan voor verschillende soorten materialen met hun eigen functie.

SHOWROOM

KANTOOR

De met blauw aangegeven delen zullen er voor zorgen dat het geluid wat geproduceerd wordt door de spreker op een goede manier de ruimte in wordt gereflecteerd zodat de spreker goed verstaanbaar zal zijn. Deze delen zullen dus van een geluidsreflecterend materiaal moeten zijn, dit houd in dat het harde en gladde materialen moeten zijn.

TOILETTEN

ARCHIEF

TOILETTEN

PARKEER PLAATS

ENTREE

ONTVANGST BEZOEKERS

CEREMONIE ZAAL

HORECA

FAMILIE KAMER KEUKEN TECHNISCHE RUIMTE

TOILETTEN

ONTVANGST BEZOEKERS

CEREMONIE ZAAL

HORECA

FAMILIE KAMER

De overige rode delen van de voorzetwand zullen geluidsdempend moeten zijn zodat het geluid niet in de ruimte rond blijft kaatsen. Op deze manier wordt vervelende nagalm en echo voorkomen. Deze materialen moeten een goed absorberende werking hebben en het liefst een zo groot mogelijk oppervlak. Denk hierbij aan geperforeerde platen waarachter steenwol geplaatst is.

Daglichtinval en verlichting Op basis van verlichting en daglichtinval zal er in de ceremoniezalen en de horeca gelegenheid gebruik gemaakt worden van kunstmatige verlichting. In deze ruimtes zijn bovendien geen eisen voor daglichtinval en met oog op de privacy is het gewenst dat er geen mensen naar binnen kunnen kijken of als er mensen langs lopen. Zeker in de ceremoniezaal is dit een kwalijke zaak. Daarentegen kan er bij de kantoren wel ramen geplaatst worden voor daglichtinval omdat het onmogelijk is voor de bezoekers om hier te komen dan wel van buitenaf naar binnen te kunnen kijken. Daarnaast zal er gebruik gemaakt gaan worden van verscheidene daklichten welke onder andere voor lichtinval in de kantoren en in de technische ruimte moeten zorgen.

Logistiek Zoals eerder behandeld is het ideaal als de bezoekers een ronde door het gebouw maken waarna zij het gebouw weer verlaten via dezelfde weg als dat zij deze binnen gekomen zijn. In hoofdstuk 4.3 Logistiek zijn de routes voor zowel de nabestaanden als de bezoekers bij een ceremonie toegelicht. Er wordt onderscheid gemaakt tussen de routes voor nabestaanden en bezoekers om te voorkomen dat men elkaar vroegtijdig gaat condoleren en zo voor een onrustige inloop bij de ceremonie zorgt. Dit is vooral voor de nabestaanden erg belangrijk.

TOILETTEN

Afstudeerproject Fransen & Pooters

Crematorium en afscheidscentrum te Holsbeek

46


5.0 INSTALLATIES

47


5.0 INSTALLATIES 5.0 Installaties In het gebouw zullen 3 soorten installaties geplaatst worden. Dit zijn de crematorium installatie, de standaard installaties zoals electra leidingen etc. en de mechanische ventilatie. In het analyse boek is duidelijk gemaakt wat voor installaties er nodig zijn voor het cremeren van een lichaam en welke installaties er verder nog meer nodig voor zijn. Verder zal in het gebouw de standaard installatie geplaatst worden. Denk hierbij aan de schakelaars, lampen, wandcontactdozen etc. Dit is echter allemaal te bezichtigen op de plattegrond tekeningen. 5.1 Verwarming In dit hoofdstuk zal er de nadruk gelegd worden op het verwarmen van het crematorium. Bij het verwarmen van de zalen zal de warmte van de ovens gebruikt worden. Dit zal als volgt gebeuren. De ovens produceren een warmte tot maximaal 1100 graden. Voordat de rook naar buiten gelaten mag worden moet het terug gekoeld worden tot 100 graden. Bij de verkoeling zal de warmte uit de ovens gehaald worden doormiddel van koel water erlangs te laten circuleren waardoor het water de warmte pakt van de rook. Het warme water wordt naar de warm water boiler geleid waar het opgeslagen wordt. De boiler zal aangeschakeld zijn de Lage Temperatuur Verwarming (LTV). De LTV is verwerkt in het gehele gebouw in de dekvloeren van elke verdieping. Doordat er warm water van circa 25 a 30 graden door de leidingen de gehele dag heen stroomt warmt het pand geleidelijk op maar blijft het ook veel langer op een behaaglijke temperatuur. Doordat er in het muurpakket een wand staat van 300 mm beton zal de ruimte beter warm blijven. Men kan dit vergelijken met een kerk. Winters duurt het lang voordat een kerk is opgewarmd, maar wanneer de wanden/vloeren op temperatuur zijn al dit een lange tijd zo blijven. Omdat het gehele pand gebruik maakt van LTV en dit voor opening aangeschakeld kan worden is het bij opening goed voorverwarmd in de periodes dat dit nodig is. Het grootste voordeel van dit systeem is dat het pand geen kosten maakt aan verwarming omdat alle warmte van de ovens opgeslagen wordt en/of meteen gebruikt wordt. Bij overtollige warmte in de boiler is er nog de optie om het naar de warmte centrale van de gemeente te sturen die het voor een goedkoop prijsje kunnen kopen.

OVEN

In de oven zal een maximale temperatuur bereikt worden van 1100 graden. De rook zal afgekoeld moeten worden naar 100 graden voordat deze naar buiten mag. De warmte die vrij komt bij het afkoelen zal opgeslagen worden in de warmwaterboiler.

Afstudeerproject Fransen & Pooters

BOILER

Bij het activeren van de LTV zal het warme water uit de warmwaterboiler gehaald worden.

LAGE TEMPERATUURS VERWARMING

Het LTV zal uiteindelijk in de vloeren verwerkt worden waardoor het gehele gebouw geleidelijk aan tot een behaaglijke temperatuur verwarmd wordt. Deze toepassing zal niks kosten omdat er meer warmte vrij komt van de ovens dan dat er in de LTV gaat.

Verder zullen de ruimtes in de warme periodes van het jaar gekoeld moeten worden. Hier zijn verschillende systemen voor. Denk hierbij aan airconditioning of mechanische verwarming met een koeling/verwarming systeem. Omdat de ruimtes al verwarmt kunnen worden door de LTV in de periodes dat het nodig is zal er in de ruimtes alleen gekoeld moeten worden. Echter is hier gekozen om dit te koppelen aan een mechanische ventilatie met een koelingfunctie erin. Op deze manier kan er voor gekozen worden om te koelen en te ventileren of alleen te ventileren. Omdat de ruimtes geen ramen heeft is het van noodzaak dat er voldoende verse lucht binnen komt en voldoende vuile lucht afgezogen wordt. In de aula’s, horeca en kantoor zal er van de buitenzijdes verse lucht toegevoegd worden aan de ruimte waardoor er een circulatie ontstaat zodat alle vuile lucht naar het midden geleid wordt waar het vervolgens in het midden omhoog zal stijgen waar het afgezogen wordt(zie afbeelding) 5.2 Ventilatie Om te bepalen wat voor mechanische ventilatiesysteem met koeling het gebouw nodig heeft hebben we de werkwijze gebruikt van de indicatieve bepalingsmethode. Hierbij is belangrijk dat men weet wat er in het gebouw komt en dan is vanuit verschillende tabellen te bepalen wat voor types ventilatie men nodig heeft. Hieruit is gebleken dat met moet kijken bij de functie aula. Dit met name dat men daar het grootste deel van de tijd doorbrengt. Bij aula hoort de ruimtetypering G. Bij ruimtetypering G wordt in tabel typering klimaatregelsystemen aangeduid op type acht en zes In de tabel op de volgende pagina wordt aangegeven wat er van deze specifieke ruimte wordt verwacht.

