Issuu on Google+

PvdA Netwerk Ruimte Sessie ‘Politieke sturing van publiek-private samenwerking (PPS)’ – 11 april 2013 Aansluitend op de informatie in aankondiging en in het discussieartikel volgt hier een weergave van de uitkomsten van de sessie. Deze mondt uit in voorlopige aanbevelingen voor de inbreng van PvdA-fractie in het AO over de Voortgangsrapportage DBFM(O) 2012. Dit in afwachting van het begin juni te verschijnen DBFM(O) rapport van de Algemene Rekenkamer. Opening (Wim Sonnemans) Waarom sessie over PPS: • Bij PPS in de vorm van DBFM(O)-contracten is private financiering mogelijk; dit kan infraprojecten mogelijk maken waarvoor in tijden van crisis geen publiek geld is. • Bezien hoe de politieke sturing van PPS vanuit sociaaldemocratisch gezichtspunt verbeterd zou kunnen worden. Geïntegreerde contracten / DBFM(O) (Jean-Paul Schaaij – zie ook presentatie) Private financiering kan leiden tot versnelde aanleg en hoeft niet duurder te zijn dan publieke financiering “Werkzame stoffen”: • integratie: kosten over gebruiksduur i.p.v. laagste stichtingskosten. Onderdelen op elkaar afstemmen = optimalisatie, minder faalkosten en meerwerk • gebruik / functionaliteit centraal, niet het object (stenen). Dit laat ruimte voor efficiëntere en innovatieve oplossingen • prestatiebetaling voor integrale dienst (i.p.v. 4 losse producten) met risico-overdracht aan markt 10-15% meerwaarde; oplevering binnen planning, kostenbesparing, hogere kwaliteit Discussiepunt: Meerwaarde 10-15%: de rekenkundige onderbouwing van deze vergelijking blijkt te berusten op een raming aan de hand van een rekenmodel Hennes de Ridder: een dergelijke vergelijking is pas te maken na afloop van de contractduur van bijv.30 jaar (totaalkosten aanleg/bouw + onderhoud / prestatievergoeding voor daadwerkelijke beschikbaarheid volgens ouputspecificatie) Toelichting door RWS-projectdirecteur Jaap Zeilmaker en consortium-directeur Jan van de Meene over voorbeeldproject: A-lanes A15 (Maasvlakte-Vaanplein): zie http://www.verbredinga15.nl/public/a15/Paginas/Default.aspx Traditionele aanpak: eenmalig asfalt laten aanbrengen DBFM(O): • voorzien in meetbare beschikbaarheid wegverbinding met capaciteit X (bijv. voldoen aan normen mobiliteitsbeleid) met levensduur T tegen kosten Y die voldoet aan eisen Z (bijv. geluidsgrenzen, veiligheid bij gladheid) • integrale aanpak van alle aspecten bij bouw/aanleg, onderhoud, beheer en omgevingsmanagement (minder faalkosten dan bij gefragmenteerde aanpak => minder levensduurkosten): • tijd nemen om de hele aanpak vooraf goed te doordenken en samenhangende keuzes te maken over te stellen eisen die voortkomen uit de doelstelling van de beoogde voorziening (mogelijke eisen kunnen tegenstrijdig zijn en niet alles is gelijktijdig betalen), bijv. hoeveel extra willen betalen voor hoeveel % extra risicobeperking?


• •

Marktpartijen zoeken binnen de gestelde beschikbaarheidseisen naar slimme praktische oplossingen om verkeersdoorstroming zo goed mogelijk op peil te houden tijdens wegwerkzaamheden (bijv. ’s nachts en in weekends) Cultuuromslag: sturen op het doel dat je wil bereiken met de beschikbaarheid van je voorziening; vraagt netwerkmanagement met alle betrokken partijen en belanghebbenden

