Page 1

100 JAAR REMMERS BOUWGROEP


100 JAAR REMMERS BOUWGROEP


4


VOORWOORD Bij een 100 jarig jubileum hoort een boek. Zeker als het een familiebedrijf betreft met een rijke historie. Dit boek bevat een reflectie op drie generaties ondernemen, waarbij de meest in het oog springende ontwikkelingen in beeld worden gebracht. Het jubileumboek gaat over de vakmensen - de huidige medewerkers en oud-medewerkers - en de familie Remmers en over hun betrokkenheid gedurende een hele eeuw. Generaties bouwvakkers hebben hun brood verdient op de steigers en meegewerkt aan talrijke projecten in de woning- en utiliteitsbouw tot projecten in de zorg, educatieve en industriĂŤle sector. Lees en bekijk hoe Tilburg in die periode bijna onherkenbaar veranderde. En hoe Remmers zich in diezelfde periode, in goede en minder goede tijden, als Tilburgs bedrijf ontwikkelde tot een organisatie met een gedegen en landelijke reputatie. De onderneming is het bewijs dat familiebedrijven absoluut meerdere generaties lang kunnen worden gevoerd zonder het karakter van een familiebedrijf te verliezen. Het verleden heeft het bedrijf gevormd en is daarmee een solide basis voor toekomstige aspiraties. Dit is een verhaal van en over de mensen die Remmers Bouwgroep gemaakt hebben tot wat het nu is: een gezond bedrijf dat strategisch, met passie en daadkracht klaar is voor de toekomst!

Alphons Remmers

Peter Picavet

5


de beginjaren


1911 1949 DE BEGINJAREN Het begin van de twintigste eeuw staat

Het is het jaar dat het eerste vliegtuig

in het teken van de vooruitgang. De

in Tilburg landt. Weliswaar een nood-

techniek verricht wonderen, de textiel-

landing op het klaverveld van boer

industrie in Tilburg bloeit, de kerken

Vermeer, aan de zuidrand van de stad,

zitten vol. Het bruist in Tilburg van de

maar toch‌ een teken van vooruitgang.

bouwactiviteiten. De Zusters van Liefde

De Eerste Nederlandsche Vliegclub

bouwen hun grote klooster midden in de

wordt opgericht met een landingsveld

stad. In 1911 is de kerk in de Hoefstraat

tussen Gilze en Rijen.

gereed en ook de kerk op Broekhoven.

BREDASEWEG

PARORAMA TILBURG 1940

8


EEN LOT UIT DE LOTERIJ Bouwbedrijf Remmers dankt zijn ontstaan aan een winnend lot uit de loterij, honderd jaar geleden. Stichter Alphons (A.J.) Remmers wint in 1911 driehonderd gulden en ziet kans daarmee zijn eigen zaak op te zetten. De droom van de 23-jarige timmermansknecht, de krullenjongen, komt uit. Alphons (1887-1968) is een geboren en getogen Tilburger, al komen zijn voorouders in de achttiende eeuw uit Gennep. Een jaar na de oprichting van zijn eigen onderneming trouwt hij met Gerardina van de Wouw. Hij staat dan nog te boek als timmerman. Pas als zijn kinderen trouwen, noteert de burgerlijke stand ‘aannemer’ als beroep. In de beginjaren heeft Alphons Remmers sr. drie man personeel. En drie hardwerkende zonen: Kees, Piet en Tonny, die later tot de directie toetreden. Vandaag de dag is Remmers Bouwgroep een van de grote spelers op de Midden-Brabantse bouwmarkt en heeft zo’n 150 mensen in dienst.

Remmers doet voor het eerst

Het optimisme in de eerste jaren van de twintigste eeuw krijgt een flinke knauw met het uitbreken van de Eerste Wereldoorlog. Weliswaar blijft Nederland neutraal, maar het jonge gezin Remmers krijgt het nodige voor de kiezen. Grote stromen vluchtelingen uit België zoeken hun heil in Nederland. Het gezin krijgt in de Hoefstraat soldaten ingekwartierd. Alphons en zijn echtgenote weten het hoofd boven water te houden met kleine verbouwingen en de handel in aardappelen en kachelhout. De moeilijke periode duurt voort tot Alphons een groot project krijgt: de bouw van dertig à veertig woningen. In 1929 komt de grote klapper: het kerkbestuur van Broekhoven II geeft opdracht tot de bouw van 95 tot 100 woningen. De vreugde over de opdracht slaat echter om in bezorgdheid. Door de strenge winter komen de woningen niet op tijd gereed, en daar staat gewoonlijk een fikse boete op. Gelukkig is er begrip voor de jonge ondernemer en Alphons en zijn gezin (van op dat moment acht kinderen) kunnen opgelucht ademhalen.

versnelling van het bouwtempo.

ervaring op met grootschalige woningbouw in Broekhoven. Tonny Remmers daarover in 1981: ,,In opdracht van de gemeente bouwden we ruim 900 hoog- en laagbouwwoningen in Broekhoven. De woningnood moest worden opgelost. Onze voornaamste ontwikkeling zat dan ook in de We kregen de beschikking over goede transportmiddelen, kranen en lieren. De bouwwijze bleef traditioneel – elke steen is door een metselaar aangebracht. Desondanks slaagden we erin de productie tot één woning per dag op te voeren. Tussen 1947 en 1957 hebben we in Tilburg zo’n 2400 woningen neergezet.”

9


DE VOLTFABRIEK 1933

10


Het bedrijf van Alphons Remmers groeit gestaag. Totdat de crisisjaren aanbreken. In de jaren dertig valt de bouw nagenoeg stil. Toch weet Alphons in zijn eigen parochie Hoefstraat, waar hij lid is van het kerkbestuur, tal van woningen neer te zetten. Dat hij daarnaast wordt gekozen als gemeenteraadslid (en zijn zetel lang weet te behouden), zal hem ongetwijfeld hebben geholpen. Zijn zonen werken hard mee. ,,Er werden geen eitjes onder gelegd”, vertelt Kees Remmers in de Nieuwe Tilburgsche Courant bij het gouden jubileum in 1961. ,,Een vrije woensdagmiddag hebben wij als schooljongens nooit gekend. We moesten op woensdag middagen de huizen gaan schoonmaken: verf afkrabben en cement verwijderen.” De Tweede Wereldoorlog gooit roet in het eten. De houten planken en steigerplanken van het bedrijf worden bij gebrek aan kolen opgestookt. In 1941 trekt de stichter zich terug uit de zaak en nemen de zonen Kees, (financieel directeur), Piet en Tonny (beiden technisch directeur) het over. Omdat de bouw stil ligt na een bouwverbod in 1942 gaan de zaken moeizaam. De gemeenteraad van Tilburg keurt in 1940 nog een Uitbreidingsplan in Hoofdzaken goed, maar de uitvoering stokt tot na de oorlog. In 1944 is de oorlog in Tilburg voorbij. Maar liefst 27% van het woningbestand in de stad is beschadigd. In de loop van 1946 worden de meeste huizen weer bewoonbaar. In die eerste naoorlogse jaren komt de bouw maar langzaam op gang. De algemene commissaris van de Wederopbouw levert kritiek op de gemeente vanwege het trage bouwtempo. Het woningtekort (dat in 1944 bijna 7% bedraagt) stijgt tot 14% in 1946. Tussen 1945 en 1955 worden 4.500 woningen gebouwd. Pas in 1947 volgt een nieuw Plan in Hoofdzaken dat voorziet in de aanleg van industrieterreinen en nieuwe wijken. (Tilburg verwacht in het jaar 2000 maar liefst 225.000 inwoners – een logische gedachte, want het inwonertal van 1947 blijkt in dat jaar al het drievoudige van 1933). Vanaf dat jaar vermindert de woningnood. De orderportefeuille van het bedrijf vult zich weer en Remmers bouwt tussen 1947 en 1957 zo’n 2.400 huizen in Tilburg.

ST. ANNAPLEIN

11


WASSERIJ

TEXTIELINDUSTRIE

12


13


FAMILIEBEDRIJF

14

Remmers is een echt familiebedrijf. De oudere werknemers spreken hun bazen jarenlang met de voornaam aan (meneer Alphons en meneer Fons). Tot op de dag van vandaag ademt het bedrijf die typische ‘Remmers-gemoedelijkheid’. Er gaat geen feestelijke gelegenheid voorbij of eigenaar Alphons Remmers en zijn vrouw Rachel zijn van de partij. Vaak ook hun kinderen en kleinkinderen. De werknemers voelen zich trots als het ‘Remmersblauw’, de familiekleur van het bouwbedrijf, zichtbaar pronkt bij een project. Ze zijn trots als hun oude baas na een feest tot in de kleine uurtjes meezit aan de bar. Of frikadellen bakt als Oranje ‘s middags voetbalt op het WK.

leidt het bedrijf tot in 1941. Daarna zwaaien zijn zonen Kees, Tonny en Piet als algemeen directeuren jarenlang de scepter over het bedrijf. In de jaren tachtig krijgt de derde generatie van de familie de leiding: de neven Alphons en Fons. De twee neven krijgen in 2000 een meningsverschil over de toekomst van het bedrijf en Alphons vertrekt. De eerste nietRemmers doet zijn intrede op directieniveau. Kort na zijn vertrek doen de commissarissen een beroep op Alphons, die in 2001 opnieuw plaats neemt in de directie. Hij koopt neef Fons uit en investeert fors in het bedrijf. Volgens veel oudgedienden zou Remmers zonder Alphons ten onder zijn gegaan.

