Issuu on Google+


Inhoudsopgave Colofon................................................................................................................................................................. Pag. Voorwoord........................................................................................................................................................... Pag. 1. Het Willembreed onderwijsaanbod... in moderne onderwijsgebouwen......................................................................Pag. 2. Missie, visie en kwaliteit.......................................................................................................................................... Pag. 3. Examenresultaten................................................................................................................................................... Pag. 4. De school in beeld en toelating................................................................................................................................ Pag. 5. In-, door- en uitstroomgegevens 2009-2010............................................................................................................ Pag. 6. Lessentabellen....................................................................................................................................................... Pag. 7. Hoe volgt de school de resultaten van de leerlingen?............................................................................................... Pag. 8. Overgangsnormen................................................................................................................................................. Pag. 9. Leerlingbegeleiding................................................................................................................................................ Pag. 10. Opvang van leerlingen bij afwezigheid docent......................................................................................................... Pag. 11. Veiligheid, klachten en vertrouwenspersoon............................................................................................................ Pag. 12. Buitenlesactiviteiten............................................................................................................................................... Pag. 13. ICT......................................................................................................................................................................... Pag. 14. Ouderbijdrage, schoolboeken en verzekeringen...................................................................................................... Pag. 15. Medezeggenschap in het onderwijs..........................................................................................................................Pag.

3

4 5 6 9 11 12 19 20 22 24 32 36 37 39 43 46 48


S

c

h

o

o

l

g

i

d

s

2

0

1

1

-

2

0

1

2

Colofon Het Willem van Oranje College is een protestants-christelijke Locatie Wijk en Aalburg: scholengemeenschap voor Vmbo, Havo, Atheneum en Gymnasium. Perzikstraat 7, 4261 KC Wijk en Aalburg Tel: 0416-691722, fax 0416-691683 De school heeft drie locaties voortgezet onderwijs in Waalwijk en Afdelingen: Vmbo: Wijk en Aalburg. • basisberoepsgerichte leerweg en kaderberoepsgerichte leerweg in de sectoren zorg & welzijn en techniek De school telt ongeveer 2.150 leerlingen, waarvan 1.550 op de • theoretische leerweg locatie Waalwijk en 600 op de locatie Wijk en Aalburg. De school Havo (klas 1 t/m 3) heeft ca. 240 medewerkers in dienst. Atheneum (klas 1 en 2)

Locatie Waalwijk, twee locaties: • De Gaard 4, 5146 AW Waalwijk Tel. 0416-333069, fax 0416-344499 Afdelingen: Vmbo-TL, Havo, Atheneum en Gymnasium

Inlichtingen per locatie zijn te verkrijgen bij de locatiedirecteuren: Waalwijk: de heer C.W. Smit, Wijk en Aalburg: mevrouw A.K. Spuijbroek-Maijers Het College van Bestuur bestaat uit twee personen: Voorzitter: de heer L. van Duijn Lid: de heer J.M. de Bruin

• Burgemeester van Casterenstraat 41, 5146 GA Waalwijk Tel. 0416-333069, fax 0416-344499 Afdelingen: Havo 4-5 (IBC), Havo 3 en Atheneum 3

De Raad van Toezicht bestaat uit 7 personen: mevrouw A.W. de Bruijn–van Helden, de heer J.E.J. Dörr, de heer J.C. Lam, de heer F.A. Petter (voorzitter), de heer P.A.J. Pruijssers, de heer F. van Reen, de heer J. Uijl 4


Voorwoord Geachte ouders, verzorgers en leerlingen, Het motto van onze stichting is: “Wie ontmoet, bereikt meer...”. Dagelijks ontmoeten wij kinderen, ouders/verzorgers. Dagelijks brengen kinderen ontmoetingen tot stand met elkaar. Dagelijks organiseren wij als school ontmoetingen met nieuwe kennis, nieuwe vaardigheden, nieuwe ideeën, andere culturen en last but not least de ontmoeting met Gods woorden met gevolgen voor ons doen en laten. Wanneer we goed werk leveren, dan mogen we trots zijn op ons werk. Dat geldt voor leerlingen, personeel en school. Het werk dat wij op school verrichten, komt bij u als ouder/verzorger meestal via uw zoon of dochter binnen. Succes van de school is dan ook vaak gekoppeld aan het succes en welbevinden van uw zoon of dochter. Wanneer de leerresultaten tegenvallen of wanneer er gedragsproblemen zijn, dan komt het erop aan hoe de school dat met u en uw kind oplost. Zodat we ook trots kunnen zijn op de oplossing. Onze Stichting Willem van Oranje wil de komende jaren vormgeven aan een pedagogisch en educatief partnerschap. Samen leven, samen leren, samen leren samenleven meldt onze missie. De schoolgids wil een gids zijn voor ouders/ verzorgers. Als school staan we midden in de samenleving en dienen wij ons te verantwoorden voor onze resultaten. Die verantwoording vraagt om openheid, om respect voor elkaar, om resultaatgerichtheid, waardoor ouders/verzorgers betrokken kunnen zijn.

Onze school is een protestants-christelijke school met de Bijbel als grondslag. Onze school is sinds 1 augustus 2008 onderdeel van Stichting Willem van Oranje. Een stichting die tot doel heeft om de kwaliteit van het protestants-christelijke onderwijs te behouden en te versterken. Een samengaan van basisonderwijs en voortgezet onderwijs waar we veel van verwachten en die in de komende jaren steeds meer vorm zal krijgen. Met ons motto: wie ontmoet, bereikt meer... willen we aangeven dat we als Stichting openstaan voor nieuwe ontmoetingen die op hun beurt ons weer kunnen inspireren.

De volgende scholen vormen de nieuwe Stichting: Voortgezet onderwijs: Willem van Oranje College, Waalwijk en Wijk en Aalburg Basisscholen: Juliana van Stolbergschool in Waalwijk, Oranjeschool in Waalwijk en De Fontein in Heusden Speciaal basisonderwijs: De Leilinde en de Poort in Heusden Door het samengaan van basisonderwijs met voortgezet onderwijs ontstaan er mogelijkheden om de kwaliteit van ons christelijke onderwijs te verbeteren door te werken aan doorlopende leerlijnen en zorglijnen. Wij hopen en vertrouwen erop dat deze ontwikkeling ten goede komt aan het onderwijs dat ons personeel verzorgt voor al onze kinderen. Graag ontmoeten wij u en uw kind want “wie ontmoet, bereikt meer...”.

Namens het College van Bestuur van de Stichting Willem van Oranje, Het zijn bovengenoemde waarden die we als protestantschristelijke school vanuit het Evangelie inhoud geven. Voor ons L. van Duijn, zijn deze kernwaarden niet los te koop. Voorzitter College van Bestuur 5


1. Het Willembreed onderwijsaanbod... in moderne onderwijsgebouwen Locatie Wijk en Aalburg

Vanaf januari 2005 leren en werken leerlingen in Wijk en Aalburg in een kleurrijk en uitstekend geoutilleerd schoolgebouw. Dit schoolgebouw is een leef- en leerplaats voor leerlingen van 12 tot 17 jaar. In het gebouw is ook de bibliotheek Aalburg en het regionaal opleidingencentrum Da Vinci College gehuisvest. Leerlingen kunnen tijdens schooltijden werken in de mediatheek, bibliotheek en binnen de praktijkafdelingen Techniek en Verzorging. Na hun Vmbo-opleiding kunnen leerlingen doorstromen naar het MBO; en dat alles onder één dak.

Breed onderwijsaanbod Het Willem in Wijk en Aalburg biedt het volgende onderwijs aan: • Havo: leerjaar 1,2 en 3 (leerlingen vervolgen hun schoolloopbaan in Waalwijk) • Atheneum: leerjaar 1 en 2 (leerlingen vervolgen hun schoolloopbaan in Waalwijk)

• Vmbo: - basisberoepsgerichte leerweg - kaderberoepsgerichte leerweg - theoretische leerweg In alle leerwegen kan leerwegondersteunend onderwijs (lwoo) worden aangeboden. • Vmbo: klas 3 en 4: - Afdeling Zorg en Welzijn met: - Verzorging - Sport, Dienstverlening en Veiligheid - Afdelingen Techniek met: - Bouwtechniek - Metaal/Metalectro - Motorvoertuigentechniek - Theoretische Leerweg (Mavo)

Het ROC Da Vinci College biedt op de locatie in Wijk en Aalburg de volgende opleidingen aan: Bouw en Wonen: • Bouwplaatsassistent Timmeren / Metselen - BBL/BOL niveau 1 • Timmerkracht / Metselaar / Tegelzetter - BBL/BOL niveau 2 • Allround Timmerkracht / Metselaar / Restauratietimmerkracht - BBL/BOL niveau 3 6


Business: • Verkoper detailhandel • Verkoopspecialist detailhandel

- BBL/BOL niveau 2 - BBL/BOL niveau 3

Office: • Administratief medewerker • Bedrijfsadministratief medewerker • Financieel adm. medewerker • Secretarieel medewerker • Secretaresse

– – – – –

BBL/BOL/ BBL/BOL/ BBL/BOL/ BBL/BOL/ BBL/BOL/

deeltijd deeltijd deeltijd deeltijd deeltijd

BOL BOL BOL BOL BOL

niveau niveau niveau niveau niveau

1 2 3 2 3

Voor meer informatie: 0416 692281 of Davide van Kooten 06 12272104 BBL = de leerlingen werken en gaan 1 of 2 dagen in de week naar school. BOL = de leerlingen gaan 5 dagen per week naar school. Tijdens de opleiding is er veel praktijk in de vorm van stages. Het Willem van Oranje College en Da Vinci College stemmen onderwijsprogramma’s op elkaar af. Ook wordt er gebruik gemaakt van elkaars onderwijsruimtes. Zo is er sprake van een doorlopende leerlijn Vmbo - MBO.

Locaties Waalwijk

De Gaard In augustus 2006 werd de nieuwbouw aan De Gaard 4 te Waalwijk in gebruik genomen. Het gebouw in Waalwijk kenmerkt zich door kleur, transparantie en overzicht. De transparantie is een kenmerk van de visie. De combinatie glas en frisse kleuren geeft het gebouw een ruimtelijk en rustgevend gevoel aan medewerkers en leerlingen. Ook in ons handelen willen we transparant zijn, naar elkaar, de leerlingen en hun ouders. De leerlingen krijgen les op hun eigen etage. Er zijn daarnaast ook centrale ruimtes die door de leerlingen uit alle afdelingen gebruikt worden: op de begane grond is dat de multifunctionele aula, op de eerste verdieping de mediatheek, op de tweede verdieping het kunstplein en op de derde verdieping een Bèta-lab.

7


Burgemeester van Casterenstraat Op korte afstand van het hoofdgebouw bevindt zich een tweede locatie. Op deze locatie kunnen leerlingen uit de derde klassen en hoger één of meer dagdelen hun lessen volgen. Het Willem in Waalwijk biedt het volgende onderwijs aan: • Vmbo - Theoretische leerweg • Havo • Atheneum • Gymnasium Sportaccommodatie Het Willem van Oranje College ligt in de nieuwbouwwijk Landgoed Driessen. Naast de school bevindt zich een nieuwe zeer modern ingerichte sporthal en sportvelden waar we gebruik van maken. De buitensport vindt plaats op de sportvelden. Breed onderwijsaanbod Binnen elke afdeling zijn naast de normale keuzemogelijkheden specialisaties mogelijk. In Havo-4 kunnen leerlingen in het E&M-profiel kiezen voor het International Business College. Op het Vwo, kunnen de leerlingen kiezen voor de Cambridge Class. Op het Vmbo is er een extra programma ICT. Lichamelijke Opvoeding 2 kan als examenvak op het Vmbo worden gekozen. Het Willem van Oranje College is een Universumschool. Een titel die we gekregen hebben van het platform Bètatechniek in verband met het stimulerende onderwijs dat we binnen de exacte vakken geven. De school is ook JetNetschool en werkt samen met een bedrijf als DSM. De Vmbo-afdeling heeft van het platform Bètatechniek de titel Vmbo-Ambitieschool gekregen. Deze toekenning was een beloning voor de wijze waarop de exacte vakken gegeven worden.

