Issuu on Google+

Vlaams Ministerie van Ondenryijs en Vorming

Aan de voozitter van het schoolbestuur Freinetschool De Vier Tuinen VZW

Onderwijsinspectie Hendrik Consciencegebouw 2809 Koning Albert ll-laan 15 1210 BRUSSEL

Nederenamestraat 30 97OO OUDENAARDE ons kenmerk BaO-1

vraqen

naar/e-mail

Erik Gillis doorlichtingssecretariaat@ond.vlaanderen.

1

bijlagen verslag schooldoorlichting

12-12717s-VËR

telefoonnummer

datum

02 553 88 12

Í fr -ili- a*ïr

be

Betreft: Verslag van de doorlichting van Vrije Basisschool - Freinet- school De Vier Tuinen te OUDENAARDE

Geachte

ln bijlage vindt u het definitieve verslag van de doorlichting van uw school. 1

De directie moet het verslag binnen de dertig kalenderdagen na ontvangst agenderen op een personeelsvergadering en integraal met de teamleden bespreken.

We stuurden het doorlichtingsverslag en het verslag over de controle van bewoonbaarheid, veiligheid en hygiëne ook naar de directie met de vraag om per kerende één exemplaar ondertekend terug te zenden. Overeenkomstig de decretale bepalingen worden de verslagen voor kennisname ondertekend door het bestuur of zijn gemandateerde. U kunt altijd opmerkingen als bijlage aan het verslag toegevoegen. Tot slot willen we u, de directie en de teamleden bedanken voor de medewerking bij de doorlichting. Wij hopen dat deze doorlichting een bijdrage is om de kwaliteit van het onderuvijs in uw instelling verder uit te bouwen.

Met vriendeliike qroeten

Lieven Viaene lnspecteur-generaal

1

tn àe dertig kàlànderoagé; wóiàón àà vàt<àntièpàriodes niet meegerekend.


:'::! 4.,.t)

Vlaams Ministerie van Onderwijs en Vorming

Onderwijsinspectie Hendrik Consciencegebouw Koning Albert ll-laan 15 1 21 O BRUSSEL doorlichtingssecretariaat@ond.vlaanderen. o nderwijsi nspectie. be

be

www.

Verslag over de doorlichting van Vrije Basisschool Freinetschool De Vier Tuinen te Oudenaarde

-

Hoofdstructuur bao

Directeur Adres TeleĂ?oon Fax e-mail website/URL

Adres

Adres

Adres

lnstellingsnummer 127175 lnstelling Vrije Basisschool - Freinetschool De Vier Tuinen Ann VANCOPPENOLLE Nederenamestraat 30 - 9700 OUDENAARDE 055-30.37.66 055-61.05.93 info@deviertuinen.be www.deviertuinen.be Bestuur van de instelling 124305 - Freinetschool De Vier Tuinen VZff te OUDENAARDE Nederenamestraat 30 - 9700 OUDENAARDE Scholengemeenschap 125591 - Onafhankelijke Methodescholen te GENT Kartuizerlaan20 - 9000 GENT CLB 1 15048 - Vrij CLB Zuid - Oost - Vlaanderen te OUDENAARDE BurgscheldeT - 9700 OUDENAARDE

Dagen van het doorlichtingsbezoek 7 11 1 1201 1, 811 1 1201 1, Einddatum van het doorlichtingsbezoek 1011112011 Datum bespreking verslag met de 2511112011 instelling

Samenstelling inspectieteam I nspecteur-verslaggever Teamleden

1 011 1 1201

Jan Devos Marianne D'Heer

127175 - Vrije Basisschool - Freinet- school De Vier Tuinen te Oudenaarde

1


Deskundige(n) behorend tot de nihil administratie Externe deskundige(n) nihil

127175 - Vrije Basisschool - Freinet- school De Vier Tuinen te Oudenaarde


INHOUDSOPGAVE

INLEIDING ,,,.,,,,,,,,,,,.,,4 . SAMENVATTING........... ..........;........... 6 2. FOCUS VAN DE DOORLICHTING ......8 2.1 Leergebieden in de focus .....................8 2.2 Procesindicatoren of -variabelen in de Íocus .........8 3, VOLDOET DE SCHOOL AAN DE ERKENNINGSVOORWAARDEN? .....................9 3.1 Kleuteronderwijs: Nederlands ...............9 3.2 Kleuteronderwijs: wiskundige initiatie ..................10 3.3 Lager onderwijs: Nederlands ..............12 3.4 Lager onderwijs: wiskunde .................13 4, BEWAAKÏ DE SCHOOL DE EIGEN I«VALITEIT?......... .....15 4.1 Personeelsbeheer .............15 4.2 Professionalisering.... ........15 4.3 Materieel beheer ...............16 4.4 Welzijn .............16 4.5 Curriculum ........16 4.6 Begeleiding ......16 4.7 Evaluatie ........Fout! Bladwijzer niet gedefinieerd. 5. ALGEMEEN BELEID VAN DE SCHOOL ............18 .....19 6. STERKTES EN AruAKTES VAN DE SCHOO1............... ........... 19 6.1 Wat doet de school goed?....... ............ 19 6.2 Wat kan de school verbeteren? ...-........... ..........20 6.3 Wat moet de schoolverbeteren?........-...... 7. ADV|ES.... ........21 ,,,,,,,....21 8. REGELING VOOR HET VERVOLG......... 1

127175 - Vrije Basisschool - Freinet- school De Vier Tuinen te Oudenaarde


INLEIDING

Dit verslag is het resultaat van de doorlichting van uw instellingl door de onderwijsinspectie van de Vlaamse Gemeenschap. Het decreet betreffende de kwaliteit van onderwijs van I mei 2009 geeft haar de opdracht hiertoe.

of

de onderwijsinspectie na de instelling de erkenningsvoorwaarden respecteert, of ze op systematische wijze haar eigen kwaliteit bewaakt en of ze zelfstandig de tekorten kan remediëren.

Tijdens een doorlichting gaat

Het advies in dit verslag heeft betrekking op alle erkenningsvoorwaarden uitgezonderd de voorwaarden betreffende hygiëne, veiligheid en bewoonbaarheid. Vanaf het schooljaar 2011-2012 vindt de controle op de erkenningsvoorwaarden betreffende bewoonbaarheid, veiligheid en hygiëne gelijktijdig met de doorlichting plaats. Deze controle op bewoonbaarheid, veiligheid en hygiëne resulteert in een aÍzonderlijk verslag. Alle verslagen worden gepubliceerd op www.doorlichtingsverslagen.be.

Het referentiekader dat de onderwijsinspectie gebruikt bij een doorlichting is opgebouwd rond de componenten context, input, proces en output: context: de omgevingskenmerken en de kenmerken van administratieve, materiële, bestuurlijke en juridische aard die de instelling karakteriseren input: kenmerken van het personeel en van de leerlingen oÍ cursisten van de instelling o proces: initiatieven die een instelling neemt om output te realiseren, rekening houdend met haar context en input output: de resultaten die de instelling met haar leerlingen of cursisten bereikt. Meer inÍo over het CIPO-referentiekader vindt u op vvv\íw.onderwijsinspectie.be.