Familiebedrijven hebben in de loop van de jaren de naam gekregen ouderwets te zijn. Dat tij is gekeerd: tijdens de huidige economische crisis blijken familiebedrijven er beter uit te komen dan beursgenoteerde. Familiebedrijven zijn niet overgeleverd aan bank of grote aandeelhoudersvergaderingen. Ze weten zich gesteund door de financieel stevige aandeelhouders van de familie en zijn meer gericht op continuïteit. Dat geldt ook voor Remmers. Oprichter Alphons Remmers sr. (1887-1968)

Voor het personeel kan veel. Het familiebedrijf kijkt niet op een euro. Aan de activiteiten van de personeelsvereniging betaalt Remmers net zo goed mee als de werknemers zelf. Dat levert veel gezellige uitstapjes en activiteiten op, zoals samen forelvissen, skiën, bowlen, Sinterklaasmiddagen en barbecues. Los daarvan geeft Remmers Bouwbedrijf jaarlijks een groot personeelsfeest met alles erop en eraan. Onder de feestgangers veel oudgedienden. Want personeel blijft Remmers

trouw, zo laten de vele langjarige dienstjubilea zien. De komst van de Ondernemingsraad (OR), vijftien jaar geleden, is ronduit wennen voor het familiebedrijf. Maar het bedrijf telt op dat moment meer dan vijftig werknemers, en wet is wet! Het voelt vreemd, zo’n medezeggenschapsorgaan. Ook nu nog bekruipt de OR-voorzitter soms het gevoel dat Alphons Remmers denkt: ‘Moeten jullie niet gewoon op de bouw zitten’, wanneer hij op weg naar zijn kantoor de OR ziet vergaderen. De Ondernemingsraad functioneert naar ieders tevredenheid, al is de animo onder werknemers om lid te worden niet bepaald groot. In dat opzicht is Remmers weer een heel gewoon bedrijf.


Zuinig en gul gaan hand in hand in een familiebedrijf. Vutters vertellen sterke verhalen over keien die in het beton werden gemengd om het meer volume te geven. Hoe ze een zoontje Remmers matsten door olie uit de lier te mengen met benzine EERSTE STEENLEGGING KANTOOR VOSSENBERG, 1991. PIET, TONNIE EN CEES REMMERS

voor zijn bromfiets, zodat die weer verder kon. Ook nu nog weet een uitvoerder van Remmers dat er geen materiaal moet slingeren op de bouwplaats als de baas komt. Los isolatiemateriaal raapt hij even makkelijk op als losse spijkers. Maar kromme spijkers recht slaan, zoals de timmerlieden vroeger deden, is er niet meer bij.

15


de jaren vijftig


50

JAREN 50 Tilburg raakt in de jaren vijftig in de

In 1957 treedt een nieuwe burgemees-

greep van de bouwwoede. Vanaf 1948

ter aan: Cees Becht, beter bekend als

verrijzen er 500 nieuwe woningen per

Cees de Sloper. Datzelfde jaar begint

jaar, met als uitschieter 1954: 975 stuks.

de aanleg van het hoogspoor en van

In 1955 telt de stad bijna 30.000

Station West. Volgens de nieuwe

gezinnen en slechts 26.450 woningen.

burgemeester heeft Tilburg plastische

Van de jonggehuwden kan tweederde

chirurgie nodig. Onder zijn leiding keurt

geen eigen huis bemachtigen. Gezinnen

de gemeenteraad in 1959 een plan van

trekken bij elkaar in, wonen in nood-

72 miljoen gulden goed. Het voorziet in

woningen of duplexwoningen. Hoog-

wederopbouw, bejaardenhuisvesting,

bouw doet zijn intrede in Tilburg.

krotopruiming, nieuwe straten, plant-

Flats verrijzen aan de Ringbaan West

soenen, stadsverfraaiing, aanleg van

en de Edisonlaan. De eerste worden

industrieterreinen, voorzieningen voor

gebouwd door Remmers. De stad werkt

onderwijs, sociale zorg, gezondheids-

hard aan de uitbreiding in ´t Zand en

zorg, cultuur, recreatie en sport. Er

in Tilburg Noord. Voor het groeiende

moeten grootschalige nieuwbouwwijken

autoverkeer worden de Ringbaan Zuid,

en industrieterreinen komen langs de

de Meijerijbaan en de Baroniebaan aan-

ringbanen.

gelegd, zodat het verkeer van oost naar west niet meer dwars door het centrum hoeft. Het ringbanenstelsel volgt en de A-58 ontlast op zijn beurt de ringbanen.

18

BURGEMEESTER CEES BECHT


REMMERS BOUWT ‘T ZAND Eind 1956 gaat de eerste spade de grond in voor de bouw van de wijk ’t Zand. Tonny Remmers zegt hier jaren later over: “Broekhoven gaf ons de impuls om in te schrijven voor ’t Zand. Gelukkig konden we daar aan de slag. Het eerste grote woningcomplex dat we in aanbouw namen was aan de Postelse Hoeflaan. De laatste contingenten bouwden we in 1960 aan de Statenlaan. We hebben er een kleine 900 neergezet. De gemeente moest de straten aanleggen, maar wij bouwden in ‘t Zand zo snel dat we genoodzaakt waren zelf provisorische straten aan te leggen”. Op stormachtige dagen jaagt de wind het zand in de wijk in aanbouw hoog op, zodat het werk voor een dag moet worden stilgelegd. Tonny Remmers: “Het was soms net een woestijn. Je kon gewoon niet meer zien waar de huizen moesten komen. Het meeste zand moest later met de hand (!) weer worden verwijderd.” ‘t Zand is een van de snelst gerealiseerde bouwplannen van Nederland. Belangrijk voor het bedrijf, prima voor de werknemers (die er een goede boterham aan verdienen) en goed voor het oplossen van de woningnood. Remmers kan zijn personeelsbestand sterk uitbreiden. Nieuw is de winstdeling, ingevoerd in samenwerking met de vakbonden. Voor het personeel komen goede schaftketen met verwarming, verlichting, stevig meubilair en toiletten. Iemand die naar de wc moet, hoeft niet meer ‘over de balk te hangen’. In ´t Zand bouwt Remmers voor het eerst met stalen steigers. Ook nieuw: het bedrijf draait niet langer zelf beton, maar laat het aanvoeren per vrachtwagen door de Beton Centrale. Bouwer Remmers werkt in de jaren vijftig af en toe samen met concurrent Heerkens van Bavel. Bij andere aanbestedingen is er weer gezonde rivaliteit. Privé staan de ondernemers met elkaar op goede voet, al generaties lang.

‘T ZAND

HUISHOUDSCHOOL

19


20

TILBURG IN DE WEDEROPBOUW


DE EERSTE FLATS VAN TILBURG Bouwbedrijf Remmers valt de eer te beurt om de eerste flats van Tilburg te bouwen, langs de Ringbaan West, hoek Nassaulaan. Hoogbouw is dan revolutionair voor de stad. De woningen hebben inpandige balkons en grote ramen. De flats zijn opgetrokken uit klassieke materialen: rode baksteen en dakpannen op de schuine daken. Het complex bestaat uit kubusvormige, langgerekte blokken die met elkaar verbonden zijn. Architecten van het geheel zijn Jan van der Valk en zijn zoon Eduard. Jan van der Valk is een beeldbepalende architect geweest in Tilburg. Hij ontwierp onder meer de Broekhovense kerk, het oude deel van de scholengemeenschap De Rooi Pannen en het Sint Odulphuslyceum. Al deze bouwwerken, inclusief de flats, zijn nog altijd karakteristieke gebouwen.

TILBURG IN DE WEDEROPBOUW In de jaren na de Tweede Wereldoorlog, als het leven weer zijn gewone gang gaat, voert optimisme de boventoon. De bevolking groeit. Er wordt volop gebouwd. De werkgelegenheid neemt toe, net als de vrije tijd van de gewone man. In 1954 krijgt Tilburg zijn eerste overdekte zwembad, aan de RingbaanOost. Remmers bouwt het. Met Willem II gaat het crescendo, de tricolores worden landskampioen in 1953 en 1955. Het nieuwe stadion, waarvoor in 1947 de eerste spade de grond in gaat (ondanks een schrijnend tekort aan bouwmaterialen), met aangrenzend een sportpark met twaalf tenniscourts en vijf bijvelden voor hockey, korfbal en voetbal, kost een miljoen gulden. In 1953 krijgt het stadion een nieuwe overdekte hoofdtribune. De stad Tilburg groeit, wordt volwassen. Er wordt hard gewerkt aan de infrastructuur. In 1959 is de verbreding van het Wilhelminakanaal een feit, compleet met een nieuwe haven in Loven die de Piushaven kan vervangen.