8


2. Missie, visie en kwaliteit Onze missie en visie hebben wij als volgt geformuleerd: Missie Het Willem van Oranje College is een protestants-christelijke school die handelt vanuit het evangelie. De school begeleidt leerlingen op weg naar volwassenheid. De school is daarbij een proeftuin waar geleerd wordt verantwoorde keuzes te maken. Samen leren, samen leven, samen leren samenleven in een samenleving met Messiaans perspectief. Visie Leerlingen worden geprikkeld te leren in een krachtige leeromgeving die hen de beste kansen biedt om hun talenten te ontplooien. Zij verwerven competenties die nu en straks bruikbaar zijn in leefsituatie, maatschappelijk verkeer en beroepsuitoefening.

Ons vormings- en opvoedingsdoel luidt als volgt: “Het doel van opvoeding en onderwijs is de jonge mens zo te begeleiden en te stimuleren op zijn weg naar volwassenheid, dat hij steeds meer in staat en bereid is te bepalen waar hij z’n krachten wil inzetten, om de algemene cultuuropdracht van de mens, (namelijk deze aarde te bewerken en te bewaren in samenwerking met en tot vreugde van alle medemensen) op persoonlijke wijze gestalte te geven; daarbij zijn kritische zin ten aanzien van wat echt of onecht, waar of onwaar, recht of onrecht is, te scherpen en hem bereid te maken op te komen voor verdrukten en ontrechten, aan welke kant die zich ook bevinden. Van wezenlijk belang hierbij is, dat de jonge mens is opgenomen in een gemeenschap. Vooral in een gemeenschap, waarin ouderen en jongeren, levend uit godsvertrouwen zoals Abraham, elkaar bemoedigen en corrigeren, onderweg naar een toekomst van liefde, gerechtigheid en vrede. Een toekomst die voorgoed reeds is begonnen in Jezus de Heer en die door Hem eenmaal volle werkelijkheid zal worden.”

9


Kwaliteit en rendement De kwaliteit van ons onderwijs, leer- en werkklimaat volgen we zo goed mogelijk. Hierbij maken we gebruik van diverse instrumenten: 1. resultaten examens; 2. resultaten per vak, het percentage (on)voldoendes; verschillen tussen resultaten schoolexamens en centraal schriftelijke examens; 3. instroom-, doorstroom- en uitstroomcijfers; 4. ouder-tevredenheidsonderzoek; 5. leerling-tevredenheidsonderzoek; 6. veiligheidsonderzoeken; 7. onderzoeken naar competenties van het personeel; deze worden gebruikt bij het persoonlijk ontwikkelingstraject van het personeel. U kunt via www.venstersvoorverantwoording.nl inzicht krijgen in de resultaten van onze school. Via deze vensters kunt u bij ons naar binnen kijken.

10


3. Examenresultaten Een overzicht van de examenresultaten is per locatie in een overzicht weergegeven.

46

2

96%

52

3

Havo Waalwijk

114

6

95%

102 10

Vmbo TL Waalwijk

69

2

97%

66

0

100%

74

7

91,3%

Vmbo GT Wijk en Aalburg

43

3

93%

23

1

96%

43

4

91,5%

Vmbo kader Wijk en Aalburg

33

0

100%

56

0

100%

38

4

90,5%

Vmbo basis Wijk en Aalburg

40

1

98%

43

0

100%

40

1

97,6%

91%

gezakt

gezakt

Vwo Waalwijk

95%

geslaagd

geslaagd

schooljaar 2010-2011

gezakt

schooljaar 2009-2010

geslaagd

schooljaar 2008-2009

70

3

135 30

Doelstelling: We willen een school zijn die leerlingen kansen biedt om zich te ontwikkelen op de manier die het beste bij ze past. Uit de resultaten blijkt dat we met dit streven hĂŠĂŠl veel leerlingen aan een waardevol diploma helpen. 11

96,0% 82,0%


4. De school in beeld en toelating Plaatsing en advies Bij de plaatsing in type brugklassen is het advies van de basisschool maatgevend. Als dat advies ondersteund wordt door gegevens uit het leerlingvolgsysteem, en Cito-gegevens, dan is de plaatsing duidelijk. Leerlingen die in aanmerking willen komen voor de Cambridge Class dienen een Vwo-advies te hebben. Bij twijfel maken we naast het advies gebruik van de cito-score en de gegevens uit het leerlingvolgsysteem. Bij instroom in een hoger leerjaar vindt een intakegesprek plaats met ouder/verzorger, leerling en de school van herkomst. Plaatsing wordt gebaseerd op gegevens van de school van herkomst en op informatie uit het gesprek met ouder/verzorger en leerling. Om een beeld te geven van onze scholen en het onderwijs dat wordt geboden, worden hieronder de locaties schematisch weergegeven en voorzien van een korte toelichting.

Schoolstructuur locatie Waalwijk: VMBO

HAVO / VWO 2e fase Havo

Vmbo Theoretische leerweg

Vmbo T 2

Vmbo T 1

2e fase Lyceum

Havo 3

Ath 3

Ath 3*

Gym 3*

Havo 2

Ath 2

Ath 2*

Gym 2*

Vmbo / Havo 1

Havo / Atheneum 1

Atheneum 1* / Gymnasium 1* * CambridgeClass

12


Type brugklassen Waalwijk Op de locatie Waalwijk kennen we vier typen brugklassen: 1. De Ath/Gym-klas: een brugklas voor VWO- leerlingen. Een keuze voor het Gymnasium en Cambridge Class. 2. De Havo/Ath-klas: een brugklas met toekomstige Havo-, Atheneum- en wellicht Gymnasiumleerlingen. 3. De Vmbo/Havo-klas: een kansklas om na te gaan of de Havo mogelijk is. 4. De Vmbo T-klas: een brugklas met Vmbo-leerlingen die de theoretische leerweg gaan volgen. Schoolstructuur locatie Wijk en Aalburg:

Basisberoepsgerichte leerweg 3 en 4

Kaderberoepsgerichte leerweg 3 en 4

Vmbo BB2

Vmbo KB2

Vmbo BB2 vakcollege

Vmbo KB2 vakcollege

Vmbo BB1

Vmbo KB1

Vmbo BB1 vakcollege

Vmbo KB1 vakcollege

Theoretische leerweg 3 en 4

Havo 3

Vmbo TL2

Havo 2 / Atheneum 2

Vmbo TL1

Vmbo 1 / Havo 1 / Havo 1 Atheneum 1

BB = Basisberoepsgerichte Leerweg KB = Kaderberoepsgerichte Leerweg T = Theoretische Leerweg NB.: leerwegondersteuning is mogelijk bij alle leerwegen en in alle klassen van het Vmbo. 13

Vervolg in Waalwijk


Wijk en Aalburg Trappen lopen is geen sport Jurriën van de Wetering (13) voetbalt graag en is dol op sport. Maar als hem gevraagd wordt wat hij graag zou veranderen aan zijn school, dan luidt het antwoord ‘die trappen’. “Vooral ’s ochtends het eerste uur, als je dan helemaal naar de bovenste verdieping moet lopen, daar heb ik een hekel aan. Van mij mochten ze liften aanleggen.” Jurriën zit in 1 Vmbo, gemengd theoretische leerweg. Dat betekent best veel ‘leervakken’, zoals wiskunde, Nederlands, Engels, Frans en biologie. Maar ook gym en techniek. “Bij biologie kregen we kooklesjes, zoals koekjes bakken en gezonde snacks maken. Dat was nog wel leuk, maar de theorie, over voeding enzo, is moeilijk.” Over het huiswerk heeft Jurriën geen klagen. “Dat krijgen we maar weinig. En als ik iets heb, maak ik het snel diezelfde avond, dan is het weer klaar.” Met zijn klas is hij dit jaar op excursie geweest, onder meer naar Fort Giessen en een archeologisch park in Duitsland. “In Fort Giessen was ik nog nooit geweest, terwijl het toch dichtbij is. We konden er op de fiets naar toe. Je kon daar mooi zien hoe ze vroeger bouwden. Met haken in de muren, best interessant.”

Stage lopen bij de bejaarden Binnenkort gaat Nimsy Sonneveld een week stage lopen bij een bejaardentehuis in Wijk en Aalburg. “Ik ga daar activiteiten begeleiden, zoals bingo en sjoelen. Ik heb het nog nooit gedaan, dus ik ben benieuwd.” Nimsy zit in 3 Vmbo, richting sport, dienstverlening en veiligheid (sdv). Bij deze opleiding lopen de leerlingen regelmatig stage. Eerder dit jaar volgde Nimsy een stage bij een sportwinkel in Wijk en Aalburg. “De voorraad checken en aanvullen, letters uitsnijden die op T-shirts werden geplakt. Best afwisselend.” Later wil hij óf bij de koninklijke marechaussee óf sportdocent worden. Dat laatste komt goed uit, want zijn sdv-klas doet heel veel aan sport. “Balspelen, mountainbiken, outdoor, zwemmen. Elk kwartaal iets anders. Ik vind bijna elke sport leuk, maar een keer moesten we dansen op muziek. Daar vind ik niks aan.” Zijn eigen grote passie is voetbal. Dat kijkt hij ook het liefst op tv. En tennis. “Dat doe ik zelf niet zo veel, maar ik vind het wel mooi om naar te kijken.”

14


‘Docenten hebben soms te weinig tijd’ In groep 8 van de basisschool gaf Thijs Schop (15) eens een spreekbeurt over verbrandingsmotoren. “Toen kwam ik erachter dat ik het heel interessant vond hoe die motoren werkte. Sindsdien wil ik monteur worden.” Thijs zit nu 3 Vmbo, richting voertuigentechniek. “Heel veel sleutelen, vooral aan personenauto’s”, legt hij uit. “Je kunt ook vrachtwagenchauffeur worden met deze opleiding, maar ik word monteur. Misschien voor scheepsmotoren, dat is ook interessant.” Thijs werkt het liefst met zijn handen, maar af en toe moet hij ook leren. “Elektrische schema’s maken, doen we ook. En gewone vakken, zoals Nederlands, natuur- en scheikunde. Dat laatste vak vind ik moeilijk. Theorie is niets voor mij.” Bij voertuigtechniek, zijn lievelingsvak, zou hij graag iets meer begeleiding krijgen. “De docenten hebben het heel druk. Dan komen ze even vijf minuten bij je staan om iets uit te leggen. Dat is te kort. Ik zou willen dat ze meer tijd hadden.”