. . .

De doorlichting bestaat uit drie fases: het vooronderzoek, het doorlichtingsbezoek en de verslaggeving. Tijdens het vooronderzoek selecteert de onderwijsinspectie de onderwijsdoelstellingen en de procesindicatoren oÍ -variabelen die het inspectieteam onderzoekt tijdens het doorlichtingsbezoek. Tijdens het doorlichtingsbezoek verzamelt het inspectieteam bijkomende informatie via observaties, gesprekken en analyse van documenten. Het resultaat van de doorlichting is het doorlichtingsverslag.

Het doorlichtingsverslag vangt aan met een voor het brede publiek toegankelijke samenvatting. Het vervolgt met een beschrijving van de doorlichtingsfocus. Tijdens een doorlichting zoeken

de onderwijsinspecteurs een antwoord op drie

onderzoeksvragen:

. ln welke mate voldoet de instelling aan de onderwijsdoelstellingen? (het erkenningsonderzoek) . ln welke mate onderzoekt en bewaakt de instelling op een systematische manier de .

kwaliteit van de processen zodal deze bijdragen tot het bereiken/nastreven van de onderwijsdoelstellin gen? (het kwaliteitsonderzoek)

ls er in de instelling een algemeen beleid dat het mogelijk maakt om zelÍstandig

tekorten weg te werken? (het onderzoek 'algemeen beleid') ln drie hoofdstukken geeft de onderwijsinspectie een antwoord op deze vragen.

1 lnstelling: onderuvijsinstelling of CLB (Decreet betreffende de kwaliteit van onderwijs, artikel 2, 11"). Onderwijsinstelling: een pedagogisch geheel waar onderwijs georganiseerd wordt en waaraan een uniek instellingsnummer toegekend is (Decreet betreffende de kwaliteit van onderwijs, artikel 2, 13").

127175 - Vrije Basisschool - Freinet- school De Vier Tuinen te Oudenaarde


Om de kwaliteit van de processen in kaart te brengen gebruikt de onderwijsinspectie een kwaliteitswijzer. Het inspectieteam gaat met de kwaliteitswijzer na of de instelling bij haar activiteiten aandacht heeft voor doelgerichtheid: welke doelen stelt de instelling voorop? ondersteuning: welke ondersteunende initiatieven neemt de instelling om efficiënt en doelgericht te werken? doeltreffendheid: worden de doelen bereikt en gaat de instelling dit na? ontwikkeling: heeft de instelling aandacht voor nieuwe ontwikkelingen? Meer informatie over de kwaliteitswijzer vindt u eveneens op www.onderwijsinspectie.be.

. . . .

Wat de instelling goed doet, wat de instelling kan verbeteren en wat de instelling moet verbeteren komt aan bod bij 'Sterktes en zwaktes van de instelling'.

Het doorlichtingsverslag eindigt met een advies dat betrekking heeft op alle oÍ op afzonderlijke structuuronderdelen van de instelling. De onderwijsinspectie kan drie adviezen uitbrengen: . een gunstig advies: het inspectieteam adviseert gunstig over de verdere erkenning van de instelling oÍ van structuuronderdelen . een beperkt gunstig advies: het inspectieteam adviseert gunstig over de erkenning van de instelling of van structuuronderdelen als de instelling binnen een bepaalde periode voldoet aan de voorwaarden vermeld in het advies . een ongunstig advies: het inspectieteam adviseert om de procedure tot intrekking van de erkenning van de instelling of van structuuronderdelen op te starten. Bij een ongunstig advies beoordeelt de onderwijsinspectie bovendien oÍ de instelling de vastgestelde tekorten zelfstand g kan wegwerken. i

Binnen een termijn van dertig kalenderdagen na ontvangst van het definitieve verslag informeert de directeur van de instelling leerlingen, ouders en/of cursisten over de mogelijkheid tot inzage. De directeur van het centrum voor leerlingenbegeleiding inÍormeert de centrumraad. Binnen de dertig kalenderdagen na ontuangst moet de directeur van de instelling het verslag volledig bespreken tijdens een personeelsvergadering. Het bestuur van de instelling of zijn gemandateerde tekent het verslag voor gezien. Het bestuur stuurt het binnen dertig kalenderdagen na ontvangst terug naar de onderwijsinspectie en maakt eventueel melding van zijn opmerkingen. De instelling mag het verslag niet gebruiken voor publicitaire doeleinden.

Meer inÍormatie? urww.onderwijsinspectie. be en urww.doorlichtingsverslagen. be

127175 - Vrije Basisschool - Freinet- school De Vier Tuinen te Oudenaarde


1.

SAMENVATTING

Vrije Basisschool 'De Vier Tuinen'is in 1982 gestart op initiatief van ouders. Ongeveer tien jaar later ontwikkelde zij zich tot een Freinetschool. Deze kleinschalige school bèstaat momenteel uit een vrij jong team dat zich verder wil verdiepen in de Freinetpedagogie. Zij rekruteert heel wat kinderen van buiten de onmiddellijke schoolomgeving. De schóol wii een hechte schoolgemeenschap vormen waarbij kinderen, begeleiders en ouders samen school maken.

de doorlichting gaat de inspectie na oÍ de school voldoet aan de erkenningsvoorwaarden en aan de kwaliteitsverwachtingen die de overheid vooropstelt. ln haar oordeel houdt ze rekening met de omgevingskenmerken van de school, met de personeels- en de leerlingenkenmerken. Zowel in de kleuter- als lagere afdeling onderzocht de inspectie de leergebieden Nederlands en wiskunde voor het erkenningsonderzoek.

Tijdens

Om een zicht te krijgen op het niveau en de evoluties van de kinderen maakt het team gebruik van observaties, eigen oÍ methodegebonden toetsen en gestandaardiseerde testen. De kleuteronderwijzers noteren observaties en in de oudste kleutergroep nemen ze een toets af voor reken- en taalvoorwaarden. Hiervan spelen de resultaten enkel nog maar op individueel niveau een rol. De uitslagen op genormeerde testen in de lagerè afdeling laten vaak een grillig beeld zien zowel wat de evoluties op individueel alè op groepsniveau betreffen. De school inventariseert op degelijke wijze de resultaten van de leerlingen in het secundair onderwijs. De laatste jaren zijn deze doorgaans goed. De school onderneemt inspanningen om het aantal zittenblijvers en kinderen met een voorsprong te beperken. Een tevredenheidsonderzoek bij begeleiders en ouders laat een algehele tevredenheid zien. De positieve benadering, de mogelijkheid tot het nemen van initiatief en het kritisch leren denken worden hoog gewaardeerd. Mogelijke groeipunten waren toen de voorbereiding op het secundair onderwijs, democratisch burgerschap en het leren omgaan met grenzen. Sommige ouders hebben moeite met de ouderbijdrage ook al gaat het hier om een vrijwillige bijdrage.