Crematorium en afscheidscentrum te Holsbeek

48


5.0 INSTALLATIES

Uit de indicatie is naar voren gebracht dat in het pand een volledig lucht systeem gebruikt moet worden wat toegepast wordt op het mechanisch ventileren en luchtkoeling en verwarmen dat gecombineerd wordt met vloerverwarming. Voor de vloerverwarming hebben we LTV toegepast dat hier uitstekend bij past. Om te bepalen welk type luchtsysteem men in het pand toe moet passen is er eerst gekeken naar de specifieke verwarmingsvermogen dat de installatie moet hebben.

Afstudeerproject Fransen & Pooters

Crematorium en afscheidscentrum te Holsbeek

49


5.0 INSTALLATIES

Nadat het vermogen bepaalt is ook te achterhalen in bovenstaande tabel wat voor systeem men nodig heeft. Hieruit is uitgekomen doormiddel van de indicatie methode dat men een Varable Air Volume (VAV) nodig heeft dat ondersteunt wordt met een plafond koeling. Echter is de plafond koeling te combineren met het VAV systeem. Het VAV systeem is een lucht geregeld systeem dat is toe te passen als de belastingsverschillen tussen de ruimten klein zijn en de minimale koel behoeft niet minder is dan 1/3 van de maximale koel behoeft. Het regelbereik is mede afhankelijk van het type toevoerrooster.

Koude geventileerde lucht in de ruimte geblazen Koele lucht opgewarmd door LTV Warme lucht afgezogen uit de ruimte

Hiernaast is schematisch de werking van het VAV systeem weergegeven wat toegepast gaat worden in het gehele gebouw.

Afstudeerproject Fransen & Pooters

Crematorium en afscheidscentrum te Holsbeek

50


5.0 INSTALLATIES In de onderstaande tekeningen staat duidelijk aangegeven hoe het ventilatiesysteem in elkaar zit en hoe het verloopt. Op het dak zitten 4 luchtkasten die elke gedeelte van het gebouw van ventilatie voorziet. Om op elke verdieping een goeie ventilatie te geven is er een schacht naar beneden getrokken dat op elke verdieping een aftakking heeft voor die toevoer van lucht en afvoer van lucht. Voor toevoer van de lucht is het in de aula’s, horeca en kantoor vanaf de zijkant voorzien met in het midden de afvoer van de lucht. In de andere ruimtes is de toevoer vanaf één kant van de muur voorzien met de afvoer aan de andere kant van de ruimte. Door op deze manier de ventilatie te situeren is er een vloeiende stroming van de lucht waardoor de gehele ruimte ten tijde van het in gebruik staan van de mechanische ventilatie voorzien van schone lucht.

Volledig luchtsysteem kast Toevoer mechanische lucht Afvoer mechanische lucht

VENTILATIEPLAN DAK VENTILATIEPLAN EERSTE VERDIEPING - KANTOOR

Afstudeerproject Fransen & Pooters

Crematorium en afscheidscentrum te Holsbeek

51


5.0 INSTALLATIES

Volledig luchtsysteem kast

VENTILATIEPLAN BEGANE GROND

Toevoer mechanische lucht Afvoer mechanische lucht

VENTILATIEPLAN INSTALLATIERUIMTE EN KELDER

Afstudeerproject Fransen & Pooters

Crematorium en afscheidscentrum te Holsbeek

52


6.0 BRANDVEILIGHEID

53


6.0 BRANDVEILIGHEID 6.0 Brandveiligheid Brandveiligheid van het gebouw is door meerdere onderdelen geregeld. De voornamelijkste reden is de constructie. Voor de constructie is grotendeels beton gebruik. Beton heeft meerdere functies in ons ontwerp. Het beton is de draagstructuur van het gebouw, de brandcompartimenten en zorgt voor de brandwerendheid van het gebouw. De laatste twee punten heeft te maken met dat beton niet brandt en is in hoge mate tegen brand bestand. Dat is wel algemeen bekend, maar we zijn ons niet altijd daarvan bewust. Betonconstructies bieden in het geval van een brand bescherming aan personen, eigendom en milieu. Mits goed ontworpen en uitgevoerd zijn betonconstructies zelfs tegen de meest extreme brandsituaties bestand. Ongeacht of het gaat om woningen, opslagloodsen of tunnels. Een betonconstructie vormt een effectief brandschild en maakt het blussen van een brand eenvoudiger doordat de constructie langere tijd stand houdt. Daarnaast stopt ze de brandverspreiding door de scheiding in compartimenten en verkleint zo de brandschade en het risico op milieuverontreiniging. Dit komt door enkele natuurlijke betoneigenschappen: I. II. III. IV. V. VI.

Beton brandt niet en verhoogt de vuurbelasting niet; Beton heeft een hoge brandweerstand; Beton laat geen gesmolten materiaal druppelen dat vuur kan verspreiden; Beton produceert geen rook of toxische gassen; Beton is een (hitte)isolerend materiaal; Beton beschermt meegestorte materialen tegen brand.

Beton onderscheidt zich positief ten opzichte van andere materialen, zowel wat betreft de reactie bij brand als de brandweerstand.

De eigenschappen van een bouwmateriaal zijn van invloed op het ontstaan en de ontwikkeling van een brand. Hierbij wordt gekeken naar de calorische potentiaal, onbrandbaarheid, ontvlambaarheid, vlamuitbreiding op het oppervlak van het materiaal en eventueel naar andere eigenschappen, zoals rookvorming en productie van giftige gassen. Brandweerstand heeft betrekking op constructie elementen en geeft aan hoe deze in staat zijn bij brand hun functies te behouden. Dit is van belang bij een brand in volle intensiteit. Beton kan niet in brand worden gestoken. Beton stoot ook geen rook of (giftige) gassen uit, wanneer het door brand wordt aangetast. Beton laat, in tegenstelling tot sommige plastics en metalen, geen gesmolten materiaal weg druppelen, dat tot ontvlammen zou kunnen leiden. Beton draagt daarom niet bij aan het uitbreken en verspreiden van brand of het vergroten van de vuurbelasting.