‘We houden contact via hyves’ Na de grote vakantie gaat Johan van de Wetering (14) naar Het Willem in Waalwijk. “Ik zit nu in 2 Havo/Atheneum in Wijk en Aalburg”, licht Johan toe. “Omdat ik naar 3 Atheneum ga, moet ik naar Waalwijk. Hier hebben ze geen Atheneum.” Het lijkt hem best spannend. “We zijn al een keer gaan kijken, met de klasgenoten die meegaan. Het viel me op dat de school daar veel groter is dan hier, met veel meer leerlingen. Maar de lokalen zijn hetzelfde.” Als Johan een profiel moet gaan kiezen, zal dat natuur en techniek worden. “Ik vind vooral die proefjes bij natuur- en scheikunde erg leuk.” Duits vindt hij minder. “Een lastige taal, met best wel veel huiswerk. Vooral die woordjes leren is moeilijk.” Als het aan Johan ligt, mochten er op school wat meer voetbaltafels staan om de tussenuren door te komen. Voor de rest is hij dik tevreden over Het Willem. Zijn grote hobby is computeren. “Vooral spelletjes spelen, zoals Call of Duty.” Hij is dan ook niet bang dat hij straks zijn oude klasgenoten van de Havo gaat missen. “We houden contact via hyves.”

15


Type brugklassen Wijk en Aalburg

Op de locatie Wijk en Aalburg kennen we zes brugklassen*: 1. De Havo/Ath-klas: een brugklas met toekomstige Havo-, en Atheneumleerlingen. 2. De Havo-kansklas: een brugklas met Vmbo-Havo leerlingen waar op Havo-niveau les wordt gegeven. 3. De Vmbo T-klas: een brugklas met Vmbo-leerlingen die de theoretische leerweg zullen gaan volgen . 4. De Vmbo KB-klas: een brugklas met Vmbo-leerlingen die de kaderberoepsgerichte leerweg zullen gaan volgen. 5. Het Vmbo Vackollege: een brugklas met Vmbo-leerlingen die de basis- of kaderberoepsgerichte leerweg zullen gaan volgen volgens vakcollege programma. 6. De Vmbo BB-klas:een brugklas met Vmbo-leerlingen die de basisberoepsgerichte leerweg zullen gaan volgen. *Een type brugklas kan alleen doorgaan als er voldoende leerlingen zijn voor zo’n klas.

In de BB-klas wordt ca. 60% van de lessen verzorgd door een groepsdocent. Dit is een docent die meerdere vakken aan dezelfde groep geeft. In deze klas is ook sprake van leerweg ondersteunend onderwijs (lwoo). Het Vakcollege, een opleiding voor leerlingen met ‘gouden’ handen Met ingang van september 2009 is op de locatie Wijk en Aalburg het Vakcollege gestart. Het Vakcollege is een onderwijskundig programma binnen het Vmbo voor zowel de basis- als de kaderberoepsgerichte leerweg. Technisch talent wordt opgeleid tot gekwalificeerd vakman of vakvrouw. De totale verblijfsduur is 6 jaar, dat betekent dat als na 4 jaar het Vmbo-diploma behaald is, de leerlingen binnen het Vakcollege doorleren op het MBO. Het bedrijfsleven is intensief betrokken bij het Vakcollege, waardoor praktijk en school elkaar overlappen. Dit programma is bedoeld voor leerlingen die al vroeg weten dat ze een baan ambiëren in deze technische beroepssector. Elke leerling heeft een intakegesprek alvorens hij/zij wordt toegelaten tot het Vakcollege. Het programma voorziet in minimaal 10 uur ‘techniek en vakmanschap’ (praktijkonderwijs) per week, waaraan de theoretische vakken gekoppeld zijn. Er wordt projectmatig gewerkt. Wie kiest voor het Vakcollege kiest voor vakmanschap! De Havo-kansklas Deze opleiding is voor leerlingen die tussen het Vmbo en de Havo in zitten. De basisschool geeft deze leerlingen een Vmbo/Havo-advies. Met het aanbieden van deze brugklas geven we leerlingen de kans om te laten zien dat ze het Havo-niveau aankunnen. In de Kansklas wordt les gegeven op Havo-niveau gegeven. Aan het einde van het schooljaar zal het docententeam een definitief eindadvies geven. Dit eindadvies is bindend voor de overgang naar 2 Havo of 2 Vmbo.

16


Verdeling van de leerlingen over de afdelingen Beide locaties bieden onderwijs op verschillende afdelingen aan.

De verdeling van de leerlingen over de afdelingen is als volgt: Brugklas 2011-2012 Waalwijk

Vmbo/Havo 23%

Brugklas 2011-2012 Wijk en Aalburg

Vmbo BB 12%

Atheneum/ Gymnasium 25%

kansklas/Havo/ Atheneum 19%

Vmbo KB 24%

theoretische leerweg 10% Havo 42%

Vmbo Kvakcollege 22%

17

Vmbo TL 23%


Totaaloverzicht school 2011-2012

locatie 2011-2012 Waalwijk

locatie 2011-2012 Wijk en Aalburg

kansklas/Havo/ Atheneum 13%

Vmbo 22% vwo 38%

Havo 40%

Vmbo 87%

18


5. In-, door en uitstroomgegevens 2009-2010

19


6. Lessentabellen Locatie Waalwijk 2011-2012 KLAS Team 1 & 2 TL 1TL1 2TL1 1VH1

OMSCHR VMB O VMBO-TL VMBO-TL VH

ne

fa

du

en

la

gr

gs

ak

ec

mo

wi

nask1

nask2

sk

bi

gd

ma1

ma2

mu

ckv

bv

lo

mentor

TOTAAL

4 3 3

2 2 2

0 2 0

3 3 3

0 0 0

0 0 0

1,5 2 2

1,5 2 2

0 2 0

0 0 0

4 3 4

2 3 2

0 0 0

0 0 0

2 2 2

2 1 2

0 0 0

0 0 0

2 0 2

0 0 0

3 2 3

2 2 2

1 1 1

30,0 30,0 30,0

HAVO 1ha 2h 3h

HA/AT HAVO HAVO

3 3 3

2 3 2,5

0 3 2,5

3 3 3

0 0 0

0 0 0

2 2 2

2 2 2

0 0 2

0 0 0

4 4 3

2 3 3

0 0 0

0 0 0

2 0 2

2 2 1

0 0 0

0 0 0

2 0 0

0 0 0

3 2 2

2 2 2

1 1 1

30,0 30,0 31,0

VWO 1HA 2A 3A

Havo Atheneum Atheneum

3 3 3

2 3 2,5

0 3 2,5

3 3 3

0 0 0

0 0 0

2 2 2

2 2 2

0 0 2

0 0 0

4 4 3

2 3 3

0 0 0

0 0 0

2 0 2

2 2 1

0 0 0

0 0 0

2 0 0

0 0 0

3 2 2

2 2 2

1 1 1

30,0 30,0 31,0

Cambridge 1ag1 2ac 2gc 3ag 3gc

ath/Gymnasium ATH/cambridge Gym/Cambridge ATH/cambridge Gym/Cambridge

3 3 3 3 2

2 3 2 2 2

0 3 3 2 2

5 4 4 4 4

2 0 3 0 2

0 0 0 0 2

2 2 2 2 2

2 2 2 2 2

0 0 0 2 2

0 0 0 0 0

4 4 4 3 3

0 3 3 3 3

0 0 0 0 0

0 0 0 0 0

2 0 0 2 2

2 2 2 1 1

0 0 0 0 0

0 0 0 0 0

1,5 0 0 0 0

0 0 0 0 0

2,5 2 2 2 2

2 2 2 2 2

1 1 1 1 0

31,0 31,0 33,0 31,0 33,0

20


Locatie Wijk en Aalburg 2011-2012 KLAS Basisberoeps klas 1 & 2 1BB1 2BB1 Kaderberoeps klas 1 & 2 1KB1 1KB3 2KB1 2KB3 Havo/Atheneum (Waalwijk) 1HA1 1VH1 2HA 3H Theoretisch 1GT1 2GT1 3GT1 3 Business 4GT1 4 Business

ne

fa

du en gs ak ec wi nask1 tn

3 3,5

3 3,5

3 3,5

3,5 3 3,5 3

3,5 3 0,5 3,5 0,5 3

3,5 3 3,5 3

4 4 4 3

2 2 3 2

3,5 3 4 3 4 3

2 2

3 2

3 3 3 3 3

3 3 3 3

2 2 2 2

2 2 2 2

3,5 2 2 3 2 2 4 2,5 2,5 3 2,5 2,5 4 3 3 3 3

0

0

2

4 4 4 3

3 3

2 3 2 3 3

3,5 3 4 3 4 4

2 3 3 3 4

bi

gd ma1 bv mu kv1 lo M&M

N&G

(bi & na)

mentoraat business begeleidingsuur praktijk/pso TOTAAL praktijk/pso TOTAAL

2 1,0

2 0

1 1

2 2

1 1

4 2

2 3

0 3

1 1

2 1

4 4,5

30,0 30,0

2

2

2 0 2

4 4 2 2

2 2 3 2

0 2 3 3

1 1 1 1

0

0

1 1 1 1

1

1

4,5 11 4 11

30,0 30,0 30,0 31,0

2 2

2 2 0 2

1 1 1 1

3 3 2 2

2 2 0

2 0

2 2

1 1 1 1 1 1

2,5 2

1

3

1 1

3

1 0,5

0,25 0,25

1 1

2 2 2 2

1 1 1 1

30,0 30,0 30,0 30,0

4 2 2 2 1 1

1 1 1 1 1 1

30,0 30,0 30,25 32,25 28,00 n.v.t.

21

6 6

2

3 3 10 0 0 0 5 5 13 0 0

32 32 32 32 32 32 32 32 32 32 32


7. Hoe volgt de school de resultaten van de leerlingen?

Leerlingen op het Willem van Oranje College willen we graag kennen en niet uit het oog verliezen. Vandaar dat we alle leerlingen vanaf de aanmelding op verschillende manieren volgen. Na aanmelding op het Willem van Oranje College wordt de basisschool bezocht en worden de aangemelde leerlingen doorgesproken met de leerkracht van groep 8. De leerkracht van de basisschool geeft mondeling en schriftelijk relevante gegevens door aan onze scholenbezoeker. Vanaf april worden leerlingen waarvoor het van belang is dat onze school vooraf op de hoogte is van bepaalde zaken, gesprekken gehouden met de ouders. Vóór de zomervakantie ontvangen we op een middag alle nieuwe leerlingen, zodat deze alvast kennis kunnen maken met hun klas en hun mentor. Op de avond van diezelfde dag kunnen de ouders kennis maken met de school, de mentor en de andere ouders. Aan het begin van het schooljaar krijgen de mentoren en vakdocenten een overzicht met de belangrijkste feiten van de leerlingen uit hun klassen. In de eerste schoolweek leren de leerlingen de school en elkaar kennen en wordt het plaag- en pestprotocol ondertekend. Gedurende het eerste leerjaar wordt op het Willem in Waalwijk een ouderbezoek aangeboden. Ouders hebben dan de mogelijkheid om één van de vakdocenten of de mentor thuis te ontvangen. Op de locatie in Wijk en Aalburg wordt alleen in het eerste leerjaar door de groepsdocenten van de basisberoepsgerichte leerweg (Lwoo) een huisbezoek aangeboden.