WILLEM II LANDSKAMPIOEN

21


BROEKHOVEN

22


23


LEERBEDRIJF Het opleiden van vakmensen is een van de strategische pijlers van Remmers. Het werk wordt steeds technischer, bovendien is het zaak om voldoende mensen te interesseren voor de bouw. Remmers leidt van meet af aan jonge mensen op. In de naoorlogse jaren beginnen nieuwelingen in de timmerwinkel aan de Kardinaal van Rossumstraat. Daar worden ze klaargestoomd voor de steiger of voor het werken bij particulieren. De echte rouwdouwers gaan aan de slag bij de grote projecten, de fijnbesnaarden doen verbouwingen bij mensen thuis. De timmerwinkel is lange tijd de proeftuin van het bedrijf. De timmermannen in spe gaan telkens met een andere voorman mee. Elke voorman heeft een ander specialisme. Zo leren de jongelui het vak. Ook nu nog is het goed gebruik jongeren bij ervaren timmerlieden in te zetten. Anno 2011 is Remmers leerbedrijf en biedt leerlingbouwplaatsen voor stagiaires van de ROC-opleidingen. Daarnaast hebben de bouwbedrijven in Tilburg gezamenlijk Stichting Honderd Procent Bouw opgezet om mensen op te leiden. De Stichting heeft de jonge mensen in dienst, schakelt het ROC in voor de theorie en detacheert

24

de jongeren bij de bouwbedrijven. Ze worden breed opgeleid. Van het personeel bij Remmers is een kleine zeven procent in opleiding. Vanuit maatschappelijke betrokkenheid heeft het bedrijf drie mensen met een verstandelijke beperking in dienst. Zij behoren tot de meest trouwe werknemers. Voorheen zorgde de ambachtsschool voor jonge aanwas op de steiger. Oud-directeur en grootaandeelhouder Alphons Remmers heeft de ambachtsschool zien verdwijnen. Hij constateert dat brede kennis van het ambacht is verdwenen. ,,De jongeren van nu zijn specialistisch opgeleid. Misschien is dat ook nodig nu meer specialistische kennis is vereist.� De verregaande specialisatie is duidelijk zichtbaar in de bouw. Spraken vroeger vijf mensen een project door, nu zitten er twintig vanuit allerlei disciplines om de tafel. Inmiddels is er weer een bescheiden roep om specifieke, praktijkgerichte opleidingen voor jeugd die liever met de handen dan met het hoofd werkt.


Dré Smits keek na zijn indiensttreding zijn ogen uit: ,,Er werkten toen heel wat excentriekelingen in de bouw. Rauw volk, vaklui die niets van conventies moesten hebben.” Smits voelde zich snel thuis bij de mannen met de schelmenstreken. Nog steeds lacht hij hartelijk om het paar schoenen dat onder de deur van een toiletkeet uitstak, alsof er iemand op de wc zat. Heel wat bouwvakkers raakten in hoge nood… Toen het lege paar schoenen werd ontdekt, waren de krachttermen niet van de lucht. ,,Het onderlinge plezier hoorde gewoon bij het harde werken”, zegt Smits. ,,We vormden een hechte club en er werd flink aangepoot. Ook op zaterdagen.”

25


de jaren zestig


60

JAREN 60 Tilburg groeit snel in de jaren zestig en

tectuur. Ook het nieuwe spoorstation

ondergaat een metamorfose. In 1969

met zijn kroepoekdak (gebouwd in 1965)

telt de stad 152.589 inwoners, oftewel

baart veel opzien.

42.240 gezinnen in 40.542 woningen. De textielindustrie verdwijnt. Kerken en

Tilburg groeit en heeft een nijpend

kloosters worden afgebroken. Er ont-

tekort aan woningen met betaalbare

staan – letterlijk! – gaten in de stad.

huren. Tilburg Noord wordt uit de grond

Sporten, winkelen en uitgaan worden

gestampt: snelle seriebouw met prefab

belangrijk. In de stad verrijzen diverse

elementen en veel hoogbouw. Nieuwe

sportfaciliteiten. Er komt een buiten-

bouwmaterialen als beton, staal en glas

zwembad aan de Friezenlaan, een

worden toegepast. Stedenbouwkun-

overdekt zwembad aan de Ringbaan

digen bedenken stempelbouw: huizen

West, een kunstijsbaan, een stads-

in kleine hofjes om de sociale binding

sporthal.

te bevorderen. Nu, vijftig jaar later,

WINKELCENTRUM WESTERMARKT

worden deze uitbreidingen bloemkoolIn 1961 opent Tilburg zijn eerste winkel-

wijken genoemd (naar de structuur van

centrum: de Westermarkt. Overdekt

een bloemkool: van groot naar steeds

winkelen, de hele stad loopt uit voor het

kleinere vertakkingen). Het creëren

nieuwe fenomeen. Winkelen wordt een

van sociale cohesie door middel van

uitje. In hetzelfde jaar gaat de nieuwe

stempelbouw is mislukt.

stadsschouwburg open. Het gebouw wordt landelijk geprezen om zijn archi-

STATION TILBURG

28


50-JARIG BESTAAN REMMERS In 1961 viert Remmers het 50-jarig bestaan. Het bedrijf is dan gevestigd in de Oude Molenbochtstraat en heeft sinds de oorlog zo’n 2000 woningen gebouwd. Er werken inmiddels tachtig mensen. Ter gelegenheid van het gouden jubileum biedt Remmers het personeel een groot feest aan in Rotterdam, met onder meer een rondvaart door de stad. Onbetwist hoogtepunt is het bezoek aan de razend populaire Snip en Snap Revue. Een waardige afsluiter van een halve eeuw Bouwbedrijf Remmers.

Nooit heeft hij aan een mooier gebouw gewerkt, vertelt gepensioneerd timmerman Leo van Deurzen. “De ronde kap, de gecompliceerde betonnen gedraaide trap: man, dat was nog eens echt vakwerk.” Het dak bestond uit een soort terracotta flessen die in elkaar pasten en zo de boogconstructie vormden. Ton Mols, hoofd materieelbeheer bij Remmers, kent de verhalen van zijn vader en oom. Die maakten zich destijds grote zorgen over het draagvermogen van het dak. Onnodig, de constructie van het zwembad aan de Ringbaan West bleek solide.

ZWEMBAD RINGBAAN WEST

29


POSTKANTOOR SPOORLAAN

30


OPKOMST UTILITEITSBOUW In de jaren zestig verbreedt Remmers zijn werkterrein in tweeërlei opzicht. Allereerst richt het bedrijf zich meer op utiliteitsbouw (scholen, welzijnscentra, ziekenhuizen, kantoren en industriële projecten – met als eerste een bankgebouw voor Van Mierlo), inmiddels niet meer weg te denken bij Remmers. Tegelijk zoekt én vergaart het bedrijf steeds vaker opdrachten ver buiten de stadsgrenzen.

In de jaren zestig probeert de

Spraakmakende Tilburgse projecten van Remmers uit de jaren zestig zijn onder meer het hoofdgebouw van de universiteit, het zwembad aan de Ringbaan West (1967) en het stadskantoor (1969-1970). Remmers bouwt een groot deel van de Bisschoppenbuurt. Zet kantoren aan weerszijden van de Spoorlaan, zoals het Postkantoor (1963).

Dré Smits weet het nog goed.

overheid korte metten te maken met de woningnood. Huizen worden in rap tempo uit de grond gestampt. Oud-werknemer ,,Slechte bouw, snelheid was belangrijker dan kwaliteit.” Het doet Smits denken aan het, in zijn ogen, lelijkste bouwwerk

BANKGEBOUW HELMOND

UNIVERSITEIT NIJMEGEN

van Tilburg: het kunstwerk op de Hasseltrotonde, het draaiende huis. “Een staalconstructie met plakstrips”, schampert hij. ,,Dat huis past in de naoorlogse revolutiebouw. Er zit niet eens dubbel glas in.”

31


32


ZWEMBAD RINGBAAN WEST

33

UNIVERSITEIT NIJMEGEN


SAMENWERKING Bouwers doen graag zoveel mogelijk zelf. Vandaag de dag, echter, kan geen groot bedrijf meer om samenwerking heen. Voor de bouw van een nieuwe wijk is een enorm beginkapitaal nodig. Bovendien is de looptijd lang. Door samen te werken en met meerdere ondernemingen het bouwplan aan te gaan, worden risico’s gespreid – de ene keer elkaars concurrent, de andere keer elkaars partner. Daarnaast gaat aan een groot bouwproject veel overleg vooraf (met de eigenaar over de verwerving van de grond, met ambtenaren en gemeentebestuurders over de bestemming van de grond, met inspraakorganen, met eventuele omwonenden over bij voorbeeld omvang en milieugevolgen). Samenwerken is het credo, dus. Vele handen maken licht werk! SPORTSPHERE Samenwerken is van alle tijden. Eind jaren veertig slaagt Remmers er in het beste bod te doen voor 47 woningen in Veghel. Maar de burgemeester wil meer – hij weet in Den Haag een extra woningcontingent los te peuteren – en vraagt Remmers om nog eens 27 woningen extra te bouwen. Remmers neemt contact op met Kees Heerkens, zijn grote Tilburgse tegenspeler. De twee bouwbedrijven slaan de handen

34

ineen en pakken het project samen aan. Het is het begin van een lange samenwerking. Zestig jaar na dato ontwikkelen Remmers en Heerkens van Bavel een nieuwe specialiteit: de bouw van sportaccommodaties. Onder de naam Sportsphere presenteren ze zich als dreamteam voor de bouw van moderne sportvoorzieningen. Met succes! Sportsphere kan pronken met geslaagde projecten in Tilburg als multifunctioneel sportcentrum T-Kwadraat (met moderne sporthal en de Irene Wüst ijsbaan) en het hoofdgebouw van Willem II. SPORTBOULEVARD DORDRECHT In 2008 start Sportsphere met de bouw van het grootste overdekte sportcomplex in Nederland: Sportboulevard Dordrecht, met een totale oppervlakte van ruim 35.000 m2. De aanneemsom (inclusief alle installaties) bedraagt bijna 33 miljoen euro. Het project biedt een unieke combinatie van sport, gezondheid en vrijetijdsactiviteiten. Het omvat een schaatsbaan, ijshockeyveld, krabbelbaantje, zwembaden en een sporthal. In november 2010 opent het complex aan de rand van Dordrecht zijn deuren. De architect van de Sportboulevard, Paul Hooper uit Oosterhout, droeg de twee Tilburgse bouwbedrijven voor bij de gemeente Dordrecht.