Beton is een beschermend materiaal, het heeft namelijk een hoge brandweerstandsgraad. Als het goed is ontworpen is het zelfs in de meeste toepassingen brandbestand. De betonmassa zorgt voor een grote warmteopslagcapaciteit, terwijl de poreuze structuur leidt tot een relatief lage opwarmingssnelheid. Dankzij deze eigenschappen kan beton dienst doen als vuurschild. In de brandproef conform de standaard ISO 834 werden drie zijden van betonbalken van 160 x 300mm een uur lang aan vuur blootgesteld. Op 16mm van het oppervlak bedroeg de temperatuur van het beton 600°C, 600 terwijl op 42mm van het oppervlak nog maar 300°C 300 (de helft!) werd gemeten. Ofwel een temperatuurdaling van 300°C in slechts 26mm beton!. Deze proef toonde de relatief lage opwarmingssnelheid van beton. De binnenste zones bleven goed beschermd en zelfs na een lange periode was de inwendige temperatuur van beton relatief laag. Conclusie: beton behoudt haar constructieve capaciteit en is een perfect materiaal voor scheidingselementen.

Doelstelling

Vereiste

Gebruik van beton

1. Ontwikkeling van een brand afremmen

Wanden, vloeren en plafonds moeten van een onbrandbaar materiaal zijn gemaakt

Beton als materiaal is inert en onbrandbaar (klasse A1)

2. Stabiliteit van de belastingdragende elementen over een gespecificeerde periode waarborgen

Elementen moeten vervaardigd zijn van onbrandbaar materiaal en moeten een grote brandweerstand bezitten

Beton is onbrandbaar en door zijn lage warmtegeleiding houdt zijn constructieve sterkte bij een doorsnee brand grotendeels stand

3. Ontwikkeling en verspreiding van brand en rook beperken

Brandscheidingswanden en -vloeren moeten onbrandbaar zijn en een grote brandweerstand hebben

Op maat ontworpen aansluitingen in beton verminderen de kwetsbaarheid voor brand. En maken daarbij volop gebruik van de constructieve continuïteit

4. Evacuatie van bezoekers vergemakkelijken en veiligheid van reddingsteams waarborgen

Ontsnappingsroutes moeten van onbrandbaar materiaal zijn vervaardigd en een grote brandweerstand hebben, zodat ze zonder gevaar gedurende langere periode kunnen worden gebruikt

Betonnen stabiliteitskernen zijn uiterst sterk en kunnen zeer hoge niveaus van brandweerstand bieden. Bouwmethodes met glijbekisting of klimbekisting zijn bijzonder effectief

5. Interventie van reddingsploegen (brandweerlieden) vergemakkelijken

Belastingdragende elementen moeten een grote brandweerstand hebben om effectieve brandbestrijding mogelijk te maken; er mogen geen brandende druppels zijn

Belastingdragende betonelementen behouden hun integriteit langdurig en beton produceert geen gesmolten materiaal

In de Europese normen staan alle bouwmaterialen gerangschikt volgens hun brandgedrag en brandweerstand. Deze rangschikking bepaalt of een materiaal kan worden gebruikt met of zonder bijkomende brandbescherming. Op basis van de Europese Bouwproductenrichtlijn zijn de materialen naar brandgedrag in zeven klassen ondergebracht (A1, A2, B, C, D, E en F.) De hoogst mogelijke classificatie is A1 (onbrandbare materialen). De Europese Commissie heeft een bindende lijst van goedgekeurde materialen gepubliceerd. Hierop staan ook de verschillende types beton en de minerale bestanddelen ervan, zoals zand en grind. Beton valt in klasse A1, omdat de minerale bestanddelen effectief onbrandbaar zijn (niet ontvlammen bij de temperaturen die normaal gesproken optreden bij brand).

Afstudeerproject Fransen & Pooters

Bij een dikte van 300 mm beton kan men er vanuit gaan dat men aan de betonnen wanden geen brandwerende afwerkingslaag hoeft aan te brengen in verband met dat het beton al vuurbestendig genoeg is. Tevens heeft een muurdikte van 300 mm een brandwerendheid van 120 minuten. Echter in de praktijk zal dit veel hoger uitkomen. Voor de vloeren van 400 mm dik geld hetzelfde. Omdat het gebouw bestaat uit een gehele betonen casco is hiermee de brandveiligheid gehele geregeld.

Crematorium en afscheidscentrum te Holsbeek

54


6.0 BRANDVEILIGHEID 6.1 Brandwerendheid constructie Ter bescherming van het isolatie dat achter het houten regelwerk zit gebruiken we een firet doek. Firet doek heeft meerdere functies. De functies die een firet doek heeft zijn vlamdovend, waterkerend, dampdoorlatend en akoestisch doek. Tevens is wordt meteen de ruwe achtergrond van de materialen afgeschermd dat anders zichtbaar is door het regelwerk heen.

Firetdoek

Brandwerendheid door betonnen constructie

6.2 Brandhaspels Omdat de brandcompartimenten binnen de grensen zijn van een brandcompartiment maar op bepaalde delen net buiten de grensen van de brandbestrijding is het verplicht om brandhaspels toe te passen In bepaalde ruimtes. Een brandhaspel heeft een slang van 25 meter en een bereik van 25 meter. Dit betekent dat het een totale bereik heeft van 50 meter. In de installatieruimte, horeca en kantoor is om de 50 meter een brandhaspel nodig. Doordat dit toegepast is, is het toegestaan om de brandcompartimenten te behouden zoals ze nu zijn.

6.3 Brandcompartimentering Het gebouw moet volgens het bouwbesluit in meerdere brandcompartimenten verdeeld worden. Dit heeft te maken met de vluchtmogelijkheid, het zo min mogelijk verspreiden van brand en rook en voor bestrijding van de brand. Zo is er per verdieping een verdeling gemaakt voor de brandcompartimenten. In de onderstaande tekening is duidelijk te zien hoe de verdieping op min één verdeeld is in brandcompartimenten. De brandcompartimenten zijn ontstaan doormiddel van ontwerp en indeling samen te ontwerpen. Hierdoor krijgt men een ideale situatie voor brandcompartimentering omdat de constructieve wanden en vloeren meteen de scheidingen zijn van de brandcompartimenten en vluchtroutes. Zo zit er tussen elke brandscheidende wand een brandwerende deur van 90 minuten om zo de verspreiding van brand geheel onder controle te houden.