De kleuterafdeling streeft naar een natuurlijke en geïntegreerde aanpak. Via terugkerende routines en rituelen, Freinettechnieken, projecten en speelwerkplekken komt het kleuterinitiatief goed aan bod. Deze ervaringsgerichte benadering binnen een rijke omgeving zorgt voor heel wat talige ervaringskansen waarbij de begeleidsters de mondelinge taalontwikkeling stimuleren. Dit geldt ook voor wiskundige initiatie waar het team het gebruik van ontwikkelingsgerichte spelen in en over het kleuterniveau heen weet te bevorderen. Er is nog een groeimarge om de ontluikende geletterdheid en geci,jferdheid extra te stimuleren. De kleuteronderwijzers zijn vragende partij voor één functioneel en hanteerbaar bewakingssysteem ten aanzien van de onderwijsdoelstellingen. De toenemende aandacht voor Freinettechnieken zorgt ervoor dat ook in de lagere aÍdeling de mondelinge communicatie ruim aan bod komt. Motiverende taaltakèn dagen de kinderen uit om op actieve wijze taal te benutten zonder dat dit ten koste gaat van een gepast en correct taalgebruik. De begeleiders vullen de gerichtheid op technisch lezen aan met concrete acties ter bevordering van leesplezier en boekenpromotie. De brede benadering van het leergebied Nederlands weerspiegelt zich nog niet in de evaluatie. Het team wil werk maken van afspraken rond begrijpend lezen en taalbeschouwing om zeker te zijn van de gradatie en variatie binnen deze rubrieken. Algemener gestetO is Oe lagere afdeling net als de kleuterafdeling zoekende naar één kwalitèitsvol bewakingsinstrument om een doelgericht onderwijsaanbod na te streven. De school vertrouwt op èen onderwijsleerpakket om haar leerplandoelen voor wiskunde te realiseren en gaat hiermee flexibel om. Er is een duidelijke terugvalvoor de gestandaardiseerde toetsen na het

127175 - vrije Basisschool - Freinet- school De vier Tuinen te oudenaarde


eerste leerjaar die om nader onderzoek vraagt. Het aangeboden aantal lestijden voor wiskunde verdient de nodige aandacht. De school voorziet voldoende professionaliseringskansen op individueel en op teamniveau. Het formuleren van beoogde doelen rond prioriteiten en nascholingen kan het rendement verder laten toenemen. Het schoolteam benut externe expertise maar het systematisch leren van en met elkaar is nog een groeipunt. De zorgcoรถrdinator stroomlijnt de zorgwerking op school en biedt op vraaggestuurde wijze hulp. De leerkrachten nemen op positieve wijze en zonder de kinderen te stigmatiseren de eerstelijnszorg binnen hun leefgroep op. Het team probeert zo weinig mogelijk leerlingen uit te sluiten op basis van leerlinggebonden of contextuele kenmerken. Er zijn opvallend veel externe hulpverleners betrokken bij de ondersteuning van de kinderen. Gegevens op klas- of schoolniveau worden nog weinig benut en het doelgericht en planmatig werken aan zorgtrajecten door de school zelf op lange en middellange termijn kan beter. Zowel kinderen als ouders kunnen mee participeren aan het schoolleven.

Het beleid is een gedeelde verantwoordelijkheid. De coรถrdinator zorgt voor een vlotte organisatie. Zij geeft ruimte aan anderen en grijpt in waar nodig. De school kan verder evolueren op vlak van het procesmatig werken aan kwaliteitszorg. Freinetschool 'De Vier Tuinen' is een school die het welbevinden van 'alle' partners hoog in het vaandel draagt. Het team wil naast een gestructureerde aanpak het natuurlijk leren kansen geven. Een meer planmatige en doelgerichte aanpak binnen haar werking kan de aanwezige kwaliteit nog verder doen toenemen.

127175 - Vrije Basisschool - Freinet- school De Vier Tuinen te Oudenaarde


2.

FOCUS VAN DE DOORLICHTING

Op basis van het vooronderzoek en in het kader van een gedifferentieerde doorlichting heeft de inspectie leergebieden en procesindicatoren/procesvariabelen geselecteerd voor onderzoek tijdens de doorlichtingsbezoeken.

2.1

Leergebieden in de focus

kiéuieionoerwi!s Nederlands

wiskundige initiatie

Lager onderwijs Nederlands

wiskunde

2.2

Procesindicatoren of -variabelen in de focus

Persneel ProÍes§onaliering óèó t< unOi gnei ds berorderi

n

g

Onderwijs Begeleiding Leerbegeleiding

127175 - Vrije Basisschool - Freinet- school De Vier Tuinen te Oudenaarde


3,

VOLDOET DE SCHOOL AAN DE ERKENNINGS. VOORWAARDEN?

Het onderzoek naar het voldoen aan de erkenningsvoorwaarden levert voor

de

geselecteerde leergebieden het volgende op:

3.1

Kleuteronderwijs:Nederlands

Voldoet Motivering

. . . .

. . . . . . . .

De leerkrachten stimuleren de taalvaardigheid van de kleuters op een geïntegreerde wijze. De terugkerende activiteiten tijdens het weekverloop, de projectwerking en de speelwerkplekken geven aanleiding tot leergebiedoverschrijdende situaties waarin ook taaluitingen aan bod komen.

Het accent ligt vooral op natuurlijke taalgebruiksituaties waarbij de

kinderen uitgedaagd en verleid worden om taal op een functionele wijze te gebruiken. De kleuterafdeling organiseert rondes en kringgesprekken waarbij de nadruk ligt op het aanleren en inoefenen van gespreksconventies. Tijdens de praatrondes krijgen de jongste kleuters uitgebreide spreekkansen om met behulp van de praatpop hun ervaringen te verwoorden.

Er is een sterke ouderbetrokkenheid bij het schoolgebeuren. Ouders krijgen de gelegenheid om tijdens het onthaalmoment samen met een groepje kinderen gezelschapsspelletjes te spelen of uit een prentenboek voor te lezen. Hierdoor krijgen de jongste kleuters optimale mogelijkheden om hun spreek- en luistervaardigheden te vergroten.

Bij de oudste kleuters creëert de opbouw van de proiectwerking tal van talige ervaringskansen onder meer door het bevragen van waarnemingen, het verwoorden van de geactiveerde voorkennis, het samen formuleren van de te verwerven kennis en uit te voeren acties. ln elke leeÍgroep krijgen de kleuters dagelijks een verhaal aangeboden. ln de tweede kleutergroep selecteren de kinderen zelÍ een boek en nemen het op voorhand door. Daarna vindt een bespreking plaats met de gehele klasgroep. Soms beluisteren de kleuters een verhaal op CD waarover ze nadien reflecteren. Woordenschatverrijking krijgt ruim aandacht in het kader van projecten. De leerkrachten ervaren niet de noodzaak om criteria voorop te stellen om specifieke woorden te selecteren of een gerichte methodiek uit te werken om deze woorden vast te zetten. Een ruim gamma aan educatieve spelen stimuleren de taalvaardigheid. De kleuteronderwijzeressen van beide leeÍgroepen maken gebruik van denkstimulerende spelen en willen dit aanbod verder verruimen. Er is nog een groeimarge om ook de talige en communicatieve mogelijkheden van de computer hieraan toe te voegen. Reeds vanaÍ de kleuterschool werken de kleuters met vrije teksten. Bij de tekeningen van de kinderen noteren de begeleiders het verhaal van de kinderen waarna de kleuters een woord kiezen of nastempelen. Het functioneel gebruik van deze teksten kan uitgebreid worden. De school hanteert een bewegingsprogramma rond schrijfmotoriek. Het kleuterlezen waarbij leerlingen van de vierde leeÍgroep voorlezen aan alle kleuters biedt voor alle betrokken leefgroepen een meerwaarde. Speelwerkplekken bieden tal van mogelijkheden tot interactie: poppenhoek, ravothoek, tekenhoek, zandtafel, ... Het gericht verrijken van de hoeken met extra talige accenten is een groeimogelijkheid.

