Issuu on Google+

02-04-2012

15:02

Page 1

Nummer 2012/1 – 1ste semester 2012

GS1_LINK2012_01_NL03.qxp:Mise en page 1

B2C dossier ■ Forum 2012 ■ GS1 DataBar & couponing ■ Status Doe-Het-Zelf & Tuin ■ CO calculatoren 2

LINK 2012/1


GS1_LINK2012_01_NL03.qxp:Mise en page 1

02-04-2012

15:02

Page 2

Colofon In dit nummer GS1 Belgium & Luxembourg Koningsstraat 29, 1000 Brussel Tel: 02 229 18 80, Fax: 02 217 43 47 E-mail: info@gs1belu.org Website: www.gs1belu.org Semestrieel ledentijdschrift: 1ste semester 2012 Verantwoordelijke uitgever: Jan Somers, Koningsstraat 29, 1000 Brussel Hoofdredactie: Dominique vertroost Redactie: Stafleden GS1 Belgium & Luxembourg Werkte ook mee aan dit nummer: Jan Verbanck Grafische vormgeving: www.ramdesign.be Foto’s: David Plas & GS1 Lees deze LINK ook digitaal

B2C dossier Bedrijven staan vandaag voor een nieuwe uitdaging: het leveren van betrouwbare online productinformatie voor de consument. Waar draait dit om en hoe reageren bedrijfsleiders op deze uitdaging? ........................................................ 4

Forum 2012 ‘Everybody wins with good data’ was het thema van ons jaarlijks event. Ook hier stond datakwaliteit centraal alsook de nood voor merkeigenaars om de online productinformatie in eigen handen te nemen. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 12

DataBar & couponing Kortingbonuitgevers moeten rekening houden met 2 belangrijke ontwikkelingen: enerzijds een nieuwe en globale GS1 identificatiesleutel, anderzijds het gebruik van GS1 DataBar. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 16

Verder nog:

Ce magazine existe également en français et est disponible sur demande à notre secrétariat

De DHZ- & Tuinsector staat voor een uitdaging . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Uw mening over de CDB/GDSN helpdesk . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . GS1 Healthcare : nieuws in 2D . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Partnercase Starmeal . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Partnercase Kela . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . CO2 calculatoren . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Samen werken aan de CO 2 uitstoot . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .

18 20 21 22 23 24 26

Kortingbonuitgevers gezocht! Het Coupon Data Pool (CDP) team heeft de voorbije maanden niet stilgezeten. Eind 2011 is de eerste versie van het systeem opgeleverd en kregen 10 kortingbonuitgevers, deelnemers aan de piloot, de nodige opleiding. Een deel van hun lopende promoties werd in het systeem opgeladen en sinds eind januari worden deze kortingbonnen in de Carrefour Market van

2

Tervuren aan de kassa verwerkt. GS1 Belgilux bereikte een akkoord met HighCo voor de pilootfase. Aan de interface tussen de CDP en het Extranet van HighCo wordt nog gewerkt. Zeer binnenkort zal het echter mogelijk zijn om kortingbonnen, aangemaakt in de CDP, door te sturen naar het Extranet, waarna HighCo de clearing en rapportering verder afhandelt.

Carrefour en GS1 Belgilux willen nu een volgende stap zetten en kijken uit naar bijkomende kortingbonuitgevers die hun kortingbonnen via de CDP willen verwerken. Interesse? Neem dan contact op met Delphine Stocké (dstocke@gs1belu.org) die met u de verdere stappen zal doornemen.


GS1_LINK2012_01_NL03.qxp:Mise en page 1

02-04-2012

15:02

Page 3

Editoriaal

Dit nummer van LINK is grotendeels gewijd aan ‘betrouwbare online productinformatie voor de consument’, niet toevallig ook het thema van Forum 2012. Datakwaliteit zowel in B2B als in B2C staat dan ook centraal in ons business plan 2012-2014. Met Forum 2012 werd het startschot gegeven van een bewustwordingscampagne bij leveranciers, distributeurs en applicatiebouwers. Essentieel hierbij is dat merkeigenaars hun online productgegevens in eigen handen nemen. Door hun

gegevens op te laden in het ‘Trusted Source of Data’ platform dat GS1 momenteel uitbouwt, kan de consument erop vertrouwen dat hij correcte en volledige informatie, afkomstig van de merkeigenaar, zal ontvangen. Deze ‘data challenge’ gaat ons allen aan, zowel grote als kleine bedrijven. Tegen de zomer 2012 zal GS1 Belgilux u zijn oplossing kunnen voorstellen. Onze GDSN ploeg staat klaar om u bij de voorbereiding en implementatie de nodige support te bieden.

In dit nummer vindt u tevens een update over onze andere prioritaire projecten: de implementatie van GS1 DataBar, ditmaal op kortingbonnen, GDSN en EDI retourmanagement in de Doe-Het-Zelf en productidentificatie in de gezondheidszorg. 2012 wordt beslist een boeiend jaar!

Walter Goossens Voorzitter GS1 Belgium & Luxembourg Supply chain Manager bij Makro C&C Belgium

Onze trainingkalender Datum

Thema training

Taal

26 april 26 april

GS1 in de gezondheidszorg - VM GS1 in de gezondheidszorg - NM

NL FR

15 mei 15 mei

Hoe zet ik een correcte barcode op mijn producten - VM Hoe zet ik een correcte barcode op mijn producten - NM

NL FR

13 juni

Carbon Footprint measurement training – ganse dag

EN

14 juni 14 juni

Het goed gebruik van de SSCC op de palletten - VM Het goed gebruik van de SSCC op de palletten - NM

NL FR

19 juni 21 juni

CDB/GDSN -NM CDB/GDSN - NM

NL FR

18 september 18 september

Het goed gebruik van de SSCC op de palletten - VM Het goed gebruik van de SSCC op de palletten - NM

NL FR

19 september

eCom voor beginners – VM

NL

25 september

ECR The shopper Journey - ganse dag

EN

25 september

CDB/GDSN - NM

NL

26 september

eCom voor beginners – VM

FR

2 oktober

CDB/GDSN - NM

FR

3 oktober 3 oktober

Hoe zet ik een correcte barcode op mijn producten - VM Hoe zet ik een correcte barcode op mijn producten - NM

NL FR

23 oktober 25 oktober

eCom advanced - VM eCom advanced - VM

NL FR

22 november 22 november

Het goed gebruik van de SSCC op de palletten - VM Het goed gebruik van de SSCC op de palletten - NM

NL FR

27 november 28 november

CDB/GDSN - NM CDB/GDSN - NM

NL FR

29 november 30 november

Hoe zet ik een correcte barcode op mijn producten - VM Hoe zet ik een correcte barcode op mijn producten - NM

NL FR

Alle trainingen gaan door in de lokalen van GS1 Belgium & Luxembourg en zijn gratis. Voor meer informatie en online registratie, zie www.gs1belu.org/nl/seminaries. Voor de ECR trainingen verwijzen wij naar pagina 27 en 28 van deze LINK.

GS1 Belgilux

verhuist! Als gevolg van de aanzienlijke groei van onze organisatie (actueel 19 medewerkers), werden de huidige kantoren van de Koningsstraat 29 te krap en onpraktisch. Wij gingen op zoek naar een nieuwe locatie in de buurt en vonden deze in de Koningsstraat 76. De verhuizing is (momenteel) gepland voor 30 mei 2012. Wij zullen u ten gepaste tijde berichten over onze nieuwe gegevens.

3


GS1_LINK2012_01_NL03.qxp:Mise en page 1

02-04-2012

15:03

Page 4

Rondvraag

Mooie rol voor GS1 Belgilux weggelegd! Europese verordening maakt nutritionele informatie verplicht Een verordening van de Europese Unie verplicht de voedingsbedrijven onder andere om vanaf november 2014 nutritionele en andere informatie (ingrediënten, allergenen...) elektronisch voor de consument beschikbaar te maken bij verkoop op afstand. We vroegen enkele goedgeplaatste betrokkenen om een aantal beschouwingen aan de kwestie te wijden.

Michel Eeckhout, Executive Vice President van Delhaize Group en bestuurder van GS1 Global Wat denkt u over de verordening? Eeckhout: Het is niet aan mij om te beoordelen of het verordenen van een Europese richtlijn wel een goede zaak is. Feit is dat de consument steeds meer om nutritionele informatie vraagt, en dus ligt de Europese verordening in de lijn van de maatschappelijke trend die we onmiskenbaar waarnemen. De klant wil nauwkeurig weten welke nutritionele elementen in zijn voeding aanwezig zijn. Hij vindt daarop een antwoord op de verpakkingen, maar in de digitale wereld van vandaag – die niet te stuiten is, die integendeel in een acceleratiefase zit – wil hij die gegevens ook online en op zijn mobiele toestellen kunnen raadplegen. Op die trend moeten we dan ook met gepaste antwoorden inspelen. Wat is de impact voor Delhaize? Eeckhout: We hébben die informatie die de klant wenst en vraagt, maar het is belangrijk dat we de gegevens op een betrouwbare, correcte en snelle manier digitaal beschikbaar stellen. Tot nu toe was het zo dat onze aankoop-

4


GS1_LINK2012_01_NL03.qxp:Mise en page 1

diensten de productgegevens in speciaal daarvoor bestemde interne files inbrachten, maar het zou uiteraard een hele stap voorwaarts zijn, als de fabrikanten de gegevens op een automatische manier zouden kunnen doorgeven. Wat onze huismerken betreft, moeten we er uiteraard zelf voor instaan. Wij zijn immers aan dezelfde wettelijke vereisten onderhevig. Welke voordelen ziet u in die stap? Eeckhout: De grote opportuniteit die in de aan de gang zijnde maatschappelijke evolutie valt waar te nemen, is dat de consument meer dan ooit over additionele informatie zal kunnen beschikken, ook als hij steeds meer online georiënteerd is om zijn kennis over producteigenschappen te vergaren. Op het vlak van marketing is het zonder meer zo dat onze toepassingen in de e-commerce – zoals Delhaize Direct, Caddy Home en Wine World – in hoge mate drijven op zoekcapaciteiten. Ook om die reden is het dus ontzettend belangrijk dat de productgegevens vlot beschikbaar én correct zijn.