1 2 3 4

Richting vluchtwegen

1 4

Afstudeerproject Fransen & Pooters

1

3

Ruimtenummer

1

Oppervlakte brandcompartiment 24 m² 923 m² 734 m² 880 m²

1

2

Crematorium en afscheidscentrum te Holsbeek

55


6.0 BRANDVEILIGHEID Op de begane grond is de compartimentering/vluchtroute van de kernen doorgezet. In ruimte twee is de brandcompartimentering doorgezet d naar boven. Dit is de installatie ruimte van niveau -1 1 en heeft voor de installaties een vrije hoogte nodig. Op de begane grond zijn tevens de andere functies in aparte gebouwen gebo gezet. Dit is niet gedaan vanwege het creëren van vier brandcompartimenten maar vanwege de visie van de architect. Omdat er voor gekozen is de gehele constructie in beton uit te laten voeren ontstaan er vier aparte brandcompartimenten. Dit is de ideale functie die er bestaat. Namelijk dat de vier functies in het gebouw geheel van elkaar zijn z gescheiden en ieder hun eigen brandcompartiment heeft en zo hun eigen vluchtroutes. De brandcompartimenten op de begane grond zetten zich o de eerste verdieping naar boven omdat o daar de situatie precies hetzelfde is. Voor de brandcompartimentering van de gang op de begane grond is er een speciale uitzondering gemaakt. Het brandcompartiment heeft een oppervlakte van 1320 m². Echter omdat het gebouw een brandwerendheid heeft van rond de 120 min en een hoogte van 7,5 meter is het toegestaan om een ruime gang als brandcompartiment te zien. Wanneer er namelijk brand bevindt in één van de ruimtes zal het twee uur duren voordat de rook/brand zich er mogelijk doorheen heeft bevonden en in die tijd is het pan al geruime tijd ontruimd, misschien zelfs mogelijk is de brand al geblust. Mocht de rook zich toch in de gang begeven dan gaat de rook meteen naar boven bove waardoor de vluchtroute nog steeds duidelijk zichtbaar is.

Ruimtenummers

1 2 3 4 5

Tevens heeft elke ruimte die er is in het gebouw twee vluchtroutes. Dit is namelijk ook één van de eisen uit het bouwbesluit. Doordat het 4 aparte gebouwen zijn is het niet zo dat de personen in één van de functies een lange vluchtroute heeft. Hierdoor zit het gebouw qua vluchtwegen, brandveiligheid, brandoverslag, brando en brandbestendigheid geheel in orde en voldoet het aan de wettelijke eisen van het bouwbesluit.

1

1

2

2

Afstudeerproject Fransen & Pooters

4

1 3

24 m² 591 m² 520 m² 1340 m² 730 m² Richting vluchtwegen

1

1

3

1

Oppervlakte brandcompartiment

5

1

1 4

Crematorium en afscheidscentrum te Holsbeek

5

56


7.0 MATERIALISATIE

57


7.0 MATERIALISATIE 7.0 Materialisatie De verschillende materialen die in het gebouw gebruikt worden, zullen in dit hoofdstuk besproken worden. Dit zal gebeuren aan de hand van de verschillende ruimtes welke in het pand aanwezig zijn. De volgende ruimtes zullen worden besproken: 7.1 7.2 7.3 7.4

Buitenkant gebouw Ceremoniezalen Familiekamers Horeca

7.5 Gang 7.6 Kantoor 7.7 Kelder

Aan de hand van schetsen en omschrijvingen worden de toegepaste materialen beschreven en toegelicht.

7.1 Buitenkant gebouw Qua uiterlijk zal het crematorium op een rij bomen moeten gaan lijken, iets wat door middel van het gevelbeeld wordt gesuggereerd. De gevel welke om het gebouw heen loopt zal bedekt worden met speels geplaatst hout waardoor het de suggestie wekt dat het natuurlijke landschap doorgezet wordt in het gebouw.

7.2 Ceremoniezalen De ceremoniezalen zijn de zalen waar de uitvaartceremonie wordt gehouden. Aan deze ruimte zijn een aantal eisen gesteld om de uitvaart zo prettig mogelijk te laten verlopen. Denk hierbij aan gevoel, akoestiek en sfeer. De ceremoniezaal heeft een verschillende soort afwerking aan de wanden wat aan de gevelbekleding niet af te zien is. Dit omdat het belangrijk is dat het geluid wat er geproduceerd wordt door stem of muziek goed te laten klinken in deze ruimte. Men wil niet dat er een nagalm heerst of dat de muziek niet goed klinkt. Aan de hand van deze punten is er voor gekozen om een geluidsbevorderende voorzetwand in de aula te plaatsen. Deze heeft een houten gevelafwerking welke gelijk staat aan de afwerking van de ‘normale wanden’. De voorzetwand zal deels fungeren om het geluid goed de zaal in te sturen en deels om het geluid te dempen zodat er geen nagalm kan ontstaan. Dit wordt bereikt door de houten afwerking te voor zien van openingen in de vorm van perforaties of openingen tussen stijlen. Het isolatiemateriaal hierachter zal zorgen voor een geluidsdempende werking. Ook het plafond heeft een geluidsbevorderende werking aangezien deze is uitgevoerd met een knik erin. Op deze manier wordt zowel het oppervlak (geluidsdemping) als geluidssturing bevorderd. Daarnaast wordt er in de ceremoniezalen gebruik gemaakt van donkere, rustgevende en natuurlijke kleuren om voor een prettige en vooral rustige sfeer te zorgen in deze zaal. De gevelafwerking van hout en de vloer bedekt met natuursteentegels voldoen beide aan de eerder genoemde eigenschappen. Beide materialen zullen in een bruintint uitgevoerd worden. Hieronder een impressie van de ceremoniezaal.

Behalve deze gevel is er nog een buitenschil van het pand. De betonnen constructie zal worden afgewerkt met natuursteen elementen welke in een donker bruine kleur worden uitgevoerd. Deze natuurstenen panelen zullen worden opgehangen door middel van ankers die in het beton worden bevestigd. De natuursteen elementen zullen ook op de vloeren van het gebouw, zowel rondom als in het gebouw zelf worden doorgezet. Daarnaast zal er een bankje worden gerealiseerd aan de balustrade zodat men kan gaan zitten en van het uitzicht kan genieten. Deze banken zullen niet rondom de gehele balustrade lopen maar alleen aan de achterkant, en de meest natuurrijke kant van het gebouw. Op deze manier wordt wederom voorkomen dat verschillende groepen mensen elkaar tegen kunnen komen of kruisen bij het betreden of verlaten van het gebouw. De afwerking van het bankje zal gemaakt worden van hout, en op deze manier weer gelijk zijn aan de afwerking aan de binnenzijde van het gebouw.

Afstudeerproject Fransen & Pooters

Crematorium en afscheidscentrum te Holsbeek

58


7.0 MATERIALISATIE 7.3 Familiekamers De familiekamer is de ruimte waar de directe familie van de overledene zich verzameld voordat de uitvaart ceremonie begint. Dit om vroegtijdig condoleren en drukte te voorkomen en te verplaatsen tot na de ceremonie. Deze ruimte zal ingedeeld worden in een huiselijke sfeer met warme kleuren. Net als in de ceremonie is het gewenst om hier gebruik te maken van natuurlijke en rustgevende materialen. Zo zal er in de familiekamer meubilair aanwezig zijn om een huiskamer effect te creĂŤren.

7.4 Horeca Na de uitvaart ceremonie zullen de mensen zich onder leiding van de naaste familie verplaatsen van de ceremoniezaal naar de horeca ruimte. In deze ruimte zal er gezorgd worden voor een hapje en drankje waarna er de mogelijkheid is om de familie te kunnen condoleren. De naaste familie zal een vaste plek in deze ruimte hebben zodat de overige bezoekers langs de familie kunnen lopen om deze te condoleren en vervolgens gebruik kunnen maken van de voorzieningen.

De wandafwerking bestaat uit houten regelwerk net als in de ceremoniezaal. De vloer zal betegeld worden met natuursteen, wat bijdraagt aan de LTV verwarming welke in de vloer is verwerkt.