Tijdens ouderbezoek worden ouders geïnformeerd over allerlei aspecten die met de leerling en school te maken hebben zoals: - Hoe verliep de overgang basisschool–voortgezet onderwijs ? - Hoe ervaart de leerling de nieuwe school ? - Hoe is de opvang in de groep ? - Waar kan onze school zich verbeteren ? 22


Voor de ouders is er de mogelijkheid om zaken bespreekbaar te maken, die van invloed kunnen zijn op het functioneren van hun zoon of dochter. De leerlingen kunnen via de website altijd hun resultaten inzien. Daarnaast worden de ouders/verzorgers vier keer per jaar ge誰nformeerd over de vorderingen van hun zoon of dochter door middel van een cijferrapportage. De leerling is degene die altijd het best op de hoogte is van zijn cijfers. Ouders kunnen dus samen met hun kinderen de resultaten volgen. Bij elke rapportage wordt een vergadering gehouden met de docenten van een klas. Op deze vergaderingen wordt gesproken over de resultaten van de leerlingen. De bedoeling is om elkaar informatie te geven, problemen in beeld te brengen en actiepunten te formuleren, zodat we de leerling goed kunnen helpen. Voordat we de actiepunten formuleren worden de omstandigheden waarin de leerling tot deze resultaten is gekomen nauwkeurig bekeken.

Cijfers worden gegeven voor allerlei type opdrachten: werkstukken, spreekbeurten, schriftelijke overhoringen en repetities. Het gewicht van deze opdrachten wordt aan de leerlingen meegedeeld. De leerlingen hebben recht om het gemaakte werk in te zien. Zij kunnen reflecteren, zodat zij kunnen leren van hun fouten. Natuurlijk worden zij hierbij begeleid door de vakdocent. De eerst verantwoordelijke om de resultaten van leerlingen namens de school te volgen, is de vakdocent. Als de resultaten van de leerling onvoldoende zijn, gaat hij/zij als eerst verantwoordelijke na wat de oorzaak is en wat er aan gedaan kan worden. De vakdocenten slaan alle cijfers op in de computer. Daardoor hebben de mentor, teamleider en adjunct-directeur een goed en compleet overzicht van de cijfers van alle vakken. De mentor kan dus op elk gewenst moment de stand van zaken van zijn/haar mentorleerlingen bekijken. Indien nodig volgen gesprekken met vakdocenten, leerlingen en ouders.

23


8. Overgangsnormen Algemeen Rond de herfstvakantie nemen de leerlingen voor het eerst een cijferoverzicht mee naar huis. Aan het einde van iedere periode krijgen de leerlingen een cijferrapportage. Deze cijferrapportage geeft een overzicht van alle behaalde cijfers en het rapportcijfer per vak. Aan het eind van het schooljaar wordt een overgangsrapportage uitgereikt. Hierop staan de eindcijfers per vak. Op basis van deze eindcijfers wordt de overgang bepaald. Er zijn 2 methoden waarop het eindcijfer berekend kan worden.

Methode 1: 1e rapportage telt 1x 2e rapportage telt 1x 3e rapportage telt 1x 4e rapportage telt 1x _____ ... /4

Methode 2: 1e rapportage telt 1x 2e rapportage telt 1x 3e rapportage telt 1x 4e rapportage telt 2x _____ ... /5

of bij halfjaarvakken 1e rapportage telt 1x 2e rapportage telt 2x _____ ... /3

Voor alle twee de berekeningswijzen geldt: a. telkens wordt het op ĂŠĂŠn decimaal afgeronde rapportagecijfer gebruikt; b. de afronding van het overgangsrapportcijfer vindt plaats zoals de examencijferafronding gebeurt; dit is ..,5 of hoger wordt afgerond omhoog; Hieronder is per vak aangegeven welke methode gebruikt wordt voor het berekenen van het eindcijfer: Methode 1 - muziek, Lichamelijke Opvoeding, maatschappijleer, godsdienst, techniek, beeldende vorming. Methode 2 - Nederlands, Frans, Duits, Engels, Latijn, Grieks, geschiedenis, wiskunde, natuur-scheikunde, biologie, verzorging, economie, aardrijkskunde. Bij Wijk en Aalburg: mens & maatschappij, natuur & gezondheid.

24


Uitgangspunten voor de bevordering zijn: • Er zijn uniforme regels voor alle klassen/afdelingen, uitgezonderd Vmbo Basisberoepsgericht 1. • Op basis van vier rapportagecijfers wordt een jaarcijfer samengesteld. • Er wordt gewerkt met compensatiepunten. • Alle vakken tellen in het 1e, 2e en 3e leerjaar even zwaar. • Het systeem kent geen bespreekgevallen, uitgezonderd Basisberoepsgericht lwoo. • Bij de overstap naar een ander schooltype gelden aparte regels. 1. Leerlingen in de Basisberoepsgerichte leerweg krijgen in de onderbouw niet lager dan een 3 op het rapport. De overgangsvergadering kan om pedagogische redenen (afwegend het belang van de individuele leerling) ingeval van doubleren, van de overgangsregeling afwijken.

Onderbouw klas BB/KB Cijfers 5 4 1,2,3 Vier cijfers lager dan 6

Punten 1 onvoldoendepunt 2 onvoldoende punten 3 onvoldoende punten 1 extra onvoldoendepunt

7 8,9,10

1 compensatiepunt 2 compensatiepunten

De leerling is bevorderd bij: 0-3 onvoldoendepunten 4 onvoldoendepunten + 2 of meer compensatiepunten 5 onvoldoendepunten + 5 of meer compensatiepunten N.B.: bij het Vakcollege geldt dat er geen onvoldoende mag zijn voor de vakken techniek & vakmanschap en beeldende vorming. Deze vakken leveren ook geen compensatiepunten.

25


Onderbouw klas 1, 2 GT / klas 1,2,3 HA Cijfers 5 4 1,2,3

Punten 1 onvoldoendepunt 2 onvoldoende punten 3 onvoldoende punten

7 8,9,10

1 compensatiepunt 2 compensatiepunten

Voor klas 1, 2, 3 HA geldt dat de vakken Godsdienst, Lichamelijke Opvoeding, muziek en beeldende vorming gezamenlijk maximaal twee compensatiepunten kunnen opleveren.

De leerling is bevorderd bij: 0 onvoldoendepunten 1 onvoldoendepunt + 1 compensatiepunt 2 onvoldoendepunten + 2 compensatiepunten 3 onvoldoendepunten + 3 compensatiepunten 4 onvoldoendepunten + 4 compensatiepunten Bovenbouw klas 3 BB/KB Godsdienst, lichamelijke opvoeding en CKV zijn handelingsdelen. Dit betekent dat voor deze vakken geen eindcijfer wordt gegeven, deze vakken dienen met voldoende of goed afgesloten te worden en tellen niet mee als compensatiepunten. Alle vakken tellen even zwaar, met uitzondering van het afdelingsvak dat in de basisen kaderberoepsgerichte leerweg als twee cijfers telt. Bij de bevordering is de slaag-zak regeling van toepassing: 0-1 onvoldoendepunten (in de examenvakken) 2 onvoldoendepunten (in de examenvakken) + 1 of meer compensatiepunten (in de examenvakken), waarbij: - geen enkel cijfer lager mag zijn dan 4

26


Cijfers 5 4 1,2,3

Punten 1 onvoldoendepunt 2 onvoldoende punten 3 onvoldoende punten

7,8,9,10

1 compensatiepunt

Bovenbouw klas 3 GT Godsdienst, Lichamelijke opvoeding en CKV zijn handelingsdelen. Dit betekent dat voor deze vakken geen eindcijfer wordt gegeven, deze vakken dienen met voldoende of goed afgesloten te worden en tellen niet mee als compensatiepunten. Alle vakken tellen even zwaar. Cijfers 5 4 1,2,3

Punten 1 onvoldoendepunt 2 onvoldoende punten 3 onvoldoende punten

7,8,9,10

1 compensatiepunt

De leerling is bevorderd bij: 0-1 onvoldoendepunten 2 onvoldoendepunten + 1 of meer compensatiepunten 3 onvoldoendepunten + 3 of meer compensatiepunten - geen enkel cijfer lager mag zijn dan 4 Bij de bevordering is de slaag-zak regeling van toepassing op de gekozen examenvakken. Voor de slaag-zak regeling op de gekozen examenvakken geldt: 0-1 onvoldoendepunten (in de examenvakken) 2 onvoldoendepunten (in de examenvakken)+ 1 of meer compensatiepunten (in de examenvakken), waarbij: - geen enkel cijfer lager mag zijn dan 4 27


Leerjaar 4 en 5 Atheneum/Gymnasium Een leerling is bevorderd als: • Alle eindcijfers 6 of hoger zijn; • Er 1 x 5 is behaald en voor de overige vakken 6 of hoger; • Er 2 x 5 of 1 x 4 of 1x5 en 1x4 is behaald en voor de overige vakken een 6 of hoger, waarbij het gemiddelde van de eindcijfers tenminste 6,0 moet zijn. Sommige vakken vormen tezamen een combinatiecijfer. In de tabel staat aangegeven welke vakken het combinatiecijfer vormen. Dit combinatiecijfer telt als één eindcijfer. Het combinatiecijfer wordt gevormd met de hele eindcijfers van de aparte onderdelen. Klas 4 Atheneum 4 Gymnasium 5 Atheneum 5 Gymnasium

Combinatiecijfer opgebouwd uit de vakken Godsdienst en maatschappijleer Godsdienst, maatschappijleer en KCV Godsdienst en ANW Godsdienst, ANW en KCV

Voor alle duidelijkheid: Als één van de onderdelen van het combinatiecijfer een drie of lager is, is de leerling niet bevorderd. Zelfs als het gemiddelde voor alle cijfers een zes of hoger is. LO (lichamelijk opvoeding) telt niet mee voor compensatie.

Leerjaar 4 en 5 Havo Een leerling is bevorderd als: • Alle eindcijfers 6 of hoger zijn; • Er 1 x 5 is behaald en voor de overige vakken 6 of hoger; • Er 2 x 5 of 1 x 4 of 1x5 en 1x4 is behaald en voor de overige vakken een 6 of hoger, waarbij het gemiddelde van de eindcijfers tenminste 6,0 moet zijn. Klas 4 Havo

Combinatiecijfer opgebouwd uit de vakken Godsdienst en maatschappijleer

28


Sommige vakken vormen tezamen een combinatiecijfer. In de tabel staat aangegeven welke vakken het combinatiecijfer vormen. Dit combinatiecijfer telt als één eindcijfer. Het combinatiecijfer wordt gevormd met hele eindcijfers van de aparte onderdelen. Voor alle duidelijkheid: Als één van de onderdelen van het combinatiecijfer een drie of lager is, is de leerling niet bevorderd. Zelfs als het gemiddelde voor alle cijfers een zes of hoger is. LO (lichamelijk opvoeding) telt niet mee voor compensatie.

