Issuu on Google+

G. F. S. V. PHARMACIAE SACRUM UNIVERSITAIR CENTRUM VOOR FARMACIE

Foliolum JAARGANG XXII EDITIE III FEBRUARI 2009

Huidaandoeningen

I. Boerma

Drs. G. J. Salentijn

P. Wolthuis

Brandwonden: een nurse practitioner aan het woord

De huid in de etalage

Infectieziekten bij kinderen Niet gevaarlijk, wel vervelend


j i b n e k r e w m ! k o e K e h t o p A q i d Me

Mediq Apotheek, de landelijke apotheekformule van OPG, stelt de kwaliteit van de zorg centraal. Nu, en in de toekomst. Dat dit succes heeft, bewijst onze snelle groei. Zoek jij een professionele Ên persoonlijke uitdaging? Groei dan met ons mee! Interesse? Neem contact op met de vacaturebank (030 – 282 14 90) of stuur een mail naar vacaturebank@mediq.nl

www.mediq-apotheek.nl


G. F. S. V. “Pharmaciae Sacrum” in samenwerking met het Universitair Centrum voor Farmacie aan de Rijksuniversiteit Groningen.

Foliolum Jaargang XXII Editie III februari 2009

En verder...

7 Brandwonden

Nurse practitioner Ina Boerma vertelt over het oplopen, de behandeling en de gevolgen van brandwonden.

13 De huid in de etalage

Apotheker Gijs Salentijn behandelt de rol van de apotheker tegenover de geneesmiddelen die op de markt zijn voor allerlei huidaandoeningen.

Redactioneel Praesespraat Een wratje voor iedereen

04 05 12

Promovendus Afgestudeerd Evaluatie cursussen STOF en OC Mede mogelijk gemaakt door... Onderzoek belicht Student in het buitenland

21 22 22 24 25 26 28

Alumnus Dies-viering & Almanakonthulling Commissievacatures Mosadex excursie Genootschappen Post-it PS-agenda Huidskleur een Huidziekte?? Puzzelpagina Wat een UITKOMST!

30 31 34 36 38 40 41 42 43 46

Redactiecommissie

15 Infectieziekten bij kinderen

Welke kinderziekten komen tegenwoordig nog voor en zijn deze gevaarlijk voor het kind en de omgeving?

18 Patiëntverhaal

Het relaas van een patiënt waarbij huidallergie werd geconstateerd. Wat leidde tot deze diagnose en wat waren de gevolgen?

Ilse Dubbelboer Casper van der Hoeven Gert Salentijn Elien Uitvlugt Sjoukje Potijk Louis Keyzer

Ab-actiaat

Casper van der Hoeven Hoendiep 19 9718 TA Groningen 06-41480684 foliolum@rug.nl

Drukkerij

Weissenbach BV Sneek

Oplage

Copyright 2009: Niets van deze uitgave mag worden verveelvuldigd en/of openbaar gemaakt worden door middel van druk, microfilm of welke andere wijze dan ook zonder toestemming van de redactiecommissie der Foliolum

1100 stuks


Between the lines Redactiecommissie 2008-2009

Geachte lezer, Het is zover, het derde nummer van de Redactiecommissie ’08-’09 is uit! Elk nummer leren wij wat bij. Verzinnen we wat bij. Leren we wat af. De commissie wordt steeds gezelliger en elke vergadering lijkt het meer op een kippenhok vol met kippetjes. Dat we wat af krijgen is een wonder.

04

Huidaandoeningen, het thema was snel gevonden, misschien in begin november al wel. De deelonderwerpen vlogen over de tafels (er gingen natuurlijk wel meerdere vergaderingen overheen). Iedereen koos zijn of haar deelonderwerp en ging hard aan de slag. Helaas blijken medici niet zo bereidwillig om artikelen te schrijven voor farmaciestudenten. Uiteindelijk hebben we toch weer een behoorlijk aantal verhalen gekregen. Het hebben van brandwonden is een heftige aandoening en er is veel over te vertellen. Een apotheker heeft geschreven wat hij zoal tegen komt in de apotheek. Het patientverhaal is geschreven door een persoon met een allergie voor coumarine-derivaten, wat zich uit in eczeem. Sinds de vorie editie is er één P.S.-lid afgestudeerd en zijn er verschillende vakken geëvalueerd. Het STOF heeft een stuk geschreven over de door hun geörganiseerde bijeenkomst in januari. De OC heeft deze keer geen bijdrage kunnen doen. Voor “Mede mogelijk gemaakt door…” hebben we mensen gekozen die iedereen vaak tegenkomt. Elke farmaciestudent loopt gedurende de studie vele weken practicum. Maar door wie worden deze weken practicum eigenlijk mogelijk gemaakt? Een P.S.-lid die alles van de Dies Natalis heeft bezocht, heeft een uitgebreid verslag geschreven om degene die niet alles konden bezoeken, mee te nemen naar het driedaagse feest van P.S. Natuurlijk is er een verslag van de excursie naar Mosadex in Limburg. Het was een eerste bezoek aan Mosadex en uit eigen ervaring kan ik vertellen dat het zeer geslaagd was. Het was wel echt een ouderejaars excursie, sommige dingen gingen mij toch wel boven de pet. De Redactiecommissie heeft gegeten met de Fotocommissie. Dit lijkt misschien een vreemde combinatie; de eerste komt een beetje duf over, terwijl de tweede altijd aanwezig zal moeten zijn op feesten. In Post-it zult u lezen waarom er meer samenwerking is dan op het eerste gezicht lijkt. Aangezien er tussen november en januari geen nieuwe commissies worden geïnstalleerd, hebben wij ervoor gekozen om vier van de vele genootschappen die P.S. rijk is aan het woord te laten. “Summarroca”, “PHG”, “de Boudels” en “In den Doofpot” hebben zichzelf op hun geheel eigen wijze omschreven. Deze keer is er wat nieuws te zien in het Foliolum. Onze vereniging groeit en het wordt hierdoor moeilijker om meer dan een selecte groep betrokken te krijgen bij P.S. Om een beetje mee te werken aan het activeren van leden, hebben wij een vacaturepagina in het leven geroepen. Op deze pagina hebben oude commissies een beetje omschreven wat het is dat ze doen. Hierdoor krijgen leden misschien een beter beeld van elke commissie, waardoor ze gemotiveerd worden om een interessestrookje in te leveren. Want wat is nou een betere manier om je interesse aan de vereniging te laten blijken! Zo teleurgesteld als we bij het maken van de tweede editie waren met het aantal ingestuurde reacties op de puzzels en de collumn van de eerste editie (namelijk nul), zo blij zijn we deze keer met het aantal ingestuurde reacties van de tweede editie. De winnaar is getrokken door middel van een loting en de prijs is gemaakt en uitgereikt. Benieuwd wat de prijs van de tweede editie was? Vraag het Wâtse Hiddema. De eerste reactie op de collumn van Tonnis Jan en Pieter is geschreven en geplaatst. We hopen voor deze editie op nog meer responsies. Tot het vierde nummer! Namens de Redactiecommissie ’08-’09 “Between the lines” Ilse Dubbelboer h.t. praeses Redactiecommissie

v.l.n.r.: Casper van der Hoeven, Louis Keyzer, Gert Salentijn, Ilse Dubbelboer, Elien Uitvlugt, Sjoukje Potijk

Foliolum Jaargang XXII Ed III


Boon Praeses der G.F.S.V. “Pharmaciae Sacrum”

Geachte lezer, Het derde nummer van de Redactiecommissie ligt voor u, het eerste nummer in het nieuwe jaar. Het jaar waarin het 128e bestuur zal aantreden en waarin weer veel nieuwe commissies gevormd zullen worden die mooie activiteiten gaan organiseren. Voordat het zo ver is, hebben we ook nog gewoon een klein half jaar voor ons in het 127e bestuursjaar. Het eerste EJC-feest van 2009 is inmiddels geweest, evenals de januari ALV. Deze maand staan de sportdag van de STERC en de OPG Ouderejaarsexcursie op het programma. In maart zal behalve weer een EJC-feest en een ALV de eerste Carrièredag van Pharmaciae Sacrum plaatsvinden. Kortom, genoeg om naar uit te kijken aan het begin van het nieuwe jaar. Het laatste Foliolum van het voorgaande jaar werd uitgebracht op de ochtend van het symposium van de 127e Dies Natalis. Zoals gebruikelijk stond er een breed scala aan activiteiten op het programma tijdens de Dies waarmee op passende wijze de verjaardag van Pharmaciae Sacrum gevierd werd. Het jaar 2008 werd vervolgens afgesloten met de Gangski met studenten Farmacie, Tandheelkunde en Geneeskunde in Les Menuires. Een hele leuke activiteit die P.S. op termijn misschien zelfstandig kan gaan organiseren. De februari editie van het Foliolum staat in het teken van huidaandoeningen. Er zijn talloze aandoeningen die onder het kopje huidaandoeningen geschaard kunnen worden. Algemeen bekende voorbeelden zijn acne, eczeem, jeuk en wratten. Wat opvalt bij deze aandoeningen is dat ze over het algemeen lastig te behandelen zijn. Vaak is er een middel beschikbaar om de ernst van de aandoening te verminderen, maar verdwijnt het probleem niet helemaal. Immers, hoeveel pubers lopen er nog steeds met puistjes rond? Hoeveel mensen hebben niet chronisch last van eczeem en wratten? Anderzijds mag de drager van dit soort huidaandoeningen zich nog gelukkig prijzen dat het bij zulke lichte aandoeningen blijft. Veel verschillende soorten kanker zijn ernstige vormen van huidaandoeningen. Het bekendste voorbeeld zijn de melanomen, de moedervlekken die spontaan ontstaan of langzaam uitgroeien tot zeer kwaadaardige tumoren. Het thema is dus zeer breed en ik ben benieuwd voor welke aspecten van huidaandoeningen Redactiecommissie “Between the Lines” gekozen heeft. Vaststaat in elk geval dat het een interessant nummer wordt en ik wens u dan ook veel plezier bij het lezen van dit nummer. Rest mij nog de hoop uit te spreken u op één van de komende P.S.-activiteiten te mogen begroeten. Met vriendelijke groet, Namens het 127e bestuur der G.F.S.V. “Pharmaciae Sacrum”, Maarten Boon h.t. praeses

v.l.n.r. Rogier Hilbers, Sven de Krou, Astrid Horsels, Mirjam Simoons, Maarten Boon

Foliolum Jaargang XXII Ed III

05


JE LOOPBAAN START MET HET MEDISCH STUDENTEN PAKKET MEDISCH STUDENTEN KIEZEN VOOR ABN AMRO Volg je een medische studie? Dan weet jij als geen ander dat jouw opleiding langer duurt dan de meeste andere. Je bankzaken regel je dus liever in één keer goed, zodat je er tijdens je studie geen omkijken naar hebt. Voor jou is er daarom het ABN AMRO Medisch Studenten Pakket; speciaal voor studenten geneeskunde, tandheelkunde, diergeneeskunde en

farmacie. Ook een Medisch Studenten Pakket afsluiten? Je regelt het snel bij een ABN AMRO vestiging bij jou in de buurt. Of bij een van de medische faculteitsshops in de studentensteden. Vraag onze adviseurs om meer informatie of kijk op www.abnamro.nl/medischestudent


Brandwonden I. Boerma Nurse Practitioner

In Nederland worden jaarlijks 50.000 patiënten door de huisarts en 13.000 patiënten in een ziekenhuis behandeld vanwege brandwonden. Van deze laatste groep werden de afgelopen 4 jaar tussen de 550 en 600 slachtoffers behandeld in een daartoe gespecialiseerd Brandwondencentrum in Beverwijk, Groningen of Rotterdam. Cijfers uit 2000 laten zien dat brandwonden worden veroorzaakt door hete vloeistoffen (52%), contact met een heet voorwerp (17%), vuur (15%), een explosie (7%) of een andere reden waaronder chemische stoffen of elektriciteit (9%) (Zorgwijzer, 2006). Kinderen tot 5 jaar lopen een verhoogd risico met als meest voorkomende oorzaak hete vloeistoffen; zij vormen jaarlijks 30% van de opgenomen patiënten. Ook vrouwen zijn vaker slachtoffer van een hete vloeistofverbranding; jongens ouder dan 5 jaar, mannen en senioren lopen het meeste risico op een vuurverbranding. De meeste ongevallen in Nederland gebeuren in en rondom de woning (Zorgwijzer, 2006). In dit artikel wordt een beknopt overzicht gegeven van het ontstaan en de gevolgen van brandwonden en de behandeling. Wat betreft de behandeling is uitgegaan van het beleid zoals het wordt toegepast in het Brandwondencentrum te Groningen. Pathofysiologie Een brandwond wordt gedefinieerd als weefselverlies door een thermisch letsel. Hierbij gaat een deel van de normale huidfunctie (zie figuur 1) verloren met als gevolg kans op infectie, hypothermie, vochtverlies door verdamping, verlies van sensibiliteit of hyperalgesie en verlies van elasticiteit. (DeSanti, 2005). De functies van de huid zijn: Epidermis - bescherming tegen uitdroging - bescherming tegen bacteriële invasie

- bescherming tegen toxinen - voorkomen van overmatig vochtverlies door verdamping - sensibiliteit - cosmetiek Dermis - bescherming tegen trauma - vochtbalans door regulatie bloedcirculatie van de huid - thermoregulatie door controle bloedcirculatie - groeifactoren voor herstel van de huid

Epidermis

Dermis

07

De brandwond kan worden verdeeld in 3 zones (zie figuur 1) (Jackson, 1953).

Coagulatie zone Zone van stase Hyperemie zone

Figuur 1: Zones van Jackson De meeste schade door hitte is aangebracht in de zone van coagulatie, de minste schade ondervond de zone van hyperemie, de buitenste laag die dan ook snel zal genezen. Hiertussen bevindt zich de zone van stase. De mate van herstel van dit gebied wordt beïnvloed door de capillaire occlusie die kan toenemen waarschijnlijk als gevolg van oedeem, dermale ischemie of uitdroging in de eerste 24 tot 48 uur. Foliolum Jaargang XXII Ed III


Huidaandoeningen Een goede start van de behandeling van het letstel zal dan ook gevolgen hebben voor de mate van herstel.

Koelen Het adequaat koelen van de brandwond kan verdere schade door inwerking van de hitte voorkomen en reduceert de pijn. Zodra het slachtoffer in veiligheid is gebracht, dient de eerste hulp het koelen te zijn, het liefst met zacht stromend lauw water om onderkoeling te voorkomen. Het koelen dient minimaal 10 minuten te worden gedaan zo snel mogelijk na het ongeval. Is op dat moment alleen koud water of slootwater aanwezig dan verdient dit de voorkeur boven het niet meteen koelen van de wond. Het gebruik van speciale brandwondendekens van hydrogel (de zgn. Burnshield) welke door hulpdiensten worden gebruikt is ook een mogelijkheid. Ook nu geldt dat de dekens of kompressen slechts voor korte tijd mogen worden aangebracht en alleen op het verbrande gebied vanwege hun hoog warmteonttrekkend vermogen (Baljon, 2000).

plaats binnen 7-10 dagen waarbij reëpithelialisatie plaatsvindt vanuit de niet beschadigde delen van het stratum basale. - Diep dermale brandwonden, ook wel diep 2e graads brandwond genoemd. Het aspect van de wond is nietegaal en wolkig ten gevolge van de beschadigde vaatvoorziening, de capillaire refill is dan ook matig tot afwezig. Ook is de sensibiliteit matig en geeft de patiënt weinig pijn aan. Blaren zijn afwezig bij een vochtig wondaspect. De genezing kan alleen plaatsvinden vanuit de restanten van het stratum basale die zich in de dieper gelegen huidlagen bevinden o.a. rond de haarfollikels. Dit is een proces wat langer dan 2 weken zal duren en tot een slechte kwaliteit van de huid of littekens kan leiden. - Subdermale brandwonden, ook wel volledige dikte of 3e graads brandwond genoemd. De huidlagen zijn tot op de subcutis verbrand, de sensibiliteit is afwezig en er is geen capillaire refill. De huid heeft een wit/gele tot bruin/zwarte verkleuring en voelt droog en perkamentachtig aan. Reëpithelialisatie kan alleen maar plaatsvinden vanuit de wondranden. Bij grotere wonden zal chirurgisch behandeling daarom noodzakelijk zijn.

Het oppervlak van de hand van het slachtoffer (met gesloten vingers) komt overeen met 1% van het lichaamsoppervlak.

08

Diagnostiek Een goede inventarisatie van het letsel geeft informatie over de ernst en dient als leidraad voor de juiste behandeling van de patiënt. De ernst wordt bepaald door de diepte en het oppervlak van het letstel, de lokalisatie, de leeftijd van de patiënt en bijkomend letsel.

Diepte De diepte van de verbranding wordt als volgt ingedeeld: - Epidermale brandwonden, ook wel 1e graads brandwond genoemd. Er is sprake van roodheid, een gering oedeem, pijn en het uiterlijk heeft een droog aspect. Klinisch zijn deze brandwonden niet van belang omdat ze binnen enkele dagen genezen. Een voorbeeld is een zonverbranding. - Oppervlakkig dermale brandwonden, ook wel gedeeltelijk dikte of oppervlakkig 2e graads brandwond genoemd. Er is naast de gehele epidermis een deel van de dermis aangedaan waarbij de doorbloeding intact blijft evenals haarfollikels, zweet- en talgklieren. Wel zijn de zenuwuiteinden van de huid bloot komen te liggen wat pijnlijk is. Aan de oppervlakte zien we intacte en kapotte blaren. De genezing is meestal restloos en vindt Foliolum Jaargang XXII Ed III

Figuur 3: De regel van 9

Uitgebreidheid De uitgebreidheid van de brandwond wordt uitgedrukt als het percentage Totaal Verbrand Lichaamsoppervlak (TVLO). De methode die hierbij het meest wordt toegepast is de regel van 9 volgens Wallace (zie figuur 3). Belangrijk hierbij is de aanpassing die geldt voor kinderen omdat bij hen sprake is van een andere lichaamsverhouding. Een snelle methode bij kleinere oppervlakten is het gebruikmaken van de handregel. Hierbij komt het


Huidaandoeningen oppervlak van de hand van het slachtoffer (met gesloten vingers) overeen met 1% van het lichaamsoppervlak.

Lokalisatie Bij brandwonden in het gelaat moet altijd worden gedacht aan de mogelijkheid van een inhalatietrauma, verder zijn de eventuele littekens in cosmetisch opzicht belastend voor de patiënt. Brandwonden in functioneel belangrijke gebieden zoals aan de handen en rond de gewrichten kunnen voor bewegingsbeperkingen zorgen en de patiënt in de toekomst ernstig belemmeren bij zijn zelfredzaamheid. Bij kinderen en dan in het bijzonder bij meisjes kunnen verbrandingen aan de thorax tijdens de groei problemen opleveren bij de lichaamsontwikkeling.