De horeca is ingedeeld en gedimensioneerd op een maximale hoeveelheid mensen welke bij de uitvaart aanwezig kunnen zijn. Mocht de ceremoniezaal te klein zijn voor de bezoekers kunnen deze tijdens de uitvaart opgevangen worden in de horeca. Het is mogelijk om de ceremonie te filmen en op de beamer te kunnen vertonen in de horeca zaal. Zo kunnen de mensen die niet meer in de ceremoniezaal kunnen de uitvaart ook bijwonen.

Hieronder een impressie van de familiekamer.

In de hoek van de horeca gelegenheid is een bar / uitgiftebalie gerealiseerd. Hier kunnen de mensen hun koffie pakken en het personeel heeft hier de ruimte om spullen klaar te kunnen zetten zonder elke keer de keuken in te hoeven lopen. De achterliggende keuken is dus voor de bezoekers onmogelijk te bereiken. Voor het personeel is de keuken echter perfect gelegen omdat deze in contact staat met beide horeca ruimtes. Hieronder een impressie van de horeca.

Afstudeerproject Fransen & Pooters

Crematorium en afscheidscentrum te Holsbeek

59


7.0 MATERIALISATIE 7.5 Gang De gang die door het hele gebouw loopt heeft dezelfde houten wandafwerking als de ceremoniezaal. De verticaal geplaatste houten regels zorgen voor een verticale arcering van de wand. Deze wand, welke twee verdiepingen hoog is, zal hierdoor nog hoger lijken. Op het plafond van de gang zal het regelwerk door worden gezet waardoor dit als één geheel gezien kan worden. Achter dit houten regelwerk wordt een zwart firetdoek geplaatst zodat men niet tussen de openingen tussen de stijlen kan kijken. Daarnaast levert firetdoek ook een goede bijdrage aan de akoestiek en de brandveiligheid. De vloer van de gang zal net als de overige ruimtes bekleed worden met natuursteen tegels. Omdat alle ruimtes welke voor de bezoekers toegankelijk zijn dezelfde vloerafwerking hebben zal het als één geheel aanvoelen. Hieronder een impressie van de gang en de afwerking daarvan:

Afstudeerproject Fransen & Pooters

7.6 Kantoor Het kantoor is gelegen boven de horeca, de enige plek in het gebouw waar een verdieping aanwezig is. De afwerking van het kantoor zal anders zijn dan in de rest van het gebouw. Op deze verdieping zijn een aantal functies aanwezig welke men niet wil laten aansluiten op de overige functies in het gebouw. Denk hierbij aan een showroom, de muziekkamer en het archief met gegevens over de reeds gecremeerde personen. Deze ruimte zal voornamelijk afwerkt worden met stucwerk op de wanden en laminaat op de grond. De strakke afwerking zal zowel aan de binnenkant als aan de buitenkant van de wand te merken zijn. In tegenstelling tot de horeca en de ceremoniezalen zijn er in deze ruimte wel ramen aanwezig voor de nodige daglichtinval. Van buitenaf zullen deze ramen echter niet veel opvallen aangezien het glas in hetzelfde vlak wordt uitgevoerd als dat de wandafwerking geplaatst is. Op deze manier valt het raam zo min mogelijk op en blijft de rustige sfeer behouden.

Crematorium en afscheidscentrum te Holsbeek

60


7.0 MATERIALISATIE 7.7 Kelder De verdieping onder de begane grond is niet vrij toegankelijk voor de bezoekers van het uitvaartcentrum. Er kan door de naaste familieleden wel met de overledene meegegaan worden naar de crematieoven waar de mogelijkheid is voor een laatste afscheid. De afwerking in de kelder is voornamelijk simpel gehouden, met een stuclaag op de wanden en een afwerkvloer op de betonnen vloeren. Op deze verdieping zal geen gebruik gemaakt worden van vloerverwarming omdat de installaties al warmte produceren er over het algemeen weinig mensen aanwezig zijn in deze ruimten. Er is een toegang gecreĂŤerd voor de lijkwagens, welke via een hellingbaan naar beneden rijden en in de installatieruimte kunnen parkeren. Op deze verdieping zijn kistliften aanwezig om de overledene in de ceremoniezaal te kunnen plaatsten. Met een katafalk worden de overledene vervoerd op deze verdieping en kunnen zo op de kistlift en in de oven geplaatst worden. Hiernaast enkele impressies van de kelder en de installatieruimte met de crematieoven.

Afstudeerproject Fransen & Pooters

Crematorium en afscheidscentrum te Holsbeek

61


8.0 GEVELTECHNIEK

62


8.0 GEVELTECHNIEK 8.0 Geveltechniek Een belangrijk onderdeel in de uitwerking van het crematorium is de gevel rondom het gebouw. Zoals in het concept van de architect is omschreven dat de gevel een omhulsel is om de verschillende functies binnen het gebouw te verenigen. In de afbeelding hieronder is te zien hoe de architect dit voor ogen had. Zoals hiernaast is te zien, zijn de verschillende functies in verschillende losse panden binnen de gevel gesitueerd. In de uitwerking is hier echter vanaf gestapt en is er één gebouw gecreëerd met een gevel welke rondom het hele gebouw loopt. Om de verschillende functies op te laten vallen zijn deze aan één zijde onderbroken door een glasgevel welke de totale verdiepingshoogte bestrijkt.

Door de gevel af te werken met speels geplaatste houten stijl en regelwerk zal dit er uit komen te zijn als een bos. Dit wijkt af van de standaard bouwmethode waarbij het stijl en regelwerk voornamelijk strak en recht uitgevoerd wordt. Hiernaast een afbeelding van de gevelafwerking waarop duidelijk de speelse manier van houten regelwerk te zien is. Een ander belangrijk onderwerp in het concept van de gevel is dat er tussen de gevel en de balustrade een groot open vlak wordt gecreëerd waardoor men een mooi uitzicht heeft over het natuurlijke landschap rondom het crematorium. Daarnaast zal het waterpeil tot halverwege de balustrade staan wat het gebouw laat verzinken in het landschap.

1

Op de afbeelding hiernaast is goed te zien dat de gevel een flink stuk uitkraagt. Door de open gevel zal de route rond het gebouw minder behaaglijk zijn bij slechte weersomstandigheden. Aan de hand van enkele praktische en op comfort gebaseerde punten zijn de volgende aanpassingen aan de gevel gedaan:

2

3

4

CREMATIE

(1)

CEREMONIE

I. (2, 3 en 4)

5 HORECA

(5)

II.

In dit hoofdstuk zal de gevel behandeld worden en zal er dieper ingegaan worden op de techniek die hier achter schuil gaat. Daarnaast zullen er verschillende bouwsystemen behandeld worden en zal de uiteindelijke vorm toegelicht worden aan de hand van schetsen en uitgewerkte details. Dit wordt gedaan aan de hand van de volgende punten: 8.1 8.2 8.3 8.4

III.