Voorwaarden voor DBFM(O): • Vooraf scherp voor ogen hebben welk doel wordt beoogd met PPS (bijv. sneller, beter, goedkoper, meer inbreng marktpartijen?) • Omvang en aard van de voorziening en (meetbaarheid van) de te leveren prestaties moeten zich ervoor lenen • Opdrachtgevende dienst en politiek moeten de invulling van de gewenste oplossing aan de markt durven overlaten en kunnen sturen op risico’s en op prestaties aan de hand van gestelde eisen. • Speelruimte voor tussentijdse aanpassing van contractuele afspraken bij de looptijd van bijv. 30 jaar Politieke sturing: - Publieke verantwoordelijkheid blijft bij RWS (in opdracht van politiek) - RWS stelt randvoorwaarden aan oplossing - Belanghebbende publieke partijen (gemeenten, waterschappen ed.) en private partijen (bijv. havenbedrijf) op één lijn brengen => omgevingsmanagement als voorwaarde voor voortgang zonder hinder van bezwarenprocedures - Rekening houden met zowel omwonenden als weggebruikers (burgers kunnen afwisselend beiden rollen hebben!) - Samenhang met andere bereikbaarheidsprojecten in afstemming met bijv. gemeenten en provincies (bijv. verbreding A27 bij Utrecht en aanleg sneltram naar Uithof met o.m. rijksgeld) Aandachtspunten (met name Hennes de Ridder): • (Wegen)bouwers zijn ingesteld op aanleg van infra als eenmalige opdracht, maar niet op aansluitend onderhoud als langdurige opdracht. • Sturen op kosten levensduur is lastig doordat die niet van alle onderdelen even lang is (vgl. schoenen: zolen, leer en veters) • Innovatie eisen als opdrachtgever zou betekenen dat je niet weet hoe het uiteindelijk geleverde (nog te ontwikkelen) product eruit gaat zien • Bij langdurige contracten van bijv. 30 jaar blijft het product hetzelfde en mis je kansen op innovatie. • Valkuil: uitvoerige gedetailleerde ontwerptekeningen en bestekken (bij traditionele aanpak) vervangen door minstens even uitvoerige gedetailleerde outputspecificaties en juridisch gesteggel in gevallen dat de opdrachtnemer daar niet aan zou voldoen of als de opdrachtgever meer zou vragen dan contractueel is overeengekomen. • PPS (in de vorm van DBFMO) is eigenlijk geen (gelijkwaardige) samenwerking, want de opdrachtgever bepaalt wat de opdrachtnemer moet doen Dit zijn inderdaad haken en ogen, maar teruggaan naar de traditionele gefragmenteerde aanpak van bijv. alleen asfalt laten aanleggen en niet sturen op levensduurkosten, het te bereiken doel / te vervullen functie van de weg en op omgevings-/netwerkmanagement biedt geen alternatief => ondervang deze aandachtspunten door in te zetten op voortdurende evaluatie en verbetering Beschouwing vanuit economische theorie (Arnold Heertje): • Publieke opdrachtgever (bepaalt en betaalt) en private opdrachtnemer (voert uit) hebben verschillende belangen, dus er is geen sprake van samenwerking op voet van gelijkheid => niet bezwaarlijk, maar inzichtelijk maken en bewust omgaan met verschillende belangen • Publiek-private Constructies zou daarom een zuiverder benaming zijn dan PPS


Niet de te behalen financiële voordelen moeten voorop staan, maar het voorzien in wezenlijke menselijke behoeften van “finale consumenten” (de te bereiken economische meerwaarde is niet alleen materieel en in geld uit te drukken – Nobelprijswinnaars …?)

Aanbevelingen voor inbreng PvdA-fractie AO over Voortgangsrapportage DBFM(O) 2012: • langdurige integrale (netwerk-)aanpak met sturing op gebruikseisen van bijv. een wegverbinding biedt (mits goed toegepast) voordelen boven een traditionele gefragmenteerde aanpak van bijv. eenmalig asfalt laten aanbrengen en later afzonderlijk voorzien in onderhoud e.d. • aandringen op zuiver spraakgebruik door bij DBFM(O) niet langer te spreken van publiekprivate samenwerking, maar van publiek-private constructies (zie pleidooi prof. Arnold Heertje) • aandringen op bredere aanpak van PPS dan alleen DBFM(O), zoals bij excellent fundamenteel onderzoek voor topsectoren en voor publiek-private doorbraakprojecten ICT (zie Regeerakkoord 2012, III. Duurzaam groeien en vernieuwen) / versterking van innovatienetwerken) • (nog meer) bewust (laten) kiezen wanneer wel / niet DBFM(O); bij keuze voor DBFM(O) goed (laten) inspelen op voorwaarden => inzetten op professioneel opdrachtgeverschap en contractmanagement • Als Rijk niet alleen sturen op kosten maar, in 1e plaats op te behalen meerwaarde met het oog op de menselijke maat en maatschappelijke behoeften (sluit aan op “Van waarde”) • Als publieke opdrachtgever rekening houden met het gegeven dat de kwaliteit van de dienstverlening door private partijen mede afhankelijk is van arbeidsvoorwaarden en personeelsmanagement voor de betrokken werknemers (al dan niet i.v.m. uitbesteding overgenomen van overheidspartijen) • Als Rijk aandringen op meer evaluaties vanuit toenemende en langduriger praktijkervaring om inzicht te vergroten in de doeltreffendheid en doelmatigheid (ook over lange termijn vergelijking van totaalkosten aanleg/bouw, onderhoud en gebruik tussen geïntegreerde levensduur en gefragmenteerde aanpak); voordurende opbouw van feitenmateriaal. Zie verder het discussieartikel voor de sociaaldemocratische uitgangspunten uit het PvdABeginselmanifest (markwerking op zich prima, mits binnen afgebakende kaders en onder publieke regie) en de Van Waarde-resolutie (daadwerkelijke toevoeging van waarde in het algemeen belang) Hoe verder?: • Kennisnemen van het 6 juni te verschijnen DBFM(O) rapport van de Algemene Rekenkamer • Vervolgsessie(?) met Staf Depla (als PvdA-wethouder in Eindhoven politiek verantwoordelijk voor een DBFMO-aanbesteding) • Aanvulling op / aanscherping van bovenstaande aanbevelingen voor de inbreng van de PvdAfractie in AO van 12 juni 2013


Uitkomst PPS