Brandwonden in het peri-anaal gebied leiden tot meer kans op wondinfecties. Bij circulaire brandwonden kunnen door het ontstaan van oedeem circulatiestoornissen ontstaan. Snel operatief ingrijpen waarbij door middel van incisies het gebied wordt ontlast, zal verdere schade moeten voorkomen.

Bijkomend letsel Inhalatieletsel is een ernstig bijkomend letsel. Het kan hierbij gaan om direct thermisch letsel, vaak in de bovenste luchtwegen ten gevolge van het inademen van hete lucht. Chemisch letsel ontstaat door inhalatie van toxische stoffen en tast de onderste luchtwegen aan. Inhalatie van koolmonoxide en cyanide kan een systemische intoxicatie veroorzaken (Bagby, 2005). Verder onderzoek naar inhalatieletsel moet altijd gebeuren bij een vlamverbranding in een gesloten ruimte, bij brandwonden aan het gelaat, verschroeide neusharen, roet in het sputum, heesheid, dyspneu en tachypneu.

Behandeling Bij de behandeling van ernstige verbrandingen zal gestart worden met een inventarisatie van de gehele patiënt. Hierbij wordt gebruik gemaakt van internationale richtlijnen zoals beschreven in het Emergency Management of Severe Burns (EMSB) volgens het ABCprincipe: Airway maintenance with cervical spine control, Breathing and ventilation, Circulation with haemorrhage control, Disability- neurological state, Exposure and environmental control, Fluid resuscitation (EMSB, 2003)

Bij de medicamenteuze behandeling moet gedacht worden aan adequate pijnbestrijding en het gebruik van antibiotica. De verdere behandeling van ernstige brandwonden vraagt om een deskundig multidisciplinaire teambenadering met aandacht voor o.a. de resuscitatie met behulp van speciale formules voor de juiste vochttoediening, een verantwoorde belasting van het maagdarmstelsel in een opbouwschema van eiwitrijke en calorierijke sondevoeding, mechanische beademing bij inhalatieletsel, een snelle start van de revalidatie ter beperking van contracturen en begeleiding van de patiënt en familie bij de verwerking van het trauma. Bij de medicamenteuze behandeling moet gedacht worden aan adequate pijnbestrijding en het gebruik van antibiotica waaronder Selectieve Darm Decontaminatie (SDD) (Summer et al., 2007; de La Cal et al. 2004; Manson et al., 1992).

Elektriciteitsletsel kan veroorzaakt zijn door een vlamboog of door een stroomdoorgang. Bij deze laatste worden volledig dikte brandwonden gezien bij de intrede- en uittredeplaats. De schade blijkt vaak veel verder te zijn verspreid in het niet direct zichtbare onderliggende weefsel zoals bloedvaten en sensibele zenuwen waarbij de huid nog intact is.

Risicogroepen Ouderen lopen een verhoogd risico op brandwonden vanwege beperkingen in de motoriek, een vertraagde reactiesnelheid en verminderde oplettendheid. Een belaste voorgeschiedenis met hart- en vaatziekten, diabetes mellitus of een afgenomen algemene conditie vergroten de kans op complicaties. Patiënten met een psychiatrische achtergrond kunnen brandwonden oplopen door een vertraagde reactiesnelheid ten gevolge van het gebruik van psychofarmaca, ook drugs- en alcoholmisbruik kan de reactiesnelheid beïnvloeden. Het komt ook voor dat de brandwond opzettelijk wordt veroorzaakt in de vorm van automutilatie of een tentamen suïcide.

Een 24-uurs monitoring in een strikte isolatie op een kamer met speciale temperatuurregulatie is bij de patiënt met ernstige brandwonden onontbeerlijk evenals dagelijks overleg tussen de betrokken disciplines.

Wondbehandeling Het doel van de wondbehandeling is het scheppen van omstandigheden waarin ongestoorde wondgenezing kan Foliolum Jaargang XXII Ed III

09


Huidaandoeningen plaatsvinden. Belangrijk hierbij zijn de snelheid en de kwaliteit van de genezing. De basisvoorwaarde hierbij is het voorkomen of beperken van infecties. Hygiënisch werken volgens protocollen, een schone omgeving en het gebruik van steriele materialen zijn hierbij van groot belang. De wondverzorging vindt dagelijks plaats waarbij, alvorens een nieuwe wondbedekker aan te brengen, de wonden worden gereinigd met water en een desinfecterende zeep op chloorhexidinebasis. Dit kan gebeuren met behulp van bad en/of douche.

Het genezen van de brandwonden is een proces wat niet stopt op het moment dat de wonden zijn gesloten. Conservatieve wondbehandeling. Er zijn zeer veel topicale middelen op de markt, de keuzes die worden gemaakt zijn gebaseerd op wetenschappelijk onderzoek naast best practices (Wasiak et al., 2008).

10

Een aantal veel gebruikte producten zijn: - Flammazine®, een hydrofiele crème met per gram crème 10 mg zilversulfadiazine. Zilversulfadiazine is een antimicrobieel middel met een breed werkingsspectrum op grampositieve (staphylococcus aureus) en vooral gramnegatieve micro-organismen (pseudomonas aeruginosa, aerobacter aerogens en klebsiella pneumonia). In een vochtig wondbed valt het product langzaam uiteen in zilverionen en sulfadiazine. (Flammazine wordt vooral veel in de huisartsenpraktijk en algemene ziekenhuizen gebruikt. In het Brandwondencentrum wordt de crème met name toegepast bij een chemische brandwond. - Flammacerium®, zie bovenstaand product waaraan nog 22mg cerium (III-) nitraat is toegevoegd. Hiermee wordt de vorming van een droge korst versneld wat het mogelijk maakt een eventuele operatie uit te stellen. Verder toont onderzoek aan dat Flammacerium® een remmende werking zou hebben op de toxineproductie in brandwonden en tot een afname van septische complicaties zou leiden (Allgöwer et al., 2008). - Mupirocine (Bactroban®), een bactericide antimicrobieel middel waarbij de werking berust op remming van de bacteriele eiwitsynthese. De werking geldt slechts bij gram-positieve micro-organismen zoals staphylococcus aureus (ook de meticillineresistente) en streptococcen. De aanwezigheid hiervan wordt bepaald met behulp van een wondkweek alvorens de behandeling wordt gestart. - Jelonet® paraffinegazen, Mepilex® siliconenverband, allen beschermende wondbedekkers die bij genezende wonden en/of donorplaatsen kunnen worden gebruikt.

Onder algehele narcose wordt door middel van een tangentiële excisie de necrose laagsgewijs verwijderd tot het vitale epitheel. De ontstane wond wordt bedekt met een transplantaat van gedeeltelijk dikte huid meestal genomen van een bovenbeen van de patiënt. Alvorens dit aan te brengen wordt de huid netvormig vergroot waarmee de rekbaarheid toeneemt en bloed zich niet kan ophopen onder het transplantaat. Met behulp van staples en verband wordt het transplantaat gefixeerd. Post operatief wordt de wond tussen de 5 en 7 dagen voorzichtig uitgepakt en kan het resultaat worden beoordeeld. Op de plaats waar het transplantaat is afgenomen, de zogenaamde donorplaats, bevindt zich een pijnlijke oppervlakkige wond die tussen de 10 en 14 dagen is genezen.

Een andere operatietechnieken is de avulsietechniek waarbij de necrose van het lichaamsdeel wordt getrokken wat minder bloedverlies oplevert. Redelijk nieuw is wonddebridement met behulp van de Versajet. Hierbij wordt onder hoge druk een straal fysiologisch zout gericht op het necrotisch weefsel. Met dit instrument is het mogelijk zeer zorgvuldig te werken wat de kans op beschadiging van gezond weefsel verder reduceert. Eveneens is in ontwikkeling de toepassing van dermale substituten en gekweekte keratinocyten.

Operatieve behandeling Diep dermale brandwonden over een groter oppervlak komen snel in aanmerking voor operatief ingrijpen. Echter, vaak is er sprake van een mengverbranding en in dat geval zal zeker 10 tot 14 dagen worden afgewacht wat het lichaam zelf kan herstellen Foliolum Jaargang XXII Ed III

Gevolgen van brandwonden Het genezen van de brandwonden is een proces wat niet stopt op het moment dat de wonden zijn gesloten, dit-


Huidaandoeningen

zelfde geldt voor de impact die het ongeval heeft op het leven van een patiënt en zijn omgeving.

Lichamelijke gevolgen Spontaan genezen brandwonden zullen over het algemeen weinig restverschijnselen geven. De rode verkleuring van de nieuwe huid zal langzaam verdwijnen, de huid zal weer sterker worden en de patiënt niet belemmeren in zijn activiteiten. Diep dermale brandwonden en geopereerde gebieden zullen meer littekens veroorzaken doordat belangrijke huidstructuren verloren zijn gegaan. Vooral de eerste 2 jaar wordt de patiënt gehinderd door stugge, droge littekens, jeukklachten, forse roodheid en bewegingsbeperkingen. Tot ongeveer 3 maanden na genezing kunnen deze klachten zelfs nog toenemen waarna langzamerhand verbetering optreedt. Geheel verdwijnen zullen de littekens niet. Littekenhypertrofie wordt vaak gezien bij wonden met een lange genezingstijd en bij kinderen. Ook patiënten met een donkere huidskleur hebben een verhoogd risico op hypertrofie of zelfs keloïd. Goede verzorging met vette crèmes, het dragen van drukkleding en het aanbrengen van siliconenapplicaties kan een positieve invloed hebben op de verbetering van het aspect. Contractuurvorming doet zich vooral voor in mobiele gebieden zoals rond de gewrichten (Schneider et al., 2006). Hierbij trekt het nieuwe weefsel zich samen wat leidt tot een relatief huidtekort, bewegings- en functiebeperking tot zelfs dwangstand van het gewricht. Uiteindelijk zal opnieuw een operatie nodig zijn om het huidtekort op te heffen.

Psychosociale gevolgen Het oplopen van brandwonden heeft een grote impact op zowel de patiënt als zijn omgeving (Blakeney et al., 2008). Het ongeval zelf wordt bij volle bewustzijn meegemaakt, zo ook de angst en de pijn. Vervolgens volgt een

INA BOERMA, nurse practitioner. Als verpleegkundige opgeleid in het UMCG Groningen. Vanaf 1980 werkzaam in het Brandwondencentrum van het Martini Ziekenhuis te Groningen in diverse verpleegkundige functies. In 2002 afgestudeerd als Master in Advanced Nursing Practice te Groningen. Sinds die tijd werkzaam als nurse practitioner in de klinische en poliklinische brandwondenzorg voor het verlenen van geïntegreerde verpleegkundige, medische en psychologische ondersteuning. lange en zware ziekenhuisopname, met o.a. dagelijks pijnlijke wondverzorgingen met daarbij vele onzekerheden hoe het verder zal gaan. Meer en meer ontstaat het besef dat sommige veranderingen blijvend zullen zijn. Voor ouders van de opgenomen kinderen spelen schuldgevoelens vaak een rol bij de verwerking van het ongeval. De begeleiding begint dan ook zo snel mogelijk na de opname. De ondersteuning zal na ontslag poliklinisch verder gaan; gebleken is dat patiënten die 3 maanden na het ongeval nog klachten als herbelevingen en vermijdingsangst hebben, een groter risico lopen op het ontwikkelen van een Post Traumatische Stress Syndroom (PTSS). Naast het verwerken van het ongeval zal de patiënt worden begeleid in het zo goed mogelijk hervatten van zijn eigen leven. Zo worden kinderen geholpen bij hun terugkeer naar school en volwassenen krijgen ondersteuning bij hun werkhervatting.

Met dit artikel is getracht inzicht te geven in de behandeling van brandwonden, een volledig beeld van de complexe zorg voor patiënten met brandwonden is dit echter niet. Foliolum Jaargang XXII Ed III

11


Huidaandoeningen

Zorgwijzer Brandwondencentrum Groningen Martini ziekenhuis, 2006

Een wratje voor iedereen

DeSanti L. Pathophysiology and current management of burn injury. Adv Skin Wound Care 2005; 18: 323-32

Gabriëlle Kuijper

Referenties

Jackson DM. The diagnosis of the depth of burning. Br J Surg 1953; 40: 588–596 Baljon RM. Eerste hulp en transport. In: Brand-van Tilburg RF, Baljon RM, Klasen HJ, van der Sijde KC, de Vries DHJ, redactie. Brandwondenzorg, een multidisciplinaire benadering. Maarssen: Elsevier gezondheidszorg; 2000: 71-92 Bagby SK. Acute management of facial burns. Oral Maxillofac Surg Clin North Am 2005; 17: 267-72 Education Committee of the Australian and New Zealand Burn Association. Emergency management of severe burns (EMSB) Course manual, NL versie. 2003 Summer GJ, Puntillo KA, Miaskowski C, Green PG, Levine JD. Burn injury pain: the continuing challenge. J Pain 2007; 8: 533-48

12

de La Cal MA, Cerdá E, García-Hierro P, van Saene HK, Gómez-Santos D, Negro E, Lorente JA. Survival benefit in critically ill burned patients receiving selective decontamination of the digestive tract: a randomized, placebocontrolled, double-blind trial. Ann Surg 2005; 241: 42430 Manson WL, Klasen HJ, Sauer EW, Olieman A. Selective intestinal decontamination for prevention of wound colonization in severely burned patients: a retrospective analysis. Burns 1992; 18: 98-102 Wasiak J, Cleland H, Campbell F. Dressings for superficial and partial thickness burns. Cochrane Database Syst Rev 2008:8;4:CD002106 Allgöwer M, Schoenenberger GA, Sparkes BG. Pernicious effectors in burns. Burns. 2008; 34 Suppl 1: S1-55 Schneider JC, Holavanahalli R, Helm P, Goldstein R, Kowalske K. Contractures in burn injury: defining the problem. J Burn Care Res 2006; 27:508-14 Blakeney PE, Rosenberg L, Rosenberg M, Faber AW. Psychosocial care of persons with severe burns. Burns 2008; 34: 433-40

Iedereen heeft er wel eens eentje gehad. Een wrat. Groot of klein, op een voet, teen, hand of vinger. Er komen bij de mens meerdere soorten voor en ze worden overgebracht door een virus. Wratten zijn goed te behandelen. Met tinctuur of, als ze dieper in de huid geworteld zijn, door ze te laten uitlepelen of bijvoorbeeld elektronisch. De wrat heeft als Latijnse naam: verruca (verrucae in meervoud). Doordat de hoornlaag in de opperhuid sterk verdikt is, ontstaat een bobbeltje. Deze heeft meestal een ruw oppervlak. De wratten ontstaan door een virus. Zo’n virus heet een papillomavirus, bij mensen human papillomavirus. We bespreken twee van de veel voorkomende wratten die een mens kan oplopen. De gewone, huidkleurige wratten heten verrucae vulgares. Ze komen meestal aan de handen, maar soms op de voetzolen voor. Doordat ze in de diepte kunnen groeien, kunnen ze in de voeten bij het lopen pijn geven. Deze wratten kunnen makkelijk worden opgedaan in openbare douche- en zwemgelegenheden en bijvoorbeeld tijdens de gymnastiekles op school. Het dragen van slippers en gymschoenen kan besmetting helpen voorkomen. Bij kinderen ontstaat ook wel kleine wratjes in het gezicht. Deze zijn vrij klein en plat en staan vaak in groepjes bij elkaar. Ze heten verrucae planae juveline. Deze worden vooral overgebracht via de handen; als de ‘drager’ de handen goed wast verkleint de kans op besmetting. Wratten genezen soms spontaan, maar we kunnen ze ook laten verwijderen. Er zijn zogenaamde tincturen op de markt. Vloeistoffen waarmee de wrat moet worden aangestipt. Na verloop van tijd verdwijnt hij. Vloeibare stikstof wordt ook gebruikt om de wratten snel en effectief te verwijderen. Met een scherpe lepel kan de wrat ook uit de huid geschept worden. Elektrische verwijdering komt er op neer dat het weefsel wordt weggebrand. De huisarts kan aangegeven voor welke behandeling een wrat in aanmerking kan komt. Mede vanwege de besmettelijkheid is het niet aan te raden zelf te gaan dokteren, maar een bezoekje aan de huisarts te brengen.

Afkomstig uit HUID, het Huidfonds-magazine over huid en huidaandoeningen, www.magazinehuid.nl Foliolum Jaargang XXII Ed III


De huid in de etalage Drs. G. J. Salentijn Apotheker te Appingedam

De huid is niet alleen een orgaan dat groot van omvang en belang is, het is tevens de etalage van de mens, want zichtbaar voor zijn medemens. Afwijkingen aan de huid worden over het algemeen dan ook slecht getolereerd door de drager. Dat verklaart de grote verscheidenheid aan middeltjes die worden aangeprezen om de huid mooi te maken en/of te houden. Fabrikanten en detaillisten rollen dientengevolge over elkaar heen in de strijd om de gunst van de huidminnende klant. Welke rol heeft de apotheker hierin? Zoals de huid als spiegel van de ziel wordt gezien, zo weerspiegelt de etalage de ziel van de apotheker. Laat hij zich gebruiken door fabrikanten om een grote verscheidenheid aan onbewezen claims een wetenschappelijk tintje te geven of kiest hij voor een opstelling die meer recht doet aan zijn opleiding? De in het zicht liggende huid maakt het makkelijker om afwijkingen buiten de setting van de spreekkamer van de arts aan zorgverleners zoals de apotheker te tonen. In de apotheek wordt je dan ook regelmatig geconfronteerd met patiënten die met zelfzorgvragen betreffende de huid komen. En het is dan aan de apotheker of zijn assistent om middels de WHAM-vragen het probleem van de patiënt te analyseren en op te lossen. Dit kan inhouden dat alleen leefregels worden meegegeven of dat de patiënt wordt doorverwezen naar de arts of dat voor een zelfzorggeneesmiddel wordt gekozen. Een van de aandoeningen waarmee de apotheker zo in aanraking kan komen is eczeem. Wanneer bij de analyse van de zorgvraag van de patiënt duidelijkheid over de W van de WHAM (wie betreft het?) is verkregen komt de H aan de beurt; hoe lang bestaan de klachten en wat zijn de symptomen? Eczeem, hier bedoeld in engere zin en dan ook wel constitutioneel eczeem of atopisch eczeem genoemd, maakt deel uit van het atopisch syndroom. Hierbij zie je binnen een individu en/of zijn familie eczeem, hooikoorts en astma voorkomen. Aan dit syndroom ligt een immunoglobuline-E gemedieerde afweerreactie (type-I allergie) ten grondslag. Ter voorkoming van enig misverstand, zwemmerseczeem (een schimmelinfectie), seborroïsch eczeem (een gistgerelateerde aandoening, waarvan

hoofdroos een milde verschijningsvorm is) en contacteczeem (type-IV allergie) hebben niets van doen met constitutioneel eczeem. Eczeem kenmerkt zich door jeuk, roodheid en schilfering van de huid. Daarnaast kunnen er vesikels (blaasjes, in het acute, nattende stadium), papels (knobbeltjes) en kloven (in het chronische, droge stadium) aanwezig zijn. Er zijn voorkeursplaatsen voor eczeem zoals de buigzijde van polsen, ellebogen en knieën. Echter, op jonge leeftijd (tot 4 jaar), zie je het juist aan de strekzijde van genoemde gewrichten maar b.v. ook op de wangen. In dat geval spreekt men wel van dauwworm.