DE WERF

Hij kijkt tevreden terug. Hij looft de durf van Sportsphere om zo’n gecompliceerd gebouw neer te zetten in de Randstad en roemt de projectleider van Remmers en de drie uitvoerders om hun relaxte en accurate werkwijze. De Sportboulevard is een technisch hoogstandje. Het bouwtechnisch niveau is twee meter boven het maaiveld gebracht om een kelder te creëren voor de technische installaties. Bovendien vereist de natte, modderige ondergrond van (het eiland) Dordrecht extra vakmanschap. Eindoordeel van de architect: een knap stuk werk dat vlekkeloos is verlopen. Paul Hooper en grootaandeelhouder Alphons Remmers kennen elkaar al decennia. Toch gaan ze tien jaar terug pas voor het eerst (zakelijk) met elkaar in zee met de verbouwing van het clubhuis van golfbaan Prise d’Eau in Tilburg. In de nabije toekomst staan de bouw van businesspark De Scheg in Tilburg en 91 appartementen aan de Piusstraat in de gezamenlijke agenda. Van het traditionele spanningsveld tussen bouwer en architect is in de samenwerking met Remmers weinig te merken, zegt architect Paul Goltstein van Bo.2 architecten in Tilburg. Goltstein werkte samen met

Remmers aan sportcomplex T-Kwadraat in Tilburg. Samen ook gaan ze de uitbreiding van De Rooi Pannen in Eindhoven aan. Goltstein prijst de betrokkenheid van de bouwer bij de projecten. ,,Remmers bouwbedrijf is altijd te bereiken”, zegt hij. ,,Zo’n commitment haalt opdrachtgevers over de streep. Een échte aannemer bouwt eerst in zijn hoofd, en dat doet Remmers.” SAMEN LOKAAL STERK Samenwerking met locale en regionale bouwbedrijven is de toekomst. Kennis delen, risico’s spreiden. Samenwerking is versterking. Vanuit deze visie is Remmers aan een opvallend project in Tilburg begonnen: de Werf aan de Piushaven. Op deze gezichtsbepalende locatie verrijzen 30 appartementen en 29 woningen. Opdrachtgever is Triborgh Bouwontwikkeling, een samenwerkingsverband van vijf Tilburgse bouwondernemingen (Remmers, Heerkens van Bavel, Alphons Coolen, Van der Weegen en Doevendans) en twee woningcorporaties. Samen staan ze sterk tegenover de concurrentie van buiten de stad.

35


de jaren zeventig


70

In de jaren zeventig wordt er in Tilburg

van Tilburg Noord, is dat de opmaat

vooral gesloopt. Het is de grote moderni-

voor de eerste kraakactie in Tilburg.

seringsslag van de stad. De bevolking

In de plannen worden 220 woningen

dreigt flink uit te dijen (uiteindelijk valt

gesloopt, 800 mensen moeten verhuizen.

dit wel mee). Er komt een universiteit

De krakers dwingen inspraak af. Voor

en dat betekent dat er ook goedkope

het eerst gaat de gemeente in gesprek

woonruimte voor studenten nodig is.

met bewoners. Resultaat: het plan wordt

Oud maakt plaats voor nieuw. De wijk

aangepast en kleinschaliger.

Koningswei, inclusief het fraaie stadhuis en het station, gaat tegen de vlakte –

Er ontstaat weerstand tegen de onge-

ouderen spreken er nog steeds met

breidelde sloopwoede. De binnenstad

weemoed over. De Heuvel krijgt een

is inmiddels getekend door 117 gaten.

moderner aanzien door de sloop van de

In 1972 dreigt stadsbos De Warande

Ford garage. De ontkerkelijking slaat toe.

te verdwijnen voor uitbreiding van de

Het bisdom laat acht kerken slopen.

universiteit. Textielfabriek Pieter van Dooren, het oudste fabriekscomplex

38

De moderne tijd brengt mondiger

van de stad, moet wijken voor nieuw-

burgers voort. Dankzij een buurtactie

bouw van het Sint Elisabeth Zieken-

blijft de kerk van het Goirke behouden.

huis. De toenemende weerstand leidt

Wanneer het gemeentebestuur besluit

tot een gemeentelijk onderzoek, maar

om een deel van de Ringbaan Noord te

het gebouw valt in 1975 evengoed ten

verleggen voor een nieuwe ontsluiting

prooi aan de sloophamer.

UNIVERSITEIT NIJMEGEN

JAREN 70


Het eerste deel van de jaren zeventig behoort tot de hoogtijdagen van Remmers. Tilburg ontwikkelt industrieterreinen om bedrijven aan te trekken. Goed voor de werkgelegenheid. Goed ook voor Remmers, dat dan 120 man personeel telt en werkt aan diverse mooie projecten (met name in de utiliteitsbouw). Het bedrijf legt zich toe op grote bedrijfshallen, zoals het PTT distributiecentrum aan de Jules Verneweg en de kaasfabriek van Campina aan de Zevenheuvelenweg.

Leo van Deurzen werkte niet op de bouw van Remmers in Nijmegen, maar belandde er evengoed… Bij een ongeluk verliest hij zijn linkeroog. Zeven jaar van behandeling in Tilburg brengen geen

Functioneel is ook de nieuwbouw van het revalidatiecentrum Charlotteoord aan de Dongenseweg. De oude lighallen, waar kinderen onder een afdak buiten liggen om te genezen van tbc, worden vervangen door moderne nieuwbouw met grote ramen. Charlotteoord breidt uit tot een revalidatieoord met 74 bedden voor motorisch beperkte kinderen. Het oord wordt gebouwd volgens de eisen van die tijd: ruime en lichte paviljoens, apart van de klaslokalen. Met een zwembad, een manege, en veel speelruimte.

verbetering, de pijn blijft. Zijn collega’s werken op dat moment aan de Nijmeegse universiteit. Van Deurzen stapt in het personeelsbusje en rijdt mee. In het

CAMPINA

ziekenhuis neemt hij plaats in

EEN TIEN JAREN PROJECT Een van Remmers’ grote projecten is de Radboud Universiteit in Nijmegen. Ruim tien jaar bouwt het bedrijf mee. Dagelijks rijden busjes met werknemers naar Nijmegen. De Katholieke Universiteit in Nijmegen groeit enorm. In 1960 zijn er 3.000 studenten, in 1980 is dat aantal gegroeid tot 15.000 (ter vergelijking: in 2010 telt de universiteit 18.624 studenten). In de jaren zeventig verhuizen vrijwel alle faculteiten naar Heyendael (waar tot dan toe alleen de medische faculteit was gevestigd). Het aantal studierichtingen neemt toe. De universiteit barst uit haar voegen en de nieuwe studenten zoeken woonruimte: werk aan de winkel voor Remmers. Het bedrijf bouwt studentenflats en uiteindelijk bijna de hele campus.

de wachtkamer. Een arts vraagt hem naar de reden. Van Deurzen legt de situatie uit. De oogarts onderzoekt hem en hij wordt acuut opgenomen. ,,Onze bouw was naast mijn bed”, zegt hij. ,,Ik keek er zo op uit.” Van Deurzen herstelt en kan na zeven arbeidsongeschikte jaren weer aan de slag.

39


COLLEGEZAAL UNIVERSITEIT NIJMEGEN

40


DE BLAAK Tilburg gaat eind jaren zeventig gebukt onder het imago van arme arbeidersstad. Kapitaalkrachtige Tilburgers verhuizen naar omliggende plaatsen als Goirle, Berkel-Enschot en Oisterwijk. Het gemeentebestuur wil het vertrek een halt toeroepen met het bouwen van een nieuwe ruim opgezette wijk met duurdere (vrijstaande) woningen en veel groen. De keuze valt op natuurgebied De Blaak. Er worden in de loop der jaren 2.400 woningen gebouwd waarvan 2.200 koopwoningen. Bijzonder aan de wijk zijn de maar liefst 28 vijvers die onderling met elkaar zijn verbonden. De Blaak heeft een gescheiden rioolsysteem voor het hemelwater, dat wordt geloosd in de vijvers. Woningbouw in De Blaak kent vele stijlen: van rustieke boerderettes, klassieke tweekappers tot uiterst futuristische en strakke architectuur. Er staat van alles door elkaar, maar er is geen sprake van de vermaledijde seriebouw. De Blaak kent vele bouwers en ook Remmers bouwde er villa’s. Het gemeentebestuur is in zijn opzet geslaagd: De Blaak is anno 2011 een wijk met nauwelijks sociale problematiek.

41


CAMPINA

42 GEMEENTEHUIS MADE


AD VAN GELOVEN CHARLOTTEOORD

43


BEDRIJFSVOERING In het jubileumjaar 2011 mag de Remmersgroep tevreden omkijken. De omzet in 2009 beliep 75 miljoen euro (met een mooi winstpercentage) en is daarmee het beste jaar uit de 100 jarige historie. Het familiebedrijf staat op eigen benen en heeft 150 werknemers in dienst. Geheel in de traditie van een goed familiebedrijf gaat ook Remmers behoudend om met de winst. Het bedrijf heeft de nodige voorzieningen getroffen voor mindere tijden. De gebouwde voorraad die niet is verkocht of verhuurd is minimaal: drie appartementen in Tilburg en twee appartementen in Den Bosch. In deze woelige jaren van de Nederlandse economie en een instabiele vastgoedmarkt een prima positie. Onmiddellijk inspelen op een drastisch veranderende markt is moeilijk, zo niet ondoenlijk in de bouw. Eenmaal in gang gezet is een bouwproject lastig bij te sturen. Waar voorheen één jaar voldoende was, is nu een periode van vijf tot tien jaar tussen grondaankoop en eerste spade heel gewoon. Bijstelling van bestemmingsplannen en inspraakprocedures maken van een bouwproces een logge mastodont. Flexibiliteit en brede kennis zijn vereist.