127175 - Vrije Basisschool- Freinet- school De Vier Tuinen te Oudenaarde


.

De dagelijkse aandacht voor het samen 'muzisch' bezig ziin door het zingen van liedjes, muziek beluisteren, het opzeggen van versjes, poppenspel,... zorgt voor

. .

. .

taalstimulering bij de kleuters. ln de tweede leefgroep zien we tal van representaties van de werkelijkheid: foto's, tekeningen, verkeersborden, letters. De verticale opbouw kan nog gerichter. Er is wel een afspraak met de derde leeÍgroep rond het letterbeeld. De kleuterklassen beschikken over boeken van de openbare bibliotheek en/oÍ klas. Soms sporen de kleuteronderwijzers de kleuters aan om ook zelÍ boeken mee te brengen rond het lopende thema. De klasbibliotheek heeft nog een weinig uitnodigend karakter en kan nog een grotere diversiteit aan 'boeken' bevatten: voelboekjes, Íotoboeken, prentenboeken, ... Bij intentionele aandacht voor ontluikende geletterdheid ligt de nadruk op het einde van de kleuterafdeling veeleer op het maken van werkblaadjes dan op een brede aanpak van lees- en schrijfuoorwaarden. Het intentioneel en doelgericht werken rond het leergebied Nederlands - als aanvulling op het creëren van een rijk talig milieu - op vlak van planning, observatie, zorg of evaluatie is gering.

. ln de

kleuterafdeling circuleren verschillende referentiekaders als bewakingsinstrument: zoals 'het doelenboek' van een onderwijskoepel en het schooleigen zakboekje met leerplandoelen waarop al dan niet activiteiten staan genoteerd. Voor enkele Freinettechnieken en speelwerkplekken lijstte het kleuterteam ontwikkelingsdoelen op. De kleuterafdeling is zoekende naar een hanteerbaar en

.

.

functioneel instrument om een gevarieerd en evenwichtig aanbod te garanderen. Sporen van evaluatie zijn terug te vinden in het observatieschrift. De school neemt ook deel aan schoolrijpheidstesten maar beschikt niet over een klasoverzicht waardoor ook op dit niveau moeilijk conclusies zijn te trekken. Twee keer per jaar krijgen de ouders een evaluatieverslag waarbij info is voorzien rond de rubrieken spreken, luisteren en de houding en de inzet tijdens de ronde. Het geheel biedt weinig handvatten om de eigen klaspraktijk te bevragen en indien nodig bij te sturen. Niet alle begeleiders zijn even goed op de hoogte van de geplande nascholingsactiviteiten op schoolniveau rond Nederlands. Er is wel een uitwisseling tussen collega's van de eerste leefgroep op niveau van de scholengemeenschap en er werd deelgenomen aan een talendag.

3.2

Kleuteronderwijs: wiskundige initiatie

Voldoet Motivering

.

. . .

Vormen van wiskundige initiatie zitten voornamelijk geïntegreerd in terugkerende routines en activiteiten, in het materialenaanbod, de speelwerkplekken en in de projectwerking. Het vormt nog een aandachtspunt om deze bestaande mogelijkheden verder te verrijken op basis van de onderwijsdoelstellingen van het leerplan en een kritische reÍlectie op het bestaande aanbod. Het wiskundig aanbod ontstaat uit een mengvorm aan bronnen en aanleidingen: de inbreng van kinderen, 'het doelenboek' van een onderwijskoepel of het schooleigen zakboekje met leerplandoelen, verzamelde ideeën via het internet, ... Alle domeinen komen aan bod: getallen, meten en ruimte. Dit laatste vooral tijdens beweglngsmomenten en tussendoortjes. Het gevarieerd en gedifferentieerd aanbod aan ervarings-, bouw-, en spelmaterialen stimuleren het wiskundig ontwikkelingsproces van de kleuters. De ruime aandacht voor denkstimulerende educatieve spelen is ook doorgetrokken naar de lagere afdeling. ln de oudste kleuterleefgroep kan het materialenaanbod nog verder toenemen met steekparels, puzzels, constructiespelen, patronen,...De leerkrachten ontlenen wel

10

127175 - Vrije Basisschool - Freinet- school De Vier Tuinen te Oudenaarde


soms materiaal uit de andere klassen om beter aan te sluiten op het niveau van sommige kinderen. Spelletjes op computer vormen in de hoogste kleutergroep een aantrekkelijke en uitdagende aanvulling op het aanbod. De oudste kleuters kunnen al meer zelfstandig aan de slag met het spelaanbod. Constructiekaarten bevorderen al

van bij de jongste kleuters de zelfsturing. De projecten omvatten vaak ook een wiskundige dimensie. De leerkrachten brengen mogelijke activiteiten per thema tot op het niveau van de domeinen van wiskundige initiatie in kaart. Het meten van paarden, het maken van planeten in verschillende groottes, ... zijn hier voorbeelden van. De kleuters leren omgaan met tijd door het gebruik van een time timer, een zandloper,

Wiskundige begrippen komen tussendoor aan bod. Dit gebeurt ook tijdens bewegingsmomenten. De leerkrachten beschikken niet over een begrippenlijst oÍ een afspraak rond het gradueel aanbrengen en integreren van deze begrippen. Het intentioneel en gericht werken rond speciÍieke rekenvoorwaarden gebeurt maar kan nog verder toenemen. De oudste kleuters werken met werkblaadjes vanaf de paasvakantie. ln speelwerkplekken zien we soms materialen die kunnen aanzetten tot wiskundig denken: kralen, cijfers op een telefoon, scheurkalender, ... Toch zijn er nog groeikansen om de ontluikende gecijferdheid in deze hoeken te stimuleren. ln de bouwhoek en aan de zandtafel komen wiskundige handelingen zoals meten vaak aan bod. Om het maatbegrip bij kleuters te bevorderen kan het aantal recipiënten om te experimenteren en te exploreren nog toenemen. ln het klaslokaal zijn cijfers en getalbeelden zichtbaar. Afspraken rond de doorgaande lijn ontbreken nog. Recentelijk werd in samenwerking met de derde leefgroep een getalbeeld afgesproken. Differentiatie komt voor via de aangeboden spelletjes, materialen en de hulp die kleuters aan mekaar verlenen. Het doelenboek van een onderwiiskoepel en het schooleigen zakboekje met leerplandoelen fungeren als bewakingsinstrument waarbij de leerkrachten de doelen die met grote zekerheid aan bod komen aanduiden. Het team lijst daarbij de nog aan te reiken leerstofonderdelen op of vinkt de resterende doelen aanvullend aan. De kleuterafdeling is op zoek naar één functioneel en haalbaar bewakingssysteem dat het doelgericht werken kan bevorderen. De leerkrachten van de oudste kleuterleefgroep hanteren een lijst met doelen uit 'het doelenboek' voor een aantal hoeken en terugkerende activiteiten. ln de jongste kleutergroep bevindt de leerkracht zich in een ontwikkelingstraject om met dit nieuw referentiekader om te gaan. De evaluatie van wiskundige initiatie is weinig doelgericht uitgewerkt. Het vormt geen vaste rubriek voor het evaluatieverslag. Enkel als kinderen opvallend uitvallen, geven de leerkrachten hierover hun bevindingen. Het zit soms wel voor een stuk vervat in de eerder algemene observaties van de begeleiders en als onderdeel van de afgenomen schoolrijpheidstest. Het ontwikkelingsniveau van de kleuters wordt voor dit