13

Verdergaand met de analyse komt de A in beeld; welke acties heeft de patiënt zelf reeds ondernomen en welke adviezen kan de apotheek daarbij geven? Wanneer het eczeem onder controle is gebracht (zie hieronder), dan is het zaak om deze onder controle te houden door de huid in zo goed mogelijke conditie te houden. Hierbij speelt het vermijden van prikkels (zoals detergentia, wol, warmte) een belangrijke rol naast het voorkomen van uitdroging van de huid. Anders dan je misschien zou verwachten heeft water een uitdrogend effect op de huid. Invetten van de huid na gebruik van water (zeep liefst vermijden) is dus een belangrijk advies. De apotheek kan helpen in het maken van een keuze uit de vele indifferente (niet-farmacologisch actieve) dermatica die er te krijgen zijn. Het adagium hierbij is: nat op nat, vet op droog. Anders gezegd, hoe vochtiger de aangedane huidgebieden, des te meer water het dermaticum mag bevatten. Bij acuut nattend eczeem kan zo gebruik gemaakt worden van crèmes, in het chronische, droge stadium van watervrije zalven en bij de tussenstadia van vetcrèmes of waterhoudende zalven zoals koelzalf FNA. Foliolum Jaargang XXII Ed III


Huidaandoeningen Niet alleen de toestand van de huid speelt een rol bij de keuze van het indifferente middel, ook de verdraagbaarheid door en aanvaardbaarheid voor de patiënt. Het kan bijvoorbeeld zijn dat lanettecrème door een gebruiker slecht wordt verdragen vanwege de aanwezigheid van natriumlaurylsulfaat als emulgator in de lanettewas. En voor sommige patiënten kan het gebruik van een vette zalf beroepshalve of om cosmetische redenen niet acceptabel zijn.

Om die reden zouden alleen de FNA-preparaten in de etalage van de apotheker moeten liggen!

De kracht van de FNA-preparaten zoals de lanette- en cetomacrogol(vet)crèmes en zalven ligt in de transparante en franjeloze samenstelling ervan zodat voorschrijver, apotheker en gebruiker precies weten wat er gesmeerd wordt en welke stoffen er zonder probleem aan toegevoegd kunnen worden. Om die reden zouden alleen de FNA-preparaten in de etalage van de apotheker moeten liggen!

14

Als tenslotte de hier wat minder relevante M-vraag is afgehandeld (welke medicatie gebruikt de patiënt nog meer in verband met mogelijke interacties of negatieve invloed op de ziekte), kan de inschatting worden gemaakt of verwijzing naar een arts nodig is of dat men een zelfzorggeneesmiddel kan adviseren. Farmacologisch actieve middelen spelen een belangrijke rol bij de behandeling van eczeem in het acute stadium. Hierbij komt tevens een andere plezierige bijkomstigheid van de huid om de hoek kijken; het is toegankelijk voor lokale therapie. Dit heeft boven systemische toediening het grote voordeel dat hoge concentraties geneesmiddel in het doelorgaan kunnen worden bereikt bij lage GIJS SALENTIJN. In 1956 geboren in Amsterdam. In 1958 verhuisd naar Appingedam waar zijn vader een openbare apotheek is begonnen. Van 1974 tot 1981 farmacie gestudeerd te Groningen en daarna in dienst getreden bij zijn vader van wie hij de apotheek in 1990 heeft overgenomen. De eerste jaren tevens informatica gestudeerd en in de praktijk gebracht middels het opzetten van een eigen apotheekinformatiesysteem. Zijn belangstelling voor farmacotherapie leidde onder andere tot betrokkenheid bij het Groninger Formularium. De laatste jaren heeft hij een aantal colleges gegeven over de farmacotherapie van onder andere huidaandoeningen. Foliolum Jaargang XXII Ed III

systemische blootstelling. Hoeksteen in de behandeling van eczeem zijn de bijnierschorshormonen. Lokaal toegepaste corticosteroïden zijn door hun ontstekingremmend en jeukstillend effect bij uitstek geschikt voor de behandeling van eczeem en dermate effectief dat veelal niet voor de sterkste werkingsklassen gekozen hoeft te worden. Vaak volstaan de klassen I (hydrocortison) en II (triamcinolonacetonide), soms is klasse III (betamethason) of IV (clobetasol) nodig. De bijnierschorshormonen vallen onder het UR-regime (uitsluitend recept). Dit zal te wijten zijn aan de soms ernstige neveneffecten die deze middelen, ook bij lokale toepassing, kunnen hebben. Naast irreversibele bijwerkingen zoals huidatrofie (dunnere huid) en striae (huidstriemen) moet ook rekening gehouden worden met systemische effecten, vooral bij toepassing van hogere sterkteklassen op grote huidoppervlakten. Door deze bijwerkingen staan de 'hormoonzalven' helaas bij het publiek in een kwaad daglicht waardoor soms onnodig toevlucht wordt gezocht tot nieuwere middelen, zoals tacrolimus en pimecrolimus, afweeronderdrukkende stoffen waarvan de veiligheid nog niet vaststaat. Wanneer dermale corticosteroïden op de juiste manier toegepast worden zijn het echter zeer effectieve middelen met nauwelijks kans op ernstige bijwerkingen. Zoals gezegd, hoeksteen in de behandeling van acuut eczeem zijn geneesmiddelen die uitsluitend op recept afgeleverd kunnen worden. Alleen al hierom dient dus bij vermoeden van eczeem de patiënt te worden doorverwezen naar de arts. Maar uit het voorgaande blijkt tevens dat de apotheek een belangrijke rol kan spelen bij de begeleiding van de eczeempatiënt, zowel bij de keuze van de indifferente crèmes en zalven als bij eerste- en vervolguitgifte van de dermale bijnierschorshormonen. Bij eerste uitgifte zou gekozen kunnen worden voor het wegnemen van eventueel bestaande hormonenangst (steroïdfobie) bij (de ouders) van de patiënt door er op te wijzen dat bij juist gebruik geen ernstige en irreversibele bijwerkingen te verwachten zijn. Bij vervolguitgifte kan, indien nodig, de aandacht gevestigd worden op de juiste toepassing bij chronisch gebruik; dat wil zeggen bij terugkomen van het eczeem starten met smeren van het steroïd en vervolgens weer afbouwen bij verbetering. In de rustige fase dient de huid dan in goede conditie gehouden te worden met een indifferente vetcrème of zalf, waarbij de apotheek kan helpen bij het maken van een geschikte keuze. Wanneer het eczeem dusdanig vaak terugkomt dat onderhoudsbehandeling met dermale bijnierschorshormonen nodig is, dient het belang van intermitterend gebruik ervan, dat wil zeggen twee tot vier achtereenvolgende dagen per week, duidelijk gemaakt te worden aan de patiënt. Conclusie: de begeleiding van de patiënt bij een huidziekte als eczeem biedt de apotheker een uitgelezen kans zichzélf als zorgverlener in de etalage te zetten.


Infectieziekten bij kinderen Niet gevaarlijk, wel vervelend Petra Wolthuis

In een ver verleden zorgden infectieziekten voor dood en verderf; de pest, pokken, tyfus, tering –om er maar een paar te noemen-, kostten heel wat (kinder)levens. En als mensen het overleefden dan hadden de infecties vaak ernstige lichamelijke verminkingen tot gevolg. Voor de omgeving was de enige plausibele uitleg dat hier sprake was van de meedogenloze toorn van God. Anno 2002 is bekend dat virussen, bacteriën en schimmels de ware boosdoeners zijn en weten we hoe deze infiltranten het beste bestreden kunnen worden. Namelijk met antibiotica, preventieve vaccinaties en niet te vergeten verbeterde hygiëne. Dit alles heeft ertoe bijgedragen dat gevaarlijke infectie-epidemieën nog maar zelden voorkomen. En als er af en toe nog epidemieën plaatsvinden, dan zijn de gevolgen minder desastreus. Bacteriën horen bij het leven en zijner nog steeds; in en op ons lichaam, dieren, planten en voorwerpen. Veel ‘goede’ bacteriën in ons lichaam vervullen daar belangrijke taken, zoals de vertering van voedsel. De ‘foute’ bacteriën wachten geduldig buiten, bijvoorbeeld in bedorven voedsel of op vieze handen, op een ontmoeting met een lichaam om daar voor problemen te zorgen. Een virus is niet in staat zelfstandig in leven te blijven en heeft daarvoor een gastheer nodig. Dat kan een mens, plant of dier zijn. En dan zijn er nog de plantaardige schimmels, die via sporen van de ene plek naar de andere overgaan. Alle drie de indringers veroorzaken uiteenlopende infecties en klachten. Vooral kinderen zijn kwetsbaar voor infecties omdat zij in hun jonge leventje nog weinig bescherming opgebouwd hebben.

Wat is wat?

B

acterie: een micro-organisme dat overal aanwezig is en een belangrijke rol speelt, onder andere bij de stofwisseling. Er zijn onder andere bolvormige, staafvormige en spiraalvormige bacteriën. Een bacterie leeft zelfstanding en heeft geen gastheer nodig. Bacteriën kunnen met antibiotica bestreden worden.

V

irus betekent letterlijk vergif. Een virus heeft een ‘gastheer’ nodig om te overleven. Die gastheer kan een mens, dier of plant zijn. In tegenstelling tot een bacterie is een virus moeilijk te bestreiden. Bekende virussen zijn herpesvirussen (koortslip, waterpokken) en papillomavirussen (wratjes).

S

chimmels zijn plantaardige micro-organismen, bestaande uit een net van schimmeldraden waarop sporen worden gevormd. Door deze sporen verspreiden de schimmels zich.

Als een kind een wratje heeft en daaraan zit te peuteren, dan krijgt hij het virus aan zijn vinger. Als dan ergens op de hand van dat kind een wondje zit, besmet hij zichzelf opnieuw. En natuurlijk kan hij op deze manier ook anderen door aanraking besmetten. Voor de verspreiding van een virus zijn maar minuscule wondjes nodig. Een wrat is in principe een onschuldige huidaandoening, maar soms komen er kinderen hier die over hun hele lichaam wratten hebben en dat kan heel vervelend zijn. Bovendien kan een kind door al die wratten door klasgenoten worden gepest.’

Besmetting

Dr. J. H. Sillevis Smitt, werkzaam als dermatoloog in het Academisch Medisch Centrum (AMC) in Amsterdam en gespecialiseerd in kinderaandoeningen, ziet nog maar zelden waterpokken, mazelen en roodvonk in zijn behandelruimte, omdat deze bekende infecties door de huisarts afdoende worden behandeld. Pas als een arts twijfelt over een bepaalde huiduitslag wordt de dermatoloog ingeschakeld. ‘Tegenwoordig zijn de meest voorkomende infectieziekten bij Nederlandse kinderen de gewone bloemkoolwratjes. Die worden heel eenvoudig via een virus verspreid.

Een andere, veelvoorkomende virale huidaandoening bij kinderen is de koortslip die ontstaat door het herpessimplexvirus. De naam zegt het al, boven de lip ontstaat een jeukend blaasje dat na verloop van tijd vanzelf weer Foliolum Jaargang XXII Ed III

15


Huidaandoeningen verdwijnt. Volgens Sillevis Smitt ongevaarlijk, maar toch adviseert hij ouders alert te blijven. ‘Bij kleine kinderen moet je als ouder opletten of er blaartjes in de mond zitten omdat daardoor het eten en drinken te pijnlijk wordt voor het kind.’ Als je eenmaal besmet bent door een virus, blijft dat virus in het lichaam bestaan. Zalf en pillen kunnen de gevolgen van het opnieuw naar buiten komen van het virus verminderen. Niet alleen virussen zorgen voor vervelende infecties, ook bacteriën kunnen er wat van. Dermatoloog Sillevis Smitt noemt de huidaandoeningen krentenbaard als een veelvoorkomende besmettelijke bacteriële infectie. Krentenbaard is een uitslag met blaasjes op de huid, vooral rond de neus, die opdrogen en veranderen in korstjes. ‘Op crèches zie je deze huidaandoening veel bij kinderen. Antibiotica helpen goed. Als het slechts kleine plekjes zijn, kan het inwrijven van zinkolie verlichting bieden.’ Infecties door schimmels komen minder vaak voor. Schimmels voelen zich het prettigst in een vochtige omgeving. Sillevis Smitt: ‘Hoofdschimmel kan gemakkelijk via mutsen, kammen of sjaals worden verspreid worden en is zeer besmettelijk. De haarschimmels veroorzaken een vettige schilferige huid en kale plekken tussen het hoofdhaar. Als de schimmel niet wordt behandeld, blijven de haren voorgoed weg. Voetschimmels zie je maar sporadisch bij jonge kinderen. Waarom dat zo is, is niet helemaal bekend. Gedacht wordt dat kinderen vaak op blote voeten lopen waardoor de voeten droog blijven.’

16

Bekende huidinfecties bij kinderen zijn onder andere: Bolhoedwratjes

Een bij kinderen veel voorkomende virusinfectieziekte. Dit virus is het broertje van de pokkenvirus en uit zich in een glazig bolletje met witte deukjes. Het virus is zeer besmettelijk

Krentenbaard

Een bacterie veroorzaakt uit huidontsteking in het gezicht (vooral rond de neus) en op de rug van handen en armen. Er vormen zich puisten en blaasjes die later indrogen. Vervolgens ontstaan er korsten die er na een aantal dagen afvallen.

Koortslip

De koortslip wordt veroorzaakt door het herpes-simplexvirus. Huiduitslag rond de lippen, bestaande uit kleine met helder vocht gevulde blaasjes. De koortslip wordt veroorzaakt door het herpes-simplexvirus. Ongeveer negentig procent van de mensen draagt het virus bij zich. Het virus wordt geactiveerd door veel zonlicht, koorts en een verminderde afweer.

Foliolum Jaargang XXII Ed III

Verdraagzaamheid

Over het algemeen kunnen kinderen goed tegen de meeste infectieziekten. Volgens de dermatoloog zijn de meeste huidinfecties zo ongevaarlijk dat onder normale omstandigheden de geïnfecteerde kinderen gewoon naar school mogen. Twee jaar geleden zijn hierover richtlijnen opgesteld door het Landelijk Overleg Infectieziektebestrijding. Uitgangspunt was dat het tot de normale ontwikkeling van een kind behoort om een aantal infectieziekten door te maken. Alleen in het geval van open tbc, bloederige diarree en hepatitis A wordt als advies gegeven het kind niet naar school te laten gaan. ‘Daarbij is het belangrijk dat docenten op de hoogte zijn van de infecties van de kinderen. Want voor klasgenootjes hoeft er geen gevaar te bestaan, voor bepaalde volwassenen wel degelijk. Bijvoorbeeld bij zwangere vrouwen kunnen infecties levensgevaarlijk zijn voor het ongeboren kind. Met name rodehond en de vijfde ziekte. Ook kinderen met een verzwakte afweer (door bijvoorbeeld leukemie, kanker of aids) zijn extra kwetsbaar voor infectieziektes. Bij kinderen met eczeem kan een infectie ernstige gevolgen hebben. Een herpesvirus kan razendsnel een huiduitslag geven op plaatsen waar het eczeem zit. Dat is een zeer pijnlijke ervaring.’ Maar bovengenoemde voorbeelden zijn uitzonderingen. Bij de meeste scholen en crèches ontstaat om de zoveel tijd een kleine plaag van de waterpokken en worden kinderen even ziek waarna ze er voor de rest van hun leven immuun voor zijn. ‘En dat heeft als voordeel dat zij op latere leeftijd die ziekte niet meer krijgen. Want als je op latere leeftijd ziek wordt door een kinderziekte is het pijnlijker en duurt de genezing langer. Dus je kunt een infectieziekte beter als kind gehad hebben, dan ben je er ook voorgoed vanaf.’ Wanneer er plotseling een huidafwijking optreedt, is het overigens wel raadzaam om een huisarts te raadplegen. Rond 1900 gaven artsen een nummer aan verschillende vormen van huiduitslag. De mazelen werd de eerste ziekte genoemd, roodvonk de tweede, rodehond de derde en een combinatie van aandoeningen werd per ongeluk als nieuwe ziekte gezien en werd vierde ziekte genoemd. Een ziektebeeld veroorzaakt door het parvovirus werd de vijfde ziekte genoemd. Een ziektebeeld door een herpesvirus, anders dan het herpesvirus dat de waterpokken en een koortslip veroorzaakt, werd de zesde ziekte genoemd

De verschillende ziekten

Gordelroos De veroorzaker is een virus, verwant aan het waterpokkenvirus. De huiduitslag verschijnt vooral rond borstkas, schouder, heup en gezicht en is zeer pijnlijk.


Huidaandoeningen Rodehond Dit betreft een besmettelijke virusaandoening. Bij rodehond komen rode vlekken, koorts en lymfeklierzwellingen voor. Besmetting in de eerste vier maanden van de zwangerschap kan bij een niet immune moeder tot een afwijking van de ongeboren vrucht leiden.

Roodvonk of scharlakenkoorts Zeer besmettelijk ziekte die meestal voorkomt bij kinderen tussen de twee en tien jaar. Veroorzaker is de streptokokken bacterie. Uitingsvormen zijn huiduitslag (in elkaar vloeiende rode vlekken) in de nek, op de borst, onder de oksels, bij de ellebogen, in de liezen en aan de binnenkant van de dijbenen. De huid voelt aan als schuurpapier. Andere kenmerken: rode tong en koorts. Na vier dagen verbleekt de huiduitslag en neemt de koorts af. De huid gaat vervolgens vervellen.

Wond- of belroos Acute besmettelijke huidziekte, veroorzaakt door infectie van een wondje met bacteriĂŤn (streptokokken). Gevolg: hoge koorts, knalrood en gezwollen gebied. Wond- of belroos komt maar zelden voor. Mazelen Besmettelijk virus met huiduitslag over het lichaam, koorts en bronchitis tot gevolg. Daartegen worden kinderen ingeĂŤnt en komt de ziekte nog maar zelden voor. Vijfde ziekte Deze ziekte wordt veroorzaakt door een parvovirus en uit zich in rode, jeukende uitslag over gezicht en lichaam. Daarnaast grieperige verschijnselen. Na een week verdwijnen de klachten vanzelf. Bij kinderen zijn er weinig gevolgen. Bij volwassenen, die nog nooit eerder in aanraking kwamen met dit virus, zijn de gevolgen ernstiger; pijnlijke rode huiduitslag en gezwollen gewrichten. Ook voor de ongeboren vrucht heeft de vijfde ziekte ernstige gevolgen met mogelijk een spontane abortus tot gevolg

17

Waterpokken Waterpokken worden door een virus veroorzaakt dat behoort tot de groep van het herpesvirus. Besmettelijke en veelvoorkomende kinderziekte. Na infectie ontstaan er over het hele lichaam jeukende, met vocht gevulde blaasjes. Na een paar weken verdwijnen de blaasjes vanzelf weer.