Beleid doorstroming Vmbo 4 - Havo 4 Naast de rechtstreekse doorstroom naar het Mbo moet het doorstromen naar de Havo een reële mogelijkheid blijven. Bij doorstroming is het belangrijk om een goede inschatting te maken van de (on)mogelijkheden van de leerling. Het beleid voor doorstroming is gericht op het voorkomen dat talent “verloren” gaat en voortijdig uitvallen van de leerling. Een duidelijke en transparante procedure die bij leerlingen en ouders bekend is, is noodzakelijk. In dit document worden de toelatingscriteria voor doorstroming benoemd en aangegeven op welke wijze ondersteuning van de doorgestroomde leerling gerealiseerd wordt. Toelatingscriteria Een leerling kan doorstromen van het Vmbo naar de Havo als een positief advies geformuleerd is. Bij een negatief advies is doorstroming op het Willem van Oranje College niet mogelijk. Het advies wordt gebaseerd op de volgende punten. a. Cijfergemiddelde overgangsrapport 3tl b. Cijfergemiddelde in leerjaar 4 c. Motivatie d. Advies vakdocenten vakgerichte inschatting e. Advies vakdocenten persoonsgerichte inschatting f. Aansluiting vakkenpakket op gekozen profiel Voor doorstroming is het noodzakelijk dat op 4 of meer van bovenstaande punten een positief resultaat gescoord wordt. a. Cijfergemiddelde overgangsrapport 3tl Voor een positieve score is een cijfergemiddelde van 7,0 of hoger noodzakelijk. Meegenomen worden de cijfers van het gekozen profiel. b. Cijfergemiddelde in leerjaar 4 Het peilmoment vindt plaats nadat de resultaten van minimaal een half jaar bekend zijn. Voor positieve score is een cijfergemiddelde van 6,5 of hoger noodzakelijk. c. Motivatie Een leerling die door wil stromen schrijft een motivatie. Deze motivatie wordt toegelicht tijdens een intakegesprek met de decaan. De decaan beoordeelt of de Havo-opleiding bij het toekomstperspectief van de leerling past. Doorstroom-relevantie en persoonsontwikkeling spelen daarbij een belangrijke rol. 29


d. Advies vakdocenten vakgerichte inschatting Alle examinatoren geven een doorstroomadvies. Daarbij wordt ingeschat of het vak op de Havo door de leerling succesvol kan worden gevolgd. Het advies is gebaseerd op capaciteiten en leerstijl. Een positieve score wordt gegeven als minimaal 4 vakdocenten (vakken met Centraal Examen) een positief advies geven. e. Advies vakdocenten persoonsgerichte inschatting Alle examinatoren geven een advies gebaseerd gericht op een inschatting van de persoon. Het advies wordt gebaseerd op motivatie voor het vak, werkhouding en doorzettingsvermogen. f. Aansluiting vakkenpakket op gekozen profiel. Leerlingen die van het Vmbo naar de Havo door willen stromen zullen niet in alle vakken examen gedaan hebben. Een positieve score wordt gegeven als maximaal 1 vak op het Vmbo niet gevolgd is. Doorstroming vanuit een andere school Voor leerlingen die vanuit een andere school doorstromen geldt dezelfde procedure. De decaan neemt voor de diverse onderdelen contact op met de toeleverende school. Als de toeleverende school geen medewerking verleent kan besloten worden om de leerling niet te plaatsen. Begeleiding leerlingen die doorstromen Leerlingen die doorstromen van het Vmbo naar de Havo hebben in de overgangsperiode extra begeleiding noodzakelijk. Deze begeleiding bestaat uit: 1. Het volgen van een aansluitingsprogramma 2. Evaluatiegesprekken met de mentor 3. Per vak geformuleerd ondersteuningsprogramma dat begeleid wordt door de vakdocent

30


Aansluitingsprogramma Bij doorstroming is het noodzakelijk dat een aansluitingsprogramma gevolgd wordt voor vakken waarin geen examen is gedaan. Voor ieder vak is geformuleerd wat het aansluitingsprogramma is. Een aansluitingsprogramma kan ook noodzakelijk zijn als het vak gevolgd is, maar de verschillen met de leerlingen uit de Havo-stroom te groot zijn. Het aansluitingsprogramma wordt zelfstandig door de leerlingen in de periode tussen Vmbo 4 en Havo 4 doorgenomen. Direct na de zomervakantie worden de vorderingen getoetst. De wijze van toetsing wordt geformuleerd bij uitreiken van het aansluitingsprogramma. Mogelijke vormen zijn: schriftelijke toetsing/mondelinge toetsing/beoordeling van gemaakte opdrachten. Wanneer het aansluitingsprogramma niet met een voldoende wordt beoordeeld moet de leerlingen tijdens de eerste week van het cursusjaar herstellen en kan een studieplicht op school worden gegeven voor een bepaalde tijd. Evaluatiegesprekken met de mentor Tijdens het eerste halve jaar vinden twee evaluatiegesprekken met de mentor plaats. Tijdens dit gesprek wordt besproken: resultaten/aansluitingsproblemen/leerstijlen/persoonlijke zaken. Ondersteuningsprogramma Voor enkele vakken wordt tijdens periode 1 en periode 2 een ondersteuningsprogramma aangeboden. De leerling wordt hierin begeleid door de vakdocent. De leerling is verplicht om de opdrachten uit het ondersteuningsprogramma te maken.

31


9. Leerlingbegeleiding Iedere leerling heeft recht op begeleiding. Leerlingen moeten in de middelbare schoolperiode veel keuzes maken. Die keuzes zijn niet altijd gemakkelijk. De school wil hen daarbij ondersteunen, samen met ouders.

Op het Willem van Oranje College is de leerlingbegeleiding opgedeeld in drie aspecten: leren leren; leren kiezen; leren leven. Leren leren In het leren staat het leerproces van de leerling centraal. Hoe leert hij/zij? Waarom kunnen en moeten bepaalde vakken beter? Welke leerstrategie kan een leerling het beste inzetten bij het leren van leerstof? In de eerste klas leren we de leerlingen hun huiswerk plannen, een les leren en schematiseren, reflecteren en samenwerken. In een aantal mentorlessen wordt hier tijd aan besteed. Een belangrijk hulpmiddel is een speciale agenda die alle leerlingen in het eerste leerjaar moeten gebruiken. Leren kiezen Binnen dit onderdeel wordt de nadruk gelegd op de keuzes die leerlingen moeten maken voor een vervolgtraject op onze school of een vervolgtraject buiten het Willem. De leerlingen hebben allereerst te maken met een afdelingskeuze: Vmbo, Havo, Atheneum of Gymnasium. Vervolgens de keuze tussen de leerwegen binnen het Vmbo of profielen binnen de Tweede Fase. Tot slot moet er een keuze worden gemaakt voor een vervolgopleiding of een beroep. Vanaf de eerste klas zijn we op een gestructureerde manier bezig om leerlingen te helpen met hun keuzes. Wanneer dit intern niet lukt, wordt een extern bureau ingeschakeld. Leren leven Het gaat ons uiteraard ook om de zorg voor de individuele leerling: de sociaal-emotionele begeleiding. Wanneer de leerling niet goed functioneert, kan dat te maken hebben met persoonlijke problemen. Ook daar besteden we in de school aandacht aan. In de eerste klas wordt twee keer een schoolvragenlijst afgenomen. Deze vragenlijst geeft enig inzicht in het welbevinden, de motivatie en het zelfconcept van de leerling. De uitkomsten kunnen aanleiding zijn om een leerling extra hulp te geven. In dit kader zijn er bijvoorbeeld trainingen op school die de leerling kunnen helpen om te leren omgaan met faalangst, of een training die de leerling helpt zich weerbaarder op te stellen. Er is een orthopedagoog op school voor leerlingen met leer- en gedragsproblemen. Ook zijn er in de school vertrouwenspersonen aangesteld om leerlingen te helpen. Soms worden leerlingen verwezen naar externe instanties: GGD, GGZ, bureau Jeugdzorg, etc.

32


De organisatie van leerlingbegeleiding Leerlingbegeleiding wordt door verschillende functionarissen ingevuld. Allereerst is de mentor een belangrijke functionaris. Vrijwel elke vakdocent is mentor van een klas of een groep. Hij/zij heeft het meest directe contact met de leerling. Hij/zij is ook het eerste aanspreekpunt voor de ouder van de leerling. In de ‘eerste lijn’ zorgt hij voor de opvang van de leerling. De toekomstige leerlingen maken voor de zomervakantie al kennis met hun mentor. Hij/zij is in de introductieperiode intensief betrokken bij zijn/haar mentorklas, om de leerlingen te helpen de overgang van de basisschool naar de middelbare school zo goed mogelijk te laten verlopen. Op de locatie Waalwijk zijn er naast de brugklasmentoren ook leerlingen-mentoren (lentoren). Deze leerlingen uit de bovenbouw van Havo/Atheneum hebben als taak de brugklassers snel te laten wennen aan de nieuwe school. Elke lentor heeft een groepje leerlingen dat hij/zij begeleidt in het eerste half jaar. De lentoren worden door de mentor en de teamleider gecoacht. De praktijk heeft laten zien dat de brugklasleerlingen zich zo veel sneller thuis voelen op het Willem. De docenten werken in een team samen. De teamleider stuurt deze groep docenten aan. Samen kennen zij de leerlingen en ze maken onderlinge afspraken over het onderwijs, het volgen van de leerlingen en alles wat daar mee te maken heeft. Bij moeilijkheden kunnen zij de hulp van specialisten inschakelen. Deze specialisten in school noemen we de ‘tweedelijns’ opvang. Dit zijn onder meer de decanen/zorgcoördinatoren. Zij zijn gespecialiseerd in keuzeprocessen bij studie en beroep en geschoold in het aanbieden en organiseren van zorg. Ook zijn zij in staat om te beoordelen welke hulp de leerling op een bepaald moment nodig heeft. Zij kunnen externe instanties inschakelen (de zogenoemde ‘derdelijns’ hulp). Leerlingen met een beperking Leerlingen met een beperking kunnen een beroep doen op een aangepaste behandeling en beoordeling. Vooral dyslexie blijkt voor sommigen een forse beperking te zijn. Samen met de interne begeleider (Waalwijk) of remedial teacher/orthopedagoog (Wijk en Aalburg) en mentor kan een begeleidingsplan worden opgezet om te zorgen dat deze leerlingen zo goed mogelijk kunnen functioneren. De leerlingen ontvangen een hulpkaart, waarmee ze aan de docent kunnen laten zien welke extra rechten zij hebben bij de toetsen. Leerwegondersteuning (locatie Wijk en Aalburg) Binnen het Vmbo bestaat voor leerlingen die didactische, sociale, emotionele, of gedragsproblemen hebben, de mogelijkheid van leerwegondersteunend onderwijs (lwoo). Hier betreft het meestal leerlingen die problemen in het basisonderwijs hebben gehad of leerlingen die speciaal onderwijs hebben gevolgd. Binnen het lwoo kan meer individuele aandacht worden besteed aan deze kinderen, omdat de klassen kleiner zijn, het lesprogramma aangepast is naar inhoud en tempo en er voor de mentor en groepsdocenten meer mogelijkheden zijn om de klas te begeleiden. Daarnaast is er de mogelijkheid van begeleiding door de orthopedagoog van de school. Naast de permanente leerwegondersteuning kennen we ook de tijdelijke leerwegondersteuning voor die leerlingen die bij een bepaald vak dreigen uit te vallen of die tijdelijke ondersteuning nodig hebben. Die tijdelijke ondersteuning kan vanuit ons eigen lwoo worden verleend of vanuit externe deskundigen die ofwel de leerling ofwel de docent ondersteunen.

