Page 1

Operatie Cochleaire Implantatie


Op basis van de vooronderzoeken en in overleg met u is besloten dat u een cochleair implantaat krijgt. In deze folder leest u informatie over de gang van zaken rondom de operatie. De coördinator van het CI team heeft met u een aantal belangrijke zaken besproken waar u aan moet denken. Hieronder worden de belangrijkste punten nog eens genoemd:

Inenting hersenvliesontsteking

U heeft het advies gekregen u te laten inenten tegen hersenvliesontsteking. Wereldwijd zijn er namelijk enkele CI-dragers die hersenvliesontsteking hebben gekregen. In overleg met de Inspectie voor de Gezondheidszorg en alle centra voor CI in Nederland is dan ook gekozen voor maximale veiligheid. Alle volwassen CI-kandidaten worden gevaccineerd tegen de pneumokok-bacterie en de Haemophilus Influenza-B bacterie. U heeft tijdens het adviesgesprek een recept en informatie hierover ontvangen. Met het recept kunt u naar de apotheek gaan en uw huisarts vragen om de inenting te geven.

Koorts of griep?

Mocht u de dagen voor de ingreep koorts of griep hebben, wilt u dit dan doorgeven aan de coördinator van het CI-team.

Anesthesie

Omdat de ingreep onder anesthesie (verdoving/narcose) gebeurt, brengt u vooraf een bezoek aan de polikliniek Anesthesiologie. Tijdens het gesprek met de anesthesioloog wordt uw algehele gezondheidstoestand beoordeeld. Indien nodig worden aanvullende onderzoeken afgesproken. Ook krijgt u uitleg over de mogelijke vormen van anesthesie en de gang van zaken rondom de operatie. Informatie over de anesthesie, het nuchter zijn, de verkoeverafdeling (uitslaapkamer) en de pijnbehandeling vindt u ook in de folder ‘Behandeling of onderzoek onder anesthesie’. Indien u bloedverdunnende medicijnen slikt kijkt de anesthesioloog in overleg met de arts die deze medicijnen voorschrijft of afbouw van deze medicijnen mogelijk is. U verneemt dan van de arts hoeveel dagen voor de operatie u met de medicijnen dient te stoppen.

1


Dagbehandeling of opname?

De operatie kan worden uitgevoerd in dagbehandeling of met een opname van een à twee nachten in het ziekenhuis. De opnameplanning informeert u over het tijdstip waarop en de locatie waar u wordt verwacht. Ook krijgt u informatie over wat u wel en niet mag eten en drinken vóór de operatie. Als u ver van het ziekenhuis woont kan reizen op de dag van de operatie te zwaar zijn. In dat geval adviseren wij u te overnachten in het Radboudhotel. De operatie gebeurt meestal op de chirurgische dagbehandeling (CDB) of op de verpleegafdeling. Enkele malen per jaar gebeurt dit op Dekkerswald (Nijmeegsebaan 31 te Groesbeek). Indien u op de CDB of op Dekkerswald wordt geopereerd betekent dit dat u op de dag van de operatie naar huis mag. Indien u wordt geopereerd op de verpleegafdeling blijft u meestal één of twee nachten in het ziekenhuis. In overleg met de arts en de anesthesioloog wordt besloten waar u wordt geopereerd. Heeft u geen medische problemen dan is de operatie meestal mogelijk in dagbehandeling. Hieronder leest u de verschillende procedures.

Chirurgische Dagbehandeling (CDB)

U wordt verzocht twee werkdagen voor de ingreep contact op te nemen met de afdeling voor informatie over het tijdstip waarop u wordt verwacht. Dit kunt u doen door de afdeling te mailen via het e-mailadres: CDBbalie2@ok.radboudumc.nl. U kunt ook iemand laten bellen naar telefoonnummer (024) 366 63 72 tussen 10.30 en 12.00 uur. Waar u aan moet denken Regel van tevoren het vervoer terug naar huis. Anesthesie en ook de ingreep kunnen uw rijvaardigheid beïnvloeden. U bent de eerste 24 uur na de ingreep niet verzekerd wanneer u actief aan het verkeer deelneemt. Denk eraan dat degene die u ophaalt bij de hoofdingang een rolstoel meeneemt, in verband met een loopafstand van tien minuten. Zorg ervoor dat er iemand bij u thuis is, zodat u de eerste nacht niet alleen bent. Om te voorkomen dat u tijdens de anesthesie gaat overgeven en uw maaginhoud in uw longen komt, is het strikt noodzakelijk dat u op de dag van de