STADSKANTOOR BIBLIOTHEEK TILBURG

44

Het bouwproces is ingewikkelder geworden en dat vraagt om veranderingen. Tot op het hoogste niveau. Het oude model van de allesbeslissende directeur volstaat niet meer. Kennis en kunde van anderen zijn onmisbaar. Delegeren en knopen doorhakken zijn nu de voornaamste taken van de algemeen directeur. Bij belangrijke beslissingen wordt grootaandeelhouder Alphons Remmers geraadpleegd. De directie van Remmers Bouwgroep legt verantwoording af aan de raad van commissarissen en aan de aandeelhouders. Ook op de werkvloer is veel veranderd. De tijd vraagt om flexibele werknemers die zich voortdurend kunnen aanpassen. Moderne bedrijven zijn bereid de eigen processen kritisch onder de loep te houden (ook als die decennia lang goed gefunctioneerd hebben) én om in te grijpen. Bouwers laten graag zien wat ze gemaakt hebben (of nog gaan maken), een betrekkelijk passieve houding. Actief deelnemen als bouwpartner verdient de voorkeur. En dat begrijpt Remmers, zo blijkt tijdens de presentatie van de aanbesteding voor schooluitbreiding van De Rooi Pannen in Eindhoven. Remmers vaardigt (bij wijze

van experiment) de projectdirecteur en de werkvoorbereider af, in plaats van de algemeen directeur. Niet de uitgekiende 3D presentaties van de concurrentie, maar de praktijkgerichte mannen van Remmers vallen op. Met positief resultaat: het bedrijf haalt de opdracht binnen. Het is een sprekend voorbeeld van de topman die (met succes!) een stapje terug doet. Een algemeen directeur kan in deze tijd onmogelijk zijn bedrijf op eigen houtje runnen. De complexiteit en diversiteit zijn eenvoudigweg te groot voor één persoon. Dus legt hij zijn oor te luister bij de deskundigen in zijn bedrijf. De directie van Remmers Bouwgroep ziet het als haar taak om het bedrijf strategisch verder te brengen, fundamenten te leggen, het benutten van de aanwezige kennis in het bedrijf en het sturen van de besluitvormingsprocessen. Met als uitgangspunt de voornaamste kernwaarde van Remmers: degelijkheid!


In 1972 begint Toon Scheepens als 15-jarige leerling in de timmerwinkel. Hij zal Remmers altijd trouw blijven. Hij roemt de goede werksfeer binnen het bedrijf, waar hij van alles meemaakte en gedurende zijn loopbaan verschillende functies bekleedde. Tegenwoordig voelt hij zich als een vis in het water in de betontechniek. Zo beschouwt hij bekistingen maken tekens weer als een uitdaging. Toon Scheepens: “Beton is zo gigantisch sterk. Het oogt bij de stort als een blubberige massa, maar het is werkelijk prachtmateriaal! Veel mensen willen dit werk niet doen. Het is zwaar. Je wordt er smerig van. En je hebt natuurlijk dat strakke werkschema. Maar kijk... een latje op een kozijn slaan. Dat kan iedereen.�

45


de jaren tachtig


80

JAREN 80 In het begin van de jaren tachtig tekent

passage. De nieuwe wijk De Blaak

zich een ernstige economische crisis af.

is gewild. In uitbreidingswijk Reeshof

Rentes, ook die van hypotheken, berei-

worden de eerste huizen gebouwd.

ken astronomische hoogten. De werk-

Er is grote behoefte aan senioren-

loosheid, vooral onder jongeren, stijgt

woningen.

onrustbarend. Tilburg kampt bovendien

gebeurtenis: de Tilburgse priester en

met de naweeĂŤn van de nagenoeg

missionaris Peerke Donders wordt zalig

verdwenen textielindustrie. De stad

verklaard. Bij Remmers doet de derde

steekt de handen uit de mouwen om

generatie zijn intrede.

Een

andere

heuglijke

werkgelegenheid binnen te halen. Met de vestiging van Fuji is het eerste schaap over de dam. Meerdere grote industrieĂŤn volgen. De economie trekt aan, net als de werkgelegenheid. Tilburg krijgt officieel een universiteit: de hogeschool gaat Katholieke Universiteit Brabant (KUB) heten. Het Sint Elisabeth Ziekenhuis opent zijn nieuwe onderkomen en in de binnenstad verschijnt een nieuw winkelcentrum op een beeldbepalende plek: de Emma-

BOUWEN IN DE BLAAK

48


DE LINK TUSSEN TILBURG EN JAPAN De komst van het Japanse foto- en filmbedrijf Fuji (begin jaren tachtig) naar Tilburg betekent een uitgelezen kans voor de alerte bouwondernemer. Remmers heeft het, als zovelen, moeilijk in de crisis van begin jaren tachtig. Remmers toont zich gretig en grijpt de kans met beide handen aan. Vast staat nu dat Fuji Remmers groot heeft gemaakt. Vóór Fuji telt Remmers als gevolg van de economische crisis 25 werknemers, erna 100. Omgerekend in euro’s heeft Remmers voor zeker 77 miljoen neergezet op het Fuji-terrein. En nog steeds verzorgt het bedrijf bij Fuji bouwkundige aanpassingen. Werken bij Fuji is een bijzonder karwei. In het productieproces mag geen stofje neerdalen, bepaald geen sinecure. De werknemers van Remmers steken zich in speciale kleding, werken volkomen anders dan ze gewend zijn. Doen hun werk met verve. Flexibiliteit ten top! Oudere werknemers vertellen graag hoe Remmers een goede indruk wil maken als de Japanners poolshoogte komen nemen. Om het eigen bedrijf meer aanzien te geven, spelen de echtgenotes voor secretaresses. De toenmalige nieuwe directeur, Alphons Remmers, bereisde jarenlang de wereld, hij weet hoe het spel wordt gespeeld. Japanners, zo is zijn ervaring, willen weten hoe de stafleden leven. Alphons Remmers – net terug in Nederland – woont in een huurwoning en rijdt een bescheiden auto. Hij is ervan overtuigd dat zijn sobere levensstijl heeft meegeholpen om de grote order in de wacht te slepen. Op 4 maart 1983 slaan burgemeester Letschert en de president van de Nederlandse Fuji-vestiging Kenzo Tatsuuma de eerste paal voor de eerste fabriek op industrieterrein Vossenberg. Alphons is er bijna dagelijks te vinden – ,,Fuji was Alphons kindje,” aldus werknemers uit die tijd. Neef Fons is vooral op kantoor. Na ruim een jaar opent Brabants Commissaris van de Koningin Dries van Agt de fabriek. Tot op de dag van vandaag bouwt Remmers op de locatie aan nieuwe fabrieken, kantoren en magazijnen.

FUJIFILM

49


”De verbouwing van Mommers kan worden beschouwd als de reddingsboei voor het bedrijf, Fuji was het grote schip dat Remmers voorwaarts stuwde”, zegt Alphons Remmers: “Remmers is groot geworden dankzij Fuji. Van een regionaal aannemersbedrijf zijn we gegroeid tot een van de middelgrote, landelijke spelers. Fuji was de opmaat naar majeure projecten. Zoals Sportboulevard in Dordrecht en T-Kwadraat in Tilburg.”

50


TEXTIEL ALS REDDING VAN DE BOUW Net voordat Remmers Fuji binnenhaalt, krijgt het bedrijf nóg een mooie klus: de verbouwing van de voormalige wollenstoffenfabriek C. Mommers en Co. tot Nederlands Textielmuseum. De oude fabriek staat op de nominatie gesloopt te worden, maar mede dankzij de inzet van Miet van Puijenbroek (vakbondsvrouw en eerste vrouwelijke wethouder) blijft het gebouw behouden. Remmers werkt van 1982 tot 1986 aan het nieuwe Textielmuseum. De opdracht voor de transformatie komt net op tijd, want het bedrijf zit begin jaren tachtig in een lastig vaarwater. Het Textielmuseum is de reddingsboei voor Remmers. De jaren tachtig staan grotendeels in het teken van Fuji, een project dat uitgroeit tot een bedrijf in het bedrijf. Maar Remmers blijft ook actief in de woningbouw. In 1981 worden de eerste woningen aan het Biervlietplein in de Reeshof opgeleverd. Remmers bouwt veel in de nieuwe Vinexwijk, die uitgroeit tot een satellietstad van Tilburg met bijna 50.000 mensen. Het bouwbedrijf krijgt in de loop van dit decennium meer grote opdrachten: hangars op vliegbases Gilze-Rijen en Eindhoven en de verbouwing van de ´zwarte doos´ (het stadhuis in Tilburg). Oud-werknemers staat die laatste klus nog helder voor de geest. Het graven van de atoomkelder is moeilijk in de moerasgrond. Het kerkhof dat er ooit lag is debet aan lugubere verrassingen: meerdere malen stuiten de bouwers op menselijke resten. Het werk wordt stilgelegd. Pas als het stoffelijk overschot officieel is geruimd, gaat de bouw verder.

TEXTIELMUSEUM

51


FUJIFILM

52


Uitbreidingswijk Reeshof is van de stad gescheiden door het Wandelbos. Midden in de wijk ligt het natuurgebied Dongevallei. Geprobeerd wordt om de landschapselementen zo veel mogelijk intact te laten. Reeshof is een staalkaart van de Nederlandse architectuur van de afgelopen decennia. Tegelijkertijd is de nieuwe wijk een inspiratiebron voor architecten. Duurzaamheid en ecologisch bouwen doen voorzichtig hun intrede in de bouwwereld. Reeshof is een goede markt voor Remmers. Het bedrijf bouwt er veel woningen, vooral klassieke tweekappers. Maar ook huizen naar ontwerp van gezaghebbende architecten. Die stellen de werknemers soms voor onverwachte problemen. Want hoe bouw je bijvoorbeeld een gedraaid wokkeldak? Het vergt veel vakmanschap, maar de klus wordt geklaard. Reeshof nadert in de 21ste eeuw de voltooiing. Het is de wijk met de meeste jongeren van Tilburg: een derde van de bewoners.