Zesde ziekte De zesde ziekte wordt veroorzaakt door een herpesvirus en komt vrijwel uitsluitend voor bij kinderen van een half tot drie jaar. Het kind heeft ongeveer drie dagen koorts. Als de koorts afneemt ontstaan rode vlekjes op de romp, uitbreidend naar de nek, armen en benen.

Afkomstig uit HUID, het Huidfonds-magazine over huid en huidaandoeningen, www.magazinehuid.nl Foliolum Jaargang XXII Ed III


Patiëntverhaal Huidallergie

Augustus 2006 kreeg ik een plekje net onder mijn mondhoek. Een koortslip zei iedereen, dus smeerde ik een aantal dagen met een koortslipcrème. Maar het plekje werd erger en groter, dus besloot ik een bezoek te brengen aan de huisarts. De huisarts keek ernaar en zei: “dat is gewoon een koortslip, dit gaat vanzelf over”. Op dat moment dacht ik nog:”hoe kom ik daar aan? Een koortslip is toch iets wat je krijgt van iemand anders. Het is het herpes virus ofzo? Hoe kom ik daar dan aan?”. Maar ja, ik ben geen arts, dus ik nam het aan.

18

Deze keer kreeg ik een verwijzing voor de afdeling dermatologie. Inmiddels was het al begin halverwege september, een maand lang liep ik al met een gekke plek op mijn kin rond. Bij dermatologie werd er uitgebreid naar gekeken, de conclusie eczeem werd getrokken en ik kreeg een zalfje voorgeschreven: Hydrocortison 1% Fusidinezuur 2%. Dat leek te helpen, want de plek op mijn gezicht werd wat minder. Maar een week later zijn er ineens ook beginnende plekken op mijn armen, en benen. Terug naar dermatologie. Opnieuw wordt alles bekeken en er wordt een andere zalf voorgeschreven, namelijk unguentum triamcinoloni. Deze is voor de ontstane plekken op armen en benen. Beide zalven helpen, maar dan moet ik de crèmes wel blijven gebruiken. Er ontstaan echter op nog meer plaatsen eczeemplekken, op mijn buik, rug, billen en schaamstreek, alleen mijn onderbenen blijven gespaard. De nieuwe plekken zijn ook nattend en rauw. Hierdoor heb ik moeite met slapen. Ik kan geen houding vinden om te slapen, te liggen, want ik lig hoe dan ook op open wonden. Na een aantal weken smeren met de voorgeschreven zalfjes is het eczeem onder controle. De zalfjes zijn inmiddels aangevuld met Elocon en oogzalf om de huid wat soepeler te houden. Ook krijg ik een emulsie voor onder de douche op basis van soja olie.

Een week later was het plekje uitgegroeid tot een plek van een paar centimeter en was het nattig, dus ik besloot terug te gaan naar de huisarts. Deze keer zei de huisarts dat het wel op krentenbaard leek. Ik moest smeren met zinkzalf, zodat het wat uit zou drogen. Dat bleek niet te helpen, de plek werd nog groter, nu besloeg het mijn hele kin. Het zag er vies en nattend uit, dus keerde ik een aantal dagen later terug naar de huisarts.

Ik vraag bij dermatologie om een allergietest, want het moet toch ergens van komen. Eind november wordt de eerste test gedaan. Op de eerste dag wordt er een raster uitgezet op mijn rug, met een stift, in elk vierkantje komt een druppel met een allergeen. Hier overheen worden pleisters geplakt. Het geheel moet zo drie dagen blijven zitten en mag niet nat worden, ik mag me dus niet douchen! Bah. Na drie dagen worden de pleisters verwijderd en wordt er gekeken naar een eerste reactie. Nog een dag later moet ik weer naar dermatologie, zodat ze voor de laatste keer kunnen kijken. Één van de allergenen heeft een reactie gegeven. Het allergeen is Fragrance mix II. Er wordt besloten om de ingrediënten van Fragrance Mix II afzonderlijk nog een keer te testen. Dit gebeurt in januari 2007. Weer een raster, weer druppels met allergenen, weer drie dagen wachten. Uit de tweede test komt: coumarine. Coumarine? In het volgende consult word duidelijk wat coumarine is: coumarine is een bestanddeel van vele producten. Onder andere in deodorants, acne-preparaten, anti-schimmelpreparaten, zeep, zonnebrandcrème

Foliolum Jaargang XXII Ed III


Huidaandoeningen en cosmetica. Coumarine kan eigenlijk in alles zitten wat een geurtje heeft. Dit betekent dat ik verpakkingen van schoonheidsproducten, maar ook van bijvoorbeeld van etenswaren goed moet controleren op de coumarinederivaten, zoals bijvoorbeeld limethin. Dit komt van nature voor in bergamotolie, lavendel, zoethout, aardbeien, abrikozen, kersen, kaneel en bonen. Nou daar ben ik mooi klaar mee. Het is dus een bedreiging van twee kanten: van buiten af en van binnen uit.

Nu is het eind 2008. Het gaat redelijk goed. Mijn huid is wel erg droog, dus ik gebruik de emulsie op basis van soja olie nog steeds, net zoals de oogzalf. Nog steeds komt het zo af en toe opzetten. Maar ik weet waar ik op moet letten: de huid gaat wat prikkelen rond mijn mond, of ik krijg een droog plekje ergens wat een beetje jeukt. Dit betekent gelijk een aantal dagen smeren. Als weer ik een plekje krijg op mijn benen of armen smeer ik unguentum triamcinoloni. Komt de eczeem op mijn gezicht of op andere plek met dunne huid, bijvoorbeeld de nek of polsen, dan smeer ik de Elocon. Ook als ik ergens geweest ben waar veel parfum gedragen word, of een luchtverfrisser staat moet ik opletten. Evenals met de geur en aanraking van schoonmaakmiddelen. Handschoenen zijn standaard geworden bij alles, schoonmaken, afwassen, de auto wassen. Maar als ik te lang in een afgesloten badkamer bezig ben met schoonmaken en dus veel van de lucht van de schoonmaakmiddelen binnen krijg, dan reageer ik daar ook op. Het is dus altijd oppassen geblazen.

De vraag rees bij mij: waarom ben ik nu dan ineens zo allergisch voor coumarinederivaten? Ik ben daarvoor gaan kijken naar het verschil tussen mijn heden en mijn verleden. De jaren voordat mijn eczeem zich openbaarde waren moeilijke jaren, met veel emoties, veel stress en veel spanningen.

Ik lees al twee jaar trouw alle etiketten: van bodylotions en tandpasta's tot levensmiddelen. Dat scheelt enorm. Als ik niet zeker weet of ik een zalf of lotion kan gebruiken, vraag ik bij de apotheek of ze er voor mij even naar willen kijken. De apotheker is daarin zeer bereidwillig. Maar het gaat soms nog fout. Dan ben ik te lang in de buurt van iemand geweest die een parfum droeg waar ik op reageer. Of zat er toch nog ergens iets in waar ik niet tegen kan, de etiketten zijn niet altijd even volledig.

Ik woonde toen op een verbouwde boerderij, erg buitenaf. Ik was erg milieubewust bezig, gebruikte geen agressieve schoonmaakmiddelen, maakte gebruik van eco-producten. en droeg geen of weinig make-up. In 2005 verhuisde ik alleen naar de stad. De kinderen waren allen in het half jaar erv贸贸r het huis uit gegaan, de relatie was be毛indigd. Ik kreeg tijd om over dingen na te denken. Verdriet van jaren moest worden verwerkt. Mijn hele leven veranderde in korte tijd. Ik ging werken voor een schoonmaakbedrijf, ging in de avonduren kantoren schoonmaken. Hierdoor werd ik blootgesteld aan agressieve schoonmaakmiddelen. Het eten werd gekocht in de supermarkt en niet meer zelf verbouwd.

Dat leek te helpen, want de plek op mijn gezicht werd wat minder. Maar een week later zijn er ineens ook beginnende plekken op mijn armen, en benen. Het is een optelsom geweest, denk ik. In verhouding een overdosis, niet alleen van stress en emoties, maar ook de blootstelling aan producten die voor de verhuizing niet gebruikt werden. Dit zijn de producten zoals schoonmaakmiddelen, zeep en voedsel in een verpakking met de nodige toevoegingen. Foliolum Jaargang XXII Ed III

19


FinanciÍle expertise vind je bij veel banken. Diepgaande kennis van de sector niet. Wat zijn je carrièremogelijkheden? Wil je in loondienst, een apotheek overnemen of juist een eigen zaak te beginnen? Wanneer je klaar bent met je studie en start als jonge apotheker in de registratiefase, kun je tegen allerlei vragen aanlopen. Kom dan eens praten met onze financieel experts, want bij CenE Bankiers hebben we niet alleen verstand van je portemonnee. Wij kunnen ook adviseren over andere aspecten die komen kijken bij de start van een glanzende farmaceutische loopbaan. Omdat we precies weten wat er in jouw wereld speelt. Wil je meer weten, bel dan Hein van Weeren, telefoon (030) 659 90 30 of kijk op www.cenebankiers.nl.

VOOR PROFESSIONALS IN DE MEDISCHE SECTOR


Promovendus FWN

Profiling of soluble and membrane-bound metalloproteinases: a targetted proteomics approach

Datum: 19 december 2008 Promotie: T. Klein, 13.15 uur, Academiegebouw, Broerstraat 5, Groningen Proefschrift: Profiling of soluble and membrane-bound metalloproteinases: a targetted proteomics approach Promotor(s): prof.dr. R. Bischoff, prof.dr. H.T. Kauffman Faculteit: Wiskunde en Natuurwetenschappen Activiteitsafhankelijke proteomicstechnieken Promovendus Theo Klein deed onderzoek naar de eiwitten MMP en ADAMs, die in menselijke weefselcellen voorkomen. Deze eiwitten kunnen in de toekomst wellicht van diagnostisch belang worden in de vroege opsporing van ziekten. Klein ontwikkelde nieuwe methoden voor selectieve analyse van actieve MMPs en ADAMs. Om dit te bereiken gebruikte hij activiteitsafhankelijke proteomicstechnieken die gebaseerd zijn op de interactie tussen synthetische enzymremmers en de actieve proteinases. Metzincins zijn zink (II) afhankelijke metalloproteinases die een belangrijke rol spelen in de regulatie van extracellulaire matrix (ECM). Bekende leden van deze familie zijn de matrix metalloproteases (MMPs) en “a disintegrin and metalloproteases” (ADAMs). Disregulatie van de proteolytische activiteit van deze enzymen kan leiden tot een ongecontroleerde afbraak van ECM eiwitten en excessieve vrijgifte van cytokines, chemokines en groeifactoren, wat kan leiden tot ontwikkeling van diverse inflammatoire ziektebeelden zoals artritis, pathologische remodelling van weefsels zoals in hartfalen en astma en invasie en metastasering van tumoren. Traditionele analysetechnieken zoals PCR of histochemische eiwitbepalingen geven alleen een beeld van de totale hoeveelheid eiwit die in een weefsel of monster aanwezig is, maar kunnen niet aantonen of de eiwitten functioneel zijn of in een inactieve vorm. Zeker bij analyse van (proteolytische) enzymen geeft dit een ernstige beperking van de diagnostische waarde, aangezien juist de aanwezigheid van functioneel, proteolytisch actief eiwit een indicatie is voor ontwikkeling van een ziekte. Dit proefschrift beschrijft de ontwikkeling van nieuwe methodologie voor selectieve analyse van actieve MMPs en ADAMs. Om dit te bereiken worden activiteitsafhankelijke proteomics technieken gebruikt die gebaseerd zijn op de interactie tussen synthetische enzymremmers en de actieve proteinases. Binnen dit project zijn probes ontwikkeld en geëvalueerd die selectief actieve MMPs en ADAMs kunnen labelen in een biologisch monster en gebruikt kunnen worden voor de visualisering van actief proteinase. Verder zijn reversibele remmers geïmmobiliseerd en gebruikt als ligand materiaal voor de selectieve verrijking van actieve proteinases uit biologische monsters. Deze techniek is geautomatiseerd door het materiaal te gebruiken in een platform voor automatische solid phase extractie. Dit platform is gekoppeld aan een HPLC-chip en massaspectrometer wat resulteerde in een volledig automatisch analyse systeem dat MMPs zeer gevoelig kan meten en identificeren (sub-nanomolair voor MMP-12 in urine). Theo Klein (Staphorst, 1978) studeerde farmacie aan de Rijksuniversiteit Groningen en deed zijn promotieonderzoek bij afdeling Analytische biochemie, onderzoekschool GUIDE. Het werd gefinancierd door de Stichting Technologie en Wetenschap STW. Momenteel werkt Klein als wetenschappelijk medewerker bij Brains Online in Groningen.

Foliolum Jaargang XXII Ed III

21


Afgestudeerd December

DE AFGELOPEN TIJD IS HET VOLGENDE LID VAN PHARMACIAE SACRUM AFGESTUDEERD: DECEMBER T. Kanis onderzoeksproject Farmaceutische zorg

Van harte gefeliciteerd met het behalen van jouw bul!

22

Evaluatie cursussen

Vervolg Evaluaties 2007 – 2008 Biostatistiek 2007 – 2008 De cursus wordt als zwaar ervaren (brief 2).

Humane Fysiologie juni / juli 2008 De studenten hadden over het algemeen een positieve waardering voor de cursus. Een groot deel (79%) van de respondenten had behoefte aan een oefententamen (brief 1).

Farmaceutische Microbiologie maart 2008 Een prima cursus, goede docenten, de studenten zijn erg enthousiast (brief 1).

Foliolum Jaargang XXII Ed III


Facultair

Evaluaties 2008 – 2009 Communicatie september 2008 Inhoudelijk en qua opzet een goede cursus, de verbetering zou zich nog kunnen richten op het dictaat (brief 1).

Ethiek en Regelgeving, september 2008 De studenten zijn met name ontevreden over de samenhang van de leerstof, de aansluiting van de colleges onderling en de onduidelijkheid omtrent de normering van het tentamen. De algehele coĂśrdinatie van de cursus laat te wensen over. De cursus wordt niet als zwaar ervaren (brief 2 + aandacht opzet cursus).

Farmaceutische Biologie en Fytotherapie, sept. / okt. 2008 Men is ontevreden over het feit dat er geen toetsing plaatsvindt door middel van een tentamen, presentatie of werkstuk. Verder is er kritiek op de plaats in het programma en het ontbreken van aansluiting met de Nederlandse beroepspraktijk. Er worden suggesties gedaan voor verbetering (brief 2 + aanbeveling aandacht te besteden voor Nederlandse situatie en suggestie om studenten een opdracht te geven).

Farmaceutische Analyse C, okt. / nov. 2008 Over het algemeen zijn de respondenten positief over de cusus. De practicumhandleiding zou verbeterd moeten worden. De eisen die worden gesteld aan de verslagen zijn niet duidelijk genoeg en aan het nabespreken van de verslagen lijkt meer behoefte (brief 1 + aandacht voor practicumhandleiding en eisen voor verslagen).

Celbiologie / Biochemie september 2008 De studenten zijn, net als in 2007/2008, positief over de cursus en de docenten. Er is wel behoefte aan een betere voorbereiding op het tentamen, bijvoorbeeld meer oefenvragen die representatief zijn voor het tentamen. De normering van het tentamen is niet geheel duidelijk voor de studenten (brief 1).

23

Foliolum Jaargang XXII Ed III


STOF met OC Informatiebijeenkomst STOF R. Kollen, L. Tanke, P. Oomen

In dit derde nummer kan gemeld worden dat de in het vorige stuk aangekondigde informatiebijeenkomst, georganiseerd door het STOF, reeds geweest is. Op 12 januari is in de Keuningzaal door een panel van medewerkers van de opleiding een groot aantal vragen van de studenten beantwoord. De opkomst was hoog en ook door de docenten en medewerkers werd het als een nuttige middag ervaren. Hieronder volgt een kort overzicht van de onderwerpen die besproken zijn:

24 75

Tentamenregeling: Er zijn veel klachten geweest omtrent de roostering van de tentamens van BioOrganische Chemie en Centraal Zenuwstelsel. In de informatiebijeenkomst is dit aan bod gekomen en is toegezegd dat naar dit geval gekeken gaat worden. Benadrukt werd echter wel dat de tentamens uit de verschillende jaargangen in principe los van elkaar geroosterd worden. Hierdoor is het mogelijk dat dergelijke situaties blijven voorkomen. Een ander geval is de gelijktijdige roostering van de hertentamens voor Farmaceutische Genetica & Immunologie en Tractus Circulatorius voor het derde jaar. Dit zijn wél vakken uit hetzelfde jaar, en een student die beide vakken moet herkansen, zou in principe hierdoor maar één tentamenkans hebben, hetgeen in strijd is met de tweekansenregeling. Er is beloofd dat hiernaar gekeken gaat worden. Algemene Farmacotherapie: Er is gemeld dat de aprilherkansingen niet meetellen voor de ingangseisen van Algemene Farmacotherapie. De reden hiervoor is dat een maand van te voren bekend moet zijn of een student die zich heeft ingeschreven voor een vak voldoet aan de ingangseisen. Indien het voor jou niet mogelijk is om hierdoor – of om een andere reden – het vak in het voorjaar te lopen, werd door de opleiding aangeraden het vak in september/oktober te volgen. In het voorjaar kun je dan bijvoorbeeld een keuzevak doen of beginnen met je onderzoek. Capaciteitsproblemen: De laatste tijd spelen capaciteitsproblemen een grote rol. Op de informatiebijeenkomst is dit dan ook uitgebreid aan bod geweest. Prof. dr. Haisma heeft een duidelijke boodschap afgegeven: studenten die nominaal studeren hebben recht op een normaal studeerbaar programma. Dit houdt in dat in het geval van overinschriFoliolum Jaargang XXII Ed III

jving op een vak, nominaal studerende studenten voorrang hebben op recidivisten. Bij geldige redenen kan hier uiteraard van afgeweken worden. Hiervoor dient uiteraard overleg te worden gevoerd via het Bureau Onderwijs. Naast de gevolgen van capaciteitsproblemen, kwamen ook de nodige potentiële oplossingen ter sprake. De numerus fixus is hiervan een voorbeeld. De opleiding staat hier in principe niet onwelwillend tegenover, maar voorlopig wordt een loting nog niet ingevoerd. Een andere oplossing zou het uitwijken van colleges en practica naar de avond zijn. Naast de logistieke problemen die dit met zich meebrengt, is de opleiding hier geen voorstander van. Zij proberen de capaciteitsproblemen in eerste instantie op te lossen door efficiënt in blokken te roosteren. Avondtentamens worden al wel afgenomen. Invulling van het zesde jaar: Naar aanleiding van de evaluatie van het hele zesde jaar onder de studenten is een ontwikkelteam samengesteld dat het programma hiervan meer op de wensen van de studenten af zal gaan stemmen. Een uitgebreid verslag zal binnenkort op de STOF-site te lezen zijn. Indien jullie verdere vragen/opmerkingen hebben, al dan niet naar aanleiding van dit stuk, kunnen jullie in eerste instantie naar het STOF. Het STOF zal zo nodig de vragen/opmerkingen doorspelen naar de Opleidingscommissie.