02-04-2012

15:03

Page 5

afkeren, maar misschien ook van het product op zich, van de fabrikant ervan en van het distributiekanaal waar hij het product koopt. Alle betrokken partijen hebben belang bij aandacht voor de kwaliteit van de gegevens. Welke rol is voor GS1 weggelegd? Eeckhout: Als het op betrouwbaarheid van informatiestromen aankomt, heeft een wereldorganisatie als GS1 enorme troeven. GS1 heeft twintig jaar ervaring in het normeren en standaardiseren van de informatiestroom tussen leverancier en retail (B2B). Welnu, die efficiëntie en betrouwbaarheidsgraad kan de organisatie gebruiken om de informatiestromen ook richting consument uit te breiden. Wat op wereldvlak mogelijk is gebleken met GDSN, EDI, Barcodes & Identificatie en noem maar op voor B2B, kan ook tot een trusted data source leiden voor B2C. Bovendien zorgt GS1 niet alleen voor de normering, maar is de organisatie wereldwijd in veel landen actief om de standaardisatie in te voeren en de plaatselijke implementatie te begeleiden, zodat uniforme toepassing verzekerd is.

"Een 'trusted database' is in eenieders belang."

Ziet u ook nadelen en bedreigingen? Eeckhout: Er zou een risico zijn, als de herkomst van de online gegevens onduidelijk is. Momenteel denk ik niet dat we al van een probleem kunnen spreken, maar met de explosie aan gegevens en de exponentiële toename in de verspreiding ervan, wordt het risico ook groter dat gegevens niet precies of verouderd zouden zijn. Er zijn om de haverklap allerlei verpakkingswijzigingen, die meteen ook hun weerslag hebben op de nutritionele tabellen die aan die verpakkingseenheid gekoppeld zijn. Als klanten erop stoten dat gegevens niet correct en niet betrouwbaar zijn, bestaat het risico dat ze zich van de informatiebron (bijvoorbeeld een online applicatie)

Wat is voor u de volgende stap? Eeckhout: GS1 kan de huidige databasetechnologie uitbreiden, zodat naast de productattributen ook de nutritionele informatie die de klant wil, opgeslagen kan worden in een trusted database, zodat ze beschikbaar komt voor externe providers die mobiele applicaties bouwen. Vervolgens is het aan alle spelers in de markt om goed samen te werken, zodat we een perfect betrouwbare gegevensstroom op gang kunnen brengen, die gestandaardiseerd en geautomatiseerd uitgewisseld wordt.

Walter Goossens, Supply chain Manager bij Makro C&C Belgium en huidig voorzitter van GS1 Belgium & Luxembourg Wat denkt u over de verordening? Goossens: Ze heeft voor de consument alleen maar voordelen. Voor de betrokken ondernemingen zal het een hele uitdaging zijn om alle informatie correct te verwerven. Europa wil dat de consument juist geïnformeerd is. Op de verpakkingen en etiketten staan nu natuurlijk al heel wat gegevens die de consument toelaten het product te beoordelen, wanneer hij het ziet. Bij verkoop op afstand verdwijnt het contact met het product en de informatie die erop voorkomt. Daardoor begeeft de consument zich qua informatie op glad ijs. De richtlijn moet houvast bieden om correcte informatie op te bouwen en aan de consument aan te bieden. Vooral voor consumenten die om gezondheidsredenen bepaalde voedingsstoffen willen of moeten vermijden, is dat een goede zaak. Wat is de impact voor Makro? Goossens: Voor een groot stuk zijn wij natuurlijk afhankelijk van de fabrikanten. De merken moeten de gewenste

5


GS1_LINK2012_01_NL03.qxp:Mise en page 1

02-04-2012

informatie beschikbaar stellen. Wat onze huismerken betreft, moeten wij wel zelf, samen met onze leveranciers, instaan voor de informatiestroom. De eerste stappen daartoe zijn gezet. We hebben onder andere een productpaspoort ingevoerd, wat ons toelaat om de informatie voor nieuwe producten systematisch te verzamelen. Voor producten die al langer in omloop zijn, moeten we een inhaalbeweging doen. Alle leveranciers zijn de informatie volop aan het doorspelen, waarbij Makro erop toeziet dat alles correct en volledig is voor de klant. Er is nog heel wat werk, maar de klanten kunnen voor onze huismerken op betrouwbare informatie rekenen.

15:03

Page 6

van onnauwkeurige of onvolledige informatie di毛ten zouden gaan voorschrijven, terwijl ze daar misschien niet bevoegd voor zijn, wordt het problematisch. We mogen niet spelen met de volksgezondheid. Fabrikanten en doorverkopers hebben daarin een verantwoordelijkheid. Welke rol is voor GS1 weggelegd? Goossens: Deze situatie biedt GS1 een grote kans. De organisatie is al decennia begaan met unieke product-

"Dit is een grote kans voor GS1."

Welke voordelen ziet u in die stap? Goossens: Als we alle gegevens tijdig in een betrouwbare vorm zouden kunnen aanbieden, zou ons dat een competitief voordeel geven, maar iedereen moet aan de verordening voldoen. We zullen de moeite die we doen en nog zullen doen, zeker in onze communicatie uitspelen. Een eigen app voor de consument die met zijn smartphone producten scant, is een piste; op korte termijn publiceren we de gegevens van de producten die we via onze webshop (www.makroshop.be) verkopen. Ziet u ook nadelen en bedreigingen? Goossens: Het grote risico is dat de aangeboden informatie niet correct zou zijn en een eigen leven zou gaan leiden. Dat andere organisaties naar eigen goeddunken met de gegevens aan de slag gaan, is immers oncontroleerbaar. Zij moeten zich er bewust van zijn dat nutritionele informatie niet zomaar onschuldig is. Ze moet echt wel correct zijn. Iedereen is vrij om van informatie gebruik te maken, maar de interpretatie van de verpakkingsinformatie moet zorgvuldig gebeuren. Indien mensen op basis

6

identificatie. Daarmee hebben ze de sleutel in handen om correcte informatie aan het gepaste product te koppelen. GS1 kan een platform tot stand brengen, gedragen door de gemeenschap van merkfabrikanten en distributeurs, waar de informatie samengebracht kan worden. De centrale datapool voor B2B (de CDB) kan daarbij als inspiratiebron gelden, en als basis om er de nutritionele informatie te koppelen aan de unieke nummering. De behoefte is nu gedefinieerd en de tijdsdruk is er, want 2014 is niet meer z贸 veraf!


GS1_LINK2012_01_NL03.qxp:Mise en page 1

Wat is voor u de volgende stap? Goossens: Als distributiebedrijf zullen wij zeker altijd al onze verplichtingen trachten na te komen, niet alleen ten aanzien van de consument, maar ook ten aanzien van de professionele gebruikers die wij bedienen. Leveranciers, verwerkers en doorverkopers moeten alle nodige informatie uitwisselen om elk op hun niveau en in hun toepassing correct te kunnen handelen. Daartoe is het platform waarvan sprake een onmisbare hefboom. Het kan tevens de basis vormen om ontbrekende gegevens op te

02-04-2012

15:03

Page 7

sporen en eventuele inconsistenties aan het licht te brengen. De betrouwbaarheid van de objectieve informatie is de hoeksteen van deze hele operatie. Daartoe moet ze afkomstig zijn van een correcte bron, liefst zo dicht mogelijk bij de totstandkoming van het product.

Franky Van Hamme, Marketing & Innovation Director bij Alpro en bestuurder bij GS1 Belgium & Luxembourg: Wat denkt u over de verordening? Van Hamme: Ik vind het een normale evolutie, een logische stap. De consument zoekt informatie en vraagt die nu ook via sociale media en digitale informatiekanalen op. Hij heeft er dus belang bij dat hij één correcte 'version of the truth' vindt. Ideaal zou zijn dat in het brede scala van informatieaanbieders één neutrale bron honderd procent betrouwbaar zou zijn. Het gaat immers om informatie die cruciaal is, bijvoorbeeld voor consumenten met allergieën die bepaalde ingrediënten net wel of niet verdragen. De gezondheid gaat voor. Gegevens op basis van subjectieve evaluaties volstaan niet.

nu om de technologische stap te zetten om ze voor de consument toegankelijk te maken door ze op één punt samen te brengen. Welke voordelen ziet u in die stap? Van Hamme: De eerste prioriteit is de honger van de consument naar zakelijke informatie op een zo correct en neutraal mogelijke manier te bevredigen. Op een verpakking kun je niet alles kwijt en via een smartphone bijvoorbeeld kan de consument op de winkelvloer, als hij het product voor zich heeft, de uitgebreide nutritionele informatie rustig en in detail online doornemen. Waar hij producten die hij niet kent, nu misschien voorbijloopt zonder er zich in te verdiepen, kan dan de mogelijkheid ontstaan om er informatief nader kennis mee te maken. Is het product voor mij geschikt? Is het bijvoorbeeld glutenof lactosevrij? Zit er suiker in? Wat kan ik er mee bereiden en hoe? Op al dat soort vragen kan de consument snel antwoorden vinden, wat zijn onzekerheid kan wegnemen of hem inspiratie kan geven, en hem zo een duwtje in de rug kan geven om eventueel tot aanschaf over te gaan.

"Wij zijn er klaar voor."

Wat is de impact voor Alpro? Van Hamme: Bij ons staat, net als bij veel collega's, alle benodigde informatie op de verpakkingen. Ook op onze website is de informatie in ruime mate terug te vinden. Daarnaast hebben we al veel geïnvesteerd in een B2B-datapool, zodat de retailers correcte gegevens hebben qua pallethoogtes, gewicht, afmetingen en dergelijke. We zouden nu dus de stap moeten zetten om meer informatie (ingrediëntenlijsten, calorieën, allergenen en andere nutritionele componenten) in een B2C-database beschikbaar te stellen. De informatie hebben we, het gaat er

Ziet u ook nadelen en bedreigingen? Van Hamme: De hamvraag is: hoe bewaken we de objectiviteit? Er mag geen wildgroei ontstaan van oncontroleerbare systemen met informatie van bedenkelijk allooi. Voedingswaarden en dergelijke zijn perfect objectiveerbaar. Oordelen vellen over producten – of ze al of niet goed zijn – heeft daar niets mee te maken. Hoeveel milligram van een bepaalde stof in een voedingsmiddel gezond is, is geen objectief gegeven; vaststellen hoeveel milligram er van een bepaalde stof in een voedingsmiddel zit, wel. Het blijft immers de vrije keuze van de consument in welke hoeveelheden hij consumeert.