TEXTIELMUSEUM

REESHOF

Remmers Bouwgroep richt in 1989 Remmers Projectontwikkeling op. De tak houdt zich specifiek bezig met risicodragende projectontwikkeling en bouwmanagement. Zelfstandig of samen met anderen ontplooit Remmers Projectontwikkeling nieuwe initiatieven op de woning- en kantorenmarkt en in de industrie. Het bouwmanagement van Remmers Projectontwikkeling ondersteunt potentiĂŤle bouwers bij de complete opzet en uitvoering van bouwplannen, van het eerste haalbaarheidsonderzoek tot aan de oplevering.

53


BEROEPEN EN FUNCTIES Naast het traditionele ambachtelijke werk is er bij Remmers volop ruimte voor nieuwe technieken. De tak projectontwikkeling is een belangrijke pijler onder het bedrijf geworden. Remmers Bouwgroep herbergt een grote diversiteit aan functies. Wat doen die mensen allemaal? WERKVOORBEREIDER De werkvoorbereider zorgt ervoor dat de juiste mensen en materialen op de juiste tijd ter plekke zijn. Werkvoorbereiders stemmen zaken op elkaar af en springen snel in op veranderingen in of verstoringen van het bouwproces. Wanneer betonwagens onverwacht vast raken in de file (beton moet in één keer worden gestort, de aanvoer mag niet stagneren) is het is aan de werkvoorbereider om filegevoelige routes en tijdstippen te mijden. Hij regelt de vergunningen om hijskranen op de openbare weg te plaatsen en houdt rekening met evenementen. UITVOERDER De uitvoerder zwaait de scepter op de bouwplaats. Hij is het die de bouw draaiende houdt. Uitvoerder is een stressvolle baan. Hij doet bestellingen, maakt de planning, zorgt dat de mensen aan het werk blijven

54

en bewaakt het tijdschema. Ingewijden noemen de uitvoerder wel de ‘schuppaol’. Omdat hij zowel de werknemers als de directie tevreden moet stellen. Voorwaar geen eenvoudige opgave… Bij een groot project als De Admiraal in Rotterdam (2000-2003), werd gewerkt met wel drie uitvoerders én een hoofduitvoerder (die veel vergadert, maar wel ter plekke). Remmers heeft twaalf uitvoerders in dienst. PROJECTONTWIKKELAAR Decennia geleden was het bezit van grond de beste waarborg voor de toekomst. Nu is dat een eigen afdeling projectontwikkeling. Een bouwbedrijf kan niet zonder mensen die in de toekomst kijken. De projectontwikkelaar is alert op bijzondere locaties (voor woningen, villa’s, kantoren of fabriekshallen), bekijkt bestemmingsplannen. Gaat na wie de eigenaren van grondpercelen zijn en informeert of ze willen verkopen. Vaak vangt hij bot, maar soms is het raak. Wat volgt is een lang traject met notaris, juristen, fiscalisten en bouwers. Het neemt soms jaren in beslag. Pas wanneer de eerste spade de grond in gaat, zit het werk van de projectontwikkelaar erop.

TIMMERMAN Timmerman is een onmisbaar ambacht in de bouw. Hij is veelzijdig, van ruwbouw (zoals bekisting voor beton) tot het uittimmeren van ingewikkelde constructies. De timmerlieden vormen het hart van het bedrijf. Remmers besteedt veel werk (installatiewerk, metselwerk) uit aan onderaannemers, maar houdt het timmerwerk stevig in eigen handen. De meeste van Remmers’ werknemers zijn timmerlieden. Vaklieden waar het bedrijf zuinig op is. VROUWEN De bouw is een mannenwereld (kantoorfuncties uitgezonderd). Daar helpt geen moedertjelief aan. Het in politiek Den Haag fel bediscussieerde en verplichte vrouwenquotum wordt in de bouwwereld onhaalbaar geacht. Hoewel fysieke beperkingen als zwaar sjouwwerk goeddeels zijn weggenomen en er in de toekomst een groot personeelstekort dreigt, kiezen vrouwen simpelweg niet voor werken in de bouw. In de opleidingen zijn vrouwen zwaar ondervertegenwoordigd. Het is al een hele kunst om mannen te interesseren voor het vak.


Hoofd materieelbeheer Ton Mols werkt sinds 1981 bij Remmers. Zijn vader werkte 35 jaar als chauffeur voor het bedrijf. Daarvoor was zijn opa jarenlang timmerman bij Remmers. “Onze familie werkt hier bij elkaar al wel tachtig jaar...” Dat het af en toe erop of eronder was voor Remmers, blijkt uit een anekdote uit de jaren tachtig: “Wij waren toen nog vooral op nieuwbouw gericht. We beschikten over veel steigermateriaal. Voor de verbouwing van de Mommersfabriek tot het textielmuseum, moest ineens vooral gesloopt worden. Om een pneumatische hamer voor die klus te kunnen aanschaffen hebben we toen een grote partij steigermateriaal verkocht. Tja, we moesten er hard voor knokken af en toe! Die compressor ligt hier trouwens nog steeds. Ik kan er geen afstand van doen.”

55


de jaren negentig


90

JAREN 90

REESHOF

58

De economie trekt aan en floreert als

het voormalige retraitehuis Cenakel

nooit tevoren. Er wordt fors ge誰nvesteerd

aan de Kempenbaan (in het nieuwe

en het stadsbestuur maakt korte metten

millennium gevolgd door Westpoint en

met het imago van Tilburg als arme, foei-

de Stadsheer).

lelijke arbeidersstad. Architecten winnen

De stad verfraait zichtbaar en daar hoort

prijzen met omvangrijke renovatieprojec-

een groter aanbod aan kunst en cultuur

ten, zoals woningbouw op het terrein

bij. De ene na de andere cultuurtempel

van de Kromhoutkazerne. Ook bedrijfs-

verrijst: de Concertzaal en het aangren-

gebouwen vallen in de prijzen. Tilburg

zende kunstcluster, popcentrum 013,

bouwt de hoogte in. Beeldbepalende

Museum De Pont. De gemeente groeit

hoogtepunten zijn het Interpolis gebouw

dankzij de gemeentelijke herindeling in

aan de Spoorlaan en de woontorens bij

1997 tot 180.000 inwoners.

RITTHEMHOF REESHOF


EEN STEVIGE OPDRACHTEN PORTEFEUILLE Bij Remmers zet de opgaande lijn uit de jaren tachtig zich aanvankelijk voort. De nieuwe wijk Reeshof groeit in de jaren negentig als kool en Remmers bouwt duchtig mee aan de nieuwe stad. Alleen al in dit decennium is het bedrijf goed voor 1200 woningen en appartementen in de uitbreidingswijk. Ook op het terrein van Fuji gaat het werk door. Bouwgroep Remmers vestigt zich in 1992 in het – uiteraard zelfgebouwde – pand aan de Kranenberg. Het is tevens druk in de weer met de bouw van fraaie bedrijfspanden. Een aparte vermelding verdient het prachtige bedrijfspand met showroom van Vadobag op het industrieterrein Katsbogten. Met een aanneemsom van 1 miljoen euro niet het duurste project uit de jaren negentig, maar wel een gebouw dat veel architectuurprijzen in de wacht sleept. Het gebouw is ontworpen door Luijten Smeulders architecten uit Tilburg en staat ‘met de voeten’ in het water.

Het mooiste gebouw waar Toon Scheepens aan werkte, is het onderzoeksinstituut in Wageningen. Het was tevens zijn grootste uitdaging. Het onderzoeksinstituut bestaat uit een laboratorium en een kantoor. Het is een gebouw met inpandige loopbruggen, een atrium met ellipsvormige lift en een vergaderzaal met golvend

VADOBAG

plafond. ,,Het plafond en de dakrand waren het moeilijkst”, zegt Scheepens. ,,Het platte dak liep omhoog met een rand van smal naar breed. Daaraan hing een brede goot van roestvrij staal van 1500 kilo. Probeer zo’n gewicht maar eens op te hangen. We hebben die constructie ter plekke moeten bedenken.”

VADOBAG

STARING CENTRUM WAGENINGEN

59


STATION ’S-HERTOGENBOSCH

60


GEBIEDSUITBREIDING In 1999 wil het bouwbedrijf de vleugels uitslaan naar Oost Brabant en Utrecht. Remmers neemt het bedrijf van collega-aannemer Van Tartwijk uit Schijndel over. Remmers heeft nu voet aan de grond in Tilburg, West Brabant en in Nijmegen. Van Tartwijk, net als Remmers een familiebedrijf, is een begrip in de regio’s Oost Brabant en Utrecht. Het wordt verkocht omdat er geen bedrijfsopvolger is. Aan het eind van het decennium stort de bouwmarkt in. Er is onvoldoende werk en Remmers voert noodgedwongen een ingrijpende reorganisatie door. Het bedrijf is genoodzaakt personeel dat korter dan acht jaar in dienst is, te ontslaan. De rigoureuze ingreep, in combinatie met de aantrekkende orderstroom, heeft het gewenste effect. Het bedrijf herstelt en wordt weer rendabel.