Ten tijde van schrijven heeft de OC geen belangrijke medelingen aan de studenten farmacie te doen.


Mede mogelijke gemaakt door... Practicumbeheer Farmacie

Ook Practicumbeheer Farmacie is gevraagd om een stuk te schrijven voor het Foliolum. Dit buitengewone gezelschap (maar wel enthousiast) staat elke dag opnieuw klaar voor …hoofdzakelijk studenten Levenswetenschappen en docenten. Wij zorgen er voor dat jullie practica soepel verlopen, van A tot Z. En dat je je in ieder geval, in die tijd, WELKOM voelt bij ons op de zalen. Het team van practicumbeheer bestaat uit 5 leden. Jan Bosman: - voormalig analist en sinds oktober 2008, nieuw in ons team. Hij zorgt voor de administratie van apparatuur en springt bij met softwarematige problemen in samenwerking met Erwin. Verder is Jan de grootste (en zwaarste) van ons allemaal, maar erg behulpzaam. Dat is wel zo fijn. De volgende Jan, in dit team is: Jan Drent: - hij zegt specialist te zijn in chemicaliën en doet de daarbij behorende registratie. En wij geloven dat. Verder zorgt hij voor de ondersteuning voor de vakken: Recepteerkunde en Geneesmiddel Productie en Onderzoek. En dat doet hij ook... dat zien wij wel. En... de laatste Jan van dit gezelschap…is: Jan Ettema: - hij werkt veel voor de basiseenheid Farmaceutische Technologie en Biofarmacie, met het bijpassende practicum, Geneesmiddelenvormen en Biofarmacie. Verder is hij altijd bereid om bij te springen waar de nood het hoogst is. En hij bezit héérlijke snoepjes, rechter labjas-zak.

Dan hebben we echt wel de belangrijkste punten gehad. Ons doel is dat jullie een leerzame, maar ook leuke tijd genieten op de practicumzalen. Natuurlijk doen wij onze best, om jullie allemaal op tijd en met de beste kwaliteit te bedienen. Door de enorme groei van de eerste jaars is het aardig drukker geworden. Tevens is het onderwijssyteem veranderd, wat ook voor ons gevolgen heeft. Door deze onderwijsvernieuwing is er geïnvesteerd in apparatuur en andere middelen. Het ziet er flitsend bij ons uit op de zalen. Als laatste zijn nu ook nog alle pc’s in de computerzalen in gebouw 3215 net vervangen. Technisch gaat het dus super op de Antonius Deusinglaan. Behalve het lopende onderwijs van Levenswetenschappen en/of farmacie, helpen we ook gasten, zoals bijvoorbeeld; geneeskunde en tandheelkunde. Maar ook voor 1 dag student Farmacie of LS&T, open dag Farmacie en introductiedagen, wordt wel eens onze hulp gevraagd.. Wij wensen jullie allemaal een leuke en leerzame studietijd bij Farmacie. En wil je ons “live”zien, we wonen op de 1ste (3214), 2de (3214) en op 2de (3215).

25 Met vriendelijke groeten, Jan B., Jan D., Jan.E, Erwin & Barbara

Dan geen Jan... dit is: Erwin Venema: - hij is de technische man van ons team. Hij zorgt dat alle apparaten in picco bello staat verkeren. Verder zorgt hij ook dat alle studenten & assistenten hun onderricht krijgen in Veiligheid en Arbo&Milieu zaken. Net zoals de brandweeroefening bij ons op de zalen, wat voor alle groepen zeer nuttig was. Dus dat komt er vast nog wel eens een keer. Tevens houdt hij wel van een geintje. Verder is hij verantwoordelijk voor de ochtendkoffie (en dat is erg belangrijk!). Als laatste is er: Barbara van Oosten: Zij regelt alle losse zaken, die de heren laten liggen. Zoals de organisatie van zaalbezetting en de financiën. Verder knutselt zij ook aan het web. En is ze met de BHV ook wel aan de sjouw in het gebouw… en is ze tevreden met de kwaliteit van de koffie. Foliolum Jaargang XXII Ed III


Onderzoek belicht Van EGFR tot TDM van moxifloxacine bij MDR-TB Mariët van der Meer en Arianna Pranger

Onderzoek in het UMCG

Dat onderzoek in het ziekenhuis interessant en afwisselend is, daar weten wij, Mariët en Arianna alles vanaf. Om jullie als lezer ook een kijkje te laten nemen in deze “keuken” en hopelijk enthousiast te maken voor het doen van jullie eigen onderzoek, zullen we beide wat vertellen over het verloop van ons onderzoek tot nu toe. De apotheek van het ziekenhuis bestaat uit verschillende afdelingen. Zo doet Mariët haar onderzoek op de afdeling ‘Nucleaire geneeskunde en moleculaire beeldvorming’ en Arianna haar onderzoek in het laboratorium van de ziekenhuisapotheek.

gekozen worden. Een cellijn waarbij de kankersoort veel EGFR heeft. De HSP90-inhibitoren moeten een reductie geven van de EGFR-expressie, maar mogen weinig tot geen invloed hebben op de celvitaliteit. Deze stappen ben ik nu aan het onderzoeken, zodat ik een geschikte cellijn vindt om vervolgens die cellen te inoculeren (= kankercellen inspuiten) in een muis. In de muis hopen we dan non-invasief de tumor zichtbaar te krijgen. En vervolgens na toedienen van HSP90-inhibitoren, reductie te zien van EGFR. Na afloop worden de muizen gebruikt voor biodistributie, dit om na te gaan of alle gelabelde cetuximab naar de tumor is gedistribueerd of ook naar andere organen van het lichaam.

26

Onderzoek bij ‘Nucleaire geneeskunde en moleculaire beeldvorming’ Eli Dijkers is ziekenhuisapotheker in opleiding, de opleiding doet hij gecombineerd met een promotie. Voor zijn promotie, doe ik (Mariët) een stukje onderzoek. Mijn onderzoek gaat over ‘de beeldvorming van Epidermal Growth Factor Receptor (EGFR) door middel van zirconium-89 gelabelde cetuximab na modulatie met een HSP90 –inhibitor (Heath Shock Protein90)’. EGFR is een receptor, die de groei van de tumor bevordert. Deze receptor komt bij sommige kankersoorten veel voor, bijvoorbeeld borstkanker of baarmoederhalskanker. Cetuximab, een antilichaam voor EGFR, kan zichtbaar worden gemaakt door deze radioactief te labelen met zirconium-89. Omdat cetuximab specifiek hecht aan EGFR kan er non-invasief gekeken worden of er veel EGFR in de tumor aanwezig is. HSP90 remt EGFR. Door radioactief gelabeld cetuximab te gebruiken, zou er non-invasief een afname van EGFR waargenomen moeten worden. Om dit te bereiken, moet er eerst een geschikte cellijn Foliolum Jaargang XXII Ed III

Wat erg leuk is aan mijn onderzoek is dat ik zowel op het lab bezig ben als achter de computer, dit maakt het afwisselend. Zo ben ik nu bezig met cellen en straks bezig met muizen, hierdoor werk je zowel op cel-, orgaan- en organisme-niveau en zijn zowel de proeven als de handelingen erg gevarieerd. Daarnaast heb ik bij elke afdeling van de apotheek aan het begin van mijn bijvak meegelopen, dit omdat ik dat graag wilde zien en omdat ik het nog niet zo druk had. Wat ook een voordeel is, is dat ik de dagelijkse werk-


Facultair zaamheden van een ziekenhuisapotheker zie, omdat mijn begeleider ziekenhuisapotheker in opleiding is en bij mij op de kamer zit. Al met al ben ik erg blij met mijn onderzoek.

Crime Scene Investigation? Het laboratorium van het ziekenhuis is veel interessanter! In november 2008 ben ik (Arianna) begonnen met mijn onderzoek (bijvak) op het laboratorium van de ziekenhuisapotheek. De eerste twee weken heb ik meegelopen in de dagelijkse routine van de analisten op het lab. Zo heb ik bijvoorbeeld geholpen met het analyseren van drugs in urine, geneesmiddelspiegels bepaald in serum en GHB in een ‘verdacht drankje’ geanalyseerd. Tijdens deze twee weken raak je ook vertrouwd met de analisten op het lab en het apparaat, welke je nodig hebt bij jouw onderzoek. Voor mij was dit de LC-MS-MS (Liquid Chromatography tandem Mass Spectrometry). Voor het uitvoeren van zowel kwantitatieve als kwalitatieve geneesmiddelanalyses, wordt op het laboratorium van de ziekenhuisapotheek veel gebruik gemaakt van de LC-MS-MS. De werking van dit apparaat berust op vloeistofchromatografie, waarbij tweemaal wordt gefilterd op massa (m/z-waarde); er vindt massaselectie plaats. Tussen de twee stappen vindt fragmentatie plaats. Op deze manier meet de 2e MS de fragmenten van het ion, dat door de 1e MS is gekomen en daarna gefragmenteerd is. Deze methode is onder andere erg selectief en gevoelig. Je kan vaak genoegen nemen met een eenvoudige monster bewerking en snelle chromatografie. Na iets meer te hebben verteld over de LC-MS-MS, dan nu het eigenlijke onderwerp van mijn onderzoek: het ontwikkelen en valideren van een analysemethode voor de bepaling van moxifloxacine in serum op de LC-MS-MS. Dit onderzoek doe ik onder begeleiding van ziekenhuisapotheker Jan Willem Alffenaar Moxifloxacine, een 8-methoxy-fluorchinolon wordt gebruikt als breed spectrum antibioticum. Dit geneesmiddel wordt tot op heden vooral bij luchtweginfecties gebruikt als reserve antibioticum. Mycobacterium tuberculosis valt echter ook in het werkingspectrum van moxifloxacine. Dit geneesmiddel wordt daarom ook wel gebruikt als het laatste redmiddel in de behandeling van

tuberculosepatiënten, welke resistent zijn tegen eerste keus tuberculosemiddelen. In CVR Beaxtrixoord (Haren), onderdeel van het UMCG, worden deze patiënten met MDR-TB (Multi Drug Resistente Tuberculose) afkomstig uit het hele land, behandeld. Therapeutic Drug Monitoring (TDM) kan worden toegepast om resistentie tegen antibiotica te voorkomen, welke als laatste keuzemiddellen worden gebruikt. Moxifloxacine is hier een voorbeeld van. Daarnaast veroorzaakt de interactie met rifampicine (een veel gebruikt antibioticum bij TBC) veel lagere bloedspiegels van moxifloxacine. Vandaar dat moxifloxacinespiegels moeten kunnen worden bepaald in onder andere serum (op de LC-MS-MS). Aan de hand hiervan kan TDM toegepast worden voor de individuele patiënt. Met behulp van TDM worden in dit geval moxifloxacinespiegels in het patiëntenmateriaal (bijv. serum) gecontroleerd en daar waar nodig gecorrigeerd (tot de gewenste spiegel bereikt is) door middel van het aanpassen van de dosering. Op dit moment heb ik samen met mijn begeleidster op het lab een methode ontwikkeld en gevalideerd voor bepaling van moxifloxacine in serum. Ook hebben we patiëntenmonsters geanalyseerd. Dit laatste is erg interessant om te doen, omdat je zo ook kan zien of je methode wel de gewenste resultaten geeft (de monsters zijn eerder gemeten door een ander laboratorium met een andere methode). En met succes, de resultaten komen grotendeels met elkaar overeen! Naast serummonsters, zijn er echter ook nog plasma- en liquormonsters (van patiënten met TBC in de hersenen), waarvoor ook een methode zal moeten worden opgezet en gevalideerd. Dus ik ben er absoluut nog niet klaar mee. Maar dat hoeft ook niet, want zoals Mariët ook al heeft verteld, is het erg leuk dat je naast je onderzoek (wat alleen al erg interessant is) veel te zien krijgt van de dagelijkse werkzaamheden in de ziekenhuisapotheek. Zo blijkt het ziekenhuis voor mij vanaf de zijlijn een erg mooie, afwisselende en vooral uitdagende omgeving te zijn om in te werken. Maar je hoeft niet altijd toe te kijken, als student word je overal bij betrokken. Dit kan het tweewekelijkse laboverleg, maar ook het verkooppraatje van een fabrikant van de ICP-MS (voor analyseren van onder andere lithium in patiëntmateriaal) zijn. Je zult je hier dus niet snel vervelen!

Einde van ons “promo-praatje” is in zicht…

Zoals jullie hebben kunnen lezen hebben wij in een korte periode al veel geleerd van ons onderzoek en hopen nog veel meer te leren. Wij zijn in ieder geval erg enthousiast en hopen dat jullie na het lezen van ons mooie “promopraatje” (want daar begint het ondertussen aardig op te lijken) ook enthousiast zijn geworden. Naast het doen van een interessant onderzoek, kun je ook nog eens een kijkje nemen in de “keuken” van de ziekenhuisapotheek. Wat wil je nog meer?! Ben je door dit verhaal geïnteresseerd geraakt en wil je misschien onderzoek komen doen in het ziekenhuis? In dat geval kan je altijd contact opnemen met ons, of met het secretariaat van de ziekenhuisapotheek (0503614071) voor een eventuele afspraak met bijvoorbeeld een ziekenhuisapotheker. Foliolum Jaargang XXII Ed III

27


Student in het buitenland Jacomijn Dijksterhuis

Hej, Zaterdag 13 december 14.15 uur: 0° Celsius en de straatverlichting gaat aan. Het begint namelijk donker te worden. Terwijl ik nog steeds het gevoel heb dat het einde van de dag wel ongeveer genaderd is, komt Stockholm juist nu tot leven. De kaarsen gaan aan, overal staan kraampjes waar je Glög (Zweedse Glühwein) kan drinken en op elke hoek van de straat staan koortjes kerstliederen te zingen. In deze mooie stad (vaak de hoofdstad van Scandinavië genoemd) verblijf ik al sinds half augustus. Via de vakgroep moleculaire farmacologie werd mij de mogelijkheid geboden mijn onderzoeksproject aan het Karolinska Institutet (KI) te doen. De afgelopen tijd is het KI nog wel eens in het nieuws geweest omdat hier jaarlijks de winnaars van de Nobelprijzen bekend worden gemaakt. Zo overkwam het me laatst dat ik de campus opwandelde en omgeven werd door cameraploegen. Blijkbaar was het DE dag… Toch jammer dat ik eerst m’n computer op moest starten om vervolgens op nu.nl uit te vinden wie er nou eigenlijk gewonnen hadden!

28

Het KI is een erg internationaal instituut, wat ook zeker te merken is als je de lunchkamer binnen komt. Aan vier van de vijf tafels wordt Engels gepraat en ik heb natuurlijk ook al een paar Nederlanders gespot. Ook in mijn groep zijn vier verschillende nationaliteiten te vinden. We houden ons voornamelijk bezig met het ophelderen

Foliolum Jaargang XXII Ed III

van het transductiemechanisme van de Frizzled-receptor familie. Nou hoor ik je denken: 'Frizzled…?'. Deze receptor is nog niet zo lang geleden ontdekt en is betrokken bij onder andere embryonale groei en weefselhomeostase. De laatste jaren komt men tot de ontdekking dat deze receptor ook bij veel ziektes een rol speelt zoals kanker, Alzheimer en exudatieve vitreoretinopathie. Door er achter te komen hoe het signaal na stimulatie van de agonist wordt doorgegeven, kan mogelijk worden ingegrepen en voorkomen worden dat deze ziektes zich in het lichaam ontwikkelen. Hoewel delen van het mechanisme al zijn opgehelderd, bestaan er nog steeds een hoop vraagtekens. Er wordt bijvoorbeeld aangenomen dat deze receptor zijn signaal doorgeeft via een G-eiwit, een zogenaamd 'G-eiwit gekoppelde receptor'. Het onomstotelijke bewijs hiervoor is echter nog niet geleverd. Met behulp van een GTP-gammaS assay probeer ik tijdens mijn onderzoeksperiode hier in het Zweedse lab meer opheldering over te geven. Inmiddels ben ik aardig ingeburgerd en ben ik wat meer te weten gekomen over de Zweden en hun cultuur. In het begin kwam ik nog wel eens in verrassende situaties terecht. Zo kreeg ik op de eerste dag op het lab een sleutel overhandigd voor mijn eigen kluisje en de douche. De douche ja… als je ’s ochtends aankomt ga je eerst even douchen op je werk om vervolgens je indoor schoenen uit je kluisje te halen en je ontbijt aan je bureau te nuttigen. Lekker huiselijk allemaal! Ook mag je hier één uur per week onder werktijd sporten. Er worden speciale cur


Facultair

sussen georganiseerd zoals yoga en pilates om de werkstress geen kans te geven. En als je even zat bent van de donkere dagen ga je gewoon in de speciaal ingerichte lichtruimte zitten lezen. Gezondheid staat hier hoog in het vaandel en dat is ook wel te merken aan de hoeveelheid joggende mensen. Waar je ook loopt, je ziet ze overal. Ook naar het werk fietsen wordt hier gezien als een echte work-out (wat het ook is, omdat Stockholm op heuvelachtige rotsen gebouwd is). Thuis trek je eerst je speciale fietskleren aan, vervolgens komt daar overheen een pakje met reflecterend materiaal, je zet je helm op, doet je lichten op je fiets aan en oh ja, vergeet het licht op je helm niet. Dan kan je vertrekken. Gelukkig had je het weekend ervoor je winterbanden op je fiets gemonteerd, want het kan glad zijn buiten. Tien minuten later op je werk ontdoe je je weer van alles en ga je douchen; zie hier, het ochtendritueel van veel Zweden. Het is ook wel zweten, zo’n fietstochtje! Vanwege al dat sporten moet er natuurlijk ook goed gegeten worden. Zo keken ze in het begin wat vreemd op toen ik daar met mijn zakje boterhammen aan kwam zetten. Rond half twaalf komen hier namelijk de Ikea lunchboxjes tevoorschijn, die even worden opgewarmd in één van de 5(!) magnetrons in onze lunchkamer, waarna iedereen lekker warm gaat lunchen. Het duurde even, maar ik ben nu ook om. Zal wel weer even wennen worden in Nederland! Snoepen kunnen ze hier trouwens ook. Zo is het gebruikelijk om rond drie uur 'Vika' te houden. Oftewel: de Zweedse variant van een high tea. Echter gaat het kopje thee niet gepaard met één kaakje, maar met maar liefst zeven verschillende soorten koekjes/cakejes. Mij hoor je niet klagen… Ik woon op het eiland Södermalm in een flat met uitsluitend internationale studenten. Zo gebeurt het wel eens dat ik ’s ochtends bij het ontbijt getuige ben van een Vietnamees die warme kippenpoten met knakworstjes verorbert, terwijl ik ’s avonds aan een meisje uit Singapore uitleg hoe je precies een sneeuwpop maakt. Toch komt het ook wel eens voor dat ik thuis kom en de geur van hutspot me tegemoet komt. Er wonen vijf Nederlandse studenten op mijn gang. Twee daarvan studeren Farmacie in Utrecht, waardoor het soms wel erg op thuis begint te lijken. Onze ganggenoten kunnen het zelfs niet laten ons “the Dutch maffia” te noemen.