33


Rugzakteam (locatie Wijk en Aalburg) Een groot gedeelte van de rugzakleerlingen (cluster 2, 3 en 4) wordt begeleid door het rugzakteam. Dit team staat onder leiding van de ambulant begeleider van het Regionaal Expertise Centrum (REC). Er is frequent overleg over leerlingen, handelingsplannen, begeleidingsplannen en met leerlingen, ouders en docenten. Zorgadviesteam (ZAT) Op beide locaties functioneert een zorgadviesteam. Het zorgadviesteam bestaat uit een adjunct-directeur en/of de teamleiders, de zorgcoördinatoren, de schoolmaatschappelijkwerker, de orthopedagoog en diverse externe deskundigen. U kunt dan denken aan de leerplichtambtenaar, iemand van de GGD / GGZ, of opvoedkundige. Het zorgadviesteam probeert vanuit de verschillende invalshoeken van deskundigen adequate oplossingen te zoeken voor leerlingen die problemen hebben. Lokaal beleid (Reboundvoorziening) De scholen voor voortgezet onderwijs werken samen in het Samenwerkingsverband De Langstraat. Leerlingen die niet op school (binnen het samenwerkingsverband) te handhaven zijn kunnen verwezen worden naar de Rebound, waar ze maximaal 13 weken aangepast onderwijs krijgen. Er moet sprake zijn van een acute problematiek: een acuut veiligheidsrisico of plotseling optredend grensoverschrijdend gedrag. De leerling kan ook gedetacheerd worden op een andere school. Als leerplichtige leerlingen door gedrag en houding in de knel dreigen te raken, kan dus een beroep worden gedaan op de Rebound De Langstraat. In de Rebound hanteert men een niet-schoolse werkvorm die onder de verantwoordelijkheid van de school wordt uitgevoerd in het jongerencentrum De Tavenu door vier docenten en medewerkers van Tavenu. Via de zorgcoördinatoren kan een leerling worden aangemeld bij de PCL (Permanente Commissie Leerlingenzorg). Het doel van de Rebound is het herstellen van de vertrouwensrelatie met de leerling, gebaseerd op wederzijds begrip, opdat de motivatie bij de leerling groeit om het onderwijstraject toch af te maken. Leerling gebonden Financiering (LGF) Op onze school wordt bij een aanmelding van leerlingen met een indicatie een besluit tot toelating en plaatsing genomen aan de hand van onderwijskundige vragen. Het gaat hierbij dan om: • leerlingen die een positieve beschikking hebben van de Commissie voor Indicatiestelling (CvI) of; • leerlingen die een positieve beschikking hebben van de Regionale Verwijzings Commissie (RVC) of; • leerlingen die worden teruggeplaatst van een school voor speciaal onderwijs. Bij een positieve beschikking van de Commissie van Indicatiestelling gaat het om leerlingen met een rugzakje. Leerlingen die een positieve beschikking hebben van de RVC gaan Leerwegondersteunend onderwijs (lwoo) volgen of naar het praktijkonderwijs.

34


Het rugzakgeld wordt gebruikt voor de begeleiding van een leerling in het voortgezet onderwijs, begeleiding door Regionaal Expertise Centrum (REC) of school. De vo-school kan de Permanente Commissie Leerlingenzorg (PCL) om advies vragen. De PCL van het samenwerkingsverband is bereikbaar onder nummer: 06-12540992 (mevr. JuliĂŤtte Vermaas). De school wordt met kennis en ambulante hulp van het Regionaal Expertise Centrum (REC) en met advies van de PCL van het Samenwerkingsverband in staat gesteld om de leerling te begeleiden om het onderwijs met succes te kunnen volgen en afronden.

Centrum Jeugd en Gezin (CJG) (locatie Waalwijk) Het CJG is voor ouders zowel in de voorschoolse periode als ook voor ouders met kinderen op de basisschool of het voortgezet onderwijs. Het gaat meestal om opvoedingsvragen: het opvoeden in twee culturen, wat mag ik als ouder verwachten van het Nederlands onderwijs maar ook wat verwacht het Nederlands onderwijs van de ouders. Het CJG i s er voor ouders en kent een lage drempel. Iedere ouder is welkom. Het CJG van de gemeente Waalwijk houdt wekelijks spreekuur op donderdag van 13.30 uur tot 15.00 uur en van 20.00 uur tot 21.00 uur (met uitzondering van de schoolvakanties). Op onze website vindt u adres en telefoonnummer. Samenvatting leerlingbegeleiding De leerlingbegeleiding op het Willem samengevat: In de eerste lijn: vakdocent, mentor, teamleider en intern begeleider. In de tweede lijn: interne specialisten; adjunct directeur, decaan, zorgcoĂśrdinator, orthopedagoog, remedial teacher, interne vertrouwenspersonen, zorgteam. In de derde lijn: externe instanties; schoolartsendienst, externe vertrouwenspersonen, Bureau Jeugdzorg, (school) Maatschappelijk werk, CJG.

35


10. Opvang van leerlingen bij afwezigheid docent

Op school spreken we van structurele en niet-structurele lesuitval. Onder dit laatste valt lesuitval als gevolg van ziekte, bruiloften, jubilea etc. Ons ziekteverzuim is sinds drie jaar laag: 3,9%. Lesuitval kan ook het gevolg zijn van bijscholing. Deze lesuitval wordt beperkt gehouden om onze onderwijstijd te realiseren. 1. Door de organisatie van tussenweken is het mogelijk om lesuitval als gevolg van scholing, excursies en vergaderingen te beperken. Zo ontstaat een periode van 7 à 8 weken waarin lessen zo min mogelijk worden verstoord en een week waarin met een aangepast rooster wordt gewerkt. 2. De roostermaker is vóór 8.00 uur op school en weet of verneemt welke docenten afwezig zijn. Hij probeert het rooster van de klassen aan te passen. De tussenuren worden opgevuld of de leerlingen worden opgevangen door collega’s. 3. Vanaf thuis kunnen de leerlingen inloggen op het leerlingenweb. Daarop vinden zij alle wijzigingen en roosters. 4. Alle onderbouwklassen hebben een telefooncirkel. De zieke docent belt zijn afwezigheid door naar de eerste leerling op de telefooncirkel. Daarna bellen leerlingen met behulp van de telefooncirkel elkaar. Vanzelfsprekend geldt dit alleen als er voldoende tijd is tussen de ziektemelding van de docent en het vertrek van leerlingen van huis! 5. Als klassen toch tussenuren krijgen dan moeten de klassen 1 en 2 gebruik maken van de opvangregeling. Dit houdt in, dat leerlingen een (vast) lokaal toegewezen krijgen waar ze zich melden als er een les uitvalt. Als er in dat lokaal geen ruimte is, moeten de leerlingen zich melden bij de conciërge en vervolgens in de overblijfruimte aanwezig zijn. 6. Er wordt gewerkt met studieplanners. Voordeel hiervan is, dat leerlingen bij lesuitval weten wat ze kunnen doen. In de open leercentra, de mediatheek en in het opvanglokaal kunnen leerlingen onder toezicht werken en er zijn ook computers beschikbaar voor opdrachten.

36


11. Veiligheid, klachten en vertrouwenspersoon

Veiligheid Het Willem van Oranje College wil een veilige school zijn. Een school waar leerlingen en docenten in een sfeer van vertrouwen en respect met elkaar omgaan. We zijn ervan overtuigd dat veel onveilige situaties met preventie te voorkomen zijn. De school beschikt over een veiligheidsplan dat in de praktijk functioneert. Hierin worden preventieve maatregelen beschreven betreffende de sociale en fysieke veiligheid van leerlingen, personeel en materiaal. Ook bevat het veiligheidsplan diverse protocollen waarin beschreven staat hoe gehandeld wordt als het toch mis is gegaan. In de omgang met elkaar moeten we rekening houden met elkaar. Om dit mogelijk te maken zijn regels nodig. Aan het begin van ieder cursusjaar worden de leerlingenregels aan de leerlingen verstrekt. De regels zijn ook te vinden via het leerlingenweb. Voorbeelden van preventieve maatregelen op het terrein van de sociale veiligheid zijn ons beleid aangaande plagen en pesten en onderwijsprogramma’s gericht op het voorkomen van riskant gedrag (alcohol, drugs, gokken, seksualiteit, verkeer, ...) Voor de registratie van incidenten maakt de school gebruik van IRIS. Dit systeem wordt landelijk gebruikt en staat voor Incident Registratie In Scholen.

Privacy De school heeft een privacy reglement. In verband met de wet op de privacy vermelden wij hier twee zaken. 1. Jaarlijks bezoekt de schoolfotograaf de school. Adresgegevens worden aan de schoolfotograaf verstrekt voor de financiële afhandeling van het verstrekte fotopakket. Ouders/verzorgers die hier bezwaar tegen hebben kunnen dit voorafgaande aan de fotosessie schriftelijk kenbaar maken. 2. De schoolleiding kan eenzijdig besluiten om in overleg of samen met de politie de kluisjes van leerlingen te onderzoeken. Dit onderzoek vindt, als veiligheidsmaatregel, plaats bij concrete signalen (bijvoorbeeld: vuurwerk, wapens, alcohol, drugs, diefstal). De schoolleiding besluit dan om één of meerdere kluisjes te openen en te onderzoeken. De leerling wordt (na afloop van dit onderzoek) hierover geïnformeerd. Ook kan de schoolleiding in verband met preventief onderzoek beslissen dat alle of een gedeelte van de kluisjes wordt onderzocht.

37


Klachten Waar mensen samenwerken, gaan soms dingen mis. Ouders kunnen ontevreden zijn over het rooster, de lesmethoden, de wijze waarop hun kind begeleid, beoordeeld of bestraft wordt. De meeste klachten over de dagelijkse gang van zaken in de school zullen in onderling overleg tussen ouders, leerling, personeel en schoolleiding weggenomen kunnen worden. Klachten die naar de mening van ouders/leerling niet naar behoren zijn opgelost, kunnen worden onderworpen aan het objectieve onderzoek van de externe klachtencommissie waarbij de school is aangesloten. Dit is de Stichting KOMM, Postbus 32, 5328 ZG te Rossum, www.komm.nl Voor de volledige procedure verwijzen wij u naar onze klachtenprocedure. Deze treft u aan op de site www.het-willem.nl onder het kopje “downloads”.

Klachten ongewenste omgangsvormen Bij klachten over ongewenste omgangsvormen op school, zoals: seksuele intimidatie, discriminatie, racisme, pesten, agressie en geweld, kunnen ouders en leerlingen een beroep doen op de ondersteuning van de interne vertrouwenspersonen. Bij een redelijk vermoeden van een seksueel misdrijf is overleg met de vertrouwensinspecteur verplicht, waarna wordt vastgesteld of aangifte door het bestuur noodzakelijk is. Interne vertrouwenspersonen zijn:

Voor de locatie Waalwijk: Mevrouw E. Paulides-Boll (tel. 0416-330111) De heer C. Hansum (tel. 0184-630475) Voor de locatie Wijk en Aalburg: Mevrouw H. M. Bouman (tel.040-2541301) De heer H. v.d. Steen (tel.0183-403493) Of de externe vertrouwenspersoon: Jeugdgezondheidszorg GGD Hart voor Brabant, (tel. 073–6404090).