leergebied beperkt

in kaart gebracht, waardoor een gerichte opvolging en

ondersteuning nog groeikansen heeft.

De gegevensuitwisseling tussen de lagere afdeling en de kleuteraÍdeling kan grondiger. De leerkrachten van de lagere afdeling krijgen een beperkt zicht op de beginsituatie van de nieuwe leerlingen en de leerkrachten van de kleuterafdeling krijgen geen systematische terugkoppeling over de resultaten in het lager wat hen inÍo zou kunnen opleveren over de eigen inspanningen. Vanuit ontwikkelingsgericht perspectief voorzag de school voor wiskundige initiatie voor de nabije toekomst niet in extra professionaliseringskansen.

127175 - Vrije Basisschool - Freinet- school De Vier Tuinen te Oudenaarde

11


3.3

Lager onderwijs: Nederlands

Voldoet Motivering

. . . .

.

. .

Freinettechnieken zoals rondes, klas- en schoolraad, projectwerking en vrije teksten zorgen voor motiverende, talige contexten en voor een voldoende breed taalaanbod. Enkel voor spelling gebruikt de school een onderwijsleerpakket waarbij er ook nog aandacht is voor klaseigen woordpakketten. De leerkrachten willen de leerlingen vooral laten genieten van taal. Het creatieÍ omgaan met taal en het aanbieden van aantrekkelijke taaltaken zijn hier een middel toe. In de lagere afdeling staat ook een correcte en gepaste vormgeving van zowel het mondeling als het schriftelijk taalgebruik centraal. Spreken en luisteren komen aan bod tijdens de rondes, de actuamomenten, de spreekbeurten, de schoolraad met de gehele lagere afdeling, de klasraad, de presentatie van een werkstuk, ... Spreekdurf staat hierbij centraal. De kinderen leren zich richten naar een publiek, stellen gerichte vragen, ... Het beluisteren van een voorgelezen boek, een filmpje op het internet of klankspel zijn voorbeelden van waardevolle luistertaken. Er is in leefgroep 3 en 4 systematische aandacht voor technisch lezen. Naast de vaste leesmomenten in de klas, is er ook aandacht voor het lezen in heterogene groepen van teksten die aanleunen bij het project. De school schakelt hiervoor leesouders in. De leerlingen van de vierde leefgroep doen aan kleuterlezen met een groepje kleuters. Bij het aanvankelijk lezen steunen de teamleden op de principes van het natuurlijk lezen. De leerkrachten ervaren de noodzaak om zich hierin nog verder te verdiepen. De leerlingen worden geconfronteerd met een variëteit aan teksttypes: instructieteksten, informatieve teksten, verhalende en wervende teksten, ... Voor begrijpend en studerend lezen gaan de leerkrachten op zoek naar teksten die de kinderen aanspreken. Het hanteren van leesstrategieën komt ruim aan bod. De school

ervaart de verticale opbouw hiervan doorheen de lagere afdeling nog als een

. .

. . .

aandachtspunt. Het strategisch taalonderwijs beperkt zich echter niet tot 'lezen' maar omvat ook de andere domeinen. Behalve technisch lezen komen ook leesplezier en boekenpromotie aan bod. ln sommige klassen mogen kinderen een gelezen boek presenteren en op creatieve wijze verwerken: personage uitbeelden of fragment naspelen, tekening oÍ affiche maken, nieuwe titel verzinn€n, ... De kinderen schriiven regelmatig teksten. Het kan gaan om opgelegde'teksten (een verslag van een uitstap of schoolraad, het schrijven van een brief) maar ook om vrije teksten. Ook creatieve schrijÍsels komen voor zoals het omvormen van een gedicht of het toevoegen van een strofe. Teksten worden aan elkaar gepresenteerd waardoor onmiddellijke feedback mogelijk is. Hierbij primeert de inhoud op de vorm. Eerst komen de inhoudelijke vragen en pas dan gebeuren wijzigingen naar leesbaarheid en grammaticale correctheid. Ook het verzorgd schrijven krijgt aandacht. ln de derde leefgroep zijn er wel klaskranten maar in de gehele school kan het functioneel en communicatief gebruik van teksten nog toenemen. Zo is de correspondentie verdwenen. Taalbeschouwing komt vaak tussendoor aan bod naar aanleiding van teksten oÍ van zinnen uit de praatronde. De leerkrachten putten daarnaast ook uit verschillende bronnen om dit domein invulling te geven. Het brede aanbod en de doorgaande lijn rond taalbeschouwing is nog onvoldoende geëxpliciteerd. De project- en/oÍ atelierwerking bieden aanvullend geïntegreerde talige kansen.

12

127175 - Vrije Basisschool - Freinet- school De Vier Tuinen te Oudenaarde


' Er hangen referentiekaders in de klas rond spelling en taalsystematiek. Het '

consulteren van een woordenboek door de kinderen is een reeds verworven attitude. De leerkrachten maken gebruik van interessante websites oÍ passende software om het onderwijsaanbod te verruimen, maar toch is er nog een groeimarge om de computer in sommige klassen nog meer in te schakelen als differentiatiemiddel of om de talige mogelijkheden verder uit te breiden.

' De leerlingen worden zoveel mogelijk als groep benaderd.

.

. .

Uitvallers krijgen remediëringsoefeningen na analyse van de evaluatiegegevens. Kinderen die in de oudste leefgroep nog steeds een onvoldoende hoog leesniveau behalen, komen iets vaker aan bod. Sticordimaatregelen zijn voorzien voor kinderen met leerstoornissen en er zijn tafelkaartjes als ondersteuning bij het lezen oÍ schrijven van woorden in de eerste graad. De leerkrachten gebruiken dyslexiesoftware. Om het aanbod te bewaken op vlak van variatie en gradatie gebruiken de leerkrachten een aantal instrumenten: het schooleigen zakboekje met leerplandoelen, het onderwijsleerpakket voor spelling, de klaseigen bronnen, eindtermen bij gehanteerde technieken, het leerplan, het internet, Er gebeuren dus heel wat inspanningen zonder dat er sprake is van een sluitend bewakingssysteem. Een doelgerichte planning of evaluatie komt nog zelden voor. Zo is er weinig zicht op de mate waarin leer(plan)doelen voor alle domeinen haalbaar en al dan niet bereikt zijn. Dit belemmert de kritische zelÍreÍlectie op het onderwijskundig handelen. Technisch lezen en spelling worden geëvalueerd aan de hand van genormeerde testen. Het rendement voor spelling is wisselend maar wel positief voor technisch

lezen. Deze gegevens worden nog weinig bekeken

.

op groepsriiveau.