7


GS1_LINK2012_01_NL03.qxp:Mise en page 1

02-04-2012

15:03

Page 8

Welke rol is voor GS1 weggelegd? Van Hamme: GS1 is in BelgiĂŤ, maar ook Europees en wereldwijd, een voortrekker geweest om de centrale datapool voor B2B te implementeren. Zo is een uniform gedefinieerde checklist van technisch omschrijfbare elementen ontstaan, die foutloze informatie-uitwisseling toelaat. Ook richting consument zou GS1 kunnen optreden als facilitator van objectieve informatie, uitgaande van gestandaardiseerde afspraken omtrent gehanteerde meeteenheden. Transparantie heeft op termijn louter voordelen.

Foto’s David Plas

8

Wat is voor u de volgende stap? Van Hamme: De fabrikanten hebben de juiste informatie. Vervolgens is het belangrijk om over een gestandaardiseerde logische structuur te beschikken waarin we die informatie kunnen opslaan. Met verschillende partners werkt GS1 aan een vertaling in een gebruiksvriendelijke communicatietool.

J.H. Verbanck


GS1_LINK2012_01_NL03.qxp:Mise en page 1

02-04-2012

15:03

Page 9

Dossier B2C

GS1 Belgilux geeft het startschot voor betrouwbare consumentendata! ‘Is dit product bio, halal of fairtrade? Bevat het niet te veel calorieën? Hoe past het in mijn dieet? Ik ben allergisch, kan ik dit product eten? Hoe kan ik deze producten combineren in een recept?’ De behoefte van de hedendaagse consument aan kwalitatieve, digitale productinformatie stijgt zienderogen en overschrijdt vaak de informatie aanwezig op het etiket.

GS1 Belgium & Luxembourg identificeerde deze verschuiving en vaart dit jaar dan ook resoluut de B2C koers. Op deze manier wil de organisatie merkeigenaars ondersteunen bij de uitdaging waaraan zij in de nabije toekomst het hoofd zullen moeten bieden.

de taak van producenten en retailers allesbehalve eenvoudiger. Gewapend met deze nieuwe consumententechnologieën gaan shoppers overal en op elk moment op zoek naar meer, duidelijke en betrouwbare productinformatie on the spot. Een gevaarlijke cocktail die zowel opportuniteiten als bedreigingen bevat voor producenten en retailers.

( r ) evolutie Shoppen ondergaat tegenwoordig een enorme facelift. De inburgering van mobiel internet, het toenemend aantal smartphones en talrijke applicaties maken

Hoe shop jij in de toekomst? Op 13 maart jl. (tevens datum van Forum 2012) heeft GS1 Belgilux, in samenwerking met Xenarjo, invulling gegeven aan 4 pagina’s uit een katern van de krant De Standaard over het onderwerp ‘Hoe shop jij in de toekomst?’. De aspecten van digitaal winkelen en betrouwbare informatie voor de consument kwamen er uitvoerig aan bod. Alle deelnemers aan Forum 2012 ontvingen een exemplaar.

Opportuniteiten Allereerst wordt het mogelijk om bestaande label informatie op een

andere, aantrekkelijke manier beschikbaar te stellen aan de shopper van de (nabije) toekomst. Denk maar aan scanapplicaties die duidelijk de ingrediënten, nutriënten, allergenen en gezondheidsclaims van producten weergeven. Iemand met een allergie voor pindanoten kan dankzij bepaalde applicaties in een oogopslag te weten komen of hij/zij het product kan consumeren. Dit aangezien deze apps de aanwezigheid van pindanoten en andere allergenen opsporen en signaleren. Als je weet dat ondertussen één op de tien Belgen allergisch zijn, dan spreekt het voor zich dat dergelijke applicaties veel toegevoegde waarde kunnen bieden en kunnen bijdragen tot een gezonder leven. Daarbovenop kan heel wat extra informatie meegedeeld worden die helemaal niet aanwezig is op het etiket. Denk bijvoorbeeld aan het aanbieden van een bereidingswijze, promoties, recepten en noem maar op. In andere sectoren dan food kunnen dergelijke applicaties uiteraard ook een toegevoegde waarde bieden dankzij toevoegingen zoals energielabel, accessoires, functionaliteiten, etc. De mogelijkheden zijn eindeloos! Scanapplicaties en hun toepassingen scheppen vertrouwen bij de consument,

U kan tevens een exemplaar opvragen via cdb.support@gs1belu.org 9


GS1_LINK2012_01_NL03.qxp:Mise en page 1

02-04-2012

waardoor de directe verkoop alsook de lange termijn relatie met het merk gestimuleerd wordt. Ten slotte verschaffen zij meer inzicht in het koopgedrag van shoppers dankzij statistieken verbonden aan het scannen van producten.

Bedreigingen Maar krijgt de shopper wel degelijk correcte en volledige informatie te zien? Waar halen applicaties hun gegevens vandaan? Hebben fabrikanten en retailers de B2C informatiestroom wel in handen?

Foto’s David Plas & GS1

Bij gebrek aan data afkomstig van de merkeigenaar grijpen applicatiebouwers inderdaad naar minder kwalitatieve bronnen. Hierdoor krijgt een shopper niet altijd volledige of correcte informatie te zien. De huidige, inefficiënte situatie maakt het de shopper bovendien zeer lastig om te achterhalen waar de data op het (smartphone) scherm vandaan komt en of deze al dan niet betrouwbaar is. Één van deze minder kwalitatieve bronnen is ‘crowd sourcing’, hetgeen zoveel betekent als de shopper vragen om zelf de informatie in te geven indien deze niet beschikbaar is. Hoewel dit systeem op hetzelfde principe steunt als Wikipedia, blijkt het in deze context verre van werkbaar te zijn: data – en

10

15:03

Page 10

merkintegriteit staan op het spel! Daarnaast zijn de risico’s verbonden aan het verspreiden van onbetrouwbare informatie enorm. Een consument die allergisch is aan koemelk moet er namelijk 200% op kunnen vertrouwen dat het aangekochte of online bestelde product zijn/haar gezondheid niet zal schaden bij de consumptie ervan. Recent onderzoek (zie hiervoor de rapporten Capgemini ‘Beyond the label’ en GS1 UK ‘Mobile savvy shopper’) naar het gebruik van smartphones en mobiele scanapplicaties bevestigt dat de weergegeven informatie allesbehalve betrouwbaar is. Voor het onderzoek werden in totaal 1125 scans uitgevoerd, verspreid over drie mobiele scanapplicaties. Slechts in 9% van de gevallen verscheen de correcte productbeschrijving in vergelijking met de beschrijving bekend bij de merkeigenaar. Een onthutsende 75% van de scans leverde geen enkele productinformatie op en 87% leverde geen afbeelding op. Daarnaast toont het onderzoek aan dat het vertrouwen in deze data een grote invloed heeft op het koopgedrag: 74% van de consumenten vindt het belangrijk dat de productinformatie betrouwbaar is. 38% van hen zou het product niet kopen indien ze vermoeden dat de informatie niet betrouwbaar is.

Virtueel schap Om de mogelijkheden van betrouwbare B2C data te demonstreren, heeft GS1 Belgilux een interactief virtueel schap laten ontwikkelen. De product barcodes worden gescand met een mobiele applicatie waarna de consumentengegevens op het scherm verschijnen. Tijdens Forum 2012 werd dit schap voor het eerst opgesteld en kreeg het ruime belangstelling. Kon u niet op Forum 2012 aanwezig zijn, en wenst u een demonstratie van het virtueel schap in onze kantoren? Contacteer ons via cdb.support@gs1belu.org


GS1_LINK2012_01_NL03.qxp:Mise en page 1

02-04-2012

15:03

Page 11

Bouw met ons mee aan betrouwbare productinformatie! GDSN (Global Data Synchronisation Network) ligt aan de basis van het platform dat GS1 Belgilux zal aanbieden als oplossing voor de ‘data challenge’. Vandaag is het reeds mogelijk om alle B2B en B2C data in te geven in één van de 30 data pools binnen het netwerk (bijvoorbeeld in de eigen Central Data Bank). Binnenkort wordt het dan ook mogelijk om de informatie aanwezig in dit platform samen te voegen (eventueel ook te verrijken) per GTIN en zo beschikbaar te stellen aan applicatiebouwers en retailers die zich aansluiten als data ontvangers. Hierbij zullen zij zich uiteraard

De data challenge Hoe moeilijk kan het zijn? Waarom nemen merkeigenaars hun verantwoordelijkheid niet om deze informatie beschikbaar te stellen aan applicatiebouwers en retailers? Wat is hier het echte probleem? Wel, merkeigenaars worden vandaag de dag geconfronteerd met de zogenaamde ‘data challenge’: zij slagen er vaak zelf niet in om deze informatie te verzamelen en op een volledige, correcte en digitale manier beschikbaar te stellen bij gebrek aan een degelijk intern data management systeem. Informatie is vaak verspreid binnen de organisatie en verandert enorm snel. Bovendien raken toevoegingen, weglatingen en andere wijzigingen maar al te vaak gewoonweg niet (of niet correct) tot bij de consument. Ook het feit dat er vandaag de dag niet één centrale plaats is waar alle leveranciers hun B2C data kunnen inbrengen en waar de retailers en applicatiebouwers deze informatie kunnen afhalen, gooit roet in het eten. Om via de huidige weg de nodige informatie aan consumenten digitaal aan te leveren, zou elke merkeigenaar zijn data bilateraal moeten communiceren met alle retailers en applicatieontwikkelaars. Of omgekeerd: zou elke applicatieontwikkelaar of retailer contact moeten opne-

verbinden om de oorsprong en de integriteit van deze data te respecteren. Wil u reeds kennis maken met het platform dat GS1 Belgilux bouwt rond betrouwbare informatie voor de consument ? Download de brochure GS1 Trusted Source of Data - Providing product information consumers can trust via www.gs1belu.org/files/B2C_folder.pdf Ontvangt u liever een exemplaar op papier? Vraag het aan via cdb.support@gs1belu.org

men met elke merkeigenaar om naar de ‘betrouwbare’ data te vragen. Een compleet onwerkbaar systeem!

Vijf voor twaalf Het is duidelijk vijf voor twaalf wat digitale, betrouwbare productinformatie voor de eindconsument betreft. Hoog tijd om in te grijpen en een duurzame oplossing te voorzien voor wat wel eens één van grootste uitdagingen van dit moment zou kunnen zijn. Bijkomende druk om in te grijpen komt uit Europa. De EU Verordening ‘Food Information to Consumer’ (nr. 1169/2011) stipuleert onder andere dat – in het geval van verkoop op afstand (vb. via het internet of mobiele toepassingen)– de consument op voorhand moet kunnen beschikken over alle productinformatie zoals allergenen, nutritionele data, ingrediënten en claims. Op deze manier kan de shopper geïnformeerde en voor hem/haar gezonde beslissingen nemen, zelfs zonder het product vast te nemen en de informatie op de fysieke verpakking door te nemen. Verondersteld wordt dat deze informatie in een digitaal en gebundeld formaat uiterlijk beschikbaar is vanaf 22 november 2014.