38


12. Buitenlesactiviteiten 12.1 Vakgebonden activiteiten Reizen en activiteiten Elk jaar wordt een activiteitenweek georganiseerd voor alle leerlingen van de school. Het basisidee achter deze activiteiten is dat leerlingen niet alleen maar leren in een klaslokaal, in een schoolgebouw, maar ook in de praktijk. Sommige activiteiten hebben juist tot doel om leerlingen sociaal vaardig te maken. Samenwerken, uitdagingen aangaan, etc. staan hierin centraal. Op school maakt de Commissie Reizen elk jaar een programma van activiteiten. Deze activiteiten worden bekendgemaakt in een speciale Reizen Informatief, die in november/december wordt uitgedeeld aan de leerlingen. De inschrijving vindt zo spoedig mogelijk daarna plaats. Op basis van inschrijvingen wordt bekeken welke activiteiten er kunnen doorgaan. De brugklassers gaan in de reisweek op ‘Brugklaskamp’ ergens in Brabant. Leerlingen uit de bovenbouw gaan mee als assistenten van de kampcommissie. De tweedeklassers krijgen een activiteitenweek aangeboden aan de hand van een jaarlijks wisselend thema. De leerlingen van leerjaar 3, 4, 5 en 6 kunnen kiezen uit sportieve- of culturele activiteiten zoals: een survivalkamp en een zeilkamp, of zij gaan naar diverse steden in Europa. Voor het IBC en de cambridgeklassen worden reizen georganiseerd die aansluiten bij het onderwijsprogramma. De brugklasleerlingen uit Wijk en Aalburg gaan aan het begin van het schooljaar al op kamp. Internationalisering (locatie Waalwijk) Ervaring opdoen met internationale contacten is mogelijk voor leerlingen die het Willem bezoeken. De school ziet dit niet alleen als een prettige ontwikkeling voor leerlingen en docenten, maar vooral als een nuttige, leerzame en verrijkend onderwijsaanbod. Diverse contacten en uitwisselingen vinden jaarlijks plaats. Er is een uitwisseling met Rome, Spanje, Italië, Turkije en België. De ontwikkelingen in de Cambridge-klassen en de IBC maken dat uitwisselingen met Engelstalige landen worden verzorgd. Het leggen van contacten met scholen in andere landen is daarom volop in ontwikkeling. De school stelt zich ten doel dat elke leerling die het Willem bezoekt, minstens één keer te maken krijgt met internationalisering. Dat hoeft niet persé door middel van een verblijf in het buitenland, het kan ook via social media en andere digitale hulpmiddelen. Het Willem wil internationalisering bevorderen om leerlingen zo goed mogelijk voor te bereiden op het Europese staatsburgerschap. Men kweekt zo ook meer begrip voor andere culturen. Op deze wijze geeft het Willem een stukje toegevoegde waarde aan het onderwijsprogramma. En dat kan alleen maar in het belang van de leerling zijn. 39


Activiteiten op gebied van kunst en cultuur Op het Willem van Oranje College is ook aandacht voor Kunst en Cultuur. De leerlingen in de onderbouw krijgen een CKV-juniorprogramma waardoor zij kennismaken met verschillende disciplines van kunst en cultuur. Voorbeelden hiervan zijn ondermeer: Bezoek aan diverse musea; bijwonen van toneelvoorstellingen; actief deelnemen aan dans- muziek- en dramaworkshops. In de Tweede Fase is CKV (Culturele en Kunstzinnige Vorming) en in het Vmbo is KV (Kunstzinnige Vorming) een verplicht onderdeel voor die leerlingen. De leerlingen maken kennis met diverse disciplines binnen de kunst en cultuur, in woord, beeld en geluid. Voorbeelden hiervan zijn: theater, museum, concert, tentoonstelling, lezing, film en toneel, etc. De leerlingen ontvangen hiervoor van de overheid een financiële vergoeding in de vorm van een cultuurpas. Er wordt gewerkt aan een integraal kunst- en cultuurbeleid voor alle leerlingen. De leerling in klas 2 heeft hier een keuze uit een aantal sportieve- of een aantal creatieve activiteiten. De leerling wordt hierbij aangemoedigd om kennis te maken met een tot dan toe onbekende buitenschoolse activiteit. Voor deze activiteit wordt een bijdrage van de ouders gevraagd. Vakexcursies De theorie in de vakken kan goed ondersteund worden met praktijkervaringen. Daarom gaan de leerlingen ook op vakexcursies en stages. De meeste vakexcursies duren één of twee dagdelen. Deze excursies worden uitvoerig in de lessen voorbereid zodat er optimaal geprofiteerd wordt van een dag buiten de school. Maatschappelijke stage (MaS) De maatschappelijke stage is het beste samen in de termen: • Een vorm van leren, buitenschool; • Een vrijwilligersactiviteit; • Kennis maken met en een bijdrage leveren aan de samenleving; • Onbetaald werk; • Burgerschapsvorming. Voorbeelden: voetbaltraining geven, activiteiten begeleiden in een zorgcentrum, meehelpen met acties voor goede doelen, meehelpen in de bibliotheek, een jeugdclub in de kerk leiden etc. De leerlingen in het derde leerjaar (Vmbo T/Havo/Vwo) gaan op een georganiseerde maatschappelijke stage. Het helpt de leerlingen om een beeld te krijgen van de samenleving (burgerschap) en ondersteunt hen in hun keuze voor een vervolgstudie. Het bevordert hun eigen verantwoordelijkheid en initiatief, doordat ze zelf op zoek moeten naar een stageadres, zelf moeten solliciteren en zelf hun leerervaringen moeten presenteren. De school ondersteunt en begeleidt hen daarbij. De leerlingen in de bovenbouw zijn zelf verantwoordelijk voor de organisatie van hun maatschappelijke stage.

40


Stage Vmbo (locatie Wijk en Aalburg) Een stage is binnen het Vmbo-onderwijs een onmisbaar onderdeel geworden van de beroepsopleiding. In die stage ziet de leerling hoe het er in het bedrijfsleven of een zorginstelling aan toe gaat. Er zijn in het derde leerjaar twee stages: een vijfdaagse stage in januari, de zogenaamde snuffelstage en een negendaagse stage in juni (de beroepsstage). Voor sommige afdelingen staat in het vierde leerjaar een lintstage gepland. Dit houdt in dat gedurende een aantal maanden een dagdeel per week stage wordt gelopen, dit is een vervolg van de beroepsstage. De leerling wordt zowel vanuit school, als vanuit het bedrijf begeleid. Een evaluatie moet zicht geven op wat de leerling ervan heeft geleerd en waar hij aan moet gaan werken. 12.2 Niet vakgebonden activiteiten Spirit, een kwestie van leven (locatie Waalwijk) Sinds een aantal jaren zijn er op het Willem leerlingen en docenten die (in hun lunchpauze) tijd besteden aan de vragen als: Zou God echt bestaan of niet? Is er een hemel? Is er leven na de dood? Wie is Jezus eigenlijk? Doel van Spirit is God beter te leren kennen. De precieze dagen en uren worden vastgesteld wanneer het rooster bekend is. Leerlingen worden via de website en via de lichtkrant op de hoogte gesteld waar en wanneer deze activiteit plaatsvindt. Leerlingenraad (locatie Waalwijk) Sinds het begin van het jaar 2011 is er binnen onze school een leerlingenraad. Deze heeft als functie om op te komen voor de rechten van de leerlingen binnen onze school en om leuke activiteiten en actie’s te organiseren. Deze leerlingenraad heeft regelmatig een vergadering waarin verschillende dingen besproken worden die van belang zijn voor alle leerlingen binnen onze school. Aan het begin van ieder nieuw cursusjaar wordt er een wervingsactie gehouden met als doel om nieuwe leerlingen in de Leerlingenraad te krijgen. Dit geldt voor alle klassen en niveaus binnen onze school. Vanuit de leerlingenraad zitten er 3 leerlingen in de Medezeggenschapsraad (MR). Zij vertegenwoordigen hierin de leerlingen van de locatie Waalwijk. Schoolkrant “FLitzz” (locatie Waalwijk) Als een school ernaar streeft het verantwoordelijkheidsgevoel van haar leerlingen te bevorderen, kan het niet anders of er moet ruimte zijn voor initiatieven van leerlingen. Naast de leerlingenraad bestaat er daarom een schoolkrant, die de Flitzz wordt genoemd. Om een uitgave tot stand te brengen, moet er heel wat werk verzet worden. Een redactie die gevormd wordt uit leerlingen en een begeleidend docent zorgen hiervoor. Flitzz is een schoolkrant, waardoor leerlingen zich misschien uitgedaagd voelen om te reageren op wat medeleerlingen schrijven. Om met elkaar in gesprek te gaan over datgene wat hen bezig houdt.

41


Activiteiten voor goede doelen Jaarlijks worden er op het Willem activiteiten gehouden voor één of meerdere doelen. De laatste jaren ligt de organisatie in handen van een commissie; die bestaat uit een groep docenten en leerlingen. Met diverse activiteiten proberen we aan leerlingen te laten zien dat we als school ook onze verantwoordelijkheid willen nemen voor onze minderbedeelde medemens. We proberen doelen te zoeken waardoor de leefomstandigheden en onderwijs van leeftijdsgenoten in de derde wereld verbeteren. Ook streven we ernaar om leerlingen die ambassadeur worden voor het project een bezoek te laten brengen aan het land waarop het project gericht is. Samen met Edukans realiseren we onze projecten. Verkeersveiligheid De school moet veilig bereikbaar zijn. Dit betekent dat we binnen en buiten de school aandacht besteden aan verbeteringen van onveilige verkeerssituaties, een fietsverlichtingsactie en een school-thuisroute project. Onze school heeft het Brabants verkeersveiligheidslabel en een Veco (verkeersveiligheidscoördinator). Zijn/haar taak is het aansturen en coördineren van allerlei verkeersveiligheidsacties in samenwerking met de gemeente Waalwijk en de politie Midden en West Brabant.

42


13. ICT Het dagelijks gebruik van ICT in het onderwijs is niet meer weg te denken. Op het Willem van Oranje College wordt door middel van de elektronische leeromgeving en het leerlingenweb ondersteuning gegeven in de onderwijsactiviteiten van de leerlingen. Het Willem van Oranje College beschikt op alle locaties over een moderne mediatheek, een goed uitgerust computerlokaal en open leercentra met multimedia computers en internetaansluiting. De mediatheek en de open leercentra bieden voldoende plaats aan zelfstandig werkende leerlingen die in het VMBO en de Tweede Fase hun opleiding volgen. De computers zijn voorzien van moderne besturingssystemen met alle vaksoftware en de noodzakelijke algemene software. De mediatheek is toegankelijk voor iedere leerling met een gerichte lestaak en indien nodig kan daar ondersteuning geboden worden door de permanent aanwezige mediathecaris. Naast deze ruimten staan er ook computers in de vaklokalen en de verschillende afdelingen. In de vakgerichte afdelingen is ICT geïntegreerd in de lesprogramma’s. Veelal worden de computers gebruikt om het zelfstandig leren te bevorderen of om een presentatie in de les te houden in combinatie met een beamer. Al deze ruimten hebben toegang tot internet. Op school wordt er gewerkt met het Microsoft Office pakket vanwege het grote maatschappelijke draagvlak. Gedurende de schooltijd worden verschillende ICT- vaardigheden aangeleerd. Hierbij valt bijvoorbeeld te denken aan: het leren zoeken en beoordelen van internetpagina’s, het werken met digitale presentaties, typen in een tekstverwerker of juist voorraadbeheer in een database. De meeste ICT-vaardigheden zitten verweven in de afzonderlijke lesprogramma’s.

43


Waalwijk Prijs gewonnen met een beeld Janneke Ophorst (13) zit in 1 Vmbo/Havo. “We hebben best een drukke klas”, zegt ze. “Laatst moesten we allemaal nablijven, omdat we zoveel praatten en omdat er iemand op een agenda van een ander had getekend.” Als het kan, wil ze straks naar de Havo, maar de vraag is of dat lukt. “Mijn moeder denkt van niet, mijn vader denkt van wel. Zelf weet ik het nog niet.” Janneke heeft het prima naar haar zin op Het Willem. “In de tussenweken hebben we leuke dingen gedaan, zoals pannenkoeken bakken en een speurtocht in het bos. En ook zijn we een keer naar het Kröller-Müller museum geweest.” Dat laatste vindt Janneke wel interessant. “Mijn hobby’s zijn tekenen, knutselen en beelden maken. Ik heb wel eens een prijs gewonnen, met een beeld van zand. Dat was een mensenfiguur, van ruim een meter hoog.” Omdat je bij techniek ook dingen mag maken, is dat een van haar lievelingsvakken. Net als beeldende vorming uiteraard. Haar rooster vond ze eerst fijn, maar later in het schooljaar werd het zwaarder. “In het voorjaar kwam er twee uur buitengym bij. Nu moet ik soms tot het achtste uur naar school. Dat is best lang.”