Concept en visie van de gevel Gevelsysteem Uitwerking Impressie nieuwe gevelsysteem

8.1 Concept en visie van de gevel Hieronder is een impressie van de architect weergegeven zoals de gevel er in hun uitwerking uit zo komen te zien. De gedachte achter de gevel was dat deze niet op mocht vallen in het landschap en bij moest dragen aan het bosrijke karakter wat er gecreëerd moet worden in de omgeving om zo rust uit te stralen.

Afstudeerproject Fransen & Pooters

IV.

Ter verbetering van het klimaat op de route rondom het gebouw wordt er achter de houten gevelbekleding een acrylaat plaat geplaatst, zodat de lichtinval gewaarborgd blijft en wind en regen er niet doorheen komen. De bovenkant van de gevelconstructie, welke op de afbeelding hiernaast dicht is uitgevoerd zal de zelfde afwerking krijgen als de gevel. Op deze manier zal er meer licht inval zijn en het gevelsysteem meer als één element opvallen. De gevelopening tussen de balustrade en de gevel is in het beginontwerp helemaal open, er is echter voor gekozen om hier een constructie te plaatsen waardoor deze afsluitbaar is. Deze zal hetzelfde uiterlijk hebben als de rest van de gevel. Er zal een hulpconstructie ontworpen moeten worden om het overstek te kunnen realiseren zonder te veel op te vallen in het geheel.

Crematorium en afscheidscentrum te Holsbeek

63


8.0 GEVELTECHNIEK 8.2 Gevelsysteem Aan de hand van de eerder genoemde punten wordt er een nieuwe constructie en bouwsysteem ontworpen voor de gevel rondom het gebouw. Na onderzoek en ontwerpfases zijn er twee systemen uitgekomen welke hieronder vergeleken worden op functionaliteit, uiterlijk en andere onderwerpen waarna er een keuze gemaakt wordt voor een definitief gevelsysteem. De verschillende gevelsystemen waar een keuze tussen gemaakt moet worden, worden beide toegelicht waarna er aan de hand van de voor en nadelen per systeem een beslissing kan worden genomen. De punten welke per systeem worden behandeld zijn de volgende: I. II. III. IV. V. VI.

Uiterste standen Om de plaat acrylaat zowel boven als beneden in zijn uiterste stand goed op zijn plek te houden zijn er geleiders nodig een heeft de plaat een rustpunt nodig. Als de plaat is gezakt kan deze rusten op de balustrade en in de geleiders. In de uiterste stand wanneer de plaat opgetakeld is zal de kabel deze op zijn plek moeten houden. Deze zal dus constant onder spanning staan.

Werking Aandrijving Uiterste standen Onderhoud Uiterlijk Voor- en nadelen

Onderhoud De takel die het acrylaat moeten laten zaken heeft regelmatig onderhoud nodig, omdat dit deel in de buitenlucht staat. Daarnaast is het nodig om meerdere takels te plaatsen op het dak omdat niet de gehele gevel op enkele takels kan worden aangedreven. Tevens zal de kabel door de gehele gevelconstructie moeten lopen waardoor er bij onderhoud veel werk nodig is om iets te vervangen. Ook zijn de geleiders erg kwetsbaar omdat deze in kogellagers moeten worden toegepast om de platen acrylaat soepel te laten geleiden. Deze gaan zonder regelmatig gebruik en in de buitenlucht snel stroef lopen waardoor er problemen op kunnen treden.

Zakkende gevel Op de afbeelding hieronder is het principe van de zakkende gevel weergegeven. Werking Het verticale vlak van de gevel bestaat uit meerdere lagen acrylaat met daarvoor een houten gevelafwerking. Bij slechte weersomstandigheden, bijvoorbeeld neerslag en wind, kan er een acrylaat plaat zakken waardoor de ruimte erachter afgeschermd wordt. Deze plaat heeft een geleider nodig welke ervoor zorgt dat de plaat gecontroleerd kan zakken. Daarnaast zal er een sparing in de balustrade gemaakt moeten worden waar de plaat in kan zakken zodat deze na het zakken op zijn plek blijft.

Aandrijving Om de plaat acrylaat gecontroleerd te laten zaken zal deze opgehangen moeten worden aan een kabel welke aangedreven wordt door een motor. Deze motor zal echter niet in de gevel verwerkt kunnen worden gezien de grootte hiervan. Dit omdat er een takel benodigd is die de kabel op kan draaien en gecontroleerd kan laten zakken. Ook zal er gebruik gemaakt moeten worden van katrollen in de hoek van de constructie om de kabel te geleiden.

Uiterlijk Door het bewegende deel zal deze aan het zicht onttrokken worden als deze in de uiterste stand omhoog zit. De geleiders welke nodig zijn om de platen te laten zakken zullen wel zichtbaar zijn. Gezien de hoeveelheid geleiders zullen deze een hinderlijke onderbreking voor het uitzicht zijn. Deze geleiders kunnen ook beweegbaar uitgevoerd worden waardoor er dubbele geleiders nodig zijn. Eerst zullen dan de geleiders uit het gevel systeem zakken waarna het acrylaat via deze geleiders naar beneden gelaten kan worden.

KANTOOR Voordelen

Nadelen

Het acrylaat zal in de uiterste stand omhoog niet opvallen bij de rest van de gevel waardoor de visie van het overstekende gevelsysteem goed wordt benadrukt.

Het onderhoud aan de motor en de geleiders van de gevel zullen erg groot zijn aangezien er gebruik gemaakt moet worden van meerdere motoren en veel geleiders

Het laten zakken van het acrylaat is goed controleerbaar omdat eerst de geleiders op hun plaats zijn gezakt.

Het uitvoeren van een systeem met ‘dubbele geleiders’, zowel voor de geleiders van het acrylaat als het acrylaat zelf zal zorgen voor een dikke constructie met verschillende geleiders.

HORECA

Het zakken van de geleiders voor het acrylaat zorgt voor problemen omdat deze eerst moeten zakken en in een precies punt moet vallen op de balustrade. Er is een dubbele takel nodig om de geleiders en het acrylaat los van elkaar te laten zakken.

Afstudeerproject Fransen & Pooters

Crematorium en afscheidscentrum te Holsbeek

64


8.0 GEVELTECHNIEK Draaiende gevel Op de afbeelding hieronder is het principe van de draaiende gevel weergegeven.

Uiterste standen De uiterste standen van het draaiende deel zullen goed vastgezet moeten worden. Dit kan deels op basis van de elektromotor welke de as aandraait. Deze kan ook een uiterste stand hebben in de draai en daarna in een slot vallen als deze open staat. Op deze manier wordt het geveldeel als de gevel open staat op zijn plaats gehouden. Als de gevel dicht gaat, wil men niet dat deze gaat klapperen tegen de balustrade aan. De gehele gevel is op dat moment verticaal waardoor er met een contactpunt boven de as een vergrendeling gecreëerd kan worden. Hierbij wordt de kortste arm en de grootste kracht dus opgeven door een bevestigingspunt.