Zo kwam het dat op een dag, om precies te zijn 5 decem ber, dat de Dutch maffia op pad ging naar de Nederlandse ambassade. We waren uitgenodigd voor een heuse Sinterklaasborrel. Twee goedkope biertjes (dat dan wel) en een illusie minder stonden we na een uurtje weer buiten. Het eerste half uur werden we belaagd door twee Amsterdamse studentes die zich herhaaldelijk afvroegen hoe ik het toch al die jaren had uitgehouden in Groningen. Zij waren er namelijk één avond geweest en dat vonden ze niet voor herhaling vatbaar. Het tweede half uur bestond uit een gesprek met een oudere heer die reeds 50 jaar in Zweden woonde. Hij heeft ons ‘vermaakt’ met zijn verhalen over het geweldige Zweden en kon het niet laten ons er op te wijzen dat Nederland een vreselijk land is zonder tradities en natuur. Gelukkig heb ik over leuk Nederlands bezoek niet te klagen; familie, vriend en zelfs het 125e P.S.-bestuur was in Stockholm weer even compleet. Terwijl het Zweedse schoon uitgebreid door de jongens werd bekeken (het viel een beetje tegen geloof ik) werden ook de Zweedse kroegen gecheckt. Kristian wist ook hier met zijn uitzonderlijke dansmoves (vast afgekeken van SYTYCD) iedereen verbaasd te doen staan. Het was dus weer even als vanouds, maar dan op een andere plek in Europa.

Ik zit nog midden in mijn buitenlandperiode en moet vast nog bikkelen als de echte winter er aankomt. Ben je geïnteresseerd, dan vertel ik je graag in maart deel twee van mijn avontuur in Stockholm! hejdå, Jacomijn Dijksterhuis Foliolum Jaargang XXII Ed III

29


Titel stuk Alumnus Evt ondertitel L. van der Veen Titel persoon en hun naam, bijv. prof. dr. Martina Schmidt Evt. beroep, bijv. apotheker

30

Verrast was ik toen ik enkele weken geleden een bericht van de Redactiecommissie in het postvak van mijn mail had, met de vraag of ik als alumnus een stuk wilde schrijven voor in het Foliolum. Niet alleen omdat ik net alumnus ben, maar ook omdat ik tijdens de studie farmacie weinig deelnam aan de activiteiten van de studievereniging P.S. Dit kwam voornamelijk doordat ik in het begin van de studie niet het reguliere collegeprogramma volgde en woonachtig was in Leeuwarden, waardoor mijn sociale leven zich voornamelijk daar afspeelde. Inmiddels alweer meer dan zes jaar geleden ronde ik de studie Biotechnologie aan de NHL in Leeuwarden af. Na mijn studie was ik eerst van plan om te gaan werken als medisch analist, maar toch besloot ik verder te studeren. Na uitgeloot te zijn voor de studie geneeskunde, schreef ik me in voor de studie farmacie. Ik begon gemotiveerd aan deze studie, maar met in mijn achterhoofd de gedachte, “vind ik het niets of gaat het niet goed dan heb ik altijd mijn HBO diploma nog”. De propedeuse farmacie ging voorspoedig. Door mijn vooropleiding had ik het geluk veel vrijstellingen voor college’s te ontvangen. Het eerste jaar van farmacie volgde ik voornamelijk tweede- en derdejaars vakken. Ik zou de studie in 4 jaar kunnen behalen. Na het eerste jaar was er weer de mogelijkheid om me voor geneeskunde in te schrijven. Dit was echter geen keuze voor mij. De studie ging goed, ik had het naar mijn zin en besloot me niet meer te inschrijven voor geneeskunde. De vrijstellingen die ik had na de propedeuse maakte dat er perioden waren waarin ik geen college’s kon volgen. In die tijd werkte ik veel bij de Aldi als cassière. Ik vond het geen leuke bijbaan, maar het verdiende goed, waardoor ik ook weer mijn studie kon bekostigen. Immers na 6 jaar studeren is er geen IB-groep die je nog sponsort. Soms had ik een aantal weken tot maanden waarin ik geen college kon volgen. Mede door deze vrije perioden besloot ik om ongeveer een half jaar met de studie te stoppen. In die tijd werkte ik als medisch analist bij de vakgroep van Prof. Dr. H.Haisma, Therapeutisch Genmodulatie (RuG). Gedurende de studie ben ik verhuisd van Leeuwarden naar Groningen en begon mijn sociale leven zich ook te verplaatsen. Samen met vriendinnen van farmacie, ook wel bekend als FREEK (Ellen van Loon, Judith Bosman, Nicole Looman, Esther Sportel, Rianne Schrijver en Marlies Schippers), bezochten we naast het gezellige uitgaansleven van Groningen regelmatig feestjes en borrels die werden georganiseerd door P.S. Uiteindelijk ronde ik mijn studie af na vijf jaar. Tijdens de uitreiking van mijn bul kreeg ik het aanbod om in oktober 2008 als projectapotheker te gaan werken in ziekenhuis De Tjongerschans in Heerenveen. Dat ik niet als openbare apotheker wilde gaan werken, stond voor mij aan Foliolum Jaargang XXII Ed III

het begin van de studie al vast. Dus een baan als projectapotheker bood mij mogelijkheden om ervaring op te doen in een ziekenhuis en misschien in de toekomst een opleiding tot ziekenhuisapotheker. Het eerste jaar was ik gedeeltelijk werkzaam in een projectgroep aan een opdracht van het College voor Zorgverzekeringen (CVZ), namelijk de ontwikkeling van een Geriatrisch Formularium. De projectgroep bestond uit medewerkers van de afdelingen Geriatrie van het UMC Utrecht en de Basiseenheid Farmacotherapie en Farmaceutische PatiëntenZorg van de Rijksuniversiteit Groningen (prof. Dr. J.R.B.J. Brouwers en Dr. E.N. van Roon). In het huidige Farmacotherapeutisch Kompas (FK) zijn onvoldoende handvatten aanwezig voor het maken van verantwoorde geneesmiddelenkeuzes bij de kwetsbare oudere patiënt. Door de Commissie Farmaceutische Hulp (CFH) van het CVZ en de redactie van het FK werd aangegeven dat verdere “geriatrisering” in het FK wenselijk is. Op basis van literatuur- en praktijkgegevens is een beoordelingsmodel ontwikkeld. Eind september 2008 werd het beoordelingsmodel bij de CVZ ingediend. Momenteel is het wachten op financiering voor de verdere implementatie en ontwikkeling van een Geriatrisch Formularium beoordelingsmodel. Het werken aan dit project heb ik als zeer plezierig ervaren. Er was een nauwe samenwerking tussen arts en apotheker. En het werken voor een landelijk orgaan zorgde voor veel afwisseling en dynamiek. Naast het project voor de CVZ en na de afronding van het project was ik werkzaam als transmuraal projectapotheker en dagapotheker in de ziekenhuisapotheek van de Tjongerschans in Heerenveen. Ik hield me hier voornamelijk bezig met ‘medicatie review’ van geriatrische patiënten met behulp van een prescriptieformat. Dat ik werkzaam ‘was’ als projectapotheker in ziekenhuis De Tjongerschans is niet helemaal terecht. Terwijl ik met de afronding van dit stuk bezig ben moet ik nog welgeteld 3 dagen, tussen kerst en ‘oud en nieuw’, mijn werkzaamheden in Heerenveen afronden. Per 1 januari ben ik in het Martini ziekenhuis in Groningen werkzaam als ziekenhuisapotheker in opleiding. De ziekenhuisapotheek in Heerenveen is een goede leerschool geweest en daar heb ik mijn enthousiasme ontwikkeld voor het ziekenhuisapothekers-vak. Na ruim een jaar als projectapotheker aan de slag te zijn geweest heb ik heel erg veel zin om in opleiding te gaan tot ziekenhuisapotheker. Ongeveer een jaar geleden heb ik me als alumnuslid van P.S. ingeschreven in de hoop zo nu en dan naar een activiteit te gaan om studiegenoten van toen weer te zien. Helaas is het er tot nu toe nog niet van gekomen, maar wie weet is dit verhaal schrijven voor mij (en FREEK) een aanzet geweest voor een dagje P.S.-gezelligheid!


127e Dies Natalis Joost Masslink

Op woensdag 10 december 2008 werd de 127e Dies Natalis der G.F.S.V. “Pharmaciae Sacrum” op 10.00 uur geopend door de praeses van de Diescommissie, Maarten Mensink. Tevens opende hij hiermee ook het symposium dat als thema ‘Grenzeloos’ had meegekregen en zou gaan over reizigersziekten. Na het voorwoord van de praeses van de vereniging, Maarten Boon, kon het symposium beginnen. De dagvoorzitter van het symposium was dr. Frits Moolenaar. Hij gaf een korte inleiding over de sprekers van deze dag. De eerste spreker was prof. dr. T. van der Werf. Hij gaf een lezing over tropische importziekten en de nieuwe ontwikkelingen die op dit gebied plaatsvinden. Hierbij werd er vooral gesproken over malaria en de behandeling daarvan. Ook werd er gesproken over nieuwe bedreigingen die kunnen komen uit tropische gebieden. Na de koffiepauze gaf de tweede spreker, dr. L. van Lieshout, een lezing over parasitaire infecties en de diagnostiek ervan. De ontwikkeling van deze diagnostische methodes werd onderbouwd met gegevens uit recente onderzoeken. Na de heerlijke lunch was het tijd voor de derde spreker. Dr. C. Kocken gaf een presentatie over geneesmiddelen tegen malaria en de ontwikkeling van betere geneesmiddelen. Steeds meer bestaande geneesmiddelen kunnen niet meer gebruikt worden, omdat de parasiet er resistent tegen wordt. Het is dus van groot belang dat er snel nieuwe medicijnen komen omdat er jaarlijks 1 miljoen mensen aan de gevolgen van malaria overlijden. Helaas komen er bij de ontwikkeling van nieuwe medicijnen wel een aantal problemen kijken. De vierde spreker was drs. B. Wolters. Hij gaf een presentatie over reizigersadvisering. In de presentatie liet hij ons zien naar welke landen mensen op reis gaan en of ze zich laten inenten. Ook liet hij verschillende risicogroepen zien. Alleenstaande mannen die naar Thailand gaan lopen bijvoorbeeld andere risico’s dan een gezin die op de stranden van Phuket gaan liggen. Ook vertelde hij dat veel vrouwen van middelbare leeftijd niet alleen voor het mooie natuurschoon naar Gambia gaan. Drs. Wolters praatte verder nog over het landelijk protocollair handelen en de samenwerking tussen de reizigersadviseur en de apotheker. Na de pauze was het tijd voor de laatste spreker. Drs. E. Duerink vertelde over haar baan in een apotheek in Nieuwleusen. Deze apotheek werkt met een reizigers- en tropenmodule en kan hiermee reizigers informeren over benodigde vaccinaties, malariaprofylaxes en dergelijke. De manier van werken blijkt voor de apotheek, huisartsen en patiënten veel voordelen op te leveren. Na afloop

31

Foliolum Jaargang XXII Ed III


Pharmaciae Sacrum

32

van het symposium werden de sprekers en dagvoorzitter bedankt en was het tijd voor de afsluitende borrel. Hier konden een aantal mensen zich een beetje voorbereiden op de tweede activiteit van de Dies. De tweede activiteit was namelijk de receptie. Om 19.00 uur stond het bestuur in vol ornaat klaar in café de Sleutel om gefeliciteerd te worden door de ereleden, sponsoren, vrienden, besturen, oud-besturen en commissieleden. De kleine, maar goedgeklede, pedel deed haar uiterste best om boven het lawaai van de drinkende studenten uit te komen en dat lukte haar goed. Traditiegetrouw werd er geproost met jenever. In het begin keken de gezichten van het bestuur nog wat zuur, maar na een aantal glaasjes viel dat reuze mee. De overige gasten vermaakten zich met drinken, kerststukjes en een hele grote stenen kruik waar ook nog wat jenever in bleek te zitten. De tap ging stipt om 21.00 uur dicht en de pedel deed haar uiterste best om alle commissieleden langs het bestuur te krijgen. Nadat iedereen het bestuur had gefeliciteerd probeerde een bestuurslid nog wat jenever te scoren. Dit is alleen niet gelukt. Alhoewel het bestuur de meeste jenever drinkt waren een aantal farmaceuten er na de receptie nog iets slechter aan toe dan het bestuur zelf. Naar verluidt is dat vorig jaar niet mogelijk geweest. Na de receptie was het voor iedereen tijd om zich om te kleden in hun trainingspakje, of in het geval van het bestuur een pokémonpakje. De reis van café de Sleutel naar huis werd voor sommige mensen wat lastiger omdat er in de Sleutel nogal wat trappen zijn. Gelukkig zijn hier nog geen ongelukken gebeurd. Eenmaal in De Drie Gezusters aangekomen voor het openingsfeest ‘Tijdloos’ stond de gabbermuziek al hard aan. Er werd voor de ramen gedanst en flink gestampt. Doordat de vloer een beetje nat begon te worden werd hij heel erg glad. Hierdoor is helaas wel een ongelukje gebeurd en moesten een paar mensen hun feestje in het ziekenhuis voortzetten. Ondertussen ging het feestje in De Drie Gezusters wel door, want de vereniging wordt niet elke week 127. De gratis fusten vlogen dan ook als warme broodjes over de toonbank, waardoor mensen die niet op de receptie waren geweest binnen de kortste keren net zo gezellig waren als de mensen die er wel waren geweest. De DJ was goed bezig en er werd stevig gedanst tot in de vroege uurtjes toen zelfs de fanatiekste farmaceut zijn of haar bedje opzocht. De volgende ochtend moest er om half 11 verzameld worden voor de faculteit. Er werd namelijk richting Midlaren gereisd voor de buitendag ‘Genadeloos’. Eén aanwezig oud-bestuurslid bekende zich slechter te voelen dan na zijn eigen receptie, wat ook wel wat wil zeggen over zijn drinkgewoontes. Eenmaal veilig in Midlaren te zijn aangekomen bij de ‘Hunting Valley’ werd er begonnen met een lekker kopje koffie, thee of warme chocolademelk. Na deze opkikker werd ons uitgelegd wat precies de bedoeling was van deze dag. We werden in groepjes opgedeeld en door middel van allerlei schietspelletjes konden punten verdiend worden. De deelnemers maakten kennis met kruisboogschieten, pistoolschieten, handboogschieten, pijltjesschieten en blaaspijpschieten. Rik de V. had voor deze gelegenheid zijn crimineeloutfit aangetrokken en deed niet onder voor John M. of Willem H. Bij het blaaspijpschieten was het de bedoeling dat door middel van een blaaspijp een Foliolum Jaargang XXII Ed III


Pharmaciae Sacrum pijltje in het bord geschoten werd. Bij de meeste mensen kwam er alleen meer speeksel op het bord dan pijltjes, maar gelukkig hoefde niemand van de deelnemers het zelf op te ruimen. Het damesteam heeft hard gestreden maar helaas niet gewonnen. Bij de mannen was de uitslag discutabel, maar omdat bijna iedereen vals heeft gespeeld, werd Jochem Berk tot winnaar uitgeroepen. ’s Avonds stond de culturele avond ‘Jetzt geht’s Loos’ op het programma. In poppodium Simplon werden de aanwezigen met een glaasje bubbels ontvangen in de grote zaal. Nadat iedereen een plaatsje had gevonden begonnen 5 mensen wilt touwtje te springen met fluorescerende touwtjes. Dankzij de opzwepende muziek zag dit er best spectaculair uit. Hierna was het tijd voor cabaretier Gijs Nillessen. Hij kreeg de hele zaal aan het lachen. Met name doordat hij het raar vond dat wij in december de poeders en pillen opzij schuiven voor een feestje, terwijl de meeste verenigingen de poeders en pillen er juist bij halen. In de pauze zong Manda Ophuis onder begeleiding van Hendrik Jan de Jong de sterren van de hemel. Als laatste zorgden de Caribbean Limbo Girls voor een opzwepend optreden. Menig hart ging sneller slaan door de latina’s die heftig met hun heupen en stokje aan het bewegen waren. Na de optredens was het tijd voor de onthulling van de almanak. De Almanakcommissie was de afgelopen maanden ontzettend druk geweest en dit heeft geresulteerd in de 23e almanak ‘Extase’. Dit prachtig boekwerk met zwarte kaft heeft een speciale voorkant. Door warmte ontstaat er onder het zwart het logo van deze commissie. Na de onthulling stonden velen in de rij om hun exemplaar te laten tekenen door de commissie. Op de twaalfde van de twaalfde hadden veel farmaceuten nog practicum of tentamens. Gelukkig was het bijna weekend. Maar eerst was het nog tijd voor het galadiner en galabal ‘Grandi(l)oos’. Om half 7 stond een groep farmaceuten te koukleumen op de Grote Markt. Gelukkig kwamen de bussen na een tijdje en konden we richting Kasteel Nienoord in Leek. Eenmaal hier aangekomen had iedereen een uitzicht op een prachtig kasteeltje. Toen iedereen binnen was werden we ontvangen met een glaasje roze bubbels en kon er naar een plaats gezocht worden. Toen iedereen zat vloeide de wijn rijkelijk en vlogen de speeches en gezang (en natuulijk geschreeuw) om je oren. Het voorgerecht kwam snel en smaakte heerlijk. Toen na het voorgerecht het hoofdgerecht moest komen had iedereen dan ook grote verwachtingen. Het vlees smaakte best prima, maar was helaas net iets te koud. Maar omdat er nog genoeg wijn was nam niemand iemand iets kwalijk. Het nagerecht was prima en gelukkig was er nog steeds wijn. Toen iedereen zijn of haar bordje leeg had werd het tijd om in de bus richting Zevenhuizen te stappen. Gelukkig was er in de bus nog steeds wijn. Eenmaal bij discotheek Pruim aangekomen zag iedereen dat de overige bussen met farmaceuten ook al waren gearriveerd. Het feest kon dus beginnen. Aan de bar werd goed gedronken, op de dansvloer werd prima gedanst, bij de casinotafel werd veel verloren, bij de fotograaf werd hard gelachen en op het toilet werd zacht geslapen. Ondanks alle gezelligheid werd het tijd om weer naar huis te gaan. Zodat de 127e

33

Dies Natalis der G.F.S.V. “Pharmaciae Sacrum” tot een einde was gekomen. Diescommissie bedankt! Foliolum Jaargang XXII Ed III


Rond deze tijd worden o.a. de Almanak, BEC, Dies en Redactiecommissie voor 2009-2010 gevraagd. Op deze pagina in het Foliolum staat van elke commissie een stukje over de activiteiten van deze commissies. Elke commissie vergadert elke maandagavond waarbij er bij één van de commissieleden thuis gegeten en gedronken wordt. Na de vergadering kan de avond voortgezet worden in ’t Vaatje met de andere commissies van Pharmaciae Sacrum. De commissie bestaat uit vijf mensen (de Redactiecommissie uit zes) en elk vervullen ze een andere taak. De praeses is de voorzitter en zorgt dat elke vergadering in goede banen wordt geleid. De ab-actis is de notulist en schrijft op wat er allemaal gedaan moet worden en is verantwoordelijk voor het aanschrijven van bijvoorbeeld schrijvers (almanak) of sprekers (Dies Natalis) en het afhandelen van emails. Het geld waarmee de activiteit of de drukkosten e.d. mee bekostigd worden, wordt beheerd en binnen gehaald door de quaestor. De assessor I, II en III zijn de manusjes van alles en pakken elke taak aan wanneer er iets gedaan moet worden. De assessoren zijn daarom onmisbaar voor elke commissie. De assessor II (bij de Redactiecommissie de assessor III) heeft ook nog de eer om het eerste bierglas bij een gratis fust ad fundum te trekken. Bij de meeste commissie zijn deze taken niet zo vast omlijnd. Je bent samen een commissie wat elke maandag een gezellige avond oplevert. Ook leer je ontzettend veel nieuwe mensen kennen en aan het eind van je commissiejaar mag je trots zijn op wat je voor de vereniging hebt gedaan.