Trusted Source of Data GS1 grijpt deze opportuniteit met beide handen en aanvaardt de data challenge! Het zal een platform uitbouwen dat het mogelijk maakt voor merkeigenaars om betrouwbare en kwalitatieve informatie op een efficiënte manier aan de eindconsument te bieden. Als neutrale organisatie kan GS1 alle betrokken partijen/stakeholders (merkeigenaar, applicatiebouwer en consument) dichter bij elkaar brengen en aanzetten tot samenwerking. Zonder de aanwezigheid van een neutrale tussenpartij zou het quasi onmogelijk zijn voor merkeigenaars om betrouwbare productinformatie op een efficiënte, gestandaardiseerde manier te bezorgen aan de talrijke applicatiebouwers en retailers die hiervan gebruik wensen te maken. Het aanbieden van één globaal platform met lokale ondersteuning en waar beide partijen terecht kunnen, een ‘Trusted Source of Data’, lost dit voor eens en altijd op. GS1 Belgium & Luxembourg ziet het als één van z’n taken om deze problematiek ten gronde aan te kaarten en om bedrijven bewust te maken van de enorme uitdaging die zij SAMEN en wel NU moeten aangaan. Meer informatie?

Steffie Defreyne

11

Contacteer cdb.support@gs1belu.org


GS1_LINK2012_01_NL03.qxp:Mise en page 1

02-04-2012

15:03

Page 12

FORUM 2012 Everybody wins with good data! Forum stond dit jaar in het teken van betrouwbare online productdata voor de consument. 400 vertegenwoordigers van handel en industrie, verenigingen, solution providers, media, overheidsinstellingen, … waren op de afspraak. Onze doelstelling? Bewustwording creëren rond de data challenge en aanzet geven tot actie zodat merkeigenaars de controle over hun online productgegevens in eigen handen nemen en behouden.

Datakwaliteit centraal Voorzitter Walter Goossens (Supply Chain Manager Makro C&C Belgium) leidde het dagthema in en stelde de prioriteiten voor 2012 voor. Dit jaar zal onze aandacht vooral uitgaan naar datakwaliteit in B2B en B2C, de implementatie van GS1 DataBar zowel in de verse voeding als op kortingbonnen en cadeaucheques, de verdere uitrol van Order to Cash, GDSN en EDI retourmanagement in de Doe-HetZelf & tuin, productidentificatie in de gezondheidssector en de implementatie van de nieuwe GS1 communicatie en branding.

Trendsetting sessie Met zijn presentatie ‘Shopping 2.0 – The impact of mobile product interaction’ leidde Dr. Christian Floerkemeier (CTO Miransense & Scandit) ons doorheen de nieuwe trends op het vlak van mobiele communicatie. De opkomst van smartphones en het mobiele internet zorgt voor een verstoring in de traditionele communicatiekanalen met de consument. Retailers en merken moeten vandaag rekening houden met het feit dat communicatie via de pro-

12

Dr. Christian Floerkemeier

Jean-Jacques Vandenheede

ductverpakking en in de winkel niet langer volstaan.

concurrentie is dan ooit tevoren. Retailers en merken hoeven deze nieuwe ontwikkelingen echter niet te vrezen. Door de nieuwe mobiele communicatiemogelijkheden kunnen retailers en brands immers doelgericht en persoonlijk gaan communiceren met de consument. Bovendien leveren de analyses van mobiele barcodescanning belangrijke inzichten voor retailers en merken die ze kunnen gebruiken in hun marketingstrategieën.

Smartphones laten de consument toe om, waar en wanneer zij het willen, producten te scannen en productinformatie op te zoeken. Producten uit zeer uiteenlopende categorieën worden 24 uur op 24 gescand en dit zowel in de winkel als thuis. Retailer apps worden zelfs voor 95% thuis gebruikt. Dit heeft tot gevolg dat er vandaag meer transparantie en meer


GS1_LINK2012_01_NL03.qxp:Mise en page 1

Sociale media drijven de veranderende perceptie van de consument was het thema van de presentatie van Jean-Jacques Vandenheede (Director Retailer Insights AC Nielsen). Sociale media zijn niet meer weg te denken uit de maatschappij. De vraag is niet meer óf we aan sociale media doen, maar wel in welke mate we eraan meedoen. Uit onderzoek blijkt dat maar liefst 3 op 5 consumenten online hun ongezouten opinie geven over producten. Deze ervaringen worden gedeeld met anderen en dat genereert op zijn beurt een ‘buzz’ van verdere reacties. Bovendien blijkt dat de aanbevelingen van kennissen een hogere ‘trustwaarde’ genieten dan merkwebsites of eender welke andere vorm van reclame. Onnodig te zeggen dat sociale media een heuse impact hebben op aankoopbeslissingen van consumenten. Het is dan ook van cruciaal belang dat merkeigenaars inspelen op deze (r)evolutie. Dit kunnen zij doen door vooral te luisteren naar de reacties van de consumenten om er iets uit te leren. Op die manier kunnen zij er voordeel uit halen en aldus de merkbeleving positief beïnvloeden. Aan de hand van voorbeelden toonde Jean-Jacques Vandenheede aan hoe sommige bedrijven hierin gelukt zijn.

02-04-2012

15:04

Page 13

waar de bevolking over de kwaadaardige gevolgen van bepaalde ingrediënten net zoals verpakkingen de consument behoeden en de voedingwaarde afficheren. Toch kan de consument deze moeilijk verstaan of ontcijferen.

Nathalie Bekx

Nathalie Bekx (CEO Trendhuis) ziet het Mobiel internet als enabler voor een gezonder leven. Jaarlijks sterven in België 38.000 mensen aan hart- en vaatziektes. 60% daarvan is te wijten aan te hoge cholesterol. 450.000 Belgen lijden aan een vorm van diabetes en 1 op 4 Belgen heeft last van allergie. Steeds meer Belgen kampen met overgewicht. Heel vaak heeft de consument maar weinig besef van wat hij eet. Boodschappen voor de openbare gezondheid verwittigen welis-

Europa publiceerde onlangs een richtlijn die de fabrikanten verplicht de nutritionele gegevens en allergenen te verspreiden via internet. Talrijke mobiele applicaties zagen al het daglicht (123 Feel free, myShopi,…). Er bestaat echter nog geen betrouwbare gegevensbron voor het verspreiden van dergelijke informatie. Op dat niveau kan GS1 een belangrijke rol spelen. Vermits GS1 reeds de catalogus voor productfiches beheert, zouden de gegevens over voedingswaarde en gezondheid, opgeslagen in een gecertificeerde database onder controle van een medisch comité, hieraan kunnen gelinkt worden. Door middel van de barcode gedrukt op de verpakking, kan deze waardevolle informatie aan de consument overgemaakt worden.. Zodoende zouden al deze nutritionele gegevens aan de bron kunnen gecontroleerd worden en in alle vertrouwen ter beschikking gesteld worden aan de consument.

13


GS1_LINK2012_01_NL03.qxp:Mise en page 1

02-04-2012

15:04

Page 14

Louis Martin

Marika Luyckx

Kees Jacobs

Betrouwbare data & het internet

versie van de Colruyt Collect&Go. De desktop versie is al meer dan 10 jaar in gebruik, de mobiele versies voor iPhone en Android sinds 2011. De gebruikers van de app zijn actieve mensen en gezinnen met kinderen, dus klanten die weinig tijd hebben voor boodschappen. Wat heeft Colruyt uit dit project geleerd? Eerst en vooral, vergt een app veel organisatie, structuur en opvolging. Deze keuze kadert in een globale strategie. In het geval van Colruyt was dit: het ter beschikking stellen van een stabiele, krachtige en gebruiksvriendelijke applicatie met een uitgekiend grafisch ontwerp. Het feit dat vandaag reeds 6% van de Collect&Go bestellingen via de mobiele applicatie worden geplaatst, betekent dat de consument er wel degelijk een meerwaarde in vindt.

Dit rapport legt de vinger op de zeer slechte kwaliteit van digitale productgegevens. Indien het B2C verhaal succesvol wil zijn, moet de consument echter kunnen vertrouwen op de informatie die hij ontvangt. Om een zo optimaal mogelijke datakwaliteit te bieden, moeten fabrikanten, distributeurs en solution providers samenwerken om een vertrouwensrelatie met de consument op te bouwen. GS1 Belgilux zal van zijn kant al zijn leden moeten mobiliseren en de nodige consensus realiseren.

Louis Martin (ecom Manager bij Delhaize) stelde ons de Delhaize Direct app voor Smartphones voor. Hiermee kan de consument zijn aankopen online ingeven en zijn boodschappen nadien ophalen in de Delhaize van zijn keuze op een overeengekomen datum en uur. Met deze app wou Delhaize dichter bij de consument staan om zodoende diens relatie met het winkelpunt te versterken. Bij de ontwikkeling van deze app is Delhaize overgestapt van een 'silo' benadering (gegroepeerd in functie van de gebruikte kanalen) naar een ‘omnichannel’ aanpak (uniform per klant, ongeacht het gebruikte kanaal). Dit ontketende de nodige synergie (vb: één enkele producten database ) en zorgde voor een toenadering tot de consument en een betere dienstlevering. Naast de online catalogus, geniet de gebruiker van toegang tot promoties, store locator, boodschappenlijstopsteller via het klavier of via barcode scanning en een functie die toelaat de boodschappenlijst te delen met andere gezinsleden. Marika Luyckx (marketingstrateeg Colruyt) presenteerde de mobiele

14

Kees Jacobs (Principal Consultant Cap Gemini) bracht vervolgens de sleutelelementen van het rapport “Beyond the label: providing digital information consumers can trust”. Daaruit blijkt dat samenwerking tussen fabrikanten en distributeurs en gegevenskwaliteit de twee voornaamste aandachtspunten zullen zijn bij het beantwoorden van de huidige en toekomstige B2C uitdagingen.