KANTOOR

Onderhoud De elektromotor net als de takel ook onderhoud nodig, maar dit wordt versoepelt gezien de locatie van de elektromotor. Omdat deze dichtbij de as van het draaiende deel geplaatst zal worden is deze goed bereikbaar en zal er alleen een stroomkabel door de gehele constructie naar het dak lopen. Hier hoeft men dus niet het dak te betreden bij onderhoud aan de motor. Daarnaast is het gebruik maken van geleiders niet nodig en zal er dus één kwetsbaar punt zijn in de motor. Uiterlijk Het draaiende deel van de gevel zal als deze geopend is altijd in het zicht blijven. Zoals op de afbeelding te zien is dit een horizontaal vlak onderaan de gevel. Dit geveldeel kan in deze stand fungeren als zonnescherm en eventuele lichte neerslag opvangen. Het zicht zal door deze ‘klep’ echter wel worden beperkt omdat de hoogte van het draaiende 2000 mm zal bedragen. Daarnaast focust deze afbakening van het zicht wel de blikken op de omringende natuur.

HORECA

Werking Aan het verticale gevelvlak wordt eenzelfde constructie toegevoegd welke naar beneden gedraaid kan worden als de weersomstandigheden slechter worden. Onder aan het vaste verticale vlak komt een scharnierpunt waarom het draaiende geveldeel zal bewegen. Op de balustrade zal een stootblok gecreëerd moeten worden waar dit deel tegen aan kan leunen als deze omlaag wordt gebracht. Daarnaast is het belangrijk dat het draaiende deel in beide uiterste standen vastgezet kan worden om een ‘klapperende gevel’ te voorkomen. Aandrijving Voor de aandrijving van de as waar het geveldeel om draait kan gebruik gemaakt worden van een elektromotor. Dit omdat het gewicht van het draaiende deel niet erg groot is. Het zal bestaan uit een enkele plaat acrylaat met een houten afwerking. Via de constructie is het eenvoudig om een stroomkabel door te voeren richting de elektromotor. Belangrijk punt in dit systeem is het vastzetten van het draaiende deel in zijn uiterste standen. Dit kan aan de hand van de elektromotor worden gedaan.

Afstudeerproject Fransen & Pooters

Voordelen

Nadelen

Onderhoud is vergeleken met de zakkende gevel veel eenvoudiger uit te voeren omdat het draaiende deel en de motor zich in de gevel bevinden en niet op het dak.

Het horizontale geveldeel zal bij de open stand uitsteken vergeleken met de rest van de gevel waardoor de constructie zichtbaar blijft en er een concessie gedaan dient te worden aan de visie van het ontwerp.

Er zijn geleiders nodig om het geveldeel te laten zakken waardoor de overstekende gevel behouden blijft. Zonder deze geleiders wordt er geen afbreuk gedaan aan het concept van de open strook in de gevel.

Bij het dichtdraaien van de gevel zal het uitzicht verminderen aangezien er op dit deel van de gevel ook houten afwerking geplaatst is. Dit zal het uitzicht enigszins beperken.

In dit systeem zullen er alleen stroomkabels door de constructie heen moeten lopen om de elektromotor van stroom te voorzijn. Er zijn geen constructieve onderdelen zoals de kabels waar het acrylaat aan bevestigd is aanwezig in de constructie

Gekozen gevelsysteem Na vergelijking van beide systemen blijkt dat beide systemen hun eigen voordelen hebben. De beslissing is echter gemaakt op basis van functionaliteit van de gevel. De draaiende gevel is onderhoudstechnisch beter te gebruiken wat de levensduur zal doen verlengen. Het veelvuldig gebruik van geleiders en het onderhoud daaraan zal niet ten goede komen aan de functionaliteit van het systeem.

Crematorium en afscheidscentrum te Holsbeek

65


8.0 GEVELTECHNIEK 8.3 Uitwerking Het gekozen gevelsysteem wordt in dit hoofdstuk uitgebreid toegelicht. Dit zal gaan aan de hand van schetsdetails en beschrijvingen. Daarnaast worden er enkele schetsimpressies van het totaalbeeld. Aan de hand van deze uitwerking is dit systeem daarna verder uitgewerkt in detailtekeningen welke te vinden zijn in het tekeningenboek. Hieronder een fragment van het gebouw waar het gevelsysteem is toegepast.

Draaipunt van de gevel Hiernaast staat een principe detail van het draaiende deel in de gevel. Vanuit de constructie wordt onderaan het verticale vlak vl een elektromotor geplaatst welke een as aandrijft. Deze as is verbonden met het draaiende geveldeel. De as heeft een uiterste wat is bepaald op de horizontale ligging van het geveldeel. Om het draaiende deel in verticale stand ook op zijn plaats te houden wordt er gebruik gemaakt van kleefmagneten. Deze kleefmagneten kleef zitten hart op hart om de 600 mm aan zowel het vaste als het draaiende deel van de gevel bevestigd. Zodra de gevel gesloten is i worden deze magneten ingeschakeld zodat deze het draaiende deel vasthouden. De kleefmagneten oefenen een trekkracht uit op het geveldeel gevel welke sterk genoeg is om de kracht die de andere kant op zou staan, zoals bijvoorbeeld zuiging van langsrazende wind, op te kunnen heffen.

DICHTE GEVEL

Afstudeerproject Fransen & Pooters

Crematorium en afscheidscentrum te Holsbeek

OPEN GEVEL

66


8.0 GEVELTECHNIEK Materialisatie en constructie Om de gevel zo licht en sterk mogelijk te maken zodat deze slank uitgevoerd kan worden, wordt er gebruik gemaakt van verschillende materialen. De drie basismaterialen waaruit de gevel is opgebouwd zijn de volgende: Staal De constructie van de gevel wordt opgebouwd van staal. Op het dak ligt een HEA profiel welke even ver is opgelegd als dat deze uitkraagt. Op deze manier behoeft deze geen verdere constructie om de gevel te kunnen dragen. Uit berekeningen is gebleken dat bij een uitkraging van 5,4 meter kan worden voldaan met een HEA-300 profiel.

Constructief Vanaf het HEA 300 profiel op het dak zullen er verticale kokerprofielen bevestigd worden aan de onderkant van het staalprofiel. Deze kokerprofielen hoeven alleen het gewicht van het gevelsysteem te dragen en hoeven ook geen krachten af te dragen aan een ander element. Noodzaak is dus dat de bevestiging boven aan het HEA profiel sterk genoeg is om de krachten op te kunnen vangen. De gevel zal bloot staan aan winddruk en windbelasting en zal ten alle tijden vormvast moeten blijven. Om de totale constructie vormvast te laten blijven zal deze geschoord moeten worden. Dit gebeurd in de vorm van een trekstang welke horizontaal op aan het gebouw zal worden bevestigd. Deze stangen moeten zo dun mogelijk uitgevoerd worden zodat deze zo min mogelijk opvallen. Daarnaast kunnen deze trekstangen worden gebruikt om bijvoorbeeld verlichting op te plaatsten welke omhoog gericht is. Op deze manier zal ook de aandacht van deze trekstang afgeleidt worden. Er kan worden volstaan met een trekstang van Ø30 mm. Deze trekstangen zullen onder elk HEA profiel geplaatst worden en via een sparing in het natuursteen aan de betonnen constructie van het pand bevestigd worden. Om er voor te zorgen dat het draaiende deel van de gevel constructief goed in elkaar zit is er een hulpconstructie aangebracht. Omdat het geveldeel alleen aan de as opgehangen is en in de horizontale ‘open stand’ ook sterk genoeg moet zijn wordt er in het geveldeel een stalen constructie doorgetrokken. Het profiel waar de kleefmagneet op wordt bevestigd zal verticaal over de gehele lengte van het draaiende gevelelement doorlopen en hiertussen worden de horizontale meranti regels geplaatst. Door het acrylaat aan de binnenzijde en de houten gevelafwerking aan de andere zijde vervolgens aan elkaar te verbinden door middel van bouten wordt er één stijf geheel gecreëerd.