• • • •

2


ingreep nuchter bent. Van de anesthesiemedewerker verneemt u precies tot wanneer vóór de operatie u nog mag eten/drinken. Dag van opname U meldt zich op het afgesproken tijdstip voor de operatie bij de receptie van de CDB (route 798). Hier wordt u ingeschreven en vervolgens neemt u plaats in de wachtruimte. Ongeveer een half uur voor de operatie wordt u opgehaald door de verpleegkundige van de CDB, die u naar de verpleegzaal begeleidt. Daar wordt u voorbereid op de operatie. U gaat zich omkleden, krijgt een infuus en indien nodig een pijnstiller. De verpleegkundige brengt u op een bed naar het operatiecomplex. Daar wordt u ontvangen door de anesthesiemedewerker. Daarna gaat u naar de operatiekamer. Voor, tijdens en na de operatie bent u aangesloten op bewakingsapparatuur (hartfilmpje, bloeddrukmeter). Tijdens de operatie blijft de anesthesioloog of de daarvoor opgeleide verpleegkundige bij u. Na de operatie Na de operatie gaat u naar de verkoeverafdeling. Hier worden ademhaling, bloeddruk, hartslag en de wond gecontroleerd. Als u last heeft van misselijkheid en pijn krijgt u daarvoor medicatie. Zodra uw toestand het toelaat gaat u weer terug naar de verpleegzaal. Daar mag u weer eten/drinken en mag het infuus er uit. Als u fit genoeg bent mag u weer naar huis. Er kan een medische reden zijn om u af te raden om naar huis te gaan. U wordt dan overgeplaatst naar een verpleegafdeling en ‘s avonds of de volgende ochtend wordt bekeken wanneer u naar huis kunt. Als u naar huis gaat krijgt u een brief mee met informatie over de ingreep en nazorg en indien nog niet gemaakt een vervolgafspraak. Uw huisarts krijgt deze brief rechtstreeks van de CDB. Verblijf in het Radboudhotel Als u ver van het ziekenhuis woont kan reizen op de dag van de operatie te belastend zijn. In dat geval adviseren wij u te overnachten in het Radboudhotel. U moet er dan wel voor zorgen dat u die nacht niet alleen bent. U kunt maximaal twee dagen van te voren een kamer bespreken. Dit kunt u zelf doen bij het Reserveringsbureau. Het Reserveringsbureau vindt u naast de

3


Receptie bij de hoofdingang, route 509, telefoonnummer (024) 361 35 30 of via e-mail: resburo@sb.radboudumc.nl. Nazorg De dag na de operatie neemt het CDB nog contact met u op (behalve als u op vrijdag geopereerd wordt, dan zal dit op maandag plaatsvinden). U wordt verzocht aan de afdeling door te geven of dit via e-mail of telefonisch kan. Operatie op Dekkerswald In principe gelden hiervoor dezelfde regels als op de CDB. U wordt geïnformeerd over datum en locatie door de opnameplanning van de KNO-afdeling van het Radboudumc. Voor vragen kunt u bellen naar 024 - 361 35 06.

Opname verpleegafdeling

De opname vindt meestal plaats op de dag vóór de operatie. Op deze dag wordt u op een eerder afgesproken tijdstip verwacht op verpleegafdeling. U hoeft in dat geval niet nuchter te zijn, dus u kunt gewoon eten en drinken. Het kan ook zijn dat u nuchter wordt verwacht op de dag van de operatie. In dat geval kunt u het schema zoals bij CDB staat genoemd aanhouden. Op de afdeling maakt u kennis met verschillende medewerkers. De verpleegkundige haalt u op en maakt u wegwijs op de afdeling. Later op de dag volgt een lichamelijk onderzoek door een zaalarts. Hij of zij controleert of u fit genoeg bent. Een flinke verkoudheid of infecties bijvoorbeeld kunnen de operatie bemoeilijken, waardoor uitstel wenselijk is. Deze arts verzorgt ook de medische nazorg op de zaal. De KNO-arts of de arts-assistent (die ook bij de operatie aanwezig is) komt uw oren nakijken en de operatie nogmaals bespreken. Daarna komt de anesthesioloog niet meer bij u langs, tenzij hier aanleiding toe is. Tijdens de opnamedag is het belangrijk zoveel mogelijk op de afdeling aanwezig te zijn. Wanneer u echter de afdeling toch wilt verlaten, meld dit dan eerst bij de afdelingssecretaresse. Op de dag van de operatie moet u nuchter blijven. Het is gebruikelijk dat na de operatie nog een dag ziekenhuisopname volgt.