De

evaluatieverslagen en de toetsen leggen vaak het accent op de meer schoolstechnische aspecten van taal. Zo komt de mondelinge taalvaardigheid in beperkte mate voor. Voor creatief schrijven is er zelden aandacht voor de manier waarop de kinderen de verschillende stappen in het schrijfproces doorlopen. ln het navormingsplan zijn heel wat items opgenomen die een link hebben met taalvaardigheidsonderwijs zoals de vrije tekst, de praatronde en het bekijken van de opties rond een nieuwe spellingsmethode. Bijsturingen op vlak van aanvankelijk lezen na aÍname van leestoetsen is een voorbeeld van ontwikkelingsgerichte attitude.

3.4

Lager onderwijs: wiskunde

Voldoet Motivering

.

' ' '

Richtinggevend voor de klaspraktijk zijn het onderwijsleerpakket én een didactisch handboek én in beperkte mate levensechte, wiskundige contexten vanuit projecten of rondes. Leerkrachten grijpen occasionele momenten aan om het wiskundig denkproces bij de kinderen uit te lokken bijvoorbeeld door het verband tussen toonhoogte en lengte van een snaar aan te tonen of door de Íluo-actie in diagram te brengen. Het zijn waardevolle initiatieven om wiskunde aangenaam en functioneel te maken. Nadelig is wel dat het'en-en'-verhaal veel druk zet op de leerkrachten om de opgegeven doelen te realiseren. De mate waarin het didactisch handboek als uitgangspunt gebruikt wordt om het wiskundig onderwijsaanbod vulling te geven, verschilt sterk van leefgroep tot leefgroep wat nadelig kan zijn voor de doorgaande lijn. De meeste leerkrachten zorgen voor een voldoende breed aanbod waardoor alle domeinen van het leergebied aan bod komen. Het gebruik van een onderwijsleerpakket duwt soms het levend rekenen weg, waarbij de kinderen kansen krijgen om actief, reÍlectieÍ en onderzoeksgericht om te gaan met wiskundige situaties. De leerkrachten proberen wel contexten te vinden, bijvoorbeeld bij aanvang van een wiskundeles, die aansluiten bij de leefwereld van het kind in plaats van deze uit het onderwijsleerpakket over te nemen.

127175 - Vrije Basisschool - Freinet- school De Vier Tuinen te Oudenaarde

13


Het team volgt het leerstofpakket niet slaafs maar neemt terecht meer tijd voor mogelijke struikelblokken zoals kloklezen oÍ kommagetallen. ln de meeste klassen gaan de leerkrachten ook kritisch om met het onderwijsleerpakket. Ze durven zowel overbodige herhalingen als wat facultatieÍ is ten aanzien van de leerplandoelen te

schrappen. Leerstofonderdelen die niet zijn aÍgewerkt, geven ze door aan de volgende leeÍgroep. ln sommige klassen is het aantal zichtbare, wiskundige referentiekaders zoals de ijzeren maten beperkt aanwezig in het klasbeeld. De school richt minder lestijden wiskunde in als deze die de koepel nodig acht om het leerplan te realiseren. ln de lagere aÍdeling gebruiken de leerkrachten denkstimulerende spelen. ICTtoepassingen komen in sommige groepen minder aan bod om het aanbod vast te zetten of om te differentiëren. De school beschikt over voldoende meetinstrumenten. Teamteaching zorgt voor differentiatie binnen de leefgroep. Het gaat echter vaak om

een opsplitsing per leerjaar waarbij andere difÍerentiatie-

en

ondersteuningsmogelijkheden nog onvoldoende in overweging werden genomen. Het is vooral de methodegebonden differentiatie die op de voorgrond treedt, ook tijdens het zelfstandig werk. Er zijn compenserende hulpmiddelen voor kinderen met speciÍieke noden. Daar waar de draagkracht van de klasleerkracht overschreden wordt, schakelt de school vlug over naar externe ondersteuning. Het op schoolniveau systematisch en doelgericht ondersteunen van een zorgvraag op lange en middellange termijn komt weinig voor. lndien alle kindbetrokkenen het nodig achten kunnen leerlingen met een rekenproblematiek de leerstof van een lagere leeftijdsgroep volgen. Evaluatie van dit leergebied gebeurt vooral via methodegebonden toetsen en genormeerde testen. De leerkrachten oordelen dat de kinderen doorgaans goed scoren voor de methodegebonden toetsen. Voor de genormeerde testen zakken de cijÍers na het eerste leerjaar om naar het einde van de basisschool toe weer te verbeteren. Bovendien volgen evoluties van een aantal kinderen een opvallend grillig patroon. Het team was zich niet bewust van dit Íenomeen en er is hiervoor geen verklaring gevonden. Plannings- en evaluatiedocumenten laten maar zeet beperkt zien oÍ wiskundige vaardigheden aangeboden en/of bereikt zijn. Evaluatie als uitgangspunt voor reflectie op de aangeboden onderwijsleersituaties kan nog aan belang winnen. De school nam ook deel aan een peilingsonderzoek (mei 2009). Het aantal leerlingen is te gering voor conclusies. Sommige onderdelen scoren duidelijk minder (hoofdrekenen) dan andere (begrippen en symbolen). De resultaten vanuit het secundair onderwijs zijn de laatste jaren wel verbeterd. Het evaluatieverslag bevat naast een beoordeling van de domeinen getallen, meten en meetkunde ook inÍo over toetsen en werkpuntjes. De school geeft de leerprestaties van het kind weer door gebruik te maken van een vijÍpuntenschaal. Probleemoplossende vaardigheden komen minder aan bod. De lagere afdeling hanteert het onderwijsleerpakket en in mindere mate het leerplan om garanties te kunnen bieden voor een breed en gradueel aanbod. Het onderwijsleerpakket werd in de meeste leefgroepen afgetoetst aan de leerplannen en er gebeurden enkele aanpassingen. Naar de toekomst toe is weinig voorzien rond wiskunde. ln de oudste leefgroep willen leerkrachten graag hospiteren een andere school om andere onderwijsleerpakketten te leren kennen. De school neemt wel deel aan samenkomsten met het secundair onderwijs om eventueel het wiskundig aanbod af te stemmen.

de

14

in

127175 - Vrije Basisschool - Freinet- school De Vier Tuinen te Oudenaarde


4.

BEWAAKT DE SCHOOL DE EIGEN KWALITEIT?

Het onderzoek naar de kwaliteit en de kwaliteitsbewaking van de geselecteerde

procesindicatoren of -variabelen levert het volgende op:

4.1

Personeelsbeheer

4.2

ProÍessionalisering

4.2.1

Aanvangsbegeleiding

4.2.2

Deskundigheidsbevordering

De vaststellingen wijzen op redelijke tot sterke aandacht voor: - doelgerichtheid - ondersteuning - ontwikkeling.