Dit profiel wordt aan een betonbalk bevestigd welke via wapening verbonden is met de betonvloer. Deze wordt onderbroken door foamglas om eventuele koudebruggen te kunnen voorkomen. Daarnaast wordt de bitumen doorgetrokken over deze betonbalk heen. Hiernaast is een verticale doorsnede te zien van de oplegging van het HEA profiel aan de vloer.

Hieronder een principe schets van hoe deze lagen zijn opgebouwd.

1. Speels geplaatst houten gevelafwerking (18 mm) 2. Stalen profiel waartussen houten regelwerk is verwerkt (18 mm) 3. Acrylaat (18 mm)

Hout De houten gevelafwerking welke speels op de gevel bevestigd is staat altijd bloot aan de weersomstandigheden. Om er voor te zorgen dat het hout hier goed tegen bestand is wordt er gebruik gemaakt van Meranti hout. Dit hout staat bekend om zijn hoge duurzaamheidsklasse en kan goed tegen weersomstandigheden. Voor de gevelafwerking wordt 18 mm dikke stijlen gebruikt welke speels geplaatst zijn op een regelwerk (18x69 mm) van meranti hout.

Acrylaat In de gehele gevel wordt gebruik gemaakt van acrylaatplaten. Dit als vervanger voor het glas, omdat acrylaat beter te bevestigen is en in tegenstelling tot glas makkelijk te schroeven en bouten is. Daarnaast heeft het nagenoeg dezelfde technische eigenschappen als glas. Zo is acrylaat 95% lichtdoorlatend vergeleken met glas en daarnaast is acrylaat bij dezelfde dikte als glas maarliefst 25 maal sterker.

Afstudeerproject Fransen & Pooters

Crematorium en afscheidscentrum te Holsbeek

67


9.0 NAWOORD

68


9.0 NAWOORD 9.0 Nawoord Hierbij zijn we aan het einde gekomen van het afstudeerproject ‘crematorium en afscheidscentrum te Holsbeek’ van Robert Fransen Frans en Sander Pooters. Het afstudeerproject was voor ons een interessant project in verband met het ontwerp en gebruik van het gebouw en de bijkomende eisen e en regels die van toepassing zijn voor een crematorium. Uiteraard niet te vergeten het gebruik van de benodigde installaties die komen kijken bij b een crematorium. De onderzoeken die uitgevoerd zijn door ons hebben ons meer kennis en inzicht gegeven over hoe en crematorium werkt en wat er bij bi komt kijken. Echter geld dit ook voor de bouwkundige zaken zoals constructie onderdelen, brandveiligheid, installaties etc. Het project heeft voor ons beide zo zijn ups en downs gehad. Echter door de goede begeleiding en adviezen van leraren en mede-studenten is het ons gelukt elk obstakel te overwinnen die we tegenkwamen. Hierbij willen we iedereen die ons een zetje in de goede richting heeft gegeven gegeve bedanken. Niet vergeten de tijd die we met plezier in het project gestoken hebben. Van de standaard werkweken van circa 40 uur in de week we tot de laatste paar weken van circa 70 á 80 uur in de week. Het was het een vermoeiende maar zeker zeer leerzame tijd voor ons beide. Dit geldt zowel voor het bouwtechnische gedeelte (het uitwerken van het gehele gebouw) als voor het architectonische gedeelte (het geheel wijzigen van de plattegronden met de benodigde onderzoeken). Uiteindelijk kunnen we zeggen dat dit project een realistische invulling heeft gegeven voor onze kennis van bouwtechniek. In de praktijk kunnen we dan ook zeker punten meenemen die we onderzocht, beoordeeld of toegepast hebben. Al met al is het dus een zeer leerzame tijd geweest en een waardige afsluiting van de HBO opleiding Bouwkunde. Beide kunnen we w met plezier terugkijken op de tijd die we hier op school doorgemaakt hebben. We kijken uit naar de toekomst en hoe deze zich zal ontwikkelen. Naast een HBO diploma zijn we zeker een ervaring rijker, zowel op technisch als op sociaal vlak.

Robert Fransen & Sander Pooters

Afstudeerproject Fransen & Pooters

Crematorium en afscheidscentrum te Holsbeek

69


10.0 BRONVERMELDING

70


10.0 BRONVERMELDING 10.0 Bronvermelding Hieronder worden alle geraadpleegde sites, gebruikte documentatie en contactpersonen vermeld.

DOCUMENTATIE

INTERNET

Aanbevelingen voor binnenverlichting Nederlandse stichting voor verlichtingskunde

ONDERWERP

URL

Licotec beglazingssystemen

http://www.licotec.nl/

VBI

http://www.vbi.nl

Funderingstypen

http://www.perfectbouw.nl/

Kelders

http://www.kelders.nl

Betonsoorten

http://www.ebc-ede.nl/

Mavotrans

http://www.mavotrans.nl/

Acrylaat

http://www.mecolin.nl/

Geluid en het moderne kantoor, een boek over gezondheid, welzijn en efficiency Peter Russell Klimaatinstallaties, integratie van gebouw en installaties Faculteit Bouwkunde – Bouwtechnologie TU Delft Architect’s Data Ernst & Peter Neufert KVT’95

http://www.vink.nl/

Bouwbesluit in woord en beeld A.J. Uythoven

Firetdoek

http://www.astrimex.nl/

Google Zoekmachine

http://www.google.nl/

De Menselijke Maat Prof. Ir. A.J.H. Haak

Wikipedia

http://www.wikipedia.org/

Een brandveilig gebouw bouwen Bouwbesluit adviescentrum ned.bv. Jellema 2 Jellema 3 Jellema 4A Jellema 4B Jellema 4C Jellema 6C

Onderbouw Draagstructuur Prestatie, eisen en daken Gevels Gevelopeningen Liften en roltrappen

Wet en regelgeving: -

Bouwbesluit NEN normen NER Normen (Milieueisen) Volksgezondheidsnormen Wet op lijkbezorging

Afstudeerproject Fransen & Pooters

Crematorium en afscheidscentrum te Holsbeek

71

Profile for Robert Fransen

Afstudeerwerk - Uitwerkingsboek  

Uitwerkingsfase Crematorium en Uitvaartcentrum te Holsbeek

Afstudeerwerk - Uitwerkingsboek  

Uitwerkingsfase Crematorium en Uitvaartcentrum te Holsbeek

Advertisement