A

lmanak commissie

L

ijkt het je leuk jouw werk te vereeuwigen zonder nu al memoires te moeten schrijven? De Almanakcommissie is de manier om dit in je studietijd te doen! Het maken van een almanak vereist een goede werklust, creativiteit en een goede planning. Je hebt strakke deadlines, maar ook veel vrijheid om de almanak echt jouw ding te maken. Je hebt een periode van wachten op stukken of op de drukker, maar er zijn ook tijden dat je moet buffelen om de lay-out op tijd af te hebben (Murphy’s law is hier volop van toepassing). Je zult een door samenwerking en felle discussie een jaar lang toewerken naar het moment van jouw onthulling. Een ultieme kick als je daar dan staat met het door jou ontworpen en geproduceerde boek staat; wetende dat het nog jaren in de kasten van menig farmaceut zal staan! Highlights uit ons jaar waren de tocht naar Amsterdam -waar we de perschef van de politie interviewden-, gesprekken met de drukker (waarbij we de meest wilde ideeën meekregen), de commissieavonden waarin we het filmpje opnamen en dan de uiteindelijke onthulling, waar heel even de vereniging draait om jouw boek. Rest me te zeggen: DABEI SEIN IST MITMACHEN!!

D

ies commissie

Z

oals de naam al zegt, organiseer je als Diescommissie de Dies Natalis van Pharmaciae Sacrum. De Dies Natalis is het grootste feest van het jaar, drie dagen gevuld met zeer uiteenlopende activiteiten. Je organiseert een symposium, een receptie, een openingsfeest, een buitendag, een culturele avond en natuurlijk het galadiner en galabal. De Diescommissie bestaat uit 5 leden, ieder met zijn eigen taken. Je wordt in maart geinstalleerd, dan wordt al begonnen met het zoeken van locaties en het regelen van het symposium. Het is een druk jaar, maar daardoor heb je wel veel leuke momenten met je commissie en heb je in december een feest dat jíj hebt neergezet, een week waar de hele vereniging naar uitkijkt. Wil jij graag de 128e Dies Natalis van PS organiseren en je best doen om deze nog lozer te maken dan de 127e? Vul dan nu het interessestrookje in voor deze supermooie commissie!

E D

erstejaars Introductie Commissie

e EIK, Eerstejaars Introductie Commissie, zorgt aan de ene kant voor een informatieve introductie voor de eerstejaars door middel van een introductiedag op de faculteit in het begin van het collegejaar. Aan de andere kant zorgt de EIK voor een sociale introductie door een introductieweekend te organiseren in oktober, waarbij kennis kan worden gemaakt met de commissies en vereniging, spelletjes worden gespeeld in een zeskamp en mooie feestjes worden georganiseerd. Zelf op introductiekamp gaan was natuurlijk hardstikke leuk, maar om dit alles nu eens te regelen is misschien nog wel veel leuker! Rondom je activiteiten zal het even veel geregel zijn, maar in principe is de EIK een commissie die niet onzettend veel tijd vraagt. Tijd genoeg om met je commissiegenootjes er een leuke commissieavond van te maken en samen van een drankje te genieten, ook op je eigen georganiseerde feestjes.


B

uitenland excursie commissie

H

oeveel verdient een apotheker in India? Hoe kom je in de Himalaya aan medicijnen? Hoeveel apotheken telt Ghana? Kun je farmacie studeren op de Bahamas? Hoe heet de pil in het Russisch?

Als Buitenland Excursie Commissie (BEC) organiseer je een 4 of 6 daagse reis naar het buitenland waarin je een goede indruk probeert neer te zetten van het farmaceutische klimaat in dat land. Dit kan onder meer door een bezoek aan de plaatselijke farmacie fa- culteit, het bezoeken van traditionele of internationaal georiënteerde farmaceutische bedrijven, het bezoeken van een locale apotheek of gewoon door middel van een activiteit met de studenten daar. Daarnaast wil je natuurlijk ook de cultuur en geschiedenis van het land uitlichten en moet er ruimte zijn om te ontspannen. Kortom, als BEC probeer je een zo uitgebreid en gevarieerd mogelijk programma neer te zetten om je mede studenten een zo goed mogelijk beeld van farmacie in het buitenland te geven. Als BEC kom je dan ook vaak voor grote uitdagingen te staan waar je creatief en flexibel mee om moet gaan. Zo is er bijvoorbeeld vaak een taalbarrière die alleen al voor miscommunicaties en verwarringen kan zorgen. In dit commissiejaar zul je dan ook zelf erg groeien en worden hechte vriendschappen gesloten, zowel binnen de commissie als tijdens de BEC zelf. In een tijdperk waarin globalisering een grote rol speelt, is het des te belangrijker om je ook over de grens te oriënteren. Dus verleg je grenzen, word BEC!

Commissie Vacatures

R

edactiecommissie

H

etgeen farmacie onderscheidt van andere universitaire studies is haar redactieblad: het Foliolum. Vijf keer per jaar wordt het blad uitgegeven en om te zorgen dat dit met veel enthousiasme gebeurt, is er de Redactiecommissie. Het is de taak van deze commissie, bestaande uit zes commissieleden, om voor ieder nummer een gepast en origineel thema te bedenken en om dit thema zo goed mogelijk uit te werken. Zo wordt er door ieder commissielid een schrijver gevraagd om voor het Foliolum een artikel te schrijven. Ook kan je met je commissie leuke nieuwe topics bedenken voor in het Foliolum. Verder ga je ook nog het hele Foliolum met je commissie lay-outen, voordat je de definitieve versie naar de drukker stuurt. Eigenlijk is de Redactiecommissie een zeer creatieve commissie. Sommige mensen toveren met woorden, anderen met cijfers, sommigen met briljante ideeën en weer anderen met de lay-out. Om dit allemaal te realiseren kom je iedere maandag bij elkaar, zodat er afspraken kunnen worden gemaakt in drukke periodes en zodat er een gezellig avondje ontstaat in rustige periodes (en drukke periodes). Wil jij je creativiteit ergens kwijt? Word Redactiecommissie!

Lijkt het jou leuk om in één van bovenstaande commissies plaats te nemen, lever dan een interessestrookje via de P.S.-website bij het bestuur in voor de betreffende commissie. Misschien heb jij volgend jaar wel een schitterende almanak, spetterende Dies, weergaloze Buitenland Excursie of de introductietijd voor de eerstejaars geörganiseerd, of spraakmakende Foliola gemaakt!


Titel stuk Ouderejaarsexcursie Mosadex Evt ondertitel Tanja ter Brake Titel persoon en hun naam, bijv. prof. dr. Martina Schmidt Evt. beroep, bijv. apotheker

Donderdagochtend 4 december om 8:00 verzamelde een groep enthousiaste P.S.-ers zich op het centraal station van Groningen, de slaap nog uit de ogen wrijvend. Een busreis van maar liefst vier uur stond ons te wachten, naar het zuidelijke Elsloo, alwaar Mosadex gevestigd is. Gelukkig werd de busreis goed verzorgd met koffie, thee en mandarijnen. De reis verliep soepel. Slapend dan wel luidkeels wie-ben-ik spelend, danwel andere mensen bellend in dezelfde bus (“u had een pizza met mozzarella besteld?”) werd de tijd doorgebracht. Een enkeling legde nog de laatste hand aan een sinterklaasgedicht.

36

Stipt op tijd kwamen we aan op het wonderschone industrieterrein van Elsloo, waar ook Mosadex gehuisvest is. De ontvangst met lunch was prima en in de praatjes die volgden werd ons duidelijk dat Mosadex een groothandel is voor zelfstandig ondernemende apothekers. Bert Davelaar was onze gastheer en praatte de verschillende onderdelen aan elkaar. De dag ging het meest over de toekomst als zelfstandig apotheker, of dit nog mogelijk is in de huidige roerige tijden en zo ja, wat er allemaal bij komt kijken. Een aantal lieden lieten hier hun licht over schijnen, waaronder het financieel bureau Surventis. Verder sprak apotheker Bart Jansen over zijn ervaringen als zelfstandig apotheker, en hoe hij zover was gekomen. Duidelijk werd dat als je een 40-urige werkweek zoekt, je misschien beter bij een keten kan gaan werken.

Na een presentatie over de handverkoop in de apotheek, werd duidelijk dat we in de apotheek ook mascara’s en parfums moeten verkopen (over warme broodjes en bandenplaksetjes werd verder niet gesproken). Een rondleiding door de groothandel zelf was de afsluiting van het inhoudelijke gedeelte van de dag. Met de bus werden we gebracht naar het Van der Valk hotel, waar in een zeer chique zaal voor ons alleen, een aperitief op ons wachtte. Onder het genot van een biertje en een broodje met zalm werd nog even nagekletst over de indrukken van de dag. Uiteraard werd er ook al flink gespeculeerd over de surprise-act, die voor die avond gepland stond.

Het diner was ook erg goed voor elkaar, en deed mij eigenlijk eerder denken aan een galadiner dan aan een standaardhap. Na het eten werden we blij verrast door onze surprise-act; Johnny Lewis, oftwel Elvis Presley himself! Swingend bracht hij allerlei nummers van de Pelvis Foliolum Jaargang XXII Ed III


Pharmaciae Sacrum ten gehore, en helaas voor sommige dames in ons gezelschap deed hij dit redelijk interactief. Dat Merel zo goed kan dansen en Sophie zo hard kan rennen, wist ik ook niet.

Na afloop van het diner ging het borrelen nog even door. Bert van Mosadex werd het Five-en uitgelegd en ook het Mex-en werd veel gespeeld. Dat uiteindelijk alle tafels vol stonden met de meeste exotische mixjes en dat het dus geen enkel effect had de bar dicht te doen, kwam het humeur van het barpersoneel niet ten goede. Verder is er nog een kleine klim gemaakt op het dak, teneinde dichterbij het Van der Valk logo te komen. Onder het motto “niet omdat het moet, maar omdat ik er naar toekan”, verdween menigeen via de brandtrap naar boven.

’s Ochtends werd iedereen weer bijtijds gewekt voor een lekker ontbijtje. Verse jus, zalm, eieren en fruit stonden klaar om je weer op te kalefateren. Met de bus naar het industrie terrein, alwaar een aantal praatjes ons stonden te wachten. Apotheek Voorzorg bleek gespecialiseerd te zijn in de Medicatierol®, een baxterverpakking. Na een rondleiding bleek dit erg groots te zijn opgezet, en ook werd er goed nagedacht om het foutenpercentage (het enige kritische punt van de baxterconstructie) zo laag mogelijk te krijgen.

Apotheek Zorg is gespecialiseerd in levering en persoonlijke begeleiding aan patiënten van bepaalde weinig voorkomende middelen, en bezit in sommige gevallen de unieke levering van dit product. Na enige discussie over dit onderwerp, volgde ook hierover een rondleiding met alle logistieke ins en outs. Het concept Service-apotheek, een franchise-formule voor zelfstandige apothekers, werd belicht door apotheker Emma Giessen, oud P.S.-lid. Na een goede lunch nam iedereen weer plaats in de bus, en was het tijd voor de terugrit, op naar pakjesavond.

37

Dat er uiteindelijk een noemenswaardige klachtenlijst is opgesteld, verbaasde iedere deelnemer. Er was toch niets stuk gegaan, die rolstoel stond er toch niet voor niks en bovendien vinden die schildpadden het toch juist fijn om geaaid te worden? Goed, de avond liep ten einde, de bewaking vond het ook fijn als iedereen ging slapen, dus zocht iedereen zijn of haar bedje op. De een met wat meer succes dan de ander, en een zekere Bart Poolman heeft nog in boxer naar de receptie moeten lopen voor een extra sleutel. Ook zijn sommige twee persoonsbedden door drie mensen beslapen en andere gek genoeg daarentegen slechts door één.

Het waren echt twee mooie dagen, waarin we kennisgemaakt hebben met Mosadex en waarin we enthousiast zijn gemaakt voor de toekomst als zelfstandig apotheker. Ook het sociale programma was dik in orde, dus het was al met al een groot succes! Foliolum Jaargang XXII Ed III


Summarroca Reedsch twee jaren is het vrouwengenootschap Sumarroca zeer actief binnen en buiten Pharmaciae Sacrum. Opgericht met de gedachte 'Drinken doe je decadent' leeft deze nog steeds voort in ons en streven wij ernaar ons genootschap nog velen jaren in ere te houden. Met wekelijkse bijeenkomsten en etentjes, maandelijkse discussieavonden, onze jaarlijkse deelname aan de sportdag van de STERC en jaarlijks een weekendje weg is ons genootschap nog steeds zeer levendig en actief. Ookal heeft een enkeling voor een andere studie gekozen dan farmacie, dat doet niet af aan het enthousiasme waarmee zij aan alle activiteiten meedoet. Onze ambities liggen hoog en wij streven ernaar nog velen jaren zo hecht met elkaar de gedachte van Sumarroca na te mogen leven. Met een decadente, doch vriendelijk groet, "G.F.V.G. Sumarroca"

38 65

PHG Waarde lezer / Geachte Farmaceuten, Degene die kennis van de geschiedenis hebben, weten ongetwijfeld waar ik het over heb wanneer ik namen laat vallen als Grootmeester Jacques de Molay, Koning Willem I der Nederlanden en Amerikaanse presidentskandidaat John Kerry. Wat al deze grote namen verbindt is het woord broederschap. De tempeliers, de Vrijmetselaars en het Bone & Skull genootschap zijn in mysteriën gehulde broederschappen die sinds mensenheugenis de grote geheimen der aarde waarborgen en beschermen. Ze geloven allen in een (volmaakt en momenteel nog niet bereikt) utopisch einddoel gelegen in de toekomst als oriëntatiepunt voor al hun inspanningen. Voor velen is het onbekend wie hiertoe behoren en wat ze précies nastreven, maar van enkele grote namen der aarde bestaat het sterke vermoeden dat ze lid zijn van een dezer genootschappen. Al deze broederschappen zijn geïnteresseerd in de kunst van de politiek, economie en filosofie maar gaan voorbij aan de belangrijkste kunst van alles, namelijk de heelkunde. Immers je gezondheid is uiteindelijk je belangrijkste bezit. Het Pharmaceutisch Heeren Genootschap (PHG) is het illustere verbond, gesloten tussen een zestal zielsverwanten, dat zich deze kunst eigen maakt en zorgt dat deze gewaarborgd blijft voor toekomstige generaties. Het einddoel is hierbij een balans na te streven tussen oprechte vriendschap, vermaak, kennisoverdracht en het vergaren van nieuwe kennis. Hier horen uiteraard veel drank, tradities en besloten vergaderingen bij die voor velen grotendeels onzichtbaar blijven. Probeer ons daarom niet te vinden. Degene die het aankunnen deze nobele taken op zich te nemen zullen dat vanzelf merken… Divide et Impera! De Heeren van PHG

Foliolum Jaargang XXII Ed III


Boudels

Pharmaciae Sacrum

In den Doofpot

20 December 2008, tijdstip: 3:19

Hallo?!

Afgelopen nacht hebben we de verjaardag van de boudels gevierd. Dit is alweer de vierde keer dat we dit hebben mogen doen!

“Er was eens”, de term waarmee elk sprookje lijkt te beginnen. Het lijkt te zeggen, het kon ooit, maar die tijden zijn geweest. Sprookjes zijn niet per se vrolijk, maar toch vaak te mooi om waar te zijn. Sprookjes ontstijgen het inbeeldingsvermogen en vervullen kinderharten met een onmetelijke blijdschap, omdat zij hun rudimentaire fantasie kunnen botvieren op de wereld van “er was eens”.

Afgelopen avond hebben we met z’n allen nagedacht over dit stukje in het Foliolum, verschillende ideeën zijn de revue gepasseerd: de mosselman, een sprookje of slechte uitspraken. Maar aangezien het er weer boudels aan toe ging luisterde niemand en schreeuwde iedereen door elkaar heen. Vier jaar geleden hebben we elkaar leren kennen tijdens de introductiedagen en op het kamp, waarna we besloten hadden gezellig met elkaar te gaan eten. In het begin waren we met z’n vijven, maar al snel kwamen hier allerlei nieuwe leden bij! Zelfs dit jaar hebben we nog 2 nieuwe leden weten te scoren! We zijn zodoende met z’n negenen, negen compleet verschillende types. Wat soms zorgt dat er hier en daar wat irritaties zijn, maar wat vooral hilarische momenten veroorzaakt. Zo heeft iedereen weer een ander verhaal dat de anderen kan shockeren en heel hard kan doen lachen. Naast dat we elke dinsdag gezellig bij elkaar gaan eten, bezoeken we soms luidruchtig wat P.S.-activiteiten of gaan we gezellig wat dingen doen met elkaar. Al lijkt het misschien dat we onze wilde haren wat kwijt geraakt zijn, er is altijd wel één boudel aanwezig bij een activiteit (bijvoorbeeld het gala). Daarnaast hebben we elk jaar naast de P.S.-activiteiten en wekelijkse boudelavondjes een weekendje weg gepland. Vorig jaar hebben we Antwerpen onveilig gemaakt, en dit jaar Den Haag! Dat was zoals we dat graag zeggen: Wat ’n boudel!