Na de probleemstelling was het de beurt aan Miguel Lopera (CEO GS1 Global) om de oplossing voor te stellen: The Global GS1 Framework for trusted data on the internet. Dit platform zal het in de (nabije) toekomst mogelijk maken om betrouwbare consumentendata op een efficiënte en gestandaardiseerde manier beschikbaar te stellen op het internet. Als enabler wil GS1 een kader met standaarden en een open architectuur voor alle door merkeigenaars gecertificeerde data bieden. De visie van het project bestaat erin aan de noden van de drie key stakeholders tegemoet te komen. Merkeigenaars kunnen relevante productinformatie op een eenvoudige manier uitwisselen om zo vertrouwen


GS1_LINK2012_01_NL03.qxp:Mise en page 1

02-04-2012

15:04

Page 15

Alle foto's en presentaties online: www.gs1belu.org/nl/ forum2012

Miguel Lopera

op te bouwen bij de klanten. Applicatiebouwers kunnen erop vertrouwen dat ze authentieke data aanbieden en consumenten kunnen er op hun beurt zeker van zijn dat ze accurate productinformatie ontvangen, onafhankelijk van hoe, waar of wanneer ze shoppen. Een wereldwijd pilootproject in 8 landen in samenwerking met 5 applicatiebouwers en 30 merken (goed voor meer dan 900 producten) werd alvast succesvol afgerond.

Paneldiscussie Keep it simple & smart Forum 2012 werd afgesloten met een debat tussen Michel Eeckhout (Executive Vice-President Delhaize Group), Luc Rogge (Algemeen Directeur Colruyt), Vincent de Clippele (CEO Nestlé), Bernard Deryckere (CEO Alpro), Miguel Lopera (CEO GS1 Global) en Chris Moris (Algemeen Directeur FEVIA). Moderator was Wim De Vilder (VRT). Van dit debat zullen we onthouden dat alle betrokken partijen bereid zijn om deze complexe data challenge aan te gaan, zelfs indien er nog veel werk aan de winkel is. Deze uitdaging richt zich tot alle partijen, zowel grote als kleine

ondernemingen. De merken moeten een vertrouwensrelatie met hun consumenten opbouwen. De rol van GS1 zal erin bestaan om de data voor de consument te standaardiseren en een eenvoudig en efficiënt platform te bieden om de gegevens te verzamelen en beschikbaar te stellen.

Foto’s David Plas

Op de vraag welke app ontwikkeld moet worden, hangt het antwoord af van de strategie van de ontwikkelaar. De digitale wereld evolueert razendsnel en is vooral onvoorspelbaar. Bovendien wil de consument een interactie tussen shopping in de winkel en de virtuele wereld. De informatie moet overal beschikbaar en betrouwbaar zijn (vb. aangegeven via een label). In eerste instantie zal de geleverde informatie betrekking hebben op de vaste basiseigenschappen van het product (zoals nutritionele gegevens). Prijsgegevens / vergelijkingen zijn bijzonder complex en horen (voorlopig) niet tot het domein van de gegevens die GS1 ter beschikking wil stellen via zijn platform. Welke applicaties zullen overleven ? Deze die simpel, volledig en gebruiksvriendelijk zijn en die bovendien nuttige en correcte informatie aan de consument zullen bieden.

15


GS1_LINK2012_01_NL03.qxp:Mise en page 1

02-04-2012

15:04

Page 16

GS1 DataBar en Global Coupon Number: globale oplossingen – lokale efficiëntie Uitgevers van kortingbonnen identificeren hun bonnen vandaag aan de hand van een 13-cijferig nummer en maken gebruik van de EAN-13 barcode. Deze oplossing die jarenlang zijn diensten heeft bewezen, schiet echter tekort bij de nieuwe opportuniteiten die zich vandaag aandienen. Ontdek hieronder de nieuwe GS1 oplossingen.

Waarom nieuwe oplossingen? Vandaag worden de kortingbonnen geïdentificeerd aan de hand van een ‘eurozone’ structuur opgebouwd uit prefix (981, 982 of 983), uitgeversnummer van de bon, referentienummer van de bon en diens waarde. Deze identificatiesleutel van dertien cijfers wordt vertaald in een EAN-13 barcode. Voor de gepersonaliseerde kortingbonnen (met inbegrip van internet kortingbonnen), wordt de EAN-13 barcode aangevuld met een CODE 39, die de identificatie van de consument weergeeft, wetende dat deze CODE 39 niet gescand wordt aan de kassa. Diverse factoren hebben aangezet tot de ontwikkeling van een nieuwe identificatiestructuur en het gebruik van een nieuwe barcode: • De lancering van de Coupon Data Pool in combinatie met de noodzaak tot verbetering van de bestaande oplossingen (bijvoorbeeld van de gepersonaliseerde kortingbon); • Nieuwe vormen van kortingbonnen, zoals de digitale kortingbon; • Nieuwe verwachtingen inzake doeltreffende clearing om zo de kosten te drukken; • De nood aan ontwikkeling van krachtige direct marketing tools.

16

Neem deel aan ons event van 27 april ek. ! Bent u uitgever van kortingbonnen, distributeur of technisch platform, dan mag u de infosessie van 27 april ek. (10 uur 30 tot 12 uur 30) niet missen. Deze gratis infosessie, georganiseerd in samenwerking met HighCo Data, wordt gehouden in het Golden Tulip hotel in Diegem. U krijgt er informatie over de belangrijke stappen binnen dit project en de technische en praktische gegevens die u in acht moet nemen in het kader van het GCN & GS1 DataBar migratieplan. De uitdaging is groot! Het draait hier om niets minder dan de toepassing van een nieuwe globale structuur voor kortingbonnen te vertalen in een nieuwe generatie van lineaire barcodes: GS1 DataBar. Voor meer informatie over het programma en voor online registratie: www.gs1belu.org/nl/migratie-naar-gcn-en-gs1-databar-op-kortingbonnen


GS1_LINK2012_01_NL03.qxp:Mise en page 1

02-04-2012

15:04

Page 17

Vlnr: Kurt

GS1 Belgium & Luxembourg maakt deel uit van de GSMP werkgroep “B2C Digital coupon” ter verdediging van een nieuwe globale structuur die voortkomt uit onderzoek en verworven ervaring in België en in het Groothertogdom Luxemburg.

Migratieplan Het Barcodes Committee van GS1 Belgium & Luxembourg kwam sinds 2010 herhaaldelijk bijeen om een migratieplan ten behoeve van fabrikanten en distributeurs uit te werken, met aandacht voor hun respectieve noden.

GCN en GS1 DataBar De nieuwe GS1 oplossingen bestaan uit twee luiken: • Enerzijds een nieuwe identificatieoplossing op basis van het GCN of Global Coupon Number. Deze nieuwe GS1 identificatiesleutel wordt opgebouwd op basis van het GS1 bedrijfsprefix van de fabrikant of de distributeur (net zoals het GTIN), het referentienummer van de kortingbon en, eventueel, een reeksnummer ter identificatie van de gebruiker van de kortingbon. • Anderzijds een nieuw barcode oplossing op basis van GS1 DataBar.

Dit plan maakt eerst en vooral een onderscheid tussen gewone kortingbonnen en gepersonaliseerde kortingbonnen, wetende dat zij een verschillende geldigheidsduur op de markt hebben. In functie van dit onderscheid spreidt de migratieperiode zich over: • één jaar voor gewone kortingbonnen, te weten van april 2013 tot april 2014 ; • drie maanden voor de gepersonaliseerde bonnen, te weten van april 2013 tot eind juni 2013.

Dit brengt vanzelfsprekend belangrijke wijzigingen met zich mee op de Belgische kortingbonmarkt. Niet alleen zal men moeten overstappen op een nieuwe nummering en een nieuwe barcode, maar de systemen moeten ook aangepast worden met bijzondere aandacht voor mogelijke verwarring tussen de beheersystemen tijdens de overgangsperiode.

Een tweede onderscheid wordt gemaakt tussen de uitgevers, de distributeurs, de technische platforms en de clearing centers: • De uitgevers zullen geconfronteerd worden met de nieuwe structuur en de moeilijkheden die ermee gepaard gaan, en moeten in staat zijn deze te genereren om de kortingbon te identificeren. Zij zullen eventueel

parallel met hun drukkers moeten werken om een correcte afdruk van de GS1 DataBar te garanderen. • De distributeurs moeten dan weer het GCN programmeren in hun beheersysteem en hun kassa’s. Sommigen onder hen zullen ook moeten toezien op een uitbreiding van de GS1 DataBar programmering en op de overgang naar de nieuwe kortingbonstructuur. • De technische platforms en de clearing centers zullen van hun kant in staat moeten zijn het GCN aan te maken, GS1 DataBar te scannen en de gegevens te verwerken. Deze migratie zal niet zonder de nodige voorbereidingen worden uitgevoerd. GS1 Belgium & Luxembourg werkt momenteel een begeleidingsplan uit ten behoeve van de gebruikers, dat zal bestaan uit een gedetailleerde uitleg van het project, een implementatiehandleiding, technische specificaties en een controledienst voor GS1 Databar. Meer inlichtingen krijgt u tijdens ons GCN Event van 27 april ek. (zie kader). Meer informatie ?

Nicolas Stuyckens & Leen Danhieux

17

Contacteer barcodes.support @gs1belu.org


GS1_LINK2012_01_NL03.qxp:Mise en page 1

02-04-2012

15:04

Page 18

De sector DHZ & Tuin staat voor een uitdaging! Na de druk bijgewoonde informatievergaderingen voor de Doe-Het-Zelf & Tuin in 2011, ten huize COMEOS, en na regelmatig contact met onze collega’s van GS1 Nederland, zet de sector de eerste concrete stappen in de projecten “elektronische datasynchronisatie” en “RMM” (Return Merchandise Management). Een stand van zaken.

Elektronische datasynchronisatie Intergamma Nederland, de grootste retailer aldaar, heeft recent 50 leveranciers (waaronder 13 Belgische) aangeschreven om te starten met elektronische datasynchronisatie. Zij ontvingen twee datums. Vooreerst de datum waarop zij verondersteld worden met de voorbereidingen te starten, d.i. het volgen van een opleiding in de GDSN datapool van het land waar hun hoofdzetel gevestigd is, dus in de CDB voor België en Luxemburg. Ten tweede de datum waarop zij operationeel moeten zijn. GS1 Belgium & Luxembourg organiseert de nodige trainingen voor de Belgische bedrijven.

en van HUBO (de grootste retailer in België, die concrete plannen richting datasynchronisatie heeft), werd beslist om het datamodel uit te breiden met typisch Belgisch-Luxemburgse verzuchtingen. Voorbeelden hiervan zijn: meertaligheid, informatie rond gevaarlijke producten, enkele typische Belgische takscodes, land van oorsprong en een aanduiding ‘ecocheques’. Andere optionele velden (zoals garantieperiode, levertijd in dagen, vervangende artikelcode, …) zullen in een tweede fase toegevoegd worden. De 2 pilootleveranciers (Eltra en Calodar) zullen hun productfiches elektronisch uitwisselen met Intergamma, die ze zal doorsluizen naar Gamma België.