REESHOF

STARING CENTRUM WAGENINGEN

61


DONGEVALLEI REESHOF

VAN ERP WEERT

62

EEKELHOF SCHIJNDEL


REESHOF

POLITIEBUREAU UTRECHT

63


DUURZAAMHEID

DE WERF

64

Duurzame ontwikkeling gaat over het vervullen van de behoeften van nu, zonder het vermogen van toekomstige generaties in gevaar te brengen om in hun behoeften te voorzien. Zo luidt de definitie van de VN-commissie Brundtland, die dateert uit 1987. Bijna een kwart eeuw later is het gebruik van duurzame materialen in de bouw gemeengoed in Nederland. Ook bij Remmers. Sterker: de nadruk ligt op duurzaamheid. Duurzaamheid is het stadium van hobbyisme voorbij, het is een verdienmodel. De term werkt bij opdrachtgevers als een zich openende slagboom.

Duurzaamheid is ook levensbestendig, onderhoudsarm en energiezuinig bouwen. Remmers geeft die begrippen handen en voeten. Bij sportcomplexen wordt ingezet op technieken om met zo min mogelijk energie warmte of koude (voor een ijsbaan) op te wekken. Bij Sportboulevard Dordrecht bijvoorbeeld wordt de warmte die vrijkomt bij het koelen ingezet voor verwarming van het zwemwater. De woningen in De Werf, het nieuwbouwproject aan de Piushaven in Tilburg, zijn behalve energiezuinig ook levensbestendig. De indeling is dusdanig aanpasbaar dat de woning past bij elke levensfase van de mens.

Duurzaamheid is meer dan het gebruik van goedgekeurd hout. Remmers probeert het bouwproces zo energiezuinig mogelijk te laten verlopen. De Remmers conceptwoning is technisch zo ontworpen dat ze past in een strakke bouwstroom. Er wordt gebruik gemaakt van standaardmaten, de onderdelen van het huis kunnen tegelijk gebracht worden. Dat betekent minder verkeer. Remmers probeert het energieverbruik tijdens de bouw laag te houden. Het bedrijf bouwt zo dat er weinig afval overblijft. Reststoffen worden op de bouwplaats gescheiden.

Onderhoudsarm bouwen op grote schaal is een ander verhaal. Bij aanbestedingen in de bouw geldt tot nu toe maar één ding: de laagste prijs. Dat is doorslaggevend en staat haaks op onderhoudsarm bouwen. Immers, onderhoudsarm bouwen vergt een grote investering die zich pas later terugbetaalt. Remmers is voorstander van het ‘meenemen’ van deze lifetime-kosten, zodat de kostenplaatjes er anders uit komen te zien. Samen met de provincie Brabant en Fuji is Remmers deelnemer aan een bijzonder

project om de functionaliteit van grote daken te vergroten. De vele hallen op Industrieterreinen herbergen voetbalvelden aan platte daken. Op die daken kunnen zonnecollectoren en sedumbeplanting worden geplaatst. De zonnecollectoren dienen om energie te winnen, de planten om de energie binnen te houden. De bedoeling is de functionaliteit van de daken te verbreden en te verbeteren, verder uit te breiden en uit te vinden of de techniek ook toepasbaar is op muren. Op het gebied van duurzaamheid is nog een wereld te winnen in de bouw. Remmers draagt zijn steentje bij.


Volgens Anne-Marie Rakhorst van het gezaghebbend ingenieursbureau Search slokt de bouw in de Westerse wereld bijna veertig procent van alle beschikbare materialen op. Volgens haar is het zaak alternatieve energiebronnen aan te boren – er zijn kantoorgebouwen die meer energie opwekken dan gebruiken. Ze wijst op hergebruik van sloopmaterialen en afvalwaterrecycling tot grijs water voor industriÍle doeleinden. Rakhorsts troef om schaarste tegen te gaan, is flexibel bouwen. ,,Maak een gebouw als een soort Ikea-pakket dat telkens anders kan worden ingedeeld. Bouw met het oog op toekomstige herbestemming. Zo voorkom je leegstand. Een voorbeeld? Leg leidingen in de vloer in plaats

SPORTBOULEVARD DORDRECHT

van in de muren, zo houd je de indeling van het gebouw flexibel.

65


de eenentwintigste eeuw


00 DE 21

STE

EEUW DE CITADEL

H et nieuwe millennium begint met

meesleurt. Gevolg: een wereldwijde

voorspoed op alle fronten. Bouwwerken

economische crisis. Woelige tijden

weerspiegelen de hoogconjunctuur,

breken aan, vooral voor beursge-

innovatie gedijt. In Tilburg verschuift

noteerde bedrijven. Ondanks de crisis

de werkgelegenheid van industriĂŤle

blijft Remmers goed presteren. 2009 is

bedrijvigheid naar dienstverlening.

zelfs een topjaar. In 2011, het jubileum-

Kantoorgebouwen schieten als padden-

jaar, is het bedrijf stabiel. Ondanks dat

stoelen uit de grond. De huizenprijzen

Alphons Remmers zich terugtrekt uit

zijn astronomisch hoog. Net als de

de directie. De onderneming is het

ambities van Tilburg. Beeldbepalende

bewijs dat familiebedrijven meerdere

gebouwen verrijzen: woontoren West-

generaties

point, De Stadsheer en de zwarte kan-

gevoerd zonder het karakter van een

toortorens bij De Blaak. De stad groeit,

familiebedrijf te verliezen. Het tekent

de bevolking groeit mee: in 2006

de kracht van familiebedrijven.

lang

kunnen

worden

wordt de 200.000e inwoner van Tilburg geboren. De aanslagen op de Twin Towers in New York in 2001 schrikken de wereld op. De economie weet zich te herstellen. Totdat in 2008 in de VS de huizenmarkt instort en de financiĂŤle wereld

UTRECHT LEIDSCHE RIJN

68

LEYENDAEL

KANTORENPARK BLAAK


DE ADMIRAAL, ROTTERDAM In 2000 krijgt Remmers de order voor een prestigieus bouwwerk: woon- en kantorencomplex De Admiraal in Rotterdam, inclusief een hoge woontoren (naar een ontwerp van Frits van Dongen en de Architecten Cie). Het is een van de grootste bouwprojecten in het begin van de eeuw. De aanneemsom bedraagt 33 miljoen euro. De werknemers van Remmers zijn er dertig maanden mee bezig, tot in 2003. Het is een risicovol project en Alphons Remmers is er niet gerust op. Hij krijgt gelijk: Remmers sluit het project af met verlies. Positieve keerzijde: het aansprekende gebouw sleept diverse prijzen in de wacht.

Wim Snels was hoofduitvoerder

DE ADMIRAAL ROTTERDAM

bij de bouw van De Admiraal in Rotterdam. Hij ziet het als de grootste uitdaging uit zijn loopbaan. ,,De Admiraal was een van de opzienbarendste projecten van die tijd. Een schitterend

WONINGBOUW IN GROTEN GETALE De woningbouw in de Reeshof gaat onverdroten voort in Remmers’ tiende decennium. Het bouwbedrijf zet er nog eens ongeveer 1100 woningen neer, inclusief de ‘Citadel’. Daarnaast tekenen Remmers en het overgenomen Van Tartwijk voor aanzienlijke woningbouwprojecten, onder meer in Schijndel, Utrecht (Leidsche Rijn en De Meern), Vlijmen, Vught, Den Bosch, Zoetermeer, Sint-Michielsgestel en in Tilburg (het appartementencomplex aan de Friezenlaan).

gebouw met weinig onderhoud. Later hoorde ik dat het de Rotterdamse Bouwkwaliteitsprijs heeft gekregen. Daar ben ik best trots op. ‘Dat heb ik nog gebouwd’, zeg ik altijd als ik er langs rijd.”

VERSCHEIDENHEID IN UTILITEITSBOUW In de utiliteitsbouw blijft Remmers druk in de weer met uiteenlopende opdrachten, al dan niet in samenwerking met anderen: kantorenpark Blaak (inclusief de Interpolis-toren daar), woon- en kantorencomplex Leyendael, de nieuwbouw van De Hazelaar, de uitbreiding van de universiteit in Tilburg.

FRITS VAN DONGEN ALPHONS REMMERS

69


SPORTBOULEVARD DORDRECHT

70


SPORT ALS SPEERPUNT Remmers ontwikkelt zich als specialist in het bouwen van sportaccommodaties – het bedrijf deed de voorbije decennia brede ervaring op met sporthallen en zwembaden in Tilburg. Remmers zet (in samenwerking met anderen) een aantal aansprekende projecten op: de uitbreiding van het voetbalstadion in Tilburg, de verbouwing van Papendal bij Arnhem, het grote sportcomplex T-Kwadraat in Tilburg Zuid (met ijsbaan, ijshockeybaan, sporthal en winkelvoorzieningen). Kroon op het werk is de Sportboulevard in Dordrecht, een futuristisch gebouw met onder meer een sporthal, een zwembad én een ijsbaan. Het zijn gebouwen waar duurzaamheid en bestendigheid samen komen.

Directeur Peter Picavet: “Sport is een van onze speerpunten, daar zijn we goed in. Bij de Sportboulevard gaat het om specialistisch werk. De ploeg die in Dordrecht bouwt, kun je niet zomaar woningbouw laten doen. Een zwembad en een ijsbaan

LOGISTIEK: GROOT, GROTER, GROOTST Een van de vele specialismen van Remmers is de bouw van megahallen (soms wel 50.000 m2). Het bedrijf is er in thuis als geen ander. Zo bouwt Remmers nu een overslagbedrijf op industrieterrein Vossenberg voor transporteur Versteijnen. Op de indrukwekkende referentielijst van de laatste jaren prijken verder opslag- en distributiecentra in Bergen op Zoom, Roosendaal, Venlo, Ede, Pijnacker (Albert Heijn), Oosterhout, Rotterdam en Tilburg.

vereisen veel technische kennis. De hal in Dordrecht werkt met koude- en warmteopslag, dat is al normaal. Maar neem nu de ijsvloer. De leidingen daarin worden met de hand gelegd. Het is de kunst de vloer zo licht mogelijk te maken. Daar zijn technische hoogstandjes voor nodig.”