Motivering

. . .

. . . . . .

De school beschikt over een vademecum voor 'nieuwe' begeleiders zodat ze goed geïnformeerd zijn over de schoolwerking. Het is vooral de co-teacher die de nieuwe leerkracht ondersteunt. De coördinator en de zorgcoördinator tonen een open houding voor vragen en noden van de nieuwe collega. Er is een inleidende tekst die aangeeft hoe de school omgaat met de professionalisering van het team en het navormingsplan geeft aan welke schoolinterne en -externe nascholingen op groeps- en individueel niveau zullen gevolgd worden. ln het navormingsplan staan de geselecteerde prioriteiten. Deze ontstaan niet vanuit een brede bevraging van het team maar veeleer vanuit een samenbrengen van informatie vanuit verschillende kanalen: individuele functioneringsgesprekken, teamvergaderingen, ... Niet alle leerkrachten zijn zich even bewust van de gekozen prioriteiten. De nascholingen op teamniveau ziin hierop wel gericht en de vooropgestelde acties zijn duidelijk. Momenteel ontbreekt het nog aan evalueerbare doelen die helder maken wanneer prioriteiten al dan niet voldoende zijn aangepakt. Er is heel veel informeel overleg tussen collega's. Coachende klasbezoeken door de coördinator komen zelden voor. De begeleiders hebben veel ruimte in het kiezen van nascholingen. Zij kunnen hierover communiceren tijdens de teamsamenkomsten maar dit behoort tot de vrije keuze van de leerkracht. Het komt ook voor dat de coördinator een nascholing aanprijst aan een begeleider. Het gericht leren van en met elkaar door het inzetten van geschikte methodieken heeft nog groeikansen. De coördinator, de zorgcoördinator en de begeleider van de jongste leefgroep nemen systematisch deel aan netwerkbijeenkomsten georganiseerd door de begeleiding en de onderwijskoepel. De bestaande interne werkgroepen zijn minder gericht op leren. Hospiteerbeurten bij collega's binnen de school zelf komen weinig voor. Dit gebeurt wel naar andere scholen. Bij het verspreiden van het werken met denkstimulerende spelen werd de interne deskundigheid benut. Leerkrachten kunnen in de leraarszaal (ortho-)didactasche en pedagogische naslagwerken ontlenen.

127175 - Vrije Basisschool - Freinet- school De Vier Tuinen te Oudenaarde

15


De teamsamenkomsten geven minder aanleiding tot inhoudelijke reflectie. Hiertoe dienen de pedagogische teams waarvan de school er een zevental per schooljaar inricht.

4.3

Materieel beheer

4.4

Welzijn

4.5

Curriculum

4.6

Begeleiding

4.6.1

Afstemming tussen school en CLB of andere partners

4.6.2

Leerbegeleiding

.

De school beschikt over een uitgeschreven tekst die de zorgvisie en de zorgwerking vastlegt. De coördinator en zorgcoördinator zijn de belangrijkste auteurs van deze tekst.

. De school . . .

. .

.

.

om

onderneemt inspanningen kinderen met leer- en ontwikkelingsproblemen zo kwaliteitsvol mogelijk te begeleiden en ontziet nieioil oe draagkracht van de leerkracht niet. De school gaal zorgzaam om met kinderen, collega's en ouders. Ouders worden zoveel mogelijk betrokken en vlug geïnformeerd over eventuele problemen. De school heeft aandacht voor sterke punten van de kinderen en ze krijgen ook aanmoedigende feedback. De leerkrachten proberen in hun werking zo weinig mogelijk te stigmatiseren. De zorgcoördinator heeft oog voor het welbevinden van alle actoren. Zij is vooral actief op coördinerend niveau en haar ondersteuning ten aanzien van leerlingen en leerkrachten is hooÍdzakelijk vraaggestuurd. Zij heeft veel kennis opgebouwd inzake zorgverbredend werken. Op vraag geeft ze tips, materialen of verwijst ze door. Het gericht coachen op niveau van leerkrachtvaardigheden komt zelden voor. Zij is op de hoogte van de uitgangspunten en de systematiek van het handelingsgericht werken. Het verder toepassen van deze kennis op schoolniveau heeft nog groeikansen. De kinderverzorgster neemt naast een verzorgende ook een pedagogische rol op. Om de kinderen optimale ontwikkelingskansen te kunnen bieden, neemt zij bij begeleide (spel)activiteiten de jongste kleuters voor haar rekening. Zij volgt eveneens nascholingen. Het klas- en schoolklimaat geeft een veilige en gestructureerde indruk. ln het verleden waren er een aantal initiatieven om negatieÍ sociaal gedrag aan te pakken. Momenteel beschikt elke leeÍgroep over een spelkoffer. De schoolraad biedt kinderen de ruimte om ideeën, pluimen, klachten, ... te communiceren. Voorstellen worden beargumenteerd en door de school in overweging genomen. Er gebeuren inspanningen om de overgang tussen de niveaus zo soepel mogelijk te laten verlopen door het maken van een aantal didactische aÍspraken of het organiseren van leefgroepoverschrijdende activiteiten. Een begeleider van de derde leefgroep heeft ook praktijkervaring in het kleuteronderwijs. De laatstejaars leren beroepen en studierichtingen kennen. Zo verdiepen ze zich bijvoorbeeld in een beroep dat ze als eindwerk voor een jury presenteren. De leerlingen krijgen een getuigschrift op het moment dat ze de leerplandoelen van het vijfde leerjaar beheersen. De school heeft overleg met vervolgscholen uit het secundair onderwijs om het aanbod aÍ te stemmen. De school hanteert een grote diversiteit aan werk- en groeperingsvormen.

16

127175 - Vrije Basisschool - Freinet- school De Vier Tuinen te Oudenaarde


Er is nog een groeimarge om de computer meer in te schakelen bij het differentiëren en het inoeÍenen van de aangeboden leerstoÍ. De school heefi oog voor leren leren. Doorheen de basisschool is er aandacht voor het leren plannen en structureren maar er ziin geen afspraken over de doorgaande lijn. De dataverzameling gebeurt via verschillende kanalen: informele gesprekken, observaties, toetsen en testen. De informatie zit verspreid en kan hierdoor aan waarde verliezen, maar de school wil in de toekomst werk maken van een digitale, centrale dataverzameling. De school houdt voor het individuele kind het schoolloopbaantraject grafisch bij wat betreft de resultaten op de gestandaardiseerde testen. Het verzamelen van deze resultaten gebeurt zelden op groeps- of schoolniveau en leidt in beperkte mate tot het in vraag stellen of het bijsturen van bepaalde delen van de klas- en

schoolwerking.