Tijdens 2 BelgiLux werkgroepvergaderingen (december 2011 en januari 2012) werd het door Nederland uitgewerkte datamodel besproken. Onder impuls van de aanwezige leveranciers

Meer informatie over datasynchronisatie in de DHZ & Tuin? Zie www.gs1belu.org/nl/datasynchronisatie-de-dhz-en-tuinsector Of contacteer: CDB.support@gs1belu.org

18


GS1_LINK2012_01_NL03.qxp:Mise en page 1

Return Merchandise Management (RMM)

02-04-2012

15:04

RMM oplossing onder de loep nam om er nog eventuele Belgische behoeften/vereisten aan toe te voegen. Enkele voorstellen liggen momenteel op tafel om verder onderzocht te worden op sectorbreed niveau. besparen

In 2011 stond de bekendmaking van de RMM oplossing in de Belgisch“Met RMM Luxemburgse DHZleverancier en retailer & tuinsector centraal. GS1 Belgium & gemiddeld 15 min. op Luxembourg deed het afhandelen van een hiervoor beroep op COMEOS onder de terugzending. vorm van vergaderingen en mailings, De sectorbrede oplossing en uiteraard ook op resulteert voor beide parde eigen communicatiekanalen zoals tijen in duidelijke afsprawebsite, eNews en ken, meer transparantie zelfs een DHZ- & en een betere handelstuinkrant.

relatie.”

Uit de vergaderingen bij COMEOS volgde er een RMM projectgroep, bestaande uit 3 leveranciers en 3 retailers, die eind 2011 de

Page 19

Enkele Belgische retailers hebben hun interesse in RMM laten blijken. Ondertussen werkt Intergamma actief aan de doelstelling om tegen eind 2012 met 75 leveranciers aan RMM te doen. De pilootprojecten met 2 leveranciers werden succesvol afgerond in februari 2012. Intergamma bepaalt bin-

nenkort wanneer de 6 (piloot-)bouwmarkten (waarvan 2 Gamma winkelpunten in België) live gaan met RMM. De 50 leveranciers die een schrijven van Intergamma ontvingen m.b.t. elektronische datasynchronisatie, kregen ook de vraag om RMM te implementeren. GS1 Belgium & Luxembourg organiseert ook hier de nodige trainingen, waarbij bedrijven toelichting krijgen over de afspraken, procesmodellen en berichtspecificaties. Na de cursus gaan de leveranciers van start met de implementatie van RMM. Zij kunnen hiervoor rekenen op begeleiding van GS1 Belgium & Luxembourg. Wie op zoek is naar een EDI oplossing, ontvangt een overzicht van EDI solution providers alsook de nodige tips & trics. Verder krijgen de leveranciers de mogelijkheid om kosteloos hun ontwikkeld EDI bericht te testen op vlak van de EANCOM berichtspecificaties. Foto’s

Wim Peeters & Nele De Flou

Meer informatie over RMM in de DHZ & Tuin? Zie www.gs1belu.org/nl/efficienter-afhandelen-van-terugzendingen-dhz-tuin Of contacteer: eCom.support@gs1belu.org

19

GS1 NL


GS1_LINK2012_01_NL03.qxp:Mise en page 1

02-04-2012

15:04

Page 20

Uw mening over de CDB/GDSN helpdesk Afgelopen maand september hield onze CDB/GDSN afdeling een gebruikersenquête met de bedoeling een beeld te krijgen van hun verwachtingen en de klantendienst te verbeteren. Dank aan de 26 ondernemingen die deelnamen aan de enquête. Maar wat onthult deze bevraging?

Inbrengen van de fiches De manier waarop de productfiches worden ingebracht, varieert sterk van bedrijf tot bedrijf, al brengen gemiddeld 2 bedrijven op 5 hun fiches manueel in. 1 persoon op 4 wenst echter de wijze van opladen van GTINs te veranderen wegens het hoog aantal GTINs dat het bedrijf telt en/of de complexiteit van het systeem. In het kader van een mogelijke verandering, opteren de bedrijven voor een combinatie tussen Excel en XML of een combinatie tussen Excel en Webforms waarbij Webforms enkel zouden gebruikt worden om GTINs te wijzigen.

Tevredenheid De bevraagde personen lijken doorgaans tevreden over de communicatie rond de CDB, ook al is 1 persoon op 3 teleurgesteld over het systeem. Opgegeven redenen zijn de traagheid van het systeem (en van de internetconnectie) en de complexiteit ervan.

Meer informatie? Contacteer CDB.support@gs1belu.org

De ontvangen bemerkingen over het gebruik van de helpdesk zijn over het algemeen positief. 45% van de bevraagde personen verklaren immers helemaal tevreden te zijn met de snelheid van de

20

antwoorden, hun kwaliteit en de vriendelijkheid van de staf. De gepeilde bedrijven doen ongeveer één keer per maand een beroep op de helpdesk. De wens van de leveranciers is dat alle nationale distributeurs zouden gebruik maken van GDSN om hun productgegevens uit te wisselen. Sommige bedrijven publiceren overigens nu al hun productfiches in de GS1 Coupon Data Pool. Daar waar België achterstand heeft op het gebied van gegevensuitwisseling tussen distributeurs en leveranciers, zijn sommige distributeurs op internationaal niveau al een stuk actiever. Onze klanten hebben dus de CDB gekozen om hun informatie uit te wisselen met voornamelijk Albert Heijn (NL), SuperUnie (NL), Edeka (DE), maar ook met Markant (DE), Metro (DE) en Rewe (DE).

Besluit In dit stadium blijkt de CDB voornamelijk nuttig voor gegevensuitwisseling tussen Belgische leveranciers en buitenlandse distributeurs, of in het kader van de Coupon Data Pool. Er moet nog vooruitgang geboekt worden op systeemniveau en op het gebied van gegevensuitwisseling met nationale distributeurs. GS1 Belgilux hecht veel belang aan de punten vatbaar voor verbetering en houdt rekening met de geformuleerde bemerkingen om in de toekomst een nog betere dienst te kunnen leveren.

Caroline Clarinval


GS1_LINK2012_01_NL03.qxp:Mise en page 1

Kent u deze termen? • CDB (Central Data Bank): GDSN gecertificeerde data pool voor de uitwisseling van productgegevens, opgestart door GS1 Belgium & Luxembourg ; SA2 Worldsync neemt het technisch beheer waar. • Coupon Data Pool: elektronisch platform voor de verwerking en de clearing van kortingbonnen. De grote innovatie van dit GS1 Belgilux project schuilt in het feit dat de kortingbon verbonden wordt aan het GTIN van de effectief aangekochte

02-04-2012

15:04

Page 21

producten, een link die via GDSN wordt gelegd. • GDSN (Global Data Synchronization Network): biedt een krachtige omgeving voor beveiligde en permanente gegevenssynchronisatie tussen handelspartners. • GTIN (Global Trade Item Number): uniek en ondubbelzinnig GS1 identificatienummer dat wordt toegekend aan een product (consumenteneenheid of omverpakking ) of aan een dienst.

Op welke manieren kan men een productfiche opladen in de CDB? • Webforms: volledig manuele introductie van de productfiches in het systeem. • Excel: semimanuele introductie van productfiches waarbij de gebruiker een specifieke template vervolledigt en vervolgens in het systeem oplaadt. • XML: volautomatische introductie van de productfiches in het systeem.

GS1 Healthcare: nieuws in 2D! Om beter tegemoet te komen aan de noden in het kader van de Europese richtlijn 2011/62/UE (namaakgeneesmiddelen) en de verwachte reglementeringen met betrekking tot de unieke identificatie van medisch materiaal (UDI), publiceerde GS1 twee nieuwe documenten:

1. GS1 Healthcare Position Statement on GS1 DataMatrix implementation. De implementatie van GS1 DataMatrix zal aanleiding geven tot aanpassingen bij de instellingen van de gezondheidszorg, groothandelaars/verdelers, apotheken en de farmaceutische industrie. Alle stadia van de waardeketen worden hierbij betrokken: van de integratie van de GS1 standaarden in de beheersystemen tot het afdrukken of scannen van de barcode en het verwerken van de gegevens.

2. GS1 Healthcare White Paper Brief on UDI implementation. Net zoals de invoering van GS1 Datamatrix, vereist de toekenning van een unieke identificatie (UDI) aan medisch materiaal heel wat aanpassingen zodat het implementatiewerk niet herhaald moet worden. Enkele aspecten die eigen zijn aan dit marktsegment zullen echter aanleiding geven tot aanpassingen die best nu al worden voorbereid. De GS1 standaarden kunnen hier doeltreffend toe bijdragen.

U vindt deze twee documenten via www.gs1belu.org/nl/referentiedocumenten

21


GS1_LINK2012_01_NL03.qxp:Mise en page 1

02-04-2012

15:04

Page 22

Business case van GS1 Belgilux partner Certipost

StarMeal en Delhaize automatiseren bestelcyclus De firma StarMeal uit Herselt is producent en leverancier van ultraverse salades, pasta’s en soepen. Als innovatieve onderneming past StarMeal al jaren succesvol EDI toe om haar processen te optimaliseren en flexibel te kunnen inspelen op de wensen van haar klanten. Via het platform van Certipost wisselt StarMeal elektronische handelsberichten uit met warenhuisketens in België, Nederland en Frankrijk, waaronder Delhaize.

berichten op kratniveau te versturen, zodat het nieuwe DC gemengde palletten kan verwerken en de distributie van versproducten aan kleinere winkelpunten kan optimaliseren. De leveranciers dienen hiervoor speciale herbruikbare kratten van Delhaize te gebruiken, die elk voorzien zijn van een GRAI (Global Returnable Asset Identifier). Het elektronische verzendbericht moet de SSCC en de GRAI van de lading vermelden.