4


Wat moet u meenemen? Afsprakenkaart, makkelijk zittende kleding (kamerjas, T-shirt, pyama), sloffen, toiletartikelen en uw medicijnen. Het is beter om geen waardevolle spullen mee te nemen. Het ziekenhuis draagt geen verantwoordelijkheid bij vermissing of diefstal. Na de operatie Na de operatie wordt u naar de verkoeverafdeling gebracht tot u uit de anesthesie komt. U heeft een verband om het hoofd (‘tulband’) om druk op de wond te geven. Dit bevordert de genezing. Het is belangrijk dat u dit verband een week continu draagt. Indien het verband tussentijds loslaat kunt u contact opnemen met uw huisarts om de wond opnieuw te laten verbinden. Na de operatie kunt u met het cochleair implantaat nog geen geluiden waarnemen. Daarvoor moet eerst de uitwendige apparatuur, de spraakprocessor, aangesloten worden. Dit vindt pas enkele weken later plaats. De dag van en de dag na de operatie kunt u last hebben van misselijkheid als gevolg van de narcose. De meeste mensen knappen echter weer erg snel op en kunnen weer gewoon eten en bewegen.

5


De eerste week thuis Pijnbestrijding Na de operatie krijgt u pijnstilling die u de eerste twee dagen na de operatie kunt gebruiken. Indien u na het innemen van de standaard medicatie die hiervoor wordt gebruikt nog zeer veel pijn heeft, kan nog een aanvullende pijnstiller worden voorgeschreven. De recepten hiervoor krijgt u van de anesthesioloog of de KNOarts. Meer informatie over pijnbehandeling vindt u in de folder “Behandeling of onderzoek onder anesthesie”. Verband Indien het verband in de eerste week thuis toch loslaat, is het belangrijk dat dit opnieuw wordt aangelegd. Hiervoor kunt u contact opnemen met uw huisarts of het dichtstbijzijnde ziekenhuis in uw omgeving. Mocht dit niet lukken, dan neemt u contact op met het CI-team of de dienstdoende KNO-arts van het Radboudumc. Een week na de operatie Eén week na de operatie vindt op de polikliniek een controle plaats door een KNO-arts. Meestal gebeurt dit door de KNO-arts die de operatie heeft uitgevoerd. Omdat de huid aan de binnenzijde is gehecht met materiaal dat vanzelf oplost, hoeven geen hechtingen te worden verwijderd. Mocht er sprake blijken te zijn van vochtophoping rondom de wond, dan is het mogelijk dat het hoofdverband een week extra gedragen moet worden. U bepaalt zelf, in overleg met de KNO-arts, wanneer u uw dagelijkse werkzaamheden kunt hervatten. Als de wond zich normaal herstelt kan dat meestal al vrij snel.

6


Symptomen waar u in de eerste week na de operatie op moet letten: • Koorts (temperatuur boven de 38ºC). • Hoofdpijn, vooral bij het buigen van het hoofd. • Niet tegen licht kunnen. • Overgeven. • Verwardheid. • Pijn of andere klachten op de plaats van de operatiewond (ondanks ingenomen pijnmedicatie). Wanneer dit in de eerste 2 maanden na de operatie optreedt, moet u altijd contact met ons opnemen. • Oorpijn of een loopoor links of rechts. Wanneer één van de bovengenoemde situaties zich voordoet, dan moet u direct contact opnemen met de dienstdoende KNO-arts van ons ziekenhuis (door te bellen met het centrale nummer 024 - 361 11 11 en te

vragen naar de dienstdoende KNO-arts). Neem in alle gevallen waarin u twijfelt, contact op.

Ook bij aanhoudende pijn of andere klachten rondom of op de plaats van de operatiewond die langer dan één week aanhouden dient u contact op te nemen met de dienstdoende KNO-arts van ons ziekenhuis.

7


Noteer hier uw vragen


06-2013-6731

Adres Radboudumc Hoofdingang Geert Grooteplein-Zuid 10 6525 GA Nijmegen 024 - 361 11 11 www.radboudumc.nl Chirurgische Dagbehandeling (CDB) route 798, 024 - 366 63 66 Verpleegafdeling Hoofd-Hals-Chirurgie Route 752, 024 - 361 37 03 Dekkerswald UCCZ (Dekkerswald) Nijmeegsebaan 31 6561 KE Groesbeek 024 - 685 92 20 Polikliniek KNO Ingang west Philips van Leydenlaan 15 Route 383 024 - 361 35 06 Hearing & Implants, team CI Ingang west Philips van Leydenlaat 15 Route 382, 024 - 361 35 06 Email: ci@kno.radboudumc.nl www.radboudumc.nl/ci

Radboud universitair medisch centrum

6731 folder operatie cochleaire implantatie