SPORTCOMPLEX T-KWADRAAT TILBURG

71


WITBRANT-OOST REESHOF TILBURG

LEYENDAEL

DE ADMIRAAL ROTTERDAM

72


SPORTCOMPLEX T-KWADRAAT TILBURG QUEENS JULIANAPARK

SPORTBOULEVARD DORDRECHT

73


TOEKOMST DE TOEKOMST VAN DE BOUW EN VAN REMMERS De toekomst voorspellen is gewaagd. Zeker in de bouw. Remmers is een gezond bouwbedrijf. Desondanks blijft de toekomst ongewis. Op kleinere schaal vrezen timmerlieden voor het ambacht. Ze voorspellen dat het edele handwerk plaats maakt voor prefab: complete onderdelen van huizen die in de fabriek op maat worden gemaakt en op locatie als bouwpakket in elkaar worden geknutseld. Ze verwijzen naar de woningdaken in Koolhoven, die nu al worden uitgeklapt met scharnierdelen en de volgende dag voorzien van complete dakkapellen. Waarmee de klus geklaard is. Prefab-bouw is efficiënt en snel en heeft de toekomst. Dat het ambachtelijke werk helemaal verdwijnt is niet waarschijnlijk. Zo komen in een project in Schijndel traditie en toekomst samen in de Glazen Boerderij. Op de Markt verrijst een traditionele langgevelboerderij van glas. Het is een gedurfd ontwerp van MVRDV uit Rotterdam, waar geboren Schijndelnaar Winy Maas de toon aangeeft. Het gaat om een glazen creatie waar men dwars doorheen kijkt opdat het dorpsleven door het gebouw schemert. De

74

boerderij gaat plaats bieden aan winkels, horeca en kantoren. Remmers ontwikkelt het project en voert het uit. Een makelaar is ingeschakeld voor de verkoop en verhuur van de winkels en kantoor ruimte. Een project als de Glazen Boerderij, een beeldbepalend gebouw in het hart van de samenleving, heeft nogal wat voeten in aarde. Dorpsgemeenschap en -politiek spreken een duchtig woordje mee. Bovendien stuit de realisatie van het ontwerp op technische haalbaarheid, waardoor de boerdij uiteindelijk minder glas zal bevatten. De gemeente Schijndel had de architect al op het oog toen ze enkele jaren geleden een prijsvraag uitschreef. De glazen boerderij kan gezien worden als de metafoor voor revolutionaire technische ontwikkelingen en de complexiteit van de huidige samenleving. Vroeger paste een ontwerp op de achterkant van een sigarenkistje. Nu zijn er al 3D modulaties, terwijl de bestekfase nog in het platte vlak verkeert. Maar ook dat verandert: over vijf jaar is iedereen gewend om in 3D te denken en te werken.

Samenwerking is de toekomst. Samenwerking is onontbeerlijk bij een project als De Werf in Tilburg (in opdracht van Triborgh Bouwontwikkeling). Daarin werken vijf bouwbedrijven, twee woningbouwcoöperaties en een projectonwikkelaar samen om huur- en koopwoningen in alle segmenten te bouwen in Tilburg. De samenwerking gaat verder dan gebruikelijk. Triborgh treedt ook in overleg met de (toekomstige) bewoners over leefbaarheid, onderhoud, veiligheid en inrichting van de openbare ruimte. Remmers werkt samen met bouwbedrijven die voorheen grote concurrenten waren. Concurrenten van weleer hebben elkaar nodig: soms om de risico´s van een grote grondaankoop te spreiden, dan weer om optimaal gebruik te maken van elkaars specialismen. In de toekomst zal samenwerken noodzaak zijn. Naast partnerships is een nieuwe visie op bouwen van belang voor de toekomst. Duurzaam bouwen is (deels) bijna vanzelfsprekend geworden. Maar ook het denken over wonen, werken en vrije tijd verandert.


Mirko Marcon belicht als ontwikkelaar een project waarmee het bedrijf zijn visitekaartje afgeeft. Bedrijvenpark ‘De Scheg’ in Tilburg, naar de terreinvorm gelijkend op de boeg van een schip, wordt “zeer hoogwaardig met een diversiteit aan voorzieningen. Er komen kantoren en bedrijfsgebouwen en… een hotel met 90 kamers, inspelend op de behoefte.” Zaken doen als projectontwikkelaar en bouwer komt neer op zeer goed luisteren naar wat klanten willen. “De Scheg wordt een duurzaam bedrijvenpark in het groen. De natuur wordt aan de andere kant van de verkeersweg in het plan getrokken. We gaan er warmte-koude techniek toepassen en nergens in een van de (turn-key) kantoren zal straks nog onnodig licht branden.”

MATERIEEL MAGAZIJN

75


Samen met architect Paul Goltstein van Bo.2 in Tilburg heeft Remmers het concept Droomwonen ontwikkeld. Goltstein heeft uitgesproken opvattingen over het bouwen in de toekomst. Zijn statement is dat hij niet in de eerste plaats architectuur maakt, maar dat hij ruimte schept voor mensen. Vanuit dat gezichtspunt is Droomwonen ontstaan, als antwoord op systeembouw. ,,Woonkwaliteit wordt niet alleen bepaald door de vormgeving of afmetingen”, zegt Goltstein. ,,Woonkwaliteit wordt vooral bepaald door de persoonlijke levensstijl.” In Droomwonen gaan Remmers en Goltstein uit van vijf leefstijlen: Naturel (veel buitenleven), En Suite (één grote centrale leefruimte), Forte (privacy), Loft (open ruimte met veel creatieve mogelijkheden) en Surprise (verrassend, fantasievol). Aan de hand van levensstijl creëren architect en Remmers de gewenste droomwoning. Het is een voorbeeld van conceptueel denken, Co-creatie en nauwkeurig afgestemde samenwerking. Architect en bouwer stappen af van traditioneel denken en staan open voor een nieuwe benadering. Hoe ziet de toekomst van Remmers er uit? De tijd van de ‘traditionele’ bestekaannemer is voorgoed voorbij, weet

76

directeur Peter Picavet. ,,Je wordt tegenwoordig eerder aan tafel gevraagd. Ontwikkelingsprocessen en bouwprocessen lopen in elkaar over. Op een eerder tijdstip in de bouwketen stappen, maakt het werk interessanter en stelt je in staat meerwaarde te leveren. Dit leidt tot een effectieve manier van samenwerken, waarin veel kosten worden bespaard en de meest optimale ideeën boven tafel komen. Alleen technische expertise inbrengen voldoet niet meer. Goede communicatie en organisatorische vaardigheden, dat vinden klanten zeker zo belangrijk. Wie zich het best aanpast aan nieuwe (markt)omstandigheden overleeft en glorieert.” De opdracht voor Remmers is duidelijk: bovenregionale, grote projecten blijven aanpakken, extern gaan, blijven concurreren met de grote, beursgenoteerde bedrijven. Peter Picavet heeft er vertrouwen in. ,,Stabilisatie van de omzet en specialisatie zijn de targets. Dat gaat ons lukken! Op eigen kracht en in samenwerking met anderen. Want Remmers is een degelijk, traditioneel Tilburgs familiebedrijf met landelijke aspiraties. Honderd jaar bewezen bouwkwaliteit!”


KANTOOR REMMERS BOUWGROEP KRANENBERG 1 TILBURG

77


Een logo staat voor wat je wilt, wie je bent en wie je was. Blauw is de trotse kleur van Remmers Bouwgroep. Het beeld toont wat we doen. De tekst dekt precies de lading: ‘Honderd jaar bewezen bouwkwaliteit’.

78


79


80

Contactgegevens Remmers Bouwgroep B.V. Postbus 4021, 5004 JA Tilburg, Adres: Kranenberg 1, 5047 TR Tilburg, Tel: 013 - 5729300, Fax: 013 - 5729301, E-mail: info@remmersbouwgroep.nl


COLOFON Dit jubileumboek brengt 100 jaar

Concept

Tilburgse historie en bouwactivi-

Willem Besters BNO, Tilburg.

teiten van Remmers Bouwgroep in beeld. Besters Communicatie Concepten in Tilburg tekende voor

BCC, Concept & Design Team.

Tekst Interviews: Tekstbureau Westpoint,

tekst, beeld en vorm. Het tijdsbeeld

Joke Knoop en Arnold Verplancken.

1911-2011 kwam mede tot stand

Themaredactie: Minouche Besters.

dankzij de inbreng van alle mede-

Eindredactie: Toine van Corven.

werkers van Remmers Bouwgroep, met name Ton Mols en Odette Hubers.

Projectorganisatie: Wendy Kapteijns.

Beeld en Fotografie Fotoarchief Remmers Bouwgroep. Historisch beeldmateriaal: Regionaal Archief Tilburg en het Geheugen van Nederland. Directie: Camiel Donders. Remmers locaties 2011: Bart van Hattem. Projectorganisatie: Victor Colberts.

Drukwerk realisatie Ontwerp en uitvoering vormgevingsconcept: Victor Colberts en collega’s. Projectorganisatie: Willem Besters BNO

Tilburg, 1 juni 2011

in samenwerking met Staet van Creatie.

81


100 jaar remmers bouwgroep  

De jubileum uitgave van de Remmers Bouwgroep.

Read more
Read more
Similar to
Popular now
Just for you