Meer informatie?

www.certipost.be

Oplossing Uitdaging In september 2009 nam Delhaize het nieuwe, ultramoderne versdistributiecentrum DC Fresh II in gebruik. Naar aanleiding daarvan stelde de warenhuisketen een aantal heel specifieke vereisten. Delhaize wil uitsluitend nog bestelbons, verzendnota’s en facturen via EDI uitwisselen met zijn versleveranciers. Bij de levering dient elke pallet voorzien te zijn van een label met een SSCC (Serial Shipping Container Code), waardoor elke pallet afzonderlijk traceerbaar is. De leverancier moet ook in staat zijn om elektronische verzend-

22

StarMeal was al vertrouwd met digitale documentuitwisseling. De leverancier zette in 2008 de eerste stap naar EDI met de verzending van elektronische facturen naar Carrefour. Intussen handelt StarMeal tot 70% van zijn dagelijkse documentenstromen elektronisch af, onder meer met Delhaize, Carrefour, Jumbo (NL), Plus (NL) en Monoprix (FR). Het bedrijf maakt hiervoor gebruik van Certipost e-Supply, een flexibele oplossing om commerciële en logistieke documenten geautomatiseerd en geïntegreerd uit te wisselen tussen handelspartners. De uitwisseling gebeurt via CertiONE, het beveiligde online B2B communicatieplatform van Certipost.

Resultaten De nieuwe werkwijze van Delhaize levert StarMeal ook tal van voordelen op. Doordat de opeenvolgende EDIberichten aan elkaar gekoppeld zijn en gegevens niet manueel moeten worden ingevoerd, verloopt de documentuitwisseling met Delhaize snel, foutloos en worden geschillen over leveringen of facturen vermeden. “StarMeal spaart veel tijd en mankracht uit, zowel op logistiek als op administratief vlak,” legt Kris Berden, zaakvoerder van Software Center uit. “Dankzij het gebruik van verzendnota’s met SSCC en GRAI zijn ook de wachttijden voor hun chauffeurs drastisch verkort. Bovendien sluit het perfect aan bij het Track&Trace-concept waar StarMeal mee van start is gegaan om inkomende als uitgaande producten op te volgen.”


GS1_LINK2012_01_NL03.qxp:Mise en page 1

02-04-2012

15:05

Page 23

Business case van GS1 Belgilux partner PRESA

Pharmaproducent Kela implementeert GS1 DataMatrix Productfraude is wereldwijd een groeiend probleem. Vooral producenten van geneesmiddelen en cosmetica lopen het gevaar slachtoffer te worden van fraudeurs. Door fraude missen zij flink wat omzet, maar komt ook de gezondheid van de patiënt in gevaar. Met een betrouwbare identificatie van geneesmiddelen, gebaseerd op GS1 DataMatrix, willen producenten van geneesmiddelen, zoals Kela uit Hoogstraten, de dreiging counteren.

Al sinds 1941 produceert Kela geneesmiddelen voor diverse toepassingen. Aanvankelijk richtte het bedrijf zich voornamelijk naar de veterinaire markt. Nu produceert Kela ook geneesmiddelen voor humane toepassingen. De overname in 1992 van Phenix Pharmaceuticals gaf het bedrijf een distributiekanaal naar meer dan 87 landen. Kela’s productie kan verdeeld worden in op penicilline gebaseerde antibiotica, op niet-penicilline gebaseerde antibiotica en niet-antibiotica. Onlangs heeft Kela een beroep gedaan op PRESA voor de implementatie van een UV-inkjet oplossing voor het afdrukken van DataMatrix codes op verpakkingen voor veterinaire geneesmiddelen.

Internationale oplossing Verscheidene Europese landen (zoals Turkije, Frankrijk en Denemarken) hebben GS1 DataMatrix voor de identificatie van geneesmiddelen al verplicht gemaakt of zijn bezig met de voorbereidingen daarvoor. Verwacht wordt dat deze verplichting op termijn in de meeste Europese en tal van andere landen van toepassing zal zijn. Als exportgericht bedrijf is het voor Kela belangrijk om tijdig op de internationale trends in te spelen. De pharma-

producent beschikt reeds over diverse oplossingen voor het afdrukken van codes en door mensen leesbare vermeldingen op de verpakkingen van de geneesmiddelen. Die systemen zijn in de productielijnen geïntegreerd. Voor het afdrukken van DataMatrix codes op de plano’s bestemd voor de primaire verpakkingen van geneesmiddelen, heeft Kela geopteerd voor een offline oplossing, hetgeen een grote mate van flexibiliteit biedt.

De productidentificatie, houdbaarheidsdatum, lotnummer, productiedatum… zitten vervat in de DataMatrix. In de verpakkingslijn worden houdbaarheidsdatum en andere gegevens bijgedrukt. De DataMatrix code kan op verschillende punten in de logistieke keten gelezen worden. Dit verhoogt de veiligheid en efficiëntie bij de distributie en het gebruik van geneesmiddelen. Met deze investering bereidt KELA zich voor op de binnenkort verplichte serialisering van geneesmiddelen in Europa.

Codeerlijn De standalone codeerlijn bestaat uit een feeder, een transportsysteem, een opvangband en een 2D camera. Alle onderdelen zijn door PRESA geïntegreerd tot een snelle, compacte, betrouwbare lijn, met een performante besturing en software. De bedrukking gebeurt met een hoogkwalitatieve UVinkjetprinter die een uitstekend alternatief vormt voor thermische inkjet en een goedkopere oplossing dan tampondruk. Met behulp van een in de lijn geïntegreerd camerasysteem wordt de kwaliteit van de bedrukking en de leesbaarheid van de code gecontroleerd. Deze procedures maken deel uit van de Good Manufacturing Practices.

23

Meer informatie?

www.presa.be


GS1_LINK2012_01_NL03.qxp:Mise en page 1

02-04-2012

15:05

Page 24

ECR nieuws

CO2-calculatoren Tom van Lier is senior onderzoeker aan de VUB in de onderzoeksgroep MOBI, geleid door Prof. Dr Cathy Macharis. Zijn doctoraatsonderzoek focust op goederenvervoer en duurzame logistiek, met bijzondere aandacht voor de externe kosten van transport. Wij spraken met hem over hoe we gezamenlijk de CO2 uitstoot kunnen meten en verminderen in België en Luxemburg.

Uit recent onderzoek blijkt dat er maar liefst 42 CO2 calculatoren bestaan. Hoe komt men aan zoveel verschillende CO2 meetinstrumenten? Door de aandacht en toenemende consensus die de laatste jaren is gegroeid rond de impact van menselijke activiteiten op klimaatverandering is er vanuit verschillende stakeholders een vraag ontstaan naar geschikte meetinstrumenten om de uitstoot van broeikasgassen van diverse activiteiten in kaart te brengen. Het ontbreken van een Europees of globaal geaccepteerde methodologie heeft er toe geleid dat tal van organisaties, gaande van overheidsinstanties, belangengroepen tot individuele ondernemingen, hun eigen meetinstrumenten zijn gaan ontwikkelen. Dit resulteert in een zekere wildgroei aan meetinstrumenten, waarbij het vaak niet eenvoudig is om de gehanteerde methodologie te achterhalen. Bovendien zijn sommige meetinstrumenten, zoals de carbon footprint meetlat van GS1 Belgilux, vrij toegankelijk, andere zoals EcoTransIT zijn toegankelijk voor niet-commerciële doeleinden, terwijl nog andere zoals CarbonActive betalend zijn.

Meer informatie? Contacteer LVandenbossche@ gs1belu.org

Welk advies zou u geven aan FMCG bedrijven bij het kiezen van een geschikte CO2 meetlat? Ten eerste zou ik, vanuit een duurzaamheidsoptiek, bedrijven de raad geven

24

om verder te kijken dan CO2 alleen. Het verminderen van de uitstoot van broeikasgassen is een lovenswaardige doelstelling, maar daarnaast zijn er nog een reeks andere logistiek gerelateerde aspecten die een belangrijke maatschappelijke impact hebben, zoals luchtverontreinigende emissies (bijv. fijnstof ) en geluidsemissies. Bij die laatste twee categorieën is de plaats van uitstoot zeer belangrijk, aangezien de receptordensiteit hier een cruciale parameter is. Zo kan een FMCG bedrijf dat actief is in nachtleveringen in de binnenstad mogelijk een grotere maatschappelijke baat realiseren door het verminderen van de uitstoot van fijnstof en lawaai, dan door het louter reduceren van broeikasgasemissies. Een aantal meetinstrumenten berekenen naast de CO2-emissies ook de milieuimpact van andere emissies en tonen dus een breder plaatje. Ten tweede is de gehanteerde methodologie en mate van detail een belangrijke factor. Bepaalde meetinstrumenten focussen bijvoorbeeld enkel op een bepaalde modus, wat ze ongeschikt maakt om de impact van intermodale transporten te meten. Ten derde is het belangrijk te beseffen dat bepaalde assumpties die gemaakt

worden rond o.a. voertuiggrootte, beladingsgraad, voertuigtechnologie, ... het resultaat van een carbon footprint berekening danig kunnen beïnvloeden. Het kan daarom interessant zijn om de achtergrond van een bepaald meetinstrument onder de loep te nemen. Vanuit die optiek hebben meetinstrumenten ontwikkeld door onafhankelijke onderzoeks- of beleidsorganisaties vaak een streepje voor op vlak van objectiviteit t.o.v. meetinstrumenten ontwikkeld door ondernemingen of belangenorganisaties verbonden aan een specifieke transportmodus. Helaas is er momenteel nog geen zaligmakend meetinstrument dat ondubbelzinnig kan aangeraden worden, daarvoor is er nood aan een neutraal, wetenschappelijk gebaseerd en modusoverschrijdend initiatief op Europees of beter nog globaal vlak, dat dan liefst nog de verschillende categorieën emissies voldoende gedifferentieerd in kaart kan brengen. Of dat er ooit komt is zeer de vraag. Om actie niet uit te stellen, kan een onderneming dus beter toch reeds één van de beschikbare meetinstrumenten hanteren. De meetlat van GS1 Belgilux, die gebaseerd is op de solide Carbon Bilan methodologie van ADEME is dan voor wegvervoer zeker een valide keuze voor een eerste inschatting.


GS1_LINK2012_01_NL03.qxp:Mise en page 1

02-04-2012

15:05

Page 25

resulteren in een breder aanvaarde methodologie, maar kan ook het zoveelste unimodale (want enkel trucks) en tot broeikasgassen beperkte meetinstrument opleveren.