U zoekt naar een motivatie voor deze inleiding, maar wij vinden! “Er was eens” verwijst naar een zoektocht naar de geest van haar grenzen van het kunnen. In den Doofpot zoekt naar dat wat was; het zwarte gat dat is. In den Doofpot zoekt naar antwoorden van wat wij vinden. De vraag op het antwoord dat wij ooit gaven. Wir willen die totalen geschichte! Kopje boven, puntje onder, dichtgetik, -tik -tikt. MVG, A.G.F.S.G. “In den Doofpot”

16 39

Foliolum Jaargang XXII Ed III


Titel stuk Post-it Evt ondertitel met de fotocommissie Gert Salentijn Titel persoon en hun naam, bijv. prof. dr. Martina Schmidt Evt. beroep, bijv. apotheker

Wat velen zich wellicht niet realiseren is dat niet slechts de leden van de Redactiecommissie, maar ook de leden van de Fotocommissie een wezenlijke bijdrage leveren aan het tot stand komen van het Foliolum. Probeert u zich maar eens een Foliolum voor te stellen zonder al die mooie, vaak enigszins aparte of genante foto’s in het verenigingsgedeelte; ondanks de kwaliteit van de stukken zou het er niet zo aantrekkelijk en professioneel uitzien, zoals nu wel het geval is. Kortom, reden genoeg om eens met deze lieden om de tafel te gaan zitten en te praten over de gang van zaken rond deze commissie.

40

Maandag 24 november was de dag waarop deze gelegenheid gepland stond en we verzamelden in de kamer van Willeke om half acht in de avond. Onze verbazing over dit onorthodoxe tijdstip voor een avondmaaltijd werd gecounterd met even grote verbazing: “Wij eten elke week op dit tijdstip.” Voor ons ongelukkigen werd het lijden zelfs nog verlengd, aangezien de assessor I Tialda er bijzonder veel moeite mee had om op het juiste adres te arriveren, zelf na een uiterst verhelderende telefonische routebeschrijving door ondergetekende. Uiteindelijk werd Niek de regen ingestuurd om haar op te halen en niet veel later werd het gezelschap gecompleteerd door een verregende Tialda.

Foliolum Jaargang XXII Ed III

Toen kwam het moment waarnaar we allen met zoveel hunkering hadden uitgekeken: Louis mocht de pasta opscheppen en hoewel Willeke zelf niet geheel te spreken was over de consistentie van de saus, heeft het iedereen mogen smaken. Na de maaltijd was het tijd voor een spelletje Post-it. Zoals gewoon is bij het spelen van dit spel met een andere commissie, werden de spelregels uitgelegd door de quaestor van de Redactiecommissie, echter werd het hem door beide commissies bijzonder lastig gemaakt door constant te onderbreken en de aandacht af te leiden (red: nu moet gezegd worden dat de quaestor zeer makkelijk af te leiden is en hij deze afleiding gedeeltelijk over zichzelf afgeroepen heeft), wat zich uiteindelijk manifesteerde in een zeker onbegrip tijdens het spelen van de eerste ronde. Bij het verzinnen van namen is er wel eens iemand, die het grappig lijkt om de naam van een pornoactrice in de schaal te gooien, hierbij zich niet beseffend dat dit voor in ieder geval veel van de vrouwen een onbekende is. Probeer in een dergelijke situatie maar eens aan je vrouwelijke partner duidelijk te maken om wie het gaat. In een helder moment bedenk je: haar achternaam is een whiskeymerk, om niet veel later te beseffen dat ook hiervan een vrouw weinig verstand heeft. In een bui van arrogantie verkerend, iets wat zelden voorkomt, begon Louis zijn beschrijving van “Louis Vuitton” met: “Zijn voornaam is als die van een knappe,


Pharmaciae Sacrum

leuke en spontane jongen…” Verder had het nog wat met tasjes te maken. In ronde twee, ook wel de “stille ronde” beging Willeke de fout vrolijk door te praten, wat haar en Ilse de beurt kostte. Toen twee rondjes later Willeke weer moest uitbeelden, zei Ilse dat ze dit keer echt niets moest zeggen, waarop Willeke, wederom vrolijk, zonder te blozen “nee hoor” antwoordde. In ronde drie, waarin de naam geraden moet worden na het noemen van een enkel woord, voelde één koppel elkaar wel heel goed aan: er werd geraden dat met “baard” eigenlijk “Barack Obama” bedoeld werd. Na het beëindigen van deze ronde bleek dat het team van quaestoren met overtuiging had gewonnen, volgens Casper kwam dit omdat zij op scherp stonden vanwege de krediet crisis. Aan het eind van een dergelijke avond vol spanning en emotie wil men altijd graag nog even nagenieten onder het genot van een pilsje of glaasje wijn. Dachten wij van de redactie dat dit lot voor ons weggelegd was, dan hadden wij het goed mis: er moest nog afgewassen worden. Uit beide commissies werd een persoon aangewezen om zich hierover te buigen: unaniem besloot de Redactiecommissie tot Louis, die onder luid protest in de vorm van gezang begon aan de ondankbare taak om spoedig vergezeld te worden door Niek, die blijkbaar altijd het bokje binnen de Fotocommissie is. Uiteindelijk zijn wij niet zoveel over de gang van zaken betreffende de fotocommissie te weten gekomen: foto’s maken, foto’s bestellen, foto’s uitzoeken en in de kluisjes stoppen. Niets anders dan we eigenlijk al wisten, je

ziet ze immers op alle activiteiten, zij die de fotocommissie zijn. Wel zijn we er achter dat je een hele gezellige avond met ze kunt hebben, dat Louis best mooi kan zingen en dat Niek goed kan afwassen en nog beter hierover kan klagen.

P.S.-agenda Maart 02. STOF-vergadering 03. P.S.-borrel 06. Finale PCE (K.N.P.S.V.) 16. Carrièredag 17. EJC-feest 21. Voorjaarsdag (K.N.P.S.V.) 24. ALV

April

01. SSS Eerstejaarssymposium 04. NIA-dag (K.N.P.S.V.) 06. STOF-vergadering 07. P.S.-borrel 24. t/m 26 Batavierenrace 30. t/m 5 mei BEC Foliolum Jaargang XXII Ed III

41


Huidskleur een huidziekte? Tonnis Jan Kruizinga & Pieter Oomen

Ik hou ontzettend veel van negerzoenen. Helaas eet ik ze niet meer, sinds ze alleen nog maar naar het merk mogen worden genoemd. Waarom ik deze “Buys Zoenen” niet meer eet? Uit principe tegen deze belachelijke marketingstunt.

42

De hele rel rond het begrip negerzoenen is namelijk opgezet door het bedrijf zelf. Dat ze vervolgens heel gedwee hun naam veranderden naar het politiekcorrecte “Buys Zoenen” is alleen maar een soort absurdistisch stukje toneel. Wat was de reden: neger is een naar woord, niger betekend in het Latijn hopeloos/duister en necro betekend dood. Elke keer dat we een negerzoen nuttigden, waren we in feite aan het discrimineren; en dit kon niet langer doorgaan. Wat zijn we met z’n allen toch een stel onvergetelijke blanke kolonialisten! Wel een goedgekamde snor, maar ondertussen heerst er in elk Goed Gereformeerd Nederlandsch hart een diepgeworteld soort racisme… Dat de slavernij verkeerd is, wil ik hiermee helemaal niet bestrijden. En dat het woord “neger” een nare bijklank heeft voor sommigen: à la. Mijn grote kritiek is hoe “maatschappelijke problemen” worden gebruikt als reclamecampagne, hoe polarisatie gebruikt wordt om zichzelf te “bestrijden” Polarisatie dus, oftewel het creëren van verschillenden kampen, onderscheid maken met de nadruk op maken. Je bent een idioot als je denkt dat alle mensen gelijk zijn (hiermee alle culturen in de wereld klaarblijkelijk even buiten beschouwing latend), maar je bent een nog veel grotere idioot als je denkt dat je onderscheid kan maken en status kan bepalen aan de hand van afkomst. Toch is één van de eerste dingen waar mensen op letten, het gezicht – en helaas, helaas: huidskleur is dan een van de eerste dingen die opvalt. Het land dat zich er het meest op voor staat een vrij land te zijn - de VS - heeft nu, voor het eerst, een zwarte pre-sident. De hele wereld kijkt toe en is verbaasd: geweldig dat dit kan en vooral nu al… Het feit dat het bijzonder is dat er een zwarte president is gekozen, is al bewijs voor nog steeds bestaande vooroordelen. Daar komt nog iets veel groters bij: het Bradley-effect. Dit Bradley-effect houdt in dat blanke kiezers in polls niet durven te zeggen niet op de zwarte kandidaat te stemmen uit angst racistisch te zijn. Nog een keer? Blanken durven niet te zeggen níét op de zwarte kandidaat te stemmen! Is de polarisatie en de gevoeligheid van het onderwerp te danken aan de media en houdt het zichzelf in stand? Of hebben we nog wel echt problemen en is ons oordeel nog afhankelijk van huidskleur en andere culturele kenmerken? We zijn met ons allen ontzettend liberaal en veel mensen zullen zeggen dat je niet mag oordelen op basis van uiterlijk. Maar toch, vandaag stond ik op de bus te wach-ten en een jongen van Noord-Afrikaanse origine, met een tas in zijn hand, kwam naast me staan, hij keek een keer op zijn horloge, zette zijn tas neer en liep richting de Kiosk. Ik kon hem

Foliolum Jaargang XXII Ed III

een tijdje niet zien en tsja…, het spijt me zeer, maar de gedachte dat ik vanavond in het nieuws zou komen kwam bij me op. Ik heb het de beste jongen maar niet verteld dat ik heel even dacht dat hij een terrorist was, je weet hoe ze zijn: voor je het weet heb je een klap… Los van verder cynisme: rassenkwesties en discriminatie op basis van huidskleur zijn nog steeds erg actueel. In India leven nog steeds 160 miljoen (!) dalits, oftewel onaantastbaren. Mensen met een donkere huidskleur die nog steeds beperkte rechten hebben (lees: er wordt niet over gepraat, minimaal onderzoek naar gedaan en per uur worden op basis van hun huidskleur 2 dalits mishandeld en per dag 3 dalitvrouwen verkracht en 2 dalits vermoord). In Iran worden massa’s neuscorrecties gedaan om die vervelende Arabische neus een Hollywood-uiterlijk te geven. Ook zul je weinig mensen in de zon zien, verstandig gezien het klimaat, maar waarom gebruiken ze skinwhiteners? Er zijn legio middelen op de markt speciaal ontworpen om de huid een mooie bleke kleur te geven. Een bleke kleur die vaak noodzakelijk is om een goed huwelijk te kunnen sluiten. Ook in andere culturen is er discriminatie onder bevolkingsgroepen met niet-blanke huid, waarbij als stelregel lijkt te gelden dat status en hoeveelheid pigment in de huid omgekeerd evenredig met elkaar zijn gecorreleerd. In Rusland bevinden zich de meeste neo-nazi’s. Ze zetten video’s van raciale lynchpartijen als heldendaden op internet. In Afrika speelt huidskleur minder vaak de hoofdrol bij conflicten, maar je kan moeilijk ongeroerd laten dat er erg veel blanke boeren zijn vermoord bij de herverdelingen van grondgebied. In Australië behoorden de Aboriginals tot 1967 tot de flora en fauna wet. Bovendien werden aboriginalkinderen tot de jaren zeventig (!) bij hun ouders weggehaald, met als doel te proberen binnen een aantal generaties de aboriginals blank te maken, met andere woorden de aboriginals te “mengen” met de blanke bevolking (hierover is een debat geweest, waarin het door sommigen genocide werd genoemd). Het stigma van de huidskleur is echt nog wel aanwezig. Ook in Nederland worden skinwhiteners verkocht, dus het is goed mogelijk dat je het later in je apotheek legt. Ach ja, ondernemingsdrang: waar vraag is, is markt. Als mensen een andere huidskleur willen hebben, wie zijn wij dan om ze hier niet voor te behandelen? Ik heb al een goede reclameleus bedacht en wil hierbij solliciteren voor spindocter bij L’Oreal: “Bent u het ook zat om te worden gediscrimineerd? Koop dan nu de nieuwe skin-whitener en krijg een mooie egale leliekleurige huid! Waarom? Omdat u het waard bent!”. Die goede oude VOC-mentaliteit: ondernemen, ondernemen, ondernemen! Waarom? Omdat u het waar maakt!

Wilt u reageren op bovenstaande tekst, dan kunt u een e-mail sturen met uw reactie naar foliolum@rug.nl. Het is niet gegarandeerd dat een inzending daadwerkelijk


Pharmaciae Sacrum geplaatst gaat worden. Uw inzending kan worden ingekort of aangepast. Reactie op de kolom ‘Harteloos’ door Tonnis Jan Kruizinga en Pieter Oomen, verschenen in de decembereditie 2008. Terwijl ik bladerde door het onlangs uitgebrachte Foliolum, kwam ik een interessant stukje tegen over de ontwikkelingshulp. Hierbij werd – op de gebruikelijke links-“liberale” manier – begonnen met een sneer naar PVV-voorman Geert Wilders. Vervolgens wordt niet in gegaan op de inhoudelijke oplossingen van de man, maar wordt geponeerd dat Nederland een land is met een ‘solidaire en gulle’ traditie. Volgens de PVV moet

(onder andere) het ontwikkelingsgeld terug naar de burger en deze zal vervolgens individueel beslissen hoe solidair Nederland werkelijk is, zodat het niet de gebruikelijke regentenkliek is die beslist wat goed is voor de burger. Los van de discussie wat nu werkelijk het rendement en de noodzaak is van ontwikkelingshulp, zou het de schrijvers sieren om in het vervolg inhoudelijk in te gaan op de boeman van politiek-correct Nederland, in plaats van hem er weer bij de haren bij te trekken. Mvg, Johan Kolthof

Puzzelpagina Gert Salentijn, Louis Keyzer & Jeroen Kolkman De puzzels op deze pagina’s staan in het teken van huidaandoeningen. Indien u beide puzzels heeft opgelost, kunt u de uitkomsten tot 20 maart per e-mail verzenden naar foliolum@rug.nl. Onder de juiste inzendingen wordt een prijs verloot.

Fotopuzzel Uit elke reeks foto's dient een woord gemaakt te worden, waarbij iedere foto (van links naar rechts) een deel van het woord uitbeeld. Dit kan een (voor- of achter)naam van een persoon zijn of (een deel van) hetgeen te zien is. Fotoreeks 1:

__________________

43 Fotoreeks 2:

___________ Fotoreeks 3:

___________ Fotoreeks 4:

__________

Foliolum Jaargang XXII Ed III


De ondernemende apotheek Wie? Giselle Tak-Ronnen (32) Sinds 2005 ondernemend apotheker van de Kring-apotheek ‘t Oude Dorp.

Waarom Alliance Apotheek? Ik wilde mijn ambities combineren met het sterke imago van Kring-apotheek en de ondernemersgeest en support van Alliance apotheek. Ik ben en voel me een ondernemer in loondienst.

Tip?

Carrière maken |

Laat je maar eens vrijblijvend informeren.

Alliance Apotheek is een sterke groep van 78 apotheken. Samen met meer dan 240 zelfstandige apotheken zijn we voor de consument herkenbaar als Kring-apotheek. Gezamenlijk garanderen we de beste zorg voor de consument. Alliance Apotheek koestert ondernemers. Niet in de laatste plaats omdat we zelf ondernemers zijn maar ook omdat ondernemers gedreven zijn en de passie hebben die we zoeken.

Alliance Apotheek is altijd op zoek naar ondernemende apothekers (m/v) die carrière willen maken Ben je ondernemend en vind je dat zorg meer is dan medicijnen? Houd je van samenwerking en heb je plezier in de dynamiek van de openbare apotheek? Dan nodigen we je van harte uit te reageren. Je schriftelijke reactie, bestaande uit CV en motivatie, kun je sturen naar elly.van.hellemondt@alliance-healthcare.nl. Meer informatie lees je op www.alliance-apotheek.nl.

Alliance Apotheek, Hambakenwetering 5A, 5231 DD ’s-Hertogenbosch, telefoon +31 (0)73 628 29 00, e-mail: elly.van.hellemondt@alliance-healthcare.nl, www.alliance-apotheek.nl

Foliolum Jaargang XXII Ed III


Pharmaciae Sacrum

Logigram Het schijnt dat deze logica puzzel slechts door de slimste 2% van de wereld kan worden opgelost… Succes! -

In een straat staan vijf huizen, allemaal hebben deze huizen een andere kleur. In ieder huis woont een persoon met andere huidskleur. Ieder persoon heeft zijn/haar eigen biermerk, zijn/haar eigen favoriete nummer en zijn/haar eigen huidaandoening.

De vraag is nu, welke persoon heeft ‘Tinea pedis’? De volgende hints zul je nodig hebben om deze vraag te beantwoorden: 1. De rode man (Steven Seagal) woont in een rood huis. 2. De zwarte man (Barack Obama) heeft ‘Tinea barbae’. 3. De gele vrouw (Kulu Yuk) zuipt Grolsch alsof het pils is. 4. Het Groene huis is links van het Witte huis. 5. De eigenaar van het Groene huis drinkt Jupiler. 6. De persoon die luistert naar ‘Everybody goes Kong Fu fighting’ heeft paronychia. 7. De eigenaar van het gele huis luistert naar ‘for what it’s worth’. 8. De persoon die in het midden woont probeert Jäger te drinken. 9. De blanke man (Michael Jackson) leeft in het eerste huis. 10. De persoon die luistert naar ‘Chinese democracy’ leeft naast degene die vitiligo heeft. 11. De persoon die een vierdegraads brandwond heeft, leeft naast de persoon die luistert naar ‘for what it’s worth’. 12. De persoon die luistert naar ‘Ready or Not’ drinkt vaak Budweiser. 13. De blauwe dame (Smurfin, zij is ook een ‘persoon’) luistert naar ‘het kleine café aan de haven. 14. De blanke man woont naast het blauwe huis. 15. De persoon die luistert naar ‘Chinese democracy’ woont naast de persoon die Amstellovic is geworden.

Bas & Sil

45

Foliolum Jaargang XXII Ed III


Wat een UITKOMST! De antwoorden van de puzzels uit de decembereditie 2008

Winnaar decembernummer Wij willen graag W창tse Hiddema feliciteren met het oplossen van de puzzels en het insturen van de goede antwoorden. De prijs is inmiddels uitgerijkt.

Plaatjespuzzel 1 vaccinatie 2 malaria 3 gele koorts 4 diarre 5 antibioticum 6 besmetting 7 zeeziek 8 scheurbuik 9 voedselvergiftiging 10 teken 11 parasiet 12 tropenarts 13 cholera 14 zonnesteek 15 inenten Verticaal: vakantie verpest

Kakuro

46

De oplossing was natuurlijk 12-12-1881, het was niet voor niets het Dies themanummer!

Foliolum Jaargang XXII Ed III


Thinking big Thinking big. Dan denken wij aan complexe generieke geneesmiddelen. Relevante medicijnen voor de meest uiteenlopende indicaties. Ontwikkeld door getalenteerde onderzoekers. Ondersteund door experts in octrooirecht, registratie en fabricage. Samen met farmaceutische bedrijven over de hele wereld. Maar we denken ook aan nieuwe uitdagingen. Zoals innovaties op het gebied van biotechnologie waarmee Synthon zich in de toekomst onderscheidend wil profileren. www.synthon.com


Nummer 1 in distributie

Telefoon 046-4203900, www.mosadex.nl


http://www.psgroningen.nl/foliolum/februari2009