De school maakt een analyse van haar leerlingenpopulatie waardoor ze een duidelijk zicht krijgt op de instroomkenmerken. Zij maakt ook grondig werk van het in beeld brengen van de leerprestaties in het secundair onderwijs. De leerkrachten voeren foutenanalyses uit, voornamelijk voor de meetbare aspecten van taal en wiskunde. Conclusies en eventuele bijsturingen zijn weinig terug te vinden. Het leerkrachtenteam grijpt vlug in bij eventuele ontwikkelings- of leerproblemen die

zich stellen. Methodegebonden differentiatie, verlengde instructie, talige en materiële ondersteuning door de klasleerkracht maken deel uit van de eersteliinszorg. De school doet inspanningen om aan tempo- en niveaudifferentiatie te doen maar de eventuele bijdrage van de zorgcoördinator en/of van de parallelcollega kan meer in overweging genomen worden.

De overgang tussen de eerstelijnszorg en de externe hulpverlening is zeer klein. Gezien de toename van kinderen met complexe problematieken die de draagkracht van de leerkracht overschrijden, is het belangrijk om ook het tussenliggende zorgniveau zo goed mogelijk uit te bouwen. Een schooleigen doelgerichte en planmatige aanpak ten aanzien van uitvallers op middellange en lange termijn ontbreekt nog. Er is nog een groeimarge om de individuele hulpvraag van het kind te verfijnen om op die manier de concrete zorgtaak van elke kindbetrokkene scherp te stellen. De frequentie van de MDO's is afhankelijk van de individuele behoeften van de Ieerkrachten, de ouders of de complexiteit van de problematiek van het kind. Kindbesprekingen vormen een vast punt tijdens de teamvergaderingen waardoor niet alleen het gehele team geïnformeerd wordt over relevante aandachtspunten bij een bepaald kind, maar er ook kansen zijn om samen te denken over een mogelijke aanpak. Er is samenwerking met het CLB en GON-leerkrachten.

127175 - Vrije Basisschool - Freinet- school De Vier Tuinen te Oudenaarde

17


5.

ALGEMEEN BELEID VAN DE SCHOOL

Het onderzoek naar het algemeen beleid van de school levert volgende vaststellingen op:

.

. . . .

Het pedagogisch beleid situeert zich op niveau van het gehele schoolteam. Er is een paritair samengestelde Raad van Bestuur. Ook ouders hebben invloed bij het nemen van beslissingen. De coördinator zorgl ervoor dat de algehele organisatie vlot verloopt en ondersteunt waar nodig. Tot op heden organiseerde ze Íunctioneringsgesprekken maar (nog) geen gerichte klasbezoeken of evaluatiegesprekken. Ze werkt voornamelijk ondersteunend maar kan indien nodig ook directief optreden. De school beschikt over een uitgeschreven visie en enkele basisteksten. De school proÍileert zich als Freinetschool- Ze maakt hier werk van door het aanbieden van een aantal Freinettechnieken en ruimte te geven aan de ervaringen van kinderen. Op vlak van kwaliteitszorg onder de vorm van zelfevaluatieprocessen en het planmatig verbeteren van de eigen kwaliteit staat de school aan het begin van een ontwikkelingstraject. De school onderneemt wel initiatieven om de output in kaart te brengen en ondersteunt professionaliseringsinitiatieven van teamleden. De school ontwikkelde binnen haar school- en zorgwerking een aantal initiatieven om het taalvaardigheidsonderwijs structureel te ondersteunen. Het team ervaart nog de noodzaak om het geheel aan aÍspraken en acties te bundelen in een krachtige visie rond talenbeleid.

1B

127175 - Vrije Basisschool - Freinet- school De Vier Tuinen te Oudenaarde


6.

STERKTES EN ZWAKTES VAN DE SCHOOL

6.1

Wat doet de school goed?

Wat betreft de erkenningsvoorwaarden

. . . . .

. .

:

De geïntegreerde benadering zorgt voor rijke en talige ervaringskansen in de kleuterafdeling. Doorheen de gehele basisschool is er aandacht voor leesplezier en boekenpromotie. Het schoolteam stimuleert de mondelinge taalvaardigheid van de kinderen. De leerkrachten combineren motiverende taalgebruiksituaties met aandacht voor een correcte en gepaste vormgeving. De kinderen krijgen voldoende ruimte om zelÍ productief en creatief om te gaan met taal. De meer natuurlijke aanpak van wiskundige initiatie zorgt voor een brede aanpak. Denkstimulerende spelen stimuleren het wiskundig denken in de gehele basisschool.

Wat betreft de kwaliteiVkwaliteitsbewaking van de processen:

. . .

Er zijn voldoende professionaliseringskansen voor het team. Het team neemt haar eerstelijnszorg op. De participatie en betrokkenheid van kinderen en ouders is hoog.

Wat betreft het algemeen beleid:

. .

De school neemt beslissingen op democratische wijze. De coördinator zorglvoor een vlotte organisatie van het schoolleven.

6.2

Wat kan de school verbeteren?

Wat betreft de erkenningsvoorwaarden

.

:

Om gradatie en een gevarieerd en evenwichtig aanbod inzake het leergebied Nederlands te garanderen kan de school kiezen voor één functioneel bewakingsinstrument.

. De intentionele aandacht voor ontluikende geletterdheid kan gerichter in de kleuterafdeling. . Afspraken rond het aanbod voor taalbeschouwing en begrijpend lezen kunnen de . .

doorgaande lijn verder versterken. De lagere aÍdeling kan de evaluatie van het leergebied Nederlands verder verbreden. Het wiskundig verrijken van de klasinrichting, de speelwerkplekken en de activiteiten kan het aantal wiskundige ervaringskansen in de kleuterafdeling doen groeien.

. De lagere afdeling kan het aantal lestijden wiskunde en de veelheid aan referentiekaders kritisch in vraag stellen. . De school kan de wisselende resultaten op genormeerde testen voor wiskunde onderzoeken.

127175 - Vrije Basisschool - Freinet- school De Vier Tuinen te Oudenaarde

19


Wat betreft de kwaliteiVkwaliteitsbewaking van de processen:

'

De school kan een schooleigen doelgerichte en planmatige aanpak voor kinderen met zorgvragen op middellange en lange termijn ontwikkelen.

Wat betreft het algemeen beleid:

'

De school kan nog werk maken van het onderzoeken, bewaken en bijsturen van de onderwijskwaliteit. Het in kaart brengen van resultaten op groeps- en schoolniveau kan hierbij ook een belangrijke rol spelen.

6.3

Wat moet de school verbeteren?

Wat betreft de erkenningsvoorwaarden

.

20

:

nihil

127175 - Vrije Basisschool - Freinet- school De Vier Tuinen te Oudenaarde


7.

ADVIES

ln uituoering van het Decreet betreffende de kwaliteit van onderwijs van 8 mei 2009 is het advies voor erkenning

'99Ns voor kleuteronderwijs en lager onderwijs.

8.

REGELING VOOR HET VERVOLG

Nihit

Namens het inspectieteam, de inspecteur-verslaggever

Jan Devos Datum van verzending aan de directie en het bestuur van de instelling:

Ă? 0 -$ĂŻ- 2$1A

Voor kennisname Het bestuur of zijn gemandateerde

Naam:

127175 - Vrije Basisschool - Freinet- school De Vier Tuinen te Oudenaarde

21


doorlichtingsverslag 2011