Tom Van Lier

Veel belangrijker dan enkel meten, is de CO2 uitstoot verlagen. Hoe kan ECR hierin helpen? Daar logistiek gerelateerde broeikasgasemissies hoofdzakelijk brandstofgerelateerd zijn, is de oplossing in essentie eenvoudig: het brandstofverbruik verminderen. Dit kan op verschillende manieren bereikt worden. Ten eerste door het vermijden van ritten. Het behouden van de bestaande servicelevels kan hier een hindernis vormen, maar zeker op vlak van het verminderen van halfvolle ritten of lege retourritten is er vaak nog heel wat potentieel. Ten tweede kan men door het slim bundelen van transporten vaak significante emissiereducties bekomen. De rol die ECR op dit vlak kan spelen door een brug te vormen tussen verschillende bedrijven is niet te onderschatten. Vaak gaat het immers om het opbouwen van vertrouwen tussen partijen die rechtstreekse concurrenten zijn van mekaar. Daarnaast zijn er vaak ook bundelingsopportuniteiten met niet-concurrenten, zodat sectoroverschrijdende contacten eveneens belangrijk zijn. Ten derde bestaan er mogelijkheden op het vlak van modale verschuivingen naar milieuvriendelijkere transportopties. Ten vierde kunnen technologische verbeteringen ook voor emissiereducties zorgen,

bijvoorbeeld door het vernieuwen van de voertuigvloot, maar evenzeer het gebruik maken van alternatieve of hernieuwbare energiebronnen. In het communiceren van mogelijke initiatieven kan ECR naar zijn leden ook een belangrijke informatieverstrekkende rol spelen. Wat denkt u van internationale projecten zoals Green Freight Europe (Europese Smartway)? Zijn deze in België toepasbaar en hoe? Het Smartway Europe project dat eind maart gelanceerd werd is alvast een initiatief dat het volgen waard is en ook voor Belgische FMCG bedrijven een potentieel interessante tool kan opleveren. Al was het maar omdat het hier gaat om een vanuit de sector vrij breed gedragen initiatief dat goeddeels gebaseerd is op een methodologie die in de VS heeft bewezen te kunnen functioneren. Het blijft evenwel afwachten hoe de concrete invulling zal gebeuren en of het daadwerkelijk kritische massa kan bereiken. De ambitie om een wetenschappelijk gebaseerde tool te laten ontwikkelen door het onafhankelijke Britse Energy Saving Trust voor de vereiste benchmarking rapporten en analyse van CO2-emissies van trucks kan bij een succesvolle implementatie mogelijk

Wat denkt u over het Lean & Green programma van Nederland? Zou dit ook in België kunnen bijdragen tot het bewustmaken van de nood tot CO2 reductie? Het Lean & Green programma is in Nederland zeer succesvol gebleken in het bewustmakingsproces bij ondernemingen. De relatieve eenvoud van het programma en de incentive dat men aan de buitenwereld zichtbaar kan maken dat men aan CO2-reductie werkt, maakt het programma aantrekkelijk voor ondernemingen. Of het op termijn ook een sterk “merk” kan blijven is evenwel de vraag. Het programma is vooral gericht op het ertoe aanzetten van ondernemingen om hun bestaande emissies in kaart te brengen en via allerlei maatregelen de carbon footprint naar beneden te krijgen. De voorgestelde emissiereducerende maatregelen worden wel geëvalueerd op hun realiteitsgehalte, maar effectieve controles of de maatregelen daadwerkelijk worden geïmplementeerd en het vooropgestelde resultaat halen worden bij mijn weten niet uitgevoerd. Ook slagen steeds meer bedrijven erin om zo’n Lean & Green award binnen te halen. Dit kan op termijn de geloofwaardigheid en de marketingwaarde van het “merk” Lean & Green” ondermijnen, tenzij men de lat gradueel hoger legt. Maar als een eerste aanzet om ondernemingen ertoe aan te zetten na te denken over hun bestaande emissies en het introduceren van mogelijke emissiereducerende maatregelen heeft het programma zeker zijn verdiensten en zou het in België een belangrijke bijdrage kunnen leveren, zeker ook bij KMO’s.

Lisa Van den Bossche

25

http://mobi.vub.ac.be/ index.php


GS1_LINK2012_01_NL03.qxp:Mise en page 1

02-04-2012

15:05

Page 26

Samen werken aan aan een lagere CO2 uitstoot De eerste stap naar CO2 reductie is het meten ervan. ECR helpt hierbij door gratis een meetinstrument ter beschikking te stellen dat in lijn is met internationale standaarden en ook aangepast is aan de Belgische situatie. Dit instrument werd ontwikkeld door CO2logic en TriVizor, in samenwerking met de industrie.

Meer informatie? Zie: www.gs1belu.org/nl/ carbon-footprint

De tweede stap is het gezamenlijk meten en rapporteren van de CO2 uitstoot om zo de gerealiseerde inspanningen in de verf te zetten en de ganse industrie aan te zetten tot CO2 reductie. In 2010 deden 18 FMCG bedrijven dit samen met ons. In 2012 willen wij een tweede meting uitvoeren en een instrument opstellen dat toelaat om dit proces jaarlijks te herhalen. Deelname is volledig gratis. De individuele meetresultaten blijven uiteraard confidentieel. Contacteer LVandenBossche@gs1belu.org voor deelname of meer informatie.

Carbon Footpring Training Nog niet vertrouwd met CO2 meetmethodes en benchmarking? Wil u graag bijleren over hoe u de CO2 uitstoot kan aanpakken? Kom dan naar onze ‘Carbon Footprint Calculation Training’ op woensdag 13 juni 2012 (zie ook pagina 27). Deze opleiding is gratis voor onze leden. Als tegenprestatie vragen wij u enkel om jaarlijks de CO2 tool in te vullen, hetgeen ons een betrouwbare steekproef voor de benchmark moet leveren.

Succesvolle Catman Advanced opleiding

De Catman Advanced opleiding van 9 februari jl. werd bijzonder goed onthaald. Aveve, Bahlsen, Bel, BIC, Danone, Food International, Freshmeals, Kimberly-Clark, Kuwait, Ledent Touw, Patroba, Viangro en Weleda waren er vertegenwoordigd. Onder leiding van

26

Luc Desmedt (LD & CO) en Dirk Vanderveken (GfK) werden de deelnemers ondergedompeld in een bad van GfK cijfers. Hieruit moesten de deelnemers de categorie rol bepalen, de shoppers segmenteren en een actieplan opstellen.

Via e-News houden wij u op de hoogte van precieze datum en inhoud van onze volgende – hernieuwde – opleiding (gepland voor januari 2013).


GS1_LINK2012_01_NL03.qxp:Mise en page 1

02-04-2012

15:05

Page 27

“FREE Carbon footprint calculation training” How to measure and benchmark your transportation /warehousing CO2 emissions ?

WEDNESDAY 13 JUNE 2012 FROM 9:30 TILL 4:30 PM

Program 1. Sustainable transport! Why? What? How? 2. A standardized carbon footprint measurement tool.

Concept

3. How to use the tool? Practical exercise.

Today companies are often asked about their carbon footprint. While some companies are already measuring their impact on the environment, others have no idea about how to start their quest for sustainability. This seminar helps to understand why companies should think about sustainability and their carbon footprint. The training will offer the knowledge to start measuring the carbon footprint of your transportation and warehousing via the use of a common CO2 measurement tool. The next step is reducing. We will finish by discussing success factors for CO2 reduction programs.

4. Interpreting the results. 5. Actions to reduce your carbon footprint.

Facilitators:

Arnaud Brohé Managing Partner at CO2logic

Sven Verstrepen Business Development Director and Founding Partner, TRI-VIZOR

Participants to the development of the CO2 calculator:

Tom van Lier Senior researcher at the VUB, MOBI research group.

Alpro - Colruyt - Carrefour - Delhaize - Dr. Oetker - Ferrero - HJ Heinz Belgium Kraft Foods Europe - Lima Natuurvoeding - Nestlé - Pepsico - Sara Lee DB Schenker - Sopralex & Vosmarques - Unilever - United Biscuits Van Genechten Packaging.

Who should attend

Participation fee :

Anyone running transportation and/or warehousing practices regardless the size of your company.

We offer this training for free to the participants of the benchmark programme. Participation to the benchmark programme is open to all GS1 members and entails filling out the GS1 ECR CO2 calculator every year, and sharing the industry level results. All participants will be able to compare their own results with the industry average and to track their own progress.

Language :

English

Venue :

GS1 Belgium & Luxembourg Koningsstraat 76, 1000 Brussel

Online-registrations : www.gs1belu.org/nl/carbon-footprint-training (in NL) www.gs1belu.org/fr/carbon-footprint-training-0 (in FR)

In collaboration with :


GS1_LINK2012_01_NL03.qxp:Mise en page 1

02-04-2012

15:05

Page 28

TRAINING SESSION TUESDAY 25TH SEPTEMBER 2012 - FROM 9.00 AM TILL 6.00 PM Content

Program

How to spend your promotion budget more effectively? Today, tomorrow and 5 years from now. This training session will present an innovative collaboration model between retailers and suppliers allowing promotion campaigns to hit their target with great precision.

1. Introducing the Consumer & Shopper Journey Framework. 2. Defining a category vision & mission adapted to the retailers’ growth drivers. 3. How to prepare for social Media. 4. Workshop I

Who should attend? Marketing Managers, Category Managers and Shopper Marketing Managers both from retailers and manufacturers.

Practical details

5. The building blocks of strategic alignment. 6. In-store shopper marketing. 7. The digital dimension in shopper marketing. 8. Workshop II 9. Case study: ‘The mobile couponing solution of myShopi’.

Language : English Venue :

GS1 Belgium & Luxembourg Koningsstraat 76 Rue Royale 1000 Brussels www.gs1belu.org

Participation fee : GS1 Belgilux members: € 600 excl. 21% VAT Non members: € 700 excl. 21% VAT Online registration: www.gs1belu.org/nl/training-tcsj www.gs1belu.org/fr/training-tcsj-0

Trainers

Luc Demeulenaere Luc Demeulenaere is the lead author of the ECR Europe blue book ‘The Consumer Shopper Journey’. After working 26 years at P&G and being a senior advisor to Emnos, he is now shopper marketing coach and founding partner of shopting.be.

Veerle Lauwers

Recommended It is recommended that participants read the ECR Blue Book ‘The Consumer Shopper Journey’ prior to this training session. www.gs1belu.org/files/ The_Consumer_and_Shopper_Journey_Framework.pdf

Veerle Lauwers spent 14 years at P&G and thus became a professional in digital and direct communication. She is the CEO of ‘The Talking Circle’ and is a founding partner of shopting.be. http://be.linkedin.com/in/veerlelauwers


GS1 Link magazine nr 1 2012 (nederlands)