Hiphop dansen door het hele land Danouk Konings (12) besteedt heel veel tijd aan haar grote hobby, hiphop dansen. “Dat doe je in een team van tien mensen. We dansen wedstrijden in heel Nederland en ik train zo’n vier uur in de week.” Of ze daarnaast genoeg tijd overhoudt voor school en huiswerk? “Dat lukt wel. Aan het huiswerk moest ik eerst erg wennen, maar nu gaat het best makkelijk.” Danouk zit in de eerste klas Atheneum/Gymnasium. Omdat ze gemiddeld een 8 staat, kan ze waarschijnlijk wel naar het gym. “Ik moet nog even het schooladvies afwachten”, zegt ze voorzichtig. Haar klas heeft al verschillende leuke dingen gedaan, zoals samen zwemmen. Helaas kon Danouk daar niet bij zijn. “Omdat ik moest dansen. Maar we houden nog een afscheidsfeest, aan het eind van net schooljaar. Dat wordt vast gezellig, want we hebben een leuke klas.” Ze heeft het prima naar haar zin op Het Willem, maar in de aula kán het druk zijn. “In sommige pauzes moet je met tweeën op een stoel zitten.” Al heeft Danouk nog geen flauw idee wat ze later gaat studeren, geschiedenis zal het niet worden. “Dat vak vind ik saai. Het maakt mij echt niet uit wat er vroeger allemaal is gebeurd.”

44


‘Deze school is mooi en lekker ruim’ Vrachtwagenchauffeur of transportplanner. Dat is wat Jordi Blok (12) later wil worden. “Dat doet mijn vader ook en ik help hem vaak mee.” Jordi zit nu in 1 Vmbo, maar hij weet al dat hij straks door gaat leren, via Havo naar het hbo. “Dat heb je nodig als je iets in transport wil gaan doen, zoals ik.” Jordi vindt Frans een mooie taal en daarom is het zijn lievelingsvak. Gym slaat hij liever over, en dat heeft een speciale reden. “Ik heb een ziekte aan mijn bloedvaten, waardoor ik snel moe wordt. Na vijf minuten gymmen moet ik al even aan de kant gaan zitten.” Om deze reden mag Jordi als een van de weinige leerlingen gebruik maken van de lift in het Waalwijkse schoolgebouw. “Al die trappen op en af, dat vind ik vreselijk. Ik vind dat er voor iedereen meer liften moeten komen.” Jordi heeft altijd geweten dat hij naar Het Willem wilde. “Toen ze deze school aan het bouwen waren, zei ik al ‘daar wil ik naar toe’. Omdat ik het zo’n mooi gebouw vond.” Hij heeft er nooit spijt van gehad. “Van binnen is de school ook mooi en lekker ruim. Je kunt met tienen naast elkaar lopen in de gang, dan kunnen anderen er nog langs.”

‘De conciërges zijn best streng’ De conciërges zijn best streng, vindt Joshua van Oorschot (13). “Als je tijdens de pauzes even bij de kluisjes rondhangt, sturen ze je meteen terug naar de aula.” Maar verder heeft Joshua nog nooit straf gehad. Ook heeft hij het goed naar zijn zin, op Het Willem. “Ik woon in ’s Gravenmoer en moet veertig minuten fietsen naar Waalwijk. Dat doen we met een groep en dat is best leuk. In het begin vond ik het nog ver, maar als je het elke dag fietst, is het niet ver meer.” Joshua zit in 1 Havo/Atheneum. “Ik wil best Atheneum doen, maar ik denk dat het Havo wordt”, schat hij voorzichtig. “Ik heb nog geen idee wat ik later wil worden.” Joshua zit op turnen en daarom is gym zijn lievelingsvak. Ook speelt hij piano en is hij dol op Frans. “Een mooie taal”, aldus Joshua. De introductieweek, aan het begin van het schooljaar, vond hij maar zozo. “We gingen naar de bossen en deden spelletjes. Maar verder gebeurde er niet super veel.” Het zwemuitje met zijn hele klas naar het Sportiom in Den Bosch vond hij leuker. Ook het schoolkamp, dat er nog aan komt, lijkt hem wel gezellig.

45


14. Ouderbijdrage, schoolboeken en verzekeringen ‘Gratis schoolboeken’ Voor het schooljaar 2011-2012 zijn de meeste schoolboeken die de leerlingen nodig hebben ‘gratis’. Niet de ouders/verzorgers betalen de leer- en werkboeken, de scholen betalen de boeken uit een vergoeding die zij van de overheid ontvangen.

Volgens de wet wordt onder ‘schoolboeken’ het volgende verstaan: Lesmateriaal dat naar vorm en inhoud is gericht op informatieoverdracht in onderwijsleersituaties en waarvan het gebruik binnen het onderwijsaanbod door het bevoegd gezag specifiek voor het desbetreffende leerjaar is voorgeschreven. Er blijven zeker ook nog leermiddelen die door ouders/verzorgers betaald worden en voor de leerlingen niet gratis worden. Atlassen, woordenboeken, rekenmachines en agenda’s worden niet gratis. Maar ook zaken als laptops, sportkleding, gereedschap, schriften/ multomappen, pennen en dergelijke zijn en blijven voor rekening van de ouders. Meer informatie over de regeling: www.gratisschoolboeken.nl Specifiek voor ouders: http://www.gratisschoolboeken.nl/ouders De bestelling van de studieboeken en werkboeken vindt plaats via Van Dijk Educatie in Kampen.

Ouderbijdrage Naast de kosten voor ‘niet gratis leermiddelen’ wordt er van ouders ook een ouderbijdrage gevraagd. De ouderbijdrage bestaat uit een algemeen deel, een afdelingsspecifiek deel en een locatiespecifieke deel. Het algemene deel is voor elke leerling gelijk en bedraagt €50,00. Hieruit worden zaken betaald om onze schoolcultuur in stand te houden. Onder schoolcultuur vallen zaken en activiteiten die passen bij het eigene van onze school, zoals kerst- en paasvieringen. Kosten met betrekking tot voorlichting en communicatie met u als ouders/verzorgers en kosten en ten aanzien van veiligheid, verzekeringen en juridische bijstand. Ouders zijn niet verplicht om deze bijdrage te betalen. Het afdelingsspecifieke deel is per leerjaar, per afdeling en per locatie verschillend. Er treden per leerjaar per afdeling verschillen op, omdat het onderwijsproces verschillende activiteiten vraagt. Per leerjaar is nagegaan welke extra kosten er gemaakt worden voor activiteiten die behoren tot het reguliere onderwijs. Deze activiteiten vormen een onderdeel van het onderwijsaanbod op het Willem. De overheid geeft hiervoor geen vergoeding. Hieronder vallen onder andere excursies, tekendoos en gymshirt. Het locatiespecifieke deel bestaat uit de huur van het kluisje en de leerlingenpas.

46


Ons doel is om in één keer zoveel mogelijk af te rekenen. Met deze opzet willen wij grotendeels voorkomen dat ouders/verzorgers tijdens het schooljaar bij allerlei activiteiten geconfronteerd worden met bijdrage in de kosten. Mochten ouders/verzorgers om een of andere reden niet in staat zijn om de ouderbijdrage te kunnen voldoen, dan kunnen zij contact opnemen met de locatiedirecteur. Op onze website kunt u onze modelovereenkomst vrijwillige ouderbijdrage lezen. Daar vindt u ook voor alle leerjaren de bedragen per leerjaar. Wij verwijzen ook naar vensters voor verantwoording www.schoolvo.nl

W.A.- en Ongevallenverzekering De school heeft een collectieve ongevallenverzekering voor alle leerlingen afgesloten, waarbij de risico’s tijdens de schooluren, bij evenementen, die door de school zijn georganiseerd, zoals werkweken, voorstellingen, zwemmen, etc., zijn gedekt. De dekking geldt gedurende de schoolactiviteiten, alsmede gedurende één uur hiervoor of hierna, of zoveel langer als het rechtstreeks komen naar en het gaan van genoemde schoolactiviteiten vergt. Het bestuur en het personeel van de school zijn verzekerd tegen wettelijke aansprakelijkheid. Dit betekent niet dat men elke schade die de leerling heeft opgelopen op de school kan verhalen; de W.A.-verzekering betaalt alleen uit als de school (bestuur-personeel) wettelijk aansprakelijk is; de school moet duidelijk fouten hebben gemaakt. De meeste voorkomende schade is die aan brillen tijdens de gymnastieklessen. Het is uitgesloten, dat deze schade kan worden verhaald op de school, tenzij er duidelijk sprake is van aanwijsbare schuld bij de docenten en/of de school. Brillen, horloges e.d. kunnen eventueel bij de docent in bewaring worden gegeven, waarbij op voorhand geen aansprakelijkheid aanvaard wordt in geval van schade of vermissing! De ongevallenverzekering betreft alleen de persoon van de leerling, niet de kleren/spullen (bijv. telefoon, pasjes etc.) Het betreft bij deze verzekering louter letselschade en geen materiële vergoedingen ingeval van schade. De dekking geldt ook voor de vrijwilligers. Een formulier voor het melden van schade i.v.m. een ongeval is bij de administratie van de school verkrijgbaar.

47


15. Medezeggenschap in het onderwijs De school heeft een medezeggenschapsraad waarin personeel, ouders/verzorgers en leerlingen zitting hebben. Bij het tot stand komen van beleid heeft het bevoegd gezag het meedenken nodig van de MR. Dat meedenken vindt plaats doordat de MR het bevoegd gezag gevraagd en ongevraagd adviseert en/of instemming verleent om beleid te wijzigen of te vernieuwen. Een goede relatie met de MR is essentieel, daarom is voor de vervulling van hun taak tijdige informatie nodig. Elk jaar moet het bestuur aan de MR bijvoorbeeld de begroting en bijkomende beleidsvoornemens op financieel, organisatorisch en onderwijskundig gebied en arbeidsregelingen presenteren en bespreken. Goede informatie is dus van groot belang en zoals er op de site van WMS staat: “Inspraak zonder inzicht leidt tot uitspraak zonder uitzicht”. Bij verkiezingen wordt u tijdig ingelicht. Over de activiteiten van de MR brengen wij u jaarlijks via het jaarverslag MR op de hoogte.

De MR-leden voor 2011-2012 zijn/waren: De heer M.C. Bax (OOP) Sprang-Capelle De heer L.J.P. Popping (OP) ‘s-Hertogenbosch De heer drs. M.A. de Bie (OP) Waalwijk De heer drs. N. van de Laar (OP en voorzitter MR) Wijk en Aalburg De heer K. Scherff (OP) Andel De heer P. van Dijk (OP) Woudrichem Mevrouw M.G.R. Koopman (OP) Waalwijk Mevrouw W.J. van Roon (OP) Poppel (België) De heer G. Hulsbos (OP) Waalwijk De heer M. van Weelden (OP) Sleeuwijk De heer R. Bosch (ouder) Drunen Mevrouw M.J. Fluit-van Veen (ouder) Wijk en Aalburg Mevrouw A. de Bruin-van Drongelen (ouder) Waalwijk De heer H. Bouman (ouder) Andel Ouder Wijk en Aalburg Ashley Ophorst (leerling) Sprang-Capelle Karlijn Broos (leerling) Heusden Kristel van Meel (leerling) Wijk en Aalburg Leerling Waalwijk (leerling) Leerling Waalwijk (leerling)

48


Schoolgids 2011-2012